

Domweg gelukkig in de Elzendreef

BARBARA EN KARSTEN: VERENIGD EUROPA IN ONS MOOIE DORP
FEM MAG OP MOEDERDAG TWEE MOEDERS IN ZONNETJE ZETTEN
ONZE DORPSGENOTEN DIE DE KONING(IN) ONTMOETTEN
GEFFENSE BRANDWEER LIJKT NET EEN FAMILIEBEDRIJF ...EN MEER!























EÉN GEZIN, TWEE MOEDERS

7

DE GEZICHTEN ACHTER KONINGSDAG

10
EEN GESPREK OP HOOG NIVEAU

14
Gruts 11 | April 2026
JUF MARJA’S VROLIJKE OORBELLEN

DE BRANDWEER VERRIJKT JE LEVEN
TALENTVOLLE ZUSSEN KNOKKEN ZICH NAAR DE TOP

28

REPAIRCAFÉ: SOCIAAL EN DUURZAAM
16 19 22

MET OPEN ARMEN ONTVANGEN 25

KROON OP HET DAK

30
ANTWAN MOEST ROMÁRIO AFSTOPPEN

32



Een goede administrateur hoeft niet duur te zijn. Gewoon goede kwaliteit voor een betaalbaar tarief, juist voor de MKB-ondernemer!

Bezoekadres: Veldstraat 31F, 5386 AW Geffen
T: 073-3030823 E: info@ba-administratie.nl www.ba-administratie.nl


GRUTS 11 | APRIL 2026
Voorwoord Colofon
“Gruts” verschijnt 4 keer per jaar, wordt gratis verspreid in Geffen en is verkrijgbaar bij een aantal Geffense winkeliers.
Stichting Geffens Magazine
KVK nummer: 84807482
Secretariaat: Elzendreef 24
Redactie: Bredeweg 4
Email: geffensmagazine@gmail.com
NL27 RABO 0376 1427 74
Redactie
Bart Verhagen
Eva Langens
Geert Piek
Marinus van der Heijden
Tekst
Bart Verhagen
Geert Piek
Jan van der Zande
Marja van Kreij
Peter van Erp
Rens van Orsouw
Ruud Verhagen
Temmie van Uden
Fotografie
Edwin van Zandvoort
Eva Langens (www.baasenbeest.com)
Henk van Ballegooij
Jan Verburgh
John van den Heuvel
Jos van Erp
Marijn Schraa (cmesmile.nl)
Marja van Kreij
Michel van Nistelrooij
Speciale dank aan
Bram van Ravenstein (creativos.nl)
Jordi Hartogs (www.dss-accountants.nl)
Sanne Rasing
Drukker
Rudolph Print
Oplage: 2000 stuks
Bezorging
Tal van vrijwilligers
Vragen over bezorging en adverteren: mail naar geffensmagazine@gmail.com
Iedereen mag tips geven of hun diensten aanbieden voor aankomende uitgaves. Niets uit deze uitgave mag worden overgenomen zonder schriftelijke toestemming van de uitgever.
Tekst: Peter van Erp | Foto: Michel van Nistelrooij
Kloppend hart
23 stofzuigers, 19 koffiezetapparaten, 8 rollators en 1 biljartballenpoetser. Zie hier een greep uit de apparaten en hulpmiddelen die de mannen en vrouwen van het Repair Café in Geffen de afgelopen jaren voorgelegd kregen. Of ze alles ook weer aan de praat gekregen hebben, is niet duidelijk. Ze hebben er in ieder geval hun best voor gedaan. En misschien is het in dit geval nog belangrijker dat ze de aanbieder aan de praat hebben gekregen.
Want dat is natuurlijk stiekem ook het doel van het Repair Café. Mooi als iemand weer vooruit kan met een apparaat. Mooi ook dat met de reparatie onze wegwerpmaatschappij een minuscuul tikje wordt geremd. Maar het Repair Café draait toch vooral om de samenkomst in het dorp.
De Koppellinck. Deze vrij ingewikkelde naam, in ieder geval qua spelling, werd in 2010 gegeven aan het nieuwe MultiFunctionele Centrum (MFC) van Geffen. Multifunctioneel, want in het gebouw zijn naast een gemeenschapshuis ook de basisschool en de peuterspeelzaal gevestigd. Het complex is met veel hangen en wurgen van de grond gekomen. De armlastige gemeente Maasdonk bezuinigde zoveel op de uitvoering dat het gebouw van meet af aan forse gebreken vertoonde. Niet in de laatste plaats bij de klimaatbeheersing.
Het hart van het gebouw was praktisch onbruikbaar, omdat het in open verbinding stond met vrijwel alle andere ruimtes en het geluid dus tot in alle hoeken doordrong. Het podium bleek al bij de eerste uitvoering van de fanfare te klein. En zo waren er nog tal van tekortkomingen. Als klap op de vuurpijl verzakte de hoofdingang en haperden de toegangsdeuren. Het gebouw had beter De Floppeling gedoopt kunnen worden. Geen wonder dat de meeste Geffenaren het MFC links lieten liggen. De Koppellinck zou nooit gaan voelen als een echt dorpshuis.
Maar zie, langzaam keerde het tij. De gemeente Oss, waar Geffen in 2015 bij werd gevoegd, trok de portemonnee en deed de nodige herstelwerkzaamheden en aanpassingen. En er stonden Geffenaren op die de schouders zetten onder activiteiten in De Koppellinck. Kom d’r In werd geboren. Onder aanvoering van met name Tineke Willemse kreeg het gebouw zowaar een kloppend hart. Met sinds 2018 dus ook het Repair Café. Verderop in dit blad lees je alles over deze dienst in De Koppellinck.
De Koppellinck is als gebouw nog steeds niet het ideale dorpshuis. Daarvoor past het gebouw domweg niet in bij de aard van Geffen. Maar intussen mogen we toch gruts zijn op het leven dat in dit zielloze gebouw is geblazen. Met dank aan Tineke en alle andere vrijwilligers.








Moederdag
Als Fem ‘mama’ roept, dan heeft ze dubbele kans dat
er iemand reageert: óf Ester óf Melissa
Twee moeders in één gezin; voor Fem van Dijk (8) is het de gewoonste zaak van de wereld. En precies zo kijken Melissa van Driel (51) en Ester van Dijk (35) er naar. “En dat is het toch ook?”
Tekst: Geert Piek | Foto: John van den Heuvel
Moederdag zorgt in huize Van DrielVan Dijk niet voor ingewikkelde toestanden. Fem moet dan wel twee moeders in het zonnetje zetten, maar daar wordt thuis opvallend relaxed mee omgegaan. “We hebben Fem daar altijd vrij in gelaten”, zegt Ester van Dijk. “Of ze twee dingen wil maken, of één tekening voor de mama’s samen; wat voor haar goed voelt.” Melissa van Driel lacht: “Dat gaat eigenlijk altijd heel vanzelf.” En vaderdag? “Ook dat mag ze helemaal zelf weten. Soms maakt ze dan iets voor de opa’s.”
Dat ongedwongene typeert het gezin van Melissa (51), Ester (35) en Fem (8) misschien wel het best. Als ze ‘mama’ roept, kijken er meestal twee
mensen op. Handig, grapt Fem, want zo is de kans meteen dubbel zo groot dat er iemand reageert. En als ze een specifieke moeder nodig heeft, dan roept ze ‘mamelissa’ of ‘mamaester’. En die kans is best groot, want Melissa en Ester zijn bepaald niet hetzelfde. Juist dat is voor Fem leuk. Melissa is wat creatiever, houdt van bakken, schminken en de feestdagen gezellig aankleden. Ester is sportiever, praktischer en eerder te porren voor steppen, buitenspelen of een middag op pad. Zo heeft ieder zijn eigen specialiteit, zonder dat het ooit strak verdeeld is. Dat geldt trouwens ook voor de rest van de opvoeding. “Het loopt een beetje door elkaar heen”, zegt Ester. “Het is net wie er ’s ochtends de meeste tijd heeft.”
Alleen bij sommige dingen is de taakverdeling thuis min of meer vanzelf ontstaan. “Als Fem iets anders wil dan een staart of een knot, dan moet Melissa het doen”, zegt ze lachend. Melissa is handiger met vlechten, schminken en dat soort creatieve dingen. Ester pakt weer makkelijker andere praktische zaken op.
Fem zelf werd acht jaar geleden geboren op 8 maart, Internationale Vrouwendag; een detail te mooi om niet even te noemen. Ze is daarmee de jongste in een samengesteld gezin. Melissa heeft uit een eerdere relatie nog twee dochters, Esmee en Suze, die er volgens haar in het begin direct helemaal weg van waren.
Melissa, Fem en Ester

“Als Fem ergens in een speeltuin valt, dan weet ik zeker dat er iemand is die haar helpt en dat wij het snel te weten komen”
“Ze werd echt op handen gedragen”, vertelt ze. Inmiddels is de dynamiek veranderd en zijn de oudere zussen druk met hun eigen leven, maar de band is er nog steeds. En praktisch is het ook, zeggen Melissa en Ester nuchter, want met oppassen is een extra paar vertrouwde handen nooit verkeerd.
Op de vraag of twee moeders voordelen heeft, moeten Melissa en Ester eerst lachen. “Ja, het heeft wel voordelen ook”, zegt Melissa. “Een paar praktische dingen. Vrouwen zijn toch vaak hup hup, doen we zo, zo, zo.” Ester denkt dat ze de zorg misschien wat gelijker verdelen. Tegelijk zien ze ook dat sommige dingen met een vader anders kunnen zijn. “Een beetje stoeien”, zegt Ester, “of mee naar het zwembad, gewoon dingen die een man net iets anders kan of doet.”
Wie Fem heeft gedragen, maakt in hun gezin weinig uit voor de onderlinge band. Natuurlijk was Ester degene die zwanger was, maar dat betekent volgens Melissa niet dat hun relatie met Fem anders is. “Nee”, zegt ze stellig. “Fem is ook mijn echte kind.” Ester beaamt dat volmondig.
Melissa en Ester hebben in de praktijk weinig negatieve reacties meegemaakt. Niet in Oss, waar ze eerder woonden, en ook niet in Geffen, waar Fem inmiddels helemaal haar plek heeft gevonden. In dertien jaar samen hebben ze eigenlijk zelden vervelende opmerkingen gehoord. “Het is in deze tijd toch ook heel gewoon?”, zegt Melissa.
Ze wonen sinds een jaar weer in Geffen. Aan het begin van hun relatie, zo’n dertien jaar geleden, was het logisch om in Oss te wonen, vertellen ze, omdat de twee oudste dochters van Melissa daar met hun vader woonden en er naar school gingen. “Dat was toen heel duidelijk”, zegt Ester. “We moesten in Oss wonen.” Toch bleef de wens om ooit terug te gaan naar Geffen altijd aanwezig.
Toen de oudste meiden ouder waren, kwam daar ruimte voor. Zelfs toen ze nog in Oss woonden, kozen ze er daarom al voor om Fem in Geffen naar school te laten gaan. Ook omdat ze heel dicht bij Geffen woonden, viel dat in de praktijk goed te doen. Het dorp trok al langer. “We gingen toch altijd al naar Geffen”, zegt Melissa. “Met Koningsdag en carnaval en dat soort dingen.”
Melissa moest in het begin wel wennen aan dat typische dorpse. In Oss groet je niet automatisch iedereen. In Geffen ligt dat anders. Inmiddels ziet ook Melissa de charme er juist van in. Even een praatje op straat, mensen leren kennen via school, het gevoel dat je iets voor elkaar over hebt; dat vindt ze prettig. Ester herkent dat van vroeger.
Zij groeide zelf op in Geffen en bewaart daar warme herinneringen aan. Het idee dat er altijd wel iemand is die op je kind let, of helpt als er iets gebeurt, vindt ze nog steeds waardevol. “Als Fem ergens in een speeltuin valt, dan weet ik zeker dat er iemand is die haar helpt en dat wij het snel te weten komen”, zegt ze.
Dat dorpsleven speelt ook in hun vrije tijd een grote rol. Ester is altijd sportief geweest, met een verleden bij Nooit Gedacht en op de tennisbaan. Ze hoopt stiekem dat Fem ook nog gaat voetballen, al heeft die daar zelf nog wel wat voorwaarden bij. “Als het een meidenteam is, dan lijkt het me wel leuk”, zegt Fem. Voorlopig doet ze in elk geval al genoeg met bijvoorbeeld tennis in Oss. Ze steken inmiddels allebei hun handen uit de mouwen als vrijwilliger. “Toen Fem in die leeftijd kwam, ben ik dat gaan doen”, vertelt Ester over de Jeugdvakantieweek.
“Ik vind het eigenlijk altijd wel goed en belangrijk om iets te doen in Geffen.” Niet omdat het moet, maar omdat zo’n dorp volgens haar alleen werkt als mensen allemaal een klein beetje meedoen. “Als iedereen zijn steentje een beetje bijdraagt, dan houd je het ook samen draaiende.”
“Melissa is handiger met vlechten, schminken en dat soort creatieve dingen. Ester pakt weer makkelijker andere praktische zaken op.”

Evenementen Stichting Geffen
Achterste rij van links naar rechts: Erik van Kreij, Lisa van der Doelen, Perry Rombout
Middelste rij van links naar rechts: Hennie van de Kamp, Maud van den Berg, Christel Willemse, Bart Hellinga
Voorste rij van links naar rechts: José van Heesch, Sandra Klijn, Geert Piek
Mike van den Hurk is ESG net komen versterken en was niet aanwezig bij dit fotomoment.
De gezichten achter
Koningsdag en de intocht van Sinterklaas
Koningsdag en Sinterklaas, ieder jaar worden ze door velen gevierd. Ook in ons dorp wordt er elke keer weer iets leuks georganiseerd rondom deze twee feestelijkheden. Het bezoek van de Goedheiligman en alle festiviteiten op Koningsdag. Bijna vanzelfsprekend kunnen we er ieder jaar weer van genieten. We staan daarom graag even stil bij alles wat hiervoor geregeld moet worden.De enthousiaste vrijwilligers van Evenementen Stichting Geffen (ESG) maken dit mogelijk. In dit artikel lees je wat zij doen en wat hen drijft.
Tekst: Jan van der Zande | Fotografie: Henk van Ballegooij
Ontstaan van ESG
Misschien zegt ESG je niet zoveel. Misschien denk je wel dat de bovenstaande festiviteiten vanuit de gemeente worden georganiseerd. Niets is minder waar. Al generaties lang zorgen Geffense vrijwilligers ervoor dat de Spaanse bisschop ook ons ‘durpke’ bezoekt. En dat er van alles voor onze kinderen wordt
georganiseerd wanneer de Nederlandse monarch jarig is. Het Geffense Sinterklaascomité schijnt net voor de oorlog te zijn opgericht. Net na de oorlog zag de Oranjevereniging het levenslicht. In 1988 besloten zij de krachten te bundelen onder de noemer Evenementen Stichting Geffen.
Het ESG team
Door de jaren heen is de samenstelling van ESG regelmatig gewijzigd. De vrijwilligers hadden en hebben vaak één gemene deler. Het zijn bijna allemaal ouders van jonge kinderen. Kinderen zijn immers de belangrijkste doelgroep, hoewel ook andere generaties meegenieten van de festiviteiten.
Op dit moment vormen Bart Hellinga (39), José van Heesch (41), Maud van den Berg (42), Geert Piek (43), Sandra Klijn (39) en Mike van den Hurk (37) het kernteam. Rondom de uitvoering worden zij bijgestaan door de bouwploeg die bestaat uit Hennie van de Kamp (44), Twan Ketelaars (47) (beiden ook jarenlang kartrekker geweest) en Erwin van Herpen (42). Daarnaast vervult Perry Rombout (58) een belangrijke rol tijdens de Sinterklaasintocht. Hij regelt ook de helpende handjes vanuit de scouting.
Sinterklaas
Het bezoek van de Sint wordt van A-tot-Z georganiseerd door ESG, in samenwerking met de scouting.
Vanuit de KPJ start de rijtoer door het dorp. ESG regelt de vergunning, het lokale vervoer van de Sint en een verkeersveilige begeleiding van de stoet.
Daarnaast verzorgt ESG het programma op het dorpsplein en de organisatie van de spelletjes in De Koppellinck. Kortom, zij zorgen dat kinderen, (groot)ouders en anderen een super leuke middag hebben en dat alles goed geregeld is voor de Sint.
Koningsdag
Ruim een halfjaar daarna staat Koningsdag op de planning. In de ochtend organiseert de Dorpsraad een samenkomst voor de (oud)gedecoreerden. Daarna neemt ESG het over. De organisatie van de optocht van versierde fietsen en de openingsceremonie bij de Geer. José: “Wij maken het draaiboek en stemmen vervolgens alles af met W.I.K. en het St. Joris Gilde”. Na de prijsuitreiking van de versierde optocht volgt de spelletjesmiddag. Dit gaat in nauwe samenwerking met Stichting Horeca Geffen. Bart: “We versterken elkaar. Zij zorgen voor een gezellig terras met toiletvoorzieningen. Wij voor het vermaak voor de kinderen. Een prima samenwerking”.
Extra hulp is altijd welkom! Vrijwilligers zijn vaak lange tijd verbonden aan ESG. Maar wanneer de eigen kinderen de evenementen ontgroeien komt er een natuurlijk moment om het stokje door te geven. Soms zijn het bevriende ouders die in dezelfde periode zijn aangehaakt. Afgelopen jaren is er om die reden afscheid genomen van verschillende kernteamleden.

Bart: “Gelukkig hebben we ook weer nieuwe mensen kunnen verwelkomen, maar het blijkt wel steeds lastiger om vrijwilligers te vinden”. Zelf hebben ze mooie jeugdherinneringen aan wat er toen allemaal werd georganiseerd. José: “Dat gun je ook je eigen kinderen, dat is de reden waarom wij dit zijn gaan doen”. De voorbereidingstijd valt reuze mee. Toch is een groot team wenselijk. De buitenevenementen met rondtochten door het dorp kunnen dan in goede banen worden geleid. Maud: “Het is prachtig om te zien dat mensen er van genieten en je ze een leuke dag hebt bezorgd”.
Steun ESG
Ook denken veel mensen dat de activiteiten van ESG volledig met gemeentelijke gelden worden gefinancierd. Er is inderdaad een bijdrage vanuit de gemeente en de Rabo ClubSupport-actie brengt wat binnen. Toch blijft het financieel uitdagend. Onderhoud/vervangen van kleding, verzekeringen, vervoer en iets lekkers voor de kinderen zijn kosten die meteen flink op de begroting drukken.
De organisatie vindt het ontzettend belangrijk dat de evenementen laagdrempelig zijn en voor iedereen gratis toegankelijk blijven. Daarom is er vorig jaar geëxperimenteerd met vrijwillige donaties via een QR-code. En in de maand april kun je het emballagebonnetje bij de Jumbo doneren aan ESG.
De ‘gezichten’ achter ESG weten dat veel Geffenaren hun evenementen een warm hart toedragen. Bart: “Met een beetje steun kan er veel leuks gedaan worden”. En dat doen zij maar wat graag. Koningsdag komt eraan. José: “We gaan er weer een topdag van maken, kom gezellig spelen of een terrasje pikken!”
Een wisseling van de wacht; onlangs nam ESG afscheid van vrijwilligers Erik van Kreij, Lisa van der Doelen en Christel Willemse.
Ruud Bosch 06 55 33 67 93
Nijverheidsstraat 7 5391 BW Nuland
ruud@rudolphprint.nl rudolphprint.nl




Geffenaren en de Oranjes: Drie bijzondere ontmoetingen
Tekst: Bart Verhagen | Fotografie: Eigen archief en privé-collectie

Twaalf minuten praten met koningin Máxima voelde eigenlijk als te kort. Links luistert ook burgemeester Froukje de Jonge mee.
Tineke Willemse
Protocol versus gezelligheid
Toen Tineke Willemse vorig jaar naar het gemeentehuis in Oss werd geroepen, wist ze nog niet dat ze korte tijd later oog in oog zou staan met Koningin Máxima. De aanleiding was het succes van de Seniorenvakantieweek. Hoewel de werkgroep en deelnemers vooraf streng werden geïnstrueerd - aanspreken met ‘Hare Majesteit’ en vooral zelf geen foto’s maken - bleek de praktijk een stuk minder stijf.
“Zodra de koningin binnenkwam, was de sfeer direct ongedwongen,” herinnert Tineke zich. “Ze praatte mee alsof ze ons al jaren kende. Die geplande twaalf minuten waren eigenlijk veel te kort; ze had zo nog een uur kunnen blijven kletsen!”
De dag werd feestelijk afgesloten met een groepsfoto op de middenstip bij voetbalclub TOP.
“Zodra de koningin binnenkwam, was de sfeer direct ongedwongen”
“De Koning en Koningin gaven me een hand en waren oprecht geïnteresseerd in het vakmanschap en de weg naar de eerste prijs”
Max van Lent

Jan van Vucht

Deze ontmoeting was een kroon op zijn werk voor Jan
Als kampioen naar de Dam
Niet iedereen kan zeggen dat hij op 17-jarige leeftijd al werd uitgenodigd op het Paleis op de Dam. Voor Max van Lent werd dit werkelijkheid in 2014. Als Nederlands kampioen metselen mocht hij acte de présence geven tijdens de nieuwjaarsreceptie, die dat jaar in het teken stond van de bouwsector.
Tussen de vijftig genodigden uit de branche viel de jonge Max op. “De Koning en Koningin gaven me een hand en waren oprecht geïnteresseerd in het vakmanschap en de weg naar de eerste prijs,” vertelt Max. Voor de jonge metselaar was het een onverwachte, maar zeer indrukwekkende ervaring die hij niet snel zal vergeten.
Een gedeelde passie voor houtbouw
Voor Jan van Vucht was zijn ontmoeting met Koning Willem-Alexander in 2022 een kroon op zijn werk als directeur van woningcorporatie Area. Bij de opening van een nieuwe fabriekshal voor houten woningen in Uden, merkte Jan dat de interesse van de Koning verder ging dan alleen een formeel praatje.
“Wat me het meest is bijgebleven, is zijn serieuze belangstelling voor houtbouw als middel om de CO2-uitstoot te verlagen,” vertelt Jan.
De liefde voor het milieu zit blijkbaar in de koninklijke familie, want later bezocht Máxima de corporatie om te leren over isoleren met stro en vlas. Overigens bleef het niet bij Jan alleen; de Oranjes lijken de familie Van Vucht vaker op te zoeken. Zo was de Koning kort daarvoor nog te gast bij Jan’s broer Eric (vrijwilliger bij de Geffense brandweer) in Rotterdam.
Als Nederlands kampioen metselen op audiëntie
van Vucht

Marja van Kreij
De oorbellen van juf Marja
Juf Marja, buiten werktijd Marja van Kreij, was geen meisje meisje. Ze droeg vrijwel nooit een jurkje of rok. Ze was eerder stoer, zo keepte ze bijvoorbeeld jarenlang in Nooit Gedacht Dames 1. Ze had geen oorbellen, zelfs geen gaatjes in haar oor. Toch valt ze nu regelmatig op met de meest uiteenlopende creaties in haar oor. Hoe is dat zo gekomen?
Tekst: Ruud Verhagen | Fotografie: Edwin van Zandvoort
Marja: “Mijn eerste oorbellen kocht ik in Zweden. Ik was begin 20 en was daar met mijn vriendin Teja van Erp op vakantie. Eigenlijk wel vreemd dat ik ze kocht, want op dat moment had ik nog geen gaatjes in mijn oren. Die heb ik niet lang na mijn thuiskomst in Oss laten schieten.
Ik had meteen een probleem, ik merkte dat ik niet tegen alle oorbellen kan. Je zult mij daarom nooit zien rondlopen met knopjes in mijn oor. Tegen zilver kan ik nog enigszins, maar met ringetjes van titanium heb ik geen last. Aan die ringetjes kan ik van alles hangen. Ik ontdekte een winkeltje in de Korte Putstraat in Den Bosch waar ze leuke oorbelletjes verkochten. Ook in ’t Gengske in Oss vond ik een winkeltje waar
ik er heel wat gekocht heb. Ik ben niet bewust gaan verzamelen, maar langzamerhand werd mijn collectie steeds groter. Van mijn partner Ron, toen nog mijn vriend, kreeg ik oorbellen als eerste cadeautje. Die had hij gekocht in de winkel van zijn zus in Ravenstein.”
Van heinde en verre
Marja en Ron houden van reizen, het liefst naar verre landen. Als herinnering gaat Marja bewust op zoek naar oorbellen die passen bij de cultuur of sfeer in dat land, iets karakteristieks. Zo kocht zij in Peru kleine poppetjes in traditionele kledij. In Oost-Duitsland twee kleine boekjes met losse blaadjes en op de kaft de Brandenburger Tor. In Vietnam reden veel mensen op scooters, de reden om oorbellen in de
vorm van kleine scooters te kopen. In Brussel vond ze een Manneke Pis en het Atomium en in Engeland een dubbeldekker bus en de Big Ben.
Marja: “Het liefst koop ik ze bij de plaatselijke bevolking. In Aziatische landen moet ik me soms erg inhouden. Ze hebben daar zoveel leuke dingen te koop.”
Van Jan en alleman
Veel mensen weten dat Marja regelmatig wisselt van oorbellen. Ze krijgt dan ook vaak oorbellen cadeau. Marja: “Een collega van mij was in Scheveningen naar dé kerstwinkel van Nederland geweest. Ze zag daar een kerstboom-oorbel en vond dat ze die voor mij mee moest brengen. Erg lief van haar.
Toen ik nog in Heesch werkte gaf een collega mij vijf sets oorbellen die ze in China had besteld. Kei lief natuurlijk, maar daar was ik toch iets minder blij mee. Niet dat die oorbellen niet leuk waren, nee die waren echt leuk. Maar ik ben een beetje tegen het bestellen in China.
Het zijn trouwens juist niet mijn beste vrienden die mij oorbellen geven, meestal krijg ik ze van mensen waarvan je het niet direct verwacht. Eigenlijk is het toch wel bijzonder dat iemand bijvoorbeeld in Thailand bij een kraampje of in een winkel aan mij denkt…
‘Lieve juf Marja, als hulp dank je wel, daarom van ons een oorbel’.
Geweldig toch?
Ook van kinderen op school krijg ik wel eens oorbellen. Regelmatig zitten daar bedeltjes bij, maar die doe ik dan om mijn ringetje in mijn oor. Of ze maken iets van fimoklei. Ze vinden het altijd erg leuk als ik die dan draag. Mijn dochter Floor en haar vriend Joren brengen soms weleens oorbellen voor mij mee. Van hen kreeg ik bijvoorbeeld katjesoorbellen, die hadden ze gekocht in een kattencafé. Superleuk, want ik heb zelf twee katten.
Toen ik afscheid nam van de bassischool in Heesch kreeg ik van de kinderen twee grote platen als afscheidscadeau. Ze hadden allemaal hun hoofd getekend en daaromheen hadden ze oorbellen gehangen die ze van thuis hadden meegenomen. De tekst luidde: ‘Lieve juf Marja, als hulp dank je wel, daarom van ons een oorbel’. Geweldig toch?”
Bijzondere oorbellen Marja probeert haar oorbellen aan te passen aan de situatie waarin ze zich bevindt. Sinds ze op school in de
kleutergroep werkt, past ze haar oorbellen regelmatig aan op het thema waaraan gewerkt wordt. Marja: “Ik ging werken in ‘de Kabouterklas’. Helaas had ik geen kabouteroorbel, wel een met paddenstoelen, maar die waren het net niet. Heb ik overal gezocht, maar kon er geen vinden. Toen heb ik van armoede toch maar iets via internet gekocht. Met Kerst draag ik kerstbelletjes of kerstboompjes in mijn oren en met Sint kleine zakjes met cadeautjes. Voor Koningsdag kocht ik in Zeeland twee kleine kroontjes. Het is dat ik geen 365 dagen per jaar werk, anders zou ik voor elke dag andere oorbellen kunnen dragen. Omdat ik van Snoopy hou, heb ik daarvan meerdere setjes liggen.
Een hele aparte set zijn de mattenkloppers. Tijdens Effe noar Geffe verkocht een man zelfgemaakte miniatuur mattenkloppers van ongeveer 15 centimeter hoog. Ik vroeg of hij ze ook veel kleiner kon maken, dan kon ik ze als oorbel dragen. Hij zei dat hij dat zou gaan proberen en vroeg om mijn adres. Maanden later kreeg ik ze opgestuurd. Ze waren heel goed gelukt en ik wilde ze natuurlijk betalen. Maar dat wilde hij niet, hij vond het zo leuk dat ik ze als oorbel ging dragen. Tijdens de laatste Effe noar Geffe had hij in zijn kraam nog meer van die hele kleine mattenkloppertjes. Wie weet ben ik misschien wel een trendsetter… haha!”
Ondanks dat Marja enorm veel oorbellen heeft, weet ze van de meeste setjes nog precies waar ze die gekocht heeft of van wie ze die gekregen heeft. Dat ze er zoveel bezit heeft ze ook aan het geduld van Ron te danken. Ron: “Overal, bij elk kraampje, moeten we even stoppen, want er kan altijd wel iets unieks liggen…” Marja: “Regelmatig kijken de mensen naar wat ik aan mijn oren heb hangen. Vaak ontvang ik dan een leuk woordje of een lach. Het is toch grappig dat oorbellen daar voor kunnen zorgen?”



Sierbestrating voor je tuin!
Bezoek onze showtuin
Heesterseweg 25 in Geffen





In/verkoop nieuwe en gebruikte auto’s
Onderhoud en schadereparatie met behoud van fabrieksgarantie
Onderhoud voor uw elektrische auto
Samenwerking met nagenoeg alle leasemaatschappijen
Daar kom je graag terug!




Geffense brandweer
De brandweer verrijkt je leven
Hoewel vele voorzieningen het afgelopen jaar uit ons dorp zijn verdwenen, is de brandweer nog altijd in volle glorie aanwezig. Vanuit hun kazerne aan de Groenstraat waken zij over het wel en wee van Geffen en omstreken. Een club vrijwilligers die, naast hun broodnodige acties, ook gezelligheid hoog in het vaandel heeft staan. En dat is ook niet gek, gelet op de samenstelling. Als je niet beter zou weten, lijkt het net een familiebedrijf.
Een stukje terug in de tijd. Steven van Dinther ligt in zijn huis aan de Molenstraat te genieten van zijn nachtrust. Tot een stukje verder het alarm afgaat. Brand. Snel schiet hij uit zijn bed, op weg naar de kazerne. De kazerne bevond zich destijds nog onder het gemeentehuis, dat ook in de Molenstraat stond. Voor Steven was dit dus om de hoek, waardoor hij bijna elke uitruk aanwezig kon zijn.
Zijn zoon Gerard vond het maar wat spannend, die heldhaftige acties van zijn vader. Zo was het vlammetje vroeg aangewakkerd bij kleine Gerard, die al heel vroeg wist: ‘Ik wil ook bij de brandweer.’ De traditie binnen de familie Van Dinther was gestart.
Passief maar toch actief
Het gemeentehuis verhuisde rond 1960 richting het Dorpsplein. En daarmee verdween ook de brandweer uit de Molenstraat. Aangezien de brandweer destijds nog een gemeentelijke aangelegenheid was, bleef de brandweer voor Geffen gelukkig wel behouden. Vele Geffenaren hebben als vrijwillige brandweer hun steentje bijgedragen aan de veiligheid van ons dorp. In 1971 was het de beurt aan Gerard, die inmiddels volwassen genoeg was om zelf ook brandweerman te worden. Hij bekleedde meerdere functies, waaronder hoofdbrandwacht. In 2000 ging hij met FLO, functioneel leeftijdsontslag, waarbij je kort
gezegd te oud bevonden werd voor de zware taken die bij de brandweer horen. Dit lot was destijds iedereen beschoren die de leeftijd van 55 passeerde.
Zijn neef Henk kan erover meepraten. Hij is net wat jonger, waardoor zijn tijd bij de actieve brandweer in 2004 strandde. Hij heeft de opening van de nieuwe kazerne zodoende nog net mee kunnen maken, waarna hij als ‘passief’ lid overigens wel gewoon bij de brandweer heeft kunnen blijven. Want zoals gezegd, het is net een familiebedrijf. Vele oud-brandweerlieden blijven actief voor de brandweer, maar dan niet meer op de wagen. Op de achtergrond zorgen
Tekst: Rens van Orsouw | Fotografie: Eva Langens
Gerard van Dinther, Bart van Erp, Henk van Dinther en Rob van Dinther
zij dat de kazerne op orde blijft, helpen her en der met hand en spandiensten en zijn natuurlijk ook best te porren voor gezelligheid op zijn tijd.
Die helpende hand steekt Bart van Erp ook nog wekelijks uit, tijdens de oefening die de brandweer steevast op maandag uitvoert. Ook hij is inmiddels geen actief brandweerman meer, maar is net als neven Henk en Gerard zeker wel nog bij de brandweer betrokken. En ook Peter van den Berg, hoewel diens brandweerhelm inmiddels ook al even aan de wilgen hangt, zet zich nog wekelijks in voor de brandweer. Weet u nog, dat familiebedrijf? Daar neem je zomaar geen afscheid van.
Kwartet
Aangezien de brandweer tegenwoordig niet overstroomt met nieuwe aanwas, worden familiaire banden ingezet om de bezetting alsnog op peil te houden. Want wie zijn er nu beter te enthousiasmeren dan personen in de directe omgeving die alle verhalen al van voor tot achter kennen?
Eric van Dinther bijvoorbeeld. Hij maakte naast neven Bart, Gerard en Henk het kwartet compleet toen hij in september 2003 actief werd voor de brandweer. In het gezelschap van 5 nieuwe leden meldde hij zich aan en startte direct met zijn opleiding. Hij wilde graag een actieve hobby, waarmee hij ook iets voor de gemeenschap kon betekenen. Een instelling die in de familie dus bovengemiddeld veel voorkomt, en waar


de brandweer goed mee geholpen is. Na eerst een tijdje als manschap te hebben gefungeerd, werd hij in 2018 chauffeur/pompbediener. Gelet op de samenstelling van één brandweerwagen een erg voorname taak. Zonder chauffeur komt de wagen niet op de plek van bestemming. Maar zonder manschappen komt er op de plek van bestemming weer niets van terecht.
Totdat één wagen tot uitruk kan overgaan, dient de bezetting compleet te zijn. Naast de chauffeur en vier manschappen is er ook een bevelvoerder nodig. Tot enkele jaren geleden was deze taak voor Bart van Erp. Maar gelet op zijn leeftijd zocht hij opvolging. Die kwam er in de de naam van Tijn van den Berg. Zoon van Peter en sinds 2016 actief voor de brandweer. Zelden zal een aanmelding zo natuurlijk tot stand gekomen zijn.
Peter en Tijn
Op voorspraak van vader Peter was Tijn namelijk naar de open dag van de brandweer gekomen. Doordat hij eerst moest werken, kwam hij relatief laat ter plaatse. Op zich geen probleem, maar toen het alarm afging liep de gehele kazerne leeg op weg naar het ongeval. Tijn bleef moederziel alleen achter op de kazerne, wat ertoe leidde dat hij 2 weken later op herkansing mocht komen. Echter bleek die herkansing wat meer te zijn dan een open dag. Hij was namelijk
al min of meer ingeschreven voor de keuring, zijn lidmaatschap van de brandweer werd hem zowat als voldongen feit gepresenteerd. Dat was wel erg voortvarend, maar achteraf gezien zeker een goede keuze. Na enkele jaren als manschap is hij inmiddels bevelvoerder geworden, waarbij hij de taken verdeelt op de locatie van de calamiteit.
Zijn vader Peter is lange tijd chauffeur geweest. Vanaf 1993 heeft hij zich ingezet voor de (eerst Geffense en daarna) Maasdonkse Brandweer. Als medewerker van de gemeente Maasdonk was hij ook doordeweeks vaak in Geffen te vinden. Belangrijk, want wanneer het alarm afgaat moet een brandweerman toch snel bij de kazerne kunnen zijn. Inmiddels werkt hij voor de gemeente Oss en is dat wat lastiger. Na 30 jaar actieve dienst is hij inmiddels een van de ‘passieve’ leden. Toch blijft ook hij nauw betrokken bij de brandweer en ziet natuurlijk met gepaste trots zijn zoon Tijn het bevelvoerderschap in goede banen leiden.
De verhalen van thuis
Waar Tijn bevelvoerder is, en dus op locatie alles in goede banen moet zien te leiden, is op de kazerne zelf ook één persoon aangewezen tot post-commandant. Sinds 2018 is dit Rob van Dinther. Als zoon van Gerard heeft hij in zijn jeugd al het nodige van de brandweer meegekre-
Peter en Tijn van den Berg
Eric van Dinther
gen. Enthousiast gemaakt door die verhalen, besloot hij zelf ook actief te worden. Daarnaast is voor hem eveneens het maatschappelijk nut, het helpen van de maatschappij, een belangrijke drijfveer om zich voor de brandweer in te zetten. In 2026 viert hij zijn 12,5-jarig jubileum, wat uiteraard niet onbenoemd mag blijven. Hij ziet bij de brandweer een hecht team dat in sommige gevallen letterlijk voor elkaar door het vuur gaat. Jezelf belangeloos inzetten voor de medemens, een mooiere hobby bestaat er eigenlijk niet. Wat dat betreft is de opvoeding van vader Gerard goed geslaagd.
Een soortgelijk scenario heeft zich in huize Van Erp voltrokken. Emmy hoorde thuis veel verhalen van de brandweer op verjaardagen en feest-
Toch was er van een overlap met vader Bart nét geen sprake meer. Zoals in het verhaal van Gerard en Rob was Bart als actief lid gestopt ten tijde van Emmy’s start bij de brandweer. Aangezien hij er toen 36 actieve jaren op had zitten, was die relatieve rust hem ook wel gegund. In 1987 werd hij lid, als opvolging van zijn vader Marinus die er op zijn beurt ook 25 dienstjaren op had zitten. Hoewel Bart toen nog in Oss woonde, startte hij aan de Bredeweg zijn garagebedrijf.
Wim Hoan liet er geen gras over groeien en ging direct bij Bart op bezoek om hem van het brandweerwezen te overtuigen. In tegenstelling tot nu was er toen nog sprake van een wachtlijst voor nieuwe leden. Maar aangezien Bart overdag dus in

jes, aangezien Bart dan op zijn praatstoel klom. Hoewel de interesse bij Emmy dus al op jonge leeftijd was gewekt, was een lidmaatschap van de brandweer niet te combineren met haar baan in Wijchen. Dat veranderde toen zij haar eigen sportschool startte in Oss. De reisafstand en ruimte om wat dagen vrij te maken gaven de doorslag. In 2023 startte ze met de dagopleiding, waardoor ze binnen korte tijd werd klaargestoomd voor het echte werk. Dit traject is zowel intensiever als korter dan de avondopleiding, waardoor ze snel kon worden ingezet.
Geffen was en zodoende dicht bij de kazerne werkte, kreeg hij voorrang op de wachtlijst en werd hij vrijwel direct tot nieuw lid bestempeld.
Henk en Bas
De tijd van een wachtlijst is inmiddels alweer even voorbij. Maar ook langer geleden was men blij met ieder potentieel lid. Zo maakte Henk van Dinther zijn opwachting bij de brandweer als één van de 11 nieuwe leden in 1971. De brandweer verkeerde toen in een dipje en zocht dringend naar nieuwe aanwas. Gelukkig werd er een heel blik aan nieuwe vrijwil-
ligers gevonden, waaronder neef Gerard en Jan van Ravenstein. Uiteindelijk bleef hij liefst 33 jaar lid, waarvan 30 als bevelvoerder.
De behoefte van de Van Dinther’s om zich maatschappelijk in te zetten is ook in de bloedlijn van Henk flink aanwezig. Zoon Bas is namelijk al jaren actief voor de brandweer in Oss, wat tevens ook zijn woonplaats is. Daarnaast is kleinzoon Bas actief voor de jeugdbrandweer in Oss. Zo valt ook daar dus de appel niet ver van de boom.
Stage op de wagen
Alle brandweerlieden zijn het er unaniem over eens dat het lidmaatschap van de brandweer hun leven verrijkt. De maatschappelijke betrokkenheid die ervan uitgaat, de hulp die je verleent aan anderen en de onderlinge gezelligheid maken het tot een gevarieerde hobby. Dat er momenteel niet zoveel mensen staan te springen om bij de brandweer te gaan, kunnen ze op zich wel begrijpen. Het brengt behoorlijk wat verantwoordelijkheden met zich mee, en bij grote voorkeur ben je vaak beschikbaar om mee uit te rukken. Dat is niet iedereen gegeven, aangezien veel mensen buiten het Geffense werken.
Toch is het lidmaatschap van de brandweer de overweging waard. Je krijgt er namelijk een mooie opleiding voor terug vol algemene basisvaardigheden, waar je het hele leven op terug kunt vallen. Daarnaast geeft het veel voldoening om mensen in nood te helpen, klaar je samen de meest uiteenlopende klussen en krijg je daarnaast ook nog een vergoeding.
Op de wagen is zelfs een speciale stageplek in gericht, waarbij je bij een uitruk als stageloper mee kunt rijden. Je komt dan ter plaatse niet in ‘actie’, maar krijgt daar wel een goed beeld van wat het vak allemaal inhoudt. Brandweer Maasdonk staat open voor jouw nieuwsgierigheid. Maar wees beducht, als je het virus eenmaal te pakken hebt kom je er niet zomaar meer vanaf!
Bart en Emmy van Erp

Repair Cafe
Deze mensen helpen je graag om je kapotte lamp te maken (of iets totaal anders)
Op de laatste vrijdag van januari 2026 was ik te gast bij het repair café, bij Kom d’r in, in de Koppellinck, aan de Kloosterstraat in Geffen. Een aantal reparateurs was al aanwezig, en mensen met hun te repareren spullen kwamen al snel binnendruppelen.
Tekst: Marja van Kreij | Fotografie: Jos van Erp en Marja van Kreij
Hoe het allemaal begon
In 2017 begon vanuit Geffen zorgt “Kom d’r in”, aan het dorpsplein. Op een aantal tijden kon je daar binnenlopen, voor een kopje koffie/thee en een praatje. Elly Smit vertelde dat er in de omliggende plaatsen al was gestart met een repair café en het leek haar een goed idee om dat ook in Geffen op te starten. Ze benaderde wat mensen en in september 2018 was er de eerste publicatie in de Torenklanken, en was het repair café Geffen geboren. Jan Ceelen, Ton Thijs, Peter Peters, Jan Voermans en Gerard van der Heijden waren de reparateurs in de begintijd. En de Whatsapp groep die toen gestart is, bestaat nog steeds. Helaas zijn er ook al leden overleden maar er zijn er ook al een heleboel bij gekomen.
“Gewoon eraan beginnen en kijken waar het schip strandt”
Deze quote kwam van Toon van Nistelrooy, een van de aanwezige reparateurs vandaag. De anderen vandaag; Wim van Zandvoort, Jan Ceelen, Henk van Ballegooy, Frank Draad, Jolanda van Wanrooy en Corrie van de Langenberg. We kijken altijd, proberen van alles en laten het weten als we het niet kunnen maken. Vandaag kwam er iemand met een klok met een slinger die niet meer goed liep. De klok was liggend vervoerd in de auto, er is nog naar gekeken maar de veer was krom gegaan door het vervoer en door onze reparateurs niet te maken, helaas. Een gratis tip voor alle lezers: als je een klok met slinger liggend wil vervoeren; haal dan de slinger eraf, dan kan het wel!
Sinds september 2024 een extra service; klusjes voor de naaimachine!
Jolanda van Wanrooy begon hier mee en kreeg het meteen al erg druk. Jolanda kreeg al snel hulp van Corrie van de Langenberg. Sowieso heel fijn, met zijn tweeën, dan kun je even overleggen hoe je een bepaald probleem aan kunt pakken. Soms hebben ze het zo druk dat er werk moet blijven liggen, ze hebben ook al een reserve lid, als een van hen niet kan. Samen is het gewoon gezelliger
Tijden
Het repair café is altijd op de laatste vrijdag van de maand, van 14.0016.30 uur. Je wordt ontvangen door de gastvrouw van dienst, soms Antoine Jansen, soms Hedwig Schouten. Er wordt koffie geschonken en
je kunt een briefje invullen met wat je te repareren hebt. Ook zie je daar het potje, waarin je een vrijwillige bijdrage kunt doen. Van die vrijwillige bijdragen wordt allerlei materiaal aangeschaft, wat ze bij de reparaties gebruiken. In het begin brachten ze hun eigen materialen mee, gelukkig hebben ze nu een eigen opslagkast in de Koppellinck. Die materialen staan al klaar als om 14.00 uur de drukte begint. (Soms komen er nog mensen net voor sluitingstijd en verwachten dan dat je ze toch nog helpt. Jammer, hoe zou je het zelf vinden, als ze zo van jouw tijd gebruik willen maken?). Er is wel een zomerstop maar dat wordt nog bekeken of dat zo blijft.
Reparaties vandaag
Klok met slinger, een verwarming, een transformator van een legotrein, de handschoenen van de dansmarieke, een rits in een broek, 8 rokken van statafels, 2 jassen, een broek, een mobiele telefoon, een carnavalsjasje, een waterbevochter en een rollator. Bijzonder was een keer een stofzuiger, met een afgeknipt snoer. Tja, dat is wel een beetje raar…..
ser, schuurmachine, keyboard en nog wat andere zaken. Maar de allermooiste zaken zijn toch: quiz-knoppen, een slapende kerstman en een biljartballenpoetser.
Bij de dames staat aan kop:
• broeken (ritsen, inkorten) 17x
• jassen 8x
• T-shirts 4x
• vesten 3x
• lusjes herstellen 3x
• carnaval 3x
• rokken 2x
• blouse 2x

Er wordt sinds 2019 een lijst bijgehouden van wat er allemaal gerepareerd en bekeken is:
• stofzuiger 23x
• koffiezetapparaat 19x
• lamp 15x
• rollator 8x
• speelgoed 8x
• radio 8x
• waterkoker 7x
• naaimachine 7x
• CD/DVD 6x
• heggenschaar 6x
• strijkijzer 6x
• stoomreiniger 5x
• klokjes 5x
• tosti ijzer 3x
• TV/magnetron 3x
• printer 2x
Wat ik nog meer tegenkwam op de lijst: een fohn, bandrecorder, een fiets, kruimeldief, vergiet, vijverpomp, ventilator, metaaldetector, raamwis-
Wat ik nog meer tegenkwam op de lijst; een rugzak, (tafel)rokken, tas, tuinkussenhoes, kinderslaapzak, riem, sprei, negligé, kinderslaapzak, gordijnen voor caravan, kussenhoezen, en handschoenen. Het leukste op hun lijstje: regenoverschoenen.
Wanneer kun je helpen/repareren?
Zoals Frank Draad zelf merkte, wordt je gevraagd als je een technische achtergrond hebt, of als je problemen op kunt/wil lossen. Hij is een soort kartrekker geworden, zet stukjes op de app wat er deze keer weer allemaal gerepareerd is en of er nog genoeg materiaal in de opbergkast ligt. Frank merkt op dat als er weer eens een stukje in Torenklanken staat, het de daaropvolgende laatste vrijdag van de maand weer extra druk is in het repair café. Dat zal dus nu, na dit stukje in de Gruts ook wel weer zo zijn! Maar dit is natuurlijk ook het doel van dit café; de duurzaamheid bevorderen!

Want als iets kapot is, kan dat vaak nog gemaakt worden en hoef je niet meteen iets nieuws te kopen! “We zijn een gezellig, behulpzaam team”, zei een van de aanwezige reparateurs, en dat kan ik beamen. Ga zo door!



Onderdeel worden van ons team?
Solliciteer dan via: info@sports-playgrass.nl




Prins Bernhardplein 12 | 5391 AR Nuland | T: (073) 532 47 67 E-mail: meijer@colorsathome.nl | www.meijernuland.nl

Poolse Barbara en Duitse Karsten

‘Toen we de Elzendreef in reden, waren we verkocht’
Een eigen oprit. Dat was voor Karsten Tendera een keiharde voorwaarde voor het koophuis waar hij samen met Barbara Starzec naar op zoek was in 2016. Hij woonde en werkte op dat moment al vijftien jaar in Nederland. “Ik heb mezelf Nederlands geleerd, gewoon door veel te praten met collega’s op het werk. Geen cursus of zo.”
Tekst: Peter van Erp | Fotografie: Eva Langens
Ze zijn zo’n beetje het toonbeeld van het verenigde Europa, Karsten en Barbara. De Duitser met zijn Italiaanse achternaam en de Poolse die samen in Nederland een nieuw bestaan opbouwden en in Geffen een gezin stichtten. Aan de Elzendreef voelen ze zich helemaal thuis. Een mooie straat aan de rand van het dorp in een rustige wijk. “Hier komen vrijwel alleen auto’s van mensen die hier wonen. Een veilige plek voor onze kinderen om op te groeien.”
Karsten (45) kwam in 2000 vooral naar Nederland om te feesten. “Samen met wat vrienden uit de omgeving van Dresden zijn we op de
bonnefooi gekomen. Ik ben daarna nooit meer weggegaan. Om te feesten heb je geld nodig. En dus zocht ik hier werk. Ik ben in eerste instantie gaan wonen in Almere en werkte daar in de bouw. Daarna heb ik nog op tal van plaatsen gewerkt en gewoond.”
Zo belandde Karsten op zeker moment in Den Bosch en werkte hij voor een grote bakkerij in Hedel. Daar ontmoette hij Barbara (40). Zij studeerde op dat moment nog in haar vaderland Polen. “Ik kwam voor vakantiewerk voor een maand of twee naar Nederland.” Ze werden verliefd op elkaar. Barbara ging nog
wel terug naar Polen om haar studie af te ronden, maar ze bleef contact onderhouden met Karsten. “Toen mijn studie klaar was, ben ik meteen met de hond en wat koffers naar hem terug gegaan.”
De twee woonden tien jaar samen in Vlijmen. Je zou zeggen: ook een fijn Brabants dorpje om een gezin te stichten. Maar daar kijkt het stel heel anders tegenaan. “We woonden in een groot appartementencomplex langs de A59. Je kent het misschien wel. Het staat pal achter een glazen geluidswand. Meer dan honderd appartementen en de meeste mensen kennen elkaar niet.”

En dus richtten Karsten en Barbara hun blik op een wijdere regio voor hun droomhuis, mét een eigen oprit voor de auto. “Ik wil als ik ’s avonds thuiskom van het werk niet ook nog eens op zoek moeten naar een parkeerplaats”, zo motiveert Karsten zijn voorwaarde. Tien jaar geleden namen ze daarom een kijkje in Geffen, waar een huis te koop stond aan de Elzendreef. “Toen we de straat in reden, waren we al verkocht”, herinnert Karsten zich. “Het was voorjaar en alles was zo mooi groen en fleurig. En toen zagen we ook nog de speeltuin en de molen. We hebben veel geluk gehad. De huizen waren toen nog niet zo duur en ons appartement was binnen twee weken verkocht.”
Waar komen de Geffenaren vandaan?
Volgens de meest recente statistieken van de gemeente Oss wonen er momenteel 5184 mensen in Geffen. Verreweg de meesten zijn in Nederland geboren en komen uit families die in dit land zijn geworteld. Het gaat om 4698 personen.
De grootste groep met een andere herkomst zijn de Polen. Hoewel ze in Geffen nog steeds een heel bescheiden segment vormen met 60 mensen. Ter vergelijking in de Osse wijk Ruwaard wonen bijna duizend mensen die hun oorsprong in Polen hebben.
Na de Polen vormen de Syriërs de grootste groep met 58 personen. Daarna volgen de Turken (40), Duitsers (32), Indonesiërs (24), Belgen (19), Marokkanen (16), Britten (15), mensen geboren in de SovjetUnie (18), mensen geboren in Joegoslavië en de latere republieken (13), Surinamers (13), Afghanen (9), Antillianen (6), Irakezen (4) en Somaliërs (3).

“We zijn hier echt met open armen ontvangen. Mensen staan hier nog echt voor elkaar klaar als dat nodig is. We willen hier nooit meer weg!”
Ze hebben er geen spijt van gekregen. Twee jaar na de verhuizing werd Maja (8) geboren. Vier jaar later gevolgd door Mila (4). Via hun kinderen verloopt de integratie in het dorp min of meer vanzelf, ontdekte Barbara. “Dat vinden we allebei heel belangrijk. We hebben geen familie in de buurt wonen. Dus we zoeken graag aansluiting bij de gemeenschap. Door de school en de gymvereniging kom ik in contact met andere ouders. En verder wordt er in Geffen heel veel georganiseerd: buitenspeeldag, halloweenwandeling, poffertjesdag, Koningsdag.
Met carnaval gingen we altijd optocht kijken. Dit jaar deed Maja voor het eerst zelf mee, samen met haar klas. Een aantal ouders had het voortouw genomen om een carnavalswagen te bouwen. Hartstikke leuk.”
Karsten: “We zijn hier echt met open armen ontvangen. Mensen staan hier nog echt voor elkaar klaar als dat nodig is. We willen hier nooit meer weg!” Geffen heeft precies het goede formaat, vinden ze allebei. Met een complete supermarkt en een populaire drogisterij.
Barbara is ook blij met Ambt 15 en zijn terras op het Dorpsplein. “Daar hebben we laatst nog wat gedronken.”
Als er iets is waar Geffen voor moet waken is het volgens Karsten dat het niet veel groter moet groeien. “Al die weilanden die nu worden volgebouwd, ik vind dat zonde. Geffen moet wat mij betreft een dorp blijven en geen kleine stad worden.”

Tara en Zoe
Talentvolle zussen knokken zich naar de top
Geen voetbal, streetdance of hockey voor Tara (19) en Zoë (17) Vogels. Al op 5- en 7-jarige leeftijd trokken ze de bokshandschoenen aan. Jaren later zijn de titels niet meer op twee handen te tellen en horen de zussen uit de Van Coothstraat bij de grote talenten van ons land.
Tekst: Temmie van Uden | Fotografie: Marijn Schraa
“We moesten van ons pap”, zeggen de twee lachend, als verklaring voor de keuze van de sport. Daar voelt pa Niels zich genoodzaakt even wat toe te voegen: “Tara kwam op jonge leeftijd een keer huilend naar me toe, omdat ze door iemand was geslagen. Ik vond dat ze voor zichzelf op moesten kunnen komen, zelfverdediging leren.” Samen met hun jongere broertje trainden ze jarenlang bij de kickboksschool van Albert Kraus in Oss.
Daar viel al snel op dat de zussen allebei talent hadden, waardoor ze op een gegeven moment mee mochten gaan trainen met TeamNL. Trainen doen ze nu bijna non-stop: van maandag tot en met zaterdag, waarvan drie dagen in Rotterdam. En dat naast een
opleiding. Tara studeert volgend jaar af als verpleegkundige, Zoë doet de bakkersopleiding. “Het vraagt veel van je”, zegt Tara. “Trainen is zwaar, maar met een opleiding en stage ernaast nog zwaarder. Omdat we een topsportstatus hebben, wordt er wel rekening gehouden met het feit dat je op hoog niveau sport.”
Hoe ze het volhouden? “Dat weten we zelf ook niet. Soms zegt je lichaam echt: ‘ik kan niet meer’. Dat moet je uit kunnen zetten. Niet denken maar doen. En ervoor zorgen dat je goed slaapt en eet.”
Van kickboksen naar boksen Sinds een paar maanden trainen de dames bij de KnockoutBoxing Club in Den Bosch.


Zoë Vogels
Tara Vogels


Ze verruilden het kickboksen voor boksen. Het verschil tussen kickboksen en boksen zit ‘m vooral in het gebruiken van je benen; met boksen mag je alleen je handen gebruiken. “Kickboksen is een andere stijl en veel lomper. Bij boksen speel je echt een soort spelletje waarbij je je tegenstander probeert te lezen”, vertelt


Het ultieme doel
Ooit goud halen op de Olympische Spelen is misschien wel hun ultieme doel, maar de dames zijn ook realistisch: “Ik denk dat iedere amateurbokser de Olympische Spelen wil halen”, zegt Tara. “Maar voor nu wil ik vooral focussen op de aankomende internationale toernooien en het NK.

Zoë. “Ik had last van blessures aan mijn knieën, met boksen heb ik daar geen last van.” Tara vult aan: “Ook konden wij met boksen internationaal hogerop komen. En het is gewoon gemakkelijker om je op één ding te kunnen focussen.”
Ze deden al mee aan vele wedstrijden, waaronder EK’s en WK’s. Zoë pakte eind vorig jaar heel knap de titel op het EK in Duitsland bij de junioren onder de 17. Tara deed in 2024 mee aan het WK onder de 19 jaar in Amerika. Ze wonnen zowel in het buitenland als in Nederland al meerdere prijzen en dat is te zien: in de schuur liggen maar liefst vijftien kampioensgordels.
het leuk vind, maar ook echt om te winnen.” Ze geeft toe dat ze slecht tegen haar verlies kan. “Als we hier een bordspel doen, vliegt er wel eens wat door het huis heen. Ik kan beter gewoon niet meedoen. Als ik een wedstrijd heb verloren kan ik makkelijk twee hele dagen chagrijnig zijn.”

“Het is leuk om elkaar te supporten en je snapt elkaar”
Daarna kijk ik verder. Je moet ook geluk hebben dat je fit blijft, als je een blessure hebt, verandert dat de hele situatie.”
Ze willen zichzelf vooral blijven bewijzen. “Ik wil het team, de coach en ons pap niet teleurstellen”, zegt Zoë. Het zit ook in het karakter van de ‘Vogels’: “Ik wil altijd de top halen, de beste zijn”, zegt Tara. “Als ik bijvoorbeeld een andere sport zou doen, zou ik dat ook willen. Ik doe het omdat ik
De zussen vinden het mooi dat ze dit alles samen kunnen doen. “Het is leuk om elkaar te supporten, en je snapt elkaar. We zouden trouwens nooit zover komen zonder al onze sponsors uit het dorp. Een grote dank aan hen! Het komt niet zo vaak voor: twee zussen uit zo’n klein dorpje, die op hoog niveau boksen. Dat vindt iedereen mooi. Wij vinden het weer supermooi dat we gesteund worden.”
Huis naast de kerk
Koninklijk wonen in Geffen?
Waarschijnlijk is het u nooit opgevallen dat er in Geffen een huis staat met een mooie gouden kroon op het dak. Gaat het om een van de paleizen van het Koninklijk Huis? Nee helaas, de gouden kroon verwijst niet naar ons vorstenhuis. Het is een stille getuige van een roemrijk verleden.
Tekst: Ruud Verhagen | Fotografie: Jan Verburgh (dronefoto)
Toch had het niet veel gescheeld of de kroon, met de bijbehorende windvaan, was onzichtbaar geworden. Gelukkig hechten de bewoners van het pand aan de Kerkstraat veel waarde aan de historie en willen ze het pand zo goed mogelijk in ere houden en/of herstellen.
Meteen verliefd
Het was in 2021 toen het oog van Rolanda en Erwin Bonte viel op het pand in Geffen. Rolanda: “We woonden in Rosmalen en wilden graag in de buurt blijven wonen omdat onze ouders een dagje ouder worden. Het moest een huis worden waar ik mijn praktijk in onder kon brengen, niet per se een monumentaal pand. We maakten een afspraak voor een bezichtiging. Het was nog een beetje coronatijd, dus konden we onze

kinderen niet elders wegbrengen. Na contact met de eigenaren mochten we ze meenemen. Tijdens de bezichtiging waren we, ook onze kinderen, meteen verkocht.”
Geffen bleek bovendien alles te hebben wat nodig was: een basisschool om de hoek, een supermarkt, een bakker, een slager en een Kruidvat. Alleen openbaar vervoer ontbrak. Maar met een auto is dat probleem op te lossen.
Stap voor stap renoveren
In januari 2022 verhuisde het gezin Bonte naar Geffen. Erwin: “We wisten dat het nodige aangepast moest worden, maar we zijn er bewust, zonder al te veel te klussen, ingetrokken. Het huis vertelt ons namelijk wat er moet gebeuren. We stelden

ons erop in dat het een 10-jarenplan zou gaan worden. Het is een Rijksmonument, dus alles wat we aan de buitenkant en deels aan de binnenkant doen, moet in overleg met de gemeente. Gelukkig denken zij goed mee, zij weten natuurlijk ook dat erin gewoond moet worden.
In 2025 zijn we begonnen met het isoleren van het dak. Dat was nodig, want toen de dakpannen eraf waren scheen de zon zo naar binnen. Isoleren was dus dringend nodig. Tijdens het verwijderen van de pannen bleek dat het koetshuis een andere constructie had, waardoor we andere dakplaten moesten bestellen. Aanvankelijk wilden we nieuwe dakpannen aan de achterkant leggen en de nog goede oude dakpannen aan de voorkant. Er bleken overal haarscheuren in de


pannen in te zitten. Veel dakpannen braken bij het eraf halen, de anderen bij het weer oppakken nadat we ze opgestapeld hadden. Aan de voorkant kwamen dus, in overleg met de gemeente, ook nieuwe dakpannen.”
Windvaan
Bovenop de steiger werd geconstateerd dat de conditie van de windvaan op de dakkapel erg slecht was. Er is nog geprobeerd om het schoon te maken, maar de gaten vielen er in.
Rolanda: “Dat was een tegenvaller, want waar laat je zo’n ding maken? Gelukkig had de aannemer een Oekraïner in dienst die vaak met zijn vader had gewerkt aan de ui-daken van de kerken in dat land. Hij had daardoor veel ervaring met zinkwerk. Hij nam de windvaan mee en maakte een exacte kopie. De beugeltjes bleken nog goed te zijn, dus die heeft hij weer gebruikt.“
Erwin: “De man van mijn nicht heeft ervoor gezorgd dat er weer bladgoud op kwam. Eerst heeft hij de windvaan geel geschilderd, zodat de goudlaag daar overheen mooier naar voren komt. Met velletjes bladgoud heeft hij alles teruggebracht zoals het
oorspronkelijk was. Het leuke is dat hij bezig was om dit ambacht aan zijn dochter over te brengen. Zij heeft dus ook aan de windvaan mogen werken. Als laatste hebben ze er nog een beschermende coating overheen gezet. Nu moet de windvaan minstens 30 jaar meekunnen.”
“Gelukkig had de aannemer een Oekraïner in dienst die vaak had gewerkt aan de ui-daken van kerken”
Op tijd klaar
Het terugplaatsen bleek nog een hele klus. De steigers waren namelijk al verwijderd, dus moest er een hoogwerker aan te pas komen. Die kon 14 meter de hoogte in, dat was maar precies hoog genoeg om met het nodige strekwerk de windvaan terug te kunnen plaatsen.
Erwin: “We waren in mei begonnen met de klus. Maar we hadden te
maken met overvloedige regenval, gevolgd door erg heet weer waardoor de dakpannen 40-50 graden heet werden. Niet echt handig om ze van het dak te halen. We moesten andere dakplaten voor op het koetshuis bestellen en natuurlijk ook meer dakpannen bijkopen. Hierdoor liepen we vertraging op. Gelukkig kon de kraan voor het huis in de week voor Effe noar Geffe weggehaald worden. De windvaan hebben we enkele weken later pas teruggeplaatst.”
Als u nu door de Kerkstraat loopt moet u echt even omhoog kijken naar de windvaan op de dakkapel tegenover café Govers. Bij zonnig weer schittert het weerkaatste licht van de gouden windvaan en het kroontje in uw ogen. Het kroontje verwijst niet naar het Koninklijk Huis, maar naar de voormalige bierbrouwerij De Kroon van de familie Schouten.
Het is fantastisch dat de familie Bonte zich inzet om het voormalige brouwershuis, een van de mooiste Geffense huizen, goed te onderhouden en daar waar mogelijk weer in de oude staat terug te brengen. Hopelijk gaan ze in dit huis een gouden toekomst tegemoet.
Antwan van Rijn

De avond dat Antwan van Rijn een wel heel moeilijke klus had: Romário afstoppen
Tekst: Geert Piek | Fotografie: Henk van Ballegooij en privé-archief
In de mancave van Antwan van Rijn (54) hangt een bijzondere foto. Als speler van Den Bosch 2 duellerend met niemand minder dan Romário de Souza Faria, de Braziliaanse topspits die een kleine drie jaar later het WK won. “De scheidsrechter vroeg van tevoren of we de duels met Romario wel fair wilden spelen.”
We schrijven 16 oktober 1991, een kleine 35 jaar geleden dus. In de zogeheten C-competitie moet Den Bosch 2 naar PSV 2. En wie is erbij op De Herdgang, het trainingscomplex van de Eindhovenaren? Romário de Souza Faria. Is dat logisch? Ja
en nee. Ja, omdat Romário - en dat gold ook deze keer - genoot van zijn prachtige leven in Brazilië en daarom soms wat vliegtuigen later terugkeerde naar zijn club. En daar hoorde dan een disciplinaire straf bij, zo ook in oktober 1991. Maar wie het gro-
tere plaatje bekijkt, zal zeggen dat het natuurlijk niet logisch is. Laat je zo’n grote speler tegen het tweede van Den Bosch spelen? Drie keer op rij topscorer van de eredivisie, tweede op de Olympische Spelen met Brazilië in 1988 en in Europees
Antwan van Rijn (rechts) in duel met Romário
“Ik had de vreselijke pech dat ik zwaar geblesseerd raakte bij mijn profdebuut. Het voelde alsof ik van de hemel in de hel kwam.”
verband al opzienbarend in 1989 met een geweldige hattrick tegen Steaua Boekarest, enkele maanden daarvoor verliezend finalist Europacup I (tegenwoordig Champions League).
“En ik mocht hem proberen af te stoppen”, zegt Antwan van Rijn in zijn mooie huis op De Kouwe Noord. “Of ik er trots op ben dat ik tegen hem gespeeld heb? Op mijn manier wel ja, maar erover praten hoeft niet per sé, daarom twijfelde ik ook wel een beetje aan dit interviewverzoek. Aan de andere kant, het was natuurlijk wel bijzonder, maar ik heb echt niet alles onthouden. Of ik een hand van hem heb gehad na de wedstrijd durf ik echt niet meer te zeggen.”
Wat weet Antwan, in Den Bosch in het Carolus Ziekenhuis geboren, maar zijn hele leven lang een echte Geffenaar, nog wel? “Dat de scheidsrechter van tevoren naar ons toe kwam met de vraag of we de duels met Romário wel fair wilden spelen. Natuurlijk hebben we daar naar geluisterd, want zo’n wedstrijd in de C-competitie stelde niet veel voor, al hebben we hem ook niet laten lopen. PSV trad aan met een goed team, want Dick Schreuder en Peter Hoekstra waren de vleugelaanvallers. We hielden het eerste halfuur goed stand, het Brabants Dagblad schreef zelfs dat ik hem een uur lang in bedwang had gehouden. Maar daarna ging het hard, scoorde Romário drie keer - eentje was een heel mooie vrije trap - en het werd 5-0.” Test geslaagd voor de spits, die vier dagen later met PSV 1 in de topper tegen Ajax scoorde. De winst van 3-2 bleek later een belangrijke bouwsteen voor de zesde Eindhovense titel in zeven jaar tijd.
Ondanks de nederlaag genoot Antwan ook van de duels die hij uit-
vocht met Romário. “Dat voelde zeker als een bijzondere avond voor mij. Als ik nu terugkijk, dan is het ook absoluut de mooiste tegenstander waar ik tegen gespeeld heb, al komt Pierre van Hooijdonk misschien ook nog in de buurt. Uiteraard ben ik hem daarna blijven volgen, niet zozeer vanwege die wedstrijd maar vooral omdat ik een grote PSV-fan ben. En het is dan mooi om te zien dat hij het nog zo goed deed bij het Barcelona van Johan Cruijff en op het WK 1994 de sterspeler was van Brazilië dat ook de wereldtitel pakte.”
De foto van een van zijn duels met Romário kwam tot hem dankzij een teamgenoot. “Onze spits Dirk-Jan Derksen vroeg de foto op bij de fotograaf en gaf hem vervolgens aan mij. Die heb ik vrij snel in een lijst gedaan en mijn ouders plaatsten die op de schouw boven de haard. Toen ik op mezelf ging wonen, heb ik de foto meegekregen, maar - eerlijk is eerlijk - die heeft ook heel lange tijd in een la gelegen. Toen ik met mijn vrouw Kristel in De Kouwe Noord ging wonen en ik een mancave kreeg, dacht ik dat het mooi was om ‘m weer neer te zetten, naast allerlei aandenkens uit mijn tijd als amateur-
voetbaltrainer. Doordat die foto er nu hangt, komt deze wedstrijd nog wel eens ooit ter sprake. Dat vind ik dan leuk, maar ik zal er nooit zelf over beginnen.”
Het zou flauw zijn om de voetballoopbaan van Antwan niet verder in te kleuren, want hij is een van de weinige Geffenaren - naast in elke geval Ruud van Nistelrooij en keepers Dennis van Veghel (MVV, FC Eindhoven) en Ralph Vos (RKC Waalwijk, FC Den Bosch en TOP Oss) - die betaald voetbal speelde. “Helaas wel maar vijf wedstrijden. Op 29 september 1990 maakte ik als 19-jarige mijn debuut in het betaald voetbal uit bij FC Wageningen, in de eerste divisie. We hadden acht van de eerste negen wedstrijden verloren en ik kreeg mijn kans. Ik was zo blij en trots toen ik hoorde dat ik mocht starten. We wonnen met 0-1 met allerlei familie, vrienden en kennissen op de tribune, maar ik had de vreselijke pech dat ik zwaar geblesseerd raakte. Dat was me tot dan toe nog nooit overkomen. Het voelde alsof ik van de hemel in de hel kwam. Ja, je mag dit gerust een klein trauma noemen. Ik herstelde, maar daarna sukkelde ik van de ene na de andere bles-


sure. Natuurlijk vraag je je af wat er gebeurd zou zijn als ik niet geblesseerd was geraakt.” Wellicht had hij dan misschien op 2 juni 1991 meegedaan in de bekerfinale tegen Feyenoord. Nu zat hij op de tribune en zag zijn club met 1-0 verliezen.
Een seizoen later kwam hij met name in de beginfase van het seizoen in actie, wederom in de eerste divisie. “Met de uitwedstrijd tegen Go Ahead Eagles als hoogtepunt, we wonnen met 1-4 en ik speelde misschien wel mijn beste wedstrijd ooit tegen Erik Willaarts, destijds een grote naam als spits.” Maar daarna liet zijn vijfde en uiteindelijk laatste duel in het betaalde voetbal lang op zich wachten. Aan het einde van het seizoen promoveert Den Bosch - dat dan BVV Den Bosch heet en niet FC Den Bosch - naar de eredivisie. “Het voelde niet per se als mijn promotie, maar natuurlijk was het bijzonder om mee op de platte kar te mogen die onder meer langs de Sint-Jan reed. Maar door het stapje omhoog ging Den Bosch ook doorselecteren. Ik mocht wel blijven, maar nog steeds met een klein contractje. Dat waren
geen mega bedragen. Daar heb ik toen niet voor gekozen.”
Hij koos voor zijn maatschappelijke carrière en combineerde dat met amateurvoetbal, waarvan nog lange tijd bij Nooit Gedacht, de club waar hij tot zijn vijftiende - toen hij zijn kans bij Den Bosch probeerde te grijpen - ook zijn ‘voetbalopvoeding’ genoot. “Dat was een mooie tijd, met drie promoties, al gingen we ook drie keer weer snel terug. We speelden bovendien toen ook in het kader van
het 75-jarig jubileum van de club een oefenwedstrijd tegen PSV (0-11), en weer had ik een Braziliaan als directe tegenstander: de verdediger Alex. Nooit Gedacht is écht mijn club, ook al ben ik heel wat jaren weggeweest als speler door mijn periode bij Den Bosch en omdat ik als amateurtrainer nog heel veel andere clubs in de regio heb getraind. Daar ben ik mee gestopt, maar ik vind het nog wel heel leuk om mijn zoons Kees (JO141) en Gijs (JO8-1) training te geven. De vereniging, waar ook mijn dochter Rosa in het tweede speelt, is een rode draad door mijn leven.”
Onze veel bekendere oud-dorpsgenoot Ruud van Nistelrooij heeft ook Nooit Gedacht en FC Den Bosch op zijn CV staan. “Of ik nog een rol in zijn overgang naar Den Bosch heb gespeeld? Nou, een heel kleine. Hij kreeg die kans en toen hebben Ruud en zijn vader Tiny, die ik goed kende, navraag gedaan wat ik van de club vond. Ik heb een positieve recensie gegeven en hem een beetje voorbereid op trainer Cor Adriaanse, die altijd heel kritisch was. Dat is alles. Het was heel mooi dat hij mij een keer heeft uitgenodigd om een wedstrijd van hem bij Manchester United op Old Trafford te bekijken.” Zo is er nóg een dwarsverband met een internationale topspits. Maar dan eentje uit ons eigen dorp in plaats van de Copacabana in Rio de Janeiro.

Antwan van Rijn (rechts) tijdens zijn allereerste profwedstrijd. Daar bewaart hij niet alleen maar fijne herinneringen aan.




Al 45 jaar hét schildersbedrijf van Geffen
Schilderwerk Spuitwerk Behangwerk - -

Bedrijvenweg 10 5386KA Geffen www.bekkersmetaalspuitwerken.nl Reparatie, revisie, en


Als familiebedrijf bouwen we met toewijding, oog voor detail en voor mensen. We combineren vakmanschap met betrokkenheid en passie, en leveren keer op keer de kwaliteit waar onze naam voor staat
Van Schijndel Bouwgroep ZORGT dat JIJ GEZIEN wordt




Overweegt u uw woning te gaan verkopen en bent u benieuwd naar de waarde? Of bent u juist op zoek naar een bestaande, nieuwbouw- of huurwoning?
Boumij Makelaars is als NVM-makelaar door bewezen kwaliteit al jaren marktleider in 's-Hertogenbosch en omgeving Al 50 jaar helpen wij mensen bij al hun vragen op het gebied van wonen en hypotheken Onze gemiddelde klantbeoordeling van 9,3 laat zien dat we onze kernwaarden ‘betrouwbaar, betrokken en transparant’ waarmaken Iets waar wij trots op zijn!
Woonwensen en zoekgebieden veranderen Als grootste makelaarskantoor van 's-Hertogenbosch hebben wij onze activiteiten steeds verder uitgebreid richting de omliggende dorpen, waaronder Nuland, Vinkel en Geffen Waarbij wij inmiddels veel kopers en verkopers hebben mogen begeleiden
Voor onze medewerkers die hier zelf woonachtig zijn, is dit natuurlijk een extra leuke uitdaging!
Neem gerust contact met ons op voor een vrijblijvende afspraak: 073 61 22 344





Fieke van der Biezen
Rianne Leijten