met astrid haerens naar de kapper in burundi En ook: Erwin Mortier, Atom Egoyan en Charlie Winston.
30 04 15
AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153
‘Vergeet de strijkstok niet’
LEES P. 16-17
NOG ALTIJD BANG VOOR HET VIADUCT
‘Ik ben niet de smaakpolitie’ INTERVIEW MET BOUWMEESTER KRISTIAAN BORRET P. 6-7
E Een reeks GRADUW E N RE JA over een 1980 woelig decennium
LEES P. 8-9
SCHAARBEEK – Mosselspecialist Verbiest-Storms is al een tijdje vertrokken, maar tientallen gezinnen wonen nog altijd in de Vooruitgangstraat. Infrabel wil er een spoorviaduct bouwen. Dat betekent tijdswinst voor de pendelaar maar daar hebben de bewoners, die moeten ophoepelen, geen boodschap aan. Zeker omdat ze niet weten of dat viaduct er ooit wel komt. De bouwaanvraag dateert al van 2005. Tien jaar later is het Brussels Hoofdstedelijk Gewest bereid om een bouwvergunning af te leveren. Maar alleen als het akkoord uit 2013 gehonoreerd wordt, zo klinkt het bij minister-president Rudi Vervoort (PS). Infrabel moest beloven investeringen te doen in een ringspoor (L26-L28), zodat ook de Brusselaar wat heeft aan het Investeringsplan van Infrabel. Dat plan, en dus ook het compromis, is kaduuk nu minister Jacqueline Galant (MR) besloten heeft om het te heronderhandelen. Een doorbraak is er ten vroegste over een jaar. Zolang is er onduidelijkheid over het viaduct. Intussen bruist het, en borrelt het in de oude viswinkel Verbiest-Storms. Reportage vanuit La Poissonnerie op p. 10. SVG FOTO: © SASKIA VANDERSTICHELE
N° 1472 VAN 30 APRIL TOT 6 MEI 2015 ¦ WEEK 18: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, E-MAIL: INFO@BDW.BE, WWW.BDW.BE
BDW 1472 PAGINA 2 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
“This is 1981 and the world is getting worse everyday.” We zijn begin jaren 1980 en Lavi Ebbel en frontman Luckas Vander Taelen zijn in het nummer Give me a gun niet bepaald optimistisch over het decennium dat net van start is gegaan. Op podia in zaaltjes in Brussel en Vlaanderen straalt Vander Taelen dat ongemakkelijke gevoel over het tijdsgewricht ook uit. Hij loopt er een beetje bij als een zombie, ijsbeert rond met een deken over zijn schouder. Voor het meisje dat ik toen was, dat tevoren naar kleinkunst en folk luisterde en het concert van Lavvi Ebbel volgde met grote schrik omdat het lawaai vanuit de plaatselijke sporthal tot in de slaapkamer van haar ouders te horen was, was dat allemaal erg verwarrend. En dan al dat rare zwarte volk dat op een andere keer naar het dorp afzakte voor die geluidsmuur tijdens het concert van TC Matic! Wat een energie, maar wat voelde ik me er onwennig bij. De jaren 1980 zijn me het decennium wel geworden. Ze waren misschien niet gitzwart, maar kleurden toch behoorlijk donker. Er was geen werk en dat zorgde voor veel pessimisme. Geweld kwam plots heel erg dichtbij. De CCC begon aanslagen te plegen, en we
waren live getuige. Het bankkantoor van de Kredietbank in Leuven ontplofte terwijl we er even verderop allemaal op stonden te kijken. Toen konden we er nog mee lachen, ongemakkelijk. Maar het lachen verging ons toen enkele maanden later, in 1985, net dertig jaar geleden, bij de aanslag op het VBO hier in Brussel twee brandweermannen om het leven kwamen. Een paar weken later was het opnieuw prijs. 39 mensen, waaronder 32 Italianen, werden vertrappeld tijdens het Heizeldrama. Er was paniek uitgebroken na rellen, de wedstrijd bleek slecht georganiseerd en nog jaren zou er gedebatteerd worden over de verantwoordelijkheden. En weer enkele maanden later, de bloedbaden van de Bende van Nijvel in Overijse en Aalst. Shoppen in supermarkten gebeurde een tijdlang onder zware bewaking. Mijn vakantiejob aan de kassa van de GB in Tervuren was plots niet meer risicoloos. Hoe duik je zo snel mogelijk onder zo’n kassa? De komende weken presenteren we u in Brussel Deze Week een artikelenreeks over die grauwe jaren 1980 in de hoofdstad. De CCC, de werkloosheid, het Heizeldrama, de verloederde stad, de excentrieke burgervaders, fraai was het allemaal niet. Gelukkig begon er vanaf de tweede helft van de jaren 1980 hoop aan de horizon te gloren voor de stad. Alleen zou de weg ernaartoe nog hobbelig en lang blijken te zijn. We hebben hem trouwens nog steeds niet helemaal afgelegd.
NIEUW PROTEST IN JUNI
Straatpicknickers nog niet voldaan BRUSSEL – De Stad Brussel maakt nog voor de zomer het Beursplein autovrij, maar daar neemt de burgerbeweging Picnic the Streets geen genoegen mee. “We zeggen ja, maar neen,” zo klinkt het. Picnic the Streets, dat intussen al een tijdje niets meer te maken heeft met initiatiefnemer en filosoof Philippe Van Parijs, beslist deze week over nieuwe acties. “In juni komt er inderdaad een picknick,” bevestigt woordvoerder Bram Dewolfs. De burgerbeweging is tevreden met het autovrije Beursplein maar is dat niet over de aangekondigde ondergrondse parkings, of over de bushaltes waarvan er een aantal naar Brussel-Centraal verhuizen.
“Terwijl de auto wél tot in het hart van de stad mag blijven rijden.” Ook de achterliggende motivatie is een doorn in het oog. Dewolfs: “De stad wil van de centrale lanen een Belgian Boulevard maken. Dat concept is te veel op consumptie gericht, te weinig op ontmoeting.” Vraag is of er voor deze actie nog een draagvlak is, nu de belangrijkste eis, een autovrij Beursplein, gerealiseerd wordt. Dewolfs: “Daarom ook zeggen we ‘ja, maar neen’. We vinden dat alternatieven, zoals een echt lussenplan, te weinig zijn onderzocht. Het is een schreeuw van mensen die zeggen: we zijn niet tevreden.” Waar en wanneer de straatpicknick plaatsvindt, wordt binnenkort bekendgemaakt. Steven Van Garsse
© SANDER DE WILDE
De jaren 1980, prachtig?
BDWVOORGROND
VAN DE REDACTIE
door Anne Brumagne
WAUTER MANNAERT
VERMINDERING VAN ONGEVEER ACHT PROCENT
Aantal leden Muntpunt nog gedaald BRUSSEL – Het aantal leden van belevingsbibliotheek Muntpunt is tussen begin september en eind december gedaald van 15.500 naar 14.267, een daling van zo’n acht procent, zo blijkt uit het jaarverslag van Muntpunt. In september 2014 maakte Muntpunt, dat een jaar voordien was opengegaan, de resultaten bekend van het eerste werkjaar. Daaruit bleek dat het aantal bezoekers op ruim 500.000 lag, een forse stijging tegenover de 370.000 bezoekers van de vroegere Hoofdstedelijke Openbare Bibliotheek (HOB). Het aantal leden daarentegen bleek behoorlijk gedaald. Telde de HOB in zijn laatste volledige werk-
jaar nog 22.350 leden, dan had Muntpunt er in september 2014 maar 15.500. De maanden nadien kalfde het ledenaantal nog af, zo meldt het jaarverslag. Eind 2014 telde de bib nog 14.267 actieve leden, oftewel mensen die minstens eenmaal per jaar iets uitlenen. Volgens woordvoerster Eva Drees heeft de plotse daling er wellicht mee te maken dat een aantal mensen zich weer inschreven toen Muntpunt openging, maar in het tweede werkingsjaar toch afhaakte. Het bezoekersaantal blijft het goed doen: Muntpunt kreeg in 2014 552.735 mensen over de vloer.
Bettina Hubo
BDWVOORGROND
BDW 1472 PAGINA 3 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
Cultuur > Punten sparen en omruilen nog niet ingeburgerd
Paspartoe traag op gang
BRUSSEL – Afgelopen jaar vroegen 5.199 Brusselaars de nieuwe vrijetijdspas Paspartoe aan. Onder hen vooral kansarmen. De traditionele gebruikers van de vroegere cultuurwaardebon laten het vooralsnog afweten.
J
arenlang mochten Brusselaars jaarlijks gratis drie cultuurwaardebonnen bestellen aan 6,20 euro. Die konden ze verzilveren in een honderdtal cultuurhuizen in de hoofdstad. Zo werden in het laatste seizoen 2012-2013 47.173 bonnen gebruikt. Een kwart door welzijnsorganisaties die culturele uitstappen organiseerden voor
In het Kaaitheater werden vier drankjes ‘betaald’ met spaarpunten. kansarmen, dertig procent door verenigingen en 45 procent, oftewel 21.227 bonnen, door individuele cultuurliefhebbers. Als die laatsten elk drie bonnen benutten, had je dus ruim 7.000 individuele gebruikers. Wellicht waren het er meer. Bruno De Lille (Groen), staatssecretaris tijdens de vorige legislatuur, vond dat deze kortingsbonnen, bedoeld om de cultuurparticipatie te bevorderen, al te veel ten goede kwam aan mensen die toch al aan cultuur deden. Hij vormde de cul-
tuurwaardebon om tot de vrijetijdspas Paspartoe. Deze chipkaart, te koop voor een klein bedrag, geeft jaarlijks recht op één cultuurbon van zes euro. Voorts is het een spaarkaart. Wie naar Muntpunt gaat, een sportkamp doet of een theatervoorstelling bijwoont, krijgt één punt, net zoals in de supermarkt. De gespaarde punten kunnen omgeruild worden, bijvoorbeeld vijf punten tegen een drankje na de voorstelling. Kansarmen krijgen een speciale Paspartoe, de MIA, die helemaal gratis is en meer voordelen biedt. Zij kunnen bijvoorbeeld naar een aantal concerten of theaterstukken voor twee euro. De Paspartoe werd begin februari 2014 gelanceerd. Uit de eerste cijfers blijkt dat de kaart (nog) niet erg in trek is bij de niet-kansarme cultuurliefhebbers. Slechts 1.827 van hen kochten een pasje. 3.372 of tweederde van de 5.199 afgeleverde vrijetijdspassen waren MIA’s, voor mensen in armoede dus. In die zin bereikt de Paspartoe het doel dat De Lille voor ogen had. Vraag is wel in welke mate het nieuwe systeem de participatie aan cultuur bij kansarmen bevordert. Een deel van de MIA-kaarthouders vroeg het pasje vorig jaar louter en alleen aan om zo te kunnen genieten van het traditionele reductietarief voor kansarmen bij speelpleinen
De eerste Paspartoe-zuilen waren instabiel, maar worden nu verbeterd.
of sportkampen. Of zij ook de cultuurbon die erbij zit, benut hebben, is niet bekend. De VGC is nog bezig met de verwerking van deze gegevens.
Vereenvoudiging Uit de eerste cijfers blijkt ook dat de 5.199 Paspartoehouders alles tezamen 10.489 punten hebben gespaard, gemiddeld maar twee
spaartpunten per houder. Ook het omruilen loopt niet hard, zegt Karina Luytens van de VGC. “Het is nog niet ingeburgerd.” Het systeem draait dus nog niet op volle toeren. Ter illustratie: het Kaaitheater verkocht dit seizoen 30.000 tickets, waarvan 157 (een half procent) aan het MIA-tarief van twee euro en 25 (deels) betaald met een cultuurbon. Voorts werden vier
© BART DEWAELE
drankjes ‘betaald’ met spaarpunten. De VGC werkt intussen aan een verbetering van het systeem. “De zuilen voor het registreren van de punten waren onstabiel. We werken aan betere en meer zuilen en ook aan een vereenvoudiging van Paspartoe,” zegt Luytens. De verbeteringen moeten deze herfst zichtbaar worden. Bettina Hubo
Onderwijs > Anneessens-Funck begint met richting ‘handel-voetbal’
BRUSSEL – Het instituut Anneessens-Funck begint in september met een nieuwe optie voetbal voor leerlingen van het technisch onderwijs. “Op die manier willen we onze afdeling tso aantrekkelijker maken,” zegt directeur Chris Pijpen. Anneessens-Funck heeft voor negentig procent leerlingen die beroeps volgen en slechts tien procent leerlingen in de technische afdeling handel. Toch wil de school haar tso-afdeling absoluut behouden. “De leerlingen van het technische zijn meestal iets sterker, en ook meer schoolbetrokken dan de leerlingen van het beroeps. Die positieve invloed willen we niet kwijtraken,” zegt Pijpen, die graag het aantal tso-leerlingen zou verhogen. Om de richting aantrekkelijker te maken biedt
© ANNEESSENS-FUNCK
Voetbal moet tso aanlokkelijker maken de school vanaf volgend jaar de optie voetbal aan. Leerlingen van de eerste en tweede graad kunnen dan de opleiding Handel combineren met vier uur voetbal. De school krijgt hiervoor van Stad Brussel, ook de inrichtende macht van Anneessens-Funck, een voetbalterrein ter beschikking in Neder-over-Heembeek. Organisator van het initiatief is leraar Lichamelijke Opvoeding Herwig Van Sweevelt, die ook les geeft aan de trainersschool van de voetbalbond. “Tachtig procent van de jongens op deze school speelt voetbal, op straat, maar vaak ook in een club,” zegt hij. “Voetbal op school zorgt voor beweging, iets wat deze jongens nodig hebben. Bedoeling is dat ze in die vier uur hun voetbalvaardigheden verbeteren en daardoor in hun club beter presteren. Een goede voetballer kan aardig wat verdienen,
ook in de lagere klassen.” Maar Van Sweevelt ziet het ook als een middel om de attitude en de discipline van de jongeren te verbeteren. “Als trainer heb je soms meer te zeggen dan als leraar,” zegt hij, bogend op zijn eigen ervaring. Ook moet de nieuwe keuzeoptie tot betere prestaties in de klas leiden. “Er is namelijk een voorwaarde. Alleen wie goede resultaten heeft, mag voetballen. Zijn de punten niet goed, dan moeten de jongeren tijdens deze uren extra taal of wiskunde volgen.” Meisjes mogen overigens ook meedoen, zegt Van Sweevelt. “En als dit een succes wordt, dan denken we erover om volgend jaar, speciaal voor de meisjes, met de optie dans te beginnen.” Bettina Hubo
BDW 1472 PAGINA 4 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
Uitgelicht > Manifestatie ter herdenking van Armeense genocide
Een lijn van 1915 tot 2015 BRUSSEL – Op 24 april was het precies 100 jaar geleden dat de Armeense genocide begon in het toenmalige Ottomaanse rijk. Dat feit werd vorige week vrijdag herdacht met een druk bijgewoonde manifestatie. Koerden, Armeniërs en Christenen willen dat Turkije schuld erkent. “Zolang dat niet gebeurt, kan het opnieuw gebeuren, geloven we.”
O
fficieel waren ze met 3.000, de bonte stoet die afgelopen vrijdag van het Centraal Station naar de Europese wijk trok. De manifestatie ter herdenking van de Armeense genocide werd georganiseerd door verschillende organisaties, waaronder Armeense, Koerdische, Alawitische, Christelijke en Yezidische. Het was voornamelijk een treffen van politiek links. Zo waren er bijvoorbeeld ook Turkse marxisten die de genocidale politiek van hun land “fascistoïde” vonden, en dat luidkeels aanklaagden. Tot op de dag van vandaag weigert de Turkse staat namelijk de volkerenmoord op 1,5 miljoen Armeniërs, maar ook op Christenen, Joden en Yezidi’s te erkennen als een genocide.
NAVO-land Turkije Het was dan wel een overgangsregime tussen de Ottomaanse periode en de Turkse staat dat deze slachting op zijn geweten had, maar dat regime resulteerde in de jaren 1920
wel in de geboorte van het moderne Turkije. Het is niet moeilijk in de eisen van de verzamelde minderheden een parallel te zien met de huidige situatie in Syrië. Vandaag de dag zijn ze namelijk allemaal het slachtoffer
de dag nog altijd voor. Zo werden er op 24 april, de dag van de herdenking van de genocide, ook in Syrië, twee kerken gebombardeerd in de Syrische stad Aleppo.
Dubbele rol De geschiedenis stopt niet, ook al worden de moordpartijen nu georganiseerd door Islamitische Staat en al-Qaeda. Turkije speelt echter een bizarre rol in het conflict. We vragen ons bijvoorbeeld af hoe het kan dat zo’n machtig land zoveel Syriëstrijders, wapens en olie laat passeren die naar en van het Syrische slagveld lopen. Turkije, en ook de Arabische
“Op de dag van de herdenking werden er twee kerken in Syrië gebombardeerd” van de implodering van de Syrische staat, en de rol die NAVO-land Turkije speelt in die oorlog. Ghassan Khadjo, een Syrische Christen uit Elsene en kenner van de Armeense geschiedenis, verklaart: “Zowel Koerden, Syrische Christenen, Yezidi’s als Alawieten willen een erkenning van de genocide om iets soortgelijks in de toekomst te voorkomen. Etnische moordpartijen komen vandaag
golfstaten, zijn nog altijd Westerse bondgenoten.” Natuurlijk, zo erkent ook Khadjo, lopen de belangen van de verschillende op de manifestatie aanwezige groeperingen uiteen. “De Koerden willen in de eerste plaats een erkenning van hun land, terwijl Armeniërs erkenning willen voor het hun aangedane leed, en Syrische Christenen veilig willen zijn in het Mid-
den-Oosten en de wereld ook willen vertellen dat ook zij slachtoffers waren van de genocide. De Koerden hebben in die genocide ook een dubbele rol gespeeld; vele waren soldaat in het Ottomaanse rijk en voerden mee slachtpartijen uit. De linkse Koerdische groepering PKK heeft echter de genocide en de rol van de Koerden daarin wel erkend, en zich er voor geëxcuseerd.”
Strijd voor menselijkheid Zoals we al zeiden was een groot deel van de manifestanten politiek links. Maar, zoals zo vaak in de analyse van de politiek van het Midden-Oosten, lopen er verschillende politieke breuklijnen door elkaar. Vandaar ook de aanwezigheid van een Vlaming met een Syrische vlag in de betoging, een Vlaming die actief was bij de rechtse NSV-studentenbeweging. Vandaar ook de trip van Vlaams-Belang-politicus Filip De Winter naar Syrië enkele weken geleden, en de steun die Syrische christenen te beurt valt bij rechtse partijen, bijvoorbeeld door te koketteren met de nun, de Arabische letter ‘n’, de eerste letter van het Arabische woord voor ‘christen’. “In Syrië leeft de tegenstelling linksrechts niet echt op dit moment,” zegt Khadjo. “We voeren een strijd voor de menselijkheid, en dan heeft die breuklijn ook niet zoveel beteke-
nis meer. Kijk, het Syrische regime is niet veranderd, maar de politiek van het Westen wel. Als er dan een delegatie van rechtse politici naar ons land komt, dan accepteren we dat. Een officiële Belgische delegatie zou ook welkom zijn.”
Nationalisme De manifestatie in Brussel werd echter - laten we dat niet vergeten - massaal bijgewoond door Arme-
DE WEEK IN BEELD DOOR IVAN PUT Haren stond afgelopen weekend in het teken van witloof. Wie na de rondleiding langs witloofkwekers en jaren-1960-witloofvilla nog wat wou napraten kon in de gezellige tuin van Toogenblik gaan luisteren naar de fanfare Chicón Ritmo. Het concertje moest jammer genoeg voortijdig afgebroken worden toen het plots hard begon te regenen.
WEEKOVERZICHT
BDW 1472 PAGINA 5 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
© CHRISTOPHE
WOENSDAG 22 APRIL Ilke Froyen nieuwe directrice Passa Porta. Froyen neemt de fakkel over van voormalig algemeen directrice Sigrid Bousset. De nieuwe directrice is er al bij sinds het begin van Passa Porta, tien jaar geleden. In september nam ze de taken van directrice ad interim al op zich, maar nu is het officieel. ACOD blokkeert toegang tot VUB. Ook aan de VUB wordt gestaakt. Aan het administratiegebouw op de Pleinlaan staat een stakingspiket van de onderwijsvakbond ACOD waardoor auto’s geen toegang hebben. Voetgangers worden overtuigd om rechtsomkeer te maken. De vakbond maakt zich zorgen over de besparingen aan de universiteit. Als gevolg worden heel wat lessen geschrapt.
VRIJDAG 24 APRIL Zondagsopening in vijfhoek krijgt groen licht. Dat laat minister van Middenstand Willy Borsus (MR) weten. Zowel het Gewest als het federale niveau hebben hiervoor hun goedkeuring gegeven. Dit is mogelijk doordat een deel van Brussel-Stad vanaf nu erkend wordt als toeristisch centrum. Daarvoor heeft de minister een ministerieel besluit ondertekend.
armeense genocide herdacht. Meer dan 3.000 mensen stappen op in een manifestatie ter herdenking van de genocide van 1915. Met hen ook Koerden, Syrische Christenen en Turkse marxisten. De manifestatie wordt ook gebruikt om de huidige situatie in het Midden-Oosten aan te klagen.
Vlaggen bij de vleet, ook van Syrische christenen (midden), en uiteraard ook Armeense (rood-blauw-geel).
niërs. Armenië is een onafhankelijk land, en is momenteel niet in zijn bestaan bedreigd. Het heeft echter al veel grondgebied moeten prijsgeven in het oosten van Turkije, en de weinige Armeniërs die in het Midden-Oosten wonen is geen rooskleurige toekomst beschoren. Ook in de tweede helft van de twintigste eeuw waren er in Turkije pogroms tegen christenen en activisten. En in 2007 nog werd de Armeens-Turkse
“ “ HET GETAL
journalist Hrant Dink vermoord door een Turkse nationalist. En dan zijn er nog de Brusselse Koerden, die waarschuwen voor de sluipende machtsaanspraak van nationalistische en negationistische Turken in Belgische en Brusselse politieke instellingen. Iets dat de Brusselse journalist Mehmet Koksal al meermaals aantoonde, en met hem ook de linkse Turkse journalist Dogan Özgüden, die al sinds de ja-
ren 1970 in ballingschap woont in Brussel. Zijn analyse: “Brussel durft als Europese hoofdstad Turkije niet afvallen omdat het land geostrategisch te belangrijk is.” In Brussel hebben we het dan vooral over de PS en de CDH - partijen met veel Turken in hun rangen - die vandaag nog altijd worstelen met de erkenning van de genocide van 1915. Christophe Degreef
Toen de apartheid was afgeschaft, hebben wij hier dezelfde principes toegepast” SP.A-senator Bert Anciaux over het minderhedenbeleid in Vlaanderen (in Knack).
Anciaux moet kunnen ophelderen waarom gewone Marokkanen nooit iets aan zijn peperdure project hebben gehad. Filosofe Tinneke Beeckman geeft Anciaux een koekje van eigen deeg en vindt dat hij zou moeten meewerken aan een waarheidscommissie over Daarkom, naar Zuid-Afrikaans model (in De Standaard).
Ecobegrafenis
Een ecologische toets aanbrengen in een product of dienst is niets nieuws. Doodskisten en ecologie combineren is in Brussel en België echter wel een primeur. Het is begrafenisondernemer Patrick Vanhorenbeke uit Sint-Pieters-Woluwe die het idee vijf jaar geleden naar België bracht, toen hij zijn onderneming opstartte. Voor
de natuurvrienden onder ons biedt hij doodskisten aan, vervaardigd uit bamboe of banaanbladeren. Daar blijft het echter niet bij. Ook andere facetten van een begrafenis moeten milieuvriendelijk worden, zoals het transport van doodskisten. Cyril van der Esch
7 miljoen euro extra voor onderwijs in Brussel. Vlaams minister voor Onderwijs Hilde Crevits (CD&V) trekt zeven miljoen euro extra uit voor capaciteitsverhoging in het Brussels Nederlandstalig onderwijs. Het extra geld is bedoeld om op korte termijn meer plaatsen te creëren. Ook omliggende Vlaamse gemeenten zoals Vilvoorde en Halle kunnen op extra steun rekenen.
ZATERDAG 25 APRIL Nieuwe speelzones en bijhorende app. Milieuminister Céline Fremault (CDH) heeft opdracht gegeven om vier grote nieuwe speeltuinen in te richten in het gewest. Een app zal de Brusselaars wegwijs moeten maken in het speelpleinennetwerk van het gewest. Open dag advocaten. De Nederlandstalige Orde bij de Balie Brussel organiseert een Open Advocatendag voor wie meer wil weten over het beroep van advocaten. De gangen en zalen van het Justitiepaleis zijn ook te bezichtigen. Voorts staan advocaten de bezoekers te woord over hun werk, maar ook met gratis juridisch advies.
ZONDAG 26 APRIL MoestasjE van’t Joer verkozen. De Orde van de Brusselse Moestasje heeft Bernard Lambrechts verkozen tot Moestasje van’t Joer. Hij haalde het van tien andere kandidaten. De verkiezing vond zondagvoormiddag plaats in café Volle Brol op het Vossenplein.
MAANDAG 27 APRIL Start Bike experience. Onervaren fietsers in Brussel kunnen vanaf vandaag tips en coaching krijgen van fietsers die de hoofdstad al kennen en die hun ervaring willen delen. De coach en de leerling zijn personen die ongeveer hetzelfde traject moeten afleggen. De Bike Experience loopt tot 8 mei. White Star en Chelsea gaan samenwerken. Voetbalclub Racing White Star Bruxelles en de Engelse topclub Chelsea hebben een samenwerkingsovereenkomst voor vijf jaar getekend. Trainers van White Star, dat momenteel nog geen licentie heeft voor de tweede klasse, en mogelijk ook spelers zullen dan stage kunnen lopen in Londen. Spelers uitwisselen zou ook tot de mogelijkheden horen.
DINSDAG 28 APRIL Brussel-Stad richt cel op tegen schijnhuwelijken. Een speciaal opgerichte cel moet de strijd aangaan tegen schijnrelaties. Schepen van Burgerlijke Stand Alain Courtois (MR) maakt hier een prioriteit van omdat er volgens hem netwerken bestaan. Eerder waren ook al de politiezones Zuid en Noord met een gelijkaardige cel gestart.
Samengesteld door Cyril van der Esch en Jilan Berroho
MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP SURF NAAR BRUSSELNIEUWS.BE EN SCHRIJF JE IN OP DE NIEUWSBRIEF
BDW 1472 PAGINA 6 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
Stad > Kristiaan Borret, bouwmeester in Brussel
‘Mooi of lelijk,
daar gaat het niet over’
BRUSSEL – Kristiaan Borret, bouwmeester sinds januari, werkt naarstig aan zijn oriëntatienota, maar staat nu al met zijn voeten middenin de Brusselse stedenbouw. “Parken aanleggen in de stad is het meest fundamentele wat je kan doen.”
W
e spreken Borret in het restaurant Bistro du Canal. Dat kan geen toeval zijn. Het kanaal is het belangrijkste werkterrein van de Brusselse regering voor de komende tien jaar. De bouwmeester kan daar niet omheen. “Stadsontwikkeling langs de waterkant is op zich niet zo interessant. Andere steden hebben het jaren voor ons al gedaan. Het is gentrificatie en opwaardering door nieuwe woningen te bouwen. Dat hebben we eerder al gezien. Dat willen we expliciet niet doen in Brussel. De ambitie is om de blue collar en de lofts, de bedrijvigheid en het wonen, met elkaar te verzoenen. Dat is wél vernieuwend.” U schrijft momenteel uw oriëntatienota. Kan u al een tip van de sluier lichten? Kristiaan Borret: “Als Antwerps stadsbouwmeester (2006-2014) kon ik bij wijze van spreken over elke bouwvergunning mijn zeg doen. Hier in Brussel, waar de schaal dubbel zo groot is maar daarentegen minder centraal bestuur, moet ik een selectie maken. Waarop zet ik in? Thematisch, territoriaal, organisatorisch. En met welke partners?” “Anderzijds: vanuit mijn Antwerpse ervaring ben ik nogal totaal ingesteld. Ik wil niet te veel laten vallen. Kwaliteit zit soms in kleine projecten. Die kleinere projecten moeten ook bijdragen tot de grote stedenbouwkundige ambitie.”
Als bouwmeester geeft u advies, zit u mee aan tafel bij beslissingen. De argumentatie is belangrijk. Hanteert u daarin een bepaalde filosofie? Borret: “Architecturale kwaliteit gaat niet alleen over mooi of lelijk. Het gaat over integrale opvatting.
Een goed werkend plan is even belangrijk voor de architectuur van een stad als een mooie façade.” “Het gaat verder ook over levenskwaliteit. Is er genoeg daglicht? Voldoende uitzicht? Willen de mensen
“De promotoren profiteren van de fragmentering. Ze gaan shoppen. Dat versterkt hun positie”
die er wonen, er ook blijven wonen?” U bent dus niet de politie van de smaak? Borret: “Neen. Dat heb ik altijd geweigerd. Je wordt wel af en toe in die rol geduwd. Het is een handige manier om een discussie te beslechten: we zullen aan de bouwmeester vragen of iets mooi of lelijk is. Maar daar gaat het dus niet om. Kwaliteit gaat over meer. Zo is ruimtelijke samenhang van belang. Aan het Bécodok, waar nu heel wat ontwikkelingen aan de gang zijn (zie BDW van 16 april, SVG/LV) gaat het niet alleen over de individuele projecten, maar het is de vraag ook of ze bij elkaar passen.”
Borret: “In Antwerpen is één baas. Er is één administratie die de vergunningen aflevert. Hier zijn negentien gemeenten, een gewest, én Beliris. Daarbij komt dat er binnen het gewest ook nog eens een fragmentatie heerst. Vandaar mijn ambitie om op korte termijn minstens binnen dat gewest met één stem te spreken. Daar zetten we nu vol op in.” “Dat heeft meer met governance te maken, dan met architectuur. Maar het is wel broodnodig. Ik voel binnen de ploeg van minister-president Rudi Vervoort hiervoor alvast veel politieke wil.” Heeft het gebrek aan samenhang ook niet te maken met de dominantie van de vrije markt? Het lijkt er soms op dat de privépromotor in Brussel bepaalt hoe de stad eruitziet. Borret: “De promotoren profiteren van de fragmentering. Ze gaan shoppen. Dat versterkt hun positie. Maar ik ben ook niet tegen de privé. De privé bouwt de stad. De promotoren zijn onze partner. Ze investeren veel geld. We moeten blij zijn dat ze dat doen. Laten we ze dan ook efficiënt bedienen. En liefst met een gecoördineerd standpunt van het kabinet stedenbouw, de administratie vergunningen en de bouwmeester.”
En? Passen ze bij elkaar? Borret: “Nog niet (lacht). Het is wel mijn bezorgdheid. Ik zie in Brussel veel fragmentering, saucissonering.“
U bent goede vertrouwd met de situatie in Vlaanderen, waar een andere politieke cultuur heerst, met een sterke administratie en minder rechtstreekse politieke invloed. Sommige Franstalige politici zagen in u een Vlaams importproduct, met de nodige scepsis tot gevolg. Borret: “Binnen de Brusselse regering ervaar ik die scepsis niet. Integendeel, er is een bepaalde fascinatie voor die Vlaamse manier van werken. En voor de rest: ik woon al twintig jaar in Brussel. Toegegeven: ik ben altijd een omgekeerde pendelaar geweest. Mijn beroepsleven heeft zich nooit in Brussel afgespeeld.”
En hoe komt dat?
Waarom bent u desondanks in
Kristiaan Borret • Geboren in Gent, 1966. • Burgerlijk Ingenieur-Architect (1990) en Filosofie (1993) aan de KU Leuven en Politieke Wetenschappen aan de UCL (1991) • Master in Stedenbouw aan de Universiteit van Catalonië (1995). • Verbonden aan de vakgroep Architectuur en Stedenbouw van de Universiteit Gent (1996) • Hoofd Ruimtelijke Planning bij Technum (2002-2006) • Stadsbouwmeester Antwerpen (2006-2014) • Tweejaarlijkse Prijs van de Vlaamse Gemeenschap voor Architectuur en Vormgeving (2013). • Decaan van de faculteit Ontwerpwetenschappen van de Universiteit Antwerpen (2014). • Woont in Vorst. SVG/LV
Brussel blijven wonen? Borret: “Omdat ik Antwerpen een goede stad vind om te werken (lacht). Neen, ik hou van Brussel. Het is een grote stad. Ik hou van de meertaligheid, de blik op de wereld, van de ruwe kantjes ook. De redenen waarom nog steeds veel jonge mensen voor Brussel kiezen, denk ik.” Even terug naar het kanaalplan. De Brusselse regering wil in de ateliers van de Citroëngarage woningen bouwen. Dat lijkt ons geen evidentie. Borret: “De Citroëngarage is een markant gebouw. Voor- en achterkant. De overheid heeft ervoor gezorgd dat het in eigen handen komt. Nu moeten we nadenken over de invulling. De overheid mag hier niet optreden als een privépromotor: we hebben een gebouw, we moeten het nu laten renderen, dus laten we er maar appartementen bouwen.” “We willen in de kanaalzone de blue collar niet verjagen. De bedrijfjes en de ateliers hebben er hun bestaansreden.” “Dat is een moeilijke oefening. Want het eerste wat je doorgaans doet als je appartementen bouwt is de bedrijven wegjagen zodat ze geen overlast meer kunnen vormen.” “Maar wat leren we uit de stadsvernieuwing in Vlaanderen? Elke brownfield is een spetterende woonwijk geworden, in de pakhuizen zijn lofts gebouwd. Het gevolg is dat er geen plaats meer is voor de loodgieter die een hangar nodig heeft voor zijn wisselstukken, of voor de parketteur zijn houtopslag.” “Zij moeten noodgedwongen verhuizen naar de kmo-terreinen, terwijl de werven in de stad gelegen zijn.” “Het kanaalplan wil dat vermijden. Architecten zullen moeten nadenken over hoe we bedrijvigheid en wonen kunnen combineren. In de negentiende eeuw was dat vanzelfsprekend: de bronsgieterij in Molenbeek, met de woningen errond. De romantiek errond hebben we niet nodig, want levenskwaliteit was er toen niet, maar we moeten wel na-
© BART DEWAELE
BDW 1472 PAGINA 7 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
Kristiaan Borret over het Citroëngebouw: “De overheid mag hier niet optreden als een privépromotor: we hebben een gebouw, we moeten het nu laten renderen, dus laten we er maar appartementen bouwen.”
denken over een nieuwe architectuurtypologie.” “Ik noem het microzonering: een gloednieuwe woonwijk op Thurn & Taxis, en daarnaast een kmo-zone. Daartussen een straat die de bemiddelende derde vormt. Wonen en werken zijn eigen aan de stad. Die dualiteit moeten we opnieuw aanvaarden.” De bewoners riskeren wel te gaan klagen... Borret: “Er is een zekere tolerantie nodig in de stad. Er zijn ook bewoners die klagen over het teveel aan hippe terrassen. Cru gesteld: of we van de kanaalwijk nu een tweede Dansaertstraat maken, met tal van terrassen en winkels die open zijn op zondag, of één met nijverheid, en bestelwagens om zes uur ‘s morgens: in beide gevallen zullen er bewoners klagen.” “Maar er zijn wel oplossingen denkbaar. De industrie die er komt, moet een stedelijke gedaante krijgen. De hele recylcagesector kan er bijvoorbeeld een plaats krijgen. Dat is de achterkant van de stad, maar die hoort wel bij de stad.”
“Een ander voorbeeld: de betoncentrale van Holcim in Parijs. Die staat op de kaaien. Overdag is het een en al bedrijvigheid. ‘s Avonds wordt de centrale dichtgeklapt en kan je langs het water flaneren. Dat is een goed stedelijke gebruik van een industriële functie.” Burgemeester Mayeur vindt het jammer dat het nieuw museum voor hedendaagse kunst niet aan de Ninoofsepoort komt. Daar is het meer nodig. Borret: “Dat is een lange discussie. Aan Sainctelette (waar het museum nu zal komen), is al een hele ontwikkeling aan de gang. Het museum is er een verrijking maar geen pionier. Maar de politieke beslissing is genomen. Die discussie is dus beslecht.” “Maar intussen moet er wel iets aan de Ninoofsepoort gebeuren. Een heleboel projecten dienen zich aan. Er komt een park, woningen. De tram krijgt een ander tracé. Een park is het meest fundamentele wat je in een stad kan doen. Ik wik mijn woorden: een park aanleggen is een historisch moment. Gebouwen komen en gaan. Een park in een stad is
er voor de eeuwigheid.” “In het dossier van de Ninoofsepoort ligt de lat niet hoog genoeg. De maat van het park is nu het gevolg van de inplanting van de woningen. Dat kan beter. Het park moet reiken van de Kleine Ring tot aan het kanaal. Dat veronderstelt een andere inplanting, met name van het gebouw met sociale woningen.”
alleen in de kanaalzone oplossen. Daarom is het nodig om een visie te ontwikkelen over hoe de stadsvernieuwing kan beginnen van de twintigste-eeuwse gordel.” Misschien is het kanaal gewoon een boeiender verhaal voor een stedenbouwkundige dan de slaapsteden in de rand
“In het dossier van de Ninoofsepoort ligt de lat niet hoog genoeg” Er gaat veel aandacht naar het kanaal, maar in Antwerpen had u ook ideeën over de meer residentiële naoorlogse wijken. Ook Brussel heeft een tweede kroon. Daar horen we u niet over. Borret: “Over het kanaal is al veel nagedacht en geschreven. Er bestaat een duidelijke visie en nu gaan we over tot de actie. Maar de bevolkingsgroei zal je natuurlijk niet
van de stad. Borret: “Helemaal niet. Het is vernieuwender om rond de twintigste-eeuwse gordel te werken. Voor waterfrontontwikkeling zijn de recepten bekend. Voor de rand van de stad zijn we nog zoekende. Ook daar is verdichting nodig, zelfs al is dat een moeilijke boodschap voor wie er nu woont.” “Aan de andere kant is er ook een opportuniteit. Verschillende wijken zijn er uitgeleefd en zijn aan her-
waardering toe. De sociale woningbouw kan daar een voortrekkersrol in spelen. Kijk maar naar de renovatie van de Modelwijk aan de Heizel.” “Er zal ook gesproken moeten worden met Vlaanderen, want de problematieken van de wijken in Kraainem en Woluwe zijn erg vergelijkbaar. Als je dat echt goed wil doen, moet je dat over de gewestgrenzen heen doen.” Er is al pril overleg tussen Vlaanderen en Brussel, maar levert dat iets op? Borret: “Niet veel. Maar als de problemen acuter worden, zal de dialoog urgenter worden. Kijk naar de asfaltcentrale, waar Vilvoorde tegen protesteert, of het nationaal stadion op parking C, waar Grimbergen niet zo blij mee is. Of het metrostation aan het stadion dat op Vlaams grondgebied komt. Tien jaar geleden waren die conflicten er minder omdat er minder aan de grenzen werd gebouwd. Vandaag zijn die er wel. Vlaanderen en Brussel worden zo gedwongen om met elkaar te spreken.” Steven Van Garsse
BDW 1472 PAGINA 8 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
DE GRAUWE JAREN
Samenleving > De CCC, linkse ‘kampagnes’ met twee doden
Bomaanslagen 1980 ‘voor de werkman’
BRUSSEL – Dag op dag 30 jaar geleden ontplofte bij het Verbond van Belgische ondernemingen (VBO) in de Stuiverstraat een auto van de CCC, de Cellules Communistes Combattantes. Daarbij kwamen twee brandweerlui om het leven. Een half jaar later werden de leden van de CCC aangehouden. Toch kan niet ontkend worden dat ons land en zijn hoofdstad in die jaren in de ban waren van spanning. “De CCC waren mislukte idealisten, de Bende van Nijvel was andere koek,” zegt brandweerkolonel-op-rust Hugo Van Gompel. BDW duikt in de donkere jaren 1980.
Wagen op het trottoir op de hoogte zijn geweest) om autoritaire regimes mogelijk te maken, en/of om het communisme in te dijken. Begin jaren 1990 werd het bestaan aangetoond van het zogenaamde ‘Gladio-netwerk’, een netwerk van door Amerika gesteunde individuen en groepen die na de Tweede Wereldoorlog in West-Europa achterbleven om anticommunistisch sabotage- en inlichtingenwerk te verrichten. In België is er nooit enige officieel bewezen link gevonden tussen terreur en dit netwerk, maar over de CCC en in meerdere mate de Bende van Nijvel wordt wel eens
geopperd dat ze binnen eenzelfde Gladio-strategie van de spanning opereerden, en dat ze zelfs in zekere zin samenwerkten met of gemanipuleerd werden door dit netwerk. Dertig jaar na datum lijkt de waarheid over de echte CCC opgehelderd. Het brein achter de aanslagen, Pierre Carette, werd in 1988 tot levenslang veroordeeld, in hoofdzaak voor de dood van twee Brusselse brandweerlui. Carette kwam in 2003 vrij, en is nog altijd trouw aan zijn idealen. Ook al gebruikt hij (voorlopig) geen geweld meer. De Bende van Nijvel zullen we in dit artikel nog terloops vermelden. Tot
Maar wat gebeurde er precies op die noodlottige 1 mei 1985? Hugo Van Gompel, nu 81, was toen kolonel van de Brusselse brandweer. Hij vertelt: “We kregen die nacht een oproep binnen voor een defecte auto die op het trottoir geparkeerd stond. Toen we aan het kantoor van het VBO aankwamen, zagen we rook in de auto, en we wilden dan ook beginnen te blussen. Toen zag een collega pamfletten van de CCC liggen die opriepen om ons uit de voeten te maken. Dat hebben we direct gemeld in onze radio. Mijn collega’s hebben zich toen achter de brandweerwagen verscholen.”
© HUGO VAN GOMPEL
M
en zegt wel eens dat de jaren 1980 donker waren, maar eigenlijk staan ze bekend als ‘de jaren van lood’, naar analogie met de anni di piombio, de Italiaanse jaren van terreur in de jaren 1960 tot 1980. Het zware geweld in Italië was het werk van verschillend extreemlinkse en extreemrechtse groeperingen. Die strijd paste volgens hypotheses – en ook volgens een linkse Italiaanse parlementaire commissie – binnen een ‘strategie van de spanning’, waarbij de Verenigde Staten terroristisch geweld in Europa zouden gesteund hebben (of er vooraf van
op de dag van vandaag is er over daders of motieven geen zekerheid. Alleen weet men dat ze 28 gruwelijke doden op hun geweten hebben. Het kan ook zijn dat dat geweld van de Bende een afrekening was tussen wapenhandelaren, of uiterst gewelddadig banditisme.
Kolonel Van Gompel.
“Op een bepaald moment kwam er echter een politiepatrouille de straat in gereden. Een van de brandweerlui – Marcel Bergen – is toen van achter de wagen vandaan gekomen om die patrouille te waarschuwen. Op hetzelfde moment ging de bom af. Hij © BELGA
De restanten van de bomauto voor de verwoeste kantoren van het VBO. De CCC gebruikte gasflessen met dynamiet omgord.
BDW 1472 PAGINA 9 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
© BELG A
© ARCHIEF ROGER
De CCC pleegde nog aanslagen in Brussel, onder meer aan de hoofdzetel van Sibelga, in het najaar van 1985. Uiterst rechts een pamflet van de groep.
evacuatie wegens brand in de gevangenis van Sint-Gillis, waar Carette opgesloten zat, zijn ‘mannen’ heeft tegengehouden om Carette aan te pakken.
Angst voor de rijkswacht moet op slag dood geweest zijn.” De tweede brandweerman, Jacques Van Marcke, was er niet zo erg aan toe, zegt Van Gompel. “Hij had zich achter de ladder gezet en werd in het been getroffen door een scherf. Hij vloekte zelfs nog voor hij naar het SintPietersziekenhuis werd gebracht. In dat ziekenhuis heeft men echter getalmd om hem te verzorgen. Toen ik vier uur later in het ziekenhuis aankwam, zag ik Van Marcke stuiptrekken, waarschijnlijk door een gebrek aan bloed. Ik heb die dokter toen bijna een pak rammel gegeven. Voor Van Marcke kwam alle hulp te laat.”
Van Gompel vertelt het verhaal over het ziekenhuis voor het eerst. “Ik houd hen eigenlijk het meest verantwoordelijk voor de dood van Van Marcke.” Er is die bewuste avond ook heel wat misgelopen wat betreft communicatie. De rijkswacht zou toentertijd niet hebben gecommuniceerd over de bomauto. Carette gebruikt dit feit nog altijd als argument om alle schuld van zich af te wassen. “Carette is schuldig, geen twijfel aan,” zegt Van Gompel. “Hij had zijn politieke idealen politiek kunnen vertalen, en niet met geweld.” Toch vertelt Van Gompel dat hij bij een
Van Gompel maakt een onderscheid tussen het geweld van de CCC en de Bende van Nijvel. “De CCC, dat waren idealisten die autonoom dachten dat ze met hun ‘gewaarschuwde’ acties het regime konden omverwerpen. Die twee slachtoffers, dat was uit onwetendheid. De Bende, dat was anders. Er was in die periode een bepaalde atmosfeer binnen politie en gerecht die paranoïde maakte. Ik had een vriend – de man heeft nu een hoge functie in een veiligheidsorgaan – die ‘s avonds bij thuiskomst altijd een ommetje extra reed. Want er leefde in die periode veel angst voor de rijkswacht. Die had zich al bezondigd aan
P-PRAAT
Politiek geweld > Communist Flor Dewit over CCC en Bende van Nijvel
‘Brandweermannen zijn mannen van het volk, de CCC wou hen niet doden’ SINT-GILLIS - “De analyse en de methodes van de CCC waren niet de mijne, maar een keer in de gevangenis vond ik wel dat de leden van de CCC als politieke gevangenen moesten erkend worden.” Flor Dewit (65), uitbater van de marxistische boekhandel Aurore, is al heel zijn leven communist en dat wil hij zo houden. Dewit: “Maak van de jaren 1980, van de CCC en de Bende van Nijvel, geen amalgaam.” Vorige week vrijdag moest Dewit naar de begrafenis van Michel Graindorge, de geëngageerde, linkse advocaat gedurende de laatste decennia van de twintigste eeuw. Graindorge verdedigde de slachtoffers van de Bende van Nijvel, vakbondsman Roberto d’Orazio CCC’er, Pierre Carette en de families van de vermoorde para’s in Rwanda. In het crematorium van Ukkel waren zo’n 500 personen aanwezig, schat Dewit. “Het was een aangrijpende gebeurtenis, de laatste carré van de bolsjewieken, het was een beetje mijn eigen begrafenis. Ik heb er Rwandezen ontmoet en syndicalisten van de Forges de Clabecq. Ik was er niet goed van tot ik gisteren (zondag, DV) oude mannetjes zag wenen bij de promotie van de voetbalploeg Union Saint-Gilles en jonge gasten hoorde zingen “unioniste pour la vie, anti-fasciste pour la vie.” Met Graindorge is hij maar een eind meegegaan: “Ik hoorde Michel voor het eerst spreken toen ik vijftien jaar oud was, hij was een sociaal bewogen redenaar. Een tijd zijn we kameraden geweest,
maar hij had zijn goede en kwade momenten, dat ging op en neer. Maar ik laat mensen met wie ik een eind weegs ben gegaan nooit vallen.” Flor Dewit komt uit een rood nest. Zijn grootvader heeft tegen Franco gevochten, zijn vader was de jongste erkende weerstander. “Mijn grootmoeder leerde me Le chant des partisans zingen. Toen de rijkswachters op 31 januari 1966 op de stakende mijnwerkers schoten (er vielen twee doden, DV) heb
‘Ik ben het nooit eens geweest met de methoden van de CCC’ ik gezworen heel mijn leven aan de kant van de onderdrukten te staan. Ik bevond me op 30 meter van een van de slachtoffers.” De jaren 1980 waren bizarre jaren, vertelt Flor Dewit, tot aan de oliecrisis hadden we les années glorieuses meegemaakt: “Eind jaren 1960, begin jaren 1970 maakte ik ‘s ochtends ruzie met mijn baas bij Citroën, ‘s avonds was ik alweer aan het werk bij TMT in Vorst. In de jaren 1980 was er de massale jeugdwerkloosheid, ik was één van de organisatoren van de jongerenmarsen voor werk met bijwijlen een grimmige sfeer. Er was iets aan het kristalliseren. In Frankrijk had
drugshandel, bijvoorbeeld, en deinsde er niet voor terug om mensen die in de weg liepen te ‘pakken’.” Ter illustratie van die atmosfeer haalt Van Gompel zich een tipgever van de CCC – een veearts – voor de geest die in die periode bijna wekelijks op zijn bureau langskwam. “Die man had vreemde verhalen over hooggeplaatsten en hun verwevenheid met de onderwereld. Ik ben toen eens heel erg bang geworden van een van die verhalen. Ik heb dat gemeld aan mijn oversten, waarop die met hem zijn gaan praten.” “De dochter van die veearts is in die periode ook in verdachte omstandigheden dood aangetroffen. Ik ben toen te weten gekomen dat er iets niet klopte in het officiële verslag, want mijn mannen waren ambulancier geweest in die zaak. Toen ik dat echter aan de procureur ging melden kreeg ik de raad mee om ‘me er niet meer mee te moeien’.” De CCC-bron waarover Van Gompel spreekt was zelf wel niet onbesproken, geeft hij zelf nog mee. Pierre Carette liet zich in 1985 vrij eenvoudig klissen, in een hamburgerrestaurant in Namen. In het jaar van zijn vrijlating ging hij in debat met Wilfried Martens, in 1985 premier. Daarin noemde Carette Martens en de marxistische filosoof Ludo Abicht ‘bourgeois’. “Daar zag ik goed hoe onoprecht Carette was in zijn geloof. Hij was immers een kind van toch niet onbemiddelde ouders,” besluit Van Gompel. Christophe Degreef
Mitterand de communisten meegenomen in de regering, in Amerika nekte Reagan de vakbond van de verkeersleiders en in GrootBrittannië vielen er doden bij mijnstakingen. Vele tienduizenden arbeidersgezinnen werden door Thatcher in de armoede gestort.”
‘Gewelddadige groep’ De jaren 1970 en 1980 waren ook de jaren van zwaar extremistisch geweld, ter rechteren ter linkerzijde. De Bende van Nijvel was, zo zegt Flor Dewit, een splintergroep van Gladio (zie hierboven, red). Flor Dewit ziet een rode draad van de moord op Julien Lahaut tijdens de Koningskwestie tot de terreurgroep van de Bende van Nijvel. De CCC pleegde tal van gewelddadige aanslagen, bij die van 1 mei 1985 vielen er dodelijke slachtoffers, twee brandweermannen. Dewit: “Dat de rijkswacht die gewaarschuwd was niet ingreep, was misdadiger dan de aanslag zelf. De CCC had nooit de bedoeling om hen te doden. Maar ik ben het nooit eens geweest met de analyse en de methoden van de CCC, ik heb nooit geloofd dat je met een minuscule gewelddadige groep de maatschappij kon veranderen. Als revolutionair ben ik altijd solidair geweest met revolutionairen die achter de tralies zaten om ze als politieke gevangenen te erkennen. Maar ik heb het recht om hun methodes en de lijn die ze volgen te bekritiseren.” Danny Vileyn
Zie wat er van komt, van een katholieke VUB: van de weeromstuit gooien ze in de gemeente Ukkel hun oude wapenschild met Sinte-Pieter weg. Groot schandaalstuk in La Libre Belgique, tezamen met uw commentator nog de laatste instantie in deze stad die het opneemt voor de kerk. Wat is er aan de hand? Ukkel wil zich profileren als “een meer hedendaagse administratie dichterbij de noden van de bevolking”. Daarom heeft een designbureau - dat is een consultancybureau met een mode-afdeling - een nieuw logo voor de gemeente getekend, een ‘U’ waarvan, hou u vast, vier lijnen tezamen de drie valleien van de gemeente voorstellen. Grafisch modern, geven ze er nog bij, mocht u twijfelen, want “la courbe évoque la souplesse et les droites, une volonté de continuité. Le signe est ouvert, comme est ouverte vers l’extérieur et vers le futur, la commune d’Uccle.” Uw commentator dacht dat de consultancyhoofdvogel afgeschoten was vorige week toen Pascal Smet voor de verzamelde pers in Palestina zei dat de Palestijnen hun duur bevochten grond beter moesten leren ‘vermarkten’. Kwestie van de geopolitieke situatie daar in die contreien wat te bedaren, want die intifada en zo, dat is slechte PR. Vermarkten, zegt de man die het komende 1-meifeest in Brussel een toespraak zal houden voor de SP.A, ongetwijfeld over de wandaden van de huidige federale regering. Soit. Dat deze tijden verwarrend zijn, hoeft u ons niet meer te vertellen. Vandaar de ellenlange beschouwingen over de CCC op de pagina’s hiernaast, want dat was nog eens een tijd dat links niet vermarkte maar bommen legde, de kerk de gewone man niet verdedigde en de VUB nog niet Charlie was, maar wel een vrijer woord verdedigde. En dan nu op naar die heerlijke nieuwe wereld!
BDW 1472 PAGINA 10 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
BDW REGIO
Deze week in de Vooruitgangsstraat > Wonen in een voormalige viswinkel
‘We zijn niet van plan om hier oud te worden’
SCHAARBEEK – Onzekerheid troef in de Vooruitgangsstraat sinds de geplande onteigeningen door Infrabel van tientallen woningen. Infrabel wil er een enorme spoorwegviaduct. Al tien jaar lang. In kraakpand La Poissonnerie houden ze de moed erin. “Alles is hier recup. Ja, ook het brood.”
M
ark Bellido, fotograaf en scenarist (van de goed onthaalde graphic novel El Mesìas), heeft er al een flinke dagtaak opzitten als we hem ‘s ochtends ontmoeten. Elke donderdag trekt hij met een aantal bewoners van de Poissonnerie naar de Vroegmarkt waar ze de overschotten van groenten en fruit in kratjes meegeleverd krijgen. Daarmee wordt het eten gemaakt dat ‘s avonds in het volksrestaurant voor een prikje wordt geserveerd.
Volkskeuken De Poissonnerie opende vier jaar geleden en is intussen een vaste waarde geworden in het verzet van de Vooruitgangsstraat tegen de plannen van Infrabel voor een grote spoorwegviaduct dwars over het gabarit. Maar de Poissonnerie is intussen tevens een broeinest van creativiteit, een knooppunt van sociale interactie, een interessant experiment in samenleven in een buurt waarvan het soms lijkt dat ze door de Brusselse overheden vergeten is. Mark loodst ons rond in het jaren1980-pand, waar ooit een beroemde vishandel huisde. De winkelruimte
De oude roepzaal van de viswinkel is op donderdag een volksrestaurant. De grote frigo’s zijn opslagruimtes voor de kunstenaars. is tamelijk intact gehouden, en dient nu als weggeefwinkel. Wie kan, brengt er oude kleren of spullen. Die komen zo weer in het circuit terecht. Vaak bij mensen die het echt nodig hebben. Mark is niet de bevlogen ideoloog, achter zijn twinkelende ogen lijkt altijd een grap te zitten, maar hij
noemt zich desalniettemin een anarchist die de strijd wil aangaan tegen het (neoliberaal) systeem. “Het kapitalisme wil ons doen geloven dat wij individualisten zijn, maar de mensen zijn sociale dieren. We willen in groep leven. Het kapitalisme heeft het dus totaal verkeerd voor. Maar intussen is iedereen wel
van die ideologie doordrongen.” De Poissonnerie is zelf een voorbeeld van hoe mensen als vanzelf naar elkaar op zoek gaan, vertelt Mark. “Het vervelende is dat we zelf ook van het systeem leven. Namelijk van wat het als resten produceert: de afgedankte meubels, het weggegooide voedsel. Dus ook wij hebben het
© SASKIA VANDERSTICHELE
systeem nodig.” Mark vertelt dat in zijn appartement boven de viswinkel, dat als een machtige wachttoren uitkijkt over de sporen van Infrabel. Treinen rijden af en aan. “Meestal zijn ze leeg,” zegt Mark. We ontmoeten er bij een koffie zijn medebewoonster. Rocìo is Chileen-
Sint-Jans-Molenbeek > Financiële problemen zijn erger dan gedacht ADVERTENTIE
Puzzel Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap
✆ 0800-15045
alle werkdagen van 9 tot 12u30, maandag, dinsdag en donderdag van 13 tot 15u30
Bezoeken enkel op afspraak
puzzel@resonansvzw.be
Besparingen bij politie en OCMW op komst ‘Molenbeek staat op de rand van het faillissement.’ Dat stond vorige week na een lek in La Libre Belgique. Daarmee kan de MREcolo-CDH-meerderheid niet meer ontkennen dat Molenbeek er financieel echt slecht voor staat. Molenbeek zou geen geld meer van de banken dreigen te krijgen, en bevriest de dotatie voor politie en OCMW in 2017. Waarschijnlijk ko-
men er meerdere (drastische) besparingen. Wat is er aan de hand? Bij het kabinet van MR-burgemeester Françoise Schepmans klinkt het dat de feiten zijn wat ze zijn: er is in verkiezingsjaar 2012 - onder de vorige burgemeester Philippe Moureaux - te veel personeel aangeworven, en die lonen wegen op de begroting. Ook zou de gemeente subsidies voor infrastructuurwerkzaamheden hebben onderschat, waardoor er
geld bij de werkingskosten moest gehaald worden. Daar komt nog eens een schuld bij die hoger wordt. Dat staat zwart op wit in enkele documenten van het Brussels gewest die La Libre kon inkijken. De situatie zou al problematisch zijn van voor 2010. Conclusie van Schepmans: Moureaux is verantwoordelijk. “Dat is nogal kort door de bocht,” zegt een lokale bron. “Door de bevolkingsstijging was er meer per-
soneel nodig. Je kan Philippe Moureaux veel verwijten, maar hij vocht om geld binnen te rijven bij allerhande instanties, en hij kreeg het. Schepmans lukt zoiets niet.” “Wat klopt is dat Philippe Moureaux gedurende 20 jaar veel structuren heeft opgebouwd die op korte termijn gesubsidieerd werden door het gewest, maar die nadien zelf door de gemeente gesponsord moesten worden. Een voorbeeld: een wijk-
ADVERTENTIE
BDW 1472 PAGINA 11 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
KOM DE IDE ALE INVESTERING BEWONDEREN
se, groeide op in Leuven, ging terug naar Chili en woont nu ook in de Poissonnerie. Huishuur is er niet. Alleen kosten. En die zijn laag. Het is een goede manier om in Brussel te wonen, “zeker als je niet afhankelijk wil zijn van dop of OCMW,” zegt Rocìo in vlekkeloos Nederlands. “Ik heb gewerkt, ben kindertherapeute, maar mijn diploma is niet erkend. Ik vind het goed zo. Ik kook nu op donderdag voor de volkskeuken.” Het wonen is er goedkoop, maar veel stabiliteit is er niet. Als er morgen een brief komt van Infrabel, dan moeten de bewoners binnen
“Het is een mooi experiment: samenwonen met mensen die je niet kent”
neerde kelderlokaal dat overladen is met vintage toestellen. “We zoeken dat echt op. We werken met cassettes, met tape, met video 8, met oude televisieschermen.” We willen weten hoe het kan dat een huis in een afgeleefde en door een groot vastgoed project bedreigde straat, zo kan opleven. Kinch: “Drie redenen. Er is voor artiesten een echte nood aan dit soort plekken. Anderzijds heeft de vzw Woningen 123 ook voor de juiste voorwaarden gezorgd. Zij zorgen ervoor dat artistieke projecten hier een kans krijgen. Maar tegelijk zijn artiesten ook gevoelige mensen. Ze gaan sneller reageren tegen een onrecht.” Kinch weet goed hoe de bewoners denken over het Infrabel-project. Hij heeft ze met de camera ondervraagd. “Sommigen zal het worst wezen, anderen dromen en denken dat het na de afbraak een leuke plek zal worden met winkels en moderne woningen. Anderen vinden het oprecht jammer dat de huizen tegen de vlakte gaan. Vast staat dat wie er vandaag woont, in een permanente staat van onzekerheid leeft.”
Complete mix de zes maanden opkrassen. Rocìo: “Ik heb altijd op veel plaatsen gewoond. Als het zover is zien we wel. Het is zelfs de eerste keer dat ik een vaste plek heb. Intussen is het een mooi experiment. Samenwonen met mensen die je niet kent. Wat niet wil zeggen dat we hier oud willen worden.”
Staat van onzekerheid Mark gaat met ons naar de kelders van het pand. Daar heeft Kinch een volledige opnamestudio gebouwd, annex radio- en televisiestation en repetitieruimte. Kinch is Congolees, speelt gitaar en zingt in een Afrobandje. Tegelijk is hij actief in de socio-artistieke sector. Hij staat op buurtfeesten met Caravan1Bis. In een woonwagen wordt ter plekke, samen met de jongeren uit de buurt, een televisiejournaal in elkaar gebokst. “We werken hoofdzakelijk met afgedankt studiomateriaal,” zegt Kinch in het gemolton-
contract behoeft extra personeel, maar dat personeel blijft na afloop van het contract natuurlijk voor de gemeente werken. Meestal zijn het goede ambtenaren, maar ze kosten de gemeente geld.” Wie het lek in La Libre heeft georganiseerd, is onduidelijk. Maar, niet onbelangrijk: er wordt zelfs binnen de PS rekening mee gehouden dat het wel eens uit een ander kamp van de eigen partij zou kunnen komen. Hoe zou de (gewestelijke) waarschuwing dat Molenbeek geen bank meer zou kunnen aanspreken anders in de pers geraakt zijn? Die vraag blijft open, maar er bestaan
Het hoogtepunt in de Poissonnerie is donderdagavond. Dan is er volkskeuken. Mark komt rond acht uur ‘s avonds met een caddy aangewandeld, volgestouwd met brood. “Vers van vandaag. Krijgen we van een bakker in de buurt. Anders gooit die het toch maar weg.” Langzaam stroomt het publiek binnen. Drie meisjesstudenten die hier geregeld komen eten. “Het is hier goedkoop, en de sfeer is prima. En je komt hier allerlei mensen tegen. We wisselen af met een kraakpand in Ukkel, waar we ook af en toe gaan eten.” Mark staat achter de bar. “Dat is het fijne. De mix is hier echt compleet. Moslims, blanken, Afrikanen. Hier komen zowel armere buurtbewoners als bobo’s.” Rocìo: “Waarom het zo’n succes is? Omdat het eten zo lekker is natuulijk!” En lachend schept ze nog een bord soep uit.
Steven Van Garsse
binnen de PS ook stromingen die Moureaux niet goed gezind zijn. Het lek kan ook georganiseerd zijn door MR of CDH, want de meerderheidspartijen hebben er belang bij om de zwartepiet voor mogelijke besparingen nu al door te schuiven. De Molenbeekse meerderheid heeft zich al enkele malen verscholen achter de gewestelijke voogdij om het niet over de financiën te moeten hebben in de gemeenteraad, tot grote ergernis van de oppositie. Nu zal Schepmans wel kleur moeten bekennen. CD
Orfeo & Tosca opendeurdag op 10 mei (10u - 18u)
■
ideale investering voor wie zijn rendement graag ziet stijgen
■
perfecte huisvesting voor de groeiende groep expats
■
eigen verhuurdienst gespecialiseerd in verhuur aan expats
■
unieke ligging en prestigieuze uitstraling
■
vlakbij De Munt en het bruisende stadscentrum van Brussel
■
deel van het iconische Chambon-complex
■
riante binnentuin van landschapsarchitect Wirtz
■
meer info: bel 02/201 00 01 of kijk op thechambon.be
Afspraak in de Koloniënstraat 56 - 1000 Brussel
BDW 1472 PAGINA 12 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
© GEMEENTE ANDERLECHT
Sint-Jans-Molenbeek > N-VA gaat verder
Geen post-Berckmanseffect De N-VA-afdeling Molenbeek-Jette likt haar wonden na het vertrek van gemeenteraadslid Dirk Berckmans. “We zijn nog niet bezig met de verkiezingen van 2018.” Maarten Bijnens is de nieuwe voorzitter van N-VA Molenbeek en Jette. Sinds het vertrek van Dirk Berckmans uit de Molenbeekse gemeenteraad is er volgens hem weinig veranderd in de lokale afdeling. Bijnens: “We hebben nog altijd 60 leden, en dat blijft zo.” In november kondigde Dirk Berckmans aan dat hij de Vlaamsnationalisten verliet om zijn eigen fractie te vormen in de Molenbeekse gemeenteraad. Drie maanden later liep hij als oppositielid over naar de meerderheid. De N-VA verloor zo
een gemeenteraadslid in een felbevochten gemeente. Hoe de NieuwVlaamse Alliantie de komende drie jaar aan politiek zal doen in Molenbeek, is voorlopig dan ook nog onduidelijk. “We kunnen niet meer interpelleren, dat klopt. We hadden bijvoorbeeld graag geweten wat de gevolgen zouden zijn van het Brusselse circulatieplan op onze wegen. Maar we vinden de komende jaren wel manieren om de mensen aan te spreken,” zegt Bijnens. “We zijn alleszins nog niet bezig met de verkiezingen van 2018.” Bijnens woont op de grens van laagen hoog-Molenbeek. N-VA Molenbeek klaagt alvast de slechte verkeerssituatie aan het metrostation Ossegem aan. CD
Vanaf 2018 zullen er op het Dapperheidsplein geen auto’s meer rijden, net zoals vroeger.
Anderlecht > Ondergrondse parking grote stap dichterbij
Dapperheidsplein opnieuw autovrij in 2018
UIT DE LUCHT GEGREPEN
Dat het Dapperheidsplein weer autovrij wordt en dat er daaronder plaats zal zijn voor minimaal 235 auto’s, is alweer een beetje waarschijnlijker. De gemeente gaat daarvoor in zee met Apcoa Parking. Na een jaar studiewerk zouden de werkzaamheden volgend jaar al van start gaan. Ten vroegste in 2018 krijgt Anderlecht opnieuw een autovrij Dapperheidsplein.
Elk jaar koopt het Nationaal Geografisch Instituut (NGI) luchtfoto’s aan om zijn databank met geografische gegevens aan te passen. Overlappende luchtfoto’s worden daarop op elkaar gelegd, waardoor een 3D-model ontstaat, dat op zijn beurt vergeleken wordt met de gegevens die het NGI al heeft van plaatsnamen, rivieren, bossen en gebouwen. Zo wordt duidelijk hoe de werkelijkheid op het terrein is in vergelijking met de werkelijkheid op de kaart. Als het moet, dan past het NGI de gegevens aan. Het NGI is natuurlijk al zo lang bezig met kaarten maken dat het ondertussen over een indrukwekkend archief luchtfoto’s beschikt. Een selectie hiervan vindt u week na week in deze rubriek ‘Uit de lucht gegrepen’ terug. Het gaat steeds om (oude) luchtfoto’s uit een van de negentien Brusselse gemeenten. Vorige week zag u het Queteletplein in Sint-Joost-ten-Node, dat op de Kleine Ring ligt. Vroeger lag op bovengenoemde plek een observatorium. En Alphonse Quetelet was een astronoom. Deze week nemen we u verder mee naar de sterren. Het park in de buurt bestond al, maar veel huidige gebouwen waren toen nog veld. Waar zijn we?
Een klein jaar geleden maakte het Anderlechtse gemeentebestuur bekend dat er een ondergrondse parking zou komen onder het Dapperheidsplein, een van de belangrijke punten in het meerderheidsakkoord. Daarmee verdwijnen de geparkeerde auto’s die het Dapperheidsplein nu ontsieren onder de grond. Het plein zelf zou dan ook meteen onder handen genomen worden om er een aangename groene ruimte van te maken. De ondergrondse parking waarvan de toegang zich ongeveer aan de rotonde aan het begin van de Wayezstraat zal bevinden, zal plaats bieden aan minimaal 235 plaatsen. Daartegenover staat dat het Dapperheidsplein en andere delen rond het plein autovrij worden gemaakt en dat er dus ook parkingplaatsen verdwijnen. De teller zou dan uiteindelijk op 125 bijkomende parkingplaatsen komen te staan. Ook de autodeelplaatsen van cambio zouden in de parkeergarage ondergebracht worden. Naast de parkeerplaatsen voor auto’s, is er ook plaats voor vijftig motorfietsen. De gemeente hoopt hiermee de handelsbuurt Wayez een nieuw elan te geven en opnieuw klanten te lokken die de straat nu links laten liggen omdat ze er geen parkingplaats vinden. Voor gezinnen en vrouwen en mensen met een beperkte mobiliteit komen er plaatsen aan de ingangen. Zoals gebruikelijk zullen ook parkingabonnementen te verkrijgen zijn voor buurtbewoners die ’s avonds hun auto moeilijk kwijt kunnen op straat. Na een paar administratieve formaliteiten zoals het groen licht van de gewestvoogdij in juni gaan de studies en de vergunningsaanvragen in juli 2015 van start, wat één jaar zou duren. De echte werkzaamheden beginnen dan in 2016 en zouden dan – als de wens van het gemeentebestuur uitkomt – net voor de gemeenteraadsverkiezingen afgerond
worden. Uiteraard blijven winkels en horecazaken tijdens de werkzaamheden te voet bereikbaar en zullen de jaarlijkse festiviteiten zoals de braderijen, kerstmarkt en jaarmarkt blijven plaatsvinden.
Financiële plaatje Niet zozeer het project zelf, maar wel het voornemen van de gemeente om de toekomstige uitbater van de parking financieel te laten opdraaien voor de bouw van de parking én de heraanleg van het Dapperheidsplein deed bij sommigen wenkbrauwen fronsen. In andere Brusselse gemeenten zoals Etterbeek bleek het voor het Jourdanplein zo goed als onmogelijk om een aannemer te vinden die de werken volledig op eigen houtje financiert. Uiteindelijk kon de gemeente kiezen tussen drie kandidaten, waarvan Apcoa Parking, een Duitse firma die in verschillende Europese landen actief is, aan het langste eind trok. De firma is onder andere uitbater van de parking aan het UZ VUB in Jette en van de parking aan het Antwerpse gerechtsgebouw. De uitbater zal in Anderlecht de bouwkosten van de parking, geraamd op 8 miljoen euro, volledig zelf bekostigen. Daarnaast maakt ze ook één miljoen euro vrij om de heraanleg van het plein te bekostigen. Dat gaat dan behalve de heraanleg zelf vooral om werken aan funderingen, structuur en riolering. Kosten die het bedrag overstijgen worden wel door de gemeente zelf gedragen. In ruil voor die investering staat een erfpachtovereenkomst van 40 jaar. In die 40 jaar wordt jaarlijks op een opbrengst van 300.000 euro gerekend, van wat daarbovenop komt krijgt de gemeente 10 procent. Als de opbrengst bijvoorbeeld 400.000 euro zou bedragen, zou de gemeente 10.000 euro opstrijken. “De gemeente zal zowel de werkzaamheden als de verdere uitbating kunnen opvolgen door in de begeleidingscommissie te zetelen. Op die manier houden we de vinger aan de pols en kunnen we toch nog ingrijpen waar het nodig is,” aldus schepen van Mobiliteit Mustapha Akouz (PS). “Maar we vertrouwen onze privépartner,” voegt burgemeester Eric Tomas (PS) daar aan toe. Bruno Schols
Ukkel > Nieuw gestroomlijnd logo
Tussen Geleyts, Ukkel en Verrewinkel Een monogram bestaande uit een U met vier parallelle lijnen wordt het nieuwe logo van de gemeente. Dat werd tijdens de jongste gemeenteraad goedgekeurd. De diepe U verwijst volgens de gemeente naar de drie historische valleien die Ukkel rijk is: de Geleytsbeek, de Ukkelbeek en de Verrewinkelbeek. Na de aankoop van een nieuw gebouw is het nieuwe logo volgens burgemeester Armand De Decker (MR) een volgende stap in de modernisering van de administratie. Het logo laat volgens de De Decker
duidelijk de ambitie van de gemeente zien om een hedendaagse administratie voor heel de bevolking uit te bouwen. Het logo en het charter dat erbij hoort moeten ook de gemeentelijke communicatie stroomlijnen. De Decker: “Deze nieuwe identiteit is meer dan imago, ze schrijft zich in in een langetermijnvisie. Een administratie die nauwkeurig de veranderingen in het oog houdt, proactief, modern ook, en die zich concentreert op de behoeften van de burger.” DV
Elsene > Inhuldiging struikelstenen
‘De Holocaustherinnering moet levend blijven’ De gemeente Elsene hield dinsdagmorgen een officiële ceremonie ter nagedachtenis van het einde van de Tweede Wereldoorlog. De ceremonie vond plaats in het Museum van Elsene en stond in teken van Paul Sobol, een Joodse man die tijdens WO II in Elsene woonde en overlevende van Auschwitz. Tijdens de plechtigheid werden zijn struikelsteen en die van zijn gezinsleden ingehuldigd. De struikelstenen, of Stolpersteine, zijn een kunstproject
van de Duitser Gunter Demnig. Al twintig jaar plaatst hij kleine kasseien met een messing plaatje op het trottoir voor de huizen van Holocaustslachtoffers. Op het plaatje staat info over de slachtoffers. Demnig plaatste al tienduizenden stenen in honderden steden en gemeentes, waaronder Elsene. De struikelstenen van Sobol en zijn gezinsleden bevinden zich tegenover het Museum van Elsene. Margo Claeys
© IVAN PUT
BDW 1472 PAGINA 13 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
Afgelopen zondag werden de eerste stoeptegels voorgesteld tijdens een straatfeest.
Sint-Joost-ten-Node > ‘Bloemen in mozaïek’ bekroond
Sociale stoeptegels winnen een prijs De bewonersgroep TraVERTsons uit Sint-Joost-tenNode werd met het project ‘Bloemen in mozaïek’ bekroond door het Fonds Delhaize Groep, een fonds dat beheerd wordt door de Koning Boudewijnstichting. De directe leefomgeving van een persoon is belangrijk voor de gemoedstoestand en de zelfontplooiing van die persoon. In een buurt waar het grauw en grijs is, zijn buurtbewoners eerder geneigd zich op zichzelf terug te trekken. Kleur maakt een wijk levendiger en brengt de bewoners dichter bij elkaar. Dat was ook de bedoeling van het project ‘Bloemen in mozaïek’: de wijk rond de Dwarsstraat in Sint-Joost socialer en mooier maken onder begeleiding van een professionele kunstenaar. “Om dat doel te bereiken kwam het
ADVERTENTIE
concept naar voren om stoeptegels te ontwerpen met als thema bloemen,” legt initiatiefnemer van het project Gérald Coulleaux van buurtwijkcomité TraVERTsons uit. “We zijn al vier jaar bezig in de wijk. Het geeft dus voldoening om voor dit project bekroond te worden.” “Met het project willen we de mensen uit de buurt dichter bij elkaar brengen,” vertelt Coulleaux. “De eerste tien deelnemers kenden elkaar niet voor ze in het project stapten.” Zondag heeft Coulleaux de prijs in ontvangst genomen en werden de eerste stoeptegels aan het publiek voorgesteld tijdens een straatfeest. De volgende stap is nu de tegels voor de huizen van de ontwerpers plaatsen en een tweede groep aan het werk zetten. Cyril van der Esch
BDW 1472 PAGINA 14 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
BDWOPINIE
Brussel heeft de mogelijkheid om met de nieuwe geplande parken een statement te maken, zoals René Pechère dat voor zijn tijd overtuigend heeft gedaan met de tuin van het Rijksadministratief Centrum.
GEZOCHT: BRUSSEL – Brussel heeft nood aan meer dan een louter ruimtelijk ordeningsplan voor parken en groene ruimtes, vinden Brussels parlementslid Khadija Zamouri (Open VLD) en liberaal stedelijk militant Jan De Ceuster. Ze pleiten voor de aanstelling van een landschapsmeester, die van Brussel een positieve referentie maakt in ruimtelijk beleid.
H
et tweede hoofdstuk van de Gewestelijke Beleidsverklaring heeft als titel ‘Een voluntaristisch ruimtelijk ordeningsbeleid’, waarin een aantal veelbelovende beleidsopties over parken en groene ruimtes opgesomd worden. Wij willen een aantal aanzetten geven voor de invulling van dit beleid. Deze aanzetten refereren aan een aantal functies die parken (kunnen) vervullen binnen een stedelijke context: ze zijn ontmoetingsplekken, natuuroases, levende monumenten (soms zelfs kunstwerken!), openluchtklassen en ze hebben zelfs een specifiek economisch ontwikkelingspotentieel. Al deze functies ontwikkelden zich ‘organisch’ rond de parken die een integraal onderdeel vormden van
© SASKIA VANDERSTICHELE
GROENBELEID > KHADIJA ZAMOURI EN JAN DE CEUSTER
LANDSCHAPSMEESTER voor Brussel
de negentiende-eeuwse burgerlijke stadsontwikkeling in Brussel. Deze historische erfenis bepaalt nog steeds topografisch de identiteit van Brussel en is een essentieel onderdeel van de onbetwistbare levenskwaliteit die deze stad biedt. Laat dat net de grote verdienste zijn van Leopold II. En dit brengt ons op een belangrijk punt: visie! Want die had de vorst. Het is onze overtuiging dat Brussel nood heeft aan meer dan een louter ruimtelijk ordeningsplan: het gewest heeft nood aan een ‘landschapsmeester’, die net zoals de bouwmeester, de plannen en projecten aftoetst aan een aantal criteria, die er zorg voor draagt dat alle functies die een park kan vervullen, evenwichtig waargenomen worden
en die garandeert dat de verschillende beleidsopties uitmonden in een planologisch, ecologisch en esthetisch verantwoord resultaat.
Maaibeleid Een korte blik op de verschillende werven waarvoor de Brusselse parken volgens ons staan, leert dat een ‘landschapsmeester’ zijn/haar handen vol zou hebben. Parken moeten nog veel meer dan nu het geval is, plekken zijn waar ‘le vivre ensemble’ realiteit wordt. Denk maar aan wat het Park Antwerpen Spoor Noord aan dynamiek teweeggebracht heeft. Dit veronderstelt de
Khadija Zamouri (Open VLD) en Jan De Ceuster.
ontwikkeling van aangepaste infrastructuur zoals wandel-, loop-, fietsen skatepaden, picknickweides, een uniforme en kwalitatieve signalisatie, aangepaste MIVB-stopplaatsen, 21ste-eeuwse kiosken, kwalitatieve horeca en interconnectiviteit. Dit betekent meteen ook dat men rekening houdend met de belangen van alle stakeholders van een park. Parken zijn ook plekken waar de biodiversiteit van een stad tot uiting komt. Veel meer dan dat nu het geval is, moet hier een actief ontwikkelingsbeleid gevoerd worden, dat van Brussel een echte referentie moet maken in duurzaamheid. We denken bijvoorbeeld aan een selectiever maaibeleid, bloemenweiden, gerichtere boomaanplant, het verder uitbouwen van groene en blauwe corridors, enzovoort. Parken zijn herkenningspunten waarop zowel bewoners als niet-bewoners hun identiteit kunnen projecteren. Denk maar aan wat Central Park of Hyde Park in het collectieve bewustzijn betekenen. Niet alleen heeft Brussel het potentieel om met zijn bestaande parken een plaats in dit collectieve bewustzijn te verwerven (denk maar aan het Jubelpark, het Elisabethpark of het Woluwepark, …), maar vooral een opportuniteit om met de nieuwe geplande parken een statement te maken. René Pechère heeft dat voor zijn tijd overtuigend gedaan met onder meer de Kunstberg, de Kruidtuin en de tuin van het Rijksadministratief Centrum. Laat ons deze kansen niet laten liggen, en even sterk werk neerzetten. Ook hier heeft België talent te koop! En het is niet dat Brussel niet op zoek is naar spraakmakende bakens in het landschap.
Stadsvlucht tegengaan We weten dat Brussel een negatief imago heeft in België en minstens een grijs imago in Europa. Natuurlijk weten Brusselaars dat dat onterecht is. Gelukkig komt er langzaam verandering in die perceptie, onder meer door het mooie werk van VisitBrussels. Door consequent in te zetten op een actief parkenbeleid heeft het Brussels Gewest een enorme troef in handen om dit imagodeficit om te buigen, maar ook om de stadsvlucht (die zich verschuilt onder de demografische explosie) tegen te gaan. Het hoeft geen betoog dat voldoende groene ruimte bepalend is voor een aangename stedelijke levensomgeving. Om deze troef goed in te zetten, moet er echter een visie ontwikkeld worden: een ‘landschapsmeester’ zou, in de voetsporen van Karel Buls een ‘esthétique des villes’ mogen uittekenen, met de ambitie om van Brussel een positieve referentie te maken in ruimtelijk beleid. In het licht van de omvang van de taak lijkt ons dit geen overbodige luxe, en vooral een historische kans!
Khadija Zamouri, Fractievoorzitter VGC en Brussels Parlementslid Open VLD en Jan De Ceuster, liberaal stedelijk militant
lezersbrieven@bdw.be
BRIEVEN VAN LEZERS
BDW 1472 PAGINA 15 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
Carrefour
Brel in Zinnema
J. De Smedt, Sint-Agatha-Berchem
© LIEVEN SOETE
Begin maart was ik in Carrefour Basilix en vroeg aan een personeelslid “waar kan ik een reiswekker vinden?” Ik werd verwezen naar de radio- en tv-apparatuur. Toen ik daar dezelfde vraag stelde, werd ik in het Frans verwezen naar les produits de beauté. Toen ik herhaalde dat ik een reiswekker zocht, kwam de klassieke vraag “vous ne parlez pas français?” Ik antwoordde dat ik een Nederlandstalige klant ben en ervan uit ga dat de klanten bij Carrefour in hun landstaal bediend worden. De arrogante reactie: “oui, mais vous pouvez parler le français, mais vous ne voulez pas” en dat tot tweemaal toe. Ik vroeg naar een Nederlandstalige collega en werd naar de balie verwezen waar zich echter hetzelfde scenario afspeelde met dezelfde arrogante houding. Aan de kassa vroeg ik naar een verantwoordelijke en werd naar kassa 12 verwezen. Daar zat een dame, die Nederlands verstond maar telkens in het Frans antwoordde. Het antwoord van de klantendienst van Carrefour België: u kan in elk geval altijd vragen om bijgestaan te worden door een Nederlandskundige bediende. Dat heb ik gedaan en het resultaat heb ik hierboven beschreven. Was het Carrefour die ooit eens de slogan lanceerde “100.000 klanten moet je verdienen”? Verdient Carrefour in Basilix Nederlandstalige klanten?
Ik lees – ietwat meewarig – de discussie over de presentatie van het lied van Jacques Brel Les Flamandes (BDW 1471, p.19 en BDW 1470, p.15). Mensen die het repertorium van Jacques Brel niet kennen, gaan er steevast van uit dat Les Flamandes een anti-Vlaams liedje is. Dat klopt niet, weet iemand die de moeite doet om het volledig en zorgvuldig te beluisteren. Zelf ken ik ongeveer de helft van de liederen van Brel vanbuiten, en Les Flamandes betekent gewoon de sociale realiteit zoals die bestond in Vlaanderen ongeveer tot de ingrijpende omwenteling in de geesten die mei 1968 heeft veroorzaakt. Brel heeft eigenlijk altijd pogingen gedaan om ook op een bepaalde manier als Vlaming aanvaard te worden; daarvan getuigen liedjes als Le Plat Pays en Marieke, en pas in zijn laatste levensmaanden, wellicht gekraakt door ziekte en door het feit dat hij in Vlaamse kringen meestal scheef werd bekeken, vindt men werkelijk Vlaamsvijandige gevoelens; het zijn maar een paar liedjes, en zeker niet van de beste. De beste zijn naar mijn gevoel zijn misogyne liederen, bijvoorbeeld Les Biches of Le Lion, allebei pareltjes. Les Remparts de Varsovie lijkt mij iets lager van niveau, maar is verder toch genietbaar. En nu kunnen de feministen maar steigeren. Ik wou dit toch even rechtzetten: Les Flamandes is geen Vlaams-vijandig lied, het is integendeel een lied dat een correct en doordringend beeld geeft van la Flandre profonde zoals dat bestond in de jeugdjaren van Jacques Brel. Joost Rampelberg, voorzitter Vlaams Komitee Brussel
Cos De sociale verdringing in de Dansaertwijk bijt in eigen staart. In de jaren 1980 is deze wijk beginnen te veranderen. Huizen werden gerenoveerd, de huurprijzen stegen en de minder kapitaalkrachtige huurders hebben toen de wijk verlaten. Nu klagen de trendy winkels van deze wijk over de komst van de winkelketen Cos die hoge huurprijzen kan betalen, maar de sociale reputatie naar beneden zal halen. In een artikel in De Standaard verwijst de uitbaatster van de modeboetiek Stijl naar het voorbeeld van de Sint-Gorikswijk waar zich de supermarkt Lidl heeft gevestigd. Nochtans is de ingang langs de Van Arteveldestraat gelegen, zodat het plebs niet langs het Sint-Goriksplein hoeft te passeren. Brusselse Schepen van Handel Marion Lemestre is bereid om de modeboetieks een handje toe te steken en het achterste deel van de Dansaertstraat (richting Molenbeek) van de nachtwinkels of andere bas-de-gamme-zaken te verlossen. Ze wil eigenaars proberen te overtuigen om hun winkels aan ontwerpers te verhuren. Met andere woorden, ook hier is de basse classe niet meer welkom.. Werner De Bus, Brussel-Stad
Politie in Anderlecht Op 19/04/2015 stelde ik vast dat mijn Franstalige buur in mijn tuin planten aan het verwijderen was. Ik sprak hem hiervoor aan in het Nederlands, daar zijn asociale attitude het niet toeliet om verder wat minnelijk te regelen. De dag daarop nam ik telefonisch contact op met de politieantenne ‘Het Rad‘ van Anderlecht. Een norse stem zei mij dat ik de 101 hiervoor diende te contacteren. Hierbij nam een vriendelijke dame mijn verklaring af, ze zei dat ze een politiepatrouille zou sturen. Na een tijdje belden twee Franstalige politieagenten bij mij aan. Ik vroeg hen om een Nederlandstalig procesverbaal op te maken van de gebeurde feiten. Dit kon niet. Ik diende mij daarvoor te begeven naar de dienst bevolking van Anderlecht. Dat vond ik al vreemd. Ik werd na verschillende gesprekken met de diensten van Anderlecht doorverwezen, onder andere naar het Vredegerecht van Anderlecht. Hierbij kreeg ik te horen dat ik mij moest wenden tot een gerechtsdeurwaarder. Daarop nam ik contact op met een gerechtsdeurwaarder die mij vriendelijk vertelde dat dit een werk was voor de wijkagent.
Op 21/04/2015 wendde ik mij persoonlijk (nogmaals) tot de politieantenne ‘Het Rad’. Dit met de vraag om de wijkagent te spreken. Deze was Franstalig en diende bijgestaan te worden door twee Nederlandstalige politieagenten. Nogmaals deed ik mijn verhaal over mijn buur en zijn vandalisme. Ik vroeg om een proces-verbaal op te stellen. Ook hier was dit niet mogelijk. Dit was het werk van de politiepatrouille. Ik zei duidelijk dat ik een Nederlandstalige agent wou spreken. Hierop nam een wijkagent telefonisch contact op met een politiepatrouille. Na een dertigtal minuten werd er aangebeld aan mijn voordeur. Terug twee Franstalige politieagenten. Deze spraken met mijn buur in kwestie. Daar deze agenten ook geen proces-verbaal wilden opmaken, zei ik dit maar toch niet. Hierop zei een van de agenten dat ik mij naar het hoofdcommissariaat in de Demosthenesstraat 36 van Anderlecht moest begeven. “Daar zullen ze u een proces-verbaal opmaken in de Nederlandse taal.” Uiteindelijk heb ik acht politieagenten moeten aanspreken om een Nederlandstalig proces-verbaal te mogen krijgen. Zo heeft deze procedure mij vijf uur tijd gekost. Als de Nederlandstalige agenten zich meer zouden bezighou-
© SASKIA VANDERSTICHELE
den met de Nederlandstalige burgers en indien de Franstalige agenten de bereidwilligheid en minder laksheid zouden tonen om het Nederlands wat meer te oefenen in de praktijk, zou hun beroep als politieagent minder zwaar zijn. De Nederlandstalige burgers (Vlamingen) schamen zich nog steeds om met fierheid hun moedertaal te spreken in Brussel en in andere delen van België. Wim Muylaert, Anderlecht
Rechtzetting Er sloop een foutje in het artikel over de autovrije binnenstad (‘Beursplein nog voor de zomer autovrij’) (BDW 1471, p.4-5). Yvan Mayeur werd pas in de herfst van 2013 burgemeester, en was het dus nog niet op het moment van de eerste Picnic the Streets (mei 2012). Freddy Thielemans was toen burgemeester.
SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.
BDW 1472 PAGINA 16 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
VADROUILLE DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK
© SASKIA VANDERSTICHELE
Het Elsense atelier Ekho. Van links naar rechts: Catherine Janssens, Joanne Van Bosterhaut, Blaise Emmelin, Daoudi Hassoun en Victor Bernard.
MUZIEK > VIOOLBOUWERS ONDER HET VOETLICHT VAN DE KONINGIN ELISABETHWEDSTRIJD
NIEUWE KRACHTEN UIT PERNAMBUCO ELSENE – Geen beklijvende muziek zonder warm klinkend instrument. Daarvoor staan een tiental viool- en strijkstokateliers in Brussel garant. Een van de jongste, gespecialiseerd in de aanmaak van hedendaagse instrumenten, is Ekho nabij de Vijvers van Flagey. Met grote trom promoten ze hun nobel ambacht, voor het eerst samen met zestig Europese stiellieden en... de zegen van de prestigieuze Elisabethwedstrijd.
S
tel, u speelt viool, als student of beroepsmuzikant, en u moet een instrument aankopen. Dan is de eerste keuze snel gemaakt: de Stradivarius, van het type zoals de eerste laureaat van de Elisabethwedstrijd er eentje te leen krijgt. Maar dat valt niet te beta-
len. En verder is de keuze zo breed als de zee diep is: van oude en historische instrumenten tot hedendaagse exemplaren van diverse snit. Dan maakt een bezoek aan een ambachtelijk atelier, als van het vijfkoppige team van Ekho, u al meer wegwijs in het kwaliteitsaanbod op
de markt. BDW maakte een afspraak en zag dat het tijd vraagt. Het gamma van prijscategorieën loopt sterk uiteen. Gelukkig blijkt kiezen in de eerste plaats muziek spelen en luisteren naar de akoestiek van het instrument. “We kunnen ons veroorloven om de muzikant
een of twee violen, altviolen of cello’s te ontlenen voor een week,” begint vioolbouwster Joanne Van Borsterhout van Ekho (zie kaderstuk). “Het biedt de mogelijkheid om de klank in diverse ruimten (thuis, een zaal of kerk) te testen. Belangrijk bij het kiezen is te begrijpen wat u precies zoekt, in functie van het muziekrepertoire dat u speelt en zo. Want een instrument kan prachtig klinken in de handen van één muzikant, maar het niet ten volle tonen bij iemand anders. Ook biedt ons atelier alle tips voor een goede afstelling van het instrument.
© SASKIA VANDERSTICHELE
BDW 1472 PAGINA 17 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
Het atelier Ekho bij de Vijvers van Elsene is een tiental jaar geleden ontstaan als Atelier Flagey, en opgericht door de Ierse cellist Robert Pierce en de Fransman Blaise Emmelin die strijkstokbouwers werden. Pierce liet hiervoor zijn job bij het Nationaal Orkest van Ierland in 1984 staan. Na New-York en Parijs strandde hij twintig jaar terug in Brussel en behaalde talloze internationale prijzen met zijn strijkstokken. Een jonge garde gepassioneerde viool- en strijkstokbouwers heeft zich intussen verenigd in het atelier, herdoopt tot Ekho. De Fransman Victor Bernard (°1985) is één van hen. Hij studeerde in de vioolbouwschool van Newark af in 2008 en vervoegde eerst het Brusselse vioolatelier Maison Bernard. Sinds 2014 zit hij bij het Ekho-atelier rond Blaise Emmelin (Pierce ging met pensioen), samen met de Belgische vioolbouwsters Joanne Van Borsterhout en Catherine Janssens en de Franse strijkstokbouwer Daoudi Hassoun.
ATELIER EKHO
© SASKIA VANDERSTICHELE
Het inlegwerk wordt vakkundig uit schelpen geslepen.
Controle van de strijkstok door Blaise Emmelin.
Er zijn altijd drie onderdelen nodig voor een goede klankproductie: de viool, de strijkstok en de muzikant. Ja, vergeet vooral de strijkstok niet.”
Brasil Aan bouwmaterialen geen gebrek in het ate-
lier. Alles wordt in ruwe materie aangekocht en door de ambachtslieden vertimmerd tot instrumenten en strijkstokken. Voor de violen, die deels uit sparrenhout en esdoorn (of al eens populier of fruitboomhout) gemaakt worden, ligt het materiaal te wachten. Ook de strijkstokbouwer komt aan zijn trekken.
FLAGEY VERJONGT HET PUBLIEK VOOR ELISABETHWEDSTRIJD “Sinds het concours in 2012 voor de Eerste Ronde naar Studio 4 van Flagey verhuisde, is het publiek verjongd en verdubbeld in aantal.” Dat bevestigt MichelEtienne Vanneste, secretaris-generaal van de Koningin Elisabethwedstrijd. “Vroeger kwamen gemiddeld een vierhonderdtal concoursliefhebbers naar de eerste ronde luisteren in het Conservatorium. Dat aantal is op drie jaar tijd verdubbeld tot 800 in Flagey. Ook de leeftijd is gemiddeld gedaald - nu veertigers tot zestigers - dankzij het imago van Flagey,” aldus Vanneste. Voor de Vioolwedstrijd 2015 werden 169 dvd’s van kandidaat-deelnemers gescreend door een jury van zes specialisten. Daarvan werden 69 violisten uit 20 landen aanvaard om mee te dingen naar de gegeerde titels. Onder hen vijf Belgen, waarvan er uiteindelijk twee mogen aantreden: Fien Van den Fonteyne (1989) en de op zestienjarige leeftijd tot Belg genatura-
liseerde Armeen Hrachya Avanesyan (1986). Beiden behaalden een master aan het Conservatorium van Brussel. Van den Fonteyne volgde les bij Yossif Ivanov, zelf tweede laureaat in 2005. Avanesyan volgde les bij Igor Oistrakh. Verwacht wordt dat zich tegen deadline 1 mei, 60 tot 65 kandidaten zullen aanmelden voor de eerste ronde. Die dag gebeurt de loting van dag en uur van aantreden. De eerste ronde vindt plaats van 4 tot 9 mei (om 15 en 20 uur) in Flagey – zitjes tegen 8 euro. De halve finale (11 tot 16 mei) en de finale (25 tot 30 mei) vindt traditioneel plaats in Bozar. Nieuw is dat het eerste Laureatenrecital na het concours (9 juni) in Flagey plaatsvindt in plaats van in De Munt, gevolgd door een tweede in Bozar (11 juni). Jean-Marie Binst Info: www.imkeb.be en 02-213.40.50.
Victor Bernard: ”Al het hout halen we bij houtsnijders. Voor de stok komen de beste houtplankjes sinds de zeventiende eeuw uit Pernambuco (Noordoosten van Brazilië).” Bernard snijdt en schuurt de stok en gaat met een knipmes de krul bewerken. Dan nog het haarlint (150 paardenharen) en de slof in ebbenhout vervaardigen en het ding van amper 60 gram begint al ergens op te lijken. Ook een zak Bretoense zeeoren (schelpen) ligt klaar om parelmoer uit te snijden voor het delicate inlegwerk. Bernard: ”Sinds het begin van de strijkstokbouw worden dezelfde werkmaterialen en handelingen gebruikt. Ze worden van strijkstokbouwer op strijkstokbouwer overgedragen, want een strijkstokschool bestaat er
“Om strijkstokbouwer te worden, moet je meesters aanspreken. Als de vonk overslaat, dragen ze met graagte hun kennis over”
niet. Om het te kunnen leren moet je meesters aanspreken. Als de vonk overslaat dragen ze met graagte hun kennis over. Zo werkt dit beroep. Voor vioolbouw echter heeft elk Europees land wel een school, met grote verschillen tussen de Italiaanse, Franse, Duitse en Engelse scholen.”
Akoestiek Van Borsterhout dan weer: “België ligt in het midden van Europa en Brussel is bekend om zijn specialisten in vioolbouw, ook al is het excentrieke verschil in bouwstijlen te meten in millimeters. Een blauwe viool ga je niet vinden. Ons atelier is gespecialiseerd in de promotie van hedendaagse instrumenten. Alle ateliers werken rond restauratie, herstel, bouw en verkoop. Maar daar waar bijvoor-
beeld het Maison Bernard zich toespitst op oude instrumenten, is Ekho enkel bezig met wat levende bouwers produceren.” In de voorkamer van het atelier worden die hedendaagse bouwers tentoongesteld, aan de hand van hun diverse modellen. Vaak moeten muzikanten, studenten of oudere musici, ver tot in het buitenland op zoek naar instrumentenbouwers. In dit atelier kunnen ze op één plek talloze instrumenten uit Europa zien, voelen en vooral uitproberen. Want het is vooral de klank die van tel is, afgaand op het repertoire dat de muzikant speelt. In het atelier kan de akoestiek van een heel gamma violen, altviolen en cello’s vergeleken worden. “Het biedt toch al een hele waaier aan mogelijkheden die de muzikant met nieuwe instrumenten kan ontdekken,” stelt Joanne Van Borsterhout. “Het is pas na de zoektocht van wat het beste bij u past, dat u met overgave muziek kan spelen. Sinds vijf jaar bouwen we intense relaties op met docenten in de conservatoria van Namen, Luik, Bergen en Brussel. Dat gaat van tijdelijke tentoonstellingen van instrumenten (in Namen) tot een concert met hedendaagse instrumenten, die vooraf door de professoren zijn uitgezocht (in Mons), Het biedt nieuwe mogelijkheden, voor de promotie van onze bouwers.”
Malibran Kers op de taart wordt een eerste samenwerking met de Koningin Elisabethwedstrijd voor Viool 2015. Tijdens het concours wordt in het Flageygebouw de historische en didactische expositie uitgestald Les trésors de la lutherie et de l’archéterie belge, met instrumenten die vorige eeuwen in Belgiê werden vervaardigd. Daarvoor zorgen de Brusselse vioolbouwateliers van Jan Strick en Pierre Guillaume. In Flagey is ook een fototentoonstelling over het bouwproces van snaarinstrumenten te zien. Parallel aan deze expositie tonen ruim zestig internationale viool- en strijkstokbouwers hun werk in een open ontmoetingstentoonstelling in het Wijkhuis Malibran (zie onderste kaderstuk). Daarvoor nodigde Ekho de Duitse ambachtengenootschap Klanggestalten uit, dat een 25-tal vioolbouwers groepeert. Samen met het Belgische LABC (Lutherie et Archéterie Belge Contemporaine) geven ze hun geheimen prijs. Komt dat zien en horen! Jean-Marie Binst
EXPO VAN 60 VIOOL- EN STRIJKSTOKBOUWERS Naar aanleiding van de Koningin Elisabethwedstrijd voor Viool wordt voor het eerst een uitgebreide, internationale tentoonstelling georganiseerd door Atelier Flagey en Ekho-violins. Ruim zestig ambachtslui uit gans Europa tonen hun hedendaagse violen, altviolen, cello’s en strijkstokken (vervaardigd na 2012). De snaarinstrumenten en strijkstokken zullen vrij uitgeprobeerd en vergeleken mogen worden, Verder
zijn er ook apéro-concerten, lezingen, voordrachten en een rondetafelgesprek ‘Hoe een snaarinstrument en een strijkstok kiezen en onderhouden’. Expo en conferenties van 13 tot 15 mei in het Buurthuis Malibran, Dijkstraat 10, Elsene (nabij Flagey). Paralleltentoonstelling in het Flageygebouw van 9 tot 16 mei (14-22u.). Info: www.ekho-violins.com
BDW 1472 PAGINA 18 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
©JO VOETS
©JO VOETS
Wandelaars konden kiezen tussen een parcours van 5 tot 25 kilometer.
© JO VOETS
Muzikant Edwin Vanvinckenroye lijkt wel in trance tijdens zijn solo performance ‘Silent Music’.
©JO VOETS
De zachte liederen van Estbel, begeleid met doedelzak, fluit en accordeon, brengen mens en dier in vervoering.
Bao Sissoko bespeelt de kora, een eenentwintigsnarige harp.
Natuur > 36ste editie van Zoniënmars-Zoniënklanken lokt 1.400 bezoekers
Muziek in een magisch decor WATERMAAL-BOSVOORDE – De weergoden waren wat weerspannig, maar dat kon de deelnemers van de Zoniënmars-Zoniënklanken 2015, afgelopen zondag, niet deren. Het evenement klokte af op welgeteld 1.414 bezoekers, een aantal dat vergelijkbaar is met andere edities. Een BDW-fotograaf stapte en luisterde mee.
Iedereen in Brussel en omstreken kent het Zoniënwoud, de groene long rond Brussel. De Zoniënmars is de jaarlijks weerkerende gelegenheid voor wie het 4.000 hectare bosgebied in de diepte wil leren kennen. Via wandelparcours van vijf tot vijfentwintig kilometer leer je bij over de honderdduizenden bomen, de vijf natuurreservaten en dieren zoals de Koreaanse eekhoorn, tjiftjaf of vuursalamander. Sinds 2013 is daar ook een muzikaal programma aan toegevoegd. Temidden het groen
trakteren muzikanten wandelaars op muzikale intermezzo’s. Dit jaar stonden violist Edwin Vanvinckenroye, het duo Bao Sissoko en Wouter Vandenabeele en de folkmuzikanten van Estbel garant voor magische momenten in het bos. Vardan Hovanissian en Elias Bachoura brachten met hun duduk en Arabische luit het Zoniënwoud in Oosterse sferen. Lieven Vanhemelrijck, centrumverantwoordelijke van Gemeenschapscentrum WaBo vzw, blikt tevreden terug: “Dit jaar zijn veel
gezinnen met kinderen opdagen, net als veel jonge mensen. De samenwerking met Muziekpublique heeft daar wellicht mee te maken.” Sinds de vorige editie schaart Cultuurcentrum Brussel, het netwerk van de 22 Brusselse gemeenschapscentra, zich mee achter het project. Het doel is om Zoniënmars-Zoniënklanken te laten uitgroeien tot een jaarlijkse trekpleister voor cultuur- en natuurfanaten. Kim Verthé
BDW 1472 PAGINA 19 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
© VISIT FLANDERS
De Toer de Geuze is het grootste bierevenement van Vlaams-Brabant.
Gastronomie > Zondag tiende Toer de Geuze
Openbrouwerijdag bij de Pajotten DE RAND - Dat streekbieren en streektoerisme een gouden, sprankelende combinatie zijn, bewijst de tweejaarlijkse Toer de Geuze in het Pajottenland, die zondag aan zijn tiende editie toe is. De Brabantse Zennevallei is van oudsher de bakermat van de lambiekbieren, de bierstijl die gekenmerkt wordt door het uitzonderlijke proces van spontane gisting van gerstemout én tarwe, door blootstelling aan de micro-organismen die zich in de lucht bevinden. Hoe de productie van lambiek, oude geuze, oude kriek en faro precies in zijn werk gaat, kan u in veelvoud aanschouwen tijdens de tweejaarlijkse openbrouwerijendag in het Pajottenland. Tijdens de Toer de Geuze kan u tussen 10 en 17 uur een bezoek brengen aan negen lambiekbrouwers en geuzestekers: Boon in Lembeek, De Troch in Wambeek, 3 Fonteinen in Beersel, Hanssens in Dworp, Lindemans in Vlezenbeek, Mort Subite in Kobbegem, Oud Beersel in Beersel, Tilquin in Bierk, en Timmermans in Itter-
beek. Ook het bezoekerscentrum De Lambiek in Alsemberg opent zijn deuren. De toegang is overal gratis, en voor vervoer zorg je zelf. De fiets is daarbij een aanrader. De Toer de Geuze, met meer dan tienduizend bezoekers uitgegroeid tot het grootste bierevenement van Vlaams-Brabant, was in 1997 het eerste initiatief van Hoge Raad voor Ambachtelijke Lambiekbieren (Horal), waarvan inmiddels alle elf de geuzeproducenten van Vlaams- en Waals-Brabant (en dus niet Cantillon uit Anderlecht) lid zijn. Voortaan is Frank Boon van de gelijknamige brouwerij overigens de voorzitter van Horal. Hij volgde pas Armand Debelder van 3 Fonteinen op. Een tweejaarlijkse traditie ter gelegenheid van de Toer de Geuze is ook de verkoop van de Horal Oude Geuze Megablend: een unieke blend samengesteld uit lambieken afkomstig van alle lambiekbrouwende Horal-leden. MB www.horal.be, www.toerdegeuze.be
ADVERTENTIE
Sociale Verhuurkantoren (SVK)
Verhuur uw woning zonder risico en zonder zorgen
a Gegarandeerde huur elke maand a
Verzekerd verhuurbeheer
a
Onderhoud van uw woning
a Hulp bij renovatie a Fiscale voordelen
www.fedsvk.be 02 412 72 44
Nick Trachet BRUSSEL EN DE WERELD CULINAIR ONTDEKT
Rome De paasvakantie bracht mij nog eens naar de Eeuwige Stad. Ik ben altijd diep gelukkig om terug in Rome te zijn. Het is ook een plek waar je, naast het bekijken van ontiegelijk veel monumenten, wat kunt nadenken over hoe we zelf leven. Drie miljoen inwoners zijn er in die stad, maar ik heb er nog nergens een supermarkt gezien. Dat is ook begrijpelijk, want er is geen parkeerplaats en zelfs de auto’s zijn er zo klein dat men niet voor een hele week inkopen kan doen. Die armoede leidt tot een vorm van rijkdom. Door de versnippering van de distributie is het aanbod zeer rijk aan diversiteit. Boeren en tuinders kweken er allemaal iets anders, in plaats van, zoals hier, allemaal hetzelfde te willen produceren (onder dwang van de veilingen met hun vaste normen). Neem daarbij de migranten van overal elders in Italië, en je vindt winkels die uitpuilen van onverwachte en subtiel verschillende goederen. Verder zijn Romeinen bijzonder conservatief, zeker in hun manier van eten. Van minstens één gerecht, carciofi alla giudia (artisjokken op zijn joods) weet men met zekerheid dat het al werd klaargemaakt in de tijd van Hadrianus, tijdens het Romeinse Keizerrijk. Die tweemaal gefrituurde bloemen worden nog dagelijks geserveerd in het Joodse getto, dat in de Oudheid ook al bestond. Sterrenchefs, die de wereldpers met gewaagde technieken veroveren, dat is iets voor het Noorden. Menukaarten in Rome klinken als een oude litanie. Steeds dezelfde combinaties, en zo hoor je ook te bestellen. In Rome vindt men het nog steeds idioot wanneer iemand een cappuccino bestelt na 11 uur ‘s ochtends. Daarom blijft u in de stad best nooit langer dan een week. Om te beginnen krijgt u een overdosis impressies, anderzijds bent u door de menukaart heen en zal u in herhaling vallen. Kom dan best later eens terug, in een ander seizoen. Het is geen twee uur vliegen van Brussel. Het conservatisme uit zich bijzonder goed in de pasta’s. De lange pasta zou door de Joden zijn verspreid vanuit het Midden-Oosten. In het Zuiden van Italië maakte men maccheroni door deeg te rollen rond een metaaldraad. In het Noorden wreef men het deeg op tafel tot kleine wormpjes (vermicelli). Dat waren destijds exportpducten voor de rijken in
heel Europa, arme mensen aten gortepap en later maïspap (polenta). Het is slechts door de industrialisatie en mechanisatie dat er dingen zoals spaghetti en penne zijn ontstaan. Eigenlijk eten Italianen pas pasta sinds het einde van de Tweede Wereldoorlog. Maar ze doen dat wel altijd op dezelfde manier: na het voorgerecht (antipasto) dat meestal bestaat uit iets kleins en lekkers, zoals vlees of kaas of een slaa tje, en voor het vleesgerecht (secundo piatto). Pasta is in de ogen van de Romeinen dus een soep (primo piatto) en vaak het zwaarste onderdeel van de maaltijd, Bij elk type pasta hoort een welbepaalde saus: in de regel: hoe dikker de pasta, hoe grover de saus. Met vloeibare sausjes zoals die van de tapijtschelpen (vongole) zal men een spaghetti serveren, met hele schelpen en garnalen grote paccheri. Bij ragu (wat wij hier bolognese noemen) horen tagliatelle, geen spaghetti, pasta’s kunnen glad zijn of juist geribd (rigate) om beter te binden met de saus. Maar bij elke pasta hoort een eigen saus, en geen andere. Met de toerist e n i n d ustrie is het aantal beschikbare pastavariëteiten schrikbarend toegenomen: al gehoord van radiatori? Wel die zien er dus uit als radiatoren. Er zijn denneboompjes voor met Kerstmis en pasta in de vorm van de Italiaanse laars. Ik zag zelf desktopcomputertjes van deeg. Voor de nerds. Het meest Romeinse pastagerecht is misschien wel de buccatini all ‘amatriciana, als schrijven de Romeinen zelf alla matriciana (Italië is ook een dialectenland). Deze saus zou stammen uit Amatrice, de stad in Latium waar ook de pauselijke koks vandaan kwamen. Het bijzondere aan deze saus is dat hij als de eerste saus met tomaten wordt aanzien (bolognese heeft van oorsprong geen tomaten). Daarom bestaan er ook nog twee versies, één zonder tomaat, die ook wel griccio wordt genoemd en de andere, de amatriciana sensu stricto, die ontstond met de intro-
“In Rome vindt men het nog steeds idioot wanneer iemand een cappuccino bestelt na 11 uur ‘s ochtends. Daarom blijft u best nooit langer dan een week in de stad” ductie van tomaten, wat ook in Italië nog niet zo gek lang geleden gebeurde. Kook buccatini, buispasta van iets minder dan een centimeter diameter, al dente. Dat betekent half gaar. Zet ze op in ruim kokend water en laat ze de helft van de opgegeven kooktijd zieden. Dan zet u gewoon het vuur af en laat u de pasta trekken gedurende de overige tijd. Ondertussen bakt u op hoog vuur gezouten blokjes kinnebakspek (guanciale) in een pan met wat olie waarin een scherp pepertje (peperoncino) wordt meegebakken. De stukjes spek mogen maar half zo dik zijn als de buccatini. Blussen met een glas witte wijn. Dan enkele ontpitte en gepelde tomaten toevoegen (in lange stukjes gesneden), zout toevoegen en enkele minuten laten samen sudderen. Veel zwarte peper malen. Vervolgens met de uitgelekte pasta mengen en besprenkelen met gemalen peccorino romano-kaas. Buccatini eten is een uitdaging, door het gat in de pasta kan je ze niet opzuigen, je moet de slierten dus steunen met de vork. Smakelijk.. nick.trachet@bdw.be
BDW 1472 PAGINA 20 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
© CANVAS / OFFWORLD
Muziek > ‘Lokale helden’ verzorgen dertigtal shows in heel Brussel
‘Eerste optreden in de buurt is cruciaal’ BRUSSEL – Op 30 april beweegt er heel wat in de Brusselse muziekscene. Via het Poppunt-project ‘Lokale Helden’ krijgt muzikaal talent in Brussel namelijk een heuse kans om zich te bewijzen. Poppunt, een vzw die instaat voor muzikanten, dj’s en producers, geeft in het kader van de Week van de Amateurkunsten op die dag lokaal talent een podium. Over heel Brussel staan dan in totaal 36 podiumplaatsen ter beschikking. In het centrum wordt bij shows in de Beursschouwburg en Huis 23 zelfs voor professionele feedback gezorgd. Jeugdhuis Dar organiseert een straatfeest en ook in het station Brussel-Centraal en tal van andere locaties is er plaats voor lokaal talent. Buiten de Vijfhoek zijn eveneens vrije podia aanwezig, zoals bijvoorbeeld in het Molenbeekse Vaartkapoen en het Anderlechtse Zinnema. Volgens Poppunt is de lokale muziekscene onontbeerlijk voor de ontwikkeling van muzikaal talent. “Het eerste optreden in de buurt is cruciaal voor elke beginnende artiest,” vertelt Tessa Joris van Poppunt. “We willen ervoor zorgen dat lokale muzikanten en dj’s die magie ervaren bij een eerste optreden. Het contact en de bevestiging van het publiek is heel belangrijk.”
Joris benadrukt ook het belang van de zoektocht naar talent op lokaal niveau. “Onder iedere kerktoren schuilen lokale helden. Om dat talent aan te moedigen en het publiek de kans te geven om lokale bands en dj’s te ontdekken zijn we unieke samenwerkingen aangegaan met allerhande organisaties.” De selectieprocedure laat Poppunt aan elke initiatiefnemer over, met als enige vereiste dat de gekozen artiest uit de buurt komt.
Massale respons Volgens Joris helpt Poppunt met Lokale Helden de drempel voor prille organisatoren te verlagen. Lokale organisatoren worden soms ontmoedigd door reglementen, geluidsnormen of weten simpelweg niet hoe ze eraan moeten beginnen. “We staan hen bij met raad en daad en informeren hen over de financiële mogelijkheden. Met 36 shows in Brussel is dat een geslaagde missie. De massale respons bewijst ook dat er heel wat leeft op vlak van muziekbeleving.” Het initiatief van Poppunt vindt niet alleen in Brussel plaats, op 30 april zullen ook over heel Vlaanderen acts plaatsvinden. Een volledig overzicht van alle Lokale Helden-evenementen vind je op lokalehelden.be. Jilan Berroho
ADVERTENTIE
LENTE FESTIVAL ZATERDAG 9 MEI ‘15 VAN 14 TOT 21u. FRE EE PODIIUM
KLEUTER R EN N LAGER (15 UUR) SECUNDAIR (18 UUR)
ACTIVIITEITEN (14-18 UUR)
WORKSH HOPS GEKKE FIE ETSEN, SPRINGKASTELEN
KINDERDIS SCO (18-20 UUR) OP PENDEURDAG ASO (14-18 UUR) ETE EN EN DRINKEN
GEBAK, IJS, FRIETJES, GEZELLIGE BAR
GEEFT T JE RUIMTE
KLEUTERSCHOOL, LAGERE SCHOOL EN SECUNDAIRE SCHOOL
SINT-NIKLAASINSTITUUT BERGENSESTEENWEG 1421 1070 ANDERLECHT WWW.SNI.BE
Ook Brussel komt aan bod in de documentairereeks ‘Archibelge’.
Architectuur > Belgische architectuur bekeken vanuit de Belg
‘Brussel lijkt een transitzone’ BRUSSEL - De beroemde architect Renaat Braem noemde België het lelijkste land ter wereld. Een lappendeken, aaneengenaaid door een krankzinnige. In hun documentaire ‘Archibelge’ proberen Sofie Benoot, Olivier Magis en Gilles Coton vat te krijgen op deze intrigerende en bizarre vorm van urbanisatie die zich in België voordoet. “In plaats van een onooglijk samenraapsel bekijken we Brussel als een surrealistische collage van verschillende visies en dromen die in het dagdagelijks leven op elkaar zijn geplakt,” klinkt het. Op woensdagavond 6 mei wordt het eerste deel van de driedelige reeks Archibelge uitgezonden op Canvas. Uitgangspunt van de documentaire zijn de bizarre aspecten van de Belgische urbanisatie en waar die vandaan komen. “We wilden de volledige Belgische architectuur in beeld brengen, maar hoe maak je van zo een absurde en gevarieerde vorm van architectuur een volledige
documentaire?”, zegt Celine Strypsteen, productieleider van het project. De documentaire bekijkt de architectuur vanuit de Belg zelf. “De hoofdstad is zijn werkplek, de steenweg is zijn woonplek en de kust is waar hij zijn woon- en werkplek ontvlucht om te ontspannen.”
Absurde architectuur Elk van die drie facetten van zijn leven komt aan bod in één aflevering. In de eerste aflevering Brussel op Zoek naar Zichzelf wordt Brussel onderzocht als stad waar de Belg werkt, maar eigenlijk een afkeer van heeft. Honderdduizenden pendelaars stromen er elke ochtend toe om ’s avonds weer te vertrekken. “We kijken naar de inwoners. Hoe trekken ze hun plan met die absurde architectuur? Wat vinden ze er eigenlijk van en hoe moet het nu verder?” Margo Claeys De eerste aflevering van Archibelge, Brussel op Zoek naar Zichzelf, wordt op Canvas uitgezonden op 06/05 om 21u35
Theater > Mensen met een beperking vertolken hoofdrol in Ceder
Podium omgetoverd tot tankstation BRUSSEL – Op 7 mei gaat theatervoorstelling Ceder in première in de Bozar. Een voorstelling waar mensen met een beperking de personages vertolken. De planken van de Henri Le Boeuf-zaal worden hun podium. “Ik kreeg de vraag of ik iets wou creëren met mensen die een beperking hebben. Met hulp van andere regisseurs wou ik dat wel doen. Zo zijn Nele Vereecken en Sara Sampalayo erbij gekomen,” legt Michiel Soete, grondlegger van de theatervoorstelling, uit. “Werken met mensen die een beperking hebben vergt tijd en geduld omdat ze niet altijd alles kunnen onthouden.” “De setting van Ceder is een tankstation in
een afgezonderde regio waar nooit iemand komt. De enigen die er komen zijn de lokale bewoners. In dit geval mensen met een beperking. Het verhaal gaat over toevallige ontmoetingen tussen de personages en hoe ze elkaar beïnvloeden,” licht Soete toe. De voorstelling gaat in de Henri Le Boeufzaal in de Bozar in première. “De dag waarop de voorstelling in première gaat, begint ook het zesde Europese congres voor mensen met een beperking. Er was nog plaats voor een voorstelling en daarom hebben ze ons gevraagd,” besluit Michiel Soete. Cyril van der Esch Tickets en info: www.bozar.be
BDW 1472 PAGINA 21 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
Artists in residence The Marx Brothers in Casablanca
Nazi’s in het Witte Huis BRUSSEL – Het Witte huis staat in Marokko en is met meer dan vier miljoen inwoners de grootste stad van de Maghreb. Casablanca was oorspronkelijk een bolwerk van Berbers, die er vandaag nog een vierde van de bevolking uitmaken. Maar dat gesloten volkje kreeg in de loop der tijden bezoek van verschillende meer open gemeenschappen zoals eerst de Portugese en Spaanse, en later de Franse kolonisten. Dat gaf een internationaal cachet aan de havenstad, die vandaag geldt als het economische hart van Marokko, en die de etymologie van haar naam nog altijd respecteert, aangezien de huizen en gebouwen er na meer dan duizend jaar nog altijd overwegend wit zijn. Dat rond de stad een Westers parfum van oriëntaalse romantiek hangt, heeft echter vooral te maken met de populaire Hollywoodfilm Casablanca uit 1942, met Humphrey Bogart en Ingrid Bergman in de hoofdrollen. Die prent is eigenlijk gebaseerd op een toneelstuk dat steunde op ervaringen van de auteurs met verzetsactiviteiten in Europa (Wenen en ZuidFrankrijk), maar de actie transponeerde naar
The Marx Brothers maakten na WO II hun comeback met een parodie op Casablanca.
de overzeese stad die toen werd gecontroleerd door het met nazi-Duitsland collaborerende Franse Vichy-regime. Daar profileren Rick Blaine (Bogart) en Ilsa Lund (Bergman) zich – ten koste van hun liefde – als verzetslui – tussen de vele andere expats, ballingen en vluchtelingen die Rick’s Bar frequenteren. Van de qua productie eigenlijk routineuze studiofilm is natuurlijk geen enkele scene in Casablanca zelf opgenomen. Wat je te zien krijgt is een clichématige stripverhaalversie van een oosterse stad, terwijl Casablanca op dat moment ook al een staalkaart van art deco en andere moderne architectuur te bieden had. Het succes van de film lag evenwel in de romantische plot, de spitse dialogen, de iconische acteurs, en de zweem van authenticiteit die er onrechtstreeks toch werd ingebracht door de cast. Die laatste was namelijk in belangrijke mate samengesteld uit Europese acteurs die echt voor het nazi-gevaar waren gevlucht, en die in de film zowel verzets- als nazirollen kregen toebedeeld. Daarnaast profiteerde Casablanca ook van de (vervroegde) release tijdens de geallieerde invasie van Noord-Afrika eind 1942, en de daaropvolgende Conferentie
ADVERTENTIE
van Casablanca in januari 1943, tijdens dewelke Churchill en Roosevelt de kansen in de oorlog verder in hun voordeel deden keren.
Virtuoze intermezzi In 1946 volgde er zelfs al een soort van parodie op de film. Niemand minder dan de Marx Brothers, de New Yorkse fraterniteit van fratsenbakkers, bekend van klassiekers als A Night at the Opera en Duck Soup, maakten na de oorlog hun comeback op het witte doek met A Night in Casablanca. Daarin transformeert nachtclub ‘Rick’s Bar’ tot ‘Hotel Casablanca’, gerund door het besnorde personage van Groucho Marx. Dat is er zich niet van bewust dat zijn drie voorgangers werden vermoord door een gevluchte nazi die na de oorlog zijn gestolen schatten in het hotel wil komen ophalen. Dankzij zijn opdringerige bodyguard (rol van Chico) en de weerbarstige knecht (Harpo) van de ex-nazi, ontsnapt Groucho aan de nieuwe moordplannen. De film is niet de broers’ beste, maar de aaneenschakeling van sketches, woordgrappen en virtuoze muzikale intermezzi getuigen toch nog altijd van een voor die tijd bovengemiddelde spitsvondigheid. Over de film ontstond overigens ook de mythe dat Warner Bros – producent van Casablanca – de Marx Brothers een proces zou hebben willen aandoen omwille van het gebruik van de naam ‘Casablanca’ in de titel. De broers zouden daarop gedreigd hebben Warner Bros een proces aan te doen voor hun gebruik van het woord ‘brothers’, waarop zij als Marx Brothers de rechten meenden te hebben. Michaël Bellon www.brusselnieuws.be/inresidence
BDW 1472 PAGINA 22 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
Edmond Delvenne (achter glas): “In wijken als Anneessens en Kuregem kan solidariteit tot mooie ontmoetingen leiden.”
EDMOND DELVENNE, STADSAMBTENAAR EN SLAMMER
© MARC GYSENS
‘Bruggen bouwen
MET EEN OPEN BLIK’ BRUSSEL – “Ik ben iemand die bruggen wil bouwen, contacten leggen. woordelijkheid draag voor twee kinderen. Een Met een open blik. Andere mensen ontmoeten, andere milieus, andere dochter van bijna dertien, een zoon van tien. culturen. In het doordeweekse leven én in mijn passie voor kunstuiting Met gemengd bloed. En dat vind ik mooi, zo kunnen ze van binnenin proeven van verschildoor het geschreven en het gesproken woord.” Edmond Delvenne is lende culturen. Een verrijking. Als mens kan je stadsambtenaar én een man met een hart voor schrijven. Hij doet er alleen maar van leren.” niets liever dan zijn teksten op een podium brengen als slammer. En sociaal actief te zijn. Armoede en solidariteit
M
eer dan 40 jaar woont Delvenne nu al in Brussel. En daarvoor mag hij zijn vader danken. “Ik ben geboren in Ronse. De familie: allemaal landbouwers. Mijn vader was de enige met een diploma. Een diploma van drukker. In de jaren 1960 is hij in Brussel beginnen te werken. Het stadsleven beviel hem zozeer dat hij, toen ik iets ouder was dan drie, hier zijn eigen zaak begonnen is. Voor mij betekende dat het afscheid aan de Vlaamse Ardennen.” De kleine Edmond werd algauw een grote Edmond in Brussel. Een Brussel dat steeds bon-
ter werd. Een Brussel waar hij zich als een vis in het water voelde. “Plots was ik de dertig al gepasseerd. Onderweg had ik me, bij gebrek aan een hoger diploma, steeds in mijn onderhoud voorzien met klusjes links en rechts. Vooral in scholen. Dertig, een leeftijd waarop men zich al snel oud voelt. Voor mij was het dan ook het moment om te zeggen dat het gedaan moest zijn met het rollen van de ene dag in de andere. Dat ik een toekomstplan moest hebben. Dus ben ik beginnen te werken als stadsambtenaar. Dat ben ik nu, vijftien jaar later, nog steeds. Mede omdat ik de verant-
Dat proeven van verschillende culturen doet Delvenne al van kleins af. Het heeft hem ook een sociaal geweten geschopt. “Ik woon aan de Anderlechtsepoort, op de grens van de Anneessenswijk met Kuregem. Al meer dan 40 jaar; nu in het ouderlijk huis. Ik heb er de Spaanse gemeenschap zien neerstrijken, ik heb er de Arabieren zien aankomen, de Polen. Ik heb er ook mijn ex-vrouw leren kennen, een Poolse.” “Anneesens en Kuregem zijn wijken die door de goegemeente met een scheef oog worden bekeken. Wijken met hun eigen leven, die steeds migranten hebben aangetrokken. Omdat het wonen er relatief goedkoop is. Wijken die ook
steeds de wind van voor krijgen. De problemen hebben, in tegenstelling tot wat velen willen denken, niets te maken met cultuurverschillen. Wel met armoede, kansarmoede. Nadelen wat leefcomfort betreft, voordelen als het op solidariteit aankomt. Niemand die er op een eilandje woont. De solidariteit kan tot mooie ontmoetingen leiden van het moment waarop je over de culturele barrières heen durft te kijken.” Als vice-voorzitter van de wijkvereniging De l’Autre Côté is Delvenne eveneens iemand die opkomt voor wie rondom hem woont. “En we liggen onder vuur. Door de plannen van het stadsbestuur, om de omgeving van de Beurs verkeersvrij te maken. Op het eerste gezicht ogen ze mooi, die plannen. Maar ik vrees dat het voor mijn buurt een overlast met zich zal meebrengen. Pollutie, het lawaai van ongeduldige claxons, de aanvoer van het broodnodige door vrachtwagens op alle mogelijke uren van de dag en de nacht. Alweer zijn het
BDW 1472 PAGINA 23 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
Zegt de stadsambtenaar, wiens lange rosse manen, wiens hele houding, verraden dat hij nog een tweede leven heeft naast dat van ‘brave burger’. “Twintig jaar geleden ben ik beginnen te schrijven. Wat algauw een passie werd. Ideeën, gevoelens, meningen, die ik links en rechts op papier zette. Schrijven voor mezelf.
“Al slammend heb ik steeds de neiging gehad om te snel te praten, uit schrik om niet alles gezegd te krijgen”
Tot ik vier jaar geleden kennis heb gemaakt met het Brusselse milieu van de slam. In het Théâtre de la Vie in Sint-Joost. Slam, het ritmisch scanderen van een tekst. Een moderne vorm van poëzievoordracht, die verschillende kunstvormen kan combineren. Dichtkunst, performance, muziek.” “Ik was verkocht. Het maakte dat ik mijn teksten ben beginnen te herschrijven, om ze in slamvorm te brengen. Thematisch uitgewerkte teksten, die in symbiose kunnen gaan met muziek. Het juiste woord, op de juiste plaats. In het juiste ritme. Mezelf bevragen tot aan de grenzen van het geobsedeerde. Voor mij is het zelfs een beetje therapeutisch, in die zin dat ik steeds de neiging heb gehad om te snel te praten uit schrik niet alles gezegd te krijgen. Dat ik zelfs mijn zinnen inslikte toen ik nog klein was. Absolutely not done voor een slammer. Het heeft me geleerd mijn tijd te nemen om duidelijk te zeggen wat ik wil zeggen. Om wat ik zeg zuurstof te geven.” De slam noemt Delvenne een experimentele
Karel Van der Auwera
De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/ingesprekmet
Delvennes moeder is vorig jaar overleden. Voor hem de aanleiding om een tekst te schrijven. Getiteld ‘Je suis un arbre sans racines’, ‘Ik ben een boom zonder wortels’. “Ik ben enige zoon, de familie is weggevallen. Maar toch, toch is het voor mij belangrijk te weten van waar ik kom. Dat legt ook mijn interesse uit voor alles wat met archieven te maken heeft en laat het toeval nu net willen dat ik een tijd op de archiefdienst van de Stad heb gewerkt. Zo heb ik veel geleerd over hoe ze gegroeid is. Over de eigenaardige manier ook waarop de straatnamen hun eigen leven zijn beginnen leiden. Je hebt de Vlaamse Steenweg, de Rue de Flandres. Je hebt de Rue d’Anderlecht, de Anderlechtsesteenweg. Het is voortgekomen uit de tegenstelling tussen culturen. De Franse benamingen boulevard, chaussée, rue, die gaan terug tot de tijd van Napoleon. Benamingen gebaseerd op het uitzicht van de desbetreffende weg. In het Nederlands hebben beide hoger genoemde straten hun benaming Steenweg gekregen omdat ze in de tijd van de Romeinen een van de eerste geplaveide wegen in het centrum van Brussel waren. Gekregen én behouden. Het fascineert omdat het me toestaat te zien hoe de zaken evolueren door de tijden heen.”
NAPOLEON
3 VRAGEN AAN WENKE MINNE
Wenke Minne: “We willen leerkrachten tonen dat samenzang tof is.”
‘Ze zullen vooral inspelen op het massa-effect’ BRUSSEL – Voor de eerste keer pakt Bozar uit met een project waarbij leerlingen gedurende het hele jaar samen met hun leerkracht rond muziek werken: Cantania. Dankzij dit Spaanse concept wordt het podium in de Henry Le Boeufzaal van het Paleis voor Schone Kunsten op 3 mei overgenomen door 290 leerlingen uit twaalf Brusselse basisscholen. Na een heel jaar lang te oefenen, zullen zij samen met het Nationaal Orkest van België het stuk ‘Een wereld tussen twee continenten’ vertolken dat speciaal voor het project geschreven werd. Vanwaar kwam het idee Cantania naar Brussel te halen? Wenke Minne: “Cantania past eigenlijk perfect binnen een groter concept: Singing Brussels. Het doel daarvan is het samen zingen weer meer te integreren in de maatschappij. We merken dat samen zingen in lagere scholen niet meer gebeurt en willen leerkrachten aanmoedigen om dit wel te doen. Cantania is eigenlijk vooral een samenwerking met leerkrachten. We willen hen meer middelen aanreiken en tonen dat samen zingen heel tof kan zijn. Daarnaast werken we in dit project met zowel Nederlandstalige als Franstalige scholen. De leerlingen zingen ook in beide talen dus we hopen dat dit voor de kinderen een positieve samenwerking zal worden en een ervaring die ze nooit meer zullen vergeten.”
Waarom hebben jullie voor dit stuk gekozen? Minne: “De compositie is gemaakt door de mensen van Cantania in Barcelona. Daar bestaat het project al 25 jaar en zijn ze dus heel goed op de hoogte van wat kinderen kunnen op welke leeftijd. Er is voor dit stuk gekozen omdat ze daar in Spanje nu ook rond werken. Zij nemen hier de artistieke leiding en zullen de voorstelling dirigeren.” Hoe hebben de leerlingen zich voorbereid op de voorstelling? Minne: “Dat verschilde enorm van klas tot klas. Wij hebben de leerkrachten drie workshops gegeven zodat de begeleiding van de kinderen voor de rest in hun handen kon zijn. Het eindresultaat zal niet enkel voor het publiek een verrassing zijn, maar ook voor ons, voor de leerkrachten en voor de leerlingen zelf. Het stuk bestaat namelijk uit meerdere stemmen en een klas doet slechts een van die stemmen. Op 3 mei hebben ze een uur repetitietijd en dat zal de eerste keer zijn dat ze het stuk opvoeren terwijl ze de andere stemmen en het orkest horen.” Margo Claeys Cantania op zondag 3 mei om 15.00 uur in het Paleis voor Schone Kunsten (Ravensteinstraat 23, 1000 Brussel). Vrije toegang. Inschrijven via een link op www.bozar.be.
ZESDE EDITIE FESTIVAL CONNEXION KIN. Voor de zesde keer organiseert KVS het internationale kunstenfestival Connexion Kin. Met de steun van het Brussels gewest en enkele internationale partners brengt KVS artiesten uit de hele wereld samen, met speciale aandacht voor de Afrikaanse landen. Het festival vindt plaats van 2 tot 12 juli in Kinshasa. n EXPERTS GEVEN UITLEG OVER WERK VAN ARCHITECT DEWIN. Buurtbewoners van villa Dewin organiseren een avond waar Francis Metzger, architect en decaan aan de ULB, en Carlo R. Chapelle, gepensioneerd professor aan de ULB, komen praten over het werk van de Brusselse architect Jean-Baptiste Dewin. Deze avond kadert in een procedure van de buurtbewoners om de villa, die ontworpen is door Dewin, samen met zijn Engelse landschapstuin beschermd te krijgen. De art-decowoning dateert van 1922 en is goed bewaard gebleven. De avond verloopt in het Frans en vindt plaats op 6 mei in de Rodenbachstraat 125, 1190 Vorst om 19.30 uur. Toegangsprijs 2 euro. n DE MUNT WINT AWARD VOOR BESTE WERELDCREATIE. Op het International Opera Awards gala werd De Munt afgelopen zondag bekroond met de award voor beste wereldcreatie. Het winnende stuk is Au monde van Philippe Boesmans. Samengesteld door Margo Claeys
CULTUUR KORT
Echte democratie
scene, die een ideaal leerproces aanreikt. Voor dichters, muzikanten, acteurs. Een leerproces in het samenbrengen van verschillende disciplines, een leerproces in interactie met het publiek. En op dat gebied is Brussel best rijk. “Je hebt het Théâtre de la Vie, het tweetalige slamcircuit in De Pianofabriek, het Nederlandstalige in De Monk. Dan heb je nog de heel experimentele scene in het cultureel centrum van Schaarbeek en in min of meer dezelfde lijn La Poissonnerie, in een gelegaliseerd kraakpand waar voorheen een vishandelaar zijn nering deed. In La Poisonnerie heb ik mensen zien dansen op mijn teksten, begeleid door jammende muzikanten. Dat contact voelen met het publiek is iets dat me een enorme persoonlijke genoegdoening gaf.” “Ik doe het niet om bekend te worden. Ik doe het om te kunnen zeggen wat ik wil zeggen. Steeds vanuit hetzelfde uitgangspunt: als er ook maar één iemand reageert op mijn uitgereikte hand, dan heb ik gewonnen. Mijn gevoelen, mijn gedachte is dat wij slammers, met zijn allen in dezelfde boot zitten. Als het grote succes er dan toch zou komen, dan ga ik het niet afwijzen, dan ga ik niet in de soep spugen.” Zo’n slamscene kan ook even goed privé op poten worden gezet, zoals Delvenne een jaar lang heeft gedaan. ‘Les slams salon’. “Tijdens de weekends nodigde ik artiesten uit, actief in uiteenlopende disciplines. Een periode waar ik met veel plezier op terugkijk, én met fierheid. Normaal gezien komt een slammer op, brengt hij zijn tekst. Na drie minuten is het aan de volgende. Ik gaf ze meer tijd, zo’n twintig minuten, om hen toe te staan zich op hun gemak te voelen, om hun moment te vinden. Op een blauwe maandag waren er drie slammers, die het elk voor zich moeilijk hadden om hun plankenkoorts te overwinnen. Uiteindelijk zijn ze samen opgekomen. Nu vormen ze de groep Atomes D’Infitada, die het allerminst slecht doet. Mensen helpen om het beste in zichzelf naar boven te brengen, is iets dat me deugd doet. Ik houd me daarnaast ook bezig met Zones d’Expressions Libres, in het Théâtre de la Vie’. Waar mensen hun ding kunnen komen doen, zomaar, zonder er daarom gevraagd te zijn. Slam, poëzie, verhalen vertellen, musiceren. Steeds weer met de bedoeling om iemand de kans te geven zich uit te drukken voor een publiek, om anderen te ontmoeten, nieuwe banden op te bouwen. Echte democratie.”
© BOZAR
de minder gegoeden, die de last van het genot van de meer bevoorrechten moeten dragen. Waarom niet de Vijfhoek verkeersvrij maken, met daarrond parkings voor het toestromend autoverkeer? Neen, alweer de halfslachtige, zelfs discriminerende kant opgaan. Het is trend die zich steeds meer begint af te tekenen, het afbrokkelen van hetgeen waarvoor de vorige generaties hebben gevochten. Sociale regressie naar een klassenmaatschappij.”
BDW 1472 PAGINA 24 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
SPORT > SPECIAL OLYMPICS NATIONALE SPELEN VEROVEREN VIER DAGEN LANG HET OOSTEN VAN BRUSSEL
‘Dit moet je echt eens beleven’ BDWSPORT
BRUSSEL – Om en bij de 3.400 atleten met een verstandelijke handicap, 1.200 coaches en begeleiders, dagelijks zowat 1.000 vrijwilligers. De cijfers die de Special Olympics Nationale Spelen op voorhand voorleggen kunnen tellen, maar van 13 tot 16 mei zal er pas echt indruk gemaakt worden. Met sportieve prestaties uiteraard, maar ook met de emotionele reacties die ze teweeg zullen brengen. “De Special Olympics bieden iedereen (vanaf acht jaar) met een verstandelijke handicap, hoe licht of zwaar die ook is, de kans om aan sportieve activiteiten deel te nemen,” vertelt Valerie Rosenbaum (34), communicatieverantwoordelijke van de Special Olympics Nationale Spelen. “En of je de honderd meter nu in twintig seconden of in één minuut loopt, tijdens de Nationale Spelen krijgen sporters van alle niveaus een kans. We zorgen er wel voor dat de groepen zo homogeen mogelijk zijn door de atleten onder te verdelen volgens parameters als leeftijd, geslacht en behendigheidsniveau.” De Special Olympics Nationale Spelen slaan voor hun 33ste editie terug hun tenten op in de hoofdstad. Het evenement wordt jaarlijks georganiseerd in een van de drie gewesten, maar komt maar om de vijf jaar naar Brussel. “Het budget en de gevraagde investering zijn daar belangrijke redenen voor. Het is namelijk niet evident om elke drie jaar dergelijke investeringen te vragen aan het Brussels Gewest. Al moet ik wel benadrukken dat de bereidwilligheid van Brussel groot is. De medewerking die we krijgen van de verschillende gemeentes waar het evenement plaatsvindt, is groot. We krijgen van Sint-Lambrechts-Woluwe bijvoorbeeld de sleutels van het Fallonstadion in handen.” Op woensdag 13 mei worden de Special Olympics Nationale Spelen op gang gelopen met een Torch Run. Een groep lopers zal vanaf half drie 28 kilometer door de straten van de Brusselse gemeenten lopen waarin het evenement zal plaatsvinden. Naast Sint-Lambrechts-Woluwe, Sint-Pieters-Woluwe en Oudergem zullen de sporters tijdens het tornooi trouwens ook naar Overijse en Wemmel trekken voor het paardrijden en bowling. De eerste dag wordt afgesloten in Sportcity (Sint-Pieters-Woluwe), waar de hele karavaan in de late namiddag halt houdt voor de openingsceremonie. “Donderdag beginnen de zowat 3.400 sporters er echt aan. Met dat aantal zitten we aan onze limiet, meer kan de infrastructuur waarover we beschikken niet aan. Er zijn maar liefst 4.500 andere sporters die niet kunnen deelnemen. Wij vragen dat iedere deelnemer zeker 75 trainingsuren achter de rug heeft, de reglementen kent en de spirit van de Special Olympics naleeft. Fair play is daarin bijvoorbeeld zeer belangrijk. De definitieve selectie hebben we in handen gegeven van de verschillende clubs.” “Het drukke programma zal je onder meer voelen in het zwembad. Daar zal om de vijf minuten gestart worden, wat betekent dat er ook om de vijf minuten een medaille zal worden uitgereikt. Geluk, plezier, ontgoocheling … Als toeschouwer zal je in het zwembad allerhande
Valerie Rosenbaum: “Voor iemand wiens motoriek niet goed ontwikkeld is, is het vastnemen van een bal en die in een ring gooien een echte topprestatie.”
ADVIES OP MAAT De Special Olympics Nationale Spelen hebben ook buiten de sportvelden wat te bieden. Zo wordt er een kunsttentoonstelling georganiseerd waar een honderdtal geselecteerde werken te zien zullen zijn en eventueel gekocht kunnen worden. De sporters krijgen met het Healthy Athletes Program dan weer een consultatie op maat. “Ze zullen gecontroleerd worden door gespecialiseerde artsen,” vertelt Rosenbaum. “Het is voor hen niet evident om moeilijkheden of pijntjes te beschrijven. De artsen zijn gewend om met hen te werken en oplossingen te vinden.”
emoties ervaren op korte tijd. En daar draait het toch om bij de Special Olympics.”
Koersen in Brussel De emoties die een sportcompetitie als de deze met zich meebrengt, is iets dat in de kleren kruipt. Een van de redenen waarom het wordt georganiseerd, is dan ook om Jan met de pet te overtuigen en te betrekken. Dat lukt met mondjesmaat. “Sport voor mensen met een verstandelijke handicap is lang taboe geweest, en is dat eigenlijk nog altijd. Dat taboe moet doorbroken worden. We werken daar aan door te tonen dat zij het recht hebben om te sporten en het ook
“Geluk, plezier, ontgoocheling … als toeschouwer zal je in het zwembad allerlei emoties ervaren op korte tijd” goed kunnen. Ik kan geen precieze resultaten voorleggen, maar in de praktijk zie je wel wat gebeuren. Tijdens de Europese Zomerspelen, die vorig jaar in Antwerpen hebben plaatsgevonden, hebben we een zeer grote groep sporters laten logeren op verschillende plekken in België. Zowel in kleine als in grote gemeentes. Wel, we merken dat diegenen die zich toen hebben ingezet om bijvoorbeeld logies te voorzien, nog steeds interesse tonen om te helpen. Het is ook leuk dat onze atleten steeds meer erkenning krijgen via allerhande prijzen, zoals die van sportverdienste van hun gemeente.” “Het is zeer motiverend om te zien hoe je mensen kan sensibiliseren. We organiseren bijvoorbeeld programma’s waarbij we jongeren een namiddag lang laten sporten met leeftijdsgenoten die een verstandelijke handicap hebben. Het enthousiasme dat dat teweegbrengt is mooi om te zien.” Ook op sportief vlak zijn deze Spelen uiteraard een bezoekje waard. U kunt bijvoorbeeld zien hoe gymnasten elegant hun nummers afwerken, ondervinden hoe innig de band is tussen de ruiters en hun paarden en horen hoe druk de basketbalwedstrijden wel zijn. Of u kunt bocce ontdekken, een sport die te vergelijken is met petanque. En wanneer hebt u, buiten de Brus-
© NAAM FOTOGRAAF
sels Cycling Classic, nog eens een wielerwedstrijd in Brussel gezien (parcours in het Park van Woluwe)? “Soms word je verrast door het niveau, ja. Voor iemand wiens motoriek niet goed ontwikkeld is, is het vastnemen van een bal en die in een ring gooien een echte topprestatie. Je moet dus kijken naar de persoon, naar zijn competenties en naar zijn inzet. Iedereen krijgt een deelnemersmedaille, maar het gaat uiteindelijk natuurlijk om die eerste plek, daarin verschillen deze Spelen niet van andere grote sportevenementen. Neem je een valse start, dan lig je eruit. De reglementen worden ook tijdens deze Spelen strikt gevolgd.”
Perfecte uitstap Het oosten van Brussel zal geweten hebben dat de Special Olympics Nationale Spelen er worden georganiseerd. Dat er heel wat sporters en begeleiders afzakken las u al, maar het brengt ook een pak toeschouwers en vrijwilligers op de been. Rosenbaum spreekt over mogelijk negenduizend toeschouwers tijdens de openingsceremonie en een drieduizendtal mensen per dag op de verschillende locaties. En om heel de ‘machine’ te doen draaien, steken dagelijks maar liefst 1.000 vrijwilligers de handen uit de mouwen. “Iedereen is welkom om langs te komen. Alles is gratis en er is veel animatie, ook voor de kleinsten. Eigenlijk is het de perfecte uitstap met de kinderen. Het is een groot feest voor de deelnemers en al de mensen er rond. Ik ben er nu al zeker van dat we op kippenvelmomenten mogen rekenen. Weet je, het is geen toeval dat vrijwilligers elk jaar vakantie nemen om te komen helpen.” Tim Schoonjans www.special-olympics.be
BDW 1472 PAGINA 25 - DONDERDAG 30 APRIL 2015
@quarsan Still winning @UnionStGilloise
En wel met een 2-1 overwinning tegen Verviers. Hiermee vierde Union Sint-Gillis afgelopen weekend de promotie naar tweede klasse in schoonheid. De champagne van de vieringen kreeg wel een wrang smaakje door het vertrek van enkele bepalende figuren. Nadat trainer Brncic eerder had bekendgemaakt dat hij na dit seizoen naar Patro Eisden Maasmechelen trekt, was het afgelopen weekend aan voorzitter Alain Vander Borght om te melden dat hij zijn functie niet meer zal bekleden. Strubbelingen binnen het bestuur zouden daar de reden voor zijn. TS
Platform organiseert sportdag
Sport voor alle Brusselaars BRUSSEL – De toegang tot sport in Brussel moet beter, veel beter. Dat stellen de leden van het platform ‘Sport is geen business maar een recht’. Om hun roep kracht bij te zetten, organiseren ze komende zaterdag een sportdag.
SPORT KORT
Royal Sport Nautique de Bruxelles blijft niet bij de pakken zitten. U las eerder al op deze sportpagina’s dat ze dit jaar hun honderdvijftigste verjaardag vieren. Nu vrijdag staat hun STROKE ACROSS THE CITY op het programma: per fiets of met de roeiboot het kanaal tot in Anderlecht volgen en vervolgens terugkeren, goed voor in totaal 24 kilometer. De start wordt omstreeks tien uur aan de Vilvoordesteenweg 170 in Neder-Over-Heembeek gegeven en de heenreis zal om en bij de twee uur duren. Meer info op www.royal1865.be. n Diezelfde vrijdag wordt ook de BRABANTSE VAARHAPPENING georganiseerd, en uiteraard neemt Brussel deel. Aan de Becokaai (Havenlaan) zal er animatie zijn, vertrekken geleide fiets- en wandeltochten en kunt u de waterbus nemen. Het volledige programma staat op www.vaarhappening.be. n Ook zon-
Sporten in Molenbeek Om deze acties nog wat meer onder de aandacht te brengen, wordt zaterdag een gratis sportdag georganiseerd. Het platform zal dan officieel gelanceerd worden en de clubs die er aan meewerken zullen in Molenbeek allerhande initiaties organiseren. “Zowel op het gemeenteplein als aan metro Graaf van Vlaanderen en het Bonneviepark zal er gesport worden. Dat zal gaan van allerhande vechtsporten tot pannavoetbal en nieuwere sporten als street workout, parkour en straattennis. Het begint om één uur ’s namiddags en loopt door tot vijf uur. Uiteraard is iedereen welkom om deel te nemen.” Tim Schoonjans
© ELKE VANOOST
“In vergelijking met de rest van België is het op vlak van sport pover gesteld in Brussel,” stelt Bart Van de Ven, initiatiefnemer en coördinator bij het jeugdproject Het Werkt/Ça Marche. “Kijk maar naar de volgende cijfers uit het Brussels Sportkadaster: 8,9 procent van de Brusselaars is lid van een erkende sportclub, terwijl dat cijfer in de rest van België op 12,5 procent ligt. En dan moet je weten dat een kwart van de mensen die in Brussel sport er niet woont. Hier zijn ook maar 21 sportclubs per tienduizend inwoners, terwijl dat er in Vlaanderen 24 zijn.” Dergelijke cijfers zijn de drijfveer voor ‘Sport is geen business maar een recht’, net als de vaststelling dat het sportaanbod in Brussel duurder is en dat gemeentes met de grootste bevolkingsconcentratie de minste infrastructuur en sportinitiatieven hebben. Het platform wil het thema op de publieke en politieke agenda zetten en aanzetten tot actie, zoals het verlagen van toegangsprijzen en het verbeteren van infrastructuur. “Door bestaande gebouwen, scholen bijvoorbeeld, meer en beter te beschikking te stellen, kan je daar al voor een deel in slagen.” “Behalve een gesprekspartner voor lokale overheden willen we ook een expertisecentrum worden omtrent sport als educatief middel en als middel voor sociale vooruit-
gang. We willen die expertise verzamelen, opbouwen en centraliseren.”
dag worden de benen aan het werk gezet. Atletiekclub Excelsior organiseert namelijk zijn GRAND PRIX MINGELS, die traditiegetrouw bij de start van het atletiekseizoen plaatsvindt. Plaats van afspraak is het Koning Boudewijnstadion, waar de jongeren om tien uur en de volwassenen om half één beginnen. Op www.resc.be staat het volledige uurrooster. n De Brussels Brazilian Jiujitsu Academy heeft eveneens een paar toppers in huis, maar er is uiteraard nog plaats voor nieuwe geïnteresseerden. Daarom organiseren ze op donderdag dertig april hun eerste Sint-Joostse SCHOOLGRAPPLING. Een week later, op zaterdag negen mei, is er dan weer de elfde BRUSSELS STREETGRAPPLING in Koekelberg. Zowel kinderen (vanaf vier jaar) als volwassenen (tot 44 jaar) kunnen deelnemen aan het straatworsteltornooi, dat om 14 uur van start gaat (inschrijvingen vanaf 13 TS uur). Meer info op www.bbjja.be.
ESTAFETTE > BRAM VAN DE VELDE
De bloemen van koning Komon Er was vorige week een wereldster in Brussel. Voor de allereerste 10 kilometer van Brussel, een nieuwe loopwedstrijd in samenwerking met de Memorial Van Damme, had de organisatie kosten noch kampioenen gespaard en Leonard Komon overgevlogen uit Kenia. Komon is, dat weet ik sinds vorige week, een kop kleiner dan mezelf en uiterst aimabel. Maar vooral is Leonard Komon de snelste man op de tien kilometer op de weg sinds mensenheugenis. Een wereldrecordhouder dus. Tien kilometer, dat schudde Komon op een goede dag in 26 minuten en 44 seconden uit zijn sloffen. Ik ontmoette Komon vluchtig voor de wedstrijd. Of hij straks nog even tijd had om zijn mening te geven over het nieuwe parcours. ‘No problem. I’ll wait for you at the podium.’ Every inch a gentleman, deze fragiele Keniaan. Het is niet dat ik zo’n starfucker of handtekeningenjager ben. Ik zou deelnemen aan de 10 kilometer om er een artikel over te schrijven voor een looptijdschrift. De mening van de wereldkampioen over het parcours en de organisatie was onontbeerlijk voor mijn stuk. De selfie die we later zouden nemen was dat iets minder. Maar hey, ontmoet u elke dag een wereldkampioen? De presentatrice beklemtoonde nog even het duizelingwekkend snelle wereldrecord van Komon en riep de man op het podium. De Keniaan vertelde de 4.500 deelnemers over zijn goede herinneringen aan de Memorial Van Damme. Hij had ook nog enkele motiverende woorden voor ons over: “Als jullie mij helpen om deze 10 kilometer te lopen, zal ik jullie ook helpen.” Applaus van de lopersmeute was zijn deel. De dj zette een aftelliedje op. Benen werden nog even losgeschud en rondom ons gingen de handen aan de hartslagmeters. Knal! De eerste tien kilometer door Brussel was een feit. Het parcours slingerde tien kilometer lang van het Koning Boudewijnstadion doorheen het park van Laken richting spectaculaire indoorfinish in Paleis 12. Mijn eindtijd? Een dik kwartier trager dan de winnaar. Het park van Laken leent zich niet tot wereldrecords, mogen we concluderen. Net op tijd om hem te strikken aan het podium. Toen hij me zag
bood hij spontaan zijn bloemen aan. Hij nam uitgebreid de tijd om zijn wedstrijdervaring te delen. Hij speelde zijn rol als wedstrijdambassadeur voortreffelijk. We waren het er over eens dat de 10 kilometer lastig is. “Veel draaien en keren en geen meter vlak. Maar wel mooi.” Nog even een selfie en dan kon iedereen huiswaarts. Ik richting Etterbeek, hij met het vliegtuig richting Kenia. Verderop in de inkomhal van de Paleis 12 stond Richard (handig, die gepersonaliseerde borstnummers) nog naar adem te happen. We raakten aan de praat. Richard was pas in september beginnen te lopen en liep hier net zijn allereerste 10 kilometer ooit, zijn eerste loopwedstrijd tout court. Mijn mond viel open toen hij vertelde dat hij vroeger 22 kilo extra meesleurde. Wat een vent. De Keniaan bleek niet de enige kampioen die dag. Ik gaf Richard prompt de bloemen van Leonard Komon. Hij zal zich de eerste editie van de 10 kilometer door Brussel nog even herinneren. Bram Van de Velde is presentator op FM Brussel en actief vrijetijdssporter
REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Brussel, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be, www.bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België 20 euro per jaar; IBAN: BE73 7340 3974 6060, BIC: KREDBEBB van Vlaams-Brusselse Media vzw. Buiten België 30 euro per jaar. OPLAGE 62.609 exemplaren. PROMOTIE EN DISTRIBUTIE Ute Otten, Anne Burger, Maurice Droogh. ADVERTISING MANAGER Lisa Decrick: 02-226.45.41, 0474-67.03.84, fax 02-226.45.69. MARKETING MANAGER Frederik Welslau. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne. COÖRDINATIE Kim Verthé. EINDREDACTIE Ken Lambeets (eindredactie@bdw.be). VORMGEVING Peter Dhondt. REDACTIE Jean-Marie Binst, Christophe Degreef, Bettina Hubo, Steven Van Garsse, Danny Vileyn. BRUSSELNIEUWS Kris Hendrickx (hoofdredacteur), Sandra Schreurs (projectcoördinator), Jelle Couder, Goele de Cort, Sara De Sloover, Eric Vancoppenolle, Laurent Vermeersch. MEDEWERKERS Nicky Aerts, Michaël Bellon, Alex Deforce, An Devroe, Elien Haentjens, Eva Hilhorst, Ilah, Toon Lambrechts, Wauter Mannaert, Tom Peeters, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Karel Van der Auwera, Bram Van de Velde, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Sander de Wilde, Marc Gysens, Ivan Put, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh. VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Michel Tubbax. Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie.
ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).