Alles over innovatie in ICT
Jaargang 7, nr. 4 / 2016
Innovatie
Innoveren door weg te laten Cloud-strategie
Markt
Google geeft vol gas met public cloud
‘ De markt vraagt om een hybride focus op IAM’
En verder IBM’s Power-processor maakt comeback als open source hardware | Het juiste datacenter kiezen | Floreren in een web-scale wereld | All IT Rooms bouwt Drentse mediatoren om tot groen datacenter | Blurry Box toont hackers alleen vaag beeld van code | Hybrid cloud experience | www.cloudworks.nu In samenwerking met
PU PUB BLIC SECT LOU LOU S CA SIN TAR SE P • BE S CA OUD • BE T • OUD SE P • BE I BL LIC S OR D S D SE ESS T-U RI ST SE ST ST BES ST UB ST P V E BL IC SE SEC CTO • B TAR ROD PRI CAS P • ATE CLO PRI ART BUS T B ART LIC IC CT TO R ES T-U U VA E BE SE UD VA -UP IN US -UP SE C I T T C T P S SE SECT OR R • • BE CL P • T • E S UBL T C CTO STA E S • B ESS NES • B T CT O • B BE ST OU BE BE EC IC LO R RT EC ES CA S C ES T T T S U • T O R D S SE R • • B EST T C CLO ST ST C ST B OR SEC D P BES -UP OR CLO E PU ASE CT BE ES CL LO UD AR LO US • B TO RO T • B • B U B PR B D L T O U T U O R PU R • ST C CLO UD D S STAR -UP D P INES EST • B DUC USI EST EST PR IC S IV BL BE LO UD STA TAR T- • B RO S C BU ES T • NE CLO BU OD EC BU IC S ST C UD S ST RT- T-U UP • EST DUC ASE SINE T CL BES SS C UD SINE UCT T SIN ECT LO TA ART UP P • BE CL T • PR SS OU T B ASE PR SS • B PR ESS OR UD S RT-U -UP • BE BES ST C OUD BES IVAT CAS D ST USI PU ODU CAS E IVA CA • B TA P • • B ST T C LO PR T B E S E P AR NES BLI CT E P PR TE S SE P EST RT-U BES EST CLO LOU UD P ODU USI ECT UBL T-UP S CA C SE • BE U OD EC UB CLO P • T CL UD D P RO CT NE OR IC • SE CT ST • B UCT TOR LIC UD BES CLOU OUD PRO ROD DUC • B SS C • BE SECT BEST PRI OR • ES • B • B SEC STA T D PR DU UC T EST ASE ST OR CL VAT BE SE T CL EST EST TOR RT- CLOU PRO ODU CT T • • BE BU PR BUS • B OUD E S S E • B S S I E D CT OU B B U OR D US US • BE P • D PR UCT CT • BES EST T BU INE VATE INES ST C PRO CT BE • ST IN IN S BE O • B T B S SS S S LO D ST BE AR ES ES T C ST DU BE ES BU US INE CA EC CA UD UC S T T BU CLO ST B T-UP S CA CA LOU CLO CT • ST B BU SINE INES SS C SE P OR SE P STA T SIN UD US • SE SE D S UD BE US SIN SS S C AS RI • B UB RT CL ESS PRO INES BEST PRIV PUB TAR PRO ST B INES ESS CAS ASE E PR VATE EST LIC S L T OU C D S AS UC CA CLO ATE IC S -UP DUC USIN S CA CAS E PR PRIV IVAT SEC BUS ECT D • B PR E P T • SE UD SE EC • B T ES SE E P IVA AT E S TO INE ES OD UB BE PU P CTO TO ES • B S C PR RIV TE E S EC R • SS CL T BU UCT LIC ST BLI ROD R • R • B T CL EST ASE IVAT ATE SEC ECT TOR BES OU SI • SE BU C S UC BE ES O BU P E S TO OR • T U E B B R N • B D ST ESS BEST CTOR SINE ECTO T • B ST B T CL D P SINE IVAT SECT CTO R • B • BE EST ES AR CA BU • SS R ES US OU ROD SS E OR R • ES ST BU SE T BU T-UP SE P SIN BES CAS • BE T BU INES D ST UCT CAS SECT • B BES T BU BUS CT SI • U ES T C E P ST SI S AR • E P OR ES T SI IN T B C N B B CA OR • ESS EST LIC S CA LOU RIVA CLO NESS ASE T-UP BES RIVA • B BU USI NESS E SE BE C C SE SE D S TE UD C PU • T B TE ES SIN NE C T A L A • B PUB ST B SE P OUD CTO PRIV TAR SEC STA SE P BLI BEST USIN SEC BU ESS SS C A ES LIC US RI P R • AT T-U TOR RT- RI C S C ES TO SIN CA ASE ST T CL SEC INES VATE ROD BES E SE P • B • B UP • VATE ECTO LOUD S CA R • B ESS SE P UC T CT E ES AR OU TO S SE ES CA UB R OR ST T T D R T T SE L
SCHRIJF NU IN VOOR DE EUROCLOUD NEDERLAND AWARDS
2016! Ook dit jaar reikt EuroCloud NL in samenwerking met CloudWorks de EuroCloud Nederland Awards uit. Noteer alvast 2 juni in uw agenda Categorieën • Best Business Case Private sector • Best Business Case Public sector • Best Cloud Start-up • Best Cloud Product De winnaars dingen ook deze keer weer mee naar de EuroCloud Europe Awards in Oktober Kijk op www.eurocloudnl.eu/about/awards voor meer informatie
Cloud talk
Robbert Hoeffnagel
Investeren in groei of consolidatie? Tik bij Google de zoektermen ‘Ad Scheepbouwer’ en ‘datacenter’ en we vinden een lange lijst met artikelen waarin zijn plannen om zo’n 100 miljoen euro in datacenters te investeren centraal staan. Steevast wordt in deze artikelen aangegeven dat de datacentermarkt in Nederland een onstuimige groei kent. Dat zou voor deze investeerder (en voormalig topman van KPN) reden zijn nu veel geld in Nederlandse datacenters te investeren. Ik vraag mij af of de redenatie die ik op veel plaatsen lees wel klopt. Scheepbouwer zou al een eerste datacenter gekocht hebben. Deze is volgens de berichten gevestigd in Limburg en richt zich vooral op de Belgische markt. Met andere woorden: een regionaal datacenter. Ons land telt enkele tientallen kleinere datacenters die veelal regionaal actief zijn. Zij richten zich dan op - bijvoorbeeld Haaglanden of op de Rotterdamse regio. Zij zijn werkzaam voor lokale ondernemingen en overheden. Vaak kennen zij een samenwerking met andere regionaal opererende partijen zodat zij diensten als uitwijk, disaster recovery en business continuity kunnen aanbieden. Maar er valt nog iets op bij dit soort datacenters. En dat is dat veel van deze faciliteiten absoluut niet volledig benut worden. Sterker nog, vele van deze partijen kennen een aanzienlijke leegstand. Waarom, vraagt u zich af? Want we kennen toch zo’n onstuimige groei op het gebied van datacenters?
Het antwoord is: ja en nee. De grote groei zit ‘m vooral bij de internationale spelers. Dat zijn aanbieders als Equinix, Interoute, LeaseWeb en dergelijke. Lokale spelers hebben het vaak veel moeilijker. Analist Peter Vermeulen van Pb7 Research heeft vastgesteld dat de gemiddelde bezettingsgraad van datacenters die zich uitsluitend op de Nederlandse markt richten circa 45 procent bedraagt. Met negatieve uitschieters van datacenters die een bezettingsgraad kennen van nauwelijks 25 (!) procent. Daarmee is de lokale Nederlandse datacentermarkt eerder toe aan een consolidatie dan aan een verdere investering in groei. Een consolidatie biedt voor een investeerder immers ook mooie kansen. Veel regionale datacenters in ons land kennen nauwelijks een specialisatie of duidelijke profilering. Veelal richt men zich op een regio of stad, maar een focus op - bijvoorbeeld - de zorg, high-performance computing of overheid komen we maar bitter weinig tegen. En daar ligt dus een kans: een betere profilering. Voeg daarbij de mogelijkheden om als groep van bijvoorbeeld tien datacenters gezamenlijk in te kopen, het beheer van alle faciliteiten vanaf één centrale locatie te verzorgen en dergelijke en we zien ineens de contouren van een interessant business plan. Robbert Hoeffnagel, hoofdredacteur CloudWorks
Colofon In CloudWorks staat innovatie centraal. Met traditionele ICT-omgevingen is het steeds moeilijker om de business goed te ondersteunen. Innovatieve oplossingen op het gebied van bijvoorbeeld cloud computing, mobility, Big Data, software defined datacenters en open source kunnen echter helpen om de IT-omgeving ingrijpend te moderniseren en klaar te maken voor de toekomst. Vragen over abonnementen: abonnementen@fenceworks.nl. Uitgever Jos Raaphorst 06 - 34 73 54 24 jos@fenceworks.nl Twitter: https://twitter.com/RaaphorstJos LinkedIn: nl.linkedin.com/pub/dir/Jos/Raaphorst
Hoofdredacteur Robbert Hoeffnagel 06 - 51 28 20 40 robbert@fenceworks.nl Twitter: https://twitter.com/rhoeffnagel LinkedIn: nl.linkedin.com/in/robberthoeffnagel Facebook: https://www.facebook.com/ robbert.hoeffnagel Advertentie-exploitatie Mike de Jong 06 - 10 82 59 93 mike@fenceworks.nl Eindredactie/traffic Ab Muilwijk
Vormgeving Studio Kees-Jan Smit BNO Druk ProFeeling Kennnispartners CAA, Data Centre Alliance, EuroCloud Nederland, FHI, Green IT Amsterdam, NEN, SaaS4Channel ©2016 CloudWorks is een uitgave van FenceWorks BV. www.fenceworks.nl
CloudWorks - nr. 4 / 2016
3
inhoud
8
Innoveren door weg te laten
12 14 4
Medio maart vond de jaarlijkse conferentie van Open Compute Project plaats: OCP Summit 2016. De Britse datacenter-ontwerper John Laban was hierbij aanwezig en stond versteld van de snelheid waarmee de leden van deze groep innovaties tot stand brengen. Dat doen zij vooral door bestaande features weg te halen.
IBM’s Power-processor maakt comeback als open source hardware De kans is groot dat veel IT-mensen het bestaan van IBM’s PowerPC-processor alweer bijna vergeten zijn. Dan is het wellicht toch verstandig om eens naar de website van de OpenPower Foundation te gaan. De pogingen van IBM om de Power-architectuur nieuw leven in te blazen en te laten uitgroeien tot een open hardware-platform lijken namelijk een groot succes te worden. Niet alleen hebben tal van Chinese fabrikanten besloten om zich op dit platform te richten, maar ook partijen als Google en Rackspace zien wel wat in servers op basis van IBM’s Power9-architectuur.
Google geeft vol gas met public cloud Google wordt steevast de derde plek toebedeeld als het gaat om de grote aanbieders van public cloud. Dat zint het concern duidelijk niet en hoewel het geen ambities uitspreekt over de gewenste plek in de top-3, maakt het wél heel duidelijk dat het public cloud-diensten als cruciaal voor de toekomst van het bedrijf ziet. Of zoals Urs Hölzle, Google’s Senior Vice President for Technical Infrastructure, het tijdens de Google Next-conferentie uitdrukte: “Cloud zou voor ons op termijn wel eens groter kunnen worden dan advertising.” Vandaar dat Google vol gas geeft op het gebied van public cloud en zwaar investeert om zijn achterstand op Amazon en Microsoft in te halen. Alles over innovatie in ICT
26
All IT Rooms bouwt Drentse mediatoren om tot groen datacenter Datacenterspecialist All IT Rooms heeft voor Alticom in het Drentse Hoogersmilde een datacenter gebouwd in een voormalige televisietoren. Het datacenter wordt gekoeld met direct free air cooling, wat een belangrijke bijdrage levert aan de lage Power Usage Effectiveness (PUE) van 1,2 die het datacenter garandeert. Het datacenterdeel is als private tower volledig in gebruik door de hosting provider CJ2 Hosting.
En verder 6
Legal Look
7
Gregor Petri over Total Madness
18
NetSuite breidt uit naar Benelux
20
Het juiste datacenter kiezen
23
Floreren in een web-scale wereld
29 Huawei zet samen met partners Cloud Mitigation Alliance op tegen DDoS-aanvallen 30 ‘De markt vraagt om een hybride focus op Identity & Access Management’
38
Blurry Box toont hackers alleen vaag beeld van code Te midden van de aanbieders van beveiligingsoftware bevond zich in Hal 5 van de recente CeBIT technologiebeurs in Hannover een stand van het Karlsruhe Institute for Technology met een presentatie over Blurry Box. Deze baanbrekende beveiligingstechnologie zal in de tweede helft van dit jaar in de productlijn van het eveneens in Karlsruhe gevestigde Wibu-Systems worden ingebouwd. Stefan Bamberg, manager bij de Duitse beveiligingspecialist, doet het geheim uit de doeken.
32 Hoe veilig is onze data en hoe gaan de bewaarders hiermee om? 34
‘Kill Your BI Desktop Darlings’
36 OGD bouwt schaalbare gevirtualiseerde infrastructuur met Juniper Networks en VMware 41
Smart City Event
42
Hybrid cloud experience
46
Nieuws van EuroCloudNL
www.cloudworks.nu CloudWorks - nr. 4 / 2016
5
Legal Look
Tune into the Cloud
Mr. V.A. de Pous
Gregor Petri
Slogans Mag: ‘Zo - nu eerst naar de Cloud’? Cloudrecht is van gewicht, omdat het voorwerp van normering - een leveringsmodel voor ICT en elektronische gegevensverwerking voor overheid, bedrijf en consument - even onvermijdelijk is als het recht zelf. Cloudrecht gaat in beginsel over inhoudelijke kwesties, zoals netwerk- en informatiebeveiliging, meldplichten bij ICT-gerelateerde incidenten, softwarelicenties en virtualisatie, opslag van bedrijfsinformatie, dienstenniveaus, maar ook netneutraliteit, het maken van back-up kopieën en bijvoorbeeld elektronische identiteiten. Geen sinecure. Geldt dat onverkort voor marketingslogans van cloudleveranciers? Your Hosting werd door Bavaria, nota bene een bierbrouwer, gedaagd wegens de reclame-uiting ‘Zo - nu eerst naar de Cloud’, dat onder meer bij BNR Nieuwsradio in een spotje te beluisteren was. Volgens Bavaria, die ‘Zo - nu eerst een Bavaria’ gebruikt, is er sprake van onrechtmatig handelen van de cloudleverancier. Staken met die slagzin, aldus vorderde Bavaria.
Zijn slogans (juridisch) relevant? Steeds vaker kiezen organisaties voor slagzinnen en succesvolle versies beklijven bij een breed publiek. Het was een inmiddels gefuseerde bank die al in de zeventiger jaren meedacht met haar rekeninghouders: ‘De NMB denkt met u mee’. Kledingretailer C&A hanteerde ‘De prijs is het bewijs’ en, om een dwarsstraat te noemen, de Belangdienst claimt ‘Leuker kunnen we het niet maken, gemakkelijker wel’. Wie een sterke pay-off bedenkt, vergroot daarmee de naamsbekendheid van de organisatie (bedrijf of overheidsorganisatie) en product of dienst. Dat is voor cloudleveranciers geen overbodige luxe, nu onderscheidend vermogen in de branche vaak lastig te realiseren is. Een ondernemer die zegt dat hij zijn klanten centraal zet - en wie doet dat niet? - kan geen aanspraak maken op rechtsbescherming. Zeker vandaag beschouwd, is de uiting te algemeen van aard. Om voor auteursrechtelijke bescherming in aanmerking te komen, moet de slagzin een eigen, oorspronkelijk karakter hebben en het persoonlijk stempel van de maker dragen. ‘Think different’ (Apple). Om een beroep op merkenrechtelijke bescherming te doen, is eerst depot vereist. Registratie is dus, in tegenstelling in het auteursrecht, in het merkenrecht verplicht. Een merk moet in een bepaalde categorie hoofdzakelijk voldoende onderscheidend vermogen hebben. Daarnaast is ook in zekere zin originaliteit en pregnantie relevant,
6
Alles over innovatie in ICT
Total Madness en moet het merk een inspanning vergen om uit te leggen en het merk moet gememoriseerd kunnen worden.
Wat zegt de rechter? In de zaak Bavaria versus Your Hosting baseert de bierbrouwer zijn vordering op het auteursrecht en merkenrecht. De rechter vindt vooral steun in het auteursrecht: ‘Naar het voorlopig oordeel van de voorzieningenrechter is voldoende aannemelijk dat er sprake is van een werk in auteursrechtelijke zin als hiervoor bedoeld. De slagzin is inderdaad kernachtig en ‘pakkend’ met een zekere kwinkslag waarvoor door de maker ervan vrije en eigen creatieve keuzes zijn gemaakt. De omstandigheid dat de zin in gangbaar Nederlands is gesteld maakt niet dat daaraan geen creativiteit toekomt’. De slagzin is dus juridisch beschermd, maar maakt de cloudleverancier met haar slogan hierop inbreuk? Het door Your Hosting aangevoerde verweer dat het intellectueel eigendomsrecht is verwaterd, snijdt geen hout. Ten principale argumenteert de rechter: ‘Het kenmerkende en auteursrechtelijk te beschermen deel van de slagzin van Bavaria is ‘Zo - nu eerst…’ met daarin een duidelijke pauze na ‘Zo’. Het deel ‘een Bavaria’ is vooral beschrijvend van wat er dan gedaan zal worden: een biertje van Bavaria nuttigen. Dat auteursrechtelijk te beschermen deel wordt geheel overgenomen in de uiting van Your Hosting ‘Zo - nu eerst naar de cloud’. De toevoeging ‘naar de cloud’ is niet kenmerkend en beschrijft evenzeer de actie die ondernomen wordt of dient te worden’. De cloudleverancier zal op zoek moeten gaan naar een nieuwe slagzin. Mr.V.A. de Pous is bedrijfsjurist en industrie-analist. Hij houdt zich sinds 1983 bezig met de juridische aspecten van digitale technologie en informatiemaatschappij en is medewerker van uitgeverij FenceWorks.
Tune into: Total Security Management
Het heeft even geduurd, maar langzaamaan begint het toch tot ons door te dringen. Bij het onderwerp kwaliteit duurde het ettelijke decennia voordat de westerse industrie inzag dat een aparte kwaliteitsafdeling - die pas aan het eind van de lijn controleerde welke producten de norm niet gehaald hadden - een kostbare en heilloze weg was. En hetzelfde zien we nu rondom het nadenken over cyber en cloud security. Er worden weliswaar nog geen bussen met managers naar vandaag’s equivalent van Japanse autofabrieken gevlogen, om ter plekke te ervaren dat kwaliteit ieders verantwoordelijkheid is en dat iedereen het recht (en de morele plicht) heeft om de lijn stil te zetten als men ziet dat er iets mis gaat. Maar dat is alleen omdat we nog niet zeker weten wat het hedendaagse equivalent van dergelijke security georiënteerde bedrijfsbezoeken zou moeten zijn. Is het een bezoek aan de hyperscale datacenters van Google of Amazon (als we daar al binnen mochten), of aan de burelen van diverse security start-up’s in Silicon Valley of Israël, of aan de cyber control rooms van een van de grote telco of accounting agencies met risk management practices? Of is een trektocht door China en Rusland voor het zelf ondergaan van cyber treath’s in the wild een meer realistisch scenario voor de moderne best practice zoeker? Ik ben geen security expert maar voor mij zijn overeenkomsten tussen total quality en total security management wel heel opvallend. Het mantra ‘Zero Defects’ wordt ingeruild voor het even aantrekkelijk klinkende ‘Zero Breaches’ en ‘Design for Manufacturing’ wordt het net zo lekker bekkende ‘Design for Security’. Met betrekking tot kwaliteit waren het goeroes als Demming die de weg wezen van (dure) kwaliteitscontrole op het eind van de productielijn naar kwaliteit continu en iteratief opgenomen in het ontwerp en het proces. Voor security wees het Jericho forum al sinds 2004 op het gevaar van louter focussen op perimeter security. In 2013 hief dit forum zichzelf op ‘op basis van bewezen succes’, maar toch is het vaak eng wat je allemaal kunt doen als je eenmaal binnen de firewall van menig onderneming of organisatie bent. Bij complete de-perimeterisatie heb je eigenlijk geen VPN meer nodig. Iedere applicatie beschermt zichzelf en bepaalt per gebruiker wat deze wel of niet mag. Maar naast e-mail en soms wat SaaS applicaties zijn er bij de meeste bedrijven nog niet echt veel bedrijfsapplicaties die op die manier bereikbaar zijn. De komst van micro-services is een mooi moment om het security beleid eens onder de loep te nemen. Niet alleen omdat de security
uitdagingen met microservices eerder groter dan kleiner worden, maar ook omdat met de komst van het Internet of Things beveiliging aan de bron steeds meer een vereiste wordt. Idealiter zal iedere micro-service zelf bepalen wie wel en wie niet toegang krijgt tot haar services. Daarnaast dienen deze micro-services afdoende beveiligd te zijn tegen pogingen van kwaadwillende krachten van buitenaf. Als al die beveiliging echter achteraf als after-thought aan deze microservices moet worden toegevoegd, dan wordt het geheel al snel onbetaalbaar. Externe security-oplossingen zijn namelijk even kostbaar als kwaliteitscontrole achteraf. In Total Quality is er met betrekking tot het denken over kosten geen ‘optimaal’ defecten percentage. Geen punt waar het verder verminderen van defecten meer kost dan dat economisch verantwoord is. Uiteindelijk is het namelijk altijd goedkoper om dingen in een keer goed te doen, dan om 5% of 0.5% of zelfs 0.05% terug te moeten sturen voor reparatie, of erger, om klanten te moeten compenseren voor (vaak veel hogere) gevolgschade. En in manufacturing meten we daardoor defecten inmiddels al lang niet meer in percentages maar in (steeds vaker single digit) PPM ofwel parts per million. Nu is security wel net iets als gezondheid. Het maakt niet uit hoe gezond je leeft, je kunt toch door - statistisch onverwachte maar desalniettemin heel vervelende - pech ernstig ziek worden. Vandaar dat security zich steeds meer uitbreidt van het preventief buitenhouden van bad guys, naar het monitoren of er wellicht al iets onbedoelds aan de hand is (denk aan het actief zoeken naar ziektesymptomen in een zogenaamde pre-scan) en naar het verminderen van de uiteindelijke impact van zo’n breach, door adequaat en snel ingrijpen op het moment dat er iets aan de hand is. En ook hiervoor is het nodig dat de hele organisatie zich steeds meer met security bezighoudt. Total Madness was het verzamelalbum van de Engelse Ska revival band Madness. In het nummer ‘Our House’ bezingen ze hoe de familieleden initieel een beetje langs elkaar leven maar steeds meer samenwerken. Als het intro bekend voorkomt dan is dat door het gebruik als thema voor de inmiddels afgelopen RTL serie Divorce.
CloudWorks - nr. 4 / 2016
7
Innovatie OCP Summit 2016:
Innoveren door weg te laten
Medio maart vond de jaarlijkse conferentie van Open Compute Project plaats: OCP Summit 2016. De Britse datacenter-ontwerper John Laban was hierbij aanwezig en stond versteld van de snelheid waarmee de leden van deze groep innovaties tot stand brengen. Dat doen zij vooral door bestaande features weg te halen.
In maart nam ik deel aan de Open Compute Project (OCP) Summit 2016. Mijn ervaringen met andere conferenties op het gebied van datacenters hebben mij het idee gegeven dat 20 procent van de informatie waarvan ik dacht dat deze nuttig en bruikbaar is een jaar later in feite waardeloos blijkt. Hoe anders is het bij OCP. De aanpassingen die vorig jaar zijn voorgesteld tijdens de 2015editie blijken voor circa 80 procent nog altijd zeer waardevol en nuttig te zijn. In een jaar tijd heeft deze open hardware community ongekend veel werk verzet. Het gevolg? De tijd die zij nodig hebben om nieuwe producten of features te ontwikkelen, is drastisch teruggebracht. Daarmee zijn zij vele malen sneller dan klassieke aanbieders van producten voor datacenter-infrastructuren. Niet alleen is de tijd nodig voor product development drastisch teruggebracht, ook heeft deze community een aantal nieuwe producten ontwikkeld die de komende jaren een grote impact op het datacenter zullen hebben - zowel colo’s als enterprise datacenters. Laten we een aantal van deze nieuwe producten en ideeën eens nader bekijken.
Géén separate voedingen meer Dat geldt voor zowel servers, storage-apparaten als netwerkapparatuur. Conventionele IT-apparatuur beschikt over één maar meestal twee AC-DC power supply units (PSU’s). Iedere PSU is zo gedimensioneerd dat deze in staat is de volledige voeding van het apparaat voor zijn rekening te nemen. Tijdens normaal bedrijf worden de twee PSU’s dus verre van optimaal benut. Dat kan oplopen tot een overcapaciteit tijdens normaal gebruik van wel 60 procent.
{
‘ In een jaar tijd heeft deze open hardware community ongekend veel werk verzet’
Worden blade servers gebruikt, dan is al sprake van een gedeeld gebruik van PSU’s. Door de voeding centraal in het chassis te plaatsen kunnen alle servers hier gebruik van maken. Veelal gaat het dan om 16 blade servers op één redundant uitgevoerde voeding. Wat de OCP-community nu heeft gedaan, is dit model fors opschalen. Hierdoor kan nu alle IT-hardware in een rack gebruik maken van één centrale voeding. Alle apparatuur wordt van 12 V voorzien via een op koper gebaseerde busbar die aan de achterzijde van het rack is geplaatst. Wat levert deze wijziging nu op? Stel, we hebben een traditioneel enterprise datacenter met 48 racks. Daarvan is 70 procent gevuld
8
Alles over innovatie in ICT
CloudWorks - nr. 4 / 2016
9
Innovatie met blade servers met ieder twee PSU’s. De servers kennen dan in totaal 2688 PSU’s. Nemen we ook storage- en netwerkapparatuur mee, dan telt deze ruimte minimaal 3000 PSU’s. Maken we echter gebruik van de OCP-aanpak, dan kan het aantal PSU’s beperkt blijven tot 100. Anders gezegd: we hebben maar liefst 2900 voedingen minder nodig.
De nieuwe OCP-servers doen dit anders. Deze worden voor out of band-beheerdoeleinden verbonden via powerline-verbindingen. Met andere woorden: er wordt gebruikgemaakt van de voedingskabels en de DC-busbar. Vervolgens wordt in ieder OCP-rack een verbinding gemaakt met een spotgoedkope Raspberry Pi single board-computer, waarop vervolgens de Open DCREbeheersoftware draait (data centre runtime environment).
Geen out of band management ports Conventionele servers in enterprise datacenters kennen in de regel minimaal één poort die bedoeld is voor out of band management. Deze poort dient via een aparte kabel verbonden te worden met een ethernet switch. Dit leidt tot onnodig veel kabels, terwijl op de switches eveneens poorten bezet worden.
{
‘ De nieuwe OCP-servers worden voor out of bandbeheerdoeleinden verbonden via powerlineverbindingen’
Deze aanpak levert een enorme reductie in de hoeveelheid kabels op. Maar in een beetje datacenter gaan we ook zien dat minder Ethernet switches nodig zullen zijn. Dat betekent minder complexiteit, maar ook een goedkopere manier van werken. Voorbeeld: als we weer even kijken maar het eerder genoemde voorbeeld met 48 racks, dan zien we een omgeving met 2600 RJ45-RJ45 patch-kabels, 26 kilometer Cat5e/6/6A-bekabeling, 2600 RJ45-connectoren, meer dan 45 RJ45 patch panels en 50 Ethernet switches (24 poorts).
Geen centrale UPS’en en batterijen OCP heeft een aanpak ontwikkeld waarbij de voedingen in een rack worden gecombineerd met een zogeheten BBU ofwel een Battery Backup Unit. Deze maakt gebruik van Li Ion-batterijen. Hierdoor is het niet langer nodig om gebruik te maken van een centraal opgestelde UPS met batterijen. Een belangrijk voordeel is dat daarmee een ware ‘ruimtevreter’ uit het datacenter kan worden weggenomen. In menig datacenter levert dit een ruimtebesparing op van 25 procent. De nieuwste generatie OCP-racks is vanwege
de gedistribueerde PSU’s en BBU weliswaar iets groter dan klassieke kabinetten, maar dit zal in de dagelijkse praktijk geen negatieve invloed hebben op de benodigde hoeveelheid ruimte.
Rack-PDU’s kunnen weg De innovaties die hiervoor zijn besproken hebben ook als gevolg dat er geen behoefte meer is aan rack-mounted intelligente PDU’s. Dat levert bij het voorbeeld van 48 racks al gauw een besparing op van circa 50.000 euro.
Einde van multimode fibre
{
‘ Er is geen behoefte meer aan rack-mounted intelligente PDU’s’
De OCP-community heeft tijdens OCP Summit 2016 ook een nieuwe single mode 100 GE duplex LC 500 meter ‘Lite’ fibre optic aangekondigd. In feite is dit een op maat van OCP-datacenter toegesneden variant op de bestaande 10 km-variant. En dan wel voor slechts 10 procent van de kosten. Deze aankondiging heeft naar mijn mening grote gevolgen en kan de hoeveelheid multimode in het datacenter met 75 procent verminderen. Met alle kostenvoordelen van dien. Meer weten over deze Lite-aanpak? Lees dan ook dit artikel: http://bit.ly/100GE_Lite. Want daar draait het bij Open Compute Project iedere keer om: klassieke producten en ontwerpen zijn te duur, vereisen teveel mankracht of zijn simpelweg te complex. En vaak is er sprake van functionaliteit die in de webscale datacenters van Facebook, Microsoft en Apple helemaal niet nodig of zelfs gewenst is. John Laban is data centre architect
10
Alles over innovatie in ICT
CloudWorks - nr. 4 / 2016
11
Summit Meer dan 50 nieuwe servers en kaarten tijdens OpenPower Summit 2016 Tijdens de OpenPower Summit 2016 zijn meer dan 50 aankondigingen van nieuwe systemen en
IBM’s Power-processor maakt comeback als open source hardware
producten gedaan.
Presentatie van Maire Mahony, Hardware Engineering Manager bij Google en OpenPower Foundation Board Member.
De kans is groot dat veel IT-mensen het bestaan van IBM’s PowerPCprocessor alweer bijna vergeten zijn. Dan is het wellicht toch verstandig om eens naar de website van de OpenPower Foundation te gaan. De pogingen van IBM om de Power-architectuur nieuw leven in te blazen en te laten uitgroeien tot een open hardware-platform lijken namelijk een groot succes te worden. Niet alleen hebben tal van Chinese fabrikanten besloten om zich op dit platform te richten, maar ook partijen als Google en Rackspace zien wel wat in servers op basis van IBM’s Power9-architectuur. Zo’n 2,5 jaar geleden besloot IBM het zogeheten OpenPower Consortium in het leven te roepen. Dat gebeurde samen met Google, Mellanox Technologies, Nvidia en Tyan. Inmiddels heeft deze op open hardware gerichte organisatie een naamswijziging ondergaan - het heet nu OpenPower Foundation - en is het ledenaantal gegroeid naar meer dan 160 bedrijven.
CAPI OpenPower Foundation is bedoeld voor het ontwikkelen van nieuwe hardware op basis van de Power-architectuur. Deze is inmiddels toe aan zijn negende editie en spreekt in combinatie met CAPI (Coherent Accelerator Processor Interface) vooral ontwikkelaars en gebruikers van high-performance computing aan. Waar de Power-architectuur oorspronkelijk werd gepositioneerd als een platform voor general purpose computing, zorgt CAPI ervoor dat een systeemarchitectuur ontstaat die enthousiaste reacties oproept in de wereld van rekenintensieve toepassingen. Anders dan bij andere accelerator-kaarten (die via de PCe-bus gekoppeld worden) is CAPI op maat ontwikkeld voor Power9 (maar ook eerdere versies) waardoor deze toegang heeft tot 1 TB aan werkgeheugen.
12
Alles over innovatie in ICT
Dit maakt deze combinatie zeer geschikt voor high-performance applicaties. Een paar jaar geleden dachten we bij dit soort HPC-toepassingen met name aan applicatie-omgevingen in de wetenschappelijke wereld of aan toepassingen waarbij grote simulatiemodellen doorgerekend dienen te worden. Met het toenemende gebruik van machine learning en andere toepassingen die gebaseerd zijn op neurale
Aaron Sullivan, Senior Director bij Rackspace en Calista Redmond, president van OpenPOWER Foundation met de Barreleye server tijdens de OpenPOWER Summit 2016.
netwerktechnologie door de grote hyperscale bedrijven - zoals Amazon, Google, Facebook maar bijvoorbeeld ook Chinese grootmachten als Baidu - is de belangstelling voor OpenPower flink gegroeid. Niet voor niets behoort Google tot de deelnemers van het eerste uur.
Chinese CP1-processor Daarnaast bestaat er grote belangstelling voor dit open source-project onder Chinese firma’s. Van China is bekend dat het voor zijn elektronica- en andere hightech-industrieën minder afhankelijk wil zijn van Amerikaanse technologie. Deelname aan OpenPower zou hierin kunnen voorzien, maar dat heeft tegelijkertijd tot zorgen geleid in politieke en veiligheidskringen in de VS. Inmiddels heeft Suzhou PowerCore als eerste Chinese firma een eigen en op OpenPower gebaseerde processor ontwikkeld en gelanceerd: de CP1.
Daarmee heeft OpenPower twee belangrijke routes richting de markt gekregen - naast uiteraard het gebruik van Power-chips in IBM-hardware die bedoeld is voor enterprise-klanten. Vorig jaar was dan ook een zeer druk jaar voor de OpenPower Foundation, al zal dit voor veel medewerkers van IT-afdelingen van Nederlandse bedrijven niet altijd even zichtbaar zijn geweest. Zo wordt deze architectuur nu door nagenoeg alle Linux-distro’s ondersteund. Er is nu ook een CAPI Linux software development kit beschikbaar, net als een 64b Application Binary Interface, een library waarmee applicaties beter onderling kunnen samenwerken. Verder is de 25g IO Spec afgerond en is nu een OpenCL SDK beschikbaar.
2016 - niet toevallig gelijktijdig gehouden met Nvidia’s GPU Conference 2016 - toonden Google en Rackspace een gezamenlijk ontwikkelde server op basis van de Power9chip. Google kondigde tegelijkertijd aan nu volledig Power Ready te zijn. Daarmee bedoelt het concern dat het zijn volledige set aan tools nu beschikbaar heeft op Power. Daarmee is het voor Google-ontwikkelaars heel eenvoudig om hun applicatie op het Power-platform te plaatsen. Interessant is dat deze nieuwe server tevens in het format van het Open Compute Project is ontwikkeld, zodat deze systemen direct geschikt zijn voor gebruik in hyperscale datacenters die zijn gebouwd conform OCP-standaarden.
Barreleye ‘Super’-computers Al deze ontwikkelingen hebben geleid tot interessante ontwikkelingen in beide primaire markten van OpenPower. Zo heeft het trio IBM, Mellanox en Nvidia inmiddels twee supercomputers gebaseerd op OpenPower-technologie kunnen leveren aan Lawrence Livermore en Oak Ridge, twee bekende Amerikaanse supercomputergebruikers. Waar Chinese technologie op het gebied van supercomputers de laatste jaren hoge ogen gooide, zou de verwerkingscapaciteit van deze OpenPowersystemen geschat worden op minimaal drie maal wat de beste Chinese systemen momenteel te bieden hebben. Hoewel hiermee een bedrag van 325 miljoen dollar is gemoeid, zou de zogeheten hyperscale-markt wel eens minstens zo interessant kunnen zijn. Tijdens de onlangs in San Jose gehouden OpenPower Summit
Er waren nog meer aankondigingen. Zo lanceerde Rackspace tijdens de conferentie de Barreleye server. Deze intern ontwikkelde server zal onder andere gebruikt worden in de public cloud van Rackspace op basis van OpenStack. IBM, Nvidia en Wistron kondigden een nieuwe HPC server aan die onder andere gebruik zal maken van Nvidia’s Tesla Accelerated Computingplatform. Hierbij wordt tevens de NVLink interconnect-technologie van Nvidia toegepast. De eerste systemen zullen in het vierde kwartaal beschikbaar zijn. De bedrijven hebben tevens de komst van een serie labs aangekondigd die bedoeld zijn om developers te ondersteunen bij het ontwikkelen van nieuwe applicaties voor deze servers of het overzetten van bestaande toepassingen. Ook het gebruik van CAPI - de accelerator-technologie van OpenPower groeit verder. Zo lanceerden bedrijven als
Bittware, IBM, Mellanox en Xilinx nieuwe versnellerkaarten, waarbij de ene keer pure ‘raw performance’ centraal staat, terwijl in andere gevallen de focus juist ligt op een balans tussen prestaties, kosten en energieverbruik. Ook ontstaan meer en meer mogelijkheden om CAPI-producten te gebruiken in combinatie met zogeheten ‘non-coherent’ systemen. IBM kondigde tenslotte ook nog aan dat het de LC-systeemreeks ook gaat leveren in OCP-formaat. Hetzelfde geldt voor Mark III Systems, Penguin Systems en Stack Velocity. Supermicro besprak tijdens de OpenPower Summit twee nieuwe Power-systemen, die door IBM onder LC-logo geleverd zullen worden. Deze systemen maken gebruik van Supermicro’s Ultra-architectuur. Robbert Hoeffnagel
OpenPower Developer Challenge Canonical (het bedrijf achter Ubuntu) en de OpenPower Foundation hebben de jacht geopend op nieuwe developers die hun applicaties op deze hardwarearchitectuur willen zetten. Daarom hebben beide de OpenPower Developer Challenge gelanceerd. De focus van dit project ligt met name op highperformance toepassingen en applicaties op het gebied van neurale netwerken, bijvoorbeeld op basis van de Apache Spark cluster-technologie. Aanmelden kan van 1 mei tot 2 augustus op http://openpower.devpost.com. CloudWorks - nr. 4 / 2016
13
Cloud-strategie Eric Schmidt: ...hoe
Nadruk op cloud vereist meer openheid
het technisch werkt is ‘beyond me’.
Google geeft vol gas met public cloud Google wordt steevast de derde plek toebedeeld als het gaat om de grote aanbieders van public cloud. Dat zint het concern duidelijk niet en hoewel het geen ambities uitspreekt over de gewenste plek in de top-3, maakt het wél heel duidelijk dat het public clouddiensten als cruciaal voor de toekomst van het bedrijf ziet. Of zoals Urs Hölzle, Google’s Senior Vice President for Technical Infrastructure, het tijdens de Google Next-conferentie uitdrukte: “Cloud zou voor ons op termijn wel eens groter kunnen worden dan advertising.” Vandaar dat Google vol gas geeft op het gebied van public cloud en zwaar investeert om zijn achterstand op Amazon en Microsoft in te halen. Hoe geef je als multinational aan dat je de activiteiten van een business unit met een nog bescheiden omzet toch erg belangrijk vindt? Precies: je stuurt je CEO én je Chairman naar de user conference van deze business unit. Dat is dan ook precies wat gebeurde tijdens Google Next. Dit is een jaarlijks plaats vindende conferentie van Google waar alles draait rond zijn public cloud-activiteiten. Zowel Chief Executive Officer Sundar
Diane Greene is sinds enkele
Pichai als voorzitter van de Raad van Commissarissen Eric Schmidt betraden tijdens dit event het podium om niet alleen het belang van public cloud services voor derden te benadrukken, maar ook hun steun uit te spreken voor Diane Greene, die sinds kort als Senior Vice President leiding geeft aan deze activiteiten.
Fout gemaakt Eric Schmidt gaf tijdens Google Next ruiterlijk toe dat zijn concern op het gebied van public cloud-diensten voor derden in het verleden een fout heeft gemaakt. “Kort gezegd hebben wij destijds onze intern ontwikkelde technologie min of meer 1-op-1 beschikbaar gesteld aan derden. Wij gingen er daarbij vanuit dat zij die interesse in deze tools hadden wel naar ons toe zouden komen. Maar dat gebeurde eigenlijk veel minder dan we verwacht hadden. Onze technologie bleek veel te ver af te staan van hetgeen veel ITafdelingen en IT-aanbieders gewend waren.” Daarom pakt Google het sinds enige tijd geheel anders aan. Het heeft zijn tools enerzijds open source gemaakt zodat iedereen er mee aan de slag kan. Dat levert een soort democratiseringseffect op. Enerzijds kan iedereen er mee aan de slag als gebruiker, maar aan de andere kant kan men het ook gebruiken als basis voor eigen
ontwikkeling. Daarnaast geeft het concern nu veel meer openheid van zaken en probeert men klanten die met Google-tools aan de slag willen veel meer support te bieden dan voorheen.
Interne cloud AppEngine was technisch gezien zeer geavanceerd. Developers konden hun code uploaden, waarna Google de rest deed. Op papier wellicht aantrekkelijk, maar voor veel enterprise-organisaties lastig te doorgronden op punten als vertrouwelijkheid, compliance, risk, SLA’s en dergelijke. Waar AppEngine in de woorden van Schmidt een nauwelijks begrepen fenomeen bleef met even zo weinig adoptie, zien we nu een heel andere trend. In relatief korte tijd heeft Google een aantal klinkende namen aan zich weten te binden: van Coca Cola tot Apple. En uiteraard Spotify, een traject
waarbij het team van Andre Hoekzema, Head of Google Cloud Platform, North, Central and Eastern Europe, een grote rol heeft gespeeld. Schmidt ziet inmiddels een duidelijk andere aanpak rond public cloud binnen Google: tegenwoordig brengt Google zijn tools naar potentiële gebruikers en helpt het hen om maximaal voordeel uit deze technologie te halen. Waar Amazon inmiddels afstevent op een omzet uit public cloud van 10 miljard dollar en Microsoft met Azure kan bouwen op basis van een enorme installed base binnen zowel de enterpriseals MKB-markt, staat Google nog aan het begin van deze groeicurve. Maar met lege handen staat het concern echter niet. Een belangrijk wapen dat het bedrijf in handen heeft is zijn bestaande - zeg maar - interne cloud-omgeving. Waar Microsoft datacenter
CEO Sundar Pichai van Google.
maanden verantwoordelijk voor Google Cloud Platform.
14
Alles over innovatie in ICT
CloudWorks - nr. 4 / 2016
15
Cloud-strategie na datacenter uit de grond stampt, heeft Google besloten dat het zijn interne cloud simpelweg open stelt voor derden. Daarbij hanteert het voor klanten dezelfde architectuur als het intern toepast voor search, Gmail, Google Apps en dergelijke. Om te kunnen voldoen aan de verwachte extra vraag naar deze infrastructuur heeft het concern echter wel besloten om 12 extra datacenters te bouwen. Ook breidt men het aantal datacenterregio’s uit zodat beter kan worden ingespeeld op lokale regelgeving en dergelijke.
Kubernetes, Beam Voor Google betekent dit dus wel dat het zich anders naar de markt moet opstellen. Zo willen enterprise-organisaties bijvoorbeeld weten in welke omgeving hun applicaties en data komen te staan. Hierdoor is het sinds kort voor het eerst mogelijk om als (potentiële) klant datacenters van Google te bezoeken. En staat iemand als Vice President Data Center Operations Joe Kava nu op Google Next presentaties te geven over de aanpak die Google heeft ontwikkeld ten aanzien van power, koeling, beveiliging en bijvoorbeeld datacenter management. Of neem Eric Brewer, de voormalige hoogleraar aan de University of California at Berkeley en tegenwoordig Vice President of Infrastructure bij Google. Hij gaf tijdens Google Next enkele duizenden mensen uitleg over microservices, Linux containers, Docker en Kubernetes. Maar bijvoorbeeld ook over recent gelanceerde open sourceprojecten als Apache Beam. En hoe al deze technologie zo kan samenwerken dat upgraden van functionaliteit of het oplossen van bugs kan gebeuren zonder dat applicaties of software services hiervoor offline worden gehaald. Wat natuurlijk een groot verschil is ten opzichte van de situatie binnen klassieke IT-afdelingen. Deze openheid helpt potentiële afnemers om inzicht te krijgen in de mogelijkheden die Google’s Cloud Platform hen te bieden heeft en met welke tools zij hier vervolgens waarde uit kunnen halen. Maar deze nieuwe houding ten opzichte van de buitenwereld helpt natuurlijk ook Google. Medewerkers van het bedrijf gaven tijdens Google Next aan dat een klant als Spotify - dat zowel wat betreft
compute, storage als business analytics geheel is overgestapt naar Google Cloud Platform - niet alleen zeer veel publicitaire waarde heeft, maar dat de eisen en wensen van Spotify ook Google hebben geholpen met het verder ontwikkelen van technologie. Een ‘digital native’ bedrijf als Spotify daagt Google technologisch gezien natuurlijk net zo hard uit als omgekeerd.
Ecosysteem Wereldwijd staat het Google Cloud Platform onder leiding van Diane Greene. Zij was een van de oprichters van VMware en is na haar vertrek daar aan de slag gegaan met een nieuwe startup genaamd Bebob. Haar ervaring met enterprise-IT is ongetwijfeld een van de redenen geweest waarom Google besloot haar aan te trekken. VMware was als geen ander in staat om vernieuwende technologie (virtualisatie) op een voor enterprise-organisaties aantrekkelijke manier in de markt te zetten. Van Greene wordt nu iets vergelijkbaars bij Google verwacht. Of zoals Brian Stevens, de van Red Hat afkomstige Vice President Cloud Platforms, het tijdens Google Next aangaf: Google moet niet alleen leren communiceren met enterprise-klanten, het moet ook hard werken aan het opbouwen van een ecosysteem rond corporate IT. Want waar concurrenten vaak al jarenlange relaties hebben met partners zo divers als Accenture, CA Technologies, PwC, BMC, Capgemini, NetApp, SAP en talloze andere bedrijven, moet Google dit soort verbanden in veel gevallen nog ontwikkelen.
Schaken Het is dan ook logisch dat iemand als Andre Hoekzema in de EMEA-markt op talloze borden tegelijk aan het schaken is: van het opschalen van fintech startups tot het praten met enterprise-organisaties, van het aantrekken van potentiële wederverkopers en ISV’s tot het interesseren van technology partners en digital native-organisaties. Tot die laatste categorie behoort dus ook een partij als Spotify. Veel van dit soort partijen zullen interesse hebben in de stabiliteit van
Brian Stevens - Vice President Cloud Platforms bij Google.
het Google-platform, maar zullen zich wellicht nog veel meer aangetrokken voelen tot de hightech tools rond bijvoorbeeld machine learning, spraak en vision. Zeker de overwinning die een team van Google-dochter DeepMind behaalde op de wereldkampioen Go zal wat betreft artificial intelligence tot veler verbeelding hebben gesproken. De mogelijkheid om bijvoorbeeld Google’s intern ontwikkelde machine learning tools via API’s te kunnen integreren in eigen applicaties of diensten zal bij veel van dit soort partijen tot nieuwe ideeën leiden. Maar ook voor enterprise-organisaties liggen hier uiteraard volop kansen.
Strategisch kiezen Toch is dit niet de enige markt waarop Google zich in EMEA richt. Waar andere cloud-aanbieders bijvoorbeeld veel succes hebben door SAP of andere enterprise software vanuit hun cloud-omgeving aan te bieden, voorziet Hoekzema dat dit ook bij Google op termijn het geval zal zijn. Daarbij gaat Google strategisch te werk. Zo heeft het concern een Noorse fintech startup begeleid - technisch, maar bijvoorbeeld ook waar het gaat om het verkrijgen van de benodigde vergunningen van de Noorse toezichthouder. Met Google als partner optrekken is dan uiteraard voor deze startup interessant. Maar omgekeerd geldt dat ook voor Google, dat hierdoor aan toezichthouders kan laten zien dat men technisch in staat is aan alle regels te voldoen. En daarmee verwerft het zich natuurlijk weer een interessante positie ten opzichte van andere fintech-bedrijven of meer traditionele financiële instellingen. Hoekzema voegt hier aan toe dat de voorwaarden waaronder Google zijn technologie aan bedrijven levert bovendien minder in beton zijn gegoten dan men in eerste instantie wellicht zou denken.
(advertentie)
Data Access Governance Heeft u al de controle over gebruikers, devices, toegangen en data, ook in de cloud? Voorkom identiteitsfraude, ongewenste toegang tot data en applicaties, inefficiëntie en hoge kosten. Begin goed bij de basis met Data Access Governance.
Eisen en wensen De aanpak in EMEA past geheel bij de boodschap van Diane Greene tijdens Google Next. Het concern kan alleen succesvol zijn in de public cloud-markt als het nadrukkelijk leert inspelen op de eisen en wensen van de externe klanten waarmee het wil werken, zo stelde zij. Maar ook door goed te begrijpen waar potentiële klanten technisch toe in staat zijn. Waar AppEngine in het verleden veel geavanceerde technologie omvatte, gingen veel bedrijven toch liever met Amazon Web Services in zee. Misschien minder mogelijkheden, maar het sloot beter aan bij de wereld waarin veel enterprise-klanten leven. Die fout wil Google niet weer maken, vertelde Schmidt tijdens de Google Next-conferentie. Hij roemde daar de AI-technologie van het concern zoals deze in bijvoorbeeld de Google Photos-app is toegepast. Maar in plaats van zich te verliezen in een technische verhandeling over de ins and outs die hierbij komen kijken, gaf hij simpelweg aan dat het ‘beyond him’ is hoe dit technisch allemaal in zijn werk gaat. Maar het resultaat vindt hij geweldig. Alsof hij maar wilde zeggen: als een enterprise-klant ziet dat een bepaalde uiterst complexe technologie voor hem waarde oplevert, dan moeten we hem niet lastig vallen met wetenschappelijke verhandelingen over de vraag hoe we dit technisch doen. Google wil die enterpriseklant vanaf nu vooral helpen om die zakelijke waarde ook daadwerkelijk te realiseren.
WWW.IONIT.NL
Robbert Hoeffnagel
16
Alles over innovatie in ICT
CloudWorks - nr. 4 / 2016
17
Interview ERP uit de cloud voor ‘disrupters’
NetSuite breidt uit naar Benelux Nu het klanten heeft opgetekend als Transavia, Esomar (marktonderzoek), Qardio (smart health) en Zembro (slimme armbanden voor senioren) heeft NetSuite besloten een kantoor te openen in de Benelux. De op finance en ERP gerichte enterprise software van deze aanbieder is volgens EMEA-topman Mark Woodhams vooral interessant voor bedrijven die disruptie willen veroorzaken of ondernemingen die met disruptie bedreigd worden. “Wij passen niet in een marktindeling waarbij aanbieders zich op bepaalde categorieën van klanten richten”, zegt Woodhams bij de opening van de Benelux-vestiging. “Bij ons vind je bedrijven met 10.000 werknemers, maar even zo goed ondernemers met slechts twee mensen in dienst. Kenmerkend voor onze software is vooral dat de klant veel vrijheid heeft om onze software te configureren, zonder dat eventueel maatwerk - als dit al nodig is - tot een lock-in leidt of problemen veroorzaakt als men naar nieuwe versies wil doorgroeien.” Het van oorsprong Amerikaanse NetSuite telt in Europa inmiddels zo’n 800 medewerkers. “In Barcelona hebben we een developers-groep van 30 mensen zitten, terwijl in Tsjechië ruim 400 man voor development en support zorgt. Daarnaast kennen we een vrij grote vestiging in de UK. In Frankrijk werken we nauw samen met Capgemini. Maar als ik kijk hoe snel we klanten in de Benelux mochten optekenen, dan was het logisch dat we als volgende regio in de Benelux actief zouden worden.”
Snel reageren NetSuite levert software waarmee bedrijven het besturen van de onderneming kunnen regelen. De nadruk ligt daarbij op ERP-functionaliteit, finance, maar bijvoorbeeld ook op verkoopondersteuning waarbij meerdere kanalen worden bediend. ‘Omnichannel commerce’, zoals Woodhams het noemt. De software
18
Alles over innovatie in ICT
wordt uitsluitend in een SaaS-model geleverd, waardoor het bedrijf zijn klanten veel zorgen over technische support uit handen kan nemen. In feite behoeft het bedrijf zich - na implementatie - uitsluitend nog te richten op functioneel beheer. Dat Woodhams de kreet ‘disruptie’ gebruikt, heeft met meerdere factoren te maken. Zo streeft NetSuite bij grotere bedrijven geen zogenaamde ‘rip and replace’ van de bestaande enterprise-applicaties na. Juist de snelheid waarmee een nieuwe activiteit of een nieuwe business unit van volwaardige finance- of ERP-applicaties kan worden voorzien, helpt die onderneming om snel op kansen in de markt of plotselinge veranderingen bij concurrenten te reageren. De software die NetSuite levert, kan daarom op tal van manieren gekoppeld worden aan andere enterprisesoftware. Hoe dit wordt gerealiseerd, hangt uiteraard af van de software die het bedrijf reeds in gebruik heeft. ‘Interfacing’ kan bijvoorbeeld gebeuren via API’s (application programming interfaces) of met behulp van connectiviteitsoplossingen als Dell’s BOOMI-platform. In andere gevallen zullen point-to-point connecties gebouwd dienen te worden.
IQity en SDN “Wij moedigen klanten aan om hun bedrijfsprocessen aan te passen aan wat NetSuite als standaard templates kent”, zegt Woodhams. “Tegelijkertijd merken wij dat veel bedrijven huiverig zijn voor maatwerk.
Mark Woodhams
Daar hebben zij vaak slechte ervaringen mee, omdat maatwerk het doorgroeien naar nieuwe software-versies lastig kan maken. Veel van wat we maar even ’maatwerk’ zullen noemen, kan bij NetSuite geregeld worden via het configureren van de standaard aanwezige functionaliteit. Daarmee komen we in de meeste gevallen een heel eind. Mocht toch bepaalde functionaliteit nodig zijn die wij niet standaard bieden, dan kan men gebruik maken van onze scripting-taal, SuiteScript geheten. Deze is gebaseerd op JavaScript en biedt zowel developers als beheerders de mogelijkheid om extra functionaliteit te ontwikkelen.” Interessant genoeg bouwen sommige klanten en partners hier compleet nieuwe applicaties mee. Als zij dat willen kunnen zij die applicaties vervolgens weer via de online marktplaats van NetSuite aan andere gebruikers beschikbaar stellen. Dat hier soms meer dan volwaardige applicaties tussen zitten, blijkt
wel uit het feit dat NetSuite eerder dit jaar een partner heeft overgenomen die op deze manier een eigen manufacturing-applicatie had ontwikkeld. Het gaat om IQity dat in maart van dit jaar werd overgenomen. IQity was daarvoor al enkele jaren lid van het zogeheten SuiteCloud Developer Network, het platform dat NetSuite in het leven heeft geroepen voor het ondersteunen van developers en partners.
intelligence. Maar vaak gaat het dan om klassieke datawarehouse-projecten die in de loop van de tijd eerder het probleem dan de oplossing zijn geworden. Het is van cruciaal belang dat iedere onderneming in realtime inzicht kan krijgen in zijn bedrijfsvoering. Of al die informatie ook inderdaad altijd daadwerkelijk in realtime nodig is, verschilt van geval tot geval, maar het is in onze visie heel belangrijk dat al onze klanten out of the box beschikken over realtime BI.”
Disruptie Terug naar de opmerking van Woodhams over disruptie. “Een van de grootste problemen waarmee bedrijven kampen is het feit dat hun IT zo is opgebouwd dat zij simpelweg niet snel kunnen reageren. Dat is historisch gezien vaak ook goed te begrijpen, maar als jouw concurrent wél snel kan bewegen, heb je toch een probleem. Vandaar ook onze nadruk op standaard functionaliteit, aangevuld met scripting die makkelijk kan worden meegenomen naar nieuwe software-generaties.” Woodhams verbaast zich daarnaast over het gebrek aan inzicht van veel ondernemingen in de bedrijfsvoering. “Vrijwel ieder bedrijf waarmee ik praat is bezig met business
alternatief bieden voor de grote 4 - SAP, Oracle, Microsoft en Infor. Kenmerkend voor deze groep is dat zij niet zozeer proberen om de bestaande en vaak al vele jaren oude ERP-implementatie van - zeg Oracle te vervangen. Liever mikken zij op een zogeheten ‘two-tier model’. De klassieke implementatie draait veel op het hoofdkantoor, terwijl dochterondernemingen of divisies gebruik maken van nieuwere of meer gespecialiseerde softwareomgevingen.
Transavia
Two-tier ERP-model
De klassieke implementatie is dan on-premise, waarbij de tweede laag veelal bestaat uit cloud-oplossingen. Dit model is volgens Woodhams ideaal voor grote concerns die vanuit oogpunt van kosten en risico’s geen behoefte hebben aan het vervangen van hun on-premise omgeving, maar voor nieuwe activiteiten of markten toch de snelheid en wendbaarheid van een cloudaanpak zoeken. “Implementaties moeten in dit laatste geval binnen weken of maanden klaar zijn. Dat lukt niet met on-premise software, maar wel met enterprise-software die als een SaaS-model wordt aangeboden.”
NetSuite maakt deel uit van een groep van leveranciers van enterprise software die een
Robbert Hoeffnagel
Een klant die ongetwijfeld realtime BI zal inzetten is luchtvaartmaatschappij Transavia. Dit concern implementeert NetSuite voor het ondersteunen van alle Europese activiteiten, inclusief finance, financiële consolidatie, het beheer van activiteiten over meerdere dochterondernemingen heen (multi-subsidiary management), inkoop en rapportage. Daarbij wordt de software in meerdere talen uitgerold, zodat medewerkers in de diverse landen in hun eigen taal met de software kunnen werken.
CloudWorks - nr. 4 / 2016
19
DDA Migratie naar het datacenter:
Het juiste datacenter kiezen In de vijfdelige reeks ‘Migratie naar het datacenter’ zal uiteengezet worden welke stappen genomen moeten worden om succesvol over te stappen van een eigen IT-omgeving naar uitbesteding bij een datacenter. Onder andere de keuze voor uitbesteding, de keuze voor een datacenter en de eerste weken live zullen in deze reeks aan bod komen. Na de redenen voor uitbesteding te hebben behandeld in deel 1, zal in dit tweede deel van de reeks ingegaan worden op de vraag hoe het juiste datacenter gekozen kan worden. Welk datacenter komt het beste overeen met de wensen die we hebben en hoe komen we hier achter?
De rol van IT in de organisatie Het is bij het maken van een keuze voor een datacenter belangrijk om eerst op een rij te zetten wat de consequenties zijn als de IT niet beschikbaar is, of het nu om de hardware gaat of de applicaties die ermee gefaciliteerd worden. De reden hiervoor is dat er voor uiteenlopende garanties wat betreft beschikbaarheid kan worden gekozen, waarbij een hogere beschikbaarheid een groter budget zal vereisen. Is er bij uitval van IT sprake van een grote productiestoring, of komt de continuïteit van de primaire processen niet direct in het geding? Bij uitbesteding aan een datacenter in de vorm van colocatie zullen dit soort storingen slechts een enkele keer voorkomen. De kans op niet beschikbare IT is bij colocatie in een datacenter kleiner dan als de servers on premise staan, maar toch dient nagedacht te worden over die enkele keer dat zich onverhoopt een storing voordoet. Datacenters bieden hierin verschillende gradaties van zekerheid. Zo is het bijvoorbeeld mogelijk om alle uitbesteedde IT te spiegelen in twee afzonderlijke datacenters. Daar hangt natuurlijk wel een ander prijskaartje aan dan enkelvoudige colocatie. Als de beschikbaarheid van IT absoluut cruciaal is, is keuze voor spiegeling zeker te rechtvaardigen.
die overweegt om de huisvesting van IT uit te besteden. De vraag is echter of die nabijheid noodzakelijk is. De dienstverlening van datacenters is niet gebonden aan de locatie en de applicaties die via het datacenter geleverd worden, zijn op afstand te beheren. Ook voor de installatie van nieuwe servers kan vertrouwd worden op het datacenter: zij bieden deze dienstverlening vaak aan en kunnen dit meestal beter, sneller en goedkoper dan als dit in eigen hand wordt genomen.
Certificering en normering
De nabijheid en locatie van het datacenter
Er moet daarnaast nagedacht worden over de functie van de IT die ondergebracht wordt bij een datacenter. Als deze bedoeld is voor de dagelijkse bedrijfsvoering, is de nabijheid van het datacenter wellicht wenselijk zodat gemakkelijk contact onderhouden kan worden. Als er echter gemigreerd wordt naar een datacenter voor bijvoorbeeld recovery doeleinden als zich een ramp voordoet, is het verstandig om een datacenter ver buiten de eigen regio te kiezen. Als zich dan een ramp voordoet, wordt het datacenter waarschijnlijk niet getroffen.
Als relatief klein land met een grote concentratie aan commerciële datacenters, is het in Nederland meestal mogelijk om een datacenter te kiezen die in dezelfde regio is gehuisvest als de organisatie
De locatie is, vanwege het risico op rampen, een factor die ook in overweging moet worden genomen. In Nederland is de kans
20
Alles over innovatie in ICT
op natuurrampen klein, eigenlijk ook wat betreft wateroverlast en overstromingen. Met name in dichtbevolkte gebieden zoals de Randstad is het grootste risico een door menselijke activiteit veroorzaakte ramp zoals een chemische ramp of een vliegtuigcrash. Daar staat tegenover dat juist in dit soort regio’s de digitale infrastructuur zeer geavanceerd is, wat de nodige voordelen kan opleveren.
Een belangrijke reden om te migreren naar een datacenter is, zoals we bespraken in deel 1 van deze reeks, de zekerheid en beveiliging die datacenters kunnen bieden. Daartoe zijn een aantal certificeringen van belang. Zij bieden geen absolute garantie voor bijvoorbeeld 100% uptime, en ook niet of een datacenter überhaupt goed of slecht is. Maar de certificaten geven wel aan dat het datacenter voldoet aan normen en eisen die door een onafhankelijke en in hoog aanzien staande partij geaudit worden. De meest geziene normen en eisen hebben betrekking op veiligheid (ISO 27001), kwaliteit (ISO 9001) en milieu (ISO 14001). Daarnaast is er nog de NEN 7510 norm, die specifiek bedoeld
is voor de beveiliging van patiëntgegevens. Het is bij de keuze voor een datacenter van belang om na te denken over de vraag of certificering een vereiste is. In het algemeen kan gesteld worden dat gecertificeerde datacenters hun zaken goed op orde hebben omdat gewerkt wordt volgens internationaal erkende en getoetste criteria, waarmee de kans op verstoringen geminimaliseerd wordt. Als de organisatie die voor colocatie kiest financiële transacties afhandelt, verdient een datacenter die voldoet aan de Payment Card Industry Security Standard (PCI DSS) de voorkeur. Daarmee wordt de beveiligde behandeling en opslag van betalingstransacties en privacy gevoelige klantinformatie gegarandeerd.
Mogelijkheid tot uitbreiding Organisaties zijn voortdurend in beweging, en zeker in het bedrijfsleven is groei een belangrijk doel. Het kan daardoor goed zijn dat de capaciteit die ingekocht wordt bij het datacenter op termijn ontoereikend zal zijn. De vraag naar capaciteit in datacenters groeit al jaren, waardoor het mogelijk is dat het datacenter waar de IT gehuisvest wordt vol is tegen de tijd dat u meer capaciteit nodig heeft. Bespreek daarom de huidige uptake in capaciteit bij de datacenters CloudWorks - nr. 4 / 2016
21
DDA
Visie
waarmee u in gesprek gaat en de mogelijkheden tot uitbreiding van de capaciteit die u inkoopt.
Combinatie met de cloud Er wordt erg veel over cloud computing gezegd en geschreven en misschien zijn er op sommige vlakken overspannen verwachtingen. Dat neemt echter niet weg dat cloud computing wel degelijk voor een heel andere organisatie van IT zorgt. Zowel bedrijfskritische applicaties als applicaties die niet kritisch zijn kunnen vanuit de cloud geleverd worden. Het grote voordeel is dat dit flexibel en schaalbaar kan en dat er betaald wordt naar gebruik. De afweging welk gedeelte van IT daarvoor geschikt is moet daarom ook gemaakt worden. De eerste stap is vaak een hybride cloud. De hybrid cloud is een combinatie van public cloud diensten van bijvoorbeeld Google, en een private cloudomgeving die door eigen servers in het datacenter gefaciliteerd wordt. Om de stap te maken betekent dat hier ook rekening mee moet worden gehouden bij de overstap naar een datacenter. Heeft een datacenter een direct cloud connects, een cloud exchange en welke cloud partijen zijn fysiek aanwezig? De scheiding tussen public en private wordt vaak gemaakt om de meest kritieke applicaties en data in eigen beheer te houden, vooral als het aankomt op beveiliging. Datacenters voorzien, zoals we eerder bespraken, in een brede waaier van fysieke en digitale beveiligingsmaatregelen waardoor het heel aantrekkelijk is om het private gedeelte van de hybrid cloud in een datacenter te huisvesten. De mogelijkheid te kunnen switchen tussen cloud providers voorkomt een lock-in.
Vijf punten die ook van belang zijn • De reputatie. Heeft het datacenter vaak te kampen met storingen, en hoe open is men daar over? Is het aangesloten bij de DDA branche organisatie? Wat zeggen anderen over het datacenter? • Een carrier neutraal datacenter geniet de voorkeur. Carrier neutrale datacenters geven maximale flexibiliteit als het gaat om de keuze voor bijvoorbeeld hardware, internetdiensten en bekabeling. • Koelingscapaciteit. Kan het datacenter voldoende koeling leveren voor uw apparatuur? • Breng alle kosten in kaart. Niet alleen voor capaciteit, maar ook aanvullende diensten en services. • Financiële stabiliteit van het datacenter. Dit moet inzichtelijk zijn, want een faillissement kan grote problemen opleveren voor de continuïteit van de uitbestedende organisatie.
Het belangrijkste: vertrouwen Al met al heel wat zaken om rekening mee te houden bij de keuze voor een datacenter. Dat is ook noodzakelijk: uiteindelijk wordt een belangrijk onderdeel van de organisatie toevertrouwd aan een derde partij. Er moet op vertrouwd kunnen worden dat de IT-infrastructuur in goede handen is en dat uw belangen ook bij het datacenter helder voor ogen staan. Stijn Grove, Directeur Dutch Datacenter Association
Floreren in een web-scale wereld Eindgebruikers verwachten tegenwoordig altijd en overal toegang te kunnen hebben tot content van hoge kwaliteit. Dit veroorzaakt een explosie van netwerkverkeer vanuit applicaties en diensten, zoals streaming video, zakelijke cloud-adoptie en het Internet of Things. Er is een web-scale effect aan het ontstaan, die de vraag naar nog betere applicatieervaringen voor zakelijke klanten en consumenten verder aanslingert. De term web-scale werd het eerst genoemd door marktonderzoeksbureau Gartner als beschrijving van nieuwe ideeën voor gegevensverwerking ontwikkeld door de cloud-services giganten. Web-scale IT verwijst dan ook naar een modulaire aanpak voor het ontwerpen, bouwen en beheren van datacenters waarin specifieke concepten opgenomen zijn voor de versnelling van performance. Hieronder vallen bijvoorbeeld virtualisatie, openheid, integratie, automatie, beschikbaarheid/betrouwbaarheid en indrukwekkende schaalbaarheid. De denkwijze die ooit startte in het cloud datacenter, heeft nu ook binnen grote bedrijven zijn entree gemaakt en leidt tot veranderingen in netwerken buiten het datacenter. Om in deze web-scale wereld te kunnen floreren, onderzoeken zowel service providers als grote bedrijven wat ze qua communicatievermogen nodig hebben om te winnen aan operationele flexibiliteit.
Bouwen van het web-scale universum: verbinden van datacenters De aard van moderne applicaties schrijft voor dat content en diensten voor zakelijke gebruikers en consumenten van hoge kwaliteit moeten zijn. Als gevolg van het groeiende aantal datacenters, de hoeveelheid content dat toegankelijk moet zijn en de virtualisatie van servers en apparaten met rekenkracht, is het noodzakelijk om datacenters aan elkaar te verbinden; zonder deze verbindingen kunnen de diensten en applicaties die zich in deze datacenters bevinden niet gebruikt worden. Enerzijds leidt de eis van onmiddellijke connectiviteit tot datacenters in stedelijk gebied, zo dicht mogelijk bij de eindgebruiker. Aan de andere kant wordt content die niet direct beschikbaar hoeft te zijn, zoals data vanuit e-mail en webpagina’s, back-up en mirroring apllicaties als onderdeel van het business continuity/disaster recovery (BC/DR) plan, vanuit het oogpunt van het beperken van kosten en ruimte in verderop of zelfs op grote afstand gelegen locaties gehost. Virtualisatie speelt ook een rol – twee of meer fysieke
22
Alles over innovatie in ICT
datacenters, waar dan ook gelegen, kunnen als een enkel datacenter fungeren. Activiteiten en taken kunnen zo over deze datacenters verdeeld worden om operationele kosten zo laag mogelijk en de prestaties maximaal te houden. Met Ciena’s Waveserver stapelbare datacenter interconnect (DCI) platform, gelanceerd in 2015, kunnen internet content en datacenter aanbieders al deze scenario’s uitvoeren. Nieuwe open architecturen zetten een transformatie in gang: de grenzen tussen stedelijk/regionale en lange afstand-netwerken vervagen en men spreekt nu eerder in termen van ‘user-to-content’ en ‘content-to-content’ domeinen. Het ondersteunen van de groei van netwerkverkeer van meerdere 10 GbE en 100 GbE diensten over afstanden van honderden kilometers wordt veel eenvoudiger. Tegelijkertijd kan ook de lokale service delivery geoptimaliseerd worden en worden on-demand connectiviteitsdiensten mogelijk om te verbinden naar de cloud. De groeiende complexiteit van dergelijke web-scale infrastructuren vraagt echter ook om een nieuwe aanpak om data die zich binnen het web-scale universum bevindt en beweegt te beschermen.
Beveiligen van de web-scale wereld: nieuwe zorgen en oplossingen De hoeveelheid informatie die wordt verstuurd over het netwerk en grote afstanden aflegt – over stedelijk, regionaal en langeafstandsnetwerken – groeit fenomenaal. Met de verwachting dat er dit jaar meer dan een biljoen gigabytes verstuurd zullen worden, zijn we aanbeland in het zettabyte tijdperk. CloudWorks - nr. 4 / 2016
23
Visie Wet-en regelgeving worden aangepast aan deze veranderende realiteit. Europa bereidt zich voor op de formele adoptie van de General Data Protection Regulation (GDPR) later dit jaar. Doel van deze richtlijn is de harmonisatie van databeveiligingswetgeving en de boetes die op overtredingen staan binnen de EU. Onderdeel van de richtlijn zijn strenge regels en een zorgplicht wat betreft het vastleggen en versturen van gegevens. Hier in Nederland is per 1 januari dit jaar de meldplicht datalekken al in werking getreden, met de verplichting datalekken niet alleen aan de autoriteiten te melden, maar aan alle betrokkenen.
Zoals Geert Degezelle, Managing Director van Telindus verklaart: “Financiële instellingen zagen hun netwerk tot voor kort als niet meer dan een kostenpost die nodig was om over connectiviteit te kunnen beschikken. Maar door de toenemende druk op het leveren van diensten met toegevoegde waarde aan klanten met behulp van technologieën zoals cloud computing, mobiele apps, big data & analytics en de noodzaak om te voldoen aan alle eisen rond de informatiebeveiliging, beginnen financiële organisaties hun netwerk nu te zien als een onmisbare basis waarvan al deze technologieën afhankelijk zijn.
Met informatie die wordt gehost in meerdere cloud-omgevingen, datacenters of zelfs meerdere landen, elk met verschillende beveiligingsniveaus en -eisen, zijn er ook meerdere toegangswegen tot deze informatie. Het beveiligen van gegevens tijdens de overdracht (inflight), ongeacht waar deze gegevens zich in het netwerk bevinden, is essentieel voor elke geïntegreerde, end-to-end securitystrategie. Het versleutelen van data door het hele netwerk heen is de enige manier om te garanderen dat niemand het kan onderscheppen.
Een geavanceerd netwerk draagt bij aan optimale kostenefficiëntie en betrouwbaarheid van deze technologieën en voorziet daarnaast in de broodnodige automatisering en high availability. Met een dergelijk netwerk kunnen financiële organisaties de onophoudelijke vraag naar bandbreedte bijbenen, voldoen aan de strikte SLA’s voor de financiële handel en zorg dragen voor bedrijfscontinuïteit, disaster recovery en onderlinge verbindingen tussen datacenters (data center interconnections; DCI’s).
{
‘ Het volledige ecosysteem is verantwoordelijk voor het garanderen van end-to-end security’
24
Alles over innovatie in ICT
Financiële instellingen kunnen zo on-demand connectiviteitsdiensten afnemen in plaats van te betalen voor het verwachte capaciteitsgebruik of, erger nog, voor te weinig capaciteit of gebrekkige netwerkprestaties en hogere latency. Deze speciale netwerktechnologieën bieden hen daarnaast een flexibele architectuur die snel kan worden aangepast aan organisatorische veranderingen en nieuwe marktontwikkelingen. De integratie van snelle verbindingen, lage latency en encryptie van uiteenlopende protocollen kan hen helpen te voldoen aan alle eisen op het gebied van privacy en informatiebeveiliging.”
Web-scale voor iedereen Web-scale netwerk-principes resulteren in nieuwe aanpakken en innovaties, inclusief de switch naar open, programmeerbare architecturen. Technologieën zoals Network Functions Virtualization (NFV) en Software Defined Networking (SDN) brengen nog verdere verbeteringen in uitbreidbare bandbreedte, flexibiliteit en efficiency naar het netwerk. De groeiende adoptie van cloud-diensten en virtualisatie, met enorme aantallen datacenters als gevolg, creëren het web-scale effect. Internet content en cloud providers bieden rijkere applicatieervaringen aan hun klanten en verbinden enorme aantallen gebruikers met content. Het netwerk vormt het kloppende hart van deze evolutie. Om in deze web-scale wereld te floreren moeten netwerken kunnen vertrouwen op operationele eenvoud, schaalbaarheid en rendabele bedrijfsmodellen. Technologische vooruitgang maakt het mogelijk voor bedrijven en dienstverleners om implementaties te versnellen, operationele kosten te verminderen en de flexibiliteit en efficiency te verhogen.
Traditionele in-flight data encryptie is vooral gericht op de applicatie- of de IP-laag. Hierdoor is het een bruikbare optie voor sommige IT-applicaties, maar niet optimaal voor data-intensieve of tijdsgevoelige applicaties. Daarbij worden deze oplossingen vaak niet binnen het hele bedrijf geïmplementeerd en zijn ze in veel gevallen ingewikkeld en kostbaar om in te zetten. Op deze manier kunnen deze encryptie-oplossingen, die op een hogere laag in het netwerk worden toegepast, gaten laten in de security-strategie van een organisatie, omdat ze alleen een deel van al het netwerkverkeer beschermen. Alleen encryptie op de transportlaag van een netwerk zorgt voor volledige bescherming van alle in-flight data, op elk moment. Het volledige ecosysteem, van dienstverleners tot cloud-services, van datacenters tot bedrijven – echt elke organisatie die gevoelige gegevens verstuurt – is verantwoordelijk voor het garanderen van volledige, end-to-end security. Van de buitenrand tot in het hart van het netwerk, of data nu de landsgrenzen overgaat of niet, een stad doorkruist of alleen maar de straat oversteekt. Door het versleutelen van gegevens zowel ‘in ruste’ als ‘in-flight’, kunnen organisaties de beste security-strategie garanderen voor praktisch alle data, altijd. Dit geeft zekerheid, voor de organisatie zelf, hun klanten en hun aandeelhouders.
{
‘ Web-scale netwerkprincipes resulteren in nieuwe aanpakken en innovaties’
Web-scale security in de Nederlandse financiële dienstverlening De financiële dienstverlening is bij uitstek een van de sectoren waar privacy en wet- en regelgeving ontzettend belangrijk zijn. Er niet aan voldoen is eenvoudigweg geen optie. Gezien het in werking treden van de meldplicht datalekken per 1 januari dit jaar is het dan ook geen verrassing dat de eerste implementatie van Ciena’s 200G WaveLogic Encryption oplossing juist in deze sector plaatsvond. Telindus, partner van Ciena in Nederland en tevens de eerste partner wereldwijd die de Advanced Technical Support Status (ATTS) van Ciena ontving, tekende voor de implementatie.
Zoals survival-expert Ed Stafford steeds weer herhaalt in zijn TV-programma ‘Marooned’ bekend van Discovery Channel: “Overleven is niet genoeg, ik wil floreren”, moet elke speler in het cloud ecosysteem daartoe hun vereisten opnieuw onderzoeken. En voor alle betrokkenen in deze web-scale wereld, consumenten en bedrijven, omvat floreren toegankelijkheid, flexibiliteit, openheid en security. Alan Hollander, Director Systems Engineering bij Ciena in Nederland
CloudWorks - nr. 4 / 2016
25
Green IT Alticom en CJ2 Hosting over private tower in Hoogersmilde
All IT Rooms bouwt Drentse mediatoren om tot groen datacenter
V.l.n.r.: Jan Tammeling (Sales Manager van CJ2 Hosting), Ronald Kok (directeur van All IT Rooms), Jeroen Oldenhof (eigenaar en CTO van CJ2 Hosting) en Robin Verlangen (Director Marketing & Sales van Alticom) - Fotografie Paul Kampman
Datacenterspecialist All IT Rooms heeft voor Alticom in het Drentse Hoogersmilde een datacenter gebouwd in een voormalige televisietoren. Het datacenter wordt gekoeld met direct free air cooling, wat een belangrijke bijdrage levert aan de lage Power Usage Effectiveness (PUE) van 1,2 die het datacenter garandeert. Het datacenterdeel is als private tower volledig in gebruik door de hosting provider CJ2 Hosting. “CJ2 Hosting is een hosting provider die zich voornamelijk richt op de noordelijke provincies van Nederland. Het bedrijf maakt hiervoor gebruik van vier datacenters, die eveneens zijn gevestigd in het noorden van het land. Eén van deze locaties is de mediatoren van Alticom in Hoogersmilde”, legt Jeroen Oldenhof, eigenaar en CTO van CJ2 Hosting, uit. Jan Tammeling, Sales Manager van CJ2 Hosting vult aan: “De mediatoren in Hoogersmilde is een zogeheten ‘private tower’. Dit betekent dat de toren exclusief door ons in gebruik is. Wij richten ons op colocatie, virtual private servers, dedicated servers, rackspace, connectivity, webontwikkeling en content management systemen (CMS).”
24 mediatorens Alticom heeft sinds 2007 24 mediatorens in bezit, waarvan er momenteel al 13 operationeel zijn als datacenter. “Deze mediatorens zijn ontworpen om altijd operationeel te
26
Alles over innovatie in ICT
zijn. Zo zijn in de mediatoren in Hoogersmilde jarenlang televisie- en radiozenders gevestigd geweest. Tot de dag van vandaag is de toren daarnaast het thuis van de calamiteitenzenders, waarvan de beschikbaarheid van groot belang is”, legt Robin Verlangen, Director Marketing & Sales van Alticom, uit. “Deze continue beschikbaarheid sluit natuurlijk perfect aan bij datacenters, die eveneens altijd beschikbaar moeten zijn.” All IT Rooms heeft in 2015 het datacenter in de mediatoren van Hoogersmilde gerealiseerd. “All IT Rooms is net als Alticom een partij die continu vooruitdenkt en zich richt op innovatie. Het bedrijf komt proactief met nieuwe ideeën en toepassingen, en denkt met ons mee over manieren waarop wij ons datacenter nog efficiënter kunnen maken. Daarnaast is All IT Rooms net als CJ2 Hosting en Alticom een compacte organisatie met korte lijnen en een grote focus op de klant. De organisaties sluiten dan ook goed op elkaar aan”, aldus Verlangen.
Gefaseerde bouw In het datacenter in Hoogersmilde is gekozen voor een gefaseerde bouw, waarbij per fase een datavloer wordt toegevoegd. “De toren biedt in totaal ruimte voor acht datavloeren. De eerste hiervan is afgelopen jaar opgeleverd aan Alticom en door CJ2 Hosting in gebruik genomen. Deze datavloer bevat in totaal 18 serverracks”, aldus Oldenhof. De keuze voor een gefaseerde bouw biedt verschillende voordelen. Iedere datazaal functioneert hierbij als een autonoom datacenter. “Onze klanten krijgen door deze aanpak veel vrijheid. Willen zij bijvoorbeeld gebruik maken van biometrische beveiliging? Dan kan dit eenvoudig worden aangebracht op de toegangsdeur van de datazaal die zij huren”, legt Tammeling uit. “Dit is bij veel andere partijen anders. Die bouwen bijvoorbeeld in één keer een datacenter van 5.000 m2, waarvoor bij de bouw direct alle voorzieningen worden aangelegd. CloudWorks - nr. 4 / 2016
27
Cloud-nieuws
Green IT De voorzieningen zijn hierdoor doorgaans in alle datazalen gelijk, wat de keuzevrijheid die je klanten kunt bieden erg beperkt”, aldus Robin Verlangen. Ronald Kok, directeur van All IT Rooms, vult Verlangen aan: “Bij de bouw van iedere nieuwe fase kijken we opnieuw kritisch naar het ontwerp en passen deze indien nodig aan op de laatste ontwikkelingen en kennis die we met eerdere datavloeren hebben opgedaan. Iedere datazaal voldoet bij oplevering dus volledig aan de laatste stand der techniek.”
“De buitenlucht wordt aangevoerd via aanvoerkanalen, die in de zijkant van de toren zijn aangebracht. Deze lucht kan echter niet rechtstreeks het datacenter worden ingelaten en moet eerst worden geconditioneerd om zeker te stellen dat de condities in het datacenter zo constant mogelijk blijven. All IT Rooms heeft hiervoor een luchtbehandelingskamer gecreëerd, waar de lucht wordt gestabiliseerd. Vanuit deze kamer wordt de lucht met behulp van filters gereinigd, waarna deze gecontroleerd het datacenter wordt ingeblazen.”
iedere datavloer zoveel mogelijk capaciteit onderbrengen. Voor iedere mediatoren en iedere datavloer wordt het ontwerp dan ook weer volledig geoptimaliseerd, om zo efficiënt mogelijk gebruik te maken van de beschikbare oppervlakte. Iedere datavloer is immers weer anders. Om in de toren in Hoogersmilde zoveel mogelijk ruimte over te houden voor serverracks zijn de koelinstallatie, stroomvoorziening en ondersteunende apparatuur zoveel mogelijk geïntegreerd in het bouwkundige gedeelte van het datacenter.”
Unieke uitdagingen
Dankzij het slimme en innovatieve datacenterontwerp dat All IT Rooms heeft opgeleverd, waarin gebruik wordt gemaakt van direct free air cooling, kan Alticom in de mediatoren in Hoogersmilde een Power Usage Effectiveness (PUE) van 1,2 garanderen. Hiermee is het bedrijf volgens Hivos één van de slechts vier ‘groene’ datacenters in Nederland. “Dit is een prestatie waar wij erg trots op zijn!”, besluit Verlangen.
Cloud Mitigation Alliance
Huawei zet samen met partners Cloud Mitigation Alliance op tegen DDoS-aanvallen
Direct free air cooling Het datacenter wordt gekoeld met direct free air cooling, waarbij gebruik wordt gemaakt van de buitenlucht om ITapparatuur te koelen. “Een uniek voordeel van een mediatoren is de vrije aanvoer van wind. De mediatoren in Hoogersmilde is, inclusief de zendmast, 303 meter hoog. Door deze grote hoogte wordt voldoende wind aangevoerd om het overgrote deel van het jaar te koelen met behulp van buitenlucht. Dankzij deze constructie hebben de koelinstallaties in onze mediatoren in IJsselstein, waar een vergelijkbare opstelling wordt gebruikt, in heel 2015 slechts 26 uur hoeven draaien”, aldus Verlangen.
“Het bouwen van een datacenter in een toren levert unieke uitdagingen op. Zo is de toren in Hoogersmilde rond, een vorm die zich niet per definitie leent voor de bouw van een datacenter. Zo is datacenterapparatuur doorgaans voorzien van rechte lijnen, waardoor deze moeilijk optimaal in een ronde ruimte gepositioneerd kan worden. Daarnaast ben je in een toren afhankelijk van een lift, die dankzij zijn afmetingen beperkingen oplevert. Hier moet in het ontwerp van het datacenter dan ook al rekening mee worden gehouden”, aldus Ronald Kok. “Wij willen op
Wouter Hoeffnagel is freelance journalist
De omvang van DDoS-aanvallen is de afgelopen tijd enorm toegenomen. Het is daarmee voor veel individuele providers en datacenters steeds moeilijker om zelf de ongekende stroom aan verkeer in goede banen te leiden. “Dit is voor een aantal partijen – waaronder Huawei – aanleiding geweest om de Cloud Mitigation Alliance op te zetten”, zegt Frank Ip, director of product management Switch & Enterprise Communications van Huawei Technologies. De alliantie heeft tot doel om tot een samenwerking te komen waarbij de overvloed aan data die op één deelnemende partij afkomt kan worden gerouteerd naar andere deelnemers aan de alliantie. “Dat zal bovendien op een dusdanige manier gebeuren dat alle data keurig volgens afspraak binnen bepaalde geografische regio’s en dergelijke blijft”, zegt Ip in een toelichting.
Officiële lancering Veel is nog onduidelijk over de Cloud Mitigation Alliance. Zo wil Ip nog geen namen noemen van andere partners in de alliantie. “We zijn namelijk nog in gesprek met een groot aantal bedrijven. Zij denken nu na over hun positie en de voordelen die samenwerking hen kan brengen. Ik verwacht dat we rond de zomer met een officiële lancering zullen komen.” De alliantie zal bestaan uit zowel service providers, aanbieders van netwerkapparatuur als enterprise-afnemers - zeg maar: afnemers. De deelnemende partijen zullen gezamenlijk software ontwikkelen waarmee min of meer geautomatiseerd een DDoS-aanval kan worden afgeweerd door de vloedgolf aan data te verspreiden over meerdere datacenters.
Algoritmes Daarbij zullen de leden van de alliantie algoritmes ontwikkelen die de optimale rerouting van data bepalen. Hierbij zal nadrukkelijk gekeken worden naar – wat wel genoemd wordt – ‘geo tagging’. Het idee hierbij is dat van data bepaald wordt uit welke geografische regio de data afkomstig is en in hoeverre de data zonder problemen naar willekeurig welk datacenter kan worden gerouteerd. Of dat juist rekening moet worden gehouden met bijvoorbeeld privacyregels die beperking aan geografische verspreiding opleggen. Vooralsnog denkt Ip dat deelnemende datacenters en providers vooral in regionaal georiënteerde groepen zullen samenwerken,
28
Alles over innovatie in ICT
zodat - bijvoorbeeld - uit Duitsland afkomstige data bij een DDoSaanval en de daarop volgende herroutering gegarandeerd binnen de EU blijft.
API’s Ip voorziet dat de alliantie een of meer API’s (application programming interface) ontwikkelt die door bijvoorbeeld enterprise datacenters of service providers kan worden aangeroepen om gebruik te maken van de rerouting-algortimes. “Maar het zou mij ook niet verbazen als sommige equipment vendors de door de alliantie ontwikkelde software in hun apparatuur integreren, zodat zij out of the box extra bescherming tegen DDoS-aanvallen kunnen aanbieden.” Naar verwachting zullen rond de zomer nadere mededelingen over de formele oprichting van de Cloud Mitigation Alliance volgen. Dan verwacht Ip tevens dat een lijst met deelnemende aanbieders en datacenters bekend kan worden gemaakt. Robbert Hoeffnagel CloudWorks - nr. 4 / 2016
29
Markt Jan Over van IonIT:
‘ De markt vraagt om een hybride focus op Identity & Access Management’
“Vandaag de dag is hybride Identity & Access Management (IAM) de hoeksteen voor Security, gebruik van cloud applicaties, samenwerking op Internet en gecontroleerde groei van de organisatie met de bijbehorende IT. IAM geeft de juiste gebruikers toegang conform afspraak op elk moment vanaf elke locatie met elk device.” Jan Over van IonIT is hier heel helder in. We zien in de markt dat er grote behoefte is aan hybride oplossingen en ondersteuning met gebruikmaking van meerdere OS-en, technologieën en platforms. In feite werden we door onze eigen klanten, die met name in de educatieve, overheid, financiële en juridische dienstverlening terug te vinden zijn, uitgedaagd om antwoord te geven op functionele vragen. Die vragen spitsten zich juist toe op inzet van Identity & Access Management. Maar dan wel een met een multidisciplinaire aanpak waarbij toegang tot data op de goede manier is geregeld.”
Jan Over
30
Alles over innovatie in ICT
Om deze ambitie waar te maken, is Oxford Computer Group (OCG) voor de Benelux regio van Jan Over per april 2016 gefuseerd met IonIT uit Eindhoven en samen verdergegaan onder de naam IonIT.
Missie Jan Over vervolgt: “Het is de missie van IonIT om bedrijven te overtuigen van de nut en noodzaak van hybride IAM die door alle ontwikkelingen alleen maar groter wordt. We hebben verschillende klanten geholpen om hun IT-strategie voor de cloud te realiseren. Zo zien we dat het hedendaagse vraagstuk niet meer geënt is op één standaard omgeving maar een mix van applicaties en platformen binnen het eigen datacenter, de cloud en mobiel. Daarbij verlangt, nee eist, de klant - en terecht - een veilige, compliant, gebruiksvriendelijke, kostenbesparende en toekomstvaste ITvoorziening.” “De nut en noodzaak van een hybride IAM is terug te brengen tot zeven kernbegrippen en het vereenvoudigen/optimaliseren hiervan: bedrijfsvoering, kostenbeheersing, operationele efficiëntie, risicobeheersing, compliance van de wet- en regelgeving, digitale identiteit en security.” 1. Bedrijfsvoering vereenvoudigen: geen foutgevoelige en kostbare handmatige werkzaamheden meer bij de instroom van nieuw personeel, bij de doorstroom (verandering functie en dus autorisatie wijzigingen) en bij de uitstroom van personeel (toegang stopzetten). 2. Kostenbeheersing doordat eindgebruikers en gedelegeerde tussenpersonen beheer en onderhoud uitvoeren. De Servicedesk krijgt hierdoor minder calls, er hoeft minder beheer en onderhoud te worden uitgevoerd en er is beter inzicht in de licenties, gebruikt en ongebruikt. 3. Vergroting van de operationele efficiëntie door het automatiseren van handmatige en routinematige werkzaamheden. 4. Verbeterde risicobeheersing door vermindering van foutgevoelige handmatige werkzaamheden. 5. Aantonen dat men compliance is met de geldende wet- en regelgeving zoals: PCI-DDS (creditcard), SOX (financiële
sector), EU Privacy Directive (wetgeving op gebied van privacy van persoonsgegevens) en Nederlandse overheid BIR (informatiebeveiligingskader voor rijksoverheid). 6. Een betrouwbare digitale identiteit van een gebruiker in plaats van een foutgevoelige gecorrigeerde identiteit die overgetikt is door een persoon. 7. Veilige toegangscontrole-infrastructuur tot applicaties met bijvoorbeeld sterke authenticatie en de juiste security maatregelen. Jan Over vervolgt: “Als OCG werkten we voornamelijk met Microsoft maar daarbij mis je de koppelingen met andere platformen en technieken. We liepen in de dagelijkse praktijk hier veel tegenaan. Een klant die heel traditioneel on-premise vanuit zijn eigen datacenter werkt, wil nu naar de cloud en vraagt dus ook om IAM die vanuit de cloud werkt. Bedrijven plaatsen steeds vaker hun bedrijfsdata buiten de organisatie en maken deze beschikbaar voor een bredere gebruikersgroep zoals partners en klanten. Ook de toegang tot deze gegevens verplaatst zich buiten de organisatie naar verschillende platformen en diensten die ook buiten het beheer van de eigen organisatie vallen. Als je nagaat dat 67% van de professionals aangeeft dat de beveiliging van bedrijfskritische data op mobiele devices nog niet op orde is, dan is prima voor te stellen dat een goed geïmplementeerde IAM meer dan belangrijk is voor de organisatie.” We hebben klanten geholpen om hun cloud applicaties zoals bijvoorbeeld HR of een elektronische leeromgeving te ontsluiten voor hun IAM in hun datacenter of in de cloud. Waar we tevens de autorisatie tot cloud applicaties hebben geregeld. Hiermee kwamen onze klanten ‘in control’.” “Die beweging zien we sterk groeien”, zo vervolgt de enterprise architect. “Een fusie met IonIT die al forse en brede ervaring heeft op dit terrein lag daarom voor de hand. Samen kunnen we een team op de been brengen dat inspeelt op de hybride IAM ontwikkelingen in de markt. Hiermee willen we de huidige maar zeker ook de nieuwe klanten ondersteunen bij het veilig houden van hun bedrijfsdata, terwijl hun gebruikers altijd, overal en vanaf elk device kunnen werken.”
Managed Services provider In feite willen we als IonIT doorgroeien naar een Managed Services organisatie waarbij we de klanten maximaal kunnen ontzorgen. Als professionals brengen we naast meer dan 25 jaar ervaring op Identity Management gebied ook zeer specialistische Microsoft & cloud kennis en ervaring mee. Zo zijn we zevenmaal uitgeroepen tot Microsoft Partner van het jaar op het gebied van Identity Management. Deze specialistische kennis blijft gewaarborgd en de dienstverlening wordt gecontinueerd. Dit is een toevoeging op de al bestaande Microsoft partnership van IonIT. Door de fusie van OCG Benelux en IonIT wordt de IAM kennis verbreed, extra producten toegevoegd en een breder scala aan diensten en kennis aangeboden. De klant kan rekenen op een team van deskundigen met zeer specialistische kennis van IAM, cloud en Enterprise Mobility Management en de onderliggende infrastructuur. We hebben inzicht in hoe we identiteits- en toegangsbeheer met alle hedendaagse datacenter en cloud uitdagingen kunnen aanpakken. Met een doordachte aanpak levert dit ook nog eens de nodige kostenreductie op. We leveren technologie onafhankelijke dienstverlening om gebruikers- en toegangsbeheer voor het datacenter en de cloud naar een hoger niveau te tillen. Dat doen we via consultancy, projecten en managed service. Uiteraard zullen we ook de nodige support leveren op de diverse IT-omgevingen en zorgen we voor meer interne kennis door het bieden van trainingen.
We pushen geen technologie “We staan nu al bekend om onze no-nonsens mentaliteit en betrokkenheid waarbij we een duidelijke strategie voeren. We beginnen bij het begin en niet bij de oplossing. Samen met de klant kijken we naar het probleem en brengen deze duidelijk in kaart. We nemen de huidige en gewenste functionaliteiten, infrastructuur, planning en budget onder de loep en op basis van de verkregen informatie maken we een plan van aanpak waarbij we naar de mogelijke oplossingen kijken. We gaan pas daadwerkelijk aan de slag als de klant geheel tevreden is met de geboden oplossing.” Jos Raaphorst is uitgever van CloudWorks CloudWorks - nr. 4 / 2016
31
Public briefing
{
Veiligheid en vertrouwen
‘ Niet alleen bedrijven kampen met vraagstukken over de veiligheid van data en de zorgen daaromtrent, consumenten hebben blijkbaar dezelfde zorgen’
Hoe veilig is onze data en hoe gaan de bewaarders hiermee om? De eeuwige discussie over wel of geen cloud implementeren blijft zich concentreren over hoe de bewaarders van de data omgaan met die data en welke maatregelen zij hebben getroffen om te zorgen dat data niet zomaar benaderd kan worden. Niet alleen vanuit de consumenten zijn hier zorgen over, al wordt juist die doelgroep geholpen door wetgeving, maar ook vanuit het bedrijfsleven, de business-to-business markt, ontstaan groeiende zorgen over de hoeveelheid data die geproduceerd wordt en hoe met name Cloud bedrijven die deze data in bewaring hebben, hiermee omgaan. Eind augustus 2015 heeft EuroCloud Nederland de resultaten gepubliceerd van de Nationale EuroCloud Monitor. In deze monitor werd vooral de huidige cloud situatie vergeleken met die van 2012, toen de monitor voor het eerst werd uitgevoerd. Vanuit de resultaten van beide monitoren konden vooral twee conclusies getrokken worden: 1. Het gaat nog niet zo hard met de implementatie van Cloud in het bedrijfsleven 2. Security en Privacy staan nog steeds onveranderd op positie 1 en 2 van zorgen
32
Alles over innovatie in ICT
Wat in ieder geval goed is, en wat overal blijkt, is dat Cloud op de agenda’s blijft staan. Er is echter een groeiend besef dat niet altijd even duidelijk is wat er met opgeslagen data in de cloud gebeurt, wat uiteindelijk weer leidt tot een voorzichtige benadering ten opzichte van Cloud en de implementatie van Cloud oplossingen binnen de onderneming. Een voorzichtige conclusie die men hieruit zou kunnen trekken, is dat de groei van cloud geremd wordt door vraagstukken over de veiligheid van de gegevens.
Als we denken dat het bij de consumenten beter geregeld is en dat men zich daar allerminst zorgen hoeft te maken, dan volgt ook hier een teleurstelling: Bijna de helft (48 procent) van alle consumenten is wantrouwig over de manier waarop bedrijven omgaan met hun gegevens. Een op de vijf consumenten vertrouwt geen enkel bedrijf om zijn informatie veilig op te slaan. Bedrijven hebben dan ook een lange weg te gaan om het consumentenvertrouwen op te bouwen. Dat blijkt uit onderzoek dat Verint, leverancier van Actionable Intelligenceoplossingen, uitvoerde in 2015 in samenwerking met analyse en consultancybureau Ovum en het Britse onderzoeksbureau Opinium onder meer dan 18.000 consumenten in negen verschillende landen, waaronder Nederland. Zoals blijkt uit bovenstaande, kampen niet alleen bedrijven met vraagstukken
over de veiligheid van data en de zorgen daaromtrent, consumenten hebben blijkbaar dezelfde zorgen. Maar wat kan de industrie eraan veranderen dat vertrouwen toeneemt? Moeten we ons overleveren aan wetten die onze data moeten beschermen? De nationale en Europese wetmakers zijn daar vrij helder in; waar het gaat om persoonsgegevens is bescherming wettelijk geregeld. Daar waar het gaat om veiligheid van bedrijfsdata lijken we allemaal op onszelf aangewezen. Er is echter wat verlichting op dit vlak: Het Europese parlement heeft op 15 december 2015 een voorlopig akkoord bereikt die handelt over de bescherming van bedrijfsgeheimen (http://bit.ly/1UKjVBj). Dit komt naast de Nederlandse auteurswet en burgerlijk wetboek waarbinnen, met mogelijk een wat ruimere interpretatie, ook data diefstal verboden is. 1 januari 2016 ging de Wet meldplicht datalekken in. Deze wet behelst een breed scala aan regels die ervoor moeten zorgen dat data waarin persoonsgegevens verwerkt worden veiliger bewerkt en verwerkt worden en dat het lekken ervan, bedoeld en onbedoeld, tot forse boetes kan leiden indien het lek niet gemeld wordt. De meldplicht datalekken is vrij breed gedefinieerd, waardoor elke organisatie waar een datalek plaatsvindt, met de meldplicht te maken kan krijgen. Voorbeelden van datalekken zijn het verlies van een USB stick waarop persoonsgegevens staan, het onbedoeld delen van persoonsgegevens of, meer voor de hand liggend, een hack waarbij persoonsgegevens buit gemaakt worden. Ook het (per ongeluk) verwijderen van persoonsgegevens of verlies daarvan door schade (zoals brand) waar-
bij geen back-up beschikbaar is, worden gezien als datalekken. Het meest extreme voorbeeld betreft een e-mail die verstuurd wordt naar een zakelijke bekende, waarbij in de CC een adres wordt opgenomen van een persoon die bij 1 van de 2 partijen niet bekend is en die geen toestemming voor het zichtbaar maken van zijn/haar e-mailadres gegeven heeft. Formeel is dit al een datalek. De wet datalekken is een puur Hollandse aangelegenheid en zorgt er in ieder geval voor dat bedrijven zorgvuldiger met data om dienen te gaan. Binnen diverse Europese lidstaten zit men nog steeds met de verouderde ‘data protection directive’ uit 1995 of heeft men aanpassingen gepleegd om meer aan de eisen van de huidige tijd te kunnen voldoen. Vanuit de Europese commissie is men bezig om de ‘General Data Protection Regulation’ in 2018 definitief te maken en te implementeren binnen de Europese lidstaten. Tot het zover is, zullen we in ieder geval met de wet meldplicht datalekken te maken hebben die, zoals aangegeven, voorlopig meer op het privacy vlak zit dan op algemene bedrijfsdata.
Bedrijven kiezen momenteel vooral voor veiligheidslabels, zoals ISO27001, de standaard voor Informatiebeveiliging, om aan te tonen dat zij veilige hoeders van data zijn. Dit label is vooralsnog een van de weinige mogelijkheden om aan de buitenwereld te tonen dat de onderneming veilig genoeg is bevonden door aan een veiligheidsnorm te voldoen. Het creëren van vertrouwen en het bieden van veiligheid van data, lijkt echter voorlopig nog steeds iets te zijn waar bedrijven vooral zelf in moeten investeren. Niet alleen in de voorzieningen en labels maar ook in de boodschap daaromtrent. Maurice van der Woude is vicevoorzitter van Stichting EuroCloud Nederland en CEO bij BPdelivery
Consumenten, maar ook business users, lijken hiermee in ieder geval veilig te zijn waar het hun eigen persoonsgegevens betreft. Over de veiligheid van overige bedrijfsdata, de data die geen persoonsgegevens bevat, zoals financiële gegevens, staat momenteel nog te weinig op de agenda. Ten aanzien van het onrechtmatig verkrijgen van bedrijfsdata, kom je al snel op het domein van hacking, diefstal en dergelijke. CloudWorks - nr. 4 / 2016
33
Interview In gesprek met Omri Kohl, CEO van Pyramid Analytics
‘Kill Your BI Desktop Darlings’
In vrijwel elke industrie is er een toenemende focus op het gebruik van data om betere zakelijke beslissingen te kunnen nemen. De markt voor business intelligence en analytics software groeit daarom snel om beter te kunnen voldoen aan de wensen van onze tijd. We praten met Omri Kohl, oprichter en CEO van de Pyramid Analytics, over zijn visie op de toekomst van BI. Voor enterprise software zijn user experience en mobiliteit in de afgelopen jaren steeds belangrijker geworden. Zeker op het gebied van BI software waren de tegenstrijdigheden op dat vlak groot. De markt was grofweg verdeeld in enterprise platformen die vooral toegankelijk waren voor IT-personeel en BI-specialisten, en agile BI-oplossingen, ontworpen voor de eindgebruikers in een MKBomgeving. Pyramid Analytics, een relatief jonge speler in BI, werd in 2008 opgericht door Omri Kohl, Herbert Ochtman en Avi Perez met als doel om deze kloof te overbruggen. BI Office, het vlaggenschip van Pyramid Analytics, is een web-gebaseerd BIplatform voor public en private cloud dat de robuustheid van traditionele enterprise BI combineert met het gebruiksgemak en de selfservice-mogelijkheden van agile BI-oplossingen. Dit stelt organisaties in staat om BI op grote schaal beschikbaar te stellen aan elke gebruiker, van analisten en IT-professionals tot zakelijke gebruikers.
Bestaande BI-investeringen Toen Pyramid Analytics werd opgericht, kregen gebruiksvriendelijke BI-oplossingen zoals QlikTech en Tableau steeds meer populariteit in de BI-markt. “Mega-leveranciers zoals Microsoft, Oracle, SAP en IBM hadden een groot marktaandeel”, vertelt Kohl. “Maar hun oplossingen waren grotendeels verankerd in IT en boden geen selfservice-mogelijkheden voor normale gebruikers. De nieuwe agile BI-leveranciers richtten zich daarom juist op de zakelijke gebruiker met fantastische oplossingen, die alleen niet geschikt waren voor grootschalig gebruik. Het was voor ons duidelijk dat het inzetten van deze ‘desktop-darlings’ tot gescheiden datasilo’s binnen organisaties zou leiden, wat uiteindelijk te rommelig en ingewikkeld zou worden. We zagen een toekomstige vraag ontstaan om de platformen van de mega-leveranciers cross-function en cross-solution te maken, met als doel alle werknemers toegang te kunnen geven. Wij wilden die oplossing gaan leveren, en zo is Pyramid Analytics begonnen.” Volgens Kohl gaat zijn bedrijf niet noodzakelijkerwijs een directe concurrentie aan met de mega-leveranciers. “We noemen het graag ‘co-op competition’, een combinatie van samenwerking en concurrentie. We hebben een heel goede relatie met bedrijven als Microsoft, Oracle, IBM en SAP. Zij bieden de back-end, de data-warehouse, maar voor analytics op grote schaal hebben zij geen oplossing. In feite helpen wij bedrijven te profiteren van hun bestaande investeringen in BI-infrastructuur met onze robuuste analytics-engine, die ze kunnen gebruiken voor het invoeren van selfservice BI in de hele organisatie.”
Storytelling en samenwerking BI-oplossingen moeten steeds meer complexiteit ondersteunen, wat veel verder gaat dan data-discovery functionaliteit en het verstrekken van dashboards. Kohl: “Storyboarding heeft de traditionele dashboards vervangen die managers vroeger bij de koffie raadpleegden. Het kan best interessant zijn om te zien of de verkoop in het
34
Alles over innovatie in ICT
rood staat of de uitgaven in het groen, maar het is veel nuttiger om de volgende vraag te kunnen stellen en de toekomst te voorspellen. Om dit mogelijk te maken, heeft een moderne BI-oplossing verhalende functies nodig. Daarmee kun je een rapport opstellen dat een verhaal vertelt op basis van een gemaakte analyse.” Maar om de juiste gegevens te kunnen verzamelen, is het belangrijkste volgens Kohl om één versie van de waarheid te creëren door alle data in een enkel platform te verenigen. “Je wilt al je gegevens in één platform hebben, zodat je niet steeds tussen allemaal verschillende oplossingen hoeft te switchen. En daarnaast wil je de analyses die je hebt gemaakt eenvoudig kunnen hergebruiken en delen. Stel dat ik in het data-discovery platform een query heb gemaakt over de sales, in combinatie met wat business-logica. Dan wil ik vervolgens dat alle mensen met rechten voor die gegevens erbij kunnen, en die informatie kunnen hergebruiken.” Voor het delen van gegevens is de integratie van bestaande sociale tools zoals Yammer, Chatter en Jive in het BI-platform ideaal. Hiermee kunnen medewerkers eenvoudig met collega’s communiceren over wat ze in het analytics-platform ontdekt hebben. Maar BI beschikbaar stellen aan veel verschillende gebruikers brengt wel de nodige uitdagingen met zich mee. Kohl: “Als je wilt dat allerlei soorten werknemers toegang hebben tot BI, dan moet je met hun specifieke behoeften rekening houden. Er zijn bijvoorbeeld niet-technische gebruikers, BI-ontwikkelaars, de IT’er, een CXO, beleidsmakers en analisten. We hebben daarom een slimme manier ontwikkeld om bepaalde functies en functionaliteit voor deze verschillende soorten gebruikers te tonen of te verbergen. Dit is aangevuld met analytische wizards, die ze helpen de juiste gegevens te produceren. Wizards, drag-and-drop en point-and-click zaten al vanaf het begin in onze interface, maar we verbeteren dit continu. We willen dat zakelijke gebruikers zelfs de meest geavanceerde analyses kunnen uitvoeren, zonder dat zij daar iemand van IT voor nodig hebben.”
Data-gedreven worden Maar wat kunnen bedrijven nu concreet doen om data-gedreven te worden? “Alles begint met een duidelijke strategie”, aldus Kohl. “Vraag jezelf af wat je moet doen om een data-driven business te worden. Wil je een concurrerende speler worden die de markt begrijpt op basis van cijfers en niet op basis van intuïtie? Dan moet je toegang hebben tot de cijfers van je financiële afdeling, sales en de marketing funnel. Je organisatie moet dan worden geleid op basis van analytische inzichten en werkelijkheid, aangedreven door BI, en dit moet worden geïmplementeerd voor alle verschillende functies binnen de organisatie.” Het combineren van deze informatie en inzichten helpt bedrijven volgens Kohl om te begrijpen welke delen van het bedrijf goed presteren, welke omzet verliezen, en waarom. Maar BI moet hen ook helpen om toekomstige ontwikkelingen en de mogelijke resultaten van een nieuwe strategie te voorspellen. Kohl ziet het hebben van een BI-strategie als het allerbelangrijkste voor bedrijven om te overleven. “Bedrijven die geen BI-strategie en een BI-structuur ontwikkelen, zullen in de toekomst niet meer bestaan. Tegenwoordig draait alles om kennis en data. Je moet een bedrijf tot in de kern en op basis van cijfers begrijpen. Het is niet langer mogelijk om een bedrijf enkel op je onderbuikgevoel te runnen.” Van de redactie CloudWorks - nr. 4 / 2016
35
Markt
OGD bouwt schaalbare gevirtualiseerde infrastructuur met Juniper Networks en VMware OGD IT Services is een Nederlandse ICT-dienstverlener met vijf vestigingen waar achthonderd professionals werken. Het bedrijf specialiseert zich in infrastructuurprojecten, service management en softwareontwikkeling. Toegevoegde waarde staat voor hen aan de basis van een succesvolle samenwerking met klanten. OGD voorziet daarin door louter gebruik te maken van technologieën die resulteren in betrouwbare en flexibele ICT-oplossingen. De behoeften van klanten en de manier waarop ICT-diensten worden geleverd, veranderen constant en in hoog tempo. In reactie hierop heeft OGD zijn dienstenaanbod uitgebreid. Daarbij ontbrak een belangrijke schakel; een infrastructuur die in staat is om snel en eenvoudig ruimte te bieden voor de applicaties van klanten. Dit gaf de aanzet tot het ontwikkelen van een eigen multi-tenant IaaS (Infrastructure-as-a-Service)-platform op basis van VMware NSX. Joep Piscaer, de chief technology officer (CTO) van OGD, geeft aan wat hierbij de achterliggende gedachte was: “We wilden de opleversnelheid verhogen en een oplossing aanbieden waarmee onze klanten aan flexibiliteit zouden winnen. In de oude situatie moesten we voor elke klant een nieuwe omgeving inrichten. Hoewel we over een basisarchitectuur beschikten, kon dit proces nog altijd tot zo’n vier maanden in beslag nemen. Met het oog op het dynamische moderne klimaat vonden we deze doorlooptijd te lang. Netwerkvirtualisatie zou op dit terrein volop mogelijkheden voor innovatie bieden, en hoewel VMware NSX een nieuwe technologie is, heeft de
36
Alles over innovatie in ICT
oplossing zijn waarde al ruimschoots in de praktijk bewezen.
Combinatie van VMware en Juniper Networks voor nieuw IaaS-platform Nadat OGD had besloten om VMware NSX in te zetten als de onderliggende technologie voor het nieuwe IaaS-platform, moest het een leverancier van netwerktechnologie vinden die ondersteuning kon bieden voor het fysieke underlay-netwerk. Piscaer: “We wilden een simpele, intelligente en schaalbare netwerkomgeving, waarmee we onze klanten selfservice konden aanbieden. Het doel was meer keuzevrijheid in de manier waarop ze met ons tot interactie overgaan. Na een grondige marktanalyse, bleek Juniper Networks de enige partij die ondersteuning kon bieden voor ons specifieke platform.” OGD werkte tijdens de planningsfase binnen zijn twee datacenters nauw samen met Juniper en droeg zelf zorg voor de implemen-
tatie van het netwerk. Het netwerkontwerp is op ‘pods’ gebaseerd om de risico’s zoveel mogelijk terug te dringen. Doordat deze pods kunnen worden geïntegreerd tot één oplossing, voorkomen ze downtime van de hele omgeving wanneer er één pod uitvalt. Dit ontwerp levert zowel voordelen op wat betreft kostenbesparingen als vanuit het oogpunt van de beveiliging. OGD koos voor de implementatie van een netwerk dat aansloot op de ontwerpprincipes van de MetaFabric-architectuur van Juniper Networks en gebruikmaakte van QFX5100-switches en services gateways uit de SRX-reeks van de leverancier. De QFX5100-switches van Juniper zijn flexibele datacenter-switches die als universele bouwsteen kunnen dienen voor uiteenlopende netwerkarchitecturen. Ze maken gebruik van omvangrijke media access control (MAC)-tabellen ter ondersteuning van de virtualisatieomgeving van OGD in VMware NSX. De managed service van
Joep Piscaer
OGD is gebaseerd op de services gateways uit de SRX-reeks van Juniper en voorziet in schaalbare prestaties en netwerksegmentatie. Dit stelt beheerders in staat om op maat beleidsregels en beveiligingsmechanismen in te stellen in aansluiting op de wensen en behoeften van verschillende klanten. Dankzij het gebruik van QFX-switches binnen zijn netwerkarchitectuur kan OGD klanten nieuwe faciliteiten bieden. Piscaer: “We kozen specifiek voor QFX vanwege zijn integratie met VMware NSX en de mogelijkheid om fysieke apparaten te integreren tot één virtuele stack. Klanten kunnen apparatuur onderbrengen in het datacenter, waar deze naadloos wordt geïntegreerd met hun virtuele infrastructuur. Dit biedt enorme toegevoegde waarde.” Met de combinatie van VMware en Juniper Networks kan OGD zijn klanten een uiterst flexibel selfserviceportaal aanbieden. Klanten kunnen zelf bepalen hoeveel zij zelf willen regelen, en OGD draagt zorg voor de rest. Veel klanten geven aan, dat zij hierdoor in staat zijn om snel en eenvoudig nieuwe IP-adressen aan te maken, firewallconfiguraties te wijzigen, een nieuwe virtuele machine te creëren en zelfs applicaties te migreren.
naar het IaaS-platform overzetten. In de meeste gevallen is dit al binnen een dag mogelijk, iets wat ongekend is voor traditionele datacenteromgevingen en voor klanten aanzienlijke voordelen oplevert. Het IaaS-platform heeft niet alleen voor een verandering gezorgd van de interactie tussen OGD en zijn klanten, maar heeft ook voor een belangrijke interne verandering gezorgd. Omdat het datacenter nu meer weg heeft van een softwareomgeving, kunnen de medewerkers die verantwoordelijk zijn voor de infrastructuur van het datacenter meer werken als softwareprogrammeurs. Piscaer: “In het verleden was er sprake van dikke muren tussen onze infrastructuur- en programmeerafdeling. Dat is niet langer het geval. De grenzen zijn vervaagd en de teams werken overal samen, vaak onder het genot van pizza en een biertje!” Piscaer en zijn team stelden een volledige business case op voor de implementatie van het IaaS-platform: “In een sterk concurrerende markt als de onze moeten we zo snel mogelijk een positieve cashflow zien te genereren. Ons op pods gebaseerde ontwerp maakt het eenvoudig om de toekomstige kosten te voorspellen op basis van de groei van onze bedrijfsactiviteiten. We verwachten binnen drie jaar na onze investering een volledige ROI te realiseren.”
bedrijf in staat om op eenvoudige wijze een netwerk op maat in te richten zonder onnodige administratie voor de klant en met een volledig geautomatiseerde configuratieprocedure. Deze aanpak geeft klanten de regie in handen. Met het selfserviceportaal kunnen ze in recordtijd applicaties uitrollen. OGD draagt daarbij zorg voor alles wat met de back-end te maken heeft, zoals de prestaties, de beschikbaarheid en beveiliging van het platform. Piscaer: “We zijn al bezig met de ontwikkeling van nieuwe diensten, zoals selfservicemogelijkheden op basis van technologieën die onze bedrijfsactiviteiten op de lange termijn zullen aanvullen. We maken daarbij in verdere mate gebruik van cloud- en virtualisatietechnologie. De combinatie van VMware NSX en Juniper Networks heeft ervoor gezorgd dat we veel beter kunnen inspringen op de zakelijke problemen van onze klanten. In plaats van een netwerkleverancier zochten we naar een partner wiens bedrijfsethiek en -cultuur aansloot op die van ons. Juniper Networks is die partner, en we zien ernaar uit om samen meer successen te boeken.” Uitgebreide informatie over de producten en oplossingen van Juniper Networks is te vinden op http://www.juniper.net.
Ongekend snel applicaties overzetten Kort na de introductie van de IaaS-oplossing maken al 50.000 eindgebruikers gebruik van het nieuwe platform. Klanten kunnen hun applicaties snel en eenvoudig
Beter inspringen op de zakelijke problemen van klanten
Van de redactie
De keuze van OGD voor de technologie van VMware en Juniper Networks stelt het CloudWorks - nr. 4 / 2016
37
Onderzoek
Principe uit de 19e eeuw tot leven gebracht in gezamenlijk onderzoek van Duitse instituten
Blurry Box toont hackers alleen vaag beeld van code Te midden van de aanbieders van beveiligingsoftware bevond zich in Hal 5 van de recente CeBIT technologiebeurs in Hannover een stand van het Karlsruhe Institute for Technology met een presentatie over Blurry Box. Deze baanbrekende beveiligingstechnologie zal in de tweede helft van dit jaar in de productlijn van het eveneens in Karlsruhe gevestigde Wibu-Systems worden ingebouwd. Stefan Bamberg, manager bij de Duitse beveiligingspecialist, doet het geheim uit de doeken. De Blurry Box Technologie is een gezamenlijke ontwikkeling van het Duitse onderzoeksinstituut FZI (Forschungszentrum Informatik), het Karlsruhe Institute for Technology en WibuSystems. De technologie is gebaseerd op de Wet van Kerckhoffs, vernoemd naar een 19e eeuwse Nederlandse cryptograaf. Volgens diens theorie zit het geheim in de sleutel en niet in het versleutelingsysteem. Momenteel is in alle gangbare oplossingen de afscherming geheel gericht op de beveiligingmethodiek. De hacker met kennis daarvan kan inbreken. Nadeel van de toepassing van het principe van Kerckhoffs op software was het grote beslag op systeembronnen; applicaties ondervonden vertraging. Bij Blurry Box is dat niet het geval. Degene die de technologie toepast, gaat er vanuit dat potentiële hackers bekend zijn met zijn methode en tevens inzicht hebben in de te beschermen software. Ze kunnen de regels code bekijken in tekstvorm. Maar het is evenwel onmogelijk voor ze om statische code analyse toe te passen, terwijl analyse van dynamische code wordt voorkomen door toevoeging van extra beschermlagen.
Hackers zelden bekend met structuur van software In de afgelopen 20 jaar is er veel wetenschappelijk onderzoek verricht naar IT-criminaliteit; meestal in samenhang met experimenten op het gebied van software ontwikkeling. Diverse studies laten zien dat de meest gangbare software een dusdanig complexe structuur heeft, dat geen enkel mens meer in staat is de achterliggende code te doorgronden nadat hij of zij het programma heeft opgestart. Van die software past een doorsnee gebruiker maar 10 tot 20% van de functionaliteit toe, terwijl een power user komt aan 30 tot 50%. Interne kwaliteitscontroleurs hebben inzage in 80 tot 90% van de code. Onderzoeken tonen ook aan dat hackers maar zelden het uiteindelijke doel van de software of de interne structuur kennen.
38
Alles over innovatie in ICT
Wel beschikken ze over een uitstekende kennis van hacking-technieken. Verborgen code kunnen ze zonder meer detecteren en waarden in terugkeeropdrachten wijzigen. Hun specialistische kennis stelt ze ook in staat delen van de code te combineren of om code te lezen en eventueel terug te plaatsen in het werkgeheugen van de computer.
Functionele blokken van applicaties Door een applicatie onder te verdelen in blokken met bepaalde functiegroepen zijn binnen Blurry Box verschillende beveiligingsmethoden te combineren. Een functieblok f[i] heeft de invoerparameter pln[i] en de uitvoer parameter pOut[i]. Afhankelijk van pln[i] zal het functieblok als resultaat pOut[i] opleveren. In het Blurry Box proces zijn de afzonderlijke functieblokken vermenigvuldigd naar verschillende varianten. Zo is functieblok f[i] veranderd in de blokken f[i,1] tot f[i,m]. De functieblokken f[i,j] zijn toegankelijk via een gebundelde functie fw[i], afhankelijk van de toegangsparameter pln [i]. De uitvoer van de variant f[i,j] wordt teruggegeven als waarde pOut[i]. Daardoor zal onder besturing van de geselecteerde parameterbundel gedurende elke cyclus een minimale hoeveelheid code worden uitgevoerd.
Theoretisch is het mogelijk om de varianten te omzeilen door de bundelfunctie fw[i] te manipuleren, zodat alleen een enkelvoudige variant per keer wordt uitgevoerd. Om die truc uit te sluiten, modificeert Blurry Box Technologie de varianten van een functieblok zodat ze alleen met de correcte reeks parameters kunnen werken. Zonder kennis van de interne structuur is een hacker niet in staat andere, onbekende varianten of de originele functieblokken gemakkelijk te herleiden uit enkelvoudige of zelfs meervoudige varianten. Wijzigingen aan de code, resulteren in varianten die incorrecte uitvoer leveren aan parameters die niet in hun bereik liggen. Een hacker kan zonder de specialistische kennis van de betreffende software een expres ingebouwde fout niet corrigeren. De onbekende variant is om die reden niet te vervangen door een bekende versie. Elke enkelvoudige variant is volledig versleuteld met een sleutel die veilig is opgeborgen op een dongle met een USB-aansluiting en een eigen geheugen; in feite een in hardware uitgevoerde sleutel. Die is ook voorzien van een API functie (Application Programm Interface) waarmee versleutelde informatie in het geheugen is te laden en te decoderen. Die versie van de code wordt via een API teruggegeven en vervolgens geactiveerd als een uitvoerbare code variant. Zonder een correcte sleutel is geen enkele variant te decoderen. Het encryptie proces werkt volgens de Advanced Encryption Standard (AES). Die onderscheidt willekeurig gekozen waarden in het verwerkingsproces van de computer. Die waarden representeren blokken met dezelfde inhoud in verschillend cijferschrift.
Boobytrap komt na valluik Via Blurry Box laten zich in softwaresystemen verschillende valluiken inbouwen. Zo wordt voorkomen dat aanvallers alle vari-
{
‘ De technologie is gebaseerd op de Wet van Kerckhoffs, vernoemd naar een 19e eeuwse Nederlandse cryptograaf. Volgens diens theorie zit het geheim in de sleutel en niet in het versleutelingsysteem’
anten op de dongle ontsleutelen zonder dat de applicatie correct opstart. Die valluiken bestaan uit versleutelde varianten die de betreffende sleutel als ongeldig verklaren als ze door de dongle worden gedecodeerd. Omdat die ook moeten werken bij hackers die de betreffende broncode trachten te analyseren, bevat deze code links die direct leiden naar ’boobytrapped’ blokken. Bij geoorloofd gebruik van de software worden die nooit geopend. Ze worden immers alleen benaderd door varianten die niet opstarten wanneer de applicatie normaal draait. CloudWorks - nr. 4 / 2016
39
Onderzoek Code moving is een proces dat alleen software, geladen op een beveiligde sleutel activeert. Dit proces maakt de applicatie te traag. Zelfs het draaien van een deel van de code op de dongle is geen optie. Het maakt de beveiliging onnodig complex. Een alternatief is het laten draaien op de hardware sleutel van uitsluitend code die de processtappen uit een selectie van de functieblokvarianten uitvoert. Dat neemt niet veel tijd. De selectie en implementatie van de betreffende variantencode kan automatisch verlopen zonder daar de oorspronkelijke software ontwikkelaar bij te betrekken. Het proces werkt als volgt: de index van de bundelfunctie (i) en de relevante parameter pln[i] worden overgebracht naar de dongle. Daarin vinden de berekeningen op de varianten plaats en het resultaat wordt teruggestuurd (j). Op deze manier is het voor hackers onmogelijk te voorspellen welke varianten (of valluiken) al dan niet zijn gekozen. De volgorde waarin de blokken worden gedecodeerd in operationele omstandigheden is niet willekeurig gekozen. Een blok wordt altijd gevolgd door een specifieke selectie uit de andere blokken. In het geheugen van de dongle onderscheidt Blurry Box een geldige en een niet geldige volgorde. In het laatste geval wordt de operatie afgesloten.
{
‘ De selectie en implementatie van de betreffende variantencode kan automatisch verlopen zonder daar de oorspronkelijke software ontwikkelaar bij te betrekken’
Bestendigheid Blurry Box Technology
en werking van de applicatie. Alle vormen van hackers aanvallen zijn door het wetenschappelijke team achter de Blurry Box technologie beproefd. De praktijktesten omvatten ook inbraakpogingen, waarbij de aanvallers op de hoogte waren van de versleutelingmethode. Door vast te houden aan het principe van Kerckhoffs liet de beveiligingsmethode zich onafhankelijk testen en valideren.
Hackers zijn experts in het gebruik van verschillende aanvalsmethoden. Zij hebben echter geen kennis van de interne structuur
Stefan Bamberg is Senior Key Account & Partner Manager Wibu-Systems
Alternatief voor USB-dongle Wie voor referentiefunctionaliteit geen hardware sleutel in de vorm van een dongle wil gebruiken, bijvoorbeeld wanneer in een project met Internet of Things (IoT) de aangesloten apparaten geen USB poort hebben, kan ook gebruikmaken van een Trusted Platform Module (TPM). Meer en meer systemen en apparaten worden standaard uitgerust met dit stukje extra elektronica met een eigen processor en geheugen waarin de correcte status van de diverse registers in diverse lagen vanaf de ’boat loader’ tot en met de applicatie wordt bijgehouden. In de praktijk blijkt een TPM echter niet altijd voldoende functionaliteit te bieden. Zo kan het ook voor de beveiliging wenselijk zijn om het gebruik van de software alleen toe te staan aan houders van licentierechten. Het is dan zinvol om die rechten op een centraal punt aan te maken, te distribueren en te beheren. Wibu-Systems levert hiervoor Protection Suite, waarmee een complete set van programmacode zich in zijn geheel laat versleutelen en integreren met een licentieregistratie (CmLicense Central). Gecombineerd met de CodeMeter API is daaraan specifieke functionaliteit toe te voegen. De encryptie gaat tot op het niveau van de ‘executable’ code, waardoor ’reverse engineering’ (herleiden van code naar functiestappen) onmogelijk is. In 2017 komt CmCloud beschikbaar, een variant die zich eveneens goed laat combineren met de Blurry Box encryptie technologie.
40
Alles over innovatie in ICT
Event
Smart City Event 6 1 0 2 i n u j 0 1 7– A n e r A m a d r e t s Am De 6e editie van het Smart City Event is onmisbaar voor iedere bestuurder of professional die zich bezighoudt met (de toekomst van): Smart Cities, Energy, Mobility, Lighting, Data & Internet of Things Gedurende 4 dagen delen ruim 800 deelnemers uit 30 verschillende landen hun kennis & ervaringen. Op het programma staan diverse keynote presentaties, College Tours, rondetafelsessies, excursies, Boot Camps en masterclasses.
Met bijdragen van onder andere: • Eberhard van der Laan - burgemeester gemeente Amsterdam • Peter Bakker - President World Business Council for Sustainable Development en voormalig CEO TNT • Viktor Mayer-Schönberger - Publicist van zeven boeken evenals meer dan 100 artikelen • Jan Kempers - Manager Sustainable Development, Heineken • Vincent Guallart - Chief Artist Barcelona City
it y Event C t r a m S Event : 16 10 juni 20 – 7 : m u nA t Da rdam Are e t s m A : Locatie
Daarnaast zijn er praktijkvoorbeelden uit binnen- & buitenland, waaronder Valencia, Sant Cugat, Lyon, Yanbu (Saoedi Arabië) en Barcelona. Het gehele programma is te vinden op de website van het Smart City Event: www.smartcityevent.com
Kortingsaanbod Als lezer van CloudWorks kunt u gebruikmaken van een kortingsaanbod van 20%. Wanneer u gebruik wilt maken van dit aanbod, kunt u zich aanmelden via https://euroforum.paydro.com/smart-cityevent-2016 of vermeld de code ‘partner’ op het inschrijfformulier van het congres.
Valencia
CloudWorks - nr. 4 / 2016
41
Cloud-strategie
Verslag rondetafelsessie Interxion, mede mogelijk gemaakt door Microsoft, Solvinity en Netapp
Hybrid cloud experience Eind maart organiseerde Interxion in samenwerking met partners en Neyenrode Business University een rondetafel over het thema ‘hybrid cloud experience’. Het programma bestond uit een keynote van Microsoft over Azure, een keynote van Solvinity over hun ervaringen om bedrijven naar een hybride cloudoplossing te brengen en werd afgesloten met een discussie aan de hand van stellingen, onder leiding van Michiel de van der Schueren. Erik Jan van Vuuren, Azure Lead bij Microsoft gaf de aftrap: “Dat de publieke cloud een enorm potentieel heeft is inmiddels wel bekend. Als alleen al gekeken wordt naar de disruptieve impact die diensten als WhatsApp hebben gehad op onze tekstuele communicatie, en de snelheid waarin die dienst groot is geworden en SMS ver achter zich liet, dan staat vast dat er een nieuw tijdperk is aangebroken. Microsoft heeft zich hierop aangepast. ‘Empower to achieve more’ luidt hun missie, en die is tweeledig: mobile first en cloud first.
Rekenkracht Zo biedt de Microsoft-cloud bijvoorbeeld de rekenkracht voor de Hololens en de mogelijkheid om gesproken tekst real time te vertalen met Skype Translate. Maar niet alleen Microsoft’s eigen producten draaien vanuit Azure. De schaalbaarheid, snelle timeto-market en het usage based-aspect van de publieke cloud zijn aantrekkelijk voor steeds meer bedrijven. Er is dan ook een enorme hoeveelheid SaaS-toepassingen beschikbaar in Azure, zodat bedrijven eigen apps kunnen maken. De NS is bijvoorbeeld bezig met virtuele treinen, waarbij het dankzij sensoren in de trein, en de rekenkracht van de Microsoftcloud mogelijk gaat worden in de NS-app te zien waar nog plekken vrij zijn per coupe. Veel bedrijven zijn momenteel in de fase van het verzamelen van data. Dit kan in de toekomst tot toepasbare informatie worden gemaakt door er geavanceerde analyses op te draaien. Op die manier weet je niet alleen wat er gebeurt, maar ook waarom. Dit maakt dat je met een grote mate van zekerheid kunt voorspellen wat er gaat gebeuren, zodat je tijdig de juiste acties kunnen worden uitgevoerd. De rekenkracht die hiervoor nodig is zal uit de publieke cloud moeten komen.
Aanstormende generatie De tweede spreker was Jeroen van der Meer van Solvinity. Hij vertelde over de problemen waar veel bedrijven tegenaan lopen wanneer ze de stap naar de cloud nemen:
42
Alles over innovatie in ICT
CloudWorks - nr. 4 / 2016
43
Cloud-strategie • Allereerst is er de aanstormende generatie, de nieuwe ondernemer, die alle problemen en complexiteit niet zien, omdat ze niet anders kennen dan cloud based. • De flexibiliteit van de publieke cloud betekent ook variabele kosten. Denk hier goed over na en zorg voor inzicht. • Legacy applicaties draaien vaak op één processor en zijn ook als zodanig ontworpen en ontwikkeld. Daarvoor heeft redundancy vaak geen enkel effect, uit is uit. • Er zijn veel emoties over de migratie naar de cloud, zowel bij de gebruikers die niet houden van verandering als emoties over data-privacy in de public cloud. Solvinity werkt aan een oplossing waarbij data encrypted wordt opgeslagen in een public cloud, en de private keys in een private cloud. • Het is mogelijk om alleen de rekenkracht uit de publieke cloud te halen via Azure met ExpressRoute. • Over het algemeen is het het makkelijkst om moderne applicaties naar public te brengen en legacy apps privaat te houden.
{
‘ Er is sprake van een hybrid cloud structuur als één workload geautomatiseerd gebruikmaakt van verschillende clouds’
data. •E en cloud zonder cloud brokerage en orchestration is als een auto zonder navigatie •D e overheadkosten halen mijn hele cloud-strategie onderuit
Stelling: Alleen met hybride cloud strategie kan ik mijn data veiligstellen Hier waren de deelnemers het in meerderheid mee oneens. Het vertrouwen ligt bij de partijen waarmee cloudcontracten worden afgesloten, meer dan bij de eigen beheerorganisatie. Microsoft steekt bijvoorbeeld veel geld in security, met vertrouwen als gevolg. Daarnaast is een antwoord op deze vraag volgens de aanwezigen afhankelijk van het type data. ASML heeft bijvoorbeeld veel intellectueel eigendom, data die ze de publieke cloud niet toevertrouwen. Bij sommige bedrijven is er zelfs interne gelaagdheid: alleen de top van het bedrijf mag bepaalde data inzien. Intern is er ook nog strijd tussen innovatie, snelheid, en aan de andere kant regulatie van buitenaf die per land kan verschillen. Combineer dit met interne voor- en tegenstanders van de transitie naar de cloud en er ontstaan al snel moeizame processen die de initiële gang naar de cloud kunnen bemoeilijken.
Stelling: Een hybride cloud-strategie maakt een gang naar de cloud nodeloos complex Ja – zo luidde de reactie – complexer, maar niet nodeloos, eerder noodzakelijk. Ineens volledig de cloud in is ook geen optie. Je gaat naar een wereld die je niet kent, dus een geleidelijke overgang is een must. Breng je in één keer de volledige infrastructuur naar de cloud, dan kun je de tent sluiten. Je hebt de kennis niet, geen idee van de kosten, er zijn organisatorische aanpassingen nodig, en daarnaast is hybride de enige optie voor een exit.
Stelling: Het realiseren van een exit strategie forceert tot het bouwen van een hybride cloud Discussie Michiel van der Schueren, onafhankelijk cloud consultant en CEO van Weolcan, geeft trainingen om kennis aan te reiken over digital- en cloud strategy. Hij begon met een sluitende definitie van een hybrid cloud structuur. Hiervan is sprake als één workload geautomatiseerd gebruikmaakt van verschillende clouds. Wanneer een applicatie in Amazon wordt gebruikt en een applicatie bij Azure draait, is er geen sprake van een hybride structuur, maar van een multicloud, aangezien het hier verschillende workloads betreft. Maar wanneer bijvoorbeeld webservers draaien in een public cloud, maar de data in de private cloud blijft, is dat een hybride model. Een ander voorbeeld is het bursten van piekprestaties in de publieke cloud. Van der Schuren presenteerde het publiek een aantal stellingen waarover werd gediscussieerd: • Alleen met hybride cloud-strategie kan ik mijn data veiligstellen. • Een hybride cloud-strategie maakt een gang naar de cloud nodeloos complex. • Het realiseren van een exit-strategie forceert tot het bouwen van een hybride cloud. • In een hybride constructie heb ik geen controle meer over mijn
44
Alles over innovatie in ICT
Het lijkt soms alsof je er makkelijk in kan, maar daarna niet meer terug kan. Als je wil switchen vanwege, prijs of kwaliteit, dan moet je daar vooraf over nadenken. De eerste stap is het bestuderen van de SLA (Service Level Agreement) om je voor te bereiden op een exit strategie. Er zijn echter ook situaties voor te stellen waarin een exit strategie niet per se nodig is. Een tijdelijke verhoogde workload waarvoor je naar de public cloud grijpt bijvoorbeeld.
Stelling: In een hybride constructie heb ik geen controle meer over mijn data Weet je waar je data staat? Voor een gedeelte kun je dat contractueel afdekken in je SLA, maar wat is controle over data eigenlijk? Heb je dat op het moment dat het zich in het eigen datacenter bevindt? Of als het op je telefoon staat? Bij een hybride cloud maak je gebruik van verschillende IaaS providers, dus heb je verschillende SLA’s die over één en diezelfde workload gaan. Dat maakt controle over je data nog complexer. Daarnaast is er een risico aangezien er steeds meer SaaS toepassingen lopen. Wanneer die met elkaar gaan praten, hoe ga je dan voldoen aan compliancy? En hoe zit het met een exit strategie voor je SaaS provider?
Wil je waarde creëren, dan zal je toch al die data-eilandjes met elkaar moeten laten communiceren. Die zijn te integreren met een PaaS-laag. Uiteindelijk moet je in cloud denken aan verschillende services die je door middel van API’s aan elkaar knoopt. Ook daar overheen kun je security laten hopen. Je moet alleen wel nadenken over welke data op welke plek leidend is. Om die reden wordt er tegenwoordig gebruikgemaakt van API gateways.
Stelling: Een cloud zonder cloud brokerage en orchestration is als een auto zonder navigatie Een cloud brokerage en orchestration platform is van belang om je compliancy en billing bij te kunnen houden. Aangezien de constructies ingewikkelder worden is het van belang dat je weet waar je data zich bevindt. De constructies zijn zelfs zo complex, dat er automatisering op bedrijfsniveau nodig is voor cloud brokerage en orchestration. Afhankelijk van de grootte van het bedrijf kan natuurlijk niet iedereen zo’n platform opbouwen. Maar het is wel verstandig om na te denken over wat je uitbesteedt, of je zelf die kennis op wil gaan bouwen. Hier zijn externe partners en de keuze daarin enorm van belang. Wie is er verantwoordelijk? De IT? Business? En hoe ga je organiseren wie wat aan en uit mag zetten? Wie krijgt toegang tot welke data en welke toepassingen?
Stelling: De overheadkosten halen mijn hele cloud-strategie onderuit Bij SaaS zijn de kosten soms dermate hoog dat het intern soms ter discussie gesteld wordt. Een hybride constructie is altijd goed te verdedigen, omdat het snelheid biedt waar de business om vraagt, de kosten lager zijn en opschalen en afschalen eenvoudiger is. Een ander antwoord uit de zaal was dat het ligt aan de platforms die je kiest: data- en applicatiekeuze is waar het om draait. De ene applicatie is beter af in Azure, een andere weer in SML, maar je hebt het hele landschap om uit te kiezen. Voor de wat oudere medewerkers is dit een compleet nieuwe wereld, waardoor het dikwijls nogal wat weerstand oproept. Dit is echter vaak van korte duur. De digital natives zien de problemen niet, zij kennen niet anders dan cloud. Daarbij, als je kijkt naar hoe ver Amerika voorloopt, een groot deel van de Fortune500 zit daar al compleet in de public cloud. De NYSE draait volledig op Amazon. Er zijn helaas ook nog bedrijven die nu net bezig zijn een eigen datacenter op te bouwen, en die zullen moeten wachten totdat deze end of life gaat. Maar er kan natuurlijk altijd begonnen worden met back-up oplossingen, data-recovery oplossingen, Office365 oplossingen. Het algehele advies is: zodra hardware verouderd is, zul je moeten overwegen of je die gaat vervangen of naar de cloud gaat brengen.
Kijken naar de toekomst Ook werd er tijdens de sessie voorzichtig gekeken naar de toekomst. Hierbij werd de vraag gesteld of er een standaardisatie in aantocht is waarbij de uitwisselbaarheid van cloud-leveranciers makkelijker wordt? Een uniforme cloud-architectuur. Op de lagere niveaus is niet ingewikkeld. Een virtuele server van cloud a naar cloud b is mogelijk. Het wordt ingewikkelder bij het web van API’s. Dus niet op het
niveau van servers, maar op het niveau van de services. Op gebieden als content delivery, host balancing, en SQL as a Service, gaan de cloud-leveranciers hun eigen platform en hun eigen prijs aanbieden. Daar krijg je dan automatisch ook stickyness mee. De klant heeft servers bij jou gekocht, maar de services zijn vendor specifiek. Microsoft sprak echter wel de ambitie uit om die API’s te gaan standaardiseren, de andere hyperscale cloud-platformen lijken daar vooralsnog minder happig op.
{
‘ Er wordt steeds meer gebruik gemaakt van containers in plaats van virtuele servers’
Er wordt steeds meer gebruik gemaakt van containers in plaats van virtuele servers. Deze worden nu bovenop virtuele servers geplaatst, maar de droom is om die virtualisatie, die hypervisor er tussenuit te kunnen snijden en die containers rechtstreeks op bare-metal of op het OS van de hardware te laten landen. Deze containers zijn veel makkelijker te verplaatsen. Het probleem is alleen dat er nog geen shared platform is, zodanig dat deze logisch gescheiden blijven. Hierbij zouden verschillende klanten van hetzelfde platform gebruik kunnen maken, maar het logisch gescheiden houden van die containers is nog een probleem, zoals bij virtuele servers wel het geval is. VMware en de hypervisors van Azure maken het onmogelijk voor klanten om bij elkaar te kijken. De verwachting is dat deze containermethode eind dit jaar geïmplementeerd zal worden. Daarmee ontstaat een infrastructuurlaag die veel makkelijker te verspreiden is over IaaS-providers. Dus, ja, er is een standaardisatie in aantocht! En Docker is de meest bekende softwareleveranciers waarmee die containers te managen zijn.
Conclusie De stap naar de publieke cloud met de gehele ICT infrastructuur is in de praktijk vaak gewoon te groot. Dit komt door kosten, investeringen, angst, legacy, sommige componenten zijn niet cloud ready (een mainframe zet je niet zo maar even in de cloud). Daarmee is hybride dus een voorwaarde. Het moet alleen wel één netwerk kunnen zijn. Vaak zijn test en develop omgevingen de eerste stap van een volledige transitie. Maar de hybride cloud strategie is een manier om je business case te versterken. Bestaande investeringen kun je door laten lopen en de ROI verhogen door er cloud-componenten aan toe te voegen. Van de Redactie CloudWorks - nr. 4 / 2016
45
Nieuws
Nieuws van EuroCloud
Nieuwe public briefing over veiligheid & vertrouwen In de serie public briefings heeft EuroCloudNL onlangs een document gepubliceerd over veiligheid & vertrouwen in relatie tot het gebruik van cloud-technologie, zie ook het artikel op pagina 32 van deze CloudWorks. Aanleiding voor deze publicatie is de nog altijd actuele discussie over de vraag hoe bij cloud-projecten wordt omgegaan met de data. En welke maatregelen de diverse
Niet alleen vanuit de consumenten zijn hier zorgen over, al wordt juist die doelgroep geholpen door wetgeving, maar ook vanuit het bedrijfsleven bestaan groeiende zorgen over de hoeveelheid data die geproduceerd wordt en hoe met name cloud-bedrijven die deze data in bewaring hebben, hiermee omgaan.
Liberty Global. Dit levert steevast levendige discussies op, waarbij de teams alles uit de kast moeten halen om de jury ervan te overtuigen dat zij inderdaad een onderscheidend project van de grond hebben getild.
De uitreiking van de EuroCloud Nederland Awards behoort inmiddels tot de serie events die u in het voorjaar niet mag missen. Een fors aantal teams strijdt op die dag namelijk ‘live on stage’ voor de toekenning van een van de prijzen.
Winnen van een Nederlandse EuroCloud Award betekent tevens dat dit team kan deelnemen aan de strijd om de Europese EuroCloud Award. De uitreiking van deze Europese prijs vindt plaats in oktober in Boekarest.
Hierbij worden zij aan de tand gevoeld door een jury onder leiding van Richard Nijhoff, vice president B2B Innovation bij
Meer weten? Neem contact op met Maurice van der Woude via info@eurocloudnl.eu of +316 20 19 96 08.
46
Alles over innovatie in ICT
WWW.DIGITAAL-ZAKENDOEN.NL
Het document brengt dit probleem in kaart en gaat onder andere in op de vraag wat de rol van de wet Datalekken hierbij is. Meer weten? Kijk op de website van EuroCloudNL.
Succesvolle Show Your Cloud over escrow en SaaS
Op 2 juni is het weer zover. Dan vindt de uitreiking van de EuroCloud Nederland Awards 2016 plaats. U kunt meedoen in vijf categorieën: Best Business Case Private Sector, Best Business Case Public Sector, Best Cloud Start-up en Best Cloud Product.
Met een aantal inspirerende bijeenkomsten in Nederland en andere landen, en een groeiende Europese organisatie met een vertegenwoordiging in meer dan 25 landen, is EuroCloud binnen twee jaar een belangrijk
MODERN ONDERNEMEN IN EEN DIGITALE WERELD
leveranciers nemen om te zorgen dat data niet zomaar door onbevoegden benaderd kan worden.
Doe mee aan de EuroCloudNL Awards 2016
Meld u nu aan als partner of sponsor, en blijf op de hoogte!
CONGRES DIGITAAL ZAKENDOEN & EID
kennisnetwerk geworden op het gebied van Cloud Computing en Software as a Service. Daarnaast biedt EuroCloud een uitstekend platform voor netwerken met zowel leveranciers als gebruikers van Cloud Computing. Naast een actief bestuur hebben inmiddels al meerdere bedrijven zich ingezet voor EuroCloud door een financiële bijdrage
EuroCloudNL en Escrow4All organiseerden op 21 april een succesvol Show Your Cloud-event over het thema escrow en SaaS. Centraal stond hierbij de vraag: wat als uw SaaS-leverancier failliet gaat? Hoe moet het dan verder met de voor u zo belangrijke cloud-applicaties, om nog maar te zwijgen van uw data? Tijdens een Show Your Cloud bespreekt een aanbieder van cloud-diensten samen met drie klanten welke voordelen cloudtechnologie kan bieden. Ook interesse om een Show Your Cloud te organiseren? Stuur dan een e-mail naar info@eurocloudnl.eu of bel Robbert Hoeffnagel op +316 51 28 20 40. te geven of middelen beschikbaar te stellen. Heeft u vragen of – nog beter – wilt u zich aanmelden als Partner, stuur dan een mail naar info@eurocloudnl.eu +31 87 87 65 65 6 info@eurocloudnl.eu www.eurocloudnl.eu
woensdag 15 en donderdag 16 juni 2016 Postillion Hotel Bunnik
2 Conferenties, Expo, 7 Workshops: eID Market, Biometrics for Civil ID, Authentication Technologies, e-Factureren, e-Ondernemen, Know Your Customer, Vertrouwensdiensten
‘Dit congres wordt georganiseerd door
Het aanbod van clouddiensten is groter dan ooit tevoren.
(Eindhoven & ‘s-Hertogenbosch), maar voorziet u ook van een
Betrouwbaarheid en beschikbaarheid, u kent de noodzaak.
betrouwbare breedbandverbinding. Het resultaat: een
Maar hoe kiest u de juiste IT-infrastructuur?
cloudomgeving die optimaal werkt.
Interconnect biedt u niet alleen een heldere en betrouwbare
Neem een exclusief kijkje in één van onze datacenters en
private cloud vanuit zijn eigen datacenters in Nederland
ervaar de cloud. Schrijf u in via interconnect.nl/inloopdagen