ucatieve uitgaven
BIEB
Brieven uit Zweden Joke Guns
Kijker educatieve uitgaven
Verrekijker 2
3
Brieven uit Zweden
bias, Beste To . eede klas den. w t ! e n z a n d o e e j w in Daar ga uw laatste dag je ouders naar Z . d o Dit is j verhuis je met eb je ons vertel Morgen er zin in, dat h n, kerel! Je hebt len we je misse Toch zul brief? ons. n e e e o t af en ein beetje bij . s n o e j r Stuu je toch een kl daar beleeft Zo blijf n weten wat jij , Tobias. d We wille n a l s i u h nieuwe t e j n i k u Veel gel groeten, e k j i l e t r Ha Koen arwan, el, M , o Meester M el, er aike, Roo, Lea, Griet, M a M , s i r K se Annabel, athan, Yun, Mo Leilah, N ieran Shana, K
1
1 IK VERTREK Nog een allerlaatste keer kijk ik rond in mijn kamer. Het bed staat al in de verhuiswagen. Mijn speelgoed zit in verhuisdozen. Hier en daar zitten er vlekken op het behang. Ik weet niet goed wat ik moet voelen. Diep vanbinnen ben ik blij. Heel erg blij. Eindelijk verhuizen we. We gaan in Zweden wonen. Het is een prachtig land. Dat weet ik, omdat we er al zo vaak geweest zijn. Toch voel ik dat mijn ogen prikken. Hier ken ik alles en iedereen. De buurjongens met wie ik voetbal. Oma en opa die altijd een pan soep op het vuur klaar hebben. De meester van de muziekschool. Daar ken ik alleen ons huis en de Zweedse buren. Die hebben we tijdens onze vakanties al ontmoet. Al het andere moet ik nog ontdekken. Dat is spannend en eng tegelijk.
2
Zal ik snel Zweeds kunnen praten? Zal ik wel nieuwe vrienden vinden? Zal de school leuk zijn? ‘Tobias?’ roept mama. ‘We moeten gaan.’ Traag loop ik de trap af. Ik voel de leuning onder mijn handen. ‘Dag huis,’ zeg ik zacht.
3
2 EEN NIEUW HUIS Beste meester Koen, en Mo en Nathan en al de rest van de klas, Bedankt voor jullie brief! Hoe gaat het met jullie? Hier gaat alles goed. We wonen hier nu twee weken. Alle verhuisdozen zijn uitgepakt. Papa heeft zelfs al fotolijstjes aan de muur gehangen. In België woonden we in een stad met 80 000 inwoners. We hadden een rijhuis met heel veel trappen. Een tuin hadden we niet. Als ik buiten wilde spelen, moest ik naar het park gaan. Hier wonen we in een gezellig dorp. In ons dorp wonen 300 mensen. Nu ja, eigenlijk zijn het er 303, nu wij erbij gekomen zijn. Ons huis is best groot. De kelder is van steen, maar de rest van het huis is van hout. Als de wind heel hard blaast, hoor je de muren kraken. Ons huis is rood geverfd. Alleen de luiken zijn wit.
4
Dit is mijn slaapkamer
We hebben hier ook een grote tuin. En in die tuin staat een enorme schuur. Het dak van de schuur hangt scheef en er zijn een paar raampjes stuk. In de schoorsteen zit een vogelnest.
Kapot!
5
Volgend jaar willen papa en mama de schuur opknappen. Dan wordt het een slaapplek voor vrienden die vanuit België op bezoek komen. De hele klas past er niet in, denk ik. Maar we kunnen het proberen! (Het mag van mama en papa.) Groetjes, Tobias
6
3 EEN NIEUWE KLAS Beste allemaal, We wonen hier nu drie weken. Vandaag was mijn eerste schooldag. Ook hier ga ik vanaf nu vijf dagen per week naar school. Elke dag begint de les om acht uur. Ik kan gewoon te voet naar school. De straat uit, een kleine heuvel over, en dan ben ik er al. Sommige kinderen komen met de bus. Ze zijn er al heel vroeg. Ontbijten doen ze op school. Speeltijd heet hier ‘rast’. Om elf uur eten we al ‘lunch’. Niemand gaat naar huis om te eten. We hebben een schoolkok, Zehra. Ze kookt heerlijk. Alle kinderen eten hier warm op school. De ouders hoeven daar niets voor te betalen. Gek, hé. Om tien over een ga ik alweer naar huis. Zo gaat dat elke dag.
7
In de klas zit ik op een hoge stoel. Ook mijn tafeltje is hoog. Dat is fijner voor de juf. Als ze ons wil helpen, hoeft ze zich niet te bukken.
Hoog hoor! Mijn voeten komen niet eens bij de grond!
8
Ik krijg veel hulp om Zweeds te leren. Soms mag ik oefenen aan de computer. Rekenen heet hier ‘matte’. En wat is het rekenen hier simpel. Weten jullie hoe dat komt? Dat komt omdat ik niet meer in de tweede klas zit. In Zweden gaan kinderen pas vanaf zeven jaar naar school. Daarom zit ik nu in de eerste klas. Dat vond ik eerst heel rot. Maar het went vast snel.
9
De juf wordt hier ‘fröken’ genoemd. Dat spreek je uit als ‘freuken’. Ik zit in de klas van fröken Anna. Ze is lief, echt waar. Vrienden heb ik hier nog niet. Ik moet geduld hebben, zegt papa. In onze straat wonen vooral oude mensen. Die komen vast niet naar buiten om te voetballen! Schrijven jullie snel een brief terug? Groetjes, Tobias
10
4 SPORT EN LEKKER ETEN Beste oude klas, Bedankt, bedankt, bedankt! Niet één brief kreeg ik, maar vijftien brieven. Roel vraagt of ik hier ook voetbal. Jammer genoeg doe ik dat niet. De meeste kinderen van mijn klas spelen innebandy. Innebandy lijkt een beetje op hockey1. Je hebt er sticks2 en een bal voor nodig. Met je stick probeer je de bal in het doel van de tegenpartij te schieten.
Wat een laag doel! Bij voetbal is het doel veel groter en hoger!
11
Die bal is van plastic en er zitten gaten in. De doelen zijn laag. De keeper3 zit er op zijn knieën voor. Tijdens de rast speel ik altijd mee. Misschien ga ik zelfs in een club! Mo wil weten wat ik na school doe. Ik speel veel buiten. Soms help ik papa en mama in de tuin. Op donderdag ga ik naar de scouts. Daar leer ik knopen leggen en kampen bouwen. Af en toe krijgen we ook echt les over Zweden. Nu weet ik wat hier mag en wat niet mag in de natuur. En af en toe verveel ik mij. Ha!
Ze zijn hier dol op vis! Echt!
12
Meester Koen vraagt zich af wat we hier eten. Het is hier echt wel heel lekker, hoor! Vaak eet ik twee warme maaltijden per dag. Vleesballetjes zou ik wel drie keer per week op mijn bord willen. Maar dat mag niet van mama en papa. Mama maakt vaak vis klaar. Zalm, haring, kabeljauw. Papa is niet zo dol op vis. Hij moppert wel eens. Mama zegt dat hij niet moet zeuren. In september wordt hier op elanden4 gejaagd. Dan ligt er bij elk gezin wel een stukje elandvlees op het bord. Hoe dat smaakt, weet ik nog niet. Dat vertel ik later!
Weet je wat hier bijna nergens te koop is? Spruitjes en witloof. Joepie! Dat zijn twee soorten groente die ik niet lust. En nu hoef ik ze ook niet meer te eten.
13
Papa en mama zijn echt dol op ‘fika’! Fika wil zeggen dat ze koffie drinken met iets lekkers erbij. ‘Een dag zonder fika is een dag niet geleefd,’ lacht mama vaak. Papa roept me. Hij heeft buiten een vuurtje gemaakt. Daarop grilt hij nu worstjes. Hej, hej! (Zo zeggen ze dat hier!) Tobias
14
5 RARE GASTEN, DIE ZWEDEN! Lieve oma en opa, Hoe gaat het met jullie? Ik ben blij dat ik nu in Zweden woon. Maar het zou nog leuker zijn als jullie hier ook waren! Maak je nog elke dag verse soep, oma? Met balletjes? Hier in Zweden kun je zelfs aardbeiensoep kopen. Raar, hé! Zijn de frietjes die opa bakt nog even lekker? Bij ons in Zweden is geen frituur te vinden. Dat mis ik wel een beetje. Weten jullie wat ik hier niet mis? De zoenen. In België zoent iedereen elkaar. Als er feest is, moet je zoenen. Als je op bezoek gaat, moet je zoenen. Soms is één zoen genoeg. Grote mensen zoenen vaak drie keer. Waar is dat nu goed voor?
15
Zweden zoenen niet zo vaak. Hier geef je elkaar gewoon een ‘kram’. Een kram is een soort knuffel. Dat vind ik veel fijner. Geen natte lippen op mijn wang. Geen vieze adem in mijn gezicht. En de haren op de kin van tante Feeks mis ik ook niet echt. We kennen hier nog niet zo veel mensen. Papa zegt dat Zweden eerst de kat uit de boom kijken.5 Het zal nog wel een tijdje duren voor we er echt bij horen. Toch helpen de mensen ons ook. Vorige week hadden we hier een grote storm. Het huis piepte en kraakte. Een van de luiken ging stuk. De boomtoppen zwiepten bijna tot op de grond. Eerlijk gezegd was ik best een beetje bang. Na een uur ging de storm liggen.6 En toen ging de bel. Het waren de buren. Ze kwamen vragen of alles in orde was. Een dag later timmerde de buurman een nieuw luik.
16
Dit jaar moesten alle meisjes de meiboom rechtzetten ...
Binnenkort staat er in ons dorp weer een meiboom. Dat is geen echte boom, hoor! Het is een heel groot kruis waar een krans aanhangt. Die krans wordt mooi versierd. Als de meiboom rechtop staat, danst het hele dorp eromheen. Zo vieren ze hier dat het midzomer7 is. Ik vind het nogal gek. Maar papa en mama zullen vast willen meedoen. Tot binnenkort, oma en opa! Liefs, Tobias
17
Hier loopt mijn mama!
18
6 VAKANTIE Dag Jozefien, Wat fijn dat ik je volgende maand weer zie! Dan kunnen we een hele week samen spelen. We gaan een dagje fietsen op het oude treinspoor. Niet met een fiets, maar met een ‘dressin’. Ik weet zeker dat jij dat ook leuk vindt!
19
Als het goed weer is, kunnen we zwemmen. Er is een meer vlakbij. Het water is wel koud, hoor, maar daar wen je snel aan. In en om het water zie je soms waterslangen. Vertel dat maar niet aan je ouders. Anders mag je niet met me mee! Zondag mogen we naar Astrid Lindgren Wereld. Dat is een pretpark. Je vindt er geen snelle en hoge achtbanen. Maar er is muziek. Je loopt er Pippi Langkous tegen het lijf. Je zingt mee met Michiel van de Hazelhoeve. Overal wordt toneel gespeeld. En je kan er heerlijke pannenkoeken eten. Wat ben ik blij dat we er samen heen kunnen. Ik mis je, nichtje. Ik heb een paar vrienden, hier. Maar jij blijft mijn nummer 1! Kram, Tobias
20
Pippi Langkous loopt hier rond!
21
Ik bouw graag. Soms is mijn bouwsel niet klaar. Dat mag dan in de spaarkast.
22
WIST JE DAT ... • het Zweedse alfabet geen 26 maar 29 letters heeft? Na de Z heb je ook nog Å, Ä en Ö. Die letters spreek je uit als OO, EI en EU. • Zweden heel erg groot is? Zweden is wel tien keer zo groot als België. Toch wonen er in Zweden minder mensen. • Astrid Lindgren in Zweden geboren is? Zij is de schrijfster van heel wat mooie boeken. De verhalen over Pippi Langkous heeft zij geschreven.
23
Woorduitleg 1 hockey = teamsport waarbij je met een stick een bal in het doel van de tegenpartij moet slaan. Kan ook op ijs worden gespeeld. 2 stick = voorwerp in de vorm van een staaf 3 keeper = iemand die de bal uit het doel moet houden 4 eland = groot hert 5 de kat uit de boom kijken = voorzichtig afwachten 6 de storm gaat liggen = de storm stopt 7 midzomer = de langste dag van het jaar
24
Tobias verhuist naar Zweden. Hij heeft het er erg naar zijn zin. Toch vergeet hij België niet. Hij schrijft brieven naar zijn oude klas. Hij schrijft brieven naar zijn oma en opa. Nu weet iedereen wat Tobias in Zweden beleeft.
Dit boekje maakt deel uit van de Verrekijkerbieb 2. ISBN 978 90 486 2281 8 Bestelnummer 60 1021 197 KB D/2015/0147/337 NUR 191 Foto’s: Joke Guns Verantwoordelijke uitgever die Keure Kleine Pathoekeweg 3, 8000 Brugge RPR 0405 108 325 © Copyright die Keure, Brugge
9 789048 622818
Niets uit deze uitgave mag verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke wijze ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. No part of this book may be reproduced in any form by print, microfilm or any other means without written permission from the publisher.