Vraag naar onze combinatie Hydro/Eurodal voor bedrijfsterreinen en industrie.
Vraag naar onze combinatie Hydro/Eurodal voor bedrijfsterreinen en industrie. salesebg@ebema.be - +32 14 50 05 91
Gestion durable de l’eau
Renseignez-vous sur notre combinaison Hydro/Eurodal pour les entreprises et parcs d’activité.
E nkele weken geleden wandelde ik door een gemeente waar men volop bezig was met het opbreken van het voetpad in een woonwijk. De wijk dateert van zo’n vijftig jaar geleden: een repetitie van gelijkaardige woningen, elk met een voortuintje, gescheiden van de rijweg door een betegelde stoep.
De burgemeester is trots op het aantal vierkante meters tegels dat hij jaarlijks verwijdert. Ontharding is het credo. De tegels maken plaats voor een grasstrook met hier en daar een boom. Een lovenswaardig streven, zo lijkt het. Maar de ingreep roept ook vragen op.
De wijk wordt gekenmerkt door een ouder wordende bevolking. Minder mobiele bewoners, met rollator of looprek, moeten uitwijken naar de rijweg. Flankerende maatregelen om hen te beschermen ontbreken. Het gabarit van de straat werd niet aangepast. Het water dat op de weg valt stroomt nog steeds naar de riolering. Dat geldt bij hevige regen ook voor het water op de grasstrook. De ingreep oogt groen, maar functioneert ze ook?
Hier zien we een klassiek voorbeeld van het verwisselen van doel en middel. Ontharden is geen doel op zich. Het doel is klimaatadaptatie: water lokaal bufferen en infiltreren, leefkwaliteit verhogen. Dat kan efficiënt, zonder in te boeten aan comfort of veiligheid.
Onze sector ontwikkelde tal van verhardingen en infiltratieoplossingen die waterdoorlatendheid combineren met toegankelijkheid en robuustheid.
Prefab beton maakt het mogelijk om straten integraal te herdenken, met respect voor de zwakke weggebruiker én voor het veranderende klimaat.
Klimaatadaptatie vraagt meer dan symbolische ingrepen. Wanneer beleidsmakers het doel scherp stellen en bereid zijn het gesprek aan te gaan, vinden we samen de juiste middelen. Zo maken we van verouderende wijken opnieuw inclusieve, klimaatbestendige buurten.
Stef Maas, Directeur
I l y a quelques semaines, je traversais une commune où l’on supprimait des trottoirs dans un quartier résidentiel. Ce lotissement, aménagé il y a une cinquantaine d’années, aligne des habitations similaires avec jardinet en façade, séparé de la voirie par un trottoir en dalles béton.
Le bourgmestre est fier du nombre de mètres carrés de dalles retirées chaque année. La désimperméabilisation est le mot d’ordre. Les dalles font place à une bande engazonnée ponctuée de quelques arbres. L’intention semble louable, mais l’intervention interpelle.
La population y est vieillissante. Les personnes à mobilité réduite, avec déambulateur ou aide à la marche, doivent emprunter la chaussée. Aucune mesure n’est prévue pour sécuriser leurs déplacements. Le gabarit de la voirie reste inchangé. Les eaux de ruissellement continuent d’être dirigées vers l’égouttage. En cas de fortes pluies, l’eau tombant sur la bande engazonnée suit le même chemin. L’aménagement paraît plus vert, mais est-il réellement fonctionnel ?
Nous confondons ici objectif et moyen. Supprimer des revêtements n’est pas une fin en soi. L’enjeu est l’adaptation climatique : gérer et infiltrer les eaux pluviales localement, sans compromettre confort ni sécurité.
Le secteur du béton préfabriqué propose depuis plusieurs années des revêtements drainants et des systèmes d’infiltration qui combinent perméabilité, accessibilité et robustesse. Le béton préfabriqué permet de repenser la voirie de manière cohérente, au service des usagers fragiles et de la résilience climatique.
L’adaptation climatique exige plus que des gestes symboliques. Lorsque l’objectif est clairement défini et que le dialogue technique s’installe, les solutions adéquates émergent. Nos quartiers peuvent alors redevenir inclusifs et véritablement résilients.
Vorstlaan 68/5 Bd du Souverain, 1170 Brussel/Bruxelles
T 02 735 80 15 - mail@febe.be - www.febe.be
34
INTERVIEW
INTERVIEW MET NIKLAAS DEBOUTTE (META) “Repetitief ontwerpen is financieel interessant en prefab beton past perfect in dat plaatje”
ENTRETIEN AVEC NIKLAAS DEBOUTTE (META) « Concevoir de manière répétitive est financièrement intéressant et le béton préfabriqué s'inscrit parfaitement dans cette optique »
40
48 6
TECHNISCH | TECHNIQUE
Ontwerpen voor aanpasbaarheid Concevoir pour l’adaptabilité
IN DE KIJKER | À LA UNE
Prefab betonwanden met indrukwekkende hoogte transformeren eeuwenoude abdij mee tot museum
Des murs préfabriqués en béton d'une hauteur impressionnante transforment une abbaye séculaire en musée
57 BETONNIEUWS L'ACTU DU BÉTON
60 SECTOR MET EEN VERHAAL UN SECTEUR AVEC UNE HISTOIRE
62 FEBE-FABRIKANTEN LES FABRICANTS MEMBRES DE LA FEBE
Ontvangt uw bedrijf of bureau het magazine BETON op naam van personen die er niet (meer) werken? Mail of stuur het adresblad terug met de doorstreepte naam en wij verwijderen de abonnee uit ons bestand.
Votre entreprise reçoit le magazine BETON aux noms de personnes qui n’y travaillent pas (plus)? Renvoyez-nous le feuillet adresse corrigé, par courrier ou par email et nous supprimerons l’abonné de nos fichiers.
LOS NUMMER • PAR NUMÉRO € 4,00
VERSPREIDING Overheidsdiensten voor openbare werken, architecten, ingenieurs, studiebureaus, bouwondernemingen, prefabrikanten en alle gebruikers van geprefabriceerde betonproducten.
DIFFUSION Services de travaux publics, architectes, ingénieurs, bureaux d’études, entreprises de construction, fabricants de béton et tous les utilisateurs de produits préfabriqués en béton.
DESIGN www comith.be
DRUK EN AFWERKING • IMPRESSION ET FINITION L.capitan - www.graphius.com
VERANTWOORDELIJKE UITGEVER • ÉDITEUR RESPONSABLE
Stef Maas, Vorstlaan 68/5 Bd du Souverain, 1170 Brussel/Bruxelles
Met de 90 meter hoge BrinkToren is de skyline van Amsterdam eens te meer een bijzondere blikvanger rijker. Dankzij zijn rijzige gestalte, unieke architecturale signatuur en energiepositieve karakter is hij zonder meer het pièce de résistance van de Overhoekswijk ten noorden van het historisch centrum. Bovendien is het imposante hoogbouwvolume integraal uitgerust met een gevel in kant-enklare prefab betonnen modules, die vooraf reeds volledig werden afgewerkt in het atelier – van naadloos geïntegreerd buitenschrijnwerk over ingestorte baksteenstrips tot plug-and-play PV-panelen. Een grensverleggende bouwmethode die de alom bekende voordelen van prefab combineert met een uniek staaltje ambachtelijk maatwerk.
“De BrinkToren is buurtontwikkeling op z’n best”, klinkt het bij ontwikkelaar DubbeLL. Oordeel vooral zelf, maar feit is dat het gebouw allerminst op een spreekwoordelijk eiland staat, laat staan louter op zichzelf gericht is. Met zijn grote diversiteit aan betaalbare woonunits voor een gevarieerde groep mensen en gezinnen
–circa 600 bewoners in totaal – is het een nieuw ankerpunt in een buurt die de laatste jaren sterk in opmars is. Verspreid over 28 verdiepingen herbergt de BrinkToren 112 sociale huurwoningen van wooncorporatie Ymere, 23 zorgwoningen van HVO-Q en 266 middeldure huurwoningen van Xior. Door bewust niet te kiezen
voor koopwoningen of vrijemarkthuur speelt dit project in op het nijpende tekort aan kwalitatieve huisvesting voor onder meer young professionals, jonge koppels en gezinnen, studenten en onderzoekers in Amsterdam. Ze beschikken er ook over verschillende gemeenschappelijke ruimtes, zoals een ‘buurtkamer’ die zich leent tot de organisatie van onder meer workshops en feestjes. De commerciële plint biedt dan weer plaats aan horecafaciliteiten, flexwerkplekken en zelfs een bowling.
Bovendien is de BrinkToren niet enkel ontworpen om zo veel mogelijk interactie te laten ontstaan tussen zijn eigen bewoners en gebruikers, maar ook met buren en ondernemers uit de nabije omgeving. Als symbool van
Une ingénieuse enveloppe préfabriquée embellit une tour résidentielle à énergie positive
Avec la tour 'BrinkToren' et ses 90 mètres de haut, la ligne d’horizon d'Amsterdam se voit enrichie une fois de plus d'un élément remarquable. Grâce à sa silhouette élancée, son architecture unique et son caractère énergétique positif, elle est sans conteste la pièce maîtresse du quartier Overhoeks, au nord du centre historique. De plus, cet imposant gratte-ciel est entièrement équipé d'une façade composée de modules préfabriqués en béton, qui ont été entièrement finis en atelier, des menuiseries extérieures parfaitement intégrées aux bandeaux de b riquettes en passant par les panneaux photovoltaïques plug-and-play. Une méthode de construction révolutionnaire qui combine les avantages bien connus du préfabriqué avec un travail artisanal sur mesure unique.
« La BrinkToren est un modèle de développement urbain », estime le promoteur DubbeLL. À vous d'en juger, mais le fait est que le bâtiment n'est en
aucun cas isolé, ni centré uniquement sur lui-même. Avec sa grande diversité de logements abordables destinés à un éventail varié de personnes et de
familles – environ 600 habitants au total – il constitue un nouveau point d'ancrage dans un quartier en plein essor ces dernières années. Répartis sur 28 étages, la BrinkToren abrite 112 logements sociaux de la société immobilière Ymere, 23 logements médicalisés de HVO-Q et 266 logements locatifs à prix moyen de Xior. En choisissant délibérément de ne pas proposer de logements en vente ou à loyer libre, ce projet répond à la pénurie criante de logements de qualité pour, entre autres, les jeunes professionnels, les jeunes couples et familles, les étudiants et les chercheurs à Amsterdam.
“De sculpturale uitstraling die we voor ogen hadden komt perfect tot uiting via de gelaagdheid van de prefab betonnen gevelmodules.”
sociale verbinding slaat hij expliciet de brug met de karakteristieke Van der Pekbuurt, een voormalige arbeiders w ijk aan de andere kant van het Buiksloterkanaal. “Dit komt zowel in de architectuur als de volumetrie
en de materiaalkeuze tot uiting”, vertelt Arne Lijbers, architect-partner bij Mecanoo. “Waar de sculpturale BrinkToren aan de ene zijde breder is om visueel aan te sluiten bij de robuuste aanpalende torens in Overhoeks, heeft
Het groen maakt integraal deel uit van het ontwerp. De toren is omgeven door een cascade van ‘brinken’, die fungeren als gemeenschappelijke buurttuinen.
La verdure fait partie intégrante du projet. La tour est entourée d'une cascade de « brinken », qui font office de jardins communautaires de quartier.
Ceux-ci disposent également de différents espaces communs, tels qu'une " salle de quartier " qui se prête à l'organisation d'ateliers et de fêtes, entre autres. Le rez-de-chaussée commercial abrite quant à lui des établissements horeca, des espaces de travail flexibles et même un bowling.
De plus, la BrinkToren n'a pas seulement été conçue pour favoriser au maximum les interactions entre ses propres habitants et utilisateurs, mais aussi avec les voisins et les entrepreneurs des environs. Symbole de lien social, elle jette explicitement un pont avec le quartier caractéristique de Van der Pek, un ancien quartier ouvrier situé de l'autre côté du Buiksloterkanaal.
« Cela se reflète tant dans l'architecture que dans la volumétrie et le choix
des matériaux », explique Arne Lijbers, architecte associé chez Mecanoo. « Alors que la BrinkToren sculpturale est plus large d'un côté afin de s'harmoniser visuellement avec les tours robustes adjacentes d'Overhoeks, le côté qui donne sur le quartier Van der Pek présente une forme plus élancée et en escaliers. En s'effilant progressivement, elle crée une transition organique, avec des matériaux artisanaux et une architecture qui s'intègrent parfaitement à la petite échelle et au romantisme du quartier Van der Pek. D'où le choix de façades dans une couleur terracotta chaude – un clin d'œil à l'architecture de l'École d'Amsterdam des années 1920 – et d'angles élégants et arrondis. »
de kant die uitkijkt op de Van der Pekbuurt een slankere, getrapte vormgeving. Door geleidelijk af te bouwen creëert hij een organische overgang, inclusief ambachtelijke materialen en architectuur die naadloos aansluiten bij de kleinschaligheid en romantiek van de Van der Pekbuurt. Vandaar ook de keuze voor gevels in een warme terracottakleur – een knipoog naar de Amsterdamse Schoolarchitectuur uit de jaren twintig – en elegante, afgeronde hoeken.”
Naast de sociale en architecturale kwaliteit verdient ook het uiterst duurzame karakter van de BrinkToren een extra woordje uitleg. Met een negatieve EPC-score is hij immers meer dan energieneutraal en staat hij te boek als de eerste energiepositieve woontoren van Nederland. Dit is te danken aan een optimale oriëntatie, een uitmuntend isolatiepeil, uiterst efficiënte geothermische verwarming en koeling, een ‘zonnegevel’ met 750 PV-panelen en een ‘powernest’ voor de opwekking van wind- en zonneenergie in de kroon van het gebouw. Daarnaast is het niet enkel figuurlijk, maar ook letterlijk een groene toren.
« L'a spect sculptural que nous avions en tête s'exprime parfaitement à travers la stratification des modules préfabriqués en béton de la façade. »
Outre ses qualités sociales et architecturales, le caractère extrêmement durable de la BrinkToren mérite également que l’on s’y attarde. Avec un score EPC négatif, elle est en effet plus que neutre en énergie et est considérée comme la première tour résidentielle à énergie positive des Pays-Bas. Cela est dû à une orientation optimale,
In de gevelmodules in het bovenste gedeelte van de toren is extra textuur gecreëerd in het prefab beton, in combinatie met glad gezuurde horizontale banden en verticale penanten.
Dans les modules de façade situés dans la partie supérieure de la tour, une texture supplémentaire a été créée dans le béton préfabriqué, en combinaison avec des bandeaux horizontaux et des montants verticaux lisses et acidés.
Enerzijds is hij omgeven door een cascade van ‘brinken’, die fungeren als gemeenschappelijke buurttuinen en –als oud Nederlands woord voor groene open ruimte waar mensen elkaar ontmoeten – de inspiratie leverden voor de naam van het gebouw. Anderzijds zijn ook de collectieve binnen- en daktuinen volledig verweven in het ontwerp en vormen ze als ‘polderdaken’ cruciale schakels in het waterbeheer.
Tot slot is de ondergrondse parkeergarage enkel bestemd voor elektrische deelauto’s en -fietsen.
GEPREFABRICEERD AMBACHTELIJK MAATWERK
Al vroeg in het proces kwamen de architecten uit bij prefab beton voor de realisatie van de gevel. “Deels vanuit de ervaring die we in het verleden vergaarden in het kader van andere
hoogbouwprojecten, maar ook het beoogde gebruik speelde zeker een rol”, legt Arne Lijbers uit. “Woningbouw vraagt uiteraard om een bepaalde flexibiliteit, maar anderzijds zal het gebouw allicht niet al te snel naar een totaal andere functie evolueren, zeker niet op deze locatie. Bovendien wilden we graag een nieuw ‘monument’ creëren en veel ambacht in de gevel stoppen. In eerste instantie door gebruik te maken van baksteen, in overeenstemming met de bebouwing in de Van der Pekbuurt, maar daarnaast zagen we ook veel potentieel in het gebruik van prefab architectonisch beton, met name om dat ambacht van weleer te benaderen met nieuwe bouwtechnieken en het gebouw snel en efficiënt te kunnen realiseren.”
Nog voor er contact was met de hoofdaannemer ging Mecanoo aankloppen bij Loveld. “We waren gecharmeerd door hun ambachtelijke werkwijze, die zich perfect leent tot uniek maatwerk”, aldus Lijbers. “Samen bekeken hoe we onze ideeën voor de BrinkToren in de praktijk konden brengen. Veel mensen
un excellent niveau d'isolation, un système de chauffage et de refroidissement géothermique extrêmement efficace, une " façade solaire " équipée de 750 panneaux photovoltaïques et un " powernest " pour la production d'énergie éolienne et solaire dans la couronne du bâtiment. De plus, il s'agit d'une tour verte non seulement au sens figuré, mais aussi au sens propre. D'une part, elle est entourée d'une cascade de " brinken ", qui font office de jardins communautaires de quartier et qui, en tant qu'ancien mot néerlandais désignant un espace vert ouvert où les gens se rencontrent, ont inspiré le nom du bâtiment. D'autre part, les jardins partagés intérieurs et en toiture sont également entièrement intégrés dans la conception et constituent, en tant que " toits polder ", des maillons essentiels dans la gestion de l'eau. Enfin, le parking souterrain est réservé aux voitures et vélos électriques partagés.
DU SUR-MESURE ARTISANAL... PRÉFABRIQUÉ
Très tôt dans le processus, les architectes ont opté pour du béton préfabriqué pour la réalisation de la façade. « En partie grâce à l'expérience que nous avons acquise dans le passé dans le cadre d'autres projets de construction de gratte-ciel, mais aussi en raison de l'utilisation prévue », explique Arne Lijbers. « La construction de logements exige bien sûr une certaine flexibilité, mais d'un autre côté, le bâtiment ne changera probablement pas de fonction de sitôt, surtout pas à cet endroit. De plus, nous voulions créer un nouveau ‘monument’ et intégrer beaucoup d'artisanat dans la façade. Dans un premier temps, en utilisant la brique, en cohérence avec les constructions du quartier Van der Pek, mais nous avons également vu un grand potentiel dans l'utilisation du béton architectonique préfabriqué, notamment pour se rapprocher de l'artisanat d'antan avec de nouvelles
techniques de construction et pour pouvoir réaliser le bâtiment rapidement et eff icacement. »
Avant même d'entrer en contact avec l'entrepreneur général, Mecanoo a frappé à la porte de Loveld. « Nous avons été séduits par leur méthode de travail artisanale, qui se prête parfaitement à un travail sur mesure unique », explique Lijbers. « Ensemble, nous avons examiné comment mettre en pratique nos idées pour la BrinkToren. Beaucoup de gens pensent que le préfabriqué est uniquement une question d'automatisation et d'industrialisation, mais dans l'usine de Loveld, beaucoup de choses se font encore à la main. Nous avons trouvé très intéressant de concilier toutes les exigences techniques et fonctionnelles applicables aux éléments de façade – avec différents principes de base en fonction de l'orientation (notamment en termes de pollution sonore, de production d'énergie via des panneaux photovoltaïques verticaux, etc.)
denken dat prefab louter draait om automatisatie en industrialisatie, maar in de fabriek van Loveld gebeurt best nog veel met de hand. We vonden het een erg interessante oefening om alle technische en functionele eisen die op de gevelelementen van toepassing waren – met verschillende uitgangspunten naargelang de oriëntatie (onder meer qua geluidsbelasting, energieproductie via verticale PV-panelen enzovoort) – te verzoenen met die specifieke ambachtelijke toepassing van prefab beton en de bijbehorende voordelen op het vlak van kwaliteitsbewaking. In onze ogen was dit alleszins de enige manier om een hoogwaardige gevel met de juiste diepte, texturen en materialisatie te realiseren.”
Allereerst werkten Mecanoo en Loveld samen een basismodule uit, die zich leende tot flexibele invullingen en in functie van de driehoekige plot van het gebouw uitmondde in een uitgekiende compositie van meer dan dertig verschillende typologieën.
Als symbool van sociale verbinding slaat de BrinkToren de brug met de karakteristieke Van der Pekbuurt, een voormalige arbeiderswijk aan de andere kant van het Buiksloterkanaal.
Symbole de lien social, la BrinkToren fait le lien avec le quartier caractéristique de Van der Pek, un ancien quartier ouvrier situé de l'autre côté du Buiksloterkanaal.
“In totaal telt de toren 837 gevelmodules, die zijn opgevat als prefab sandwichelementen. Ze bestaan uit een buitenschil in rood architectonisch beton met een gezuurde afwerking en baksteen, in combinatie met hoogwaardige isolatie en een binnenschil in dragend grijs beton. Met hun horizontale banden en
verticale penanten creëren ze samen een organisch gevelbeeld met de nodige ritmiek”, vertelt Vincent Termote, Project Sales & Development Manager bij Loveld.
Aan de productie van de gevelmodules ging enorm veel voorbereidingswerk vooraf. Een belangrijk
– avec cette application artisanale spécifique du béton préfabriqué et les avantages qui en découlent en termes de contrôle de la qualité. À nos yeux, c'était en tout cas la seule façon de réaliser une façade de haute qualité avec la profondeur, les tex tures et la matérialisation appropriées. »
Dans un premier temps, Mecanoo et Loveld ont élaboré ensemble un module de base qui se prêtait à des aménagements flexibles et qui, en fonction de la forme triangulaire du terrain, a abouti à une composition sophistiquée de plus de 30 typologies différentes. « Au total, la tour compte 837 modules de façade,
conçus comme des éléments sandwich préfabriqués. Ils se composent d'une enveloppe extérieure en béton architectonique rouge avec une finition acidée et en brique, combinée à une isolation de haute qualité et à une enveloppe intérieure en béton porteur gris. Avec leurs bandeaux horizontaux et leurs montants verticaux, ils créent ensemble une façade organique avec le rythme nécessaire », explique Vincent Termote, Project Sales & Development Manager chez Loveld.
La production des modules de façade a nécessité un travail préparatoire considérable. Le poids était un point important, explique Arne Lijbers. « Nous voulions bien sûr donner autant de profondeur que possible à la façade, mais nous savions aussi que chaque kilogramme supplémentaire entraînerait des coûts supplémentaires et des contraintes pratiques. Nous avons résolu ce problème en dessinant des rainures dans les bandeaux et les montants de la façade. Une situation
De fragiele gevelmodules werden met behulp van zware kranen naar boven gehesen en via touwen op hun plaats getrokken.
Les modules fragiles de la façade ont été hissés à l'aide de grues lourdes, puis m is en place à l'aide de cordes.
aandachtspunt was het gewicht, geeft Arne Lijbers aan. “Uiteraard wilden we zoveel mogelijk diepte in de gevel, maar we wisten ook dat elke kilogram extra tot bijkomende kosten en praktische beslommeringen zou leiden. Dat hebben we opgelost door verjong ingen te tekenen in de gevelbanden en -penanten. Een win-winsituatie: enerzijds konden we op die manier zowel het gewicht als de milieu-impact reduceren, anderzijds konden we extra detaillering toevoegen. Ook de grootte van de modules hebben we in nauw overleg met Loveld, de aannemer en DubbeLL geoptimaliseerd, met name in functie van het vervoer en de kraanbewegingen. Hetzelfde geldt voor het pigment dat in het beton zit, dat qua kleurstelling goed moest matchen met de baksteen.”
KANT-EN-KLARE GEVELELEMENTEN
Wat de buitenschil van de BrinkToren uniek maakt in zijn soort, is dat alle aanvullende bouwmaterialen, het buitenschrijnwerk en de technieken voorgemonteerd of zelfs naadloos geïntegreerd werden in de prefab betonnen sandwichelementen, onder de best mogelijke klimaat- en arbeidsomstandigheden. “Verdiepingshoge raamkozijnen, beglazing, balustrades, elektrotechnieken, PV-panelen, water- en winddichting ... : ze werden er allemaal al in verwerkt in ons atelier door de
leveranciers in kwestie, onder de auspiciën van de hoofdaannemer. Op de baksteengevels van het gelijkvloers na, die met de hand gemetseld zijn omdat ze doorlopen in de binnenstraat onder het gebouw, is zelfs ook al het gevelmetselwerk mee ingestort, in de vorm van rode baksteenstrips. De gevelmodules zijn vervolgens kant-en-klaar en just in time naar de werf vervoerd, waar ze enkel nog als legoblokken op elkaar moesten worden gestapeld”, geeft Vincent Termote aan.
gagnant-gagnant : d'une part, cela nous a permis de réduire à la fois le poids et l'impact environnemental, et d'autre part, nous avons pu ajouter des détails supplémentaires. Nous avons également optimisé la taille des modules en étroite collaboration avec Loveld, l'entrepreneur et DubbeLL, notamment en fonction du transport et des mouvements de la grue. Il en va de même pour le pigment contenu dans le béton, dont la couleur devait bien s'harmoniser avec celle de la brique. »
ÉLÉMENTS DE FAÇADE PRÊTS À L'EMPLOI
Ce qui rend l'enveloppe extérieure de la BrinkToren unique en son genre, c'est que tous les matériaux de construction complémentaires, les menuiseries extérieures et les techniques ont été préassemblés, voire intégrés de manière transparente dans les éléments sandwich préfabriqués en béton, dans les meilleures conditions climatiques et de travail possibles. « Les châssis de fenêtres à hauteur d'étage, les vitrages, les balustrades, les techniques électriques, les panneaux photovoltaïques, l'étanchéité à l'eau et au vent... : tout cela a déjà été intégré dans notre atelier par les fournisseurs concernés, sous l'égide
de l'entrepreneur général. À l'exception des façades en briques du rez-dechaussée, qui ont été maçonnées à la main car elles se prolongent dans la rue intérieure sous le bâtiment, même toute la maçonnerie de la façade a été intégrée, sous la forme de bandeaux de briquettes rouges. Les modules de façade ont ensuite été transportés prêts à l'emploi et à flux tendu vers le chantier, où ils n'avaient plus qu'à être empilés comme des blocs de Lego », explique Vincent Termote.
En réalité, cette dernière opération s'est avérée plus complexe qu'il n'y paraît en théorie. Les modules de façade fragiles, qui mesuraient parfois près de 10 mètres de large, plus de 4 mètres de haut et pesaient 11 tonnes, ont été hissés par de lourdes grues, mis en place à l'aide de cordes et assemblés avec joints d'étanchéité. « En prévoyant
le chevauchement nécessaire, nous avons pu aligner les inévitables joints avec une grande précision. Comme ceux-ci constituent également un élément rythmique du design – une sorte de charpente dans la façade –nous y avons consacré beaucoup de temps et d'énergie au préalable afin de tout mettre au point. C'était très excitant de voir si cela fonctionnerait effectivement dans la pratique, d'autant plus qu'avec des éléments préfabriqués, on dispose de peu de marge pour rectifier le tir si nécessaire. Heureusement, c'est bien le cas, et nous sommes très satisfaits du résultat provisoire. L'aspect sculptural que nous avions en tête s'exprime parfaitement à travers la stratification des modules de façade », explique Arne Lijbers.
À mesure que la hauteur augmente, la façade de la BrinkToren prend un
De BrinkToren heeft een brede basis die steeds smaller wordt en heel wat gebogen gevelvlakken met verschillende stralen.
La BrinkToren a une large base qui se rétrécit progressivement et de nombreuses façades courbes avec différen ts rayons.
Waar de sculpturale BrinkToren aan de ene zijde breder is om visueel aan te sluiten bij de robuuste aanpalende torens in Overhoeks, heeft de kant die uitkijkt op de Van der Pekbuurt een slankere, getrapte vormgeving.
Alors que la tour BrinkToren est plus large d'un côté afin de s'harmoniser visuellement avec les tours robustes adjacentes d'Overhoeks, le côté qui donne sur le quartier Van der Pek présente une forme plus élancée et en escalier.
In realiteit was dit laatste uiteraard complexer dan het in theorie lijkt. De fragiele gevelmodules, die soms tot bijna 10 meter breed, meer dan 4 meter hoog en 11 ton zwaar waren, werden met behulp van zware kranen
naar boven gehesen, via touwen op hun plaats getrokken en aan elkaar gekoppeld met kierdichtingen. “Door de nodige overlap te voorzien, konden we de onvermijdelijke naden piekfijn uitlijnen. Aangezien deze ook een
ritmisch onderdeel van het ontwerp vormen – als een soort raamwerk in de gevel – hebben we daar vooraf veel tijd en energie aan gespendeerd, zodat we alles op punt konden stellen. Het was erg spannend om te zien of dit in de praktijk ook effectief zo zou uitpakken, temeer omdat je met prefab elementen weinig marge hebt om indien nodig nog iets recht te trekken. Gelukkig is dat wel degelijk het geval, we zijn erg blij met hoe het er voorlopig uitziet. De sculpturale uitstraling die we voor ogen hadden komt perfect tot uiting via de gelaagdheid van de gevelmodules”, zegt Arne Lijbers.
Naarmate de hoogte toeneemt, krijgt de gevel van de BrinkToren een ander karakter. “Op de onderste bouwlagen sluit de toren met zijn horizontale geleding en metselwerkgevels aan bij de menselijke schaal, terwijl hij naar
autre caractère. « Aux étages inférieurs, la tour s'harmonise avec l'échelle humaine grâce à son articulation horizontale et ses façades en briques, tandis qu'elle acquiert une articulation verticale vers le haut et devient de plus en plus fonctionnelle et abstraite. Nous avons davantage travaillé avec des treillis dans le coffrage afin d'obtenir
une texture supplémentaire, en combinaison avec les bandeaux horizontaux et les montants verticaux lisses et acidés. Cela peut sembler complexe, mais rassurez-vous : il y a suffisamment de répétition et de rationalité pour que la valeur ajoutée du préfabriqué soit rentable », souligne Lijbers.
De keuze voor gevels in een warme terracottakleur is een knipoog naar de Amsterdamse Schoolarchitectuur uit de jaren twintig van vorige eeuw.
Le choix de créer des façades dans une couleur terracotta chaude est un clin d'œil à l'architecture de l'École d'Amsterdam des années 1920.
Pourtant, la production des modules de façade préfabriqués ne fut pas une mince affaire, souligne Vincent Termote. « Tout comme la Burj Khalifa à Dubaï, la BrinkToren a une base large qui se rétrécit progressivement et comporte de nombreuses surfaces de façade courbées avec différents rayons, auxquelles nous avons dû adapter nos coffrages à chaque fois. De plus, des nichoirs à chauves-souris et à oiseaux ont été intégrés à divers endroits dans le noyau isolant entre les parois extérieure et intérieure, avec les évidements nécessaires. Les panneaux photovoltaïques préassemblés étaient également uniques. Dans certains modules de façade, jusqu'à 40 (!) câbles électriques ont été encastrés afin de pouvoir les connecter sur place en plug-and-play. »
QUE DES AVANTAGES
La décision de préfabriquer autant que possible l'enveloppe extérieure de la BrinkToren s'est avérée plus que fructueuse. « Les fournisseurs n'étaient pas tributaires des conditions météorologiques et n'avaient pas à tenir compte des dangers et des risques liés au travail en hauteur. Et grâce au pré-assemblage dans notre hall, la tour a pu
boven toe een verticale geleding krijgt en alsmaar zakelijker en abstracter wordt. Daar hebben we meer gewerkt met geprofileerde structuurmatten in de bekisting om extra textuur te verkrijgen, in combinatie met de glad gezuurde horizontale banden en verticale penanten. Het ziet er misschien complex uit, maar wees gerust: er zit voldoende repetitie en rationaliteit in om de meerwaarde van prefab te laten renderen”, benadrukt Lijbers.
Toch was de productie van de prefab gevelmodules allerminst kinderspel, onderstreept Vincent Termote. “Net als de Burj Khalifa in Dubai heeft de BrinkToren een brede basis die steeds smaller wordt en heel wat gebogen gevelvlakken met verschillende stralen, waar we onze bekistingen telkens specifiek op moesten afstemmen. Bovendien zijn er op diverse plekken vleermuiskasten en vogelhuisjes geïntegreerd in de isolatiekern tussen het buiten-
en binnenblad, inclusief de nodige uitsparingen. Ook de voorgemonteerde PV-panelen waren een unicum. In bepaalde gevelmodules zijn tot wel veertig (!) elektroleidingen ingestort om ze ter plaatse plug-and-play te kunnen aansluiten.”
NIETS DAN VOORDELEN
De keuze om de buitenschil van de BrinkToren maximaal te prefabriceren wierp meer dan zijn vruchten af. “De leveranciers waren niet afhankelijk van het weer en hoefden geen rekening te houden met de gevaren en risico’s die werken op hoogte met zich meebrengen. En door alles voor te monteren in onze hal kon de toren veel sneller gebouwd worden. In vergelijking met een gelijkaardige opbouw in ter plaatse gestort beton hadden we voor de productie van de prefabelementen, de bouw van de toren én de totale binnenafwerking slechts 40% van de tijd nodig. De overige 60% ging naar de engineering, vermits er in het
voorbereidingsproces heel veel parameters samenkwamen: thermische en akoestische isolatie, water- en winddichting, brandveiligheid ... Dit reduceerde tevens de druk op de buurt, wat gezien de drukke binnenstedelijke ligging en de krappe werflocatie zeker ook een belangrijk voordeel was”, legt Vincent Termote uit.
Hoewel de finale oplevering van de BrinkToren pas voorzien is voor deze zomer, mag het duidelijk zijn: dit is een uniek project dat zowel vooraf in het prefab atelier als ter plaatse op de werf vakwerk van het allerhoogste niveau vereist. National Geographic wijdde er zelfs een reportage aan in het programma Engineering Europe. Terecht, want met zijn perfect uitgebalanceerde mix van architectuur, engineering en duurzaamheid zet dit kersverse paradepaardje van Amsterdam-Noord een nieuwe standaard voor ambitieuze, toekomstgerichte stadsvernieuwing. (TJ) ■
être construite beaucoup plus rapidement. Par rapport à une construction similaire en béton coulé sur place, nous n'avons eu besoin que de 40 % du temps pour la production des éléments préfabriqués, la construction de la tour et la finition intérieure totale. Les 60 % restants ont été consacrés à l'ingénierie, car le processus de préparation a nécessité la prise en compte de nombreux paramètres : isolation thermique et acoustique, étanchéité à l'eau et au vent, sécurité incendie... Cela a également réduit la pression sur le quartier, ce qui était certainement un avantage important compte tenu de la situation centrale et de l'espace restreint du chantier », explique Vincent Termote.
Même si la réception définitive de la BrinkToren n'est prévue que pour cet été, une chose est claire : il s'agit d'un projet unique qui a exigé un travail de très haut niveau, tant dans l'atelier de préfabrication que sur le chantier. National Geographic lui a même
consacré un reportage dans l'émission Engineering Europe. À juste titre, car avec son mélange parfaitement équilibré d'architecture, d'ingénierie et de
BRINKTOREN
AMSTERDAM (NL), 2026
BOUWHEER | MAÎTRE D’OUVRAGE: Xior Brinktoren nv
durabilité, ce tout nouveau fleuron d'Amsterdam-Nord établit une nouvelle norme en matière de renouveau urbain ambitieux et tourné vers l'avenir. (TJ) ■
De nieuwe uitvalsbasis van TVH Equipment langs de E17 in Waregem is zonder meer een bijzondere blikvanger. Het state of the art hoofdkantoor van het West-Vlaamse familiebedrijf, dat er al zijn lokale activiteiten centraliseerde om zijn interne werking te stroomlijnen en een ‘360°-service’ te kunnen bieden, werd omgedoopt tot ‘Het Nest’. Een toepasselijke naam gezien de markante ronde vorm en de opvallende structurele zonwering van het iconische complex, dat een echt landmark in de omgeving vormt. Om de architecturale ambities in recordtempo te kunnen waarmaken, werd er geopteerd voor een structuur die grotendeels uit prefab beton bestaat, aangevuld met ter plaatse gestorte elementen om de cirkel letterlijk en figuurlijk ron d te maken.
TVH Equipment spitst zich al meer dan vijftig jaar toe op verkoop, verhuur en onderhoud van industriële machines zoals hoogtewerkers, verreikers, grondverzetmachines en heftrucks. Daarnaast beschikt het bedrijf ook over een eigen Academy met een VCA-erkend examencentrum voor bestuurders- en veiligheidsopleidingen voor alle machines uit zijn gamma. De onderneming is actief in heel België,
maar is altijd trouw gebleven aan haar heimat Waregem. In het verleden opereerden de medewerkers er vanuit twee locaties, maar om de interne samenwerking en de efficiëntie van de bedrijfsactiviteiten te bevorderen, besloot TVH Equipment iedereen samen te brengen in een gloednieuw kantoorgebouw met de nodige architecturale allure.
FUNCTIONALITEIT ALS BASIS
VOOR ESTHETIEK
Het indrukwekkende ontwerp is van de hand van DEMO Architecten, dat een compact volume met een opvallende ringvorm ontwierp. Al heeft dat zeker niet alleen met esthetische overwegingen te maken. Het bouwprogramma is immers behoorlijk functioneel, net als de vorm van het gebouw. Het gelijkvloers herbergt veertig werkplaatsen
Une ingénieuse structure préfabriquée en béton pour un repère circulaire dans le paysage
Le nouveau siège de TVH Equipment, situé le long de l'E17 à Waregem, attire indéniablement tous les regards. Le quartier général ultramoderne de l'entreprise familiale de Flandre occidentale, qui y a centralisé toutes ses activités locales afin de rationaliser son fonctionnement interne et d'offrir un " service à 360° ", a été baptisé " Het Nest " (le nid). Un nom approprié compte tenu de la forme ronde caractéristique et de la protection solaire structurelle remarquable de ce complexe emblématique, qui constitue un véritable point de repère dans la région. Afin de réaliser les ambitions architecturales en un temps record, le choix s'est porté sur une structure composée en grande partie de béton préfabriqué, complétée par des éléments coulés sur place pour boucler la boucle, au sens propre comm e au figuré.
Depuis plus de 50 ans, TVH Equipment se consacre à la vente, la location et l'entretien de machines industrielles telles que les nacelles élévatrices, les chariots télescopiques, les engins de terrassement et les chariots élévateurs. L'entreprise dispose également de sa propre académie avec un centre
d'examen agréé VCA pour les formations de conduite et de sécurité pour toutes les machines de sa gamme. L'entreprise est active dans toute la Belgique, mais est toujours restée fidèle à sa ville natale, Waregem. Dans le passé, les employés travaillaient à partir de deux sites, mais
afin de favoriser la collaboration interne et l'efficacité des activités de l'entreprise, TVH Equipment a décidé de regrouper tout le monde dans un nouvel immeuble de bureaux à l'architecture élégante.
voor het herstel en onderhoud van grote, hoge machines. Deze zijn uitgerust met riant beglaasde sectionaalpoorten en strategisch gegroepeerd rond een centrale kern met het magazijn, het sanitair en de kleedkamers. Dit om onnodig lange loopafstanden te voorkomen en de logistieke organisatie op het 52.000 m² grote terrein te bevorderen. Met zijn specifieke vorm fungeert het gebouw ook meteen als rotonde voor de af en aan rijdende voertuigen en machines
op de site. “De keuze voor een rond geheel met een diameter van ruim 90 meter vloeide dus vooral voort uit praktische overwegingen”, aldus de architecten. “Dit concept resulteerde in een compact volume dat het leven van de techniekers aangenamer maakt en een betere kennisoverdracht en maximaal visueel contact op de werkvloer garandeert.”
Daarnaast biedt het gebouw ook plaats aan ondersteunende functies
“We hebben het zo eenvoudig mogelijk proberen te houden, al waren er hier en daar wel enkele spitsvondigheden nodig om het plaatje te doen kloppen”.
DE LA FONCTIONNALITÉ EST NÉE L'ESTHÉTIQUE
L'impressionnant design est signé DEMO Architecten, qui a conçu un volume compact avec une forme annulaire remarquable. Mais cela n'est certainement pas uniquement dû à des considérations esthétiques. Le programme s'avère en effet très fonctionnel, tout comme la forme du bâtiment.
Le rez-de-chaussée abrite quarante ateliers destinés à la réparation et à l'entretien de machines volumineuses et hautes. Ceux-ci sont équipés de grandes portes sectionnelles vitrées et regroupés stratégiquement autour d'un noyau central comprenant l'entrepôt, les sanitaires et les vestiaires.
Cela permet d'éviter des distances de marche inutilement longues et de faciliter l'organisation logistique sur le site
de 52.000 m². Grâce à sa forme spécifique, le bâtiment fait également office de rond-point pour les véhicules et les machines qui circulent sur le site.
« Le choix d'un ensemble circulaire d'un diamètre de plus de 90 mètres résulte donc principalement de considérations pratiques », expliquent les architectes. « Ce concept a abouti à un volume compact qui rend la vie des techniciens plus agréable et garantit un meilleur transfert de connaissances et un contact visuel maximal sur le lieu de travail. »
Le bâtiment abrite également des fonctions connexes (telles qu'une cantine polyvalente et une salle de formation high-tech) ainsi que les bureaux des employés administratifs et du personnel de mateco IT, un fournisseur mondial de solutions technologiques avancées (plus de deux cents personnes au total). Ces derniers sont installés à l'étage supérieur, avec d'un côté une vue sur les ateliers et de l'autre côté un agréable jardin intérieur agrémenté de touches de verdure et de mobilier confortable. Ce dernier est
« Nous avons essayé de simplifier au maximum, même si quelques astuces ont été nécessaires ici et là pour que tout s'imbrique parfaitement. »
Het Nest is een architecturale blikvanger van formaat.
Het Nest (le Nid) est un véritable joyau ar chitectural.
(zoals een polyvalente refter en een hightech opleidingslokaal) en de bureaus van de administratieve medewerkers en het personeel van mateco IT, een wereldwijde aanbieder van geavanceerde technologische oplossingen (in totaal meer dan tweehonderd personen). Deze zijn ondergebracht op de bovenliggende kantoor verdieping, met aan de ene zijde zicht op de werkplaatsen en aan de andere zijde een gezellige binnentuin met groenaccenten en zitmeubilair. Deze laatste is bereikbaar via verschillende buitentrappen en vormt samen met de omliggende terrassen een oase van rust in de industriële omgeving. De buitengevel van de royaal beglaasde kantoorverdieping is dan weer uitgerust met structurele zonwering in de vorm van een dubbele laag aluminiumlamellen. Dit uitgekiende ruitvormige raster –met open mazen aan de noordzijde en densere mazen aan de oost-, zuid- en westkant in functie van een optimale schaduwwerking en lichtinval – vormt de kroon op het werk.
Binnenin mag ‘Het Nest’ eveneens gezien worden. Net als de gevel –een fraai samenspel van geprefabriceerde zichtbetonpanelen, glas en het zonwerende raster op het verdiepingsniveau – dient het interieur zich aan als een gulden middenweg tussen high-end en industrieel. Naast enkele betonaccenten is de binnenafwerking geënt op een drietal dominante tinten: het karakteristieke rood van TVH Equipment, neutraal wit en gebronzeerd meubilair. Een brede waaier aan meubilair met atypische vormen, gebronzeerde lakafwerking, specifieke metaalwerken en diverse eiken accenten zijn de eyecatchers van dienst. De meubels bevinden zich op prominente plaatsen in het gebouw, waarbij de inkombalie al meteen de toon zet.
Tot slot gooit het complex ook op energetisch vlak hoge ogen dankzij onder meer geothermische verwarming en koeling via een BEO-veld van 400.000 m³. Hiervoor werden 144 boringen tot op een diepte van circa
60 meter uitgevoerd. Zo is TVH Equipment erin geslaagd om zijn ecologische voetafdruk met 106.000 kg CO²/jaar te reduceren. Daarnaast is er sprake van een uitgebreide PV-installatie en een ingenieus buffersysteem voor regenwater met een capaciteit van 400.000 liter. In functie van de biodiversiteit zijn er ook nog twee kasten voor in totaal 80.000 honingbijen geplaatst en gemengde inheemse struiken aangeplant in de binnentuin.
KLASSIEKE OPBOUW MET SPITSVONDIGHEDEN
Voor de realisatie van de ruwbouw – die op enkele stalen liggers en wat traditioneel metselwerk na hoofdzakelijk uit een combinatie van prefab en stortbeton bestaat – werden twee gereputeerde aannemers ingeschakeld die voor de gelegenheid de krachten bundelden: Stadsbader en Willy Naessens Industriebouw. “Terwijl Stadsbader instond voor het gedeelte in stortbeton, waaronder het kelderniveau met ondergrondse parkeergelegenheid voor
accessible par différents escaliers extérieurs et forme, avec les terrasses environnantes, une oasis de calme dans cet environnement industriel. La façade extérieure de l'étage des bureaux, largement vitrée, est quant à elle équipée d'une protection solaire structurelle sous la forme d'une double couche de lamelles en aluminium. Cette grille sophistiquée en forme de losange –avec des mailles ouvertes au nord et des mailles plus denses à l'est, au sud et à l'ouest pour un ombrage et un éclairage optimaux – vient couronner l'ensemble.
L'intérieur de " Het Nest " vaut également le détour. Tout comme la façade – une belle combinaison de panneaux préfabriqués en béton apparent, de verre et de grilles pare-soleil au niveau des étages – l'intérieur se présente comme un juste milieu entre haut de gamme et industriel. Outre quelques accents en béton, la finition intérieure s'articule autour de trois teintes dominantes : le rouge caractéristique de
TVH Equipment, le blanc neutre et le bronze du mobilier. Une large gamme de meubles aux formes atypiques, une finition laquée couleur bronze, des éléments métalliques spécifiques et divers accents en chêne attirent le regard. Les meubles occupent des places de choix dans le bâtiment, le comptoir d'accueil donnant immédiatement le ton.
Enfin, le complexe se distingue également sur le plan énergétique grâce, entre autres, à un système de chauffage et de refroidissement géothermique via un champ BTES de 400.000 m³. Pour ce faire, 144 forages ont été réalisés à une profondeur d'environ 60 m. TVH Equipment a ainsi réussi à réduire son empreinte écologique de 106.000 kg de CO²/an. Il dispose également d'une installation photovoltaïque étendue et d'un ingénieux système de stockage de l'eau de pluie d'une capacité de 400.000 litres. Afin de favoriser la biodiversité, deux
In functie van de gevelopbouw zijn er ook een reeks gesegmenteerde horizontale buitenpanelen in prefab zichtbeton bevestigd.
En fonction de la structure de la façade, une série de panneaux extérieurs horizontaux segmentés en béton préfabriqué apparent ont égalemen t été fixés.
het personeel, namen wij de productie, levering en plaatsing van het gros van de prefab betonelementen voor onze rekening”, vertelt Luc Ysebaert, sales director bij
Willy Naessens Industriebouw, dat tevens de dakdichting (via Mutec) en het aluminium buitenschrijnwerk (via Willy Naessens Alu) plaatste. Stadsbader was op zijn beurt dan weer verantwoordelijk voor de grondwerken en de omgevingsaanleg, met bijna 44.000 m² verharding in verschillende types.
Willy Naessens trok allereerst een binnen- en buitencirkel op met behulp van prefab kolommen en balken in gewapend beton.
Willy Naessens a tout d'abord tracé un cercle intérieur et extérieur à l'aide de colonnes et de poutres préfabriquées en béton armé.
Bij de montage is van binnen naar buiten gewerkt. Daar waren behoorlijk grote kranen voor nodig, vermits ze buiten de contouren van het gebouw opgesteld stonden.
Le montage s'est fait de l'intérieur vers l'extérieur. Cela a nécessité l'utilisation de grues assez imposantes, car elles étaient installées à l'extérieur du bâtiment.
“Het was een uitdaging om de overspanningen van 20,5 meter lang goed en wel te realiseren”, geeft Luc Ysebaert aan.
« Réaliser correctement des portées de 20,5 m de long a été un véritable défi », explique Luc Ysebaert.
Zodra de kelder klaar was, kon Willy Naessens Industriebouw starten met de montage van de tweeledige prefab betonstructuur. “Deze heeft in de basis een klassieke opbouw – lees: kolommen, balken en vloeren – maar wat dit project uiteraard specifiek maakte, is dat het om een cirkelvormig volume gaat”, geeft Luc Ysebaert aan. “Het was toch wel een uitdaging om die overspanningen van 20,5 meter lang goed en wel te realiseren, de belastingen erop adequaat op te vangen en de ronde vorm – in werkelijkheid een ‘verkante’ veelhoek – grotendeels uit te voeren in prefab.”
Op basis van het architecturale ontwerp, waarin de vrije hoogte en vloerhoogte gedefinieerd waren, dokterde Willy Naessens Industriebouw een oplossing op maat uit die voldeed aan alle eisen, met uitvoeringssnelheid als een van de belangrijkste parameters.
ruches pouvant accueillir au total 80.000 abeilles domestiques ont également été installées et des arbustes indigènes mixtes ont été plantés dans le jardin intérieur.
STRUCTURE CLASSIQUE AVEC QUELQUES SUBTILITÉS
Pour la réalisation du gros œuvre –qui, à l'exception de quelques poutres en acier et d'un peu de maçonnerie traditionnelle, se compose principalement d'une combinaison de béton préfabriqué et de béton coulé – deux entrepreneurs réputés ont été sollicités et ont uni leurs forces pour l'occasion : Stadsbader et Willy Naessens Industriebouw. « Alors que Stadsbader s'est chargé de la partie en béton coulé, y compris le sous-sol avec parking souterrain pour le personnel, nous avons pris en charge la production, la livraison et la pose de la majeure partie des éléments préfabriqués en béton », explique Luc Ysebaert, directeur commercial
“We hebben het dan ook zo eenvoudig mogelijk proberen te houden, al waren er hier en daar wel enkele spitsvondigheden nodig om het plaatje te doen kloppen”, aldus Luc Ysebaert. “Eerst hebben we een binnen- en buitencirkel opgetrokken met behulp van prefab kolommen en balken in gewapend beton. Nadien hebben we met een gesegmenteerde vloeropbouw in voorgespannen TT-elementen gewerkt om de tussenliggende ruimte te overbruggen, alsook enkele predallen en specifiek ontworpen spieën in ter plaatse gestort beton ter opvulling. Zo konden we toch overwegend standaardelementen gebruiken,
wat uiteraard een stuk efficiënter en economischer was dan overal elementen op maat te moeten voorzien.”
Voorts zijn er in functie van de gevelopbouw nog een reeks gesegmenteerde horizontale buitenpanelen in prefab zichtbeton bevestigd, die als het ware de overgang vormen tussen de sectionaalpoorten van de werkplaatsen op het gelijkvloers en het kantoorgedeelte op de eerste verdieping. Deze panelen worden deels aan het zicht onttrokken door de structurele zonwering, die van buitenaf bekeken als architecturale eyecatcher fungeert. Ook de gesloten geveldelen
Er is geopteerd voor een gesegmenteerde vloeropbouw in voorgespannen TT-elementen, aangevuld met enkele predallen en specifiek ontworpen spieën in ter plaatse gestort beton ter opvulling.
Le choix s'est porté sur une structure de plancher segmentée en éléments TT précontraints, complétée par quelques dalles préfabriquées et des cales spécialement conçues en béton coulé sur place pour le r emplissage.
chez Willy Naessens Industriebouw, qui a également posé l'étanchéité de toiture (via Mutec) et les menuiseries extérieures en aluminium (via Willy Naessens Alu). Stadsbader était quant à lui responsable des travaux de terrassement et de l'aménagement des abords, avec près de 44.000 m² de revêtement de différents types.
Une fois le sous-sol terminé, Willy Naessens Industriebouw a pu commencer le montage de la structure préfabriquée en béton en deux parties. « Celle-ci présente une structure classique – c'est-à-dire des colonnes, des poutres et des planchers – mais ce qui rendait ce projet particulier, c'est qu'il s'agissait d'un volume circulaire », explique Luc Ysebaert. « Ce fut tout de même un défi de réaliser correctement
van de binnencirkel zijn afgewerkt met gesegmenteerde panelen in geprefabriceerd zichtbeton.
NAUWGEZETTE COÖRDINATIE
WERPT VRUCHTEN AF “De productie van de prefab elementen vond plaats in een vrij drukke periode”, zegt Luc Ysebaert. “Van de bekistingen voor de tussenvloeren hadden we er geen honderd staan, dus daar moesten we snel aan beginnen om de vereiste volumes te kunnen leveren. Gelukkig konden we al een beetje voorsprong nemen tijdens de realisatie van de kelder. Qua transport en logistiek
De gezellige binnentuin is bereikbaar via verschillende buitentrappen en vormt samen met de omliggende terrassen een oase van rust in de industriële omgeving.
Le jardin intérieur convivial est accessible par plusieurs escaliers extérieurs et forme, avec les terrasses environnantes, une oasis de calme dans cet environnement industriel.
ces portées de 20,5 m de long, d'en reprendre adéquatement les charges et de réaliser la forme ronde – en réalité un polygone " à angles arrondis " – en grande partie en préfabriqué. »
Sur la base du projet architectural, qui définissait la hauteur libre et la hauteur de plancher, Willy Naessens Industriebouw a élaboré une solution sur mesure qui répondait à toutes les exigences, la rapidité d'exécution étant l'un des paramètres les plus importants. « Nous avons donc essayé de simplifier au maximum les choses, même si quelques astuces ont été nécessaires ici et là pour que tout s'emboîte parfaitement », explique Luc Ysebaert. « Nous avons d'abord construit un cercle intérieur et extérieur à l'aide de colonnes et de poutres préfabriquées en béton armé. Nous avons
ensuite travaillé avec une structure de plancher segmentée en éléments TT précontraints pour combler l'espace intermédiaire, ainsi qu'avec quelques prédalles et des cales spécialement conçues en béton coulé sur place pour le remplissage. Cela nous a permis d'utiliser principalement des éléments standard, ce qui était bien sûr beaucoup plus efficace et économique que de devoir fournir des éléments sur mesure partout. »
En outre, en fonction de la structure de la façade, une série de panneaux extérieurs horizontaux segmentés en béton préfabriqué apparent ont été fixés, formant en quelque sorte la transition entre les portes sectionnelles des ateliers au rez-de-chaussée et la partie bureaux au premier étage. Ces panneaux sont en partie dissimulés
bracht dit project geen grote bijzonderheden met zich mee. De afstand van onze fabrieken tot de werf bedroeg maximaal 50 kilometer en ook uitzonderlijk vervoer was niet aan de orde. Bij de montage hebben we van binnen naar buiten gewerkt. Daar waren behoorlijk grote kranen voor nodig, vermits ze buiten de contouren van het gebouw opgesteld stonden.”
Prefab en stortbeton zijn twee bouwmethodes die elk een eigen aanpak vergen en een verschillende doorlooptijd hebben. In dit gebouw waren ze nauw met elkaar vervlochten, waardoor er een nauwgezette coördinatie
Ook de werking van de rolbruggen is afgestemd op de ronde vorm van het gebouw.
Le fonctionnement des ponts roulants est également adapté à la forme arrondie du bâtiment.
HOOFDKANTOOR TVH EQUIPMENT (HET NEST) | SIÈGE DE TVH EQUIPMENT (HET NEST) WAREGEM, 2024
• Prefab betonnen wanden | Murs préfabriqués en béton : 3.760 m²
• TT-elementen | Éléments TT : 7.744 m²
• Holle vloerelementen | Dalles alvéolées : 643 m²
• Predallen | Prédalles : 2.653 m²
par les protections solaires structurelles, qui, vues de l'extérieur, constituent un élément architectural remarquable. Les parties fermées de la façade du cercle intérieur sont également revêtues de panneaux segmentés en béton préfabriqué apparent.
UNE COORDINATION MINUTIEUSE
QUI A PORTÉ SES FRUITS
« La production des éléments préfabriqués s'est déroulée pendant une période assez chargée », explique
Luc Ysebaert. « Nous n'avions pas une centaine de coffrages pour les planchers intermédiaires, nous avons donc dû nous y mettre rapidement afin de pouvoir livrer les volumes requis. Heureusement, nous avons pu prendre un peu d'avance lors de la réalisation du sous-sol. En termes de transport et de logistique, ce projet n'a pas présenté de particularités majeures. La distance entre nos usines et le chantier était de 50 km maximum et aucun transport exceptionnel n'était nécessaire.
nodig was in functie van een logische en efficiënte opbouw en fasering. “Geen evidentie, maar uiteindelijk is alles prima verlopen. De samenwerking met Stadsbader was uitstekend, hoewel we doorgaans concurrenten zijn. Zo hebben zij eveneens een reeks gewapende kolommen en balken geproduceerd en geleverd, zodat we qua timing niet in de problemen zouden komen. We hadden een gezamenlijk doel en op uitdrukkelijke vraag van TVH Equipment hebben we als tijdelijke partners alles in het werk gesteld om dit te bereiken. Met succes, want het eindresultaat mag er echt wel wezen”, besluit Luc Ysebaert. (TJ) ■
Lors du montage, nous avons travaillé de l'intérieur vers l'extérieur. Cela a nécessité l'utilisation de grues assez imposantes, car elles étaient installées à l'extérieur du bâtiment. »
Le béton préfabriqué et le béton coulé sur place sont deux méthodes de construction qui nécessitent chacune une approche spécifique et ont des délais d'exécution différents. Dans ce bâtiment, elles étaient étroitement liées, ce qui a nécessité une coordination minutieuse afin de garantir une construction et un phasage logiques et efficaces. « Ce n'était pas évident, mais tout s'est finalement très bien passé. La collaboration avec Stadsbader a été excellente, même si nous sommes généralement concurrents. Ils ont également produit et livré une série de colonnes et de poutres armées, afin que nous n'ayons pas de problèmes de timing. Nous avions un objectif commun et, à la demande expresse de TVH Equipment, nous avons tout mis en œuvre en tant que partenaires temporaires pour l'atteindre. Avec succès, car le résultat final est vraiment impressionnant », conclut Luc Ysebaert. (TJ) ■
De skyline van Oostende is de laatste jaren grondig hertekend. Dankzij enkele ambitieuze stedenbouwkundige ontwikkelingsprojecten, inclusief iconische hoogbouw, kreeg de Koningin der Badsteden een nieuwe aanblik. Ook het SKY District draagt hier zijn steentje toe bij met zijn twee prominente woontorens en een uitgekiende mix van woon-, werk- en verblijfsfaciliteiten. Sinds maart 2025 kunnen toeristen er in stijl overnachten in The Ostendian, dat maximaal inzet o p beleving. Dit geldt eveneens voor de architectuur, want het fraaie viersterrenhotel kreeg net als de overige gebouwen op de site een heldere gevel in subtiel wit prefab beton en past zo perfect in het harmonieuze totaalplaatje.
Weinig kustprojecten die recent zo in het oog sprongen als de realisatie van het SKY District. Met zijn opmerkelijke ligging – op de site van de voormalige hotelschool, pal op het scharnierpunt tussen het station, het centrum en de jachthaven – profileert het zich als een multifunctioneel stadsdeel van 17.000 m² dat het ooit zo monumentale Oostende een nieuw, toekomstgericht elan geeft. Verspreid over zes gebouwen – twee hogere en vier lagere
volumes, gegroepeerd rond een attractief plein – biedt het SKY District onder meer plaats aan 485 wooneenheden, 5.000 m² kantoor- en winkelruimte, een publiek toegankelijke skybar en … 115 hotelkamers. Deze laatste bevinden zich in The Ostendian, een rechthoekig blok met tien bouwlagen dat naadloos aansluit op appartementsgebouw SKY Garden Two en dat er ook meteen zijn gelijkvloerse inkompartij mee deelt. Samen met de SKY Tower Two verrezen ze in de vierde fase van dit grootschalige project, als kroon op het werk.
THE OSTENDIAN, OOSTENDE
Une façade préfabriquée en béton rythme l'architecture d'un prestigieux hôtel quatre étoiles
La ligne d'horizon d'Ostende a été profondément redessinée ces dernières années. Grâce à plusieurs projets urbanistiques ambitieux, notamment la construction d'immeubles de grande hauteur emblématiques, la reine des stations balnéaires a fait peau neuve. Le SKY District y contribue également avec ses deux imposantes tours résidentielles et un savant mélange d'espaces de vie, de travail et de loisirs. Depuis mars 2025, les touristes peuvent y passer la nuit avec style à The Ostendian, qui mise tout sur l'expérience. Cela vaut également pour l'architecture, car ce magnifique hôtel quatre étoiles, tout comme les autres bâtiments du site, a été doté d'une façade claire en béton préfabriqué blanc subtil, s'intégrant ainsi harmonieusement dans l'ensemble.
Peu de projets côtiers ont récemment autant attiré l'attention que la réalisation du SKY District. Avec son emplacement remarquable – sur le site de l'ancienne école hôtelière, à la jonction entre la gare, le centre-ville et le port de plaisance – il se profile comme un quartier multifonctionnel de 17.000 m² qui donne un nouvel élan à la ville autrefois si monumentale d'Ostende. Composé de six bâtiments – deux volumes plus hauts et quatre plus bas, regroupés autour d'une place attractive – le SKY District abrite notamment 485 logements,
Hoewel er een schijnbaar eenvoudige repetitiviteit in de gevel zit, was er voor de balkonelementen een sterk staaltje maatwerk van DECOMO nodig.
Bien que la façade présente une répétitivité apparemment simple, les éléments de balcon ont nécessité un travail sur mesure considérable de la par t de DECOMO.
5.000 m² de bureaux et de commerces, un skybar accessible au public et... 115 chambres d'hôtel. Ces dernières sont situées dans The Ostendian, un bloc rectangulaire de 10 étages qui s'intègre parfaitement à l'immeuble d'appartements SKY Garden Two et qui partage également son entrée au rez-de-chaussée. Tous deux ont été
construits lors de la quatrième phase de ce projet à grande échelle, comme couronnement de l'œuvre.
Ce dernier point n'est en aucun cas exagéré, car The Ostendian place la barre très haut. Premier hôtel construit à Ostende depuis un quart de siècle, il fait bien plus que simplement accueillir
des touristes. Outre les chambres et l'infrastructure hôtelière correspondante – y compris un bar charmant et une salle de petit-déjeuner tout aussi charmante – il comprend également des espaces commerciaux au rez-de-chaussée, des salles de réunion et des installations de conférence. The Ostendian se profile ainsi comme
Voorgespannen welfsels
de meest ecologische vloeroplossing in beton
“Prefab beton wordt nog niet altijd geassocieerd met een slanke, verfijnde uitstraling, maar met dit project hebben we bewezen dat dit onterecht is.”
Dit laatste is allerminst overdreven, want The Ostendian legt de lat hoog. Als eerste nieuwbouwhotel in Oostende in een kwarteeuw tijd doet het veel meer dan enkel toeristen ontvangen. Naast de nodige kamers en de bijbehorende hotelinfrastructuur – inclusief charmante bar en dito ontbijtruimte – omvat het eveneens gelijkvloerse commerciële ruimtes, vergaderzalen en conferentiefaciliteiten. Zo profileert The Ostendian zich ook meteen als ideale locatie voor zakelijke meetings en congressen, katalysator voor de brede economische revival van Oostende én als nieuw stedelijk boegbeeld.
Met zijn bijzonder sfeervolle, kleurrijke interieur laat het alleszins een onuitwisbare indruk na. Dat begint al meteen bij de inkombalie, die doet denken aan de façade van een oude bioscoop. Eveneens opvallend zijn de vele knipogen naar de lokale cultuur. Zo vind je her en der in het gebouw verwijzingen naar de honderd ‘Ostendians’ – een selectie van ‘local heroes’ die de stad kleur(d)en en die telkens een eigen kamer kregen – en zijn er vier thematische suites ingericht die de eigenzinnige en artistieke ziel van Oostende weerspiegelen, waarvan er eentje volledig werd vormgegeven door kunstenaar en striptekenaar Herr Seele. Zo wordt ieder verblijf ook een beetje een ontdekkingstocht.
WIT PREFAB BETON MET
BRONZEN
SPIKKEL
The Ostendian werd net als de rest van het SKY District ontworpen door Arcas Architecture & Urbanism. Dit gerenommeerde bureau uit Knokke-Heist bewees eens te meer
dat het bijzonder bedreven is in de realisatie van grootschalige projecten die niet alleen een architecturale, maar ook stedenbouwkundige impact hebben. Vandaar dat de bredere context steevast een centrale rol speelt en dat er veel aandacht gaat naar integratie in de omgeving. “We kijken daarbij naar de historische, culturele en materiële karakteristieken van de locatie en vertalen deze naar een hedendaags ontwerp”, vertelt Sebastiaan De Mey, architectzaakvoerder bij Arcas Architecture & Urbanism.
De architecturale vormentaal van The Ostendian ligt in het verlengde van de naburige gebouwen in het SKY District. De gevel getuigt van een intrigerende gelaagdheid en refereert met zijn witte prefab betonstructuur aan de traditionele kustarchitectuur. “We hebben geopteerd voor een strakke stapeling van bouwlagen via een ritmische mix van colonnades, balkons en grote glaspartijen, wat
De architecturale vormentaal van The Ostendian ligt in het verlengde van de naburige gebouwen in het SK Y District.
Le langage architectural de The Ostendian s'inscrit dans la continuité des bâtiments voisins du SKY District.
le lieu idéal pour les réunions d'affaires et les congrès, catalyseur de la reprise économique générale d'Ostende et nouveau fleuron urbain.
Avec son intérieur particulièrement chaleureux et coloré, il laisse une impression indélébile. Cela commence dès le comptoir d'accueil, qui rappelle la façade d'un ancien cinéma. Les nombreux clins d'œil à la culture locale sont également frappants. Vous trouverez ainsi ici et là dans le bâtiment des références aux cent " Ostendiens " – une sélection de " héros locaux " qui ont marqué la ville de leur empreinte et qui ont chacun leur propre chambre – et quatre suites thématiques ont été aménagées pour refléter l'âme originale et artistique d'Ostende, dont l'une a été entièrement conçue par l'artiste et dessinateur Herr Seele. Chaque séjour devient ainsi un petit voyage de découverte.
BÉTON PRÉFABRIQUÉ BLANC AVEC ÉCLATS BRONZE
Tout comme le reste du SKY District, The Ostendian a été conçu par Arcas Architecture & Urbanism.
Dat de gevel van het hotel naadloos moest aansluiten op die van appartementsgebouw SKY Garden Two vroeg in extremis extra studiewerk en coördinatie. Le fait que la façade de l'hôtel devait être parfaitement intégrée à celle de l'immeuble SKY Garden Two a nécessité, in extremis, un travail d'étude et de coordination supplémentaire.
resulteert in een spel van licht, schaduw en transparantie. Daardoor voelt het gebouw niet al te massief aan, maar oogt het net luchtig en slank”, legt Sebastiaan De Mey uit. “Het was van meet af aan de bedoeling om voor de gesloten geveldelen met wit prefab beton te werken. De keuze viel op een gepolijste afwerking, aangezien
dat zeer onderhoudsvriendelijk is en bestand is tegen water en wind.”
“Een bijkomend voordeel van de gepolijste afwerking is dat de gevel van veraf bekeken volledig wit oogt, maar dat je op terrasniveau de spikkels van de granulaten ziet, wat perfect past bij de architecturale beleving die we in gedachten hadden”, gaat
De Mey verder. “Zo voelt het gebouw van dichtbij niet al te kil en klinisch aan, maar eerder logisch en natuurlijk. Via mock-ups hebben we specifiek gezocht naar een visuele match met het lichtbronzen buitenschrijnwerk. Vandaar dat er in het beton een kleine bronzen spikkel zit. Dit vormde meteen de blauwdruk voor de volledige site en dus ook voor The Ostendian,
« Le béton préfabriqué n'est pas toujours associé à un aspect élégant et raffiné, mais avec ce projet, nous avons prouvé que cette image était injustifiée. »
Ce bureau renommé de Knokke-Heist a une fois de plus prouvé son expertise dans la réalisation de projets à grande échelle qui ont un impact non seulement architectural, mais aussi urbanistique. C'est pourquoi le contexte plus large joue toujours un rôle central et qu'une grande attention est accordée à l'intégration dans l'environnement.
« Nous examinons les caractéristiques historiques, culturelles et matérielles du site et les traduisons en un design contemporain », explique Sebastiaan De Mey, architecte-gérant chez Arcas Architecture & Urbanism.
Le langage architectural de The Ostendian s'inscrit dans la
continuité des bâtiments voisins du SKY District. La façade présente une stratification captivante et fait référence à l'architecture côtière traditionnelle avec sa structure préfabriquée en béton blanc. « Nous avons opté pour un empilement épuré des étages grâce à un mélange rythmé de colonnades, de balcons et de grandes baies vitrées, ce qui crée un jeu de lumière, d'ombre et de transparence. Le bâtiment ne semble ainsi pas trop massif, mais plutôt aérien et élancé », explique Sebastiaan De Mey. « Dès le départ, l'intention était d'utiliser du béton préfabriqué blanc pour les parties fermées de la façade. Le choix s'est porté sur une finition polie, car elle est très facile à entretenir et résistante à l'eau et au vent. »
« Un avantage supplémentaire de la finition polie est que, vue de loin, la façade semble entièrement blanche, mais qu'au niveau de la terrasse, on aperçoit les éclats des granulats, ce qui correspond parfaitement à l'expérience architecturale que nous avions en tête », poursuit Sebastiaan De Mey. « Ainsi, vu de près, le bâtiment ne donne pas
une impression trop froide et clinique, mais plutôt logique et naturelle. À l'aide de maquettes, nous avons spécifiquement recherché une harmonie visuelle avec les menuiseries extérieures en bronze clair. C'est pourquoi le béton comporte de petites taches de bronze. Cela a immédiatement servi de modèle pour l'ensemble du site et donc aussi pour The Ostendian, dont la signature architecturale découle en quelque sorte de celle des autres bâtiments du SKY District. »
FAIRE D’UNE PIERRE
PLUSIEURS COUPS
C'est DECOMO qui a été sollicitée pour la production et la livraison des éléments préfabriqués en béton destinés à la façade. Au total, il s'agissait de 153 colonnes et 58 éléments de balcons, onze auvents et six rives de toit, soit au total 406 m³ de béton préfabriqué. « Chaque chambre d'hôtel dispose d'un balcon de 3,70 m de long, 1,5 à 2 m de large et 21 à 23 cm d'épaisseur. Ces balcons sont séparés les uns des autres par des colonnes porteuses de 40 x 40 cm, qui sont en fait simplement empilées les unes sur
waarvan de architecturale signatuur als het ware voortvloeide uit die van de overige gebouwen in het SK Y District.”
VERSCHILLENDE VLIEGEN IN ÉÉN KLAP
Het was DECOMO dat werd ingeschakeld voor de productie en levering van de prefab betonnen gevelelementen. In totaal ging het om 153 kolom- en 58 balkonelementen, elf dakluifels en zes dakranden – alles samen goed voor 406 m³ prefab beton. “Iedere hotelkamer beschikt over een balkon van 3,70 m lang, 1,5 à 2 m breed en 21 à 23 cm dik. Deze balkons worden telkens van elkaar gescheiden door dragende sierkolommen van 40 x 40 cm, die per verdieping in feite gewoon op elkaar gestapeld zijn”, aldus Patrick Smessaert, projectmanager bij DECOMO.
Hoewel er een schijnbaar eenvoudige repetitiviteit in de gevel zit, was er voor de balkonelementen een sterk staaltje maatwerk nodig. “Het was aan
De gevel van The Ostendian getuigt van een intrigerende gelaagdheid en refereert met zijn witte prefab betonstructuur aan de traditionele kustarchitectuur.
La façade de The Ostendian présente une stratification captivante et fait référence à l'architecture côtière traditionnelle avec sa structure préfabriquée en béton blanc.
ons om op basis van de architecturale plannen en onze jarenlange expertise een technisch optimale en uitvoerbare oplossing uit te dokteren, die ook het architecturale concept alle eer zou aandoen”, vertelt Smessaert. “We hebben er bewust voor gekozen om de sierbetonkolommen niet zomaar dood gewicht te laten zijn en hebben voor de balkonelementen niet met de typische thermische onderbrekingen op uitkraging gewerkt, maar hebben het dragende vermogen van het aanwezige beton optimaal benut. Als er sprake is van massieve prefab betonnen gevelkolommen, konden we ze maar beter gebruiken, vonden we.”
Om de belasting slim te verdelen, scheurvorming door thermische uitzetting van de balkonelementen te voorkomen en het productieproces in zijn atelier te optimaliseren, opteerde DECOMO voor dubbele modules van 7,4 m breed, die aan de buitenzijde steunen op één zijkolom, de middenkolom en niet meer op de
les autres à chaque étage », explique Patrick Smessaert, chef de projet chez DECOMO.
Bien que la façade présente une répétitivité apparemment simple, les éléments de balcon ont nécessité un important travail sur mesure. « Il nous appartenait, sur la base des plans architecturaux et de nos nombreuses années d'expertise, de trouver une solution techniquement optimale et réalisable, qui rendrait également justice au concept architectural », poursuit Patrick Smessaert. « Nous avons délibérément choisi de ne pas laisser les colonnes en béton décoratif être un simple poids mort et, pour les éléments de balcon, nous n'avons pas travaillé avec les ruptures thermiques typiques sur les porte-à-faux, mais avons exploité de manière optimale la capacité de charge du béton présent. Puisqu'il s'agissait de colonnes de façade préfabriquées en béton massif, nous avons estimé qu'il valait mieux les utiliser. »
Afin de répartir intelligemment la charge, d'éviter la formation de fissures dues à la dilatation thermique des
tweede zijkolom, maar via een tandverbinding (glijdende oplegging) op het naburige balkon. “De bijkomende verdikking in het beton die nodig was voor de creatie van die tandverbinding – 80 mm hoog – kwam ook van pas bij het plaatsen van de afscherming tussen de verschillende balkons en maakte eveneens een afzonderlijke afwatering van de prefab elementen mogelijk. Zo sloegen we verschillende vliegen in één klap. Om overal een gelijk uitzicht te verkrijgen, hebben we ook in het midden van de balkonelementen telkens zo’n verdikking gecreëerd. Aan de binnenzijde steunen de balkons op kleine thermische onderbrekingen die enkel dwarskracht moeten overbrengen op de achterliggende metselwerkstructuur. Deze laatste wordt dus slechts minimaal belast”, legt Smessaert uit.
BOEIENDE EVENWICHTSOEFENING “Je zou denken: een balkon is een balkon. Maar in het geval van The Ostendian was het dus zeker niet
éléments de balcon et d'optimiser le processus de production dans son atelier, DECOMO a opté pour des modules doubles de 7,4 m de large, qui s'appuient à l'extérieur sur une seule colonne latérale, sur la colonne centrale, et ensuite non pas sur la deuxième colonne latérale, mais sur le balcon voisin via un assemblage à tenon (appui coulissant). « L'épaississement supplémentaire du béton nécessaire à la création de cet assemblage à tenon – 80 mm de hauteur – s'est également avéré utile pour la mise en place de la séparation entre les différents balcons et a également permis un drainage séparé des éléments préfabriqués. Nous avons ainsi fait d'une pierre deux coups. Afin d'obtenir un aspect uniforme partout, nous avons également créé un tel épaississement au centre des éléments de balcon. À l'intérieur, les balcons reposent sur de petites ruptures thermiques qui ne doivent transmettre que la force transversale à la structure en maçonnerie située derrière. Cette dernière n'est donc soumise qu'à une charge minimale », explique Patrick Smessaert.
zo eenvoudig”, lacht Patrick Smessaert. “Het was een boeiende evenwichtsoefening om een oplossing te zoeken die zowel productiegewijs als stabiliteit- en afwateringstechnisch interessant was. Het was sleutelen en schaven om de betonelementen in dit verband volledig op punt te stellen en de productieflow hier grondig op af te stemmen, zonder de beoogde esthetiek in het gedrang te brengen. Die verdikking in het beton was uiteraard niet voorzien in het oorspronkelijke ontwerp, dus daarvoor hebben we nauwgezet overlegd met de architect. Dat we zo ook meteen de afwatering konden optimaliseren, was natuurlijk mooi meegenomen.”
Ook het feit dat de gevel van het hotel naadloos moest aansluiten op die van
appartementsgebouw SKY Garden Two vroeg in extremis extra studiewerk en coördinatie, geeft Smessaert aan. “Aanvankelijk was het de bedoeling om ze beide simultaan op te trekken, maar uiteindelijk kreeg het hotelgedeelte voorrang om de uitbating ervan vroeger te kunnen laten starten. De balkons van het aanpalende residentiële volume zouden in principe ook zijdelings steunen op de hotelbalkons, maar daarvoor hebben we dan uiteindelijk een andere oplossing moeten zoeken. Op de bouw van The Ostendian had dit echter geen directe impact. Qua transport en montage was er overigens geen kunst- en vliegwerk nodig, vermits het om elementen met een standaardomvang ging. Bovendien stond de kraan opgesteld
"Een voordeel van de gepolijste afwerking is dat de gevel van veraf bekeken volledig wit oogt, maar dat je op terrasniveau de spikkels van de granulaten ziet, wat perfect past bij de architecturale beleving die we in gedachten hadden”, vertelt Sebastiaan De Mey.
« L'un des avantages de la finition polie est que, vue de loin, la façade apparaît entièrement blanche, mais qu'au niveau de la terrasse, on aperçoit les éclats des granulats, ce qui correspond parfaitement à l'expérience architecturale que nous avions en tête », explique Sebast iaan De Mey.
op het binnenplein en kon je aan de straatkant ook heel dicht bij het gebouw komen.”
“Onze jarenlange ervaring met hoogbouw, geïntegreerde prefab oplossingen en het polijsten van beton speelde een sleutelrol in dit project”, besluit Smessaert. “De samenwerking met de bouwheer, architect en aannemer was als vanouds prima. Dat Vastgoedgroep Degroote zowel bouwheer als aannemer was, gaf ons alle ruimte om onze uitgebreide knowhow maximaal uit te spelen. We denken altijd mee na over de praktische uitvoerbaarheid van het ontwerp, in combinatie met de behoeften van onze eigen productie en de mogelijkheden van de aannemer.
UN EXERCICE D'ÉQUILIBRE PASSIONNANT
« On pourrait penser qu'un balcon est un balcon. Mais dans le cas de The Ostendian, ce n'était certainement pas aussi simple », sourit Patrick Smessaert. « Trouver une solution intéressante tant sur le plan de la production que sur celui de la stabilité et du drainage a été un exercice d'équilibre passionnant. Il a fallu peaufiner et ajuster les éléments en béton afin de les perfectionner et d'adapter le flux de production en conséquence, sans compromettre l'esthétique souhaitée. Cet épaississement du béton n'était bien sûr pas prévu dans la conception initiale, nous avons donc consulté l'architecte à ce sujet. Le fait que nous ayons ainsi pu optimiser le drainage a bien sûr été un avantage supplémentaire. »
Le fait que la façade de l'hôtel devait s'intégrer parfaitement à celle de l'immeuble d'appartements SKY Garden Two a également nécessité, in extremis, des études et une coordination supplémentaires, indique Patrick Smessaert. « Au départ, l'intention était de les
Dat maakt het verschil bij projecten als deze. Het eindresultaat is navenant”, besluit Patrick Smessaert.
Ook Arcas Architecture & Urbanism kijkt tevreden terug op de manier waarop alles is verlopen. “We hadden voordien al geregeld samengewerkt met DECOMO in het kader van kustprojecten, dus we hadden er alle vertrouwen in dat het wel in orde zou komen. Ze weten immers perfect hoe ze prefab beton moeten maken en denken steevast mee na over hoe we de kostprijs onder controle kunnen houden zonder afbreuk te doen aan de beoogde esthetiek, profilering en afwerking”, zegt Sebastiaan De Mey.
“Prefab beton wordt nog niet altijd geassocieerd met een slanke, verfijnde uitstraling, maar met de realisatie van The Ostendian – en het SKY District in het algemeen – hebben we bewezen dat dit onterecht is. Je kan ook met kleuren, texturen en patronen spelen en in een ander SKY-gebouw hebben we de verlichting zelfs mee ingegoten, dus in esthetisch opzicht zijn de mogelijkheden legio. Gekoppeld aan de gunstige bouwkost, onderhoudsvriendelijkheid en uitvoeringssnelheid die eigen zijn aan prefab beton, leidde dat tot een duurzame stedelijke structuur die generaties lang relevant zal blijven.” (TJ) ■
“Onze jarenlange ervaring met hoogbouw, geïntegreerde prefab plossingen en het polijsten van beton speelde een sleutelrol in dit project”, zegt Patrick Smessaert.
« Notre longue expérience dans le domaine des immeubles de grande hauteur, des solutions préfabriquées intégrées et du polissage du béton a joué un rôle clé dans ce projet », souligne Patrick Smessaert.
construire simultanément, mais finalement, la partie hôtelière a été prioritaire afin de pouvoir commencer l'exploitation plus tôt. En principe, les balcons du volume résidentiel adjacent devaient également s'appuyer latéralement sur les balcons de l'hôtel, mais nous avons finalement dû trouver une autre solution. Cela n'a toutefois pas eu d'impact direct sur la construction de The Ostendian. En termes de transport et de montage, aucune prouesse technique n'a été nécessaire, car il s'agissait d'éléments de dimensions standard. De plus, la grue était installée dans la cour intérieure et il était possible de s'approcher très près du bâtiment côté rue. »
« Notre longue expérience dans le domaine des immeubles de grande hauteur, des solutions préfabriquées intégrées et du polissage du béton a joué un rôle clé dans ce projet », conclut Patrick Smessaert. « La collaboration avec le maître d'ouvrage, l'architecte et l'entrepreneur s'est déroulée comme d'habitude à merveille. Le fait que Vastgoedgroep Degroote était à la fois maître d'ouvrage et entrepreneur nous a permis de tirer pleinement parti de notre vaste savoir-faire. Nous réfléchissons toujours à la faisabilité pratique du projet, en
tenant compte des besoins de notre propre production et des possibilités de l'entrepreneur. C'est ce qui fait la différence dans des projets comme celui-ci. Le résultat final est à la hauteur », conclut Patrick Smessaert.
Arcas Architecture & Urbanism se réjouit également de la manière dont tout s'est déroulé. « Nous avions déjà régulièrement collaboré avec DECOMO dans le cadre de projets côtiers, nous étions donc convaincus que tout se passerait bien. Ils savent en effet parfaitement comment fabriquer du béton préfabriqué et réfléchissent toujours à la manière dont nous pouvons maîtriser les coûts sans compromettre l'esthétique, le profil et la finition souhaités »,
THE OSTENDIAN
OOSTENDE , 2025
explique Sebastiaan De Mey. « Le béton préfabriqué n'est pas toujours associé à un aspect élégant et raffiné, mais avec la réalisation de The Ostendian – et du SKY District en général – nous avons prouvé que cette image était injustifiée. Il est également possible de jouer avec les couleurs, les textures et les motifs. Dans un autre bâtiment SKY, nous avons même intégré l'éclairage dans le béton, ce qui offre de nombreuses possibilités sur le plan esthétique. Aspect élégant, coût de construction avantageux, facilité d'entretien et rapidité d'exécution propres au béton préfabriqué concordent pour aboutir à une structure urbaine durable qui restera pertinente pendant des générations. » (TJ) ■
BOUWHEER | MAÎTRE D’OUVRAGE: Vastgoedgroep Degroote bv en Flow Hospitality Group bv
STUDIEBUREAU | BUREAU D’ÉTUDES: COBE ingenieurs bv
PREFAB BETON | BÉTON PRÉFAB: DECOMO nv
KERNCIJFERS | CHIFFRES CLÉS :
• Kolommen | Colonnes : 153
• Balkonelementen | Éléments de balcon : 58
• Dakluifels| Auvents : 11
• Dakranden | Rives de toit : 6
Toonaangevende vergroening en ontharding dankzij waterpasserende bestratingsoplossingen
Ons land is bezaaid met typische grijze steenwegen die erop gericht zijn om Koning Auto zo snel mogelijk van a naar b te brengen. Met de ontharding en heraanleg van de Evence Coppéelaan – de verkeersas die het stadscentrum verbindt met de C-mine-site – toont Stad Genk echter dat het anders en beter kan. De traditionele viervaksbaan met parallelle parkeerplaatsen maakte over een afstand van 1,4 kilometer plaats voor een sterk vergroende inrichting die ook wandelaars, fietsers en Moeder Natuur de nodige adem- en bewegingsruimte geeft. Opvallend: prefab beton speelde een cruciale rol in deze bijzondere metamorfose …
Ontharden, vergroenen en ‘tegelwippen’: het is de laatste jaren een lovenswaardige trend in Vlaamse steden en gemeenten. Maar haast nergens werd de theorie zo treffend in de praktijk gebracht als in Genk.
De drukke Evence Coppéelaan werd er grondig onder handen genomen: het aantal rijvakken halveerde – van vier naar twee (één rijvak in elke richting) –en het profiel van de steenweg is volledig hertekend. Dit resulteerde in
een overzichtelijke tweerichtingsweg, waarbij het doorgaande verkeer aan de oostzijde is gebundeld om aan de westzijde ruimte te creëren voor een aangename, groene passage voor voetgangers en fietsers. Zij kunnen zich voortaan verplaatsen via een 4 meter breed wandel- en fietspad dat volledig is afgescheiden van het autoverkeer. Een groene middenberm met ruime oversteekplaatsen doet dienst als natuurlijke buffer en brengt rust, overzicht en extra veiligheid. Aparte bedienings- of ventwegen zorgen ervoor dat alle omringende woningen en andere bestemmingen vlot bereikbaar blijven en de
Désartificialisation et végétalisation exemplaires grâce à des solutions de pavage perméables
Notre pays est parcouru de chaussées grises, conçues pour permettre à l'automobile de se déplacer le plus rapidement possible d'un point A à un point B. Avec la désartificialisation et le réaménagement de l'avenue Evence Coppée, l'axe routier qui relie le centre-ville au site C-mine, la ville de Genk montre toutefois qu'il est possible de faire autrement et mieux. La voirie traditionnelle à quatre voies avec des places de stationnement parallèles a cédé la place, sur une distance de 1,4 kilomètre, à un aménagement fortement végétalisé qui offre également aux promeneurs, aux cyclistes et à Dame Nature l'espace nécessaire pour respirer et se déplacer. À noter : le béton préfabriqué a joué un rôle crucial dans cette métamorphose par ticulière...
Adoucir, verdir et " dépaver " : c'est une tendance louable qui s'est développée ces dernières années dans les villes et communes flamandes. Mais nulle part ailleurs cette théorie n'a été mise en pratique de manière aussi réussie qu'à Genk. La très fréquentée Avenue Evence Coppée a fait l'objet d'une refonte en
profondeur : le nombre de bandes a été réduit de moitié, passant de quatre à deux (une bande dans chaque sens), et le profil de la chaussée a été entièrement redessiné. Il en résulte une voirie à double sens claire, où le trafic de transit est regroupé sur le côté est afin de créer de l'espace sur le côté
ouest pour un passage agréable et verdoyant pour les piétons et les cyclistes. Ceux-ci peuvent désormais se déplacer sur une piste cyclable et un cheminement piétonnier de 4 mètres de large, entièrement séparés de la circulation automobile. Une bande centrale verte avec de larges passages piétons sert de tampon naturel et apporte calme, visibilité et sécurité supplémentaire. Des voies de service ou de circulation séparées garantissent que toutes les habitations environnantes et autres destinations restent facilement accessibles, et les places de stationnement sont désormais regroupées à des endroits stratégiques, par exemple à proximité de C-mine et dans le quartier scolaire et résidentiel voisin.
parkeerplaatsen zijn nu gegroepeerd op belangrijke plekken, zoals dicht bij C-mine en in de nabur ige schoolen woonzorgomgeving.
Om dit alles mogelijk te maken, werd circa 41.922 m² bestrating opgebroken en 15.607 m² ruimte definitief onthard. In de plaats daarvan kwamen 177 bomen en 1.137 struiken en heesters. De rest van de vrijgemaakte ruimte is opgevuld met 11.545 m² grasbermen en 13.650 m² bloemenrijk grasland. Bovendien zorgen bermwadi’s en andere infiltratiesystemen voor een optimaal waterbeheer. Zo kon Stad Genk ook meteen 5,3 hectare ruimte afkoppelen van het nieuwe gescheiden rioolnetwerk dat werd aangelegd voor de afvoer van het over tollige hemelwater. De kersverse grachten en bekkens kunnen op hun beurt tot 1.413 m³ regenwater bufferen, wat de druk op de nabijgelegen Stiemervallei
aanzienlijk verlicht. Deze laatste is opnieuw zichtbaar in het landschap dankzij strategisch gepositioneerde ‘platformen’ – lees: pleinen die de volledige breedte van de rijweg bestrijken en een fraai panorama bieden op dit stukje natuurpracht. Een ander platform is via een open speelruimte verbonden met de speelplaats van vrije basisschool De Padvinder.
GRONDIGE TECHNISCHE
VOORBEREIDING
“Het project startte aanvankelijk als een eenvoudig onthardingsdossier naar aanleiding van de Vlaamse subsidieoproep ‘Vlaanderen breekt uit’.
We zagen echter al snel in dat we beter een grondigere renovatie nastreefden, inclusief de aanleg van gescheiden riolering en hemelwatervoorzieningen en een integrale herinrichting van de wegenis”, vertelt Kris Neyens, projectleider Infrastructuur bij Stad Genk. Een kwalitatieve verbinding creëren met meer groen en ruimte voor zachte mobiliteit tussen de stadskern, het station van Genk en cultuursite C-mine: dat werd de uiteindelijke doelstelling. Vandaar de intentie om maximaal voor waterdoorlatende verharding te opteren. “Voor de vent- en bedieningswegen en parkeerplaatsen viel de keuze op prefab betonproducten,
Pour rendre tout cela possible, environ 41.922 m² de revêtement ont été enlevés et 15.607 m² d'espace ont été définitivement désimperméabilisés. À la place, 177 arbres et 1.137 arbustes et buissons ont été plantés. Le reste de l'espace libéré a été comblé par 11.545 m² d'accotements enherbés et 13.650 m² de prairies fleuries. De plus, des noues et d'autres systèmes d'infiltration assurent une gestion optimale de l'eau. La ville de Genk a ainsi pu immédiatement déconnecter 5,3 hectares du nouveau réseau d'égouts séparé qui a été construit pour évacuer les eaux pluviales excédentaires. Les nouveaux fossés et bassins peuvent à leur tour stocker jusqu'à 1.413 m³ d'eau de pluie, ce qui allège considérablement la pression sur la vallée du Stiemer voisine. Cette dernière est à nouveau visible dans le paysage grâce à des " plateformes " stratégiquement positionnées, c'est-à-dire des placettes qui couvrent toute la largeur de la chaussée et offrent un magnifique panorama sur ce petit coin de nature. Une autre plateforme est reliée à la cour de récréation
werd circa 41.922 m² bestrating opgebroken en 15.607 m² ruimte definit ief onthard. Dans le cadre du réaménagement de l'avenue Evence Coppée, environ 41.922 m² de revêtement ont été retirés et 15.607 m² ont été définitivement désimper méabilisés.
de l'école primaire De Padvinder par un espace de jeu ouvert.
PRÉPARATION TECHNIQUE
APPROFONDIE
« Au départ, le projet était simplement un dossier d'adoucissement de l'eau dans le cadre de l'appel à subventions flamand "Vlaanderen breekt uit " (La Flandre se libère). Cependant, nous avons rapidement compris qu'il valait mieux viser une rénovation plus en profondeur, comprenant la construction d'un réseau d'égouts séparé et d'installations pour les eaux pluviales, ainsi qu'un réaménagement intégral de la voirie », explique Kris Neyens, chef de projet Infrastructure à la ville
de Genk. Créer une liaison de qualité avec plus d'espaces verts et de place pour la mobilité douce entre le centreville, la gare de Genk et le site culturel C-mine : tel était l'objectif final. D'où l'intention d'opter autant que possible pour un revêtement perméable. « Pour les voies de circulation et de service et les parkings, le choix s'est porté sur des produits préfabriqués en béton, plus précisément des dalles gazon et des pavés en béton drainant avec des " ornières ", poursuit Kris Neyens. « Pour cela, nous avons fait appel à Ebema. Ensemble, nous avons examiné les différentes options. »
In functie van de herinrichting van de Evence Coppéelaan
“Met dit project bewijzen we dat prefab beton wel degelijk een essentieel onderdeel
kan zijn van duurzame en toekomstgerichte stadsontwikkeling.”
meer bepaald grasbetontegels en -klinkers met ‘karrensporen’”, gaat Neyens verder. “Daarvoor klopten we aan bij Ebema. Samen bekeken we welke opties er waren.”
“We werden al in een zeer vroeg stadium betrokken bij de heraanleg van de Evence Coppéelaan”, zegt Jo Timmers, Project Manager bij Ebema. “Reeds in het najaar van 2019 contacteerde Stad Genk ons voor enkele verkennende gesprekken. Het eerste overleg vond plaats in ons Creative Lab in Zutendaal, dé place to
« Nous avons été impliqués très tôt dans le projet de réaménagement de l'avenue Evence Coppée », explique Jo Timmers, chef de projet chez Ebema. « Dès l'automne 2019, la ville de Genk nous a contactés pour mener quelques discussions exploratoires. La première réunion a eu lieu dans notre Creative Lab à Zutendaal, le lieu incontournable pour les maîtres d'ouvrage et les concepteurs qui souhaitent discuter de leurs projets en amont. Nos collègues Marc Breban (alors chef de projet pour les régions du Limbourg, d'Anvers et du Brabant flamand, entre autres) et Frank Gendera (ingénieur-conseil) ont examiné ensemble comment Ebema pouvait apporter sa pierre, au sens propre comme au figuré, à ce projet de désimperméabilisation particulièrement ambitieux. Ils ont non seulement discuté du concept global, mais aussi de détails techniques importants, tels que l'application de nos Eco Solutions dans les virages et leur raccordement à la chaussée en asphalte. En outre, une attention particulière a été accordée à d'autres aspects importants tels que la sécurité routière, la portance et la facilité d'utilisation. Nous avons
be voor bouwheren en ont werpers om projecten in het voortraject te bespreken. Collega’s Marc Breban (toenmalig Project Manager voor onder andere de regio Limburg, Antwerpen en Vlaams-Brabant) en Frank Gendera (Raadgevend Ingenieur) onderzochten samen hoe Ebema letterlijk en figuurlijk zijn steentje kon bijdragen aan dit bijzonder ambitieuze onthardingsproject. Niet alleen het globale concept werd besproken, maar ook belangrijke technische details, zoals de toepassing van onze Eco Solutions in bochten en de aansluiting ervan op de asfaltverharding. Daarnaast was er eveneens aandacht voor belangrijke bijkomende aspecten zoals verkeersveiligheid, draagkracht en gebruiksgemak. Dit vertaalden we al meteen naar mogelijke oplossingen voor waterpasserende betonstraatstenen met hoge belastingsklasse, boordafwerkingen, funderingen, enzovoort.”
Na de grondige technische voorbereiding – iets waar Ebema prat op gaat, aangezien het leidt tot de uitwerking van een duidelijk bestek bij
aanbesteding en correcte technische ondersteuning bij de latere uit voering – ging de bal aan het rollen. Eind 2021 nam Jo Timmers het dossier over voor verdere opvolging. In november 2022 volgde de aanbesteding, in het najaar van 2023 de bestelling door hoofdaannemer Willemen Infra en vanaf het voorjaar van 2024 de uitvoering. “Zo leidden we het project over meerdere jaren en fases heen zorgvuldig in goede banen. Daar staan we bij Ebema voor: professionele begeleiding van voortraject tot oplevering”, benadrukt Jo Timmers.
UITGEKIENDE DETAILLERINGEN
De uitdaging voor Ebema bestond erin om met zijn prefab betonproducten maximaal in te spelen op de onthardings- en vergroeningsambities van Stad Genk. “De waterpasserende bestratingsoplossingen uit ons Eco Solutions-gamma boden in dit opzicht een grote meerwaarde”, legt Jo Timmers uit. “Al snel bleek immers dat het combinatieconcept van Greenstone (2.428 m²) en Seamstone (1.299 m²) –beide in het formaat 25 × 12,5 × 10 cm
« Avec ce projet, nous démontrons que le béton préfabriqué peut effectivement constituer un élément essentiel du développement urbain durable et tourné vers l'avenir. »
immédiatement traduit cela en pistes de solutions pour des pavés en béton perméables à l'eau avec une classe de charge élevée, des finitions de bordures, des fondations, etc.
Après une préparation technique minutieuse – dont Ebema est très fière, car elle permet d'élaborer un cahier des charges clair lors de l'appel d'offres et d'assurer un soutien technique adéquat lors de la mise en œuvre ultérieure – le projet a été lancé. Fin 2021, Jo Timmers a pris le relais pour assurer le suivi. L'appel d'offres a suivi en novembre 2022, la commande par l'entrepreneur principal Willemen Infra à l'automne 2023 et la mise en œuvre à partir du printemps 2024. « Nous avons ainsi mené à bien le projet avec soin, sur plusieurs années et en plusieurs phases.
C'est ce que nous défendons chez Ebema : un accompagnement professionnel de la phase préliminaire à la livraison », souligne Jo Timmers.
DES DÉTAILS BIEN PENSÉS
Le défi pour Ebema consistait à répondre au mieux, avec ses produits préfabriqués en béton, aux ambitions de la ville de Genk en matière de désimperméabilisation et de végétalisation. « Les solutions de pavage perméables de notre gamme Eco Solutions offraient à cet égard une grande valeur ajoutée », explique Jo Timmers. « Il est rapidement apparu que la combinaison de Greenstone (2.428 m²) et Seamstone (1.299 m²), tous deux au format 25 × 12,5 × 10 cm, correspondait particulièrement bien aux objectifs du projet.
De producten van Ebema – met het combinatieconcept Greenstone-Seamstone als voornaamste exponent – laten het hemelwater rustig in de bodem infiltreren en dragen bij tot de vergroening van het straatbeeld.
Les produits Ebema, avec le concept combiné Greenstone-Seamstone comme principal fairevaloir, permettent à l'eau de pluie de s'infiltrer tranquillement dans le sol et contribuent à verdir le pay sage urbain.
– bijzonder goed aansloot bij de doelstellingen van het project. Bovendien werd dit concept eerder al succesvol toegepast voor de realisatie van zogenaamde ‘karrensporen’, zelfs in een ander Genks project. Middels extra technische detailleringen konden we aantonen dat deze oplossing niet enkel conceptueel sterk was, maar vooral ook effectief realiseerbaar op het terrein. Het maatwerk waarvoor we bekendstaan, schuilde in dit geval dus niet zozeer in de producten zelf, maar eerder in de uitgekiende detailleringen die specifiek nodig waren om een vlotte en correcte uitvoering te garanderen.”
De Greenstone-grasbetontegels (met speciale nokkensluiting) en Seamstone-betonstraatstenen (met afstandshouders) combineren een hoge draagkracht van bestratingsklasse BC 6 met waterdoorlatendheid.
Esthetisch gezien opteerde Stad Genk voor exemplaren met een traditionele grijze kleur en onbehandelde afwerking. Die sobere uitstraling wordt echter ruimschoots gecompenseerd door het specifieke legpatroon, dat veel openingen voorziet voor grasgroei. Bovendien zorgen ze tevens voor een goede infiltratie en buffering van regenwater, wat dan weer aansluit bij de onthardingsdoelstelling van het project. Daarnaast leverde Ebema onder meer 820 m² afgeronde waterpasserende Halter-betonstraatstenen, 1.418 m² klassieke gewaterstraalde Naturock-betonstraatstenen, prefab boordstenen en overgangen en elementen om de verkeersveiligheid te verhogen, zoals bushaltebanden, geleidetegels, haaientanden en symbooltegels.
De plus, ce concept avait déjà été appliqué avec succès pour la réalisation de " chemins bi-bandes ", même dans le cadre d'un autre projet à Genk. Grâce à des détails techniques supplémentaires, nous avons pu démontrer que cette solution était non seulement solide sur le plan conceptuel, mais aussi et surtout réalisable sur le terrain. Dans ce cas, le travail sur mesure qui fait notre réputation ne résidait pas tant dans les produits eux-mêmes que dans les détails spécifiques et pointus requis pour garantir une exécution fluide et correcte. »
Les dalles drainantes en béton Greenstone (avec système d'assemblage par tenons et mortaises) et les pavés en béton Seamstone (avec écarteurs) combinent une capacité de charge élevée de classe BC 6 avec une perméabilité à l'eau. Sur le plan esthétique, la ville de Genk a opté pour des éléments de couleur grise traditionnelle et de finition non traitée. Cette apparence sobre est toutefois largement compensée par le motif de
Pour les voies de circulation et de service ainsi que les places de stationnement, le choix s'est porté sur des dalles et des pavés en béton drainants avec des " ornières ".
Voor de vent- en bedieningswegen en parkeerplaatsen viel de keuze op grasbetontegels en -klinkers met ‘karrensporen’.
“Het was in het kader van dit project een belangrijk voordeel dat we vrijwel alle prefab betonproducten konden leveren”, zegt Jo Timmers. “Dat vereenvoudigde de logistiek aanzienlijk. Bovendien moesten onze producten vanuit onze vestiging in Zutendaal slechts 15 kilometer afleggen tot op de werf. In combinatie met het gebruik van lokale grondstoffen leidde dat tot een efficiënte en duurzame realisatie met een beperkte ecologische voetafdruk.”
TOONBEELD VOOR HEEL
VLAANDEREN
De herinrichting van de Evence Coppéelaan nam 618 dagen in beslag. De werken startten in september 2023 en waren klaar in april 2025. “We voerden ze uit in zes verschillende fases om de hinder voor de omwonenden te beperken”, vertelt Rob Eyckens, projectleider bij Willemen Infra “Een belangrijk aandachtspunt was de combinatie van verschillende types Ebema-betonstraatstenen in eenzelfde zone, maar dankzij hun maatvastheid is dat vlekkeloos verlopen en hun kwalitatieve afwerking resulteerde in een mooi straatbeeld. De samenwerking met Ebema – een van onze vaste leveranciers – liep als vanouds erg vlot. Ook het eindresultaat is zeker geslaagd te noemen.
"Met dit project bewijzen we dat prefab beton en ontharding/vergroening geen contradictie zijn”, benadrukt Jo Timmers.
« Avec ce projet, nous prouvons que le béton préfabriqué et la désimperméabilisation/la végétalisation ne sont pas contradictoires », souligne Jo Timmers.
Onlangs wonnen we met dit project zelfs de Belgian Construction Award in de categorie Urban Development & Infrastructure.”
pose spécifique, qui prévoit de nombreuses ouvertures pour la croissance de l'herbe. De plus, ils assurent également une bonne infiltration et un bon tamponnage des eaux de pluie, ce qui correspond à l'objectif de désimperméabilisation du projet.
Ebema a également fourni, entre autres, 820 m² de pavés en béton Halter arrondis et perméables, 1.418 m² de pavés en béton lavé Naturock classiques, des bordures préfabriquées et des transitions, ainsi que des éléments destinés à améliorer la sécurité routière, tels que des bandes d'arrêt de bus, des dalles de guidage, des dents de requin et des dalles à symbole.
« Dans le cadre de ce projet, le fait que nous ayons pu fournir la quasi-totalité des produits préfabriqués en béton a constitué un avantage important », explique Jo Timmers. « Cela a considérablement simplifié la logistique. De plus, nos produits n'avaient que 15 kilomètres à parcourir depuis notre
site de Zutendaal jusqu'au chantier. Combiné à l'utilisation de matières premières locales, cela a permis une réalisation efficace et durable avec une empreinte écologique réduite. »
UN MODÈLE POUR TOUTE LA FLANDRE
Le réaménagement de l'avenue Evence Coppée a duré 618 jours. Les travaux ont débuté en septembre 2023 et se sont achevés en avril 2025. « Nous les avons réalisés en six phases différentes afin de limiter les nuisances pour les riverains », explique Rob Eyckens, chef de projet chez Willemen Infra. « L'un des points importants était la combinaison de différents types de pavés en béton Ebema dans une même zone, mais grâce à leur stabilité dimensionnelle, tout s'est déroulé sans encombre et leur finition de qualité a permis d'obtenir un beau résultat. La collaboration avec Ebema, l'un de nos fournisseurs habituels, s'est déroulée comme d'habitude sans aucun problème. Le résultat final peut également être qualifié de réussi.
Récemment, ce projet nous a même valu le Belgian Construction Award dans la catégorie Urban Development & Infrastructure. »
Du point de vue politique également, les réactions sont unanimement positives. « Ce projet améliore considérablement l'expérience et l'accessibilité tant de C-mine que du centre-ville », se réjouit Wim Dries, bourgmestre de Genk. De plus, la ville souhaite développer davantage la zone environnante dans un avenir proche afin d'en faire un lieu de vie attrayant pour les jeunes familles. La transformation de l'avenue Evence Coppée en une zone de transit verte et agréable n'est donc qu'un début. « Ce projet montre comment passer du gris au vert. Il est donc un exemple de rénovation urbaine pour toute la Flandre », estime Jo Brouns, ministre flamand de l'Environnement.
Ce sont là des commentaires élogieux que les collaborateurs d'Ebema partagent volontiers. « Nos produits
Ook vanuit beleidshoek klinken alleen maar positieve geluiden. “Dit project verbetert de beleving en bereikbaarheid van zowel C-mine als het centrum enorm”, glundert Genks burgemeester Wim Dries. Bovendien wil de stad het omringende gebied in de nabije toekomst verder ontwikkelen tot een aantrekkelijke woonplek voor jonge gezinnen. De transformatie van de Evence Coppéelaan tot een groene, sfeervolle transitzone is dus nog maar het begin. “Dit project toont aan hoe je van grijs naar groen evolueert. Het is dan ook een toonbeeld van stadsvernieuwing voor heel Vlaanderen", vindt Vlaams minister van Omgeving Jo Brouns.
Het zijn mooie woorden die ze bij Ebema met veel plezier beamen. “Onze producten – met het combinatieconcept Greenstone-Seamstone als voornaamste exponent – laten het hemelwater rustig in de bodem infiltreren en dragen bij tot de vergroening van het straatbeeld. Met dit project bewijzen we dan ook dat prefab beton
en ontharding/vergroening geen contradictie zijn”, benadrukt Jo Timmers. “Daarmee doorbreken we een hardnekkige misvatting: prefab beton leidt niet automatisch tot verharding en verlies aan open ruimte, maar kan wel degelijk een essentieel onderdeel zijn van duurzame en toekomstgerichte stadsontwikkeling, waarbij slim ingezet wordt op ontharding, waterinfiltratie en klimaatadaptatie. Zo kon de Evence Coppéelaan heringericht worden zonder in te boeten aan comfort, veiligheid en bereikbaarheid. We kijken met
meer dan grote tevredenheid terug op het verloop van dit project. De samenwerking met Stad Genk was van meet af aan constructief en inhoudelijk sterk. Met Willemen Infra maakten we vooraf duidelijke afspraken en hadden we tijdens de werken korte communicatielijnen over technische issues. Gezien het uitgebreide voortraject, onze technische inbreng en de zorgvuldige opvolging in latere fases is de transformatie van de Evence Coppéelaan voor Ebema een referentie om u tegen te zeg gen.” (TJ) ■
L'une des nouvelles plateformes est reliée à la cour de récréation de l'école primaire De Padvinder par un espace de jeu ouvert.
– mis en avant avec la combinaison Greenstone-Seamstone – permettent à l'eau de pluie de s'infiltrer tranquillement dans le sol et contribuent à verdir le paysage urbain. Avec ce projet, nous prouvons que le béton préfabriqué et la désimperméabilisation/la végétalisation ne sont pas contradictoires », souligne Jo Timmers. « Nous brisons ainsi une idée reçue tenace : le béton préfabriqué n'entraîne pas automatiquement une artificialisation du sol et une perte d'espace ouvert, mais peut bel et bien être un élément essentiel d'un développement urbain durable et tourné vers l'avenir, qui mise intelligemment sur le désimperméabilisation, l'infiltration de l'eau et l'adaptation au climat. L'avenue Evence Coppée a ainsi pu être réaménagée sans compromettre le confort, la sécurité et l'accessibilité. Nous sommes plus que satisfaits du déroulement de ce
projet. La collaboration avec la ville de Genk a été constructive et solide dès le départ. Nous avons conclu des accords clairs avec Willemen Infra au préalable et avons maintenu une communication étroite sur les questions techniques pendant les travaux.
HERINRICHTING EVENCE COPPÉELAAN |
Compte tenu de la phase préparatoire approfondie, de notre contribution technique et du suivi minutieux des phases ultérieures, la transformation de l'avenue Evence Coppée est pour Ebema une référence de choix. » (TJ) ■
RÉAMÉNAGEMENT AVENUE EVENCE COPPÉE Genk, 2025
BOUWHEER | MAÎTRE D’OUVRAGE : Stad Genk
STUDIEBUREAU | BUREAU D’ÉTUDES : Stad Genk
AANNEMER | ENTREPRENEUR : Willemen Infra nv
PREFAB BETON | BÉTON PRÉFAB : Ebema nv
KERNCIJFERS | CHIFFRES CLÉS :
• Greenstone-grasbetontegels | Dalles gazon Greenstone : 2.428 m²
• Seamstone-betonstraatstenen | Pavés drainants Seamstone : 1.299 m²
• Afgeronde waterpasserende Halter-betonstraatstenen (22/11/10) | Pavés arrondis en béton drainants Halter (22/11/10) : 820 m²
• Klassieke gewaterstraalde Naturock-betonstraatstenen | Pavés en béton lavés classiques Naturock : 1.418 m² n
Een van de nieuwe platformen is via een open speelruimte verbonden met de speelplaats van vrije basisschool De Padvinder.
INTERVIEW MET NIKLAAS DEBOUTTE (META)
“Repetitief ontwerpen is financieel interessant en prefab beton past perfect in dat plaatje”
Neo-brutalisten. Volgens Niklaas Deboutte, oprichter en bestuurder van META, wordt die geuzennaam hem en zijn collega’s vaak toegedicht. Daar heeft hij geen probleem mee: zijn ontwerpbureau werkt inderdaad regelmatig en graag met beton. Vaak in zijn geprefabriceerde vorm. “Economisch denken is de laatste jaren veel belangrijker geworden voor ontwerpbureaus. Repetitie in ontwerpen, wat schaalvoordelen kan opleveren, is in dat opzicht interessant. En spreek je over repetitie, dan spreek je over prefab”, vertelt hij. “Als je een bekisting kunt hergebruiken, dan levert dat financieel voordeel op. Dat nemen wij graag mee in onze ontwerpen.”
ENTRETIEN AVEC NIKLAAS DEBOUTTE (META)
BETON: KAN U META KORT EVEN VOORSTELLEN? WAT VOOR SOORT PROJECTEN ONTWERPEN JULLIE?
NIKLAAS DEBOUTTE: ““META werd opgericht in 1991 en wordt geleid door Eric Soors en mezelf. Wij zijn wat men noemt een middelgroot bureau –er werken vijftien mensen. Wij zijn
« Concevoir de manière répétitive est financièrement intéressant et le béton préfabriqué s'inscrit parfaitement dans cette optique
Néo-brutalistes. Selon Niklaas Deboutte, fondateur et directeur de META, ce sobriquet lui est souvent attribué, ainsi qu’à ses collègues. Cela ne le dérange pas : son bureau d'architecture travaille en effet régulièrement et volontiers avec le béton. Souvent sous sa forme préfabriquée. « Ces dernières années, la réflexion économique a pris beaucoup d'importance pour les concepteurs. Une certaine répétition dans les projets, qui peut générer des économies d'échelle, est intéressante à cet égard. Et quand on parle de répétition, on parle de préfabrication », explique-t-il. « Si vous pouvez réutiliser un coffrage, cela présente un avantage financier. Nous en tenons volontiers compte dans no s projets. »
»
BETON : POURRIEZ-VOUS PRÉSENTER BRIÈVEMENT META ?
QUEL TYPE DE PROJETS
CONCEVEZ-VOUS ?
NIKLAAS DEBOUTTE : « META a été fondé en 1991 et est dirigé par Eric Soors et moi-même. Nous sommes ce qu'on appelle un bureau de taille moyenne, avec 15 personnes. Nous sommes actifs dans différents domaines, petits et grands, et nos programmes sont très variés. Nous n'avons pas
actief op verschillende domeinen, groot en klein en heel divers in programma. Wij hebben geen specialisaties, wat nadelen, maar zeker ook voordelen heeft. Wij werken zowel voor private – meestal projectontwikkelaars – als publieke opdrachtgevers en doen dan ook vaak mee aan ontwerpwedstrijden.”
BETON: WAT ZOU U OMSCHRIJVEN ALS UW STERKTES?
NIKLAAS DEBOUTTE: “Onze pragmatische aanpak. Een van onze eerste projecten, een vrijstaande eengezinswoning in Zoersel, is daar illustratief voor. Met een bouwbudget van 75.000 euro, ook voor die tijd bijzonder weinig, hebben we die woning toch kunnen realiseren, door ze compact te ontwerpen, gebruik te maken van veel repetitieve elementen en het principe ‘ruwbouw is afbouw’ toe te passen in het ontwerp. Die ingrediënten komen terug in al onze projecten.”
BETON: WANNEER IS EEN PROJECT VOOR JULLIE GESLAAGD?
NIKLAAS DEBOUTTE: “Wanneer we en cours de route niet te veel compromissen hebben moeten sluiten. Dat betekent dat je als architect een beetje koppig moet zijn.
de spécialisations, ce qui présente des inconvénients, mais aussi des avantages. Nous travaillons aussi bien pour des clients privés –principalement des promoteurs immobiliers – que pour des clients publics, et participons donc souvent à des concours d'architecture. »
BETON : COMMENT DÉCRIRIEZ-VOUS VOS POINTS FORTS ?
NIKLAAS DEBOUTTE : « Notre approche pragmatique. L'un de nos premiers projets, une maison individuelle à Zoersel, en est une illustration parfaite. Avec un budget de construction de 75.000 euros, ce qui était très peu, même à l'époque, nous avons tout de même réussi à réaliser cette maison en la concevant de manière compacte, en utilisant de nombreux éléments répétitifs et en appliquant le principe "gros œuvre égale finition"
Veel bouwheren horen dat niet graag – een architect met visie is voor hen vaak een vervelende architect, maar wanneer je te veel water bij de wijn doet als ontwerper, dan eindig je met wat ik graag frankensteinarchitectuur noem, architectuur die dan misschien wel voldoet aan alle geldende normen en wetten, maar onsamenhangend en betekenisloos is.”
“Door het woord betonstop heeft beton voor veel mensen een negatieve connotatie, terwijl dat woord eigenlijk niet zozeer doelt op het materiaal beton.”
In het project Kaai 37, een nieuwbouw met 75 appartementen in de Cadixwijk in Antwerpen die in 2017 opgeleverd werd, ging META grensverleggend te werk met prefab beton. Dans le cadre du projet Kaai 37, un nouvel immeuble de 75 appartements situé dans le quartier Cadix à Anvers et achevé en 2017, META a innové dans l'utilisation du béton préfabriqué.
dans la conception. Ces ingrédients se retrouvent dans tous nos projets. »
BETON : QUAND CONSIDÉREZ-VOUS UN PROJET COMME RÉUSSI ?
NIKLAAS DEBOUTTE : « Quand nous n'avons pas dû faire trop de compromis
« Le béton est capricieux et imprévisible. Parfois, sa couleur est plus claire que souhaité, parfois plus foncée, parfois il présente des nuances. Mais cette volatilité fait justement partie de l'identité du béton. »
en cours de route. Cela signifie qu'en tant qu'architecte, il faut être un peu têtu. Beaucoup de maîtres d'ouvrage n'aiment pas entendre cela : pour eux, un architecte qui a une vision est souvent un architecte pénible, mais si vous faites trop de concessions en tant que concepteur, vous vous retrouvez avec ce que j'appelle volontiers de l'architecture Frankenstein, une architecture qui répond peut-être à toutes les normes et lois en vigueur, mais qui est incohérente et dénuée de sens. »
BETON : QUELS SONT, SELON VOUS, LES PRINCIPAUX DÉFIS AUXQUELS LE SECTEUR EST CONFRONTÉ AUJOURD'HUI ET SERA CONFRONTÉ À L'AVENIR ?
NIKLAAS DEBOUTTE : « Cette réponse rejoint, selon moi, la précédente. La pléthore de réglementations et de normes impose aujourd'hui un carcan
BETON: WAT ZIET U VANDAAG EN IN DE TOEKOMST ALS DE GROOTSTE UITDAGINGEN IN DE SECTOR?
NIKLAAS DEBOUTTE: “Dit antwoord sluit wat mij betreft aan bij het vorige. De overvloed aan wetten en normen dwingen ons architec ten vandaag in een keurslijf. We zijn ‘afvinkers’ geworden. Dat levert zeer gelijkaardige architectuur op in het straatbeeld. Ik vind het persoonlijk heel moeilijk om binnen dat kader nog de ruimte te vinden om het gezonde boerenverstand te gebruiken – een of andere norm of wet schrijft dogmatisch wel iets anders voor.”
“De tweede uitdaging hangt daar nauw mee samen: al die regelgeving bezorgt ons architecten ook veel meer werk, maar de erelonen zijn doorheen de jaren niet gevolgd. Architectenbureaus hebben het daardoor vandaag veel moeilijker om het hoofd boven water te houden.”
BETON: HOE PAST PREFAB BETON IN JULLIE BEZIGHEDEN?
NIKLAAS DEBOUTTE: “Dit antwoord sluit opnieuw een beetje aan bij het vorige. Economisch denken is de laatste jaren veel belangrijker geworden voor ontwerpbureaus. Repetitie in ontwerpen, wat schaalvoordelen kan opleveren, is in dat opzicht interessant. En spreek je over repetitie, dan spreek je over prefab. Met prefab beton kan je dus een hoge mate van herhaling in je ontwerpen integreren. Het duurste aan prefab beton is niet de wapening en al zeker niet het beton zelf, maar wel de bekisting. Als je een bekisting dus kunt hergebruiken, dan levert dat financieel voordeel op. Dat idee nemen wij graag mee in onze ontwerpen.”
BETON: DAT BETEKENT DUS DAT
IN VEEL VAN JULLIE PROJECTEN
PREFAB BETONELEMENTEN
TERUGKOMEN MET
DEZELFDE AFMETINGEN?
NIKLAAS DEBOUTTE: “Vaak. Wij hebben al heel wat gebouwen met een exoskelet ontworpen, met de dragende structuur aan de buitenkant van
het gebouw dus. Vooral daarvoor worden vaak elementen uit prefab beton in hetzelfde formaat gebruikt. Overigens betekent die standaardisatie ook vlotter en efficiënter bouwen, omdat telkens dezelfde handeling kan worden herhaald. Repetitief werken met prefab beton is dus zowel financieel interessant wat de productie van de elementen betreft als op het vlak van hun verwerking.”
“Beton is wispelturig en eigenzinnig. Soms valt het lichter uit van kleur dan gewenst, soms donkerder, soms zitten er schakeringen in. Dat volatiele is echter net de identiteit van beton.”
aux architectes. Nous sommes devenus des ‘cocheurs de cases’. Cela se traduit par une architecture fort uniforme dans le paysage urbain. Personnellement, je trouve très difficile d’encore faire preuve de bon sens dans ce cadre, car telle ou telle norme ou loi impose dogmatiquement autre chose. »
Le deuxième défi est étroitement lié au premier : toutes ces réglementations nous donnent beaucoup plus de travail, mais les honoraires n'ont pas suivi au fil des ans. Les bureaux d'architectes ont donc beaucoup plus de mal aujourd'hui à garder la tête hors de l'eau. »
BETON : COMMENT LE BÉTON
PRÉFABRIQUÉ S'INTÈGRE-T-IL DANS VOS ACTIVITÉS ?
NIKLAAS DEBOUTTE : « Cette réponse rejoint un peu la précédente. Ces dernières années, la réflexion économique a pris beaucoup d'importance pour les bureaux d'architecture.
La répétition dans les conceptions est intéressante parce qu’elle peut générer des économies d'échelle. Et qui dit répétition dit préfabrication. Le béton préfabriqué permet donc d'intégrer
un haut degré de répétition dans vos projets. Le plus coûteux dans le béton préfabriqué n'est pas l'armature et certainement pas le béton lui-même, mais le coffrage. Si vous pouvez réutiliser
META ontwierp het nieuwbouwproject op de hoek van de Antwerpse Montignystraat en Cuylitstraat met een exoskelet van prefab beton.
META a conçu le projet de construction neuve à l'angle de la Montignystraat et de la Cuylitstraat à Anvers avec un exosquelette en béton préfabriqué.
META ontwierp Kaai 37, een gebouw dat moest voldoen aan de Passiefhuisstandaard, met een exoskelet van groengrijs prefab beton.
META a conçu Kaai 37, un bâtiment devant répondre à la norme Passive House, avec un exosquelette en béton préfabriqu é gris-vert.
BETON: KOMT PREFAB BETON TERUG IN ÁL JULLIE PROJECTEN?
NIKLAAS DEBOUTTE: “Neen. Wij van META worden soms wel eens de neobrutalisten genoemd omdat we graag met beton werken, maar wij hebben ook al met andere materialen gebouwen ontworpen. Er bestaan voor ons geen slechte constructiematerialen, wel verkeerde toepassingen. Een tuinhuis moet je bijvoorbeeld niet noodzakelijk in beton maken. En een kelder of bunker zou ik niet in hout skelet bouwen (lacht). Elke toepassing van een constructiemateriaal is zinvol op het ene en idioot op het andere moment.”
BETON: HEEFT PREFAB BETON NOG TROEVEN, NAAST HET FEIT
DAT HET HAND IN HAND GAAT MET REPETITIEF ONTWERPEN EN HET
GEBRUIK ERVAN DE BOUWSNELHEID VERHOOGT?
NIKLAAS DEBOUTTE: “Beton is een materiaal met massa en daardoor met een hoge zogeheten inertie; het kan goed warmte of koelte opslaan.
Die massa zorgt er ook voor dat het een materiaal is met een lange levensduur, vergelijkbaar met die van natuursteen. Als men de piramides in Egypte destijds had gebouwd met metal studs en gipskartonplaten in plaats van met steen, we hadden er vandaag niet meer over gesproken (lacht).”
“Prefabriceren staat ook gelijk met een hogere kwaliteit, omdat je in gecontroleerde omstandigheden werkt. En wanneer ter plaatse gestort beton gehavend uit de bekisting komt, ben je verder van huis dan wanneer beton in het atelier ondermaats uit de bekisting komt. Daar maak je immers gewoon een nieuw element.”
BETON: HOE SCOORT PREFAB BETON OP HET VLAK VAN DUURZAAMHEID IN ECOLOGISCHE ZIN?
NIKLAAS DEBOUTTE: “Het gebruik van beton speelt voor veel mensen een rol in de milieu-impact die de bouwsector heeft, met name door de CO2-uitstoot die gepaard gaat met de productie van cement. Ook door het woord betonstop
un coffrage, cela vous apporte un avantage financier. Nous intégrons volontiers cette idée dans nos projets. »
BETON : CELA SIGNIFIE DONC QUE DANS DE NOMBREUX PROJETS, VOUS UTILISEZ DES ÉLÉMENTS PRÉFABRIQUÉS EN BÉTON AUX DIMENSIONS IDENTIQUES ?
NIKLAAS DEBOUTTE : « Souvent. Nous avons déjà conçu de nombreux bâtiments dotés d’un exosquelette, c’est-à-dire dont la structure porteuse est située à l’extérieur du bâtiment. Pour cela, on utilise souvent des éléments en béton préfabriqué de même format. Cette standardisation permet d'ailleurs de construire plus rapidement et plus efficacement, car les mêmes opérations peuvent être répétées à chaque fois. Le travail répétitif avec du béton préfabriqué est donc intéressant financièrement, tant au niveau de la production des éléments que de leur mise en œuvre. »
BETON : LE BÉTON PRÉFABRIQUÉ EST-IL UTILISÉ DANS TOUS VOS PROJETS ?
NIKLAAS DEBOUTTE : « Non. Chez META, on nous qualifie parfois de néo-brutalistes parce que nous aimons travailler avec le béton, mais nous avons également conçu des bâtiments avec d'autres matériaux. Pour nous, il n'existe pas de mauvais matériaux de construction, mais seulement de mauvaises applications. Par exemple,
« À cause de l'expression " stop béton ", le béton a une connotation négative pour beaucoup de gens, alors que cette expression ne fait pas vraiment référence au matériau béton. »
un cabanon de jardin ne doit pas vraiment être construit en béton. Et je ne construirais pas une cave ou un bunker avec une ossature en bois (rires). Chaque application d'un matériau de construction peut être judicieuse dans un cas et absurde dans un autre. »
BETON : LE BÉTON PRÉFABRIQUÉ PRÉSENTE-T-IL ENCORE D'AUTRES AVANTAGES, OUTRE LE FAIT QU'IL VA DE PAIR AVEC UNE RÉPÉTITIVITÉ CONCEPTUELLE ET QUE SON UTILISATION ACCÉLÈRE LA CONSTRUCTION ?
NIKLAAS DEBOUTTE : « Le béton est un matériau massif qui présente donc une inertie élevée ; il stocke bien la chaleur ou le froid. Cette masse lui confère également une longue durée de vie, comparable à celle de la pierre naturelle. Si les pyramides d'Égypte avaient été construites à l'époque avec des montants métalliques et des plaques de plâtre plutôt qu'avec de la pierre, nous n'en parlerions plus aujourd'hui (rires). »
Project Oosterlynck in Wetteren geldt voor META als referentieproject voor het gebruik van prefab beton.
Le projet Oosterlynck à Wetteren est considéré par META comme un projet de référence pour l'utilisation du béton préfabriqué.
« La préfabrication est également synonyme de meilleure qualité, car vous travaillez dans des conditions contrôlées. Et lorsque le béton coulé sur place sort abîmé du coffrage, vous êtes plus loin du but que lorsque le béton sort du coffrage dans l'atelier. Dans ce cas, il suffit de fabriquer un nouvel élément. »
BETON : QUEL EST LE BILAN DU BÉTON PRÉFABRIQUÉ EN TERMES DE DURABILITÉ ÉCOLOGIQUE ?
NIKLAAS DEBOUTTE : « Pour de nombreuses personnes, l'utilisation du béton joue un rôle dans l'impact environnemental du secteur de la construction, notamment en raison des émissions de CO2 liées à la production de ciment. De plus, l'expression " stop béton " donne au béton une connotation négative, alors que cette expression ne fait pas tant référence au matériau béton lui-même, mais plutôt à la réduction de l'artificialisation des sols et à la
heeft beton voor veel mensen een negatieve connotatie, terwijl dat woord eigenlijk niet zozeer doelt op het materiaal beton, maar op het reduceren van verharding en het realiseren van nieuwe gebouwen, in welk materiaal dan ook.”
“Er worden vandaag verschillende initiatieven genomen om beton groener te maken, maar ik kan eigenlijk niet zeggen dat het prefab beton waar wij vandaag mee werken op de een of andere manier milieuvriendelijker is dan het prefab beton waar we tien jaar geleden mee werkten. We hebben wel een aantal keer geprobeerd te werken met prefab beton zonder wapeningsstaal, maar dan moet je de betonelementen concipiëren als een boog zodat ze puur op druk werken en dat bleek in de praktijk maar moeilijk haalbaar, technisch maar ook financieel. Ik hoor veel intenties om beton groener te maken, maar heb daar nog maar weinig concrete –om het met een toepasselijk woord te zeggen (lacht) – resultaten van gezien.”
BETON: HEEFT HET OOK BEPAALDE VERBETERPUNTEN/HOE ZIET U PREFAB BETON VERANDEREN IN DE TOEKOMST?
NIKLAAS DEBOUTTE: “Beton is wispelturig en eigenzinnig. Soms valt het lichter uit van kleur dan gewenst, soms donkerder, soms zitten er schakeringen in. Daar kan je maar moeilijk controle over krijgen. Maar dat volatiele is net de identiteit van beton.”
BETON: TOT SLOT, WAT
ZIJN VOOR META ENKELE
REFERENTIEPROJECTEN OP HET
VLAK VAN PREFAB BETON?
NIKLAAS DEBOUTTE: “Het project Kaai 37 voor PROJECT2, een nieuwbouw met 75 appartementen in de Cadixwijk op ’t Eilandje in Antwerpen die in 2017 opgeleverd werd, was toch wel grensverleggend op het vlak van prefab beton. Daarvoor werkten we samen met drie andere architectenbureaus, noAarchitecten, OFFICE Kersten Geers David Van Severen en architecten de vylder vinck taillieu en de ingenieursbureaus Ney & Partners en Boydens Engineering, part of Sweco. Dat gebouw moest voldoen aan
construction de nouveaux bâtiments, quel que soit le matériau utilisé. »
« Diverses initiatives sont prises aujourd'hui pour rendre le béton plus écologique, mais je ne peux pas vraiment dire que le béton préfabriqué avec lequel nous travaillons aujourd'hui soit en quelconque manière plus respectueux de l'environnement que le béton préfabriqué avec lequel nous travaillions il y a quelques années. Nous avons essayé à plusieurs reprises de travailler avec du béton préfabriqué sans acier d'armature, mais cela nécessite de concevoir les éléments en béton comme des arcs afin qu'ils fonctionnent uniquement sous contrainte, ce qui s'est avéré difficile à réaliser dans la pratique, tant sur le plan technique que financier. J'entends beaucoup parler de l'intention de rendre le béton plus écologique, mais je n'ai encore vu que peu de résultats concrets –
pour employer un terme approprié (rires) – dans ce domaine. »
BETON : Y A-T-IL DES POINTS À AMÉLIORER ? COMMENT VOYEZVOUS ÉVOLUER LE BÉTON PRÉFABRIQUÉ À L'AVENIR ?
NIKLAAS DEBOUTTE : « Le béton est capricieux et imprévisible. Parfois, sa couleur est plus claire que souhaité, parfois plus foncée, parfois il présente des nuances. Il est difficile de contrôler cela. Mais cette volatilité fait justement partie de l'identité du béton. »
POUR FINIR, QUELS SONT POUR META QUELQUES PROJETS DE RÉFÉRENCE DANS LE DOMAINE DU BÉTON PRÉFABRIQUÉ ?
NIKLAAS DEBOUTTE : « Le projet Kaai 37 pour PROJECT2, un nouvel immeuble de 75 appartements situé dans le quartier Cadix à 't Eilandje à Anvers, achevé en 2017, a été révolutionnaire dans le domaine du béton préfabriqué.
de Passiefhuisstandaard en we ontwierpen het met een exoskelet van groengrijs prefab beton. Het was op dat moment de eerste keer dat een betonnen exoskelet in een passiefbouw werd toegepast. De prefab betonelementen hadden dan ook bijzondere details teneinde aan de Passiefhuisstandaard te kunnen voldoen.”
“Ook het nieuwbouwproject met vier woon- en werkunits en zo’n 150 m² handelsruimte op de hoek van de Montignystraat en Cuylitstraat in Antwerpen, opgeleverd in 2013, beschouw ik als een referentieproject voor de toepassing van prefab beton. Ook dat gebouw heeft een exoskelet van prefab beton.”
“Een laatste ontwerp waarin prefab beton een belangrijke rol speelde, is Oosterlynck in Wetteren, nu zo’n veertien jaar oud. De gevel van dat appartementsgebouw is opgebouwd uit een reeks van ident ieke, geprefabriceerde, trapeziumvormige betonnen elementen die op verschillende manieren in het gevelvlak werden geplaatst.” (WP) ■
Het door META ontworpen nieuwbouwproject met vier woon- en werkunits en handelsruimte op de hoek van de Montignystraat en Cuylitstraat in Antwerpen, opgeleverd in 2013.
Le projet immobilier conçu par META, comprenant quatre unités résidentielles et professionnelles ainsi qu'un espace commercial, situé à l'angle de la Montignystraat et de la Cuylitstraat à Anvers, a été ach evé en 2013.
Pour ce projet, nous avons collaboré avec trois autres bureaux d'architectes, noAarchitecten, OFFICE Kersten Geers David Van Severen et architecten de vylder vinck taillieu, ainsi qu'avec les bureaux d'ingénieurs Ney & Partners et Boydens Engineering, part of Sweco. Ce bâtiment devait répondre à la norme Passive House et nous l'avons conçu avec un exosquelette en béton préfabriqué vert-gris. C'était la première
fois qu'un exosquelette en béton était utilisé dans une construction passive. Les éléments préfabriqués en béton comportaient donc des détails particuliers afin de répondre à la norme Passive House. »
« Je considère également le complexe immobilier comprenant quatre unités résidentielles et professionnelles et environ 150 m² d'espace commercial
à l'angle de la Montignystraat et de la Cuylitstraat à Anvers, achevé en 2013, comme un projet de référence pour l'utilisation du béton préfabriqué. Ce bâtiment possède également un exosquelette en béton préfabriqué. »
« Une dernière réalisation dans laquelle le béton préfabriqué a joué un rôle important est Oosterlynck à Wetteren, qui a maintenant environ 14 ans. La façade de cet immeuble d'appartements est constituée d'une série d'éléments en béton préfabriqués identiques, de forme trapézoïdale, qui ont été placés de différentes manières sur la surface de la façade. » (WP) ■
META bouwde de gevel van het gebouw Oosterlynck in Wetteren op met een reeks van identieke, geprefabriceerde, trapeziumvormige betonnen elementen die op verschillende manieren in het gevelvlak werden geplaatst.
META a construit la façade du bâtiment Oosterlynck à Wetteren à l'aide d'une série d'éléments préfabriqués identiques en béton de forme trapézoïdale, placés de différentes manières sur la façade.
Het belangrijkste aspect van circulair bouwen is het zo lang mogelijk gebruiken van gebouwen. Om dit mogelijk te maken moeten gebouwen beschikken over een lange levensduur. Essentieel hierbij is een groot aanpassingsvermogen van de gebouwen waardoor ze beter afgestemd kunnen worden op veranderende behoeften van de gebruikers en nieuwe maatschappelijke noden. Hierdoor wordt vroegtijdig slopen en een hoge gebouwleegstand voorkomen. Het aanpassen van gebouwen leidt tot minder afval, een lager verbruik van primaire grondstoffen, minder energieverbruik en minder milieuvervuiling. Aanpasbaarheid is daarom een noodzaak geworden voor een duurzame bebouwde omgeving. Aanpasbaar bouwen vraagt echter een verschuiving in onze ontwerpcultuur, waarbij we een nieuwe visie omarmen waarin gebouwen zo ontworpen worden dat ze eenvoudig aangepast kunnen worden gedurende hun levensduur. Binnen circulair bouwen gaat het ontwerpen voor aanpasbaarheid echter hand in hand met het ontwerpen voor demontage. [1] We moeten namelijk ook goede scenario’s hebben wanneer gebouwen het einde van hun levensduur bere ikt hebben. Hier komen we op terug in één van de volgende edities van BETON. In dit artikel gaan we dieper in op het ontwerpen voor aanpasbaarheid aan de hand van een interessant e casestudy.
Er is veel literatuur beschikbaar met betrekking tot het bevorderen van de aanpasbaarheid van gebouwen. Daarin worden een aantal ontwerpgebaseerde bevorderende factoren gedefinieerd, die hieronder kort besproken worden [2]
1. Ontwerpen in levensduurlagen : Bouwonderdelen met verschillende levensduren moeten in verschillende
onafhankelijke lagen georganiseerd worden zodat ze afzonderlijk vervangen kunnen worden. Gevelelementen moeten bijvoorbeeld gescheiden worden van structurele elementen (balken en kolommen).
2. Toegang tot informatie : Nauwkeurige informatie over de as-built en in-situ toestand van een
gebouw helpt ontwerpers bij aanpassingen en minimaliseert de risico’s.
Building Information Modelling (BIM) is hierbij een krachtig hulpmiddel dat, samen met de komst van materiaal- en productpaspoorten, de digitale databron van gebouwen zal worden.
Concevoir pour l’adaptabilité
L’aspect essentiel de la construction circulaire consiste à utiliser les bâtiments le plus longtemps possible. Pour y parvenir, ils doivent présenter une durée de vie élevée. Cela suppose avant tout une grande capacité d’adaptation, afin de répondre à l’évolution des besoins des utilisateurs et aux nouvelles exigences sociétales. On évite ainsi les démolitions prématurées et la vacance immobilière excessive. L’adaptation des bâtiments génère moins de déchets, réduit la consommation de matières premières, limite la demande énergétique et diminue les impacts environnementaux. L’adaptabilité est donc devenue une nécessité pour un environnement bâti durable. Construire de manière adaptable implique toutefois un changement de culture de conception. Il s’agit d’adopter une vision dans laquelle les bâtiments sont conçus dès l’origine pour être transformés aisément tout au long de leur cycle de vie. Dans une approche circulaire, la conception pour l’adaptabilité va de pair avec la conception pour le démontage. [1] Il est en effet indispensable de prévoir également des scénarios pertinents lorsque l’ouvrage atteint la fin de sa durée d’exploitation. Nous y reviendrons dans une prochaine édition de BETON. Le présent article approfondit la conception pour l’adaptabilité à travers une étude de cas particulièrement i ntéressante.
La littérature consacrée à l’amélioration de l’adaptabilité des bâtiments est abondante. Elle identifie plusieurs facteurs de conception favorisant cette adaptabilité, brièvement présentés c i-après. [2]
1. Conception en couches de durée de vie :
Les composants présentant des durées de vie différentes doivent être organisés en couches indépendantes, afin de pouvoir être remplacés séparément. Les éléments de façade doivent par exemple
être dissociés des éléments structurels (poutres et colonnes).
2. Accès à l’information : Des données précises sur l’état as-built et in situ d’un bâtiment facilitent les adaptations et réduisent les risques pour les concepteurs.
3. Reservecapaciteit :
Structurele elementen met draagkrachtreserve zijn vaak beter in staat om schade te weerstaan, maar ze ondersteunen ook de mogelijkheid om functiewijzigingen met zwaardere belastingsscenario’s in het gebouw te realiseren. Een andere effectieve maatregel voor het verhogen van het aanpassingsvermogen van gebouwen is het voorzien van extra verdiepingshoogte. Deze hoogtereserve kan zowel bij een functiewijziging als bij een aanpassing van de gebouw techniek worden aangewend.
4. Mechanische verbindingen : Het gebruik van mechanische verbindingen maakt het eenvoudig verwijderen en toevoegen van componenten tijdens de
levensduur van een gebouw mogelijk. Er bestaan verscheidene systemen om bijvoorbeeld betonnen gevelpanelen en balken mechanisch te verbinden met betonnen kolommen.
5. Toegankelijkheid :
De levensduur van gebouwtechnieken is korter dan die van de structurele elementen. Om vervanging te vereenvoudigen, moeten ze toegankelijk zijn, bijvoorbeeld in een verlaagd plafond of een verhoogde vloer. Maar ook verbindingen tussen structurele elementen moeten toegankelijk blijven om ze gemakkelijk te kunnen verwijderen indien nodig.
6. Geschikte materialen :
De duurzaamheid van de draagconstructie is cruciaal om de lange
levensduur van het gebouw te verzekeren. Een duurzame constructie wordt in eerste instantie gekenmerkt door de weerstand tegen externe invloeden (o.a. vorst, carbonatatie, chlorideindringing), veroudering, accidentele situaties … De kwaliteit van de geleverde producten speelt hierbij een belangrijke rol.
7. Eenvoud in het ontwerp : Eenvoud binnen een structureel systeem helpt ontwerpers bij eventuele aanpassingen begrijpen welke elementen cruciaal zijn voor de structurele integriteit. Modulariteit en standaardisatie spelen hierbij een belangrijke rol.
8. Open ruimtes :
Open ruimtes, vrij van constructieve belemmeringen, maken het mogelijk om de indeling van de ruimtes aan te passen zonder impact op de bestaande structuur. Dit kan eenvoudig met lichte niet-dragende scheidingswanden.
Dr.-Ing. Christopher Kämereit onderzocht in 2019 hoe het aanpassingsvermogen van een gebouw kan worden verhoogd en
Le Building Information Modelling (BIM) constitue à cet égard un outil puissant qui, combiné aux passeports matériaux et produits, deviendra la source de données numérique du bâtiment.
3. Capacité de réserve : Des éléments porteurs dotés d’une réserve de capacité résistent mieux aux dommages et permettent d’anticiper des changements d’affectation impliquant des charges d’exploitation plus élevées. La prévision d’une hauteur d’étage supplémentaire constitue une autre mesure efficace. Cette réserve de hauteur peut être mobilisée tant lors d’un changement de fonction que lors d’une adaptation des techniques du bâtiment.
4. Assemblages mécaniques :
Le recours à des connexions mécaniques facilite le démontage et l’ajout de composants au cours du cycle de vie. Divers systèmes permettent, par exemple, de relier mécaniquement des panneaux de façade ou des poutres en béton à des colonnes en béton.
5. Accessibilité :
6. Matériaux appropriés :
La durabilité de la structure porteuse est déterminante pour garantir la longévité du bâtiment. Elle se caractérise notamment par la résistance aux agressions extérieures (gel, carbonatation, pénétration des chlorures), au vieillissement et aux situations accidentelles. La qualité des produits livrés joue ici un rôle majeur.
Un système structurel simple permet aux ingénieurs de comprendre rapidement quels éléments sont essentiels à l’intégrité structurelle en cas de transformation. La modularité et la standardisation y contribuent fortement. 3 2 1 0
La durée de vie des techniques spéciales est plus courte que celle des éléments structurels. Afin de simplifier leur remplacement, elles doivent rester accessibles, par exemple via un faux plafond ou un plancher surélevé. Les assemblages entre éléments porteurs doivent eux aussi rester accessibles afin de permettre leur dépose si nécessaire.
7. Simplicité de conception :
Samen bouwen aan een duurzame toekomst
Construire ensemble un avenir durable
De zorg voor veiligheid, gezondheid, milieu en kwaliteit staat in het middelpunt van het Ergon-beleid. Hiervoor beschikt Ergon over diverse kwaliteits- en milieucertificaten.
Au sein d'Ergon, la sécurité, la santé, la qualité et le souci pour l'environnement sont au centre de nos préoccupations. Ergon possède plusieurs certifications environnementales et de qualité.
analyseerde enkele bouwvarianten voor een typische binnenstedelijke hoogbouw. [3] Als referentie werd een traditioneel kantoorgebouw gebruikt met vijf bovengrondse verdiepingen en één ondergrondse (Fig. 1).
De kelder wordt gebruikt voor de plaatsing van technieken en als opslagruimte. Om het energieverbruik tijdens de gebruiksfase laag te houden, werd gekozen voor een compacte constructie waarbij de oppervlakte van de gebouwschil relatief klein is in verhouding tot het volume van het gebouw. Dit resulteerde in een gebouw van 45 m lang en 15 m breed met een hoogte, gemeten vanaf het maaiveld, van 16 m.
De nuttige hoogte (zonder draagvloer) van de verdiepingen bedraagt 2,95 m.
De veranderlijke belasting op de draagvloeren is gelijk aan 3,0 kN/m². Om een flexibele indeling van de verdiepingen mogelijk te maken, werd gekozen voor een skeletconstructie waarvan de horizontale stabiliteit wordt gerealiseerd door twee stijve kernen, één aan elk uiteinde (Fig. 2). In elke kern worden trappen, een liftschacht en twee schachten voor technieken voorzien. In de lengterichting van het gebouw bedraagt de rastermaat 5,0 m.
Fig. 2 – Inplanting stijve kernen alle bouwvarianten / Holle vloerelementen boven tweede verdieping variant 2
Fig. 2 – Implantation des noyaux rigides pour toutes les variantes constructives / Dalles alvéolées au-dessus du deuxième étage variante 2 5,0 m
m
Fig. 3 – Holle vloerelementen boven begane grond variant 2
Fig. 3 – Dalles alvéolées au-dessus du rez-de-chaussée variante 2
8. Espaces ouverts :
Des plateaux libres de contraintes structurelles autorisent une reconfiguration aisée des espaces sans incidence sur la structure existante, au moyen de cloisons légères non porteuses.
En 2019, Dr-Ing. Christopher Kämereit a analysé comment accroître l’adaptabilité d’un bâtiment en étudiant plusieurs variantes constructives pour une tour urbaine typique. [3] Le bâtiment
De plaatsing van binnenkolommen om de overspanning van de vloer te beperken, is omwille van economische redenen verdedigbaar. Om de plaatsing van een centrale gang mogelijk te maken, werd gekozen voor een asymmetrische positie van de binnenkolommen in de dwarsrichting De vloeroverspanningen zijn hierdoor 6,1 m en 8,9 m op alle verdiepingen. De draagvloer is op alle verdiepingen een vlakke plaatvloer. [3] Dit is een gewapende betonplaat die puntsgewijs ondersteund wordt door kolommen, zonder de aanwezigheid van draagbalken. Dit soort vloeren kan perfect uitgevoerd worden met breedplaten.
m
In variant 1 kunnen naast kantoren ook hotel- en woonfuncties worden ondergebracht (Fig. 1). De vrije verdiepingshoogte wordt vastgelegd op 2,75 m waardoor naast traditionele cellenkantoren ook combikantoren en landschapskantoren mogelijk worden. Bovendien wordt rekening gehouden met een verlaagd plafond van 40 cm hoog en een verhoogde vloer van 15 cm hoog.
de référence est un immeuble de bureaux traditionnel comprenant cinq niveaux hors sol et un niveau en sous-sol (Fig. 1) Le sous-sol accueille les techniques et des espaces de stockage. Afin de limiter la consommation énergétique en phase d’exploitation, une forme compacte a été retenue, avec une surface d’enveloppe réduite par rapport au volume. Il en résulte un bâtiment de 45 m de long sur 15 m de large, pour une hauteur de 16 m au-dessus du niveau du sol. La hauteur utile des étages
(hors plancher porteur) est de 2,95 m. La charge d’exploitation des planchers est fixée à 3,0 kN/m². Pour permettre un aménagement flexible des étages, une ossature en béton a été choisie, dont la stabilité horizontale est assurée par deux noyaux rigides situés aux extrémités (Fig. 2) Chaque noyau intègre escaliers, gaine d’ascenseur et deux gaines techniques. L’entraxe longitudinal est de 5,0 m. La présence de colonnes intérieures pour limiter les portées reste économiquement justifiée. Afin d’aménager un couloir central, les colonnes sont disposées de manière asymétrique dans le sens transversal,
Dit resulteert in een nuttige verdiepingshoogte van 3,30 m. De gekozen hoogtereserve vormt een compromis tussen een grote gebruiksflexibiliteit en een beperkte geveloppervlakte. De veranderlijke belasting op de draagvloeren, het type draagvloer en de rastermaten van de skeletconstructie zijn hetzelfde als in het referentiegebouw. Voor het gebruiksscenario ‘wonen’ moet, afhankelijk van de indeling van de plattegrond, rekening gehouden worden met het feit dat enkele ruimtes niet natuurlijk verlicht kunnen worden. Zowel voor het referentiegebouw als voor variant 1 wordt rekening gehouden met een levensduur van 50 jaar. [3]
In variant 2 staat de aanpasbaarheid van de constructie centraal in het ontwerp. De beoogde levensduur van de constructie wordt vastgelegd op 100 jaar. Voor deze variant wordt geëist dat de functies handel en parkeren opgenomen worden in het herbestemmingspotentieel (Fig. 1). De begane grond en de eerste verdieping worden daarom voorbereid op commercieel gebruik met
de bijkomende optie om een foyer te voorzien over deze twee verdiepingen. In de kelder wordt de mogelijkheid gecreëerd om deze te gebruiken als uitbreiding van de winkelruimte op de begane grond. Optioneel moet de kelder ook ingericht kunnen worden als parkeergarage. Het gebouw moet ook uitgebreid kunnen worden met één of twee verdiepingen, zonder ingrijpende structurele aanpassingen aan de primaire structuur. [3]
De tweede, derde en vierde verdieping van variant 2 bestaan uit een skeletconstructie met dezelfde rastermaten als het referentiegebouw en variant 1. In deze zone (zone I) worden de vloeren opgebouwd uit holle vloerelementen die op prefab betonbalken liggen. Deze balken liggen in de lengterichting van het gebouw om conflicten met gebouwtechnieken te vermijden/ verminderen (Fig. 2). De lengte van de vloerelementen bedraagt 5,8 en 8,6 m en de veranderlijke belasting bedraagt 3,0 kN/m² plus 0,8 kN/m² voor de scheidingswanden. De holle vloerelementen hebben een dikte van 26 cm en worden niet voorzien van
een druklaag. De nodige schijfwerking wordt gerealiseerd door wapening in de voegen en een ringanker rondom de vloer. Om lokaal hogere belastingen te kunnen dragen, wordt op elke verdieping in zone I een middenstrook van 3,0 m breed voorzien met een veranderlijke belasting van 6,0 kN/m². Dit biedt de mogelijkheid om bijvoorbeeld een archief of bibliotheek in te richten of om zware machines te plaatsen. De nuttige verdiepingshoogte in zone I is 3,3 m. Dankzij de aanpasbaarheid van de vloerconstructie kunnen vrij eenvoudig openingen gecreëerd worden door middel van raveelconstructies waardoor ook duplex appartementen tot de mogelijkheden behoren. [3]
De begane grond en de eerste verdieping van variant 2 (zone II) worden uitgevoerd zonder binnenkolommen. De nuttige hoogtes van de begane grond en de eerste verdieping zijn respectievelijk 4,1 m en 3,3 m. De veranderlijke belasting van de vloeren boven deze verdiepingen bedraagt 5,0 kN/m². Voor de constructie werd gekozen voor een
générant des portées de 6,1 m et 8,9 m. Le plancher porteur est un plancher-dalle à tous les étages. [3] Il s'agit d'une dalle en béton armé soutenue ponctuellement par des colonnes, sans la présence de poutres porteuses. Cette solution peut être réalisée efficacement au moyen de prédalles.
Dans la variante 1, le bâtiment peut accueillir, outre des bureaux, des fonctions hôtelières et résidentielles (Fig. 1) La hauteur libre est fixée à 2,75 m, permettant aussi bien des bureaux cellulaires que des espaces combinés ou paysagers. Un faux plafond de 40 cm et un plancher technique de 15 cm sont prévus, portant la hauteur utile à 3,30 m. Cette réserve constitue un compromis entre flexibilité d’usage et maîtrise de la surface de façade. Les charges d’exploitation, le type de plancher et la trame restent identiques au bâtiment de référence.
Pour l’affectation résidentielle, certaines pièces peuvent manquer d’éclairage naturel selon le plan. La durée de vie retenue pour le bâtiment de référence et la variante 1 est de 50 ans. [3]
Dans la variante 2, l’adaptabilité est au cœur du concept. La durée de vie cible de la structure est portée à 100 ans. Le potentiel de reconversion inclut les fonctions commerciales et le stationnement (Fig. 1). Le rez-de-chaussée et le premier étage sont préparés pour un usage commercial, avec possibilité d’un foyer sur double hauteur. Le sous-sol peut être intégré à la surface commerciale ou aménagé en parking. Le bâtiment doit également pouvoir être surélevé d’un ou deux niveaux sans intervention lourde sur la structure primaire. [3]
Les deuxième, troisième et quatrième niveaux (zone I) reposent
sur une ossature similaire à celle du bâtiment de référence. Les planchers sont composés de dalles alvéolées reposant sur des poutres en béton préfabriqué orientées longitudinalement afin d’éviter les conflits avec les techniques (Fig. 2). Les portées sont de 5,8 m et 8,6 m. La charge d’exploitation est de 3,0 kN/m², augmentée de 0,8 kN/m² pour les cloisons. Les dalles alvéolées de 26 cm ne reçoivent pas de dalle de compression. Le comportement diaphragme est assuré par l’armature des joints et un chaînage périphérique. Une bande centrale de 3,0 m de large est dimensionnée pour 6,0 kN/m² afin d’accueillir archives, bibliothèque ou équipements lourds. La hauteur utile y est de 3,3 m. Des trémies peuvent être créées aisément via des chevêtres, permettant notamment des duplex. [3]
staal-betonconstructie die bestaat uit staal-betonliggers, stalen liggers, staal-betonkolommen en betonnen vloerplaten. Staal-betonliggers zijn stalen liggers die samenwerken met de betonnen vloerplaat. De staal-betonligger boven de eerste verdieping is een opvangconstructie voor de binnenkolommen van de bovenliggende zone I. De stalen ligger heeft hierdoor een hoogte van 80 cm. De vloerplaat van 24 cm kan uitgevoerd worden als een breedplaatvloer. De mogelijkheid om dergelijke opvangconstructies te voorzien, hangt in belangrijke mate af van het aantal bovenliggende verdiepingen. Het concept bereikt zijn grenzen bij meer dan drie bovenliggende verdiepingen. Een oplossing in dat geval is een constructie zonder binnenkolommen op alle verdiepingen (zie variant 3) of verdiepingshoge balken die weggewerkt worden in een technische verdieping. Voor het overspannen van de begane grond werd niet gekozen voor staal-betonliggers, maar voor stalen liggers van 64 cm hoog in combinatie met holle vloerelementen van 4,9 m lang, die niet voorzien worden van een constructieve
voegvulling en druklaag (Fig. 3). Op die manier kan vrij eenvoudig een willekeurig aantal vloerelementen verwijderd worden, tot zelfs een grote zone inclusief de dragende stalen liggers. Hierdoor kan deze vloer echter geen schijfwerking realiseren. De twee verdiepingen tellende kolommen in zone II moeten daarom gedimensioneerd worden om de horizontale belastingen over te brengen naar de aangrenzende vloeren boven de kelder en de eerste verdieping, waarbij rekening gehouden wordt met een verdubbeling van de kniklengte door het eventueel wegvallen van de stalen liggers boven de begane grond. Deze kolommen zijn ontworpen als staal-betonkolommen bestaande uit stalen dubbel T-profielen die volledig omsloten zijn met beton. In de stalen liggers van zone I worden voldoende grote openingen voorzien
zodat de gebouwtechnieken direct onder de betonnen vloeren voorzien kunnen worden. [3]
Om in de kelderverdieping van variant 2 ook een parkeergarage te kunnen realiseren of om deze verdieping ook bij commercieel gebruik toegankelijk te kunnen maken, zonder het gebruik van de trappen of liften in de stijve kernen, wordt de mogelijkheid gecreëerd om een deel van de vloer boven de kelder te openen. De vloer is ontworpen als een betonnen balkenvloer (h.o.h. afstand balken 5,0 m). [3] De betonplaat kan uitgevoerd worden met breedplaten of holle vloerelementen.
Variant 2 kan uitgebreid worden met één volledige, twee volledige of één volledige en een inspringende verdieping door middel van een vrijdragende constructie die in de
Le rez-de-chaussée et le premier étage (zone II) sont conçus sans colonnes intérieures. Les hauteurs utiles sont respectivement de 4,1 m et 3,3 m. La charge d’exploitation des planchers supérieurs est de 5,0 kN/m². La structure adopte un système mixte acier-béton composé de poutres mixtes, poutres acier, colonnes mixtes et dalles en béton. La poutre mixte au-dessus du premier étage reprend les charges des colonnes de la zone I et atteint 80 cm de hauteur. La dalle de 24 cm peut être réalisée en prédalles. Au-delà de trois niveaux supérieurs, ce concept atteint ses limites; une structure sans colonnes intérieures (variante 3) ou des poutres intégrées dans un étage technique constituent alors des alternatives. Au rez-de-chaussée, des poutres acier de 64 cm combinées à des dalles alvéolées de 4,9 m, sans clavetage ni dalle de compression, permettent de retirer aisément des éléments, voire
une large zone, y compris les poutres. Le plancher ne participe toutefois pas au contreventement horizontal. Les colonnes sur deux niveaux sont dimensionnées pour transmettre les efforts horizontaux vers les planchers adjacents, en tenant compte d’un doublement de la longueur de flambement en cas de suppression des poutres. Ces colonnes sont réalisées en profils métalliques enrobés de béton. Des réservations importantes dans les poutres de la zone I facilitent l’intégration des techniques sous dalle. [3]
Pour pouvoir réaliser un garage dans le sous-sol de la variante 2 ou pour rendre
cet étage accessible à un usage commercial, sans utiliser les escaliers ou les ascenseurs dans les noyaux rigides, la possibilité est créée d'ouvrir une partie du sol au-dessus du sous-sol. Le sol est conçu comme un plancher en poutres en béton (entraxe des poutres de 5,0 m). [3] La dalle peut être exécutée en prédalles ou en dalles alvéolées.
La variante 2 peut être étendue avec un étage complet, deux étages complets ou un étage complet et un étage en retrait par le biais d'une construction autoportante qui porte dans la direction transversale de façade à façade (Fig. 4). Les niveaux en retrait
dwarsrichting draagt van gevel tot gevel (Fig. 4). Inspringende verdiepingen zijn interessante uitbreidingen van woongebouwen vanwege de terugsprong van het gevelvlak, die de creatie van grote terrassen mogelijk maakt. De primaire draagconstructie (kolommen en fundering) is ontworpen voor deze extra belastingen. Voor een uitbreiding met één verdieping bedraagt de veranderlijke belasting van de vloer boven de vierde verdieping 3,0 kN/m². Naast de mogelijkheid om een extra kantoorverdieping toe te voegen, kan deze belastingsreserve worden gebruikt voor de installatie van een groendak of een dakterras in combinatie met een restaurant of bar. Voor een uitbreiding van twee verdiepingen wordt rekening gehouden
met een lagere belastingscategorie (veranderlijke belasting 2,0 kN/m²). De uitbreiding met twee verdiepingen met een veranderlijke belasting van 3,0 kN/m² is in dat geval ook mogelijk, mits in andere verdiepingen compenserende maatregelen genomen worden om de belasting te verminderen. Om de uitbreiding te garanderen moeten ook andere voorzorgsmaatregelen genomen worden zoals de horizontale stabiliteit van de twee stijve kernen en extra schachtruimte voor gebouwtechnieken in de stijve kernen. Bij het uitbreiden met twee verdiepingen wordt de hoogtegrens van 25 m overschreden. Vanuit de wetgeving inzake brandveiligheid moet in het ontwerp dan rekening gehouden worden met eventuele bijkomende verplichtingen
voor hoge gebouwen. [3] Zo zullen alle structuurelementen, inclusief de vloeren, een brandweerstand R 120 moeten hebben [4].
Bij variant 3 wordt afgezien van de binnenkolommen die bij de andere varianten zijn voorzien (Fig. 1) Hierdoor wordt een maximale gebruiksflexibiliteit en ontwerpvrijheid bekomen. De draagvloeren bestaan uit staal-betonliggers, met openingen voor de gebouwtechnieken, en betonnen vloerplaten, bijvoorbeeld breedplaatvloeren. Dit resulteert in een grotere gebouwhoogte door de grotere constructiehoogte van de vrijdragende draagvloeren. Latere vloeropeningen zijn in hun grootte beperkt omdat de betonnen vloerplaten samenwerken
Fig. 5 - Potentiel d'allongement de la durée de vie (1 = variante 1, 2 = variante 2, 3 = variante 3)
favorisent la création de terrasses généreuses. La structure primaire est dimensionnée pour ces charges additionnelles. Pour un niveau supplémentaire, la charge d’exploitation est de 3,0 kN/m², compatible avec un bureau, une toiture végétalisée ou une terrasse avec horeca. Pour une extension de deux étages, on tient compte d'une catégorie de charge inférieure (charge variable 2,0 kN/m²). Des mesures complémentaires sont requises, notamment pour la stabilité horizontale des noyaux et les gaines techniques. Lors de l'extension avec deux étages, la limite de hauteur de 25 m est dépassée.
Selon la législation sur la sécurité incendie, la conception doit donc tenir compte des éventuelles obligations
supplémentaires pour les bâtiments de grande hauteur. [3] Tous les éléments porteurs doivent alors satisfaire à une résistance au feu R 120. [4]
La variante 3 supprime les colonnes intérieures (Fig. 1), maximisant la flexibilité d’aménagement. Les planchers sont constitués de poutres mixtes avec réservations et de dalles en béton, par exemple en prédalles. Cette solution entraîne une hauteur structurelle plus importante. Les ouvertures ultérieures restent toutefois limitées du fait de la collaboration acier-béton. [3] Une alternative consiste en des dalles alvéolées précontraintes de 40 cm avec une dalle de compression de 6 cm, portant de façade à
façade (≈ 15 m). [5] Un faux plafond de 40 cm peut être prévu pour les techniques, pour une hauteur globale comparable à la solution mixte.
Dr-Ing. Christopher Kämereit démontre l’impact positif des concepts modulaires adaptables sur l’empreinte environnementale. La construction d’un bâtiment adaptable génère davantage d’émissions de gaz à effet de serre (GWP – Global Warming Potential). Par rapport à la variante 1, la variante 2 affiche environ 16 % d’émissions supplémentaires, principalement dues à l’augmentation de la masse structurelle. La variante 3 nécessite une augmentation supplémentaire de la
Fig.
met de stalen liggers. [3] De draagvloeren van variant 3 kunnen ook uitgevoerd worden met voorgespannen holle vloerelementen van 40 cm dik, plus een druklaag van 6 cm dik, die in de dwarsrichting dragen van gevel tot gevel (≈ 15 m). [5] Onder de holle vloerelementen kan een vals plafond van 40 cm hoog voorzien worden voor de gebouwtechnieken. De gebouwhoogte in dit geval is vergelijkbaar met de oplossing met staal-betonliggers.
Dr.-Ing. Christopher Kämereit bewijst het positieve effect van aanpasbare modulaire ontwerpconcepten op de milieu-impacten. De bouw van een aanpasbaar gebouw veroorzaakt meer broeikasgasemissies (het GWP – Global Warming Potential).
In vergelijking met variant 1 bedraagt de uitstoot van broeikasgassen van variant 2 ongeveer 16 % meer. De toename is vooral te wijten aan de toename in massa van de dragende structuur. Variant 3 vereist een verdere verhoging van de constructiemassa. In vergelijking met variant 1 stijgt het GWP met ongeveer 27 %. Het potentieel van levensduurverlenging voor het
masse de construction. En comparaison avec la variante 1, le GWP augmente d'environ 27 %. Cependant, lorsque le GWP est rapporté à la durée de vie, le potentiel devient évident. Le surcoût environnemental de la variante 2 est compensé après huit années de prolongation (Fig. 5). Avec une durée de vie de 100 ans, elle réduit le GWP d’environ 42 % par rapport à la variante 1. Pour la variante 3, le point d’équilibre est atteint après quatorze ans, et la réduction à 100 ans avoisine 37 %. [3]
verminderen van het GWP wordt duidelijk zichtbaar wanneer het GWP wordt gerelateerd aan de levensduur van de constructie. De extra milieubelasting die ontstaat bij de bouw van variant 2 verdient zichzelf al terug bij een levensduur verlenging van acht jaar (Fig. 5). Bij een verwachte levensduur van 100 jaar slaagt variant 2 erin het GWP, vergeleken met variant 1, met ongeveer 42 % te verminderen. De hogere milieubelasting van variant 3 wordt bij een levensduurverlenging van veertien jaar terugverdiend (Fig. 5). Ook hier kan bij een verwachte levensduur van 100 jaar een duidelijke vermindering van het GWP ten opzichte van variant 1 bereikt worden, namelijk +/- 37 % minder. [3]
Deze casestudy illustreert duidelijk het potentieel van gebouwen die ontworpen zijn met het oog op een lange levensduur en een hoge mate van aanpasbaarheid. De technische en ontwerpmatige principes om dit te realiseren worden steeds beter begrepen en toegepast. Tegelijk rijst de vraag hoe we kunnen verzekeren dat dit potentieel ook effectief benut wordt
Cette étude de cas illustre clairement le potentiel des bâtiments conçus pour une longue durée d’exploitation et une forte adaptabilité. Les principes techniques et conceptuels sont de mieux en mieux maîtrisés. Reste à garantir que ce potentiel soit effectivement exploité sur toute la durée de vie. Comment inciter maîtres d’ouvrage et propriétaires à investir dans des structures prêtes pour des reconversions futures, alors que les bénéfices immédiats sont limités ? Comment démontrer objectivement la valeur ajoutée de cette approche ? Il convient en outre
gedurende de volledige levensduur van het gebouw. Hoe kunnen opdrachtgevers en gebouweigenaren gestimuleerd worden om te investeren in constructies die voorbereid zijn op toekomstige functiewijzigingen, ook wanneer de directe voordelen zich pas op langere termijn manifesteren? En hoe kan de meerwaarde van deze aanpak op een heldere en objectieve manier worden aangetoond? Daarnaast is het van belang om bij de evaluatie van de milieu-impact verder te kijken dan één enkele indicator zoals het GWP. Enkel door rekening te houden met de volledige levenscyclus en een brede set van milieu-impact indicatoren kunnen bouwmaterialen en constructieconcepten op een eerlijke en evenwichtige manier worden vergeleken. De weg naar ontwerpen voor aanpasbaarheid is duidelijk ingezet, en naarmate de technische oplossingen verder verfijnd worden, ligt er een belangrijke opportuniteit om ook op het vlak van besluitvorming en waardering de voordelen van deze toekomstgerichte ontwerpbenadering verder te verankeren. [BHE] ■
d’évaluer l’impact environnemental au-delà du seul GWP. Seule une analyse du cycle de vie complet, intégrant un ensemble large d’indicateurs, permet une comparaison équilibrée des matériaux et concepts constructifs. La dynamique vers la conception adaptable est engagée. À mesure que les solutions techniques se perfectionnent, une opportunité majeure s’ouvre pour ancrer durablement, dans les processus décisionnels, les avantages de cette approche résolument tournée vers l’avenir. [BHE] ■
Referenties | Références
[1] Adaptability of Buildings - A Critical Review on the Concept Evolution, Askar et al., 2021.
[2] Enabling adaptable buildings: Results of a preliminary expert survey, Ross et al., 2016.
[3] Zur Rolle der Konstruktion in der nachhaltigen Gebäudeplanung, Christopher Kämereit, TU Dortmund, 2019.
[4] Koninklijk Besluit van 20 mei 2022, 'Basisnormen brandpreventie'.
Arrêté Royal du 20 mai 2022, "Normes de base en matière de prévention des incendies".
[5] Brochure Holle vloerelementen, FEBE, 2020.
Brochure Dalles alvéolées, FEBE, 2020.
Prefab betonwanden met indrukwekkende hoogte transformeren eeuwenoude abdij mee tot museum
In het hart van Kortrijk werd de Groeningeabdij, een voormalig cisterciënzerklooster met wortels in de late zestiende eeuw, tussen 2022 en 2025 getransformeerd tot Abby, een museum voor beeldende kunst met ruimte voor ontmoeting, reflectie en samenkomst. De renovatie, naar een ontwerp van Tab Architects, Koplamp en het Spaanse Barozzi Veiga, voorzag ook in een uitbreiding in de vorm van een paviljoen. De muren daarvan zijn dubbele wanden in prefab beton die werden geleverd door Prefaco. “Het paviljoen is 12 meter hoog en de dubbele wanden zijn van het maaiveld tot de nok in één geheel uitgevoerd. Het was een behoorlijk indrukwekkend zicht toen die elementen op de werf toekwamen”, vertelt Bjorn Meuleman, sales engineer b ij Prefaco.
Gebouwd in de laatste jaren van de zestiende eeuw, vormde de Groeningeabdij, ingebed in het historische Begijnhofpark van de Guldensporenstad, twee eeuwen lang de thuisbasis van cisterciënzerzusters. Na verschillende herbestemmingen, onder meer als toeristisch onthaal en een museum over de Guldensporenslag, bleef de site lange tijd een mix van ruïne, tuin en kleinere musea-activiteiten.
Des murs préfabriqués en béton d'une hauteur impressionnante transforment une abbaye séculaire en musée
Au cœur de Courtrai, l'abbaye de Groeninge, une ancienne abbaye cistercienne dont les origines remontent à la fin du XVIe siècle, a été convertie entre 2022 et 2025 en Abby, un musée d'arts plastiques offrant un espace de rencontre, de réflexion et de rassemblement. La réaffectation, conçue par Tab Architects, Koplamp et le cabinet espagnol Barozzi Veiga, prévoyait également une extension sous la forme d'un pavillon. Les murs de celui-ci sont constitués de prémurs en béton préfabriqué fournis par Prefaco. « Le pavillon mesure 12 m de haut et les prémurs ont été réalisés d'un seul tenant, du sol jusqu'au faîte. C'était assez impressionnant de voir ces éléments arriver sur le chantier », se souvient Bjorn Meuleman, sales engineer ch ez Prefaco.
Construite dans les dernières années du XVIe siècle, l'abbaye de Groeninge, nichée dans le parc historique du Béguinage de la ville des Éperons d'or, a été pendant deux siècles le lieu de résidence des sœurs cisterciennes. Après plusieurs réaffectations, notamment en tant qu'accueil touristique et musée consacré à la bataille des Éperons d'or, le site est longtemps resté un mélange de ruines, de jardins et de petites activités muséales.
“De wanden werden langs onder opgevuld met beton om luchtzakken in de structuur uit te sluiten.”
Tot het stadsbestuur van Kortrijk enkele jaren geleden besloot, met steun uit het Fonds voor Culturele Infrastructuur van de Vlaamse overheid, de voormalige abdij te herbestemmen tot een museum voor beeldende kunst van lokale en topnamen uit de
kunstwereld met ook ruimte voor ontmoeting, reflectie en samenkomst, genaamd Abby. Stad Kortrijk initieerde een ontwerpwedstrijd via het Team Vlaams Bouwmeester, die uiteindelijk, in 2020, werd gewonnen door een internationaal team bestaande uit Barozzi Veiga uit Barcelona, het Gentse Tab Architects en Koplamp uit Roeselare.
Hun ontwerp herdefinieert de abdij als een serie kamers met elk een eigen karakter en functie. Een ingetogen, gelaagde aanpak dus, in plaats van een monumentaal statement. De kapel en het zogeheten dormitorium werden hersteld tot hun essentie
Bjorn Meuleman (Prefaco): “Het was een behoorlijk indrukwekkend zicht toen de 12 m hoge elementen op de werf toekwamen.”
Bjorn Meuleman (Prefaco) : « C'était assez impressionnant de voir arriver sur le chantier ces éléments de 12 m de haut. »
– later geplaatste tussenvloeren werden bijvoorbeeld weggehaald om de oorspronkelijke volumetrie weer zichtbaar te maken. Daarnaast bleven in het ontwerp ook delen van de kloostergang en aanpalende abdijgebouwen behouden, net als de historische gevels en dakstructuren. Uiteraard ging het behoud gepaard met restauratie: metselwerk, vloeren, schrijnwerk en kapconstructies werden minutieus gerestaureerd.
Abby, officieel geopend in maart 2025, wordt echter ook gevormd door enkele uitbreidingen van de vroegere abdij. De grootste zit ondergronds, met twee grote nieuwe museumzalen die onder het binnengebied liggen – de ondergrondse situering was een heel bewuste keuze, want de architecten wilden de bovengrondse erfgoedmassa open en leesbaar houden. Daarnaast voorzag het renovatieontwerp ook in enkele nieuwe circulatie- en verbindingsstructuren. Een laatste uitbreiding
Il y a quelques années, la ville de Courtrai a décidé, avec le soutien du Fonds pour les Infrastructures Culturelles du gouvernement flamand, de transformer l'ancienne abbaye en un musée d'arts plastiques dédié aux artistes locaux et aux grands noms du monde de l'art, offrant également un espace de rencontre, de réflexion et de rassemblement, baptisé Abby. La ville de Courtrai a lancé un concours d'architecture via le Team Vlaams Bouwmeester, qui a finalement été remporté en 2020 par une équipe internationale composée de Barozzi Veiga de Barcelone, Tab Architects de Gand et Koplamp de Roulers.
Leur projet redéfinit l'abbaye comme une série de pièces ayant chacune leur propre caractère et leur propre fonction. Il s'agit donc d'une approche sobre et stratifiée, plutôt que d'un geste monumental. La chapelle et le dormitorium ont été restaurés pour retrouver leur essence même.
is een paviljoen in het binnengebied van de abdijsite. Dat fungeert als ontvangst-, ontmoetings- en horecaruimte en als de hedendaagse publieke interface die het project volgens de architecten nodig heeft. Met een vorm waarin de twee lage muren schuin naar elkaar oplopen, refereert het paviljoen aan de steile schuine dakvormen van de abdij, maar toch met een eigen en eigentijdse architecturale identiteit.
BETONNEN PREFAB WANDEN VAN
35 CM DIK
De wanden van het paviljoen, dat een staalstructuur heeft, bestaan uit prefab beton en werden geleverd door Prefaco. “In het ontwerp waren de wanden, 713 m² in totaal, deels voorzien in ter plaatse gestort beton en deels als voorgespannen welfsels, maar dat idee bleek niet uitvoerbaar. Wij werden gecontacteerd door hoofdaannemer
Artes Depret met de vraag of we een oplossing konden bieden waarmee het paviljoen wel gebouwd kon worden, veilig en het liefst ook snel”, begint Bjorn Meuleman, sales engineer bij Prefaco, te vertellen.
Artes Depret kwam niet zomaar per toeval uit bij Prefaco. “De hoofdwerfleider had eerder met ons samengewerkt en wist dat wij waarschijnlijk een efficiëntere oplossing konden voorstellen aan de architecten en ingenieurs”, legt Meuleman uit. “Als deel van de groep CRH België kan
Prefaco immers terugvallen op een studiedienst met heel wat expertise in het uitwerken van alternatieve uitvoeringsmogelijkheden.”
Prefaco zette het initiële ontwerp van de wanden om naar dubbele wanden van 35 cm dik in prefab beton. “Het paviljoen is 12 meter hoog en de dubbele wanden zijn van het maaiveld tot de nok in één geheel uitgevoerd, al dan niet met deur- en/of raamopeningen erin voorzien”, aldus Bjorn Meuleman. “Het was een behoorlijk indrukwekkend zicht toen die elementen op de
Les faux plafonds ajoutés ultérieurement ont par exemple été supprimés afin de rendre visible la volumétrie d'origine. En outre, certaines parties du cloître et des bâtiments adjacents à l'abbaye ont été conservées dans le projet, tout comme les façades et les structures de toiture historiques. Bien entendu, la conservation s'est accompagnée d'une restauration : la maçonnerie, les planchers, la menuiserie et les charpentes ont été minutieusement restaurés.
Abby, officiellement inaugurée en mars 2025, comprend également quelques extensions à l'ancienne abbaye. La plus grande se trouve sous terre, avec deux nouvelles salles de musée spacieuses aménagées sous la cour intérieure. Le choix d'un emplacement souterrain était tout à fait délibéré, car les architectes souhaitaient conserver l'ouverture et la lisibilité du patrimoine en surface. En outre, le projet de rénovation prévoyait également quelques nouvelles structures de circulation et de liaison. Une dernière
De dubbele wanden zijn van het maaiveld tot de nok in één geheel uitgevoerd, al dan niet met deur- en/of raamopeningen erin voorzien.
Les prémurs ont été fabriqués d'un seul tenant, du sol jusqu'au faîte, avec les ouvertures requises pour les portes et/ou les fenêtres.
extension est un pavillon situé dans la zone intérieure du site de l'abbaye. Il sert d'espace d'accueil, de rencontre et de restauration, ainsi que d'interface publique contemporaine dont le projet a besoin selon les architectes. Avec sa forme composée de deux murs bas inclinés l'un vers l'autre, le pavillon fait référence aux toits pentus de l'abbaye, tout en conservant une identité architecturale propre et contemporaine.
MURS PRÉFABRIQUÉS EN BÉTON DE 35 CM D'ÉPAISSEUR
Les murs du pavillon, qui a une structure en acier, sont en béton préfabriqué et ont été fournis par Prefaco. « Dans le projet, les murs, d'une superficie totale de 713 m², devaient être en partie en béton coulé sur place et en partie en dalles alvéolées précontraintes, mais cette idée s'est avérée irréalisable. Nous avons été contactés par
Le pavillon a été construit dans la partie intérieure du site de l'abbaye et sert d'espace d'accueil, de rencontre et de restauration, ainsi que d'interface publique co ntemporaine.
l’entrepreneur Artes Depret, qui nous a demandé si nous pouvions proposer une solution permettant de construire le pavillon de manière sûre et, de préférence, rapide », lance Bjorn Meuleman, sales engineer chez Prefaco.
Artes Depret ne s'est pas adressé à Prefaco par hasard. « Le chef de chantier avait déjà travaillé avec nous et savait que nous pouvions probablement proposer une solution plus efficace aux architectes et aux ingénieurs », explique Bjorn Meuleman. « En tant que membre du groupe CRH Belgique, Prefaco peut en effet s'appuyer sur un bureau d'études disposant d'une grande expertise dans l'élaboration de solutions alternatives. »
Prefaco a converti les murs du concept initial en prémurs de 35 cm d'épaisseur en béton préfabriqué. « Le pavillon
« Les murs ont été remplis de béton en partant du bas afin d'éliminer les poches d'air dans la structure. »
mesure 12 m de haut et les prémurs ont été réalisés d'un seul tenant, du sol au faîte, avec les baies pour les portes et/ou les fenêtres », explique Bjorn Meuleman. « C'était assez impressionnant de voir ces éléments arriver sur le chantier. Je travaille chez Prefaco depuis bientôt 24 ans, mais j'ai rarement vu des éléments en béton préfabriqué de cette taille. Les éléments mesurant jusqu'à environ 3,7 m ont été transportés verticalement, tandis que les murs plus hauts ont été transportés sur le côté et basculés sur le chantier à l'aide d'un cadre basculant. »
Les prémurs ne sont bien sûr pas des produits standard. « Mais nos prémurs ne le sont jamais », précise l'ingénieur commercial. « Chaque élément est conçu et fabriqué sur mesure pour chaque projet, avec des variations au centimètre près. Dans nos deux sites de production, les prémurs sont adaptés aux dimensions du bâtiment, mais aussi à la capacité des grues et à l'accessibilité du chantier. Les tables de production permettent de produire dans deux directions, de sorte que les prémurs de grande hauteur peuvent être fabriqués directement à leur pleine taille. »
Het paviljoen kwam in het binnengebied van de abdijsite en fungeert als ontvangst-, ontmoetings- en horecaruimte en als de hedendaagse publieke interface.
Les murs ont apporté leur lot de détails. Bjorn Meuleman : « Étant donné que les prémurs ont été placés inclinés, un renfort de joint traditionnel n'était pas envisageable. Nous avons pu le remplacer par un joint XFlex coulé à l'avance dans les prémurs, un système innovant intégré en échelle, composé de lamelles sablées renforcées de fibre de verre sur un profilé de support en polypropylène, qui permet de relier mécaniquement les parois entre elles. »
Compte tenu de la hauteur des prémurs, leur remplissage avec du béton s'est également déroulé différemment de la méthode habituelle. « Artes Depret a accepté notre proposition de remplir les prémurs par le bas, en utilisant notre vanne à béton PREVAN », explique l'ingénieur commercial. « Nous l’avons réalisé tous les 3 m, soit à 0, 3, 6 et 9 m de hauteur, sur une largeur d’environ 8 m. Pour cela, il a fallu couler du Stremaform supplémentaire
(un système de coffrage permanent, n.d.l.r.). L'avantage de cette méthode est que l'air peut toujours s'échapper par le haut, ce qui, contrairement au coulage traditionnel, évite la formation de poches d'air emprisonnées qui pourraient affaiblir la structure. Dans un mur d'une telle hauteur, cela est certainement important. L'utilisation de la vanne à béton PREVAN permet également un gain de temps considérable. En principe, un seul ouvrier suffit pour remplir les murs. De plus, celui-ci peut travailler depuis une nacelle élévatrice, plutôt que depuis un échafaudage. »
Bjorn Meuleman s'attarde un peu plus longuement sur le remplissage des prémurs. « Les moules de remplissage ont été délimités à l'aide de métal déployé qui a été ancré dans les deux coques en béton dès la phase de production. Le diamètre de la bague de raccordement de la vanne à béton est de 76 mm, ce qui permet à la vanne de s'adapter à un raccord de pompe urbaine. Contrairement à ce qui se
passe avec une pompe à béton classique, la centrale à béton n'a donc pas besoin de fournir un raccord adapté. Après le remplissage, la vanne est retirée, laissant une surface murale lisse et uniforme. La vanne elle-même peut ensuite être réutilisée pour un prochain trou de pompage. Le béton de remplissage utilisé avait une classe de consistance S5, avec une fluidité supérieure à 220 mm, mesurée à l'extrémité du tuyau de pompage. Cette fluidité élevée était nécessaire pour permettre au béton de s'écouler sur toute la hauteur et dans l'espace étroit entre les couches de béton, compte tenu notamment de la hauteur du mur et de l'espace de travail limité. Là où l'espace de remplissage était plus limité, une granulométrie maximale de 14 mm a été utilisée afin d'éviter les blocages ou les nids de gravier. La fluidité élevée exigeait également une attention particulière pour l'étanchéité : tous les joints et les coffrages de soutien et latéraux devaient être soigneusement colmatés afin d'éviter toute fuite du
De wanden werden mechanisch met elkaar verbonden met een de XFlex-voegverbinding van Prefaco die offsite in de wanden aangebracht werd.
parois ont été assemblées mécaniquement à l'aide d'un joint XFlex de Prefaco, qui a été posé hors site da ns les murs.
werf toekwamen. Ik werk binnenkort 24 jaar bij Prefaco, maar ik heb zelden prefab betonelementen van die grootte gezien. Elementen tot circa 3,7 meter werden verticaal getransporteerd, hogere wanden werden op hun zijkant vervoerd en op de werf gekanteld met een kantelframe.”
De dubbele wanden zijn vanzelfsprekend geen standaardproducten.
“Maar dat zijn onze dubbele wanden nooit”, stelt de sales engineer scherp. “Elk element wordt projectgebonden uitgetekend en geproduceerd, met variaties tot op de centimeter. In onze twee productiesites worden de wanden afgestemd op de gebouwafmetingen, maar evenzeer op de kraancapaciteit en de toegankelijkheid van de werf. De productietafels laten toe om in twee richtingen te produceren, zodat hoge wanden op volle hoogte vervaardigd kunnen worden.”
BIJZONDERE DETAILLERING EN OPVULLEN LANGS ONDER
De wanden brachten de nodige detaillering mee. Bjorn Meuleman: “Aangezien de dubbele wanden onder een helling werden geplaatst, was een traditionele voegwapening geen optie. Die hebben we kunnen vervangen door een op voorhand in de dubbele wanden ingestorte XFlex-voegverbinding, een innovatief ingebouwd laddervormig systeem van ons dat bestaat uit gezandstraalde glasvezelversterkte lamellen op een draagprofiel van polypropyleen waarmee de wanden mechanisch met elkaar verbonden kunnen worden.”
en op 3, 6 en 9 meter hoogte, telkens op een breedte van zo’n 8 meter –daarvoor diende extra Stremaform (een permanent bekistingssysteem, red.) te worden ingestort. Het voordeel van die methode is dat de lucht dan altijd langs boven kan ontsnappen, waardoor je in tegenstelling tot traditioneel instorten geen kans hebt op ingesloten luchtzakken die de structuur kunnen verzwakken. In een muur van dergelijke hoogte is dat zeker belangrijk. Werken met de PREVAN-betonklep levert ook aanzienlijke tijdswinst op. En in principe volstaat één arbeider om de wanden te vullen. Die kan bovendien gewoon vanop een hoogtewerker werken, in plaats vanop een stelling.”
Gezien de hoogte van de dubbele wanden verliep ook het opvullen ervan met beton anders dan gebruikelijk. “Artes Depret ging akkoord met ons voorstel om de wanden op te vullen langs onder, door gebruik te maken van onze PREVAN-betonklep”, legt de sales engineer uit. “Dat deden we om de 3 meter – dus op 0 meter hoogte
Meuleman gaat nog wat dieper in op het vullen van de dubbele wanden. “De opvulmoten werden afgebakend met strekmetaal dat reeds tijdens de productie in beide betonschillen werd verankerd. De diameter van de aansluitingsring van de betonklep bedraagt 76 mm, waardoor de klep op een citypompaansluiting past.
Ook in dit project waren de dubbele wanden in prefab beton maatwerk voor Prefaco. Dans ce projet également, les prémurs en béton préfabriqué ont été fabriqués sur mesure par Prefaco.
De dubbele wanden in prefab beton werden in een helling geplaatst.
Les prémurs en béton préfabriqué ont été placés inclinés.
In tegenstelling tot wat bij een klassieke betonpomp het geval is, moet de betoncentrale dus geen passend verloopstuk voorzien. Na het opvullen wordt de klep verwijderd, waardoor een strak en glad wandoppervlak overblijft. De klep zelf is nadien opnieuw inzetbaar bij een volgend pompgat. Het gebruikte vulbeton had een consistentieklasse S5, met een vloeibaarheid van meer dan 220 mm – gemeten aan het einde van de pompdarm. Die hoge vloeibaarheid was noodzakelijk om het beton over de volledige hoogte en in de smalle spouw tussen de betonschillen te laten uitvloeien, zeker gezien de wandhoogte en de beperkte werkruimte. Waar de opvulruimte beperkter was, werd een maximale korrelgrootte van 14 mm gehanteerd om blokkeringen of grindnesten te vermijden. De hoge vloeibaarheid vroeg tegelijk om extra aandacht voor de afdichting: alle voegen en ondersteunende en zijdelingse bekistingen moesten
zorgvuldig worden afgekit om lekkage van het vulbeton te voorkomen. Onderaan werden de wanden aan beide zijden degelijk vastgezet om de tijdelijke stortdruk op te vangen.”
De dubbele wanden in prefab beton hebben op sommige plaatsen een dragende functie, elders worden ze gebruikt als opvulwand tussen de staalstructuur. Ze werden afgewerkt met donkere baksteen.
IN DE PRIJZEN
Bjorn Meuleman blikt met warme gevoelens terug op het project. “Het was constructief samenwerken met Artes Depret. De aannemer én het studiebureau, Sileghem & Partners, konden het ten zeerste appreciëren dat we oplossingen aanreikten daar waar nodig. En uiteraard zijn we ook bijzonder fier op het eindresultaat”, besluit hij.
béton de remplissage. Au bas, les murs ont été solidement maintenus des deux côtés afin d'absorber la pression temporaire du coulage.
Les prémurs en béton préfabriqué ont une fonction porteuse à certains endroits, tandis qu'à d'autres, ils servent de remplissage de la structure en acier. Ils ont été finis avec une br ique sombre.
PRIMÉ
Bjorn Meuleman garde un excellent souvenir de ce projet. « La collaboration avec Artes Depret a été très constructive. L'entrepreneur et le bureau d'études Sileghem & Partners ont beaucoup apprécié que nous leur proposions des solutions là où cela était nécessaire. Et bien sûr, nous sommes
De dubbele wanden hebben een dikte van 35 cm. Les prémurs ont une épaisseur de 35 cm.
également très fiers du résultat final », conclut-il.
À juste titre. Niché dans le parc historique du Béguinage, Abby donne un nouvel élan au patrimoine, à l'art et à l'expérience urbaine. Le projet symbolise sans aucun doute une reconversion audacieuse et techniquement responsable du patrimoine en infrastructure culturelle contemporaine.
Des qualités qui ont également été reconnues par de véritables connaisseurs : Abby a été élu Musée de l'année 2025 par le public du Pass Musées – une indication de la résonance du projet dans le monde muséal – a fait l'objet d'une grande attention dans les publications internationales d'architecture et a remporté des prix pour la qualité spatiale et l'intégration patrimoniale.
Il n'est donc pas surprenant que le projet occupe une place centrale dans la candidature de Courtrai au titre de Capitale Européenne de la Culture 2030. (WP) ■
En terecht. Ingebed in het historische Begijnhofpark geeft Abby een nieuwe impuls aan erfgoed, kunst en stedelijke beleving. Het project staat zonder meer symbool voor een gedurfde, technisch verantwoorde reconversie van erfgoed tot hedendaagse cultuurinfrastructuur.
Kwaliteiten die ook werden erkend door echte kenners: Abby werd verkozen tot Museumgebouw van het Jaar 2025 door het publiek van Museumpas – een indicatie van de resonantie van het project in de museumwereld, ontving heel wat aandacht in internationale architectuurpublicaties, en won prijzen voor ruimtelijke kwaliteit en erfgoedintegratie.
Het mag dan ook niet verbazen dat het project een centrale plaats inneemt in de kandidatuur van Kortrijk als Europese Culturele Hoofdstad 2030. (WP) ■
De dubbele wanden hebben op sommige plaatsen een dragende functie, elders worden ze gebruikt als opvulwand tussen de staalstructuur.
Les prémurs ont une fonction porteuse à certains endroits, tandis qu'à d'autres, elles servent de remplissage entre la structure en acier.
STUDIEBUREAU | BUREAU D’ÉTUDES : Sileghem & Partners Architecten en Ingenieurs bv
PREFAB BETON | BÉTON PRÉFAB : Prefaco nv
KERNCIJFERS | CHIFFRES CLÉS :
• Dubbele wanden | Prémurs : 713 m²
• Dikte dubbele wanden | Épaisseur des prémurs : 35 cm
• Hoogte dubbele wanden | Hauteur des prémurs : 12 m
Shaping architectural dreams in concrete.
Als expert in high-end prefab betonelementen leveren we esthetisch uitmuntende en technisch hoogstaande kwaliteit. Vervaardigd met vakmanschap, telkens op maat. Voor architect, bouwheer en aannemer.
En tant qu’experts en éléments préfabriqués en béton haut de gamme, nous allions l’excellence esthétique à la haute qualité technique. Fabriqué avec savoir-faire, entièrement sur mesure. Pour les architectes, les maîtres d’ouvrage et les entrepreneurs.
meer info op plus d’infos sur www.decomo.be
Betonnieuws
L'actu du béton
SIKA OPENT NIEUWE
PRODUCTIESITE VOOR
HULPSTOFFEN IN HAM
Sika opende op 28 januari een nieuwe, ultramoderne productiesite voor betonhulpstoffen in Ham. Sika is steunend lid van FEBE. De fabriek produceert hulpstoffen voor de Benelux-markt en versterkt de regionale productiecapaciteit van de groep, terwijl de nabijheid tot klanten ook de levertijden verkort.
Naast productie omvat de site een lokaal onderzoeksen ontwikkelingscentrum waar oplossingen op maat worden ontwikkeld in samenwerking met beton- en cementproducenten uit de regio. Met innovatieve systemen voor waterbeheer en afvalreductie draagt de installatie bovendien bij aan de duurzaamheidsdoelstellingen van Sika.
Meer info: bel.sika.com
CURSUS IE-NET:
bouwen met prefab beton
De voorbije maanden organiseerde FEBE, samen met ie-net en BBG, een reeks lessen rond bouwen met prefab beton. Ingenieurs en bouwprofessionals kregen er een introductie in het ontwerpen en berekenen van prefab betonconstructies.
Tijdens de opleiding kwamen verschillende constructietypes aan bod, van portaal- en skeletstructuren tot wandconstructies. Daarbij ging bijzondere aandacht naar stabiliteit en naar de manier waarop prefab elementen samen één coherent geheel vormen. Ook kwaliteit en veiligheid stonden centraal, met aandacht voor normalisatie en het belang van BENORgecertificeerde producten.
De cursus werd afgesloten met twee werfbezoeken, waar de deelnemers konden zien hoe prefab beton in de praktijk wordt toegepast. Zo werd de theorie meteen tastbaar.
SIKA INAUGURE UN NOUVEAU SITE DE
PRODUCTION
D’ADJUVANTS À HAM
Sika a inauguré le 28 janvier un nouveau site de production ultramoderne d’adjuvants pour béton à Ham. Sika est membre de soutien de la FEBE. L’usine produira des adjuvants destinés au marché du Benelux, renforçant la capacité de production régionale et réduisant les délais d’approvisionnement grâce à la proximité avec les clients.
Le site comprend également un centre local de recherche et développement où des solutions sur mesure sont développées en collaboration avec les producteurs régionaux de béton et de ciment. Des systèmes innovants de gestion de l’eau et de réduction des déchets contribueront par ailleurs aux objectifs de durabilité du groupe.
Plus d’informations : bel.sika.com
COURS IE-NET : construire en béton préfabriqué
Ces derniers mois, la FEBE a organisé, en collaboration avec ie-net et le GBB, une série de cours consacrés à la construction en béton préfabriqué. Des ingénieurs et professionnels de la construction y ont reçu une introduction à la conception et au calcul de structures en béton préfabriqué.
La formation a abordé différents types de structures, des portiques et structures squelettiques aux structures murales. Une attention particulière a été portée à la stabilité et à la manière dont les éléments préfabriqués s’assemblent pour former un ensemble cohérent. La qualité et la sécurité ont également occupé une place centrale, notamment à travers la normalisation et l’importance des produits certifiés BENOR.
La formation s’est clôturée par la visite de deux chantiers réalisés entièrement en béton préfabriqué, permettant aux participants de découvrir l’application concrète de la théorie sur le terrain.
L'actu du béton
Bezoek aan DEVAGRO: op zoek naar duurzamer beton
Op woensdag 25 februari trokken de leden van de productgroepering FEBEFAST richting Devagro Beton & Recyclage voor een blik achter de schermen van hun productie- en recyclageactiviteiten. Deze aannemer zet sterk in op circulair bouwen en onderzoekt actief hoe de CO₂-voetafdruk van beton verder omlaag kan. Een thema dat ook bij de prefab sector volop leeft.
Tijdens een boeiende presentatie leerden de deelnemers hoe betongranulaten kunnen worden verrijkt met CO₂. Door de kalk in de betonpuingranulaten chemisch te binden met CO₂ uit de industrie, kan een deel van die uitstoot permanent worden vastgelegd. Een veelbelovende techniek, al blijven er nog praktische uitdagingen rond bijvoorbeeld het veilig transport van CO₂ onder druk. Tegelijkertijd sleutelt Devagro in het labo aan een andere route: het ontwikkelen van nieuwe en duurzamere gronden hulpstoffen voor beton. De onderzoekers laten geen enkele piste onbenut om beter, sterker en ecologischer beton te maken, ook met het oog voor de toekomst.
De bezoekers keerden huiswaarts met veel nieuwe inzichten en inspiratie. Het werd een leerrijke namiddag vol frisse ideeën over hoe de betonsector verder kan bouwen aan een klimaatvriendelijke toekomst.
Visite chez DEVAGRO : à la recherche d’un béton plus durable
Le mercredi 25 février, les membres du groupe de produits FEBEFAST se sont rendus chez Devagro Beton & Recyclage pour découvrir les coulisses de leurs activités de production et de recyclage. Cet entrepreneur mise résolument sur la construction circulaire et étudie activement comment réduire davantage l’empreinte CO₂ du béton. Un enjeu qui mobilise fortement le secteur du béton préfabriqué.
Lors d’une présentation particulièrement instructive, les participants ont découvert comment les granulats de béton recyclé peuvent être enrichis en CO₂. En liant chimiquement la chaux contenue dans les granulats recyclés avec du CO₂ issu de l’industrie, il devient possible de fixer durablement une partie de ces émissions. Une technique prometteuse, même si des défis pratiques subsistent, notamment en ce qui concerne le transport sécurisé du CO₂ sous pression.
Parallèlement, Devagro travaille en laboratoire sur une autre piste : le développement de nouvelles matières premières et d’adjuvants plus durables pour le béton. Les chercheurs explorent toutes les voies possibles pour produire un béton plus performant, plus résistant et plus écologique, avec une vision tournée vers l’avenir.
Les visiteurs sont repartis avec de nombreuses nouvelles perspectives et une bonne dose d’inspiration. Un aprèsmidi riche en enseignements, nourri d’idées fraîches sur la manière dont le secteur du béton peut continuer à bâtir un avenir plus respectueux du climat.
Experimenteel Beton (BE)
toont vernieuwing in prefab beton op Architect@Work 2026
Architect@Work vormt jaarlijks een referentiepunt voor architecten die hun kennis en praktijk verruimen met nieuwe materialen en constructieve technieken. Ook in 2026 is Experimenteel Beton opnieuw aanwezig op de beurs in Tour & Taxis, Brussel (20–21 mei). De beursstand “INSTALLATION by Febelarch x Febelcem” biedt een uniek platform waar architecten en betonspecialisten samen onderzoek doen naar alternatieve manieren om beton te ontwerpen, te detailleren en te realiseren.
Tijdens deze editie worden de resultaten gepresenteerd van de Workshop Experimenteel Beton, waarin de deelnemers experimenteerden met de duurzaamheid en levenscyclus van prefab beton. De studie richtte zich op de vraag hoe vormgeving, oppervlaktetechniek en verbindingsmethoden kunnen bijdragen aan een langere functionele én esthetische levensduur van betonelementen. Daarbij werden innovatieve benaderingen getest rond adaptief gebruik, omkeerbare assemblages en materiaalhergebruik.
De getoonde prototypes zijn bewust niet afgewerkt, maar fungeren als laboratoriumobjecten: tastbare experimenten die aanzetten tot discussie over circulariteit, veroudering en de expressieve potentie van beton. Bezoekers kunnen onder meer kennismaken met projecten als Bionest, Adaptief, (De)Montabel, Generatief en Suminagashi.
Experimenteel Beton is een initiatief van Febelarch en Febelcem, uitgewerkt naar een concept van Hans Köhne en Siebe Bakker.
Geïnteresseerd om als ontwerper deel te nemen aan de volgende editie van Experimenteel Beton? Scan de QR-code en schrijf u in om uitgenodigd te worden.
Béton Expérimental (BE)
présente l’innovation dans le béton préfabriqué à Architect@Work 2026
Chaque année, Architect@Work constitue un rendez-vous de référence pour les architectes qui souhaitent enrichir leur pratique avec de nouveaux matériaux et techniques constructives. En 2026, Béton Expérimental sera à nouveau présent au salon à Tour & Taxis, à Bruxelles (20–21 mai). L’espace d’exposition “INSTALLATION by Febelarch x Febelcem” offre une plateforme unique où architectes et spécialistes du béton explorent ensemble d’autres façons de concevoir, détailler et mettre en œuvre le béton.
Lors de cette édition, les résultats du Béton Expérimental seront présentés. Les participants y ont expérimenté la durabilité et le cycle de vie du béton préfabriqué. L’étude s’est concentrée sur la manière dont la conception, les techniques de surface et les méthodes d’assemblage peuvent contribuer à prolonger la durée de vie fonctionnelle et esthétique des éléments en béton. Dans ce cadre, des approches innovantes ont été testées autour de l’usage adaptatif, des assemblages réversibles et du réemploi des matériaux.
Les prototypes présentés ne sont volontairement pas achevés : ils fonctionnent comme des objets de laboratoire, des expérimentations tangibles qui alimentent la réflexion sur la circularité, le vieillissement et le potentiel expressif du béton. Les visiteurs pourront notamment découvrir des projets tels que Bionest, Adaptief, (De)Montabel, Generatief et Suminagashi.
Béton Expérimental est une initiative de Febelarch et Febelcem, développée à partir d’un concept de Hans Köhne et Siebe Bakker.
Vous souhaitez participer, en tant que concepteur, à la prochaine édition de Béton Expérimental ? Scannez le QR code et inscrivez-vous pour recevoir une invitation.
Groep Verhelst (1925 )
Een eeuw vakmanschap
DEEL 4
met prefab beton als fundament
Er zijn maar weinig sectoren met zo'n rijke geschiedenis als de betonindustrie.
FEBE verdedigt al bijna negentig jaar de belangen van de prefab betonsector in België. In deze rubriek duiken we in de geschiedenis van onze leden, van de oudste tot de nieuwste. We trappen jaargang 2026 af met Groep Verhelst, een familiebedrijf pur sang dat vorig jaar honderd kaarsjes mocht uitblazen. De productie van prefab beton vormt er van oudsher een belangrijk onderdeel van het gediversifieerde activiteitenpakket.
De wortels van Groep Verhelst gaan terug tot 1925, met pater familias Albéric Verhelst als oprichter. Door na de bouw van het hoofdkantoor in Oudenburg (1962) te investeren in de opening van extra vestigingen en enkele
Kathleen Verhelst: “Prefab beton zit echt in ons DNA.”
strategische acquisities kende de bouwmaterialenpoot van de onderneming een forse groei. In de jaren ‘90 deed de vierde generatie haar intrede, met Kathleen Verhelst die in 2002 de leiding kreeg over Verhelst Bouwmaterialen. In 2019 kocht ze het moederbedrijf met alle productie-, handels- en logistieke activiteiten van de groep, inclusief de aanverwante bedrijven voor natuursteenmaatwerk en de realisatie van chapes en betegeling. Dit markeerde het ontstaan van ‘Groep Verhelst’. Vandaag bekleedt deze multispecialist in bouwmaterialen een leidende positie binnen de sector, met drie productievestigingen en ondertussen maar liefst elf handelslocaties in heel Vlaanderen.
Echte trendsetter
Prefab beton is een belangrijke rode draad doorheen de rijke geschiedenis van
Groep Verhelst (1925)
PARTIE 4
Un siècle de savoir-faire fondé sur le béton préfabriqué
Peu de secteurs ont une histoire aussi riche que celle de l'industrie du béton. Depuis près de 90 ans, la FEBE défend les intérêts du secteur du béton préfabriqué en Belgique. Dans cette rubrique, nous nous plongeons dans l'histoire de nos membres, des plus anciens aux plus récents. Nous démarrons l'année 2026 avec Groep Verhelst, une entreprise familiale pur sang qui a fêté ses cent ans l'année dernière. La production de béton préfabriqué constitue depuis toujours une partie importante de ses multiples activités.
Les origines du Groupe Verhelst remontent à 1925, avec le père fondateur Albéric Verhelst. Après la construction du siège social à Oudenburg (1962), la branche matériaux de construction de l'entreprise connaît une forte croissance grâce à l'ouverture d’implantations supplémentaires et quelques acquisitions stratégiques. Dans les années 90, la quatrième génération fait son entrée, avec Kathleen Verhelst qui prend la direction
de Verhelst Bouwmaterialen en 2002. En 2019, elle rachète la société mère avec toutes les activités de production, commerciales et logistiques du groupe, y compris les entreprises apparentées spécialisées dans la taille de pierre naturelle et la réalisation de chapes et de carrelages. Ceci marque la création du " Groep Verhelst ". Aujourd'hui, ce multispécialiste des matériaux de construction occupe une position de leader dans
le secteur, avec trois sites de production et pas moins de onze implantations commerciales dans toute la Flandre.
Un véritable précurseur
Le béton préfabriqué est un fil rouge important dans la riche histoire de Groep Verhelst. Sa production devient rapidement un chapitre essentiel de son succès, des hourdis aux prédalles, en passant par les prémurs, les escaliers en béton et les éléments de balcon en béton architectonique. « Le béton préfabriqué fait vraiment partie de notre ADN », explique Kathleen Verhelst. « Saviez-vous d'ailleurs que c'est mon grand-père qui a introduit les prédalles en Belgique à l'époque ? Il a ainsi été un véritable précurseur. »
Groep Verhelst. De productie ervan groeide al snel uit tot een essentieel hoofdstuk in zijn succesverhaal –van gewelven over predallen, dubbele wanden en betontrappen tot balkonelementen in architectonisch beton. “Prefab beton zit echt in ons DNA”, vertelt Kathleen Verhelst. “Wist je overigens dat het mijn grootvader was die de predallen destijds geïntroduceerd heeft in België? Daarmee was hij een echte trendsetter.”
In 1994 werd Groep Verhelst de nummer één op de Belgische markt dankzij de ingebruikname van een hoogtechnologische computergestuurde ‘predallencarrousel’. Twee jaar later volgde een volledig nieuwe productie-eenheid voor architectonisch beton en betontrappen, waarvoor in 2000 nog een extra betoncentrale werd aangekocht. In 2009 begon de onderneming naast standaardelementen met een breedte van 2,40 meter
ook predallen van 3 meter breed te produceren, evenals dubbele wanden. In 2016 volgde de oprichting van een nieuwe prefab afdeling in Deerlijk (via de overname van Prefadim) en in 2023 verrezen in Oudenburg een nieuwe betoncentrale en een fabriekshal voor architectonisch beton.
Continu investeren
Vandaag geloven ze bij Groep Verhelst nog steeds rotsvast in het prefab verhaal. “Zo broeden we alweer op een toekomstgerichte nieuwe betoncentrale voor predallen, zodat we innovatieve en duurzame betonmengsels aankunnen”, zegt Kathleen. “Kortom: we investeren continu in de uitbreiding en optimalisatie van onze productie. Prefab beton is en blijft nu eenmaal een van de dankbaarste bouwmaterialen. Zowel voor architecten als aannemers is het een schitterend product om mee te werken,
De productie van prefab beton – van gewelven over predallen, dubbele wanden en betontrappen tot balkonelementen in architectonisch beton – is een essentieel hoofdstuk in het succesverhaal van Gro ep Verhelst. La production de béton préfabriqué – des hourdis aux prédalles, en passant par les prémurs, les escaliers en béton et les éléments de balcon en béton architectonique – est un chapitre essentiel de la réussite de Gro ep Verhelst.
En 1994, Groep Verhelst devient le numéro un sur le marché belge grâce à la mise en service d'un " carrousel à prédalles " hautement technologique et commandé par ordinateur. Deux ans plus tard, l'entreprise met également en place une toute nouvelle unité de production pour le béton architectonique et les escaliers en béton, pour laquelle une centrale à béton supplémentaire est acquise en 2000. En 2009, elle commence à produire, outre des éléments standard d'une largeur de 2,40 mètres, des prédalles de 3 mètres de large, ainsi que des prémurs. En 2016, un nouveau département préfabriqué est créé à Deerlijk (via l'acquisition de Prefadim) et en 2023, une nouvelle centrale à béton et un hall de production pour le béton architectonique voient le jour à Oudenburg.
zeker in combinatie met onze bouwtechnische expertise, kwaliteit en klantgerichte service.”
Ook duurzaamheid staat hoog op de prioriteitenlijst van Groep Verhelst. “Denk onder meer aan CO2-negatief beton, circulaire grondstoffen, alternatieve bindmiddelen enzovoort”, legt Kathleen Verhelst uit. “Aangezien prefab beton nog lang een belangrijke rol zal spelen, willen we mee zijn met alle mogelijke evoluties, ook op esthetisch vlak. Bovendien zet onze prefab afdeling in op het gebruik van digitale tools en AI-software. Net als de technologie staan we dus allerminst stil en kijken we de toekomst positief tegemoet. Verhelst Groep is een familiebedrijf in hart en nieren, en dat zal zeker zo blijven. Mijn kinderen zijn intussen aan het warmlopen om te gepasten tijde het stokje van me over te nemen.” (TJ) ■
Investir en permanence
Aujourd'hui, Groep Verhelst croit toujours profondément au potentiel du préfabriqué. « Nous investissons actuellement dans une nouvelle centrale à béton tournée vers l'avenir pour la production de prédalles, afin de pouvoir proposer des mélanges de béton innovants et durables », explique Kathleen. « En bref, nous investissons en permanence dans l'extension et l'optimisation de notre production. Le béton préfabriqué reste l'un des matériaux de construction les plus gratifiants. C'est un produit formidable à utiliser, tant pour les architectes que pour les entrepreneurs, surtout lorsqu'il est associé à notre expertise technique, à notre qualité et à notre service orienté client ».
La durabilité figure également en tête des priorités de Groep Verhelst. « Je pense notamment au béton à empreinte carbone négative, aux matières premières circulaires, aux liants alternatifs, etc. », explique Kathleen Verhelst. « Étant donné que le béton préfabriqué continuera à jouer un rôle important, nous voulons être à la pointe de toutes les évolutions possibles, y compris sur le plan esthétique. Par ailleurs, notre département préfabriqué mise sur les outils numériques et les logiciels d'IA. Tout comme la technologie, nous ne restons donc pas immobiles et nous restons optimistes quant à l'avenir. Verhelst Groep est une entreprise familiale dans l'âme, et cela restera certainement le cas. Entre-temps, mes enfants se préparent à prendre la relève en temps voulu. » (TJ) ■
PROGRESS GROUP www.progress.group info@echoprecast.com
SIKA BELGIUM nv bel.sika.com info@be.sika.com
VAN DER BLIJ BV www.vanderblij.nl verkoop@vanderblij.nl
VVM nv www.vvmcem.be info@vvmcem.be
WHITEBOX bv www.rfem.be info@rfem.be
XELLA nv www.xella.be ytong.be@xella.com
THE SEASONING OF CONCRETE
Net zoals zout en peper het beste in een gerecht naar boven halen, halen betonhulpstoffen het beste uit beton.
Tout comme le sel et le poivre révèlent le meilleur d’un plat, les adjuvants révèlent tout le potentiel du béton.
Kleine toevoegingen die een groot verschil maken
De petites additions qui font toute la différence
SUSTAINABLY IMPACTFUL
SUSTAINABLY SIKA SIKA presents a cutting‑edge production unit for concrete admixtures. Supported by our own dedicated truck fleet, we deliver logistical flexibility.
Klaar om uw projecten naar een hoger niveau te tillen. Prêt à porter vos projets à un niveau supérieur.
www.sika.be
Contacteer onze Sika Experts
Contactez nos Experts Sika
Duurzame, betrouwbare ontkistingsmiddelen voor een perfect resultaat en veilig voor mens en milieu.
Des agents de démoulage durables et fiables pour un résultat parfait, sûrs pour l’homme et l’environnement.