Skip to main content

BRUZZ - editie 1564

Page 1

van 30 maart tot 5 april 2017

N° 1564 WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VLAAMS-BRUSSELSE MEDIA VZW, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153

UIT IN BRUSS

+ EL | VOS SORTIE

S À BRUXEL LES

| OUT AND

ABOUT IN BRUSS

UIT IN BRUSSEL SORTIR À BRUXELLES OUT AND ABOUT IN BRUSSELS

ELS 31 | 3

6 | 4 | 2017

#1564

NL FR EN

TOOR BRUSSEL

X P702124

WHAT IS IT? UGO REVEREND BEATDEHAES -MAN JAN LAUWERS BIFFF BAI KAMARA JR.

WEEKBLAD |

EEN UITGAVE

VAN VLAAMS-BR

USSELSE MEDIA

VZW | FLAGEYPLEI

N 18 PLACE

FLAGEY, 1050

ELSENE/IXE LLES

| AFGIFTEKAN

© SHUTTERSTOCK

1564_01

BRDCST préd

it

SHABAKA Hl’aUvenir TCHINGS

_cover.indd

1

27-03-17

19:33

DE ZAAK MARIE NAGY

RELIGIE VERDEELT ECOLO p8

INTERVIEW MET HOOFDREDACTEUR DE JONGE TURKEN

‘Ook AKP-aanhangers twijfelen aan Erdogans referendum’ p6-7

LAPTOPIA EERSTE RAMADANFESTIVAL IN BRUSSEL

‘Ramadan is net zo gezellig als de kerstmarkt’ p 12

‘Toeristische praatjes bevatten altijd fake news, in Brussel kan dat soms surreële vormen aannemen’ p 21


2 I BRUZZ 1564 I Donderdag 30 maart 2017

EDITO Pyrrus

Steven Van Garsse Chef Weekblad “Maar wie de tekst goed leest, ziet vooral hoe de Brusselse regering het departement Stedenbouw meer macht geeft”

COLOFON BRUZZ

Flageyplein 18, 1050 Brussel 02-650.10.65 ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bruzz.be), 02-650.10.80, Gratis binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België 20 euro per jaar; IBAN: BE98 3631 6044 3393, BIC: BBRU BE BB van Vlaams Brusselse Media vzw. Buiten België 30 euro per jaar. OPLAGE 62.609 exemplaren. ADVERTEREN? Ineke Le Compte, Ute Otten: sales@bruzz.be 02-650 10 63 ALGEMENE DIRECTIE Jo Mariens HOOFDREDACTIE Klaus Van Isacker WEEKBLAD & MAGAZINE Steven Van Garsse (chef ) EINDREDACTIE Karen De Becker ART DIRECTOR Heleen Rodiers VORMGEVING Ruth Plaizier REDACTIE Jean-Marie Binst, Bettina Hubo, Laurent Vermeersch, Danny Vileyn MEDEWERKERS Hilke Andries, Michaël Bellon, Hanne De Valck, An Devroe, Wauter Mannaert, Tim Schoonjans, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Ivan Put, Saskia Vanderstichele DISTRIBUTIE Ute Otten VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Steven Van Garsse, Flageyplein 18, 1050 Elsene. Bruzz is een uitgave van de Vlaams Brusselse Media vzw, wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie.

ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bruzz.be

Het gebeurt niet vaak dat de Fietsersbond een beslissing van de overheid toejuicht. Dat was het geval begin deze week bij de voorstelling van het fietsplan van minister van Mobiliteit Pascal Smet (SP.A): een volledige Kleine Ring met afgescheiden fietspaden. Voor drie van de acht stukken is de bouwvergunning op zak, één werf is al opgestart en Smet heeft met de lokale overheden een akkoord over de te schrappen parkeerplaatsen. Het is voor Smet ongetwijfeld een mooie opkikker, recht in het doelpubliek van zijn electoraat, en vooral na het ellendige jaar 2016 met tunnelmiserie, een aanslepend taxiplan en een gesjeesd parkeerbeleidsplan. Toch is er ook reden tot onrust. Ver weg van de simulatiebeelden van mooie fietsende mensen op royale fietsroutes bespreekt het Brussels parlement het oersaaie Wetboek voor Ruimtelijke Ordening, beter bekend als de Cobat. Het belooft een ingrijpende hervorming te worden. Bedoeling is een efficiënte en moderne stedenbouwwet. Maar wie de tekst goed leest, ziet vooral hoe de Brusselse regering het departement Stedenbouw meer macht geeft. We hebben hier al eens uitgelegd hoe achter het beleid van de regering vaak ook een strijd woedt tussen de departementen van de administratie, met elk eigen belangen. Als de Cobat gestemd wordt zoals ze voorligt, dreigt Mobiel Brussel de

WAUTER MANNAERT

pineut te worden. Zo zal het niet meer rechtstreeks betrokken worden bij grote bouwdossiers van MIVB, Beliris of gemeentes. Kort door de bocht: Stedenbouw beslist en houdt de pottenkijkers liever buiten. Zo zal het kunnen gebeuren dat een lokaal bestuur een weg herinricht zonder dat Mobiel Brussel hiervan op de hoogte is. Precies daarom heeft de vorige regering Mobiel Brussel bij alle openbare onderzoeken betrokken. Om meer coherentie te krijgen in het mobiliteitsbeleid in deze stad. De huidige regering schaft die inspraak weer af. Het lijkt voor de burger op een achterhoedegevecht, maar in de politiek is het altijd interessant om na te gaan wie de ultieme sleutel in handen heeft. Die bepaalt het eindresultaat. Dat is altijd zo. In dat andere plan van de Brusselse regering, het Gewestelijk Plan voor Duurzame Ontwikkeling, is al gebleken met welke minimale ambitie het Brussels Gewest het fileleed wil oplossen. Met de nieuwe Cobat wordt die tendens nog eens versterkt: de stem van Mobiel Brussel verliest aan belang. De plannen van Pascal Smet voor een fietsbare Kleine Ring zijn een stevige stap in de richting van een duurzaam mobiliteitsbeleid, een huzarenstukje en een breuk met het verleden. Maar ze lijken, met de Cobat-hervorming in het achterhoofd, uiteindelijk meer op een pyrrusoverwinning.

“

Ik heb een droom: ons zwembad verbouwen tot museum, net als in Roubaix, en elders in de gemeente een nieuw zwembad bouwen” De Elsense schepen van Sport Béa Diallo (PS) in ‘La Dernière Heure’

“

Ik heb nog nooit een objectieve manier gezien om het radicalisme in onze steden te meten. Vergelijken met de situatie van enkele jaren geleden is dus moeilijk. Het is vooral een kwestie van perceptie” Premier Charles Michel (MR) in ‘Knack’


Donderdag 30 maart 2017 I BRUZZ 1564 I 3

MOBILITEIT Protest tegen privatisering Korte Hallenstraat

POLITIEK Brusselse politici op studiereis

‘Stad maakt grote voetgangerszone, maar schrapt kleine passages’

Suriname verleidt VGC-Raad BRUSSEL - Suriname heeft de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie officieel uitgenodigd op een werkbezoek aan het land eind april. Wie van de parlementariërs gaat, wordt eerstdaags beslist. De Raad van de VGC ging in op de spontane uitnodiging van Suriname. De werk- en studiereis richting Paramaribo vindt plaats van 23 tot 29 april 2017. Wat de Brusselse politici daar gaan doen, is nog niet helder. “We zullen een programma voorstellen waarin onder meer de thema’s onderwijs, media, cultuur en welzijn aan bod komen. Interessant kan ook het domein meertaligheid zijn, waarin zowel Brussel als Suriname ervaring hebben,” antwoordt griffier Patricia Coppens op onze vraag naar de inhoud van de reis. Verder is ook nog niet bekend wie allemaal deelneemt. Het is aan de zes fractieleiders, Johan Van den Dries-

Korte Hallenstraat. Het plan van de Stad Brussel om de oude voetgangers-

© PATRICK WAUTERS

Toen eind jaren vijftig Parking 58 werd gebouwd, werd de historische Korte Hallenstraat overkapt en ingekapseld in het complex. Na verloop van tijd werd de - nog steeds publieke - doorgang steeds meer een pleisterplek voor daklozen. Daarom sloot de Stad Brussel de passage af na de stopzetting van de aanpalende GB in 2012. In 2013 vroeg promotor AG Real Estate een bouwvergunning om op de plek van Parking 58 een gemengd project met kantoren, woningen en winkels te maken. In het plan werd de Korte Hallenstraat geschrapt en vervangen door een grote privé-inkomhal. Hierop kwam luid protest van het wijkcomité en uiteindelijk bepaalde de bouwvergunning dat het straatje moest blijven. Meer nog: de passage moest opengewerkt worden over drie verdiepingen en aantrekkelijk worden gemaakt met mooie winkelpuien. Nu de Stad Brussel beslist heeft om haar administratief centrum te verhuizen naar het nieuwe gebouw, moet de bouwvergunning aangepast worden. Door de nieuwe bestemming verdwijnen alle winkels en woningen uit de plannen, daalt ook het aantal parkeerplekken van 847 naar 561 en... verdwijnt de Korte Hallenstraat. In de plaats komt er een atrium, een grote onthaalruimte via dewelke het publiek tijdens de kantooruren nog kan doorsteken van de ene straat naar de andere. Maar om redenen van veiligheid en netheid wil de Stad deze ruimte ‘s avonds dicht. Daarom besloot ze de publieke doorgang te privatiseren. Stadsorganisaties Bral en IEB en het wijkcomité van Brussel-centrum zijn niet te

Jean-Marie Binst

MOBILITEIT Spoorwegen hebben weinig ruimte voor investeringen

Station Schaarbeek breidt uit

doorgang te privatiseren, botst op verzet in de buurt.

BRUSSEL – De overlegcommissie buigt zich deze week over het voornemen van de Stad Brussel om de Korte Hallenstraat te privatiseren, de oude passage tussen de Grétrystraat en de Zwarte Lieve Vrouwestraat. Het plan stuit op flink wat protest.

sche (N-VA), Khadija Zamouri (Open Vld), Jef Van Damme (SP.A), Paul Delva (CD&V), Arnaud Verstraete (Groen) en Dominiek Lootens-Stael (Vlaams Belang), om een lijst voor te leggen van deelnemers, één per partij. Sowieso is het gebruikelijk dat de voorzitter meereist, Carla Dejonghe (Open Vld) dus. Ook ligt het in de lijn van het protocol dat de ondervoorzitter mee kan, in dit geval Brigitte Grouwels (CD&V). Daar zal de CD&V-fractieleider Paul Delva mee over beslissen, gezien elke fractie één persoon mag aanduiden. Ook andere werkbezoeken voor 2017 liggen nog ter bespreking op tafel. De Commissie Sport (met voorzitter Jef Van Damme) zou naar Marseille kunnen gaan. De Commissie Onderwijs en Vorming (voorzitter Bruno De Lille) naar Kent. Zodra de lijstjes met reizigers afgerond zijn, wil de VGC hierover een communiqué uitsturen.

spreken over de plannen. Voor Bral is de Korte Hallenstraat een belangrijke doorsteek tussen de Sint-Katelijnewijk en de nieuwe voetgangerszone. “Schaf die niet af als er veiligheids- en netheidsproblemen zijn, maar pak de problemen aan,” luidt het. En vooral: de straten zijn van de Brusselaars, niet van privé-eigenaren. Dat vindt ook Bernard Widart, lid van bewonersvereniging ComitéBru 1000 en be-

Schaarbeek. De nieuwbouw komt tussen het oude stationsgebouw, ingepalmd

© NMBS

door Train World, en de perrons.

“De Sint-Honorédoorgang en de doorgang in het Muntcentrum moesten er ook al aan geloven” Bernard Widart Bewonersvereniging ComitéBru 1000

stuurder bij IEB. “De Stad maakt een grote voetgangerszone, maar schaft tegelijkertijd kleine voetgangerspassages af ten voordele van de promotoren. Zo moesten de Sint-Honorédoorgang en de doorgang in het Muntcentrum er ook al aan geloven.” Volgens hem moet de Stad voor de schrapping van de Korte Hallenstraat minstens een bouwvergunning aanvragen. “Met vooraf een effectenstudie, want het gaat hier om een wijziging van de mobiliteit.” Hij betreurt voorts dat op het gelijkvloers geen winkels meer gepland zijn. “Er moet continuïteit zijn met de winkels van de Kiekenmarkt. Anders wordt het nieuwe gebouw een soort no-man’s land.” Bettina Hubo

BRUSSEL - Er komt dit jaar nog een uitbreiding van het station van Schaarbeek, zo blijkt uit het investeringsplan van de NMBS. Dat bevat verder weinig investeringen in Brusselse stations. Wel komen er extra S-treinen. Eind vorig jaar keurde de raad van bestuur van de NMBS het langverwachte investeringsplan tot en met 2021 goed. De federale regering moet het plan nu nog valideren, maar de spoorwegmaatschappij lichtte al een tipje van de sluier. Zoals verwacht is er weinig ruimte voor grote, nieuwe investeringen. “De prioriteit gaat naar projecten die al waren opgestart of waarvoor engagementen zijn aangegaan,” zegt Nancy Geyskens, directeur stations bij de NMBS. Voor Brussel gaat het om de verdere renovatie van het Noordstation, met onder meer een nieuwe fietsenstalling, en enkele verbeteringswerken aan het Zuidstation. “Daar zetten we de renovatie van de perrons 7 tot en met 20 voort en zullen we de middengang doortrekken tot de Fonsnylaan.” Andere, grote investeringen zijn er voorlopig niet aan de orde. Het station van Schaarbeek krijgt dit jaar een nieuwe onthaalzone voor reizigers en een bijkomende fietsenstalling. Het oude stationsgebouw werd eerder al gerenoveerd en ingepalmd door het spoormuseum Train World. De nieuwbouw komt tussen het

oude gebouw en de perrons. Verder worden de werkzaamheden aan het station van Jette en de halte Congres afgerond. Na de recente opening van de nieuwe stopplaatsen Thurn & Taxis, Mouterij en Arcaden komt er over enkele jaren nog een nieuwe halte aan Coovi in Anderlecht. “Voor de opening mikken we op 2020,” zegt Dionys Daie, bij de NMBS verantwoordelijk voor het vervoersplan. “Dit hangt samen met het op vier sporen brengen van de lijn naar Denderleeuw.” Andere potentiële haltes zoals Kuregem of Verboekhoven zijn geen prioriteit voor de spoorwegen. Het gaat om technisch complexe en dus dure werven, en bovendien is de meerwaarde niet altijd duidelijk, klinkt het. “In Kuregem zou maar één trein per uur stoppen. Een station aan Verboekhoven zou een overstap bieden met de geplande metrolijn 3, maar in het Noordstation of Bordet zal er al een overstap tussen trein en metro zijn.” De NMBS investeert overigens wel in extra treinen, vooral ‘s avonds en in het weekend. Een voorbeeld: de lijn S5, die de stations van de oostelijke ringlijn 26 verbindt met de Europese wijk, zal vanaf december ook tot 22 uur ‘s avonds en in het weekend bediend worden. Op zaterdag verdubbelt ook de frequentie op lijnen S1 en S2, maar dat is pas voor eind 2018 door werkzaamheden aan de Noord-Zuidverbinding. Laurent Vermeersch


4 I BRUZZ 1564 I Donderdag 30 maart 2017

DE WEEK

IN BEELD Na 45 jaar gaat het vroegere universiteitsgebouw van de Ufsal (later KUB) aan Simonis tegen de vlakte. Een promotor zal op de plaats van deze moderne burcht twee Nederlandstalige scholen alsook een sporthal, crèche en een bibliotheek neerzetten. Voorts mag hij een reeks appartementen bouwen. HUB

in het NIEUWS Vluchtelingen op straat

Het opvangcentrum voor daklozen in Haren, gerund door Samusocial, heeft maandag na de Winterhulp de deuren gesloten. Door de sluiting komen zo’n tweehonderd vluchtelingen (van de driehonderd alleenstaande mannen) op straat te staan. De groep probeerde nog in het opvangcentrum te blijven door een zitstaking, maar uiteindelijk kwam de politie zonder geweld tussenbeide om de vluchtelingen naar buiten te begeleiden. Elders in Brussel is er geen plaats in opvangcentra, bovendien gaat het veelal om gezonde jonge mannen, luidt het bij Samusocial. Voorrang gaat naar mensen met gezondheidsproblemen.

Stad lacht dure huurprijs weg

Tijdens de jongste gemeenteraad van Brussel-Stad kwam een burgerinterpellatie

op de agenda, die de extreme huurprijzen van woningen van de Stad hekelde. Via de Grondregie verhuurt Brussel pakweg 2.800 appartementen, hoofdzakelijk bedoeld voor de middenklasse. Amaury Boudon, die de burgers vertegenwoordigde, heeft het over gemiddeld 847 euro voor een éénkamerflat en 1.046 euro voor een tweekamerappartement. “Wij vrezen dat die prijzen de Brusselaars de stad uitjagen,” luidde de kritiek. Schepen van Huisvesting Mohamed Ouriaghli (PS) wimpelt de kritiek af.

Minder terrassen in Îlot Sacré

De Stad Brussel heeft beslist dat er vanaf 1 april minder buitenterrassen mogen geplaatst worden in het Îlot Sacré. Vooral de Korte Beenhouwersstraat, de Beenhouwersstraat en de Getrouwheidsgang worden getroffen. Waar de straat smal is, komen er minder tafels en stoelen. Lager in de Beenhouwersstraat en in de Predikherenstraat kunnen wel nog tafels voor vier personen staan, Probleem is dat te kleine luifels ook geen beschutting tegen regen bieden. Een en ander zorgt voor naijver onder concurrerende restauranthouders.

220 kilo hasj uit Marokko

De politiezone Brussel West heeft in een grootschalige actie binnen Operatie Kanaalplan met 130 agenten een drugsbende

Bordeelhouders maken bezwaar

uit Sint-Jans-Molenbeek opgerold. Het drugsnetwerk was sinds eind vorig jaar bekend, maandag geraakte een en ander in versnelling. Achttien huiszoekingen in zes gemeenten leidden tot arrestaties, inbeslagneming van drie wagens en verzegeling van een aantal winkels. In totaal werd 220 kilo hasj ingevoerd uit Marokko in beslag genomen, goed voor een handelswaarde van 50.000 euro.

Burgemeester Emir Kir (PS) van Sint-Joostten-Node maakte op de gemeenteraad bekend dat meer dan de helft van de bordeeluitbaters in zijn gemeente bezwaar heeft aangetekend tegen de nieuwe belastingen voor 2016 op raamprostitutie. Die werden verhoogd van 950 naar 3.000 euro. Het college van burgemeester en schepenen heeft zes maanden de tijd om zich over de bezwaren uit te spreken.

Samengesteld door Jean-Marie Binst

MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP


© SASKIA VANDERSTICHELE

Donderdag 30 maart 2017 I BRUZZ 1564 I 5

UITGELICHT Twaalf kilometer vrijliggende fietspaden langs Kleine Ring

‘Een historische stap’ BRUSSEL - Aan beide kanten van de Kleine Ring komen brede en bidirectionele fietspaden, samen goed voor twaalf kilometer. Daarvoor worden enkele ventwegen afgeschaft of omgevormd tot fietsstraat. Zeshonderd parkeerplaatsen gaan op de schop. Enkele maanden geleden moest Pascal Smet (SP.A) nog in het zand bijten met de versmalling van de Louizarotonde, maar deze week kon de minister van Mobiliteit en Openbare Werken misschien wel zijn belangrijkste project van deze legislatuur voorstellen: de aanleg van vrijliggende fietspaden op de Kleine Ring. Het principe was expliciet opgenomen in het regeerakkoord en Smet heeft nu ook een akkoord met de burgemeesters van de betrokken gemeenten, te weten Yvan Mayeur (PS) van Brussel-Stad, Emir Kir (PS) van Sint-Joost en Charles Picqué (PS) van Sint-Gillis. Op de Poincarélaan zijn de werkzaamheden al begonnen, en ook voor de Boudewijnlaan is er intussen een vergunning. Die voor de buurt van Madou zou snel moeten volgen. Deze week nog worden de bouwaanvragen ingediend voor de zones tussen Kunst-Wet en de Naamsepoort. Het traject tussen Louiza en Zuid volgt na de paasvakantie. In de loop van 2019 moet er twaalf kilometer fietspad liggen langs de belangrijke autoweg. “Dat is historisch omdat de Kleine Ring symbool staat voor het alles-voor-de-autobeleid dat jarenlang gevoerd is in Brussel,” zegt Smet. “Nu geven we ook voetgangers en fietsers de plaats die ze nodig hebben.”

De komst van bidirectionele fietspaden aan beide zijden van de Kleine Ring zou geen negatieve impact mogen hebben op de doorstroming van het autoverkeer. Aan de rijvakken voor transitverkeer wordt immers nauwelijks geraakt. Verschillende kruispunten zouden bovendien vereenvoudigd worden. De ventwegen, de zijwegen voor lokaal verkeer, worden wel hier en daar opgeofferd. Op andere plekken worden zij omgevormd tot fietsstraten, dat wil zeggen met absolute voorrang voor fietsers. De nieuwe fiets- en voetpaden betekenen wel het einde voor 600 van de meer dan 2.800 bovengrondse parkeerplaatsen. De geschrapte plaatsen liggen vooral in de bovenstad, waar weinig bewomers zijn en de plaatsen worden ingenomen door occasionele bezoekers en pendelaars. Zij kunnen terecht in de bestaande ondergrondse parkings, waar volgens Smet nog gemiddeld 4.000 plaatsen beschikbaar zijn, of moeten kiezen voor alternatieven. Fietsersverenigingen zijn opgetogen over de plannen, maar blijven waakzaam. De fietspaden liggen er immers nog niet. “Wij gaan de uitvoeringsplannen van dichtbij opvolgen,” zegt Roel De Cleen. “De kwaliteit van de fietspaden is belangrijk om een verdere

groei van het aantal fietsers mogelijk te maken. In het verleden was de ambitie vaak te laag. Het fietspad aan Rogier wordt bijvoorbeeld amper gebruikt omdat het te smal is.” De plannen vertonen nog enkele ontbreken-

“De Kleine Ring staat symbool voor het alles-voor-de-autobeleid” Pascal Smet Minister van Mobiliteit

de schakels. Voor de zone tussen Naamsepoort en Louiza loopt nog een wedstrijd, en voor de buurt van Sainctelette is er nog geen plan voorgesteld. Daar is eveneens sprake van een wedstrijd om de openbare ruimte aan te pakken naar aanleiding van de ombouw van de Citroëngarage tot museum.

Laurent Vermeersch

De spraakmaker MR-parlementslid Alain Destexhe laat weer van zich spreken. Hij is president Assad gaan bezoeken in Syrië. Eerder dit jaar deden Vlaams Belang en de Parti Populaire hem dat voor. Het is voor de lokale afdeling van de MR in Elsene de druppel. Burgemeester Dominique Defourny (MR) verzoekt Destexhe vriendelijk om op te stappen als gemeenteraadslid. Hij bezorgt de MR te veel schade met zijn hyperrechtse standpunten. Dat hij nauwelijks nog naar de gemeenteraad komt, is de smoes die de MR goed uitkomt om zijn ontslag te vragen. De move van Defourny valt nauwelijks te verwonderen. Destexhe haalde in 2012 de derde meeste stemmen op de MR-lijst in Elsene,

maar mocht toch geen schepen worden. Vorig jaar besliste de afdeling al dat hij niet meer op de lijst mag staan in 2018, als er opnieuw gemeenteraadsverkiezingen zijn. Destexhe is al jaren het enfant terrible van de MR. Hij is arts en politicoloog en was enkele jaren secretaris-generaal van Artsen Zonder Grenzen. Hij is een eminent Afrikakenner, die zich in Brussel al lang laat opmerken door zijn scherpe standpunten over islam en jeugdcriminaliteit. Hij bevindt zich in het uiterst rechtse spectrum van de MR, schrijft een blog voor de conservatieve Franse krant Le Figaro, steunt

ALAIN DESTEXHE

François Fillon, zelfs na de affaires, noemt Le Soir linkser dan Libération en schreef het voorwoord van

een boek van Bart De Wever (N-VA). Voor Franstaligen is dat allemaal samen meer dan voldoende om hem te boekstaven als extreemrechts. Destexhe laat het ogenschijnlijk allemaal niet aan zijn hart komen. Hij is een einzelgänger die zich weinig aantrekt van zijn rechtse imago. Eerder integendeel. Hij kwam een tijdje geleden nog in opspraak toen hij op de Facebookpagina van Marion Lemesre schreef “Marion, tes amis norvégiens ont encore frappé”, nadat het metrostation Victor Horta zwaar gevandaliseerd was.

Belangrijkste vraag is of de Brusselse MR-baas Didier Reynders Destexhe de hand boven het hoofd zal houden. Wellicht wel. Destexhe is in het Brussels Gewest een solide stemmentrekker (vierde meeste stemmen, vanop een moeilijke plaats) en hij dekt de flank af die anders moeiteloos door de Parti Populaire wordt ingenomen. Destexhe is na zijn bezoek aan Syrië op het matje geroepen door MR-voorzitter Olivier Chastel, die eerder tot het linkse kamp behoort binnen de MR. Destexhe zei dat hij met zijn bezoek zicht wou krijgen op de humanitaire situatie in Syrië. Die verklaring volstond voor Olivier Chastel. SVG


6 I BRUZZ 1564 I Donderdag 30 maart 2017

ALPER GEL. De hoofdredacteur van De Jonge Turken over de mislukte staatsgreep in Turkije: “Wij kunnen ons niet voorstellen dat er morgen tanks op de Louizalaan rijden.”

“Het verbieden van de neen-campagne zorgt voor meer stemmen voor Erdogan” Alper Gel Hoofdredacteur De Jonge Turken

© IVAN PUT


Donderdag 30 maart 2017 I BRUZZ 1564 I 7

ja-campagne de openbare orde plots in het gedrang komt. Veel Turken vinden dat Europa met twee maten en twee gewichten meet.

INTERVIEW Alper Gel, hoofdredacteur van website De Jonge Turken, over Erdogan

‘De coup was Gülens laatste gevecht’ BRUSSEL - Sinds enkele dagen kunnen Turken in het buitenland hun stem uitbrengen voor het referendum dat Erdogan meer presidentiële macht geeft. “Ook Turken die de AK Partij steunen, hebben vragen,” stelt Alper Gel, student geschiedenis aan de VUB en hoofdredacteur van De Jonge Turken.

H

et gaat hard voor De Jonge Turken, een Nederlandstalige nieuwswebsite over Turkije. Amper een jaar na de oprichting heeft de website 45.000 volgers en halen de artikels moeiteloos duizend likes op Facebook. De website wil een tegenstem zijn voor de negatieve berichten over Turkije. Daardoor komt ze soms regeringsgezind over. Al benadrukt de redactie dat ze onafhankelijk is. Oprichter is Alper Gel (25) uit Hasselt. Hij zit aan de VUB in zijn derde bachelor geschiedenis en staat op trouwen. Dat vertelt hij ons in een klassieke brasserie dicht bij de VUB waar we hebben afgesproken. “Ik zal binnenkort de hand van mijn vriendin vragen,” zegt hij. “We zijn nu zes maanden samen. Volgende week maken de families kennis met elkaar. Dan is het haar opa die het jawoord moet geven. Het hoort bij de Turkse cultuur.”

Er bestaan nieuwswebsites genoeg in het Turks. Jullie schrijven in het Nederlands. Een bewuste keuze? ALPER GEL: Als ik bij mijn familie in Heusden op bezoek ga, merk ik dat de Belgische Turken daar alles in het Turks doen: praten, lachen, het nieuws volgen. Daardoor is hun Nederlands minder goed en daar wilde ik iets aan doen. Daarom ben ik in 2014 begonnen met een Facebookpagina. Vorig jaar is daar de nieuwssite bij gekomen. Ons succes? Er zijn niet zoveel media hier die over Turkije berichten. Daarnaast zijn wij als redactie nergens aan gelinkt, niet aan een partij, religie, ideologie of standpunt. We proberen zo objectief mogelijk te zijn. Dat doen we door ons te baseren op twee hoofdbronnen: Sabah, dat regeringsgezind is, en Hürriyet, een oppositiekrant die meer vrijzinnig is.

Zijn er dan nog oppositiekranten in Turkije? De indruk leeft dat die intussen allemaal zijn opgedoekt. Of overgenomen door de regering, zoals Zaman. GEL: Zaman is openlijk gelieerd aan de

Gülen-beweging, die door Turkije wordt beschouwd als een terreurorganisatie. Ik zie Zaman dan ook niet als een oppositiekrant, maar eerder als een instrument voor een sekte die haar leider boven de staat zet, en waarvan bewezen is dat ze misdaden heeft begaan.

Er zijn wel nog meer oppositiekranten die de deuren hebben moeten sluiten.

Denkt u dat Gülen iets te maken heeft met de coup?

GEL: Dat zijn heel specifieke kranten, gelinkt

GEL: Ik denk het wel. Dat was z’n laatste ge-

aan de Gülen-beweging of aan de PKK, de Koerdische terreurorganisatie. Als morgen de Hürriyet zou moeten stoppen, ja, dan zou ik mijn stem verheffen. Maar nu zijn er behalve Hürriyet nog veel andere kranten die niet regeringsgezind zijn. Sözcü bijvoorbeeld, of Aydinlik, dat meer kemalistisch en links is.

vecht. Hij is erg ziek nu. Dat Erdogan zelf achter de coup zou zitten, is in elk geval flauwekul. Er zijn 260 mensen gestorven. En de mensen die toen de bevelen hebben gegeven, zitten nu allemaal in de gevangenis, waarschijnlijk levenslang. Het zou te gek zijn dat Erdogan hen eerst verleidt tot samenwerking, en hen vervolgens zo beloont.

Veel journalisten zijn hun baan kwijt, meer dan honderd journalisten zitten zelfs in de gevangenis.

Uw oom die in de gevangenis zit omdat hij zich kritisch heeft uitgelaten. Wij kunnen ons dat niet voorstellen. GEL: ( fel) Dat is waar, maar wij kunnen ons

ook niet voorstellen dat er morgen tanks op de Louizalaan rijden, dat het parlement gebombardeerd wordt of dat militairen plots jullie televisiestudio’s komen binnenvallen en zeggen: ‘Jullie gaan nu live uitzenden dat de regering is afgeschaft.’ Je kan Turkije niet bekijken met een Europese bril, dat gaat niet. Turkije grenst aan talloze conflictgebieden, vangt op dit moment drie miljoen vluchtelingen op en maakte pas een paar maanden geleden een staatsgreep mee. Je moet proberen te begrijpen waar Turkije vandaan komt en waar Turkije naartoe gaat.

En waar gaat Turkije heen? GEL: Ik hoop naar meer democratie en vrije me-

ningsuiting. Maar ik begrijp dat in een land waar om de twee-drie maanden een aanslag gebeurt – waarbij de ene keer twintig, de andere keer vijftig mensen omkomen – de overheid bij het minste vermoeden mensen aanhoudt en een proces begint. Ik begrijp dat de regering op zoek is naar wie haar nu precies wilde omverwerpen.

GEL: Uiteraard. Ik denk dat het ja-kamp een paar procentjes meer stemmen zal krijgen hierdoor.

Begrijpt u dat men in België bezorgd is dat zoveel Turkse Belgen Erdogan steunen, waardoor hij zijn macht nog kan uitbreiden? GEL: Ik kan me dat wel inbeelden. Ik ken veel mensen, ook familieleden, die Erdogan op veel vlakken steunen, maar in het komende referendum neen zullen stemmen. Het is begrijpelijk dat mensen bezorgd zijn dat iemand te veel macht krijgt. De geschiedenis heeft ons daar wel dingen geleerd.

Wat maakt dat zoveel mensen Erdogan steunen? GEL: Drie weken geleden was ik in Gazian-

tep, een stad in het zuidoosten van Turkije. De taxichauffeur die me naar de luchthaven bracht, vroeg me: ‘Zie je de weg waar we nu op rijden? Tien jaar geleden was dit een ezelsweg, toen wandelden hier nog herders en geiten. Nu is het autostrade.’ Op het vlak van infrastructuur is Turkije er zo fel op vooruitgegaan, en economisch niet minder. Dat is wat hem zo populair maakt. Mensen kijken naar hun beurs. En overal waar ik ga, hoor ik hetzelfde verhaal. Vroeger moest je aan het ziekenhuis of apotheek 3 à 4 uur in de rij staan, en als ze de medicijnen niet meer hadden, kwam je morgen maar terug.

Is Erdogan ook populair op de redactie van De Jonge Turken? GEL: Onder de vijf redactieleden zijn geen Güle-

GEL: Ik heb niet alle individuele dossiers be-

keken van de journalisten die zijn opgesloten. Volgens wat ik ervan weet, wordt bij die journalisten een onderzoek naar banden met terreur opgestart. Ik geloof niet dat ze allemaal schuldig zijn. Zo is mijn oom, een leerkracht geschiedenis, vorige week vrijgelaten. Hij was opgepakt voor vermeende banden met terreurorganisaties. In werkelijkheid heeft hij zich een paar keer kritisch uitgelaten over de MHP, een rechts-nationalistische partij, en daardoor is hij dan in de problemen gekomen. Maar na twee maanden is hij uiteindelijk vrijgelaten.

Speelt dat Erdogan in de kaart?

“De EU houdt Turkije al jaren aan het lijntje voor de toetreding. Dat doet pijn. Ook bij mij” Alper Gel Hoofdredacteur De Jonge Turken

nisten. Verder zijn er redacteurs die meer of minder voor Erdogan zijn. En er zijn er ook die pro-Erdogan zijn, maar liever niet willen dat er een presidentieel systeem komt.

Toch staan er niet zoveel Erdogan-kritische artikels op jullie site. GEL : Ik neem geen artikels over van zogenaam-

de Turkijekenners, als ze zich niet baseren op primaire bronnen. We gaan niet klakkeloos van gelijk wie artikels overnemen.

Human Rights Watch is toch niet gelijk wie? GEL: Van hen héb ik artikels overgenomen, arti-

kels die niet zijn verschenen in de mainstream media. Bijvoorbeeld dit artikel hier, over de rekrutering van kindsoldaten door de PKK.

Maar het kwam hem wel goed uit. GEL: Dat klopt. Zo kon hij zich als islamist in

de lange rij van slachtoffers plaatsen die in de jaren tachtig en negentig door het leger onderuit zijn gehaald. ‘Nu is het aan ons,’ denkt Erdogan. En met hem vele Turken.

De naam is gevallen, Recep Tayyip Erdogan. De president van Turkije die door Europa verweten wordt een dictator te zijn, en in ruil ‘bevriende’ naties nazi’s en fascisten noemt. Wat vindt u van die uitspraken? GEL: Dat zijn populistische uitspraken. Het is

een beetje de Filip Dewinterstijl: uithalen om in het nieuws te geraken. Ik denk dat veel Turken hier zowel als in Turkije heel boos zijn op Europa. Als je ziet dat eind vorig jaar in Brussel N-VA-politici tussen vlaggen van Öcalan en de PKK hebben gemanifesteerd. De PKK, een door de EU en de Verenigde Staten erkende terreurorganisatie. En dat in de hoofdstad van Europa, dat ons daarbovenop al decennia aan het lijntje houdt wat de toetreding tot de EU betreft. Dat doet pijn bij veel Turken. Ook bij mij. Het helpt ook niet dat het neen-kamp overal campagne kon voeren, maar dat bij een

Maar over het hardhandige optreden van Erdogan tegen betogers, journalisten of leden van de oppositie zwijgen jullie. GEL: Maar ik hoef het andere rapport niet te

publiceren, want iedereen weet het al. Alle mainstream media hebben het al gebracht. Wat ik met mijn nieuwssite probeer, is een meerwaarde brengen.

Wie bereiken jullie met de site? GEL: Zestig procent komt uit Nederland en

veertig procent zijn Belgen. Op Facebook merk ik dat er ook veel Vlamingen zonder Turkse roots de berichten volgen, maar niet durven te reageren omdat ze er niet zoveel van afweten.

Waar wilt u naartoe met De Jonge Turken? GEL: Ik wil heel graag leerkracht worden. En met De Jonge Turken wil ik misschien wel een fysiek kantoor oprichten, maar daarvoor hebben we een hoofdsponsor nodig. Nu ben ik meer bezig met mijn diploma, maar zodra ik dat heb, kan ik me daarmee bezighouden. Bram Van Renterghem

Steven Van Garsse


8 I BRUZZ 1564 I Donderdag 30 maart 2017

POLITIEK Marie Nagy brutaal aan de kant gezet

Malaise bij Ecolo

MARIE NAGY. Volgens Ecolo-Groen was Marie Nagy niet langer gedragen door de fractie. © JEF VAN DE VEIRE

BRUSSEL - Marie Nagy (59) is door de lokale afdeling van de Ecolo-Groenfractie van de stad Brussel brutaal aan de kant gezet. Een vrije tribune in ‘Le Soir’ waarin ze het opneemt voor de neutraliteit van de staat en vragen stelt bij de terugkeer van het religieuze in de publieke ruimte is haar fataal geworden.

E

en etmaal na de verschijning van de vrije tribune sprokkelen de collega’s van Le Soir reacties bij anonieme ecologisten: een debat over de neutraliteit van de staat en de terugkeer van het religieuze in de publieke ruimte is binnen de partij taboe. Nog eens twee dagen later wordt Nagy afgezet als fractievoorzitter en vraagt Ecolo-Groen van Brussel-stad om haar uit de partijafdeling te zetten.

De motivatie om haar het fractievoorzitterschap te ontnemen luidt dat ze niet meer gedragen was door de fractie. Dat is hard voor de betrokkene, maar dat maakt deel uit van het politieke spel waar vele ego’s botsen. Maar de vraag om haar uit de partijafdeling te zetten is du jamais vu. Nagy behoort tot de Brusselse ecologisten van het eerste uur. Ze was Brussels parlementslid en fractievoorzitter, senator en lid van de Kamer van Volksvertegenwoordigers. Toen ze van 1989 tot 1999 in de oppositie zat in het parlement kon ze ongemeen hard zijn voor de meerderheid, maar

“Het is net de neutraliteit van de staat die vrijheid en gelijkheid van allen voor de wet waarborgt” Marie Nagy Voormalig fractievoorzitter Ecolo-Groen

ze kon ook heel warm uit de hoek komen als de meerderheid een punt realiseerde waar ook zij voor ijverde. In de Brusselse gemeenteraad blinken haar tussenkomsten uit door degelijkheid en fair play, Bart Dhondt en Nagy zijn ook de enigen die (bijna) altijd present tekenen. De kleine Ecolo-Groenfractie wordt sinds deze week maandag geleid door twee voorzitters: Zoubida Jellab en Cathérine Lemaitre. Jellab ligt mede aan de basis van de malaise binnen de fractie, een malaise waar Nagy ook naar verwijst in haar vrije tribune. In november 2016 interpelleerde Jellab schepen van Onderwijs Faouzia Hariche (PS). Jellab verweet Hariche de strikte toepassing van het stedelijk reglement dat moeders die vrijwillig leerlingen begeleiden tijdens de schooluitstapjes geen hoofddoek mogen dragen. Nagy vindt dat daar best vragen mogen over gesteld worden, maar Jellab ging toen volgens haar zwaar uit de bocht. Jellab beschuldigde Hariche, zelf

van vreemde origine, ervan om de neutraliteit in te zetten om een bepaalde gemeenschap (de moslims, red.) te discrimineren en te stigmatiseren.

Neutraliteit Hoe kan je vanop de banken van Ecolo-Groen iets dergelijks verklaren?” zegt Nagy emotioneel. “Hoe is het mogelijk om dergelijke intentieprocessen te maken?” Nagy is er ook van overtuigd dat dergelijke uitspraken de kloof autochtoon-allochtoon vergroten. Maar de kwestie stijgt boven het lokale van Brussel-stad uit. Nagy verwijst ook naar een interview in Le Vif met Anderlechtenaar en Europees parlementslid Philippe Lamberts. Lamberts komt in het interview naar voren als een authentiek gelovige, maar daar gaat de discussie niet over, maar hij zegt dat de laïcité doorgeschoten is, in Nederland spreken ze van ‘Verlichtingsfundamentalisme’. Nagy: “Terwijl het net de neutraliteit van de staat is die vrijheid en


Donderdag 30 maart 2017 I BRUZZ 1564 I 9

gelijkheid van allen voor de wet waarborgt. We mogen in deze trots zijn op België, dat is niet zo in alle landen ter wereld. Natuurlijk zijn die vrijheid en gelijkheid niet volmaakt en is er nog werk aan de winkel, daarom heb ik heel mijn politieke loopbaan lang gestreden tegen discriminatie van vrouwen, homo’s en vreemdelingen. Ik behoor ook tot diegenen die gevochten hebben voor de regularisatie van sans-papiers. Maar zonder een neutrale staat had dat niet eens gekund. Stellen dat de neutraliteit van de staat tot doel heeft de moslims te discrimineren, is er ver over.” Nagy is zelf een toonbeeld van integratie: “Toen ik op mijn zeventiende vanuit Bogota naar België en Brussel kwam, kende ik geen Frans. Ik heb de kans gekregen om aan de UCL sociologie te studeren en in 1977 heb ik de Belgische nationaliteit verkregen.” Nagy eindigde haar vrije tribune met een oproep aan Ecolo - maar ook aan de andere partijen - om een open debat te voeren over de neutraliteit en de plaats die de godsdienst in het publieke leven verdient. Maar haar oproep werd door de fractie als een vijandige daad gezien. Of de Ecolo-Groenfractie zonder Nagy overeind blijft, zal moeten blijken. Een paar maanden geleden verliet Michael François ook al de fractie omdat de partij worstelt met de aanpak van de probleemwijken. De affaire-Nagy doet ook denken aan de affaire-Gadaleta. Groen-schepen Analisa Gadaleta publiceerde vorig jaar een boek waarin ze de problemen met integratie in een directe stijl op de agenda zette. En alhoewel de nummer één van Ecolo in Molenbeek Sarah Turine geen problemen had met het boek voor het verscheen, hakte ze ongenadig in op Gadaleta toen de lokale PS zijn duivels ontbond. De strijd om de stem van de allochtone kiezer doet partijen, in Brussel opgejaagd door de PTB, het noorden verliezen.

POLITIEK Vlaams-Brabant kan bepalen of EURO 2020 doorgaat

Provincie wikt en beschikt BRUSSEL - Het omstreden Eurostadion krijgt geen vergunning. Bouwheer Ghelamco gaat in beroep, maar het lijkt met de dag onwaarschijnlijker dat het stadion op Parking C af raakt voor het Europees kampioenschap voetbal in 2020. De beslissing ligt nu zowaar in handen van de provincie Vlaams-Brabant. Brussel is door de Europese voetbalbond verkozen als een van de dertien gaststeden voor EURO 2020 met de verzekering dat er tegen dan een nieuw multifunctioneel stadion zou staan blinken op Parking C, tussen de Ring en het door de instanties afgeschreven Koning Boudewijnstadion. Maar dat Eurostadion is er nog altijd niet en het voorbije jaar doken nog nieuwe obstakels op voor het omstreden project. Denk maar aan de oude buurtweg die eerst moest worden afgeschaft. Nu is de vergunning geweigerd door de betrokken Vlaamse instanties. Parking C ligt tenslotte op het grondgebied van Grimbergen. Bouwheer Ghelamco geeft het project nog niet op, en gaat in beroep tegen de weigering van de bouwvergunning. Daardoor is het nu de provincie Vlaams-Brabant die moet beslissen. Niet alleen over het lot van het Eurostadion, maar ook over de rol van Brussel als gaststad voor het Europees kampioenschap voetbal. “Zonder stadion op Parking C van de Heizel zal de UEFA een andere gaststad dan Brussel kiezen voor het EK 2020,” zei minister van Financiën Guy Vanhengel (Open VLD) vrijdag in het Brussels parlement. Als het project mislukt, dreigt met andere woorden serieus gezichtsverlies voor ons land in het algemeen, en in het bijzonder voor de politici die het project hebben getrokken zoals Vanhengel en Brussels schepen van Sport Alain Courtois (MR). De renovatie van het Koning Boudewijnstadion - een piste die tegenstanders regelmatig naar voren schuiven - is voorlopig nog niet

aan de orde. Ghelamco belegde dinsdag nog een persconferentie met een studiebureau om uit te leggen waarom. De tijd tikt ondertussen genadeloos verder, maar volgens Ghelamco blijft het wel mogelijk om het stadion klaar te hebben. Er zal dan wel letterlijk dag en nacht gebouwd moeten worden. Dat Anderlecht ondertussen uit het project is gestapt, is geen bezwaar voor de West-Vlaamse ontwikkelaar. In het contract

“Zonder stadion op Parking C zal de UEFA een andere gaststad dan Brussel kiezen voor het EK 2020” Guy Vanhengel Minister van Financiën

staat immers dat het aan de overheid is om een huurder te zoeken. Nog een reden voor de trekkers van het project om hun heilige koe niet op te geven. Behalve de liberale initiatiefnemers blijven ook de CD&V-parlementsleden Brigitte Grouwels en Paul Delva achter het project staan.

“Het Eurostadion is een belangrijk project voor Brussel en voor het hele land,” stellen parlementsleden Grouwels en Delva. “Het is immers belangrijk voor de internationale uitstraling van Brussel én voor de toekomst van het Belgisch voetbal.” Het duo vindt het daarnaast jammer dat het dossier is uitgegroeid tot een heuse soap. “Nu blijkt dat de stedenbouwkundige aanvraag ernstige hiaten vertoont,” aldus nog Grouwels en Delva. “Hoe is dit in hemelsnaam mogelijk? Is de bouwheer Ghelamco dan zo onzorgvuldig geweest?” De stellingname is opvallend, want de partij heeft er altijd op gehamerd dat er een oplossing moest komen voor de Memorial Van Damme. Die is er nog altijd niet. Andere CD&V’ers zijn waarschijnlijk minder overtuigd. Bij de andere partijen is het overigens nog verder zoeken naar brede steun voor het stadion, zelfs binnen de MR, partij van Courtois. De Franstalige liberalen zitten immers niet mee aan tafel in de Brusselse regering. De PS blijft het Eurostadion verdedigen omdat de afbraak van het Koning Boudewijnstadion het Neo-project lucratiever maakt, maar de Brusselse SP.A heeft zich altijd op de vlakte gehouden. CDH en Défi, die mee besturen in het Gewest, maar in de Stad in de oppositie zitten, hebben serieuze bedenkingen, net als oppositiepartijen Groen en N-VA. Maar zoals gezegd, is de vraag nu vooral hoe de provincie Vlaams-Brabant het project beoordeelt. Laurent Vermeersch

Danny Vileyn

Marie Nagy - Geboren in 1957 in Bogota (Colombia) - Sinds 1974 in België - Licentiate Sociologie aan de UCL - 1982: wordt lid van Ecolo - 1988-1989: federaal secretaris Ecolo - 1989-1999: lid van de Brusselse Hoofdstedelijke Raad - 1989-1999: voorzitster van de Ecolo-fractie (Brusselse Hoofdstedelijke Raad) - 1999-2003: senator - 2003-2007: volksvertegenwoordiger - 2009-2014: lid van het Brussels Hoofdstedelijk Parlement - sinds 2006: gemeenteraadslid in Brussel

Provincie. Vlaams-Brabant moet nu beslissen of het Eurostadion alsnog een vergunning krijgt.

© JESPERS -EYERS ARCHITECTS


10 I BRUZZ 1564 I Donderdag 30 maart 2017

REPORTAGE Tweehonderd jaar architect Joseph Poelaert

Miskend genie of voor altijd ‘skieven architect’? Muntschouwburg

Barricadenplein

Congreskolom

4

Sint-Katelijnekerk

3

6 5 7

2

1 Théâtre Royal du Parc Academie voor Schone KKunsten

8

Rouppeplein

9

Wandelen met Poelaert.

Brandweerkazerne

Al wandelend door Brussel zijn heel wat ontwerpen van Joseph Poelaert te zien. En meer dan alleen dat overbekende Justitiepaleis.

Justitiepaleis © INFOGRAFIEK PETER DHONDT

De naam Joseph Poelaert roept bij de meeste Brusselaars het beeld op van het kolossale Justitiepaleis. Toch realiseerde Poelaert nog veel meer opmerkelijke gebouwen en monumenten in onze hoofdstad. Precies tweehonderd jaar na zijn geboorte trekken we op verkenning.

V

an een valse start gesproken. Aan de gevel van het nummer 76 in de Lakensestraat, waar Poelaert zijn jeugdjaren doorbracht, is het tevergeefs zoeken naar een herdenkingsbord. Uiteindelijk zit er niets anders op dan aan te bellen, maar bij wie? Bij het Brussels Meldpunt Ouderenmishandeling? Bij het Brussels Overleg Thuiszorg? Of lukraak aan een van de andere deurbellen? De ouderlijke woning

van Poelaert blijkt sinds 2011 te zijn omgedoopt tot ‘t Lakenhuis, waarin verschillende Nederlandstalige welzijnsorganisaties zich verzameld hebben. De herinnering aan Poelaert, die zich als tiener bezighield met pianospelen en de bouw van toneeldecors, is hier ver weg. Meer informatie en verhalen komen we gelukkig op het spoor in de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten van Brussel . Kunsthistoricus Georges Mayer, die zich als professor emeritus tegenwoordig vooral bekommert om de ar-

chieven van de Academie, klinkt vol lof over Poelaert: “Hij is een van de meest opmerkelijke architecten uit de Europese geschiedenis. Het Justitiepaleis is baanbrekend. En hij is een oud-student van de Academie.”

Leermeesters Het inschrijvingsregister met de naam van Joseph Poelaert is bewaard gebleven en bevestigt zijn leeftijd en zijn woonplaats in de Lakensestraat. In Poelaerts tijd volgden om en bij de vierhonderd studenten les aan de Academie.

“Ons masterplan wil alle gerechtelijke diensten in en rond het Justitiepaleis concentreren” Dirk Van Gerven Poelaertstichting

Poelaert kreeg er les van Tieleman Franciscus Suys, de architect van onder meer de Kruidtuin en het Paleis der Academiën. Ook Auguste Payen, de latere architect van het Zuidstation, staat er voor de klas. “Maar Poelaerts opleiding ging verder dan les krijgen van grote namen uit het vak,” vertelt Mayer. “Er heerste in de eerste jaren na de Belgische onafhankelijkheid een hoopvolle en dynamische sfeer in de stad. De Brusselse Academie herleefde en schilder François-Joseph Navez werd als nieuwe directeur aangesteld. Navez stond algemeen bekend als een fervente aanhanger van het neoclassicisme en hervormde de kunstopleiding. Poelaert heeft zich daar zeker door laten beïnvloeden en inspireren.” Na zijn opleiding aan de Academie trok Poelaert voor enkele jaren naar


Donderdag 30 maart 2017 I BRUZZ 1564 I 11

The chief arcHitect. Joseph Poelaert werd exact tweehonderd jaar geleden geboren. Zijn bijnaam, ‘skieven architect’, is een verbastering van Chief Architect.

Parijs, al is er geen zekerheid bij welke architect hij er in de leer is geweest. Bovendien heeft Poelaert er nadien schijnbaar alles aan gedaan om zijn persoonlijke nota’s te laten verdwijnen. Zelfs zijn plannen durfden weleens te verdwijnen!

Stadsarchitect Voor Poelaerts eerste Brusselse realisatie gaat het naar het Rouppeplein waar hij in 1846 op vraag van het stadsbestuur de fontein ter ere van oud-burgemeester Nicolas-Jean Rouppe ontwierp. Als je vandaag op het grasperkje rondom de fontein staat, en er wonderwel in zou slagen om niet in een hondenstront te trappen, is de symboliek van het monument duidelijk waar te nemen. Op de met leeuwenkoppen versierde waterbak staat een beeld van een vrouw, die een allegorie van

Brussel voorstelt. In de ene hand houdt ze een lauwerkrans en in de andere een miniatuurversie van de Sint-Michielskathedraal. Blijkbaar was de stad Brussel tevreden over het geleverde werk van de toen bijna dertigjarige Poelaert, die kort daarop aan de slag ging op de dienst Openbare Werken. Als ambitieuze architect moet dat een bijzonder gegeerde post zijn geweest. Midden negentiende eeuw, zelfs nog voor de overwelving van de Zenne, heerste in Brussel al een immense bouwbedrijvigheid. En Poelaert vloog er duidelijk met veel goesting in met tijdens zijn beginjaren onder meer het ontwerp van een nog steeds bestaand schoolgebouw aan de Zuidlaan en de inrichting van het Barricadenplein . Niet te missen bij een stadsverkenning in het spoor van Poelaert , waaris Sint-Katelijnekerk voor hij in 1851 de plannen voorstelde aan het stadsbestuur. “In de loop van de negentiende eeuw is de Sint-Katelijnewijk grondig van uitzicht veranderd,” weet historicus Roel Jacobs. “De dokken van het kanaal werden gedempt en de oude Sint-Katelijnekerk ging tegen de vlakte. Het stadsbestuur was verplicht om een nieuwe kerk op te trekken, waarna er een hevige discussie ontstond. De katholieke partij wilde een neogotisch kerkgebouw als verwijzing naar de historische grandeur van de Kerk, terwijl de liberalen net een bescheidenere positie van de Kerk hoopten aan te tonen. Poelaert raakte zo verwikkeld in een ideologische strijd, die hij met een samenbrengen van verschillende stijlen probeerde te beantwoorden. Een typisch Brussels compromis dus.” De grootste verdienste van Poelaert is het ruimtegevoel dat hij binnen in de kerk wist te realiseren. Net als in de kathedralen uit de gotiek creëerde hij de drang om bij het binnenkomen meteen naar boven te kijken, al heeft hij daar in de Sint-Katelijnekerk geen kruisbogen of andere typische gotische stijlelementen voor nodig. Opvallend is dat veel elementen van de kerk, zoals de torentjes op de steunberen van de voorgevel, louter decoratie zijn om het geheel meer grandeur en monumentaliteit te verschaffen. Een manier van werken die hij jaren later ook zal toepassen bij het Justitiepaleis.

Plagiaat Een strenge kanttekening bij dit werk van Poelaert is dat hij zowel op het vlak van tijd als met het vooropgestelde budget in het rood ging. Na vijf bouwjaren moest hij de plannen hertekenen, en uiteindelijk nam architect Wynand het van hem over. Ter verdediging van Poelaert kunnen we wel stellen dat de man in die dagen overladen werd met projecten. Poelaert won zowat elke architectuurwedstrijd die in Brussel plaatsvond. Zelfs Leopold I was in die periode grote fan van Poelaert, die na de dood van koningin Louise Marie de opdracht kreeg om de Onze-Lieve-Vrouwekerk van Laken te ontwerpen (en waar hij uiteindelijk ook weer een andere architect

het werk moest laten afronden). Een volgende verrassende stop op het parcours van Poelaert door Brussel is de Muntschouwburg . In 1855 brandde het operagebouw grotendeels af, waarna het stadsbestuur meteen besliste om een architectuurwedstrijd te organiseren. Meer dan twintig kandidaten deden een voorstel voor de reconstructie, Poelaert zelfs drie, maar geen enkel voorstel werd goedgekeurd. Toch ging de opdracht op verzoek van burgemeester De Brouckère naar zijn poulain. In het boek De Munt schrijft Eric Cabris heel nadrukkelijk dat Poelaert zijn plannen op verzoek van de burgemeester helemaal hertekende en de ideeën van zijn concurrenten klakkeloos overnam. De grote zaal, de grote foyer en de andere prachtig decoreerde ruimten, waar we ons tijdens een avondje opera maar al graag in laten onderdompelen, zijn dus plagiaat.

Slordig Eric Cabris beweert in zijn boek ook dat de reconstructie tergend traag verliep. Poelaert ging bovendien zo slordig te werk, dat hij in een eerste fase zelfs de foyers voor artiesten vergat te bouwen. Gelukkig zorgde hij wel voor een correcte uitvoering van de nieuwe bouwmethode met gietijzeren geraamten en gebinten. Vage plannen van Poelaert en een te late oplevering komen opnieuw ter sprake als we richting bovenstad klimmen. De 47-meter hoge Congreskolom is een totaal ander werk van Poelaert, dat hij door een architectuurwedstrijd te winnen in de wacht sleepte. Voor dit monument ter herdenking van de Belgische onafhankelijkheid liet Poelaert zich inspireren door de zuil van Trajanus in Rome. Poelaert opteerde voor een hoge onderbouw met daarop de namen van de leden van het Nationale Congres in 1830 en een vrij sobere zuil met bovenaan het standbeeld van Leopold I. Poelaert treuzelde met de materiaalkeuze van de zuil en botste van mening met beeldhouwer Simonis over de sculpturen aan de onderbouw van de kolom. Tijdens de aanslepende constructiefase van tien jaar kregen het monument en zijn architect heel wat kritiek, waarna zelfs koning Leopold I het niet meer zag zitten om aanwezig te zijn bij de inhulding. Ondanks al die kritiek leverde Poelaert wel feilloos werk met de constructie van de twee omliggende herenhuizen op het Congresplein. Het woordje genialiteit valt zelfs in een vaktijdschrift uit die dagen. Mede dankzij die twee grote huizen maakte Poelaert naam als een van de eerste eclectische architecten in Brussel. Meer dan 150 jaar later heeft het herenhuis, waarin de Haute École Paul-Henri Spaak is gevestigd, wel dringend een opknapbeurt nodig. Het tweede herenhuis is er veel beter aan toe. Een gedeelte ervan is ingenomen door de Ambassade van Liechtenstein en op de benedenverdieping biedt Taverne la Colonne een rustpunt om Poelaerts kolom te bewonderen. Verderop passeren we het Théâtre

“Poelaert is een van de meest opmerkelijke architecten uit de Europese geschiedenis. Het Justitiepaleis is baanbrekend” Georges Mayer Kunsthistoricus

Royal du Parc waar Poelaert een luifel liet aanbrengen. En aan de andere kant van het Warandepark, net tegenover het Koninklijk Paleis, bevinden zich twee paviljoenen van zijn hand. De beeldengroep De Lente, die een van de paviljoenen siert, is dan weer werk van zijn broer Victor. Poelaerts laatste opdracht in zijn functie van stadsarchitect was de brandweerkazerne aan het Vossenplein. Hij stelde nog een kostenraming op en gaf er dan de brui aan. In een brief aan het stadsbestuur, gedateerd op 17 juni 1860, somde hij de redenen op van zijn ontslag: een wankele gezondheid en een teveel aan werk. Had Poelaert misschien last van een burn-out? Of verzweeg hij de ware reden van zijn ontslag? Nog in datzelfde jaar ging Poelaert alleszins aan de slag als jurylid voor de internationale architectuurwedstrijd voor een nieuw gerechtsgebouw in Brussel. Vreemd genoeg raakte de jury er na twee jaar van discussies niet uit, waarna Poelaert met zijn eigen bombastisch plan op de proppen kwam. Gedurende achttien jaar werd aan het Justitiepaleis gewerkt met heel wat protest bij de inwoners van de Marollen. Poelaerts bijnaam de skieven architect dateert uit die periode. Dat zou een verbastering zijn van chief architect, waarmee de Engelse arbeiders hem op de werf met veel respect aanspraken. Maar niet zo volgens de Marolliens, die er in hun volkstaaltje een spotnaam van maakten.

Campus Poelaert Zelf zag Poelaert zijn meesterwerk nooit helemaal voltooid. Hij stierf in 1879, drie jaar voor de inhuldiging van het Justitiepaleis door Leopold II. Weinig andere Brusselse monumenten zijn zo veel besproken en fel gecontesteerd, al was het maar voor de vele stellingen die nu al door andere stellingen worden ondersteund. “Gelukkig is er beterschap op komst,” klinkt het bij Dirk Van Gerven, bestuurder van de Poelaertstichting. “Enkele jaren geleden deed toenmalig minister van Justitie Stefaan De Clerck een oproep voor ideeën om aan het Justitiepaleis een nieuwe bestemming te geven. Als antwoord hierop hebben we de Poelaertstichting opgericht met als doel om het Justitiepaleis voor justitie te behouden. Ons concrete masterplan voorziet erin om alle gerechtelijke diensten in en rond het Justitiepaleis te concentreren en zo tot een Campus Poelaert te komen. De mogelijkheid bestaat dat er op lange termijn ook toeristische activiteiten bijkomen, maar een winkelcentrum wordt het alvast niet.” De eerste renovaties, waaronder een scan street voor een betere beveiliging aan de ingang, zouden voor dit jaar zijn. En die renovatie van het Justitiepaleis betekent voor Poelaert, die op het kerkhof van Laken zijn laatste rustplaats vond, vermoedelijk het mooiste eerbetoon voor de herdenking van zijn 200ste verjaardag. Een tentoonstelling of andere evenementen staan er voorlopig niet op de agenda. Kris Clerckx


12 I BRUZZ 1564 I Donderdag 30 maart 2017

SAMENLEVING Citizenne organiseert eerste ramadanfestival in Brussel

‘Ramadan is nog altijd grote onbekende’

BRUSSEL - Dit jaar krijgt Brussel voor het eerst een heus ramadanfestival. Met dat feest willen organisatoren Fatima Bouchataoui en Philippe Renders van Citizenne een tegenbeweging op gang brengen in deze tijden van polarisatie tussen moslims en niet-moslims. “Niet is zo verbindend als een feest.”

D

e islamitische vastenmaand oftewel ramadan vat dit jaar aan op 27 mei. Een dag voordien begint in het Koekelbergse Elisabethpark het festival, dat officieel ‘ramadanfeest’ heet, omdat de domeinnaam ‘ramadanfestval’ bezet was. De bedoeling van organisator Citizenne is om meer bekendheid te geven aan deze voor moslims bijzondere maand. “Veel niet-moslims hebben een heel eng beeld van de ramadan. Voor hen is het: de hele dag niet eten en niet drinken en daarna te veel eten. Dat beeld krijg je ook via tv,” zegt Renders. Volgens zijn collega Bouchataoui voelen veel moslims zich geframed door die negatieve berichtgeving. “De ramadan is zoveel meer. Het gaat in die maand om delen en gastvrijheid, om solidariteit met de armsten en ook om spirituele groei. Het is niet alleen vasten voor de maag, maar ook voor de geest. Je roddelt niet en probeert positief te zin. Renders: “Die waarden zijn bij velen nauwelijks bekend. We willen dan ook zoveel mogelijk niet-moslims bereiken.” Het is geen religieus initiatief, wel een verbindend project, onderstrepen ze. “Wij willen ook de gezelligheid van het feest tonen,” zegt Bouchataoui. “Het is voor moslims een beetje zoals de kerstmarkt. In mijn geval is het de enige maand dat we als gezin ‘s avonds samen eten. De rest van het jaar is iedereen altijd druk-druk, met voetbal en andere activiteiten. Maar tijdens de ramadan zorgen ze ervoor op tijd thuis te zijn voor de iftar, de maaltijd na zonsondergang. Om die reden vind ik het altijd spijtig als de maand voorbij is.” Omdat gastvrijheid een belangrijke waarde van de ramadan is staan er behalve publieke iftars ook hospitality diners op het programma: moslims nodigen niet-moslims uit om samen de avond door te brengen. Hoe zo’n ramadanavond verloopt? “Eerst eten we samen, een typisch gerecht is bijvoorbeeld harira, een stevige maaltijdsoep en daarbij dadels en honingkoeken. Daarna is er tijd voor gebed,” zegt Bouchataoui. “We lezen elke avond een dertigste van de Koran. Sommigen gaan daarvoor tegen een uur of elf naar de mos-

Aftrap en slot in

EERSTE RAMADANFEEST. Organisatoren Philippe Renders en Fatima Bouchataoui van Citizenne zullen VIP-kaarten uitdelen aan de Molenbeekse politie. © SASKIA VANDERSTICHELE

Het Ramadanfeest dat Citizenne samen met verschillende partners organiseert van 26 mei tot 25 juni begint met een tweedaags festival in en rond Bar Eliza in het Elisabethpark. Het wordt een happening met dialoogtafels, fietstochten, boekvoorstellingen en RAM-talks, een variant op de TED-talks. Voorts is er randanimatie en muziek. Zo treedt Poetic Pelgrimage op, een Brits, vrouwelijk, moslimhiphopduo. Vanzelfsprekend staan ook eten en vasten centraal. Vrijdag 26 mei, de dag voor het begin van de ramadan, is een uitbundige dag, vergelijkbaar met carnaval. Dan wordt er voor het laatst couscous gegeten, le couscous du vendredi. Couscous is immers een typisch gerecht voor ‘s middags. Die dag vinden


Donderdag 30 maart 2017 I BRUZZ 1564 I 13

kee. Anderen bidden thuis en zetten zich achteraf samen voor de tv. De Marokkaanse televisie zendt in die maand altijd speciale series uit, vaak komische familiefeuilletons.” Renders: “Wie deelneemt aan zo’n hospitality dinner krijgt dus een inkijkje in het dagelijkse leven van een moslimgezin. We willen tonen dat moslims gewone mensen zijn. In het huidige klimaat moet dat benadrukt worden.” Bouchataoui: “Onderzoek in Scandinavië heeft aangetoond dat de deelnemers achteraf veel minder vooroordelen hebben.” Oorspronkelijk was het festival gepland op de Vismarkt, vlak voor het nieuwe onderkomen van Citizenne, maar de organisatie kreeg om logistieke redenen geen toestemming van de Stad Brussel. Renders: “We zijn daarom uitgeweken naar het Elisabethpark. Daar krijgen we de steun van gemeenschapscentrum De Fatima Bouchataoui Platoo.” Organisator Ramadanfeest De organisatoren zullen ook VIP-kaarten uitdelen en wel aan de Molenbeekse politie en anderen die een geheel vertekend beeld van de ramadan hebben. Bouchataoui: “De politie ziet alleen de overlast.” Waarmee ze niet wil ontkennen dat er soms geen overlast is. “De Molenbeekse voedingswinkels zijn in de ramadan de place to be voor allerlei lekkernijen. Elke slager en bakker heeft speciale dingen.” Daar komen volgens Renders ook veel mensen van buiten Brussel op af. “Dat geeft extra verkeersdrukte in de uren voor de iftar. En er is geen circulatieplan, zoals bij de kerstmarkt.” Ook zijn er de consequenties van het strenge vasten, zeker in de zomer een beproeving. Bouchataoui: “Moslims mogen overdag niet eten, maar ze mogen ook niet roken of koffie drinken. Dit in combinatie met het slaaptekort maakt dat sommigen in die maand een korter lontje hebben, at’ramdan noemen wij dat. En ja, dan zijn er dus wat meer conflicten tussen mensen.”

“Sommige moslims hebben tijdens de ramadan een korter lontje”

Bettina Hubo

Elisabethpark ook allerlei kookworkshops plaats die de diversiteit onder de moslims zullen demonstreren. ‘s Anderendaags gaat het er soberder en serener aan toe. Overdag zullen vrijwilligers de iftar voorbereiden, de maaltijd die na zonsondergang zal worden genuttigd. Hiervoor krijgen de organisatoren mobiele keukens van Cultureghem te leen. Tijdens de rest van de ramadan worden her en der in Brussel publieke iftars georganiseerd. Met de website ramadanfeest.be wil Citizenne organisatoren aanmoedigen om zoveel mogelijk bekendheid te geven aan deze maaltijden. Ook ging Citizenne op zoek naar moslimgezinnen die hun deuren ‘s avonds willen

openzetten voor niet-moslims. Via de website kunnen geïnteresseerden zich de hele maand inschrijven voor zo’n hospitality dinner. Het Suikerfeest, op de laatste dag van de ramadan, wordt opnieuw in het Elisabethpark gevierd. Daar is die dag, 25 juni, ook het Plazeyfestival aan de gang, dat dit jaar aan zijn 25ste editie toe is. Beide organisaties zullen een gezamenlijke festivaldag in elkaar boksen. Plazey goes Suikerfeest. Of vice versa.

ECONOMIE Jonge ondernemer wil bijlessen democratiseren

‘De concurrentie ziet ons niet graag’ BRUSSEL - Een uit de hand gelopen hobby. Zo noemt Pieter Minnebo, van opleiding bouwkundig burgerlijk ingenieur, zijn website Bijleszoeker, waarmee hij sinds twee jaar bijlesgevers en studenten met elkaar in contact brengt. De duizendste actieve leraar is intussen een feit. “Ik ben er trots op dat we op de payroll van RSC Anderlecht staan.”

I

s Bijleszoeker de Uber van de bijlessen? De welbespraakte oudVUB-student glimlacht bij zijn thee in café Quartier Latin tegenover het station van Etterbeek. Hij weet maar al te goed dat de alternatieve taxi- en bezorgingsdienst uit San Francisco omstreden is. Feit is wel dat hij de internet- en deeleconomie omarmt en de bijlessector door elkaar wil schudden. Het verschil is voor hem duidelijk: “Bij ons betaal je als ouder of student de helft van de marktconforme prijs: 15 à 25 euro in plaats van 40 à 50 euro per uur. Terwijl de leerkracht er meer aan overhoudt. Ik ga ervan uit dat andere bijleskantoren ons niet graag zien.” Wie bijles wil krijgen voor een bepaald vak in het hoger of middelbaar onderwijs, kan zich inschrijven op de website. Bijleszoeker gaat op zoek naar een geschikte leraar, die – althans voor een langere module – twee uur gratis lesgeeft. De lessen vinden meestal plaats bij de leerling of student thuis, op kot, in een studieruimte of bibliotheek. Als de beide partijen met elkaar verder in zee willen, spreken ze onderling een tarief af. Het platform strijkt geen commissie op, maar rekent de student, afhankelijk van het pakket dat hij kiest, een eenmalige administratieve bijdrage van 50 à 95 euro aan. Vooral studenten en pas afgestudeerden geven bijles, maar ook leerkrachten die een bijverdienste zoeken of gepensioneerden. Ze kunnen opteren voor een statuut als zelfstandige in bijberoep of student-ondernemer. Maar wie staat garant voor de kwaliteit van de lesgevers?

“We nodigen hen uit op een gesprek. Behalve naar de studies en diploma’s kijken we voornamelijk naar hun sociale capaciteiten. Kunnen ze een boodschap overbrengen? Voor welke leeftijdscategorie zijn ze geschikt? Bovendien vragen we de studenten na de eerste lessen om feedback.” In het middelbaar is er vooral vraag naar bijlessen wiskunde, wetenschappen en talen. In Vlaanderen willen leerlingen hun Frans bijspijkeren, in Brussel gaat het vaak om Nederlands. Bij de studenten springen wiskunde en statistiek erboven uit. Vaak hapert er iets aan de studiemethode. “Wiskunde kan een kapstok zijn om gestructureerd te leren leren,” legt Minnebo uit. Hij benadrukt dat de leerkrachten en de scholen een essentiële rol spelen: “Wij willen een aanvulling zijn. Er zijn altijd leerlingen die meer met de leerstof bezig moeten zijn om te slagen.” Hoewel hij geen waterdichte garanties kan bieden, is hij overtuigd van de meerwaarde van de begeleiding. “Als je consequent bijles volgt, gaan de resultaten erop vooruit.” In de twee jaar dat de site bestaat, heeft de 26-jarige ondernemer veel bijgeleerd. Bijvoorbeeld dat de vindbaarheid van de website via Google van primordiaal belang is. “Ik investeerde het afgelopen jaar in search engine optimalisatie, want dat levert een grote return on investment op.” Bijleszoeker heeft niet voor niets een Facebook-pagina en een YouTube-kanaal. Een eigen app bleek te weinig voordelen te hebben en een Franstalige tegenhanger kwam niet van de grond. Het platform blijft als

Paars-wit Als trouwe Anderlechtsupporter gaat Minnebo er prat op dat hij de Belgische recordkampioen tot zijn klanten mag rekenen. “De jeugdtalenten missen vaak lessen op school, maar de club vindt het belangrijk dat ze hun diploma halen. Daarom worden wij ingeschakeld.” Versterkt de samenwerking met de rijke topclub niet het gevoel dat bijlessen alleen voor de happy few weggelegd zijn? “We hebben door onze scherpe prijzen de doelgroep breder gemaakt, maar financieel lukt het niet voor iedereen, zeker niet in Brussel. We komen helaas nog niet in aanmerking voor subsidies om ook kansarme gezinnen te kunnen bedienen.” Minnebo heeft een Brussels parcours achter de rug. Hij is geboren in Jette, ging naar het Koninklijk Atheneum van Koekelberg en studeerde voor burgerlijk ingenieur aan de VUB. Hij hield er een Brusselse mentaliteit aan over, gekenmerkt door je m’en foutisme en creatief op zoek gaan naar oplossingen. De speeltijd lijkt voorbij voor Minnebo. Hij werd vader van een dochter en bouwde een huis in het landelijke Hélécine in Waals-Brabant. Zijn start-up nadert de 25.000 euro omzet per jaar. Tegelijk kriebelt het om als ondernemer voluit te gaan voor zijn passie voor de bouwsector. Tom Van Bogaert

“Bij ons betaal je als ouder of student de helft van de marktconforme prijs” Pieter Minnebo Initiatiefnemer Bijleszoeker

>

www.ramadanfeest.be

uitvalsbasis Brussel hebben, waar driehonderd van de duizend leraren actief zijn, maar heeft ook regioverantwoordelijken in studentensteden zoals Leuven, Gent en Antwerpen.

© SASKIA VANDERSTICHELE


14 I BRUZZ 1564 I Donderdag 30 maart 2017

Stel zelf je vraag EN STEM op BRUZZ.BE

JONAS uit SCHAARBEEK:

Hoe zagen het station Brussel-Zuid en de stationsbuurt er vroeger uit?

“Het station verloor zijn smoel” Bert De Bisschop Brukselbinnenstebuiten

MAJESTEUS. Het tweede, majestueuze Zuidstation, geopend in 1869, ging tegen de vlakte voor de bouw van de Noord-Zuidverbinding.

D

e geschiedenis van het Zuidstation begint rond 1840 met de aanleg van een spoorlijn naar Halle en Tubeke. De Brusselse terminus werd aanvankelijk gebouwd aan wat nu het Rouppeplein is. Veel dichter bij het stadscentrum dan vandaag dus. Het zogenaamde Bogaardenstation, vernoemd naar een voormalig klooster in de buurt, was echter geen lang leven beschoren. De spoorlijn werd in de jaren nadien verder verlengd naar Bergen en de Franse grens en de reizigersaantallen groeiden zo snel dat de primitieve infrastructuur snel achterhaald was. Het station werd afgebroken en vervangen door een groter kopstation, buiten het bestaande stadsweefsel. “Van dat eerste station is niets overbleven, maar het stratenpatroon herinnert er wel nog aan,” zegt Bert De Bisschop van Brukselbinnenstebuiten. “De huidige Stalingradlaan is bijvoorbeeld zo breed omdat die op de plaats van de spoorweg kwam. De Zuidstraat werd aangelegd om het station toegankelijk te maken vanuit het centrum.” Het tweede Zuidstation werd letterlijk in de velden langs de Zenne gebouwd, op het grond-

gebied van de gemeente Sint-Gillis, vlak bij de grens met Anderlecht. Het majestueuze, neoklassieke stationsgebouw van architect Auguste Payen ging open in 1869. Voor het station kwam een nieuw, groot plein, het Grondwetplein. Dat zorgde voor de verbinding met het stadscentrum. Ten westen en ten oosten van het station onstonden heel snel nieuwe stadswijken. In de eerste helft van de 20ste eeuw moest eerst het Grondwetplein en daarna het Zuidstation wijken voor de Noord-Zuidverbinding. Daarvoor moesten de sporen worden opgetild. De stationsfunctie verhuisde van een grote hal naar de ruimte onder de sporen. Het majestueuze kopstation werd een grote, functionele spoorweghalte. Het station verhuisde bovendien nog eens twee huizenblokken verder weg van het centrum. “Het station verloor toen zijn smoel,” zegt De Bisschop. “Vroeger had je een duidelijke toegang en een groot stationsplein met daarop aansluitend grote lanen. Nu weten aankomende reizigers vaak niet waar ze naartoe moeten, of is het voor veel mensen onduidelijk waar de ingang van het station is.” Het modernistische station ontworpen door Adrien en Yvan Blomme en Fernand Petit

© NMBS

werd ingehuldigd in 1952. Kenmerkend waren de hoekige klokkentoren en de gevels van gele baksteen. Ook in de decennia nadien zat de wijk niet stil. Tussen het station en de Vijfhoek werd in de jaren 1950 de eerste tramtunnel aangelegd, de zogenaamde Grondwettunnel, met de ondergrondse halte Lemonnier. In de jaren 1960 verrees de Pensioen- of Zuidertoren, nog altijd het hoogste gebouw van het land. In de jaren 1980 werd voor de komst van de metro een volledige huizenrij langs de Engelandstraat platgegooid. Het station onderging vervolgens een nieuwe metamorfose in aanloop naar de komst van de hogesnelheidstrein begin jaren 1990. Voor de aparte Eurostarterminal moest het station uitbreiden richting Kuregem. De chocoladefabriek van Côte d’Or verhuisde naar Halle. De komst van de TGV zou ook de rest van de wijk onherkenbaar veranderen. “Men verwachtte een grote vraag naar kantoren,” zegt De Bisschop. “Dat leidde tot speculatie en onteigeningen. De typische stationsbuurt met veel va-et-vient, kleine huizen en kleine industrie maakte plaats voor grote kantoorgebouwen.” Onder meer langs de Fonsnylaan werden verschillende huizenblokken hele-

KLOKKENTOREN. Het derde, modernistische Zuidstation, ingehuldigd in 1952. De klokkentoren moest later wijken voor de HST-terminal.

maal platgegooid. Die beweging is overigens nog niet helemaal gestopt, denk maar aan het kantoorproject Victor. De discussie daarover sleept wel al jaren aan. Het Brussels Gewest probeert ondertussen ook de bouw van nieuwe woningen te stimuleren, maar heeft ook plannen om de grond nogmaals om te woelen voor de bouw van een nieuw metrostation (Grondwet). Tegelijk wordt al jaren gepalaverd over de toekomst van het station zelf. Dat is volgens velen toe aan een nieuwe renovatie. Enkele jaren geleden was er een opvallend plan met een V-constructie bedacht door Jean Nouvel,


© BELIRIS

MIJN GEDACHT

Donderdag 30 maart 2017 I BRUZZ 1564 I 15

METROLIJN 3. Het Brussels Gewest bouwt tegen 2025 een nieuwe metrolijn met daarop zeven nieuwe metrostations.

‘Gun bewoners inspraak over bovengrondse metrostations Noord’

D KAALSLAG. De komst van de TGV zorgde voor een kaalslag in de wijk. Hier de Fonsnylaan in 2008. © THOMAS SENNESAEL

© NMBS

maar dat lijkt definitief opgeborgen. Ook over een nieuwe bestemming van het oude postgebouw langs de Fonsnylaan is nog altijd geen duidelijkheid. Mede door besparingen bij de spoorwegen moeten reizigers de komende jaren niet veel meer verwachten dan de hoognodige renovatie van de perrons die al meegaan sinds de jaren 1950. Laurent Vermeersch

VOLGENDE WEEK: Hoe gaat het met de verborgen Koninklijke Loge in het Centraal Station?

e bouwplannen voor de Brusselse metrolijn 3, van het Noordstation naar Bordet, zijn achter gesloten deuren bedisseld, zegt Philippe Itschert van het Schaarbeekse collectief Imagine Colignon, dat ook de steun krijgt van een heleboel stedenbouwkundigen en wijkcomités. “Hoe maken we van de nieuwe metrolijn een stedelijk project dat de doorkruiste wijken ten goede komt?” Het Brussels Gewest bouwt tegen 2025 een nieuwe metrolijn met daarop zeven nieuwe metrostations. “Dit gigantische project (geraamd op 1,8 miljard euro) zal een impact hebben op het leven van alle Brusselaars en zal het stadslandschap grondig wijzigen,” zegt Itschert, die zelf ook stedenbouwkundige is. “In plaats van deze unieke kans aan te grijpen om kwaliteitsvolle publieke ruimtes aan te leggen en de metrostations goed te integreren in de stedelijke context, heeft het gewest beslist om het beheer van de bouwwerken te delegeren aan Beliris, het Brusselfonds van de federale overheid. Beliris heeft een ingenieursconsortium aangesteld om de ondergrondse infrastructuurwerken te realiseren, maar ook alle publieke ruimtes bovengronds af te werken. Zonder burgerparticipatie, zonder architectuurwedstrijd, zonder debat met het maatschappelijke middenveld, zonder overleg met de Brusselse actoren in stedelijke ontwikkeling.” “De aanvraag voor de bouwvergunning, bedisseld achter gesloten deuren, zal deze maand door Beliris worden ingediend. We zien zo een archaïsche visie op stedelijk beheer terugkeren, die gemak verkiest boven kwaliteit.” “Het gewest heeft nochtans tien jaar geleden verschillende innovatieve instrumenten ontwikkeld voor publiek beheer, na een grote mobilisering rond het Flageyproject en door de eisen van het maatschappelijke middenveld. Voorbeelden zijn de antenne “Pyblik”, het Agentschap voor Territoriale Ontwikkeling (ATO, vandaag perspective.brussels) en de Brusselse Bouwmeester.” “Al die nieuwe instrumenten moesten ertoe leiden dat de reflectie, de burgerparticipatie en uiteindelijk ook de kwaliteit van de projecten in de publieke

“We zien een archaïsche visie op stedelijk beheer terugkeren, die gemak verkiest boven kwaliteit” PHILIPPE ITSCHERT Collectief Imagine Colignon

ruimte verbetert. Maar in tegenstelling tot wat er in het Gewestelijk Plan voor Duurzame Ontwikkeling (GPDO) staat, is geen enkele van deze actoren aangesproken rond de nieuwe metrolijn 3. Het lijkt alsof de gemeentelijke en gewestelijke vertegenwoordigers de buitengewone kans niet zien om nu kwaliteitsvolle openbare ruimte aan te leggen, die een motor kan zijn voor de verdere ontwikkeling van het noorden van Brussel.” “Het is niet te laat om te kiezen voor een goed beheer van de stad. Het is nog mogelijk om de volledige opdracht van de aanleg van de metro in twee delen te splitsen: één deel voor de ondergrondse infrastructuurwerken, en één deel voor de bovengrondse heraanleg.” “We vragen dus aan het Brussels Gewest en aan de betrokken gemeentes, om echte architectuurwedstrijden en burgerparticipatie te lanceren, onder de hoede van de Bouwmeester. Zo zouden kwaliteitsvollere en ambitieuzere projecten ontwikkeld worden, die rekening houden met wat al bestaat.” “Informatievergaderingen organiseren voor inwoners en belanghebbenden volstaat niet. Om een duurzame, open en moderne stad te bouwen, zoals het Brussels Gewest beweert te willen zijn, moeten alle publieke betrokken actoren en alle krachten uit de gemeenschap samengebracht worden. Het Flageyplein heeft uiteindelijk zijn wedstrijd gehad, en een echt burgerparticipatieproces. Waarom kan niet dezelfde aandacht en dezelfde zorg gegeven worden aan een belangrijk project zoals de metrolijn 3? Er is nog tijd om de strategie te herzien, het is nog mogelijk om er een voorbeeldproject van te maken.”

ONDERTEKEND DOOR Collectief Imagine Colignon Collectief HELMeTRO Wijkcomité Voltaire-Eenens-Metsys Wijkcomité Cage aux Ours BRAL, stadsbeweging voor Brussel Eric Corijn, (prof. Sociale Geografie VUB) Jean Louis Genard (prof. ULB La Cambre-Horta) Michael Ryckewaert (prof. Stedenbouw VUB) Kobe Boussauw (prof Mobiliteit VUB) Christophe Mercier (urbanist, architect) Dag Boutsen (decaan Faculteit Architectuur KU Leuven, Campus Sint-Lucas) Tine Van Herck (gastdocent Faculteit Architectuur KU Leuven, Campus Sint-Lucas)


16 I BRUZZ 1564 I Donderdag 30 maart 2017

VADROUILLE ARCHITECTUUR Op zoek naar gebogen of gebroken lijnen

Is het art nouveau?

ART NOUVEAU.

Een van de productiefste art-nouveau-architecten in Brussel was Ernest Blerot (1870-1957): hier met een ontwerp voor een verrière voor een huis op de Louizalaan. © Fondation CIVA, Département Architecture moderne

Is het art deco? ELSENE - Met haar nieuwe expo hoopt de Civa Stichting dat we in de toekomst art nouveau en art deco beter leren onderscheiden. ‘Art nouveau?¿Art deco’ lijkt wel een alibi om nogal wat hoogtepunten uit de Brusselse architectuur te tonen: het Old England warenhuis naast het Flageygebouw, Villa Bloemenwerf naast Hotel Haerens, Le Falstaff naast L’Archiduc. Maar vergis u niet, op het eind van de expo volgt een test.

I

n de pers verschenen artikels dat we tegen 2020 naar het artnouveau-Citroëngebouw zouden verhuizen, maar dat is een artdecogebouw,” zegt Anne-Marie Pirlot. Zij en haar ploeg van de Civa Stichting vonden dat ze iets aan de spraakverwarring moesten doen. Los van de vraag wat een architecturale stijl nu precies is - een boeiende kwestie die met architect

Jan De Vylder aan bod komt in een van de geplande lezingen - helpen de termen ook niet echt. In art nouveau hoor je ‘nieuw’, maar het is de oudste stijl, vernieuwend wel na de neostijlen (neoclassicisme, neorenaissance, neogotiek) van de 19de eeuw. Art deco is dan weer veel minder ‘decoratief’ dan art nouveau. In art nouveau heb je dan ook nog eens een meer florale en meer geometri-

sche stroming – (de vroege) Horta respectievelijk Hankar – terwijl art deco ook geometrisch is, maar dan veel gestileerder.

Brussel en Parijs “Art nouveau is in Brussel geboren,” zegt Pirlot bij twee huizen uit 1893 van de hand van de Vlaming Victor Horta (Hotel Tassel, Paul-Emile Jansonstraat 6, Brussel) en de Waal

Paul Hankar (Defacqzstraat 71, Sint-Gillis). “Het zijn de allereerste art-nouveauhuizen in de wereld. Meteen zie je de meer op de natuur geïnspireerde en organische stijl naast de meer geometrische art nouveau, met motieven uit de Japanse architectuur. Voor inspiratie voor de ingangen van de Parijse metro is de Franse architect Hector Guimard naar deze twee huizen komen kijken. De stijl maakte vooral furore in steden met veel artisanale knowhow.” In 1884 berichtte het tijdschrift L’Art Moderne al over ‘croyants de l’art nouveau’. In Parijs hielp de galerie Maison de L’Art Nouveau van Siegfried Bing de naam verder verspreiden.” Als vertrekpunt van art deco wordt de Parijse Exposition international des arts décoratifs et industriels modernes uit 1925 genomen. “Art deco is dan weer in Parijs geboren, zegt Pirlot. “De grote decorateurs van

die tijd waren Frans. Het werd een mondiale stijl die populair was in alle domeinen van de kunst: architectuur, interieur, mode, grafische kunsten.” De naam werd door Le Corbusier spottend gebruikt naar aanleiding van de expo uit 1925, maar het duurde tot 1968, toen het boek Art Deco of the Twenties and the Thirties verscheen, vooraleer de naam algemeen erkend werd. Een zijsprongetje toont de inspiratiebronnen als de Weense Secession of Weense stijl, tussen art nouveau en art deco in, en het japonisme. De galerie en winkel van meubels, tapijten en behangpapier L’intérieur in de Naamsestraat van Léon Sneyers deed veel voor de bekendmaking van de Weense stijl. Op een affiche van Gisbert Combaz voor het Salon La Libre Esthétique van 1898 volgt Pirlot de staart van de vogel: “Dat is dezelfde lijn als de golf van Hokusai.”


Donderdag 30 maart 2017 I BRUZZ 1564 I 17

ART DECO.

Modernistisch architect van socialistische gebouwen Maxime Brunfaut (1909-2003) ontwierp in zijn studententijd aan de Academie voor Schone Kunsten in Brussel een receptiehal voor een plattelandswoning in pure art deco. © Fondation CIVA Stichting et la légende (qui peut-être raccourcie) :

>

ART NOUVEAU ?¿ ART DECO 24 maart tot 28 mei 2017 Openingsuren : Van dinsdag tot zondag: van 10.30u tot 18u www.civa.be

In de expo maak je kennis met een twintigtal architecten van beide kunststromingen, allen met Brusselse realisaties. Wie leerling was bij wie en welke gevolgen dat had. Zo zien we dat Pierre Verbruggen - architect van het eerste art-decohuis in België in de Elverdingestraat 50 in Ieper - de Weense stijl leerde kennen als werkplaatsleider bij Paul Hamesse, en dat Hamesse dan weer stage had gelopen bij Hankar.

Vloekende kleuren We lezen dat Gustave Strauven een van de tekenaars in het atelier van Horta was, maar ook zelfstandig voor de lagere burgerij bouwde. Hij ontwikkelde daarvoor een eigen uitbundige art nouveau met kleurrijke bakstenen en gestandaardiseerd ijzerwerk voor mensen die niet de middelen hadden voor natuursteen, marmer en kostbare houtsoorten.

Het kwam allemaal even rijkelijk over, zoals het Huis de Saint Cyr aan de Ambiorixquare 11 in Brussel bewijst. Bij de art-decoarchitecten vinden we verrassend ook de naam van Louis Herman De Koninck. In het begin van zijn carrière was hij geïnspireerd door de Weense Secession van het Stocletpaleis. Pas nadat hij cursussen over gewapend beton had gevolgd, werd hij de modernist die we kennen. Door de wet op de mede-eigendom van 8 juli 1924 werden meergezinswoningen aantrekkelijk. Art deco was een stijl die zich goed leende om de voorgevels en gemeenschappelijke delen zoals de hal - met wandlampen, spiegels, glasramen, gepolijst hout, marmerbekleding in te richten, stijlvol, maar niet zo ingewikkeld (en dus duur) als art nouveau. Een van de grote Belgische art-decomeesters was Antoine

Courtens, die in 1928 het Palais de la Folle Chanson bouwde aan het Sterreplein 2 in Elsene. Ook het Résidence Palace en het Kaaitheater waren ooit appartementsgebouwen.

“Art nouveau is in Brussel geboren, art deco in Parijs” Anne-Marie Pirlot Civa Stichting

Het is goed dat er behalve foto’s en ontwerptekeningen ook echte objecten te zien zijn die - wat ongewoon voor een expo - vloekend bij

elkaar zijn geplaatst. Onder de dreigende titel op de affiche van de expo Le bon et le mauvais goût uit 1930 word je bijna gedwongen partij te kiezen. Een zwierig art-nouveaukamerscherm bij een art-decozetel in geel, rood en zwart, of een kapstok, met takken haast, niet ver van een radio met een luidspreker met een ingenieuze geometrie, het zijn twee werelden. In de smeedijzeren art-nouveauhaardroosters is de zogenaamde ‘zweepslag’ (de lijn die het klappen van een koetsierszweep beschrijft) en de eveneens wapperende haardos van een vrouw te herkennen, bij art-decosmeedwerk zit er mechanische vaart in. Naast de primaire kleuren van de interieurs van Marcel-Louis Baugniet kan je niet kijken. Voor de subtiele tinten groen van de plannen van art-nouveaudecorateurs moet je wat meer moeite doen. Ook glas-

ramen (van binnenuit verlicht) en affiches van beide kunststromingen worden telkens naast elkaar getoond. Gevels in art nouveau waren zelf affiches in reliëf, waarin de architecten dan ook hun handtekening integreerden. Op een art-decoaffiche zie je de typische trapletters, in elk geval een veel robuustere kalligrafie. De maatschappij werd jachtiger, de letters moesten in een oogwenk leesbaar zijn. De vormen van de parfumflesjes zijn rond als die van een ingesnoerde mannequin, of rechttoe rechtaan als haar intussen van het korset bevrijde opvolgster. Omdat je beter onthoudt als je ook je handen gebruikt, kan je op een lichtbak art-nouveau- of art-decomotieven kopiëren (calqueren) en foto’s omdraaien om te testen of je er de stijl voortaan zo kan opplakken. An Devroe


18 I BRUZZ 1564 I Donderdag 30 maart 2017

ENFANT TERRIBLE Sofyann Ben Youssef muzikant, producer Wat Brussel onderscheidt van andere steden, is de snelheid van het leven. Het is een perfecte snelheid om te creëren en te innoveren: niet te snel, niet te traag”

© SASKIA VANDERSTICHELE

Tijdens mijn studies aan het Institut Supérieur de Musique in Tunis heb ik een masterclass gitaar gevolgd met Pierre Van Dormael en Aka Moon. Sindsdien intrigeert Brussel me enorm. Ik wilde weten wat voor een stad zulke muzikale ufo’s baart. Die curiositeit was niet te stillen. Toen ik in 2003 van Tunis naar Wenen verhuisde, zag ik de kans om een eerste keer op bezoek te komen. Ik wist meteen dat ik in Brussel wilde wonen. Vier jaar later was het zover. Ik herinner me mijn eerste dag in Brussel nog als was het gisteren. Ik had me net gesetteld en ging op zoek naar een concertzaal. Een dame zag me zoeken op een kaart en kwam me vragen of ze kon helpen. Dat heeft me echt getroffen, zo’n vriendelijkheid ben ik in geen enkele andere Europese stad tegengekomen. Wat Brussel onderscheidt van andere steden, is de snelheid van het leven. Het is een perfecte snelheid om te creëren en te innoveren:

niet te snel, niet te traag. Het levensritme is traag, maar ondersteunt. Projecten ontwikkelen zich, zonder stress. Dat is hoe deze stad muzikale ufo’s baart. Ik heb ook even in Parijs gewoond en dat was de hel. Iedereen is op speed, in de metro lopen ze je omver. Brussel is als duizend steden in één, er zijn zoveel verschillende dingen te beleven. Je kunt van het ene naar het andere universum switchen, mensen uit verschillende gemeenschappen ontmoeten. Die diversiteit boeit me. Beginnen te werken als producer was een natuurlijke evolutie. Het begon toen ik naar India trok voor mijn eindwerk. Ik werkte er zowel aan mijn onderzoek als aan een nieuw project, ik wilde iets hybride op poten te zetten, tussen traditioneel en modern. Nadien heb ik in Wenen gewerkt als arrangeur en toetsenist in meerdere bands, verschillende genres. Ik ben toen ook beginnen te producen. Toen ik in Brussel aankwam, had ik al zo’n tweehonderd tracks geproducet, maar nooit

“De curiositeit naar Brussel was niet te stillen” een album. Dat werd een feit toen Anana (zanger en gitarist van Toeareg-band Kel Assouf, red.) me is komen vragen om zijn nieuwe album te producen. Ik herinner me nog de blik in zijn ogen toen hij oproepen ontving uit de Sahara. ‘Ze zijn mijn broers aan het uitmoorden.’ Ik ben met hem op zoek gegaan naar een sound die meer in de lijn was van de realiteit van de Toearegs en zo zijn we gekomen tot een mix van traditionele woestijnblues met stoner rock. Hevige muziek met een rechtlijnige drum, zware kost als weerklank van een verborgen oorlog. Een strategische oorlog, met oliemaatschappijen die islamisten financie-

SOFYANN BEN YOUSSEF (37)

ren om hun toegang tot het zware goud veilig te stellen. Een oorlog waarover met geen woord gerept wordt in de westerse pers. Netjes onthouden van de publieke opinie. Ik heb met de jaren allerlei muziek gemaakt, van traditioneel Arabisch en Afrikaans over klassiek en jazz tot metal en elektronica. Wat steeds mankeert in traditionele muziek zijn de sub frequenties, de zware bassen. Traditionele instrumenten hebben meestal geen subs, terwijl het net die lage frequenties zijn die het publiek raken. Je kan ze letterlijk voelen. Mijn doel is die twee werelden aan elkaar te binden door traditionele zanglijnen en percussie om te zetten in baslijnen op mijn MOOG, een analoge synthesizer, als aanvulling van de hoge en middeltonen van de traditionele instrumenten. Dat is naar behoren gelukt op mijn laatste productie, het album Targ van Bargou08, opgenomen met een Tunesische zanger die ook in Brussel woont. Benjamin Tollet

Op 1 december 1979 geboren in Tunis, hoofdstad van Tunesië. Studeert in 2000 af als musicoloog aan de Institut Supérieur de Musique de Tunis. Verhuist in 2003 naar Wenen en in 2007 naar Brussel. Producer van Kel Assouf (2016), winnaar van de Octaves de la Musique categorie Zinneke (beste Brusselse groep), en Bargou 08 (2017). Dit jaar is hij jurylid van WOMEX, grootste professionele markt en showcase-festival voor wereldmuziek.


DonDerDag 30 maart 2017 I BRUZZ 1564 I 19

NICK TRACHET BrUSSeL en De WereLD CULInaIr ontDeKt Ik kom net terug van een ontdekkingstocht in Noord-Engeland. Enkele steden wilden zich voorstellen aan de Belgisch-Nederlandse pers, met als ruggengraat de Trans Pennine Railway, de treinmaatschappij die de Noordelijke steden verbindt. Wij reisden van Hull over Leeds en Manchester tot in Liverpool, steden die eigenlijk behoorlijk dicht bij elkaar liggen, goed tweehonderd kilometer van oost naar west! Ik observeerde de inboorlingen en zag wat ik in Brussel zie nog uitvergroot. Jongemannen met lange baarden en short-back&sides-kapsel staan er achter elke bar. Ze slurpen koffie en mixen gin in gerenoveerde industriële loodsen, ze promoten flessenbier van microbrouwerijen die even snel van recept veranderen als het weer in maart. Het gaat goed in de steden van The North, ze staan op uit hun postindustriële depressie en bruisen weer van creativiteit en uitgaansleven. Tussen al die trends was er één die wel erg in het oog sprong: de rode biet. Je ziet ze overal, in slaatjes, in cocktails, op sandwiches of in stoofpotten en soepen. Beetroot rules again! Ik ken mensen die krijsend weglopen wanneer men nog maar over

rode biet begint, maar ze is wel een van de oudste knolgroenten in onze beschaving. Biologisch gesproken is de rode biet gewoon een biet: Beta vulgaris, van de familie van de Amarant. Ze is dus verwant met de quinoa en de spinazie. Van oorsprong komt de wilde biet (of strandbiet) voor rond de Middellandse Zee, de kusten van West-Europa tot in de binnenlanden van Indië. Iedereen mag de biet dus claimen als streekproduct. De strandbiet heeft echter geen verdikte wortel. Ergens in de Romeinse tijd moet men de biet gaan kweken zijn voor haar wortel. Er zijn er rode, maar ook witte en gele. De bladeren zijn perfect eetbaar en hier bekend als snijbiet of warmoes. Biet heeft het hoogste suikergehalte van alle groenten. Dat is de reden waarom men ze gaan kweken is om suikerklontjes te maken. Voor de gezondheidsfreaks: in tegenstelling tot zoete groenten als ajuin of zoete patat, die onverteerbaar inuline bevatten, gaat het hier om echte suiker, sucrose. Iets waar we dagelijks te veel van krijgen. Maar die zoete

Rode biet

“Ik ken mensen die krijsend weglopen wanneer men nog maar over rode biet begint” smaak heeft in het verleden juist gezorgd voor de populariteit van de knol. Voor de komst van de aardappel werd er veel meer biet gegeten dan vandaag. Waarom er dan zoveel mensen geen bieten lusten? De smaak, allicht? Alle bieten bevatten geosmine, een stof die grond naar grond doet geuren en zoetwatervis naar modder laat smaken. Maar in die laatste gevallen is de geosmine gevormd door bacteriën die in de grond leven of door de vissen worden opgege-

ten. Het blijkt nu dat de bieten hun geosmine zelf aanmaken. Dat heeft men gemerkt door bieten te laten groeien uit bacterievrij zaad: toch smaken ze naar grond! Ik weet niet of er nog andere planten zijn die die eigenaardige geur aanmaken? Dan is er natuurlijk die kleur, de nachtmerrie van morsende mannen. Rode biet bevat een purperrode kleurstof, betalaïne. Een echt vrolijke verschijning. Wat de functie van deze kleurstof is, lijkt nog niet zeker, maar men heeft gevonden dat de kleur toeneemt wanneer bladeren van de biet besmet worden met bacteriën, een soort tegenreactie tegen besmetting dus. Vroeger vond je rode biet in België vrijwel uitsluitend ingemaakt in azijn. Mensen aten dat als ‘tafelzuur’, bij de boterham of in een slaatje. Maar eigenlijk is het een handige groente. In Frankrijk vindt men vrijwel uitsluitend gekookte rode biet op de markt. De boer lijkt er een punt van te maken om de knol zelf te garen voor de klant.

Dat doen ze door elke biet, zonder ze eerst te schillen, in aluminiumfolie te rollen en dan voor een uur of wat in een hete oven te steken. Eigenlijk is dat te vergelijken met hoe ze in de tropen cassave, yam of zoete patat garen. Gewoon in de oven, schillen gebeurt bij het eten. De hipsterversie van rodebietenbereiding is de beetroot pesto die we tegenwoordig overal terugvinden. Hier is een bereiding: Schrob een biet grondig, rol hem in alufolie en steek hem bij 200 graden in de oven tot er een naald moeiteloos door kan (als je de biet eerst in stukken snijdt gaat het nog sneller). Rooster een handvol walnoten in een droge pan. Doe dan de stukken biet en de noten in een blender, samen met twee tenen look, wat citroensap, peper en een handvol geraspte pecorino, die tegelijk voor het zout zorgt. Laat alles fijnmalen, en voeg al mixend langzaam olijfolie toe tot een smeuïge massa ontstaat. Serveer in een steriliseerpotje (zo hoort dat vandaag!) met toast en goed wasbare hemden. Smakelijk.

De hele reeks nalezen? > BRUZZ.be/trachet

© VBJK, CAROLINE BOUDRY

ADVERTENTIE

Zoek je Nederlandstalige

? r

Surf naa


2028I IBRUZZ 2017 2016 BRUZZ1564 1547 I I Donderdag DonDerDag3017maart november

cultuur Nieuwe cd met werk van Joseph-Hector VOETBAL – meer componist dan alleen titelambities metFiocco rWDm

toonde. Alleen al om dat aspect is dit boek zeer de moeite waard. Fiocco werkte zich, samen met de zakenman Gio Paolo Bombarda, op tot de eerste directeur van de Académie de Musique, het eerste operahuis van Brussel. In 1700 opende dan het Grand théâtre sur la Monnoye. Dat boeiende verhaal kunt u nalezen in het in 2014 gepubliceerde boekje Het verhaal van De Munt. Verder blijven de archief“Natuurlijk is hem. Mogelijk bronnen stil over zit de grote van het Hof van niets inbrand het voetbal Brussel, hetmaar grote zeker, hetpaleizencomplex op de project Coudenberg, van RWDMin 1731 daar ook voor iets tussen. is ideaal voor mij.” Wat er ook van zij, vader Fiocco kreeg drie zonen. Jean-Joseph, die kapelmeester werd aan de Koninklijke Kapel en de Zavel, en, nummer twee, die ons hier interesseert, Joseph-Hector. De tweede zoon werd eerst vicekapelmeester, onder zijn broer. In 1731 verhuisde hij naar Antwerpen om er kapelmeester aan de kathedraal te brussselse parel. worden, een prestigieuze post. Hij Op zowel harmonisch componeerde er voornamelijk reFiocco: Petits als melodieus vlak blijkt ligieuze muziek, maar was er ook Fiocco een uiterst origimotets, vol. II actief als vioolbouwer en leraar nele componist. Nicolas Latijn en Grieks. In 1737 keerde Componist: Achten eert hem op een hij echter terug naar Brussel. ZoJoseph-Hector nieuwe cd. Fiocco als het spreekwoord zegt: de een Uitvoerders: zijn dood is de ander zijn brood. Scherzi Musicali, De kapelmeester van de kapittelNicolas Achten © MICHEL OOSTERS kerk Sint-Michiel en Sint-Goedele Label: Musique en overleed, en Joseph-Hector mocht Wallonie hem opvolgen. Tot zijn vele ter het project en was er vorig jaar al lers komen en gaan, maar detaken basis aire hoorde hoe sommige spelers behoorden onder andere het comgraag bij geweest, maar hij had al zal blijven, denk ik. Een scenario niet betaald werden, of dat ze thuis poneren van gelegenheidsmuziek getekend bij Pepingen. “Tijdens de zoals Beerschot is ook hier mogeineens geen warm water meer had-lijk. zoals feesten, begrafenissen eerste match die ik bijwoonde, tegen Devoor spelers hebben getekend den, heeft ook wel een rol gespeeld. en en de hetclub.” onderwijSterrenbeek, dacht ik: ‘Op dat veld voorprocessies de ambitie- van Ik had het geluk dat Vermeersch me zen de kinderen van hetproject koor. wil ik staan.’ Spelen voor een paar Nietvan alleen het ambitieuze graag had en ik op tijd werd betaald Nauwelijks vier jaar later, in 1741, duizend man is veel leuker dan voor van de club spreekt de spelers aan, (lacht).” overleed Joseph-Hector, op amper vijftig man.” ook de goedgevulde tribunes. De De tocht van de turnleraar in la38-jarige leeftijd. “Het is overdreven om te zeggen dat trouwe aanhang van RWDM is een gere divisies begon goed, want na Hij is grotendeels tussen plooitekenen bij RWDM een droom was. echte troef, dat zullen ze de zaterdag twee en een half seizoen bij Woluen de geschiedenis terechtgeMet die ploeg in eerste klasse spelen in van de derby tegen Léopold Ukkel we-Zaventem, dwong de ploeg de komen, zijn“Voor geliefde zou dat wel zijn. Maar het is natuuropnieuwondanks bewijzen. zo’nbunpupromotie af naar tweede klasse. del Pièces de clavecin het feit dat lijk fantastisch om terug te keren en bliek moet je alles en geven. Onze Zijn contractverlenging lag achteraf een aantal van meervoor zo’n enthousiast publiek te supporters zijnzijn hetmotetten voorbeeld van klaar, maar door een misverstand maals werd uitgevoerd in het presspelen. Voor die mensen wil je alles een twaalfde man. Het is nog iets ging dat niet door. Uiteindelijk trok tigieuze Concert Parijs. kapot spelen. Ik ben supporter van anders dan bij FCSpirituel Brussels.inVroeger hij naar Waterloo. “Daar werd aan En deze cd precies petits de club, ja, maar dat maakt geen kwamen zebrengt naar de ploeg zijn kijken die een mooi project gebouwd, maar het e Schaarbeekse gemeenbrieven en het uitwisselen van motets, kleine religieuze motetten verschil op het veld. Ik geef altijd in hun stadion speelde, nu komen werd een raar seizoen, waar de best telijkeopmuziekacademie gunsten. En natuurlijk ook door dus, in het die uit vier, vijf alles voor mijn club.” ze naar hunLatijn, ploeg kijken.” betaalde spelers het einde geen is niet alleen, ook in de kwaliteit van de muziek en/of of zes delen bestaan. voca“De derby blijft Het tochzijn wel iets cent meer kregen. De voorzitter was le werken met vier stemmen, het nationale operahuis uitvoering, al kan daar toch zebijzonders. De supporterstwee kennogal speciaal, in de stijl van Verker in het geval van Mozart - een violen, en basso nenaltviool, mensenbasviool uit de gemeente meersch.” duikt een Fiocco op. Een grote kanttekening bij geplaatst continuo. een motetenvoor twee van de grotere zalen is van deEn tegenpartij sommige worden. Muziek moest namelijk tenoren en het adembenemende er genoemd naar Pietro Vier rode kaarten spelers, zoals ik, kennen heel pueri voor sopAntonio Fiocco.speelde Twee Fiocco’s “Vorig seizoen ik voorin watLaudate tegenstanders. Bij pakweg raan en begeleiding. Dit is dezelfde muzikale sfeer, dat kan Pepingen. Daar had ik een mooi Manage ken ik weinig volk, bij muziek die schittert, door geen toeval zijn. En inderdaad, contract. Dat stop ik niet weg, maar Ganshoren bijvoorbeeld heel eenvoudige weten uit onderzoek dewe mentaliteit viel tegen.dat ZePietro zijn de zijn ploeg. Een derbyen is heldere toch alzijnspecialer.” dramatische Fiocco in 1682 erAntonio zeer Vlaamsgezind. Ik arriveerde ben niet tijdstructuur, een tikkeltje en eleganin Brussel. Pietro Antonio wasme een Nicolas Maeyens, voetballer RWDM perfect tweetalig, maar het lukt Eenzeggingskracht zege in de derby moet tie. Op zowel harmonisch Italiaan, vermoedelijk af komstig meer dan behoorlijk. Dat ik dat seiRWDM helpen om de tweemelodieus vlak te blijkt uit Venetië. Hij gold een uitstezoen ook nog eens vierals rode kaarten de als periodetitel binnen hakende, sterk gewaardeerde musiFiocco een uiterst originele Maeyens is als middenvelder de link pakte, hielp uiteraard niet. Al bij al len. Zoals Maeyens aanhaalde, is cusikdie deed spreken als tussen de verdediging en de aanval. muziek heb er van wel zich een degelijk seizoen de titel componist. dé prioriteit.Dit Hijisdeelt het kapelmeester vanvind de Koninklijke van een van componist die kan Hij staat veel aan de basis van acgespeeld. Daarom ik het niet enthousiasme de tribunes en Kapel oplagere de Coudenberg, en, iets ties, is belangrijk in balrecuperatie wedijveren met besten erg om in divisies te spelen. wil hogerop. “Ik heb de de afgelopen diezelfde functie inte de en heeft een goede trap. Met die uit een zijn paar tijd. Vandaar dat Ikverderop, word nog in altijd beter. Door veel seizoenen clubs gehad, Onze-Lieve-Vrouw-ter-Zavelkerk. de flamboyante Nicholas kwaliteiten is hij een van de troeven spelen, krijg je veel zelfvertrouwen, nu wil ik stabiliteit. Natuurlijk is De gereputeerde Leuvense musihemzeker, omschrijft van een ploeg die niet onder stoelen neem je meer verantwoordelijk en niets inAchten het voetbal maar als het de voor smaak van coloog KnockaertBijschetste ‘de Brusselse Händel’. En terecht. banken steektaan dat ze de titel durf je teYves ondernemen. Brusselsin ofbeantwoorden project van RWDM is ideaal voor de opdrachtgever, en niet al te veel zijnme in 2015 verschenen boek Achten met dezebrengt, cd (tussen gaat. “We willen kampioen worden, werd verweten dat ik te lief Wolfwas mij. Watlevert de toekomst weet afwijken van de heersende opvatgang Amadé [Mozart]. Een biografie haakjes, het tweede volume dat is duidelijk. Daar praten we met op het veld. Wel, nu ben ik een man ik niet. Ik zie mij niet meteen met vertingen.over, Mozart was, het zacht en uitvoerende mekaar Petits motets, het werdkrijgen overmaar dat om betekent niet ophoe het componisten veld.” trekken. Als ik deeerste kans zou laden prijzen,om waaronder de uitwe te denken drukken, musici was in devorig zeventiende en paar acht- dat datunwecas er àalpart, zijn. wat We Maeyens seizoen een om numet te tekenen met RWDM tiende eeuw aan de bak kwamen. Diapason Découverte) een op en top maakte dat zijn relaties met oponderschatten niemand.” keer te zien in het Edmond Machin divisie 1B te spelen binnen zes drachtgevers eneen mecenassen soms Met veel bemiddeling, voorspraak Brusselse “Deze ploeg zal paar seizoenen tensstadion. Niet als speler, maar à acht jaar,parel zou af. ik dat met de ogen Roel Daenen nogal wat tegenstrijdigheden verinvloedrijke figuren, adel- standhouden. Tim Schoonjans Er zullen wel wat spealsdoor supporter. Hij stond meteen achdicht doen.”

De Brusselse ‘nu ben ik Händel een man op het veld’ SINT-JANS-MOLENBEEK – voetballers die ook supporter zijn van hun club worden schaarser, maar nicolas maeyens (24) is er nog zo een. hij maakte zijn debuut bij FC brussels en keert nu terug naar rWDm. een keuze van het hart, maar ook met titelambities.

I

k vind dat je als jonge gast vooral moet spelen, niet op de bank zitten. Daarom heb ik Anderlecht op mijn veertiende verlaten,” vertelt Maeyens. “Ik kwam bij FC Brussels terecht, speelde er op mijn zestiende al bij de re© JESSE WILLEMS serven en maakte als zeventienjarige mijn debuut in tweede klasse. Mijn keuze was dus de juiste.” Het is in een ploeg met onder anderen Le Postollec, Lutula en Veselinovic dat de jonge Maeyens zijn eerste stappen bij de grote jongens zette. Twee seizoenen lang maakte hij deel uit van de eerste ploeg. Dat

ging met ups en downs. “Ik herinner me mijn eerste wedstrijd nog goed: thuis tegen Doornik. We wonnen met 1-0 dankzij een goal van Lutula. Een fantastische herinnering. Je debuut maken in het Edmond Machtensstadion is toch wel wat.” “Ik was maar gedurende sommige periodes een titularis. Bij het begin van mijn derde seizoen kreeg ik van Michel De Wolf minder speelgelegenheid en ben ik over mijn toekomst beginnen na te denken. Ik besliste opnieuw te studeren en in een lagere divisie te spelen, bij Woluwe-Zaventem. Dat ik in de vesti-

>

Wie deeltijds kunstonderwijs volgt in Schaarbeek, heeft vermoedelijk al van Joseph-Hector Fiocco gehoord, want de gemeentelijke muziekacademie draagt er zijn naam. Voor de anderen is er gelukkig de Brusselse theorbe­speler-zanger en dirigent Nicolas Achten, die met een nieuwe cd het werk van de achttiende-eeuwse Brusselse componist weer onder de aandacht brengt. ADVERTENTIE ADVERTENTIE

S OCIALE V ERHUURKANTOREN (SVK) V E R H U U R U W G O E D ZO R G E LO O S Het SVK garandeert : = een stipte huurbetaling = een degelijk verhuurbeheer = het ouderhoud van uw woning = hulp bij renovatie = fiscale voordelen

www.fedsvk.be - 02 412 72 44

D

“Onze supporters zijn het voorbeeld van een twaalfde man” Dit is muziek van een componist die kan wedijveren met de besten uit zijn tijd


ADVERTENTIE

Donderdag 30 maart 2017 I BRUZZ 1564 I 21

Laptopia

Jij koppelt de ‘baby’ aan de ‘sitter’

Elke week scant Michaël Bellon met zijn laptop een plek in Brussel die tot de verbeelding spreekt, en geeft hij aan wat er eventueel nog aan kan verbeteren.

CitySightseeing Brussels dinsdag 21 maart, 11.30u Gezocht: Kinderoppascoördinator Het geronk van een autocar roept herinneringen op aan schoolreizen. Aan de tijd waarin de organisatie en het welslagen van een reis nog buiten je eigen verantwoordelijkheid lag. Het enige wat je op de dubbeldekkers van CitySightseeing Brussels moet doen, is snel op de bovenste verdieping hoppen om voor de grote voorruit te kunnen zitten. Daar draai je aan een knopje om te kiezen uit de acht wereldtalen waarin de Brusselse wereldwonderen zullen worden uitgelegd. De stemmen van de Chinese en Spaanse gidsen lopen wel wat door elkaar, maar dat houdt een mens scherp. Een twintigtal toeristen onderneemt de avontuurlijke reis op de Blauwe Lijn 1 naar het noorden - richting Atomium en terug. De vriendelijke buschauffeur weet op dat moment echter al dat hij zal moeten omrijden door een betoging van de zorgsector. Daardoor begint de achttalige audiogids dan weer totaal naast de kwestie te praten, dus wordt hij snel het zwijgen opgelegd. Om 11.40u draaien we van het Koningsplein de Koningsstraat op, waar de sightseers het beroemde Brusselse fileprobleem wel héél aanschouwelijk krijgen voorgesteld. Na een uitputtende honderd meter in de scherpe tijd van tien minuten, probeert de chauffeur voor wat verstrooiing te zorgen door het exposé over de witloofkweek in de Kruidtuin alvast vrij te geven. Maar die Kruidtuin komt uiteindelijk pas om 12.06u in zicht, waardoor nu twee Indiërs, vier Amerikanen en nog een trits Europese ingezetenen denken dat het witloof in het Warandepark werd uitgevonden. Als een geroutineerd taxichauffeur vervolgt onze stuurman zijn alternatieve route. Fluks leidt hij zijn rode olifant uit het immobilisme. Dat we niet door de tunnels gaan, is een gemiste kans. Anderzijds krijgen de toeristisch lang

onderbelicht gebleven Liedts- en Masuipleinen nu alle aandacht. Ondertussen prijst de Stem dan maar Brugge, Gent en Antwerpen aan, die zich op minder dan een uur rijden van hier zouden bevinden. Dat klinkt wel raar als je net meer dan een half uur over het traject Centrum-Schaarbeek hebt gedaan, maar de klanten eisen geen factcheck. Over Wallonië horen ze trouwens geen woord, tenzij - echt waar, daar is dat schoolreisgevoel weer - over het Hellend vlak van Ronquières. Om kort te zijn: veel gehopt wordt er niet. Niet On en niet Off. Tot we aan het Atomium zijn, en het gros beslist dat de terugreis nog even mag wachten. Met een lading heropgevisten van de vorige doortocht begeeft onze rijdende gated community zich terug naar het centrum. Stilaan raken we toch in een positieve flow, want “Leopold II schonk ons de Belgische kolonie Congo,” zegt de Stem, en bij het Elisabethpark aan de Basiliek klinkt het zelfs dat dit “lang geleden een chique buurt was”. Dat we nu langs Molenbeek rijden, wordt vakkundig verzwegen, en ook op de mooie muurschildering van de onthoofding worden we niet attent gemaakt. Op de brug aan de Vlaamsepoort gaat het immers al over de boetieks van het fashion district. Al wat de toeristen op dat moment zien, is hoe iemand een van de kleurige windmolentjes langs het kanaal herstelt. Ze zijn inmiddels wel gewoon dat er op deze bus wat décalage zit tussen wat hen verteld wordt en wat ze met eigen ogen zien. Toeristische praatjes bevatten altijd fake news, in Brussel kan dat soms surreële vormen aannemen.

Zin in een nieuw avontuur? Ben je een vlotte babbelaar en gemotiveerde matchmaker? Dan kan jij, als vrijwilliger, onze kinderoppasdienst versterken. Je leert jonge gezinnen en jongeren uit je buurt kennen en gidst hen -digitaal- naar elkaar toe.

Jij bent een één-uit-de-duizendpoot die • ouders en kinderoppasser aan elkaar voorstelt • handig is met moderne communicatiemiddelen • babysitters begeleidt en voor hen vorming organiseert • ouders geruststelt met voldoende informatie

Interesse? Meer info? watjijkan@gezinsbond.be of tel. 02 507 89 11

www.watjijkan.be ADVERTENTIE

“Toeristische praatjes bevatten altijd fake news, in Brussel kan dat soms surreële vormen aannemen” Michaël Bellon

WWW.BRUSSIT.BE

V.U.: Eric Verrept - leidend ambtenaar - Emile Jacqmainlaan 135, 1000 Brussel | Made in Josworld.org

De hele reeks nalezen? > BRUZZ.be/laptopia

BOUW MEE AAN DE STAD VAN MORGEN STEL JE PROJECT VOOR VIA


22 I BRUZZ 1564 I Donderdag 30 maart 2017

VOETBAL – RWDM-trainer Drazen Brncic maakte als speler van AC Milan droom waar

‘Ik heb me met de wereldtop kunnen meten’ SINT-JANS-MOLENBEEK – De spanning in en rond het Edmond Machtensstadion is te snijden. Pakt RWDM de titel en de promotie naar de tweede amateurklasse? Coach Drazen Brncic (46) blijft er rustig bij. Hij heeft dan ook een pak ervaring verzameld in zijn dertigjarige carrière als speler. Het bracht hem van een Kroatische vijfdeklasser tot de absolute top. Een goedgevulde carrière met verrassende wendingen.

M

ijn vader kreeg regelmatig te horen dat ik t a lent h ad, maar in die tijd moest je wat geld schuiven of de juiste mensen kennen om voor een grote club te mogen spelen,” vertelt Brncic. “Dinamo Zagreb heeft mij altijd gevolgd. Bij die ploeg spelen was mijn droom, maar mijn ouders hadden niet genoeg geld en niet de juiste connecties.” Het was bij NK Trnje, een club uit de Joegoslavische vijfde klasse, dat de tienjarige Brncic met clubvoetbal begon. Hij maakte er snel indruk en werd regelmatig opgenomen in regionale selecties. Nog voor zijn zestiende verjaardag mocht hij voor het eerst invallen in de eerste ploeg. “Dat was in een galamatch tegen een gemengde ploeg van Dinamo Zagreb. Bij hen stond Robert Prosinecki op het veld. Het seizoen erna werd ik titularis bij de eerste ploeg. De trainer gebruikte me zowel links op het middenveld als centraal achteraan. Ik had een snedige pas en zag het spel goed.” “Op mijn achttiende kwam HNK Segesta me halen, een satellietclub van Dinamo die in de derde klasse speelde. Als je ziet hoe groot Joegoslavië was, begrijp je dat het niveau er uitstekend was. We trainden twee keer per dag, zoals professionals. Ik zat in mijn laatste jaar secundair onderwijs en sliep in een kamer in het stadion. Ik leefde er zeer goed, verdiende twee keer zoveel als mijn beide ouders samen. Mensen hadden toen niet zoveel, maar we misten niets. Ik herinner me nog hoe ik op mijn negentiende de eerste kleurentelevisie, hifiketen en videospeler voor mijn ouders kocht.” Brncic deed er als titularis opnieuw een stap vooruit. Door al zo jong met volwassen mannen te spelen, sloop er ook volwassenheid in zijn spel. Terwijl de Balkanoorlog een veertigtal kilometer verderop losbarstte, mocht hij de U21 van Dinamo Zagreb versterken en deelnemen aan een tornooi in Italië. Er werd hem zelfs een contractvoorstel gedaan. “Het toeval wil dat Besnik Hasi ook ter

versterking was opgeroepen voor die beloftenploeg. We speelden een sterk tornooi, maar verloren de finale. Was ik in de halve finales niet geblesseerd uitgevallen, dan was ik volgens een official tot beste speler van het tornooi uitgeroepen.” “Toen over het contract werd gepraat, zei mijn vader dat hij bang was dat ik nooit mijn kans zou krijgen. Hij had het geld niet om mij te ‘helpen’. Daarom tekende ik bij Vrapce, in de tweede klasse. De voorzitter had ambitie en wou dat ik de ploeg op sleeptouw nam. Bij ons bestaat het gezegde: Het is beter de eerste te zijn in je dorp dan de laatste in de stad.” Het werd door de oorlog echter steeds moeilijker om verplaatsingen te maken voor wedstrijden. De ene keer ging de wedstrijd toch door, de andere keer niet. En dan waren er nog de bijna dagelijkse luchtalarmen. “De lichten moesten uit en iedereen moest de schuilkelder in. De gevechten maakte ik niet van dichtbij mee, maar die luchtalarmen wogen wel.”

“RWDM is een club met een ziel, daar hou ik van” Drazen Brncic RWDM-trainer

Bio - Geboren op 17 juli 1971 - Klom van de Joegoslavische vijfde klasse naar de top - Heeft voor AC en Inter Milan gespeeld - Wil bijtekenen bij RWDM en er zijn visie neerzetten

De zus van Galliani Uiteindelijk besloot Brncic in te gaan op het voorstel van een manager, de oom van een vriend, die hem vertelde dat Racing Jet Wavre iemand met zijn profiel zocht. Zijn club liet hem gaan in ruil voor het teruggeven van zijn tekengeld. Hij kon als een vrije speler naar België. “Mijn voorzitter zei dat ik niet al wenend moest terugkomen. Ik antwoordde dat ik zou slagen, al was dat aanvankelijk niet zo evident, want Wavre ging niet door, waardoor ik in de maand november bij Hemptinne-Eghezée terechtkwam, in vierde klasse. Een ambitieuze ploeg, onder meer Lambic Wawa was overgekomen van RWDM. We werden meteen kampioen.” “Tijdens mijn tweede seizoen had ik wat last van mijn abdomen en adductoren. De club zei dat ik me moest laten opereren. Het werd een slechte ervaring. Ik liep een bloedklonter op die levensbedreigend was, en de chirurg maakte een fout. Hij creëerde een onevenwicht, en dat heb ik heel mijn carrière lang gevoeld. Gelukkig heb ik later dokter Joris ontdekt. Hij begeleidde mij uiteindelijk heel mijn carrière. Ik heb altijd extra oefeningen moeten doen, extra moeten

© IVAN PUT

stretchen en nog veel andere bijkomende trainingen moeten doen om normaal te kunnen spelen.” Brncic raakte er weer bovenop en wekte de interesse van eersteklassers. Onder meer voorzitter Mabille van RWDM kwam hem bekijken. Na 4,5 jaar bij Hemptinne-Eghezée kon hij de stap hogerop zetten, en hij trok naar Charleroi. Daar draaide hij meteen vlot mee en beleefde er drie mooie seizoenen. “Tijdens mijn tweede seizoen werd ik zelfs tot Zèbre d’Or uitgeroepen, daar ben ik best trots op. Toen Italiaanse ploegen interesse toonden, besliste ik te vertrekken. Voor Kroaten is Italië dé referentiecompetitie.” “Mijn eerste seizoen, bij tweedeklasser Cremonese, werd overschaduwd door twee blessures die me telkens twee maanden aan de kant hielden. De club zakte, maar gelukkig kon ik naar reeksgenoot Monza. Zij werkten de seizoenen daarvoor samen met AC Milan, en de zus van Milan-voorzitter Galliani kwam nog altijd kijken. Zij zag mij een topseizoen spelen. Ik scoorde vlot, was zeer regelmatig en hielp de club om in tweede te blijven.” De voorzitter van Monza beloofde Brncic hem te verkopen aan een grote club, als bedanking voor het uitstekende seizoen. Hij hield woord. Dat kwam de Kroaat op een maandagochtend te weten. “Een journalist belde mij op om me te feliciteren. ‘Waarmee?’ vroeg ik. Met mijn transfer naar AC Milan, zo bleek. Mijn mond viel open!” “Ik was 29, nooit international geweest en had nog niet in de Italiaanse eerste klasse gespeeld. Wel was ik bij Monza uitgeroepen tot beste buitenlander en tweede beste speler van het seizoen, maar toch.

Milan vertelde me dat ze 35 spelers nodig hadden om op drie fronten te kunnen strijden, en dat ze iemand met ervaring nodig hadden. Mijn salaris was niet torenhoog, maar ik tekende wel bij AC Milan! Achteraf bleek dat de zus van de voorzitter had aangedrongen om eens naar mij te komen kijken en dat ze zo bij mij terechtkwamen.”

Ploegmaat Ronaldo Brncic verzamelde één invalbeurt in de Champions League, één wedstrijd in de competitie en vier in de beker van Italië. Na een half seizoen besliste hij te vertrekken. Hij wou spelen. “In de positie van steun aan de spitsen moest ik afrekenen met Leonardo en Boban, en als centrale middenvelder met Albertini, Ambrosini en Gattuso. Dat kan tellen (lacht). Ik zat in de kern voor de Champions League, dat zegt iets, maar een van de problemen was dat ik te weinig had gekost. De voorzitter zei het eens zelf, nadat ik twee keer had gescoord tijdens de voorbereiding: ‘Had Redondo dat gedaan, dan had hij twee pagina’s in de krant gekregen.’ Maar ik? Als er moest gekozen worden, speelde de transferprijs een rol.” “Ach, ik heb me met de allergrootsten kunnen meten. Daar ben ik trots op. Daarom speelde ik voetbal. Leonardo probeerde me nog te overtuigen om te blijven, dat ik mijn kans nog zou krijgen, maar ik had de knoop doorgehakt.” Ondanks een uitleenbeurt aan Vicenza die amper speelminuten opleverde, tekende Brncic het seizoen erna bij… Inter Milan. Hij werd betrokken in de aankoop van Andrea Pirlo, om de prijs wat te laten zakken, en trok naar de blauw-zwarte buren. “Zij zagen mij als een speler om uit te lenen aan clubs met in-


Donderdag 30 maart 2017 I BRUZZ 1564 I 23

teressante spelers. Zo konden ze goodwill wekken. Ik vond het interessant om bij hen te tekenen omdat het goed op mijn visitekaartje stond, en omdat Ronaldo daar speelde. De kern telde maar liefst 41 spelers. Ik trainde met een groep naast de vaste kern van dertig, omdat we met te veel waren. Vier of vijf keer heb ik er op de bank gezeten, maar dat is alles. Ik weet nog dat ik aan mijn vrouw zei: ‘Ik heb Ronaldo gezien, nu kan ik gaan (lacht).’” Brncic werd uitgeleend aan Ancona en aan Venezia. Toen zijn zoon Alan in 2002 een zusje Sara kreeg, keerde hij terug naar België. Hij verbrak zijn contract bij Inter en tekende bij MVV, in de Nederlandse tweede klasse. “De drie en een halve seizoenen bij MVV zijn na AC Milan mijn mooiste periode geweest. Een familiale club, leuk stadion, goede supporters. Ik ben er nog speler van het seizoen en topscorer geweest. Ik voetbalde uiteindelijk tot mijn veertigste, onder meer nog bij Visé en Seraing.” Meteen na zijn spelerscarrière schreef Brncic zich in voor trainerslessen. Tijdens zijn passages bij Verviers, Union Saint-Gilloise, Maasmechelen en Seraing bewees hij dat hij heel wat in zijn mars heeft. Hij ademt voetbal en ziet het spel goed. Dat wil hij de komende jaren bij RWDM bewijzen. “Hier ben ik aan een nieuw hoofdstuk begonnen. Hopelijk kunnen we veel plezier aan de supporters geven, dat verdienen ze. RWDM is een club met een ziel, daar hou ik van.” “Ik wil met de club een stap hoger gaan. Mijn contract loopt eind dit seizoen af, maar ik zou graag blijven. Zeker drie seizoenen, om iets stevigs neer te zetten en mijn voetbalvisie over te kunnen brengen.” Tim Schoonjans

ESTAFETTE KEN LAMBEETS

Terwijl Greg Van Avermaet, Philippe Gilbert en Olivier Naesen om de beurt hun deel van het kopwerk doen, kijk ik vanaf de laatste plaats niet aflatend naar hun ruggen. Het is vrijdag en ik zit in de kopgroep van de E3-prijs. Wie slaat zijn beurt over? Wie heeft de beste benen? Twee dagen later maak ik deel uit van de vroege vlucht in Gent-Wevelgem. Ideaal: zo kan ik het nerveuze gedoe en de valpartijen in het peloton ontwijken en relatief op het gemakje de Baneberg oprijden en de vele toeristische trekpleisters langs het parcours - veelal soldatenkerkhoven van de Eerste Wereldoorlog - meenemen. Desalniettemin geef ik er nog voor de eerste beklimming van de Kemmelberg de brui aan. De andere hoogtepunten van de koers en de Groote Oorlog kijk ik vanuit de zetel, met de benen omhoog. Is dit zo een column waarin de auteur plots uit zijn droom ontwaakt, hoor ik u al zuchten. Het antwoord is neen, of - om volledig te zijn - niet helemaal. Wat is er aan de hand? Onlangs stuurde een vriendin via WhatsApp een filmpje van haar vriend, mijn fietsmakker, die op zijn gloednieuwe rollen aan het rijden is. Het tafereel steekt mij de ogen uit: dat wil ik ook, en snel! Diezelfde dag nog begin ik een zoektocht op internet. Je hebt vandaag veel verschillende soorten fietstrainers die het toelaten om met de racefiets in de huiskamer te fietsen, waarbij je je ontwikkelde snelheid, hartslag, trapfrequentie en wattage kunt aflezen van een boordcomputer. De meest ingenieuze systemen zijn verbonden met de computer en/of het internet, waardoor je meefietst in een virtueel peloton op de televisie. In Nederland vond onlangs zelfs het eerste Nederlands Kampioenschap thuisfietsen plaats. Helaas ben ik niet rijk en lijkt dat soort snufjes me toch wat overdreven. Zoals bij al mijn fietsgerelateerde aankopen vraag ik het advies van mijn vader. Die weet te vertellen dat er bij mijn grootouders nog een oude fietstrainer moet staan, waar mijn vorig jaar helaas overleden grootvader weleens gebruik van maakte. Wanneer zou mijn grootvader het laatst op de rollen gereden heb-

ben? Dat moet een hele poos geleden zijn. Zijn fiets had hij gekocht van Eddy Schepers, de uit Drieslinter afkomstige meesterknecht van de Ier Stephen Roche, die in 1987 zowel de Giro als de Tour won. Bij de liefhebbers won de beloftevolle Schepers zelf het Belgisch Kampioenschap en de Ronde van de Toekomst. Nadat mijn grootmoeder de rollen minutieus heeft gepoetst, brengt mijn vader ze naar Brussel. Je moet niet vragen: ik heb een heel lieve familie. In de bergruimte tussen de muur, het logeerbed en enkele stoelen voor als er eens veel bezoek is, kruip ik op de fiets. De fietstrainer maakt een hels kabaal, maar de rollen werken naar behoren. En zolang de buren niet komen klagen… Ook al kan ik via de computer de weerstand aan het wiel niet verhogen om zo een Ardennenklassieker te stimuleren, door hoger te schakelen en mijn verbeelding te gebruiken, geraak ik al een eind ver. Tijdens het peddelen denk ik aan Jean Nuttli. Op zijn negentiende weegt de pappige Zwitser nog 125 kilogram. Op school is hij geen uitblinker en veel vrienden heeft hij niet. Uit bezorgdheid en om haar zoon een hobby te verschaffen, koopt zijn moeder hem een dure racefiets. Op zijn eerste trainingstochtje in de buitenlucht wordt Nuttli uitgelachen. Daarom begint de Zwitser thuis te trainen. De Nederlandse journalist Frank Heinen heeft zijn verhaal mooi opgeschreven. “Iedere morgen sjokt hij naar boven, naar zijn zolderkamer, waar een bestofte hometrainer staat. Het enige wat hij dat jaar ziet, zijn z’n eigen bovenbenen als hij naar beneden kijkt en een poster van de feestband The Piccadily’s recht voor hem aan de wand.” In 1997 wordt Nuttli elfde op het wereldkampioenschap tijdrijden. Het is het eerste en enige hoogtepunt uit zijn carrière. Etterbeek 2017. Lambeets kijkt naar beelden van de koers en middels een snelle blik in de spiegel houdt hij zijn pedaalslag in de gaten. In de E3-prijs en Gent-Wevelgem moet hij de zege nog aan Van Avermaet laten. Maar dat is niet erg, de adelaar uit Linter heeft slechts één hoofddoel dit voorjaar: de 120 kilometer van de Ronde van Nijmegen op zondag 14 mei.

Zweten in de bergruimte

Freelancejournalist Ken Lambeets houdt van literatuur en van echte sporten

SPORTagenda Donderdag 30 maart Sportprikkels

DRAZEN BRNCIC. “Een journalist belde mij op om me te feliciteren. ‘Waarmee?’ vroeg ik. Met mijn transfer naar AC Milaan, zo bleek. Mijn mond viel open!”

Sportprikkels vindt dit jaar voor de 25ste keer plaats op de VUB-campus in Etterbeek. Het sportevenement wordt georganiseerd door studenten lichamelijke opvoeding, in samenwerking met Sport Vlaanderen, SVS en de VUB. Leerlingen van de derde graad van het secundair onderwijs kunnen verschillende sporten ontdekken (onder meer airtrack en bubbelvoetbal). Op 20 en 21 april organiseert Erasmushogeschool Sportprikkels op de Sportopolis in Jette.

L’étranger L’étranger is een documentaire van Kenneth Michiels waarin Moussa wordt gevolgd, een voetbalcoach bij BX Brussels, net als enkele van zijn spelers. Wie deze uitstekende

documentaire wil zien, kan om 19.30u terecht in auditorium D.0.07 van de VUB-campus in Etterbeek.

Zaterdag 1 april 100% catch Brussels Young Wrestling Style tovert gemeenschapscentrum Ten Weyngaert (Vorst) voor even om in een catchtempel. Vanaf 18u wordt de nodige show verkocht door een paar van de beste catchers van het land. Informatie op www.byws.be.

Boxing Fury II Verkiest u een welgeplaatste uppercut boven een armgreep? Dan moet u in La Tentation zijn (Lakensestraat 28, 1000 Brussel). Tijdens Boxing Fury II neemt een internationaal deelnemersveld het tegen elkaar op. Het hoofdevent is het gevecht tussen Brusselaar

Tambwe Djeko Joe en de Colombiaan Fulgencio Zuniga. Met Alka Matewa zal ook een tweede Brusselaar een hoofdrol spelen. De gevechten beginnen om 19u. Op www.boxingfury.com vindt u informatie over tickets.

Triple Header De Brussels Derby Pixies organiseren een tweedaags roller derby evenement in Thurn & Taxis (Havenlaan 86C, 1000 Brussel). Zaterdag staan er vanaf 15.30u drie wedstrijden op het programma. Tickets ter plaatse kosten 10 euro, kinderen mogen gratis binnen. Op zondag is er de tweede editie van de sur5al Pixies Jam, een variant met specifieke regels, waar vijftien teams met telkens vijf spelers aan zullen deelnemen. Meer informatie op de Facebookpagina van de Pixies.

BK Taekwondo De sporthal van de Université Libre de Bruxelles in Anderlecht ontvangt dit weekend onze beste taekwondoka’s. Op zaterdag vindt er het Belgisch kampioenschap poomsae (een schijngevecht tegen denkbeeldige tegenstander(s)) en freestyle plaats. Op zondag wordt het BK kyorugi bekampt, waarbij twee tegenstanders het gevecht aangaan. Informatie op www.ma-regonline.com.

Maandag 3 april Stages Bent u nog op zoek naar sportstages voor uw kroost? Neem dan een kijkje op www.sportinbrussel.be. Hier en daar zijn nog plaatsen vrij. Het aanbod is ruim, gaande van fietsen tot parkour en circustechnieken. Tim Schoonjans


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook