Diabetes in opmars: experts pleiten voor vroege screening

Union - Anderlecht: bekerfinale kleurt volledig Brussels
Debuutplaat
![]()
Diabetes in opmars: experts pleiten voor vroege screening

Union - Anderlecht: bekerfinale kleurt volledig Brussels
Debuutplaat
‘Ik maak komaf met mijn geblutste jeugd’

BRUZZ viert tien jaar scherpe blik op Brussel. Sinds 2016 staat BRUZZ voor onafhankelijke journalistiek uit de hoofdstad. We brengen de actualiteit helder in beeld, volgen de culturele hartslag en geven een stem aan de stad in al haar complexiteit. Kritisch, eigenzinnig en dichtbij.

Groot. Groter. Groots. Het nieuwe museum Kanal past stilaan in die typisch Brusselse traditie van megalomane projecten die en cours de route ieder gevoel voor proportie verliezen en een zwaar beslag leggen op de middelen van het Gewest –genre het Justitiepaleis, het Manhattanplan in de jaren zestig in de Noordwijk en feitelijk ook de aanleg van Metro 3.
Met de aanstelling van Yves Goldstein negen jaar geleden als ‘opdrachthouder’ koos de Brusselse regering voor een figuur die helemaal die neiging tot schaalvergroting belichaamt. Wat begon met een bescheiden idee – de showroom van de oude Citroën-garage aan Sainctelette renoveren – groeide onder zijn beleid uit tot een megaproject met internationale allure en met een prijskaartje dat oploopt tot 192 miljoen euro voor de bouwwerken alleen. Kanal rekent voor de jaarlijkse exploitatie – onderhoud van de site, medewerkers betalen, kunstcollecties verwerven – op een budget van 35 miljoen.
Die groei komt deels door de aanpak van Goldstein: door de ambitie van Kanal ruim in te vullen en de vlucht vooruit te nemen, zette hij keer op keer de Brusselse regering voor het blok. Goldstein weet als geen ander dat het beter is om achteraf vergiffenis te vragen dan vooraf toestemming. Omgekeerd deed diezelfde Brusselse regering bitter weinig om de gewezen kabinetschef van Rudi Vervoort (PS) in toom te houden, of te verplichten tot meer transparantie en minder eigengereidheid. Die manier van werken kwam beide partijen goed uit: de schuld voor de hoge uitgaven kon de ene altijd bij de andere leggen, terwijl Brussel aan het einde van de rit dan toch zijn museum voor hedendaagse kunst kon openen.
in 2027 terugbetalen, maar weinigen die geloven dat zoiets kan. Was het werkelijk zo makkelijk om extern geld te vinden, dan rijst de vraag waarom Goldstein niet veel eerder privé-investeerders heeft gevonden.
Voor alle duidelijkheid: Brussel mag en moet stralen van ambitie. Zeker op het vlak van cultuur. En zoals socioloog Eric Corijn vorige week in het magazine betoogde, kan Brussel een belangrijke rol spelen in de identitaire eenmaking van Europa, met Kanal als fonkelend focuspunt. Maar ergens voelt het wel dubbel dat het Gewest voor dat soort projecten zonder veel moeite geld kan vrijmaken, maar dat bijvoorbeeld de steun om woningen energiezuinig te maken, wegvalt wegens te duur.
“Weinigen geloven dat Kanal de nieuwe lening van 60 miljoen euro zal terugbetalen”
Goldstein zal dat soort argumenten afdoen als populistisch en misplaatst. Hij zal –deels terecht – wijzen op de faam en positieve aandacht die Kanal zal meebrengen, en op de vele opportuniteiten op het vlak van toerisme, imago en artistieke ontwikkeling. Net daarom was zijn aankondiging vorige week zo merkwaardig: nog vóór de officiële opening in november maakte hij bekend dat hij vertrekt. Net wanneer Kanal zich voor het eerst echt moet bewijzen en rekenschap moet afleggen van zijn torenhoge budgettaire en maatschappelijke ambities, zoekt Goldstein andere oorden op. Zijn opvolger mag het uitleggen.
Goldstein kreeg zelfs de MR van huidig minister-president Boris Dilliès zover om voor Kanal in een extra lening van 60 miljoen te voorzien. Officieel moet het museum dat bedrag
Over die timing doen veel speculaties de ronde. Is zijn beslissing op een of andere manier gelinkt met de nieuwe lening? Vindt hij werken met een kleiner werkingsbudget, behalve moeilijker, ook beneden zijn stand? Of heeft hij, zoals hij zelf beweert, echt de ambitie om nadien een boekenwinkel te openen? Punt is: zijn motieven om nu te vertrekken zijn even obscuur en eigenzinnig als de rest van zijn aanpak. Dat versterkt ongewild het historische scepticisme dat groot, groter, groots in Brussel vaak achteraf verzandt in minder, duurder en ondoordacht. En dat zou spijtig zijn.

Maarten Goethals Coördinator magazine. In het edito fileert de redactie de Brusselse actualiteit.
Lees meer Opinie: ‘Hoe inclusief blijft Horst als de prijzen blijven stijgen?’ p.14


Nicolas Buba is Europees kampioen bodybuilding: ‘Vaak keuren mensen mijn sport af, maar we zijn geen bende macho’s’
Brussels Pride
Brussels Pride viert dit jaar zijn dertigste verjaardag met op zaterdag 16 mei een optocht door de Brusselse straten. BRUZZ is erbij.
Volg alle updates van de Brussels Pride Week op www.BRUZZ.be/pride
Ketportret van de maand
BRUZZ Ket zet de 15-jarige Fatoumata in de kijker. Ze schrijft teksten over maatschappelijke onderwerpen, en deelt die op haar Instagrampagina ‘Words Against Hate’. Bekijk de video op BRUZZKet.be
06 Het gesprek Camille Yembe maakt een openhartige plaat
03 Vooraan Megaproject Kanal nadert voltooiing
12 Actueel G1000 wil burgerraad installeren in senaatsgebouw
14 Opinie ‘Hoe inclusief blijft Horst als de prijzen blijven stijgen?’
15 Cartoon Delphine Frantzen
24 Sport Historische bekerfinale kleurt Brussels: ‘Union wint die beker, simpel’
18 Gezondheid Experts vragen meer aandacht voor vroege opsporing van suikerziekte

Gala Dragot brengt haar debuut-ep uit: ‘Spijt van mijn deelname aan The Voice Kids heb ik niet. Van niets eigenlijk, het maakt me tot wie ik ben’
32 Media Nichemagazines beleven een comeback
14 Stadsleven Grof gebaar
16 In beeld
16 In het nieuws
23 Botanisch Brussel Met olla’s in klei kun je kamerplanten gemakkelijk bewateren
30 Column Ieder zijn taal
30 City Jobs Loan werkt in een winkel van tweedehandskleding
44 Hang-out Charlotte
46 Puzzelpagina
36 Shoptips
37 Eat & Drink 3 x toast kannibaal
38 Uittips
39 Klein onderhoud Natuurdocumentairemaker Thomas Jean
40 Uittips
43 Inzichten Rachel Hansoul
BRUZZ Flageyplein 18, 1050 Brussel, 02-650.10.65 ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bruzz.be), 02-650.10.80 Gratis in Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België: 29 euro per jaar; IBAN: BE98 3631 6044 3393 van Vlaams Brusselse Media vzw, een abonnement binnen Europa kost 119 euro per jaar, buiten Europa 139 euro per jaar OPLAGE 50.000 exemplaren ADVERTEREN? Angela Mngongo 02-650.10.81 angela.mngongo@brusselmedia.be DISTRIBUTIE Ute Otten, 02-650.10.63, ute.otten@bruzz.be KLACHTEN? klachten@bruzz.be - www.BRUZZ.be/klachten ALGEMENE DIRECTIE Johan Goossens ALGEMEEN HOOFDREDACTEUR Klaus Van Isacker COÖRDINATOR MAGAZINE Maarten Goethals ART DIRECTOR EN VORMGEVING Heleen Rodiers VORMGEVING Maud Declerck EINDREDACTIE Karen De Becker WERKTEN MEE AAN DIT NUMMER Eva Christiaens, Kris Hendrickx, Sophie Moffat, Steven Van Garsse, Tom Zonderman (redacteurs); Michaël Bellon, Elian Coussement, Jasper Croonen, Andy Furniere, Tom Peeters, Niels Ruëll, Jasper Van Belle, Matisse Van der Haegen, Lies Van Overschée, Astrid Van Peer, Michel Verlinden (medewerkers); Inne Krokaert, Minne Uyttersprot (stagiaires) FOTOGRAFIE & ILLUSTRATIE Bart Dewaele, Tiene Carlier, Kim Duchateau, Delphine Frantzen, Ivan Put, Saskia Vanderstichele, Emiel Viellefont VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Johan Goossens, Flageyplein 18, 1050 Elsene.


Druk voelde ze niet, na de prestigieuze Music Moves Europe-award.
Camille Yembe levert een fris en vooral openhartig debuutalbum af, waarin ze voor het eerst naar binnen kijkt. De geblutste jeugd ligt achter haar, de weg naar de top ligt open. “Ik voel me nog steeds een demo die niet af is.”
door Sophie Moffat foto’s Bram De Jaegher
Muziekkenners en collega’s noteerden haar naam al in het groot nog voor ze haar eerste album uitbracht. Het publiek leerde haar kennen met haar debuut-ep Plastique, een show op Couleur Café of misschien wel de prestigieuze Music Moves Europe-award die de 29-jarige popzangeres begin dit jaar mocht opstrijken. De prijs moet Europees opkomend talent een duwtje in de rug geven en deed dat al met verve bij Rosalía, Dua Lipa, Hozier en Stromae. Onder haar fans van het eerste uur zit ook de top van de Brusselse muziekexport: Angèle, Stromae en Damso.
De singer-songwriter uit Molenbeek geeft haar bejubelde ep Plastique nu een open-
hartig vervolg met Jeune & laide. Waar ze voordien de wereld om zich heen bestudeerde, ontleedt Camille Yembe op haar debuutalbum haar binnenste zelf en haar tienerjaren die haar vormden, zoals het gebrek aan ouderlijk accompagnement. Ze brengt een plaat uit die soms poppy en uptempo dan wel ingetogen of somber klinkt. Rapper Ino Casablanca tekent voor een samenwerking en ook met Lous and the Yakuza harmonieert haar stem bijzonder wel.
De weg naar de plek die voor haar lijkt weggelegd aan de poptop was er geen zonder hindernissen. De zangeres, dochter van een Congolese vader en een Belgische moeder, kende een jeugd waarin niet het warme nest, maar een hobbelig parcours op eigen
benen de hoeksteen vormde. Als de muziekschool of andere hobby’s haar ontnomen werden, legde ze zich toe op YouTube-tutorials en programma’s als X Factor als muzikale leerschool.
Voordat ze haar eigen woorden op papier pende, schreef ze teksten voor Tiakola, Stéfi Celma en Eva Queen en sprong ze als student-af van jobs in bars in de Sint-Gorikswijk tot het callcenter van Vivaqua. Het is uiteindelijk onder de vleugels van de Brusselse rapper Gandhi dat haar carrière in de muziekwereld uit de startblokken schoot. Negen jaar nadat ze als zestienjarige haar ouderlijk huis had verlaten, verscheen haar eerste ep. Nog een klein jaar later ligt er een kraakvers album

klaar, waarmee Camille Yembe over hooggespannen verwachtingen heen springt.
Je kreeg de voorbije twee jaar lof van artiesten als Angèle, Stromae en Damso. Is dat een vloek of net een zegen voor iemand die haar eerste album nog op de wereld moet lossen?
CAMILLE YEMBE: Ik ervaar de complimenten zeker als iets positiefs, ze geven een enorme boost. Ik beschouw mezelf vandaag nog altijd als een beginnende artiest. Ik sta dan wel aan de start van een nieuw hoofdstuk, maar ik ben nog niet helemaal uit die groentjesfase gegroeid. Ik vind het ook belangrijk dat gevestigde artiesten af en toe de brug slaan naar nieuwe talenten en hen een duwtje in de rug geven.
Ook de gerenommeerde Music Moves Europe Award kwam op jouw naam te staan.
YEMBE: Eerlijk gezegd voel ik niet per se extra druk door de prijs, het heeft me juist aangemoedigd hard te blijven werken. Het is mooi om dezelfde prijs als Rosalía of Stromae te winnen, want het betekent dat er misschien een mooie muziektoekomst voor me ligt. Die toekomst zal sowieso anders
In ‘Les euros’ klinkt het dan weer alsof we naar een soundtrack uit de jaren 1980 gekatapulteerd worden.
YEMBE: Aan het begin van het creatieve proces achter dit album heb ik ontzettend veel naar Michael Jackson geluisterd. Ik heb urenlang concerten van hem bekeken en me helemaal verdiept in zijn muziekwereld. Ik vond dat de specifieke sound uit die periode een mooi venster opende in het album, een geluid dat de luisteraar even wakker schudt.
Wat ik zo mooi vind aan die jarentachtigmuziek is de hoopvolle sound. En in ‘Les euros’ vormt het krachtige geluid een sterk contrast met de tekst, waarin ik herhaaldelijk zing: “Je n’ai pas les euros”, oftewel: ik heb geen geld. Ik hoor het bijna scanderen als een soort hymne over armoede, maar dan in een positieve, strijdbare energie.
Je zingt over een gevoel van niet ‘af’ te zijn: “Je ressemble à une chanson pas mixée.” Is dat je reflectie op opgroeien zonder ouders als houvast?
YEMBE: Die zin is eigenlijk atypisch voor de rest van het album. Alle andere nummers
“Van vrouwen wordt verwacht dat ze eeuwig jong en mooi zijn, maar net daarom heb ik mijn album ‘jong en lelijk’ genoemd”
zijn dan die van hen, iedere artiest volgt zijn eigen pad. De druk die ik voel, komt vooral van binnenuit. Ik ben erg veeleisend voor mezelf: de clips, de nummers, de concerten ... alles moet perfect zijn.
Je muziek beschrijf je als ‘nieuwe pop’, waarin je met verschillende stijlen aan de slag gaat. Die lijn wordt voortgezet met zowel electroals rapinvloeden op de plaat.
YEMBE: Dat klopt, ik stel mezelf geen grenzen qua genre. Het kan alle kanten op, maar blijft wel één geheel omdat ik zelf de vocals verzorg, met dezelfde componisten werk en mijn eigen verhalen de rode draad vormen.
gaan over vroeger, maar wat ik hier benoem, voel ik nog steeds. Een ‘ongemixt’ nummer is er een dat nog niet helemaal af is. Als je op je zestiende het ouderlijk huis verlaat en het contact verbreekt, mis je een stuk van je opvoeding. Je hebt de steun van je ouders nodig om zelfvertrouwen te kweken en te weten waar je heen wilt in het leven. Dat kreeg ik toen niet, ik heb mijn opvoeding in mijn eentje voortgezet.
Door dat gemis voel ik me vandaag nog altijd een soort van ‘demo’, een ruwe versie waarbij nog niet alles op zijn plek gevallen is, maar daar zit ook schoonheid in. Soms zijn demo’s mooier dan de uiteindelijke afgewerkte versie, juist omdat je nog niet

• Geboren in 1997
• Groeit op in Molenbeek, verhuist later naar Tubeke en woont nu in de Rand
• Ze brengt haar eerste ep Plastique uit in juni 2025
• In januari 2026 wint ze de Music
Moves Europe Award
• Haar eerste album Jeune & laide verschijnt op 22/5

weet waar het heen zal gaan. Dat is de realiteit: ik heb het gevoel dat ik mijn jeugd nooit helemaal heb kunnen voltooien.
‘Tes traits’, waar je je ouders op het toneel brengt, klinkt somberder. Horen we vandaag een confrontatie met of eerder een acceptatie van je geblutste jeugd?
YEMBE: Ik denk dat het album vooral een acceptatie van mijn verleden is. Hoe ouder ik word, hoe meer ik met mildheid en empathie naar mijn ouders kijk. Voordat zij moeder en vader werden, waren ze tenslotte zelf ook kind. Ze hebben hun eigen rugzak met trauma’s en ik probeer te begrijpen waarom ze gaandeweg bepaalde fouten hebben gemaakt.
Ik ben benieuwd wat ze ervan denken wanneer ze het horen. Met mijn vader, die in Congo woont, heb ik opnieuw contact en hij volgt wat ik doe, maar ik stuur hem zelf nooit iets van mijn muziek op. We hebben het contact hersteld toen ik achttien was en hij probeert nu de verloren tijd een beetje in te halen door me te steunen. Hij zal de muziek uiteindelijk wel horen, maar ik ben er nog niet klaar voor om hem vlakaf te vragen wat het met hem deed. Voorlopig laat ik mijn muziek spreken. Dat is mijn manier: eerst de muziek, de rest komt misschien later.
“Quand c’est beau, c’est bizarre.” Op ‘Autodéfense’ lijk je jezelf nog in de weg te staan. Je zweeft tussen euforie en de angst voor een crash.
YEMBE: Die zelfsabotage heb ik nog maar onlangs losgelaten. In mijn vroege jaren als twintiger was die heel sterk aanwezig. Zodra er iets goed ging, had ik het gevoel dat er iets móést mislopen. Dat heb ik soms nog steeds een beetje. Als er geen vuiltje aan de lucht is, denk ik: “Bizar, waar blijft de storm?” Ik anticipeer op ongeluk. Als mensen me vroeger veel liefde gaven in vriendschappen of relaties, verpestte ik het, omdat ik niet wist hoe ik ermee om moest gaan. Dat is gelukkig voorbij, ik probeer te genieten van de momenten dat het goed gaat, zonder op problemen te wachten.
Is dat het resultaat van persoonlijke groei, het parcours van een tiener tot een bijnadertiger?
YEMBE: Zeker, maar ook muziek heeft een enorme rol gespeeld. Dankzij muziek kon ik de baan opzeggen die ik haatte en vandaag geeft ze me het leven waar ik nooit van had durven te dromen. Ik kan van mijn passie leven. Dat is echt het mooiste wat me ooit overkomen is.
Je eigen verleden in de kijker zetten, daarvoor was het op vorige nummers te vroeg. Waarom was de tijd nu wel rijp om erover te spreken?
YEMBE: De reacties op mijn eerste ep deden me inzien wat het betekent om muziek, die lang alleen van jezelf is, te delen. Ik heb mezelf toen beloofd dat ik op dit album mijn verhaal op een heel intieme manier zou delen. Zodra je je verhaal deelt, kunnen mensen zich daarin herkennen. En ik voel intussen zelf ook de nood om te laten zien wie ik ben, ik was er nu wel klaar voor.
Vul je daarmee een plek in die je zelf mist in het poplandschap?
YEMBE: Ja toch wel, je hoort dit soort narratieven misschien veel in rapmuziek, maar in het popgenre blijft men vaak vager of toch meer aan de oppervlakte. Voor de ruwe kant van het leven is er minder plaats. Het was een uitdaging om mijn interpretatie daarvan en de codes van waar ik vandaan kom te verwerken in een popalbum.
Op ‘Plastique’, de titeltrack van je debuut-ep, heb je het over een soort plastic tweede huid om te kunnen overleven in een harde wereld. Slaat Jeune & laide ook op zo’n beschermende buitenlaag?
YEMBE: Nee, ‘lelijk’ gaat hier niet over het fysieke. Van vrouwen wordt verwacht dat ze eeuwig jong en mooi zijn, maar net daarom heb ik mijn album ‘jong en lelijk’ genoemd. ‘Jong’ omdat ik het over mijn jeugd heb, en ‘lelijk’ omdat ik die jeugd eerder hard heb ervaren, niet mooi, sexy of zorgeloos. Er waren dingen waar ik me voor schaamde, zoals de armoede. Met die titel wil ik dat bespreekbaar maken en er een zekere waardigheid aan geven. Ik ben trots op mijn verhaal, met de mooie én de lelijke kanten. Jeune & laide is mijn manier om eerlijk te zijn over het deel van mij dat ik vroeger verborgen hield.
“Je viens du 1080”, horen we in het openingsnummer. Voel je je vandaag een uithangbord van de Brusselse buurt waar je opgroeide?
YEMBE: Er zijn zoveel verschillende verhalen in die Brusselse volksbuurten, ik weet niet of ik mezelf daarvan een woordvoerder kan noemen. Ik ben in ieder geval wel een van die stemmen. Ik wil vertellen hoe ík die wijken zie en beleefd heb.
Op een gezamenlijk nummer met Lous and the Yakuza vergelijken jullie elkaars tienerjaren. Smeden de gedeelde kwetsuren een muzikaal bondgenootschap?
YEMBE: Lous en ik kennen elkaar al een tijdje.
We komen allebei uit Brussel en deelden een appreciatie voor elkaars werk nog voor onze eerste ontmoeting, na mijn eerste concert in de Botanique. Ze nodigde me uit voor een etentje bij haar thuis en we hebben de hele nacht gepraat over onze levens en de raakvlakken in een soms grillig parcours.
Voor Jeune & laide wilde ik echt samenwerken met iemand die begrijpt waarover ik het heb, Lous was een evidente keuze. Oorspronkelijk was ‘Sangs dans les veines’
probeert te kopiëren. Je moet je concentreren op je eigen pad, ook als het niet van de eerste of tweede keer lukt. Ooit zullen mensen het begrijpen, daar ben ik van overtuigd.
Hoe ziet de toekomst eruit van een artieste die zich van binnenuit al blootgaf?
YEMBE: Ik denk niet dat ik ooit nog een tweede album zal kunnen maken met dezelfde urgentie als Jeune & laide. Ik had veel om eruit te gooien en dat ligt nu op
“Ik heb op mijn achttiende het contact met mijn vader hersteld. Hij probeert nu de verloren tijd een beetje in te halen door me te steunen”
een interlude, maar toen ze het nummer hoorde, was ze vastberaden haar stem daaraan te willen lenen. Samen herwerkten we de track.
Hoe moeilijk is het om als Franstalige zangeres je hoofd boven het maaiveld uit te steken? Elke week lijkt er wel een nieuwe chouchou naar voren geschoven te worden. YEMBE: Ik denk dat het op oprechtheid neerkomt. Ik maak muziek omdat ik van muziek hou, niet omdat ik per se beroemd wil worden. Ik wil dat mijn muziek gekend is, maar ik doe dit omdat ik niks anders kan. Ik probeer over mezelf te praten zonder dingen te romantiseren. Je verdrinkt pas in de massa als je naar anderen kijkt en hen
tafel. Mijn instinct zegt me dat er een Camille ‘voor’ en een Camille ‘na’ Jeune & laide zal zijn, zowel in hoe ik mijn muziek beleef als in mijn leven zelf. Ik weet nog niet precies wat er zal veranderen, maar ik voel dat het iets in mijn leven zal doen omslaan. Schrijven is een manier om te genezen van wonden die ik al dertien jaar dicht liet. Het is mijn therapie geweest. Ik ben nu 29, ik heb die wonden onderzocht op deze plaat en nu kan ik tevreden naar de toekomst kijken.
Jeune & laide van Camille Yembe verschijnt op 22/5 bij Tie Break Music/Pafff Music. Op 24/5 speelt ze op Les Nuits, lesnuits.be
FR/ Camille Yembe sort son premier album Jeune & laide, un projet personnel dans lequel elle explore son enfance difficile et sa quête intérieure. Elle y aborde le doute, le manque de soutien parental et le sentiment de ne pas être “finie”, mais aussi l’évolution et l’acceptation. L’album marque pour elle un tournant entre son passé et une nouvelle étape de sa vie.
EN/ Camille Yembe releases her debut album Jeune & laide, a personal project in which she explores her difficult childhood and inner journey. She sings about self-doubt, the lack of parental support, and the feeling of not being “complete,” but also about growth and acceptance. The album marks a turning point between her past and a new phase in her life.

















































































































Als de Senaat afgeschaft wordt, moet het statige halfrond een nieuwe bestemming krijgen.
Burgerbeweging G1000 stelt voor om er een burgerraad in te installeren. “Een geschikt onderwerp zou de toekomst van het Brusselse politieke systeem kunnen zijn”, zegt directeur Ben Eersels.
door Kris Hendrickx
Dat de Senaat in zijn huidige vorm verdwijnt, staat nagenoeg vast. De afschaffing staat in het federale regeerakkoord en moet afgerond zijn tegen het einde van de huidige regeerperiode. Te weinig relevant en te duur, luidt het verdict van de regering, maar ook van veel oppositiepartijen.
Wat er vervolgens moet gebeuren met het gebouw is veel minder duidelijk. Onder meer Bertin Mampaka (MR) bepleit een verhuizing van het Brussels parlement (waar hij voorzitter van is) naar het senaatsgebouw. Ex-senator Maud Vanwalleghem (CD&V) opperde smalend om er een ‘museum van de democratie’ van te maken. Agora.brussels brak al een lans voor een burgerassemblee in de senaat.
25.000 handtekeningen
De G1000 (opgericht in 2011 met schrijver David Van Reybrouck als bezieler, red.) pikt die draad nu op en stelt voor om in het gebouw een permanente burgerraad te installeren. Sinds deze week lanceert de vzw
daar een campagne rond, met onder meer een actie op het Muntplein. Tegelijk zoekt de organisatie 25.000 handtekeningen voor een petitie die de Kamer moet doen reageren op het voorstel. De G1000 ijvert al vijftien jaar voor meer deliberatieve democratie, waarbij gelote burgerpanels zich buigen over maatschappelijke vraagstukken en advies geven aan verkozen politici.
“Met het afschaffen van de Senaat als instelling hebben we echt een unieke kans om de democratie te versterken op een bijzonder symbolische plek”, vindt G1000directeur Ben Eersels. “Die democratie staat al een hele tijd onder druk: slechts een op de vier Belgen voelt zich bijvoorbeeld voldoende betrokken bij het beleid. Tegelijk kunnen vier op de vijf Belgen zich voorstellen om deel te nemen aan een burgerpanel als ze daarvoor worden gevraagd. In plaats van naar het verleden te kijken met een museum van de democratie kunnen we er beter de toekomst van de democratie een plek geven.”
Concreet stelt de G1000 voor om een burgerraad met vijftig gelote leden te installeren, die een mandaat krijgt van bijvoorbeeld twee jaar. Die burgerraad bepaalt dan onder meer thema’s waarover burgerpanels zes tot acht weekenddagen naar experts luisteren, debatteren en uiteindelijk ook aanbevelingen opstellen. “Een voorbeeld? Een geschikt onderwerp zou de toekomst van het Brusselse politieke systeem kunnen zijn, dat toch heel hard op zijn limieten is gebotst”, oppert Eersels. “Maar het kan evengoed over de overbevolking in gevangenissen of toegankelijkheid van de zorg gaan.”
Het resultaat van zo’n traject is een advies aan de politiek. “Uiteindelijk blijft het parlement wel de eindverantwoordelijke voor beslissingen, aangezien dat verkozen is.

Maar als men beslist om af te wijken van het burgeradvies, moet dat wel gemotiveerd worden.”
Ook bij grondwetswijzigingen zou telkens een burgerpanel in actie komen. “Als er vandaag artikels worden vatbaar verklaard voor herziening, gebeurt dat vaak snel-snel op het einde van de legislatuur, tussen de soep en de patatten. Terwijl het vaak wel over heel fundamentele kwesties gaat.”
Het model is grotendeels gebaseerd op een praktijk die de G1000 hielp installeren in de Duitstalige Gemeenschap, het zogenoemde Ostbelgienmodel, dat er sinds 2019 bestaat. “Daar heb je ook die scheiding tussen de burgerraad, die onder meer thema’s kiest, en de burgerpanels die uit andere mensen bestaan. Op die manier vermijd je dat mensen die thema’s bepalen te veel invloed uitoefenen op het eindresultaat. Na zo’n

traject binnen een burgerpanel over een bepaald thema eindigt het mandaat van zo’n deelnemer ook. We willen er tenslotte geen nieuwe politici van maken.”
In de Duitstalige Gemeenschap leidden de burgerraad en de panels al tot tastbare resultaten, weet Eersels. “Zo werd er een hervorming van de sector van de woonzorgcentra begeleid. De lonen liggen er nu hoger, het opleidingsaanbod is opengetrokken en naasten van bewoners worden meer betrokken bij het verblijf van de bewoners.”
De G1000 doet zijn voorstel op een moment dat regeringen steeds vaker de neiging hebben om alle macht naar zich toe te trekken. Zo schrijft het Brussels Gewest in zijn nieuwe regeerakkoord expliciet dat het in het ‘primaat van de politiek’ gelooft en zet het subsidies aan stadsverenigingen op losse schroeven. De federale regering schoof dan weer lang de veroordelingen voor haar asielbeleid opzij.
“We hebben een unieke kans om de democratie te versterken op een bijzonder symbolische plek”
Ben Eersels G1000-directeur
Heeft een voorstel voor een burgerraad dan wel kans in het huidige klimaat? “Die trend is reëel”, geeft Eersels toe, “maar een burgerraad en gelote panels hoeven helemaal niet in tegenstelling tot de politiek te werken. Zo’n traject kan voorstellen net scherper maken. En als zo’n representatief en divers panel zich over een kwestie buigt, geeft dat de politiek meteen al zicht op het draagvlak dat voor bepaalde beleidsopties bestaat.”
Als er zo’n burgerraad komt, voorziet de regering best ook in zichtbaarheid voor de hele werking, vindt Eersels. “Het Brussels Gewest heeft een klimaatraad, die bestaat uit burgers die goed werk leveren. Alleen weten de meeste mensen dat helemaal niet. Terwijl ruchtbaarheid een essentieel onderdeel is van de deliberatieve democratie.”
‘Hoe inclusief blijft
als de prijzen blijven stijgen?’
Concertganger Benthe Vermeulen stelt zich vragen bij de sterk gestegen ticketprijzen van Horst Festival.
Volgens haar zet die evolutie de inclusieve ambities van het festival onder druk.

Benthe Vermeulen
Freelancejournalist
Woont in Brussel
Het Asiat-park in Vilvoorde maakt zich deze week op voor de twaalfde editie van het Horst Arts & Music Festival. Sinds de start bij het kasteel van Horst in 2014 slaagt de organisatie erin de festivalbeleving te herdefiniëren: door de focus te verschuiven van grote namen naar een vrije omgeving, waar ontdekking centraal staat. Met een mix van architecturale podia, kunstinstallaties en een gelaagd aanbod elektronische muziek – van licht verteerbare beats tot zwaar dreunende bassen – heeft Horst een geheel eigen identiteit uitgebeiteld binnen het drukbevolkte Belgische festivallandschap.
Sinds 2019 vormt het Asiatpark, een voormalig militair
Stadsleven Grof gebaar door Marie François
Voor mijn concert in het Brusselse stadhuis glipte ik nog even een Thai binnen om de hoek.
Zonovergoten terras, recht tegenover een politiekantoor met twee

domein in de schaduw van de Vilvoordse koeltorens, het decor voor die driedaagse “speeltuin voor volwassenen”. Het publiek dwaalt er over overwoekerde paden tussen betonnen loodsen, zwetende lijven en stampende zolen. België en elektronische muziek kennen een lange liefdesgeschiedenis; Horst is daarin een parel met internationale glans. Daarom verdient de organisatie, die ook
buiten het festival inzet op culturele beleving en stadsontwikkeling, alle lof.
Wrange
agenten op wacht. Iets verderop zie ik van op het terras een vrouw staan. Midden dertig. Geblondeerd haar in twee scheve staartjes, kort wit rokje, blote benen, witte
“In 2023 kostte een ticket 129 euro, dit jaar 187 euro”
slippers. Ze gaat naast de ingang staan, kijkt strak voor zich uit, zet haar benen wijd en plast rechtstaand op het trottoir. Op minder dan een meter van de politie. Niemand beweegt. Zij ook niet –minutenlang, alsof de stad even stilvalt.
“Ze komt hier vaker”, zegt de ober. “Ze denken soms
Toch roept het groeiende succes vragen op, ook al klinkt dat misschien als vloeken in de danstempel. Horst is in korte tijd een kostbare aangelegenheid geworden: waar een weekendticket in 2023 nog 129 euro kostte, is dat bedrag in 2026 gestegen naar 187 euro. Hoewel stijgende productiekosten en krimpende subsidies een sectorbreed probleem zijn, voelt de prijsstijging bij Horst extra wrang. Voor een festival dat zich profileert als een gemeenschap waar iedereen welkom is, worden de financiële drempels aan de kassa en de bar
dat ze dakloos is, maar dat klopt niet.”
Nieuwe agenten komen aan, wijzen naar de plas, krijgen een knikje … en beginnen te lachen. Een grof gebaar volgt. Geen vraag, geen hulp. Alleen spot.
Ik betaal en wandel naar mijn concert. Tweehonderdvijftig meter verder:
kroonluchters, applaus. Vier werelden op één rechte lijn: Brussel.
In Stadsleven vertellen redacteurs en lezers in maximaal 1000 tekens een verrassende anekdote over Brussel. Insturen kan via redactie@bruzz.be

(een pint kost inmiddels 4,50 euro) wel erg hoog.
Samen met de ticketprijs steeg ook de capaciteit naar 13.000 bezoekers, zonder dat het terrein evenredig meegroeide. Ondanks een extra podium bleef het vorig jaar op drukke momenten dringen. Horst is geen festival waar de massa kan uitwaaieren over een uitgestrekte weide; het unieke karakter van het Asiatpark confronteert de organisatie met haar fysieke limieten. Het is dan ook jammer dat de geplande uitbreiding over de Zenne in 2025 niet kon doorgaan. Het publiek snakt naar die extra ademruimte en intimiteit.
Hoe rendeert het succes van Horst voor het publiek dat soms al tien jaar trouw is? De organisatie
is bedreven in het ontwerpen van een festival dat anders aanvoelt. Er ligt een kans om hun boodschap van inclusiviteit te vertalen naar de sociaaleconomische realiteit. Wat als Horst zou werken met sociale tarieven? Op TicketSwap swingen de prijzen voor het uitverkochte festival inmiddels de pan uit: wie “geluk” heeft bij de loting betaalt nu 230 euro voor een weekendticket. Die bereidheid om 43 euro extra te betalen, toont de enorme aantrekkingskracht van het festival aan: Horst kan een prijs zetten en de markt volgt. Waarom zou Horst dan niet vanaf de start werken met verschillende prijsklassen? Die extra marge, die vandaag in de zakken van doorverkoopplatforms verdwijnt, zou de prijs van andere tickets kunnen drukken. Natuurlijk zijn sociale tarieven niet de enige oplossing voor de spreidstand tussen rendabiliteit en inclusiviteit, maar Horst bewijst zelf dat het kan: voor hun clubnachten bieden ze al tickets aan met 75 procent korting. Door dat beleid door te trekken naar het festival, wordt Horst weer een plek waar het publiek een weerspiegeling is van de line-up, die dit jaar voor de helft uit lokaal talent bestaat. Het zou mooi zijn als de kansen die de artiesten krijgen, ook worden doorgetrokken naar het publiek.
Reageren of zelf een opiniestuk insturen? Mail naar redactie@bruzz.be
Cartoon door Delphine Franzen
Quote
Oud-wielrenner Axel Merckx reflecteert in een sport podcast over zijn relatie met wielrenster Lotte Kopecky
“Zwijgen is nooit een goede optie, en zeker niet in een relatie”
Sporting BRUZZ, 8 mei 2026



10/05 | Klimaatraad wil vleesconsumptie van Brusselaars halveren. De Burgerraad voor het Klimaat formuleert een aantal aanbevelingen aan de Brusselse regering: de vleesconsumptie halveren, meer inzetten op lokale en seizoensgebonden
producten en voedselverspilling tegengaan. De Burgerraad is een initiatief van de vorige Brusselse regering, waarbij elk jaar honderd willekeurig gelote inwoners samenkomen om na te denken over het Brusselse klimaat en milieubeleid.
09/05 | Illegale reclameborden in Kuregem. Ambtenaren van de gemeente Anderlecht hebben in de eerste week van mei zeshonderd gevels gecontroleerd op inbreuken op de bouwvoorschriften. 148 daarvan, of net geen kwart, waren niet in orde met de stedenbouwkundige voorschriften. Dat liet
Françoise Carlier, schepen van Stedenbouw (MR) in Anderlecht, afgelopen weekend weten aan BRUZZ. Bij de inbreuken ging het onder meer om reclameborden zonder vergunning, te grote brievenbussen of monumentale voorgevels die waren hersteld met materialen die niet zijn toegelaten.
09/05 | Dossiervertraging kost Anderlechts OCMW al 113.000 euro schadevergoedingen. Sinds vorig jaar is het OCMW van Anderlecht al 234 keer veroordeeld door de Brusselse arbeidsrechtbank omdat ze aanvragers van een leefloon niet op tijd hielpen. Interimwerkkrachten proberen de stapel dossiers te
Afgelopen zondag, 10 mei, was het verzamelen geblazen in Ter Kamerenbos voor alle soorten honden – van atletisch tot nieuwsgierig – en hun baasjes. De Dogolympics zijn een sportevenement met activiteiten zoals canicross (hardlopen met hond), hindernisbanen en hondenyoga. Het is een initiatief om hondenwelzijn in de stad te bevorderen.



verlichten, maar de vertraging is nog lang niet weggewerkt. Er lopen nog zeker 641 rechtszaken tegen het OCMW.
08/05 | Tweede Autoloze Zondag vanaf volgend jaar. Brussel krijgt vanaf volgend jaar een tweede Autoloze Zondag. Die zal plaatsvinden op de zondag van het weekend
van de Irisfeesten, volgend jaar in principe op zondag 9 mei. Dat kondigde ministerpresident Boris Dilliès (MR) aan tijdens de plechtigheden voor het Irisfeest. Dilliès zei dat de praktische modaliteiten nog niet vastliggen.
08/05 | Celstraffen voor Chinees prostitutienetwerk. Acht leden van een
Chinees mensensmokkelnetwerk dat Chinese vrouwen seksueel uitbuitte, zijn door de Brusselse correctionele rechtbank veroordeeld tot gevangenisstraffen van achttien maanden tot vijf jaar, en geldboetes van 8.000 tot 304.000 euro. In Brussel zou het netwerk 38 vrouwen hebben uitgebuit. Zowel de
gevangenisstraffen als de boetes werden voor de meeste verdachten deels met uitstel uitgesproken.
07/05 | Openstaande facturen bij Vivaqua lopen op. Brussels parlementslid Mathias Vanden Borre (N-VA) luidt de alarmbel over de explosieve toename van onbetaalde facturen bij
Vivaqua en pleit voor een nieuw management. Het bedrag van onbetaalde facturen steeg van bijna 29 miljoen euro in 2011 tot 73,5 miljoen euro, blijkt uit recente cijfers. Vanden Borre vraagt daarom het ontslag van directeurgeneraal Laurence Bovy en een grondige audit door het Rekenhof van de werking van Vivaqua.

Experts vragen meer aandacht voor vroege opsporing van suikerziekte
“Wie diabetes in de familie heeft, laat zich best vanaf zijn twintigste screenen.” Endocrinoloog Bart Keymeulen doet een opvallende oproep tot preventie van diabetes type 2, een ziekte die blijft groeien en dan vooral in armere wijken in Brussel én bij mensen van niet-Europese origine. Toch schiet anderstalige preventie tekort. “Ik maak zelf folders met zoveel mogelijk afbeeldingen.” door Eva Christiaens

In wijkgezondheidscentrum Noordwijk in de Groendreef werkt verpleegkundige Eline Verheyen sinds kort ook als diabeteseducator. In hun hele patiëntenbestand lijdt een honderdtal mensen aan diabetes. “Ik onderhoud de driemaandelijkse afspraken met die mensen, kijk of hun medicatie goed werkt en hoe zij complicaties kunnen voorkomen”, legt ze uit. Diabetes kan leiden tot zenuwaantastingen in de voeten, oogaandoeningen en mondklachten. “Dus sturen we de mensen jaarlijks naar de tandarts, oogarts en eventueel een podoloog”, zegt Verheyen. Ze begeleidt nu al zo’n zes procent van de grofweg 1.800 patiënten in het wijkgezondheidscentrum, dat pas anderhalf jaar geleden opende. “Al heb ik nog niet al onze patiënten met diabetes gezien. Heel wat mensen weten niet dat ze de ziekte hebben”, voegt ze eraan toe.
Haar kleine steekproef komt overeen met wat in heel Brussel groeit: al 8 procent van de volwassen Brusselaars lijdt nu aan een vorm van diabetes. Dat weet het nationaal gezondheidsinstituut Sciensano op basis van cijfers uit 2023. Dat is iets minder dan in Wallonië, waar bijna 9 procent van de volwassenen diabetes heeft, maar meer dan Vlaanderen (6,5 procent) of het nationale gemiddelde (7,4 procent). En, belangrijk, bijna veertig procent meer dan in 2007.
Overal in ons land neemt diabetes toe, gelinkt aan de vergrijzing en toegenomen overgewicht, en alle bekende cijfers blijven een onderschatting. Eén op de drie diabetespatiënten zou nog niet weten dat die de ziekte heeft.
Bovendien zijn er forse verschillen naargelang de woonplaats: een recente publicatie door het Brusselse Observatorium voor Gezondheid en Welzijn toonde al dat liefst dertig procent van de 65plussers in Molenbeek, Anderlecht of Sint-JoosttenNode aan diabetes lijdt. Ze baseren zich daarvoor op dezelfde cijfers van Sciensano, maar dan opgedeeld per gemeente. Diabetes komt wel twee tot drie keer minder voor in het zuidoosten van de stad.
Nog meer ingezoomd valt zelfs een duidelijke kaart op: in de armste wijken van Brussel kan liefst één op de vijf volwassen inwoners diabetes hebben, tegenover amper 2 à 4 procent in de rijkste buurten. Die arme wijken liggen doorgaans ten westen van het kanaal of in het noorden van de stad. Zijn de inwoners ouder, dan groeit hun kans op diabetes, al ziet de zorgsector ook die grens zakken. “Onlangs zag ik een nieuwe patiënte van 55 jaar. Dat is heel jong om nog je hele leven met diabetes voort te moeten”, zegt Eline Verheyen.

“Diabetes type 2 is deels erfelijk en bepaalde etnische groepen hebben een hoger biologisch risico om de ziekte te ontwikkelen, zoals mensen uit Noord- en Sub-Sahara-Afrika, Oost-Europa, Zuid-Azië en Zuid-Amerika”, zegt Bart Keymeulen van de Diabeteskliniek in het UZ Brussel. © SHUTTERSTOCK
In het pas dit jaar opgerichte wijkgezondheidscentrum Peterbos in Anderlecht, een buurt met bekende sociale risico’s, loopt het aantal diabetici al op tot “veertig procent van de patiënten boven de vijftig jaar”, zegt huisarts Peter Decat daar. “Soms hebben die mensen complicaties zoals wonden aan de benen, nierinsufficiëntie, blaasontstekingen of een verzwakt bloedvatenstelsel, met risico op hartinfarcten of trombose.” Decat waaide pas afgelopen januari over uit Gent en ziet in Anderlecht beduidend meer diabetes tijdens zijn consultaties, zegt hij. “Het is evident dat de tijd die we aan diabetes besteden ten koste gaat van aandacht voor andere aandoeningen of eventuele mentale klachten.”
Het hoge aantal diabetici in Brussel zet dus druk op de eerstelijnszorg. Dat dertig procent van de 65plussers in kwetsbare wijken de diagnose al kreeg, verbaast endocrinoloog en diensthoofd Bart Keymeulen van de Diabeteskliniek in het UZ Brussel niet. “Het zijn er wellicht nog tien procent meer. In de
ziekenhuizen zien wij maar het topje van de ijsberg, maar het klopt zeker dat wij meer patiënten uit Molenbeek zien dan uit de Vlaamse rand.” Inkomens en opleidingsniveau spelen daarbij een rol, zegt Keymeulen, maar ook het multiculturalisme van bepaalde Brusselse wijken.
“Diabetes type 2 is deels erfelijk en bepaalde etnische groepen hebben een hoger biologisch risico om de ziekte te ontwikkelen”, zegt hij. Het gaat om mensen uit Noord en Sub-Sahara-Afrika, Oost-Europa, Zuid-Azië en Zuid-Amerika. Onder meer overgewicht komt bij die bevolkingsgroepen vaker voor, wat diabetes in de hand kan werken. “Je ziet wereldwijd dat obesitas en diabetes type 2 toenemen, maar dan vooral bij mensen met een etnische achtergrond uit die regio’s. Dat is zo in Brussel, maar ook in Gent, Antwerpen of Londen. Alleen is zo’n etnische voorbestemming niet allesbepalend. Lifestyle, van voeding tot beweging, is vaak even belangrijk”, zegt Keymeulen.
En daar speelt inkomen wél een rol, want wie minder geld voorhanden heeft, zal gemiddeld sneller voor calorierijke voeding
kiezen. “Chips en frieten zijn goedkoper, maar ook makkelijker dan vers koken voor wie weinig tijd of motivatie heeft om gezond te leven. En wie in de buurt van het Zoniënwoud woont, kan veel eenvoudiger bewegen dan iemand uit Molenbeek”, zegt Keymeulen.
Daarnaast is zorg voor mensen in armoede minder top of mind. “Wij hebben de indruk dat mensen met grote financiële zorgen niet of zelden naar de huisarts stappen omdat ze andere dingen aan hun hoofd hebben”, zegt Eline Verheyen uit de Noordwijk. De kans op diabetescomplicaties, zoals aangetaste nieren, voeten, ogen of zelfs blindheid, ligt dan ook hoger in wijken met minder buurtgerichte zorg.
Toch speelt de etnische factor óók mee, erkennen alle zorgverleners, onder meer in gerichte preventie en opvolging. “De Vlaamse Diabetes Liga heeft een uitgebreid aanbod aan campagnemateriaal, maar alleen in het Nederlands. Aan Franstalige kant is dat ook zo. Ik maak nu zelf folders met zoveel mogelijk afbeeldingen, bijvoorbeeld van porties groenten op een bord, en leg
soms iets letterlijk met handen en voeten uit aan de patiënt”, zegt Verheyen. Videotolken, familie of onthaalmedewerkers helpen haar bij het vertalen van de juiste behandelingen. “Wij proberen altijd iemand van de familie mee naar de afspraak te laten komen: dat is efficiënter dan tolken of anderstalige medewerkers”, zegt UZarts Keymeulen.
Verheyen ziet bovendien dat ingebakken culturele eetgewoonten diabetes in de hand kunnen werken. Die zijn moeilijk te counteren als individuele zorgverlener. “Twee koolhydraten combineren in één maaltijd, zoals couscous met brood, is niet zo gezond, maar dat soort preventie moet al vroeger en op jonge leeftijd in de scholen gebeuren”, zegt ze. Verheyen behelpt zich nu met campagnemateriaal uit Nederland, wél vertaald in het Arabisch.
In zekere zin sukkelt een hoop anderstalige Brusselaars hier dus met een dubbel risico. Enerzijds brute biologische pech, anderzijds met een leven in gemiddeld dichtere, armere wijken met minder toegang tot zorg.
Armoede veroorzaakt, los van taal, een hoop vermelde risicofactoren. “We moeten oppassen dat we de mensen niet zelf de schuld geven van hun ziekte”, vindt huisarts Decat uit de Peterboswijk. Dat is ook de visie van de Franstalige diabetesliga, meer actief in Brussel dan de Vlaamse.
Dat diabetesmedicatie zoals insuline sinds dit jaar niet langer volledig terugbetaald is, vindt Peter Decat “een slecht signaal” van de politiek. “Dat was net een van de weinige medicijnen die je tot voor kort gratis, zonder remgeld, kon verkrijgen”, zegt de huisarts. “Eén à twee euro remgeld per doosje klinkt niet veel, maar die patiënten moeten nog andere medicatie nemen. Dat loopt snel op tot zes euro per maand. En ja, dat is soms veel voor wie er het geld niet voor heeft. Mijn patiënten klagen daarover, maar goed, voorlopig haken ze nog niet af.”
In het UZ Brussel pleit endocrinoloog Bart Keymeulen net voor méér preventie om dat soort kosten te vermijden. “Zowat tien procent van het nationale budget van het RIZIV gaat naar diabetesmedicatie of complicaties van de patiënten”, schat hij. “Onderschat ook de effecten op invaliditeit niet. Diabetes heeft hoge kosten voor de samenleving”, benadrukt Keymeulen, onder meer door de vermelde druk op de eerste lijn, de medicatie en zelfs uitval op het werk. “Bij risicogroepen ontwikkelt de ziekte zich al op beroepsactieve leeftijd. Wie vaker moe
is door slecht gecontroleerde diabetes, of al complicaties heeft, zal meer zorg nodig hebben en dus vaker afwezig zijn.” Op oudere leeftijd leggen diabetici dan weer druk op de rusthuizen, waar het personeel voor extra zorgtaken staat.
Keymeulen pleit daarom voor veel bredere en vroege screenings. “Eigenlijk moet je zélf op tijd een bloedafname vragen aan de huisarts, net zoals je je cholesterolwaarden wil kennen. Daarmee wacht je toch ook niet tot je een hartinfarct hebt? Laat iedereen vanaf veertig jaar af en toe zijn bloedsuikerspiegel meten. En voor etnische risicogroepen of mensen met diabetes in de familie zeg ik: vanaf twintig jaar.”
Net dat soort ziektepreventie blijkt in Brussel moeilijk uit te rollen: zowel voor
andere, Franstalige organisatie dat op de markt van Abattoir. Aan Nederlandstalige kant promoot de Vlaamse Gemeenschapscommissie in wijken met een verhoogd risico op diabetes vooral de risicoscreeningstool FINDRISC, bedoeld om je eigen risico vanaf 45 jaar in te schatten. Dat doen ze samen met wijkgezondheidscentra en partnerorganisaties.
Wie volgens die vragenlijst een hoger diabetesrisico loopt, wordt doorverwezen naar gepaste begeleiding rond voeding of levensstijl. Er bestaan ten slotte patiëntengroepen die diabetici gezond helpen ontbijten of koken. Ook interculturele bemiddelaars kunnen mee inzetten op diabetes.
“De gezondheidszorg rond diabetes in
“Mensen met grote financiële zorgen hebben andere dingen aan hun hoofd, waardoor ze niet of zelden naar de huisarts stappen”
Eline Verheyen
Verpleegkundige in wijkgezondheidscentrum Noordwijk
borst als darmkankerscreenings hinkt het gewest flink achterop met Vlaanderen. Huisarts Decat wil dan ook realistisch zijn. “Ik erken natuurlijk het belang van preventie, maar op de korte termijn is het efficiënter om te investeren in opvolging bij de huisarts. Zo kunnen we complicaties voorkomen en de levenskwaliteit van patiënten verbeteren”, vindt hij.
Op 3 juni biedt zijn wijkgezondheidscentrum wel vrijblijvende bloedsuikermetingen aan tijdens de Dag van de Gezondheid in Peterbos. Jaarlijks doet nog een
ons land is heel goed, maar je moet natuurlijk tijdig naar de huisarts stappen voor opvolging. Taal, cultuur en kennis spelen een belangrijke rol in de toegang tot goede zorg, maar taal toch het meest”, besluit Bart Keymeulen van het UZ Brussel. “De diabetescijfers zullen niet dalen: het is een wereldwijde epidemie, niet exclusief Brussels. Patiëntenverenigingen doen hun best, maar uiteindelijk gaat preventie verder dan pure geneeskunde. Dat moet bijvoorbeeld rond eetgewoonten al op jonge leeftijd starten op de scholen.”
FR/ Le diabète de type 2 augmente fortement à Bruxelles, surtout chez les groupes vulnérables exposés à plus de facteurs de risque et ayant un accès limité aux soins. De nombreux cas restent non détectés et la prévention atteint insuffisamment les populations précarisées et allophones. Les experts plaident donc pour un dépistage plus précoce et une prévention mieux ciblée.
EN/ Type 2 diabetes is rising sharply in Brussels, especially among vulnerable groups with more risk factors and limited access to care. Many cases remain undetected, and prevention efforts fail to adequately reach disadvantaged and non-native-speaking populations. Experts therefore call for earlier screening and more targeted prevention.
















Olla’s vormen een simpele, maar nog te weinig bekende manier om water en moeite uit te sparen bij het verzorgen van kamerplanten. Tijdens een workshop in Etterbeek leren mensen over alle pluspunten van deze poreuze kleipotten.
door Andy Furniere
Hoe oud olla’s precies zijn, is niet duidelijk, maar waarschijnlijk worden ze al minstens tweeduizend jaar gebruikt voor irrigatie. “Kleipotten in de grond ingraven is weinig verenigbaar met de gemechani seerde landbouw van vandaag”, zegt groenteteler Marco Moroni, verantwoordelijke voor het biologische stadsmoestuinproject Légumes Bio d’Etterbeek. “Als het land wordt bewerkt met tractoren, zitten de olla’s in de weg.”
Traditionele, meer ecologische technieken worden wel populairder, al ontbreekt de nodige kennis vaak nog. Wie specifiek meer te weten wil komen over irrigatie met olla’s, kan binnenkort deelnemen aan een workshop in het Jean-Félix Happark in Etterbeek, geleid door Moroni.
“Olla’s zijn perfect voor mensen met weinig ervaring, die hun planten vaak te veel of te weinig water geven, met alle negatieve gevolgen van dien”, zegt Moroni. “De poreuze terracotta potten geven de planten in de aarde net zoveel water als ze nodig hebben, op een geleidelijke manier en rechtstreeks aan de wortels. Je laat de natuur haar werk doen, wat goed is voor alle leven in de bodem.”

steeds vaker voorkomen. In plaats van telkens met een gieter te sjouwen, moet je maar om de drie à vier dagen de olla’s bijvullen.”
Volgens de teler groeit het rendement van je moestuin door olla’s en stijgt de kwaliteit van de gekweekte groenten. “Als je bijvoorbeeld tomaten enkel bovengronds besproeit, ontwikkelen de wortels zich minder actief, wat een negatieve impact heeft.” Ook voor paprika’s en aubergines zijn ze bijzonder nuttig. “Bij onder meer spinazie zijn ze minder nodig, zo’n plant trekt meer zijn plan.”
Olla’s hebben ook een interessant effect op aardbeiplanten. “Als die te veel besproeid worden, zullen de aardbeien logischerwijs meer water bevatten en minder zoet smaken. Met olla’s krijg je zoetere aardbeien.”
Op zich is het een eenvoudige techniek, maar tijdens de workshop geeft Moroni nog enkele raadgevingen mee, zodat mensen niet voor verrassingen komen te staan. “Na het bijvullen moet je het deksel er weer zorgvuldig op plaatsen, want het water mag natuurlijk niet in contact komen met de zon, anders verdampt het vanzelf.”
Ook zijn ze ideaal voor drukke stadsmensen die vaak voor korte of langere periodes van huis weg zijn, periodes waarin olla’s de bewatering van de planten voor hun rekening kunnen nemen. De potten bestaan in allerlei maten en vormen, naargelang ze bijvoorbeeld dienen voor een moestuin of voor kamerplanten.
“Een groot ecologisch voordeel is dat ze het watergebruik voor planten met 30 tot wel 70 procent kunnen verminderen”, zegt Moroni. “Olla’s sparen je veel moeite uit, zeker in periodes van langere droogte, die hier
Eigenschappen
• Een olla – uitgesproken als ‘ojja’ – is een ongeglazuurde, poreuze, terracotta irrigatiepot
• Vormt een zuinige, gemakkelijke en ecologische manier om planten water te geven
• De irrigatiemethode zou al minstens tweeduizend jaar bestaan
Ook bij de keuze van de pot moeten gebruikers opletten. “Die mag zeker niet geglazuurd zijn, want dan tast je de doorlaatbaarheid van de gebakken klei aan.” Tijdens de workshop leren deelnemers hun eigen olla te maken, met materialen die ter beschikking worden gesteld, zodat ze na afloop meteen aan de slag kunnen.
Meer info via etterbeek.brussels
Lees de hele reeks op BRUZZ.be/dossier/botanisch-brussel

Wie wint donderdag de bekerfinale met een Brussels randje: Union of Anderlecht? BRUZZ vroeg het aan drie voetbalanalisten.
“Anderlecht snakt naar een trofee om zijn eigen relevantie aan te tonen.”
Elian
Coussement
Het Koning Boudewijnstadion vormt donderdag het strijdtoneel van de 71e finale van de beker van België. Extra speciaal: deze editie kleurt volledig Brussels. RSC Anderlecht en Union nemen het tegen elkaar op op het Heizelplateau vlak bij het Atomium. Bovendien is het de eerste keer dat twee Brusselse clubs elkaar treffen in deze constellatie.
Hoe historisch en uniek is een bekerfinale tussen Union en Anderlecht?
(Analist en excoach van Anderlecht): Het is vooral uniek omdat Anderlecht zich wist te kwalificeren voor deze finale. De laatste seizoenen is Union gewend geraakt aan succes en prijzen pakken. Bij Anderlecht daarentegen is het
kommer en kwel. Ik vind het heel verrassend dat zij in de finale staan. Door hun uitstekende wedstrijd op het veld van Antwerp verdienen ze dat natuurlijk, maar als je het hele seizoen bekijkt, is het eerder bijzonder te noemen. Het is natuurlijk wel mooi voor Brussel dat twee van zijn clubs de affiche van de bekerfinale van België verzorgen.
HELEEN JAQUES (Coach van de Duitse vrouwenclub SGS Essen): Het feit dat Union een tijdlang in lagere reeksen vertoefde en nu helemaal terug is, maakt deze finale bijzonder. Aan de andere kant is Anderlecht het gewoon om finales te spelen. Het is vooral een mooie affiche voor het voetbal en voor Brussel.
MICHAEL VAN VAERENBERGH (Voetbalcommentator DAZN en journalist Sporza): Het is de eerste keer in de Belgische voetbalgeschie
denis dat die twee teams tegenover elkaar staan in een bekerfinale. Blijkbaar is er nooit een andere volledige Brusselse finale geweest. Racing Club de Bruxelles, Daring en Racing White haalden ooit de finale, maar kwamen niet uit tegen collega hoofdstedelingen. Net zoals Aad en Heleen beaam ik dat het een finale is met een speciaal randje.
Is dit meteen de belang rijkste Brusselse derby sinds decennia, omdat ze elkaar treffen in een finale?
JAQUES: In de ogen van de supporters zal dat waarschijnlijk wel zo zijn. Iedere derby is er eentje om naar uit te kijken, maar deze maakt het extra speciaal omdat er een prijs te winnen valt. Ik weet niet of derby’s nog leven in de hoofden van buitenlandse spelers of jonge voetballers. Voor de supporters van beide clubs ligt dat anders.
VAN VAERENBERGH: Vanuit het oogpunt van Anderlecht is het eerder wel een belangrijke derby. Union heeft vorig jaar nog de landstitel gewonnen en twee seizoenen geleden voor het eerst in 110 jaar opnieuw de beker gepakt. Voor die club hoeft het allemaal niet per se. Zij beschouwen deze finale volgens mij niet als de belangrijkste derby. Voor Anderlecht is het van moeten: dat instituut snakt naar een trofee, naar een signaal dat het nog relevant is als grote naam. De hoop is er dat een overwinning een boost kan geven, een nieuw elan in de queeste om de donkere jaren achter zich te laten. Bovendien verloren ze nog de bekerfinales tegen Gent in 2022 en tegen Club Brugge vorig jaar.
DE MOS: Toen ik coach was van Anderlecht heb ik geen enkele wedstrijd gespeeld tegen Union. In die periode was RWDM onze grootste Brusselse concurrent. De verhoudin gen liggen nu helemaal anders in Brussel. Een derby in het professionele voetbal moet je koesteren en altijd als belangrijk beschou wen, zeker als het om een bekerfinale gaat. Je kunt wel een prijs pakken, hé.
Wie zal die prijs pakken dan? Union lijkt momenteel de beste papieren te hebben.
DE MOS: Klopt. Union is gewoon beter. Niets meer, niets minder. Hun grootste voordeel is dat zij de laatste seizoenen heel wat ervaring

Kapiteins Colin Coosemans (Anderlecht, links) en Christian Burgess (Union, rechts) zijn klaar voor de Brusselse bekerclash.
© PHOTONEWS
hebben opgedaan in belangrijke wedstrijden. Ze weten hoe ze met de druk moeten omgaan.
VAN VAERENBERGH: Dat is allemaal waar, maar er moet ook rekening gehouden worden met het feit dat Anderlecht een derde nederlaag in een bekerfinale op rij wil vermijden, anders gaat men denken dat er een vloek over de ploeg hangt. Union gaat wel als favoriet het duel in. Enerzijds omdat het een betere ploeg is, anderzijds omdat het in de onderlinge confrontaties een sterker rapport kan voorleggen. Ik heb het even uitgerekend: sinds Union terug is op het hoogste niveau zijn er achttien duels gespeeld tussen beide clubs. Anderlecht heeft er daarvan maar twee kunnen winnen.
De statistieken spreken erg in het voordeel van Union. Is dat nu al de grootste en beste club van Brussel? Of stoot het Anderlecht pas definitief van de troon na winst in deze bekerfinale?
JAQUES: Dat zou ik niet meteen durven te stellen. De geschiedenis herhaalt zich doorgaans. Je kunt niet ontkennen dat Anderlecht al enkele jaren door een moeilijke periode gaat, maar het is nog altijd de recordkampioen van België en de club straalt prestige uit. Veel jeugdspelers verkiezen bijvoorbeeld de jeugdopleiding van Anderlecht boven die van Union, gewoon omdat die nog altijd hoger aangeschreven staat. Die jarenlange reputatie van Anderlecht wis je niet zomaar uit, maar het wordt wel tijd dat ze nog eens een prijs pakken.
DE MOS: De verhoudingen zijn aan het keren, dat merk ik als iemand in Nederland tegen me praat over de Belgische competitie, het gaat steeds meer over Union. Anderlecht blijft natuurlijk Anderlecht, maar zij moeten wakker worden.
Wakker worden op professioneel vlak bedoel je dan?
DE MOS: Zowel op professioneel als op sportief vlak. Beide zaken zijn met elkaar verbonden. Bij Union is er een duidelijkere visie dan bij Anderlecht. De bazen van Union hebben een structuur op poten gezet die voornamelijk gefocust is op datascouting. Ze werken hiervoor samen met verschillende andere voetbalclubs in Europa. Als je ziet dat geaffilieerde clubs als Brighton & Hove Albion in Engeland en Hearts of Midlothian in Schotland het net als Union zo goed doen, tja, dan kun je enkel stellen dat het goed zit. Bij Anderlecht ontbreken een plan en een duidelijke visie. Iemand moet daar eens opstaan en werken
“Van de achttien recente duels tussen Union en Anderlecht, heeft RSCA er maar twee kunnen winnen”
Michael Van Vaerenbergh Voetbalcommentator
aan een langetermijnvisie. Het is een komen en gaan van trainers en technisch directeuren de laatste tijd in het Lotto Park en daardoor kent de club geen stabiliteit. VAN VAERENBERGH: In dat laatste kan ik me vinden. Anderlecht heeft nood aan stabiliteit in de frontoffice: geen wissels op bestuurlijk vlak, en een koers die duidelijk afgemeten is en waar niet van afgeweken wordt. Anderlecht mag jaloers zijn op de congruentie tussen Alex Muzio, Chris O’Loughlin en Philippe Bormans bij Union. Je kunt het werk van Marc Coucke moeilijk vergelijken met dat van Muzio. Ja, de druk bij Union is uiteraard minder groot en het scoutingsysteem waar ze op terugvallen, is wereldvermaard. De Unionisten konden ook groeien in de schaduw. Maar de personeelswissels bij Anderlecht in het Coucketijdperk zijn niet meer bij te houden.
Een bekeroverwinning kan een stap in de goede richting betekenen voor Anderlecht. Is het een voordeel voor paars-wit dat Union nog meedingt voor de titel?
JAQUES: Zeker. Anderlecht heeft dit seizoen minder wedstrijden op de teller dan Union. Hun spelers zullen iets frisser aan de aftrap van de bekerfinale verschijnen en hebben
enkel de druk van die dag. Union wil, behalve de beker, ook graag de titel pakken, maar mag geen steken meer laten vallen. Enerzijds is er voor hen de druk van de finale, anderzijds die van het kampioenschap. Daar kan Anderlecht voordeel uit halen.
DE MOS: Je moet het niet zo ver zoeken. Het zijn professionals en ze zitten in een luxepositie om mogelijk de dubbel te pakken. Union pakt gewoon die beker, simpel. De titel is een ander verhaal, dat hangt af van verschillende factoren en er zijn nog enkele wedstrijden te spelen. De resultaten van Club Brugge zijn de grootste factor op dit moment in de strijd om de titel.
VAN VAERENBERGH: Ik denk dat Union zich zal moeten tevredenstellen met winst in de Croky Cup donderdag en hier vol zal mogen voor strijden, want de titel hebben ze toch niet meer volledig in eigen handen. Club Brugge kijkt niet achterom en ontvangt zondag Union in eigen stadion. Misschien speelt dat duel ook in de hoofden van de Unionisten en is dat een voordeel voor Anderlecht. Maar een finale blijft een finale: die wil je winnen.
Zijn jullie donderdag aanwezig in het Koning Boudewijnstadion op de Heizel?
VAN VAERENBERGH: Ook op een feestdag moet er gewerkt worden. Je zult me donderdag in het stadion vinden.
JAQUES: Ik ben er helaas niet. Ik zit in Duitsland, maar als ik de kans heb om de match online te volgen, zal ik dat zeker doen. DE MOS: Ik ben in België, maar niet in het stadion. Ik bekijk liever meerdere wedstrijden per dag en dat is tegenwoordig zo eenvoudig geworden. Ik schakel tussen verschillende wedstrijden om op de hoogte te blijven van al het voetbal dat me interesseert.
Union versus RSCA. Wie wint, wie verliest en welke supporters zorgen voor de grootste ambiance? Donderdag 14 mei in BRUZZ 24.
FR/ La finale de la Coupe entre l’Union et Anderlecht est historique, car c’est la première entièrement bruxelloise et elle revêt une importance particulière pour les deux clubs. Les analystes voient l’Union comme le favori grâce à ses récents succès et à ses bons résultats dans les confrontations directes, tandis qu’Anderlecht cherche désespérément un trophée pour redevenir pertinent.
“UNION
EN/ The cup final between Union and Anderlecht is historic as the first all-Brussels final and carries extra significance for both clubs. Analysts see Union as the clear favourite due to their recent success and strong head-to-head record, while Anderlecht is desperate for a trophy to prove its relevance again. Union appears best positioned to win the cup.

Hij werkt in de spelotheek van Etterbeek, speelde ooit voetbal in tweede klasse en werd vorige week Europees kampioen bodybuilding. Wie is Nicolas Buba? “Ik ben geen macho.”
door Jasper Van Belle
“De eigenaar van de fitness waar ik ging sporten sprak me ooit, toen ik nog niet aan bodybuilding deed, aan. ‘Je hebt aanleg voor bodybuilding’, zei hij me. Ik begreep er niets van, zo’n smalle kerel als ik, bodybuilden? Hij gaf me een trainings- en voedingsschema, ik probeerde het uit, het beviel me, et voilà …”
Het was eerder per abuis dat Nicolas Buba (42) begon met bodybuilding in 2012. Een match made in heaven, zo blijkt veertien jaar later nog maar eens. Vorige week werd ‘de kolos van Etterbeek’ – zijn bijnaam – in Santa Susanna, een piepklein kuststadje ten noorden van Barcelona, Europees kampioen. Die trofee komt terecht in een al aardig gevulde prijzenkast: Buba, die in Etterbeek woont, mocht zich al verschillende keren Belgisch, Europees en wereldkampioen noemen.
Voor hij aan bodybuilding deed, voetbalde Buba op hoog niveau. Hij speelde onder meer bij Daring Brussels (nu RWDM), White Star Woluwe en zelfs even in tweede klasse, bij FC Dender, als semiprof.
Toen hij zijn voetbalschoenen aan de haak hing, zocht hij een manier om zijn conditie op peil te houden. Zijn vrouw raadde hem de naburige fitness aan; gedwee schafte hij zich een abonnement aan. “In het begin wist ik niet echt goed wat ik moest doen. Ik wilde vooral mijn conditie onderhouden, ik deed heel veel cardio, geen of amper krachttraining. Tot de eigenaar van de fitness me dus aansprak.”
“Toen ik eenmaal begonnen was met deze sport dacht ik nooit dat ik titels zou winnen”, vertelt Buba. “Ik wilde gewoon een nieuwe sport ontdekken. Elke gewonnen wedstrijd was een complete verrassing.”
Buba werkt in de spelotheek van Etterbeek. Hij komt net terug van een trainingssessie, wanneer BRUZZ hem wil interviewen. Even helpt hij nog een collega zoeken naar een schijnbaar verloren classeur. Wie gelooft dat alle bodybuilders macho’s zijn, heeft met Buba een stevige uitzondering beet, zo valt meteen op.
Andrew Tate
“Ik merk dat bodybuilding een discipline is die mensen op het eerste gezicht afkeuren”, zegt hij. “Natuurlijk kan ik niet voor iedereen spreken, maar veel vooroordelen kloppen niet. We zijn geen bende macho’s. Helaas bezoedelen sommige influencers, zoals Andrew Tate, het imago van krachttraining.”
Voor wedstrijden probeert Buba vooral tijd vrij te maken voor zijn familie. Geen grote rituelen, wel simpele momenten met de mensen rond hem. “Ik probeer samen te zijn met mijn ouders, mijn partner en twee kinderen, mijn broers en zussen, mijn neefjes en nichtjes”, zegt hij. “Dat geeft me rust.” Hoe meer een
“Ik gebruik geen anabolen. Voor een hobby wil ik mijn gezondheid niet op het spel zetten”
Nicolas Buba Europees kampioen bodybuilding


wedstrijd nadert, hoe meer hij nood heeft aan die vertrouwde omgeving. “Dat geeft me goeie vibes”, zegt hij.
Op het podium zelf voelt hij opvallend weinig stress. “Stress bestaat eigenlijk niet voor mij”, zegt Buba. “Ik zoek niets speciaals in deze sport.” Voor hem draait een wedstrijd minder om winnen dan om het gevoel dat hij goed voorbereid is. “Ik denk dan: ik heb mijn dieet gevolgd, ik heb mijn trainingen gedaan, ik heb mezelf niets te verwijten.” Zodra hij het podium opstapt, neemt de adrenaline het over. “Ik hou van dat moment”, zegt hij. “Je staat daar met atleten die hetzelfde parcours hebben afgelegd als jij. Je toont het werk dat je gedaan hebt.”
Dat werk is trouwens puur natuur. Buba is een zogenoemde ‘natuurlijke’ bodybuilder – zaken zoals anabolen zijn volledig uit den boze. “Ik wil ethisch sporten. Het was van bij het begin een bewuste keuze om het natuurlijk te houden. Voor een hobby, want zo zie ik het nog altijd, wil ik mijn gezondheid niet op het spel zetten.”
Tot voor kort was Buba aangesloten bij een federatie die alleen natuurlijke bodybuilders in haar rangen toelaat. “Daar heb ik elke denkbare wedstrijd gewonnen. Sinds vorig jaar ben ik veranderd: nu zit ik bij een grotere federatie, misschien wel de grootste ter wereld, waar ook niet-natuurlijke bodybuilders lid van zijn.”
“Voor mij was het een test. Ik wilde weten wat ik waard ben als ‘naturel’ tussen ‘onnatuurlijken’. Nu ga ik de strijd aan met atleten die de discipline op een andere manier dan ik beleven, dat verhoogt de spanning.”
Veel offers
Die gok pakte goed uit: in zijn eerste jaar bij de federatie werd hij meteen Europees kampioen. “Ik had niets te verliezen en wilde ervoor gaan. Mocht ik een slecht resultaat neergezet hebben, dan had ik nog altijd de voldoening gehad dat ik het geprobeerd heb. Ik zou sowieso trots geweest zijn op mezelf en de koers die ik volg.”
Op zich is die koers simpel: zijn trainings- en voedingsschema nauwgezet volgen. Dat betekent niet dat het voor iedereen is weggelegd. “We brengen veel offers, ja. Zeker in aanloop naar een wedstrijd moet je écht heel strikt op je eten letten. Wat je eet, maar ook hoeveel. Ik heb het geluk dat ik altijd heel gezond eet, ik moet me niet enorm aanpassen in de aanloop naar een wedstrijd.”
Cheatdays zijn niet aan Buba besteed. “Misschien enkel na afloop van een wedstrijd, tijdens een familiemoment met de kinderen. Dan zien ze me eens iets anders eten dan broccoli, rijst en kip”, grapt hij. Wat brengt de toekomst? Welke doelen ziet Buba nog voor ogen? Een gooi naar de wereldtitel, misschien?
“Ik heb niet echt doelen. Nooit gehad trouwens. Bodybuilding blijft voor mij in de eerste plaats een hobby. Misschien kun je wel stellen dat ik nog geen enkel doel bereikt heb, want ik had er nooit een.”

Column Lies Van Overschée
Lies Van Overschée is centrumverantwoordelijke van De Platoo. In haar column onderzoekt ze de spanning tussen Brussel als publieke ruimte en het leven achter gesloten gordijnen.
Het is iets voor vier en de laatste vergadering van de dag komt eraan. Een na een druppelen de collega’s binnen. Ik zoek mijn schrift en potlood bij elkaar en stuur snel nog een berichtje naar mijn kinderen. “Dag moppie, ça va daar?” en “Jooow bobbie, beetje later thuis vandaag.” Behendig hinkel ik tussen scherm en tour de table, tot ik iemand hoor vragen of chacun dans sa langue mag spreken. Het voorlopig laatste bericht van mijn jongste valt binnen: “Jup!” Naar de vergadertafel nu, waar ieder in zijn eigen taal toch vooral betekent dat we in het Nederlands en Frans met elkaar spreken.
Gelijkheidsbeginsel, revendiquer, agency, microagressie; een uur lang worden de moeilijkste woorden bij elkaar gegoocheld. Mijn verslag lijkt een beetje op experimentele poëzie. Woordwaarde honderd ofte Scrabble voor gelijkgestemde gevorderden. Ik glimlach om het slome “Jup …” dat ik opnieuw op mijn scherm zie verschijnen. Ieder zijn eigen taal, jawel, en het juiste woord op het juiste moment.
Boeken toe, de fiets op naar huis. “Ah voisine! Lang geleden. Pintje?” “Yes, j’veux bien. Dankuuu.” Precies in het midden tussen mijn werk- en woonplek stap ik nog even het café binnen. Ik merk hoe mijn taal verandert. Bij sommige mensen haal ik de meest gekuiste versie van mijn moedertaal boven, bij vrienden floepen er steeds vaker Brusselse woorden tussen. Doet niet iedereen dat? Tieners spreken me directer aan dan iemand van zeventig. Korter. Zonder aanspreking. In mijn taal zou dat onbeleefd heten, in hun taal is dat gewoon. Oudere mensen hebben vaak iets permanent klagerigs in hun stem, alsof elke zin auditief begeleid wordt door artrose.
Wat een aannames. Ze klinken gemeen en ze zijn onjuist. Nu ja, taal is zelden lief. Zelfs neutrale taal blijkt zelden neutraal. Want waarom zeggen we nog altijd ‘ieder zijn eigen taal’, waarom niet ‘ieder haar eigen taal’? Waarom voelt het mannelijke ‘zijn’ nog altijd als de neutrale vorm?
En is taal niet een van de meest blinkende spiegels van ongelijkheid? Waarom ken ik meer woorden dan iemand die in andere omstandigheden opgroeide? Niet omdat ik slimmer ben, maar omdat ik geluk had. Omdat er boeken waren en omdat thuis niemand twee jobs moest combineren om de huur te betalen. Woordenschat wordt graag beschouwd als (enkel) talent, terwijl het vaak vooral geërfde toegang is.
Ondertussen gebruikt iedereen taal om indruk te maken. De ene doet het met moeilijke woorden, de andere met straattaal. Een academicus die paradigmatische verschuiving zegt en een zestienjarige die 6 7 mompelt, zijn eigenlijk exact hetzelfde aan het doen: tonen dat ze ergens bij horen.
“Words are all we have.” Misschien kent u de zin wel. U kunt zelfs kiezen vanwaar: Samuel Beckett wist het al vóór de Bee Gees het door onze radio kweelden. Ting. Een bericht. “Jup! Mijn toets Nederlands ging gans bien.”
City jobs
‘Soms vind ik stukken
zijn’
In de Marollen valt het aantal winkels met tweedehandskleren amper nog tellen. In een ervan werkt Loan (25). “Bij elke nieuwe zak kleren die je opent, kan er iets bijzonders gebeuren.”
door Kris Hendrickx foto Ivan Put
In Fripkot in de Hoogstraat klinkt ‘Blackbird’ van The Beatles, wat later passeren ook ‘Julia’ en ‘Why Don’t We Do It in the Road?’ The White Album, knikt Loan Morvan. “Een van de voordelen van deze job? Je kunt je eigen muziek kiezen.” Met zijn vintage kleren en lange haren maakt de twintiger uit Toulouse het plaatje helemaal af: de sfeer van het einde van de jaren 1960 lijkt even terug.
Fripkot is maar een van de talloze winkels met tweedehandskleren in de Marollen. “Vlakbij zijn er net nog drie winkels geopend”, bevestigt Loan. “En als zo’n winkel wordt overgenomen, zie je dat de opvolger zo’n tweedehandsboetiek behoudt. Het is booming business, met vooral in het weekend zot veel volk. Ik woon ruim drie jaar in de wijk en zie hoe die gentrificeert. Wanneer een nieuwe crêperie of concept-
store opent, is die doorgaans duurder dan de zaak die stopte.” Loan verhuisde ruim drie jaar geleden van het zonnige Toulouse naar Brussel. “Ik heb film gestudeerd en samen met mijn vriendin, die fotografie deed, zochten we een stad met een echt cultureel aanbod. Toulouse is dat niet, de burgemeester sluit er steeds meer cultuurplekken. En Parijs is niet meteen de stad die ons aantrekt.”
De jonge Fransman werkt ondertussen ruim drie jaar voor Fripkot en Melting Pot, die tot hetzelfde bedrijf behoren. “Toen ik pas in Brussel was, ontmoette ik toevallig de manager van Melting Pot aan de Beurs in de kerstperiode. Ze verzopen in het werk en zochten dringend iemand om hen te helpen.”
Het leukste aan zijn job vindt Loan nog altijd de nieuwe zakken met kleren openen. “Die

komen van een sorteerfabriek, waar al een eerste selectie gebeurde. Onze leverancier sorteert vervolgens een tweede keer en in de winkel gaan we er nog een derde keer door. Door het grote aanbod zijn mensen kieskeuriger en willen ze geen kleren waar iets aan schort.”
Jean-Paul Gaultier
Zo’n zak openen, heeft nog steeds een zekere magie, vindt de verkoper. “Iedere keer denk ik: ‘Misschien zal er wel iets gebeuren’. Op mijn laatste werkdag bij Melting Pot vond ik in de allerlaatste zak een originele jas van Jean-Paul Gaultier, in een heel goede toestand, met borduursel en de originele etiketten. Soms stoot je echt op stukken die duizenden euro’s waard zijn.”
Loan haalt dan ook al zijn kleren bij de eigen winkels. “Dat is een luxe, maar ik voel het
“Het gebeurt dat ik mijn trui achter de toonbank leg en een klant die even later in de hand heeft”
Loan Morvan
Verkoper van tweedehandskleding
risico van overconsumptie. Hetzelfde geldt voor de klanten, veronderstel ik, want duur kun je de kleren hier niet noemen.”
Het betekent dat de verkoper goed op zijn eigen kleren moet letten. “Het gebeurt dat ik mijn trui achter de toonbank leg en een klant die even later toch in de hand heeft.”
Die klanten zijn erg divers, merkt de twintiger. “De grootste groep zullen de 18- tot 35-jarigen zijn, maar ik zie steeds meer vijftigers tot zeventigers die bewust tweedehands kopen.
Vintage heeft het imago van ‘vuil en minderwaardig’ van zich af geschud. Het gebeurt wel dat mensen vragen of de kleren een energiezuivering hebben gekregen, bijvoorbeeld met salie. Ze doelen daarmee op een soort spirituele reiniging van spullen die mogelijk van een overleden persoon komen. Dat doen we niet, maar etiketjes met persoonlijke naamtekens worden er wel uitgeknipt, die schrikken sommigen af.”
Het lastigste aan zijn job vindt Loan dan weer wat hij
“sociale uitputting” noemt. “De meeste klanten willen niet per se advies over de kleren, waardoor de interactie vaak heel kort en zakelijk is: ‘Ik neem dit, hoeveel is het?’”
Waar zijn eigen toekomst ligt, weet de man nog niet. “Werk vinden in de filmsector is niet eenvoudig. Zelfs mensen rondom me met gewilde diploma’s vinden moeilijk een job, merk ik. Ik zit zo’n beetje tussen de angst om te blijven en de angst om te vertrekken. Als hobby maak ik muziek. Ik zing, en speel gitaar en keyboard in een duo dat eigen Franse chansons maakt. Of mijn toekomst in die branche ligt? In een ideale wereld wel, maar het is nog zo pril dat ik dat zelf niet durf uit te spreken.”
In City jobs toont BRUZZ de mens achter typische en minder typische stadsjobs
Nichemagazines beleven een comeback

Print is dood? Niet als het van Trut, Vibes, Chasing the Rainbow, Different Class en Not So Difficult afhangt: de komende maanden verschijnt van de vijf Brusselse nichemagazines een gloednieuwe editie op papier. “Vandaag de dag voelt het internet niet meer aan als een vrije omgeving. Print wel.”
door Inne Krokaert

Astrid Bryan, Tanja Dexters of Natalia: ze stonden vroeger in het superbekende weekblad Joepie, vandaag prijken ze in Trut. Begin dit jaar begon een kleine ploeg Brusselse redacteurs met het nieuwe magazine – een passieproject dat naar eigen zeggen pure nostalgie ademt. Veelzeggend: op de cover van het eerste nummer dat in februari verscheen met de nodige toeters en bellen, knalt in grote roze letters het thema van de eerste editie Sexy! Trut is een project van Louise Hinnekint, Joram De Cocker, Mila Van Hende, Hennie Roukaerts, Nathan Forger Brems.
• Wat? Serotonine-high ervaring tijdens het lezen
• Volgende editie: nog niet geweten
• Oplage: 400
• Prijs: 12 euro
“Een beetje de serotonine-high die je voelde toen je als kind in de dagbladhandel stond”, lacht redactielid Mila Van Hende (28), die in Schaarbeek woont. Binnenin serveert Trut een mix van popcultuur en nostalgie, maar alles met een korreltje zout. Daarnaast zijn er de typische roddelrubrieken, spelletjes en een horoscoop. Het geheel ademt de sfeer van magazines als For Girls Only! en CosmoGirls!, de tienermagazines waar de Trut-generatie mee opgroeide “Het is iets typisch voor zillennials”, zegt Van Hende. “We worden allemaal volwassen en kijken terug naar de – tussen aanhalingstekens – simpelere tijden van onze jeugd.”
Het passieproject groeide al snel uit tot een bescheiden succes. “Als we geluk hebben, kopen onze vrienden het wel”, dacht het redactieteam van Trut aanvankelijk, maar de eerste oplage van vierhonderd exemplaren vloog de deur uit. De magazines vonden onder meer hun weg naar het publiek via een launch event in Gent, waar de jeugddienst Alles Kan het magazine subsidieert, tijdens een radioshow ‘Trut FM’ in de Brusselse bar en radiostation GIMIC Radio, in de Marollen en verschillende boekhandels in Brussel en Gent.
Intussen is een tweede nummer in de maak, al is daar nog weinig over geweten. Een grootse comeback van de klassieke magazinecultuur verwacht Van Hende niet meteen. “Als we een dj-collectief zouden opzetten of een nieuw festival organiseren, dan zitten we met gigantische concurrentie. Omdat het om een uitstervende markt gaat, hoeft Trut niet per se succesvol te zijn. We doen gewoon waar we zin in hebben.”

Klaas Olbrechts (49) moest en zou zijn journalistieke droom waarmaken: een goede nieuwskrant publiceren. Wat hem ook lukte, want samen met medepositivo Jan Dejonghe lanceerde hij in oktober vorig jaar Vibes. “Een radicaal positief initiatief van een groep mensen die een antwoord wil bieden aan de oprukkende polarisatie”, valt te lezen op de eerste pagina.
• Wat? Mensen snakken naar positief nieuws
• Volgende editie: augustus
• Oplage: 20.000
• Prijs: 3,90 euro
• Abonnement: 50 euro voor vier nummers, en toegang tot alle onlineartikels en nieuwsbrieven
In het magazine, en op de bijbehorende website, kiezen Olbrechts en zijn team ervoor om radicaal positief te zijn. “Ik wil geen alternatief zijn voor bestaande nieuwsmedia, maar een aanvulling”, zegt hij. De kiem voor Vibes werd gelegd na het lezen van You Are What You Read van Jodie Jackson, een boek dat de impact van negatieve berichtgeving scherp blootlegt. Voor Olbrechts vormde die lectuur een kantelpunt. “Als de traditionele media steeds beangstigender en negatiever worden, wil ik net het tegenovergestelde brengen.”
Vanuit Sint-Joost-ten-Node werkt hij samen met een team van vaste medewerkers en freelancers aan een nieuw nummer, dat in augustus in de rekken zal liggen. Daarmee vaart hij bewust tegen de stroom in. “Overal hoor je dat print dood is”, merkt hij op. Maar het hield hem niet tegen, hij speelt er zelfs op in door Vibes in een compact formaat uit te brengen – handig voor onderweg, in een leven dat steeds drukker wordt. “Een magazine voelt bovendien meer professioneel en geloofwaardig aan. Anders ben je al snel gewoon een blog.”
Dat de aanpak aanslaat, merkt hij aan de reacties van lezers. “De meest gehoorde reactie is: ‘Eindelijk, hier hadden we echt nood aan.’” Volgens Olbrechts wijst dat op een bredere behoefte om even los te komen van het scherm. “Ik geloof dat print opnieuw kan groeien, net omdat mensen willen vertragen. Al is het maar drie minuten, met een papieren artikel in handen.” Die interesse vertaalt zich ook in de verkoop: Vibes ligt intussen in de rekken van dagbladhandelaars, boekenwinkels en ook in Delhaizes. “Al die winkels schrokken ervan hoe goed de verkoop verliep.”

• Wat? Op het snijpunt van journalistiek en activisme
• Volgende editie: 11 mei
• Oplage: 350
• Prijs: 11 euro
De Brusselse Len Buggenhout (39) bracht deze week de derde editie van zijn magazine Chasing the Rainbow uit, naar aanleiding van Brussels Pride die op zateredag 16 mei plaatsvindt. Hij viert dat op donderdag 14 mei tijdens zijn launch party in de Unity Bookshop in Elsene. Wie de reeks volgt, ziet stilaan een patroon: na een rode en oranje cover, kleurt de jongste editie felgeel. “Ik weet nog niet wat ik zal doen als alle kleuren van de regenboogvlag gebruikt zijn, maar gelukkig zijn er nog genoeg vlaggen binnen de queer community”, lacht Buggenhout.
“Chasing the Rainbow positioneert zich op het snijpunt van journalistiek, mensenrechten en activisme”, legt hij uit. Elke editie zoomt in op een thema gelinkt aan de Pride, telkens vertrekkend vanuit diepmenselijke verhalen. Het project wordt volledig gedragen door Buggenhout, die naast zijn job op zoek gaat naar verhalen en die zelf uitschrijft. Voor de vormgeving krijgt hij ondersteuning, en af en toe leveren ook geïnteresseerde schrijvers een bijdrage. Deze editie staat het thema ‘Pride is Community’ centraal. Hij vergelijkt daarbij Europese landen op het vlak van wetgeving en maatschappelijke aanvaarding van de queer gemeenschap. “Ik wil in elk Europees land een Pride meemaken, de afgelopen twee jaar liep ik al mee in twintig parades.” Dit jaar staan onder meer Polen, Kosovo en uiteraard Brussel op zijn lijst. Omdat het magazine vooral binnen de LGBTQIA+-gemeenschap zijn publiek vindt, is het voorlopig geen fulltime bezigheid. “Ik heb weinig marketingervaring en dus ook geen gigantische verkoopcijfers”, geeft Buggenhout toe. Toch bouwt hij gestaag aan een netwerk. Zo werkt hij samen met queer boekhandels in heel Europa om Chasing the Rainbow te verspreiden. Ook online zijn de magazines te koop. “Binnenkort mag ik naar een winkel in Kopenhagen om het magazine voor te stellen.” Hij is er dan ook van overtuigd dat magazines nooit zullen verdwijnen, zeker niet wanneer ze inspelen op tijdloze thema’s zoals Pride.

Different Class, het muziek- en kunstplatform dat opkomende artiesten in de schijnwerpers zet, brengt elk kwartaal een magazine uit. De Gentse oprichters Herlinde en Kasper-Jan Raeman (39), broer en zus, vonden dat er voor beginnende artiesten geen goed medium bestond. Dus richtten ze er zelf een op. Met een abonnementenformule (50 euro voor een jaar – vier nummers) willen ze een trouwe, geïnteresseerde community uitbouwen, die gratis toegang tot of korting krijgt op feestjes en expo’s in de grootste Belgische steden. Dat creëert naar eigen zeggen een win-winsituatie voor zowel de leden van Different Class als voor artiesten die aan het begin van hun carrière staan. Hoewel ze de content met heel België delen, bevinden de meeste lezers en partners zich in Brussel.
• Wat? Kansen creëren voor opkomende artiesten
• Volgende editie: juli
• Oplage: 20.000 exemplaren
• Prijs: gratis
Kasper-Jan Raeman twijfelde geen seconde aan printmedia. “Dagelijkse kranten zie ik op termijn wel verdwijnen, maar een nichemagazine of weekendeditie zal altijd blijven bestaan.” Hun eerstvolgende nummer verschijnt in juli, waarmee lezers weer drie maanden zoet zullen zijn. “Het blad is gratis, we willen dat het eruit springt en voldoende wordt meegenomen”, verklaart Raeman. “Een magazine is iets dat je kunt bewaren, een hebbedingetje. We hechten veel belang aan de foto’s, de uniekheid van de interviews en lay-out in het algemeen.” De kosten van hun gratis blad worden gedekt met het lidgeld en reclame-inkomsten.
De oplage van twintigduizend gratis bladen wordt verdeeld onder de abonnees, via de toonbanken van Think Twice-tweedehandswinkels, aan universiteiten zoals de VUB en op andere plekken die aansluiten bij hun jongvolwassen doelpubliek. Dat het bovendien een Engelstalig magazine is, blijkt een doordachte keuze: zo worden steden zoals Luik, aan de andere kant van de taalgrens, niet uitgesloten. “Veel mensen noemen ons hun favoriete wc-lectuur”, aldus Kasper-Jan Raeman. Hoewel Engels een universele taal is, ligt de focus voorlopig op België. “Er is nog groeimarge in eigen land, maar we sluiten natuurlijk niets uit.”






Not So Difficult, het magazine met de slogan ‘Offline Music Magazine’, verschijnt jaarlijks en verkent muziek in de breedste zin van het woord. Beginnende artiesten krijgen in het magazine een stem, terwijl de visuele aspecten van muziek een even prominente rol spelen. “We wilden bewust iets maken dat tastbaar is, onthaast en ver weg van de snelle onlinewereld. Vandaag de dag voelt het internet niet meer aan als een vrije omgeving”, zegt grafisch ontwerper Emile De Geyndt (27). “Dat gevoel vinden we wel nog terug in print.”
• Wat? Muziek verkennen in de breedste zin van het woord
• Volgende editie: 24 mei
• Oplage: 500
• Prijs: 24 euro
Toch ontsnapt ook Not So Difficult niet volledig aan het digitale tijdperk. Promotie verloopt via Instagram en de verkoop via een webshop. “Je kunt er niet omheen”, zegt fotograaf Jente Waerzeggers (27).
Daarnaast ligt het magazine in gespecialiseerde boekhandels, museumshops en platenwinkels. Veel van de meetings en launch events hebben hun vaste uitvalbasis in de hoofdstad. De volgende editie verschijnt op 24 mei, en zal voor het eerst ook verspreid worden door een internationale distributeur. Daardoor zal het magazine in winkels zoals Crevette Records in de Marollen belanden, “en misschien wel binnenkort in Japan of Londen”, aldus Waerzeggers.
“Hoewel Not So Difficult steeds groter wordt, blijft het magazine in de eerste plaats een passieproject. De drukkosten blijven stijgen, terwijl het team de prijs bewust toegankelijk wil houden. “Het kernteam is nog nooit betaald geweest”, zegt De Geyndt. “Maar je krijgt er wel iets anders voor terug: inspirerende samenwerkingen en creatieve uitwisselingen. Iets maken en publiceren in een magazine, dat blijft bijzonder.”

















Inschrijven








Geen zeven anjers, misschien wel Belgische rozen. De Brusselse florist Resyne schikt lokale biobloemen tot bonte veldboeketten waarmee je iedere gastheer, schoonmoeder of jezelf kunt verblijden. Ook voor een bloemenabonnement ben je bij Justine Leblanc aan het juiste adres. En als het wat meer mag zijn, doe je er de handgemaakte vaas van ALaMano bij. (SM)
VAAS MET BIOBLOEMEN 65euro, via resyne.be
Baud Atelier is een Brusselse studio voor badkleding. Designer Mathilde Baud vertrekt vanuit het idee om meer te bezitten met minder kledingstukken. Zo kun je elk badpak op verschillende manieren dragen: met één set creëer je tot wel acht looks. Baud keert met haar badpakcollectie terug in de tijd. Ze liet zich inspireren door familieherinneringen en de Franse popcultuur uit de jaren 1960 en 1970. Elk kledingstuk wordt in België met de hand vervaardigd uit tweedehands en onverkochte stoffen. (MU)

Coudboul is de nieuwste aanwinst in de Marollenwijk: een ambachtelijk ijssalon dat werkt met seizoensgebonden producten van Belgische boerderijen. Hun terras met fluogele krukken is ideaal om even te ontspannen na een drukke ochtend snuisteren door de vlooienmarkt. Laat de zon zich nog niet zien? Coudboul staat ook bekend om zijn wafels en heerlijke koffie van de Anderlechtse branderij Parlor. (MVDH)
COUDBOUL 3,3 euro voor een bol, @coudboul_bxl
Brussels product op deze pagina? Mail naar shop@bruzz.be
KWALITEIT •••••
AANBOD

AUTHENTICITEIT •••••
INFO
Overwinningsstraat 225, Sint-Gillis
Toast kannibaal is een vast onderdeel van het Brusselse caféleven. Jammer genoeg verdwijnt deze populaire specialiteit steeds vaker van het menu. In Le Prétexte prijkt de klassieker nog wel op de kaart.
De ‘toast cannibale’ bestaat uit geroosterd brood belegd met gehakte biefstuk – filet americain – en groeide in de loop van de vorige eeuw uit tot een klassieker in Belgische brasserieën en cafés. Niets ingewikkelds aan: gekruid rauw rundvlees, koud geserveerd, vaak vergezeld van kappertjes, augurken, uien of mosterd.
De toast kannibaal verdwijnt echter meer en meer van de menukaarten. Zorgen rond de voedselveiligheid van rauw vlees, veranderende eetgewoonten en het steeds meer op elkaar gelijkende horeca-aanbod verbanden de specialiteit naar de marge. Enkele etablissementen blijven de toast serveren, soms in een zeer klassieke versie, soms met meer aandacht voor het vlees, de kruiding of
het brood – bij Journal in Stokkel wordt de specialiteit in New Yorkse stijl herwerkt, met een broodje en eggs benedict. Waar is de lekkernij nog te vinden?
Bij Le Prétexte, een bescheiden en goed draaiend familiebedrijf dat al dertig jaar bestaat. Het is elke dag open van 9.30 uur tot middernacht, behalve op zondag. Le Prétexte is een volks etablissement, ergens tussen een café en een brasserie in. Naast een pintje (een Maes voor 2,20 euro) staan op de kaart betaalbare gerechten, die verscheiden en smakelijk zijn: sandwiches vanaf 4,50 euro, omeletten vanaf 9,50 euro, preparé met frietjes (17 euro) of stoofvlees op Vlaamse wijze (18 euro). En ook de onvolprezen tonijn met perzik is er nog te vinden (15 euro). Maar bovenal kun je er nog altijd toast kannibaal krijgen. Zes halve, maar rijkelijk belegde licht geroosterde sneetjes witbrood, geserveerd in de vorm van een bloem, omringen een frisse salade (met wortel, feta, komkommer, ui …), die royaal overgoten is met vinaigrette. Het vlees is supervers en de mayonaise is niet overdreven aanwezig. Kappertjes fleuren het geheel op. De kers op de taart zijn de flesjes tabasco en worcestershiresaus op tafel om naar believen te gebruiken. Bovendien is de bediening bijzonder vriendelijk. Dat alles maakt van deze plek een geliefd buurtrestaurant, reserveren is dan ook aangewezen. MICHEL VERLINDEN
Wie praat over filet americain kan onmogelijk om de familie Niels heen, van wie de voorvader Joseph, een boerenzoon uit het Pajottenland, het recept in 1924 zou hebben uitgevonden. Die geschiedenis staat garant voor de onverwoestbare reputatie van Au Vieux Saint Martin. Ja, de toast is er heerlijk. Er is nog de variant ‘L’Excellent Toast Cannibale’, voor de prijs van 22,95 euro (als voorgerecht geserveerd).
Grote Zavel 38, Brussel auvieuxsaintmartin.be
La Brouette ligt in het toeristische centrum, maar ademt de sfeer van een echte Brusselse taverne. Met houten lambriseringen, bankjes en Belgische bieren omarmt het interieur de folklore, zonder in clichés te vervallen. De toast staat op het menu bij de snacks, die verkrijgbaar zijn van 11 tot 23 uur, voor 13,90 euro, en is een klassieke versie op geroosterd brood met garnituur en zelf te kiezen sauzen.
Grote Markt 2, Brussel, brouette.be

Met het partyconcept Outrageous haakt de AB elk jaar zijn wagon aan aan de Pride. Deze keer wordt de avond gecureerd door het collectief Gazelle L’Hafla, dat onder de noemer ‘Shata Mata’ transvrouwen met Noord-Afrikaanse en Arabische roots op een piëdestal plaatst. Onder meer cheikharapper Lalla Rami (foto), de Nederlands-Syrische producer Noise Diva en de Palestijnse dj Prncjdg komen zich tonen. → 15/5, Ancienne Belgique
Lauryn Hill, Kanye West, Shabaka Hutchings: het zijn maar enkele namen die de voorbije jaren aanklopten bij de Amerikaanse harpiste Brandee Younger. Wie naar haar soloalbums luistert, zoals het recente Gadabout season, begrijpt waarom. Door jazz, soul, hiphop en elektronische texturen toe te voegen aan het betoverende geklater van de harp, geeft Younger dat instrument een, euh, jonger elan.
→ 20/5, Flagey
Keith Edward Elam, alias Guru, maakte ooit deel uit het van het rapduo Gang Starr, maar oogstte vooral ook applaus met zijn project Jazzmatazz, waarmee hij de band tussen hiphop en jazz onderstreepte. Guru verliet in 2010 het ondermaanse , maar zijn erfenis leeft verder. In de Sounds Jazz Club brengen onder meer drummer Raph Stark en zanger Fred Gata hem hulde.
→ 15/5, Sounds Jazz Club


De figuur met het mes achter het douchegordijn, de ijselijke schreeuw van actrice Janet Leigh, het donkere bloed dat door het putje wegloopt, maar vooral het ijle “iep, iep, iep” van de violen: filmmaker Alfred Hitchcock en componist Bernard Herrmann wisten hoe ze suspense moesten creëren. Het OPRL mag de soundtrack van Psycho live doen herleven.
→ 15/5, Bozar
Zo goed als niemand speelde het Celloconcerto van Bohuslav Martinů, of kende het werk überhaupt. Tot Sol Gabetta ergens rond het jaar 2000 gevraagd werd om een blik op de partituur te werpen. De Argentijnse celliste was vrijwel meteen verkocht. Sindsdien is de meeslepende compositie een van de sleutelwerken op haar repertoire.
→ 16/5, Bozar
Zaterdag weten we welke twaalf cellisten er nog kans maken om de Koningin Elisabethwedstrijd te winnen. Terwijl zij zitten te bibberen in de muziekkapel, vult Victor Julien-Laferrière de leemte in het concours op. De winnaar van de allereerste editie voor cello zakt opnieuw af naar Brussel, en opent de gerenoveerde kamermuziekzaal met een ode aan Pablo Casals.
→ 21/5, Bozar
Jazzpianist Eric Legnini komt de eerste verjaardag vieren van de Toots Jazz Club (15/5)
Steve Ignorant graait in de erfenis van zijn punkband Crass (16/5, Ancienne Belgique)
Jazztoetsenist Igor Gehenot stelt zijn nieuwe album Shining face voor (19/5, Le Senghor)
Carl Orff viert zjin 130e verjaardag, dus daar zijn de onvermijdelijke Carmina Burana weer (17/5, Bozar)
Werken van Steve Reich en Julia Wolfe voor Six Pianos, zijn dat dan douze-mains? (19/5, Bozar)
Madame Élodie Vignon neemt een diepe duik in de muziek van Monsieur Debussy (21/5, Le Senghor)
Poëzie. Kleur. Beweging Germaine Rimbout
Een halve eeuw na haar dood is het hoog tijd dat de Brusselse Germaine Rimbout, een vrouwelijke pionier in de Belgische kunstwereld, de aandacht krijgt die ze verdient. De expo in de Spilliaertzaal van het KMSKB geeft een goed idee van hoe ze, gegidst door het kubisme en het fauvisme, in alle vrijheid speelde met beweging, ritme en kleur.
→ 20/5 > 18/10, KMSKB
Nicolas Party
Naast de spinnenwebben uit de titel, vult Party de galerie ook met dode vissen, weerspiegelingen, bruggen en bomen. Motieven die verwijzen naar concepten als vergankelijkheid en transformatie en die hij schildert met zachte pastels, een medium dat zelf inherent kwetsbaar is. Georges Rodenbachs roman Bruges-la-morte fungeert als leidraad.
→ 21/5 > 25/7, Xavier Hufkens
Pieter Vermeersch
Een expo van Brusselaar Pieter Vermeersch, ook wel eens de ‘menselijke printer’ genoemd, is altijd een evenement. Zijn schilderingen met minutieuze kleurgradaties lijken op het eerste gezicht abstract, maar hebben subtiele figuratieve componenten die teruggaan tot foto’s van bijvoorbeeld de hemelkoepel of een muur. Kunst om in alle rust te savoureren.
→ 21/5 > 4/7, Greta Meert
Drie fotografen leggen het ongrijpbare vast in Empreintes volatiles (21/5 > 19/7, Studio Baxton) Tuinfeest met Gustave van de Woestyne en Anto Carte (22/5 > 27/9, Museum en tuinen van Buuren)
De Proximus Art Collection viert de kracht van dialoog in Conversation poem (14/5 > 24/7, Thurn & Taxis)

bescherming van de bestaande natuurlijke rijkdom. “We hebben een relatief groene stad, maar als we de politiek haar gang laten gaan, verdwijnt alles in een zee van beton. Als we zo doorgaan, stevenen we recht op een ramp af. Dit is nu al de warmste regio van het land.” Hij hekelt politici die er élk bouwproject doorduwen met het argument dat er een woningnood is.
”Sommigen aarzelen niet om de zestigduizend gezinnen die op een sociale woning wachten, te misbruiken als doorslaggevend argument om de
twee ging hij er weer vandoor, maar ik zeg al vijf jaar dat er everzwijnen en wasberen op komst zijn. Tegen 2030 hebben we minstens één koppel oehoes. In Marseille, Montpellier, Berlijn en Rome zijn er al everzwijnen. Er is geen reden om op everzwijnen te schieten uit angst dat ze onze kinderen zullen verwonden of honden aanvallen. Dat hebben de vossen ons geleerd. Cohabitatie kan, ook met everzwijnen.”
NIELS RUËLL
De documentaire Res nullius draait nu in de bioscoop




Circus Zonder Handen
Elke week ontdekken Brusselse jongeren hun talenten bij de circusschool Circus Zonder Handen en tijdens de Circusdagen stappen ze het podium op in en rond BRONKS. Daar tonen ze hun acts naast die van professionele en internationale circusartiesten. De Circusdagen beginnen met een feestelijke open soiree en een benefietvoorstelling op donderdag.
→ 21 > 24/5, BRONKS

Angst is een evolutionair overlevingsmechanisme, maar kan net zo goed verlammen. KVSdramaturge Dina Dooreman onderzoekt met het minifestival Fear No More hoe angst ook een motor kan zijn van verandering. Het programma combineert interventies van denkers en kunstenaars zoals Pitcho Womba Konga, Krapp, Michelle Woods, Bleri Lleshi, Dina Dooreman en Martha Balthazar.
→ 16/5, KVS
Eind 2025 verscheen het boek Heldinnen, waarin de Amerikaanse schrijver en hoogleraar Kate Zambreno heldinnen als Zelda Fitzgerald, Sylvia Plath, Virginia Woolf en Chantal Akerman eert. Eerder combineerde Zambreno essay, fictie, dagboek, manifest, autobiografie en literatuurgeschiedenis in Drang. De Franse Nobelprijswinnares Annie Ernaux is fan. Julie Cafmeyer praat met Zambreno.
→ 20/5, Passa Porta Bookshop
Het Kunstenfestivaldesarts is nog altijd aan de gang ( 8 > 29/5, verschillende locaties)
VOL of de handleiding voor een goed leven toont wat ons bindt (21 & 22/5, Essegem)
Luister naar klassiek en raak betoverd door schaduwen in Schubert & Shadows (16/5, Het Huys, 6+)
Regie: Asghar Farhadi, met: Isabelle Huppert, Virginie Efira, Vincent Cassel
Een schrijfster en haar hulpje bespieden de overburen die als bruiteurs aan natuurdocumentaires werken. Hun verzinsels stroken niet met de werkelijkheid. Asghar Farhadi dingt naar de Gouden Palm met een film die zich niet afspeelt in zijn teerbeminde Iran, maar in Parijs.
→ In de bioscoop
Regie: Pierre Salvadori, met: Anaïs Demoustier, Pio Marmaï, Gilles Lelouche
De openingsfilm van Cannes is een (v)luchtige romantische komedie die het Parijs van de jaren 1920 fel romantiseert. Een kermisklant brengt een dronken schilder in contact met zijn overleden geliefde. Haar seances geven hem moed en zin om weer te schilderen. La Vénus électrique wil charmeren zonder stout te zijn.
→ In de bioscoop
Regie: Victoire Bonin Grais, Lou du Pontavice
Een Chinees koppel offerde alles op voor de toekomst van hun enige zoon. Een droom komt uit als hij zijn muzikale studies in Estland mag voortzetten. Dat verplicht de ouders wel om zichzelf, hun relatie en hun leven weer uit te vinden. Deze sfeerrijke, tedere documentaire over hedendaags China, ouderschap, identiteit en ontworteling is visueel erg sterk.
→ 13 > 24/5, Bozar
Wasteman is een benauwend en brutaal gevangenisdrama met geweldige acteurs
In Amrum vertelt Fatih Akin over een Duits eiland op het einde van de Tweede Wereldoorlog
Iron Maiden burning ambition gaat over de heavymetalband die al vijftig jaar vlamt
Uitgelicht
Brussel triggerde de ontdekkingsdrang van Gala Dragot

‘Ik streefde naar perfectie, maar moest leren om een storm te zijn’
In haar tienerjaren won de Belgisch-Albanese artieste Gala Dragot The Voice Kids, deed ze mee aan Eurosong en zong ze samen met Zwangere Guy de titelsong van Putain in. Op haar twintigste spreidt ze met de release van debuut-ep twerking music haar vleugels. En als het van haar afhangt is ze op haar dertigste een wereldster.
door Tom Peeters
Wat een aangename verrassing: Robert Schumann is er ook bij”, zegt Gala Dragot (20) enthousiaste wanneer ze plaatsneemt aan het tweepersoonstafeltje in een Brusselse koffiebar annex platenzaak. Het toeval wil dat de Duitse componist, een van haar jongste ontdekkingen, helemaal vooraan zit in de vinylbak die schuin naast haar staat. “Ik luisterde gisteren nog naar zijn Concert zonder orkest, een geweldige pianosonate die je niet vaak meer hoort.” Tegenwoordig passeren ook tango’s van Astor Piazzolla, jazzstukken van Carla Bley en chansons van Leo Ferré regelmatig de revue op haar Spotify, zegt de Brusselse it-girl, die onlangs nog door Dries Van Noten gevraagd werd de soundtrack te schrijven bij zijn defilé voor de Paris Fashion Week en het artwork bij haar muziek zelf schildert.
Wie dacht dat Gala Dragot zich makkelijk laat vastpinnen, komt bedrogen uit. De zangeres en pianiste groeide op in Grimbergen als dochter van een Albanese kunstenaar. Na passages in The Voice Kids (2020), Eurosong (2023) en Putain (2024) groeide ze uit tot een opvallende naam in de Vlaamse showbizz. Dragot maakt deel uit van een generatie die zich weinig aantrekt van genres, maar onderscheidt zich doordat ze niet voor de makkelijkste weg kiest. Ondanks haar impulsiviteit wachtte ze tot haar contract met Universal afliep om haar debuut-ep twerking music uit te brengen.
“Spijt van mijn deelname aan The Voice Kids heb ik niet. Van niets eigenlijk, het maakt me wie ik ben. Het contract dat ik daarna tekende, beperkte me in mijn creativiteit, maar ik heb er altijd op vertrouwd dat ze me zouden loslaten. Onze visies lagen te ver uit elkaar. Ik zat er gewoon niet op de juiste plek.”
Dat komt ook omdat ze haar situatie steevast vergeleek met die van haar leeftijdsgenoten aan de kunsthumaniora die wel konden genieten van hun vrijheid. “Zij mochten doen wat ze wilden, terwijl ik haast vergeten was dat je ook muziek kon maken voor je plezier.” Los daarvan beschouwt ze de overstap van het Jan-van-Ruusbroeckollege in Laken naar de kunsthumaniora in dezelfde Brusselse gemeente als misschien wel de cruciale stap in haar ontwikkeling. “Ik volgde humane wetenschappen op een school die je niet aanmoedigde na te denken, of toch alleen als je wiskunde wou doen. Vroeg ik extra uitleg,

kreeg ik te horen ‘dat het nu eenmaal zo in het handboek stond’. Maar wat leer je dan?” “Mijn artistieke basis heb ik meegekregen van thuis, maar de kunsthumaniora gaf me speeltijd om meer te ontdekken. Vooral muziekleraar Dieter Limbourg, die ook bij het Brussels Jazz Orchestra speelt, heeft
ling Hannibal (2024) richtinggevend. “Die heeft me gevoed als zangeres omdat ik dingen moest doen met mijn stem die ik nooit eerder had gedaan. Aanvankelijk wilde ik vooral mooi zingen: elk vibrato moest afgerond zijn en alle details moesten juist zitten. Ik was obsessief op zoek naar
“Ik ben erg levenslustig en leef keihard in het moment, maar vind het even belangrijk om terug te blikken en te reflecteren”
mijn leven veranderd. Mijn eerste examen muziektheorie in het vijfde middelbaar was een flagrante buis. Toen ik afstudeerde, had ik 97 procent of zo. Veel meer nog dan me goede punten te geven, wakkerde hij mijn passie aan. Eerst dacht ik dat alles intuïtie was, hij leerde me hoe je die met theorie kunt voeden. Hij was streng, maar op een manier dat je hem wou volgen. Iedereen die bij hem in de klas zat, houdt van hem omdat hij je absorbeerde in zijn muzikale kennis.”
Onderweg naar een eigen zangstijl was haar doortocht in de KVS-theatervoorstel-
perfectionisme, maar zo’n hypergecureerde zang brengt je maar tot een zeker niveau. Hannibal leerde me dat mooi zingen maar een procent uitmaakt van wat je met je stem kunt doen. Ik moest met mijn stem de storm zijn en een andere soort energie kanaliseren. Eerst durfde ik dat niet, want men had me altijd opgedragen voorzichtig te zijn. Ik wist al langer dat een stem een spectrum is, maar net als veel andere dingen begrijp je zoiets pas echt als je het ook ervaart.”
“In mijn kinderjaren wilde ik vooral een diva worden: zingen, op een podium staan,
creëren. Mijn voorbeelden waren Björk, Nina Simone, Gena Rowlands … allemaal vrouwen die erg goed zijn in wat ze doen. Eigenlijk zag ik mezelf altijd als een heel groot persoon, ook al was ik nog heel klein en had ik niets om aan te bieden.”
Voor wie haar niet op haar woord gelooft: check de videoclip van ‘Outfit van me daddy’, een van de eerste solotracks van Zwangere Guy uit 2017. Daarin kroop de jonge Gala in de huid van een kinderversie van ZG en lipte ze zijn teksten mee. “Bij de opnames had ik gevraagd of we binnenkort samen muziek konden maken en (verrukt) hij zei ja.”
Onzichtbaar
Het zou uiteindelijk duren tot ze gevraagd werd om ‘Equinox’, de titeltrack van Putain, mee in te zingen dat die samenwerking vorm kreeg. “Een full circle moment, ook omdat ik gaandeweg een soort liefde voor hem ontwikkeld had. Na Eurosong wilde ik lang geen sessies doen, omdat ik vond dat ik mezelf niet was. Elke keer ik ‘T’inquiète’ of ‘Dry kitchen’ live moest zingen, wilde ik me onzichtbaar maken. Toen ik voor ‘Equinox’ naar de studio moest, had ik misschien twee jaar niet met anderen samengewerkt. Dat was spannend, maar uiteindelijk verliep alles supervlot en veel chiller dan ik gewoon was. Er werd haast een spirituele energie getriggerd waarin vertrouwen kon ontwikkelen en ik me kwetsbaar durfde op te stellen.”
Dat nam ze mee naar de opnames van haar debuut-ep die binnenkort verschijnt.
Daarop figureren zowel liedjes die ze al schreef op haar vijftiende, zoals ‘Bees and we’, als tracks die later vorm kregen, zoals ‘Femcel anthem’. Een soort van mixtape noemt ze het, die terugblikt op de romantische ziel die ze ook vroeger al was, maar die zich als kind van ouders die ooit het communistische Albanese regime ontvluchtten ook vragen stelt over onze vrijheid, hoe integer we nog durven te zijn en hoe we ons kunnen verzetten tegen zoveel mediocriteit om ons heen.
“Ik ben superlevenslustig en leef keihard in het moment, maar vind het voor mijn eigen welzijn even belangrijk om zoveel mogelijk terug te blikken en te reflecteren”, besluit ze zelfverzekerd, als uithangbord van een generatie die er niet voor terugdeinst rauwe intimiteit te koppelen aan grenzeloze ambitie. “Daarmee hoef je niet te wachten tot je vijftigste.”
De ep twerking music verschijnt op 5/6. Gala Dragot treedt op 19/5 op in Pilar, pilar.brussels, en op 29/5 op Les Nuits, lesnuits.be
Welke fout maak je keer op keer tijdens het creatieve proces?
Er niet van genieten. En uit perfectionisme zodanig procrastineren dat het een hel wordt, en het er uiteindelijk pas uitkomt omdat het moet.
Typeer Brussel in drie woorden. Rommelig, ruw, maar echt. Doe je iets speciaals op je verjaardag?
Ik verjaar supergraag en wil mijn verjaardag eigenlijk de hele maand vieren. De laatste jaren doe ik theme parties. Dit jaar had ik een Pussy Party, omdat ik op mijn verjaardag My pussy is coming for you speelde in beperkte kring tijdens Black History Month.
Waarop trakteer je jezelf af en toe?
Paaldansoutfits.
Welke lifehack verbeterde je leven?
Azijn en bakingsoda zijn wondermiddelen om schoon te maken zonder toxische stoffen.
Met welke quote pak je graag uit?
Shame is lame. Zoals veel zaken is schaamte een uitgevonden concept dat heel veel mensen beperkt.
Welk nutteloos feitje ken jij?
Geiten hebben geen boventanden. Ontdekt toen ik tijdens mijn studies grafisch ontwerp een geit met een open mond moest tekenen.
Welk vreemd voorwerp slingert rond in je huis?
Paaldanspalen.
Naar waar zou je willen verhuizen?
Voor mijn zenuwstelsel: naar een boerderij in de velden waar ik mijn eigen pony en kippen in de tuin heb rondlopen, tussen de wilde bloemen.
Wie is de bekendste persoon met wie je ooit sprak?
Modeontwerpster Grace Wales Bonner, voor wie ik een gesprek modereerde.
Hoeveel personen/kennissen ben jij verwijderd van bekende persoon X?
Een van mijn sportcoaches is bevriend met de schoonzus van Angèle.
Welke wet zou je meteen afschaffen?
Ik denk dat we veel wetten from scratch moeten herdenken – menselijker, zorgzamer en meer vertrekkend vanuit gemeenschap.
Welke wet zou je meteen invoeren?
Therapie voor iedereen. Dan zouden we misschien minder vanuit het ego handelen en liever zijn voor elkaar.
Doe eens een gekke toekomstvoorspelling.
De opkomst van het matriarchaat, dat

• Rachel Hansoul (1994) woont in Schaarbeek en is een multidisciplinaire maker, performer en grafisch ontwerper. Ze werkt met taal, beeld en beweging om urgente thema’s tastbaar te maken
• Haar werk als zwarte queer vrouw vertrekt vanuit een persoonlijk perspectief, maar kijkt naar het grotere geheel
• Ze werkt rond onderwerpen zoals racisme, (de)kolonisering, identiteit en queerness. Niet als abstracte begrippen, maar als dagelijkse realiteiten
de wereld zal redden.
Wat is kunst?
Dat bepaal je zelf, kunst is geen objectieve waarheid, maar een keuze. Kunstenaar en performer worden ook – ik besloot het, en belichaam het sindsdien.
Welke zin mag op je doodsprentje?
Here Rachel lay
She was cunty till the end
Slay
Bestaat er een God?
Als in ‘een bovennatuurlijke, almachtige entiteit’? Neen. Ik geloof niet in een God boven ons, maar in de kracht tussen ons. Wij zijn allemaal samen de krachtige energie van het universum.
Welke andere vraag hadden we je beter gesteld?
Waarom moet je naar mijn show komen? Hij is belangrijk en krachtig en zal je dingen doen voelen die je niet kunt blijven negeren. MICHAËL BELLON
Rachel Hansoul performt My pussy is coming for you op 5 & 16/5 in Zinnema, zinnema.be

Elke week toont een Brusselse ket zijn of haar favoriete plek. Deze keer neemt Charlotte (11) BRUZZ mee naar ‘Den Bunker’ in Jette: het lokaal van scouts De Klauwaert.
Waarom ga je graag naar de scouts? Ik vind de leiding wel leuk, ze zijn grappig. En we doen supertoffe activiteiten in het park en in ‘Den Bunker’. Dat vind ik het leukste, het buiten zijn. Soms zijn het vergaderingen waar ik minder zin in heb, maar ik doe altijd mee. Dan wordt het altijd wel leuk met mijn vriendinnen erbij.
Wat is je favoriete activiteit bij de scouts?
Een takkasactie. Dan ga je aan de deuren bellen om bijvoorbeeld snoeppakketjes te verkopen. Ook levende Stratego vind ik altijd leuk. Is er iets dat je aan ‘Den Bunker’ zou willen veranderen?
Liever niet. Als er bijvoorbeeld een mooie zetel zou staan, dan vind ik het ook niet meer leuk, want het zijn de scouts. Het is hier niet zo proper, maar dat is wel toepasselijk. Je moet daarmee kunnen leven.
Je zit in de buurt op school, in het zesde leerjaar. Kijk je uit naar het middelbaar?
Het is een beetje spannend, maar ik weet dat veel kinderen van mijn klas naar dezelfde school gaan. Dat voelt al leuker. Sommigen van mijn klasgenoten zal ik misschien niet meer zien, daar kijk ik niet naar uit. Denk je soms na over wat je later wil doen?
Ik wil misschien iets van dokter of zo worden. Maar zo hard denk ik er nog niet over na. Dat is nog lang, ik heb nog veel te beleven. Ik denk wel aan volgende maand of volgend jaar. Meestal leef ik dag per dag.
Is er iemand naar wie je opkijkt?
Niet per se. Ik probeer mijn eigen pad te volgen, wat ik zelf wil en wat niet. Voorlopig heb ik dus niet echt iemand naar wie ik opkijk.
ASTRID VAN PEER
Wil jij ook je favoriete plek tonen? Stuur een mailtje naar ket@bruzz.be.











Exhibitions † Performances † Films † DJ sets † Concerts † Talks & Debates
Nocturne
21 May’26 - 18:00 - 00:00
One ticket, full experience £


Vul de cijfers 1 tot en met 9 in het rooster in, zodat het resultaat van de sommen klopt met de cijfers rechts en onderaan de kolommen. Elk getal mag maar één keer voorkomen. Het niveau van de puzzel kan variëren per editie.
Vul de witte vakjes met positieve gehele getallen zodat elke rij een kloppende som vormt met het doelgetal rechts of onder. Reken van links naar rechts en van boven naar beneden, zonder voorrang van × of ÷ (bij delen moet de uitkomst altijd een geheel getal vormen).

De hoofdstad kent veel verborgen plekjes, onverwachte panorama-uitzichten, en onbekende maar daarom niet minder intrigerende panden en kantjes, ver weg van Manneken Pis, de Grote Markt en het Atomium. Zoals deze picknicktafel. Waar is deze foto getrokken? Zelf een foto van een onverwacht stukje Brussel insturen? Mailen naar redactie@bruzz.be
Zoek alle verborgen woorden in het raster van de speciale woordzoeker van BRUZZ.
Streep de begrippen één voor één weg, dit kan in alle richtingen: horizontaal, verticaal, diagonaal, en van links naar rechts en andersom.
▢ Bron
▢ Goud
▢ Festival
▢ Spiermassa
▢ Penalty
▢ Corner
▢ Jeugdspeler
▢ Senaat
▢ Bekerfinale
▢ Voetbal
▢ Kampioen
▢ Bodybuilder
Oplossingen
De puzzels in dit magazine zijn intern ontwikkeld of gegenereerd met gebruik van toegestane tools en artificiële intelligentie. Elke gelijkenis met bestaande puzzels is toevallig.

Stuur het trefwoord, samen met je adres en telefoonnummer, naar win@bruzz.be

Humbe 5x2 tickets, AB, 7/06 Mail ‘Humbe’

Film naar keuze 5x2 tickets, UGC Mail ‘film’

PODCAST ‘IN BRUSSEL’ Luister elke week naar twee verhalen recht uit de stad
met Margot Otten
Deze week
Union en Anderlecht strijden om de beker van België: een historische wedstrijd. Welke geschiedenis delen de twee clubs? Een gesprek met Unionist Kevin Ruelens, RSCA-fan Jordy Mellaerts en voetbalhistoricus Kurt Deswert.
Muziekprogrammator Thomas Konings neemt ons mee door de affiche van ‘Les Nuits Botanique’.
‘In Brussel’, elke woensdag op je favoriete podcast-app en op BRUZZ.be/podcast


Haal je gratis exemplaar bij Muntpunt of check de verdeelpunten op BRUZZ.be/guide 10 jaar BRUZZ, 10 jaar uw gids in de stad