ucatieve uitgaven
BIEB
Sint met vlekjes Tine Mortier
Kijker educatieve uitgaven
Verrekijker 2
3
Sint met vlekjes
1
Snoepjes hier Het is koud. Het jaar wordt oud. Er valt regen en soms een vlokje sneeuw. Morgen komt de Sint. Hij brengt snoep voor ieder kind. Nou ja, niet echt. Alleen voor wie lief was en goed. Wie braaf was en zoet. De rest krijgt niets. Dat is niet erg. Ik was heel lief! En goed en braaf en zoet. Dus lieve Sint: Als je snoepjes over hebt, breng ze maar naar hier! De deur staat op een kier.
2
3
Sint is ziek Het is vroeg in de morgen. Nog bijna nacht. In het kasteel van de Sint is alles donker. Alles? Nee hoor, kijk maar. Daar brandt een licht. Dat is de kamer van de Sint. Hij is al wakker. De Sint staat vroeg op. Dat doet hij elke dag. De Sint heeft veel werk. Morgen is het feest. Dan krijgen de kindjes snoep en speelgoed. De Sint zucht. Hij is nog moe. Hij heeft geen zin om op te staan. Zijn hoofd doet pijn. En ook zijn keel. Zou hij ziek zijn?
4
5
‘Piet!’ De Sint roept zijn helper. Piet weet vast raad1. Piet weet alles. Hij heeft een pil tegen hoofdpijn. En een pil tegen keelpijn. ‘Piet!’ Maar Piet hoort de Sint niet. Piet ligt nog in bed. Hij is moe van al dat werken. Hij heeft speelgoed gemaakt. En snoep. Hij heeft alles in pakjes gedaan. Voor al wie braaf was. Daarom slaapt hij nog. ‘Piet!’ De Sint wordt boos. Nu doet zijn keel nog meer pijn. Van al dat roepen.
6
7
Boos stapt de Sint uit bed. Hij doet zijn sokken aan. Het zijn witte sokken met rode linten. Die vindt de Sint de mooiste. Op zijn sokken stapt hij naar de gang. ‘Piet!’ Hij roept nog een keer. Maar nog steeds hoort Piet hem niet. ‘Grrrr.’ De Sint gromt. Die luie Piet, denkt hij. De Sint stapt naar de kamer van Piet. Hij klopt op de deur en luistert. Hij hoort niets. Of toch. Hij hoort Piet heel hard snurken. De Sint klopt nog een keer. Ook heel erg hard. Nu wordt Piet wakker. De deur gaat open.
8
9
‘Aaaaaaaaaah!’ Piet gilt. Wat is dat? Hij wijst naar de Sint. Al die rode vlekken! Op de neus van de Sint en op zijn wangen. Op zijn ogen en zijn oren. Op zijn handen en zijn vingers. Sint zit onder de vlekken!
10
‘U bent ziek,’ zegt Piet. De Sint schudt zijn hoofd. ‘Ik ben niet ziek,’ zegt hij. ‘Ik ben nooit ziek. En zeker niet de dag voor het grote feest.’ ‘Wel,’ zegt Piet. ‘U ziet er ziek uit. Kijk maar eens in de spiegel!’
11
De Sint kijkt in de spiegel. O jee. Piet heeft gelijk. Allemaal vlekken!
12
Zou zijn hele lijf zo zijn? De Sint doet zijn mouw omhoog. Ook zijn arm is rood gestipt. Dan trekt hij zijn nachtkleed op. Een heel klein beetje maar. Net genoeg om een stukje been te zien. Ach, ach. Ook zijn benen hebben vlekken. De Sint zucht heel diep en heel lang. Ook Piet zucht. ‘Het zijn de pokken,’ zegt hij. ‘Het is niet erg. Maar het is wel een beetje lelijk.’ De Sint kijkt hem boos aan. ‘Wat moet ik nu?’ vraagt hij. ‘Ik kan zo niet de straat op. Niet met al die vlekken.’ 13
Hm. De Sint denkt na. Hij krabt in zijn baard en peutert in zijn oor. Dat helpt om na te denken. Dan heeft de Sint een idee. Piet moet ook vlekken! ‘Waarom?’ vraagt Piet. ‘Ik ben niet ziek. Ik heb geen pokken.’
14
‘Dat geeft niet,’ zegt de Sint. ‘Jij neemt rode vlekken en ik neem zwarte vegen2. Dan lijken we op elkaar. Dat is toch leuk?’ Piet moet er even over denken. ‘Goed,’ zegt hij dan. ‘Het wordt vast leuk.’ Ze gaan aan de slag. Er is nog veel werk te doen.
15
Het is vroeg in de morgen. Nog bijna nacht. In het kasteel van de Sint is alles donker. Alles? Nee hoor, kijk maar. Daar brandt een licht. Dat is de kamer van de Sint. Hij is al wakker. En Piet ook. Sint en Piet staan samen voor de spiegel. Ze verven hun snoet. Hier een zwarte veeg, daar een rode vlek. En nog een. En nog een. Tot hun hele hoofd zwart en rood is. Dan gaan ze op stap.
16
Vandaag is het feest van de Sint. Dan krijgen de kindjes snoep en speelgoed. En ze krijgen er zomaar een rood met zwarte Sint bij!
17
Vlekken Deze morgen in mijn bed voel ik me plots een beetje oud. Mijn lijf is warm en dan weer koud en mijn armen zijn opeens zo moe. Zo moe dat ik niet op kan staan ook al ben ik vroeg naar bed gegaan. Dan zegt mijn moeder: ‘Hier op je neus zit er een vlek en daar ook een en ginder nog een rode plek’ dus vandaag blijf ik in bed. De hele dag en ik ga mokken3. Wat een vieze, stomme pokken!
18
19
Wat je moet doen als je lekker veel snoep wilt van de Sint Elke dag je tanden poetsen. Je neus snuiten in je zakdoek. (En niet je snot oplikken!) Je kamer netjes houden. Lief zijn voor de kat en de hond. (En ook een keertje voor je broer!) Niet zeuren en je bord leeg eten. De rits van je broek dicht doen. (Anders vat je kou!) Niet met je vinger in je neus zitten. Handen wassen na het plassen. (En ook na een grote boodschap!) Op tijd naar bed. Met twee woorden spreken. Braaf zijn dus. 20
Wat je moet doen als je geen snoep wilt van de Sint Nooit je haren kammen. Morsen met de melk bij het ontbijt. (En dan de tafel drogen met je mouw!) In het hele huis rommel maken. Het gebit van je opa pakken. (En kijken of het in je mond past!) Het bord van de hond uitlikken. Drinken uit het bakje van de kat. (En dan je snor vegen met je pootje!) Nooit doen wat juf of meester zegt. Je scheren met het mes van papa. (En heel hard bloeden aan je lip!) Stout zijn dus. (Maar niet heus4. Want wie wil nu echt geen snoep?)
21
Woorduitleg 1 2 3 4
22
raad weten = weten wat te doen vegen = strepen mokken = een beetje boos en stil zijn niet heus = niet echt
Het is weer die tijd van het jaar. Het wordt koud, en straks komt de Sint. Maar dan gaat er iets fout. De Sint heeft vlekjes! Gelukkig weet Piet raad. Ben je nieuwsgierig? Lees dan snel dit boek. Je krijgt een verhaal over een Sint en Piet met vlekjes. En bovendien krijg je tips wat je moet doen als je lekker veel snoep wilt krijgen. Of net niet …
Dit boekje maakt deel uit van de Verrekijkerbieb 2. ISBN 978 90 486 2281 8 Bestelnummer 60 1021 197 KB D/2015/0147/337 NUR 191 Illustraties: Ann de Bode Verantwoordelijke uitgever die Keure Kleine Pathoekeweg 3, 8000 Brugge RPR 0405 108 325 © Copyright die Keure, Brugge
9 789048 622818
Niets uit deze uitgave mag verveelvoudigd en/of openbaar gemaakt worden door middel van druk, fotokopie, microfilm of op welke wijze ook zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de uitgever. No part of this book may be reproduced in any form by print, microfilm or any other means without written permission from the publisher.