Skip to main content

CHIP FOTO magazine 48

Page 1

CHIP FOTO magazine

CAMERA'S 75 BESTE VAN DIT MOMENT

Uitgave 48 • maart 2020

UITGAVE 48

Als fotograf ie je pass ie is

Flitsen(d) Spelen met kunstlicht

TIPS VAN DE PRO'S

Zo maak je altijd scherpe foto's SPELEN MET KUNSTLICHT

GETEST

 Fujifilm  Canon

X-Pro3

KOOPADVIES

De beste scanners voor je negatieven

EOS M200

 Sony

α6600

 Sony

16-55mm f/2.8 G LIGHTROOM

Next-level zwart-wit VIRTUAL REALITY

360-graden video's maken

€ 6,49

11 fotoprojecten die je meteen wilt uitproberen

LUMIX S1H

De beste camera voor video

WORKSHOP

Spetterende kleuren met Photoshop

AP

www.chipfotomagazine.nl

INSPIRATIE


INHOUD Uitgave 48

INSPIRATIE 6

Een wereld van foto’s

Indrukwekkende foto’s en hoe ze gemaakt zijn.

22

Portfolio

Voor Fay van der Wal kan iedereen mooi op de foto.

40

Column

Reizen en verre bestemmingen.

50

Interview

Vader en zoon Jan en Mart Smit.

Iedereen kan flitsen

28

104 Lezersfoto’s

De mooiste foto’s ingezonden door lezers.

PRAKTIJK 28

Iedereen kan flitsen

Met onze tips laten we zien hoe eenvoudig flitsen kan zijn.

42

Video’s met een extra dimensie

Stap de wereld van virtuele realiteit binnen!

46

Tips voor maximale sterkte

We vertellen hoe je onscherpte kunt voorkomen.

56

11 uitdagende fotoprojecten

Ben je op zoek naar wat nieuwe uitdagingen? Ga aan de slag met deze projecten.

BEELDBEWERKING 62

Selectief verscherpen

Bijna elke foto kan verscherping gebruiken. Wij laten zien hoe je dat doet.

64

Niveaus corrigeren

Deze Photoshop-functie is een must voor het perfectioneren van kleuren en contrast.

66

Monochroom met hoog contrast

Duik in de doka van Lightroom.

70

Hef lensvervorming op

Werken met Lightroom-lensprofielen.

66 Monochroom met hoog contrast

4


ACTUEEL Op de cover p.28 Flitsen(d) voor iedereen p.42 360-graden video’s maken p.46 Zo maak je altijd scherpe foto’s p.56 Elf fotoprojecten p.64 Spetterende kleuren met Photoshop p.66 Next-level zwart-wit p.74 Fujifi lm XPro3 p.78 Canon EOS M200 p.80 Sony 16-55mm f/2.8 G p.84 Panasonic Lumix S1H p.88 Sony Alpha 6600 p.90 De beste scanners voor je negatieven

Iedereen mooi op de foto

Agenda

Deze foto-exposities en evenementen mag je niet missen.

16

Nieuws

Lees alles over de laatste ontwikkelingen op fotografi egebied.

20

Alles voor de fotograaf

Met deze gadgets kom je als fotograaf goed voor de dag.

94

Patenten verhinderen betere camera’s Niet elk patent is een verbetering voor de fotowereld.

TEST

56

22

12

Uitdagende fotoprojecten

72

Eizo FlexScan EV2460-WT

Deze monitor heeft veel aansluitingsmogelijkheden en een scherp beeld.

74

Fujifi lm XPro3

De Fujifi lm X-Pro3 is een van de opvallendste camera’s van de afgelopen tijd.

78

Canon EOS M200

Deze camera heeft weinig knoppen en is vooral gericht op smartphonegebruikers.

80

Sony 16-55mm f/2.8 G

Een nieuw objectief voor de APS-C dslm’s van Sony.

84

Panasonic Lumix S1H

De camera met de beste videoprestaties.

88

Sony Alpha 6600

Deze Sony heeft veel nieuws die een overstap de moeite waard maken.

90

Oude foto’s scannen Met deze scanners kun je oude foto’s digitaliseren.

Tests:

72 Eizo FlexScan EV2460-WT 74 Fujifilm XPro3 78 Canon EOS M200 80 Sony 16-55mm f/2.8 G 84 Panasonic Lumix S1H 88 Sony Alpha 6600 90 Fotoscanners

100 Toplijsten

Dit actuele overzicht van de beste camera’s helpt je bij je volgende aankoop.

OVERIG 3 Voorwoord 113 Abonnementsinformatie en colofon

5

Abonnee worden? Kijk op www.fnl.nl/chipfotomagazineabo of op pagina 82.


Iedereen kan flitsen Veel fotografen laten de flitser liever links liggen. De benodigde apparatuur is prijzig en er wordt vaak gedacht dat het behoorlijk lastig is om goed te flitsen. Het is echter lang niet zo moeilijk als je denkt en daarom is het nu een goed moment om uit je comfort zone te stappen. Met onze tips laten we zien hoe eenvoudig flitsen kan zijn.

I

n dit artikel beginnen we bij de grondbeginselen van het flitsen. We leggen uit wat je moet instellen op je camera en gaan in op de TTL-functie (Through The Lens, ook wel Door De Lens genoemd). We maken gebruiken van alledaagse voorwerpen en interessante onderwerpen, die erop wachten om mooi belicht (met een flitser!) te worden. Al na een paar keer proberen zul je zien dat het allemaal best wel meevalt en dat je steeds vaker naar de flitser grijpt. Je foto’s krijgen hierdoor mooier licht, zonder dat er al te veel technische flitskennis van je wordt gevraagd. Veel flitsplezier!

28


Flitsen

De kleur van de paraplu geeft een mooi contrast met de rest van de omgeving. Voor deze foto gebruikten we een losse flitser die we naar het midden van de paraplu hadden gericht.

29


FOTO: BirdImages/getty images

Tips voor B maximale scherpte Hoe scherp je foto’s worden hangt van je camera af, maar zeker ook van jezelf. We vertellen je hoe professionals onscherpte voorkomen. 46

ij daglicht lukken foto’s meestal zonder problemen. Maar zo gauw het begint te schemeren kan het nogal een uitdaging worden. Om voldoende licht op de sensor te krijgen, heb je een langere sluitertijd nodig. En daarmee vergroot je het risico dat ook maar de kleinste beweging voor onscherpte zorgt. Bovendien zie je dat vaak pas wanneer je uitsnedes maakt: randen en gebouwen zien er niet scherp uit en vertonen soms zelfs dubbele contouren. Maar er zijn trucjes waarmee je deze onscherpte kunt voorkomen. Soms is het voldoende om het diafragma wat te openen of de lichtgevoeligheid te verhogen om de sluitertijd uit het kritische bereik te krijgen. Maar wat doe je als dat niet mogelijk is, omdat je diafragma al helemaal geopend is, of omdat een nog hogere ISO-waarde ten koste gaat van de kwaliteit? In die gevallen ben je blij als je een statief hebt


Scherpe foto’s Statief goed neerzetten

Ook een statief kan wiebelen of omkiepen. Zo zorg je voor stabiliteit.

Statief niet te ver uitschuiven

Zorg voor een veilige stand

Kies een camerapositie die niet hoger is dan absoluut noodzakelijk. Volledig uitgeschoven zijn zelfs de beste statieven gevoelig voor wind en trillingen. Bovendien is het stabieler wanneer je de dikste onderdelen als eerste uitschuift.

Wanneer je het statief op nat gras neerzet, bestaat het gevaar dat de voetjes wegglijden. Zorg er daarom voor dat de voetjes contact maken met de grond. Tip: onder de rubberen voetjes van sommige statieven zitten spikes verstopt.

Afdrukken zonder beweging Staat de camera op een statief maar is het eindresultaat nog steeds niet scherp? Dat kan meerdere oorzaken hebben. Bij dslr’s kan het bijvoorbeeld aan het uitklappen van de spiegel liggen. Dat kun je met de ‘mirror lock-up’-modus gemakkelijk ondervangen. Maar het is waarschijnlijker dat je bij het indrukken van de ontspanknop de camera een beetje bewogen hebt. Daarom zweren veel landschapsfotografen bij afstandsbedieningen. Tegenwoordig hoef je daar echter geen geld meer aan uit te geven, want de meeste camera’s kunnen via bluetooth of wlan met je smartphone worden verbonden, die je dan als afstandsbediening kunt gebruiken. Of anders gebruik je de zelfontspanner met een vertraging van tien seconden.

Draadloos afdrukken en de camera instellen kan met de app Camera Remote.

Ondersteuning voor zware objectieven Fotografeer je met een zwaar objectief? Dan bevestig je niet de camera, maar de objectiefklem op het statief. Een van de benen plaats je recht onder het objectief in de richting waarin je fotografeert.

meegenomen en dus in alle rust een lange sluitertijd bij een lage ISO-waarde en gemiddelde diafragma-instelling kunt gebruiken voor meer scherptediepte.

Vuistregel voor scherpe foto’s Hoe lang de sluiter bij fotograferen vanuit de hand open mag blijven, hangt ook af van de gebruikte brandpuntsafstand. Hoe langer die is, hoe hoger het risico op onscherpte. Het is dan handig als je de vuistregel kent waarmee je de maximale sluitertijd kunt berekenen (voor fotograferen vanuit de hand). En dat is het omgekeerde (de reciproque) van de effectieve brandpuntsafstand. Dus wanneer je met een full-frame camera en een 200mm objectief fotografeert, mag de sluitertijd niet langer zijn dan 1/200 s. Bij een APS-C sensor komt de cropfactor er nog bij: bij Nikon-, Fujifilm- en Sony- APS-C modellen moet je de brandpuntsafstand met 1,5 vermenigvul-

Stabiliteit controleren Voordat je de camera op het statief zet, is het aan te raden om nog eens te controleren of de benen volledig zijn uitgeschoven, alle onderdelen zijn vastgedraaid en de statiefkop veilig bevestigd is. Bij het finetunen van je compositie is het vaak voldoende om de middenzuil te variëren.

digen (bij Canon met 1,6 en bij Olympus en Panasonic met 2,0). Zo krijg je een effectieve brandpuntsafstand van 300mm of meer – de sluitertijd zou dan dus 1/300 s of korter moeten zijn. Zoals veel vuistregels is deze regel ook maar een indicatie. Hoe goed je een camera met 200mm objectief in de hand kunt houden, hangt ook erg af van je houding, hoe je de camera vasthoudt, en hoe stil je je hand kunt houden en je je kunt concentreren (zie volgende pagina). Bovendien laat de grens de beeldstabilisatie in camera’s en objectieven buiten beschouwing – en juist die zijn de afgelopen jaren flink verbeterd.

Gestabiliseerde camera’s en objectieven Een optische beeldstabilisatie maakt een ­objectief een stuk duurder, maar de investering is wel de moeite waard. Sensoren herken-

nen de bewegingen die je met je hand maakt en die worden met motortjes opgeheven door de lenzen de tegenovergestelde bewegingen te laten maken. Bij nieuwere objectieven maken fabrikanten graag reclame met een winst van drie tot vier stops: bij een 200mm objectief van Nikon zou de sluitertijd 1/300 s dan tot 1/20 s verlengd kunnen worden – althans in theorie. Sommige fabrikanten gebruiken ook een stabilisatie voor de camerasensor. Dat heeft als voordeel dat je geen objectief met stabilisatie nodig hebt, zodat je kunt kiezen voor een lichter en goedkoper exemplaar. Wat veel mensen niet weten is dat beeld­ stabilisatie ook een negatief effect kan hebben op de scherpte. Dat gebeurt vooral wanneer je met statief fotografeert, maar ook bij het meetrekken van de camera. In die gevallen moet je dus niet vergeten om de beeldstabilisatie uit te schakelen.

47


Zelf aan de slag? De voorbeeldbestanden vind je op www.chipfotomagazine.nl/workshops.

Niveaus corrigeren

ORIGINEEL

Leer deze machtige Photoshop-functie doorgronden. Het is namelijk een geweldig hulpmiddel voor het perfectioneren van kleuren en contrast.

D

e functie Niveaus is een van de belangrijkste onderdelen van Photoshop. Hiermee maak je foto’s lichter of donkerder, maar ook kleurzwemen, contrast en de complete belichting verbeter je ermee. Ook kun je er leuk mee experimenteren. De Curven in Photoshop werken in principe hetzelfde als de Niveaus, alleen de vorm waarin de opties worden weergegeven is anders. Maar als je in raw fotografeert, is dat handig om te weten. In Camera Raw kun je de niveaus namelijk corrigeren in de vorm van een curve, op het tabblad Kleurtintcurve. Dat kun je het

64

Extra tip: beste doen voor je in Photoshop verder gaat. Bewerk je jpg-bestanden, dan kun je de Niveaus op twee plekken vinden. De eerste plaats is via het menu Afbeelding>Aanpassen>Niveaus (of gebruik de sneltoets Ctrl+L). Daarmee verander je rechtstreeks de originele pixels. De flexibelste manier is echter v ­ ia het menu Laag>Nieuwe aanpassingslaag>Niveaus­. De veranderingen die je zo maakt, zijn niet meteen permanent. De aanpassingslaag heeft invloed op alle lagen eronder en kan dus meerdere lagen in één keer bewerken. Je kan deze Niveaus-laag bovendien te allen tijde aanpassen en finetunen.

Gaten in het histogram? van de Soms laat het histogram lijk t de en n zie ’ ten ‘ga s eau Niv van een kam. structuur wat op die aalde Hier ontbreken dus bep en tot leid kan t wa lichtwaarden, Verlopen die n. nge ngi pri ers urv kle en te zijn, laten eigenlijk vloeiend hor n tussen tinten dan harde overgange ografeer in fot g: sin zien. De oplos s afbeeldingen. bit 16erk bew en raw taande jpeg, Heb je alleen een bes er>Ruis>Ruis. dan helpt de optie Filt


Beeldbewerking

Het grijspuntpipet

Kleurkanalen

Het histogram

Met dit pipet meet en verander je lichtwaarden. Het grijspipet corrigeert kleurzwemen. Klik daarvoor met dit pipet geactiveerd op een deel van de afbeelding dat neutraal zou moeten zijn – bijvoorbeeld een witte muur, een grijze vacht of, zoals hier, het wit van de zwembroek. De zwart- en witpuntpipetten werken op dezelfde manier. Klik hiermee op een punt dat volledig zwart of wit hoort te zijn.

Via dit keuzemenu kun je de kleurkanalen los van elkaar bewerken – bij RGB-foto’s dus de kanalen rood, groen en blauw. Experimenteer hiermee om kleurzwemen te verwijderen of juist een bepaalde sfeer te creëren. Met het roodkanaal kun je kleuren tussen rood en groen verschuiven, met het groenkanaal tussen groen en magenta en met het blauwkanaal tussen blauw en geel.

Het histogram laat zien hoe sterk bepaalde lichtniveaus in het beeld van links (zeer donkere pixels) naar rechts (lichte pixels) aanwezig zijn. Hoe hoger de uitschieters in het histogram, des te vaker de betreffende lichtwaarde voorkomt. Bij erg donkere afbeeldingen zie je in het histogram aan de linkerkant heel veel hoge uitschieters. Zeer lichte foto’s laten hetzelfde zien aan de rechterkant. Dankzij het histogram kun je je aanpassingen gemakkelijk beoordelen.

Uitvoerniveaus

Invoerniveaus

Laagmasker

Hiermee bepaal je de helderheid van puur zwart en wit. Als je een van de schuifjes naar binnen sleept, neemt het contrast meteen af. Dat is handig als je het lichtbereik voor afdrukken wilt verkleinen of als je een vervaagde retro-look wilt produceren. De uitvoerschuifjes veranderen ook de sfeer van de kleuren als je slechts één kleurkanaal selecteert. Test dit gewoon eens door een van de kanalen (rood, groen of blauw) te kiezen en dan de uitvoerniveaus aan te passen.

Dit zijn de drie belangrijkste schuifjes van de Niveaus. Zij beïnvloeden het zwartpunt, witpunt en alle tussenliggende grijswaarden. Het zwart- en witpunt bepalen welke pixels volledig zwart of wit verschijnen. Als je de Alt-toets ingedrukt houdt tijden het slepen, worden gebieden waarin details verloren gaan (clipping) aangegeven met zwart of wit. Sleep de regelaars slechts zo ver naar binnen dat er geen belangrijke details verloren gaan.

Laagmaskers tonen en verbergen pixels van een laag. Zwart verbergt pixels, ofwel: maakt ze doorzichtig. Witte delen van het masker geven pixels volledig dekkend weer. Grijstinten maken pixels slechts deels doorzichtig. Als je de Niveaus als aanpassingslaag gebruikt, kun je op het laagmasker hiervan met zwarte en witte penselen of een verloop het effect selectief toepassen. Klik gewoon op de maskerminiatuur om het masker te bewerken.

65


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
CHIP FOTO magazine 48 by F&L Media - Issuu