
Figuren MODULE 4 B-stroom
![]()

Figuren MODULE 4 B-stroom
Vlakke figuren liggen in één vlak, ze zijn plat. Ze zijn 2-dimensionaal. Ze zijn 2D. We kunnen vlakke figuren indelen in veelhoeken en figuren die geen veelhoek zijn.
Een veelhoek is een vlakke figuur die begrensd is door lijnstukken.
Schrijf de nummers van de figuren op de juiste plaats in de tabel. vlakke figuren veelhoeken niet-veelhoeken
Ken je de namen van de figuren nog?
figuur 2
figuur 4
figuur 5
figuur 6
figuur 7
figuur 8
De volledige figuur heeft de vorm van een .
vierhoek
parallellogram ruit
trapezium rechthoek vierkant
vierkant
4 gelijke zijden
4 rechte hoeken
rechthoek ruit
4 rechte hoeken
2 paar evenwijdige zijden
minstens 1 paar evenwijdige zijden
4 hoeken
4 gelijke zijden
parallellogram
trapezium vierhoek
1 Zet een kruisje in de juiste kolom.
Een rechthoek is ook een vierkant.
Een vierkant is ook een rechthoek.
Een trapezium heeft 2 paar evenwijdige zijden.
De zijden van een ruit zijn even lang.
Een parallellogram heeft 2 paar evenwijdige zijden.
waarniet waar
Schrijf de best passende naam bij de figuur.
Teken de diagonalen in de figuren.
Zet een kruisje bij de juiste kenmerken in de tabel.
De figuur heeft 4 hoeken.
De figuur heeft 4 rechte hoeken.
De figuur heeft 4 zijden.
De 4 zijden zijn even lang.
De overstaande zijden zijn even lang.
De figuur heeft 1 paar evenwijdige zijden.
De figuur heeft 2 paar evenwijdige zijden.
De diagonalen zijn even lang.
De diagonalen staan loodrecht op elkaar.
De diagonalen snijden elkaar in het midden.
vierkant rechthoek parallellogram ruit trapezium
Alle voorwerpen nemen een plaats in in de ruimte. De ruimtefiguren zijn niet plat. Ze zijn 3-dimensionaal. Ze zijn 3D. Sommige ruimtefiguren hebben een regelmatige vorm.







Welke ruimtefiguren herken je?






Wat zie je als je kijkt vanuit het ...
bovenaanzicht rechterzijaanzicht vooraanzicht



1 Zet de letter V bij het vooraanzicht, de letter B bij het bovenaanzicht en de letter R bij het rechterzijaanzicht.
Hoeveel blokjes liggen er?
2 Zet de letter V bij het vooraanzicht, de letter B bij het bovenaanzicht en de letter R bij het rechterzijaanzicht.
Hoeveel blokjes liggen er?
Kleur het grondvlak
het vlak aan de ‘onderkant’ van de figuur
Noteer de naam van elke ruimtefiguur.
Noteer bij elke figuur de vorm van het grondvlak.
figuur ruimtefiguur vorm grondvlak
Als je de volgende tekeningen overtekent, uitsnijdt en vouwt, kun je zelf de ruimtefiguren bouwen. Deze bouwplaten zijn de ontwikkeling van de figuur.
Van welke figuren staat hier de ontwikkeling getekend?

Sudoku 4x4
Spelregels:
- In elk vetgedrukt vierkant moeten 4 verschillende figuren staan.
- Elke figuur moet 1 keer in elke rij voorkomen.
- Elke figuur moet 1 keer in elke kolom voorkomen.
Sudoku 6x6
Spelregels:
- In elke vetgedrukte rechthoek moeten 6 verschillende figuren staan.
- Elke figuur moet 1 keer in elke rij voorkomen.
- Elke figuur moet 1 keer in elke kolom voorkomen.
1 Welke vlakke figuren herken je in de tekening? Geef de meest passende naam.




2 Vul de naam van een vlakke figuur in.
Een pizza heeft meestal de vorm van een .
Nacho’s hebben de vorm van een .
Een muntstuk van 2 euro heeft de vorm van een

Een schaakbord heeft de vorm van een .
Een computerscherm heeft de vorm van een
Het bovenaanzicht van deze kaas heeft de vorm van een .
Het zijaanzicht van deze kaas heeft de vorm van een
3 Welke vlakke figuren herken je? Geef de meest passende naam.




4 Zijn de volgende figuren vlakke figuren of ruimtefiguren?
Schrijf het nummer van de foto in de juiste kolom.
vlakke figuren ruimtefiguren
Geef de best passende naam voor elke figuur.












5 Welke ruimtefiguren herken je in deze zoetigheden?








6 Schrijf een V bij het vooraanzicht, een R bij het rechterzijaanzicht en een B bij het bovenaanzicht.
Hoeveel blokjes liggen er?
Hoeveel blokjes liggen er?
Hoeveel blokjes liggen er?

De zijvlakken hebben de vorm van een of .

Het grondvlak van de doos heeft de vorm van een en het zijvlak heeft de vorm van een .
8 Wat is de waarde van de figuren?
9 Los de sudoku’s op.
10 Zet een V bij het vooraanzicht, een B bij het bovenaanzicht en een R bij het rechterzijaanzicht.
Hoeveel blokjes liggen er?
Hoeveel blokjes liggen er?
Hoeveel blokjes liggen er?
Hoeveel blokjes liggen er?
Hoeveel blokjes liggen er?
11 Over welke ruimtefiguur gaat het?
Schrijf de naam van de ruimtefiguur in de tabel.
vooraanzichtbovenaanzichtzijaanzicht figuur
12 Hoeveel eieren heb je nodig om deze piramide te bouwen?


13 Welke figuur is het bovenaanzicht van het bouwwerk?
14 Welk bovenaanzicht past bij de figuur? Vul de letters van het bovenaanzicht in op de juiste plaats.

bovenaanzicht
15 Elke laag van de piramide bevat ballen in dezelfde kleur.
In deze piramide zitten in totaal bollen.
Er zitten gouden en grijze ballen in de piramide.

16 Los de sudoku’s
17 Vind het bovenaanzicht van elke toren.
torens
bovenaanzichten
Zet de letters in de tabel.
toren
bovenaanzicht
Teken de aanzichten.
20 Sommige van deze uitspraken zijn nooit waar, sommige uitspraken zijn soms waar en sommige uitspraken zijn altijd waar. Zet een kruisje in de juiste kolom. nooit soms altijd
Een vierkant is een rechthoek.
Een veelhoek heeft vier hoeken.
De diagonalen van een vierkant staan loodrecht op elkaar.
De diagonalen van een ruit staan loodrecht op elkaar.
De diagonalen van een rechthoek hebben een verschillende lengte.
Een driehoek is een veelhoek.
Een vierhoek is een rechthoek.
Een rechthoek is een vierhoek.
Een cirkel heeft geen hoeken.
Een vierkant heeft 4 gelijke hoeken.
Een vierkant is een veelhoek.
Een veelhoek is een vierkant.
21 Welke bovenaanzicht hoort bij de figuur?
Teken de punten in het assenstelsel: A(1,1), B(6,1), C(3,-2), D(-2,-2).
Verbind de punten in alfabetische volgorde. Verbind punt A met punt D.
Welke figuur heb je getekend?
23 De figuur ABCD is een ruit.
De coördinaten van de punten zijn A(1,5), B(3,2), C(1,-1). Maak de tekening af.
De coördinaten van het punt D zijn ( , ).
Teken de diagonalen. De diagonalen snijden elkaar in ( , ).
24 Teken vlakke en ruimtefiguren op de computer met Word. Kies ‘Invoegen’ en daarna ‘vormen’.
Teken de volgende figuren: rechthoek, vierkant, ruit, parallellogram, trapezium, cirkel, kubus, balk en een cilinder.
Typ bij elke figuur de juiste naam.
Bewaar je Word-document. Kies ‘Opslaan’.
25 Maak een tekening met verschillende figuren. voorbeeld:
26 Zoek op internet een afbeelding van de gebouwen en vul de ruimtefiguur in.
Het gebouw Technopolis in Mechelen heeft een rode
Het Atomium in Brussel bestaat uit 9 .
Het Louvre is een museum in Parijs. De hoofdingang is een glazen
In Japan staat de Tower of winds. Dit gebouw heeft de vorm van een
De toren van Pisa in Italië heeft de vorm van een .
In de Ericsson Globe in Stockholm (Zweden) worden ijshockeywedstrijden en concerten gehouden. Het gebouw heeft de vorm van een .
In Rotterdam heeft de architect Piet Blom woningen gemaakt in de vorm van een op een paal.
27 Zoek de vlaggen van de landen op.
Welke vlakke figuren herken je in de vlag van:
België?
Japan?
Tsjechië?
Ierland?
Congo?
Guyana?
Brazilië?
Koeweit?
Seychellen?
28 Ga naar Google Maps.
Geef het adres van je school in.
Bekijk het stratenplan van je schoolomgeving in een 2D weergave.
Klik op ‘Lagen’. Kies ‘meer’. Hier kan je een satellietweergave zien. Je kan de gebouwen en de straat bekijken in een 3D weergave.


29 Elke figuur heeft een waarde die kleiner is dan 5.
Zoek de waarde van elke figuur.
30 Los de sudoku’s met figuren op.
31 Binnen in de piramide zitten enkel grijze bollen.
Om deze piramide te bouwen heb ik en grijze bollen nodig.

32 Wat zie je als je kijkt naar de linkerkant en rechterkant van het bouwwerk?
Vul de letters van de aanzichten in op de juiste plaats.



Ik kijk naar de linkerkant.
Ik kijk naar de rechterkant.

33 Een mobiel hangt in evenwicht. Het parallellogram weegt 20 g.
Vul aan.
De cirkel weegt g.
Het vierkant weegt g.
De driehoek weegt g.
Het parallellogram weegt g.
De rechthoek weegt g.
De ruit weegt g.
Het trapezium weegt g.
34 Wie zit waar? Schrijf de namen bij de stoelen. Er zijn 2 oplossingen.
- Milan wil niet naast Amin zitten.
- Theo wil niet naast Juul zitten.
- Amin wil niet naast Juul zitten.

oplossing 1
oplossing 2
35 Je ziet twee pijlen. Teken 2 rechte lijnen om nog een derde pijl te maken.
36 In de zeshoek moet de som van elke zijde 20 zijn.
Vul de getallen 3, 4, 5, 8, 12, 13, 15 en 17 in.
37 Een modern schilderij heef t 3 kleuren: geel, groen en blauw.
- Alle figuren moeten een kleur krijgen.
- Er mogen geen 2 figuren met dezelfde kleur naast elkaar liggen.
- Het vierkant is geel.
- Het parallellogram is niet blauw.
Kleur alle figuren.
Welke kleur heeft het kleinste trapezium?
Welke kleur heeft de achthoek?
38 In een weide zitten 7 schapen. Een boer spant draden in de weide zodat de schapen elk in een apart vak zitten.
Teken 3 rechte lijnen om elk schaap in een vak te zetten.








39 Welke figuur is de ontvouwing van de doos?
40 In de dierentuin is een krokodil ontsnapt. Er zijn 3 dierenartsen die de krokodil kunnen verdoven.

Zet een kruisje waar de dierenartsen moeten staan zodat de krokodil zeker niet kan ontsnappen?
41 Met welk stuk kan je alle lege plaatsen vullen?
Je mag de stukken draaien.
42 Kijk goed naar de vorm van de figuren. Welke getallen horen op de plaats van de vraagtekens?
43 Gebruik de trappen en de ladders om van punt 1 naar punt 2 te geraken.
Teken de weg die je volgt.
44 Verplaats 1 lucifer zodat de uitkomst klopt.
45 Met welke 2 vormen kan je de volledige figuur maken?
46 De lucifer brandt. Welke lucifer moet je 90° draaien zodat de kaars kan aangestoken worden door het vuur. Teken de weg die het vuur volgt.
47 Welke 2 figuren heb je nodig om de vorm te maken?
Hoe heb je dit trimester gewerkt?
Naam: Klas: Datum:
Ben je goed aan het werk? Je mag jezelf beoordelen.
1: slecht 2: niet goed 3: redelijk 4: goed 5: schitterend
Dit vind ik … Dit vindt mijn leerkracht …
Ik vind de leerstof dit trimester heel gemakkelijk. gemakkelijk. moeilijk. heel moeilijk.
Ik heb dit trimester goed doorgewerkt. ja nee
Ik ben tevreden over mijn resultaten en werk in de klas. ja nee
Dit ga ik de volgende keer beter doen:
Woordje van de leerkracht:
Handtekening leerling
Handtekening leerkracht
Colofon
figuren indelen in vlakke figuren (2D) en ruimtefiguren (3D).
vlakke figuren indelen in veelhoeken en niet-veelhoeken. een vierhoek, trapezium, parallellogram, ruit, rechthoek, vierkant en cirkel herkennen.
een kubus, balk, bol, kegel, piramide en cilinder herkennen. oefeningen maken over ruimtelijk inzicht. de aanzichten van een figuur herkennen.
veelhoek: een vlakke figuur die begrensd is door lijnstukken
vierhoek: een vlakke figuur met 4 hoeken
trapezium: een vierhoek met minstens 1 paar evenwijdige zijden
parallellogram: een vierhoek met 2 paar evenwijdige zijden
rechthoek: een vierhoek met 4 rechte hoeken
ruit: een vierhoek met 4 gelijke zijden
vierkant: een vierhoek met 4 rechte hoeken en 4 gelijke zijden
diagonaal: een rechte lijn die de ene hoek van een vierhoek verbindt met de hoek die er schuin tegenover ligt
bovenaanzicht van een figuur: wat je ziet als je naar de bovenkant van de figuur kijkt
vooraanzicht van een figuur: wat je ziet als je naar de voorkant van de figuur kijkt
rechterzijaanzicht van een figuur: wat je ziet als je naar de rechterkant van de figuur kijkt
grondvlak van een ruimtefiguur: het vlak aan de ‘onderkant’ van een ruimtefiguur
ontwikkeling van een ruimtefiguur: een bouwplaat waarmee je de figuur kunt bouwen
Auteurs Kim Pelkmans – Lief Verbeek
Eerste editie
ISBN 978 90 4865 273 0 - KB D/2026/0147/007
Bestelnummer 90 850 0031
NUR 127 - Thema YPMF
Verantwoordelijke uitgever die Keure, Kleine Pathoekeweg 3, 8000 Brugge
RPR 0405 108 325 - © Copyright by die Keure, Brugge
Niets uit deze uitgave mag verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke wijze ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. No parts of this book may be reproduced in any form by print, photoprint, microfilm or any other means without written permission from the publisher. De uitgever heeft naar best vermogen getracht de publicatierechten volgens de wettelijke bepalingen te regelen. Zij die niettemin menen nog aanspraken te kunnen doen gelden, kunnen dat aan de uitgever kenbaar maken.
Die Keure wil het milieu beschermen. Daarom kiezen wij bewust voor papier dat het keurmerk van de Forest Stewardship Council® (FSC®) draagt. Dit product is gemaakt van materiaal afkomstig uit goed beheerde, FSC®-gecertificeerde bossen en andere gecontroleerde bronnen.