abbota: twee dagen pendelen tussen poptempels En ook: Offscreen Film Festival, Howe Gelb en Neneh Cherry.
DE KNIP- EN PLAKPOLITICUS LAURENT LOUIS LEES P.6-7 EN 15
27 02 14
AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153
© SANDER DE WILDE
CARMINA BURANA
De Henry le Boeufzaal in Bozar liep dinsdag vol met 1.000 Brusselse schoolkinderen. Vanuit het rode pluche zongen en klapten ze fragmenten mee uit de Carmina Burana, samen met het orkest Anima Eterna onder leiding van Jos van Immerseel en het koor Collegium Vocale Gent. Voorafgaand kregen de kinderen workshops van Jeugd en Muziek Brussel, en velen zagen de imposante concertzaal voor het eerst vanbinnen. KV
Samenleving > Buurtcomité Katelijneplein met eisenpakket naar Yvan Mayeur
‘Winterpret moet gehalveerd’ BRUSSEL – Het recente bericht dat de omwonenden van Winterpret advocate Griet Cnudde in de arm hebben genomen, heeft zijn effect niet gemist. Deze week zit het buurtcomité rond de tafel met burgemeester Mayeur.
‘W
e stellen al onze hoop op de nieuwe burgemeester,” zegt Jo Struyven, buurtbewoner en lid van het Comité ter verdediging van de belangen van de bewoners van Brussel-Centrum, afgekort ComitéBru. Dit comité ging onlangs te rade bij Griet Cnudde, die eerder de Antwerpse Sinksenfoor en Tomorrowland aanpakte. De advocate stelde intussen een juridische nota op, die woensdag samen met een dik dossier en een petitie overhandigd wordt aan Mayeur.
Struyven: “De juridische nota vormt de ruggengraat van onze actie. Anders worden we gewoon wandelen gestuurd. Dankzij Cnudde worden we au sérieux genomen.” Al van in 2007 belooft de stad maatregelen om de overlast van Winterpret in te dijken, zegt Struyven. “Maar we hebben niets gezien, integendeel. Er zijn alleen maar attracties bijgekomen en de kerstmarkt duurt inmiddels zeven dagen langer dan in 2007.” Volgens Struyven draait de hele discussie rond de invulling door de
stad van de openbare ruimte. “Het is hetzelfde als in de Sint-Goriks-, Sint-Jacobs- en de Kunstbergwijk: god-de-vader strijkt neer en iedereen moet wijken. De bewoners worden amper gehoord. Het gaat erom wat een normale last is voor omwonenden.”
Brusselse specialiteiten Struyven benadrukt dat ComitéBru niet tegen Winterpret is. “Maar het moet korter en beter.” Nu duurt de kerstmarkt alles bij elkaar elf weken, waarvan 37 dagen markt. Veel te lang, vindt het comité, dat aandringt op een markt van maximum twintig dagen. “Beginnen op 5 december en, net als in Duitsland, stoppen op 24 december.” Ook de opbouw- en afbraaktijd, nu respec-
tievelijk vier en twee weken, moet gehalveerd worden. Voorts zijn er te veel chalets. “Het plein kan dat logistiek niet aan. Bovendien staan die chalets met de rug naar de huizen. Vooral de winkeliers hebben daar last van.” Tenslotte moet het evenement inhoudelijk op de schop. Struyven: “Wij willen iets beters dan altijd maar warme wijn met tartiflette.
ADVERTENTIE
Waarom niet wat creatiever en chauvinistischer zijn, bijvoorbeeld Brusselse specialiteiten presenteren, aangevuld met concertjes.” Voorlopig zal het comité de stad nog niet dagvaarden. “We gaan in dialoog. Maar niet tot in het oneindige. We willen twee, drie keer vergaderen, maar geen tien keer. Zoveel geduld hebben we niet.” Bettina Hubo
ADVERTENTIE
ina
Pag
11
Brussel
achter de schermen
Last van CrèChestress? Ga dan snel naar pagina 9
N° 1415 VAN 27 FEBRUARI TOT 6 MAART ¦ WEEK 9: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, E-MAIL: INFO@BDW.BE, WWW.BDW.BE
BDW 1415 PAGINA 2 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
RECHT VAN ANTWOORD Uitgelicht: politieke oorlog in GC Ten Weyngaert Hoewel het niet mijn gewoonte is debat te voeren in de media, wens ik toch te reageren op het artikel “Uitgelicht: heisa personeelswissel in gemeenschapscentrum Ten Weyngaert” van journalist Steven Van Garsse verschenen in Brussel Deze Week editie 1403, gepubliceerd op 21 november 2013. In dit artikel bericht Van Garsse op een erg negatieve wijze over het GC Ten Weyngaert en over mezelf als toenmalig coördinator. Zoals ik reeds aan de journalist en hoofdredacteur meedeelde is het artikel vooringenomen en berust het op een zekere vorm van sensatie. Het artikel plaatst mij, ondermeer door een eenzijdige voorstelling van de werkelijkheid, als zodanig in een negatief daglicht waardoor het mijn eer en goede naam ernstige schade toebracht. Weze het hierbij opgemerkt dat het journalistiek metier aan bepaalde beperkingen is onderworpen, waaronder het nauwkeurig omgaan met vermeende feiten. Ik betreur dat Van Garsse dit zorgvuldigheidsbeginsel niet heeft gehanteerd. Vooraleer verder in te gaan op de rode draad in het artikel, wil ik alvast bepaalde kwalijke beweringen rechtzetten. Van Garsse schrijft in de krant dat ik in het gemeenschapscentrum werkte met een “tijdelijk contract” en dat dit “onlangs in september nog maar werd verlengd en afloopt in juni”. Nochtans is mijn contract van “onbepaalde duur”. Dergelijke berichtgeving is bijzonder nefast. Het doet mensen twijfelen aan de eerlijkheid van mijn woorden die ik hierover in het verleden of recent uitte en het zaait argwaan bij diegenen die altijd meenden dat ik een vast contract heb met mijn werkgever. Een journalist dient kennis en zekerheid te hebben over zijn feiten. Van Garsse gebruikt vaak algemene formuleringen. Zo vindt hij dat niet alleen de Vlaamse Schepen van Vorst Jutta Buyse (sp.a) of de voorzitter van de culturele adviesraad van de Vlaamse Schepen (Els Rochette) moeilijk met me kunnen samenwerken, maar bovendien dat dit ook de mening is van ronduit iedereen, met name dé gebruikers en ja, waarom niet, meteen maar ook van dé culturele wereld. Het stemt tot nadenken een journalist dergelijke onzin te zien neerpennen. Gelukkig maken de talrijke blijken van steun en sympathie uit de breed sociaal-culturele wereld veel goed. Bovendien bevestigde de journalist Van Garsse mij dat hij enkel de voorzitter van de Raad van Bestuur van GC Ten Weyngaert contacteerde (die het gemeenschapscentrum en mezelf verdedigde) en bewust niet de andere officiële leden van de Raad omdat deze en ik citeer : “toch alleen maar dezelfde mening verkondigen” (lees: een andersluidende mening dan de zijne). Weze het nu net de Raad van Bestuur die de koers van
het gemeenschapscentrum uitzet! Enkel en alleen al de vele ondersteunende reacties op de website van Brussel Deze Week getuigen gelukkig van een andere realiteit.
Anonieme bronnen met onjuiste beweringen Verder gebruikt Van Garsse anonieme bronnen die hij als journalist eveneens vooraf grondig had moeten natrekken. Zo schrijft Van Garsse tot mijn grote verbazing dat een gebruiker opmerkt dat onder mijn beleid “ouders die wachtten op hun kinderen in de buitenschoolse opvang vroeger in een koude gang moesten zitten terwijl ze onder de nieuwe verantwoordelijke in een warme ruimte terecht konden”. Dit is te ridicuul voor woorden: ouders van kinderen in de buitenschoolse opvang (IBO De Buiteling) moesten nooit in een koude gang zitten wachten aangezien deze ouders hun kind altijd gewoon onmiddellijk meekrijgen wanneer ze het kindje afhalen! Bovendien wordt deze opvang in Ten Weyngaert georganiseerd door een aparte vzw met een eigen coördinator. Integere journalistiek? Verder schrijft Van Garsse hoe “een oudgediende van het gemeenschapscentrum” vertelt mij “nooit te hebben gezien op zijn activiteiten” hoewel die oudgediende “al meer dan tien jaar in Ten Weyngaert actief is”. De waarheid ligt evenwel elders: het betreft een organisatie die voornamelijk externe activiteiten organiseert, die niet plaatsvinden op het gemeenschapscentrum. In de uitoefening van mijn job laat ik me leiden door enkele basisprincipes. Het bewust niet deelnemen aan externe activiteiten van verenigingen bijvoorbeeld. Ik meen immers dat een coördinator dingen aan zijn hoofd dient te hebben die wel tot zijn taakomschrijving behoren, eerder dan bijvoorbeeld een doordeweekse daguitstap. Van Garsse schrijft dat met de komst van de waarnemend verantwoordelijke er “weer volk over de vloer kwam” en er “weer allerlei culturele activiteiten” werden georganiseerd. Dit is simpelweg te weerleggen met feiten. De jaarverslagen van het gemeenschapscentrum geven een overzicht van de publieksfrequenties (tellingen) van succesvolle en minder succesvolle activiteiten. Sinds jaren komt het gemeenschapscentrum daarbij steevast uit rond de honderdduizend deelnames aan een erg gevarieerd aanbod van activiteiten! Een nieuwjaarsreceptie is altijd een goede barometer voor de werking van een organisatie. De eerste keer dat ik die op GC Ten Weyngaert meemaakte was dit samen met 50 personen, waaronder de medewerkers. De laatste maal dat ik dit samen met de collega’s organiseerde telden we om en bij de 300 tevreden bezoekers.
Politieke rode draad Van Garsse laat in zijn artikel twee personen uit Vorst aan het woord die zich lasterlijk uitlaten over de werking van het gemeenschapscentrum en mijn rol hierin: mevrouw Els Rochette, voorzitter van de Adviesraad Cultuur te Vorst die onder toezicht staat van de Vlaamse Schepen (sp.a)
en de Vlaamse Schepen te Vorst zelf, mevrouw Jutta Buyse (sp.a). Dit werd ook door hen zo verwoord in een: 1) online-petitie, met erg veel enthousiasme aangestuurd door initiatiefneemster Els Rochette; 2) persoonlijke brief van de Vlaamse Schepen Jutta Buyse (sp.a) geschreven aan Staatssecretaris Bruno De Lille (VGC); door Jutta Buyse (sp.a) publiekelijk gepubliceerd op o.a. haar website. In het artikel heeft de Vlaamse Schepen Jutta Buyse (sp.a) het over haar moeilijkheid om in het verleden met het GC Ten Weyngaert te komen tot een structurele samenwerking binnen het decreet lokaal cultuurbeleid en als dusdanig de opgelegde verplichtingen
vanuit dit decreet na te komen. Op vraag van verschillende verenigingen, bezoekers en inwoners volgende informatie: -het decreet lokaal cultuurbeleid regelt inderdaad de verplichte oprichting van een lokale Nederlandstalige gemeentelijke Adviesraad Cultuur en bepaalt de modaliteiten van de samenstelling ervan; -de Nederlandstalige Adviesraad Cultuur die de Vlaamse Schepen Jutta Buyse (sp.a) in 2010 oprichtte beantwoordde helaas niet(!) aan de decretale verplichtingen: deze ‘adviesraad’ was enkel een ‘werkgroep’ met een beperkt kringetje van leden waaronder Els Rochette, de initiatiefneemster van de vermelde petitie, als voorzitter van deze ‘adviesraad’.
-het gemeenschapscentrum heeft continu de wettelijke(!) basisopdracht om als belangenbehartiger op te treden voor alle aangesloten verenigingen en bewoners; -het is maar na de bevestiging van dit standpunt van het gemeenschapscentrum vanuit Vlaanderen, met name vanuit het Agentschap Sociaal-Cultureel Werk voor Jeugd en Volwassen, dat de ‘Adviesraad’ door de Vlaamse Schepen (sp.a) opnieuw werd ingericht, rekening houdende met het artikel 56 van het decreet dat zegt dat de gemeente in de adviesorganen ‘alle’ culturele actoren moet betrekken die het Nederlandstalige culturele leven bevorderen. Het Agentschap Sociaal-Cultureel werk schreef op 3 maart 2010, en ik
BDW 1415 PAGINA 3 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
decreet door Jutta Buyse (sp.a) zelf. Ik had altijd de indruk dat de ingebedde “moeilijke” houding vanuit de gemeentelijke speler jegens de Raad van Bestuur en de coördinator van GC Ten Weyngaert vooral een politiek doel diende. Vele reacties die ik ontving schuiven de prangende behoefte naar voren om te Vorst vooral acties te ondernemen die net ingaan tegen een aantal verwachtingen van de Vlaamse Schepen Jutta Buyse (sp.a) of een Els Rochette zoals ik ze althans ken. Beiden ijveren immers vooral voor kunstactiviteiten voor jonge (opgeleide) volwassenen, net in een gemeente die al erg rijkelijk door belangrijke kunstenorganisaties wordt bevolkt (Wiels, Parts, Rosas, Bains Connective, Komplot...). Het is voor velen dan net niet de taak van een gemeenschapscentrum ook vooral dat pad te willen bewandelen. Acties op het vlak van modale volkse cultuur, begrijpbaar en dicht bij de gewone man in de straat en inspanningen die de armoede bestrijden staan erg hoog op het lijstje van behoeften te Vorst. Het zijn dimensies die ik de Jutta Buyse (sp.a) en Els Rochette nooit fundamenteel hoorde verkondigen. De Raad van Bestuur, die in haar samenstelling overigens niet “sp.ageörienteerd” genoemd kan worden, heeft er altijd terecht over gewaakt, ondanks het andersluidend advies (decretaal adviesrecht, geen beslissingsrecht!) van Jutta Buyse (sp.a) en Els Rochette, dat het gemeenschapscentrum deze volkse kaart bleef trekken. Cultuur is meer dan kunst. Het is mijn persoonlijke mening dat bijvoorbeeld een kunstenwerkplaats niet thuishoort in een gemeenschapscentrum, zoals in Ten Weyngaert. Wat is de meerwaarde voor de modale inwoner als gegeerde gebruikerslokalen worden bezet en pas na maanden worden vrijgegeven opdat de (toevallige) bezoeker er in alle bewondering kan stilstaan voor zeg maar een smeltende ijsblok? Dat is het soort kunst dat thuishoort in specifieke kunstenorganisaties die daartoe opdracht hebben, niet in een gemeenschapscentrum. Er zijn belangrijker uitdagingen te Vorst dan dat.
© BRAM TACK
citeer : “ … kunnen we besluiten dat de vaste Adviesraad Cultuur van de gemeente Vorst een door de gemeente opgerichte werkgroep is, die geen autonome adviesbevoegdheid heeft. Deze Adviesraad Cultuur kan m.a.w. geen rechtsgeldig advies uitbrengen over het actieplan en werkingsverslag van het gemeentelijk cultuurbeleidsplan noch over enig andere culturele materie. Rechtsgeldig advies kan enkel en allen worden gegeven door een adviesorgaan dat conform artikel 56 (cf. supra) werd samengesteld.” Als de Vlaamse Schepen Jutta Buyse (sp.a) dus beweert dat zij geen gehoor kreeg om samen het lokale cultuurbeleidsplan op te stellen is dat niet alleen onwaar maar gaat dit bovendien voorbij aan de fundamenteel foute uitvoering van dit
Hoogachtend, P.G., voormalig coördinator GC Ten Weyngaert.
Naschrift van de redactie: we betreuren dat P.G., voormalig centrumverantwoordelijke van Ten Weyngaert in Vorst, op de boodschapper schiet. Brussel Deze Week heeft verslag uitgebracht van een petitie-actie die in de gemeente de gemoederen hoog deed oplaaien. Bij de totstandkoming van het artikel zijn alle journalistieke principes in acht genomen. De journalist heeft voor- en tegenstanders van de petitie gecontacteerd en op basis daarvan een artikel geschreven, zonder enige vooringenomenheid. Ook P.G. werd vooraf herhaaldelijk gecontacteerd. Hij wilde echter niet reageren.
Politiek > SP.A mikt op vier of vijf plaatsen in het Brussels parlement
Vakbondsman duwt SP.A-lijst BRUSSEL - De Brusselse SP.A heeft de lijsten voorgesteld voor de regionale, federale en Europese verkiezingen. ACOD-topman Karel Stessens (foto) duwt de Brusselse lijst. De top drie van de Brusselse lijst was al bekend: Pascal Smet, Elke Roex en Fouad Ahidar. De vierde en vijfde plaats zijn strijdplaatsen. Die gaan naar Ans Persoons, schepen in Brussel, en Sophie Brouhon. Die laatste is parlementslid, stond in 2009 op vier en zakt dus een plaatsje. Zelf tilt ze daar niet zwaar aan. “Vanaf de vierde plaats word je op eigen kracht verkozen (zonder hulp van de lijststem, SVG). En we willen vijf zetels behalen. Dan is dat een uitstekende plaats voor een uittredend parlementslid.” De SP.A zet een vakbondsman op de lijstduwersplaats: Karel Stessens (ACOD). Die deed meteen een opmerkelijke oproep: “De MIVB werft dit jaar massaal aan, onder andere trambestuurders en buschauffeurs. Maar de MIVB eist een diploma A2. Waarom eigenlijk? De jongerenwerkloosheid piekt. De MIVB is een publiek bedrijf en moet jongeren zonder diploma helpen om aan de slag te kunnen.” Jef Van Damme is eerste opvolger, net als in 2009. Als Pascal Smet terug minister wordt in Brussel, en dat is uitdrukkelijk zijn wens, dan kan Van Damme terug naar het parlement. Smet benadrukt de veelkleurigheid van de Brusselse lijst. “Die weerspiegelt de Brusselse bevolking, met allochtone en Franstalige kandidaten.” Die ko-
men onder meer uit Spanje, Togo, Marokko, Polen, Tunesië en Congo. De Vlaamse lijst wordt getrokken door Yamila Idrissi. Op twee staat senator Bert Anciaux. Dat is een strijdplaats. Rik Baeten, schepen in Etterbeek, is eerste opvolger. De Kamerlijst wordt getrokken door Maite Morren, schepen in Elsene. Jutta Buyse, schepen in Vorst, is tweede opvolger op de Europese lijst. Steven Van Garsse
Bevolking > Roemenen steken Spanjaarden en Polen voorbij
‘Migratie is nog volop bezig’ BRUSSEL - De Roemenen blijven de sterkst groeiende minderheid in het gewest. Ze maken nu 7 procent uit van de buitenlandse bevolking. “De Franse taal en de goed draaiende economie lokken Roemenen naar Brussel.” Op 1 januari 2013 verbleven er 381.771 nietBelgen in Brussel. 7,2 procent daarvan hadden de Roemeense nationaliteit. Daarmee bevestigen de Roemenen hun reputatie als snelst groeiende minderheid in Brussel. In 2011 maakten ze nog maar 5,5 procent van de niet-Belgische bevolking uit. In twee jaar tijd staken ze de Polen en de Spanjaarden in aantal voorbij. Dat is niet zo verwonderlijk, zegt Robert Adam, directeur van het Institut Culturel Roumain Bruxelles aan Brusselnieuws.be. “Voor Roemenen geldt het vrij verkeer van personen binnen de Europese Unie nog niet zo lang, dus de migratie is nog volop bezig. Bovendien heeft de Belgische economie de crisis heel goed doorstaan, en dat heeft veel mensen gelokt die voordien eerder in Spanje of Italië werkten.” Ook de taalkundige factor is belangrijk: “Roemenen spreken over het algemeen goed Frans, we leren het op school.” Dat bevestigt de Antwerpse organisatie Miorita. “Roemenen die naar België komen, beproeven eerst hun geluk in Brussel of soms in Wallonië, wegens de taal. Als het daar niet lukt, stromen ze door naar Vlaanderen. Brussel telt daardoor mogelijk ook meer hoogopgeleide Roemenen.”
Facebookgroepen De Roemeense migranten zijn volgens Adam niet makkelijk te typeren. “De Brusselse Roemenen komen allemaal uit andere streken, en verspreiden zich ook over het hele gewest. Ze werken vaak als
zelfstandige, of als werknemer in sectoren waar de vraag naar arbeidskrachten groot is, zoals de bouw.” “Maar daarnaast zijn er ook duizenden studenten, jonge hoogopgeleiden, mensen in de Brusselse medische sector, mensen die voor de Europese instellingen werken, enzovoort. Het is een jonge en dynamische gemeenschap, getuige het aantal organisaties en Facebookgroepen die voortdurend het licht zien.”
FDF-lijsttrekster Roemenen zijn vaak ook erg mobiel, maar toch lijken ze zich steeds meer definitief in Brussel te vestigen. “De laatste jaren zie je een spectaculaire groei van het aantal winkels met typisch Roemeense producten in Brussel. Dat wijst erop dat er steeds meer mensen met een stabiel inkomen voor lange tijd blijven.” “Roemenen zijn wel typisch een minder in zichzelf gekeerde gemeenschap dan pakweg de Russen. Doordat we vrij goed talen leren, raken we sneller betrokken in het maatschappelijke leven. Een Roemeense trekt nu zelfs de Europese FDF-lijst, dat zegt toch genoeg?”
Fransen Door de opheffing van de werkrestricties voor Roemenen, begin dit jaar, is het mogelijk dat de groei zich de komende jaren nog zal doorzetten. Desondanks zijn het wel nog steeds de Fransen die de grootste buitenlandse minderheid vormen. Zij maken 15 procent van het aantal niet-Belgen uit. Ze worden gevolgd door de Marokkanen en de Italianen. Hun aandeel bleef de voorbije twee jaar min of meer stabiel. Goele De Cort
OPMERKELIJK
BDW 1415 PAGINA 4 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
Uitgelicht > Neo moet economie, ontspanning en wonen verzoenen
VLAMINGEN VERDEELD OVER DECUMUL BRUSSEL - De Vlaamse meerderheidspartijen in het Brussels parlement zitten niet op één lijn over de ordonnantie die burgemeesters uit het parlement moet houden.
LAKEN – Dat er een zwemvijver op de Heizel komt, is een leuke extra. Maar dat de weg nu vrij is voor de bouw van een centrum voor 5.000 congresgangers, dat is het échte nieuws. Over tien jaar moet de Heizelvlakte er helemaal anders uitzien. Alleen: de privépartner voor het congrescentrum moet nog worden aangewezen.
M
inister-president Rudi Vervoort (PS) en zijn partijgenoot en schepen van Toerisme van de stad Brussel Philippe Close hadden de media vorige week vrijdag uitgenodigd in de bol Prigogine van het Atomium. Een goede zet: vanuit het Atomium lijkt de Heizelvlakte wel heel erg op café Oud België. Maar over tien jaar - zo deed een optimistische Close de wereld kond - moet alles hier anders zijn. Met een (omstreden) winkelcentrum, een (hoogst nodig) congrescentrum en een (bijdetijdse) ecologische woonwijk met een school, crèches, misschien een rusthuis, 27 hectare sportfaciliteiten (van rugby tot boogschieten) en zowaar een ecologische zwemvijver. Een zwemvijver die vier maanden
geleden al aangekondigd was door de collega’s van Brusselnieuws.be, maar wel de blikvanger werd. Een zwemvijver waarover nog heel wat
dat zijn uiteraard zorgen voor later. De vijver wordt gevuld met opgevangen regenwater van de omliggende gebouwen en zal ook dienen als waterreservoir en stormbekken. Om het congrescentrum mogelijk te maken moet de winkelwijk er het eerst komen. Een winkelwijk waarvoor gerekend wordt op 150 internationaal gereputeerde merken. Verder omvat de eerste fase ook nog 575 ecologische woningen waarvan
De nieuwe Heizel moet voor 3.000 nieuwe banen op de Heizel zorgen, maar ze moet ook de bestaande toeristische economie ondersteunen zal gepalaverd worden, al was het maar om te vermijden dat de plas waarvoor tien miljoen euro wordt uitgetrokken - binnen de kortste tijden kapotgaat aan zijn succes. Maar
(minstens) vijftien procent publieke appartementen. Eveneens tijdens de eerste fase moet er een nieuwe bioscoop met spitstechnologische uitrusting komen - die moet op termijn
de huidige zalen van Kinepolis vervangen - en nieuwe indoor- en outdoorrecreatieprojecten. Die moeten - zo heet het in de brochure - MiniEuropa en Océade versterken. De stad Brussel wil duidelijk niet de schuld krijgen als die twee van het toneel verdwijnen: het hangt van de privépromotoren af of er nog plaats zal zijn voor hen. Eind april is geweten wie de privéontwikkelaar is met wie Océade en Mini-Europa moeten onderhandelen. Het ziet er in ieder geval naar uit dat Brussel Uplace in snelheid gepakt heeft. Neo en Uplace hadden immers de interesse gewekt van dezelfde kapitaalsgroepen. De eerste
DE WEEK IN BEELD DOOR SASKIA VANDERSTICHELE © SASKIA VANDERSTICHELE
De aanwezigheid van burgemeesters en schepenen in het Brussels parlement is een oud zeer. De debatten worden soms overheersd door lokale besognes. Vorige week woensdag bijvoorbeeld in de Commissie Infrastructuur toen de Brusselse burgemeesters het onderhoud van de gewestwegen op de korrel namen. Het leek wel een gemeenteraad. Het Brussels regeerakkoord wil komaf maken met de cumulerende burgemeesters. Een eis was dat van Ecolo. Vrijdag is in het parlement een ordonnantie in overweging genomen die maximum één vierde aan burgemeesters, schepenen of OCMWvoorzitters toelaat, per politieke fractie. Zijn het er toch meer, dan verliezen die cumulerende parlementsleden hun gemeentelijk uitvoerend mandaat. Opmerkelijk: CD&V en Open VLD hebben de ordonnantie niet mee ingediend. Ze vrezen dat de Vlamingen de dupe worden van de nieuwe wet. Nochtans is er een uitzondering voorzien voor de Vlaamse schepen. Die telt niet mee in de berekening. CD&V-fractievoorzitter Brigitte De Pauw: “Wij wachten het advies af van de Raad van State.” Meer fundamenteel vindt De Pauw dat iedereen het recht heeft om verkozen te worden en politieke mandaten op te nemen. De Raad van State kan nog roet in het eten gooien. Zo zou die moeilijk kunnen doen over de uitzondering voor de Vlaamse schepen. Daarmee is mogelijk het gelijkheidsbeginsel geschaad. De ordonnantie is ook een juridisch kluwen omdat met veel situaties rekening moet worden gehouden. “We hebben alle achterpoortjes willen sluiten,” zegt parlementslid Annemie Maes (Groen). Er bestaat nog een ander gevaar. De ordonnantie treedt in voege na de verkiezingen van 25 mei. Maar dan moet het parlement de wet voordien goedkeuren. De Raad van State krijgt dertig dagen voor haar advies. Tegen dan is het Pasen en bolt het parlement uit. Een stemming na Pasen kan nog, maar dan wordt het erg nipt. Steven Van Garsse
Eerst een zwemvijver, dan een congrescentrum
Opening Café Métropole, ‘s ochtends vroeg. Er heerst zenuwachtigheid onder de obers. Discussiëren over koffie, de eerste koffiedruppels op het parket...Nieuwsgierigen en habitués komen de eerste plaatsen innemen. De meningen zijn verdeeld. De drank is niet meer hetzelfde en de nieuwe zetels zien er wat nep uit, maar nog een beetje geduld en het komt goed... Tegen eind april wordt het terras uitgebreid.
WEEKOVERZICHT
BDW 1415 PAGINA 5 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
© BRUSSEL STAD
WOENSDAG 19 FEBRUARI Brussel en Schaarbeek in innovatiewedstrijd. Brussel en Schaarbeek binden net als vijf andere Belgische steden de strijd aan in de Mayors Challenge 2013-2014. Dat meldt organisator Bloomberg Philantropies. De wedstrijd bekroont het beste innovatieproject voor grootsteden. De winnende stad krijgt vijf miljoen euro. MIVB VERVANGT HALTEPALEN. De MIVB steekt tegen 2018 de 30 jaar oude haltepalen in een nieuw jasje. Op de nieuwe aanpasbare palen geven kaarten de plaatselijke bediening weer en schermen de wachttijd. Ze zijn steviger om het hoofd te bieden aan vandalisme.
DONDERDAG 20 FEBRUARI Verdachte taxiverkrachting geeft zich aan. Een man, die op een vrijgegeven bewakingsvideo van een Ukkels bankkantoor herkend wordt door collega’s, geeft zich aan bij het parket van Brussel in het onderzoek naar de taxiverkrachtingen in het Ter Kamerenbos. Hij wordt aangehouden op verdenking van verkrachting. De verdachte ontkent en zegt seksuele betrekkingen te hebben gehad met wederzijdse toestemming. Evere klemt foutparkeerders vast. Evere zet wielklemmen in om parkeerovertredingen tegen te gaan. Dat kondigt schepen van Mobiliteit Ridouane Chahid (PS). Vooral wagens met buitenlandse nummerplaten komen in het vizier. Eerder voerde Schaarbeek de wielklem al in.
Of er nog plaats zal zijn voor Océade en Mini-Europa hangt van de privépromotoren af.
spadesteek voor het winkelcentrum wordt in 2017 verwacht, de werken voor de nieuwe sportinfrastructuur beginnen misschien vroeger. Vorige vrijdag heeft het Brussels parlement het licht op groen gezet voor de publieke investeringen: stad en gewest trekken maar liefst 355 miljoen euro uit voor participatie in het congrescentrum, voor het sport- en recreatiepark, het openbaar zwembad, de infrastructuur en de wegen, de parken en de openbare ruimten en voetgangerstrajecten. Het vehikel dat de openbare investeringen in goede banen moet leiden, heet Neo. Het is een coöperatieve vennootschap met beperkte aan-
“ “
sprakelijkheid, de CVBA Neo. Naast het congrescentrum komt er een luxehotel met 250 kamers. Begin volgend jaar moet ook de promotor hiervoor bekend zijn.
Koning Boudewijnstadion Iedereen is er uiterst voorzichtig over, maar er moet nog een fase drie aan Neo gebreid worden. Op de plaats van Kinepolis kunnen er 200 bijkomende woningen komen en een tweede hotel. Als het voetbalstadion naar Parking C verhuist - zoals verwacht/verhoopt - dan komt er een flinke lap grond vrij. Op dit ogenblik staat alleen vast dat er daar desgevallend vooral woningen moeten ko-
men. “De Brusselse regering heeft alles gedaan wat in haar macht ligt om een voetbalstadion op Parking C mogelijk te maken,” aldus Vervoort. Maar het allerbelangrijkste is natuurlijk dat het congrescentrum voor 5.000 deelnemers er komt. Het zakentoerisme is van levensbelang voor Brussel. De nieuwe Heizel moet voor 3.000 nieuwe banen op de Heizel zorgen, maar ze moet ook de bestaande toeristische economie ondersteunen. Alleen moet de handel in het centrum een boost krijgen voor het nieuwe winkelcentrum op de Heizel opengaat.
Danny Vileyn
VRIJDAG 21 FEBRUARI Tiener DOOR METRO overreden. In het Molenbeekse metrostation Ossegem belandt een vijftienjarige jongen uit Laken op de sporen, waar hij wordt overreden. Hij werd gecontroleerd door de spoorwegpolitie en vluchtte weg. Het verkeer tussen Bockstael en Delacroix wordt urenlang stilgelegd. Volgens het Brussels parket gaat het om zelfdoding. De familie van de jongen dient een klacht in tegen de politie voor onvrijwillige doodslag. NEO VOORGESTELD. Brussel-Stad en het Brussels Gewest stellen Neo voor, het publiek vastgoedproject op de Heizel.
ZATERDAG 22 FEBRUARI 4.700 EXTRA PLAATSEN IN STADSONDERWIJS. Tegen 2020 wil Brussel-Stad 4.700 extra plaatsen in het stedelijk onderwijs. Daarvan komen er 778 in het Nederlandstalig onderwijs. Dat meldt Le Soir. De Stad zelf financiert 4.000 plaatsen, voor de overige plaatsen springen de Franse Gemeenschap en het Brussels Gewest bij.
ZONDAG 23 FEBRUARI
Een minimum aan veiligheid is nodig. Bijvoorbeeld een metaaldetector.” Luc Hennart, voorzitter van de rechtbank van eerste aanleg, nadat een vrouw in het Justitiepaleis eerst de rechter bedreigde met een mes, alvorens zichzelf te verwonden (op tv brussel).
Het blijft me verbazen dat men mij politieke ambities toedicht, want ik ben daar absoluut niet de persoon voor. Ik zou er het geduld niet voor hebben.”
HET WOORD
Vincent Kompany, voetballer en Brusselaar (in de Volkskrant).
Touwgroepen
Touwgroepen van de solidariteit, een fonds dat het publiek wil informeren over orgaan- en weefseldonatie, heeft het Bronzen Zinneke gekregen. Dat is een prijs voor informele ambassadeurs van Brussel. Minister Guy Vanhengel (Open VLD) heeft het beeldje overhandigd aan de weduwnaar en twee dochters van Carine Vyghen: Nicolas Verlaine, Sarah en Maureen. Carine Vyghen stierf op 28 december 2007 op 49-jarige leeftijd aan de gevolgen van een hersenbloeding. Via orgaandonatie heeft ze zes levens gered.
Carine Vyghen was journaliste en een getalenteerde politica, rechttoe rechtaan maar met een sterke overtuiging. Ze was meermaals schepen in de stad Brussel en parlementslid. Vyghen begon haar carrière bij de PS, maar eindigde na een ruzie met toenmalig burgemeester Freddy Thielemans bij de liberale MR. Voor ze in de politiek stapte, was ze actief in buurtcomités in NederOver-Heembeek. Ze richtte ook Diogenes op, een vzw die daklozen helpt. Danny Vileyn
Museum Night Fever IS SUCCES. Ruim 15.500 bezoekers zakten af naar Museum Night Fever. Aan deze zevende editie namen 24 musea deel. De bezoekers konden tussen 19 en 01 uur deelnemen aan honderd activiteiten. Bozar en het Belvue-museum zijn het meest in trek met elk 9.800 bezoekers.
MAANDAG 24 FEBRUARI HOTEL in VOORMALIG LE SOIR-GEBOUW. Motel One in de Koningsstraat wordt voorgesteld. De 14.000 vierkante meter, gebouwd op de grondvesten van de vroegere redactie van Le Soir, zullen een budgethotel met 490 kamers herbergen, een parfumwinkel en een openbare parking met 200 plaatsen. ‘WITTE VUILZAK MOET STEVIGER’. Een kwaliteitscontrole in tientallen supermarkten in het Brussels Gewest wijst uit dat de witte zakken voor restafval vaak de kwaliteitsnorm niet halen. Staatssecretaris Rachid Madrane (PS) kondigt strengere normen aan. De producenten moeten stevigere zakken op de markt brengen. OCMW’S TREKKEN AAN ALARMBEL. De Brusselse federatie van OCMW’s stelt een verkiezingsmemorandum op met een alarmerende boodschap. In het Brussels gewest zijn er meer leefloners dan in heel Vlaanderen. De OCMW’s vragen de gemeenschappen om meer middelen voor onderwijs. Van de federale overheid verwachten ze een plan dat de armoede beter verdeelt over het land.
DINSDAG 25 FEBRUARI ANDERLECHT KEURT BOUW DOUCHEFLUX GOED. De vzw Doucheflux mag een pand in de Veeartsenstraat verbouwen tot een plek waar daklozen zich kunnen douchen. Dat beslist het Anderlechtse schepencollege door het verlenen van een bouwvergunning. Samengesteld door Nicolas Cornil
MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP
BDW 1415 PAGINA 6 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
Laurent Louis houdt zijn redevoering op het Flageyplein. Hij mag immers het Lumen-theater op de Boondaalsesteenweg niet binnen. Het komt hem goed uit, want zo redt hij naar eigen zeggen de “vrijheid van meningsuiting”.
© IVAN PUT
Achtergrond > Laurent Louis, het parlementslid dat niemand lust, voert campagne in Brussel
Doelgroep: de bange Belg BRUSSEL – Hij voert een strijd tegen het systeem. Althans, zo ziet hij het zelf. Zijn tegenstanders zien in hem eerder een fascist. Laurent Louis is federaal parlementslid en trekt in zijn strijd een wel heel erg divers publiek aan. Maar toch voornamelijk links, religieus, pro-Palestijns en Belgicistisch. “Wij strijden voor meer ethiek in de politiek.” Brussel Deze Week volgde Louis een maand lang.
‘D
ebout Les Belges is de partij van de rechtelozen, de verworpenen en de gediscrimineerden. Ze willen ons het zwijgen opleggen en ze zijn bang van ons. Zoals vandaag. Wij voeren slechts een vreedzame revolutie, de revolutie van de Quenelle!” Zondag 23 februari, omstreeks halfzeven. Laurent Louis is tezamen met zijn sympathisanten de toegang tot theater Lumen in Elsene geweigerd. Alsof hij het had zien aankomen, heeft hij zijn getrouwen - een publiek van toch meer dan 300 personen - met een zekere flegma naar het Flageyplein gedirigeerd. “Gedraag jullie, de politie staat aan jullie zijde. Maar als ons verboden wordt onze mening te uiten in een zaal, dan doen we het in openlucht!” Onder luid gejuich zet de massa zich
in beweging, sommigen heffen het Quenelle-lied aan, anderen zwaaien naar het kleine cordon agenten aan de overkant van de straat. Louis heeft zijn volgelingen verteld dat de agenten aan hun kant staan. Sommige volgelingen fluisteren dat dat komt omdat heel wat agenten de boodschap van Louis’ beweging Debout Les Belges genegen zijn. Sinds er een agent vervolgd werd omdat hij op Facebook het Quenelle-gebaar bracht, klinkt dat in hun logica niet eens zo onzinnig. Laurent Louis is een fenomeen. Pas 34, en al een heel traject door de politiek afgelegd. Hij werd in 2010 verkozen als enige parlementslid voor de rechtse Parti Populaire van Mischaël Modrikamen, maar daar buitengegooid, waarna hij als onafhankelijke zetelde. Tussendoor
stichtte hij Mouvement pour la Liberté et la Démocratie, dat even in zee ging met de Brusselse extremistische Lijst Islam. Debout les Belges is zijn laatste, meest succesvolle uitvinding. Compleet met eigen gebaren, logo, trouwe volgelingen en ideologie. Louis heeft zelfs een rapliedje opgenomen om zijn beweging te promoten.
Une jeunesse qui cherche Centraal in Louis’ boodschap staat de terugkeer naar ethiek in de politiek. “Ethiek en moraal zijn gestoeld op religie, en ik weiger me in linksrechtstegenstellingen uit te drukken, want die verdelen mensen,” zo legt hij in zijn bureau in het parlement uit. Aan de muur hangt een affiche met de overleden Venezolaanse president Hugo Chávez die
het Witte Huis in Washington als wc-pot gebruikt. Op Louis’ bureau staan vlagjes van Tunesië, Algerije en België. “Ik trek voornamelijk een jong publiek aan, tussen de 18 en de 35 jaar oud. Une jeunesse qui cherche. Een jeugd die terug wil naar het essentiële, die familiewaarden belangrijk vindt. De politiek zoals die nu is, degouteert hen in die mate dat ze apolitiek geworden zijn. Wel, dankzij mij interesseren ze zich opnieuw voor de politiek. Brussel is een ideale stad, met veel van zulke jongeren.” Louis brengt een boodschap waarbij niemand wordt gespaard: niet de Belgische politici, niet grote instellingen als het Internationaal Monetair Fonds en de Europese Unie. In het parlement hield hij bijvoorbeeld furieuze en niet eens oninteressante uiteenzettingen over de Belgische interventie in Mali vorig jaar, over de beslissing van de federale regering om de uitkering van 55.000 werkloze jongeren in te trekken, over de geheimzinnigheid rond de zogenaam-
de Bilderbergconferenties (informele bijeenkomsten van wereldleiders, industriëlen en filantropen, CD) en over het kapitalisme. Eigenlijk verschilt veel van zijn discours niet zo heel erg van een linkse Franse krant als Le Monde Diplomatique. Maar... Het is niet dat op zich dat Louis zo controversieel maakt, maar eerder zijn stijl en zijn toespelingen op de ‘Joodse lobby’ die hij overal meent te ontwaren. Hoewel Louis er zich niet zozeer op laat betrappen een antisemiet te zijn, weet hij dat Israël en het zionisme op de korrel nemen aanslaat bij zijn volgelingen. Die volgelingen zijn voor een groot deel - maar niet uitsluitend - kinderen van de migratie, en vaak ook moslim. “Het zionisme als ideologie is tegen de moslims. Over de Holocaust mag gesproken worden, maar over de vele discriminaties tegen moslims, over hun strijd, daarover wordt zedig gezwegen,” zegt Louis. Daarnaast zijn er nog zijn toespelingen op het vermeende Belgische pedofilienetwerk dat zou bestaan. Zoals hij het zelf verwoordde tijdens
BDW 1415 PAGINA 7 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
zijn bijeenkomst op het Flageyplein: “Ik heb een lijst met de namen van 500 hooggeplaatste pedofielen in België die ik openbaar heb gemaakt op mijn website. Daarvoor probeert men mij te vervolgen. De waarheid kwetst blijkbaar.” Het feit dat Louis onlangs een brief kreeg van Marc Dutroux waarin die laatste herhaalde dat hij slechts een slachtoffer is van een veel breder netwerk, versterkt Louis nog in zijn oordeel. Enkele van zijn aanhangers gingen op het Flageyplein dan ook zover dat ze luidkeels premier Elio Di Rupo van pedofilie beschuldigden en riepen “dat ze die flikker zouden hebben”.
‘Omgekeerde Hitlergroet, welja’ Maar praat met Louis’ volgelingen en men lijkt zich van geen kwaad bewust. Belangrijk om hen te begrijpen is de innige band die Louis heeft met de populaire Franse humorist Dieudonné M’bala M’bala. Die laatste is de bedenker van de zogenaamde ‘Quenelle’. Dat is een armgebaar waarbij men een hand haaks tegen de schouder tikt terwijl de arm gestrekt is. Oorspronkelijk betekent het zoveel als ‘Ik steek mijn arm in hun kont’, waarbij ‘hun’ de elite, het establishment is. Maar vermits het gebaar wat weg heeft van een Hitlergroet en zowel Dieudonné als Laurent Louis zichzelf als ‘antizionistisch’ definiëren, heeft het gebaar in de media de allures van een nazigroet gekregen. Dat wordt nog versterkt doordat op het internet jonge volgelingen van Dieudonné poseren voor het Holocaust-monument in Berlijn of voor het concentratiekamp Auschwitz terwijl ze uitdagend een Quenelle brengen. “De Quenelle is een foertgebaar tegen het systeem,” legt Pascal Maserotti, een Waalse caféhouder en fan van Laurent Louis, uit. “Het is onze manier om fuck you te zeggen tegen een systeem dat ons met politieke correctheid overlaadt. In tegenstelling tot politici die met moeilijke woorden praten, zeggen wij dat iets kak is als het kak is.” De gemiddelde aanhanger van Laurent Louis ziet in de Quenelle dan ook eerder onschuldig vertier, zoals Dieudonné het oorspronkelijk bedoeld heeft. Maar hoe controversiëler de humor van Dieudonné gaandeweg gevonden wordt door Franse en Belgische politici, hoe meer de aanhangers zich gesterkt voelen in hun oordeel dat de elite hen verbiedt om te lachen waarmee ze willen, om te denken wat ze willen en te zeggen wat ze willen. Dieudonné verstaat de kunst om van zijn controversialiteit een merk te maken. Uiteindelijk blijven alleen gebaren over die alleen zijn volgelingen begrijpen. Wanneer een criticus aanhangers van Louis en Dieudonné er op attent maakt dat ze antisemitisch zijn, pareren zij met de opmerking dat ze zelf vaak semiet zijn, en dus niet tegen zichzelf kunnen zijn. Wanneer de Quenelle in de media getypeerd wordt als ‘een omgekeerde Hitlergroet’, dan zegt men: “Welja, een omgekeerde Hitlergroet, wij zijn het omgekeerde van Hitler, dus.” Wanneer men Laurent Louis als ‘fascist’ kenmerkt door zijn sterke standpunten tegen de ‘Joodse lobby’, tegen de zionisten en tegen vrijmetselaars, dan doet hij hetzelfde: hij
noemt ‘het systeem’ fascistoïde.
Parvenu’s Om nog beter te begrijpen wat Louis’ aanhangers drijft, moeten we naar de vergaderingen die hij wekelijks houdt op donderdag in het parlement. Tussen zijn interpellaties tijdens de plenaire zitting door verzamelt hij zo een schare volgelingen om tezamen te debatteren over politiek en samenleving. Er is koffie en water, en er zijn enthousiaste jongeren. Er zijn gedesillusioneerde Waalse socialisten die zich achtergelaten voelen door de PS. Er zijn moslims die zich gediscrimineerd voelen. Er zijn PVDA’ers en gauchisten die wel wat mogelijke frontvorming zien met het ongeleide projectiel. En er is de occasionele Holocaust-ontkenner. Hoewel, occasioneel. Wanneer één iemand begint over ‘genegeerde’ studies over het niet-bestaan van de Holocaust, volgen enkele jongelingen enthousiast. Praten over dit onderwerp lucht op, zo blijkt, al is men zich wel van
Wanneer een criticus aanhangers van Louis en Dieudonné er op attent maakt dat ze antisemitisch zijn, pareren zij met de opmerking dat ze zelf vaak semiet zijn, en dus niet tegen zichzelf kunnen zijn
ken door het bovenstaande. Zo zijn er enkele Waalse vrouwen van middelbare leeftijd. “Ik wil een eerlijke
vooral graag hebben voor zijn durf. Ondertussen verzamelt Louis handtekeningen om van Debout Les Belges een politieke partij te maken. Tussendoor lacht hij met een uitnodiging die hij die dag kreeg van het parlement. De vijfenveertigjarige aanwezigheid van onder meer Herman De Croo wordt gevierd. Louis somt nog enkele andere gefêteerde parlementsleden op. “Juist ja, kent u hen? Ik niet. En toch kostte hun mandaat ons al die jaren in totaal 23 miljoen euro.” Louis noemt het “het bal van de parvenu’s”. Zoals vaak eindigt de vergadering in het achterafzaaltje van het parlement met de nodige Quenelles en groepsfoto’s.
Mediaoorlog Tot zover de fysieke realiteit. Nu het internet. Wekelijks zet Louis zijn parlementaire interpellaties op Youtube. En wat de kijker ziet, is vaak Laurent Louis die interpelleert voor uitsluitend lege parlementsbanken. Het blijkt een lopend verhaal, het
Debout Les Belges is resoluut voor ‘nationale eenheid’. De beweging trekt dan ook mensen van diverse pluimage aan.
de morele geladenheid bewust. “Als ik dit vertel tegen mijn ouders, dan bekijken ze me waarschijnlijk heel raar,” zegt een piepjonge student. Een medewerker van Louis pareert het gesprek. “Het gaat hier niet over de Holocaust, maar wel over een klein netwerk dat bestaat en de touwtjes in handen heeft.” Waarop een jongeman met Palestijnse sjaal: “Een klein netwerk? Kom nou.” Bedoeld wordt dus: de ‘Joodse lobby’. Waarop de medewerker: “Maar als we altijd over de Joden gaan praten, dan gaan ze ons niet geloven.” In die vergaderingen bespeelt Louis zijn toehoorders. Hij legt hen uit dat ze gewoon van hun recht gebruikmaken om een plenaire zitting bij te wonen, en dat hij de enige politicus is die dit doet. Er heerst een sfeer van “alles kan en mag hier gezegd worden”. Er wordt gepraat over complotten, over de zaak-Dutroux en over het falen van de media om eerlijke berichtgeving te verzorgen. De meeste van zijn volgelingen zijn vriendelijke, beleefde mensen, anders dan wat men zou kunnen den-
“De Quenelle is onze manier om foert te zeggen”
wereld voor mijn kleinkinderen,” legt een van hen uit wanneer we hen vragen wat hen tot hier brengt. “De elektriciteitsprijzen stijgen, en mensen die met hun handen werken hebben geen toekomst meer. En wat doet de PS voor ons? Niets.” Een andere volgeling, een jonge Libanees, heeft het over het onrecht dat zijn land is aangedaan in 2006, toen het door Israël werd gebombardeerd. En dan is er een jongeman die zegt dicht bij de PVDA te staan, maar zeer geïnteresseerd is in Laurent Louis. In het publiek ook enkele ouderen, die Louis
© IVAN PUT
feit dat niemand naar Louis wil luisteren en hij de risee is van het parlement. Louis valt politici dan ook vaak frontaal en persoonlijk aan. Zo verweet hij vicepremier Laurette Onkelinx dat “haar familie weet wat druggebruik is” tijdens een debat over het legaliseren van cannabis. Tezamen met de verdachtmakingen rond Elio Di Rupo maakt hem dat het mikpunt van haat en spot in het parlement, maar geliefd bij het (internet)volk. Ja, op het internet is de toon hard. Een volgeling van Dieudonné heeft bijvoorbeeld een debat op de Franse televisie tussen de conservatieve filosoof Alain Finkielkraut - een tegenstander van Dieudonné - met een Franse filmmaker van Algerijnse komaf zodanig gemonteerd dat Finkielkraut er uiterst belabberd uit komt. Telkens wanneer de filmmaker zijn punt heeft gemaakt en de filosoof zich opwindt, is het geluid van geweerschoten gemonteerd. De titel van het filmpje: Alain Finkielkraut détruit par Abdel Raouf Dafri. Het echte, niet verknipte debat is
nochtans intellectueel interessant want het geeft het conflict tussen de vrijzinnige jood Finkielkraut en een bepaald links Frankrijk weer: Finkielkraut zegt openlijk te snakken naar het oude Frankrijk, waarin de vrijzinnigheid nog de waarde was die alle Fransen leidde, en lust de huidige vermenging van links-progressief met godsdienst niet meer. Zijn tegenstanders zeggen echter dat hij ‘het moderne Frankrijk’ niet meer begrijpt en gewoon bang is van de ‘Ander’. Hij wordt voor racist versleten. In de nuance van het debat zie je dat Finkielkraut daar sterk mee worstelt, maar voor die menselijke worsteling is geen plaats in de montage waarin hij ‘vernietigd’ wordt. De oorlog tussen oude en nieuwe media woedt volop.
Democratie en aandacht Een verklaring voor die mediaoorlog kunnen we bij de Luikse politoloog Jérôme Jamin vinden. Die legde vorige week in het magazine Le Vif/L’Express uit wat er mogelijk aan de hand is. “Heel wat jongeren zwemmen in een soort lavastroom op Facebook waar men alles en niets vertelt,” zegt Jamin. “Het huidige anti-systeemdenken werkt namelijk op basis van ironie en cynisme, en je moet er altijd harder kunnen roepen dan je tegenstander. Wat vooral verontrustend is met de media, internet en de strijd om onze aandacht, is de continue stroom van beelden die onbegrip en ressentiment schept op alle vlak, waarbij iedereen denkt dat hij benadeeld wordt door de anderen. In onze multiculturele samenleving ervaren mensen die uit landen komen waar ze geleden hebben een gevoel van onrechtvaardigheid tegenover de vermeende alomtegenwoordigheid van de Shoah. Dat door de media aangereikte kader brengt de sociale samenhang ernstige schade toe en maakt het alternatief, het cynisme à la Dieudonné, alleen maar aantrekkelijker.” Volgens Jamin heeft het onderwijs de weinig benijdenswaardige taak om hiertegen in te gaan. Een andere academicus, de JoodsAmerikaanse classicus Donald Kagan, is diezelfde mening toegedaan, maar vreest dat het te laat is. “Democratie is een van de meest zeldzame, meest delicate en fragiele bloemen in het oerwoud van de menselijke ervaring,” zo zei Kagan vorig jaar in The Wall Street Journal. Democratie steunt op vrije, autonome en individuele burgers en heeft buitengewoon leiderschap nodig om te bloeien, en zelfs om te overleven. Maar dit soort burgers wordt niet vanzelf geboren, ze moeten worden geschoold. De richting in het onderwijs gaat vandaag echter naar gelijkheid. Gelijkheid van resultaat en elk ander soort gelijkheid dat opgeëist kan worden zonder veel oog voor vrijheid. Vandaag de dag is de vrijheid dan ook bedreigd.” “De democratie zou weleens voorbij kunnen zijn,” zo besloot de academicus. Laurent Louis zegt dat zijn beweging zichzelf wil opheffen wanneer haar programma gerealiseerd is. “Dat is democratisch.”
Christophe Degreef
BDW 1415 PAGINA 8 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
van de politieke marketing. Ook Ecolo niet. Doulkeridis wordt lijsttrekker. Delwit: “Echt bekend is hij niet. En het schort ook aan zijn herkenbaarheid. Een politicus draagt een pak, of een strik, of een opval-
“Didier Gosuin kan Ecolo serieus pijn doen”
Christos Doulkeridis in 2009, intussen is hij lijsttrekker voor Ecolo. De partij worstelt met haar imago, maar wil het koste wat het kost de derde grootste partij blijven in Brussel.
© BELGAIMAGE/BENOÎT DOPPAGNE
lende bril. Maar Doulkeridis? Nu eens heeft hij een baard, dan weer geen.” Ook bij de nummer twee van de gewestlijst heeft Delwit zijn vragen. Zoé Genot, huidig Kamerlid, moet de linkerzijde van Ecolo verleiden. Delwit: “Het is een typische partijpolitieke strategie om de verschillende flanken van het electoraat te bespelen. In dit geval moet Genot de Ecolo-kiezer bij de PVDA weghouden, maar Genot is in een te kleine kring bekend. Ik weet niet of de combinatie Doulkeridis-Genot de juiste is.”
Paniekvoetbal
Politiek > Slechte peilingen voor de Franstalige groenen
Ecolo en de baard van Doulkeridis Daarop kon Ecolo geen afdoende antwoord formuleren. Ecolo is een themapartij en slaagt er vandaag niet in om haar thema’s op de politieke agenda te zetten.” De groene partij bokst vandaag met zestien zetels in het Brussels parlement dus boven haar natuurlijk gewicht. Als de peilingen uitkomen, dan zal ze in 2014 terugvallen op het stemmenaantal van voor 2009. Hoe pijnlijk dat ook is. Toch blijft het opmerkelijk dat de twee andere regeringspartijen, PS en CDH, hun electoraat wel min of meer kunnen vasthouden, en Ecolo niet. Zowel minister Evelyne Huytebroeck als staatssecretaris Christos Doulkeridis hebben de afgelopen legislatuur hard gewerkt, maar voor Delwit kwam dat werk niet genoeg uit de verf: “Het is niet zo dat Doulkeridis kan uitpakken met massaal veel nieuwe woningen. En op vlak van leefmilieu moet Huytebroeck de slechte punten uitleg-
ZETE LVE RD EL I
H
et valt niet zo op in de peilingen omdat Le Soir en La Libre de kiesintenties honderd dagen voor de verkiezingen vergelijken met de federale verkiezingen van 2010. En toen deed Ecolo het ook al niet goed meer. Maar vergeleken met 2009, de vorige gewestelijke verkiezingen, zijn de peilingen voor Ecolo dramatisch. Met 18 procent van de stemmen was Ecolo toen een partij die ertoe deed. In de laatste peilingen houdt de regeringspartij nog amper 10 procent over. Ecolo belandt daarmee bij de kleine partijen als FDF en CDH. Pasklare verklaringen hiervoor bestaan niet, zegt professor Pascal Delwit (ULB), “maar het is wel belangrijk te kijken naar de maanden die aan de verkiezingen van 2009 voorafgingen. Er was toen een hype rond de klimaatopwarming en rond de nieuwe politieke cultuur. Dat gaf Ecolo wind in de zeilen. Even later brak de economische crisis aan.
NG
ARTIJEN OP B LIGE P ASI A T SV NS A AN FR
PS
CDH
11 (+0) Ecolo 9 (-7)
17 (-4)
FDF
MR
20 (-4)
H
NG EILI EP DIG UI
BRUSSEL – Het zijn benarde tijden voor Ecolo. De partij haalt in de peilingen nog amper tien procent van de stemmen in Brussel. Daarmee zou de regeringspartij een kleine helft van haar kiespubliek verliezen. ULBpolitoloog Pascal Delwit: “Het regeerwerk van Ecolo komt niet genoeg uit de verf.”
9 (+9)
72
PTB 6 (+6)
ZETELS BRON: PEILING LA LIBRE. ZETELBEREKENINGI EN INFOGRAFIEK: BDW
FRANSTALIGE COALITIE KAN NOG ALLE KANTEN UIT De coalitievorming na de verkiezingen van 25 mei wordt boeiend. Er zijn veel meer combinaties mogelijk dan in 2009. Dat heeft te maken met het uiteenvallen van het kartel MR-FDF, maar ook met de verwachte terugval van Ecolo, en zelfs met nieuwkomer PTB-GO. Grosso modo blijven er twee mogelijkheden over. Ofwel gaan MR en PS een coalitie aan - al lijkt daar vandaag minder enthousiasme voor dan vlak na de gemeenteraadsverkiezingen van 2012. Ofwel sluit een van de twee grote partijen een coalitie met twee kleinere partijen. En dan is er keuze te over. SVG
gen die Brussel van Europa krijgt.” Ecolo is, net als Groen, niet de partij die het moet hebben van de grote
stemmenkanonnen. Toch kunnen politieke partijen vandaag moeilijk ontsnappen aan de wetmatigheden
De vraag rijst of Ecolo de koelbloedigheid kan bewaren. Het getouwtrek rond Isabelle Durant doet vermoeden van niet. Toen de Ecolo-militanten Philippe Lamberts verkozen boven Isabelle Durant als lijsttrekker voor het Europees Parlement, hoefde het niet meer voor die laatste. Ze kondigde aan alleen interesse te hebben in een Europees mandaat. Verrassing alom dat Durant nu toch akkoord gaat om de gewestlijst te steunen. Daarmee wil Ecolo kennelijk CDH-boegbeeld Joëlle Milquet counteren die de gewestlijst trekt van de Franstalige christendemocraten. Omdat alle verkiesbare plaatsen op de Ecolo-lijst al bezet zijn, zal Durant ergens in het midden op de lijst gaan staan, op een onopvallende plaats. Maar wie is de Ecolo-kiezer in Brussel dan? Voor Delwit volstaat het naar de zuidelijke en oostelijke gemeenten te kijken: Elsene, Watermaal-Bosvoorde, zelfs een deel van Ukkel en Vorst. Daar staat Ecolo het sterkst. Delwit: “Ecolo heeft een jong en hoogopgeleid publiek. Het zijn precies de gemeenten waar ook het FDF sterk staat. En daar schuilt meteen het gevaar. We zien een lijsttrekker als Didier Gosuin die iedereen aanspreekt. Hij is niet zo radicaal als Maingain, ervaren en actief rond dezelfde thema’s als de ecologisten: stedenbouw, milieu, etc. Gosuin kan Ecolo serieus pijn doen.” Toch wil Delwit niet dramatiseren. “De politieke campagne is pas bepalend enkele weken voor de verkiezingen. Vandaag kennen we zelfs de lijstsamenstelling van de twee grootste partijen, PS en MR, nog niet. In die zin moeten de peilingen ook gerelativeerd worden.” Steven Van Garsse
BDW 1415 PAGINA 9 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
P-PRAAT
500 Gegevensbron: WPR en CGOP/B Infografie: BIVV
450 400
350 300
250 200
150 100
2013
2012
2011
2010
2009
2008
2007
2006
2005
0
Verkeer > BIVV maakt jaarcijfers 2013 bekend
Waar zitten trouwens de flaminganten als je ze nodig hebt? Of wat te denken van de uitspraak van minister van Buitenlandse Zaken Didier Reynders (MR) vorige week in deze krant, pagina twee? “In de federale regering gebeurt alles altijd in het Frans.” Reactie: nul komma nul nul nul nul. Met andere woorden: niks, nada, nougatbollen. Hoe komt dat? Ach... Misschien heeft de MR net dat ietsje meer te bieden dan Paul Magnette.
Minder letsel-, meer fietsongevallen BRUSSEL – Het Brussels Gewest kan het aantal verkeersdoden voorlopig niet terugdringen. Het aantal letselongevallen daalt, maar het aantal dodelijke verkeersslachtoffers stijgt. Er zijn ook meer fietsongevallen. Eerst het goede nieuws. Het aantal letselongevallen in Brussel is in 2013 met 7,7 procent gedaald. Dat blijkt uit de jaarcijfers 2013 van het Belgisch Instituut voor de Verkeersveiligheid (BIVV). Toch steeg het aantal doden ter plaatse van 20 naar 21. Het aantal overlijdens dertig dagen na een ongeval stijgt zelfs fors: van 25 tot 37. Daarmee zit het Brussels Gewest terug verder van zijn doelstelling, want tegen 2020 moet het aantal verkeersdoden teruggedrongen worden tot 16 per jaar. Het BIVV heeft ook een opsplitsing per vervoersmodus gemaakt. Die toont dat er vorig jaar minder voetgangers
Weet u nog dat we enkele weken geleden opperden dat er zoiets als een Vlaams-marxistische partij zou kunnen bestaan? Wel het is zo ver. De PS en de N-VA hebben contact met elkaar. En dat voor ze samen ook maar één minuut in de oppositie hebben gezeten. Althans, dat is wat De Tijd-commentator Rik Van Cauwelaert vorige week wist te vertellen. Uiteraard werd het nieuws in alle toonaarden ontkend, en wel door PS-voorzitter Paul Magnette zelf. “Avec la plus grande franchise, les yeux dans les yeux: c’est totalement faux. Il n’y a pas, il n’y a jamais eu, il n’y aura jamais de contacts secrets avec la N-VA,” vertelde Magnette op RTL. Zaterdag dan werd Laurette Onkelinx in Le Soir én in De Tijd nog van stal gehaald om iets te zeggen over de ontmanteling van het Belgische socialezekerheidsstelsel, maar het mocht niet baten. Het kwaad was de wereld in. Ook Brussels MR-parlementslid Alain Destexhe, de blauwe ridder van Matongé, heeft een Brusselboek geschreven. Ze overdrijven toch met die Brusselboeken. Maar goed. Het boek van Destexhe gaat over de toekomst, dat is dus anders. Meteen veren er toch wel mensen van de vakbond recht die Destexhe ervan beschuldigen zijn boeken niet zelf te schrijven. Het rechtse parlementslid antwoordt direct: “Ik heb er twintig geschreven, waarvan de overgrote meerderheid alleen. Enkele zijn tezamen met een andere auteur geschreven, maar dat werd dan altijd duidelijk vermeld,” zo klinkt het in La Libre Belgique. Tja. Wat kunnen we daar op zeggen? Een geluk dat sommige Brusselboeken niet alleen door politici geschreven worden, anders zouden ze nog slechter zijn.
50 2004
Letselongevallen
BRON: WPR EN CGOP/B. INFOGRAFIEK: © BIVV
Figuur 73 Jaarlijkse evolutie van het aantal geregistreerde JAARLIJKSE EVOLUTIE VAN HET AANTAL GEREGISTREERDE LETSELletselongevallen met minstens één fietser, Brussels ONGEVALLENHoofdstedelijk MET MINSTENS ÉÉN FIETSER IN HET GEWEST. Gewest
in het Brusselse verkeer stierven. Ook het aantal letselongevallen met voetgangers daalde. Er zijn wel meer fietsongevallen. Het BIVV stelt een stijging vast met 2,5 procent tussen 2012 en 2013. Over tien jaar tijd is de evolutie nog veel frappanter. Waren er in 2004 slechts 83 letselongevallen met fietsers, dan zijn dat er vandaag 464, een stijging met ruim 500 procent. “Een mogelijke verklaring is de stijging van het aantal fietsers,” zegt staatssecretaris voor Mobiliteit Melchior Wathelet (CDH). Navraag bij de gewestadministratie leert dat de stijging van het aantal fietsongevallen inderdaad gelijkloopt met de stijgende ongevalcijfers. Er is één dodelijk fietsongeval in 2013, maar dat was te wijten aan een natuurlijk overlijden op de fiets. Er waren vorig jaar in Brussel minder ongevallen met bromfietsers, motorfietsers en (lichte) vrachtwagens. SVG
CHIEN ÉCRASÉ SIMONIS – Volgens La Capitale zou het metrostation Simonis het drukste zijn van Brussel. Dat komt, zo komen we te weten dankzij de woordvoerder van de MIVB, “omdat ons netwerk succesvol groeit in het noordwesten.” Op de tweede plaats staat De Brouckère, op plaats drie het Zuidstation, waarvan La Capitale weet dat het op één jaar tijd van de eerste naar de derde plaats is gezakt. Moraal van het verhaal: alleen in een stad als Brussel kan het metrostation dat de toegangspoort is voor veel buitenlanders plaats ruimen voor een onooglijk halteplaatsje in het noordwesten, waar tot voor kort mensen nog verloren liepen omdat ze nooit wisten of ze naar ‘Elisabeth’ dan wel naar ‘Leopold II’ gingen, en toch ter plaatse bleven trappelen. BOOM – Nu het opnieuw lente wordt, wordt het tijd om nog eens naar de bomen te kijken. In deze krant vindt u onder meer een artikel over het geslacht der bomen. Dat is eens iets anders dan dat der engelen. Maar alle boomgekte op een stokje: wat is er gebeurd met de boom aller bomen; de demografische? Als u een jaar 51 opengeslagen, dan was het van bevolkingsboom hier en mensenboom daar. Maar nu, geleden een krant had tijdens de verkiezingscampagne: stilte. Is de boom dan omgehakt? Door sociale woningen? OOK DEZE WEEK – Wij houden woord: reclame. ------------------------------------------------------- PUB -----------------------------------------------------------KEUZE VAN DE REDACTIE – Bar Penates in de De Vergniesstraat is zo’n plek dicht tegen het kloppende hart van Brussel - het Flageyplein - waar het goed is om te leven. Komt u er toevallig langs voor een glas wijn en een Focaccia-broodje, dan is de kans groot dat u een zeer luidruchtige groep in een hoekje aantreft. Geen zorg, dat zijn wij. Nu u het weet: oortjes dicht en snaveltjes toe. Smakelijk. ADVERTENTIE
Meer crèches, minder zorgen Een kind verwachten, het is een mooie, spannende tijd. Maar voor veel jonge ouders begint dan ook een stresserende zoektocht naar een crèche. Het tekort aan betaalbare crèches is onaanvaardbaar. Omdat kinderopvang ouders toelaat te gaan werken, of even uit te blazen. Omdat het de ontwikkeling van kinderen stimuleert. Vul de enquête in op www.bebebrussels.be en deel uw ervaringen met andere ouders. Zo zorgen we dat kinderopvang hoog op de agenda staat.
Plus de crèches, moins de soucis
Last van CrèChestress? Ga dan snel naar pagina 7
Attendre un enfant, c’est une période magnifique et émouvante. Mais pour beaucoup de jeunes parents, c’est également le début de la recherche stressante d’une crèche. Le manque de crèches abordables est inacceptable. Parce que l’accueil des enfants permet aux parents de travailler ou de souffler un peu. Parce que cela stimule le développement des enfants. Remplissez l’enquête sur www.bebebrussels.be et partagez votre vécu avec d’autres parents. Ainsi, nous pourrons remettre l’accueil des enfants au premier plan.
eLKe rOeX
Brussels parlementslid
www.spa-brussel.be
BDW REGIO
BDW 1415 PAGINA 10 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
Deze Week in Elsene > Doek valt definitief over Vlaamse bakkerij Vermeulen
‘Brood bakken is als een kind zien opgroeien’ anderzijds. We zouden honderdduizenden euro’s moeten investeren om in orde te zijn met de reglementering. Dat konden we op onze leeftijd niet meer opbrengen.”
‘Warenhuizen zijn doodsteek
Het echtpaar Matton en Vermeulen vanachter hun toonbank vol verleidende patisserie. Na ruim 60 jaar houden ze ermee op.
ELSENE – Broodjes in allerlei maten en gewichten, chocoladekoeken en croissants… Zes decennia en twee generaties lang werden ze artisanaal vervaardigd door bakkerij Vermeulen nabij het Flageyplein. De pensioengerechtigde West-Vlamingen hebben geen opvolgers, en verkochten het pand. Een hele generatie van Vlaamse bakkers en beenhouwers sterft langzaam uit.
‘N
a meer dan 60 jaar bestaan sluiten wij onze deuren op 2 maart 2014. Het was een grote vreugde om deel uit te maken van jullie leven.” Dat is de boodschap die de klanten meekrijgen op de laatste dag uit het
ADVERTENTIE
Handicap & informatie Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap
✆ 0800-15045
alle werkdagen van 9 tot 12u30, maandag, dinsdag en donderdag van 13 tot 15u30
Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be
bestaan van bakkerij Vermeulen. Het echtpaar Edith Matton (64) en Jean-Pierre Vermeulen (67) hebben samen meer dan 45 jaar lang broodjes en pateekes gebakken. Wanneer Jean-Pierre 6 jaar jong was, trok hij met zijn ouders vanuit Roeselare naar Elsene. Zijn vader wou het daar maken als bakker. Jean-Pierre ging naar de Franstalige school SaintBoniface, “want Nederlandstalige scholen waren er hier toen niet.” Edith leerde hij kennen toe hij zijn legerdienst deed in Melsbroek, waar haar gezin toen woonde. Edith zelf is geboren in het West-Vlaamse Wakken. Maar nu zien ze er geen brood meer in om verder te doen, en willen ze genieten van een welverdiend pensioen. Ze staan symbool voor de teloorgang van het West-Vlaamse bakkersgild in Brussel. In de jaren vijftig en zestig was er een ware immigratiegolf uit Oost- en (vooral) West-Vlaande-
ren. Die economische migratie in de sector gaf in 2005 zelfs aanleiding tot de tentoonstelling ‘Uitgebeend! Vlaamse beenhouwers in Brussel
© Marc Gysens
sche stap voor zowel bakkers als slagers,” weet Jean-Pierre Vermeulen. “Maar die mooie periode is voorbij. Dat ligt aan een combinatie van factoren. De jongeren willen dit zware werk niet meer doen. Ik sta elke dag op om 1.30 uur, en ga een eerste keer slapen om 12 uur ’s middags,” zegt Jean-Pierre. “En ik sta al in de winkel om 6 uur om alles klaar te zetten, en blijf er dan tot 19 uur,”
“Eén cyclus brood bakken duurt vier uur. Daar ben je dus wel even zoet mee”
na WO II’ in het Archief en Museum van het Vlaams Leven te Brussel (AMVB).
Mooie periode is voorbij “In Brussel waren er veel meer potentiële klanten en gaven mensen meer uit dan in Vlaanderen. De verhuis naar Brussel was dus een logi-
vult Edith aan. “Dit jaar gaan we voor het eerst samen kerstmis vieren.” “Een andere reden is de loodzware reglementering die het Federaal Agentschap voor de Veiligheid van de Voedselketen ons oplegt. Bijvoorbeeld een aparte in- en uitgang voor leveranciers enerzijds en klanten
“En last but not least zijn er ook lokale factoren. De werken op het Flageyplein hebben acht jaar aangesleept. Sinds het begin van de werken en de moeilijkere toegankelijkheid van de buurt is onze omzet met 40 procent gedaald. De klanten die het toen lieten afweten zijn niet meer teruggekomen. Bovendien is er een Express GB en een Delhaize bijgekomen. De warenhuizen betekenen de doodsteek voor de kleine zelfstandige,” aldus Jean-Pierre. Ook hun leverancier van bloem, de eveneens West-Vlaamse firma Nova, heeft het aantal bakkers drastisch zien slinken. “Het aantal bakkers in Brussel is de voorbije dertig jaar minstens met de helft gedaald,” zegt Philip Vandenboogaarde van Nova. “We proberen onze producten te diversifiëren, bijvoorbeeld door biologische bloem te produceren.” “Als ik mijn leven kon herbeginnen, zou ik opnieuw bakker worden,” zegt Jean-Pierre. Ik bak graag brood. Brood is iets dat groeit, dat niet simpel is om onder controle te houden. Het is als een kleine die men opvoedt. Je moet met veel rekening houden, zoals de buitentemperatuur, de temperatuur van het water en de bloem. Eén cyclus brood bakken duurt vier uur. Daar ben je dus wel even zoet mee.” “Het meest populair bij ons zijn de stokbroden, de croissants en de chocoladekoeken.” Wie ze nog wil proeven, heeft dus nog de tijd tot 2 maart. Want dan krijgt Dominic Janne de sleutel van het pand overhandigd. Deze multiinvesteerder in de buurt van het Flageyplein heeft de bakkerij met atelier overgekocht. Op 3 maart kunnen Edith en Jean-Pierre definitief op hun lauweren rusten. “Eindelijk zullen we kunnen doen wat willen,” zeggen ze daarover. “Toch gaat het moeilijk zijn om te stoppen, na al die jaren. Er gaan tranen vloeien,” zegt Edith met de krop in de keel. Verhuizen doen ze niet, want hun woonhuis bevindt zich achteraan de tuin van de bakkerij, met ingang in de Van Elewyckstraat. In tegenstelling tot de wat verouderde bakkerij heerst daar de moderniteit. Every end is a new beginning.
Eric Vancoppenolle
aDVerTenTIe
BDW 1415 PAGINA 11 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
© Isabel Herguera / Folioscope 2013
© sasKIa VanDersTIcHeLe
The Brussels Animation Film Festival
Elsene > Buurtbewoners vechten bouwplannen gemeente aan
Boondaal-Ernotte, deel twee Het buurtcomité Potagers XL en danger stelt een alternatief bouwplan voor de ernottewijk voor. Volgens hen offert de gemeente de laatste volkstuinen op voor woningen. schepen van stedenbouw nathalie Gilson (Mr) zegt dat er een procedure gevolgd moet worden.
Brussels - Flagey 28/02 09/03/2014
^
Woordvoerder Fabian Van Troyen interpelleerde het Elsense schepencollege vorige week donderdag. Van Troyen wees er op dat het buurtcomité niet per defi nitie tegen de bouwplannen is, maar dat de gemeente ondoordacht te werk gaat. Daardoor zouden de laatste gemeenschappelijke volkstuinen in de wijk Boondaal-Ernotte moeten wijken. “Wij hebben een alternatief geformuleerd waarbij gebouwen haaks op de straat komen te staan, met ruimte voor groen ertussen, in plaats van langs de straatkant, waardoor veel groen zou moeten wijken. Maar schepen Gilson plaatst ons voor een voldongen feit. De bouwplannen lagen al lang vast voor we geraadpleegd werden en laten geen ruimte meer voor groen,” vertelde Van Troyen. Hij overhandigde Gilson behalve het alternatieve grondplan ook een petitie
met handtekeningen van 1.425 Elsenaren. Schepen Gilson zegt dat het schepencollege het buurtcomité tot tweemaal toe geraadpleegd heeft voor de toepassing van het Bijzondere Bestemmingsplan (BBP). Dat BBP bepaalt de grondbestemming in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. “Het studiebureau dat we in de arm hebben genomen, stelde een project van 25.000 m² voor, en wij hebben dat al verlaagd naar 17.000 m². Wij behouden in tegenstelling tot het alternatief van het comité ook een stuk bos. Het BBP is een gewestelijk antwoord op de bevolkingsdruk. We moeten voorzien in de behoefte aan middenklassewoningen, maar er wordt ook groenruimte voorzien in onze plannen. De gemeenteraad moet echter nog beslissen over het openbaar onderzoek, waarna dat onderzoek de buurtbewoners nog genoeg inspraak zal geven,” aldus Gilson. Van Troyen begraaft de strijdbijl niet. “Door de aanstormende verkiezingen kunnen we niet meer interpelleren, maar we zullen in ieder geval nog stappen ondernemen.” In het verleden sneuvelden in de wijk al moestuinen voor de bouw van sociale woningen. NCO
www.animafestival.be
aDVerTenTIe
Elsene > Mr blinkt uit door afwezigheid op gemeenteraad
Meerderheid brengt eigen dossiers in gevaar De afwezigheid van enkele Mr-meerderheidsleden tijdens de jongste gemeenteraad zet kwaad bloed. Want normaal gezien had het project van het nieuwe gemeentehuis goedgekeurd moeten worden. “Barsten?” zo vraagt oppositiepartij ecolo zich af. Tijdens de gemeenteraad vorige week donderdag moest er gestemd worden over de bouw van de nieuwe vleugel aan het gemeentehuis. Een belangrijk dossier, want het vormde twee jaar geleden de inzet van de verkiezingen. De scheurlijst van toenmalig fi nanciënschepen Olivier de Clippele met het FDF maakte er toen een halszaak van; volgens hen was de vleugel veel te duur voor een gemeente met fi nanciële problemen. Olivier de Clippele, die twee jaar geleden te weinig stemmen haalde om de MR-PSmeerderheid te breken, keerde na de verkiezingen terug naar de MR en borg zijn kritiek op. Tot vorige week donderdag, zegt althans oppositiepartij Ecolo, want De Clippele was
niet aanwezig tijdens de belangrijke stemming, evenals de volledige FDF-fractie en enkele prominente MR-raadsleden. Waarop Ecolo en de oppositiecollega’s van CDH aan het tellen sloegen en beseften dat ze de gemeenteraad konden laten opschorten wegens te weinig meerderheidsleden. Het prestigeproject raakte dus gewoonweg niet gestemd. Burgemeester Willy Decourty (PS) verdedigt zijn meerderheid: “Het belangrijkste is dat we het gemeentehuisdossier volgende week alsnog kunnen goedkeuren, tezamen met enkele andere dringende zaken, zoals het nieuwe contract van parkeeruitbater Vinci Park, dat door het Brussels gewest beheerd zal worden. Dat contract moet voor 1 maart goedgekeurd zijn in het kader van het gewestelijke parkeeragentschap. Daarom komt de gemeenteraad volgende week in spoed bijeen. Er zullen genoeg meerderheidsleden zijn.” De Clippele wenst zich te onthouden van CD commentaar.
Programma
s genes: e W ucc s tra en ex ek o bez
BRUSSELS ONTHAALBUREAU (BON) maandag 10 maart 18 u.
SINT-JANS-MOLENBEEK - Toekomststraat 35, (i.s.m. Willemsfonds Koekelberg-Liberale Vrouwen Jette) Het Brussels Onthaalbureau voor inburgering (BON) onthaalt mensen van buitenlandse origine die een minimum verblijfsstatuut hebben van 3 maanden. Heeft u zin om zelf mee te maken welke informatie een nieuwkomer allemaal krijgt? Kom dan hier de poort naar het multiculturele Brussel ontdekken samen met Vlaams parlementslid Khadija Zamouri in een proefles maatschappelijke oriëntatie. Het aantal plaatsen is beperkt. Schrijf dus snel in via info@khadija-zamouri.be of 02 552 43 64.
HORECASCHOOL COOVI-ELISHOUTdonderdag 13 maart 12 u. ANDERLECHT- E. Gryzonlaan 1, (i.s.m. Willemsfonds Anderlecht) Wilt u een kijkje nemen achter de schermen van de Brusselse horecaschool COOVI-Elishout? Heeft u altijd al eens uw eigen pralines willen maken? Kom dan dit alles ontdekken samen met het Willemsfonds Anderlecht en parlementsleden Ann Brusseel & Carla Dejonghe. Het volledige programma: lunch, rondleiding & pralines workshop start om 12 uur (11 euro); formule zonder lunch start om 13:15 (5 euro). Inschrijving en info: info@annbrusseel.be, 02 552 45 47. Snel inschrijven, plaatsen zijn beperkt.
TESLA zaterdag 15 maart 13 u. ELSENE - VUB/U-residence, Gen. Jacqueslaan 271, 1050 Brussel (i.s.m. Willemsfonds Ganshoren) Elektrische voertuigen zijn een niet te onderschatten kandidaat voor ons toekomstig transportsysteem. Maar hoe werkt zo‘n elektrische auto? Rijdt hij hetzelfde als een gewone auto? Hoe ver kan je met een elektrische auto rijden? Hoeveel kost het? Is een elektrische wagen zoveel beter voor het milieu? Kom samen met Brussels parlementslid René Coppens kennismaken met de elektrische Tesla. Een prachtige wagen waarin u zelfs kan meerijden tijdens een testrit. Inschrijven via stemmerman@bruparl.irisnet.be of 02 549 65 25. EUROPEES PARLEMENT dinsdag 18 maart 18 u. BRUSSEL STAD - Wiertzstraat 60 (i.s.m. Willemsfonds Brussel-Centrum & ALDE) Brussel is niet enkel de hoofdstad van België, maar ook van Europa. Wij bieden u een rondleiding achter de coulissen van het Europees Parlement aan, een woordje uitleg over de werking en de bevoegdheden van dit Parlement en de betekenis van Europa voor Brussel. We sluiten het geheel af met een drankje in aanwezigheid van Europarlementslid Annemie Neyts. Inschrijven is om veiligheidsredenen verplicht en kan tot 7 maart via icarle@bruparl.irisnet.be (met vermelding van naam, adres + geboortedatum). Voor het bezoek zelf dient u ook in het bezit te zijn van uw identiteitskaart. Liberale Vrouwen
JETTE
BDW 1415 PAGINA 12 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
© SASKIA VANDERSTICHELE
Evere > Joseph Corten is waarnemend burgemeester
Rudi Vervoort herschikt schepencollege Waarnemend burgemeester van Evere Pierre Muylle (PS) is voor onbepaalde tijd buiten strijd. Hij wordt vervangen door schepen Joseph Corten (PS). Die neemt een deel van zijn bevoegdheden over.
De Depairelaan oogt mooi, de stank moet je erbij nemen. Humor helpt om ermee om te gaan.
Er is vorige week dinsdag beslist dat het takenpakket van de waarnemend burgemeester wordt verlicht. Schepen Ridouane Chahid (PS) krijgt Financiën. Hij had al Sport en Mobiliteit. Schepen Dominique Clajot (PS) die al Crèches en Cultuur had, krijgt er Franstalig onderwijs bij. Schepen Joseph Corten wordt waarnemend burgemeester, zolang Pier-
re Muylle buiten strijd is. Corten neemt diens bevoegdheden dus ten dele over, en behoudt zijn huidige bevoegdheden Stedenbouw, Preventie en Milieu. Blijkbaar was de volledige portefeuille van waarnemend burgemeester te zwaar. Er komt voorlopig geen schepen bij, omdat de kans bestaat dat huidig Brussels minister-president Rudi Vervoort (PS), die verhinderd is als burgemeester van Evere, na de verkiezingen van 25 mei terugkomt aan het hoofd van het schepencollege.
Steven Van Garsse
Laken > Ginkgobomen verspreiden geurtjes
‘Boomkweker zadelde Depairelaan op met vrouwelijke bomen’ De Ginkgo Biloba’s (Japanse notenbomen) blijven voor onenigheid zorgen aan de Jean-Baptiste Depairelaan in Laken. De voorstanders - of zijn het koele minnaars? - houden van de groene laan, de tegenstanders hebben het moeilijk met de smurrie die de vruchten op trottoirs en autobumpers achterlaten. En niet minder met de geur van ranzige boter die de bomen een paar maanden per jaar verspreiden. Gemeenteraadslid Olivier Maingain (FDF) wou tijdens de jongste gemeenteraad van bevoegd schepen Ahmed El Ktibi (PS) vernemen hoe hij het probleem wil aanpakken. Met humor, zo blijkt.
TELEXREGIO
In 1986 heeft Brussel-Stad 88 Ginkgo Biloba’s laten planten langs de Jean-Baptiste Depairelaan tussen de Stiénonlaan en de Houba de Strooperlaan. El Ktibi: “Die oude bomen zijn gekend voor hun weerstand. In Japan zouden ze zelfs Hiroshima overleefd hebben. Het bladwerk verleent de boom ook statigheid.” Maar helaas liep er in 1986 een en ander mis. El Ktibi: “De stad zou bedrogen geweest zijn door een weinig scrupuleuze bomenkweker die er vrouwelijke bomen plantte, terwijl het absoluut noodzakelijk is dat de bomen langs straten en pleinen mannelijk zijn.” Maar van seksisme wil El Ktibi niet beschuldigd worden: “Ik betreur iedere discriminatie, maar de vruchten waarvan sprake zijn zaden die een zeer on-
aangename geur verspreiden als ze openspatten op voetpaden of bumpers, of als ze rotten op de weg.” De stad Brussel is zich bewust van de problemen. De groendienst wou in 2010 de Ginkgo’s zelfs rooien, maar daar stak het gewest een stokje voor. Nu komt het erop aan om pragmatische oplossingen te vinden. In 2012 werden er bakken rondom de voet van de bomen geplaatst. El Ktibi: “Ik ben er niet zeker van dat de buurtbewoners die vandaag klagen over de bomen, gelukkiger zouden zijn als ze het in hun laan zouden moeten doen zonder bomen. Maar ik sta open voor suggesties om punctuele problemen op te lossen.” Maar misschien lost het probleem zichzelf wel op. Gemeenteraadslid Bertin Mampaka (CDH), El Ktibi’s voorganger, weet dat Ginkgo’s bij het ouder worden van geslacht veranderen. Na deze toelichting vond burgemeester Yvan Mayeur het welletjes. Bomen die van geslacht veranderen? Mayeur: “De Fransen komen tegenwoordig voor minder op straat.” Maar in afwachting van geslachtsverandering dienen die vruchten ook wel ergens toe. Onze culinaire specialist Nick Trachet weet te vertellen dat de zaden gebruikt worden in de Chinsese keuken: “Ook aan de Depairelaan rapen Chinezen de zaden op om ze na het ontdoen van het stinkend vel in de keuken te gebruiken.” Danny Vileyn
Evere > Aanpassing belastingreglement
Hotelbelasting alleen voor commerciële rusthuizen De gemeente Evere past het belastingreglement voor hotels aan. Openbare en vzw-rusthuizen krijgen een vrijstelling. Commerciële rusthuizen niet. De hotelsector had aangedrongen op een wijziging van het belastingreglement. Hotels zijn vandaag forfaitair belast, per kamer. Voortaan zullen ze per overnachting belast worden:goesting tussen twee en zes euro in ‘t Brussels per overnachting, afhankelijk van de luxe. De openbare rusthuizen en vzw-
be brusseleir be brusseleir goesting in ‘t Brussels
be b be b
rusthuizen ontsnappen aan de belasting. Dat lijkt logisch, maar eerder had de gemeente de rusthuis- en hotelkamers op één lijn getrokken, waardoor rusthuizen niet aan de belasting konden ontsnappen. Onder druk van de Brusselse regering heeft Evere die maatregel ingetrokken. Tenminste voor de openbare rusthuizen en de vzw-rusthuizen. De private rusthuizen vallen wel onder het belastingreglement. Zij zullen wél (forfaitair) belast worden.
Steven Van Garsse
ADVERTENTIE
BRUSSELS VOLKSTEJOÊTER
be brusseleir goesting in ‘t Brussels
be b
be brusseleir goesting in ‘t Brussels
be b
stad brussel privatiseert beheer markten BRUSSEL - Schepen van Handel Marion Lemesre (MR) privatiseert de organisatie van de markten, althans van de bestaande markt op het Bockstaelplein en de nieuwe in de Modelwijk. De groene en christendemocratische oppositie is hier niet over te spreken, maar volgens Lemesre moeten de vijf plaatsers nu al van hot naar haar hollen.
Daar heeft Bart Dhondt (Groen) een oplossing voor: bijkomend personeel aanwerven. Lemesres uitsmijter dat ze geen dogma’s aankleeft, leidde tot hoongelach op de Ecolo/Groen-banken. Johan Van den Driessche (N-VA) is niet tegen privatiseren maar vindt het jammer dat Lemesre geen strategisch plan heeft. DV
mampaka excuseert zich... maar niet voor homofobie BRUSSEL - Bertin Mampaka (CDH) heeft zich bij het begin van de jongste gemeenteraad verontschuldigd voor zijn woedeuitbarsting. Mampaka maakte zich een paar weken geleden boos op zijn collega Michaël François (Ecolo). François had getwitterd dat ‘Mampaka weer eens als een toerist de gemeenteraad in- en uitliep’. Volgens François had Mampaka hem
uitgescholden voor ‘pédé’. Mampaka ontkende en blijft ontkennen. “Ik ben nooit homofoob geweest, ik ben het niet en ik zal het nooit zijn.” François heeft ondertussen klacht ingediend bij de politie. Fractievoorzitter Marie Nagy zegt dat alle Ecolo-gemeenteraadleden achter de klacht staan. Even was DV daar twijfel over gerezen.
den EMMERDEUR auteur: FRANCIS VEBER verbrusseling: CLAUDE LAMMENS regie: MARC BULTEREYS
cast: ELIE DEVUYST GEERT DEHAES NIKI D’HEERE JOSY RESTIAAN ANOUK VAN DOOSSELAER KURT PAREWYCK KAAITHEATER – vr. 7 en za. 8 maart 2014 – 20u info en tickets: 02/502 76 93 – www.bebrusseleir.be
Met de steun van de
DE SMET BRUSSELS NORTH ASSE-ZELLIK SOUTH UKKEL-DROGENBOS v.u. be.brusseleir vzw, Johan Verminnen, Cellebroersstraat 59, 1000 Brussel
BDW 1415 PAGINA 13 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
Anderlecht > Dromen van brievenschrijvers vervuld
Old Dreams maakt seniorendromen waar De dromen van senioren waarmaken, dat is het nobele doel van Old Dreams. Een briefje naar voorzitter Jacqueline De Groodt sturen volstaat om je stoutste droom in vervulling te zien gaan. Van een dagje aan zee tot een nachtje met George Clooney, al zou De Groodt de grijze playboy waarschijnlijk het liefst voor zich houden. Het droominitiatief krijgt op 17 mei op het Dapperheidsplein ook een groot slotfeest. “De eenzaamheid op de oude dag doorbreken, dat was ons uitgangspunt toen we onlangs onze vereniging oprichtten,” zegt Jacqueline De Groodt, die samen met Michel Depelchin en Waut Es aan de wieg van de vereniging staat. “In Anderlecht zijn er heel wat senioren die nauwelijks buitenkomen, maar eigenlijk niet liever zouden willen,” zo verwoorden de drie het. Old Dreams bedacht daarvoor een lokale versie van het Amerikaanse Make a wish, of zeg maar het voormalige VRT-programma De droomfabriek: de naam Old Dreams was de logische naam voor de vzw. Om hun actie bekend te maken bij het oudere publiek maakten ze al gebruik van sociale media, ook al beseffen ze dat dit niet volstaat om veel senioren te bereiken. “Veel senioren hebben nu eenmaal weinig contact met de buitenwereld en dan is enkel
Jacqueline De Groodt maakt dromen waar.
een persoonlijke aanpak mogelijk,” zegt De Groodt. “Als stadswachter spreek ik dan ook oudere mensen op straat aan. Ik bezoek hen in rusthuizen en probeer hen te overtuigen een brief te sturen.” Met succes. De Groodt ontving al een vijftal brieven. Daaruit blijkt dat ouderen met weinig tevreden
zijn en zich snel tevreden stellen. Een dagje uit hun isolement volstaat vaak al. “Een dame stuurde me een brief met de vraag een dagje aan zee door te brengen, in een andere brief las ik de wens om gezellig te tafelen in het Italiaanse restaurant Nerone in Anderlecht.” Uit andere brieven spreekt het leed dat ouderen in hun
© SASKIA VANDERSTICHELE
leven hebben moeten ondergaan en de dankbaarheid voor die persoon. Zo is er de brief van een dame aan haar 84-jarige moeder, waarin ze beschrijft hoe haar moeder al op jonge leeftijd haar ouders verloor en zorg droeg voor haar twee jaar jongere zusje. De moeder verloor daarna zelf twee van haar kinde-
Sint-Agatha-Berchem > Gemeente gunt amateurtuinders grond
Nieuwe volkstuinen in de maak De Dienst Stedenbouw buigt zich over een ontwerp van een volkstuinenpark, om de nood te lenigen. De blijvende vraag naar volkstuinen van en voor burgers die geen eigen (moes)tuin hebben, heeft de gemeente aangepord tot het zoeken naar een terrein. Wat bleek? Langs en achter de Groendreef heeft de gemeente een nog onbeheerd lappendeken aan percelen liggen. Op het kadaster staan die ingekleurd als ‘niet bebouwbaar’. “Deze sinds lang versnipperde en verwilderde gronden kunnen perfect bruikbaar zijn voor tuinders,” luidt het bij schepen van Leefmilieu en Stedenbouw Vincent Riga (LBR). De percelen, samen ruim 1 hectare, reiken een eind de Groendreef in, meteen vertrekkend links achter de Oude Kerk en oplopend tot bij de bouwmaterialenopslagplaats. Enkele oudere moestuinen zijn er nog lukraak in gebruik. De toegang tot die zone is al jaren met planken en draden versperd, waardoor de site aan het
De puzzel aan openbare terreinen zal als volkstuinpark worden ingericht.
oog van de wandelaar ontsnapt. “Het bleek onduidelijk hoe groot onze percelen precies zijn, na jaren
van verhuizen en overlijdens van naburige grondeigenaars,” bekent schepen Riga. “De eigendom werd
© MARC GYSENS
al lang niet opgevolgd. Zo werden we getipt dat iemand zich tot 600 vierkante meter tuin van ons ter-
ren: een baby van amper een jaar en een volwassen zoon die aan een CO-vergiftiging overleed. Ook van haar man moet ze op haar 57ste al afscheid nemen. Van haar overgebleven familie - drie dochters, twee schoonzonen en negen kleinkinderen - zou ze een mooie uitvergrote familiefoto willen, genomen door een professionele fotograaf. Een andere man zit na het toeslaan van een tumor op de ruggengraat al vijf jaar in een rolstoel. Na 44 jaar arbeid als metaalbewerker en daarna als schoolbewaker en onderhoudsmedewerker moet de man zien rond te komen met een minimumpensioen. De lange strijd tegen kanker heeft hij ondertussen gewonnen. Wat hij nu het liefste wil, is zijn plaats in de maatschappij terug te vinden als vrijwilliger. “Kan Old Dreams me daarbij helpen?” Drie van de vijf dromen zijn ondertussen gerealiseerd. Op 17 mei krijgt het droomproject een slotevenement op het Dapperheidsplein. Op het programma staat dan onder andere een verkleedwedstrijd, een Harley Davidsonshow en een animerende vertoning van de Elvislookalike Franz Goovaert. “Net als in Cannes rollen we dan de rode loper uit,” zegt De Groodt. De Anderlechtcoryfeeën Paul Van Himst en George Heylens zijn van de partij.
Bruno Schols
rein had toegeëigend. Eind 2013 is dan een budget vrijgemaakt om de gemeentelijke percelen precies te laten opmeten. Een landmeter heeft zich daarop toegelegd; we wachten zijn plan van opmeting af. Bedoeling is dat we de terreinen gaan opwaarderen, en inrichten als volkstuinen. Over het concept bestaat een politieke consensus.” Aan de overkant van de Groendreef werden de openbare terreinen (Wilderbosuitbreiding) in 2013 in beheer gegeven aan Brussels Leefmilieu (BIM), maar ditmaal wil de gemeente de ‘groene site’ dus zelf exploiteren. Hoe de percelen op een slimme manier tot een bruikbaar volkstuinenpark moeten worden verbouwd, wordt de uitdaging. Het landschapsontwerp zal worden toevertrouwd aan de Dienst Stedenbouw. Riga: “Om een rits ‘koterijen’ op de site te vermijden, zal gekozen worden voor een gecentraliseerd berghok. Er moeten ook wegeltjes komen om de tuinen toegankelijk te maken. En idealiter zouden de tuinen maximaal 80 tot 100 vierkante meter groot mogen zijn.” Hopelijk kan een nieuwe generatie amateurtuinders er al in 2015 zijn spade inzetten.
Jean-Marie Binst
BDW 1415 PAGINA 14 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
Dreams for Brussels > Marie Denninghaus (1)
Eurocraten – een parallel universum BRUSSEL – In 2011 speechten acht Brusselse jongeren op de slotdag van het festival Spoken World in het Kaaitheater. Die succesformule wordt dit jaar herhaald, maar nu plakt het Kaaitheater geen leeftijd op mondige Brusselaars. Verwacht u aan speeches op de ouderwetse manier, zonder autocue. BDW publiceert drie speeches, en vandaag mag Marie Denninghaus de spits afbijten.
BDWOPINIE
V
ergeet de jonge, optimistische Marie die hier voor u staat. Beeld u in dat ik een eurocraat ben. Denk aan alle clichés waaraan een typische eurocraat voor u moet voldoen: ik ben van middelbare leeftijd, draag een grijs pakje, ben getrouwd, heb twee kinderen, woon in een mooi huis nabij Stokkel en heb een abonnement bij de fitness- en wellnessclub Aspria. Al meer dan vijftien jaar woon ik in Brussel. Om u een idee te geven over hoe ik hier ben beland, geef ik u inzage in mijn cv. Want weet u, ik had ook een leven voor Brussel. Toen ik van de middelbare schoolbanken kwam, bleven mijn ouders erop hameren dat ik iets ‘fatsoenlijk’ moest studeren. Zoals wellicht alle ouders doen. Ze hadden het over studierichtingen die leiden naar een job en naar een sector waar toekomst in zit... Jammer genoeg was ik niet goed in wiskunde noch in fysica, dus koos ik voor politieke wetenschappen. Tegen het einde van mijn universitaire studieloopbaan doemde dezelfde vraag alweer op: wat te doen met mijn diploma? In Duitsland liggen de jobs in de politieke sfeer niet bepaald voor het grijpen. Bovendien wilde ik iets bereiken, wilde ik actief en creatief bezig zijn, de wereld veranderen. Dus belandde ik bij de Europese Commissie. Het begon met een stage. Een betaalde stage, jawel. Net zoals zovelen kon ik zo voor het eerst proeven van het eurocratenbestaan – alleen van de goede kanten, welteverstaan. Destijds vond ik het niet zo erg om naar Brussel te verhuizen. Ik had enkel een vaag beeld van België en van Brussel. Ik bleef steken in enkele stereotypen over bier, chocolade, Manneken Pis en WO I. Maar ik was jong, enthousiast en energiek. En ik wilde werken en mijn opgedane theoretische kennis toetsen aan de praktijk. Ik had wel al eens gehoord over bureaucraten of eurocraten. Maar ik voelde me niet een van hen. Neen, ik leefde het leven. Ik ontmoette interessante mensen, wisselde ideeën, visies en idealen uit... Op donderdag ging ik steevast naar Place du Luxembourg – Plux voor de ingewijden. Ik schuimde tal van afterworkcocktails, feestjes, netwerkdrinks en eetgelegenheden in het Europees Parlement af. Het was een zalige
tijd. Achteraf gezien denk ik dat ik er zo van genoot, net omdat ik ervan uitging dat mijn verblijf in Brussel slechts tijdelijk zou zijn. Ik beleefde hier dus dolle dagen, tot het tijd werd om op zoek te gaan naar een échte job. En tot het tijd werd om een terugkeer naar huis te overwegen. Maar ik realiseerde me dat dat niet zo eenvoudig was als eerst gedacht. De meeste van mijn vrienden en studiegenoten waren werkloos. Ik besloot mijn stoute schoenen aan te trekken en mee te doen aan het examen voor een job bij de Europese Unie. Want dat waren nu eens jobs die zekerheid en een goed loon combineerden. Daar konden de meeste van mijn vrienden enkel van dromen. De jaren vlogen voorbij. Ik ontmoette mijn huidige echtgenoot. We trouwden, kochten een huis, kregen kinderen en namen een abonnement bij Aspria. Dat was tien jaar geleden. En hoewel ik tegen mezelf had gezworen om terug naar huis te keren, wende ik op een gegeven moment aan het expatleven: het is comfortabel genoeg. Ik spreek geen Frans of Nederlands, maar eerlijk gezegd heb ik het niet echt nodig. Mijn vriendenkring bestaat uit expats en ook in mijn werkomgeving spreekt haast iedereen Engels. Ook met mijn huiseigenaar en in winkels, cafés en restaurants is mijn voertaal het Engels. Mijn kinderen gaan naar een internationale school, dus ook daar ligt geen reden om het te leren. En waarom zouden mijn kinderen Frans moeten leren als we toch ooit naar huis terugkeren? Ik vind het belangrijker dat ze hun moedertaal goed onder de knie hebben, en dat we hen sterk bewustmaken van hun culturele roots. Zo weten ze tenminste waar ze vandaan komen. Ik vraag me soms af wat ons, expats, onderscheidt van ‘normale’ immigranten. Wil niet iedereen afkomstig uit een vreemd land hier slechts een tijdelijk leven leiden en nooit echt thuiskomen? Ik vermoed dat Belgen ons ook niet echt moeten – of eerder, dat ze ons negeren. Ik neem dat niet al te persoonlijk, want ik ken zelf ook geen Belgen, behalve zij die in de Europese Instellingen werken. En ook zij worden waarschijnlijk scheef bekeken omdat ze meer dan gemiddeld verdienen. Ik vraag me af of Belgen wel eens stilstaan bij de hoge prijs die wij betalen voor ons knusse leventje: we hebben voortdurend heimwee en
Marie Denninghaus spreekt haar dromen voor Brussel uit.
“Ik vraag me soms af wat ons, expats, onderscheidt van ‘normale’ immigranten. Wil niet iedereen afkomstig uit een vreemd land hier slechts een tijdelijk leven?” voelen ons er nooit echt bij horen. We zijn hier gestrand. We hangen vast aan een job waar telkens dezelfde procedures bij komen kijken: impact assessments, scoreboards, reguleringen, administratieve rompslomp. Dag in, dag uit. Bovendien verliezen we voortdurend goede vrienden die verhuizen. Dat is wellicht nog het moeilijkste. Ik geef toe dat een goed salaris veel goedmaakt, maar op het einde van de rit voelt het als een kooi. Een gouden kooi misschien, want het comfor-
© BART DEWAELE
tabele en veilige leven maakt het moeilijk om te vertrekken. Eerlijk? Ik hou niet echt van Brussel. Het is een lelijke, vuile, chaotische stad. De bureaucratie is kafkaiaans. Het nam haast een jaar in beslag om geregistreerd te geraken bij de gemeente. En ik begrijp nog altijd niet waarom de vuilniszakken allemaal op straat worden gezet voor ze opgehaald worden. ‘s Maandags verandert mijn straat in een stortplaats. Het verkeer is een hel, de luchtvervuiling tart alle verbeelding en het weer... laat me erover zwijgen. Regen, regen, regen. Ik hoef het weerbericht niet eens meer te bekijken. Gelukkig wonen we niet al te ver van de luchthaven en hebben we veel verlof. Dus overleven we door regelmatig familie en vrienden te bezoeken. Veiligheid is nog een andere kwestie. Onlangs vertelde een collega me dat ze gehoord had dat een vriendin van een kennis het slachtoffer was geworden van een sackjacking toen ze in de auto moest wachten voor
het rode licht. En dan spreek ik niet over de talrijke keren dat ik hoorde over pickpockets: vrienden van mijn ouders zijn bestolen van hun koffers nog voor ze goed en wel in het Zuidstation arriveerden. Van een warm welkom gesproken. Nu onze kantoren verhuisd zijn naar Madou, is het nog erger. Ik durf amper naar buiten te gaan om te lunchen. Ik heb schrik om overvallen te worden zodra ik het gebouw verlaat. Blijkbaar is het Sint-Joostplein een van de gevaarlijkste plekken van Brussel. Neen, bedankt, dan verkies ik onze refter. Ik ben er ook mee gestopt het nieuws over Brussel te volgen. Ik wil me niet meer zorgen maken dan nodig wanneer mijn kinderen naar het huis van een vriendje gaan, ook al is het net om de hoek. Het beangstigt me, ook omdat ik weet dat de politie zich er niets van aantrekt - vooral niet als je geen Frans spreekt. Waarom heb ik het zo lastig om te accepteren dat ik wellicht in Brussel zal blijven? Na tien jaar kan ik mijn verblijf ook niet meer tijdelijk noemen. Zou dat laatste iets veranderen aan mijn relatie tot Brussel? Zou ik gelukkiger zijn? Ik weet niet of het de moeite is om uit die comfortzone te stappen. Ik besef dat ik elders niet dezelfde opportuniteiten zal hebben en ik wil voor mijn kinderen een goed leven. Dus dringt het tot me door dat ik hier wellicht zal blijven en in dit kleine, parallelle universum zal blijven leven... Maar wacht eens even. Dat ben ik niet. Het is slechts fictie. Terwijl ik dit verhaal hier ter plekke verzin, hoe waarachtig het ook mag lijken omdat het overeenkomt met al uw stereotypen, bedenk ik dat dit niet de toekomst van Brussel hoeft te zijn. Al die verschillende gemeenschappen leven naast elkaar volgens hun eigen routines en op hun eigen eilandjes, maar de zaken kunnen ook evolueren, en verbeteren. Als mensen zich hiervan bewust worden, is dat al een eerste stap. Nu en dan eens iets nieuws uitproberen, ‘goeiedag’ zeggen tegen je buurman of tegen de persoon aan de bushalte, toetreden tot het koor of gewoon deelnemen aan het stadsleven in plaats van het te bekritiseren. Het is aan ons om Brussel tot onze thuis te maken. Wij, dus de eurocraten, de Vlamingen, de Marokkanen, de Congolezen, de Walen, de Turken, de Brusseleirs, de ‘internationals’, de studenten, de arbeiders, de werklozen, de families, de jongeren en degene die minder jong zijn, de nieuwkomers en degene die hier al generaties lang wonen. Want wij zijn Brussel. Marie Denninghaus
De finale versie van de speech is live te horen in het Kaaitheater tijdens ‘We have a dream’ op 1 maart. Info op www.kaaitheater.be.
BDW 1415 PAGINA 15 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
BRIEVEN VAN LEZERS lezersbrieven@bdw.be Toepassing taalwetgeving Zowat ¾ van onze Brusselse belastingontvangers is ten onrechte aangesteld wegens “niet in orde met de taalwetgeving”. Het hof van beroep heeft deze wantoestand veroordeeld. Veel Brusselaars kunnen hun belastingcenten terugvragen. Steven van Haelst heeft overschot van gelijk als hij stelt dat in Brussel de taalwet nooit werd toegepast (BDW 1411, p. 13) maar de vraag die zich daarbij meer dan ooit opdringt is of de verantwoordelijkheid daarvoor ook niet grotendeels bij de ronduit lamlendige houding van de Vlaamse partijen, zowel van de opeenvolgende meerderheden als van hun opposities, ligt. De problemen rond een elementaire correcte toepassing van de taalwetgeving in het algemeen en de dwingende taalwetgeving in bestuurszaken in het bijzonder beperken zich niet tot het Brusselse niveau. Door de recente lezersbrief van gewezen Brussels volksvertegenwoordiger Jos Van Assche werd nogmaals aangetoond dat deze zich ook tot het federale echelon uitstrekken. Met het arrest van 10.12.2012 van de twaalfde kamer van het Brusselse hof van beroep heeft hij inderdaad een serieuze stok achter de deur. Naar mijn bescheiden mening staat of valt de toekomst van de hele taalwetgeving trouwens met het gevolg dat hieraan gegeven wordt. Als de fiscus er zich zou kunnen vanaf maken met een dooddoener als “continuïteit van de dienst” om de decennialange onwettelijke aanstellingen van niettweetalige belastingontvangers te verantwoorden, kan de hele taalwetgeving net zo goed worden opgeborgen. De heer Guido Ghekiere kan als het hem menens is alvast zijn partijgenoot en federaal minister van Financiën Koen Geens hierover aanspreken. Want na zeventien jaar (het advies van de VCT dat het Selor-attest van kennis van de tweede taal ook oplegt aan de tijdelijke Brusselse belastingontvangers dateert van 1996, FK) alleen maar gewag maken van zijn intentie tot doorgedreven taalopleidingsprogramma’s is echt niet ernstig. Wat mij in deze concrete situatie het meest tegen de borst stuit, is de houding van strijdorganisaties als VKB (Vlaams Komitee voor Brussel) en de Vlaamse volksbeweging die zich blijkbaar niet storen aan deze taalwantoestanden. Intussen is er omwille van de gevoeligheid van het onderwerp (belastingen) en de verstrekkende gevolgen (mogelijkheid tot terugeisen van belastinggelden door drievierde van de Brusselaars) misschien eindelijk wel een doeltreffend breekijzer om een correcte toepassing van onze taalwetgeving op korte termijn af te dwingen. Frans Knockaert, Elsene
Anneessens-Funck Als gepensioneerd vakbondsafgevaardigde van de Christelijke Onderwijscentrale wens ik op het artikel ‘Anneessens-Funck niet geschikt voor automechaniek’ te reageren. Mevr. Hariche kaatst de bal nogal makkelijk terug door te stellen dat 80 procent van de kritiek pedagogisch is. Het weze dat Mevr. Hariche minimaal 80 procent van het inspectieverslag niet begrijpt, en dat zeker 75 procent te maken heeft met gemakzucht en nalatigheid van de inrichtende macht. Want wat de uitgaven van 1,1 miljoen euro betreft, kan er toch makkelijk een gedetailleerd kostenplaatje opgevraagd worden. Sinds de allereerste doorlichting was al duidelijk dat de werkingstoelage die door het ministerie van Onderwijs aan het Instituut Anneessens-Funck werd toegekend - maar op de bankrekening van de inrichtende macht werd overgemaakt - niet integraal werd gebruikt voor de bestemde doeleinden. Dat is wellicht nog altijd zo. Wanneer er tijdens een Abocvergadering werd gevraagd om klare wijn te schenken en de aanwezige vakbonden te laten weten welke financieringsmiddelen door het ministerie aan het Instituut werden toegewezen en hoe die daadwerkelijk werden aange-
wend, werden de aanwezige personen vergast op een twee uur durende nietszeggende show, met als eindconclusie dat men geen antwoord kon geven omdat de inrichtende macht geen analytische boekhouding hanteert. Daarnaast heeft men het tot efficiënt schoolgebouw gerestaureerde Zuidpaleis (waarbij de Vlaamse Gemeenschap een evenredige financiële inbreng had van 50 procent) geleidelijk uit handen gegeven ten voordele van de Franstaligen. De eerste fase van het gebouw, dat toen werd toegewezen aan het Instituut Funck, is trouwens nog altijd de enige correcte oplossing voor de huidige problemen. Want in de Fonteinstraat bestaat er geen oplossing voor de problemen op vlak van hygiëne, infrastructuur en veiligheid. Tenzij misschien een gedeeltelijke afbraak en heropbouw. Zelf stelde ik voor om na de vorige doorlichting en omwille van de voedselhygiënische problemen de kookruimte op de tussenverdieping over te brengen naar een aangrenzend lokaal naast de studie- en eetzaal. Met minimale financiële uitgaven kon dit verwezenlijkt worden. Het werd helaas een dovemansgesprek, zoals wel vaker gebeurde en gebeurt. De grootste fouten van de huidige situatie werden helaas onder vorige directies gemaakt, al heeft de inrichtende macht nagelaten om er daadwerkelijk iets aan te doen. Wellicht omwille van vriendjes- en afspraakjespolitiek. Om de conclusies van de doorlichtingsinspectie definitief om te buigen zullen de inrichtende macht en de bevoegde personen een ernstige inspanning moeten leveren. Bert Biesemans, Eke
Paspartoe Dat het systeem van cultuurwaardebons aan een evaluatie toe was, staat buiten kijf. De nieuwe Paspartoe gaat echter voorbij aan een probleem: de cultuurbeleving door ouderen. Heel wat seniorenorganisaties konden dankzij de cultuurwaardebons enkele uitstappen plannen voor hun leden. Want voor veel van hen, en dan vooral voor die ouder dan 75, is de inkom bij heel wat culturele evenementen te duur. Daarnaast vormen deze tripjes een ideaal moment om vrienden en kennissen te ontmoeten, en gezellig bij te babbelen. Tot slot is de verplaatsing in groep niet alleen veel gezelliger maar geeft ze hen ook een veiliger gevoel. Een andere moeilijkheid is de aanvraag van een persoonlijke Paspartoe. Daarvoor moeten ze zich verplaatsen naar de administratie waar ze een zoveelste kaart krijgen. Velen onder hen zijn niet voldoende vertrouwd met het internet om het puntensysteem op te volgen en te begrijpen. Door deze moeilijkheden zal de vereenzaming van deze mensen helaas alleen maar toenemen. En dat kan toch niet de bedoeling van de Paspartoe zijn. Paul Leleu, Molenbeek
Waarheid In BDW (BDW 1412, p. 13) schrijft lezer André Monteyne in mijn ogen terecht dat het Neo-project voor de Heizel een megalomaan idee is dat veel zal kosten, en dat de druk op Grimbergen nog zal laten toenemen. En dat Schaarbeek-Vorming een beter alternatief zou zijn. Ik ga volledig akkoord met zijn analyse. Maar ik volg niet meer wanneer hij schrijft dat het onbegrijpelijk is dat de Vlaamse oppositiepartijen N-VA en Vlaams Belang zich in deze zaak niet laten horen. Ik volg dit dossier zelf nogal goed op, en moet daarbij toegeven (graag of niet) dat het wel degelijk Vlaams Belang-senator Bart Laeremans is die heel wat tegengas geeft. Zo heeft VB aangekondigd om juridische stappen te ondernemen tegen alle overtredingen van het GRUP die er zullen gebeuren om het Neo-project te kunnen voltooien. Het is dus zeker niet zo dat er langs Vlaamse zijde geen protest tegen het hele Neo-gedoe zou bestaan. De waarheid heeft ook zo zijn rechten. Ingrid Bastiaens, Wemmel
SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.
BDWOPINIE Joodse lobby door Danny Vileyn Laurent Louis was eerst verkozen voor de rechtse Parti Populaire van advocaat Mischaël Modrikamen, maar zetelt nu als onafhankelijk parlementslid. Louis wordt uitgespuwd door de rest van de politieke klasse - waartoe hij zelf verkiest te behoren. Zijn parlementaire onschendbaarheid is opgeheven, maar dat belet hem niet straten en websites verder af te schuimen. Ook in Brussel, dat hij een ideale stad vindt voor zijn discours. “Want hier zijn veel jonge mensen die zoekende zijn.” Langs Vlaamse kant is hij minder bekend, langs Franstalige kant des te meer. Een bijeenkomst in Elsene die ‘noodgedwongen’ plaatsvond op het Flageyplein - hij werd de toegang tot een zaal geweigerd, maar zou dat al een tijdje voordien geweten hebben - bevestigt aan zijn aanhangers dat hij het slachtoffer is van de gevestigde machten. Net zoals zijzelf volgens hem ‘slachtoffer’ zijn van ‘het systeem’. ‘Ze’ zijn studenten en huisvrouwen, werklozen en cafébazen, maar heel vaak kinderen uit de migratie. Kinderen uit de migratie die gediscrimineerd worden of zich gediscrimineerd voelen. Niet zelden islamieten. Een discriminatie waarover - zo maakt Louis hen wijs - niet gepraat mag worden, terwijl het in de media, nog volgens Louis, alleen maar over de Shoah, de Holocaust dus, gaat. Het discours van Laurent Louis bezorgt me koude rillingen. Hij noemt zichzelf een antizionist, een tegenstander van de staat Israël. Dat is niet strafbaar, maar er is meer aan de hand. Het parlementslid houdt zijn volgelingen voor dat de ‘Joodse lobby’ overal de hand in heeft. Dat is geen antizionisme meer, dat neigt naar antisemitisme. Immers: de complottheorie dat de Joden de wereld zouden overheersen is al meer dan honderd jaar oud en heeft geleid tot de grootste catastrofe in onze recente Europese geschiedenis. Die oude theorie opnieuw oprakelen is ranzig. Al is het aan een rechter om daar definitief over te oordelen. Laurent Louis moet echter voor de rechter verschijnen omdat hij stukken uit het dossier-Dutroux openbaar heeft gemaakt. Het bestaan van een uitgebreid pedofilienetwerk is een van zijn andere thema’s. Hij schrikt er niet voor terug om de naam van vermeende pedofielen - of hun vermeende beschermers - online te plaatsen. Een rechtsstaat mag zulks niet dulden. Dat er bij tijd en wijle figuren als Laurent Louis opduiken, is jammer genoeg onvermijdelijk. Het is aan politici, media en onderwijs om een tegenverhaal te bieden. Maar evenzeer aan de wakkere burger.
WAUTER MANNAERT
BDW 1415 PAGINA 16 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
VADROUILLE DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK
© Indianapolis Museum of Art, The holliday collection - 2014 Artists Rights Society (ARS), New York/ADAGP, Paris.
George Morren, ‘Zondagnamiddag’, 1892.
Schilderkunst > Het neo-impressionistische portret, 1886-1904
Kleuren mengen op je netvlies BRUSSEL - Tenzij je deze zomer in Indianapolis moet zijn, mag je de première van de tentoonstelling van pointillistische portetten in het ING Cultuurcentrum in Brussel niet missen. Via de optica een nóg grotere luminositeit bereiken dan de impressionisten, dat was het doel van de neo-impressionisten. Hun wetenschappelijke manier om kleur aan te brengen, belette de schilders van de Brusselse groep Les XX niet om toch erg intimistische portretten te maken. Wat doen onze neo-impressionisten in Indianapolis? Ellen W. Lee, curator van het Indianapolis Museum of Art (IMA), een van de oud-
ste en grootste kunstmusea van de Verenigde Staten, moest die vraag meer dan dertig jaar geleden ook al beantwoorden: “De industrieel
W.J. Holliday was een fervente verzamelaar van neo-impressionisten, en hij schonk ze na zijn dood aan zijn stadsmuseum. Voor een publicatie over de Holliday-collectie met zo veel Brusselse linken, kwam ik destijds naar hier. En iedereen, familie van kunstenaars en academici, vroeg me: wat doen die werken in Indianapolis? Toen waren deze Belgische werken hot. Ik heb de verzameling steeds aangevuld.” En met gretige blik: “Wie weet wat we van-
daag nog allemaal in Brussel zullen vinden?” Het doet Lee veel plezier om deze meesterwerken te kunnen delen: “Pointillisme wordt geassocieerd met landschappen, zee- en stadszichten. Ik heb op veel deuren moeten kloppen om de portretten te bemachtigen. Naast werk uit het IMA, het Musée d’Orsay in Parijs en het Petit Palais in Genève, zijn er ook verschillende werken uit privébezit die voor het eerst op reis zijn. En er is de historische hereniging
© Les amis du Petit Palais Genève
BDW 1415 PAGINA 17 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
van de drie portretten van de Ukkelse zussen Sèthe (Maria Sèthe aan het harmonium is mevrouw Henry van de Velde) van Théo Van Rysselberghe.”
Veelbetekenende blikken
© Achille Laugé, Musée d’Orsay, Paris. Photo Bulloz - RMN-Grand Palais/Art Resource, NY - 2014 ARS, New York/ADAGP, Paris.
Théo Van Rysselberghe, ‘Portret van juffrouw Irma Sèthe’, 1894.
“In het Belgische tijdschrift L’art moderne gebruikte de Parijse correspondent Félix Fénéon voor het eerst de term neoimpressionisme, die het haalde van chromoluminisme die Georges Seurat verkoos,” vertelt medecurator Jane Block, werkzaam aan de University of Illinois in Urbana-Champaign. “Aanleiding was het vernieuwende schilderij dat Seurat in 1886 toonde op een tentoonstelling van de anti-academische Société des Artistes Indépendants. Het doek Un dimanche après-midi à l’Ile de la GrandeJatte van twee bij drie meter was opgebouwd uit stippen in primaire kleuren. Seurat vertaalde recente kleurtheorieën - het licht van gescheiden kleuren vermengt zich op het netvlies tot andere kleuren (theorie van Ogden Rood) en complementaire kleuren gaan vibreren (simultaan kleurcontrast van MichelEugène Chevreul) - naar het doek. Camille Pissaro noemde het ‘wetenschappelijk impressionisme’. En schilders als zijn zoon Lucien, Paul Signac, Henri Delavallée en Henri-Edmond Cross adapteerden de techniek.” Block, die doctoreerde met de Brusselse avant-gardistische kunstenaarsgroep Les XX (Les Vingt), in 1883 opgericht door (aanvankelijk twintig) jonge kunstenaars, over Brussel als gangmaker: “Octave Maus, de secretaris van Les XX, wilde het schilderij in Brussel tonen op hun Salon in 1887 voor de mentale verwarring dan wel meditatieve stemming die het teweegbracht alleen al. Ensor vond het geen kunst, maar puur techniek, maar Emile Verhaeren verdedigde de nieuwe kunst en net zoals in Parijs inspireerde ze ook schilders van Les XX zoals George Morren, Georges Lemmen, Van de Velde en Van Rysselberghe.” Toch merkte Block een verschil op: “De Fransen tonen meer een effigie, een beeltenis, van iemand dan een echte persoon. Wij noemen dat een stick figure. Je zou er al de abstracte of kubistische portretten in kunnen zien. Terwijl de Belgen meer driedimensionale, volwaardig psychologische, introspectieve portretten maken, eigen aan een eeuwenlange portrettraditie van de Vlaamse Primitieven zoals Memling tot de zeventiende-eeuwse Rubens. Hoe suggestief zijn de blikken en de houding op het dubbelportret van de Serruys-zussen van Georges Lemmen niet, en bij de Sèthezussen van Van Rysselberghe leer je de personaliteiten uit deze gecultiveerde, musicerende Ukkelse familie echt kennen. Vergelijk dat met hoe statisch Achille Laugé zijn vrouw portretteerde, die meer weg heeft van een klassieke godin.”
Levende portretten “Het is méér dan een stippeltechniek,” zegt Patricia De Peuter, hoofdcurator van het ING Cultuurcentrum in Brussel, voor de gelegenheid met gekleurde bolletjesketting. “Omdat er heel wat grote kunstenaars zoals Ensor, Khnopff en Spilliaert vlak daarna furore maakten, raakten de neo-impressionisten wat ondergesneeuwd. Daarom was het een waagstuk om ze onder de aandacht te brengen, maar wij willen tonen dat het neo-impressionisme een prelude was van nieuwe kunstvormen in de twintigste eeuw en een toepassing van de kleurenwerking die we terugvinden in de pixel van film en tv. Toen Maus Van Rysselberghe warm maakte voor Seurats La grande jatte was dat omwille van
Achille Laugé, ‘Tegenlicht. Portret van de vrouw van de kunstenaar’, 1899.
het anti-conformisme en de anti-bourgeoisie.” Met een lezingenreeks en muziek wil De Peuter refereren aan de salons van Les XX die ook altijd een kruisbestuiving waren. De Nederlandse videokunstenaar Paul Hendrikse maakte drie video’s over de neo-impressionisten. “Hij brengt geschiedenis op een intuïtievere manier,” zegt De Peuter. Op Living Portraits zie je zijn modellen rondwaren in de vakantievilla in Ambleteuse waar deze Belgische en Franse kunstenaars elkaar ontmoetten. Ook de werkkamer van Emile Verhaeren wordt afgetast, en op de hoogste verdieping van de Gentse boekentoren komt het groepsportret Een lezing (door Verhaeren) van Van Rysselberghe tot leven in de luisterende lijven. Met interactieve schermen kan je ontdekken welke portretkoppen gelinkt zijn met wie en al deze familiale en andere connecties worden dan op een kaart geprojecteerd. Van Rysselberghe portretteerde Verhaeren, Anna Boch, maar ook de vrouw en kinderen van Van de Velde, Signac portretteerde Fénéon, en zo verder. Kinderen kunnen zich met een animator an-
“Pointillisme wordt geassocieerd met landschappen, zee- en stadszichten. Ik heb op veel deuren moeten kloppen om de portretten te bemachtigen”
derhalf uur onderdompelen in een kleurworkshop en vanaf twaalf jaar kan dat in de studio ‘Van punt tot pixel’. Of je kan op stap met de gids Valentin Thijs, die je uitnodigt om langer dan de gebruikelijke 40 seconden voor een schilderij te blijven stilstaan: je moet je netvlies de tijd geven zodat de stippen zich vermengen. En kom eens dichterbij om het stippenspel weer te ontwarren: groen en rood in de kledij van de Serruyszusters, en oranje en blauw in de achtergrond voor een grotere helderheid en dieptewerking. Het roze en groen die de wereld van Irma Sèthe uitmaken, contrasteren met het lavendel en oranje van de ingetogen luisteraar in een belendende ruimte. Voor nog meer diepteeffect werd ook het kader bestippeld. De invloed van de fotografie is bij Van Rysselberghe merkbaar in de kadrering, en bij Georges Lemmen in de intieme zwart-wittekeningen. Een schilderij vol detaillering is Zondagnamiddag van George Morren. De Amerikaanse academici braken zich het hoofd over wat voor een vehikel onze Leuvense stoof wel kon zijn. En Van de Velde citeert met Vrouw aan het raam eigenlijk Henri De Braeckeleer, wat het al tot een postmodernistisch werk maakt. Uiteindelijk zal hij maar vier jaar op die manier schilderen, en zijn eigen decoratieve weg volgen, maar ook andere kunstenaars hielden die arbeidsintensieve verftechniek geen tien jaar vol. Van Rysselberge schakelde over op het schilderen van vlekjes, het tachisme. Het portret van een soldaat door Albert Dubois-Pillet, zelf een soldaat, illustreert het: pointillisme vereiste een militaire discipline. An Devroe
‘To the point’, tot 18 mei 2014, ING Cultuurcentrum, Koningsplein 6, 1000 Brussel, alle dagen open van 10 tot 18 uur, op woensdag tot 21 uur. www.ing.be/art. Van 14 juni tot 7 september is de expo te zien in het Indianapolis Museum of Art.
BDW 1415 PAGINA 18 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
© KRISTIEN DAEM
© WILLY VAN DER MEEREN ARCHIVES COLL A & D 50 VZW
© WWW.ATOMIUM.BE - SABAM 2014 - AXEL ADDINGTON
Drie op een rij: de Bone-chair van Julien De Smedt, een stoel van Victor Bourgeois voor de biënnale van Monza en een stoel voor het Huis Van Eetvelde van Victor Horta. Daarnaast een modelappartement van Willy Van Der Meeren op het Antwerpse Kiel en de bank van Robbrecht en Daem die perfect in hun Concertgebouw in Brugge past. Rechts zien we Muntpunt, waarvoor de B-architecten ook de meubels zelf creëerden.
Design > Mobilia toont eeuw design van Belgische architecten
Ontdekkingsreis door de Belgische creativiteit BRUSSEL – In de loop van hun carrière bewandelen heel wat architecten ook het designpad, en dat levert vaak een boeiende wisselwerking met hun architectuur op. Hoe Belgische architecten hun visie de voorbije eeuw in designobjecten vertaalden, kom je tot 15 juni te weten in het Atomium.
M
et Mobilia breit de organisatie Archives Design Projects een vervolg aan zijn succesvolle reeks tentoonstellingen rond Belgische architectuur en design in het Atomium. “Tot nu toe werden design en architectuur altijd apart getoond, maar daar brengen we met deze expo verandering in,” stelt projectverantwoordelijke Erik Haemers. “Met Mobilia willen we
de Belgische designgeschiedenis uit de doeken doen aan de hand van architectuur. De expo wil een ontdekkingsreis zijn voor het grote publiek doorheen de tijd, en is opgebouwd rond thema’s als toegankelijkheid, assemblage en flexibiliteit. Om een waarheidsgetrouwe staalkaart te kunnen bieden van de Belgische creativiteit vond ik het belangrijk om de diversiteit, de rijkdom aan vormen
en materialen, in de verf te zetten. Zo begint de expo bijvoorbeeld met een reeks van drie stoelen waaronder de Stoel (1895) uit het Huis Van Eetvelde van Victor Horta en de Bone-chair (2010) van Julien De Smedt. Die combinatie legt meteen heel wat contrasten, die tekenend zijn voor de geschiedenis en de verandering binnen het beroep, bloot. Van de stoel van Horta met zijn typische, natuurlijke rondingen zijn er wellicht slechts enkele met de hand gemaakt, terwijl van de eerder hoekige stoel van De Smedt wellicht een duizendtal, industrieel vervaardigde exemplaren het levenslicht zullen zien.” Dat Mobilia begint met een stoel van
“We willen de bezoekers stimuleren om hun ideeën over design als iets duur en afstandelijk te laten varen”
Victor Horta heeft nog een andere reden. Het waren namelijk vooral de art-nouveauarchitecten die extreem ver gingen in het afstemmen van
V.U. Eric Verrept, leidend ambtenaar, Emile Jacqmainlaan 135, 1000 Brussel.
ADVERTENTIE
dé vrijetijdspas voor brussel
PASPARTOEBRUSSEL.BE
het interieur en het meubilair op de architectuur. Ze zagen hun architectuur dan ook meer en meer als een totaalkunstwerk. Zo kan je bijvoorbeeld in het huis van Victor Horta aan de Amerikaansestraat nog goed zien hoe hij alles tot in de puntjes uitwerkte en op elkaar afstemde. En ook Henry van de Velde zag zijn eerste woning, Huis Bloemenwerf in Ukkel, als een totaalplaatje: niet alleen de trap, de eettafel en kasten waren van zijn hand, maar zelfs de deurklinken, het servies en de kleding van zijn vrouw. Sindsdien zijn architecten niet meer gestopt met het ontwerpen van – ingebouwd – meubilair, al wordt er tegenwoordig wel minder strikt om-
BDW 1415 PAGINA 19 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
© STANY DEDEREN
gesprongen met het dogma ‘één architect, één huis, één stijl’. “Aangezien er tegenwoordig zoveel keuze is op vlak van design, ontwerpen de architecten niet altijd alles zelf, maar plaatsen ze soms ook gewoon bestaande meubels in hun gebouwen. Anderzijds creëren de architecten de meubels hoe langer hoe minder louter voor één gebouw. Vaak gaan ze in productie, en komen ze als design– object op de markt. Denk bijvoorbeeld aan de Totem-kast van Vincent Van Duysen voor Pastoe, of de stoel en tafel van Bob Van Reeth die zowel in het café van het voormalige Zuiderpershuis in Antwerpen stonden als in de Sint-Sixtusabdij in WestVleteren en sinds enkele jaren door De Zetel op de markt gebracht worden. Op die manier bouwen de architecten vandaag met hun design dus gewoon aan een tweede carrière, die naast hun werk als architect staat. En wordt het design ook toegankelijk voor het grote publiek,” vertelt Erik Haemers. “Soms genieten ze daardoor met hun meubels zelfs meer faam dan met hun architectuur. Denk maar aan de chaise longue van Le Corbusier of de stoel van Breuer.”
Meer toegankelijk Wel een constante in de eeuw de-
sign- en architectuurgeschiedenis die Mobilia ons voorschotelt, zijn de verbanden die aan het licht komen binnen het oeuvre van een architect. “Wat deze objecten zo boeiend maakt, is dat de stijl van de architect er meestal onmiskenbaar in terug te vinden is. Zo stralen de meubels van Glenn Sestig bijvoorbeeld perfect zijn hang naar weelderige luxe uit, terwijl we in de meubels van Vincent Van Duysen net zijn voorkeur voor sobere luxe terugvinden. Of bezitten die van B-architecten dezelfde vrolijke, frisse blik op design die ook hun architectuur kenmerkt,” stelt Haemers. Maar ook de meer fi losofi sche visie van een architect kunnen we vaak uit de meubels afl eiden. Zo komt de voorkeur voor een tijdloos minimalisme terug in al de projecten van Bart Lens, of het nu om meubels, stadsontwikkeling of architectuur gaat. Of geeft het architectentrio De Vylder Vinck Taillieu zowel in hun architectuur als design een grote keuzevrijheid aan de eindgebruiker. Tegelijk leunen hun meubels vaak dicht aan bij conceptuele kunst, en zijn ze dus niet voor het grote publiek bestemd. Terwijl iemand als Willy Van Der Meeren zowel met zijn architectuur als bijvoorbeeld met zijn T 2-tafel (1950) design net toegankelijk wilde maken voor het grote publiek. “Dat is trouwens ook de ambitie van deze expo. Daarom hebben we op de derde verdieping enkele meubels geplaatst die de bezoekers kunnen aanraken en uittesten. Zo willen we hen stimuleren om hun ideeën over design als iets duur en afstandelijk te laten varen,” besluit Haemers. Elien Haentjens ‘Mobilia’, nog tot 15 juni in het Atomium, elke dag, 10 tot 18 uur. www.atomium.be
ADVERTENTIE
Sociale Verhuurkantoren (SVK)
Verhuur uw woning zonder risico en zonder zorgen
a Gegarandeerde huur elke maand a
Verzekerd verhuurbeheer
a Onderhoud van uw woning
a Hulp bij renovatie a Fiscale voordelen
www.fedsvk.be 02 412 72 44
Nick Trachet BRUSSEL EN DE WERELD CULINAIR ONTDEKT
Pastrama Pastrama/mi is geen Amerikaans fenomeen, maar een Oost-Europees, van rond de Zwarte Zee. Ook almaar meer in Brussel te verkrijgen. Met de internationalisering van Brussel komen er specialiteitenwinkels bij. Lang geleden al Chinese, Thaise en Congolese maar vervolgens ook Poolse en nu zelfs Roemeense en Armeense ‘ alimentation générale’. Nieuwe schatkamers om te ontdekken. In mijn buurt zijn er al twee Roemeense zaken. Ik snuffelde langs vreemde wijnen, gegiste vloeistoffen voor soep, kazen en blikjes, gegiste augurken en paprika’s op azijn. In de koeltoog lag een ruim assortiment charcuterie. De kleine Roemeense dame (of is dat een pleonasme?) liet mij van veel dingen proeven, ook van de palinka achterin de zaak: een probaat verkoudheidsmiddeltje! Ze had zo veel soorten rookvlees: gerookte varkenspoten en staarten, gerookte varkensfi let, worsten allerhande en, O, pastrama. Of ik dat kende? “De Amerikanen noemen het pastrami,” zei ze nog. Pastrami! Het woord is mij bekend. Het lijkt iets uit fi lms van Woody Allen, iets van New York, iets Joods, iets intellectueels. Ik kende het woord enkel in een Amerikaanse context. Zoals in een mop: “Komt een gorilla binnen bij Solomon’s Delicatessen en vraagt een sandwich met pastrami. “Dat is dan 15 dollar,” zegt Sol, “maar ik moet wel zeggen dat ik nooit verwachtte een gorilla in mijn winkel te zien.” Waarop de gorilla: “met vijftien dollar voor een pastrami-sandwich zal het ook de laatste keer geweest zijn.” Ik stond er al die tijd niet bij stil wat pastrami wel zou kunnen zijn? De Roemeense toverde het plots vanuit de vitrine op het aanrecht. Een lang, donker stuk vlees vol kruiden. Ze liet mij een ruime snee proeven. Sappig en kruidig, niet taai. Ja, dat was wel iets om mee naar huis te nemen. Niet veel later was de pastrama op. Ik keerde terug naar de winkel, want ik had er nog nodig voor de foto, en plots kreeg ik een heel ander product. Ook lekker, maar droger, en weer op voor er een foto was. Het plaatje bij dit artikel is dus mijn derde poging. Om maar te zeggen dat het spul mij smaakt. Pastrama, zo geven ook de New Yorkers toe, komt oorspronkelijk uit Roemenië, of beter, uit Bessarabië, het huidige Moldavië. In de negentiende eeuw
emigreerden heel wat Joden uit die streek naar New York, en brachten hun specialiteiten mee. Het was oorspronkelijk een huiselijk, goedkoop product en de niet-Joden dachten dat het iets Italiaans moest zijn. Vandaar dat ze de naam Italianiseerden tot pastrami, net zoals salame tot salami. Nu zijn andere etnieën het daar niet mee eens. Er is pastrama te vinden in Oekraïne en in Armenië, in Bulgarije (pastarma) en in Turkije (pastırma). Eigenlijk, zo blijkt, is het recept van oorsprong Romeins en later, aan het verspreidingsgebied te zien, Byzantijns. De Turkse versie is niet toevallig een specialiteit is van het Romeinse Caesarea (nu Kayseri). Het woord komt van pastor, Latijn voor herder: ‘herdersvlees’. Vlees dat lang bewaart voor wie buiten de beschaving leeft of lang moet wachten tot er nog eens vlees wordt geslacht. Technologie van voor de diepvries. En er bestaan zoveel versies van als er herdersgebieden zijn. De pastırma van Kayseri is de Rolls Royce onder het herdersvlees, gekruid en gedroogd in het hoogland, zoals met de betere hammen uit Italië. Echte pastırma wordt hier niet verkocht. De Turkse voedselproductie is nog niet helemaal in lijn met de Europese regels en de meeste ‘Turkse’ producten hier zijn dus in Duitsland gemaakt, of in Spanje of Denemarken. Het zijn industriële afkooksels van het échte, artisanale spul. De Joodse en Turkse versie zijn uiteraard niet van varken, maar in Roemenië zeker wél. Onder andere! De eerste Roemeense pastrama die ik proefde, was van rund, de tweede (en die op de foto) van varken. Maar er bestaat naar het schijnt ook pastrama van geit en schaap, van gans en zelfs van kip! De Amerikaanse versie wordt op het net druk besproken door de culi’s. Wie de beste heeft en vooral hoe hij wordt gemaakt. In die foody-middens is het uiteraard al lang geen droogvlees meer. Er is een hele discussie of het van b risket (borststuk), dan wel van plate cut moet worden bereid, mooie verbastering van ‘onze’ plate côte (platte rib). Dat vlees moet worden gezouten door het met zoutkorrels en kruiden (korianderbolletjes, lookpoeder, peper...) in te wrijven en vijf à zeven dagen te laten pekelen in de koeling. Zo krijgt men cornedbeef, de échte! Dat
“Een lang, donker stuk vlees vol kruiden. Ze liet mij een ruime snee proeven. Sappig en kruidig, niet taai. Ja, dat was wel iets om mee naar huis te nemen” vlees wordt opnieuw ontzouten, opnieuw gekruid en vervolgens gebakken in de stoomoven of warm gerookt. In New York wordt het vlees warm verkocht in een onbehoorlijke stapel sneetjes tussen twee kantjes roggebrood. Iemand omschreef het ooit als “twee sneetjes met een koe ertussen.” Pastramisandwiches zijn ondertussen al gesignaleerd op de Louizalaan en in Koksijde. De Roemeense versie is bescheidener en lekkerder en kan ook gesneden op de boterham, maar ik zou ze zeker durven opdienen als voorgerecht (waarom niet een ‘ assiette roumaine’ met ook andere vleeswaren?). Maar pastrama wordt blijkbaar evengoed verwerkt in stoofschotels en slatjes. O ja, het kostte mij 8,80 euro per kilo! Smakelijk. nick.trachet@bdw.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/trachet
BDW 1415 PAGINA 20 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
© BART DEWAELE
MacSwell vond dat het Museum voor Natuurwetenschappen kon inspireren tot kunst.
De Munt pakte uit met een audiovisuele installatie-performance van ATK!.
In het Paleis van Karel van Lotharingen zat je goed voor de modehappening Charles’ Fashion Night van de ULB, met live muziek.
Ook de jongsten mochten zich dankzij Prysm laten gaan op het Koningsplein.
Zurbaráns meditatieve barokkunst én Michael Borremans deden Bozar volstromen.
Van hot naar her met de pendelbussen, en dan naar de afterparty met FM Brussel.
CULTUREEL VERANTWOORD UITGAAN
ON AND ON NIGHT FEVER FOTO’S: BART DEWAELE
BRUSSEL - Sold out! Zoveel succes kende de zevende Museum Night Fever die vorige zaterdag pakweg 15.000 unieke bezoekers (of 54.000 entrees) en 4.000 afterpartyfuivers tot zes uur ‘s ochtends op de been kreeg. Het chaotische aanbod bleek beter gestroomlijnd dan tijdens vorige edities, met kleine pro-
jecten als de letterlijke Blind Dates voor slechtzienden die in tien musea en cultuurhuizen geholpen werden. En met overnachtingen in de Foyer van De Munt. Het publiek was opvallend jong, met 70 procent -35-jarigen. Nog jonger volk vulde de zes afterpartyzalen van de Brussels Event Brewery, waar Bulex
voor elk wat wils draaide. Zo liet de crème van de FM Brusseldj’s het publiek uitbundig dansen. Deeb (Koen Van Dijck) herlanceerde er met succes Chicago house uit de eighties. Wie had ooit gedacht dat Jesse Saunders’ On and on de perfecte afsluiter JMB van een museumdag kon worden?
BDW 1415 PAGINA 21 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
Artists in residence Drs. P in Deventer
Iedere stad zucht wel onder een vloek BRUSSEL - Het is straks carnaval, dus mag het wat minder serieus. Dat is het excuus dat we zochten om het eindelijk eens over de bejaarde prins van de Nederlandse poëzie en het lustige levenslied te kunnen hebben. Al overstijgen de muzikale fratsen, instructieve teksten en taalkundig onberispelijke verzen van Drs. P het carnavalslied natuurlijk verre. Dit is dolle pret voor meerwaardezoekers. Laat ons de ouwe P eerst nog even biografisch situeren. Hoewel hij de zoon was van een Nederlandse moeder en een tot Nederlander genaturaliseerde Oostenrijker, werd Heinz Hermann Polzer in 1919 geboren als Zwitser. Hij zag toen het levenslicht in Thun, en zou de nationaliteit die daar gratis aan verbonden was nooit meer afgeven. Tijdens de Tweede Wereldoorlog moest Polzer nog even onverschrokken dienst gaan doen in het neutrale Zwitserse leger, maar zijn belangrijkste wapenfeiten betreffen toch vooral de literatuur en de lichte muziek. Drs. P schreef talloze gedichten en prozateksten, maar verwierf de meeste bekendheid met zijn liedjes. Die begeleidt hij zelf aan de piano, en voorziet hij van zijn schurende stemgeluid opdat de aandacht niet te veel van de geweldige teksten zou worden afgeleid. De doctorandus maakte liedjes over alles. Bekend is met name zijn reeks over groenten en fruit, waaruit Jean Blaute ooit ‘Bananen’ plukte om er een cover van te maken. Maar Drs. P heeft ook veelvuldig
Drs. P, geboren in Zwitserland, houdt van het Belgische talent voor absurdisme.
over landen en steden geschreven. De bundeling teksten en gedichten Toenemend feestgedruis uit 2004 bevat daarom zelfs een ‘Register op aardrijkskundige namen’. Brussel lijkt Heinz te beschouwen als een notoir urinoir. Niet alleen omwille van het Manneke (‘Wat doet dat ventje nu? / In ’t openbaar / En in strijd met de wet // Neen, volg zijn voorbeeld niet / Vlak om de hoek / Is een herentoilet’). Ook omwille van een ontmoeting die hij hier blijkbaar eens had met een niet nader genoemd ‘nomadisch
figuur/ Niet geleerd, maar zo glad als een aal/ Hij volgde zijn eigen, vreemde natuur/ en vroeg niet naar wet of moraal/ Ik zag hem in een verloren uur/ Bij ‘t stationsgebouw Brussel Centraal/ Hij waterde zomaar tegen de muur/ met een strakke en strafbare straal.’
Deventer Desalniettemin houdt Zwitser Polzer van de Belgen. Zelfs in hymnes waarmee wij niets te maken hebben, zoals dat over de trotse stad
Groningen, sleurt hij ons er omwille van ons talent voor absurdisme bij: ‘Groningen, Groningen/ De bijen maken smakelijke honingen/ De Russen maken aanspraak op naburig grondgebied/ De Belgen maken friet.’ Ons favoriete nummer heet echter ‘Deventer’, wat een toepasselijke naam is voor een lied dat integraal over deze Oost-Nederlandse stad handelt. Meer bepaald over de koek die Deventer al sinds de vijftiende eeuw produceert en exporteert. Het is grappig dat Wikipedia in het lemma over de traditionele Deventer-koek slechts één couplet van dit lied weergeeft. De andere klinken namelijk een stuk kritischer. In afwachting dat Wikipedia deze inbreuk op de objectiviteitsregel zelf herstelt, geven wij hier alvast het grootste deel van de Deventerkoek: Deventer koek, Deventer koek/ Iedere stad zucht wel onder een vloek/ Deventer koek, Deventer koek/ Voor het onwelkom familiebezoek//Andere plaatsen creëren jenever/ Balletje, gloeilampen, kaarsen of kant/ Hier evenwel als goedwillende gever/ Staat men met Deventer koek in de hand// Deventer koek, Deventer koek/ Is weer wat anders dan zuurstang of snoek/ Deventer koek, Deventer koek/ Past in de zak van geen enkele broek// Deventer koek, dat is een van de dingen/ Die mij als jongetje hebben geschokt/ Deventer koek zal ik blijven bezingen/ Deventer koek, tot de adem mij stokt// Michaël Bellon
ADVERTENTIE
Jouw verhaal in de krant?
Heb je een vlotte pen en geeft Brussel je inspiratie? Doe dan mee aan de schrijfwedstrijd van Brussel Deze Week en word wereldberoemd in de hoofdstad! ige lled ment o v Het jdregle op stri wed vind je ws.be/ u lnie strijd e s s bru rijfwed sch
Brussel Deze Week i.s.m.:
Stuur ons jouw kortverhaal dat zich afspeelt in Brussel. Een vakjury kiest de beste verhalen uit en beslist welke inzendingen gepubliceerd worden in onze krant. Bovendien zijn er nog heel wat andere prijzen zoals boeken en boekenbons te winnen.
PRAKTISCHE INFORMATIE Schrijf een verhaal tussen 10.000 en 16.000 tekens (inclusief spaties) dat zich afspeelt in Brussel of een duidelijke band met de stad heeft. Stuur je inzending ten laatste op 30 april 2014 door naar schrijfwedstrijd@bdw.be. Een jury, bestaande uit Marc Didden, Pascal Verbeken, An Mertens en Sigrid Bousset kiest acht winnende verhalen die tijdens de zomermaanden in onze krant gepubliceerd worden.
aat deze roemrijke kans niet liggen en kruip in je pen!
BDW 1415 PAGINA 22 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
Jeroen Marckelbach: “Ik ervaar Brussel nog steeds als een soort van levenslaboratorium waar evoluties veel vroeger plaatsvinden dan in de rest van het land.”
© MARC GYSENS
JEROEN MARCKELBACH, KRACHT ACHTER HET VLAAMS-AFRIKAANS HUIS KUUMBA
‘Nu ook nog een Kuumba in Kinshasa’ ELSENE – Jeroen woont in Molenbeek, maar Elsene en meer bepaald Matonge zijn zo mogelijk nog meer zijn leefwereld. In Matonge richtte hij vijf jaar geleden het Vlaams-Afrikaans huis Kuumba – spreek uit Ku-umba – op. Het spreekt voor het groot hart dat de man in zich draagt.
ger plaatsvinden dan in de rest van het land. Boeiend, uiterst boeiend. Wat ik bovendien fantastisch vind, is dat een mens hier perfect kan leven zonder auto. Het is ook een van de redenen waarom ik hier ben gebleven.”
M
Jijippeke
arckelbach groeide op in de fruitstreek Borgloon. Maar al een poos geleden ruilde hij het platteland voor Brussel. “Door hier te zijn, heb ik Brussel toch tot op bepaalde hoogte ontsloten voor het thuisfront. De interesse in de stad geeft me de drang om erover te filosoferen, na te denken en te vertellen. Ik wil de mensen een andere kijk geven op Brussel dan wat ze in de media krijgen voorgekauwd.” Het geeft Jeroen voldoening een ambassadeur te zijn. “Ondanks de tegenkanting van buitenaf zit Brussel mijns inziens in een positieve flow. Zeker sedert het jaar 2000, toen Brussel cul-
turele hoofdstad van Europa was.” Als jonge student in de Politieke en Sociale Wetenschappen aan de toenmalige KUB, zocht Jeroen naar eigen zeggen vooral de ‘universiteit van het leven’ op. “Er ging een heel nieuwe wereld voor mij open: de grootstad en de confrontatie met andere gemeenschappen, de wondere architectonische mix en de culturele dynamiek. Die massa mensen op een veel te kleine ruimte, de energie die er samengebald zit. Ver waren plotsklaps de bloemetjes en de bijtjes van mijn geboortestreek. En ik ervaar Brussel nog steeds als een soort van levenslaboratorium waar evoluties veel vroe-
Het avontuur aan de KUB – waar Jeroen weliswaar een studentenvereniging heeft opgericht – is niet zo goed afgelopen. Daarop volgde een opleiding Journalistiek aan de Erasmushogeschool. “Dat was meer op mijn maat gesneden. Het studeren gebeurde op een ander ritme. In mijn laatste jaar hebben we ook een Chiro-afdeling opgericht in Molenbeek, met de gepaste naam Jijippeke (Jijippeke van Meulebeik is ooit bezongen door Urbanus, KVDA). De Chiro was altijd een belangrijk deel van mijn jeugd geweest. Ik zag dat Molenbeek gezegend is met een massa jonge mensen, die niet altijd de juiste uitlaatklep wordt aangebo-
Het ‘huis’ Kuumba Kuumba is een socio-cultureel ontmoetingscentrum met een laagdrempelige cafetaria, 7/7 open. Er vinden exposities, taalcursussen en concerten plaats. Het huis bestaat intussen vijf jaar en is een van de weinige plekken waar Franstaligen en Nederlandstaligen, blank of zwart, autochtoon of expat, etc. zich thuis kunnen voelen. Jeroen: “Ik denk dat als je niet houdt van exotisme, je niet beschikt over een gezonde dosis nieuwsgierigheid naar de andere. Dat je dan verloren loopt in Brussel. Vandaar ook dat ik vind dat de politieke indeling van Brussel in Nederlandstaligen en Franstaligen compleet achterhaald is. Die Brusselse gemeenschap zou door de politiek toch eens aanvaard moeten worden.”
BDW 1415 PAGINA 23 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
“Kuumba is een begrip geworden, zeker binnen de Afrikaanse gemeenschap. Het is mooi dat de beladen geschiedenis tussen Congolezen en Rwandezen binnen de vier muren hier niet spelen”
copywriter. Daarna begon de fietsmicrobe te kriebelen. Hij ging enkele maanden reizen op twee wielen, met Brussel als vertrekpunt. “Ik koos voor een reis naar het Midden-Oosten: Marokko, Turkije, Syrië, Iran... Mijn bedoeling was in Irak te belanden, waar ik een jaar eerder al was geweest met een vredesmissie. Ik wilde daar eindigen om een statement te maken tegen de oorlog. Cycling for Peace. Maar ik ben nooit over de grens van Iran met Irak geraakt.” “De herinnering aan onderweg is echter onvergetelijk. Als fietser neem je onderweg heel bewust de verandering van het landschap en de cultuur in je op. Je leert beter te begrijpen waar je vandaan komt, en automatisch ook de ‘andere’. Het heeft me bovendien geholpen om me vrijer te bewegen binnen Brussel en die mix van culturen beter te vatten omdat je onderweg aanknopingspunten hebt opgeslorpt.”
Matonge-Kinshasa Vier jaar lang is Marckelbach voorzitter geweest van de raad van bestuur van De Vaartkapoen. Tussendoor ging hij een aantal keren helpen bij de olijvenpluk in Palestina. Zelfs de politieke wereld is hem niet onbekend: hij werkte als medewerker in het Vlaams Parlement. “Toen daar een einde aan was gekomen, heb ik mijn tweede grote fietstocht ondernomen. Van de Matongewijk in Brussel ben ik naar het
originele Matonge in Kinshasa gefietst, ook een beetje mijn bompa achterna. Ik heb die man weliswaar nooit gekend, maar in de jaren 1920 is hij naar Congo getrokken om er op eigen kracht fortuin te maken. Hij was destijds met de fanfare vertrokken uit het dorp. Helaas faalde hij. Compleet berooid is hij naar België teruggekeerd als verstekeling op een bananenboot. Naar zijn dorp durfde hij niet meer, uit schaamte. De man doolde daarop een tijd als clochard door de straten van Antwerpen. Tot enkele mensen hem daar hebben opgemerkt en de familie hebben aangesproken.” Die bompafiguur gaf Jeroen inspiratie om op de fiets op te springen. “Het was een reis van iets meer dan negen maanden. Onderweg heb ik ook geld ingezameld voor een ngo. Als westerling vond ik immers dat ik iets tegenover dat voorrecht moest stellen. Onderweg schreef ik ook een column voor Het Belang Van Limburg. Het boek dat ik voor ogen had en nog steeds heb, is helaas nooit afgeraakt.” “De ontvangst in Kinshasa was overweldigend. Het is ondertussen vijf jaar geleden en ik ben daar nog steeds een bekend figuur. Toen ik terug thuis was, wilde ik iets doen tegen het feit dat mensen hier nog teveel naast mekaar leven. Het heeft geleid tot de oprichting van vzw Kuumba. We wilden de Vlaams-Afrikaanse band in Brussel nieuw leven inblazen. Kuumba betekent in het Swahili ‘creativiteit’.” “Ik denk echt wel dat we een verschil maken, op onze bescheiden manier. In het begin moesten we zoeken naar partners en kwam het initiatief steeds van onze kant. Tegenwoordig kunnen we selecteren uit voorstellen die op ons afkomen. Kuumba is een begrip geworden, zeker binnen de Afrikaanse gemeenschap. Het wantrouwen is geslonken. Het is ook mooi dat de beladen geschiedenis tussen Congolezen en Rwandezen hier binnen de vier muren niet spelen. Wie in Kuumba zijn gram wil halen tegenover de andere, is aan het verkeerde adres. Punt.” “Graag zou ik ook een Kuumba in Kinshasa op de rails willen zetten. Het Centre WallonieBruxelles heeft er een poot, de Franse staat heeft er een poot. Langs Vlaamse kant heb je weliswaar de projecten die de KVS er geregeld opzet, maar geen vaste vertegenwoordiging, al zijn de mensen ter plekke vragende partij. Ik denk dat we daar iets aan moeten doen, dat we het historisch gezien niet mogen laten verwateren. Dat, gecombineerd met de moderne communicatiemiddelen, kan een heel interessant resultaat opleveren. We zijn nu bezig met een platform op te richten van iedereen die het idee genegen is, om dan naar de politiek te stappen.”
Karel Van der Auwera
Meer info op www.kuumba.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/ingesprekmet
3 VRAGEN AAN DIRK MOSSELMANS
‘Nood aan een ontwapenende lach’ Het Topor-festival brengt nog tot 2 maart hulde aan de veelzijdige Franse surrealist Roland Topor (1938-1997). Met een theaterbewerking Winter onder tafel, Polanski’s film The Tenant, en een concert van Kunigi Fanga in het ontmoetingscentrum Ploef, met een verkenning van de Topor-stukken in het Magrittehuis en een expo van de kunstateliers in GC Essegem. Theaterregisseur en organisator Dirk Mosselmans hoopt op veel disciplinehoppers, waardoor de tekenaar, schilder, acteur, regisseur en schrijver bekender wordt. Waarom staat Topor nu in de kijker? Mosselmans: “Dat heeft alles te maken met mijn creatie Winter onder tafel. Ik las ooit een Nederlandstalige versie van L’hiver sous la table die wrong voor mij. Ik had toen net gewerkt aan de rapopera Nu of nooit, naar een tekst van Greta van Langendonck zodat mijn oor zich helemaal naar de flow van rapteksten had gezet. Dat beïnvloedde de schriftuur van dit scenario. Het werd een meertalige bewerking in samenwerking met de bewoners van het opvangcentrum van het Rode Kruis in Jette. Ik heb gemerkt dat Polanski nauwgezet de tekst van Le locataire chimérique heeft gevolgd. Het zijn reflecties over de stad zoals hedendaagse denkers Benjamin Barber en Eric Corijn ze vandaag maken.” Waarom gaat het festival in Jette door? Mosselmans: “Hoewel geen rechtstreekse band is Topor natuurlijk een surrealist, net zoals René Magritte. Het René Magritte Museum in Jette heeft drie tekeningen van Topor in zijn collectie en ze zullen in dialoog treden met Magrittes werk.”
Organisator van het Topor-festival Dirk Mosselmans wil de Franse surrealist Roland Topor in de kijker zetten.
Waarom moeten we Topor beter leren kennen? Mosselmans: “In deze onzekere tijden hebben we misschien nood aan een ontwapenende lach. Topor is ook iemand die taboes over seksualiteit doorbreekt. Hij ridiculiseert en ontwapent op een ongewone manier, wat nogal wat mensen choqueert. Hij stelt als kunstenaar pertinente vragen waar je niet omheen kunt, of je dat nu leuk vindt of niet.” An Devroe
n VLAAMSE REGERING DEELT MEER DAN TWEE MILJOEN EURO UIT. De Brusselse podia krijgen bijna anderhalf miljoen euro van de Brusselse regering. De Beursschouwburg krijgt 300.000 euro, de KVS 500.000 euro en het Kaaitheater 600.000 euro. De vzw Flagey krijgt 1,1 miljoen euro voor de werking als kunstencentrum en als thuisbasis voor Brussels Philharmonic. n BE.BRUSSELEIR IS BESTE BELOFTE. De Taalsector reikt op 13 maart de LIA’S, de Language Industry Awards, uit. De Taalsector is de publicatie van de taalsector (www.taalsector.be). In de categorie Beste Belofte is be.brusseleir genomineerd. Algemeen directeur Geert Dehaes roept op om voor be.brusseleir te stemmen: “Het zou een mooie erkenning zijn voor de Brusselse dialectwerking.” Stemmen kan op: www.languageindustryawards.eu. n GIEBUS STEUNT FILIPIJNEN MET ARTIESTEN. Na de taifoen eind vorig jaar is de nood in de Filipijnen nog altijd niet gelenigd. Werner De Bus heeft met zijn Giebus Animatiegroep een rits artiesten kunnen overtuigen voor een benefiet. Café Marché, Irène Deneuville en Jean-Pierre Jacobs zijn maar drie namen van de voorlopige affiche. De benefiet vindt plaats op 9 maart om 15 uur in De Markten, Oude Graanmarkt 5, 1000 Brussel. Toegang: 10 euro. Kinderen, werkzoekenden en studenten betalen 5 euro. Reserveren is aangeraden op het nummer 02/512.34.25. n KIM DELCOUR LEERT FOLKDANSEN. Op zaterdag 10 mei organiseert Kim Delcour, die doedelzak geeft in verschillende Brusselse academies, een groot folkbal met 35-koppig orkest. Wie het folkdansen nog niet echt in de benen heeft, kan vooraf (op 19 maart en 30 april om 20 uur) gratis balinitiaties volgen onder leiding van Leen Devyver. Zowel de lessen als het bal vinden plaats in het gemeenschapscentrum De Kroon, J.B. Vandendrieschstraat 19, 1082 Sint-Agatha-Berchem. Meer info : DV www.gcdekroon.be
CULTUUR KORT
den. Dus leek een Chiro in Molenbeek me een mooi idee. Makkelijk was het niet: de werking die ik kende van in Limburg kan je niet zomaar overplanten op een jonge stedelijke bevolking van Marokkaanse afkomst. Het is dan ook met vallen en opstaan gebeurd, maar uiteindelijk is daar een modus vivendi gevonden en die bestaat nog altijd. Ondertussen al meer dan tien jaar. Dat doet deugd aan het hart.” Met zijn diploma op zak heeft Marckelbach een tijd lang verschillende petjes gedragen: dat van barman, gids, freelance journalist en
MEER CULTUUR DE HELE WEEK ROND OP Jeroen Marckelbach bij zijn aankomst in het originele Matonge in Kinshasa.
SURF NAAR BRUSSELNIEUWS.BE EN SCHRIJF JE IN OP DE NIEUWSBRIEF
BDW 1415 PAGINA 24 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
Wielrennen > Anko Goossens begint met ambitie aan eerste seizoen bij junioren
‘Ik wil mijn stempel drukken’ BDWSPORT
© ANKO GOOSSENS
JETTE – Anko Goossens (17) fietst zich een weg naar de kop van het peloton. Zijn voetbalcarrière ging de mist in door een voetaandoening, maar dat zorgde er wel voor dat zijn liefde voor het wielrennen openbloeide. Op een paar jaar tijd leerde hij de knepen van het vak, en afgelopen seizoen behaalde hij zijn eerste overwinning. Die lijn wil hij doortrekken bij de junioren. Al zal hij er hard voor moeten kno kken. “Ik heb het tot eerste keeper van de U14 van FC Brussels geschopt,” vertelt de Brusselaar. “Aanvankelijk stond ik op het veld maar in het doel kom ik meer tot mijn recht. Na een jaar bij RSD Jette is Brussels me komen wegplukken. Ik kreeg er meteen een basisplaats. Dat was bij de elite, toen hun jeugd nog in eerste klasse speelde. Uiteraard dacht ik aan een carrière in het voetbal, maar een voetaandoening besliste er anders over.” Het was de ziekte van Freiberg die Goossens’ voetbalcarrière beëindigde. Een weinig voorkomende aandoening waardoor botweefsel in de middenvoetsbeentjes afsterft. Op de bal trappen en zelfs lopen ging niet meer zonder pijn. Zowat alle sporten waren uitgesloten, behalve fietsen. “Ik heb altijd een passie gehad voor wielrennen en in afwachting van meer nieuws over mijn voetaandoening ben ik beginnen te trainen met een vriend. Voor ik wist dat ik moest stoppen met voetballen, had de liefde voor de fiets het dus al overgenomen. Na een korte trainingsperiode van drie weken heb ik meteen een tiental wedstrijden gereden bij de aspiranten. Want ik wist dat ik dan het belangrijkste zou leren.” “Ik ben zeer competitief ingesteld. Wat me aantrekt in het wielrennen is het individuele, je doet alles voor jezelf. Ik was het wat beu om altijd afhankelijk te zijn van mijn voetbalploeg. Uiteraard rijd je ook in de koers met een ploeg, maar bij de jeugd is dat nog niet zoals bij de profs. Je vecht meer voor je eigen plek.” De wedstrijden bij de jeugd staan bekend als zeer explosief, een hoop jonge ketten die alleen aan vlammen denken. Hen volgen is geen sinecure, ondervond Goossens aan den lijve. “Ik heb echt afgezien. Bij de aspiranten zijn de wedstrijden slechts 35 kilometer lang, het is dus een uur lang voluit gaan. Aanvankelijk moest ik lossen, maar dat ging elke wedstrijd beter. En ook het duwen en wringen moet je leren: er wordt geroepen dat je opzij moet, er worden tikken gegeven. In het begin weet je niet goed hoe je ermee moet omgaan, maar dat leer je snel.”
Kasseien vreten Het eerste volledige seizoen van Goossens was vooral een belangrijke leerschool. Hij had zich tijdens de winter (nog) niet volledig toegelegd op het wielrennen en haalde daardoor pas later zijn beste vorm. Een constante lijn kon hij nog niet aanhouden, maar zijn ploeg Noord-WestBrabant toonde wel vertrouwen. “Ik mocht meteen meedoen met de interclubwedstrijden, waarvoor je geselecteerd moet worden door de ploeg. Het deelnemersveld is stevig, het peloton is er wel honderdvijftig man groot. Daar heb ik heel veel geleerd.” “Afgelopen seizoen kwam ik door mijn minder goede voorbereiding terug wat later in vorm.
of drie passages. Het voordeel dat ik heb, is dat ik heel diep kan gaan en dat ik licht ben. Ik sta graag scherp. Indien ik verder geraak, zou ik me wel willen toeleggen op het zwaardere klimwerk. Ik weet dat ik dat aankan.”
Wetenschappelijk trainen Afgelopen winter legde de Brusselaar zich eindelijk volledig toe op het aankomende seizoen. Hij trok vroeg in zijn voorbereiding al naar de fitness voor spinninglessen en trainde op explosiviteit met zijn mountainbike. Goossens traint nu ook gerichter. “Onder meer op basis van medische testen heb ik een schema gekregen. Ik train nu meer op hartslag, ter-
“Ik ben zeer competitief. Wat me aantrekt in het wielrennen is het individuele, je doet het voor jezelf”
Anko Goossens: “Ik zou graag met de toppers willen concurreren, met evenveel training in de benen. Tonen wat ik echt kan. Eind maart zou ik het niveau willen halen dat ik voor ogen heb.”
HET IS GEEN NADEEL BRUSSELAAR TE ZIJN Dat Brussel geen ideaal trainingsterrein is voor wielrenners, zal niemand verbazen. Anko Goossens vloekte er vroeger wel eens over, maar intussen is hij bijgedraaid. “Ik vond het vroeger een nadeel om in Brussel te wonen. Ik moest altijd een hele weg afleggen voor ik echt kon beginnen te trainen. Nu zie ik die extra kilometers als een voordeel. Die details maken het verschil.” “In Brussel zelf trainen, is onmogelijk. Al die tramsporen, rotondes, het drukke verkeer. Je moet de stad uit. Gelukkig zijn er rond Brussel heel wat plekken om goed te fietsen.” TS
Op het Vlaams kampioenschap, waaraan al de beste renners uit de regio deelnemen, werd ik elfde. Over die prestatie ben ik zeer tevreden. Want ik was een van de renners die de koers had gemaakt, ik was niet onopgemerkt gepasseerd.” En de sterke prestaties bleven maar komen: een week later haalde Goossens zijn eerste podiumplaats in Roosdaal, en ondanks een paar moeilijke weken won hij tijdens de maand au-
gustus in Tollembeek zijn eerste wedstrijd. “Dat was een onbeschrijflijk moment, zo mooi! Want een wedstrijd winnen is echt moeilijk.” “Ik ben een klimmer. Mannen als Gilbert en Nibali zijn mijn voorbeelden. Al mag de klim ook niet té lang en té stijl zijn. Liefst een kilometer lang en bij voorkeur op kasseien. Een klim als de Molenberg of de Congoberg ligt mij. Ik heb het graag wat zwaarder. Een platte kasseistrook ligt me bijvoorbeeld pas na twee
wijl dat vroeger op gevoel was. Je gaat eens tot je limiet, rijdt de volgende dag los, etc. Dat het wetenschappelijker onderbouwd is, voelt goed aan. Daarnaast besefte ik dat ik een goede voorbereiding nodig had omdat ik het beu was om er altijd tussenin te zitten. Om de ene dag mee te kunnen maar de volgende dag weer niet. Door evenveel training in de benen te hebben wil ik graag met hen kunnen concurreren en tonen wat ik echt kan. Eind maart wil ik het niveau halen dat ik voor ogen heb.” Dat zal nodig zijn, want Goossens wil dit jaar zijn groeicurve nog meer naar omhoog trekken. Hij beseft dat hij nog veel bij te leren heeft en dat de wedstrijden bij de junioren nog sneller en langer zijn, maar dat schrikt hem niet af. “Ik wil dit seizoen mijn stempel drukken op wedstrijden. Meegaan in de aanval, meespelen voor de overwinning. Want ook in mijn eerste seizoen als junior kan dat lukken. Daarnaast is het provinciaal kampioenschap een ambitie. De meeste toppers komen niet uit Vlaams-Brabant, dus ik heb een realistische kans. Ik ben geen topfavoriet maar je moet durven dromen.” Dromen doet Goossens ook van een profcarrière. Of hij op een dag een profcontract kan tekenen, wordt voornamelijk de komende twee seizoenen bepaald. Ondanks zijn zware studies – wetenschappen-wiskunde aan het Sint-Pieterscollege in Jette – wil hij voluit voor zijn sport gaan. “Na de twee seizoenen als junior zal ik weten waar ik sta. Ik ben nu nog niet constant genoeg, daar moet ik hard aan werken. Ik wil er alles uithalen en zal dan beslissen wat ik doe. De overstap naar de beloften is niet evident: je moet nog meer trainen en verdient er weinig mee. Als ik de overstap maak, zal ik sowieso van ploeg veranderen. Ik zit nu goed bij Noord-West-Brabant, maar ik zou dan een grotere ploeg kiezen. Maar eerst is het aan mij om te bewijzen wat ik waard ben.” Tim Schoonjans
BDW 1415 PAGINA 25 - DONDERDAG 27 FEBRUARI 2014
@xavsim19 First day on the bike after 3 month... Not so bad feeling
ESTAFETTE > DAVID STEEGEN
Alsof maandag nooit meer komt
Xavier Simeon heeft zijn geliefde moto terug kunnen berijden. De Brusselaar kwam begin deze maand (hij bedoelt dus drie weken, niet drie maanden, TS) zwaar ten val tijdens een testsessie op het circuit van het Spaanse Almeria. Hij verloor verschillende voortanden en moest een operatie ondergaan aan de kaakspieren. Na een korte herstelperiode is Simeon helemaal terug en klaar om de strijd in de Moto2-klasse opnieuw aan te gaan. TS
© CUREGHEM SPORTIEF
De supporters van Hockey & Tennis Club Daring Molenbeek zijn talrijk opgekomen aan de Kasteeldreef. Het is drummen voor een plekje in de met zon overgoten arena. Een vol huis. Daar kunnen ze even verderop in de Charles Malisstraat, alle proporties in acht genomen, alleen maar van dromen. De ene sport is de andere niet. Meer dan vierhonderd sympathisanten stuwen het geliefde Daring voorwaarts. De sfeer is uitgelaten en de rosé vloeit rijkelijk, de lente lijkt al in het land. Zelfs de burgemeester is opgedaagd voor de cruciale wedstrijd tegen Beerschot. Er staat voorwaar een politiecombi op de bomvolle parking. De Antwerpenaars staan vierde met twee punten voorsprong op Daring. Als de Brusselaars winnen, komen ze op een playoffplaats te staan - top vier - en is zelfs de titel nog mogelijk. Ik heb uitgekeken naar de wedstrijd. De achtste verliesmatch, twee dagen eerder, van RSC Anderlecht met meer dan één weggever in en tegen Lokeren is hard aangekomen. Sommige “supporters” van paars-wit sturen vijandige boodschappen de wereld in via de sociale media. De regelrechte scheldpartijen tegen de club en zijn beleid teisteren de digitale snelweg en laten ons niet onbewogen. Het is kenmerkend voor deze moderne tijden. De ontgoocheling is begrijpelijk maar het geheugen is kort. We willen het uitschreeuwen maar dat kan en mag niet. De voorbije zes kampioenstitels (op tien jaar tijd), de nationale beker, de vier deelnames aan de Champions League in dezelfde tijdspanne, het foutloos parcours in de Europa League (18 op 18) van twee seizoenen geleden onder
Wielerclub mikt op kansen bieden
SPORT KORT
BRUSSEL – Cureghem Sportief kijkt met gezonde ambitie naar het nieuwe wielerseizoen. In tegenstelling tot andere clubs blijven zij inzetten op alle leeftijdscategorieën, al kan die rol van opleidingsschool tot frustraties leiden. “Er beweegt vooral wat bij onze beloften en eliterenners zonder contract,” vertelt voorzitter Marc Hindrijckx. “Beide teams zijn nagenoeg volledig vernieuwd. Zowel wat de renners als de ploegleiders en mecaniciens betreft. De redenen daarvoor zijn zeer uiteenlopend: de ene stopt omwille van gezondheidsredenen of leeftijd, sommige renners zijn naar andere ploegen getrokken, etc. Op basis van wat onze ploegleiders op training hebben gezien, wekken de aanwinsten goede hoop. Al zijn wedstrijden uiteraard iets anders dan trainingen.” Op vlak van overwinningen kijkt de voorzitter met fierheid terug op de interclub in Bonheiden, waar de junioren vorig seizoen het clubklassement wonnen. Maar de voornaamste ambitie van de 103 jaar oude wielerclub is niet zoveel mogelijk winnen, maar eerder kansen geven. “Wij willen jonge gasten de kans geven om te koersen. Een jongen van vijftien die van het peloton wil proeven, krijgt bij ons die opportuniteit. Eens die tot de beloften doorstoot,
De leden van de Nippon Karate Club hebben zich weer van hun beste kant getoond op het EUROPEES KAMPIOENSCHAP KARATE. Bij de -21-jarigen nam Yvan Rodriguez deel aan de katadiscipline, en hij eindigde op een knappe vijfde plaats. Yassine El Aalili nam in dezelfde leeftijdscategorie deel aan de gevechtdiscipline en behaalde een zevende plaats. n Dat Stefaan Casteleyn SQUASHTALENT heeft, daar twijfelt niemand nog aan. De 40-jarige Brusselaar verlengde op het afgelopen Belgisch kampioenschap zijn titel bij de senioren, ondertussen al zijn achttiende nationale titel. En alsof het nog niet genoeg was, pakte hij ook nog eens de titel bij de masters. n Ook onze hockeyploegen blijven zich onderscheiden. Racing Club de Bruxelles heeft namelijk voor het tweede jaar op rij een medaille behaald op de
verwachten we uiteraard wel dat hij kan volgen. Onze jeugdopleiding is een zeer belangrijke pijler.” “Er zijn steeds minder clubs die zoals ons al de verschillende leeftijdscategorieën aanbieden. Men gaat bijvoorbeeld alleen met beloften en profs werken. Wij zijn nog een club van de oude stempel. Dit seizoen tellen we zeventig renners.” Het concentreren op bepaalde leeftijdscategorieën heeft het voordeel dat het beschikbare budget over minder renners verdeeld moet worden. Met die extra financiële slagkracht bezorgen ze clubs als Cureghem Sportief de nodige kopzorgen. “Zij komen vissen in onze vijver. Het is best wel frustrerend als die clubs naar je beste renners komen hengelen. Onze visie is dat iedereen een kans moet krijgen. We hopen dat de renners ons daarvoor dankbaar zijn en trouw blijven aan de ploeg.” “Kenny Dehaes is daar een mooi voorbeeld van. Hij rijdt nu voor Lotto-Belisol, maar is nog steeds kind aan huis. Hij is net als Bert Roesems (de technisch raadgever, TS) een voorbeeld voor onze jongeren. Zij moeten toch kunnen dromen, hé.” Tim Schoonjans
David Steegen is persverantwoordelijke van RSC Anderlecht.
© WWW.ROYALDARING.BE
‘Blijven investeren in de jeugd’
de eveneens verguisde coach Ariël Jacobs... Alsof het allemaal nooit gebeurd is. Tijdens de jaren zeventig won RSC Anderlecht twee Europabekers maar werd het zelden kampioen. Zo is clubicoon Raymond Goethals er nooit in geslaagd om paars-wit een titel te schenken. Dat doet niets af aan zijn verdiensten. Tussen 1996 en 1999 werd Sporting zelfs nooit kampioen. Ach, de fans hebben eigenlijk gelijk. Het moet beter. Het kan beter. Al dat jonge geweld zal tot volle wasdom komen en op dat ogenblik ontploffen. En dan zullen de mensen even snel weer op de banken staan. Hopelijk dit seizoen nog. Daring – Beerschot is een gesloten wedstrijd. Beide elftallen spelen met de daver op het lijf. Aan het einde van de tweede helft staat Beerschot met 1-2 voor. In de laatste minuten maakt Daring prachtig gelijk. RSC Anderlecht is ver weg. Tot aan de pauze. Dan rolt paars-wit weer over de tongen. Opvallend hoeveel Brusselaars meeleven met onze ploeg. Het zijn aangename gesprekken, zonder haat of nijd. Zondagmiddag mildert de geesten. De tweede helft is helemaal van Daring Molenbeek. Daring komt op voorsprong. Dat blijft zo. Na de wedstrijd ontploft het stadion(netje). Wijn, bier, Liefmans en het typische hockeydrankje Sommersby vloeien rijkelijk over de tongen. In het clubhuis – Le Bar du Dar – ontstaat zelfs een echte fuif. Zorgen worden vergeten. Alsof maandag nooit meer komt. Alleen winnen telt.
Info: www.cureghemsportief.be
EUROPABEKER INDOOR. Ze wonnen in de kleine finale van het Spaanse San Sebastian na shoot-outs. n Wilt u zelf eens een minder populaire sport uitproberen? Dan moet u komende maandag in het gemeentestadion van Elsene zijn, in de Voltastraat 18. FRISBEECLUB XLR8RS organiseert er van 20u tot 22u30 een nieuwe editie van hun regelmatig terugkerende Mini Hat. Meer informatie vindt u op http://www.xlr8rs.be. n Of wat dacht u van halsbrekende toeren bij de BRUSSELS URBAN ACROBATIC ACADEMY? Zij organiseren van 3 tot en met 7 maart (telkens van 9 tot 16 uur) een stage in de Georges Moreaustraat 107 in Anderlecht. Verwacht u aan airtrack, mini en maxitrampoline, parcours, etc. Iedereen tussen 5 en 55 jaar kan zich inschrijven. Contact opnemen kan op sven@buurtsportbrussel.be of TS 02/413.03.65.
REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Brussel, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be, www.bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België 20 euro per jaar; IBAN: BE07424552982266, BIC: KREDBEBB van Brussel Deze Week vzw. Buiten België 30 euro per jaar. OPLAGE 70.490 exemplaren. PROMOTIE EN DISTRIBUTIE Ute Otten, Anne Burger, Maurice Droogh. ADVERTISING MANAGER Lisa Decrick: 02-226.45.41, 0474-67.03.84, fax 02-226.45.69. MARKETING MANAGER Frederik Welslau. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne. COÖRDINATIE Kim Verthé. EINDREDACTIE Ken Lambeets (eindredactie@bdw.be). VORMGEVING Peter Dhondt. REDACTIE Jean-Marie Binst, Christophe Degreef, Bettina Hubo, Steven Van Garsse, Danny Vileyn. BRUSSELNIEUWS Kris Hendrickx (nieuwsmanager), Sandra Schreurs (projectcoördinator), Jelle Couder, Goele de Cort, Eric Vancoppenolle, Laurent Vermeersch. REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele, Gerd Hendrickx. MEDEWERKERS Michaël Bellon, An Devroe, Eva Hilhorst, Ilah, Wauter Mannaert, Francis Marissens, Karolien Merchiers, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Steven Vandenbergh, Karel Van der Auwera, Bram Van de Velde, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Sander de Wilde, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh. VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Marijke Vandebuerie. Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie.
ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).