Skip to main content

BDW - editie 1405

Page 1

EEN NIEUWE ZAZIE IN HET MIDDEN VAN DEZE KRANT MCBTH: TOM DEWISPELAERE IN DE HUID VAN DE WAANZIN En ook: Tristero, Jean-Philippe Toussaint en Gogol Bordello.

05 12 13

AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153

© IVAN PUT

BRUSSEL DEZE WEEK IS 15 JAAR

BRUSSEL – Begin december 1998 rolde de eerste Brussel Deze Week van de persen, een heuse stadskrant met politiek nieuws, sociaal-economisch nieuws en cultuur. Het blad verving de uitkrant Deze Week in Brussel. Die verjaardag grijpen we aan om terug te blikken op de begindagen, een lans te breken voor goede regioverslaggeving én om u een opgefriste vrijetijdsbijlage Vadrouille te AB presenteren. Zie pagina’s 6, 12 en 16 tot 27.

Mobiliteit > Heraanleg Generaal Jacqueslaan wacht al maanden op bouwvergunning

Boulevard mist fietspad ELSENE – De bouwaanvraag voor de heraanleg van de Generaal Jacqueslaan zit muurvast. De Franstalige fietsersbeweging Gracq gaat actievoeren. “Het fietspad moet er komen.”

D

e overlegcommissie heeft in juni een positief advies afgeleverd voor de heraanleg van de Generaal Jacqueslaan. De MIVB wil een oplossing voor het tramverkeer dat vastzit op het kruispunt van de Buyllaan en de Generaal Jacqueslaan. Daarnaast is er de heraanleg van de Generaal Jacqueslaan zelf. Er komt een volledig nieuw wegprofiel met comfortabele tramkades, bomen, fietspaden en parkeerplaatsen in het midden. De heraanleg moet

voor een vlotter openbaar vervoer zorgen, het aftandse uitzicht van deze stadsboulevard verbeteren, en de fietsveiligheid garanderen. Nu is het fietsen er levensgevaarlijk. Maar het dossier is verzand in een steekspel tussen Mobiel Brussel (minister Brigitte Grouwels, CD&V) en Stedenbouw (Rachid Madrane, PS). Stedenbouw talmt al maanden met het afleveren van de bouwvergunning, ondanks het positief advies van de Overlegcommissie.

“We moeten nu al om de haverklap tussenkomen om de sporen op te lappen”

Bij de Gracq zijn ze daar niet over te spreken. “Madrane heeft aan Mobiel Brussel gevraagd om het dossier opnieuw te bekijken, en tellingen te houden,” zegt Eric Nicolas van de Gracq. “Madrane vreest dat de heraanleg voor meer files zal zor-

gen. Dat klopt niet. De heraanleg is in het voordeel van iedereen.” De Gracq vreest dat het dossier over de verkiezingen zal worden getild. De MIVB probeert intussen de meubels te redden. De heraanleg van het kruispunt aan de Buyllaan is cruciaal om tram 7 en 25 vlot te laten rijden. De MIVB probeert al jaren om hier een oplossing voor te krijgen. De MIVB onderhandelt nu, achter de rug van Mobiel Brussel om, met staatssecretaris Madrane om tenminste dat deel van de bouwvergunning in orde te krijgen. Het zou een compromis moeten worden tussen de verzuchtingen van de MIVB en die van de gemeente Elsene. Want die laatste is, zoals

bekend, tegen het project gekant. Het dossier is hoogstdringend, want de sporen aan de Buyllaan moeten vervangen worden. Anders kan de veiligheid van de exploitatie op die plek niet langer gegarandeerd worden, zegt een bron bij de MIVB. “We moeten nu al om de haverklap tussenkomen om de sporen op te lappen.” Het gelobby van de MIVB bij Madrane is geen al te best nieuws voor de fietsers. Want als de MIVB en Madrane een compromis bereiken over het kruispunt aan de Buyllaan, dan riskeert de rest van de aanleg opgeofferd te worden. En dan komt er de komende jaren geen fietspad op de Generaal Jacqueslaan. Steven Van Garsse ADVERTENTIE

‘Bricoleurs’ gezocht Op pagina 7

N° 1405 VAN 5 TOT 12 DECEMBER 2013 ¦ WEEK 49: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, E-MAIL: INFO@BDW.BE, WWW.BDW.BE


OPMERKELIJK DAARKOM WEER ‘BEETJE’ OPEN BRUSSEL – Officieel is het Vlaams-Marokkaans Huis Daarkom aan de Wolvengracht gesloten wegens werken. Blijkt dat men het gebouw intussen wil verhuren als co-workingspace of ruimte voor feestjes en optredens. ‘Op zoek naar een gezellige werkruimte in een mooi culturenhuis?’. Daarmee promoot Daarkom zijn nieuwe co-workingspace. Het Vlaams-Marokkaans Huis ging in december 2012 dicht, amper 15 maanden na de opening. Het bestuur had enige tijd voordien de directeur ontslagen wegens chaotisch zakelijk beleid. Toen de aangestelde crisismanager ook nog eens geconfronteerd werd met houtworm in het gebouw, stuurde hij alle werknemers, op één na, de laan uit en sloot hij het boeltje. De worm zit er nog steeds. De juridische procedure over wie verantwoordelijk is, sleept aan en zolang die loopt, kan het houtwerk niet hersteld worden. Intussen heeft de nieuwe crisismanager, Hugo De Greef, samen met het bestuur besloten om toch weer leven in het gebouw te brengen. Daarkom vormt een stukje kantoorruimte om tot co-workingspace, maar wil het gebouw ook verhuren voor congressen, feestjes en optredens. Zowel culturele als commerciële organisaties komen in aanmerking. Een bekende Marokkaanse traiteur zou alvast interesse hebben. Op die manier moet er extra geld in het laatje komen. Het bestuur wil immers nog steeds een doorstart maken, maar de middelen zijn beperkt. Door de hoge huurlast houdt Daarkom in het beste geval 250.000 euro over voor personeel, programmatie en werking. Elk extraatje HUB is dus welkom.

BDW 1405 PAGINA 2 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

Uitgelicht > Akkoord over voetbaltempel zonder atletiekpiste

RSC Anderlecht wil naar Parking C BRUSSEL – Er is een akkoord over de bouw van een nieuw voetbalstadion op parking C, zonder atletiekpiste en zonder uitschuifbaar dak. Nu nog investeerders vinden.

D

eloitte ontkende op een druk bijgewoonde persconferentie in de Gotische zaal van het Stadhuis dat een nieuw voetbalstadion een onrendabele onderneming zou zijn. Berichten hierover waren eerder in de pers uitgelekt. “Het zal niet eenvoudig zijn, maar de bouw van het stadion is zeker mogelijk zonder overheidsgeld,” zei Fréderic Sohet van Deloitte. Het consultancybureau bestudeerde drie scenario’s: een gewoon voetbalstadion zonder piste en zonder uitschuifbaar dak (314 miljoen euro), een voetbal- en atletiekstadion (348 miljoen euro) en een multifunctioneel stadion zonder atletiekpiste maar met uitschuifbaar dak (343 miljoen euro). In alle scenario’s gaat het om een stadion van 50.000 plaatsen, uitbreidbaar met 10.000 zitjes. Deloitte berekende ook de mogelijke opbrengsten, in de veronderstelling

dat er een grote ploeg zou spelen (RSC Anderlecht) én de Rode Duivels. Er wordt ook uitgegaan van één concert per jaar. De return on investment in het eerste scenario is de beste. De opbrengst bedraagt 4 à 6 procent. Over dat scenario heeft de stad Brussel een akkoord bereikt met de Belgische voetbalbond, met RSCA en met Wilfried Meert van de Memorial Van Damme. Ook die laatste kan zich dus vinden in de oplossing voor een voetbalstadion zonder atletiekpiste op parking C. De Memorial krijgt de garanties om tot 2020 op de Heizel te blijven. “Dat geeft ons zeven jaar de tijd om een nieuwe locatie te zoeken,” zei Meert. Idealiter wordt er een nieuw atletiekstadion gebouwd met 50.000 plaatsen. België wil zich in 2015 kandidaat stellen voor het Europees kampioenschap atletiek in 2022. Een goede infrastructuur dringt

“Een nieuw atletiekstadion op de Heizel is niet wenselijk”

zich dus op. Het is van 1950 geleden dat België nog een EK atletiek organiseerde. Waar de Memorial dan naartoe moet, is niet duidelijk. Er is het Fallonstadion in Woluwe, maar daar is een parkingprobleem. Of er is de Heizel zelf. Henri Dineur van Excs, de NV die het Neoproject bestiert, noemt dat laatste voorstel alvast “niet wenselijk.” Het past niet in het stedenbouwkundig plan voor de Heizel. Het akkoord heeft in die zin wel een Belgisch trekje: waar geen beslissingen genomen konden worden,

werden die gewoon verdaagd naar de komende jaren. Ook over de financiering van het nieuwe atletiekstadion is nog niets bekend. Voor de Belgische voetbalbond is er nu wel uitzicht op een nieuw stadion. Het huidige Koning Boudewijnstadion zal vanaf 2017 niet meer aan de Uefanormen voldoen. En Brussel wil zich in april 2014 kandidaat stellen voor het Europees kampioenschap 2020. Volgens schepen van sport Alain Courtois (MR) is de bouw van het stadion dan ook hoogstdringend. De derde belangrijke partner is RSC Anderlecht. Die toont zich “geïnteresseerd” in de plannen. Anderlecht heeft haar limieten bereikt met het Constant Vanden Stockstadion in hartje Anderlecht. Een capaciteitsuitbreiding en modernisering is hard nodig. Tegelijk is de inplanting van het stadion in het dense stedelijk weefsel verre van ideaal. Voor RSCA is de keuze om mee te stappen in het project voor een nieuw voetbalstadion op parking C een berekend risico. “We zitten tussen hamer en aambeeld,” gaf Roger Vanden Stock van RSCA toe. “Als

DE WEEK IN BEELD DOOR JO VOETS

BURGERSCHAPSPRIJS VOOR KVSDIRECTEUR Jan Goossens, artistiek leider van de Koninklijke Vlaamse Schouwburg (KVS), krijgt de Burgerschapsprijs van de Stichting P&V. De KVS slaagt er onder Goossens’ leiding volgens de organisatie in om Brusselaars van verschillende achtergronden naar de schouwburg te lokken. Het jaarlijks theaterfestival in Kinshasa en de KVS-activiteiten met jonge theatermakers in Palestina springen hierbij in het oog. De Burgerschapsprijs gaat jaarlijks naar wie zich in of buiten België inzet voor een open en tolerante samenleving. Onder meer de filmbroers Dardenne en verzetsstrijder en schrijver Stéphane Hessel gingen Goossens KV voor als laureaat.

Vorige week woensdag kwam de stoomboot uit Spanje weer aan in de Brusselse Akenkaai. Wie het afgelopen jaar braaf was geweest, kreeg er lekkers van Sinterklaas en zijn Zwarte Pieten.

© JO VOETS


WEEKOVERZICHT

BDW 1405 PAGINA 3 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

© SASKIA VANDERSTICHELE

WOENSDAG 27 NOVEMBER Taximeter blijft. De Brusselse regering wil de verplichte digitale taximeter niet afvoeren, zegt minister-president Rudi Vervoort (PS), daags nadat taxiverenigingen de Kleine Ring blokkeren. Later, van maandag tot donderdag, zullen zij nog stakingsacties houden.

DONDERDAG 28 NOVEMBER PARKEERPLAN IN FASES. Het gewestelijk parkeerbeleidsplan zal vanaf 1 januari in werking treden, maar dat zal in fases gebeuren. Bevoegd minister Brigitte Grouwels (CD&V) bekijkt met de burgemeesters nog de praktische problemen, blijkt na nieuw overleg.

VRIJDAG 29 NOVEMBER GEEN WINKELPRET IN JUSTITIEPALEIS. Er komen dan toch geen winkels in de sokkel van het Justitiepaleis, bevestigt ministerpresident Vervoort (PS). Voor de renovatie wordt een nieuwe aanbestedingsprocedure gestart. De voltooiing is ten vroegste voor 2018.

ZATERDAG 30 NOVEMBER Hoofdkwartier politie dubbel zo duur. De federale regering heeft al 39,6 miljoen euro betaald aan inrichtingswerken voor het nieuwe hoofdkwartier van de federale politie. Het gaat om het vroegere Rijksadministratief Centrum in de Koningsstraat. In 2010 was 23,2 miljoen euro begroot, meldt De Tijd. Staatssecretaris voor de Regie der Gebouwen Verherstraeten (CD&V) vraagt een audit. Verhuist RSC Anderlecht in 2017 naar Parking C aan de Heizel? Burgemeester van Anderlecht Eric Tomas (PS) gelooft er niets van.

het project niet doorgaat, zitten we nog altijd met ons te kleine stadion.” Vanden Stock blijft daarom ook tegelijk voor de uitbreiding ijveren van het RSCA-stadion. De bouwplannen hiervoor worden dus niet teruggeschroefd.

Bouwvergunning Burgemeester Eric Tomas (PS) van Anderlecht ziet het anders. Hij gelooft niet dat Anderlecht naar parking C zal verhuizen. “Maar RSCA zal wel de schuld krijgen als het project voor het nieuwe voetbalstadion niet doorgaat,” aldus Tomas. De financiering is inderdaad nog het

“

meest heikele punt. De tijd is kort. Tegen april 2014 moet er duidelijkheid zijn over het financiële plaatje, om dan in september de kandidatuur voor het EK 2020 te kunnen indienen. Het geld zal dus, zoals bekend, vooral van privé-investeerders moeten komen en van RSCA. De overheid moet dan wel instaan voor de mobiliteitsknoop, voor de veiligheid, én voor de onderhandeling met de buurgemeenten Wemmel en Grimbergen. Die laatste zijn het stadion niet goed gezind. Parking C is eigendom van de stad Brussel, maar ligt op het grondgebied van Grimbergen. De

ZONDAG 1 DECEMBER

gemeente vreest voor overlast, maar vindt het vooral onbehoorlijk dat ze niet bij het akkoord betrokken is. Tot slot heeft Vlaanderen ook nog een belangrijke sleutel in handen. Het moet de bouwvergunning afleveren. Vlaams minister-president Kris Peeters (CD&V) vraagt dat het Brussels Gewest eerst haar verzet laat varen tegen de uitbreiding van de Ring en het Gewestelijk Ruimtelijk Uitvoeringsplan (GRUP). ”Dit GRUP is immers ook de noodzakelijke grond voor het stadionproject,” zegt Peeters.

Steven Van Garsse

Ik ben voor arbeidsplicht. Toch voor jonge mensen. Het heeft geen zin om jongeren in grootsteden te laten rondhangen. Je moet werkloze jongeren actief bij de arm nemen.” De Brusselse socioloog Marc Elchardus (VUB) over het voorstel van N-VA politica Liesbeth Homans om steuntrekkers te verplichten tot een jaar gemeenschapsdienst (in Knack).

“ HET WOORD

RYANAIR-COUP. De komst van de Ierse luchtvaartmaatschappij Ryanair naar Zaventem is een machtsgreep, zegt gedelegeerd bestuurder van Brussels Airport, Arnaud Feist, zondag op de Franstalige openbare omroep. Feist zegt pas een uur voor Ryanairs persconferentie verwittigd te zijn door de nummer twee van de maatschappij.

MAANDAG 2 DECEMBER STADIONAKKOORD. Er is een akkoord over een nieuw nationaal stadion op Parking C, zonder piste. De Memorial Van Damme blijft nog tot 2020 in het Koning Boudewijnstadion. RSC Anderlecht wil wel zijn intrek nemen in de nieuwe voetbaltempel. De buurgemeentes Grimbergen en Wemmel zijn boos over gebrek aan overleg. WINTEROPVANG. Maandagavond start ook de federale winteropvang voor daklozen. Staatssecretaris Maggie De Block (Open Vld) zorgt voor honderd extra plaatsen. Die opvang is tweedelijns en opent als de eerstelijnsplaatsen van het gewest volzet zijn. In totaal telt Brussel nu vijfhonderd plaatsen voor daklozen. DESIRO-treinen ongewenst VOOR LANGE AFSTAND De Desiro-treinen, bedoeld voor het nog onafgewerkte Gewestelijke Expresnet (GEN), kunnen intussen door de NMBS ingezet worden op lange IC-trajecten, zoals Essen-Brussel-Charleroi. Maar volgens reizigersorganisatie TreinTramBus zijn de stoptreinen niet comfortabel genoeg voor langere trajecten. HAVENJOBS OF NIET? De Brusselse regering heeft belangrijke stappen gezet die op termijn 3.000 bijkomende arbeidsplaatsen in de Brusselse haven zullen opleveren. Zo pareert Havenminister Brigitte Grouwels (CD&V) de kritiek van Elke Roex (SP.A), die aanklaagt dat van de in 2010 1.500 beloofde havenjobs nog niets in huis is gekomen.

DINSDAG 3 DECEMBER

De afschaffing kadert in de pure bedrijfslogica die aan de universiteit overheerst.” Professor Christian Laes, klassieke filoloog, over het afschaffen van ‘zijn’ vak Latijn aan de Vrije Universiteit Brussel (in De Moeial).

Monomama

Echt ingeburgerd is het woord nog niet, maar als het aan het Platform Eenoudergezinnen ligt, mag het dat wel snel worden. Het platform bracht zopas een studie uit over monomama’s, een groeiend fenomeen in de grootstad Brussel. Eén kind op vier groeit op in een eenoudergezin. Eén ouder staat er in voor de opvoeding, zonder financiële tussenkomst van een andere. In combinatie met armoede, geeft dat een schrijnend beeld, want

eenoudergezinnen vallen sneller in de armoede dan het klassieke gezin. De overheid moet in haar strijd tegen de armoede daarom meer rekening houden met deze nieuwe risicogroep. Kinderbijslag, kinderopvang en werk zijn beleidsdomeinen waar de overheid niet mag doen alsof tweeoudergezinnen nog steeds de norm zijn, aldus nog het Platform. Info: celdiversiteit@actiris.be SVG

PRINSES geviseerd. Prinses Elisabeth krijgt extra bewaking nadat een onbekende in een brief, gericht aan de redactie van La Dernière Heure, dreigt om de prinses te ontvoeren. Het meisje loopt school op het Sint-Jan-Berchmanscollege in Brussel. PROCES CHIRURGEN KINDERZIEKENHUIS. Drie chirurgen van het Kinderziekenhuis Koningin Fabiola verschijnen voor het Brusselse hof van beroep. Ze zouden zinloze operaties op jonge patiënten hebben uitgevoerd. Eind 2011 werd het trio in eerste aanleg deels schuldig bevonden en veroordeeld tot een celstraf met uitstel. VRIJWILLIGEN IN DE LIFT. Steeds meer jongeren engageren zich voor een vrijwilligersbaan in Brussel, weet vrijwilligerssteunpunt Het Punt. Uit cijfers van de VGC bleek eerder al dezelfde tendens. Zo’n 30 procent van de ondervraagde Brusselse organisaties ziet een toenemende vraag naar vrijwilligers, 15 procent ziet een afname. Samengesteld door Kim Verthé

MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP SURF NAAR BRUSSELNIEUWS.BE EN SCHRIJF JE IN OP DE NIEUWSBRIEF


BDW 1405 PAGINA 4 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

Cultuur > Relinde Raeymaekers, 36 jaar Vlaams bibliothecaris in Brussel

‘Niemand wilde die job’ BRUSSEL – Relinde Raeymaekers, jarenlang hoofdbibliothecaris van de Hoofd– stedelijke Bibliotheek, gaat eind december met pensioen. Ze bleef een half jaartje extra om toch maar de opening van Muntpunt te kunnen meemaken. Meer dan drie decennia had ze immers geijverd voor een ‘grote bib Brussel waardig’.

H

et geluk ligt soms achter de hoek. Dat stond op een briefje dat Relinde Raeymaekers in 1977 toegestopt kreeg tijdens het Mallemuntfestival, op het Muntplein. Ze was op weg naar een sollicitatie voor de functie van bibliothecaris in de pas opgerichte Nederlandstalige bibliotheek van de hoofdstad in de Schildknaapstraat. Het was een zomerse donderdag, herinnert ze zich. Elvis Presley was net de dag ervoor gestorven. Het land was in shock. Het briefje bezegelde haar lot. Ze kreeg de baan en zou ruim 36 jaar aan het hoofd blijven van de bibliotheek. Raeymaekers, opgegroeid in Beigem, had een diploma van sociaal assistent op zak, niet meteen het juiste profiel om bibliothecaris te worden. “Oh, maar niemand wou die job! Het was een kleine bibliotheek in een stad die leegliep. De bevolking trok in die tijd weg uit Brussel.” Toen Raeymaekers aankwam in de bib waren er zes personeelsleden, de schoonmaakster inbegrepen. De collectie omvatte zestigduizend boeken. De bibliotheek was een fusie van drie kleinere bibliotheken en dat was er aan te zien. “De etiketten verschilden. De Moderne Bibliotheek, van katholieke inslag, bezigde bijvoorbeeld nog een morele quotering. Vanaf 4 mocht iedereen het boek lezen. Vanaf 3 moest je een ‘gevormde lezer’ zijn. Die boeken hadden een rood bolletje, wat wilde zeggen: stop. Dan moest je bij de pastoor langs om de goedkeuring te krijgen. Boeken in categorie 2 werden zelfs niet aangekocht, wegens niet decent.” “Na de fusie in 1977 is die quotering natuurlijk verdwenen, voortaan moesten katholieke lezers niet meer om de goedkeuring vragen. De boeken stonden gewoon op het rek. Gelukkig maar.” “Verder stond in die tijd alles op steekkaarten. Die moesten gestencild worden om dan in verschillende

fichebakken terecht te komen. Het meisje met het mooiste handschrift mocht de boeken in het stamboek inschrijven. Later kwamen er typemachines met een beperkt geheugen. Maar die maakten een hels lawaai.”

wisseling was het keerpunt. Nu is het bon ton bij de Franstaligen om zich met respect uit te laten over Nederlandstalige initiatieven in Brussel. Dat heeft ongetwijfeld ook te maken met de terugval van het FDF.”

Toen u begon was Brussel een erg francofone stad. Hoe was het met de Vlaamse Brusselaars gesteld? Relinde Raeymaekers: “We hadden toen een zuiver Nederlandstalig publiek. De lezers hadden veel respect voor de boeken want er was eindelijk een volwaardige Nederlandstalige bibliotheek in Brussel. Er verdwenen geen boeken. De bib werd gekoesterd.” “De sfeer in de stad was totaal anders dan vandaag, onder meer door het FDF, dat hier de plak zwaaide. Voor de ramen van de bib zaten grote metalen rolluiken. Die werden ‘s avonds naar beneden gelaten, uit vrees voor een steen door de ruit. Een Nederlandstalige bibliotheek werd gezien als een bedreiging.” “Grote incidenten zijn uitgebleven maar het Franstalig onbegrip zou

Sommigen pleiten vandaag voor samenwerking met Franstaligen. Maar vanuit Muntpunt zien we niet zo snel een jumelage met een Franstalige bib ontstaan. Raeymaekers: “We hébben ooit samengewerkt, maar gemakkelijk was dat niet. Ook de lokale Vlaamse bibliotheken zoeken de samenwerking met de Franstalige tegenhanger op en vertellen dat het niet makkelijk is. Er lijkt toch een cultuurverschil te zijn.” Dat het niet lukt komt misschien door de Vlaamse regelgeving, die zo’n samenwerking eerder afremt. Raeymaekers: “Daar is niet alleen de Vlaamse regelgeving verantwoordelijk voor. De Franstaligen zijn in hetzelfde bedje ziek. Ook zij

“Een Nederlandstalige bibliotheek werd destijds gezien als een bedreiging”

nog jaren duren. Ik heb in de jaren 1990 mee Het Beschrijf opgericht (literaire organisatie, SVG/HUB). Een Franstalige stadsradio kwam me interviewen. Die journalist wou per se van mij horen dat er een achterliggende strategie achter Het Beschrijf zat om de stad te vervlaamsen.” “Vandaag is dat anders. De eeuw-

laten samenwerking met Nederlandstaligen niet makkelijk toe. Dat is nu eenmaal het gevolg van het compromis dat men voor Brussel heeft gevonden. Taalgebonden materie is in handen van de Vlaamse en Franse Gemeenschap.” “Ik geloof dat er een moment zal komen dat samenwerking wél zal kunnen. Het is goed dat we intussen

als Nederlandstalige instellingen in Brussel stevig in onze schoenen staan. Dat zorgt voor een sterke onderhandelingspositie. Wie zwak staat, kan niet samenwerken op basis van wederkerigheid.”

rig. En over de naam? Ik ben niet onverdeeld gelukkig met de naam Muntpunt. Er is verwarring met De Munt. Voor de rest vind ik niet dat we ons moeten schamen om een Nederlandstalige instelling te zijn.”

Wat is het belang van een bibliotheek voor een culturele minderheid, zoals de Vlamingen in Brussel? Raeymaekers: “Een bib is belangrijk voor de culturele ontwikkeling. Dat is zo in Vlaanderen, maar ook in Brussel. Voor wie van huis uit niet

U heeft veel decreten zien komen en gaan. Waren ze een vloek of een zegen? Raeymaekers: “Het eerste bibdecreet was in 1978. Ik ben nog naar de stemming geweest in de Nederlandse Cultuurraad (voorloper van het Vlaams parlement, SVG/HUB). Toenmalig minister Rika De Backer (CVP) maakt zich er niet populair mee bij de bisschoppen. De kleine zuilgebonden bibliotheken verdwenen en werden vervangen door één pluralistische bib per gemeente. Dat luidde het einde in van de katholieke bibliotheken in Vlaanderen. Algemeen heerste er wel een hoerastemming.” “Dat decreet hing echter aan elkaar van de normen en de regeltjes. Het was niet altijd vanzelfsprekend om er rekening mee te houden. Ook later niet trouwens. We hebben verschillende keren het Vlaams decreet met de voeten getreden omwille van onze Engelstalige collectie van kunstboeken. Volgens het decreet moest driekwart van de collectie Nederlandstalig zijn. Dat quotum haalden we niet. Maar we zijn nooit op de vingers getikt.”

“Ik heb geen jaar zonder verhuizing meegemaakt”

cultureel gevoed wordt, is een goede bib goud waard. Neen, ik heb er geen probleem mee om het woord volksverheffing in de mond te nemen.” “Intussen is ons publiek grondig veranderd. Er zijn in Brussel nu veel taalgemengde gezinnen. En er zijn anderstalige gemeenschappen die niet bediend werden. We hebben daar in de jaren 1990 op ingespeeld door onze collectie ook met bijvoorbeeld Engelse, Italiaanse, Spaanse en Turkse boeken uit te breiden.” Sommigen bekijken de verbrusseling met gemengde gevoelens. Een lezer merkte verontwaardigd op dat de Vlaamse vlag aan Muntpunt omgekeerd hing. Er was ook kritiek uit flamingante hoek op het voorstel van de voorzitter van Muntpunt om de bib te herdopen tot ‘Brusselpunt’. Raeymaekers: “Die omgekeerde vlag kwam door een test met de vlaggenstok. De reactie was dus voorba-

Al in 1983 drong u aan op de aankoop van het Monnaiehouse, waar Muntpunt zich nu bevindt. Raeymaekers: “Ik drong erop aan omdat we constant met ruimtegebrek kampten. De aankoop is misgelopen door een coalitiewissel waardoor het dossier in een schuif terechtkwam (Karel Poma, PVV, werd opgevolgd door partijgenoot Patrick Dewael, SVG/HUB).” “Vele jaren later is het gebouw toch door de Vlaamse Gemeenschapscommissie gekocht. En nog eens jaren later is het door Vlaanderen overgenomen en verbouwd.” “Het verhaal van Monnaiehouse is dus een lang verhaal. Ik had de opening van Muntpunt in september bijna gemist, want mijn pensioen kwam eigenlijk al vroeger. Ik ben nu


BDW 1405 PAGINA 5 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

“Maar in de principeovereenkomst over het Vlaams Communicatiehuis werd bij de strategische doelstellingen niet gerept over de bibliotheek! Dat hebben we moeten rechttrekken.” Overleeft de bibliotheek deze eeuw, of wordt de Bib van de Toekomst een veredeld computerlokaal? Raeymaekers: “Dat er minder ontleend wordt, is normaal. Het internet heeft een deel van die informatieverstrekking overgenomen en er zijn nu e-books. Dat kleinere bibs in Vlaanderen sluiten is ook niet abnormaal, want in de jaren 1980 zijn er met het streekgericht bibliotheekbeleid heel veel bibs bij gekomen.” “Anderzijds neemt het aantal bezoekers in veel bibliotheken toe. De bib wordt volgens mij in de toekomst een culturele ruimte, gebouwd rond media. De bib zal ook een rustpunt blijven in de stad, waar je even kan nadenken, of tot jezelf kan komen in een aangename omgeving. Dat zie ik vandaag al in Muntpunt.” “Ik geloof ook dat er nog heel lang plaats zal zijn voor het gedrukte boek. In Confituur, het blaadje van de betere boekhandels, schreef Tom Lanoye: ‘Vanuit onze katholieke cultuur is een boek een soort seculiere hostie die veel beter smaakt dan de hostie uit de sacristie, of de hostie uit de internetfabriek.’ Dat vind ik mooi gezegd.” Koopt u boeken of leent u? Raeymaekers: “Ik lig mee aan de basis van Passa Porta (boekhandel in de Dansaertstraat, SVG/HUB), dus ik koop geregeld boeken. Ik heb bovendien een man die meer boeken koopt dan ik ooit zal kunnen lezen.” Wat zijn uw plannen na uw pensioen? Raeymaekers: “Ik ga eerst mijn hoofd leegmaken. Eindelijk kan ik tijd vrij maken om te lezen. Als ik lees, laat ik mijn boek niet los. Ik ga door, desnoods tot diep in de nacht. Dat is niet bevorderlijk voor mijn nachtrust.” “Verder ben ik al een paar jaar actief in het Lokaal Dienstencentrum in Kuregem, waar ik woon. Daar wil ik mijn ervaring ten dienste stellen. En ik ben al tot voorzitter gebombardeerd van de lokale bib in Anderlecht. Neen, ik zal me niet snel vervelen.”

Hoofdbibliothecaris Relinde Raeymaekers zet er een punt achter: “Eindelijk tijd om veel te lezen.”

in extra-time. Maar de bib zoals die er nu staat vind ik fantastisch. Het gebouw straalt rust uit. De sfeer zit goed.” “Weet je, ik heb geen jaar zonder verhuizing meegemaakt. Voortdurend moesten we de bibliotheek

herschikken. De ene keer moesten we verkassen naar een andere etage, de andere keer moesten we elders in de stad bibliotheekfilialen ontruimen. En dan zwijg ik nog over het nomadenbestaan van de afgelopen jaren door de verbouwingen.”

We hebben nooit begrepen waarom Muntpunt een ‘communicatiehuis’ moest worden, en niet gewoon een bibliotheek. Raeymaekers: “Vlaanderen en de VGC wilden in eerste instantie een

© SASKIA VANDERSTICHELE

gezamenlijke communicatie voeren in de hoofdstad. Een bijkomend voordeel was dat met de oprichting van een ‘communicatiehuis’ de financiering van het gebouw verantwoord kon worden in Vlaanderen. Het was een soort alibi.”

Wat wilt u nog afronden in de bib voor u vertrekt? Raeymaekers: “Ik ben nu nog heel druk met het ontsluiten van onze honderdvijftigduizend boeken in de kelder. Dat is dringend want ze staan vandaag in de catalogus vermeld als ‘niet beschikbaar’, wat gênant is. Elke ochtend trek ik mijn werkplunje aan en ga ik met de klusjesman naar de kelder om al die honderden dozen uit te pakken en de boeken in de rekken van het depot te leggen. Zo vertoeven tussen de verhuisdozen aan het einde van mijn loopbaan is voor mij een beetje back to my roots.” Steven Van Garsse & Bettina Hubo


BDW 1405 PAGINA 6 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

“Toch hebben directeur Jef Verhelst en voorzitter Rik Coolen hebben een diepe indruk op mij nagelaten.”

Bladenmaker

De BDW-equipe op de avond van de gewestverkiezingen van 13 juni 1999. Plaats van het gebeuren: het Kaaitheater.

© ARCHIEF BDW

Verjaardag > Brussel Deze Week bestaat vijftien jaar

‘Er hing een positieve sfeer in de stad’ BRUSSEL – De Brusselredacties van de nationale kranten moesten er vijftien jaar geleden stuk voor stuk aan geloven. Brussel Deze Week moest het gat in de markt vullen. “Er hing een positieve sfeer in de stad,” herinnert toenmalig projectmanager Paul Corthouts zich. Een terugblik.

O

p 25 november 1998 verscheen het laatste nummer van Deze Week in Brussel, nummer 667. Deze Week in Brussel was een uitkrant in zwart-wit, met een kalender op de voorpagina in oranje-roze steunkleur. Op 2 december rolde de eerste Brussel Deze Week van de persen, een heuse stadskrant in kleur met politiek nieuws, sociaal-economisch nieuws en cultuur. De Vlaamse socialist Werner Daem was toen voorzitter van de vervoersmaatschappij MIVB, hij kon zijn uitleg geven op de eerste bladzijde na een staking van het personeel. “Ik weiger hier als bloempot te zitten,” werd Daem geciteerd. Verder wist BDW nog dat Café Le Coq gered was en dat Brussels minister Hervé Hasquin een stuk uit het Zoniënwoud wou hakken. Café Le Coq bestaat nog altijd, en vandaag vrijdag 22 november 2013 is er opnieuw een korte staking geweest bij de MIVB. Werner Daem heeft de politiek verlaten en is vandaag rechter, Hervé Hasquin is hoogleraaremeritus en secrétaire perpétuel van de Académie Royale des Sciences, des Lettres et des Beaux-Arts.

De eerste Brussel Deze Week – die het nummer 668 kreeg – lag er. En ze mocht er zijn. Het was de dag van de eerste verschijning. Collega Steven Van Garsse was de eerste die op me toestapte om kennis te maken. Steven en ikzelf zijn de enigen die er op de bewuste 2 december waren en er nog altijd zijn. We discussiëren nog altijd heel veel. Niels Ruëll en Michaël Bellon zijn ondertussen freelance gaan werken, maar schrijven nog altijd voor BDW en Agenda. Mijn eerste vraag na de begroeting luidde: “Je mag hier toch roken?” Collega Van Garsse herinnert zich nog altijd de dikke wolken sigarettenrook die ‘s avonds boven de bureaus hingen. Vandaag zijn de redacties – net zoals alle bureaus – cleane plaatsen met koffieautomaten. Tijdens de eerste jaren van BDW zetten de redacteurs ieder om beurt koffie. Tegen de deadline aan was Mieke Cools van de administratie zo vriendelijk om met de koffiekan rond te gaan.

Geschiedenis Aan dat eerste nummer van BDW ging een lange geschiedenis vooraf.

In de jaren 1970 was er Deze Maand in Brussel, daarna gevolgd door Deze Week in Brussel. Een redactie die met weinig middelen een uitkrant moest maken. Het eerste officiële spoor van Brussel Deze Week is te vinden in de Beleidsbrief Brussel van 11 maart 1997. Luc Van den Brande (CVP) was minister-president, Anne Van Asbroeck (SP) was Vlaams minister van Brusselse Aangelegenheden. Rik Baeten – nu SP.A-schepen in Etterbeek – was haar kabinetschef. Brigitte Grouwels (toen CVP) volgde Van Asbroek halverwege de rit op. Baeten: “Ik keerde terug naar de administratie, Brigitte Grouwels heeft me toen gevraagd om samen met Paul Delva de hervorming door te voeren. Delva werd de eerste voorzitter van BDW, ikzelf gedelegeerd bestuurder.” Het was Brigitte Grouwels die BDW heeft doorgedrukt. Paul Corthouts, toenmalig projectmanager, situeert de succesvolle start van BDW in de tijdsgeest: “Een dergelijk project uitdenken en laten slagen kon alleen in de voordagen van Brussel 2000. Er hing in de stad een positieve sfeer, er trad een jonge generatie aan die het bestaande

“Een project als Brussel Deze Week uitdenken en laten slagen kon alleen in de voordagen van Brussel 2000”

(Vlaamse) verenigingsleven wou uitbreiden naar heel de stad en al haar bewoners. Deze tijdsgeest liet toe om een ‘zuiver politiek project’ te realiseren: alle democratische partijen – meerderheid en oppositie – waren bereid om mee te werken aan een genereus toekomstproject. Meerderheid en oppositie gunden het elkaar. Nu is dat veel minder het geval, een dergelijk project zou vandaag niet meer kunnen,” aldus Corthouts. “De overgang van DWB naar BDW verliep moeizaam, de oude garde die 30 jaar aan het roer stond van het Contact- en Cultuurcentrum (CCC), de uitgever van Deze Week in Brussel, nam node afscheid. Corthouts:

Toen Paul Corthouts vijftien jaar geleden Karel Anthierens aansprak was die laatste een bladenmaker met naam en faam een lange staat van dienst. Anthierens’ opdracht luidde: Deze Week in Brussel verbouwen, maar dat zag hij niet zitten. Anthierens: “Het ongenoegen over Deze Week in Brussel was zo groot dat ik vond dat het blad van nul af aan moest opgebouwd worden, daarom heb ik ook mijn intrek niet willen nemen in de lokalen van de CCC aan de Vooruitgangsstraat. Ik trok naar het grafisch bureau van Arteprint aan de Laarbeeklaan in Jette, waar ik de hulp heb gekregen van Stefan Loeckx en vormgever Luc Guillaume uit Schaarbeek. Ik heb me zes maanden met het blad bezig gehouden, tot Dirk Volckaerts, de eerste hoofdredacteur, er aankwam. Een schitterende medewerker was ook acteur-regisseur-toneelschrijver Dirk Verstockt die al vlug andere oorden heeft opgezocht. Het grootste probleem was om directeurs van verenigingen en culturele instellingen en politici, die allemaal hun ei wilden leggen, te laten inzien dat het blad niet aan hen toebehoorde, maar aan de lezer. Gelukkig had ik van Brigitte Grouwels de garantie gekregen dat ik mijn zin kon doen. Dit gezegd zijnde: de sfeer op de redactie was uitstekend, de medewerkers konden het heel goed met elkaar vinden, de lokalen zagen er ook niet uit als een echte redactie, het was er erg gezellig en het was een boeiende periode.” Toen Dirk Volckaerts er in januari 1999 aankwam, lag er nog een andere opdracht te wachten: het lanceren van een meertalig maandblad dat op 400.000 exemplaren verspreid werd. Het werd Tram 81 gedoopt, maar was geen lang leven beschoren. De distributie liep mank. Verhalen deden de ronde over grote pakken bladen die in de inkomhallen van de appartementen bleven liggen, of gewoon op straat belandden. Maar raad van bestuur en hoofdredactie maakten van de nood een deugd: er was budgettaire ruimte om een – ondertussen succesvolle – Agenda uit tegeven. Maar toen was de redactie al verhuisd van de lokalen van Arteprint aan de Laarbeeklaan naar een oud wijndépot in de Werfstraat in hartje Brussel. In 2005 kreeg Dirk Volckaerts versterking van Anne Brumagne om Agenda te leiden. Toen Dirk Volckaerts in 2008 Europese oorden opzocht, werd Anne Brumagne hoofdredacteur. En dat is ze, zoals u weet, tot op heden. December betekent niet alleen de vijftiende verjaardag van BDW, het is ook de eerste verjaardag van het jongerenmagazine Zazie als afzonderlijke katern. Ondertussen huizen we sinds jaar en dag aan Flagey en delen we met de collega’s van FM Brussel en tvbrussel een verdieping. Op vijftien jaar tijd is de wereld veranderd, is Brussel heel erg veranderd en zijn de media en BDW ook heel erg veranderd. Over tien jaar vieren we onze 25ste verjaardag. Danny Vileyn


© STEVEN VANDENBERGH

BDW 1405 PAGINA 7 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

P-PRAAT Brussel is niet ondergefinancierd. U hoeft ons natuurlijk niet te geloven, maar gelooft u dan wel Johan Vande Lanotte, de SP.A-vicepremier die vorige week te gast was bij tvbrussel. Toegegeven, het is even zoeken naar zijn woorden, want 90 procent van de vragen gaan over die partij die begint met een N en eindigt op Vee Aaa, en Vande Lanotte heeft nog niet zo lang geleden beloofd om niet meer over hen te praten. Een goed voornemen, dat wel, maar dat is dan buiten journalisten gerekend die maar niet uitgepraat geraken over de X-XX. Maar het ging over de financiering van Brussel. Vande Lanotte zegt dus: “Brussel is een tewerkstellingsplaats... Het is eigenlijk ook het enige gewest waar de tewerkstelling is vooruit gegaan. Maar er komen weinig inkomsten daar uit. De vennootschapsbelastingen blijven federaal (...) vele inkomsten komen niet terecht. Je kan Brussel alleen die positie geven wanneer de financiering correct is. De zesde staatshervorming geeft Brussel een correcte financiering en maakt ook dat Brussel heel leefbaar moet zijn. Men kan na deze staatshervorming niet meer zeggen dat Brussel niet correct is gefinancierd. Brussel kan met zijn budget rondkomen. Wil Brussel efficiënter zijn, dan is dat een eigen keuze die men moet maken.”

Paardenpoep in het Jubelpark.

Netheid > ‘Politie moet uitwerpselen paard opruimen’

Protest tegen paardenpoep BRUSSEL – De straatvegers van Stad Brussel ruimen de uitwerpselen van de paarden van de federale politie op. “Dat is ons werk niet.” De federale politie patrouilleert te paard in Brussel om de veiligheid te verhogen. Alvast de handelaars zijn hier blij om, ware het niet dat de paarden voor uitwerpselen zorgen die blijven liggen. Wanneer Brusselse straatvegers de vervuiling merken, reinigen ze. Al gebeurt het ook dat ze er op uit gestuurd worden na een telefoontje van een burger naar de stad. “Maar dat is ons werk niet,” zegt Romain De Reusme, woordvoerder van de Brusselse schepen van Netheid Karine Lalieux (PS). “Volgens het politiereglement van Stad Brussel is het verboden dat dieren waarover men toezicht heeft, de openbare ruimte vervuilen. Dan lijkt het me coherent en juist dat de fede-

U hoort het. Wie zijn wij om te twijfelen aan de mening van een grote socialist? En toch doen we dat. Wij worden daar namelijk voor betaald, en omdat wij betaald worden krijgt u hier iets te lezen. Eventjes grasduinen in het grote cijferboek van Begrotingsminister Guy Vanhengel, want wij mogen alleen die cijfers gebruiken als we het over de stadskas hebben... Mmm, nee laat maar. U weet dat wij beducht zijn voor cijfermatige terreur à la ‘Brussel krijgt X procent meer geld en doet het Y procent beter.’ Daar zijn wij ook niet slim genoeg voor. Hoe kunnen we dan weten of Johan Vande Lanotte gelijk heeft? Misschien moeten wij de zaken voor één keer in het midden laten. Het mysterie koesteren, heet dat. En dan geeft de oude telex in de hoek van de redactie weer een kik. NIEUWS. STOP. FUSIESLEUTEL BRUSSELSE GEMEENTEN SPOORLOOS VERDWENEN. STOP.

rale politie de uitwerpselen van hun paarden opruimt.”

Geen weet van overeenkomst De uitwerpselen zelf verwijderen kan volgens de federale politie ‘operationeel gezien niet’. Het kabinet van minister van Binnenlandse Zaken Joëlle Milquet (CDH), die voor de federale politie bevoegd is, verwijst daarom naar een overeenkomst waaruit blijkt dat “wanneer een ruiter merkt dat zijn paard zijn behoefte doet, hij naar de reinigingsdienst van Stad Brussel moet bellen om alles te laten opruimen.” Op het kabinet-Lalieux hebben ze echter geen weet van dergelijke overeenkomst. Intussen stellen zij hun hoop in een brief die de Brusselse burgemeester in oktober naar minister Milquet stuurde ‘om zo snel mogelijk een oplossing te zoeken’. Steven Vandenbergh

CHIEN ÉCRASÉ VERZET – Sommige MIVB-chauffeurs van lijn 71 verzetten zich tegen de pas heraangelegde Elsensesteenweg. Dat viel alvast deze week te merken, toen ze de kegeltjes van de verfspuiters die stippellijntjes spoten omver reden. En dat op klaarlichte dag. VERZET II – Er is een fietser aangehouden op de Anspachlaan omdat hij een foutgeparkeerde politiewagen wees op het feit dat hij foutgeparkeerd stond. Niet de politiewagen natuurlijk, maar wel de agenten erin. Vanaf dan lopen de versies uit elkaar. Volgens de agenten werd de fietser in kwestie heel erg boos toen men hem uitlegde dat agenten dubbel moeten parkeren als ze interveniëren. Volgens de fietser werden de agenten heel boos toen hij hen uitlegde dat ze niet fout mochten parkeren. PROBEER EENS JOURNALISTIEK – Nu zouden wij u graag een beetje uitdagen. Hoe kan je nu over zulke feiten objectief berichten, vragen wij u? Stel: wij trekken de kaart van de fietser, omdat de fietser bewijsmateriaal lijkt te hebben, zoals foto’s, en wij bellen voor een tegenreactie naar de politie en daar zegt men dat de fietser de waarheid verdraait en men het kan staven met een pv. Wie heeft er dan gelijk? De fietser? Dan zeggen we eigenlijk dat de politie pv’s vervalst. De politie? Dan opperen we dat fietsers ook kunnen liegen. Wij geraken er niet uit. Even nadenken. MORAAL VAN HET VERHAAL – Spreek nooit een fietser tegen. En zeg nooit dat de politie pv’s vervalst. ADVERTENTIE

Skatepark

Fahim, Brussel

SUBMIT YOUR OWN IDEA NOW >

WWW.BRIC-A-BRUX.BE

Aan het Jubelpark is er volgens mij plaats genoeg voor een nieuwe skateramp. Want er zijn veel te weinig plaatsen om te skaten in Brussel!

Bricoleer Je eigeN stAD Bric-à-Brux, dat is de plek waar jongeren online hun ideeën kunnen delen voor het Brussel van morgen. Een jeugdhuis om de hoek? Een nieuwe fuifzaal in jouw gemeente? Maak van Brussel een stad op maat van kinderen en jongeren en zet je ideeën letterlijk op de kaart. Ga dus zeker een kijkje nemen op: www.bric-a-brux.be

Bricole ta propre ville Bric-à-Brux est le lieu où les jeunes peuvent partager leurs idées en ligne pour le Bruxelles de demain. Une maison de jeune au coin de la rue? Une nouvelle salle des fêtes dans ta commune? Fais de Bruxelles une ville sur mesure pour les enfants et les jeunes et positionne littéralement tes idées sur une carte. N’hésite pas à venir jeter un coup d’œil sur www.bric-a-brux.be !

www.spa-brussel.be


BDW REGIO

BDW 1405 PAGINA 8 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

Deze week in The Well > Een avond bij de interconfessionele kerk

‘God is geen verkoopautomaat’

De gespreksavonden van The Well vinden plaats in een imposante woonkamer van een Schaarbeeks herenhuis.

BRUSSEL – Het is een kerk die tegelijk katholiek, protestants, orthodox en anglicaans is. Een kerk zonder priester, waar de gebeden worden afgelezen van iPhones, Brits- en Amerikaans-Engels elkaar afwisselen en er soms zelfs een vleugje Russisch gesproken wordt. Wat de leden van deze kerk verenigt: het geloof dat Jezus de zoon van God is. Welkom bij The Well.

A

cht uur ’s avonds. Een statig Schaarbeeks herenhuis in negentiende-eeuwse ‘style historisant’ in een zijstraat van de Lambermontlaan. Onder het licht van een eenzame straatlantaarn stromen de leden van The Well één voor één toe. Carlton, een van de oprichters van The Well, vertelt ADVERTENTIE

Handicap & informatie Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap

✆ 0800-15045

alle werkdagen van 9 tot 12u30, maandag, dinsdag en donderdag van 13 tot 15u30

Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be

dat we vanavond een friendship expression zullen bijwonen, een klein groepje mensen die samenkomen om te bidden voor de wijk en om hun nood aan gebed met elkaar te delen. Plaats van het gebeuren: de imposante woonkamer van het herenhuis waar muren vol schilderijen en kasten vol in leer gebonden boeken de ruimte de nodige gravitas verlenen. Carlton stelt voor de expression te beginnen met een citaat uit de Brief van de apostel Paulus aan de Filippenzen (Fil. 2:1-11), hij leest voor vanop zijn iPhone, onder het goedkeurend oog van een vrouw die de expression volgt via Skype: religie nieuwe stijl. Na het ‘amen’ van de vijftiental mensen in de woonkamer kan de expression beginnen. Iedereen vertelt over zichzelf. Louis, een vrouw van middelbare leeftijd die opvallend sober gekleed is, was atheïste tot haar man haar verliet en ze Jezus vond. Robin, een jongeman uit Cyprus, is ingenieur en ver-

blijft pas sinds een maand in België. Mary, uit het Verenigd Koninkrijk, is vroedvrouw op brugpensioen. Wanneer de volgende spreker het woord

© DRIES CEUPPENS EN NICOLAS CORNIL

met elkaar gemeen te hebben, noch cultureel, noch religieus. Maar daar zit volgens Carlton de grote kracht van The Well: elke gelovige kijkt naar wat hij of zij deelt met zijn collega-gelovige van een andere strekking en niet naar de verschillen. De idee van de oecumene, het streven naar religieuze eenheid, is zeer belangrijk voor The Well. Ze profileert zich als een interconfessionele kerk

Opvallend dat God in deze groep blijkbaar weinig fout kan doen. Het goede wordt toegeschreven aan God en het slechte is Gods manier om je naar het goede te leiden. neemt, is het altijd even aanpassen. De voertaal is Engels, af en toe doorspekt met een vleugje Frans, maar de accenten durven al eens te veranderen. Brits-Engels verandert in Amerikaans-Engels tot Engels met een zwaar Russisch accent. De mensen van deze friendship expression lijken op het eerste gezicht weinig

die “een christelijke gemeenschap wil bouwen over de grenzen van de verschillende kerken heen.”

luistert aandachtig. “God aanhoort mijn gebeden, maar enkel wanneer ik stop met erover te piekeren.” Ze vertelt over de problemen die ze had met het verlengen van haar studentenvisum en hoe, eens ze stopte zich zorgen te maken, alles goed was gekomen. “Je kan God niet simpelweg om iets vragen,” zegt ze, “God is geen verkoopautomaat.” Carlton en de rest van de groep vinden dat een mooie gedachte, het idee dat “God niets verkwist, dat zelfs ontbering een hoger doel dient.” Opvallend dat God in deze groep blijkbaar weinig fout kan doen. Het goede wordt toegeschreven aan God en het slechte is Gods manier om je naar het goede te leiden. The Well doet als organisatie meer dan alleen expressions organiseren. In 2006 richtte ze ‘Serve the city’ op, een vzw die met ruim duizend vrijwilligers zich ontfermt over de minderbedeelden in Brussel. Dat ‘dienen’ komt ook vaak ter sprake in de expression. Hoe, door Gods werk te doen, de leden van The Well elkaar kunnen vinden in hun verscheidenheid. Het verlangen eenheid te brengen in die verscheidenheid is een hot topic vanavond. Augustin, een jonge twintiger, grapt er zelfs even over. “Een man staat op het punt zelfmoord te plegen door van een brug te springen. Een andere man spreekt hem aan en vraagt waarom hij dat wil doen. De man antwoordt: ‘Ik ben alleen op deze wereld en heb met niemand iets gemeen.’ De andere man kijkt verbaasd en vraagt de man of hij gelooft in God. ‘Ja’, antwoordt de man. ‘Dat hebben we dan al gemeen’, zegt de andere man. ‘Bent u een christen?’ ‘Ja.’ ‘Een protestant?’ ‘Ja.’ ‘Lutheraan of calvinist?’ ‘Lutheraan.’ ‘Ik ook’, zegt de andere man terwijl de blik van de man op de brug opklaart. ‘Eerste of tweede reformatie?’ vraagt de andere man. ‘Tweede’, antwoordt de man op de brug. ‘Spring, jij heiden’, klinkt het.”

Afscheidsgebed Het gesprek loopt op zijn laatste benen. Als afsluiter vraagt Carlton of iedereen zijn versie van het Onzevader wil bidden in zijn moedertaal. De verschillende versies van het Onzevader die in alle mogelijke talen worden voorgedragen, bevestigen hoe bijzonder een organisatie als The Well eigenlijk is. Hoe ze mensen van verschillende religieuze en culturele achtergronden, die elkaar in sommige gevallen amper kennen, een avond kan laten samenzitten en praten over hoe ze dichter tot God, Jezus en vooral elkaar kunnen komen. De gastheer laat hapjes en drankjes aanrukken. Toastjes met kaas en paté worden voer voor een levendige discussie over hoe wij God zien en Jezus beleven. Een uitnodiging om nogmaals te komen, volgt snel. Gastvrijheid is hier duidelijk een deugd. Dries Ceuppens en Nicolas Cornil

God kan weinig fout doen Carlton lanceert een gesprek over hoe God je bijstaat in het leven. Een jonge Amerikaanse vrouw neemt het woord. De rest van de groep

Dit artikel kwam tot stand in samenwerking met de opleiding Journalistiek aan de Erasmushogeschool Brussel.


BDW 1405 PAGINA 9 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

Anderlecht > Citydev (ex-Gomb) promoot wonen langs het kanaal

Materiaalstraat wordt woonwijk Citydev heeft 109 woningen ingehuldigd aan de Materiaalstraat op een voormalig industrieel terrein. De eerste woningen aan de Materiaalstraat zijn al in gebruik genomen. Het complex heeft een grote binnentuin met speeltuin, kiosk en waterpartij. De gevels aan de tuinzijde zijn afgewerkt met stalen trappen en een dennenhouten bekleding. Dertig van de 109 woningen zijn passiefwoningen, de rest lageenergiewoningen. Binnen ogen de appartementen ruim, licht, en functioneel. Op het gelijkvloers komt een Nederlandstalige crèche van de gemeente Anderlecht. Het gaat om betaalbare middenklassewoningen. Het Brussels Gewest draagt 30 procent bij aan de bouwkosten. Het project kende een groot succes. Alle appartementen en garages zijn verkocht. Het vastgoedproject Materiaal was er wel een van lange adem. Citydev kocht het terrein al in 1992. Toen stonden er hangars voor de autohandel. Citydev saneerde het terrein maar lanceerde pas in

2007 de openbare aanbesteding. De buurt is volle ontwikkeling. De Slachthuizen hebben een groot project op stapel. Er komen op (lange) termijn Citydev-woningen in de Tweestationsstraat en in de Passerstraat. Burgemeester Eric Tomas (PS) belooft de heraanleg van het nabijgelegen Albert I-plein.

Geschrokken

De overheid moedigt het wonen aan langs het kanaal. Sommige bewoners verwachten dan ook een extra inspanning van de overheid om de veiligheid te garanderen.

© BART DEWAELE

Bij de bewoners heerst tevredenheid, maar er is ook kritiek. “Ik heb er gekocht omwille van de betaalbaarheid en het lage energieverbruik,” zegt Matthias, “maar ik ben erg geschrokken van het gebouw aan de overkant.” Daar komt de hoefsmederijschool van het Gemeenschapsonderwijs. “Citydev had ons hier niets over gezegd. Hopelijk blijft de hinder beperkt.” Verder hoopt Matthias dat de woningen in de wijk geïntegreerd kunnen worden zodat ze geen eiland op zich vormen, en dat overheid zorgt voor voldoende veiligheid rond metrostation Clemenceau. Steven Van Garsse

ADVERTENTIE

Elsene > Herdenking Groote Oorlog nadert

Twee talen tussen prikkeldraad Elsene herdenkt de komende jaren de Eerste Wereldoorlog. Er komt een tweetalig logo met prikkeldraad speciaal ter nagedachtenis aan de Groote Oorlog. Dat zegt burgemeester Willy Decourty (PS). In de lente van 2014 zal het 100 jaar geleden zijn dat de Eerste Wereldoorlog begon. Ook Elsene wil die gelegenheid herdenken met een speciaal daarvoor ontworpen logo. Maar er is meer, zo belooft burgemeester Decourty. “Gedurende vier jaar zal Elsene in het teken staan van de oorlog. De rode draad tijdens die herdenkingsjaren wordt het standpunt van de burger. Hoe heeft de toenmalige inwoner van

Elsene de oorlog ervaren? We zijn er volop mee bezig.” Het gemeentebestuur wil samenwerken met onder anderen de ULB, de VUB en het Studie- en documentatiecentrum Oorlog en hedendaagse Maatschappij om het geheel een wetenschappelijk cachet te geven. Erg concreet is het weliswaar nog niet. Maar Decourty geeft wel mee dat er in 2014 een handelsmarkt wordt gehouden die in het teken zal staan van de oorlog. “Voorts beloof ik u een waaier van cultuur en geschiedenis,” zegt Decourty. Over de kostprijs is niets geweten. De burgemeester lichtte een tipje van de sluier op vraag van gemeenteraadslid Michel Breydel de CD Groeninghe (MR).

Evelyne Doop heeft een foto toegevoegd 5 minuten geleden

Topvoorstelling gezien met de kinderen! Wij zijn nu bij de Bende van Vlieg en vertellen erover op www.UiTmetVlieg.be

Elsene > Commissariaat Flagey moet zichtbaarder

Lichtbak laat op zich wachten Er komt een uithangbord voor het politiecommissariaat in het Flageygebouw, maar wel met vertraging. Gemeente en gewest wijzen naar elkaar. Gemeenteraadslid Gauthier Calomne (MR) klaagt over de slechte zichtbaarheid van het nieuwe politiecommissariaat op de vijfde verdieping van het Flageygebouw. “Heel wat mensen vinden hun weg niet. Niets wijst erop dat het commissariaat zich in het gebouw bevindt,” zegt Calomne. Hij vraagt dat de gemeente een wegwijzer zet op het Flageyplein

of een uithangbord aan het gebouw hangt. “Een bord hangen is onmogelijk,” zegt burgemeester Willy Decourty (PS). “Het Flageygebouw is beschermd. Binnenkort komt er een bord voor het gebouw. Alleen was er tijdens die procedure sprake van een misverstand tussen ons en het gewest, dat het Flageyplein beheert. De ene dacht dat de ander er mee bezig was. Maar als de vergunning er is beloof ik u een duidelijke lichtbak.” Decourty geeft nog mee dat het nieuwe commissariaat meer bezoekers heeft dan het oude commissariaat in de Alphonse De Wittestraat. CD

Doe mee met Een geslaagde uitstap met de kinderen laat je niet over aan het toeval. Kom net als Evelyne bij de Bende van Vlieg en laat je tippen door andere families. Doe het voor 15 december en maak kans op een Vlieg-bakfiets!

www.UiTmetVlieg.be

Vind ik leuk · Reageren · Delen ·

17


ADVERTENTIE

Nederlandstalige basisscholen in Brussel

Terugkomavond www.in

schrijve

ninbruss

el.be

Voor al le kindere n gebore n in 20 12 of vroe ger

© NAAM FOTOGRAAF

rschool.be a a n n e m a .s www

LOP Brussel BaO 02 553 30 20

Op de terugkomavond van Samen naar School in de Buurt geeft het Lokaal Overlegplatform Brussel Basisonderwijs uitleg over de aanmeldings- en inschrijvingsprocedure. Samen met andere ouders blikt u terug op de openschooldagen. Zo ontmoet u andere ouders met interesse in dezelfde school. Waar en wanneer? Dinsdag 17 december 2013 om 19.30 u. Gemeenschapscentrum De Markten, Oude Graanmarkt 5, 1000 Brussel Schrijf u in via www.samennnaarschool.be. Alle informatie over de aanmeldings- en inschrijvingsprocedure: www.inschrijveninbrussel.be ADVERTENTIE

A70-007-00.vgc.adv.bas+samen.terug.bdw.255x178.230813.indd 1

✂

GRATIS ADVIES VAN DE NOTARIS. DISCREET EN VRIJBLIJVEND.

29/08/13 15:35

KNIP DEZE BON UIT EN KOM MET TWEE

dinsdag 17 december van 10 tot 16 uur Square Brussels Meeting Centre Kunstberg – Brussel (op 200 m. van het Centraal Station) Kosteloos, discreet en vrijblijvend advies van notarissen en juridische experts Lezingen over erfrecht Kennismaking met 100 goede doelen Gratis gids over erfrecht Gratis koffie en koek

OOK ALS JE ER NIET MEER BENT, KAN JE NOG MEER BETEKENEN DAN JE DENKT. NEEM EEN GOED DOEL OP IN JE TESTAMENT.

Voor de lezingen en afspraak met de notaris: reserveren op www.salontestament.be


© IVAN PUT

BDW 1405 PAGINA 11 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

Ukkel > Sinterklaas (85) hangt mijter aan de wilgen na 65 jaar

Geen chemie voor een sint zonder Piet

D

e senior-vriend die Palaster de jongste jaren bijstond als Zwarte Piet, is overleden. ”Zonder Zwarte Piet heeft het geen zin dat ik nog voor seniorenclub Okra-Ukkel Sint-Job zou optreden,” aldus de bekende oud-drogist, in het bijhuis van GC Candelaershuys. De eerste keer dat Palaster de kleren van de goedheilige man aantrok, was in 1948 tijdens zijn legerdienst in het militaire hospitaal van Soest (Duitsland), totaal wat anders dan zijn beroep. “Mijn vader had me tijdens de oorlog als kind van de Romeinsesteenweg in Laken naar de verre Brugmannlaan gestuurd om er de stiel van drogist te leren. Die man verplichtte me drie jaar avondschool technicien droguiste te volgen in de Arts & Métiers. Ik leerde in de zaak het hulpje Josée Seghers kennen. Toen we het voor bekeken hielden, namen we samen een drogisterij in huishoudartikelen en verf over op de Zijlaan. Het was de beste reden om te mo-

© ARCHIEF PALASTER

“Mijn Zwarte Piet houdt nu de echte sint gezelschap.” Met die guitige kwinkslag verantwoordt hulpsint Robert Palaster dat ook hij – figuurlijk dan – de pijp aan Maarten geeft, na 65 jaar. Het obligate duo voor de goede sinterklaasact bestaat niet meer.

gen trouwen. Later bouwden we een zaak in een chiquere buurt, op de Waterloosesteenweg 1163, vlakbij villa’s waarvan het huishoudpersoneel dagelijkse klant werd, voor Marseille- en Bronnleyzeep, boenwas en Keuls water. Enkel goed gerief. Stilaan kwamen er klanten van de ambassades, de Nato en restaurant Villa Lorraine. We leverden er 35 jaar alle kuisgerief, maar iets gaan eten werd niet geapprecieerd; een leverancier deed dat niet. Voor de villa van Mobutu moesten we de producten zelf dragen. Via via kwamen we ook te weten dat een commandant, die altijd etherische olie van spijklavendel als insecticide kocht, dit eigenlijk deed voor de behandeling van de kostuums van koning Leopold III in kasteel Argenteuil. Voor alles hadden we middeltjes, tot ontvetters om geen damp op vitrines te krijgen. Ik had oude

recepten, met trichloorethyleen en tetrachloorkoolstof, die nu uit den boze zijn.” Maar dat was een leven na zijn eerste sinterklaasacteurswerk tijdens den troep in 1948. “Omdat ik groot van gestalte was, en goed tweetalig, vroeg een verpleegster me om sintkleren aan te trekken, en voor de zieken en de kinderen van de soldaten snoep uit te delen (foto, red.). Ik haalde er twee kameraden bij die Zwarte Piet improviseerden met zelfgemaakte tulbands. Het acteursvirus liet me niet los, en toen ik met pensioen ging, vroeg zelfs seniorenkring Okra om voor de bejaarden van Ukkel Sinterklaas te spelen.” Ook voor ouderlingentehuizen in Brussel-Stad en Molenbeek zette Palaster tot 2012 de mijter op, in zalen met vierhonderd senioren per keer. Gewoon om oudjes te plezieren. Die feesttijd is passé.

Racisme

Drogist Palaster, ooit Sinterklaas in het legerhospitaal in Soest in 1948 (foto links), nu enkel nog voor vrouwlief.

Mogen we van de kindervriend weten hoe hij staat tegenover ‘het lachen met de zwarte knecht’, dat deze herfst als racistisch werd afgedaan? “Hoe kun je aan een kleuter uitleggen, dat Zwarte Piet er plots niet meer bijhoort? Die man is gewoon de evenknie van de sint. Hij lacht en grapt en troost de kindjes. Want van Sinterklaas hebben

de meeste schrik. Zonder Zwarte Piet werkt de gag niet. De interactie maakt het spel, in theatertaal is de sint ‘de aangever’. Het is zoals bij het komisch duo Gaston en Leo. Leo vraagt: ‘Zeg, wanneer komt uw vader van café thuis?’ Waarop Gaston: ‘Als hij zat is’. Een duo speelt op

© LES ARCHIVES BLEUES

Oververhit in een te kleine zaal SINT-JANS-MOLEBBEEK – De linkse oppositiepartijen willen dat de kinderopvang in Molenbeekse gemeentescholen opnieuw gratis wordt. Daarvoor hebben zij vorige week een speciale gemeenteraad bijeengeroepen en flink gemobiliseerd onder hun kiezers. Die gemeenteraad eindigde na enkele minuten met veel tumult. “De meerderheid wil ons gewoon het zwijgen opleggen,” zo klinkt het.

Honderd jaar na de dood van Jenatzy SCHAARBEEK – Constant Jenatzy was een Hongaarse industrieel die in de Stephensonstraat een rubberfabriek had, maar het is zijn zoon Camille Jenatzy (1868-1913) die wereldberoemd zou worden. Hij brak drie keer het werelduurrecord op land. Zijn auto La Jamais Contente was de eerste die sneller reed dan honderd kilometer per uur. Camille Jenatzy stierf precies honderd jaar geleden in een jachtongeval. Erfgoedspecialist Philippe Debroe organiseert in de lente een tentoonstelling over Jenatzy in het Belvuemuseum. Wie archiefstukken heeft van deze bekende Schaarbekenaar, mag hem altijd contacteren via philippedebroe@skynet. be. Met de Facebookpagina Expo Camille Jenatzy wordt een crowdfundingactie opgezet om SVG een replica van de beroemde auto van Parijs naar Brussel te krijgen.

Sinds de MR-CDH-Ecolo-meerderheid aan de macht is werd de na- en voorschoolse kinderopvang betalend gemaakt. Volgens de bevoegde schepen van Financiën Abdelkarim Haouari (CDH) is die maatregel nodig omdat er een onevenwicht bestond tussen betalende opvang in scholen van het katholieke net en gratis gemeentescholen. De gemeente zit in financiële moeilijkheden. De oppositiepartijen PS, SP.A en PVDA zijn boos. Volgens hen zijn de ouders de dupe van de financiële problemen van de gemeente. “Het volledige opvangpakket loopt op tot 300 euro,” zegt gemeenteraadslid Dirk De Block (PVDA). “Dat is te veel. De meerderheid vergeet dat heel wat gezinnen kansarm zijn. Men zegt dan dat kinderopvang fiscaal teruggevorderd kan worden, maar dat is nogal moeilijk in een gemeente waar heel wat inwoners vrijgesteld zijn van be-

elkaar in. Wanneer ik Sinterklaas was, moesten de vrouwen me beloven braaf te zullen zijn. Dan kregen ze van Zwarte Piet een plakzoen vol schmink (grinnikt). Dat zorgde voor een goedlachs publiek, da geire maaine ring kustege.” Jean-Marie Binst

lastingen. Het komt er gewoon bovenop, met andere woorden. Waarom wordt er trouwens altijd naar boven gelijkgeschakeld?” De linkse partijen hadden dan ook heel wat ouders geronseld om hun motie mee te komen verdedigen. De raadszaal was veel te klein en de voorzitter van de gemeenteraad Michel Eylenbosch (MR) moest heel wat mensen weigeren aan de ingang. Ook de op voorhand opgetrommelde politie deed de gemoederen verhitten. PS’er Jamal Azaoum sprak over ‘censuur’. Elke oppositieleider had maar weinig tijd om zijn stelling toe te lichten. Waarop de meerderheid besliste om gewoonweg geen debat te houden. N-VA-oppositieraadslid Dirk Berckmans steunde dan weer de meerderheid. “Ik ga niet mee in de demagogie die de linkse partijen toepassen om hun punt te maken. Deze maatregel is al eens besproken in de gemeenteraad en we moeten er niet steeds op terugkomen.” Dat de gemoederen zo verhit geraakten, is terug te voeren tot een praktisch probleem: de raadszaal wordt momenteel gerenoveerd, waardoor de gemeenteraad al een tijdje in een kleine vervangzaal plaatsvindt. Maar daardoor worden machtsspelletjes gespeeld: de meerderheid wilde naar eigen zeggen een grote zaal zoeken voor de volgende gemeenteraad en de oppositie de motie dan laten voorstellen, maar daarvoor moest de oppositie natuurlijk wachten. Dat wou de oppositie niet, en dus heeft ze gemobiliseerd onder burgers, goed wetende dat de huidige zaal te klein zou zijn. CD


ADVERTENTIE

Ontdek nog meer Brussel

op de vernieuwde brusselnieuws.be We hebben onze website in een nieuw jasje gestoken. Zo kan u nog meer actualiteit uit Brussel en omgeving volgen, terwijl u proeft van onze restauranttips of uw uitstapje in de hoofdstad plant. Ontdek het zelf op www.brusselnieuws.be


© LACA

BDW 1405 PAGINA 13 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

Een deel van de achttien foto’s die de Laca-jaarkalender 2014 over Wereldoorlog I vullen.

Laken > Jaarkalender 2014 LACA haalt 1914-1918 voor ogen

Toen ‘den Duits’ het vee opvrat De Eerste Wereldoorlog in de hoofdstad, een eeuw terug. Volgend jaar zal uw stadskrant het er uitvoerig over hebben, met verhalen uit het leven gegrepen. Ondertussen kunt u zich al vergapen aan de kalender 2014 van de Lakense kring LACA. De  turf  aan  literatuur  die  op  u  afkomt over 1914-1918, focust hoofdzakelijk  op  de  Westhoektaferelen.  Brussel kreeg nochtans ook zijn deel  van de miserie te verduren. Hoor ik  mijn moeder nog: ”Telkens we ze de  straat hoorden uitkammen, haalden  we  alle  koperen  deurbeslag  weg  in  huis  en  van  de  plintplaten  die  het  tapijt  aan  de  trap  hielden.  Er  hin-

gen  zelfs  scharnieren  uit  de  deur.  En de koperen Kruis-Lieve-Heertjes  moesten  overal  van  de    muur.  Met  vijf kinderen kieperden we alles onder de sneeuw in de achtertuin. Toen  de  soldaten  binnenkwamen,  gulzig  om koper te  confisqueren, vonden ze  niets  dat  waarde  had.  Tot  er  eentje  ging  plassen,  vanuit  de  achterdeur  op de sneeuw...” Het verhaal van die  dag  eindigt  gelukkig  goed.  Maar  de  kwel-  en  hongertijd  voor  vele  Brusselaars  was  niet  te  onderschatten.  D   en Duits  haalde  het  dagelijkse  leven wel degelijk overhoop.

De Duitsers maakten zelf foto’s om een tiental prentkaarten te drukken als ‘Andenken von Brüssel’.

Zennestraatschooltje   ACA,  de  geschied-  en  heemkunL dige kring uit Laken, toont met een

kalender 2014 alvast dat de aanwezigheid  van  de  bezetter  Laken  niet

onberoerd  liet.  De  kazerne  aan  de  Sint-Annadreef  (vandaag  de  Europese  School)  was  een  bolwerk  voor  bewegingen.  Er  was  soepbedeling  op  straat:  ‘ Bei den Deutschen Barbaren in Belgiën’  staat  er  op  een  prentkaart. De amateurfoto’s, die de  Duitse militairen zelf in een tiental  exemplaren  als  prentkaart  lieten  drukken, werden als Andenken von  Brüssel-Laeken  naar  hun  heimat  gestuurd.  Het  zijn  unica  die  door  verwoede  verzamelaars  –  en  LACA  heeft  er  wel  wat  –  via  internet  en  markten  teruggevonden  werden.  Laca graaide in haar rijk archief van  kaartjes en vintagefoto’s en maakte  er een pakkende kalender met achttien  oorlogsbeelden  van.  Te  koop

voor  een  prikje.  U  ziet  er  koeien  op  de  kasseien,  een  opeising  van  slachtvee  op  de  Sainctelettesquare.  De  militaire  fanfare  die  de  Abelenlaan aandoet, een straat die amper is  veranderd, op de driewielfi ets na. En  er  zijn  vooral  ‘zelfportretten’  vóór,  in en rond de legerkazerne, het Luna  Park in de Groendreef, in het station  van Thurn & Taxis of een mobilisatie in het Zennestraatschooltje. Ging  het Brussel wel goed af? Jean-Marie Binst LACA-kalender 2014, tegen 4 euro of 3 euro in GC Nekkersdal en de Openbare Bibliotheek, E. Bockstaellaan 107. Info: 02-268.72.16.

ADVERTENTIE

Ganshoren > Akkoord over intercommunale blijft uit

‘We gaan open, met of zonder de andere gemeenten’ Het zwembad is inmiddels gevuld en de eerste - onofficiële - zwemmer werd opgemerkt, maar een akkoord over de oprichting van een intercommunale is er nog altijd niet. Dus bereidt de gemeente Ganshoren de nakende heropening van het zwembad Nereus in haar eentje voor. Het  zwembad  ging  in  2002  dicht  wegens  lekken  en  andere  defecten.  Omdat  de  gemeente  de  dure  renovatie niet kon betalen, werd na veel  politiek gepalaver beslist dat Beliris,  het  federaal-gewestelijk  fonds,  het  zwembad zou opknappen. Dit is inmiddels gebeurd en Nereus zal ‘over  enkele maanden’ opengaan. Nu  moet  de  uitbating  nog  geregeld

worden.  Omdat  de  exploitatie  van  het  zwembad  verlieslatend  zal  zijn,  droomt  Ganshoren  al  jaren  over  een  intercommunale  met  buurgemeenten  Jette,  Koekelberg  en  SintAgatha-Berchem.  Tot  hiertoe  is  er  echter nog altijd geen akkoord over  de voorwaarden. De Ganshorense gemeentelijke vzw  Cultuur  en  Sport  staat  voorlopig  dan  ook  alleen  in  voor  het  beheer.  De  vzw  betaalt  gas  en  elektriciteit  en  heeft  zopas  een  directeur  aangeworven.  “Wat  moeten  we  anders  doen,  dichtblijven?,”  zo  reageerde  schepen Michèle Carthé (PS) op kritiek van de oppositie dat het zwembad,  zonder  de  andere  gemeenten,  een fi nancieel debacle kan worden.   HUB

HEEFT U BRUSSEL AL CADEAU GEDAAN?


BDW 1405 PAGINA 14 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

kenden hun stad en hun stiel door en door (en werden doorgaans na een tijdje overgeplaatst naar de nationale redacties). We kunnen Vandermeersch ook een abonnement bezorgen op onze eigen Brussel Deze Week, waarvan we dezer dagen de vijftienjarige verjaardag als ‘echte’ krant vieren, met een onafhankelijke redactie die dankzij overheidssubsidies los van commerciële overwegingen kan werken, iets waarvoor we door de Franstaligen erg worden benijd. Vandermeersch zou merken dat ‘verhaaltjes vanop persconferenties’ nauwelijks in onze kolommen terug te vinden zijn. En dat we, als we pc’s bijwonen, niet zomaar zullen neerpennen wat men ons probeert te doen neerpennen. Op Belga doen we met onze krant geen beroep omdat we onze eigen berichtgeving verkiezen. Laat staan dat we berichten zouden sprokkelen en copy-pasten vanop allerlei sites van concurrenten/collega’s, een aanpak die dezer dagen soms wordt gepromoot als de journalistiek van de toekomst.

Les Boromites

Persoonlijke service: een gedeelte van de oplage van BDW en Agenda wordt iedere week door de distributiemedewerker in de stad verspreid.

© IVAN PUT

Journalistiek > Regioverslaggeving is meer dan persconferenties aflopen

Van het boeiendste dat er is BRUSSEL – Is regiojournalistiek niet meer dan een verhaaltje tikken na afloop van een persconferentie, zoals Peter Vandermeersch onlangs zei? Als er geïnvesteerd wordt in stevige redacties, is regioverslaggeving juist van het boeiendste dat er is, betoogt BDW-hoofdredacteur Anne Brumagne. Zeker in Brussel.

BDWOPINIE Vorige maand raakte bekend dat door de fusie van Corelio (De Standaard, Het Nieuwsblad) en Concentra (Het Belang van Limburg, Gazet van Antwerpen) in Mediahuis, meer dan tweehonderd banen zullen sneuvelen. De Morgen, dat zelf steeds meer inhoud overneemt van de andere kranten van De Persgroep, vroeg naar aanleiding van dat pijnlijke nieuws aan Peter Vandermeersch om zijn licht te laten schijnen over de crisis in krantenland. Vandermeersch was jarenlang hoofdredacteur van De Standaard, waar hij nauw samenwerkte met de huidige grote baas van Mediahuis,

Gert Ysebaert. Vandaag leidt hij de redactie van NRC Handelsblad in Nederland. Aanleiding om precies hem te interviewen was een tweet die hij meteen na de bekendmaking van het nieuws had verspreid. In zijn ogen was de fusie een kans om de regionale journalistiek een kwaliteitsimpuls te geven.

Geen Belga Toen hem werd gevraagd hoe het wegsaneren van journalisten de kwaliteit kon verhogen, was het antwoord: “Als ik het goed begrijp is Mediahuis op dit ogenblik nog verder aan het onderzoeken met wie ze verder gaan en met wie niet. Dat wil zeggen dat ze de komende weken zullen moeten kiezen tussen – ik zeg maar wat – de regiojournalist

ANNE BRUMAGNE :

Nabijheidsjournalistiek heeft meer toekomst dan copy-paste van Gazet van Antwerpen en die van Het Nieuwsblad. Ik ga er van uit dat de beste zal blijven, met als gevolg dat het niveau bij één van die kranten zal verhogen.” Waarop de vraag volgde of het geen kwaliteitsverlies is als er niet meer kan worden gekozen tussen twee verschillende visies: “In sommige gevallen kan synergie inderdaad verschraling betekenen. Maar in de regiojournalistiek? Laat ons eerlijk zijn: in dit geval gaat het vaak over drie journalisten die alle drie naar dezelfde persconferentie gaan om vervolgens alle drie hetzelfde verhaaltje te tikken.” Wat is het jammer dat Vander-

meersch zo’n beperkt en negatief beeld heeft van regionale berichtgeving! Misschien moet men hem vanop de (hopelijk niet opgedoekte) documentatiedienst van Corelio toch eens wat exemplaren opsturen van De Gentenaar van zo’n 25 jaar terug, om aan te tonen dat een regionale krant zoveel meer kan zijn dan wat bij elkaar gepende verslagjes vanop een persconferentie in het stadhuis of van bij de plaatselijke immobiliënboer. Een positieve bespreking in Buitenbeen, de culturele sectie van De Gentenaar, was indertijd voor de Gentse cultuurhuizen belangrijker dan eentje in De Morgen of De Standaard. Journalisten en fotografen

Nee, wij willen ter plekke gaan, want zo leer je een stad het best kennen en kan je ze ook het best leren kennen aan anderen. We zetten in op reportages, over maatschappelijk relevante onderwerpen of over de kleine en grote besognes van de Brusselaars. Op interviews met mensen die iets te zeggen hebben over Brussel, maar daarom niet noodzakelijkerwijs Bekende Brusselaars zijn. We proberen zoveel mogelijk gemeenteraden te volgen, ook al is dat een serieuze tijdsinvestering. We hebben de ambitie om die vreselijk complexe maar boeiende Brusselse samenleving zo goed mogelijk te duiden. En mee te fungeren als het geheugen van de stad en van de Vlaamse Brusselaars – vaak krijgen we daar van oudere lezers de ontroerendste reacties op. Terwijl nationale kranten steeds minder aandacht besteden aan de culturele huizen in Brussel, volgen wij hen met Agenda van heel nabij. En we pikken zo veel mogelijk in op mogelijk nieuws dat ons door lezers wordt gemeld. Met die aanpak zijn het meestal wij die last hebben van de copy-paste aanpak van andere, nationale media. Een voorbeeldje: Een tijdje terug brachten we een reportage over Les Boromites, jongeren uit Schaarbeek met veelal een migratie-achtergrond die samen radio maakten en daarin hun kijk hadden gegeven op ‘Le Flamand’, ‘de Vlaming’. Voor hen bleek ‘Flamand’ niks te maken te hebben met iemands moedertaal, maar stond dat begrip voor iemand die zijn zaakjes op orde had. Maar die ook wel eens met zijn voeten liet rammelen. Daags na verschijnen vonden we de reportage terug in andere kranten, bijna woordelijk gepikt. Bij BDW zijn we er van overtuigd dat nabijheidsjournalistiek met een eigen aanpak uiteindelijk méér toekomst heeft dan dat gecopy-paste, want dat ‘genre’ werkt op den duur zelfvernietigend. Hoeveel eigenheid heb je nog als je voortdurend leentje-buur moet spelen? Anne Brumagne


BDW 1405 PAGINA 15 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

BRIEVEN VAN LEZERS   lezersbrieven@bdw.be

OPEN BRIEF

Geachte leden van de VGC-Raad, Op de zitting van 18 oktober jongstleden konden wij vaststellen dat u nauwelijks wordt geïnformeerd over wat het globaal akkoord voor het VGC-personeel werkelijk inhoudt. Via dit schrijven willen wij u op de hoogte brengen van onze bezwaren. Een aantal maatregelen hieruit zullen de VGC-administratie verder ontwrichten. Wij voegen hierbij het protocol voor niet-akkoord dat de vakbonden deze week indienden. Dit bevat een algemeen deel met al onze inhoudelijke bezwaren en een technisch deel. Oordeelt u zelf. Sinds 2011 werden er in de VGC geen sectorale onderhandelingen meer gevoerd. Wat nu moet doorgaan voor een globaal akkoord, is geen akkoord maar een dictaat. Het VGC-College weigerde de basisnota voor de onderhandelingen te overhandigen aan de vakbonden, ze bezorgden enkel een summiere powerpointpresentatie. Na onze eerste personeelsvergadering en actie in september hebben wij gevraagd om géén extra maaltijdcheques, géén hogere eindejaarspremie en géén motiverende loopbaanmogelijkheden in te voeren om met dit geld de jobs te redden van de mensen die wij voor onze dienstverlening niet kunnen missen. Het VGC-College wil hier tot op vandaag niet op ingaan. Het enige overleg dat het VGC-College wil toestaan is er één van punten en komma’s. Op 28 november vond daarom een algemene staking plaats onder het VGC-personeel. En opnieuw vangt het VGC-College het signaal van het personeel niet op. In de personeelsvergadering tijdens de stakingsdag bleek dat het personeel het dictaat van het VGC-College hoegenaamd niet pikt. Verdere acties zullen dan ook worden gepland, hoezeer het VGC-College de zaak ook blijft minimaliseren. Het VGC-College en de leidend ambtenaar kunnen in dit globaal akkoord maar met één ding uitpakken: dat ze examens organiseren en 90 functies vast gaan invullen. Alleen is dit geen materie voor een sectoraal akkoord. In een normale overheid organiseert men examens met de regelmaat van de klok. Het achterstallig onderhoud dat men nu gaat wegwerken wordt

Mussengang Op wekelijkse basis komen meer dan 70 mensen naar de Mussengang, tijdens de weekdagen en vooral tijdens het weekend, overdag en vooral ’s avonds. Er valt hier heel wat te beleven! Er is een collectieve tuin, twee van de zes artiestenateliers hebben een open aanbod, er is een naschoolse opvang met huiswerkklassen en last but not least ligt er aan het einde van de Mussengang een gemeentelijke polyvalente zaal waar yoga, tango, muziekrepetitie’s en diverse stages worden georganiseerd. Dat is allemaal goed voor de dynamiek van “de verloren hoek”, ware het niet dat veel mensen toch zo graag met de auto tot de deur komen, ondanks een rijk aanbod aan openbaar vervoer. Iedereen met auto meent aanspraak te kunnen maken op een parkeerplaats op het braakliggend terrein. Welke aanspraak maken diegenen die bewust kiezen om geen private auto te gebruiken? Behoort het braakliggend terrein hen niet toe? Een fiets kan je hier nergens veilig parkeren... De gemeente geeft nogal tegenstrijdige reacties als je het probleem aankaart. De ene keer mag de toegang niet beperkt worden, enkele jaren later beperkt de gemeente zelf de toegang. De communicatie hierrond is niet duidelijk, de situatie blijft een verwarrende ‘flou artistique’ die spanningen in stand houdt en mijnheer Brodski bevestigt in zijn rol van “grommende waakhond”. De bedoeling van de burgerinterpellatie is dat de gemeente een duidelijk kader schept, want de ligging van het braakliggend terrein is inderdaad complex. Is de

naar voren geschoven als een grote verwezenlijking. Er is geen enkele vorm van werkdrukmeting uitgevoerd. Niet om 42 operationele functies te schrappen, niet om dertien C-functies af te voeren, niet om de verhoging van de arbeidsduur te verantwoorden. De pijnlijke waarheid is dat er geschrapt is in de uitvoerende diensten door mensen die duidelijk geen voeling hebben met wat deze diensten eigenlijk doen, en geen flauw benul van wat het meer kost om dit werk uit te besteden. De relatie tussen de kabinetten en de administratie is zoals u weet verziekt. Er is u niet verteld dat er sinds 3 juli een maatregel op tafel ligt die de top van uw administratie politiseert en verder verknecht. Dertig VGC-topambtenaren zullen voortaan rechtstreeks geselecteerd en geëvalueerd worden door het College. Dit betekent de doodssteek voor de onafhankelijkheid van de administratie. Een nieuw element is dat er sinds enkele weken door bepaalde leidinggevenden druk wordt uitgeoefend op personeelsleden om geen gebruik te maken van democratische rechten zoals een petitie ondertekenen of deelnemen aan een staking. De VGC is geëvolueerd van een overlegcultuur naar een dictatuur. Een spijtige zaak voor een overheid die participatie zo hoog in het vaandel draagt. Wij hopen dat u deze keer de besparingen op het personeel niet zult goedkeuren maar integendeel de budgetten zult voorzien die nodig zijn om 55,25 VTE’s aan boord te houden. Omdat de VGC Vernieuwend, Gedurfd en Creatief bezig zou zijn als zij wél jobs blijft aanbieden aan laaggeschoolden in tijden van crisis in een stad als Brussel. Wij hopen ten slotte dat u garanties zult vragen en bekomen voor een reëel samenwerkingsmodel, zowel voor het overleg met de vakbonden als in de dagelijkse werking van de administratie. Hoogachtend, Namens het gemeenschappelijk vakbondsfront Erik Van Driessche, Nicole Van Broeck en Geert Sans

Mussengang een private weg of is het een doorgangsweg? Mag de toegang niet of slechts gedeeltelijk beperkt worden? En hoe wil je die beperking beheren? Het antwoord van de burgemeester om een openbare aanbesteding uit te schrijven voor een hek is een oplossing op korte termijn en een gemiste kans om de situatie uit te klaren. De gemeente zal er nog een vette kluif aan hebben om juridisch uit te zoeken welk statuut de toegangsweg en het braakliggend terrein hebben. Daar de nodige conclusie’s uit trekken en helder communiceren wat de rechten en plichten zijn van elkeen (bewoners, huurders, bezoekers) is mijn verwachting. Ik kijk uit naar het wijkcontract van 2017 dat ambitieus is en getuigt van een duidelijke visie op het gebruik van deze (openbare?) ruimte. Chiara van Remmen, Elsene

Rechtzetting In het artikel over het gemeenschapscentrum Ten Weyngaert in Vorst (BDW 1402, p.2-3) schreven we dat de centrumverantwoordelijke een tijdelijk contract heeft. Dat klopt niet. Hij heeft een contract van onbepaalde duur. Zijn mandaat als centrumverantwoordelijke is wel tijdelijk en loopt af in juni. In Brussel Deze Week van 28 november (BDW 1404, p.9) kon u lezen dat Bernard Clerfayt burgemeester van het rijke Schaarbeek is, dat moet uiteraard het arme Schaarbeek zijn. Onze excuses.

SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.

BDWOPINIE Voetbalgekte door Danny Vileyn Het worden spannende tijden voor de voetbalminnende medemens (en voor de Memorial Van Damme). Als er tegen april 2014 geen private sponsors gevonden worden voor de bouw van een nieuw voetbalstadion op Parking C in Grimbergen, dan kan Brussel-Stad de medeorganisatie van het Europees Kampioenschap in 2020 op zijn buik schrijven. De som geld waarmee de private sector over de brug moet komen is overigens niet min: 314 miljoen euro. Alain Courtois (MR), schepen van Sport in de Stad Brussel, zegt niet zonder enige bitterheid dat België het enige land ter wereld is waar de overheid geen geld heeft voor een hoofdstedelijk stadion met internationale allure. Het zij zo. Dat de overheid geen geld heeft voor een stadion heeft niet alleen met de crisis of met de toestand van de staatsfinanciën te maken. In de voetbalwereld gaat zoveel geld om – transfers, gages van voetballers – dat een niet-voetbalgekke sterveling maar moeilijk begrijpt dat de overheid geld moet pompen in stadions. Anderzijds kunnen we het ons ook niet veroorloven om geen ‘nationaal’ stadion meer te hebben. Het is – de vergelijking is gewaagd – alsof we de Muntschouwburg zouden slopen. Maar de verschillende overheden moeten ophouden met te debiteren dat het nieuwe voetbalstadion de belastingbetaler niets gaat kosten. Dat is volksverlakkerij. Natuurlijk gaat de overheid de toegang tot het stadion (wegen, openbaar vervoer) moeten bekostigen. En de kans is groot dat de overheid ook voor het stadion op een of andere manier zal moeten tussenkomen. Ter vergelijking: de stad Gent heeft dat voor het Ghelamco-stadion op een slinkse manier gedaan: de waterintercommunale TMVW heeft er geld in gepompt. Een voorbeeld om niet te volgen. De Anderlechtse burgemeester Eric Tomas (PS) gelooft dan weer niet dat RSC Anderlecht zijn gemeente zal verlaten. En zonder RSCA komt er geen nieuw stadion in Grimbergen. Tomas kan niet anders dan dat te geloven. Het voetbalvriendelijke Anderlecht – al zal RSCA dat ongetwijfeld tegenspreken – blijft desgevallend met een kater achter. Een tweede slachtoffer dreigt de Memorial Van Damme te worden. Het nieuwe stadion zal geen atletiekpiste hebben, dat is een voorwaarde die RSCA stelt. Wilfried Meert kan maar hopen dat de overheid wel geld veil heeft voor een atletiekpiste, anders is het na 2020 gedaan met de Memorial.

WAUTER MANNAERT


BDW 1405 PAGINA 16 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

VADROUILLE DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK

© KMSKB

De vernieuwingsdrang van het fin de siècle begroef een denkwereld. De symboliek is verrassend eigentijds.

Musea > Nieuw Fin-de-Siècle Museum opent op 6 december

Eerste versnelling in de kunst E

n avant. Als de minister niet langer treuzelt en de Regie der Gebouwen een strakke planning nastreeft, krijgen de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België (KMSKB) in 2016 een Postmoderne Kunst Lab in het Vanderborghtgebouw. Een adres voor de collecties ‘nieuwe moderniteit’, beginnend bij de Groote Oorlog tot vandaag (met fauvisme, kubisme, abstracte kunst,...). Nogmaals, als de overheid dit jaar

nog beslissen wilt. Daarmee zullen de federale, moderne kunstcollecties vanaf 1868 (daar begint Fin-de-Siècle) volledig herschikt zijn. En chronologisch en conceptueel veel leesbaarder worden voor het publiek. De herstructurering kan een wervend effect genereren. Hoog tijd. Want in een kwarteeuw werd aan de setting van de moderne kunstcollecties niet meer geraakt. Meer nog, het keldergebouwconcept bleef door de Regie der

Gebouwen onaangeroerd - er konden zelfs geen veiligheidscamera’s opgehangen worden, alle aanpassingswerken bleven uit. In 2011 drukte hoofdconservator Michel Draguet mano dura de vernieuwing door. Wat kostte dat? Veel ergernis, van korte duur, door protestacties van ‘conservatieve’ beschermers van het Moderne Kunst Museum dat dichtging. En investeringen. De verbouwing van de lichtputzalen heeft 7,5 miljoen gekost. Waarvan 2,6 miljoen uit inkomsten van de KMSKB (vooral van de Magrit-

© KMSKB

BRUSSEL – Precies twee jaar en tien maanden na de sluiting wordt het Museum voor Moderne Kunst (KMSKB) een internetzoekterm. Uit zijn as herrijst het Musée Fin-de-Siècle Museum, in dezelfde lichtput van het Museumplein. Het is het eerste van twee nieuwe, complementaire musea over de ‘moderniteit’ in onze kunstgeschiedenis. Goed voor de periode 1868-1914. Het concept wil ons confronteren met een tijdsgeest waarin onstuitbare versnellingen optreden, als vandaag.


BDW 1405 PAGINA 17 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

Vernieuwing In de Belgische kunst, zoals Fin-de-Siècle dit etaleert, begint dat offensief met het breken van een lans voor het realisme (met Charles De Groux en Alfrred Stevens, die de Franse Gustave Courbet volgen). De stromingen

“Voor het eerst in de geschiedenis heb je een behoorlijk aantal mensen dat het zich kan permitteren om kunst te kopen of tijdschriften vol te schrijven” toetsen de interesses verder af: van sociaalrealisme, impressionisme, de Cercle Les XX, neo-impressionisme, post-impressionisme, Belgisch impressionisme tot symbolisme. Het museum volgt dit pad galant. Met tussendoor speciale focussen op Constantin Meunier, James Ensor, Fernand Khnopff, Leon Spilliaert en George Minne: Belgen die kunnen verrassen met hun miskende meesterwerken. Want dat achterliggend idee voedt het museumconcept. De bezoeker moet stilstaan bij het ‘miskende’ dat een indruk op hem of haar nalaat. Of waarin hij een spiegel herkent: ‘ja, ik zoek ook naar vernieuwing’. Dat kunstverhaal van eind negentiende eeuw tot 1914 stopt bij Pierre Bonnard en Rik Wauters. Hoe komt die opstelling op ons af? Hoe ervaar je een bezoek? Kan de kunst van Fin-deSiècle an sich aanspreken? Vragen te over die hoofdconservator Michel Draguet voor ons beantwoordde. “Het museumconcept reikt verschillende leesniveaus aan. Niveau één is het kunstwerk gepresenteerd tegen de witte muur. Je staat tegenover een werk. Niets heeft die directe en intense confrontatie totnogtoe kunnen vervangen. Ik zag ooit een Japanner op zijn iPad continu een werk van Van Gogh bekijken, terwijl het vlak voor zijn neus hing. Ik begrijp het ook niet, het is als skypen met iemand die achter je rug zit.” Draguet: “Het tweede ontdekkingsniveau in het museum is de tijdsgeest die we oproepen. Het maakt het verhaal rond: van architectuur naar sculptuur, van sculptuur naar literatuur, van literatuur naar schilderij, van schilderij naar muziek, van muziek naar operadecor en film. Daar voegen we een tussenniveau aan toe, in kleine tijdelijke tentoonstellingen (nu India in beeld. De pioniersfotografen (18501910), red.). Het zorgt voor een levendige illustratie van de tijdsgeest die de museale collectie wil oproepen. Verder verwerken we – voor een derde leesniveau – technologie in het concept. We projecteren pioniersfilms

© KMSKB

temuseumtickets) en 1,3 miljoen van het echtpaar Gillion-Crowet, dat zijn eigen zaal ‘art-nouveau-objecten’ mocht inrichten. Dit sluit het parcours, als feestgebak na het chronologische museummenu. Fin-de-Siècle zelf start in 1868, datum waarop de Brusselse kunstenaarskring La Société Libre des Beaux-Arts het debat lanceerde van de moderniteit. Ze keert de rug naar het academisme en de historieschildering. Alle aandacht komt aan de werkelijkheid toe. De beleving van het hier-en-nu. Het zich niet meer laten meeslepen door de sneltrein van industrialisering. Het zoeken naar ‘een zin’ voor het bestaan. Het begraven van de oude Psyché. Een klimaat waarvan gezegd wordt dat het vergelijkbaar is met dat van de (technologische) snelheden die vandaag op ons afkomen, en waartegen tegenstromen ontstaan (in de kunst, sociale media, p2p-economie, het ecologische besef, de religies-revival).

Linksboven: Le cortège nuptial de Psyché, Edward Burne-Jones. Linksonderaan: Portet van Mejuffrouw Van der Hecht’ van Fernand Khnopff Rechtsboven: La tentation de SaintAntoine, Félicien Rops. Rechtsonder, v.l.n.r.: Paul Gauguin, Théo Van Rysselberghe, Georges Minne (marmer), Mucha (collectie Gillion Crowet), Henri Evenepoel en Charles Hermans.

op de wand van de lichtput en in de zaal. Documentaires als: het fin-de-sièclestrand van Oostende, het bezoek van koning Albert I aan Gent, een tram die door Brussel rijdt. En er zijn ook touchscreens met 3D-reconstructies van Brusselse art-nouveauhuizen. Verdwenen gebouwen als het Atelierhuis van Khnopff en het Aubecqen Volkshuis van Horta. Of bestaande panden, als Old England, het Huis Ciamberlani en Bloemenwerf (Van de Velde), waar je virtueel door kan lopen. Het zijn creaties voor een archief van virtuele monumenten, dat we opstarten. Verder stapt de bezoeker door ‘klankdouches’ met muziek van toen. En ontwikkelen we – voor een vierde niveau – technologie die los staat van de museografie: met een Museum Path en een App voor smartphone om zelf een bezoek te construeren. Bijvoorbeeld enkel over alles wat verwijst naar opera. Die personal visit kan dan een leven gaan leiden via sociale media.”

Collectie Gillion Crowet Extra input in Fin-de-Siècle zijn de toegevoegde kunstwerken van nieuwe partners: het origineel Les mauvais médecins van Ensor, dat in een ULBvergaderzaal hing. Uitleenstukken van Belfius (verzameling Gemeentekrediet). Documentaires van Cinematek. Maquettes van Brusselse operacreaties van de Munt. En natuurlijk de collectie Gillion Crowet, een gelukkige ‘gift’. Draguet legt uit. ”Al is het de grootste en rijkste art-nouveaucollectie ter wereld, Gillion Crowet valt niet erg te lijmen met typisch Belgische art nouveau: uitgepuurde Van de Velde-creaties zitten er bijvoorbeeld niet bij. Anne-Marie Crowet en Roland Gillion boden hun art-nouveau-objecten aan als ‘inbetalinggeving’ (dation is de Franse term, red.) voor de successierechten op de erfenis van (schoon)vader Robert Gillion (een Brusselse immobiliënmagnaat, red.). De schenking biedt met zijn buitenissige creaties van Mucha, Majorelle en glaspasta van Gallé en Daum (vooral L’Ecole de Nancy) een feestelijke meerwaarde. Al blijft ze louter decoratief tegenover het meer conceptuele, museale verhaal. Ik had de collectie in 1994 al gezien in het appartement van de Gillion-Crowets. Kort nadien was ze weg naar het buitenland, met de bedoeling ze naar een museum te verhuizen. Toen ik werd gevraagd om er een boek over te schrijven, stelde ik voor dat die opdracht een museum toekwam. En bij de successiekwestie adviseerde ik dat de collectie een troef voor het Brussels Gewest zou zijn. Zo geraakte ze bij de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten.” Noblesse oblige vragen we nog naar Draguets topfavorieten in het kersverse museum. “Noteer dat ik niet objectief ben. 1. Portret van Mejuffrouw Van der Hecht van Khnoppf. 2. La dame sombre van Ensor. 3. Les Hippocampes, een vaas van Gallé (uit de collectie Gillion Crowet).”

Jean-Marie Binst

Musée Fin-de-Siècle Museum, Regentschapsstraat 3, Brussel. Open vanaf 6 december van dinsdag tot zondag van 10 tot 17 uur (kassa tot 16u30). Gesloten op feestdagen en op 24 en 31 december na 14 uur. Toegang: 8, 6 en 2 euro. Info: 02-508.32.11. www.fine-arts-museum.be


BDW 1405 PAGINA 18 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

Samenleving > Huishoudsters komen op voor hun (ge)rechten

‘Een leven lang weg van huis’ BRUSSEL – De Filipijnse Zenaida Balucas zag zich op jonge leeftijd genoodzaakt om honderden kilometers van huis te emigreren, op zoek naar werk. Net zoals vele vrouwen uit derdewereldlanden kwam ze hier terecht in de huishoudelijke sector. Haar verhaal maakt deel uit van het culinaire sensibilisatieproject van vzw OR.C.A., Onze (Ge)Rechten.

‘I

k denk dat we allemaal wegtrekken uit de Filippijnen om dezelfde reden, namelijk uit financiële noodzaak. Ik heb farmaceutische wetenschappen gestudeerd aan de universiteit, en heb een tijdje als apothekeres gewerkt in Manilla. Maar ik verdiende er niet genoeg mee om mezelf en mijn familie te ondersteunen. Werken als huishoudster in België betaalt beter dan apothekeres in de Filippijnen, schrijnend toch? Samen met mijn ouders besliste ik op negentienjarige leeftijd elders werk te zoeken. Eerst trok ik naar het Midden-Oosten, waar ik in Libanon, Egypte, Bahrein, Koeweit en Abu Dhabi heb gewoond. Acht jaar lang verbleef ik in het Midden-Oosten. Het was een moeilijke tijd, niet alleen omdat ik zo ver weg van huis was, maar ook omdat ik er het gevoel had opgesloten te zijn in een wereld die me volledig vreemd is. Na die periode verhuisde ik samen met mijn werkgevers naar Londen, en nadien naar Colorado in de Verenigde Staten. In 2004 kwam ik in België terecht. Ik ben nu 43 jaar oud, en dus al bijna

mijn hele leven weg van huis.” “Mijn huidige werkgever, een Libanese vrouw, leerde ik kennen tijdens mijn studies in de Filippijnen. We raakten bevriend, en zagen elkaar enkele jaren later terug in Libanon, waar ik een baantje had gevonden. Ze stelde me voor om voor haar gezin te werken, wat ik ondertussen al meer dan twintig jaar doe. Ik doe het huishouden, en heb hun drie kinderen zo goed als grootgebracht. Ik heb een heel goede band met de kindjes; ze zijn verzot op mij. Maar ik moet hen langzamerhand duidelijk maken dat we niet voor eeuwig samen kunnen zijn. Van zodra ik naar huis kan, doe ik het. Ik heb zelf twee kinderen die ik al die jaren heb moeten missen. Mijn dochter is zeventien jaar, en mijn zoontje wordt binnenkort een jaar oud. Ik noem hem mijn menopauzebaby! (lacht) Geen haar op mijn hoofd dat er aan dacht om nog een kind te krijgen, maar het leven zit vol verrassingen.”

Spelen via de webcam “De eerste vier maanden na de bevalling ben ik bij hem gebleven in de Filippijnen, daarna moest ik te-

ADVERTENTIE

De Filipijnse Zenaida Balucas (midden) nam deel aan het culinaire sensibilisatieproject van vzw OR.C.A., een kookboek dat aanzet tot nadenken.

Waardige bereidingen uit de wereldkeuken BRUSSEL – De Organisatie voor Clandestiene Arbeidsmigranten (OR.C.A.) brengt volgende week samen met 25 huishoudsters een exclusief kookboek uit. Onze (Ge)Rechten is niet zomaar een verzameling recepten, maar een culinaire bundel die aanzet tot nadenken. De 26 bereidingen uit het kookboek zijn de favoriete gerechten van 25 huishoudsters, afkomstig uit de Filippijnen, Latijns-Amerika en Kosovo. Ze werken allemaal in het Brusselse, en komen iedere zondag samen met OR.C.A., voor een Franse taalcursus, infosessies in basis(arbeids)rechten, en bovenal wat broodnodige steun. “De vrouwen die we hier iedere week te zien krijgen, hebben dikwijls te kampen met een laag zelfbeeld,” vertelt Omar Garcia van OR.C.A. “Met dit project willen we hen bewust maken van hun kwaliteiten als persoon, arbeidster én vrouw.” Het idee voor een eigen kookboek groeide spontaan tijdens dit zondagse samenzijn, waar tussen de lessen door steevast hartelijk gepalaverd wordt met (zelfbereide)

hapjes. Behalve een klassiek kookboek – waar je Filipijnse Embutido-worst, Colombiaanse gevulde aardappel ‘Papas Rellenas’, en een hartige Menudo-stoofschotel leert maken – is Onze Ge(rechten) een relaas over migratie, schrijnende werkomstandigheden, uit elkaar gerukte gezinnen, en onzekere verblijfssituaties. Anderzijds is het een optekening van eindeloze hoop en vurige toekomstdromen. De recepten worden aangevuld met de getuigenissen van acht huishoudsters, en artikelen uit de Conventie voor waardig werk voor huishoudpersoneel van de Internationale Arbeidsorganisatie. Op 10 december wordt het boek tijdens de OR.C.A. studiedag officieel voorgesteld. “Minister van Werk Monica De Coninck krijgt het eerste exemplaar, en zal ook uitgenodigd worden om, samen met de auteurs, een eenvoudig gerechtje uit het boek te maken,” zegt Garcia. Een ode dus aan (h)eerlijk eten. CV

Informatie en bestellingen via www.orcasite.be


BDW 1405 PAGINA 19 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

© ORCA

rugkeren.  Mijn  kinderen  wonen  bij  mijn ouders. Ik zou er alles voor over  hebben om ze hier bij mij te hebben.  Mijn dochter denkt er over na, maar  blijft  voorlopig  liever  in  de  Filippijnen  om  haar  studies  af  te  maken.  Mijn  zoontje  heb  ik  bij  mijn  ouders  achtergelaten  omdat  ik  hier  onmogelijk voor hem kan zorgen zoals ik  het wil. Thuis hebben ze tenminste  een grote familie die altijd voor hen

klaar  staat.  Maar  het  breekt  mijn  hart  dat  ik  met  mijn  eigen  kind  moet spelen via de webcam.” “Mijn echtgenoot woont hier bij mij  in Brussel, en werkt ook in de huishoudelijke sector. Ik kan van geluk  spreken dat ik hier samen met mijn  man ben, wat maakt dat ik toch een  deeltje van mijn familie bij me heb.  Ieder  jaar  reizen  we  naar  huis  om  onze kinderen te zien.  We wonen in België om geld te verdienen,  niet  omdat  we  het  hier  zo  leuk  vinden.  Mijn  baas  heeft  me  al  meermaals  gevraagd  waarom  ik  de Belgische nationaliteit niet aanvraag. Maar ik ben niet Belgisch, ik  ben Filipijns! Ik houd, ondanks alle  problemen  en  schaduwzijden,  ontzettend veel van mijn land. In België  werken als apothekeres is onmogelijk, omdat mijn diploma hier niets  waard is. Daarenboven word je toch  altijd  als  vreemde  behandeld,  hoelang je hier ook al woont. Ik probeer  al een tijdje mijn identiteitskaart te  vernieuwen, maar stoot iedere keer  op  een  hindernis.  Ook  over  de  documenten  van  mijn  man  doen  ze  steeds weer moeilijk. Het lijkt alsof  je  al  het  mogelijke  doet  om  ergens  legaal te verblijven, maar de andere  partij  probeert  het  je  zo  moeilijk  mogelijk te maken. Ik woon hier al  tien  jaar,  maar  ben  nog  altijd  niet  welkom.  Neen,  geef  me  dan  maar  mijn thuisland, waar ze me wel liever rijk dan kwijt zijn.”

Céline Vincent

ADVERTENTIE

Sociale Verhuurkantoren (SVK)

Verhuur uw woning zonder risico en zonder zorgen

a Gegarandeerde huur elke maand a Verzekerd verhuurbeheer a

Onderhoud van uw woning

a Hulp bij renovatie a Fiscale voordelen

www.fedsvk.be 02 412 72 44

en  dan  mag  al  eens  wat  meer.  U  kunt  het  thuis  zelf  proberen  te  maken.  Daarvoor  hoeft  u  geen  rauwe  room  te  gebruiken,  want  door  het  proces  wordt  de  melk  hoe  dan  ook  gepasteuriseerd.  De  meeste  room  in  de  handel  is  wel  gehomogeniseerd.  Rauwe  melk  (en  room)  bevat  vetdruppeltjes  van  verschillende  grootte,  daarom  scheidt  de  room  van  de  ondermelk.  Om  iedereen  hetzelfde  te  geven,  gaat  men  homogeniseren.  Men  perst  de  melk  onder  druk  door  een  klein  gaatje  tegen  een  plaat.  Als  gevolg  spatten  de  grote  vetogen  uiteen  tot  piepkleine  die  in  de  melk  in  suspensie  blijven,  dat  heet  dan  ‘volle’  melk.  Maar  ook  de  room  wordt  gehomogeniseerd,  want  ook daar zou een scheiding kunnen optreden tussen  grote en kleine vetdruppels. Eenmaal gehomogeniseerd zijn ze allemaal even dik. Specialisten zeggen  mij  dat  c  lotted cream  van  niet  gehomogeniseerde  BRUSSEL EN DE WERELD melk beter is, maar goed, dat kan de pret niet drukCULINAIR ONTDEKT ken. U schenkt de room in een zo breed mogelijke  schaal en zet die bijvoorbeeld in een koele oven bij  net 90 graden of zo, laat de ovendeur op een kier en  geniet  gedurende  twee  uur  van  de  geur  die  in  het  huis hangt. In een  bain marie moet het ook lukken,  en  om  de  room  zeker  niet  te  heet  te  laten  worden  (81° zou ideaal zijn) kan het ook op een schaalverwarmer met theelichtjes. Waar  komt  de  traditie  vandaan?  Volgens  bepaalde  auteurs  zou   clotted cream  in  het  westen  van  Engeland  zijn  binnengebracht  door  de  Feniciërs.  Vanuit  het Midden-Oosten reisden die duizenden jaren geleden  al  per  schip  naar  Engeland,  lang  voor  Julius  Room heeft veel toepassingen in de keuken, Caesar, om in Cornwall tin te kopen van de plaatsemaar waarom niet eens voor ‘extreme cream’ lijke bevolking. Er was dus een handelsroute tussen  gaan? de Levant en Engeland. Vergeet niet dat de Britten er  heilig van overtuigd zijn dat Jesus Christus himself  Nieuwsgierig  geworden  door  al  die  room  vorige  ooit  voet  aan  wal  heeft  gezet  in  Cornwall  of  Somweek,  kreeg  ik  trek  om  wat  extra  te  experimente- merset  (“ And did those feet, in ancient time walk ren. In Engeland had ik geproefd van  clotted cream,  upon England’s mountains green” zingen ze voor de  extra ingedikte room die in het westen van dat land  voetbalmatch).  Jozef  van  Arimathea  zou  dan  weer  een specialiteit is. In Cornwall en Devonshire vech- de  heilige  graal  begraven  hebben  in  Glastonbury.  ten ze bijna om de titel voor wie de beste  clotted (of  c  louted )  cream maakt.  Ondanks heel wat toepassingen in de keuken hoort  c  lotted cream vooral bij de  tea time in de namiddag.  Dan  wordt  uit  het  mooiste  servies  thee  geschonken, met  scones of  shortbreads, een pot zelfgemaakte  confi tuur  (om  Engels  conformistisch  te  blijven,  liefst  van  aardbeien)  en  een  royale  schaal   clotted cream.   Scones  (het  woord  zou  komen  van  ons  “schoon”, in de betekenis van feestelijk wit brood)  zijn cakejes die oorspronkelijk werden gebakken op  een  ijzer  in  de  haard.  S   hortbreads  zijn  soldaatjes  van zanddeeg met veel boter in verwerkt, op smaak  gebracht met een beetje zout. Of er nu eerst room  op  de   scone  moet  en  dan  confi tuur,  of  omgekeerd  ,is een bron van regionale controverse. In Cornwall  nemen ze eerst jam, in Devon eerst room. Waarop  de  Cornish  spottend  repliceren  dat  de  Devonians  hun  room  proberen  te  verstoppen  omdat  die  niet  goed  genoeg  is.  De  waarheid  ligt  uiteraard  in  de  Die handelaars zouden de truc met de room hebben  proef.  Een  gelegenheid  als  een  ander  om  nog  een  meegedeeld aan de plaatselijke herders, want in het  extra  scone te nemen en vol room te storten. Alvast  huidige Libanon eet men ook  clotted cream.  één experte wist te melden dat er meer room op een  Alleen heet het daar anders;  qashtah in Libanon of  s  cone kan als men die als eerste op het gebakje aan-  qishtah in Syrië. Men kent het product tot in Afgabrengt. Ook een argument. nistan en Pakistan. In Turkije heet de  clotted cream  Clotted cream is dus helemaal geen slagroom, het  k   aymak,  en  zo  zijn  we  eindelijk  in  Brussel  aanbeis  een  stevige  geconcentreerde  room  die  is  uitge- land.  Want  hoewel  ik  hier  nog  nooit  Britse   clotted dampt. Traditioneel liet men de melk vierentwintig  cream  heb  gekocht  (wat  nochtans  mogelijk  moet  uur staan vooraleer die van de ondermelk te schep- zijn), staan er bij de Turk om de hoek zomaar pakjes    aymak in de koeling. Deze  kaymak op de foto wordt  pen. Dan werd ze au bain marie verwarmd tot net  k   ahmerzeugenis  genoemd  en  blijkt  na  niet-kooktemperatuur en gedurende minstens twee  in  het  Duits  R à drie uur ingedikt, zonder koken en zonder roeren.  proeven  maar  een  fl auwe  industriële  afspiegeling  Laten afkoelen op een frisse plek. Het resultaat is  van het echte ding. Bovendien beweert de fabrikant  als het ware gelaagd en door het lange verhitten is  (in Denemarken) dat er ‘maar’ 20 procent vet in zit.  er een maillard-reactie opgetreden. De room is niet  Zelf maken is zonder enige twijfel beter. Smakelijk. meer  wit,  maar  ivoorkleurig.  Het  vetgehalte  stijgt  tot een verbazende 63 procent. Daarmee vergeleken  nick.trachet@bdw.be kan  je  slagroom,  met  doorgaans  30  à  35  procent  vetgehalte,   light  noemen  –  de  rest  van  slagroom  De hele reeks nalezen? is water en lucht. Maar het gaat hier om genieten,  www.brusselnieuws.be/trachet

Nick Trachet Clotted cream

“Clotted cream is geen slagroom, maar een stevige geconcentreerde room die is uitgedampt. Traditioneel liet men de melk 24 uur staan voor men ze van de ondermelk schepte”


BDW 1405 PAGINA 20 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

Samenleving > Citizenne wint Prijs Vlaamse Gemeenschap voor Sociaal-Cultureel Volwassenwerk

‘Leren mag ook plezant zijn’ © SASKIA VANDERSTICHELE

BRUSSEL – Vormingplus Citizenne heeft zonet de Prijs van de Vlaamse Gemeenschap voor Sociaal-Cultureel Volwassenwerk binnengerijfd. De jury prijst Citizennes dynamiek, betrokkenheid en integratie in een stad die sociaal, cultureel, etnisch en linguïstisch zo divers is. “Educatie is niet het opvullen van een emmer, maar het aanwakkeren van een vuur.”

C

An Macharis (links) en Benedicte Serroen van Citizenne: “We vertrekken vanuit de sterktes van de mensen.”

educatie. Sommige mensen geraken makkelijk aan vorming: via het werk, avondonderwijs of in een gemeenschapscentrum. Wij doen extra moeite om ook mensen te betrekken die daar minder makkelijk toegang toe hebben, omwille van armoede, socio-culturele achterstelling, migratieachtergrond...” Citizenne gebruikt de stad als inspiratiebron en wil inspelen op de stedelijke realiteit. Logisch dus dat de vzw in 2014 deelneemt aan de Zinneke Parade. Om te brainstormen rond het thema Bekoring/Tentation staat nu reeds

Empowerment ‘Education is the most powerful weapon to change the world’ (Nelson Mandela) was de eerste slagzin van Citizenne. Daar is intussen deze bijgekomen: ‘Education is not the filling of a pail but the lightning of a fire’ (educatie is niet het opvullen van een emmer, maar het aanwakkeren van een vuur). “Wat wil zeggen dat we de goesting van de mensen aanwakkeren, dat we ingaan op hun sterktes en potentieel, want wij geloven in het potentieel van Brussel en haar inwoners,” zegt Macharis. “Empowerment staat bij ons centraal.” Alle inwoners van de stad komen in aanmerking voor een vorming bij Citizenne, al heeft de vzw extra aandacht voor mensen die een vormingsdrempel ervaren. “We leven in een duale maatschappij, ook wat betreft vorming en

mige voorbijgangers om een volgende trein te nemen om toch even deel te nemen”.

een groot bord voor de MicroMarché (ook de thuisbasis van Citizenne) waar mensen hun visie op het thema uit de doeken kunnen doen. Tegenover de MicroMarché, op de Pantsertroepensquare (waar nu het reuzenrad van de Kerstmarkt staat), stond een jaar of twee geleden een reuzenschommel. Die maakte deel uit van het project CLIP (City Life Imagine Play) die speelruimte voor volwassenen creëert om de rush van elke dag te doorbreken. Er was ook tai chi in het Centraal Station, “zowat de drukste plek van België, en toch besloten som-

‘L’union fait la force’

© SASKIA VANDERSTICHELE

itizenne is in 2003 ontstaan als een van de dertien niet-formele vormingscentra voor volwassenen van Vormingplus in Vlaanderen, maar al snel bleek dat woord, Vormingplus, onbruikbaar in Brussel. Niet uit te spreken voor anderstaligen, mensen konden het niet onthouden, vorming met of zonder s? Daarop kwam de Brusselse werking met een handige bijnaam: Citizenne, drie vliegen in één klap. “Het woord omvat city, de stad, en Zenne, maar ook citizen, citizenship, wat staat voor citoyenneté of burgerschap, en burgerschap is een aspect waar we aan willen werken in het Brusselse stadsweefsel,” zegt An Macharis, coördinator van Citizenne. “We willen aan de slag met de dromen en de ambities van de Brusselaars. Waar zijn ze mee bezig? Hoe kunnen we ze de tools aanreiken om die dromen en ambities te verwezenlijken?” voegt educatief medewerker Benedicte Serroen toe. Vormingplus Citizenne is geen klassiek vormingscentrum. De vzw vertrekt integendeel vanuit de noden en aspiraties van de Brusselaars en tracht daarop in te spelen. Die nabijheid en betrokkenheid bij de bevolking was voor de jury een van de doorslaggevende punten bij het uitreiken van de prijs. “Betuttelen en dingen opleggen is niets voor ons,” zegt Serroen. “Het is hier geen éénrichtingsverkeer. Wij hebben geen eindtermen noch diploma’s, leren moet bij ons plezant zijn, maar dat wil niet zeggen dat onze vormingen vrijblijvend zijn.” “Het onderwijs is gericht op het aanvullen van leemtes. Wij werken andersom: we vertrekken vanuit de sterktes van de mensen en willen op die manier de impact van de mensen op de stad vergroten,” vult Macharis aan. Met als doel van hen zelfstandige, zingevende, creatieve en sociaalvoelende volwassenen te maken die voor hun mening uitkomen en zich inzetten voor de stad.

AYAY (Act Yourself ) gebruikt de publieke ruimte als bron van inspiratie. “Mensen ergeren zich vaak om verloedering en vervuiling in hun buurt. Om op een ludieke manier deze frustraties om te zetten in constructieve acties, hebben we samen met Curieus Brussel de website www.ayay.org gecreëerd met dertig ideeën van artistieke interventies in de stad.” Op 14 december wordt die handleiding in praktijk omgezet tijdens de actie Pimp Je Buurt, van halftwee tot halfvijf bij Citizenne, Steenkoolkaai 9 te Brussel. Op 7 december nodigen Citizenne en de Indiase gemeenschap uit de buurt je uit op Relax, Bollywooddance and Play India, een avond van feest, dans en spel in het kader van Europalia India. Diezelfde dag vindt Brussel Helpt plaats bij Bronks, een FM Brussel-benefiet voor kwetsbare kinderen en jongeren. Citizenne zal er originele Kerstversiering gemaakt uit mosgraffiti (zie foto) verkopen om geld in te zamelen. En als kerst op de taart trakteert Citizenne op 10 december al haar partners in de MicroMarché. “Zij hebben ons de voorbije tien jaar geholpen om te worden wie we zijn. Zonder hen zouden we die Vlaamse prijs niet gewonnen hebben.” Benjamin Tollet

Op Brussel Helpt verkoopt Citizenne kerstversiering in de vorm van mosgraffiti.

Meer info op www.citizenne.be


BDW 1405 PAGINA 21 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

Artists in residence Bob Dylan in Brussel

‘Brussels’ rijmt al lang op ‘muscles’ Dylan heeft niet veel nummers geschreven die over Europa gaan, maar in When I Paint My Masterpiece (in lichtjes verschillende versies verschenen op de lp’s Cahoots van The Band en More Greatest Hits van Bob Dylan, beiden uit 1971) wijdt hij twee coupletten aan Rome, en eentje aan onze stad: ‘I left Rome and landed in Brussels / On a plane ride so bumpy that I almost cried / Clergymen in uniform and young girls pullin’ muscles / Everyone was there to greet me when I stepped inside / Newspapermen eating candy / Had to be held down by big police / Someday, everything is gonna be diff’rent / When I paint my masterpiece.’

© VINCENT VANDERVEKEN. HTTP://BRUSSELSPICTURES.COM

BRUSSEL - In deze nieuwe rubriek gaan we op zoek naar wat internationale kunstenaars hebben met steden. Er hoeft daarbij geen directe link te zijn met onze stad, maar voor de eerste aflevering blijven we toch nog even in Brussel, om Bob Dylan te verwelkomen.

Lang voor Jean-Claude Van Damme kwam Bob Dylan er bij het schrijven van ‘When I Paint My Masterpiece’ achter dat ‘Brussels’ weinig andere rijmwoorden biedt dan ‘muscles’.

Schilder Omdat Dylan tot nader order kandidaat is voor de Nobelprijs literatuur, mogen we deze tekst volop interpreteren. Eerst nog een woordje over Rome, dat door Dylan lijkt te worden afgedaan als een stad waar de antieke rommel hem naar zijn hotelkamer jaagt, waar hij een afspraak heeft met de nicht van (renaissanceschilder) Botticelli. Ook de uren die hij in het Xp@Ad 125x178:Layout 1

11/13/13

Colosseum doorbrengt, zullen er niet voor zorgen dat dat meesterwerk dat hij zelf wil schilderen er de avond zelf nog van zal komen. We nemen dan even aan dat Dylan zichzelf hier in overdrachtelijke zin als schilder in plaats van als songschrijver neerzet. Waarom trekt de kunstenaar nadien dan naar

5:33 PM

Brussel? Was dit ooit een reëel traject tijdens een tour van Dylan? In ieder geval ijkt het uitgesloten dat hij zocht naar de naam van een stad die kon rijmen op ‘young girls pullin’ muscles’. Nee, eerst was er ‘Brussels’, en toen kwam Dylan er lang voor Jean-Claude Van Damme achter dat Brussels weinig andere

rijmwoorden biedt dan ‘muscles’. ‘Mussels’ had misschien ook nog gekund, maar niet in een context met jonge meisjes. Zij rekken dus de spieren, om zich staande te houden tussen de pastoors (?!) en de journalisten die Dylan staat op te wachten, vermoedelijk in het luchthavengebouw.

Luidruchtig publiek Is Dylan dan in Brussel geweest rond 1970? Tegenwoordig is hij hier elk jaar, maar toen zat hij midden in de periode van acht jaar na zijn motorongeval in 1966 dat hij niét getoerd heeft. Er valt dus wel iets te zeggen voor de stelling dat Dylan Rome en Brussel naast elkaar plaatste als de oude en de nieuwe hoofdstad van het oude continent - dat hij in de brug tussen de coupletten dan weer afzet tegen ‘zijn’ Amerika: ‘Oh, to be back in the land of Coca-Cola!’ En hoewel ‘land van Coca-Cola’ slechts op een ironische manier positief klinkt, moet de conclusie toch zijn dat Europa Dylan misschien wel uitnodigt tot het maken van een meesterwerk, maar hem toch niet de juiste voorwaarden biedt. Draagt Rome nog wat sporen van een rijk artistiek verleden, dan is Brussel hier niet meer dan een inwisselbare grootstad, een anonieme stop op een neverending tour, met een luchthaven en een luidruchtig publiek. Michaël Bellon

Page 1 ADVERTENTIE

Broodje Brussel

Culturele middagpauzes in het Museum voor het Kostuum en de Kant

SEVENTIES, ELK Z’N STIJL 10 en 12 december 2013 om 12.30u De rondleiding is gratis! Toegang museum: € 4 Museum voor het Kostuum en de Kant, Violetstraat 12 - 1000 Brussel Info: 02 213 44 50 www.museumvoorhetkostuumendekant.be


BDW 1405 PAGINA 22 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

JEUGDHUIS CHICAGO MAAKT KALENDER MET BUURTBEWONERS

Jong van lichaam en/of geest BRUSSEL – In november liep in Brussel het Festival van de Gelijke Kansen. Dat draaide dit jaar rond ‘Respect voor jong & oud’. Voor jeugdhuis Chicago het ideale moment om piepkuikens en oude vossen uit de buurt (nog) dichter bij elkaar te brengen. Want kloppen de stereotypen wel? Zijn ouderen bang van luidruchtige tieners op straat? Kijken jongeren naar ouderen als een mopperende en overdraagzame soort? De fotokalender voor 2014 die ze samen maakten, bewijst het tegendeel. Wie graag zo’n kalender wil, moet snel zijn. Hij is niet te koop. Maar wie eens langsloopt bij Chicago (Vaartstraat 47 1000 Brussel), krijgt een exemplaar mee. Mailen kan ook, naar chicago@chicago.be. KV FOTO’S: Nicolas Bedoya. DEELNEMERS: Cynthia, Dominique, Lukas, Denise, Walter, Jili, Pepi, Lahcen, Nisrine, Imad, Rachelle, Marie-Thérèse, Oumaïma, Zakaria, Ayoub, Ali, Marcel, Paul, Yvan, Joséphine, Marie, Céline, Miet, Hakim, Yassin, Pablo, Raïssa, Amel et Ahmed.


BDW 1405 PAGINA 23 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013


BDW 1405 PAGINA 24 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

Little Jimmy poseert op de plaats waar ooit zijn restaurant gevestigd was: “Mijn madame van toen, Grazina, kon koken als een engel. Lamsvlees op de grill, gemarineerd in yoghurt: heerlijk.”

DON CROISSANT AKA LITTLE JIMMY: EEN LEVEN VOOR EN DOOR MUZIEK

‘Ik vind mijn eigen toch altijd den beste’ BRUSSEL – Dezer dagen brengt hij blues als Don Croissant. Maar op zijn identiteitskaart staat Marcel Claeys. En voor de vrienden is hij Jimmy. Ooit was het Little Jimmy, maar als er al 69 jaar op de teller staan, mag die Little er gerust af. Little Jimmy die in 1966 in het vroegere Sportpaleis van Schaarbeek, de Velodroom in de volksmond, met zijn Sharks het voorprogramma van The Rolling Stones mocht verzorgen. “Maar ik vind mijn eigen toch nog altijd den beste.”

L

edeberg, Gent. Daar stond zijn wieg. Daar heeft Jimmy ook de muziek ontdekt. Door zijn familie, zijn oom die harmonica en accordeon speelde. Maar vooral door de jukebox, toentertijd zowat de enige manier om de ‘nieuwe muziek’ te ontdekken, die over de plas werd gemaakt. Voor Jimmy vooral de ‘zwarte muziek’. “Met vader en moeder op café. Het was 1956, Sam Cooke kwam uit de jukebox, Chuck Berry, Fats Domino, Little Richard. Zo heb ik die prachtige muziek

leren kennen, muziek waarop de goegemeente neerkeek. Op de radio moesten we niet rekenen, op de televisie ook al niet. Harmonica spelen, daar was ik vlug mee weg. Dank zij mijn oom die muzikant was. Trompet eveneens, de cornet à pistons, drie pistons. Ik was nog geen echte puber toen ik al met de Harmonie Sint-Cecilia van Ledeberg mocht meespelen. Een valse noot was nooit ver weg. Toch heeft die tijd echt wel sporen nagelaten.” “Bij de harmonie heb ik ook mijn eerste groep-

je opgericht, The Teenagers. We waren met een aantal jonge gasten, maar we moesten er ook een aantal muzikanten van in de vijftig bij betrekken, kwestie van met genoeg te zijn om een beetje te kunnen optreden in jeugdclubs. Tot ik de gitaar ontdekte, door een collega van mijn vader. Ik heb zelfs zijn gitaar mogen lenen, een soort van Django Reinhardt-model. Dat was het begin.”

Bon Marché Muziek, allemaal goed en wel, maar er moest ook naar school gegaan worden. En dat was niet echt een succesverhaal. “Het college, dat is slecht afgelopen. Nog geen zeventien en ik stond al in Amsterdam. Om decoratie te studeren. Waarom Amsterdam? Omdat het daar als brainwashing was. Het draaide enkel om decoratie, een ander vak hadden we niet. Mijn ouders vonden het wel tof dat ik ervoor koos, dat ik buiten de lijntjes kleurde. Ze vonden het

© MARC GYSENS

Little Jimmy and the Sharks De groep Jimmy and the Sharks zag het levenslicht in Blankenberge. “Ik had daar een contract voor de zomer, zeven dagen op zeven, twee keer per dag, als Little Jimmy en The Robots. In The Continental, een prachtig hotel in Moorse stijl, dat helaas later is afgebrand. De Engelse meiskes gaven van jetje op onze muziek: met hun hoge hakken stampten ze het parket lichtjes naar de verdoemenis. De baas zijn naam ken ik niet meer - zei me na een paar dagen: ‘Jimmy, het is de laatste keer dat je hier speelt. Zo gaat dat niet hé, gans mijn club naar de kloten helpen, diene planché vol putten. Ge moet veranderen van muziek, in plaats van rock te spelen, moet ge luisteren naar de jukebox.’ Ik antwoordde: “Dat interesseert me niet!’”

progressief en goed. Het was een wilde tijd.” “Ik heb daarop ook een tijd gewerkt als etala-


BDW 1405 PAGINA 25 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

“Brussel in de jaren 1980 was niet het grote feest. Maar het had iets, het was ruw, niet afgelikt. Een vuile cowboystad”

zes maanden mijn vooropzeg, kreeg. Het gaf me echter ook de gelegenheid Brussel te leren kennen. Schone dingen tegenkomen, waarvan je het bestaan niet zou vermoed hebben. Brussel, waar ik in de jaren 1980 uiteindelijk zou komen wonen. Voor mij straalde dat iets uit. Al van in de jaren 1960, toen het eigenlijk nog maar een veredeld dorp was. Die tweetaligheid, die louche cafés die heel erg aanwezig waren. Er was verval. Maar toch, het had iets voor mij. Je kon er dingen vinden die je in Gent niet vond. En wat de Brusselaar toen had en nog steeds heeft: het zijn zwanzers, hé.” Little Jimmy and the Robots werd al snel Little Jimmy and the Sharks. “De dijk van Blankenberge was toen één grote feesttent. Met allemaal etablissementen waar een orkest speelde. In de Kerkstraat speelde een ander rock-’n-rollensemble, The Sharks. Indonesiërs. Het klikte. Zo zijn Little Jimmy and the Sharks’ ontstaan. Een jaar of vijf hebben we samengespeeld. Drie Indonesiërs, één Surinamer en ik. Twee gitaren, Hammondorgel, drums en bas. Rythm’ en Bleus wat eigenlijk altijd mijn ding is geweest. Het is razendsnel gegaan, van bij het begin, ik had het zelf niet kunnen dromen. Een verhaal van bijna een halve eeuw leven voor muziek. Met vallen en opstaan. Hoogtes en laagtes, zoveel als je wil. Je kan iets, je waagt je aan iets, maar dat wil niet zeggen dat het ook steeds raak is. Als je

3 VRAGEN AAN FORSITI’A

daar niet kan mee leven, dan moet je er niet aan beginnen. Muziek is gewoon mijn leven.”

Grazina’s Grill

© FORSITI’A

gemaker, om mijn vader een plezier te doen. In de Bon Marché, hier in de Nieuwstraat. Toentertijd, samen met de Innovation, gekend van de prachtige etalages. Ik mocht de poppen aanbrengen, dat was het zowat. Muziek spelen is één ding, maar je moest ook een job hebben. Maar ga maar eens een keer slapen om vijf uur in de ochtend na een optreden om dan enkele uren later naar Brussel te sporen om fris en monter op het werk te verschijnen. Om acht uur! Te laat komen was schering en inslag. Tot twee uur toe. Blij dat ik was toen ik na

Muziek én leven. Trouwen, kinderen krijgen. Een restaurant openen. In de Rue des Dominicains, het Ilôt Sacré. “Ik had een tijd in de States gezeten, maar het lukte daar niet muzikaal. Ze hebben daar alles in vijftigvoud, dus ook muzikaal talent. Het was er me tegelijkertijd ook te banaal en zakelijk. Bij mijn terugkeer ben ik, mede op aansporen van mijn madame, in Brussel terechtgekomen. Ik heb in Sint-Joost gezeten, Molenbeek, Schaarbeek, de Vijfhoek. Brussel in de jaren 1980 was niet het grote feest. Maar het had iets, het was ruw, niet afgelikt. Een vuile cowboystad. Er waren geen echte zalen, het was allemaal een beetje basic, maar ik voelde me goed. Dus ben ik maar gebleven. Ik had een paar vaste stekken, onder meer de Club des Aigles op het Martelarenplein, dé rockclub van Brussel, waar nu de Vlaamse Gemeenschap zit. Uitgebaat door Pierre Rock’n’Roll. Pierrot voor de vrienden. Een Franstalige van Helmet, maar die was totaal Anglosaksisch qua muziek. Rock, blues, rithm’ and blues. Een prachtig publiek ook. Niks blasé, één noot en ze lagen op de grond te krawiekelen. Die gingen daar direct voor wat het ook was. Hoewel de meesten geen woord Engels verstonden. Helemaal anders dan Gent, waar ze zich niet zo makkelijk lieten gaan.” “Ik had ondertussen ook kinderen gekregen. Maar kinderen hebben en ze niet zien, dat werkt niet. Ik kwam om 5 uur ’s nachts thuis van een optreden. Wanneer ze naar school vertrokken, lag ik nog in mijn nest, wanneer ze weer thuiskwamen was ik alweer weg. Dat kon zo niet verder. Dus heb ik een en ander afgebouwd. En kwam ik op het lumineuze idee om een restaurant te openen.” “Mijn madame van toen, Grazina, de moeder van mijn kinderen die helaas jong is overleden, kon koken als een engel. Lamsvlees op de grill, gemarineerd in yoghurt, heerlijk. Maar geen kat kwam erop af. Wat wil je, de concurrentie was er te groot. Op zekere dag kam de drijvende kracht achter Mallemunt binnengewaaid. ‘Mallemunt is bezig, kom toch spelen,’ zei hij. Samen met Jean Blaute, Roland van Campenhout, Stoy Stoffelen. Ik heb mijn wit schortje afgedaan en de deur gesloten. Prachtig optreden, maar het was gedaan met het restaurant.”

Isabelle Lentz, Timothée Baminla Lambony en Jenny Schoonyans van Forsiti’A.

‘Met een bonte mix op het podium’ BRUSSEL – Laplan, het sociaal-artistiek project van GC De Markten, en Hobo, het dagcentrum voor thuislozen, zetten hun samenwerking in de verf met de oprichting van een echt amateurtheatergezelschap. Forsiti’A bundelt stadsbewoners met een heel verschillende achtergrond. Vlak voor Kerstmis gaat Medea, hun eerste voorstelling, in première. Wat betekent het voor u persoonlijk om mee te spelen in Medea? Isabelle Lentz: “Ik vind het heerlijk. Theater is altijd mijn passie geweest. Ik hou van de directe interactie met het publiek, en zelfs van de stress die erbij komt kijken. Die stoort me veel minder dan de stress in het dagelijkse leven. Bovendien raakt het stuk me ook persoonlijk erg diep. Eigenlijk vertelt het een beetje het verhaal van mijn leven. In herken het leed van Medea en Kalliope, de twee rollen die ik speel. Die laatste heeft haar zoon verloren. Ik verwerk op dit moment ook een breuk met mijn zoon, die ik heel erg mis. Op de scène staan helpt me om daarmee om te gaan.”

Karel Van der Auwera

De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/ingesprekmet

Little Jimmy, een verhaal van bijna een halve eeuw leven voor muziek. Met vallen en opstaan.

Wat spreekt u het meest aan in Forsiti’A? Jenny Schoonyans: “Het sociale. Ik ontmoet graag mensen uit verschillende werelden, zowel mannen als vrouwen, werkende mensen en sans-papiers,… Voor mij is elke zaterdag, wanneer we repeteren, het moment om het eens over andere dingen te hebben dan het werk. Zelf ben ik een open boek, maar ik help ook anderen graag hun timiditeit te overwinnen, want mensen kunnen hier dingen vertellen die ze nergens anders kwijt kunnen. Ook buitenlanders zonder papieren hoeven zich bij ons niet te generen. Iedereen is welkom.” Tom Peeters Medea/Médée (tweetalige voorstelling, € 6/8) door Forsiti’A in De Markten, Oude Graanmarkt 5, Brussel op 20-21/12 (20.00) en 22/12 (15.00). Reservaties via 02-512.34.35, demarkten@demarkten. be, www.demarkten.be

De bibliotheek van Schaarbeek werkt met een nieuw uitleensysteem. De lezer kan nu alle formaliteiten zelf afhandelen, terwijl de bibmedewerkers meer tijd hebben om de bezoekers inhoudelijk bij te staan. Een jaar geleden startten de voorbereidingen al met de aankoop van de nieuwe apparatuur, waaronder de zelfuitleenbalie, de intelligente innamekasten en de betaalautomaat. n In 2013 werd de nieuwe vzw Jeugdhuizen Ondersteuning Brussel boven de doopvont gehouden. Afgelopen vrijdag wijdden zij hun nieuwe, centrale locatie in hartje Brussel, op gepaste wijze in. Naast het ondersteunen van de zeven bestaande Brusselse jeugdhuizen wil JHOB vzw het ontstaan van nieuwe jeugdhuizen in het Brusselse aanmoedigen en ondersteunen. n De twaalf finalisten van de verkiezing van de Beste Bibliotheek van Vlaanderen en Brussel 2014 zijn bekend. Voor het Brussels Hoofdstedelijk Gewest werden de bibliotheken van Ukkel en Vorst genomineerd. In totaal werden er 11.900 geldige stemmen uitgebracht op de website van het vakblad Bibliotheekblad. De twaalf genomineerde bibliotheken krijgen binnenkort bezoek van mystery guests. Op 4 april 2014 wordt de winnaar bekend gemaakt. n Op zondag 8 december organiseert Giebus Animatiegroep met een aantal artiesten een benefietnamiddag (15-18u) voor de Filipijnen in GC De Markten. Staan onder andere op de affiche: Laurent Dubois (moderne dans), Mister Cooper (pantomimespeler), Marc François (gitaar-mondharmonica), Shilemeza Prins (poëzie) en Marc Gaij (gitarist, zanger) en vele anderen. De presentatie en animatie wordt verzorgd door Geert Baetens. Tickets kosten 10 euro en kunnen gereserveerd worden via 02-512.34.25. KL

CULTUUR   KORT

© ROGER VAN VOOREN

Hoe verloopt het samenspel met de andere acteurs die elk hun eigen afkomst en verleden meebrengen? Timothée Baminla Lambony: “Heel goed. We staan met een twintigtal mensen op het podium, en ik vind het echt een prima mix van nationaliteiten en achter-

gronden. Zelf kwam ik twee jaar geleden in België aan, vanuit Togo. Eigenlijk ben ik plastisch kunstenaar. Maar ik ben ook altijd geïnteresseerd geweest in theater, alleen heb ik nooit de kans gekregen en de tijd gehad om die passie te ontwikkelen. In Togo was ik meer bezig met mijn schilderwerk en ook in Brussel exposeerde ik al. Maar nu ik het podium ontdekt heb, kan ik er precies niet meer mee stoppen.”


BDW 1405 PAGINA 26 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

Simon Petitjean: “Op de piste voel ik dat mijn tegenstanders me bekijken. In het veld was dat niet zo, maar dat zal wellicht veranderen.”

© MARC GYSENS

gon hij relatief laat met het opvoeren van zijn trainingen en het verbeteren van zijn omkadering, maar hij bewijst nogmaals dat je niet per se op jonge leeftijd met topsport moet beginnen om door te breken. “Mijn resultaten zijn het afgelopen jaar echt goed geworden. Ik haal mijn concurrenten in. Jongens die mij bij de miniemen nog gemakkelijk achterlieten, moeten mij nu naast hen dulden. Ik heb dus zeker geen spijt dat ik gekozen heb om wat later met de gedreven trainingen te starten.” De resultaten tijdens de Crosscup van vorig seizoen spreken voor zich: in Mol werd hij 21ste, in Brussel tiende, vervolgens zevende in Hannuit en vijfde in Dour. En toen volgde het Belgisch kampioenschap in Oostende. “Dat was de beste wedstrijd uit mijn jonge crosscarrière. Vijfhonderd meter voor de eindstreep was ik nog zesde, maar door te blijven doorzetten heb ik alsnog het brons gehaald. Mijn discipline en mentale sterkte zijn mijn grootste troeven. Ik geef nooit af.” “Op de piste ben ik Franstalig kampioen op de 1.500 meter en op nationaal vlak tweede op diezelfde afstand. Maar die bronzen medaille in het veld was nog mooier omdat ik daar niet verwacht werd. Op de piste voel ik dat mijn tegenstanders me bekijken: ze zien hoe ik me opwarm, wat ik doe tijdens de wedstrijd. In het veld was dat niet zo, maar dat zal wellicht veranderen. Ik ga alvast blijven doen wat ik doe. Door de betere resultaten heb je ook wat meer druk om te presteren en dat moet je leren beheren. Volgens mij komt dat vooral met ervaring.”

Gevecht tegen de natuur

Cross > Simon Petitjean wil komende maanden vervolg breien aan droomjaar

‘Ik geef nooit op’ ben nu overgeschakeld op zes trainingen. Dat gaat van twee pistetrainingen, een uithoudingstraining waarvoor ik een uur en twintig minuten loop tot een explosieve inspanningsloop van twintig minuten. Fitnesstrainingen behoren momenteel niet tot mijn programma. Je kunt dat overwegen om de kwaliteit van je spieren te verbeteren, maar mijn trainer zegt dat het beter is om een extra loop in te lassen dan naar de gym te trekken. Je leert beter te lopen door meer te lopen.”

“Ik heb altijd al een voorkeur gehad voor de langere loopnummers,” vertelt Petitjean. “Toen ik als negenjarige bij Excelsior begon, heb ik zoals iedereen verschillende disciplines uitgeprobeerd. De passage van miniemen naar cadetten was een grote stap: andere trainers, een nieuwe structuur en een strakkere aanpak. Het is op dat moment dat ik meer naar de langere afstanden ben beginnen te neigen.” Het spelen maakte plaats voor meer intensieve en gerichte trainingen, maar het bleef nog steeds beperkt tot een paar afspraken per week. Twee jaar geleden begonnen de serieuzere zaken echt voor Petitjean. De trainingsintensiteit werd gevoelig verhoogd en hij kwam onder de hoede van trainer Dirk Vanderherten, die onder meer deelnam aan de Olympische Spelen van 1988 op de marathon. “Sindsdien heb ik voluit gekozen voor de middellange afstand: dat gaat van 800 tot 5.000 meter op de piste en in de winter wordt er gecrost.” “Vorig jaar trainde ik vijf keer per week en ik

Steeds meer blikken

BDWSPORT

BRUSSEL – Je moet niet op zeer jonge leeftijd met topsport beginnen om te slagen als sporter. Dat bewijst Simon Petitjean (17). De Brusselse loper is nog maar twee jaar echt voluit met zijn sport bezig en plukte daar het afgelopen jaar de vruchten van. Het leverde hem onder meer een bronzen medaille op het Belgisch crosskampioenschap en een ‘deelname’ aan de Memorial Van Damme op.

De agenda van Petitjean is altijd goed gevuld. Hij heeft zijn schoolverplichtingen en traint ook heel het jaar door. Het pisteseizoen loopt van april tot november en tijdens de overige maanden trekt hij het veld in. Gelukkig is sport en studies combineren geen probleem voor de Brusselaar. “Het gaat vrij vlot op school, dus ik kan het leren indien nodig wel wat inkorten om te gaan lopen. Ik ben van plan om na het secundair door te blijven studeren. Hoe ik het sporten met studeren zal combineren, weet ik nog niet. Maar ik denk wel dat ik de voorrang zal geven aan mijn studies. Het is zeer moeilijk om van deze sport te leven. Daarbij, het is nu ook niet zo dat ik binnenkort wereldkampioen zal worden.” De internationale top is inderdaad nog te hoog gegrepen voor de jonge Brusselaar. Maar op nationaal niveau laat hij zich steeds meer gelden. In vergelijking met zijn concurrenten be-

WAAR LOOPT SIMON PETITJEAN? De jonge Brusselaar is een harde werker die wekelijks urenlang loopt. Heel wat paadjes hebben dan ook geen geheimen meer voor hem. Het park van Laken kent hij van binnen en van buiten want hij woont er amper een kilometer vanaf. Hij vindt het wat te klein om er een vaste trainingsplek van te maken. Welke plekken raadt hij dan wel aan? •

•

•

Het Laarbeekbos: het grootste bosgebied in het noorden van Brussel. Een prachtige plek om rustig te lopen, vlakbij de snelweg. Het Tangebeekbos: een voormalig parkbos dat voornamelijk in Vilvoorde ligt, met heel wat mooie holle wegen. Het Zoniënwoud (en dan vooral de kant van Tervuren): een groot en rijk gebied dat zich uitstekend leent tot lange looptochten.

De uitstekende prestaties leverden Petitjean in september een onvergetelijke ervaring op. Hij mocht namelijk samen met de beste scholieren deelnemen aan het voorprogramma van de Memorial Van Damme. “Dat was ongelooflijk. Het stadion is dan nog niet zo vol, maar toch. De wedstrijd is een monument en vindt plaats in ‘mijn’ stadion, waar ik elke week train. Ik ben er heel wat toppers tegengekomen op het opwarmingsveld en kreeg dezelfde faciliteiten als hen. Ik moet toegeven dat ik wel wat nerveus was. Maar het was echt super.” Petitjean moet dit seizoen optornen tegen grotere en sterkere lopers. Hij is overgeschakeld naar de juniorencategorie, maar dat heeft weinig invloed op zijn ambitie. De Brusselaar wil steeds zo dicht mogelijk bij de eerste plaats eindigen, zowel in het veld als op de piste. “Eigenlijk dienen de crossen om je voor te bereiden op het pisteseizoen, maar ze zijn voor

“Ik haal mijn concurrenten in. Jongens die mij bij de miniemen achterlieten, moeten mij nu naast hen dulden” mij toch een doel op zich. Ik vind het echt wel iets hebben. Je vecht niet alleen tegen je tegenstanders, maar ook tegen jezelf en de natuur.” “Ik presteer nu al een jaar beter dan ik had verwacht, eigenlijk. Ik behoor ondertussen bij de besten in mijn leeftijdscategorie. Op deze weg wil ik voort blijven gaan. Of dat zal lukken in combinatie met mijn hogere studies, weet ik niet. Maar dat zien we later wel. Ik wil niet te ver vooruit kijken.” Tim Schoonjans


@X14Santo Starting the indoor season tomorrow with the well known friendly tournament in Sint Job in ‘t Goor! @WhiteStarMess1 #whitehockey #giddyUp

© MARC GYSENS

Onze hockeyspelers verlaten de komende maanden de natte, koude buitenvelden om de zaal in te trekken. En dat is duidelijk naar de zin van Xavier Santolaria, hockeycoach bij Royal Evere White Star Hockey Club en assistent-coach van onze nationale indoor damesploeg. De dames beginnen hun indoorseizoen op 7 december, de mannen een dagje later. Om te weten waar en wanneer u een van onze Brusselse (top)ploegen aan het werk kunt zien, moet u naar www.hockey.be surfen. TS

Brussels Urban Acrobatic Academy

‘Die jonge gasten hebben geen schrik’ BRUSSEL – “Neem de verschillende elementen van het turnen, schud daar eens mee en het resultaat is wat wij doen.” U leest het: de Brussels Urban Acrobatic Academy (BUAA) is een bont allegaartje aan ketjes die gedurfde stunts niet uit de weg gaan.

BUAA – WIE? Sven Germeys (35), eindverantwoordelijke: “BUAA is ontstaan uit het initiatief Tumble4Fun. Daarmee werd met de maxitrampoline en de airtrack naar Brusselse scholen getrokken om er deze sporten te beoefenen. Dat is niet zo evident door het materiaal dat ze vereisen. De club stond even op een laag pitje, maar sinds 2011 draait ze opnieuw volop. We trekken naar sportdagen en wijkfeesten om initiaties te geven, op onze Facebookpagina komt om de twee weken een filmpje waarin een lid wordt voorgesteld, etc. We staan niet stil.” “Onze oudste leden zijn momenteel prille twintigers. We zouden in de toekomst graag papa’s en mama’s aantrekken van dertig, veertig, vijftig jaar. Zij hebben nog wat drempelvrees, maar we gaan ze eens uitnodigen voor een gezamenlijke training om dat weg te werken.”

voor meer dan dat. Zo doen we bijvoorbeeld ook aan free running, onder meer in het park als het schooljaar al wat gevorderd is. In de zaal worden de verschillende elementen van turnen getraind. In het begin zijn dat de basisprincipes zoals salto’s, handenstand, etc. En dan breiden we uit. Zo gebruiken wij de brug op andere manieren. Zo snel mogelijk over één bar lopen en eraf springen met een salto bijvoorbeeld. We gaan verder dan alleen turnen.” “Er komt wel wat risico bij kijken. Daarom zorgen we dat er altijd genoeg lesgevers zijn. Sowieso is er een groep -12 en een groep +12. Die jonge gasten kennen geen schrik en weten niet allemaal welke gevolgen hun daden kunnen hebben. Daarom organiseren we dit jaar opnieuw een opleiding voor lesgevers, die op termijn ook een officieel trainersdiploma van BLOSO kunnen halen.”

BUAA – WAAR EN WANNEER? “We trainen in de sportzalen van de Toverfluit (woensdag 16u30 – 18u30 en zaterdag 17u – 19u) en van Sint-Guido (vrijdag 17u – 19u). De leerlingen betalen 150 euro lidgeld per jaar. Daarvoor krijgen ze het hele jaar door urban acrobatic plezier, binnen een stevige structuur.” Tim Schoonjans

© SASKIA VANDERSTICHELE

BDW 1405 PAGINA 27 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013

ESTAFETTE > KEN LAMBEETS

Désiré ‘Dis’ Keteleer (1920-1970) Oktober 2010. Heel wat oud-renners waaronder Tony Gakens, Guido Van Calster en Eddy Schepers verzamelen voor de boekpresentatie van 100 jaar Cureghem Sportif: de dwangarderbeiders van de weg in het Hagelandse Korbeek-Lo. Ooit waren ze aangesloten bij de Brusselse club. Aan het einde van de jaren 1980 had Cureghem Sportif had zelfs een clublokaal in Tienen. Vandaag is het nog steeds de enige club in Brussel waarbij renners zich kunnen aansluiten. Heel wat grote renners genoten hun opleiding bij de eeuweling uit de Anderlechtse volkswijk. Een van hen is Désiré Keteleer. Désiré – Dis voor de vrienden – ziet in 1920 het levenslicht. Net voor de Tweede Wereldoorlog uitbreekt, maakt hij zijn opwachting in het peloton. Bij de juniores wordt hij meteen derde op het Belgisch Kampioenschap. Tijdens de oorlog wordt de familie Keteleer niet gespaard. “Dis’ moeder komt om tijdens het bombardement van het Rad,” vertelt Lucien Acou, de schoonvader van Eddy Merckx, in 100 jaar Cureghem Sportif. “Toen het Rad werd aangevallen door de Duitse luchtmacht, vluchtte Dis’ moeder het huis uit. Ze bedacht zich en keerde terug om geld te halen. Net toen viel er een bom op hun huis.” Keteleer zelf werkt bij een Brusselse bandenfabrikant, maar wordt profrenner in 1942. Hij wint meteen enkele koersen in eigen land. Een jaar later laat hij zijn talent zien in het klassieke werk: hij wordt derde in de Waalse Pijl. Vanaf 1945 stapelen de overwinningen en de ereplaatsen zich op. In 1946 wint hij de Waalse Pijl en later wordt hij tweede in de Ronde van Vlaanderen en in Gent-Wevelgem. Ook in rittenwedstrijden trekt Dis zijn plan. Zo wint hij etappes in de Rondes van Zwitserland, Nederland, België en Duitsland. In 1947 schrijft hij de allereerste Ronde van Romandië op zijn naam. Aan het palmares

van de zware rittenkoers in Zwitersland worden later namen als Bartali, Merckx, Zoetemelk, Hinault en recentelijk nog Wiggins en Froome toegevoegd. Naast individuele successen, kan Keteleer zich als geen ander wegcijferen voor zijn ploegmaats. En dat zijn niet de minsten. Vanaf 1949 rijdt Dis voor Bianchi, samen met driemalig Tourwinnaar Louison Bobet, Raymond Impanis en il campionissimo zelf: de grote Fausto Coppi. De orders die Keteleer bij Bianchi krijgt, zijn duidelijk: Coppi afzetten aan de voet van de laatste klim. Met succes: met Keteleer als meesterknecht wint Coppi drie keer de Ronde van Italië. In 1949 wordt de Tour de France nog in landenteams gereden. Keteleer wordt geselecteerd voor het Belgische team, samen met onder andere Briek Schotte, Stan Ockers en Rik Van Steenbergen. Etappe 15 is een 215 kilometer lange rit tussen Marseille en Cannes. Een kopgroep van acht krijgt van het peloton een vrijgeleide van meer dan twaalf minuten. De winnaar zit vooraan. Op de brede boulevard in Cannes zet Keteleer zich van ver op kop. Hij trekt en sleurt als een bezetene aan zijn stuur, zijn sterke benen maalt hij zo snel als hij kan rond. Hij duwt als eerste zijn fiets over de streep. Wanneer Coppi op wielerpensioen gaat, wordt Keteleer knecht van de latere wielercommentator Fred De Bruyne. Vooral in het klassieke werk staat Keteleer hem bij, zoals in Luik-Bastenaken-Luik, een wedstrijd die De Bruyne drie keer op zijn naam schrijft. In 1961, na een carrière van net geen twintig jaar, hangt Keteleer de fiets aan de haak. Hij verhuist naar het Waalse Rebecq, waar hij samen met zijn vrouw een café openhoudt. Keteleer overlijdt in 1970, amper vijftig jaar oud geworden. De vergaderzaal van de wielerpiste even verderop draagt nog altijd zijn naam. Ken Lambeets is BDW-eindredacteur en is zowel actief als passief sporter.

BUAA – WAT? “Bij ons kun je terecht voor turnen, maar ook

Meer info op www.facebook.com/pages/ BUAA/463834893679892

SPORT KORT

Stefan Casteleyn (39) heeft zich in Herentals tot VLAAMS KAMPIOEN SQUASH gekroond. De voormalige nummer zeven van de wereld haalde het in de finale van Tom De Mulder. ■ De TAEKWONDO INDOOR BRUSSELS beperkt zich niet tot Vlaamse deelnemers, want het lokt dit jaar terug een internationaal deelnemersveld naar het Zuidpaleis. Het tornooi begint op zaterdag om kwart na negen met een openingsceremonie, de gevechten vinden doorlopend plaats van tien tot zeven. Een kaartje kost 5 euro. ■ Zondag worden de vuisten en benen als aanvalswapen ingeruild voor de degen. Het INTERNATIONALE DEGENTORNOOI MEESTER ANDRE VERHALLE van La Maison de l’Escrime werd de afgelopen jaren gedomineerd door Franse ploegen. Blijft hun reeks duren? U kunt het vanaf kwart voor negen live volgen in het Drie Linden Sportcentrum in Watermaal-Bosvoorde. ■ Indien u het ruwere werk verkiest, dan hoeft u niet ver te lopen. Bosvoorde Rugby Club neemt het wat verderop om drie uur op tegen stadsgenoot Kituro Schaarbeek. Beide ploegen zijn top in België en betwistten vorig seizoen al de finale van de BEKER VAN BELGIË (13-8 zege voor Bosvoorde). Dat scenario zal zich dit seizoen niet herhalen, omdat de Brusselse clubs elkaar deze keer al vroeger in de beker ontmoeten. ■ Wie liever geen fysieke contacten ziet, moet zaterdag in het sportcomplex van de Nationale Bank van België zijn, in Sint-Agatha-Berchem. Daar wordt de INTERBANKENVELDLOOP georganiseerd, die om tien uur begint met de pupillenwedstrijd en om twintig na elf wordt afgesloten door de senioren. TS

REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Brussel, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be, www.bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België 15 euro per jaar; IBAN: BE07424552982266, BIC: KREDBEBB van Brussel Deze Week vzw. Buiten België 25 euro per jaar. OPLAGE 70.490 exemplaren. PROMOTIE EN DISTRIBUTIE Ute Otten, Anne Burger, Maurice Droogh. ADVERTISING MANAGER Lisa Decrick: 02-226.45.41, 0477-97.21.27, fax 02-226.45.69. MARKETING MANAGER Frederik Welslau. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne. COÖRDINATIE Kim Verthé. EINDREDACTIE Ken Lambeets (eindredactie@bdw.be). VORMGEVING Peter Dhondt. REDACTIE Jean-Marie Binst, Christophe Degreef, Bettina Hubo, Steven Van Garsse, Danny Vileyn. BRUSSELNIEUWS Kris Hendrickx (nieuwsmanager), Sandra Schreurs (projectcoördinator), Jelle Couder, Goele de Cort, Eric Vancoppenolle, Laurent Vermeersch. REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele, Gerd Hendrickx. MEDEWERKERS Michaël Bellon, An Devroe, Eva Hilhorst, Ilah, Wauter Mannaert, Francis Marissens, Karolien Merchiers, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Steven Vandenbergh, Karel Van der Auwera, Bram Van de Velde, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Sander de Wilde, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh. VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Marijke Vandebuerie. Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie.

ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).


N°11

5 DECEMBER 2013

Dapper op stap Bewegen als Boeddha MET AMIR EN AMIR

© SASKIA VANDERSTICHELE

MET K.A. ETTERBEEK


ZAZIE MAGAZINE N° 11 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013 - PAGINA 2

Wij zijn allemaal een beetje anders, niet? Anders, maar toch ook gelijk. Vooral als het op onze rechten aankomt. Of je nu uit Brussel, België, Afghanistan of India komt, we verdienen allemaal een toffe klas, een warm bed, en - waarom niet - een lekkere chocoladetaart voor onze verjaardag. Toch? Lees in deze Zazie het verhaal van de twee broers Amir & Amir. Ze zijn gevlucht uit het verre Afghanistan en hadden onderweg geen zacht bed om in te slapen, hoor!

ANDERS

© ILAH

© ILAH

Al jullie reacties zijn welkom op zazie@bdw.be!

Amir H. (15) en Amir M. (13) hebben meer dan 100 kilometer in de benen als Zazie hen tegenkomt in Anderlecht. Ze hebben blaren op hun voeten. Aauuuw!! Maar dat kan hen niet deren. De broers wonen al zo’n drie jaar in België, maar weten niet of ze met hun familie nog lang mogen blijven. Die onzekerheid vinden ze niet fijn. Daarom houden ze een stille protestmars, tot in Brussel! En voor Amir Hussein, de grootste babbelaar van de twee, is zwijgen niet makkelijk!

D

e familie van de broers komt uit Herat, in het westen van Afghanistan. Het is er heel vruchtbaar. Vroeger werd er veel wijn geteeld. In de zomer kan het er tot 50 graden worden!

Oorlog Maar in Afghanistan is er al bijna 40 jaar oorlog - er waren verschillende oorlogen na elkaar. Al erg vroeg vluchtten Amir en Amir met hun hele gezin naar buurland Iran. Hun papa had er een kleermakersbedrijfje en hun mama gaf er wiskunde- en koranles. Amir Mohammad, de jongste, droomt er al lang van om ooit chirurg te worden. Amir Hussein wil architect worden. Of misschien ook politicus, ‘om te laten stoppen dat de arme landen steeds armer worden en de rijke almaar rijker.’

Op de vlucht In de streek waar ze vandaan komen, is het de afgelopen jaren wel iets minder gevaarlijk, maar er vallen af en toe nog altijd bommen en raketten. Door het oorlogsgeweld is er ook veel armoede en werkloosheid in Afghanistan. ‘Zelfs in ons eigen moederland voelden we ons niet welkom. Er zijn problemen met geloof en politiek. Je mag je mening niet zomaar geven,’ legt een van de broers uit. ‘En onze jonge zus Mohadisa zou er niet naar school mogen.’ Dus besloten hun papa en mama niet naar Afghanistan terug te keren en ook uit Iran te vluchten, op zoek naar een betere toekomst. En zo vertrokken ze samen voor

TWEE BROERS VERTELLEN HOE ZE ZIJN GEVLUCHT VAN AFGHANISTAN TOT IN BELGIË

Dapper op stap een lange tocht. Soms eens met een auto, dan weer een stukje per boot, of ook gewoon te voet. Amir Mohammad (AM): Onderweg waren er veel gevaren en problemen. Van Iran tot in Turkije, ongeveer 2.000 kilometer, zaten we met heel veel mensen in een veel te kleine auto. Mama zat op papa’s schoot. Urenlang

kon ik mijn been niet meer bewegen. En ik mocht ook niet roepen, want dan zou de mensensmokkelaar kwaad worden. Smokkelaars, dat zijn de mensen die jullie hielpen vluchten? Amir Hussein (AH): Ja. Sommige smokkelaars waren


ZAZIE MAGAZINE N°11 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013 - PAGINA 3

E DAT? Er zo ’ n drie Afgha m n door en op de v iljoen de ve l le oo ucht zijn r logen Afg ? arms hanistan te lan e den t en van de er we Er oo reld i k nog s? altijd solda Belgi ten in sche Afg zijn? hanistan

Misschien een stomme vraag, maar wat  als je moest plassen? AM: Soms zaten we zeven tot acht uur in de auto. Je moest het gewoon ophouden of in je broek plassen. Stoppen onderweg zou veel te riskant geweest zijn voor iedereen. AH: We hadden ook vaak honger. We moesten groenten of vruchten plukken onderweg. Of we aten gewoon gras! Als we dat hadden geweten, waren we misschien nooit vertrokken. Hoe lang zijn jullie onderweg geweest?  AH: Vijf maanden ongeveer. Het langst bleven we in Griekenland. Toen we daar aankwamen, waren we eerst heel blij. ‘Eindelijk in Europa,’ dachten we. Maar we zijn snel opgepakt door de politie. Twee dagen zaten we in een gevangenis. Dat was moeilijk. We mochten niet naar buiten en het was er heel eng en streng. Mama moest voor het eerst haar hoofddoek uitdoen. Ik snapte niet waarom. Maar de politie zei: ‘Ik moet een foto trekken, doe je hoofddoek uit.’ Toen wilde ik daar zo snel mogelijk weg. AM: De gevangenis was eigenlijk een grote, vuile zaal. Er was maar één toilet voor 300 mensen, en geen douche. Sommigen waren daar al zes maanden!! Wij hadden toen voor één keer geluk dat we Afghaans waren, want Afghanen werden na enkele dagen weer vrijgelaten. AH: In Griekenland riepen mensen ons ook na. ‘Ga weg, vuile mensen,’ riepen ze. Hoe ging het dan verder?  AH: In Griekenland wisten we nog niet dat België bestond (lacht). Een nieuwe smokkelaar kocht voor elk van ons vliegtuigtickets voor alweer vééél geld. Via verschillende routes kwamen we aan in Zaventem. We waren pas opnieuw tezamen in een opvangcentrum in Sint-Truiden. Na enkele maanden gingen we naar Geraardsbergen en mochten we intrekken in een klein huisje. Toen voelde ik me pas echt weer goed. Wij kregen een eigen kamer! AM: En dan konden we naar school. Naar een gewone, normale school. Met veel vrienden.

Amir Hussein (links) en Amir Mohammad (rechts) stapten een weekje in stilte voor alle kinderen op de vlucht en zonder papieren, zoals zijzelf. FOTO: © SASKIA VANDERSTICHELE

wel vriendelijk, maar eigenlijk waren we wel bang voor hen. Je moest oppassen dat je onderweg niets zei dat hen niet beviel. We moesten vooral héél veel geld betalen. Die paspoorten kunnen niet zoveel kosten, dus verdienen zij daar gewoon veel aan. En eens je vertrokken bent, kan je niet terug.

Moeten jullie nu eigenlijk niet op school  zijn? Het zijn bijna examens...  AM: Ja. Elke dag spookt het wel door mijn hoofd. We staan wel wat achter nu... AH: Maar liever een week afwezig, dan ons hele leven niet meer naar school. Het mocht van onze school. Hopelijk mogen we blijven, want in Afghanistan zouden we van nul moeten herbeginnen. Naar school gaan zit er dan niet meer in. We zouden papa moeten helpen. Bijvoorbeeld door oud ijzer te verzamelen op straat om dan nadien te verkopen aan een fabriek. Dat zie ik toch helemaal niet zitten, hoor!           Kim Verthé

[ SORRY ] SNORRY ? © KIM VERTHÉ

WIST J

Hadden jullie dan zoveel geld?  AM: In Afghanistan en in Iran waren we niet zo arm, maar ook niet rijk. Om te kunnen vluchten, hebben we alles moeten verkopen. Ik weet niet hoe, maar papa heeft het allemaal bijeengebracht.

De rechtenvechter Ons land heeft een commissaris voor de kinderrechten. Jawel! Hij heet Bruno Vanobbergen en luistert naar al jullie vragen over jullie rechten. Elk jaar krijgt hij wel 1.000 mailtjes of telefoontjes. Ook Amir & Amir klopten al bij hem aan. Hebben kinderen van families op de vlucht  dezelfde rechten als alle andere kinderen?  Bruno Vanobbergen (B): Alle kinderen hebben dezelfde rechten. Ons land heeft in 1992 het kinderrechtenverdrag (= een internationale wet over speciale rechten voor kinderen) goedgekeurd. Dat wil zeggen dat kinderen hier allemaal recht hebben op onderwijs, een naam, een huis, eten, speeltijd, informatie,... Wat vragen kinderen op de vlucht je zoal? B: Ze vragen om zelf hun mening te mogen zeggen aan wie in hun nieuwe land bekijkt of ze een tijd of langer mogen blijven. Met hun ouders erbij wordt dat wel eens vergeten. Mogen zij intussen gewoon naar school?  B: Ja. Kinderen hebben recht op onderwijs zolang hun asielaanvraag loopt. Maar als België beslist dat hun gezin weer moet vertrekken, moeten de kinderen - die hier soms al vijf jaar naar school gaan - pardoes weer weg. Daar zijn eigenlijk nog geen goede wetten rond gemaakt. Is zoeken naar een beter leven een recht?  B: (denkt na). Het kinderrechtenverdrag zegt dat alle kinderen recht hebben op veiligheid en bescherming tegen bijvoorbeeld oorlog of geweld. Maar hoe? Dat zeggen die wetten niet. Ik begrijp dat mama’s en papa’s hun kinderen wegsturen, als hun meisjes of jongens het risico lopen op verkrachting of rekrutering voor de taliban bijvoorbeeld. Vluchten doen mensen nooit voor hun plezier!

Zit jij met vragen over iets? Voel je je niet correct behandeld? Op school, door je ouders of door eender wat? Dan kan je altijd aankloppen bij de commissaris. Bellen kan op 0800/20808. Of mail naar klachtenlijn@kinderrechten.be.


e ka

n

na de

chtdieren.wordp

.c

ki

om /

htt p:/ /

ss

Kika leef t onde r de grond. In een kelder of grot. Daar heef t ze haar holletje gemaakt. ’s Avonds kom t ze naar bove n. Via riolen, pijp en en buizen komt ze op de meest vreem de plaatsen. ’s Nachts loop t ze door de st Ze praat met ad. dieren. Ze kijkt naar mensen. Ze neemt foto ’s en schrijf t op . Dit is haar da gboek. Of beter: haar NACHTBOEK.

met dank aan Le Concert Olympique

re


ZAZIE MAGAZINE N°11 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013 - PAGINA 6

d e Me d ia - Da te : 1 5 . 0 9 . 2 0 0 9

Pa g e : 4

WIST J

E DAT? In In en hi dia het bo nd e De m oeïsme z ddhisme ijn on eeste tsta Ind 80 pr ocent iërs - ong an? e - gelo ven in veer hindo het eïsm e. De he ilige en la Gang nge es vervu één van d rivier e ilde t er we meest reld i s?

K.A. Etterbeek danst zich een weg door Europalia India AFLE VERIN G

2

Bewegen als Boeddha ©2009 Turtle Industries ™

Voor ze de expo India Belichaamd in Bozar induiken, dossen de leerlingen van het Koninklijk Atheneum Etterbeek zich in de hal nog snel even uit. De rode stiften floepen tevoorschijn. Vooral de meisjes zetten giechelend een rode stip pal op het voorhoofd, net boven de wenkbrauwen. De stoere jongens van de klas vinden het gedoe wat belachelijk. Welaan dan, met of zonder make-up het museum in! In India dragen niet alleen vrouwen, maar ook mannen een bindi of tilak - zo heet zo’n stip. Ze merken hun voorhoofd voor een religieus feest of huwelijk. De stip staat symbool voor het derde oog, en beschermt je tegen het kwaad. Maar Indiërs dragen het bolletje ook in het dagelijkse leven. Gewoon, omdat ze het modieus vinden. Ikram is alvast mee met die modetrend. Ze heeft een exemplaar met veel mooie kleuren boven haar neusbeentje geplakt. ‘Die had ik thuis nog liggen.’ Het ziet eruit als een echt juweeltje.

De kakelende klasgenoten worden stil zodra ze de audiogidsen goed op hun oren hebben gezet. De stemmen fluisteren hen tijdens het bezoek aan de tentoonstelling veel verhalen over India in.

Supersierlijk Maar de jongens en meisjes komen hier ook met een missie: ze gaan op zoek naar de allermooiste houding. Later gaan ze die ideeën met de hele klas omzetten in een Indische dans. ‘Ik dans eigenlijk helemaal niet graag’, geeft Félix toe, ‘maar ik zal

wel meedoen, hoor.’ Ook Anouk houdt niet zo van dansen, omdat ze twijfelt aan haar danskwaliteiten. Maar ze vindt het wel fascinerend om naar Indische dansers te kijken. ‘Indiase jongens en meisjes zijn altijd supersierlijk en keimooi.’ ‘Ze bewegen wel vlug hoor,’ weet Alicia. Vicky vermoedt dat je hééél veel geduld moet oefenen om de traditionele Indische dans te leren. ‘Maanden, jaren duurt het!’ gokt ze.

Goden, goden en nog eens goden In het museum merkt Anouk op dat de beelden van Boeddha en van de hindoegoden in allerlei bizarre houdingen zitten. ‘Ze doen veel met hun handen en zo. En ze zien er zo lenig uit.’ Hindoegoden hebben veel hoofden en armen. En boeddha’s zitten wel op honderd verschillende manieren. Maar dat is niet zomaar. Als een boeddha bijvoorbeeld zijn twee handen met de handpalmen naar boven vouwt in zijn schoot, is hij aan het mediteren. Als hij zijn duim en wijsvinger in een


ZAZIE MAGAZINE N°11 - DONDERDAG 5 DECEMBER 2013 - PAGINA 7

X-perts

Zazie-redacteurs vertellen over hun favoriete boek of stripalbum van de maand: had jij nog een portie leesvoer nodig??

Sien (11), de verhalenverslindster De waanzinnige wereld van Tom Groot is geschreven door Liz Pichon. Het boek is vertaald vanuit het Engels. Dit is het eerste deel uit de reeks en in het Nederlands zijn er al vijf delen verschenen. Het gaat over een 11 à 12-jarige jongen: Tom dus, die wel eens kattenkwaad durft uit te halen. Hij is een echte professional in het bedenken van smoesjes. Op school tekent hij tijdens de lessen vaak logo’s voor zijn muziekbandje dog zombies of verzint hij manieren om zijn oudere zus Delia te dwarsbomen. Als hij op een dag in een tijdschrift leest dat zijn favoriete muziekgroep DUDE 3 naar zijn dorp komt, doet hij er alles aan opdat zijn papa kaartjes koopt. De dag van het optreden kunnen ze de kaartjes niet vinden… De vraag is dus: gaat hij het optreden nog halen of niet? Het boek is een beetje in de stijl van Leven van een loser, Dagboek van een muts, Niek de Groot,... Het is ook in zo’n dagboekstijl geschreven en geïllustreerd. Ik vond het wel een leuk boek en het leest snel. Ik had het in twee avonden uit! Ik denk dat veel fans van Leven van een loser dit graag zullen lezen. Ik heb alleen nog maar het eerste deel gelezen, maar ik zal in de bibliotheek zeker eens voor een ander deel kijken, want het is grappig, ontspannend en leuk om te lezen.

© IVAN PUT

Leyna (13), stripfreak cirkel bijeendrukt, heb je met een leraar-boeddha te maken.

Als ik god of godin was... Boeddhisten geloven dat iedereen een boeddha kan worden, als je maar genoeg mediteert en genoeg kennis verzamelt. Anouk en Imane willen wel ooit wedergeboren worden als godinnen van de liefde. ‘Op onze beelden zouden we onze handen in de vorm van hartjes voor ons eigen hart houden,’ fantaseert Anouk. ‘En we zouden lachen. De meesten godenbeelden lachen niet. Maar lachen is echt een must,’ vult Imane aan. Sara zou godin van de oorlog willen zijn. Pardon? Oorlog? ‘Ja, ik vind mezelf wat jongensachtig. Ik hou van lopen en vechtsport. Maar natuurlijk zou ik er wel voor zorgen dat er minder oorlog is in de wereld. Ik zou ook de regel invoeren dat iedereen akkoord moet zijn vooraleer er gevochten wordt. Er mag ook niet zomaar overal gevochten worden. Onschuldige mensen mogen niet in de buurt zijn. Oorlog voeren op een open veld bijvoorbeeld, dat kan wel.’ Burhan en Kerem passen voor het godendom. ‘Boeddha’s zijn dik en groot. Als je een god bent, komt iedereen naar jouw standbeeld en gooit dan allerlei viezigheid over jou.’ Gaëtan tot slot wil wel eeuwig leven. Hij is fan van Ganesha, de Indiase god met het olifantenhoofd. Die god beschermt reizigers. Handig! Voor als wij zelf op reis willen gaan. Naar India bijvoorbeeld...

Kim Verthé

Je kan nog naar de tentoonstelling India Belichaamd gaan kijken in het Paleis voor Schone Kunsten tot 5 januari.

Amoras, de tweede generatie van Suske en Wiske. Sus en Wis zijn in deze strip ongeveer 16 jaar oud. Ze gaan professor Barabas ophalen aan de luchthaven. Sus en Wis vervelen zich in de luchthaven, en wachten niet langer op Barabas. Ze gaan met Suskes scooter naar het huis van Barabas. Door Lambiks schuld worden ze geteleporteerd naar het jaar 2047. Ze komen terecht op het eiland Amoras, maar ze zijn niet meer samen. Suske ontmoet het meisje Jéruzalem. Ze is doof, maar kan gelukkig liplezen. Maar Wiske wordt gevangengenomen door Krimson. Wat er verder gebeurt, kan je enkel ontdekken door zelf de strip te lezen. En dan over het tweede deel: Amoras, Jéruzalem. Suske is ongelukkig. Waardoor? Ja, dat kunnen jullie enkel ontdekken in de eerste strip. Sus vertrouwt zijn hart nu toe aan Jéruzalem, die hij op Amoras heeft ontmoet. Sidonia draait intussen helemaal door. Lambik geeft stomme antwoorden aan de telefoon met ‘de vermiste’ Barabas. En Jerom is er altijd om de boel recht te houden. Later ontdekt Suske dat Jéruzalem voortdurend liegt. Wat gaat er gebeuren? Zal Jéruzalem alles toegeven? Wordt Barabas bevrijd en zullen Sus en Wis ooit terugkeren? Dat kan je enkel ontdekken door de strips te lezen! De tekeningen vind ik veel beter en toffer dan de originele. Ze zijn een soort mengeling tussen de tekeningen van de strip Jump en die van Marc de Bel. Wat er ook leuk is, is dat we nu echt zien dat Wiske een staart heeft. Nog leuk om te weten: de strip heeft zijn eigen trailer op YouTube. Kijken dus!! En veel plezier als je het leest! Schrijver: Marc Legendre. Tekenaar: Charel Chambré


© KIM VERTHÉ

UIT–gestippeld

VIER tips van Zazie om er deze maand december met je ouders of vrienden op UIT te trekken:

EVENEMENT - BRUSSEL HELP(T)!

7/12

Merk jij ook dat niet alle Brusselse kinderen het even breed hebben? Wil je graag iets doen? Op 7 december organiseert FM Brussel een gratis helpfeest in Bronks. Met circuspret, verkleedvertier en een knallende fuif. Je kan zelf kiezen of je een zakcentje in het spaarvarken stopt. De opbrengst gaat naar de armste kinderen.

SPORTKAMP - WORSTELEN. Ha!

23>27/12

Yannick is trots op zijn kookmobiel.

THEATER - OMG! XMAS-SHOW! WTF?

WELKE VRAAG LIGT ER OP JE MAAG?

Moet jij de examenstress binnenkort eens goed van je afschudden? Dan hier de ideale tip voor alle krachtige jonge mannen én vrouwen: Buurtsport Brussel organiseert in de eerste week van de kerstvakantie in Anneessens-Funck een sportkamp ‘worstelen’. Inschrijven kan via nsimba@ buurtsportbrussel.be. Of grijp de telefoon: 02/412.03.50.

23/12

Is er in onze hi-tech wereld vol leraren wiskunde en boze bankiers nog plaats voor sprookjes? Neen? Geen wonder dat ze dan de wereld ontvluchten. Maar helemaal weg zijn ze niet. Ze zitten verstopt in een eindeloos woud, waar eenzame duivels met verdwaalde prinsessen flirten. Wil je weten of alles goed komt? Ga dan kijken naar de theatervoorstelling van Dood Paard in Bronks, op maandag 23 december.

In het museum van de Nationale Bank van België zitten de puzzelstukken om de kluis open te krijgen overal verstopt: op de muren, tussen de biljetten, in het duistere labo van de alchemist. Aan jullie om de code te kraken... En het is helemaal gratis! Info vind je op www.nbbmuseum.be.

© TERESA SDRALEVICH

Als jullie plannen smeden, laat het ons weten. Mail naar zazie@bdw!

© SASKIA VANDERSTICHELE

In november was het Europese week van de Afvalvermindering. 300 leerlingen uit Molenbeek waren niet vies van een beetje rommel. Zelfs sigarettenpeuken, oude schoenen, autobanden en een kapotte televisie hebben ze opgeraapt! Kauwgom, dat niet. Dat was een brug te ver. Samen met kunstenaars Sander en Danja hebben ze er een familie van groene trollen mee gemaakt. ‘Ons kunstwerk stinkt wel een beetje, maar het kost niets,’ vertelden Sander en Danja nog fier. Kijk maar nog eens naar het resultaat, op de voorpagina van deze Zazie.

Yannick is architect. Hij is een hele handige harry, en speelt graag met gevaarlijke machines. Hij maakt de zotste dingen! Hij knutselt nu bijvoorbeeld aan een graffiti-robot! En aan de slachthuizen van Anderlecht heeft hij gewerkt aan een mobiele keuken (zie foto). Die is net af! Wil je er met je klas of jeugdbeweging graag eens op koken? Op de markt in de buurt van jullie school bijvoorbeeld? Dat kan, hoor! Intussen heeft Yannick nog een pittige vraag voor jullie.

“Stel: je mag op het grootste plein van Brussel (tja, welk plein is dat eigenlijk??) met al je vrienden doen wat je wil. Wat zou het zijn?”

EXPO - KRAAK DE KLUIS IN DE BANK

MONSTERLIJKE ROMMEL

Elke maand polst Zazie bij een Bekende Brusselaar naar wat hij/zij wil vragen aan jullie, de Jeugd van Tegenwoordig. Deze keer is Yannick Roels aan de beurt.

HO,

blijf even hangen hier! Wat zie/denk/voel jij bij deze tekening? Mail naar zazie@bdw.be of laat je mening los op facebook.com/ Zazie.jongerenkrant

Kunstenares Teresa Sdralevich maakt elke maand voor Zazie een posterzegel. Een miniposter dus, zoals ook een postzegel een piepkleine poster is. Je kan de posterzegels verzamelen en downloaden op www.brusselnieuws.be/ posterzegel

Zazie is een maandelijkse bijlage bij Brussel Deze Week en is gratis. Samenstelling: Kim Verthé (kim.verthe@bdw.be, 02-226.45.59). Vormgeving: Peter Dhondt. Tekeningen: Ilah, Teresa Sdralevich. Redactie: Kim Verthé. Eindredactie: Kim Verthé. Foto’s en cover: Saskia Vanderstichele, Ivan Put. Vragensteller: Yannick Roels. X-perts: Sien en Leyna. Contact met Zazie? zazie@bdw.be. Like! facebook.com/Zazie.jongerenkrant. Adverteren in Zazie? lisa.decrick@bdw.be. Neem een abonnement: abo@bdw.be. Verantwoordelijke uitgever: BDW, Anne Brumagne, Flageyplein 18, 1050 Brussel.

Volgende Zazie op 9 januari 2014! www.brusselnieuws.be/zazie


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook