Inhoud Eerst dit … 1 De duivel wil niet dat je bidt 2 Wat gebeurt er in de kerk? 3 Alle beetjes helpen 4 God geeft ons wat we nodig hebben als wij op Hem vertrouwen 5 Vliegen vangen! 6 Lees alleen goede boeken 7 Een appel in een fles 8 Gered door een spin 9 Hoe de jonge Spurgeon geld verdiende 10 De oude meneer Roads 11 Gebeden of groenten 12 Mosterdthee! 13 Zingen met het alfabet 14 Charles maakt schulden 15 De beste of de slechtste van de klas? 16 Er wordt voor jou gebeden 17 Slechte preken 18 Bekeerd 19 Vertel het aan de mensen 20 Eén grote familie 21 Zijn eerste preek 22 Een monster!
7 9 12 14 17 20 22 25 27 30 33 36 38 41 44 46 48 50 52 55 58 61 64
23 Spurgeons eerste gemeente 66 24 Volmaakte mensen 69 25 Hebben engelen zakken? 72 26 Bidden en werken 75 27 Een zacht antwoord 77 28 Mevrouw Angsthaas 79 29 Een boze droom 81 30 Een dorp vol boosheid 84 31 Hoeveel christenen? 87 32 Jong tegenover oud 89 33 De buitenkant 91 34 Tussenweg 94 35 Londen! 96 36 Nederigheid 99 37 Een vreselijke ziekte 101 38 In het donker! 104 39 Horen 107 40 Een groter gebouw 109 41 Susannah 112 42 Een arme dominee 115 43 Twee predikanten, één preekstoel 118 44 Laatkomers 120 45 Geen kaartje 122 46 Preken op papier 124 47 De bekering van een moordenaar 126 48 Een nóg groter gebouw 129 49 De jongen die ‘Een wolf!’ riep … 132 50 Een nog veel grotere bijeenkomst 135 51 Het fundament 137 52 De bouw van de Tabernacle 140
Eerst dit ‌ Nadat Charles Haddon Spurgeon als vijftienjarige jongen bekeerd werd, gebruikte de Heere God hem in Zijn dienst. Charles preekte al toen hij nog maar zeventien jaar was. Door deze jonge dominee leerden veel mensen de Heere Jezus Christus als hun Zaligmaker kennen. Geen predikant had ooit zo lang zo’n grote gemeente gediend als dominee Spurgeon in Londen. Hij maakte een heleboel bijzondere gebeurtenissen mee, grote en kleine. In dit boek heeft dominee Tony Hutter een deel van die verhalen opgeschreven voor kinderen. Elk verhaal gaat tegelijk ook over de Bijbel, zodat je meer kunt leren over de Heere Jezus Christus en over Gods bedoeling met je leven. Charles Haddon Spurgeon werd geboren in 1834, hij stierf in 1892. Meer dan honderd jaar na zijn dood houden christenen uit verschillende kerken nog altijd veel van zijn preken. Dominee Tony Hutter is geboren in Londen. Hij kwam net als Spurgeon op jonge leeftijd tot geloof en werd dominee in Engeland.
7
1 De duivel wil niet dat je bidt ‘Wederstaat den duivel, en hij zal van u vlieden.’ Jakobus 4:7b
Toen Charles Haddon Spurgeon klein was, logeerde hij vaak bij zijn opa en oma. James en Sarah heetten ze. Ik wil je om te beginnen graag een paar waargebeurde verhalen over opa James Spurgeon vertellen. James woonde als kind in het Engelse graafschap Essex. Dicht bij zijn huis lag een bos dat Honeywood Park heette. In dit bos stond een oude eik en op een dag zat James onder deze boom na te denken over zijn leven en over God. Hij wist dat zijn zonden vergeven moesten worden en dat het goed moest komen tussen God en hem. En daar, onder die boom, beleed James zijn zonden en gaf hij zijn leven aan de Heere Jezus Christus. Die eikenboom, de plaats waar hij een christen werd, bleef James’ lievelingsplek. Hij ging er vaak naartoe om God te danken en tot Hem te bidden.
9
Heb je wel eens een akelige droom gehad, een nachtmerrie? James wel! Op een dag zou hij ergens naartoe gaan via een weg door het bos. De nacht daarvoor droomde hij dat de duivel dreigde hem aan stukken te scheuren als hij het lef had om onderweg bij de eik te stoppen om te bidden. De satan siste hem toe dat hij best een andere route kon nemen, bijvoorbeeld die over het erf van een boerderij. Toen James na deze droom wakker schrok, dacht hij: ik heb geen idee of dit gewoon een vreemde droom was of een verzoeking van de satan, maar ik ga morgen in elk geval wel naar die plek toe om te bidden. De volgende ochtend vertrok hij. Eenmaal bij een hekje aan de rand van het bos aangekomen, moest hij beslissen. Zou hij door het bos gaan en langs ‘zijn’ boom lopen om daar te bidden? Of zou hij het andere pad kiezen, over het boerenerf? James werd een beetje bang. Misschien was het toch verstandiger om voor het pad over het erf te kiezen … Maar nee, dan luisterde hij naar de duivel! En dus liep hij het bos in, op weg naar de eik. Natuurlijk gebeurde er helemaal niets. ‘Jij, laffe duivel’, zei hij in gedachten, ‘je dreigde me aan stukken te scheuren en nu durf je niet eens je gezicht te laten zien!’ James bleef een tijdje bij de eikenboom. Hij dankte God en bad. Toen hij verder wilde gaan, viel zijn oog op iets glinsterends op de grond. Daar lag een gouden ring, zo groot als een gordijnring! Hij raapte hem op en nam hem mee. Eenmaal thuisgekomen, probeerde James uit te vinden van wie de ring was, maar niemand wist er iets van. Dus hield hij de ring. Toen hij jaren later ging trouwen, liet hij er een trouwring van maken. Elk jaar, op de dag van zijn
10
bekering, ging hij naar de eik om de Heere te danken. De Heere had hem bewaard, hem geholpen de verzoeking van de satan te weerstaan en hem een gouden ring gegeven! De duivel wil niet dat wij bidden en zal er alles aan doen om ons tegen te houden. Maar wij moeten wél bidden. We hebben zoveel om God voor te danken en te loven, en zoveel om aan Hem te vragen. James ontdekte hoe waar de woorden uit Jakobus zijn: ‘Wederstaat den duivel, en hij zal van u vlieden.’
11