DE WAARDVOGEL
52e jaargang nr. 3 juni 2013
Officieel contactorgaan van Natuur- en Vogelwerkgroep ‘de Krimpenerwaard’
Belangrijke namen, telefoonnummers en e-mail adressen Bestuur Voorzitter
Max Ossevoort, xxxxxx@xxxxxxxxxxxx
Secretaris
Algemeen adjunct Coördinator plantenwerkgroep
Dirk-Jan van Roest, info@nvwk.nl Leeghwaterstraat 138, 2871 PL Schoonhoven Gerard van Slijpe, xxxxxx@xxxxxxxxxxxx bankrekening NVWK: NL82 RABO 0127 2948 80 Hans Kouwenberg, xxxxxx@xxxxxxxxxxxx Patrick Heuvelman, cplanten@nvwk.nl
Coördinator vogelwerkgroep Coördinator PR
Erik Kleyheeg, xxxxxxx@xxxxxxx.xxx Joke Colijn, xxxxxx@xxxxxxxxxxxx
Penningmeester
xxxx xxxxxx xx xxxxxxxx xx xxxxxxxx xxxx xxxxxx xxxx xxxxxx xxxx xxxxxx xx xxxxxxxx xxxx xxxxxx xxxx xxxxxx
Werkgroepen en andere belangrijke instanties Redactie Waardvogel voor kopij Maria Spruit en Joke Colijn, nvwkredactie@gmail.com Foto’s t.b.v. de website Ewald Schattenberg, xxxxxxx@xxxxxxx.xx Coördinatoren vlinders- en libellenSjani van Ophemert en Gabrielle Heuvelman, werkgroep xxxxxx@xxxxxxxxxxxx Coördinator weidevogelbescherming Vacant Coördinator landschapsonderhoud Vacant Coördinator trekvogeltellingen Rob van Straaten xxxxxxx@xxxxx.xx Coördinator wintervogeltellingen Peter Berger, xxxxxx@xxxxxxxxxxxx Hans Kouwenberg, xxxxxx@xxxxxxxxxxxx Coördinator uilenwerkgroep Jaap Graveland, xxxxxx@xxxxxxxxxxxx Coördinator zwaluwenwerkgroep Coördinator jeugdwerkgroep Coördinator Knotgroep Krimpen Coördinator roofvogelwerkgroep Contact vrienden van de Hennepakkers Dierenambulance Dierenbescherming Meldpunt m.b.t. milieu en de jacht Melden van zwerfvuil Meldpunt Laagvliegen Krimpenerwaard Vogelasiel
Nico van Dam, xxxxxx@xxxxxxxxxxxx Mieke Verwaal, jeugd@nvwk.nl Jos de Nood, xxxxxx@xxxxxxxxxxxx Morrison Pot, xxxxxx@xxxxxxxxxxxx Sophia Dijkstra xxxxxxxxxx@xxx.xx Gouda e.o. Afdeling Krimpenerwaard Politie Hollands Midden, Regionaal Milieu Team Contact opnemen met de betreffende gemeente
xx xxxxxxxx xxxx xxxxxx xx xxxxxxxx xxxx xxxxxx xxxx xxxxxx xxxx xxxxxx xxxx xxxxxx xx xxxxxxxx xxxx xxxxxx xxxx xxxxxx xxxx xxxxxx xx xxxxxxxx xx xxxxxxxx xxxx xxxxxx xxxx xxxxxx 0900 8844 010 4733333 010 4857847
Vogelklas Karel Schot
Wilt u actief deelnemen aan de Natuur- en Vogelwerkgroep ‘de Krimpenerwaard’ of wilt u de doelstellingen van deze vereniging steunen, word dan lid. Stuur daartoe het onderstaande formulier ingevuld naar de secretaris op bovenvermeld adres, of stuur de gevraagde gegevens naar hem via het e-mailadres info@nvwk.nl.
Ik geef mij hierbij op als lid / jeugdlid (*) van de Natuur- en Vogelwerkgroep ‘de Krimpenerwaard’. Ik geef mij op voor een lidmaatschap / jeugdlidmaatschap / gezinslidmaatschap (zie colofon voor de contributie). Ik wacht met betalen tot ik een acceptgiro heb ontvangen. Naam:
Geslacht: m / v Initialen:
Straat + Huisnummer:
Voornaam:
_______ _______
Postcode:
Plaats:
_______
Geboortedatum:
Telefoon:
_______
E-mailadres: Datum:
__________________________________________________________________________________ Handtekening:
_______
Colofon De Waardvogel ISSN 1384-8240 Jaargang 52 verschijnt 5 x per jaar, februari-april-juniseptember-december Kopij Inleveren voor de 1e van de maand van verschijning Oplage 850 exemplaren E-mail redactie Joke Colijn Maria Spruit nvwkredactie@gmail.com Website www.nvwk.nl VogelwerkgroepNVWK https://twitter.com/ DeNVWK Secretariaat & ledenadministratie Dirk-Jan van Roest Leeghwaterstraat 138 2871 PL Schoonhoven Contributie per kalenderjaar: € 5,- voor een jeugdlidmaatschap, één kind t/m 16 jaar € 15,- voor een eenpersoonslidmaatschap € 20,- voor een gezinslidmaatschap Bankrekeningnummer Rabobank: 1272.94.880 Lid worden U kunt lid worden door het invullen en opsturen van het inschrijfformulier op de binnenzijde van de voorkant of via www.nvwk.nl Op de voorpagina Melolontha melolontha foto: Peter de Mooij Overname van artikelen Overname van artikelen uit dit blad is toegestaan met bronvermelding Alle artikelen blijven voor de verantwoording van de auteurs Drukkerij GoudPrintCenter Alblasserdam Zie advertentie Voor advertenties nvwkredactie@gmail.com Jaartarief (= vijf edities): 1/8 pagina: € 50,1/4 pagina: € 90,1/2 pagina: € 150,Ereleden W. Fontijne A. v.d. Waal
Van de voorzitter Max Ossevoort De ‘natuurorganisaties’ binnen onze provincie zijn letterlijk in beweging. Zo is de Natuur en Milieufederatie Zuid-Holland, waar we nauwe contacten mee onderhouden, per 25 mei verhuisd naar een pand naast de SER in Den Haag. Nu kan men dus gewoon bij elkaar naar binnen lopen om zaken te doen. Ook Landschapsbeheer Zuid-Holland en het Zuid-Hollands Landschap zijn bezig met een verhuizing die 21 juli moet zijn afgerond. Beide gaan naar het Meisjeshuis in Delft, waar op dit moment al het Erfgoedhuis Zuid-Holland in gevestigd is. Mij lijkt dat een uitstekende basis voor een nog betere samenwerking en wie weet komt het misschien nog wel ooit tot een fusie. De door de provincie in januari vastgestelde Beleidsvisie Groen, waaraan ook uw bestuur een bijdrage heeft geleverd, heeft o.a. ruimtelijke effecten tot gevolg voor de Ecologische Hoofdstructuur (EHS) binnen onze provincie. Deze Beleidsvisie leidt tot een herziening van de Provinciale Structuurvisie en Verordening Ruimte ten behoeve van de herijking van de EHS, en beide documenten liggen tot 29 juli ter visie (in te zien en te downloaden via www.zuidholland.nl/visieopzuidholland). Uw bestuur zal hier kritisch naar kijken en daar waar nodig commentaar leveren. Een lichtpuntje aan de horizon komt van de nieuwe lijn die wordt uitgezet voor het landelijke natuurbeleid. Een direct uitvloeisel hiervan is ‘De 24 uur van de Natuur’ op zaterdag 22 juni, een initiatief van het Ministerie van Economische Zaken om de natuur in de belangstelling van het Nederlandse publiek te plaatsen. Allerlei organisaties die begaan zijn met de natuur zetten hun uiteenlopende activiteiten in de spotlight; kijk voor het aanbod op www.24uurnatuur.nl. Voor de NVWK kwam het nieuws te laat binnen om zelf nog een evenement te organiseren. De kalender geeft aan dat het voorjaar nagenoeg voorbij is en de zomer op het punt staat te beginnen. Voor wat het voorjaarsweer betreft kan ik mij niet herinneren dat de temperaturen zo lang onder het gemiddelde zijn gebleven. In combinatie met de koude neerslag kon het niet anders dan een grote impact hebben op de natuur. De plantengroei kwam laat op gang en er waren nauwelijks insecten. Dat had desastreuze gevolgen voor juist die vogels die insecten nodig hebben om hun jongen groot te brengen en het ziet er naar uit dat het voor die groep een rampzalig broedseizoen wordt. Ook tijdens de Big Birding Day was het koud voor de tijd van het jaar, maar gelukkig was het overwegend droog en er werd fanatiek gevogeld. In deze Waardvogel doen alle teams enthousiast verslag van hun belevingen en resultaten. Gert Blom maakte de cartoons erbij! De Gasunie gaat door de Krimpenerwaard een aardgastransportleiding aanleggen. Bijzonder daarbij is dat de Gasunie contact met de NVWK heeft opgenomen om samen te kijken welke gevolgen de aanleg kan hebben voor de natuur in de Krimpenerwaard en wat daaraan gedaan zou kunnen worden. In deze Waardvogel vindt u daarover een artikel. Verder hebben we ook nu weer veel interessante bijdragen voor de Waardvogel aangeleverd gekregen door onze leden, wat erg gewaardeerd wordt. Ik wens u dan ook veel leesplezier met deze juni-uitgave en hoop u te ontmoeten bij één van onze activiteiten!
In dit nummer Van de voorzitter Even Noteren Op de voorpagina Betrapt en gesnapt Uilenwerkgroep De libellen in mei Libellenexcursie in het Loetbos Even activeren Nieuwe leden Atalanta Verslag van de Nachtegalen Verslag van de Birdwatchers De Koekoekloerders op dreef De Kijkers uit het Oosten Soortenlijst van de BBD-teams Gasunie in Krimpenerwaard
pag. 01 pag. 03 pag. 04 pag. 06 pag. 08 pag. 10 pag. 11 pag. 12 pag. 12 pag. 13 pag. 15 pag. 15 pag. 17 pag. 20 pag. 21 pag. 22
Twee-eenheid (gedichtje) Leeuweriken Raadplaatjes Nogmaals de bijen Red de bijen, teken de petitie Jeugd: Roeien op de Loet Natuurvraag: welke wesp is dit? Onderhoud van knotbomen De eenden (gedichtje) Wandelen in de Waard Oplossingen raadplaatjes Natuur en de provincie Gereedschap voor de knotploeg Petitie tegen het zwanendriften Zoek Hennepakkers
pag. 23 pag. 23 pag. 24 pag. 25 pag. 25 pag. 26 pag. 27 pag. 28 pag. 29 pag. 30 pag. 32 pag. 33 pag. 34 pag. 34 pag. 35 pag. 36
De Waardvogel – juni 2013
1
outplacement – loopbaanbegeleiding – re-integratie 2e spoor Ook in de Krimpenerwaard Op zoek naar een nieuwe baan voor uzelf of voor uw medewerkers? De coaches van id Plein staan voor u klaar!
www.idpleinrotterdam.nl 010 – 851 31 30
Wij dragen graag een steentje bij. Dat is het idee. Ramen, Deuren, Kozijnen ,Verbouwingen Gevelbekleding , Aanbouwen , Renovatie Inbraak preventie Tel. 0180 -517522 / 06-51809068
Rabobank Krimpenerwaard ondersteunt uw vereniging. Rabobank. Een bank met ideeën.
www.rabobankkrimpenerwaard.nl
Abelenlaan 4a - 2935 SB Ouderkerk a/d IJssel Postbus 3012 - 2935 ZG Ouderkerk a/d IJssel info@van-der-velden.nl - www.van-der-velden.nl
Even noteren Voorjaar en zomer 2013 Dit voorjaar en deze zomer wordt er door de Vrienden van het Zwaneneiland te Krimpen aan den IJssel een aantal keren gehooid; na het maaien moet het hooi worden afgevoerd om het land te verschralen. Het Zwaneneiland ligt in de heemtuin; we weten helaas nog niet precies wanneer de volgende keer zal zijn. Wilt u met ons meehelpen, stuur dan een mailtje naar xxxxxxxx@xxxx.xx. Woensdag 26 juni 2013 om 20.00 uur Avondwandeling door het Krimpenerhout o.l.v. Erik Kleyheeg. Het blijft erg lang licht en daardoor genoeg tijd om alle vogels rustig te bekijken; jongen van dit jaar, maar ook mogelijk de eerste doortrekkende steltlopers. We verzamelen bij de Surfplas Krimpen op de parkeerplaats. Info bij Erik Kleyheeg (xxxx xxxxxx). Zaterdag 29 juni 2013 van 14.00 – 16.00 uur Vlindermiddag voor de jeugd van 8 t/m 12 jaar. We gaan vlinders kijken en een vlindertafel maken. Voor 20 juni graag opgeven bij Mieke Verwaal (jeugd@nvwk.nl). Bij regen kan het helaas niet doorgaan. We zijn te gast bij De Regt Marine Cables, Zaag 2, Krimpen a/d Lek. Vrijdag 12 juli 2013 van 11.00 - 15.00 uur Opening Speelpolder Ouderkerk a/d IJssel; de laatste van vier in de Krimpenerwaard. Het doel is kinderen opnieuw vertrouwd te maken met de natuur. Er zijn allerlei activiteiten en ook de NVWK is er met een stand om zelf vogelbroedhokjes te timmeren. Veel informatie op www.speelpolders.nl. Kom je ook spelen als je durft? Zaterdag 13 juli 2013 om 08.30 uur Vlinderexcursie naar de Brand in de buurt van Udenhout met Paul en Gabrielle. We gaan de hele dag op zoek naar de weerschijnvlinder en kleine ijsvogelvlinder. We carpoolen vanaf het busstation in Krimpen a/d IJssel. Neem lunch, drinken en goede wandelschoenen mee. Meer informatie bij Gabrielle Heuvelman (xxxx xxxxxx). Bij regen of koud weer gaat het mogelijk niet door. Zaterdag 13 juli 2013 om 09.00 uur Maaisel afruimen van open plekken in het Loetbos. Gezellig samen het droge, maar voedselrijke gras afvoeren om de grond te verschralen voor meer soorten planten. Draagt u uw steentje bij aan dit streven? Verzamelen bij de Hendrikshoeve; meer info bij Patrick Heuvelman (xxxx xxxxxx). Zaterdag 17 augustus om 08.00 uur Vogelexcursie naar Vogelplas Starrevaart. In deze tijd een mix van broedvogels met hun jongen en al doortrekkende steltlopers. Het gebiedje kent veel verschillende biotopen
dus ook veel soorten. We verzamelen bij de Stolp-Inn in Stolwijk, meer info bij Erik (xxxxxxxxxx@xxxx.xx). Rond de lunch zijn we weer terug. Zaterdag 31 augustus om 09.00 uur Elzen en andere houtige gewassen trekken om de verruiging van de orchideeënveldjes te stoppen. Vele handen maken licht werk en hoe meer zielen hoe meer vreugd. Zien we u ook bij de Hendrikshoeve in het Loetbos? Meer info bij Patrick Heuvelman (xxxx xxxxxx). Woensdag 4 september 2013 om 19.30 uur Avondwandeling over de Graafkade met aandacht voor planten. Samen met Rudi Terlouw van het Zuid-Hollands Landschap betreden we gewoonlijk gesloten percelen om het effect te zien van jarenlang plaggen. We verzamelen op de P-plaats van de Berkenwoudse Driehoek, hoek Schaapjeszijde/Wellepoort. Meer informatie bij Patrick Heuvelman (xxxx xxxxxx). Het weekend van 14 en 15 september 2013 Wintervogeltellingen, info bij Hans Kouwenberg (xxxx xxxxxx) of Peter Berger (xxxx xxxxxx). Zaterdag 5 oktober 2013 vanaf 08.00 uur Op zaterdag 5 oktober a.s. is het weer zover: BirdLife International organiseert de Euro Birdwatch 2013. De NVWK telt mee vanaf onze telpost ‘De Hoekse Sluis. Telpost ‘De Hoekse Sluis’ ligt bij het gemaal tussen Lekkerkerk en Bergambacht bij hmp 9.6. Op trektellen.nl staan onze resultaten. Meer informatie bij Erik Kleyheeg (xxxxxxxx@xxxx.xx). Het weekend van 12 en 13 oktober 2013 Wintervogeltellingen, info bij Hans Kouwenberg (xxxx xxxxxx) of Peter Berger (xxxx xxxxxx). Het weekend van 16 en 17 november 2013 Wintervogeltellingen, info bij Hans Kouwenberg (xxxx xxxxxx) of Peter Berger (xxxx xxxxxx). Zaterdag 30 november om 09.30 uur Vogelexcursie naar de Donkse Laagten onder leiding van Harm Blom van Staatsbosbeheer. Dit is een gebied met veel ganzen en kans op blauwe kiekendief en ruigpootbuizerd. De excursie start om 09.30 uur vanaf het kantoor van SBB, Donkseweg 2a in Brandwijk en eindigt rond de lunch. Meer informatie bij Erik Kleyheeg (xxxxxxxx@xxxx.xx). Het weekend van 14 en 15 december 2013 Wintervogeltellingen, info bij Hans Kouwenberg (xxxx xxxxxx) of Peter Berger (xxxx xxxxxx).
De Waardvogel – juni 2013
3
Op de voorpagina:
Melolontha melolontha
Op de voorpagina staat dit keer de Melolontha melolontha, die gelukkig ook een Nederlandse naam heeft: namelijk meikever. Misschien heeft u hem al herkend, want het is een kever die opvallende kenmerken heeft. De meikever is een vrij grote kever van twee tot drie centimeter met grote waaiervormige antennes en aparte driehoekjes aan de zijkanten van zijn achterlijf. Zijn schilden zijn in de lengte geribbeld en hebben een mooie kastanjebruine kleur, waarop wat stof lijkt te zitten. Het achterlijf steekt uit onder de dekschilden; dit wordt de achterlijfspunt of pygidium genoemd en dit uitsteeksel is kenmerkend voor de soorten die tot het geslacht Melolontha horen. Bij mannetjes is het altijd duidelijk langer dan bij vrouwtjes, zodat het een belangrijk geslachtsonderscheid is. Zelf heb ik de meikever alleen in het buitenland gezien, maar Peter de Mooij heeft deze foto natuurlijk gemaakt in de Krimpenerwaard. De meikever behoort tot de familie van de bladsprietkevers (Scarabaeidae). Hij is behoorlijk zeldzaam geworden, omdat hij grote plagen heeft veroorzaakt en om die reden zijn insecticiden massaal tegen hem ingezet. De larven leven in de grond en worden gedood tijdens ploegen, waardoor dit nog een oorzaak is van zijn verminderde voorkomen. De meikever dankt zijn naam aan zijn verschijnen in mei en juni. Zijn verspreidingsgebied zijn grote delen van Europa. Hij komt vooral voor op open plekken in bossen, langs bosranden en open velden met gras. Er zijn meer kevers genoemd naar de maand van hun voorkomen; de junikever komt voor in de maanden juni en juli en lijkt op de meikever maar is beduidend kleiner. Ook hebben we een julikever, die voorkomt in juli en augustus. Dit is een kever die groter wordt dan de meikever: tot 36 Naamgeving millimeter. In Europa Op internet circuleren twee worden kevers niet zo namen: Melolontha en groot omdat Europa een Melontha. In alle boeken gematigd klimaat heeft, die ik heb nagekeken staat wat inhoudt dat insecten Melolontha. minder groot worden dan in warmere klimaatzones. De grootste Europese kever is het vliegend hert die ook in Nederland voorkomt en waarvan het mannetje 90 millimeter kan worden. De meikever is te verwarren met de iets kleinere bosmeikever. Anders dan bij de meikever is de achterlijfspunt verdikt, heeft hij geen ribbels op de dekschilden en zijn de randen van de schilden zwart. De kop van de meikever bestaat uit zes met elkaar vergroeide segmenten en wordt beschermd door het kopschild of vertex. De ogen zijn facetogen. De ogen van kevers bestaan uit verschillende oogjes of ommatidia die samen een samengesteld oog of facetoog vormen (zie De Waardvogel nr. 2, april 2013). Soms zijn er nog een of twee bijogen. Onderaan de kop bevinden zich monddelen. Op de kop zijn soms diverse soorten uitsteeksels ontstaan. De verhoudingen van al deze delen kunnen eindeloos variëren en kunnen extreme vormen aannemen. Bij het indrukwekkende vliegende hert zijn kaakdelen zo uitgegroeid dat zij aan een gewei doen denken. Alle kevers en hun larven hebben bijtende monddelen. Tussen de bovenlip en onderlip zitten de boven- en onderkaak. Op de onderkaak en onderlip zitten meestal kaak- of liptasters. Op de kop staan twee antennes, die ook dienen voor zintuiglijke waarneming. Ze bevatten chemosensorische cellen, waardoor subtiele geuren waargenomen kunnen worden van voedsel, maar
4
De Waardvogel – juni 2013
ook door vrouwtjes geproduceerde geurstoffen (feromonen). Op de uiteinden van de oranjeachtige antennes van de meikever staan een soort waaiertjes, die de meikever kan in- en uitklappen. Vrouwtjes hebben zes lamellen en mannetjes zeven, die langer zijn dan die van de vrouwtjes, wat van belang is bij het zoeken naar een partner. Met de antennes kunnen zeer kleine concentraties van geurstoffen worden waargenomen. De mannetjes zijn vooral gevoelig voor de alcoholen die vrijkomen uit beschadigde bladeren, in het bijzonder van de zomereik en de haagbeuk, maar het meeste voor die van de beuk. De mannetjes komen in eerste instantie af op de geur van de aangevreten bladeren en daarna wordt gezocht naar de geur van de feromonen die de vrouwtjes verspreiden. Wanneer een mannetje en vrouwtje elkaar ontmoeten, wordt er gepaard. In tegenstelling tot wat bij veel kevers het geval is, zitten de kevers niet op elkaar, maar laat het mannetje zich op zijn rug vallen en zo wordt hij een tijdje meegesleept door het vrouwtje. Het vrouwtje legt in drie à vier keer de eitjes in de grond, een paar centimeters diep. Na vier tot zes weken komen de eitjes uit. De larven, ook wel engerlingen genoemd, leven drie tot vier jaar onder de grond en maken drie groeistadia ofwel instars door. Tussen deze groeistadia door vervellen ze. Het bijzondere aan de larven van de meikevers is dat ze geen uitscheidingsorganen hebben. Het achterlijf zwelt daardoor op en kleurt zwart door het ophopen van de ontlasting. De larven zijn erg vraatzuchtig en eten wortels van kruidachtige planten, grassen en granen. Als de larven volledig zijn ontwikkeld, gaan zij zich verpoppen. Dit gebeurt aan het einde van de zomer. Na ongeveer vijf weken komen de poppen uit. De jonge meikevers blijven echter gedurende de winter in hun popkamers en komen pas in het voorjaar uit de grond. Na circa twee weken zijn ze geslachtsrijp en hebben een paar weken de tijd om zich weer voort te planten voordat ze sterven. De meikever is nu in sommige gebieden zeldzaam geworden of zelfs geheel verdwenen. Vroeger kon de meikever echter voor grote overlast zorgen. In 1688 was er een explosie van meikevers in de Ierse provincie Galway. Er waren zoveel kevers, dat de zwerm voor een wolk werd aangezien en de vegetatie compleet kaal gevreten werd. Volgens de overlevering moesten de Ieren daarna de meikevers koken en als voedsel gebruiken om te overleven. In Scandinavië zijn eveneens meikeverplagen geweest, die erg vernietigend waren. Ook Nederland zijn meikeverplagen geweest. In 1992 en 1993 werden delen van natuurgebieden in Gelderland ernstig aangetast.
Meikeversoep Dit gerecht werd tot de twintigste eeuw in Duitsland en Frankrijk zeer gewaardeerd. Verwijder de schilden en de poten. Bak de meikevers aan in boter. Kook de kevers gaar in kippenbouillon. Zeef de bouillon. De kevers kunnen ook met een vijzel fijngestampt worden en daarna gezeefd. Bind de bouillon met een roux (het geheel heeft een beetje de smaak van kreeft). Eet smakelijk!
De meikever vliegt in de schemering en ´s nachts. De meikever heeft een vrij langzame vleugelslag, ongeveer 46 keer per seconde en vliegt niet sneller dan acht kilometer per uur. Tijdens het vliegen spreidt hij zijn poten, zodat hij zich meteen kan beethouden, wanneer hij ergens tegenaan vliegt. Hij vliegt op geur, want hij vliegt alleen maar om plantaardig voedsel te vinden of de feromonen van een partner. De meikevers navigeren op
Na twee tot drie jaar onder de grond geleefd te hebben, verpopt de engerling ongeveer 60 cm diep in een gang.
maanlicht. Doordat het licht van de maan vanuit dezelfde hoek komt, weten ze hoe ze moeten vliegen. Wanneer er kunstmatig licht is, raken ze hierdoor verward en blijven ze rond de lamp vliegen. Ook vliegen ze tegen de ramen, waarachter een lichtbron is. Wanneer een meikever binnenshuis terechtgekomen is, zijn ze gemakkelijk op te pakken, om weer buiten te zetten. Ze bijten ons niet en zijn te langzaam om snel weg te vliegen. Behalve de mens heeft de meikever vele vijanden. Mollen vinden engerlingen een lekker hapje en dassen, vossen, zwijnen en roeken graven de engerlingen graag op. ´s Nachts lusten vleermuizen en steenuilen wel een hapje meikever en overdag eten allerlei andere insecteneters graag de kevers, die rusten in de bomen. Ook kunnen ze het slachtoffer worden van mieren. Bronnen: nl.wikipedia.org, Kevers in kleur, Leif Lyneborg, Elseviers gids van planten en dieren in de tuin Bron illustratie: Vlinders van Europa, Readers Digest
De uiteinden van de antennen zijn knotsvormig verdikt, maar kunnen waaiervormig worden uitgezet. Bij mannetjes komen zeven lamellen te voorschijn, bij vrouwtjes zes.
De kever komt in de herfst uit de pop, maar overwintert in de popholte. In mei of juni kruipt hij uit de grond.
De Waardvogel – juni 2013
5
Bonte vliegenvanger (twee maal): Hans Stoel, zwartkopmeeuw: Adri de Groot, beflijster: Adri de Groot, reuzenstern: http://tgreybirds.com, zwarte ooievaar: http://www.treknature.com
6
De Waardvogel – juni 2013
Betrapt en gesnapt Rob van Straaten Nu er dit jaar weer een race 2013 wordt gehouden en dus veel gevogeld wordt in de Krimpenerwaard, worden er veel leuke waarnemingen gedaan. Ondanks het koude voorjaar, waarbij de meeste vogels toch wel iets later arriveerden dan andere jaren, werden er op diverse plekken interessante soorten gezien. Leuk zijn de 3 krooneenden die op 13 april over de Lek vlogen, een uur daarvoor waren dezelfde eenden bij Kinderdijk gezien. Later werd er ook nog een paartje krooneenden in polder Den Hoek ontdekt. Opmerkelijk zijn de 3 toendrarietganzen die zich nog op 5 april ophielden in het Doove Gat, voor deze soort een zeer late datum. Ook laat waren nog de 7 wilde zwanen die in polder Bergambacht - West verbleven. Naast gewone ooievaars werd er ook een zwarte ooievaar waargenomen, op 14 april vloog een exemplaar over het Doove Gat. Geelpootmeewen en pontische meeuwen werden veelvuldig waargenomen op diverse plekken. De beste plekken lijken toch wel de steiger bij de nieuwe brug over de IJssel en telpost ‘De Hoekse Sluis’. De toename van zwartkopmeeuwen in ons land kon ook bij ons worden opgemerkt; er werden vele exemplaren gezien. Boven polder De Nesse werden 3 dwergmeeuwen ontdekt. Een soort die in een korte periode schaars over de waard trekt. Ook schaars waren de waarnemingen van de reuzenstern. Alleen op 12 april vloog een exemplaar over de Lek. Roofvogels werden regelmatig gezien binnen de Krimpenerwaard, vooral de telpost is een goede locatie om doortrekkende roofvogels te kunnen zien. Er werd 1 doortrekkende blauwe kiekendief, 1 grauwe kiekendief en enkele tientallen bruine kiekendieven gezien. Van de rode wouw werden 2 exemplaren gezien: veel minder dan de 7 waarnemingen van de zwarte wouw. Niet minder dan 5 visarenden werden in de Krimpenerwaard gezien, een leuk aantal zo voor het voorjaar. Op 1 april vlogen er 2 zeearenden langs de telpost, indrukwekkende verschijningen met 2,5 meter spanwijdte. Er werden fraaie foto’s genomen. April en mei zijn zeer goede maanden om steltlopers te zien in bijvoorbeeld het Helofytenfilter, maar ook het Doove Gat met zijn nieuw aangelegde plasjes is erg in trek bij de steltlopers. Soorten zoals kleine plevier, grutto, kievit, oeverloper en tureluur zijn hier altijd wel te vinden. Minder vaak zien we hier groenpootruiter, zwarte ruiter, bosruiter, bonte strandloper, bontbekplevier en witgat. Totaal 3 zilverplevieren werden er waargenomen; 2 op de telpost en 1 op Lageweg. Zeldzaam zijn de waarnemingen van de Temmincks strandloper. Op 11 en 12 mei werd een exemplaar gezien in het filter. In het Doove Gat vloog op 19 april een bokje op, best laat voor deze soort. Een kleine bonte specht verbleef in het Stormpoldervloedbos te Krimpen; verleden jaar werd er om deze tijd wel een exemplaar gehoord maar niet gezien. Dit jaar kon men het beest goed bewonderen, waarbij hij tot op minder dan 2 meter te benaderen was.
Ook werd hier een fraaie draaihals gezien. Om deze spechtachtige te zien moest je wel wat geduld hebben; met zijn fraaie schutkleur verdween hij keer op keer in het dichte struikgewas. Op 3 mei werd er ook nog een draaihals gezien op de Ouderkerkse Landscheiding. Leuk zijn de waarnemingen van de diverse Cetti’s zangers. Een explosieve uitbreiding van hun broedgebieden werd nu ook duidelijk in de Krimpenerwaard. Met niet minder dan 8 verschillende mannetjes een record aantal voor de waard. Nachtegalen werden weer op verschillende plekken gehoord en gezien. Vroeg in de ochtend bij opkomst van de zon of laat in de avond lieten diverse vogels hun prachtige zang horen. Dit voorjaar werden er minimaal 7 snorren ontdekt binnen de grenzen van de Krimpenerwaard. Het betreft hier altijd doortrekkende exemplaren. Op diverse plekken werden weer appelvinken gezien, prachtige vogels zijn het. Op 22 april werd er een zingende fluiter ontdekt in Gouderak. Helaas bleef de vogel maar kort ter plaatse en leverde lang speuren niets meer op. Een enkele ijsgors vloog op 8 april samen met 2 veldleeuweriken over de telpost. Dit voorjaar werden er in deze maanden nog best veel beflijsters gezien. Het grootste aantal betrof 10 exemplaren over de telpost op 15 april. In het Stormpoldervloedbos werd een mannetje bonte vliegenvanger ontdekt. Een prachtig wit met zwart exemplaar wees op een noordelijke vogel. Ook deze was soms lang uit het beeld om dan in een keer te voorschijn te komen. Deze soort wordt elk jaar maar met enkele exemplaren gezien en dan zijn het vaak nog raamslachtoffers. Op 28 april werden er boven het Beijersewegje te Gouderak 3 raven gezien; de vogels werden herkend aan het geluid en aan de markante staartvorm. Deze soort wordt maar zelden buiten hun broedgebieden op de Veluwe en in de Oostvaardersplassen gezien. Op 3 mei werd nog een exemplaar gezien boven de telpost. Een noordse kauw verbleef in Haastrecht midden in de woonwijk. Één enkele zomertortel vloog over de telpost; het gaat steeds slechter met deze soort. Ik wil iedereen bedanken voor het doorgeven van zijn of haar waarnemingen. Heb je leuke en verassende vogels gezien, geef ze door met datum en plaats. U kunt uw waarnemingen direct invoeren via www.nvwk.nl of www.waarneming.nl. (In verband met vakantie van Erik Kleyheeg heeft Rob deze Betrapt en Gesnapt nog een keer voor zijn rekening genomen. Wij zijn hem hiervoor heel erkentelijk, red.)
De Waardvogel – juni 2013
7
Over de uilen in de Krimpenerwaard en onze uilenwerkgroep Jaap Graveland, foto’s: Huig Bouter
Uilen Voor de oude Grieken was de uil een symbool van kennis en wijsheid. Voor de Romeinen was hij echter een onheilsvoorspeller en voor de Tartaren was de uil juist weer heilig. Al duizenden jaren zijn uilen dus beroemd en berucht. De meeste mensen vinden uilen geheimzinnig, door hun uiterlijk, nachtelijke levenswijze en roep. Geheimzinnig of niet, door het werk van vooral vele vrijwilligers weten we tegenwoordig veel over deze bijzondere vogelfamilie. Er zijn 189 uilensoorten op de wereld, waarvan 173 ‘echte’ uilen (familie Strigidae) en 16 soorten kerkuilen (familie Tytonidae). Europa komt er met 13 verschillende uilensoorten maar karig van af. In Nederland broeden zes uilen: bosuil, ransuil, kerkuil, steenuil, oehoe en velduil. De oehoe broedt sinds tien jaar weer in Nederland, na meer dan een eeuw afwezigheid door vervolging en vergiftiging. Hij is verreweg onze grootste uil, die soms zelfs een vos verschalkt of… een bosuil. De bosuil lijkt een redelijk stabiele populatie te hebben maar de ransuil is de laatste twintig jaar sterk in aantal afgenomen. Ook met de velduil gaat het slecht. Het aantal kerkuilen is juist spectaculair toegenomen, door de inzet van boeren en andere plattelandbewoners. Schuren en kerktorens zijn beter toegankelijk gemaakt, er zijn nestkasten geplaatst en veel boerenerven zijn muis- en daarmee uilvriendelijker ingericht. De stand is toegenomen van ca. 200 paar in de jaren 80 tot 2000-3000 paar de laatste jaren. De stand van de steenuil tenslotte is gehalveerd ten opzichte van 25 jaar geleden, maar lijkt de laatste tien tot vijftien jaar stabiel. In de Krimpenerwaard Uilen zijn doorgaans nachtdieren en dus actief in het donker. Je zult ze dus vaker horen dan zien. In de Krimpenerwaard horen we de typische uilenroep van de bosuil het meest (oeh-oe-oe). De roep draagt ver en de bosuil is met ca. 40 paar onze meest talrijke uil. Anders dan de naam doet vermoeden neemt de bosuil ook genoegen met verspreide boomgroepjes, zoals die voorkomen bij boerderijen, woonkernen en eendenkooien. Vrijwel alle dorpen en steden in de Krimpenerwaard herbergen wel een of meer bosuilenpaartjes. De bosuil is even groot als een kraai, heeft geen oorpluimen, gele ogen en een donkerbruin kleed. Er broeden nog drie uilensoorten in de Krimpenerwaard: - de ransuil: iets kleiner maar vooral slanker dan de bosuil, met oorpluimen, oranje ogen en een bruin gevlekt kleed. Het is een lastig te inventariseren soort; we schatten dat er enige tientallen bij ons broeden. - de steenuil: klein (nauwelijks groter dan een merel!), ca. 12 paar. - en de kerkuil: even groot als de ransuil, maar met een witte onderzijde en gezichtsmasker, en een lichtbruine bovenkant. De kerkuil broedt onregelmatig in onze waard, met 1-3 paar. Bosuilen hóór je vooral; overdag zitten ze in hun nestholte of buiten dicht tegen een stam in dicht gebladerte.
8
De Waardvogel – juni 2013
Ransuilen hoor je weinig maar zijn vaak overdag goed te zien, omdat ze in groepen slapen en zich nauwelijks verschuilen. Steenuilen zijn ook regelmatig overdag te zien. Ze jagen dan soms, of zitten in een knotwilg of onder een overhang te dutten in de zon. De uilenwerkgroep De uilenwerkgroep van de Natuur- en Vogelwerkgroep ‘de Krimpenerwaard’ komt op voor de belangen van alle uilen binnen de waard. We voeren inventarisaties uit van de aantallen en verspreiding van de diverse soorten, bepalen het broedsucces, we bieden nestgelegenheid aan (nestkasten) waar dat nodig is en we geven informatie. De meeste aandacht van de uilenwerkgroep gaat uit naar de steenuil omdat die in de verdrukking zit, typerend is voor een kleinschalig en ook voor mensen aantrekkelijk platteland en met gerichte maatregelen goed lijkt te beschermen. De steenuil heeft een voorkeur voor wat ‘rommelige’ erven, met hoogstamboomgaardjes, groepen oude knotwilgen, houtstapels, oude open schuurtjes en ruigtes. Vroeger was de steenuil algemeen in onze waard maar tegenwoordig heeft de soort het moeilijk. Veel hoogstamboomgaarden, ‘overhoekjes’ en oude schuurtjes zijn verdwenen, er verschijnt nieuwe bebouwing zonder geschikte holten en gaten, en het platteland is drukker geworden. Steenuilen broeden nog voornamelijk in de oostelijke helft van de Krimpenerwaard, langs de Lek, de Vlist en de Hollandsche IJssel. Gelukkig lijkt de stand nu redelijk stabiel. Het aantal broedparen schommelt rond de twaalf, ondanks vier winters in de laatste vijf jaar die kouder waren dan gemiddeld. Steenuilen kunnen een paar dagen zonder eten, maar winters met veel vorst en sneeuw zijn niet gunstig. We hebben dan ook goede hoop dat met een serie milde winters zoals in de jaren 1998-2006 de stand kan toenemen, met de hulp van bewoners. Ook nu al maken bewoners hun erven geschikter voor deze uil, door het plaatsen van nestkasten, het aanleggen van takkenwallen (‘rillen’), door delen van het erf wat minder op te ruimen en natuurlijk door het herplanten van hoogstamfruitbomen en knotwilgen, de favoriete nestbomen.
Help ons deze typische plattelandsoort te beschermen. Dat begint ermee dat we te weten komen waar ze zitten. De uilen verplaatsen zich soms, of er vestigt zich ergens een nieuw paartje. Wilt u contact met ons opnemen als u steenuilen ziet?
Linksboven: steenuil; rechtsboven: ransuil; linksonder: twee jonge bosuilen; rechtsonder: volwassen bosuil
Contact U kunt voor vragen over de steeuil en de andere uilensoorten contact opnemen met de coördinator van de uilenwerkgroep, Jaap Graveland (’s avonds tel. xxxx xxxxxx, of email xxxxxxxxx@xxxx.xx). Uilen laten zich vaak moeilijk zien en wij kunnen niet de hele Krimpenerwaard intensief onderzoeken. Daarom, als u een uil ziet of hoort, geef het aan ons door. Op onze website www.nvwk.nl vindt u onder ‘Uilenwerkgroep’ gedetailleerde informatie per uilensoort.
De Waardvogel – juni 2013
9
Welke libellensoorten lieten zich zien in mei
in de Krimpenerwaard?
Sjani van Ophemert Door de extreem lage temperaturen is de natuur ongeveer twee weken later dan normaal. Dat was ook te merken aan de waarnemingen van de libellen in de Krimpenerwaard. Begin mei kwamen toch wel de eerste waarnemingen binnen. Paul Schrijvershof noteerde de eerste viervlek en de eerste variabele waterjuffer. De glassnijder werd waargenomen door Rolf van Beek en Ton de Groot. Ikzelf zag de glassnijder niet, maar wel een achtergelaten huidje. Enkele variabele waterjuffers werden genoteerd in het Loetbos en ook de vuurjuffer in de tuinvijver van Jannie van Herk, zelfs meerdere exemplaren. Er werden viervlekken gemeld die net uitgeslopen waren en de huidjes die ze achterlieten. Dat was het wel zo’n beetje begin mei. In de tweede helft van mei werden veel variabele waterjuffers doorgegeven, en de eerste grote roodoogjuffer door Jannie Monhemius, nog niet geheel op kleur. In het Loetbos noteerde Pieter van Dam een lantaarntje. De vroege glazenmakers waagden het er ook op om toch nog in mei te vliegen, ook in het Loetbos. En op de valreep gaven Jannie Monhemius en Ton de Groot op 31 mei toch de gewone oeverlibel en een platbuik in het Loetbos door. Ook werd een vuurjuffer in het Loetbos geschreven, de eerste daar, en nog een in de vijver in de Steenbakkersstraat in Krimpen aan den IJssel waar er vorig jaar ook een paar rondvlogen. Vorig seizoen zag ik er eentje in het Stormpoldervloedbos. Leuk dat de vuurjuffer zich op steeds meer plaatsen laat zien. Het begon in de Heemtuin in Krimpen aan den IJssel; volgens insiders is hij meegekomen met de waterplanten die daar zijn geplaatst. (Als dat niet klopt hoor ik het graag.) De laatste jaren is hij opvallend veel te zien in de Platbuik, foto: Peter de Mooij tuinvijvers in de Krimpenerwaard, zoals hierboven vermeld. De vuurjuffer is een van de vroegste libellen die als larve overwintert. In Nederland is het een algemene soort, vooral op zandgronden en in laagveengebieden. De vuurjuffer is een forse rode juffer met zwarte poten. Dit is een kenmerk waardoor je hem niet verwart met de er veel op lijkende koraaljuffer, die oranje poten heeft. Deze koraaljuffer wordt niet bij ons in de Krimpenerwaard waargenomen, maar in Drenthe, Overijssel, Brabant en Limburg. De vuurjuffer heeft een rode of gele schouderstreep. De grootste aantallen vliegen in mei en juni. Wij wachten af of er in juni nog meer waarnemingen binnenkomen. De zwarte figuren op het achterlijf laten zien dat de juffer op de foto hiernaast een mannetje is. Het vrouwtje heeft dat niet, haar achterlijf is meer egaal zwart. Misschien is het leuk om in uw vakantie te kijken of er bijzondere libellen te zien zijn en uw foto (met een begeleidend artikeltje, red.) op te sturen naar de redaktie van de Waardvogel. Mannetje van de vuurjuffer, foto: Sjani van Ophemert
10
De Waardvogel – juni 2013
De eerste libellenexcursie,
in het Loetbos
Wim des Bouvrie De weersvooruitzichten voor zaterdag 25 mei waren erg slecht om libellen te zien, want libellen houden van de zon. Bij mij heerste ernstige twijfel, maar ik ben toch op pad gegaan. Bij de Hendrikshoeve aangekomen waren er nog acht belangstellenden. Het weer was droog en de zon scheen. De vooruitzichten werden zeer bemoedigend. Een verkenningsgroep had vooral de variabele waterjuffers gespot. De start was bij de libellenpoel. Daar aangekomen begroette de spotvogel ons; een zeer verrassend welkom. Wat ons ook verbaasde waren de grote hoeveelheden mannetjes oranjetip, die, tot grote vreugde van Jannie, achter de vrouwtjes aangingen. Jannie heeft eindelijk haar foto van een vrouwtje oranjetip kunnen maken. Langs de waterkant waren de variabele waterjuffers rijkelijk aanwezig. De meeste waren nog niet volgroeid: de metaalachtige blauwe kleur ontbrak nog. We hebben wat opengebarsten poppen gezien. Een paar viervlekken lieten zich mooi fotograferen en een enkele vroege glazenmaker was in vrije vlucht te bewonderen. De grote ontdekking was de vuurjuffer. Dit maakte onze excursie meer dan goed. Buiten de libellen ging ook de aandacht naar de andere insecten, waarvan de distelbok de meest opmerkelijke was.
Foto’s boven: Wim des Bouvrie Oranjetipje, illustratie: commons.wikimedia.org Onder links viervlek; rechts variabele waterjuffer; foto’s: Peter de Mooij
De Waardvogel – juni 2013
11
Even activeren Erik Kleyheeg Hoewel we nauwelijks het gevoel hebben gehad dat het voorjaar ooit is begonnen, begint het nu alweer ten einde te lopen. Nog even en de dagen worden alweer korter. Dat betekent dat veel vogels zich weer opmaken voor de reis naar het zuiden, samen met hun jongen. We proberen daar de komende maanden weer volop van te genieten! Zoeken naar de patrijs Tijdens het jaar van de patrijs doen we in de Krimpenerwaard extra ons best om erachter te komen hoe het is gesteld met de populatie van de patrijs. Wilt u meehelpen om patrijzen te vinden? In de Waardvogel van december 2012 vindt u meer informatie over de telperiode en telmethoden die door SOVON zijn vastgesteld. Voor meer informatie kunt u ook kijken op www.jaarvandepatrijs.nl. Avondwandeling Krimpenerhout op 26 juni Op woensdag 26 juni, kort na de langste dag, doen we een gezellige avondwandeling door het Krimpenerhout. Het zal miegelen van de jonge vogeltjes en misschien komen zelfs de eerste steltlopers alweer overvliegen richting het zuiden. In een rustig tempo zullen we alle vogels bekijken die we tegenkomen. We verzamelen om 20.00 uur op de parkeerplaats bij de Surfplas Krimpen. Vogelplas Starrevaart 17 augustus Bij Leidschendam ligt de Vogelplas Starrevaart die is aangelegd als natuurcompensatie voor de aanleg van de A4. Door variatie in diepte, een mooie slikplaat, een schelpeneilandje en een mooie rietkraag is dit een echte trekpleister voor vogels. In augustus kunnen we een grote verscheidenheid aan steltlopers verwachten en het zal er druk zijn met jonge vogels. De wandeling rond de plas duurt ongeveer twee uur. We verzamelen om 08.00 uur bij de Stolp-Inn in Stolwijk. Euro Birdwatch 5 oktober Zoals elk jaar worden op trektelpost ‘De Hoekse Sluis’ overvliegende trekvogels geteld tijdens de Euro Birdwatch. Vanaf 08.00 uur hopen we vele vinken, veldleeuweriken en lijsterachtigen te kunnen tellen en natuurlijk verwachten we altijd wel wat bijzonders! De trektelpost ligt op de Lekdijk tussen Bergambacht en Lekkerkerk bij gemaal ‘Krimpenerwaard’.
Bron illustratie: www.walkstool.com
Donkse Laagten 30 november Komt u ook mee naar de Alblasserwaard voor het ‘Ganzenspektakel in de Donkse Laagten’? Harm Blom verzorgt namens Staatsbosbeheer een ochtendvullend programma vanaf 09.30 uur bij het Staatsbosbeheer kantoor te Donkseweg 2a in Brandwijk. Na ontvangst krijgt u in een kleine lezing alles te horen over de Donkse Laagten, waarna u wordt rondgeleid door het gebied, wat bekend staat om zijn enorme aantallen ganzen. We kunnen er ook bijzonderheden verwachten zoals blauwe kiekendief en ruigpootbuizerd. Terug bij het kantoor wordt de ochtend afgesloten met een kopje koffie. Zelf een excursie leiden? Kent u een leuk natuurgebiedje waar u graag naar vogels kijkt en lijkt het u leuk deze plek aan anderen te laten zien, dan kunt u natuurlijk ook zelf een excursie geven. Als u op tijd contact opneemt met Erik Kleyheeg (xxxxxxxxxx@xxxx.xx) wordt de organisatie van de excursie voor u geregeld en wordt de excursie in de Waardvogel aangekondigd.
Wij verwelkomen de nieuwe leden: In verband met privacyoverwegingen zijn de gegevens op deze plaats verwijderd. Wij vragen uw begrip.
12
De Waardvogel – juni 2013
De atalanta Gabrielle Heuvelman De atalanta of admiraalvlinder is een talrijke vlinder, die dit jaar nog maar weinig is waar genomen. Dit kopte een tweet die ik op 28 mei kreeg van de Vlinderstichting. Bij ons in de Krimpenerwaard waren er op dat moment ook nog maar 4 geregistreerde waarnemingen tegenover 19 in 2012 en 36 in 2011, in de zelfde periode. Is er een aanwijsbare reden? Deze trekvlinder wordt in Nederland normaliter tussen april en november waargenomen. Atalanta’s trekken vanuit Zuid-Europa trekken ieder jaar in een paar generaties richting het noorden. Ze brengen hier in de zomer een nieuwe generatie voort. Veel van deze tweede generatie vlinders vertrekken bij gunstige noordenwind in de herfst in enkele weken weer richting het zuiden waar ze in alle stadia kunnen overwinteren. De reden dat er nog niet veel zijn gezien kan te maken hebben met o.a. het slechtere weer in Zuid-Europa. Vlinders hebben immers warmte nodig om te kunnen vliegen. Ze zijn koudbloedig en kunnen pas vliegen als hun lichaamstemperatuur tenminste 20ºC is, maar 30ºC is idealer.
Vlinder atalanta; foto: Adri de Groot
De waardplant is de brandnetel waarop de eitjes een voor een worden afgezet. Mannetjes voeden zich overdag en verdedigen van de late middag tot de vroege avond een territorium. Iedere dag bezetten ze een ander gebied, waarvan de grenzen door patrouillevluchten worden afgebakend. Er zijn meestal één of twee zonnige rustplekken per territorium. Andere dieren worden tot de grens van het territorium achtervolgd, andere mannetjes worden met een opwaartse spiraalvlucht verjaagd. Zoals gezegd trekt in het najaar een deel van de vlinders weer naar het zuiden, een deel probeert hier te overwinteren. Van beide groepen sterft het merendeel nog voordat ze zich hebben voortgeplant. Veel trekkende vlinders overleven de tocht over de Pyreneeën niet, en de noordelijker overwinterende vlinders sterven veelal van de kou. De pop van de atalanta is mede verantwoordelijk voor de naam. De naam is ontleend aan de wetenschappelijke naam Vanessa atalanta, die betrekking heeft op Atalante, de prinses uit de Griekse mythologie, die beroemd was om haar vlugheid en kracht. De begeerte naar goud werd haar noodlottig. De gouden vlekken op de pop zouden daaraan herinneren.
Pop atalanta; foto: marleenbaltus.nl
De vlinders zoeken geregeld voedsel (nectar) op bijvoorbeeld bloeiend koninginnekruid, klimop, distels en vlinderstruiken. Vooral in het najaar komen ze ook af op rottend fruit en sap van bloedende bomen. De dichtheid is hoog, zo´n 10 tot 34 vlinders per hectare. Soms kunnen grote aantallen atalanta´s bij elkaar worden gezien, bijvoorbeeld op plaatsen waar veel koninginnekruid groeit. Andere plaatsen waar in het najaar grotere aantallen atalanta´s kunnen vliegen, zijn nabij een zonnige muur of bij een klimop die in de volle zon bloeit.
Vlinder atalanta; foto: Sjani van Ophemert
De Waardvogel – juni 2013
13
$'0,1,675$7,(.$17225 9(5:$$/ /,' 12$%
Uw kaas van Toos en Klaas, Ouderkerk a/d IJssel, 0180-682019
We staan op de weekmarkten: Dinsdag : Krimpen a/d IJssel Woensdag : Schoonhoven Donderdag : Capelle a/d IJssel Vrijdag : IJsselstein
SNACKBAR GRAAFLAND Uw adres voor Patat, div. snacks, belegde broodjes, ijs, sorbets, slushpuppies, milkshakes Ook verzorgen wij mooie vis- en huzarensalades!!! Weteringsingel 2, hoek Waalstraat Krimpen a/d IJssel tel. 0180 513466
9RRU DO XZ
‡ %RHNKRXG]DNHQ ‡ %HODVWLQJDGYLH]HQ ‡ %HODVWLQJDDQJLIWHQ ‡ /RRQDGPLQLVWUDWLH
‡ 9ULMEOLMYHQG YRRU DOOH LQOLFKWLQJHQ
‡ 2RN YRRU SULYp DDQJLIWHQ JHYHQ ZLM JUDDJ DGYLHV
2RVWHLQGH +RI WHU %HUJHQ H PDLO YHUZDDO#SODQHW QO
groepsre izen • crui ses • fotor eizen • indiv
iduele reize n
$+ %HUNHQZRXGH WHO '5 %HUJDPEDFKW WHO ID[
VRAAG NU DE REISGIDS 2013 AAN !
50 GROEP SREIZEN 21 CRUIS • 10 FOT ES • 6 BIN NENLAND OREIZEN Een greep uit ons aanbod t/m december 2013: SE WEEKENDE Vog el- en nat uur reiz
Reisgid
en naa r wer eld wij
s 2013
de bes tem min
gen
N
GROEPSREIZEN NEDERLAND Texel Schiermonnikoog
DAGEN PRIJS 3 315 3 315
VERTREK 30 aug 13 18 okt 13
GROEPSREIZEN BUITENLAND Costa Rica Kenia Zuid-Turkije en Bruine Visuil Brazilië Amerika, vogels in Arizona Georgië - roofvogelspektakel Batumi Galapagos en Ecuador Zuid-Spanje, Tarifa en Coto Donana Bulgarije Peru Lesbos Zweden, Falsterbo Oman Namibië Spanje, Pyreneeën Madagaskar India, vogels en Tijgers Gambia Kenia en Tanzania Colombia Zuid-Portugal
17 16 11 16 11 10 18 8 7 21 8 8 10 14 7 16 16 15 16 19 8
3545 3995 1650 4195 2595 1650 7295 1395 1295 4995 1395 1095 2745 3795 1395 4195 2895 2295 4395 5295 1295
21 juli 13 24 juli 13 31 juli 13 29 aug 13 29 aug 13 30 aug 13 4 sept 13 8 sept 13 9 sept 13 10 sept 13 13 sept 13 8 okt 13 28 okt 13 4 nov 13 6 nov 13 14 nov 13 22 nov 13 27 nov 13 2 dec 13 2 dec 13 13 dec 13
FOTOREIZEN Brazilië India
14 16
3695 2795
11 sept 13 3 dec 13
8 14 12
va 2750 va 5915 va 5625
5 data in juni/juli 21 juni 13 4 sept 13
23 19 8
va 8650 va 7750 va 1480
1 nov 13 14 nov 13 29 nov 13
CRUISES Spitsbergen Kamtsjatka, Commandeur eil. en Bering Zee Kamtsjatka, Commandeur eil. en Bering Zee Falklands, South Georgia, Antarctisch Schiereiland Birding Down Under Lofoten, Noorwegen - Noorderlicht
Meer informatie: www.birdingbreaks.nl T ( 020) 779 20 30 E info@birdingbreaks.nl groepsreizen • cruises • fotoreizen • individuele reizen
Boerderijwinkel voor: Fam. Van Drunen * Vlees (pakketten) Gouderakse Tiendweg 99 * Boerenkaas 2831 KA Gouderak * Ambachtelijke producten Tel.: 0182-521646 Email: Henk.van.Drunen@deveerstalhoeve.nl Openingstijden: op dinsdag / woensdag en vrijdag van 14.00 tot 18.00 uur en op zaterdag van 09.00 tot 15.00 uur. In onze boerderijwinkel verkopen we vlees van eigen gefokt vee. De kalfjes die bij ons komen hebben het 1e halve levensjaar bij hun moeder gelopen. Daarna lopen de dieren ‘s zomers in het weiland. Voor de weilanden zijn overeenkomsten gesloten met de landelijke overheid voor botanisch- en weidevogelbeheer. Door dit beheer ontstaat een gevarieerd grasland. ‘s Winters lopen de dieren los in de stal, waar ze alleen eigen gewonnen kuilgras krijgen. Zo groeien ze op een natuurlijke wijze tot ze groot genoeg zijn om te slachten.
BIG BIRDING DAY 2013 BBD-verslag van de Nachtegalen Patrick Heuvelman Wij waren een team wat bestond uit drie debutanten en een oude rot, die de vorige editie had overgeslagen. We hadden onszelf geen hoge verwachtingen opgelegd, maar gingen meer voor een leuke dag met liefst leuke en bijzondere soorten voor de Krimpenerwaard. De start was veelbelovend. De bos- en de ransuil hadden we binnen één minuut na de start. We hadden bedacht eerst de zangvogels in het EZH-bos te scoren en dan naar de Lek-gebieden te gaan i.v.m. het vroege lage water. Het eerste uur hadden we 20 soorten in het EZH-bos, het volgende half uur 15 soorten, nog steeds in het EZH-bos. Daarna reden we door naar de Surfplas en Krimpenerhout en noteerden 18 soorten, waaronder een sprinkhaanzanger, een blauwborst en een mooie koekoek in het zicht. Op naar het Stormpoldervloedbos, het was daar erg rustig. We liepen een halfuur rond en vonden maar 6 soorten. De vaart was er uit! En we hadden GEEN nachtegaal!!!!! We gingen snel door naar het bedrijventerrein Stormpolder, daar zou de gekraagde roodstaart zich ophouden. Tijdens het rijden, met de ramen open, hoorden we duidelijk een roep van een zwarte roodstaart. Het was gelijk voet op de rem en kijken: ja hoor, daar zat hij op de punt van een loods, luid roepend. We reden even verder naar de hoek bij het gevang. Na kort turen liet de gekraagde roodstaart zich mooi zien op de reling van een balkon. Prima, even koffie en een broodje genuttigd en snel weer verder. In de tussentijd hadden we nog wel een torenvalk en stadsduif erbij. Vervolgens gingen we naar de Zaag; daar telden we 4 soorten waar onder een kleine karekiet, maar we waren wel weer 45 minuten verder. Het was over elf uur en we hadden 72 soorten! Maar de trend van het Stormpoldervloedbos zette door. De rijafstanden naar de overige gebieden werden langer. Via de Lekdijk reden we richting Schoonhoven. We gingen lunchen bij Arie
thuis, waar soep op ons stond te wachten. Voor de lunch scoorden we nog 13 soorten. Met 85 soorten en een volle buik gingen we weer op pad via de Bilwijkerweg en Stolwijk naar de Graafkade, Berkenwoude. Daar waren eindelijk de zwarte stern, een overvliegende purperreiger en een tapuit bij een baggerdepot. Snel richting Lageweg, wellicht liep er wat op en strandje van de Schanspolder. Gelukkig, om tien over drie konden we de kluten en een kleine plevier en even later ook nog een rouwkwikstaart bijschrijven. 86 soorten: dat viel tegen. Via Berkenwoude waar we nog een holenduif scoorden, reden we naar het laatste gebied. Polder Den Hoek moest ons over de honderd soorten helpen, maar ook hier was de soortenrijkdom laag, tenminste voor ons team viel het tegen. Met wintertalingen, een wulp een lepelaar en als laatste een zingende veldleeuwerik kwamen wij maar aan 91 soorten, exoten en escapes niet mee geteld. Dat betekende de vierde plaats. Gelukkig was het maar een klein verschil van 3 soorten op de nr. 3 en 2, dat biedt dus perspectief voor volgend jaar!
Verslag BBD 2013 van de Birdwatchers Wim Sloof Zoals voorgaande jaren hebben wij weer meegedaan aan de BBD. Ons team heette de “Birdwatchers” en bestond uit Jannie Monhemius, Mieke Verwaal, Ton de Groot en ikzelf: Wim Sloof. Het beloofde mooi weer te worden en een spannende dag. We waren super-gemotiveerd, omdat dit jaar ook de vijfjaarlijkse RACE wordt gehouden. We hoopten dus op super-waarnemingen, niet alleen voor de BBD maar ook om onze jaarlijst weer aan te vullen. Om 05.00 uur was het dan zover. Met verrekijker en telescoop als kijkhulp en koffie en broodjes in de knapzak mochten we (na een korte uitleg van de spelregels door Erik) los. Zoals alle jaren werd eerst in het Loetbos, vanwaar de BBD begon, geprobeerd de bosuil te scoren. We speelden zijn en haar roepjes af met
onze Ipod en/of smartphones, maar ze lieten zich niet horen. We wilden er niet te veel tijd aan besteden, dus vertrokken we snel richting het EZH-bos. Nog in het donker hoorden we daar onze eerste soorten zoals merel, zanglijster en roodborst. Van ver riep een kraai en een wilde eend kwaakte lui de slaap uit zijn veren. Langzaam De Waardvogel – juni 2013
15
maar zeker werd de hemel in het oosten lichter en de kakofonie van vogelzang zwol aan tot een orkest met heel veel verschillende instrumenten. Tjiftjaf, braamsluiper en tuinfluiter lieten zich verleiden mee te gaan doen. Ook de koolmees en zwartkop gingen zich er mee bemoeien en een goudvink zat stil naar al dat gezang te luisteren en dook snel weer tussen de struiken toen hij zich bespied voelde. Een koekoek (m’n eerste dit jaar) kwam er maar net bovenuit. Terug naar de parkeerplaats lopend, de zon kwam nu half boven de horizon uit, schoot een watersnip uit de slootkant. Dat was een meevaller. Na vijf kwartier en 28 soorten op de lijst gingen we naar de surfplas aan de overkant van de snelweg. Op het strandje liepen een paar scholeksters en twee visdiefjes. Op de plas troffen we futen en kuifeendjes die rustig dobberend de nieuwe dag verwelkomden. We zagen blauwe reiger en knobbelzwaan. Onze lijst groeide langzaam maar zeker. De steltlopertjes, waarop we hadden gehoopt, waren er vandaag niet. Dus door naar de IJsseldijk waar we het opnieuw wilden proberen. Onderweg langs de Berkenwoudse boezem vloog een purperreiger uit het riet en een paar zwarte sterns vlogen over de weilanden. Grutto en tureluur liepen in het gras. Een paar kneuen vlogen van een pas omgeploegd perceel op en een witte kwikstaart hield ons nieuwsgierig in de gaten. Een buizerd op een hek overzag de omgeving. In de bomen riepen vinken en putters. Een late kramsvogel keek verschrikt op toen hij merkte dat hij ontdekt was en een waterhoentje dacht ongezien weg te sluipen, maar we hadden hem al gezien. Op de dijk bij de Lageweg vloog een gaai met zijn witte stuit tussen de lage dijkhuisjes weg en enkele kauwtjes vlogen de polder in. Het strandje bij het buitendijks natuurgebiedje was uitgestorven: helemaal niets. Een kokmeeuwtje stond aan de overkant maar verder leverde dit gebiedje geen nieuwe soorten. Verder langs de IJssel richting Krimpen ontdekten we een Pontische meeuw en een paartje Turkse tortels zat in de vroege ochtendzon. Twee kluten liepen bij Hitland op het slik. De oeverzwaluwen, die hier elk jaar broeden, waren verstoord en vertrokken. Dat was een tegenvaller, want het is geen makkelijke soort om te vinden als je niet de goede plekjes weet. Via Krimpen a/d IJssel naar het industrieterrein Stormpolder om de daar bekende zwarte roodstaart en zijn broertje/zusje de gekraagde roodstaart te scoren. Die lieten zich gelukkig snel zien, dus reden we door naar het vloedbos. Boomklever, matkop, twee opvliegende oeverlopers, rietgors en kleine karekiet konden worden bijgeschreven. Het was nu 09.00 uur en op de lijst stonden al 73 soorten. Toch misten we nog wel enkele “must have” soorten zoals torenvalk, groene specht, wulp en ook het steenuiltje wilden we toch wel heel graag hebben. Via de Lekdijk richting Schoonhoven passeerden we enkele gebiedjes waar we nog mooie soorten wilden zien. Een sperwer vloog over de dijk en bij de Bakkerskil zagen we bergeenden en wintertalingen. Een lepelaar kwam aanvliegen, lepelde even naar wat te eten en was even later al weer verdwenen. We moesten even de dijk verlaten om in het Weteringbos nog wat soorten te zoeken die we daar bijna zeker wisten. De nachtegaal was geen probleem. Al heel snel hoorden we zijn
16
De Waardvogel – juni 2013
karakteristieke en heldere zang, maar de sprinkhaanzanger wilde niet meewerken en liet zich niet horen. Het ging nu niet hard meer met de soorten. Terug op de Lekdijk zagen we onze eerste bruine kiekendief rustig boven het riet jagen en een havik liet zich overvliegend mooi bekijken. Onderweg op de Wetering Oost zagen we een tapuit en bij het Helofytenfilter eindelijk een veldleeuwerik jubelend boven de steeds groener wordende polders. Bij natuurontwikkelingsgebied Opperduit genoten we nog van de Cetti’s zanger. Verder hadden we daar geen hoop op nieuws, omdat enkele kinderen er de rust verstoorden. Twee huiszwaluwen boven de dijk brachten de teller op 86 soorten. Het was al twaalf uur geweest nu en er waren nog wel een paar soorten die, om een beetje mee te tellen in de race, gezien moesten worden. De roeken scoorden we bij Bergambacht en een blauwborst zagen we bij Zanen en Verstoep. Schoonhoven en de Vlist leverden geen nieuws meer. Steenuil en ransuil wilden zich niet laten zien, dus toen maar door naar het kijkscherm bij het Beijersewegje, waar we gelukkig nog twee groenpootruiters ontdekten. De grote zilverreiger vonden we in polder Middelblok en eindelijk (het was nu kwart over drie) een torenvalk langs de Tiendweg. De zomertaling, waar we ongeveer honderd sloten voor hebben ingekeken, vonden we gelukkig vlak bij Schaapjeszijde. Jannie wist in het dorp Berkenwoude een plek waar de ransuil zich ophoudt en ook nu zat hij tussen de takken verborgen. Het was 15.45 uur en met nog vijf kwartier op de klok gingen we terug naar polder Den Hoek om de nog ontbrekende soorten te gaan zoeken. Gele kwikstaart, paapje, bosruiter, kleine plevier, waterral, wulp, kemphaan, steenuil, groene specht, krooneend; het mocht niet baten. Ze wilden zich niet meer aan ons vertonen. Een heel frappant feit is dat we in krap vijf uur tijd 80 soorten telden en daarna zeven uur nodig hadden om de resterende 13 soorten te zien. Enkele minuten voor vijf uur reden we de parkeerplaats van restaurant ‘De Loet’ op. Na een lange dag met mooi weer en met uiteindelijk 93 soorten op de teller hadden we weer een BBD beleefd. Op het terras met de andere teams, genietend van een lekker koel drankje (biertje), werden nog even de resultaten besproken voordat we weer naar huis gingen. Erik bedankt voor de organisatie en de NVWK bedankt voor de consumpties. Het was een gezellige dag en voor herhaling vatbaar!
De Koekoekloerders op dreef Arie Ros Zaterdag 4 mei 2013, 04.00 uur: met een irritant geluid gaat mijn mobiel/wekker af. Ik had de vorige avond nog tot een uur of twaalf doorgewerkt, dus om nu te zeggen dat ik lekker uitgerust was, nee, niet echt. Ik zucht en probeer me te herinneren waarom de wekker ook alweer gaat. Oh ja, het is de Big Day! Met een bewonderenswaardige zelfdiscipline gooi ik mezelf het bed uit en sluip naar beneden. Alles staat klaar. Alleen nog koffie zetten en wat eten naar binnen werken, en dan kunnen we van start. Om tien over half vijf staat Pieter voor de deur en kunnen we op pad. Bij ‘De Loet’ aangekomen zien we gelukkig onze andere twee teamgenoten. We hebben dit jaar een bijzondere samenstelling. Onze harde kern van Pieter, Gijsbert en Arie is nu versterkt met Harm. De drie teamgenoten die hij vorig jaar had zijn geen van allen in de gelegenheid om dit jaar mee te doen. Wij zijn ook de beroerdste niet, dus hebben we hem liefdevol in ons team opgenomen. Zal het ‘Harm-effect’ werken? Na een gezellige tien minuten met onder andere veel kwinkslagen met oude bekenden, kennismaking met nieuwe deelnemers en de gebruikelijke instructies van Erik worden we om 05.00 uur precies ‘afgeschoten’. Wij willen traditiegetrouw eerst even het Loetbos inlopen om een roepende bosuil te scoren. Dat is ons al enkele jaren achtereen gelukt. Maar na ongeveer 100 meter staan we bijna gelijktijdig stil. “Horen jullie dat?” “Een roepende ransuil!” “Maar waar komt het geluid vandaan?” “Achter ons!” “Maar daar komen we toch net vandaan?” En inderdaad, we lopen terug naar de parkeerplaats en daar zit, ongeveer loodrecht boven de plek waar we tien minuten geleden met vier teams toch wel een beetje luidruchtig stonden te zijn, een mannetje ransuil te roepen. Die was natuurlijk blij dat we vertrokken! Intussen noteren we ‘gewone’ soorten zoals zanglijster, roodborst, wilde eend en merel. Een bosuil laat zich hier echter niet horen. Daarom snel in de auto en op naar Plan B: de omgeving van de kerk van Berkenwoude. Daar aangekomen horen we diverse vogels, maar geen bosuil. Er komt wel een groep van ongeveer 60 brandganzen overvliegen. Ze zijn in de ochtendschemer nog beter te horen dan te zien. Later op deze dag zullen we nog diverse grote groepen brandganzen over zien vliegen. Maar de tijd dringt. Als de bosuil hier niet roept, moeten we Plan C in werking stellen, en wel heel snel. Dat is de Graafkade, waar we dan ook met gezwinde spoed naar toe rijden. Aan het einde van de kade staan we stil en proberen we De tijd dringt. Als de geluiden om ons de bosuil hier niet heen zo goed mogelijk roept, moeten we in ons op te nemen. Er plan C in werking beginnen steeds meer zangvogels te zingen en stellen. we horen en zien ook de karakteristieke soorten voor deze plek, zoals zwarte stern, slobeend en purperreiger. Na enkele minuten besluiten we het geluid van een roepende bosuil maar weer eens af te spelen. Het is al bijna helemaal licht, dus geloven we er niet echt meer in. Maar dan klinkt uit de verte opeens het antwoord van een mannetje bosuil. Ja: succes is een keuze! We lopen terug naar de auto met ongeveer 30 soorten op zak, waaronder twee uilen.
Het kon slechter! De volgende locatie is de Nesse Tiendweg, dit jaar de enige redelijk betrouwbare plek voor zomertalingen. Gijsbert rijdt stapvoets, terwijl de andere drie links en rechts ieder slootje inspecteren. Er komen diverse soorten bij, maar steeds niet de gezochte taling. Een mooie bijvangst zijn wel de drie wulpen die in het weiland lopen, evenals een fraai mannetje tapuit. Dan, als we bijna aan het einde van de Tiendweg zijn, vliegen er twee mannetjes zomertaling op. Een zucht van verlichting gaat door onze gelederen. Opgelucht rijden we naar het buitendijkse terrein, waar de Lageweg uitkomt op de IJsseldijk Noord. Vorig jaar hadden we hier twee Temmincks strandlopers, dus wie weet? Maar nee, die zitten er nu niet. Wel een kleine plevier en enkele onvolwassen grote mantelmeeuwen. Terwijl we weer naar de auto lopen vliegt er een grote zilverreiger over onze hoofden de Krimpenerwaard uit. Een mooie bonus, zou achteraf blijken, want het is de enige die we deze dag zien. We vertrekken in zuidelijke richting over de dijk. De eerstvolgende stop is ter hoogte van Hitland, want hier waren in de afgelopen week kluten gezien. En ja hoor, die lopen er nu ook. Net als we weer verder willen gaan, roept Harm: “Wacht even, hoor ik daar een snor?” En warempel, aan de overkant van de rivier zit een snor te zingen! En die mogen we ook op de lijst zetten, want alles wat je vanuit de Krimpenerwaard hoort of ziet is telbaar. Inmiddels 61 soorten rijk rijden we naar de Surfplas voor een wandeling langs de plas en in het Krimpenerhout. Bij de plas incasseren we weer een bonus; nu in de vorm van De Waardvogel – juni 2013
17
‘d de Wielewaal’ NATUURMUSEUM
& KLOMPENWINKEL
“Bewonder de natuur van Het Groene Hart in een schilderachtige omgeving tussen Lek en IJssel”
Het museum is geopend van dinsdag t/m zaterdag van 10:00 tot 17:00 uur, van maart t/m oktober. Groepen zijn op afspraak het hele jaar mogelijk. De klompenwinkel is het hele jaar open van dinsdag t/m zaterdag van 10:00 tot 17:00 uur.
Tiendweg 26 3411 NB Willige Langerak, Lopik Tel: 0182Ͳ384454
www.museumdewielewaal.nl
Mooi aanbod tweedehands natuurboeken. Ook ruime sortering andere boeken.
In- en verkoop. Wij staan op de boekenmarkt in Krimpen aan den IJssel. André en Annie Bloot a.bloot@planet.nl
Kijk voor ons actuele occasionaanbod op WWW.AUTOBEDRIJFDEWAAL.NL
Middelblok 202 - Gouderak - (0182) 37 26 23
Aannemersbedrijf
Maaijen & Zn BEIJERSCHEWEG 73 2821 NE STOLWIJK TEL 0182 514486
Verbouw, onderhoud, nieuwbouw, reparatie, restauratie. Ontwerp en tekenwerk.
Al meer dan 75 jaar een kleine aannemer van FORMAAT Ook zijn wij een erkend leerbedrijf. E-mail : abe@maaijen.nl
web: www.maaijen.nl
De Groenling Voor gezond en bewust leven
INEKE’S MODE
Workshops Aannemersbedrijf
Lezingen Voedingsadvies
BEIJERSCHEWEG 73 Arike Mijnlieff 2821Voedingstherapeut NE STOLWIJK 208 TEL IJsseldijk 0182 514486 2924 AX Krimpen a/d IJssel
erbouw, onderhoud, nieuwbouw, 06 - 25 524 787 reparatie, restauratie. info@degroenling.net Ontwerp enwww.degroenling.net tekenwerk.
Al meer dan 75 jaar een kleine aannemer van FORMAAT Ook zijn wij een erkend leerbedrijf.
Vo o r d e v r o u w m e t s t i j l Bermweg 55-57 - Capelle-Schenkel - tel. 010 - 451 05 05
een overvliegende lepelaar. Ondanks het feit dat we als ‘Koekoekloerders’ te boek staan, krijgen we de koekoek alleen te horen. Maar het devies is: horen is scoren! Op de akkers achter de plas lopen helaas geen gele kwikstaarten. Die zijn dit jaar overal in de waard schaars, dus dat zal vandaag ook niet meevallen. In het Krimpenerhout voegen we de nodige zangvogels aan onze lijst toe, waaronder blauwborst en nachtegaal. Deze laatste laat zich niet alleen horen, maar ook buitengewoon fraai zien. Alleen sprinkhaanzanger, braamsluiper, matkop en groene specht werken hier niet mee; die moeten we dan maar op een andere plek inkoppen. Met 78 soorten op de lijst vervolgen we onze reis naar het Stormpoldervloedbos. Boven het bos horen we plotseling de roep van een zwartkopmeeuw. Even later kunnen we zien waar dat geluid vandaan kwam: twee schitterende adulte exemplaren. Er zit een gekraagde roodstaart te zingen, en vanaf het aangrenzende industrieterrein horen we ook een zwarte roodstaart. In het bos laat de bekende boomklever zich mooi horen en zien. Alleen zijn ook hier matkop en groene specht niet van de partij. We kijken nog even aan de andere kant van de Stormpolder. Hier is het mannetje gekraagde roodstaart, dat hier al enige tijd verblijft, prachtig te zien. We gaan door naar de Zaag. Bij de uitlaat van de waterzuivering zien drie van de vier teamleden een felblauwe flits omhoogvliegen en meteen in de rietkraag verdwijnen. Een ijsvogel! Dat is boffen, want negen van de tien keer dat je hier voorbij komt is die niet te zien. De Cetti’s zanger werkt hier ook mooi mee; met zijn knalharde zang is hij niet te missen. Wel te missen zijn nog steeds matkop en groene specht. Dat zal ons aan het einde van de dag toch niet gaan opbreken? We rijden via de Bakkerswaal (alleen een boomkruiper erbij) naar polder Schuwagt. Hier zien we boven de weilanden een huiszwaluw; ook van deze soort de enige die we de hele dag zullen zien. De steenuil laat zich hier helaas niet verschalken. We lopen bij ‘t Smalle Kampje het Paddenpad in, omdat Pieter hier enkele dagen eerder een sprinkhaanzanger heeft gehoord. Het is inmiddels harder gaan waaien, dus of deze vogel vandaag ook nog zingt, is maar de vraag. We spelen enkele keren het geluid af en jawel: daar is hij! Nummer 89 is binnen. Pieter meent ver weg een ‘groene specht-achtig’ geluid te horen. Maar hoe goed we ook luisteren, en hoe graag we het ook willen, een herhaling zit er niet in. Dan maar door naar polder Den Hoek. Daar zien we een zingende veldleeuwerik, een ooievaar en in het Helofytenfilter een kemphaan en wat wintertalingen. Ver weg boven de polder ziet Arie een jagende slechtvalk; dat is ook mooi meegenomen. Er vliegt een gele kwikstaart over, maar we kunnen hem niet goed genoeg zien om vast te kunnen stellen of het een ‘gewone’, een noordse of een Engelse is. Vorig jaar is tijdens de race echter de telregel gehanteerd dat een ongedetermineerde ‘gele kwikstaart spec.’ mag worden geteld. Zie je daarna met zekerheid één van de drie soorten, dan vervalt die waarneming natuurlijk wel. In de hoop dat deze regel ook dit jaar geldt noteren we de kwikstaart als nummer 95 op onze lijst. Na nog een bosruiter te hebben genoteerd en de kolgans te hebben gemist gaan we naar de Kwakels. We hebben nog steeds geen braamsluiper, en hier zou er eentje moeten zitten. Hij zingt niet spontaan, en ook na het afspelen van het geluid komt er geen reactie. Dan
zien we opeens in een struik een mannetje braamsluiper letterlijk onze kant op sluipen! We rijden naar de roekenkolonie van Ammerstol. Daar laten enkele roeken zich gemakkelijk zien. Vervolgens naar de DZH-bakken. In deze omgeving zouden nog enkele kolganzen rondlopen. Na enig zoekwerk zien we er in de polder inderdaad enkele lopen. Aan de buitenzijde van de dijk zit op een krib een grote, onvolwassen meeuw. Na enig getuur hebben we voldoende kenmerken genoteerd om de determinatie van Pontische meeuw rond te hebben. Een mooie nummer 100 op onze lijst! We werken onze administratie door om het strijdplan voor de rest van de middag op te stellen. Van de ‘gewone’ soorten missen we nog havik, boomvalk, steenuil, groene specht, graspieper en matkop. We besluiten naar de Stolwijkse Boezem te gaan omdat matkop hier ‘heel goed te doen is’. Onderweg stoppen we even bij een boomgaard waar wel eens een steenuil wordt gezien. Tot onze grote verrassing zit er inderdaad eentje. Bij de Stolwijkse Boezem zien we een mooi mannetje ‘gewone’ gele kwikstaart. De vorige waarneming van ‘gele kwikstaart spec.’ komt hiermee te vervallen. In het bos van de boezem horen we geen matkop, hoe we ook ons best doen. Wel horen we vanuit het aangrenzende bos een havik roepen. Toch niet voor niets hier naar toe gereden: soort nummer 102. We gaan via de provinciale weg weer naar de zuidkant van de waard. Vlak voor Stolwijk roept Gijsbert plotseling: “boomvalk!” En ja hoor, daar cirkelt er eentje boven de weg. Mooi, zo’n chauffeur die niet alleen maar op de weg let! Bij de Bochtafsnijding aangekomen blijken er weinig vogels te zitten. Tot onze verrassing horen we Vanuit het binnendijks wel een aangrenzende bos groene specht roepen. horen we een Eindelijk! Je kunt je toch havik roepen. niet voorstellen om zonder deze soort bij ‘De Loet’ aan te komen? We rijden de Hoekseweg op en stoppen even bij de Tiendweg. De twee krooneenden die hier enige tijd hebben gezeten, zijn nu onvindbaar. Terwijl drie van ons een sloot staan af te turen zien ze ver weg in hun kijkerbeeld vanuit het niets een watersnip landen en meteen in de begroeiing van de oever verdwijnen. Onverwacht, een mooie soort en nummer 105 op onze lijst. We rijden naar het Helofytenfilter, waar geen nieuwe soorten kunnen worden betrapt. Voor de grap spelen we de zang van een graspieper af en tot onze verbazing vliegt er vanuit het weiland naast het filter een echte graspieper op, die enkele strofen zingt en weer in het gras verdwijnt. Dat is nummer 106. We hebben nog een klein half uur en we besluiten om in het Loetbos een laatste poging te doen een matkop te verschalken. Dat blijkt echter te hoog gegrepen: we zullen het dit jaar zonder deze mees moeten doen. Bij het doornemen van de resultaten van de vier teams blijkt echter dat de 106 soorten die we deze dag hebben waargenomen voldoende zijn voor de overwinning. Een mooie afsluiting van een prachtige dag! Jammer alleen dat we de felbegeerde wisselbeker niet in ontvangst kunnen nemen, omdat deze nog op de schoorsteenmantel staat van een deelnemer die er vorig jaar wel bij was, maar dit jaar niet. We weten hem echter wel te vinden! De Waardvogel – juni 2013
19
BBD volgens de Kijkers uit het Oosten Erik Kleyheeg De gezonde spanning rondom de Big Birding Day maakte het mogelijk dat alle leden van het team ‘Kijkers uit het Oosten’ op zaterdagochtend 4 mei op tijd naast hun bed stonden. Naast de vaste leden Cor Oskam, Morrison Pot en Erik Kleyheeg hadden we dit jaar een geheim wapen: het 12-jarige vogeltalent Sammy Sleeuwenhoek. Om 05.00 uur scherp stonden wij net als de andere drie teams in de startblokken bij Café Restaurant ‘De Loet’ in het Loetbos voor de twaalf uur durende vogelwedstrijd. Direct na het startschot reden we weg van de parkeerplaats: onze eerste fout want luttele seconden later werd daar door twee andere teams een ransuil gehoord. Bij de kerk in Berkenwoude kwam gelukkig snel een bosuil aanvliegen toen Erik het geluid imiteerde. Onderweg naar de Graafkade West werden ook de eerste knobbelzwaan, meerkoet, merel en boerenzwaluw genoteerd. Langs de Graafkade waren volop vogels aanwezig, maar toen we ons realiseerden dat we er eigenlijk waren voor de bosuil (die we al hadden!), besloten we snel naar het Krimpenerhout te gaan voor de betere zangvogels: sprinkhaanzanger en nachtegaal lukten zonder probleem. Inmiddels was er sterke trek van brandganzen losgebarsten en vlogen twee lepelaars over. De omgeving van de Surfplas leverde vervolgens grasmus (de eerste van vele) en enkele graspiepers op, naast enkele algemene zang- en weidevogels. In het Stormpoldervloedbos zochten we vergeefs naar een kleine bonte specht, maar vonden wel twee boomklevers, matkop en zwarte roodstaart. Op het bedrijventerrein vonden we nog twee mooie zwarte roodstaarten, maar ook een gekraagde. De Lekdijk stond voor daarna op het schema, wat ter hoogte van de Zaag een grote mantelmeeuw en een oeverloper opleverde. Bij de ingang van de Zaag vonden we een groepje staartmezen en onze tweede nachtegaal. Een Cetti’s zanger riep één keer, maar werd niet door Bij de telpost iedereen gehoord. Bij de bleek er geen Bakkerswaal riep een veer in de lucht te groene specht, maar de plas leverde niet de zitten. gewenste ijsvogel op. Opperduit bleek een betere stop, want daar hadden we wel allemaal de Cetti’s zanger en daarnaast een groepje regenwulpen en een slechtvalk. De blauwborst wilde niet meewerken en konden we de rest van de dag niet meer vinden. Op de telpost namen we even een koffiepauze, maar er bleek geen veer in de lucht te zitten. We moesten dus maar snel verder naar de Bochtafsnijding, waar we een tweede gekraagde roodstaart hoorden zingen bij Camping ‘De Nes’. Daar zaten ook enkele ringmussen op een voederplaats. Op het slik vond Cor een kleine plevier en op de blokken zat onze eerste tapuit van de dag. Inmiddels waren we alweer halverwege de Big Birding Day en zoals vaak werd het vanaf dat moment sprokkelen. Achter de Kwakels zochten we vergeefs naar een braamsluiper, maar dat leverde wel een paapje op. Bij het Helofytenfilter vonden we vervolgens een aantal
20
De Waardvogel – juni 2013
bosruiters, een veldleeuwerik en een kemphaan. De Koekoekloerders probeerden onze aandacht af te houden van twee overvliegende zwartkopmeeuwen, maar toen de vogels riepen, werden ze toch door ons opgemerkt. Via allerlei omzwervingen, waarbij alleen soorten werden gemist: geen steenuil, ransuil, boomvalk, wulp, zwarte ruiter, blauwborst etc., kwamen we uit bij polder Middelblok waar de grote zilverreiger werd ingetikt. Morrison vond daar ook knap twee zomertalingen in een slootje. Bij het kijkscherm langs het Beijersewegje stapten twee groenpootruiters rond in de plasjes. Vanaf dat moment hadden we nog twee uur om af te rekenen met onze grootste schaamsoort van de dag: de roodborst. Via een route langs kansrijke plekken voor oeverzwaluw, blauwborst, boomvalk en steenuil kwamen we om 16.30 uur aan in het Loetbos, waar we na 50 meter één strofe van de zang van een roodborst hoorden. Hoewel we ons realiseerden dat de score lager uit was gevallen dan vooraf gehoopt, werd er toch even gejuicht. Een kwartiertje op een bankje in de zon deed ons goed en om 17.00 uur hoorden we van het winnende team dat we inderdaad stevig geklopt waren. Desondanks hebben we weer een leuke dag gehad en Sammy kon met een prachtige lijst met nieuwe soorten naar huis!
Soortenlijst van de teams tijdens de BBD 2013 BBD 2013 fuut aalscholver grote zilverreiger blauwe reiger purperreiger ooievaar zwarte ooievaar lepelaar knobbelzwaan kolgans grauwe gans grote Canadese gans brandgans bergeend wilde eend krakeend slobeend smient wintertaling zomertaling kuifeend eider bruine kiekendief buizerd sperwer havik torenvalk boomvalk slechtvalk waterhoen meerkoet scholekster kluut kleine plevier kievit bosruiter oeverloper tureluur groenpootruiter
Ki X X X X X X
Bi X X X X X X
Na X X X X X X
Ko X X X X X X
X X
X X X X X X X X X X X X X X
X X
X X X X X X X X X X X X X X
X X X X X
X X X
X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X
X X X X X X X X
X X X X X X X X X X
X
X X X X X X X X
X X X X X X X X X X X X X X X X X
BBD 2013 grutto wulp regenwulp watersnip kemphaan kokmeeuw stormmeeuw zwartkopmeeuw zilvermeeuw Pontische meeuw kleine mantelmeeuw grote mantelmeeuw visdief zwarte stern holenduif houtduif Turkse tortel koekoek bosuil ransuil steenuil gierzwaluw ijsvogel groene specht grote bonte specht veldleeuwerik oeverzwaluw boerenzwaluw huiszwaluw graspieper boompieper witte kwikstaart rouwkwikstaart gele kwikstaart winterkoning heggenmus roodborst nachtegaal blauwborst
Ki X
Bi X
Na X X
Ko X X
X X X X X X X
X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X
X X
X X
X X X
X X X
X X X X X X X
X X X X X X X X
X
X
X
X X X
X X
X X X
X X X
X X
X X
X X X
X
X
X X
X
X X X X
X X X X X
X X X
X X X X X X X X X
X
X X X X X X
BBD 2013 gekraagde roodstaart zwarte roodstaart tapuit paapje zanglijster kramsvogel merel tuinfluiter zwartkop braamsluiper grasmus rietzanger sprinkhaanzanger snor Cetti's zanger kleine karekiet fitis tjiftjaf koolmees pimpelmees matkop staartmees boomklever boomkruiper ekster gaai kauw roek zwarte kraai spreeuw huismus ringmus vink kneu putter groenling goudvink rietgors
Ki X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X 95
Bi X X X
Na X X X
Ko X X X
X X X X X X X X
X
X
X X X X X X X
X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X 93
X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X X
X X X X X X X X X X X X X X
X 91
X X X X X X X X X X X X X X X X 106
Ki: de Kijkers uit het oosten, Bi: de Birdwatchers, Na: de Nachtegalen, Ko: de Koekoekloerders
Gasunie bouwt in Krimpenerwaard Joke Colijn Op 21 mei kwam op het secretariaat van de NVWK een e-mail binnen van de heer Van Veen, medewerker grondzaken bij de Gasunie. Hij wilde i.v.m. de aanleg van de aardgastransportleiding door de Krimpenerwaard graag een afspraak met ons plannen om kennis te maken en e.e.a. door te nemen wat betreft de werkzaamheden, maatregelen Flora- en faunawet e.d. Patrick Heuvelman nam het voortouw en maakte een afspraak bij hem thuis. Behalve Patrick en de heer Ad van Veen, was er een juridisch medewerker, Loek van der Lof, en ikzelf. De Nederlandse Aardolie Maatschappij NAM wint het gas en de Gasunie verzorgt de infrastructuur van het gasnetwerk. Gasunie is dus niet de leverancier van het gas bij u thuis. Momenteel is Gasunie bezig met de aanleg van een zgn. ‘gasrotonde’ in Nederland, om daarmee niet alleen Nederland, maar ook de omliggende landen in Noordwest-Europa te kunnen bedienen. De noord-, oost- en zuidzijde zijn inmiddels gereed, maar een deel aan de westzijde is een flessenhals. In april 2013 is begonnen met een 90 km lange gastransportleiding van Beverwijk naar Wijngaarden, waar de aansluiting op de zuidpoot van de rotonde moet plaatsvinden. Je kunt je afvragen waarom de Gasunie hiervoor contact zoekt met de NVWK. De contacten met grondeigenaren en over vergoedingen gebeuren allemaal één op één, daar hebben wij niets mee te maken. Men wilde met ons in gesprek omdat de NVWK de belangen van de natuur in de Krimpenerwaard wil verdedigen; leden schrijven ons daar over aan en nu kunnen wij ook onze leden informeren over wat er staat te gebeuren. De aanleg van zo’n leiding is een ingrijpend proces in het landschap met normaal gesproken enorme hoeveelheden grondverzet en erg groot materieel. Gasunie probeert om waar mogelijk, natuurgebieden en gebieden met natuurwaarden te ontzien en blijft met ons in overleg over de naleving van de Flora- en faunawet. De hoofdaannemer voor ‘ons’ deel van het traject is Visser & Smit Hanab, maar Gasunie houdt toezicht op het werk. Vanwege het gewicht van de leiding in combinatie met de zompige veenweidegronden is door de Gasunie besloten tot een duurzame oplossing die tegelijk het minst ingrijpend voor het landschap is: de leiding wordt onder de Krimpenerwaard door geboord, niet gegraven. De leiding
OmgevingsalertApp online
komt op veel plaatsen op een natuurlijke zandlaag te liggen, zodat hij niet verder zakt; dat betekent toch op een diepte van rond de 20 m. Natuurlijk zijn er langs het traject steeds werkstations op plekken waar de delen aan elkaar gelast moeten worden, waarna de leiding ‘ingetrokken’ wordt. We hebben allemaal waarschijnlijk wel de enorme berg houtsnippers zien liggen langs de N210 – die heeft er mee te maken. De leidingdelen worden aan elkaar gelast op een dikke laag schors- en houtsnippers om de druk te verdelen, omdat het lichter is dan zand en omdat dit materiaal dicht bij de structuur van het veen komt waardoor de bovenlaag zich snel kan herstellen. Als de leiding eenmaal ondergronds ligt en gecoat en getest is, wordt het aangevoerde snippermateriaal gebruikt om de toch ontstane kuilen in de ondergrond aan te vullen; de eventuele rest wordt afgevoerd. De bedoeling is om steeds achter het werk weer op te ruimen, waarna er als het goed is geen zichtbare sporen achterblijven in het landschap – op een geel paaltje na. Tijdens het overleg hebben we een aantal kritische vragen en opmerkingen geplaatst over de zaken die de NVWK belangrijk vindt, zoals aandacht voor nestelende vogels en het beschermen van amfibieën. We hebben gevraagd naar het ecologisch vooronderzoek en de afgegeven ontheffingen, om met een schuin oog de werkwijze te controleren en onze leden te kunnen informeren. Ten tijde van het ter perse gaan van dit blad hadden we nog niets ontvangen. We wachten af. Mocht u zaken zien bij dit project waarover u twijfels hebt, meld deze dan bij een van de bestuursleden; wij zullen kijken wat we hier mee kunnen of moeten. Meer info over het project op www.gasuniebouwt.nl.
PERSBERICHT
De gemeente Vlist heeft de afgelopen maand de omgevings-alertApp geactiveerd. Deze app toont de actuele vergunningsaanvragen voor de omgevingsvergunningen in de gemeente Vlist. Op deze manier kunt u eenvoudig zien waar er plannen zijn die uw leefomgeving kunnen beïnvloeden. Denk bijvoorbeeld aan een dakkapel van de buurman, een kapvergunning van bomen in de buurt, een schutting of reclamebord naast uw huis. U komt het allemaal te weten. Download de App in de iTunes of Play store op de mobiele telefoon of iPad. (Bron: Gemeente Vlist) (Veel gemeenten hebben de actuele omgevingsvergunningsaanvragen online staan. U kunt snel checken of bijvoorbeeld een kapvergunning is afgegeven of niet, red.)
22
De Waardvogel – juni 2013
Twee-eenheid: boer en zwaluw Huug H. Luigies In de luwte van jouw stal kwam ik op de wereld Onbekommerd om wat mij te wachten staat Onder een goed gesternte weet ik mij beschermd Wanneer ik de rand van mijn bestaan verlaat Met veel gekwetter en gekweel In eindloos zomersblauwe luchten Zwieren langs het zwerk Vliegen zonder vluchten Spoedig wordt het beter heen te gaan Dan roemloos te bezwijken Ver trek ik van jou vandaan Alleen in gedachten te bereiken Maar ik keer weer om en blijf je trouw Ik kan immers niet zonder jou.
Tekening: H. Douglas Pratt
Leeuweriken M. Bersma Naast ons huis woont de oude buurman, een kleine man met een zwartzijden petje op, dat hij dagelijks draagt. Soms leunt hij over zijn tuinhekje om te kijken naar de tollende, hinkende of touwtje-springende kinderen in de
straat. Het gebeurt ook wel eens dat hij het hekje losmaakt en de smalle Tiendweg opwandelt aan het eind van de straat. Zodra de kinderen dat zien gooien zij hun spelattributen neer en lopen achter de buurman aan. “Buurman,” roepen ze verlangend, “magge we mee kuiere?” De buurman knikt goedig. Tikkertje spelend en elkaar achterna rennend, lopen ze om hem heen, zodat hij bijna struikelt. “Een bietjie kalm hè,” zegt hij bestraffend, “ik val temet in de sloot.” Even later begint hij te zingen; met zijn handen op zijn rug en een dunne stem, zingt hij z’n psalmen met lange uithalen in het zonnige landschap. De kinderen plukken boterbloemen of turen in de sloot naar speldekopjes. De leeuweriken klimmen op naar de blauwe lucht, waar zij heel hoog hun prachtige trillers laten horen. Vredig graast het vee in de groene weiden. Een schouw geladen met melkbussen, glijdt door de sloot. De buurman zingt z’n vreugde uit onder de wijde hemel.
De Waardvogel – juni 2013
23
Raadplaatjes Tekst: Maria Spruit; foto’s: Peter de Mooij Hieronder weer een kleine quiz naar een idee van Peter de Mooij. Weet u welke dieren dit zijn? De foto’s zijn gemaakt in onze Krimpenerwaard. De oplossingen kunt u vinden op pagina 32.
1
3
5
2
4
6
Nogmaals de bijen Joke Colijn We hebben in 2012 met regelmaat in de Waardvogel aandacht besteed aan Het Jaar van de Bij, omdat de NVWK zich zorgen maakt, zowel over het lot van de bijen als ook van ons mensen! Albert Einstein zei het al: “If the bee disappeared off the surface of the globe, then man would have only four years of life left. No more bees, no more pollination, no more plants, no more animals, no more man.” Onze voedselvoorziening is voor het leeuwendeel afhankelijk van bestuiving door bijen. Bijen zijn een essentieel onderdeel van een prachtig ecosysteem waarin alles een functie heeft en wat ook de mens van voedsel voorziet. Wij als mensheid graven ons eigen graf door de bijen met onze giffen uit te roeien, omdat we zo kortzichtig zijn dat we alleen naar de jaarlijkse productieopbrengsten kijken. De gevolgen op lange termijn zijn uitputting en ontwrichting van de ecologische samenhang van de grond waarop ons graan groeit en waarop onze koeien weiden. Wij mensen denken blijkbaar dat wij het prachtige bestaande ecosysteem op een betere manier kunnen ‘herscheppen’. Zolang wij in harmonie met het systeem leven waarvan wij onderdeel uitmaken gaat het goed, maar zodra wij ons hoger achten en het gaan manipuleren beginnen de problemen. Er zijn gezonde, groene alternatieven die een enorme omslag in ons denken vragen en de macht beperken van industriële grootheden als Monsanto. Dit bedrijf maakt ons afhankelijk van genetisch gemanipuleerde zaden met resistentie tegen herbiciden als Roundup, en heeft tevens een monopolie op de fabricage en distributie van landbouwgiffen als – u raadt het al - Roundup. Hierdoor ontstaat een steriele monocultuur die ernstige gevolgen heeft voor de biodiversiteit en grond en water verontreinigt, om van gezondheidsproblemen voor mens en dier nog maar niet te spreken. Zaden mogen door een landbouwer niet zelf gewonnen worden, maar nieuw zaad moet worden aangekocht vanwege patentrecht op zaden. Monsanto stuurt zijn eigen controleurs op pad en voert strafzaken die in de miljoenen lopen. Dit klinkt misschien als een doemscenario uit een enge SF-film, maar is in werkelijkheid gaande.
Slobkousbij, foto: Bert Neeleman
Ongelooflijk? Er is op internet veel informatie over bijvoorbeeld Monsanto te vinden. Van de wilde bijensoorten die vóór 1950 voorkwamen in West-Europa, zijn er al een aantal compleet verdwenen. In de jaren 1960-1970 werd de afname versterkt door het verdwijnen van de juiste kleinschalige biotopen; de aantallen nog aanwezige bijensoorten nemen met name de laatste decennia in steeds sneller tempo af. In China zijn hele districten waar geen bijen meer voorkomen en de landbouwers en kun kinderen zelf, handmatig, de bloesems aan vruchtbomen bestuiven; een bizarre situatie: kunnen wij dit beter dan bijen?!? Elk voorjaar zijn complete volken van de honingbij dood of uit hun kast verdwenen – vaak opgegeten door de varroamijt die kan toeslaan als een volk verzwakt is door de giffen die in omloop zijn. Als we dezelfde normen zouden hanteren als voor andere diergroepen, zou driekwart van onze 350 inheemse bijensoorten op de Rode Lijst staan. Het lot van de natuur en van de mens is nauw verbonden met dat van de bijen. Alles wat de mens onderneemt moet tegenwoordig groter en beter onder druk van de eeuwige economische groei, maar we creëren tegelijk een levensgroot probleem. Regisseur Markus Imhoof maakte een prachtige film met als hoofdrolspelers de nietige honingbijtjes. Allerlei aspecten worden belicht. U ziet prachtige beelden van het leven van de bijen en hun werkdrift, maar ook de industrialisering van de honingsector en het verontrustende drama wat zich vandaag de dag afspeelt worden in beeld gebracht. Voor een trailer van de film gaat u naar http://www.morethanhoney-film.nl/.
Red de bijen, teken de petitie Herman van Bekkem, campagneleider duurzame landbouw, Greenpeace De bij is in nood en heeft uw hulp nodig. Onder andere door landbouwgif sterven er de laatste jaren zo veel bijenvolken dat wetenschappers wereldwijd de noodklok luiden. Geen enkel dier werkt zo hard voor ons als de bij: alle appels, boontjes en tomaten liggen in het schap dankzij het bestuifwerk van dit diertje. Maar hoe lang nog? Teken nu om de bijen te redden en onze voedselvoorziening veilig te stellen. 80% van ons voedsel is het resultaat van bestuiving door bijen! Om de bij te redden zijn een paar dingen nodig: een Europees verbod op de meest giftige bestrijdingsmiddelen, meer biodiversiteit rondom de akkers en een gezonde, ecologische landbouw. Een eerste succesje is al binnen, namelijk een Europees deelverbod op drie landbouwgiffen. Maar dat is niet genoeg. U kunt daarom het volgende doen: teken onze oproep aan staatsecretaris Dijksma en de Europese leiders voor gifvrije, ecologische landbouw: http://reddebijen.nl Wilt u meer informatie over bijen en bijensterfte, ga dan naar www.reddebijen.nl.
De Waardvogel – juni 2013
25
Middagje roeien op de Loet Marlou van Roy en Daan van Bruchem
Het was een zonnige maar frisse middag, zaterdag 20 april. Bij aankomst waren er al verschillende kinderen druk aan het oefenen moet roeien in de ijzeren roeiboten. Er stond een straffe wind. Het plan was om een route te varen naar een plek waar we allemaal aan land konden. Kinderen en volwassenen verdeelden zich over de boten. Ik (Marlou, moeder van Daan van Bruchem) zat als stuurvrouw in een damesboot. Aan de riemen twee stoere meiden: Tamara en Wilma. Samen roeien is samenwerken in optima forma. Eerst techniek ontwikkelen: hoe houd je zo’n riem het beste vast? Tamara en Wilma keken de kunst bij elkaar af en gaven elkaar tips. Dan krachten verdelen: als de één krachtiger roeide dan de ander, moest de sterkere wat vaker inhouden. Daar ben je dan stuurvrouw voor. En dan die wind! Dacht je lekker op koers te liggen, blies de wind je toch weer naar lager wal! Maar de meiden verloren geen enkel moment de moed: met veel gepor kwamen we toch steeds weer vlot. Ook was het fijn om een enkele keer even op sleeptouw te worden genomen door een sterke kerel die langszij kwam. Daan zat in een andere boot. Hij schoot behoorlijk op: ‘Ik zat in de boot met een jongen en zijn vader. Ik vond het ongelooflijk leuk, zowel het samen roeien als het alleen roeien. Samen roeien is minder vermoeiend, maar bij
26
De Waardvogel – juni 2013
alleen roeien ga je beter recht vooruit. Toen we aan land gingen vond ik het heerlijk om door de bossen te struinen. Ik heb een schaar van een Amerikaanse zoetwaterkreeft gevonden. Er zat ook een hele blauwe reigerkolonie in de bomen. De opdracht was om planten te zoeken die je niet kende of waarover je meer informatie wilde hebben. Ik bleek een gele lis te hebben gevonden.‘ Terug ging het roeien sneller dan heen, we beheersten het vak. Bij de aanlegplaats zijn we allemaal op de foto gegaan en werden de verhuurders van de boten hartelijk bedankt voor het beschikbaar stellen van de boten. Met rode koppen van zon en wind gingen we om een uur of vier naar huis.
Natuurvraag: Welke wesp is dit? Maria Spruit Een paar weken geleden kreeg ik de volgende mail van Hans Kattenwinkel: ‘Ik volg met interesse jouw insectenbeschrijvingen in De Waardvogel en ga er dus vanuit dat jij bijgaande, zeer fraaie maar voor mij onbekende wesp/mug zo weet te determineren. Wellicht een koningin?’ Nu heb ik helemaal geen verstand van insecten, maar ik vind het wel leuk om dingen uit te zoeken. Ik begon met afbeeldingen te bekijken op internet. Daarbij stuit je dan op leuke dingen. Ik typte in: ‘mug met rode vleugels’ en dan komt er een rode wouw tevoorschijn. Allerlei zoektermen gebruikte ik, maar een insect wat op de foto’s hiernaast lijkt, zat er niet bij. Ik dacht dat het misschien een vlieg of een vlinder zou kunnen zijn, die gebruikt maakt van mimicry, maar ook dat leverde niets op. Het meest leek hij op een knoopwesp, maar er was geen enkele knoopwesp met zulke mooie rode vleugels en poten. Ik ken nog iemand die alle vogelboeken heeft die er zijn en ook veel naslagwerken over andere organismen. Hij zei: ’Ik moet elk insect van Nederland kunnen determineren’, maar ook met zijn boeken kwam ik niet verder. Gelukkig heb ik als redacteur van de Waardvogel ook nog andere bronnen. Een mailtje naar een insectenspecialist leverde binnen een paar uur het volgende antwoord: ‘Het is geen wesp maar een langpootmug. Het gaat om een vrouwtje van de prachtige Ctenophora flaveolata. Die heeft een wespachtige tekening en men noemt dat mimicry. Deze muggen doen een wesp na om de voordelen van de bescherming die dat biedt, maar ze hebben geen angel en zijn dus volkomen ongevaarlijk. De larven leven vooral in oud beukenhout. In Nederland en België zijn ze vrij zeldzaam. Ik heb ze nog nooit gezien’. Dus toch mimicry en toch een mug, hoewel ik zelf niet echt aan een mug dacht, zoals Hans zelf wel. Weer internet op en daar heb ik nog de volgende informatie voor u gevonden: de Ctenophora (Ctenophora) flaveolata is een tweevleugelige uit de familie langpootmuggen (Tipulidae). De soort komt voor in het Palearctisch gebied. De larven leven in dood loofhout en schijnen een voorkeur te hebben voor grote oude beukenbomen met rotte gaten. De volwassen dieren foerageren op de bloesem van meidoorn. De vliegperiode is de periode dat meidoorn bloeit. Aan het achterlijf kan men zien of het een mannetje of vrouwtje betreft. Ook aan de antennes is dit te zien; bij mannelijke exemplaren zijn de antennes gevederd, zoals bij veel muggen. Bron: http://ip30.eti.uva.nl
Ctenophora flaveolata, foto’s: Hans Kattenwinkel
Gevederde antennes, http://ip30.eti.uva.nl
Links: hypopygium Rechts: ovipositor of legboor http://ip30.eti.uva.nl
Het Palearctisch gebied http://nl.wikipedia.org/wiki
De Waardvogel – juni 2013
27
1
2
3
5
4
28
De Waardvogel – juni 2013
Onderhoud van knotbomen, deel 2 Jos de Nood, coördinator Knotgroep Krimpen In het decembernummer 2012 van de Waardvogel schreef ik al over de kunst van het knotten. Hier vertel ik wat meer over het onderhoud tussen de knotbeurten. 1. Een knotboom zoals je ze vaak ziet. De boom is drie jaar geleden geknot en daarna is er niet meer naar om gekeken. Je kunt bijna niet meer zien dat het een knotboom is, het lijkt wel een struik.
Ik vind het beter om in plaats van te knippen, met een snoeizaagje langs de stam te schrapen, zodat je er zeker van bent dat je de hele twijg meeneemt. Maar “wilgjes trekken” heeft de voorkeur.
2. Rechts zie je een boom zoals hij moet zijn; er zitten alleen takken aan de knot. Als de boom in een weiland zou staan met koeien dan zouden er ook geen afhangende takken aan zitten, want die eten de koeien op zodra ze uitbotten. Ze zouden natuurlijk ook de twijgen op de stam eten en alles waar ze maar bij kunnen. De knotwilg en de koe horen bij elkaar. Nu dat bijna niet meer voorkomt zal de mens, wil hij de knotwilg behouden, wat meer moeten doen aan onderhoud.
4. Je ziet hier heel jonge twijgjes die zich makkelijk weg laten halen.
3. Dat onderhoud is heel gemakkelijk. Je ziet hier twijgen van enkele weken oud op een stam. Door de twijg vast te pakken en een ruk naar beneden te geven trek je hem gemakkelijk af. Als het trekken niet gaat, kun je hem afknippen. Doe dat zo kort mogelijk, anders komen er later twee twijgen waar er nu één zit. Je kunt dat op de foto zien.
De eenden
5. Dit is een wilg die jarenlang verwaarloosd is. Hier kunnen grote bossen twijgen ontstaan. Als je deze stam weer gaaf wilt krijgen moet je per zomer wel drie keer de twijgen er af trekken. Langzaamaan zullen er steeds minder twijgen komen. Als ik ’s zomers door de polder fiets en ik zie wilgen, dan stop ik vaak om even “wilgjes te trekken”. Ik nodig iedereen uit om dat ook te doen. In de wijde omgeving zien we dan geen knotbomen meer met stammen vol takken. Mocht je ook eens mee willen helpen met het knotten, of met het hooien op het Zwaneneiland, mail dan naar xxxxxxxxx@xxx.xx.
Heworth, York
M. Bersma Ik zie een eend op het schuurdak staan, waar komt die zo opeens vandaan? Hij kijkt in ’t rond, hij zoekt zijn vrouw ’t is of hij vraagt: “Waar ben je nou?” Z’n roepen heeft succes, want daar is d’andere helft van ‘t eendenpaar. Zij landt gracieus op ’t grastapijt. De woerd zegt: “Mens, ik was je kwijt”. Zij waggelen naar ’t vogelbad en drinken eensgezind van ’t nat. Hoe komen deze eenden hier, er is geen sloot of een rivier, maar ieder jaar zijn ze paraat en lopen kwakend door de straat met pullen, netjes op een rij; toch is de Ouse niet dichtbij. Het maakt mij echt nieuwsgierig, want ‘k zag dit tafereel in Engeland.
De Waardvogel – juni 2013
29
Wandelen in de Waard
met Rinus en Anton (3)
Achterbroek en Berkenwoudse Driehoek Rinus Anker De afstand van deze wandeling zonder uitbreidingen bedraagt ca. 13 km. Er zijn geen horecavoorzieningen onderweg, maar wel bankjes waarop u van een meegebracht kopje koffie kunt genieten. De route zelf is dikgedrukt, de eventuele uitbreidingen schuin. De buurtbus Berkenwoude waarvan u op doordeweekse dagen gebruik kunt maken om bij het beginpunt te komen, rijdt vanwege de schoolvakantie niet tussen 16 juli en eind augustus 2013. We slaan na 2 km bij paal 05691/001 linksaf, via Schaapjeszijde richting Berkenwoude. Na het steunpunt van het Zuid-Hollands Landschap ligt er op het naastliggende land rechts een nieuw parallel wandelpad. Volg dit pad. Er staan bankjes om uit te rusten en om van de polder De Nesse te genieten. Bij de kruising met een breder, verhard pad lopen we rechts een kade, de Ouderkerkse Landscheiding op. Dit verharde pad gaat na ruim 1 km over in een graspad. Even verder gaan we links het bruggetje over, de Berkenwoudse Driehoek in. Het pad met de blauwe paaltjes volgen. Hier bloeit de echte koekoeksbloem, de gele lis en de kale jonker. Het startpunt is in de Achterbroek; wellicht besluit u om daar met eigen vervoer heen te gaan. Naast huisnummer 20 bevindt zich aan het begin van de Elserkade een parkeerterreintje, zie foto. Daarvandaan gaan we terug naar de asfaltweg, en dan rechts, oostwaarts. Na ongeveer 400 m bij ANWB-paddenstoel 23910 gaat u linksaf de Snippejagerskade op. Bij het bankje in de bocht verderop loopt een wandelpad (geel) naar de vogelplas Middelblok. Hier zijn op de goede momenten (mei, juni) op de lage stukjes grond orchideeën en moeraskartelblad te vinden. In de kijkhut is het de moeite waard te proberen de nodige vogels te spotten, bijvoorbeeld fuut, scholekster, smient, krakeend, slobeend, bergeend, blauwe reiger en zilverreiger. Loop daarna terug naar het asfaltpad. We vervolgen de kade. Hiervandaan heb je een prachtig uitzicht richting Gouda. Bij paal 22696/001 gaan we naar links richting Ouderkerk de Lange Tiendweg op. Na ruim 100 m krijg je rechts via het brugje toegang tot de Stolwijkse Boezem (blauw). Vanuit deze voormalige boezem – tegenwoordig moerasbos – heb je zicht op de brede watergang naar het gemaal Verdoold. De blauwe paaltjes langs het varenpad markeren een kleine rondwandeling. Bij het eerste bankje heb je in juni uitzicht op veenpluis en tientallen orchideeën aan de andere kant van de sloot. Terug naar de weg. Aan onze rechterhand passeren we de grote aalscholverkolonie van de Kattendijksblokboezem, waarvan de uitwerpselen de bomen in de winter opvallend wit kleuren.
30
De Waardvogel – juni 2013
Onderweg bestaat rechts nog de mogelijkheid bij het kijkscherm vogels als smient, grauwe gans, Canadese gans, kuifeend, krakeend en slobeend waar te nemen. Verderop lopen we over de Graafkade langs de eendenkooien Kooilust (links) en Nooitgedacht (rechts). Beide kooien zijn niet vrij toegankelijk vanwege de rustfunctie die ze hebben. Kooilust staat bekend om zijn prachtige klokjesgentianen. In augustus is het felle blauw tegen de achtergrond van het kooibos vanaf het wandelpad te zien. Soms jaagt u zilverreigers en watersnippen op. Waar de paaltjesroute naar links afbuigt, lopen we rechtdoor. Bij de geasfalteerde weg gekomen gaan we even rechtdoor en ook direct daarna bij de afbuiging van de geasfalteerde weg naar links blijven wij rechtdoor lopen, het koolaspad op. Dit tweesporenpad - wat nog steeds Graafkade heet - rechtdoor blijven volgen. Onderweg is er aan roofvogels geen gebrek: buizerd, bruine kiekendief en in de hoogspanningsmasten boomvalk (in de zomer) en slechtvalk (in de winter). Ook de merel, winterkoning, mees, staartmees en putter zijn hier present, afhankelijk van het seizoen. Na ongeveer 1,5 km komt van rechts de Elserkade uit op de Graafkade. Het pad heet vanaf hier Elserkade maar loopt nog een stukje rechtdoor voordat het haaks naar links buigt. In de rietkraag langs de Stolwijkervliet horen en zien we rietzanger en rietgors. Onlangs werd in het NRC de Elserkade genoemd als een van de gebieden waar nog de stilte van natuurgeluiden te beleven is. Aan het einde van het pad ligt het parkeerterreintje.
start
Linksboven: moeraskartelblad, rechtsboven: veenpluis, linksonder: brede orchis, rechtsonder: klokjesgentiaan, foto´s: Anton van Jaarsveld
De Waardvogel – juni 2013
31
Oplossingen raadplaatjes Maria Spruit 1) Een larve van het zevenstippelig lieveheersbeestje (Coccinella septempunctata) . Na de paring legt het vrouwtje eitjes in kleine groepjes op de bladeren. Na enkele dagen komen de larven uit de eitjes. Ze vreten zich zo veel mogelijk vol in ongeveer 4 weken met lege eierschaaltjes en onbevruchte eitjes en bladluizen. Daarbij doorlopen ze vier stadia die instars worden genoemd en tussendoor vervellen zij zich. Na de vierde instar verpoppen de larven zich. (Bron: http://nl.wikipedia.org,http://www.spreekbeurtenstartpagina.nl/spreek beurt/lievehb) 2) Een pop van een lieveheersbeestje (Coccinella septempunctata). De larve hecht zijn achterlijfspunt aan een stengel of een blad, waarna de lichaamsvorm drastisch verandert. De pop of chrysalis is druppelvormig en is in eerste instantie glad en oranjegeel van kleur. Later verkleurt de pop en krijgt hij een gerimpeld uiterlijk. De kleur is oranje met rijen zwarte stippen. Als de pop wordt aangeraakt zal deze op- en neergaande bewegingen maken. Als het Zevenstippelig lieveheersbeestje, lieveheersbeestje de pop verlaat, wat uitsluipen wordt genoemd, is het diertje illustratie: www.zin.ru zeer kwetsbaar. Het lichaam is nog erg zacht en raakt snel beschadigd. Ook zijn de voorvleugels, de vliezige vleugels waarmee gevlogen wordt, nog ondoorzichtig en geschrompeld. De voorvleugels worden volgepompt met een vloeistof, waardoor ze uitvouwen en later uitharden en doorzichtig worden. Bij het uitsluipen zijn het halsschild en de poten al zwart van kleur. De dekschilden en de onderzijde echter zijn geeloranje en de dekschilden hebben nog geen stippen. Pas als de dekschilden uitharden verschijnen de stippen en de rode kleur van de dekschilden en wordt de onderzijde zwart. (Bron: http://nl.wikipedia.org) 3) Het boomblauwtje (Celastrina argiolus) is een dagvlinder uit de familie Lycaenidae. De waardplanten zijn onder andere klimop, hulst, vlinderstruik, struikhei, vuilboom, kornoelje, grote kattenstaart, wegedoorn en kardinaalsmuts. Het boomblauwtje leeft in een verscheidenheid aan biotopen met bomen en struiken. In Nederland en België is de soort zeer algemeen en wijdverbreid. In open gebieden op kleigrond is de soort iets minder aanwezig. De soort vliegt in twee generaties; de eerste generatie van eind maart tot en met mei en de tweede generatie in juli en augustus. In goede jaren is er soms nog een derde generatie. Het is een popoverwinteraar. (Bronnen: http://nl.wikipedia.org, Vlinders van Europa, Readers Digest) 4) De gewone oeverlibel (Orthetrum cancellatum) is van de andere oeverlibellen te onderscheiden door het grotere formaat, het zwarte pterostigma en het zwarte achterlijfaanhangsel. Bij het mannetje is het borststuk donker en het achterlijf blauw. Bij het vrouwtje zijn het borststuk en het achterlijf geel gekleurd, bij oudere vrouwtjes zijn deze bruin. Over het achterlijf lopen twee donkere lengtestrepen. Ze vliegen vooral van juni tot half augustus. Ze komen voor bij allerlei stilstaande en zwakstromende wateren, onder andere bij laagveengebieden, bij plassen en sloten. In Nederland is de soort algemeen en er is een stabiele populatie. (Bron: Veldgids libellen, Frank Bos en Marcel Wasscher) 5) Een schaar van een rode Amerikaanse rivierkreeft (Procambarus claris ). De rode Amerikaanse rivierkreeft is een kreeft uit het zuidoostelijke gedeelte van de Verenigde Staten en Mexico die leeft in zoet water. Als exoot komt de kreeft al voor in Afrika, Oost-Azië en Europa. Het dier kan drager zijn van de kreeftenpest. Zelf wordt het dier hier niet ziek van. De inheemse soort, de Europese rivierkreeft, is hier niet tegen bestand en is daarom in grote delen van Europa uitgestorven. Mede hierdoor heeft de rode rivierkreeft zich snel kunnen uitbreiden. (Bron: http://nl.wikipedia.org/wiki/) Zie ook ‘De Waardvogel’ nr. 5, december 2012, blz. 22. 6) De veenmol (Gryllotalpa gryllotalpa) is een krekel. Met zijn afmeting van vijf tot zes cm is het een van de grootste insecten van ons land. De veenmol komt voor in West-Europa tot in de Kaukasus en in Noord-Afrika. Hij heeft een voorkeur voor natte veenweidegebieden en vochtige valleien, maar kan ook goed leven in lichte zand- en zware leemgrond. Moestuinen zijn geliefd vanwege de kale omgewerkte humusrijke grond. In het westen van Nederland, vooral in Zuid-Holland en Zeeland, is de veenmol vrij algemeen. Elders in Nederland is het een zeldzame soort en op veel plaatsen is hij helemaal verdwenen. Daarom staat hij op de Rode Lijst in de categorie 'kwetsbaar'. (Bron: ‘De Waardvogel’ nr. 2, april 2012, blz. 33) Veenmol, illustratie: www.uyanangenclik.com
32
De Waardvogel – juni 2013
Natuur en de provincie Zuid-Holland Joke Colijn In april ontving de NVWK een e-mail van de Natuur en Milieufederatie Zuid-Holland (NMZH) met de volgende inhoud: ‘De provincie Zuid-Holland werkt aan een nieuwe structuurvisie. In de provinciale structuurvisie staat beschreven hoe de provincie samen met haar partners om wil gaan met de beschikbare ruimte. De nieuwe structuurvisie zal betrekking hebben op de periode tot 2030. De provincie wil door middel van een interactief proces belanghebbenden betrekken bij het opstellen van de structuur-visie. Als onderdeel van het leveren van input hiervoor heeft de NMZH met behulp van uw inbreng een lijst gemaakt met uitgangspunten die volgens ons hun weerslag moeten gaan krijgen in de nieuwe structuurvisie. Deze lijst sturen wij u hierbij toe. In de uitgangpunten wordt naast een aantal algemene punten aandacht besteed aan de onderwerpen energie en klimaat, water, mobiliteit, bedrijvigheid, natuur en landschap. Nu economische groei zoals we die in de afgelopen decennia kenden niet meer in het verschiet lijkt te liggen, zien wij kansen om in de structuurvisie stevig in te zetten op kwaliteit van de leefomgeving en duurzaamheid in plaats van het vergroten van capaciteit.’ Vervolgens kwam de vraag of wij nog suggesties of aanvullingen hadden. Natuurlijk hebben wij weer van ons laten horen! De reactie van de NVWK omvatte niet zozeer suggesties bij de opgestelde punten waar die natuurbeheer betreffen, als wel een op resultaat gerichte aanvulling, die ik heel kort als volgt samenvatte in de begeleidende e-mail: - het achteraf controleren van de resultaten na toezeggingen in de vorm van subsidies voor ‘groen’ beleid - het strenger controleren op de naleving van onze groenwetgeving op straffe van sancties - het bereiken van een mentaliteitsverandering bij degenen die gehouden zijn de regels van bestaande groenwetgeving tijdens hun werkzaamheden na te leven; met hierna het verzoek om de bijgesloten motivatie te lezen. Wij hebben de door de NMZH opgestelde uitgangspunten en de uitgebreide NVWK-reactie daarop op de website van de NVWK www.nvwk.nl geplaatst, onder Nieuws. Op 16 mei heeft de Raad voor de leefomgeving en infrastructuur (Rli) een advies aan het kabinet uitgebracht over het natuurbeleid. Ter informatie vindt u hierbij de link naar dit advies. Op deze site is, naast het complete advies, ook een filmpje te vinden waarin de belangrijkste punten uit het advies in enkele minuten worden uitgelegd. Veel aspecten uit dit advies zijn ook erg relevant voor het provinciale natuurbeleid. Link naar het advies: www.rli.nl/publicaties/2013/advies/onbeperkt-houdbaar Het filmpje is het bekijken waard; het duurt slechts vijf minuten, maar maakt in een notendop duidelijk waar de provincie accenten moet leggen. Het advies heet ‘Onbeperkt houdbaar’ en gaat niet over één nacht ijs: het heeft een zeer degelijke onderbouwing. In reactie hierop heeft staatssecretaris Dijksma op 6 juni een brief naar de Tweede Kamer geschreven waarin zij o.a. inhoudelijk ingaat op het onderdeel agrarisch natuurbeheer uit het rapport van de Rli. Ze komt met een voorstel voor een nieuw stelsel agrarisch natuurbeheer o.a. gebaseerd op dit advies en in samenwerking met LTO, agrarische natuurverenigingen en andere terreinbeherende en ‘soorten’organisaties. Ik vermoed
dat de NVWK onder de laatste club valt te scharen. Ook haar brief staat op onze site. Het is erg jammer dat het gedecentraliseerde beleid tot nu toe niet het landelijk uitgezette beleid volgt t.a.v. de EHS. Het wordt nog gekker, want in de uitwerking van de herijking van de EHS zal de provincie de contour van de EHS aangeven en de doelen bepalen, maar de gemeenten zijn aan zet om de bestemming van gebieden te bepalen. De bestemming die gemeenten aan gebieden geven, moet zich wel verhouden tot de doelen die de provincie gesteld geeft. Een gebied kan dus een agrarische bestemming krijgen in een bestemmingsplan als daarmee de doelen ook gehaald kunnen worden. In de praktijk kan dit ontaarden in een vrijbriefje voor willekeur per gemeente, zoals nu ook al in de praktijk gebeurt. De groene partners en een aantal politieke partijen maken zich dan ook ernstig zorgen of de natuurdoelen zo werkelijk gehaald zullen worden en pleiten voor strategische reservering van gebieden t.b.v. de EHS. Naast het traject van de vastlegging van de uitvoering van het nieuwe natuurbeleid in de provinciale structuurvisie (PSV), krijgt de EHS-herijking nu een eigen traject bij het verankeren in de PSV. Dat kan gunstig zijn, maar het blijft zaak om vinger aan de pols te houden en onze stem te laten horen in de discussie over de uitwerking van de herijking van de EHS, zolang besluitvorming nog moet plaatsvinden. Vanuit de Krimpenerwaard is het verzoek gekomen om de definitieve besluitvorming met een maand uit te stellen naar december, zodat er binnen het gebied meer ruimte is om tot een advies te komen. Ook de inspraakprocedure kan dan met een maand verlengd worden (het ontwerp Herziening Herijking EHS ligt nu tot 29 juli ter inzage en iedereen met een zienswijze kan tot dan reageren). De Statencommissie Groen en Water wil hier wel in meegaan. Als u meer wilt weten, kijk dan op www.zuidholland.nl/ overzicht_alle_themas/thema_ruimte/c_e_ thema_roew-ruimtelijke_ordening/visieopzuidholland /c_e_thema_roew-herziening-herijking-ehs.htm. Overigens is de polder Bloemendaal, die al 11 ha. bestaande natuur omvat en die eerst buiten de EHS was gevallen, nu weer binnen de EHS-begrenzing gevoegd. De soap wordt vervolgd!
De Waardvogel – juni 2013
33
Gereedschap voor de knotgroep Patrick Heuvelman Bij de eerste knotactiviteit van dit jaar werd er aan de NVWK een cheque van € 800,- overhandigd door dhr. Mudde. Die had een vaatje haring bij opbod gekocht, waarna het bedrag door de Rabobank tot € 800,- werd verdubbeld (zie Waardvogel december 2012, blz. 10). Het goede doel naar keuze van de koper, werd de NVWK. Er werd besloten dat dit ten goede moest komen aan gereedschap voor de knotgroep van Marc Timmermans. Toen het gereedschap aangeschaft zou worden, wist nog niemand dat Marc na dit seizoen zou stoppen als coördinator van deze knotgroep. Afgelopen week heeft de overdracht van het nieuwe gereedschap plaats gevonden. Marc Timmermans heeft bij het jaarlijks afsluitende etentje een kettingzaag, een driedelige ladder en een velhevel, allen geleverd door Boom tuinmachines, in ontvangst genomen. Om veilig te kunnen werken met de professionele zaag, zullen twee leden van de knotgroep komend najaar een cursus veilig werken met de kettingzaag volgen. Een punt wat open blijft staan is dat we nog op zoek zijn naar een vervanger voor Marc, die tien jaar lang de regie heeft gevoerd over de snoei- en knotactiviteiten. Welke man of vrouw wil mee helpen aan het behoud van landschap bepalende knotwilgen, opstanden en hoogstamfruitboomgaarden in de polder, en de werkzaamheden coördineren met
de aanvragers en de vrijwilligers? Deze voornamelijk in de winter spelende activiteit zal tijdens het seizoen gemiddeld drie tot vier uur werk per week vragen (knotdagen inbegrepen). Ondersteuning en begeleiding vanuit bestuur en knotgroep is vanzelfsprekend geen punt. Aanmelden of info via cplanten@nvwk.nl.
Teken de petitie tegen het zwanendriften
PERSBERICHT
De mogelijkheid bestaat om een petitie te tekenen die vraagt een einde te maken aan de dieren-mishandelende praktijk van het zwanendriften. Het zwanendriften, waarbij honderden zwanen worden geleewiekt, gemerkt en in het Groene Hart losgelaten om hen en hun jongen later te 'oogsten', is in Nederland verboden bij de Flora- en faunawet. Leewieken is het afknippen van de top van een vleugel bij het middenhandsbeentje. De zwaan kan zonder handpennen nooit meer vliegen en wordt geacht zichzelf te redden met deze handicap. Het merken gebeurt vaak door het aanbrengen van een tatoeage met de initialen van de ‘eigenaar’ op de snavel; ook scheert men soms een witte band rond het achterhoofd voor snelle herkenning uit de verte. Het vangen, verminken en merken van de zogenaamde ‘tamme zwanen’ zijn geen zachtzinnige praktijken. Dankzij een overgangsperiode van 10 jaar en nog een extra ontheffing van 5 jaar door minister Verburg kon het driften van zwanen voor vlees, dons en veren echter jarenlang doorgaan. Deze ontheffing is per 1 april 2013 verlopen en op Kamervragen van de Partij voor de Dieren heeft de huidige staatssecretaris verklaard dat er geen nieuwe ontheffing meer zal worden verleend. Omdat echter het houden van zwanen voor de sier nog blijft toegestaan en omdat het leewieken van vogels pas in 2018 wordt verboden, kunnen zwanendrifters hun activiteiten ook nu nog steeds voortzetten. In de praktijk is er niets veranderd. Officieel worden de zwanen nu gedrift om als siervogel te worden verkocht, maar in de praktijk is daar nauwelijks controle op en de behandeling van de dieren blijft even wreed als voorheen. Kijk op www.stophetzwanendriften.nl voor informatie en de petitie 'stop het zwanendriften'. De eerste zwaan die ik bij ons achter door de sloot zag zwemmen na het lezen van dit bericht, had de initialen P.O. in zijn snavel getatoeëerd. Ik heb er nooit eerder op gelet, waarschijnlijk zijn het er veel meer dan ik dacht. Foto: Joke Colijn
34
De Waardvogel – juni 2013
Zoek! Anton van Jaarsveld Anders dan de titel doet vermoeden: ik heb geen hond. Ook ben ik – hoop ik – niets kwijt. Nee, in dit seizoen ben ik vaak op zoek naar wat de plantenwereld mij heeft te bieden. Er zijn door de familie al heel wat foto’s van mij gemaakt, waarop ik voorovergebogen over een plant sta. Ik heb zelf vaak het gevoel, dat ik buiten het winterseizoen met mijn neus naar de grond loop en permanent inventariseer. Floron, de stichting die zich bezighoudt met onderzoek naar de flora in Nederland, organiseert jaarlijks districtsgewijze groepsinventarisaties en daarnaast ook “zoektochten” voor individuele liefhebbers. De kaart van Nederland is verdeeld in zogenaamde kilometerhokken en binnen de grenzen van zo’n hok streept de liefhebber daarbij op speciale telformulieren alle planten aan die er staan. Om zo’n vierkante kilometer uitputtend af te struinen moet je als individuele teller heel wat tijd investeren en dat moedigt niet aan. Daarom heeft Floron nu besloten in het kader van het zogenaamde “nieuwe strepen” het zoeken eens een andere vorm te geven. Er is, afhankelijk van een aantal factoren, een limiet gesteld van 2 tot 12 uur en het hok wordt dan binnen een kort tijdsbestek ook nog door een ander geteld. Wat de een niet ziet, dat doet een ander misschien wel. Onze plantencoördinator, Patrick Heuvelman, en ik hebben besloten om samen na overleg met Floron twee hokken te annexeren, één ten westen van Bergambacht aan de Kadijk, een voornamelijk agrarisch stuk, en één ten oosten van Ammerstol waar ook ander groen staat. Uiteraard houden we de gegevens niet voor onszelf. Belangstellenden kunnen na een telefoontje met ons meelopen. Misschien is het niet zo bekend, maar de NVWK heeft gedurende een behoorlijk lange periode de Berkenwoudse Hoge Boezem geïnventariseerd. Ik heb
daar vele jaren geleden onder leiding van de plantencoördinator van toen, Bert Neeleman, kennis gemaakt met deze activiteit. Samen oplopend met wat “kenners” steek je als beginner snel een heleboel ervaring op. Het terrein is eigendom van het ZHL en voor deze gelegenheid mag het betreden worden. Het vinden van minder bekende planten als slangenwortel (zie foto) is dan bijzonder. Voor degenen die op zoek zijn naar plaatsen met interessante flora is er een leuk boek verschenen van Ton Denters, de “Plantenkijk-wandelgids van Nederland”. Daarin beschrijft de auteur 25 botanische tochten en noemt hij liefst 560 kijkpunten, compleet met GPScoördinaten. Over dat laatste kunnen we redetwisten. Er lopen immers in Nederland kwade geesten rond! De tochten en de kijkpunten zijn verspreid over heel Nederland. Ook als je met vakantie bent, is het boek dus te hanteren. Dit voorjaar ben ik met het boek erbij op zoek gegaan naar de voor menigeen onbekende geelsterren in de geelsterrenstad Zwolle. Misschien ben ik geen doorsnee-NVWK-er om zoiets te ondernemen. Alhoewel, er stappen ook clubleden in de auto wanneer er een griel op Texel wordt gesignaleerd. Hoe dan ook, déze gek kon dankzij de gedetailleerde beschrijving, compleet met plattegrond, zijn sterren fotograferen. De tegeltjeswijsheid Zoekt en ge zult vinden deed opgeld.
De Waardvogel – juni 2013
35
Het bos verandert! Nieuws uit de Hennepakkers Sophia Dijkstra, Vrienden van de Hennepakkers Zoals bezoekers zullen merken zijn we begonnen met het onderhoud aan het bos. Dat is heel hard nodig want dit is al tientallen jaren niet gebeurd. Het bos is beplant met elzen, berken, essen en een paar eiken die (inmiddels) te dicht op elkaar staan. Het gevolg: hele hoge rechte stammen, weinig zijtakken, een klein kruintje in een hoge top en bijna geen onderbegroeiing meer in het bos. Dit gaan we nu groots aanpakken, in fases verdeeld over een aantal jaren. Er is een zorgvuldige planning gemaakt met behulp van een aantal zeer deskundige personen en instanties, die wordt uitgevoerd door NVWK’s ‘de Vrienden van de Hennepakkers’ in zeer nauwe samenwerking met de Gemeente Vlist.
Wat gaan we doen? 1. Dit jaar hebben we een open plek gecreëerd door een deel van de bestaande bomen te kappen. Vervolgens hebben we vóór 15 april de open plek met streekeigen heesters en bomen beplant, zoals lijsterbes, hondsroos, bottelroos, meidoorn en Gelderse roos, allemaal bes- of vruchtdragende struiken en lage bomen. Hierdoor wordt de diversiteit verhoogd en wordt het bos aantrekkelijker voor mens en dier. In 2014 zullen we ook een dergelijke open plek creëren en beplanten. 2. Daarnaast zullen we dit jaar, en de komende jaren, in het bosgedeelte hier en daar bomen uitdunnen, zodat de overgebleven bomen meer ruimte hebben om zich beter te ontwikkelen. Dit is hoogst noodzakelijk onderhoud. 3. Dit voorjaar zijn er enkele zieke knotwilgen gekapt. Mede door de waarderingsbijdrage van het Oranjefonds staan er vijftien nieuwe knotwilgen in de Hennepakkers (waarvan drie geschonken door Tuincentrum Kees Breedijk!). Ze hebben momenteel nog niet zoveel weg van een knotwilg, maar daar gaat de natuur vast wel een handje bij helpen. De PVC buizen zijn ter bescherming van de stam tegen de gras- of bosmaaier. Tegen de tijd dat die niet meer passen worden ze verwijderd en verzinnen we daar een andere oplossing voor. Het is bijzonder fijn dat we dit weer konden realiseren
door een subsidie! Weet jij toevallig een wedstrijd, fonds of natuursubsidieregeling, laat het ons dan weten! Wij hebben nog volop plannen, maar kunnen deze (nog) niet realiseren omdat we daar geen geld voor hebben. Wij zijn de vrijwilligers die op zo'n korte termijn weer meegeholpen hebben, heel dankbaar voor hun inzet. Kijk voor meer foto's op onze Facebookpagina! De grote houtwal (of takkenril) die we inmiddels hebben aangelegd, is bewust zo geplaatst om het nieuwe bos de kans te geven te gaan groeien, zonder dat de jonge aanplant kapot gelopen wordt. De houtwal biedt op zijn beurt naast nestgelegenheid, een uitstekende foerageerplek voor de kleinere insectenetende vogels en een schuilplaats voor kleine zoogdieren. Wij vragen iedereen dan ook voorzichtig met de jonge aanplant om te gaan. De grote stammen langs het pad blijven zo liggen. Hier kunnen schimmels en paddenstoelen op groeien maar ze kunnen ook door kinderen als evenwichtsbalk worden gebruikt. Wil je een keer helpen bij onderhoudswerkzaamheden? Meld je dan aan bij ‘de Vrienden van de Hennepakkers’, hennepakkersgroep@hotmail.com. Je kunt ons ook vinden op Facebook.
Van de penningmeester Gerard van Slijpe Veel NVWK-leden hebben de contributie voor dit jaar al betaald. Bij deze betalingen kreeg ik ook veel extra giften binnen, waarvoor mijn hartelijke dank!
36
De Waardvogel – juni 2013
Kinderopvangboerderij 'Achter 't Potdeksel' ¾ ¾ ¾ ¾ ¾ ¾ ¾
gelegen in een landelijke en agrarische omgeving van 07.00 tot 19.00 uur opvang aan max. 12 kinderen verticale groep van 0 tot 4 jaar in voormalige koeienstal ervaren en gediplomeerde leiding optimale zorg en aandacht in unieke accommodatie sfeervolle inrichting en aankleding buitenspeelruimte in de openlucht en overdekt.
www.kinderopvangboerderij.nl kinderopvangboerderij@wanadoo.nl Aad van der Meijden & Netty Brussee Benedenberg 66 - 2861 LH Bergambacht
Email: preparateurhofman@kpnplanet.nl
0182-353183
Openingstijden ma t/m vr: van 9 tot 18 uur dinsdagmiddag gesloten zaterdag: van 9 tot 16 uur Tiendweg west 28b Lekkerkerk 0180 - 663262
Scherp in printwerk
huisstijlen brochures flyers
0180-683804
strooifolders periodieken kopiëren en printen in zwart-wit en kleur
06-25040070 Goud PrintCenter Ohmweg 17 2952 BD Alblasserdam
T 078 691 24 74 E info@goudprintcenter.nl I www.goudprintcenter.nl
T. Rook • IJsseldijk Noord 358 2935 CS Ouderkerk
ZORGELOOS RIJDEN DANKZIJ VAN SMITS AUTO’S Wordt fan van ons klantvoordeel programma en profiteer ook mee!:
Kwaliteit
Voordelig
Betrouwbaar
Altijd dichtbij
s Gratis winter- & zomerkeuring met airco-check; s Spaarsysteem voor beurten, ieder jaar meer korting op de al scherpe vaste tarieven; s Aankoop van een door u geselecteerde occasion in geheel Nederland met ‘ZON’–garantie; s Waardecheques met tot 50% korting op onderdelen; s 1,2,3 service voor leaserijders; s Jaarlijks occasionshows, met kwaliteitsaanbod en directe voordelen! Kijk op smitsauto.nl of kom eens langs bij een van onze vestigingen, er is er altijd wel één bij u in de buurt!
smitsauto.nl
Provincialeweg 7a 2861 EB Bergambacht T. 0182 – 35 70 55 E. info@smitsauto.nl
Smits auto’s, uw dealer & garage. Al 30 jaar dichtbij! Vestigingen in Bergambacht, Haastrecht, Krimpen a/d Lek, Capelle a/d IJssel, Waddinxveen en Zoetermeer.
In het mooie polderdorp Berkenwoude ligt in het hart van de Krimpenerwaard “De Zwaan”. De sfeervolle zalen zijn zeer geschikt voor het organiseren van uw zakelijke of feestelijke bijeenkomst. Geluidsversterking, beamer en internetverbinding zijn aanwezig. Wij bieden u maatwerk van koffie tot complete maaltijden of buffetten. Alles wordt met liefde voor detail bereid in eigen keuken. Bel ons voor: • vergaderarrangementen, • cursussen, • jubilea, recepties of verjaardagen, • huwelijks- of bedrijfsfeesten.
“De Zwaan” biedt ook een petit restaurant, afhaalmaaltijden en een snackbar. Keuken geopend van 17.00 tot 20.00 uur op woensdag, vrijdag en zaterdag. Snacks, koffietafels, lunches en borrels met hapjes behoren eveneens tot de mogelijkheden. Vraag vrijblijvend advies.
www.dezwaanberkenwoude.nl Beheerder Pieter Versteeg 0182 – 362546 / 06 - 53214225