IMMATERIEEL ERFGOED
EEN SCHRIFTELIJKE NEERSLAG VAN LEVENDE TRADITIES
SCHIPPER MAG IK OVERVAREN? Met Schipper mag ik overvaren? En 99 andere kinderliedjes van hier en elders om samen te ontdekken toont CEMPER (Centrum voor Muzieken Podiumerfgoed) de rijkdom aan kinderliedjes die in Vlaanderen en Nederland gezongen worden. Maar hoe werd de erfgoedinsteek bewaard en welke drempels werden daarbij overwonnen? Anaïs Verhulst, Sarah Masson en Debora Plouy
CEMPER kreeg in 2020 de vraag van Uitgeverij Lannoo om materiaal voor een boek aan te leveren: 100 liedjes met tekst, partituur, weetjes en speelse illustraties van Puck Koper. Kinderliedjes staan heel dicht bij de mensen; het repertoire bestaat al heel lang en is breed bekend. Toch is de beleving ervan vaak erg persoonlijk. Voor CEMPER was de publicatie de ideale gelegenheid om immaterieel erfgoed op een laagdrempelige manier bij het publiek bekend te maken. Hiervoor hielden de auteurs de volgende doelstellingen voor ogen:
• Het boek toont de diversiteit in de hedendaagse maatschappij. • De selectie van de liedjes komt participatief tot stand. • In de uitwerking van de partituren, teksten, weetjes en illustraties is er voldoende aandacht voor het dynamische karakter van het erfgoed en een correcte representatie van de bijbehorende tradities.
14
Na twee jaar nauw samenwerken met erfgoedgemeenschappen, weloverwogen keuzes en interactie tussen auteurs, illustrator en uitgeverij is het resultaat een verzameling van 100 liedjes in 33 talen. We tonen graag hoe we te werk gingen en welke uitdagingen we tegenkwamen.
Uitdaging 1: samenwerken Met alle auteurs, medewerkers van Lannoo, de illustrator, geïnterviewden en geraadpleegde experts opgeteld werkten er meer dan 100 mensen mee aan Schipper mag ik overvaren? Hun input was van onschatbare waarde, al bracht het ook enkele uitdagingen met zich mee.
CREËER EEN NETWERK
Immaterieel erfgoed wordt gedragen door brede en diverse gemeenschappen. Daarom vroegen we verschillende mensen tijdens interviews naar liedjes die zij belangrijk vinden. Ze zongen liedjes uit hun dagelijks leven of lieten er een opname van horen. Verder vertelden ze over de betekenis en context ervan. Die informatie vormde de inhoudelijke basis van het boek.