Skip to main content

BRUZZ editie 1978 (06-05-2026)

Page 1


Stadsverenigingen Nood aan een tegenmacht

De Brusselse regering talmt met een aantal subsidies voor stadsverenigingen Bral en Inter-environnement Bruxelles (IEB). Vooral de liberalen van Anders hebben het er moeilijk mee dat de verenigingen in kwestie procederen tegen beleid van de overheid die hen financiert. Soms met verstrekkende gevolgen. Zo zat Bral mee achter de succesvolle klacht tegen het uitstel van de lage-emissiezone (LEZ) bij het Grondwettelijk Hof (een initiatief van het parlement). En samen met Arau verzetten de verenigingen zich ook tegen metro 3 en trokken ze naar de rechter tegen de afbraak van het Zuidpaleis.

De spanning tussen de gewestregering en de stadsverenigingen is niet nieuw. In de vorige legislatuur schrapte ook minister

Pascal Smet (Vooruit) al eens subsidies van IEB, maar dat de wrijving tussen Gewest en verenigingen uitgerekend nu toeneemt, kan verschillende oorzaken hebben: behalve het tastbare gevolg van recente klachten (zoals bij de LEZ), spelen wellicht ook de terugkeer van de Franstalige liberalen en de exit van Ecolo uit de regering mee. De groenen hadden altijd al meer voeling met de stadsverenigingen dan de liberalen.

zichzelf vooral met ledenbijdragen financiert, niet heeft. Als de stadsverenigingen ook in de toekomst hun tanden willen kunnen tonen, gaan ze bijgevolg best op zoek naar nog meer diverse geldbronnen dan vandaag.

Toch blijft het zinvol dat het Gewest verenigingen als Bral, Arau en IEB financiert. De drie organisaties ontstonden rond 1970 – lang voor het Brussels Gewest – als ondersteuning van bewonerscomités en als tegenkracht voor een overheid die de stad aan vastgoedpromotoren verkocht, die ze vervolgens met de grond gelijk maakten. Ze werden een geweten, geheugen en brein die tegengas gaven op momenten dat dat Gewest en gemeenten naar elkaar wezen, verstek gaven of te veel met het dichten van financiële putten bezig waren.

“De wrijving tussen het Gewest en de stadsbewegingen neemt toe”

De onzekere subsidies leggen de vinger op een zere plek: een model waarbij stadsverenigingen hun middelen vooral krijgen van een regering waar ze erg kritisch tegenover staan, is nu eenmaal kwetsbaar, hoe je het ook draait of keert. IEB mag dan argumenteren dat die juridische stappen met eigen middelen gebeuren, de perceptie van buitenaf blijft dat de vereniging bijt in de hand die ze voedt. Het is een probleem dat een milieuvereniging als Greenpeace, dat

Diezelfde destructieve krachten zijn in de 21e eeuw niet verdwenen, maar veranderd. Kijk naar de mismeesterde Europese wijk, de omgeving van het Zuidstation of het Zuidpaleis voor wat wellicht nog lang een tramtunnel zal blijven. Kijk naar de manier waarop de friche Josaphat ingericht zou worden voor er protest opstak: 1.800 woningen, zonder veel inspiratie uitgesmeerd over het hele terrein. In al die dossiers hebben de stadsverenigingen gewogen op het debat en soms ook de besluitvorming. Met hun hardnekkige tegenstand tegen metro 3 hielpen ze wellicht zelfs om de schuldenkrater van het Gewest niet nog dieper te maken dan die al is. In een ideaal scenario zijn die stadsverenigingen straks minder afhankelijk van de gewestregering dan ze vandaag zijn. Maar dat een stad als Brussel baat heeft bij de tegenmacht die stadsverenigingen zijn, staat vast.

In het edito fileert de redactie de Brusselse actualiteit.

Lees meer Opinie: ‘Brussel moet weg van de apartheid’. Socioloog Eric Corijn over zijn nieuwe boek ‘De Verenigde Steden van Europa’, p.14

PODCAST ‘IN BRUSSEL’

Luister elke week naar twee verhalen recht uit de stad

met Margot Otten

Deze week

Één jaar na de aanval door hooligans: familieleden van Brico Ben en jongeren die zich verenigen tegen racisme worden ere-burger in Molenbeek.

Tour De Geuze in het Pajottenland dit weekend: waarom een uitstapje de moeite is.

‘In Brussel’, elke woensdag op je favoriete podcast-app en op BRUZZ.be/podcast

is Democrazy

for Brussels*

Sophie in ‘t Veld

Anders.Brussel nodigt je uit voor een reeks boeiende panelgesprekken over hoe we de democratie in het Hoofdstedelijk Gewest kunnen versterken.

1 Let them vote! Waarom mogen Europeanen niet meestemmen voor het Brussels parlement en hoe kunnen we dat veranderen? Debatteer mee!

Op dinsdag 12 mei om 18.30 uur in de Melsensstraat 34, Brussel. Deelname is gratis, maar gelieve in te schrijven met een mailtje naar brussel@anders.be of scan de QR-code

* Powered by Stadslucht Maakt Vrij

V.U./E.R. Frederik Verrote, Kunstenfestivaldesarts, Handelskaai 18 Quai du Commerce, 1000 Brussel /Bruxelles
Designed by La Villa Hermosa
Hendrik Vos
Anne-Emmanuelle Bourgaux
Sven Gatz

Inhoud 6 mei 2026

Het festivalseizoen is begonnen. Angine de Poitrine is een van de hoofdvogels op de affiche van Les Nuits

Meer BRUZZ

XL Rijscholen

Door een chronisch tekort aan examinatoren slibben de examencentra volledig dicht. BRUZZ opent de motorkap van een systeem dat volledig vastloopt.

Maandag 11 mei in BRUZZ 24

Gezocht: getuigenissen over jouw syndicus

Ben jij tevreden of net niet over de werking van jouw syndicus? BRUZZ zoekt opvallende getuigenissen over de werking van syndici in Brussel. Deel je ervaring op BRUZZ.be/syndicus

COLOFON

OP DE COVER

18 Brussels Pride ’Onder de glitter blijft de boodschap politiek’

ACTUALITEIT

03 Vooraan Stadsverenigingen: nood aan een tegenmacht

12 Actueel Brusselaars liggen ‘s nachts wakker van vliegtuigen

14 Opinie Socioloog Eric Corijn: ‘Brussel moet weg van de apartheid’

15 Cartoon Kim Duchateau

VERHALEN

22 Horeca Gratis borrelnootjes: een traditie die verdwijnt

32 Tuinieren Volkstuintjes blijven populair ondanks strenge regels

Michaël De Cock verlaat de KVS voor het Théâtre de Liège: ‘Ik hou van het idee een passant te zijn, dat zal ik ook in Luik zijn’

ELKE

WEEK

14 Stadsleven Dertigers

16 In beeld

16 In het nieuws

25 Botanisch Brussel Brusselse cactusliefhebbers gezocht

30 Column Types op de metro

31 City Jobs Nieves Aguedo is e-koetsier

44 Hang-out Anna

46 Puzzelpagina

CULTUURGIDS

36 Shoptips

37 Eat & Drink 3 x Stokkel

38 Uittips

39 Uittips

39 Klein onderhoud Het eclectisch indielabel Moli Del Tro

41 Uitgelicht Als kristal kunst wordt: tweehonderd jaar Val Saint-Lambert

43 Inzichten Tuur Florizoone

BRUZZ Flageyplein 18, 1050 Brussel, 02-650.10.65 ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bruzz.be), 02-650.10.80 Gratis in Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België: 29 euro per jaar; IBAN: BE98 3631 6044 3393 van Vlaams Brusselse Media vzw, een abonnement binnen Europa kost 119 euro per jaar, buiten Europa 139 euro per jaar OPLAGE 50.000 exemplaren ADVERTEREN? Angela Mngongo 02-650.10.81 angela.mngongo@brusselmedia.be DISTRIBUTIE Ute Otten, 02-650.10.63, ute.otten@bruzz.be KLACHTEN? klachten@bruzz.be - www.bruzz.be/klachten ALGEMENE DIRECTIE Johan Goossens ALGEMEEN HOOFDREDACTEUR Klaus Van Isacker COÖRDINATOR MAGAZINE Maarten Goethals ART DIRECTOR EN VORMGEVING Heleen Rodiers VORMGEVING Maud Declerck EINDREDACTIE Karen De Becker WERKTEN MEE AAN DIT NUMMER Eva Christiaens, Kris Hendrickx, Tom Zonderman (redacteurs); Michaël Bellon, Len Buggenhout, Jasper Croonen, Andy Furniere, Tom Peeters, Niels Ruëll, Jasper Van Belle, Michel Verlinden, Duchka Walraet (medewerkers); Inne Krokaert, Minne Uyttersprot (stagiaires) FOTOGRAFIE & ILLUSTRATIE Bart Dewaele, Tiene Carlier, Kim Duchateau, Delphine Frantzen, Ivan Put, Saskia Vanderstichele, Emiel Viellefont VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Johan Goossens, Flageyplein 18, 1050 Elsene.

en de Vlaamse Gemeenschapscommissie

Meimaand festivalmaand

In mei leggen alle vogels een ei, maar Brussel broedt vooral zijn eerste (zomer)festivals uit. Van nachtelijke concertzalen tot industriële dansvloeren en van jazz op kasseien tot tegendraads theater en rauwe straatfotografie: met Les Nuits, Horst Arts and Music, Brussels Jazz Weekend, Kunstenfestivaldesarts en Brussels Street Photography Festival staat je agenda vol nog voor je eerste pint warm is.

8 > 30/5

Schietpartijen als theater

Het Kunstenfestivaldesarts, dat deze week begint, toont de wereld door de bril van de kunstenaar. Die bril fascineert, want het festival is grotendeels uitverkocht, al kunnen wachtlijsten en ticket alerts nog soelaas brengen. Onder de Brusselse artiesten op het festival verdient – gezien de actualiteit – zeker Can you make a hurricane? van Emmanuel Van der Auwera extra aandacht.

Van der Auwera (1982) is vooral een beeldend kunstenaar die graag filmt, videosculpturen maakt en footage van sociale media gebruikt, maar hij besteedt daarbij zoveel aandacht aan enscenering dat hij ook theater maakt. Hij woonde onder meer in Charleroi, Zwitserland en Frankrijk, en studeerde in Clermont-Ferrand, Tourcoing en aan het Hoger Instituut voor Schone Kunsten (HISK) in Gent. Sinds hij op de Young Belgian Art Prize 2015 de Langui Prize won, wordt zijn werk getoond en aangekocht door internationale huizen. In Brussel is hij thuis bij galerie Harlan Levey Projects. Ook Wiels en Botanique toonden de

Jozef Wouters, Decoratelier, Cassonade en buurtbewoners peilen op de eigen site naar historische vervuiling en toekomstige ecosystemen in The latecomers (14 > 30/5, Decoratelier)

afgelopen jaren zijn werk, dat is opgenomen in de collectie van KANAL-Centre Pompidou. In 2012 raakte Van der Auwera gefascineerd door sociale media, omdat beeld en emotie daar een verhevigde relatie aangaan. Wat voor invloed hebben de beelden van de massamedia op verschillende publieken? Hoe framen ze de werkelijkheid en ons collectieve geheugen? Hoe zorgen ze voor onze hang naar sensatie? Het zijn vragen die Van der Auwera al stelde in zijn diptiek van expo’s in 2019, The sky is on fire en The death of K-9 Cigo. Die projecten brachten hem tot in de Verenigde Staten, want ze hadden als aanleiding de Stoneman Douglas High School Shooting in Parkland, Miami in 2018, tijdens de eerste termijn van de Amerikaanse president Donald Trump.

Dat onderwerp liet de kunstenaar duidelijk niet los, want voor zijn tweede theaterproject dat hij op het Kunstenfestivaldesarts in première presenteert, deed hij de afgelopen jaren onderzoek naar shooter drills (schietpartijtrainingen) in de VS. Het valt op hoe complotdenkers naar de

Huertas Millán legt in Coca orbits uit waarom de cocaplant beter verdient dan de rol van badguy in de war on drugs (12 > 26/5, Argos)

mislukte aanslagen op Trump verwijzen als ‘staged’, alsof het ingestudeerde toneelstukjes zijn. De overeenkomsten tussen theater en de Amerikaanse dramatiek rond wapendracht en schietincidenten had Van der Auwera al opgemerkt. Ordediensten en bedrijven bouwen er ter preventie volledige decors na, om trainingsprogramma’s te organiseren die mensen leren hoe ze dergelijke rampscenario’s kunnen overleven, te midden van geschminkte figuranten die de gewonden spelen.

Van der Auwera interviewde deelnemers en trainers, maar ook complotdenkers die geloven dat massaschietpartijen in scène worden gezet, bijvoorbeeld om een strengere wapenwetgeving af te dwingen. Dat documentair materiaal vermengt hij met livecinema en andere beelden tot een mix van fictie en werkelijkheid, dit dystopische post truth-tijdperk waardig. MICHAËL BELLON

Can you make a hurricane? van Emmanuel Van der Auwera is van 10 tot 14/5 te zien in de Hallen van Schaarbeek, kfda.be

Romeo Castellucci en Scott Gibbons presenteren To Carthage then I came in Parking Panorama in de Van Helmontstraat (21 > 24/5)

Laura

2 LES NUITS

14 > 31/5

Angine de Poitrine predikt de microtonale polkadotrevolutie

De enige hartkramp die we de wereld vandaag toewensen is die uit de koker van het buitenaardse Angine de Poitrine, een van de hoofdvogels op de affiche van Les Nuits. Al zien ze eruit als een gimmick, achter die dadaïstische smoel gaat een superstrakke groove schuil waarop je niet kunt blijven stilzitten. “Kostuums, welke kostuums?” verscheen er als onderschrift bij het onverstaanbare ko(s)mische taaltje dat het duo onlangs uitkraamde op een Canadese tv-show. “Bij ons zijn alle wezens getooid in zwarte en witte stippen. Met Halloween verkleden we ons in mensen.”

Met dit soort ongein, onder andere over hun maskers uit papier-maché, maakt Angine de Poitrine microtonale muziek behapbaar voor gevoelige westerse oortjes.

In dat tv-interview leggen drummer Klek en gitarist Khn uit door wie ze zich lieten inspireren. “We zijn beïnvloed door TNQ, een uniek vocaal ensemble dat werd opgericht op Borneo door een gerenommeerde primatoloog met een passie voor jazz fusion Na jaren training kon de band een meesterlijke interpretatie brengen van het stuk ‘1-4-U’ van Alain Caron (virtuoos Canadees bassist, red.), a capella en plechtstatig gezongen door een koor van vier slurfapen. The Nasal Quartet is het onbetwistbare hoogtepunt van ons sterrenstelsel.”

Volgens andere bronnen komen Klek en Khn niet van de planeet Terra, maar uit het Canadese stadje Saguenay. Hun manager blijft echter beweren dat ze elkaar al sinds hun dertiende kennen en intussen 333 jaar zijn. Die vriendschap hebben ze in de verf gezet met een nieuw album: Vol. II. Er bestaan tegenwoordig apps om te factchecken wat waar en niet waar is, maar in

En ook

Het stikt van het vrouwelijke talent op Les Nuits. Wij kijken uit naar nieuw werk van MEYY, de sensuele alternatieve r&b-queen uit Meise die vanuit Londen carrière maakt (22/5)

het geval van Angine de Poitrine is dat verloren moeite. Wij hebben het originele ‘1-4-U’ beluisterd en kunnen met de hand op ons, euh, hart beweren dat het duo hier wel degelijk de pit van zijn retrofuturistische mosterd heeft gehaald.

Hype, gimmick of marketingstunt nog aan toe, hun hyperaanstekelijke instrumentale muziek is net een statement tegen AI-vervuiling en scrollverveling. In de traditie van King Gizzard & The Lizard Wizard en een resem postrockbands schopt het duo mathrockers, dat hoorbaar een punkachtergrond heeft, zijn snelgroeiende fanleger een muzikaal geweten: leer een echt instrument spelen en beluister je favoriete muziek live. Bleef hun eerste album in 2024

Vijf jaar na Sound Track-winst stelt de Limburgse singer-songwriter en PXL-alumnus Thibaut Sevens (25) zijn met fraaie neosoul omzoomde debuut Sincerely, Sevens voor (27/5)

nog grotendeels onder de radar, dan was de opvolger een inslaand succes, met hopeloos uitverkochte concerten tot gevolg. Ook debuut Vol. I verschijnt opnieuw. Mét een sticker met ‘Join the hype’ opgeplakt.

Stokpaardje op hun liveshows en van hun microtonale sound is de op maat gemaakte gitaar van Khn die een basgitaar en een gewone gitaar combineert. Het gelaagde resultaat laat ingewikkelde muziek makkelijk klinken, maar het vergt jaren oefening. Twee dagen voor zijn show op Les Nuits maakt het duo zijn Belgische podiumdebuut in Magasin 4. TOM PEETERS

Angine de Poitrine showt zijn rifs en kostuums op 28/5 in de Kruidtuin, lesnuits.be

Met haar tenorsax als trouwe gezel laat Nubya Garcia horen waarom ze met haar veelzijdige palet en onmiskenbare flair zelfs de Londense jazzscene snel overvleugelde (30/5)

3

HORST ARTS & MUSIC FESTIVAL

14 > 16/5

Horst wekt zijn energie lokaal op

En plots is energieveiligheid hip, terwijl ze er bij het Horst Arts and Music Festival natuurlijk al jaren een punt van maken. Gestuwd door de slagzin ‘Come hear what’s here’ ligt de focus tijdens deze editie nog meer op lokale verankering, zowel qua programmatie als qua attitude. In de schaduw van de koeltorens van Vilvoorde worden bewust níét de artiesten en dj’s geprogrammeerd die je allemaal moet gezien hebben. Talent uit de underground mag nog wat sudderen en borrelen op die wat onbestemd ogende industriële locatie die sowieso meer vrijheid uitademt dan een doorsnee festival.

“Bezoekers weten dat ze hier veel nieuwe muziek gaan ontdekken en op elk podium wel iets vinden naar hun gading dat later misschien op Dour of Pukkelpop zal staan”: we horen het organisator Jochem Daelman elk jaar wel ergens zeggen. Het is de rol die het festival het liefst opneemt en waarin hun publiek hen blindelings heeft leren vertrouwen, reden waarom veel van de 13.000 dagelijkse bezoekers hun ticket

De Brussels-Boliviaanse artiest Susobrino brengt een dj-set met Hellotones (14/5) en Susonidos, zijn Block Party-concept dat verbinding belooft tussen de LatijnsAmerikaanse grooves (15/5)

scoren vooraleer de eerste (van de dit jaar 120) namen bekend zijn.

Het beperkte budget, maar ook hun missie indachtig is Horst horizontaler beginnen te programmeren dan de concurrentie die een beroep blijft doen op dezelfde gevestigde waarden en headliners. Dat maakte vroeger al de baan vrij voor veel lokale artiesten. Dit jaar is ruim 40 procent van de line-up van eigen bodem en verschuiven die locals van de marge naar de kern van de programmatie, ook sleutel- en headlinespots. “De logica hierachter is simpel”, klonk het bij programmatoren Alix Goris en Simon Nowak. “Lokale artiesten navigeren elk weekend door de Belgische dansvloeren. Zij voelen als geen ander wat er leeft. Vertrouwde namen als AliA, Mika Oki, Lefto Early Bird, DTM Funk en Mankiyan vormen de ruggengraat van Horst, maar dit jaar programmeren we ook een recordaantal first-timers zoals ONEY, Elisethere & STDJ, Ako en Nefeli.”

De lokale verankering zit in Horst – altijd eerder al een idee dan een concrete plek –

De Gentse muzikante

Natasha Pirard mixt haar intuïtie met elektronisch experiment en creëerde met Fernande, Cecile een aandoenlijke hommage aan haar vrouwelijke bloedlijn (15/5)

niet alleen in de programmatie. Iedereen is weken op voorhand welkom om samen met artiesten en architecten in ateliers mee te bouwen aan de site. Op dat collectieve proces blijven de organisatoren hameren, zeker nu fysieke ervaringen steeds meer onder druk komen te staan. Ze wijzen er graag op dat er in verhouding met andere festivals veel minder smartphones te zien zijn tijdens hun live- en dj-sets.

Wat ooit begon als een dj-feestje aan het kasteel van Horst in Holsbeek is zo uitgegroeid tot een multidisciplinair evenement dat niet alleen focust op muziek, maar ook op architectuur, performance en beeldende kunst. Ook door tijdens het jaar clubavonden te organiseren in Asiat Park is Horst geëvolueerd naar een community driven platform dat proactief de humuslaag legt en onderhoudt van het Belgische clubleven.

Het Horst Arts and Music Festival vindt plaats van 14 tot 16/5, horstartsandmusic.com

De Brusselse dj, producer en visual artist Le Motel, onlangs nog gespot met rapper A$AP Rocky, ontwierp met Merry-Go-Round een hybride set speciaal om het festival af te sluiten (16/5)

4

BRUSSELS STREET

PHOTOGRAPHY

FESTIVAL

28 > 31/5

Straatfotografie viert het publieke leven

In tien jaar tijd is het Brussels Street Photography Festival (BSPF) uitgegroeid tot een van Europa’s meest gerenommeerde festivals voor straatfotografie.

Iedereen houdt dan ook van deze kunstvorm die het publieke leven documenteert en viert in al zijn banaliteit en opzienbarendheid. Bovendien krijgt in Brussel zowel het werk van opkomende als van gevestigde fotografen aandacht.

Centraal staat de internationale fotowedstrijd, waarvoor deelnemers hun beste werk kunnen inzenden in de categorieën ‘Singles’ en ‘Series’. Die wedstrijd krijgt jaarlijks duizenden inzendingen. De foto’s van de finalisten worden tijdens deze jubileumeditie tentoongesteld in het Beursgebouw en in de Sint-Gorikshallen. Op 30 mei volgt dan de prijsuitreiking op het Stadhuis.

Voor de liefhebbers brengt het BSPF behalve de grote dubbeltentoonstelling ook een breed scala aan activiteiten in stelling, waaronder workshops, begeleide fotowandelingen, paneldiscussies, filmvertoningen en portfoliobeoordelingen. Brussel moet dan inspireren om straatfotografie niet alleen te zien als een middel om het moment vast te leggen, maar ook om culturele en sociale fenomenen te documenteren. Fotografen en het publiek komen tijdens die activiteiten rechtstreeks in contact met een aantal internationale topfotografen, zoals van het agentschap Magnum.

Zo is dit jaar niemand minder dan de Tsjechisch-Franse Magnum-fotograaf Josef Koudelka te gast, die tijdens de ceremonie op 30 mei een Lifetime Achievement Award krijgt. De bijna negentigjarige Koudelka werd wereldberoemd door zijn fotoverslaggeving van de Sovjetinvasie in Praag in 1968, waarna hij migreerde naar het Westen en zijn werk voortzette met tal van geëngageerde series.

MICHAËL BELLON

De werken van de finalisten voor Singles en Series worden tentoongesteld in de Beurs en de Sint-Gorikshallen, bspfestival.org

LOTTO BRUSSELS JAZZ

WEEKEND

22 > 24/5

Woolvs verkondigt de power van het collectief

Elk jaar toont het Lotto Brussels Jazz Weekend drie dagen lang waarom Brussel de jazzhoofdstad van het land is. Een van de blikvangers is ongetwijfeld Woolvs. Tien jaar geleden bestond de band enkel uit singer-songwriter Willem Malfliet, die rare demootjes opnam met maffe synths. Vervolgens kwam Casper Van De Velde in beeld als natuurkracht op drums. Samen maakten ze muziek voor een theatervoorstelling. Met ook gitarist Vitja Pauwels en bassist Ruben De Maesschalck werden hun composities naar een podium vertaald. Soet Kempeneer bleek de missing link die de intussen tot kwintet uitgegroeide band zijn eerste langspelers Evening planet (2021) en Soft & slow (2023) hielp opnemen. “We zouden later graag nog met veel meer muzikanten willen samenwerken”, wist Malfliet toen al.

Eind vorig jaar was het met Large Ensemble zover: maar liefst 23 instrumentalisten en vocalisten werden uit alle hoeken en kieren van de stad opgetrommeld, onder wie fris talent als Adia Vanheerentals (op saxen), Elisabeth Klinck (op viool en altviool) en Jacob Hus (elektronica) en we kunnen dus nog wel even doorgaan. Tijdens de albumvoorstelling in de AB Club stonden er van hen goed vijftien op het podium. Met als motto ‘Everyone you meet knows something you don’t’ – of nog: ‘Every musician hears something you can’t’ – verkondigen ze de kracht van het collectief. Samen met een boodschap van hoop en een verlangen uit te breken uit de algoritmes worden ergens tussen (free) jazz en art pop heel wat funky U-turns en psychedelische buitenbochten genomen.

Check de nieuwe videoclip van ‘Earth’ die het gezelschap opnam tijdens We Are Open in Trix voor een voorsmaakje van wat u straks op de Grote Markt te wachten staat. Daar zullen de teksten die wortel schoten tijdens Malfliets wandelingen door de stad nog beter tot zijn recht komen, en is er meer plaats om wie weet nog wat extra slagkracht aan te rukken voor dit 21e-eeuwse polyfone avontuur. TOM PEETERS

Het Woolvs Large Ensemble is live te zien op 22/5 op de Grote Markt, lottobrusselsjazzweekend.be

Er is een talk met geëngageerde Ierse fotografe en wereldburger

Rhiannon Adam (29/5, Beursgebouw)

De Belgische topfotograaf Stig De Block is een van de professionals die een ‘Leica Workshop’ geeft: Re-Searching Identity (31/5, Beursgebouw)

De Photo Walk met de Amerikaanse straatfotograaf Richard Bram spreekt tot de verbeelding (30/5, Beursgebouw)

Belgiës mafste bigband Flat Earth Society heeft zich zodanig vernieuwd dat ze ook zonder mc Peter Vermeersch verder kunnen (23/5, Grote Markt)

Gestut door Soet Kempeneer en Moene Peeters tovert het kwartet Slagader spacey fusion om in dansvloervibes (23/5, Billie; 24/5, Sint-Katelijneplein)

Het Nederlands-Soedanese neosoultalent Gaidaa sloeg al gensters bij onze noorderburen en ontving lovende woorden van Pitchfork (24/5, Beursplein)

BLU

Tienduizend Brusselaars liggen ‘s nachts wakker van vliegtuigen

De voorbije maanden heeft vliegtuiglawaai ruim 100.000 omwonenden van de luchthaven letterlijk uit hun slaap gehouden, vooral in het Brussels gewest. Vier vragen over een oud zeer dat plots weer erg actueel is.

Wat is er aan de hand?

De voorbije maanden vliegen landende vliegtuigen veel vaker in een rechte lijn over de noordelijke – en dichtbevolkte – gemeenten van het gewest. Ze gebruiken daarvoor vooral de zogenoemde 07L-RNP route. Dat is een heel precieze route via gps-navigatie, die daardoor steeds weer geluidsoverlast veroorzaakt bij dezelfde bewoners. Aangezien landende toestellen in een veel geleidelijkere baan landen dan opstijgende exemplaren is de overlast merkbaar over de hele breedte van het gewest. Zelfs tot in het Pajottenland zijn er klachten over die route. Ze wordt vooral, maar niet uitsluitend, gebruikt bij oostenwind. De huidige windnormen die tot die route verplichten zijn voer voor discussie.

Hoeveel inwoners worden getroffen?

Dat hangt ervan af waarnaar wordt gekeken. Een nog niet gepubliceerde studie van de Franstalige universiteit ULB die door actiegroepen wordt geciteerd, heeft het over

450.000 Brusselaars die lawaaihinder ondervinden door de nieuwe landingsroute. Daartegenover staan 32.000 bewoners (in en buiten Brussel) voor de 01-landingsbaan die voordien vaker werd gebruikt. Die 450.000 is ruim een derde van de bevolking van het gewest.

De jaarlijkse studie naar de geluidsimpact van de luchthaven, die maandag werd bekendgemaakt, heeft het dan weer over 104.000 mensen die hun slaap ‘ernstig verstoord’ zien. Dat is 2,5 procent meer dan in 2025. Ook het aantal nachtelijke vliegbewegingen steeg in die periode met 2,1 procent.

Van die groep woont 58 procent in het Brussels gewest, goed voor 60.000 mensen.

De zwaarst getroffen gemeenten zijn Brussel-Stad (met de deelgemeenten Laken en Haren) (16.643), Schaarbeek (12.924), Sint-Jans-Molenbeek (10.596) en Evere (7.039). Dan volgen de Vlaams-Brabantse gemeenten Zaventem (6.770) en Vilvoorde (5.482).

De toename van het aantal ‘ernstig slaapverstoorden’ is vooral opmerkelijk in Sint-Jans-Molenbeek (+54 procent) en Koekelberg (+47 procent), terwijl Jette (-35 procent) net een afname zag. Die grote verschillen zijn vooral te wijten aan de eerdergenoemde 07L-RNP-procedure. Voor die van kracht ging, vlogen landende vliegtuigen eerst nog met een bochtje over Jette.

Hoe reageren de Brusselaars?

Verschillende gemeenten én actiegroepen bereiden juridische stappen voor tegen de 07L-RNP-route. Ook Brussels staatssecretaris voor Leefmilieu Ans Persoons (Vooruit) vraagt een herziening van de huidige procedure. “Men gebruikt nu wind- en veiligheidsnormen om een discussie over alternatieven dood te slaan”, vindt Persoons, die binnenkort met bevoegd federaal minister Jean-Luc Crucke (Les Engagés) samenzit over de lawaaioverlast. “De huidige situatie is echt onhoudbaar en de vluchten gaan een heel stuk van de nacht door”, zegt

“De huidige situatie is echt onhoudbaar en de vluchten gaan een heel stuk van de nacht door”

de staatssecretaris, die ook uit eigen ervaring spreekt.

Op de achtergrond vrezen sommigen dat de nieuwe eigenaarsstructuur van de luchthaven, waarbij Vlaanderen voor 40 procent eigenaar werd, in het nadeel van de Brusselaars kan spelen. Wellicht wordt de voormalige ondervoorzitter van de N-VA en huidige Pro Leaguebaas Lorin Parys de nieuwe voorzitter.

“Nu het een belangrijk aandeel krijgt in de luchthaven, heeft Vlaanderen er financieel alle baat bij om het aantal vluchten zo hoog mogelijk te houden”, analyseert Alain Maron (Ecolo), de vorige Brusselse minister van Milieu.

Ook bewonersverenigingen zien dat risico. “Maar we willen hier zeker geen communautaire zaak van maken”, klinkt het bij ‘Stop Survol Bxl Nord et RNP 07L’. “Ook het Pajottenland wordt getroffen en in de noordelijke gemeenten van Brussel wonen net veel Vlamingen. We vragen vooral om naar de bevolkingsdichtheid te kijken.”

Wat zijn mogelijke oplossingen?

Federaal minister van Mobiliteit Jean-Luc Crucke laat momenteel een studie uitvoeren naar mogelijke alternatieven voor het huidige rechtlijnige landingstraject richting 07L. Die is nog niet af. Een aantal pistes zijn er wel al.

Actiegroep ‘Stop Survol Bxl Nord et RNP 07L’ pleit er alvast voor om meer gebruik te maken van de 01L-route over de oostrand, waar minder mensen wonen.

Crucke zelf liet al verstaan dat hij het gebruik van de banen 25L en 25R wil maximaliseren. Dat betekent dat vliegtuigen niet over Brussel vliegen, maar over Vlaams-Brabant landen of opstijgen. Daarvoor wil hij eventueel de huidige windnormen aanpassen, die vandaag vaak verplichten om over de stad te landen. Andere luchthavens hebben minder strenge windnormen, die Brussels Airport zouden toestaan om een deel van de landingen over de stad te schrappen. Daarnaast wil Crucke het aantal nachtvluchten tussen 23 uur en 6 uur verminderen.

Die nacht verlengen kan ook al soelaas bieden, vindt dan weer Martine Van Riel, die de federale ombudsdienst van de luchthaven leidt na het vertrek van Philippe Touwaide.

Staatssecretaris Persoons ziet ook heil in een minder geconcentreerde aanvliegroute over de stad.

Ans Persoons Brussels staatssecretaris voor Leefmilieu

Opinie

‘Brussel moet weg van de apartheid’

De Europese eenmaking staat op een kruispunt en Brussel kan daarbij een cruciale rol spelen, betoogt socioloog Eric Corijn in zijn nieuwe boek ‘De Verenigde Steden van Europa’.

Eric Corijn Hoogleraar Stadsstudies VUB Cultuurfilosoof

Auteur van ‘De Verenigde Steden van Europa’.

Alle democratie-indexen staan op rood. Overal waait een conservatief nationalistische wind, met autoritaire trekken en met een verengd cultuurmodel. De weerstand komt uit de steden. Die baden immers in multicultuur, diversiteit en uitwisseling. De spanning tussen stedelijkheid en nationaliteit zal nog oplopen. De Europese eenmaking staat daarbij op een kruispunt. De stad die het meest door het Europese proces wordt beïnvloed, is ongetwijfeld Brussel. In totaal hebben 38 organisaties van de Europese Unie hun zetel of een verbindingsbureau in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, evenals 8 agentschappen en centra die verbonden zijn met de NAVO, 25 programma’s en agentschappen van de Verenigde Naties en ongeveer 32 andere intergouvernementele organisaties van verschillende omvang. In totaal werken bijna 50.000 mensen voor Europese en internationale

Stadsleven Dertigers

door Eva Christiaens

“Het is hier toch goed wonen, hé.” Op een zonovergoten middag in de Vlaamse rand schuiven vrienden en oude bekenden aan. Twee van hen zullen dit jaar

verhuizen. Ze vonden een tuin en garage in die Rand, een begrijpelijke zet in deze levensfase.

“Al die haters, ze komen toch terug”, denkt een vriendin er het hare van.

organisaties in Brussel. Die internationale aanwezigheid genereert tot 20 procent van de Brusselse economie en tot 23,2 procent van de regionale werkgelegenheid, ofwel meer dan 162.000 banen. Er zijn 33 internationale scholen met meer dan 25.000 leerlingen.

stadsgewest met twee eentalige gemeenschappen en negentien zelfstandige gemeenten. En net die mismatch tussen de stedelijke sociologie en de Belgische institutionele uitbeelding ervan heeft geleid tot de politieke blokkering en een ‘we zullen zien’-beleid.

Brussel heeft dus nood aan een hernieuwde discussie over visie, verbeelding en representatie. Vandaag is de stad te veel opgedeeld in gemeenschappen, etnische groepen, religieuze groepen en taalgroepen. Er bestaat nauwelijks een gedeelde visie over burgerschap. Dat is nodig om de verdeeldheid te overstijgen. Het zou het thema kunnen zijn vanaf 2027, wanneer Brussel-Stad Europese Hoofdstad van de Democratie wordt. Verbeelding, kunst en cultuur zouden dan een

“In Brussel bestaat nauwelijks een gedeelde visie over burgerschap”

De politieke hoofdstad van de EU zijn voegt zich bij de al oudere diversiteit in Brussel. Nu heeft 80 procent van de bevolking een buitenlandse achtergrond en is twee derde van de huishoudens taalgemengd. Zo werd Brussel de meest diverse stad van Europa. En toch blijft het officiële Brussel een

Ze trok zelf nooit naar Brussel. “Er is toch gewoon meer agressie in de stad?” zei een andere vriendin zopas. Nog een vriend mist sociale cohesie, anderen stellen de scholen in vraag. Het is oppassen voor wie de stad nog luidop wil verdedigen. Woon-werkverkeer of pragmatisme

meer centrale plaats in het beleid moeten krijgen.

Dat zijn de drie fasen van een cultuurbeleid voor elke multiculturele en diverse stad. Alle culturen van de stad moeten eerst zichtbaar worden gemaakt, en niet alleen de staatscultuur of die van de dominante groepen. Er is

zullen het niet halen van de bekende afknappers. Die voel ik ook. Maar verstoord woon-vriendschapsverkeer, een dertigersplaag, knaagt evengoed. In beide richtingen lijkt Brussel soms een eiland dat je best alleen nog oversteekt per koersfiets. De achterblijvers kunnen

binnenkort weer eilandhoppen in hun zomerbars. In Koekelberg komt er een nieuwe bij. “Net nu ik vertrek”, zucht een vriend. Komen ze dan toch terug?

In Stadsleven vertellen redacteurs en lezers in maximaal 1000 tekens een verrassende anekdote over Brussel. Insturen kan via redactie@bruzz.be

belangrijk werk nodig om de stedelijke diversiteit in haar geheel te documenteren en te valoriseren. Daarna komt de tweede fase: het levende laboratorium van de stad moet interculturele interacties, vruchtbare combinaties en veelbelovende mengvormen testen. In Brussel zijn samenwerkingen, mengvormen, ondertiteling en coproducties al gangbare praktijken. De kunsten zijn verenigd in RAB-BKO (Réseau des Arts à Bruxelles en Brussels Kunstenoverleg). Ze hebben al geleid tot wereldwijde successen, zoals Zap Mama, Stromae of Anne Teresa De Keersmaeker. Maar er zijn ook nog heel veel silo’s.

Territoriale kwesties

En tot slot komt het moeilijkste. Diversiteit tonen en wederzijdse inspiratie illustreren, behoren namelijk tot de gangbare praktijken van de artistieke sector in de meeste steden. Maar het moeilijkste is een inclusief gedachtegoed opbouwen dat de basis kan vormen voor een stedelijk burgerschap dat zich inzet voor het gezamenlijke stadsproject. Om dat project te laten slagen, vormt de communautaire organisatie een obstakel: zij wil geen expressie die gebaseerd is op diversiteit, laat staan op intercultuur. Cocof en de VGC overleggen niet over een gezamenlijke stad. In Brussel blijft het communitarisme, en dus de apartheid, de regel.

De opbouw van dit inclusieve

verhaal vindt niet eens vooral plaats op cultureel of religieus gebied, maar eerder op het vlak van territoriale kwesties, gemeenschappelijke ruimtelijke ordening, mobiliteit en lokale diensten. Daarom zijn stedelijke artistieke praktijken best verankerd in het grondgebied en gericht op kwesties en plaats-maken. Het samen stad maken gebeurt vooral in de publieke ruimte. Daar is nood aan een gedeelde cultuur. En dat vergt beleid.

Jammer dat de kandidatuur van Molenbeek for Brussels 2030 niet is weerhouden. Om alsnog de culturele hoofdstad van Europa te worden, en bij te dragen tot de Europese integratie, moet een nieuw project civiek worden uitgewerkt. De stad biedt alle nodige ingrediënten. De ervaring met het veldwerk ter voorbereiding van de kandidatuur toont aan dat het mogelijk is. Nu moet die methode worden uitgebreid naar het hele grondgebied, moet het communautaire worden afgebroken en moet men durven die andere vorm van samenleving, namelijk het stedelijke, te formuleren. Europa heeft dat echt nodig. Eerst de Bruxellitude goed vertellen om zo inspiratie te zijn voor Europeanness. Een prachtige uitdaging. We zullen zien.

Boekpresentatie op zaterdag 9 mei in Standaard Boekhandel Brussel

Reageren of zelf een opiniestuk insturen? Mail naar redactie@bruzz.be

Programmatieverantwoordelijke Nadia Nsayi werkt niet langer voor het AfricaMuseum in Tervuren. In verschillende columns hekelde ze het beleid van de instelling.

“Dit versterkt mijn vermoeden dat de instelling niet klaar is om zwarte mensen machtsposities te geven”

De Morgen, 29 april 2026

Cartoon door Kim

In het nieuws

03/05 | Bijenzwerm aan Bareel. De Bareel in Sint-Gillis heeft vorige week opvallende bezoekers ontvangen. Een bijenzwerm koos er een graafmachine als ideale plek om een tros te vormen. “In stedelijke context durven bijenzwer-

men weleens op ongelukkige plaatsen te belanden”, zegt de Brusselse imker Arthur Van Peene. Imker Clotilde Muyle trok haar speciale pak aan, ving de zwerm veilig en gaf ze intussen een nieuwe thuis in een van haar bijenkasten.

02/05 | Sint-Gillis voert onderzoek naar witwassen via bingocafés. De gemeente sint-Gillis sluit net als Brussel-Stad eerder een akkoord met het parket, waardoor het toegang krijgt tot gerechtelijke informatie om uitbaters van handelszaken te screenen voor witgewassen

drugsgeld. Burgemeester Jean Spinette (PS) wil vooral focussen op bingocafés, die bekendstaan als plaatsen waar veel cash circuleert en waar dus een verhoogd risico op witwassen bestaat. Sint-Gillis telt maar liefst 150 van zulke zaken op een oppervlakte van 2,5 vierkante kilometer.

30/04 | Afgeslankt Iris-feest. Op zaterdag 9 mei viert het Brussels Gewest zijn verjaardag, met gratis rondleidingen, expo’s en dreunende beats op het Paleizenplein. In tegenstelling tot vorig jaar duurt het feest slechts één dag, vanwege besparingen bij het Gewest. Daarnaast is 9 mei ook de Dag van

Kunstmakers

Afgelopen weekend vond de vijfde editie van Atelier in beeld plaats in Vlaanderen en Brussel. In 308 gemeenten zetten dan meer dan 2.500 beeldend kunstenaars de deuren open en kon je ontdekken waar kunst écht ontstaat. Zoals het atelier van Kaat Lens bij Werkplaats Walter, Aya Koné in residentie bij Moussem en verschillende kunstenaars bij MAX Collective. © CHARBEL ALKHOURY

Europa, ter ere van de Schumanverklaring.

30/04 | Voormalig Défi-kopstuk Michaël Vossaert sluit zich officieel aan bij MR. Michaël Vossaert is nu officieel lid van MR. “Voor vandaag en morgen is de MR in mijn ogen het meest geloofwaardige project om te voorkomen

dat Brussel de weg kwijtraakt.” Vossaert verliet Défi in 2024.

29/04 | Stadiondossier Union volledig. Het dossier voor het nieuwe stadion van Union aan de Bemptsite in Vorst is rond. Dat zegt Brussels staatssecretaris voor Stedenbouw Audrey Henry (MR), die haar

administratie de opdracht geeft om vaart te zetten achter de stedenbouwkundige vergunning voor de bouw van de nieuwe thuishaven van de landskampioen. De bouw van het stadion zou volgend jaar van start kunnen gaan.

29/04 | Eigenaar Brusselse Financietoren

in slechte papieren. Het Zuid-Koreaanse vastgoedfonds JR Global REIT heeft vorige week maandag voor de rechtbank van Seoel bescherming tegen zijn schuldeisers gevraagd, nadat het niet in staat was gebleken om voor 23 miljoen euro kortlopende schulden af te betalen. Het fonds is ook de eigenaar van de Financietoren. Dat

is een van de belangrijkste activa van het vastgoedfonds. Dat kocht de toren net voor de coronacrisis voor 1,2 miljard euro, maar sinds de pandemie is kantorenvastgoed een pak minder waard. Volgens De Tijd zal de Financietoren – door de transactie het duurste kantoorgebouw van België – nu misschien weer worden verkocht.

‘Onder de glitter blijft de boodschap politiek’

Brussels Pride oogt als een feest. Maar wie alleen de glitters ziet, mist waar het grotendeels nog om draait. De Pride blijft een eisenplatform en een moment van zichtbaarheid. Hoe die boodschap vormgegeven moet worden, is echter voer voor discussie. “De Brussels Pride heeft een bepaalde limiet van wat ze kan bereiken.”

Wanneer Brussels Pride op zaterdag 16 mei door het centrum van de stad trekt, zal het beeld vertrouwd zijn: regenboogvlaggen, muziek en glitters. Van een afstand lijkt Pride vooral een feest, maar in Brussel is Pride ook nog altijd een politiek evenement.

Binnen de lgbtq+-gemeenschap is dat al langer een punt van discussie. Hoe politiek kan een optocht met dj’s, dansers en vrachtwagens nog zijn? Hoe vermijd je dat de boodschap verdwijnt in het feestgedruis? En tegelijk: waarom zou een gemeenschap die

lang uit het straatbeeld werd geweerd, zichzelf niet uitbundig mogen vieren?

Frank Schellings, de coördinator van Brussels Pride, is daarover resoluut. “Pride ís een politiek statement”, zegt hij. “Mensen komen op straat om te demonstreren en eisen betere wetgeving. Iemand die beweert dat Pride niet politiek is, kent zijn geschiedenis niet.”

Die politieke inzet krijgt dit jaar vorm in de slogan ‘When Times Get Darker, We Shine Brighter’. Verenigingen en activisten bepalen samen welke kwesties urgent zijn. Dit jaar was de conclusie snel duidelijk, zegt Schellings. “Internationaal wordt de sfeer

grimmiger. Onze rechten worden in vraag gesteld. Kijk naar de verboden Pride in Boedapest vorig jaar of naar wat de Amerikaanse president Trump doet. Met Pride willen we de mensen wakker schudden.”

De boodschap richt zich echter ook op België. “Er is nood aan duidelijke wetgeving die de rechten van intersekse personen waarborgt”, zegt Schellings. “Ook de omkadering van transgender personen moet dringend versterkt worden.”

Daar komt de politiek als wetgever in beeld. “Als je wetten wil veranderen, moet je procedures volgen om die gestemd te krijgen”, zegt Schellings. “Daarom is het essentieel dat we met politieke partijen rond de tafel zitten om de noden helder toe te lichten. Hun engagement is nodig om de regelgeving te verbeteren en aan te passen aan de realiteit.”

Dat maakt de aanwezigheid van partijen op Pride volgens hem belangrijk, zolang het geen pinkwashing wordt. “Politici blijven politici”, zegt hij. “Die moet je niet altijd op hun woord geloven. Maar elke politieke partij die onze gemeenschap en onze eisen steunt, laten we toe in de Pride. Anders niet.”

Tegelijk blijft de verhouding ongemakkelijk. Pride is ontstaan uit protest tegen macht en uitsluiting. Maar wie wetgeving wil veranderen, moet uiteindelijk ook met die macht spreken. Schellings verwijst naar Viktória Radványi, organisator van Budapest Pride, die vorig jaar op het podium in Brussel stond. “Zij zei: ‘Het is beter om de politiek aan je zijde te hebben dan tegenover je.’ Dat vind ik goed gezegd.”

Protestbord met Von der Leyen

Ook voor Giorgi Tabagari blijft de politieke dimensie van Brussels Pride zichtbaar, zeker in vergelijking met andere Prides in West-Europa. De Georgische activist werkt met enkele anderen aan de oprichting van een Pride Museum in Brussel, de stad waar hij intussen al enkele jaren woont.

Voor hem is Brussels Pride een voorbeeld wat de balans tussen feest en protest betreft, maar dan niet vanwege de aanwezigheid van politieke partijen. “De Pride is erg toegankelijk”, zegt hij. “Mensen en verenigingen kunnen eenvoudig deelnemen, ook kleine, lokale groepen.”

Wat hem nog opvalt, zijn de boodschappen op straat. “De thema’s die tijdens Pride worden opgevoerd, gaan heel breed”, zegt hij. “Die gaan niet alleen over lgbtq+-rechten in België, maar ook over de oorlog in Oekraïne, het onrecht in Palestina, racisme en migratie. Uit de posters en borden spreekt een duidelijke solidariteit.”

Volgens Tabagari heeft dat veel te maken met Brussel zelf. De queer gemeenschap is heel divers, net zoals de stad, en uitgesproken politiek. “Brussel is de hoofdstad van België”, zegt hij. “De Pride wordt gesteund door de Stad en het Gewest. Lokale thema’s blijven dus belangrijk. Maar tegelijk is Brussel de plaats waar de Europese instellingen thuis zijn. Daardoor krijgt Brussels Pride ook een internationaal aspect.”

Ook hij verwijst naar Budapest Pride. Niet alleen het verbod zelf, ook de lauwe Europese reactie daarop werd onderwerp van protest. “Er zijn weinig Prides waar je protestborden met een boodschap aan Ursula von der Leyen terugvindt”, denkt hij.

Dat maakt van de mars in Brussel een plek waar de Europese geloofwaardigheid rond lgbtq+-rechten wordt getest. De Europese instellingen maken van de gelegenheid gebruik om activisten uit diverse hoeken van Europa naar Brussel te halen, zodat die hun eisen kunnen formuleren tegenover Europese besluitvormers.

Pride, zegt hij, is work in progress. “Het is een moment om een betere wereld in te beelden, maar we mogen niet uit het oog verliezen wat we al hebben verwezenlijkt. Pride is tegelijk een protest én een feest. Dat kan naast elkaar bestaan.”

Eisen op spandoeken

De verwezenlijkingen zijn het grootste verschil met dertig jaar geleden, toen de eerste Pride in zijn huidige Brusselse vorm door de hoofdstad trok. Het politieke karakter was toen onmiskenbaar.

“Die eerste Pride draaide rond tien eisen”, zegt Chille Deman, voorzitter van het comité dat die eerste Pride in Brussel organiseerde. “De twee belangrijkste waren een antidiscriminatiewet en de wettelijke erkenning van queer koppels. Over het huwelijk spraken we toen nog niet. Het ging in de eerste plaats om de erkenning van twee mannen of twee vrouwen als koppel in juridische zin.”

Die eisen werden op grote spandoeken meegedragen. Elke vereniging moest kiezen achter welk spandoek ze liep en welke eis ze wilde benadrukken. De Pride trok enkele duizenden deelnemers en bestond vooral uit activisten en verenigingen.

“Het heeft enkele jaren geduurd voor we politieke partijen zover kregen om mee te lopen”, zegt Deman. “Het was voor ons van bij aanvang wel duidelijk dat we hen moesten betrekken als we iets wilden veranderen.”

Nadien keurde België in relatief korte tijd antidiscriminatiewetgeving, het homohuwelijk en adoptie door koppels van hetzelfde geslacht goed. Voor Deman was Pride toen in

de eerste plaats een eisenplatform en een katalysator voor verandering. Maar ook het feestelijke element was er vanaf het begin. “Het was toen al een viering van diversiteit.”

Zichtbaar in Molenbeek

Later zakte het enthousiasme wat weg. Onder Pride-coördinator Alan De Bruyne kwam de slogan ‘Pride for Everyone’, die de Pride opende voor iedereen met een open geest. De opkomst groeide sterk, tot de huidige 200.000, maar maakte het evenement ook kwetsbaarder voor depolitisering.

Daar zijn kleinere, lokale verenigingen zich van bewust. “De Brussels Pride heeft een bepaalde limiet van wat hij kan bereiken”, zegt het team achter Molenqueens. “Maar we vinden het wel belangrijk om deel te nemen.”

Dit collectief van Molenbeekse queers loopt dit jaar voor de derde keer officieel mee. Het ontstond nadat een van de initiatiefnemers slachtoffer was geworden van homofobie op straat. In plaats van zich terug te trekken, kwam de groep tot de conclusie dat ze net zichtbaarder moest worden in de gemeente.

Molenqueens doet dat met stickers en banners. “De Pride-vlag verschijnt zo in een wijk waar queer zichtbaarheid minder vanzelfsprekend is. Op die manier creëren we ruimte voor de grote lgbtq+-gemeenschap in Molenbeek.”

Hun voornaamste kritiek op Brussels Pride is de aanwezigheid van politieke partijen die, naar hun mening, niets of te weinig doen voor de gemeenschap. Toch blijft de mars relevant. “Tijdens de Pride kunnen we ons als groep laten zien en voelen we de vreugde die daarmee gepaard gaat. Dat op zich is al een politiek gegeven.”

Tegelijk vindt Molenqueens dat Pride meer aandacht moet hebben voor groepen die minder vanzelfsprekend in beeld komen. “Voor een witte homoseksuele man uit de middenklasse is het leven momenteel goed geregeld”, klinkt het. “Onze wens is dat Pride intersectioneler wordt. Een Pride met meer aandacht voor mensen uit lagere klassen, voor migranten en voor wie niet vanzelfsprekend aansluiting vindt bij het dominante beeld van de lgbtq+-gemeenschap.”

Ook Queer Moves, een collectief van amateurdansers, ziet zijn deelname aan Pride als een politiek gebaar op zich. “De straat al dansend innemen is een manier om onze diversiteit en identiteit te uiten”, zegt Gabriele. “Wij gebruiken onze lichamen om te tonen dat we bestaan en onszelf kunnen zijn, en dat we ook het recht hebben om dat te doen.”

“De Pride is een mainstream evenement geworden door de vele sponsors”

Een politieke boodschap is evenwel onmisbaar. “Pride blijft een protest”, zegt hij. “Dat moeten we blijven herhalen. Nu de rechten van onze gemeenschap wereldwijd bedreigd worden, hebben we dit jaar voor een openlijk politieke choreografie gekozen, gekoppeld aan een duidelijk statement.”

Minder generieke plekken

Dat Brussels Pride zijn politieke dimensie wist te behouden, betekent niet dat alle Brusselse queer groepen zich erin herkennen. Voor het tweede jaar op rij organiseert dykes bxl, een collectief van lesbische en transgender vrouwen en non-binaire personen, een dyke* march aan de vooravond van Brussels Pride.

Ila, die deel uitmaakt van het kernteam: “Wij hebben niet het gevoel dat Brussels Pride een plek is waar wij ons volledig welkom voelen. Het is een mainstream evenement geworden door de vele sponsors. Pride moet meer zijn dan een parade.”

De kritiek gaat echter ook over representatie binnen de gemeenschap zelf. Volgens Ila ligt de focus vaak op de groepen binnen de lgbtq+-gemeenschap die al het meest zichtbaar en het sterkst vertegenwoordigd zijn. Daarom wilde het collectief een plek creëren die minder generiek is. “Voor ons was het belangrijk om een ruimte te hebben die meer van ons is en waar we die politieke

dimensie kunnen terugvinden.”

Die kritiek zet de centrale vraag op scherp. Wat maakt Pride politiek? De aanwezigheid van activisten of de afwezigheid van bedrijven? Of een concreet eisenpakket? In Brussel bestaan die lagen naast elkaar. De officiële Pride werkt met politieke eisen. Lokale collectieven gebruiken de mars om hun eigen aanwezigheid af te dwingen.

Schellings ziet het politieke effect vooral in druk op beleid. Hij verwijst naar de uitnodiging van het federaal parlement om de dertigste verjaardag van Pride te vieren met panelgesprekken over intersekse en transgender personen in de Senaat. Voor hem toont dat hoe Pride politieke aandacht kan vasthouden.

Wetgeving alleen volstaat niet, zegt hij. “Sensibilisering en opleiding blijven cruciaal. We moeten naar scholen om jongeren te informeren. In woonzorgcentra moeten zorgverleners beter ondersteund worden, zodat zij op een respectvolle manier kunnen omgaan met lgbtqia+-personen, werk waar de Rainbow Ambassadors nu al actief op inzetten. Ook de Rainbow Cops spelen een belangrijke rol. Zij geven gerichte vormingen aan de ordediensten en leveren waardevol werk op het terrein.”

België staat internationaal hoog aangeschreven voor lgbtq+-rechten. Op de Rainbow Map van ILGA-Europe staat het land tweede, na Malta. Schellings ziet daarin geen reden tot tevredenheid. “We moeten ervoor zorgen dat we die eerste plaats bemachtigen. Zolang dat niet is gebeurd, is er politiek nog werk aan de winkel.”

Brussels Pride, zaterdag 16 mei, vanaf 12 uur verzamelen geblazen op de Kunstberg. Na de feestelijke toespraak om 14 uur trekt de Pride door de straten van Brussel

Volg Brussels Pride live vanaf 14 uur via de liveblog op BRUZZ.be, via instagram (bruzzbe) en op radio (98.8) met Renée Demeulemeester

SOUS LES PAILLETTES, LE MESSAGE RESTE POLITIQUE

FR/ La Brussels Pride est plus qu’une fête : elle reste une plateforme de visibilité et de revendications pour les droits LGBTQIA+. À mesure que l’événement grandit, le débat persiste sur la manière de préserver ce message. « La Pride est un acte politique », affirme le coordinateur Frank Schellings, tandis que d’autres avertissent qu’elle est aussi devenue « un événement grand public ».

BENEATH THE GLITTER, THE MESSAGE REMAINS POLITICAL

EN/ Brussels Pride is more than a celebration: it remains a platform for visibility and demands around LGBTQIA+ rights. As the event grows, debate continues over how to preserve that message. “Pride is a political statement”, says coordinator Frank Schellings, while others warn it has also become “a mainstream event.”

Gratis borrelnootjes: een traditie die verdwijnt

Nog maar één op de drie Brusselse cafés serveert een potje met borrelnootje bij een bestelde pint. Dat blijkt uit een steekproef van BRUZZ. Dreigt die traditie stilaan te verdwijnen?

door Minne Uyttersprot

Zodra de zon zich laat zien, zitten de terrasjes in Brussel moeiteloos vol met mensen die genieten van een pintje, een glas wijn of iets fris. En bij dat typische zomerse gevoel hoort voor veel mensen nog altijd hetzelfde kleine gebaar: een gratis potje borrelnootjes, chips of olijven op tafel. Toch merken veel cafébezoekers de laatste jaren dat dat potje stilaan verdwijnt. Vroeger was dat bijna ondenkbaar: een drankje bestellen zonder bijbehorende versnapering. Sommige cafés blijven de traditie trouw, andere doen het enkel nog in bepaalde situaties, maar veel zaken zijn volledig gestopt met het gebruik. Zo blijkt uit

een steekproef van de redactie. Van de dertig zaken die BRUZZ lukraak bezocht de afgelopen weken, gaven slechts tien al dan niet spontaan een kommetje of een schaaltje met versnaperingen.

In La Perle in Bockstael bijvoorbeeld blijft alles bij het oude: bij elk drankje krijgt de klant nootjes of chips. Ook in cafés zoals Au Derby (centrum), Café Mistral en L’ancien Laeken (Bockstael) wordt nog steeds iets geserveerd, al gebeurt dat niet altijd bij elke consumptie. In L’ancien Laeken alleen bij alcoholische dranken en bij Café Mistral zelfs enkel bij bier. In Black Beard, in het centrum, worden dan weer alleen pinda­

noten aangeboden bij zwaardere bieren en andere alcoholische dranken, zoals cocktails. Sommige cafés kiezen dan weer voor een originelere aanpak. In cocktailbar Le Stoefer in Elsene krijgen klanten geen klassieke borrelnootjes, maar een klein aperitiefbordje bij elke cocktail, met verschillende hapjes. Uitbater Olivier zegt dat hij het doet uit “gulheid”, maar ook omdat veel klanten net na het werk langskomen en ze dan beter iets eten bij hun drankje. “En bovendien, wie iets krijgt om te knabbelen, bestelt sneller een tweede cocktail”, lacht Olivier.

Ook bij frisdrank

In Au Duc de Brabant in Molenbeek blijven ze inzetten op het aperitiefgevoel. Op dat hoekcafé met terras krijgen klanten bij een alcoholische bestelling olijven, kaas en feta. Pindanoten worden zelfs ook bij frisdranken aangeboden. “Ik vind het zelf jammer dat die traditie stilaan verdwijnt. Wanneer ik een potje serveer, krijg ik vaak de reactie van © SHUTTERSTOCK

klanten dat ze dat missen in andere cafés. Daarom hecht ik daar extra belang aan”, vertelt uitbaatster Andréa.

In café le Sun in Laken is het minder een vaste regel. Zijn de nootjes op voorraad, dan worden ze geserveerd, maar het is geen prioriteit bij de bediening. “Het is niet zo dat we meteen een nieuwe lading kopen wanneer de voorraad op is. We wachten dan wel tot we de algemene boodschappen doen”, zegt de barvrouw.

Dat allicht steeds meer cafés ermee ophouden, heeft weinig te maken met onwil. Borrelnootjes lijken goedkoop, maar op jaarbasis kunnen de kosten oplopen tot 1.500 euro, zo bevestigt een cafébaas. Zeker in tijden waarin huur, personeel en energie duurder worden, wordt een gratis potje al snel een extra uitgave waar niet elk café nog ruimte voor heeft. “Ik denk dat klanten liever geen potje nootjes krijgen dan meer te moeten betalen voor hun pint”, klinkt het bij café Lava.

Daarnaast speelt ook de drukte een grote rol. In populaire zaken is het op zonnige dagen vaak alle hens aan dek. “Dan is er simpelweg geen tijd om voor elke bestelling extra schaaltjes klaar te zetten, bij te vullen en achteraf af te wassen”, vertelt de uitbaatster van Laboureur. “Het praktische wint het dan van het gezellige.”

Overbodige kosten

Flamingo, vlak bij de KVS, is ermee gestopt omdat het naar eigen zeggen niet langer bij de identiteit van de zaak past. “Sinds de rebranding enkele jaren geleden, werd bewust gekozen om geen borrelnootjes meer te serveren. Klanten vroegen er maar weinig naar, dus dan worden het al snel overbodige kosten”, vertelt manager Alice

Waar komt het fenomeen vandaan? Volgens voedingshistoricus Peter Scholliers (VUB) komt het gratis hapje voort uit twee Belgische tradities. De eerste is die van het volkscafé. “Daar werden altijd bier en sterke drank geschonken, en kleine hapjes verkocht of aangeboden. Denk aan kaas, ham, hardgekookte eieren of garnalen. Soms werden zelfs kleine porties gratis gegeven. Niet omdat cafébazen plots heel gul waren, maar omdat ze wisten wat het effect was: zoute hapjes maken dorstig, en dorstige klanten bestellen meer.”

uitleg voor het succes ervan in vroeger tijden. Sommigen beweren dat borrelnootjes ooit populair werden om een vreemde wet te omzeilen.

Het gaat om een wet uit 1939 betreffende de beteugeling van dronkenschap. In België is flessentrekkerij strafbaar. Wanneer iemand een café verlaat zonder te betalen, riskeert die een geldboete van 200 tot 1.500 euro en een gevangenisstraf van acht dagen tot drie maanden. Er valt echter wel een kanttekening te maken. Consumeert de klant enkel alcoholische dranken (en dus niets van eten), en betaalt die zijn rekening niet, dan heeft de café­uitbater theoretisch gezien geen voet om op te staan.

“Wie iets krijgt om te knabbelen, bestelt sneller een tweede cocktail”
Olivier Uitbater Cocktailbar Le Stoefer (Elsene)

De tweede traditie komt uit de hogere sociale klassen, waar het aperitief in het begin van de twintigste eeuw populair werd. “Met de opkomst van dranken zoals whisky en vermouth verschenen hapjes zoals canapés, een vorm van belegde toastjes. Die moesten vooreerst de eetlust opwekken en hoorden bij een chiquere manier van uitgaan. Na de Tweede Wereldoorlog werd die gewoonte steeds vaker overgenomen door brasserieën en cafés, tot het gratis hapje een typisch fenomeen werd.”

Behalve die historische verklaring bestaat er nog een opvallende juridische

Dronkenschap

Sofie Royer, expert strafrecht aan de KU Leuven en de VUB, legt uit dat in die tijd heel wat wetten zijn gemaakt om dronkenschap tegen te gaan. “In die periode vond er een toename van alcoholgebruik plaats. De wetgever vond dat alcohol consumeren op krediet dat probleem in de hand werkte en dat een café­uitbater moeilijker een betaling kan eisen wanneer iemand enkel alcohol heeft gedronken.”

Opvallend genoeg geldt die wet vandaag nog altijd. “Als je bij je drankje iets eet, kan de uitbater je wel aanklagen. Daarom serveren veel café­uitbaters zo’n potje. Om die wet te omzeilen.”

Veel uitbaters blijken vandaag echter niet op de hoogte te zijn van die maatregel. Sommigen lijken er in de toekomst ook geen rekening mee te houden. “Wij laten onze klanten betalen vóór ze hun drankje krijgen”, zegt Alice van Flamingo. “Bij ons hebben ze geen kans om weg te lopen zonder te betalen, potje nootjes of niet.”

ons wervelend enthousiasme op jouw evenement via https://www. majoretteketet.be of mail naar majoretteketet@gmail.com

Copiapoa cinerea Brusselse cactusliefhebbers gezocht

De Brusselse cactusclub Peyote zoekt nieuwe leden om tips en ideeën uit te wisselen over de stekelige plant, maar ondervindt concurrentie van internet.

Voor velen zijn cactussen alleen maar kamerplantjes die veel licht en weinig water behoeven, maar ze hebben fanatieke fans. In Brussel komen liefhebbers al sinds de jaren negentig samen in de club Peyote om in een ontspannen sfeer kweekervaringen uit te wisselen, bij te leren over verzorgingsmethodes en nieuwe soorten te ontdekken. De diversiteit is immers enorm, naar schatting zijn er ongeveer tweeduizend soorten.

“We komen bijna iedere laatste vrijdag van de maand bijeen in de botanische tuin Jean Massart in Oudergem, waar we een eigen plek hebben om cactussen te kweken”, zegt medestichter Denis Diagre, die in de Plantentuin Meise werkt en hoogleraar aan de ULB is. “Er is telkens een tombola, waarbij zeldzame soorten te winnen vallen.”

Club Peyote telt momenteel een vijftigtal vaste leden, maar heeft het moeilijk om jongeren aan te trekken. “In de jaren negentig waren er ongeveer dertig cactusclubs in Vlaanderen, nu schieten er nog maar een vijftal van over. Waarschijnlijk hangt dat samen met de stroom aan informatie die je op het internet kunt vinden, maar wat ons betreft gaat er niets boven de uitwisseling van ideeën in persoon, tussen vrienden.”

Eigenschappen

• Copiapoa’s komen oorspronkelijk uit Chili, onder meer uit de Atacama-woestijn

• De grijswitte waslaag contrasteert sterk met de veelal zwarte stekels

Vaak wordt er tijdens de bijeenkomsten een voordracht gegeven. Deze maand doet Diagre dat, over de groei van het ecologische bewustzijn, het inzicht dat we dieren en planten –waaronder cactussen – moeten beschermen.

“Ik ga terug tot midden de negentiende eeuw, toen de Belgische botanicus Louis Van Houtte tijdens een expeditie in Zuid-Amerika kolonisten delen van het regenwoud zag vernielen voor economisch gewin. ‘Vandalen’, noemde hij ze.” De voordrachten gebeuren gewoonlijk in het Frans. “Maar ik ben meer dan bereid om me aan te passen aan geïnteresseerde Nederlandstaligen”, benadrukt Diagre in vlekkeloos Nederlands.

• Bedreigd door habitatverlies, smokkelaars en waarschijnlijk ook klimaatverandering

Ondanks hun verdiende reputatie als taaie rakkers hebben cactussen het moeilijk. Zowat een op de drie soorten is met uitsterven bedreigd. Habitatverlies – door landbouw, industrie en bouwwerken – vormt een belangrijke reden, de klimaatverandering heeft een impact, maar cactussen zijn ook slachtoffer van stropers en smokkelaars. Daarom worden bijna alle cactussen beschermd door de conventie inzake de internationale handel in bedreigde in het wild levende dier- en plantensoorten, bekend onder de afkorting Cites.

“Elk jaar word ik een tiental keer opgeroepen door de douanediensten om na te gaan of bepaalde cactussen niet in het wild zijn verzameld en illegaal verhandeld worden”, zegt Diagre, Cites-expert voor cactussen in België. Als illegale praktijken vastgesteld worden, worden de planten in beslag genomen en komen ze in de plantentuin in Meise terecht. Een van de cactussen die het hard te verduren krijgen is de Copiapoa cinerea uit Chili. Die zijn in trek wegens van het ongewone contrast tussen hun grijswitte waslaag – waarnaar ‘cinerea’ oftewel ‘asgrauw’ verwijst – en de veelal zwarte stekels.

Ook Diagre is bezeten door de soort. “Als jonge twintiger sprokkelde ik geld bijeen om naar de Atacama-woestijn reizen voor die cactus.” Intussen was hij al vier keer in Chili en trok hij al meer dan tien keer op cactusreis naar Arizona. “Cactussen zijn voor velen een passie die op een obsessie lijkt”, lacht hij.

Diagre is niet onverdeeld gelukkig met de verwijzing naar de Peyote-cactus in de naam van zijn club. “Omdat die bekend is voor zijn psychoactieve stoffen die gebruikt kunnen worden voor hallucinaties.” Misschien is het tijd om de vereniging om te dopen tot de Copiapoaclub?

Reeks nalezen?

Lees de hele reeks op BRUZZ.be/dossier/botanisch-brussel

Michaël De Cock verlaat de Brusselse KVS voor het Théâtre de Liège: “Ik neem aan dat mijn werk is opgevallen en mijn plan klonk blijkbaar overtuigend genoeg.”

‘Er is een schrijnend gebrek aan moed om zich uit te spreken’

Artistiek leider Michael De Cock neemt na tien jaar afscheid van KVS en Brussel

“Ik hou van het idee dat ik een passant ben”, zegt Michael De Cock, die van de KVS een open en divers stadstheater maakte en straks verhuist naar het Théâtre de Liège. “Dat was ik in Mechelen, dat ben ik in Brussel en dat zal ik ook in Luik zijn.” Zijn nog aan te duiden opvolger wenst hij ambitie, plezier en menselijkheid toe, maar vooral veel moed.

door Tom Peeters foto’s Tiene Carlier

Terwijl de fotografe Michael De Cock (53) regieaanwijzingen geeft in de foyer van de KVS Bol – “Kijk eens naar de deur alsof iemand binnenkomt” – beseft de artistiek leider dat hij hier straks na tien jaar voorgoed buiten stapt. Bij het Brusselse stadstheater waren ze verrast door de aankondiging van zijn zelfgekozen vertrek. Hij had het nog enkele jaren kunnen rekken, klinkt het aan zijn bureau dat uitkijkt op de Alhambrawijk. Maar het aanbod van het Théâtre de Liège, dat de verhuizing van Serge Rangoni naar het Centro Cultural De Belém in Lissabon moest opvangen, was te aantrekkelijk. “Er zijn traantjes gevloeid, ook bij mij. Maar dat is goed. Ik wil niet de gast zijn die ze na vijftien jaar naar de uitgang moeten begeleiden. Nu was het misschien net iets te vroeg. Mijn horizon lag iets verder, maar deze kans wilde ik niet aan me voorbij laten gaan. Ik wilde altijd al eens werken in een Franstalige omgeving.”

Exact tien jaar nadat hij benoemd werd in Brussel, volgde in maart de benoeming bij

het Théâtre de Liège, waar hij, net als bij de KVS destijds, zal starten op 16 september en zich net als in de hoofdstad en in Mechelen wil engageren voor tien jaar. “Je hebt toch minimaal zeven, acht jaar nodig om iets neer te zetten dat er staat op Europees niveau. Ik geloof ook niet in trajecten waarin je een opvolger voorbereidt. Ik hou van het idee dat ik een passant ben. Dat was ik in Mechelen bij ’t Arsenaal, dat ben ik Brussel en dat zal ik ook in Luik zijn. Ik ben nooit de man van het collectief geweest.”

Waarom Luik?

MICHAEL DE COCK: Het is een heerlijke stad, met een prachtig theater dat een mooi Europees traject voor ogen heeft. Er sprak ambitie uit hoe ze het willen opengooien, en dus ben ik gaan praten, zonder op voorhand te weten of ik het zou worden. Maar ik neem aan dat mijn werk is opgevallen en mijn plan klonk blijkbaar overtuigend genoeg. Het is altijd mijn ambitie geweest om de cultuur weg te trekken van de cultuurpagina’s in de krant, naar het centrum van het maatschap-

pelijke debat. De KVS is stoutmoedig, steekt de nek uit. Theater moet kwetsbaarheid tonen. Het mag niet alleen maar veilig zijn. Er moet iets op het spel staan.

Van de aanslagen over de pandemie tot de lokale politieke malaise. Van #MeToo over klimaatmarsen, Black Lives Matter en Gaza tot woke en cultuurbesparingen: er stond de voorbije tien jaar veel op het spel.

DE COCK: Ik was nog geen week benoemd of de KVS moest al sluiten door de aanslagen. Dat is de laatste eeuw drie keer gebeurd: na 22 maart, met covid en tijdens de Tweede Wereldoorlog. Uitzonderlijk dus. Tijdens covid hing er een papier in de lift met ‘drie weken gesloten’ op. Het werden drie maanden. Veel mensen vroegen zich in het begin af wat ik kwam doen: “Hij gaat er een parochiezaal van maken”, klonk het. Maar mijn eerste voorstelling, Malcolm X, met regisseur Junior Mthombeni en een aantal acteurs die bij wijze van spreken nog nooit op een scène hadden gestaan, was meteen een schot in de roos. Ook al genereerde die

turbulentie zoals bij elke burger nervositeit en bleven we er niet onbewogen bij, ons project was glashelder en veel groter dan de waan van de dag.

Na uw aanstelling als artistiek leider was het uw bedoeling om een generatie dertigers en veertigers klaar te stomen, zodat die klaar zouden zijn wanneer de theatermonumenten die opstonden in de jaren 1980 met pensioen zouden gaan. Is dat uw grootste verwezenlijking?

DE COCK: Ja, en het was tegelijk de leukste. We konden edgy en gedurfd zijn. Er is lang niet alleen Junior. Neem Carolina Bianchi, hier ooit verschenen met een klein toonmomentje en nu geselecteerd voor elk festival. Niet iedereen is gemaakt voor de grote zaal, maar ik vind dat we op zijn minst moeten uitzoeken wie wel. En kijk wat Pitcho Womba Konga, Lisaboa Houbrechts, Zoë Demoustier of Nona Demey Gallagher intussen bereikt hebben. Niet alles valt echter af te meten aan succes. Maar hun voorbeeld maakt wel duidelijk dat dit huis gemaakt is om artiesten te begeleiden.

U maakte meteen schoon schip met de thematische aanpak van uw voorganger Jan Goossens.

DE COCK: Ik ben daar nooit voorstander van geweest omdat ik geloof in mensen. Wij proberen hier spelers en makers te vergezellen op hun traject en te helpen ontbolsteren. Dan zou het spijtig zijn uit de boot te vallen omdat je werk niet aansluit bij het gekozen thema. De helft van de artiesten kwam niet uit een reguliere opleiding, maar uit informele netwerken als slam en urban arts. Daar werd tien jaar geleden nog smalend op neergekeken. Opleidingen zijn leuk om veilig op je bakkes te gaan en iets bij te leren. Maar onze opening naar de stad en internationalisering waren niet mogelijk zonder ook die onderstroom een podium te geven.

Niet iedereen was even opgezet met jullie opzichtig diverse discours dat generaties, genders en etniciteiten mixte.

DE COCK: We hebben een brand gemaakt van onze diversiteit. Ik zeg altijd provocerend: er is maar één check en dat is de payroll op het einde van de maand. Ons ging het niet om representatie of over fancy zijn. Dit was gewoon onze manier om het beste theater te maken. Vooral mensen die nooit komen kijken, zagen weleens tegen mij over diversiteit, maar wij doen hier elke dag wat zogezegd onmogelijk is, met name constructief samenwerken aan prachtige projecten – genderdivers, intergenerationeel en

multi-etnisch. Brussel is ook daardoor de meest creatieve stad ter wereld. Dat maakt het des te spijtiger dat er in de politieke cockpit te veel ego’s botsen. Inmenging van de nationale partijboegbeelden heeft de boel veel te lang geblokkeerd. Maar sommigen vonden dat blijkbaar niet zo erg. Er werd strijd gevoerd zonder aan het welzijn van de Brusselaars te denken. Molenbeek 2030 is volgens mij het pijnlijkste slachtoffer geweest van de bestuurlijke malaise en dito imagoschade.

Zoals elke zichzelf respecterende grootstad trekt Brussel veel mensen aan. De vraag is hoe je omgaat met dat stedelijke weefsel. Als cultuurhuis kun je niet vechten tegen je stad en de architectuur van je gebouw of je wijk. Je kunt in De Singel in Antwerpen niet doen alsof je de KVS bent. We zijn een ankerpunt in een wijk die gigantisch aan het veranderen is: KANAL komt erbij, het Kaaitheater krijgt een nieuwe plek, er is veel gentrificatie ... Maar ik kan me geen andere KVS inbeelden dan in de

Alhambrawijk en bij uitbreiding in de Kanaalzone, de Vijfhoek … Dit stadstheater eindigt met kruisbestuivingen in Montevideo en Chili, maar begint met de kleinste concentrische cirkel die ons meteen confronteert met grootstedelijke problematieken, en kan zijn ogen dus niet sluiten voor de daklozen en prostitutie om de hoek.

Wat neemt u mee van Brussel naar Luik?

DE COCK: Er zijn heel wat gelijkenissen. In Luik oogt het programma wat internationaler, maar het budget is ongeveer even groot. Net zoals ik hier gedaan heb, wil ik er het theater verder opentrekken naar de stad en een artistieke familie samenstellen. Luik is geen hoofdstad, wel een historische stad met veel banden met Vlaanderen. Wist je dat de universiteiten van Gent en Luik op hetzelfde moment opgericht zijn door Willem I alias Guillaume I, tussen 1815 en 1830 koning der Nederlanden? Ik zou weleens willen zien wat we met een cluster van steden, zeg gerust het Europa van

BIO

• Geboren in Mortsel in 1972

• Romanist, acteur, theatermaker en regisseur

• Wordt in 2006 directeur van theatergezelschap ‘t Arsenaal in Mechelen

• Volgt in september 2016 Jan Goossens op als artistiek leider van de KVS in Brussel

• Stapt in september 2026 over naar het Théâtre de Liege in Luik

Michaël De Cock: “Ik zie de vrolijke vrienden van N-VA al twitteren: ‘Eindelijk zijn we van hem af.’ Vergeet het, het is mijn oprechte ambitie om meer dan ooit te gaan samenwerken met Antwerpen, Gent én Brussel.”

steden, cultureel kunnen aanvangen, hoe we Luik kunnen linken aan Maastricht, Keulen, Düsseldorf, Antwerpen … Ik zie de vrolijke vrienden van N-VA al twitteren: “Eindelijk zijn we van hem af.” Vergeet het, het is mijn oprechte ambitie om meer dan ooit te gaan samenwerken met Antwerpen, Gent én Brussel. Ik wil de Franstalige gezelschappen, of toch minstens die die wij zullen produceren, doen toeren in Vlaanderen, want dat ontbreekt nu en dat frustreert. Laat ons dus constructies opzetten om te ruilen en te tonen.

In de Franstalige media werd uw aanstelling enthousiast onthaald: eindelijk een Vlaming die een theater komt leiden in plaats van nog een Italiaan of een ...

DE COCK: … om de andere hoek kun je er bij een Italiaan gaan eten, wat ik ook graag doe. (Lacht) Maar er zijn veel diaspora’s in Luik. Net als Brussel is het een stad van migratie en van aankomst. Ik had er natuurlijk al gewerkt, maakte er eerder dit jaar met Junior

Barber shop chronicles, waarmee we nog veel zullen toeren, en kom er sinds de jaren 1990. Ooit bracht ik voor een magazine verslag uit van het Franstalige theater, dus ik ken de scene.

Uw ouders waren allebei leerkracht Frans, maar de interesse voor de taal en de cultuur werd vooral aangewakkerd tijdens bouwkampen in Bretagne.

DE COCK: Ik moest als kind ook naar Waterloo en op uitwisseling naar Franse gezinnen. Aanvankelijk deed ik dat niet graag, want tot mijn zestiende had ik last van heimwee. Maar de impact ervan is natuurlijk gigantisch. Na mijn studies Romaanse filologie hoorde ik vaak dat ik daar niets mee gedaan had, maar ik heb er alles mee gedaan. Ik moet me nog wat inwerken in het Franse theater en de emerging artists daar, maar omdat ik het land en de markt zo goed ken zal dat snel gaan. Dat gezegd zijnde vind ik het problematisch dat de meertaligheid van dit land niet beter benut wordt in het onderwijs. In Brussel is taalkennis evidenter, maar hoe moeilijk kan het zijn om vijf kilometer noordelijker, waar men geen Frans meer kent, wat meer immersie in te voeren? Misschien moet ik dan maar Vlaamse scholen gaan rondleiden in Luik. Terwijl anderen gemeenschappen uit elkaar willen trekken, denk ik dat er veel leuke dingen te doen zijn om de banden te versterken.

Wat wenst u uw opvolger toe?

DE COCK: (Verrast) Oei, dat is de eerste keer dat ik die vraag krijg. A hell of a ride. Veel ambitie, menselijkheid en heel veel plezier, want het gaat sneller dan je denkt. Ik moet soms lachen als ik oude foto’s van mij en Gerardo terugzie als jonge snaken van toch ook al 42 bij onze start. Maar ik wens die opvolger vooral moed. Er is een schrijnend gebrek aan moed om zich uit te spreken, om krachtdadig en ferm te zijn. Aan een profiel waag ik me niet. Als iemand mijn mening vraagt, zal ik die bescheiden geven, maar ieder zijn rol.

“Molenbeek 2030 is volgens mij het pijnlijkste slachtoffer geweest van de bestuurlijke malaise en dito imagoschade”

Wat wil u in deze overgangsperiode nog realiseren?

DE COCK: Mooi afscheid nemen van het publiek en de familie hier. En er komt nog een gezamenlijke actie met het RITCS, tegen de nieuwe wet van Vlaams minister van Onderwijs Zuhal Demir (N-VA), die niet-EU-studenten veel meer wil doen betalen voor hun studies. Dat onrecht proberen we nog op de agenda te zetten en voor de rest wil ik (slikt even) stilletjes verdwijnen.

In uw monoloog Alleen verbeelding, waarmee u nog altijd toert, zingt u ‘Holding out for a hero’. Die akoestische versie is heel sterk.

DE COCK: Dank je wel, maar het is een toevalstreffer. (Lacht) Het nummer is van de Amerikaanse songwriter Jim Steinman, die ook teksten schreef voor Meat Loaf en ik heb jaren versleten met hun album Bat out of hell. Ik koppel het als gimmick aan ‘One more cup of coffee’ van mijn held Bob Dylan dat precies dezelfde akkoorden heeft. Het duurde even voor ik het onder de knie had, want het is best moeilijk om te zingen, maar intussen kan ik vlot de akkoorden spelen en het à la Johnny Cash vrij fraseren. En natuurlijk gaat het ook over dat kleine jongetje dat een held nodig heeft, of alleszins iets om de wereld mee te redden.

«

IL Y A UN MANQUE CRIANT DE COURAGE POUR S’EXPRIMER »

FR/ Michael De Cock quitte le KVS après dix ans pour le Théâtre de Liège. Il revient sur un théâtre de ville qu’il a ouvert à la diversité et à la ville, et souhaite poursuivre cette démarche à Liège. Il déplore en même temps le manque de courage pour s’exprimer et l’immobilisme politique à Bruxelles.

“THERE

IS A GLARING LACK OF COURAGE TO SPEAK OUT”

EN/ Michael De Cock is leaving the KVS after ten years for the Théâtre de Liège. He looks back on a city theatre he opened up to diversity and the city, and wants to continue that in Liège. At the same time, he criticises the lack of courage to speak out and the political standstill in Brussels.

Column Duchka Walraet

Duchka Walraet is een Brusselse auteur en is projectverantwoordelijke voor de bouwsector. In haar tweewekelijkse column beschrijft ze de stad als een zinnelijk organisme.

Types op de metro

Niemand lijkt te weten wat ze in dit metrostel zijn komen doen. Maar iedereen volgt de bewegingen van de massa. Alsof ze pelgrims zijn die naar de Kaäba trekken. Tot de massa vastloopt, want daar staan de portiers. Lastposten met een glazen blik, pal voor de automatische deuren gestationeerd. Alsof ze de graftombe van een farao bewaken. Ze stappen niet in. Ze stappen niet uit. Ze staan rechtop als kaarsen. En in je weg. Alsof ze met een heilige missie belast zijn. Vraag je hen beleefd om opzij te gaan, dan kijken ze je aan alsof je hun overleden moeder hebt beledigd.

Of de zaterdagochtendkalkoenen. Vrouwen beladen met Marimekko-kabassen. Uit provincies waar geen metro uitrijdt. Waar mensen elkaar nog groeten op straat. Ze lachen bij elke bruuske rembeweging met de nerveuze energie van tienermeisjes vlak voor ze hun eerste slow gaan dansen. Ze zijn, hoe zal je het zeggen … oprecht. Bless their hearts. Met hun gezonde blos. Als kalkoenen aan de rand van het slachthuis.

In de geniepige hoekjes zitten de passief-agressieve vrouwmensen. De lege plek naast hen hebben ze geannexeerd als privédomein. Pastellen kampbewaaksters zijn het. Hun handtas ligt naast hen als een oorlogsverklaring. Enigszins militair. Net als hun contourmaquillage die opvallend veel wegheeft van camouflageschmink. Ze sturen je weg enkel en alleen met hun macabere Gen Z-pout. Of het moet eerder hun sterke Souk Sucré-parfum zijn dat je doet vluchten.

Nu ruik je … een energydrinker. Jakkes, met zijn wallen en walmen van medicijn en vloeibare kauwgom. Hij gorgelt traag met een aangedampte blik die je uitdaagt en zegt: “Ja, ik drink mijn energydrink in de metro, boeit het?”

De kers op de taart zijn de buggycommando’s. Ze stormen binnen als een compleet uitgeruste pantserdivisie. Met een kinderwagen die bijna de omvang heeft van een SUV. Een designerluiertas. Een Montessori-knuffel met genderneutrale glimlach. Tupperwaredoosjes met druiven en biologische appelpartjes. Ze hebben de lege blik van een commando dat net uit Afghanistan is teruggekeerd en manoeuvreren zich binnen met de discretie van een Sovjettank. Niets houdt hen tegen. Ze nemen twee zitplaatsen in, drie, vier, naargelang hun stemming. De baby slaapt. Neen, het is geen baby meer. Het is verdomme een kleuter van vijf die ze voortduwen. Een eunuch op zomerresidentie.

Jij? Wel … Je worstelt. Je bent de bitch in de rubberen trenchcoat. Op hakken. Die haar stinkende best doet om haar drang te verbijten dit chaotische zootje te organiseren. Jij daar, hemeltje, verplaats je tas toch. Hop, hop, jij, mevrouwtje, hier zitten alstublieft. De rest, vooruit, doorlopen, en zoals Auguste Comté zei: L’ordre pour base! Alsof het iets zou uitmaken.

Je prevelt dan maar: “Zwijgen is goud, zwijgen is goud.”

City jobs

‘Dit is de allereerste Tesla’

Toen Brussel als eerste Europese stad met e-koetsen begon, was Nieves Aguedo een van de eerste koetsiers. “We laten toeristen al eens dansen in ruil voor een foto.”

door Kris Hendrickx foto Ivan Put

“Voilà, Zijn ze niet mooi?”

Nieves Aguedo Rodriguez (56) wijst naar de drie elektrische koetsen die netjes achter elkaar geparkeerd staan in een garage in het centrum. Het moet gezegd: met hun leren zetels, houten afwerking en historische looks zijn de voertuigen een blikvanger. Dat merken we ook als Nieves BRUZZ even een later meeneemt voor een ritje door de binnenstad. Waar de e-koets passeert, wordt de smartphonecamera bovengehaald. “Ze zijn niet goedkoop: ze worden in Polen met de hand gebouwd en kosten 80.000 euro per stuk.”

Om meteen een misverstand de wereld uit te helpen: het gaat niét om paardenkoetsen waar een elektrische motor in gestopt is. In werkelijkheid zijn de voertuigen gebouwd naar het evenbeeld van een van de allereerste elektrische auto’s, die nu eenmaal sterk op koetsen leken. Nieves diept een tekening

op van het model in kwestie, een uitvinding van de Schot Robert Anderson, uit 1832 al. De gelijkenis met de voertuigen in de garage is frappant. “Eigenlijk is dit de allereerste Tesla.”

Nieves is geboren in de Spaanse regio Extremadura en groeide op in Barcelona. “Hoe ik in Brussel terechtkwam? Ik werkte al voor Honda in Catalonië en had contacten met mensen uit de Belgische vestiging. Toen ons bedrijf uit Barcelona verhuisde, ging ik aan de slag in Gent. Daarnaast begon ik gidsbeurten te organiseren in verschillende Vlaamse steden en in Brussel. In het begin was Gent echt mijn favoriete Belgische stad, maar gaandeweg leerde ik Brussel appreciëren als een stad die zich langzaam blootgeeft, een stad van heel veel geheimen die je maar geleidelijk aan te weten komt.”

In Brussel vroeg de vroegere uitbater van de paardenkoetsen,

Thibault Danthine, of Nieves niet met zo’n elektrische koets wou rijden. Dat wou ze. Vandaag is ze drie dagen per week koetsier en biedt ze daarnaast ook nog gidsbeurten te voet aan, beide met een zelfstandigenstatuut. Voor een dagje aan het stuur van de koets factureert ze 280 euro.

Zestalig

Nieves apprecieert in haar job vooral het contact met de steeds wisselende klanten, die ze in zes talen te woord staat, ook in het Nederlands. “Je brengt een half uur door met een groepje en dan is het weer tijd voor iets nieuws. Die klanten komen van overal en je maakt al eens iets bijzonders mee.”

Ze toont een filmpje op haar telefoon van een man die zich zingend opricht in de koets als was het een podium, tot groot jolijt van de omstaanders op de Grote Markt. “Of kijk, hier lieten

“Ik rij soms tien keer per dag voorbij de agenten aan het hoofdcommissariaat. Dat creëert een band”

Nieves Aguedo Rodriguez E-koetsier

we Chinese toeristes dansen in ruil voor een foto van hen (drie dames doen pasjes met de handen in de lucht, terwijl ze de slappe lach proberen te onderdrukken).”

Tegelijk heeft Nieves haar vaste contacten. “We zijn een beetje stadsmeubilair geworden. Behalve mijn collega-koetsiers, heb je nog de andere gidsen, de kelners van de cafés op de Grote Markt, de straatvegers en de agenten aan het hoofdcommissariaat waar ik soms tien keer

per dag langsrij. Dat creëert een band.”

De grootste uitdaging in haar job? “Toeristen die kriskras de weg oversteken of voor je wagen stoppen om selfies te nemen. Gelukkig hebben we daarvoor twee claxons: een moderne en deze bel, die echt nog een historisch stuk uit de negentiende eeuw is (laat een mechanische bel weerklinken die de omstaanders meteen doet opkijken). Toeristen klimmen soms doodleuk in de koets,

terwijl die geparkeerd staat om een foto van zichzelf te maken. Ik vraag dan of ze het zouden appreciëren als ik zonder het te vragen in hun auto zou stappen. Wie echt wil instappen, kan een rondrit boeken voor 70 euro.”

Grijze winters

Hoe haar toekomst eruitziet, weet Nieves nog niet. “Ik doe dit echt graag, maar mijn Portugese partner droomt ervan op een dag terug naar zijn heimat te trekken, naar een plek dicht bij de oceaan. Ook dat is een aantrekkelijk perspectief, want het kan hier in de winter zo grijs zijn (kijkt met een blik vol wanhoop). Anderzijds, deze weken hebben we hier zowat het beste weer dat je kunt bedenken. We zien wel.“

In City jobs toont BRUZZ de mens achter typische en minder typische stadsjobs

Volkstuintjes blijven populair ondanks strenge regels

Veel Brusselaars dromen van een eigen stukje grond

De volkstuinen van Leefmilieu Brussel zijn razend populair: meer dan duizend mensen staan op de wachtlijst. Maar niet iedereen

lijkt opgezet met het even strikte toezicht, als je dan een perceeltje weet te bemachtigen. “Sommige mails komen nogal belerend over, als een strenge leerkracht tegenover leerlingen.”

door Jasper Van Belle foto Ivan Put

Snijbiet, aardappelen, spruiten, wortels of pastinaak … Het is maar een greep uit wat Dieter Deryckere aangeplant heeft in zijn volkstuin aan de Zavelenberg in Sint-Agatha-Berchem. “Ik ben opgegroeid in West-Vlaanderen, en dat zie je redelijk duidelijk terug in wat ik aanplant: oer-Vlaamse groenten”, grapt hij.

Anderhalf jaar geleden kreeg Deryckere het perceel toegewezen, op amper drie minuten fietsen van zijn huis, dat niet over een tuin beschikt. “Wat de locatie betreft, kon ik het echt niet beter treffen. Een ander perceel wordt bijvoorbeeld bewerkt door mensen uit Evere. Dan enkele keren per week in je tuintje komen werken, is wat minder vanzelfsprekend”, vertelt Deryckere. “Een stuk van mijn perceel heb ik voorbe-

houden voor mijn twee kinderen. Zij mogen telen op het stukje en ook zij vinden het geweldig.”

De volkstuinen zijn erg in trek en dat vertaalt zich in lange wachttijden. Zeker tijdens de coronacrisis zagen heel wat Brusselaars in een volkstuintje een uitweg uit hun kot.

“Sinds het begin van de coronacrisis is het aantal mensen op de wachtlijst voor een tuin gestegen van ongeveer 300 tot meer dan 1.400”, vertelt een woordvoerder van Leefmilieu Brussel aan BRUZZ. “In 2020 en 2021 hebben we een enorme stijging van de vraag gezien. Momenteel is het aantal aanvragen min of meer teruggekeerd naar het niveau van voor de pandemie.” Daardoor slonk de wachtlijst intussen ook wat: in december 2025 stonden 1.085 mensen op de

wachtlijst, tegenover meer dan 1.400 op het hoogtepunt.

Ook voor Deryckere is een volkstuin een welgekomen bron van ontspanning, die bovendien biologische groenten oplevert. “Ik heb een vrij drukke job. Vandaag had ik tussen enkele meetings door een uurtje tijd over en dan kom ik wat ontstressen.”

Gestolen groenten

In totaal beheert Leefmilieu Brussel vijftien locaties met volkstuinen, goed voor 477 percelen. Die liggen allemaal ver buiten het stadscentrum, voornamelijk op en rond de Groene Wandeling.

Ongeveer een kilometer zuidwaarts, nog steeds in Sint-Agatha-Berchem, ligt het Wilderbos. Daar geeft Abdul, een kloeke, goedgemutste zeventiger, zijn aardappelen

Dieter Deryckere in zijn volkstuin van vijftig vierkante meter aan de Zavelenberg in Sint-Agatha-Berchem: “Ik betaal jaarlijks amper 15 euro en kan mijn eigen groenten telen.”

water. Het perceel dat hij bewerkt, is eigenlijk van zijn neef. “Die heeft het heel druk, hij werkt nog. Ik bewerk het perceel, en hij en ik delen de opbrengst.”

Abdul, die zijn achternaam liever niet deelt, omschrijft zichzelf als een populair iemand in het Wilderbos. “Ik maak met iedereen een praatje. Althans, dat probeer ik toch. Sommige mensen zijn erg gesloten. Ik vind dat jammer, maar tja, wat doe je eraan?”

Hij droomt ervan ooit een groot perceel, “een hectare bijvoorbeeld”, te bezitten en daar samen met jongeren groenten te telen. “Het is niet makkelijk om vandaag jong te zijn. Niet in Brussel, maar ook niet op veel andere plekken, zoals in oorlogsgebieden.”

“Veel mensen hebben niets. Enkele jaren geleden werden enorm veel groenten

gestolen. Mensen namen ze gewoon uit de grond, omdat ze niets hebben behalve honger.”

Ooit betrapte hij een dief. “Ik vroeg waarom hij het gedaan had. Omdat hij niets had, zei hij. Ik vertelde hem dat stelen niet mag en dat hij de volgende keer gewoon om iets moest vragen. Sindsdien hang ik steeds zakjes aan mijn omheining, met groenten die gratis mee te nemen zijn. Vanaf dan is er nooit meer gestolen. Het is toch erg dat mensen hier groenten komen stelen?”

Pesticiden niet toegelaten

Abduls aardappelen, zijn prei of aardbeien: allemaal zijn ze biologisch. “Het beste wat er is”, zegt hij. Dat moet ook van Leefmilieu Brussel: pesticiden zijn niet toegelaten. Er bestaan strikte regels over wat wel en niet

kan in de volkstuintjes, bijvoorbeeld over wanneer de teelt moet beginnen – ten laatste op 15 maart – en tot wanneer die moet aanhouden – minstens tot eind september. Ook moet tachtig procent van de oppervlakte voorbehouden worden voor de teelt van groenten (op de rest mag dus fruit staan) en is monocultuur uit den boze. Al veroorzaken sommige van die regels ook licht tandengeknars bij tuiniers. Plastic, bijvoorbeeld als overtunneling om een gewas te beschermen, “mag enkel als laatste redmiddel worden gebruikt, in beperkte mate en alleen als er geen alternatieve materialen bestaan of niet voldoende toegankelijk zijn”, zo staat in het reglement te lezen. “Op zich is dat een te verdedigen regel”, oordeelt Dieter Deryckere. “Maar het zou wel handig zijn als Leefmilieu Brussel

dan ook duidelijke alternatieven voorhanden heeft als het die dingen verbiedt.”

Iets gelijkaardigs vertelt Hugo Strikker, die in het Scheutbospark in Sint-JansMolenbeek een tuintje heeft. “Ik kreeg mijn tuintje amper enkele maanden geleden toegewezen”, zegt hij. “Ik zou er graag een soort omheining rond plaatsen. Er bestaan verschillende regels over wat niet mag, maar over wat wel mag, tast ik voorlopig in het duister.”

Strenge mails

Wie die regels overtreedt, kan een mail van Leefmilieu Brussel verwachten. Vrijwel iedereen met een volkstuintje, zo leert ook een navraag van BRUZZ op verschillende locaties, hoorde weleens verhalen over de strenge, soms belerende mails die Leefmilieu Brussel uitstuurt.

Ook Deryckere kreeg ooit zo’n mail, geeft hij toe. “Ik wil daar geen groot issue van maken”, vertelt hij, “maar het kwam wat belerend over, als een strenge leerkracht tegenover leerlingen, en kort door de bocht. Als je de situatie uitlegt, is er wel begrip, maar de aanvankelijke communicatie is heel assertief. Sommige andere tuiniers, die al wat langer bezig zijn, hebben het daar wel lastig mee. Uiteraard is het goed dat ze geen verwaarlozing toelaten, ook omdat er heel wat gedreven mensen op de wachtlijst staan.”

“Ik snap dat Leefmilieu Brussel streng moet zijn, maar dan mogen wij ook streng voor hen zijn. De watervoorziening werkt nog altijd niet, terwijl dat toch essentieel is. Ik zeul nu water van thuis mee, maar dat is uiteraard verre van ideaal. Met de fiets kan ik tien liter meenemen, maar dat is te weinig, zeker in droge periodes, zoals nu.”

In het Wilderbos, bij Abdul, werkt de watertoevoer wel. “Ik heb dus geen reden tot klagen.” Een strenge mail heeft hij nog nooit gehad. “Ik hou me aan de afspraken”, maar hij begrijpt dat kordaat zijn af en toe wel nodig is. “Iedereen heeft zich ooit akkoord verklaard met de afspraken, toch?”

Strikker, die in het Scheutbospark een tuintje heeft, kreeg zijn perceel nog maar enkele maanden geleden toegewezen. Daarvoor stond hij vijf jaar op de wachtlijst. “Vorig jaar kreeg ik een mail met de boodschap dat ik ergens bovenaan stond en de vraag of ik het nog zag zitten. Ik heb er even over getwijfeld, maar heb uiteindelijk toch toegehapt.”

Met zulke lange wachtlijsten, waar sommigen vijf jaar of langer op staan, loop je het risico op ‘slapende profielen’: mensen die op de wachtlijst staan, maar eigenlijk niet

meer geïnteresseerd zijn in zo’n tuintje. Dat beseft ook Leefmilieu Brussel, zo vertelt een woordvoerder: “De wachtlijst is niet representatief voor het aantal mensen dat daadwerkelijk wacht: tussen het moment van inschrijving en de toewijzing van het perceel kan de situatie van de aanvragers veranderd zijn. Daarom nemen we proactief contact op met de eerste mensen op de wachtlijst om te vragen of hun aanvraag nog steeds actueel is.”

Extra percelen

De instantie neemt ook bijkomende maatregelen om extra percelen te creëren. Wanneer een groot perceel vrijkomt, wordt het opgedeeld in twee of meer percelen.

Strikker. “Gisteren hadden we een vergadering met iedereen die hier een perceel heeft, en dan merk je dat duidelijk. Ze hopen echt dat iedereen zich ten volle voor het tuintje smijt, en dat ga ik ook doen.”

Ook Deryckere, met een tuintje van vijftig vierkante meter in de Zavelenberg, zet zich ten volle in. “Het blijft een enorme buitenkans. Ik betaal jaarlijks amper 15 euro en kan mijn eigen groenten telen.”

“Er is bovendien een enorme uitwisseling met de anderen die een perceeltje bewerken. Brussel blijft een smeltkroes van culturen, en dat zie je hier goed. Mijn buurvrouw is Aziatisch, en je merkt dat zij andere groenten teelt dan ik, een ingeweken West-Vlaming.”

Er bestaan strikte regels over wat wel en niet kan in de volkstuintjes, bijvoorbeeld over wanneer de teelt moet beginnen: ten laatste op 15 maart

Leefmilieu Brussel eigent zich ook het recht toe om bij “manifest gebrekkig onderhoud” de overeenkomst te ontbinden.

Onlangs werd op drie locaties een proefproject met ‘opvangpercelen’ opgestart. “Zo kunnen we mensen die bovenaan de wachtlijst staan toegang geven tot een tijdelijk, kleiner perceel, zodat ze alvast kunnen beginnen met tuinieren, in afwachting van een permanent perceel. Zo ervaren ze al wat het in de praktijk inhoudt om een moestuin te onderhouden. In totaal hebben vijftig mensen op de wachtlijst al toegang tot zo’n opvangperceel.”

“Ik heb wel het gevoel dat de verwachtingen op de volkstuintjes hoog liggen”, vertelt

Ook het nabuurschap verloopt goed, vertelt hij. “Leefmilieu Brussel voorziet in houten kisten om ons materiaal in op te bergen. Die deel je met een ander perceel. Ik spreek af wie welk materiaal aankoopt. Het is te dom om elk afzonderlijk een spade aan te kopen, terwijl je die evengoed kunt delen.”

Soms worden zelfs zaden gedeeld. “Een van mijn buren heeft zijn roots in Congo. Hij oogst blauwe aardappelen en gaf me het nodige om dit jaar zelf zulke aardappelen te planten. Technische knowhow, over wat hier wel en niet werkt, delen we eveneens met elkaar. Het is een kleine gemeenschap op zich.” Dat maakt de lichte ergernissen over belerende mails meer dan goed.

LES POTAGERS URBAINS RESTENT POPULAIRES

FR/ Les potagers bruxellois sont très demandés, avec plus de mille personnes sur liste d’attente. Ils offrent détente, légumes frais et liens sociaux, mais s’accompagnent de règles strictes et parfois d’une communication jugée sévère de Bruxelles Environnement. Malgré cela, ils restent des espaces communautaires appréciés où se partagent savoirs et récoltes.

ALLOTMENT GARDENS REMAIN POPULAR DESPITE STRICT RULES

EN/ Brussels allotment gardens are in high demand, with over a thousand people on waiting lists. They offer relaxation, fresh vegetables and social contact, but also come with strict rules and sometimes a firm tone from Leefmilieu Brussel/Bruxelles Environnement. Despite this, they remain valued community spaces where knowledge and harvests are shared.

GUIDE 2026 OUT NOW !

Haal je gratis exemplaar bij Muntpunt of check de verdeelpunten op BRUZZ.be/guide

10 jaar BRUZZ, 10 jaar uw gids in de stad MET EXTRA OPENINGSOUVERTURE: BOLERO VAN RAVEL TICKETS & INFO: MUSICHALL.BE

Cultuurgids Shop Made in Brussels

Grenzeloos

Danseres en communicatieadviseur Valérie Cornelis reisde een kleine tien jaar geleden naar Senegal en raakte er goed bevriend met een gezin met twee kleine kinderen. Hun meet cue wordt haast mythisch omschreven, maar de band hield stand: het kwam zelfs tot een gezamenlijk kledingmerk Sen&Val tussen Brussel en Dakar. Hun kimono’s en broekpakken zijn te vinden in de Brusselse boetiek Mixage, maar alle productie gebeurt in Senegal door vakkundige kleermakers uit het gezin. (EC)

KIMONO 140 euro, via senvalstore.com

HYGGE IN HUIS

Een showroom kan vele vormen aannemen. Zo baat meubelontwerpster Marina Bautier in Vorst een koffiebar én B&B uit die ze volledig inricht met haar eigen ontwerpen. Je kunt er telewerken op een van haar krukken of haar bedden meteen uittesten tot de volgende dag. Goed dertien jaar na de oprichting heeft het merk nu zowel groot meubilair als kleinere accessoires in petto. Altijd duurzaam en zo lokaal mogelijk: haar houten items zijn volledig in België gemaakt. (EC)

RONDE SCHOTEL vanaf 52 euro bij Marina Bautier (Vorstsesteenweg 314) of via bautier.com

Vrouwelijke rock-’n-roll

Wat plaats vrijgekomen in je kledingkast na de lenteschoonmaak? De nieuwe collectie van Sarah de Saint-Hubert uit Elsene vult die moeiteloos. Ze mixt rock-’n-roll met vrouwelijkheid, geïnspireerd door haar Belgisch-Franse roots. De Saint-Hubert werkte na haar modestudies bij Ann Demeulemeester en A.F. Vandevorst. Haar eigen label bestaat acht jaar en mikt op moderne vrouwen met een tijdloze, rebelse benadering van stijl. (MU) DENIM JAS 325 euro, via sarahdesainthubert.be

Journal

KWALITEIT

Restaurant 3 x Stokkel

AUTHENTICITEIT

INFO

Orbanlaan 231, Sint-Pieters-Woluwe

Stokkel is een wijk die redelijk afgelegen ligt, maar volop bezig is haar imago op te poetsen. Met dank aan enkele adresjes, die zeker een omweg waard zijn.

Het klopt, Stokkel ligt ver van alles, maar sinds de beste garnaalkroketten van de hoofdstad er te vinden zijn – toch volgens de jaarlijkse krokettenwedstrijd – zakken steeds meer liefhebbers af naar het Dumonplein. De wijk trekt een nieuwe generatie ondernemers aan, die gecharmeerd blijken door deze residentiële buurt in Sint-Pieters-Woluwe, waar het rustig leven is, maar waar er steeds meer commerciële bedrijvigheid is. Stokkel verandert van gezicht. Een van de drijvende krachten achter die metamorfose is zonder twijfel Journal, een zaak van Anh-tu Pham, bekend van restaurant Nenu in Elsene. Samen met zijn zus en chef Alexandre De Groodt heeft hij een populaire plek gecreëerd met een warm onthaal en een gezellige inrichting in Cape

Cod-stijl. Iets tussen een strandhuis en een rustige badplaats in. Reserveren is aan te raden, vooral door het succes van de eerdergenoemde garnaalkroketten. En ja, die zijn erg de moeite waard.

Geserveerd op een bord van de collectie Copenhague van Royal Boch, kost deze Brusselse specialiteit 19,50 euro voor twee stuks en 27 euro voor drie. Een kwart citroen en gefrituurde peterselie maken het geheel af. Meteen vallen de vaste vorm en de stevige korst op. Het volstaat om er even met een mes over te gaan, om ze te horen knisperen. Een goed teken. Voor de bereiding wordt vertrokken van een bouillon verkregen door het inkoken van de schalen en het vocht van de schaaldieren (fumet), en niet van een dikkere, romige en tomatige basis (bisque). Het resultaat is een compacte, maar zuivere textuur, helemaal niet zwaar, en vooral een aanhoudende zilte, bijna zoute nasmaak, die doet denken aan de pure smaak van schaaldieren.

Op de gevarieerde kaart ook een halve kip (20 euro), avocadotoast (14,50 euro) en diverse burgers met knapperige frieten (18 euro). De koffie is erg lekker (2,80 euro voor een espresso) en gemaakt in een Dalla Corte-espressoapparaat. Dan zijn er nog de huisgemaakte specialiteiten, zoals de mengeling viooltje, matcha en soda voor 6 euro. MICHEL VERLINDEN

Gaston

Op het Dumonplein, als een klein buurtkioskje, biedt ijssalon Gaston Stokkel wat veel woonwijken niet meer hebben: een echt ijssalon die naam waardig. Bezoekers komen zowel voor de ambachtelijke kwaliteit als voor de huisgemaakte smaak, simpelweg ‘Gaston’ genoemd, een combinatie van vanille, karamel en gekarameliseerde pecannoten en inmiddels een Brusselse klassieker.

Dumonplein 29, Sint-Pieters-Woluwe, glaciergaston.be

Rhubarb Café

In Stokkel voelen ook groenten zich thuis. Achter dit stralende adres, geleid door Xavier Laenen, breekt de plantaardige keuken met de healthy-clichés en legt ze de nadruk op smaak, versheid en een echte gastvrijheid aan de toonbank. Doordachte salades, seizoensgerechten, huisgemaakte desserts: het geheel straalt een eenvoudige en gezellige sfeer uit, meer een buurtcafé dan een pronkerig adres.

Kerkstraat 179, Sint-Pieters-Woluwe

Pop & Jazz

Olivia Dean

Met haar tweede album, The art of loving, maakte Olvia Dean vorig jaar een enorme sprong voorwaarts op de populariteitsindex. Haar zoete pop en zomerse neosoul verleidde een miljoenenpubliek op de streamers, en ook de grootste zalen verkoopt ze moeiteloos uit. Haar single ‘Man I need’ is intussen meer dan een miljard keer gestreamd op Spotify. Kortom, Dean is de zangeres we klaarblijkelijk need → 8/5, Vorst Nationaal

Lucrecia Dalt

Ooit studeerde Lucrecia Dalt voor burgerlijk ingenieur, maar uiteindelijk bouwde de naar Berlijn verkaste Colombiaanse een universum met muziek. Met elementen uit de avant-garde, latin en klassiek schiep ze een filmische, experimentele klankwereld, die ze op haar recentste album samen met haar partner David Sylvian van artrockband Japan meer popstructuren aanmat. Met verbluffend resultaat.

→ 14/5, Bozar

C-Rhyms

Nog tot 3 juni loopt de nieuwe reeks Stoemp!-concerten in kleine Brusselse zaaltjes en cafés. In KFK Hope vormen De Nieuwe Lichting-winnaar Troy en Sound Track-laureaat Christopher Rheims of C-RHYMS een mooie double bill. Die laatste verpakt zijn lyrics over adoptie, racisme en eenzaamheid in complexe rijmschema’s en een mix van jazz en soul gebracht door een fraai trio jazzmuzikanten.

→ 13/5, KFK Hope

En ook

Ook zonder Tamino tovert Mitski bloedmooie songs uit haar mouw (9/5, Vorst Nationaal)

Of hij nu er nu mee gaat ophouden of niet, Damso blijft onze rapkoning (13 & 14/5, ING Arena)

Thunderblender draait jazz en Ierse folk onvervaard door elkaar (14/5, Werkplaats Walter)

Klassiek

Bang on a Can All-Stars & Vlaams Radiokoor

Portretartieste Julia Wolfe neemt afscheid van Bozar with a bang! Het door haar opgerichte ensemble slaat de handen in elkaar met de zangers van het Vlaams Radiokoor, voor een van Wolfes machtigste spektakelstukken: Anthracite fields. Een grootse ode aan de mijnindustrie in haar thuisstaat Pennsylvania waarvoor ze in 2015 de Pulitzerprijs ontving. → 8/5, Bozar

Unlocked – The art of possibility

Belfius opent de kluis van zijn schatkamer voor een expo die toont hoe ruwe ideeën van kunstenaars geleidelijk aan de vorm van meesterwerken aannemen. Onder de tentoongestelde meesters bevinden zich Michel François, Anne-Mie Van Kerckhoven, René Magritte, Panamarenko, Koen Vanmechelen en Marie Rosen. Een vijftigtal werken is voor het eerst te zien.

→ 9 > 23/5, Belfius Art Gallery

Gossip & ghosts

Rebecca Jane Arthur

“Une furieuse envie de chanter”, zo luidt de slagzin van radiozender Nostalgie. We denken niet dat contratenor Xavier Sabata snel airplay op die zender zal krijgen, maar furieus wordt zijn recital bij De Munt vast en zeker. Hij duikt in de epische renaissancepoëzie rond razende ridder Roeland, die componisten als Händel en Vivaldi wist te inspireren.

→ 8/5, De Munt

Jingzhi Zhang

De Chinese violiste Jingzhi Zhang krijgt het ‘keurmerk’ Muziekkapel. Haar Quartetto Goldberg is namelijk in residentie bij de prestigieuze muziekschool in Waterloo. Voor haar matineeconcert in Bozar staat de frontvrouw van het strijkersviertal er alleen voor, en verrast ze met een interessante Teutoonse spreidstand tussen Zimmermann en Brahms.

→ 10/5, Bozar

En ook

Pianokwartet Louvain stuurt een spatje Stella richting de hoofdstad (10/5, Atelier Marcel Hastir)

Viva Händel! Een baldadige roep om ’s mans intieme kamermuziek (13/5, Erasmushuis)

Jonge wolven op een unieke plek: Tínel Ensemble & ECHOS-ensemble (13/5, Paleis der Academiën)

De Brussels-Schotse visuele kunstenares Rebecca Jane Arthur filmde een groep vrouwen die in een leeskring feministische verhalen over lijden en verzet bespreken en zo een zusterschap vormen. Arthur tracht de negatieve inkleuring van het woord ‘roddel’ uit te wissen, om terug te keren naar een vroegere betekenis ervan: goede vriendin of metgezel.

→ 14 > 30/5, Affiliate (Wiels)

From

the field

Sarah Pillen

In haar stek in de Spaanse Sierra Nevada, kweekt Sarah Pillen een oeuvre waarin de natuur en seizoenen centraal staan. De vruchten van haar arbeid zijn schilderijen en textielwerken met aardetinten en een bijzondere aandacht voor details, zodat olijven en zaadstengels een mystieke kwaliteit krijgen en tot rustige contemplatie aanzetten.

→ 10/5 > 27/6, Hopstreet Gallery

En ook

Reinhard Scheibner en Patrick Jannin houden een gemaskerd bal (7/5 > 14/6, E²/Sterput)

De schat Van Jumpertz bevat de schoonheid van de belle époque (9/5, Jean-Félix Happark)

Voor Ian Wilson waren woorden en cirkels pure kunst (9/5 > 4/7, Jan Mot)

Xavier Sabata & le Concert de l’Hostel Dieu

Film

Res Nullius

Thomas Jean

We delen de stad met vossen, ratten, slechtvalken, nijlganzen, bevers, kleine plevier en te veel andere levende wezens om op te sommen. Thomas Jean observeert ze al lang. Zijn YouTube-kanaal La Minute Sauvage heeft duizenden volgers. In een documentaire belicht hij Brussel als ecosysteem en waarschuwt voor destructieve stadsontwikkeling.

→ In de bioscoop

Ukraine

on film

In Traces verzetten Oekraïeners zich met getuigenissen over trauma’s veroorzaakt door seksueel geweld en foltering als gevolg van de Russische agressie. Het is slechts een van de twee films die vrijwillige soldate, cineaste en moeder Alisa Kovalenko komt inleiden op de tiende editie van het festival Ukraine on Film. Veel mag ook verwacht van To the victory! van Valentyn Vasyanovych.

→ 6 > 10/5, Cinema Galeries

Billie Eilish – Hit me hard and soft: the tour

James Cameron, Billie Eilish

Niet alleen met haar hits, albums en shows scheert Billie Eilish hoge toppen. Ook met haar concertfilm geeft ze de concurrentie het nakijken. Ze ging in zee met James Cameron. Hun film is een wervelende 3D-onderdompeling tijdens een van de concerten van haar recente wereldtour. Hits hard.

→ In de bioscoop

En ook

Hoe beroof je hartje Londen een bank? Je ziet het in Fuze. Er komt een oorlogsbom aan te pas Flagey herneemt twee films van Céline Sciamma: Tomboy en Petite maman (5 > 31/5)

Los tigres is een Spaanse thriller over een broer en zus die cocaïne vinden in een gezonken schip

Klein onderhoud
Het eclectisch indielabel Moli Del Tro

Pendelend tussen Brussel en Parijs lanceerde Gilles Vanneste vier jaar geleden het label Moli Del Tro. Nu is er de release van Not not pretending, het intrigerende debuut van hun nieuwe chouchou Oonagh Haines.

Onder de noemer Carrosseries bundelt Recyclart sinds eind vorig jaar lokale en internationale artiesten op het snijvlak van pop, lofi en elektronica op één affiche. Een van die artiesten is de Londense, tegenwoordig in Duinkerke wonende Oonagh Haines, die haar debuut uitbrengt op het Brussels label Moli Del Tro, dat eerder ook al Naomie Klaus afvaardigde op Carrosseries.

De kiem van Moli Del Tro werd gelegd in de evenementen die oprichters Gilles Vanneste en Laurence Creyf de voorbije twintig jaar organiseerden in en tussen Brussel en Parijs. De labelnaam – Catalaans voor ‘dondermolen’ – verwijst dan weer naar een familiehuis in Jávea, nabij Valencia.

“Ik organiseerde er tijdens covid artiestenresidenties en het idee om een eigen label te beginnen kreeg er vorm”, vertelt Gilles Vanneste. Niet gek, als je weet dat hij de muziek van het eclectische Brusselse label Crammed Discs thuis met de paplepel meekreeg.

“Ook met Moli Del Tro nemen we graag risico’s zonder ons vast te pinnen op één genre. Jazz, neoklassiek, ambient, techno ... het kan allemaal.”

De fysieke spreidstand tussen Brussel en Parijs zorgt voor verstrengeling, zegt hij. “We hadden het geluk ons label te kunnen ontwikkelen met Naomie Klaus, die zowel in de Brusselse als de Franse scene snel

bijval genoot. Het valt me trouwens op dat de meest eclectische muzikanten in Brussel vooral uit Frankrijk én Vlaanderen komen, amper uit Wallonië.” Dat weerspiegelt zich ook in het artiestenrooster, waarop Kabaal alias Jakob Warmenbol prijkt als Vlaamse vertegenwoordiger.

De intieme nachtclubsound van Oonagh, schipperend tussen techno en folk, ontdekten Vanneste en Creyf via Kiosk Radio, waar ze een tweemaande-

“Oonagh Haines ziet er timide en discreet uit, maar ademt kracht uit”

lijkse dj-show hebben. “Vooral de aandoenlijke dialoog tussen haar emotionele voordracht en vervormde robotstem viel me op”, zegt Vanneste. “Dat contrast heeft iets borderline-achtigs. Oonagh ziet er timide en discreet uit, maar ademt kracht uit.”

In Recyclart deelt Haines het podium met Catherine Danger en pianiste Maya Dhondt. “Het idee is de familie uit te breiden”, zegt Vanneste. “In juni brengen we een album uit dat bijeen geïmproviseerd werd in een Noord-Frans kerkje door Heimat en Mr Marcaille en ik kijk ook vol verwachting uit naar de jazzy exotica van de Brusselaars van Pairi Daeza en Bulie Jordeaux.” TOM PEETERS

Carrosseries vindt plaats op 8/5 in Recyclart, recyclart.be

Uitgelicht

Tweehonderd jaar Val Saint-Lambert

Als kristal kunst wordt

Nee, de Luikse glasfabriek Val Saint-Lambert maakt niet enkel vazen die bij grootmoeders op de schouw staan. Zeker vanaf de jaren 1980 drukten tal van internationale ontwerpers een moderne stempel op de creaties van het tweehonderd jaar oude instituut, zo toont een expo in het Design Museum Brussels kristalhelder.

door Andy Furniere

De Cristalleries du Val SaintLambert vieren dit jaar hun tweehonderdste verjaardag en dat zullen we geweten hebben. Er zijn niet alleen activiteiten ter plekke in Seraing, maar ook tentoonstellingen opgezet in onder meer het Glasmuseum van Charleroi, het Luikse Grand Curtius en het Design Museum Brussels. In Brussel ligt de focus op de samenwerkingen met ontwerpers die de kristalfabriek zo’n halve eeuw geleden een nieuwe dynamiek gaven.

Helemaal in lijn met zijn locatie naast Belgiës beroemdste bollen legt het Design Museum eerst de link tussen de Luikse fabriek en de wereldtentoonstelling van 1958 in Brussel. Toen vormde het Paleis van Elegantie een vitrine voor Val Saint-Lambert door de kristaltentoonstelling in dat paviljoen. Voor de huidige expo werden de toenmalige creaties van onder meer Charles Graffart en René Delvenne grondig afgestoft, om weer in de schijnwerpers te kunnen staan.

Na die ‘Brusselse’ aanloop, wordt de focus gelegd op de invloed van internationale kunstenaars en ontwerpers op de nijverheid in Seraing. Van groot belang was de passage in 1972 van de Amerikaanse artiest Harvey Littleton, een leider van de globale Studio Glass-beweging.

“Littleton haalde glas uit de context van massaproductie en verplaatste het naar individuele ateliers waar het diende voor persoonlijke experimenten”, legt cocurator Anne Vanlatum uit. “Met zijn visie stimuleerde hij de verruiming van creatieve vrijheid bij Val Saint-Lambert.”

De Belgische schilder Georges Collignon was een van de eerste exponenten van die vernieuwing. Hij schudde de boel in de jaren 1970 op met moderne ontwerpen waarin geometrie centraal stond, zoals zijn vaas in de vorm van een parallellepipedum.

Gigantische smurf

De werkelijke fusie met de designwereld vond plaats in het volgende decennium, door de oprichting van de Studio Crystal binnen Val Saint-Lambert. In de beslotenheid van dat atelier smolt de expertise van de Luikse vakmannen samen met de

op grootmoeders vensterbank. De vaas heeft een kegelvormige romp die niet recht staat, maar naar één kant overhelt. Het speelse werk uit de reeks Testa coranata van de Amerikaanse kunstenaar Robin Winters, een kristallen hoofd met hoedje, zou ook vandaag de dag niet uit de toon vallen in een hippe kunstgalerij. Hetzelfde geldt voor de Grote blauwe hand, als van een gigantische smurf, van Fransman Henri de Miller.

De Brusselse expo zet ook het spotlicht op bijzondere stoeltjes uit de jaren 1990 en 2000 van de Franse grootheid Philippe Starck en de Belgische topper Frans Van

“Aan kristal kleeft de connotatie ‘fragiel’, maar je kunt er heus wel stevige meubelstukken mee maken”
Anne Vanlatum Cocurator expo Val Saint-Lambert & Design

verbeeldingskracht van kunstenaars en designers, met artistieke innovatie als resultaat.

“Die collaboratieve werken vonden vlot hun weg naar galeries wereldwijd”, zegt Vanlatum. “Zo had een eerder klassieke kristalfabriek steeds meer invloed op de wereld van de hedendaagse kunst.”

Een mooi voorbeeld is de Nord-vaas van de Franse ontwerper Martin Szekely, die beter tot zijn recht komt in een museum dan

Praet. Van Praet maakte samen met de Cristalleries kristallen stoelen in verschillende kleuren voor het Belgische paviljoen op de wereldtentoonstelling van Sevilla in 1992.

Volgens Vanlatum verhuisden sommige Sevilla-stoeltjes later naar de luchthaven van Zaventem. “Bewijzen heb ik niet, maar in mijn herinnering stonden er verschillende gewoon in het publieke gedeelte voor reizigers”, zegt ze. “Aan kristal kleeft de

Vaas van René Delvenne, 1958. Totemsculptuur, Alfred Collard, 2008. Drinkglas, Jean Gering, 1955-60.

connotatie ‘fragiel’, maar je kunt er heus wel stevige meubelstukken mee maken.”

De Brusselse expo vertelt een gelijkaardig verhaal over een reeks krukken van Starck uit 2002. Tien daarvan zouden zijn geïnstalleerd in een Eurostar-lounge in het station Brussel-Zuid. Of hoe hordes nietsvermoedende reizigers in Brussel hebben uitgerust op prestigieus design uit Seraing.

Nood aan een nieuwe adem

Ook in meer recente tijden trokken kunstenaars en ontwerpers nog naar de kristalfabriek om de krachten te bundelen met de lokale vakmannen. De Belgisch-Roemeense artiest Edward Leibovitz vond glas het ideale materiaal om een fantasiewereld te bouwen vol vreemde personages en fabeldieren. De gevierde Belgische designer Nathalie Dewez maakte met de hulp van Val Saint-Lambert klokvormige lampen, waarbij in het kristal gesneden vormen een spel van schaduwen vormen.

Ook vandaag, hoewel verzwakt door vele crisissen, doet de glasfabriek er met een beperkte equipe alles aan om artistiek relevant te blijven, zo geeft Vanlatum aan.

“Men koppelt nog altijd die enorme vakkennis aan artistieke durf, hoe moeilijk de economische situatie ook is. Laat ons hopen dat de festiviteiten rond dit jubileum leiden tot nieuwe energie en steun om deze mooie geschiedenis niet alleen te bewaren, maar nieuw leven in te blazen.”

De tentoonstelling Val Saint-Lambert & design is van 24/4 tot 25/10 te zien in het Design Museum Brussels, designmuseum.brussels

Inzichten

Wat weet muzikant Tuur Florizoone van het leven?

Welke misvatting bestaat over jou?

Dat ik een Gentse hippie zou zijn. Wat kun jij dat de meeste anderen niet kunnen?

Accordeon spelen op een hoge eenwieler. Welke fout maak je keer op keer tijdens het creatieve proces?

Treuzelen, ramen wassen, stofzuigen, het huis herinrichten en dan maar nét voor de deadline in toptempo alles afkrijgen.

Wanneer verbaasde Brussel jou?

Tijdens de Zinneke Parade. Telkens weer een bom van aanstekelijk optimisme.

Doe je iets speciaals op je verjaardag?

Vrienden die potentieel vrij zijn krijgen de dag ervoor een uitnodiging om op mijn verjaardag mee op café te gaan. Zo krijg je een natuurlijke selectie van sympathieke laatbeslissers. Daarna volgt de eerste zaterdag die vrij is een feest.

Waarop trakteer je jezelf af en toe?

De sauna. En canard laqué

Wat had jij pas op erg late leeftijd door dat iedereen al lang wist?

Dat de canard laqué geen eendensoort is.

Welke kooktruc moet iedereen kennen?

Amandelnoten en peperbollen bakken tot ze ‘krak’ zeggen, gedroogde rode pepers en rozemarijn toevoegen, en daarna overgieten met (niet te veel) gezouten sojasaus. Laten afkoelen en dan …

Met welke quote pak je graag uit?

“Comme on a dit alors.” Terwijl alles nog superwazig is.

Welk nutteloos feitje kun jij ons vertellen?

Wist je dat een kat zich likt als je haar net boven de staart aait?

Kijk je vaak in de spiegel? Waarom?

Ik zie in de meeste spiegels enkel de zone borstkas-kin.

Waar kijk je naar uit de komende maanden?

Hogere spiegels?

Wie is de bekendste persoon met wie je ooit sprak?

De Nederlandse koningin, haar zoon en schoondochter. Maar veel leuker: Ka, de straatveger die echt iedereen moet leren kennen.

Wat was het beste algemene nieuws van de afgelopen weken?

Dat Orbán niet herverkozen is. Voor zoveel Hongaarse vrienden is dat een

• Brusselaar Tuur Florizoone (1978) is een componist, accordeonist en pianist van vele genres

• Bekend van zijn solowerk, maar ook van ensembles als Tricycle of Massot/Florizoone/Horbaczewski

• Schreef soundtracks voor de films Aanrijding in Moscou en Brasserie Romantiek, en speelde een jaar het weeklied in het tv-programma Man bijt hond

• Het album White paper is het resultaat van 25 jaar muzikale vriendschap met Anu Junnonen

verademing. Al blijven ze voorzichtig optimistisch.

Welke wet zou je meteen invoeren?

Stemplicht voor iedereen. Muziek- en danslessen tijdens de schooluren.

Welke wet zou je meteen afschaffen?

Bestaat er een voetbalwet die bepaalt dat sport zoveel zendtijd krijgt op publieke radio’s? Weg ermee!

Doe eens een gekke toekomstvoorspelling.

‘Radio Voetbal’ wordt dit jaar gelanceerd. Gefinancierd door de spelers zelf.

Wat was er vroeger beter?

Catering op de trein.

Voor welke breed gebezigde uitvinding ben jij bijzonder dankbaar?

De koffiemolen.

Welke levenswijsheid kreeg je van je ouders?

Eet gezond. En veel. Al is dat laatste misschien mijn eigen aanvulling.

MICHAËL BELLON

Het nieuwe album White paper van Tuur Florizoone en Anu Junnonen is uit bij

Aventura Musica

Charles Conrad, 1961.

Dolfijnslag in zwembad Nereus

Elke week toont een Brusselse tiener zijn favoriete plek in de stad. Anna (10) neemt BRUZZ naar het zwembad Nereus in Ganshoren.

Waarom vind je het zwembad zo’n fijne plek?

Ik zwem hier al vanaf dat ik twee jaar oud ben. Nu kom ik elke maandag. Ik vind het heel fijn om te zwemmen, en soms ook wel fascinerend door de antizwaartekracht.

Wat is je lievelingsslag?

Schoolslag. En ik vind de dolfijnslag ook superleuk. Die lijkt op schoolslag, alleen duik je op een gegeven moment naar de bodem en trappel je met je voeten, als een zeemeermin. Je woont in Jette, doe je daar leuke dingen?

Ik ga elke woensdag naar de bib en ik ga graag naar de kermis. Er is een soort draaiding en ik hou van schieten. Zaterdag heb ik een zacht balletje gewonnen waarin je kunt knijpen. Dat is goed tegen stress. Is er iets dat helpt als je stress hebt? Muziek luisteren. Zoals van Eminem of Queens of the Stone Age. En misschien krijg ik een boksbal op zolder om tegen te slaan.

Weet je al wat je later wil worden?

Dierenverzorgster, dierentrainer of ober, want het lijkt me leuk om bestellingen op te nemen. Of ik word comedian. Het lijkt me spannend om op een podium te staan, maar als mensen lachen om je moppen, dan geeft dat vast ook wel moed. Kun je een mop vertellen?

Er waren eens een muis, een slang en een trol. De muis zegt: “Ik ben de kleinste van het land.” De slang zegt: “Ik ben de glibberigste.” De trol: “Ik ben de lelijkste.” Ze geloven elkaar niet en gaan naar de wijze uil. De muis gaat als eerste en komt even later terug: “Zie je wel, ik ben de kleinste van het land.” Daarna gaat de slang. Hij komt terug en zegt: “Zie je wel, ik ben de glibberigste.” Als laatste gaat de trol. Hij komt beteuterd weer buiten: “Wie is Annelies Bontjes?” ANNELIES BONTJES

Wil jij ook je favoriete plek tonen? Stuur een mailtje naar ket@bruzz.be.

Mariana Machado

Fubuki

Vul de cijfers 1 tot en met 9 in het rooster in, zodat het resultaat van de sommen klopt met de cijfers rechts en onderaan de kolommen. Elk getal mag maar één keer voorkomen. Het niveau van de puzzel kan variëren per editie.

Rekenpuzzel

Vul de witte vakjes met positieve gehele getallen zodat elke rij een kloppende som vormt met het doelgetal rechts of onder. Reken van links naar rechts en van boven naar beneden, zonder voorrang van × of ÷ (bij delen moet de uitkomst altijd een geheel getal vormen).

Verborgen Brussel

De hoofdstad kent veel verborgen plekjes, onverwachte panorama-uitzichten, en onbekende maar daarom niet minder intrigerende panden en kantjes, ver weg van Manneken Pis, de Grote Markt en het Atomium. Zoals dit pleintje. Waar is deze foto genomen? Zelf een foto van een onverwacht stukje Brussel insturen? Mailen naar redactie@bruzz.be

Woordzoeker

Zoek alle verborgen woorden in het raster van de speciale woordzoeker van BRUZZ.

Streep de begrippen één voor één weg, dit kan in alle richtingen: horizontaal, verticaal, diagonaal, en van links naar rechts en andersom.

▢ Vaas

▢ Glas

▢ Optreden

▢ Borrelnootjes

▢ Pindanootjes

▢ Hark

▢ Tuintjes

▢ Politie

▢ Nacht

▢ Festival

▢ Pride

▢ Queer

Oplossingen

De puzzels in dit magazine zijn intern ontwikkeld of gegenereerd met gebruik van toegestane tools en artificiële intelligentie. Elke gelijkenis met bestaande puzzels is toevallig.

W R C N E D E R T P O K P O B D

Z E K R O M Q F F N A

WIN TICKETS

Stuur het trefwoord, samen met je adres en telefoonnummer, naar win@bruzz.be

Carmina Burana

5x2 tickets, Bozar, 17/05

Carl Orff’s meesterwerk is ontegensprekelijk Carmina Burana ; een muzikaal meesterwerk dat sinds zijn premiere in 1937 jong en oud blijft ontroeren. Music Hall wil de componist die 130 jaar geleden geboren is (10 juli 1895) groots eren in Antwerpen, Gent en Brussel in april en mei 2026 met een monumentale opvoering met 160 uitvoerders olv muzikaal leider Paul Dinneweth. De 3 solisten, het Flanders Boys Choir, het groot gemengd koor Chorale en het symfonisch orkest La Passione kondigen je lente van 2026 aan met “O Fortuna!”

Mail ‘Carmina’

NIEUW PROJECT

Studio’s, 1-, 2-, 3- slaapkamerappartementen

Strategisch gelegen tussen Elsene, Auderghem & Etterbeek

universalispark.be 02 201 00 02

Ontdek als eerste de lanceringsvoorwaarden

Aankoop aan 6% btw

10 JAAR

10

jaar goeie journalistiek in de

stad.

BRUZZ viert tien jaar scherpe blik op Brussel. Sinds 2016 staat BRUZZ voor onafhankelijke journalistiek uit de hoofdstad. We brengen de actualiteit helder in beeld, volgen de culturele hartslag en geven een stem aan de stad in al haar complexiteit. Kritisch, eigenzinnig en dichtbij.

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
BRUZZ editie 1978 (06-05-2026) by BRUZZ.be - Issuu