van 9 tot 15 februari 2017
N° 1557 WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VLAAMS-BRUSSELSE MEDIA VZW, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153
+ UIT IN BRUSSE
L | VOS SORTIES
À BRUXEL LES
| OUT AND
ABOUT IN BRUSSE
LS
UIT IN BRUSSEL SORTIR À BRUXELLES OUT AND ABOUT IN BRUSSELS 10
16 | 2 | 2017
# 1 5 57
OOR BRUSSEL
X P702124
NL FR EN
WEEKBLAD |
EEN UITGAVE
VAN VLAAMS-BRU
SSELSE MEDIA
VZW | FLAGEYPLEIN
18 PLACE FLAGEY,
1050 ELSENE/IXEL
LES | AFGIFTEKANT
BERNARD VAN EEGHEM SOPHIE DE SCHAELAMBCHOP PDRIJ KAPITAN KORSA VER ARNAUD ROCHAKOV RD SAINT HERMAN BRUSS AMOUR: ELMAN & TIM VANHA S MEL
1557_01
Au-delà des
paillettes
PIERRE & GIL
_cover.in
dd 1
LES 06-02-17
‘Onze samenleving is puriteins en onbarmhartig’ DE AALMOEZENIERS VAN VORST EN SINT-GILLIS p6-7
overwelving zenne
Tint: improvisatietheater met jongeren
‘Je beter voordoen dan je bent, lijkt de nieuwe conventie’ p 14 - 15
Hoe de stad veranderde p 10 - 11
PARKING COOVI
Een valse start p 2, 8 - 9
18:51
© SASKIA VANDERSTICHELE
2 I BRUZZ 1557 I Donderdag 9 februari 2017
EDITO Vlot verkeer
Steven Van Garsse Chef Weekblad “De vraag is dus niet of de pendelparkings er moeten komen, maar wanneer ze er eindelijk zullen zijn”
COLOFON BRUZZ
Flageyplein 18, 1050 Brussel 02-650.10.65 ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bruzz.be), 02-650.10.80, Gratis binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België 20 euro per jaar; IBAN: BE98 3631 6044 3393, BIC: BBRU BE BB van Vlaams Brusselse Media vzw. Buiten België 30 euro per jaar. OPLAGE 62.609 exemplaren. ADVERTEREN? Ineke Le Compte, Ute Otten: sales@bruzz.be 02-650 10 63 ALGEMENE DIRECTIE Jo Mariëns HOOFDREDACTIE Klaus Van Isacker WEEKBLAD & MAGAZINE Steven Van Garsse (chef ) EINDREDACTIE Karen De Becker ART DIRECTOR Heleen Rodiers VORMGEVING Ruth Plaizier REDACTIE Jean-Marie Binst, Bettina Hubo, Laurent Vermeersch, Danny Vileyn MEDEWERKERS Hilke Andries, Michaël Bellon, Hanne De Valck, An Devroe, Wauter Mannaert, Tim Schoonjans, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Ivan Put, Saskia Vanderstichele DISTRIBUTIE Ute Otten VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Steven Van Garsse, Flageyplein 18, 1050 Elsene. Bruzz is een uitgave van de Vlaams Brusselse Media vzw, wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie.
ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bruzz.be
Het is ook nooit goed. Maakt de Brusselse regering nu eindelijk werk van overstapparkings – er zijn op de lange termijn 25.000 plaatsen gepland, dan schiet de stedelijke denktank Arau de plannen in een omstandige nota af. De argumenten van Arau zijn niet helemaal onzinnig: overstapparkings zorgen voor méér autoverkeer niet voor minder, ze zijn duur, ze stimuleren de stadsvlucht en de urban sprawl: de uitdeining van de stad. En bovendien worden ze vaak oneigenlijk gebruikt. Een reportage wat verder in deze krant lijkt Arau op dat laatste punt alvast gelijk te geven: de overstapparking aan Coovi in Anderlecht is nog maar enkele weken met slagbomen uitgerust, of ze zijn al gevandaliseerd. Het blijkt ook erg moeilijk om de parking voor te behouden voor het échte woon-werkverkeer. Hoe valabel de argumenten van Arau ook zijn, de denktank verliest het grotere verhaal uit het oog. Brussel wil minder autopendelverkeer en dat niet alleen om het de stadsbewoner aangenamer te maken. De Europese Commissie, die zelf in Brussel is gevestigd, maant haar daar ook toe aan. Meer nog: de EU begint zo langzamerhand haar geduld te verliezen. Overstapparkings zijn dan wél een uitstekende manier om snel de pendelaars op het openbaar vervoer te krijgen. Het beste bewijs is dat er vandaag al dage-
lijks tienduizenden pendelaars hun auto’s aan stations parkeren, om vervolgens de trein, tram of metro te nemen. De enige voorwaarde is dat de parkings vóór de filegevoelige knooppunten komen te liggen, en niet erachter. Brussel schroeft langzaam maar gestaag de invalswegen naar de hoofdstad beetje bij beetje dicht om meer ruimte te laten voor openbaar vervoer en fiets. Dat gaat niet ongemerkt voorbij, zo mag blijken uit reacties van mobiliteitsorganisaties, werkgeversorganisaties en oppositiepartijen. Dat kan alleen op een geloofwaardige manier, als Brussel alternatieven aanbiedt. Dat wil zeggen: een stevig openbaar vervoer, goede fietsinfrastructuur, maar dus ook park and rides. Dat leidt meteen tot vlot verkeer voor wie toch met de auto in het centrum van Brussel moet zijn. Brussel aan de Brusselaars, of: wie hier werkt, moet hier maar komen wonen, is misschien een prikkelende gedachte, maar gaat volledig voorbij aan de realiteit. Het economisch weefsel in de stad bestaat voor een heel groot deel bij gratie van de bewoners uit de rand en verder, en vrijheid van woonst staat buiten kijf. Daar is geen ontkomen aan, nu niet, maar ook niet in de verre toekomst. De vraag is dus niet of de pendelparkings er moeten komen, maar wanneer ze er eindelijk zullen zijn.
WAUTER MANNAERT
“
Dit is toch gewoon onze links-liberale sharia. En bovendien abominabel slecht geschreven. Ik zou zo’n tekst zelfs niet aanvaarden van een stagiair” Brussels advocaat Fernand De Keuleneer maakt brandhout van de nieuwkomersverklaring (‘Knack’)
“
Loslopende honden jagen de reeën op. Dat verstoort hun gedrag of ze riskeren een aanrijding met een auto” Boswachter Willy Van De Velde zoekt een verklaring voor de forse daling van het aantal reeën in het Zoniënwoud (‘RTBF’)
Donderdag 9 FEBRUAri 2017 I BRUZZ 1557 I 3
MOBILITEIT Parkeermeters voor middenberm Kleine Ring
Wildparking wordt geregulariseerd BRUSSEL - De stad Brussel installeert parkeermeters op de middenberm van de Kleine Ring tussen de Ninoofse- en de Hallepoort. Bevoegd schepen Marion Lemesre (MR) heeft daarover een akkoord gesloten met minister van Mobiliteit Pascal Smet (SP.A).
Simulatiebeeld van het goedgekeurde park aan de Ninoofsepoort, met zicht vanaf de Kleine Ring. © SUÈDE 36 / BASE
ruimtelijke ordening Akkoord over park aan Ninoofsepoort
Amfitheater met wadi’s SINT-JANS-MOLENBEEK - De Brusselse regering heeft een akkoord gesloten over het park aan de Ninoofsepoort. In overleg met de buurtbewoners wordt dat een park met daarin een soort ‘amfitheater’, met vijf kleiner wordende ringen die steeds iets dieper liggen. Op de laagst gelegen plekken komen de fameuze ‘wadi’s’, twee zones waar water kan blijven staan in periodes met veel neerslag. Het project is goedgekeurd na een nauwe samenwerking tussen Beliris, minister-president Rudi Vervoort (PS, bevoegd voor Territoriale Ontwikkeling), minister van Leefmilieu Céline Fremault (CDH) en minister van Mobiliteit en Openbare Werken Pascal Smet (SP.A). Dat bevestigt het kabinet-Smet aan onze redactie. Het terrein van 2,4 hectare is groter dan een gemiddeld plein, maar wel kleiner dan een gemiddeld park. Om die reden moest een nieuw type van stedelijke open ruimte worden gecreëerd, tussen een park en een plein in. De buurt kreeg inspraak via buurtvergaderingen in de betrokken gemeenten Brussel, Molenbeek en Anderlecht. Uit die vergaderingen kwam duidelijk naar voren dat de grootste wens van de omwonenden vooral zo veel mogelijk groen was. Vandaar het uiteindelijke ontwerp van een grote groene ‘kom’, waarvan de ronde lijnen een contrast vormen met de hoekigheid van de stedelijke infrastructuur errond. De niveauverschillen tussen twee ringlagen zullen maximaal een halve meter bedragen, en ook kunnen gebruikt worden om op te liggen of zitten. Ze verhinderen ook dat het relatief kleine park ingepalmd zou worden door één (sport)activiteit. Bedoeling van het afhellende park is dat wie zich op de lagere niveaus bevindt, minder zal merken van het drukke verkeer. De twee laagstgelegen zones, het diepste punt van de kom en de plek van de voormalige sluis, worden ‘vochtige tuinen’ (dit zijn de wadi’s, al noemt de projectpresentatie die nergens meer zo, red.). Daar zal de karakteristieke vegetatie van de Zennevallei zich vrijuit kunnen ontwikkelen.
Picknicktafels Om de centrale groene zone worden kleinere groene eilandjes met bomen aangelegd die samen met banken en fietsenrekken de
toegang tot het park vormen. Op de kruising van de wijken, dicht bij de sluisbrug, zal een kiosk met terras en toiletten worden gebouwd waar bezoekers iets kunnen eten en drinken. Aan de zijde van het kanaal komen grote picknicktafels. Langs het kanaal en langs de Nijverheidskaai, waar nog sociale woningen van de Gewestelijke Huisvestingsmaatschappij moeten worden gebouwd, worden wegen aangelegd. Het is de bedoeling dat er een ondergrondse parking komt voor de nieuwe sociale woningen aan de Nijverheidskaai, zodat die straat definitief afgesloten zou kunnen worden voor doorgaand verkeer in de richting van de Kleine Ring. Maar dat moet worden besproken met de nog te kiezen aannemer van de sociale woningen. Aan die zuidkant van het park worden appel-, peren- en pruimenbomen geplant,
“De bedoeling is dat de aanleg van het park, de tramsporen en wegen klaar is tegen eind 2018” Lore Vandoorne Woordvoerster Pascal Smet vanwege hun spectaculaire bloei in de lente en hun mogelijke pedagogische waarde. Op een informatievergadering voor de buurt is ook gezegd dat er een doorgang zou moeten komen naar de sportvelden van het Charles Vander Puttenstadion, zodat diegenen die willen sporten daar terechtkunnen. “De aannemer voor het park is dezelfde als diegene die ook de tram- en wegeniswerkzaamheden rondom het park doet, dat was één openbare aanbesteding. Hij kan er dus meteen aan beginnen zodra de vergunning voor het park binnen is,” zegt Lore Vandoorne, woordvoerster van minister Smet. Die vergunning wordt in juni aangevraagd. “De bedoeling is dat de aanleg van het park, de tramsporen en wegen klaar is tegen eind 2018,” zegt Vandoorne. “Werfleider Beliris heeft een beter zicht op de timing van alle Sara De Sloover fases.”
De middenberm tussen de Zuidlaan, de Slachthuislaan en de Poincarélaan is officieel geen parking, maar wordt sinds jaar en dag gebruikt om honderden voertuigen te stallen, vaak voor lange tijd. Ook aan de andere kant van de spoorwegbrug, richting Hallepoort, komen parkeermeters. Daar zijn vandaag wel al officiële plaatsen, maar was parkeren tot nu toe gratis. “We hebben al meer dan een jaar geleden de vraag gesteld en kregen nu ook groen licht van het gewest om parkeermeters te plaatsen,” zegt Lemesre. “De middenberm is vandaag een wildparking met veel be-
stelwagens en deels ontmantelde auto’s die er lang blijven staan. Door parkeermeters te installeren, kunnen we meer controle uitoefenen en zorgen we voor meer rotatie, zodat bezoekers van de Zuidmarkt hun auto makkelijker kwijt kunnen. Dat is mede op vraag van buurgemeente Sint-Gillis. Er komt ook een zone voorbehouden voor verkopers van de markt op het Vossenplein. Hun bestelwagens leiden immers tot heel wat klachten in de Marollen.” Smet ziet op korte termijn geen graten in de bestendiging van de parkeerfunctie. Op termijn wil het gewest de zone wel heraanleggen, maar dat kan niet zonder een oplossing voor de jaarlijkse Zuidkermis. In eerste instantie zet Smet in op een vernieuwing van de voetpaden en aanleg van afgescheiden fietspaden aan de zijkant van de betrokken lanen. De vergunning daarvoor is binnen, en de werkzaamheden LV zouden deze lente moeten beginnen.
RELIGIE Johan Leman over Gülenbeweging buiten Turkije
‘Gülenisten, wees transparant’ BRUSSEL - “De Gülenbeweging heeft hier zeker nog een toekomst, maar dan moet ze zich wel bezighouden met haar kerntaken: onderwijs en interreligieuze dialoog. En ze moet zich verre houden van de Turkse politiek.” Dat advies gaf Foyer-voorzitter Johan Leman, die van 2010 tot 2014 de leerstoel Fethullah Gülen aan de KU Leuven bekleedde, aan Dialogue Platform. Die vereniging, die het gedachtegoed van Gülen promoot in Europa, organiseerde dinsdag een discussiemiddag over de vraag welke toekomst en uitdagingen de internationale Gülenbeweging te wachten staat. De beweging, in het Turks Hizmet genoemd, staat immers flink onder druk sinds de Turkse president Erdogan na de mislukte staatsgreep van 15 juli zijn aartsvijand Gülen ervan beschuldigde het brein achter de coup te zijn. Leman kent de beweging en zijn oprichter goed. In mei, twee maanden voor de coup, had hij in de VS nog een ontmoeting met Fethullah Gülen. Met eigen ogen kon hij vaststellen dat de islamitische geestelijke, die al jaren in ballingschap in Pennsylvania leeft, oud en ziek is. Gülen is zelf niet verantwoordelijk voor de coup, is de overtuiging van Leman. “Alleen al fysiek was hij daartoe niet in staat.” Hij vermoedt eerder dat de staatsgreep het werk was van een ontevreden, pluralistische groepering van onder meer kemalisten, militairen en, ja, ook gülenisten. “Er waren onvermijdelijk gülenisten bij betrokken. Dat kan niet anders. Ze bekleedden immers heel wat hoge posten in alle maatschappelijke geledingen.” Bij de ontmoeting in mei vroeg Leman aan Gülen wat er na zijn dood van de Gülenbeweging moest overblijven. “Scholen en de interreligieuze dialoog,” was het antwoord. Dat is volgens Leman ook hetgene waarop Hizmet zich buiten Turkije moet focus-
FETHULLAH GÜLEN “Gülen is zelf niet verantwoordelijk voor de coup,” is de overtuiging van Johan Leman.
sen. “Als jullie daarmee bezig zijn, zullen de Belgische en andere Westerse overheden jullie niet negatief bejegenen.” Leman drukte de gülenisten nog op het hart zich zeker niet in te laten met de Turkse politiek. “Importeer het Turkse conflict niet naar hier. Blijf erbuiten.” Leman ging zelfs nog verder: evolueer van een Turkse islamitische organisatie naar een multireligieuze wereldbeweging. Ook het Lucernacollege, de aan Gülen gelinkte basis- en middelbare school in Anderlecht, mag voor Leman best wat meer loskomen van zijn Turkse roots en zich meer richten op de rest van de Brusselse bevolking. Om de toekomst veilig te stellen moet de beweging voor Leman wel een stuk transparanter worden. Hizmet doet nu soms vaag, bijna geheimzinnig, bijvoorbeeld als het gaat over het aantal sympathisanten. Leman: “Soms heb ik de indruk: ze verstoppen iets. Doe dat niet. Wees open. Anders lijkt het wel een loge.” Bettina Hubo
4 I BRUZZ 1557 I Donderdag 9 februari 2017
DE WEEK
IN BEELD Een jongedame laat zich fotograferen voor een foto van Etienne Tshisekedi tijdens een driedaags eerbetoon in Paleis 2 op de Heizel. De Congolese oppositieleider overleed vorige week woensdag in Ukkel, waar hij was opgenomen met longproblemen. De viering lokte duizenden Congolezen uit binnenen buitenland naar Brussel.
in het NIEUWS Défi breidt Brussel uit
Défi, de opvolger van FDF, lanceert een grootschalige informatiecampagne om de uitbreiding van het Brussels Gewest met de faciliteitengemeenten af te dwingen. De partij reageert daarmee op de beslissing van de Raad van State om de kandidatuur van Damien Thiéry (MR, ex-FDF) als burgemeester van Linkebeek opnieuw te verwerpen.
Fietspetitie Havenlaan
De verzamelde Brusselse fietsersverenigingen lanceren een petitie rond de Havenlaan. Die komt er luttele weken voor de aangekondigde beslissing van de bevoegde ministers over de definitieve herinrichting van de laan. De petitie vraagt niet om de kasseien te behouden, maar om de Havenlaan voetgangers- en fietsvrien-
delijk te maken. Ze reageren hiermee op het advies van de overlegcommissie van de stad Brussel die een van de voorziene fietspaden wil schrappen.
legaal. Hij krijgt de steun van ministerpresident Rudi Vervoort (PS).
Overlast aan Beekkant
Street-art scoort Burgemeesterscumul
Het ambt van burgemeester Yvan Mayeur (PS) is onverzoenbaar met zijn functie bij de intercommunale Vivaqua. Dat schrijft ‘La Libre Belgique’. Die baseert zich op de nieuwe gemeentewet uit 2014. Volgens Mayeur gaat het om een verkeerde lezing van het wetsartikel en is de cumul volledig
eerste tien maanden na opening al 41.000 bezoekers ontvangen. Dat aantal ligt bijna twee keer hoger dan verwacht.
Het Millennium Iconoclast Museum of Arts (MIMA) in Molenbeek heeft in de
Buurtbewoners van het Molenbeekse station Beekkant willen een samenscholingsverbod. Dat bestaat al voor het metrostation Ribeaucourt. Aan Beekkant troepen grote groepen jongeren samen. De gemeente pakt het probleem eerst niet repressief aan. Ze stuurt meer sociale werkers naar het metrostation.
Schaarbeekse Haard voor de rechter voor doodslag
Sociale huisvestingsmaatschappij Schaarbeekse Haard wordt verdacht van ‘onvrijwillige doodslag door een gebrek aan voorzorg’. Op 17 januari brak een brand
uit in een van sociale woonblokken van de Schaarbeekse Haard in de Helmetwijk. Daarbij stierf een zwangere vrouw. Voordien waren er al klachten over de brandveiligheid. Het Brussels parket begint een gerechtelijk onderzoek.
Samengesteld door Steven Van Garsse en Danny Vileyn
MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP
© IVAN PUT
Donderdag 9 februari 2017 I BRUZZ 1557 I 5
geluidsoverlast Strenge Brusselse normen al vijftien jaar voer voor discussie
Luchthaven voelt zich bedreigd BRUSSEL - Bij ongewijzigd beleid dreigt luchtvaartmaatschappij Thomas Cook Airlines de luchthaven van Zaventem links te laten liggen. En Thomas Cook is volgens Arnaud Feist, de CEO van de luchthaven, niet de enige: “De strenge Brusselse geluidsnormen vormen een bedreiging voor de toekomst van de luchthaven.” Thomas Cook Airlines is de eerste maatschappij die luidop een vertrek uit Brussels Airport overweegt. Ook bij luchtvaartmaatschappij Tui Fly maken ze zich zorgen, maar praten over vertrekken doen ze niet, omdat ze te zwaar in Brussels Airport geïnvesteerd hebben om zomaar te vertrekken. Tui riskeert boetes voor 75 procent van de vluchten tussen 6 en 7 uur ‘s ochtends en voor dertien procent van de vluchten tijdens de dag. Maar het zijn niet alleen vakantievliegtuigen die boetes riskeren, ook Brussels Airlines riskeert boetes én voor de ochtendlijke vluchten én voor een derde van de dagvluchten naar Afrika, de Verenigde Staten en Canada. In een brief - waaruit geciteerd in de krant ‘De Tijd’ - aan de achttien betrokken federale, Brusselse en Vlaamse regeringsleden heeft de topman van Brussels Airport, Arnaud Feist, opnieuw gewaarschuwd voor de gevolgen van de boetes voor het overschrijden van de strenge Brusselse geluidsnormen: “Ze vormen een bedreiging voor de exploitatie van de luchthaven. Verschillende luchtvaartmaatschappijen melden ons dat ze door die beslissing twijfelen aan België als vliegbestemming.” “Dit zijn extra kosten in een tijd waarin we die zo veel mogelijk moeten beperken,” reageert Bernard Gustin, topman van Brussels Airlines. De ‘verstrengde’ normen - voortaan nultolerantie bij overschrijdingen - gingen normaal op 1 januari in, maar door een belan-
genconflict dat de Vlaamse regering heeft ingeroepen is de invoering twee maanden opgeschort. Normaal gezien loopt het belangenconflict op 21 februari af, maar Vlaanderen kan er volgens het onafhankelijke kamerlid en grondwetspecialist Hendrik Vuye nog eens zestig dagen aan breien. Maar uitstel is geen afstel. In de zeer nabije toekomst zullen er knopen moeten worden doorgehakt.
bepaalde luchtvaartmaatschappijen en het verlies van banen dat daaruit voortvloeit,” houdt Frémault vol. Ook op het nieuwjaarsdebat van de ondernemingsorganisatie VOKA Metropolitan vormden de vele punten van conflict tussen de verschillende regeringsniveaus de hoofdmoot. Brussel en zijn ondernemingen zijn volgens de werkgevers steevast het slachtoffer. “Wij zien bedrijven wegtrekken. De problemen op het vlak van mobiliteit, economie en de luchthaven nemen niet af, maar groeien alleen maar. We riskeren Brussel als internationale stad te verliezen.” De werkgeversorganisatie zegt dat het gekibbel tussen de verschillende overheidsniveaus dodelijk is voor de economie en ondernemers in Brussel. “We zien nu al een kentering, bijvoorbeeld op de luchthaven. Sinds 2001 is er al voor 15 miljoen euro aan boetes uitgeschreven voor cargovliegtuigen die de geluidsnormen overtreden. Binnen die sector zijn al een paar duizend banen verloren gegaan.” Als de luchthaven een gewone groei aanhoudt zoals die in alle grote steden, dan zijn er volgens VOKA-topman Jean-Paul Van Avermaet tegen 2040 zestigduizend nieuwe banen op de luchthaven. “Brussel heeft een probleem om laaggeschoolde jongeren aan het werk te krijgen. Wel, voor een job op de luchthaven is laaggeschooldheid geen probleem,” zegt Van Avermaet.
Vliegroutes Brussels minister van Leefmilieu Céline Frémault (CDH) voelt zich echter allerminst aangesproken, ze schuift de hete aardappel door naar de federale minister van Verkeer François Bellot (MR). Bellot moet volgens Frémault eindelijk met nieuwe vliegroutes die Brussel mijden - op de proppen komen. Brussel vindt dat de vliegtuigen maar boven (het minder druk bevolkte) Vlaanderen moeten vliegen. Bellot zegt dat hij die klus niet op een drafje kan klaren, er zijn Europese regels die moeten worden gevolgd. Het is op z’n minst vreemd dat een CDH-minister naar het federale niveau verwijst. In aanloop van de verkiezingen van 2014 had Frémaults partijgenoot en federaal minister Melchior Wathelet ei zo na een akkoord over de vliegroutes, maar Joëlle Milquet (CDH) heeft die toen gekelderd. Wathelet verliet gedegouteerd de politiek. “De federale regering is door niet op te treden de enige verantwoordelijke voor het eventuele vertrek van
“Geloven onze overheden nog in een internationale rol voor Brussel?” Jean-Paul Van Avermaet VOKA Metropolitan “Geloven onze overheden wel nog in de rol van Brussel als internationale stad? Of willen we een regionale luchthaven, zoals in Straatsburg, een stad die helemaal verkommerd is als politiek centrum?” vraagt Van Avermaet zich af. Danny Vileyn
De spraakmaker “Een kleine Vlaamse katholieke wijkschool nabij het Bethlehemplein in Sint-Gillis, een school zonder Vlamingen en zonder katholieken!” Het is niet zonder trots dat Linda De Dobbeleer, directrice van de Sint-Gillisschool, aankondigt dat haar concentratieschool een nieuwe stek heeft in de Fernand Bernierstraat. De basisschool, ooit opgericht met de steun van Vlaamse middenstanders in Sint-Gillis, leek enkele jaren geleden nog ten dode opgeschreven na een negatieve evaluatie voor de infrastructuur in de Montenegrostraat. De school zat er in een vertimmerd herenhuis. De lokalen waren slechts voorzien op tachtig tot honderd leerlingen, ter-
wijl de schoolpopulatie ondertussen de tweehonderd nadert. “Het werd een harde strijd: een geschikte infrastructuur vinden in de wijk, en ook de financiële middelen,” zegt De Dobbeleer. “Geduld, flexibiliteit, dialoog, tijd, politiek- en gemeenschapsoverschrijdend overleg hebben gemaakt dat de Nederlandstalige school is blijven bestaan voor een bijna honderd procent bevolking met een migratieachtergrond in deze kansarme wijk.” De school vond uiteindelijk een oplossing aan de andere kant van hetzelfde huizenblok. Daar stond al enkele jaren een voormalige hogeschool te verkommeren. De zogenaamde ECAM-site werd in 2007
Linda De Dobbeleer
gekocht door Jean Boghossian van de Villa Empain, met de bedoeling er lofts in te maken. Dat project kwam echter nooit van de grond. De aankoop van het gebouw voor de
school had nog wel heel wat voeten in de aarde. De Sint-Gillisschool was immers niet de enige gegadigde. De onderhandelingen sleepten een decennium aan. Dat de kleine, Vlaamse en katholieke wijkschool het haalde, bewijst volgens De Dobbeleer dat het mogelijk is om “met Franstalige politici samen te werken voor een goed doel”. Het gebouw werd gekocht en gerenoveerd met geld van Vlaanderen, de VGC en het bisdom Mechelen-Brussel. “We zijn zeer dankbaar voor onze leerlingen,” zegt de directrice, die zelf ooit leerling was op de school. “De persoon die ik geworden ben, is voor een groot stuk toe te schrijven aan de Sint-Gillisschool,”
vertelt ze. “Ik weet nog heel goed dat ik in het vijfde leerjaar bij juffrouw Francine dacht: dit is het, ik wil juf worden. En zo is het ook gelopen.” Ook in het nieuwe gebouw wil de Sint-Gillisschool een wijkschool blijven, “waar iedereen iedereen kent.” De school heeft zich overigens aangepast aan het publiek, dat grotendeels bestaat uit moslimkinderen. De lessen katholieke godsdienst staan er nog altijd op het leerprogramma, maar de focus ligt op de gelijkenissen tussen de religies. Ook inhoudelijk geeft de school dus blijk van flexibiliteit en dialoog. Zonder die eigenschappen bestond ze wellicht niet meer.
Laurent Vermeersch
6 I BRUZZ 1557 I Donderdag 9 FEBRUARi 2017
INTERVIEW Aalmoezeniers Sint-Gillis willen negatief discours doorbreken
‘Samenleving is onbarmhartig voor gevangenen’ BRUSSEL - “Onze samenleving kijkt heel wantrouwig naar gevangenen. Ten onrechte. Een gedetineerde zit zijn straf uit en heeft dan het recht om zijn leven weer op te nemen.” Aalmoezeniers Leo De Weerdt en Geneviève Frère van de gevangenis van Sint-Gillis pleiten ervoor om het taboe op de gevangeniswereld te doorbreken.
W
ie naar de gevangenis moet, krijgt bij het onthaal te horen dat hij morele of spirituele bijstand kan vragen. Daartoe zijn er katholieke, protestantse, orthodoxe en anglicaanse aalmoezeniers, en ook vrijzinnige consulenten en imams. Geneviève Frère werkt al enkele jaren als (Franstalig) katholiek aalmoezenier in de mannengevangenis van Sint-Gillis en de vrouwengevangenis Berkendael. Sinds 1 januari heeft ze een nieuwe Nederlandstalige collega, Leo De Weerdt, die ook hoofdaalmoezenier is voor alle Nederlandstalige gevangenissen. De Weerdt werkte voorheen vijftien jaar in de gevangenis van Brugge. Wat hem vooral opviel bij zijn aankomst in Brussel was het architecturale verschil. “Brugge is een moderne gevangenis, Sint-Gillis een oude. Maar hoe raar het ook klinkt, in dit type gevangenis is er veel meer sociaal contact tussen de gedetineerden dan in Brugge, waar iedereen van elkaar gescheiden wordt en het contact bijna nihil is. Sint-Gillis is wel verouderd, bijvoorbeeld op het vlak van sanitair en veiligheid. Dat brengt ongemakken met zich mee, zowel voor de gevangenen als voor het personeel.”
Is er sinds de wekenlange staking van vorig jaar iets veranderd? GENEVIèVE Frère: Qua infrastructuur
niet, de overheid investeert nauwe-
lijks nog in het gebouw, omdat beslist is om een nieuwe, grote gevangenis te bouwen in Haren. Er is wel een flinke reorganisatie gebeurd. Sint-Gillis is nu een arresthuis, waar de gevangenen in voorlopige hechtenis zitten, terwijl Vorst een straf huis is geworden, waar veroordeelden hun straf uitzitten. Dat schept duidelijkheid. Vroeger liep alles meer door elkaar. Belangrijk ook, er is extra personeel bijgekomen, zodat de activiteiten konden herbeginnen. Alle sporten, taallessen, bibliotheekbezoeken, ja, zelfs de misvieringen waren maandenlang geschrapt omdat er onvoldoende personeel was om de mensen naar die activiteiten te begeleiden.
“Tijdens de ramadan helpt de protestantse aalmoezenier de imam met het uitdelen van dadels” Geneviève Frère Aalmoezenier
Hoe zien jullie de taak van een aalmoezenier? leo De Weerdt: Onze opdracht is aan-
wezigheid, in gesprek gaan, maar ook praktische informatie geven. Zeker in een arresthuis is dat laatste belangrijk. Iemand die aangehouden is, is heel onrustig en zit vol vragen. Wat is er gebeurd? Hoe werkt de gevangenis? Er is enorm veel angst, voor de celgenoot, de nieuwe omgeving, de toekomst. Alles wat je nodig hebt om als normaal mens te leven valt plots weg. FRÈRE: Wie ons wil spreken, schrijft een verzoekschrift. Dan gaan wij langs in hun cel. DE WEERDT: Helaas zijn we overvraagd. Op het eind van de week hebben we vaak niet iedereen kunnen zien. FRÈRE: We vieren ook de mis, één of twee keer per week. Ook daar geldt:
© SASKIA VANDERSTICHELE
ieder op zijn beurt. Anders zou de groep te groot zijn.
Is het makkelijk om het vertrouwen van de gedetineerden te winnen? Frère: Wat helpt, is dat wij als aalmoezeniers hier geen meldingsplicht hebben. De sociaal assistenten, verpleegkundigen, artsen
en andere spelers hebben dat wel. Zij kunnen in het kader van de veiligheid ook ondervraagd worden, wij niet. Dat weten de gedetineerden en daardoor zullen ze ons vlugger vertrouwen. DE WEERDT: Het is niet zo dat ze ons daarom belangrijke informatie zullen doorspelen, maar het geeft hen de zekerheid dat wij niets doorver-
tellen. Ze zien ons als iemand die eerder aan hun kant staat, niet aan de kant van het systeem.
Jullie worden dag in dag uit met het kwade geconfronteerd. Hoe gaan jullie daarmee om? De Weerdt: Dat kwade wordt vaak uitvergroot door de media, die meestal een heel eenzijdig beeld van
Donderdag 9 februarI 2017 I BRUZZ 1557 I 7
“Het clichébeeld van de misdadiger dat in het programma ‘De Kroongetuigen’ wordt opgehangen maakt ons werk weer voor maanden moeilijk” Leo De Weerdt Aalmoezenier
uit en heeft dan het recht om zijn leven weer op te nemen. Maar onze samenleving is puriteins en onbarmhartig, vanuit een onredelijke angst. De terreur en radicalisering hebben er mee toe geleid dat de maatschappij heel wantrouwig is gaan kijken naar gedetineerden. Gevangenen lijken het niet meer goed te kunnen maken. Straffen worden uitgesproken zonder aan mogelijk herstel te denken. Rond het hele gevangeniswezen hangt een taboe. Voor mij zijn gevangenissen een noodzakelijk kwaad. Ze zijn opgericht door de samenleving, net als ziekenhuizen, bejaardentehuizen en psychiatrische inrichtingen. Ook dat zijn instellingen, gecreëerd door de samenleving om mensen in onder te brengen die daar niet altijd graag naartoe willen. Ik denk dat het de plicht van de maatschappij is om over die instellingen te waken. De samenleving moet contact houden met de gevangenen, sterker nog, hen mee klaarstomen om weer aan te sluiten bij de groep.
Natuurlijk zijn er extreme gevallen, de gevallen bijvoorbeeld die aan bod komen in een programma als ‘De Kroongetuigen’ op VTM. De Weerdt: Sommige mensen kun-
nen niet meer terugkeren naar de samenleving vanwege de problemen die ze veroorzaakt hebben en die ze in zich blijven dragen. Maar dat zijn de uitzonderingen. Voor hen moet een humane oplossing gezocht worden, zoals in Nederland waar zware psychopaten een begeleidingsprogramma krijgen. Geen oog om oog, tand om tand. Je gaat toch geen mensen in de kerker gooien en de sleutel wegsmijten. Primo Levi, de auteur die Auschwitz overleefde, zei het al: ook in de gevangenis moet erover gewaakt worden dat een mens zijn waardigheid en persoonlijkheid niet kwijtraakt. Een uitzending als De Kroongetuigen helpt in dat opzicht niet mee. Wij zijn daarover echt teleurgesteld. Het clichébeeld van de misdadiger dat in dat programma opgehangen wordt, de vrij goedkope, sensationele benadering, het maakt ons werk weer voor maanden moeilijk.
Iemands vrijheid ontnemen is een zware straf. De Weerdt: Een hele zware straf, de
samenleving gaat daar veel te makkelijk aan voorbij. ‘Ze hebben toch eten, een bed en tv, alles wat ze moeten hebben. Dat ze blij zijn.’ In de gevangenis leef je van gunsten. Klop je op de celdeur met een verzoek, dan ben je volledig af hankelijk van de beambte. Hij kan je vraag inwilligen, weigeren of gewoon voorbijlopen. Dat is heel ingrijpend voor een mens.
AALMOEZENIERS Geneviève Frère en Leo De Weerdt (Sint-Gillis): “Er is enorm veel angst in de gevangenis.”
de dader geven. Ze hebben het over ‘het beest’ of schilderen iemand af als ‘menselijke bulldozer’. Wij krijgen in de gevangenis vaak een heel ander beeld. Wij verdoezelen het kwade niet en gaan al het verschrikkelijke wat is gebeurd zeker niet uit de weg, maar dat is niet het enige aspect in het leven van die persoon. Er zijn andere momenten
geweest en we doen die persoon onrecht aan als we hem alleen taxeren op zijn fouten. Een mens is altijd meer dan zijn daden. Wij zijn ook geen rechters. De rechter straft de persoon voor wat fout is gelopen. Wij zijn er om die persoon achteraf bij te staan. FRÈRE: Voor ons is niemand verloren, een mens kan veranderen.
De samenleving is minder barmhartig. De Weerdt: Sommige mensen moe-
ten voor hun eigen bescherming en zeker ook voor de bescherming van de maatschappij een tijdlang uit de groep gehaald worden. Maar ik denk niet dat het de bedoeling kan zijn om iemand levenslang te verwijderen. Een gedetineerde zit zijn straf
De cipiers hebben natuurlijk geen makkelijke baan. Onlangs werd een vrouwelijke cipier na haar shift in mekaar geslagen. Hoe worden de aalmoezeniers bejegend? Frère: We keuren dat incident na-
tuurlijk volledig af. De beambten, zoals wij de cipiers noemen, zijn onze collega’s en we hebben waardering voor hen. Ze hebben inderdaad geen eenvoudige opdracht.
DE WEERDT: Soms voelt een gedeti-
neerde zich geviseerd. Bij ons ligt het anders. Ik ben altijd verbaasd hoe respectvol wij bejegend worden door de gevangenen. Ze waarderen dat wij, ondanks wat er gebeurd is, toch de stap zetten om hen op te zoeken.
Vindt een mens in opsluiting makkelijker de weg naar God? Is er een grote Nederlandstalige parochie in Sint-Gillis? De Weerdt: Er zijn niet zoveel Neder-
landstaligen in de Brusselse gevangenissen. Maar wij zijn vlot twee- en zelfs meertalig. FRÈRE: We begeleiden iedereen die erom vraagt, niet alleen katholieken dus, en er wordt lang niet altijd over God gesproken DE WEERDT: Mensen doen vaak een beroep op de katholieke aalmoezenier vanuit een christelijke traditie, die voor sommigen heel helder en voor anderen heel vaag is. Een herinnering uit de kindertijd bijvoorbeeld, hun grootmoeder die naar de mis ging. Ze zitten vooral met zinsvragen. Wie ben ik? Hoe ben ik tot zoiets in staat geweest? FRÈRE: Maar er zijn natuurlijk ook mensen uit andere culturen, de Afrikaanse, de Poolse, die hun religie heel intens beleven en die op hele directe manier over God spreken.
In de gevangenissen zitten vele religies samen. Gaat dat altijd goed? Frère: Op dat gebied zijn er geen spanningen. De overheid doet er alles aan om de verworvenheden die in de samenleving gelden ook in de gevangenis mogelijk te maken, halalmaaltijden bijvoorbeeld. Alle officiële godsdiensten hebben hun vertegenwoordiger. Er was tot hiertoe slechts één imam, maar die krijgt in het kader van de antiradicaliseringsmaatregelen binnenkort versterking. Onder elkaar werken we trouwens goed samen. Zo zorgen de katholieke, protestantse, orthodoxe en anglicaanse aalmoezeniers voor een gezamenlijk kerstpakketje voor alle gevangenen. En tijdens de ramadan helpt de protestantse aalmoezenier de imam met het uitdelen van dadels en andere benodigdheden om het vasten vol te houden.
Jullie hebben beiden ook ervaring in een vrouwengevangenis. Hangt daar een andere sfeer? Frère: Ik merk niet zoveel verschil.
Zowel in Berkendael als in Sint-Gillis voel ik me gerespecteerd en kan ik op dezelfde manier werken, alleen met een gevangene in zijn cel. Berkendael is wel een stuk kleiner dan Sint-Gillis. Iedereen kent elkaar dus. DE WEERDT: Als een vrouw in de gevangenis terechtkomt, heeft dat wel meer impact op het gezin. De pijn van vrouwen om hun kinderen is voelbaar aanwezig in de gevangenis. Mannelijke gevangenen zijn meer macho. En ze zijn soms minder vlug in contacten. Bij vrouwen is het al snel duidelijk wat er aan de hand is, terwijl mannen toch meestal twee, drie gesprekken nodig hebben om to the point te komen. Bettina Hubo
8 I BRUZZ 1557 I DONDERDAG 9 FEBRUARI 2017
Naar 25.000 plaatsen
MOBILITEIT Slagbomen pendelparking na maand geforceerd
Valse start voor COOVI-PARKING
In het Gewestelijk Plan voor Duurzame Ontwikkeling (GPDO) staat de intentie om 25.000 plaatsen te creëren op pendelparkings. In het verleden werden beloftes op dat vlak echter amper waargemaakt. De zeven bestaande pendelparkings hebben een capaciteit van nog geen tweeduizend plaatsen. Huidig minister van Mobiliteit Pascal Smet (SP.A) beloofde wel een inhaalbeweging. Tegen 2020 wil hij achtduizend plaatsen bijcreëren, onder meer door de uitbreiding van bestaande parkings zoals Coovi, Stalle en Kraainem. Daarnaast moeten er nieuwe parkings
ANDERLECHT - Sinds december 2016 heeft het gewest de overstapparking Coovi afgeschermd met slagbomen. 220 geregistreerden kregen een gratis parkeerplaats, voor een testperiode tot de zomer. Het heeft de wildparkeerders afgeblokt, maar niet de gefrustreerden. De slagbomen werden al geforceerd door hen die toch hun auto blijven dumpen. Gevolg: het parkeeragentschap kan geen betrouwbare gebruikerscijfers registreren.
I
n afwachting van de bouw van een parkeertoren voor 1.350 wagens bij overstapparking Coovi-Ceria loopt een testfase voor gebruik van de parking met nummerplaatcontrole. Off icieel is dat voor 199 auto’s (omwille van de milieuvergunning), in werkelijkheid kregen 220 nummerplaten een parkeertoelating. Voormalig minister Brigitte Grouwels keurde die marge goed. Daardoor is de parking Coovi sinds december als
eerste in het gewest met de gebruikerstestfase begonnen, een proefproject tot de zomer. Het is de bedoeling om het intermobiel gebruik van auto/metro/bus te testen en aan te moedigen. Voordien, sinds de opening van het metrostation in 2004, was het libertijns gebruiksbeleid ‘wie eerst komt, eerst maalt’ – je moest al vroeg uit de veren zijn om er nog parking te vinden. Gevolg: sinds jaren had de parking te kampen met wildparkeerders. Tot een vierde aan auto’s meer werd dag na dag gedumpt buiten
“De cijfers die we trachten bij te houden voor het gewest zijn onbetrouwbaar” Sara Jasmes Woordvoerder Parking.brussels
de voorziene parkeerstroken. “Ze stonden op de stoep, hinderden de bushaltes en namen plaatsen voor auto-eigenaars met een handicap in,” bevestigt Sara Jasmes, woordvoerder van het parkeeragentschap Parking.brussels, dat zich op het vooronderzoek op de testfase baseert.
Prioriteitenlogica In een proefperiode van zes maanden organiseert het parkeeragentschap in opdracht van het gewest een nieuw parkeersysteem. De
komen bij het station van Sint-Agatha-Berchem, aan Bordet en aan Esplanade. In de parking van het geplande Eurostadion worden op weekdagen drieduizend plaatsen voorbehouden voor pendelaars. Behalve over de capaciteit wordt ook al jaren gesproken over een beheersmodel voor de parkings. Vandaag zijn de meeste plaatsen immers onbeheerd, waardoor de parkings ook gebruikt kunnen worden door mensen die geen gebruikmaken van het openbaar vervoer. Pendelparkings lijken een evidentie in de strijd tegen de files in en rond Brussel,
oude inrit langs de Bergensesteenweg werd afgeblokt, om het busverkeer te faciliteren. Het begon in december met slagbomen langs de Josse Leemanslaan 110. Om toegang te krijgen, was een digitale parkeertoelating nodig. Tijdens de testfase kunnen op die manier 220 abonnees gratis parkeren. Wie een toelating wou krijgen, moest ‘transparante’ info op de site van Parking.brussels uploaden, om een account te krijgen. Daarvoor werden veel gegevens gevraagd: inschrijvingsbewijs van de auto,
ADVERTENTIE
Citynieuws
op het halfuur rechtstreeks vanuit de stad
DONDERDAG 9 FEBRUARI 2017 I BRUZZ 1557 I 9
maar zijn tegelijk omstreden. Stadsvereniging Arau (Atelier de recherche et d’action urbaine) uitte zich vorige week als tegenstander. De parkings zijn duur en ruimteverslindend, klinkt het. Bovendien dreigen ze hun doel te missen. Parkings kunnen mensen immers net aanzetten om met de auto tot de rand van Brussel te rijden, waardoor de filedruk op de Ring en de toegangswegen niet minder wordt. Eerder gaf ook minister Smet in het parlement al aan dat pendelparkings volgens hem geen wonderoplossing zijn voor de mobiliteit. Nieuwe en grotere parkings bij stations verder van de stad zouden
beter zijn, klonk het. Maar dat vraagt dan weer inspanningen van de andere gewesten, en die zijn niet geneigd om te betalen voor iets waar vooral Brussel beter van wordt. Bovendien heeft de NMBS onlangs beslist om alle bestaande parkings bij stations betalend te maken. Arau besluit dat het beter is om woningen, voorzieningen, winkels en bedrijven te bouwen bij vervoersknooppunten, zodat meer mensen de auto kunnen afzweren. De enige echte remedie voor de autodruk is volgens de denktank minder parkeerplaatsen en een stadstol.
Laurent Vermeersch
COOVI-OVERSTAPPARKING. Vorig jaar was het nog wildparkeren, in december werd het gebruik beperkt tot 220 geregistreerde auto’s,
© BART DEWAELE
nu is er eventjes weer vrije toeloop tot er nieuwe slagbomen komen.
groene verzekeringskaart op naam van de bestuurder, betalingsbewijs van de auto, een attest van de werkgever (aan werklozen is onvrijwillig niet gedacht in de testfase, red.), een kopie van de Mobib-kaart, een kopie van de Visakaart van de auto-eigenaar. Voor bedrijfswagens komt daar een attest van het autobedrijf bij, de werkgever, gegevens van de bedrijfseigenaar en chauffeur. En dan zijn er nog varianten voor carpooling, leasing, personen met een tijdelijke verblijfsvergunning (bewijs van belasting en huur
van een woning), en dies meer. Een uitgebreid gegevensdossier dus. Intussen is de limiet van 220 parkeervergunningen bereikt, op basis van een prioriteitenlogica. “Iedereen zal op termijn toegang krijgen tot de parking, maar het gewest heeft beslist om die nu exclusief in de testfase als een Park and Ride te beheren,” verduidelijkt woordvoerder Jasmes. “Het is de bedoeling dat later het inen uitrijden met nummerplaatherkenning tegen voordeeltarief wordt ingevoerd voor wie de Mobib-kaart van de autobezitter scant. Wie een
parkeerabonnement heeft, maar geen Mobib-kaart, of occasioneel komt parkeren, betaalt dan het volledige parkingtarief.”
Ontregelde slagbomen “Op basis van een enquête van gebruikers weten we dat een grote meerderheid uit het Vlaams Gewest komt (80 procent pendelaars) en een kleine minderheid uit het Waals Gewest en uit Anderlecht,” stelt Jasmes. De slagbomen werden geplaatst, omdat een camerasysteem van nummerplaatherkenning de in-
en uitgang regelt. Toen er in het begin bewakers bijstonden, verliep dat nog gesmeerd. “Maar snel bleek dat de slagbomen geforceerd werden – dus manueel opengehouden – om niet-geregistreerde wagens ingang of uitgang te doen krijgen,” zegt Jasmes. De slagbomen zijn stuk, en staan nu permanent open. Jasmes: “Het testsysteem is hierdoor ontregeld, en de cijfers die we trachten bij te houden voor het gewest zijn onbetrouwbaar. Om een analyse te kunnen maken, moeten we precies weten wie zijn parkeervrijgeleide
maar één of twee keer per week gebruikt, of iedere werkdag. Dat lukt nu dus niet meer.” Het is nu zaak om nieuwsoortige, sterke slagbomen te zetten om de testfase te optimaliseren. In maart wordt ook de eerste camerabewaakte fietsenstalling voor tien fietsen operationeel. Het is de bedoeling om later een lokaal voor 120 fietsen te bouwen. Het is de eerste van zeven beveiligde fietsenstallingen op de Park&Ride-parkings van het gewest. Jean-Marie Binst
ADVERTENTIE
Voortaan hoor je al het nieuws uit Brussel elke ochtend en elke vooravond op het halfuur in het Citynieuws. Luister via 98.8 of op BRUZZ.be
7u30
8u30
9u30
16u30
17u30
18u30
10 I BRUZZ 1557 I DONDERDAG 9 FEBRUARI 2017
GESCHIEDENIS 150 jaar geleden begon de overwelving van de Zenne
De geboorte van het moderne stadscentrum
BRUSSEL - Anderhalve eeuw geleden werd begonnen met de overwelving van de Zenne. De operatie was geen onverdeeld succes, maar de lanen en pleinen die erna zijn aangelegd gingen heel snel het beeld van Brussel bepalen. en. In 1866 nog had een uitbraak van cholera zowat drieduizend Brusselaars de dood ingejaagd. Een grootschalige sanering en reorganisatie van de Zenne drong zich op, maar een beslissing bleef uit tot burgemeester Jules Anspach de knoop doorhakte en koos voor een overkapping. Zo kon hij in één beweging ook het gezicht van de benedenstad veranderen. “Het overstromingsprobleem speelde mee, maar belangrijker was de ambitie
Rivier werd riool De Zenne in de Bruidsstraat, en de overwelving ter hoogte van de Steenstraat. Op de achtergrond telkens de Augustijnenkerk, die plaatsmaakte voor het De Brouckèreplein.
“De beloofde alternatieve huisvesting bleef uit” Roel Jacobs Historicus
Ze n ne
D
e werkzaamheden aan de overwelving begonnen in februari 1867, maar de Zennekwestie stelde zich al vele jaren. Bij overvloedige regen trad de rivier soms buiten haar oevers, en in periodes van droogte werd ze al snel een open riool. De Zenne werd ook verantwoordelijk gesteld voor epidemie-
om de burgerij naar de binnenstad te halen,” vertelt Roel Jacobs, historicus bij Visit Brussels. “De burgerij had toen twee mogelijkheden. Veel Franse steden bouwden een nieuw centrum buiten de oude stad. In Brussel hebben we dat ook voor een stuk gezien met de aanleg van de Leopoldswijk. De andere optie was het middeleeuwse hart uit de stad halen en vervangen door moderne lanen en pleinen.” De overwelving past in een reeks van grote werven die de jonge hoofdstad meer internationale allure moesten geven, zoals de bouw van het Justitiepaleis en het Jubelpark. De nieuwe lanen moesten ook het toenemende verkeer tussen de snel groeiende stations ten noorden en ten zuiden van de stad opvangen. De mosterd voor de grootschalige stadsvernieuwing werd grotendeels gehaald in Parijs. In dezelfde periode werd daar onder prefect Haussmann en keizer Napoleon III een groot deel van de middeleeuwse stad met de grond gelijk gemaakt om plaats te maken voor brede boulevards, monumentale pleinen en statige appartementsgebouwen. Het Brusselse plan van architect Léon Suys beoogde iets gelijkaardigs, zij het op veel kleinere schaal. Zo werden de nieuwe lanen maar
Haven van Brussel
in e Kle
Vismarkt Sint-Goriks
Zenne Beursgebouw
half zo breed als de meeste Parijse boulevards. “Daar zat ook een militaire strategie achter,” zegt Jacobs. “Door brede lanen kan je een cavalerie sturen. Een bevolking die zich verschanst in een middeleeuwse stad is sterker dan een professioneel leger. Dat hebben de Nederlanders bijvoorbeeld ondervonden in 1830.” Het hele plan gaf uiting aan een ideaalbeeld van de toen regerende burgerij. Dat duizenden minder gegoede stadsbewoners werden onteigend en verdrongen naar andere oorden vond men toen een aanvaardbare prijs. De arme bevolking leverde de stadskas weinig op, en was bovendien nog niet stemgerechtigd.
Duizend arbeiders “De betrokkenen waren er ongetwijfeld van overtuigd dat ze iets goeds deden, en niets doen was geen optie, want de situatie was erbarmelijk. De sociale factuur was wel heel hoog en de beloofde alternatieve huisvesting bleef uit.” Bovendien doken rond de werkzaamheden schandalen op, en ging de Engelse aannemer failliet. Dat laatste bleek op termijn wel een meevaller, want op die manier verwierf de stad een belangrijk deel van haar eigen patrimonium.
Wirwar van waterwegen De kaart toont de Brusselse waterwegen in 1837 op het huidige stratenpatroon. Voor de overwelving kronkelde de Zenne zich een weg van zuid naar noord door de benedenstad. De hoofdarm van de rivier volgde daarbij min of meer het latere tracé van de centrale lanen. De buurt van Sint-Goriks vormde een eiland tussen verschillende vertakkingen die samenkwamen waar nu het Beursplein is. Het Zavelzinneke, ook Kleine Zenne genoemd, was een door de mens gemaakte aftakking door Kuregem en Molenbeek. Tot diep in de 19de eeuw waren er binnen de Vijfhoek ook nog havendokken die aansloten op het kanaal, onder meer waar vandaag de Vismarkt is.
© PETER DHONDT BRUZZ BRON WIKIPEDIA
Waar is de Zenne nog te zien? In het Riolenmuseum aan de Anderlechtsepoort kunnen bezoekers een glimp opvangen van de ondergrondse Zenne. Op het binnenplein achter het voormalige restaurant ‘Le Lion Saint-Géry’ is een waterpartij die herinnert aan één van de oude armen van de Zenne, maar dat is een reconstructie. Wie de echte rivier in openlucht wil zien, moet naar de industriezones langs het kanaal in het zuiden of het noorden van het gewest. Tussen
de bedrijventerreinen duikt de rivier meermaals op, telkens op de rechteroever van het kanaal. Dat kanaal is trouwens ook een beetje de Zenne. Omdat de capaciteit van de kokers in de binnenstad beperkt is, wordt een deel van het rivierwater afgevoerd naar het kanaal ter hoogte van Lembeek en de sluis van Anderlecht. In Vilvoorde stroomt een deel van het kanaalwater dan weer de Zenne in.
DONDERDAG 9 FEBRUARI 2017 I BRUZZ 1557 I 11
Investeer in een exclusief project in de Europese wijk, inclusief privépark.
1930 voor werd begonnen met de bouw van een nieuwe koker uit gewapend beton. Die was drie keer zo lang en begon langs de spoorbundel ter hoogte van de Veeartsenijstraat in Anderlecht. Het water werd vervolgens onder de Kleine Ring en langs het kanaal om het centrum heen geleid. Ook in de Noordwijk ging de rivier ondergronds. De werkzaamheden werden voltooid in 1955. De oude overwelving zou later de aanleg van de premetro makkelijker maken. Het begraven van de Zenne was geen onverdeeld succes, maar de nieuwe lanen en gebouwen die in de plaats kwamen, hebben vorm gegeven aan het stadscentrum zoals we het vandaag nog kennen. “In enkele jaren tijd groeiden onder meer de Beurs en De Brouckère uit tot iconen die het beeld van de stad gingen bepalen,” aldus nog Jacobs. “We zien dat decor bijvoorbeeld opduiken op postkaarten en in de eerste films.” En burgemeester Jules Anspach? Die overleed acht jaar na de inhuldiging op 49-jarige leeftijd. Naar verluidt was hij zodanig geraakt door de spotprenten en soms harde kritiek op zijn project dat zijn gezondheid eronder ging lijden. Als eerbetoon werd het meest centrale deel van de nieuwe lanen naar hem Laurent Vermeersch vernoemd.
ADVERTENTIE
EK
OPENBAAR ONDERZO
Ernest The Park. Exclusieve appartementen tussen de Europese wijk en de Brusselse Louizalaan.
AG ZOND UARI R 12 FEB
DAG R U E D OPEN n 14u tot 17u AAT 33 RTSTR E E B L A PRINS 1050 ELSEN va
Niet contractueel beeld
De werf duurde bijna vijf jaar. Meer dan duizend arbeiders verdienden er hun brood mee en er waren zestigduizend bakstenen per lopende meter nodig om de gewelven te bouwen. Op strategische punten langs de nieuwe lanen werden publieke gebouwen opgetrokken zoals de Centrale Hallen (gesloopt voor de bouw van Parking 58), de Beurs en het Zuidpaleis. Om de verdere verkaveling te stimuleren werd een architectuurwedstrijd georganiseerd. Ondanks de vele statige nieuwe gebouwen was de burgerij echter niet meteen laaiend enthousiast. “Het project bleek te ambitieus,” zegt Jacobs. “De burgerij was gewoon om in een huis te wonen met een grote inrijpoort en personeel,” zegt Jacobs. “De stap naar een appartement was niet evident. Veel Belgen zijn vandaag nog altijd verknocht aan hun viergevelwoning.” Met de vervuiling van de Zenne ging het bergaf nu de rivier onderdeel werd van het nieuwe rioleringssysteem. Bovendien bleek de overwelving slechts plaatselijk een oplossing te bieden voor overstromingen van de Zenne. Buiten de Vijf hoek bleef de rivier haar wispelturige zelve. Het was duidelijk dat een meer grootschalige oplossing nodig was, die het grondgebied van de stad oversteeg. Het duurde nog tot
ADVERTENTIE
09 FEBRUARI 10 APRIL 2017 De federale en gewestelijke overheden stellen conform de Europese Kaderrichtlijn Pesticiden 2009/128/EG gezamenlijk het Programma 2018-2022 van het Nationaal Actieplan voor de reductie van pesticiden (NAPAN) op. Dit bestaat uit een federaal programma en gewestelijke programma’s. Het voorgelegde ontwerp van Actieplan omvat ten aanzien van het gebruik van pesticiden diverse acties die beogen om de mogelijke impact op de gezondheid en het leefmilieu verder te verminderen.
We kijken uit naar uw standpunten en opmerkingen in dit verband! U wordt hierbij uitgenodigd om via volgende website: http://www.napan18-22.be/ actief deel te nemen aan deze gecoördineerde publieksraadpleging en uw commentaren over te maken. De documenten die kaderen binnen deze oproep evenals de consultatie procedure zijn te raadplegen in uw gemeente.
• prestigieus project op voormalige Solvay site • op maat van kapitaalkrachtige expats
Wenst u te reageren of uw advies te geven?
• eigen verhuurdienst gespecialiseerd in verhuur aan expats
Jullie schriftelijke opmerkingen kunnen ten laatste op 10 april 2017 worden bezorgd aan het volgende adres: NAPAN@health.fgov.be of per post aan Dr Ir Vincent Van Bol, Coördinator van het Federaal Reductieplan van Pesticiden, kantoor 7D227, FOD VVVL, Victor Hortaplein, 40/10, 1060 Sint-Gillis (Brussel).
• moderne architectuur, hoogwaardige afwerking • tussen de Europese wijk en de Louizalaan • meer info op www.ernest-the-park.be of 02/201 00 01
powered by
12 i BRUZZ 1557 i DonDerDag 9 februari 2017
STEL ZELF JE VRAAG EN STEM OP BRUZZ.BE
JESSICA UIT JETTE: Mijn telefonisch netwerk valt altijd uit als ik voorbij
het Kasteel van Laken kom. Toevallig of niet ?
“Een norm die dubbel zo streng is als die van de andere Europese landen lijkt me voldoende” Els Ampe parlementslid Open VLD
Hangt er een mysterie rond het Kasteel van Laken, dat mobiel bellen rond het park bemoeilijkt? Moeilijk om te zeggen, alhoewel verschillende collega’s met Proximus dezelfde ervaringen delen. Jimmy Smedts, woordvoerder van het Belgisch Instituut voor Post en Telecommunicatie (BIPT), zegt dat de outdoordekking in principe voldoende moet zijn voor de drie operatoren mobiele operatoren, maar: ”Een zone wordt gevalideerd als in ten minste 95 procent van de verrichte metingen, het niveau van het signaal hoger was dan de minimumdrempel die door het BIPT wordt geëist. Het is niet omdat heel Brussel gedekt is, dat er zich geen problemen kunnen voordoen,” zegt Smedts. “De kwaliteit van de dienst kan door verschillende factoren beïnvloed worden: wordt er getelefoneerd in een gebouw, in een auto, ook het soort toestel - mobiele telefoon, smartphone, tablet - kan een rol spelen.” Onze lezeres en verschillende collega’s hadden echter geen slecht bereik, ze hadden geen bereik. Misschien heeft de operator een verklaring. Woordvoerder Jan Margot van Proximus ontkent staalhard dat er problemen zijn. Els Ampe (Open VLD) is burgerlijk ingenieur, schepen in de stad Brussel, Brussels parlementslid én ervaringsdeskundige wat gsm-stralingen betreft. Ampe woont in Laken en deelt de ervaringen van onze lezeres uit Jette. De grote boosdoener blijft volgens Ampe de veel te strenge Brusselse milieuwetgeving, alhoewel die in 2014 na lang aan-
ADVERTENTIE
NOA REAL ESTATE T 02 344 44 22 info@noa-re.be
IMMO RÉFÉRENCES T 02 534 55 55 info@immoreferences.be
APARTMENTS / STUDIOS / PENTHOUSES
rHuu ent m e rend
% 0 6 , 4
RE AD T Y O RE NT
t.e .m .0 1/0 3/1 7
studios en appartementen vanaf 119.000 €
“Het is niet omdat heel Brussel gedekt is, dat er zich geen problemen kunnen voordoen,” zegt Jimmy Smedts van het BIPT.
© NAP
dringen van Ampe zelf minder streng is geworden. “In alle Europese landen is 40 volt per meter de norm, in België was dat vroeger 20,9. In Brussel is dat vandaag maar 6,” zegt Ampe. “Tot 2014 was dat zelfs maar 3.” De enige manier om voldoende bereik te hebben - met de vigerende wetgeving - is volgens Ampe het aantal masten opdrijven, maar omdat er in de buurt van het Kasteel in Laken maar weinig plekken zijn waar er nog masten kunnen worden geplaatst, blijft de ontvangst problematisch. Volgens Ampe zou het voltage nog moeten kunnen worden opgetrokken. Tot hoeveel dan wel? Ampe: “Een norm die dubbel zo streng is als die van de andere Europese landen, namelijk 20 volt per meter, lijkt me voldoende.” Op de vraag of dat politiek haalbaar is, antwoordt Ampe: “Ik denk het wel. Er is ondertussen heel veel onderzoek geweest naar de impact op de gezondheid en die studies wijzen geen problemen aan.” De te lage voltages zijn niet alleen een probleem op
locaties met een tekort aan masten, maar ook op locaties zoals de Wetstraat, waar er heel veel masten staan, maar waar die dan interfereren. Ampe: “Ik herinner me dat er op het kabinet van Guy Vanhengel, toen die federaal vicepremier was, net omwille van die interferenties geen bereik was.” Het Brussels Gewest heeft destijds beslist om de voltages te verlagen uit voorzorg: wetenschappers hadden vragen over de gezondheidsrisico’s. Ampe: “Het was dezelfde schrik als in de negentiende eeuw: toen was er protest tegen de komst van de trein uit schrik dat de koeien geen melk meer zouden geven. Ondertussen is die vrees grotendeels Danny Vileyn verdwenen.”
VOLGENDE WEEK: Leiden de gouden Sint-Jakobsschelpen, die hier en daar in de Brusselse voetpaden zijn verwerkt, naar het bedevaartsoord Compostela?
JOUW MENING
lezersbrieven@bruzz.be
VLAAMSE SCHOLEN
In het Tijdschrift “Duden“ van het Vlaams GC Ten Weyngaert in Vorst, verscheen in nummer 143 bij het hernemen van het onderwijs de lijst van de vijf Nederlandstalige scholen verspreid over hoog- en laag-Vorst (tachtig en twintig meter boven de Vlaamse
zeespiegel). Volgens het basis woordgebruik heeft men in de Brusselse Regio in feite Vlaamse scholen en Franse scholen. Laatstgenoemden zijn van Frankrijk, maar de uitdrukking “Vlaamse Scholen” gaat over die scholen waar men onderwijst in goed Nederlands, zoals in de deelstaat Vlaanderen. Hoewel de quasi gelijkklinkende
benamingen Nederlandstalige/Franstalige scholen mooi klinken, is het sowieso logisch dat in reclamefolders en op schoolgebouwen “Vlaamse School Sint-xxx” sterker de aanwezigheid vertonen. Het woord Vlaams mag toch meer te zien in de Brusselse straatbeelden!
Herman Athos O. Wilms, Hoog-Vorst
SPeLregeLS Voor LeZerSbrieVen: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bruzz.be. Schrijven kan naar bruZZ-brieven van Lezers, flageyplein 18, 1050 elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bruzz.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.
Het Masereelfonds meldt u het pijnlijke verlies van zijn directeur,
Bernard Desmet
15 september 1959 - 3 februari 2017
genie
t van ee uitzic n uniek ht !
www.ekla.brussels
De crematie heeft plaats in familiekring. Vrienden en kennissen worden uitgenodigd voor een hommage op zaterdag 11 februari om 17uur in gemeenschapscentrum De Markten, Oude Graanmarkt 5, 1000 Brussel Rouwbeklag: Masereelfonds, Kazernestraat 33, 1000 Brussel of nationaal@masereelfonds.be
MIJN GEDACHT
Donderdag 9 februari 2017 I BRUZZ 1557 I 13
©JURGEN WALSCHOT
‘Vervoort maakt ons blij met een dode mus als het op transparantie aankomt’
N
u pas,” reageert actiegroep Transparencia. be op het besluit van de Brusselse regering om vanaf deze week al haar besluiten te publiceren. “Ministerpresident Rudi Vervoort (PS) past hier gewoon een Europese richtlijn uit 2013 over transparantie van informatie toe, die pas afgelopen oktober omgezet werd in Brusselse wetgeving. Maar de regels voorzien in toegang tot àlle documenten van openbare instellingen, en zo ver zijn we nog lang niet. Andere regeringen in België publiceren hun beslissingen al langer, maar de Brusselse regering heeft sinds haar ontstaan een transparantieprobleem.” “We vrezen een beetje dat Vervoort ons een klein botje toewerpt om de grote kluiven in de kast te verbergen,” zegt Christophe Van Gheluwe, mede-oprichter van Transparencia.be. “Openbaarheid van bestuur werd in België in 1994 gestemd. Ook het Brussels parlement heeft na de publicatie van de regeringsbesluiten nog altijd niet voldoende toegang,” zegt Van Gheluwe. “Het kan de regering niet goed genoeg controleren. Daarvoor hebben ze ook de nota’s en bijlagen nodig van de besluiten, anders zullen ze de inhoud van beslissing vaak niet kunnen beoordelen. Daarnaast is ook de agenda van de ministerraad nodig, om te kunnen anticiperen op de besluiten. Je kunt interessante informatie die misschien nog niet bekend is altijd beter doorspelen vòòr een beslissing valt, dan achteraf. Amendementen kunnen een regeringsbeslissing ook verrijken.” “Een Europese richtlijn uit juni 2013 rond openbaarheid van bestuur moest binnen de twee jaar omgezet worden in wetgeving binnen de lidstaten. Pas in oktober 2016 leidde dat in Brussel tot de ordonnantie Open Data. Die gaat over actieve openbaarheid van bestuur: alle documenten die door een administratie worden beheerd, moeten voortaan gepubliceerd worden op een website. Dat is nu totaal niet het geval.” “Erger nog staat het met de trans-
Christophe Van Gheluwe Mede-oprichter van Transparencia.be
“Wij vragen dat alle beleidsdocumenten en de bezoldigingen en nevenfuncties van politici openbaar worden gemaakt”
parantie over en vermindering van bestuursmandaten in intercommunales en pararegionale instellingen, die minister-president Vervoort opnieuw beloofde na de druk van afgelopen week. Lijsten met de vergoedingen van Brusselse openbare mandatarissen zouden eigenlijk al in 2006 moeten gepubliceerd zijn: toen keurde het Brusselse parlement daar een ordonnantie over goed. We wachten daar al meer dan tien jaar op.” “Vanuit die frustratie zijn we met Transparencia.be begonnen. Wij vragen dat alle beleidsdocumenten en de bezoldigingen en nevenfuncties van politici nu meteen openbaar worden gemaakt. In oktober 2016 vroegen we bijvoorbeeld alle openbare huisvestingsmaatschappijen naar de attesten rond brandveiligheid en conformiteit van de elektrische en gasinstallaties, lang voor de grote brand in een sociaal woonblok in Schaarbeek. Nog geen enkele maatschappij heeft geantwoord.” “Een andere grote vraag: welke vzw’s krijgen subsidies van gemeenten en het gewest, hoeveel en met welk doel? Dat is zelfs onze parlementsleden niet duidelijk.” “De regering-Vervoort bewijst graag lippendienst aan transparantie en openbaarheid van bestuur, maar doet niets concreets. Tot nu toe weigerde minister-president Rudi Vervoort elke vorm van transparantie, zelfs als hij wettelijk verplicht is om die te geven,” zegt Van Gheluwe. “Zo vroegen we aan alle bewindslui om ons een volledige lijst te geven van al hun huidige en voormalige kabinetsmedewerkers. We moesten heel wat druk zetten, ook samen met het weekblad ‘Le Vif/L’Express’, maar uiteindelijk hebben de meeste ministers de informatie doorgegeven. Alleen meneer Vervoort en staatssecretaris van Openbare Netheid Laanan (PS) weigeren koppig om die lijst van voormalige kabinetsmedewerkers vrij te geven.” Sara De Sloover
14 I BRUZZ 1557 I Donderdag 9 februari 2017
VADROUILLE Theater Tint maakt improvisatietheater met Brusselse jongeren
DE SHOW
en hoe hem te stelen Wat als je zes Brusselse jongeren op sleeptouw neemt om een theatervoorstelling te maken waarin ze een personage moeten neerzetten dat zichzelf moet verkopen aan het publiek? In welke mate neemt de fictie dan een loopje met de werkelijkheid, en vice versa?
W
ie wil zien hoe zes Brusselse jongeren alles uit hun kastje halen om deel te kunnen nemen aan een televisieprogramma waarin hun leven 365 dagen lang 24 uur op 24 gestreamd wordt, moet vrijdag naar De Kriekelaar. Daar wordt u als toeschouwer zelfs uitgenodigd om te stemmen op één van de kandidaten. Althans, dat is het uitgangspunt van de theatervoorstelling Sjow, die speelt met de vervagende grenzen tussen fictie en realiteit. De Brusselse theatermakers Elke Gryson en Eline George van het jongerengezelschap Tint maakten het stuk samen met zes Brusselse jongeren die ze eerst bevroegen over hun leefwereld om dan al improviserend en schrijvend tot een opmerkelijk eindresultaat te komen. En niet alleen het eindresultaat is opmerkelijk. Ook het hele repetitieproces leerde de twee makers heel wat over hoe de generatie jongeren net onder hen in het leven staat. Eline George studeerde aan de Toneelacademie Maastricht en Elke Gryson aan het Lemmensinstituut (nu Luca School of Arts). Samen vormen ze Tint, dat theater maakt met jongeren, maar volwassenen evengoed tot het doelpubliek rekent. Zo is Sjow vrijdag in De Kriekelaar zowel als schoolvoorstelling te zien als als gewone avondvoorstelling voor een breed publiek. De repetities voor het project begonnen in januari 2016, na audities waar uiteindelijk zes jongeren van overal in Brussel uitkwamen. Inspiratiebronnen waren de film The Truman Show (uit 1998, waarin het
hoofdpersonange zonder het te weten centraal staat in een tv-realityshow) en het VPRO-programma Super stream me, waarin twee mannen veertien dagen lang hun privacy opzeggen en zich overal laten filmen. Elke Gryson: Het gaat over de grens tussen fictie en realiteit en wat dat betekent in het theater. Wanneer ben je ‘echt’ op het podium en wanneer ‘niet’? Hoe kan je mensen misleiden? En hoe de illusie weer doorbreken? Het gaat ook over hoe ver je kan gaan in het blootgeven van jezelf en je kwetsbaarheden. Langs de ene kant willen de personages hun kwetsbare kant laten zien, langs de andere kant willen ze de schijn ophouden dat alles heel goed met hen gaat. Eline George: De personages solliciteren alle zes naar een plek in Super stream me. Het publiek krijgt een flyer die uitnodigt voor de persvoorstelling van de kandidaten waarvan zij er eentje mogen uitkiezen. Degene die wint, zal een jaar lang met de camera worden gevolgd. De personages gaan dus eigenlijk in op een uitnodiging om in een fake wereld te gaan leven. Daarom laten ze tijdens de voorstelling ook een fake kant van zichzelf zien. Gryson: Bij het creëren van de personages lieten we de jongeren bepaalde zaken uit hun eigen leven inbrengen, waardoor autobiografie vermengd raakt met fictie. Ze improviseren ook tijdens de voorstelling zelf, zodat het publiek niet goed weet wat ingestudeerd is en wat niet. Om als jongere op een podium te improviseren moet je wel al sterk in je schoenen staan. Gryson: Dat is het werk geweest van de maandenlange repetities. Ze
moesten durven op de scene staan zonder een typetje te spelen. Dat kunnen ze nu heel goed door het werk dat we er hebben ingestoken. Hoe zag dat repetitieproces eruit? George: We hebben heel veel materiaal gehaald uit gesprekken, improvisaties en teksten die de jongeren zelf geschreven hebben. Met dat materiaal zijn wij twee aan de slag gegaan. Uiteindelijk zijn de spelers fier op de voorstelling. En terecht, want ze spelen heel goed. Ze hebben zelfs speciaal leren tapdansen. Maar dat resultaat kwam er wel pas na vallen en opstaan.
een bepaald doel te bereiken wordt schaamteloos gedaan en ook getolereerd. Dat lijkt wel de nieuwe conventie. George: Misschien is dat wel iets typisch voor jongeren in de grootstad. Zij hebben allemaal al veel meer meegemaakt dan wij vroeger op die leeftijd. Het tempo waaraan ze opgroeien ligt veel hoger. Naïef zijn ze niet meer en ze kennen weinig schaamte. Toen we hen tijdens de voorbereiding vroegen naar de meest gênante situaties die ze al hadden meegemaakt, kwamen ze allemaal met ongelooflijke verhalen af over dingen die ze al hadden uitgespookt.
Hoezo? George: Het is ons eigenlijk pas kort voor de première gelukt om echt allemaal samen te repeteren. Tot dan was het nogal moeilijk om hen hun afspraken te doen naleven.
“Je beter voordoen dan je in werkelijkheid bent om een bepaald doel te bereiken lijkt de nieuwe conventie” Elke Gryson
Te drukke agenda? Gryson: Ze waren voortdurend overal met vanalles bezig zodat ze de repetities dikwijls uit het oog verloren. Of dan kwamen ze een halfuur te laat aanwaaien met een broodje dat ze nog eerst moesten opeten. Allemaal erg à l’aise. George: In die zin zijn de rollen in het stuk echt wel op hun lijf geschreven. Net als hun personages zijn ze getalenteerd en zitten ze vol energie, maar ze zijn ook nogal ijdel en een beetje losgeslagen, en ze hebben niet altijd veel oog voor de groepsdynamiek. Gryson: Je voelt aan die jongeren dat ze allemaal heel erg bezig zijn met hoe ze overkomen en hoe ze zich kunnen positioneren ten opzichte van elkaar. Ze zijn nu al volop aan het netwerken. Met wie en wat ze later willen worden en met wie ze daarvoor nu al contact moeten hebben. Ze willen allemaal scoren. En daar gaat de voorstelling ook over. Hoever ga je in het tonen van jezelf om de show te kunnen stelen, en in welke mate doe je dat ten koste van de anderen. Je beter voordoen dan je in werkelijkheid bent om
Hebben jullie zelf dan ook iets geleerd van dit avontuur? George: We hebben geleerd om zelf ook iets flexibeler te werken, en om de jongeren in het vervolg misschien sneller een concreet einddoel voor te spiegelen tijdens de repetities. Ze zijn namelijk heel resultaatgericht, en als er niet snel een resultaat is, dan haken ze af of vinden ze het saai. Je voelt voortdurend dat ze niet goed weten of ze zich nu voluit moeten engageren of toch maar iets anders moeten gaan doen. Ze hebben weinig houvast om te bepalen wat ze nu willen. En als je hen houvast aanbiedt, zoeken ze toch liever hun eigen weg. Want ze kunnen niet zo goed om met gezag. Al hebben ze nu wel gezien dat zo’n werkproces iets kan opleveren als je ervoor gaat. Nu ze zien wat we samen hebben bereikt, is hun respect gegroeid. Michaël Bellon
>
Sjow door Tint vzw, vrijdag 10 februari om 20 uur in De Kriekelaar, Gallaitstraat 86, Schaarbeek, 02 245 75 22 Tickets €8 / €5 jonger dan 21/ €2 Paspartoe kansentarief www.dekriekelaar.be
Donderdag 9 februari 2017 I BRUZZ 1557 I 15
Eline George (achter):
“Het tempo waaraan jongeren in de grootstad opgroeien ligt veel hoger. Naïef zijn ze niet meer en ze kennen weinig schaamte.”
© NAAM FOTOGRAAF
16 I BRUZZ 1557 I Donderdag 9 februari 2017
ENFANT TERRIBLE teresa sdralevich
illustratrice en afficheontwerpster
De benadering van kunst is hier zo verschillend van die in Italië”
© SASKIA VANDERSTICHELE
Mijn naam komt uit Slovenië, maar ik ben Italiaanse. Als dochter van een universitair stond het vast dat ik hetzelfde lot beschoren was. Dus haalde ik mijn diploma Politieke Wetenschappen aan de universiteit van Bologna. Mijn interesse voor illustratie is begonnen bij de liefde voor kinderboeken. Op mijn 25ste kwam ik naar Brussel en begon ik illustratie: grafische vormgeving aan La Cambre. Maar die studie heb ik niet afgemaakt. Je kan dus wel zeggen dat ik een selfmade woman ben. Ik ben blijven plakken in Brussel. Het was liefde op het eerste gezicht met deze gekke stad met al zijn tegenstellingen. De benadering van kunst is hier zo verschillend van die in Italië. Daar wordt er bijna uitsluitend naar kunst gekeken, er zijn amper nog academies waar je in je vrije tijd zelf kunst kan maken. Alle zeefdruk- en andere oude technieken zijn door de jaren heen verloren gegaan. In Brussel hangt er wel het juiste creatieve klimaat. Al werk ik nog vaak samen met mijn thuisland. Ik maak tekeningen voor een Italiaans vrouwenweekblad, ik illustreer boeken en heb af en toe een tentoonstelling.
De titel van de nieuwe expo is Signaale, een woord dat niet bestaat. Daarbij ga ik te werk met signalisatiekleuren, kleuren van verkeersborden waar ik altijd al een grote voorliefde voor had. Ik ben een overtuigd fietser. Maar het is niet altijd even gemakkelijk om je een weg te banen door deze stad. De affiche van de tentoonstelling is een soort manifest voor de fiets geworden. Mijn affiches getuigen van humor en engagement. Aan de expo is een atelier gekoppeld waar iedereen terechtkan. Ik wil kinderen en volwassenen toegang geven tot een communicatiekanaal dat anders is dan datgene waarmee ze vertrouwd zijn. We hebben nooit geleerd om echt naar beelden te kijken of ze te begrijpen. Er zijn veel mensen met goeie ideeën die enkel wachten op de goeie vorm om ze te communiceren. Met workshops wil ik hiervoor een oplossing aanreiken. Het is fantastisch om te zien hoeveel potentieel er in mensen zit. Posters zijn een krachtig medium om te communiceren omdat ze een niet-exclusief karakter hebben. Bovendien zit er een radicaliteit in mijn werk, die er als een rode draad wellicht
“ Ik wil mensen toegang geven tot een ander communicatiekanaal” altijd zal doorlopen. Mijn grote droom is om ooit een postzegel te ontwerpen. Ik wacht op een telefoontje van de Belgische post. Het lijkt me fijn om via deze drager illustratie toegankelijk te maken voor een groter publiek. Soms kan ik voor een opdracht gedurende twee weken niets op papier zetten maar speelt alles zich af in mijn hoofd. Uit ervaring weet ik dat je soms door niet te ‘werken’ sneller vooruitgaat. Hoe contradictorisch dat ook klinkt. Soms weet je niet waar je naartoe aan het werken bent. Maar ik schrijf continu veel op: ideeën, woordspelingen, associaties. En dan komt er een klik en kneed ik alles samen tot het perfecte pizzadeeg. Ik heb het nodig om me terug te trekken in mijn atelier, ver weg van
Teresa sdralevich (47) is een Italiaanse illustratrice, zeefdrukster en afficheontwerpster die al ongeveer twintig jaar aan Brussel verknocht is. Haar affiches zijn vaak op een humoristische, eenvoudige manier met een manifest of boodschap doorspekt. www.teresasdralevich.net
het geroezemoes van de stad. Tegelijk heb ik de stad heel hard nodig. Op het platteland zou ik verloren zijn. Ik kijk veel naar mensen op straat, ik heb altijd een schetsboekje bij. Maar ook het geluid, opschriften of situaties inspireren en stimuleren me. Mijn andere passie is pingpong. Ik denk dat het plaatsen van pingpongtafels in de voetgangerszone een van de meest positieve dingen is die de stad de afgelopen jaren heeft gedaan. Rond zo’n tafel vind je alle mogelijke profielen: verschillende nationaliteiten, leeftijden, sociale klassen. Ik vind dat ongelooflijk. Al mogen er voor mij nog wat meer vrouwen een pingpongpallet in de hand nemen. Meer pingpongtafels en minder auto’s. Bij pingpong ga je een tête-à-tête aan met je tegenspeler en ontstaat er een dialoog zonder woorden. Hilke Andries
>
Signaale van 10 februari tot 11 maart 2017 in het Huis van Culturen en Sociale Samenhang van Sint-Jans-Molenbeek.
Donderdag 9 februari 2017 I BRUZZ 1557 I 17
ADVERTENTIE
NICK TRACHET Brussel en de wereld culinair ontdekt
Wintersprot 17–20 FEB 2017 “Bij het begin van het sprotseizoen op 1 november werd de eerste vangst aangeboden aan de koning”
Er is ons de laatste jaren veel verteld over vergeten groenten. Maar weet je dat er ook vergeten vissen zijn? Er zijn er wel een paar. De meivis bijvoorbeeld. En de kwabaal. Die zijn niet alleen vergeten, maar ook verdwenen. De meivis, ook elft en fint (Alosa spp.), is een superharing die vroeger - in mei - in groter getale de Zeeschelde op trok om te paaien. Er waren er zoveel dat de vissen ‘s nachts een hels lawaai maakten voor Mariakerke en Bornem. Met de verwaarlozing van onze rivieren omwille van de industrie zijn deze lekkere maar gratige vissen verdwenen. Sinds een aantal jaren worden ze weer gesignaleerd. Het gaat vooruit met onze viswateren. De kwabaal (Lota lota) is een ander verhaal. Dit is het enige lid van de kabeljauwfamilie dat in zoet water leeft. Ooit was deze vis, en vooral zijn lever, voorbehouden voor de tafel van koningen en prelaten. Maar ook de kwabaal is verdwenen. Hij is in WestEuropa zelfs zodanig vergeten dat zijn Franse naam, la lotte, over is gegaan op een zeevis die normaal in het Frans baudroie heet. Om marketingredenen heeft men de zeeduivel deze koninklijke titel van lotte verpatst, maar beide vissen zijn op geen enkele manier verwant. Kwabaal wordt nu door de Vlaamse overheid gekweekt in Linkebeek en uitgezet in de oppervlaktewateren. Zijn uitsterven in onze streken zou aan de klimaatsverandering liggen. De opwarming is al tienduizend jaar bezig. In het wild leven er nog kwabalen in Rusland en Scandinavië. En dan is er de sprot (Sprattus sprattus), ooit de Nationale Vis van België. Tot de jaren zestig van de vorige eeuw stonden tussen Brugge en De Panne tientallen sprotfabriekjes. Eerst werkten die met de vangst van onze vissers, maar al voor de Eerste Wereldoorlog begon men diepvriessprot te importeren uit Zweden en Noorwegen. Omdat de vraag zo groot was. Bij het begin van het sprotseizoen op 1 november werd de eerste vangst aangeboden aan de koning. Maar de aanvoer nam af. Er zat geen sprot meer voor de kust, zei men. Of waren er andere, meer lucratieve vormen van visserij opgedoken? De sprot is een lid van de haringfamilie die niet groter wordt dan zo’n vijftien centimeter. Hij leeft in grote scholen die hier in de winter bij de kust komen. Bijvoorbeeld in de Schelde. Enkele weken geleden werd ik gevraagd om mee sprot te gaan vissen met de laatste sprotvisser uit onze buurt,
de Zeeuw Job Bout uit Tholen. Hij heeft een comfortabele vissersboot waarmee hij seizoensproducten aanvoert, kreeft en harder in de zomer, sprot in de winter. Hij vist op sprot met een ankerkuil, dat is een trechtervormig net dat in de stroom wordt gehangen terwijl de boot voor anker ligt. Passief vissen heet zoiets. De motor ligt af, het getij doet al het werk, het net filtert de vis uit het water. Zo’n manier van vissen heet ‘duurzaam’: het net beroert de bodem niet, de boot verbruikt geen brandstof tijdens het vissen en de visbestanden van sprot worden nauwelijks aangetast. Want er zit véél sprot in het water! We voeren op de Oosterschelde en ik keek mijn ogen uit op het echolood, de ‘fish finder’ die elke moderne visser bij heeft. Tussen bodem en oppervlak zag je rood oplichtende wolken vis, miljoenen moesten het er zijn. We ankerden en zetten het net uit. Na een half uurtje haalden we honderden kilogram vis boven, allemaal sprot. Geen enkele bijvangst, op één verloren gezwommen daurade royale (goudbrasem) na. Over zuivere vis gesproken! Maar wat is nu het probleem? Onze groothandels en vishandelaren kennen geen verse sprot meer. Zij kopen de gerookte filets van grote fabrieksrokerijen en zouden zelfs niet weten wat te doen met verse sprot. Dus wil niemand ze kopen. En zo vist Job Bout slechts een paar uur per dag, tot hij genoeg bijeen heeft voor de paar bestellingen die er zijn. Ga naar uw visboer en vraag hem om verse sprot in te doen. Zeg dat ze het aan Job Bout moeten vragen. Het is nu in februari nog het seizoen, maar met de lente verdwijnen de scholen sprot weer naar zee (en komt de ansjovis). Wat u ermee moet doen? Zo weinig mogelijk. De schubben zijn er bij het zeven en verpakken al afgevallen. Even spoelen misschien, droog deppen, door de bloem halen en bakken in een ruime hoeveelheid olie. Of in een schotel leggen en in een hete oven steken voor een paar minuten. Verse, verse vis. Streekproduct, seizoensproduct (“l’esprot nouveau est arrivé!”). Alles wat in de mode is. En als het te laat is voor deze winter, denk er dan aan in het najaar. Smakelijk.
De hele reeks nalezen? > BRUZZ.be/trachet
TO U R & TA X I S , B R U S S E L S
TAKE ART HOME A F F ORDABL E A RTFA I R . CO M
18 I BRUZZ 1557 I Donderdag 9 februari 2017
Gastronomie Franse geoloog stort zich in bakavontuur
Cyril en de koekjesfabriek Er zijn meer smaken dan vanille, citroen en chocola. De jonge Parijzenaar Cyril Beneche maakt met zijn eenmanszaak Mad Lab koekjes voor volwassenen met ingrediënten als gember, zwarte sesam en rozemarijn. “Ik ben vertrokken voor een avontuur van 5 à 10 jaar.”
D © SASKIA VANDERSTICHELEN
ROCK-’N-ROLL
Voor de namen van zijn pittige koekjes haalt Beneche inspiratie bij zijn favoriete rocknummers.
>
www.madlab.rocks
ADVERTENTIE
e naam van zijn bedrijf roept het beeld op van een gekke professor die in zijn laboratorium bizarre experimenten uitvoert. De deegrol is zijn geheime wapen, blijkt uit het logo. Beneche glimlacht terwijl hij in Exki aan de Beurs zijn middagbroodje binnenspeelt. “Traditionele koekjes zoals die van Maison Dandoy kunnen heel lekker zijn, maar ik wil graag nieuwe smaken ontwikkelen. Ik richt mij niet op kinderen, maar op volwassenen die iets nieuws willen uitproberen.” Hij wijst op de grappige spreuk op de verpakking: “Buiten bereik van uw kinderen houden.” Sinds een half jaar is hij aan de slag als koekjesbakker. Vier originele smaken telt zijn assortiment: zwarte sesam en gekonfijte citroen, roze peper en clementines, gekonfijte citroen, rozemarijn en hazelnoten en gekonfijte gember en walnoten. De namen verwijzen naar songtitels van geliefde rockgroepen van vroeger en nu, zoals ‘Sex on fire’ en ‘Red morning light’ van Kings of Leon en ‘Nice boys’ van Guns N’ Roses. “En ‘Antisocial’ is een maffe punkrockklassieker van de Franse band Trust uit 1980. Het past uitstekend bij het rock-’n-rollimago van mijn koekjes.”
Co-oking
S OCIALE V ERHUURKANTOREN (SVK) V E R H U U R U W G O E D ZO R G E LO O S Het SVK garandeert : = een stipte huurbetaling = een degelijk verhuurbeheer = het ouderhoud van uw woning = hulp bij renovatie = fiscale voordelen
www.fedsvk.be - 02 412 72 44
De productie vindt plaats in de coworkingkeuken van Co-oking in Anderlecht. “Zeker als beginner is het heel praktisch om de gedeelde infrastructuur te kunnen gebruiken om de koekjes te bakken en alle producten te bewaren.” Intussen vind je hem er twee dagen per week. Hij bewerkt zelf de biologische basisingrediënten en snijdt de koekjes uit het deeg. “Alleen al om vijftien kilogram gekonfijte citroen te maken, ben ik snel drie uur per week bezig.” Ook andere taken zoals de verpakking, levering, administratie en marketing neemt hij voor zijn rekening. “Ik heb geen idee hoeveel uur ik in totaal werk, maar ik ben graag mijn eigen baas.” De inspanningen beginnen vruchten af te werpen, want in de kerstperiode liepen de za-
“Ik heb geen idee hoeveel uur ik in totaal werk, maar ik ben graag mijn eigen baas” Cyril Beneche
ken erg goed. In december produceerde Beneche 160 kilogram. Hij heeft nu een twintigtal afzetkanalen in Brussel, zoals de biowinkels van Färm, de supermarkt voor Belgische producten Belgomarkt, de buurderijen van La Ruche qui dit Oui en de webwinkel voor korteketenproducten eFarmz. Voor een pakje van 125 gram betaal je ongeveer 5 euro.
Down Under Als we de tijd enkele jaren terugdraaien, leek niets erop te wijzen dat Beneche de mensheid zou verblijden met pittige koekjes. Achter het brein van Mad Lab gaat namelijk een wetenschapper schuil. In 2010 studeerde hij in Bordeaux af als geoloog en in 2012 werkte hij voor de mijnbouwindustrie in WestAustralië. Tot de crisis toesloeg in de sector en hij zijn baan verloor. Aangezien voeding hem altijd geboeid heeft, heroriënteerde hij zich in die richting. Hij specialiseerde zich in patisserie. Zijn eerste grote leermeester was Guillaume Gil van het Parijse theesalon Colorova. “Ik had nog geen benul van bakken en leerde het vak bij hem. Zijn taart met zwarte sesam en citroenmousse is een ware smaakbom.” In Brussel ging hij daarna aan de slag bij de Franse speciaalzaak Eclairs & Gourmandises. De sympathieke 31-jarige Fransman woont intussen anderhalf jaar in de Belgische hoofdstad. Hij apprecieert de hoge levenskwaliteit en prijst het grote culturele aanbod en de interessante architectuur in de betrekkelijk kleine stad. Het groene en rustige karakter van zijn woonplaats Ukkel bekoort hem. Enkel het wisselvallige weer staat hem soms tegen. Misschien wel het belangrijkste verschil met Parijs: “De Belgen zijn over het algemeen aangenaam in de omgang. Ze nemen zichzelf niet zo serieus, zijn vriendelijk en relaxed.”
Mosterdkoekjes Wat brengt de toekomst voor Mad Lab? “Ik zou in de lente graag een hartig assortiment lanceren. Zwarte komijn, draf (een restproduct van het brouwproces) en graanmosterd zijn mogelijke smaakmakers. En tegen het einde van het jaar zou ik uit de kosten willen geraken.” Om de productiviteit te verhogen wil hij investeren in een koekjesvormmachine. Daarvoor plant hij binnenkort een crowdfundingcampagne. Co-oking wil hij op termijn inruilen voor een eigen atelier. Een terugkeer naar de geologie is niet voor binnenkort. “Ik heb me nu in dit avontuur gestort en wil daar de komende 5 à 10 jaar alles voor doen. Al heb ik niet de ambitie om de omzet te halen van de Franse koekjesproducent Michel et Augustin.” Tom Van Bogaert
Donderdag 9 februari 2017 I BRUZZ 1557 I 19
ADVERTENTIE
Laptopia Elke week scant Michaël Bellon met zijn laptop een plek in Brussel die tot de verbeelding spreekt, en geeft hij aan wat er eventueel nog aan kan verbeteren.
Wetstraat woensdag 25 januari, 13.30u Je kan met de fiets Sint-Anna-Pede binnen bollen, met de trein het station van Antwerpen in rollen, met de boot Venetië binnenvaren, of met het vliegtuig Manhattan benaderen. Maar waarom zou je dat doen, als je ook gewoon met de auto Brussel kan binnenrijden via de Wetstraat? Het is de ideale binnenkomer in onze hoofdstad, een kickstart voor een eurocentrische citytrip. Zie je de lichtjes van de Wetstraat, ‘t is of je de stad in de ogen kijkt. Een groene golf brengt je samen met een enthousiaste menigte andere automobilisten tot vlak bij onze instellingen, waar koning en premier klaarstaan om je portier persoonlijk te openen. Dat er op de Wetstraat nog wat scheve verkeersborden staan die aangeven dat dit een voorrangsweg betreft, is natuurlijk een geintje. Dwarsverkeer durft zich hier al een tijdlang niet meer te vertonen. Dat de verkeerslichten voor de afwisseling af en toe toch eens op rood springen, en dat er wel eens een pakjesbezorger doodleuk op één van de vier rijvakken parkeert, zijn alternatieve feiten die de pret niet kunnen drukken. Zwaai al slalommend en claxonerend naar de rode sightseeingbus die zich in het gewoel heeft laten meezuigen. Vergelijk de speelse manoeuvres op dit stuk stadsautostrade met die op de startgrid van een Formule 1-wedstrijd. Of met de laatste rechte lijn naar de eindstreep van een lange rit in een wielerwetstraat, waar supporters op het asfalt de namen van hun favorieten TTIP en CETA hebben gekalkt, en Europese vlaggen rond hun stokje draaien tot je sterretjes ziet. Maar kijk vervolgens toch ook eens naar de ambtenaren die tijdens hun lunchpauze slechtgemutst de barre omstandigheden trotseren op zoek naar een broodje in plastic, en stel vast dat we geen artificiële intelligentie nodig hebben om de mens het te laten afleggen tegen de machine. Als katten hollen de Wetstratezen naar de overkant om daar een hok binnen te
glippen waar ze kunnen eten en drinken naast een collega die ze niet kennen. Daarna gaan ze weer aan het werk, want iets anders zit er niet op. Een uitweg is er niet, of het zou het gevaarlijke metrostation Maalbeek moeten zijn. De triomfboog in het Jubelpark suggereert licht aan het einde van de tunnel, maar is erg ver weg. De paar EU-bedelaars die het trottoir bezetten zijn er in ieder geval nog niet geraakt. Bedelen in de Wetstraat moet zowat het toppunt van miserabilisme zijn, toch ligt hun pet voornamelijk fijn stof te vergaren. Nog op het voetpad: trolleys die gedwee over de grauwgele klinkers kletteren. Degene die zich verwijderen, rollen opvallend sneller dan degene die aankomen, en nog bezig zijn zich te verwonderen over de leef- en werkomstandigheden waarmee ze het de komende dagen zullen moeten doen. Want er is ook een hotel met zicht op de autozee. Dat zit ergens verstopt achter één van de postmoderne gevels van nepmarmer en pvc, die er allemaal op een verschillende manier hetzelfde uitzien. Zou een onuitgeslapen medewerker van CD&V al ooit per abuis bij de buren van Scientology zijn beland? Zit er wel eens een trol van Touring op schoot bij minister van Leefmilieu Marie Christine Marghem? En zou de malaise bij genoemde organisaties niet te maken hebben met het deprimerende kader van de werkplek? Ook de koperen plaatjes op de gevels van andere agentschappen die er iets van proberen te maken, spreken niet tot de verbeelding. En voor de rest staat alles leeg. Er is al heel wat to let of à louer in de Wetstraat en toch wordt er nog naarstig leegstand bijgebouwd. Opmerkelijk hoeveel energie er nog door deze versleten smeerpijp stroomt.
“Zou een onuitgeslapen medewerker van CD&V al ooit per abuis bij de buren van Scientology zijn beland?” Michaël Bellon
De hele reeks nalezen? > BRUZZ.be/laptopia
Tournée Minérale: ook Lidewij Nuitten doet mee! “Hoeveel drink je gemiddeld per week?” De alcoholcalculator op de website van Tournée Minérale windt er geen doekjes om. De vraag doet mij meteen denken aan een radiobericht dat mij een tijdje geleden lichtjes kippenvel bezorgde. Een vrouw zou maximum zeven glazen alcohol per week mogen drinken, klonk het toen. Ik denk dat ik alleen de avond daarvoor al aan het dubbele zat. Maar goed, niet flauw doen en eerlijk invullen, die handel. Pintjes: 7 ofzo? Sterke bieren en cocktails: lang niet elke week. Maar laat ons ter compensatie van al die zwoele gin-tonic avonden en die occasionele kroegentochten toch maar 1 zeggen. En dan nog wijn: Ik kan mij alleszins toch niet veel etentjes met vrienden zonder wijn herinneren… Waar is het dan toch fout gelopen, hoor ik mezelf afvragen zonder al te dramatisch te willen klinken. Ik vind het antwoord meteen: op 26 september 2010! De dag waarop ik het landelijke Lier ruilde voor het bruisende Brussel. En dus ook de dag waarop ik mijn ice-tea op café, prompt inruilde voor een pintje. Ik was achttien en een wereld ging voor mij open: eentje van kroegentochten en studentenfeestjes. Op zich is dat allemaal niet zo erg. Want toegegeven: een studententijd zonder occasionele kater als constante, is toch geen echte studententijd. Wat mij wel een beetje zorgen baart, is dat het na mijn studententijd precies alleen maar steviger geworden is. Een avondje met de collega’s, een uit de hand gelopen etentje, een afscheidsdrink, op den duur wordt bijna elke gelegenheid een excuus om te drinken. En wat mij nog meer zorgen baart is de gewenning van mijn lichaam. Tijdens mijn studententijd werd ik lang uitgelachen omdat ik na anderhalf pintje al zat was. Een limiet die nu vier keer zo hoog ligt. Nu, voor je denkt dat ik een gigantische alcoholverslaving heb: geen paniek. Ik drink mezelf niet lazarus in de zetel na het werk. Het probleem zit ‘m niet zozeer in de drang naar alcohol. Voor mij is het vooral de sociale aanvaarding en zelfs aanmoediging, waar ik moeite mee heb. Het valt mij elke keer weer op hoe moeilijk ik het vind om nee te zeggen. “Allez, doe niet flauw”, “Je kan toch ééntje meedrinken?” “Wat scheelt er misschien?” Want “komaan, wat is het toch gezellig om samen te pintelieren.” En net dat is voor mij de paradox van het hele verhaal. Vergelijk het met suiker: die stof geeft massa’s energie. En toch zegt bijna iedereen die stopt met suikers te eten hetzelfde: “ik heb nog nooit zoveel energie gehad.” Wel, met alcohol is het net zo. Deze zomer ben ik naar Spanje gefietst en heb ik onderweg geen druppel alcohol aangeraakt. De intensiteit van de happiness tijdens mijn detoxperiode lag een pak hoger. Laat nee zeggen dus mijn uitdaging zijn voor februari. Want in je eentje op een fiets is het gemakkelijk om niet te plooien, als niemand je iets voorstelt. Met al twee partyweekends en drie leuke feestjes en zelfs mijn verjaardag op de agenda, ziet deze maand er al een stuk moeilijker uit. Moeilijk, maar niet onmogelijk! 60 euro en 6432 calorieën zou ik mezelf trouwens besparen volgens de alcoholcalculator. Ik ben er klaar voor, jij ook?
20 I BRUZZ 1557 I Donderdag 9 februari 2017
KICKBOKSen Mohamed Boulef verdedigt zijn gordel als ISKA-wereldkampioen
‘Spanjaarden noemden me El Killer’ SINT-JANS-MOLENBEEK – Mohamed Boulef (24) gaat recht op zijn doel af. Hij heeft al twee wereldtitels in het kickboksen op zak en wil meer. Veel meer: de absolute nummer één worden. Dat Molenbeek achter hem staat, sterkt hem. Boulef beseft dat hij een voorbeeld is en gaat die rol niet uit de weg. Hij geeft les aan jonge ketjes en wil op termijn zijn eigen club uitbouwen.
Mohamed Boulef - Geboren op 2 februari 1992 - Wereldkampioen kickboksen ISKA in 2013 - Wereldkampioen full contact WRSA in 2015 - Verdedigt ISKA-gordel op 19 februari
naam te maken. Vechtsporten zijn er veel groter, voor velen is het een godsdienst.” “Mijn trainer krijgt elke maand voorstellen voor gevechten, maar we gaan er niet altijd op in. Je moet niet zomaar om het even wat aannemen, je moet er goed over nadenken. Ik heb al drie keer in China gevochten en heb telkens gewonnen tegen de beste lokale kickboksers. Dat opent deuren voor de toekomst.” De volgende afspraak heeft Boulef volgende week in Japan. Hij verdedigt op 19 februari voor het eerst zijn gordel van de ISKA-federatie, tegen een lokale bokser. Ondanks de sterke tegenstand heeft hij er vertrouwen in dat hij zijn titel kan behouden. “Ik weet dat ik niet onoverwinnelijk ben, maar ook hij is dat niet. Het maakt me niets uit dat het bij hem is, ik boks toch meestal op verplaatsing. Mijn trainer en ik, samen tegen de rest. Het publiek is dus meestal tegen mij (lacht). Mijn publiek blijft in België, maar de vele berichten die ik van vrienden en familie krijg als ik in het buitenland vecht, motiveren me.” “Mijn ambitie is de beste van de wereld te worden. Nummer één. Of dat mogelijk is? Alles is mogelijk. Je moet goed trainen en een goede entourage hebben. Ik weet dat mijn vuistenwerk beter moet en daar werk ik aan. Ik volg bokslessen en hoop ook daarin eens een kamp te kunnen vechten. Om het eens te proberen. We zien dan wel tot waar me dat leidt. Mijn beste jaren komen er alleszins nog aan.”
Bedrijfsbeheer
MOHAMED BOULEF. “Mijn ambitie is de beste van de wereld te worden. Nummer één. Of dat mogelijk is?
H
© AMIN BENDRISS
Alles is mogelijk. Je moet gewoon goed trainen en een goede entourage hebben.” et is Mohamed Benyaich die mij heeft aangeraden om te gaan kickboksen,” vertelt Boulef. “Ik leerde hem kennen in de sportzaal waar ik karateles gaf. Hij gaf kickboksles na mij. Ik volgde zijn raad op en ben er meteen vol voor gegaan. Vier maanden later stond ik al voor het eerst in de ring.” Dat lijkt een zeer korte periode om met competitie te beginnen, maar Boulef had de jaren ervoor al heel wat ervaring vergaard. Hij begon op zijn zesde met karate en schopte het in tien jaar tijd tot de bruine gordel. In die periode werd hij gevormd en kreeg hij belangrijke waarden als discipline en respect mee. Die hielpen hem bij het kickboksen, waarin hij meteen een te duchten tegenstander bleek te zijn. “Mijn eerste gevecht was in de D-klasse, in het Zuidpaleis. Ik won er met ko. Omdat ik uit het karate kom, zijn mijn benen mijn grote troef. Dat is ook vandaag
nog mijn specialiteit. Ik bleef die tegenstander toen maar aanvallen met kicks en hij is uiteindelijk gezwicht.” “Wat op mijn zestiende gewoon een passie was, werd iets waarin ik professioneel wou worden. Mede dankzij dat eerste gevecht, want dat motiveerde me om nog harder te werken.” De Molenbekenaar kampte aanvankelijk vooral in België, op wat gevechten in Nederland en één net over de Franse grens na. Hij liet zich steeds gelden en bouwde een goede reputatie op. Hij kreeg zelfs de bijnaam El Killer. “Die kreeg ik van de entourage van een Spanjaard. Ik had hem met ko verslagen, na een backkick. Daarom noemden die Spanjaarden me El Killer en die naam zijn we blijven gebruiken.”
Vizier op Azië De opmars van Boulef leverde hem in 2013 de kans op om te vechten voor de gordel van wereldkampioen bij de International Sport Karate and Kickboxing Association (IKSA). Hij verving in Marseille een bokser die forfait moest geven en nam het op tegen de Fransman Kevin Escanez. “Ik heb hem met ko verslagen, in de
tweede ronde. Opnieuw dankzij mijn benenwerk. Escanez had mij goed bestudeerd en ving aanvankelijk mijn kicks goed op, maar mijn trainer had me aangeraden om mijn verdediging om te draaien, zodat ik kon aanvallen met mijn ander been. Dat gaf snel resultaat, want hij ging ko.” “Mijn tegenstanders kennen mij natuurlijk steeds beter. Heel wat gevechten staan op YouTube. Ze stemmen zich daarop af. Daarom werk ik hard om zowel links als rechts te kunnen verdedigen. Dat zie je niet vaak, het vraagt dan ook veel werk.” In 2015 mocht de Brusselaar een tweede gordel als de zijne beschouwen. Deze keer won hij een wereldtitel in full contact bij de World Ring Sports Association (WRSA), tijdens een gevecht in het Engelse Birmingham. In die discipline zijn kicks alleen toegestaan boven de gordel, maar dat is voor Boulef geen probleem. “Vandaag ben ik de beste kickbokser van zestig kilogram in België. Op internationaal vlak zit ik ook wel goed (trainer Mohamed Benyaich schat bij de dertig beste ter wereld, red). Mijn vizier is nu vooral op Azië gericht, daar moet je zijn om
Mohamed Boulef heeft ambitie, dat is zeker. En niet alleen als vechter. Hij weet dat hij voor heel wat ketjes uit Molenbeek een voorbeeld is en neemt die rol ter harte. Verschillenden onder hen volgen drie keer per week training bij hem in de Heyvaertzaal. Hij zou daar graag in doorgroeien. “Het Team Boulef groeit. Tijdens elke training is er minstens dertig man aanwezig en ik heb een vijftal poulains die goed vertrokken zijn. Zij moeten nog wat groeien om meer mogelijkheden te krijgen. Maar ze beseffen dat de trein vertrekt en dat ze die niet mogen missen (lacht). Ze zien dat ik kan reizen om te vechten en willen dat ook.” “Ik voel dat ik een voorbeeld ben voor hen. Ze zijn trots op mij en dat doet deugd. Het motiveert me om hen te helpen. Ik ben als een grote broer voor hen.” Dat Boulef vandaag prof is, heeft hij ook te danken aan sponsors. Dankzij hun steun krijgt hij de mogelijkheid om zijn limieten op te zoeken. Het is niet gemakkelijk, maar hij wil er niet over klagen en spreekt ambitie uit om ook buiten de ring iets neer te zetten. “Ik volg lessen bedrijfsbeheer en zou later graag een eigen zaal opzetten. Een zaal waar ik jongeren uit mijn buurt de kans kan geven om te trainen. Boksen in de ring doe ik voor mezelf, maar de trainingen daarbuiten geef ik om die Tim Schoonjans jongeren te helpen.”
“In Azië zijn vechtsporten veel groter, voor velen is het een godsdienst” Mohamed Boulef Kickbokser
Donderdag 9 februari 2017 I BRUZZ 1557 I 21
SPORTagenda
ESTAFETTE Waarde lezer Heden geen column. Ik ben gaan lopen. Dank u voor uw begrip.
vrijdag 10 februari waterpolo derby
Enkele jaren geleden was ik door een gerenommeerd sportmerk uitgenodigd in Milaan om een nieuwe lijn van loopschoenen en -kledij uit te testen. De fabrikant had voor de gelegenheid journalisten en bloggers uit heel Europa laten overvliegen, onder wie Andra, de sympathieke schrijfster van het boek ‘101 redenen om niet te sporten, maar het wel te doen’. Na het diner maakten we kennis. Zoals de titel van haar boek aangeeft, is de Nederlandse een kei in het weerleggen van uitvluchten om niet te sporten. “De enige smoes waar ik geen tegenargument kon voor bedenken,” vertrouwde ze me toe, “is als je kind ziek is.” Toen had ik zoiets van ‘dat zal wel’. Nu weet ik wat ze toen eigenlijk feitelijk bedoelde. Mijn huis is verworden tot een ziekenboeg. Ik verdrink in pampers met radioactief afval en schrik ‘s nachts wakker door een spervuur van reutelende kinderkeeltjes. De loper in mij moet inbinden voor de urgentie van het vaderschap. In mij borrelt een explosieve mix van bezorgdheid en frustratie. Maar wat is het dan dat mij zo kregelig maakt? Is het een gebrek aan endorfine? Is het het langzaam voelen afbrokkelen van die zo zorgvuldig opgebouwde conditie? Is het de rem op mijn persoonlijke vrijheid? Dat is voer voor sportpsychologen. Ik ben in deze maar het lijdend voorwerp. Ook nu. Dat ik nu met mijn half-afgetrainde krent aan de keukentafel zit om deze tekst uit mijn klavier te knijpen, impliceert dat ik niets anders aan het doen ben. Ik zou godverdomme de steilste helling van het Woluwepark moeten opzoeken, die vervolgens met toenemende snelheid omhoog lopen en mijn bovenbenen vol melkzuur pompen teneinde stevigere quadriceps te kweken, wat dan weer resulteert in een mooiere en efficiëntere loopstijl. Helaas, nu even niet.
BRAM VAN DE VELDE
Sportieve groet Bram
Die woorden. Niets meer. Evenwichtig uitgelijnd. Eventueel de foto wat groter. Of neen. Doe maar geen foto. Misschien zelfs geen klein berichtje. Uw krant eindigt vandaag gewoon met een wit vlak. Als alternatief voor de lap tekst die hier nu staat. Zeg eens eerlijk, zou u zich eraan storen? Zou u even hard balen als de spreekwoordelijke stekker wegens het abrupte einde van dit weekblad? Of zou u iets hebben van: sterk. Deze man verlegt de grenzen van de column-schrijverij en werkt bovendien nog aan zijn conditie. Soms vervloek ik de dag waarop ik ben beginnen te lopen. Een poging om het uit te leggen. In loopmiddens circuleert een spreuk die het goed samenvat. Komt ie: “I don’t run to add days to my life. I run to add life to my days.” Vrij vertaald: ik loop niet om langer te leven. Ik loop om te voelen dat ik leef. Met andere woorden: een dag niet gelopen is een dag niet geleefd. Een niet-loper snapt dat niet. Een niet-loper is daarom soms beter af. Het andere eind van het spectrum, de kant van de lopende zaken, is hem onbekend. Bijgevolg is ook de frustratie die zijn antipode ervaart als hij in zijn geliefkoosde activiteit gefnuikt wordt hem volkomen vreemd. Niet lopen maakt me pisnijdig. Het maakt van mij een lichtgeraakt, onhebbelijk ventje waarbij je zeker niet te dicht in de buurt moet komen. Een klootjaapie eerste klas. Het maakt niet uit wat de achterliggende reden is. Een blessure, een deadline voor het werk die nog gehaald moet worden. Een familiefeest dat zo lang van tevoren was aangekondigd dat je het alweer vergeten was. Enorm frustrerend is het om niet te kunnen lopen.
Met de wedstrijd tussen Royal Brussels Poseidon en Swimming Club Calypso staat er een derby op het programma in onze tweede waterpolodivisie. De wedstrijd begint om 21.15 uur in het zwembad van Poseidon. De thuisploeg bevindt zich in de middenmoot, de bezoekers moeten winnen om in het zog van de leiders te blijven.
zaterdag 11 februari bewegingsatelier voor kleuters De Zwevende Zaal van De Markten wordt op zaterdagochtend het terrein van kleuters en hun ouders. Kleuters van de onthaalklas tot de derde kleuterklas krijgen er in de loop van de voormiddag de mogelijkheid om te bewegen en speelse opdrachten uit te voeren waarbij ze fysiek en fantasie combineren. De papa’s en mama’s zijn er om te helpen. Meer informatie over welke leeftijdsgroepen op welk moment aan de beurt zijn, vindt u op www.demarkten.be.
Lopende zaken
zondag 12 februari start to bike for kids Ketjes tussen vier en zeven jaar kunnen de komende weken leren fietsen op vijf lessen tijd. Hun ouders moeten voor de begeleiding zorgen en worden daarbij geholpen door een fietsmeester. Na het aanleren van de basisvaardigheden worden die verder ontwikkeld aan de hand van oefeningen. De ouders krijgen op hun beurt een les in fietsonderhoud. Als alles goed verloopt, worden de lessen afgesloten met een ritje op straat. Vanaf zondag wordt elke week afgesproken op de parking van Decathlon in Anderlecht, tussen 10 en 11.30 uur. De vijf lessen kosten 30 euro (gebruik van de fiets en helm inbegrepen). Alle informatie staat op www.sportinbrussel.be.
maandag 13 februari schoolsportontmoeting Al wie betrokken is bij schoolsport kan heel wat opsteken tijdens de jaarlijkse schoolsportontmoeting Brussel. In de gebouwen van de Vlaamse Gemeenschapscommissie zullen er naast verschillende informatietafels ook sportieve bijscholingen worden georganiseerd. Bijvoorbeeld over hoe je een pestvrije omgeving kan creëren. Of wat de voordelen van circustechnieken zijn. De ontmoeting begint om 9 uur ’s ochtends en eindigt om 13 uur.
Bram Van de Velde is radiopresentator op BRUZZ en actief vrijetijdssporter
pilates at lunchtime
Rugby Nationale rugbyploeg terug in divisie 1A van European Nations Cup
Ten strijde tegen beresterke Georgiërs BRUSSEL – Onze nationale rugbyploeg viert dit weekend zijn terugkeer in divisie 1A van de European Nations Cup, ook wel het zeslandentornooi B genoemd. Met Georgië krijgen ze meteen een zware brok voorgeschoteld. De Zwarte Duivels kroonden zich vorig seizoen tot kampioen in divisie 1B van de European Nations Cup. Daarin lieten ze een zeer sterke indruk na. Dankzij die prestatie stegen
ze opnieuw naar divisie 1A. Een niveau hoger dus, en dat zullen ze op het veld voelen. Met Georgië, Duitsland, Roemenië, Rusland en Spanje zullen ze de komende maanden ploegen ontmoeten die hen een voor een zwaar op de proef zullen stellen. Het doel voor onze rugbymannen is dan ook om dit seizoen hun plaats in de divisie te behouden. Al zullen ze hun huid uiteraard duur verkopen. Komende zaterdag spelen de Zwarte Duivels hun eerste wedstrijd op de Kleine Heizel, tegen Georgië. Vier jaar geleden eindigde
diezelfde wedstrijd op 13-17. Dat die kleine nederlaag aanzien werd als een sterke prestatie van onze rugbymannen, zegt veel. Volgens bondscoach Guillaume Ajac kunnen de Georgiërs vandaag zelfs rivaliseren met ploegen uit het zeslandentornooi en wordt het dus een prestigematch. Hij rekent alvast op verschillende Brusselaars om de strijd aan te gaan, zoals Nicolas Meeus van Kituro Schaarbeek. De Belgen hebben niets te verliezen tegen de Georgiërs en hopen voor een verrassing te zorgen. De aftrap wordt komende zaterdag om 15 uur gegeven. Een week later komt Rusland op bezoek, op dezelfde locatie en hetzelfde aanvangsuur. Op zaterdag 11 maart zakt Roemenië naar Brussel af. Alle informatie over tickets en dergelijke vindt u op www.fbrb.be. Tim Schoonjans
Kunt u na de werkuren maar moeilijk tijd vrijmaken om te sporten? Dan kunt u dat misschien tijdens de lunchpauze doen. Een optie is de lessenreeks Pilates at lunchtime in gemeenschapscentrum De Maalbeek (Etterbeek). Tussen 12.30 en 13.30 kunt u werken aan uw lichaamshouding, souplesse en balans. De lessenreeks loopt tot 29 mei en kost 104 euro.
woensdag 15 februari before winterclash contest Met het inline street wereldkampioenschap 2017 pakt Planet Park in Anderlecht uit met een competitie van formaat. Vanaf 14 uur halen de beste inlineskaters hun strafste trucs boven. Ronkende namen als Joey Egan, Grazyna Wratny en Jeremy Suarez maken er hun opwachting. Meer details vindt u op de Facebookpagina. Tim Schoonjans