van 20 tot 26 oktober 2016
+ uit in brusse
l | vos sorties
à bruxel les
| out and
about in brusse
ls
UIT IN BRUSSEL SORTIR À BRUXELLES OUT AND ABOUT IN BRUSSELS 21
27 | 10 | 2016
#1543
1050 elSeNe/Ixel
leS | aFGIFTekaNT
ooR bRUSSel
x P702124
nl Fr en
brusse street ls photograph y festiv La rue no al
weekblad |
eeN UITGaVe
VaN VlaaMS-bRU
SSelSe MedIa
VZw | FlaGeYPleIN
18 Place FlaGeY,
N° 1543 WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VLAAMS-BRUSSELSE MEDIA VZW, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153
1543_01
arno & Pascal Poiss onnier Jenny Hval JoHan simon s mustii Fstn bram de looze
us appartient
_cover.in
dd 1
Shoppingcenter Docks gaat open
17-10-16
19:02
Ufo landT aan kanaal
Na 35 jaar heeft Brussel er een nieuw shoppingcenter bij. Op de plek aan het kanaal waar vroeger de kachelfabriek van de sociaal geïnspireerde industrieel Godin stond, gaat deze week Docks Bruxsel open. Docks, een project van de Waalse vastgoedgroep
Mestdagh, telt 113 winkels, een twintigtal restaurants, een bioscoop en een indoor avonturenpark. De winkels zijn volgens de uitbater allemaal verhuurd, maar nog niet allemaal open. Met man en macht werd de afgelopen weken gewerkt
Sociologe Saskia Sassen
‘De stad maakt de mens’ p 10 - 11
om het bouwwerk en ook de nieuwe ovonde, die het shoppingcenter met de Van Praetbrug verbindt, te voltooien. Docks rekent op acht miljoen bezoekers per jaar. Milieuorganisaties zoals Bral en Inter-Environnement vrezen voor mobiliteitspro-
blemen. Volgens hen zal Docks, door zijn perifere ligging, vooral klanten uit de rand trekken die met de wagen komen. Ook verwachten ze een negatief effect op de handel in het centrum. HUB
Michel Draguet (KMSKB) over de Belgische Moderne Kunst-collectie
‘Een echt museum is ons niet gegund’ p6-7
© SASKIA VANDERSTICHELE
Reportage in de WTC-toren
Kunstenaars met het hoofd in de wolken p8-9
2 I BRUZZ 1543 I Donderdag 20 oktober 2016
EDITO Een ongemakkelijke waarheid
Steven Van Garsse Chef Weekblad “Dat er nieuwe pastoors opstaan die met godsdienstige argumenten anderen de les komen spellen, daar kunnen we moeilijk vrolijk van worden”
COLOFON BRUZZ
Flageyplein 18, 1050 Brussel 02-650.10.65 ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bruzz.be), 02-650.10.80, Gratis binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België 20 euro per jaar; IBAN: BE98 3631 6044 3393, BIC: BBRU BE BB van Vlaams Brusselse Media vzw. Buiten België 30 euro per jaar. OPLAGE 62.609 exemplaren. ADVERTEREN? Barbara Hartert sales@bruzz.be ALGEMENE DIRECTIE Jo Mariëns HOOFDREDACTIE Klaus Van Isacker (Nieuws), Jeroen Roppe (Strategie), Robert Esselinckx (Adjunct) WEEKBLAD & MAGAZINE Steven Van Garsse (chef ) EINDREDACTIE Karen De Becker ART DIRECTOR Heleen Rodiers VORMGEVING Ruth Plaizier REDACTIE Jean-Marie Binst, Bettina Hubo, Laurent Vermeersch, Danny Vileyn MEDEWERKERS Hilke Andries, Michaël Bellon, Hanne De Valck, An Devroe, Wauter Mannaert, Tim Schoonjans, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Ivan Put, Saskia Vanderstichele DISTRIBUTIE Ute Otten VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Steven Van Garsse, Flageyplein 18, 1050 Elsene. Bruzz is een uitgave van de Vlaams Brusselse Media vzw, wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie.
ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bruzz.be
Het Gemeenschapsonderwijs gaat Arabische lessen geven buiten de schooluren. Grote baas Jacky Goris wil daarmee de taal uit de invloedssfeer van de islam halen en zo de zogenaamde islamisering in onze samenleving een halt toeroepen. Er zijn binnen het Brusselse Gemeenschapsonderwijs hierover alarmbellen afgegaan. De ongerustheid van Goris is misschien wel terecht. Een Turkse snack in Schaarbeek waar schrijver dezes al jaren gaat, heeft zopas beslist om geen alcohol meer te schenken. De beslissing kwam er onder druk van klanten die dreigen om de boel op stelten te zetten. De uitbaters zijn Kemalisten. Het portret van Mustafa Kemal Atatürk, de man van de scheiding tussen Kerk en Staat hangt er nog steeds. Maar de religie heeft het in dit particulier geval klaarblijkelijk gehaald. De bekende historica Sophie de Schaepdrijver vertelt dan weer in Knack hoe ze in Anderlecht, in de wijk waar ze een pied-à-terre heeft, geen champagneglazen kon vinden tijdens de ramadan. De Brusselaar reageert meestal schouderophalend en bestelt de volgende keer een muntthee of water, of gaat elders. Het is de tolerantie die Brussel groot heeft
WAUTER MANNAERT
gemaakt. Uiteindelijk heeft elke horeca-uitbater het recht om te verkopen wat hij wil. Vrijheid voor alles. En toch zit er iets diep scheef als een snackuitbater met duidelijke tegenzin, onder druk van een deel van zijn gemeenschap, beslist om alcohol uit zijn koelkasten te houden. Het betekent dat er Brusselaars zijn die morrelen aan de vrijheid van anderen, in naam van een religie. Een halve eeuw geleden kwam de pastoor in Vlaanderen de bibliotheken monsteren, op zoek naar boeken die er volgens hem niet thuishoorden. Daar zijn we gelukkig van af. Dat er nieuwe pastoors opstaan die met godsdienstige argumenten anderen de les komen spellen, daar kunnen we moeilijk vrolijk van worden. Het Gemeenschapsonderwijs heeft gelijk dat het onderwijs hierin een belangrijke rol te spelen heeft. Alleen zal er meer voor nodig zijn dan enkele lessen Arabisch. Er is minstens goed onderzoek nodig naar de draagwijdte van dit fenomeen. En een debat, zonder taboes, liefst samen met de moslimgemeenschap. Een debat waar een kat een kat genoemd wordt.
“
In vergelijking met een gemiddelde Amerikaanse stad is hellhole Brussel een oase van veiligheid” SOPHIE DE SCHAEPDRIJVER De historica woont afwisselend in Brussel en de Verenigde Staten (in ‘Knack’).
“
Veel belangrijker dan kerstbomen zijn de jonge moslims die vandaag aan onze universiteiten studeren” SAMMY MAHDI, De kersverse CD&V-voorzitter in Molenbeek stelt vast dat steeds minder moslims een kerstboom zetten maar tilt daar niet zo zwaar aan (in ‘De Standaard’).
Donderdag 20 oktober 2016 I BRUZZ 1543 I 3
© ELKE VANOOST
Bouwen. Volgens de Bouwconfederatie laat de Brussel regering kansen liggen om de woonfiscaliteit goed te hervormen.
wonen Confederatie bouw wil zwartwerk en sociale dumping aanpakken
‘Afschaffing woonbonus is een gemiste kans’ BRUSSEL - De Brusselse regering moet de hervorming van de woonfiscaliteit aangrijpen om sociale dumping en zwartwerk te bestrijden. Dat zegt Laurent Schiltz, adjunct-directeur van de Brusselse poot van de Bouwconfederatie. De Brusselse regering besliste eerder al om de woonbonus af te schaffen vanaf 1 januari 2017. De woonbonus gaf een fikse korting op de leningen die Brusselaars aangaan voor de aankoop en renovatie van de gezinswoning. De woonbonus kwam boven op de korting op de registratierechten. Brusselaars betalen geen registratierechten op de eerste 60.000 of 75.000 euro in een beperkt aantal zones. De Brusselse regering schrapt de woonbonus, omdat die een financiële strop rond de nek van de Brusselse regering betekent. Het woonbeleid is sinds de zesde staatshervorming geregionaliseerd. Om de afschaffing van de woonbonus deels te compenseren wil de regering het vrijgestelde bedrag voor registratierechten optrekken van 60.000 tot 175.000 euro. Daar is de Brusselse poot van de Confereratie van de Bouw alllerminst mee opgezet. De confederatie vindt dat de regering veel kansen laat liggen om problemen aan te pakken. Adjunct-directeur Laurent Schiltz: “Wij begrijpen dat de Brusselse regering de woonbonus wil hervormen, maar we begrijpen niet dat ze deze kans niet aangrijpt om een aantal reële maatschappelijk noden te lenigen die goed kunnen zijn voor de Brusselse economie. Om maar een paar voorbeelden te geven: in de bouwsector worden we geconfronteerd met sociale dumping en bij particulieren die kleine renovaties laten uitvoeren, tiert het zwartwerk nog altijd welig.” “Je moet ook rekening houden met een verouderd patrimonium. Daarom stellen wij een alternatief voor: trek de registratierechtenvrije som niet op, hou ze op respectievelijk 60.000 en 75.000 euro, maar ken iedere koper een premie van maximaal
20.000 euro toe voor renovatiewerken die vaak in het zwart gebeuren (waarvoor dus geen premies zijn, DV). Dat gaat een massa zwartwerk uit de markt prijzen. Een derde van de binnengebrachte facturen valt onder die 20.000 euro. Als de regering de betaling van de premie spreidt over vier jaar zal dat het eerste jaar minder wegen op de begroting dan de belastingvrije som te verhogen.” Wijzigt de regering het alternatief voor de hervorming van de woonfiscaliteit niet, dan vreest de federatie ook voor een fikse stijging van de vastgoedprijzen. Daar zijn nu al aanwijzingen voor.
“Ken iedere koper een premie van maximaal 20.000 euro toe voor renovatiewerken die nu vaak in het zwart gebeuren” Laurent Schiltz Adjunct-directeur Bouwconfederatie Schiltz: “We kunnen dat uiteraard niet bewijzen, we hebben geen glazen bol, maar nu al houden verkopers de kandidaat-eigenaars voor dat ze meer kunnen betalen, omdat de Danny Vileyn registratierechten dalen.”
WELZIJN Vlaamse Sociale Bescherming vanaf 1 januari 2017
Geen wachttijd voor personen met een handicap Ook in Brussel kunnen gehandicapten genieten van het Vlaams persoonsvolgend zorgbudget en het basisondersteuningsbudget. Dat zegt VGC-collegelid Bianca Debaets (CD&V). Vlaanderen gaat traag maar zeker verder met de uitbouw van de Vlaamse Sociale Bescherming (VSB). Maandag stelde minister van Welzijn Jo Vandeurzen (CD&V) het persoonsvolgend budget voor volwassen gehandicapten voor. Dat komt boven op het basisondersteuningsbudget van 300 euro per maand voor wie een erkenning heeft bij het Vlaams Agentschap voor Personen met een Handicap (VAPH). Het gaat om een nieuwe vorm van zorg waarbij de gehandicapte zelf zijn zorgbudget kan besteden en beheren, los van de gehandicapteninstelling. Op 1 januari doen dertigduizend erkende gehandicapten de stap naar dat nieuwe systeem. Het basisondersteuningsbudget en het persoonvolgend budget voor gehandicapten is ook in Brussel van toepassing. Dat zegt VGC-collegelid Bianca Debaets (CD&V), die zoveel mogelijk de Vlaamse Sociale
Bescherming in Brussel toepasbaar wil maken. In de Raad van de VGC zei ze ook nog dat er tot 2020 voor het basisondersteuningsbudget geen wachttijd is voor wie aansluit bij de Vlaamse Sociale bescherming en een VAPH-erkenning heeft. Eerder had de Vlaamse regering al beslist om de wachttijd voor de Vlaamse zorgverzekering voor Brusselaars te halveren. Toch blijven er nog heel wat vragen over de Vlaamse Sociale Bescherming, zo bleek uit de discussies in de Raad. Onder meer voor het onderdeel hulp aan bejaarden bestaat verwarring. Die bevoegdheid, en het bijhorende geld, is met de zesde staatshervorming naar de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie gegaan, maar ook Vlaanderen zal in Brussel hulp aan bejaarden verzorgen, via de VSB. Brussel bereidt intussen een eigen verplichte Brusselse Sociale Bescherming (BSB) voor. De haalbaarheidsstudie hierover wordt eerstdaags voorgesteld. Daaruit zal moeten blijken of die BSB betaalbaar is en hoe de VSB en BSB zich in Brussel tot Steven Van Garsse elkaar verhouden.
KOEKELBERG Buurt gehecht aan zomerbar
Bar Eliza deze winter weer (even) open KOEKELBERG – De zomerbar Eliza, in het Elisabethpark in Koekelberg, was zo’n succes dat de initiatiefnemers beslisten om het cafeetje niet alleen volgende zomer te heropenen, maar ook deze winter al een weekje te openen. Krijgt Bar Eliza een vervolg? Dat vroeg menigeen zich af toen de hippe en erg populaire zomerbar begin september de luiken dichtdeed. Het cafeetje, dat gevestigd was in een verbouwd paviljoen van Leefmilieu Brussel, was een zomers uitvloeisel van het festival Plazey en werd ook georganiseerd door de gemeenschapscentra De Platoo en De Zeyp, met de steun van enthousiaste buurtbewoners. Voor ze een beslissing namen over de toekomst, wilden de initiatiefnemers eerst de editie 2016 evalueren. Afgelopen weekend vond een buurtvergadering plaats. Daar werd duidelijk dat de buurt er graag mee door wil. Bar Eliza was meer dan een café met terras in het groen. Er waren ook concerten, kinderactiviteiten, filmvertoningen en yogasessies. Veel moet er aan het concept niet veranderen, vinden de buurtbewoners. Wel deden ze enkele interessante suggesties, zegt Lies Van Overschee van De Platoo. “Ze zouden de bar graag langer dan twee maanden open zien, en wat vaker tot tien of elf uur ‘s avonds. Ook stellen ze voor om, voor minder welgestelde bezoekers,
ZOMErbar. Bar Eliza gaat voor een korte winterversie van een week.
een goedkoper drankje aan te bieden, een grenadine aan één euro bijvoorbeeld.” Intussen heeft Leefmilieu Brussel toelating gegeven om het initiatief volgende zomer te herhalen en ook burgemeester Philippe Pivin is enthousiast. “Hij kreeg amper klachten en is tevreden dat Bar Eliza ook aardig wat Franstaligen trok,” zegt Van Overschee. Hoewel er nog geen duidelijkheid is over subsidies, hebben de initiatiefnemers beslist om volgende zomer weer open te gaan, wellicht een maand langer. “De eerste keer hebben we alvast geen verlies geleden.” Omdat volgende zomer nog lang is, werd afgesproken om de bar deze winter al een weekje te openen en wel de tweede week van de kerstvakantie. Van Overschee: “Het zal deels buiten, deels binnen zijn, maar er is geen verwarming. We moeten dus op Bettina Hubo zoek naar gasbranders.”
4 I BRUZZ 1543 I Donderdag 20 oktober 2016
DE WEEK
IN BEELD Minister van Binnenlandse Zaken Jan Jambon (N-VA) kwam dinsdag de handelaars van City 2 een hart onder de riem steken. Hij stelde twee wetsvoorstellen voor die de veiligheid en de diefstalpreventie in de winkels moeten verbeteren, waaronder de mogelijkheid om camera’s achter een spiegel te plaatsen. Jambon was in Brussel op uitnodiging van Comeos, de federatie van de distributiesector.
in het NIEUWS Politieagenten veroordeeld De correctionele rechtbank heeft drie inspecteurs van de Brusselse politiezone Montgomery veroordeeld voor buitensporig politiegeweld. In augustus 2012 pakten de inspecteurs een dronken man op. De geboeide man werd hard aangepakt. Het hele voorval werd gefilmd en verscheen op YouTube. De politie-inspecteurs krijgen drie maanden cel met uitstel.
Vliegtuigbotsing verijdeld
Een botsing tussen passagiersvliegtuigen van Lufthansa en Aer Lingus op Brussels Airport is maar nipt vermeden. Dat zegt de Belgische Unie Tegen Vliegtuighinder (BUTV). Volgens de vereniging had het incident te maken met fout banengebruik. De Belgische luchtvaartnavigatiediensten
beginnen met een onderzoek. Verschillende politici laken de onveiligheid door het vliegverkeer boven de hoofdstad.
Conservamus klaagt de vertragingen aan en organiseert een crowdfunding om de raamkozijnen te laten herstellen.
Georges Désir is niet meer
Georges Désir is op 91-jarige leeftijd overleden. Hij was van 1976 tot 2006 burgemeester van Sint-Lambrechts-Woluwe voor het FDF. Hij haalde later Olivier Maingain, voorzitter van het FDF, als zijn opvolger naar de gemeente. Désir was ook bekend als televisiepresentator.
Atomium in het rood
Restauratie conservatorium in het slop De renovatie van het conservatorium van Brussel laat op zich wachten. De nv die zo’n renovatie zou realiseren, is nog altijd niet opgericht. De overheden hebben dat drie jaar geleden aangekondigd. De vzw
begin deze maand mogen de uitbaters van de toeristische restaurants hun luifels niet meer openen. En toch lappen veel restaurants dat bevel aan hun laars. Het verbod komt er na een klacht van de brandweer. De Ilot Sacré-wijk is door de luifels zo goed als ontoegankelijk voor noodvoertuigen, zegt die.
Luifels moeten dicht
De stad Brussel verzegelt de luifels van de restaurants in de Beenhouwersstraat. Sinds
Brussels belangrijkste toeristische trekpleister voelt de naweeën van de aanslagen en de lockdown nog steeds. Over het hele jaar zag het Atomium een daling van veertig procent van zijn bezoekers. Deze maand ligt het verlies boven de dertig procent. Voorlopig wil de vzw geen beroep doen op extra overheidssteun omdat er nog reserves zijn. Wel zullen expo’s langer doorlopen.
Couleur Café op de dool Het bekende wereldmuziekfestival Couleur Café zit zonder terrein. Het Brussels Gewest en privépromotor T&T zien Thurn en Taxis niet langer zitten als festivalplek. Minister-president Rudi Vervoort (PS) stelt het Ossegempark voor in Laken, maar daar wil de Stad Brussel dan weer niet van weten. Burgemeester Yvan Mayeur (PS) vindt dat Couleur Café zelf een oplossing moet zoeken. SVG
MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP
Donderdag 20 oktober 2016 I BRUZZ 1543 I 5
INTEGRATIE Johan Leman kritisch over initiatief van gemeenschapsonderwijs en VUB
‘Met Arabische lessen los je weinig op’
©ID SANDER DE WILDE
BRUSSEL – Scholengroep Brussel en de VUB beginnen met lessen Arabisch voor zes- tot vijftienjarigen. Zo willen ze de kinderen uit de Koranschooltjes houden. Johan Leman, voorzitter van integratiecentrum Foyer, is niet overtuigd. “Denken dat je hiermee de invloed van de Koranschooltjes terugdringt, is een illusie.” Het plan begon te rijpen tijdens de ramadan in juni. Jacky Goris, directeur van Scholengroep Brussel, constateerde dat heel jonge kinderen ook al vastten, dat sommigen niet meer mee gingen zwemmen uit angst om een slok water binnen te krijgen tijdens de ramadan of dat ze niet naar de muziekles wilden, omdat zingen haram (verboden) is. Volgens Goris kregen de kinderen die ideeën ingelepeld in de schimmige, vaak niet-erkende Koranschooltjes waar velen de zaterdagochtend doorbrengen. Samen met de VUB ging hij op zoek naar een oplossing. “Ouders die hun kinderen Arabisch willen leren, kunnen nu bijna uitsluitend terecht in Koranschooltjes. Daarom bieden wij nu lessen standaard Arabisch aan in een seculiere context, los van het religieuze dus,” zegt Goris. Johan Leman betwijfelt of dat een adequaat antwoord is op wat zich afspeelt in de Koranschooltjes. “Dit is bedacht van achter een bureau,” zegt hij. “Met les standaard Arabisch is niets mis en je zal er wel een bepaald publiek voor vinden: een enigszins elitair middenklassenpubliek. Maar het zijn niet de mensen die hun kinderen nu naar de Koranscholen sturen. Daar gaan ze naartoe voor de mix van islamonderricht en Arabisch. Echt klassiek Arabisch leren ze er niet. Ze dreunen alleen verzen uit de Koran op.”
Door Arabische les te organiseren, los je volgens hem dus weinig op. “Een goede jeugd- en ouderwerking levert veel meer resultaat op. Samen gaan zwemmen en hen duidelijk maken dat die slok water geen probleem is.”
“Elke leerling die wij kunnen losweken uit Koranschooltjes is winst” Jacky Goris Directeur Scholengroep Brussel Jacky Goris beseft dat er ook ouders zijn die hun kinderen naar de Koranschooltjes sturen voor het religieuze onderricht. “Voor ouders die dat niet willen, is er nu een alternatief. En elke leerling die wij kunnen losweken uit Koranschooltjes is winst.” Sommigen zien in het initiatief een nieuw voorbeeld van soumission, toegeven aan de druk van islamisering. Dat vindt Goris klinkklare onzin.
“We geven toch ook lessen Chinees.” Bovendien staat volgens hem vast dat de kennis van een sterke, rijke taal, zoals het standaard Arabisch, helpt om een andere taal te verwerven. De lessen lopen tot eind mei, wekelijks vier uur lang op zaterdag of zondag. Momenteel zijn er drie locaties, in Anderlecht, Schaarbeek en Laken. Mogelijk komt daar ook nog de campus van de VUB bij. De universiteit superviseert het initiatief en reikt aan het eind ook een certificaat uit. Nochtans heeft de VUB zelf geen departement arabistiek. Ze deed voor de organisatie een beroep op Sami Azar, een uit Syrië gevluchte leraar fysica en schooldirecteur, die sinds kort op de dienst Internationale Relaties van de universiteit werkt. Hij zocht een zestal lesgevers bijeen, overwegend vluchtelingen die volgens hem allemaal minstens een bachelor Arabisch hebben. Voorlopig werken ze als vrijwilliger. Het eerste weekend kwamen 75 kinderen opdagen, vorig weekend waren het er al honderd, vertelt Azar. “Ze zijn ingedeeld in leeftijdsgroepjes en leren niet alleen spreken, ook lezen en schrijven. Daarbij gebruiken we teksten van Arabische auteurs, maar ook naar het Arabisch vertaalde teksten uit de Nederlandstalige literatuur.” Bettina Hubo
De spraakmaker Het Brusselse voetbal stond afgelopen weekend even op zijn kop: John Bico, de sterke man achter White Star Bruxelles, is de verrassende nieuwe trainer van tweedeklasser Antwerp. Hij stelt de ploeg samen en heeft ook invloed op het transferbeleid. Hoe het met zijn club White Star verder moet, weet niemand: Bico was niet alleen trainer, maar ook eigenaar, geldschieter en directeur van de club. John Bico dook voor het eerst in Brussel op toen hij FC Brussels wou overnemen. Toen dat mislukte, probeerde hij zijn geluk een paar kilometer verderop, met de overname van White Star. Die ploeg speelde toen nog in Sint-Lambrechts-Woluwe, maar verhuisde al snel naar Mo-
lenbeek. Daar liet de controversiële Bico zich al snel opmerken, door constante conflicten met RWDM, dat hetzelfde stadion wou gebruiken, en in een later stadium ook met de gemeente. Bico verweet burgemeester Françoise Schepmans (MR) dat ze te weinig inspanningen deed voor de club. Voor Bico eigenaar van een ploeg werd, was hij bekend als spelersmakelaar. Hij had sterspeler Eden Hazard in zijn portefeuille, net als diens broer Thorgan. Enkele jaren geleden speelde Bico een hoofdrol in twee breed in de media uitgesmeerde soaps rond die laatste. Eerst eiste Bico dat Thorgan de aanvoerdersband van Zulte Waregem kreeg. Een half jaar later probeerde hij een
John Bico
transfer van Hazard naar Anderlecht te forceren. Beide initiatieven mislukten, en Bico kreeg er een bedenkelijke reputatie door. De evolutie van White Star onder Bico verliep aanvankelijk moei-
zaam, maar vorig seizoen werd de ploeg verrassend kampioen. Eerste klasse lonkte, maar financiële problemen gooiden roet in het eten. De club greep naast een licentie en zakte naar eerste amateurklasse. Bico reageerde als door een wesp gestoken, en beschuldigde de voetbalbond en andere clubs van oneerlijke praktijken. Pas achteraf bleek hoe ernstig de financiële toestand was: verschillende spelers getuigden dat de lonen al maanden niet meer betaald werden, en de club heeft voor honderdduizenden euro’s schulden bij leveranciers. Tijdens de hoorzittingen voor de licentie kwam Bico met de gekste financiële wondermiddelen aandraven. Zo was de club van plan om
de portretrechten van haar spelers voor 450.000 euro te verkopen in Azië, Afrika en het Midden-Oosten. En Bico diepte plots een mail van Chelsea op, dat een bankzitter van White Star voor 485.000 euro zou overkopen. Diezelfde Bico moet nu Antwerp naar eerste klasse brengen. Ondertussen is White Star een stuurloos schip, al garandeert Bico dat hij een gezonde club achterlaat. Niemand weet echter waar de fondsen dan wel vandaan komen en wie de club zal leiden. Officieel mag Bico niet bij twee clubs een functie uitoefenen, maar verwacht wordt dat hij achter de schermen de touwtjes in handen blijft houden.
Filip Van Der Elst
6 I BRUZZ 1543 I Donderdag 20 oktober 2016
INTERVIEW Museumdirecteur Michel Draguet laakt de houding van de federale overheid
‘Er is plaats voor twee musea’ BRUSSEL - Met de heisa rond het Centre Pompidou dat de honneurs mag waarnemen in het op te knappen Citroëngebouw, wordt de federale collectie moderne kunst uit het oog verloren. De tentoonstelling ‘Moderniteit à la belge’ laat een stukje van die schatkamer zien. Maar Michel Draguet, directeur van de KMSKB, neemt geen genoegen met de weinige ruimtes waarmee hij verder moet.
N
a vijf jaar wachten krijgt een selectie van de twintigduizend werken moderne en hedendaagse kunst van de federale Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België (KMSKB) een kleine overzichtstenoonstelling (een bespreking is te lezen in BRUZZ magazine). De vraag blijft of zo’n verzameling geen eigen stek waard is.
Paul Dujardin zegt sinds jaar en dag vijf miljoen euro per jaar te krijgen voor infrastructuurwerkzaamheden aan het Paleis voor Schone Kunsten (PSK/Bozar), het dubbele van de musea. Is dat fair? Michel Draguet: Onze federale dotatie is 3,6 miljoen euro. Daarmee moet de werking gedekt worden, alle investeringen en een stuk van de personeelskosten. De toestand van beide gebouwen, het PSK en de Musea voor Schone Kunsten, is nochtans dezelfde. Het enige verschil is dat het PSK een nv is. Ze krijgen ook middelen van de Regie der Gebouwen. Dankzij de structuur van een nv halen ze ook geld binnen van andere overheden.
Vindt u dat u benadeeld bent? Draguet: Wij hebben drie mensen voor com-
municatie. Hoeveel man telt de communicatiedienst van het PSK? Zeventien? Zonder middelen, moeten we heel creatief zijn. Neem bijvoorbeeld het Wiertzmuseum, een heel interessant museum, in het hart van de Europese wijk. De federale overheid heeft geen geld voor renovaties. De Regie heeft de werkplaats van Wiertz gerestaureerd, maar het huis van Wiertz blijft in slechte toestand sinds de jaren 1960. Een partnership met een bank is niet mogelijk. We hebben immers niet dezelfde juridische armslag als het PSK. Het idee is om het huis en de tuin in erfpacht te geven aan het Europees parlement, voor bijvoorbeeld vijftig jaar. Zij moet dan een grondige restauratie uitvoeren. Ziet u een alternatief?
Staatssecretaris voor Wetenschapsbeleid Elke Sleurs (N-VA) wil de federale instellingen verzelfstandigen. Een stap in de goede richting? Draguet: Ik heb in de pers vernomen dat ze voor het Legermuseum in de richting van een parastatale B - met inbreng van gemeenschappen en gewesten - denkt, maar tot van-
daag ligt er niets op tafel. Het PSK heeft veel geld gekregen voor veiligheid en werd vrijgesteld van lineaire besparingen. Onze financiële situatie is zeer moeilijk.
Alle wetenschappelijke instellingen hebben het moeilijk.
kunnen we een tentoonstelling met veel bezoekers als Chagall, uit 2015, vandaag financieel niet meer aan. Nochtans bracht de opbrengst van die tentoonstelling onze begroting in 2016 in evenwicht. En de winst van Chagall hebben we nodig om volgend jaar te kunnen overleven.
Hoe ver staat het met de verbouwingen van uw zalen aan het Museumplein?
MICHEL DRAGUET DIRECTEUR KMSKB bij een wilde ‘Noordzee’ (2011) van Thierry De Cordier. Een verwijzing naar de storm rond het Museum voor Moderne Kunst?
Draguet: Het auditorium zal af zijn in de-
cember 2016. Het project dateert van 2000, vijf jaar voor mijn aantreden. De concretisering begon in 2013 en liep al vijf jaar vertraging op. Behalve de werkzaamheden aan het auditorium en de nieuwe ingang op het Museumplein, moet nog de zaal voor de tijdelijke tentoonstellingen en voor de oude kunst worden aangepakt, ruimtes waar asbest werd vastgesteld in 2003. De werkzaamheden zijn in 2006 begonnen. Tien jaar later blijven die lege zalen nog steeds niet beschikbaar.
Draguet: Ja, maar als wij onze dotatie en per-
soneelsomslag met andere federale wetenschappelijke musea vergelijken, hebben wij de laagste. Het Museum Natuurwetenschappen krijgt 99 procent meer dan wij, de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis 39 procent, en het Museum voor Afrika 9 procent. Natuurlijk hebben ze meer personeel, omdat ze voor een breed wetenschappelijk spectrum werken, en wij alleen voor beeldende kunst, maar als we de parameter bezoekers nemen, is het niet logisch. Wij hebben veel meer be-
Met de expozaal voor tijdelijke tentoonstellingen, waar nu ‘Moderniteit à la belge’ gestart is, zijn er toch mogelijkheden? Draguet: Onvoldoende. De 1.800 vierkan-
te meter op niveau -3 en -4 is moeilijk bereikbaar voor de bezoeker. In maart gingen staatssecretaris Elke Sleurs en minister Didier Reynders (bevoegd voor Beliris, het samenwerkingsakkoord tussen de federale en Brusselse regering, JMB) eindelijk akkoord om de resterende twee verdiepingen te restaureren. In één van die verdiepingen krijgt het Museum voor Moderne Kunst onderdak.
“Voor Parijs bleek het Citroënpand ideaal, voor de federale overheid niet” Michel Draguet Directeur KMSKB zoekers dan zij. Ik zeg niet dat andere musea te veel krijgen, wij krijgen te weinig.
De Franse Gemeenschap steunt u. Waarom doet Vlaanderen dat niet? Draguet: Vraag dat aan Vlaams minister-pre-
sident Geert Bourgeois (N-VA). Sinds lang is het een heet hangijzer. Toen we in 2005 een retrospectieve Panamarenko hielden, was het Vlaams Parlement kwaad, omdat we een modulaire vorm van Panamarenko verkochten in onze museumshop. Die was eigendom van het Vlaams Parlement en moest hier meteen weggehaald worden. In Vlaanderen is het een gouden regel dat de onderliggende overheid niets geeft aan de overkoepelende overheid. Terwijl dat voor het Waals Gewest niet het geval is. Vreemd, want ik stel vast dat zestig procent van het Belgische kunstpatrimonium in federale handen is. Ik noem dat ‘Belgische schizofrenie’. Het is spijtig, want hierdoor
Waarom installeert u, na zoveel zoektochten en ideeën, de verzameling moderne kunst toch weer binnen uw eigen, kleine ruimtes, terwijl Citroën lonkt?
Draguet: Dat is niet mijn idee. Het is het project van Elke Sleurs. Het Vanderborghtgebouw was de goedkoopste oplossing. Daarna kwam het Brusselse Gewest vragen naar een partnership voor de Citroëngarage. Sleurs stelde: ‘Vanderborghtgebouw, nooit’ en later: ‘Citroëngebouw, nooit, een garage is geen plaats voor een federaal museum.’ Nu moeten we het stellen met een te kleine ruimte voor een collectie van twintigduizend werken twintigste-eeuwse en hedendaagse kunst. Ik stel vast dat Citroën voor een museum voor moderne kunsten uit Parijs wel ideaal is.
taris horen we dat ze er niet mee akkoord gaat. Waar blijft het alternatief? Als we nu met ‘Moderniteit à la belge’ kunnen duidelijk maken dat de ruimtes onvoldoende zijn om de kunst van de twintigste en eenentwintigste eeuw te tonen, dan gaan er misschien ogen open.
Het standpunt van de staatssecretaris is dat een federale instelling met een collectie als de uwe in een federaal gebouw moet huizen en niet in een Citroëngebouw van het gewest. Draguet: Ik begrijp daar het nut niet van. De twee panelen Adam en Eva van het Lam Gods zijn van de federale overheid. Het bezit ervan heeft alles te maken met de geschiedenis: de Belgische overheid heeft die gekocht van Duitsland in 1861. We laten de panelen - terecht trouwens - in Sint-Baafs in Gent hangen. Het is niet coherent te zeggen dat federaal kunstbezit d’office in een federaal gebouw moet worden getoond.
Waarom zou de buitenlander Belgische moderne kunst gaan bekijken? Draguet: De moderne werken van de twin-
De beslissing van de ministerraad van februari 2014 stelde dat het Vanderborghtgebouw door de federale overheid in erfpacht kan genomen worden van de Stad Brussel voor een Museum voor Moderne Kunst. Draguet: Bij mijn weten is dat nog altijd van
toepassing. Terwijl we van de staatssecre-
tigste eeuw maken drie vierde van de verzameling uit, en zijn interessant genoeg. Daarvan kunnen we nu op twee verdiepingen honderdtwintig werken tonen. In die kleine ruimte kunnen we geen partnerships met private collecties sluiten. Mediakunst kunnen we niet tonen, want vier projecties
Donderdag 20 oktober 2016 I BRUZZ 1543 I 7
© SASKIA VANDERSTICHELE
zouden al te veel lawaai maken in onze kleine zaal. Eigenlijk werden we gedoemd om een soort galerij te zijn, en geen volwaardig museum. Het is als voor de Bourgondische handschriften en miniaturen die de Koninklijke Bibliotheek in een nieuw museum (Nassaukapel en omringende ruimtes) onderbrengt in 2019. Het kabinet zei: ‘Het is geen museum, het heet een galerij.’ Alsof – promotioneel, naar zichtbaarheid en toeristisch gezien – er geen enorm verschil is tussen een galerij en een museum. Maar de term ‘museum’ zou nu politiek te gevoelig liggen.
Valt de handicap aan beperkte ruimte niet op te lossen met creativiteit? Draguet: Privéverzamelaars als Walter Vanhae-
rents, Marc Vanmoerkerke en de Anton Herbert Foundation bleken enthousiast om met ons iets rond moderne kunst te doen. Wij hebben een lange traditie van samenwerking met verzamelaars, getuige de Goldschmidtcollectie, maar zonder ruimte moeten we de boot af houden. Onze oplossing ligt niet meer op de Kunstberg. Het succes van ons museum is er: in 2003 300.000 bezoekers, in 2015 770.000. De middelen van de federale overheid zijn lineair. Daarom moeten we meerinkomsten halen uit de activiteiten en bezoekers. Om die reden hebben we het publiek van de Grote Markt tot de Kunstberg geleid, naar onze musea en het PSK. Nu de overheid de aandacht herlegt naar het kanaal, vrees ik dat de toeristenas van de Grote Markt zal beginnen naar Citroën en Thurn en Taxis een compleet andere richting uit.
Dat neemt niet weg dat alle ogen nu gericht zijn op Pompidou-Bruxelles. Jaloers?
Denkt u dat het buitenland van lokale kunst als de Belgische iets kan leren?
MICHEL DRAGUET
Draguet: Ik zie het als een opportuniteit voor een partnership. De collectie van het Centre Pompidou is compleet verschillend van de onze. Wij hebben geen top-wereldkunst, maar wel top Belgische kunst. Er is dus een dialoog mogelijk, met Delvaux, Permeke, Fabre, Tuymans, De Cordier,… Het Centre Pompidou zal in Brussel een collectie tonen gefocust op Noord-Europa. In een Europese hoofstad is er ruimte genoeg voor twee musea met andere hedendaagse kunst. Wij hebben een sterke kerncollectie, gesteund op drie pijlers: een grote collectie Delvaux, zestig werken van Broodthaers en een sterke collectie Alechinsky en Cobra. In 2019 zullen we Wim Delvoye groots tentoonstellen. Kunst aankopen, gaat amper. De installatie Hoofdstukken van Jan Fabre, die hier te zien was, kostte 30 miljoen euro. Die miljoenen hebben wij niet.
Draguet: Er is geen moderniteit in België, want
52 jaar, geboren in Elsene
ze is kritisch en ironisch. En daarom zal de eenentwintigste eeuw Belgisch zijn. En niet alleen in de kunst, ook op sociaal en politiek vlak. We zijn een laboratorium van de toekomst.
Is dat uw laatste boodschap? Draguet: Neen. Mijn boodschap is dat ik bang
ben voor de toekomst van de collectie moderne kunst. Ik ben bang voor de structuur. Zeven federale instellingen met een overkoepelende stem, dat is niet haalbaar. Als ons geld plots kan doorschuiven naar een andere instelling, hoe kan dat functioneren? Ik ben een ambtenaar. En er zijn grenzen aan mijn spreekrecht. Als directeur van deze instelling, kan ik wél zeggen dat de toekomst van deze instelling niet verzekerd wordt door de federale overheid. Jean-Marie Binst
U bent enthousiast over de komst van de Parijzenaars? Draguet: De timing is vervelend. Ons museum
heeft bezoekers nodig om te overleven. In 2015 deden we elke euro dotatie 1,10 euro opbrengen. Door het voorbije jaar, met de aanslagen, staat het water ons aan de lippen. De bezoekers bleven weg. Had de regering voortgemaakt met het akkoord-Vanderborght, dan hadden we in 2017 een Museum voor Moderne Kunst gehad. Nu hebben we geen enkel idee of het Centre Pompidou ons zal voorbijsteken.
“Mijn boodschap is dat ik bang ben voor de toekomst van de collectie moderne kunst” Michel Draguet Directeur KMSKB
Kunsthistoricus (specialisatie 19e en 20e eeuw) en professor aan de ULB 2005 Directeur van de KMSKB 2017 Zijn tweede mandaat van zes jaar vervalt Schreef monografieën over Rops, Khnopff, Magritte, Alechinsky, Ensor en een referentiewerk over symbolisme.
8 I BRUZZ 1543 I Donderdag 20 oktober 2016
Wat is het probleem om een leeg kantoor te huren of althans in een grote lege blok, vragen we. “Leegstand niet willen kraken, maar echt officieel willen afhuren, blijkt geen sinecure,” stelt medehuurder Aernoudt Jacobs van vzw Overtoon. “De problemen zijn legio: de verdiepingen hebben andere eigenaars; de meeste etages zijn totaal gestript als kantoor en er is geen basisinrichting voor sanitair. Bovendien bestaat er een veiligheidsprotocol in dit pand. Bij betogingen of de aanslagen mochten bezoekers hier niet binnen, dan is er maar één ingang.”
reportage Lege WTC-toren nog niet afgeschreven voor kunstenaars
Geluidskunst met het hoofd in de wolken
Extra jassen
BRUSSEL - In een stad waar huren duur is, kunnen leegstaande verdiepingen in kantoorgebouwen dienen als werkplek. Het bewijs vonden we kraaiennesthoog in WTC-toren 1: een stille plek voor zestig kunstenaars. Pal in de Noordwijk, waar elf procent van de kantoren leegstaat.
E
en handvol sigarettenrokers staat voor de draaimolendeur van de ‘Toren van Parijs en de Nederlanden’, zoals een gouden opschrift verwijst naar de vroegere bank die hier haar zetel had. De WTC-toren 1 was de eerste oogappel van de ‘office building skyline’ hartje Noordwijk, die in 1976 voeten in de aarde kreeg. Die deed oud-premier Paul Vanden Boeynants dromen van een nieuw Manhattan naast het Noordstation. Waren er vandaag in het WTC geen veiligheidsagenten, dan was het bruine blok een krakersnest geweest. De ruim honderd meter hoge toren telt 28 verdiepingen. Daarvan staan 25 plateaus leeg. Volledig gestript.
“Van 7 tot 17 uur is er verwarming in het gebouw. Later op de dag en ‘s weekends niet” SAARTJE GEERTS Kunstenares
Omdat verschillende eigenaars, waaronder AG Insurance, het pand nog even ‘recht’ en ‘veilig’ willen houden, blijft op de zestiende en zeventiende verdieping Cofely Services, een dochter van GDF Suez, wonen. Cofely levert technische diensten en onderhoud aan grote bedrijven. En houdt WTC-toren 1 ook letterlijk ‘warm’, met het stookketelbeheer. De winkelgalerij beneden is sinds lang ontruimd. De - ooit verplichte - roltrap naar de eerste verdieping, is afgesloten. De liften vanaf niveau 1 naar boven, kunnen alleen stoppen op niveaus 16 en 17. En ook op de 25ste verdieping, ruim negentig meter hoog. Daar werken zestig kunstenaars in een opgelapt kantooreiland.
Na de nogal desolate ervaring tot boven, opent de 25ste verdieping zich als een luxepanorama van 360 graden over de stad. Vzw Overtoon heeft er diverse semicollectieven en individuele ontwerpers gegroepeerd die producties aanleveren voor geluidskunsten. Hun handel draait om installaties maken voor onder meer performances en opdrachtgevers uit de kunstencentra en musea. De ene kunstenaar is geluidstechnicus, de andere grafisch designer of copywriter. Nog andere mediakunstenaars doen het denkwerk en het organische deel van theater- en dansvoorstellingen. Allemaal bezige bijen die veel computers en technische apparatuur bestieren.
een gemeenschappelijke eet- en vergaderzaal, die verhuurd kan worden om extra inkomsten te delven, en een keukenhoek. “Bij onze aankomst waren er zelfs geen toiletten en keuken meer,” horen we. De keuken heeft iedereen geleerd om samen te leven. ‘My Mum tought me not to write on walls. Please do your dishes,’ staat in stift naast de spoelbak op de muur.
“We moeten 5.000 euro huur per maand bij elkaar ronselen onder de gebruikers. En betalen 9.000 euro per jaar voor elektriciteit,” zucht Geerts nog. Daarvoor krijgen de kunstenaars wel veel ruimte én ‘bedenkelijk’ comfort. De airco én verwarming blijken voor heel het blok centraal te worden bediend: een oude luxe van het VDB- en Stalintijdperk. “Het gebouw wordt centraal verwarmd van 7 tot 17 uur. Nadien en in het weekend kan niet, dan wordt het extra jassen aantrekken met dit weer,” horen we nog. Geerts: ”Volgens de eigenaar komt hij net uit de kosten, met die huur. De techniek, het onderhoud, de liften én de beveiliging van heel de toren worden hiermee gegarandeerd. Ook al zijn er maar drie verdiepingen in gebruik naast de goed renderende Interparking in de kelder. Maar soit, hoog in de wolken inspireert deze werkplek ons wel.” Toch stemt dit voorbeeld Jacobs hoopvol: “Misschien werkt ons voorbeeld aanstekelijk, en maken andere mensen ook nuttig gebruik van leegstaande torens. Wij zijn professioneel genoeg om met een grote heterogene groep het vertrouwen te hebben gewonnen van de private verhuurder.” Jean-Marie Binst
Huurder voor iedereen Voordien zat het gros van hen drie jaar in de voormalige ULB-polykliniektoren bij de Vaartstraat, waar ook het collectief Wolke huisde. Overtoon en Wolke konden de stek via een leegstandsbeheerder betrekken. Toen er een eigenaarswissel kwam, bleek leegstandsbeheer plots taboe. Het platform Overtoon nam het initiatief om als huurder op te treden, voor iedereen. De klus om alle bijdragen te ronselen, werd een job op zich. Met de af braakplannen van de toren moest een andere, centrale plek gezocht worden. Er was wel veel kantoorleegstand in het centrum, maar niets meteen voorhanden, zo werd ervaren. De tienduizenden vierkante meter lege kantoren, wachtten liever ‘leeg’ hun definitieve lotsbestemming af, soms jaren. Kunstenares Saartje Geerts, die ook de huuradministratie voor Overtoon bereddert, ontdekte uiteindelijk via een omweg wie eigenaar van verdieping 25 in WTC-toren 1 was: de Aziatische investeringsgroep YST. Ze wonnen het vertrouwen van de YST-beheerder in Brussel, en die gunde hen een huurcontract. Van onbepaalde duur, met een opzegtermijn van drie maanden. Geerts: “In het vooruitzicht dat we hier wellicht minstens tot begin 2018 kunnen blijven, leek ons dat interessant.” De kunstenaars betrokken in juni 2015 het gestripte plateau van 1.100 vierkante meter bruikbare oppervlakte. Met eigen handen en tachtig meter binnenmuren vertimmerden ze de open ruimte tot collectieve bureaus, stiltehokjes voor schrijvers,
OVERTOON Overtoon is een kunstenaarsplatform voor productie en distributie van geluidskunst en geluidsinstallaties en experimentele mediakunst. Het platform brengt individuele kunstenaars en collectieven samen in ruimtes, waardoor interactie en samenwerking gefaciliteerd worden. Een resident krijgt er ook de kans om feedback te krijgen van ervaringsdeskundigen uit die kunsttak. Overtoon krijgt steun van de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie (Brussel).
EET- EN VERGADERRUIMTE Om de huurprijs te drukken kan deze gezamenlijke ruimte een dagje afgehuurd worden.
Donderdag 20 oktober 2016 I BRUZZ 1543 I 9
KUNSTENAARS AERNOUDT JACBOS EN SAARTJE GEERTS (VLNR) “Het is geen sinecure om leegstand niet te kraken, maar officieel te willen huren.”
© BART DEWAELE
WTC-toren 1 staat op drie verdiepingen na leeg. © BART DEWAELE
© BART DEWAELE
10 I BRUZZ 1543 I Donderdag 20 oktober 2016
P
rofessor Saskia Sassen legt in haar jongste boek ‘Uitstoting: Brutaliteit en complexiteit in de wereldeconomie’ uit hoe de vastgoedspeculatie over de hele wereld steeds meer toeneemt sinds de financiële crisis. Net diegenen die de stad hard nodig hebben om te overleven, vinden er geen plek meer. Cosmopolis, het VUB-studiecentrum voor stedelijk onderzoek, en de Brussels Academy haalden Sassen naar Brussel. “Brussel staat nog niet in de top vijftig van de geglobaliseerde steden met buitenlandse investeringen. De grote vastgoedoperaties zijn hier eerder gebeurd, toen de EU hier neerstreek en er veel gebouwd is voor haar instellingen, maar verzadigd zoals New York en Amsterdam is Brussel nog niet. Door de financiële crisis versnelt de speculatie wel weer. De grote bedrijven en de superrijken zijn veel nieuwe steden gaan ontdekken om met vastgoed te speculeren, en daar zie je de buitenlandse investeringen enorm toenemen.”
Hoe kan een stad dat vermijden? Saskia Sassen: Steden, hun bestuur,
inwoners en alle actoren moeten zich erg bewust worden van de speculatie. Iedereen moet opletten voor grote bedrijven die stedelijke gronden en gebouwen opkopen, puur als belegging. Ze doen er verder niets mee. Dan vraag je je toch af: waar zit ik naar te kijken? In Londen is dat in de jaren tachtig begonnen. Toen waren er heel wat nationale en internationale bedrijven die gebouwen opkochten in de City om van daaruit heel Europa te bereiken, en de rest van de wereld. Het werd een echte global city. Zulke steden zijn platformen om in de wereldeconomie mee te spelen. Sinds de economische crisis wordt er nog veel meer vastgoed en land opgekocht, en op de langere termijn kan dat goed fout gaan. Want je hebt in elke stad uiteraard ook een grote vraag naar schoolgebouwen, betaalbare huisvesting, kantoren, enzovoort. Ik maak me daar veel zorgen over. Sommige geglobaliseerde steden, zoals Londen, zijn zo ver heen. Het was het eerste wat de nieuwe burgemeester van Londen, Sadiq Khan, beloofde na zijn aanstelling. Hij wil dat opkopen door buitenlandse bedrijven grondig onderzoeken, om precies te weten wat daar aan het gebeuren is.
Veel stedelingen geven intussen het idee op van huisbezit, en leggen zich neer bij huren? Sassen: Soms. In de goed gerunde
Duitse economie huren de meeste mensen. Met huren is niets mis. Dat idee van je huis bezitten, is een typisch middenklasse-idee dat vooral in de Verenigde Staten op-
INTERVIEW Sociologe Saskia Sassen maakt zich zorgen over vastgoedspeculatie in steden
‘De stad moet als een bazaar zijn’ Speculatie met grond en gebouwen verandert de grote steden sterk, zegt de invloedrijke sociologe Saskia Sassen (Columbia University). De grande dame van de stadssociologie waarschuwt dat steeds meer mensen over de hele wereld daardoor worden uitgesloten, en kostbaar stedelijk weefsel verloren gaat. “De stad is een enorm belangrijke plek voor wie niet rijk en machtig is, zoals de middeninkomens, de studenten, de armen, de migranten. Omdat het de plaats is waar ze een leven en een stem kunnen hebben.”
rukt. In sommige landen is huisbezit goedkoper dan huren, maar dat hangt erg af van de regels in je land. In New York en Londen is ook het bescheiden huren echter niet meer mogelijk. Door Airbnb ook, dat de beschikbare bescheiden huisvesting aan toeristen verhuurt. Omdat eigenaars zo in een week tijd vangen wat ze anders voor een maand krijgen. Mensen met een beschei-
zelfs niet echt goed. Zo is de Brexit gebeurd: de onverschilligheid van de Londenaars voor de rest van het land. Ze dachten dat ze daar wel tegen de Brexit zouden stemmen, en dat hebben ze niet gedaan. Daarom zeg ik niet dat ‘de stad’ meer macht moet hebben. Veel steden verzamelen nu al enorm veel macht en geld, en genereren nog veel meer geld en macht. Ik wil niet al te romantisch worden over de steden. Wel is het zo dat de stad een enorm belangrijke plek is voor diegenen die niet rijk en machtig zijn, zoals de midd en i n k omen s, de studenten, de armen, de migranten. Omdat het de plaats is waar ze een leven en een stem kunnen hebben. Wie bij een groot bedrijf werkt voor een klein loon, heeft nog altijd heel weinig rechten en vat op het bedrijf. Maar je zal altijd je buurt hebben, een plek waar je een soort van autonomie kunt hebben. In tegenstelling tot buitenwijken maken stedelijke buurten het voor de mensen mogelijk om een lokale economie te creëren.
“Het is niet omdat er veel mensen samen zitten, dat het stedelijk is” Saskia Sassen Stadssociologe
den inkomen worden op die manier uit de stad verdreven. Op sommige plaatsen bouwen ze al volledige appartementen, gewoon om het in het Airbnb-netwerk te stoppen.
Veel burgemeesters pleiten voor meer macht voor de stadsbesturen. Welke politieke rol ziet u voor de steden? Sassen: Veel mensen worden daar
erg enthousiast over, ja. Ze praten zelfs over een parlement van burgemeesters. De wereldsteden zijn natuurlijk erg divers. Sommigen hebben nu al veel meer bevoegdheden dan ze zouden moeten hebben (lacht). Londen en New York zetten de toon voor het hele land, en dat is
U zei tijdens uw lezing in Bozar ook: je buurt moet weer je sociale back-up worden. Sassen: Zeker, daar heb ik een stu-
die over gedaan, gefocust op New York. Daar zijn de werkomstandigheden van arbeiders met een laag inkomen erg hard, erg slecht. Voor
SASKIA SASSEN 1949: Geboren in Den Haag, Nederland Opgegroeid in Argentinië en Italië, vijftalig opgevoed en gestudeerd in Frankrijk Professor sociologie aan de Columbia University in New York 1988: Auteur van The Mobility of Labor and Capital 1991: Auteur van The Global City 2007: Auteur van Sociology of Globalization 2012: Auteur van Cities in a World Economy 2013: Winnaar van de Prince of Asturias Award for Social Sciences 2014: Auteur van Expulsions - Brutality and Complexity in the Global Economy
Donderdag 20 oktober 2016 I BRUZZ 1543 I 11
hen is die sociale back-up essentieel. Als je in een mijn werkt en je huisvesting is ook nog eens verbonden aan dat werk, dan heb je helemaal geen macht. Dat is waarom stedelijke ruimte zo enorm krachtig is. Ze geven die mensen met lage inkomens de kans om wat geld te vergaren, hun bestaan te verbeteren, aan politiek te doen, te protesteren, te demonstreren, geschiedenis te schrijven. Dat kan allemaal niet in een klassieke buitenwijk.
Is dat de reden waarom steden ouder zijn dan naties en organisaties? Sassen: Ja. In de loop van de ge-
schiedenis zie je zoveel machtige systemen die zich formaliseerden, maar uiteindelijk toch morsdood zijn. Zij zijn verdwenen, de steden overleven het allemaal en blijven veranderen. Kijk maar naar Bagdad of Jeruzalem. Wat erg interessant is, is dat alle steden bescheiden buurten hebben die mee overleven en mee veranderen. De inwoners van die
bescheiden buurten blijven veranderen, maar ze zijn een intrinsiek deel van de stedelijke ruimte. Daar zit het overlevingsinstinct van de stad, zij zijn de reden dat steden
houden. Dat is iets helemaal anders dan wat je in China ziet, waar plattelandsbewoners die naar de stad komen om te werken in slaapzalen worden gestopt. Die werken, slapen en verder niets. Dat is onderdrukking, arbeiders onder de controle van de fabrieken. Het is niet omdat er veel mensen samen zitten, dat het stedelijk is. Het vertelt ons iets over hoe belangrijk het is om je stedelijke ruimte gemengd te houden.
“De stad heeft de capaciteit om van ons allen, elke dag opnieuw, stadsmensen te maken” Saskia Sassen Stadssociologe
zo lang door de geschiedenis blijven bestaan. Die buurten zijn dus extreem belangrijk voor je stad en moet je koesteren als de plaats waar nieuwkomers een leven kunnen opbouwen, een lokale subeconomie, en bijvoorbeeld ook hun culturele tradities in stand kunnen
Door grote vastgoedoperaties riskeert kostbaar stedelijk weefsel verloren te gaan? Sassen: Veel grote projecten wor-
den aangekondigd als iets dat de stad sterker zal maken, omdat ze hoogte of dichtheid toevoegen, maar ze kunnen inderdaad ook de
publieke ruimte compleet ontstedelijken. Omdat het gesloten complexen zijn die kleine straatjes en pleintjes elimineren of lokale overheidskantoortjes voor als je een probleem hebt, kleine winkeltjes, enzovoort.
We moeten allemaal weer deel van de stad worden, zei u in Bozar, en we dreigen dat gevoel te verliezen als het stedelijk weefsel verdwijnt. Wat bedoelt u daarmee? Sassen: De stad heeft de capaci-
teit om van ons allen, elke dag opnieuw, stadsmensen te maken. Tijdelijk, voor periodes. Het beste
beeld is dat van de oude bazaars, de historische zoals vroeger in Jeruzalem, waar mensen van overal en van allerlei religies elke dag hun achtergrond achter zich lieten. De bazaar was de bazaar en de handel primeerde en domineerde. Pas daarna verengden ze weer tot hun eigen religie en cultuur. De stad moet als een bazaar zijn. Natuurlijk moeten we niet honderd procent van de dag stedelijk zijn, maar als we in de publieke ruimte zijn, worden we city subjects. Dan gaan we terug naar huis, naar onze buurt, of naar onze hippe club. Thomas Verbeke
>Uitstoting Brutaliteit en complexiteit in de wereldeconomie Saskia Sassen Uitgeverij ACCO i.s.m. Denktank Oikos.
SASSEN OVER Speculatie “Steden, hun bestuur, inwoners en alle actoren moeten zich erg bewust worden van de speculatie. Iedereen moet opletten voor grote bedrijven die stedelijke gronden en gebouwen opkopen, puur als belegging. Ze doen er verder niets mee.”
© SASKIA VANDERSTICHELEN
12 I BRUZZ 1543 I Donderdag 20 oktober 2016
© CREPAIN BINST ARCHITECTUUR
Gemengd wonen Er komen 72 sociale woningen en 298 studentenwoningen. Voor een groot deel komen die boven op een sokkel met achttien ateliers voor kmo’s.
huisvesting Pioniersproject combineert wonen en productie in hetzelfde gebouw
Wonen boven een fabriek ANDERLECHT - Fabriekjes en woningen gecombineerd in één gebouw. Het klinkt niet als een ideale combinatie, maar Brussel twijfelt niet: het is de toekomst. In 2019 beginnen de werkzaamheden al voor CityCampus, een pioniersproject in Anderlecht.
“F
uncties mengen, daar zetten we inderdaad op in, omdat we vinden dat industrie nog altijd een plaats moet hebben in de stad,” zegt Kristiaan Borret, de Brusselse bouwmeester. Hij begeleidde het project bij de Ceria/ Coovi-site in Anderlecht, dat door de Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij cit ydev.brussels ontwikkeld wordt. “In het buitenland zie je vaak dat de industrie verdwijnt uit de stad bij stadsver-
nieuwingsprojecten. Wij kiezen er bewust voor om de industrie hier te houden.” Dat is niet vanzelfsprekend. Waar mensen wonen, is industrie vaak niet erg welkom, want industrie, betekent geurhinder, lawaaihinder en visuele hinder. Tegelijk is de ruimte in Brussel schaars. Functies scheiden, is bijgevolg weinig efficiënt. Het project in Anderlecht kiest er daarom radicaal voor om de functies te stapelen. Er komen 72 sociale woningen en 298 stu-
dentenwoningen, voor een groot deel komen die boven op een sokkel met achttien ateliers voor kmo’s. Er wordt daarbij vooral gedacht aan voedingsbedrijven. “Er is een enorme vraag naar plaats voor zulke bedrijven, en we zitten natuurlijk ook vlak bij de scholen Ceria en Coovi, die zich met voedsel bezighouden,” zegt Benjamin Cadranel, administrateur-generaal van citydev.brussels. Verticale gemengdheid noemen ze dat concept bij citydev.brussels. “We doen dat omdat het een meer
Experiment
“De markt is klaar om innoverende projecten te realiseren” Kristiaan Borret Brussels bouwmeester
BRUSSEL IS INTERNATIONALE MENGPIONIER CityCampus is niet alleen een Brusselse primeur als combinatie van productie en wonen in één gebouw, het is ook een uniek project in Europa. “Brussel is een voorloper als het gaat over functies combineren,” zegt Kristiaan Borret, de Brusselse bouwmeester. “Ik zit nu toevallig op een congres
in Spanje, en het gaat hier ook over gemengdheid. Er wordt over nagedacht in heel wat Europese steden. Maar terwijl zij nu pas beginnen te plannen, realiseren wij al gemengde projecten.” Het is niet toevallig dat het vooral de overheid is die zich bezighoudt met functiemengen. “Het zijn toch unieke
projecten, en de privésector is vaak nog wat conservatief. Zij hebben zekerheid nodig en nemen minder risico’s. Daarom geven wij als overheid het voorbeeld, wij tonen dat gemengde projecten kunnen lukken.” Het blijft ook niet bij dat ene project, citydev.brussels werkt ook aan NovaCity in Ander-
lecht. In dat project worden kmo-ruimtes gecombineerd met koopwoningen. En daarnaast worden er nog heel wat andere projecten voorbereid. “Dit zijn nu gestapelde projecten, maar je kunt gemengdheid ook op andere manieren realiseren,” voegt de bouwmeester toe. “Je kunt functies bijvoor-
leef bare en verrijkende omgeving voor alle gebruikers oplevert,” voegt Cadranel toe. Wie ’s avonds al eens per ongeluk op een industrieterrein verzeild raakte, weet inderdaad dat daar niet veel te beleven valt na de werkuren. “Het complex is zo ontworpen dat de hinder voor bewoners minimaal is, al willen we de industrie niet verstoppen,” zegt Borret. De laad- en loszone komt in het binnengebied en krijgt een luifel met geluidswerende materialen. Erbovenop komt een groendak, om de luifel visueel prettiger te maken.
beeld naast elkaar realiseren. Hoe je het doet, moet vooral afhangen van de omgeving.” Citydev.brussels is een overheidsinstelling die bedrijfsruimtes en betaalbare koopwoningen moet creëren. Ze realiseren er zo’n tweehonderd per jaar, drieduizend gezinnen kochten sinds 1989 een woning.
Stapelen vereist creatieve oplossingen, en creativiteit kost geld. “We zijn al jaren bezig met het project, en het was vaak moeilijk. We moesten ook verschillende wedstrijdrondes organiseren om het project uiteindelijk toe te wijzen, er waren in het begin wat minder kandidaten dan we hoopten,” geeft Cadranel toe. “Dat is helemaal niet erg,” nuanceert Borret. “Het is het eerste gemengde project van de overheid, een experiment dus. Het is logisch dat er dan wat bijsturingen nodig zijn voor het lukt.” Het project werd uiteindelijk toegewezen aan een samenwerking tussen Crepain-Binst en ORG. “Dat zijn grote namen, we zijn erg blij dat zij het uiteindelijk geworden zijn,” zegt Cadranel. Borret bevestigt. “We hebben een nieuw concept gelanceerd en nu komt het er echt. Dat toont aan dat de markt klaar is om innoverende projecten te realiseren, en dat dat niet zomaar uit een ivoren Tim Gatzios toren komt.”
Donderdag 20 oktober 2016 I BRUZZ 1543 I 13
samenleving OCMW’s bestaan veertig jaar, armenzorg is eeuwenoud
‘Wij openen horizonten’ BRUSSEL - De Openbare Centra voor Maatschappelijk Werk (OCMW’s) bestaan dit jaar veertig jaar. Het waren de opvolgers van de Commissies voor Openbare Onderstand. “Armenzorg, ziekenzorg is van alle tijden,” zegt David Guilardian, hoofdconservator van het OCMW van Brussel, een van de grootste van het land.
D
avid Guilardian: “In de stad, ook in Frans - hadden een armenkas en een ziekenkas die een onderkomen had waar vandaag de kleinere steden en sommige gemeenten, is de nood aan zieken- en armenAncienne Belgique huist. Dat was een corporazorg eeuwenoud. Er was ook altijd tistische organisatie die exclusief zorgde voor onderdak nodig voor daklozen en leden die slachtoffer geworden waren van een vreemde reizigers. In Brussel is dat al arbeidsongeval of ziek werden en dreigden in duizend jaar zo. Altijd was er publieke en pride armoede te verzeilen. De meerslieden of vate hulp. Dat kan gaan van een sociale dienst kleinhandelaars stortten een jaarlijkse bijdrage. Niet onaardig detail: ook de apothekers wabinnen een parochie tot een gasthuis stichten ren er aanvankelijk bij aangesloten.” voor zieken en reizigers. Tweehonderd jaar geleden kwamen de Fransen hier aan en organiDe namen van bekende gebouwen in Brussel seerden ze de armenzorg op hun manier.” herinneren aan de legaten die het OCMW of De Fransen beriepen zich op artikel 21 van de zijn voorgangers van rijke weldoeners kregen, Déclaration des droits de l’homme et du citoyen het Brugmannziekenhuis in Laken spreekt van 24 juni 1793: Les secours publiques sont une voor zich. Voor de COO het legaat van de bankiersfamilie Brugmann kreeg, bevond het dette sacrée. Brussels hospitaal, het Sint-Janshospitaal, Guilardian: “Volgens de filosofie achter de zich op de plaats waar nu de socialistische Déclaration kan de overheid hulp aan armen, mutualiteiten zijn aan het Sint-Jansplein. Het zieken en reizigers niet overlaten aan privé-initiatieven die kriskras Eastmangebouw in het naast elkaar werken. Leopoldpark, waarin een Het is de verdomde museum voor de geschiedenis van Europa maar plicht van de staat om niet wil opengaan, is een voor het welzijn van schenking van de Amehaar burgers te zorgen. rikaan George Eastman, Volledig in lijn hiermee uitvinder van de Kodak hebben de Fransen al en oprichter van de Kowat privé was genationaliseerd en gefudakfabrieken. Het pand sioneerd met wat al herbergde oorspronkelijk het Eastmaninstituut publiek was. Ze gingen voor tandverzorging voor voortaan door het leven David Guilardian kinderen. Eastman was als ‘Commissie voor de Hoofdconservator OCMW Brussel er zich van bewust dat burgerlijke godshuizen’ een goed gebit belangen het ‘Bureel voor Weldadigheid’. Burgerlijke rijk is om aan een baan godshuizen klinkt misschien paradoxaal in te geraken. Generaties Brusselaars die school het Nederlands, maar niet in het Frans waar liepen in het stadsonderwijs hebben er hun ze voor de komst van de Fransen al kortweg tanden laten verzorgen en trekken. hospices heetten. De Fransen hebben ook wat Meer opdrachten verwarring veroorzaakt, zij noemden zowat In het begin van de Franse periode heerste er alles hospices: gasthuis of weeshuis of ouderentehuis.” een optimistische sfeer. De beleidsvoerders dachten dat ze met de opbrengst van het paOpenbare onderstand trimonium zouden rondkomen om hun opIn 1925 werden de burgerlijke godshuizen de dracht, hulp aan armen, zieken en wezen, te Commissies voor Openbare Onderstand (COO), vervullen. Openbare instellingen mochten hun vandaag wordt dan weer de veertigste verjaarpatrimonium niet verkopen, anders hadden ze dag van het OCMW gevierd. geen werkingsmiddelen meer. Maar al tijdens Guilardian: “De basis van het patrimonium de Franse periode kwamen er opdrachten bij van het Brussels OCMW zoals we dat vandaag en volstonden inkomsten uit vastgoed en landerijen niet langer. De Franse staat begon te kennen, is dus gelegd toen de Fransen de eigendommen van al die private instellingen subsidiëren. Guilardian: “Er zijn de laatste hebben genationaliseerd. Nadien is het patritweehonderd jaar opdrachten blijven bijkomen. monium nog aangegroeid met privégiften en Twee eeuwen geleden zijn we begonnen met legaten voor het OCMW en zijn er de voorbije nul procent subsidies, vandaag komt zeventig tweehonderd jaar ook opnieuw privézorginprocent van de pot maatschappelijke integratie stellingen, vzw’s, congregaties opgericht.” van het federale niveau.” “De private instellingen van voor de komst van Gaandeweg werkten de OCMW’s meer stroomopwaarts. De COO ondernam al pogingen om de Fransen waren niet allemaal religieus geïnspireerd, al was het Kapittel van Sint-Goedele mensen te helpen niet in de armoede te verzeilen. Sinds 2004 is de actieradius van de natuurlijk incontournable. Sommige werden OCMW’s nog verbreed: het OCMW mag nu opgericht in de schoot van de ambachten, de ook mensen actief in het arbeidsmilieu re-inmeerslieden bijvoorbeeld - les merciers in het
tegreren. In 2004 is het OCMW in het Frans trouwens van naam veranderd: de a van CPAS staat sindsdien niet meer voor ‘aide’ maar voor ‘action’. Thierry Timmermans, verantwoordelijk voor fondsenwerving: “De aanpak van het OCMW is
proactief. Met het OCMW van Brussel benadrukken wij heel erg dat we behoren tot de actoren - weliswaar met een sociaal oogpunt - die deze stad willen verrijken. Wij investeren ook in de aankoop van gebouwen voor een bedrijvencentrum waar laagopgeleide mensen aan hun trekken komen. Het Wijnpaleis aan de Huidevettersstraat is hier een mooi voorbeeld van.” Guilardian: “Maar er zijn ook crèches en een dienst schuldbemiddeling die openstaat voor alle Brusselaars. Het OCMW richt zich niet exclusief meer tot een categorie ‘benadeelden’. Elke Brusselaar mag naar een sociale antenne van het OCMW stappen met zijn problemen, zoals onder meer schuldenlast. Dan wordt er gekeken of een oplossing kan worden geboden. Wij leren artikel 60’ers ook omgaan met een gezinsbudget en hoe ze een rekening moeten openen.” Timmermans vult aan: “Wij werken samen met de Koning Boudewijnstichting en met Be.Face, een netwerk van ondernemingen die hun middelen bundelen om Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen op het terrein waar te maken.” Danny Vileyn
“Waar nu de AB huist, was vroeger de armenkas van de meerslieden of kleinhandelaars”
buren Het is niet toevallig dat de hoofdzetel van het OCMW naast het Sint-Pietersziekenhuis gelegen is. OCMW’s vereenzelvigden zich gedurende eeuwen met hun belangrijkste activiteit. © SASKIA VANDERSTICHELE
>
Bruksel vertelt meer Brukselbinnenstebuiten organiseert op zaterdag 29 oktober een stadstoer met als thema ‘Het OCMW van Brussel, een verhaal van geven en krijgen’. De toer begint om 9.30u aan de Sint-Goedelekathedraal en
eindigt om 13u aan de Hallepoort. De gids is Joris Sleebus. Inschrijven per telefoon (02/218.38.78), per mail bruksel@skynet.be of op de webstek
www.brukselbinnenstebuiten.be. De deelnameprijs bedraagt 10 euro. Vlug inschrijven is de boodschap. Geïnteresseerde groepen nemen best contact op met Bruksel.
14 I BRUZZ 1543 I DONDERDAG 20 OKTOBER 2016
STEL ZELF JE VRAAG EN STEM OP BRUZZ.BE © FLICKR CREATIVE COMMONS ROEL DRIEVER
Waar kan ik legaal en gratis pipi doen in Brussel?
H “Om een plasje te doen in een café, moet je rekenen op de goede wil van de uitbater” Christine Mattheeuws Neutraal Syndicaat voor Zelfstandigen (NSZ)
oewel veel mensen ervan overtuigd zijn dat je volgens de wet overal kan aanbellen om gebruik te maken van het toilet, konden wij daar geen spoor van terugvinden. Niemand houdt je natuurlijk tegen om het te proberen – vragen staat vrij. Een koninklijk besluit uit 1953 verplicht uitbaters van restaurants en cafés – of ‘slijterijen van gegiste dranken’ zoals de tekst het ambtelijk omschrijft – wél om in toiletten te voorzien, maar alleen voor klanten. Mannen en vrouwen moeten aparte ‘privaten en wasplaatsen’ hebben, met een raampje, deur en voldoende luchtverversing. “Maar die verplichting geldt niet voor nietklanten,” zegt Christine Mattheeuws, voorzitster van het Neutraal Syndicaat voor Zelfstandigen (NSZ). “Daar moet je rekenen op de goede wil van de uitbater. Wie het netjes vraagt en bereid is ervoor te betalen, zal waarschijnlijk wel binnen mogen. Maar er zijn altijd mensen die willen profiteren van een druk terras bijvoorbeeld om snel en zonder te vragen naar de wc te glippen. Daar zijn uitbaters uiteraard niet mee opgezet.” Andere handelszaken, zoals kruideniers of kledingwinkels, moeten helemaal geen plee ter beschikking hebben, tenzij dan voor het personeel. De verkoper die uw driejarige dreumes die dringend een plasje moet doen pertinent de toegang ontzegt, staat dus in principe in zijn recht, al mag dat op menselijk vlak minder begrijpelijk zijn. Wie dringend ‘moet’ en op straat vertoeft, kan behalve lukraak aan te bellen bij andere stadsbewoners ook terecht in openbare toiletten of urinoirs. Helaas is het aantal publieke toiletten dat in Brussel geschikt is voor vrouwen omgekeerd evenredig met het aantal keer dat de gemiddelde vrouw de plasdrang voelt.
De vzw Straatverplegers, die zich inzet voor daklozen, brengt al jarenlang geregeld plannetjes uit met daarop alle openbare toiletten, urinoirs en drinkfonteinen in het Gewest. Op dit moment zijn er 26 plekken waar de inwoner of toerist zijn gevoeg kan doen. Een kleine revolutie op hygiënisch vlak is wel dat de zes openbare toiletten binnen de Vijfhoek sinds eind juli van dit jaar allemaal gratis toegankelijk zijn. Tot voor kort moest de gebruiker er 20 cent voor neertellen. De korting kwam er niet uit naastenliefde, maar omdat de Stad vaststelde dat de geldautomaten van de wc’s vaak geplunderd en beschadigd werden. Mocht u een kleine blaas hebben, dan is het plannetje van de Straatverplegers afdrukken voor u op stap gaat in de stad waarschijnlijk geen slecht idee. Al geven we geen garanties over de staat waarin u de toiletten zult aantreffen. Sara De Sloover
ADVERTENTIE
Een Bank met Brussel in haar naam Net wat Brussel nodig heeft
#betterforbrussels KBC Brussels part of KBC Group NV, Havenlaan 2, 1080 Brussel, België. BTW BE 0403.227.515, RPR Brussel.
PLASDRANG In het Brussels Gewest zijn 26 openbare plekken waar de inwoner of toerist zijn gevoeg kan doen.
VOLGENDE WEEK In oktober maakt Big City plaats voor studenten. Ben jij een Big City Student? Zit je met een vraag over Brussel? Laat het ons weten via bruzz.be/ bigcitystudent.
JOUW MENING
DONDERDAG 20 OKTOBER 2016 I BRUZZ 1543 I 15
lezersbrieven@bruzz.be
Erfgoed
Ik lees en zoek – jammer genoeg – tevergeefs in uw edito (BRUZZ 1541) naar de juridisch gegronde reden waarom de federale overheid zou weigeren om haar kunstpatrimonium, in dit geval de eigen collectie moderne schilderkunst, voor het publiek tentoon te stellen in een nieuw museum van het Brussels Gewest. U probeert dan maar het voorval ‘op zijn Belgisch’ te herleiden of te ‘framen’ tot een mogelijk communautair geschil tussen de bevoegde federale N-VA-minister en de gewestelijke Brusselse PS-minister-president en klaar is kees!? Een goede raad: hou uw lezers niet voor dommeriken, maar geef ze en zoek naar de gegronde reden, want elke overheidsbeslissing moet objectief gemotiveerd zijn en publiek worden bekendgemaakt. Een beetje moeite en graag een begin van onderzoeksjournalistiek. De federale collectie schilderijen is het roerend erfgoed en de eigendom van de federale overheid. Voor roerende goederen geldt het bezit als enige rechtstitel: de bezitter is er ook de eigenaar van. De enige mogelijkheid om de federale eigendom ter beschikking te stellen van de gewestelijke overheid is de formule van het bruikleen. De geschiedenis leert ons dat heel wat roerend (en onroerend) erfgoed in dit landje plots verdwijnt of dat de houder
plots meent de eigenaar te zijn. Er is nog wel wat roerend erfgoed dat zelfs na de Franse kolonisatie door die kolonisatoren is mitgenommen en nu pronkt in musea in Frankrijk. Hopelijk binnenkort te bewonderen in het museum van het Brussels Gewest, maar niet gratis.
Roeland Van der Stighelen-van den Berg, Londerzeel
Thuis
Samusocial, een Brusselse organisatie voor daklozen, trakteerde Nederlandstalig Brussel deze week op een aangename verrassing. Er waait een frisse wind bij Samusocial, dat zijn logo en website in een nieuw kleedje steekt! Het logo is nu tweetalig, met zijn extensie .brussels die zowel ons Franstalig als ons Nederlandstalig publiek aanspreekt. Fijn dat er nog mensen en organisaties zijn die de Nederlandstaligen in Brussel helemaal thuis willen doen voelen (hun een dak boven hun hoofd geven, bij wijze van spreken). Het stadsbestuur van Brussel met het triestige logo ‘BXL’ - kan er nog heel wat van leren!
Vincent Verouden, Watermaal-Bosvoorde
PVDA
organisator van het International Communist Seminar in Brussel, waar ze onder andere in het gezelschap vertoefde van de Communistische Partij van Noord-Korea. Het is niet toevallig dat de website van dat seminarie ontoegankelijk werd nadat De Morgen er in 2012 een artikel aan had gewijd. Rudi Coel
Links en flamingant
Toen ik de titel las van het interview met Vic Anciaux in BRUZZ 1542, dacht ik: “Hoe zo, voor linkse flaminganten is nergens nog plaats?” Er is toch de vzw Meervoud, er is de Vlaams-Socialistische Beweging (VSB), er is Vlinks. Daar kunnen zij die – om linkse redenen een onafhankelijk Vlaanderen nastreven toch terecht. Maar na het lezen van het interview, werd mij duidelijk wat
Anciaux sr. onder ‘linkse flaminganten’ verstaat: vlaamsvoelende progressievelingen die de huidige Belgische staatsinrichting verdedigen. Op die manier…
Dirk De Haes, Holsbeek
Tweetalig
Zondagmiddag getelefoneerd naar 02.242.43.44, de tweetalige gewestelijke geneesherenwachtdienst (Garde bruxelloise/Brusselse wachtdienst). Uiteraard ga ik verder via de Nederlandstalige operator. Na dertien minuten zonder reactie dan maar opnieuw opgebeld en de Franstalige lijn opgeroepen. Onmiddellijk antwoord in het Frans. Uiteindelijk wordt me een Nederlandstalige dokter gestuurd (met Franstalig getuigschrift). Voor zover de dienstverlening aan de Nederlandstalige Brusselaars...
Guido Ghekiere, Brussel
RECHTZETTING KADER ABDOLAH In het interview met Kader Abdolah sloop een historische onjuistheid (BRUZZ 1542). Er staat dat Otto von Bismarck keizer was. Dat klopt niet, Von Bismarck was kanselier.
SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bruzz.be. Schrijven kan naar
Ik lees met enige argwaan in BRUZZ 1542 de geruststellende woorden van de heren Decreus, Delwit en Sinardet over de PVDA, die niet langer stalinistisch zou zijn. Ik geloof daar niet veel van. Minstens nog tot 2014 was de PVDA de
BRUZZ-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bruzz. be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.
ADVERTENTIE
NIEURUWZZ! bij B
Zit je vast in Brussel? BRUZZ helpt je door de stad. De meest complete verkeersinfo voor Brussel op jouw maat: elke dag op 98.8 FM en BRUZZ.be
ADVERTENTIE
ADVERTENTIE
Geef griep geen kans! Laat je vaccineren.
Sociale Verhuurkantoren (SVK)
Een griepvaccinatie is aangewezen voor:
Verhuur uw woning
• • • •
zonder risico en zonder zorgen
a Gegarandeerde huur elke maand a
Verzekerd verhuurbeheer
a
Onderhoud van uw woning
personen met een chronische aandoening ouderen zwangere vrouwen personen werkzaam in de gezondheidssector
De beste periode om zich te laten vaccineren is tussen 15 oktober en 15 november.
a Hulp bij renovatie a Fiscale voordelen
Vraag een voorschrift aan uw huisarts. Heeft u nog geen huisarts? U kunt er een vinden op Zorgzoeker.be.
www.fedsvk.be 02 412 72 44 Een initiatief van het Agentschap Zorg en Gezondheid van de Vlaamse Overheid, in samenwerking met het Vlaamse Griepplatform en de Vlaamse Gemeenschapscommissie ADVERTENTIE
ADVERTENTIE
27.10.2016 BOZAR INFO & TICKETS: T 02 507 82 00 – bozar.be – gracialive.be
© ELKE VAN OOST
MIJN GEDACHT
Donderdag 20 oktober 2016 I BRUZZ 1543 I 17
ONGELIJKHEID “De kinderbijslag moet rekening houden met de grotere ongelijkheid tussen arm en rijk in Brussel.”
‘Brussels Gewest moet met eigen kinderbijslag armoede bestrijden’
O
p maandag 17 oktober was het Internationale Dag voor de Uitroeiing van Armoede. Hannelore Goeman (SP.A), Brussels socialistisch parlementslid, grijpt die datum aan om de krijtlijnen uit te zetten voor een hervorming van de Brusselse kinderbijslag. “Die moet een instrument worden om kinderarmoede uit de wereld te helpen.” Sinds de zesde staatshervorming mogen de gewesten beslissen wat ze met hun kinderbijslagsysteem aanvangen. Voorlopig keert het Federaal Agentschap voor de Kinderbijslag nog altijd het geld uit, tot ieder gewest zijn eigen regelgeving heeft. Ook in Brussel staat een hervorming in het regeerakkoord. “Vlaanderen heeft voor de zomer de nieuwe regels vanaf 2019 aangekondigd, maar de kinderarmoede wordt er niet mee bestreden. Dat vinden wij een gemiste kans,” zegt Goeman, die lid is van de commissie Gezondheid en Sociale Zaken in het Brussels parlement, en lid van de commissie Welzijn van de Raad van de VGC. “Het Centrum voor Sociaal Beleid van de Universiteit Antwerpen (UA) heeft berekend dat armere ouders in Vlaanderen er niet op vooruitgaan onder het nieuwe systeem.” “De vraag is nu hoe Brussel de kinderbijslag moet hervormen. Dit is een historische kans om de kinderarmoede structureel aan te pakken. Er is meer armoede dan in Vlaanderen, en de ongelijkheid is dieper. Eén op de vier Brusselse kinderen groeit op in een huishouden zonder inkomen uit arbeid.” Voor Goeman moet een eigen Brusselse kinderbijslag vertrekken van drie uitgangspunten. “Ten eerste moet de kinderbijslag rekening houden met de gro-
Hannelore Goeman Brussels parlementslid (SP.A)
“Wij willen een eerste extra leeftijdstoeslag op 12 jaar, en een tweede voor 18-plussers die beginnen met hogere studies”
tere ongelijkheid. Het verschil tussen de twintig procent hoogste en twintig procent laagste inkomens is veel groter: de hoogste inkomens zijn hoger dan in Vlaanderen - zonder rekening te houden met vermogensopbrengsten -, terwijl de inkomens van de middenklasse ongeveer 15 tot 25 procent lager liggen. Dat pleit voor een progressievere kinderbijslag in Brussel dan in Vlaanderen: een lager basisbedrag voor iedereen en een hogere sociale toeslag voor wie het nodig heeft. Het opzet moet wel zijn dat niemand verliest ten opzichte van het oude systeem.” Hoe hoog de extra toeslagen precies moeten zijn, laat Goeman afhangen van een studie die de regering daarover besteld heeft. “Wij willen de hoogte van die sociale toeslagen in elk geval niet laten afhangen van het sociale statuut, maar van het inkomen. Het kan toch niet de bedoeling zijn dat iemand die werk vindt tegen een bescheiden loon de sociale toeslag verliest, waardoor hij of zij netto minder heeft dan toen hij/zij nog werkloos was. Zo creëer je een werkloosheidsval. Ook mensen met bescheiden inkomens moeten van de toeslagen kunnen profiteren – in Brussel hebben heel wat gezinnen uit de lagere middenklasse het moeilijk om financieel rond te komen.” “Ten slotte moeten we ook nadenken over leeftijdstoeslagen. Een ouder kind kost altijd meer dan een baby. Wij zouden een eerste leeftijdstoeslag willen op 12 jaar, en een tweede voor 18-plussers die beginnen met hogere studies. Zo willen we kinderen uit lagere sociale milieus aanmoedigen zich in te schrijven voor een hogere opleiding, die nu al vaak van tevoren wordt uitgesloten.”
Sara De Sloover
18 I BRUZZ 1543 I Donderdag 20 oktober 2016
VADROUILLE Interview Brussels gezelschap Tristero laakt de beoordelingscommissies van het internet en het theater
‘Internet vereeuwigt de toogpraat van vroeger’ ‘Leave a Comment’. Naar dat zinnetje waarmee YouTube aanspoort tot soms ellenlange debatten bij de filmpjes op dat kanaal, is de nieuwe voorstelling van Tristero genoemd. Het internet heeft de wereld veranderd, maar er zijn ook positieve elementen in de opkomst van de sociale media, oordelen de makers. Humor bijvoorbeeld.
A
cteurs Peter Vandenbempt en Youri Dirkx en zakelijk leider Manu Devriendt ventileren hun bedenkingen bij de subsidieperikelen die hen dit jaar in een bestaanscrisis stortten, maar geven eerst nog alle aandacht aan de commentatoren van het internet die in hun nieuwe theatervoorstelling aan bod komen. Waar Tristero in ‘The Search Project’ nog podiumpotentieel zag in aandoenlijke en vreemde zoekertjes en contactadvertenties, en in ‘Iemand van ons’ citaten over liefde en politiek liet klinken en botsen, waadden ze nu in de open riool van de commentaarkolommen op het internet, waar de anonieme digitale mens per se zijn mening kwijt wil.
“Hoe meer zicht we krijgen op de wereld, hoe meer de grenzen gesloten worden om het vreemde buiten te houden” Peter Vandenbempt Acteur Tristero Iedereen klaagt over het geklaag op sociale media. Jullie doen er iets creatiefs mee. PETER VANDENBEMPT: Dat materiaal heeft potentieel, omdat het ons een spiegel voorhoudt en omdat het heel speelbaar blijkt. Het zijn heel veel verschillende stemmetjes, in verschillende talen, met verschillende accenten en op verschillende niveaus.
YOURI DIRKX: Twee jaar geleden hebben we in Théâtre National al een schets van twintig minuten gemaakt van wat de voorstelling zou kunnen worden. Dat viel heel goed mee. Toen wisten we dat we iets in handen hadden. We namen tijdens de research veel sites en fora door, maar uiteindelijk zijn we weer bij ons eerste uitgangspunt uitgekomen, omdat daar al zoveel in zat. Bij sommige filmpjes op YouTube gaan de commentaren maar door,
pagina’s lang. Het feit dat alles anoniem gebeurt, geeft er natuurlijk een speciale dimensie aan en doet geen goed aan je kijk op de mensheid. Soms posten mensen toch ook positieve of ontroerende getuigenissen bij zo’n filmpje? VANDENBEMPT: Toen ik zocht op fragmenten uit fictie - geen huis-, tuin- en keukenvideo’s waarin kindjes van hun fiets vallen, maar
filmpjes met een artistieke bedoeling - was ik aangenaam verrast: die filmpjes waren voor mensen vaak een aanleiding om zich te positioneren en zinnige dingen te zeggen over de wereld waarin we leven. Fictie kan dus nog altijd mensen beroeren. DIRKX: Helaas is er altijd weer iemand anders die daarop begint te zeiken. VANDENBEMPT: Dit project toont een beetje het waanidee, de illusie van the global village. Internet verandert de wereld en verandert ons als mens, maar van de idylle van de global community die ons werd voorgesteld, blijft volgens mij niet veel over. Die communities zijn er binnen bepaalde niches en interessesferen. Voor het overige lijkt de toevloed aan nieuws en informatie er vooral toe te leiden dat mensen afweermechanismen creëren. Hoe meer zicht we krijgen op de wereld, hoe meer de grenzen gesloten worden om het vreemde buiten te houden en terug te kunnen keren naar een soort simpliciteit. De journalistieke tendens om meer ruimte te geven aan voxpops en straatinterviews zet zich voort aan de toog op het net. DIRKX: Toogpraat is er altijd geweest, maar nu wordt die gedigitaliseerd en vereeuwigd. Hoe banaal een mening ook is, ze moet blijkbaar worden ingetypt. En dan maar wachten op een reactie. Je voelt veel frustratie. Mensen krijgen duidelijk niet genoeg ruimte om zich uit te drukken. We kijken niet alleen verbaasd toe op wat de mensen allemaal achterlaten op internet. Het is ook een uitdaging om het positieve in de
‘We zijn geslaagd, maar moeten toch blijven zitten’ In juni maakte minister van Cultuur Sven Gatz (Open VLD) zijn lijstje bekend met Vlaamse theaterorganisaties die in de periode 2017-2021 nog structurele subsidies krijgen volgens het nieuwe Kunstendecreet. Voor Tristero was het verdict hard: vanaf 2017 zou er niets meer van de structurele steun overblijven. Dan zou een Brussels gezelschap verdwijnen dat al 23 jaar theater maakt. Wat de werking van Tristero als onafhankelijk gezelschap nog kan redden, is een projectsubsidie, of middelen uit het uitgebreide Brusselfonds waarmee Gatz enkele Brusselse slachtoffers uit de sector alsnog lijkt te willen steunen. “In juli hebben we constructieve gesprekken gehad met zowel het kabinet van Sven Gatz als
met het kabinet van Pascal Smet,” zegt Vandenbempt. Jullie behoren tot een lange lijst van organisaties die goed werden geëvalueerd, maar te laag op de ranking stonden om nog wat uit de subsidiepot te krijgen. Verwijten jullie de commissies iets? VANDENBEMPT: Hoe het voor ons ook uitdraait, we moeten er met alle betrokken organisaties op blijven hameren dat de nieuwe procedure niet deugt. Dat vinden sommige leden van de commissies zelf ook. Wij zijn zo strijdbaar, omdat de beoordeling niet is onderbouwd door voldoende expertise. Vroeger beoordeelde een commissie van zestien mensen alle theatergezelschappen, nu nemen drie of vier kleinere commissies van zeven leden elk een stukje
van het landschap voor hun rekening. De verschillende commissies hebben totaal verschillende rapporten afgeleverd. Dat is niet abnormaal, want zij kunnen door die opsplitsing geen overzicht van het hele landschap hebben. Dat maakt het voor hen moeilijk de juiste afwegingen te maken om zo’n ranking op te stellen. DIRKX: Het nieuwe kunstendecreet was bedoeld om schotten weg te nemen, en op algemene functies als reflectie, presentatie en productie te beoordelen, maar in realiteit zijn er nieuwe schotten in de plaats gekomen. Wij zijn echt niet de leerling die zijn leraar slecht vindt, omdat hij slechte punten heeft gekregen. We krijgen geen afdoende reactie op onze repliek na de pread-
viezen. Als daar al geen tijd voor is, dan kan je toch niet spreken van een kwalitatieve beoordeling? DEVRIENDT: Vroeger volgde de theatercommissie het werk van nabij op en wist iedereen wie welke voorstellingen had bijgewoond. Nu niet meer. Ook pleit ik ervoor om de categorieën ‘zeer goed’, ‘goed’ en ‘voldoende’ af te schaffen. Het verschil tussen die evaluaties is te vaag en wordt anders geïnterpreteerd door de verschillende commissies. Noem het een positief of een negatief advies. Dat is duidelijk. Wat als het Brusselfonds ook geen heil brengt? VANDENBEMPT: We hebben erg getwijfeld of we wilden wegen op die pot die zwaar onder druk staat. Collega’s
Donderdag 20 oktober 2016 I BRUZZ 1543 I 19
onwetend
“Vroeger volgde de theatercommissie het werk van nabij op en wist iedereen wie welke voorstellingen had bijgewoond. Nu niet meer.”
sociale media te zien en intellectuele en organisatorische filters in te bouwen die toelaten er op een goede manier mee om te gaan. MANU DEVRIENDT: En er zit ook opnieuw veel humor in. Veel grappige, maar ook veel pijnlijke passages. De taalfouten zijn misschien een bron van vermaak. DIRKX: Mensen schrijven duidelijk sneller dan ze nadenken, ja. De teksten zijn ontegenzeggelijk niet geschreven om uit te spreken. Daardoor klinken ze bij momenten wat raar. De voorstelling is drietalig. Reageren internauten in verschillende talen op elkaar? DIRKX: Dat gebeurt zeker. Er wordt veel gebakkeleid over taal en over de voertaal die moet worden gehanteerd. Anderstaligen moeten maar naar een andere pagina, lees je dan. Het zijn dezelfde oude dynamieken die zich nu op nieuwe fora ontwikkelen. Die verschillende talen zijn voor ons als acteurs ook een hele uitdaging. De mix van Engels, Nederlands en Frans leidt tijdens de repetities tot heel wat Michaël Bellon hilariteit.
>
Leave a Comment van Tristero, van 27 tot 29 oktober in het Kaaitheater, en op 1 december in De Kriekelaar, www.kaaitheater.be, www.dekriekelaar.be, www.tristero.be
raadden ons aan om het toch te doen. DIRKX: Projectsubsidies zijn oorspronkelijk meer voor het jonge, experimentele werk bedoeld. Dat lag wat moeilijk voor ons. Theatergroep Luxemburg heeft vanuit die redenering beslist het niet te doen. Het gevolg is dat het gezelschap niet meer bestaat. Hoezeer heeft de hele affaire jullie persoonlijk geraakt? VANDENBEMPT: De nieterkenning lijkt op een slecht rapport, terwijl je weet dat de evaluatie niet correct is verlopen. Daardoor voel je je onmachtig en gekwetst. DIRKX: Het voelt aan alsof je geslaagd bent voor het ‘examen’, maar toch moet blijven zitten en dat zelfs voor de komende vijf jaar.
Vlnr Peter Vandenbempt, Youri Dirkx en Manu Devriendt
© BART DEWAELE
20 I BRUZZ 1543 I Donderdag 20 oktober 2016
ENFANT TERRIBLE LORE VAN BRUWAENE KINDERARTS Sint-Pieter is als ziekenhuis voor mij het buitenland. Hier komen kinderen met hiv, tbc of sikkelcelanemie”
© SASKIA VANDERSTICHELE
Sinds een maand is Lore Van Bruwaene een van de Nederlandstalige kinderartsen in Sint-Pieter, een ziekenhuis met - gezien de vele vroeggeboorten - grote afdelingen pediatrie, neonatologie en intensieve zorg. In Brussel ontmoet ze mensen van overal en dat vindt ze best belangrijk. De kiem voor die buitenlandse interesse legde ze in haar stagejaar geneeskunde, toen ze voor pediatrie naar Chili trok. Ze kreeg er de smaak te pakken van werken in andere werelddelen. “Mijn man is van hetzelfde studentenjaar. Hij werkt nu als cardioloog in het UZ Gent en in Lokeren. In Pretoria (Zuid-Afrika) deden we twee van onze specialisatiejaren. Daar werden we besmet met het ‘virus’ om ooit weer als arts in Afrika te werken.” Met een peuter en een kleuter thuis is dat voorlopig niet aan de orde. “Voor ik in Brussel belandde, woonden we in Utrecht in een gemeenschapshuis. Nu huren we, maar als we ooit kopen, zal het cohousing zijn. Een auto hebben we niet. Uit ecologische overwegingen, maar ook omdat het intercityvervoer in België het snelst met de trein gaat en ontspan-
nender is dan met de auto. Mijn man doet de kindjes ‘s morgens met de fiets weg. Als hij van wacht is, doe ik dat.” “Het universitair ziekenhuis Kalafong in Pretoria bleek een nieuwe en unieke ervaring voor ons. Zuid-Afrika op zich is al confronterend: de kloof tussen rijk en arm is nergens in de wereld zo groot. Er is topgeneeskunde in privéziekenhuizen voor de rijken, maar de arme mensen sterven op straat. Op het platteland is er een tekort aan dokters. Mensen wachten er te lang om naar het ziekenhuis te gaan. Ze gaan eerst naar een traditional healer. In Kalafong zag ik veel kinderen met ondervoeding, hiv of tbc. Het werk was er interessant en tof omdat, als ik het nogal cru mag stellen, je er zoveel ernstige ziektes tegenkomt.” “Het verschil met ons land is onmetelijk groot. Hier worden kinderen met hiv en tuberculose vooral bij ons in Sint-Pieter en in Antwerpen verzorgd. Ze worden zo goed opgevolgd dat ze amper opgenomen moeten worden en thuis met medicatie verder kunnen. De situatie van de kinderen in Zuid-Afrika was vaak dermate gevorderd, dat de hulp te laat kwam. Het
“Het hardst was omgaan met stervende kinderen. Ik kende dat vanuit mijn opleiding in België niet”
hardst was omgaan met stervende kinderen. Ik kende dat vanuit mijn opleiding in België niet. De confrontatie viel me zo zwaar dat ik op een bepaald moment de wacht niet wou doen. Mijn oudere collega’s stelden toen dat ‘maar’ twee kindersterftes per nacht ‘niets’ was, in vergelijking met hun Afrikaanse ervaring elders: tot tien kinderen per nacht. Het hardde mij. Achteraf heeft mijn ervaring als moeder van twee prematuren van 33 en 31 weken, die zelf lang zorg nodig hadden, mijn
LORE VAN BRUWAENE (32) studeerde pediatrie aan de KU Leuven. Ze werkte in Pretoria, Utrecht en nu in de Marollen (Sint-Pietersziekenhuis). Van Bruwaene is gehuwd met cardioloog Thomas De Beenhouwer en heeft twee zonen, Kasper van 3,5 jaar en Tiebe van 1 jaar.
inlevingsvermogen versterkt. Als er moeders komen met heel zieke kinderen, gaat de communicatie vlotter.” In Sint-Pieter voelt de jonge pediater zich helemaal in haar biotoop. “Sint-Pieter is gewoon het buitenland. Hier komen ‘s lands meeste kinderen met hiv, tuberculose en sikkelcelanemie (voortdurende bloedarmoede met afbraak van rode bloedcellen, vooral bij zwarten, JMB). Maar ook de mengeling van mensen uit alle contreien en alle sociale klassen, spreekt me hier aan. Gelukkig spreken de patiënten vaak Frans, soms Engels. Terwijl hun kinderen Nederlands spreken. Wie ons niet begrijpt, kan een beroep doen op een tolk. Ik maakte al een paar keer mee dat dat niet lukte. Een keer was dat met Syrische vluchtelingen. Ik vroeg om terug te komen, maar dat hebben ze nooit gedaan.” “Ik vind het hier vooral tof omdat ik veel bijleer door samen te werken met fantastische collega’s die vaak een subdiscipline van de pediatrie kennen en die allen proberen een zo goed mogelijke kindergeneeskunde uit te oefenen.” Jean-Marie Binst
Donderdag 20 oktober 2016 I BRUZZ 1543 I 21
ADVERTENTIE
NICK TRACHET
Investeer in een exclusief project in de Europese wijk, inclusief privépark.
Brussel en de wereld culinair ontdekt
Zilver
Zilveren bestek, zilveren schalen of koffiekannen, feestelijk zijn ze zeker. Het warme wit van echt zilver is aantrekkelijk, schitterend in elke zin van dat woord. Maar is het ook nog wat anders dan pronkerig en aangenaam om naar te kijken? Op de schoolbanken moest ik ‘Les misérables’ van Victor Hugo lezen, gelukkig in een verkorte versie. Daarvan bleef bij mij één bepaalde scène hangen. Ik zocht hem recentelijk op. Jean Valjean, een galeiboef, heeft onderdak gekregen bij de bisschop van Digne, een zeer liefdadig man. Wanneer het ochtend wordt, blijkt Valjean verdwenen met het zilverwerk waar hij de vorige avond nog mocht mee souperen. De bisschop schijnt het zich weinig aan te trekken. De meid, Madame Magloire, klaagt de situatie aan: Magloire: “Maar van wat gaat monseigneur nu eten?” Bisschop : “Tja, is er geen servies in tin?” Magloire (schouders ophalend): “Tin heeft een geur.” Bisschop: “IJzer dan?” Magloire (grimas makend): “IJzer heeft een smaak.” Bisschop: “Goed dan, we zullen hout gebruiken.” Die eenvoudige opsomming toont aan dat er meer is aan zilver dan pronkzucht en schitter. Vandaag eten we niet meer van zilveren borden, ook niet bij grote gelegenheden. Dat komt omdat porselein en aardewerk zoveel verbeterd zijn in de afgelopen tweehonderd jaar. Maar als bestek is zilver nog best in trek. Een zilveren lepel, mes en vork werden vroeger, jaar na jaar, cadeau gedaan aan de dochter des huizes met haar verjaardag ‘voor de uitzet’. Zo had ze een feestbestek tegen de tijd dat ze ging trouwen. En er is nog meer. Enkele jaren geleden sta ik rond te kijken in een ambachtelijke fabriek waar paling wordt gerookt. Op de fileertafel ligt een zilveren lepel. Daarmee wordt de paling van de huid geschraapt, in één vloeiende beweging. “Belangrijk dat die van zilver is”, zegt de baas van het atelier, “want zilver doodt bacteriën.” Echt waar? Het blijkt van wel. Men weet al lang dat zilver en vooral zilverzouten infecties tegengaan. Zilver is een antibioticum dat gebruikt wordt in operatiemateriaal, het vervangt chloor om water te desinfecteren,
werd gebruikt in tandvullingen en in verband voor wonden. Ook de zouten vinden hun toepassingen. Zilvernitraat is nog te krijgen als neus- en oogdruppels. Door de opkomst van de moderne antibiotica na de Tweede Wereldoorlog verslapte de aandacht voor dat - toch wel dure - medicijn. Misschien is het verhaal dat je weerwolven doodt met zilveren kogels hier ook van afkomstig? Zo kwam zilver terecht in de alternatieve geneeskunde. Maar er zijn mensen die overdrijven. Wie te veel zilver gebruikt, riskeert argyria, het verkleuren van de huid tot grijs of blauw, een onomkeerbaar proces. Waar de aandoening vroeger alleen voorkwam bij werkers in de zilverindustrie, is er een beroemd voorbeeld opgestaan in de Amerikaanse politiek. Ene Stan Jones, die in 2000 en 2004 zonder succes een gooi deed naar de post van gouverneur van Montana, experimenteerde thuis met colloïdaal zilver als alternatief geneesmiddel. Als gevolg daarvan werd hij helemaal grijsblauw en gaat tegenwoordig door het leven als ‘the Smurf ’. Als je googelt op argyria vind je nog andere voorbeelden. Maar een beetje zilver kan dus geen kwaad. Het enige echte nadeel van zilveren bestek is, dat het zwart wordt, vooral in contact met zwavelhoudend voedsel (spruitjes, eieren, asperges) komen er vlekken op het bestek. Na jaren in de kast wordt zilver ook zwart. Om dat te herstellen, vond ik in een boekje het volgende trucje. Het werd opgetekend in 1988 door Dr. Peter Fowler, professor experimentele fysica van de universiteit van Bristol (UK). Leg de schoon te maken zilveren voorwerpen op een blad aluminiumfolie in een niet geleidende kom (plastic, pyrex,...). Elk voorwerp moet in contact zijn met de folie. Doe er tafelzout bij en overgiet met kokend water. Het effect is verbluffend. De zwavel verdwijnt onmiddellijk in de lucht door elektrolyse, vergezeld van een geur van rotte eieren. Het zilver kruipt netjes weer op zijn plaats in het voorwerp. De zweem die soms achterblijft gaat eraf in de vaat. En zo schittert ons bestek weer aan tafel. Smakelijk.
Exclusieve appartementen tussen de Europese wijk en de Brusselse Louizalaan.
“Wie te veel zilver gebruikt, riskeert argyria, het verkleuren van de huid tot grijs of blauw”
AG ZOND BER TO 23 OK
DAG R U E D OPEN u tot 17u
Niet contractueel beeld
van 13 AAT 33 RTSTR E E B L A PRINS 1050 ELSEN
• prestigieus project op voormalige Solvay site • op maat van kapitaalkrachtige expats • eigen verhuurdienst gespecialiseerd in verhuur aan expats • moderne architectuur, hoogwaardige afwerking • tussen de Europese wijk en de Louizalaan • meer info op www.ernest-the-park.be of 02/201 00 01
powered by
De hele reeks nalezen? > BRUZZ.be/trachet
Ernest The Park.
22 I BRUZZ 1543 I DONDERDAG 20 OKTOBER 2016
MUZIEK Bruno Castellucci, vijftig jaar achter het drumstel
lende opleidingen die er tegenwoordig zijn, rapen de jongeren heel wat vlugger kennis bij elkaar. Ze krijgen in vijf jaar mee waar wij een decennium en meer over deden. Toch is het niet omdat je al die bagage bezit dat je meteen ook een eigen taal hebt en iets te zeggen hebt. Natuurlijk zijn er uitzonderingen, zoals Lander Gyselinck en Antoine Pierre, maar die zijn zeldzaam.” We pikken twee namen uit de waslijst van artiesten die op het cv van Castellucci prijken: André Brasseur en Jan Akkerman. “Toen ik begin jaren zestig met André Brasseur speelde, stond er Thelonious Monk op het programma. Tot Brasseur de mogelijkheden van het orgel ontdekte en met ‘Early Bird Satellite’ een wereldhit scoorde. Rhythm-and-blues, en geen jazz. Hij is nadien in die richting verdergegaan, maar hij bleef een goede muzikant die wist wat jazz was.”
‘Gene Krupa gaf me het virus’ BRUNO CASTELLUCCI
“Alles wat ik kon realiseren, is gebeurd dankzij de medewerking en de hulp van collega’s. Ik ben altijd een sideman geweest en voelde mij op die manier goed in mijn vel.”
© xxx
Toots Thielemans
© SASKIA VANDERSTICHELE
Meer dan een halve eeuw zit Bruno Castellucci al achter een drumstel. Hij pendelde daarbij tussen verschillende landen, maar ook tussen uiteenlopende stijlen. Verhalen en wijsheden bij de vleet. “Het is zeker geen exclusiviteit van de lichte muziek om slecht te klinken.” Bruno Castellucci (°1944) behoort nog tot de generatie muzikanten van voor internet en jazzconservatoria. De muziek kwam zijn leven binnen via de wereld van de balzalen. “Mijn ouders hadden een dancing in Châtelet. Als jong gastje van tien hing ik altijd met een kleine accordeon rond de muzikanten en probeerde ik mezelf op te dringen. Uit pure ellende schreven mijn ouders mij in aan de muziekacademie, voor piano. Dat was niet mijn keuze, maar het kon een eerste stap zijn. Dacht ik. Tot ik een fi lm zag met de legendarische drummer Gene Krupa. Dat was kicken. Ik was zo onder de indruk dat ik drum-
mer wilde worden. Aan de academie was dat echter uit den boze. Ik vloog aan de deur.” Het jazzvirus had ondertussen zijn werk gedaan. Met drie vrienden schreef Castellucci zich in voor een jazzconcours in Dinant. Het kwartet ging aan de haal met zowat alle prijzen. “Veel belangrijker was dat jazzmuzikanten Jacques Pelzer en Bobby Jaspar in de zaal zaten. Zij nodigden mij uit naar Luik, waar een bloeiende scene was en gaven mij daar mijn
“Maak liever opmerkingen over dj’s, de bloedzuigers van ons vak” Bruno Castellucci Drummer
kans. Pas dan besefte ik tot welk niveau jazz reikte. Dat was wat anders dan de deuntjes die ik af en toe op de radio hoorde. Jazz werd toen echt mijn ding. Tot ik rondom mij het gevaar en verderf van drugs zag. Ik deed een stap terug en ging eveneens aan de slag in pop en variété. Er volgde heel wat sessiewerk voor de meest diverse artiesten uit de lichte muziek. Een misplaatste term, trouwens. En vooral, het is zeker geen exclusiviteit van de lichte muziek om slecht te klinken.” Voor de Brusselse drummer, die op de grens van Anderlecht en Ukkel woont, blijven harmonie, melodie en thema onontbeerlijk. “Tegenwoordig hoeft dat blijkbaar allemaal niet meer. Het is net zoals abstracte schilderkunst waar miljoenen voor betaald worden. Hoe minder het publiek het begrijpt, hoe beter. Dat kan en dat mag, maar ik heb daar toch mijn twijfels bij. Het is alsof een voetbalploeg tegen zichzelf speelt en in eigen doel trapt. Of een tennisspeler die alle ballen doorlaat. Met al de moderne mogelijkheden en de verschil-
“De link met Jan Akkerman kwam er onrechtstreeks via Toots Thielemans. Ik was zijn drummer voor de opname van ‘Old Friend’, een groots opgezet Nederlands project met orkest. De producer was Cees Schrama. Die bracht mij in contact met Jan Akkerman en zo begeleidde ik die wereldgitarist enkele jaren.” “Ik heb nooit het verschil gemaakt tussen jazz en andere stijlen, net zoals Toots dat niet deed. Dat is hem vaak verweten. Onnodig. Maak dan liever opmerkingen over dj’s, de bloedzuigers van ons vak. Die oogsten succes met iets wat niet van hen is. Er zit totaal geen muziek in wat ze doen, zelfs geen echte beat. Het publiek volgt gedwee omdat radio, tv en media de hype stimuleren en andere genres doodzwijgen.” Of hij er nooit aan gedacht heeft een biografie te schrijven? “Ze hebben mij al vaak een dergelijk voorstel gedaan, maar waarom zou ik mezelf in de schijnwerpers zetten? Alles wat ik kon realiseren, is gebeurd dankzij de medewerking en de hulp van collega’s. Ik ben altijd een sideman geweest en voelde mij op die manier goed in mijn vel. Nog altijd trouwens.” Georges Tonla Briquet
>
Bruno Castellucci & friends spelen op 19 oktober in Jazzstation (Sint-Joost-ten-Node)
ADVERTENTIE
10 Days More than 25 Events 15 Hotspots 150 Speakers
DISCOVER THE FULL PROGRAMME ON BRUSSELSDIGITALWEEK.BE
DISCOVER THE DIGITAL SIDE OF BRUSSELS
20>30 Oct. 2016
With the support of
DONDERDAG 20 OKTOBER 2016 I BRUZZ 1543 I 23
Laptopia Het is nog even wachten op Allerzielen en de jaarlijkse bestorming van de begraafplaatsen. Maar leven is anticiperen op de dood, dus peilen we nu al eens naar de grafstemming op het kerkhof van Laken - een van de meer gerenommeerde eindbestemmingen van de reis van het leven. De zon is alvast genadig, dus het kuieren op het grind verloopt vrij vlekkeloos. Het funerair gemeentepersoneel heeft weinig om handen omdat de herfst op zich laat wachten. Al waait hier en daar toch al een blaadje op, met zo’n rare kronkel die de tussenkomst van een Hogere Kracht doet vermoeden. Het is aan dat soort details dat je de topkerkhoven herkent. Verder zijn er de bloeiende hulst, de aangeharkte perkjes, de gladgeschoren haagjes, de van kleur verschoten plastic rozen, het scheefgezakte en gebarsten arduin, en hier en daar een afgewaaide graftak. De sfeer is dus opperbest. Al had ik persoonlijk geen doden te betreuren bij het ter perse gaan van dit stukje, wat wellicht scheelt in de beleving. Maar toch: als de dood zo rustiek kan zijn, waarom
verstoppen we haar dan zo hardnekkig? Het zou moeten lukken dat het over die vraag is dat de Denker van Rodin bij de achteringang zich gebogen heeft. Maar ik denk ook niet dat hij snel met een antwoord zou komen, want eigenlijk ziet de gehurkte hulk er helemaal niet zo snugger uit. Dat iemand denkt, wil trouwens nog niet zeggen dat hij verstandig is. Het feit dat hij betere resultaten meent te zullen boeken door zo’n ferme denkhouding aan te nemen, wijst zelfs eerder op het tegendeel. De zerken dan. Ze hebben meestal het formaat van een één- of tweepersoonsbed, maar de ontwerpen zijn allemaal verschillend, want bepaald door postume voorkeuren en de vormvereisten van opeenvolgende stijlstromingen. Tegenwoordig overheersen soberheid, geldgebrek en scepsis over
Kerkhof van Laken Dinsdag 11 oktober, 14.30u
“Als de dood zo rustiek kan zijn, waarom verstoppen we haar dan zo hardnekkig?” Michaël Bellon het nut om op een plek als deze nog grote sier te maken, maar ooit was er de tijd van de tempeltjes, en van de standbeelden van stervende
ADVERTENTIE
soldaten, geoxideerde gekruisigden, treurende kinderen en huilende vrouwen die zich schaarsgekleed over de grafsteen van de betreurde drapeerden. Een gesneuvelde generaal liet zelfs een stenen kanon op zijn zerk plaatsen. Vastgoedmagnaat Charlie De Pauw, de Brusselse Donald Trump, neemt sinds 1984 met zijn zerk een stuk of tien percelen in, terwijl sommige afgestorvenen uit 2014 het nog altijd met een houten kruisje moeten doen. Twee echtgenoten die twintig jaar in leeftijd scheelden, blijken in hetzelfde jaar 1956 gestorven, met een tussenpoos van slechts enkele maanden. Een ander paar scheelde maar vijf jaar in leeftijd, maar de vrouw overleefde haar man drieëndertig jaar. Haar foto is letterlijk met plakband
vastgekleefd naast de porseleinen beeltenis van haar man. Die ovalen porseleinen foto’s zijn ook typisch voor een bepaald necrologisch tijdvak, maar raakten misschien weer in onbruik omdat ze zo kwetsbaar waren en loskwamen, waardoor de overledene een tweede dood stierf en een akelig leeg vakje achterliet in het Panini-album der doden. Van de ontelbare namen die het kerkhof tot zich roept, zijn er trouwens heel veel letters weggevallen of vervaagd. En toch doet niets van dat alles afbreuk aan de overtuiging van de bezoeker dat zijn tijd nog lang niet is gekomen. Ook al zijn er in de pas gegraven put-vooreen-ander in de galerij van 2016 nog behoorlijk wat plaatsen vrij.
Elke week scant Michaël Bellon met zijn laptop een plek in Brussel die tot de verbeelding spreekt, en geeft hij aan wat er eventueel nog aan kan verbeteren.
De hele reeks nalezen? > BRUZZ.be/laptopia
ADVERTENTIE
GRATISE-BOEK E-BOEK GRATIS Tiens?
BRUZZEL BRUZZEL 16 kortverhalen in 16inkortverhalen ,
Download op Download op , eboek.brusselsebibliotheken.be eboek.brusselsebibliotheken.be
Ben je student en zit je met een vraag over Brussel? Laat het weten op BRUZZ.be. En BRUZZ zoekt het voor je uit. Want in oktober maakt Big City plaats voor studenten.
Uniekvan aanbod van de Brusselse bibliotheken Uniek aanbod de Brusselse bibliotheken > www.brusselsebibliotheken.be > www.brusselsebibliotheken.be
VERANTWOORDELIJKE UITGEVER: ERIC VERREPT, EMILE JACQMAINLAAN 135, 1000 BRUSSEL VERANTWOORDELIJKE UITGEVER: ERIC VERREPT, EMILE JACQMAINLAAN 135, 1000 BRUSSEL
24 I BRUZZ 1543 I Donderdag 20 oktober 2016
Volleybal – Barbar Girls met coach Audry Frankart beginnen dit weekend met ambitie aan het seizoen
‘Ik wil beter doen dan een zevende plaats’ ELSENE – Audry Frankart (34) begint aan zijn vierde seizoen als trainer van de Barbar Girls. Na een promotie naar de hoogste divisie en twee opeenvolgende zevende plaatsen hoopt hij deze keer op meer. De volleybalclub heeft alvast een evenwichtige kern samengesteld die opvallend Belgisch getint is.
© IVAN PUT
Audry Frankart: “Werken met vrouwen vraagt een andere aanpak. Je moet meer praten, en dan vooral individueel.”
I
n zijn carrière ging Frankart altijd op zoek naar de uitdaging. “Ploegen die voor de titel gingen in Liga B waren voor mij de interessantste optie. Zij hebben het niveau van de hoogste divisie, maar trainen minder. Dat was voor mij een vereiste, omdat ik volleybal met mijn studies en later met mijn werk als lesgever moest kunnen combineren. Ik ben trouwens in al de divisies gepromoveerd, weliswaar soms als tweede. Alleen in de hoogste klasse ben ik nooit bovenaan geëindigd.” De spelerscarrière van Frankart leidde hem van Gembloux naar onder meer Namen, Leefdaal en Guibertin. Een goedgevulde lijst. Hij speelde ook meerdere seizoenen in Liga A en combineerde het zaalvolleybal twaalf jaar lang met beachvolleybal. In het zand werd hij tweemaal Belgisch kampioen en
nam hij deel aan 25 internationale competities. “Als we meer steun hadden gehad, waren Ward Coucke en ik verder geraakt. In onderlinge partijen was het verschil met de wereldtoppers niet zo groot. Dat die steun er nooit is gekomen, is jammer, maar toch ben ik tevreden met mijn spelerscarrière. Ik heb altijd mijn plaats gehad in de ploegen waar ik speelde, ook dat is belangrijk voor mij.” “Ik had niet verwacht dat mijn spelerscarrière al op mijn dertigste op een lager pitje gezet zou worden. Ik speelde in Liga A en was op fysiek vlak nog nooit zo goed, maar ik vond geen interessant project en ben dan speler-trainer geworden bij Gembloux, in nationale twee. Dat project had potentieel, dat bewijzen we met twee promoties in vier jaar tijd.” In die periode pleegde Frankart een
telefoontje naar Philippe Vanescote van de Barbar Girls. Zij waren al even op zoek naar een nieuwe coach en hij zag die uitdaging wel zitten. De deal was snel beklonken, en de nieuwe coach bereikte met een promotie naar Liga A in zijn eerste seizoen meteen het beoogde doel. “Tijdens ons eerste seizoen in Liga A hebben we ons gehandhaafd met een zevende plaats, hoewel we heel wat onervaren speelsters hadden. Het jaar erna herhaalden we dat, met veel minder budget en een beperkte spelerskern.”
sters. Met vier vrouwen die overbleven en acht nieuwelingen is de kern goed door elkaar geschud, maar de coach deed er de afgelopen weken
“Ik ga er altijd vol voor, ik wil geen spijt hebben achteraf” Audry Frankart Trainer Barbar Girls
Zwaard van Damocles Dit seizoen beschikt Frankart over een groep waar meer evenwicht in zit en die een duidelijke Belgische stempel draagt. Hij beschikt over maar liefst negen Belgen, bijgestaan door drie buitenlandse speel-
moment zijn ze nog niet klaar en spelen ze tegen ploegen die verder staan in hun voorbereiding. Ik kijk hoe ze met frustratie omgaan, vraag later time-outs aan om hun reactie te zien of wissel de ploeg regelmatig om hen te destabiliseren. Die aanpak verschilt van die van andere coaches, maar ik wil dat ze tijdens de voorbereiding verschillende fases doorlopen om klaar te zijn voor het seizoen.” “Werken met vrouwen vraagt een andere aanpak. Je moet meer praten, en dan vooral individueel. Bij Gembloux kan ik iets in de groep smijten, waarop iedereen zal zeggen wat hij denkt. Vrouwen doen dat minder snel. De sfeer is voor hen belangrijk. Als die goed zit, zijn ze tot zeer veel in staat. Ook op het vlak van coaching is het anders. Bij mannen ga ik bijvoorbeeld sneller een time-out vragen. Ik leer elke dag bij over hoe ik mannen en vrouwen moet trainen.” Ondanks de versterking van de kern, begint Frankart dit weekend met een wrang gevoel aan het seizoen. Martina Nosekova is een hele tijd out door een blessure, en de coach rekende op haar om de groep op sleeptouw te nemen. “Volgens mij is ze wat receptie-aanval betreft de beste speelster in onze competitie. Om uit te voeren wat ik in gedachten heb, heb ik een speelster als Martina nodig.” “Ik wil dit seizoen beter doen dan een zevende plek. Met minder ben ik niet tevreden, al hebben heel wat ploegen zich versterkt, en zijn we van tien naar twaalf ploegen gegaan in onze reeks. Dat wil zeggen: meer ploegen waar we van kunnen winnen, maar ook van kunnen verliezen. Het nieuwe systeem van de play-offs is maar niks. De eerste twee en de laatste twee maken onder elkaar uit wie kampioen wordt en wie zakt, en de anderen bepalen onderling op welke plek ze eindigen. Zo kan een uitstekend seizoen ineens naar de vaantjes zijn.” Frankart is een man met ambitie, maar aan andere oorden denkt hij nog niet. De Barbar Girls passen goed binnen zijn strakke agenda en hij kan er nog veel leren. “Ik heb geen zwaard van Damocles boven mijn hoofd hangen. Iedereen weet dat we een betere ploeg hebben dan vorig seizoen, dus zullen ze meer van ons verwachten. Ik zou die verwachtingen uiteraard graag waarmaken. Ik ga er altijd vol voor, ik wil geen spijt hebben achteraf.” “Vandaag moeten we goede seizoenen draaien en willen we in Liga A blijven. Andere ploegen hebben wellicht meer ambitie, maar ook hogere budgetten. We proberen zo professioneel mogelijk te werken en ik denk dat we dat ook benaderen. Uiteraard zou het leuk zijn om ooit een superploeg te trainen die alles wint. Maar nu zit ik zeer goed bij de Barbar Girls.” Tim Schoonjans
alles aan om een ploeg te smeden. “Tijdens de voorbereiding kies ik ervoor om snel wedstrijden te spelen zodat ik kan zien wat de speelsters in hun mars hebben. Op dat
Donderdag 20 oktober 2016 I BRUZZ 1543 I 25
SPORTagenda
ESTAFETTE Ken Lambeets
O donkere lucht, o dikke regendruppels, o zon met je zwakke licht. Triest maar schoon, dat is de herfst. Eindelijk kunnen we weer zonder schuldgevoel met een boek in de zetel kruipen. Van daaruit hebben we zicht op onze nieuwe, tweedehandsboekenkast: van Nederlandse makelij, naar verluidt in trek in de jaren 1970. In de kast prijkt het boek ‘Speed Kings’ van Andy Bull. De sportjournalist van The Guardian schreef een prachtig verhaal over vier Amerikaanse bobsleepioniers. Bull staat niet alleen stil bij hij hun sportieve prestaties, maar ook bij de context daarvan: het mooie leven van Amerikaanse expats in het Europa van de jaren 1920. Uit verveling proberen ze zo snel mogelijk in een slee van een berg te glijden, verslaafd als ze zijn aan de kick van snelheid. Protagonist van het boek is Billy Fiske. Fiske plaatst een zoekertje in een Europese krant voor Amerikaanse expats omdat hij wil deelnemen aan de Winterspelen van Sankt-Moritz. Met zijn kersverse ploegmakkers haalt Fiske twee keer goud: op de Olympische Spelen van Sankt-Moritz in 1928 en op die van Lake Placid in 1932. In het boek duikt ook een Brusselaar op: Ernest Casimir-Lambert. Hij wordt voorgesteld als een ietwat onverschrokken piloot die geen enkel risico schuwt. Winnen of crashen luidt zijn grote devies. Zijn tegenstanders zien hem als een bron van grote gevaren. Bull illustreert dat beeld met een mooie anekdote. Enkele weken voor de Winterspelen vindt er al een race plaats op de bobsleebaan van Sankt-Moritz. Zoals gewoonlijk verschijnt Casimir-Lambert te laat aan de start. Het komt hem op een fikse uitbrander van de wedstrijdorganisator te staan, die zijn betoog eindigt met: “Eigenlijk zou je op je knieën moeten gaan zitten.” Casimir-Lambert vat die uitspraak letterlijk op en daalt op zijn knieën naar beneden, wat hem een nieuwe uitbrander oplevert, tot groot jolijt van de omstaanders. De Spelen van Sankt-Moritz beginnen in voorspoedige weersomstandigheden, maar na enkele dagen zet de dooi in. Op een bepaald moment worden er temperaturen tot twintig graden Celsius gemeten. Uiteindelijk begint het net op tijd opnieuw te vriezen, maar de bobsleebaan is niet in goede staat. In plaats van de gebruikelijke vier runs, staan er slechts twee op het programma. En dat heeft zo zijn gevolgen: waar bij vier runs de zege naar de ploeg met de beste regelmaat gaat, maakt een ploeg die tijdens één run veel risico’s neemt en in de andere run eerder behouden rijdt, meer kans op de overwinning. Goed nieuws voor de Belgen, die vier jaar eerder op de allereerste
Winterspelen in Chamonix al een bronzen medaille hadden behaald in het bobsleeën. Samen met Union-voetballer Max Houben, magistraat Walter Ganshof Van der Meersch, schermer Léon Tom en een zekere Marcel Sedille-Courbon snelt Casimir-Lambert naar beneden. In zijn gekende stijl schuwt Lambert de risico’s niet. Na de eerste run staan de Belgen tweede, vlak na de ploeg van Fiske. Als Lambert de bob zonder al te veel risico’s naar beneden stuurt in de tweede run, dan staan de Belgen altijd op het podium. Maar de aard van het beestje... De onverschrokken Casimir-Lambert maakt een stuurfout in de tweede run, wat de Belgen een handvol seconden kost. België wordt uiteindelijk pas zesde. Ook in 1931 vliegt Casimir-Lambert te snel naar beneden op Cresta Run, de befaamde bobbaan van Sankt-Moritz. Hij overlijdt aan zijn blessures in een ziekenhuis in Monte Carlo, nog geen 34 jaar oud. Billy Fiske zal zelfs die leeftijd niet halen. In 1939 slaagt hij erin om lid te worden van de Britse Royal Air Force – niet evident, gezien zijn Amerikaanse paspoort. De Verenigde Staten zijn op dat moment nog niet in oorlog; strijdvaardige Amerikaanse burgers moeten zich aansluiten bij een ander land van de geallieerde mogendheden. Op 16 augustus 1940 wordt Fiske ingezet in een operatie om Duitse bommenwerpers tegen te houden. Fiske slaagt in zijn missie, maar zijn vliegtuig stort neer bij de landing. De volgende dag overlijdt hij in een Brits ziekenhuis, op negenentwintigjarige leeftijd. Ik klap het boek dicht, zet het in de boekenkast en ga opnieuw in de zetel zitten. Buiten blijft het onophoudelijk regenen. Triest maar schoon, dat is de herfst.
Over onverschrokken bobsleeërs
Billy Fiske (links) en zijn ploegmakkers in Lake Placid in 1932.
Freelancejournalist Ken Lambeets houdt van literatuur en van echte sporten
Zaterdag 22 oktober Nationale finale Street Heroes Het Belgian Panna Championship, de nationale finale van ‘ENGIE Street Heroes’, vindt zaterdag plaats in BOZAR. De deuren gaan om halfelf open. De U13 bijten de spits af. Verschillende jeugdcategorieën, zowel jongens als meisjes, volgen later op de dag. Tussen de wedstrijden in is er animatie. Zoals steeds zullen de Brusselse straatvoetballers goed vertegenwoordigd zijn. Alle informatie staat op www.streetheroes.be.
Brussels Canal Run Starten aan de Mariemontkaai 13 in Molenbeek, langs het kanaal naar de Anderlechtse Kuregemwijk lopen, terugkeren tot de Ninoofsepoort en finishen aan de Mariemontkaai. Dat parcours krijgen de lopers tijdens de tweede editie van de Brussels Canal Run voor de kiezen. Een rondje is vier kilometer lang en kan een, twee of drie keer afgelegd worden. Lopers starten tussen 14.30u en 15u, kinderen (tot en met twaalf jaar) beginnen om 14u aan hun kilometer lange Kids Run. Inschrijven kan ter plaatse als er nog plaatsen zijn. Dat verneemt u op www.brusselscanalrun.be.
International Aikido Celebration Thurn & Taxis staat komend weekend volledig in het teken van vechtsport aikido. Twee dagen lang wordt er op een tatami van 2.500 vierkante meter getraind en tussendoor is er nog heel wat leuks te doen. Grote namen binnen de discipline leiden de trainingen, ook specifieke trainingen voor kinderen. De International Aikido Celebration past in de vieringen rond de honderdvijftig jaar lange vriendschap tussen België en Japan. Informatie op www.doshu2016.be.
Zondag 23 oktober CoRun’Air De vierde editie van deze loopwedstrijd in Anderlecht biedt de deelnemers een parcours van vijf en tien kilometer aan. De start wordt aan de sporthal op de ULB campus Erasmus gegeven en leidt door de eerder groene omgeving. De deelnemers kunnen kiezen om het parcours te stappen of te joggen. Aan de start/finish is er animatie voor kinderen en informatie voor volwassenen over de voordelen van sport. Alle informatie vindt u op www.corunair.blogspot.be.
Foulées Joyeuses
Hockey Heruitgave van Olympische finale op veld van Ukkel Sport
Red Lions kunnen revanche nemen tegen Argentinië UKKEL – Het deed pijn, met 4-2 verliezen van Argentinië in de finale van de Olympische Spelen. Op woensdag 26 oktober kunnen onze hockeymannen revanche nemen in een heruitgave van de finale. De Red Lions hebben in Rio de harten van veel Belgen heroverd. Ze speelden een dijk van een tornooi en leken door te stomen naar goud… Tot ze Argentinië kruisten. De Zuid-Amerikanen barstten van het zelfvertrouwen en grepen de technisch sterke Bel-
gen naar de keel. Ze overpowerden hen bij momenten en pakten de winst. Meer dan 1,4 miljoen Belgen zagen de match live op televisie, het bewijs dat de Red Lions iets hebben teweeggebracht in Rio. Wie nog altijd met revanchegevoelens zit, kan misschien komende woensdag zijn gram halen. Dan wordt op het hoofdveld van Ukkel Sport om 20 uur de heruitgave van de Olympische finale gespeeld. De match bijwonen, is niet meer mogelijk. De vijfduizend tickets waren in minder dan twee uur tijd de deur uit.
De vertrouwde hockeyers zijn van de partij, met onder hen uiteraard een grote delegatie Brusselaars. Ook bij de Argentijnen zullen de Belgische hockeyfans gezichten herkennen, want verschillende Zuid-Amerikanen spelen in onze competitie. De term revanche moeten we wel relativeren, want hockey is nog steeds een sport met een hoog gentleman gehalte. Het wordt in Ukkel een groot feest, waar ook heel wat animatie naast het veld zal zijn. Na de wedstrijd is er een signeersessie met de spelers. Tim Schoonjans
Ook in Molenbeek wordt er gelopen, met de veertiende editie van de Foulées Joyeuses. Om 11u wordt het startschot gegeven aan de Kindvriendelijk Huisstraat 2, waarna de lopers een parcours van vijf of tien kilometer kunnen afleggen. Vanaf 10u kunnen kinderen kiezen tussen vierhonderd, achthonderd en twaalfhonderd meter. Meer info op www.lesfouleesjoyeuses.be.
Woensdag 26 oktober Opendeurdagen Curosport Van 26 oktober tot 5 november opent Curosport zijn deuren. U kunt terecht in de Lemmenszaal (Scheikundigestraat 37) en de Espace 16 Arts (Rossinistraat 16) om het ruime aanbod sporten dat Curosport aanbiedt uit te proberen. De tiendaagse gaat van start met de inhuldiging van een competitieboksring.
Tim Schoonjans