Ahmed Laaouej (PS): ‘Ik respecteer de Nederlandstalige minderheid’
Lessen trekken uit Italië: de antimaffia-strijd in Sint-Gillis
Koningin Elisabethwedstrijd voor cello start volgende week

Erotiek
![]()
Ahmed Laaouej (PS): ‘Ik respecteer de Nederlandstalige minderheid’
Lessen trekken uit Italië: de antimaffia-strijd in Sint-Gillis
Koningin Elisabethwedstrijd voor cello start volgende week

Erotiek
Jazeker, de regering-Dilliès regeert. Na een onverkwikkelijke 613 dagen zonder volwaardige bestuursploeg, is dat geen overbodige luxe. En na tien weken in het zadel, krijgt ze ook kleur. Wat als eerste opvalt, is hoe een aantal groene verwezenlijkingen, slinks of ook openlijk, worden teruggeschroefd. Voorbeelden genoeg, maar de fors verlaagde boetes voor de lage-emissiezone zijn het meest prominent. Het inkrimpen van de Good Move-circulatieplannen is een ander voorbeeld.
Er worden daarnaast parkeerplaatsen bij gecreëerd (in Sint-Gillis); parkeerplaatsen die verdwijnen om de weg verkeersveiliger te maken, worden gecontesteerd (in Schaarbeek) en staatssecretaris Karine Lalieux (PS) lijkt te willen morrelen aan de verplichte en strengere epc-normen in de sociale woningbouw, wegens onhaalbaar. Dat is ongetwijfeld nog maar het begin van wat in kleine en grote dossiers nog heel wat vuurwerk zal opleveren.
Die backlash is op zich niet zo verwonderlijk. Regeringspartij Ecolo werd in 2024 zwaar afgestraft: de Brusselse kiezer wil het anders, en ook de tijdsgeest veranderde intussen: geopolitieke bekommernissen halen de bovenhand op zorgen over het klimaat. Regeringspartij Groen zal dus moeten knokken om te kunnen scoren. Zeker omdat MR, PS en Anders lijken samen te spannen om het groene gedachtegoed in een hoek te duwen. In een interview met Ahmed Laaouej in dit magazine zegt de PS-minister zelfs meer raakvlakken te hebben met MR dan met Ecolo als het over sociale correcties gaat in het mobiliteitsbeleid.
campagne, in tegenstelling tot Ecolo, de keuze om voluit Good Move te blijven verdedigen, ondanks het debacle. En kreeg daarmee ook de kiezer mee.
In die heel nieuwe regeringsdynamiek valt een tweede tendens te bespeuren. Liberalen en socialisten lijken het heel goed met elkaar te kunnen vinden. Dat viel vorige week na de ministerraad op. Zo krijgen de PS-excellenties Laaouej en Lalieux voor miljoenen euro aan subsidies door de regering gesluisd, maar worden subsidies van Elke Van den Brandt sans gêne geblokkeerd door begrotingsminister Dirk De Smedt (Anders).
Ook in andere dossiers lijken Laaouej en De Smedt twee handen op één buik. Nu al wordt die laatste in de wandelgangen smalend de derde PS-minister genoemd.
“Ahmed Laaouej en Dirk De Smedt lijken twee handen op één buik”
De as tussen Anders en PS doet erg denken aan die tussen minister Guy Vanhengel (Anders) en minister-president Rudi Vervoort (PS). Het waren gouden tijden voor de Brusselse regering. Anders, toen nog Open VLD, kreeg belastingverlagingen en zichtbaarheid, Vervoort kon een sociaal programma realiseren. Een win-win. Tot in 2018. Vanaf toen begon de begroting zwaar te ontsporen.
Dat is meteen het risico voor De Smedt. Een begroting in evenwicht tegen 2029, een van de ‘grote vissen’ voor de Vlaamse liberalen, is een schier onmogelijke opdracht. En dan nog: als het toch zou lukken, komt er tegen dan opnieuw maar liefst 3 miljard euro aan schulden bij, waarmee de Brusselse financiën onmogelijk uit de gevarenzone kunnen blijven.
Lastige tijden dus voor minister Elke Van den Brandt, al kan Groen paradoxaal genoeg ook garen spinnen bij die situatie. Als het mobiliteitsbeleid op deze manier de komende drie jaar vooraan op de politieke agenda blijft, is dat misschien juist een geweldig cadeau voor Groen. Dat bleek ook al voor 2014. Groen maakte in de
Het klopt dat Anders tegen het eind van de legislatuur nog een aantal belastingverlagingen in petto heeft. Die staan in het regeerakkoord. Daarmee kan Anders bij de achterban scoren. Of dat zal volstaan om de perceptie weg te werken van een partij die aan het handje loopt van de PS zal nog moeten blijken.

Steven Van Garsse Senior politiek analist
In het edito fileert de redactie de Brusselse actualiteit.
Lees meer Interview met Ahmed Laaouej: ‘Ik respecteer de Nederlandstalige minderheid’ p.18



Christian Cornelis baat de krantenkiosk uit in het Justitiepaleis en maakte zo zijn kinderdroom waar
Meer BRUZZ
BRUZZKet-actuaquiz
Elke week test BRUZZKet hoe goed jij het Brusselse nieuws gevolgd hebt. Benieuwd? Doe mee en wie weet haal je een fantastische score.
Surf naar BRUZZKet.be/actuaquiz
XL Gastronomie
In 1992 had onze hoofdstad met 31 sterren de grootste concentratie aan sterrenzaken per vierkante kilometer. Maar die tijden zijn veranderd.
Maandag 4 mei in BRUZZ 24
06 Film Brussels Porn Film Festival: ‘We zijn onze eigen pornografen geworden’
03 Vooraan Brusselse meerderheid: Groen zal moeten knokken om te scoren
12 Actueel Dirk De Smedt duwt gaspedaal in voor hervorming administratie
14 Opinie ‘Hoe een petanquebaan een nieuwe sociale dynamiek kan creëren’
15 Cartoon Delphine Frantzen
18 Politiek Ahmed Laaouej: ‘Ik respecteer de Nederlandstalige minderheid’
22 Familiegeschiedenis Eremagistraat Henri Heimans onderzoekt kampverleden van zijn ouders

De Koningin Elisabethwedstrijd haalt weer de beste jonge muzikanten naar de hoofdstad. Dit jaar is de cello aan de beurt
26 Drugs Marcella Militello vecht tegen criminaliteit: ‘Explosies in Sint-Gillis doen denken aan de Italiaanse maffia’
32 Voeding Bedrijfje uit Laken brouwt Japanse smaakmakers
14 Stadsleven Légumes
16 In beeld
16 In het nieuws
25 Botanisch Brussel Gratis kleine tijm te verkrijgen in Vorst
30 Column De was
44 Hang-out Ahmed
46 Puzzelpagina
36 Shoptips
37 Eat & Drink 3 x Matonge
38 Uittips
39 Klein onderhoud Lennert Baerts
40 Uittips
43 Inzichten Astrid Haerens
BRUZZ Flageyplein 18, 1050 Brussel, 02-650.10.65 ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bruzz.be), 02-650.10.80 Gratis in Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België: 29 euro per jaar; IBAN: BE98 3631 6044 3393 van Vlaams Brusselse Media vzw, een abonnement binnen Europa kost 119 euro per jaar, buiten Europa 139 euro per jaar OPLAGE 50.000 exemplaren ADVERTEREN? Angela Mngongo 02-650.10.81 angela.mngongo@brusselmedia.be DISTRIBUTIE Ute Otten, 02-650.10.63, ute.otten@bruzz.be KLACHTEN? klachten@bruzz.be - www.bruzz.be/klachten ALGEMENE DIRECTIE Johan Goossens ALGEMEEN HOOFDREDACTEUR Klaus Van Isacker COÖRDINATOR MAGAZINE Maarten Goethals ART DIRECTOR EN VORMGEVING Heleen Rodiers EINDREDACTIE Karen De Becker WERKTEN MEE AAN DIT NUMMER Eva Christiaens, Kris Hendrickx, Bettina Hubo, Steven Van Garsse, Tom Zonderman (redacteurs); Johan Baeten, Michaël Bellon, Jasper Croonen, Emilia De Feyter, Andy Furniere, Rieneke Lammens, Tom Peeters, Niels Ruëll, Matisse Van der Haegen, Lies Van Overschée (medewerkers); Inne Krokaert, Minne Uyttersprot (stagiaires) FOTOGRAFIE & ILLUSTRATIE Bart Dewaele, Tiene Carlier, Kim Duchateau, Delphine Frantzen, Ivan Put, Saskia Vanderstichele, Emiel Viellefont VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Johan Goossens, Flageyplein 18, 1050 Elsene.
BRUZZ is een uitgave van de Vlaams Brusselse Media vzw wordt gedrukt bij Printing Partners Paal-Beringen en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie



Brussels Porn Film Festival onderzoekt porno als kunst en kritiek

Het Brussels Porn Film Festival is aan zijn vijfde editie toe en bewijst dat alles politiek is – ja, ook seks. Vooral seks. “De films stellen de heersende norm ter discussie door de manier waarop ze verschillende lichamen, culturen en seksualiteit tonen.”
door Rieneke Lammens


Twee ‘hete en ‘lesbische’ vampieren die uit zijn op bloed. Een man die niet tot klaarkomen komt en hoopt op tijd thuis te raken vóór iedereen ziet hoe geil hij is. En een paar sinistere en ‘erg sletterige clowns’ die een vrouw gevangenhouden ‘tot ze haar lesje leert’. Het is maar een greep uit het programma van Brussels Porn Film Festival, dat vanaf donderdag voor het vijfde jaar op rij meerdere filmzalen in de hoofdstad zal inpalmen, waaronder Cinema Aventure en Cinema Nova.
Uit meer dan vijfhonderd inzendingen koos het team achter het festival – toevallig? – 69 films voor op het grote scherm. Makers van Frankrijk tot Brazilië brengen daarmee dat wat doorgaans achter gesloten deuren plaatsvindt naar de publieke ruimte, in het hart van de hoofdstad van Europa. Just because they can, en vooral: als middelvinger tegen alle pogingen om porno uit de openbare sfeer te weren.
Filmische porno bestaat immers al ruim honderddertig jaar, maar de traditie om het individueel te bekijken is relatief nieuw. “Het ontstaan van porno viel samen met het
ontstaan van cinema’s. Het werd lange tijd, net als films, samen bekeken. In de jaren zeventig werd zelfs een pornofilm vertoond op het filmfestival van Cannes”, zegt Miguel Soll, pornoregisseur en co-oprichter van het festival. “Pas sinds de jaren 1980-1990 met de komst van dvd’s en wetten die publieke vertoningen verbieden, werd de collectieve ervaring verschoven naar de privésfeer. Vandaag telt Brussel maar één cinema die pornofilms programmeert, Cinema Paris.”
“Vandaag kijken we bijna uitsluitend naar porno om te masturberen”
Miguel Soll Pornoregisseur en co-oprichter van het festival
Een gemiste kans, zegt hij, want pas als we er samen met anderen naar kijken, kunnen we die beelden bespreken en bekritiseren – en zelfs verandering aanwakkeren. “Dat er nu in reguliere films veel meer diversiteit en inclusiviteit is, komt voor een stuk omdat het lange tijd ontbrak. Het is maar doordat het publiek zich daartegen begon te verzetten, dat de filmindustrie reageerde.”
Hetzelfde geldt volgens hem voor pornofilms. “De porno-industrie wordt vaak verweten dat ze niet in goede werkomstandigheden voorziet. Maar hoe kan dat veranderen als we ze niet in het openbaar mogen tonen en we geen publieke financiering krijgen?”
Door porno uit de slaapkamer te halen en in de cinemazalen tentoon te stellen, willen ze het stigma errond doorbreken. “Onderzoek toont aan dat het onmogelijk is om een demografische lijn te vinden in het publiek dat naar porno kijkt, net omdat iedereen het doet, ongeacht etniciteit, gender of socioeconomische achtergrond”, zegt Soll. “Door pornofilms uit de masturbatiecontext te halen en ze samen met een heleboel anderen te bekijken, kun je veel innerlijke


schaamte wegnemen”, vult artiest en coprogrammator Butchibou aan.
Gemarginaliseerde groepen
Bij het eerste festival dat volledig in het teken staat van alternatieve porno mag het niet verbazen dat het de grenzen van de mainstream opzoekt in beeldvorming, storytelling en vormen van seksualiteit. “Gemarginaliseerde groepen als lgbtqia+, sekswerkers en andere minderheden richten de camera op hun eigen lichaam en creëren zo een aanwezigheid die door de mainstreammedia over het hoofd wordt gezien”, klinkt het op de website.
“Stuk voor stuk stellen de films de sociale norm ter discussie, door de manier waarop ze verschillende lichamen, culturen en seksualiteit tonen”, zegt Soll.
Hoe subversief de films zijn, toont bijvoorbeeld Cura, waarin een foursome dagboekfragmenten over sekswerk uitbeeldt. Antifa faggots gooien niet alleen hun stem, maar ook hun lichaam in de strijd in Solidarity with the Garbage Workers on Strike, en in Naughty Patient wordt een rollenspel tussen een gynaecoloog en patiënt aangegrepen om te bekritiseren hoe
het vrouwelijke lichaam door de tijd heen gemedicaliseerd en gecontroleerd werd.
Om maar te zeggen: porno is in dit festival niet alleen een audiovisuele en expliciete vorm van seksualiteit, maar ook een instrument om politieke, maatschappelijke kwesties aan te kaarten.
“Veel makers doen een beroep op porno om een boodschap over te brengen”, beaamt Butchibou. “Ook bij films die vooral rond opwinding draaien, zie je bijvoorbeeld acteurs die niet vaak op het grote scherm
“Maak tijdens een workshop je eigen strap-on met gerecycleerd materiaal”
Butchibou Artiest en coprogrammator
verschijnen.” In een klassiek filmscenario zoals seks met een onbekend iemand figureren dan bijvoorbeeld transpersonen of mensen met een beperking, en iemand die masturbeert op het scherm vertelt tegelijkertijd over zijn traumatische voorgeschiedenis. “Het gaat dan niet louter over het masturberen, maar over wat porno kan teweegbrengen. Dat soort films zijn vaak te alternatief voor commerciële platformen.”
“Pornografie wordt vaak gereduceerd tot het expliciete, het seksuele, maar het gaat om veel meer dan dat. Een film kan je én opgewonden maken én je tegelijkertijd emotioneren door het thema”, vult Soll aan. “Dat maakt van pornografie een heel complexe kunstvorm.”
Daarin wijkt het programma van het festival af van de klassieke Pornhub-achtige beelden, die als hoofddoel hebben om hun kijkers zo snel mogelijk tot een orgasme te brengen. “Het hele festival is een tegenreactie op de mainstreamporno en wat je op die onlinefora aan beeldtaal aantreft”, zegt Soll. “Vandaag kijken we bijna uitsluitend naar porno om te masturberen. Dan geef je
zoektermen in waarvan je weet dat ze jouw seksuele voorkeuren het best aanspreken. ‘Big boobs’, bijvoorbeeld. Maar daarmee beperk je je blik op seksualiteit. Wij programmeren daarom op basis van verhaal, niet seksuele voorkeur.”
Het festival wil dus ook bezoekers triggeren met alternatieve vormen van seksualiteit die ze zelf niet uit eigen beweging zouden opzoeken. “Een heteroman kan bijvoorbeeld naar een vertoning gaan en uitsluitend heteroseksuele seks verwachten, om dan te ontdekken dat er ook queer films worden getoond. Misschien brengt dat wel iets teweeg, wat nooit zou gebeuren als hij het zou houden op heterozoektermen op Pornhub.”
“We gaan daarmee in tegen consumptiegerichte, uitbuitende content van grote platformen, die steeds meer content stelen en AI gebruiken. En zelfs als het seksuele je niet echt aanspreekt, treed je toch uit je comfortzone door te kijken naar iets anders, met andere acteurs, storytelling of belichting”, vult Butchibou aan.
Tegelijkertijd wil het festival reguliere porno niet demoniseren. “Esthetiek valt niet te definiëren door wat ethisch of onethisch is. Er zijn veel sekswerkers en pornoacteurs die aan mainstreamproducties meewerken. Veel mainstreamproducties gaan ook ethisch te werk en besteden bijvoorbeeld veel aandacht aan de arbeidsomstandigheden van de acteurs”, zegt Soll. “Zo werkt ook Mariska X, een pornoproducent die al vijftien jaar actief is in mainstreamproducties, mee aan het festival.”
Iedereen pornograaf
Films staan centraal in het Brussels Porn Film Festival, maar het draait om veel meer dan dat, benadrukt het team. Zo zijn er talloze workshops, rondetafelgesprekken, tentoonstellingen, een infokiosk over sekswerk, en feestjes in AB en C12.
“De workshops draaien allemaal rond seksualiteit en sensualiteit, maar het merendeel is niet pornografisch van aard”, zegt Butchibou. “Ja, er is een workshop rond hoe je je eigen strap-on met gerecycleerd materiaal maakt, of hoe je leert om te cruisen (anonieme seks in de openlucht of op een openbare plaats, vooral populair onder gay mannen, red.) als queer persoon, maar het gaat ook om dans, poëzie, tafelgesprekken … We hebben zelfs een workshop rond wie het best air sex kan uitvoeren, wat ze erna op onze ‘Porny night’ in C12 kunnen performen. Hilarisch, toch? Seksualiteit benaderen met humor vinden we heel belangrijk.”

“Door porno samen te bekijken, kun je veel innerlijke schaamte wegnemen”
Butchibou
Artiest en coprogrammator
“Er zijn talks waarin we inzoomen op bepaalde thema’s: hoe een pornoproductie werkt, hoe consent gerespecteerd wordt, hoe het is om als zwarte transpersoon in zo’n omgeving te werken … Maar er loopt ook een tentoonstelling over de geschiedenis van pornografie en er is een marktje waar kunstenaars hun juwelen, posters, sokken verkopen.”
Die workshops bieden niet alleen een mogelijkheid voor bezoekers om gelijkgezinden te vinden en hun community uit te breiden, maar ook om wat ze zagen met elkaar te bespreken. Soll: “Heel het festival draait rond de interactie tussen het publiek en de cinema. Omdat alle activiteiten elkaar versterken, kunnen bezoekers op ludieke of informatieve wijze hun energie kanaliseren.”
Wie geïnspireerd raakt op het festival, kan zelf de handen uit de mouwen steken door een pornografische kortfilm in te zenden. Om nog meer een brug te slaan tussen de traditionele cinema en pornografie, bestaat de jury uit een mix van mensen: artiest en zangeres Ophélie Joh, ‘traditionele’ filmprofessional Yann Gonzalez en pornofilmproducent Mariska X. De winnaar maakt kans op een trofee ontworpen door ceramist Simon Aubry Picaudot.
“Het thema van het festival dit jaar is backstage. In onze tentoonstelling Behind the Pornographic Eye lichten we al uit hoe het er achter de schermen van een pornoproductie aan toegaat, omdat we merken dat daar veel interesse in is”, zegt Soll. “Het interessante aan de nieuwe vormen van pornografie – denk aan sexting of OnlyFans – is dat de grens tussen de backstage en het podium steeds kleiner wordt. Waar vroeger een camera nog porno filmde en toonde, is dat vandaag de gsm geworden. We zijn dus vandaag onze eigen pornografen geworden, wat we ook met die wedstrijd willen aantonen.”
Opties te over om de komende dagen als bezoeker blootgesteld te worden aan porno (of eerder omgekeerd). Van schaamte hoeft er geen sprake te zijn, benadrukt Butchibou: “Je zou er versteld van staan wie er allemaal op afkomt. Natuurlijk zijn er veel queers, punks en sexy mensen. Maar oude koppels komen evenzeer kijken naar porno. Wie weet wat zij in hun slaapkamer doen.”
Brussels Porn Film Festival 2026, van 30 april tot 3 mei, brusselspornfilmfestival.com
« LA PORNOGRAPHIE EST UNE FORME D’ART COMPLEXE »
FR/ ILe Brussels Porn Film Festival, qui se tient ce week-end, présente la pornographie comme un art et un débat de société, et cherche à la sortir de la sphère privée pour briser les tabous. La sélection met l’accent sur la diversité et sur des films qui remettent en question les normes sociales et sexuelles. En plus des projections, le festival propose aussi des ateliers et des discussions sur la sexualité, le consentement et la création.
“PORNOGRAPHY IS A COMPLEX ART FORM”
EN/ The Brussels Porn Film Festival, taking place this weekend, presents pornography as art and social debate, aiming to bring it out of the private sphere to break taboos. The selection focuses on diversity and films that question social and sexual norms. In addition to screenings, the festival also offers workshops and discussions on sexuality, consent and creation.



Ruim honderd ambtenaren tekenen vanaf deze week de nieuwe administratie uit die andere gewestdiensten zal ondersteunen. De hervorming moet al op 1 juli ingaan en dit jaar minstens 15 miljoen euro opleveren, zegt minister Dirk De Smedt in een gesprek met BRUZZ. “Ambtenaren zien zelf dat de huidige organisatie niet werkt.”
door Kris Hendrickx
Deze week bleek nog dat een kwart van de Brusselse LEZ-camera’s niet werkt. De oorzaak valt volgens Minister van Begroting, Financiën, Openbaar Ambt en Administratieve Hervorming Dirk De Smedt (Anders) vooral te vinden bij de enorme versnippering van de Brusselse gewestdiensten. De lage-emissiezone, kortweg LEZ, dat is immers een dossier dat verdeeld zit over Brussel Fiscaliteit (boetes), Paradigm. brussel (IT-infrastructuur, nog eens uitbesteed aan Irisnet), Leefmilieu Brussel (regelgevend kader) en Safe.brussels (beslissingscapaciteit). “Het is echt een goed voorbeeld van hoe openbare dienstverlening ondergesneeuwd kan raken in een versnipperd administratief landschap.”
Vier
De Smedt liet een plan opmaken om de camera’s – waarvan er in de herfst zelfs maar een op de vijf werkte – weer operationeel te krijgen. Tegelijk wil hij ook vaart maken met de hervorming van die versnipperde Brusselse administraties. Het
regeerakkoord bepaalt dat die in vier pijlers moeten fuseren: een eerste pijler bundelt de diensten die gemeenschappelijk kunnen werken voor andere overheidsdiensten, een tweede pijler omvat de administraties met bevoegdheden die onder welbepaalde ministers vallen, een derde bestaat uit operationele diensten en een vierde, nog wat vage, pijler bestaat uit coördinerende functies.
De thematische werkgroepen waarin ambtenaren zelf zullen uittekenen hoe pijler één er zal uitzien, zijn intussen begonnen. “Ruim tien procent van de 1.200 ambtenaren in de betrokken administraties heeft zich daarvoor ingeschreven”, zegt De Smedt. “Het gaat om multidisciplinaire groepen waar ook lang niet alleen de topambtenaren en dossierbeheerders zullen inzitten. Tegelijk timmert de regering aan het juridische kader dat al in eerste lezing is goedgekeurd en zijn we bezig met het syndicale overleg.”
“Of er veel weerstand is? Er zijn vooral veel vragen over de gevolgen van de

hervorming. Maar ook de vakbonden en werknemers beseffen wel dat we niet verder kunnen werken zoals we bezig zijn. Veel van de aparte administraties die we vandaag hebben zijn wel om de juiste redenen opgericht; ik heb zelf nog voor zo’n administratie gevochten en er met Brussel Fiscaliteit ook een geleid. Maar op den duur raakten die organisaties meer op zichzelf gekeerd en protectionistisch. Dat heeft deels te maken met de kwaliteit van de leidende ambtenaren. De vis rot aan de kop.”
Minstens 15 miljoen euro besparing De Smedt wil snel schakelen. “Op 1 juli moet de hervorming van de eerste pijler al een feit zijn. Ik werk graag snel en huldig het principe ‘Fail fast’: denk na, maar treuzel dan niet lang om te handelen. Snel actie ondernemen betekent in de regel dat je maar weinig schade aanricht met je fouten die er altijd wel zullen zijn. Je kunt daar dan ook veel sneller lessen uit trekken en corrigeren. Politici zijn doorgaans bang voor risico’s en nemen zichzelf veel te serieus, ik omarm die

aanpak net. Het is de enige manier om kwaliteitsvolle dienstverlening te organiseren.”
De hervorming moet niet alleen een slagkrachtigere administratie en betere dienstverlening opleveren, maar ook een flinke besparing. “We investeren vijf miljoen euro in de oefening, maar ze moet minstens
Bruzz adver_2026.pdf 4 14/04/2026 16:35
vijftien miljoen euro besparing opleveren tegen eind december. Hopelijk wordt het meer.”
Hervormingen binnen een organisatie gebeuren dikwijls om te besparen, maar dat effect laat vaak wat langer op zich wachten. De Smedt maakt zich sterk dat dat stramien niet van toepassing zal zijn op de hervor-
“We hebben vandaag 24 verschillende applicaties om de payroll te beheren”
Dirk De Smet
Minister van Administratieve Hervorming
ming van de eerste pijler. “Daarnet nog kreeg ik de vraag of ik even een licentiepakket van 4 miljoen euro kon ondertekenen. Dat soort kosten kan drastisch naar beneden. We hebben vandaag 24 verschillende applicaties om de payroll te beheren. Dat verklaart onder meer waarom human resources bij ons goed is voor 3,8 procent van de loonmassa, terwijl dat in andere administraties maar 2 procent is.”
De hervorming van de administratie moet zonder ontslagen gebeuren. Is dat wel realistisch? “Jaarlijks gaan honderden mensen met pensioen en vertrekken er nog eens honderden omdat ze andere horizonten opzoeken. Dat biedt genoeg mogelijkheden om te besparen”, aldus de minister. “Die hervorming is ook niet zomaar een spontaan ideetje, maar er is jaren over nagedacht binnen werkgroepen. Daarom is die fusieoperatie zo gedetailleerd uitgewerkt in het regeerakkoord. Op dat vlak ben ik een schaker: een gemiddelde van zeven zetten vooruitdenken is niet slecht, toch?”
‘Hoe
Raphaël Van Oosthuyse, een inwoner uit Anderlecht, probeert onaangename plekken in zijn gemeente leefbaarder te maken door in te zetten op spontane ontmoetingen, bijvoorbeeld door een jarenlang ongebruikte petanquebaan op te kalefateren.

Raphaël
Van Oosthuyse
Inwoner Anderlecht
Opvoeder
Gepassioneerd door pedagogische spelen
Al enkele jaren stel ik vast dat het welzijnsniveau in mijn gemeente, Anderlecht, achteruitgaat. De straten zijn vuiler, het aantal dakloze mensen neemt toe en ook geweldfeiten gelinkt aan banditisme lijken te stijgen. Met die vaststelling zijn verschillende houdingen mogelijk. Een burger kan wegkijken, eraan wennen en de situatie langzaam laten verslechteren. Of diezelfde burger kan ervoor kiezen om te observeren, te begrijpen … en te handelen, op een eigen schaal.
Wat mij vandaag treft, is dat wij in een tijd leven waarin individualisme de norm is geworden. Persoonlijke consumptie neemt veel plaats in, en gaandeweg zijn we iets essentieels verloren: de band. Die eenvoudige, menselijke band die bestaat uit een gesprek aanknopen met iemand die je niet kent, een moment delen, de ander erkennen als een buur in plaats
van een onbekende.Verbinden is geen groot abstract concept. Het is een concrete praktijk, toegankelijk voor iedereen. Soms is maar weinig nodig om iets in beweging te zetten.
Eenvoudig gebaar
Vorige week besloten mijn zoon en ik om de petanquebaan op het Lindeplein schoon te maken. Niets bijzonders op zich. Maar al snel bleven voorbijgangers staan, wisselden ze een paar woorden, moedigden ze ons aan, bedankten ze ons. Dat eenvoudige gebaar opende een ruimte voor
“We leven in een tijd waarin individualisme de norm is geworden”

ontmoeting waar die er niet meer was. Na het schoonmaken haalden we een spel boven: Mölkky, een Fins houten behendigheidsspel. En ook daar gebeurde iets. Voorbijgaande arbeiders van een werf bleven nieuwsgierig staan. Ze stelden vragen; sommigen kenden de regels al, anderen ontdekten ze ter plekke. In enkele minuten ontstond er een gedeeld moment tussen vreemden. Dat is voor mij de zaken opnieuw in handen nemen: situaties creëren die ontmoeting mogelijk maken.
Stadsleven Légumes
door Stijn Huwels
Wijsheid begint bij zelfkennis. Zo weet ik dat mijn Frans soms een wankel kaartenhuis is. Behalve in de biowinkel om de hoek. Aan de kassa word ik steevast ondervraagd over mijn buit. “C’est quoi?” “Une céleri-rave”,
antwoord ik. Of panais, chou-rave, bette: niets is me daar nog vreemd. Toen ik onlangs zonnebloempitten afrekende, vroeg de kassier wat dat was. Het duurde even. “Graines de tournesol.” Ja, ja, maar waren het die uit Nederland of Oostenrijk?
“Autriche?” gokte ik stamelend. Mis, zo bleek. Een Engelstalige klant sukkelde met wat ze alleen maar in haar taal kende: Jerusalem artichoke. De kassier keek hulpeloos, maar ik redde de dag: “Topinambour!” Nog voor hij iets kon
vragen bij een paars-gele knol zei ik: “Rutabaga.” Hij keek me aan alsof ik het ter plekke verzon.
In Stadsleven vertellen redacteurs en lezers in maximaal 1000 tekens een verrassende anekdote over Brussel. Insturen kan via redactie@bruzz.be

En de mogelijkheden zijn talrijk. Je kunt je voorstellen om op een zonnige zondag enkele klaptafels te plaatsen en spelletjes aan te bieden aan voorbijgangers. Je kunt gezellige momenten organiseren, informele ontmoetingen die voor iedereen toegankelijk zijn. Je kunt zelfs verder gaan en, samen met cafés uit de buurt die dat willen dansavonden of open evenementen opzetten. Toegegeven, die initiatieven lossen niet alles op. Ze vervangen het noodzakelijke overheidsbeleid niet om armoede of geweld aan te pakken, maar ze dragen bij aan
iets fundamenteels: opnieuw leven brengen in de publieke ruimte, een gevoel van verbondenheid herstellen, het sociale weefsel weer versterken.
Want een levendige wijk is niet alleen een propere plek. Het is een plek waar mensen met elkaar praten, elkaar kruisen en herkennen. Een plek waar je je betrokken voelt, waar je wil blijven, waar je wil deelnemen.
Ja, er zijn inspanningen nodig om bepaalde plekken aangenamer te maken. Maar die inspanningen mogen niet alleen van bovenaf komen. Ze kunnen ook van onderuit groeien, van de bewoners zelf.
Wat mij ten diepste motiveert, is een eenvoudig idee: we hebben nog steeds de kracht om te handelen. Zelfs bescheiden. Zelfs lokaal. En soms volstaat één gebaar, één spel, één gedeeld moment om opnieuw iets tussen ons te laten ontstaan.
En morgen? Doorgaan. Andere momenten voorstellen, andere bewoners betrekken, deze kleine initiatieven vermenigvuldigen. Niet om de gemeente van de ene dag op de andere radicaal te veranderen, maar om een beweging op gang te brengen.
Verbinden is geen wonderoplossing. Maar het is een begin. En vandaag is dat al veel.
Reageren of zelf een opiniestuk insturen? Mail naar redactie@bruzz.be
Quote
“Een dikke merci, maar tijd om te rusten heb ik niet, ik moet morgen naar een cursus Nederlands”
Na de wedstrijd, 26 april 2026




27/04 | Tramlijnen 4 en 10 jaar lang onderbroken aan Zuidstation. Trams 4 en 10 worden een jaar onderbroken ter hoogte van het Zuidstation, om een verouderde en aangetaste betonplaat in de tunnel te herstellen. Tegelijkertijd rijdt tram 81
in die periode enkel tussen de halte Drievuldigheid in Sint-Gillis en Montgomery. Tussen Marius Renard en het Zuidstation rijdt een vervangbus. Voor de verbinding tussen Hallepoort en Zuidstation verwijst MIVB naar metrolijnen 2 en 6.
26/04 | Antisemitische aanval in metro. Vorige week vrijdag werd een 41-jarige man aangevallen door drie personen op de metro. De daders riepen naar verluidt antisemitische uitspraken en trokken zijn davidster van zijn hals, dat schrijft RTBF. “Het lijkt of ze mijn ster als trofee wilden”, aldus het slachtoffer. De man liep
nog achter de daders aan, maar zonder succes.
26/04 | Illegale hondenfokkerij in Ganshoren. In een kelder in Ganshoren zijn vorige week twaalf puppy’s gevonden van ongeveer vier weken oud. Een medewerker van Sibelga, die langskwam om de gasmeter op te nemen, bracht de illegale
fokkerij aan het licht. De politie werd ingeschakeld. Ter plaatse tekenden de eigenaars van de honden een vrijwillige afstandsverklaring om te voorkomen dat de puppy’s direct door justitie in beslag zouden worden genomen.
25/04 | Sluiting dreigt voor thuislozenopvang van Leger des Heils.


De koninklijke crypte is de begraafplaats van alle regerende Belgische vorsten en hun echtgenotes, en sommige leden van de Belgische koninklijke familie. De crypte bevindt zich in de Onze-Lieve-Vrouwekerk van Laken, een ontwerp van architect Joseph Poelaert. Via twee trappen aan beide zijden achter het hoofdaltaar is de crypte te bereiken. Nu zondag 3 mei kun je de crypte van Laken bezoeken van 14 tot 17 uur. De crypte wordt slechts een aantal dagen per jaar geopend voor het publiek. © PHOTONEWS
Het opvangcentrum van het Leger des Heils aan de Bodegemstraat in Brussel dreigt eind juni zijn deuren te moeten sluiten door een gebrek aan financiering. Daardoor worden 34 bewoners en acht werknemers getroffen. Het tehuis, dat al meer dan vijftig jaar actief is, gaat al langer door een moeilijke periode. Al ruim twee jaar
functioneert het zonder overheidssubsidies.
24/04 | Biestebroekmoeras wordt geen beschermd landschap. De Brusselse regering beschermt het zogeheten Biestebroekmoeras, een oude industriële site in Anderlecht, niet als landschap. Dat heeft tot gevolg dat er geen
bijkomende beperkingen komen voor vastgoedprojecten op het gebied. Volgens natuurliefhebbers leeft er unieke fauna –waaronder salamanders en verscheidene vogelsoorten – en flora. Voor eigenaar Vervoordt Real Estate is de site niet meer dan een oud industrieterrein, dat zwaar vervuild is.
24/04 | Klachten tegen Brusselse overheidsdiensten verdubbeld. Het aantal klachten tegen de Brusselse overheidsdiensten is in 2025 verdubbeld tot 2.543 klachten. Dat verklaarde ombudsvrouw Catherine De Bruecker bij de voorstelling van het jaarverslag. Ze pleitte voor meer voorspelbaarheid in het beleid, een overheids-
dienst die toegankelijk is, en meer duidelijkheid in de communicatie. “In de praktijk zien we dat steeds meer overheidsdiensten enkel bereikbaar zijn via een onlineformulier. Maar de toenemende digitalisering van administratieve procedures moet gepaard gaan met niet-digitale alternatieven voor burgers.”
Met zijn veto tegen de N-VA was Brussels PS-baas Ahmed Laaouej een sleutelspeler in de zwaarste politieke crisis uit de geschiedenis van het Gewest. Als minister wil hij de “Brussel-bashers” de mond snoeren. “De formatie ging veel meer over ideologie dan over politieke berekeningen.”
door Johan Baeten en Steven Van Garsse foto’s Ivan Put
Dat de PS geen nieuwe Brusselse regering wou, dat Ahmed Laaouej de Vlamingen minachtte of dat hij uit was op de sleutels van het minister-presidentschap: in een uitgebreid gesprek met BRUZZ wuift het PS-boegbeeld de aantijgingen aan zijn adres uit de formatiesaga allemaal weg als “schandalig fout”.
Hij wil vooruitkijken. Het kostuum van minister van Sociale Actie, Solidariteit, Plaatselijke Besturen en Schooluitval lijkt comfortabel aan te voelen voor de politiek geslepen Laaouej, die nochtans voor het eerst de lijnen uitzet als regeringslid.
“Ik ben een dossiervreter”, zegt hij in brasserie Ommegang. “Maar er rest ons nog maar drie jaar om het verschil te maken voor de Brusselaars en de stad netter en veiliger te maken, met de welvaart en de solidariteit van de Brusselaars als leidraad. Dit is een verantwoordelijkheidsregering, maar we willen niemand achterlaten.”
Dan hebt u veel werk voor de boeg. De laatste Welzijnsbarometer schetst geen rooskleurig beeld van Brussel. Bijna een kwart van de
Brusselaars loopt het risico om in armoede te belanden.
AHMED LAAOUEJ: Het is geen geheim dat er op andere niveaus beleid gevoerd wordt dat onze maatschappij onder druk zet. Denk aan de beperking van de werkloosheidsuitkeringen in de tijd of de aanvallen op de openbare dienstverlening.
We kampen bovendien met een stijgend aantal faillissementen en zitten al jarenlang in een golf van crisissen. De impact van de oorlog in het Midden-Oosten is sterk voelbaar. Net daarom moeten we erover waken dat de sociale zekerheid als sociale schokdemper functioneert. Economische crisissen mogen geen sociale crisissen teweegbrengen. Helaas zien we dat gebeuren. Met dank aan het beleid op andere niveaus.
U wijst naar de federale regering, maar u zit zelf in een Brusselse besparingsregering.
LAAOUEJ: Klopt niet. We hebben accenten kunnen leggen op het vlak van koopkracht. Denk maar aan het behoud van de MIVBvoorkeurstarieven. We investeren in de openbare ziekenhuizen. En als socialisten
gaan we volop mee in de strijd die de Brusselse regering zal voeren om meer mensen aan het werk te krijgen.
De Brusselse regering zoekt nog 1 miljard euro in drie jaar tijd. Dit is toch een besparingsregering?
LAAOUEJ: Dit is een verantwoordelijke regering en de PS heeft gestreden tegen antisociaal beleid. Er lag vorig jaar een plan op tafel om drieduizend ambtenaren te ontslaan, voor honderd miljoen euro te snijden in de gemeenten, het begrotingstekort in twee jaar weg te werken ... Dat hebben we tegengehouden.
De keuzes die we maken, zijn erg genuanceerd. Kijk maar naar de middelen voor de gezondheidszorg, de strijd tegen dakloosheid of de gesubsidieerde arbeidscontracten: die worden behouden of zelfs versterkt.
De PS zit weliswaar al sinds het ontstaan van het Brussels Gewest in de regering. Brussel telt veertigduizend langdurig werkzoekenden, van wie een deel al meer dan twintig jaar zonder job zit. Dat kon toch niet blijven duren?

LAAOUEJ: We moeten vooral inzetten op mensen die erg ver van de arbeidsmarkt staan door ziekte, sociale uitsluiting, leeftijd ... Met sancties zullen we het tij niet keren. Ik geloof in betere begeleiding en aangepaste opleidingen.
Die aanpak heeft blijkbaar niet gewerkt.
LAAOUEJ: Dat is geen Brussels, maar een stedelijk probleem. Ook in bepaalde Vlaamse en Waalse steden liggen wijken waar kwetsbare, laagopgeleide mensen de weg naar een baan maar niet vinden.
Minister-president Boris Dilliès (MR) wil handenarbeid in de kijker zetten.
LAAOUEJ: Daar sta ik helemaal achter. Ik denk in dezelfde adem aan initiatieven waarbij jongeren deels op school en deels in een bedrijf een stiel onder de knie krijgen. We zullen die partnerschappen versterken. Ook de strijd tegen schooluitval voeren we op.
Laten we toch nog een laatste keer terugkeren naar de formatie. Begin februari was er plots een doorbraak, naar verluidt dankzij de tandem Dirk De Smedt (Anders) en uzelf.
LAAOUEJ: Het gaat over de toekomst van Brussel, niet over een of andere as tussen de PS en Anders.
Eind november lag u nog in de clinch met Anders-voorzitter Frédéric De Gucht en sprong een zoveelste onderhandelingsronde af.
LAAOUEJ: We hebben een akkoord gemaakt op basis van gezond verstand. Iedereen heeft water bij de wijn gedaan. De liberale partij Anders heeft belastingverlagingen en een begrotingsevenwicht in 2029 kunnen binnenhalen, waarmee wij akkoord gaan. Tegelijkertijd begrijpt Anders onze eis om meer middelen aan de gemeenten te geven en de investeringen in sociale huisvesting te behouden. We hebben een sterk evenwicht gevonden.
Hoe komt het dat liberalen en socialisten elkaar begin dit jaar plots wel vonden?
LAAOUEJ: Toen het Guinness-initiatief van Yvan Verougstraete op de klippen liep, zijn de contacten tussen de liberale en socialistische families gegroeid.
Intussen kreeg de regering in lopende zaken helemaal niets meer klaargespeeld.
LAAOUEJ: De PS wil ook de Brusselse rekeningen op orde krijgen, daarom was een volwaardige regering nodig. We kregen geen begroting in elkaar gebokst binnen de ontslagnemende regering. Dat besefte Dirk De Smedt als begrotingsminister maar al te

“Er lag een plan op tafel om drieduizend ambtenaren te ontslaan, dat heeft de PS tegengehouden”
goed. Hij heeft een hoofdrol gespeeld in de vorming van de Brusselse regering.
Hij staat bekend als een liberale hardliner.
LAAOUEJ: En hij is een te duchten onderhandelaar. Maar hij kent de cijfers en is erg gehecht aan het Brussels Gewest.
Jullie werken nu samen om het masterplan dakloosheid nieuw leven in te blazen.
LAAOUEJ: Ik heb een erg humanistische reflex ontdekt bij Dirk. We hebben al noodmaatregelen uitgerold om kinderen die op straat moeten leven onderdak te bieden. Nu sleutelen we aan een langetermijnplan.
De regering pompt wel centen in Kanal en het Neo-project, twee dossiers met een dikke PS-stempel.
LAAOUEJ: We willen Brussel aantrekkelijker maken. Beide initiatieven zorgen voor tewerkstelling en economische impulsen. Er is al enorm veel geïnvesteerd in Kanal. We moeten er nu het maximale uithalen, met
een open vizier op de wijk, terwijl Kanal zijn zoektocht naar privégeld heeft ingezet.
Dat lijkt een rode draad in het regeerakkoord: een strikte begroting, maar wel bepaalde investeringen boosten. Waarom?
LAAOUEJ: Absoluut. We willen Brussel een nieuw elan geven. Neo, de Audi-site, de Haven: we willen ambitie tonen en Brussel verder ontwikkelen. Grote economische polen zullen ons helpen in de tewerkstellingsstrijd. Er is veel op Brussel gekapt de voorbije jaren, we mogen niet in het defensief kruipen, maar we moeten net onze eigen sterktes uitspelen.
Hoe kijkt u terug op die dramatische formatie?
LAAOUEJ: Elke partij kan tevreden zijn met het regeerakkoord. De formatie ging veel meer over ideologie dan over politieke berekeningen. Jullie spraken over de Welzijnsbarometer. Wel, je kunt toch niet verwachten dat de PS akkoord gaat met allerlei antisociale maatregelen?

Ahmed Laaouej is voor het eerst minister in de Brusselse regering: “Ik volg twee à drie keer per week lessen Nederlands bij mijn juffrouw, Anne.”
mijn debuut als regeringslid, maar ik kan me niet inbeelden dat een regering goed zou draaien als een minister-president op eigen houtje alles beslist. Het is al zo complex: Nederlandstaligen, Franstaligen, rood, blauw, groen, oranje, turquoise.
Ook op mobiliteitsvlak vinden uw partijen elkaar.
LAAOUEJ: Als het bijvoorbeeld gaat over sociale accenten in het LEZ-dossier, dan voel ik meer raakvlakken met de MR dan met Ecolo. Met Ecolo praatten we wel over sociale accenten, maar er kwam niets van in huis.
Tijdens de LEZ-discussie zat het er al bovenarms op in de regering. Er komt nu een eenmalige boete van 350 euro voor Euro 2- en Euro 5-bestuurders, maar wel pas vanaf juli.
Minister van Mobiliteit Elke Van den Brandt (Groen) zal in ieder geval vaak alleen staan als het over mobiliteit gaat.
LAAOUEJ: Ik denk dat het goed zou zijn als we zouden proberen om elkaars posities beter te begrijpen, laat het mij zo zeggen. Laten we trouw blijven aan het regeerakkoord en niet te veel slogans in de pers lossen.
Er komt een nieuw mobiliteitsplan, maar volgens minister Van den Brandt zal er weinig veranderen aan de principes van Good Move.
LAAOUEJ: De waakzaamheid van de betrokken bewoners van circulatieplannen zal verhoogd zijn door alle polarisatie rond Good Move van de voorbije jaren. Los daarvan is meer overleg met buurtbewoners essentieel en zetten we in op een vlottere, fijnmazige doorstroming en verbeterde verkeersveiligheid.
Kijk, ik heb van alles gehoord. “De PS wil het minister-presidentschap.” “De PS wil niet besparen.” “De PS wil geen regering vormen.” “Laaouej is tegen de Vlaamse Brusselaars.” Al die aantijgingen zijn schandalig fout. Ik respecteer de Nederlandstalige minderheid. Net daarom wou ik Brussel niet overlaten aan mensen die Brussel minachten.
U hebt uw droomcoalitie, zonder de N-VA, wel gekregen.
LAAOUEJ: Die meerderheid lag in juni 2024 al op tafel. Helaas hebben sommigen de coalitie die vandaag aan het werk is destijds laten liggen.
U hebt het over CD&V?
(Laaouej doet er het zwijgen toe).
Bent u nog van plan om in 2029 Nederlandstalige PS-lijsten in te dienen?
LAAOUEJ: We hebben dat idee niet opgegeven. Nederlandstalige kameraden die zich niet in de partijlijn van Vooruit vinden, zijn vragende partij. Dat heeft te maken met het Arizona-beleid. Dus ja: we gaan hiermee verder.
Wat vindt u van minister-president Boris Dilliès (MR)?
LAAOUEJ: Hij heeft een luisterend oor en maakt goede syntheses. Het is natuurlijk
LAAOUEJ: In het debat over de lage-emissiezone botsen twee maatschappijvisies. Sommigen zeggen dat je het gedrag van mensen volledig moet omgooien, anderen willen in overgangsmaatregelen voorzien. Het regeerakkoord is duidelijk: we evolueren naar een jaarpas van 350 euro om eigenaars van wagens die niet in de lage-emissiezone mogen rijden toch nog toe te laten. Dat systeem kan morgen niet van kracht worden. Het zal maanden duren om alles wettelijk in orde te krijgen. Daarom die eenmalige boete van 350 euro.
De PS wil weliswaar een grote groep mensen vrijstellen van zo’n boete. Dan schiet de LEZ haar doel toch voorbij: de luchtkwaliteit verbeteren?
LAAOUEJ: Het regeerakkoord voorziet in zo’n vrijstelling voor sommige bevolkingscategorieën: bepaalde beroepen en kwetsbare personen. Het enige identificeerbare criterium daarvoor is volgens ons het recht op de verhoogde tegemoetkoming.
Dat is een grote groep in Brussel.
LAAOUEJ: Maar niet iedereen met een verhoogde tegemoetkoming heeft een eigen wagen.
Hoe vermijden we zo’n formatiecrisis in 2029?
LAAOUEJ: De methode moet anders. De formateurs in elke taalgroep moeten samen stappen zetten, niet los van elkaar. Ik pleit voor een eengemaakt kiescollege en tweetalige lijsten, maar de focus ligt de komende drie jaar niet op institutionele hervormingen. We moeten in uitdagende tijden een antwoord vinden op de sociale urgentie.
Tot slot: hoe gaat het met uw Nederlands?
LAAOUEJ: Ik volg twee à drie keer per week lessen bij mijn juffrouw, Anne. (In het Nederlands) Het is een goede werkwijze, met veel spreken.
Moet een Brussels minister-president perfect tweetalig zijn?
LAAOUEJ: De minister-president moet Nederlands kunnen spreken en verstaan. Nu, Boris Dilliès is wel erg hard aangepakt. Ik weet wel hoe het gaat in de politiek, ik heb ook rake klappen gekregen in de Vlaamse pers. Maar de zaterdag van zijn eedaflegging kwam hij net uit bed. Je moet hem wat tijd gunnen. Hij werkt aan zijn Nederlands.
FR/ Ahmed Laaouej nie que le PS ait bloqué la formation du gouvernement ou qu’il méprise les Flamands. Il affirme que la crise était surtout idéologique et non le résultat de calculs politiques. Selon lui, le nouveau gouvernement doit se concentrer sur la politique sociale et la lutte contre la pauvreté à Bruxelles. Il insiste aussi sur le fait qu’il respecte la minorité néerlandophone et qu’il valorise la coopération.
“I
EN/ Ahmed Laaouej denies that the PS blocked the government formation or would show contempt for Flemish people.. He argues that the crisis was mainly ideological rather than driven by political calculation. According to him, the new government should focus on social policy and tackling poverty in Brussels. He also stresses that he respects the Dutch-speaking minority and values cooperation.
Op 7 mei vertelt de Brusselse eremagistraat Henri Heimans in de bib Sophia over zijn ouders die beiden kampoverlevers zijn van de nazigruwel. “Pas na haar dood begreep ik waarom mijn moeder nooit meer een viool heeft aangeraakt.”
door Steven Van Garsse foto Saskia Vanderstichele
Heimans tekende zijn verhaal al op in het boek KZ-syndroom (2024), samen met Dirk Verhofstadt. Daarin vertelt de eremagistraat het bijna onwezenlijke verhaal van zijn ouders, die allebei tijdens WO II, onafhankelijk van elkaar, in een Duits kamp terechtkwamen en de gruwel overleefden.
Zijn vader, Genia Heimans, werd als jood via Breendonk naar Auschwitz gedeporteerd. Zijn moeder, Rie Goethals, zat in het verzet, werd opgepakt en overleefde het vrouwenconcentratiekamp Ravensbrück.
Pas na de Tweede Wereldoorlog zouden de twee elkaar ontmoeten en met elkaar trouwen. En dan is er nog het verhaal van de overleden eerste man van zijn moeder, de joodse kunstenaar en communist Rudolf Schönberg, die deel uitmaakte van het Brusselse verzet. Die verhalen spelen zich voor een groot deel in Brussel af.
Het grootouderlijke huis van Heimans staat in de De Lochtstraat in Schaarbeek; samen met BRUZZ betreedt hij voor het eerst het pand. Hoewel grondig verbouwd, ademt het nog altijd het oorspronkelijke karakter. Zijn grootouders waren uit Rusland gevluchte joden die eerst in Gent en nadien in Schaarbeek een kousen- en sokkenhandel hielden. Zijn grootvader was nochtans apotheker, maar had als jood een beroepsverbod gekregen in het Russische rijk.
Heimans’ vader Genia vertelt over het huis in de De Lochtstraat in een onuitgegeven manuscript dat Henri heeft gelezen. Er werd thuis Russisch, Duits en Jiddisch gesproken. Genia Heimans zou er zijn
tienerjaren doorbrengen, er in de buurt naar school gaan, maar er als wees eindigen. Genia vertelt in het manuscript hoe zijn vader er overleed aan een hartfalen in de jaren 1920, en hoe zijn moeder, ontroostbaar, zichzelf zou ophangen op de zolder.
Henri Heimans wil graag die zolder zien, maar dat is niet mogelijk. Ook vandaag nog, na de publicatie van zijn boek, wil hij tot in de puntjes weten wat er is gebeurd. Hij wil de plekken waar het gebeurde met eigen
“Waarom zwegen mijn ouders over de gruwel die ze meemaakten? Omdat ze hun kind wilden sparen”
ogen zien. Waar zijn vader naar school ging, waar de eerste man van zijn moeder begraven ligt, hoe het kon dat zijn hongerige vader betrapt werd in Breendonk op het eten van voedsel bedoeld voor de varkens, en nadien zweepslagen kreeg.
Heimans: “Ik was onderzoeksrechter. Toen ik het manuscript van mijn vader helemaal had gelezen, was hij al overleden. Ik wou alles verifiëren. Alle feiten controle-
ren. Ik wou er zeker van zijn dat zijn verhaal niet was overdreven.”
De verhalen van zijn ouders zijn bijna onwezenlijk door de gruwel die ze allebei hebben meegemaakt. “Mijn moeder, nochtans een sterke en sportieve vrouw, was na wat ze heeft meegemaakt in Ravensbrück, een schim van zichzelf. Ze had geregeld zware migraine- en angstaanvallen. Ze was suïcidaal. Ik was, samen met mijn vader, een soort van mantelzorger voor haar.”
De moeder van Henri Heimans was een Nederlandse en via haar man, Rudolf Schönberg, in het communistische verzet actief. Zij was beroepsmuzikante en speelde viool in brasserie La Campagne op de Waterloosesteenweg. De Duitsers kwamen er graag, ze waren dol op Slavische muziek. Er is toen een bom ontploft, verstopt in de piano. Heimans heeft nooit geweten of zijn moeder, die na de oorlog zwijgzaam was, daar de hand in had.
Zijn moeder werd in Brussel opgepakt en belandde in 1942 in het vrouwenconcentratiekamp van Ravensbrück. Toen de nazi’s in 1945 begrepen hadden dat ze de oorlog hadden verloren, werden nog snel enkele duizenden vrouwen vergast, maar er werden ook Arische vrouwen geselecteerd die ‘vrij’ werden gelaten en naar Zweden zouden worden gebracht. “Zweden was toen neutraal. Het Rode Kruis ving de groep op. Mijn moeder was daarbij”, vertelt Heimans.
Heimans zou het dorp in Zuid-Zweden bezoeken waar ze in 1945 verbleef. Hij ontdekte daar, via een boekje dat hij er van

het gemeentebestuur kreeg, dat zijn moeder toen nog de viool in de hand heeft genomen en er het ontroerende ‘Solveigs Lied’ van Grieg heeft gespeeld. De tekst gaat over het wachten op een geliefde. “Ik heb pas toen begrepen dat ze wachtte om haar man te kunnen zien”, zegt Heimans. Pas vele maanden later zou ze vernemen dat hij, als verzetsman, door de Duitsers vermoord was in Schaarbeek, wellicht door ophanging. Heimans vertelt hoe zijn moeder nadien haar viool nooit meer zou aanraken.
Martelingen
Heimans is als onderzoeksrechter met het wrede leven geconfronteerd, maar wat zijn ouders hebben meegemaakt, valt bijna niet te vatten. De martelingen door de Gestapo, of in Breendonk, de gruwel van de kampen, de traumatische angsten die ze moesten doorstaan. Zijn vader heeft dat grotendeels kunnen verwerken, zijn moeder veel minder. Het trauma is ook intergenerationeel. Ook bij Henri Heimans zijn er littekens. “Dat heb ik begrepen toen ik voor het eerst in mijn
leven naar de therapeut ging.” Zijn ouders hebben de verhalen die vandaag te boek zijn gesteld heel lang voor zich gehouden. Zijn vader ging het pas op hoge leeftijd opschrijven. Zijn moeder vertelde haast niets. Instinctief voelde Henri Heimans als kind aan dat ze van alles hadden meegemaakt.
Waarom zwegen ze? “Daar zijn verschillende verklaringen voor”, zegt Heimans. “Ik ben tot dat inzicht gekomen na gesprekken met andere kampoverlevers. Ouders willen hun kind sparen en zwijgen daarom. Een tweede reden is dat kampoverlevers nog altijd beter af zijn dan de miljoenen die uitgeroeid zijn. Ze vonden, misschien ten onrechte, dat ze geen recht van spreken hadden. En ten derde kwam er na de Tweede Wereldoorlog een periode van welvaart. Mensen wilden de oorlog vergeten. Het was dan not done om over de gruwel te spreken.”
En toch heeft Heimans het verhaal willen vertellen. Opzoekingen over wat zijn familie heeft meegemaakt, deed hij deels voor zijn kinderen, en blijft hij doen. De aanleiding voor het boek was de zaak rond
Schild & Vrienden, die het VRT-programma Pano naar boven spitte. Heimans stelde zich burgerlijke partij en Dries Van Langenhove is intussen definitief veroordeeld.
“Hoe er gespot werd met joden en hoe wat de nazi’s deden werd verheerlijkt, op een moment dat ik mijn familiegeschiedenis aan het verzamelen was voor mijn kinderen ... Ik kwam net terug uit Auschwitz. Dát heeft mij ertoe aangezet om er samen met filosoof Dirk Verhofstadt een boek over te schrijven. Op zoek naar de waarheid.”
Hoe kan het dat mensen tot zulke daden in staat zijn? Voor Heimans heeft het met de rechtsstaat te maken. Pas als het systeem het toelaat, kunnen er excessen gebeuren. “Als er willekeur is in een samenleving, is alles mogelijk. Niet alleen in het nazisme was dat zo, maar ook tijdens het communisme van Stalin. Dat geldt evengoed vandaag. Kijk naar Iran, en, ja, ook naar Israël waar een genocide wordt gepleegd.”
Op 7 mei in de bib Sophia in Schaarbeek. Meer info via schaarbeek.bibliotheek.be
Aernoudt Jacobs, Africa is/in the Future, Alexis Degrenier, Augustė Vickunaitė, dj sniff, Dubmorphology (Trevor Mathison & Gary Stewart), Jasmine Guffond, Jennifer Walshe, Ka Baird, Laryssa Kim, Limpe Fuchs & Mark Fell, Madison Greenstone, Mariam Rezaei, Marie Thompson, MSHR, NikNak, Papilloneer Orchestra, Rhodri Davies, Sholto Dobie & Alanas Gurinas, Tom Mudd, Vica Pacheco & Loto Retina
a sound art and music festival by Q-O2 and more

10 jaar BRUZZ, 10 jaar uw gids in de stad

Haal je gratis exemplaar bij Muntpunt of check de verdeelpunten op BRUZZ.be/guide
Door een tegel in het trottoir te verwijderen, proberen inwoners van Vorst via stoeptuintjes de openbare ruimte te vergroenen. De ideale plant om de vrijgekomen ruimte te versieren?
Kleine tijm, gratis te bekomen bij plantenkwekerij Vegetalab.
door Andy Furniere
Sinds enkele weken opent het Vegetalab in het Bemptpark in Vorst iedere woensdag zijn deuren voor inwoners die graag meer groen in hun straat willen. Op kleine schaal en op milieuvriendelijke wijze worden op die plek planten gekweekt die Vorstenaren gratis kunnen afhalen om in een boomspiegel, bloemperk, plantenbak op de openbare weg, of een andere plek van de stoep te planten – als ze daarvoor bij de gemeente de toelating hebben verkregen.
Het enthousiasme voor de aanpak lijkt te groeien in de gemeente. “In 2021 liep maar een twintigtal mensen naar buiten met planten na een bezoek, vorig jaar waren dat er al meer dan 85,” zegt Ali Haimovici, beheerder van het Vegetalab. “De inwoners van de Tulpeboom straat zijn de meest gedreven aanhangers, zij hebben hun straat helemaal in het groen gezet.”

De plantenkwekerij bedient behalve burgers ook verschillende gemeentediensten, scholen en middenveldorganisaties. “In totaal verdeelt de organisatie 2.000 tot 2.500 planten per jaar.”
Die planten komen onder meer terecht in stoeptuintjes. Dat zijn plekjes waar tegels zijn verwijderd, vaak langs een huisgevel, maar ze kunnen ook op een andere plek worden geïnstalleerd. In Vorst hoeven burgers stoeptegels niet zelf te verwijderen, daar wordt tweemaal per jaar een bedrijf voor ingezet.
Niet alle planten gedijen echter in een stoeptuin. “Je hebt planten nodig die niet hinderen op het trottoir en zelf tegen een stootje kunnen,” zegt Haimovici. “Die perkjes staan in de openbare ruimte bloot aan verschillende soorten vervuiling, denk bijvoorbeeld aan luchtvervuiling, afval en hondenpoep, maar ze worden ook weleens
Eigenschappen
• Kleine of wilde tijm behoort tot de zogenoemde lipbloemenfamilie
• Een aromatische plant met kruipende stengels en roze of paarse bloemen
• Biedt nectar aan bestuivers en schuilplekken aan bodeminsecten
vertrapt of gevandaliseerd.” In het hitte-eiland dat de stad is, mogen ze niet al te gevoelig zijn
Daarnaast is het belangrijk dat planten bijdragen aan de biodiversiteit, bijvoorbeeld door nectar te verschaffen aan bijen of vruchten aan vogels. “En het oog wil ook wat.”
Vegetalab focust op vaste planten – die elk jaar terugkomen – en inheemse soorten. De zaden voor de planten worden verzameld in Brusselse parken. Gemiddeld beschikt de kwekerij ieder jaar over tachtig tot honderd verschillende soorten. Een van de toppers voor stoeptuintjes is kleine tijm. “Een bodembedekker die goed tegen droogte kan, aan het einde van de lente bedekt is met paarse bloemen en veel bestuivers aantrekt. De plant vormt een laag tapijt dat in de winter groen blijft en goed bestand is tegen vertrapping. Een heel veerkrachtige plant.” Andere aanraders zijn onder meer mannetjesereprijs en smeerwortel. Die laatste kan bijvoorbeeld heel goed zware regenval verdragen.
Bij Vegetalab proberen ze de slechte reputatie van klimplanten als klimop te counteren. “Vaak denken mensen dat die altijd de gevel beschadigen, maar dat is niet geval als de muur in goede staat is. Klimop is niet alleen ongelooflijk nuttig voor de biodiversiteit, omdat de plant bloeit in de winter en zo enorm waardevol is voor insecten, maar kan ook dienen als thermische en – tot op zekere hoogte – als geluidsbuffer.” Behalve voor klimop kun je bij Vegetalab ook terecht voor clematissen, kamperfoelies en uitheemse klimplanten als jasmijn en passiebloem.
Lees de hele reeks op BRUZZ.be/dossier/botanisch-brussel
Marcella Militello vecht tegen georganiseerde criminaliteit
Met een vijftal explosies in korte tijd leek Sint-Gillis de voorbije weken Antwerpen wel. Het recente drugsgeweld toont hoezeer de georganiseerde misdaad zich verankert in de woonwijken, zegt Marcella Militello van antimaffiacollectief Basta! tijdens een wandeling door de wijk. “Ik mis een stevig plan.”
door Kris Hendrickx foto’s Saskia Vanderstichele


De Théodore Verhaegenstraat, vlak bij de Bareel van Sint-Gillis. Aan de ene zijde van de straat is de vitrine van shishabar OKLM volledig dichtgetimmerd. Aan de overzijde prijken spaanderplaten op een tiental ramen van het Institut des Filles de Marie. Tot enkele huizen verderop zijn panden met gebroken ruiten.
De schoolramen zijn niet alleen haastig dichtgespijkerd, leerlingen en leerkrachten hebben de gevel van tekeningen en boodschappen voorzien, van “Vredeswijk, geen oorlogszone” over “Neen aan geweld, ja aan hoop” tot “School is al ingewikkeld genoeg, bedankt om het niet nog moeilijker te maken”.
“Drugsgeweld is al lang niet meer iets dat zich enkel onder criminelen afspeelt, dat zie je op deze plek goed”, zegt Marcella Militello, terwijl ze de gevel van de school in zich opneemt. “De ontploffing vond trouwens plaats net na middernacht in het weekend, als de Bareel normaal vol leven is. Door de werken is de straat nu afgesloten, maar het had anders kunnen aflopen. Even verderop zijn er ook al twee kogels in de gevel van de school aan het Bethlehemplein beland.”
Militello groeide op in Sicilië, waar ze al actief was in de sociale antimaffiabeweging. Hier woont ze in de wijk en is ze voorzitster van Basta!, de Belgian Antimaffia Steps Towards Awareness. De kleine organisatie probeert in België het bewustzijn aan te scherpen rond de georganiseerde criminaliteit en wat eraan te doen, de recepten uit Italië daarbij indachtig.
Geworteld in de wijk
“Mensen denken vaak dat maffia iets exclusief Italiaans is, maar dat klopt niet. Wat je in Sint-Gillis ziet, doet er sterk aan denken: escalerend geweld over een bepaald grondgebied, met grote financiële belangen als inzet. Een verworteling in de wijk ook, waarbij misdaadgeld lokaal wordt witgewassen en vervolgens in de legale economie vloeit, het wijst allemaal op belangrijke misdaadstructuren. Nu draait het geweld rond drugstrafiek, maar als die criminelen diversifiëren, kan de aanleiding veranderen. In Italië waren er bijvoorbeeld ook een soort oorlogjes over wie de aanbesteding voor de vuilnisophaling zou krijgen.”
Even verderop stapt ze langs een gesloten handelszaak, die tot voor kort een soort
zenuwcentrum was van de lokale drugshandel. “Op het trottoir hingen tal van jongeren rond, dat voelde als een beschermend schild voor dat handeltje”, vertelt Militello. Tot procureur Julien Moinil de zaak liet sluiten. “Sinds dit jaar hebben de gemeenten meer middelen om administratief op te treden,” zegt de Basta!-voorzitster. “Ze kunnen de voedselinspectie sturen, de sociale inspectie en ga zo maar door. Dat is nodig, want meestal is het lastiger om te bewijzen dat het om drugshandel of witwassen gaat.”
In het dossier van de handelszaak –waarvan BRUZZ de details niet kan vrijgeven – reageerde het gerecht op criminele feiten. Maar actie ondernemen kan ook voordat er een misdaad wordt gepleegd, weet Militello. “Nederland hanteert het zogenoemde barrièremodel, waarbij je het hele zakenmodel van een crimineel ontleedt met alle stappen die hij moet zetten om bijvoorbeeld aan witwassen te doen. Een dergelijke analyse leert je meteen waar je hem kan raken: hij moet een lokaal vinden, een vergunning aanvragen en respecteren, het personeel van een horecazaak bijvoorbeeld moet over de juiste diploma’s beschikken.”

Die aanpak, door obstakels op te werpen, wil ook Sint-Gillis steeds meer toepassen via een integriteitsonderzoek, bevestigt burgemeester Jean Spinette (PS).
Witwassen en drugsgeld dat in de legale economie vloeit: voor de wijk zijn het gevaarlijke vormen van gif, weet Militello. “Hoe meer criminelen daarin slagen, hoe minder buurtbewoners het gevaar ervan zien. Want plots zorgen de drugsbazen tegelijk voor werkgelegenheid, huisvesting en is het inkomen van hele gezinnen verbonden met de drugshandel. Die bendeleiders, die trouwens uit de wijk komen, kunnen zich dan als ondernemers profileren.”
Die normalisering is in de brede wijk rond het Bethlehemplein al een reëel fenomeen, waarschuwt de antimaffia-activiste. “En het is alleen maar mogelijk omdat we het probleem decennialang hebben verwaarloosd, op verschillende gezagsniveaus. De lange tijd zonder Brusselse regering heeft op dat vlak niet geholpen.”
Krachtige boodschap
Ook vandaag is de urgentie van de situatie nog altijd niet overal doorgedrongen, vindt Militello. “De gemeente, de politiezone en de nieuwe procureur zijn wel actief, maar ze hebben ook niet alle hefbomen. Ik mis een sterke stellingname op het nationale niveau.
Een krachtige boodschap aan de bevolking dat we het hier niet bij zullen laten, dat er een globaal plan is, waar we onze energie zullen insteken. In de plaats hoor ik minister van Binnenlandse Zaken Bernard Quintin (MR) de bal terugspelen naar het lokale niveau: ‘Ja maar, jullie wilden geen soldaten.’ Ook de nationale oppositie is trouwens stil, alsof het hen niet interesseert en dit enkel het probleem van Sint-Gillis is. (Verheft haar stem) Dit is een nationaal probleem. En we hebben nu wel een nationale drugscommissaris die een goede analyse maakt, maar doet de regering daar iets mee?”
Als Militello over de soldaten op straat spreekt, moet ze even met de ogen rollen. “Voor het drugsgeweld in deze wijk kunnen die helemaal niets betekenen. Als je militairen al inzet, moet dat heel gericht zijn.
“Intussen zorgen de drugsbazen voor werkgelegenheid en huisvesting in de wijk”
Marcella Militello
In Sicilië deden de soldaten een tijdlang de begeleiding van gevangenentransporten, militairen zijn getraind in ambassadeurs escorteren. Zo maak je agenten vrij.”
Hoe een globaal plan er moet uitzien, daar heeft Basta! wel een idee over. “Het begint met preventie. Dat betekent onder meer dat je op school al over de risico’s van drugs en dealen durft te praten. Dat gebeurt vandaag al in Frankrijk, Nederland en Italië in het middelbaar. In België is het een beetje zoals met seksuele voorlichting: ‘Ja, maar dan riskeren we dat ze er sneller aan beginnen.’ Dat is een beetje te makkelijk.”
Rekruteren via het darkweb
Preventie betekent verder een stevige focus op mentale gezondheid en verslavingen, zegt Militello, net als meer inspanningen tegen dakloosheid, met name bij minderjarigen. “Vijftienjarigen die op straat belanden, vormen echt een vogel voor de kat. Ze kunnen niet enkel in de drugstrafiek belanden, die wordt dan al snel hun enige sociale netwerk, waardoor je er heel moeilijk weer uitkomt. De laatste tijd worden jongeren steeds vaker via het darkweb gerekruteerd. Daar kunnen we strategieën tegen gebruiken die we ook tegen radicalisering gebruikten.”
In het linkse Sint-Gillis gaan geregeld stemmen op die vrijwel uitsluitend de kaart
van de preventie trekken. Afgelopen donderdag interpelleerde het ‘burgercomité van het plein met de twee banken’ nog in de gemeenteraad. De initiatiefnemers stellen dat de politieaanpak faalt en die dus moet worden afgebouwd. Tegelijk vragen ze een gebruikersruimte, housing firstwoningen voor daklozen en een plek waar jonge daklozen tot rust kunnen komen en begeleid worden.
Samen met Militello stapt BRUZZ in de richting van het naamloze plein in kwestie. Het ligt vlak bij het Bethlehemplein, aan de overkant van de Verhaegenstraat en kreeg de voorbije jaren steeds meer te maken met dealers die de hete adem van de politie op het Bethlehemplein beu waren.
“Tegelijk is dit een beetje de plek geworden waar de gebruikers naartoe trekken”, vertelt de activiste. “Dat levert echte problemen op voor de bewoners. Kleine kinderen kun je niet zomaar laten spelen, je weet nooit wat ze in de mond nemen. Ik ken mensen die ondertussen verhuisd zijn, een iemand zelfs naar Molenbeek, omdat hij het daar veiliger vindt.”
De analyse van het lokale buurtcomité deelt Militello maar gedeeltelijk. “Een gebruikersruimte en een ambitieuze daklozenaanpak zijn zinvol, maar het is een illusie om te denken dat we er zonder krachtig optreden van het gerecht en de politie zullen uitraken. Op achtergrond spelen nog trauma’s over het optreden van de Uneus-brigade enkele jaren geleden. Die bestreed de drugshandel, maar kwam ook in opspraak voor onnodig geweld.”
De strijd van politie en gerecht moet net veel intensiever en meer gecoördineerd, vindt Basta!. “Je hoort de hele tijd over een maatregeltje hier en dan eentje daar, maar het moet één krachtig plan zijn. Dat houdt












verschillende zaken in: bevoegdheden die minder versnipperd zijn dan vandaag, echte nabijheidspolitie, hooggespecialiseerde onderzoekers die zich toeleggen op de georganiseerde misdaad, onder meer wat de financiële structuren betreft. Maar ook een goede kennis van wat de culturele codes zijn binnen de organisatie.”
Net de combinatie van die inzichten was de kracht van het legendarische duo onderzoeksrechters Giovanni Falcone en Paolo Borsellino in Italië, zo weet Militello: “De een had een formidabele kennis van de financiële vertakkingen van de maffia, de tweede een fijn begrip van alle sociale aspecten, wie waar stond in de organisatie en wie met wie trouwde … Geen wonder dat ze allebei vermoord zijn.”
De wandeling met de antimaffiamilitante leidt ten slotte naar de Bosniëstraat, de straat waar eenzelfde huis al verschillende keren het doelwit was van aanslagen met vuurwapens én explosieven. Lager in die straat staat een vijftal vrouwen te wachten op de stoep, hun boodschappentrolley’s netjes op een rijtje geparkeerd. “Straks
begint een voedselbedeling”, legt Militello uit, die trolley’s staan er als een soort ticketsysteem, ze tonen wie als eerste aankwam.”
De armoede in de wijk blijft een factor die evengoed meespeelt in het hele drugsverhaal, weet Militello. “Nu Brussel geen geld meer heeft en de federale regering de werklozensteun in de tijd beperkt, zal die situatie alleen verergeren. Dan wordt de lokroep van gemakkelijk drugsgeld natuurlijk nog groter.”
Reden te meer voor de Basta!-voorzitster om behalve preventie en repressie nog een derde aspect te benadrukken: reparatie. “Als een grondgebied aangevallen en beschadigd wordt door de georganiseerde misdaad, moet je net extra investeren en zo de voedingsbodem voor bijvoorbeeld drugstrafiek verminderen. Dat kan door panden en andere eigendommen van criminele organisaties te confisqueren en op die plekken iets te creëren dat de gemeenschap net nodig heeft. In de De Mérodestraat is zo jaren geleden een illegale textielfabriek opgedoekt en richtte de gemeente vervolgens een opleidingsrestaurant in. Dat noem ik een puzzelstuk voor de oplossing.”
FR/ Marcella Militello, elle-même d’origine italienne, affirme que les violences liées à la drogue à SaintGilles montrent un enracinement du crime organisé dans le quartier. Elle avertit que les habitants et l’espace public sont également touchés. Militello plaide pour un plan coordonné combinant prévention, action policière et approche structurelle du quartier, mais déplore l’absence d’une réponse politique forte au niveau national.
EN/ Marcella Militello, herself of Italian origin, says drug-related violence in Saint-Gilles shows how organised crime is becoming rooted in the neighbourhood. She warns that residents and public space are also affected. Militello calls for a coordinated plan combining prevention, policing and a structural neighbourhood approach, but says there is still no strong national-level response.


















































































“A poignant diary of change and resilience”






Lies Van Overschée is centrumverantwoordelijke van De Platoo. In haar column onderzoekt ze de spanning tussen Brussel als publieke ruimte en het leven achter gesloten gordijnen.
Elke vrijdag is het wasdag. De lakens worden van het bed gestroopt, de sokken binnenstebuiten gedraaid en nu en dan vinden ook sjaal en wintermuts hun weg naar de wasmand. Terwijl ik het droogrek openplooi, denk ik aan het pakje dat de postbode gisteren niet door de brievenbus kreeg. De nog nadruppende kleren hangen, veilig aan het zicht onttrokken, in de kelder te drogen. Ik heb tijd om even de deur uit te gaan.
Op het plein wat verderop trekt een vrolijke bestelwagen mijn aandacht. Blauw, met bubbeltjes erop geschilderd, erin een ronkende wastrommel. Tiens, zou ‘vrijdag wasdag’ iets van iedereen zijn, vraag ik me af. Naast de bestelwagen een groepje mensen. Ze staan te wachten, ze drinken een koffie of slaan een praatje. Niet alleen hun vuile was wordt hier uitgestald, maar ook een deel van hun leven. Wat bij mij in de kelder verborgen blijft, gebeurt hier op het gemeenteplein, in het volle zicht. Hemden, onderbroeken, een gescheurde jas. Sporen van dagen die eigenlijk niemand iets aangaan.
Een beetje gegeneerd om mijn eigen voyeurisme kijk ik weg en stap ik de winkel binnen waar mijn pakje afgeleverd werd. Ik neem een winkelkarretje, laad de nietszeggende doos in en sla even af richting snoepgoed. Chips, popcorn, een chocoladereep … ik geneer me weer, om mijn eigen koopzucht, en draai mijn winkelwagen subtiel weg van nieuwsgierige blikken. Geen zin dat iemand meekijkt naar wat ik koop.
Onderweg loop ik bijna tegen de gebruikelijke rij bij de voedselbedeling aan. Moeten wachten op een pakket betekent dat iedereen kan zien wie er aanschuift, wie er iets nodig heeft. Hoe zou het zijn mocht ik zelf niet kunnen kiezen wat ik vanavond klaarmaak, bedenk ik me. Mocht ik moeten eten wat iemand anders voor me in een pakket gestopt heeft. Mijn winkelkarretje vervangen door een vale doos. Geen schaamte om te veel snoepgoed, maar wel dat ik rijtje schuif. Want hoe zou ik het zelf eigenlijk vinden mocht iedereen mij zien staan? Thuisgekomen trek ik de voordeur achter me dicht en ga aan het plooien. Het houdt me bezig. Waarom moet de vrouw op het plein haar leven openleggen om recht te hebben op ondersteuning, terwijl ikzelf alles kan afschermen? Waarom moet de man bij dat publieke loket elke keer weer aantonen dat hij het écht nodig heeft? Gaat waardigheid dan gek genoeg ook soms over onzichtbaar mogen zijn? Het recht om niet bekeken te worden. Om niet telkens te moeten tonen wat er ontbreekt, om van je eigen persoonlijke verhaal geen publiek schouwspel te moeten maken. Het geroemde recht op privacy, op schaamte die niet in de openbaarheid gebracht wordt. Laten we het ons eens voorstellen: een stad waarin steun niet begint bij je moeten blootgeven, maar bij vertrouwen. Waarin zorg bestaat zonder dat je je tekort hoeft te delen met de buitenwereld. Dat hoeft misschien geen zeepbel te zijn.
jobs
Al 22 jaar lang heet de kioskhouder van het Justitiepaleis Christian Cornelis. In die twee decennia zag hij de krantenverkoop kelderen, maar het contact met zijn klanten blijft even intens. “Hier werken is als een soort drug.”
door Kris Hendrickx foto Ivan Put
Al van kindsbeen af wist Christian (62): later zou hij een krantenkiosk runnen. “Ik kende die krantenwinkels van de buurt waar ik opgroeide, het Anderlechtse Scheut. Er was iets dat me boeide en dat ik niet in de andere buurtwinkels voelde, de menselijke manier waarop mensen met elkaar praatten. Als het buiten regende, bouwde ik mijn kamer al om tot een kiosk, compleet met monopoliegeld. Niet zo’n ‘meisjeswinkel’, maar met kranten. Ik hield ook altijd al van kleine ruimtes, het chaletgevoel zeg maar.”
Toen Christian later zijn middelbare school had afgewerkt, wou hij meteen met zijn eerste krantenwinkel beginnen. “Mijn ouders hebben me uiteindelijk van een compromis overtuigd: eerst iets studeren en als ik dan nog niet van gedacht veranderd was, zouden ze me
steunen in mijn keuze.”
Zo geschiedde: Christian studeerde fiscaliteit – “Dan kon ik later een boekhouder uitsparen” – en hield vast aan zijn kinderdroom, die hem uiteindelijk naar het Poelaertplein bracht.
De kiosk in het Justitiepaleis is een onwaarschijnlijke plek: een piepklein houten verkooppunt in de majestueus hoge wachtzaal. In een complex waar elke gang, trap en zaal grootsheid willen uitstralen, verkoopt Christian op een paar vierkante meter koffie en dranken, loterijproducten, sigaretten, kranten en magazines.
“Wat er in die 22 jaar veranderde?” Christian wijst naar de bladen achter hem. “De dood van de pers.” In anderhalf uur tijd – de duur van het gesprek – verkoopt de kioskhouder van alles, maar geen enkele krant of tijdschrift.

De gedrukte pers mag dan op zijn retour zijn, Christians kiosk blijft even populair. Een bevriende advocaat die een koffie komt halen, weet waarom. “Je bent de verbinding met de echte wereld. In het Justitiepaleis draait alles rond het gerecht, behalve bij Christian. Als ik met een andere advocaat spreek, gaat het al snel over juridische dingen, zelfs als het een vriend is. Aan deze kiosk gaat het over alles, behalve over het gerecht. Dit is een eiland in de oceaan.”
Bijna een drug
De uitbater knikt. “Al komen veel advocaten bij mij ook hun hart luchten. Ik ben neutraal terrein in een gebouw waar iedereen verder bij een of andere partij hoort: gerecht, beklaagde, politie … Door dat menselijke contact doe ik mijn job na al die jaren nog zo graag dat het bijna
“Ik ben neutraal terrein in een gebouw waar iedereen verder bij een of andere partij hoort: gerecht, beklaagde, politie”
Christian Cornelis Kioskhouder Justitiepaleis
een drug is. Ik kan heel vaderlijk zijn met mijn klanten. Als ik van vakantie terugkom, hoor ik wel vaker: ‘Ha, de zon is terug!’ Tegelijk ben ik recht voor de raap.”
Over Brussel heeft de uitbater bijvoorbeeld een uitgesproken mening. “Ik ben ruim twee uur per dag onderweg omdat ik naar het Luikse ben verhuisd. Brussel voelt niet meer als België aan. Dat klinkt misschien racistisch, maar de meeste van mijn vrienden zijn vreemdelingen en mijn beste vriend is een Turk, die me wel
een beetje hard vindt in mijn oordeel.”
Hoe Christian uitbater werd van uitgerekend deze kiosk is een verhaal op zich. “Toen ik nog een winkel in Ukkel had, vertelde een klant me ooit met zoveel enthousiasme over deze plek dat ik toen aan mijn moeder heb gezegd: ‘Ooit is dat van mij.’ Toen zij veel later zei dat ze me niet meer kon helpen in de winkel, zocht ik iets kleiners. Ik vond een intrigerende advertentie, voor een plek met interessante uren – gesloten in het weekend en vakanties
– maar zonder adres. Terwijl ik belde voor informatie begon mijn frank te vallen dat het weleens het Justitiepaleis kon zijn. Ik heb meteen toegezegd, zonder de kiosk zelfs maar te bezoeken.”
Zijn moeder kwam in het begin soms assisteren in het Justitiepaleis. “Ze is overleden in het begin van een vakantie, alsof ze wist dat het anders ongelegen kwam. Toen ik terugkwam na de vakantie hadden mijn klanten rond de hele kiosk hartjesballonnen gehangen met boodschappen erop. Alleen al door er opnieuw over te praten, krijg ik kippenvel.”
In City jobs toont BRUZZ de mens achter typische en minder typische stadsjobs


Al vijftien jaar brouwt Hiro Ojima de Japanse smaakmaker miso in Brussel. Samen met cateraar Filip Fransen begon ze aan een nieuw fermentatieavontuur: sojasaus. Deze herfst komt de eerste shoyu van hun bedrijfje Nuu op de markt, na twee jaar rijping. “Sojasaus vergt veel geduld.”
door Bettina Hubo foto Saskia Vanderstichele
Nuu heeft zijn stek bij fermentatiewinkel Fermenthings in het duurzame Lakense bedrijvencentrum Be-Here. Op de binnenplaats komt een fietskoerier aangereden die een flinke bestelling miso komt ophalen voor het bekroonde groenterestaurant Humus x Hortense in Elsene.
Miso is een bonenpasta, gemaakt volgens een aloude Japanse fermentatietechniek. “Al meer dan duizend jaar is het in Japan de smaakmaker voor soepen, sauzen, marinades en groentegerechten”, vertelt Hiro Ojima, gezeten op een bank voor de winkel. “In mijn jeugd in Tokio was miso omnipresent. Veel gezinnen maakten de pasta zelf. Wij niet, omdat we klein woonden en mijn ouders de hele dag buitenshuis werkten. Maar in de supermarkt had je een enorm aanbod.”
Intussen woont Ojima twintig jaar in België, waar ze lang actief was in de socioculturele sector. Toen Japan in 2011 getroffen werd door een zware aardbeving en tsunami, besloot ze, samen met twee vriendinnen, miso te maken en te verkopen om zo de slachtoffers te ondersteunen. “De vraag naar ambachtelijke miso was groot bij Japanse expats.”
Om de fermentatietechniek onder de knie te krijgen, ging ze te rade bij enkele landgenoten. “Maar zo ingewikkeld is het niet”, zegt ze. “Je moet eerst een schimmelcultuur maken, de koji. Daarvoor meng je gekookte rijst met de sporen van de Aspergillus oryzae. Dat is een schimmel die alleen in Japan te vinden is en die we dus moeten importeren. De rijst gaat een dag of drie in een zeer warme, vochtige rijpingskamer. Daarna vermeng je de koji met gekookte sojabonen en zout. Na enkele dagen al heb je jonge witte miso. Maar je kunt de miso ook een jaar of een paar jaar laten doorrijpen in een houten vat.”
“In Japan wordt miso traditioneel van sojabonen gemaakt”, vertelt vennoot Filip
Fransen, die ook aangeschoven is. “Hier mengen we de koji ook met andere eiwitrijke peulvruchten, zoals linzen en kikkererwten. Wij willen zoveel mogelijk lokale ingrediënten gebruiken en de miso wat aanpassen aan de Europese klanten en smaken.”
Fransen ontmoette Ojima een jaar of vijf geleden in Abattoir in Anderlecht. Daar had de kleine vzw van Ojima net een winkeltje geopend, geprangd tussen de slagerijen met lamsvlees en gevogelte.
Fransen was een van haar klanten. Met zijn cateringbedrijf Witlof runde hij toen restaurant Albert op de vijfde verdieping van de koninklijke bibliotheek KBR. “Ik werkte al langer met miso, dus toen ik hoorde dat het in Abattoir ambachtelijk geproduceerd werd, wilde ik meteen gaan kijken”, vertelt hij.
Bevorderlijk voor de spijsvertering
Fransen was in het verleden kok, consultant en cateraar, met als rode draad duurzame voeding. “Ik kook dan ook veel met groenten. Om die op smaak te brengen wordt in onze contreien al te vaak het bekende bouillonblokje gebruikt. Ik werk daar liever niet mee. Het is een heel industrieel product, eigenlijk gewoon samengeperst zout met gedroogde groenten en vaak ook dierlijke eiwitten.”
“Het fermentatieproces duurt minstens twee jaar. Je moet lang investeren voor je kunt verkopen”
Hiro Ojima Misoproducent Nuu
Miso is veel natuurlijker, aldus Fransen. Dankzij de fermentatie bevordert het de spijsvertering en heeft het een unieke smaak. Die komt vrij wanneer de eiwitten van de sojabonen of linzen tijdens het fermenteren afgebroken worden tot losse aminozuren.
Het is een smaak die in het Westen vaak aangeduid wordt als umami. “In het Japans betekent umami gewoon lekker”, lacht Ojima. Fransen omschrijft het als een diepe, complexe hartigheid die toelaat om zonder vlees of vis te koken en toch die intense, volle smaak te bereiken.
“Sterrenchef René Redzepi van Noma in Kopenhagen begon er destijds mee te experimenteren en inspireerde anderen. Vandaag voegen heel wat Europese chefs, zeker de avontuurlijke, een lepeltje miso toe om groenten, een soep, een saus of een fond op smaak te brengen.”
Midden 2024 sloegen Fransen en Ojima de handen in elkaar. Fransen had toen net zijn cateringzaak verkocht. “Witlof was te groot geworden, ik had 25 werknemers. Het was niet meer te combineren met een jong gezin”, legt hij uit.
Ojima droomde er in die tijd van om een nieuwe stap te zetten. Ze wilde ook sojasaus brouwen, maar daarvoor waren extra middelen nodig. “Het fermentatieproces duurt minstens twee jaar. Je moet dus lang investeren voor je kunt verkopen.”
Chemische troep
Fransen stapte mee in het verhaal. “Brusselse sojasaus, hoe cool is dat”, zegt hij. Samen richtten ze de vennootschap Nuu op en verhuisden de productie naar Laken.
Intussen hebben ze één werknemer, Vincent, afgestudeerd in de biologie en horeca, en nu ‘fermentatiemaster’. In de keuken is hij bezig met de bereiding van de shoyu, de sojasaus. Op een lange houten tafel vermengt hij met twee handen een berg gekookte sojabonen met mout. Daaroverheen strooit hij de groene sporen van de Aspergillusschimmel. Het mengsel gaat een paar dagen in de rijpingskamer, waarna het, aangevuld met water en zout, in een houten vat verder zal fermenteren.
De vatenkamer van Nuu bevindt zich bovenin het bedrijvencentrum. Tientallen vaten sojasaus en miso staan er op rekken. Het zijn geen cederhouten tonnen zoals in Japan, maar – ook weer voor die Europese twist – oude eikenhouten wijnvaten, waar telkens een receptenfiche aan hangt met de datum en exacte verhoudingen.
Vincent tilt het deksel van een recent sojasausvat en roert met een lange stok door het goedje, een lichtbruine, gistende brij,
Hiro Ojima (links) en cateraar Filip Fransen bij een van de vaten met sojasaus. In het midden Vincent, de fermentatiemaster.

waarin de bonen nog goed zichtbaar zijn.
Aan de overkant staat het oudste vat, van september 2024. De inhoud oogt donkerder en egaler. Vincent neemt een hap en proeft.
“De zoutbalans zit nog niet helemaal goed. Er moet nog een warme zomer overheen.”
De rijpingsduur is cruciaal. Alle seizoenen en de daarmee gepaarde temperatuurverschillen bepalen immers mee de smaak.
Daarin verschilt de ambachtelijke sojasaus volgens Ojima van industriële saus.
“Industriële fabrikanten versnellen het fermentatieproces door het mengsel op te warmen en enzymen toe te voegen.” Met een veel zouter product tot gevolg. “Als je eenmaal ambachtelijke shoyu geproefd hebt, giet je nooit meer van die chemische troep over je lekkere sushi”, zegt Fransen.
Hij rekent erop de Nuusojasaus in oktober op de markt te kunnen brengen. De flesjes zijn al uitgekozen en aan de vormgeving van het etiket wordt gewerkt. Nu is het zoeken naar verdeelpunten.
Vorig jaar behaalde Nuu een omzet van 120.000 euro. Het gros van de misoproducten, ruim zeventig procent, gaat naar gastronomische restaurants, binnen en buiten Brussel. De rest verdelen ze via supermarkten en speciaalzaken.
Dit jaar verwachten Fransen en Ojima een flink hoger zakencijfer. De sojasaus komt erbij en deze zomer lanceren ze ook hun amazaké, een fris gefermenteerd rijstdrankje, heel populair in Japan. Fransen: “Ook weer op basis van die kojischimmel. Het is een mirakelproduct.”
FR/ Hiro Ojima and Filip Fransen brew artisanal miso and soy sauce in Laken through their company Nuu, using traditional Japanese fermentation techniques. They combine Japanese methods with local ingredients and long ageing in wooden barrels. The soy sauce matures for up to two years and will soon be launched on the market. Their products are mainly used in restaurants and specialised shops.
EN/ Hiro Ojima and Filip Fransen brew artisanal miso and soy sauce in Laken through their company Nuu, using traditional Japanese fermentation techniques. They combine Japanese methods with local ingredients and long ageing in wooden barrels. The soy sauce matures for up to two years and will soon be launched on the market. Their products are mainly used in restaurants and specialised shops.

Bij Thermae Boetfort draait alles om vertragen en genieten, in een setting die tot de verbeelding spreekt. Het 16e-eeuwse kasteel van Boetfort werd in 2010 omgetoverd tot een luxueuze spa waar lichaam en geest weer in balans komen. Maar hoe ziet zo’n dagje wellness er nu écht uit? We nemen je mee!
Foto’s: Thermae / Tekst: alinepeeters.com / Vormgeving: monoeil.be
Zodra je het domein oprijdt, voel je de zorgen van je afglijden. Het historische kasteel van Melsbroek zet de perfecte sfeer. Na het inchecken en een korte uitleg van onze drietalige staff begint jouw moment van ontspanning. Kies je voor een dagarrangement? Dan liggen badlinnen en slippers alvast voor je klaar. Er is een naakt en een badpakgedeelte, zodat je zelf kan kiezen wat het meest comfortabel voelt.
Je begint rustig met je eerste saunaronde. Of twee. Of drie. Maar liefst elf sauna’s en stoombaden wachten op je. Ontspan in de Kasteelsauna met uitzicht op het kleine meer, laat je zintuigen prikkelen in de Lichttherapiesauna en voel de zuiverende werking van de Zoutsteensauna, waarvan de muren volledig uit kristalzout zijn opgebouwd. Of sluit aan bij een

van de dagelijkse opgietsessies. Onze saunameesters zijn echte vakexperts!
Tussen de saunabeurten door of nadien koel je af in het dompelbad in openlucht. Vergeet je hoofd niet! Neem een halfuurtje rust, wandel even door de prachtige tuin of trakteer jezelf op een huisgemaakte mocktail in de Silence Bar in de vroegere paardenstal.
Wie wil, kiest voor een massage of verzorging. Een professionele behandeling die je na de sessie een heerlijke glow geeft, van binnen en van buiten. Sinds kort biedt Thermae Boetfort ook een Head Spa (50’) aan, waarbij je hoofdhuid diep gereinigd, gevoed en verzorgd wordt. Alle producten zijn speciaal voor Thermae ontwikkeld in Belgische dermatologische labo’s.

Tijd voor de thermale baden. Het warme water doet zijn werk: stress zakt weg, je lichaam voelt lichter. Er zijn verschillende jacuzzi’s met zicht op het groen, een buitenzwembad om even te bewegen en een relaxatiebad in de vroege wijnkelder. Nieuw in het aanbod? Het floatingbad, met een extreem hoog gehalte aan zuiverend Epsomzout. De zijdezachte huid en heerlijke nachtrust krijg je er gratis en voor niets bij.
In de verschillende rustruimtes neem je de tijd om gewoon te zijn. Lezen, wegdromen of even de ogen sluiten: dit is het moment waarop je écht vertraagt. Of indommelt. Je kan je ook inschrijven voor een Sound Bathsessie, een ontspannende meditatie waarbij je omringd wordt door geluiden en trillingen van instrumenten.
Zin in het volledige wellnessverhaal? Lees verder op bruzz.be/thermae

Moederdag actie
Heeft je mama nood aan rust en een moment helemaal voor zichzelf? Dat dachten we al! Verwen haar met onze Moederdagactie van 10 april tot 11 mei 2026. Bij aankoop van een cadeaubon van 100 euro krijg je een gratis dagpas. Zo kan jij gezellig meegenieten, win-win!
MEER INFO thermae.com



Enracinée (geworteld) heet de nieuwe juwelencollectie van Ophélie Hilbert. De Brusselse Française vertaalt haar fascinatie voor zichtbare, met elkaar verstrengelde boomwortels naar de taal van zilveren ringen en oorbellen. Ze studeerde aan La Cambre en werkt nu vanuit haar eigen atelier in het Grand Hospice. Haar juwelen verwikkelen zich subtiel rond je hand of oor. Hand in hand met de collectie kwam ook een stukje poëzie tot leven: “Ça se déploie, ça se relie, ça se multiplie en silence.” (IK)
RING MET GRANAAT, 265 euro via @opheliehilbert of bij vintagewinkel
Jacqueline
Jouw Brussels product op deze pagina? Mail naar shop@bruzz.be
Luxemerk Ester Manas is terug van even weggeweest. Het creatieve duo Ester Manas en Balthazar Delepierre runt het label vanuit Sint-Gillis. Met inclusieve kledingmaten strijden ze tegen fatphobia: hun vorig werk viel al in de prijzen bij onder meer American Vogue. Nu is er een kledinglijn voor de allerkleinsten, Mini Manas. Het resultaat? Mama’s en mini’s stappen voortaan de deur uit in matching Manas-looks. (IK)
MINI MANAS AFNEEMBARE KRAAG, 45 euro via estermanas.com

Alcoholvrije dranken winnen aan populariteit, maar wie op een avondje uit drie cola’s achterover slaat, staat al snel stuiterend van de suiker weer buiten. De Brusselse bio-ingenieur Mathilde Riga zag enkele jaren geleden het potentieel van gefermenteerde dranken en begon te experimenteren met kefirkorrels, een combinatie van bacteriën en gisten. Het resultaat, Kult, is een frisse, vrijwel suikervrije en licht bruisende drank met een subtiele zuurgraad. De smaken variëren van passievrucht en maté tot yuzu-mandarijn, framboos-munt en gemberlimoen. (MVDH)
KULT KEFIR, 25,5 euro voor 12 blikjes, kultkefir.com
KWALITEIT
AANBOD

AUTHENTICITEIT
INFO
Lang-Levenstraat 48, Elsene thieyp.be
In Matonge zijn adresjes te vinden die de clichés die over die buurt leven ver achter zich laten. Ze serveren verfijnde gerechten, geworteld in uiteenlopende culinaire tradities.
De afgelopen jaren hebben de lokale autoriteiten – de gemeente Elsene en de politiezone – in de strijd tegen illegale handel de controles in Matonge opgevoerd. Dat bepaalt mee de perceptie die leeft over de wijk en voedt het wantrouwen, ook tegenover de horeca. Nochtans is het aanbod gevarieerd: van minder goede eettentjes tot prima adressen.
Een daarvan is Thieyp, dat eenvoud hoog in het vaandel draagt. Het menu wordt per week samengesteld, met elke dag een vlees- en visbereiding. Daardoor is alles vers klaargemaakt, zonder diepvriesproducten en met zo weinig mogelijk voedselverspilling. Op het menu klassiekers zoals thiéboudiène (rijst, vis en groenten), yassa (uien, citroen
en kip of garnalen), attiéké (maniokgriesmeel als bijgerecht).
Aan het roer van deze sober ingerichte plek, verfraaid met ambachtelijke, decoratieve accenten, staan Papi en zijn vrouw Aurélie, bijgestaan door chef-kok Félix. Toen hun dochter de diagnose coeliakie (glutenintolerantie) kreeg, gaven ze hun project vorm. Papi merkte dat veel West-Afrikaanse gerechten van nature glutenvrij zijn, en vaak ook lactosevrij. Daarom besloot hij die gerechten op authentieke wijze te serveren, waardoor die eigenschap een troef werd in plaats van een beperking.
Op een woensdagmiddag wordt BRUZZ verwelkomd met drie shotjes sap: de zoetheid van baobab, de kracht van gember en de frisheid van bissap, dat ons de hele maaltijd zal vergezellen – op de kaart staat geen alcohol. De samosa’s als voorgerecht (12 euro) zijn in drie varianten te verkrijgen: geitenkaas (onze keuze, knapperig en erg lekker); kip, pinda’s en bakbanaan; en een vegetarische versie. Het hoofdgerecht, een attiéké met kip (21,90 euro) combineert maniokgriesmeel met zacht, in marinade gegrild kippenvlees. Een kleine, erg frisse salade met lichtzure toetsen maakt het geheel af. Die gerechten zijn zo royaal, dat er geen plek meer was voor de toch wel smakelijke chocolade-bananenmousse (8,50 euro). MICHEL VERLINDEN
Kirikou heeft een kleurrijk en gezellig terras en serveert een geslaagde West-Afrikaanse menukaart: kippenvleugeltjes, Ghanese dokounou of jollof-rijst op Senegalese wijze. De gerechten zijn perfect bereid, met een uitgesproken kruiding. De snelle bediening en de vrolijke sfeer worden aangevuld met een extraatje voor de bierliefhebber: Taras Boulba en Zinnebier van de Brasserie de la Senne.
Lang-Levenstraat 20, Elsene
Dicht bij het Sint-Bonifatiusplein biedt Les Marmites du Monde, een Belgisch-Mauritiaans restaurant, een genereuze keuken die balanceert tussen creoolse recepten en klassiekers uit het Mauritiaanse repertoire. Op het menu gamba’s, dorade en kruidige gerechten, perfect op smaak gebracht. Een levendig terras bij mooi weer, een gemoedelijke bediening en gegarandeerd culinair genot. Sint-Bonifaasstraat 4, Elsene

De ouders van Silvana Estrada zijn muzikanten en instrumentenbouwers. Zelf trok ze van Veracruz naar New York om jazz te studeren, maar koos voor een sober Spaanstalig folkgeluid, dichter bij haar roots. Haar nieuwe album Vendrán Suaves Lluvias evoceert het gedicht ‘There Will Come Soft Rains’, dat Sara Teasdale schreef na WO I en de grieppandemie van 1918, en injecteert duisternis met hoop.
→ 1/5, La Madeleine
Jazzdrummer Joey Baron speelde met John Zorn en Fred Hersch, en met Robin Verheyen en Bram De Looze. Met slagwerkster Robyn Schulkowsky vormt hij al jaren een avontuurlijk duo. Samen met de Japanse avant-gardegitarist Otomo Yoshihide komt de avontuurlijke tandem onder de noemer Lavish Joy naar Europa. In Kuregem spelen ze de eerste avond als trio, de tweede solo.
→ 5 & 6/5, Werkplaats Walter
Simon Gronowski
Simon Gronowski (94), Holocaustoverlever, advocaat en jazzpianist, geeft op 8 mei een vredesconcert met zijn orkest. Tijdens de Tweede Wereldoorlog werd hij gedeporteerd, maar ontsnapte uit de trein naar Auschwitz. Als wees vond hij via jazz opnieuw houvast. Vandaag wil hij, nu democratieën onder druk staan, de herinnering aan de barbarij levend houden.
→ 7/5, Sounds Jazz Club
De Italiaanse zanger Umberto Tozzi neemt afscheid van het Belgische publiek (1/5, Vorst Nationaal)
John Watts zakt met Fisher Z nog eens af naar de hoofdstad (3/5, AB)
Na Sex Pistols lanceerde oerpunker John Lydon Public Image Ltd. (3/5, Botanique)


De veelkleurige schoonheid van Moeder Natuur verklanken op het zwart-wit van een klavier? Laat dat maar aan Fazil Say over. De geëngageerde pianist-componist voert namelijk zijn aan haar opgedragen klimaatcrisisconcerto voor het eerst in België uit met het Nationaal Orkest. Met ‘De Moldau’ uit Má vlast krijg je er nog wat meanderende pracht bovenop.
→ 3/5, Bozar
In zijn nieuwe opera kijkt componist Iain Bell met mededogen naar het mythische personage met slangenharen. Ze is bij hem niet zomaar een verstenende feeks, maar in de eerste plaats een getormenteerde en getraumatiseerde vrouw. Medusa wordt zo een opera van (anti-)heldinnen waar de alten en de sopranen de tenoren van het verhaal zijn.
→ 5 > 19/5, de Munt
Choreograaf Alexander Vantournhout ging in 2025 aan de slag met de Sequenze van Berio, en propte daarvoor dansers in verdoken hoeken van het Paleis voor Schone Kunsten. Het werd een indrukwekkend parcours, maar om praktische redenen was dat slechts voor beperkt publiek te zien. Deze week zijn er gelukkig een paar nieuwe kansen om te zien dansen.
→ 5 > 6/5, Bozar
Maximale minimalist en knuffelbeer(verzamelaar)
Charlemagne Palestine (1/5, Le Baixu)
Klassiek in de kruidtuin: tijd voor de jaarlijkse afspraak met pianist Bernard Lemmens (3/5, Botanique)
Het Ryelandt Trio speelt Rachmaninov en Arno … Babajanian welteverstaan (3/5, Dielegemabdij)
I love dancefloor
Agathe Dananaï
De muzen van de Brusselse illustrator Agathe Dananaï zijn onbekenden van wie ze de sociale media uitpluist op zoek naar beelden die de banaliteit van het alledaagse leven weergeven – en die ze dan naar haar hand zet. Hier creëert ze een imaginaire groep feestgangers voor een frisse blik op intieme rituelen zoals het kiezen van een uitgaansoutfit of een afterparty.
→ 06/5 > 17/6, La Vénerie
Geeks van overal ter lande kunnen zich weer uitleven in – en uitdossen voor – dit Brusselse multiversum van films, animatiefilms, series, games, manga’s en strips. Het is de ideale plek om merchandise te scoren, maar ook om bijvoorbeeld een lichtzwaardgevecht te bewonderen, een concert mee te pikken of acteurs uit series als Stranger Things in levenden lijve te zien.
→ info
Acht jaar na zijn dood is de nalatenschap van Jef Geys springlevend en blijft hij een inspiratie voor hedendaagse kunstenaars als de Brusselse Emeline Depas. Damien & The Love Guru vormt een passend avontuurlijk decor voor de dialoog tussen hun gedurfde analyses van symbolen. Het werk van Jacqueline Fraser en Hélène Fauquet zorgt voor extra lagen.
→ 30/4 > 17/6, Damien & The Love Guru
Ludovic Sarmento bestrijdt schoonheidsidealen met foto’s (8/5 > 6/6, The Palm Beach)
Kunstenaars leggen hun diepste innerlijk bloot in Secret Skins (7/5 > 4/7, Rodolphe Janssen)
Oleksandr Semenov bekijkt België met onbevangen blik (5/5 > 30/6, Window expo GC De Maalbeek)

Lynne Ramsay met Jennifer Lawrence, Robert Pattinson, LaKeith Stanfield
Hollywood-ster Jennifer Lawrence ging diep voor de rol van een pas bevallen moeder die de grip op het leven verliest. Haar echtgenoot (Robert Pattinson) weet niet hoe hij helpen kan. Van de Schotse Lynne Ramsay, de stilistisch ijzersterke regisseur van You were never really here, mag je intense, brute emoties en schurende, zintuiglijke cinema verwachten.
→ in de bioscoop
The Devil wears Prada 2
David Frankel met Meryl Streep, Anne Hathaway, Stanley Tucci, Emily Blunt
Meryl Streep, Anne Hathaway, Stanley Tucci en Emily Blunt hernemen hun personages uit een van de hits van de nillies: mode- en mediasatire The Devil wears Prada. Het vervolg heeft geen eigen smoel en probeert vooral zo hard mogelijk op het origineel te lijken. Streeps demonische hoofdredactrice is helaas een pak minder imposant en vilein.
→ in de bioscoop
Carla Simón met Llúcia Garcia, Mitch Martin
Marina (18) reist naar de kustplaats Vigo om iets meer te weten te komen over haar vroeg gestorven ouders. Net als in Summer 1993 en het met de Gouden Beer bekroonde Alcarràs vertrekt regisseur Simón van een persoonlijke insteek en verrijkt ze zachtaardig naturalisme met toefjes poëzie en magie. De cinematografie van Hélène Louvart mag geroemd.
→ in de bioscoop
Ana Vaz is een van de meest opvallende visuele kunstenaars van haar generatie (28/4 > 2/5, Bozar) Sukkwan Island is gebaseerd op Legende van een zelfmoord, de ijzingwekkende roman van David Vann
A Sad and Beautiful World is een romantische komedie én liefdesbrief aan het geplaagde Beiroet
Lennert Baerts, toekomstig artistiek leider

Op 26 mei 1926 werd jazzicoon Miles Davis geboren en dat wordt 100 jaar later gevierd met (...) What’s Not There. Lennert Baerts zocht samen met zijn kompanen van Brussels Jazz Orchestra (BJO) en trompettist Ambrose Akinmusire uit hoe hun held nu geklonken zou hebben.
“Het zaadje werd geplant toen onze general manager de programmator van Bozar tegen het lijf liep in New York en ze de wens uitspraken de centennial te vieren”, zegt BJO-saxofonist en arrangeur Baerts, die het project artistiek aandrijft. “Toen hij een dag later toevallig ook de manager van Ambrose tegenkwam, ging de bal aan het rollen. Het duurde even voor we de juiste invalshoek hadden. De erfenis van Miles blijft heilige grond die je met veel zorg benadert. Ambrose was daar ongelooflijk voor op zijn hoede.”
De sleutel lag bij Live in Europe 1967, een legendarische livecompilatie waarop Davis en co dezelfde stukken op verschillende avonden compleet anders deden klinken. “Je hoort de avontuurlijke mindset van zijn tweede grote kwintet met Wayne Shorter en Herbie Hancock. Hun hang naar vrijheid werd het uitgangspunt van onze ‘recompositions’. We benaderen de muziek van Miles zoals hij die nu zelf benaderd zou hebben.”
De titel is afgeleid van een quote van Davis, die muzikanten aanspoorde om niet te schrijven of te spelen wat er is, maar wat er niét is. “Die zogenoemde ‘negative space’ of de ruimte tussen de lijnen is essentieel. Ambrose wou geen tweedimensionale partituur. Hij
wilde de rollen van orkest en solist doen vervagen en tussen de lijntjes kleuren. Soms schuift hij net als Miles de hoofdrol door.”
Zelf schreef Baerts nieuwe arrangementen voor ‘The Sorcerer’ en ‘Riot’, composities van Hancock waar hij met ‘Spellbound Turbulence’ één groot stuk van maakte. “Ik arrangeerde ook werk van Shorter en Hermeto Pascoal. De nadruk ligt op het repertoire uit de jaren 1960, waarin zijn productie het
“De erfenis van Miles blijft heilige grond die je met veel zorg benadert”
grootst was, maar ook zijn latere jazzrockfase, met stukken van Marcus Miller, komt aan bod. Als basis opteerden we voor een pianotrio. Het was verfrissend om nog eens voor een bezetting zonder gitaar te schrijven.”
Het is de bedoeling dat Baerts, nog altijd maar 29, in 2028 Frank Vaganée opvolgt als artistiek leider van het orkest. “De grootste uitdaging zal zijn om ons muzikale DNA te mengen met de diverse en digitale leefwereld van jonge mensen vandaag, en de band met nieuwe generaties verder aan te halen, inclusief samenwerkingen met artiesten die groepen representeren die we minder bereiken.” TOM PEETERS
(…) What’s Not There – A new perspective on Miles Davis, op vrijdag 1 mei in Bozar in Brussel: bozar.be



Trouble score
Luanda & Pablo Casella/NTGent
Nonkel Leo Tolstoj wist het al: “Alle gelukkige families lijken op elkaar, elke ongelukkige familie is ongelukkig op eigen wijze.” Hier duiken zus en broer Luanda en Pablo Casella in een familieschandaal over trauma en misdaad, tegen een achtergrond van rassendiscriminatie en dictatuur. Een compositie van tekst, samples en livemuziek.
→ 5 & 6/5, KVS
Fervente lezers wisten het al: Claire-Louise Bennett is met haar eigengereide en intense stijl een van de meest intrigerende hedendaagse schrijfsters van de Britse eilanden. Na haar verhalendebuut Pond en opvolger Kassa 19, verscheen eind vorig jaar Big Kiss, Bye-Bye (‘Dikke kus, dag-dag’) over het einde van een relatie. Nu kun je Bennett ook in het echt zien en horen.
→ 2/5, BOZAR
Bewakingscamera’s wisten het al: je was op dit moment hier en op dat moment daar. Tijdens een gegidste wandeling vertrekkende vanaf het Zuidstation leiden de Ligue des Droits Humains en het Collectif Mémoire Coloniale et Lutte contre les Discriminations je langs het videosurveillancenetwerk in onze stad, en bespreken er de organisatie, financiën, effectiviteit, effecten en ideologie van.
→ 5/5 & 2/6, org. Beursschouwburg
De herneming van het geweldige BOS (BRONKS, Dielegembos 2 & 3/5)

Onder meer danseres en choreografe Fumiyo Ikeda zit in Give up, old ghosts (5/5, KVS BOL)
Het is uitverkocht, maar er is een wachtlijst voor Welkom Ongemak van Wim Helsen (1/5, KVS)
Alexander Flood + KAU
Australisch drumfenomeen Alexander Flood is op toernee door Europa, en doet ook Molenbeek aan. Op zijn nieuwe plaat Artifactual Rhythm ‘floods Flood the zone’ met beats van eigen kweek. Ritmisch alleszins, maar dankzij de begeleidende bandleden ook jazzy, groovy én spacey. Net zoals het voorprogramma, dat onder de verantwoordelijkheid valt van het Brusselse instrumentele jazzelectrotrio KAU.
→ 2/5, GC de Vaartkapoen
Ayu Compagnie
Voor Atemporal putten choreografe Yentl de Werdt en de Mozambikaanse muzikant Matchume Zango uit het door de Unesco erkende werelderfgoed van het Chopi-volk, dat muziek maakt met houten xylofoons of timbila. Jong en oud worden daarbij uitgenodigd om samen mee te bewegen op de magische klanken.
→ 3/5, Op-Weule
Cato Beljaars
Fotografe en ex-BRUZZ-journaliste Cato Beljaars speurt al jaren de straten af naar ‘Weird Things in Brussels’: absurde situaties, constructies en opschriften die hun weg vinden naar haar populaire Instagrampagina en intussen al twee fotoboeken. Ze vertelt in Ganshoren de verhalen achter haar avonturen in de hoofdstad van het surrealisme.
→ 5/5, GC De Zeyp
Het acrobatische KET-concert FLUGI & Rainbow (3/5, Sporthal De Maalbeek, 4+)
Het FilmloKET toont de animatiefilm Kubo en het Magische Zwaard met samoerai en monsters
Nog een kans om de Brusselse animatieklassieker Rosie & Moussa(te zien (6/5, GC De Kroon)
Uitgelicht
Koningin Elisabethwedstrijd voor cello

De Koningin Elisabethwedstrijd, KEW voor de vrienden, trekt vanaf 4 mei opnieuw een maand lang de beste jonge uitvoerders ter wereld naar de hoofdstad. Dit jaar is de cello aan de beurt. Vier redenen waarom het concours uw ontgroening in de klassieke muziek moet zijn.
door Jasper Croonen
Competitie van de bovenste plank
Je kunt je terecht afvragen wat de zin is van kunst in competitie, maar het is ontegensprekelijk een beproefd recept. In de vorige eeuw hoorden bij de Olympische Spelen zelfs artistieke disciplines, waar schilders, beeldhouwers en componisten de degens kruisten. Willens nillens blijft wedstrijdwinst bovendien dé manier voor klassieke musici om hun carrière te lanceren. Platencontracten krijg je zelden na het opsturen van een demotape, maar pas na het keurmerk een concourslaureaat te zijn. En weinig stempels staan zo hoog aangeschreven als de Koningin Elisabethwedstrijd.
Dat heeft vooral te maken met de intensiteit van de wedstrijd. Die duurt een hele maand, en tijdens dat lange traject moeten muzikanten een enorm breed repertoire tentoonspreiden. In de eerste ronde krijgen ze verplicht een sonate met piano achter de kiezen, in de halve finale moeten ze een nieuw gecomponeerd werk in hun recitalprogramma verwerken, en in de finale spelen ze een concerto met orkest en alweer een nieuw stuk dat ze pas zeven dagen eerder voor het eerst onder ogen kregen. Wie de wedstrijd wil winnen, moet met andere woorden een alleskunner zijn, die zich dwars door stijlen en tijden staande weet te houden.
Genieten van de gelijkaardigheid
Ondanks het brede repertoire om uit te graaien, krijgt het publiek op de Koningin Elisabethwedstrijd toch vaak dezelfde stukken voorgeschoteld. De twee plichtwerken (in halve finale en finale) die elke kandidaat moet vertolken, geven de imposante jurytafel van een tiental internationale stercellisten ijkpunten, waarmee ze de minuscule verschillen tussen toppers kunnen beoordelen. Ook voor leken is die vergelijkbaarheid een troef. Je hoeft de muziek uiteraard niet op hetzelfde niveau te begrijpen of te analyseren, maar je krijgt zo wel de kans om relatief makkelijk aan te voelen welke impact een interpreet op een geschreven partituur heeft. Hoe luid speelt iemand een forte? Hoe kort en hard is een pizzicato? Hoe snel gaat een adagio? Zelfs wie geen jota van de voorgaande zinnen begrijpt, kan wel instinctief vergelijken en een voorkeur krijgen. De bolletjes op het papier zien er voor iedereen hetzelfde uit, maar toch zal je geen twee keer hetzelfde horen.

Derde keer scheepsrecht voor het dutseninstrument
Op de Koningin Elisabethwedstrijd wisselt het instrument in de kijker elke editie. Op het allereerste concours, in 1937, namen violisten het tegen elkaar op – niet toevallig is dat ook het instrument van bezieler Eugène Ysaÿe. Het jaar daarna was het aan de pianisten. Toen de KEW na de Tweede Wereldoorlog de draad weer oppikte,
Ook de bespelers van het instrument hebben eerder de reputatie om wel te gedijen in die wat dienendere rol. Daar is niets mis mee, maar een wedstrijd doet toch altijd uitkijken naar een persoonlijkheid.
Toch heeft the new kid on the block ook al zijn meerwaarde bewezen. Bij de twee traditionele instrumenten is het repertoire, ook buiten de verplichte stukken, grotendeels vastgeroest. Na bijna een eeuw
Platencontracten krijg je zelden na het opsturen van een demotape, maar pas na het keurmerk een concourslaureaat te zijn
wisselden snaren en klavier elkaar lange tijd af. Pas in het midden van de jaren tachtig mochten ook zangers zich komen meten.
Dit jaar is het aan de cello, sinds 2017 aan de rotatie toegevoegd, en nu pas aan zijn derde editie toe. De twee voorbije keren was het nog wat zoeken voor de nieuwkomer. In tegenstelling tot viool en piano heeft de cello minder natuurlijke soloprésence. Het timbre van het instrument bevindt zich veel meer in het middenregister, waardoor de cello eerder als gedegen fundament dient, dan als haantje-de-voorste.
competitie weten deelnemers ondertussen wel welke werken werken. In het pianoconcours kun je er bijvoorbeeld prat op gaan dat minstens één finalist het ‘Derde Pianoconcerto’ van Sergej Rachmaninov kiest, bij de violisten is Brahms incontournable
Voor cellisten ligt het speelveld nog veel meer open, wat tot verrassendere ontdekkingen leidt. Vorige keer, in 2022, eiste de Koreaanse kandidate Hayoung Choi de hoofdprijs op met een stuk van Witold Lutosławski, een modern, maar miskend meesterwerk.

Altijd op de eerste rij …
Klassieke muziek heeft nog steeds de kwalijke reputatie onbetaalbaar en ontoegankelijk te zijn. Dat de finaleweek in Bozar een hoog m’as-tu vu-karakter heeft, valt niet te ontkennen, maar de beginfase van het concours is vaak verrassend democratisch. Een dagticket voor de eerste ronde in Flagey kost maar 21 euro, en voor dat geld mag je zowel de middag- als de avondsessies bijwonen, goed voor een tiental optredens. Jongeren die zich in de namiddag kunnen vrijmaken, betalen zelfs maar zeven euro voor een kaartje.
Hoewel het sowieso een interessantere ervaring is om in de concertzaal te zitten, hoef je voor de wedstrijd je kot niet uit te komen. RTBF en VRT zenden het concours vanaf de eerste ronde live uit, zitten de kandidaten op de huid, poten pop-upstudio’s neer in het Paleis voor Schone Kunsten, waar ze de finaleweek bespreken en analyseren als de culturele Champions League die het is. De meest flitsende tv levert dat eerlijkheidshalve niet op, maar sinds de coronaeditie is het camerawerk van de concerten er enorm op vooruitgegaan. Bovendien mogen beide netten elk een publieksprijs uitreiken. Dat er dit jaar geen Belgen de eindronde haalden, is uiteraard een jammere zaak, maar het maakt de race voor die trofee wel eens zo spannend.
Koningin Elisabethwedstrijd, van 4 mei tot 10 juni, koninginelisabethwedstrijd.be
Welke misvatting bestaat over jou?
Ik ben geen Gorgo!
Op welk vooroordeel betrap jij jezelf soms?
Alle automobilisten zijn oelewappers (behalve ikzelf).
In welk ander vak of beroep zou je ook top zijn?
Strandjutter, Gorgo, hogepriesteres. Welke fout maak je keer op keer tijdens het creatieve proces?
De wanhoop in de ogen kijken en haar gefluister verkeerdelijk geloven. Mijn lichaam vergeten, het nadien bijeen moeten rapen. Wat ik leer: rusten, eindelijk eens tevreden zijn.
Typeer Brussel in drie woorden
Rue, place, parc
Wanneer verbaasde Brussel jou?
Tijdens elke lange, nachtelijke fietsrit: de elegantie van de ratten, de reflecterende ogen van de vossen, zwevend zwerfvuil als tuimelkruid.
Doe je iets speciaals op je verjaardag?
Dan feest en rouw ik tegelijkertijd. Waarop trakteer je jezelf af en toe?
Een televisiemarathon van De Rijdende
Rechter of Ik Vertrek
Wat doe je anderen graag cadeau?
Het boek Doen & Laten van Judith Herzberg. Stenen.
Welk vreemd voorwerp slingert rond in je huis?
Barnstenen, mossels, zeeklitten, rode graniet, kokkels, vuursteen, poëziebundels.
Waar kijk je naar uit de komende maanden?
Ik kijk ernaar uit om op een warme dag weer zo lang in het gras te liggen dat ik waarlijk kan invoelen hoe het moet zijn om te worden gecomposteerd, te rotten.
Naar waar zou je willen verhuizen?
Porto, benieuwd welke invloed de oceaan op mijn schrijven zou hebben.
Bij welke historische gebeurtenis had je graag ingegrepen?
Ik had van alle heksen wereldleiders gemaakt.
Wat was er vroeger beter?
De tijd waarin je je weg op een klein papiertje opschreef of uittekende, in je hand hield tijdens het fietsen en veel later in je jaszak terugvond; de tijd waarin je wegenkaarten kocht om te reizen; de tijd waarin je straatnamen daadwerkelijk las en onthield.
Wat is kunst?
De mogelijkheid tot omdenken. In het

• Schrijfster Astrid Haerens (1989) groeide op in Zwevegem en woont in Brussel. Ze behaalde een Master in Woordkunst en is docent schrijven en literaire analyse
• In 2017 verscheen haar debuutroman Stadspanters, en in 2022 haar poëziedebuut Oerhert, dat de Poëziedebuutprijs kreeg en werd genomineerd voor de Herman de Coninckprijs en de C. Buddingh’-prijs
• Haerens staat op het podium met haar werk, en maakte met zangeres en componiste Mariske Broeckmeyer en celliste Jasmijn Lootens de plaat Anger’s family tree
beste geval is het iets wat de orde der dingen omverwerpt.
Wat is kunst maken?
Hevig in leven zijn.
Welke levenswijsheid kreeg je van je ouders?
Wandelen doet deugd, de bossen zijn belangrijk.
Welke levenswijsheid wordt overschat?
Doe mo geweune.
Welke andere vraag hadden we je beter gesteld?
Hoe klinken je dromen? Wat is groen en kriebelt en ziet eruit als een monster?
Welk lied zingt de kleine valeriaan?
Wat is het verschil tussen een vriend hebben en een vriend zijn?
MICHAËL BELLON
Astrid Haerens is erbij op het evenement ‘In de ogen van Medusa’ van Passa Porta in De Munt, samen met Hélène Frappat en Ayşegül Savaş op 6 mei, demunt.be

Elke week toont een Brusselse ket zijn favoriete plek. Voor Ahmed (10) is dat het grasveld in het park van Thurn & Taxis, waar hij het liefst voetbal speelt.
Waarom heb je deze plek gekozen?
Omdat ik hou van de natuur en van spelen in het park. Ik speel hier voetbal met vrienden en familie, meestal in het weekend. We spelen op het gras en passen naar elkaar, het is niet echt een wedstrijd. Het park ligt ook vlak bij mijn huis.
Waar woon je?
Mijn papa is conciërge van het gemeenschapscentrum in Jette (GC Essegem). Daarom wonen wij daar. Er is een restaurant, er komen vaak mensen langs, we kunnen er pingpongen, en er is een tuin waar ik kan voetballen.
Hoe ben je begonnen met voetballen?
In het eerste leerjaar, tijdens de speeltijd. Ik zit niet in een club, maar ik zou dat wel graag willen. Ik doe karate, maar ik denk eraan om te stoppen en me op voetbal te focussen. Ik kan al een paar trucjes.
Wat is je favoriete positie?
Middenvelder. Ik geef graag passes. Wie is je voorbeeld?
Cristiano Ronaldo. Hij is een supergoede voetballer. Als ik hem ooit zou ontmoeten, zou ik een foto vragen en hem vragen wat zijn geheim is om zo goed te zijn.
Wat vind je van Brussel?
Een mooie stad waar steeds nieuwe dingen bijkomen, zoals gebouwen. Vind je dat goed?
Ja, zo kunnen meer mensen een woning vinden en kan armoede verminderen. Maar ze moeten de parken laten zoals ze zijn.
Wat doe je na school?
Eerst mijn huiswerk. Daarna speel ik soms op mijn telefoon of PlayStation, meestal FIFA, of kijk ik naar grappige video’s.
Wat wil je later worden?
Ingenieur. Ik wil graag raketten en vliegtuigen bouwen. Ik heb al gevlogen naar Turkije, Roemenië en Syrië. EMILIA DE FEYTER
Wil jij ook je favoriete plek tonen? Stuur een mailtje naar ket@bruzz.be.




met Margot Otten
Deze week
Brusselse gemeentes en hun strijd tegen vliegroute RNP-07, kunnen ze die winnen?
Hoe maak je een tentoonstelling met je ex, over je ex? We vragen het aan Lauranne Van den Heede en Jasper Coremans.
Vul de cijfers 1 tot en met 9 in het rooster in, zodat het resultaat van de sommen klopt met de cijfers rechts en onderaan de kolommen. Elk getal mag maar één keer voorkomen. Het niveau van de puzzel kan variëren per editie.
Vul de witte vakjes met positieve gehele getallen zodat elke rij een kloppende som vormt met het doelgetal rechts of onder. Reken van links naar rechts en van boven naar beneden, zonder voorrang van × of ÷ (bij delen moet de uitkomst altijd een geheel getal vormen).

De hoofdstad kent veel verborgen plekjes, onverwachte panorama-uitzichten, en onbekende maar daarom niet minder intrigerende panden en kantjes, ver weg van Manneken Pis, de Grote Markt en het Atomium. Zoals deze ramen. Waar is deze foto genomen? Zelf een foto van een onverwacht stukje Brussel insturen? Mailen naar redactie@bruzz.be
Zoek alle verborgen woorden in het raster van de speciale woordzoeker van BRUZZ. Streep de begrippen één voor één weg, dit kan in alle richtingen: horizontaal, verticaal, diagonaal, en van links naar rechts en andersom.
▢ Queer
▢ Festival
▢ Stier
▢ Groepsseks
▢ Puppy
▢ Billen
▢ Filmpjes
▢ Borst
▢ Poep
▢ Naakt
▢ Bloot
▢ Porno
G R F H K X V U V N F F N X N D J Y P F I J X D Q Q R Y B P S A Y M E V L G L K C E X Q Q S O I A
De puzzels in dit magazine zijn intern ontwikkeld of gegenereerd met gebruik van toegestane tools en artificiële intelligentie. Elke gelijkenis met bestaande puzzels is toevallig.



NIEUW PROJECT

Studio’s, 1-, 2-, 3- slaapkamerappartementen
Strategisch gelegen tussen Elsene, Auderghem & Etterbeek
201 00 02
Ontdek als eerste de lanceringsvoorwaarden
Aankoop aan 6% btw



DRIE VZW’S DIE ZICH INZETTEN VOOR MENSEN IN KANSARMOEDE, JONGE
GEZINNEN EN EEN DUURZAMER BRUSSEL – NASCI, ARLETTE & SPORTSWITCH –ORGANISEREN OPNIEUW EEN INZAMELACTIE IN 17 GEMEENSCHAPSCENTRA!
ARLETTE ONDERSTEUNT DE BRUSSELSE BABYTHEKEN. ZIJ ZOEKEN DUOBUGGY’S, REISBUGGY’S EN COMPACTE COSLEEPERS
PLUS D’INFOS SUR CETTE ACTION DE COLLECTE EN FRANÇAIS ? MAAKRUIMTEVRIJ.BE/FR MORE INFO ABOUT THIS COLLECTION DRIVE IN ENGLISH? MAAKRUIMTEVRIJ.BE/EN 04.05.26 - 31.05.26
NASCI BIEDT HULP AAN GEZINNEN IN ARMOEDE. ZIJ ZOEKEN KLEDING EN SCHOENEN VOOR BABY’S EN KINDEREN.
SPORTSWITCH IS EEN BETAALBARE, SPORTIEVE TWEEDEHANDSWINKEL. ZIJ ZOEKEN SPORTKLEDIJ/ SCHOENEN/ACCESSOIRES VOOR JONG EN OUD.



