
Aankondiging Open Sportvisdag
![]()

Aankondiging Open Sportvisdag
Vliegvissen in Friesland
Vissen in Sesimbra






Haakon NAdorp 5 6 8 14 15 18 24


Voorwoord
Ton van der Spiegel
AUGUSTUS
Vliegvissen in Friesland
Roland Ogilvie
Gesloten tijd
Column Jan Teuben
TOPSTEK
Aankondiging
Open Sportvisdag 2026
Vissen in Sesimbra (Portugal)
Jan Brune
Spaanse Kopvoorns
Gerard van Loevezijn
AUGUSTUS
Het roofvisseizoen is weer geopend

“Jong geleerd, oud gedaan. Daar bouwen we samen aan de toekomst van onze sport”

Beste Sportvissers,
Met het aanbreken van juni staan we weer aan de vooravond van een prachtig seizoen. De laatste zaterdag van mei markeert traditioneel de opening van het roofvisseizoen. Voor velen hét moment om er weer op uit te trekken, op zoek naar snoek, snoekbaars, baars of roofblei. We wensen je daarbij vooral veel mooie momenten aan de waterkant.
Tegelijk vragen we je aandacht voor een aantal belangrijke zaken. Langs de openbare wegen in Stolwijk blijft vissen alléén toegestaan met een speciale schriftelijke toestemming, in beperkt aantal verkrijgbaar. Houd hier rekening mee en voorkom teleurstelling of een onnodige bekeuring.
Ook de zomer kan zijn invloed hebben op onze visserij. Bij langdurige warmte kan ons hitteprotocol in werking treden. Dat betekent dat je niet meer gericht op roofvis vist – met name snoek is hier gevoelig voor – en dat in ondiepe wateren ook het vissen op karper tijdelijk wordt gestaakt. Dit doen we om schade aan de visstand te voorkomen. We rekenen op je begrip en medewerking.
Juist dat bewust en verantwoord omgaan met onze sport geven we ook graag door aan de volgende generatie. Gelukkig is er daarom ook veel positief nieuws. In april en mei zijn weer volop vislessen voor basisscholen gestart. Daarbij gaat het niet alleen om het leren vissen, maar juist ook om respect voor de onderwaternatuur en het zorgvuldig omgaan met de gevangen vis. Jong geleerd, oud gedaan – daar bouwen we samen aan de toekomst van onze sport.
En die sport is er voor iedereen. Want ook sportvissers worden ouder en kunnen soms niet meer zelfstandig op pad. Samen met de Sportvisunie zetten we ons daarom in voor het project Samen VISsen. Zowel in Gouda als bij ons clubhuis De Topstek brengen we bewoners van zorginstellingen weer in contact met het water. Activiteiten die niet alleen de deelnemers, maar zeker ook onze vrijwilligers veel plezier en voldoening geven.
Steeds vaker merken we dat er vanuit de maatschappij, maar ook vanuit overheden en waterbeheerders met een kritische blik naar onze sport wordt gekeken. Dat vertaalt zich in concrete voor ons negatieve voorstellen en beleidswijzigingen – van loodvrij vissen tot beperkingen rond weerhaken en voeren en het verschuiven van huurovereenkomsten naar machtigingen. Ontwikkelingen die direct raken aan onze sport en jouw mogelijkheden aan de waterkant.
Juist daarom is het belangrijk dat we als sportvissers laten zien waar we voor staan: verantwoord omgaan met vis en water, respect voor natuur en omgeving en betrokkenheid bij het beheer. Alleen zo houden we draagvlak voor onze sport, nu en in de toekomst. Laten we er samen een mooi, sportief en verantwoord seizoen van maken.
Ton van der Spiegel, voorzitter
Tekst en foto’s: Roland
Ogilvie
Regelmatig kom ik in Steenwijk en ga dan graag vissen in de Steenwijker Aa. Dit is een gekanaliseerd riviertje dat in Drenthe ontspringt en om de zoveel kilometer een stuw heeft. In de buurt van zo’n stuw is altijd veel vis te vinden. Tijdens de laatste week van april dit jaar waren we er weer en vertrok ik richting van mijn favoriete stek. Ik viste met een lichte aftma-3 vliegenhengel op voorn. Het water was bruiner dan anders, met hier en daar vies schuim aan de oppervlakte. Dit schuim kwam waarschijnlijk doordat de boeren rond het riviertje flink aan het mest rijden waren geweest (het zgn jarren volgens mijn schoonmoeder), wat te zien is aan de prachtige groene grasvelden met van die fijne streepjes van de injectoren. Er was erg weinig stroming, de stuw stond droog, maar de vistrap had nog wel water.

Volgens een jonge vader die met zijn drie kinderen aan vissen was zat er wel vis, hij had een klein voorntje met maden gevangen. Ik ving helaas niets. Zijn aanbod om wat maden aan mijn Yellow Tail Nymph toe te voegen heb ik beleefd afgeslagen. Bij de vistrap was wel wat beweging te zien en daar heb ik zowaar een vingerlang voorntje op een kleine Adams droge vlieg weten te vangen. Niet veel vis, maar het was gelukkig wel heel mooi weer.
De volgende dag ben ik naar de rivier de Linde gegaan, net over de grens met Friesland bij Steggerda. De Linde is wat breder en is bevaarbaar voor pleziervaart. Recentelijk hebben ze wat meanders toegevoegd voor meer natuur. Via internet had ik een dagvergunning gekocht omdat heel veel water in Friesland helaas niet meer onder de huidige VISpas valt. Ik begon in de oorspronkelijke rivier en wist met een Yellow Tail Nymph (zelf gebonden op de cursus vliegbinden) zowaar een bleitje te vangen. Er leek enorm veel leven in het water te zitten. Iets wat op snoek leek sprong vlak voor me uit het water en er was overal veel vissengeplons te horen.

Zijn aanbod om wat maden aan mijn Yellow Tail Nymph toe te voegen heb ik beleefd afgeslagen




Maar om vis te vangen bleek toch heel lastig. Een streamer aanknopen en de snoek proberen te vangen, daarvoor is het ook in Friesland nog te vroeg. Dat kan pas weer in juni. Het vliegvissen was hier ook best wel tricky, want de grijze golf spoedde zich op elektrische fietsen achter mij langs, dus ik moest goed uitkijken bij het werpen!
Ik heb toen maar het nieuwe gedeelte van de Linde geprobeerd. Hier ben ik een groot deel van mijn vliegendoos af gegaan. Droge, natte, verzwaarde, en onverzwaarde vliegen allemaal geprobeerd. Een helderblauwe Fuzzy Bug Nymph leverde meteen een mooie blankvoorn op. Maar daar had ik er maar eentje gebonden en die was ik snel kwijt toen hij vast zat aan een waterlelie.
Ik ging verder met een enorme droge vlieg met lange poten. Deze kwam uit een pakketje dat ik van mijn zus gekregen heb toen zij hoorde dat ik ging vliegvissen. Hiervoor was vooral veel aandacht van hele kleine voorntjes. Evenals voor mijn lijn en de beet verklikker, maar netjes de vlieg nemen zat er niet in.
Ook in de nieuwe meanders bleek veel leven te zitten. Een snoek joeg kleine voorntjes de kant op vlak voor mijn voeten. Soms zag ik een donkere schaduw langs mijn verklikker flitsen. Dat leek ook op snoek die blijkbaar even controleerde wat er in het water gebeurde. Deze dag was tot dan een prachtige natuurbeleving, maar leverde verder weinig vis op.


Een aardige Ruisvoorn uit de wetering
Iets verder bleek een soort wetering te zijn met rustiger en ondieper water. Hier leken wel om de tien meter vissen vlak bij de kant te zitten die beweging lieten zien, sprongen, of golven trokken als ze zwommen. Ik gooide tot iets over de helft en vaak zwom er dan een vis naar toe, gezien de boeggolf, maar daar bleef het dan bij.
Nu had ik nog een oude versleten goudkleurige nymph die in Tsjechië ooit een mooie forel verleidde. Toen ik die eraan deed keerde het tij en ving ik mooie ruisvoorns en kleine baarsjes. De gouden dubbing hing er half af (vast gezet met een stukje nylon), maar hij bleef vangen.
Al met al een mooie visdag in een prachtig gebied.
Prachtig waar A.I. mee op de proppen komt wanneer ik vraag om een gedicht over gesloten tijd.
De klok tikt wel, maar de tijd staat stil, De wereld draait, maar niet zoals ik wil. Een deur gesloten, een blik op oneindig, De stilte hierbinnen voelt onbeëindig. (sic) Geen woorden meer, slechts een stille groet, Een gesloten tijd die pijn hier doet.
Candlelight’s Jan van Veen draait zich waarschijnlijk om in z’n graf.
Toch ben ik benieuwd of er roofvissers zijn die zich hierin herkennen. Ik zou het kunnen, dat erin herkennen, ware het niet dat ik te veel andere dingen “moet” en gelukkig ook nog wat andere dingen wil doen.
Laat ik het bij de hobby’s houden en een samenvatting van mijn to do’s van de afgelopen drie weken in gesloten tijd benoemen.
Uitzoeken en sorteren
De thema’s van de laatste verenigingsuitjes waren dermate divers dat ik uit het merendeel van m’n tackle box’en wel een select aantal pareltjes had meegenomen. M.a.w. (in bewoording van Gerard Cox zijn Fondue Boerenjong sketch uit 1975: “De hele flikker’se boel was flink gedoormekaarseld”, dus uitzoeken en sorteren stond als eerste “to do” op de gesloten tijd activiteiten lijst.
Wat je allemaal tegenkomt!
Heb je net de shadjes 5 tot 12 cm opgeruimd kom zit er nog een setje tussen de pluggen en shatterbaits van de rivierplas sessie. Wanneer ik met 100% zekerheid alle grote jerkbaits verzameld hebt, passen ze net niet meer in die ene tackle box. En dan de onderlijnen, loodkoppen, clipjes en ander randapparatuur en gereedschap…
Laat ik die dan maar even in dat ene laatje parkeren… Die bleek al gevuld van de opruimsessie “Gesloten tijd 2025”!
Verwonderen en verbazen
Het laatje daaronder verbaasde mij nog meer. Fotografie magazines uit het pre-digitale tijdperk. De verzameling magazines was al zo groot dat ik ooit alleen de interessante artikelen over belichting en compositie had uitgesneden en gebundeld en zelfs die selectie vormde een stapel van schoenendoos-formaat waarvan ik er ooit slechts 3 of 4 projecten in uitvoering had gebracht. Ondertussen is de spiegelreflextechniek verouderd, de smaak gedateerd (of nog te recent voor retro) en is een veelvoud inmiddels attractiever vormgegeven op social media en door A.I..
Opruimen en archiveren
Hop! De hele papierwinkel zó in het “verticaal archief”, zo noem ik inmiddels de stortkoker in de straat, opgeruimd staat netjes!
Inventariseren en completeren
De tweede vrijdag in de gesloten tijd is door de organisatie perfect getimed voor, jawel, de tweedehands roofvismarkt. Twee weken de tijd om uit te zoeken wat je niet meer gebruikt, te veel van hebt of gewoon afscheid van wil nemen. En de kans voor anderen om tegen een gering prijsje de voorzieningen weer aan te vullen.
Ik trap er niet in!
Ik heb al zat!
Alleen die ene snoekhengel, vorig jaar is er één onvrijwillig afgezonken naar de bodem van het Haringvliet. Toch maar even kijken, al was het voor de gezelligheid.
Koud binnen ik krijg door “the Maker himself” twee Heemsjerk-pareltjes in m’n borstzak gedouwd. Ze waren al eervol vermeld in de vorige column “Zondagsvissers leren hengelen” en dat bleek gewaardeerd, en klaarblijkelijk voor mij nog lucratief ook.
Twee naburige verkooplieden bieden de voor mij perfecte match. De één had een nog fonkelnagelnieuwe snoekhengel en de ander wist mij erop te wijzen dat wanneer een hengel onvrijwillig richting de diepte gaat hij spreekwoordelijk waarschijnlijk “naar de molen gebracht is”. Verdomd! Die spinmolen zat er ook op, en nu nog op diepte! Nu had de verkoopbuurman toevallig nog een buitenkansje liggen dat draait als een zonnetje…
Afijn met de ruggengraat van een regenworm zette ik m’n zojuist verworven aanwinsten in een hoek bij de bar en begon een praatje met de “leden van Bourgondisch uithoudingsvermogen” die ook kenners zijn van de keramieken barbecues.
Oriënteren en solliciteren
Mijn laatste twee verjaardagen, althans ik mag hopen er nog vele beleven, had ik twee barbecue-boeken, zeg maar bijbels gekregen. Zelf ben ik “slechts” in bezit van een oude gas barbecue en een mini kolenpotje. Ik heb een absolute passie voor het buitenkoken, maar ik vertik het om de nieuwprijs aan die gouden, eh ik bedoel keramieken barbecue eieren uit te geven. Dus terloops bij de mannen aangegeven of zij wellicht iemand kennen die voor een grotere of betere barbecue gaat en dat ik zo’n “bakbeest” (pun intended) voor een klein prijsje kan overnemen? Niet geschoten, maar de kans lijkt klein. De volgende ochtend kreeg ik een attent appje dat Appie er één in de bonus had. Toeval bestaat niet, maar met een diameter van 26cm daalde het vertrouwen dat ik daar echt mee uit kon pakken.

Nog geen uur later weer een bericht dat de Sligro van een showmodel af wil en dat voor een prijs dat waarschijnlijk onder het bedrag ligt wat een particulier alsnog voor z’n trotse bezit zou vragen. U raadt het al, even kijken werd toch kopen en ik heb er weer een hobby bij.
Leren (en) beheersen
Stelt u zich gerust. Zolang het zo nu en dan droog en behaaglijk in de tuin is kom ik deze gesloten tijd wel smakelijk door met het onder de knie krijgen van het bakbeest. De vraag is alleen welke hobby wordt nu het kind van de rekening en belandt in het laatje van vergetelheid?
Daarom ter afsluiting een notitie aan mijzelf
• Maak een to do lijstje van jouw tien meest favoriete interesses.
• Schrap er gelijk zeven en kijk er niet meer naar om.
• Speel nog twee keer iene miene mutte met de top drie.
• Verdiep je verder niet in die ene die overblijft, maar pak het aan en ga het doen.
Benieuwd wat dit mij brengt, als ik mij aan eigen advies kan houden. Waarschijnlijk niet, ik heb alweer prachtige filmpjes gezien van Bandsaw-boxes. Sterkte nog met de karpers, het witvissen of andere hobby’s, en alvast veel roofvisplezier gewenst vanaf juni!
Ik mag de aftrap weer meemaken als marshall bij de Predatortour 2026. Misschien zie ik m’n oude snoekhengel nog op de livescope voorbijkomen.

Tekst: Ton van der Spiegel Foto’s: Ton van der Spiegel en Hans Moolenaar
Er zijn van die ochtenden waarop het Groene Hart nog niet helemaal wakker is. De mist hangt laag boven het land, een koe kijkt op van haar herkauwen en ergens, bijna onzichtbaar, zit een hengelaar stil tussen het riet, kijkend naar zijn dobber. In de verte klinken herkenbare geluiden van een enkele koekoek en van kievieten en grutto’s.
De polder geeft zich niet zomaar prijs.
Je moet er zijn geweest. Je moet er hebben gelopen. Over een smal pad, langs een hek dat je voorzichtig weer sluit. Een sloot die je al kent, en toch elke keer weer anders is. Daar begint het.
Geen haast, geen drukte
Poldervissen heeft niets van haast.
Geen verre worpen, geen groot water, geen spektakel.
Het is kijken. Wachten. Begrijpen.
Waar ligt de vis vandaag?
Onder dat plukje drijfblad? Langs die donkere rand onder de oever?
Waarom bleef het daar gisteren stil – en beweegt het water nu net even anders?
Wie dat wil leren, moet tijd nemen.
En vooral: luisteren. Naar het water. Naar elkaar.
“Veel van wat we weten, staat nergens. Het zit in verhalen aan de waterkant”

Kennis die je niet opschrijft
Veel van wat we weten, staat nergens. Het zit in verhalen aan de waterkant. In een opmerking van een oudere visser: “hier moet je net iets lichter vissen.” Of: “wacht nog even, ze komen zo.”
Het zijn geen regels, het zijn gewoontes. Geen theorie, maar ervaring. Zo wordt het doorgegeven.
Van generatie op generatie, zonder dat iemand het ooit echt zo noemt.
Polderwater lijkt stil en eenvoudig, maar het vraagt van de visser meer aandacht dan welk groot water ook – wie het niet kan lezen, vangt er niets; wie het wel begrijpt, hoeft nergens anders meer te zijn.
Het land dat je betreedt
Maar poldervissen speelt zich niet alleen af in het water. Om bij die stille sloot te komen, steek je vaak land over. Weiland. Smalle dammen. Soms een modderig spoor langs een hek. Dat kan alleen omdat het mag. Omdat er vertrouwen is. Je laat geen rommel achter. Je jaagt geen vee op. Je stapt niet waar je niet hoeft te zijn.
Het zijn eenvoudige dingen, maar ze maken het verschil.
Zonder dat stille begrip tussen visser en boer zou een groot deel van deze wereld voor ons gesloten blijven.

We sluiten hekken, respecteren vee en werkzaamheden
Onze polderwateren: bijzonder en kwetsbaar
Wat veel mensen niet weten, is dat de polderwateren waar wij als vereniging mogen vissen, een bijzonder karakter hebben.
Het gaat niet alleen om het visrecht op het water. Minstens zo belangrijk is dat wij – via afspraken die in de loop der jaren zijn opgebouwd – ook toegang hebben tot de omliggende weilanden. Dat is geen vanzelfsprekendheid. Ook dat is gegroeid uit vertrouwen.
Tussen onze vereniging en de melkveehouders in het gebied bestaat een relatie die verder gaat dan een formele afspraak. Wij zijn te gast op hun land. Dat betekent dat wij ons daarnaar gedragen: we sluiten hekken, respecteren vee en werkzaamheden, houden rekening met de broedtijd van de weidevogels en laten het land achter zoals we het aantreffen.
Die manier van omgaan met elkaar maakt dat deze vorm van vissen mogelijk is. Het is iets om zuinig op te zijn. Voor de boer, die zijn land openstelt. En voor de poldervisser, die weet dat hij daar alleen kan zijn zolang dat vertrouwen blijft bestaan.
Juist daarom voelen wij als vereniging een verantwoordelijkheid om dit gebruik –en de relatie die daaronder ligt – ook voor de toekomst te behouden.
Alles hangt samen
Water en land. Vis en oever. Mens en landschap. Het poldervissen is geen losse bezigheid. Het is een manier van omgaan met een gebied.
Met sloten die ooit zijn gegraven om het land droog te houden. Met water dat beweegt met het seizoen. Met oevers die groeien en weer verdwijnen. En met mensen die daar al generaties lang hun weg in vinden.
Niet vanzelfsprekend
Wie hier al lang vist, merkt het. Dingen veranderen. Toegang wordt minder vanzelfsprekend. Wateren raken versnipperd. De rust van vroeger staat soms onder druk.
En misschien nog wel belangrijker: het besef dat dit iets bijzonders is, dreigt langzaam te vervagen. Terwijl juist dit poldervissen – klein, aandachtig en verweven met het landschap – laat zien hoe vissen als duurzame recreatie ook kan zijn.
Een gedachte voor de toekomst
Binnen de vereniging wordt daarom nagedacht over hoe we deze manier van vissen kunnen blijven koesteren. Niet door het groot te maken. Maar door het zichtbaar te maken. Door kennis te delen. Door elkaar op te zoeken. En misschien ook door een groep van sportvissers bijeen te brengen die dit herkent. Die de polder niet alleen gebruikt, maar begrijpt. En die samen een stevig en herkenbaar geluid kunnen laten horen, juist nu er van verschillende kanten naar deze manier van vissen wordt gekeken. Geen harde woorden. Maar wel een duidelijk verhaal.
Tot slot
Wie ooit in alle vroegte langs een poldersloot heeft gezeten, weet het eigenlijk al. De stilte. De beweging van het water. Het moment waarop de dobber langzaam verdwijnt. Dat is geen toeval. Dat is iets wat gegroeid is. En wat – als we er goed voor zorgen – nog lang kan blijven. Misschien is het tijd om die verhalen weer wat vaker met elkaar te delen. Binnen onze vereniging gaan we verkennen hoe we dat samen kunnen oppakken.





Kan jij al vissen met een vaste hengel ?
Wil jij alles weten over roofvissen ?
Eindelijk eens leren vliegvissen ?
Wat wil jij weten over karpervissen ?
Proefvaren met een echte visboot ?
Eindelijk dat clubhuis eens bezoeken?
Tekst en foto’s: Jan Brune
We gaan even terug in de tijd, namelijk de jaren 60, 70, toen Big Game vissen nog grotendeels onbekend was in Nederland. Slechts enkelingen togen er op uit om hun deel van de IGFArecords aan boord te halen. Jan Brune was toen hengelsportwinkelier in Den Haag aan de Beeklaan, en hij heeft gaandeweg natuurlijk van die visserij wel een specialisatie gemaakt.
Na eerst jaren in Noorwegen en Ierland te hebben gevist hoorden we iets over zwaardvissen in Sesimbra, Portugal. Waar je vanuit een kleine stevige roeiboot op de oceaan kon gaan vissen. En een kotter dat als moederschip diende bracht de roeiboten naar de plek waar gevist ging worden. Die kotter moest zo’n 2 a 3 uur stomen… Soms wel 7 uur als de vis erg ver weg zat. En je zat er ook nog met een roeier in de roeiboot. Met 2 man in de roeiboot was er niet zo veel ruimte. Voor een beweeglijke winkelier zoals ik was dat niet zo comfortabel. Niks nog aan vechtstoelen op luxe jachten, maar romantiek ten top. Zelf was je uitgerust met een 130 lbs combinatie en een zwaar lederen kidneyharnas om je lijf. Zo zat je de hele dag rechtop en nog het liefst met de lijn tussen je vingers om de klap van de zwaardvis te voelen om dan vervolgens de lijn te kunnen vieren. Waarop je dan daarna hoopte dat de vis goed zou bijten. Om daarna de meest spectaculaire dril te beleven met de vis die men de Gladiator van de Oceaan is gaan noemen. Als aas werd een levende zeebrasem (Japuta) gebruikt die op 75 meter diepte moest blijven zwemmen. De zeebrasems werden door beroepsvissers gevangen en op jouw haak gezet en daarna kon je gaan vissen op die zwaardvis.

Zo zag dat er dus uit, Jan Brune in de roeiboot met zijn roeier op de Atlantische Oceaan bij Sesimbra. Klaar om op zoek te gaan naar de zwaardvis
Enfin in 1974, gingen wij het maar eens proberen. De hengelaars waren Jaap Tuit, Ridsert de Vries en ondergetekende, Jan Brune. In het hotel “Ëspadarte” aangekomen begonnen wij alle drie bijna te kwijlen als een hond die een lap vlees krijgt voorgeschoteld… Want we hadden nog nooit zoveel van die zware hengels en reels gezien. Bij de bar hingen foto’s van beroemde hengelaars met hun gevangen zwaardvissen. De meest bekende hengelaar was wel kolonel Pierre Clostermann. Op het moederschip lag zijn eigen vechtstoel altijd klaar en die kon dan in de roeiboot gemonteerd worden. Bij elkaar heb ik daar vijf keer gevist, maar zelf nooit wat behoorlijks gevangen. Een keer met slecht weer visten we onder de kust en vingen Jaap en ik veel kleine blauwe haaitjes aan onze 10 grams spinhengels. Dat was pas sportvissen, de andere mensen op de boot visten met veel zwaarder materiaal..

Het staartje van de haai
De beroemde kolonel Pierre Clostermann met een van zijn vele zwaardvissen
Vismaat Ridsert was een big game visser eigen stijl. Nadat hij in de ochtend in de roeiboot kroop klikte hij het harnas vervolgens aan een kant vast aan de bank om dan de boel om de bank heen te halen en vast te gespen aan de 12/0 Senator Penn Reel. Daarna ging hij een boek lezen en rolde zich als een kat op en ging op de plank liggen. Toen daarna het moederschip langs kwam schudde nestor Jose Pinto Braz, de organisator van deze zwaardvis avonturen trips, het hoofd en mompelde iets van “Als er nu een tonijn je aas opeet dan heb je een groot probleem”. Met andere
woorden gevaarlijk! Wij moesten ook een formulier ondertekenen dat wij in elk geval niet van buitenaf gedwongen werden om in een zo klein bootje in de hitte de hele dag te vertoeven. Dankzij het vele lezen van zijn boeken kon met name Ridsert zijn verstand op nul zetten en had hij geen last van jeukend zitvlees of ander ongeduld. Hij ving 4 grote blauwe haaien in twee trips: 134, 109, 131 en 133 kilo. Geen pondjes. Echte grote blauwe haaien die ook later in Holland een echte grote staart kregen, want men wilde daar niet geloven dat haaien van 3 meter 134 kilo konden wegen.
Die zwaarste haai wilden wij claimen als Nederlands record. Nu was de foto van de zwaarste haai niet zo mooi (die van 134 kg) en een Big Game visser hoeft dan ook niet op een kilogram te kijken, het lijkt wel een beetje op elkaar. Dus ik claimde voor hem de haai van 133 kilogram waar we wel een mooie foto van hadden. Ridsert was nogal ijdel, maar niet heus. Het kon hem niet zoveel schelen op dat moment. Maar ik wilde de eerlijk gevangen vis op de recordlijst. Nou, dat ging niet zomaar. De haai werd als record afgekeurd. Volgens de toenmalige commissie kon een blauwe haai van 3 meter lang niet meer dan 60 of 70 kilogram wegen. En de hotels zouden vissen opwaarderen om zodoende meer hengelaars te trekken. Ik werd fanatieker dan een bull terriër en ging schrijven naar clubs en weegmeesters. Gelukkig kreeg ik hulp van Ed Stoop. We schreven naar de Herstal Game Fishing Club in België waarvan Noël Remy de president was van een groep visvrienden die overal in de wereld visten. Daarna naar Chris Roncoroni, de I.G.F.A. representative van de Canarische Eilanden. Naar John Holms in Engeland. Alle brieven zijn bewaard. Na dit alles nog geen positieve reactie. Daarna maar naar de I.G.F.A. in Florida geschreven waarvan wij al lid waren. Vervolgens kregen wij en de Nederlandse commissie record zeevissen een lijst toegestuurd met blauwe haaien waarop we konden aflezen dat een blue shark van 3 meter lang zo ergens tussen de 110 en 150 kilogram kon wegen. Toen kwam gelukkig Dr. Boddeke in actie en zo kwam de haai van Ridsert de Vries op de recordlijst. Zijn record staat nog steeds op die lijst.
In het verleden was er bij de Belgische Herstal Club ook al zo’n een probleem geweest met een Mako haai van 230 kilo die door Noël Remy in zijn roeibootje werd gevangen. Toen de Mako de strijd had opgegeven kon Noël Remy deze grote haai natuurlijk ook niet in het kleine roeibootje stoppen omdat er niet genoeg plaats was in de roeiboot. Maar het ging toen om de handeling naar het moederschip waarna de haai bij zijn lurven werd gepakt.
Oktober 1974. Jaap Tuit met de zwaardvis uit het artikel.


Ridsert de Vries heeft in die tijd ook zo’n joekel verspeeld. De Mako greep het aas en even later sprong hij meters het water uit en dook vervolgens onder de televisieboot door, die opnamen kwam maken van het gevecht. De lijn werd beschadigd en brak en de Mako ging er vandoor. Weg Mako-haai!!!!! Een jaar later pas zagen we in het Espadarte hotel de filmbeelden. Ongelooflijk hoe dat beest dichtbij dat bootje uit het water sprong. Toen hadden ze het woord “kicken” nog niet uitgevonden.
Maar in Sesimbra visten ook wel heel dure jongens die het de grootste kick vonden om een grote vis vanuit een roeiboot te drillen. Om een echte Big Game vis te vangen moet je bij Jaap Tuit zijn, die gaat er gewoon op zijn gemak voor zitten en positief zitten wachten. Komt ie vandaag of morgen niet, dan misschien bij de volgende vis trip! Maar zijn eerste reus ving hij al op zijn eerste reis naar Portugal. Dat was waarschijnlijk de reden hoe het Big Game virus zich vastzette in onze de lijven. Vergeten doe je zoiets nooit, zelfs al zouden we met de jaren helemaal dement worden. Dan vertellen we misschien stories, verleden week nog gevangen! In plaats van 50 jaar geleden.
Nog even hoe de reus (zwaardvis) eruit is gekomen Er was nog een Hollander die bij onze eerste reis al een eigen 130-lbs combinatie had. Na 2 dagen jeuk aan zijn achterwerk van het zitten in de roeiboot had hij het wel gezien. Dus Jaap mocht zijn spullen lenen en hoefde geen hengel te huren. Maar de beste man vertelde aan Jaap dat er 2 lijnen aan elkaar waren geknoopt om de reel te vullen. Het knoopje zou een paar honderd meter diep op de reusachtige spool van de Penn Senator 14/0 zitten. Dus u begrijpt wel, Jaap die bij mij op de kamer sliep, zat uren te klooien met de ratel op de reel om te zoeken dat knoopje te proberen te vinden. Na de knoop verbeterd te hebben ving Jaap de volgende dag zo rond de middag zijn eerste echte Big Game vis, te weten een zwaardvis van 170 kilo. Een legendarische vangst. Er volgden uiteindelijk nog vele oceaanreuzen tot over de 500 kilogram.

Jan met een gevangen en getagde zwaardvis, net voor deze weer wordt vrijgelaten
Vanaf 1980 was ik lid van de Billfish Foundation en bij de Billfish foundation bestelde ik een mooie tagpole waarmee vele vissen eerst naast de boot werden getagd (voorzien van een markering: red) en daarna weer onbeschadigd konden vrijgelaten (released). Ook New South Wales tags gebruikten we voor meerdere soorten vissen zoals Zeilvissen.
A fish is too valuable to catch only once!
Visserslatijn? Op een sticker uit de U.S.A. vond ik de volgende wijsheid: All fishermen are liars except you and me, and I am not so sure about you…
Tekst en foto’s: Gerard van Loevezijn
Ik las net weer eens een oud vliegvis verslag uit 2022 van Peter Vroegindeweij… Een vermakelijk en boeiend geschreven stuk over het EK vliegvissen in Noorwegen. Wat een avonturen daar in het verre noorden… prachtig. Die van mij beperken zich tot onze GHV viswateren, de Woerdense viswateren, en natuurlijk de forelbeken van het Cantabrisch Gebergte, Noord Spanje.

Amir met een mooie zeebaars
Het is april, en binnenkort vertrek ik weer zuidwaards voor 4 maanden, het forelseizoen is daar al begonnen (vanaf 31 maart), het water staat er in de bergbeken nog behoorlijk hoog, en de vissen zijn er nu nog goed te vangen. Forellen, barbelen en kopvoorns zijn daar dadelijk de te belagen soorten. Vliegenhengel, lichte spinhengel en een beringde 4.5 m lichte stok gaan mee; altijd weer een discussie met vrouwlief tijdens het pakken mbt de beperkte bagageruimte. Dan moet ik het nogal eens afleggen tegen die tassen vol met kleren…
Twee dagen reizen; eerste dag tot midden Frankrijk, hotelletje, en de volgende avond aankomst in ons dorpshuisje aan de rivier. Meteen stoken dat gietijzeren kacheltje; het voorjaar in het hooggebergte kan er nog bitterkoud en kletsnat zijn; het
stabiele warme weer (overdag strak blauw 25-30 graden; ‘s nachts koelt het af naar zo’n 10 graden; dat slaapt lekker) is er vanaf half juni. Dan kan er ook heerlijk gezwommen worden in de bergmeren, en worden er gebergtewandelingen gemaakt langs de machtige hooggebergte-toppen met zijn imposante vergezichten. Maar bovenal neem ik mijn tijd voor het vissen.
Bergmeren
Kopvoorns, barbelen, en forellen, ze zijn allen te vangen in de bergbeken in het Cantabrisch Gebergte. Maar wil je echt gericht op kopvoorns vissen, dan zijn de stuwmeren de aangewezen plekken: die fungeren als de watervoorraden voor de uitgestrekte graanvelden van de Spaanse Hoogvlakte zuidelijk van het gebergte. In de jaren vijftig en zestig heeft Spanje er een aantal aan gelegd in Cantabrië. Het werk werd uitgevoerd door de krijgsgevangenen van de burgeroorlog…
“Dan sta ik in het berglandschap, tussen die ruïnes van de dorpsstraatjes...”
Lekker goedkoop zullen ze gedacht hebben, en zo hield de dictator zijn landgenoten in de tang. Verder werden hele bergdorpen door Franco “geconfisqueerd” (lees; onder water gezet); de keutelboertjes hadden in die tijd niets in de melk te brokkelen en konden vertrekken, wegwezen, daarmee huis en haard achterlatend. Met een damwand werd vervolgens de vallei afgesloten, en bovenstrooms vormde zich gedurende de winter en het voorjaar kolossale bergmeren en watervlaktes.
‘s Zomers worden de sluizen geopend en dondert het water langs woeste bergbeken de zuidelijke graanvlaktes in. Gedurende droge zomers zakt het waterpeil van die meren dan ook spectaculair, en komen de verdronken dorpjes met hun romaanse kerkjes, klokkentorens, akkerveldjes, watermolens, stenen bruggetjes etc. geleidelijk droog te staan, waarbij de vele ruïne-torentjes als beschuldigende vingers de Franco dictatuur duiden.
Dan sta ik in het berglandschap, tussen die ruïnes van de dorpsstraatjes, met mijn beringde 4,5 m stok kopvoorns te vangen; van die torpedovormige voorns, oersterk en tientallen centimeters groot: 12/00 lijn, goed afgestelde molenslip, dobber, wat bladlood, klein haakje, en als aas gebruik ik brood.

Die beesten zijn overigens met van alles te verschalken; de Spanjaarden vissen vaak met vleesplukjes die ze van een rauw lapje trekken… maakt niet uit, het vangt allemaal bij die veelvraten… Ik heb vanuit mijn jeugd altijd veel gevist met deeg; een sappig deegje is zo gemaakt: gewoon wat verse sneetjes vochtig maken, kneden, en hoppa, klaar is het deeg; de korstjes worden met het aldaar aanwezige zand vermengd tot een voer en vissen maar. Niet moeilijker maken dan nodig is. Het levert mij, op zo’n zomerse warme middag meestal tientallen kopvoorns op. En daarna afkoelen door een duik te nemen op de stek tussen de ruines, rondje kerk zwemmen en dan hup, terug de bergpas over naar mijn Spaanse dorpshuisje; kom daar maar eens om, heerlijk!
Gedurende droge zomers zakt het waterpeil van die meren dan ook spectaculair
Tekst en foto’s: Arnoud Terlouw
Als ik dit schrijf, eind april, zit ik in de zeeltmodus maar helaas is mijn (vis)tijd beperkt. De afgelopen maanden van dit jaar zijn door allerlei oorzaken anders gelopen dan ik had gepland. Een vervroegde, noodzakelijke verbouwing gooide roet in het eten. Een verbouwing die bovendien ook nog eens ingrijpender is dan gedacht en langer duurt, waardoor we nu nog steeds aan het kamperen zijn in ons eigen huis en dat zal helaas zo blijven tot half juni vrees ik. Tegen die tijd is de kans groot dat de zeelten gepaaid hebben…
Buiten die verbouwing verliep het begin van het jaar toch al niet als verwacht, of beter, niet als gehoopt. Wat opviel was dat januari en begin februari wat snoeken betreft beter was dan maart als het ging om aantallen én dikke snoeken. Iets wat vorig jaar ook al merkbaar was geweest. Ofschoon we met maart een periode met prachtig, bijna zomers weer hadden en het water flink opwarmde - ik hoorde begin maart berichten van paaiende snoeken in ondiepe sloten – bleef de visserij op de ondieptes moeizaam tot aan het einde van het roofvisseizoen. En dat is nog zacht uitgedrukt. Ik hoorde ook van andere vissers veel dezelfde berichten. Ik weet wel dat ik volgend jaar in februari meer op het water ben te vinden!

Perfecte afsluiter
In maart komt een Engelse vismaat meestal een week in Nederland vissen, in de hoop op een monsterbaars van 5 lbs+ (voor Engelse vissers is het gewicht het belangrijkste, de maatstaf). Afgelopen jaar 2025 maart lukte dat, al sprongen ze toen ook niet in de boot, en ving hij eindelijk zijn droomvis. Helaas ging dat nu door de verbouwingsperikelen niet door. 31 maart, de laatste dag van het roofvisseizoen, kan ik gelukkig zelf nog een poging vanaf de kant wagen, met wormen. Met kunstaas ging het heel moeizaam hoorde ik.

Boven: In maart ging het op zijn zachts moeizaam, zelfs op ondiepe wateren.
Links: Eind januari, begin februari was beter voor dikke, zware snoeken dan maart…
Bij aankomst met het eerste licht kom ik gelijk een baarsvisser op de parkeerplaats tegen, die hier voor het eerst zijn geluk komt beproeven. Even later zie ik nog een kantvisser in het water staan. Die is er ook vroeg bij. Ik besluit eerst naar de verre stek te lopen om daar alvast wat dauwwormen te voeren, voor het geval de beoogde stek niets oplevert. Teruggekomen zie ik dat er nog een kantvisser is aangeschoven. Dat blijkt een Duitser te zijn. Gelukkig staan ze niet op ‘mijn’ stek, al denk ik wel dat ze daar in de tussentijd de nodige worpen hebben gemaakt.
Terwijl ik mijn spullen naar de plek breng, de hengels in orde maak en even met mijn Deeper de stek nog even nauwkeurig bekijk waar precies het taludrandje begint, zie ik ook twee bellyboten het water opgaan. Dat blijken later Belgen te zijn. En nog voor mijn eerste hengel inlegt verschijnt er nog een kantvisser. Wat een drukte, en dat op een doordeweekse dag!

“Een imposante vis, hoog en dik… en 51 cm lang!”
Om een lang verhaal kort te houden. Terwijl de eerste hengel net inligt krijg ik vrijwel direct na de inworp een aanbeet op de 2e hengel. Even denk ik dat het een brasem is, maar die vrees wordt gelukkig niet bewaarheid. Het is een baars van 45 cm. Pffttt… dat is een hele opluchting, er zit in ieder geval baars op de stek. Ik hoor dat een van de andere kantvissers vanochtend vroeg ook een baars heeft gevangen, maar daarna hebben ze geen actie meer gekregen. Ik wens ze succes en terwijl er eentje naar links loopt krijg ik weer een aanbeet. Een paar minuten later zie ik de kenmerkende ‘hanekam’ boven water, weer een baars en een grote! Een imposante vis, hoog en dik… en 51 cm lang! De weger geeft 2,6 kg aan (5 lbs 12 oz. zou Graham gezegd hebben), een nieuw PR wat gewicht betreft!

Na nog een kleinere baars valt het stil, maar anderhalf uur voor donker gaat het nog even los en vang ik nog vier baarzen waaronder nog een hele fraaie. Een kogelronde vis van 48 cm en 2,3 kg. Terwijl de zon ondergaat geniet ik nog even na van deze perfecte afsluiter van het roofvisseizoen.
Kantooruren vis April, mei en begin juni staan meestal in het teken van zeelt. Niet alleen omdat je kans hebt op hele zware zeelten, maar ook omdat deze zeelten dan vaak het beste te vangen zijn. Omdat ze hongerig zijn voor de paai, maar ook omdat (bodem)wier dan vaak (nog) geen groot probleem is en je daardoor heel effectief kunt vissen. Zoals ik al wel eerder heb geschreven is het in april vaak nog heel wisselvallig, wat weer en vangsten betreft. April doe wat ie wil… Warmte, zon en watertemperatuur zijn bepalende factoren, zeker als het zeelt betreft. Heel vaak begint de actie pas tegen het einde van de morgen/begin middag, zeker na een koude nacht. Zo ook de eerste sessie op 8 april.
De eerste aanbeet komt pas om 13.55 uur, gevolgd door nog zeven zeelten en twee mooie brasems. Hoewel die beide vrouwtjes 4 kg zwaar zijn is het opvallend dat ze nog geen enkele kuitaanzet hebben. Een tweede zeeltsessie, een week later tussen de verbouwing door, levert negen zeelten op; acht vrouwtjes en als laatste een mannetje van 60 cm die duidelijk aan de anabolen zat, wat een power!


Ook nu begon de actie pas laat, na 12.30 uur. Hoe anders is het tijdens de derde sessie. Wanneer het zonnetje in de ochtend zijn warmte begint te tonen en de dikke jas uit kan gaat het even los tussen 09.30 en 12.00 uur. En daarna blijft het doorlopen en blijft uiteindelijk de teller staan op 28 zeelten. Dit keer het grootste deel (kleinere) mannetjes. Een groepje hongerige vrijgezellen, op zoek naar vrouwtjes op de stek?
Aan de overkant van Het Kanaal wordt zeelt ook wel gekscherend de ‘Office hours fish’ genoemd, een vis waar je niet per se vroeg voor op hoeft te staan omdat ze gewoon overdag bijten. Daar zit dus zeker een kern van waarheid in, al moet ik zeggen dat mijn ervaring is dat vanaf half mei de vroege uurtje ook heel productief kunnen zijn. Bovendien ben ik graag met het eerste licht aan het water wanneer de natuur ontwaakt. In het eerste uur zie je vaak zeelten rollen en ik heb graag dan ook al graag wat voer erin liggen, terwijl ik daarna in alle rust mijn spullen in orde maak en een eerste bakkie koffie maak om te genieten van de rust aan het water.

Ondanks dat het nauwelijks 10 graden was voelde het warm aan in het ochtendzonnetje en zag je overal visactiviteit... maar dat zou niet lang duren

Geen garanties
Van verschillende kanten had ik gehoord dat de brasems half april al volop aan het paaien waren geweest. In poldersloten, maar ook al op grote wateren… extreem vroeg vond ik. De watertemperatuur was met de vaak straffe noordenwind en koude nachten inmiddels weer gedaald tot onder de 14 graden… wat dat betreft zegt de watertemperatuur lang niet alles. Zon vaak wel, die heeft in april al behoorlijk kracht en maakt de meeste vissen actief, zeker in de luwte in het zonnetje. Dat blijkt ook maar weer eens tijdens een reportage voor Hét Visblad. Bij aankomst in de ochtend terwijl de zon net opkomt is het nog windstil en voelt het, ondanks dat het nog nauwelijks 10 graden is, al snel warm aan en overal zien we activiteit in de sloten. Anderhalf uur later is dat in een oogwenk verdwenen. Het is bewolkt geworden met een fris windje. Het voelt gelijk dik 5 graden kouder, blijkbaar ook onderwater!

Begin april en een 4 kg brasem… maar (nog) zonder kuitaanzet. Vreemd.

Deze imponerende zeelt maakte een taaie dag meer dan goed!
Koud voelt het ook tijdens mijn vierde zeeltsessie, op 29 april, ondanks een strakblauwe hemel en uitbundig schijnende zon. Uit de wind heerlijk, maar met een straffe noordoostenwind op je kop is een jas geen overbodige luxe. De verwachtingen zijn na de succesvolle laatste sessie hoog, maar de zeelten denken daar anders over. Om 09.35 uur komt de eerste aanbeet, en kort daarna nog twee zeelten, maar vervolgens valt het helemaal stil. Blijven zitten of verkassen? Het wordt het laatste en dat pakt nog goed uit met zes zeelten waaronder een hele fraaie, imponerende zeelt van dik 4 kg. Gek genoeg alle aanbeten deze dag op mijn hengels… Twee dagen later krijg ik een appje van een vismaat. De hele dag geen enkele aanbeet, terwijl de omstandigheden gunstiger lijken… ook dat is zeeltvissen in het voorjaar! Wispelturig als altijd!
Tekst en foto’s: Haakon
Nadorp
Yes! We mogen weer, een nieuw seizoen voor het roofvissen. Lekker weer de natuur in en kilometers maken. Goed voor het hoofd, lijf en leden. De mindfulnesstechniek bij uitstek. Dit is ook weer de tijd voor nieuwe uitdagingen en doelen. Bijna 2 maandjes rust geweest door de gesloten tijd. Afkickverschijnselen zijn bij mij onderdrukt door een snoektrip naar Zweden en voor de rest lekker prutsen aan mijn hengels, molens, reeltjes en kunstaas om weer startklaar te zijn voor de seizoensopening. En daarnaast ook weer wat nieuwe aasjes gescoord om uit te proberen op mijn groene vrienden en vriendinnetjes.
Uitdagingen en doelen stellen
Tijdens de gesloten tijd toch wat nagedacht wat voor uitdagingen ik wil oppakken, dus welke doelen ik stel. Ga ik nieuw viswater opzoeken om uit te proberen? Is wat moeilijker geworden door de fusie van Sportvisserij Nederland en haar federaties naar de Sportvisunie én het niet meegaan ervan met onze buren Groot Rotterdam en SVB Delfland.
Of wordt het een nieuwe vistechniek om op te pakken? Bijv. het vliegvissen. Kan zeer effectief zijn én onze Vliegviscommissie biedt prima vliegvislessen aan om de basis te leren. Aanbeveling! Of streetfishing in stadswateren voor mooie baars? Of denk ook aan bijv. het vissen met jerkbaits. Kijk je om je heen, dan heeft bijna iedereen wel een shad aan de lijn. Jerkbaits kan dan net weer dressuur doorbrekend zijn. Als ik dan toch met hardbaits moet vissen dan heeft de jerkbait mijn voorkeur omdat je zelf het kunstaas een actie moet meegeven in plaats van uitwerpen en binnendraaien.

Of voor de verstokte werpmolen vissers, misschien toch eens een baitcaster met een reel proberen? Kan ik ook aanbevelen. Vooral de druppelreel omdat deze lekkerder in de hand ligt dan een ronde reel. Tenzij je handen als kolenschoppen hebt. Heb je het vissen met een reel onder de knie, dan ga je ongetwijfeld overstag. Zoals in mijn geval en alleen met het vissen op baars met kleine plugjes grijp ik nog terug naar de werpmolen.
Kortom mijn advies: denk er eens over na om je roofvis kennis- en technieken uit te breiden met een nieuwe aanvulling. Speelt dit bij je, heb je er al over nagedacht, maar wil je er nog eens over praten met ervaringsdeskundigen, kom dan naar de activiteiten van onze roofvisgroep. Mogelijk kunnen wij je helpen.
Mijn doel
Mijn doel is hetzelfde doel als vorig jaar, alleen na 1 vissessie hield dit direct eigenlijk een beetje op. Het doel: het vissen met kleine jerkbaits in de polder met een lichte baitcaster. Bij klein denk aan een lengte van zo’n 6 tot max. 12 cm. Deze vis ik met een dun titanium onderlijn en gebruik ik een lichte baitcaster met druppelreeltje. Maar ook zijn deze te vissen met een 2.10 cm spinhengel en molen. Ik heb nogal wat kleine jerkbaits, vooral eigenbouw van Nederlandse bouwers. Deze liggen al jaren onaangeraakt in een doosje, terwijl ik er lang geleden veel mee gevist hebt en niet zonder succes.
Mijn roofvis carrière ben ik als jerkbaitvisser gestart. Vorig jaar mijn 1e snoeksessie gestart met een Wowijsje van bouwer Arjan Willemsen. Een jerkbaitje van 9 cm met een gewicht minder dan 20 cm en voorzien van 1 dregje. Ik ben sowieso fan van de jerkbaits van Arjan Willemsen. De Halve en Kwart Liter zijn mijn favoriet. Het Wowijsje viste ik agressief met korte felle tikjes binnen. Die sessie leverde me meerdere snoekjes op. Niet groot, maar ik was er zeer content mee. Die kleine jerkbaits ga ik nu echt aan het speldje doen. Maar wel pas in de herfst! In de zomer is het moeilijk vissen in de dichtgegroeide polder én het water wordt te warm voor de snoek.

Wat is er de komende periode zoal te beleven op het gebied van roofvissen binnen onze vereniging? Onder andere onze activiteitencommissies organiseren met regelmaat leuke activiteiten voor de leden.
30 aug.
4 sept.
6 sept.
12 sept.
4 okt.
25 okt.
6 nov.
21 nov.
28 nov.
13 dec.
In en om De Topstek - Open Sportvisdag GHV / Groene Hart
De Topstek - Inloopavond met een lezing van Serge Sonneveldt over het vissen op roofblei
Den Haag - Hét baarsfestijn van het jaar, de Tour de la Haye
Rivier de Waal - Vissen op roofblei op de Waal
Bellyboot - All Float day, met gezellige barbecue
Nieuwkoopse Plassen - Het jaarlijkse bootuitje op de Nieuwkoopse Plassen
De Topstek - Inloopavond met een lezing van Haakon Nadorp over het vissen met jerkbaits
Stolwijk - Polderuitje on Stolwijk met thema jerkbaits only
Tweekamp met SVB Delfland
De Zaan - Snoekbaars vissen met de pen op de Zaan
Meer informatie over de bovenstaande activiteiten is te vinden op onze website: www.ghvgroenehart.nl
Volg ons ook online!
www.ghvgroenehart.nl
https://www.facebook.com/ ghvgroenehart
Alles rond lidmaatschap, vergunningen en ledenadministratie
Postadres: GHV / Groene Hart, Postbus 162, 3720 AD Bilthoven. ledenadministratie@vispas.nl Telefoon 030-6058400
Algemeen correspondentie-adres Madesteinweg 34, 2553 EC Den Haag info@ghvgroenehart.nl
Telefonisch informatie (geen voicemail) 070-3297965
Clubhuis GHV / Groene Hart, Madesteinweg 34 - 2553 EC Den Haag
Voorzitter/Webmaster
Ton van der Spiegel
Secretaris
Juri Froger
Penningmeester
Ben Boere
Tweede secretaris
Hans Moolenaar
https://www.instagram.com/ ghvgroenehart/
https://www.linkedin.com/ company/ghv-groene-hart
Tweede penningmeester, ledenadministrateur
Emile Meuldijk
Bestuurslid Coördinator uitgifte vergunningen
Jan Ockhorst
Bestuurslid Communicatie
Lex Peters
Bestuurslid Wedstrijden Ron Hofland
Bestuurslid Externe relaties viswaterhuur Marius van Kampen
Bestuurslid Facilitaire zaken en Clubhuisbeheerder
Raymond Renirie beheerder@ghvgroenehart.nl
Bestuurslid Roofviscommissie Haakon Nadorp roofvissen@ghvgroenehart.nl
Bestuurslid Vliegviscommissie Jan Ockhorst vliegvissen@ghvgroenehart.nl
Vertegenwoordiger afdeling VWP
Ben Boere
Vertegenwoordiger afdeling MWV
Emile Meuldijk
Vertegenwoordiger afdeling Moordrecht Koos van Herk
Website/Internet GHV / Groene Hart www.ghvgroenehart.nl
Meldpunt spiegelkarperprojecten skp@ghvgroenehart.nl of via aanmeldbutton website
Meldpunt vissterfte sos@ghvgroenehart.nl
Redactie GHV / Groene Hart Magazine Hans Moolenaar (Ton van der Spiegel) p/a GHV / Groene Hart redactie, Madesteinweg 34, 2553 EC Den Haag redactie@ghvgroenehart.nl
Vertrouwenscontactpersoon Myrthe Starrenburg vcp.myrthe@gmail.com
Ontwerp en opmaak Juri Froger, info@roodd.nl
Contactadres Speyclub speyclub@ghvgroenehart.nl
Verkooppunten GHV / Groene Hart VISpas
Bij onderstaande winkeliers en regionale aanmeldpunten kan men lid worden van GHV / Groene Hart en direkt de schriftelijke toestemming meekrijgen na betaling van de verschuldigde contributie.
De Sportvisser *
https://www.youtube.com/ @hsvghv-groenehart8550
Jan v/d Heijdenstraat 61, 2522 EL Den Haag
RTV Hengelsport * Almeloplein 60-61, 2533 AD Den Haag
Camp Carp * Appelstraat 199, 2564 EE Den Haag
Albatros Hengelsport * Dr. Lelykade 68-70, 2583 CM Scheveningen
Nico’s Hengelsport* Rottumsestraat 11a, 2583 HG Den Haag
Dierenshop Rijswijk * Huis te Landelaan 45-47, 2283 VA Rijswijk
Pets Place Boerenbond Hofstede* Schrepelpad 6, 2491 EE Leidschendam
Hengelsport Zoetermeer* Oranjelaan 31, 2712 GA Zoetemeer
Hengelsport Leiden
Mary Beystraat 9, 2324 DK Leiden
Hotspot Fishing Ripselaan 3, 2375 NA Rijpwetering
Hengelsport Gouda
Hengelsport de Spot
Hengelsport Westland*
Bonte Vos
Walvisstraat 96, 2802 SE Gouda
Zuidkade 1, 2741 JA Waddinxveen
Kerkpad 5, 2681 BJ Monster
Slotplein 96, 2902 HR Capelle aan den IJssel
* Winkeliers waar ook het Stadsvisbewijs van Den Haag los te koop is.
ALLES VOOR DE SPORTVISSER!
Tegen inlevering van deze bon 20% KORTING
Alles voor: ZEEVISSEN KARPERVISSEN ROOFVISSEN WITVISSEN
OP EEN
HENGELSPORTARTIKEL NAAR KEUZE
Stichting PeuterFonds heeft als doel kinderen met gezondheidsproblemen de dag van hun leven te bezorgen op het gebied van sportvissen. Het PeuterFonds biedt deze geheel verzorgde dag gratis aan met daarbij een unieke één-op-één begeleiding. Om deze evenementen te kunnen blijven organiseren zijn wij op zoek naar vrienden die ons willen steunen. Natuurlijk willen wij ook de komende jaren nog een mooie maatschappelijke bijdrage aan de hengelsport leveren, zeker nu onze prachtige hobby wel wat positieve aandacht kan gebruiken!
Maximaal 1 bon per klant. Niet geldig i.c.m. andere aanbiedingen.
SCHREPELPAD 6 - 2491 EE DEN HAAG - TEL 070 386 09 16 -
SCHREPELPAD 6
Wordt ook ‘Vriend van het PeuterFonds’ en doneer op NL54 RABO 0148 5415 85 t.n.v.
8.00 - 18.00
8.00 - 21.00
2491 EE DEN HAAG TEL 070 386 09 16
Stichting PeuterFonds of scan de code en doneer direct!
-
8.00 - 18.00 WO 8.00 - 18.00
MA 8.00 - 18.00 WO 8.00 - 18.00
8.00 - 18.00
8.00 - 17.00
8.00 - 17.00 RUIM 5.000 M² VOOR DIER EN TUIN
OPENINGSTIJDEN

Maandag: 08.30 – 17.30 uur
Dinsdag: 08.30 – 17.30 uur
Woensdag: 08.30 – 17.30 uur
Donderdag: 08.30 – 17.30 uur
Vrijdag: 08.30 – 17.30 uur
Zaterdag: 08.30 – 17.00 uur




