Cornelis Vreeswijk Nieuwsbrief. Verschijnt 4 keer per jaar. 5e Jaargang No 2. Voorjaar 2004
In dit nummer: Documentaire Vreeswijk leeft
2
Van de penningmeester
2
Den Bosch zingt Vreeswijk
3
Nieuw uitgekomen
4
Reus onder de reuzen
4
Swedish Chef
5
Van de voorzitter
6
Cornelis agenda
6
Nieuwe leden
6
Dit is een uitgave van het Cornelis Vreeswijk Genootschap. Het CVG is een vereniging voor liefhebbers van Cornelis Vreeswijk, en wil de herinnering aan Vreeswijk in Nederland levend houden. Het CVG organiseert bijeenkomsten, geeft een nieuwsbrief uit, onderhoudt een internetsite en steunt projecten die bijdragen aan de doelstellingen. Het lidmaatschap bedraagt € 11,50 per jaar. Familielidmaatschap € 18,00. Cornelis Vreeswijk Genootschap Reidfjild 25 9255 JS Tytsjerk cvgenootschap@cornelisvreeswijk.nl www.cornelisvreeswijk.nl Bankrekening: 36.30.40.048 ten name van: CVG te Buitenpost.
Jaarvergadering 13 Maart 2004 Het CVG had de jaarlijkse ledenvergadering ditmaal uitgeschreven voor 13 maart jl. Als ontmoetingsplaats was gekozen voor ’s Hertogenbosch, locatie Bar le Duc. Hoewel het aantal leden, dat de vergadering bezocht, duidelijk voor verbetering vatbaar was, was na afloop de stemming bij de aanwezigen toch bijzonder goed te noemen: er was weer een volledig vijfkoppig bestuur. Hieronder treft u een resumé van de notulen van de vergadering. Hoewel Lourdes Boasman te kennen had gegeven, dat het tijd werd voor een “verse” voorzitter, en derhalve zich eigenlijk per direct als voorzitter wilde terugtrekken, was het bestuur daar niet gelukkig mee. Lourdes is daarom akkoord gegaan om het voorzitterschap te blijven vervullen tot in ieder geval eind 2004. Wel heeft zij bedongen, dat een gedeelte van haar taken door anderen worden opgepakt, en zij dus minder belast zal worden. M.n. Peter Verschoor, als nieuw toegetreden lid van het bestuur, lijkt daarvoor de meest aangewezen persoon; hij wordt daarom benoemd tot vice-voorzitter. Omdat het bestuur nu weer uit vijf mensen bestaat, is er ook meer ruimte om de taken evenredig te verdelen. Bas van Geel had zich vorig jaar al aangemeld als aspirant bestuurslid, en wordt met algemene instemming als bestuurslid geïnstalleerd. Frits Bouwens wordt door de aanwezige leden herkozen als penningmeester. René Hasper treedt, ook in dit nieuwe bestuur, op als secretaris. Ondanks alle uitgaven is 2003 financieel een goed jaar geweest. Dit is mede te danken geweest aan de sponsoring van het beeld door diverse IJmuidense bedrijven. Toch, de economische recessie gaat ook niet aan het CVG en haar leden voorbij. Daarom heeft het bestuur besloten de kosten van het lidmaatschap van het CVG niet te verhogen. De vergadering gaat akkoord met het financiële jaarverslag evenals de genomen besluiten. Tijdens de vergadering heeft een aantal leden hun diensten aangeboden voor het leveren van kopij, evenals voor het samenvoegen en verzendklaar maken van de Nieuwsbrief.
Een artikelenreeks over Zweedse troubadours Hans Westin schrijft voor de Nieuwsbrief een serie artikelen over de Zweedse troubadours en de specifieke plek, die deze muzikanten innemen in de harten van de Zweden en in de Zweedse cultuur, en de relatie die Cornelis met hun had. In deze Nieuwsbrief een artikel: “Reus op schouders van reuzen” waarin Hans stelt dat hetgeen Cornelis meemaakte alleen in Zweden mogelijk was vanwege de Zweedse troubadourcultuur. Interessante gedachte, die uitdaagt om te Lees op pagina 4 volgen. We wensen u daar veel plezier mee…
Pagina 2
“Cornelis Vreeswijk Leeft – Nu de muziek nog!” “voor mij is er alleen nog de muziek, al het andere is vergeten”. Waarop de hele, afgeladen kerk gaat staan om “I natt jag drömde…” te zingen. Zelfs de dame in de rolstoel zit erbij alsof ze staat. Daartussen zien we de zusters van Cornelis bezig met hun dagelijkse beslommeringen terwijl ze zinnige, interessante dingen vertellen over Laat ik wel voorop stellen: het was hun beroemde broer. We krijgen een indrukwekkend! Het is Polak gelukt om, in een ritmische montage en met kijkje in de verzamelkamer van Lourdes Boasman (over indrukwekkend prachtige overgangen, het beeld op te wekken dat de titel belooft. Corne- gesproken!) en we zien hoe de oom lis Vreeswijk leeft en niet zo’n beetje van Vreeswijk net dat ene moment ook. Er komen mooie beelden langs voor de kamera kiest om eindelijk de van hoe men van heinde en ver komt Bellman-banden te onthullen. om de bard te herdenken, in IJmuiEn hier ergens begint bij mij de den bij het onthullen van het borstbeeld en in Stockholm om twijgen op schoen te wringen. Als CVG-lid en zijn graf te leggen. De film neemt ons liefhebber wéét ik wat daar gebeurt, mee door een stad waar het lijkt alsof maar hoeveel kijkers weten dat ook? werkelijk iedereen in staat, en bereid, Alle uitleg moet je zelf bij elkaar sprokkelen uit losse opmerkingen in is om een lied van Vreeswijk te zininterviews, een overkoepelend vergen. haal met een bindende visie ontEen schoolklas die door de muziekjuf breekt. Hier vind ik dat Hans Polak in naar het Cornelismuseum wordt mee- een valkuil is getrapt van de door hem gekozen vorm. Door de beelden genomen. Een straatzanger in de metro die in prachtig Engels laat mer- en de interviews voor zichzelf te laten ken dat hij vaak, en goed, heeft nage- spreken, zonder commentaarstem of tussenstukjes met achtergrondinfordacht over wat Vreeswijk uniek maakt. Een rapper die misschien wel matie, heeft hij ongewild een film gede zinnigste uitspraak in het hele pro- maakt die vooral interessant is als je al vrij veel over Cornelis Vreeswijk gramma doet: “uiteindelijk gaat het weet. En helaas, de meeste Nederalleen om de liedjes, je kunt er alles landers weten erg weinig over Cornemee doen áls je er maar iets mee lis Vreeswijk. doet”. Een gedachte die beaamd wordt door de spreker bij het herdenkingsconcert in de Katarinakerk: Op maandag 29 maart 2004 was het dan eindelijk zover en werd de lang verwachte documentaire van Hans Polak door de VARA uitgezonden. Met rode oren en kloppende harten schoof ik aan. En met gemengde gevoelens bleef ik achter.
“….van de Penningmeester” Leden, die nu nog niet hebben betaald krijgen geen Nieuwsbrief meer, maar een herinnering met een verzoek om alsnog te betalen. Dat is logisch. Als men daar niet op reageert dan is het “einde verhaal”. Jammer, want wij houden iemand graag als lid. Wat jammer is, is dat een aantal overschrijvingen niet doorgegaan is omdat er fouten waren geslopen in de betaling. Mensen hadden een verkeerd nummer ingevuld of de gegevens van de betaler klopte niet met het rekeningnummer. Helaas krijg je daar weinig inhoudelijke informatie bij, zodat je ook niet weet wat er aan de hand is. Het kan dus zijn dat sommige leden geen Nieuwsbrief krijgen alhoewel ze denken dat ze hebben betaald. In de herinneringsbrief, die iedereen krijgt die niet heeft betaald, wordt ook deze informatie opgenomen.
Door Hans Westin
In de scènes met Ann-Christin Wennerström grenst het resultaat aan het pijnlijke. Er is een heel teder, breekbaar moment wanneer zij voor de kamera de tranen laat lopen. Een mooi moment, en heel dapper van Ann-Christin om het te laten tonen, maar verwarrend voor de kijker die niet weet wie zij is en wat zij voor Vreeswijk betekende. En dat komt veel te slecht uit de verf. Had daar een couplet van “Marjolijn” achteraan gezet, met een korte uitleg van het verband. En zo kom ik bij mijn tweede bezwaar. Waar is de muziek gebleven? Er wordt meer tijd besteed aan het laten zien van wéér een hartelijk weerzien tussen steeds dezelfde mensen dan dat je Vreeswijk zelf hoort zingen. Alle muziek komt in korte fragmenten langs, de slotscène in de kerk is de enige keer dat je zoveel als één couplet helemaal te horen krijgt. Het is mooi om te zien dat deze zanger leeft, maar zonder de liederen erbij blijft het onduidelijk waardóór hij leeft. In dat opzicht vind ik, hoe mooi de film ook was, dat Polak zijn publiek meer had mogen bieden. Het was alsof we naar deel twee zaten te kijken en deel één hadden gemist. Het deel waarin de zanger wordt gepresenteerd en een basis geboden om te begrijpen “what all the fuzz is about”. Een prachtige film, én een gemiste kans.
Pagina 3
Den Bosch zingt Cornelis Vreeswijk, een verslag Op 13 maart 2004 vond de jaarlijkse vergadering van het Genootschap plaats in Bar le Duc te Den Bosch. Het Genootschap had voor deze plaats gekozen omdat 's avonds er een Vreeswijk avond was in de Azijnfabriek. Na afloop van de jaarvergadering zijn de meeste aanwezige leden voor een maaltijd in Bar le Duc gebleven, terwijl een kleine groep alvast richting Azijnfabriek vertrok. Helaas was ook deze voorhoede aan de late kant, het eerste van de vier podiumblokken was al bijna voorbij, dus we kunnen ons niet wagen aan een bespreking van alle afzonderlijke optredens. Wel kunnen we over de avond als geheel vaststellen: wat een geweldig initiatief! De Azijnfabriek is een plaatselijk theater/cultuurpodium, gevestigd in een prachtig oud industriepand in de Bossche binnenstad. De pas aangetreden nieuwe leiding heeft besloten om een serie avonden te houden met als thema: “Den Bosch zingt…”, waarbij de top van Bossche amateurs en semi-professionals telkens het werk zullen brengen van één artiest. Min of meer toevallig is de spits afgebeten door “Den Bosch zingt Cornelis Vreeswijk”, waarmee de Azijnfabriek meteen heeft bewezen dat je met een troubadour mak-
kelijk een zaal kan vullen. Het was een geweldige avond. Mensen die nog nooit of nauwelijks van Vreeswijk hadden gehoord hebben in enkele weken een avondvullend programma ingestudeerd, waarbij de persoonlijke interpretatie niet werd geschuwd. Cornelis is in de meest uiteenlopende gedaanten langsgekomen, variërend van het Engelens Kadekoor, met de “Autowasserij” en de “Nozem”, tot Ineke Bekker die met een geschoolde stem bijzondere, haast klassieke vertolkingen bracht van “Rozenblad” en “Het laatste Sprookje”. Van de plaatselijke jazzworkshop, die meerdere acts begeleidde, tot Gisela Hillebrand en Dymph Jansen met een mooie theatrale uitvoering van “Blues voor Jacques Brel”. En natuurlijk het lokale duo “voor al uw feestjes en partijen” dat, compleet met ritmebox en begeleidingscassette, nogmaals bewees dat de Vreeswijkse versies van Jim Croce makkelijk de vergelijking met Croce zelf kunnen doorstaan. Verder waren daar Peter Verschoor, om over Cornelis zelf te vertellen, en Paul Belien die het verhaal compleet maakte door de link met Bellman te leggen. Bijzondere aandacht verdient ook Michon Sprengers, zangeres in een Bossche band, die verrukkelijk jazzy uit de hoek wist te komen met “Een zekere samba” en “Een reis”. En bovenal Agnes Heyting en Louis vd Hout, die ons diep hebben geraakt met hun uitvoeringen van “Daarom noem ik jou mijn liefste…” en “Ik wil het niet pikken”. Den Bosch, u heeft onze harten gewonnen!
Halverwege het programma trad Ibo Bakker aan, de kersverse “Bossche Bol”. Wij CVG-ers denken misschien al stiekem aan Ibo als onze persoonlijke huistroubadour; zaterdag heeft hij zich kunnen tonen aan zijn nieuwe stadsgenoten en was er duidelijk sprake van liefde op eerste gezicht. Ibo begon met een fraaie, ons nog onbekende versie van het “Paleis van Zand”, om vervolgens via “Speelman Jan” en “Cecilia Lind” bij zijn eigen “Boom” te belanden. Wij, die het lied Michon Sprengers al kennen, zaten al met spanning af
te wachten hoe het Bossche publiek zou reageren op de Brandweerman in z’n bakje. Niemand had echter, en Ibo zo te zien al helemaal niet, de staande ovatie verwacht die daarop volgde. Ook Bellman is niet door Ibo verwaarloosd, de uitvoering van “Epistel 81” (Mauritz) was mooier dan ooit.
Ibo Bakker Aan het eind was er wegens ziekte een act uitgevallen, gelukkig konden daar Debby Reyes en Wendela Sterker invallen. Debby en Wendela hadden eerder op de dag, na afloop van de vergadering in Bar le Duc, al een vijftal nummers gezongen. De dames brachten ditmaal de nummers "Marjolijn" en "Lied in de winden"; het laatste is een vertaling van het Zweedse nummer "Visa i vinden" door Hans Westin. Dat de zaal deze onverwachte en ongeplande bijdrage kon waarderen bleek door het applaus. Pas rond één uur is de CVGdelegatie naar het hotel teruggewandeld, met heel veel bijzondere muziek nog in de oren. Azijnfabriek, ga zo door! Het volgende thema schijnt te worden: “Den Bosch zingt Jacques Brel”, wat ons betreft een absolute aanrader.
Pagina 4
Vreeswijk – Reus op de Schouders van Reuzen Nieuw uitgekomen
Niet geheel nieuw, maar vergeten in het overzicht van de vorige keer, is de CD van de dubbel LP “Live Montmartre Köpenhamn”. Het vermoeden dat deze LP al éérder op CD verschenen en dat deze CD een nieuwe release was, bleek dus niet het geval. Maar liefst 20 heerlijke nummers voor nog geen 6 euro.
Van de in januari 2004 verschenen CD van Jack Vreeswijk (zie vorige Nieuwsbrief) dook onlangs een promo op. Hier staan twee nummers van Cornelis op, dus voor de ware verzamelaar. Live Montmartre Köpenhamn €5,95 Promo Jack Vreeswijk is niet te koop www.cornelisvreeswijk.nl/cdon Daarna zoeken op Vreeswijk als uitvoerende of als titel.
Wat Cornelis Vreeswijk was, en nog altijd is, kon hij misschien alleen in Zweden worden. In dat land is er altijd plaats geweest voor een man met een gitaar – niet alleen in de schuilkelder maar tot op de Parnas van de “serieuze” cultuur. In een serie artikelen schetst een van onze Zweedse leden een beeld van een land waar de poëzie wordt gezongen. Eerste deel: Op de schouders van reuzen.
In één van de eerste drukwerkjes die ik als kersvers CVG-lid in handen kreeg stond een prachtig verhaal, dat ook terugkomt in de hoestekst van de Hommage-CD. Het ging over een paneldiscussie op de Zweedse radio over de vraag: welke zanger van deze tijd zal over een eeuw nog gezongen worden, net als Bellman nu? Het unanieme antwoord was “alleen Vreeswijk”. Ik glom van trots. Eindelijk kreeg die man de erkenning die wij, luisterende Zweden, hem al in de jaren zestig gaven. Toen hij zeker nog geen “Zweedse Cultuur” was, eerder iemand die de jeugd vermaakte en de roddelpers aan het werk hielp. En dan krijg je achteraf gelijk van zo’n cultuurpanel, heerlijk! Maar klopt het wel: “alléén Vreeswijk”? Sindsdien heb ik vaak de gelegenheid gehad om met mensen over Cornelis te spreken; het valt me de laatste tijd op dat je niet meer voor gek wordt versleten als je op een avond zijn muziek opzet. Niet eens in het Zweeds. Veel eerder krijg je vragen over hoe het nou eigenlijk zat met Vreeswijk en Zweden. En dan komt er een heel verhaal, over een reus op de schouders van reuzen. Wat Cornelis in Zweden betekent is nooit los te zien van een hele rij andere troubadours. Of eigenlijk van het feit dat er in Zweden troubadours zijn. Waarbij ik met een troubadour iemand bedoel die de grens tussen “liedschrijver” en “dichter”, tussen “hoge” en “lage” cultuur, niet zozeer overschrijdt als wel opheft. Ook Nederland kent zulke genieën, jullie belangrijkste dichter van de twintigste eeuw was misschien wel Annie M.G. Schmidt. Maar ik vrees dat zij in dit land eerder zal voortleven als “mediageschiedenis” dan als hoogtepunt uit de Nederlandstalige letterkunde. Dat vind ik jammer maar ik heb makkelijk praten, in Zweden heeft het toeval het anders geregeld. Op de Zweedse middenschool in de jaren zestig, net als op de Stockholmse MULO waar Cornelis vijftien jaar eerder rondliep, begon in onze boekjes de moderne Zweedse literatuur met een zanger en potsenmaker: Carl Michael Bellman (1740-1795), de oer-troubadour. Een volgend nummer van de Nieuwsbrief zal volledig gewijd zijn aan deze merkwaardige man, die het drinklied wist te promoveren van de gelagkamers naar – letterlijk – de koninklijke troonzaal. Voor dit stuk gaat het er vooral om dat wij zijn liederen niet bij muziekles onder ogen kregen, maar bij Zweedse taal- en letterkunde! Alsof Vondel een zanger op braderieën was geweest. Ik denk dat dit belangrijk is. Toen Vreeswijk als twaalfjarige in Zweden kwam, dé leeftijd waarop gretige lezers ontstaan, belandde hij in een cultuurklimaat waar het gezongen lied een volwaardige plaats heeft naast proza en geschreven poëzie. Vanaf Bellman loopt er een ongebroken lijn van Zweedse dichters die ook het lied als medium kozen. Daar boffen wij mee, stel je voor wat een mooie smartlappen en zeemansballades Nederland zou hebben als ze door J.C. Bloem en Slauerhoff waren geschreven...
Pagina 5
Door Hans Westin De twintigste eeuw was bijzonder rijk in dat opzicht. In de jaren twintig had de dichter, journalist en romanschrijver Birger Sjöberg (18851929) groot succes met “Fridas Visor”, een bundel romantische liederen in idyllische omgeving. Het “Kleine Parijs” uit deze teksten, een geïdealiseerd portret van Sjöbergs geboortestad Vänersborg rond de vorige eeuwwisseling, is nog altijd hét symbool van de “goede oude tijd” toen het leven nog simpel was en de zomers nooit voorbijgingen. Realistischer, en oneindig veel droeviger, was Dan Andersson (1888 – 1920) die in zijn korte, heftige dichtersleven een aantal onsterfelijke liederen schreef. Eén daarvan, “en Spelmans Sista Färd”, is door Vreeswijk in het Nederlands vertaald en staat als “De Laatste Tocht van een Speelman” op de Hommage-CD.
Swedish Chef
Een andere dichter die grote invloed op Cornelis zou hebben was Nils Ferlin (1898-1961). Zijn bekendste gedicht heet heel toepasselijk “Een Walsmelodie” en elke Zweed kent de regels: Jag har sålt mina visor till nöjets estrader och Gud må förlåta mig somliga rader Vrij vertaald: Voor het podiumvermaak heb ik liedjes geschreven en God mag mij sommige regels vergeven Cornelis Vreeswijk vergaf hem in ieder geval volledig, zo wilde hij óók dichten. Met dezelfde woorden die je gebruikt als je spreekt. En over hoe het is, niet over hoe het hoort te zijn. En natuurlijk was daar Evert Taube (1890-1976). Deze zeeman, avonturier en cultuurikoon zal in een later artikel uitvoerig besproken worden, voor dit moment is het genoeg om te constateren dat je om Taube niet heen kon. Bejubeld door mijn ouders, gewantrouwd door hún ouders en voor mijn generatie, de baby-boomers, gewoon een vaststaand gegeven, zoiets als Sinterklaas of Koninginnedag. Zijn liederen zongen we in de vakantieauto, rond het kampvuur, op school, overal en altijd, tot het ons danig de keel uithing. En dan komt daar zo’n Hollander aan, die dezelfde liederen zo weet te zingen dat we ze voor het eerst ook hóren. Toen heeft Cornelis een zoen gekregen van Evert Taube, maar dat was later. We zitten nu nog in de jaren vijftig, waar kortom een zeer vruchtbare bodem aanwezig was voor een getalenteerde immigrant met schrijfambities. Het Zweedse troubadourslied was net bezig om zichzelf na Taube opnieuw uit te vinden, met zangers als Olle Adolphson en Sven-Bertil Taube (inderdaad, de zoon van). De grammofoonindustrie was in opkomst, de toenemende welvaart zorgde voor een oplevend uitgaansleven. De podia van vermaak hadden liederen nodig en die liederen kwamen er, in overvloed en van hoge kwaliteit. Het politiek cabaret vierde hoogtij en niemand hoefde meer God om vergiffenis te vragen voor welke regels dan ook. En daar, in de hoek bij de jukebox, zat een student van de sociale academie. Die eigenlijk journalist wilde worden. En dichter, en een grote schrijver. Hij werd al die dingen, en nog veel meer. Volgende keer: de Herderin bij de Bron
Fiskesoppa (vissoep) Ingrediënten 400 g kabeljauwfilet 2 aardappels 1 kleine winterwortel 1/4 selderijknol 1/2 theelepel zout 1 laurierblaadje 25 g bloem 1/2 l melk peper 1 lepel dille Bereiding Schil de aardappels en snij in blokjes, snij de wortel in kleine blokjes, net als de knolselderij en de vis. Breng ½ l water aan de kook met zout en laurier, doe aardappel, wortel, selderij en vis erin en laat 10-15 minuten zachtjes koken. Smelt de boter in een steelpan. Roer bloem erdoor. Roer scheutje voor scheutje de melk erdoor. Roer tot het een gladgebonden mengsel is. Haal de laurier uit de soep. Roer de roux beetje bij beetje door de soep. Breng op smaak met zout en peper en garneer met dille.
Pagina 6
sie is weer een andere! Op de eerste pagina van deze Nieuwsbrief heeft u het al kunnen lezen: we hebben een nieuw CVG bestuur. Zelf had ik al eerder te kennen gegeven me te willen terugtrekken uit het bestuur, maar op verzoek blijf ik, in ieder geval tot eind 2004, nog aan als voorzitter. Behalve een nu voltallig bestuur, der de indruk kwam van het feno- hebben we gelukkig ook nog een meen Vreeswijk, dat hij niet alleen aspirant bestuurslid in de gedaante een liefhebber van het werk van van Hans Westin. Hans heeft te Cornelis is geworden, maar dat hij kennen gegeven tevens kopij aan ook een totaal andere richting aan te leveren voor de Nieuwsbrief. de documentaire heeft moeten ge- Uiteraard wordt zo’n bod door de ven. Hij vond daar zo’n geweldige leden van het bestuur gretig aanrijkdom aan informatie over Corne- vaard. In deze Nieuwsbrief kunt u lis zelf, en over Cornelis’ publiek, reeds al één en ander van zijn pendat hij werkelijk tijd tekort kwam. Hij nenvruchten lezen. heeft zoveel materiaal verzameld, dat zijn documentaire zelfs ééns zo Afsluitend nog één mededeling. lang had kunnen zijn. Helaas had Het aantal leden blijft groeien. Veel hij slechts vijftig minuten, maar van nieuwe leden hebben echter nooit die vijftig minuten heeft hij ook wer- de mogelijkheid gehad om de oukelijk het beste trachten te maken. dere Nieuwsbrieven in handen te In deze Nieuwsbrief kunt u lezen krijgen. Het bestuur heeft nu beslohoe één van de CVG-leden de do- ten om deze oude Nieuwsbrieven cumentaire heeft beleefd. Uiteraard alsnog beschikbaar te stellen voor zijn dat zijn persoonlijke gevoelens. de leden. Op onze site krijgt u nu Graag horen we ook van andere de mogelijkheid aangeboden om leden hoe zíj de documentaire er- ze te downloaden. Zo kunnen ook varen hebben (én die ervaring, mits de later tot het CVG toegetreden toestemming wordt verleend, publi- Vreeswijk-liefhebbers hun verzaceren in de Nieuwsbrief!). Schroom meling Nieuwsbrieven op orde krijdus niet, want een documentaire gen. Lourdes Boasman over Vreeswijk is één manier om Voorzitter CVG hem levend te houden, een discus-
Van de voorzitter We hebben, als CVG, al heel wat voor elkaar kunnen krijgen, en onze doelstelling om Cornelis Vreeswijk weer op de Nederlandse muziekkaart te zetten, mag duidelijk succesvol worden genoemd. In amper vier jaar tijd is er een hommage CD van onze troubadour verschenen, hebben we een borstbeeld kunnen laten plaatsen in de duinen van IJmuiden en is er totaal onbekend Nederlands werk van Cornelis op magneetband teruggevonden. En tot slot is nu de documentaire over het fenomeen Cornelis Vreeswijk op televisie uitgezonden. Een boek over Cornelis is in ontwikkeling, en het nieuw ontdekte werk van Vreeswijk zal ook nog de weg naar een CD vinden. Ruim 17 jaar na zijn dood is Cornelis Vreeswijk nog steeds springlevend. De documentaire van Hans Polak heeft een aantal, onbedoelde neveneffecten gehad. Ik heb begrepen, dat Hans, toen hij in Zweden aan het filmen was, zo enorm on-
Wij willen de nieuwe leden van harte welkom heten. Jaap Bertou E. Corstens H.J.C. de Leeuw Hennie Lasker Gerard van Hofwegen J.H. Rentzenbrink C. Langedijk Marlies Philippa Wim Swart Harrie Donders Jacob W. van der Hoek Vic Rasschaert B.E. Vreeswijk Erik de Groot H.J. Payens Ger ´t Jong Debby Reyes
Ulft Emmen Hendrik Ido Ambacht Appingedam Bussum Edam Grootebroek Amsterdam Rotterdam Amstelveen Bakkeveen België Den Haag Zwaag Olst Duitsland Leeuwarden
Nel Dekker-Loer Per Olsson P.J. Weber Ineke Romp Martijn Schriek Kees en Ria de Bruijne Kittie van Arkens Edward van Drongelen W. Ketel Achilles H.J.M. Damen
Schagen Zweden ‘s Gravenzande Deventer Amsterdam Heerhugowaard Zwolle Amsterdam Apeldoorn Almelo
Cornelis Agenda 8 aug 2004
Cornelisdag, Zweden
8 aug 2004
Cornelisdag, Denemarken