


![]()



Duurzaamheid, design én comfort in één krachtige oplossing.

De vernieuwde dakvensters zijn tot in detail doordacht en maken het verschil in elke woning, zowel bij nieuwbouw als renovatie.
De verbeterde akoestische prestaties zorgen voor meer rust in huis. Bij 2-lagige beglazing stijgt de geluidsisolatie van Rw 35 dB naar 37 dB en bij 3-lagige beglazing van Rw 37 dB naar 40 dB waardoor storend geluid buiten blijft.
Ook het gebruiksgemak werd verbeterd met een nieuwe ergonomische handgreep voor een vlotte en comfortabele bediening. Het nieuwe ventilatierooster in kunststof is duurzaam, onderhoudsvriendelijk en draagt bij aan een aangenaam binnenklimaat. Dankzij aangepaste sponningmaten verloopt vervanging eenvoudig en snel waardoor houten dakvensters nu ideaal zijn voor renovatieprojecten.
Het strakke design wordt versterkt door nieuwe RAL-kleuren met RAL 9003 aan de binnenzijde en RAL 7016 aan de buitenzijde. Aangepaste buitenprofielen zorgen voor een verfijnde afwerking met minder zichtbare schroeven.
Voor extra gerustheid is de 3-lagige beglazing voorzien van een onderhoudsvriendelijke laag en een geluidswerende folie wat resulteert in langdurig comfort en kwaliteit.
Om het kiezen eenvoudiger te maken, werd een nieuw en duidelijk coderingssysteem ontwikkeld. Scan de QR-code en ontdek meteen de juiste productcode op basis van jouw selectie. www.fakrogreenviewconfigurator.be



6 ● RoofBuilder Wil je eens nieuwe materialen uittesten? RoofBuilder toont je de perfecte platdakopbouw!
10 ● Easy Metal
Op zoek naar een opleiding rond zink of metalen dakbedekkingen?
Dan ben je bij Easy Metal aan het juiste adres.

5 ● Edito Straatje zonder einde
6 ● Platte daken
RoofBuilder gidst de bouwsector naar de juiste platdakopbouw
10 ● Vakkennis
“Ik ben een gepassioneerd iemand, en ik vind het fantastisch om mijn passie met anderen te kunnen delen”
14 ● VM Building Solutions
Bridel kiest voor 100% circulair zink: AZENGAR® 3R van VMZINC geeft vorm aan een groene schoolcampus
18 ● Arbeidsrecht
Een jobstudent tewerkstellen in de bouw: wat is nieuw in 2026?
Embuild - Roof Belgium
Kunstlaan 20, 1000 Brussel
Tel: +32 (02) 545 56 00 www.embuild.be
BTW: BE 406 479 092
Verantwoordelijke Uitgever
Filip Coveliers
Kunstlaan 20, 1000 Brussel filip.coveliers@embuild.be

34 ● De Vijfde Gevel
De vraag naar heldere, praktische en technisch onderbouwde informatie rond platte daken blijft groot.
23 ● Energiedaken
Zonnepanelen op platte daken: duurzaam, veilig en toekomstbestendig investeren
24 ● Zomercomfort wordt dé nieuwe ontwerpuitdaging
Keramische materialen helpen gebouwen hittebestendig maken
26 ● Dakramen
Maison Orielle illustreert het onbenutte potentieel van zolderruimtes
30 ● Handige hulp voor renovatieklanten
Wienerberger lanceert nieuwe AI-tool Renoviewer
Hoofdredactie
ing; Gunther Guinée
Antwerpsesteenweg 271 bus 7 2950 Kapellen
Tel: 03 888 27 33 gunther.guinee@telenet.be
Advertentieverantwoordelijke
Steve Caufriez
Tel.: +32 (0)2 545 57 25
GSM: +32 (0)486 58 71 91 steve.caufriez@embuild.be
32 ● Intensief groendak met oplossingen van Deschacht
Van Eyck Park: een groene oase in het hart van de stad
34 ● Terug naar de essentie van het platte dak
Grote belangstelling voor inspiratiesessie van De Vijfde Gevel
38 ● Praktijkervaring staaft lange levensduurg
VAEPLAN bewijst na tientallen jaren nog altijd zijn waarde op het dak
Redactie
Lawrence Steen
Tel: +32 (0) 2 545 57 43 lawrence.steen@embuild.be
Vormgeving
Abder-Razzaaq Boujdaini abder-razzaaq.boujdaini@embuild.be
Drukwerk: Graphius
Cover: Velux - Maison Orielle








Eerlijk? Tot voor kort had ik eigenlijk nog nooit echt gehoord van de Straat van Hormuz. Het klonk als iets uit een verre aardrijkskundeles of een ingewikkeld geopolitiek dossier waar alleen diplomaten en oliemagnaten zich mee bezighouden. Maar vandaag bepaalt die smalle zeestraat tussen Iran en Oman plots mee ons dagelijkse leven, onze economie én ons werk. Want zodra daar spanningen ontstaan of gesproken wordt over een mogelijke blokkade, schieten olie- en gasprijzen omhoog — en voelt ook de bouwsector dat vrijwel onmiddellijk.
Voor de bouwsector, en zeker voor producenten van dakmaterialen en isolatie, is dat geen detail maar een serieuze economische barometer. Op diverse netwerkevents en werven hoor ik dan ook stevig klagen… en terecht.
Bitumineuze dakproducten zijn immers rechtstreeks verbonden met aardolie. Zodra de olieprijs stijgt, voelen producenten dat vrijwel onmiddellijk in hun grondstoffen. Roofing, dakmembranen, coatings en waterdichtingsproducten worden duurder om te produceren én duurder om te transporteren. Een conflict duizenden kilometers verderop vertaalt zich dus verrassend snel naar hogere prijzen op Europese werven.
Ook de isolatiesector blijft bijzonder gevoelig aan energieprijzen. PIR- en PUR-isolatie bijvoorbeeld bevatten petrochemische componenten die afhankelijk zijn van olie en gas. Bovendien vraagt de productie van isolatieplaten enorme hoeveelheden energie. Hogere gasprijzen betekenen automatisch hogere productiekosten, meer druk op marges en uiteindelijk opnieuw prijsstijgingen voor aannemers en bouwheren.
Maar ook de keramische sector trekt aan de alarmbel. De productie van dakpannen en andere keramische bouwproducten vraagt enorme hoeveelheden warmte en draait grotendeels op gasgestookte ovens die dag en nacht actief zijn. Wanneer ener-

ing. Gunther Guinée Hoofdredacteur Roof Belgium
gieprijzen stijgen, lopen de productiekosten razendsnel op.
De timing van deze nieuwe energie- en grondstoffencrisis is bovendien bijzonder slecht. Het aantal faillissementen in de bouw brak tijdens de eerste vier maanden van dit jaar al records, zo blijkt uit recente cijfers van GraydonCreditsafe. De bouw- en installatiesector behoort vandaag dan ook tot de meest kwetsbare economische sectoren.
Volgens Embuild is de huidige crisis natuurlijk niet het gevolg van één enkele factor, maar van een neerwaartse spiraal die zich al langer opbouwt: stijgende personeelskosten, hogere prijzen van bouwmaterialen en fors duurdere hypothecaire kredieten zetten zowel aannemers als bouwheren onder zware druk. Maar de oorlog in het Midden-Oosten en de dreiging rond de Straat van Hormuz dreigen die situatie nu nog verder te verergeren. Nieuwe prijsstijgingen van olie, gas en bouwmaterialen zorgen voor extra onzekerheid en leiden opnieuw tot meer terughoudendheid bij consumenten en investeerders.
En zo blijkt maar weer: de Straat van Hormuz ligt misschien ver van ons bed, maar stilaan voelt het voor de bouwsector toch een beetje als een straatje zonder einde.
Moet je een dak maken met een isolatiemateriaal of dakafdichting waar je niet mee vertrouwd bent en je zoekt een alternatief? Is je gebruikelijke materiaal niet beschikbaar bij de groothandel? Of wil je nagaan of er gelijkwaardige platdakopbouwen mogelijk zijn dan diegene die je courant toepast? Dan is RoofBuilder, de nieuwe applicatie van Buildwise, misschien iets voor jou.
RoofBuilder is een AI-gedreven applicatie die normen en bouwvoorschriften rond brandveiligheid, thermische isolatie en windbelasting koppelt aan de technische eisen uit de ATG's van dakisolatie en dakafdichtingen. Zo helpt de tool bouwprofessionals om de ideale opbouw voor platte daken te genereren. De voorstellen die RoofBuilder genereert zijn technisch juist en worden door de geldende ATG’s ondersteund. Andere technisch geschikte oplossingen zijn evenwel mogelijk maar moeten bijkomend worden onderbouwd.
Door en voor de sector
Voor meer uitleg trokken we naar Eddy Mahieu, expert platte daken en TClead van het Technisch Comité Dichtingswerken bij Buildwise. Hij werkte mee aan de ontwikkeling van RoofBuilder.
"RoofBuilder is er gekomen op vraag van het Technisch Comité Dichtingswerken. De vraag kwam dus rechtstreeks vanuit de sector," legt hij uit. "De leden van het comité waren zich bewust van de complexiteit van platdakopbouwen. Voor één correcte

dakopbouw moeten technische voorlichtingen en meerdere ATG-documenten geraadpleegd worden, vol tabellen, symbolen en uitzonderingen. Tegelijk moeten parameters zoals bevestigingswijze, compatibiliteit tussen isolatie en afdichting, brand- en windbelasting, binnenklimaatklasse en isolatiewaarde perfect op elkaar afgestemd zijn. Als aannemer of architect is het niet altijd makkelijk om hier je weg in te vinden.
De leden wilden daarom dat we met Buildwise een tool ontwikkelden om dit overzichtelijker te maken."
Momenteel alleen ATGgecertificeerde producten
RoofBuilder werkt momenteel uitsluitend met bouwproducten die over een ATG beschikken. Dat biedt een belangrijke garantie.
"Zo zijn we zeker dat de combinaties van verschillende producten en mate-
rialen getest en goedgekeurd zijn door een onafhankelijke derde partij," zegt Eddy Mahieu. "Je kan dit als een beperking zien, want niet alle bouwproducten hebben een ATG. Maar de keuze biedt veel voordelen. Door te werken met ATG-gevalideerde combinaties nemen we alle twijfel bij aannemers weg en krijg je een betrouwbaar resultaat. Andere opbouwvarianten, die niet uit de resultaten komen, zijn eveneens mogelijk, maar vereisen een onderbouwde motivering van hun geschiktheid en prestaties."
ATG's zijn niet bij iedereen even goed bekend, maar het zijn bijzonder nuttige en praktische documenten. Je vindt er een beschrijving van de omstandigheden waarin je een product wel of niet mag gebruiken, alle informatie over combinaties met andere bouwmaterialen en hun bevestigingswijze alsook de nodige gegevens om de windweerstand en de geschiktheid van de dakopbouw ten aanzien van de geldende brandei-


Je geeft je voorkeuren in via een tiental eenvoudige vragen en krijgt vervolgens een lijst met mogelijke opbouwen.

sen te kunnen beoordelen. Deze informaties zijn bovendien gecontroleerd door een onafhankelijke keuringsinstantie. Geeft een ATG aan dat een bepaalde dakafdichting, gecombineerd met een bepaalde dakisolatie met een bepaalde bevestigingstechniek geschikt is op een specifiek type dakvloer, dan kan je erop vertrouwen dat die combinatie werkt.
Het nadeel van ATG's is dat ze bijzonder uitgebreid zijn. Wie ze niet gewend is, ervaart het lezen ervan soms als zoeken naar een speld in een hooiberg. Maar voor die gebruikers biedt RoofBuilder nu dus een oplossing.
Ontwikkeling van de tool
De ontwikkeling van RoofBuilder startte midden 2025 en verliep niet altijd even eenvoudig.
"Het hele proces vergde heel wat inspanningen," vertelt Mahieu. "De tool moet niet alleen mogelijke combinaties van de materialen controleren, hij moet ook de relevante voorschriften opzoeken en informatie uit de tabellen van de ATG's interpreteren. Achter de
schermen structureert een AI-engine, die gebruik maakt van een drietal AI-modellen, die elk hun eigen sterktes en zwaktes hebben, ongestructureerde data uit technische documenten, met een ‘human-in-the-loop’-verificatie als kwaliteitswaarborg."
Een eerste basisversie werd uitgebreid getest binnen Buildwise en nadien ook door de beroeps- en fabrikantenfederaties, waaronder Embuild en BEVAD-ABEE.
"We kozen bewust voor een eenvoudige versie om de tool te lanceren. Je vindt er momenteel nog geen informatie over wortelweerstand bij groendaken of andere geavanceerde dakopbouwen. Maar als blijkt dat RoofBuilder goed werkt en door de sector wordt gebruikt, voegen we die uitbreidingen later mogelijk nog toe.
Voor Buildwise was dit ook een interessante oefening om ervaring op te doen om complexe materie zo gebruiksvriendelijk mogelijk aan te bieden en het principe van RoofBuilder ook toe te passen in andere sectoren."
RoofBuilder richt zich op aannemers die op zoek zijn naar mogelijke dakopbouwen. Je geeft je voorkeuren in via een tiental eenvoudige vragen en krijgt vervolgens een lijst met mogelijke opbouwen. De volgorde van de resultaten is steeds willekeurig. Alle voorgestelde opbouwen voldoen aan de eisen, en de eerste optie in de lijst is dus niet beter dan de laatste. Voer je dezelfde zoekopdracht meerdere keren uit, dan verschilt de volgorde van de resultaten telkens.
Architecten kunnen RoofBuilder gebruiken om hun lastenboeken te optimaliseren en om de correctheid van de aan hun voorgestelde dakopbouwen te controleren.
Wil je gelijkwaardige alternatieve oplossingen voorstellen voor bepaalde voorgeschreven werken? Geef RoofBuilder dan een kans en je vindt meteen alle mogelijke opties.
RoofBuilder is gratis toegankelijk voor iedereen die lid is van Buildwise of wie toegang heeft tot de publicaties op de website.
Vrijdag 16 oktober 2026 Brussels Gate



● Hét netwerkmoment voor duizenden professionals uit de afwerkingssector: schrijnwerkers, parketplaatsers, schilders, stukadoors, glazeniers en vloerders
● Dé kans om innovaties en nieuwe producten aan vaklui te tonen
● De sterkste manier om leads face-to-face te genereren
● Nieuwe formule: in combinatie met Belgian Roof Day, dus veel bezoekers www.dagvandeafwerking.be
RESERVEER JE STAND BIJ STEVE

Steve Caufriez Account manager




















“Ik
iemand,
De eerste vijftien jaar van zijn carrière heeft Ulysse Bal grotendeels gewijd aan het restaureren van historisch erfgoed en het perfectioneren van alle technieken die daarbij komen kijken. Sinds vorig jaar heeft hij zijn carrière over een andere boeg gegooid. Hij organiseert tijdens de wintermaanden opleidingen waarin hij zijn kennis over metalen dak- en gevelbekledingen doorgeeft. "En die overstap heb ik me nog geen moment beklaagd. Wanneer iemand die hier een opleiding volgde me na enkele weken een foto stuurt van een geslaagde realisatie... daar doe ik het voor!"
Easy Metal, het opleidingscentrum van Ulysse Bal, verwierf op iets meer dan twaalf maanden al een uitstekende reputatie in de dakensector. Genoeg reden voor ons om eens een kijkje ter plaatse te nemen.
Van leien tot erfgoedrestauraties
"Ik werk sinds 2008 in de dakensector. Ik ben in 2008 begonnen op mijn stageplek. De eerste drie jaren van mijn carrière heb ik voornamelijk leien geplaatst hier in de vallei
van de Maas. Nadien ben ik voor een aannemer in de regio Brussel gaan werken, waar we meer zinkwerk deden, maar ook platte daken. Uiteraard deden we ook allerlei kleinere werken die je in de stad tegenkomt, zoals het plaatsen van dakramen of het herstellen van schoorstenen.
Nadien heb ik mijn eigen bedrijf opgericht. Aanvankelijk hield ik me voornamelijk bezig met het isoleren van daken, maar na een tijdje verschoof het accent naar erfgoedrestauraties en oude ambachtelijke technieken.

De Easy Metal Academy heeft verschillende werkstations en maquettes waarop de deelnemers kunnen oefenen.

Ik ben altijd gepassioneerd geweest door wat ik deed, en dus heb ik me ook continu bijgeschoold. Ik heb opleidingen gevolgd in Frankrijk en Zwitserland, maar ik heb me ook steeds op eigen houtje bijgeschoold. Zo heb ik bijvoorbeeld een grote bibliotheek met technische documentatie thuis. En wanneer ik niet begrijp hoe een bepaalde techniek werkt, dan ga ik in mijn atelier aan de slag op mijn vrije zondag en blijf ik wroeten en testen tot wanneer ik de techniek beheers. De technische complexiteit van ons vak heeft me altijd enorm geboeid."
Waarom dan de beslissing om je carrière in een andere richting te sturen?
"De voorbije vijftien jaar heb ik heel veel restauraties en herstellingen van historisch erfgoed gedaan. Dat is een prachtige stiel, en ik doe dat nog steeds met heel veel plezier, maar wanneer je in die sector werkt, breng je automatisch ook heel veel uren door achter het stuur. De erfgoedgebouwen komen immers niet naar je toe. Dat betekent dus veel lange dagen waarbij je 's ochtends voor dag en dauw weg bent en 's avonds pas heel laat thuis bent. Ik ging vaak


samen met mijn kinderen slapen. Dat wilde ik niet tot mijn pensioen blijven doen.
Tegelijk begon het meer en meer te kriebelen om mijn kennis door te geven aan anderen. Na zoveel jaren praktijkervaring voelde ik de nood om mijn ervaring, mijn techniek en mijn respect voor de traditie en het métier te delen. Het beroep van dakwerker evolueert, maar steunt nog altijd om de technieken en tradities van onze voorgangers, en die traditie moeten we ook eren.
Zo ontstond het idee om mijn eigen opleidingscentrum op te richten: een plek om nieuwe generaties op te leiden en actief bij te dragen aan de toekomst van de het vak.”
Je hebt je oude job opgezegd en voluit de kaart van dit opleidingscentrum gekozen. Is dat geen groot risico?
"Wel, die opleidingen zitten voornamelijk in de wintermaanden geconcentreerd, vanaf begin oktober tot midden maart. In de rest van het jaar blijf ik nog erfgoedrestauraties doen voor enkele hoofdaannemers die ik al sinds jaar en

dag ken. Zo heb ik een mooie balans. Ik onderhoud mijn kennis en vaardigheden doorheen het jaar en behoud tegelijk voeling met de realiteit op de werven. In de wintermaanden geef ik de opleidingen. We zijn daarvoor ook erkend door Constructiv, zodat de werkgevers financiële steun krijgen wanneer ze hun mensen laten deelnemen aan een opleiding."
"Ik heb doorheen mijn carrière verschillende keren opleidingen gezien waar veel deelnemers ongeïnteresseerd zaten te volgen en er vaak meer grappen verteld werden en bier gedronken werd dan dat de mensen echt iets bijleerden. Dat wilde ik anders aanpakken. Daarom heb ik eigenhandig een hangar gebouwd achter mijn woning in Mesnil-Église, een deelgemeente van Houyet in de provincie Namen. Hier kan ik de deelnemers in de beste omstandigheden ontvangen en beschikken we over al het materiaal en de nodige maquettes waarop we kunnen werken.
Ik ontvang maximaal vier deelnemers per dag. Zo behoud ik het overzicht over de groep en zijn we zeker dat iedereen voldoende aandacht krijgt en écht bijleert. Ik bied opleidingen aan in één, twee of drie dagen, maar twee dagen vind ik eigenlijk het minimum. Dan kan ik een bepaalde techniek eerst demonstreren, vervolgens kan iedereen die methode zelf inoefenen op de kleine oefentafels en kan ik feedback geven. Op de tweede dag kunnen we dan met de vier cursisten samen werken op een grote maquette. Dat geeft ook het echte werfgevoel en dat leunt al een stuk dichter aan bij de praktijk.
Ik bereid mijn opleidingen ook altijd grondig voor. Ik zorg dat de maquettes reeds opgebouwd zijn en al het dakbedekkingsmateriaal op voorhand geplooid is, zodat we daar geen tijd mee verliezen. Alle tijd moet gaan naar het inoefenen van de technieken. Ik voorzie ook een ontbijt en een broodjeslunch, maar het is de bedoeling dat de deelnemers van 8 tot 16 uur constant aan de slag zijn. Het is dus een heel intensieve opleiding, maar zo wil ik het ook. Ze moeten moe zijn aan het einde van de dag!
Mijn hangar staat er nog maar enkele maanden en hij is nog niet helemaal klaar. Momenteel leg ik de laatste hand aan een leszaaltje waar ik ook filmpjes kan tonen of een presentatie kan geven, en het is de bedoeling dat er binnenkort ook nog een kleine bar komt waar we samen kunnen ontbijten en lunchen."
Gevarieerd aanbod
Welke opleidingen bied je zoal aan via Easy Metal?
"We bieden een waaier technieken aan, voor verschillende soorten metalen dakbedekkingen. Maar de staande naad (tasseau) en de opleiding zink zijn momenteel het populairst. Dat is ook logisch. Veel jonge mensen hebben nooit geleerd om met zink te werken omdat het enerzijds een duur product is en anderzijds een techniek is die je enkel bij erfgoedgebouwen tegenkomt.
De staande naad is dan weer vrij recent in onze contreien, al wordt in het oosten van Europa al heel lang op die manier gewerkt. Maar doordat wij niet die traditie hebben, bestaan er maar weinig opleidingen voor. De opleidingen in België hinken achterop op de rest van Europa. Dat merk je ook op de internationale concoursen als Euroskills en Worldskills. Die achterstand moeten we dus wegwerken.
Daarnaast hebben mijn echtgenote en ik ons ook bijgeschoold om asbestopleidingen te kunnen geven."
Kickstart
Je bent nu goed een jaar actief met je opleidingen. Hoe loopt het tot dusver?
"Ik moet zeggen dat ik aangenaam verrast ben. We hebben in de afgelopen maanden al 104 deelnemers gehad en ook voor deze winter zit het schema al grotendeels vol. De werkgevers zijn tevreden en tot nu toe hebben we van de deelnemers alleen nog maar positieve feedback gehad. Ik mag dus niet klagen, al kunnen er altijd nog wat klanten bij.
Wat me ook opvalt, is dat we veel buitenlandse belangstelling hebben. Ik heb al deelnemers gehad uit Bretagne, maar ook uit Nederland en andere delen van Frankrijk. Het is leuk om te zien dat mensen bereid zijn de verplaatsing te maken voor zo'n opleiding. En soms maken de patron en zijn mannen er dan ook een soort van teambuilding van. Ze blijven hier dan twee of drie dagen logeren in een chalet in de


streek en gaan 's avonds lekker eten. Zo wordt die opleiding ook een leuke ervaring voor het hele team.
Anderzijds gebeurt het ook dat een aannemer een bepaald werk aanvaardt en zich gedurende de werken realiseert dat zijn mensen een bepaalde techniek niet beheersen. Dan probeer ik flexibel te zijn en hen op heel korte tijd die techniek aan te leren.
Ik wil bovenal doen wat ik graag doe en mijn kennis delen met bedrijven waarin ik geloof en een goed gevoel bij heb. Ik hoef er niet rijk van te worden, maar als ik mijn brood kan verdienen door in de zomer op de daken te werken en in de wintermaanden opleidingen te geven, dan ben ik een tevreden man."
EASY METAL APP: STANDAARDISATIE VAN BESTELLINGEN
Ulysse Bal is ook een van de oprichters van de Easy Metal app, een smartphoneapplicatie om op een efficiënte en gestandaardiseerde manier bestelbonnen op te maken voor metalen profielen.
"We weten dat aannemers vaak ter plaatse hun metingen gaan doen en dan alles noteren op een papiertje, maar vaak vergeten ze bepaalde details, of wordt er onduidelijk gecommuniceerd met de groothandel, met vergissingen en foute leveringen tot gevolg.
Daarom hebben wij een eenvoudige app ontwikkeld, waar je eerst het type profiel kiest uit de lijst. Die bevat 300 van de meest gebruikte profielen. Daarna geef je het type materiaal en de gewenste kleur in en de app vraagt je vervolgens om alle hoeken en lengtes één voor één in te geven. Aan het einde genereert de app een pdf-document dat je aan je groothandel kan bezorgen. De app is eigenlijk een soort verzekering. Wanneer je die gebruikt, weet je dat je niets vergeet en krijgt de groothandel alle benodigde informatie om het juiste profiel te leveren.
Denk bijvoorbeeld aan een detail als de zichtzijde. Hoe vaak vergeten aannemers niet om door te geven wat de zichtzijde is, die gepatineerd moet worden. Bij een dakgoot is dat duidelijk, maar bij vele types profielen niet. Gebruik je onze app, dan ga je dat niet voor hebben.
Je kan de app drie keer gratis uittesten. Daarna betaal je 10 euro per maand. Dat is een peulschil voor een bedrijf. Als je één keer per trimester een fout voorkomt, dan betaalt de app zichzelf makkelijk terug."
Test de Easy Metal-app gratis uit via de App Store of Google Play Store.
In Bridel heeft de gemeente Kopstal onlangs haar buitenschoolse opvang uitgebreid. Het project gaat echter veel verder dan een eenvoudige uitbreiding; het maakt deel uit van de ontwikkeling van een eigentijdse schoolcampus, waar onderwijsgebouwen, een crèche, een sporthal en vernieuwde buitenruimtes samenkomen. Voor de bekleding van het nieuwe gebouw werd gekozen voor AZENGAR® 3R van VMZINC, een zinkoplossing die esthetiek, duurzaamheid en circulariteit verenigt.
Door de bevolkingsgroei in het dorp was de kinderopvang te krap geworden. De bestaande trappenkern werd daarom gekoppeld aan een nieuw bouwvolume.
Voor architecte Carole Schmit van Polaris Architects ging het om meer dan een louter functionele uitbreiding: “Het idee was om de nieuwe constructie te verbinden met het bestaande gebouw en tegelijk in te passen in een bredere visie voor de site, die vandaag is uitgegroeid tot een echte groene campus.”
Een nieuw paviljoen op de schoolcampus van Bridel
De architecturale context van Bridel vormde een belangrijke inspiratiebron. De wijk combineert recente gebouwen, modernistische architectuur uit de jaren zestig en zeventig, religieus erfgoed en hedendaagse publieke voorzieningen. Op de site waren reeds verschillende metalen aanwezig: aluminium op de bestaande opvanglocatie, koper op de naburige kerk en cortenstaal op de sporthal aan de overzijde.
“We wilden binnen die metaalarchitectuur blijven, maar tegelijk iets nieuws toevoegen”, vertelt de architecte. “Zink drong zich vanzelf op, vooral dankzij zijn flexibilteit, die complexere vormen mogelijk maakt.” De uitbreiding kreeg daardoor het karakter van een pavil-

joen: een autonoom volume waarrond de circulatie zich op een natuurlijke manier organiseert.
AZENGAR® 3R als antwoord op de circulaire ambities van de gemeente
Om de duurzaamheidsdoelstellingen van het project te realiseren, viel de keuze op AZENGAR® 3R, de nieuwe generatie circulair zink ontwikkeld
door VMZINC. De “3R” verwijst naar de principes Reduce, Reuse en Recycle. Het materiaal wordt geproduceerd uit 100% gerecycleerd zink en is volledig recycleerbaar, waardoor het gebruik van grondstoffen en de transportgerelateerde uitstoot sterk worden verminderd, zonder in te boeten aan technische prestaties. VMZINC slaagt er zo in om het fossiele energieverbruik en de CO₂-uitstoot van het product met meer

dan 80% te verlagen. Met koolstofvoetafdruk van slechts 0,70 kg CO₂ per kg zink zet AZENGAR® 3R een nieuwe standaard in de industrie.
Het materiaal sloot naadloos aan bij de ambities van de gemeente rond circulair bouwen. “Voor ons is het een groot pluspunt om te werken met een materiaal dat zowel gerecycleerd als recycleerbaar is”, aldus Nora Sahr, projectverantwoordelijke bij de gemeente. “Diezelfde logica van flexibiliteit en circulariteit komt ook binnen het gebouw terug, waar bepaalde technische installaties bewust zichtbaar werden gehouden om toekomstige aanpassingen te vergemakkelijken.”
Naast zijn milieuprestaties overtuigde AZENGAR® 3R van VMZINC ook op esthetisch vlak. De natuurlijk matte, geprepatineerde afwerking zorgt voor een zachtere en meer uitnodigende uitstraling dan traditioneel nieuw geplaatst zink. “Wij werken graag met materialen die al gepatineerd zijn”, legt Carole Schmit uit. “Zo vermijd je de sterke glans die in een stedelijke omgeving soms als storend wordt ervaren.”
De lichte kleur van AZENGAR® 3R past ook perfect bij de houten gevelelementen in het ontwerp. Waar aanvankelijk een volledig zinken gevel werd overwogen, evolueerde het project naar een combinatie van hout en metaal die het warme karakter van het gebouw versterkt. “De mix van beide materialen is echt een meerwaarde voor het project”, bevestigt Nora Sahr. “De houten accen-
“Zink is hét metaal bij uitstek. Weinig materialen combineren zo’n duurzaamheid met zoveel architecturale vrijheid.”
CAROLE SCHMIT POLARIS ARCHITECTS
ten aan de hoofdingang en op het gelijkvloers zorgen voor een menselijkere en gezelligere sfeer.”
1.500 m2 zink in staande naad met wisselende baanbreedtes
Voor dak en gevel werd in totaal 1.500 m² AZENGAR® 3R van VMZINC toegepast. De uitvoering gebeurde in staande naad, een techniek die dankzij de mechanische sluiting een uitstekende waterdichtheid garandeert zonder perforatie van het materiaal. Om de gebouwschil meer dynamiek te geven, maakten de ontwerpers gebruik van de Barcode kit van VMZINC. De combinatie van drie verschillende strookbreedtes zorgt voor een afwisselend ritme in de gevel, met extra dieptewerking en meer vrijheid in de plaatsing van de openingen.
De dakvorm speelde een sleutelrol in het ontwerp; vanaf de hoger gelegen delen van Bridel is het dak immers goed zichtbaar. De geometrie ervan werd zorgvuldig uitgewerkt om een vloeiende
aansluiting met het bestaande gebouw te garanderen en tegelijk de volumes onder het dak optimaal tot hun recht te laten komen.
Ook voor de uitvoerende partij verliep het project bijzonder vlot. “AZENGAR® 3R laat zich bewerken als natuurlijk zink. Het is gemakkelijk te solderen, wat een belangrijk voordeel is ten opzichte van andere afwerkingen”, vertelt Serge Majerus, bedrijfsleider bij Entreprise Heinz Lucien. Daarnaast kon men rekenen op een nauwe technische begeleiding door VM Building Solutions voor de uitwerking van specifieke details, zoals de integratie van de ventilatieroosters.
Die aandacht voor detail begon al ruim vóór de uitvoering. Aan de hand van mock-ups werden verschillende verbindingen, plooien en aansluitingen vooraf gevalideerd. “Dat voorbereidend werk heeft in belangrijke mate bijgedragen aan de uiteindelijke kwaliteit van het project”, benadrukt Nora Sahr.
Vandaag gaat de uitbreiding van de buitenschoolse opvang volledig op in haar omgeving, terwijl ze tegelijk een sterke architecturale identiteit behoudt. Als eerste grootschalige project in Luxemburg gerealiseerd met AZENGAR® 3R van VMZINC vormt het een overtuigend bewijs dat een circulair materiaal perfect kan tegemoetkomen aan de architecturale, technische en milieueisen van hedendaagse publieke gebouwen.
Wil je tijdens de zomermaanden een jongere als jobstudent laten werken? Welke regels zijn van toepassing? Welke formaliteiten moet je vervullen? Zijn er in 2026 wijzigingen? En hoe zit het met je eigen kinderen? Vallen zij onder dezelfde regels? In dit artikel beantwoorden we deze praktische vragen.
Bouwbedrijven kunnen jongeren tewerkstellen met een studentenovereenkomst.
Toepasselijke regels
Studenten mogen alleen werken gedurende de periodes van niet-verplichte aanwezigheid in de onderwijsinstellingen. Met andere woorden: op zaterdag, zondag, feestdagen en tijdens de schoolvakanties.
Sinds 2017 wordt de maximale tewerkstellingsduur uitgedrukt in uren. Studenten beschikken over een contingent van 650 uur per kalenderjaar. Zolang ze dit quotum niet overschrijden en er een schriftelijke arbeidsovereenkomst is opgesteld, zijn ze niet onderworpen aan socialezekerheidsbijdragen noch aan de bedrijfsvoorheffing. Jobstudenten betalen alleen een solidariteitsbijdrage van 8,13% (2,71% ten laste van de student en 5,42% ten laste van de werkgever).
Sinds 9 januari 2026 kunnen jongeren van 15 jaar die nog onderworpen zijn aan de voltijdse leerplicht (met andere woorden: die de eerste twee jaar van het voltijds secundair onderwijs nog niet hebben afgerond) als student worden aangeworven. Ze mogen echter alleen “lichte arbeid” verrichten onder strenge voorwaarden. Het gaat met name om werkzaamheden die geen specifieke scholing vergen en die niet worden verricht met of aan mechanische arbeidsmiddelen (KB van 19 april 2026). Opgelet! Werkzaamheden op de bouwplaats lij-
ken bij voorbaat uitgesloten, aangezien daarvoor een veiligheidsopleiding vereist is. Activiteiten in een werkplaats of op kantoor lijken daarentegen wel toegestaan (schoonmaken van lokalen, onthaal, administratie, …).
De andere categorieën studenten blijven uiteraard behouden. Het betreft de studenten: A) die aan de voltijdse leerplicht hebben voldaan (15 of 16 jaar) en een voltijdse opleiding voortzetten;
WAT ALS MIJN KIND ME HELPT?
Stel je voor: je hebt een eigen bouwbedrijf. Op zaterdagochtend neem je je minderjarige zoon mee met de bestelwagen om materiaal te leveren op verschillende werven, zodat de ploegen maandagochtend tijd winnen. Dat is een veelvoorkomende situatie in familiale bouwbedrijven.
Als je je op de een of andere manier laat helpen door je kinderen in je onderneming, wees je er dan van bewust dat er twee mogelijke statuten zijn: ofwel werkt de jongere met een studenten-overeenkomst, ofwel wordt hij of zij beschouwd als helper van een zelfstandige natuurlijke per-soon. Kinderen van een zelfstandige zijn echter niet onderworpen aan het sociaal statuut van zelfstandigen zolang ze nog geen 20 jaar zijn of wanneer hun activiteit occasioneel is (minder dan 90 dagen per jaar). Neem contact op met je sociaal verzekeringsfonds voor meer informatie. Opgelet! Zonder een wettelijk statuut wordt dit beschouwd als zwartwerk.
Vergeet ook niet dat je kinderen, zelfs als ze een wettelijk statuut hebben, risico’s lopen, vooral wanneer ze op de bouwplaats werken. Zelfs als er op een bepaald moment geen werkzaamheden aan de gang zijn, blijven er veiligheidsrisico’s bestaan. Veilig werken is een absolute prioriteit voor Embuild. Het is niet voor niets dat wij hebben geëist dat al wie op een bouwplaats werkt een basisveiligheidsopleiding moet hebben gevolgd. Kinderen die hun ouders op de bouwplaats vergezellen, zouden dus minstens deze opleiding ook moeten hebben gevolgd. Want bij een ongeval kunnen de gevolgen bijzonder ernstig zijn. Ongeacht het statuut van de jongere: veiligheid eerst.
B) die niet meer aan de leerplicht zijn onderworpen (omdat ze 18 jaar oud zijn of hun secundaire studies hebben beëindigd) en die een dagopleiding met volledig leerplan voortzetten;
C) uitsluitend tijdens de schoolvakanties minderjarige studenten van 15 jaar en ouder die deeltijds onderwijs of een deeltijdse opleiding volgen en die geen overbruggingsuitkering krijgen;
D) enkel wanneer zij geen onderwijs of opleiding moeten volgen of niet aanwezig moeten zijn op de werkplek, de studenten (1) die een systeem van alternerend leren en werken volgen dat bestaat uit, enerzijds, een theoretische vorming in een onderwijsinstelling of opleidingscentrum ingericht, gesubsidieerd of erkend door de bevoegde overheid en, anderzijds, een praktische opleiding op de werkplek en (2) die niet genieten van een werkloosheidsuitkering, noch van een inschakelingsuitkering.
OPGELET! Als de studentenjob wordt uitgevoerd bij dezelfde werkgever waar de jongere in alternerende opleiding ook zijn of haar praktische opleiding volgt, aanvaarden de FOD Werkgelegenheid en de RSZ dit enkel voor de zomermaanden (juli en augustus).
In het sectoraal akkoord 2025-2026 werd afgesproken om, vanaf 1 april 2026, opnieuw een specifiek barema in te voeren voor studenten die werken met een overeenkomst voor de tewerkstelling van studenten, zoals bedoeld in titel VII van de wet van 3 juli 1978 betreffende de arbeidsovereenkomsten. Dat is nieuw: het basisuurloon bedraagt 16 euro. Dit bedrag wordt elk jaar geïndexeerd op 1 juli. Je onderneming kan uiteraard een hoger uurloon toekennen. Jobstudenten in de bouw hebben geen recht op maaltijdcheques.
De loonbarema’s voor bedienden-studenten (niet-arbeiders) vind je op de website van het Sociaal Fonds van PC 200.
De inkomsten van studenten zijn onderworpen aan specifieke fiscale regels Werken ze minder dan 650 uur per jaar, beschikken ze over een schriftelijke arbeidsovereenkomst en betalen ze geen sociale bijdragen, dan wordt geen bedrijfsvoorheffing ingehouden. De verplichting om belastingen te betalen hangt af van het totale inkomen van de student. De student kan ook ten laste van zijn ouders blijven, op
voorwaarde dat hij of zij deel uitmaakt van het gezin, een bepaald plafond aan bestaansmiddelen niet overschrijdt en geen lonen ontvangt die voor de ouders als beroepskosten aftrekbaar zijn.
Als werkgever moet je een risicoanalyse uitvoeren van de risico’s waaraan de jobstudent wordt blootgesteld tijdens zijn of haar activiteiten. Je beoordeelt daarbij alle risico’s voor de veiligheid, de fysieke en mentale gezondheid en de ontwikkeling van de student. Deze analyse moet gebeuren in samenwerking met de preventieadviseur van de interne of externe dienst voor preventie en bescherming op het werk. Ze moet worden geïntegreerd in het globaal preventieplan en op basis daarvan moeten passende preventiemaatregelen worden genomen.
Om veiligheidsredenen zijn bepaalde activiteiten verboden voor minderjarige werknemers (jonger dan 18 jaar). Logischerwijs zijn die ook verboden voor alle studenten-werknemers, ongeacht hun leeftijd. Deze beperkingen gelden niet voor studenten-werknemers van 18 jaar of ouder die een opleiding volgen die overeenstemt met het werk of de taken waarop het verbod betrekking heeft, op voorwaarde dat ze worden begeleid door een ervaren werknemer.
Studenten worden aangeworven op basis van een arbeidsovereenkomst. Als ze worden ingezet op tijdelijke of mobiele bouwplaatsen, moeten ze dus, net als andere werknemers, een verplichte basisveiligheidsopleiding van minstens acht uur hebben gevolgd, en dit binnen de maand na hun indiensttreding.
Bepaalde studenten uit het beroeps- of technisch onderwijs kunnen genieten van een afwijking wanneer ze op school een VCA-attest hebben behaald.
INFO: Surf naar de Embuildwebsite (ledengedeelte), waar je een volledig dossier over studentenarbeid kan vinden (tewerkstellingsformaliteiten, verboden werkzaamheden, veiligheidsmaatregelen, sociaal en fiscaal statuut, …).
Alle details over studentenjobs en veiligheid vind je in dossier 151 van Constructiv over de tewerkstelling van jongeren in de bouw en in infofiche 3009 – Welzijn van jobstudenten in bouwbedrijven. De nodige documenten zijn gratis beschikbaar op www.buildingyourlearning.be.






































100% recycled zinc

Een revolutionaire
stap in circulair en toekomstgericht
VMZINC-producten zijn onderhoudsvrij en op het einde van hun levensduur volledig recycleerbaar Met de lancering van AZENGAR® 3R gaan we nu nog een stap verder.
AZENGAR® 3R (Reduce – Reuse – Recycle): een 100% circulair product dat eindeloos recycleerbaar is mét behoud van zijn technische samenstelling en originele prestaties. Een unicum in de sector!
Ontdek meer of vraag uw staal aan op www.vmzinc.be
REDUCE
• >80% CO₂-reductie (slechts 0,7 kg CO₂ / kg zink)
• >80% fossiele energiebesparing
• Eindeloos herbruikbaar zonder kwaliteitsverlies
• Geen verspilling of downcycling
• Volledig vervaardigd uit gerecycleerd zinkafval
• Gesloten grondstoffencyclus
Speciaal voor een warm dakconstructie ontwikkelde VMZINC, ZINC PLUS. In combinatie met ALUDEX®Max als zelfklevend dampscherm, treedt er geen damptransport op en is verluchten overbodig. Toepasbaar voor het structuurdak op verschillende types-isolatie en ontwikkeld op basis van het advies van het WTCB (Wetenschappelijk en Technisch Centrum voor het Bouwbedrijf).
1 Dakvloer
2 Aludex®Max dampscherm
3 Beloopbare thermische isolatie die geen hout bevat
4 VMZINC Membraan
5 VMZINC PLUS



Ontdek er nu meer over op vmzinc.be



• Minstens 50 jaar waterdicht
• Tot 70% snellere en kwalitatievere plaatsing met pre-tape
• Cacheerlaag in polyestervlies: sterk, soepel en perfect waterdicht
• Strakke plaatsing zonder plooivorming
• Minder naden, hoger rendement
• Geen mechanische kimfixatie
• Helderregenwatercertificaat
• Geen vlam op het dak
www.mastersystems-epdm.be
Beschikbaar in breedtes 1,52 m & 3,05 m
Dikte: 2,2 mm




• 25 jaar productgarantie*
• “VM Building Solutions warranty” kwaliteitslabel
• ATG gelabelde en gecertificeerde rollen
• Praktijkopleiding tot werfbegeleiding
* voorwaarden zie website.
Zonnepanelen zijn voor bedrijven een slimme investering voor hun platte daken. Niet alleen vanwege de groene stroom, maar ook omdat het een duurzame investering is die aansluit bij toekomstgericht ondernemen. Wel is het belangrijk om aandacht te hebben voor aspecten zoals brandveiligheid, gebouwprestaties en lange termijnwaarde - zodat de installatie daadwerkelijk bijdraagt aan een veilige en toekomstbestendige oplossing.
(Brand)veiligheid eerst: voorkomen is beter dan oplossen
Brandveiligheid is een onmisbare factor bij de plaatsing van zonnepanelen. Door hun elektrische componenten en plaatsing op het dak kunnen ze - bij onjuiste uitvoering - een extra risico vormen. Met brandwerende materialen, zoals ROCKWOOL rotswolisolatie, verklein je de kans dat een eventuele brand zich via het dak verspreidt. Je beschermt dan niet alleen je pand en installatie, maar vooral ook medewerkers, voorraden en bedrijfsprocessen. In veel sectoren betekent veiligheid simpelweg: de continuïteit waarborgen.
Een heldere route naar een zorgeloze installatie
Een PV-installatie moet voldoen aan verschillende voorschriften op het gebied van brandveiligheid, dakbelasting en constructieve en technische eisen. Die wet- en regelgeving is er niet voor niets; het waarborgt de veiligheid van mensen én gebouwen. Door hier in een vroeg stadium rekening mee te houden en samen te werken met partijen die de regelgeving kennen, voorkom je vertraging, kosten en risico’s. Dit zorgt voor een solide basis, letterlijk en figuurlijk.
De juiste opbouw maakt het verschil
Op een plat dak komt het aan op een slimme combinatie van dakbedekking, isolatie en bevestigingstechniek. Zonnepanelen moeten stevig staan, zonder risico op schade bij wind of regen. Ook

mag het water niet blijven staan daar waar het schade kan veroorzaken. Een slimme dakopbouw met drukvaste, duurzame isolatie, zoals ROCKWOOL rotswolisolatie, draagt bij aan een solide constructie om het gewicht van de installatie blijvend te kunnen dragen. Dit draagt niet direct bij aan een langere levensduur van het gebouw zelf, maar helpt wel om je dak – de ‘drager’ van de hele installatie – in goede conditie te houden. En dat is essentieel voor een langdurig, probleemloos gebruik van je zonnepanelen.
Duurzaam én circulair: vooruitkijken loont
Zonnepanelen zorgen voor hernieuwbare energie, maar hun duurzaamheid wordt nóg groter als je kijkt naar het totaalplaatje. De gebruikte materialen maken ook hier het verschil. ROCKWOOL rotswolisolatie wordt gemaakt van het natuurlijke gesteente ‘basalt’, is volledig recycleerbaar en behoudt
zijn prestaties decennialang, zonder aan kwaliteit in te boeten. Zo draag je bij aan een circulaire economie waarin grondstoffen opnieuw worden benut.
Dankzij de lange levensduur en herbruikbaarheid van de materialen beperk je afval en versterk je het duurzame karakter van je vastgoed.
Aan de slag met een veilige en duurzame dakinstallatie
Zonnepanelen op je platte dak zijn een slimme keuze als je ze integreert in een veilige, wettelijk conforme en duurzaam opgebouwde dakconstructie. Met aandacht voor brandveiligheid, regelgeving, installatiekwaliteit en circulariteit investeer je niet alleen in energieopwekking, maar ook in rust, zekerheid en waarde voor de lange termijn.
Meer weten? rockwool.be/ platdak-zonnepanelen
De lente kende al enkele warme dagen en we glijden stilaan naar de zomer. Maar wat vandaag nog enkele hete zomerweken lijken, dreigt binnen één generatie uit te groeien tot een structureel hitteseizoen. Dat blijkt toch uit een studie van KU
Leuven en architectenbureau Archipelago in opdracht van Verozo. De onderzoekers analyseerden op basis van klimaatmodellen de impact van stijgende temperaturen op Belgische woningen en appartementen. Hun conclusie is duidelijk: zonder doordachte maatregelen wordt oververhitting een structureel probleem voor bijna elk Belgisch gezin. Materialen die warmte weren, reflecteren of bufferen zullen de komende jaren alleen maar belangrijker worden en keramische bouwmaterialen – zoals die van Wienerberger - sluiten volgens de onderzoekers perfect aan bij die evolutie.
Volgens de studie kan België bij een wereldwijde opwarming van 2°C jaarlijks tot elf hittegolfdagen kennen. Dat scenario zou al rond 2039 realiteit kunnen worden. Bij een opwarming van 3°C – mogelijk tegen 2063 – dreigt zelfs bijna het volledige Belgische woningbestand regelmatig blootgesteld te worden aan langdurige hitte.
Vandaag worden Belgische woningen slechts beperkt geconfronteerd met buitentemperaturen boven 25°C gedurende langere periodes. In een wereld die 2°C warmer wordt, zou dat al gelden voor meer dan een half miljoen woningen en ruim 150.000 appartementen. Bij 3°C opwarming loopt dat op tot bijna het volledige woningbestand.
Vooral warme nachten vormen daarbij een ernstig gezondheidsrisico. “Hoge nachtelijke temperaturen verstoren de slaap en het herstel van het lichaam, met extra zware gevolgen voor ouderen, jonge kinderen en kwetsbare personen”, zegt architect-onderzoeker Joost Declercq.
Eerst de omgeving afkoelen
Volgens de onderzoekers ligt de eerste stap in klimaatadaptatie buiten het gebouw zelf. Meer groen, waterbuffering en minder hitte-eilandwerking kunnen de omgeving aanzienlijk verkoelen. Ook stedenbouwkundige keuzes spelen een belangrijke rol.
“De eerste winst zit vaak buiten het gebouw”, legt Declercq uit. “Meer schaduw, meer verdamping en meer ventilatie tussen gebouwen helpen om warme lucht af te voeren.”
Met waterpasserende kleiklinkers zoals Passaqua wil Wienerberger daarop inspelen. Dankzij de open voegen kan regenwater lokaal infiltreren, wat helpt om de omgeving af te koelen en droogte tegen te gaan.

Houd zon en warmte buiten
De tweede stap draait om het beperken van zonnewinsten. Een slim ontwerp met de juiste oriëntatie, een doordachte glasratio en efficiënte zonwering kan oververhitting sterk beperken.

“Gebouwen zijn vandaag vaak te sterk beglaasd”, stelt Declercq. “Een gemiddelde glasratio van ongeveer 40% biedt in ons klimaat meestal een goed evenwicht tussen daglicht, winterwinsten en zomercomfort.” Vooral oost- en westgevels blijken gevoelig voor oververhitting omdat de zomerzon er langdurig en bijna loodrecht op inwerkt.
Ook de gebouwschil speelt een cruciale rol. Het dak fungeert vaak als grootste zonnecollector van een woning. Goed geïsoleerde, gesloten dakconstructies helpen de warmte buiten te houden. Licht gekleurde kleidakpannen en gevelstenen weerkaatsen bovendien zonlicht en beperken het hitte-eilandeffect. Volgens de onderzoekers begint het oververhittingsseizoen vandaag al half maart en loopt het door tot begin oktober. Hoe beter een gebouw geïsoleerd is, hoe belangrijker het wordt om ongewenste warmte buiten te houden.
Naast zonwering en isolatie blijft ook thermische massa bijzonder belangrijk. Keramische materialen kunnen warmte bufferen en temperatuurschommelingen afvlakken. In combinatie met nachtventilatie kan zo veel warmte passief worden afgevoerd.
“Massa werkt als een spons: overdag absorbeert ze warmte, ’s nachts geeft ze die weer af”, legt Declercq uit. “Natuurlijke ventilatie versterkt dat effect zonder complexe installaties.” Daarbij speelt ontwerp een belangrijke rol. Massa die verborgen zit achter verlaagde plafonds of gipskarton kan haar bufferende werking minder goed uitvoeren. Door slim gebruik te maken van natuurlijke ventilatie, bijvoorbeeld via een schoorsteeneffect in een gebouw, kan warmte efficiënt worden afgevoerd zonder actieve koeling. Volgens de studie kunnen passieve strategieën de koelvraag in kantoren met

60 tot 80% verminderen en in residentiële gebouwen zelfs volledig vermijden.
Techniek pas als laatste stap
Actieve koeling blijft volgens de onderzoekers een laatste redmiddel. Eerst moeten ontwerpers maximaal inzetten op passieve maatregelen zoals zonwering, ventilatie, isolatie en thermische massa. Zelfs eenvoudige oplossingen zoals plafondventilatoren kunnen het comfort sterk verhogen met een beperkt energieverbruik. Door de luchtsnelheid te verhogen, daalt de gevoelstemperatuur aanzienlijk. Traditionele airconditioning verhoogt daarentegen de druk op het elektriciteitsnet en warmt de buitenomgeving extra op, waardoor het probleem deels wordt verplaatst.
Nieuwe ontwerprealiteit voor de dakensector
De studie maakt duidelijk dat zomercomfort even belangrijk wordt als winterisolatie. Architecten, bouwheren en producenten zullen dus steeds meer rekening moeten houden met langere hitteperiodes en de impact daarvan op gebouwen.
Voor de dakensector betekent dat een belangrijke uitdaging, maar tegelijk ook een opportuniteit. Daken spelen immers een sleutelrol in het beperken van zonnewinsten en oververhitting. Materialen die warmte weren, reflecteren of bufferen zullen de komende jaren alleen maar belangrijker worden. Keramische bouwmaterialen sluiten volgens de onderzoekers perfect aan bij die evolutie. Van waterpasserende verhardingen over kleidakpannen tot gevelstenen en keramische bouwblokken: ze helpen gebouwen en hun omgeving weerbaarder te maken tegen langere en intensere hitteperiodes.
In de voorbije edities van dit vakblad las je al heel wat over het onontgonnen potentieel van platte daken, dat we via het COOCK+-project 'Klimaatdak' proberen te ontsluiten. Maar ook hellende daken van woonhuizen bevatten een schat aan onbenut potentieel. VELUX wil daar verandering in brengen.
Oude rijwoningen hebben doorgaans een hellend dak met in het beste geval één of twee kleine dakramen.
Daardoor dienen de donkere zolders vaak enkel als rommelhok of berging. Dat is zonde, want met enkele beperkte ingrepen maak je van die ruimte een moderne leefruimte met overvloedige lichtinval en natuurlijke ventilatie, waarbij ook in de zomermaanden de temperatuur onder controle blijft.
Om die boodschap te verspreiden, nodigde VELUX ons uit in 'Maison Orielle', een meer dan 100 jaar oud herenhuis dat momenteel volledig gerenoveerd wordt.
Eclectisch herenhuis in Elsene
Maison Orielle is een herenhuis in eclectische stijl met art-nouveauelementen en een asymmetrische compositie. De rijwoning werd omstreeks 1900 gebouwd en bleef tot enkele jaren geleden grotendeels bewaard in de originele staat. Toen de huidige bewoners het huis kochten, besloten ze om de zolderverdieping en de bovenste bouwlaag samen te voegen tot een duplex. Die doet in eerste instantie dienst als woonruimte, terwijl de onderste drie verdiepingen worden verbouwd. Wanneer de werken afgerond zijn, zullen de eigenaars de onderste drie verdiepingen bewonen en zal de duplex dienst doen als verhuurruimte en eventlocatie.
Maison Orielle ligt in een rustige laan in de Brusselse deelgemeente Elsene. In die prachtige omgeving zijn de huizenprijzen niet van de poes, en dus is het aangewezen om de beschikbare oppervlakte zo optimaal mogelijk te benutten. Dat is precies wat de eigenaars hier deden. Ze zagen het potentieel van de zolderruimte en besloten die om te bouwen tot een slaap- en badkamer met bad, douche en dressing.
De onderste verdieping van de duplex, waar de keuken en leefruimte zich bevinden, heeft langs de straatzijde vijf prachtige boogvensters die heel wat natuurlijk licht binnenbrengen. Die verdieping ligt bovendien hoger dan de bomen in de laan, waardoor de bewoners een prachtig uitzicht hebben en het licht nergens wordt tegengehouden. Aan de achterzijde ligt een terras met schuifraam. Zo ontstaat een doorzonsappartement dat de hele dag baadt in natuurlijk licht.
De bewoners wilden dat de zolderverdieping evenveel lichtinval zou krijgen. Ze kozen er daarom voor om zowel aan de noord- als de zuidzijde telkens vier dakramen van VELUX te plaatsen, zodat de hele ruimte gelijkmatig verlicht wordt. Door telkens twee vensters boven elkaar te plaatsen aan weerszijden
van het dak, ontstaat maximale lichtinval. De bovenste dakramen tellen voor dubbel en laten het licht veel dieper in de ruimte schijnen.
Slimme technische keuzes
De dakramen zijn aan de buitenzijde uitgerust met elektrisch gestuurde rol-

Vier dakramen aan de noord- en zuidzijde zorgen voor een optimale lichtinval.

luiken. Zo kan de ruimte 's avonds verduisterd worden en wordt in de zomermaanden de warmte buitengehouden. Doordat de dakramen enkel in de onderste helft van het dak zijn geplaatst, bleef er boven de ramen nog ruimte over voor zonnepanelen aan de zuidzijde.
De ruimte is ook slim ingericht zodat het centrale gedeelte optimaal benut wordt. In de zones onder de dakhelling zijn een ligbad en het hoofdeinde van het tweepersoonsbed geplaatst. De raamopeningen zijn bovendien slim in de dakdikte verwerkt, waardoor extra ruimte wordt gecreëerd. Zo werd optimaal gebruik gemaakt van de zones onder de dakhelling, terwijl het centrale gedeelte onder de nok vrij blijft.
Door de weldoordachte plaatsing van de dakramen wordt ook de traphal naast de slaapkamer goed belicht, zodat daar gedurende het grootste deel van de dag geen kunstlicht nodig is.
Voor: een donkere zolder, zoals er duizenden zijn.
Na: een moderne, aangenaam verlichte woonruimte.

Van energieklasse F naar A
Door de renovatie, die ook een dakisolatie omvatte, ging Maison Orielle van energieklasse F naar klasse A. De verbouwing van dit herenhuis bewijst hoe je een traditioneel donkere zolder omtovert tot een aangename, moderne leefruimte. In tijden waarin de huizenprijzen de pan uit swingen en we steeds meer bestaande woningen renoveren, loont het om stil te staan bij het potentieel van zolders onder hellende daken. Wat op het eerste gezicht een donkere ruimte lijkt met beperkte oppervlakte door de dakhelling, kan met enkele gerichte ingrepen omgetoverd worden in een moderne en aangename leefruimte. Wie daarnaast slim gebruik maakt van de beschikbare oppervlakte, ziet de mogelijkheden verveelvoudigen. In tijden van circulariteit en duurzaamheid schuilt daar heel wat potentieel!

De VELUX‑ervaring in dienst van uw projecten
Als dakwerker word je regelmatig gevraagd om dakramen te plaatsen in bestaande woningen, vaak zonder de begeleiding van een architect. Dat roept heel wat vragen op: waar plaats je de ramen voor een optimale lichtinval? Op welke hoogte? En hoe breng je daglicht tot diep in de woning, naar trappenhallen of doorgangen? Bovendien is de zuidkant niet altijd de beste keuze, ook al lijkt dat vaak vanzelfsprekend.
De VELUX Ontwerpadviesdienst
ondersteunt installateurs en hun klanten met persoonlijk advies en realistische 3D-visualisaties. De ontwerpadviseurs analyseren de specifieke wensen en noden van elk project en stellen doordachte VELUX-oplossingen voor. Zo krijgen eindklanten een duidelijk beeld van het eindresultaat en verloopt de voorbereiding van een offerte een stuk vlotter.
Dankzij de visuele ondersteuning winnen projecten sneller aan overtuigingskracht. Klanten nemen makkelijker beslissingen, terwijl jij je expertise versterkt en de toegevoegde
waarde van je projecten verhoogt. Bovendien kan je rekenen op kwalitatieve ondersteuning in samenwerking met VELUX, wat vertrouwen creeert bij uw klanten – van het eerste idee tot de uiteindelijke installatie. De VELUX-ervaring in dienst van uw projecten
www.velux.be/nl-be/professionelen/ installateurs


Eenvoudige installatie, minder dan 1 uur werk!
Hoge marges bij elke plaatsing
Betrouwbare oplossing met gegarandeerde klanttevredenheid
Verdien het hele jaar door punten op de VELUX Club met alle buitenbeschermingen. Besteed ze bij onze topmerkpartners!














VELUX Club





Wacht niet langer en ontdek wat de VELUX Club u te bieden heeft door de QR-code hiernaast te scannen







Met Renoviewer lanceert wienerberger een nieuwe digitale visualisatietool die renovatie- en bouwklanten moet helpen bij het kiezen van gevelstenen en kleiklinkers.
De AI-gebaseerde toepassing laat gebruikers toe om verschillende materialen realistisch te projecteren op een foto van hun eigen woning of op één van de beschikbare modelwoningen.
Volgens wienerberger speelt de tool in op de groeiende behoefte aan visuele ondersteuning bij renovatieprojecten. De keuze van gevelmaterialen is voor veel bouwers immers een belangrijke en vaak moeilijke beslissing, aangezien kleur, formaat en textuur het uitzicht van een woning voor lange tijd bepalen. Renoviewer wil die keuze vergemakkelijken door klanten vooraf een duidelijk en realistisch beeld te geven van het eindresultaat.
De webtool werkt eenvoudig en intuïtief. Gebruikers uploaden een foto van hun woning of starten vanuit een voorbeeldwoning en kunnen vervolgens verschillende gevelstenen en kleiklinkers combineren en vergelijken. Dankzij de snelle visualisaties krijgen klanten meteen inzicht in welke materialen het best aansluiten bij hun woning en omgeving. De beelden kunnen bovendien eenvoudig ge-
download of gedeeld worden met familie, architect of aannemer.
Voor dakwerkers en andere bouwprofessionals kan de tool eveneens een handig hulpmiddel zijn tijdens adviesgesprekken met klanten. Door materiaalkeuzes vooraf visueel te ondersteunen, kunnen beslissingen sneller genomen worden en ontstaat er meer zekerheid over het uiteindelijke resultaat van een renovatieproject.
Ook in de showrooms van wienerberger in Kortrijk en Londerzeel wordt Renoviewer geïntegreerd in de begeleiding van bezoekers. Showroomadviseurs helpen klanten daar bij het visualiseren van hun project en het vergelijken van verschillende oplossingen. Op die manier combineert het bedrijf digitale technologie met persoonlijk advies.
Naar aanleiding van de lancering or-

ganiseert wienerberger bovendien een promotionele wedstrijd. Deelnemers die via Renoviewer een visualisatie maken en insturen samen met een foto van hun huidige situatie, maken kans op een draadloze computermuis van het merk. De actie loopt van 4 mei tot en met 30 juni 2026.
Met Renoviewer wil wienerberger zijn digitale dienstverlening verder uitbreiden en renovatieprojecten toegankelijker en transparanter maken voor zowel particuliere bouwers als professionals.






Midden in Antwerpen, recht tegenover het ravissante stadspark en grenzend aan de historische Van Eycklei, verrijst Van Eyck Park als een hedendaags woonproject waar leefkwaliteit, duurzaamheid en groen centraal staan. Achter deze aantrekkelijke woonomgeving schuilt een doordachte technische infrastructuur die zorgt voor een efficiënt waterbeheer en een klimaatbestendige inrichting.
Voor dit project leverde Deschacht de oplossingen voor de volledige ondergrondse rioleringsstructuur, een buffer- en infiltratiesysteem én een intensief groendak. Dankzij de nauwe samenwerking tussen hoofdaannemer AB Eiffage en groenspecialist Kreekhof Tuinen ontstond een geïntegreerde oplossing waarin waterbeheer en stedelijk groen elkaar versterken.
Groen wonen in een stedelijke omgeving
In dichtbebouwde stedelijke gebieden wordt het steeds belangrijker om ruimte te creëren voor groen en tegelijk slim om te gaan met regenwater. Nieuwe bouwprojecten moeten voldoen aan steeds strengere eisen rond buffering, infiltratie en vertraagde afvoer van hemelwater.
Van Eyck Park speelt hierop in met een geïntegreerde aanpak waarbij regenwater maximaal lokaal wordt opgevangen, gebufferd en geïnfiltreerd. Zo wordt de druk op het rioleringsnet beperkt en draagt het project actief bij aan een klimaatbestendige stad.
Ondergrondse infrastructuur als basis voor duurzaam waterbeheer
De fundering van dit waterbeheer bevindt zich onder de grond. Voor Van Eyck Park werd een volledige ondergrondse rioleringsstructuur gerealiseerd, opgebouwd uit PE-leidingen en diverse maatwerk PE-putten. Deze infrastructuur zorgt voor een efficiënte afvoer en sturing van zowel regenals afvalwater.
Aansluitend werd een bufferbekken met infiltratiesysteem geplaatst. Hiervoor werden Deschacht Controlboxen toegepast, verdeeld over twee strengen om optimaal gebruik te maken van de beschikbare ruimte op de site. Het systeem vangt regenwater tijdelijk op en laat het vervolgens gecontroleerd in de bodem infiltreren. Zo wordt de natuurlijke waterkringloop ondersteund en de belasting van het openbare rioleringsnet aanzienlijk verminderd.

Intensief groendak boven een ondergrondse parking
Eén van de blikvangers van het project is het intensieve groendak dat werd aangelegd bovenop de ondergrondse parking. Dankzij deze oplossing wordt de beschikbare


ruimte maximaal benut en ontstaat een volwaardige groene buitenomgeving voor de bewoners.
Om het niveauverschil tussen de kelderstructuur en de omliggende gebouwen op te vangen, werd eerst een taludsysteem opgebouwd met Isomo bovenop de waterdichting van de kelder. Hiermee kon een hoogteverschil van bijna één meter veilig en efficiënt worden overbrugd.
Vervolgens werd een intensief groendaksysteem van Deschacht aangebracht over een oppervlakte van ongeveer 1.050 m². De opbouw bestaat uit verschillende functionele lagen die samen zorgen voor bescherming, drainage, filtering en waterbuffering:
● Greenfix Protect 300 g
● Greenfix Filter 100 g
● Greenfix wortelwerende folie 0,5 mm
● Greenfix Drain Premium Heavy (10 cm)
Deze opbouw biedt een hoge waterbufferingscapaciteit en voldoende draagkracht voor een intensieve groenzone. Het resultaat is een duurzame groene ruimte die niet alleen bijdraagt aan het wooncomfort en de uitstraling van het pro-

ject, maar ook een belangrijke rol speelt in klimaatadaptatie en regenwaterbeheer.
De algemene coördinatie en uitvoering van Van Eyck Park werd verzorgd door AB Eiffage. Voor de rioleringswerken en de aanleg van het groendak werkte het bouwbedrijf samen met Kreekhof Tuinen, gespecialiseerd in tuinaanleg, groendaken en waterbufferingssystemen binnen complexe bouwprojecten.
Volgens Simon Van Vossel, zaakvoerder van Kreekhof Tuinen, was de samenwerking met Deschacht een belangrijke succesfactor:
“Voor projecten zoals Van Eyck Park zijn waterbuffering en groendaken geen afzonderlijke onderdelen meer, maar essentiële bouwstenen van een duurzame leefomgeving. Met Deschacht werken we samen met een partner die niet alleen kwalitatieve producten levert, maar ook technische ondersteuning biedt tijdens het volledige traject. Dat maakt het mogelijk om zelfs in een complexe stedelijke context tot doordachte en toekomstgerichte oplossingen te komen.”
Van Eyck Park toont hoe innovatieve technieken, slimme materiaalkeuzes en een geïntegreerde visie op waterbeheer kunnen bijdragen aan een groenere en klimaatbestendige stad. Door ondergrondse buffering, infiltratievoorzieningen en een intensief groendak te combineren, ontstaat een woonomgeving waar leefkwaliteit, duurzaamheid en efficiënt ruimtegebruik perfect samengaan.
Dat het platte dak vandaag meer aandacht krijgt dan ooit, werd nogmaals duidelijk tijdens het evenement “De 10 geboden van het platte dak – Terug naar de basis”, georganiseerd door De Vijfde Gevel op 27 april op de CommunicatieCampus in Gent. De ruime opkomst van architecten, dakdekkers, studiebureaus, aannemers, producenten en technische specialisten uit de bouwsector bewees dat de nood aan heldere, praktische en technisch onderbouwde informatie rond platte daken bijzonder groot blijft.

Hpresentaties waarin verschillende experten teruggrepen naar de essentie van een degelijk ontworpen en correct uitgevoerd plat dak. In een tijd waarin daken steeds multifunctioneler worden — met groendaken, zonnepanelen, waterbuffering en intensief gebruik — blijft een solide basis immers cruciaal.
De organisatie van De Vijfde Gevel verliep bijzonder professioneel. De avond was strak opgebouwd, technisch goed ondersteund en bood de aanwezigen voldoende ruimte om te netwerken en ervaringen uit te wisselen. Hoewel het programma behoorlijk uitgebreid was en het geheel misschien iets compacter hadden gekund – 2,5 h is wel erg
pittig - bleef de inhoud doorheen de avond relevant en boeiend.
Het concept van korte “10-minute talks” werkte bovendien verfrissend net als de afwisseling met enkele mooi geïllustreerde cases. De sprekers kwamen snel tot de essentie en brachten concrete praktijkervaringen, technische inzichten en aandachtspunten waarmee de aanwezige vakmensen meteen aan de slag kunnen.
Terug naar de fundamenten
Centraal tijdens de avond stond één duidelijke boodschap: een plat dak blijft een technisch hoogwaardig bouwonderdeel dat geen ruimte laat voor compromissen.
Diverse sprekers benadrukten dat veel problemen op platte daken nog steeds ontstaan door fouten in de basisprincipes: onvoldoende aandacht voor detaillering, verkeerde materiaalkeuzes, gebrekkige uitvoering of onvoldoende kennis van waterafvoer en opbouw.
De presentaties maakten duidelijk dat een goed functionerend dak altijd begint bij een correcte dakopbouw, een





doordachte detaillering en een nauwkeurige uitvoering op de werf.
Tijdens de avond kwamen verschillende experten uit de sector aan bod, elk vanuit hun eigen specialisatie en praktijkervaring. De kracht van het evenement lag precies in die combinatie van ontwerp, uitvoering, onderzoek en technische expertise.
Jan Moens opende de avond met een brede kijk op het platte dak als bouwonderdeel. Hij maakte meteen indruk met een overzicht van maar liefst veertig factoren die een invloed hebben op de constructie en prestaties van een plat dak. Daarbij stond vooral de bestemming en de ligging van het gebouw centraal als uitgangspunt voor het ontwerp.
Volgens Moens moet bij de constructie van een plat dak rekening gehouden worden met tal van aspecten die voortvloeien uit zowel de huidige als toekomstige functies van het gebouw. Daarmee zette hij meteen de toon voor de rest van de avond: een duurzaam plat dak begint bij een grondige analyse en een doordacht ontwerp.
Edwige Noirfalisse ging dieper in op de verschillende dakopbouwen volgens TV 280 en maakte duidelijk welke systemen de voorkeur genieten, welke niet aanvaardbaar zijn en welke
enkel onder specifieke voorwaarden toegepast kunnen worden. Ze benadrukte dat een correcte en robuuste dakopbouw in de eerste plaats waterdicht moet zijn, voldoende thermisch geïsoleerd en zo ontworpen dat condensatieproblemen vermeden worden. Een groot stuk herhaling, maar niet onbelangrijk.
Later op de avond behandelde Noirfalisse ook het thema drukvastheid van isolatie bij multifunctionele daken. Daarbij legde ze uit dat de evaluatie van isolatie altijd project per project moet gebeuren, rekening houdend met belastingen, lastoverdracht via tussenlagen en de materiaaleigenschappen van de isolatie.
Eddy Mahieu – Buildwise
Eddy Mahieu focuste op betrouwbare materialen en materiaalcombinaties binnen dakopbouwen. Daarbij verwees hij naar de certificaties en ATG-keuringen waarop de sector vertrouwt. Een opvallende primeur tijdens de avond was de voorstelling van de nieuwe online tool “Roofbuilder”, ontwikkeld door Buildwise.
Met deze applicatie kan op basis van ATG-criteria snel een correcte dakopbouw bepaald worden zonder tijdrovende manuele documentanalyse. Daarnaast stond Mahieu ook stil bij het belang van correcte detaillering om waterinfiltratie te voorkomen. Vooral aansluitingen en daktoegangen blijven volgens hem kritieke punten op platte daken. Hij benadrukte
daarbij het belang van voldoende opstandhoogtes.
Een te beperkte opstandhoogte verhoogt immers de gevoeligheid voor windinwerking, sneeuwophoping en slagregen. Daarom wordt in de praktijk een minimale opstand van 150 mm vereist.
Tinus van der Valk
ir. Arch. M. van der Valk
Tinus van der Valk bracht een technische uiteenzetting over de draagkracht van de dakvloer als essentiële ontwerpparameter voor huidige én toekomstige dakfuncties. Hij gaf een helder overzicht van de verschillende belastingen waarmee rekening gehouden moet worden, zoals permanente lasten, sneeuwbelasting, windbelasting, gebruiksbelasting en bijzondere belastingen zoals wateraccumulatie.
Van der Valk wees er bovendien op dat renovatieprojecten extra risico’s met zich meebrengen door materiaaldegradatie, onvolledige documentatie en wijzigingen in belastingen doorheen de jaren.
Tuur Van Dijck behandelde het thema proactieve bescherming van het dakpakket en slim dakbeheer. Hij benadrukte dat eenvoudige maatregelen tijdens de uitvoeringsfase vaak cruciaal zijn om schade aan de waterdichting te vermijden. Daarnaast wees hij
op de kwetsbaarheid van dakdoorboringen en het belang van compartimentering om eventuele schade te beperken tot kleinere zones.
Een opvallend onderdeel van zijn presentatie was het gebruik van vochtmonitoring met sensoren in de isolatielaag. In combinatie met een doordachte compartimentering kan dit volgens Van Dijck bijdragen aan intelligent dakbeheer en vroegtijdige detectie van problemen.
Marcus Peeters ging op een bijzonder entertainende manier dieper in op de impact van windbelasting op platte daken en de factoren die dit beïnvloeden. Hij benadrukte dat niet alleen de hoogte en ligging van een gebouw bepalend zijn, maar ook de vaak onderschatte terreinruwheid en de luchtdichtheid van de dakopbouw. Volgens Peeters wordt de terreinruwheidscategorie in de praktijk nog te vaak onderschat, terwijl deze net een maatgevende parameter vormt voor de uiteindelijke windbelasting op het dak.
Alexander Scheepers behandelde de brandveiligheid van het volledige dakpakket, met bijzondere aandacht voor de Broof(t1) -classificatie. Hij maakte duidelijk dat hierbij niet enkel gekeken wordt naar de dakbedekking zelf, maar naar het volledige dakpakket. Dat wordt steeds belangrijker in een context van dichte bebouwing en multifunctionele daken.
Opvallend was ook de verduidelijking dat groendaken en terrastegels beschouwd worden als dakbedekking en dus moeten voldoen aan de Broof(t1) -classificatie, terwijl PV-panelen buiten deze scope vallen.
Freya Michiels Bureau Bouwtechniek
Freya Michiels sloot de avond af met een presentatie rond veiligheid en duurzaam onderhoud van platte daken. Daarbij lag de focus op veilig wer-

ken volgens de preventiehiërarchie en de geldende wetgeving, zowel voor gebruikers als voor uitvoerders van onderhouds- en herstellingswerken. Volgens Michiels blijft communicatie tussen alle betrokken partijen een essentiële voorwaarde om veiligheid op platte daken te garanderen.
Goed opgelet?
Na afloop van de uiteenzettingen volgde nog een leuke quiz- en vragenronde waarbij de aanwezigen met rode en groene kaartjes werden getest op hoe aandachtig ze tijdens de presentaties hadden geluisterd. De winnaar mocht naar huis met een ballonvaart voor twee personen. Ondergetekende behoorde tot de laatsten die nog overbleven, maar moest nét het onderspit delven bij de schiftingsvraag over het aantal vierkante meter groendak op de CommunicatieCampus.
De avond werd afgesloten met een verzorgde receptie en walking dinner, waarbij de stands van sponsors en partners konden worden bezocht en er nog gezellig kon worden nagepraat
Praktijkervaring centraal
Wat de avond bijzonder sterk maakte, was de voortdurende koppeling tussen theorie en praktijk. De sprekers bleven niet hangen in louter technische voorschriften, maar vertaalden hun kennis naar concrete werfsituaties.
Voor veel aanwezigen was net dat aspect bijzonder waardevol. Problemen rond uitvoeringsdetails, aansluitingen, waterbeheer en materiaalcombinaties zijn immers dagelijkse realiteit op de werf. De herkenbare voorbeelden en praktische tips zorgden dan ook voor veel interactie en bevestigden dat de sector vragende partij blijft voor dergelijke kennisavonden.
Grote interesse vanuit de sector
De sterke opkomst was zonder twijfel één van de opvallendste elementen van de avond. Het brede publiek toonde aan dat het thema leeft binnen de volledige bouwsector.
Zowel ervaren dakprofessionals als jonge uitvoerders en ontwerpers vonden hun weg naar het evenement. Dat bevestigt opnieuw hoe belangrijk kennisdeling blijft in een sector waar technische evoluties en nieuwe toepassingen elkaar snel opvolgen.
Tegelijk werd duidelijk dat er nog steeds nood is aan duidelijke en praktijkgerichte informatie over correcte dakopbouwen. Ondanks alle technologische innovaties blijven de basisprincipes van het platte dak essentieel.



In een bouwsector waar duurzaamheid steeds vaker centraal staat, kijken bouwheren, architecten én dakprofessionals niet langer alleen naar de aankoopprijs van een dakafdichting. De focus verschuift steeds meer naar levensduur, onderhoudsgemak en prestaties op lange termijn. Net daar wil VAEPLAN zich onderscheiden. Volgens recente praktijkstudies blijven de kunststof dakbanen ook na meer dan 30 jaar nog uitstekend presteren.
Waar laboratoriumtests vaak de standaard vormen voor technische evaluaties, pakt VAEPLAN uit met praktijkervaring. Daken die al tot 36 jaar in gebruik zijn, werden onderzocht op waterdichtheid, flexibiliteit en mechanische eigenschappen. De conclusie volgens fabrikant Derbigum: de membranen blijven betrouwbaar, zelfs na tientallen jaren blootstelling aan UV-straling, temperatuurschommelingen en mechanische belasting.
Voor dakwerkers is vooral die langdurige betrouwbaarheid belangrijk. Een dakafdichting moet immers niet alleen vandaag perfect functioneren, maar ook over tientallen jaren nog bescherming bieden zonder ingrijpende renovaties. VAEPLAN mikt daarom op een functionele levensduur van meer dan 30 jaar, met potentieel tot 50 jaar of langer bij correcte plaatsing en onderhoud.
Eén van de sterke punten van het systeem is de blijvende flexibiliteit van de membranen. Daardoor kunnen spanningen in het dak opgevangen worden zonder scheurvorming. Ook de mechanische eigenschappen blijven volgens de fabrikant behouden: treksterkte en scheurweerstand nemen nauwelijks af, zelfs niet na jarenlange blootstelling aan weer en wind.
Daarnaast bieden de dakbanen een hoge weerstand tegen veroudering door UV-straling, chemische invloeden en micro-organismen. Dat maakt het systeem geschikt voor uiteenlopende toepassingen, van industriële gebouwen tot residentiële projecten en groendaken.
Voor renovatieprojecten is vooral de compatibiliteit met bitumineuze systemen interessant. Daardoor kunnen VAEPLAN-membranen eenvoudiger
aangesloten worden op bestaande dakopbouwen, wat tijdswinst en praktische voordelen oplevert op de werf. Ook de blijvende lasbaarheid van de membranen is een troef voor onderhoud en herstellingen op lange termijn.
Naast technische prestaties zet VAEPLAN ook in op duurzaamheid. De membranen zijn standaard wortelwerend, recupereren pH-neutraal water en zijn beschikbaar in witte uitvoering om zonlicht te reflecteren en de opwarming van gebouwen te beperken.
Met de focus op bewezen praktijkprestaties wil VAEPLAN aantonen dat duurzaamheid niet alleen draait om milieuprestaties, maar ook om technische zekerheid en economische efficiëntie over meerdere decennia. Voor dakprofessionals betekent dat vooral één zaak: minder risico’s en meer zekerheid op lange termijn.


Renoveren vraagt om slimme oplossingen. Met de Roval-Multi-trim® kies je voor een aluminium overzettrim die eenvoudig over de bestaande dakrand wordt geschoven. Dat beperkt sloopwerk, voorkomt onnodig gedoe op het dak en bespaart kostbare montagetijd.
De Roval-Multi-trim® is ontwikkeld voor renovatie, maar voelt zich net zo thuis in nieuwbouwprojecten. Omdat de bestaande bitumen of kunststof dakbedekking vaak kan blijven zitten, verloopt de montage sneller en efficiënter. Minder handelingen op het dak betekent bovendien meer veiligheid en een strakker proces. De Roval-Multi-trim® is leverbaar in brute, geanodiseerde en gemoffelde uitvoering, in vrijwel alle RAL-kleuren. Zo combineer je praktisch verwerkingsgemak met een duurzame, verzorgde dakrandafwerking.
Roval Aluminium is specialist in de ontwikkeling, productie en levering van aluminium bouwproducten voor daken en gevels. Tot het uitgekiende assortiment behoren onder meer aluminium dakranden, raamdorpels, muurafdeksystemen, balusters, groendakproducten, privacyschermen en bekleding voor hemelwaterafvoeren. Daarnaast biedt Roval Aluminium maatwerk in zetwerk. Mooi, functioneel en duurzaam. Inspiratie vindt u op www.roval.be

Maak uw plat dak klaar voor de toekomst: brandveilige isolatie en zonnepanelen
Platte daken zijn perfect voor zonnepanelen.
Met ROCKWOOL rotswolisolatie creëert u een veilige, duurzame en energizuinige basis voor optimale prestaties.
Brandveiligheid: beschermt uw gebouw
Energie-efficiëntie: lagere energiekosten
Duurzaamheid: lange levensduur en volledig recyclebaar
rockwool.be/platdak-zonnepanelen