Skip to main content

levenslichtb

Page 1

hoofdstuk 1

Paul Southerly lag heerlijk te slapen, zich niet bewust van de twee in donkere kleding gehulde mannen die door de brede gang in zijn huis naar zijn slaapkamer slopen. Het was al verbazingwekkend genoeg dat hij zo rustig sliep. Southerly stond op het punt om bevorderd te worden tot Surgeon General, de hoogste positie in Amerika op het gebied van gezondheidszorg. De president had hem persoonlijk voorgedragen voor deze prestigieuze baan. Morgen zou in de Senaat het publieke debat beginnen over zijn aanstelling, waarbij voor- en tegenstanders ongezouten hun mening mochten geven over zijn benoeming. Daarna volgde een stemming waarbij zijn aanstelling alsnog geweigerd kon worden. De rol van de Surgeon General was de afgelopen jaren steeds belangrijker geworden. Dat kwam vooral doordat er steeds meer geld gemoeid was met de nationale gezondheidszorg. Southerly zou het boegbeeld worden van het duurste gezondheidszorgsysteem ter wereld. Hij zou niet alleen de woordvoerder worden van de regering over zaken die de gezondheid van alle Amerikanen bevorderden, maar hij zou ook het miljardenbudget beheren waaruit de publieke gezondheidszorg en het bijbehorende wetenschappelijke onderzoek werden gefinancierd. Sally Southerly, de echtgenote van Paul, had nog diezelfde avond het huis verlaten om te ontsnappen aan de opdringerige camera’s en journalisten. De media hadden zich zo massaal op hen gestort met verve-

8


lende vragen en insinuerende opmerkingen, dat Sally er even tussenuit moest om rust en kalmte te hervinden. Ze voelde zich schuldig dat ze juist op deze avond haar man alleen liet, ze besefte echter maar al te goed dat haar aanwezigheid het voor hem alleen maar moeilijker maakte. Haar antwoorden op de vragen van die journalisten, en dus voor hun camera’s, waren zo kortaf geworden dat ze vreesde haar zelf beheersing te verliezen. Een grove uitval van haar kant zou de beeldvorming omtrent haar man natuurlijk beschadigen. Ze had Paul achtergelaten met het moederlijke advies dat ze hem elke dag toef luisterde sinds zijn gezondheid tien jaar geleden slechter werd: ‘Vergeet je medicijnen niet, lieverd. Check je suikergehalte steeds op tijd. En als je je vervelend voelt, moet je direct dokter Raines bellen.’ Zoals altijd knikte hij braaf, wetend dat het zinloos was om zijn lieve Sally tegen te spreken. Stilletjes bevestigde de grootste van de twee donkere mannen twee leren banden over de slapende Southerly. De andere man pakte een donzen kussen dat naast het hoofd van Southerly lag. Langzaam duwde hij het kussen over het gezicht van de slapende arts. Het duurde bijna dertig seconden voordat de hersenen van het slachtoffer een acuut tekort aan zuurstof signaleerden. In een ogenblik was dokter Southerly klaarwakker. Hij worstelde om zijn armen op te tillen, maar voelde dat die door iets krachtig op hun plek werden gehouden. Iemand wil me laten stikken! Hij probeerde te schoppen, maar ook zijn benen zaten vast. Het enige wat hij kon doen was schokkerige bewegingen maken met zijn borstkas en schouders. Hij snakte naar adem, maar slaagde er alleen in om zijn tong buiten zijn mond te krijgen tegen de stof van het kussen dat op zijn hoofd werd gedrukt. Hij draaide woest zijn hoofd van de ene naar de andere kant, waardoor zijn tanden diep in zijn tong sneden. Onmiddellijk vulde zijn mond zich met bloed. Ik stik! Ik ga dood! O God, ik kom naar U toe – Zijn gedachten vervaagden toen hij langzaam het bewustzijn verloor. Hij zakte steeds verder weg, totdat het zuurstofgehalte in zijn hersenen daalde tot onder het kritieke niveau.

9


De twee mannen keken rustig toe. Ze konden zich ontspannen na een strijd die hun geen druppeltje zweet had gekost. De kortste van de twee speurde de slaapkamer af. Alles leek in orde. Afgezien van het bloed dat uit de mond van het slachtoffer droop, wees niets op een onnatuurlijke dood. En die snee in zijn tong zou waarschijnlijk worden toegeschreven aan stuiptrekkingen. Immers, op het nachtkastje naast het bed lag zijn gehoorapparaat naast een glas water en medicijnen ter voorkoming van epileptische aanvallen. Als ze straks de leren banden losmaakten, zou alles erop wijzen dat deze man was overleden aan verstikking door bloed in de luchtpijp als gevolg van een epileptische aanval. Zelfs de meest ervaren patholoog-anatoom zou niet doorhebben dat deze man was vermoord. Terwijl de jongste van de twee sluipmoordenaars met een frons op zijn gezicht alle aspecten nog eens doornam van de klaarblijkelijk perfect uitgevoerde aanslag, pakte de oudere en langere man een aansteker uit zijn broekzak waarmee hij een kaars aanstak. De zelfgemaakte, nogal hobbelige kaars was vervaardigd met menselijk babyvet. Dunne, zwarte rook kringelde vanaf het puntje van de lont omhoog, terwijl de onmiskenbare geur zich door de donkere kamer verspreidde. De vlam wierp een spookachtig licht op zijn gezicht met een onregelmatig, onverzorgd baardje. ‘Hoe haal je …’ De geschokte reactie van de jongere man werd onderbroken door de zangerige stem van zijn donker geklede compagnon. De oudere man trok zich niets aan van zijn protesterende jonge collega en ging door met het herhalen van steeds weer hetzelfde, korte, vaag melodische gebed. ‘Hou op met dat gedoe!’ eiste de jongere man boos f luisterend. ‘De priesteres heeft ons betaald om dit te doen! We zijn vannacht niet aan het offeren!’ Als in trance zette de oudere man zijn seance voort. Het leek erop dat hij het boze gemopper van zijn partner niet eens hoorde. Toen, precies op het moment dat de jongere man zich voor de tweede keer omdraaide naar de oudere om hem opnieuw toe te sissen, ging het

10


rookalarm boven het bed van het slachtoffer af. De zware walm van de kaars had eindelijk het plafond bereikt. De kortere man was duidelijk leniger en sneller dan de andere. Hij vloekte, sprong op het bed en tastte in de richting van een klein rood lampje aan de zijkant van het gillende rookalarm. Al snel voelde hij het knopje en schakelde het alarm uit. Ondertussen was de oudere man gestopt met zijn gebed en drukte met duim en wijsvinger de vlam uit. In de plotselinge stilte luisterden de mannen gespannen of ze andere geluiden hoorden. Ze wachtten twee minuten, maar hoorden niets verdachts. Stilletjes verlieten ze het huis via een luik dat toegang gaf tot de kelder. Buiten was het fris en donker dankzij de vele bomen in deze dunbevolkte buitenwijk. Niemand zag hen. De dichtstbijzijnde buren woonden op ruim honderd meter afstand. Even later reden ze met hoge snelheid weg in een auto van een niet-Amerikaans automerk – de jongere man achter het stuur, briesend van woede over de idiote actie van zijn partner, en de oudere man rustig onderuitgezakt op de achterbank, nog nagenietend van zijn interactie met zijn duistere heer en meester.

11


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
levenslichtb by Erdee Media Groep - Issuu