Skip to main content

FRITS Mei/Juni/Juli 2026

Page 1


VILSTEREN

WIJ MAKEN VAN IEDER BAD EEN ZWEMBAD

LOTEC Nederland

LOTEC Noord-Oost

E info@lotec.nl

E twello@lotec.nl

E info@lotec.be

Loungeplateau Zwembadafdekking
Techniek ruimte

Lach met je hart, leef zorgeloos en laat de wereld meegenieten.

Het leven geeft ons talloze redenen om te glimlachen. Wij zorgen ervoor dat jouw glimlach er altijd klaar voor is. Natuurlijk, krachtig en vol zelfvertrouwen.

Bij VieDenta Kliniek combineren we esthetiek met precisie. In een omgeving waar aandacht, rust en vakmanschap samenkomen, brengen we de kunst

van tandheelkunde tot leven. Van subtiele verbeteringen tot complete esthetische behandelingen. Onze cliënten komen uit heel Nederland en ver daarbuiten, voor één reden: een glimlach die echt van hén is.

Captains of AI

Captains of AI

De AI-keuzes die u nu niet maakt, bepalen uw positie morgen

De AI-keuzes die u nu niet maakt, bepalen uw positie morgen

Op 7 oktober 2026 vindt Captains of AI plaats: een besloten bijeenkomst voor maximaal 60 C -level leiders die richting willen bepalen in het AI -tijdperk.

Op 7 oktober 2026 vindt Captains of AI plaats: een besloten bijeenkomst voor maximaal 60 C -level leiders die richting willen bepalen in het AI -tijdperk.

Nina Schick, internationaal erkend expert op het gebied van AI en adviseur van de voormalige president van de Verenigde Staten en van toonaangevende AI -ondernemingen, deelt haar inzichten. Daarnaast delen internationale contributors, die op senior niveau verantwoordelijk waren voor AI en innovatie binnen organisaties als IBM, Atos en Dell concrete AI-cases en strategische inzichten.

Nina Schick, internationaal erkend expert op het gebied van AI en adviseur van de voormalige president van de Verenigde Staten en van toonaangevende AI -ondernemingen, deelt haar inzichten. Daarnaast delen internationale contributors, die op senior niveau verantwoordelijk waren voor AI en innovatie binnen organisaties als IBM, Atos en Dell concrete AI-cases en strategische inzichten.

In één dag krijgt u een helder beeld van wat AI betekent voor uw onderneming en welke beslissingen u vandaag moet nemen om uw positie van morgen te bepalen.

In één dag krijgt u een helder beeld van wat AI betekent voor uw onderneming en welke beslissingen u vandaag moet nemen om uw positie van morgen te bepalen.

Meld u aan via:

www.captainsofai.com

in dit nummer

algemeen

013 Editorial

015 Colofon/Service

interviews

020 Bo Janssen & Camilla Verwimp ondernemen door te dromen

032 Carmen van Vilsteren Fe+male Tech Hero

080 Elphi Nelissen doorbrak mannencultuur TU/e

088 Heidi Los & Marcella Bos onbewust opgeleid

114 Willemijn Nieuwenhuis wil standbeelden voor Anna's

134 Marjolein de Hooge is het gezicht van ASML in de regio

020

036

reportages

036 Kookavond culinaire vrienden to cook or not to cook?

172

000 Spring- en Dressuurstal Hoffmann Passie voor paarden

048 Jong talent Ondernemende Gen Z

064 Vrouwelijke leiders bij gemeente over rechte ruggen en rolmodellen

072 Wilhelminaplein

084

krijgt een totale make-over

Brainport-vrouwen ongelijk investeren in gelijke kansen

‘klimaat op maat’

• Airconditioning, VRF-systemen

• Warmtepompen

• Koel- en vriestechniek

• Wijnkelders

• Onderhoud & Service

Bij professioneel onderhoud bieden wij oneindige garantie!

048

058

027 Daan de Kort

045

063

079

Eindhoven Airport

Mariska Pinxt-van Iersel

Het systeem schudt niet vanzelf

Bert-Jan Woertman

Karakter. Moed. Voortvarendheid

Lars van der Hoorn

ASML kan het niet alleen

095 Nova Borgers

Hou gewoon even je mond

111 Najat Toub

016 Uitgelicht & B(u)y Locals

FRITS' tips

058 Eindhovenaar kun je worden

Bahija Berrouba

098 Onderstroom

Sisterhood

145 Flits!

Zien & gezien worden in FRITS

072

'Leiderschap als verantwoordelijkheid'

131 Harold van Asperdt

De Boeteling

088

098

SheEO's in Brainportregio serieuze emancipatiebeweging

Onze vormgever Leon kwam met het idee voor de invulling van de 'sticker' op de cover: 'SheEO's in Brainport'. Vrouwelijk leiderschap in Brainport is het thema van deze editie. Ik weet niet of het idee hem is aangereikt door AI of het resultaat is van zijn eigen creatieve zoektocht. Ik vond het een mooie vondst en dus bleef hij staan. Omdat de vlag de lading dekt. Deze FRITS staat vol SheEO's. Van jong tot 'oud' en van beginnend tot geslaagd. Ze zijn zonder uitzondering ondernemend en zelfbewust, en beschikken over een zekere mate van lef. De een met louter dromen als vertrekpunt, de ander acteert volgens een strategisch plan. Ze hebben één ding gemeen: als vrouw moeten ze extra hun best doen om zichtbaar te zijn, gezien te worden en op waarde te worden geschat. Om zich gelijkwaardig te kunnen voelen én zijn aan mannelijke ceo's. Want daar hebben we het over. Te vaak nog moeten vrouwen zich bewijzen, om over een gelijke beloning maar te zwijgen. Mannen verkopen zich beter, is de constatering, al dan niet ingegeven door hun ego. Sollicitatiecommissies zouden daar doorheen moeten prikken. Maar aan mannen worden andere vragen gesteld dan aan vrouwen. Mannen bezetten hierdoor nog altijd in grote meerderheid posities waarop zij kunnen bepalen. Met name in het bedrijfsleven.

Hier maken we de sprong naar onze regio. Binnen 'Brainport' staan we op de drempel van verdergaande ontwikkelingen, vaak de schaalsprong genoemd. Tegelijk worden topfuncties doorgegeven aan een volgende generatie beslissers. Meestal mannen. Dit wordt het 'old boys'-netwerk genoemd. Het bestaat, nog steeds, en de Brainportregio vaart er wel bij. Maar vrouwelijke topbestuurders en -managers vragen zich in toenemende mate af of het niet tijd wordt voor wat meer vrouwelijk leiderschap in onze contreien. Dat leidt tot andere beslissingen. Niet per se betere maar wel meer afgewogen. Met meer aandacht voor de zachte kant van onze samenleving, denk aan de brede welvaart, en consequenties - van besluiten - op de langere termijn. Maar ook aan de harde kant staan zij weldegelijk hun mannetje. Al moeten zij zich wel dubbel bewijzen voordat ze serieus worden genomen. Onder invloed van dit bewustzijn groeit een emancipatiebeweging. Brainport Women on Board, Fe+male Tech Heroes, Future by Diversity en Brainport on Heels zijn enkele van de vele initiatieven om met name vrouwelijk toptalent te voorzien van de (mentale) tools en skills om de concurrentie aan te gaan met hun mannelijke evenknieën.

De netwerken zijn zonder uitzondering een succes. Het aangeboden mentorschap wordt in dankbaarheid aanvaard. Het kan niet anders of binnen enkele jaren gaan we het effect zien en de impact ervaren van deze beweging. De Eindhovensche Fabrikantenkring, onmiddellijk na de Tweede Wereldoorlog door onder anderen Frits Philips opgericht voor industriëlen om via samenwerking elkaar er economisch weer bovenop te helpen, is nog altijd het meest invloedrijke netwerk in de regio. De 'EFK' telt 58 leden, op een enkele vrouw na allemaal mannen. De high tech (maak)industrie is ruim vertegenwoordigd. Ex-ASML-ceo Peter Wennink is de voorzitter. Op de dag dat hij zijn hamer overdraagt aan een vrouwelijke bestuurder is de beweging geslaagd. Hoe de betrokken vrouwen op zijn stoel terecht denken te komen, staat in deze FRITS. Het begint met (zelf) bewustzijn, dan volgt de emotie en vervolgens de actie. Het is de driehoek van het leven. Wij vinden de beweging serieus genoeg om hier volop aandacht aan te besteden. Als magazine dat weliswaar (nog) door mannen wordt geleid en gemaakt maar wel de ontwikkelingen in de regio op de voet volgt!

Wat doet een rentmeester?

Mogen wij een moment…

Woont u in een monument of op een landgoed? Dan komt u vast voor lastige keuzes te staan bij de instandhouding van uw kostbare bezit.

Monumentale panden en landgoederen vragen om meer dan beheer alleen. Ze vragen om visie, kennis en betrokkenheid. En om een partner die u bij al uw vragen behulpzaam is. Een partner voor wie een integrale aanpak de basis van handelen is.

Wij zijn Klement Rentmeesters.

Onze liefde voor monumenten en landgoederen zit diep. We wonen, werken en leven in monumenten. Het is onze lotsbestemming om dit moois te vitaliseren en te behouden voor de toekomst.

Onze rentmeesters en erfgoed specialisten adviseren over beheer, onderhoud, herbestemming en

verduurzaming van monumenten, landgoederen en religieus erfgoed. Onze architecten maken praktische plannen voor restauratie en verzorgen de benodigde vergunningen. Wij optimaliseren exploitaties, versterken de toekomstbestendigheid van erfgoed en begeleiden zorgvuldig de aan- en verkoop ervan.

In subsidieland kennen wij de weg als geen ander. Wij signaleren tijdig nieuwe subsidiemogelijkheden en zorgen ervoor dat u optimaal gebruikmaakt van beschikbare regelingen. Maar bovenal spreken wij dezelfde taal als u. Omdat wij niet alleen adviseren over erfgoed, maar net als u dezelfde passie voor erfgoed hebben.

Klement Rentmeesters. Liefde voor monumenten en landgoederen.

Nu is het moment… …om Klement Rentmeesters te gaan volgen.

Bel ons: 043 32 33 511, ga naar www.klement-rentmeesters.nl of scan de qr-code.

Vestiging Vught

Landgoed Muyserick Maurick 1, 5261 NA Vught

Vestiging Gulpen

Rijksweg 4, 6271 AE Gulpen

Makelaardij

Restauratie & herbestemming

Onderhoud & beheer

Subsidies

Verduurzaming Grondzaken

COLOFON

FRITS MAGAZINE

LEZERSSERVICE

FRITS is een vlot geschreven, hoogwaardig, (regio-) breed journalistiek en onafhankelijk magazine. De toon is positief-kritisch, en daardoor sterk opiniërend. FRITS besteedt aandacht aan de (Brainport)regio Eindhoven, de inwoners en hun verhalen. FRITS is verschijnt vijf maal per jaar en heeft abonnees in Zuidoost-Brabant

U kunt al een jaar kennismaken met FRITS voor € 34,95. Het jaarabonnement is daarna € 44,95. Voor abonnementen in het buitenland geldt een speciaal tarief. FRITS is los te koop bij erkende boekhandels, kiosken en in supermarkten en kost dan € 9,99.

Wilt u graag een abonnement?

Bel met Abonnementenland: 025 - 125 79 24. U kunt het formulier invullen op onze site www.frits.nl of een mailtje sturen naar: abonnementen@frits.nl

Adres

Ons bezoek- en postadres is Paradijslaan 7A, 5611 KM in Eindhoven. Het telefoonnummer is 040 - 304 60 00.

Tips voor de redactie

Als u ons een mailtje wilt sturen met tips, opmerkingen of persberichten kunt u dit doen naar redactie@frits.nl

LEESMAGAZINE OVER EINDHOVEN EN OMGEVING

UITGEVER / HOOFDREDACTIE

Hans Matheeuwsen 06 - 317 916 54 / h.matheeuwsen@frits.nl

TRAFFIC / COÖRDINATIE SPECIALS

Sam Waeghe 06-230 707 14 / s.waeghe@frits.nl

VORMGEVING FRITS & SPECIALS

Leon Torremans 040 - 304 60 00 / l.torremans@frits.nl

SALES / MEDIA ADVIES

Nico van der Meer 06 - 818 136 72 Marianne Brugmans 06 - 534 576 26 materiaal@frits.nl

AAN DIT NUMMER WERKTEN MEE

Harold van Asperdt; Bart Assies; Nova Borgers; Koen Chatrou; Bregje van Dommelen; André Driessen; Stijn Engelen; Ronald Frencken; Lisette Gerbrands; Lars van der Hoorn; Daan de Kort; Frank van der Linden; Marjolein van Mierlo; Hanneke van den Nieuwenhof; Mariska Pinxt-van Iersel; Martin van Rooij; Najat Toub; Bert-Jan Woertman

FOTOGRAFIE

Veerle Bazelmans; Christ Clijsen; René Manders/DCI Media; Alexia van der Meijden; Patrick Meis; Leon van Loon; Eddie Mol; Mirella Sleenhoff; Jarno Verhoef

COVERFOTO

Cilla Verwimp & Bo Janssen, door Eddie Mol

ABONNEEHANDLING / DISTRIBUTIE

Abonnementenland

DRUK

PreVision Eindhoven

ISSN 1877-895X

COPYRIGHT

Het overnemen van artikelen als bedoeld in artikel 15 van de Auteurswet is niet toegestaan

VERSCHIJNINGSDATA 2026 24 juli, 9 oktober en 11 december

FRITS Trends & Tips

Ver fijnd Italiaans

Pastrami.nl is een exclusieve webshop en boutique winkel in Eindhoven, gespecialiseerd in verfijnde vleesproducten van topniveau. Het assortiment omvat premium gedroogd vlees zoals cecina, wagyu en bresaola, naast authentieke (New York style) pastrami. Alle producten zijn van rund en lam. Daarnaast worden luxe borrelplanken op maat samengesteld voor zowel particuliere als zakelijke gelegenheden, waarbij kwaliteit, ambacht, smaak en een verfijnde culinaire beleving centraal staan. www.pastrami.nl

Meer dan mode

Lab10 is sinds enkele weken geopend in de Heuvel in Eindhoven. Dé nieuwe spot waar je niet alleen terecht kunt voor kleding, sneakers en je barber, maar ook voor unieke accessoires. Denk aan exclusieve design basketballs van Comrade Berlin, een echte eyecatcher voor op straat én in je interieur. Ontdek het zelf bij Lab10streetwear.

www.lab10streetwear.nl

Proef, kies, geniet

Op zoek naar de perfecte fles voor een speciale avond of een uniek cadeau? Stap binnen bij BRANDEWIJN! Ontdek ons met zorg samengestelde assortiment: van exclusieve whisky’s en ambachtelijke speciaalbieren tot verrassende wijnen voor elk budget. Laat je adviseren door onze gepassioneerde experts en proef het verschil. Kwaliteit en persoonlijke service staan bij ons voorop. Kom snel langs en proef de sfeer.

www.slijterijbrandewijn.nl

De beste kaas & delicatessen

Midden op Strijp-S zitten wij sinds januari: KOST Kaas & Delicatessen. Voor ons nog steeds uitbreidende assortiment werken we samen met lokale ambachtelijke producenten, ondernemers én jullie! Van prijswinnende Goudse tot Triple Crème uit de Champagnestreek, van traiteursoepen tot boter van Bordier: bij ons ben je aan het juiste adres. Op bestelling stellen we ook graag pakketten voor je samen. Mail ons op: hallo@kosteindhoven.nl.

Asperges diner

Van 27 mei t/m 10 juni vindt de tiende editie plaats van Asperges op de Velden. Een stijlvol pop-up restaurant midden in de velden van Aspergekwekerij Vermeer in Leende, dat dagelijks geopend is voor lunch & diner. Topchefs uit de omgeving bereiden bijzondere gerechten met de vers gestoken asperges van het land. Het event is geschikt voor een romantisch etentje voor twee maar ook voor grotere (zakelijke) gezelschappen. www.aspergesopdevelden.nl

Hart van Goud

Sinds januari is GOUD gevestigd op een nieuwe locatie, midden in het centrum van Nuenen aan de Vincent van Goghstraat 1. Bij GOUD combineren we ambacht en innovatie in de collecties van goud . De sieraden met edelstenen en diamanten vinden hun weg naar een trouwe klantenkring in Nuenen en omgeving. Ook zakelijke klanten weten GOUD te vinden voor jubileumsieraden en stijlvolle gouden geschenken voor medewerkers en relaties. www.goudsieraden.nl

FRITS Trends & Tips

Het verrassende verhaal van het ‘pientere pookje’

De Continu Variabele Transmissie (CVT) is een van de meest ingenieuze Nederlandse uitvindingen van de twintigste eeuw.

Wat begon als een eenvoudige schets van DAF-oprichter Hub van Doorne, groeide uit tot de legendarische Variomatic, bijgenaamd ‘het pientere pookje’: een traploze, automatische versnellingsbak met rubberen riemen. 'Uitgeschakeld!’ is een boeiend relaas over vindingrijkheid, verdeeldheid en volharding. Bert Tip is auteur van historische boeken over Philips en DAF.

Superbrabants

€39,90

De Eindhovense taalwetenschapper Kristel Doreleijers dook in de wereld van het Brabantse dialect, dat ook onder jongeren nog altijd springlevend is. Haar boek 'Superbrabants' is het resultaat van dit onderzoek. Aan de hand van actuele en soms grappige taalobservaties laat ze zien hoe belangrijk taal is voor het vormen en uiten van je identiteit. Want in de kleinste woordjes en de meest obscure memes is een hoop betekenis te ontdekken.

€ 21,99

Passie voor schrijven

‘Verloren in het heden’ gaat over twee personages die elk op hun eigen manier worstelen met het leven, totdat hun paden elkaar kruisen. De Eindhovense P.L. Chao droomde er altijd van om schrijfster te worden. Na jaren bij een grote Nederlandse multinational te hebben gewerkt, kreeg ze de kans om haar passie voor het schrijven werkelijkheid te laten worden. ‘Verloren in het heden’ is haar eerste roman. Ze streeft ernaar mooie verhalen te schrijven met complexe karakters, die lezers ook emotioneel raken.

€ 23,50

Van

DAF en Volvo tot VDL Nedcar

In dit rijk geïllustreerde boek neemt Bert Tip de lezer mee in de fascinerende en bewogen geschiedenis van de autofabriek in het Limburgse Born. Dit is het verhaal van trotse autobouwers die zes decennia lang een heroïsch gevecht voerden om zich overeind te houden in de grillige automarkt. Gebaseerd op interviews met direct betrokkenen schetst de auteur een realistisch beeld van een high tech maakbedrijf met een product dat tot ieders verbeelding sprak.

€ 49,95

De Volvo 300-serie: de DAF die een

Volvo was

Op 19 februari 1976 introduceert Volvo de 300-serie. Het is de eerste Volvo die volledig in Nederland is ontwikkeld en gebouwd. 'De DAF die een Volvo was' gaat over de laatste DAF, die op de markt kwam als Volvo. Het is een verhaal van hoge pieken en diepe dalen, dat onlosmakelijk is verbonden met het einde van DAF als personenwagenfabrikant en de start van het bedrijf dat later NedCar zou worden. Het boek verschijnt medio mei.

Bestellen kan via: www.berttip.nl

Vintasje inmiddels grote speler op de vintage markt

Bo en Cilla maken tassendromen waar

Vriendschap, enthousiasme en liefde voor mooie tassen. Dat, en een goed gevoel voor wat de trends zijn én wat werkt op social media, is genoeg om een succesvolle onderneming te starten. Dat bewijzen Bo Janssen en Cilla Verwimp van Vintasje elke dag. Ze versturen hun vintage designertassen van merken als Dior, Chanel en Louis Vuitton naar gelukkige klanten over de hele wereld. „ Het zou geweldig zijn als we met ons verhaal anderen kunnen inspireren.”

TEKST: BREGJE VAN DOMMELEN | FOTO'S: EDDIE MOL

In hun bescheiden Eindhovense kantoor knijpen ze elkaar af en toe nog even in de arm. Inmiddels willen ze graag anderen inspireren met hun verhaal. Bo legt uit waarom. „Veel mensen, en zeker veel vrouwen, denken dat ze niet geschikt zijn als ondernemer. Ze houden niet van cijfers, schrikken terug van businessplannen. Maar laat je niet ontmoedigen als je een droom hebt! Wij laten zien dat je met hard werken, betrokkenheid en liefde voor je product en je klanten heel ver kunt komen.”

Hun verhaal begon zeven jaar geleden. „We wilden graag onze eerste duurdere designertas kopen,

een Louis Vuitton, maar die konden we niet betalen. Het was nooit ons idee om van vintage tassen ons beroep te maken”, vertelt Cilla. De dames, die toen net afgestudeerd waren in International Event Music and Entertainent Studies bij Fontys, gingen op zoek naar een betaalbaarder alternatief. „Dan kom je al snel uit op tweedehands. Maar in die tijd, dat zal zo rond 2019 geweest zijn, waren er in Nederland nog weinig websites zoals Vintasje. Dus zijn we in het buitenland naar een betrouwbare webshop gaan zoeken”, vertelt Bo.

Bijna gratis

Hun zoektocht had succes: Cilla kon pronken met een Louis Vuitton Petit Bucket, Bo veroverde een Vuitton Jeune Fille. Die eerste tas smaakte naar meer. Cilla herinnert het zich nog goed. „Op een gegeven moment wil je eens wat anders. Toen ontdekten we hoe makkelijk

CILLA VERWIMP (L) & BO JANSSEN
‘We willen mensen echt blij maken met hun aankoop, dat is ons geheim’

je zo’n tas weer kunt verkopen! En voor hetzelfde geld als je er zelf aan hebt uitgegeven of zelfs iets meer. Voor ons gevoel konden we zo bijna gratis de ene tas voor de andere inruilen. Een beetje zoals dat spelletje waarbij je begint met een paperclip en die steeds inruilt voor iets groters. En als we dat voor onszelf konden doen, waarom dan ook niet voor een ander? Dat was het prille begin van onze onderneming.”

Sindsdien is er veel gebeurd maar hun basis is altijd dezelfde gebleven: vanaf de eerste dag bij Fontys waren ze beste vriendinnen. Bo vertelt: „We hadden meteen een klik. We zijn allebei echt van die meiden-meiden. Lekker samen winkelen en onze hele stufi opmaken aan kleding en tassen, zo begon het. Die vriendschap is echt, en zo gaan we ook met onze klanten om. Als ik ’s avonds op de bank nog vragen zit te beantwoorden, voelt dat alsof ik zit te appen met vriendinnen. We willen mensen echt blij maken met hun aankoop, dat is ons geheim.”

Stroomversnelling

Na hun studie hadden Bo en Cilla allebei een ‘gewone’ baan. Ze verkochten af en toe een tas op United Wardrobe, de voorloper van Vinted. Bo: „We hadden toen nog geen website, alles ging via Instagram. Daar zetten we foto’s op die we zelf op straat gingen maken. En als we een tas verkocht hadden, stuurden we de klant een Tikkie. Dat was echt nog een bijbaantje.”

De omslag kwam toen Cilla te horen kreeg dat haar functie zou verdwijnen. „Daarom kreeg ik veel ruimte voor eigen projecten.

Die energie die ik in ons bedrijf kon steken, zorgde echt voor een stroomversnelling. Ik ging zoeken naar tassen die ik dan weer kon doorverkopen.” Langzamerhand was de handel geen side hustle meer. Cilla en Bo investeerden wat spaargeld zodat ze hun collectie konden uitbreiden, durfden voor de eerste keer een Chanel-tas in hun online etalage te zetten, kregen steeds meer volgers. Vintasje was een feit. Cilla: „Ik besloot: ik ga geen andere baan zoeken. We rekenden uit hoeveel we moesten verkopen om mij een salaris uit te kunnen betalen en daarna hoeveel er nodig was zodat Bo ook haar baan kon opzeggen.” Binnen de kortste keren waren ze allebei fulltime aan de bak in hun eigen bedrijf. „Mijn ouders begrepen er niks van. Een goede vaste baan opzeggen om tasjes te gaan verkopen? Maar ik zei: 'Maak je niet druk, dit komt goed'”, zegt Bo.

Snel maar organisch

Zo groeide Vintasje snel maar organisch. Het bedrijf werd een grote speler in de vintage tassenmarkt. „En de grap is: we hebben nooit een businessplan gemaakt. We zijn gewoon begonnen en als bleek dat iets nodig was, dan regelden we dat. Strategiemeetings? Elke maandag een stand-up? Daar doen we niet aan. Cijfers waren nooit onze sterkste kant, dus dat besteden we uit. Aan het begin van het jaar houden we een meeting en maken daar meteen een leuk meidenuitje van, bijvoorbeeld in een hotel met wellness. Zo combineren we plannen maken met iets waar we allebei heel blij van worden. Dat geeft extra energie.” Bo vult aan: „We hebben zelf onze website gebouwd, schrijven daar alle teksten zelf voor en beantwoorden vragen van klanten. Dat gaat heel erg op gevoel en dat werkt perfect. Contentplanning? Doen we niet aan. We zeggen tegen elkaar: zullen we dit weekend een sale doen? Oké, is goed!”

Leuke influencers

Ze gaan samenwerkingen aan met influencers die ze zelf leuk vinden. „We kennen onze klanten heel goed omdat ze op ons lijken. Dus als iemand ons aanspreekt, weten we dat die persoon het goed doet bij onze volgers.” Social media zijn ontzettend belangrijk. „Als Monica Geuze bijvoorbeeld een foto post met een Louis Vuitton Speedy dan weten we dat er vraag komt naar die tas. Dan zetten we meteen een paar Speedy’s in onze etalage. Juist omdat we weinig vastleggen, kunnen we altijd snel reageren.”

LOCATIE MET DANK AAN: VINTAGE DESIGN & CO
‘Voor ons zijn onze eigen tassen ook gewoon gebruiksvoorwerpen. Die staan echt niet op een kussentje in de kast’

Monica Geuze was hun eerste grote samenwerking. „Dat was toen zo spannend maar een groot succes. Nu richten we ons meer op kleinere influencers. Dat werkt voor nu heel goed!’

Ze worden nog altijd blij van het contact met hun klanten. „Onze missie is designer items bereikbaar maken voor iedereen. De grootste doelgroep zijn de meiden die voor een eerst een designertas willen kopen. Dat voelt voor ons echt alsof we een droom waarmaken, alsof we een beetje hun fairy godmother zijn! En als je een specifieke tas ziet dan gaan we voor je op jacht. We rusten niet voordat jij je droomtas hebt!”

Beloftes waarmaken

Cilla en Bo bieden kwaliteit en betrouwbaarheid.

Cilla: „Als je per ongeluk een neptas verkoopt, is het snel afgelopen met je bedrijf.” Ze hebben boeken over de merken die ze verkopen en gebruiken een speciaal apparaatje om tassen te scannen. „Maar ervaring is het belangrijkste. We hebben zoveel tassen in onze handen gehad. Je voelt het, ziet het aan de afwerking, de ritsen, de stiksels, de materialen. We zijn daar heel kien op, we maken onze beloftes waar. Daar kunnen klanten op vertrouwen.”

Een designertas is een goede investering. Dat geldt helemaal voor het topsegment, zoals de Chanel Double Flap Bag. Bo: „Die tas is de afgelopen jaren bizar in prijs gestegen. Een vintage variant is nog met 24-karaats gouden hardware afgewerkt en dus een perfecte investering.” Maar ook de bereikbaardere Louis Vuitton-tassen worden alleen maar meer waard. Bo legt uit: „Toen we begonnen verkochten we de Speedy voor vierhonderd euro, daar kunnen we hem nu niet eens meer voor inkopen. Deze tas kost nu al gauw zeshonderd euro.

Je spaargeld groeit echt een stuk minder snel.” Toch kopen de meeste klanten hun tas niet als investering. Cilla begrijpt dat helemaal. „Je wil er gewoon lekker mee flaneren, toch? Voor ons zijn onze eigen tassen ook gewoon gebruiksvoorwerpen. Die staan echt niet op een kussentje in de kast.”

Designerwalhalla

Hun collectie komt allang niet meer alleen van particulieren die hun oude tas zat zijn. Ze hebben een stuk of vijf vaste leveranciers. Bo: „Een van onze leveranciers zit in Japan, daar zijn we pas samen geweest. Dat was echt een droom die uitkwam. Japan is echt een designerwalhalla, iedereen loopt op straat met zo’n tas. Daarom hebben zij ook zoveel kwalitatief goed aanbod.”

Achterover leunen is er voorlopig niet bij, benadrukt het tweetal. „We gaan ons meer op het buitenland richten, bijvoorbeeld door samenwerking met Duitse influencers. Daarnaast willen meer ons gezicht aan de buitenwereld tonen, bijvoorbeeld door presentaties te geven. Het zou geweldig zijn als andere vrouwen door ons voorbeeld ook de stap durven zetten om een eigen bedrijf te beginnen.”

Uw gebouw in goede handen

Ruim 125 jaar zorgen we ervoor dat uw gebouw of woning zijn waarde behoudt én versterkt. Met ons totaalpakket aan diensten zijn wij de partner voor zakelijke als ook particuliere opdrachtgevers.

Of het nu gaat om onderhoud, renovatie of verduurzaming. Met oog voor detail, duurzaamheid en zo min mogelijk overlast.

Uw gebouw, onze zorg

Verbouwingen

Schilderwerk

Gevelrenovatie

Betonrenovatie

Dagelijks onderhoud

Beglazing

Houtrotsanering

Energetische maatregelen

Benieuwd wat wij voor u kunnen betekenen? Neem gerust contact met ons op.

Eindhoven Airport, innovatieve luchthaven?

De provincie kondigde onlangs een onderzoek aan naar de toekomst van Eindhoven Airport. Op zichzelf verstandig, beleid maak je op basis van feiten. Maar wat ik me afvraag, waar wil de provincie landen?

Voor een regio die zo hard groeit als de onze, kun je wat mij betreft alleen maar spreken over uitbreiding van de luchthaven, niet over krimp. Of erger, over sluiting van de commerciële luchtvaart.

De Brainportregio is uitgegroeid tot één van de belangrijkste regio’s van Europa. Bedrijven als ASML trekken internationaal talent aan, de industrie innoveert op wereldniveau, de concurrentie met andere technologische hotspots is stevig en PSV wordt ieder jaar landskampioen. In zo’n context is bereikbaarheid een basisvoorwaarde. Een regio die internationaal meespeelt, moet ook internationaal verbonden zijn.

Natuurlijk zijn er zorgen over geluidsoverlast en de impact op het milieu. Dat moeten we ook serieus nemen. Maar ze kunnen geen reden zijn om de ontwikkeling stil te zetten. Wie dat doet, verplaatst het probleem.

Want, laten we eerlijk zijn. Stel, Eindhoven Airport sluit, vluchten verdwijnen niet. Reizigers wijken uit naar luchthavens in Düsseldorf, Brussel of Schiphol. Dat betekent extra autokilometers, meer uitstoot en minder grip op hoe die luchtvaart zich ontwikkelt. De echte opgave zit niet in minder luchtvaart, maar in slimmere luchtvaart. Door ruimte te bieden aan luchthavens ontstaat concurrentie en daarmee druk om te verduurzamen. Luchtvaartmaatschappijen investeren in stillere toestellen en schonere technologie. Groei en verduurzaming bijten elkaar dus niet, maar versterken elkaar.

Daarnaast moeten we het economisch belang niet onderschatten. Duizenden banen zijn direct en indirect verbonden aan de luchthaven. Van logistiek en techniek tot horeca en zakelijke dienstverlening. Maar misschien nog wel belangrijker, de luchthaven versterkt het vestigingsklimaat. Internationale kenniswerkers en bedrijven kijken nadrukkelijk naar bereikbaarheid. Wie talent wil aantrekken en behouden, moet zorgen dat mensen eenvoudig kunnen reizen. Voor werk én privé.

Het idee dat een regionale luchthaven vooral vakantievluchten faciliteert en daarmee weinig toevoegt, is veel te kort door de bocht. Juist die verbindingen maken de regio aantrekkelijk voor internationaal talent. Een nerd van ASML kiest tussen Eindhoven of Silicon Valley en kijkt niet alleen naar zijn baan, maar ook naar leefomgeving en bereikbaarheid. Dat weegt mee, en terecht.

Ik geloof in de verdere groei van de Brainport en de daarbij passende infrastructuur. Dus geen sluiting, geen ‘beperkte krimp’, maar inzetten op groei. Groei van de mooiste regio van Nederland.

We zijn bovendien de meest innovatieve regio, laten we dan ook voor de meest innovatieve luchthaven gaan.

Daan de Kort

Tweede Kamerlid voor de VVD

Brainport heeft vrouwelijk leiderschap keihard nodig

Wie vindt dat? Nou, wij, met onze gezamenlijke 200+ jaar levenslessen en ervaring in topfuncties die we graag delen.

En wie zijn wij dat wij dat (mogen) vinden? Wij hebben ons altijd staande gehouden en ons mannetje gestaan in mannenwereldjes. Wij zijn niet van het mannen bashen , de slachtofferrollen of de barricades, maar wel onafhankelijke, authentieke en verbindende bruggenbouwers met open vizier die zich hogelijk verwonderen over de sluimerende terugval naar manosphere en trad wives. We grappen onderling maar dat blijft binnenskamers (in de ‘herenkamer’ waar we wel eens lunchen, dat dan weer wel). Wat we wel uitdragen is de kritische noot die we graag en noodzakelijk kraken bij het oog voor balans in de onstuimige groei van Brainport en de rol van vrouwelijk leiderschap in juist ook dat verband. Want worden ‘zachte’ waarden - niet per se vrouwelijk maar wel makkelijker door vrouwen ingebracht – wel voldoende op waarde geschat en krijgen die de ruimte in het technologische geweld en tussen de pakken met of zonder stropdas van een zekere leeftijd die de bestuurlijke Brainportfoto nog steeds domineren? We willen

toch geen Silicon Valley aan de Dommel worden, een eenzijdige economie / maatschappij met de focus op geld en technologie? Een maatschappij in disbalans waarin een ‘ Brainport voor Elkaar’ een pleister op de wonde is? Torenhoge ambities kun je niet realiseren of zelfs maar benaderen zonder aandacht te hebben voor het gehele waardenspectrum. En neen, dat is geen weerstand tegen exponentiële groei. Integendeel; dát is de weg naar duurzame, bestendige groei die we de regio zo gunnen.

Gevijven hebben wij het afgelopen jaar ruim veertig (aanstaande) topvrouwen begeleid. In onze intervisies horen en zien we waarop vrouwelijk talent afknapt. Natuurlijk, er valt heus wel tegenop te polderen maar dat moet véél meer zijn dan plichtmatig vrouwelijk water bij de wijn doen. Onze gedrevenheid kunnen we niet opleggen maar wel als voorbeeld geven.

Diversiteit, inclusiviteit en balans tussen álle waarden zijn essentieel in teams voor optimale

samenwerking en dus topprestaties en groei en winst en brede welvaart. Klinkt keilogisch maar is nog lang niet terug te zien in de praktijk; dát is onze drijfveer. De logica is geen vanzelfsprekendheid en moet helaas nog stééds uitdrukkelijk ter sprake worden gebracht. Die mindset moet nog veel automatischer worden bij mannen en vrouwen. Zodat alle potentie wordt benut.

Dat is niks nieuws. Al decennia geleden vonden wij het vanzelfsprekend om met ambitie aan de slag te gaan en veronderstelden we dat dit het nieuwe normaal zou worden. Cijfers liegen niet.

Ja, er is verbetering tot stand gekomen maar niet in de mate die we wilden en willen. Aan wie ligt dat? Sinds de Wet ingroeiquotum en streefcijfers (2022), voor een evenwichtigere man-vrouwverhouding in de top van grote bedrijven, zien we wat verbetering. Beursgenoteerde bedrijven moeten ten minste één-derde vrouwen in hun raad van commissarissen hebben. En zo’n vjfduizend grote vennootschappen rapporteren streefcijfers en

een plan van aanpak aan de SER. Tegelijk krijgen we de kriebels van een diversiteitsbenoeming omdat de percentages gehaald moeten worden. Of iemand geschikt is, dient leidend te zijn maar we geven ook toe dat die geschiktheid vanuit een eigen optiek, waarden en normen wordt beoordeeld. De mens is nu eenmaal geneigd bij het vertrouwde, het hier en nu te blijven en neemt liever geen risico. Je vervalt dan in ‘zo doen we het al jaren...’.

We constateren unaniem en volmondig dat het old boys network nog steeds werkt, dat het old girls network nog pril is en netwerken zijn key. Er wordt veel in dezelfde vijver gevist. Dat is een teleurstellende constatering die we tientallen jaren geleden naïef niet bevroed hadden. Het patroon verdwijnt niet vanzelf. Maar we hebben wel geleerd dat je aan de grenzen peutert door je comfortabel te voelen aan de top, in de raden van bestuur en toezicht. Want dat is de plek om verandering in te zetten. Het is menselijk om te zoeken naar gelijkgestemde mensen bij wie je je senang voelt. Terwijl je juist groeit en bloeit door je te omringen met mensen met andere meningen, ervaringen, achtergronden, kwaliteiten en oriëntaties. Dat heeft steun nodig, desnoods geforceerd. Vermelding van v/m/x in je vacatures is niet genoeg. Zet influencers en contentmakers aan. En kom bij ons op de lijn zodat wij onze goedgevulde rolodexen kunnen raadplegen voor geschikte kandidaten.

In de toezichthoudende, management- en bestuursposities in de economische motor van Nederland zien we nog steeds het merendeel mannen. Dat beeld wil wel kantelen als we naar sociaalmaatschappelijke organisaties kijken maar ook dat is weer stereotypisch. De ambitie in Brainport moet zijn; ‘we zijn zo vooruitstrevend en leidend, dan ook graag in het gehalte topvrouwen in alle beroepsvelden’. Er is meer dan genoeg vrouwelijk talent dat ook keihard nodig is om de boel in balans te krijgen en houden en dat de kans moet krijgen.

Voor het voetlicht komen veelal de usual suspects ; vier van ons waren FRITS Topvrouw van het jaar. Maar er zijn zo veel meer getalenteerde vrouwen met impact en potentie die ergens voor staan. Zet de schijnwerper op hen. Zij kunnen anderen inspireren.

Dat gebeurt helemaal wanneer de drempel van het bescheiden zelfbeeld van vrouwen wordt geslecht. Zij zijn vooral ook zelf aan zet. Zet maar een stap naar voren als vrouw met wat je wilt en kunt. Durf! Jouw inbreng is jouw persoonlijkheid die het team, de organisatie of het bedrijf complementeert, ook al kan ‘jezelf blijven’ spanning opleveren. Die spanningen zijn de lessen die het leven je leert. ‘That’s life’ zorgt voor balans en dat je voor jezelf zorgt. Dat geldt voor vrouwen én mannen.

Alles (willen) blijven doen heeft consequenties. Het gaat ook om keuzes maken. De parttime cultuur in Nederland ten spijt is het de vraag of je met werken in deeltijd voor vol wordt aangezien? Presteren aan de top laat zich niet in een (uren)format persen. Het is geen nine to five maar een way of life, waarbij kunnen afschakelen en in balans blijven een must zijn. En hoe je dat doet? Dat bepaal je in hoge mate zelf.

Tot slot nog een advies vanuit onze 200+ jaar ervaring: heb vooral plezier in carrière maken en ga ervoor. Ja, je balanceert privé, werk en een sociaal leven maar met jouw volle inzet kun je groeien naar jouw gewenste positie waarin je besluiten kunt nemen en invloed kunt hebben en resultaten kunt bereiken. Je krijgt er vooral ook energie van. Sta zelfverzekerd open voor kansen, neem tijd om te reflecteren en na te denken en laat je motiveren door gedrevenheid vanuit je sprankelende zelf. Dat kun je niet leren uit een (management)boek en het komt niet aanwaaien maar je kunt het je wel intrinsiek eigen maken. Kijk maar naar ons, zeggen wij onbescheiden, prikkelend én met een uitgestoken hand naar vrouwen en mannen en x-en!

Brainport Women on Board

Elly Blanksma

Ingrid de Boer

Wobine Buijs-Glaudemans Elies Lemkes-Straver Elphi Nelissen

roos Fleuren roept bedrijFsleven op zich in te zetten voor maatschappelijke organisaties

‘Verbinding is de zuurstof van onze samenleving’

Wat drijft de HR-directeur van een grote organisatie om zich naast haar drukke werkzaamheden onbezoldigd in te zetten voor een maatschappelijke stichting? Voor Roos Fleuren – directeur HR bij DELA en bestuurslid van Stichting Samen voor onze Regio – ligt het antwoord voor de hand: verbinding. In haar werk én daarbuiten gelooft ze in de kracht van mensen samenbrengen. „Verbinding is voor mij de zuurstof van de samenleving", stelt ze vast. „ Die overtuiging loopt als een rode draad door alles wat ik doe."

TEKST: BREGJE VAN DOMMELEN | FOTO: RENÉ MANDERS/DCI MEDIA

Roos Fleuren (58) is een ervaren HR-directeur bij DELA, waar ze al 25 jaar in verschillende rollen werkzaam is. Ze is getrouwd, moeder van twee volwassen zoons en ze woont net buiten de Brainportregio. „Van nature ben ik nieuwsgierig van aard en heb ik een sterke drang om mezelf te blijven ontwikkelen", typeert ze zichzelf. „DELA heeft me altijd volop kansen gegeven om op persoonlijk en zakelijk vlak te groeien."

Richting, ruimte en ruggensteun

Naast haar werk bij DELA is Roos bestuurslid bij Stichting Samen voor onze Regio. De vraag rijst hoe ze tijd vrijmaakt voor zo’n dubbelrol? „ Als iets goed voelt en energie geeft, dan past het altijd in je agenda", zegt ze lachend. „ Als bestuur staan we voor ondersteuning op drie essentiële vlakken: richting, ruimte en ruggensteun. We geven kaders en richting, laten professionals hun werk doen en staan achter hen als het nodig is. Met die combinatie maken we het verschil, zonder op de voorgrond te treden."

Samen denken én doen

Het is geen toeval dat Roos uitgerekend voor Stichting

Samen voor onze Regio heeft gekozen. De combinatie van denken én doen spreekt haar vanaf het allereerste moment aan. „De stichting verbindt het bedrijfsleven met maatschappelijke organisaties via vrijwilligerswerk", legt ze uit. „Medewerkers uit het bedrijfsleven zet-

ten zich in voor sociale initiatieven. In deze samenwerking ontstaat wederzijds begrip. Voor mij raakt dat aan een diepgewortelde overtuiging: samen spelen, samen leren, samen werken." Roos illustreert dit gevoel met een jeugdherinnering aan een vriendinnetje van wie ze pas later ontdekte dat ze doof was. „ Als kind maakt dat niet uit. Je speelt gewoon samen. Die onbevangenheid zouden we ook als volwassen mensen moeten vasthouden."

Roos voelt de verantwoordelijkheid die ze als bestuurslid heeft. „ Als je de mogelijkheid hebt om iets bij te dragen aan de samenleving dan moet je dat doen", vervolgt ze haar verhaal. „Voor mij geldt nadrukkelijk: noblesse oblige. Het is een intrinsieke motivatie om de samenwerking en verbinding op te zoeken. De stichting biedt nieuwe inzichten en waardevolle contacten. We leren van elkaar en we kijken vanuit een breder perspectief naar de samenleving. Dat voelt goed."

Oproep

Roos is er een warme pleitbezorger van dat meer professionals hun kennis en ervaring inzetten voor maatschappelijke organisaties. „Maatschappelijke organisaties hebben behoefte aan betrokken bestuurders met de juiste mindset", roept ze collega’s op haar voorbeeld te volgen. „Durf te luisteren met de intentie om te begrijpen. Stuur niet om te sturen maar draag bij waar het nodig is. Je moet het doen met je hoofd én je hart. Als je dat voelt, moet je ervoor gaan. Een bijdrage leveren aan een betere maatschappij is fantastisch."

BESTUUR STICHTING "SAMEN VOOR ONZE REGIO"

HANS-MARTIN DON

Voorzitter

GERARD DINNESSEN Penningmeester

Algemeen directeur Caspar de Haan

INES LOPEZ ARTEAGA

Algemeen bestuurslid

Dean Bachelor College TU/e

MARJOLEIN DE HOOGE

Algemeen bestuurslid

Global Head Society & Community Engagement ASML

Roos Fleuren - Secretaris

Directeur HR Cooperatie DELA

van Vilsteren

Over leiderschap, kapitaal en het benutten van potentieel

Op een gemiddelde werkdag beweegt Carmen van Vilsteren zich moeiteloos tussen werelden die voor velen ver uit elkaar liggen: high tech innovatie, gezondheidszorg, investeringen en ondernemerschap. Ze opereert al meer dan vier decennia op het hoogste niveau in sectoren waar prestaties en resultaat leidend zijn. Steeds met één constante: het creëren van kansen waar anderen beperkingen zien.

TEKST: LISETTE GERBRANDS | FOTO'S: RENÉ MANDERS/DCI MEDIA

Wie met Carmen spreekt, merkt al snel dat haar loopbaan zich lastig laat vangen in een klassieke reeks stappen en titels. Het is eerder een opeenvolging van strategische keuzes, gedreven door nieuwsgierigheid en een scherp gevoel voor waar waarde ontstaat. Door het vermogen om kansen te herkennen nog vóór ze vanzelfsprekend worden.

Die manier van kijken ontstond al vroeg, tijdens haar studie in Delft. Daar ontwikkelde ze een fundamenteel inzicht dat haar carrière zou vormen: innovatie draait niet alleen om het bedenken van iets nieuws maar vooral om het daadwerkelijk realiseren ervan. „Van eerste vraag tot implementatie; juist in dat traject gaat nog veel potentieel verloren”, zegt ze.

Verschillende businesses

Na haar studie begon ze bij Philips, destijds nog een organisatie met een brede scope: van consumentenelektronica tot geavanceerde technologie. Als consultant in productontwikkeling kreeg ze inzicht in uiteenlopende disciplines tegelijk. Ze zag hoe ideeën ontstonden, hoe teams werkten en hoe beslissingen tot stand kwamen. Maar observeren was niet genoeg. „Na vijf jaar groeide de behoefte om dichter op de inhoud en uitvoering te zitten. Ik wilde zelf bouwen.”

Die stap bracht haar naar de medische technologie, waar de impact van inno -

Curriculum Vitae

Carmen van Vilsteren is een ervaren bestuurder, investeerder en innovator binnen de high tech- en gezondheidssector. Ze studeerde aan de Technische Universiteit Delft en startte haar carrière bij Philips, waar ze meer dan elf jaar werkte aan medische technologie met wereldwijde impact. Ze maakte de overstap naar de startupwereld en vervulde diverse directie- en bestuursrollen binnen life sciences en health. Carmen is actief als investeerder, met een duidelijke focus op bedrijven geleid door vrouwelijke ceo’s. Ze ontving de Fe+male Tech Heroes Award en zet zich actief in voor meer diversiteit, inclusie en gelijke toegang tot kapitaal binnen de technologiesector.

‘Slechts 0,7 procent van investeringsgeld gaat naar vrouwelijke ceo’s. Dat is bizar laag’

vatie direct zichtbaar is. „Binnen healthcare voelde ik meteen: dit doet ertoe. Hier gaat impact verder dan technologie. Het raakt levens.” Ze werkte aan cardiologische technologieën die vandaag de dag wereldwijd nog worden gebruikt. „Elke seconde wordt ergens iemand geholpen met systemen waar ik aan heb gewerkt. Dat blijft bijzonder.”

Verandering

Toch koos Carmen er juist op dat moment voor om een andere richting in te slaan. Ze verliet de corporate wereld en stapte over naar startups. „ Dat was destijds een onconventionele maar strategisch sterke keuze. Het bood iets nieuws: snelheid, eigenaarschap en directe impact.” Het markeert een terugkerend patroon in haar loopbaan: het opzoeken van omgevingen waar verandering plaatsvindt en waar beslissingen direct effect hebben. In plaats van langetermijnplanning stuurt ze op kansen met de meeste potentie. „Geen uitgestippeld traject, maar telkens opnieuw de vraag: wat daagt me uit, waar kan ik groeien?” Die houding bracht haar in uiteenlopende rollen, van productontwikkeling tot bestuurskamers, van industrie tot overheid.

Drive

Parallel aan die inhoudelijke ontwikkeling ontstond al vroeg een ander bewustzijn. „Op de middelbare school zat ik ineens nog maar met twee andere meisjes in de klas,” vertelt ze. „En in Delft was het aandeel vrouwen minder dan tien procent.” Wat begon als observatie, werd een terugkerend patroon. Ook in haar werk bleef de verhouding scheef. Ze gaf leiding aan teams die grotendeels uit mannen bestonden terwijl vrouwen vaker in ondersteunende rollen zaten. „En eerlijk is eerlijk: dat zie je vandaag de dag nog steeds in tech-organisaties.” Ze spreekt er nuchter over maar de ervaringen waren concreet. „Ik ben van alles tegengekomen. Van aangesproken worden met meisje in een zakelijke meeting tot meerdere keren tegen het glazen plafond aanlopen.” Momenten die haar niet hebben afgeremd, maar juist hebben gevormd. „In plaats van te blijven hangen in weerstand koos ik voor resultaat en vooruitgang.” Het bracht een scherp bewustzijn en een drive om het anders te doen, voor zichzelf en de generatie na haar.

Leiderschapsstijl

Die ontwikkeling zie je terug in haar leiderschap. Waar ze in het begin vooral inhoudelijk gedreven was,

met focus op product en technologie, verschoof haar rol later naar het verbinden van mensen en belangen. „In het begin stuur je op finance, software en kwaliteit. Later meer op mensen, dynamiek en perspectieven.” Dat vraagt een andere vorm van leiderschap, waarin niet alleen kennis telt maar ook luisteren, schakelen en ruimte geven. In dat kader benoemt ze ook verschillen in leiderschapsstijlen. „Er zijn verschillen, hoe graag we soms ook doen alsof dat niet zo is.” Ze onderscheidt een spectrum van relationeel tot transactioneel leiderschap. „Beide stijlen zijn waardevol. Maar ik voel me vaak meer thuis in omgevingen waar minder wordt afgerekend en meer wordt samengewerkt. Dat maakt het lichter en vaak effectiever.”

Quota

In de Brainportregio, waar technologie en innovatie samenkomen, ziet Carmen vooruitgang maar ook traagheid. „Gerichte interventies zoals quota blijken noodzakelijk om structurele ongelijkheden te doorbreken”, zegt ze, verwijzend naar het Nederlandse quotum voor vrouwen in raden van commissarissen van beursgenoteerde bedrijven. Zonder druk blijft verandering vaak uit, zeker in sterk gevestigde systemen. Ze benadrukt het belang van kritische massa. „Als je als enige vrouw in een board zit, verander je weinig. Je past je aan. Pas vanaf ongeveer dertig procent kun je echt invloed uitoefenen op de cultuur.” Daarom zijn interventies volgens haar geen einddoel maar een versneller van verandering. Dat principe geldt ook voor ondernemerschap. Hoewel het aantal vrouwelijke ondernemers groeit, blijft toegang tot kapitaal beperkt. „Slechts 0,7 procent van het investeringsgeld gaat naar startups met alleen maar vrouwelijke founders. Dat is bizar laag. Dertien procent gaat naar startups met mixed founder-teams en 86,4 procent van alle venture capital gaat naar startups met alleen maar mannelijke founders.” Als investeerder kiest ze er daarom bewust voor om bedrijven met vrouwelijke leiders te ondersteunen. Niet symbolisch maar strategisch. „De return on investment is aantoonbaar goed, zie ook diverse McKinsey-rapporten. Het is niet alleen maatschappelijk relevant maar ook een verstandig businessbesluit.”

Netwerken

Wat haar daarbij helpt, is een ander soort netwerk. „Ik geloof niet in oppervlakkige contacten of visitekaartjes maar in echte verbinding en wederzijdse

waarde. Netwerken draait voor mij niet om bereik maar om relaties waarin mensen elkaar verder helpen.” Ze richtte zelf meerdere netwerken op waarin die benadering centraal staat: kleine groepen waarin openheid en vertrouwen de basis vormen. „Je loopt als leider tegen zoveel dingen aan. En vaak heeft iemand anders dat al meegemaakt.” Die uitwisseling is essentieel voor groei én veerkracht.

Blijven bewegen

Carmen wil jonge vrouwen meegeven dat het uiteindelijk neer komt op iets dat zowel eenvoudig als fundamenteel is. „Zoek elkaar op. Bouw je eigen netwerk. Je hoeft het niet alleen te doen. En misschien nog belangrijker: neem je plek in. Het pad is soms zwaarder. Maar juist daardoor kun je ook meer impact maken.” Ze gelooft niet in het volledig uitstippelen van de toekomst. Wel in beweging blijven. „Je hoeft niet alles te weten. Als je maar blijft bewegen.”

Onbewuste bias

Wat het gesprek steeds weer terugbrengt op een bredere realiteit, dat ongelijkheid zich zelden in grote, zichtbare momenten manifesteert. „De echte uitdaging zit in de subtiliteit. Dat je op een podium staat en complimenten krijgt over je outfit, niet over je inhoud. Dat lijkt klein maar het zegt veel.” Het zijn juist die ogenschijnlijk kleine dingen die zich opsta-

pelen en invloed hebben op hoe iemand wordt gezien en hoe iemand zichzelf positioneert. Onbewuste bias, noemt ze het. En omdat het vaak onbewust is, is het moeilijker te doorbreken. „Toch moet je het blijven benoemen. Want als je het niet ziet, kun je het ook niet veranderen en blijven we een groot onbenut potentieel houden. Dat is in deze tijd van krapte op de arbeidsmarkt een serieuze gemiste kans waardoor bedrijven onder hun potentieel presenteren en met grote economische impact.”

Vooruitkijken

Ondanks die complexiteit blijft Carmen uitgesproken optimistisch. Niet vanuit naïviteit maar vanuit ervaring. „Ik zie dat er beweging is. En als je eenmaal ziet waar het schuurt, kun je ook iets doen.” Het winnen van de Fe+male Tech Heroes Award voelt voor haar dan ook niet als een afronding, maar als een nieuw begin. „Een award is geen beloning voor wat je hebt gedaan maar een aanmoediging voor wat nog komt.” Die blik vooruit is helder. Meer vrouwelijke ondernemers ondersteunen. Meer kapitaal richting vrouwelijke leiders. En vooral: meer bewustzijn creëren. „Dit is geen vrouwenprobleem. Dit is een economisch vraagstuk en gaat over het benutten van beschikbaar potentieel. Als we het goed doen, profiteer niet alleen ik als investeerder maar profiteert iedereen.”

MARC CRIJNS (L) EN NIELS BALKE

Culinaire vrienden dompelen zich met Marc Crijns onder in Miele Experience

‘Zijn jullie nou een kookclub of een eetclub?’

Ontdek de wereld van koken met Miele, dé plek voor culinaire inspiratie. Chef Marc Crijns van het gelijknamige restaurant in Bladel en de Eindhovense kookclub Société des Amis Culinaires namen op initiatief van FRITS de proef op de som. Officieel heette het een masterclass maar de get together in het Miele Experience Center op de Nieuwe Emmasingel in Eindhoven mondde uit in een gezellige fijnproeverij onder het genot van een frisse witte en soepele rode wijn, beide van het huis Quevedo in Portugal.

TEKST: HANS MATHEEUWSEN | FOTO'S: PATRICK MEIS

Miele is een oerdegelijk Duits merk dat in 125 jaar in Nederland een haast onverwoestbare reputatie heeft opgebouwd op het gebied van witgoed en keukenapparatuur. Niet voor niets is de slogan Immer besser. Het familiebedrijf is gesticht in 1899 door ingenieur en uitvinder Carl Miele en zakenman Reinhard Zinkann. De eerste fabriek stond in Herzebrock. Het Miele Experience Center - het enige in het zuiden van het land - bevindt zich op steenworp afstand van het historische Philips-fabriekje aan de Emmasingel waar twee broers, Gerard en Anton, de een uitvinder en de ander verkoper, vanaf 1891 de wereld veroverden met hun gloeilampen.

Tot zover de opvallende analogie. Daags na de kampioenshuldiging van PSV hadden vijftien leden van Société des Amis Culinaires genoeg energie over om zich de gastronomische verwennerij van Marc Crijns en keukenchef Niels Balke van res-

taurant Crijns en Miele-chef Aart Groeneveld te laten welgevallen. De laatste is gewend om de hoogwaardige keukenapparaten toegankelijk te maken voor thuis. Getuige de uiterst smaakvolle gerechten wisten de heren in de volledig voor live-cooking geoutilleerde keuken hun weg ruimschoots te vinden.

Mooie club mensen

Société des Amis Culinaires vindt zijn oorsprong in 2004 op Strijp-S. De kookclub staat al 22 jaar onder leiding van ontwikkelaar Toon de Koning. De circa 25 leden, vooral betrokken marktpartijen, komen vijf maal per jaar bijeen om gezamenlijk te koken, al is de animo sinds corona wat minder geworden. Niet uit noodzaak maar uit comfort. De leden zijn gewend geraakt om verwend te worden.

Al enige jaren vindt de kookclub onderdak bij de Kookacademie in Waalre, daarvoor bij Patrick Janssen op de Kleine Berg en Kookstudio Lisette in Waalre. De vrienden maken eenmaal per jaar een culinaire reis en organiseren jaarlijks een Ladiesnight. Goed geraden, verreweg de meeste leden zijn man. Allen roemen de goede sfeer en de gezelligheid, zonder een causaal verband. ‘Een mooie club mensen’, vinden ze zelf.

‘Veel apparaten gezien, veel naar koken gekeken, lekker geproefd onder zeer goede begeleiding’

Onder de goedkeurende blikken van de leden opende vice-voorzitter Bart Schellekens de culinaire avond op zijn eigen, flamboyante wijze. Waarna chef Marc Crijns de aanwezigen meenam in het menu. Restaurant Crijns is een begrip in de regio. Achter de gevel van de fraai gerestaureerde hoeve in de Kempen schuilt een keuken met ambitie. Marc en gastvrouw Imke werken hier met grote toewijding aan menu’s van drie tot zeven gangen. Klassieke Franse bereidingen krijgen evenveel aandacht als internationale accenten. Het restaurant heeft eervolle vermeldingen in de gastronomische gidsen van Gault-Millau en Michelin. Crijns is inmiddels ook bekend van the Brainport, de port die is geboren in de regio maar is gerijpt en gebotteld in Portugal.

Regionale producten

Tot zover de inleidende beschietingen. Terzake nu. Wat presenteerde Marc zijn gasten? De amuses bestonden uit pain puri met salade van krab en avocado mayonaise en zoet zure appel. Ook een brioche met oosterse steak tartare, shiitake, asperge en sesammayonaise werd geserveerd. In gerechten als deze komt precisie samen met verfijning: een benadering die perfect aansluit bij moderne kooktechnieken, waarbij de combi-stoomoven van Miele zorgt voor optimale garing en behoud van smaak en textuur.

Daarna serveerde de chef gravlaxs van Heilbot met romige asperges, Rijpelaal en beurre blanc van gerookte paling. Juist bij zulke delicate bereidingen bewijst stoomgaring zijn waarde: vis blijft sappig, structuren blijven intact en smaken komen puur tot hun recht. Dankzij technieken zoals de DualSteam-technologie, waarbij stoom via meerdere openingen gelijkmatig wordt verdeeld, kan een constante en nauwkeurige temperatuur worden gegarandeerd, wat resulteert in een perfect egaal gegaard gerecht. Vervolgens serveerde Marc buikspek van de smoker, met aubergine compote, zoete aardappelcreme, langoustine en kreeftenjus. De balans tussen langzaam garen, intensiveren van smaken en het combineren van verschillende texturen liet zien hoe veelzijdig hedendaagse keukenapparatuur kan zijn: van behoedzaam garen tot krachtig roosteren, zonder concessies te doen aan kwaliteit of voedingswaarde. Het hoofdgerecht bestond uit gebraden runderlende uit Nijnsel, met aubergine compote, knolselderij

creme, Bearnaise schuim en krokante aardappel. Hier kwam alles samen: techniek, product en timing…, elementen die met de juiste apparatuur tot in perfectie te sturen zijn. Het dessert betrof een mousse van kokos met melk chocolade, salade van mango, crème Suisse van mango en kokossorbet. een licht en verfijnd slot, waarbij ook hier precisie in bereiding essentieel was om smaken en structuren in balans te houden.

De gerechten bestonden uit de volgende regionale producten: asperges van Van Gerven uit Oirschot, Rijpelaal uit Helmond en rundvlees van Crole Natuurrund in Sint-Oedenrode. Voor de liefhebbers was er daarna nog een kaasplankje. Dat klinkt wat banaal want restaurant Crijns is vermaard om zijn Kaas Experience oftewel zijn unieke kaasbeleving die je meeneemt op een smaakvolle reis door de rijke wereld van een zorgvuldig samengestelde selectie van de beste Nederlandse kazen. De gerechten gingen vergezeld met een witte Quevedo Alegra Reserva 2024 en een rode Quevedo Alegra Reserva 2023.

Nieuw concept

De Société liet het zich allemaal goed smaken. Waarbij er geen enkele aanstalte werd gemaakt om zich te verdiepen in de professionele vaardigheden van Marc, laat staan om zijn logistieke processen in de uitgekiende Miele-keuken te doorgronden, waarachter toch zeker een plan zat. De leden vertrouwden volledig op zijn vakbekwaamheid, koesterden de mystiek van het echt kunnen koken en wilden voorkomen dat de uitstekende sfeer werd verpest door het stellen van voor de hand liggende vragen en het intrappen van gastronomische open deuren. De chef op zijn beurt had iets meer interactie verwacht. „Zijn jullie nu een kookclub of een eetclub”, probeerde hij nog maar de culinaire vrienden lieten zich niet uit de tent lokken. Vice-voorzitter Bart vond het initiatief van FRITS en Miele een succes dat zeker navolging verdiende, al was het maar binnen de kookclub. „Een nieuw concept en voor herhaling vatbaar. Toon, ik ben ervan overtuigd dat ook jij van deze uitstekende avond had genoten”, appte hij de verhinderde voorzitter de volgende dag binnen de groep. „Veel apparaten gezien, veel naar koken gekeken, lekker geproefd onder zeer goede begeleiding”, vond Evelyn van der Meeren, als enige vrouw aanwezig. To cook or not to cook bleef de vraag die de aanwezigen kwelde. Ze zaten nu wel in een goede flow met elkaar was de constatering.

Reggy Hoffmann-Fenten runt succesvolle

Spring- en Dressuurstal Hoffmann

‘Ik ben niet zo’n handelaar, meer nog een ruiter’

Spring- en Dressuurstal Hoffmann is een van de vijf ondernemingen binnen de Hoffmann Groep in Helmond. De paardenhouderij wordt geleid door Reggy Hoffmann-Fenten, dochter van groep-ceo Winny Hoffmann. Zelf is Reggy als ruiter overgestapt van de springerij naar de dressuur. Ze was succesvol maar haar hoofd wilde wat anders en haar lichaam kon niet meer, aldus de Stiphoutse, die naast de stal woont. Nu traint ze voor de ‘zware tour’ terwijl ze de stal runt en de zorg heeft voor haar gezin. En daarmee is al haar tijd gevuld.

TEKST: HANS MATHEEUWSEN | FOTO'S: DCI MEDIA

Eerlijk is eerlijk: haar broer Deany helpt in de stal. Winny staat haar met raad en daad bij. Hoewel ondernemer vindt Reggy met name de financiën een minder aantrekkelijk onderdeel van de bedrijfsvoering hoewel ze op dat vlak weldegelijk een echte Hoffmann blijkt. De voorbeelden die voorbij komen, zoals de verkoop van een 23-jaar oude paardenvrachtwagen met 190.000 km op de teller, zijn alleen maar toonbeelden van commerciële handigheid. Maar Reggy’s hart gaat uit naar de stal en de sport. En in die volgorde.

Paarden zijn haar passie. Tot twee jaar terug was ze internationaal actief als springruiter maar op het laatst kon ze ‘‘s avonds thuis nog geen kipfilet meer bakken’, zoals ze het uitdrukt. „Na een landing schoot het gelijk in mijn rug, dus ja, het ging gewoon niet meer. Ik heb twintig jaar heel Europa doorgereden met springpaarden. Ik was er wel een beetje klaar mee ook. Het was tijd voor een nieuwe uitdaging.”

Nu traint ze voor terugkeer aan de nationale top maar dan als dressuur-ruiter.

Vanwege haar ervaring in combinatie met een fijne trainer en de juist opgeleide paarden is dat een kwestie van tijd. „Het gaat heel snel maar de puntje moeten op de i.

Met ervaring kun je een heel eind komen, maar je moet er ook wel de aanleg voor hebben. Met Frank de Kok heb ik een ervaren paardenman als trainer die mij voorziet van de benodigde feedback en me achter mijn flikker aan zit. Dat heb ik nodig. Ik heb met Ilandra het paard om op niveau te komen en de overstap te maken van de lichte naar de zware tour. Dat wil ik met Dallas en Tatiana doen.”

Goede karakter

Moeder Winny hoort het allemaal met bewondering aan. Ze is fan van Reggy, ondersteunt haar waar ze kan, ging graag mee naar springwedstrijden maar op zich heeft ze niets met de paardensport. De spring- en dressuurstal is een succes. In die zin dat de stal helemaal is gevuld met paarden van springruiters uit de hele wereld, tot en met Japan en Brazilië aan toe. Dat zijn er vijfentwintig. De ruiters zijn internationaal actief op concoursen. Reggy: „We hebben zo’n beetje alle nationaliteiten hier gehad.

De ruiter uit Japan, Sho Inaba, huurt mijn paard Dallas als hij in Europa op wedstrijd gaat. Het paard is dus van ons. Maar door het goede karakter van Dallas is het mogelijk om af en toe zijn wedstrijden te combineren met de wedstrijden die Dallas met mij moet lopen. Wij hebben elkaar leren kennen toen hij vorig jaar een paard nodig had om een kwalificatie in Doha, Qatar, te rijden. Toen zagen we elkaar de eerste keer en reed hij meteen goed mee met onze Dallas. Hij heeft zich gekwalificeerd voor het WK in Aken in augustus.”

HOFFMANN (L) EN

WINNY
REGGY HOFFMANN-FENTEN
Reggy - ‘Laat mij lekker met rust, en mij m'n ding doen’

Spannend

De paarden worden verzorgd en onderhouden door Reggy en haar team dat naast broer Deany bestaat uit vier ‘meiden’. Het hoeft geen betoog dat er bekende ruiters Stiphout aandoen. Zo traint de dochter van Nieky Holsken bij haar. Zij stapte over van dressuur naar het springen. De paardenwereld is niet zo heel groot. En zeker die in Zuidoost-Brabant floreert, aldus Reggy. „Noord-Limburg hoort daar bij en de Belgische grensstreek ook. Al die buitenlanders komen allemaal hierheen. Alleen Amerikanen niet meer. Dat is al enkele jaren zo, sinds corona eigenlijk. Ik ben er niet zo rouwig om: het is niet mijn volk. Wij gingen voorheen ook nog wel eens naar Florida. Nu niet meer. Jammer. Internationale springwedstrijden waren altijd wel spannend. In de zomer zijn ze hier en voor de winter vertrekken ze allemaal naar Florida en Spanje. Er zijn elke week wedstrijden.”

Risico

Zelf heeft Reggy nog vier paarden. Er zijn nog vier springpaarden voor de verkoop. „Die worden nu zadelmak gemaakt. Niet door mij, ze worden opgeleid door kennissen. Door mijn buurmeisje onder anderen. Er staan er een paar in Limburg. Vroeger leidden we zelf springpaarden op om ze vervolgens te verkopen. Ik probeer nu het risico voor mijn rug tijdens het rijden tot een minimum te beperken. Ik wil zeker nog een jaar of tien aan paardensport kunnen doen. Dan ben ik 55, dan ben ik er toch wel een heel eind klaar mee, met op hoog niveau rijden, denk ik.”

Rondom de stal heeft Reggy anderhalf hectare aan gras- en weideland be -

schikbaar voor de paarden. Fokken is niet een functie van de stal. Een functie is wel de revalidatie van geblesseerde paarden. Daarvoor werkt Reggy samen met een dierenarts in Someren. Voor de revalidatie is een speciale aquatrainer aangeschaft. „De paarden lopen dan het water in.”

Zielig

Het is Winny die uit trots het laatste aanhaalt. Reggy is exponent van what you see, is what you get. Nuchter, geen flauwekul, recht voor zijn raap. Voor haar is het allemaal een door gevoel ingegeven invulling van haar leven. Ze geeft misschien wel meer om paarden dan om mensen. „Ik ben een slechte paardenverkoper. Als ik zie dat het niks wordt omdat iemand niet kan rijden dan verkoop ik liever niet. Dat vind ik zielig voor het paard. Of iemand breekt zijn of haar nek erop. Dat wil ik niet. Ik ben niet zo’n handelaar. Ik ben wel ondernemer maar meer nog een ruiter. Ik ben nooit uitgeleerd. Ik vind revalidatie leuk. Paarden komen ‘kapot’ binnen en moeten dan weer opgebouwd worden. In samenwerking met de dierenarts. Daar haal ik mijn voldoening uit: dat ik een eigenaar kan bellen en zeggen: kom ‘m maar halen.”

Hetzelfde

De Hoffmann Groep is een familiebedrijf pur sang. Alles honderd procent in eigen handen. Winny is een mensenmens met veel contacten. Ze is een erkend topvrouw, lid van de bekende netwerken binnen de Brainportregio en wil graag een rolmodel zijn voor andere ondernemers, vrouwen én mannen. Moeder en dochter delen traditioneel genoeg hun voorliefde voor mannen. Beiden zijn getrouwd met een Duitser, en ze zijn er trots op, omdat ze gewoon meer fatsoen in hun donder hebben, zeggen ze. Reggy heeft het liefst haar vrienden en haar familie om haar heen. „Ik ben meer van: laat mij lekker met rust, en mij m’n ding doen.

Ik werk lang door en ben vroeg uit bed. Ik wil eigenlijk alleen met de dieren bezig zijn en de mensen om me heen hebben die ik zelf uitkies. Ik heb dan ook niets met al die vrouwenclubjes. Mam en ik denken over veel dingen wel hetzelfde. Alleen over koken niet. Als we samen eten, kom ik gewoon met mijn pan hierheen. Zij maakt er in de keuken een teringzooi van. Als we ergens naartoe gaan, rijden we het liefst zelf.” Winny: „Ik kan alleen naast haar zitten, bij anderen niet.” Reggy: „Als ze dan lippenstift, trap ik op de rem… We kunnen ons ook goed ergeren aan elkaar, maar dat duurt nooit lang.”

WPO Sportscars

Quiet. Until it roars.

Bij WPO Sportscars draait alles om vakmanschap, precisie en passie voor sportauto’s. Wij zijn gespecialiseerd in verkoop en onderhoud van iconische merken zoals:

Porsche

Bentley

Lamborghini

Met een professioneel en ervaren team zorgen wij ervoor dat elke sportwagen de aandacht krijgt die hij verdient – van aankoop tot onderhoud.

Meer weten of een afspraak maken?

Scan de QR-code:

De Scheper 305 | 5688 HP | Oirschot (Voormalig Porsche-pand aan de A58) 040 79 20 911 | wpo.nl | info@wpo.nl

Het systeem schudt

niet

vanzelf

Systemen, we hebben er allemaal mee te maken. Familiesystemen, organisatiesystemen, culturen. Ze zijn van alle tijden, eeuwenoud en diep verankerd in hoe we denken, kiezen en met elkaar omgaan. Misschien maakt dat het ook zo moeilijk om ze te doorbreken. Om af te wijken van het bekende pad en te kiezen voor wat echt goed voelt voor jou, in plaats van voor wat er van je verwacht wordt.

Toch geloof ik daar sterk in. In het volgen van je eigen pad. In keuzes maken en ergens voor durven gaan. Soms met bluf, soms met volle overtuiging en soms met twijfel. Want twijfel hoort er ook bij. Niemand beweegt zich moeiteloos los van wat generaties lang is doorgegeven. We dragen allemaal iets mee uit het verleden. Het zit in onze opvoeding, in onze overtuigingen, in onze reflexen en misschien zelfs wel in ons dna.

Juist daarom is het zo belangrijk om stil te staan bij hoe recent sommige ongelijkheden nog zijn. Vrouwen kregen in Nederland pas in 1919 kiesrecht. Tot 1957 werden gehuwde vrouwen juridisch als handelingsonbekwaam beschouwd. De man had het voor het zeggen, niet alleen in de praktijk maar ook bij wet. Dat is geen verre geschiedenis. Dat is dichtbij. Dichtbij genoeg om te beseffen dat de structuren van toen nog altijd doorwerken in het nu.

Misschien is dat ook precies waarom ik vóór het organiseren van women only events ben. En ja, ik weet dat sommige mensen dan meteen denken: moet er dan ook iets alleen voor mannen zijn? Maar die reactie gaat voorbij aan de kern. We leven in een patriarchaal systeem. Dat systeem werkt nog altijd door, vaak subtiel, soms zichtbaar, maar bijna nooit zonder gevolgen. Als we echte verandering willen dan vraagt dat soms om het tijdelijk versterken van de groep die structureel minder ruimte heeft gekregen. Niet om anderen uit te sluiten maar om balans te herstellen. Om elkaar te steunen, positie te geven en ruimte in te nemen. Om het systeem op te schudden. Niet voor altijd tegenover elkaar maar juist om daarna sterker naast elkaar te kunnen staan.

Diversiteit is daarin geen modewoord en geen afvinklijstje. Het is geen containerbegrip dat goed staat in een beleidsplan. Diversiteit is essentieel.

Operationeel directeur 24 uur in bedrijf & co-founder van Future by Diversity

Nieuwe ceo Martijn van Lieshout

‘Bij Scholt Energy ben ik nog lang niet klaar met bouwen’

Vanuit zijn kantoor in het pand van Scholt Energy kijkt de nieuwe ceo Martijn van Lieshout uit over het gebied waar hij als jongetje rondreed op zijn mountainbike. „Ik ben op nog geen kilometer van de High Tech Campus geboren. De cirkel is rond, maar dat wil niet zeggen dat ik hier achterover ga leunen!” Verre van, want Scholt groeit hard. „In de huidige situatie, met sterk fluctuerende energieprijzen en snelle technologische ontwikkelingen, hebben veel organisaties behoefte aan onze diensten.”

TEKST: BREGJE VAN DOMMELEN | FOTO: SCHOLT ENERGY

Martijn van Lieshout maakte de overstap naar

Scholt Energy na een carrière van twintig jaar bij softwarebedrijf Mendix, dat werd opgericht door studiegenoten tijdens zijn studie Bedrijfskunde aan de Erasmus Universiteit in Rotterdam. „Ik heb de Amerikaanse tak mee opgezet.”

Na de overname van Mendix door Siemens verhuisde hij terug naar Nederland. Hij gaf vervolgens vier jaar leiding aan de EMEA-organisatie en was toen klaar voor een nieuwe stap. „Het bedrijf stond er goed voor maar ik ben een bouwer en wil nieuwe dingen ontwikkelen. Dus toen ik werd benaderd voor deze functie was ik snel enthousiast.”

Persoonlijk advies

Scholt Energy is een onafhankelijke energiepartner voor de zakelijke markt. Persoonlijk advies en intelligent gebruik van data zijn hierbij essentieel. Totaal iets anders dan Mendix, dus. „Maar toch zijn er overeenkomsten: we zijn vooruitstrevend, onderscheiden ons van de rest. Dat maakt het leuk.”

Vanwege de huidige geopolitieke onrust schommelen de energieprijzen sterk. Dat heeft een enorme impact op veel organisaties. „We ondersteunen vanuit een onafhankelijke positie zowel afnemers bij strategische energie-inkoop en verduurzaming als producenten bij het vermarkten van hun productie. Zo hebben ze meer stabiliteit in hun kosten”, legt Martijn uit.

Voor afnemers betekent dit dat Scholt energie inkoopt op de dag- en termijnmarkt. „Dat vergt expertise waar veel organisaties nog niet voldoende over beschikken. „Extreem grote verbruikers regelen hun energie-inkoop vaak zelf en de meeste mkb-bedrijven hebben genoeg aan standaard energiecontracten. Wij bedienen de groep daartussenin, met klanten als VDL, Hanos en Van der Valk aan de bovenkant.”

Slim balanceren

Steeds meer organisaties vergroenen hun energieverbruik. De energie is dan afkomstig van hernieuwbare bronnen zoals wind- en zonneparken. Scholt brengt afnemers en producenten hiervoor samen. Verduurzamen kan ook middels flexibiliteitsdiensten, zoals batterijen. Martijn legt uit: „We helpen klanten om flexibiliteit, zoals opgeslagen duurzame energie, te verhandelen op de markt. Hiermee balanceren we het elektriciteitsnet.”

De nieuwe ceo geniet zichtbaar van zijn nieuwe werkomgeving. „Ons team heeft een enorme drive, het is geweldig om daar deel van uit te maken. Allemaal slimme koppen die elke dag topprestaties leveren. De energiemarkt is voortdurend in ontwikkeling, het is aan ons om daar steeds op in te spelen.” En de ontwikkelingen gaan door. Scholt heeft al vestigingen in België, Duitsland en Oostenrijk. „Inmiddels onderzoeken we ook onze mogelijkheden om verder uit te breiden. Ik ben hier nog lang niet klaar met bouwen.”

Gen Z onderneemt anders

Gedreven door creativiteit, vrijheid en de wil om het anders te doen bouwen in onze Brainportregio zes jonge, vrouwelijke ondernemers aan hun eigen bedrijf.

TEKST: MARJOLEIN VAN MIERLO | FOTO'S: MIRELLA SLEENHOFF

Fotografie, private dining, marketing, vintage design, horeca en creatieve workshops: in uiteenlopende sectoren laten ze zien hoe Generatie Z vorm geeft aan ondernemerschap. Eigenzinnig, inventief en met de overtuiging dat je vooral moet beginnen.

Ondernemen begint vaak met een idee, maar krijgt pas

Het bedrijf van Mijs van Ierssel, Loulou Frölke, Hanneke van Gorp, Luna Hartogs, Tess Lukken en Madeleine Scholtes ontstond vanuit een persoonlijke interesse, een passie of een verlangen naar vrijheid. Ze behoren tot een generatie die steeds vaker kiest voor een eigen pad.

iemand besluit om serieus met dat idee aan de gang te gaan.

Hun verhalen laten zien, dat ondernemen ook gaat om keuzes maken en onzekerheid accepteren. Door te doen, te leren en hun eigen koers te volgen vertegenwoordigen ze een nieuwe generatie ondernemers in Eindhoven.

Vrijheid door de lens

Mijs

van Ierssel

Mijs van Ierssel (24) is fotograaf en videograaf en werkt onder de naam Mijshoots. Ondernemen voelde voor haar nooit als een sprong in het diepe, maar als een logische stap. Ze groeide op met ondernemende ouders, waardoor het idee om een eigen pad te creëren al vroeg ging leven. Tijdens haar studie aan Artemis werd dat idee verder versterkt.

Vrijheid vormt een belangrijke drijfveer in haar werk. Zelf bepalen met wie ze werkt, welke verhalen ze vertelt en hoe ze haar tijd indeelt staan centraal. Mijs: „Uiteenlopende opdrachten houden mij scherp.” Beeld maken betekent voor haar observeren, voelen en dat vertalen naar iets echts. Het contact met mensen speelt daarin een grote rol; een goede klik zie je volgens haar vaak terug in het eindresultaat.

Een korte periode in loondienst maakte duidelijk wat ze miste: ruimte, inspraak en creatieve regie. Dat bevestigde de keuze om haar eigen koers te volgen. Ondernemerschap brengt spanning met zich mee, maar geeft ook energie. Haar essentie ligt in werken vanuit een eigen stijl, met vrijheid en vertrouwen in wat ze maakt.

Tip van Mijs: „Ga op zoek naar mensen die ook ondernemend bezig zijn. Zij begrijpen de passie beter.”

Smaak als beleving

Loulou Frölke

Het private dining-concept van Loulou Frölke (23) is een kok-aan-huis ervaring waarin eten, sfeer en beleving samenkomen (diningwithlou). Als creatief ondernemer met een achtergrond in art direction combineert ze haar liefde voor food en styling met haar gevoel voor concept en presentatie.

Haar passie voor koken ontstond al vroeg, vaak samen met haar vader. Wat haar drijft, is het vertalen van smaak naar beleving: van idee tot concept en uitvoering. Sfeer, styling en presentatie moeten daarbij samenkomen in één totaalervaring.

Na werkervaring bij Zarzo en Miljuschka Witzenhausen besloot ze haar eigen bedrijf te starten. Ze wilde meer ruimte voor haar eigen visie en signatuur.

Elke opdracht benadert ze als iets unieks. Loulou blijft kritisch, volgt trends en werkt met de seizoenen, maar altijd vanuit haar eigen stijl. „Onderscheidend vermogen ligt voor mij in authenticiteit,” zegt ze.

Ondernemerschap vraagt veel, maar geeft haar ook energie. Voor Loulou betekent ondernemer zijn trouw blijven aan je visie en de moed hebben om je eigen pad te volgen.

Van ambitie naar eigen marketingbureau Hanneke van Gorp

Hanneke van Gorp (28) runt haar eigen marketingbedrijf STRK PLAN met een klein team van twee fulltimers. Ze startte in juli 2019 als freelancer en bouwde haar bedrijf via haar netwerk stap voor stap op. Ondernemerschap was voor haar geen toevallige keuze, maar een bewuste beslissing om zelf richting te geven aan haar werk en groei. Al op de basisschool wist ze dat ze ooit een eigen bedrijf wilde, al was toen nog niet duidelijk in welke richting.

In de beginfase lag de focus breder; later verschoof haar rol naar meer strategie en minder uitvoering. Tegenwoordig is haar bureau een strategische marketingpartner voor belevingsmerken, met een social-first aanpak en een focus op het opbouwen van relaties met doelgroepen en het activeren daarvan.

De grootste uitdaging ligt in organische groei: het aannemen van personeel, het bewaken van kwaliteit

en kritisch blijven bij het kiezen van opdrachten. Hanneke: „Bewuste keuzes maken helpt om focus te houden en verder te bouwen in de richting die ik voor ogen heb.”

Wat bij haar centraal staat is groei, van het eigen bedrijf én van klanten. Hanneke gelooft dat je vooral moet dóén: „ In de praktijk leer je veel en iedere stap maakt je sterker.”

Van creatie naar tweede leven

Luna Hartogs

Luna Hartogs (27) is oprichter van Luna and Lore, een winkel met vintage en upcycled kleding waarin het draait om duurzaamheid en creativiteit. Haar liefde voor naaien begon al bij haar oma. Zij leerde Luna het vak. Na haar overlijden nam Luna een sabbatical en ging reizen. Ze volgde de hbo-opleiding Communicatie.

Luna werkte een periode bij Renewi, waar duurzaamheid opnieuw een belangrijke rol speelde. Toch kon ze haar creativiteit daar onvoldoende kwijt. Uiteindelijk besloot ze haar hobby om te zetten in haar werk: vintage kleding vermaken en een tweede leven geven.

Haar vriendinnen droegen haar creaties en Instagram deed de rest. Inmiddels kan ze er sinds een jaar van leven.

Ondernemerschap betekent voor haar vrijheid: eigen baas zijn, zelf haar tijd indelen en zelf ontwerpen kiezen. Tegelijk brengt het financiële onzekerheid met zich mee plus het gevoel altijd 'aan' te staan en alles uit jezelf te moeten halen. Luna: „Ik volg nu een leiderschapstraining die me helpt in mijn kracht te staan en niet alles te willen.”

Luna heeft veel contact met andere ondernemers op Strijp-S en dat vindt ze, naast de gesprekken met klanten, het allerleukste. Ze wil in verbinding staan met anderen; met al haar kleurrijke creaties is dat voor haar de ideale wereld.

Tip van Luna: „Gewoon doen en je dromen volgen."

Het café als ontmoetingsplek

Tess Lukken

Tess Lukken (22) is mede-eigenaar van buurtcafé ’t Vonderke. Sinds haar twaalfde is ze betrokken bij het café. Ze runt het samen met haar stiefvader, al maakt Tess de meeste keuzes.

Met het tappen van haar eerste biertje was ze meteen verkocht. Tess: „Ik stond op een kratje om bij de tap te kunnen.”

Wat begon met meehelpen, groeide uit tot ondernemerschap. Ze startte met een horecaopleiding, maar leerde vooral in de praktijk. Haar grootste ambitie is om van ’t Vonderke een echte ontmoetingsplek te maken: een café dat mensen uit de wijk verbindt. Daarmee wil ze voorbijgaan aan het stereotype van het traditio -

nele bruine café met oude mannen aan de bar. Binnen het café staan ontmoeten, eten en activiteiten centraal. Er is een maandprogramma met onder andere muziekbingo, pubquiz en mosselavonden. Ondernemen in de horeca vraagt veel en betekent vaak werken wanneer anderen vrij zijn.

Geen dag is hetzelfde. Haar tip voor jonge mensen die willen ondernemen: „Wees niet bang om te starten en vraag om hulp als iets niet lukt, gewoon doen."

Ondernemen begint met doen

De verhalen van deze jonge ondernemers laten zien, dat er niet één route naar ondernemerschap bestaat. Sommigen groeiden ermee op, anderen ontdekten het onderweg. Wat hen verbindt, is de keuze om hun eigen ideeën serieus te nemen en daar verantwoordelijkheid voor te dragen. Of het nu gaat om beeld maken, een dinerervaring creëren, een marketingstrategie ontwikkelen, kleding een tweede leven geven, een buurtcafé runnen of creatieve workshops orga-

Maken, delen en verbinden

Madeleine Scholtes

Madeleine Scholtes (26) van Sip and Make, creatieve workshops, komt oorspronkelijk uit Naarden en studeerde aan de Design Academy. Eindhoven is ondertussen haar thuis geworden. Houtbewerking en meubelen maken waren haar eerste ambitie. Ze ziet zichzelf vooral als een maker.

Zoekende naar ontspanning tijdens een intensieve studie begon ze met knutselen in de woonkamer en dit groeide uit tot fulltime workshops hosten met wisselende activiteiten. In plaats van één vaste functie te kiezen, combineert ze nu meerdere rollen: ontwerpen, maken, marketing en gastvrouw zijn. In haar studio komen design en creatieve workshops samen. Op Strijp-S ontwerpt Madeleine onder andere lampen, vaak met upcycling als uitgangspunt. Daarnaast organiseert ze workshops, waarin deelnemers zelf iets creëren en samenkomen voor een creatieve en gezellige ervaring.

Een uitdaging is dat er veel ideeën en projecten tegelijk ontstaan. Madeleine: „Ik rolde in de workshops en dat vraagt nu veel aandacht, maar ik wil ook blijven ontwerpen.” Fouten maken hoort volgens haar bij het ondernemen: „In de praktijk leer je het meest.”

niseren - ondernemen begint met durven beginnen. Vrijheid, creativiteit en verbinding spelen daarbij voor veel van hen een belangrijke rol. Tegelijk laten hun ervaringen zien, dat ondernemen ook onzekerheid, hard werken en keuzes maken betekent. Toch overheerst vooral het gevoel dat ze op hun eigen plek zitten. Door te doen, te leren en door te blijven bouwen, geven ze stap voor stap vorm aan hun eigen toekomst én aan een nieuwe generatie ondernemerschap.

‘Wij willen echt contact maken en mensen raken’
Café Kaat op de Kleine Berg voor lekker eten en drinken

Het is een mooi duo: Harold van Asperdt en Marc Glaser. Horecadieren pur sang. Sinds ruim een half jaar baten ze Café Kaat op de Kleine Berg in Eindhoven uit. Een nieuwe uitdaging voor beiden, hoewel ze zo’n honderd jaar horeca-ervaring hebben in de stad én Valkenswaard. Harold en zijn vrouw Karin (‘Kaat’) waren een soort van met pensioen maar het bloed kroop… Marc en zijn Godelieve wilden wel mee in een nieuw avontuur stappen. En zo herhaalde de geschiedenis zich.

TEKST: HANS MATHEEUWSEN | FOTO'S: RENÉ MANDERS/DCI MEDIA

Kaat, Harold, Godelieve en Marc zijn de gelijkwaardige partners in Café Kaat. Zij willen een nieuwe droom laten uitkomen. Daarbij gaat het niet om snel een smak geld te verdienen want dan gaat het te veel op werk lijken, vinden Harold en Marc. Ze worden gedreven door oude en voor hen vanzelfsprekende waarden als het bieden van gastvrijheid, het goed ontvangen van gasten en echte interesse in mensen en hun verhalen. Contact en verbinding maken uit belangstelling. Dan volgt de rest vanzelf, betoogt het duo.

Marc: „Ik vind dat elke horecaondernemer zich ten doel moet stellen om het de gasten naar de zin te maken. Punt. Niks meer, niks

minder. En dat doet hij of zij met een goeie pot bier, lekker eten of met een goed verhaal. Iedereen die het lef heeft om hier binnen te wandelen, maken wij het naar de zin. Als gevolg daarvan maken we omzet en als je het dan goed hebt georganiseerd en de kosten in bedwang kunt houden, houd je elke maand iets over. Maar dat is geen doelstelling op zich. Als je op die manier denkt en werkt, is het geen werk.”

Manifest

Na veertien jaar zwoegen verkochten Harold en Kaat in najaar 2024 het Oude Wandelpark in Valkenswaard. In de 22 jaar voorafgaand had Kaat Café De Bel in Valkenswaard uitgebaat. Daarvoor werkte ze met haar toenmalige man in cafés op het Stratumseind. Harold en Kaat wilden nooit meer in de horeca

‘ Wij koesteren de wederkerigheid. Als dat lukt, is mijn missie volbracht ’

werken, wisten ze. Ze waren er klaar mee.

Om elkaar aan die belofte te houden, stelde het echtpaar zelfs een tien punten tellend manifest op, vertelt Harold. „Na drie maanden elke dag die robot in het zwembad te gooien, de pagina’s van mijn krantje om te slaan en die andere robot op het gras in de gaten te houden, heb ik met trillende handen tegen Kaat gezegd: ‘Is dit nou het Zwitserleven-gevoel?’ Misschien voor andere mensen maar niet voor ons.

Dat waren de eerste scheurtjes in onze sabbatical. We hebben dat blaadje niet meer ingekeken. We hebben alle tien de punten gebagatelliseerd voor onszelf. We moesten niet mauwen. Wij zijn horeca. We ademen horeca. We zijn geboren in de horeca, misschien zelfs verwekt. Na anderhalf jaar was de batterij weer opgeladen. Het is een kwestie van energie. We besloten wel dat als we het weer zouden doen, dat het dan met Marc zou zijn.”

Sociale wezens

Marc kocht Café De Bel in 2013 van Kaat nadat hij daar enkele jaren als bedrijfsleider actief was. Hij begon zijn horecacarrière in 1987 bij Café de Kram op het Stratumseind. Na wat uitstapjes in binnenen buitenland startte hij in 2018 samen met Hans Snoeijen Café Radegast 040 in Eindhoven. Hij nam de Kram over, evenals Herberg Oud Eindhoven. Hij probeerde met Hans Snoeijen ook nog Today in het voormalige TD-gebouw. Mede vanwege corona mislukte deze onderneming. Nu is hij nog (mede-) eigenaar van Café de Kram, Café De Bel, Radegast 040 én Café Kaat.

De horeca is vooral ook sociale verslaving, onderstreept Marc. Althans wel voor hem en Harold. „En dat heeft niks met alcohol te maken. Als ik mag kiezen, ga ik dan op de bank zitten of naar het café?

Wij zijn sociale wezens. Ik heb jarenlang boven De Bel gewoond. Als mijn vrouw en kinderen naar bed gingen, ging ik beneden in het café nog even een uurtje wat ouwehoeren voordat ik zelf naar bed ging.”

Sfeerbeheerders

Dat zowel Harold als Marc niet alleen uit ondernemende motieven actief zijn in de horeca moge blijken uit hun functionele benamingen. Harold noemt zichzelf leefillusionist, sfeerbeheerder, barvlieg en filosoof. Hij beschrijft zijn ervaringen en ontmoe -

tingen in columns voor FRITS. Marc is naast sfeerbeheerder ook gastvrijheidsstrijder en ondernemer voor ondernemers. Hij groeide op in de Bergen waar zijn moeder café Pompernikkel had. Harold en Kaat kennen elkaar uit Strijp. Harolds vader had een café tegenover Philips.

De horeca is ze allen dus met de spreekwoordelijke paplepel ingegoten. Marc helpt daarbij graag collega-ondernemers op weg. Hij heeft ook een adviesbureau onder de noemer De Raadsheren. Hij is ervan overtuigd dat succesvol ondernemen in de branche afhangt van houding en gedrag. Van jezelf én je personeel. Marc spreekt in dat verband van een customer journey : „Hoe ga je met je gasten om? Kennis en vaardigheden kun je leren uit een boekje maar houding en gedrag zijn een gevolg van een veranderproces. Ik heb de wijsheid niet in pacht maar vind het leuk kom om ondernemers te helpen.”

Verwachting

Café Kaat is de grootste zaak die de vier exploiteren. Groter dan het Oude Wandelpark en dat was al helemaal nooit de bedoeling, aldus Harold. Café Kaat heeft het grootste terras op de Kleine Berg en een zaal achterin voor feesten en partijen. Met het oog op de menselijke maat spreken de uitbaters van een stads café met dorpse gemoedelijkheid waar het lekker eten en drinken is én waar iedereen welkom is. Dat willen ze graag zijn en uitstralen. „Met de service als gouden randje”, voegt Harold toe.

„Je creëert eigenlijk een verwachting”, vult Marc aan. „Vervolgens moet je die waarmaken. En managen. Daarom willen we organisch groeien. Veel mensen die hier komen, weten niet dat je hier ook lekker kunt eten. We serveren een heerlijke tournedos van driehonderd gram met de lekkerste frietjes van Eindhoven erbij. Waarom schreeuwen wij dat niet van de daken? Omdat wij ervan uitgaan dat onze gasten dat voor ons doen.”

Harold: „Wij willen mensen raken, echt contact maken. Wij koesteren de wederkerigheid. Als dat lukt, is mijn missie volbracht. En als wij de verwachtingen waarmaken, worden de verhalen alleen maar mooier.”

Marc: „Wij zijn maar heel gewoon, en echt, geen sterallures; we hoeven niet in de Michelingids te staan.. Als je maar lang genoeg gewoon doet, word je vanzelf bijzonder.”

HAROLD EN KARIN ('KAAT') VAN ASPERDT MET MARC GLASER (VLNR)

‘Leiderschap is geen knop die je aan- en uitzet’

Ze is geboren en getogen in Haarlem, heeft Marokkaanse roots maar woont alweer tien jaar gelukkig in Eindhoven. Voormalig karateka Bahija Berrouba (35) vertegenwoordigde Nederland op diverse internationale toernooien en achteraf had ze dat misschien liever als Eindhovense gedaan, zegt ze. De liefde in combinatie met het profvoetbal dreef haar naar de Lichtstad, waar ze inmiddels als marketing- en commercieel manager actief is in de bouwwereld. De topsport harnaste haar ook als vrouw en dat zou ze graag overdragen aan anderen. „Leiderschap is geen knop die je aan- en uitzet. Dat begint bij elke dag het uiterste vragen van jezelf en een voorbeeld zijn.”

TEKST: HANS MATHEEUWSEN | FOTO'S: ALEXIA VAN DER MEIJDEN

Ze denkt dat de cocktail van haar roots, een topsport-carrière, werken in een mannenomgeving, lidmaatschap van netwerken en leven in Brabant haar hebben gevormd tot de persoon die ze is. „Ik ben heel erg van wat een man kan, kan een vrouw ook. Ik heb ook die topsportmentaliteit. Dat betekent focus hebben en je podium pakken. Niet denken in beperkingen maar in mogelijkheden. Of het nu gaat om mannelijk of vrouwelijk leiderschap, als je het podium niet pakt, wordt het je ook niet gegeven. Je moet echt naar een punt toewerken. Dat betekent bewust zijn van je kracht en daarin geloven. Alleen zo bereik je je doel. Daar zou ik anderen vrouwen graag in stimuleren: wat maakt je sterk? Richt je vanuit positiviteit op je doel. Dan kom je er ook.”

Ze is lid van de Eindhovense ondernemersnetwerken Netwerkclub040 en 24 uur in bedrijf. Al op jonge leeftijd stond ze in de VIVA400, een lijst van het jonge-vrouwenweekblad van vierhonderd topvrouwen in Nederland die uitblinken in hun vakgebied en vanwege hun successen een inspiratie zijn voor anderen. Ze werkt bij maakt., een specialist in het realiseren van interieurs voor kantoren, winkels en bedrijven maar vooral zelf bedenker én maker van projecten. Een van de laatste projecten is Matchbox op Strijp-S in Eindhoven waarin het kantoor van woningcorporatie Trudo zich vestigde. Privé heeft ze inmiddels haar draai in de stad ook gevonden. Het was even wennen vanuit Haarlem en Kerkrade, waar ze ook woonde, maar conform haar opvoeding heeft ze haar best gedaan om te integreren.

EINDHOVENAAR KUN JE WORDEN

„Als ik Eindhoven weer inrijd dan heb ik een altijd glimlach op mijn gezicht. Ja, ik voel me hier thuis.”

Energie

Haar ouders zijn Marokkaans. Haar moeder was 21 toen ze naar Nederland kwam, haar vader achttien. Haar moeder was hoogopgeleid maar startte in Nederland opnieuw. Het gezin Berrouba woonde in Haarlem in een Nederlandse buurt. Bahija en haar oudere zus Hanina groeiden op in een omgeving waarin zij vrijwel de enigen waren met een buitenlandse achtergrond. Dat was een bewuste keuze van haar ouders: meedoen met de samenleving begon volgens hen bij onderdeel zijn van je omgeving. Haar vader vond dat ze moesten integreren want ze woonden hier. „Daar heeft mijn vader ons heel bewust van gemaakt. En dat had ik ook toen ik naar Eindhoven kwam. Je moet bijdragen aan de stad dus moest ik Eindhoven en de cultuur hier leren kennen. Daar steek je energie in. Mijn vader deed dat toen hij naar Nederland kwam. Mijn moeder nam opnieuw plaats in de schoolbanken. Het hoogst haalbare halen is wel een ambitie die in ons zit.”

Hanina deed aan karate. Ze had talent. Bahija ging braaf, zoals ze zelf zegt, elke zaterdag kijken naar haar zus. Haar trainer vermoedde dat Bahija hetzelfde talent zou hebben en overtuigde haar uiteindelijk om ook de dojo te betreden. Ze was elf, twaalf jaar. En inderdaad bleek ze net zo getalenteerd als Hanina. Bahija werd op dertienjarige leeftijd Nederlands kampioen en maakte deel uit van het nationale jeugdteam. Daar ontwikkelde ze de discipline en focus die topsport vraagt, waarbij ook het beheersen van haar gewicht een constante factor was. „Het weegmoment hoorde bij de voorbereiding. Je wist dat het goed zat maar het was altijd een eerste moment van scherpte richting de wedstrijd.” Nog voordat ze achttien was, deed ze al mee bij de senioren. Ze werd zevende bij de Dutch Open. Een paar weken later Nederlands kampioen. Ze nam met het Nederlandse team deel aan het EK senioren. „Ik heb het EK junioren overgeslagen. Het was heel leerzaam. Ik verloor de eerste ronde, tegen Italië. Dat had met spanning te maken; dat vond ik heel moeilijk. Uiteindelijk heb ik dat gedaan tot aan mijn 22e. Ik kreeg een knieblessure maar ik dacht dat ik wel tegen een stootje kon. Ik ben geopereerd op mijn 21e aan mijn knieschijf; ze haalden het kraakbeen weg. Het gevolg was een knie van iemand van 65, dat was balen. Na mijn operatie bleef ik presteren maar niet meer op het niveau dat ik van mezelf verwachtte. Toen heb ik

bewust de keuze gemaakt om te stoppen, op mijn moment. Ik wilde zelf bepalen wanneer het goed was en het hoofdstuk afsluiten met iets om trots op te zijn.”

Stokje

Voor de carrière van haar toenmalige partner in het profvoetbal kwam Bahija in Eindhoven terecht, waar ze uiteindelijk haar eigen pad koos, zowel privé als professioneel. Ze hebben samen een dochter. In Eindhoven werden twee zoons geboren. Ze geniet van hun Brabantse dialect - „Dat vind ik zo grappig.”- en het feit dat ze hier naar school gaan, hielp de integratie ook een handje. Inmiddels woont ze alweer tien jaar in Eindhoven. De afgelopen 2,5 jaar werkt ze regionaal in een branche die door mannen wordt gedomineerd. Ze doet veel zaken met mannen maar ziet tot haar genoegen ook vrouwen in toenemende mate doordringen tot topfuncties. „Er komt een generatie vrouwen aan met veel ambitie die het stokje gaat overnemen. Dat praat gemakkelijker. Je gunt elkaar ook sneller wat. Wij gaan dit doen. We moeten gewoon onze plek ownen.”

Zelf voelt ze zich over het algemeen serieus genomen en ervaart ook geen negatieve effecten van haar Marokkaanse afkomst. Zelf laat ze zich niet leiden door aannames of vooroordelen. Ze weet dat ze er zijn, maar kiest ervoor om ze te doorbreken. „Mensen hebben altijd een beeld, of het nu is omdat je vrouw bent, hoe je eruitziet of je achtergrond. Maar uiteindelijk gaat het erom wat je laat zien. Als je het podium niet pakt, word het je ook niet gegeven.”

Rode draad

Tijd voor de hamvraag van deze rubriek. Is ze in tien jaar ook Eindhovenaar geworden? „Ik vind hier alles waar ik gelukkig van word. De sociale omgeving, het gevoel. Dat ik mijn sportcarrière in Haarlem heb opgebouwd en niet hier, dat mis ik wel eens. Ik mis het sportieve netwerk. Ik had Eindhoven graag vertegenwoordigd. Ik vind het jammer dat dit niet het geval is. Sport is nog altijd een rode draad in mijn leven. Ik train vier à vijf keer per week en daag mezelf continu uit, of dat nu de halve marathon van Eindhoven is, een Hyrox-wedstrijd of tegenwoordig de golfbaan. Ik dacht dat topsport frustrerend was, maar golf komt verrassend dichtbij. Iemand zei dat ik het dan alleen maar drukker krijg. Voor mij is het simpel: mijn gezin, sport en werk vormen de rode draad. Als ik ergens voor kies, doe ik dat met volle overtuiging. Ik wil het goed doen en blijf doorgaan tot het klopt. Discipline is daarvan de basis.”

‘Als ik ergens voor kies, doe ik dat met volle overtuiging’

BRON VAN INSPIRATIE

Cadeaus met een verhaal vind je bij Boekhandel Van Piere. Laat je verrassen door onze uitgebreide collectie boeken, spellen en geschenken. Onze bevlogen medewerkers helpen je graag het juiste cadeau te vinden voor elke gelegenheid, persoonlijk óf zakelijk. Winkel lokaal, ook online via www.vanpiere.nl.

BELEEF GELUKSMOMENTEN MET

HÉT SYMFONIEORKEST VAN HET ZUIDEN

philzuid.nl/concerten

15 mei t/m 9 juni

Eindhoven, Heerlen, Tilburg, Breda, Den Haag, Groningen en Utrecht

4 t/m 7 juni

Eindhoven, Breda, Amsterdam en Heerlen

Peer Gynt Suite

30 juni t/m 3 juli

Tilburg, Amsterdam, Den Bosch en Eindhoven

Rhapsody in Blue Opera l’Etoile

Karakter. Moed.

Voortvarendheid. En fantasie.

Een paar weken geleden postte Freek Janssen, directeur van het Philips Museum, een oud filmpje op LinkedIn. Anton Philips werd 75 en kreeg tijdens een feestelijke ceremonie in het Philips Ontspanningscentrum een standbeeld aangeboden.

In zijn dankwoord richtte hij zich niet tot bestuurders maar tot de jeugd van de stad. Geen grote woorden, geen ingewikkelde theorie. Hij sprak over karakter, moed, voortvarendheid en fantasie, ook in business. Eigenschappen die iedereen kan hebben, ongeacht afkomst, leeftijd of opleiding. „ Ik ben zelf ook geen professor", voegde hij eraan toe.

Dat was in 1949. Het beeld kwam er en staat er nog steeds, voor het station. Op nog geen paar honderd meter van die plek ligt de TU/e. Een levendige, groeiende campus, midden in de stad, waar de jeugd van tegenwoordig leert, onderzoekt en onderneemt. Het onderwijs lijkt nauwelijks nog op dat van toen. De studenten zijn diverser en internationaler dan ooit, vanuit de hele wereld komen ze naar Eindhoven.

Wie binnenloopt bij Innovation Space ziet studenten aan het werk. Studenten van verschillende opleidingen die samen werken aan echte opdrachten uit het bedrijfsleven. Geen simulatie, geen oefening. Gewoon beginnen en kijken waar je uitkomt.

Loop je iets verder, dan kom je de studententeams tegen. In Momentum zitten ze bij elkaar, in hokken met tafels en werkbanken, laptops, onderdelen en whiteboards vol ideeën. Hier wordt gebouwd. Aan zonneauto's die op eigen energie de wereld over rijden. Raceauto's met batterijen die in minuten opladen. Een robot die zelfstandig naar de Zuidpool navigeert. Huizen die meer energie opwekken dan ze verbruiken. Technologie die mensen nieuwe zintuigen geeft. Dingen die nog niet af zijn maar wel werken. Of stukgaan. En daarna weer beter worden.

Het vraagt iets van ze. Tijd die ze, naast hun studie en bijbaan, niet hebben. Zekerheid die er niet is. En toch beginnen ze. Niet omdat het moet. Maar omdat ze zelf hebben besloten dat dit het waard is.

Ze doen het niet alleen. Er zijn bedrijven die meedenken, onderdelen leveren, vragen stellen. Een netwerk dat het mogelijk maakt om te bouwen zonder dat het eindpunt al vastligt.

Een paar jaar geleden zag ik team SOLID pitchen op een podium. Ze werkten aan energie uit ijzerpoeder en vertelden over hun eerste demo bij Metalot en de stap naar de brouwerij in Lieshout. Het werkte. Nog klein, nog pril, maar het stond er. Zes jaar later staan ze op hetzelfde podium. Niet meer als studententeam maar als ervaren ondernemers: RIFT, met een investering van 114 miljoen euro en plannen voor hun eerste fabriek. Tijdens Demos, Pitches & Drinks wordt de champagne opengetrokken. Even stilstaan bij wat er is gebeurd en hoe ze hier zijn gekomen.

Iemand herinnert zich nog een gesprek tijdens het eten in een studentenhuis. Twijfel. Gaat dit werken? Is dit niet te ingewikkeld? En toch: laten we het proberen. Zo ontstaat het hier. Van studententeam naar startup naar wereldwijde impact. Niet lineair. Niet voorspelbaar. Maar als een optelsom van mensen die beginnen, elkaar tegenkomen en doorgaan.

Loop je aan het eind van de dag via het station richting de binnenstad dan kom je langs dat beeld. Anton vroeg het aan de jeugd van zijn tijd. De jeugd van nu geeft antwoord. Met karakter, moed, voortvarendheid en fantasie.

Woertman

Rechte ruggen en rolmodellen

Vrouwelijke leiders over werken bij gemeente Eindhoven

Met iets meer vrouwelijke dan mannelijke werknemers (58-42 procent) zijn de functies bij de gemeente Eindhoven gelijkmatig over de seksen verdeeld. Is het er ook leuk? Is er voldoende ruimte om je (als vrouw) te ontwikkelen? Vier vrouwelijke topmanagers over ambities en werken binnen misschien wel de meest dynamische stad van het land.

TEKST & FOTO'S: MARTIN VAN ROOIJ

Over werken bij de overheid bestaan allerlei vooroordelen. Sophie van Hof en Barbara Crützen werkten eerder in het bedrijfsleven. Wat is volgens hen leuker: werken in het bedrijfsleven of voor de overheid? Van Hof: „Ik vind het werk bij de overheid veel diverser. Voor mijn overstap naar de gemeente Eindhoven werkte ik bij Deloitte. Daar draaide het vooral om omzet, hier om het maatschappelijk belang. Verder is hier geen dag hetzelfde. De ene dag adviseer je het college of de gemeenteraad, de andere dag werk je samen met allerlei partijen in de stad.” Crützen, voorheen werkzaam in het bankwezen en sinds twee jaar hoofd van de sector Publiekscontacten bij de gemeente Eindhoven, beaamt dat volmondig. „Je hebt bij de overheid veel bredere kennis nodig en je hebt te maken met veel meer producten en veel meer verschillende doelgroepen. Ik vind het veel dynamischer.”

Natuurlijk zijn er verschillen. In het bedrijfsleven kun je soms meer verdienen terwijl bij de gemeente de

secundaire arbeidsvoorwaarden beter zijn. Van Hof: „Ik heb formeel een 36-urige werkweek maar werk er veertig en vaak nog meer. Daarmee bouw ik adv op die ik kan opnemen als vakantiedagen. Dat is een luxe die je in het bedrijfsleven vaak niet hebt.” De vooroordelen over het vermeende lage tempo bij de overheid zijn ook haar bekend. „Toen ik bij Deloitte vertelde dat ik naar de gemeente Eindhoven ging, waarschuwde een partner mij: 'Jij wordt daar gek. Jij kan helemaal niet tegen die stroperigheid'. Inmiddels zijn we twintig jaar verder en ik zit er nog steeds. Ja, dingen hebben soms tijd nodig maar dat is inherent aan het democratische proces. En wat ik leuk vind: als het linksom niet lukt, proberen we het rechtsom.”

Complexer dan vroeger

Neeltje Somers is hoofd van de sector Ruimtelijke Programma’s en Projecten, de sector die de handen vol heeft aan stormachtige groei die Eindhoven momenteel doormaakt. Het werk is complexer geworden, zegt ze. „Toen we Meerhoven bouwden, een Vinexlocatie op een open terrein, gaven de bouwwerkzaamheden nauwelijks overlast. Nu bouwen we midden in de stad en dat is veel ingewikkelder. We moeten rekening houden met geluidshinder, water, ecologie, lucht, verscherpte bouwvoorschriften, netcongestie, noem maar op. En vaak wacht het een op het ander. Als de aannemer niet mag beginnen vanwege de stikstofnormen, schuift de hele planning op.”

NEELTJE SOMERS, SOPHIE VAN HOF, JORIE MULDER EN BARBARA CRÜTZEN (VLNR)

Neeltje Somers stuurt als sectorhoofd Ruimtelijke Programma’s en Projecten zes afdelingen aan met zo’n 200 medewerkers.

„Ik werk in een ‘harde hoek’ en ben zelf misschien ook wel harder dan gemiddeld.”

Jorie Mulder als programmamanager onder andere betrokken bij grote projecten als de aankoop van de Wielewaal en de ontwikkeling van de nieuwe ASML-campus.

„Ik werd aangenomen terwijl ik zwanger was. Daar sprak vertrouwen uit.”

Spagaat

Jorie Mulder, programmamanager van de Spoorzone Westcorridor (o.a. Emmasingelkwadrant en de nieuwe ASML-campus) ziet een duidelijk verschil tussen man en vrouw: de combinatie van fulltime werken en jonge kinderen die soms voor een spagaat zorgt. „Mijn man werkt fulltime, net als ik. Ik voel me af en toe schuldig naar de kinderen toe, bijvoorbeeld als ze een dag extra naar de buitenschoolse opvang moeten. Daar heeft mijn man minder last van. Wat dat betreft is het fijn dat Neeltje (Somers, red.) mijn leidinggevende is want als ik zoiets met haar deel snapt ze me meteen.”

Van Hof: „Wij fulltime werkende vrouwen krijgen vaak de vraag: hoe doe je dat toch met kinderen? Aan een man wordt die vraag nooit gesteld.” Dat Somers begrip heeft voor Mulders spagaat heeft volgens haar niets te

maken met softheid. „Ook een man zou in zo’n situatie begrip moeten tonen, vind ik. Maar wij zijn niet softer. Jorie en ik werken in een ‘harde hoek’ en zijn zelf misschien ook wel meer dan gemiddeld hard. Dat heb je in ons werk een beetje nodig want je wilt niet dat ze over je heen lopen. Het gaan niet om verschillen tussen mannen en vrouwen maar om competenties.” Mulder is het daar hartgrondig mee eens. „Het ruimtelijk domein is – buiten de gemeente – toch vooral nog een door mannen gedomineerde omgeving maar het gaat niet zozeer om typische eigenschappen van man of vrouw. Je komt heel ver met een pragmatische, oplossingsgerichte instelling. Ik werk aan dossiers zoals de ASML-campus op BIC en de uitbreiding van het Philips Stadion; vastgoed en voetbal. Ik ben ervan overtuigd dat je zo goed bent als je team – man of vrouw doet er niet toe – al is het wel vaak behulpzaam om verschillende achtergronden en dus verschillende invalshoeken in je team te hebben.”

Naar aanleiding van de bankencrisis in 2008 is wel beweerd dat die crisis niet zo ernstig zou zijn geweest als er destijds meer vrouwen hadden gezeten op

leidinggevende posities in de financiële wereld. De reden: vrouwen zouden iets minder geneigd zijn om financiële risico’s te nemen dan mannen en minder overmoedig zijn. Van Hof: „Ik denk dat er wel een verschil zit tussen mannen en vrouwen. Misschien generaliseer ik een beetje, maar mannen zijn soms wat meer gericht op ‘het scoren, het willen winnen’, terwijl vrouwen wat meer kijken naar de lange lijnen en het belang van het geheel.” Somers: „Ik denk dat vrouwen veel eerder zullen zoeken naar een compromis en escalatie uit de weg proberen te gaan. Mannen zijn wat pragmatischer. Ze zien een probleem en gaan aan de slag om het op te lossen. Wij vrouwen kijken het even aan en wegen alles af.” Crützen vermoedt dat emotionele intelligentie gemiddeld genomen bij vrouwen beter ontwikkeld is dan bij mannen. „Wij luisteren beter alvorens naar de oplossing te gaan.”

Stereotype

Als fulltime werkende en ambitieuze vrouw moet je over een rechte rug beschikken en stevig in je schoenen staan. Somers haalt haar inspiratie uit rolmodellen zoals de twee vrouwelijke gemeentesecretarissen

Barbara Crützen gaat als sectorhoofd Publiekscontacten over de kwaliteit van de dienstverlening aan de inwoners. „Het werk bij de overheid is veel diverser dan in het bedrijfsleven.”

van de gemeente (Paulien Pistor en Aline Zwierstra - red.), Ingrid de Boer, voormalig bestuurder van Woonbedrijf en Sylvia van Es, president van Philips Nederland. „Die komen net zo ver als mannen.” Crützen: „Ook netwerken voor vrouwen kunnen helpen. Het zijn plekken waar je ervaringen kunt delen, tips kunt krijgen, bijvoorbeeld bij het vrouwennetwerk Brainport On Heels.” „Wel wat jammer van die stereotiepe naam,” aldus Mulder, die blij is dat ze negen jaar geleden voor de gemeente Eindhoven koos. „Ik werd aangenomen terwijl ik zwanger was. Je bent niet verplicht het te zeggen. Toch heb ik dat gedaan, omdat ik er eerlijk over wilde zijn en niet het gevoel wilde hebben dat ik relevante informatie had achtergehouden. Dat ik toch werd aangenomen, gaf me een goed gevoel. Er sprak vertrouwen uit.”

Sophie van Hof heeft verschillende functies vervuld binnen de gemeente is nu sectorhoofd Economie en Cultuur. „Aan mannen wordt nooit gevraagd hoe ze fulltime werken combineren met kinderen.”

Huurtarief deelfiets gehalveerd, betere fietsvoorzieningen

‘Ga lekker fietsen!’

De schaalsprong die Eindhoven momenteel doormaakt, heeft allerlei veranderingen tot gevolg. Dan kom je er niet met alleen meer woningen bouwen. De pakweg 50.000 nieuwe Eindhovenaren die er naar verwachting rond 2040 wonen, zullen zich straks immers ook allemaal verplaatsen – en liefst niet allemaal met de auto. Geflankeerd door twee ambtenaren ontvouwt wethouder Strijk zijn visie.

TEKST & FOTO'S: MARTIN VAN ROOIJ

Robert Strijk, wethouder met onder meer mobiliteit in zijn portefeuille, schetst met potlood de context van de veranderingen en de contouren van het toekomstige mobiliteitsbeleid. „Eindhoven telt nu zo’n 250.000 inwoners en gaat de komende vijftien jaar enorm toenemen. Ook de gemeenten om ons heen groeien. Daarom denken we nu na over de mobiliteit van morgen. Want als we ons over vijftien jaar op dezelfde manier verplaatsen als we nu doen, dan loopt het verkeer helemaal vast en dat gaat ten koste van de leefbaarheid.”

Verleiden

Eindhoven wil volgens Strijk een gezonde en verkeersveilige stad zijn, waar mensen elkaar kunnen ontmoeten en graag verblijven. „Zo’n stad word je niet vanzelf. Dat betekent dat we keuzes moeten maken en mensen bijvoorbeeld moeten verleiden om de auto vaker te laten staan. Dat betekent dat we investeren in het spoor met extra stations en (internationale) treinen

ROBERT STRIJK, TANJA MANDERS EN BAS BRAAKMAN (VLNR)
‘Vanwege de schaalsprong neemt de urgentie om ruimte-efficiënte vormen van mobiliteit, zoals de fiets en het lopen, meer ruimte te geven alleen maar toe’

en dat we ons HOV-netwerk (Hoogwaardig Openbaar Vervoer) van bussen uitbreiden. Maar het gaat ook over goede fietsvoorzieningen: brede fietspaden, ongelijkvloerse en dus veilige kruisingen en voldoende plekken om je fiets veilig te stallen.”

Deelmobiliteit (deelauto’s en deeltweewielers) speelt in dit verband een belangrijke rol en heeft specifieke voordelen, aldus de wethouder. „Een auto in privébezit kost veel en neemt in een stad – waar over de verdeling van elke vierkante meter nagedacht moet worden – relatief veel ruimte in. Heb je maar af en toe een auto nodig, dan is een deelauto vaak een prima alternatief. Voor mensen die met het OV naar Eindhoven komen, is voor de reis naar je definitieve bestemming een deelfiets bijvoorbeeld een prima optie. We verwachten dat de komende jaren steeds meer mensen gebruik zullen gaan maken van deelmobiliteit. Het is een ontwikkeling die we maatschappelijk breder zien: we gaan van persoonlijk bezit naar flexibel en gedeeld gebruik.”

Met betrekking tot deeltweewielers heeft Eindhoven eerder dit jaar een bijzondere stap gezet, vertelt beleidsadviseur duurzame mobiliteit Tanja Manders. „In het verleden gaven we vergunningen aan een of meer aanbieders. Sinds kort doen we het anders. We hebben alle deeltweewielersvoertuigen aanbesteed aan één partij – umob – die verantwoordelijk is voor het aanbod van al deze vormen én voor de overkoepelende app. Als gemeente sturen we binnen dit langjarige partnership op lagere prijzen, goede beschikbaarheid van deelfietsen, -scooters, en -bakfietsen verspreid over de stad, en stellen we eisen aan de kwaliteit en de plekken waar de voertuigen geordend gestald worden.”

Meerdere aanbieders, één app Eén aanspreekpunt dus en uniformiteit in aanbod en gebruik. Manders: „In het verleden hadden we meerdere aanbieders van deelfietsen en elke aanbieder had zijn eigen app. Nu heb je in Eindhoven alleen nog de umob-app nodig. Daarin zie je de fietsen van alle – nu actieve - aanbieders: Felyx (scooters), Dott (elektrische en normale fietsen) en Cargoroo by Moby (deelbakfiets). De voorwaarden en de prijzen per type

voertuig zijn hetzelfde. En als er op termijn een nieuwe partij bij komt, dan moet die aan dezelfde eisen voldoen.”

De gemeente stelt allerlei eisen aan umob. Manders: „We hebben bijvoorbeeld bedongen dat de deeltweewielers in alle wijken beschikbaar komen. In het verleden bedienden aanbieders vooral die delen van de stad die commercieel het meest interessant waren. Nu bedienen ze de hele stad.”

Strijk: „We leggen de komende jaren in totaal 500 hubs aan met ‘nietjes’; fietsbeugels om fietsen te parkeren. Daar staat een groen hub-bord bij. Alleen bij zo’n hub kun je een deelfiets stallen. Doe je dat niet, dan blijft je huur doorlopen. De hubs liggen ongeveer 300 meter van elkaar. Er is dus altijd een hub dichtbij.” Voor de aanleg van hubs hanteert de gemeente het uitgangspunt ‘mobiliteitsruimte voor mobiliteitsruimte’, geeft Manders aan. „Dat betekent dat we van bijvoorbeeld een parkeerplaats voor auto’s een hub voor deeltweewielers maken. De teller staat nu op zo’n zestig hubs. Voor 2030 moeten alle 500 hubs zijn aangelegd.”

Vijftig kilometer nieuw fietspad

Bas Braakman is beleidsadviseur fiets en zet zich onder meer in voor de realisatie van doorfietsroutes. „We streven naar veilige, comfortabele en aantrekkelijke fietsverbindingen in de stad en van en naar de stad, waarbij je zo soepel mogelijk en met zo min mogelijk wachttijden bij verkeerslichten naar je bestemming kunt fietsen. Een van de plekken die we willen verbeteren is het Floraplein. Fietsers moeten daar zeker in de spits vaak lang wachten voor ze veilig kunnen oversteken. We onderzoeken nu een ongelijkvloerse oplos-

sing, zodat fietsers ongehinderd het Floraplein kunnen kruisen, net zoals we dat eerder bij de Hovenring en de Berenkuil hebben gedaan. De regio (Rijk, Provincie en gemeenten) investeert op ongekende schaal in doorfietsroutes; verspreid over tien gemeenten wordt de komende jaren meer dan 50 kilometer aan nieuwe hoogwaardige fietsverbindingen aangelegd met een investeringsvolume van zo’n 100 miljoen.”

De rode draad is: Eindhoven gaat de (deel)fiets nog beter faciliteren. Braakman: „Vanwege de schaalsprong neemt de urgentie om ruimte-efficiënte vormen van mobiliteit, zoals de fiets en het lopen, meer ruimte te geven alleen maar toe. Neem het Fellenoordpad bij het Beursgebouw. Dat is de drukste fietsroute van de stad met ruim 16.000 fietsers per dag. Als het stationsgebied in 2045 helemaal is ontwikkeld en ingericht, zullen dat

er ongeveer 35.000 zijn en is het een van de drukste fietspaden van Europa. Dan hebben we echt meer ruimte nodig. Niet alleen voor de rijdende fiets, maar ook voor de stilstaande fiets. Daarom komen er aan beide kanten van het centraal station ondergrondse fietsenstallingen: aan de noordkant voor 7.800 fietsen en aan de centrumzijde voor 5.400 fietsen.”

Ruimere stallingen

De stalling onder het 18 Septemberplein krijgt volgens Braakman binnenkort een ingrijpende opknapbeurt. „Er komen nieuwe rekken die ook geschikt zijn voor fietsen met bredere banden, en vakken voor fietsen met een kratje, fatbikes en bakfietsen. Ook komt er een plek waar je je fiets kan repareren en een fietsparkeerdetectiesysteem met displays die vrije plekken aangeven. Daarnaast wordt de stalling in de Heuvel aangepakt. Begin 2027 wordt de stalling helemaal gemoderniseerd en komen er driemaal zoveel fietsparkeerplekken als nu. Ook op andere plekken in het centrum wordt de komende jaren flink geïnvesteerd in nieuwe openbare fietsenstallingen en extra fietsnietjes, om de bezoeker van de binnenstad maximaal te faciliteren.”

Zelf ervaren hoe lekker dat fietst op een deelfiets?

Probeer het eens en download de gratis umob-app.

Buurtfunctie behouden in nieuw ontwerp

Complete make-over voor Wilhelminaplein

3D IMPRESSIE: FLUX LANDSCAPE ARCHITECTURE

Vanaf het moment dat Philips zich in Eindhoven vestigde, is de stad in transitie geweest. Eindhoven is als een slang die geregeld zijn oude huid afgooit en een nieuwe aantrekt. De publieke ruimte moet daarin mee. In de pijplijn zitten onder meer een compleet nieuwe stationsomgeving en wonen aan het Stadhuisplein. Dat is nog toekomstmuziek. Dat geldt niet voor het volledig heringerichte Wilhelminaplein, dat net voor Koningsdag is opgeleverd. Klaar voor het terrasseizoen.

TEKST & FOTO'S: MARTIN VAN ROOIJ

Sluit je ogen en probeer je voor te stellen hoe Eindhoven er uitzag voor de herindeling van 1920. Wat zie je? Een stadje van niks met amper tienduizend inwoners, opgesloten tussen vijf dorpen die qua oppervlakte veel groter waren. Liep je vanuit Eindhoven de Dommelstraat af, dan kwam je bij de Parklaan: gemeente Tongelre. Aan het eind van het Stratumseind, over het bruggetje?

Daar begon Stratum. Woensel begon al halverwege het Stationsplein, dus

aan de centrumzijde van het station. Eindhoven was een adolescent met groeistuipen, gehesen in een broek maatje 140. Het knelde aan alle kanten.

Geen pleinenstad

Met de komst van Philips en de opening van de eerste Philips gloeilampenfabriek aan de Emmasingel (nu het Philips Museum) trokken arbeiders van heinde en verre naar Eindhoven voor werk. Al snel barstte de stad uit zijn voegen; vandaar de fusie tot groot Eindhoven in 1920. Maar ook in de jaren daarvoor werd al flink gebouwd, weet Herman Kerkdijk, voormalig stedenbouwkundige van de gemeente Eindhoven,

‘

Pleinen zijn sociale condensatoren’

kenner van de stad en auteur van het boek ‘Eindhoven Variomatic’ (Lecturis). Een goed voorbeeld daarvan is volgens hem het Wilhelminaplein. „Dat was een uitbreiding op de binnenstad van Eindhoven. Het besluit om aan de Willemstraat een plein aan te leggen is achteraf bezien best bijzonder. Eindhoven is namelijk van oudsher helemaal geen pleinenstad.”

Eindhoven is in 1232 gesticht door de Hertog Jan van Brabant nabij de kruising van twee belangrijke handelsroutes: van Den Bosch naar Luik en van Antwerpen naar Keulen, op een hoger gelegen stuk grond tussen de Dommel en de Gender. Kerkdijk: „De Rechtestraat maakte deel uit van de weg van Den Bosch naar Luik. Naast de Rechtestraat werd een markt aangelegd waar boeren hun vee en graan konden verhandelen, de huidige Markt. Eindhoven had een lintbebouwing – dorpser kan het niet – en geen noemenswaardig centrum en dus ook verder geen pleinen. Pas in 1866 kreeg Eindhoven naast de Markt een tweede plein, het Stationsplein.”

Chique wonen

De aanleg van het Wilhelminaplein, het derde plein van Eindhoven, startte in 1905. Kerkdijk: „Het was bedoeld voor mensen met wat meer geld zodat ze wat groter konden wonen. Niet aan een straat maar aan een plein. Dat was chiquer.” Het Wilhelminaplein heeft – in tegenstelling tot de Markt – altijd een buurtfunctie gehad. „De Markt was van oudsher een marktplein, een plek om te handelen. Het stationsplein heeft weer een andere functie. Het is een soort poort, een plek waar mensen de stad in- en uitgaan, met een vergelijkbare functie als de Middeleeuwse stadspoort. Het Wilhelminaplein heeft altijd de functie gehad van buurtplein: een plek waar buurtgenoten elkaar ontmoeten.”

Kerkdijk kent het Wilhelminaplein als zijn broekzak. „In 1979 kwam ik van Hardenberg (Overijssel) naar Eindhoven om er aan de Technische Hogeschool (sinds 1986 Technische Universiteit Eindhoven - MvR) te gaan studeren. Mijn eerste kamer was in de St. Catharinastraat. Ik kwam aan op een maandagavond en zat de avond erop al in Café Wilhelmina. Iedere zondagavond ging ik naar de telefooncel op het Wilhelminaplein om te bellen met

mijn ouders. Het plein stond in die jaren altijd vol met auto’s.”

In de loop der jaren werd het plein een rommeltje, onder meer door de toepassing van allerlei verschillende materialen. Rond 2003 organiseerden gemeente Eindhoven en de Nederlandse Bond voor Architecten een prijsvraag voor een nieuw Wilhelminaplein, met bijna vijftig ontwerpen als resultaten. Het winnende ontwerp, gemaakt door de Eindhovense architecten Bert Dirrix en Paul Diederen, is nooit uitgevoerd vanwege een gebrek aan politiek draagvlak en geld. Maar de geest was uit de fles, evenals trouwens de klimaatverandering. De zomer van 2015 was zo heet dat de terrassen op het stenige plein nagenoeg leeg bleven. Het was er veel te heet. Omwonenden en ondernemers sloegen de handen ineen en schreven een gezamenlijke visie op het plein. Dat bracht de zaak weer in beweging. Elf jaar later is het heringerichte plein, naar een ontwerp van Flux Landschapsarchitectuur, klaar.

In het ontwerp heeft Flux een paar verstandige keuzes gemaakt, vindt Kerkdijk. „In een allereerste schets voor de herinrichting was het plein nog omgetoverd tot een park. Dat paste niet bij de oorspronkelijke functie van dit plein, namelijk een plek waar omwonenden elkaar ontmoeten. Het Wilhelminaplein is ook altijd een plein geweest van evenementen; denk aan carnaval, het bluesfestival en de fakkeltocht.”

De gemeente heeft er volgens hem goed aan gedaan het plein niet vol te zetten met bomen en ruimte voor evenementen te behouden. Ook de spuitertjes kunnen hem bekoren. „Water in de stad is altijd een goed idee. Allereerst is het leuk. Daarnaast biedt het bij warm weer verkoeling en is het voor kinderen een aantrekkelijk speelelement.”

Condensatoren

Dat het plein vergroend is, begrijpt hij. „Het ontwerp dat de prijsvraag van 2003 won kenmerkte zich door een groot aantal bomen maar zonder plantvakken. Er was dus veel begaanbare ruimte. Ik snap dat er vergroend moet worden maar je moet het niet overdrijven. Pleinen zijn sociale condensatoren. Het zijn plekken waar mensen zich verzamelen, waar demonstraties beginnen en waar revoluties ontstaan. Denk

ANDERE PLEINEN IN HET CENTRUM VAN EINDHOVEN:

‘Ondergrondse waterbergingskelder met een capaciteit van 170 m3 ’
LEONHARD SCHROFER

aan het Plein van de Hemelse Vrede in Beijing, de Place de la Bastille in Parijs en het Maidanplein in Kiev. Sommige mensen dachten dat met de komst van het internet die typische functie van pleinen verloren zou gaan. Online kon je immers een nog veel grotere groep mensen bereiken. Toch hebben de pleinen die functie behouden. Mensen hebben nu eenmaal de behoefte om fysiek bij elkaar te komen. Dat zag je ook tijdens de coronaperiode.”

Plein, kerk, school

Met name in Stratum zijn veel groenpleinen ontstaan nabij een kerk, een school en een parochiehuis, weet Kerkdijk. „Eindhoven is daar stedenbouwkundig bekend om. De grootte van de parochies bepaalde de stedelijke ‘uitleg’. Had je een parochie met vijfduizend zielen en een pastoor, dan kon je bouwen. Zo ontstonden het Gerardusplein, het Mimosaplein, het Gerardusplein en het oude Lavendelplein in Stratum. Heel Stratum zit in feite zo in elkaar. Die pleinen hebben een haast dorps karakter en dat geldt ook voor het Wilhelminaplein. Dat kleinschalige, Bourgondische karakter van het plein is de reden waarom het plein zo populair is.”

Ook andere elementen uit het ontwerp van Flux kunnen zijn goedkeuring wegdragen. „Dat er in de stoepen voor de woningen geen lantaarnpalen staan en alle masten naar het midden van het plein zijn verhuisd, is een goede keuze. Dat geeft rust. Fijn ook dat er geen stoepranden meer zijn;

het hele plein is vlak en dus ook goed begaanbaar voor mensen die minder goed ter been zijn. Verder ben ik blij met de toepassing van de zogenaamde ‘Eindhovense steen’. Die is kenmerkend voor het centrumgebied en heeft een chique uitstraling. Verder ben ik blij dat er aan de randen van het plein niet meer kan worden geparkeerd, al blijft het jammer dat er midden op het plein zelf parkeerplaatsen zijn aangelegd.” Of ze daar blijven, is overigens de vraag. De gemeente sluit niet uit dat deze vijftien parkeerplaatsen op termijn niet meer nodig of wenselijk zijn en worden weggehaald.

WAT IS OP HET WILHELMINAPLEIN GEBEURD?

HERMAN KERKDIJK

Ontwerp uw droomkeuken met een professionele architect: nu geheel kosteloos.

Laat u inspireren en zet de eerste stap naar uw ideale keuken.

Tijdens de Design Your Kitchen Dagen bij Miele in Eindhoven ontvangt u gratis en vrijblijvend persoonlijk advies van een ervaren architect. Tijdens het gesprek bespreekt u uw wensen, stijl en indeling. De architect vertaalt dit direct door naar een schets en geeft deskundig advies over de perfecte Miele apparatuur voor uw keuken. U gaat naar huis met een concreet ontwerp en waardevolle inzichten. Het adviesgesprek met de architect t.w.v. € 250 is nu volledig kosteloos.

Bent u bezig met uw nieuwe keuken en wilt u zeker weten dat alles klopt?

Aanmelden kan via de QR code.

ASML kan het niet alleen

Groen licht voor de plannen van ASML. De o zo gewilde uitbreiding van Brainport Industries Campus in Eindhoven gaat er komen. En dat is goed nieuws voor de regio mits het mkb ook een uitnodiging krijgt voor het feestje.

De groeiverwachtingen voor Nederland zijn de komende jaren beperkt. Een groeibriljant als ASML is dus meer dan welkom. Want laten we niet vergeten: ASML is een wereldspeler. Maar zelfs met alle slimme koppen in huis kunnen ze die volgende stap niet alleen zetten. Groei bij ASML betekent namelijk ook iets anders: druk op de regio. Op woningbouw, mobiliteit, voorzieningen en vooral op de ruimte voor andere bedrijven om mee te groeien.

Met het positieve besluit van de Eindhovense gemeenteraad kiest de regio uitdrukkelijk voor versnelling. Geen voorzichtige stap vooruit maar een sprong: duizenden banen, nieuwe bedrijvigheid en een verdere versterking van Brainport als economische motor van Nederland. Dat getuigt van ambitie en bestuurlijke durf. Precies wat nodig is in een wereld waarin economische regio’s op wereldschaal concurreren op slimme innovaties en human capital.

Maar die keuze legt ook iets bloot. ASML is misschien het vlaggenschip maar er maken nog veel meer schepen deel uit in de vloot. Grote bedrijven, toeleveranciers en het mkb vormen samen het fundament van Brainport. Zij investeren, innoveren en zoeken continu naar manieren om meer te doen met minder mensen. De kracht van de regio zit juist in dat samenspel.

En daar begint het te knellen. Want terwijl de ambities groot zijn, zoals verduurzaming, elektrificatie en uitbreiding, lopen steeds meer bedrijven vast op grenzen die ze zelf niet kunnen oplossen. Het stroomnet zit vol. Aansluitingen laten op zich wachten. Fysieke ruimte is schaars. Plannen worden uitgesteld of verdwijnen zelfs in de la. Ondernemers willen vooruit maar missen de randvoorwaarden om door te pakken. Dat is geen randprobleem maar een fundamenteel risico. Want als een deel van het ecosysteem vertraagt, doet de rest onvermijdelijk mee. Groei bij de één kan niet zonder ruimte bij de ander.

De conclusie is simpel: als we kiezen voor groei moeten we die keuze ook consequent doortrekken. Niet alleen ruimte voor de koplopers maar voor het hele veld. Niet alleen plannen op papier maar ook de infrastructuur die ze mogelijk maakt.

Want ASML kan het niet alleen.

Lars van der Hoorn

VNO-NCW Brabant Zeeland

elphi nelissen was de eerste vrouwelijke decaan van de tu/e

‘Vrouwen spreken hun ambitie te weinig uit’

In 2011 werd ze de eerste vrouwelijke decaan van de Technische Universiteit Eindhoven (TU/e). Daarvoor gaf Elphi Nelissen twintig jaar leiding aan haar eigen ingenieursbureau. Ze was twee jaar lid van het college van bestuur van Fontys. Sinds vier jaar vult ze met talrijke advies- en toezichthoudende functies haar werkzame leven. Al die tijd stuit ze figuurlijk op het old boys-netwerk in haar strijd voor de gelijkwaardige positie van vrouwen. Ze had gehoopt dat dit ‘hardnekkige fenomeen’ allang doorbroken was. ,,Het gaat de goede kant op maar wel erg langzaam. Het is misschien overdreven maar daar ben ik wel een beetje teleurgesteld in ja.”

TEKST: HANS MATHEEUWSEN | FOTO'S:

Een gemengd team van mannen en vrouwen presteert gewoon beter, geeft Elphi Nelissen als reden voor haar campagne ten gunste van vrouwelijk leiderschap. „Vrouwen denken vaak veel meer op de lange termijn en minder aan eigen gewin maar aan hoe we samen als team kunnen presteren. Mannen zijn beter in het nemen van snelle beslissingen, zijn over het algemeen kordater maar denken vaker aan de korte termijn en aan hoe ze er zelf uit (kunnen) komen. Dat is weliswaar generaliserend gesteld maar uit onderzoek gebleken. Maar bijvoorbeeld bij innovatie passen juist vrouwelijke eigenschappen beter. Samenwerking en verbinding zijn kenmerken van open innovatie. Dan zou je denken dat vrouwen daar vaker op een gelijkwaardig niveau bij worden betrokken. Het gebeurt wel maar te weinig nog.”

Ir. Elphi Nelissen geldt als een topvrouw die uitgaat van eigen kracht. Ze studeerde in 1983 af op bouwfysica aan de faculteit Bouwkunde van de TU/e. Daarna werkte ze bij een ingenieursbureau waar ze de leiding kreeg over de Eindhovense vestiging. Haar expertisegebieden zijn hernieuwbare energie en de gebouwde omgeving, circulaire bouweconomie, duurzaam bou-

wen, installatietechniek, bouwfysica en bouwakoestiek. Na acht jaar richtte ze haar eigen ingenieursbureau op waar ze sinds 2011 geen leiding meer aan geeft maar nog wel mede-eigenaar van is. Toen werd ze gevraagd door bestuurssecretaris Harry Roumen van de TU/e om decaan te worden van de faculteit Bouwkunde. Dat vond ze een mooie, nieuwe uitdaging maar ze kwam in een andere professionele cultuur terecht dan ze gewend was.

Andere vibe

Ze was pas de eerste vrouwelijke decaan op de TU/e. Ze werd tevens een van de weinige vrouwelijke hoogleraren en wel op het gebied van Building Sustainability. De eerste vrouwelijke full professor aan de TU/e was Helga Fassbinder in 1976. In 2011 telde de universiteit negen faculteiten, dus negen decanen en drie bestuursleden. Allemaal mannen. In de eerste vergadering vroegen ze Elphi hoe ze daar terecht was gekomen. „Ik ben gevraagd en heb ja gezegd, vertelde ik, en that’s it.”

Ze was over het algemeen happy, met name binnen de faculteit. „Ik heb het niveau van onderwijs en onderzoek van een zes op de schaal van tien naar een acht kunnen brengen. Uiteraard samen met alle collega’s.”

Ze ontdekte dat de manier waarop binnen de faculteit

‘Meer vrouwen in bèta en wetenschap levert een gezondere, beter functionerende organisatie op waar het fijner werken is’

met elkaar werd omgegaan op zijn minst bijzonder genoemd kon worden. „Ik wil verbinding; ik wil samenwerken; ik wil dat mensen elkaar kennen. De hoogleraren bleken nooit bij elkaar te komen. Ze zagen elkaar nooit. Daar heb ik verandering in gebracht. Vier keer per jaar kwamen we bij elkaar, bij een dinertje, tijdens een lunch. De eerste keer gingen mensen zich aan elkaar voorstellen. Veertien hoog -

leraren, die daar soms al twintig, 25 jaar werkten! Ze kregen contact, vertelden elkaar waar ze mee bezig waren. Daar kwamen mooie samenwerkingen uit. Er ontstond een heel andere vibe op de faculteit.”

Dat kwam haar van pas bij het wegwerken van een tekort van een miljoen euro. „ Mijn positieve inslag helpt om overal het beste van te maken. Meer vrouwen in bèta en wetenschap levert een gezondere, beter functionerende organisatie op waar het fijner werken is.”

Citatiescore

Maar ze was ook kritisch. Daar werd ze op aangesproken. „Ik stelde me altijd onafhankelijk op, ook van de TU/e. Ik heb altijd kunnen doen wat goed was, ook al werd ik af en toe teruggefloten. Het was ook moeilijk om de middelen bij elkaar te krijgen. Ik heb wel de windtunnel kunnen bouwen. De faculteit scoorde het hoogst op de citatiescore, die aangeeft hoe vaak je geciteerd wordt en dus hoe goed je onderzoek is. Dat vonden ‘ze’ helemaal niet leuk. Want bouwkunde werd niet beschouwd als onderzoeksfaculteit; wij waren knutselaars. Terwijl we hoogwaardige onderzoekers hadden, werd ons resultaat een beetje weggemoffeld. Er werd gewoon niet over gepraat. Dat zou bij elektrotechniek niet gebeuren.

Ik wees mensen op hun taken en afspraken. Zo zorg je dat kansen op tafel komen. Onderzoek kun je pas doen als je geld hebt. We hebben er de schouders onder gezet en goede mensen aangenomen. Dat waren vaak mannen, maar ook vrouwen. Ik heb vrouwen aangesteld die anders misschien minder kans hadden gemaakt. Ze moesten natuurlijk wel goed zijn.” In de afgelopen jaren is het aantal vrouwelijke onderzoekers op de universiteit met vijftig procent toegenomen, een gevolg van bewust beleid. Elphi: „Het is een goede zet geweest van de TU/e om bij voorkeur vrouwen aan te nemen om een beetje van de achterstand in te halen. De uitdaging is om ze te behouden. Vrouwen binnen de TU/e, zeker in mijn tijd, hadden het er gewoon moeilijker.”

Bescheidener

‘Elke steun om vrouwen in de top te kunnen positioneren helpt’

Zelf genoot ze veel vrijheid, zegt Elphi. „Ik heb veel geleerd en veel kansen gekregen. Ik kreeg ook veel ruimte.” Naast haar functie bij de universiteit was ze voorzitter van de Sociaal-Economische Raad van de provincie Brabant en voorzitter van het Adviescollege van de Provincie (Brabant Advies). In haar rol als voorzitter van het Transitieteam Circulaire Bouweconomie beïnvloedde ze de beleidsvorming op het gebied van circulair en duurzaam bouwen op nationaal niveau. Ze was lid van de nationale Taskforce Building Agenda (Bouwagenda). „Dat waren mooie nevenfuncties. Ik kon het Brainport Smart District starten. Een nieuwe slimme wijk in Helmond die helaas niet doorgaat. Dat gebeurde allemaal dankzij mijn positie op de TU/e. Ik heb ook veel te danken aan de TU/e.” Sinds enkele jaren vervult ze met name toezichthoudende functies. Het aantal vrouwen is redelijk vertegenwoordigd, weet ze, maar ze hebben nog niet de beoogde gelijkwaardige positie. Het potentieel aan vrouwelijk leiderschap binnen Brainport wordt nog onvoldoende benut, vindt Elphi. Daar probeert ze onder andere via een mentorschap als lid van Brainport Women on Board wat aan te doen. „Vrouwen spreken hun ambitie te weinig uit, zijn bescheidener. Vrouwen presenteren zich anders, ook tijdens sollicitaties. Een goede commissie prikt daar doorheen.” Een handicap is dat vrouwen geen deel uitmaken van het old boys-netwerk in de regio, constateert Elphi „Dat geeft het leiderschap door aan de volgende generatie mannen. Dat gebeurt ongetwijfeld onbewust en ongemerkt. Ik dacht vijftig jaar geleden al dat we dit hardnekkige fenomeen zouden doorbreken. Ik ben blij met Rianne Letschert als minister van Onderwijs. De vrouwenclubjes zijn nog steeds nodig. Elke steun om vrouwen in de top te kunnen positioneren helpt. Ik ben positief ingesteld maar dit is helaas nog steeds nodig.”

LOTTE GEERTSEN, ASTRID VAN DEELEN EN HILDE DE VOCHT (VLNR)

Diverse(re) teams komen tot meer en betere prestaties

‘Soms moet je tijdelijk ongelijk investeren voor gelijke kansen’

Sluit je ogen en denk aan een leider. Wat zie je? Lotte Geertsen, co-founder en bestuurslid van Future by Diversity, heeft wel een idee van dat plaatje: de meesten denken aan een witte man van tussen de veertig en vijftig jaar, in een strak, blauw pak. Waarom het goed zou zijn als dat beeld verandert? Diverse(re), inclusieve(re) teams komen tot meer en betere innovaties.

TEKST: KOEN CHATROU | FOTO'S:LEON VAN LOON

Lotte vertelt samen met Astrid van Deelen (manager van het team onderwijs en arbeidsmarkt bij Brainport Development) en Hilde de Vocht (oprichter Fe+Male Tech Heroes) over haar missie voor de Brainportregio. „Je moet kunnen worden wie je wilt worden. Het helpt daarbij als je diverse voorbeelden om je heen ziet, in alle kleuren, smaken en vormen.”

Hilde werkt al sinds 2008 op de High Tech Campus Eindhoven. Ze zag er van dichtbij hoe bedrijven worstelden met het vraagstuk: hoe trek je divers talent aan en hoe behoud je vervolgens die talenten? Op de campus waren wel kleine groepjes vrouwen actief, verspreid over verschillende bedrijven en

gebouwen. Maar ze vonden elkaar nauwelijks. Vandaar dat Hilde in 2019 samen met Ingelou Stol Fe+Male Tech Heroes opstartte. Al tijdens hun eerste evenement was de zaal afgeladen vol. Inmiddels bestaat het netwerk uit zo'n vijfduizend leden en dertig bedrijvenpartners én organiseert het meerdere evenementen per jaar, waaronder een conferentie, meetups en een awardshow.

Wetenschappelijk bewijs

Lotte was als directeur innovatie jarenlang actief op diezelfde campus. Ze werkt nu als innovatie-ondernemer aan maatschappelijke uitdagingen en ziet steeds hoe cruciaal verschillende perspectieven zijn, van idee tot product. „Het is wetenschappelijk bewezen dat meer perspectieven bijdragen

aan betere oplossingen. Kortom: het maakt innovatie succesvoller”, zegt ze. Samen met drie andere ondernemende vrouwen uit de regio startte ze Future by Diversity, met een groeiende community van meer dan driehonderd vrouwen, waarvan ruim vijftig mentees en ruim zeventig mentoren. Dit jaar is een mentorprogramma gelanceerd waarin 25 vrouwen met groeiambities worden gekoppeld aan 25 vrouwelijke rolmodellen, werkzaam in de techniek, maakindustrie en IT. Gedurende een half jaar ontmoeten ze elkaar minimaal vijf keer, daarnaast worden er gezamenlijke bedrijfsbezoeken en events aangeboden.

Astrid is manager van het team onderwijs en arbeidsmarkt bij Brainport Development. Ze is da-

gelijks bezig met de schaalsprong van de regio: de verwachting is dat er de komende jaren 50.000 extra technici en IT‘ers nodig zijn in de Brainportregio om aan de vraag van werkgevers te voldoen. „Om het maximale uit al dat talent te halen, is diversiteit de sleutel tot succes. Hoe meer verschillende perspectieven bij elkaar, hoe meer ideeën, hoe disruptiever”, stelt Astrid. „Diverse teams doorbreken tunnelvisie, vergroten foutdetectie en leiden tot robuustere besluiten met meer innovatie, betere besluitkwaliteit en sterkere governance, met een aantoonbare correlatie met hogere performance.” Maar die winst komt volgens haar niet vanzelf: diverse teams zijn lastiger te managen en leveren pas echt resultaat als je het systeem, van selectie tot besluitvorming, fundamenteel anders inricht. „Dat moeten we samen doen.”

Verder dan man en vrouw

In sommige landen is die diversiteit al wat meer zichtbaar. „Neem landen in Oost- en Noord-Europa, zoals Estland, Polen, Bulgarije en Denemarken. Daar werken veel meer vrouwen in de techniek. Dat zijn voorbeelden voor

ons”, zegt Hilde. Lotte illustreert waarom dat zo belangrijk is met een voorbeeld uit de geneeskunde. „Decennialang werd medisch onderzoek vooral uitgevoerd op mannelijke patiënten, door overwegend witte, mannelijke artsen. Het gevolg: behandelingen die niet voor iedereen even goed werken.”

Toch gaat diversiteit volgens het drietal veel verder dan de verhouding tussen mannen en vrouwen. Astrid wijst op de enorme internationalisering in de regio. „Als ik op vrijdag de stad in ga, word ik veelal in het Engels te woord gestaan.” Die internationale instroom is ook zichtbaar in de klaslokalen. Haar dochter zit in een klas die bestaat uit zeven nationaliteiten. „De kinderen in deze regio groeien op als wereldburgers. Dat maakt dat ze al van jongs af aan innovatiever. Ze zijn gewend om met een open blik naar de wereld te kijken en kennen de verschillende perspectieven die er zijn”, zegt Astrid.

130 jaar

Hoewel de jeugd in de regio al gewend is aan een inclusieve samenleving, is er

'We zijn al meer dan twintig jaar bezig met techniekpromotie, met specifieke aandacht voor meiden en techniek ’

volgens het drietal in de arbeidsmarkt nog een wereld te winnen. Astrid: „We zijn al meer dan twintig jaar bezig met techniekpromotie, met specifieke aandacht voor meiden en techniek. En we kunnen nog steeds niet zeggen dat de verdeling man, vrouw fifty-fifty is. In technische bedrijven geldt een werknemerspercentage van twintig procent vrouwen al als uitzonderlijk. Natuurlijk zijn er uitzonderingen maar er is nog werk aan de winkel.” Lotte haakt aan: „Zonder extra inzet duurt het naar schatting nog 130 jaar voordat er sprake is van een evenredige vertegenwoordi-

ging op de werkvloer (bron: Global Gender Gap Report van het World Economic Forum) . De reden dat we er allemaal mee bezig zijn, is dat het anders zo lang duurt. Anders zou ik hier niet zitten.”

Toch ziet Hilde echte verandering. „Er zijn meer vrouwen zichtbaar in de tech en het beeld van wat techniek is verbreedt langzaam. Het is niet altijd iemand in een labjas die aan een minuscuul apparaatje werkt. Er zijn juist enorm veel verschillende rollen en mogelijkheden. Die trots en herkenning proberen we te vergroten,” zegt Hilde. De awardshow van Fe+male Tech Heroes draagt

daar bewust aan bij. „We nodigen heel verschillende sprekers uit. Dat kleurrijke en brede palet, dat reflecteert wat tech echt is.”

Bewustwording bij mannen

De drie willen geen tegenstelling creëren, maar juist sámen verandering in gang zetten. En dat betekent: het betrekken van mannen. Want iedereen moet in beweging komen, dus niet alleen vrouwen. „Geef je vrouwelijke collega die ene leuke klus, laat haar die presentatie doen, moedig haar aan om de volgende stap te zetten”, zegt Hilde. Lotte wijst op iets wat in sollicitatiegesprek-

ken structureel misgaat: mannen krijgen toekomstgerichte vragen, vrouwen moeten zich verantwoorden op basis van het verleden. „De een mag de rol inkleuren, de ander moet zich bewijzen”, zegt ze. En dan is er nog de vacaturetekst. Mannen solliciteren bij 75 procent match, vrouwen wachten vaak tot ze zeker weten dat ze aan álles voldoen. „Soms moet je tijdelijk ongelijk investeren voor gelijke kansen”, zegt Lotte.

Verandering begint niet alleen op de werkvloer. Astrid realiseert zich dat ze haar dochters van nature al meeneemt in een wereld van techniek en wetenschap en gelijke kansen, en dat dat bij veel gezinnen heel anders is. „Uiteindelijk hoop je dat vaders en moeders hun kinderen meegeven dat iedereen dezelfde kansen krijgt, waar je ook vandaan komt.”

Terug naar die leider in het blauw pak. Hoe ziet die er over tien jaar uit? Lotte hoeft er niet lang over na te denken. „Authentiek. Een combinatie van daadkracht en empathie. Man, vrouw, wie dan ook. Pas dán is onze missie geslaagd.”

MARCELLA BOS (L) EN HEIDI LOS

Honderd vrouwen, honderd verhalen, dezelfde herkenning

Onbewust opgeleid: opgroeien in een ondernemersgezin

Heidi Los en Marcella Bos schreven het boek ‘De kracht van ondernemersdochters’ na gesprekken met meer dan honderd vrouwen die opgroeiden in een ondernemersfamilie. Hun boodschap voor de Brainportregio: er loopt hier een enorme hoeveelheid onbenut talent rond en dat is zonde.

TEKST: SAM WAEGHE | FOTO'S: RENÉ MANDERS/DCI MEDIA

Een elfjarig meisje doet de deur open bij een huisbezichtiging. Ze neemt de bezoekers mee door de ruimtes, beantwoordt hun vragen, loopt zelfstandig de woning door. Met camera en al. Ze had het gewoon opgepikt, vertelt Heidi Los. „Jaar na jaar had ze haar ouders zien werken, de taal gehoord en de aanpak geabsorbeerd. En toen ze de ruimte kreeg, was het kunnen er al.”

Precies dat moment, zeggen Heidi Los en Marcella Bos, is waar het bij ondernemersdochters om draait. Niet de opleiding op papier. Niet het cv, maar de kennis die jarenlang onzichtbaar werd opgebouwd, gewoon doordat je er middenin stond. De vraag die hen al jaren bezighoudt: waarom wordt die kennis zo zelden gezien?

Honderd vrouwen, een herkenning

De twee kennen elkaar al langer dan het boek oud is, maar naarmate ze elkaar beter leerden kennen, ontdekten ze hoe sterk hun overeenkomsten waren. Allebei afkomstig uit Waddinxveen. Heidi Los groeide op in een smederij met gasopslag, Marcella Bos in een woninginrichtingszaak. Hoe verschillend die sectoren ook zijn, ze herkenden bij elkaar dezelfde patronen: de dadendrang, de moeite met stilzitten, het aanhoudende gevoel dat er iets gedaan moet worden.

Die herkenning vroeg om een naam en uiteindelijk om een boek. Niet na een snelle ronde langs een paar bevriende ondernemers, maar na gesprekken met meer dan honderd

vrouwen die opgroeiden in een ondernemersfamilie. ‘De kracht van ondernemersdochters’ verscheen in december 2022. Zelf zitten ze tegenwoordig ook niet stil: Heidi werkt als adviseur familiebedrijven via haar praktijk Design Your Own Future in Eindhoven, Marcella begeleidt met Bos Matchworks ondernemers en teams op het snijvlak van strategie en leiderschap.

Zien hoe je ouders werken

Wat maakt een ondernemersdochter tot wat ze is? Het begint, zegt Heidi, met iets wat voor velen vanzelfsprekend lijkt maar dat niet is: zien hoe je ouders werken. In een gewoon gezin komt vader of moeder thuis, trekt andere kleren aan en vertelt over de dag. In een ondernemersgezin stopt de telefoon niet met afgaan, ligt de

Marcella - ‘ Wie opgroeit in een omgeving waar niks doen geen optie is, neemt dat vervolgens overal mee naartoe ’

laptop altijd op de keukentafel en staat de klant soms letterlijk voor de deur. „Je krijgt het allemaal gratis en voor niks mee”, zegt ze. „En dat alles wordt door je brein als een spons opgenomen, ver voordat je er bewust mee aan de haal gaat.”

Bij Marcella thuis in de woninginrichtingszaak mochten de kinderen meehelpen, ook als een klein foutje grote gevolgen kon hebben. „Ik kon altijd goed rekenen en meten. Na het heel secuur uitmeten mocht ik de gordijnen knippen. Achteraf denk ik: die stof was peperduur. Wat een verantwoordelijkheid voor een kind.” Zo groeit het lef mee, zegt ze. Dat lef en die realisatiekracht zijn een rode draad door de honderden verhalen die de twee optekenden.

Maar ze benoemen de keerzijde even nadrukkelijk: ontspannen is een zonde. Ook rusten moet een doel hebben. „Wie opgroeit in een omgeving waar niks doen geen optie is, neemt dat vervolgens overal mee naartoe”, zegt Marcella. „Op het werk, maar ook thuis en op de sportclub van de kinderen. Het is deel van je karakter geworden.”

Ook voor de ouders

Het boek richt zich op ondernemersdochters, maar er is alle reden voor hun ouders om het ook te lezen. Na publicatie kwamen er ook reacties van ondernemersouders. Sommigen hadden altijd het gevoel tekortgeschoten te zijn omdat ze niet langs het hockeyveld hadden gestaan of schoolavonden hadden gemist vanwege drukte. „Mensen kwamen met de boodschap dat ze zich gerustgesteld voelden”, vertelt Marcella. „Er is bij die ouders nu het besef dat ze hun kinderen blijkbaar

meer hebben meegegeven dan ze dachten, puur door het runnen van de onderneming terwijl je kinderen erin opgroeien.”

Het boek is ook nuttig voor mensen in de omgeving van de ondernemersdochter: partners, familieleden, vrienden. Wie begrijpt waar ze vandaan komt, begrijpt ook waarom ze niet kan stilzitten, alles wil regelen of moeite heeft met loslaten. „Dat vormt zich met de opvoeding”, zegt Heidi. „Als je dat eenmaal weet, kijk je er toch anders naar.”

Dag van de ondernemersdochter Heidi en Marcella vonden dat het bestaan van de ondernemersdochter herhaaldelijk gevierd mag worden. Jaarlijks, op 19 januari, is het de Dag van de Ondernemersdochter: een dag waarop ondernemers en hun kinderen stilstaan bij wat er wordt meegegeven als je opgroeit in een ondernemersfamilie. Niet met het idee om jaarlijks een groot evenement te organiseren, ze hebben tenslotte hun eigen ondernemingen te runnen. De invulling is bewust overgelaten aan anderen. Ondernemers, scholen en brancheorganisaties organiseren zelf activiteiten, elk op hun eigen manier.

Zo liet die makelaar zijn elfjarige dochter een bezichtiging leiden. „Ze deed het zonder aarzeling”, vertelt Heidi. „Dat had ze gewoon opgepikt.” Precies dat, zeggen de twee, is waar de dag om moet draaien: niet prestaties afdwingen maar zichtbaar maken wat er al aanwezig is.

Ongekend talent

En dan de vraag die Heidi en Marcella niet loslaat. Ondernemersdochters zijn klaargestoomd voor het

ondernemerschap. Ze hebben de taal geleerd, de aanpak geabsorbeerd, het lef ontwikkeld. Maar in de praktijk worden ze er zelden op aangesproken. Heidi werkt in de Brainportregio en herkent het patroon ook hier.

„Er staan prachtige vrouwen aan het roer van invloedrijke bedrijven”, zegt Heidi. Een zichtbare verandering. Maar ze houdt een slag om de arm: „Continuïteit is geen vanzelfsprekendheid. We mogen niet in slaap vallen. De vraag is altijd: wie volgt hen op?”

Marcella wijst op een hardnekkig patroon dat de doorstroom belemmert: vrouwelijke ondernemers krijgen in Nederland aantoonbaar minder financiering dan mannelijke. Dat heeft volgens haar alles te maken met onbewuste onwetendheid aan de andere kant van de tafel. „Iemand die niet de sterkste opleiding op papier heeft maar al van kinds af aan meedraait in een bedrijf heeft ervaring en kennis die je op de universiteit niet meekrijgt. Dat mag wel eens vaker worden ingezien.”

Voor de ondernemersdochter die nu geen tijd heeft om het boek te lezen, hebben Heidi en Marcella toch iets mee te geven. „Vertrouw op wat je voelt”, zegt Heidi. „Je weet het meeste eigenlijk al. Het enige dat je nog moet ontwikkelen is het vertrouwen dat dat ook goed genoeg is.” Marcella vult aan: „Zoek elkaar op, bij de mensen die in dezelfde boot zitten. Daar zit de kracht.”

En dus: als die elfjarige makelaarsdochter de deur voor je opendoet bij een bezichtiging, neem haar serieus. Ze heeft er jarenlang voor gestudeerd, al wist ze dat zelf niet.

Heidi - ‘ Je weet het meeste eigenlijk al. Het enige dat je nog moet ontwikkelen is het vertrouwen dat dat ook goed genoeg is’

eindelyk open in de regent

Wie via de Emmasingel richting de Willemstraat loopt, ziet het meteen: de Eindelyk Gift Store is open! Met zijn winkel onderin woontoren De Regent heeft ontwerper Jurgen van Zachten zijn droom waar-gemaakt; hij heeft nu de perfecte plek waar iedereen de complete Eindelyk-collectie kan komen bekijken, van artprints tot snoep en van t-shirts tot speciaalbier.

TEKST: BREGJE VAN DOMMELEN | FOTO: RENÉ MANDERS/DCI MEDIA

Mijn webshop loopt al goed en op verschillende plekken in de stad kun je Eindelyk-producten kopen.

Maar met een eigen winkel kan ik pas echt laten zien wat Eindelyk inhoudt. Wat de context van het merk is”, zegt Jurgen genietend. „Veel mensen met een Philips-verleden zien mijn illustraties van Eindhovense gebouwen hangen en lopen naar binnen om rond te kijken én voor een praatje. Ik heb al heel wat mooie en persoonlijke anekdotes gehoord.” De winkel is ook ideaal om zakelijke klanten te laten zien wat er allemaal mogelijk is. „Bestaande Eindelyk-producten worden aangepast of ik ontwerp iets nieuws dat echt aansluit bij een organisatie. Dan heb je een uniek relatiegeschenk.”

Klokgebouw van Lego

De Lego-sets van gebouwen, zoals het Evoluon, het Klokgebouw en Eindhoven Centraal, zijn een grote hit. „Eerst ontwierp ik sets met de Lego van mijn zoon. Inmiddels gebruik ik daar software voor. Er zijn nog genoeg gebouwen waar ik graag een set van wil maken. Zolang Eindhoven niet klaar is met bouwen, ben ik dat ook niet.” Wie op zoek is naar een mooi cadeau of souvenir, vindt

bij Eindelyk een ruim aanbod. Tassen, espressokopjes maar ook een klassieke houten puzzel met onder andere de Flying Pins, het Evoluon en een Dafje. „Deze is zeker niet alleen voor kinderen bedoeld”, vertelt Jurgen. „Zet je de puzzelstukjes overeind, dan kun je je eigen Eindhovense skyline maken.” Alle ontwerpen dragen Jurgens handtekening maar daar komt verandering in. „Ik wil graag samenwerken met andere Eindhovense creatieven om elkaars expertise gebruiken bij het ontwikkelen van nieuwe producten.”

Eindhovense verhalen

Terwijl Jurgen niet zo lang geleden begon te dagdromen over een fysieke winkel kwam deze prominente plek toevallig op zijn pad. „Ik had een bespreking met softwarebedrijf Code Yellow op de eerste verdieping en vertelde over mijn wens. 'Loop maar even mee naar beneden, ik heb misschien wel een ruimte voor je', zei ceo René Cremers. Tja, toen ging het allemaal snel.”

Nu de gift store geopend is, wil Jurgen ook de buitenkant een uitnodigende uitstraling geven. „De Regent is geweldig, maar ook wat kaal op de begane grond. Ik wil het vriendelijker en ook groener maken, met planten en wie weet een klein terras. Dan kunnen klanten in de zon Eindhovense verhalen met elkaar delen.”

kijk door naar seizoen 26/27

parktheater.nl

start kaartverkoop za 23 mei

Hou gewoon even je mond

Ik sta naast een meisje van elf dat net haar zangles heeft afgerond. Ze heeft gewerkt, gelachen en geoefend, precies wat je hoopt in een les. We lopen naar de wachtkamer waar haar moeder dankzij de gehorige muren alles heeft meegekregen.

„ Hoe ging het?”, vraagt ze opgewekt.

„Oké”, zegt het meisje zacht.

Dan kijkt haar moeder me aan, nog steeds glimlachend:

„Tja…, ze is niet echt heel goed hè?”

Oef.

Serieus; sinds wanneer is het normaal om een kind zo af te serveren op iets wat het net heeft durven doen?

We zijn compleet doorgeslagen in het beoordelen. Alles moet meteen goed. Of anders voorál benoemen dat het dat niet is. Alsof plezier pas bestaansrecht heeft als het eindresultaat 'goed genoeg' is. Goed genoeg voor wie? Voor jou? Voor publiek?

Alsof de wereld zit te wachten op de volgende Ariana Grande of Tino Martin. Nieuwsflash: dat doet ‘ie niet.

Waar de wereld wél op zit te wachten? Mensen die durven. Kinderen die hun mond open trekken en zichzelf laten horen zonder schaamte. En precies dat slaan we er met dit soort opmerkingen keihard uit.

„ Maar ik ben toch gewoon eerlijk?” Nee. Het is lui. En schadelijk. Eerlijkheid zonder enige vorm van besef van de impact is geen kwaliteit. Het is gewoon botheid met een strik erom.

Kinderen maar ook volwassenen zingen vals. Onzeker. Te hard. Te zacht. Ze zoeken. Ze proberen. Dat is een onderdeel van een leerproces. Het is een beginpunt, niet het eindpunt.

Wat ze niet nodig hebben? Een stempel 'niet goed genoeg'.

Ze hebben ruimte en vooral aanmoediging nodig. In een stad als Eindhoven, waar we trots zijn op ontwikkelen en experimenteren, zouden we toch beter moeten weten.

Afgelopen week zat ik in de jury van de Orion Awards in het Parktheater en dat voelde dubbel. Want muziek laat zich niet gemakkelijk langs elkaar leggen. Hoe vergelijk je een metalband met een singer-songwriter? Dus ik kijk naar iets anders: plezier, aandacht en ambitie.

Misschien moeten we daar thuis ook eens mee beginnen. En niet alleen bij onze kinderen maar ook bij onze collega’s, vrienden en onze eigen partner.

Echt. Soms is dát het meest liefdevolle wat je kunt doen.

Zeker als er een kind naast je staat dat net dapper genoeg is geweest om zichzelf te laten horen.

En als dat niet lukt, hou dan gewoon even je mond.

Specialist in ondernemingsrecht, vastgoed en familierecht

VDB Notarissen: meer dan alleen notariaat

Voor veel mensen is de notaris een plek waar je een handtekening zet onder een akte.

Bij VDB Notarissen kijken ze daar anders naar. Het kantoor, met vestigingen in Waalre, Rosmalen en Maastricht, positioneert zich nadrukkelijk als strategische partner voor ondernemers en familiebedrijven. „Wij kijken verder dan alleen de papieren werkelijkheid. Bijvoorbeeld door ons te verdiepen in de ambities en uitdagingen van een onderneming.”

TEKST: ROB BONNEMAIJERS | FOTO: CHRIST CLIJSEN/TWYCER

Notaris Marco Haanappel ziet dagelijks hoe breed het werkveld van VDB is. „Wij werken vooral voor ondernemers en familiebedrijven”, vertelt hij. Dat varieert van startups tot zeer vermogende families. Van iemand die op de High Tech Campus een nieuw bedrijf begint tot een familie die nadenkt over bedrijfsopvolging of een verkoop.”

Brede dienstverlening

Die breedte vertaalt zich ook in de drie kerngebieden waarin VDB actief is: ondernemingsrecht, vastgoed en familierecht. Binnen ondernemingsrecht begeleiden de notarissen bijvoorbeeld fusies, overnames, complexe juridische structuren en governance vraagstukken. In vastgoed gaat het om grote projectontwikkelingen, bedrijfspanden en woningtransacties. En binnen familierecht draait het om vraagstukken als huwelijksvoorwaarden, testamenten en vermogensplanning.

„ Je staat als notaris vaak naast cliënten op belangrijke momenten in hun leven”, zegt Haanappel. „ Bij het starten van een bedrijf, bij een overname, bij het kopen van een huis of bij het regelen van een nalatenschap. Dat maakt ons vak zo bijzonder.”

Specialisten met diepgang

Wat VDB volgens hem onderscheidt van andere kantoren is vooral de combinatie van kwaliteit, service en snelheid. Het kantoor telt inmiddels zo’n zeventig professionals met specialistische kennis. „Wij investeren veel in onze mensen door uitgebreide begeleiding en in vaktechnisch overleg”, legt hij uit. „Onze specialisten zitten echt diep in hun vakgebied, net als in een ziekenhuis waar je cardiologen en neurologen hebt die gespecialiseerd zijn in hun expertise. Daardoor kunnen wij complexe vraagstukken goed oplossen.”

Samenwerking met andere adviseurs

Daarnaast werkt VDB intensief samen met andere adviseurs, zoals accountants en fiscalisten. „ Die multidisciplinaire aanpak zorgt ervoor dat onze cliënten vanuit verschillende invalshoeken worden geholpen. Vaak begint het met een financieel plan bij een accountant of fiscalist”, zegt Haanappel. „ Daarna gaan wij kijken naar het juridische jasje dat eromheen past. Door die samenwerking kunnen we onze cliënten echt ontzorgen.”

Altijd onafhankelijk

Een ander belangrijk aspect van het notariaat is onafhankelijkheid. Waar een advocaat één partij vertegenwoordigt, dient de notaris juist het belang van alle betrokkenen te bewaken. „Wij zijn er niet alleen voor de verkoper of voor de koper”, zegt Haanappel. „Wij zorgen dat iedereen begrijpt wat er wordt afgesproken en wat de gevolgen zijn van wat je tekent.”

Zekerheid bij complexe vraagstukken

Juist die combinatie van deskundigheid, betrokkenheid en onafhankelijkheid maakt volgens hem het verschil. Als het ingewikkeld wordt, komen mensen bij ons. „ Dan willen ze zekerheid en een partij die hun materie echt begrijpt. Wij bieden onze cliënten een unieke combinatie van specialistische kennis, hoge servicegraad en snelle responstijden. Dat is precies waar VDB voor staat.”

VDB Notarissen

Eindhovenseweg 126, Waalre 085 - 008 39 00 notariaat@vdbn.nl www.vdbn.nl

Sisterhood - Talk it Out is onderdeel van de City Life Church. Dat is een Nederlands kerkgenootschap dat tot de pinksterbeweging behoort. City Life Church is ontstaan in 1995 in Den Haag. De voorgangers zijn Erald en Mathilde van de Ridder. Het is een kerk maar niet in de traditionele zin van het woord. De diensten zijn modern waarbij een praiseband met al dan niet naar het Nederlands vertaalde songs van Planetshakers, Hillsong Worship, Elevation Worship en vergelijkbare andere praise-artiesten de aanbidding leidt. Bezoekers bestaan uit een grote diversiteit van generaties en relatief veel culturele achtergronden met een sterke focus op de jongere generaties. Er zijn campussen, zoals wij dat noemen, in Rotterdam, Dordrecht en Tilburg, en family kerken in Oss, Leeuwarden, Heerenveen en Leuven. Eindhoven is de enige Engelstalige campus. CLC bestaat hier bijna vijf jaar en houdt zijn diensten in Dynamo. De voorgangers zijn Albert en Jackie Spijker. In het begin was de kerk in Eindhoven een pop-up omdat we nog niet over genoeg mensen en de juiste middelen beschikten. Inmiddels groeit de kerk en vinden er voldoende events plaats. De diensten worden bezocht door zo’n honderdvijftig tot tweehonderd mensen, inclusief kinderen. Dan zijn er ook nog circa vijftig vrijwilligers actief. Verreweg de meeste leden spreken Engels. Het is een internationale gemeenschap. Veel expats. Je hoeft niet christelijk te zijn om lid te zijn. Het gaat ons om het geloof in God en het volgen van Jezus.

Een jaar of wat geleden waren we met vier vrouwen van de jaarlijkse conferentie in Den Haag onderweg naar huis toen we bedachten om iets te doen met de vragen die wij zelf hadden. Dat hebben we besproken met Jackie. Zij vond het een goed idee. Toen zijn wij als Pioneer groep bij La Place bij elkaar gekomen om over ons idee voor Sisterhood te praten. Wat willen we? Wat verwachten we? Hoe pakken we dit aan? Vervolgens hebben we de behoefte gepeild in de gemeenschap. Twintig vrouwen schreven zich in. Wij komen eenmaal per kwartaal in Microlab bij

Afl. 23: Gracia Maerhani (l) en Arpita Herbert, van Sisterhood - Talk it Out

‘Als vrouwen stuiten wij nog wel op struikelblokken’

TEKST: HANS MATHEEUWSEN I FOTO’S: RENÉ MANDERS/DCI MEDIA

Onderstroom

de staat van sociaal nederland

‘Ik kan binnen Sisterhood ook maatschappelijke impact makenʼ

elkaar om over zaken te praten die ons als vrouwen bezighouden. Het aantal deelnemers groeide snel van twintig naar meer dan vijftig. Niemand wist wat te verwachten. We zijn gewoon met elkaar in gesprek gegaan. Daarbij kan het gaan om dagelijkse zaken als zwangerschap, over de beslommeringen van het leven, waar we tegenaan lopen als vrouw of als moeder. Over problemen van of met de kinderen of op het werk. Tijdens bijeenkomsten doen we verschillende activiteiten die verbinden en bemoedigen. Zo versieren we onder andere stenen, gemaakt door Jackie, met motiverende woorden zoals hoop, rust en liefde. Daarnaast zingen we samen - worship -, bidden we voor elkaar en sluiten we de avond altijd af met lekker eten. Het geloof is voor ons niet alleen de ondersteuning maar de fundatie van wat we doen en voornamelijk het starten van Sisterhood- Talk it Out.

Ik ( Arpita - red.) kom uit Allahabad in het noorden van India, dat ligt niet ver van New Delhi. Ik ben learning solutions designer bij ASML in Veldhoven. Ik ontwikkel persoonlijke trainingen ten behoeve van de professionele ontwikkeling van ASML-medewerkers. De ervaringen die ik in de Sisterhood op doe, kan ik gebruiken op het werk. Ik ben nogal introvert maar leer om me meer open te stellen voor anderen. Ik ontwikkel mijn zachte, sociale kant meer. Niet per se om hogerop te komen. Ik zou best een management-functie willen vervullen, als manager van een team dat trainingsprogramma’s ontwikkelt bijvoorbeeld, maar niet per se. Ik (Gracia - red.) ben functioneel applicatie beheerder bij Savant Zorg in Helmond. Ik ben geboren in Indonesië maar opgegroeid in Nederland. Ik heb gewerkt als consulent bij Microsoft. Vervolgens heb ik de overstap gemaakt naar Savant Zorg. Ik ben pas net weer een week aan het werk na terugkeer van een zwangerschap. Ook ik ontwikkel mij via Sisterhood. Mijn vaardigheden neem ik mee naar Sisterhood. Aan de andere kant ontwikkel ik mijn karaktereigenschappen. Ik wil vooral ook graag een sociale en maatschappelijke bijdrage leveren. Dat mis ik nog wel eens in het werk. Ik kan binnen Sisterhood ook maatschappelijke impact maken. Zo kan ik meer betekenen voor anderen, tegelijkertijd mijn skills verder ontwikkelen en

nog meer van mezelf ontdekken. Wij nemen allemaal onze passie mee naar Sisterhood voor de ontwikkeling van onszelf. En dat kunnen we weer toepassen in het bedrijfsleven.

Als vrouwen stuiten wij nog wel op struikelblokken zo is onze algemene ervaring. Wij nemen als vanzelf veel verantwoordelijkheid op ons, voor het gezin, voor de kinderen. Daardoor voelen we ons wel eens beperkt. Niet ten opzichte van mannen maar als vrouw in het bedrijfsleven. In dit stadium van mijn leven heeft mijn gezin prioriteit. Dat neemt niet weg dat ik voldoende ambitie(s) heb. Ik zie mezelf ook niet als een stay home -moeder. De kansen maken we bespreekbaar. Het geeft je de juiste motivatie voor de keuzes die je maakt in het leven, waar je gaat en staat en welke richting je in wil in plaats van te berusten in de huidige situatie. Het zijn allemaal fases in ons leven.

Er is vraag naar de uitwisseling van ervaringen. Waarom zouden we die niet met elkaar delen als we elkaar en onszelf daarmee kunnen helpen? Ons doel met de sisterhood-bijeenkomsten is om een veilige plek te creeren waar vrouwen volledig zichzelf kunnen zijn. Een plek waar je je verhaal kunt delen zonder schaamte of oordeel, en waar alles in gebed wordt gedragen. We verlangen ernaar dat er oprechte vriendschappen ontstaan, zodat het leven als vrouw niet eenzaam hoeft te voelen. Wat ons drijft: your story can be another person’s testimony oftewel jouw verhaal kan iemands krachtbron worden. Overigens wordt ons niets van bovenaf in de kerk opgelegd. Het gaat om levensvragen of problemen die ons dagelijks bezighouden en wij zelf ter sprake brengen.

In tegenstelling tot Arpita woon ik al langer in Eindhoven en ken de stad dus beter. Wij helpen elkaar om binnen Eindhoven onze weg te vinden. Zo zijn we ook in gesprek geraakt met een moeder die zich zorgen maakte over haar kinderen op school. De kinderen zijn een minderheid op school. Ze vroeg of dat normaal is en of de kinderen niet naar een andere school moesten? Discriminatie kan een issue zijn. De kinderen zitten op een normale school waar Nederlands de voertaal is. Veel van onze kinderen zitten op Nederlandse

scholen. Zij kunnen zich anders behandeld voelen. Daar zijn we alert op. Ondanks het feit dat veel Nederlanders Engels spreken voelen veel expats zich als buitenlanders behandeld ondanks dat ze hier wonen, werken en leven. We kennen de discussie in Eindhoven dat expats Nederlands moeten leren spreken. We hebben het daar binnen de kerk ook over. Dat willen ze wel maar op het werk wordt vaak ook alleen maar Engels gesproken.

Er is veel eenzaamheid onder expat-vrouwen. Omdat volgens de gemeente Eindhoven vrouwen elkaar willen ontmoeten, is het verlangen ontstaan om in de stad een Sisterhood-café te vestigen. Een echt, permanent inter -

nationaal café waar vrouwen elkaar kunnen ontmoeten. Veel vrouwen hebben een mama-dag waarbij ze naar buiten gaan. Dan kunnen ze met de kinderen een koffietje pakken in het café en met elkaar sparren over het dagelijkse leven of hun werk. CLC en Sisterhood zouden dat kunnen faciliteren. Dat zou fantastisch zijn. Geloof en vertrouwen zijn belangrijk. Wij vragen er niet om, het komt naar ons toe. Mensen getuigen daarvan. Er zijn expats die geen werk meer hebben en terug moeten keren naar hun land en de dag voor vertrek krijgen ze daar een mooie baan aangeboden. Als je diep zoekt, en vertrouwen houdt, in iets wat je is gegeven, je talenten bijvoorbeeld, dan komt het altijd goed. In je leven, je werk en je carrière.“

Actie 'Klimmen tegen kanker' ten behoeve van onderzoek

Samen omhoog naar toekomst zonder kanker

Rien, Rianne, Ankie en Afina: persoonlijke verhalen komen samen van 16 tot en met 19 september op de Col de la Madeleine. Daar vindt dan de eerste editie plaats van ‘Klimmen tegen Kanker”, een inzamelactie voor onderzoek door het Catharina Ziekenhuis. Iedere deelnemer heeft een eigen motivatie en verhaal en kan de beklimming op een eigen manier invullen. De één wandelt, de ander rent of fietst liever, het kan allemaal. Wat iedereen verbindt is één gemeenschappelijk doel: samen klimmen tegen kanker.

TEKST: FRANK VAN DER LINDEN | FOTO'S: JARNO VERHOEF

Rien Snijders (74) is al een leven lang sportief in de wielersport. De Gemertenaar stapt regelmatig zelf op de fiets en is altijd verzorger geweest van diverse wielerploegen op topniveau. Hij werkte onder andere met Marianne Vos en Annemiek van Vleuten en is op dit moment masseur van de Australische wielerploeg Liv AlUla Jayco. De klap die twee jaar geleden kwam was dan ook groot. Rien: „Ik weet nog precies welke dag het was, Goede Vrijdag, hoe ironisch. Het begon met flinke buikpijn in Normandië, die werd steeds erger. Uiteindelijk kwam ik in het Elkerliek ziekenhuis in Helmond terecht, na een CT-scan volgde de diagnose alvleesklierkanker. Ik was zó fit,

hoe kon dat nou? Dankzij mijn goede conditie kwam ik gelukkig wel in aanmerking voor de zogenaamde Whipple-operatie in het Catharina Ziekenhuis. Ik verloor ook nog mijn linkernier, het was een zwaar traject, maar uiteindelijk genas ik, ook dankzij de belangrijke steun van het thuisfront.” Hoe kwam hij op het idee voor deelname aan dit evenement?

„Tot mijn opluchting kon nog tijdens mijn behandeling mijn stoma worden verwijderd. Bij een afspraak daarvoor vertelde mijn arts, dr. De Hingh, aan wie ik heel veel dank verschuldigd ben, over 'Klimmen tegen Kanker'. Hij is een van de initiatiefnemers en heeft in het verleden dankzij geld van Catharina Health Foundation belangrijk onderzoek kunnen doen. Ook verloor ik mijn jongste broer aan slokdarmkanker. Ik ben dus bijzonder gemotiveerd om bij te dragen aan dit doel om met onderzoek deze ziekte de wereld uit te helpen.”

KLIMMEN TEGEN KANKER

Fiets, ren of wandel voor een toekomst zonder kanker 16 t/t 19 september 2026, Col de la Madeleine Schrijf je nu in: www.klimmentegenkanker.nl

Inschrijfgeld: € 149,Minimale sponsorgeld: € 500,-

‘Het mooie van de tocht vind ik bovendien dat het niet over asfalt gaat, maar door de prachtige natuur’

Van verlies naar nieuw perspectief

Waar Rien zelf patiënt was, doet Rianne Dijkman (45) uit Leeuwarden mee uit verlies. Zij gaat hardlopen ter nagedachtenis van haar man Joost. „Hij kreeg in 2021 de diagnose nierkanker. Er volgde een zeer lang en heftig traject. Waar nog even hoop was op genezing bleek dit helaas niet zo te zijn. In mei 2024 overleed Joost. Voor mij is het meelopen ergens een beetje therapeutisch, maar ik hoop ook echt dat door meer onderzoek dit leed in de toekomst andere gezinnen bespaard mag blijven. Joost en ik hebben drie zoons van twintig, negentien en vijftien jaar. Ik zag in september, oktober vorig jaar een bericht over dit evenement op Instagram. Ik zie het als onderdeel van een soort afsluiting.”

Inmiddels is het meer dan dat geworden en brengt het meedoen Rianne nog iets anders. „Ik ben altijd al bezig geweest met lopen en wandelen en precies op het moment dat ik besloten had om mee te doen, kwam ik mijn nieuwe liefde Paul tegen. Hij is een echte sportman en was direct enthousiast om mee te gaan. Door hem ben ik nog intensiever gaan hardlopen en we trainen samen om bij te dragen aan dit doel. Daarnaast wandelen mijn ouders mee en ook mijn zussen en zwagers zijn van de partij. Als we op 19 september gelopen hebben plakken Paul en ik er meteen een vakantie aan vast. Daarmee staan we niet alleen stil bij het overlijden van Joost en hopen we zoveel mogelijk bij te dragen aan belangrijk onderzoek, maar is het tevens een stap naar nieuw perspectief, nieuw geluk.”

De beklimming verbindt Het evenement is heel laagdrempelig, iedereen kan meedoen. Je kunt

kiezen uit routes van 7, 12,5 of 18 kilometer en je kunt de berg ook wandelend beklimmen. Dat doen bij de eerste editie ook Ankie Gooren-Vermeeren (44) en Afina Scheper (43). „Klimmen tegen Kanker” brengt de twee letterlijk bij elkaar als zij wandelen voor hun overleden vriendin Monique Janssen-Pouwels. Afina; „Ik leerde Ankie pas kennen op de dag van Monique’s uitvaart, via de groepsapp die er was voor familie en vrienden. We hadden vrijwel meteen een klik en zij kwam met het idee om mee te gaan wandelen voor het goede doel.” Ankie: „Ik werk in het Catharina Ziekenhuis, waardoor ik hierover gehoord had. Ik werkte toen nog op de vrouw-kind afdeling, inmiddels doe ik dat voor de afdeling oncologie. Daar werkte ik eerder al tijdelijk en nu kwam er een vaste plek vrij, heel blij dat ik hier nu mag werken. Het is mooi en dankbaar werk in een combinatie van curatieve en palliatieve zorg. Ik ben hier medisch maatschappelijk werker, daardoor ervaar ik van dichtbij wat de ziekte doet voor de patiënt en zijn of haar directe omgeving en hoe belangrijk het is om er ook voor hen te zijn.”

Het toeval wil dat ook Afina werkzaam is in een ziekenhuis, namelijk het Ommelander Ziekenhuis in Groningen. Afina: „Ik werk op de afdeling mammacare. Hier heb ik dagelijks te maken met mensen die borstkanker hebben. Ik weet dus hoe belangrijk het is om onderzoek te blijven doen naar de ziekte. Dus zei ik meteen 'ik ga met je mee!' toen Ankie met het voorstel kwam om de Col de la Madeleine te beklimmen. We waren er direct uit dat we 18 kilometer willen doen, all the way, zoals Monique dat ook zou doen.” Ankie vult aan; „Het mooie van de tocht vind ik bovendien dat het niet over asfalt gaat, maar door de prachtige natuur.”

De dames zijn beiden fanatiek bezig om deelnemers en donateurs te werven. Afina: „Ik gebruik de socials, maar daarnaast via mijn sportschool een sportmarathon en ik zet een pubquiz in.” Ankie: „Mijn totale streefbedrag staat nu op drieduizend euro, maar dat ga ik misschien nog wel een keer bijstellen. Dit hele avontuur helpt mij ook in mijn verwerking merk ik. Fijn is dat Jan, de man van Monique, ook meewandelt. Onderzoek heeft haar niet kunnen redden, maar hoe mooi zou het zijn als het een volgende Monique wel een kans geeft op overleving!"

RIANNE DIJKMAN
AFINA SCHEPER (L) EN MONIQUE JANSSEN-POUWELS

Lezen in het zonnetje

In de literatuur is de zomer veelvuldig bezongen: soms is ze loom en zwoel, andere keren vol onschuld en eerste liefdes. Ze is lange avonden en fladderende gordijnen, dolle pret en heimelijke ontmoetingen. Deze vele gezichten zijn misschien precies waarom dit seizoen zo uitnodigt tot lezen – of je nu in het zonnetje op een tuinstoel zit of met zand tussen je voeten aan zee. Welke boeken pakken de medewerkers van Van Piere deze zomer uit de kast?

Voor Kirsten en Stephanie is een van die boeken Sunny van Jason Reynolds

„Wat dit boek zo sterk maakt", vertelt Kirsten, „is dat het niet alleen over sport gaat maar vooral over identiteit en zelfbeeld." Stephanie vult aan:

„ Sunny lijkt de meest relaxte van zijn hardloopteam, maar draagt een zwaar geheim met zich mee. Een prachtig coming-of-age-verhaal – voor jonge lezers, maar eigenlijk voor iedereen."

Voor een gezellig voorleesmomentje onder de parasol tippen ze Prinsessen doen het anders van Timothy Knapman „ Dit boek is een en al plezier", zegt Stephanie. „Geen prins die redt maar een prinses die haar eigen plan trekt." Kirsten lacht: „ Een boek waar je ongelofelijk vrolijk van wordt."

Het boek:

‘EEN STAAT IN EEN STAD’

af te halen bij Van Piere op vertoon van deze voucher. (zolang de voorraad strekt)

Ilse tipt dit seizoen De Dikke Donkers:

„ Ik mis de Volkskrant-columns van Sander Donkers nog dagelijks maar ben blij dat op 16 juni aanstaande De Dikke Donkers verschijnt! Hier staan de bondige columns van 150 woorden allemaal in en kan ik me er weer helemaal in onderdompelen."

Haar tweede tip is De dood en de tuinman van Georgi Gospodinov:

„ Een prachtig eerbetoon van de auteur aan zijn overleden vader. Het boek stemt na lezing weemoedig maar op een zeer prettige, troostrijke manier. Lees het op een mooie zomeravond in je tuin of op je balkon en denk met zacht gemoed aan dierbaren die je ontvallen zijn. Trek vervolgens een flesje wijn open en proost op hen!"

Voor Lotte is de zomer vooral een tijd voor vrolijke knutselpraktijken. Zij tipt Folding Tales: „ Je vouwt een boek om tot een kunstwerk, met prachtige 3D-patronen. En het leuke is: het is Gevoel en Verstand van Jane Austen, dus je kunt het ook gewoon lezen!"

Tot slot nog een tip voor iedereen met een hart voor Eindhoven. Speciaal voor deze editie van FRITS kun je met de voucher hiernaast het boekje 'Een staat in een stad' - GRATIS bij ons afhalen. Dit rijk geïllustreerde boek neemt je mee in de geschiedenis van Philips en laat zien hoe het bedrijf en de stad onlosmakelijk met elkaar verweven raakten. Een prachtig en toegankelijk boekje voor iedereen die geïnteresseerd is in Eindhoven en zijn verleden - gegarandeerd leesplezier! Zien we je snel?

Zonnige zomergroet, Boekhandel Van Piere

Daan, kijk naar Parijs

Als een Tweede Kamerlid spreekt (of schrijft), hoop ik altijd geïnspireerd te raken. Ons land staat voor belangrijke vraagstukken. Fijn dat er mensen betrokken zijn bij de publieke zaak, goed nadenken en met verstand van zaken beleid maken! Ze verdienen veel meer waardering.

Desalniettemin voelde de column van VVD-Tweede Kamerlid Daan de Kort in het vorige nummer van FRITS voor mij als een koude douche. Dat een VVD’er een lans breekt voor de heilige koe is even voorspelbaar als het kampioenschap van PSV dit seizoen was. Toch had ik gehoopt enkele steekhoudende argumenten te mogen ontdekken in zijn verhaal. Ik vond ze niet.

De Kort hekelt onder meer de invoering van betaald parkeren binnen de ring. Hij signaleert dat mensen buiten de ring hun auto parkeren en met deelvervoer hun reis richting binnenstad vervolgen. Dat vindt hij 'amper efficiënt zolang openbaar vervoer geen volwaardig alternatief is'. Pleit hij hier nou voor meer investeringen in het OV? Dan worden we misschien alsnog vrienden.

Zijn argument dat mensen die met de auto komen meer besteden

dan binnenstadbezoekers die zich bedienen van fiets of openbaar vervoer is kinderlijk eenvoudig onderuit te halen. Die laatste groep mensen heeft wellicht het geld niet voor een auto. Of wat ook kan: ze kiezen doelbewust voor een milieuvriendelijke manier van vervoer. De Kort merkt terecht op dat ouderen soms zijn aangewezen op de auto maar ook zij zijn in de binnenstad welkom. In de parkeerkelders is voldoende plek. Voor mindervaliden zijn er speciale parkeerplaatsen op maaiveldniveau.

Overal ter wereld maken steden ruimte voor fietsers en wordt het autoverkeer teruggedrongen. Parijs is een goed voorbeeld. Deze transitie verloopt niet zonder slag of stoot. Zo was er sprake van felle tegenstand van autolobby's en ondernemers. Toch kantelde de publieke opinie geleidelijk. Waarom? Omdat de Parijzenaars zelf de verbeterde luchtkwaliteit en rustigere straten zijn gaan ervaren en waarderen. Het fietsverkeer is met 166 procent gestegen. Deze beweging is onomkeerbaar.

Dan nog iets, Daan. Je kent deze regio goed. Je weet dus ook dat Eindhoven tot 2040 40.000 woningen aan de huidige woningvoorraad wil toevoegen. Veel huishou-

ders zullen een auto hebben. Wou je die allemaal ruim baan geven? En waar leveren we dan op in? Een auto maakt (meestal) herrie, veroorzaakt (vaak nog) uitstoot, vormt een gevaar en neemt ruimte is. In een autostad is het een komen en gaan van auto’s. Schuif de auto’s een beetje aan de kant, plant bomen en struiken en zet bankjes neer en je krijgt een stad waar je graag verblijft. Logisch dus, en ook dapper, dat de gemeente Eindhoven al het parkeren van het Fensterrein afhaalt en er een parkje met faciliteiten voor urban sports van maakt. In een stad die uitnodigt tot een gezonde leefstijl voelen mensen zich beter, zijn ze minder ziek en gaan de zorgkosten omlaag.

Dus, Daan, hierbij een gratis tip: pak de fiets, ga op het compleet heringerichte en ingrijpend vergroende Wilhelminaplein op een terras zitten, bestel bier en bitterballen (af en toe iets ongezonds moet kunnen en je steunt vast graag de kleine ondernemer) en ervaar met eigen ogen hoe aangenaam een autoluwe stad is die zijn blik richt op de toekomst.

Martin van Rooij

Brainport Ondernemings Prijzen 2026

Samen bouwen aan een inclusieve en innovatieve toekomst

Op donderdag 21 mei 2026 worden de Brainport Ondernemings Prijzen (BOP) voor de derde keer uitgereikt in Van der Valk Hotel Eindhoven. Dit toonaangevende evenement zet innovatie, economische groei en maatschappelijke betrokkenheid centraal binnen de Brainportregio. Naast de vertrouwde prijzen – de Wim van der Leegte Award, Rabobank Inspiration Award en Brainport Young Business Award –wordt dit jaar een nieuwe categorie geïntroduceerd: de award voor de meest ondernemende ambtenaar. Hiermee wordt het belang van een proactieve overheid binnen de 'triple helix' (overheid, onderwijs en bedrijfsleven) binnen Brainport Eindhoven onderstreept.

De avond draait niet alleen om het vieren van ondernemerschap maar ook om het versterken van samenwerking. Juryvoorzitter Tiny Sanders benadrukt het belang van trots én voortdurende ontwikkeling: een sterke regio vraagt om blijvende dialoog en gezamenlijke ambitie.

Een belangrijk en groeiend thema binnen de BOP is het belang van vrouwelijk leiderschap. Vrouwen spelen een zichtbare en invloedrijke rol in alle geledingen van de organisatie. In het comité van aanbeveling dragen onder anderen Rianne Letschert en Anke van Extel-van Katwijk bij

aan de strategische koers. Binnen het bestuur is Fransje de Kimpe een belangrijke drijvende kracht. Ook in de jury’s is vrouwelijk leiderschap sterk vertegenwoordigd. Voor de Wim van der Leegte Award leveren Camilla van de Boom en Anke Wijnands een waardevolle bijdrage terwijl Maartje van Schagen de onderzoekscommissie voorzit. De nieuwe prijs voor de ondernemende ambtenaar wordt mede beoordeeld door toonaangevende professionals zoals Lotte van de Ven en Laura Vollenberg. De organisatie ligt in handen van WTC/e Brainport waarbij Lianne van den Boogaard en Dian Loomans met hun inzet en exper -

tise zorgen voor een hoogwaardig en inspirerend programma. Met sterke inhoudelijke sprekers, waardevolle netwerkmogelijkheden en een informele setting creëren zij de ideale omgeving waarin verbinding, kennisdeling en samenwerking centraal staan.

Deze brede vertegenwoordiging bevestigt dat diversiteit in leiderschap geen bijzaak is maar een essentiële voorwaarde voor duurzame groei en innovatie. De Brainport Ondernemings Prijzen 2026 laten zien dat inclusiviteit en ondernemerschap hand in hand gaan – en vormen daarmee een krachtig symbool voor de toekomst van de regio.

Wij schamen ons niet voor een beetje chauvinisme

FRITS magazine houdt je al bijna 20 jaar op de hoogte van wat er speelt in en om onze prachtige regio. Word ook een trotse abonnee en maak het eerste jaar kennis met FRITS voor slechts € 34,95.

Voor een FRITS abonnement bel je met Abonnementenland: 025 - 125 79 24, mail ons via: abonnementen@frits.nl of via www.frits.nl

'Leiderschap als verantwoordelijkheid'

We leven in een tijd waarin leiderschap vaak wordt verpakt in mooie termen. Democratisch leiderschap, vrouwelijk leiderschap, inclusief leiderschap. Alsof het juiste label automatisch leidt tot het juiste gedrag.

Maar misschien is leiderschap in de kern helemaal geen stijl maar een verantwoordelijkheid?

Als we eerlijk zijn, hebben we allemaal een beeld bij een leider. Iemand die overtuigend spreekt, zichtbaar is, zelfverzekerd oogt. Vaak ook iemand die past binnen een bepaald plaatje, bewust of onbewust. En laten we dat ongemak niet uit de weg gaan: een vrouw met een hoofddoek valt voor veel mensen nog steeds buiten dat beeld.

Ik merk het zelf ook. Hoe vaak mensen verrast reageren als ik vertel wat ik doe, waar ik verantwoordelijk voor ben, welke rollen ik vervul. De ondertoon is vaak hetzelfde: dat hadden ze niet gedacht. Dat zegt niet zoveel over mij maar des te meer over onze aannames.

Want leiderschap gaat uiteindelijk niet over hoe iemand eruit ziet maar over wat iemand doet met de invloed die hij of zij heeft. Niet als middel om jezelf te laten zien maar als kans om er voor anderen te zijn.

En in de kern hoort daar één onmisbaar principe bij: rechtvaardigheid

Rechtvaardigheid zit vaak in kleine, dagelijkse keuzes. In eerlijk zijn, ook als dat niet het makkelijkst is. In bewust zijn van je eigen aannames. En in het blijven zien van mensen die minder snel gehoord of gezien worden, de kwetsbaren, die soms net wat meer aandacht nodig hebben.

Het vraagt moed en lef om rechtvaardig te zijn want het betekent soms dat je tegen de stroom in moet gaan en niet perfect hoeft te zijn.

Tegelijkertijd zie ik iets anders gebeuren. We lijken een beetje doorgeslagen in het willen dichttimmeren van alles. Plannen, kaders, afvinklijstjes. Maar in die drang naar controle raken we iets essentieels kwijt.

Leiderschap vraagt niet alleen om plannen, maar juist om het vermogen om mee te veren met wat er speelt. Om te kijken, te luisteren en aan te voelen wat er op dat moment nodig is.

Want hoe vaak zijn we nog echt bezig met wat er buiten gebeurt? Met de mensen voor wie we verantwoordelijkheid dragen?

De vraag die we onszelf misschien vaker moeten stellen is simpel maar confronterend: neem ik deze beslissing vanuit mijn hart en mijn verantwoordelijkheid en is die rechtvaardig? Of komt die voort uit de behoefte om het goed te laten lijken?

Misschien ligt de kern van leiderschap niet in hoe strak je plan is maar in hoe rechtvaardig je handelt.

Najat Toub Verbinder met lef, gedreven door kansengelijkheid

inclusieF werkgeverschap:

Ergon en Summa creëren unieke pilot

In de Brainportregio wordt hard gewerkt aan een inclusieve arbeidsmarkt. Ergon en Summa timmeren samen pragmatisch en succesvol aan die werkgelegenheidsweg. Ergon als werkontwikkelbedrijf dat mensen met een ondersteuningsvraag helpt groeien naar passend werk. Summa als onderwijsinstelling met een visie op mensgericht onderwijs en werkgeverschap. Via een gezamenlijke pilot profiteren werkzoekenden extra van de samenwerking: een werkleertraject mét baangarantie.

TEKST: RONALD FRENCKEN | FOTO: RENÉ MANDERS/DCI MEDIA

Met een gedeelde missie in het faciliteren van groei van mensen, trekken Ergon en Summa al jarenlang graag samen op. Ergon-manager Raymond van de Sande: „ Summa adviseert ons over ontwikkeling en training van mensen. Met hun kennis en onze eigen kunde creëren we samen effectieve werkleertrajecten waarbij mensen met een ondersteuningsvraag zo kansrijk mogelijk worden voorbereid op een betaalde baan. Andersom helpen wij Summa met het selecteren en matchen van passende arbeidskrachten uit onze werkleertrajecten.”

Kiezen voor divers talent

„Wij vinden het belangrijk om maatschappelijk bij te dragen en nemen daarom heel bewust mensen met een ondersteuningsvraag op in onze teams”, vertelt Summa’s financieel/facilitair directeur Fred Wichard. „ Deze mensen worden in een werkleertraject door Ergon jobready gemaakt en komen daarna bij ons om werkervaring op te doen. Wij begeleiden ze en bieden bij goed functioneren een vast dienstverband. Zij zijn daarmee ook echt onderdeel van Summa. Dat maakt ze trots. Op dit moment hebben we via deze samenwerking met Ergon al 23 medewerkers aan de slag in uiteenlopende functies. Van onderwijsassistent en magazijnmedewerker tot terreinbeheerder en medewerker horeca.”

De waarde van partnerschap

Een goed voorbeeld van waardevol samenwerken in inclusief werkgeverschap is de pilot voor schoonmakers die Ergon en Summa eind 2025 startten. Fred: „Vanuit onze organisatie kreeg ik steeds meer vraag om in te zetten op dagschoonmaak voor onze

gebouwen, naast de avondschoonmaak die gedaan wordt door onze facilitaire partner. Geen gemakkelijke opdracht, want schoonmakers zijn schaars en zeker binnen de schooltijden waarin wij werken. Ergon Facilitair dacht hierin met ons mee en ontwikkelde een uniek werkleertraject dat potentiële schoonmakers opleidt en selecteert op basis van onze behoefte en de mogelijkheden van de medewerker.”

Kansen zien in krapte

Raymond is trots op de samenwerking en ziet dat steeds meer organisaties in deze krappe arbeidsmarkt in kansen willen denken. „ Ergon helpt werkgevers om slimmer te werven en werkzoekenden om slimmer te solliciteren. De dagschoonmakers uit de pilot zijn daar een goed voorbeeld van. We bieden hier kansen aan veelal alleenstaande ouders met een uitkering die graag willen werken, maar alleen beschikbaar zijn als hun kinderen op school zitten. Die voorwaarden passen niet bij elke organisatie, maar zijn juist wel een ideale match met Summa.”

Succes op de werkvloer

Het werkleertraject voor schoonmakers is een succes: via Ergon zijn inmiddels de eerste zes schoonmakers opgeleid en in loondienst bij Summa. Overdag houden deze nieuwe Summa-medewerkers de aula’s en theorielokalen op twee onderwijslocaties schoon. De praktijkruimten van de school worden verzorgd door de schoonmakers van de facilitaire partner. Fred. „ Zo werken wij aan een goede balans tussen ingehuurde en eigen schoonmaakprofessionals. We willen hiermee ook iets meegeven aan onze studenten: iedereen verdient een kans op zinvol werk en maakt deel uit van onze samenleving.”

FRED WICHARD (L) EN RAYMOND VAN DE SANDE

Met een Anna wordt een vrouw bedoeld die mede richting geeft aan Eindhoven, zichtbaar of achter de schermen. Ze neemt initiatief, verbindt mensen, draagt verantwoordelijkheid en oefent invloed uit op haar omgeving. Dat kan in een bestuurskamer zijn, maar net zo goed in een buurt, een culturele instelling of een maatschappelijke organisatie.

ANNA

Willemijn nieuWenhuis over vrouwelijk leiderschap, zichtbaarheid en wie de stad werkelijk mee vormgeeft

De Anna’s van Eindhoven zijn er al

De Anna’s van Eindhoven zijn er allang. Vrouwen geven al heel lang richting aan de stad, op zichtbare plekken en achter de schermen. Toch zie je hun invloed minder terug in formele functies. Daardoor zijn hun namen en hun bijdragen voor veel Eindhovenaren minder bekend. Niet omdat ze er niet zijn maar omdat vrouwelijk leiderschap nog te vaak minder gezien, minder benoemd en minder vanzelfsprekend erkend wordt.

TEKST: MARJOLEIN VAN MIERLO | FOTO'S: RENÉ MANDERS/DCI MEDIA

Dat is het vertrekpunt van het gesprek met Willemijn Nieuwenhuis over vrouwelijk leiderschap, rolmodellen en zichtbaarheid. Met een achtergrond in de psychologie en een loopbaan op het snijvlak van strategie, bestuur en maatschappelijke betrokkenheid kijkt ze breed naar leiderschap. Dat perspectief is ook gevormd door haar ‘zwervend bestaan’, zoals ze dat zelf noemt. Haar zwerftocht begon in Londen en voerde via Twente, Tanzania, Utrecht en Den Bosch al jaren geleden naar onze regio.

Leiderschap met overzicht

Voor Nieuwenhuis begint vrouwelijk leiderschap met iets eenvoudigs: leiderschap door een vrouw. Maar daar stopt het niet. Vrouwen ontwikkelen in de praktijk vaak kwaliteiten die te maken hebben met hoe zij verantwoor -

delijkheid leren dragen. „Vrouwen ontwikkelen dikwijls al vroeg een brede manier van kijken”, zegt ze. „Ze leren vooruitdenken, organiseren, combineren en anticiperen.”

Volgens Nieuwenhuis komt dat ook doordat in onze cultuur veel vrouwen nog steeds óók thuis aan het hoofd van de organisatie staan. Dat voortdurende ‘alle ballen tegelijk hoog houden’ traint je, zegt ze, in schakelen, vooruitdenken en organiseren. Juist daardoor ontwikkelen veel vrouwen volgens haar overzicht, gevoel voor samenhang en het vermogen om verschillende belangen tegelijk mee te nemen. Die breedte maakt

Toen op Strijp-T een groot beeld van Gerard Philips werd geplaatst, vroeg Nieuwenhuis zich af: waar zijn de vrouwen op sokkels?

vrouwen volgens Nieuwenhuis effectief en efficiënt in de manier waarop ze leidinggeven.

En precies daar ontstaan kwaliteiten die niet altijd meteen als leiderschap worden gelabeld maar dat wel zijn: strategisch denken, empathie en diplomatie. „Vrouwelijk leiderschap is niet alleen daadkracht”, zegt Nieuwenhuis. „Het is ook zorgvuldig afwegen, luisteren, verbinden en begrijpen wat een beslissing betekent voor anderen.”

Niet óf-óf

Is leiderschap door vrouwen anders? Nieuwenhuis ziet vooral andere accenten. Vrouwelijk leiderschap kenmerkt zich volgens haar vaak door een brede blik, met aandacht voor samenhang, context en man en paard noemen. Voor Nieuwenhuis zit de winst in diversiteit. Dat levert in haar ervaring juist de meeste vooruitgang op. Verschillende persoonlijke ontwikkelingen en perspectieven versterken elkaar. En hoe is dat nu in Eindhoven? Hoe vooruitstrevend is een stad wanneer vrouwelijke leiders nog steeds minder vanzelfsprekend in beeld zijn?

Alleen al het feit dat die vraag niet direct makkelijk te beantwoorden is, zegt volgens Nieuwenhuis genoeg. „Ze zijn er absoluut,” zegt ze, „maar hun namen circuleren minder vanzelfsprekend.” Dat is opvallend in een stad die zich graag profileert met innovatie en vooruitgang. Eindhoven wil modern en open zijn. Maar in be -

stuurskamers, op podia en in de publieke beeldvorming zie je nog dikwijls dezelfde profielen terug. Nieuwenhuis: „Dat is de paradox. Een stad die vooruit wil maar waarin leiderschap nog niet altijd inclusief zichtbaar is.” Tegelijk ziet ze ook beweging. Er zijn steeds meer vrouwen zichtbaar op invloedrijke posities. Dat is goed nieuws, zegt ze. Maar we zijn er nog niet.

Ook vroeger waren ze er al Die onzichtbaarheid is niet nieuw. Toen in Eindhoven op Strijp-T een groot beeld van Gerard Philips werd geplaatst, vroeg Nieuwenhuis zich af: waar zijn de vrouwen op sokkels? Want ook de vrouwen van Gerard en Anton Philips stonden hun mannetje. Waar hun echtgenoten vooral geassocieerd worden met techniek en commercie, waren Johanna Philips-van der Willigen en Anna Philips-de Jongh bepalend voor de sociale kant van het Philips-ecosysteem.

Deze twee Anna’s avant la lettre zetten zich in voor opleiding en persoonlijke ontwikkeling, zorg, kraamzorg, huisvesting, cultuur, ontspanning en sport. Niet altijd vanuit formele functies, maar wel met veel invloed, onder meer via voorzitterschappen, comités en andere organiserende rollen. In de ogen van Nieuwenhuis is Eindhoven deze vrouwen veel verschuldigd: zij hielpen mee aan een manier van denken waarin niet alleen werk centraal stond, maar het hele leven eromheen. Wat haar betreft mogen deze twee Eindhovense dames van formaat dan ook veel zichtbaarder worden in de stad.

Aan talent ligt het niet. Aan ambitie ook niet. Het knelpunt zit eerder in herkenning, doorstroom en waardering. Vrouwen zijn overal in de stad actief maar worden nog te weinig gezien als vanzelfsprekende boegbeelden of stadsgezichten.

Gezien en gehoord worden

Daar raakt Nieuwenhuis aan een tweede belangrijk punt: gehoord en gezien worden. In vergaderingen en publieke gesprekken moeten standpunten vaak uitgebreider worden onderbouwd voordat ze echt landen. Voor Nieuwenhuis gaat het dus niet alleen om wie er aan tafel zit maar ook om welke vorm van leiderschap daar werkelijk wordt gezien.

Juist dat is opvallend omdat veel vrouwen door de veelheid aan rollen en verantwoordelijkheden leren om breed te kijken. Ze zien snel verbanden, wegen meerdere belangen tegelijk af en brengen vaak empathie en invoelend vermogen mee. Dat zijn geen zachte bijzaken maar serieuze leiderschapskwaliteiten.

Ze bouwen al mee

De kern van Nieuwenhuis’ verhaal is eigenlijk simpel: vrouwen geven het verhaal van Eindhoven allang mede vorm. Niet alleen in formele topfuncties maar juist ook in het dagelijkse organiseren, verbinden, dragen en mogelijk maken. Dat geldt in professionele organisaties, maar net zo goed in het sociale en maatschappelijke leven. Dat soort werk noemen we zelden leiderschap, maar dat is het wel.

Anders leren kijken

De vraag is dus niet óf er Anna’s zijn in Eindhoven. De vraag is waarom we ze nog niet genoeg zien. Zoals Nieuwenhuis het samenvat: ze zijn er al, we moeten alleen beter leren kijken. Misschien hoort daar, naast meer zichtbaarheid, ook af en toe gewoon een standbeeld bij.

TOP 3

Dit is Willemijns top 3 uit veel meer vrouwen die volgens haar als Anna’s gezien kunnen worden: verbinders met een groot netwerk, met een breed draagvlak en ieder op hun eigen manier met invloed op de stad en de regio.

• ELIES LEMKES-STRAVER: bestuurder met een groot regionaal netwerk; hielp Brainport Eindhoven op de kaart te zetten

• CARMEN VAN VILSTEREN: strategisch verbinder op het snijvlak van gezondheid, innovatie en kennis

MILOU ARTS (L) EN HILDE VAN GASTEL

Mentorschap Future by Diversity versterkt vrouwelijk leiderschap

‘Sparren met een vrouw is verfrissend’

Rabobank is vanaf de start betrokken bij Future by Diversity. Bij dit programma voor ambitieuze vrouwen met een ontwikkelvraag is de bank niet alleen partner maar levert zij ook mentoren en inhoudelijke bijdragen. Hilde van Gastel (44) is regiodirecteur Corporate Clients bij Rabobank en mentor van Milou Arts (33). Zij werkt als clustermanager Energie bij High Tech NL, de branchevereniging voor de high tech industrie. Future by Diversity matchte de twee onlangs om van elkaar te leren.

TEKST: FRANK VAN DER LINDEN | FOTO'S: EDDIE MOL

Milou gaf bij haar aanmelding haar vraagstuk aan: „Ik geef zo’n acht jaar leiding in een kleinere organisatie maar ik zou het tof vinden om op termijn ergens directeur te zijn of een hogere managementfunctie te hebben. Daarbij wilde ik sparren met iemand die mij kan helpen scherper te krijgen waar ik voor sta, wat bij mij past en hoe ik kan toewerken naar zo’n volgende stap.” Dat werd dus Hilde, die ruim twintig jaar bij Rabobank werkt. „Ik heb binnen de bank veel kansen gekregen en ervaring opgedaan die ik nu graag doorgeef. Op dit moment ben ik verantwoordelijk voor de regio

Zuidoost-Nederland, dus Brainport, Limburg en Midden-Brabant. Met mijn team van 45 medewerkers bedienen we grote bedrijven, ziekenhuizen, familiebedrijven, eigenlijk alles met een omzet tussen de honderd en driehonderd miljoen euro. Het zijn klanten met hoogprofessionele uitdagingen maar die heel persoonlijk benaderbaar zijn. Dat maakt het voor mij het allerleukst, ik kan gewoon de ceo’s bellen. Bij Wholesale klanten (nog grotere klanten) ben je vaak één van de vele banken, dan wordt de relatie net wat zakelijker.” Hilde wordt als manager natuurlijk niet alleen extern uitgedaagd. „Mijn allerbelangrijkste taak vind ik mijn mensen. Als die goed in hun vel zitten, dan presteren ze het beste. Als ik een parallel mag trekken naar voetbal, de sport die ik al vanaf mijn achtste doe, dan ben ik in mijn werk de trainer, de coach, en dan weet je, je bent zo goed als je team.”

‘Startups met gemengd management scoren aantoonbaar beter’

Je bestaat in de blik van de ander Om de vergelijking door te trekken, in het jeugdvoetbal was ze vaak het enige meisje tussen de jongens. Toen ze vijf jaar geleden aan deze functie begon, was ze relatief jong en niet lang daarvoor zelf nog relatiemanager binnen datzelfde team. Ofwel, een extra uitdaging. Hoe ging zij hiermee om? „Ik zei direct tegen mijn team dat ik hier niet zit omdat ik de allerbeste relatiemanager ben, maar omdat ik leidinggeven leuk vind en samen een team wil bouwen.” Hoe doet zij dat? „Ik geef mensen veel aandacht.” Milou vult aan: „Hilde ziet mensen écht. Ze combineert een warme persoonlijke band met duidelijkheid. Mensen weten wat ze aan haar hebben.” Hilde: „Ik werk vanuit vertrouwen, geef mensen ruimte en controleer ze niet maar ben wel duidelijk over wat ik verwacht. Ik verbind mensen met elkaar, zodat ze van elkaar leren en ik pretendeer niet alles te weten, ik ben open over mijn twijfels. Dat kan tegelijk mijn zwakke plek zijn, dat ik gevoelig ben voor andermans mening.” Milou herkent dit. „Je wil het graag goed doen voor anderen, leuk gevonden worden. Dat neemt niet weg dat je aan het eind van de dag wel een doel moet realiseren.” Hilde: „Jacinda Ardern, eerste vrouwelijke premier van Nieuw-Zeeland, heeft daar een mooi boek over geschreven. Zij zegt dat haar twijfel er juist voor zorgt dat zij zich extra goed voorbereidt. Zij leert hoe je het moet omarmen.” Milou: „Twijfel houdt je ook scherp. Het feit dat zij dit zegt, ze was zwanger en bevallen tijdens haar topfunctie, echt een rolmodel! “

Verandering vraagt leiderschap

Zowel mentor als mentee hebben veel te maken met het omgaan met veranderingen, vooral door technologische ontwikkelingen. Hilde: „De wereld verandert snel, dat doet soms pijn, ook bij de bank. Artificial intelligence heeft grote invloed. We begeleiden medewerkers en zeggen: doe mee, blijf jezelf ontwikkelen, geef aan wat je nodig hebt. Tegelijkertijd, sta af en toe stil om te genieten waar je bent. Binnen mijn rol vind ik dit nu de allergrootste, mooie, maar ook moeilijke uitdaging! Hoe zorg ik dat mijn medewerkers vandaag presteren én zich vandaag ook klaarmaken voor morgen? “ Milou zit in een technische omgeving met voornamelijk mannen. „Het is verfrissend om met een vrouw te sparren. Als leidinggevende beslis je welke

richting je inslaat en hoe het pad daarna vorm krijgt. In dat licht vind ik het interessant om verschillende benaderingen te zien.”

Technologie kan onze menselijke inbreng niet vervangen. Die wordt dus steeds belangrijker. Hilde past dit zowel intern als extern toe. „Als daar aanleiding voor is bezoek ik medewerkers thuis. Bijvoorbeeld als zij ziek zijn, of hun partner. Tijdens corona bezocht ik alle medewerkers thuis omdat ze niet naar kantoor mochten. Na corona zijn mensen meer thuis gaan werken, maar dat bewaak ik zorgvuldig omdat ik bedrijfscultuur belangrijk vind.” Milou: „Daar hadden Hilde en ik het net nog over, dat je dat hooguit op niveau kunt houden naarmate mensen meer thuiswerken maar niet versterken. Cultuur maak je samen, met elkaar.” Hilde: „Ook bij klanten is persoonlijk contact cruciaal. Hen helpen bij de volgende stap, daar krijg ik veel energie van.”

Energie stoppen in even stilstaan Future by Diversity focust zich op vrouwelijk managementtalent, daarover heeft Hilde een krachtige overtuiging. „Aan de voorkant komen vrouwen nog steeds niet op bepaalde posities en dit heeft economische gevolgen. Dus het gaat niet alleen om gelijkwaardige behandeling maar we doen onszelf tekort.” Milou: „Startups met gemengd management scoren aantoonbaar beter. Daarnaast moet je ook kijken of je bij vrouwenteams niet een man moet toevoegen.” Hilde: „Bij mijn klantpopulatie zou ik graag meer diversiteit zien, daar is bij directies slechts tien procent vrouw.” Milou is goed op weg in haar mentorprogramma, juist door niet te snel te willen gaan. Hilde: „We kunnen meteen naar banen zoeken maar staan eerst stil bij wie zij is en waar ze goed in is. Eerst een fundament leggen, ze heeft geen haast. Ze moet zelf de antwoorden vinden.” Milou: „Hilde komt door haar functie bij veel bedrijven dus zij geeft mij goed inzicht in de mogelijkheden in het veld.” Hilde: „Voor mij is de kreet die hier bij BAKKIE040 aan de muur hangt wel een mooie samenvatting van wat dit programma mij brengt; 'We leven om te geven om’. En deze locatie is ook niet toevallig gekozen: hier worden (voormalig) dak- en thuislozen opgeleid tot barista’s.“

BEDRIJVIGE FAMILIES

Deze rubriek gaat over familiebedrijven. Bedrijven die, zoals de naam al aangeeft, in handen zijn van families en die van ouder(s) op kind(eren) worden doorgegeven, van generatie op generatie. Het zijn vaak eeuwenoude, ambachtelijke bedrijven die zijn meegegroeid met hun tijd, maar hun familiewaarden en basis(product) trouw zijn gebleven. Deze bedrijven zijn de kurk waarop Brainport drijft.

In dit artikel besteden we aandacht aan familiebedrijf Cialona uit Helmond: dit moderne standbouw-bedrijf bestaat in 2027 zeventig jaar.

Familiebedrijf Cialona zegt alleen ‘nee’ als het écht niet kan

Wie regelmatig (inter)nationale beurzen bezoekt, weet dat je er als standhouder met alleen een goed verhaal niet bent. Een opvallende, creatieve of moderne stand is minstens zo belangrijk. Bij de Helmondse standbouwer Cialona weten ze dat als geen ander. Het bedrijf viert in 2027 zijn zeventigjarig jubileum. In datzelfde jaar draagt de huidige eigenaar Tjeerd van de Kimmenade het bedrijf over aan zoon Sebastiaan. Een gesprek met vader en zoon over het florerende familiebedrijf. „Een eerste indruk kun je maar één keer maken.”

TEKST: KOEN CHATROU | FOTO'S: RENÉ MANDERS/DCI MEDIA

TJEERD (L) EN SEBASTIAAN VAN DE KIMMENADE

Van stands voor IBM, Quooker en Eneco tot een heuse strandtent als stralend middelpunt van een beurs en een groene oase met bomen en bloemen. Al deze concepten zijn bedacht, ontworpen, getekend, gebouwd én geïnstalleerd door Cialona. Het Helmondse bedrijf ontwikkelt beursstands voor nationale en internationale klanten, op locaties in Europa, Azië en de Verenigde Staten.

Meebewegen met de tijd

Toen eigenaar Tjeerd van de Kimmenade eind jaren negentig instapte in het bedrijf, werkte Cialona nog vooral als onderaannemer voor grotere standbouwers. Dat zag hij graag anders. In de jaren die volgden, groeide de onderneming uit naar de huidige organisatie, met klanten van over de hele wereld en een personeelsbestand dat de vijftig

inmiddels ruim overschrijdt en daarnaast gebruik maakt van een grote flexibele schil van freelancers over heel Europa . Die ontwikkeling ging overigens niet zonder slag of stoot. „Met name de coronajaren zijn me niet in de koude kleren gaan zitten”, geeft Tjeerd toe. „We wilden koste wat het kost onze beste mensen behouden. Dat was niet gemakkelijk zonder serieuze omzet.” Juist in die periode besloot zoon Sebastiaan in te stappen in het bedrijf. Na de hotelschool en een aantal maanden reizen over de wereld leek het moment gekomen. „Het is een beetje zo gelopen”, lacht hij. „Mijn vriendin wilde terug naar Nederland, mijn vader had een plek voor me. En ik had eigenlijk altijd al het idee om in het familiebedrijf te gaan werken.”

Mee meters maken Sebastiaan begon als projectmanager, maar merkte al snel dat hij meer moest doen dan plannen maken van

achter een bureau. „Misschien legde ik mezelf die druk ook op. Je wil voorkomen dat je gezien wordt als ‘zoontje van’.” Hij besloot op zaterdagen en zondagen mee te gaan om stands op- en af te bouwen. „Niet omdat het moest, maar omdat ik wist dat ik mijn plek moest verdienen.” Die aanpak werkte. Toen zijn direct leidinggevende na een maand vertrok en er niemand was om de rol over te nemen, moest het team schakelen. Samen met collega’s nam Sebastiaan steeds meer taken en verantwoordelijkheden op zich. In die samenwerking groeide hij verder in zijn rol. Binnen vier jaar ontwikkelde hij zich tot de functie die hij nu bekleedt: operationeel directeur. En volgend jaar volgt dus de overstap naar eindverantwoordelijkheid, als Van Kimmenade senior het bedrijf overdraagt aan zijn zoon.

Vader en zoon in hetzelfde bedrijf, dat vraagt wat. Tjeerd en Sebastiaan

‘Mijn vader is van het onderbuikgevoel, hands on en het brandjes blussen’

zijn daar openhartig over. „Discussies lopen wel eens hoog op, we zijn heel open en eerlijk naar elkaar. Dan denken collega's wel eens: moet ik hierbij zitten?”, vertelt Tjeerd droog. De verschillen zijn groot. Tjeerd stuurt op gevoel en pakt problemen direct aan. Sebastiaan doet liever eerst een stap terug en wil begrijpen waarom iets werkt voor hij een beslissing neemt. „Mijn vader is van het onderbuikgevoel, hands on en het brandjes blussen”, zegt Sebastiaan. „Dat wil niet zeggen dat daar geen kwaliteit in zit, integendeel. Maar ik wil het ook kunnen onderbouwen.” Tjeerd knikt. „Dat is het generatieverschil. En dat is ook goed.”

Overdracht

De overdracht is inmiddels ingezet, maar nog niet voltooid. Tjeerd is nog volop actief, al verschuift zijn rol langzaam. Hij is minder bezig met de dagelijkse operatie en meer met ondersteunende zaken zoals technische begeleiding en inkoop, verder vindt hij het belangrijk om de cultuur te bewaken. Zorgen dat de vrijdagmiddagborrel er is, dat er samen geluncht wordt, dat het grote personeelsfeest elk jaar doorgaat. „Als je hard groeit vergeet je die dingen snel”, zegt hij. „Ik probeer juist dat saamhorige te stimuleren.” Loslaten blijft lastig, geeft hij toe. „Ik kom hier nog te graag. Maar ik moet ook niet over mijn graf willen regeren. Straks denken ze: wie is toch die oude man die de koffiebonen bijvult?” Sebastiaan herkent het. „Als mijn vader op reis is, dan gaat het eigenlijk het beste. Dan bellen we even en nemen we in vijf minuten de beste beslissingen. Als hij hier is, wil hij te veel overnemen. Terwijl: onze mensen lossen het graag zelf op en daar zijn ze prima toe in staat.

Want in een hard groeiend bedrijf als Cialona komen er nieuwe rollen bij en pakken mensen steeds meer zaken zelf op. Sebastiaan is er open over: het bedrijf

behoort in de categorie volledig maatwerk inmiddels tot de toonaangevende standbouwers van Nederland. De ambitie is niet om de grootste te worden, maar wel om bij de beste te horen. „We willen om Europees voetbal spelen”, zegt Tjeerd. „Niet vechten tegen degradatie.”

Beheersbare groei

Dat vraagt ook om beheersbare groei. „We zijn de afgelopen jaren hard gegaan”, zegt Sebastiaan trots. „Nu is het moment om even stil te staan bij waar we zijn en te zorgen dat we het ook écht in de vingers hebben. Anders blijf je altijd het gevoel houden dat je achter de feiten aanloopt.”

Ruimte dus om even een pas op de plaats te maken en te bouwen aan gedegen groei, mét behoud van wat Cialona sterk maakt. Want dat is volgens Sebastiaan precies de reden achter het succes van het familiebedrijf. „Wij werken niet voor niets graag voor andere familiebedrijven. We gaan ver voor elkaar en voor de klant.” Hij schreef er onlangs een artikel over op LinkedIn, over lessen uit de hotelschool die hij nu nog dagelijks meeneemt. In de horeca gaan mensen verder voor de wensen van een gast dan in welke branche dan ook, en die instelling nam hij mee naar de standbouw. Een klant reageerde. „Die zei: ik las jouw artikel en herkende precies wat ik bij jullie voel. Bij andere standbouwers hoor ik snel ‘nee’. Bij jullie hoor ik pas nee als het écht niet kan. Dat vind ik mooi om te horen, dat is waar we in uitblinken.”

Cialona

Achterdijk 26, Helmond 0492 - 57 45 45 info@cialona.com www. cialona.com

7A Vastgoedmakers

Van collega’s naar compagnons

ADRIAAN VAN STRATEN (L) EN MAARTEN BLOKS

In gebouw Donna op Strijp-S, tussen de voormalige fabriekshallen, werken Maarten Bloks en Adriaan van Straten aan hun jonge onderneming: 7A Vastgoedmakers. Pas anderhalf jaar geleden begonnen ze voor zichzelf, maar hun ervaring en netwerk in de vastgoedwereld reiken veel verder terug. Wat hen drijft? Niet alleen stenen stapelen maar iets duurzaams toevoegen aan ‘hun Eindhoven’.

TEKST: STIJN ENGELEN | FOTO'S: VEERLE BAZELMANS

We wilden altijd al in onze eigen voor- en achtertuin ontwikkelen”, zegt Bloks. „ Alleen kregen we die kans bij eerdere werkgevers nooit echt.”

Die ambitie vormt de rode draad in hun verhaal. Het duo, beiden met ‘vastgoed-roots’, leerde elkaar kennen bij Ballast Nedam, waar ze tussen 2008 en 2018 werkten: de één als ontwikkelaar, de ander als bouwer. Na omzwervingen bij andere bedrijven kruisten hun paden in 2021 opnieuw, bij Interesting Vastgoed, waar Bloks al actief was.

Wat begon als een verkennend gesprek over samenwerking, mondde uit in iets anders. „ Ik belde Maarten om te kijken of we iets voor elkaar konden betekenen”, vertelt Van Straten, destijds werkzaam bij bouwbedrijf Giesbers in Wijchen. „ Drie maanden later waren we weer collega’s.”

De diepte in Drie jaar werkten ze (wederom) samen, met een duidelijk doel op de achtergrond: ooit zelfstandig

verder. Dat moment kwam sneller dan verwacht. „ 2027 was eigenlijk het plan”, zegt Bloks. „ Maar de omstandigheden veranderden waardoor de gelegenheid ontstond om eerder voor onszelf te beginnen.”

Sinds begin 2025 zijn ze gevestigd op Strijp-S, een plek die symbool staat voor hun werk: transformatie, herontwikkeling en toekomstgericht denken. „Van fabrieksterrein naar een levendig woon-werkgebied”, zegt Van Straten. „ Met respect voor het verleden. Dat is precies waar wij van houden.”

De eerste maanden als ondernemer waren intens. „ Bizar en leuk”, noemt Van Straten het. Bloks vult aan: „ Die eerste dag dat je voor jezelf werkt…, dan sta je even alleen op de wereld.”

Complementair duo

Wat 7A onderscheidt, zit volgens henzelf niet zozeer in een unieke formule maar in de samenwerking. „We zijn complementair”, zegt Van Straten. „Ik kom uit de bouw, Maarten uit de ontwikkeling. Samen overzien we het hele proces.”

Dat blijkt ook uit hun projecten die vaak complex zijn. 7A richt zich vooral op herontwikkeling en transformatie van bestaand vastgoed, zoals het Marconiplein

‘Als je ziet wat er in Eindhoven en de regio ontstaat, wil je daar onderdeel van zijn, je steentje aan bijdragen’

in Eindhoven en De Poort in Deurne. Geen makkelijke opgave in een tijd van regelgeving, participatietrajecten en schaarse ruimte. „Ontwikkelen is geen makkelijke weg en wij kiezen ook nog eens de lastigste plekken”, zegt Bloks. „Maar juist daar ligt de uitdaging.”

Die complexiteit schrikt hen niet af. Integendeel. „We praten liever niet in problemen”, zegt hij. „We kennen de hobbels en weten hoe we ermee om moeten gaan. Dat maakt het juist interessant.”

Vertrouwen

In de vastgoedwereld draait veel om vertrouwen en dat hebben ze snel opgebouwd. „We zijn nieuw als ondernemer maar niet in de markt”, zegt Van Straten. „Dat werkt in ons voordeel.”

Volgens Bloks is het netwerk essentieel: „ Je kunt dit vak niet alleen. Je hebt investeerders, adviseurs en partners nodig. Het mooie is dat we vaak aan een half woord genoeg hebben.”

Dat vertrouwen vertaalt zich ook in groei. Inmiddels telt de onderneming vijf werknemers. „Dat is iets waar we trots op zijn”, zegt Bloks. „Dat het zo snel gaat.”

Toch is groei geen doel op zich. „We willen vooral mooie projecten maken”, benadrukt Van Straten. „Organische groei past daar beter bij.”

Eindhoven als thuisbasis

De keuze voor de regio Eindhoven is bewust. Beide ondernemers hebben er hun wortels en voelen zich verbonden met de stad. „Hier gebeurt het”, zegt Van Straten. „ Als je ziet wat er in Eindhoven en de regio ontstaat, wil je daar onderdeel van zijn, je steentje aan bijdragen.”

De mentaliteit van Eindhoven spreekt beide heren aan. „Hier maken mensen het zelf”, vertelt Bloks. „Het is een stad van makers, innovators, ontwikkelaars en alles wat hier gebeurt komt vooral door de eigen mensen. Daar voelen wij ons thuis.”

Dromen en realiteit

Is er nog een droomproject wat zij willen realiseren? „Een toren van meer dan honderd meter in het centrum van Eindhoven”, antwoordt Bloks zonder

aarzelen. „Dat is iets wat wij met iedereen bij 7A ambiëren. We hebben de kennis en kunde in huis om dat te kunnen. Er is enorme behoefte in Eindhoven om hoogbouw te realiseren en daar willen wij ook een partij in zijn.”

Tegelijkertijd zijn ze realistisch over de uitdagingen in de sector. Stikstofproblematiek, netcongestie en wisselend overheidsbeleid maken het werk complex. „Het is lastig plannen als de regels steeds veranderen”, zegt Van Straten. „ Stop met zwalken, dat zou de sector enorm helpen.”

Bloks: „Wat de sector nodig heeft is rust en langetermijnbeleid. Maar die zekerheid is er niet altijd. Dan moet je creatief zijn en flexibel blijven. We laten ons in ieder geval niet door een probleem tegenhouden.”

Woon-zorgprojecten

Een hoge toren staat dus op het verlanglijstje, maar 7A richt de blik ook op woon-zorgcomplexen. „Daar ligt een enorme opgave”, zegt Bloks. „En daar kun je echt maatschappelijke impact maken. Er is een enorme groep aan ouderen die de komende tien à twintig jaar bijvoorbeeld dementerend gaan worden en die niet meer thuis kunnen wonen.”

Van Straten knikt: „ Je wilt dat mensen goed terechtkomen. Ooit kom je misschien ook wel in zo’n complex terecht en dan kun je hopelijk toch zeggen: fijn dat daar zo goed over is nagedacht.”

Nalaten

De twee geboren vastgoedmakers willen in ieder geval nog jaren bouwen aan hun regio. Bloks: „ Je wil iets nalaten waar je trots op kunt zijn en waar de generaties na je trots op kunnen zijn. Iets tastbaars, waar anderen, als het goed is, erg blij van kunnen worden.”

7A Vastgoedmakers

Philitelaan 57, Eindhoven 040-304 30 33 info@7avastgoedmakers.nl www.7avastgoedmakers.nl

Wonen in Eurostaete

Leven midden in het bruisende hart van Eindhoven

Gelegen direct naast het iconische Philips Stadion, combineert Eurostaete stedelijke dynamiek met modern wooncomfort. Het project bestaat uit een markante woontoren en een stijlvolle laagbouw, ontworpen met oog voor detail, lichtinval en leefruimte.

Het mooiste aanbod hebben we tot het laatste bewaard! 2 penthouses op ruim 100 meter hoogte, met uitzicht op de grasmat van PSV.

Wonen? Voor meer informatie kijk op www.wonenineurostaete.nl

De Boeteling

Ik hoef hem niet voor te stellen, hij zit er al, niet zoals de anderen, niet om te blijven hangen of de tijd te doden, maar omdat er iets is dat hem blijft volgen, en hier aan de bar is het er even niet.

Hij komt binnen zoals hij altijd binnenkomt, met schouders die naar beneden hangen alsof hij zichzelf alvast kleiner maakt, nog voordat iemand daar reden toe heeft gegeven, alsof hij zich verontschuldigt voor het feit dat hij er is.

Er zijn van die mensen die zich altijd te veel voelen en je ziet dat niet eens zozeer aan wat ze doen maar aan wat ze inhouden, alsof ze voortdurend proberen zo min mogelijk ruimte in te nemen en zelf toch het gevoel hebben dat ze die al teveel innemen.

Hij maakt geen oogcontact met anderen, alsof kijken al teveel vraagt of misschien teveel prijsgeeft. Soms, heel even, kijkt hij naar mij, kort, niet om iets te vragen maar om te zien of het kan, of hij hier even kan zijn zonder dat ik of iemand hem de maat neemt.

Als hij praat zijn het korte zinnen, soms wat scherp, wat nors uitgesproken, waar anderen zich aan kunnen storen maar ik zie iets anders, want het is niet dat hij wil uithalen, het is dat hij zich met zijn rug tegen de muur voelt staan en dat dat het enige is wat hem nog overeind houdt.

Hij draagt vanalles met zich mee, niet één ding waar hij spijt van heeft maar een hele stapel, voor wat hij heeft gedaan maar misschien nog wel meer voor wat hij heeft laten liggen, voor de teleurstelling waarvan hij denkt dat hij die zijn ouders heeft aangedaan, voor hoe hij is in een groep en hoe dat altijd net schuurt. Soms heb ik het idee dat hij boet voor iets waar hij nooit invloed op heeft gehad; hij voelt zich schuldig aan zijn eigen bestaan.

Hij bestelt zonder op te kijken en ik zet het glas voor hem neer. Op dat moment kijkt hij even op, heel kort, niet om contact te maken maar om nogmaals te checken of er iets van oordeel zit maar dat is er niet.

Soms, als het rustig is en we even één op één praten, gebeurt er iets kleins, bijna ongemerkt, dan lijkt het alsof dat gewicht dat hij met zich meedraagt even losser komt te zitten en hij iets vertelt, vaak terloops, over iets wat goed ging, iets kleins, van vroeger of van laatst, en heel even zie je dat hij niet alleen maar draagt maar zich ook herinnert dat er ook voor hem dingen zijn geweest die goed waren. Dit duurt nooit lang maar het bestaat.

Ik tap, zet neer, luister als hij iets zegt, Hij drinkt zijn glas leeg zoals hij alles doet, niet gehaast en vooral niet genietend en als hij zijn jas aantrekt lijkt het even alsof hij gewoon vertrekt zoals altijd maar halverwege draait hij zich toch nog om.

„ Houdōe”, zegt hij dan, een tikje gemaakt. Ik kijk hem aan, zeg 'houdōe', gewoon zoals ik het altijd zeg.

Hij blijft heel even staan, knikt klein, en dan gaat hij. Ik pak zijn glas op, spoel het om en zet het terug tussen de rest alsof er niets is gebeurd.

Lensvervanging en lensimplantaten:

‘ Weer scherp zien, zonder gedoe’

Je staat op en pakt automatisch naar je bril. Of je knijpt je ogen halfdicht om de letters op je telefoon scherp te krijgen. Best herkenbaar, toch? Vanaf je 45e verandert de ooglens langzaam van soepel naar stug — een heel normaal proces. Maar het effect is minder prettig: wazig lezen, steeds wisselen tussen brillen, of simpelweg niet meer scherp kunnen zien wat je eigenlijk wél helder zou willen zien.

Voor veel mensen voelt het idee van een ingreep aan hun ogen spannend. Dat is logisch. Het gaat tenslotte om je zicht - misschien wel je kostbaarste zintuig. Wat veel mensen echter vergeten, is dat een lensimplantaat tegenwoordig een veilige, bewezen en uiterst nauwkeurige behandeling is. Uitgevoerd door gespecialiseerde oogartsen. En de vrijheid die het oplevert, is voor velen misschien wel de allerbelangrijkste reden om de stap toch te zetten.

Wat is een lensimplantaat?

Bij een lensimplantatie wordt je natuurlijke ooglens vervangen door een heldere kunstlens die overneemt wat je eigen lens door ouderdom steeds minder goed kan. Deze lens corrigeert het zicht van dichtbij, veraf én op tussenafstanden. Het resultaat: weer wakker worden met scherp zicht, zonder bril of lenzen. In tegenstelling tot een ooglaserbehandeling wordt er bij een lensimplantaat niets ‘aangetast’ aan je oog. Het hoornvlies blijft vol-

ledig intact. De natuurlijke lens — die door de jaren heen zijn soepelheid en helderheid verliest — wordt vervangen door een kunstlens. Die kunstlens gaat een leven lang mee. En omdat je natuurlijke lens wordt vervangen, kun je ook nooit meer staar ontwikkelen.

Hoe verloopt de behandeling?

Een lensimplantatie duurt gemiddeld tien tot vijftien minuten per oog en is vrijwel pijnloos. In de meeste gevallen worden beide ogen tijdens één afspraak behandeld. Je bent dezelfde dag alweer thuis en merkt binnen enkele dagen al duidelijke verbetering. Je hersens moeten nog wel even wennen aan de nieuwe manier van zien maar dat gaat vanzelf.

Waarom kiezen mensen voor een lensimplantaat?

Omdat het dagelijkse gedoe simpelweg wegvalt. Niet meer zoeken naar een leesbril. Niet meer twijfelen of je nou wél of geen reservebril in je tas hebt. Niet meer het gevoel hebben dat je zicht je belemmert in je werk, hobby’s of sport.

FYEO: Brabantse specialist in lensimplantaten

FYEO is al meer dan twintig jaar dé expert in brilvervangende behandelingen. Ooit begonnen in Eersel - waar nog altijd het hoofdkantoor staat - en uitgegroeid tot een landelijke organisatie met vijftien klinieken, waarvan maar liefst vier in Brabant (Eersel, Eindhoven, Den Bosch en Breda).

Bij FYEO word je altijd geholpen door een ervaren oogarts en krijg je een persoonlijk behandeladvies op maat. Gratis vooronderzoek, eerlijke uitleg én de nieuwste technologie staat centraal. Alles draait om jouw ogen, jouw veiligheid en jouw vertrouwen.

Mensen die kiezen voor een lensimplantaat, beschrijven het moment dat ze weer scherp kunnen lezen of autorijden zonder bril vaak als 'een bevrijding'. En ja, de stap zetten is spannend maar de beloning is groot. www.fyeo.nl

Hoofd Maatschappelijke Betrokkenheid van ASML wil verbinden

De Hooge toont de menselijke kant van 's lands grootste techreus

Ambitie, oog voor diversiteit, betrokkenheid bij de omgeving, empathie en respect voor anderen, maar ook inzetten op samenwerking en het creëren van maatschappelijk draagvlak. Marjolein de Hooge, Hoofd Maatschappelijke Betrokkenheid bij ASML, heeft het allemaal in zich. Tot haar 23e woonde ze in Rotterdam. „ Eerst was ik trots op Mainport, nu ook op Brainport. Trots verbindt mensen, het maakt dingen mogelijk die anders niet gebeuren. Dat zie je aan de dynamische ontwikkeling die de Brainportregio de afgelopen 20 jaar heeft doorgemaakt. Er gebeurt hier zoveel, dat kom je nergens anders tegen!”

TEKST: BART ASSIES, HANNEKE VAN DEN NIEUWENHOF | FOTO'S: RENÉ MANDERS/DCI MEDIA

De vraag wat de in Rotterdam geboren en getogen De Hooge naar Veldhoven bracht, wordt met onverhuld enthousiasme beantwoord. Ze vertelt voluit over haar leven voor ASML, over haar ambities en de ervaringen bij andere werkgevers. Drieëntwintig was ze, toen ze door haar werkgever Deloitte naar Praag werd gestuurd; HR, begeleiding van expats en vennoten was haar verantwoordelijkheid. „ In Praag was Deloittes hoofdkantoor voor Midden-, Centraal- en Oost-Europa gevestigd. Als ik ergens ben, wil ook begrijpen wat er om me heen gebeurt. Anderhalf jaar was de bedoeling maar ik bleef er ruim vijf jaar en leerde Tsjechisch. Een cursus, vier avonden in de week en alleen maar Tsjechisch spreken op het werk. Zo steek ik in elkaar: ik vind het belangrijk te weten wat er in mijn omgeving speelt.”

Samenwerken

Die eigenschap werd ook bij volgende werkgevers gewaardeerd. Na haar avontuur in Praag, vestigde De Hooge zich in Eindhoven, waar haar partner was gestationeerd. Ze kreeg een baan als recruiter en groeide door in leidinggevende- en managementfuncties bij Hays Recruitment. „ Ik vond het fantastisch werk! Liefde op het eerste gezicht. Ik kwam bij allerlei bedrijven over de vloer, waaronder ASML, en zette een paar maatschappelijke activiteiten op voor expats zodat ze beter in Nederland zouden integreren. Iets ondernemen, plezier hebben, diversiteit! Samenwerking én resultaten vind ik belangrijk. Ik had bij Hays een prachtig team. We kregen veel voor elkaar. Het was een fijne tijd.” De Hooge werd door een headhunter benaderd. Na Hays volgden er banen bij YER Netherlands en bij DPG Media waar ze sales director

‘Trots verbindt mensen, het maakt dingen mogelijk die anders niet gebeuren’

werd. „ Media is een bijzondere wereld die continu verandert”, zegt De Hooge daarover. „ Rode-loperevents, bij bedrijven langs. Kopen, verkopen… Dat was leuk. Maar ook overnames, ontslagen, de harde kant van sales, ik begon het steeds lastiger te vinden en miste het maatschappelijke aspect, de betrokkenheid bij je naaste omgeving.”

Ze nam ontslag en ging vrijwilligerswerk doen, onder andere voor het KWF Kankerfonds. „ De buurt in, maar ook fondsenwerven, bij bedrijven langs, evenementen organiseren… Mijn contacten en ervaringen in het bedrijfsleven kwamen heel goed van pas.” Een buurvrouw maakte De Hooge attent op een vacature bij ASML… The rest is history.

Maatschappelijke betrokkenheid

Inmiddels werkt De Hooge alweer meer dan vier jaar bij ASML waar ze leiding geeft aan de afdeling Maatschappelijke Betrokkenheid, een afdeling die ruim drie jaar geleden is opgericht en is ontstaan vanuit de afdeling Communicatie. Deze relatief nieuwe afdeling heeft als taak maatschappelijk draagvlak te creëren voor de activiteiten van ASML. Er werken nu zo’n 25 medewerkers. „ ASML toont zijn betrokkenheid door in te zetten op lokale initiatieven in de Brainportregio. Wij richten ons op een attractieve en inclusieve regio, STEM educatie; dit zijn voor ons belangrijke focusgebieden. Daaronder vallen betaalbare woningbouw, onderwijs en talent, een groene regio en het goed laten landen van internationals die naar onze regio verhuizen. We doen dit niet alleen in de Brainportregio maar ook in Amerika en Azië in de gebieden waarin we actief zijn.” De afdelingen Maatschappelijke Betrokkenheid van die buitenlandse vestigingen worden aangestuurd vanuit het hoofdkantoor in Veldhoven. „Verantwoordelijkheid nemen in je regio, praten met de buurt. Betrokken zijn. Toen ik hier begon, hoorde ik vaak van mensen in Veldhoven dat het moeilijk was om contact te krijgen met ASML:

als je belde, werd je in het Engels te woord gestaan en het was moeilijk om een aanspreekpunt te vinden… Dat soort verhalen. Dat moet anders, dacht ik. We willen onderdeel van de regio zijn, een goede buur. We spreken hier Nederlands en als er iets is, spring ik op de fiets om te kijken wat er aan de hand is. Het gaat om de menselijke kant, werken aan een attractieve en inclusieve regio. Een regio waar we trots op kunnen zijn. Trots op Brainport! Ik vind dat we daaraan moeten werken.” De Hooge geeft aan dat het belangrijk is om samen te werken met maatschappelijke organisaties en overheden. De Hooge: „ Dat is de rode draad. De één kan niet zonder de ander. Iets bijdragen. De core values van ASML zijn: Challenge, Collaborate and Care – voor mij is die laatste het allerbelangrijkste. Ik vind dat je goed moet zorgen voor je omgeving. Vandaar dat ik ook in het bestuur zit van Samen voor onze Regio, een stichting die bedrijven en maatschappelijke organisaties met elkaar verbindt en zich inzet voor een sterke sociale infrastructuur.”

Respect

Dat klinkt mooi, samenwerken, verantwoordelijkheid nemen, maar hoe doe je dat? En wat als mensen het gevoel krijgen dat ASML een alles opslokkende kolos is zonder oog voor zijn omgeving? De afdeling Maatschappelijke Betrokkenheid, waarvan De Hooge het gezicht is, laat zien dat dat beeld van ASML niet klopt en dat de multinational juist inzet op verbetering van die omgeving en bereid is om daarin te investeren. Niet alleen financieel, maar ook met de initiatieven die deels door De Hooge en haar team zijn bedacht en ontwikkeld. Zo wordt er kennis gedeeld en kunnen medewerkers tijdens werktijd worden ingezet als vrijwilligers voor de projecten die ASML steunt. De Hooge: „We zijn écht onderdeel van Brainportregio. Dat betekent dat we ons houden aan de regels en politieke beslissingen respecteren. Overheden, kennisinstellingen en maatschappelijke organisaties werken samen. Je luistert naar elkaar, je weet wat er speelt en je kunt elkaar versterken maar je gaat niet op andermans stoel zitten. Zó gaan we voor het beste resultaat, zó werkt Brainport. Een voorbeeld: ASML steunt de bouw van betaalbare woningen maar de gemeente bepaalt welke projecten hiervoor in aanmerking komen.” De Hooge kan hier verder niet veel over zeggen: ASML zit aan tafel met andere stakeholders zoals de gemeente en de provincie en wil niet vooruitlopen op de resultaten van die gesprekken. „Ons uitgangs-

‘Samenwerken voor het beste resultaat, zó werkt Brainport’

punt is dat woonruimte betaalbaar moet blijven voor iedereen die het lastig heeft op de huizenmarkt, niet alleen voor ASML- werknemers. Verder vinden we dat nieuwkomers goed moeten integreren in de Nederlandse samenleving. De afdeling Maatschappelijke Betrokkenheid van ASML zet zich daarvoor in, onder andere door buddy-projecten voor internationals en steun aan de initiatieven van Brainport voor Elkaar.”

Cultuur en Sport

Een ander voorbeeld dat De Hooge na aan het hart ligt, is de steun die ASML verleent aan culturele projecten. „Ons doel is om de regio attractiever te maken. Niet alleen voor expats en nieuwkomers maar voor iedereen die hier woont. We ondersteunen veel culturele initiatieven via Brabant C, een onafhankelijk fonds dat in cultuur in de provincie investeert. Het Beethoven Project (tot 2030 een investering van 2,5 miljard in publieke voorzieningen door overheid en bedrijfsleven - red.) kan hier ook niet onbenoemd blijven.” Voorbeelden van samenwerking met ASML zijn het initiatief om vestiging van het Rijksmuseum naar Eindhoven te krijgen en het Hit the City Festival, een gratis toegankelijk driedaags muziekfestival dat vorig jaar maar liefst 41.500 bezoekers trok. Ook is ASML op sportgebied actief. De Eindhovense Marathon is de laatste jaren een groot succes en steekt de Marathon van Amsterdam naar de kroon. In 2025 trok hij zo’n 38.500 deelnemers. De ASML Marathon Eindhoven werkt samen met KWF Kankerbestrijding – een initiatief dat De Hooge graag onder de aandacht brengt. „Vorig jaar hebben we voor het eerst tijdens de ASML Marathon Eindhoven het rondje voor een ander geïntroduceerd. Door een extra lus te rennen door het Philips Stadion werd geld opgehaald voor vier goede doelen in de regio. Het was direct een succes. Er werd bijna honderdduizend euro opgehaald voor deze goede doelen.”

Scholenvoetbaltoernooi

De inzet van ASML beperkt zich echter niet alleen tot topevenementen. Iedereen moet mee kunnen doen, is de filosofie. „We kijken continu wat er mogelijk is”, aldus De Hooge. „ Participatie vind ik heel belangrijk.” Ze vertelt hoe ze een paar jaar geleden, tijdens haar wintersportvakantie, werd benaderd door de FC Eindhoven Foundation. „ Ik zat in de skilift en werd gebeld. Het was iemand van de FC Eindhoven Foundation. De week daarop zaten we aan tafel.” Het ging

over het Scholenvoetbaltoernooi. Of ASML partner wilde worden en het toernooi samen wilde organiseren. Het werd een groot succes. Voor de samenwerking tussen FCE en ASML was er jaren geen toernooi geweest en destijds deden er zeshonderd kinderen mee. Nu wordt het initiatief onder de naam ASML Scholenvoetbaltoernooi over de hele Brainportregio uitgerold en doen er bijna vijfduizend kinderen mee. „ Het gaat erom dat alle kinderen in de regio kunnen sporten en bewegen. Met dat doel hebben we het ASML Scholenvoetbaltoernooi enorm opgeschaald.”

Schaalsprong

De jeugd heeft de toekomst. Daarom wordt erbij ASML veel in de jeugd geïnvesteerd, niet alleen om jongeren in beweging te krijgen maar ook om hen vaker technische opleidingen te laten kiezen. ASML steunt bijvoorbeeld regioprojecten van STEM (Science, Technology, Engineering en Mathematics), een onderwijsaanpak die deze vier disciplines integreert om complexe problemen op te lossen en praktische vaardigheden te ontwikkelen. Het stimuleert creativiteit, logisch redeneren en technologisch inzicht via projectmatig werken. „We zijn de ASML Junior Academy gestart. In samenwerking met Mad Science bereiken we inmiddels meer dan vijfhonderd basisscholen in de Brainportregio, zo’n zestigduizend kinderen! Alle kinderen uit groep 1 tot en met 8 krijgen per schooljaar zes STEM-lessen door een professor van de ASML Junior Academy. We zijn hier ontzettend trots op. Inmiddels is dit partnership ook uitgebreid naar Amerika en werken we aan uitbreiding in Taiwan en Korea.”

Rolmodellen

Met het oog op de schaalsprong die in de Brainportregio verwacht wordt, zijn dergelijke initiatieven hard nodig: door de snelle groei van de IT-sector is de arbeidsmarktopgave in de regio aanzienlijk. Tegen 2032 zullen er naar verwachting 71.200 nieuwe banen zijn. Meer jongeren stimuleren een technische opleiding te doen, meer hoogopgeleide krachten van buiten de regio aantrekken en - last but not least - het voor vrouwen aantrekkelijker maken om te gaan werken. De Hooge vindt dat er op dit gebied nog veel kan gebeuren. Niet voor niets was ze onlangs uitgenodigd om te de Internationale Vrouwendag binnen ASML te openen. „ Natuurlijk is het van belang om ervoor te zorgen dat alle talent benut wordt. Ik vind het

‘Het gaat om de menselijke kant, werken aan een attractieve en inclusieve regio’

belangrijk dat iedereen zijn of haar talent ten volle kan gebruiken. En dat je ook als vrouw echt je potentieel kunt benutten.” En dan komt het gesprek als vanzelf op haar eigen carrière. „ Een goede opleiding helpt natuurlijk maar ook ambitie en doorzettingsvermogen. Ik heb zelf heel veel gehad aan een aantal rolmodellen die mij feedback gaven en met wie ik kon sparren. Dat wil ik eigenlijk iedereen meegeven: zoek je rolmodellen; dat is belangrijk!”

BIC Noord

Een ander aspect van de schaalsprong is natuurlijk de huisvesting van ASML zelf. De multinational heeft grote plannen voor de Brainport Industries Campus aan de noordwestelijke rand van Eindhoven. De Hooge: „ ASML neemt vandaag stappen om de ruimte en flexibiliteit veilig te stellen die nodig zijn voor de innovatie van morgen. Daarom kijken we in

goed overleg met de gemeenten Eindhoven, Best en Oirschot naar mogelijkheden om een nieuwe campus te ontwikkelen op BIC Noord. Deze nieuwe campus is dus een aanvulling op die in Veldhoven. De ontwikkeling is in volle gang. De nieuwe campus zal niet in één keer gebouwd worden maar in fases. Het gaat om een uitbreiding op lange termijn. Onlangs heeft de gemeenteraad haar fiat gegeven: er kan met de bouw begonnen worden. In 2028 zullen er op deze locatie zo’n vijfduizend mensen werken; op termijn worden dat er twintigduizend. Dit zijn de grote lijnen. Wie zich goed wil informeren over de laatste ontwikkelingen kan terecht op onze website ASML Dichtbij.” Goede en up-to-date informatie vindt De Hooge van groot belang – het komt een afgewogen besluitvorming ten goede, is haar stellige overtuiging. „We werken aan een toekomstbestendige regio. Een regio waar we allemaal trots op kunnen zijn.”

Eurocars Mobility: hét mobiliteitsplatform voor de Brainportregio

‘Daag ons uit om je mobiliteitsvraagstuk op te lossen’

HARROLD VAN DE VEN (L) EN COMMERCIEEL MANAGER

MARCEL VAN DEN BUNDER

VAN FC EINDHOVEN

Eurocars Mobility houdt de vaart erin. Keer op keer schakelt het Geldropse bedrijf door naar de volgende versnelling. Onder leiding van de broers Harrold en Rick van de Ven is het bedrijf uitgegroeid tot een mobiliteitspartner die alle vormen van leasing en financiering onder één dak aanbiedt. De dagelijkse leiding is momenteel in handen van Arjan Feitsma. „We spelen razendsnel in op veranderingen in de mobiliteitsbranche", verwoordt mede-eigenaar Harrold de ambities. „ Alles wat een ondernemer of particulier nodig heeft om mobiel te blijven, regelen we zelf. Snel en zonder onnodige wachttijden."

TEKST: ANDRÉ DRIESSEN I FOTO’S: LUCA ENGELBRACHT

Eurocars Mobility gaat in 1990 van start als Autobedrijf Bogardeind. Harrold heeft op dat moment ervaring opgedaan bij Fassbender-Valks, een grote autodealer in Den Bosch. Zijn broer werkt dan nog als bakker. In de jaren daarna groeit het bedrijf mee met de veranderingen in de autobranche. „ De crisisjaren gooien roet in het eten en zorgen voor dalende verkoopcijfers", blikt Harrold terug. „ In die periode zijn we begonnen met shortlease, lang voordat deze mobiliteitsoplossing in Nederland gemeengoed was."

Alle mobiliteitsvraagstukken

Het van oorsprong Geldropse bedrijf is gespecialiseerd in het oplossen van alle soorten mobiliteitsvraagstukken. Met vier vestigingen bedient het de Brainportregio en de rest van Nederland. „ Met Eurocars hebben we elke oplossing in huis", licht hij de meerwaarde van zijn bedrijf toe. „We zijn uitgegroeid tot een toonaangevende mobiliteitspartner die álle leasevormen biedt: van shortlease, financial lease, netto operational lease tot occasionlease van zowel personen- als ook bedrijfswagens. Voor de Nederlandse markt is dat echt uniek. Daag ons uit wat we niet in (lease) mobiliteit voor je kunnen betekenen. Het eerste probleem dat we niet kunnen oplossen, moet ik nog tegenkomen."

Pseudo-eindheffing

Mobiliteit is in hoog tempo aan het veranderen. Wetgeving, verduurzaming en nieuwe werkvormen zorgen ervoor dat zowel werkgevers als werknemers voor lastige keuzes komen te staan. Een van de grootste veranderingen is de aangekondigde pseudo-eindheffing per 1 januari 2027. „Vanaf die datum krijgen werkgevers te maken met een extra bijtelling van twaalf procent als ze aan hun personeel een auto geven die niet elektrisch is", geeft Harrold tekst en uitleg. „Werkgevers worden dus gedwongen om keuzes te maken. Of ze kiezen voor een elektrische

auto óf ze geven hun medewerkers een zogenoemd mobiliteitsbudget. Bij beide opties biedt Eurocars Mobility de helpende hand. Ook helpen we ondernemers om op het juiste moment de overstap van diesel, benzine of hybride naar elektrisch te maken. Met de huidige milieuzones in Eindhoven is een flexibele oplossing hard nodig. We denken daarin graag mee."

Voordelen shortlease

Wat Eurocars Mobility onderscheidt, is de omvang van het wagenpark. Met ongeveer 500 personenauto’s en 500 bedrijfswagens op voorraad kunnen particulieren en ondernemers direct de weg op. „We hebben voor iedereen snel een passende oplossing in huis, zonder lange wachttijden", vervolgt Harrold zijn verhaal. „ Klanten kunnen al vanaf één maand leasen bij ons. Dat maakt ons aantrekkelijk voor zowel groeiende bedrijven als werknemers die tijdelijk of flexibel vervoer nodig hebben. Een belangrijk voordeel van shortlease bij Eurocars Mobility is bovendien dat je de keuze hebt om contracten maandelijks op te kunnen zeggen. Zo loop je nooit het risico dat je leasecontract negatieve gevolgen heeft voor het aanvragen van een hypotheek in de toekomst."

Maatschappelijke betrokkenheid

Harrold heeft een uitgesproken mening over zijn maatschappelijke rol als ondernemer. Zolang hij een goede boterham verdient, doet hij graag iets terug voor de samenleving. „ Het maakt me niet uit of het een sportvereniging, een lokaal evenement of een goed doel is", zegt hij lachend. „ Ik doe alleen geen zaken met ongezellige mensen. Zakendoen moet leuk zijn. Net als voetbal, hockey of golf. Via sponsoring werken we bewust aan onze naamsbekendheid en laten we tegelijkertijd onze maatschappelijke betrokkenheid in de Brainportregio zien. Zo zijn we onlangs lid geworden van het Brainport Partnerfonds dat investeert in sociale zaken en kansengelijkheid in de regio."

Rugsponsor FC Eindhoven

Sinds eind 2025 staat de naam Eurocars Mobility op de achterzijde van de voetbaltenues van FC Eindhoven. De Club van Goei Volk en het Geldropse bedrijf passen goed bij elkaar. De samenwerking gaat verder dan alleen de zichtbaarheid van de bedrijfsnaam op de thuis- en uitshirts. „ Eurocars stelt elektrische personenbussen ter beschikking voor de jeugdopleiding van FC Eindhoven", vervolgt Harrold zijn verhaal. „ De bussen zijn prachtig bestickerd door J&J Productions uit Geldrop. Zo leveren we een concrete bijdrage aan de verduurzaming van de club én aan de ontwikkeling van jong talent."

Win-winsituatie op en rond het veld

Voor Eurocars Mobility is het partnerschap een manier om dichter bij de regio Eindhoven, de club en de supporters te staan. „Onze grootste concurrent is onbekendheid bij de mensen", zegt Van de Ven eerlijk. „Online zijn we ijzersterk en goed vindbaar, maar offline willen we ook beter zichtbaar zijn. Een betaald-voetbalclub biedt dan de ideale handvatten om deze zichtbaarheid te vergroten." Ook voetbalvereniging Geldrop heeft een speciale plek in het hart van Harrold. Hier treedt Eurocars Mobility als hoofdsponsor op. „ Ik geniet van het clubgevoel en de gezelligheid in de kantine op zondagmiddag", licht hij toe. „ Daarin zie je de overeenkomsten met FC Eindhoven. Bij beide clubs voel ik me thuis."

Wagenpark met 5.000 voertuigen Vijfendertig jaar na de oprichting biedt Eurocars Mobility een volwaardig mobiliteitsplatform met vier vestigingen in de Brainportregio en meerdere labels: Eurocars, DealerLeasing, Shortleaseland, Bedrijfswagenleasing en de Mobiliteitfinancier. „ Pas geleden hebben we op gebak getrakteerd, omdat ons wagenpark is gegroeid tot vijfduizend personen- en bedrijfswagens", vertelt Harrold trots. „ En we staan voorlopig niet stil: het is onze ambitie om dit jaar onze vloot uit te breiden met nog eens duizend auto’s. Daarom kom ik graag op de koffie bij bedrijven in de Brainportregio om hun mobiliteitsvraagstukken te bespreken. Met overheidsperikelen als milieuzones, pseudo-eindheffingen en BPM op bedrijfswagens is het altijd goed om een mobiliteitsspecialist te raadplegen. Hebben bedrijven alles goed geregeld, dan geef ik een compliment. Zo niet, dan hebben we dé passende oplossing in huis."

Voor meer info is Harrold bereikbaar op : 06 - 535 332 60 of harrold@eurocars.nl

‘Vanaf die datum krijgen werkgevers te maken met een extra bijtelling van 12 procent als ze aan hun personeel een auto geven die niet elektrisch is ’

FRITS PRESENTATIE

Wanneer: Maandag 16 maart 2025

Wat: Presentatie nieuwe FRITS in het stadscafé met dorpse gemoedelijkheid

Café Kaat op de Kleine Berg in Eindhoven van Kaat, Harold, Godelieve & Marc.

Door wie: FRITS Media & Café Kaat

Wie: Relaties, gasten & Vrienden van FRITS

Waardering: 

Foto’s: DCI Media

Xander van Doorn, Hervé Maas & Rob Alkemade (vlnr)
Ingeborg van Zundert, Iris & Eric van Gerwen met Imke van Limpt (vlnr)
Frits Bovers (l) & Peter Kentie
Hans van der Pluijm (l), Rob Alkemade & Suzanne Keuning
Karin van Gemert & Xander van Doorn
Adriaan van Straten (l) & Stijn Steenbakkers
Eugene van de Laar
Ben van Sambeek & Maud Kennis
Hugo van den Berk (l), Charles Nix & Cindy-Jane Maes
XXXxxx Daan de Kort & Marianna Brugmans

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook