za 19 september 2026 20.00 Sint-Gilliskerk
Utopia Ensemble
© Tim De Backer
Lassus. Klaagzangen
Het Utopia Ensemble (BE) werd opgericht in 2015 en bestaat uit vijf ervaren zangers, gespecialiseerd in vocale muziek uit de 16e eeuw. Geïnspireerd door de ideeën uit Thomas Mores Utopia, streeft het ensemble ernaar een maatschappelijke rol op te nemen. Het ensemble
organiseert de Utopia Festivaldag, waarin muziek en kunst samengaan met maatschappelijke debatten. De Sint-Pauluskerk in Antwerpen is de uitvalsbasis voor concerten en projecten, inclusief een samenwerking met het Museum Vleeshuis. Het ensemble klonk eerder
op het MA festival en Laus Polyfoniae, maar wordt ook internationaal gesmaakt. Utopia heeft meerdere albums uit die een Diapason d’Or hebben gewonnen en brengt op 27 september 2026 zijn nieuwste album uit in samenwerking met Psallentes.
TOPSTUK
Utopia Ensemble: vocaal ensemble Michaela Riener: mezzosopraan Bart Uvyn: contratenor Adriaan De Koster: tenor Lieven Termont: bariton Guillaume Olry: bas
KIPPENVEL
met de steun van
Utopia was al eerder te horen tijdens het polyfoniefestival GOLD in 2024. Ze traden toen op bij het graf van Anselm Adornes tijdens een muzikale wandeling langs betekenisvolle historische plekken.
Doorheen de jaren 25 jaar concertgebouw 2
nieuwe topstukken
Het werk van Orlandus Lassus heeft een lange geschiedenis op ons podium. In de afgelopen 25 jaar weerklonken al zeven keer composities van zijn hand, uitgevoerd door onder meer Huelgas Ensemble en Vocalconsort Berlin. 3
Lamentationes Hieremiae Prophetae à 5, LV815-823 (1585) I. Feria quinta in Coena Domini Incipit lamentatio Jeremiæ… Quomodo sedet sola civitas Zain. Recordata est dierum afflictionis suae Lamed. O vos omnes, qui transitis per viam II. Feria sexta in Parasceve De lamentatio Jeremiæ… Heth. Cogitavit Dominus Mem. Cui comparabo te? Aleph. Ego vir videns paupertatem meam
MUZIEK SPIRITUEEL
Orlandus Lassus (1532-1594)
III. Sabbato Sancto De lamentatio Jeremiæ… Heth. Misericordiæ Domini Aleph. Quomodo obscuratum est aurum Incipit oratio Jeremiæ prophetæ. Recordare
Verwen je oren ook tijdens seizoen 2026/27 met vijf nieuwe topstukken, ofwel: vijf werken uit vijf verschillende eeuwen die je hartslag spontaan de hoogte injagen, en al zeker als je ze live beleeft. concertgebouw.be/topstukken
19 sep 2026
19 sep 2026
Biografieën
Uitvoerders & programma
Wasdom, meesterschap en inzicht ‘Meer misschien dan bij andere fasen komt deze periode met lusten en lasten. Fysiek en geestelijk kan het al eens moeizamer of trager gaan. Maar het kan evenzeer een periode zijn van vrijheid, van berusting en aanvaarding, van het bereiken van wasdom, meesterschap en inzicht. Met andere woorden, een tijd van wijsheid’. Treffend introduceert artistiek directeur Alexander Jocqué het vierde seizoen van de cyclus over de grote fasen van een mensenleven: de ouderdom.
Orlandus Lassus in 1580: ‘Ik begin oud te worden’ Een musicus op wie deze karakterisering perfect van toepassing is, is Orlandus Lassus (1532-1594), de uit Mons afkomstige kapelmeester van het Beierse hof in München en toen de beroemdste componist van zijn tijd. Na een verblijf in Italië en in Antwerpen verhuisde hij in 1556 definitief naar München, waar hij in 1594 overleed. Onder hertog Wilhelm werd het Beierse hof vanaf 1579 vooral onder invloed van de Jezuïeten, een bolwerk van de contrareformatie, met strenge regels op religieus vlak. Niet toevallig werd Wilhelm vereerd met de bijnaam Pius (‘de vrome’). Hij stimuleerde dan ook vooral de liturgische muziek. In 1580 kreeg Lassus de kans om aan het strenge keurslijf van Wilhelm te ontsnappen. Hij kreeg het aanbod om kapelmeester te worden bij de keurvorst van Dresden, maar sloeg dat af met als eerste persoonlijke argument: ‘Ik begin oud te worden.’ Hij was op dat moment 48 jaar. Van een afname van zijn productiviteit was er echter geen sprake: precies in de jaren ’80 was hij op het toppunt van zijn meesterschap: elk jaar verschenen er een of meerdere uitgaven van zijn werk. Een van de hoogtepunten is ongetwijfeld de cyclus Hieremiae prophetae lamentationes uit 1585.
4
– Orlandus Lassus betekent het absolute hoogtepunt van de meerstemmige muziek in de renaissance. – Zijn serene verklanking van de Klaagzangen van Jeremias uit 1585 voegt aan deze aangrijpende teksten een extra dimensie toe.
‘Keer terug tot de Heer, uw God’ De oudtestamentische Lamentaties of Klaagliederen zijn een verzameling van vijf treurzangen over de verwoesting van Jeruzalem in 587 voor Christus. Ten onrechte zijn ze toegeschreven aan de profeet Jeremias, al worden ze nog steeds naar hem vernoemd. Deze ontroerende teksten over lijden, smart en zelfverwijt, maar ook over ontferming, vergiffenis, bekering en godsvertrouwen kregen in de liturgie een vaste plaats als gregoriaanse gezangen tijdens de drie laatste dagen van de Goede Week. Ze stonden symbool voor het lijden van christus en het rouwen om zijn dood. Een van de opvallendste kenmerken van de lamentaties is de ‘alfabetische’ opbouw ervan: aan elk vers gaat een letter van het Hebreeuwse alfabet vooraf (aleph, beth, gimel ...). Die structurerende letters bleven in de Latijnse Bijbelvertaling behouden. In contrast met de syllabische (één toon per lettergreep) voordracht van de verzen werden deze letters licht melismatisch (een reeks noten per lettergreep) gezongen. De eerste lamentatie begint met de woorden Incipit lamentatio Ieremiae prophetae (‘Het begin van de lamentatie van de profeet Jeremias’). Elke lezing eindigt met een oproep tot bekering: Ierusalem, Ierusalem, convertere ad Dominum Deum tuum (‘Jeruzalem, Jeruzalem, keer terug tot de Heer, uw God’).
‘Orlandus Lassus was de beroemdste componist van zijn tijd.’
De Lamentaties van Orlandus Lassus (1585) Zoals gebruikelijk bestaat een cyclus lamentaties uit negen gezangen, drie voor elk van de drie dagen, uitgevoerd tijdens de ochtendliturgie. De bezetting van Lassus’ werk is vijfstemmig (sopraan, alt, twee tenoren en bas). Elke Hebreeuwse letter en elk vers vormen een apart fragment. Naar het gregoriaans verwijst de overwegend syllabische toonzetting van de verzen en de – hier wel veel uitgebreidere – melismatische uitwerking van de letters. Lassus staat erom bekend dat hij in veel werken de tekst soms extreem beeldend uitdrukt. In zijn late religieuze werken, zoals hier, blijft dit eerder bescheiden, al fleurt hij de serene polyfonie toch geregeld op met een expressief detail. Enkele voorbeelden. Het eerste vers van de eerste lamentatie luidt: Quomodo sedet sola civitas plena populo (‘Hoe verlaten zit zij neer, de eens dichtbevolkte stad’). Na een vijfstemmige inzet reduceert Lassus de bezetting tot de twee laagste partijen op sola (‘verlaten’), die dan weer vijfstemmig wordt op plena (‘vol’). Doorgaans stroomt de polyfonie in een rustig, gelijkmatig tempo voort, maar enkele keren doorbreekt Lassus die rust door een versnelling als uitdrukking van een felle actie (deriserunt: ‘uitlachen’) of een extreem gevoel (furoris sui, ‘van zijn woede’). Bij die lange teksten van de klaagzangen beperkt hij de woordherhalingen, tenzij om speciale nadruk te leggen, vaak bij een intens affect, zoals op het extreem droevige si est dolor (‘of er een verdriet is’), dat hij bovendien uitdrukt door een dalende melodische lijn en een reeks dissonante akkoorden.
5
Dank u, Orlando! Lassus’ Lamentaties zijn een uit de duizend herkenbare vingerafdruk van een componist wiens stijl zijn vriend en tijdgenoot, de Parijse uitgever Adrian le Roy, omschrijft als pressus et limatus (‘beknopt en tot in de details afgewerkt’). Elke noot staat precies waar ze hoort. Zijn bekwaamheid om met uiterste economie van middelen een tekst tot leven te brengen is in de late 16e eeuw ongeëvenaard. Geen grootse gebaren, geen spektakel, maar een toonbeeld van ‘wasdom, meesterschap en inzicht’. Dank u, Orlando! Ignace Bossuyt
Luistertip Laat je met ‘aandacht en aanwezigheid’ meeslepen door de onaardse schoonheid van de meerstemmige muziek van Lassus: de vloeiende melodische lijnen, de hemelse welluidendheid, het interactief samenspel van vijf zelfstandige partijen. #deeplistening
19 sep 2026
19 sep 2026
Verdriet in een helend weefsel van stemmen
Ontdek het verhaal achter Lassus’ Lamentationes Wist je dat Orlandus Lassus eigenlijk uit Bergen (Mons) kwam, maar dankzij zijn prachtige knapenstem in Mantua, Sicilië, Napels en Rome belandde? En dat hij niet alleen vloeiend Frans, Italiaans, Nederlands, Duits en Latijn sprak, maar ook een grote liefde had voor taalspelletjes in zijn composities?
Lees ook de interactieve verhalen van de vorige seizoenen over tientallen andere grote meesterwerken op concertgebouw.be/topstukken
Public
Een moment van stilte. Een wereld van klank. 40% korting
Cera en Concertgebouw Brugge verwelkomen je in een wereld waar muziek en dans verbinden. Samen maken we kunst toegankelijk voor iedereen. Als Cera-vennoot geniet je trouwens van 40% korting op een zorgvuldig gekozen selectie voorstellingen.
Meer weten?
© Dirk Walravens
6
ncert Surf naar www.cera .coop/nl/co
2511 ADV Concertgebouw Brugge 138x95mm.indd 1
Lamentationes Hieremiae Prophetae à 5 (LV815-823)
Klaagzangen van de profeet Jeremia à 5 (LV815-823)
I. Feria quinta in Coena Domini Incipit lamentatio Jeremiæ… Quomodo sedet sola civitas
I. Witte Donderdag Hier begint de klaagzang van Jeremia… Hoe zit het in de stad
Lamentatio Prima – primi diei
Eerste klaagzang – eerste dag
ALEPH Quomodo sedet sola civitas plena populo! Facta est quasi vidua domina gentium; princeps provinciarum facta est sub tributo.
ALEPH Hoe zit de stad vol mensen zo eenzaam! De meesteres van de naties is als een weduwe geworden; de prinses van de provincies is onderworpen aan belasting.
BETH Plorans ploravit in nocte, et lacrimae ejus in maxillis ejus:non est qui consoletur eam, ex omnibus caris ejus; omnes amici ejus spreverunt eam, et facti sunt ei inimici.
BETH Ze huilt ‘s nachts, en haar tranen vloeien op haar wangen; er is niemand van al haar geliefden die haar troost: al haar vrienden hebben haar veracht en zijn haar vijanden geworden.
GHIMEL Migravit Judas propter afflictionem, et multitudinem servitutis; habitavit inter gentes, nec invenit requiem: omnes persecutores ejus apprehenderunt eam inter angustias.
GHIMEL Juda is verhuisd vanwege de ellende en de veelheid aan slavernij; zij woont onder de heidenen en vindt geen rust: al haar vervolgers hebben haar gevangengenomen en in het nauw gedreven.
Jerusalem, Jerusalem, convertere ad Dominum Deum tuum.
Jeruzalem, Jeruzalem, keer u terug tot de Heer, uw God.
Lamentatio Secunda primi diei
Tweede klaagzang – eerste dag
Incipit Lamentatio Jeremiae prophetae.
Ontdek het hele verhaal
gebouw
www.cera.coop
20/11/2025 16:20
19 sep 2026
19 sep 2026
Liedteksten
ZAIN Recordata est Jerusalem dierum afflictionis suae,et praevaricationis, omnium desiderabilium suorum, quae habuerat a diebus antiquis, cum caderet populus ejus in manu hostili, et non esset auxiliator: viderunt eam hostes, et deriserunt sabbata eius.
7
Hier begint de klaagzang van de profeet Jeremia.
ZAIN In de dagen van haar leed en plichtsverzuim wordt Jeruzalem herinnerd aan alle begeerlijke dingen die zij in de oude tijd in haar bezit had. Toen haar volk in handen van de vijand viel, is niemand haar te hulp gekomen. Haar vijanden zagen haar en bespotten haar sabbatvieringen.
HETH Jeruzalem heeft gezondigd en is daardoor aan het wankelen gegaan; allen die haar vroeger verheerlijkten, hebben haar bij het ontwaren van haar eerloosheid afgewezen; zijzelf echter heeft zich in zelfbeklag opnieuw afgewend.
TETH Sordes eius in pedibus eius: nec recordata est finis sui. Deposita est vehementer: non habens consolatorem. Vide Domine afflictionem meam: quoniam erectus est inimicus.
TETH Het vuil plakt aan haar voeten, het einde is haar onbekend. Zwaar is ze gevallen en ze heeft niemand om haar te troosten. Zie, Heer, mijn ellende, want mijn vijand richt zich op.
Jerusalem, Jerusalem, convertere ad Dominum Deum tuum.
Jeruzalem, Jeruzalem, keer u terug tot de Heer, uw God.
Lamentatio – tertia primi diei
Derde klaagzang – eerste dag
LAMED O vos omnes qui transitis per viam, attendite, et videte si est dolor sicut dolor meus! Quoniam vindemiavit me, ut locutus est Dominus, in die irae furoris sui.
LAMED Jullie allen die hier voorbijkomen, wees aandachtig en overweeg of er leed bestaat zoals mijn smart! Want Hij heeft mij vertrapt als druiven, zoals de Heer heeft gesproken op de dag van Zijn toorn en woede.
MEM De excelso misit ignem in ossibus meis et erudivit me: expandit rete pedibus meis: convertit me retrorsum: posuit me desolatam tota die maerore confectam.
MEM Uit de hoogte heeft Hij het vuur in mijn beenderen gezonden, en Hij heeft mij onderwezen: Hij heeft een valstrik uitgespreid voor mijn voeten, Hij heeft mij omgedraaid en mij eenzaam achtergelaten, heel de dag door zorgen verteerd.
NUN Vigilavit jugum iniquitatum mearum; in manu ejus convolutae sunt, et impositae collo meo. Infirmata est virtus mea: dedit me Dominus in manu de qua non potero surgere.
NUN Zwaar drukt het juk van mijn zonden; Hij heeft het mij met eigen hand opgelegd, het drukt op mijn nek. Mijn kracht is gebroken. De Heer heeft mij uitgeleverd aan hen bij wie ik weerloos ben.
Jerusalem, Jerusalem, convertere ad Dominum Deum tuum.
Jeruzalem, Jeruzalem, keer u terug tot de Heer, uw God.
8
II. Feria sexta in Parasceve Lamentatio prima – secundi diei
II. Goede Vrijdag Eerste klaagzang – tweede dag
HETH Cogitavit Dominus dissipare murum filiae Sion; tetendit funiculum suum, et non avertit manum suam a perditione: luxitque antemurale, et murus pariter dissipatus est.
HETH De Heer was vastbesloten om de muur van de dochter van Sion te vernietigen, Hij heeft Zijn meetsnoer gespannen en Zijn hand niet afgewend van de vernietiging; de muren stortten ineen, de wallen vervielen.
TETH Defixae sunt in terra portae ejus, perdidit et contrivit vectes ejus; regem ejus et principes ejus in gentibus: non est lex, et prophetae ejus non invenerunt visionem a Domino.
TETH Haar poorten zijn ter aarde gezonken, de grendels stukgeslagen en vernield. Nu haar koning en leiders vertoeven tussen het volk is er geen wet meer, en haar profeten vertolken niet langer het visioen van de Heer.
JOD Sederunt in terra, conticuerunt senes filiae Sion; consperserunt cinere capita sua, accincti sunt ciliciis: abjecerunt in terram capita sua virgines Juda.
JOD Ze zaten op de grond, in stille verstomming, de ouderen van Sions dochter: hun hoofden bestrooid met asse, gekleed in Silicisch geitenhaar, Jeruzalems jonge vrouwen moedeloos met neergeslagen hoofden.
Jerusalem, Jerusalem, convertere ad Dominum Deum tuum.
Jeruzalem, Jeruzalem, keer u terug tot de Heer, uw God.
Lamentatio secunda – secundi diei
Tweede klaagzang – tweede dag
NUN Prophetae tui viderunt tibi falsa et stulta; nec aperiebant iniquitatem tuam, ut te ad poenitentiam provocarent; viderunt autem tibi assumptiones falsas, et ejectiones.
NUN Je profeten hebben je valse en dwaze visioenen voorgespiegeld; ze onthulden je de ongerechtigheid niet en brachten je niet tot berouw; Hun visioenen zijn waardeloos en misleidend.
SAMECH Plauserunt super te manibus omnes transeuntes per viam; sibilaverunt et moverunt caput suum super filiam Jerusalem: Haeccine est urbs, dicentes, perfecti decoris, gaudium universae terrae?
SAMECH Allen die langskwamen, applaudisseerden voor jou; ze fluisterden je toe wijl ze het hoofd wendden naar de dochter van Jeruzalem: Is dat niet de stad, zegden ze, van een volmaakte schoonheid, de lieveling van heel de aarde?
Jerusalem, Jerusalem, convertere ad Dominum Deum tuum.
Jeruzalem, Jeruzalem, keer u terug tot de Heer, uw God.
De Lamentationae Jeremiae Prophetae.
MEM Cui comparabo te, vel cui assimilabo te, filia Jerusalem? Cui exaequabo te, et consolabor te, virgo, filia Sion? Magna est enim velut mare contritio tua: quis medebitur tui?
9
Uit de klaagzang van de profeet Jeremia.
NEM Met wie zal ik je vergelijken of aan wie zal ik je gelijk stellen, dochter van Jeruzalem? Aan wie zal ik je gelijk stellen en je troosten, maagd, dochter van Sion? Want je wonden zijn zo groot als de zee, wie kan je genezen?
19 sep 2026
19 sep 2026
HETH Peccatum peccavit Jerusalem, propterea instabilis facta est: omnes qui glorificabant eam spreverunt illam: quia viderunt ignominiam eius: ipsa autem gemens et conversa retrorsum.
Derde klaagzang – tweede dag
BETH Vetustam fecit pellem meam et carnem meam; contrivit ossa mea. Aedificavit in gyro meo, et circumdedit me felle et labore.
BETH Hij maakte mijn huid en mijn lichaam oud; hij brak mijn beenderen. Hij heeft mij helemaal ingesloten en omringd met bitterheid en ellende.
GHIMEL Circumaedificavit adversum me, ut non egrediar; aggravavit compedem meum. Conclusit vias meas lapidibus quadris; semitas meas subvertit.
GHIMEL In strijd met mij heeft hij mij rondom rond ingesloten, opdat ik niet zou ontsnappen: mijn boeien heeft hij verzwaard. De wegen die ik volg, heeft hij gebarricadeerd met blokken steen, mijn levenspaden heeft hij onklaar gemaakt.
Jerusalem, Jerusalem, convertere ad Dominum Deum tuum.
Jeruzalem, Jeruzalem, keer u terug tot de Heer, uw God.
III. Sabbato Sancto Lamentatio Prima – tertia diei
III. Stille Zaterdag Eerste klaagzang – derde dag
ALEPH Ego vir videns paupertatem meam in virga indignationis ejus. Me minavit, et adduxit in tenebras, et non in lucem.
De Lamentatione Jeremiae Prophetae.
ALEPH Ik ben een man die zijn armoede ziet in de staf van Zijn toorn. Hij heeft me naar beneden geleid en me in duisternis gebracht en niet in licht.
Uit de klaagzangen van de profeet Jeremia.
HETH Misericordiæ Domini, quia non sumus consumpti; quia non defecerunt miserationes ejus. Novi diluculo, multa est fides tua.
HETH Dank zij de barmhartigheid van de Heer zijn wij niet omgekomen, want zijn mededogen raakt niet uitgeput. Elke morgen is het er opnieuw; groot is uw trouw.
TETH Bonus est Dominus sperantibus in eum, animæ quærenti illum. Bonum est præstolari cum silentio salutare Dei. Bonum est viro cum portaverit jugum ab adolescentia sua.
TETH Goed is de Heer voor zij die op Hem hopen, voor de ziel die Hem zoekt. Het is goed in stilte te wachten op de redding van God. Het is goed voor een mens vanaf zijn jeugd het juk te dragen.
JOD Sedebit solitarius, et tacebit, quia levavit super se. Ponet in pulvere os suum, si forte sit spes. Dabit percutienti se maxillam: saturabitur opprobriis.
JOD Laat hij eenzaam neerzitten en zwijgen, want God heeft het juk op hem gelegd. Laat hij zijn mond in het stof drukken; misschien is er nog hoop. Hij zal zijn kaak aanbieden aan wie hem slaat en zal met schande beladen worden.
Jerusalem, Jerusalem, convertere ad Dominum Deum tuum.
Jeruzalem, Jeruzalem, keer u terug tot de Heer, uw God.
10
Lamentatio secunda – tertia die
Tweede klaagzang – derde dag
dispersi sunt lapides sanctuarii in capite omnium platearum.
De stenen van het heiligdom liggen verspreid op de hoeken van alle straten.
BETH Filii Sion inclyti, et amicto auro primo quomodo reputati sunt in vasa testea, opus manuum figuli?
BETH De edele zonen van Sion, eens gekleed in het zuiverste goud, hoe zijn zij nu verworden tot gewone aarden vaten, uit de handen van een pottenbakker?
GIMEL Sed et lamiæ nudaverunt mammam, lactaverunt catulos suos: filia populi mei crudelis quasi Struthio in deserto.
GIMEL Zelfs jakhalzen ontbloten de borst om de welpen te voeden; maar de dochter van mijn volk is wreed geworden zoals de struisvogel die zijn jongen achterlaat in de woestijn.
Jerusalem, Jerusalem, convertere ad Dominum Deum tuum
Jeruzalem, Jeruzalem, keer u terug tot de Heer, uw God.
Lamentatio tertia – tertia diei Incipit Oratio Jeremiae Prophetae.
Derde klaagzang – derde dag Hier begint het gebed van de profeet Jeremia.
ALEPH Quomodo obscuratum est aurum, mutatus est color optimus:
Recordare, Domine, quid acciderit nobis; intuere et respice opprobrium nostrum.
ALEPH Hoe is het goud dof geworden, hoe heeft het zijn glans verloren!
Denk aan ons, Heer, aan wat ons is overkomen; kijk naar ons en zie onze schande.
Hæreditas nostra versa est ad alienos, domus nostræ ad extraneos.
Ons erfdeel is aan onbekenden gegeven, onze huizen aan vreemden geschonken.
Pupilli facti sumus absque patre, matres nostræ quasi viduæ.
Wij zijn wezen geworden, zonder vader, en onze moeders zijn als weduwen.
Aquam nostram pecunia bibimus, ligna nostra pretio comparavimus. Cervicibus nostris minabamur, lassis non dabatur requies.
Voor ons drinkwater moeten wij betalen, voor ons eigen hout moeten wij geld neertellen. Wij dragen het juk van de vervolging, wij zijn uitgeput maar krijgen geen rust.
Aegypto dedimus manum et Assyriis, ut saturaremur pane.
Wij houden onze hand op naar Egypte en naar Assyrië, om maar genoeg brood te hebben.
Jerusalem, Jerusalem, convertere ad Dominum Deum tuum.
Jeruzalem, Jeruzalem, keer u terug tot de Heer, uw God.
Vertaling Lamentaties dag 1 en dag 2: Brigitte Hermans & Bernard Huyvaert (met dank aan AMUZ) Vertaling Lamentaties dag 3: Jo Libbrecht
11
19 sep 2026
19 sep 2026
Lamentatio Tertia secundi diei
© Fux Fotografie
zo 04 okt 2026 17.00 Concertzaal
© Sofia Crespo
za 26 sep 2026 19.00 Concertgebouw
Deep Listening Night
Gürzenich-Orchester Köln
Dat adem niet slechts lucht is, maar een bron van resonantie en emotie in muziek kan zijn, blijkt duidelijk in deze Deep Listening Night. Elke nuance in spanning en sterkte van de luchtstroom beïnvloedt toonhoogte, -duur en -sterkte, en is ook bepalend voor de expressie en vertelkracht. Met onder meer traditionele Corsicaanse polyfonie door de musici van Tempvs Fvgit en renaissancerepertoire door de blazers van Oltremontano Antwerpen.
Met Der Rosenkavalier dompelt het GürzenichOrchester Köln je onder in een wereld vol weemoed, humor en weelderige klankkleuren. In deze geliefde opera van Richard Strauss staat een vrouw centraal die terugkijkt op haar leven, loslaat en met milde berusting plaatsmaakt voor een nieuwe generatie. Tegen de achtergrond van sierlijke Weense walsen en een fluwelen orkestklank ontvouwt zich een ontroerend en tegelijk lichtvoetig verhaal over tijd, liefde en aanvaarding. Gürzenich-Orchester Köln pookt, raakt en vertedert je in deze concertante versie van Strauss’ vocale pareltje.
Muziek begint bij ademen
Strauss. Der Rosenkavalier
Laat weten wat je van de voorstelling vond met #concertgebouwbrugge Info & tickets +32 (0)78 15 20 20 — I n&Uit: ‘t Zand 34, Brugge
concertgebouw.be
V.U. Katrien Van Eeckhoutte, 't Zand 34, Brugge
Getipt