Skip to main content

Phantasm & Magid El-Bushra

Page 1

COME, PRETTY BABE VR | 25.02.11 | 20:00 PHANTASM & mAGID eL-bUSHRA

PROGRAMMA

William Byrd Fantasia a4

William Byrd (1453-1623)

Fantasia a5 (Two parts in one)

Pavan & Galliard a5

Queen’s Goodnight

In nomine a5 (III) Browning a5

William Byrd Rejoice Unto The Lord

Anoniem O Death, Rock Me Asleep

Richard Nicholson (1595-1639)

My Little Sweet Darling

In a Merry May Morn

William Byrd

William Byrd

Come, Pretty Babe

O God That guides the cheerful Sun

John Dowland (1563-1626)

UITVOERDERS

Lachrimae Antiquae uit ‘Lachrimae, Or Seven Tears’

Magid El-Bushra | contratenor

Lachrimae coactae uit ‘Lachrimae, Or Seven Tears’

Phantasm

The King of Denmark Galiard

Laurence Dreyfus | discantgamba &

The Earle of Essex Galiard

muzikale leiding

Sorrow, come!

Wendy Gillespie | discantgamba Jonathan Manson & Mikko Perkola |

PAUZE

tenorgamba Markku Luolajan-Mikkola | basgamba

William Byrd In nomine a5 (IV)

De opname van dit concert door Klara,

In nomine a5 (V)

hoort u op 7 juni in “In de Loge” om 20u.

Richard Farrant (ca. 1525-1580) O Jove, From Stately Throne William Byrd Ye Sacred Muses

Aandacht! Gelieve uw mobiele telefoon uit te schakelen.


2

TOELICHTING Come, pretty babe Johan van acker De jonge Soedanese contratenor Magid El-Bushra gaat vanavond een intiem gesprek aan met het Engelse gambaconsort Phantasm. Samen vertolken ze Engelse consort songs uit de 16de en 17de eeuw. William Byrd staat bekend als de belangrijkste vertegenwoordiger van dit genre en beschouwde het als de uitgelezen manier om de Engelse poëzie in muziek te vatten. Wanneer we luisteren naar een lied zoals ‘Come, Pretty Babe’ weten we meteen wat hij bedoelde… Turbulent Engeland De 16de eeuw was een turbulente periode in de Engelse geschiedenis. In 1534 vaardigde koning Hendrik VIII de Act of Supremacy uit, waarmee de Engelse kerk zich losmaakte van Rome en een onafhankelijke staatskerk werd. Met de invoering van het Edwardian Book of Common Prayer – een Engelstalig gebedenboek dat nog steeds de basis vormt voor het Engelse kerkleven – door Hendriks zoon Edward VI, kreeg de staatskerk een uitgesproken protestants karakter. Het Engels werd de taal van de eredienst, en dus ook van de geestelijke muziek. Na Edwards vroege dood in 1553 wist Mary Tudor (“Bloody Mary”) zich van de troon te verzekeren. Zij was een dochter van Hendrik VIII en diens eerste vrouw, Catharina van Aragon, en net als haar moeder streng katholiek. In haar korte regeerperiode trachtte zij de door Hendrik en Edward ingevoerde veranderingen terug te draaien, en gaf ze de contrareformatie en de inquisitie vrij spel. Na Mary’s dood in 1558 besteeg Elisabeth I de troon, die onmiddellijk alle door Mary ingevoerde veranderingen ongedaan maakte. De breuk met Rome werd definitief, en de oorlog met het katholieke Spanje gaf hieraan een des te sterkere politieke lading. Tegen de achtergrond van deze gebeurtenissen beleefde de Engelse muziek een unieke bloei. Eén van de centrale figuren was William Byrd (1543-1623). Hij was het grootste deel van zijn leven aan het hof verbonden, was katholiek, en zou de gevolgen van de politieke gebeurtenissen van nabij ondervinden. De invoering van het Edwardian Book of Common Prayer in 1549 dwong componisten niet alleen tot het gebruiken van de Engelse taal, maar, ter wille van de verstaanbaarheid, ook tot een drastische versobering van muzikale stijl. In plaats van veelstemmige polyfone motetten kwamen grotendeels homofone, vierstemmige anthems, die in de handen van meesters als Byrd echter even zovele pareltjes van eenvoud opleverden. Ook de niet-geestelijke muziek maakte aan het einde van de 16de eeuw een stormachtige ontwikkeling door. Zingen – met begeleiding van luit of gambaconsort of in kleine ensembles


TOELICHTING – werd een populair tijdverdrijf onder de betere families. Byrd publiceerde verscheidene bundels ‘Psalms, Songs and Sonnets, fit for voyces or viols’, die duidelijk voor huiselijk gebruik bedoeld zijn (“to perswade every one to learne to singe” volgens Byrds voorwoord bij deze bundels). ‘This sweet and merry month of May’ en ‘Though Amaryllis dance in green’ zijn uit deze bundels afkomstig. Tallis’ ‘Fond youth is a bubble’ is ook bekend met de geestelijke tekst ‘Purge me o Lord’. Een bijzondere plaats neemt Byrds klaaglied ‘Ye sacred muses’ op de dood van Thomas Tallis in. Byrd plaatst zichzelf hiermee in een lange traditie van componisten die het overlijden van bevriende collega-componisten muzikaal herdachten. Sweat melancholy Door de politiek, religieuze en wetenschappelijke onrust, ontstond wat we nu ook wel de melancholie van de 17e eeuw noemen. De mens raakte in verwarring en twijfel door het inzicht in zijn dualiteit als aards schepsel dat naar de eeuwigheid verlangt. Meer nog dan in andere landen greep in Engeland een gevoel van onbehaaglijkheid om zich heen en doordrong de maatschappij in al haar gelederen. “Sweat melancholy” werd na verloop van tijd gecultiveerd – zelfs tot cultus verheven – en vele kunstenaars omarmden hartstochtelijk het nieuwe levensgevoel. Een nieuwe bron van inspiratie was geboren. Exemplarisch voor de heersende esthetiek in Engeland uit die tijd is de titel van een geliefde muziekbundel: ‘The Seven Sobs of a Sorrowful Soule’. In deze sfeer schreef John Dowland rond 1604 zijn ‘Lachrimae or seaven tears in seven passionate pavans’. De traditie van de muziek voor consort bereikte haar hoogtepunt. Men kende muziek voor het whole consort en het broken consort. De whole consort bestond uit een bezetting uit gelijksoortige instrumenten, meestal gamba´s. Het broken consort kon ook bestaan uit instrumenten van verschillende aard, bijvoorbeeld aangevuld met blaasinstrumenten. De ‘Lachrimae’ is geschreven voor het whole consort, in dit geval twee diskantgamba’s, twee tenorgamba’s, basgamba en luit. De muzikale stof ontleende Dowland aan eerdere door hem geschreven composities, meestal liederen. In de eerste ‘Lachrimae’ horen we bijvoorbeeld het lied ‘Flow my tears’ en Dowland verwerkt dit lied in de volgende ‘Lachrimae’. In de originele druk worden de Lachrimae afgewisseld door diverse dansen die zijn opgedragen aan voorname Engelse heren als de graaf van Essex of Sir Henry Umpton die door Dowland geëerd wordt met een tombeau of plainte bij zijn begrafenis. Dowland eert zichzelf met een zelfportret, ‘Semper Dowland, semper Dolens’. Hoewel deze droevige titel het ergste doet vermoeden, bevat de bundel ook de nodige lichtere momenten in de rond de ‘Lachrimae’ gespeelde allemandes en galliards.

3


4

TEKSTEN O Death, rock me asleep O Death, rock me asleep, Bring me to quiet rest; Let pass my weary, guiltless ghost Out of my careful breast. Toll on the passing bell. Ring out the doleful knell, Let the sound my death tell. Death doth draw nigh. Sound my death dolefully: For now I die. Forewell, my pleasures past: My pains alone, alone In prison strong, who can express: Alas they are so strong. My dolours will not suffer strength My life for to prolong, Lest my woe work his cruel hope That I must taste: This misery, this misery. My Little Sweet Darling My little sweet darling, my comfort and joy, (Sing lullaby, lully!) In beauty surpassing the princes of Troy, (Sing lullaby, lully!) Now suck, child, and sleep, child, thy mother’s sweet boy, (Sing lullaby, lully!) The gods bless and keep thee from cruel annoy. (Sing lullaby, lully!) Sweet baby, lullaby, lully! Come, Pretty Babe Come, pretty babe, come pretty babe, Thy father’s shame, thy mother’s grief;

Born, as I doubt, to all our dole, And to thyself unhappy chief: Come lullaby, and wrap thee warm, Poor soul, thou think’st no creature wharm. Come little boy, and rock asleep, Sing lullaby and be thou still. I thank can do nought else but weep Will sit by thee and wail my fill. God bless my babe and lullaby From this thy father’s quality. Sorrow, come Sorrow, come, lend true repentant tears, To a woeful wretched wight, Hence, Despair with sad tormenting fears: O do not my poor heart affright. Pity, help now or never, Mark me not to endless pain, Alack I am condemned, No hope, nor help there doth remain, But down, down, down, down I fall, And arise I never shall. O Jove, from stately throne O love, from stately throne Cast down thine heav’nly eye, And search the secrets of my heart Accused wrongfully. Ay me! if you in heav’n Regard the faithful wight Defend, O God, my rightful cause, And bring the truth to light. Alas! to just request Your gracious grant, ah, yield,


5

TEKSTEN That my Altages may perceive How truth my heart doth shield. Ye Sacred Muses Ye sacred Muses, race of Jove, whom Music’s lore delighteth, Come down from crystal heav’ns above to earth where sorrow dwelleth, In mourning weeds, with tears in eyes: Tallis is dead, and Music dies. Rejoice unto the Lord Rejoice unto the Lord with mirth, which us from foreign fears Preserved hath a quiet state these eight and twenty years. Amen. The mercies of the Lord our God pour’d down upon this land Doth far surmount in quantity the number of the sand; So that the people Israel did never feel nor see More certain tokens of God’s love in delivery Than we of England whom the Lord hath blest these many years Through his handmaid Elizabeth, in peace from foreign fears. Whereas the nations on each side with troubles are beset Devoid of peace and quietness and live in terrors great. In a Merry May Morn In a merry May morn, When the fields the flower’s adorn The cuckoo chants it cheerfully, And every bird doth sing for joy Of such a pleasant Spring

With chirping notes most merrily. Then said the good man to his wife: “The cuckoo lives a pleasant life: Cuckoo!” O God That guides the cheerful Sun O God, that guides the cheerful sun By motions strange the year to frame, Which now, returned whence it begun, From heaven extols Thy glorious Name This New-year’s season sanctify, With double blessings of Thy store, That graces new may multiply, And former follies reign no more. So shall our hearts with heaven agree, And both give laud and praise to Thee. Th’ old year by course is past and gone, Old Adam, Lord, from us expel: New creatures make us every one, New life becomes the New year well. As new born babes from malice keep, New wedding garments, O Christ, we crave; That we Thy face in heaven may see With Angels bright our souls to save. So shall our hearts with heaven agree, And both give laud and praise to Thee. Amen.


6

BIO Magid El-Bushra Contratenor Magid El-Bushra werd geboren in Khartoem, Soedan. Hij studeerde o.a. aan het Magdalen College (Oxford), het Royal College of Music (Londen), en Operastudio Vlaanderen. Hij won verschillende prijzen waaronder de Century Prize for Early Music. Hij stond reeds op het podium van het Concertgebouw Amsterdam (The Sorceress in Purcells ‘Dido and Aeneas’ met Opera Fuoco/David Stern) en trad op met vooraanstaande ensembles zoals Les Arts Florissants (in ‘L’Orfeo’ van Monteverdi) en Le Concert Spirituel (in de opera ‘Callirhoé’ van Destouches). Tijdens Glyndebourne on Tour was hij te horen als Nutrice in Monteverdi’s ‘L’Incoronazione di Poppea’. Op het Glyndebourne Festival 2009 vertolkte hij de rol van Nireno in Handels ‘Giulio Cesare’. Als solist was Magid El-Bushra te horen in Charpentiers ‘Epitaphium Carpentarii’ met Il Seminario Musicale/Gerard Lesne, in Pergolesi’s ‘Stabat Mater’ in de Casa Da Musica (Porto) onder leiding van Laurence Cummings, en verder nog in Buxtehudes ‘Das Jüngste Gericht’ met Masaaki Suzuki, Bachs ‘Mis in G’ en ‘Mis in A’ met het Ensemble Pygmalion, en Klaus Hubers ‘Miserere Hominibus’ aan de Opéra Bastille (Parijs) met Les Jeunes Solistes. Magid El-Bushra is te horen op verschillende cd en radio-opnames. O.a. zijn vertolking van La Tragedia en Dafne in ‘Euridice’ van Caccini (opgenomen bij het label Ricercar met ensemble Scherzi Musicali olv Nicolas Achten) kon rekenen op heel wat positieve reacties van pers en publiek. Magid El-Bushra is tevens stichtend lid van het ensemble La Sfera Musicale dat in de prijzen viel op de wedstrijd voor oude muziek in Brugge (2006). Phantasm Laurence Dreyfus richtte het gambaconsort Phantasm op in 1994. Met hun onvervaarde en passionele speelstijl hebben ze naam gemaakt in de wereld van de oude muziek. Sinds 2005 is Phantasm “Consort in Residence” aan de Universiteit van Oxford; de muzikanten geven er les, zetten uitvoeringen op en werken samen met gambastudenten. Aanvankelijk bespeelden de vier leden van het kwartet moderne instrumenten. De buitengewone sonoriteit van het gambaconsort én de ingenieuze muzikale lijnen binnen de complexe meerstemmigheid van het consortrepertoire hebben hen echter overstag doen gaan. Phantasm krijgt wereldwijd lof voor zijn uitvoeringen, met werk dat zich tussen de 16de en de 19de eeuw situeert: van Byrd, Gibbons, Lawes , Purcell, tot (nieuwe ararngementen van) Bach en Mozart.


BiNNENKORT Akram Khan & de Indiase Kathakdans Van 31 maart tot en met 3 april vindt in Muziekcentrum De Bijloke Gent een dans- en muziekfestival plaats rond choreograaf Akram Khan. Khan gaat in première met zijn voorstelling ‘Gnosis’ en wordt daarbij live begeleid door een ensemble van vijf uitzonderlijke muzikanten uit India, Pakistan en het Verenigd Koninkrijk. Akram Khan is een van de fascinerendste dansers-choreografen van zijn generatie en wordt internationaal gewaardeerd voor zijn multi-disciplinaire werk dat over de grenzen van verschillende culturen heen reikt. In zijn nieuwe voorstelling ‘Gnosis’ combineert hij zijn roots in de Indiase kathakdans met hedendaagse dans. Naast de dansvoorstellingen staat een concert van het Spectra Ensemble met cantaora Amparo Cortes gepland, een concert met Noord-Indiase liederen, een muzikale vertelling voor de hele familie van en met Gerda Dendooven, dansinitiaties kathak, gratis films en dansfilms, een documentaire en lezingen rond de Indiase kathak. Meer info op www.debijloke.be.

Bespreekbureau Muziekcentrum De Bijloke Gent J. Kluyskensstraat 2, 9000 Gent Di - vr 10:00 - 12:00 & 13:00 - 17:00, za 13:00 - 17:00 t. 09 269 92 92 e. tickets@debijloke.be w. www.debijloke.be Colofon Tekst programmaboekje | Johan Van Acker Inleiding | Frederik Styns en Laurence Dreyfus Programmaboekjes | Sophie Cocquyt v.u. | Daan Bauwens © Muziekcentrum De Bijloke Gent Muziekcentrum De Bijloke is mobiel dankzij het partnership met Gent Motors (www.gentmotors.be)

7


8

BiNNENKORT ZO | 27.02.11 17:00 | Docenten in concert

ZA | 19.03.11 20:00 | East of Eden Mix

Docenten Jazz/Pop

Giorgis Xylouris (zang & laouto), Stelios Petrakis (lira), Periklis Papapetropou-

DI | 01.03.11 20:15 | Miry Mix (in Handels-

los (lavta & bulgari), Keyvan Chemirani

beurs)

(percussie)

Pavel Haas Quartet

Kretenzische liederen

Beethoven, Prokofjev, Dvorak WO | 23.03.11 20:00 | Symfonisch 2+ DO | 03.03.11 20:00 | East of Eden

Isabelle Faust (viool), Jean-Guihen

Osaka Gakuso

Queyras (cello), Alexander Melnikov

Japanse keizerlijke hofmuziek ‘gagaku’

(piano) Haydn, Schumann, Beethoven

VR | 04.03.11 18:30-24:00 Voorwaarts Maart / En avant Mars

VR | 25.03.11 20:00 | Musica Antiqua 1

Festival nieuwe muziek

New Dutch Academy, Simon Murphy (dirigent)

ZO | 06.03.11 16:00 | De Bijloke Jong

Vroege symfonieën uit de Lage Landen

deFilharmonie, Steven Verhaert (dirigent), Ianka Fleerackers (acteur)

ZO | 27.03.11 15:00 en 20:00 | Voix Gras

Kidconcert : Le carnaval des animaux &

(uitverkocht)

Peter en de wolf

Huelgas Ensemble, Paul Van Nevel (dirigent)

WO | 16.03.11 20:00 | Jazz

De weg naar het eeuwige leven

James Carter Organ Trio WO | 30.03.11 20:15 | Miry Mix VR | 18.03.11 20:00 | Symfonisch 1

(in Handelsbeurs)

deFilharmonie, Martyn Brabbins

Meta4

(dirigent), Paul Watkins (cello)

Kaipainen, Haydn, von Zemlinsky

Walton, Elgar DO |31.03.11 - ZO | 03.04.11 ZA | 19.03.11 20:00 | Symfonisch 3

Kathak- en Akram Kahn Festival

Brussels Philharmonic, Vlaams Radio Koor, James Mc Millan (dirigent), Andrew

WO | 06.04.11 20:00 | Jazz+

Schroeder (bariton)

Robin Verheyen & Friends

St. John Passion

Reflections on Brandenburg 3 DO | 07.04.11 20:00 | East of Eden Solisten van de Byzantijnse muziek Grieks-orthodoxe hymnes tijdens de Goede Week


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Phantasm & Magid El-Bushra by Muziekcentrum De Bijloke - Issuu