






























































































































![]()































































































































De zomer is een mooi moment om even stil te staan bij wat we samen bereiken. Wanneer ik onze locaties bezoek en in gesprek ga met collega’s, vrijwilligers, cliënten en naasten, zie ik telkens weer hoeveel betrokkenheid, deskundigheid en bevlogenheid er binnen Zorgbalans aanwezig is. Dat maakt mij trots.
In deze editie van het InZ Magazine komen die kwaliteiten op allerlei manieren tot leven. Je leest inspirerende verhalen van collega’s die werken aan vernieuwing, ontmoet cliënten die hun ervaringen delen en maakt kennis met initiatieven die bijdragen aan betere zorg en meer verbinding. Ook laten we zien hoe wetenschap, technologie en innovatie ons helpen om voorbereid te zijn op de toekomst, zonder daarbij uit het oog te verliezen waar het echt om draait: aandacht voor mensen.
Bij Zorgbalans geloven we dat goede zorg ontstaat door kennis, ervaring en betrokkenheid met elkaar te verbinden. Dat zie je terug in het dagelijkse werk van collega’s, in de inzet van onze vrijwilligers, in onderzoek dat nieuwe inzichten oplevert en in de vele kleine en grote initiatieven die iedere dag het verschil maken. Samen zorgen we ervoor dat cliënten zich gezien, gehoord en thuis voelen.
Ik hoop dat deze zomereditie niet alleen mooie verhalen biedt, maar ook inspireert om nieuwsgierig te blijven, van elkaar te leren en samen verder te bouwen aan een organisatie waar cliënten, medewerkers en vrijwilligers zich welkom en gewaardeerd voelen.
Ik wens je veel leesplezier en een heerlijke zomer toe.
Hartelijke groet,
Behandel persoonsgegevens met zorg.
Vera Bergkamp
Bestuurder Zorgbalans


















onze organisatie waterdicht







































































4 Vindingrijk: De toekomst van zorg thuis
6 Cliënt in beeld: Lida Lammerse en Piet van der Veldt
7 Column: Geestelijk Verzorger
8 Medewerker in beeld: Medewerkers Prettig Thuis
10 Prikbord
12 Technologie: Privacy
14 Media: Waarderingen Zorgkaart Nederland
15 Column: Pieter Winters
16 Speciaal voor jou: Zomerfeest
18 Team in beeld: Wetenschapscommissie
20 Verbindend: Vrijwilligersapp
22 Achtergrondverhaal: De Toren van Breezicht
25 Toegewijd: Jubilea
26 Vastgoed: Gert Beerda


COLOFON InZ Magazine Jaargang 21, nr. 2-2026
Redactie
Inge Donker
Willemieke van Dam Kim Hirs
Aan dit nummer werkten mee: Jantien de Vries en Pieter Winters
Fotografie Noortje Dalhuijsen
Ramon Philippo
Johannes Dalhuijsen
Mark Metselaar
Opmaak en druk GBU printmedia www.gbu.nl
Redactieadres Zorgbalans
Redactie InZ, Postbus 6166, 2001 HD Haarlem
Intern: Communicatie, Leidsevaart 588, kamer 3.07
E-mail: communicatie@zorgbalans.nl INLEVEREN KOPIJ VOLGEND NUMMER
Heb je een idee voor het volgende magazine?
Stuur deze dan voor 1 oktober 2026 op naar: communicatie@zorgbalans.nl
Mensen met een Wlz-indicatie blijven steeds langer thuis wonen. Tegelijkertijd veranderen de regels en de financiering van zorg thuis. Ook Zorgbalans moet daarop inspelen. Daarom maakt sinds 1 januari 2026 ook Prettig Thuis onderdeel uit van de directie Wijkzorg. Wat betekent dat voor medewerkers en cliënten?
We vroegen het aan Inge Veenstra.
“We hebben deze stap niet gezet omdat er iets mis was,” vertelt Inge direct. “Integendeel. De teams van Prettig Thuis en de buurtteams leveren iedere dag goede zorg.
Daar zijn we trots op. Maar we zien ook dat de wereld om ons heen verandert. Als we goede zorg thuis willen blijven bieden, moeten we daar nu al op inspelen.”
Vooruitkijken naar wat er komt
Een belangrijke aanleiding voor het aanpassen van de organisatie zijn de landelijke ontwikkelingen binnen de Wet langdurige zorg (Wlz). “We weten dat mensen steeds langer thuis blijven wonen. Ook zien we dat de regels rondom Wlz-zorg thuis de komende jaren veranderen. Nu kennen we nog verschillende vormen, zoals het Modulair Pakket Thuis (MPT) en het Volledig Pakket Thuis (VPT). Dat is landelijk niet houdbaar, waardoor de wens is om hier uiteindelijk één vorm van Wlz-zorg thuis van te maken. Dat klinkt misschien als iets wat nog ver weg is, zegt Inge, maar de impact is groot.
“Het heeft gevolgen voor hoe we zorg organiseren, hoe we samenwerken en hoe we cliënten ondersteunen. Daarom willen en moeten we nu al bouwen aan één gezamenlijke aanpak. Door Prettig Thuis en Wijkzorg onder dezelfde directie te brengen, kunnen we beter samenwerken en meer eenduidigheid creëren, maar ook behouden wat onze zorg thuis nu zo waardevol maakt.”
De cliënt blijft het uitgangspunt
Voor veel medewerkers verandert er op korte termijn weinig in het dagelijks werk. “Onze client blijft centraal staan. We kijken altijd eerst naar wat iemand nodig heeft om zo prettig mogelijk thuis te kunnen blijven wonen. De zorgvraag van de cliënt blijft het uitgangspunt.”
Inge vindt het belangrijk dat de samenwerking tussen teams verder zal toenemen. “Prettig Thuis en de buurtteams hebben ieder hun eigen expertise. Die verschillen blijven bestaan en zijn juist waardevol. We gaan dus niet alles op één hoop gooien. We willen wel beter gebruikmaken van elkaars kennis en ervaring.
Samen kijken wat nodig is voor onze cliënt en het werk en elkaar ondersteunen waar dat kan.”
Dat kan gaan over zorg rondom een cliënt, maar ook over praktische zaken zoals bereikbaarheid, samenwerking in de buurt of de verdeling van werkzaamheden in een regio.
Meer vraag, niet meer handen
De veranderingen hebben ook te maken met een uitdaging waar de hele zorgsector voor staat. “De vraag naar zorg neemt toe, terwijl het aantal medewerkers niet in hetzelfde tempo groeit. We zullen dus met dezelfde collega’s meer cliënten moeten ondersteunen.”
Dat betekent volgens Inge niet dat medewerkers nóg harder moeten gaan werken. “Dat is ook helemaal niet

realistisch. Iedereen zet zich al maximaal in. De uitdaging is om samen slimmer te organiseren. Daarbij kijken we ook naar wat cliënten zelf kunnen en welke rol familie, vrienden of andere mensen in de omgeving kunnen spelen. Het gewone leven blijft daarbij centraal staan.”
Samen ontdekken wat werkt
Hoe die samenwerking er precies uit gaat zien, wordt dit jaar stap voor stap onderzocht. “We hebben een duidelijke visie, maar we willen niet alles vooraf vastleggen. Daarom kiezen we ervoor om in de praktijk te leren wat werkt.”
Op verschillende plekken in de regio lopen daarom pilots binnen de teams van Prettig Thuis en de buurtteams. “Teams onderzoeken samen hoe we cliënten het beste kunnen ondersteunen en tegelijkertijd voorbereid kunnen zijn op toekomstige veranderingen. Een groot deel van de teams is daar al actief mee bezig. Later dit jaar verwachten we de eerste lessen te kunnen delen.”
Volgens Inge is het belangrijk om medewerkers daarbij goed te betrekken. “We proberen zo open mogelijk te zijn over wat we weten en hoe het proces verloopt. Nog niet alle antwoorden zijn er direct, maar met iedere stap leren we meer. Via nieuwsupdates en bijeenkomsten delen we die inzichten zo breed mogelijk. Juist door
samen te ontdekken en er met elkaar over te praten, bouwen we aan zorg die ook in de toekomst persoonlijk, betekenisvol en haalbaar blijft.”
Wat merken cliënten ervan?
Voor cliënten verandert er op dit moment niet direct iets aan de zorg en ondersteuning die zij ontvangen.
Tegelijkertijd is het doel van deze ontwikkeling om de ondersteuning thuis in de toekomst nog beter aan te laten sluiten op wat mensen nodig hebben.
“Voor cliënten is er uiteindelijk één reis,” legt Inge uit.
“Zij hoeven zich niet bezig te houden met verschillende organisatieonderdelen, zorgvormen of financieringen. Als de situatie van een cliënt verandert, willen we dat de ondersteuning daarin soepel meebeweegt. Wij regelen wat daarvoor nodig is, zodat cliënten en hun naasten kunnen vertrouwen op passende zorg en begeleiding.”
Volgens Inge helpt de intensievere samenwerking tussen Prettig Thuis en de buurtteams om eerder mee te denken over de toekomst.
“We willen niet wachten tot er een nieuwe zorgvraag ontstaat. Door cliënten en hun naasten goed te leren kennen, kunnen we samen vooruitkijken naar wat nodig kan zijn als het leven verandert. Dat geeft rust, duidelijkheid en vertrouwen.”
“Teams weten elkaar makkelijker te vinden, expertise wordt beter gedeeld en overgangen tussen verschillende vormen van ondersteuning verlopen soepeler. Zo kunnen we cliënten zo lang mogelijk op een prettige, passende en samenhangende manier thuis ondersteunen, met zorg en begeleiding die meebeweegt met wat zij nodig hebben.”
Vertrouwen in de toekomst
Inge ziet volop kansen voor de toekomst van zorg thuis. “Ik heb absoluut vertrouwen in de toekomst van Wlz-zorg thuis. We hebben betrokken collega’s, veel kennis in huis en een gezamenlijke ambitie om goede zorg te blijven leveren.”
De sleutel ligt volgens Inge in de verbinding. “Niemand kan deze maatschappelijke opgave alleen oplossen. Maar als we blijven denken vanuit de cliënt, elkaar helpen en openstaan voor nieuwe manieren van werken, dan kunnen we ook in de toekomst zorg, begeleiding en ondersteuning thuis blijven bieden. Daar ben ik van overtuigd.”
Piet van der Veldt (90) en Lida Lammerse (86) hebben menig verpleeghuis in de regio van binnen gezien. Maar in De Heemhaven zitten ze, volgens beiden, echt op hun plek. “Dit is de hemel’, verzucht Lida. “De mensen die hier werken en de vrijwilligers zijn stuk voor stuk heel aardig en meelevend. Verder is er altijd wat te doen.”


Piet van der Veldt verdiende de kost als timmerman bij restauratiewerkzaamheden. Zijn benen doen inmiddels niet meer wat hij wil. Achter de rollator dus. Piet heeft een hekel aan stil zitten. Hij heeft een mooie kamer op de derde verdieping. Daar is hij in de avonduren en ’s middags een uur. “Dan doe ik een tukkie. Als je de hele tijd bezig bent, praat met medebewoners en spelletjes doet dan ben je daar als je negentig bent wel aan toe. Mijn vrouw woont nog zelfstandig. Ze is als lid van de Centrale Cliëntenraad nauw betrokken bij de gang van zaken in De Heemhaven. Het neemt natuurlijk niet weg dat je zelf ook een bepaalde verantwoordelijkheid hebt. Ook hier zijn bewoners, net als in het gewone leven, voor wie het glas altijd halfleeg is. Als ze de hele tijd mopperen, ben ik vertrokken. Dan ga ik ergens anders zitten.”
Bootmensen
Lida Lammerse heeft drie dochters, waarvan de oudste aan de overkant van De Heemhaven woont. Ze stond ruim veertig jaar achter de toonbank van de groentezaak die zij met haar man in Heemstede had. ”Mijn andere twee dochters wonen op een woonboot. Wij zijn immers echte bootmensen. Toen onze derde dochter geboren werd, zei mijn man: ‘nu ga ik een boot bouwen’. Onze zoon die tien jaar daarna geboren werd, vaart er nog steeds mee. Ik kan niet meer lopen, dus ik ben erg aan deze plek gebonden. Maar ik heb het hier reuze naar mijn zin. Zeker als ik het vergelijk met de andere huizen waar ik verbleef. In De Heemhaven werken alleen maar engelen zeg ik wel eens gekscherend. Maar het is wel zo. Er wordt echt van alles gedaan om het de bewoners naar de zin te maken.”
Gevoel van vrijheid
Dat kan Robin Moeke, activiteitenbegeleider bij De Heemhaven, alleen maar beamen. “Welzijn is enorm belangrijk. Kijk maar in de lift naar de affiches. We zorgen dat niemand zich verveelt. Als de vrouw van Piet niet op bezoek kan omdat ze wat mankeert, neem ik Piet mee. Gaan we bij zijn vrouw langs. Of ik doe met Lida boodschappen. Wij zijn hier mede dankzij de inzet van de vele vrijwilligers één grote familie.”
“Dat ben ik nog vergeten”, besluit Lida Lammerse. “Ik ervaar in De Heemhaven een groot gevoel van vrijheid, terwijl ik door mijn beperking geen kant op kan. Dat klinkt tegenstrijdig, maar het is wel zo.”
In verschillende stukken die ik vandaag las (wetenschappelijk artikel, artikel in een optimistisch maandblad en in een rapportage) was er een term die steeds terugkwam; ruimte. Ruimte om te denken, ruimte om te voelen, ruimte om je uit te spreken, ruimte om veranderingen in het leven onder ogen te zien, ruimte om te klagen, ruimte voor verdriet en tranen, ruimte om jezelf te zijn.
Waar vind je ruimte om al het bovenstaande te ‘doen’ als het leven als een storm over je heen raast. Vanuit het ziekenhuis komen mensen revalideren in Zuiderhout of Velserduin. Je krijgt een bed, een kast, een rolstoel in een ruimte voor jezelf alleen.
In die fysieke ruimte komen steeds mensen binnen die iets voor je willen of moeten doen; verpleging, behandelaren en begeleiders, artsen en natuurlijk de keukenzuster. Hopelijk ook familie en vrienden of bekenden die je een hart onder de riem willen steken in een complexe fase van het leven. De geestelijk verzorger komt ook binnen; mag ik even bij je komen zitten, mag ik jouw ruimte binnentreden? In die tijdelijke ruimte waar jouw leven zich afspeelt ontstaat een gesprek. In die ontmoeting kan iemand vertellen wat er is gebeurd, wat dat met iemand doet (met zijn/haar familie), vloeien er tranen en zijn er klaagwoorden. Dit kan die iemand ‘ruimte geven’.
Persoonlijke ruimte
En dat is natuurlijk een andere ruimte dan de vierkante meters met bed/kast/stoel. In deze ruimte is zomaar plek voor de persoon, voor de mens achter het ziek-zijn, en kunnen er in vrijheid de belangrijkste vragen en zaken worden uitgesproken, kan er een echte ontmoeting plaatsvinden. Met de ander (geestelijk verzorger) maar ten diepste met zichzelf. Geestelijke verzorging geeft ruimte aan de ander waardoor die ander echt centraal staat. Waardoor de aangedane mens tot zichzelf komt (een mysterieus proces).
Van de week kwam ik een mevrouw in haar rolstoel tegen en een opgewekte groet wederzijds volgde. We bevonden ons in het restaurant, een openlijke ruimte. En in die ontmoeting gebeurde er iets, want er was aandacht voor haar om zich uit te spreken, om te benoemen hoe zij in het leven staat, en er ontstond persoonlijke ruimte om zichzelf te zijn. Ondanks de rolstoel en de beperkingen door haar aandoening. Die persoonlijke ruimte gebruikten we om naar de loop van haar leven te kijken en te bekijken waar zij op dat moment stond en wie zij is in haar revalidatie. Als voor deze wezenlijke ruimte plaats is in het herstelverhaal, ervaren mensen een zekere lichtheid die opnieuw kracht geeft om door te gaan.
Jantien de Vries
Medewerker in beeld

Om een beter beeld te krijgen van het werken bij
Prettig Thuis laten wij twee collega’s aan het woord over hun werkzaamheden als medewerker bij Prettig Thuis.
Arlette Ruiter-Crok is woonzorgmedewerker en helpende in de zorg in het Prettig Thuisteam HaarlemOost. Arlette ervaart haar werk als zeer gevarieerd. “Van huishoudelijke ondersteuning tot wandelen en koffiedrinken met cliënten. Of als helpende bij persoonlijke verzorging of het aanreiken van medicatie. Van alles wat dus.”
Als Arlette op een verjaardag zit of met andere mensen praat, kan ze desgevraagd vanuit de grond van haar hart zeggen dat ze een ‘topbaan’ heeft. “Het warme contact met de mensen geeft zo’n fijn gevoel. Die band kun je op allerlei manieren opbouwen. Bijvoorbeeld door te luisteren, vragen te stellen en daar wat mee doen. Thuis zitten ze in hun eigen coconnetje, dat is natuurlijk heel anders dan in een woonzorglocatie. Met alle cliënten bouw je uiteindelijk een band op. Bij de ene door goed te luisteren, bij een ander door naar het strand te gaan of een kopje koffie te drinken. Daar worden ze blij van. En als zij blij zijn ben ik dat ook. Als ze mij uitzwaaien of bedanken, dat is zo geweldig. Maar het is soms ook zwaar bijvoorbeeld als een cliënt komt te overlijden of in een woonzorglocatie wordt opgenomen. In het zorgpakket van Prettig Thuis is gelukkig veel ruimte voor welzijn. Dat vinden cliënten buitengewoon prettig.”
Picknickmandje
Arlette werkt ruim zes jaar bij Zorgbalans. Eerst in de huiskamer van woonzorglocatie Huis ter Hagen in Driehuis, later dus bij het Prettig Thuisteam Haarlem Oost. Zelf woont ze in Uitgeest, haar buurt in Haarlem leerde ze kennen tijdens de vele wandelingen met cliënten. “Ik had in eerste instantie veel mannen. Die wilden lopen. Soms nam ik een goed gevulde picknickmand mee. Gingen we ergens zitten. Kwam het campinggevoel terug. Haarlem Oost is een heel leuke buurt. Iedereen kent elkaar. Wij hebben als team een signalerende functie. Onder andere via onze rapportages bespreekt de contactpersoon dit met mantelzorgers en familie. Ik krijg energie van mijn werk, van het contact met de cliënten en omdat het team waarvan ik deel uitmaak zo fijn is. Daarom kom ik zelf ook altijd prettig thuis.”
‘Wij bewegen mee met de cliënt’
Kelly Schemmekes is cliëntcoach bij het Prettig Thuis team Haarlem Noord. Haar zorgachtergrond is de psychogeriatrie. Maar Kelly voelde een sterke behoefte om dingen te regelen. Dus zegt ze met volle overtuiging: “Deze functie biedt mij vrijheid. Ik heb veel verschillende taken, ik zit hier op mijn plek.”
Als cliëntcoach draagt
Kelly twee petten. Ze coördineert en plant vanachter haar bureau allerlei zaken die rondom de cliënt spelen. Daarnaast is ze cliëntcoach en overlegt ze thuis bij cliënten de inhoud van het zorgarrangement op het gebied van welzijn, huishoudelijke hulp, zorg en maaltijden. Waarbij Kelly voortdurend benadrukt dat de autonomie van de cliënt voorop staat. “Cliëntcoaches zijn er voor de medewerkers en vormen de spil van het team. Prettig Thuis is een aanvulling op iemands leven. Wij bewegen mee met de cliënt. Het is essentieel dat wij als medewerkers van Prettig Thuis stil blijven staan bij de wensen van de cliënt.”

Kelly ziet zichzelf vooral als een verbinder tussen de wensen van de cliënt en de mogelijkheden om aan die wensen tegemoet te komen. “Goed luisteren naar bijvoorbeeld mantelzorgers en familieleden. Iedereen kijkt echter met een andere bril. De waarheid bestaat niet. Dat heb ik wel geleerd. Dus ga ik voor een belangrijk deel af op mijn eigen gevoel. Ik lees bewust niet alles om daardoor zonder vooroordelen bij een cliënt binnen te stappen. Als mensen eenzaamheid voelen, moeten wij daar als Prettig Thuisteam goed mee om kunnen gaan. Laatst was er nog een cliënt die vertelde eenzaam te zijn en waar ik een individueel begeleider kon plaatsen. Er is altijd een ingang te vinden. Mag ik in je leven komen is de vraag. Daar zijn wij ons als medewerker van Prettig Thuis terdege van bewust.”

De actie ZomerSamen van vorig jaar is terug! Werk jij deze zomer extra diensten? Dan willen we jou graag bedanken voor je inzet en ontvang je een cadeaukaart. Voor elke extra gewerkte dienst krijg je een bol.comcadeaukaart van €15.
Deze regeling geldt voor alle intra- en extramurale zorgmedewerkers binnen Zorgbalans. De actie loopt van 1 juli tot en met 30 september 2026. Met ZomerSamen willen we collega’s waarderen die in de zomer extra bijspringen. Tegelijk vinden we het belangrijk dat iedereen goed voor zichzelf blijft zorgen. Extra werken is fijn als het past, maar voldoende rust nemen blijft net zo belangrijk.














Ben of ken jij een collega jonger dan 31 jaar en wil je graag een keertje suppen? Jong Zorgbalans organiseert op dinsdag 11 augustus een supavondje. We starten om 19:00 uur bij Free Movement in Haarlem. Er is plek voor maximaal 15 personen dus geef je snel op!










Nieuwe collega’s ontmoeten, escape-opdrachten uitvoeren, kennismaken met onze bestuurder Vera Bergkamp, ontdekken wat een brede organisatie
Zorgbalans is op de informatiemarkt, met de leukste mensen op de foto gaan èn dit alles op een toffe locatie.





Dinsdag 19 mei vond het allereerste Kennismakingsfestival van Zorgbalans plaats voor collega’s die onlangs zijn begonnen. Wat een energie en enthousiasme hebben we gezien in het Haventheater in IJmuiden, hopelijk was dit voor alle aanwezigen een warm welkom.




Ben jij net begonnen bij Zorgbalans? Dan zie we je graag bij het volgende Kennismakingsfestival op 12 oktober 2026! Houd je mailbox in de gaten voor de uitnodiging.







































Een gesloten deur tijdens een intakegesprek. Een scherm dat je vergrendelt voordat je wegloopt. Een collega die even checkt of een mail wel naar de juiste persoon gaat. Privacy zit vaak niet in grote zaken, maar in kleine momenten van aandacht.
Carlijn Hoogvliet en Birgit Hes zijn respectievelijk privacy officer/projectleider en privacy- en arbeidsrechtadvocaat en maken beide deel uit van het privacyteam van Zorgbalans. “Privacy raakt iedereen die werkt met gegevens van cliënten, collega’s of vrijwilligers. We willen daarom laten zien wat zorgvuldig werken bij Zorgbalans betekent: omgaan met gegevens alsof het om die van jezelf of je naaste gaat.”
Bewustwordingscampagne
De aanleiding om meer structurele aandacht te besteden aan privacy en informatiebeveiliging was onder meer een nulmeting waaruit bleek dat bepaalde zaken beter geregeld konden worden. Daarnaast vraagt nieuwe Europese wetgeving over digitale weerbaarheid van essentiële organisaties zoals Zorgbalans dat zij scherper naar hun processen kijken. “Privacy betreft echt iedereen binnen Zorgbalans en daarom zijn we een bewustwordingscampagne gestart,“ aldus Carlijn.
Ben jij bezig met privacy?
Doe je de deur dicht tijdens een intakegesprek? Kan iemand op de gang meeluisteren? Staat er nog een cliëntendossier open als je wegloopt? Ligt er een looplijst met namen zichtbaar op de gang?
Wie in de zorg werkt, komt dichtbij. Dichtbij iemands gezondheid, levensverhaal, familie en zorgen. Juist daarom moeten cliënten erop kunnen vertrouwen dat hun persoonsgegevens veilig zijn. Dat begint niet alleen bij systemen of beleid, maar vooral bij dagelijkse keuzes. Carlijn en Birgit zien privacy als
iets dat door alle werkprocessen heen loopt. “Het zijn vaak kleine, dagelijkse en herkenbare situaties waarin aandacht en zorgvuldigheid het verschil maken.”
Hoe kun jij bijdragen?
Elke collega kan bijdragen. Door een scherm te vergrendelen. Door een gesprek op een rustige plek te voeren. Door geen cliëntinformatie via privékanalen te delen. Door een inzageverzoek door te zetten naar het privacyteam. Door niet zomaar op een link te klikken. Kleine handelingen kunnen een groot verschil maken.
Zorgvuldig
De zorg verandert snel. Er komen steeds meer digitale systemen en zorgtechnologieën. Dat biedt kansen maar vraagt ook om zorgvuldigheid. “Bij nieuwe tools, apps en leveranciers kijkt Zorgbalans vooraf welke gegevens worden verwerkt, of dat veilig gebeurt, of alle afspraken goed zijn vastgelegd en wie toegang tot welke gegevens heeft,” aldus Birgit.
Ben jij geïnformeerd?
Artikelen op InZorgbalans en posters op locaties maken medewerkers aan de hand van herkenbare dagelijkse situaties bewust van privacy en het zorgvuldig omgaan met persoonsgegevens.
Transparantie
Volgens Birgit wordt privacy ook steeds belangrijker omdat organisaties duidelijk moeten kunnen uitleggen wat ze bewaren, waarom ze dat doen en hoe ze hun gegevens beschermen. “Als er iets gebeurt, wil je kunnen zeggen: we hebben het






Behandel persoonsgegevens met zorg.
































Pas op!

Dit is de 5e keer dat je dit wachtwoord gebruikt.
































Gegevens zijn goud waard voor criminelen.








Volg altijd de regels en richtlijnen wanneer je met persoonsgegevens te maken hebt.








kroonjuwelen


























Informatiebeveiliging


iedereen is








Houd onze organisatie waterdicht Vermoed















Volg




Kijken, kijken, niet klikken!



































Is het te mooi om waar te zijn?

















Houd wachtwoorden voor jezelf!
































Verankeren







Samen snel handelen







goed gedaan. We hebben het risico beperkt, technisch afgeschermd en bewaartermijnen toegepast. Die transparantie is belangrijk voor cliënten, medewerkers en de organisatie zelf.”
Medewerkers trekken steeds vaker aan de bel als ze een verdachte mail ontvangen of twijfelen aan een situatie. En dat is precies de bedoeling. Want een melding is geen teken dat iemand iets fout heeft gedaan, maar een manier om samen snel te handelen en erger te voorkomen.
De komende tijd wil Zorgbalans privacy nog steviger verankeren in het dagelijks werk. Zo wil het privacyteam nog eerder betrokken worden bij nieuwe zorgtechnologie en systemen, zodat privacy niet achteraf hoeft te worden gerepareerd. “Eigenlijk zou iedereen er basiskennis over moeten hebben. Dat is misschien wel de kern. Want privacy is geen los project of een onderwerp voor specialisten alleen. Het is onderdeel van goede zorg, “aldus Carlijn.
Maak privacy vanzelfsprekend
Door alert te blijven, vragen te stellen en twijfels te melden, bouwen we met elkaar stap voor stap aan een organisatie waarin privacy een vanzelfsprekend en belangrijk onderdeel wordt van veilige, vertrouwde en persoonlijke zorg.

Privacy gaat over het omgaan met persoonsgegevens in de organisatie. Dat betekent elkaar informeren, helpen en tijdig het privacyteam betrekken als het om vragen of twijfel over het gebruik van persoonsgegevens gaat.

Informatiebeveiliging






Privacy gaat bij Zorgbalans in de eerste plaats om nadenken over welke persoonsgegevens je echt nodig hebt voor het uitvoeren van het werk. Over zorgvuldig omgaan met wat cliënten, collega’s en vrijwilligers aan de organisatie toevertrouwen. En niet alleen omdat het moet van de wet, maar vooral omdat cliënten, collega’s en vrijwilligers daarop mogen rekenen. Zorgvuldigheid begint volgens Carlijn en Birgit bij bewustzijn. “En bewustzijn begint bij een eenvoudige vraag: als het om mijn gegevens gaat, hoe wil ik dan dat daarmee wordt omgegaan?”
Wees voorzichtig
Mensen zeggen soms: ik heb toch niets te verbergen. Maar zodra medische gegevens, personeelsinformatie of andere gevoelige gegevens op straat komen te liggen, voelt privacy ineens heel persoonlijk. Het gaat over vertrouwen en bescherming van je persoonlijke levenssfeer.
Op de website van ZorgkaartNederland staan ervaringen met de Nederlandse gezondheidszorg. Ook wij vragen ZorgkaartNederland onze cliënten en/of hun naasten te interviewen om te weten wat ze van onze zorgverlening vinden, zodat we zien wat goed gaat en wat beter kan. Wist je trouwens dat meer dan 90% van de waarderingen op ZorgkaartNederland positief is? Hieronder een selectie van waarderingen die de afgelopen tijd zijn geplaatst.
Cijfer 8.1
Eigenlijk ging alles goed. Prima communicatie ook. Ik ben zeer tevreden met de zorg die ik heb gehad.
Cijfer 9.8
Alles is goed. Het zijn vriendelijke mensen. Ze zijn zeer capabel, meelevend en vriendelijk. Ik voel me erg geholpen door deze mensen/team.
DE MOLENWEID
Cijfer 9.2
De visie die ze daar hebben is zo mooi, ze zorgen er echt voor dat het leven wordt voortgezet. Ze vullen het leven hier ook echt aan. Er wordt elke dag vers gekookt, ze eet er echt met smaak, ze wordt niet opgedrongen, er zijn echt actieve vrijwilligers, het is fijn, kleinschalig, alles is schoon en netjes, alles wordt bijgehouden en als er iets mankeert in het appartement dan wordt het zeker goed opgepakt.
ZUIDERHOUT
Cijfer 8.0
Mijn vriendin was blij met alles. De zorg voor haar was goed. Ook was de fysiotherapie goed. Ze waren heel vriendelijk voor haar en ook voor mij als vriendin. Zij is nu weer thuis.
Cijfer 7.7
De fysieke zorg die mijn moeder hier krijgt is gewoon goed. Mijn moeder heeft totale lichamelijke zorg nodig en dat wordt op een goede manier gedaan. Ze nemen mijn moeder mee naar de huiskamer, zodat ze onder de mensen blijft. Ik vind over het algemeen al het personeel goed. Ze organiseren genoeg voor de mensen, alhoewel mijn moeder hier niet meer aan mee kan doen wegens haar lichamelijke en mentale situatie. De invalkrachten kennen mijn moeder en haar situatie niet goed en kunnen het ook niet goed inschatten, want als je haar ziet zitten of als ze in bed ligt kan je niet opmerken wat ze precies allemaal heeft.
Cijfer 7.8
De bewoners worden heel goed verzorgd en alles ziet er netjes uit. Er heerst een open sfeer wat erg huiselijk aanvoelt. De zorgmedewerkers zijn gelijkgestemd in de aanpak naar mijn naaste en doen zeker het nodige. De zorgverleners proberen mijn naaste goed te lezen in wat ze nodig heeft en spelen hier ook op in. Mijn naaste wordt gewoon goed verzorgd en wat ze met haar kunnen doen qua vermaak doen ze ook met haar. Zelf heb ik ook goed contact met de zorg en word ik goed op de hoogte gehouden. Mijn eigen input wordt ook gerespecteerd en ik kan altijd bij de zorgverleners terecht.
Cijfer 7.6
Ik vind het een heel goed huis. De sfeer is heel goed en liefdevol. Ze bejegenen de mensen met respect. Ze zijn heel erg gericht op het welzijn van de mensen. Ze hebben een hele mooie tuin waar de bewoners altijd kunnen recreëren. Het is een dichte tuin dus mensen kunnen zelf naar buiten. Doordat het een vrij klein huis is kunnen de mensen die nog goed genoeg zijn zelf naar buiten lopen. Het eten is erg goed, Er wordt daar gekookt en er is een kok. Er zijn veel activiteiten, voor ieder wat wils. Bij de intake werd aan mijn naaste gevraagd waar mijn naaste wel of niet van houdt en om dat op te schrijven. Hier wordt dan zoveel mogelijk rekening mee gehouden. Ze maken ook echt plezier met de bewoners. Ik ben erg blij dat we voor deze plek gekozen hebben. De was service zou beter kunnen. Het zou fijn zijn als er meer personeel bij zou komen en dan het liefst mensen die echt voor langere tijd blijven.
Cijfer 8.7
Juist de combinatie tussen oudere en jongere zorgmedewerkers vind ik fijn en goed. Gelukkig zijn er nog jongeren die in de zorg willen werken.
Veel ouderen kunnen moeilijk leeftijden schatten. Na de zoveelste keer dat iemand mij tijdens mijn werk in de wijk vroeg of ik nog studeerde of dat ik nog bij mijn ouders woonde (ik was toen halverwege de dertig), ben ik begonnen met te benoemen hoeveel jaar ik al in dienst ben bij Zorgbalans. Tegenwoordig zeg ik meestal dat ik tien jaar in dienst ben. Blijkbaar is dat genoeg om zorgelijke blikken te doen verdwijnen. Vaak is het ook een mooie opening om uit te leggen wat de flexpool precies doet en wat mijn werk elke dag weer zo leuk en interessant maakt. ‘Jeetje, hoeveel steunkousen heb je in die tijd al wel niet aangetrokken?’, vroeg laatst iemand.
PRETTIG THUIS
Cijfer 7.8
Wat er dan zo goed gaat is de zorg in zijn eigen prettige omgeving en dat er ook echt voldoende zorg aanwezig is. Er zijn ook sensoren die in de gaten kunnen houden of alles nog in orde is en ook voor wanneer er hulp nog nodig blijkt te zijn. Wat zo goed is, is dat mijn vader op een oudere leeftijd niet hoeft te verkassen en in zijn woning kan blijven met de bijpassende hulp. Wat beter zou mogen zijn dan eerder de langere bezoekjes van de zorgverleners. De wat langere gesprekjes doen hem goed en dat mist hij soms een beetje. Eventueel meer naar buiten gaan maar ook dat ligt soms maar net hoe mijn vader zelf mee wil werken daar in. Spelletjes doen houdt hij ook van en dat mag ook wel iets meer gedaan çworden.
Maar blijkbaar heb ik dat riedeltje al een tijdje herhaald, want afgelopen week plofte er een kaart op mijn deurmat. Het was een felicitatie omdat ik al 12,5 jaar in dienst ben. Automatisch dacht ik weer even terug aan zoveel mensen waar ik in die jaren ben geweest. Ik hoorde stemmen van mensen die er niet meer zijn, ik zag interieurs die niet meer bestaan. Even zag ik mij verstrengeld in een innige dans met de oude dame met de ziekte van Parkinson: ‘1,2,3, 1,2,3...’, waarbij ze mij vasthield aan mijn ellebogen en ik haar aan de hare zodat ze beter kon lopen. Ik herinnerde me jeugdherinneringen van bijna honderd jaar geleden, en ik zag mezelf lachen met de cliënt die ondanks de pijn in haar botten haar gevoel voor humor bleef koesteren. Ik zag oneindig veel mensen in hun sterfbed. Ik zag mensen die ondanks hun beperkingen de kracht hadden verder te leven. En vooral herinnerde ik me bergen dankbaarheid. Als er iets is wat het werken in de wijk tot een prachtig beroep maakt, is het wel de dankbaarheid die je ontmoet van zoveel verschillende mensen.
En om antwoord te geven op de vraag hoeveel kousen ik heb aangetrokken: als ik gemiddeld twee keer per dienst bij iemand steunkousen aantrek en ik draai drie ochtenddiensten per week, keer ongeveer 45 werkweken, maal 12,5 jaar, maal twee voeten, dan moet het antwoord dus rond de 6.750 liggen.
Op naar de 10.000.
Pieter Winters






















































































































































































Goede ouderenzorg vraagt meer dan betrokkenheid en vakmanschap. Door meer ouderen, complexere zorgvragen en minder mensen neemt de druk op de ouderenzorg toe. Daarom wordt het steeds belangrijker om keuzes te maken die gebaseerd zijn op wetenschappelijke kennis. Wat werkt écht, voor wie en wanneer? Bij Zorgbalans krijgen deze vragen extra gewicht met de wetenschapscommissie. Specialist ouderengeneeskunde en epidemioloog Simone Hendriks en adviseur zorgtechnologie en innovatie Carmen van Egmond vormen samen met Susan Brouwer en Angela Schubert deze commissie. “We doen al veel werk achter de schermen en willen nu ook graag meer bekendheid binnen Zorgbalans.”
In de regio inzetten voor vernieuwende ideeën
Volgens Simone is het belangrijkste doel van onderzoek om de cliëntenzorg zo optimaal mogelijk te maken of te houden. “Voor onze cliënten en hun naasten, onze zorgprofessionals en alle anderen die hierbij betrokken zijn. En het is ook van maatschappelijk belang dat we ons als grote organisatie in de regio inzetten voor vernieuwende ideeën. Wetenschap helpt om bij te blijven én om vragen uit de praktijk te vertalen naar onderzoeksvragen.” Het onderzoek staat dan ook vaak in rechtstreeks contact met de werkvloer. “Cliënten en medewerkers doen bijvoorbeeld mee via interviews of vragenlijsten. Toestemming en privacy worden hierbij altijd zorgvuldig geregeld.”
Verbinding tussen de wetenschap en de praktijk Zorgbalans doet al langer mee aan wetenschappelijke studies, onder meer via het Universitair Netwerk Ouderenzorg Amsterdam (UNO Amsterdam) en andere universitaire centra en hogescholen, maar een eigen koers ontbrak vooralsnog. Volgens Carmen is er met de wetenschapscommissie nu één plek waar onderzoeksvragen worden beoordeeld, gewogen en uitgezet en waar de verbinding tussen de wetenschap en de praktijk wordt bewaakt. “Onderzoek hangt nu niet meer af van ‘toevallig enthousiasme’ maar sluit aan op de visie en strategie van Zorgbalans.”
Dementie, palliatieve zorg en zorgtechnologie
We werken nu met een agenda die is gebaseerd op de pijlers:
dementie, palliatieve zorg en zorgtechnologie. Onze ambitie bij dit alles is om persoonsgerichte ondersteuning te versterken in zowel woonzorglocaties als thuis”, aldus Simone. Volgens Carmen heeft de wetenschapscommissie ook de processen en interne routes helder en duidelijker gemaakt. “Dat scheelt een hoop tijd en maakt het makkelijker om bewust ‘ja’ of ‘nee’ te zeggen tegen een onderzoeksvraag of voorstel.”
Goed onderbouwd kunnen sturen
Door meer ouderen, complexere zorgvragen en minder mensen neemt de druk op de ouderenzorg toe. “Onderzoek en wetenschap zijn daarbij van groot belang om te blijven nadenken of we ons werk op de meest optimale manier doen,” aldus Simone. Carmen ziet dat de praktijk het onderzoek regelmatig inhaalt. “Met de financiën en de wetgeving die elk jaar weer veranderen, loopt wetenschappelijk onderzoek soms achter. Juist daarom helpt een mix van langlopende en kort-cyclische onderzoeken ons om goed onderbouwd te kunnen sturen. Voor vraagstukken die bepalend zijn voor de toekomstbestendigheid van onze zorgverlening sluiten we aan bij langlopende onderzoeken. Tegelijkertijd hebben we oog voor kortlopend onderzoek dat zich richt op actuele en urgente praktijkvragen.”
Nieuwe inzichten, producten en werkwijzen
Bij kortlopend onderzoek gaat het volgens Simone vaak om nieuwe inzichten, producten en werkwijzen die direct in de

praktijk kunnen worden gebruikt. “Zo hebben we in Prettig Thuis onderzocht wanneer thuis wonen nog haalbaar is en wat daarvoor nodig is. Dit heeft geresulteerd in een praktische tool dat zorgmedewerkers helpt om de thuissituatie in kaart te brengen. Voorbeelden van langlopende studies zijn de ADAPT, BeterThuis en DOMUS. In de studie ADAPT keken we naar ernstig probleemgedrag bij mensen met dementie en met Beter Thuis naar de samenwerking tussen specialisten ouderengeneeskunde en huisartsen.” Daarnaast werd de informatiegids ‘Zorg in de laatste levensfase voor mensen met dementie’ ontwikkeld en gaat de studie DOMUS van start om de samenwerking rond zorg voor mensen met dementie die thuis wonen uniformer en beter te maken.
Scherp toetsen op relevantie en commitment
Nieuwe inzichten worden pas echt waardevol wanneer ze ook landen in het dagelijks werk. “Die implementatie kan een uitdaging zijn en dat is ook een reden waarom we nu de wetenschapscommissie hebben opgezet. Door vooraf intern scherp te toetsen op relevantie én commitment van het onderzoek, is de kans groter dat uitkomsten worden geïmplementeerd,” aldus Carmen. Om de brug naar de praktijk nog verder te versterken, is er naast de wetenschapscommissie ook een onderzoeksgroep ingesteld met vertegenwoordigers vanuit verschillende disciplines. Simone: “Zij helpen om de vragen, de opzet en de uitvoering van het onderzoek dicht bij onze teams en locaties te houden. Een volgende stap is om een klankbordgroep met een brede vertegenwoordiging van Zorgbalans samen te stellen.”
Laat van je horen
Onderzoek en wetenschap is bij Zorgbalans geen doel op zich maar een manier om de zorg slimmer, menselijker en toekomstbe- stendig te maken. De Wetenschapscommis- sie wil zorgen dat inzichten landen op de werkvloer. Laat daarom vooral van je horen als je een vraag of idee hebt of als je mee wilt doen met wetenschappelijk onderzoek. Neem contact op met wetenschapscommissiedevia: wetenschapscommissie@zorgbalans.nl
Hendriks en Carmen van Egmond.
Voor de toekomst hopen Simone en Carmen dat onderzoek en wetenschap een vaste pijler is binnen Zorgbalans. Simone: “Ik zou het heel mooi vinden wanneer we één of meerdere onderzoekslijnen hebben die we stevig hebben neergezet. Dan wordt het echt een continu proces.” Carmen ziet in de toekomst graag meer vaste functies binnen Zorgbalans op het gebied van de wetenschap, zoals een promovendus. Carmen: “Daarnaast wil ik meer studenten aantrekken die hun scripties, stages en onderzoeken bij ons doen. En het zou ook geweldig zijn als we een vervolg kunnen geven aan al die mooie kleine onderzoeken die leerlingen tijdens hun opleiding uitvoeren.” En beiden hopen natuurlijk dat de medewerkers van Zorgbalans de wetenschapscommissie steeds beter weten te vinden.
Overstijgend denken en maatschappelijke meerwaarde
Wat maakt het werk voor Simone en Carmen belangrijk en de moeite waard? Voor Simone zit de drijfveer in een betere kwaliteit van zorg én leven, zeker bij dementie en in de palliatieve fase. “Met daarbij steeds weer de vragen: wat is nou het beste voor de cliënt op dit moment en hoe maak je het leven zo optimaal mogelijk? Daarnaast vind ik het mooi om naast de directe cliëntenzorg ook overstijgend te blijven denken voor het grote geheel.” Bij Carmen draait het vooral om scherpte. “Hoe zetten we technologie zo in dat de zorg kwalitatief goed en toegankelijk blijft, ook richting de toekomst? En ik vind het belangrijk dat ik mijn kennis en tijd besteed aan iets wat bijdraagt aan de maatschappij. Dat geeft me de meeste voldoening.”
Sinds april dit jaar is de Zorgbalans Vrijwilligersapp in de lucht. De app is bedoeld voor de bijna negenhonderd vrijwilligers die op de verschillende woonzorglocaties, revalidatieen ontmoetingscentra van Zorgbalans de vaste medewerkers op diverse manieren ondersteunen.

De app heeft twee doelen: vergroten van de betrokkenheid van de vrijwilligers en het verminderen van de administratieve werkzaamheden van de vrijwilligers coördinatoren. Carlijn Hoogvliet is projectleider. “Zorgbalans is druk bezig met de informele zorg, dat wil zeggen onbetaalde hulp die wordt gegeven door mensen uit het directe sociale netwerk van de cliënt of door vrijwilligers. We kunnen niet meer buiten deze informele zorg. Denk aan de krapte op de arbeidsmarkt en de steeds complexere zorg waar wij mee te maken
krijgen. Betrokken vrijwilligers zijn essentieel voor het welzijn van onze cliënten.”
Marian Zeeuw is één van de 72 vrijwilligers die in Velserduin werkzaam zijn. Ze is blij met de app. “Omdat het een goed overzicht biedt van de diverse op Velserduin georganiseerde activiteiten. Zoals drie weken een Feestweek. Dat vind ik leuk en daar kan ik mij via de app als vrijwilliger voor aanmelden. Mijn moeder verbleef in Velserduin. Ik was haar mantelzorger. Vorig jaar overleed zij. Toen had
ik ineens veel vrije tijd. Op dat moment besloot ik in Velserduin vrijwilliger te worden. Elke maandag speel ik woordspelletjes met een cliënt. Hij heeft één dochter. Maar zij woont ver weg. Tijdens de Feestweek gaan we samen naar de barbecue.”
Diana Klaver, activiteitenbegeleider en vrijwilligers coördinator op Velserduin, benadrukt dat de app het persoonlijke contact tussen vrijwilligers en vaste medewerkers zeker niet vervangt. “We weten

dat een praatje met de vrijwilligers enorm belangrijk is. Bovendien is de app geen must, een vrijwilliger beslist zelf of hij de app downloadt. Deze app betekent voor mij en mijn vijf collega activiteitenbegeleiders in Velserduin een grote tijdsbesparing. Die vrijgekomen tijd kan nu worden gebruikt voor bijvoorbeeld de organisatie van activiteiten.”
Geen verplichting
Marian onderschrijft de woorden van Diana. “Ik heb zeker niet het idee dat ik nu alleen digitaal contact met de coördi-

natoren heb. Door de app word ik beter geïnformeerd omdat de app verschillende functies heeft zoals een prikbord, activiteitenkalender en nieuwsberichten. Je kijkt er sneller op en alles staat gebundeld op één plek. Ik ervaar meer betrokkenheid.” Zorgbalans heeft bijeenkomsten georganiseerd om vrijwilligers te helpen bij het installeren van de app. Diana: “Ik kan via het programma achter de app efficiënter en sneller berichten versturen naar vrijwilligers, omdat het gekoppeld is aan ons administratiesysteem. Daarnaast kan de vrijwilliger zelf afwezigheid of vakan-
tie doorgeven via de app of bijvoorbeeld zijn of haar persoonlijke gegevens wijzigen. Vrijwilligers die geen gebruik maken krijgen automatisch een mail van de berichten die verstuurd worden via de app.“
Carlijn: “De kinderziektes zijn voorbij, mede dankzij de sessies met vrijwilligers. Ongeveer driekwart van de vrijwilligers heeft de app inmiddels geïnstalleerd. We kunnen met recht trots zijn op het resultaat.”
Een plek waar ouderen de zorg ontvangen die zij nodig hebben, maar waar ook hun wensen, levensverhaal en welzijn centraal staan. Waar zorgverleners zich inzetten om ‘leven aan de dagen toe te voegen, in plaats van dagen aan het leven’. Dat is de Toren van Breezicht, een bijzondere locatie van Zorgbalans in IJmuiden met een geweldig uitzicht op de haven, het strand en Amsterdam. In de Toren wordt op een flexibele en mensgerichte wijze overbruggingszorg geboden aan hen die dat nodig hebben. Locatiemanager Diana Bruin en teammanager Marlies Stroethoff geven hier samen met hun team dagelijks invulling aan. Daarbij laten ze zien dat overbruggingszorg niet alleen een praktische oplossing is, maar ook een bron van rust, hoop en kwaliteit van leven voor bewoners en hun naasten.
Tot rust komen en opbloeien
Zorgverleners zetten zich
in om leven aan de dagen
toe te voegen in plaats van dagen aan het leven.
Overbruggingszorg is voor mensen die bijvoorbeeld nog thuis wonen, zich al hebben ingeschreven bij Zorgbalans of een andere organisatie, maar er opeens achter komen dat het niet meer gaat. “Dan bieden wij ze in de Toren een tijdelijke verblijfplaats tot het moment dat de plek van hun voorkeur beschikbaar komt, “aldus Marlies. Het blijkt in de praktijk een geweldige tussenoplossing te zijn. Niet alleen voor de bewoners zelf maar ook voor hun vaak zwaar belaste mantelzorgers. “Die kunnen dan ook weer even op adem komen.” De behoefte aan overbruggingszorg is groot omdat mensen veel
langer thuis blijven wonen. Soms zelfs iets te lang. “Dan is het thuis echt crisis en is het fijn dat de Toren er is, een plek waar mensen tot rust kunnen komen en weer een beetje opbloeien.”
Win-win situatie
Mantelzorgers kunnen ook weer op adem komen met de logeerzorg die de Toren biedt. “Cliënten komen dan tijdelijk bij ons logeren zodat de mantelzorgers hun handen vrij hebben voor andere zaken. Dat is echt een win-win situatie voor beide partijen. Zo hebben we bijvoorbeeld een mevrouw van 94 die regelmatig bij ons komt logeren zodat haar dochter op vakantie kan,“ aldus Diana. Mantelzorgers zoals kinderen of partners kunnen ook tijdelijk een of twee nachten meelogeren zodat de overgang wat makkelijker gaat.

Eigenheid en identiteit behouden
De Toren is gebouwd op de overtuiging dat iedere bewoner uniek is en recht heeft op een waardige oude dag. Of zoals Marlies het treffend verwoordt: “Mensen hoeven bij ons niet zo oud mogelijk te worden, maar zo goed mogelijk oud.” Wat de Toren vooral bijzonder maakt, is de persoonlijke benadering. “We kijken echt naar wat iemand nodig heeft. Als je bijvoorbeeld graag alleen bent, vragen we niet de hele dag aan je om deel te nemen aan groepsactiviteiten. Mensen behouden hun eigenheid en identiteit. Dat behouden is voor ons het vertrekpunt. Door de goede en intensieve samenwerking kan elke medewerker daar vanuit haar of zijn taak en deskundigheid zo goed mogelijk op aansluiten.’
Schakelen met hart en ziel
De medewerkers zijn volgens Diana en Marlies zeer
flexibel en betrokken. “We zijn altijd onder de indruk van hun aanpassingsvermogen. Ze moeten continu schakelen tussen verschillende zorgvragen, van logeerzorg tot palliatieve zorg. Maar ze doen het met hart en ziel. Wat de medewerkers terugkrijgen van de naasten van de bewoners, is vooral dat ze echt hart hebben voor die bewoners. Wat wij op papier aangeven, laten de medewerkers elke dag in de praktijk zien.” Het team van de Toren bestaat uit een vaste groep medewerkers die naar behoefte wordt aangevuld met tijdelijke medewerkers.
Nieuwe invullingen
Overbruggingszorg is een geweldige tussenoplossing voor de bewoners en de mantelzorgers.
Oorspronkelijk was de Toren een verzorgingshuis met

Toren biedt logeerzorg, palliatieve zorg en overbruggingszorg.
35 appartementen, bedoeld voor relatief zelfstandige ouderen. Door veranderende wetgeving en maatschappelijke ontwikkelingen is Zorgbalans gaan zoeken naar nieuwe invullingen. Dat leidde volgens Diana tot het concept van tijdelijke zorg. “We zijn begonnen met logeerzorg, palliatieve zorg en overbruggingszorg. De palliatieve zorg neemt vooralsnog een bescheiden plek in maar is wel wezenlijk in de zorg waar Zorgbalans voor staat. De Toren is echt een plek waar bewoners en hun naasten rustig, waardig en op eigen wijze afscheid van elkaar kunnen nemen.”
Uniek en onderscheidend
Overbruggingszorg blijkt een schot in de roos, er is veel vraag naar. Bovendien is de Toren hierin redelijk uniek vertelt Marlies. “Er zijn niet veel organisaties in de regio die dit bieden. We hebben wel eens een marktonderzoek gedaan, en vooral op het gebied van overbruggingszorg zijn we echt wel onderscheidend. We merken dat de bekendheid van de Toren groeit en dat is mooi. Want we gunnen alle betrokkenen in de zorgwereld dat ze weten dat dit bestaat, omdat het soms echt een oplossing kan zijn.”
Bewust risico nemen
Het aanbieden van tijdelijke zorg is mooi en er is ook duidelijk behoefte aan maar het brengt ook risico’s met zich mee, vooral op het gebied van bezetting en financiering. “Wij lopen risico, want bij tijdelijke zorg weet je niet altijd hoelang iemand blijft. Soms overlijdt iemand binnen een dag, soms duurt het maanden. Dat maakt het financieel spannend,” aldus Marlies. Toch kiest Zorgbalans er bewust voor dit risico te nemen, omdat het aansluit bij hun visie.
Essentiële schakel in de ouderenzorg
De verwachting is dat de behoefte aan overbruggingszorg zal blijven groeien. “Het zou mij niet verbazen als we in de toekomst nog meer tijdelijke zorg gaan bieden,’’ zegt Diana. “Het vraagt veel van de medewerkers maar het is wel een waardevolle aanvulling op het zorglandschap. Het helpt mantelzorgers om het langer vol te houden en het maakt de stap naar een verpleeghuis voor mensen kleiner en makkelijker.” De Toren van Breezicht laat zien hoe overbruggingszorg een essentiële schakel is in de ouderenzorg. Door flexibel in te spelen op de behoeften van bewoners en hun naasten, biedt de Toren niet alleen een oplossing voor acute situaties, maar ook een plek waar mensen zich gezien en gewaardeerd voelen.




Wij feliciteren onderstaande, toegewijde collega’s met hun jubileum! Toegewij

12,5 jaar in dienst
Galina van Bennekom – Wijkzorg
Amber van de Griend – Leidsevaart
Tsion Markos – De Heemhaven

Nadeya Faquiri – De Heemhaven
Farida Ahallak – De Houttuinen
Ellen Winters – Leidsevaart
Vera Rooze – Wijkzorg
Manon van Dansik – FlexiCura

Evelien Maatkamp – Zuiderhout
Nicoline Vrouwe – Tandem

Lisa Mooij – Wijkzorg
Renettha Koopstra – Wijkzorg
Christine Knebel – Wijkzorg
Lotte Hartendorf – Prettig Thuis
Bouk Fahik – Horstendaal en Saanensduin
Claudia Beringen – Leidsevaart
Pieter Winters – Wijkzorg


Sascha Fokker – Leidsevaart
25 jaar in dienst
Fabiola Leuvelink – Breezicht
Diana Klaver – Velserduin
Anna Prins – Prettig Thuis
Petra Dofferhoff – Den Weeligenberg
Brigitte Langbroek – De Heemhaven

Jacqueline Kemp – Leidsevaart
Linda Janssen – Wijkzorg

Bovenstaande collega’s vierden hun jubileum tussen 01-01-2026 en 30-06-2026.

Femmy de Wilde – Leidsevaart
Astrid Bergman – De Houttuinen
Gisèle Prins – Velserduin
Mabeth van der Laan – Breezicht


Christa Nanai – Wijkzorg
Cynthia Eefting – Wijkzorg
Patty Dingjan – Tandem
Kasia Gurbala – Velserduin
Marjolein Riet – Kennemerduin
Tim Peekstok – Wijkzorg
Jenneke van Stein – Huis ter Hagen


Anneke Poppe – De Moerberg
40 jaar in dienst
Mariola Duiker – De Moerberg











Gert Beerda is de nieuwe directeur Vastgoed en Woonzorgconcepten van Zorgbalans. Hij kreeg een tip dat de functie openstond, belde op, stuurde zijn cv en werd uitgenodigd voor een gesprek. “Bij mijn vorige werkgever was ik aan het vergaderen. Toen stelde ik mij de vraag: Hoeveel ben ik nog met vastgoed bezig? Hooguit een dag in de week.”
En dus nam Gert Beerda contact op met Zorgbalans. “Ik kreeg van collega’s te horen dat Zorgbalans bekend stond als een warm bedrijf. Dat bleek uit de gesprekken die ik voerde en waar het er vooral over ging dat ik blij werd van Zorgbalans en Zorgbalans van mij. Uiteindelijk ben ik heel makkelijk geland. Elke mening telt bij zorgbalans. Bovendien is alles krap georganiseerd. Hier op de Leidsevaart zorgen we ervoor dat het werk op de locaties zo soepel mogelijk kan verlopen. Het geld is voor de zorg bestemd en niet voor de overhead. Dat maakt het werken voor Zorgbalans uitdagend en fijn.”
Grote uitdagingen
De zorg staat voor grote uitdagingen. In 2040 is volgens berekeningen ongeveer 25% van de bevolking 65 jaar en ouder. En dementie wordt de aandoening die de meeste aandacht vraagt. Dat legt een grote druk op de manier van zorgverlenen en ook hoe ouderen wonen. “Het is niet alleen een uitdaging. Het is nog veel complexer. Mensen moeten langer doorwerken. Daar ontkomen we niet aan. Als mensen gepensioneerd zijn, trekken ze erop uit. Je ziet het bijvoorbeeld aan de camperverkoop bij mensen die zestig jaar en ouder zijn. Dat is booming. Plus dat gezinnen kleiner zijn en kinderen vaak niet meer wonen in het dorp waar ze geboren zijn. Dat bete-
kent dat de zorg met minder medewerkers een veel grotere groep moet ondersteunen.”
Toekomstbestendig
Dat heeft natuurlijk gevolgen voor hoe ouderen gaan wonen. “De intramurale groei moet worden beperkt. Dat kan onder andere worden bereikt met de bouw van seniorencomplexen, waar mensen voor elkaar zorgen, waar minder ruimte is voor eenzaamheid. Met iets meer aandacht voor elkaar en iets meer communicatie in de buurt. Daar komen mensen te wonen die nooit een verpleeghuis zullen zien. Zelfstandige wooncomplexen dus. Waarbij we ons moeten realiseren dat niet iedereen vrijwilliger wil worden. Daarom ligt de max wat mij betreft in deze complexen op 25% zorgvragers en 75% potentiële zorgdragers.
Bouwen
De corporaties bouwen, Zorgbalans levert de zorg. Dat zal de toekomst worden zegt Gert Beerda. “Een nieuwe woonzorglocatie bouwen gaat niet zomaar. Neem Zuiderhout. Zorgbalans maakt Zuiderhout graag toekomstbestendig maar het gebouw heeft een beschermde status. Dat leidt tot hoge kosten en de vraag is of we geld dat voor de zorg is bestemd, moeten gebruiken om aan al die, vaak esthetische, bezwaren tegemoet te komen.”