© KURT DERUYTER
DE WILDE HAREN VAN FILEM’ON En ook: Shell Shock en Yann Tiersen.
23 10 14
AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153
VERHALEN UIT DE KANAALWIJKEN De buurten rond het kanaal zijn niet alleen een opeenstapeling van armoede en problemen maar ook een goudmijn van menselijk potentieel. Tot die vastelling kwam fotograaf Kurt Deruyter na er enkele jaren te hebben vertoefd. Hij sprak mensen aan, bracht ze voor de camera en luisterde naar hun verhalen. Een deel van zijn portretten is nu in BDW te bewonderen. “Ook ik kwam er toe met een hele reeks vooroordelen.” BIOGRAAF VAN DE KANAALZONE LEES OP PAGINA 6,7 EN 8.
N° 1447 VAN 23 TOT 30 OKTOBER 2014 ¦ WEEK 43: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, E-MAIL: INFO@BDW.BE, WWW.BDW.BE
Il fut un temps Il fut un temps. In een niet zo ver verleden was het de goede gewoonte dat ministers die (opnieuw) parlementslid werden er zes maanden het zwijgen toe deden. Met het aantreden van een (centrum)rechtse federale regering lijkt die geplogendheid verleden tijd. Laurette Onkelinx (PS) ontbond in de Kamer al haar duivels vanaf dag één. En ook Bruno De Lille (Groen) deed in het Brussels parlement zijn ding. Andere tijden, andere zeden. Toch zal het voor Groen in het Brussels parlement minder evident zijn om keihard oppostie te voeren dan voor de PS op federaal niveau. De regering Vervoort is - en dat is een understatement - meer een voortzetting van Vervoort I dan de regering Michel I een voorzetting is van Di Rupo I. Dat De Lille al onmiddellijk tekeer gaat tegen Pascal Smet als minister van Verkeer zint de SP.A allerminst, maar daar zal de partij in deze tijd moeten leren mee leven. De SP.A-fractie was vanuit de oppositie ook niet mals voor De Lille als staatssecretaris voor Mobiliteit. Toch kan Groen onmogelijk vijf jaar keihard oppositie voeren tegen de SP.A: federaal en Vlaams zitten ze samen in de oppositie. Met dezelfde spreidstand moet ook Guy Vanhengel (Open VLD) rekening houden. Tussen 2009 en 2014
WAUTER MANNAERT
door Danny Vileyn
BDWVOORGROND
VAN DE REDACTIE
zat Open VLD in het Vlaams parlement op de oppositiebanken. Schieten op Pascal Smet en de Vlaamse regering was toen bon ton. Nu zit Vanhengel samen met Smet in een en dezelfde regering en zit zijn partij samen met de N-VA - niet direct zijn vrienden - in de Vlaamse en federale regering. De uithaal van NVA’ster Cieltje Vanachter dat de Brusselse Open VLD de enige liberalen in heel België zijn die een links beleid voeren, zegt veel. De N-VA Brussel is niet van plan om omwille van de lieve vrede elders, te zwijgen in Brussel. En dat is niet eens een slechte zaak. De federale regering zet de zaken heel erg op scherp, dan is het best dat het debat in de politieke arena ook op scherp gesteld wordt. Ook op andere niveaus, al wordt dat zeker in de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) wennen. En dat geldt ook voor de Brusselse PS. Voor de eerste keer in de geschiedenis zetelen er vier extreemlinkse verkozenen van de PTB in het Brussels parlement. In het halfrond zitten ze - strategisch volgens sommigen - zo ver als mogelijk van de PS-fractie. Die PTB kan het de PS behoolijk lastig maken, zeker omdat de extreemlinkse partij al bewezen heeft dat ze mensen kan mobiliseren. Veel belangrijker dan de relatie met de PTB is die met Ecolo, de bondgenoot in de strijd tegen de federale regering. Het politieke debat kan opnieuw ongemeen boeiend worden. De vraag luidt hoe lang dit het brede publiek kan blijven boeien. Als het verzandt in politieke spelletjes haakt de bevolking af. n
© SASKIA VANDERSTICHELE
BDW 1447 PAGINA 2 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
Samenleving > Eric De Jonge van BON
‘Inburgeringsplicht is niet zaligmakend’ BRUSSEL – De Brusselse regering beslist om inburgering voor nieuwkomers te verplichten. Eind volgend jaar wordt hierover in de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC) een wetsontwerp ingediend. Eric De Jonge van BON heeft zijn bedenkingen. Er verandert heel wat voor de Nederlandstalige inburgering in Brussel. De vzw Brussels Onthaalbureau Nieuwkomers (BON) houdt op te bestaan en gaat over in een groter Vlaams Agentschap. Eric De Jonge: “Samen met het Regionaal Intergratie Centrum gaan we over in een EVA. Momenteel wordt dat juridisch uitgeklaard, maar voor de eerstelijn en het grote publiek maakt het niet zo veel uit. BON blijft het uithangbord voor inburgering.” Hiermee komt BON meer in de invloedssfeer van Vlaanderen terecht. De Jonge: “We kregen onze subsidies al uit Vlaanderen, en we vallen onder de Vlaamse regelgeving. Maar Brussel is Vlaanderen niet. Onze communicatie is meertalig, inburgering is hier niet verplicht. We zijn Vlaams met een Brusselse saus. Bovendien zal de (meer Brusselse, SVG) Vlaamse Gemeenschapscommissie de regierol krijgen voor de Nederlandstalige inburgering in Brussel.” Met een N-VA aan het roer lijkt inburgering belangrijker te worden dan integratie. Hoeveel integratie blijft er
nog over in de EVA? De Jonge: “De Vlaamse overheid heeft in 2004 duidelijk voor inburgering als model gekozen. Dat is een goede keuze, maar daarmee verander je de wereld niet. Ook de ontvangende maatschappij moet een steentje bijdragen. Het is een proces in twee richtingen. Zo is er nog veel racisme. Daarom biedt integratie, na de inburgering, wel degelijk een meerwaarde. Beiden kunnen naadloos op elkaar aansluiten.” Brussel gaat nu ook de inburgering verplichten. De Jonge: “Ik heb er gemengde gevoelens bij. Bij een verplichting heb je automatisch een tegenreactie: ‘Dit wil ik niet’. Inburgering in Brussel is nu niet verplicht. Dat levert bij BON gemotiveerde cursisten op. Ze komen les volgen, omdat ze het zelf willen.” “Bij een verplichte inburgering in Brussel zullen Franstaligen en Vlamingen moeten samenwerken. De Franstaligen bepalen echter hun doelgroep anders. En ze hebben een andere kijk op inburgering: meer op taal gericht, minder op maatschappelijke oriëntatie.” “Ook het aanbod zal anders zijn. De Franstaligen trekken 1 miljoen euro uit om 15.000 mensen per jaar te bereiken. Ik weet niet hoe ze dat zullen doen. Met BON bereiken we 3.500 cursisten. Dat kost ons 5 miljoen per jaar.” “Het zal dus nog wat inspanningen vergen om het Franstalig en Vlaams beleid in Brussel op elkaar af te stemmen.” Steven Van Garsse
BDWVOORGROND
BDW 1447 PAGINA 3 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
Samenleving > Vlaams rusthuis wil kamers inrichten voor islamitische ouderen
Moslimkamers in De Overbron
BRUSSEL – Woonzorgcentrum De Overbron in Neder-Over-Heembeek wil in de nabije toekomst een aantal kamers inrichten voor bejaarde moslims. “Maaltijden, verzorging en animatie worden dan aangepast aan hun cultuur en religie,” zegt initiatiefnemer Bert Anciaux (SP.A), behalve senator ook afgevaardigd bestuurder van De Overbron.
T
raditioneel worden moslimbejaarden opgevangen binnen de familie, maar hierin komt stilaan verandering. In de moslimgemeenschap wordt de vraag naar rusthuizen groter (BDW 1446, p.6-8). Deze evolutie is ook Anciaux niet ontgaan. “De groep zorgbehoevende moslimouderen groeit. Binnen enkele jaren zal er grote nood zijn aan professionele opvang.” Anciaux wil hierop een antwoord bieden. “Er wonen nu al wel moslims in rusthuizen. Maar ze worden er opgevangen zonder respect voor hun identiteit. Ik geloof heel sterk in een interculturele aanpak. Dat wil zeggen: respect voor ieders eigenheid, maar ook de wil om elkaar te ontmoeten. Ik wil dan ook onderzoeken hoe je binnen een Vlaams rusthuis een plaats kan geven aan de identiteitsbeleving van moslimbewoners. Dus geen islamrusthuis, wel een pluralistisch huis met speciale aandacht voor oudere moslims.” Anciaux wil deze aanpak in de
praktijk brengen in De Overbron, het woonzorgcentrum aan de Oorlogskruisenlaan dat hij in 2002 mee oprichtte. Het rusthuis, dat nu 44 kamers telt, staat net voor een uitbreiding met vijftien wooneenheden. “Hiervan willen we gebruik maken. Maar we beginnen bescheiden, met vijf kamers voor moslims.” De bewoners zullen zorg krijgen met aandacht voor hun eigen cultuur en religie. “Het gaat bijvoorbeeld om aangepaste maaltijden, verzorging en animatie. Ook gaan we bekijken hoe er omgegaan moet worden met religieuze feesten en hoe er een gebedsruimte kan ingericht worden.”
Eerste Vlaamse rusthuis Anciaux beseft dat het een hele delicate oefening is. “Het is niet simpel om je nek uit te steken in een samenleving waarin een negatieve houding bestaat tegenover alles wat met de islam te maken heeft.” Hij wil het project dan ook zorgvuldig
Bert Anciaux wil in het Heembeekse rusthuis De Overbron een aantal kamers maken voor oudere moslims.
voorbereiden, in samenspraak met de huidige bewoners en hun familie. Dat het De Overbron is die dit initiatief neemt, is niet toevallig. Anci-
aux: “Wij waren destijds het eerste Vlaamse rusthuis in Brussel. We sprongen toen op de bres voor de eigenheid en identiteit van de Vlamin-
Energie > Strenge isolatienormen vanaf januari
Regering handhaaft passiefnorm © BELGAIMAGE
BRUSSEL - De Beroepsvereniging van de Vastgoedsector vraagt een uitstel van de strenge passiefnorm. Die gaat in vanaf januari. Kersvers minister van Leefmilieu Céline Fremault (CDH) wil van geen uitstel weten. “De sector ging in 2012 al akkoord.” Vanaf januari hanteert het Brussels Gewest voor elke nieuwbouw of vernieuwbouw een strenge passiefnorm. De verwarmingsbehoefte mag maximaal 15kWh/m2 per jaar bedragen, de globale energiebehoefte 45 kWh en ook de luchtdichtheid zal in de toekomst aan erg strenge normen moeten beantwoorden. Het was een van de paradepaardjes van de vorige regering die Brussel als ecologische hoofstad op de kaart wou zetten en een pionier wou zijn in de strijd tegen de klimaatopwarming.
giebouw naar passiefbouw betekent een meerkost van 8 à 30 procent,” zegt BVS-bestuurder Pierre-Alain Franck. “Zeker in een stad met een bevolking met lage koopkracht, verhoogt dat het commercieel risico.” Daarnaast heeft de sector volgens de BVS nog te weinig ervaring met passiefbouw, is meer tijd nodig, zijn er nog juridische leemtes en zorgt de norm voor oneerlijke concurrentie met buitenlandse steden die minder strenge normen hanteren.
‘Genoeg ervaring’ Ex-minister van Leefmilieu Evelyne Huytebroeck (Ecolo) en huidig minister Céline Fremault (CDH): de normen blijven even streng.
Eind vorige maand vroeg de Beroepsvereniging van de Vastgoedsector (BVS) aan de nieuwe regering
uitstel van de passiefnorm. Volgens de BVS jaagt die de bouwheer op kosten. “De overstap van lage-ener-
Het was niet ondenkbaar dat de nieuwe regering Vervoort II oren zou hebben naar argumenten van de sector. In het regeerakkoord zijn tal van groene stokpaardjes van de vorige regering geruisloos gesneuveld. Maar minister van Energie en Leefmilieu Céline Fremault (CDH) is
© SASKIA VANDERSTICHELE
gen. Logisch dus dat De Overbron opnieuw haar verantwoordelijkheid neemt.” Bettina Hubo
niet van plan om in dit dossier het geweer van schouder te veranderen. “Onder meer dankzij ons programma Voorbeeldgebouwen is in Brussel de laatste tijd maar liefst 800.000 vierkante meter passiefbouw opgerezen of gepland, goed voor 20 procent van de nieuwbouw.” Ervaring is er dus genoeg, vindt de minister die hierover in het Brussels parlement een vraag beantwoordde van parlementslid Vincent De Wolf (MR). Ze wijst ook op de Kyotonormen. Als Brussel niet voldoende inspanningen levert om de CO2-uitstoot te beperken, zal ze daar cash voor moeten betalen. Er is ook het imago. Brussel heeft door de strenge passiefnorm internationaal erkenning gekregen. “Dat imago te grabbel gooien door de passiefnorm op te schorten lijkt me geen goed idee.” Tot slot wijst ze op het gentlemen’s agreement dat in 2012 is gesloten tussen de Brusselse regering en de vastgoedsector die toen, mits enkele versoepelingen, akkoord is gegaan met de nieuwe energienormen. Overigens duurt het nog even voor de norm tot resultaat zal leiden want de normen gelden alleen voor bouwvergunningen die vanaf januari worden ingediend.
Steven Van Garsse
© LAURIE DIEFFENBACQ + BELGAIMAGE
BDW 1447 PAGINA 4 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
Uitgelicht > Oppositie snoeihard voor Vervoort II
Mondmaskertjes en lustobjecten BRUSSEL - De regering Vervoort II mag dan naar eigen zeggen bulken van ambitie, de oppositie is (voorspelbaar) allerminst onder de indruk. Nieuw is wel dat er voor het eerst in de geschiedenis van het Brussels Gewest een sterke oppositie is ter linker- én ter rechterzijde.
D
e grootste oppositiepartij, de Franstalige liberalen van de MR, leveren federaal de eerste minister maar zitten in Brussel op de oppositiebanken. Leider Vincent De Wolf belooft een stevige maar constructieve oppositie. De zoveelse herschikking van de vuilnisophaling gaf hem alvast vuur: “Iedere nieuwe PS-minister komt met een nieuw systeem aan. Vakbonden en Brusselaars steigeren nu al. Zulks kost ook handenvol geld: de communicatie voor de vorige wijzigingen kostte 960.000 euro en toch is Brussel
er niet properder op geworden.” Bruno De Lille (Groen), een paar maanden geleden nog staatssecretaris, maar nu verbannen naar de oppositiebanken, wil een grondige evaluatie van de jongerengarantie - bedrijfsstages voor jongeren, zijn dat. Ze leidt volgens hem tot misbruiken en tot verstoting van oudere werknemers: “Een jonge vrouw die van uw systeem heeft mogen proeven, deed haar verhaal. Oorspronkelijk werd ze in dienst genomen als administratieve hulp, maar omdat de baas haar zei dat iemand in de poetsploeg ziek was geworden,
kwam ze daar terecht, eerst tijdelijk en daarna definitief. Ze durfde namelijk niet te protesteren uit schrik voor ontslag. Ze werd niet begeleid en kreeg geen vorming. Ze probeerde het werk eigenlijk alleen maar vol te houden omdat men haar voortdurend een contract van onbepaalde duur voorspiegelde. Het zal u niet verbazen dat het contract er nooit gekomen is. Het meisje stond uiteindelijk opnieuw op straat.”
Woonbonus en taalrechten Ook Annemie Maes (Groen) was goed op dreef, na het uitdelen van mondmaskertjes als actie tegen de luchtvervuiling: “Er staat niets over dierenwelzijn in de beleidsverklaring.” En over het probleem van de voedselverspilling: “Dat een derde van het voedsel wordt verspild in een stad waar zoveel armoede heerst, is beschamend voor de socialistische
familie, die blijkbaar niet meer voor de belangen van de gewone mensen opkomt.” De regering Vervoort II klopt zichzelf ook op de borst dat ze een begroting in evenwicht heeft. Een lovenswaardige prestatie, vinden niet weinigen, maar niet bij Ecolo. Fractievoorzitter Zoé Genot: “Zelfs federaal, met een coalitie die toch minder progressief is dan de Brusselse, is het budgettair evenwicht uitgesteld tot 2018. Ik ben verwonderd over de budgettaire orthodoxie terwijl zoveel problemen wachten op een oplossing. Dat een Open VLD-minister die lijn volgt, daar kan ik inkomen, maar niet wanneer u dat doet, meneer de minister-president.” Ecolo/Groen zijn ook van plan om extreemlinks concurrentie aan te doen. Zowel De Lille als Genot willen van de (huidige) woonbonus af: “De woonbonus kost jaarlijks 67
DE WEEK IN BEELD DOOR BART DEWAELE ‘Molengreen’ in de Toverfluitstraat en het Scheutbospark, de ontmoeting tussen natuur en cultuur: Hout en Hout, mobiele act met eco-keurmerk van Jonas & Friends.
BDW 1447 PAGINA 5 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
WEEKOVERZICHT WOENSDAG 15 OKTOBER
miljoen euro waarvan de helft naar de 20 procent grootste inkomens gaat, terwijl de 50 procent laagste inkomens maar vijftien procent verbruikt. Jaarlijks geeft men 30 miljoen euro aan mensen die het niet nodig hebben.” In 2011 behoorde een Brusselaar met een netto belastbaar inkomen van 34.115 euro al tot die 20 procent. De voorbije kwarteeuw waren het parlementsleden van de meerderheid - Walter Vandenbossche (CD&V) was de laatste - die de taalwetgeving en de tweetaligheid met verve verdedigden. Johan Van den Driessche (N-VA) maakt zich op om die rol over te nemen: “Ik citeer uw déclaration politique, want niet alleen is uw beleidsverklaring vertaald in houterig Nederlands, het was blijkbaar niet eens nodig om de
CIELTJE VANACHTER (N-VA):
“We zien een voortzetting van de gekende PS-recepten”
Charles Picqué (PS) in zijn nieuwe rol als parlementsvoorzitter. Hij leidde de Brusselse regering vier keer.
titel te vertalen.” Een voorbeeld: ‘un enjeu institutionnel’ wordt vertaald als ‘communautair lustobject’. Terwijl minister-president Rudi Vervoort belooft werk te maken van de toekomst van Brussel in 2025 o.a. met de fusie van instellingen - gelooft Van den Driessche er niet in: “Een grote structurele hervorming vind ik niet terug in uw tekst. Er zit nochtans een specialist in uw regering die er een boek heeft over
geschreven (Pascal Smet, DV). Het gaat over de fusie van gemeenten, waarbij uiteraard wijkgemeentehuizen en districten worden ingevoerd. Brussel telt 50 politieke instellingen met 1.100 politieke mandatarissen waarvan één derde werkt, één derde niet werkt en één derde tegenwerkt.” Cieltje Vanachter (N-VA) gaf Open VLD een sneer: “We zien een voortzetting van de gekende PS-recepten. Ondertusen beseffen alle liberalen in dit land dit ook, met uitzondering van de Brusselse Open VLD, die hier een links beleid voert.”
Ring tussen UZ en Zellik oververzadigd. Uit het Vlaamse overheidsrapport ‘Verkeersindicatoren’ van het departement Mobiliteit en Openbare Werken blijkt dat de Brusselse Ring Belgisch recordhouder file is. Het deel tussen het UZ Jette en Zellik kent de meeste fileproblemen en heeft een ‘verzadigingswaarde’ van 16, op een schaal van 0 tot 10.
DONDERDAG 16 OKTOBER Vergunning Ninoofsepoort, protest tramtracé. De vergunning voor de heraanleg van de Ninoofsepoort met een nieuw park is er eindelijk, maar buurtbewoners protesteren tegen de aanleg van de tramsporen die door het park zouden lopen. Minister van Openbare Werken Pascal Smet (SP.A) herbekijkt de plannen. Regeringsverklaring Brussels Parlement te vaag. Dat is de algemene kritiek van de oppositie op de regeringsverklaring van minister-president Rudi Vervoort (PS). Volgens de oppositiepartijen biedt de regering geen concrete oplossingen voor dringende zaken zoals de werkloosheid en het milieu.
Vliegroutes Over de vliegroutes gingen sneren over en weer tussen De Wolf en Benoît Cerexhe (CDH). Dominiek Lootens-Stael (Vlaams Belang) geeft zijn eigen inkleuring aan het luchthavendossier: “De luchthaven van Zaventem wordt vanuit bepaalde Franstalige hoek zoveel mogelijk geboycot om de verdere ontwikkeling van de luchthaven van Charleroi mogelijk te maken.” Voor het eerst in zijn geschiedenis telt het Brussels parlement vier verkozenen van de extreemlinkse PTB, ze zitten helemaal aan de andere kant van het parlement, zo ver mogelijk van de PS. Die lieten ook al zien dat ze zich op andere domeinen wagen dan op armoede en discriminatie. Youssef Handichi: “Brussel behoort tot de top van de filehoofdsteden. Zonder minder autoverkeer geen verhoging van de levenskwaliteit. Maar mensen laten alleen hun auto staan als het openbaar vervoer comfortabel en snel is en niet als reizigers als sardienen opeengepakt zitten. Ik lees in uw beleidsverklaring geen woord over hogere frequenties.” Danny Vileyn
Primeur voor UZ met ‘uitstelbaby’. De vruchtbaarheidskliniek van het UZ Brussel in Jette haalt een primeur. Ze is de eerste in België waar een vrouw zwanger raakt via eicellen die ze had laten invriezen.
VRIJDAG 17 OKTOBER 52.000 Brusselaars riskeren gemeenschapSdienst. Kris Peeters (CD&V), de nieuwe federale minister van Werk, wil langdurig werklozen twee halve dagen per week verplicht laten werken. In Brussel zit bijna de helft van de werklozen, zo’n 52.000, meer dan twee jaar zonder job. Hierdoor komen ze in aanmerking voor de verplichte gemeenschapsdienst. Een derde inkomens onder armoedegrens. Volgens de Welzijnsbarometer voor 2014 van het Brusselse Observatorium voor Gezondheid en Welzijn heeft 32,5 procent van de Brusselse inwoners een inkomen onder de armoedegrens. In Vlaanderen is dat 10,9 procent en in Wallonië 16,6 procent. Het Observatorium kan echter moeilijk zeggen hoe de armoede in Brussel precies evolueert en vindt dat er dringend nood is aan een eigen enquête voor de stad.
ZATERDAG 18 OKTOBER Minder tramongevallen met voetgangers. Sinds 2008 is het aantal ongevallen tussen trams en voetgangers met meer dan een derde gedaald. Het totale aantal ongevallen met een tram blijft daarentegen eerder constant. Om te blijven waarschuwen voor de gevolgen, lanceert de MIVB een sensibiliseringscampagne.
ZONDAG 19 OKTOBER
“ “ HET GETAL
Tot 7.000 betogers op protestactie PTB-PVDA. 5.000 tot 7.000 betogers dagen op voor de protestactie van PTB-PVDA tegen de besparingsmaatregelen van de nieuwe federale regering. Zij vinden dat de miljonairs de crisis moeten betalen, en niet de gewone mens.
We kunnen niet begrijpen dat een bedrijf dat winst maakt ons in de armoede laat vallen”
MAANDAG 20 OKTOBER Ontwerpteams VRT-gebouw geselecteerd. Het team Vlaamse Bouwmeester maakt de vijf geselecteerde ontwerpteams voor het nieuwe VRT-gebouw bekend. De vijf teams, waaronder drie geleid door Belgische architectenbureaus, moeten in maart 2015 hun voorstel indienen.
Daniel Van Der Meeren van de socialistische vakbond over de stakingen bij Delhaize (Op tvbrussel).
Stad bouwt tijdelijke zwembaden. Brussel kampt al langer met een zwembadtekort. Schepen van Sport Alain Courtois (MR) hoopt dat op te lossen met twee tijdelijke zwembaden in de buurt van het kanaal en misschien nog een derde in het zuiden van de stad. De zwembaden kosten zo’n 100.000 euro per stuk en zullen tijdens 2016 en 2017 worden gebouwd.
Een nationaal stadion is niet meer van deze tijd” Bart Verhaeghe, voorzitter van Club Brugge, is niet te spreken over het bidbook voor het Eurostadion en over de Belgische Voetbalbond die volgens hem partijdig is en niet transparant (In De Zevende Dag, VRT).
DINSDAG 21 OKTOBER Actievoerders ULB ketenen zich vast aan bomen. In de poging een honderdtal bomen te redden op de ULB-campus ketenen een dozijn actievoerders zich vast aan bomen op het terrein. De bomen moeten wijken voor een bouwproject van 100.000 vierkante meter woningen.
80%
Het vrachtvervoer in het Brussels Gewest zal tegen 2050 met 80 procent toenemen. Dat blijkt uit een studie van de onderzoeksgroep MOBI van de Vrije Universiteit Brussel (VUB). Die forse stijging wordt veroorzaakt door het groeiende bevolkingsaantal en de bedrijven die steeds vaker kleinere bestelwagens inzetten.
Tot nu toe gaat de aandacht in het mobiliteitsdebat meestal uit naar de personenmobiliteit. Omdat goederenvervoer mee zorgt voor files en de luchtkwaliteit aantast, zou er specifieke aandacht naar moeten gaan, zeggen de onderzoekers.
Dylan Belgrado
Samengesteld door Dylan Belgrado
MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP SURF NAAR BRUSSELNIEUWS.BE EN SCHRIJF JE IN OP DE NIEUWSBRIEF
BDW 1447 PAGINA 6 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
‘Een plantrekker. Zoals zovelen knoopt hij de eindjes aan elkaar door een serie van informele jobs hier en daar, de een al tijdelijker dan de ander. Horeca, bouw, markten, overal waar laaggeschoolde arbeid nodig is.’
‘Je kan de aankomstwijken niet zien als afgesloten entiteiten. De aankomstwijk is vaak via familieverbanden wereldwijd vertakt en bijna iedereen kent wel iemand ergens anders. De mobiliteit is dan ook zeer groot. Deze man ontmoette ik, toen hij net terug kwam uit Dusseldorf waar hij een tweedehandswagen had gekocht. “Waarom Dusseldorf?” “Omdat wagens er goedkoper zijn, het is niet ver en ik heb er familie en vrienden wonen.”’
Biograaf van de BRUSSEL – In de kanaalzone woont een vijfde van de stadsinwoners. Het is er dichtbevolkt, er is weinig groen en nieuwkomers of migranten van de tweede of derde generatie knokken er niet zelden voor bestaanzekerheid. “Het is geen fijne plek. Maar wel een noodzakelijke.” Fotograaf Kurt Deruyter peilt met zijn Hasselblad-camera onder het oppervlak van de transitwijken in Brussel.
E
nkele dagen per week struint Deruyter langs het kanaal, van Anderlecht tot Laken. ‘Het is begonnen met een opdracht voor Festival Kanal 2010. Door er portretten van jongeren te maken, betrapte ik mezelf op vooroordelen. Ik merkte dat ik alles wat ik zelf
dacht over deze zone, in de vuilbak mocht kieperen. Ik had probleemjongeren in kansarmoede verwacht, maar botste op gasten die studeerden en vier à vijf talen spreken. Het begon mij te dagen dat intellectuelen steeds naar de kanaalzone kijken via de problemen.” Het bre-
dere plaatje tonen, werd zijn missie.
Marsmannetje Deruyter is niet het type fotograaf dat onvoorbereid tewerk gaat. Naast het veldwerk ploegt hij zich door academische lectuur over zijn sujet, en zoekt hij urbanisten, antropolo-
gen, geografen en sociologen op. Zo gaf een artikel van antropoloog Paul Blondeel hem inzicht. “Eigen marsmannetjes eerst gaat over hoe een antropoloog moet proberen neer te dalen, als vanuit een ruimteschip. Je moet alle bagage achterlaten om je onderzoeksobject te observeren.” Is dat niet schier onmogelijk? “Neen. Als je tenminste bereid bent om bij een gesprek goed te luisteren, en geen bevestiging te zoeken van een op voorhand gevormd oordeel.” Zo trekt Kurt Deruyter de straat op, hengelend naar gesprekken, korte of
lange, ontwapenende of soms wrijvende. Sommige mensen komt hij keer op keer tegen.
Stadsbiograaf Deruyter werkt aan vijf fotoboeken over de kanaalzone. Maar eigenlijk is het werk nooit af. “Ik hou van het concept ‘biografie’. Zelfs al sterft iemand, zijn of haar biografie is nooit af. Kijk naar Napoleon, over wie nog steeds biografieën verschijnen. Zo geldt dat ook voor een stad. Er komen telkens nieuwe elementen bovendrijven.”
BDW 1447 PAGINA 7 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
‘Een van de moeilijkste vragen vond ik altijd: waar kom je vandaan? Zeker bij de jongere generatie is er een grote kans dat ze je antwoorden: ‘België’. Meestal vroeg ik daarna niet verder. Want verder vragen zou ook een afwijzing betekenen. Nog maar eens wijzen op het feit dat huidskleur nog steeds voorgaat op je geboorteplek.’
‘Dit meisje en haar moeder hebben samen zeven zelfmoordpogingen achter de rug. Van pure ellende door de thuissituatie in Roemenië. Ze komen uit een van de armste gebieden van Europa waar je als vrouw weinig rechten kan doen gelden. De voornaamste reden van migratie wereldwijd is ‘vrijheid’ en ‘mensenrechten’. Niet economie…’
‘Sommigen slagen er ook in om van hun exotische roots een product te maken. Ze dossen zich extra kleurrijk uit en geven her en der workshops exotische dans. Inventiviteit en handigheid zorgen er voor dat ze hun weg wel vinden.’ ‘Elk verhaal is individueel en uniek. Cassio heeft een kledingzaak in Brazilië maar kwam naar Brussel, Anderlecht om z’n moeder te helpen die hier al dertien jaar woont. Op m’n vraag wat hij van plan was hier, kwam er een laconiek: “We zien wel”. Of hoe migratie ook soms gewoon een avontuur kan zijn.’
kanaalzone Dat zijn fotoproject lang gerekt wordt in de tijd, heeft voor Deruyter nog een ander doel. “Ik wil op de nagel blijven kloppen. De kanaalbuurt is een onderbelicht stuk van onze stad, ze verdient meer aandacht en onderzoek. Alle problemen waar we het over hebben, kan je, zonder te stigmatiseren, relateren aan het feit dat het transitplekken zijn, sociale stijgingsplekken, aankomstwijken.” Dat is niet van de ene op de andere dag gekomen, benadrukt hij. “Rond het Zuidstation zie je ook veruiterlijkingen van Spaanstalige en
Portugese gemeenschappen. Het zijn overblijfselen van de internationale rol die Kuregem altijd heeft gespeeld. Ik neem dat mee.”
Aankomstwijken Kurt Deruyter wil begrijpen hoe migranten aankomen in Brussel, en vervolgens verkennen, consolideren, investeren, uitbreiden en tot slot integreren. “Dikwijls komen mensen hier aan met veel hoop. Snel worden ze geconfronteerd met de soms harde realiteit, en het besef dat ze niet zomaar terug kunnen, bijvoorbeeld
omdat papieren verkrijgen moeilijk blijkt te zijn. Daarna volgt wat ik noem ‘de investeringsfase’. Ze hebben een job te pakken. Ze moeten nog steeds ‘knokken’, maar zitten niet meer vast. Wat doen ze dan? Trouwen, en zich settelen. Het idee om terug te keren taant. Velen bougeren dan ook snel naar andere wijken in Brussel, of naar Vlaanderen of Wallonië. Je moet de aankomstwijken zien als plekken waar mensen het allernoodzakelijkste vinden om hun eerste stappen te zetten in onze maatschappij. De kanaalzone
is geen plek waar je wilt blijven hangen.” Wat met de jongeren van de tweede of derde generatie die er geboren en getogen zijn? “Zij zitten niet echt in de aankomstdynamiek maar worden wel geconfronteerd met de aankomstwijk. Het is deze generatie die opstaat en meer aandacht eist, en terecht. Ze hangen tussen land van herkomst en land van aankomst en
LEES VERDER OP P. 8
KURT DERUYTER
FOTOPROJECT HALFWAY HOME TOONT VERHALEN UIT DE KANAALWIJKEN
Kurt De Ruyter is kunstfotograaf. Al tien jaar werkt hij rond stedelijkheid. “Ik beschouw een kunstenaar als iemand die zich goed documenteert en een onderzoeksvraag formuleert, en die vervolgens plastisch uitwerkt. Dat gaat verder dan de klassieke reportagefotografie.” Enkele jaren geleden maakte De Ruyter een fotogids van de Marollen, het boek ‘Dichtung und Wahrheit’ in 2011 en FestivalKanal 2012 (ICONS). Sinds vier jaar werkt hij aan Halfway Home, een uitvoerig fotoproject rond de kanaalzone. Halfway Home wordt gefinancierd door het Fonds Pascal Decroos en via Growfunding/BXL. KV
BDW 1447 PAGINA 8 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
‘Irena ontmoette ik op een slechte dag. Ze had net ‘een emotionele klap’ te verwerken gekregen en stond op het punt een reis te maken naar familie in Londen om wat te bekomen. Eerst weigerde ze te poseren met het excuus: ‘ik zie er niet uit’. Ik heb haar een welgemeend compliment gemaakt, haar gefotografeerd en ze vertrok daarna naar Londen met duidelijk iets meer veerkracht in haar stap.’
‘Dertig jaar leven in de kanaalwijken, verenigd in 1 man. Hij groeide op langs het kanaal en zag de buurt langzaam veranderen. Hij woont er nu niet meer, is er uit geraakt maar werkt er nog steeds en ziet met hartzeer al die lotgenoten nog steeds wroeten om vooruit te raken, de een met al meer succes dan de ander.’
‘Religie speelt een belangrijke rol in de aankomstwijken. Niet alleen vanwege de godsdienst maar de gemeenschappen zijn ook sociale netwerken die je aan een job of een nieuw appartement kunnen helpen. In de Afrikaanse gemeenschap ontmoette ik opvallend veel zelfverklaarde ‘pastoors’, die hopen om zo’n netwerk rond zich te verzamelen. Deze man z’n geloofsgenootschap bestond voorlopig uit drie zielen maar hij was er vast van overtuigd dat dit zou groeien.’
“Ik wil op de nagel blijven kloppen. De kanaalbuurt is een onderbelicht stuk van onze stad” KURT DERUYTER ‘Een van de eersten die ik gefotografeerd heb in de wijk. Ik ben hem blijven volgen en maakte de geboorte van z’n dochtertje mee, nu een paar maanden geleden. Het herinnerde me eraan dat migranten eerst en vooral mensen zijn, met dezelfde hoop, angst, idealen als wij allemaal.’
VERVOLG VAN P. 7 hebben er zelf niet voor gekozen. Ze hebben in dit wat afgescheiden stadsdeel hun leven uitgebouwd, maar slagen er om allerlei redenen niet in om de kanaalzone te verlaten. Ze krijgen relatief weinig kansen, botsen tegen een maatschappelijk plafond aan, of voelen zich niet aanvaard ook al hebben ze een diploma
of een job. Anderzijds, we moeten ze ook niet allemaal als slachtoffers beschouwen. Sommigen hebben er ook een beetje hun plekje en doen er ‘zaakjes’. Over die ‘coming of age’ gaat mijn vierde boek.”
Bottom up Kurt Deruyter vraagt zich af waarom we er niet in slagen om ons correct te informeren over de aankomstwijken rond het kanaal, noch om er
juist over te communiceren. In zijn zoektocht naar antwoorden botste hij op onderzoek van de Zweedse arts Hans Rosling. “Rosling ondervroeg zijn universiteitsstudenten in Uppsala over globalisering en demografie. Zo vroeg hij hen hoeveel kinderen een vrouw in Bangladesh gemiddeld krijgt. Wat bleek? Zijn studenten scoorden ‘slechter dan chimpansees’, zo zei hij, want de apen zouden tenminste 25 procent
halen op de multiple choice test. Ze scoorden ook slechter dan een doorsnee van de gemiddelde bevolking. Roslings conclusie: we laten ons leiden door onze vooroordelen. Volgens mij speelt dat mee bij de kanaalzone.” Onze maatschappij mist sondes die voortdurend meten wat er gebeurt, concludeert Deruyter. Onderzoek is moeilijk in een wijk waar chaos, tijdelijkheid en onzekerheid regeert,
beseft hij. Maar “doordat onze samenleving almaar complexer wordt, zijn we die sondes aan het verliezen. Sociale organisaties trekken zich noodgedwongen terug en zetten almaar meer in op tweedelijnswerk, en minder op eerstelijnswerk. Antropologen? Ik kom er geen tegen tijdens mijn wandelingen. Ook geen andere fotografen, trouwens.” Kim Verthé / Steven Van Garsse
BDW 1447 PAGINA 9 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
P-PRAAT Kom ons niet vertellen dat we u niet gewaarschuwd hebben. In december vorig jaar schreef uw commentator dat Theo Francken (N-VA) en Brusselaar Alain Destexhe (MR) op studiereis waren geweest in Rotterdam, waar ze een gesloten asielcentrum hadden bezocht. Toen al hing de vraag in de lucht of deze entente misschien zou kunnen leiden tot een regeringscoalitie. “Misschien,” zei Francken een beetje bedeesd. “Zeker niet,” zwoer Destexhe. Waarop een paar maanden later een coalitie werd gevormd, met Francken als staatssecretaris voor Asiel en Migratie. En Destexhe als Brussels parlementslid. U ziet het: het stond ook al in de sterren geschreven wie de macht had. Maar neemt u het van ons aan: Theo Francken is een softie. Vond het asielcentrum in Rotterdam te gevangenisachtig, en geen te volgen voorbeeld. Uw commentator heeft echter begrepen dat Theo tegenwoordig voor fascist wordt versleten, vooral in PVDA-hoek. Zegt dus een partij die in het Brussels parlement tegen de auto is, en in Elsene voor. Of tegen het wereldwijde complot van het militair-industrieel-Amerikaans-Zionistisch-neoliberaal complex is, maar wel de arbeiders van wapenfabriek FN Herstal steunt. Het moet zijn dat die wapens een wimpeltje met ‘PANG. Wij zijn geen complex’ schieten.
ADVERTENTIE
r a a n n e m Sa Sc hool in de Buur t N E G A D L O O H C S N E OP
CHIEN ÉCRASÉ U weet nog hoe we enkele weken geleden gewag maakten van de geluidstests die de krant La Capitale uitvoerde op autoloze zondag. Wel, die tests zijn vals. Niet dat we onze collega’s van iets onkies beschuldigen, ze kunnen er ook niets aan verhelpen. Maar: de geluidsmeter op de smartphone die ze gebruikt hebben staat geen geluid toe van boven de 100 decibel. En dan, horen we u zeggen? Wel, wie kan bewijzen dat het ding dan ook geluid dat lager dan 100 decibel is correct meet? Huh? En wie zegt dat het fi etsverkeer tijdens autoloze zondag niet luider was dan 100 decibel? Huh? Neen, vals, dat gedoe, neemt u het van ons aan. Met zulke meetapparatuur kan je alles bewijzen, behalve de juiste eenheden op een logaritmische schaal. Daar is hij weer, hij kan er gewoon niet tegen dat hij er naast zat, denkt u nu ongetwijfeld. Daar is iets van. Maar wij waarschuwen: wij zijn 7-nieuwsers volgens het nieuwe kastesysteem van de Vlaams-Brusselse media, wat betekent dat wij veel tijd hebben. Zeeën van tijd. En het gelijk dus vaak onze kant op valt, ook al zijn we dan maanden verder.
WFP/Rein Skullerud
ADVERTENTIE
Ebola Uitbraak Massale actie en coördinatie van de internationale gemeenschap is nodig om de uitbraak van ebola te stoppen. De internationale gemeenschap houdt in: overheden, humanitaire organisaties, de privésector en mensen zoals jij. WFP wil meer dan 1 miljoen mensen met noodhulp bereiken in Guinee, Liberia en Sierra Leone. Dit is onder andere voor patiënten in behandelcentra en families die in quarantaine-zones wonen.
Jij kan ons helpen om de verspreiding van ebola een halt toe te roepen door vandaag nog te doneren: wfp.org/ebola
www.samennaarschoo
l.be
Op zoek naar een basisschool voor uw kind? Samen naar School in de Buurt wil ouders informeren over het Nederlandstalig onderwijs in Brussel. Zo kunt u bewust kiezen voor een school voor uw kind. U komt in contact met andere ouders en bezoekt samen basisscholen in de buurt. Tot binnenkort, op een van onze activiteiten!
Openschooldagen van maandag 3 november tot en met vrijdag 28 november 2014 Samen met andere ouders bezoekt u scholen in de buurt. U leert het pedagogisch project en de typische sfeer van de school kennen.
Schrijf u in via www.samennaarschool.be. Volg ons op Facebook Volg ons via @WFP
ADVERTENTIE
safety.mivb.be
ADVERTENTIE
BDW 1447 PAGINA 11 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
© NAAM FOTOGRAAF
© RAAD VAN DE VLAAMSE GEMEENSCHAPSCOMMISSIE
EEN BETERE INVESTERING DAN U GEWOON BENT
De VGC-Raad: Groen schiet op SP.A, SP.A op Open VLD, Open VLD op N-VA, CD&V op Groen, etcetera... Het was bijwijlen een onbegrijpelijk vertoon.
Politiek > VGC keurt beleidsverklaring goed
Vlaamse Brusselaars wisselen jasjes BRUSSEL – Ook in de kleinste assemblee van het land liepen de spanningen bijwijlen hoog op tijdens de beleidsverklaring. Collegevoorzitter Guy Vanhengel (Open VLD) riep de Vlaams-Brusselse partijen op om aan één zeel te trekken. “Elke partij hier is wel ergens aan de macht. We zijn met weinig. Laten we samenwerken.” Het was voor iedereen even wennen tijdens de beleidsverklaring in de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie. Partijen die vroeger in meerderheden zaten zitten nu in de oppositie, en vice versa. Dat is meestal zo na verkiezingen, maar het valt in Vlaams-Brussel extra op door de band die de VGC als ondergeschikt bestuur onderhoudt met Vlaanderen, waar het politieke landschap aardig door elkaar is geschud en waardoor de asymmetrie in dit land compleet is. En zo schoot Groen op SP.A, SP.A op Open VLD, Open VLD op N-VA, CD&V op Groen, etc. en werd veelvuldig verwezen naar de voorbije regeerperiode waar er vaak andere bondgenootschappen en gedeelde belangen golden. Voor een buitenstaander moet het een onbegrijpelijk vertoon geweest zijn. De beleidsverklaring van collegevoorzitter Vanhengel (Open VLD) was niet meteen een toonvoorbeeld van concrete actie en het was dan ook niet te verwonderen dat de oppositiepartijen (N-VA, Groen en Vlaams Belang) teruggrepen naar het (concretere) regeerakkoord van juli jongstleden. De beleidsverklaring heeft het vooral over onderwijs (bouw van nieuwe basis- en secundaire scholen), het stedenfonds (een stadsvernieuwingsproject aan het slachthuis van Anderlecht) en cultuur (bijsturing van Paspartoe, heroriëntering Muntpunt). Bij welzijn valt Educare op, een project voor een vlotte overgang van crèche naar school. Oppositiepartij Groen, en deels ook de SP.A (meerderheid), verwees naar de besparingen die Brussel treft vanuit de Vlaamse gemeenschap. Voor Annemie Maes (Groen) is dat een teken dat Vlaanderen Brussel loslaat. “De VGC gedraagt zich als het kneusje dat wil spelen terwijl de grote kinderen het allang lachend de rug hebben gekeerd.”
Khadija Zamouri (Open VLD, meerderheid) wees er fijntjes op dat de Vlaamse besparingen voor Brussel 5,2 procent bedragen en dat Brussel dus niet meer moet besparen dan de rest van Vlaanderen. De Vlaamse dotatie voor de VGC blijft zelfs haast volledig buiten schot in de besparingen. Voor N-VA is de Vlaamse vertegenwoordiging in de gemeentebesturen het zwakke punt van het Vlaams-Brussels beleid. Veel Vlaamse schepenen hebben nauwelijks iets in de pap te brokken. “Kan die situatie niet in kaart worden gebracht?” vroeg N-VAraadslid Johan Van den Driessche.
Stockholm Collegevoorzitter Vanhengel repliceerde dat hij zopas nog de Vlaamse schepenen in Brussel samenbracht om hen met cijfers uit te leggen dat de bouw van Nederlandstalige gemeentelijke scholen geen onoverkomelijk probleem hoeft te zijn. Hij probeerde ook raadslid Liesbet Dhaene (N-VA) te overtuigen van het belang van tweetalig onderwijs, die daar, om juridische en wetenschappelijke redenen, niet erg voor te vinden is. “Ik zei tien jaar geleden net hetzelfde als u,” zei Vanhengel, “maar er is het voortschrijdend inzicht. Er zijn vandaag veel meertalige Nederlandskundige Brusselaars die vragende partij zijn voor tweetalig onderwijs.” Raadslid Dominiek Lootens-Stael (Vlaams Belang) zag daarin een vorm van het Stockholmsyndroom. Door te lang in een regering met Franstaligen te zitten, is Vanhengel zijn Vlaamse reflex kwijtgespeeld. Na het debat werd de beleidsverklaring meerderheid tegen oppositie goedgekeurd. Toch blijven nog veel vragen over: wat met het ontoereikende aanbod in de kinderopvang, het tekort aan plaatsen in scholen, de toekomst van de gemeenschapscentra, de toepassing van de zorgverzekering en de oriëntatie van Muntpunt, waar de directrice zopas is opgestapt. Dat is ongetwijfeld voer voor de komende weken en maanden als de beleidsnota’s worden voorgesteld en de bijhorende begroting. Steven Van Garsse
þ TOPLOCATIE IN BRUSSEL þ WELGESTELDE, BETROUWBARE HUURDERS þ VOLLEDIG OP MAAT AFGEWERKT þ PERFORMANTE VERHUURSERVICE
GENÈVE PARK: UNIEKE INVESTERINGSKANS IN DE HOOFDSTAD VAN EUROPA Investeerders kennen de vele voordelen van Evere. Deze gemeente is een zeer gegeerde woonplaats bij een internationaal huurderspubliek dankzij de vele Europese instellingen, internationale bedrijven en uiteraard de NAVO. Laat Europa voor u werken en profiteer van de kapitaalkrachtige expats die Genève Park huisvest via onze performante verhuurservice. Meer info? Bel ons op 02 679 00 00 of surf naar genevepark.be
vastgoed met visie
BDW 1447 PAGINA 12 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
BDW REGIO
Deze Week bij chocolademaker Van Dender > Dood en leven van een Schaarbeekse bakker
Als de groei kriebelt gen bereiding van het basisproduct, beginnend bij het reinigen, broyeren en branden van de bonen op 120 graden Celsius.” Zes maanden terug heeft hij dit kleinschalig in Schaarbeek opgestart, de recepturen worden uitgebalanceerd - de eigenbereide chocolade voor de kerststronken smaakt uniek. “Wat wil je, ik betaal voor bonen tot 8 euro per kilo, terwijl de bonen van Callebaut tot een tiende minder kosten hoor ik overzees. En een kok maakt toch ook zijn eigen fonds, dus ik maak mijn chocolade.”
Onveiligheidsgevoel
Broer en zus Van Dender: “Grote bestellingen uit Korea, China, Rusland en Amerika houden we nu af, de vraag wordt te groot.”
SCHAARBEEK/DILBEEK - Met bijna tachtig procent van zijn chocoladeproducten die naar Japan reizen, heeft Herman Van Dender wereldfaam getekend. Zijn pralines wil hij vooralsnog om de smaak en ingrediënten niet in Japan laten maken. Meer nog: hij breidt hier uit, maar delokaliseert wel om een productielijn uit te bouwen, startend met het branden van bonen. Het vertrek naar de Rand heeft zo zijn redenen.
B
ij de delokalisatie voor bedrijfsuitbreiding van een kmo’er, stellen we ons altijd vragen. Sinds 1995 werken Herman en zus Anne Van Dender als vier handen op één buik aan de kwaliteitsuitstraling van patisserie-chocolatier Van Dender, aan de Leuvensesteenweg 416. De laatste der Mohikanen die al van in de ja-
ADVERTENTIE
Handicap & informatie Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap
02/463.58.58 alle werkdagen van 9 tot 12u30 uitgezonderd donderdag van 14 tot 17u.
Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be
ren 1960 door de ouders werden gerund, maar nu over and out zijn. Hofleverancier Van Dender (die in 1988 de zaak overnam) deed al in 1995 enkele malen mee aan de Wereldkampioenschappen Patisserie. Hij was ook jaren jurylid en voorzitter (tot 2013) van die wedstrijd. Onder licentie wordt zijn fijngebak al een tijd in Japan geproduceerd, maar de knowhow in chocoladebewerking houdt hij voorlopig in Brussel. “Trouwens, de grondstoffen, de boter en vooral de room van hier, zorgen voor een duidelijk smaakverschil, vandaar dat ik dit niet in Japan doe. Wittamer doet dat wel. Maar ik wil niet meer werken met de industriële chocolade van Callebaut (Wieze), die iedereen gebruikt. Slechts drie Brusselse chocoladebewerkers torrifiëren zelf hun bonen, en op nog één iemand in Wallonië na is dat alles in dit land. (Frederic Blondeel in Brussel, Marcolini in Haren en Herman Van Dender in Schaarbeek, red.). “We zijn te groot geworden om in Schaarbeek te
blijven. Inmiddels gaan de chique bakkerijen dicht: Au Vatel (Jourdanplein), Mahieu (Stokkel), beide met meer dan veertig man personeel. Bij mijn vrouw, Patisserie De Baere (Sint-Lambrechts-Woluwe), werken ook dertig mensen. We houden dit
© IVAN PUT
broer bij: “Als we enkel op de winkel zouden draaien, konden we sluiten – enkel passanten proberen hier nog te stoppen. Dat komt door veel. Belemmerende mobiliteit voor de toeleveranciers en het personeel, ‘goedkoop’ Pools ingevoerd brood dat de grootketens warm verkopen, gebrek aan lokale middenstandsondersteuning en zelfs een onveiligheidsgevoel.” Het deed de zaakvoerders uitkijken naar de Rand, het bedrijvenpark Dansaert (Groot-Bijgaarden) in opbouw, waar-
“We hielden alle autosleutels van het personeel bij, om de parkeerschijven tijdig te veranderen in alle straten - wat een geloop” gescheiden om precies niet té groot te gaan, want de stad biedt daar geen ruimte voor en je kan in Brussel niet meer circuleren en parkeren (beide zijn verhuisd van de Rogierlaan naar Sint-Ulriks-Kapelle, red.). In Osaka zie ik geen files.” Zus Anne Van Dender, die zorgt voor de vitrineverkoop, treedt haar
naar ze tegen juni met een deel personeel verhuizen. Van Dender heeft er een investering van drie miljoen euro (waarvan één voor de bouw) voor veil, want de groei lonkt. En de voornaamste reden is: “Japan vraagt al jaren topchocoladeproducten van ons. In Groot-Bijgaarden gaan we een chocoladelijn opstarten, met ei-
De opstart van het eigen chocoladelabel kriebelt. “In het Dansaert Park hebben we 1.000 vierkante meter gekocht, waarvan 250 vierkante meter van mijn vrouw (De Baere). Een uitbreiding in Schaarbeek lukt niet meer. Ik heb nog duizend vierkante meter in de Sleeckxlaan, maar daar inrichting voorzien is nutteloos. Het is hier een drama, zowel qua stedenbouwkundige aanvragen (haalt er een medewerkster bij die 1 jaar en 50 bezoeken aan de gemeente in tijd gespendeerd heeft voor één vergunning Klasse 2, red.) als qua mobiliteit. Heel wat tankwagens moeten bloem en boter lossen. Zij moeten op de bushalte parkeren of aan de overkant staan en met paletten de straat oversteken. Vanwaar ze ook in Vlaanderen en Wallonië vertrekken om 5 uur, pas tijdens de winkeluren zijn ze in de stad. Nabij Dailly is er wel een publieke laad- en loszone, maar foutparkeerders palmen die in. Ook de twintig personeelsleden, waarvan er vijftien met auto’s van her en der komen, hadden het moeilijk. We hadden iemand die rondliep door alle straten waar ons personeel de auto achterliet, om parkeerschijven tijdig te draaien en geld in automaten te steken. “We komen werken voor onze boetes,” kreeg ik te horen. Nu huur ik twaalf betalende staanplaatsen voor hen. Een vrouw van de Paul Deschanellaan (Schaarbeek) durft niet met de fiets of te voet, om zes uur ‘s morgens. Trouwens, ook al verwittigen we onze stagiairs-chocoladebewerkers uit Limburg die bij ons opleiding volgen, ze komen bestolen thuis. Die jongens willen uitgaan, maar keren zonder gsm en lederen jas terug. Het onveiligheidsgevoel in Schaarbeek, houdt veel mensen tegen om buiten grootwarenhuizen te winkelen - en dat weegt door voor de kmo’er. Eens in het Dansaertpark zal ik beter op de grote vraag kunnen inspelen. Grote bestellingen uit Korea, China, Rusland, Amerika houden we nu af.” Jean-Marie Binst
BDW 1447 PAGINA 13 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
ADVERTENTIE
© AG REAL ESTATE
Zo zal het nieuwe gebouw eruit zien volgens de plannen.
Brussel-Stad > Kantoren, woningen en parkeerplaatsen
‘Nieuwe Parking 58 klaar in 2018’
© LAURENT GAUTHIER
Het project gaat momenteel voor de tweede keer in openbaar onderzoek. De plannen die AG Real Estate voorlegt verschillen licht van de vorige versie. De wijzigingen draaien vooral om het herinrichten van de passage tussen de Hallenstraat en de Zwarte Lievevrouwstraat. Die doorgang is nu afgesloten om daklozen buiten te houden. De rest van het project blijft ongewijzigd. Dat betekent 30.000 vierkante meter kantoren en 46 woningen. Ook de 847 parkeerplaatsen, een derde meer dan nu, blijven voorzien. De vorige overlegcommissie, die wel een positief advies gaf, had aangeraden om het aantal woningen in het project op te trekken. “Wij hebben ons gebaseerd op de milieueffectenstudie,” zegt Marc Kramer van ontwikkelaar AG Real Estate. “En daarin kwam geen vraag voor een hogere functievermenging naar voor.” Of het dak, nu nog een uitgelezen plek voor vergezichten en impromptu feestjes, publiek blijft, is een vraagteken. Tot nu toe leek de optie van de baan, maar AG Real Estate laat de deur toch op een kier. “Het zou spijtig zijn, moest niet minstens een deel daarvan behouden blijven voor het publiek,” klinkt het. “We hebben wel mooie ideeën zodat het dak een referentiepunt blijft in Brussel.” Duidelijkheid over de dakfunctie volgt voor het einde van het jaar. Ook wie de kantoren in het gebouw zal bezetten is nog niet duidelijk, al wordt in de richting van de Stad Brussel gewezen. In 2006 schreef de Stad Brussel al een projectoproep uit om de zoektocht te starten naar een nieuwe stek voor haar Administratief centrum. Bij AG Real Estate zegt men dat de gesprekken met de Stad nog aan de gang zijn. Bij de Stad houdt men het erop dat het gebouw een van de opties is om in te trekken.
© LIEVEN SOETE
De opvolger van het iconische Parking 58-gebouw in het centrum moet in 2018 af zijn. Dat zegt ontwikkelaar AG Real Estate. Het grootschalige project is goed voor 30.000 vierkante meter kantoren, 46 woningen en 847 parkeerplaatsen.
Pendel je elke dag naar Brussel? Neem dan even de tijd om de stad rondom jou te ontdekken. Met z’n grote en kleine verhalen. In Brussel Deze Week vind je elke week boeiende achtergrond bij het nieuws uit de hoofdstad en omgeving. Neem de krant gratis mee uit een display in de stad, of mail naar abo@bdw.be
Het dak van Parking 58 geniet een Met de steun van de ware cultstatus.
“Als de Stad intrekt in Parking 58, verlaat zij andere gebouwen,” klinkt het nog bij AG Real Estate. Die zijn dan misschien meer geschikt om woningen in te ontwikkelen. De vraag naar woningen moet je breder bekijken, op het niveau van de hele buurt.” De nieuwe Parking 58 moet in 2018 klaar zijn. Dat betekent dat een deel van de werf zal samenvallen met de herinrichting van de centrale lanen. Zo moet er een put gegraven worden, goed voor zes ondergrondse garageverdiepingen. Over de mogelijke problemen die zoiets met zich mee zal brengen, is men bij AG Real Estate vrij gerust. “Een werf in het centrum van een stad is altijd een uitdaging,” klinkt het. De nieuwe Parking 58, met zijn extra parkeerplaatsen, zal grenzen aan de parkeerlus die de stad plant rond de nieuwe grotere verkeersvrije zone in het centrum. Dat de twee werven mogelijk in confl ict komen, is al door de stad bekeken. “Wij hebben daar rekening mee gehouden en daar zou normaal geen probleem mee mogen zijn,” klinkt het op het kabinet van burgemeester Yvan Mayeur (PS). Jelle Couder
adv BDW 146x234>3versies.indd 2
ADVERTENTIE
LA
5/10/14 22:01
ST AT OP S T T3 E 0N W OV EK EM E BE N ! R
e x p o - t i t a n i c . b e
PALEIS 2, BRUSSELS EXPO
BDW 1447 PAGINA 14 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
© IVAN PUT
Neder-Over-Heembeek > Inhuldiging Kraatbospark
Betere paden en banken (voor drugsdealers) De inhuldiging van het Kraatbospark in Neder-Over-Heembeek door Schepen van Groene Ruimten Ahmed El Ktibi (PS) werd overschaduwd door onvrede van de bewoners. De drugsproblemen in het park werden niet aangepakt.
Elsene > La Plaine demonstreert in gemeenteraad
‘Richt jullie kritiek op het gewest’ Het protest tegen het bouwproject op de ULB-campus duurt voort. De argumenten van het actiecomité ‘La Plaine’ worden echter in de kiem gesmoord. Het actiecomité La Plaine heeft vorige week donderdag tijdens de gemeenteraad opnieuw massaal gemobiliseerd. Een tweehonderdtal studenten en sympathisanten kwamen luisteren naar de tweede burgerinterpellatie van het actiecomité. De boodschap klonk onvervalst door: de gemeente moet de 140 appartementen ( in een eerste fase, in totaal zouden er maar liefst 600 komen, CD) van ontwikkelaar Immobel op de campus van de ULB tegenhouden, of er tenminste koten bouwen in plaats van luxeappartementen. Met het project dreigt immers een waardevol groengebied in het dichtbevolkte Elsene verloren te gaan, zo luidde de kritiek. Schepen van Stedenbouw Nathalie Gilson (MR) pareerde door te zeggen dat de gemeente al eisen aan de projectontwikkelaar heeft gesteld. “Tien procent van de appartementen moet beschikbaar zijn voor middeninkomens,
en twee hectare van de totale zes moeten een voor het publiek toegankelijk park worden. Er zijn crèches voorzien, en ook koten. Alleen koten, zoals jullie vragen, dat past niet in onze stadsvisie, want we willen de nieuwe wijk gemengd maken.” Gilson benadrukte ook dat de studenten maar beter hun kritiek op het Brussels gewest richten, omdat die voor twee van de drie bouwvergunningen voor het project zorgen. In de marge van het debat over de nieuwe wijk wilde de gemeente de nieuwe straat op de ULB-site naar nobelprijswinnaar François Englert noemen. Hoewel die eerder akkoord zou zijn gegaan, trok Englert echter zijn naam in, omdat hij niet met het bouwproject wil geassocieerd worden. PS-gemeenteraadslid Pierre Lardot zorgde voor een kleine dissidente noot in de meerderheid door te stellen dat universiteiten ondergefi nancierd worden. De ULB heeft het bewuste stuk grond immers verkocht in 2007 om fi nanciële redenen. “Ik vrees dat we dit meer en meer CD gaan zien,” aldus Lardot.
ADVERTENTIE
Bij de heraanleg van het Kraatbospark was de toegankelijkheid van het park vergroten de prioriteit. De vorige paden waren gevaarlijk bij slecht weer voor oudere mensen of mensen met een beperkte mobiliteit. Om de veiligheid van de bezoekers te verzekeren, is een nieuw pad van gerecycleerd beton aangelegd. Daarnaast zijn de speeltuinen voorzien van een veilige ondergrond zodat spelende kinderen geen kwetsuren kunnen oplopen. De ontwerpers van de heraanleg van het park hielden ook rekening
met natuurbehoud. Dat was een van de condities voor de toekenning van de bouwvergunning. Ze maakten een beschermde zone van twee hectare ontoegankelijk voor het publiek. De zone is wel zichtbaar vanop de paden. De inhuldiging van het Kraatbospark lokte echter gemengde reacties uit. In het park worden blijkbaar regelmatig drugs gedeald en hoewel de bewoners de politie hier verschillende keren op attent maakten, greep die nog niet in. De nieuwe paden en banken werden wel positief onthaald, maar volgens het publiek zijn er geen concrete maatregelen getroffen om de criminaliteit uit het park te weren. Het is nu afwachten of de gemeente gehoor zal geven aan die kritiek.
Dylan Belgrado
Het Kraatbospark heeft nu veiligere paden van gerecycleerd beton.
ADVERTENTIE
Geef griep geen kans! Laat je vaccineren.
SOLIDARITEITSCONCERT - CONCERT DE SOLIDARITĒ
THE PRISON MINISTRY BAND
Een griepvaccinatie is aangewezen voor: • • • •
personen met een chronische aandoening ouderen zwangere vrouwen personen werkzaam in de gezondheidssector
De beste periode om zich te laten vaccineren is tussen 15 oktober en 15 november. Vraag een voorschrift aan uw huisarts. Heeft u nog geen huisarts? U kunt er een vinden op Zorgzoeker.be.
Een initiatief van het Agentschap Zorg en Gezondheid van de Vlaamse Overheid, in samenwerking met het Vlaamse Griepplatform en de Vlaamse Gemeenschapscommissie
DAKLOOS IN BRUSSEL - SANS ABRI À BRUXELLES
www.bethelkerk.be
BDW 1447 PAGINA 15 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
Brussel-Stad > ‘Minder kantoren, meer bewoners’
Stad eist Leopoldswijk terug Ooit flaneerden er dames in zijden kleedjes en mannen in rok, vandaag wordt de Leopoldswijk verstikt op het spitsuur en is ze leeg tijdens de avondlijke uren. Te veel kantoren, te veel leegstand. Schepen van Stedenbouw Geoffroy Coomans de Brachène (MR) wil er meer leven in de brouwerij. Het studiebureau Bogdan & Van Broeck heeft een draaiboek met adviezen klaar om de inwoners te laten terugkeren, de leegstand te stoppen en inwoners te lokken. Coomans geeft toe dat hij een zwak heeft voor de wijk, hij is er geboren en heeft er nog altijd familie en vrienden. De Europese wijk is de enige wijk in Brussel met een rasterstructuur zoals men die aantreft in wereldsteden zoals New York, Barcelona, Berlijn en La Plata. Coomans: “Het is mogelijk om van de Leopoldswijk opnieuw een wijk te maken met inwoners, handelaars, horeca en ontspanning, zonder de densiteit te verhogen. Een paar voorbeelden in de wijk – de voormalige Finse ambassade in de Trierstraat –
De de Meeûssquare is het mooiste stuk van de Leopoldswijk. ADVERTENTIE
TALENT WERKT 11 OKT-6 NOV OP WEG NAAR DE JUISTE JOB INFO/COACHING/LABO/DEBAT/NETWERKING GRATIS
arabel
© MARC GYSENS
laten zien dat herbestemming zonder verhoging van de densiteit ook rendabel is.” De zone bevindt zich tussen de Kunstlaan en de Trierstraat, de Guimardstraat/Jacques de Lalaingstraat en de Luxemburgstraat/Marsveldstraat. Ze grenst aan het Stadsproject Wet van het Brussels Gewest waar de nadruk ligt op densificatie – en meer openbare ruimte – en bureaus. Het tegengestelde wat de stad wil. Een goed tegenwicht. Niet dat de stad geen aandacht heeft voor de openbare ruimte: “In tegenstelling tot het drukke verkeer in de straten worden er rustige decompressieruimtes gecreëerd. De passages kunnen de vorm aannemen van steegjes, galerijen of een opening in de straatwand. Privéprojecten die overdag doorsteken voor voetgangers door een binnengebied mogelijk maken, zullen door de stad worden ondersteund.” Het project van de stad doet heel erg denken aan de regering-Picqué: de stad teruggeven aan haar bewoners. Danny Vileyn
BDW 1447 PAGINA 16 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
BDWOPINIE dan die van een jongere werkkracht.
Flexibelere arbeidsmarkt
Voor CD&V-fractieleider in het Brussels parlement Paul Delva zijn onder meer ‘demotie’ en ‘jobcarving’ ingrediënten voor een flexibelere arbeidsmarkt.
© SASKIA VANDERSTICHELE
Economie > Paul Delva (CD&V) over anciënniteit op de arbeidsmarkt
Naar een ander loopbaanmodel BRUSSEL – Het is duidelijk dat we moeten evolueren naar een ander loopbaanmodel, vindt CD&V-fractievoorzitter voor het Brussels parlement Paul Delva. De lineair stijgende looncurve moet, na een steile piek in het begin van de loopbaan, vlakker worden. Delva reikt nog enkele ideeën aan voor een flexibelere arbeidsmarkt.
D
e Belgische structuur van arbeidsverloning weerspiegelt de manier waarop er door overleg met de sociale partners tot een compromis wordt gekomen, met garanties voor werkgevers en werknemers. De grote hefbomen voor de arbeidsreglementering zitten vooralsnog op het federale niveau. Maar dat mag het Brussels Hoofdstedelijke Gewest niet weerhouden om het pad naar een modern arbeidsmarktbeleid te effenen. Het debat moet ook een gewestelijke invulling krijgen. Door de zesde staatshervorming en de overheveling van bevoegdheden inzake arbeidsmarktbeleid, krijgt
Brussel de kans om haar eigen krijtlijnen te tekenen rond tewerkstelling en arbeidsmarkt. Studies van Voka en de Nationale Bank (NBB) geven aan dat de anciënniteit nergens zo zwaar doorweegt bij de verloning als in België. In de meeste Scandinavische landen, in Nederland en in Duitsland worden de lonen naar het einde van de loopbaan toe vlakker. Het loon piekt daar sneller, waarna het vlak wordt, of zelfs lichtjes daalt. In ons land bedraagt de loonspanning (of het verschil in loon) tussen jongeren met enkele jaren ervaring en vijftigers in eenzelfde functie als bediende 35
procent, terwijl dit in Frankrijk 20 procent is, in Duitsland 18 procent en in Nederland 17 procent. Zweden kent zelfs een loonspanning van slechts 10 procent. Wanneer we in België gaan vergelijken bij kaderleden zien we zelfs een loonspanning van 50 procent. Dat betekent dat een vijftiger met dezelfde functie 50 procent meer zal verdienen dan een jongere. Uit cijfers van de Nationale Bank kunnen we afleiden dat de Europese landen die een vlakkere loonstructuur hebben, een hogere werkgelegenheidsgraad kennen bij de oudere werknemers. De invoering van een vlakkere looncurve
naar het einde van de loopbaan, lijkt dus wel degelijk een activerende maatregel te zijn. Naarmate een werknemer ouder wordt, wordt hij duurder. Ondernemingen worden op die manier niet aangemoedigd om vijftigers aan te nemen of in dienst te houden. En dat is jammer, want oudere werknemers bezitten belangrijke troeven voor hun werkgever. Cijfers tonen ook aan dat ons land het op dit vlak niet goed doet. De werkgelegenheidsgraad van 55-plussers ligt in België nog steeds 9 procent onder het Europese gemiddelde. In 2012 waren slechts 3 procent van de indienstnemingen 55-plussers. Bij tewerkgestelde vijftigers wordt de druk om op brugpensioen te gaan, opgevoerd. Hoewel de barema’s niet afhankelijk zijn van leeftijd, maar wel van anciënniteit, is de gemiddelde loonkost van een vijftiger, hoger
Het is duidelijk dat we moeten evolueren naar een ander loopbaanmodel. De lineair stijgende looncurve moet, na een steile piek in het begin van de loopbaan, vlakker worden. En wie hard werkt en productief is, moet daarvoor beloond worden. Basis voor een loonsverhoging wordt hierbij dus een evaluatie van de competentie, en niet louter anciënniteit. In een onderzoek van Voka bleek dat maar liefst 82 procent van de ondervraagde werknemers en werkgevers de collectieve loonstijging achterhaald vindt, en de voorkeur geeft aan een verloning in functie van competenties en prestatie. Ook andere elementen in het verhaal van loopbanen en verloningen moeten losgewrikt worden. Demotie, het omgekeerde van promotie, mag niet langer een taboe zijn. Steeds meer mensen zijn gewonnen voor het idee om op termijn een stapje terug te zetten. Dat dit gepaard gaat met een lager loon vindt men doorgaans geen breekpunt. In een peiling van Voka bleek dat 55 procent van de werknemers demotie zou overwegen. Om de loonkost van een nieuwe werknemer in de hand te houden, heeft men in Nederland een nieuwe tewerkstellingsmaatregel ingevoerd. Jobcarving zorgt ervoor dat de werkgever een vacature zodanig gaat bijschaven tot die past binnen de kennis en vaardigheden van de beschikbare sollicitant. De werknemers in het bedrijf staan dan enkele van de uitvoerende nevenactiviteiten af en verdelen de geschrapte taken van de sollicitant. Hun job wordt hierdoor geüpgraded, en dit betekent dus een algemene efficiëntiewinst voor de onderneming. In Brussel zou bijvoorbeeld een tweetalige vacature rekkenvuller/ kassier(ster) via jobcarving tijdelijk ingevuld kunnen worden door een eentalige rekkenvuller. De werkgever koppelt er wel meteen de vereiste aan dat de werknemer binnen afzienbare tijd een taalopleiding met succes beëindigt. Het succes van het principe van een prestatieloopbaan schuilt in de samenwerking van werkgevers en werknemers. Werkgevers, werknemers én de overheid moeten investeren in permanente vorming, opleiding en competentieontwikkeling gedurende de gehele loopbaan. Het is de taak van de werkgever om samen met de werknemer een loopbaantraject uit te stippelen gebaseerd op een persoonlijk ontwikkelingsplan met structurele evaluaties. De opleidingen moeten de werknemer versterken in zijn job, maar tevens ook zijn aanpasbaarheid op de arbeidsmarkt vergroten. Zo zijn het loon en de productiviteit van een werknemer beter op elkaar afgestemd. Paul Delva, fractievoorzitter Brussels parlement (CD&V)
lezersbrieven@bdw.be
BRIEVEN VAN LEZERS
BDW 1447 PAGINA 17 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
SLUIKSTORT
In de meer dan 10 jaar dat we in Molenbeek wonen, zijn we sluikstorten gewoon geworden. Maar dit is zelfs voor ons te veel. Mieke Van Dessel, Sint-Jans-Molenbeek
Cartoon Ik neem aan dat uw cartoonist Wauter Mannaert zich voor zijn cartoon (BDW 1446, p. 2) baseerde op de plannen van een Vlaams cultureel centrum in Ruisbroek. Iets anders zie ik niet. Om het effect nog wat aan te dikken gebruikt hij kaboutertjes en een molentje in de achtergrond, enkel te bereiken via een smal brugje, enzovoort. Enfin, super-de-luxe-clichébevestigend, scoort (dus) ongetwijfeld hoog in bepaalde, euh, ‘multiculturele’ Brusselse kringen. Maar dus: hij verkiest blijkbaar mee te huilen met de (vooral francofone) wolven in het bos: ‘Agression face à Bruxelles!’ Ik kan dat maar niet snappen. Hoe kan men zich nu ‘bedreigd’ voelen door een cultureel centrum in de buurstaat? Toch enkel als men uitbreidingsplannen heeft en onder andere Ruisbroek als ‘bruxelloise’ beschouwt? Met andere woorden: meneer Mannaert doet mee aan (fransdolle) expantiepolitiek? Du jamais vu.
Verwijzen
Ik ben het volledig eens met de uitspraak van Michel Sablon (BDW 1446, p. 28) dat de Heizel niet meer voldoet voor Europees voetbal, maar niet met zijn uitspraken in het kaderstukje ‘Voor alles een oplossing’. Zijn uitspraak over de lange duur vooraleer een project kan gerealiseerd worden door vergunningen en dergelijke, zijn een democratie onwaardig. Het gaat niet op dat initatiefnemers, zij het overheden of privé, zomaar lukraak ergens projecten mogen realiseren zonder dat de burger zich daarover kan uitspreken. Hij moet ook weten dat er genoeg lobbygroepen zijn die beslissingen van ministers in hun voordeel kunnen doen uitdraaien. Dus een democratisch recht van de betrokken burgers om hun mening te uiten en eventueel bezwaren in te dienen, desnoods via de rechtbank of de Raad van State, moet gewaarborgd blijven. Er spelen zeker niet-sportieve belangen mee in de tegenkanting van dit project en wel deze van de omwonenden en bij uitbreiding het hele Heizelplateau. Want dit project overstijgt het lokale. Bovendien kan het plan van de Stad Brussel om op de Heizelvlakte een shoppingcentrum te realiseren niet los gezien worden van het stadionproject. Al deze plannen zullen een negatieve invloed hebben op de leefomgeving van duizenden mensen. Het ware beter geweest om het Koning Boudewijnstadion af te breken en weer op te bouwen op dezelfde plaats, in plaats van een nieuw stadion te bouwen op Vlaams grondgebied.
Opgedragen aan Frederik Deflo van Het Ivoren Aapje (BDW 1446, p. 26-27): Mede door de weg die ik wandelend ontdek, verbind ik opnieuw alles met alles in deze stad zonder rivier maar met eilanden bezaaid.
Hubert Collaer, Laken
Het Ivoren Aapje op het Begijnhofeiland is een bezonken baken vol perspectieven, waar toevallig Brief an den Vater in mijn hand valt. Der Vater heeft Franz Kafka tot nichtigkeit herleid, maar deze noemt hem nicht schuldig. De herinnering weet dat in Der Prozess het hoofdpersonage, Josef K., onschuldig schuldig is. In de Begijnhofkerk krijgen een aantal mensen zonder papieren een slaapplaats. Rody Vanrijkel, Kortenberg
SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.
© IMAGEDESK / WOUTER VAN VOOREN
Carlo Pollart, Leuven
Heizel
PROTESTflits Actie van de Fietsersbond en de vereniging ‘Parents d’Enfants Victimes de la Route’ aan de Pachécolaan in Brussel, ter hoogte van het treinstation Congres. Met een ‘speedgun’ meten ze de snelheid van de voorbijrijdende auto’s in de zone 30. Wie sneller rijdt, krijgt een rode kaart. Wie zich aan de snelheidsbeperking houdt, wordt beloond met een groene kaart. Protesteer je zelf ook of zie je ergens een opvallende actie? Mail je foto met wat info erbij naar protestflits@bdw.be. Wij zoeken het voor je uit. Vergeet je naam en woonplaats niet te vermelden.
© BART DEWAELE
DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK
BRONKS
BDW 1447 PAGINA 19 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
BRUSSEL – Slechte punten voor de nieuwe regering: de maatregel om mensen voortaan tot hun 67ste te laten werken komt voor Oda Van Neygen te laat. De vrouw die 35 jaar lang zorgde voor jeugdtheater in Brussel, en bijna 25 jaar aan het roer stond van Bronks, gaat eind deze maand onherroepelijk met pensioen. © BART DEWAELE
H
oewel ze tot het laatste uur professioneel zal blijven, toont Oda Van Neygen zich tijdens het relaas over haar loopbaan geregeld emotioneel. Ze klinkt ook nog zo vitaal dat ze na Bronks duidelijk nog niet op haar lauweren zal gaan rusten. Al laat ze na het gesprek wel even vallen dat theater in haar nieuwe leven nog slechts een beperkte rol zal spelen. Tenslotte heeft ze ooit ook lang geleefd zonder. Zo blijkt als ik haar bij het begin van ons gesprek vraag naar haar jeugdjaren, en naar de mogelijke oorsprong van haar pioniersrol in het Vlaamse jeugdtheater. Veel plaats voor kunst was er immers niet in een huishouden met twaalf kinderen. Vader was een strenge onderwijzer en boeken dienden alleen om te studeren. Uiteindelijk waren het enkele creatieve leerkrachten en familieleden, de scouts, enkele stiekeme cinemabezoekjes, en het inspirerende film-, muziek- en theatervolkje uit onder meer de Beursschouwburg dat net zoals zij graag café Arduinkaai frequenteerde, die het theater langzaam dichterbij brachten.
ODA VAN NEYGEN:
“Tijdens nagesprekken ben ik vaak het gelukkigst. Kinderen zien dikwijls veel meer dan volwassenen denken, en zelfs meer dan volwassenen zelf zien”
ze kenden de hele verhaallijn en konden zelfs citeren zoals ze dat nu nog altijd vaak doen. Voor de middelbare scholieren programmeerde Van Neygen in de plaats van MMT nieuwe theatermakers als Blauwe Maandag Cie, Lucas Vandervorst, Jan Decorte en tg Stan. En
JEUGDTHEATER > ODA VAN NEYGEN MET PENSIOEN
EEN BEETJE WEES
Sinds 2009 heeft Bronks een vaste stek aan de Varkensmarkt, “en iedereen die hier komt vindt het fantastisch.”
zij deden zelf de inleiding. Van Neygen begon ook met een filmprogramma voor scholen en richtte mee de belangenvereniging Omikron op die later opging in het Vlaams Theaterinstituut. Maar uiteindelijk kwam aan het verhaal van steeds meer doen met heel weinig middelen toch een einde.
Zwanger Van Neygen: “Na het overlijden van Dirk Vercruysse, de zeer bezielende artistieke leider van de Beursschouwburg, volgden een paar nieuwe directeurs elkaar op, en uiteindelijk maakte Paul Corthouts tabula rasa en ik moest eruit. Dat was een complete schok, want mijn werking bloeide. Ik was kwaad, heb even geweend, heb nog pogingen ondernomen om de beslissing ongedaan te laten
maken, maar toen dat niet lukte ben ik meteen beginnen te lobbyen om verder te kunnen. Met een dikke buik, want ik was toen vier maanden zwanger. Ik kreeg wat geld om iemand voor de zakelijke leiding, de promotie en de omkadering te kunnen aantrekken. Van het Centrum voor Amateurkunsten mocht ik de zaal in Anderlecht een jaar gratis gebruiken, en ik kreeg een ongemeubileerd bureau in Elsene. In december 1991 is Bronks opgericht. Maar als ik het nu zou moeten overdoen zou ik er niet aan beginnen want het was waanzin en het heeft heel veel gevergd.” Vanaf 1993 kon Bronks een klooster in de Brialmontstraat huren. Theatermaker Paul Peyskens werd de eerste regisseur. Van hem kwam ook de naam ‘Bronks’, die staat voor ‘BRussel ONderwijs KunSt’. De Nederlander Ad van
Theaterboot Tot aan het podiumkunstendecreet in 1999 bleven de subsidies altijd heel beperkt, terwijl de extra speelplek in het Paleis voor Schone Kunsten toch een gebrekkige oplossing bleef voor de geringe capaciteit in de Brialmontstraat. “We bleven dus ook permanent op zoek naar een vaste locatie. Onze festivals in het Hof van Grimbergen, De Markten of de Bottelarij waren romantisch en plezant maar ook heel arbeidsintensief. Bij mijn ontslag uit de Beursschouwburg had de VGC onmiddellijk gezegd dat er een huis voor kinder-, jeugd- en jongerentheater zou komen. Maar de VGC beschikt over weinig middelen, en de Vlaamse gemeenschap had haar middelen al aan andere Brusselse cultuurhuizen gespendeerd. Talloze leegstaande gebouwen hebben we bezocht. Op een bepaald moment wilden we zelf de Antwerpse theaterboot De Ark naar Brussel halen, maar hij kon niet onder de Van Praetbrug. De plannen van architecte Martine de Maeseneer voor het Imelda-instituut aan de Moutstraat werden tot twee keer toe afgekeurd door Monumenten en Landschappen. Even wilde Bert Anciaux ons nog terug naar de Beursschouwburg laten gaan, maar uiteindelijk zitten we sinds 2009 in dit nieuwe gebouw van Martine, en iedereen die hier komt vindt het fantastisch.”
Op café
© FILIP DUJARDIN
Oda Van Neygen: “De Beursschouwburg toonde in de Workshop in Schaarbeek interessante theatervoorstellingen zoals de vroege regies van Franz Marijnen, maar ook voorstellingen uit het buitenland. Als dat theater was dan leek me dat wel fantastisch. In 1976 ben ik als vrijwilliger het archief van de Beursschouwburg beginnen ordenen. Daardoor had ik al veel gelezen over het kindertheater in Nederland toen ik in 1977 door de Beursschouwburg werd aangenomen, en met Jari De Meulemeester mee op prospectie mocht. Op dat moment liet Beursschouwburgdirecteur Frans Van Langendonck gewoon de voorstellingen voor volwassenen van Yvonne Lex, Arca of het Mechels Miniatuurtheater (MMT) aan de scholieren zien. Ik begeleidde die scholen wel, maar ik had niets met die voorstellingen. Alleen het poppentheater vond ik wel goed. Maar langzamerhand mocht ik zelf jeugdtheatervoorstellingen aanbrengen. Omdat ik er zoveel ontdekte, introduceerden we in 1980 de slogan ‘Elke zondag kinderdag’, met een aanbod uit verschillende disciplines. En dat werkte. Het publiek kwam erop af, en de gezelschappen uit Nederland bleven op den duur ook op maandag en dinsdag voor schoolvoorstellingen.” Het Vlaamse aanbod aan kindertheater was toen nog zeer beperkt. Van Neygen: “Je had het Koninklijk Jeugdtheater (KJT) in Antwerpen dat vooral brave sprookjes bracht, de kindermusicals van het Speeltheater van Eva Bal in Gent, het animatietheater van Stekelbees, of het poppentheater van Taptoe. Ik haalde de grote poppenspeler Jozef van den Berg uit Nederland naar hier, die altijd een kinderversie van zijn voorstelling voor volwassenen maakte. Leerkrachten zeiden soms nog: ‘mevrouw, wat u toont is veel te moeilijk voor die kinderen.’ Maar toen ik de speldocenten van Eva Bal nagesprekken liet doen in de klassen, bleek dat de kinderen alles hadden begrepen,
Iersel maakte de eerste kleutervoorstellingen. Uit het volwassenentheater en de toneelopleidingen kwamen artiesten als Dimitri Leue, Pascale Platel, Raven Ruëll, Benjamin Verdonck, Olympique Dramatique, Steven Van Herreweghe en vele anderen al vroeg in hun carrière bij Bronks terecht.
En wat is het dan volgens haar dat jeugdtheater een kind kan bijbrengen? Van Neygen: “Voor mij draait het niet per se om jeugdtheater. Ik vind wel dat een kind met zoveel mogelijk kunstvormen in aanraking moet komen. Maar als jeugdtheatervoorstellingen vanuit een noodzaak van de makers gecreëerd zijn, dan raken ze altijd ook aan de leefwereld van kinderen. Hun fantasie, leergierigheid en openheid is zeer groot. Theater spreekt hun creativiteit en zintuigen aan, zeker als ze zelf ook eens op een podium mogen staan. Mondiger zijn de Vlaamse kinderen al geworden – in sommige gevallen zelfs wat opgefokt of babbelziek – maar die openheid en leergierigheid zal altijd blijven. Tijdens nagesprekken ben ik vaak het gelukkigst. Kinderen zien dikwijls veel meer dan volwassenen denken, en zelfs meer dan volwassenen zelf zien.” In verband met dat laatste verdedigt Van Neygen ook nog vol vuur de recentste Bronks-productie WIJ/ZIJ waarin regisseur Carly Wijs demonstreerde hoe je zelfs over de gijzeling in Beslan een uitstekende jeugdvoorstelling kan maken. Gelukkig heeft ze ook al plannen voor de toekomst. Van Neygen: “Vorig jaar ben ik ook ernstig ziek geweest en heb ik Veerle Kerckhoven en Marij De Nys (haar opvolgsters voor de artistieke leiding) nog beter leren kennen toen ze bij mij thuis kwamen om bepaalde zaken te regelen. Ik kan alles met het volste vertrouwen aan hen en de rest van de ploeg overlaten. Ik heb het al moeilijk gehad met het feit dat ik alles nu moet loslaten, maar ik had me ook altijd voorgenomen dat ik op mijn 65ste zou stoppen en ik begin er aan te wennen. Ik ga fotograferen, orde brengen in het enorm archief dat al van de Beursschouwburg en van Bronks naar het AMVB is overgeheveld, meer met de familie bezig zijn en terug wat meer op café gaan. Maar niet te zat (lacht).” Michaël Bellon www.bronks.be
BDW 1447 PAGINA 20 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
Š NATIONAAL GEOGRAFISCH INSTITUUT
Š NAAM FOTOGRAAF
BDW 1447 PAGINA 21 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
Met de paardentram door brussel, 1875-1880 De vorige kaarten die u in BDW hebt kunnen inkijken, waren altijd zeer goed gedocumenteerd. Bij de kaart van het Nationaal Geografisch Instituut (NGI) die we u deze week tonen is dat wel even anders. Het enige dat we van bijgevoegde kaart weten, is dat ze een van de eerste kaarten is die het tram- en treinnetwerk van Brussel tonen. We zien een modern ogende, maar kleine stad, met toch al flink wat openbaar vervoer. Zo zijn er al trams (de rode lijnen) tussen Sint-Gillis en Schaarbeek (op de Centrale Lanen, ietsje onder het midden van de kaart), in de Koningsstraat (vierde rij van boven te beginnen) en in de Leopoldwijk (het gerasterd stratenpatroon bovenaan). Brussel is voor de gelegenheid op zijn kant gelegd, waardoor het oosten bovenaan ligt. We weten niet veel meer over bovenstaand plan. Maar door een beetje speurwerk met dank aan de medewerkers van het MIVB-Trammuseum - kunnen we bijna met zekerheid zeggen dat de kaart de tramlijnen tussen 1875 en 1880 toont. Er waren toen verschillende bedrijven die tramdiensten aanboden, haast allemaal van het bedrijf Les Tramways Bruxellois. Op de kaart zien we voorts dat het Jubelpark nog een oefenveld was, wat de datering gemakkelijker heeft gemaakt (geopend in 1880). En ook het Zuidstation is er al, en ligt niet op het Rouppeplein, dus is het later dan 1869. Waarom dateren we dan tussen 1875 en 1880? Wel, hoewel het netwerk al uitgestrekt is op de kaart, betreft het alleen paardentramlijnen, waarvan de eerste (in de Koningsstraat) in 1869 in dienst werd genomen. Het duurde dan nog enkele CD jaren om het afgebeelde netwerk aan te leggen. Meer informatie en kaarten: facebook.com/NGIIGN of 02-629.82.82. De kaarten zijn verkrijgbaar bij het NGI.
BDW 1447 PAGINA 22 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
© TAMAWA
De gekleurde bolletjes uit bakeliet zijn het handelsmerk van Tamawa geworden.
Design > Tamawa verovert vanuit Brussel de wereld
‘Ik ben niet geobsedeerd door die bolletjes’ © TAMAWA
BRUSSEL – Intussen worden ze verkocht in de museumwinkels van het Moma in New York en het Centre Pompidou in Parijs, maar ze worden nog steeds allemaal in Brussel gemaakt: de horloges van Tamawa.
Z
HUBERT VERSTRAETEN:
“Ik moet anders zijn, uniek zijn in mijn genre”
Uniek product
© TAMAWA
opas verhuisde Hubert Verstraeten met zijn bedrijf Tamawa naar een gloednieuw gebouw, vlakbij het Brusselse Zuidstation. Dat atelier ligt op de Cityline-site, die er kwam op initiatief van citydev.brussels. Op de site combineert Citydev woningen met ateliers en burelen voor bedrijven. “In totaal werken hier intussen zo’n 65 mensen bij een tiental bedrijven, bij Tamawa werken er zes. Aangezien iedereen zo dicht bij elkaar zit en de deuren en poorten hier vaak openstaan, lopen we af en toe bij elkaar binnen om een babbeltje te slaan. Bovendien is deze site ook goed geïntegreerd in het stadsweefsel: de metro is vlakbij, en er zijn heel wat winkels in de buurt”, begint Hubert Verstraeten. Aangezien Verstraeten onlangs een Japanse hoogtechnologische bewerkingsmachine met vijf assen heeft gekocht, kon hij niet langer in zijn voormalige atelier blijven. “Tot nu
toe werkte ik in het achterhuis van mijn huis in Sint-Pieters-Woluwe. Maar door het gewicht en de kracht vereist deze machine een stevige ondergrond, en ook een sectionaalpoort behoorde tot de musts. En dus ging ik op zoek naar een nieuwe, maar betaalbare locatie,” stelt Verstraeten.
Boven: het begon allemaal met horloges. Onder: de poignée de porte is eveneens een succes.
Naast de technische vereisten stond daarbij nog één eis als een paal boven water: Verstraeten wilde koste wat het kost in het centrum van Brussel blijven. “Ik ben afkomstig van Brussel, en ik leef in Brussel. Dus ik wilde ook in Brussel blijven. Bovendien vind ik het bijzonder belangrijk om de artisanale productie in de stad te houden. Meer en meer bedrijven vestigen zich in de Rand, terwijl het net enorm belangrijk is om een mix tussen werk en leven in de stad aan te bieden. Want het is die mix die voor onze levenskwaliteit zorgt, en die ervoor zorgt dat we ons goed in ons vel en in onze stad voelen. In Brussel is dat evenwicht volledig zoek, en daar lijdt de stad enorm onder. Dat Citydev deze ruimtes dus aan een gunstig tarief ter beschikking stelt, en zo bedrijven de kans geeft om in de stad te
blijven, is enorm waardevol,” vertelt de ontwerper. Hoewel de gekleurde bolletjes uit bakeliet intussen het handelsmerk van Tamawa zijn geworden, kwam Hubert Verstraeten – die goud- en zilversmeedkunst studeerde aan de prestigieuze Duitse school in Pforzheim - eerder toevallig op het idee. “Op een bepaald moment was ik op zoek naar kleine bolletjes in inox, en zo kwam ik terecht bij Saluc. Dat Belgische bedrijf neemt zo’n 80 procent van de mondiale productie van biljartballen voor zijn rekening. Die ontmoeting inspireerde me om in 2008 ook zelf aan de slag te gaan met bakeliet,” stelt Verstraeten. Al snel zag het allereerste horloge het levenslicht. “Intussen heb ik verschillende producten gemaakt,
maar de horloges blijven de absolute bestsellers. Ze zijn ook te koop in prestigieuze winkels zoals die van het Museum of Modern Art (Moma) in New York en het Centre Pompidou in Parijs. Na het horloge volgden er onder meer ringen, die me inspireerden voor de naam van mijn merk. Tamawa betekent namelijk ‘bal op ring’ in het Japans.” Nog wat later verlegde Verstraeten zijn grenzen, en bracht hij ook interieurobjecten uit. Daarvoor werkte hij meermaals samen met gerenommeerde Belgische ontwerpers. Zo ontwierp Brusselaar – en tevens Tamawa’s buurman - Sylvain Willenz onder meer kapstokjes en een lamp. Of creëerde de Brusselse architect en designer Alain Berteau een kleurrijke zout- en pepermolen. “Aangezien de kern van mijn merk monovorm en monomateriaal is, namelijk telkens een kleine gekleurde bakeliet- of aramithbal, vond ik het boeiend om ook andere designers uit te nodigen om hun interpretatie te geven. En zo een dynamiek binnen de collectie te creëren. Anderzijds vind ik het ook belangrijk om die kern te behouden, en zo een sterke identiteit te verwezelijken. Want ik heb geen massa’s geld om in te zetten op marketing, en ik kan ook niet de goedkoopste juwelen en objecten produceren. Dus moet ik anders zijn, uniek zijn in mijn genre. Bovendien is Saluc zowat de enige producent ter wereld van dit materiaal, waardoor mijn stukken ook heel moeilijk kopieerbaar zijn,” stelt Verstraeten.
Nieuwe aanwinst Dankzij de nieuwe machine kan Verstraeten nu ook zijn collectie opnieuw uitbreiden. “Mijn nieuwe ring had ik vroeger nooit kunnen maken, terwijl het maken zelf nu relatief snel gaat. Eens de machine juist is afgesteld, duurt het exact 3 minuten en 25 seconden om van een balletje bakeliet een ring te maken. Bovendien kan ik nu ook voor het eerst alleen bakeliet gebruiken, en zo de schoonheid van het materiaal extra in de verf zetten. Want ik ben niet geobsedeerd door die bolletjes, maar wel door de duurzaamheid en kwaliteit van het materiaal,” stelt Verstraeten. Bovendien kan hij nu ook echt het hele productieproces onder controle houden. “Bepaalde technische onderdelen voor de horloges of pepermolens kopen we natuurlijk aan, maar de verwerking van het bakeliet en de assemblage gebeurt volledig in het atelier. Ik hou van zo’n geïntegreerde structuur, want het is belangrijk om de controle te houden over het hele proces: van het ontwerp tot de verkoop.” Momenteel stelt Tamawa de nieuwe ringen en een kleurrijke deurklink voor op de Biennale Interieur in Kortrijk, en bouwt het zijn markt nog verder uit. Want intussen is dit 100 procent Belgisch product wereldwijd in maar liefst 200 verkooppunten, verspreid over twintig landen, te koop. Elien Haentjens www.tamawa.be
BDW 1447 PAGINA 23 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
© ILAH
Strip > Beeldverhaal Sint-Lukas viert 15 jaar
Meer dan een tekenopleiding De opleiding Beeldverhaal van Sint-Lukas Brussel bestaat 15 jaar. Dat wordt gevierd met een driedaagse gevuld met workshops, lezingen en meer over het stripverhaal. In 1998 was Sint-Lukas Brussel de eerste Nederlandstalige hogeschool die een stripopleiding aanbood. Vijftien jaar later is de opleiding nog steeds uniek in Vlaanderen. Geen enkele andere school geeft het beeldverhaal immers een volwaardige plaats binnen haar opleidingsaanbod. Beeldverhaal op Sint-Lukas Brussel onderscheidt zich in Vlaanderen door niet enkel aandacht te besteden aan het beeld, maar ook het narratieve centraal te stellen. De voorbije 15 jaar is de focus van de opleiding wel geëvolueerd van het stripverhaal naar beeldverhalen in het algemeen. Graphic novels wonnen alsmaar meer aan populariteit en de opleiding paste zich hieraan dan ook aan.
In de toekomst gaat Beeldverhaal meer aandacht besteden aan de internationalisering van de opleiding. Enkele oud-studenten van Beeldverhaal zijn Judith Vanistendael, Conz en Olivier Schrauwen. Van 5 november tot 7 november organiseert de opleiding een driedaagse om haar 15-jarige bestaan te vieren. Het programma bestaat onder meer uit een workshop risografi e, gegeven door Judith Vanistendael, een live window drawing waarbij studenten Beeldverhaal van Brussel met studenten Illustratie van Gent een raamtekening zullen maken en verschillende lezingen, waaronder een door Inge Heremans (Ilah) die ook de visual voor de driedaagse creëerde (zie boven). Daarnaast worden er een wafelenbak en een geleide stripwandeling door Brussel georganiseerd. De activiteiten zijn gratis, maar voor sommigen is inschrijven verplicht.
Dylan Belgrado
ADVERTENTIE
Sociale Verhuurkantoren (SVK)
Verhuur uw woning zonder risico en zonder zorgen
a Gegarandeerde huur elke maand a
Verzekerd verhuurbeheer
a Onderhoud van uw woning
a Hulp bij renovatie a Fiscale voordelen
www.fedsvk.be 02 412 72 44
konden leven? Uiteraard niet, men zette er everzwijnen en herten op net vooraleer Keizer Karel trek had om te gaan jagen. Zoals de vissersvereniging brasem op de clubvijver zet. Hoe groter een diersoort, hoe minder er van nature per vierkante kilometer voorkomen. Dat er nog herten rondhuppelen in de Belgische bossen, mag hoe dan ook een klein wonder heten. Dat is het resultaat van eeuwenlang secuur wildbeheer door mensen met geld. Met de expliciete bedoeling om ten eeuwigen dage te kunnen blijven jagen en eten. Er zijn weinig menselijke veeteelttakken die ‘duurzamer’ zijn gemanaged dan de jacht. In de visserij beginnen ze er nog maar pas aan (sinds 1957 om precies te zijn). Ik ben dus niet tegen de jacht. Laat dat duidelijk zijn. Het is door de jacht dat er nog wild is. Waar ik het moeilijker mee heb, zijn de jagers. Stop een man een jachtgeweer in de handen en hij ontpopt meestal tot een trol. Vooral de occasionele jagers zijn schadelijk. Er bestaan semiprofessionele jagers die best interessante mensen zijn, waar een interessant klapke mee te doen valt, maar die dragen doorgaans geen bretellen van Louis Vuitton. In onze moderne wereld van controle over alles en nog wat is wild verdacht voedsel. Het FAVV heeft geen idee wat die beesten in hun leven hebben gegeten. En eigenlijk zou dat niet mogen, vinden critici van wild. Misschien zat dat wild zwijn wel op een BRUSSEL EN DE WERELD nucleair stort of fourageerde het in de vuilnisbakCULINAIR ONTDEKT ken van een ziekenhuis? Wie kan zoiets certifi ceren? Wild is (per defi nitie) dus nooit bio! Omdat wilde dieren ook nooit behandeld werden tegen vieze ziektes of parasieten, zelfs in hun hele bestaan nooit naar de controlearts gingen, is het raden naar hun gevaar als voedsel voor de medemens. Wild eten is r oulette ardennaise. Maar niet bang zijn, de jagers die mogen leveren aan de poeliers en wildspecialisten zijn in principe getraind in het opsporen en herHet wildseizoen is gestart, zo leren mij de folders kennen van gevaarlijke toestanden, de groothandels van de supermarkten. Maar wat is dat eigenlijk, en eindverkopers ook. een wildseizoen? Maar dat brengt ons in de keuken. Om hogervermelde redenen zitten er nooit nog ingewanden in wild, Eigenlijk is er altijd legaal wild te krijgen, het hele geen triperie van haas, geen lever van reebok. Om jaar door. Wie de jachtkalender onder ogen krijgt, dat te proeven, zult u zelf jager moeten worden. Dat moet even naar adem snakken om te begrijpen is ook de reden waarom men vroeger wild nooit rosé wanneer wat mag worden geschoten: dan dat wel, dan dit weer niet, een leek als ik staat erbij en kijkt ernaar. In Brussel, Wallonië en Vlaanderen zijn de data anders? Hoe zit dat met onze buurlanden, ik weet het niet. En dan is er de handel in hazen uit de pampa’s van Argentinië. Moeten daarvoor de regels van hier gelden? En die antilopen van Zuid-Afrika? Een wrattenzwijn zou er zijn jongen niet in terugvinden. Wild is van oorsprong het resultaat van de jacht. En jacht is behoorlijk controversieel in onze ingewikkelde tijden. Omdat jagers dieren doodschieten? Ja, maar waar zit het verschil met kippen- en runderslachthuizen, of met de visserij? Konijntjes zijn aaibaarder dan rode ponen. Verder is er een stroming die zegt dat je van de natuur moet afblijven. Wat wild is, hoort niet uit de bossen te worden of saignant klaar maakte, goed afgehangen en goed gehaald. Maar ook daar klopt de redenering niet doorgestoofd, zo hoorde het. helemaal. Wild is namelijk niet... wild. Heel, heel Vandaag serveert men wild veel korter gegaard en lang geleden eigende de adel zich het alleenrecht dat is lekker ook. Wanneer een stuk wild eerst werd toe om te mogen jagen. Wie ging stropen, werd ingevroren, is er alvast geen gevaar meer voor pamet de dood gestraft. Jagen was trouwens zowat rasieten (vergelijk met de maatjesharing). Dan zijn het enige tijdverdrijf van de rijken. Net zoals de er gebieden die zo zuiver zijn dat men zich niet erg kinderen een zomervakantie kregen om te kunnen zorgen maakt over het biotoop van het wild (denk helpen bij de oogst op de velden, begint in ons land aan Scandinavië). En dan is er uiteraard ook het wild het parlementaire jaar slechts half oktober om de dat gekweekt wordt in volledig gecontroleerde omvertegenwoordigers des volks de gelegenheid te ge- standigheden. In de Westhoek zijn er hertenfarms ven om eerst nog op jacht te gaan, een gebruik uit naast de blanc bleu belge en de struisvogelrennen. een tijd dat er nog geen vakantie voor grote mensen Maar is dat dan nog wild? Je kan niet alles hebben: avontuur en zekerheid of natuur met klinische netbestond. Gezien het succes van de jacht als ontspanning heid. “ Adventure is just bad planning,” zoals Roald voor de hogere klassen heeft men millennia lang Amundsen zei – maar dan waarschijnlijk in het de wildstapel verzorgd en gekruist, geselecteerd en Noors. Smakelijk. verplaatst. Wat vandaag op uw bord komt als wild, heeft evenveel te maken met ongerepte natuur als nick.trachet@bdw.be de kaaien van een haven met een rotskust. Neem de Warande van Brussel. Ooit werd daar gejaagd. De hele reeks nalezen? Was dat park dan zo groot dat er herten in het wild www.brusselnieuws.be/trachet
Nick Trachet Jacht
“Wat vandaag op uw bord komt als wild, heeft evenveel te maken met ongerepte natuur als de kaaien van een haven met een rotskust”
BDW 1447 PAGINA 24 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
Boek > Vlaamse primitief ‘Pieter Coecke van Aelst’
Een rijke schoonvader kies je zelf Dankzij het boek krijgt de schoonvader van Pieter Bruegel de Oude en grootvader van de nazaten Bruegel, als Vlaamse primitief mondiale renommee. Van Bruegel weet iedereen dat hij op verzoek van zijn toekomstige schoonmoeder Mayken Verhulst in het huis van Pieter Coecke van Aelst (1502–1550) kwam inwonen, nu in de Marollen. De laatste jaren van zijn leven had Coecke zijn atelier in Brussel gevestigd, waar Bruegel in dienst was. Het ging de sinds 1543 ingeweken vrijmetselaar (en sinds zijn twintigste Antwerpenaar) in Brussel voor de wind. Auteur Elisabeth Cleveland van het Metropolitan Museum steekt het niet onder stoelen of banken: al in zijn tijd werd Coecke in de Lage Landen geprezen als ‘tweetalige vertolker van de Ita-
liaanse renaissancetheorie’ en als ‘hofschilder van Karel V en diens zus landvoogdes Maria van Hongarije’. Dat hij later in de vergeethoek geraakte, is mogelijk te wijten aan de grotere faam van zijn schoonzoon Bruegel. En uiteraard ook omdat zijn uitmuntende wandtapijtkartons niet gesigneerd waren. Zijn opdrachtgevers vonden het evident om hem af te doen als ‘een schilder’, de adembenemende tapijtsuites ten spijt. Dat hij zo meesterlijk was in zoveel kunsttakken, was wat ‘pervers’, meent de Amerikaanse auteur. Met een stuiver per dag, van Maria van Hongarije, rooide de ontwerper het goed. Wandtapijtenreeksen als De verovering van Tunis, een reeks over het Leven van de heilige Paulus, Het Scheppingsverhaal en de Geschiedenissen van Jozua, Tobias,
25 ADVERTENTIE
14:00 - 19:00
© MERCATORFONDS
BRUSSEL – De tentoonstelling ‘Grand design: Pieter Coecke van Aelst’ in het Metropolitan Museum of Art (nog tot 11 januari 2015) bleek het geknipte moment om een monumentale monografie over leven en werk van de renaissancearchitect, paneelschilder, ontwerper van tapijtkartons, glasramen en edelsmeedwerk te publiceren. In New York ligt de focus op negentien Brusselse wandtapijten van zijn hand, voor verzamelaars als Keizer Karel, François Premier, Hendrik VIII van Engeland en Cosimo de’ Medici.
live optredens
Abraham, Julius Caesar, Vertumnus en Pomono of De zeven hoofdzonden tonen net als een paneeltriptiek Verrijzenis (met lutherse symboliek) hoe meesterlijk veelzijdig Coecke wel was, zo leren de hoofdstukken over de tapijtkartons en wandtapijten zelf. Telkens blijkt het duale van beroemdheid en vergetelheid in deze verhalen ons te beschamen als ‘onchauvinistische’ Vlaamse kunstliefhebber. Veel van zijn werk is gelukkig met zorg bewaard, vermoedelijk dankzij de hoge artistieke en materiaalkwaliteit. Vandaar dat een zorgvuldig overzicht als deze monografie mogelijk was. Coecke ligt begraven in de Brusselse Sint-Gorikskerk, met een foute sterfdatum op zijn steen. Zijn weduwe Mayken en de overlevende dochters Antonette en Mayken (vrouw van Bruegel) kregen in Aalst een royaal stadspensioen na zijn dood. JMB Ook dat vertelt dit werk. Pieter Coecke van Aelst. Schilder, tekenaar en tapijtontwerper in de noordelijke renaissance, Elizabeth Cleland e.a., Mercatorfonds, 400 blz, 99,95 euro
ADVERTENTIE
JAAR VGC MUNTPLEIN MUNTPUNT
De Piepkes, Shakedown Tim & The Rhythm Revue, The Blue Heathens Jazz Band
dansvoorstellingen
v.u.: Eric Verrept, leidend ambtenaar, Emile Jacqmainlaan 135, 1000 Brussel.
o.a. The Dipsy Doodles, The Glam Cats, BlueBird Ladies, On The Roof, Nosotros Tango Club & Amigos ragga - hiphop - breakdance
19:00 - 22:00
FM Brussel dance party
PARTNERS
Chokri Ben Chikha / Action Zoo humain
Performatieve tentoonstelling over complexe meervoudige identiteit met theatrale bezoeken op 30.10 - 06.11 - 13.11 - 20.11 In 2020 wordt in Dubai de 35e Wereldexpo gehouden: er wordt verwacht dat meer dan 120 landen en organisaties zullen deelnemen! Ook Vlaanderen.
PARTNERS
www.vgc.be
25 OKTOBER 2014
DANSFEEST
? uw logo hier
Dankzij zijn opdracht als artiest in residentie en met de steun van talrijke Dilbekenaren heeft Chokri Ben Chikha, onderzoeker en doctor in de Kunsten, de eerste stappen kunnen zetten voor de ontwikkeling van het Vlaams Paviljoen. Tijdens theatrale bezoeken wordt niet alleen het paviljoen voorgesteld maar wordt onze Vlaamse identiteit ook in vraag gesteld.
BDW 1447 PAGINA 25 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
Artists in residence Paolo Sorrentino in Rome
De Tiber en de Styx © CINEFAGOSMUERTOS.COM
BRUSSEL – Na meer dan een jaar kan je in de Elsense cinema Styx nog altijd naar de Tiber gaan kijken, in de Oscarwinnende film La Grande Belleza van de Italiaanse regisseur Paolo Sorrentino. Daarin laat Rome, als een van de twee hoofdpersonages, zich van al haar kanten zien. La Grande Belleza toont en zegt heel veel dingen tegelijk. Of dat een grote verdienste is, is een andere kwestie, maar het leek in ieder geval niet de bedoeling van Sorrentino om één scherpe analyse of één gebald statement te maken. De film doet uitspraken over leven, ouder worden, nostalgie, spirituele leegte, hypocrisie, uiterlijkheden, fictie, film en andere kunstvormen, sociale omgangsvormen, seks, religie, politiek, roots en migratie, dood, en schoonheid. En die veelheid maakt er in combinatie met de royale visuele nadruk op de Romeinse setting, finaal ook een film over de grootstad van. De mooie plaatjes die de gretig zoekende camera schiet van de eeuwige stad, in het zog van het andere hoofdpersonage – de na zijn succesvol debuut op zijn lauweren rustende schrijver Jep Gambardella – vormen een van de belangrijkste redenen waarom mensen zoveel van de film houden. Op internet kan je ondertussen keurig nagaan welke fantastische locaties Sorrentino allemaal gebruikte. Het stemt
La Grande Belleza: een royale visuele nadruk op Rome.
dan ook tot nadenken dat de sympathieke Jep, die iets te nadrukkelijk ‘zoekende’ is om een echte cynicus te zijn, op het einde van de film zegt dat zijn writer’s block te maken heeft met zijn vergeefse zoektocht naar ‘la grande belleza’. Niet alleen Rome zou al schoon genoeg moeten zijn. Ook het volk, de lijven, de modieuze kleren, de opzwepende muziek en de exuberante performances op de door hem gefrequenteerde of georganiseerde feestjes ambiëren die schoonheid. Toch ziet Jep in dat
alles alleen de decorstukken zijn voor het toneeltje dat hij speelt als koning van de jetset de ‘mondanità’ die filmcritici dan graag associëren met het verdorven bunga bunga-bewind van Berlusconi. Wie graag zwelgt in fictioneel uitvergrote (?) weergaven van decadente Romeinse feestjes, kunnen we overigens ook het boek Laat het feest beginnen van Niccolò Ammaniti aanbevelen. Wellicht is het niet toevallig dat Ammaniti’s naam in La Grande Belleza wordt
genoemd. Want hoewel je de branie niet mag onderschatten waarmee dergelijke decadente feestjes door sommige Italianen/Romeinen gekoesterd worden, kan je misschien toch zeggen dat Ammaniti’s boek en Sorrentino’s film de vraag opwerpen hoe een land dat symbool staat voor beschaving, zulke onbeschoftheden kan voortbrengen. Stelt Sorrentino, zelf geen Romein maar een Napolitaan, misschien dat de overweldigende, niet te overtreffen schoonheid van een stad als Rome haar inwoners ontmoedigt in hun streven naar morele schoonheid? Nevenpersonages in de film klagen in ieder geval dat wie in Rome belandt onvermijdelijk een mediocer individu wordt. Eentje trekt er zelf gedesillusioneerd uit weg. De film begint ook met een scène waarin een Japanse toerist letterlijk bezwijkt als hij de stad door zijn camera in ogenschouw neemt. De schoonheid wordt in La Grande Belleza bijna altijd vergezeld van de dood. De ‘dode’ kunst van eeuwen geleden wordt aanschouwd in doodse stilte. Jep zegt niet zonder reden dat hij het gevoel heeft dat alles om hem heen sterft. Misschien is dit dan toch de clou van deze film, die de vergeefsheid van de met botox opgespoten Italiaanse obsessie met la bella figura illustreert: wie naar schoonheid speurt, moet de dood onder ogen durven zien. Geen Tiber zonder Styx. Zo zijn het de rimpels en de tandeloze mond van de heilige non, en de plotse dood van zijn jeugdliefde, die Jep uiteindelijk terugbrengen naar het Proustiaanse moment (Proust is de andere schrijver die naast Ammaniti wordt genoemd) waarin hij in de prille, nog niet-verbouwde borsten van die jeugdliefde la grande belleza mocht aanschouwen. Michaël Bellon www.brusselnieuws.be/inresidence
ADVERTENTIE
rs. urs tou nto on oo wo /w k m/ o om o .co b k.c e o c o a b .f e w c w a .f w w ww
Tijdens een woontour verkennen we alle wijken van Brussel met een woonbril. U verneemt alles over huren en kopen in de hoofdstad. U krijgt er een heleboel praktische informatie over de buurten bovenop: de bereikbaarheid met het openbaar vervoer, de aanwezigheid van scholen en groen, de sfeer … Info en inschrijving via 0800 20 400 of www.woneninbrussel.be.
BDW 1447 PAGINA 26 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
Nathalie Uffner: “Mijn excentrieke stijl slaat al jaren in Brussel aan, terwijl Wallonië pas nu rijp is om over en met homo’s te lachen.”
© MARC GYSENS
Nathalie Uffner, theaterdirecteur
‘Van karperkoppen eten word je slim’ ELSENE – De grootste lachscène van Brussel, het Théâtre de la Toison d’Or (TTO), bestaat in november twintig jaar. Komedies als ‘Cendrillon, ce macho’ – schromelijk doodgezwegen door Vlaamse media – haalden er reprises en reprises tot 40.000 toeschouwers. Voor Nathalie Uffner, oprichter en regisseuractrice van het private TTO, blijft humor de beste saus in de levenskeuken. Het bewijs: vorige donderdag kwam haar hilarisch joods kookboek uit, een schalkse herbronning van een joodse ‘kiekenfretter’ die bovenal ‘Gefilte Fish’ en bagels lust.
W
at bijna twintig jaar onder het stof lag als cinemazaal in de Guldenvliesgalerij, blies Nathalie Uffner (°1962) in 1994 nieuw leven in. Een achterinzaal met bioscoopzetels ‘faceliften’ tot een toneelhuis, en al je spaarcentjes riskeren, je moet het durven. Maar Uffner – toen al succesvol actrice, gepassioneerd door komedie - had feeling voor commercie. En haar man Albert, ging er honderd procent in mee. “Na mijn acteuropleiding in het Conservatoire in
Brussel, debuteerde ik in het cafétheater La Samaritaine. Mijn ouders waren al blij dat ik als slechte leerling van het Athenée Gatti de Gamond, iets verder studeerde, ongeacht wat. En zelf dacht ik toen dat ik tot niets anders dan acteren in staat was. Eens afgestudeerd kon ik mezelf definiëren als atypisch en allesbehalve klassiek speler. In grote theaterhuizen, zeg maar ‘les institutions’, kon ik zo dus niet terecht. Maar mijn eerste one-womanshow in La Samaritaine sloeg aan. Ook het tweede
stuk viel in de smaak. Ik bracht en bewerkte vanalles, zoals van de Franse scenarist Roland Topor. En het publiek kwam terug, speciaal voor mij. Komedie bleek duidelijk in mijn jas te zitten. Toen ik als dertiger mijn man Albert leerde kennen, een zakenman die wel eens voor zijn plezier een toneeladaptatie schreef, dachten we dat een eigen zaal wel zou draaien. Want elke komedie die ik bracht deed het nu eenmaal. Met mijn jeugdvriendin Sylvie Rager (nu zakelijk leider TTO), twee andere partners
Schrik van de Bart De Wevers “Mijn eerste vriendje toen ik achttien was, in de Kerkstraat in Sint-Agatha-Berchem – waar mijn ouders trouwens nog wonen – was een Marokkaanse moslim. Het heeft me goed gedaan om uit mijn beschermd milieu te stappen en een andere wereld te ontdekken. Ik denk dat het me onbewust erg heeft geholpen om tolerant te zijn. Een joods meisje dat met een moslimjongen uitging was ongezien begin jaren 1980. In mijn humaniora waren er trouwens amper jongeren van vreemde origine. Ik wil me niet uitlaten over politiek, want daar verdiep ik me te weinig in. Maar zoals iedereen ben ik vandaag bang van de Bart De Wevers van dit land, net als van de sterke rechtervleugel van de MR. Anderzijds vind ik een alternerende regering – eens geen PS – zeker eens goed.”
BDW 1447 PAGINA 27 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
de eerste die gay-theaterstukken aan de band hebben opgevoerd. Een verhaal als Cendrillon, ce macho bleek in Frankrijk nog een haar in de boter, terwijl hier over het homohuwelijk goed kon gelachen worden. We zouden dit stuk echt seizoenen (nu vijf al, red.) op het podium kunnen houden, zoals in Londen gebeurt, want onze zaal van 220 zitjes haalde er al 40.000 toeschouwers voor. Voor het eerst trekken we er nu mee naar Wallonië; zoals gezegd waren ze er ginds niet eerder rijp voor.”
Poolse voorvaderen
“Mijn moeder werd verstopt in een klooster in de buurt van Luik. Mijn vader kon in Brussel blijven, maar werd onder meer verstopt op een zolderkamer van een bordeel” mijn ouders waren zelf ‘verborgen kinderen’. Mijn moeder werd verstopt in een klooster in de buurt van Luik. Mijn vader kon in Brussel blijven, maar werd onder meer verstopt op een zolderkamer van een bordeel. Ze hebben me vrijzinnig opgevoed in de joodse cultuur. Daarmee bedoel ik dat de echte joodse feesten geen deel uitmaken van mijn jeugd. Daar deden we pas aan mee toen mijn zus met een jood trouwde; we vierden thuis eerder Sinterklaas en kerst. Het culturele bad zat hem eerder in zaken als het onderhouden van het Jiddisch – mijn vijf jaar oudere zus en ik verstonden dat als kind niet, en zo konden mijn ouders zaken vertellen die de kinderen niet aanbelangden. En er was natuurlijk de PoolsJoodse keuken, die ondanks het feit dat mijn ouders Belgen waren, van moeder op moeder overgeleverd. Ook de ‘historische belasting’ maakte deel uit van onze opvoeding, de oorlog was in de jaren 1960 nog een recent gegeven. Ik voelde dit verleden aan als iets ‘zwaar’ om te dragen. Mijn grootmoeder, wiens hypergelovige ouders in een Poolse sjtetl hadden gewoond, zei vaak: ‘Hoe wil je dat we nog in een God geloven, na wat ons overkomen is.’ Die trauma’s hebben het geloof de hamerslag bezorgd; na de oorlog haakten heel wat Joden af van God; wat ik niet slechter vind.” Mijn groene thee wordt koud. Dan maar terug over het TTO, Uffners eigen kind. “Van zodra ik de zaal had, dacht ik dat het beter was om iets te programmeren waarin ik uitblonk. Dus werden het komedies. Bizar genoeg bleek er in Brussel amper nog iets over van de cabaret- en komedietraditie. Terwijl Parijs daar altijd al in uitblonk. Dus hebben we het spreekwoordelijke gat in deze ‘editoriale lijn’ gevuld, en snel wist het publiek dat deze zaal gespecialiseerd was in ‘de lach’. Het werd en is een adres voor amusement en vermaak, in alle betekenissen, maar nooit burlesk. Ieder jaar boekte ik één of twee fenomenale kaskrakers. Maar stukken als ‘Bossemans et Coppenolle’ hield ik afzijdig. Onze producties zijn eerder excentriek te gek, bien décalé quoi. En dat slaat aan. Terwijl Wallonië pas nu rijp is om over en met homo’s te lachen, bijvoorbeeld. Neem nu Cendrillon, ce macho van Sébastien Ministru. Het stuk heeft een humorgenre dat heel breed gaat, want het homohuwelijk wordt er op hilarische wijze getolereerd. Wij zijn trouwens
Gay en goj Het valt op dat Ministru wel vaak de affiche siert met zijn stukken – hoe valt dat te rijmen? Uffner: “Mijn ontmoeting met de journalist van Moustique was determinerend voor mijn carrière en huisstijl. Als criticus kwam hij regelmatig kijken, en hij lachte zich altijd een bult. We dronken achteraf iets, en ik ontdekte in hem een superintelligent man met een fijne pen. Op een dag vroeg ik hem dan ook om een stuk te schrijven, en we scoorden direct met Hommard, ou ça? (over een kreng van een hoofdredactrice van een modeblad, die met een kreeft op haar hoofd rondloopt, red.). Dat was nog vooraleer een gelijkaardig verhaal en de film The Devil wears Prada uitkwam. Voor Brussel hebben we de toon gezet in dit genre, dat gelijktijdig gay en grappig kon zijn. Nadien heeft Sébastien iedere twee jaar een toneelstuk voor mij geschreven, waarvoor ik de regie deed. Het klikt tussen ons.” Hoe moeten we die ‘Belgische’ of FranstaligBrusselse humor verstaan? Uffner: “Het is een soort humor dat zich niet ernstig neemt, en nooit vulgair wordt. In dat opzicht is onze humor eleganter dan die in Frankrijk, die zich au sérieux neemt. Joodse humor gebruik ik niet in de programmatie, maar ze maakt wel deel uit van mijn leven. Ik herken het soort zelfspot, zoals in de film Histoires d’Amérique van Chantal Akerman (ook van Pools-Belgische Joodse origine, red.), waarin ze oude Joden uit New York verhalen laat vertellen met een vreemde kwinkslag. Humor helpt om het leven te verdragen, zeker als het zwaar is en moeilijk. Ik begrijp sinistere mensen niet, of zij die zich ernstig nemen. Vaak lachen ze enkel om iets te verbergen. Ik lach alleszins niet om miserie te verbergen. Bij mij hoort het bij het evenwicht dat het leven nodig heeft.” En dan het nieuwe kookboek La cuisine juive expliquée à mon ami goy (Goj betekent ‘nietJood’, red.). “Ik ben dol op kokkerellen en eten. Al tien jaar droom ik van een receptenprogramma of –boek, maar de juiste combinatie humor, Joodse clichés en typische recepten bleek de juiste match. Sébastien heeft me hierin geholpen, om mijn keuken als het ware aan hem uit te leggen. De recepten komen van overal, zelfs van mijn joodse familie. Mijn grootmoeder zei altijd: ‘je moet karperkoppen eten, daar word je slim van’. En mijn moeder eet dat nog. In dit boek grap ik met de clichés, zoals met de dikgevoederde joodse zonen of de weinig esthetische look van de Poolse gerechten. Als je zo een vieze schotel ziet, zonder kleur, heb je zin om te wenen. (roept) Maar: ik hou van die keuken van mijn jeugd! We creëerden onze eigen artisanale proefstudio. Ik liet mijn vrienden allemaal een schotel maken, en we kwamen dit samen op één weekend proeven. Meteen zijn ook alle foto’s genomen, op de meest gekke achtergronden. Ik vond het gewoon een grappige ervaring, zonder verdere bedoelingen. Trouwens, alleen al kijken naar de schotels doet je verdikken.”
Jean-Marie Binst
Het joods kookboek van Nathalie Uffner en Sébastien Ministru is uitgegeven bij Hugo&Image, 159 blz., 14,50 euro De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/ingesprekmet
‘Jonge ontwerpers moeten verschil maken’ BRUSSEL – Elke Timmerman is fashion coordinator bij MAD, het Brusselse Mode en Design Centrum. “Brusselse designers denken vaak out of the box en veroveren zo hun plaats in het modemilieu.” En geen betere manier om dat allemaal te ontdekken dan tijdens het MAD mode parcours, nu vrijdag, zaterdag en zondag. Het parcours wordt voor al de veertiende keer georganiseerd. Wat is er dit jaar nieuw? Elke Timmerman: “Elk jaar kiezen we een andere artistiek directeur die dan het thema bepaalt. Frédérick Denis, prof aan Saint-Luc en stylist voor onder andere Wim Vandekeybus, koos voor citizenship, de relatie tussen burgers en hun stad. De ongeveer 50 deelnemende ontwerpers aan het parcours interpreteren dit thema voor hun installatie in een boetiek of galerie in het centrum. Voor de bijhorende tentoonstelling in het oude atelier van Christophe Coppens op de Graanmarkt, maakte fotograaf Jimmy Kets portretten van enkele burgers, gekozen door de Brusselse ontwerpers.” Naast het parcours worden er tot half november nog enkele andere modeevenementen georganiseerd onder de noemer “This is not a fashion week”. Vanwaar het idee? Timmerman: “Brussel heeft geen modeweek zoals Parijs of Londen. In oktober en november vinden er sinds enkele jaren best wat evenementen plaats en dus besloten we om voor het eerst voor een hele modemaand te gaan. Het parcours, de Brussels Fashion Days en Customisez-moi kent het publiek al. Daar voegden we nog enkele tentoonstellingen en pop-up events aan toe. Zo organiseert Eunic (het netwerk van Europese culturele instellingen in Brussel) van 24 tot 26 oktober een Mode en Design pop-up store in De Markten, met het werk van 40 Europese designers. En 14 en 15 november is het tijd voor de Designer Sales, dit jaar in de Bozar shop.”
© EMMANUEL LAURENT
Als we naar haar kindertijd polsen, stranden we in het joodse oorlogsverhaal ‘des huizes’. Uffner: “Mijn beide grootvaders werden gedeporteerd in de Tweede Wereldoorlog, en
3 VRAGEN AAN ELKE TIMMERMAN
Elke Timmerman: “De jonge generatie pakt het anders aan.”
Wat maakt Brusselse mode dan zo populair? Timmerman: “Er valt geen stempel op te drukken, maar de laatste twee jaar merk ik dat de jonge Brusselse ontwerpers vaak voor prints kiezen. Denk maar aan Doriane van Overeem of Krjst. Ze werken ook meer en meer in duo’s. Als je weet dat er in Parijs meer ontwerpers dan aankopers zijn, is het echt wel nodig om een verschil te maken. Met prints en verschillende materialen pakt de jonge generatie het anders aan dan de sobere stijl van de Antwerpse Zes. Samen met Bozar organiseert MAD daar van juni tot september trouwens een grote expo over.” Katrien Lindemans MAD parcours van 24 tot 16 oktober. Infopunt: Nieuwe Graanmarkt 22/23 of via madbrussels.be
BERNARD FOCCROULE SPEELT BACH. Foccroule, oud-directeur van de Munt en organist, deelt zijn liefde voor Bach met een recital op 26 oktober om 17 uur in de Brusselse Sint-Michielskathedraal. Foccroule brengt Klavier-Übung III b (Chorale). De toegangsprijs is 22 euro. Info en tickets: 02/507.82.00. n PASCALE ALHADEFF NIEUWE DIRECTRICE JOODS MUSEUM. Het Joods Museum van België heeft een nieuwe conservatrice, ze heet Pascale Alhadeff en komt van het Rijksarchief van België. Ze is 33 jaar oud, historica, ze is gespecialiseerd in Joodse geschiedenis met een voorkeur voor Oost-Europa. Ze stelde onlangs samen met Gertjan Desmet een Archiefgids samen over het Jodendom en Joodse bevolking in België, een project van het Rijksarchief. n SCHETSEN EN ZILVERWERK VAN RUBENS. Van 21 oktober 2014 tot en met 25 janurai 2015 stellen de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België (KMSKB) twee uitzonderlijke zilverkannen tentoon die geïnspireerd zijn op Rubens. Ze zijn afkomstig uit het Colette en Pierre Bauchaufonds beheerd door de Koning Boudewijnstichting. Aanleiding is de ophanging van achttien olieschetsen exclusief door Rubens geschilderd. n OOK SCHIJVERS EN OPINIEMAKERS WELKOM BIJ PASSA PORTA. Het is al tien jaar dat het Internationaal Literatuurhuis Passa Porta buitenlandse schrijvers een verblijf aanbiedt in Brussel en in Vollezele, hartje Pajottenland. De werking wordt vanaf dit najaar verruimd, het residentieprogramma in Villa Hellebosch loopt dan af, maar naast het appartement aan de Oude Graanmarkt is er nu ook eentje aan de Hallepoort. Ook met de provincie West-Vlaanderen is een overeenkomst gesloten. Vanaf dit jaar staat Het Lijsternest - de woning van Stijn Streuvels in Ingoogem - ter beschikking van schrijvers. Anne Provoost bijt de spits af. Over een jaar worden journalisten, filosofen en schrijvers uitgenodigd voor een duoverblijf - een Franstalige en een Nederlandstalige - in Villa Hellebosch. DV
CULTUUR KORT
en mijn man en ik, vonden we de Cinéma Clichy (als Pathé-zaal in de voormalige Galerie Coloniale ontstaan, red.). De zaal was al sinds midden jaren 1970 dicht. Mijn joodse ouders, uit Sint-Agatha-Berchem, kenden de eigenaar goed. Ze hadden zelf een kwarteeuw lang in dezelfde galerie een droogkuis van leder- en bontjassen gehouden. Zo hebben we de zaal eerst zeer democratisch achttien jaar kunnen huren, sinds twee jaar is ze van ons.”
BDW 1447 PAGINA 28 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
Hockey > Dorian Thiéry wil zich nestelen bij de Red Lions
BDWSPORT
‘Er wordt meer van ons verwacht’ BRUSSEL – De Belgische hockeyspelers verwennen ons. Ze leveren de ene topprestatie na de andere en dat zorgt voor hogere verwachtingen en dromen van blinkende medailles. Er worden dus nog straffere prestaties verwacht van de generatie waartoe Dorian Thiéry (20) behoort, maar daar heeft hij geen enkel probleem mee. Hij ziet het zelfs als een extra motivatiebron.
“Toen de coach na het tornooi op me afstapte en me vroeg om met de Red Lions deel te nemen aan de World League (die in januari doorging in India, red.), was ik eerst wat verrast. Maar ik heb uiteraard meteen toegehapt! Ik was wat argwanend over hoe de groep me zou ontvangen, maar dat is zeer vlot gegaan. Het is een hechte ploeg die spelers vlot opneemt en zeer sportief is, ondanks de zware concurrentie.”
In de luwte Het is tijdens de rust van Linkebeek Hockey Club dat de kleine Thiéry opgroeide. Zoals bij vele hockeyspelers is heel zijn gezin gebeten door de sport, hij begon er zelf op amper driejarige leeftijd mee. Bij de club uit tweede divisie (de derde hockeyklasse, red.) kon hij rustig groeien en op zijn veertiende maakte hij al zijn opwachting bij de eerste ploeg. Toen brak het moment aan om de onvermijdelijke stap naar het hoogste niveau te zetten. “Michael Van Cutsem, de coach van Léopold, is mij komen halen,” vertelt Thiéry. “Er waren nog andere eredivisieclubs geïnteresseerd, maar het project van Léo sprak me het meeste aan. Die interesse was uiteraard flatterend. Ik heb altijd een grote competitiedrang gehad. Ten opzichte van mijn leeftijdsgenoten sprong ik er al van jongs af wat uit.” “Tijdens het eerste seizoen speelde ik zowel bij de junioren van Léopold als bij de eerste ploeg van Linkebeek. Dat was niet altijd evident. Bij Linkebeek was alles al verworven, het was misschien zelfs iets te gemakkelijk voor mij. Maar ik kende er wel iedereen. In Ukkel moest ik mijn plaats nog vinden, en omdat ze mij hadden gehaald, voelde ik ook een beetje druk op mijn schouders. Na dat eerste seizoen is alles veel vlotter beginnen lopen.” De coach beloofde hem tijdens zijn tweede seizoen te belonen indien hij goed presteerde, en hield woord. “Hij gaf me heel wat vertrouwen en dropte me in de eerste ploeg. Op mijn zestiende werd ik dus titularis in de eredivisie. Daarvoor ben ik de coach nog steeds dankbaar.”
Een speler die veel loopt en een groot uithoudingsvermogen heeft, die veel ballen recupereert en dankzij een uitstekend spelinzicht de ballen goed en snel inspeelt: dat is Dorian Thiéry. Hij is het soort speler dat eerder in de
“Ik was wat argwanend over hoe de groep me zou ontvangen, maar dat is zeer vlot gegaan”
Dorian Thiéry: “Dat er meer van ons verwacht wordt, vind ik niet erg. Ik vind het zelfs aantrekkelijk omdat het wil zeggen dat men geïnteresseerd is in ons.”
Stevige derde helften Thiéry is sindsdien nooit echt meer uit de ploeg gegaan. Dat heeft hij uiteraard te danken aan zijn talent, maar ook aan zijn uitstekende mentaliteit. “Als je even een dipje hebt, moet je dat analyseren en er sterker uit komen. Bij Léopold word ik goed omkaderd en krijg ik veel feedback. Ik heb voor Léopold gekozen omwille van de goede infrastructuur en de fantastische mensen.” “Als zestienjarige wil je uiteraard feesten, maar ik heb altijd voluit voor hockey gekozen. Uiteraard feest ik wel eens mee, maar ik overdrijf nooit. Er is op dat vlak een enorme mentaliteitsverandering. De sport is veel professioneler geworden. Er zijn nog steeds derde helften die stevig zijn, maar ik heb de indruk dat het ‘gezonder’ is dan vroeger. De eredivisie heeft echt enorme stappen vooruit gezet. Ik voel wel dat er nog een stap is tussen de eredivisie en de nationale ploeg. Daar is nog meer structuur, nog meer discipline.” Ook bij zowat al de nationale jeugdploegen was Thiéry een vaste waarde. Hij behoort tot een generatie die zeer talentvol is en dus moet
afrekenen met verwachtingen die een pak hoger zijn. “Ik ben met de U16 vice-Europees kampioen geworden, op de Jeugd Olympische Spelen in Singapore hebben we brons gehaald, met de U18 zijn we Europees kampioen geworden en met de U21 zijn we vierde geëindigd op de wereldbeker. Dat zijn resultaten die kunnen tellen, ja.” “Er wordt meer van ons verwacht en dat vind ik niet erg. Ik vind het zelfs aantrekkelijk omdat het wil zeggen dat men geïnteresseerd is in ons. Het geeft ons nog meer de drang om ons te bewijzen en te tonen dat hockey een echte Belgische discipline wordt.” Het is met de U21 dat Thiéry eind vorig jaar naar de wereldbeker in India trok. Marc Lammers, de toenmalige coach van de Red Lions, was er samen met zijn trainersstaf aanwezig om potentiële versterkingen voor de eerste ploeg te zoeken. En die vond hij. “Dat de coach van de eerste ploeg aanwezig was, maakte me niet nerveuzer. Ik ga altijd voluit en wil altijd winnen.”
WAAR EINDIGT DIT? De inbreng van nieuwe coaches en nieuwe hockeyculturen verrijkt onze hockeyscène. De sport kent een ongelooflijke evolutie in België, maar waar gaat dit eindigen? “Dat hangt volgens mij voor een deel af van de bereidheid van de spelers om zich in te zetten,” aldus Thiéry. “Ik geef alvast gehoor aan de eisen die er zijn en wil me volledig inzetten. Dat hockey gaat blijven evolueren, dat denk ik wel, maar misschien iets minder snel dan de afgelopen jaren. Het hangt af of de nodige investeringen worden gedaan, zowel van de overheden, de clubs als de spelers.”
luwte opereert en niet altijd opvalt, maar o zo belangrijk is voor een ploeg. Hij kreeg dan ook heel wat speelminuten tijdens zijn eerste tornooi met de Red Lions. “Ik had toch een gemiddelde van veertig à vijftig minuten per match. Ik ben tevreden over het tornooi dat ik heb gespeeld. De coach wou zien wat mijn waarde was in zo’n grote competitie en die heb ik getoond. We hebben een vijfde plaats behaald en dat kon misschien beter, maar ik was zeker niet ontgoocheld.” “Sindsdien maak ik echt deel uit van de Red Lions. Dat betekent maandagnamiddag trainen, op hotel overnachten en dinsdag twee trainingssessies afwerken, aangevuld met af en toe individuele trainingen. En dat heel het jaar door, met het doel goed te presteren op grote tornooien en op termijn top te zijn op de Olympische Spelen.” Dat bondscoach Lammers vervangen werd door Jeroen Delmee heeft geen zware inpakt aangezien hij al actief was als assistent. De werking is en blijft zeer professioneel en er wordt nog steeds veel van de spelers verwacht. Daar heeft Thiéry geen problemen mee. “Dit nieuwe regime betekent dat ik nog meer hockey speel: zeker vijftien uur per week. Maar ik doe het met plezier. Dat de leden van de trainersstaf regelmatig je wedstrijden komen bekijken en veel feedback geven, is motiverend.” “Ik studeer Lichamelijke Opvoeding aan Parnas in Sint-Lambrechts-Woluwe, en zou het wel zien zitten om later een professioneler statuut te hebben. Maar dat zie ik na mijn studies wel. Nu wil ik met Léopold zo veel mogelijk winnen en ik hoop in december met de Red Lions naar de Hockey Champions Trophy in India te gaan. Al ben je met deze sterke spelersgroep nooit zeker van je plaats.” Tim Schoonjans
BDW 1447 PAGINA 29 - DONDERDAG 23 OKTOBER 2014
ESTAFETTE > DAVID STEEGEN
@GregBroekmans Zaterdag staan 1.600 teams, waarvan 1.300 bedrijven, aan start van grootste #ekiden ter wereld! #record #BrusselsEkiden
La meglio gioventù
© ORLANDOMAGICDAILY.COM
Het belang van het Koning Boudewijnstadion voor de Brusselse en Belgische atletiekwereld werd afgelopen weekend nog maar eens in de verf gezet: 9.600 lopers namen er deel aan de elfde editie van de Acerta Brussels Ekiden, de grootste aflossingsmarathon ter wereld. Onder de deelnemers heel wat werknemers van bedrijven, maar ook politici als Sven Gatz en topsporters als de familie Borlée. Team Saucony kroonde zich tot winnaar, spoorwegmaatschappij NMBS was het snelste bedrijventeam. TS
‘La meglio gioventù’. Letterlijk betekent het ‘de beste jeugd’. Daar houdt de vergelijking met de beste Italiaanse fictiereeks ooit op. Enkele weken geleden, thuis tegen KRC Genk, vergeet RSC Anderlecht te scoren. Deze keer ondanks zijn beste jeugd. Kan gebeuren. Het is voetbal. In voetbal geldt geen handleiding, alleen hard werken en wat geluk. Het overwicht van de beste Brusselse jeugd is overduidelijk en overweldigend. Twee jongelingen bezondigen zich aan een akkefietje met grote gevolgen. Het onbeduidend strafschopincident met in de hoofdrollen twee ambitieuze jonge mannen zal een week lang in de media uitgesmeerd worden. Over de vele kansen, het goede voetbal en het opvallend overwicht van paars-wit wordt amper gerept. De talentvolle voetballers, in Anderlecht opgevoed en opgeleid, willen hem nemen. De gretigheid is aandoenlijk. Nathan Kabasele, twintigjarige spits, en Youri Tielemans, zeventienjarige regisseur, zijn echte winnaars. Brusselaars. Ach, liever wat onhandig ruziën om de bal om beslissend te mogen zijn dan zich als natte dweilen zonder persoonlijkheid neer te leggen bij een verlies of een draw. Besnik Hasi, hoofdcoach, mist het begin van de discussie. Hij is al bezig om zijn verlengstuk op het veld, Steven Defour, in te lichten over de veldbezetting na de 1-0. Die komt er
BRUSSELSE FANCLUB VOOR NBA’ER
Nikola Vucevic toont de weg lateerd: zijn nonkel was er actief als trainer en vroeg hem de grote plas over te steken. Nikola werkte er zijn laatste jaar secundair en zijn universiteitsstudies af, en werd dan uitgepikt door de Philadelphia Sixers. Na één seizoen stapte hij over naar Orlando Magic.”
BRUSSEL – Basketballiefhebbers kijken reikhalzend uit naar het einde van de maand oktober, want dan gaat het NBAseizoen van start. Bij basketbalclub Royal Linthout zijn ze fan van Orlando Magic, de club van hun voormalige jeugdspeler Nikola Vucevic. “Mijn verbazing was groot toen ik Nikola herkende tijdens een NBA-wedstrijd,” vertelt Franck Beckers van de Nikola Vucevic Belgian Fan Club. “Ik was bestuurslid in de tijd dat hij bij onze jeugdploegen speelde, van de U10 tot de U12. Nikola komt uit een echte basketfamilie. Vader Boro heeft nog bij Royal 4 in Anderlecht gespeeld en zijn nonkel was trainer van onder meer Spirou Charleroi.” De kleine Nikola verliet Brussel en zijn basketbalclub om met een groot deel van zijn familie terug te keren naar Montenegro. Daar ontwikkelde hij zich verder en werd hij in 2007 zelfs uitgeroepen tot beste jongere van het land. “Zijn overstap naar de Verenigde Staten was terug familiegere-
SPORT KORT
Komende week spelen zowel onze nationale mannen- als vrouwenhockeyploeg OEFENWEDSTRIJDEN in Brussel. De volgende afspraken van de RED PANTHERS zijn twee wedstrijden tegen Duitsland (op dinsdag 28 oktober vanaf 14.30 en woensdag 29 oktober vanaf 11.30 uur), telkens op het veld van Parc Oudergem. De laatste oefenwedstrijd van de dames vindt plaats op 3 november, in en tegen Nederland. Om de RED LIONS aan het werk te zien, moet u op woensdag 22 oktober naar het veld van Léopold trekken. Daar wordt vanaf 11.30 uur een oefenpartij gespeeld tegen Argentinië. n Bent u meer voor het stevigere werk? Dan moet u zaterdag in Thurn & Taxis zijn (loods 2) voor een portie roller derby. Wat dat juist is? Kort samengevat: twee teams van vijf spelers, op rolschaatsen, die elkaars verdediging proberen te verschalken. Ofwel: rugby zonder bal op rol-
De mooie carrière van Vucevic inspireerde Beckers om in 2011 een fanclub op te richten. Hij heeft af en toe contact met de Montenegrijn en volgt hem op de voet. “Eigenlijk berichten we vooral over de prestaties van Nikola op onze Facebookpagina. De wedstrijden in groep volgen, dat doen we niet. Daar hebben we de ruimte niet voor. We zijn wel van plan om naar Orlando te reizen en een wedstrijd bij te wonen. Dat zou ten gunste zijn van een organisatie voor mensen met een handicap. We zouden ook een paar van hun jongere leden meenemen.” “Met deze fanclub willen we eveneens aantonen dat iedereen het kan maken. Het is niet omdat je bij een Brusselse club uit een lagere divisie speelt dat je niet hogerop kan klimmen. Als jonge ket kan je uitgroeien tot een topper. Dit is dus ook een promotiemiddel voor het basketbal. Iedereen kan een verhaal als dat van Nikola Vucevic hebben.”
David Steegen is persverantwoordelijke van RSC Anderlecht
© PHOTONEWS / JOHAN EYCKENS
Iedereen Nikola
niet. De penalty wordt op de paal gemikt. De schijnbeweging van Nathan Kabasele stuurt de Hongaarse keeper van Genk net niet uit het Constant Vanden Stockstadion. Het blijft 0-0. De jonge mannen zijn een ervaring rijker. Dit vergeten ze nooit meer. Besnik Hasi, een jonge coach die met rasse schreden evolueert naar de status van de meest succesvolle oefenmeester van Anderlecht, Pierre Sinibaldi. De observatoren zullen er een week lang over schrijven en praten. Een voetbalprogramma op een nationale zender laat zelfs geen wedstrijdbeelden zien. Alleen het penalty-incident komt aan bod. Zo gaat dat. Voor de wedstrijd staat het stadion in vuur en vlam. De bewondering rolt van de tribunes. Roland Juhasz, de Hongaarse centrale verdediger, is even terug. Hij voetbalde zeven seizoenen voor paars-wit. Ook het andere clubicoon is er bij: Marcin Wasilewski. RSCA koestert zijn helden en het verleden. Het applaus is oorverdovend. De verbroedering met de Ultra’s achter het doel is aandoenlijk. Dat verdiende iets meer aandacht. Gelukkig waren daar de jonge mannen van Anderlecht.
Tim Schoonjans www.facebook.com/ NikolaVucevicBelgianFanClub
schaatsen. Tijdens BXXXL TRIPLE HEADER kunt u The Brussels Manneken Beasts aan het werk zien, de eerste mannelijke roller derby ploeg van de hoofdstad. Uiteraard zijn ook dames van de partij: The Atomium Kittens spelen tegen Holy Wheels Menace uit Luik en de Brussels Derby Pixies zullen oog in oog staan met Ruhrpott Roller Girls. De deuren gaan open om 14 uur, de eerste wedstrijd gaat om 15.30 uur van start en tickets kosten ter plaatse tien euro. Meer info op www.facebook.com/BrusselsDerbyPixies. n Om kennis te maken met taekwondo moet u zaterdag dan weer in het Koreaans Cultureel Centrum (Regentschapsstraat 4 in 1000 Brussel) zijn. Van 13 tot 16 uur wordt het KOREA FESTIVAL BRUSSELS er afgesloten met verschillende activiteiten zoals een demonstratie taekwondo van het Belgische taekwondo demoteam. Meer informatie vindt u op www.taekwondo.be. TS
REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Brussel, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be, www.bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België 20 euro per jaar; IBAN: BE07424552982266, BIC: KREDBEBB van Brussel Deze Week vzw. Buiten België 30 euro per jaar. OPLAGE 70.490 exemplaren. PROMOTIE EN DISTRIBUTIE Ute Otten, Anne Burger, Maurice Droogh. ADVERTISING MANAGER Lisa Decrick: 02-226.45.41, 0474-67.03.84, fax 02-226.45.69. MARKETING MANAGER Frederik Welslau. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne. COÖRDINATIE Kim Verthé. EINDREDACTIE Ken Lambeets (eindredactie@bdw.be). VORMGEVING Peter Dhondt. REDACTIE Jean-Marie Binst, Christophe Degreef, Bettina Hubo, Steven Van Garsse, Danny Vileyn. BRUSSELNIEUWS Kris Hendrickx (nieuwsmanager), Sandra Schreurs (projectcoördinator), Jelle Couder, Goele de Cort, Eric Vancoppenolle, Laurent Vermeersch. REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele, Gerd Hendrickx. MEDEWERKERS Michaël Bellon, An Devroe, Eva Hilhorst, Ilah, Wauter Mannaert, Francis Marissens, Karolien Merchiers, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Steven Vandenbergh, Karel Van der Auwera, Bram Van de Velde, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Sander de Wilde, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh. VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE François Bettens (a.i.). Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie.
ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).