Skip to main content

BDW - editie 1384

Page 1

P.6-7 WEGWIJS DOOR COULEUR CAFÉ VAN DELV!S TOT WYCLEF JEAN En ook: Festival Musiq’3, Residue en Guy Peellaert.

27 06 13

OPENLUCHTZWEMBADEN: BERLIJNSE SPECIALITEIT

AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153

Op de trappers voor de bib

© BART DEWAELE

Meer dan 100 bibliothecarissen en sympathisanten uit de hele wereld hebben dinsdag halt gehouden aan de Sans Soucibibliotheek in Elsene. De derde editie van ‘Cycling for Libraries’ werd een week eerder op gang getrapt in Amsterdam. Onderweg vroegen de bibliotheekmedewerkers aandacht voor de bib als toegankelijk kenniswalhalla. Het memorandum dat meereisde op de bagagedrager, overhandigden ze woensdag in het Europees parlement.

KV

Mobiliteit > Picnic the Streets plant nieuwe actie

Eten aan de Ninoofsepoort SINT-JANS-MOLENBEEK – Er zit een picknick aan de Ninoofsepoort aan te komen. De organisatoren van het eetprotest op de Anspachlaan vinden de (verkeers-) situatie op de grens van Brussel-Stad, Molenbeek en Anderlecht welletjes geweest.

‘H

et is een zeer pril idee, maar de wil is er,” zegt woordvoerder David Leyssens van het collectief Picnic the Streets. “Het is de bedoeling om op 15 september op vier symbolische plaatsen de Kleine Ring te bezetten. De aangekondigde heraanleg van de Ninoofsepoort gaat traag en er zijn nog te veel onzekerheden. Burgerprotest is dus nodig. Zo is het ook

gegaan met het Driehoekspleintje aan de Ninoofsepoort. Buurtbewoners waren op een bepaald ogenblik dat stuk braakliggend terrein beu en hebben er zelf een speeltuintje van gemaakt. Met onze actie in september willen we laten zien dat Picnic the Streets niet zomaar acties organiseert als doel op zich, maar dat het een breed burgerplatform is van mensen die verandering willen, ook

al maken ze niet noodzakelijk deel uit van ons collectief.”

Beliris Leyssens hekelt naast het gebrek aan vooruitgang ook de wildgroei aan ideeën over de Ninoofsepoort. “De staatssecretaris bevoegd voor woningbouw, Christos Doulkeridis (Ecolo), wil er vooral (sociale) woningen zetten, bouwpromotor Besix wil er een woontoren kwijt, er moet een oplossing gevonden worden voor de autohandel in de aanpalende Heyvaertwijk en dan is er ook nog het plan om er een museum onder te brengen. Er zullen keuzes gemaakt moeten worden.”

Onlangs nog werd de traaggang van het dossier aangeklaagd door Molenbeeks gemeenteraadslid Dirk Berckmans (N-VA). Hij stuurde een brief naar minister Brigitte Grouwels (CD&V) met de vraag enkele gevaarlijke verkeerssituaties voor vooral voetgangers en fietsers op te lossen. Ook Brussels parlementslid Jef Van Damme (SP.A) kaartte de situatie meermaals aan. Grouwels, die het dossier opvolgt voor bouwheer Beliris, erkent dat het dossier traag vooruitgaat en weet dat de huidige plannen aangepast moeten worden na advies van de Brusselse gewestelijke overlegcommissie. Er zou een probleem

zijn met de waterafvoer op de site. Voorts wijst de minister nog op vertraging bij de afbraak van gebouwen door de Gewestelijke huisvestingsmaatschappij, en bij de aankoop van andere terreinen door diezelfde maatschappij. Picnic the Streets werd vorig jaar voor het eerst georganiseerd op de Anspachlaan na een oproep van filosoof Philippe Van Parijs in Brussel Deze Week en Le Soir. 2.000 mensen bezetten toen de hoofdader in het centrum van Brussel. Het stadsbestuur liet toen betijen, en beloofde nadien beterschap. Christophe Degreef

N° 1384 VAN 27 JUNI TOT 4 JULI 2013 ¦ WEEK 26: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, E-MAIL: INFO@BDW.BE, WWW.BDW.BE


BDW 1384 PAGINA 2 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

OPMERKELIJK © GeS

Uitgelicht > Studie legt behoeften Brusselse senioren bloot

STAP AF AAN ‘UNIVERSITEIT’ ELSENE – VUB-rector Paul De Knop dringt er bij de spoorwegen op aan om station ‘Etterbeek’ te veranderen in een universiteitsgerelateerde naam. De Knop stelt zelf ‘Universiteit’ of ‘VUB’ voor. En ook bij de NMBS-Holding beweegt er wat rond het station van Etterbeek. “De studenten van de Vrije Universiteit Brussel zijn de grootste gebruikers van het station van Etterbeek,” zegt rector Paul De Knop. “Het station is daardoor al onlosmakelijk verbonden met onze universiteit. Dus waarom kunnen we de naam van het station niet laten veranderen in ‘Universiteit/Université’ of in ‘VUB/ULB’?,” vraagt hij zich af. “Ik heb er bij de NMBS dan ook op aangedrongen om deze naamswijziging door te voeren. De universiteit verankert zich steeds meer in de stad.” Bij de NMBS-Holding, dat het station van Etterbeek beheert, zegt men echter niet op de hoogte te zijn. Woordvoerder Ines Venneman: “Officieel hebben wij toch nog geen aanvraag ontvangen.” Venneman wijst er wel op dat er op een bepaald moment sprake was om de stationsnaam te veranderen in ‘Brussel-Etterbeek’, naar analogie met de drie Brusselse hoofdstations Noord, Centraal en Zuid.

Thuiszorg schiet tekort BRUSSEL – Rusthuizen zijn er voldoende in Brussel, maar de thuiszorg loopt mank. Een hulpbehoevende oudere in Brussel krijgt gemiddeld nog geen drie uur hulp per week, tegenover 6,5 uur in Vlaanderen.

D

at bleek afgelopen vrijdag tijdens de presentatie van een omvangrijke VUB-studie over de behoeften van Brusselse senioren. Opdrachtgevers waren de Vlaamse Gemeenschap, de Franse Gemeenschapscommissie (Cocof ) en de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie (GGC). Die zijn alle drie bezig met de zorg voor ouderen in Brussel en hadden voor het eerst samen een onderzoek besteld. De studie was nodig omdat het Brussels Gewest enerzijds verjongt, maar anderzijds ook verzilvert: Brussel is het gewest met het grootste aandeel 85-plussers. Het aantal 60-plussers ligt rond de 200.000 en gaat nog enkele jaren in dalende lijn. Maar tegen 2040 zullen er 90.000 zestigplussers extra zijn. Rusthuizen zijn er tot die tijd genoeg. Brussel telt er nu 160 en er komen er nog bij. Zo moeten bin-

nenkort enkele Vlaamse rusthuizen opengaan. Nu zijn er slechts twee Vlaamse.

Poetsdienst Opvallend voor Brussel: er zijn meer niet-erkende (niet-gesubsidieerde en niet-gecontroleerde) en ook veel

almaar stijgen. Sommige rusthuizen rekenen meer dan 70 euro per dag aan. En dit terwijl 22 procent van de Brusselse ouderen moeten rondkomen met minder dan duizend euro per maand. Ander probleem met de rusthuizen is volgens VUB-professor Liesbeth De Donder dat vele mensen er niet op hun plaats zitten. “Ze zijn te jong, hebben psychiatrische zorg of alleen lichte zorg nodig. Het lijkt alsof er niets bestaat tussen thuis wonen en het rusthuis.”

De Vlaamse thuiszorgorganisaties zijn de duurste, ze rekenen voor poetshulp 5 à 9 keer zoveel aan als de Cocof

meer commerciële rusthuizen dan in Vlaanderen. Of dit laatste een effect heeft op de kwaliteit is onduidelijk. Wel staat vast dat de tarieven

Het ontbreekt in Brussel aan herstelen kortverblijven en aan dagcentra. Ook zijn er veel te weinig alternatieve woonvormen voor senioren zoals

cohousing. Nochtans is daar nood aan, bijvoorbeeld bij allochtone ouderen, die vaak een afkeer hebben van de traditionele rusthuizen. Het is een groep die zienderogen groeit: over een jaar of zeven zal de helft van de Brusselse senioren buitenlandse roots hebben. Ook de thuiszorg zou volgens de studie heel wat beter kunnen. Brusselse ouderen klagen dat gezinszorg moeilijk te vinden is, dat er veel wissels zijn bij de verzorgenden en dat het een dure aangelegenheid is. De onderzoekers berekenden dat wie een woning huurt en ook nog maaltijden en andere thuiszorg nodig heeft al gauw aan 1.400 euro per maand komt, een bedrag waarover vele ouderen niet beschikken. Blijkt overigens dat de prijs van thuiszorg schommelt naargelang men beroep doet op een organisatie van de Vlaamse Gemeenschap, de GGC of de Cocof. De Vlaamse organisaties zijn de duurste, ze rekenen voor hun poetsdienst vijf à negen keer zoveel aan als de Cocof. De drie overheden hanteren immers hun eigen regels en normen en heb-

DE WEEK IN BEELD DOOR JO VOETS

Vierde grootste Enkele maanden geleden raakte bekend dat de NMBS-Holding op termijn Etterbeek tot het vierde grootste station van Brussel wil maken. Op die manier zou het universiteitsstation dan toch aan belang winnen. Venneman zegt dat de gesprekken over dat project vlot verlopen en dat er binnen enkele weken duidelijkheid is over de aanvangsdatum van de werkzaamheden. “Het project dat nu voorligt, moderniseert het station en maakt er een overstapstation van voor het openbaar vervoer. Misschien kunnen de werkzaamheden al in 2017 beginnen.” Veel hangt wel af van in welke mate de bevoegde Brusselse politici zich bij deze plannen aansluiten. De Knop verkreeg het bij de MIVB in het verleden al om de tramhalte ‘Lansiers’ ‘VUB’ te laten noemen. En dit jaar nog ondertekende de VUB een overeenkomst met de drie omliggende gemeenten Oudergem, Elsene en Etterbeek om beter samen te CD werken.

In 2003 maakte ik de trouwreportage van Filip Schyvens en Werner Strouven, een van de eerste homokoppels die elkaar het jawoord gaven van zodra de wet op het homohuwelijk werd goedgekeurd. Tien jaar later hernieuwen ze samen met veel andere koppels hun gelofte op het stadhuis van Brussel.

© JO VOETS


WEEKOVERZICHT

BDW 1384 PAGINA 3 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

© IVAN PUT

WOENSDAG 19 JUNI GROTE HINDER DOOR TAXISTAKING. 200 taxichauffeurs staken tegen opgelegde maatregelen van minister van Vervoer Brigitte Grouwels (CD&V), en veroorzaken grote hinder in het centrum van Brussel. Verschillende tunnels op de Kleine Ring worden afgesloten. Na “een positief gesprek” met de minister heffen de taxichauffeurs hun blokkade op. ONENIGHEID OVER GENERAAL JACQUESLAAN. De overlegcommissie keurt de gewestelijke plannen voor de heraanleg van de Generaal Jacques- en de Buyllaan goed. Het Elsense schepencollege verzet zich echter en wil in beroep gaan. Het plan is om in beide richtingen van de laan een rijstrook te schrappen om meer plaats te creëren voor voetganger, fiets en tram. De Brusselse regering moet de knoop doorhakken.

DONDERDAG 20 JUNI BIERMUSEUM IN BEURS. De kogel is door de Beurs: het college van stad Brussel keurt het voorstel voor een biermuseum in het Beurspaleis goed. Als alles vlot verloopt, opent de ‘Belgische Biertempel’ in het voorjaar van 2018 zijn deuren. Het museum zal op interactieve wijze de brouwerscultuur en een grote diversiteit aan Belgische bieren voorstellen. De organisatoren hopen op minstens 400.000 bezoekers per jaar.

VRIJDAG 21 JUNI In 2020 zal de helft van de Brusselse ouderen van buitenlandse origine zijn, zo stelt de VUB-studie. Allochtone ouderen hebben vaak een afkeer van rusthuizen.

ben ook hun eigen programmatie. De Vlaamse Gemeenschap programmeert bijvoorbeeld 900.000 uur thuiszorg in Brussel, maar vult er slechts 15 procent van in. De Cocof programmeert ongeveer evenveel maar vult 100 procent in.

Gegevensverzameling De Donder: “Er bestaan wel heel wat initiatieven op het vlak van thuiszorg in Brussel, maar de oudere krijgt of vindt het niet altijd omdat de thuiszorg versnipperd is. De overheden werken niet samen en ook de thuis-

“ “ HET WOORD

zorgorganisaties kennen elkaar niet en verwijzen bijvoorbeeld niet door als er ergens een wachtlijst is.” Ouderen die thuis willen blijven wonen, moeten ook een geschikte woning hebben. Veel meer dan in Vlaanderen wonen Brusselse bejaarden in onaangepaste huizen, met veel trappen of ongeschikt sanitair. Logisch dus dat de valfrequentie hier hoger ligt dan in Vlaanderen: 34 procent tegen 27 procent. In hun conclusie pleiten de onderzoekers voor een model van ouderenzorg dat vertrekt vanuit de buurt

en vragen ze meer aandacht voor kwetsbare, weinig vermogende ouderen. Ook moeten de drie opdrachtgevers van de studie veel meer overleggen en samenwerken op het vlak van regelgeving, programmatie en gegevensverzameling. Of de politiek een snel antwoord zal bieden op deze verzuchtingen valt te betwijfelen. GGC-collegelid Brigitte Grouwels (CD&V) noemde de studie na afloop van de presentatie een goede voorbereiding voor de volgende regering. Bettina Hubo

Ismaïl ging vanuit Vilvoorde naar school in Schaarbeek. Dat lukte nog wel, maar een boek in de Fnac kopen, daar zag hij geweldig tegenop. Véél te ingewikkeld voor hem. Je vraagt je af: hoe redt zo’n jongen het in Syrië?” Mevrouw B., moeder van een Vilvoordse moslimstrijder (in De Morgen).

Ik ben een traditionele Vlaming en hecht veel belang aan de gemeenschappen. Daardoor zijn we ook een beetje aanwezig in Brussel. Vlaanderen moet die band met Brussel behouden.” Professor Frank Vandenbroucke (KU Leuven) over de splitsing van de sociale zekerheid (in Le Soir).

Twitterhotspot

Brussel is de grootste ‘Twitterhotspot’ van België. Dat blijkt uit een kaart van internetkaartendienst MapBox, die geografische patronen in smartphonegebruik wilde opsporen. Op de kaart worden de verschillende smartphones aangeduid met een andere kleur en aan de hand van tweets getraceerd. Meer dan 280 miljoen oplichtende tweets sieren de kaart. Uit de overwegend zwarte plek die België is, valt af te leiden dat onze twitteractiviteit al bij al meevalt. Nederland daarentegen licht op als een

gloeilamp. Bij ons zijn het voornamelijk de stedelingen die het twitteren onder de knie en in de vingers hebben. Het platteland ligt er maar sober bij naast de paars-rode vlek van Brussel. De Brusselaars gebruiken hoofdzakelijk iPhone en Blackberry om hun korte gedachtespinsels de virtuele wereld in te sturen. Ook op het koninklijk domein van Laken werd één twitterende smartphone gevonden. Benieuwd wat daarop te lezen valt. Céline Vincent

VUB-ONDERZOEK OUDERENZORG. De VUB stelt de resultaten voor van haar studie naar de behoeften van de Brusselse ouderenpopulatie op het vlak van dienstverlening en huisvesting. Een buurtgerichte ouderenzorg met meer aandacht voor diversiteit zijn de voornaamste werkpunten. Het onderzoek gebeurde op vraag van de GGC, de Vlaamse Gemeenschap en Cocof, om beter te kunnen inspelen op de toenemende vergrijzing. TRAM 71 KRIJGT 4.000 NEE’S. Het voorstel voor een vertramming van lijn 71 stuit op verzet van de Elsenaren. De tegenstanders verzamelen 4.000 handtekeningen, de voorstanders stranden op 1.400. Lijn 71 is de drukste van het hele gewest en verliest vooral veel tijd op de Elsensesteenweg. Tegenstanders vrezen vooral schade aan de plaatselijke handel indien de auto minder ruimte krijgt. HOOFDDOEKENVERBOD SINT-AGATHA-BERCHEM. Werknemers van de gemeente mogen niet langer religieuze symbolen dragen. De regel geldt zowel voor loketbedienden als voor poetsvrouwen. Volgens burgemeester Joël Riguelle (CDH) schept het verbod “klaarheid” en voorkomt het eventuele toekomstige problemen. Groen verwerpt de maatregel.

ZONDAG 23 JUNI DIEFSTAL EN BRAND IN APPARTEMENT VORST. Een man berooft zijn buur in een appartementsgebouw langs de Brusselsesteenweg, en sticht er nadien vermoedelijk brand. Wanneer het slachtoffer terugkomt van het politiekantoor waar hij klacht ging indienen, staat zijn appartement in lichterlaaie. Ook een tweede flat gaat in vlammen op.

MAANDAG 24 JUNI STAKING OPENBARE SECTOR. De socialistische en liberale vakbonden voeren actie uit vrees dat de overheid gaat snoeien in de openbare sector. Minstens 2.500 betogers trekken van het Fontainasplein naar het Albertinaplein. Ze voegen zich bij een tweede betoging tegen het Europees begrotingspact, met 1.400 actievoerders. De hinder bij de openbare diensten blijft beperkt. DE MUNT VALT IN DE PRIJZEN. De Koninklijke Muntschouwburg ontvangt een prijs van de Franse muziek-, dans-, en theaterpers voor de hoogstaande kwaliteit van haar programmering in het seizoen 2012-2013. Het centrale thema van het seizoen, intimiteit en breekbaarheid, was er volgens de Franse cultuurrecensenten een van zeldzame artistieke durf.

DINSDAG 25 JUNI VORST WEIGERT NIEUWE GEVANGENEN. Burgemeester van Vorst Marc-Jean Ghyssels (PS) beslist dat er geen nieuwe gedetineerden bijkomen in de gevangenis vanwege overbevolking. Er is plaats voor 405 gevangenen, maar er verblijven er 660. Vorige week werd ieder toekomend gevangenentransport gecontroleerd voor het binnenrijden, nu moeten ze een ander onderkomen zoeken. De maatregel blijft gelden totdat het aantal gevangenen onder de 600 ligt. Samengesteld door Céline Vincent

MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP


BDW 1384 PAGINA 4 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

(V.l.n.r.) Van de erfgoedlijst 2002 zijn deze ‘Merkwaardige bomen’ al gekapt: de es bij het Franstalige cultuurcentrum voor een WC, de perelaar voor woningen en verder een Atlasceder, kastanjes (door de VGC vervangen door eik), nog een ceder en een treurlinde. De Kasterlinde (voorlaatste foto) is geklasseerd. Het gewest verving de Japanse kerselaars op de Keizer Karellaan door sierperen.

site, terwijl ze in werkelijkheid gerooid werden. De rush om alles in parken te beschermen weegt echter niet op tegen de ‘meerwaarde’ van de solitairen in het straatbeeld. En precies daar hakt de bijl het sterkst in het ‘groene’ stadsbiotoop. Neem nu de tachtigjarige hoogstammige perelaar (“Met opvallend typische peervormige kroon. Momenteel draagt de boom nog steeds rijkelijk vruchten” stelt het dossier van het BIM in 2002) en de ‘fraai uitgegroeide’ notelaar, beide op het hoekterrein Josse Goffinlaan-Strijdersstraat. Zij pronkten als laatste getuigen van de gemengde hoogstamboomgaarden, die het landelijke Berchem kenmerkte in vorige eeuwen. “Om cultuurhistorische redenen is het belangrijk dat derge-

lijke landschapselementen bewaard blijven. Eventuele (bouw)projecten zouden derhalve met de resterende bomen rekening moeten houden,” preciseert het erfgoeddocument. Maar de fruitstammen werden gerooid. “Dit is gebeurd in het kader van de stedenbouwkundige vergunning van de verkaveling Jardins du Nord, met akkoord van het Gewest,” verdedigt burgemeester Joël Riguelle. En kon die oude perelaar dan niet in de tuinen van de nieuwbouw staan, of verjongd worden, als hij een cultuurhistorisch referentiepunt was? “Woongelegenheid is ook een noodzaak: we moeten de keuze maken tussen één boom en een honderdtal appartementen,” aldus Riguelle. En dan is er natuurlijk die ‘natuurlijk uitgeschoten oude es’ in de beschermde oude dorpskerk, tegen een bijhuis van het Centre Culturel Le Fourquet. In de weg van een nieuw toilet. “Heel de site wordt authentiek gehouden, maar zonder toelating van het Gewest zou de kap niet gebeurd zijn,” geeft Riguelle toe. “De es veroorzaakte barsten in het gebouw, stelt het rapport.” Wat met de vijf witte paardenkastanjes voor het gemeenschapscentrum De Kroon? Ook omgehakt, alhoewel nu vervangen door inheemse eiken. Hier was de Vlaamse Gemeenschapscommissie opdrachtgever. Al langer klaagden de cafégebruikers over vallende kastanjes, en “door de standplaats (terrasbedekking) en het zwaar knotten verkeren deze bomen in een slechte conditie (…) verminderde vitaliteit, (…) advies tot rooien,” zo gaf gediplomeerd boomverzorger Jan Vaes mee in het verdictverslag dat in 2012 de rooi hard moest maken. Nochtans had de inventarislijst van Merkwaardige bomen van 2002 al gewaarschuwd: “De groep is in een meer dan één opzicht merkwaardig (…) ze verdienen het volste

In de plaats verschijnt een meertalig Brussel, waar de migrantentalen aan vitaliteit winnen en het Engels aan belang. Janssens onderzocht ook de relatie tussen taal en identiteit. De verschuivingen tussen de taalbarometer van 2006 en die van vandaag zijn enorm. Voelde in 2006 40 procent van de Brusselaars zich in eerste instantie Belg, dan is dat vandaag nog maar 16 procent. De Brusselse identiteit neemt wel een hoge vlucht. Dertig procent van de Brusselaars voelt zich eerst Brusselaar.

In 2006 was dat maar twintig procent. Voeg je er de lokale identiteit aan toe, dan kom je boven de vijftig procent. De helft van de Brusselaars voelt zich eerst en vooral Brussels, Molenbeeks, Schaarbeeks, etc. Het is ook boeiend om te kijken naar de andere identiteiten. Een kleine twintig procent voelt zich Franstalig, een kleine zeven procent voelt zich Vlaming (2,8 %) of Nederlandstalig (4,1%). Die laatste categorie zit in de lift, wellicht een gevolg van het succes van het Nederlandstalig onderwijs. Het aantal Brusselaars

Erfgoedbeheer > Gewest schiet zwaar tekort voor bomen op erfgoedlijst

Merkwaardige bomen gekapt als alle andere SINT-AGATHA-BERCHEM – Het Gewest startte vijftien jaar geleden met het oplijsten van mooie en opmerkelijke bomen in de negentien gemeenten, nu al 6.000. Bomen uit de erfgoedlijst zouden ‘beschermd’ worden. Wat blijkt: in één gemeente alleen al – Berchem, dat als eerste in 2002 opgelijst werd – werd één op de drie van de merkwaardige bomen van toen gekapt. Geen vogel die daarom minder zingt?

A

ls een padvinder op zoek naar plaatsen waar bomen ‘met hoge erfgoedwaarde’ stonden, schuimde uw reporter Sint-Agatha-Berchem af. Om vast te stellen dat de wereldkundig gemaakte gegevens van het gewest, de realiteit geweld aandoen. Want hoe is de situatie in situ? Talloze ‘Merkwaardige bomen’, die de eerste bomenerfgoedlijst van 2002 sierden, werden de jongste tien jaren gerooid. Het was oud-minister voor Natuurbehoud en Leefmilieu Didier Gosuin (MR), die in 1998 twee wetenschappers van het toenmalige Brussels Instituut voor Milieubeheer (BIM, nu Brussel Leefmilieu) als eerste opdracht meegaf om het erfgoedwaardig bomenbestand van Berchem in kaart te brengen: ‘Inventarisatiecampagne Merkwaardige bomen’ heette dat. De rest van het gewest zou volgen. Achteraf belandde het beheersprestigeproject bij de Directie Monumenten en Landschappen (M&L), die de erf-

goedlijst nog steeds beheert, aanvult, superviseert en aftoetst bij de Commissie voor Monumenten en Landschappen. Van zodra een Merkwaardige boom op de inventarislijst staat ‘volgt het Gewest de gezondheidstoestand ervan verder op en adviseert het de eigenaars over de eventuele vergunningen die zij nodig hebben om de bomen te onderhouden (snoeien, verzorgen, (…) eventueel vellen,’ zo herinnerde minister-president Vervoort op 4 juni. M&L heeft de opdracht om de bomen te valoriseren, inventariseren, vrijwaren, de onderhoudswerken op te volgen, de vergunningen te adviseren en de burger te informeren en sensibiliseren over de waarde van het bomenerfgoed voor de samenleving. Maar wat is een merkwaardige boom? Daar heeft M&L een hele reeks criteria voor, waarvan de voornaamste zijn: de stamomtrek (bepaalt de ouderdom), de zeldzaamheid in het gewest, de historische en landschappelijke waarde (één oude

boom in de bebouwde kom is meer waard dan in een park) en de alleenstaande groei.

Hoeveel bomen? Kersvers minister-president Rudi Vervoort (PS) gaf onlangs de cijfers prijs die hij geërfd heeft van minister-president Charles Picqué (PS), vanaf 2004 bevoegd voor de erfgoedbomen. Het gewest telt ongeveer 6.000 merkwaardige bomen. Daarvan zijn er 120 beschermd in twintig jaar tijd – eigenlijk zijn het er 107, want de beschermingsprocedure voor dertien bomen loopt nog. Het grote cijfer is een optelling van een ouder getal 3.450 (in 2002), aangevuld met nieuw geselecteerde bomen (hoofdzakelijk in parken) en oudere lijsten, geeft M&L mee. Al bij al een weinig transparant kluwen, want zoals uit websitegegevens van M&L en veldwerk af te leiden valt, worden sommige bomen tweemaal geteld, en staan andere bomen vandaag nog met foto te bluffen op de

© BART DEWAELE

BELGIË GAAT, BRUSSEL KOMT BRUSSEL –Brusselaars voelen zich steeds Brusselser en noemen zich liever Nederlandstalig dan Vlaming. Dat blijkt uit de taalbarometer van VUB-onderzoeker Rudi Janssens die vrijdag werd voorgesteld in het Huis van het Nederlands. De taalbarometer peilt elke zes jaar naar het taalgebruik in Brussel en is aan zijn derde editie toe. Over het taalgebruik in Brussel heeft BDW al in april uitgebreid bericht. De voornaamste conclusie is dat de theorie van de taalverdringing,

die door sommige wetenschappers wordt gehuldigd, voor Brussel geen steek houdt. Die hypothese stelt dat elke dominante taal in een bepaald gebied steeds dominanter wordt. In Brussel is het Frans de dominante taal. Die blijft wel de voornaamste

Het selectiecriterium luidt ‘hoge erfgoed kundige waarde’, een label zonder legale garanties

Rudi Janssens (VUB): “Brusselaars voelen zich steeds Brusselser.”

spreek- en thuistaal, maar gaat er de laatste zes jaar zwaar op achteruit.


BDW 1384 PAGINA 5 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

© BIM 1998-2002

De erfgoedtreurbeuk op de Zavelenberg weet te overleven: geen last van mens noch verkeer, enkel koeien die de vorm bijsnoeien.

respect en een optimale verzorging en bescherming.(…) Hun huidige trieste aanblik is te wijten aan een te drastische snoei.” Werd het erfgoed dan slachtoffer van opzettelijke of onprofessionele kortsnoei? De zieke toestand en het gevaar waren er alleszins het gevolg van.

Goede redenen En dan zijn er nog de opmerkelijke bomen op privégrond. Twee blauwe atlasceders in de voortuinen (Helenalaan en De Selliers de Moran-

ville/rotonde Koning Albertlaan), betekenden “een gevaar voor auto’s” zegt Riguelle. De “majestueuze ballonvormige rode beuk” naast het vervallen historisch pand Le petit Trianon Sans-Souci was “hol en gevaarlijk,” luidde de vergunning. Vreemd. De administratie prees de beuk in 2002 als bijzonder mooi, met stevige stam. Inmiddels veranderde de voorbouw bij de boom. En de unieke treurzilverlinde, restant van ambachtelijke “siersnoei van voorbije eeuwen” op het lusthof Hof

ter Wilst, ook die was ‘niet direct bedreigd , maar vraagt om verzorging’ schreef het BIM. De boom is weg. Er werd geen procesverbaal opgemaakt. De burgemeester weet van niets. “Il y avait un champignon dedans,” wimpelt de eigenaar onze bemoeizucht af. De Japanse kerselaars op de Keizer Karellaan (Basilix) heeft het gewest zelf gerooid, om de busbaan en het trottoir te verleggen. Maar die werden wel vervangen door sierperen, die beter bij Zavelenbergweiden passen volgens M&L. De

© IVAN PUT

treurbeuk in die weide is alleszins geen onderwerp van stedenbouwkundige herbestemming, enkel de koeien snoeien de vorm bij. Wel zijn ook relicten als een groep valse acacias (Robinia) in de Strijdersstraat, waar appartementenbouw is gestart, in gevaar. Zij dragen nochtans bij “tot het genot van de wijk met hun overweldigende geurige bloemen.” Of de rij van vijftien knotwilgen, gespaard als landschapsgetuige op Hunderenveld: daarvan kun je eentje met de hand zo omdu-

wen, de rij is zwaar verwaarloosd. Een en ander brengt ons terug bij de burgemeester, die het dossier “zeer merkwaardig” vindt, en samen met zijn administratie tot de conclusie komt: “Het label ‘merkwaardige boom’ heeft geen enkele wettelijke waarde. Een merkwaardige boom is niet meer dan een gewone dikke boom. Ze ondergaan dezelfde regel: tegen een kapvergunningsaanvraag met een grondige reden kun je als overheid niets inbrengen.” Jean-Marie Binst

ADVERTENTIE

BLAUW LIBERALE NIEUWSB RIEF OPEN VLD KOEK

ELBERG GANSHOREN

JETTE SINT-AGAT HA-BERCHEM 2013

FC GANSHOREN RENÉ COPPENS

TRAM 9 - JETTE BRIGITTE GOORIS

LOKALE HANDELAARS

GUY VANHENGEL en helderziende kaarten QUENTIN VAN DEN HOVE wil open pleinen

Met

HUN VERHAAL KHADIJA ZAMOURI - KOEKEL

BERG

BLAUW

BLAUW LIBERALE NIEUWSBRIEF OPEN VLD / KOEKELBERG

/ GANSHOREN

/ JETTE / SINT-AGATHA-BERC

HEM / 2013

LOKALE HANDELAARS BRIGITTE GOORIS - JETTE

PARKEN IN DE 21ste EEUW KHADIJA ZAMOURI - KOEKELBERG

Wij zorgen ervoor dat de volgende editie van onze nieuwsbrief netjes in jouw bus belandt.

-

BLAUW TUSSEN WOLUWE EN MAALBEEK

-

België - Belgi que P.B. 1070 Brussel X BC 31053

- LIBERALE NIEUWSBRIEF OPEN VLD

BLAUW LIBERALE NIEUWSBRIEF OPEN VLD ELSENE, SINT-GILLIS, VORST, WATERMAAL-BOS VOORDE, UKKEL

België - Belgique P.B. 1099 Brussel X 1/7781

DE VRIJE

België - Belgique P.B. 1099 Brussel X BC 10169

BRUSSELAAR LIBERALE NIEUWSBRIEF OPEN VLD BRUSSEL S

TAD - JANUARI - MAART - 2013

ee uw uw Nie Nie outt layou Lay

LEOPOLD IIWIJKCONTRACT

Schepen Jan Gypers MOLENBEEK

lijke este ge +Gew Bijla

LEEFBAAR ANDERLECHT Ann Brusseel

ANDERLECHT OPEN VLD

België – Belgique P.B. – P.P. 1000 Brussel BC 33540

LIBERALE NIEUWSB RIEF OPEN VLD MOLENBEEK ANDERLECHT

-

V .U. Fre d d y N e yts, Lé o n Le p a g e stra a t 9, 1000 Brusse l - A fze nd a d re s: V LD Fra c tie , 1005 Brusse l - A fg ifte ka nto o r 1099 Brusse l X J a nua ri- Fe b rua ri - M a a rt 2013 Drie m a a nd e lijks - P509125

BC 6491

men aan bod. Wil ook jij deze nieuwsbrief ontvan gen? Aarzel niet en stuur een e-mail naar: info@vldbrussel.be

V.U. en afzendadres Jean-Luc Vanraes, Winston Churchillaan 205, 1180 Ukkel - Afgiftekantoor Brussel X - januari - februari - ma

P.B. - P.P. 1099 Brussel X

V e r. Uitg . : C a rla D e jo n g h e , Stu y v e n b e rg 1 7 , 11 5 0 Sin t-P ie te rs-W o lu w e - E d itite A P R IL-M E I-J UN I 2 0 13 - P 9 0 8 0 2 8

België-Be lgique

LIBERALE NIEUWSBRIEF OPEN VLD EVERE, SCHAARBEEK, SINT-JOOST-TEN-NODE

Drie m a a nd e lijks tijd sc hrift va n d e V la a m se Lib e ra le n e n De m o c ra te n - V e r. Uitg .: De nis O livie r V o o rzitte r O p e n V ld Ko e ke lb e rg , L. M e tte wie la a n 10/14 te 1081 Ko e ke lb e rg - A p ril-M e i-J uni 2013

BLAUW

De tweede editie van onze nieuwe liberale nieuwsbrief is een feit. Het nieuws van de 19 gemeenten wordt gebundeld in op maat ge maakte nieuwsbrieven. Blauw staat dan ook bol van het gemeentelijke en gewestelijke politieke nieuws, maar ook leuke weetjes, praktische informatie en een vers recept ko

art 2013 Driemaandelijks - P409336

BLAUW NIEUWS UIT DE 19

Driemaandelijks tijdschrift van de Vlaamse Liberalen en Democraten - april-mei-juni 2013 - VU en afzendadres: Stefaan Van Hee, Luitenant Liedelstraat 38, 1070 Anderlecht - erkenningsnummer P 915675 - afgiftekantoor Brussel X

vlak en minder dan vijf procent van de Brusselaars ziet een toekomst met Vlaanderen of Wallonië zitten. In de media is verbrusseling minder tastbaar. Negatieve attitudes ten aanzien van Vlaanderen en het Nederlands lijken vooral door Franstalig mediagebruik gevoed. Anderzijds blijkt er bij de Nederlandstalige mediagebruikers in Brussel een breuklijn tussen zij die Brussel vanuit een stedelijke bril bekijken, en zij die vooral de Vlaamse gemeenschapsvorming belangrijk vinden. SVG

V . U. e n a fze n d a d re s G u y V a n h e n g e l, J . B. M o sse lm a n sstra a t 5 , 1 1 4 0 E V E R E - A fg ifte k a n to o r B ru sse l X - 4 X p e r ja a r: m a a rt-ju n i-se p t-d e c P 3 A 9 2 1 5

dat zich Vlaming noemt, daalt. Rudi Janssens trekt ook (voorzichtig) conclusies voor de toekomst. Hij ziet een meertalig Brussel dat niet langer spoort met de politieke realiteit die gebaseerd is op de twee gemeenschappen. Brussel verbrusselt verder en het huidig institutioneel model staat volgens hem onder druk. Bij onderwijs en politiek is dat het duidelijkst. Het Nederlandstalig onderwijs levert geen Vlamingen af, wél Nederlandstaligen die taal als iets utilitairs zien. Voor tweetalig onderwijs bestaat een ruim draag-

pt ReceWafel

+ lse sse Bru

NIEUWE BIBLIOTHEEK RENÉ COPPENS - GANSHO

REN

t +Zoe pt Rece

EEN BREDE LEEROMGEVING CARLA DE JONGHE & ETHEL SAVEKOUL

cept t Re se oe +Z ssel

Bru afel W

HISTORISCHE OVERWINNING IN UKKEL

KAAS & WIJNAVOND Zaterdag 25mei

SAMENWERKEN LOONT ELS AMPE

e telijk wes Ge t ecep +R


BDW 1384 PAGINA 6 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

© TUUR DE MOOR

Heike komt graag na het werk naar een openluchtzwembad. “Ik haal mijn dochtertje op en tijdens warme zomerdagen vinden we hier verkoeling en ontspanning. Mocht ik in een andere wijk wonen, dan ging ik naar een van de zwembaden daar. Er is keuze genoeg.”

Reportage > Duitse hoofdstad telt 26 openluchtzwembaden

Publieke baden:

Prioriteit

Een prioriteit in Berlijn BERLIJN – Brussel telt nul openluchtzwembaden. Berlijn telt er zesentwintig, meren om in te zwemmen inbegrepen. BDW nam er een duik en sprak met de woordvoerder van Europa’s grootste gemeentelijke zwembadbeheerder.

Baadtraditie En dan naar Berlijn. Een zwoele ju-

niavond. Sommerbad Prinzenallee, hartje Kreuzberg. In twee vijftigmeterbaden trekken Berlijners baantjes. Op de stenen zonnenruimte genieten heel wat mensen van een aangename avondzon. Enkele vrouwen praten rustig, iemand leest een boek, een man eet een taartje. Tussen de twee zwembaden is een derde vijftigmeterbad omgebouwd tot ondiep speelbad voor kinderen. Het geheel is omringd door een grote grasweide, waar eikenbomen schaduw brengen. De Duitse hoofdstad telt maar liefst vijftien openluchtzwembaden (waarvan vier in combinatie met een binnenzwembad). Daarnaast zijn ook elf meren waarin gezwommen kan worden de hele zomer geopend. Daarmee is Berlijn dé zwemhoofdstad van Europa, al heeft elke andere grote West-Europese stad minstens één openluchtzwembad, en vaak ook meer. (Antwerpen heeft er twee, Amsterdam zeven, tdm)

warme zomerdagen vinden we hier verkoeling en ontspanning. Mocht ik in een andere wijk wonen, dan ging ik naar een van de zwembaden daar.

De toegangsprijzen van de privaat beheerde zwemmeren schommelen allen rond de vier euro vijftig, wat ook de standaardprijs is in alle door de BBB uitgebate – ook overdekte – zwembaden. Dat is, naar Brusselse normen, aan de dure kant. In Brussel is, naast de klassieke prijsvermindering voor studenten en uitkeringsgerechtigden, ook steevast een korting voorzien voor de inwoners van de eigen gemeente. Dat laatste principe kent de regionaal beheerde BBB niet, maar in Berlijn genieten © TUUR DE MOOR

E

erst een kort overzicht van de Brusselse zwembadsoap van de afgelopen jaren. In 2009 verwees de huidige Brusselse regering Pascal Smets (sp.a, minister van Openbare Werken tijdens de vorige legislatuur, tdm) vergevorderde plan voor een buitenzwembad naast het kanaal naar de prullenbak. Daarvoor werden financiële redenen aangehaald. Andere pistes zouden worden onderzocht. Jaarlijks sturen beleidsmakers na de eerste warme zomerdagen wel enkele wilde ideeën de wereld in. Tot op heden bleven die allemaal dode letter. Benieuwd of het plan van Brussels schepen van Sport Alain Courtois (MR) – hij wil zijn diensten de haalbaarheid van de huur van een openluchtzwembad laten onderzoeken (zie brusselnieuws. be) – voor een trendbreuk kan zorgen.

Berlijners vinden dit geen luxe, maar een basisrecht. Heike zegt dat ze hier graag komt na het werk. “Ik haal mijn dochtertje op en tijdens

Er is keuze genoeg, en bovendien is de infrastructuur goed in orde.” Berlijn, en bij uitbreiding Duitsland, heeft een lange en rijke zwemen baadtraditie. “Het vrije baden paste binnen de ideologie van de arbeidersbeweging. Na de Eerste Wereldoorlog werd het ter beschikking stellen van infrastructuur ook steevast een staatsaangelegenheid,” zegt Matthias Oloew, woordvoerder van de Berliner Bäder-Betriebe (BBB), met bijna achthonderd werknemers de grootste gemeentelijke zwembaduitbater in Europa. Na de Tweede Wereldoorlog sproten de zwembaden in West-Berlijn bij wijze van spreken uit de grond. “Men wilde de mensen zo snel mogelijk terug wat bieden in de ruïne die Berlijn toen was.” Tien jaar geleden bleek de exclusief publieke uitbating van zwemgelegenheden plots niet meer heilig te zijn. Tien van de elf zwemmeren werden verpacht aan private investeerders. Die willen uiteraard winst maken, en dat kunnen ze alleen door naast waterpret ook andere activiteiten aan te bieden. In strandbad Weissensee worden bijvoorbeeld de volgende (neven)activiteiten aangeboden: wellness, dansinitiatie, feesten, horeca, theater, voetbal op groot scherm, etc. Oloew: “Voorlopig lijkt het hen aardig te lukken om op zijn minst het hoofd boven water te houden. Alle zwembaden en de historische Wannseesite blijven alsnog in eigen beheer. Zwembaden zijn trouwens veel te duur om een privaat-publieke samenwerking aan te gaan.”

In het historische strandbad Wannsee is het op mooie zomerdagen over de koppen lopen.


ook vroege vogels (ochtendtarief ) en mensen die na halfzes ’s avonds een ticket kopen van het kortingstarief van twee euro tachtig. “Goedkoper kan echt niet,” aldus Oloew. “Openluchtzwembaden kosten qua onderhoud veel meer dan overdekte zwembaden. Het onderhoud na de winter is heel duur. Jaarlijks stelt Berlijn ons een budget van vijftig miljoen euro ter beschikking.” Ondanks een schuld van meer dan zestig miljard euro blijft het publieke baden een prioriteit in Berlijn. Ook de openingsuren zijn heel ruim. Het Sommerbad Prinzenallee is van begin juni tot eind augustus van zeven uur ’s ochtends tot acht

© SASKIA VANDERSTICHELE

BDW 1384 PAGINA 7 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

P-PRAAT Wat we zelf doen, doen we beter, zo moet Brussels staatssecretaris Bruno De Lille (Groen) gedacht hebben. Of iets met een berg en Mohammed. En dus interviewde de staatssecretaris op zijn website David Steegen, de voorzitter van de raad van bestuur van tvbrussel en blijkbaar ook kandidaat-directeur van Mediapunt, uw geliefde Vlaams-Brusselse mediaplatform. “Brusselse media moeten zich enten op wat er écht leeft in Brussel,” zo wist Mohammed Steegen. Daar gaat het Vlaams-Brusselse mediaplatform, er moet een Brussels mediaplatform komen. Want, aldus Mohammed Steegen: “Het is belangrijk dat jonge mensen die zelf van Brussel zijn, de media maken. Dat heeft niets met chauvinisme te maken, maar je moet voeling hebben met de gemeenschap voor je die kunt hertalen. Jammer genoeg merk ik dat diegenen die vandaag de boel leiden, al lang niet meer in Brussel wonen of ze zijn zelfs nooit van Brussel geweest.”

“Ik haal mijn dochtertje op en tijdens warme zomerdagen vinden we hier verkoeling en ontspanning”

uur ’s avonds geopend. In mei en oktober sluit het bad om zeven uur ’s avonds. Dat is de norm voor alle buitenbaden en meren. De zesendertig binnenzwembaden kennen nog ruimere openingstijden. Van halfzeven ’s ochtends tot halfelf ’s avonds is daar de regel.

Krumme Lanke Op de vraag of er dan niet te veel openluchtzwembaden zijn in Berlijn, antwoordt Oloew bevestigend. “We zagen het bezoekersaantal de voorbije jaren slinken. De mindere zomers en de aantrekkingskracht van pret- en belevenisparken in het omliggende Brandenburg zitten daar zeker voor iets tussen. Noodzakelijke renovatiewerken van enkele populaire baden vertalen zich ook in de mindere omzetcijfers.” Renovatiewerken die hier trouwens steeds op elkaar worden afgestemd en lang op voorhand worden gecommuniceerd. Zo worden Brusselse toestanden, waarbij het hele noordwesten van de stad het maandenlang zonder zwembad moet zien te stellen, vermeden. Ondanks het dalende bezoekersaantal blijft het hier op warme zomerdagen over de koppen lopen. “De zwemmers zijn hier trouw en identificeren zich met ‘hun’ bad. Een zwembad sluiten zou op een waar volksprotest stuiten,” meent Oloew nog. Maar niet iedereen is enthousiast. Bij het buitenlopen zien we een jonge vrouw aan de ingang vloeken. Ze kan niet geloven dat de tarieven zijn opgeslagen. “In april was het nog maar vier euro. Dat is niet democratisch meer. Vanaf nu ga ik enkel nog naar Krumme Lanke of naar Schlachtensee (onbewaakte en dus niet-betalende meren in het Grunewaldbos, tdm), ook al is het een eind van mijn deur.” Tuur De Moor

De baas van uw dienaar had op haar beurt niet echt voeling met de mening van de heer kandidaat-directeur Steegen. Komt door onze Vlaamse inborst: wij luisteren niet naar mensen die Mohammed heten. Maar het liep pas echt fout bij de volgende ‘vraag’ van Berg De Lille: “Vaak heb ik de indruk dat de Vlaams-Brusselse media een Nederlandstalige paardenbril op hebben: in plaats van breed Brussels nieuws voor de Nederlandstaligen te brengen, brengen ze vooral nieuws over Nederlandstaligen voor Nederlandstaligen.” Als de eigenaars van kooiliften niet waakzaam zijn, zijn deze mevrouw en haar kloekmoedige kat binnenkort veroordeeld tot trappenlopen.

Patrimonium > René Coppens (Open VLD) waarschuwt lifteigenaars

‘Kooiliften nog niet (helemaal) gered’ BRUSSEL – De strijd voor het behoud van de historische kooiliften is een stedelijke strijd, zegt Open VLD-parlementslid René Coppens. De wettelijke strijd is gestreden, maar de liftenbouwers en controleorganismen blijven dwarsliggen. Coppens dringt aan op waakzaamheid. En vooral: “Het Brussels Gewest moet blijven investeren in vaklui voor de aanpassing van oude liften.” De liftenlobby heeft destijds haar werk goed gedaan. Onder druk van Europa kwam er in 2003 een KB dat de modernisering van liften verplichtte. Onder het mom van verhoogde veiligheid joeg het KB mede-eigenaars van appartementen zwaar op kosten: de periode waarin de liften moesten vernieuwd of aangepast worden was erg kort, de vier grote constructeurs KOST (Kone, Otis, Schindler en Thyssen) hoopten hun prijzen op te drijven. Erger nog: de kooi- of accordeonliften moesten er aan geloven, eigenaars verkozen een moderne lift boven een buitensporig dure aanpassing. René Coppens: “Door de nieuwe regeling dreigde een stukje stedelijk en Brussels erfgoed voorgoed te verdwijnen. De vaak prachtige liften vind je vooral in appartementsblokken in Antwerpen, Gent, Luik en Brussel. De renovatie van de liften leidde op iedere vergadering van mede-eigenaars tot verhitte discussies, de verontwaardiging groeide, eigenaars weten dat veiligheid een prijs heeft, maar de normen waren disproportioneel en

absurd. Zo ontstond het Comité tegen het verplicht moderniseren van liften, ik heb de strijd gesteund sinds ik parlementslid ben.”

Lente 2014 Het verzet van eigenaars en mede-eigenaars is niet vruchteloos gebleven. Eigenaars van liften die dateren van voor 1958 kregen ondertussen respijt tot in 2022. Maar toch is Coppens er niet gerust in : “Het is een goede zaak dat de methode Kinney, een alternatieve risicoanalyse, wettelijk erkend is. Maar heel wat controlebedrijven weigeren de methode toe te passen – SGS is de enige die ze wel toepast – en de grote liftenconstructeurs willen de aanpassingen in het kader van deze methode niet uitvoeren. Gelukkig bestaat er in Brussel een opleiding voor vaklui van oude liften, want er is ook een gebrek aan beroepsmensen.” Coppens dringt erop aan dat het Brussels Gewest een tandje bijsteekt om de Kinneymethode bekend te maken, ook veel eigenaars kennen ze nog niet. De stadswinkel bereidt een tentoonstelling voor om het brede publiek bewust te maken van de esthetische en technische erfgoedwaarde van historische liften. De expo moet ook de Kinneymethode promoten. Aansluitend op de tentoonstelling vindt een studiedag plaats voor syndici en verenigingen van mede-eigenaars, controlemechanismen en liftenconstructeurs. Maar dat is voor de lente van 2014. Danny Vileyn

Daar gaat Mediapunt, dachten wij, definitief opgeblazen door de staatssecretaris die journalist werd. Trouwens: het was De Lille die Steegen ontbood op zijn kantoor, dus is het Mohammed De Lille. Waarom klaagt hij überhaupt? Dit is al de vijfde keer dat we de naam Mohammed gebruiken in deze rubriek. Ondanks de paardenbril. Wat we zelf doen, doen we inderdaad beter.

CHIEN ÉCRASÉ CANARD ECRASE – Het waren dus daadwerkelijk eenden die vorige week geleid hebben tot de trambotsing aan de Van Praetbrug in Laken. Koninklijke waarschijnlijk, op de vlucht door al te veel onthullingen. Maar zoals u al weet: de eendjes werden gered en zijn sindsdien spoorloos. Waarschijnlijk aan het verpozen in Hong Kong. De tramchauffeur die de eendjes gered heeft van een – excuseer ons – geslepen dood, stelt het naar verluidt goed. De bestuurder van de tram achter hem niet. Hij kreeg van zijn werkgever MIVB een sanctie omdat hij niet kon stoppen voor een stoppende tram. Bizar wel, want onze ervaring leert ons dat alle trams van de MIVB zeer goed kunnen stoppen. Of hebt u nog nooit het moment meegemaakt waarop een bestuurder vol in de remmen ging voor... Ja, waarvoor eigenlijk? Ganzen? HOFFELIJK – Het nieuws bereikt ons dat ook de MIVB deel moet nemen aan het “stedelijke leven.” Dat betekent concreet “het ontwikkelen van hoffelijk personeel met reizigers en andere gebruikers van de openbare ruimte (inclusief eenden dus),” zo wist Vervoersminister Mädchen Grouwels (CD&V) onlangs te vertellen. “Dat wil zeggen dat taalbeleid belangrijk is om te communiceren met de gebruikers.” VERBIJSTEREND – Inderdaad, beste lezer, dat noemt men in de vakliteratuur voortschrijdend inzicht.


BDW REGIO

BDW 1384 PAGINA 8 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

Deze Week in het gemeentehuis > Watermaal-Bosvoordenaars ontevreden over MIVB

Beestenvervoer en onvriendelijke chauffeurs

wakkert hun irritatie zichtbaar aan. “C’est scandaleux!” roept iemand uit als het gaat over de snelheid waarmee sommige busbestuurders door de groene Epiceastraat scheuren. Burgemeester Olivier Deleuze (Ecolo) mengt zich in het gesprek en verklaart dat het schepencollege een snelheidscamera plant aan te kopen. “We gaan geen vriendelijke camera’s met smileys installeren, maar strenge radars, die we dan ook meteen goed verbergen!”

Busje komt niet Tijdens de vraag- en antwoordronde stapelen de grieven zich op. De verhalen krijgen horrorachtige trekjes wanneer bewoners vertellen dat ze 45 minuten moeten wachten op een bus, vier of vijf keer moeten overstappen om het centrum te bereiken, of doodleuk door de laatste bus van de dag voorbijgereden worden.

“Wij zijn een publieke dienst, onze passagiers staan voorop. We proberen de mensen zoveel mogelijk goede transportverbindingen aan te bieden”

Door de aanhoudende MIVB-perikelen, onder andere met bus 95, dreigen de Watermaal-Bosvoordenaars te veranderen in Watermaal-Boosvoordenaars.

De inwoners van Watermaal-Bosvoorde mogen hun handjes dichtknijpen met de ligging van hun gemeente: in de hiel van het Brussels Gewest, grenzend aan het indrukwekkende Zoniënwoud. Lekker afgelegen van het centrum dus. Maar voor mensen die de stad willen bereiken, is het niet altijd een pretje. De problemen van vervoersmaatschappij MIVB in de gemeente stapelen zich op.

‘D

it is geen vooruitgang, maar een regelrechte achteruitgang.” Zo beoordeelt een van de inwoners de aanpassingen aan het MIVB-netwerk tussen haar gemeente en Brussel-centrum. Ondanks de late aankondiging van de publieke vergadering met de MIVB, zit de raadzaal in het gemeentehuis afgeladen vol. De twee MIVB-afgevaardigden die

de vergadering mogen presenteren, Jacques Evenepoel en Jean-Michel Mary, beginnen dapper aan hun diavoorstelling. Succesvolle verwezenlijkingen en grootse toekomstplannen vullen een fikse reeks slides. Een vrouw achter me mompelt: “C’est beau ça, maar hoe zit het hier?” Na een uur verschijnt de eerste dia over Watermaal-Bosvoorde. Ironisch applaus vult de zaal.

Het MIVB-netwerk in WatermaalBosvoorde werd de voorbije jaren grondig door elkaar geschud. Lijn 17 werd geïntroduceerd als onderdeel van het nieuwe tram- en busplan en verbindt het uiterst zuidelijke punt van Bosvoorde, Heiligenborre, met de metrohalte Beaulieu. Bedoeling is dat de reizigers van daaruit met metro of tram doorreizen naar het stadscentrum. De bus rijdt enkel

SCHEPMANS BEZINT ZICH OVER GAS-BOETES SINT-JANS-MOLENBEEK – De PVDA voert strijd tegen administratieve sancties. Gemeenteraadslid Dirk De Block vraagt burgemeester Françoise Schepmans om af te zien van GAS-boetes vanaf 14 jaar. De Block vraagt zowel aan Schepmans (MR) als aan de overige leden van meerderheidspartijen CDH en

Ecolo wat hun standpunt over administratieve sancties voor jongeren is. Het linkse oppositielid haalt een

interview van Schepmans met FM Brussel aan waarin de burgemeester zegt dat de nieuwe (federale) wet over GAS-boetes “positief wordt onthaald in Molenbeek.” Volgens Schepmans zelf is haar persoonlijk standpunt veeleer dat

van maandag tot zaterdag 20 uur. Op zondagen en na 20 uur vangt lijn 95, die normaal gezien enkel tot het Léopold Wienerplein rijdt, de reizigers op. Ook tram 94 en bus 41 bedienen de gemeente. Toch is het netwerk kennelijk een warboel. Gemeenteraadslid Jos Bertrand (SP.A), die de bijeenkomst interpelleerde, noemt lijn 95 “een beestentransport. De bus rijdt zich voortdurend vast in het centrum, waardoor de dienstregeling in het honderd loopt. Bovendien zit hij overladen vol. Een comfortabele bus is het al lang niet meer.” De WatermaalBosvoordenaars zijn rustige, beschaafde mensen, maar de MIVB

Vooral de Bezemhoek, een idyllische uitloper van Bosvoorde aan de Terhulpensesteenweg, blijft regelmatig gespeend van openbaar vervoer. De bewoners voelen zich geïsoleerd en hekelen het gebrek aan communicatie en klantvriendelijkheid van vele chauffeurs. Haltes worden zonder aankondiging tijdelijk afgeschaft, waardoor de inwoners vaak moeten wandelen of liften. Evenepoel en Mary noteren de klachten en verzekeren beterschap. “Wij zijn een publieke dienst, wat betekent dat onze passagiers vooropstaan. We proberen de mensen zoveel mogelijk goede transportverbindingen aan te bieden.” Ze erkennen het probleem van wachttijden en afgeladen bussen. Ook zijn ze niet trots op het gedrag van sommige chauffeurs. “De bestuurders zijn onze ambassadeurs. We moeten hen duidelijk maken dat ze een dienst verlenen.” De gemeenteraad belooft de ontwikkelingen in het dossier op te volgen. Om de avond gepast af te sluiten, neem ik bus en tram terug naar Vorst. Voor ik op bus 95 stap, wensen een aantal bewoners me veel succes. Hun medeleven vertedert me, en houdt me warm gedurende de 55 minuten lange terugreis. Céline Vincent

van ‘bemiddeling.’ “Vind ik dat een jongeling van veertien die tegen een blikje trapt een boete moet krijgen? Neen. Maar ik wil wel kunnen evalueren of GAS-boetes in ‘t algemeen nuttig zijn voor Molenbeek. En dat gaan we binnenkort ook doen. Zolang ik de resultaten van die evaluatie echter niet heb en zolang de federale wet nog niet volledig van kracht is, neemt de meerderheid

geen standpunt in.” Eenzelfde geluid valt te horen bij schepen van Nederlandstalige Aangelegenheden Annalisa Gadaleta (Groen-Ecolo). “Wij zijn niet per sé tegen GASboetes. Voor sluikstorten kan dat in Molenbeek bijvoorbeeld een efficiënte manier van bestraffen zijn.” Gadaleta voegt wel toe dat haar partij geen voorstander is van GASCD boetes voor 14-jarigen.

© BART DEWAELE


BDW 1384 PAGINA 9 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

ADVERTENTIE

Etterbeek > Zwembad zet in op hygiëne

Eerst douchen, dan zwemmen Zwembad De Zwaardvis zet zwemmeesters en signalisatieborden in om zwemlustigen onder de douche te krijgen. Wie het zwembad in de Veldstraat bezoekt, ziet dat het personeel de hygiëne hoog in het vaandel heeft. Voor sommige badgasten gaat dat blijkbaar minder op. Sinds kort wijzen signalisatieborden zwemmers op de verplichting om te douchen, zwemmeesters houden een oogje in het zeil of dat ook effectief gebeurt. Zwemmeesters merkten namelijk dat “kinderen vaak geen douche nemen vooraleer

ze zwemmen,” zo vertelt directeur Stéphane Paulissen. “Bovendien zijn sommigen weinig verzorgd.” De directeur ziet zich genoodzaakt tot deze netheidscampagne, die hij voor de eerste keer organiseert. Volgens Paulissen reageren zwemmers, ouders en scholen alvast positief op het initiatief. De Zwaardvis, dat zeven dagen op zeven open is, krijgt dagelijks om en bij de 900 zwemmers over de vloer. De netheidscampagne loopt zeker nog tot eind augustus.

Steven Vandenbergh © STEVEN VANDENBERGH

Wazige wolken op het glas laten een intiem en waardig afscheid toe.

Jette > Kerkhof opent nagelnieuwe bezinningsruimte

Vaarwel zeggen kost weinig energie Op het kerkhof nemen rouwenden voortaan afscheid van hun dierbaren in een energiezuinig gebouw met lichtinval. Tot appreciatie van het personeel kan een lijk nu in de koelcel.

tien minuten, zo rekent de gemeente voor. Uit commerciële overwegingen zijn drank en eten uit den boze. Het komende jaar kunnen families de ruimte kosteloos gebruiken, nadien volgt een evaluatie.

Volgens Raoul Delens was de geur soms niet te harden. De 51-jarige kerkhofbewaarder zal nooit vergeten hoe sommige doden in een kist naast de vestiaire en kantine geplaatst werden. Op een steen, welteverstaan, en dus niet in een koelruimte. Met heel wat reukhinder als gevolg. Dat zullen Delens en de zes andere personeelsleden van het kerkhof van Jette voortaan niet meer moeten meemaken. Zopas namen ze hun intrek in een gloednieuw gebouw, dat keuken, douches en aparte toiletten voor het personeel voorziet. In een afgesloten ruimte is er een gedegen koelinstallatie voor één lijk. De meeste overledenen komen echter in de goed verlichte bezinningsruimte voor het personeelsblok terecht. Die ronde, glazen zaal van 35 vierkante meter – goed voor een dertigtal rouwenden – poogt aarde en hemel te verbinden. Gelaagd glas heeft daarbij een dubbele functie: van buitenaf is het intieme afscheid niet gade te slaan, van binnenuit vormt het een wazige wolk. Zo kan een kleine afscheidsceremonie plaatsvinden. Een speech, eventueel muziek, voor een tijdsduur van ongeveer vijf-

Voorbeeldgebouw Evenzeer belangrijk: in tegenstelling tot vroeger vormen regen en wind geen extra bron van lijden, toch niet in de bezinningsruimte – aan het graf is het als vanouds. Bovendien kan iedereen de ruimte bezigen. Misschien minder relevant voor rouwenden, maar de hele constructie betreft een lageenergie-gebouw. Zo zorgt een balansventilatiesysteem ervoor dat het warmteverlies niet oploopt. Een regenwaterput voorziet 15.000 liter, zonnepanelen bekleden het dak en houten ramen zijn uitgerust met driedubbele beglazing. Fijngevoelig detail: de houten pilaren rond de glazen zaal zijn van spar vervaardigd, net zoals sommige uitvaartkisten, zo deelt architect Philippe Danhier mee. Volgens burgemeester en schepenen beschikt het Jets kerkhof, waar jaarlijks om en bij de 300 mensen begraven worden, hiermee over een ecologisch voorbeeldgebouw. De periode van idee tot afwerking nam zes jaar in beslag. Het prijskaartje, betaald door gemeente, gewest en Leefmilieu Brussel, bedraagt ruwweg 700.000 euro. Steven Vandenbergh

Vakantie? Ontspannen, genieten, ontmoeten, ontdekken, inspiratie krijgen, plannen maken… De bibliotheek? Ontspannen, genieten, ontmoeten, ontdekken, inspiratie krijgen, plannen maken… De Bib, dat is vakantie.

De Bib: jouw gratis vakantiebestemming. Weer of geen weer. All in!

www.bruno.be


BDW 1384 PAGINA 10 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

Op de jongste besloten gemeenteraad opperde raadslid Luc Demullier (N-VA) bezwaren over de naam ’Bal van de burgemeester’. Hij stelde voor om het bal te herdopen tot Gemeentebal. Katia Vanden Broucke (Ecolo-Groen) en Valérie Lambot (PS) volgden hem in die vraag. “Het bal van de burgemeester is voor de Berchemnaar tenslotte maar het privébal van Joël Riguelle. Daarvoor gemeentelijke middelen aanwenden is deontologisch onjuist, ook al gaat de opbrengst naar goede doelen,” stelde Demullier in het voorstel tot naamswijziging, dat geagendeerd stond op de besloten zitting na de openbare. Achterliggende reden van zijn bezwaar is de intentie van de burgemeester om een organisatiecomité samen te stellen, vanaf 2014 een inrichtende gemeentelijke vzw op te richten en personeel en materiaal van de ge-

BDW REGIO

Voor altijd bal van de burgemeester meente te gebruiken voor het bal. “Ik denk dat ik toch één keer per jaar een feest mag organiseren, al was het in de eerste plaats voor de ambtenaar die een heel jaar lang al de problemen van de gemeente moet oplossen,” verdedigt Riguelle. “Het bal van de burgemeester is een traditie in vele gemeenten, de naam zal zo blijven. Ik heb alle fractieleiders uitgenodigd om dit bal samen voor te bereiden en alle rekeningen te controleren. Trouwens, hoeveel kost dit bal voor de burger? De netto winst is altijd 4.000 tot 5.000 euro.” Riguelle maakte nog de vergelijking kwijt met andere bals van Brusselse burgemeesters. “In Etterbeek (bij Vincent De Wolf (MR), red.) wordt een subsidie ingeschreven voor het bal van de burgemeester van – hou je vast - 50.000 euro. En zeggen dat ikzelf gratis zing op ons bal (lacht).” JMB

De Abdij van Dielegem valt nauwelijks op in de rommelig aangelegde buurt.

Jette > Omgeving Abdij Dielegem wordt opgeknapt

Grasveld wordt abdijtuin Om de Abdij van Dielegem beter in de verf te zetten, wil de gemeente Jette het buurtje rondom opknappen. Het saaie grasveld aan de abtswoning wordt weer een klassieke abdijtuin. De Abdij van Dielegem, gebouwd vanaf 1095, bestreek eeuwenlang een enorm gebied. Tijdens de Franse Revolutie werd het grootste deel van de eigendommen vernield en vandaag blijft alleen de abtswoning over. In de jaren 1940, 1950 en 1960 van vorige eeuw werd de hele buurt volgebouwd. Erg aantrekkelijk oogt het wijkje niet. Op het kruispunt van de Ballings- en Schueremansstraat vallen bijvoorbeeld vooral de erg aanwezige parkeerplaatsen en glascontainers op. De Jetse schepen van Openbare Ruimte Bernard Van Nuffel (Ecolo-Groen) wil hier verandering in brengen en schakelde het studiebureau Skope in. Dat presenteerde vorige week een voorontwerp. Het grasveld langs de abtswoning, nu het terrein van voetballende jongeren en hondenbezitters, moet weer een klassieke abdijtuin worden. Op die

Solbosch-FOYER KRIJGT FACELIFT ELSENE – De studenten van de ULB-campus Solbosch mochten dinsdag toasten op hun nieuwe foyer, die voor de gelegenheid herdoopt werd tot FoCus. Het sinds jaren afgeleefde gebouw kreeg in één semester tijd een volledige facelift, binnen én buiten. Daarvoor werd beroep gedaan op de studenten van de architectuurafdeling La CambreHorta (ULB), onder leiding van docenten Victor Lévy en Denis Delpire: “We beschouwden het als een naai-

© SASKIA VANDERSTICHELE

Sint-Agatha-Berchem > Joël Riguelle verdedigt de traditie

les voor studenten mode, zo kregen ze echt voeling met de materie.” Er werd vooral gebruik gemaakt van recuperatiematerialen voor het interieur. De bar, tafels, stoelen en ‘combo cube’ (omvormbaar tot zitbank) werden in situ gecreëerd. Ook buiten valt de renovatie op. Volgend schooljaar komen de twee andere foyers van de ULB aan bod. Ook daar heeft de tand des tijds - of is het het studentenleven - zijn sporen JMB gelaten.

ADVERTENTIE

manier zou ook de graffitigevoelige zijmuur van het historische pand beter beschermd blijven. Voorts stelt Skope voor om het verkeer te vertragen en meer ruimte te geven aan fietsers en voetgangers, om de parkeerplekken beter in te richten, de buurt te vergroenen en gezellige zitplekjes te maken. Daarbij is het de bedoeling om een duidelijk link te maken tussen de abdij en de vlakbij gelegen Sint-Jozefskerk, een sobere – volgens sommige buurtbewoners erg lelijke – kerk van de vermaarde architect Marc Dessauvage, die in de jaren 1960 overal in Vlaanderen bijzondere kerken met een speciale lichtinval bouwde. De meeste aanwezigen toonden zich na de presentatie vooral bezorgd over de parkeerruimte, maar Skope stelde hen gerust: nu zijn er 89 legale en 31 illegale parkeerplekken, het worden er 104 legale. Andere buurtbewoners drongen er dan weer op aan om bij de herinrichting ook de cultuur-historische geschiedenis van de plek te benadrukken. Bettina Hubo

ADVERTENTIE

Verhuur uw woning zorgeloos Gegarandeerde huur elke maand Verzekerd verhuurbeheer Onderhoud van uw woning

VOLTIJDS COÖRDINATOR DISTRIBUTIECENTRUM EDC COOVI - ELISHOUT (M/V) TAAKOMSCHRIJVING

S OCIALE V ERHUURKANTOREN

COOVI-Elishout, school voor voeding, is een Nederlandstalige secundaire school van het GO! in Anderlecht. Wij bieden TSO- en BSO- studierichtingen aan in de tuinbouw- en de voedingssector, met name hotel, bakkerij en slagerij. Vanuit het distributiecentrum EDC (Elishout Distributie Centrum) wordt de dag- en avondschool voorzien van de benodigde artikelen. Dagelijks komen de goederen binnen en worden verwerkt, opgeslagen dan wel gereed gemaakt voor de lessen van de leerkrachten. Het EDC is het cruciale knooppunt tussen de leveranciers en haar interne klanten. Om de goederenstroom tussen het EDC en haar klanten goed te coördineren zijn wij op zoek naar een gemotiveerd, meewerkend coördinator.

Steun voor de renovatie

www.fedsvk.be

VERLONING

02 412 72 44

PROFIEL

Fiscale voordelen

M�� �� ����� ��� ��� B������� H������������� G�����

n Als meewerkend Coördinator ben je verantwoordelijk voor het plannen van werkzaamheden en aansturen van medewerkers om een zo efficiënt mogelijke afhandeling van de in- en uitgaande goederen en een zo hoog mogelijke leverbetrouwbaarheid en klanttevredenheid te bereiken, en dit tegen zo laag mogelijke kosten. Je neemt zelf ook een deel van de operationele taken op jou. n Je geeft direct leiding aan een groep van ongeveer een vijftal medewerkers. Je rapporteert aan de directeur catering van de scholengroep en werkt nauw samen met je interne klanten. n De dagelijkse aansturing van de operatie (plaatsen en receptioneren van bestellingen en ontvangst en distributie van de goederen), het coachen en aansturen van de medewerkers en het meewerken met de ploeg zijn je kernwerkzaamheden.

KANDIDAATSTELLING:

Kandidaturen worden uiterlijk 15 augustus 2013 ingewacht op het volgende adres: Scholengroep Brussel: De heer Peter Luyckx, Personeelsdirecteur Oud-Strijderslaan 200, 1140 Evere

n Je hebt een bacheloropleiding voltooid, bij voorkeur richting logistiek n Je hebt kennis van voedingswaren (“food and beverage”) en je bent op de hoogte van de HACCP-normen n Je hebt een sterk organisatorisch vermogen n Je kunt enige ervaring voorleggen als leidinggevende n Je hebt enige ervaring met logistieke IT-systemen n Je wordt ingeschaald als technisch adviseur (niveau 257). n Naast de wettelijke voordelen van een overheidsbetrekking heb je ook recht op een hospitalisatieverzekering. n Verlofregeling: onderwijs

Sch www.scholengroepbrussel.be

BR


BDW 1384 PAGINA 11 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

© STEVEN VANDENBERGH

Anderlecht > Boek schijnt nieuw licht op patroonheilige

Sint-Guido: de naakte feiten Het levensverhaal van Sint-Guido, de heiligverklaarde boer en patroonheilige van Anderlecht, is nagenoeg bekend. Maar hoe werd hij in de loop der jaren vereerd en welke sporen vind je vandaag de dag nog van de patroonheilige? Op deze en vele andere vragen biedt het boek ‘Sint-Guido van Anderlecht, Eeuwen van volksdevotie’ een antwoord. Vorig  jaar  vierde  de  gemeente  Anderlecht  het millenniumjaar van haar patroonheilige.  Voor  deze  gelegenheid  bogen  niet  minder  dan twintig auteurs zich over de legende van  de  lokale  volksheilige.  Zijn  verhaal  in  trailerversie:  Hij  was  een  nederige  devote  jongen die op het veld werkte en  het opnam voor de armen. Op  een dag koos hij als handelaar  voor het grote geld. Maar Hij,  de Heer, redde hem uit Satans  handen  door  hem  schipbreuk  te  laten  lijden,  waarop  Guido  voorgoed  het  licht  zag  en  op  pelgrimstocht  naar  Rome  en  Jeruzalem trok.  Dat  Sint-Guido  vandaag  nog  alomtegenwoordig  is,  bewijzen  het  wapenschild  van  de  gemeente  Anderlecht,  de  Sint-Guidostraat,  het Sint-Guido-Instituut en het embleem van  de nationale voetbaltrots waarop de patroonheilige van het vee wordt afgebeeld. De  auteurs  gaan  na  welke  bronnen  er  over  Sint-Guido  te  vinden  zijn  en  welke  historische  feiten  na  te  trekken  zijn.  Bitter  weinig,  zo  blijkt.  Zo  is  het  verhaal  van  de  nederige  Guido  een  “aaneenschakeling  van  clichés  en  spectaculaire  elementen,”  stelt  Valerie  Vermassen, een van de auteurs, in het eerste  hoofdstuk.

Paardenkoers   at hij het werk op het veld neerlegde en zich  D liet  vervangen  door  een  engel  of  een  stok  in  de grond plantte die prompt in een eik trans-

formeerde,  zijn  klassieke  recepten  voor  een  goede legende. Maar hoe ongeloofwaardig en  cliché het verhaal ook moge zijn – ook middeleeuwers  zelf  kenden  deze  recepten  maar  al  te  goed  –  net  die  subtiele  aaneenschakeling en de originele mix zorgt voor een origineel eindproduct. Het  creëren  van  de  legende  in  de  twaalfde  eeuw  was  in  de  eerste  plaats  dan  ook  een  eigentijdse  marketingtruc  van  het  Anderlechtse kapittel dat de economische ontwikkeling van Brussel met lede ogen aanzag. De  achttien kanunniken wilden de landbouwgemeente die Anderlecht toen was op de kaart  zetten door een nieuwe kerk te  bouwen,  maar  hiervoor  moest  geld  in  het  laatje  komen.  SintGuido  legde  de  kanunniken  geen  windeieren,  want  Anderlecht  groeide  de  eeuwen  daarna  uit  als  een  bedevaardsoord  die  een  belangrijke  vorm  van  inkomsten genereerden.  Leuk  is  ook  de  blik  die  de  auteurs  werpen  op  de  vieringen  die  doorheen  de  tijd  evolueerden  en  waarvan  de  huidige  jaarmarkt  nog  altijd  een  overblijfsel  is  of  liedjes  die  over  Sint-Guido geschreven zijn. Zo  lezen we dat voor 1700 een paardenkoers heel  wat volk op de been bracht in Anderlecht. De  middagklok  gold  als  startschot  voor  de  ruiters die dan drie keer rond de kerk moesten.  De winnaar werd gelauwerd met een ware ceremonie. De paardenkoers mondde echter uit  in  vechtpartijen  en  overlast  waarna  de  pastors  aan  de  noodrem  trokken  en  het  evenement afgelastten. Het lijkt wel hooliganisme  avant la lettre. Bruno Schols

Brussel > Lezen in de Priemstraat

Bib in openlucht Hogeschoolstudenten hebben een minibib met zitbank in de Priemstraat gebouwd. Niet alleen patiënten van het César de Paepeziekenhuis  zakken  af  tot  aan  de  hoek  van  de  Cellebroers-  en  Priemstraat.  Ook  studenten  en  andere  passanten  verkennen  nieuwsgierig  de  piepkleine  bibliotheek  in  de  voorheen  leegstaande  hoek.  De  bib  bestaat  uit  een  zitplaats, gemaakt van paletten en een hangende

houten kast met uitwisselbare boeken. Bloemen, planten en gieter zorgen voor een groen  gevoel. Voor het schoolproject ‘A Ciel Au Vert’  werkten  drie  studenten  van  de  nabijgelegen  hogeschool  IHECS  samen  met  een  bevriend  student-meubelmaker.  Hun  inspiratie  haalden ze bij Potage-Toit, de tuin op het dak van  de Koninklijke Bibliotheek. Steven Vandenbergh

ADVERTENTIE

Je kan het boek bestellen bij Erfgoedcel Brussel: 02-563.05.82 of bestelling@erfgoedcel.be. Kostprijs: 10 euro

Ukkel > Europaziekenhuizen willen expertise garanderen

Groep van vier maakt sterk © EUROPAZIEKENHUIZEN

In  het  Sint-Elisabethziekenhuis  aan  de  De  Frélaan,  de  grootste  instelling  van  de  groep  Europaziekenhuizen,  wordt  de  expertise  in  specialisaties verzekerd door meer operatieve omzet, toegeschoven vanuit de groep. De  koepelinstelling focust op een groot beddenbestand  en  op  interne  doorverwijzing  voor  operaties.  Minder  algemene  ziektepatronen  (beperkte  pathologie)  zoals  bij  de  afdeling  neurologie- en chirurgie vragen om een groot  netwerk, dus een grote kliniekgroep om voldoende rond te draaien. Hoe meer zieken met  eenzelfde  pathologie,  hoe  meer  praktijkervaring de specialisten krijgen. Hoe groter de  ziekenhuisgroep ook, hoe meer middelen om  (dure)  onderzoeks-  en  operatieve  toestellen  te kunnen aanschaffen. Zo luidt de regel voor  de garantie van kwaliteitsgeneeskunde. Sinds  de  luxueuze  vernieuwing  en  heropening van Sint-Elisabeth in 2012 en de grote

opkuis van het geneeskundig team, scoort de  instelling op knowhow. In  totaal  telt  de  groep  Europaziekenhuizen  1.988  bedden,  verspreid  over  vier  klinieken  die samenwerken. Sint-Elisabeth in Ukkel en  Sint-Michiel  in  Etterbeek  tellen  samen  716  bedden,  het  Sint-Jansziekenhuis  in  Brusselcentrum heeft er 503, het ziekenhuis in Ottignies  dat  gericht  is  op  Waals-Brabant  telt  425 bedden en Sinte-Maria in Halle met 344  bedden is gericht op de Zennevallei.  JMB

ZORG EN WELZIJN, DA’S WERKEN MET JE

HOOFD HANDEN EN HART


BDW 1384 PAGINA 12 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

De geplande woontoren in het Fontainaspark, inclusief doodlopende steeg. Rechts de presentatie door het architectenbureau, links een foto van waar de toren zou moeten komen. Niet waar de wijk nood aan heeft, vindt Jo Breda.

Samenleving > Buurtbewoner Jo Breda over plannen Fontainaspark

Investeer in mensen, niet in beton BRUSSEL – Investeringen in het sociale weefsel, dat is wat het Fontainasparkje echt nodig heeft, vindt buurtbewoner Jo Breda. Geen woontoren van acht verdiepingen. Gebruik de leegstand in de wijk om bijkomende woningen te creëren in plaats van ons kostbare groen te marginaliseren in de schaduw van een nieuwe toren.

BDWOPINIE Het Fontainaspark is een klein parkje dat intensief gebruikt wordt door de vele, vaak kroostrijke, gezinnen zonder tuin die de stadswijk rijk is. Het vervult vele functies tegelijkertijd: kinderen komen er spelen, ambtenaren lunchen er als het weer meevalt, jongeren ontmoeten elkaar, stedelingen uit de wijde omtrek komen er hun hond uitlaten. Het park is druk bezocht, ondanks dat de verschillende noden elkaar in de weg lopen. Jonge moeders komen er, ondanks de gebruikte condooms die hun dreumes tussen de sigarettenpeuken en het gebroken glas op zijn pad vindt. Buurtbewoners en pendelaars komen op het gras zitten, ondanks de hondendrollen. Honden komen uitrennen, ondanks de leibandverplichting. Jongeren komen joints roken en doorverkopen, ondanks het algemene drugverbod. Dus, toen het bericht de ronde ging dat men de leegstaande meubelzaak

zou afbreken en integreren in het park, was iedereen enthousiast. We zouden wat meer ruimte krijgen! We zouden misschien wat minder in elkaars vaarwater zitten en een rustiger parkje krijgen! De teleurstelling was groot toen de vriendelijke jongens en meisjes van het architectenbureau ons uitlegden dat we mochten meebeslissen over waar de bankjes en waar de lantaarnpalen in het nieuwe parkje zouden komen, maar dat er een acht verdiepingen hoge woontoren zou komen, dat was al beslist. Geen erg, zo zeiden de jongens en meisjes geduldig: de architectuur van het woonblok zou voorbijgangers op de centrale lanen nieuwsgierig maken en het park inlokken. Dit door middel van het nieuwe doodlopende steegje dat zou ontstaan tussen het bestaande kantorenblok en het nieuw te creëren gebouw, daar waar je nu een paar bomen ziet vanop de centrale lanen. Dat verbaasde me. De functie van een doodlopend steegje in een stadscentrum? U weet het of kunt het raden - u zal er

JO BREDA: “Breek de meubelzaak af, zaai er gras en stel met het uitgespaarde geld een team van straathoekwerkers, monitoren en schoonmakers samen”

in ieder geval niet uw volgende picknick plannen. Ook aan de andere kant van het parkje, waar de meubelzaak wordt afgebroken, kiest men voor de steegjesoplossing. Want de meubelzaak wordt wel afgebroken,

ze maakt geen plaats voor open ruimte. Nee, ze maakt plaats voor twee kleinere woonblokken met een gangetje tussen. En ook een belendend sportzaaltje wordt afgebroken, maar dat moet elders in het park ingepland worden. Blijkbaar nogal letterlijk, want men stelt een half ondergronds complex voor. De functie van ondergrondse ingangen in een stadscentrum? U weet het of kunt het raden - de kans dat u uw collega’s uitnodigt om op die trappen een broodje te eten is klein. Nog los van specifieke architecturale keuzes zijn de groenvoorzieningen voor hoogbouw zelden uitnodigend voor andere dan hun bewoners. Het hele project dreigt zo voor een achteruitgang in plaats van een heropleving van de wijk te zullen zorgen. Vanwaar het idee dat woning(hoog) bouw in een park voor een nieuwe, betere dynamiek zou zorgen? De architectenjongens en -meisjes suggereerden het antwoord: het zou voor sociale controle zorgen. Daarom zouden ze onderaan de toren ook een horecazaak plannen. Natuurlijk is het de verantwoordelijkheid van elke individuele burger om het gemeenschappelijke eigendom dat zo’n park is te respecteren, maar op een dergelijk drukbevraagde plek, met zoveel tegengestelde belangen voor zoveel verschillende gebruikers, met zoveel jongeren die zich de sociale normen nog moeten ei-

gen maken, kan de overheidstaak om veiligheid te garanderen niet aan burgers gedelegeerd worden. Kan men verwachten dat de nieuwe bewoners van park Fontainas de bezoekers van hun tuin gaan leren hun honden aan de leiband te houden, afval in de vuilbak te gooien en geen drugs te dealen?

Sleutel Ik woon niet in het park, maar in de vijf jaar dat ik haast dagelijks in het parkje kom, had ik vele mooie en leuke praatjes met mensen van verschillende pluimage, die allemaal van wat groen kwamen genieten. Als ik er hondeneigenaars vraag om hun hond aan te lijnen, zeggen ze dat hun hond nog nooit iemand gebeten heeft, en doen ze voort. Dat ik systematisch de rommel uit de zandbak haal, geneert avondlijke bezoekers niet om hun peuken tussen de speeltoestellen te mikken en kapotte bierflessen in het speelzand te laten liggen. Mag ik hopen dat de nieuwe bewoners het beter gaan doen? Ik vind speelruimte veel te belangrijk om me te laten ontmoedigen, maar ik zie velen rond mij het opgeven mee te helpen aan een fijne ontmoetingsplek. Zo komt mijn Marokkaanse buurvrouw niet meer in het parkje omdat ze niet tussen de honden wil lopen en haar vijf kinderen niet wil confronteren met slechte voorbeelden. Dus: investeringen in het sociale


BDW 1384 PAGINA 13 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

© BG12 ASSOCIATES / SASKIA VANDERSTICHELE

BRIEVEN VAN LEZERS

BDWOPINIE

lezersbrieven@bdw.be

Taaldemocratie Yves Leterme beweerde ooit dat de Franstaligen in de Rand en rond Brussel te dom zijn om Nederlands te leren, of ze willen het gewoon niet. Ik bekijk het anders: de Nederlandstaligen in Brussel en in de Rand zijn zo dom dat ze met de Franstaligen gewoon Frans blijven spreken. Indien de Nederlandstaligen sowieso hun moedertaal zouden spreken tegen Franstaligen, dan zouden Franstalige burgers niet zo terughoudend meer zijn om Nederlands te leren. Er worden subsidies verdeeld in Brussel om aan anderstaligen Nederlands te leren. Tegelijkertijd doet de Nederlandstalige burger de moeite niet om aan Franstaligen in de omgang Nederlands aan te leren. Begrijpen wie begrijpen kan.

Wim Muylaert, Anderlecht

Brussels (en Vlaams) onderwijs Vorig jaar merkte de Brusselse regering op dat er zich op korte termijn een groot schoolgebouwenprobleem zou voordoen, waarvoor tijd, geld, personeel en locatie ontbrak. Op het recente Noordzeeconclaaf besloten de Brusselse ministers om samen met hun nieuwe minister-president tegemoet te komen aan deze ontoereikende voorzieningen. De Brusselse regering legt hierbij nieuwe prioriteiten, waaronder de aandacht voor het beter aanleren van het Nederlands in de Franstalige scholen, in overleg met de Vlaamse Gemeenschap voor een betere organisatorische samenwerking. Ondertussen kent men in Vlaanderen een gelijkaardig schoolpatrimoniumprobleem, met daarbovenop de discussie van een hervormd basis-en secundair onderwijs. Bij deze problematiek mag men van een politiek beleid verwachten dat het minstens voldoende schoolgebouwencapaciteit voorziet, met aangepaste accommodatie en bekwaam personeel. Jonas Wille, Oudergem

weefsel, dat is wat het Fontainas– parkje echt nodig heeft. Respect voor de vele verschillende gebruikers garanderen, jongeren opvoeden. De sporadische acties van monitoren waren altijd een succes bij het jonge volkje. Een keer ontmoette ik de poetsploeg, in de vijf minuten dat ze het park doorkruisten. Maar ik heb er niet een keer een agent gezien, ook al belde ik twee keer omdat een hond mijn kinderen lastigviel en een keer omdat een vrouw een aantal mannen lastigviel. Ook stadswachten willen niet ingrijpen, “tenzij ze echt iemand kwaad doen.” En ’s nachts? Dat weet ik niet, want dan neem ik een bocht rond het parkje, omdat ik net iets te vaak verhalen hoorde over diefstallen, daar in het donker. Vandaar mijn voorstel: breek de meubelzaak af en zaai er gras. Met al de fondsen die overblijven uit het geplande dure herinrichtingsproject kan een team straathoekwerkers, monitoren en schoonmakers samengesteld worden om een fijne tijd in het parkje te garanderen aan iedereen. Geef hen een sleutel om het park ‘s avonds, na hun werk, af te sluiten. En gebruik de leegstand in de wijk om bijkomende woningen te creëren in plaats van ons kostbare groen te marginaliseren in de schaduw van een nieuwe toren. Jo Breda, Buurtbewoner

Taalgebruik bij MIVB Onlangs moest ik voor boodschappen naar de City 2 aan het Rogierplein. Daar de ondergrondse doorgang naar de winkelketen afgesloten was wegens werkzaamheden, stonden er her en der in het Rogierstation mensen van MIVB met een rood jasje, klaar om de mensen wegwijs te maken. Ik sprak de eerste man aan in het Nederlands, waarop hij me antwoordde in het Frans. Op mijn aandringen om in het Nederlands te antwoorden, sprak hij Engels. Dus wendde ik me tot een tweede man van de MIVB. Hij antwoordde eveneens in het Frans en in het Engels. Op mijn vraag om in het Nederlands te spreken, snauwde hij me toe: “Je suis ouvrier!” Eigenaardig, een ‘ouvrier’ die geen Nederlands spreekt, maar wel Frans en Engels. Dus wendde ik mij tot een derde persoon, deze keer een dame. Zelfde reactie: alleen Frans en Engels. Ik vroeg haar of ze in het Nederlands kon antwoorden, waarop ze begon te stamelen: “Llll.inks … rrr.echts.” Verder kwam ze niet. Dan heb ik het maar opgegeven, innerlijk verontwaardigd over de manier waarop wij Vlamingen hier door personeel van de MIVB behandeld worden. Een openbare dienst die in haar taalgebruik geen enkele eerbied heeft, ja zelfs misprijzen toont voor haar landgenoten. Want het was duidelijk dat dit gebrek aan kennis van het Nederlands geen toeval was. Het lijkt wel een georkestreerd opzet. Wie is daarvoor verantwoordelijk? Is dit het resultaat van de BHVakkoorden? André Oelbrandt, Anderlecht

SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.

Prikkeldraad door Anne Brumagne De Ochtend van afgelopen dinsdag. Het onderwerp is de Duitse vleesindustrie. VRT-correspondent Rob Savelberg vertelt hoe Oost-Europese werknemers in onderaanneming in de meest erbarmelijke omstandigheden moeten werken, aan lonen van 3 à 4 euro per uur. Ze leven bij elkaar gepropt achter prikkeldraad, mogen niet naar buiten, genieten als schijnzelfstandigen geen sociale rechten. Eigenlijk zijn ze de loonslaven van deze tijd. Eerder ontstond er bij onze Oosterburen ook al ophef over de al even miserabele arbeidsvoorwaarden bij een hip bedrijf als Amazon.com. U weet wel, waar we tegenwoordig massaal onze boeken en ander fraais bestellen. Het is mee door deze praktijken dat Duitsland zo’n concurrentievoordeel heeft tegenover andere landen, ook tegenover ons land. Het programma Hautekiet dat meteen op De Ochtend volgt, neemt de fakkel over en blijft dichter bij huis. Tom Vandromme van de Vlaamse Wooninspectie komt vertellen dat ook in ons land Polen, Roemenen en Bulgaren soms in slechte omstandigheden gehuisvest zijn. Sommigen op campings, in chalets, containers of zelfs in vrachtwagens. En eveneens op dinsdag komt Or.c.a, dat werknemers zonder wettig verblijf in ons land verdedigt, naar buiten met haar jaarverslag. Onder meer omdat Or.c.a in Brussel gehuisvest is, komt het gros van de gevallen die de helpdesk te behandelen krijgt, uit ons gewest. Or.c.a focust in het jaarverslag op de arbeidsongevallen, en stelt vast dat voor de werkgevers in de informele economie veiligheidsvoorschriften allesbehalve een prioriteit zijn, met regelmatig zware ongevallen en zelfs doden tot gevolg. Er blijven ook misbruiken bestaan op het vlak van de uitbetaling van lonen en het respect voor de arbeidsomstandigheden. Vrolijke literatuur is het jaarverslag allerminst. Wat wij eigenlijk allemaal zouden moeten zeggen: dat we (voorlopig) geen Duitse plofkippen of ander Duits goedkoop vlees meer kopen. De boeken worden (tijdelijk) niet meer bij Amazon besteld – de praktijken die aan het licht zijn gekomen, zijn immers onaanvaardbaar. In Duitsland is er intussen blijkbaar zoveel ophef ontstaan over de dumpinglonen, dat ze, gelukkig maar, tot een verkiezingsthema zijn uitgegroeid. In ons land moeten woon- en arbeidsinspecties voluit kunnen gaan om mistoestanden aan te pakken. En zoals Or.c.a in de inleiding van haar jaarverslag aanstipt: diegenen die rijk worden van de organisatie van de zwarte arbeidsmarkt moeten gecontroleerd en bestraft worden. Zij die er werken moeten beschermd worden. “Want een werknemer is een werknemer”. Zelfs al gaat het om een sans-papier.

EVA HILHORST


© WWW.KAPITEINWINOKIO.BE

Tournee General! ANDERLECHT – Het Dapperheidsplein is zaterdag voor de twaalfde keer weer hét feestterein voor kinderen. Jong geweld kan er eigen boeken verkopen op een boekenmarkt, steltlopen en trampolinespringen, knappe turnkunsten tentoonspreiden op de airtrack, zandkastelen bouwen en zwemmen in het ploeterbad. Voor dappere enthousiastelingen is er het vrije podium. De Brusselse majorettengroep Majoretteketet tekent present en jong en oud kan zich laven aan een concert van Kapitein Winokio. Later nemen Jelle Cleymans en Jonas Van Geel en het meezingkoor Zingelong met Axl Peleman, Jan Hautekiet en Wigbert het muzikale roer over. En de volwassenen? Ook zij kunnen spelen en zich wagen aan een schaakpartij of een gemoedelijk spelletje petanque. Laat maar komen, dat vakantiegevoel. KV

Museumpas uitgebreid BRUSSEL - Toeristen, maar ook Brusselaars die een dag of weekend even toerist willen zijn in eigen stad, zitten nog steeds goed met de ‘Brussels Card’. Met die ene museum- en toeristenpas kan je op 24, 48 of 72 uur tijd verschillende Brusselse musea na elkaar gratis binnenwandelen. Sinds begin deze maand hebben twee nieuwe musea zich aangesloten bij het rijtje deelnemende kunsthuizen: het Museum van Cacao en Chocolade, vlakbij de Grote Markt, en het Belgisch Museum van de Vrijmetselarij. In totaal kan je met de kaart nu 32 musea, waaronder alle grote en tijdelijke expo’s bij BOZAR, Wiels en de Botanique achtereenvolgens aandoen. De all-informule zet je ook gratis de bus, de tram of de metro op. En wie na de kunstbeleving nog wat wil shoppen, krijgt met de passe-partout interessante kortingen of presentjes in talloze strip- en vintagewinkels en bij modeontwerpers. Ook restaurants en cafés doen mee, en de kaart biedt toegangskortingen voor stadsattracties. Meer info: www.brusselscard. be. KV

ADVERTENTIE

Handicap & informatie Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap

✆ 0800-15045

alle werkdagen van 9 tot 12u30, maandag, dinsdag en donderdag van 13 tot 15u30

Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be

BDW 1384 PAGINA 14 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

VADROUILLE DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK

Festival > Taurus Quartet stormt zaterdagnacht binnen op festival Musiq’3

‘We stappen uit onze comfortzone’ ELSENE - Naar het debuut- en opnameconcert van het Taurus Quartet werd lang uitgekeken. Zaterdag in Flagey is het zover, tijdens de middelste nacht van Festival Musiq’3. Vier doorwinterde strijkers halen ˇ dan Janáceks ‘Kreutzersonate’ en ‘Intieme brieven’ van stal, teksten incluis. Tijd voor pittige liefdesklanken van een oude vent voor een groen blaadje. Zal dat smaken.

H

et nieuwe strijkersensemble Taurus Quartet bestaat uit vier musici die al een bejubelde weg binnen de kamermuziek hebben afgelegd: violisten Wibert Aerts (1974) en Wietse Beels, (1969), altviolist Vincent Hepp (1980) en cellist Martijn Vink (1969). Stuk voor stuk topstrijkers en docenten die als solist of verspreid in ensembles als Oxalys, Het Collectief, Narziss und Goldmund pianotrio, Prometheus, Kryptos en Ictus een vaste waarde werden. Vink is de initiator van het ensemble, en neemt de tweede oudste in rij Wibert Aerts mee om aan het einde van een jaar van tryouts het bloed van Taurus te analyseren.

Waarom starten met een VlaamsBrussels kwartet? Martijn Vink: “Ieder van ons heeft als solist of binnen kamermuziekensembles voldoende ervaring opgedaan, om in een nieuwe formatie een andere uitdaging te durven zoeken. Als (bijna- of al) veertiger denken we: verdorie, we hebben al zolang kamermuziek gespeeld op hoog niveau, maar aan de heilige graal van de kamermuziek raakten we nog nooit. We vinden dat de mooiste stukken voor kamermuziek ongetwijfeld voor strijkkwartetten werden geschreven. Hoog tijd om die te spelen, dus.” Jullie gingen toch al voor een prachtig repertoire, met Het Collectief of Oxalys? Wibert Aerts: “In Het Collectief doen we prachtige dingen – Martijn en ik kennen elkaar al vijftien jaar – maar strijkkwartetmuziek kan in dergelijk ensemble niet aan bod komen. Trouwens, je zet het ‘samen strijken’ als muzikant niet zomaar ergens neer, tenzij voor plezier onder vrienden. Een strijkkwartet gaan vormen, is daarentegen een ernstig overwogen keuze, omdat het veel repetitie en tijd vergt. Bovendien moet je de juiste mensen

vinden om een gezonde balans in het kwartet te bereiken.” Is het een experiment of een ernstige uitdaging? Vink: “Vier goede musici bij elkaar zetten, geeft geen garantie dat je een goed strijkkwartet hebt. De beslissing om ‘te willen bestaan’, werd ruim een jaar terug genomen. Het voorbije jaar hebben we intensief gerepeteerd, tot meermaals per week, en ook met huisconcer-

“Als we alle strijkkwartetten van Beethoven hebben gespeeld, kan ik gelukkig sterven” ten. Om samen te groeien. Iedereen moest zijn rol vinden, dat vraagt tijd. Van vier klanken moet je samen één nieuwe kwartetklank ontwikkelen.” Gaan jullie spelen voor een nichepubliek? Vink: “Het strijkkwartetrepertoire begint bij het beroemde werk van Haydn, Mozart, Beethoven, … Maar in de twintigste eeuw vinden we Janáček, met werk dat tot het absolute hoogtepunt van de kwartetmuziek behoort. Janáček is geen intellectuele componist, maar iemand die recht uit zijn gevoelshart componeert. Hij vertrekt van de metaforen van de teksten die hem hebben geïnspireerd. Zoals een roman van Tolstoj of de liefdesbrieven die hij aan een veertig jaar jonger meisje van 22 schreef (zie kaderstuk, red.).”

Het concert wordt aangekleed met acteurswerk. Gaat het om musicologische uitleg? Vink: “Het festival heeft de missie om breed toegankelijk te zijn, iedereen kan binnenlopen. We spelen twee stukken, los van elkaar, met wat tijd tussen en met de tekstpresentatie. Telkens twintig minuten tekstvoordracht en twintig minuten muziek. Het publiek gaat door het woord veel meer uit de muziek halen. Dit maakt het rijker dan muziek op cd.” Hebben of nemen jullie tijd genoeg om dit kind te doen groeien? Vink: “Eens beslist werd om dit te doen, gingen we ervoor. We hebben nu een jaar intens gewerkt, afwisselend bij ons thuis (Martijn woont in Schaarbeek, Vincent in Anderlecht, Wibert in Halle en Wietse in Antwerpen, red.). Zonder voor een groot publiek te hebben gespeeld, zijn we eigenlijk goed trots op onze prestaties. Er is een soort engagement gegroeid, waarbij we de tijd namen om de relatie serieus te nemen en om een eigen ‘stem’ te vinden. Nu prikkelt de zin om dit geluid te gaan delen.” Welk repertoire hebben jullie voor ogen? Aerts: “We hebben een tiental concerten in het vooruitzicht. De beide strijkkwartetten van Janáček hernemen we zeker. Op het Festival Musical de Stavelot (6 en 7 augustus) brengen we het Strijkkwartet van Verdi en van Wolf. En samen met celliste Marie Hallynck het Strijkkwintet van Schubert. De bedoeling is om het grote klassieke romantische repertoire af te schuimen, het is uitgebreid genoeg. Onze eerste concerten (Flagey en Stavelot) worden live door radio opgenomen.” Vink: “We gaan ook ongekende pareltjes spelen, al hebben we met Taurus vooral goesting om voor het ‘grote’ repertoire te gaan. Als we alle strijkkwartetten van Beethoven hebben gespeeld, kan ik gelukkig sterven.” Komt er stress kijken bij de lancering van Taurus? Vreest u kritiek? Aerts: “Met stress hebben we allemaal al lang leren omgaan in ensembles. Direct met een sterke zichtbare aanwezigheid uitpakken, zoals nu, is niet louter luxe maar ook een nood-


© TAURUS QUARTET

BDW 1384 PAGINA 15 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

Wietse Beels, Wibert Aerts, Vincent Hepp en Martijn Vink, werkten een jaar samen aan een nieuwe klank voor het Taurus Quartet.

zaak. Vandaar het belang van goede opnames door radio en onze concertenreeks vanaf de zomer. We hebben nu eenmaal geen dertig jaar carrière meer in het verschiet. En ‘drive’ zoeken we echter wel.” Vink: “Laat ons zeggen dat we wat ongeduldiger zijn, en het direct perfect willen aanpakken. Trouwens, over dertig jaar zullen we als muzikant al zelf genoeg vibreren, in plaats van ons instrument (lacht). Even serieus toch, mag ik het zo samenvatten. De mensen kennen ons al van lang. Ik geef toe dat we door de jaren ervaring als uitvoerend muzikant het wat makkelijker hebben. We zijn allemaal rustig en goed bezig in groepen. Maar we stappen uit onze eigen comfortzone. Nu nemen we het risico om met iets nieuws te beginnen. Velen zullen ons langs de meetlat leggen, om te zien of we samen het niveau halen dat we apart in andere ensembles bereikten. Dat wordt best spannend. En toch geloven we in alle rust én met passie in dat nieuwe verhaal.” Toch al iets unieks te claimen op het begrip Taurus Quartet? Vink: “Uniek aan ons is, dat we al lang spelen maar eigenlijk nog nooit een vaste baan hebben gehad. Het is een weg die je kiest, waarbij je je niet te veel vragen mag stellen. Anders steek je geen jaar in de opstart van een kwartet. Ik hoop dat de jongere generatie muzikanten de moed heeft om diezelfde beslissingen te nemen als wij. Het is het moeilijke zoeken, ook in de muziek die je wilt spelen, dat maakt dat je beter wordt.”

Jean-Marie Binst

Getormenteerde en passionele liefde BRUSSEL – Het jaarthema van het Festival Musiq’3 is passie en Liefde. Het Taurus Quartet brengt beide deelthema’s ten volle tot hun recht in twee krachtige muziekvoorbeelden van Leoš Janácek ˇ , vol herkenbare gevoelens uit het leven gegrepen. ‘Het eerste strijkkwartet’ of ‘Kreutzersonate’ (1923) van Janáček (om 22 uur) is gebaseerd op een novelle van Tolstoj, over een tot waanzin gedreven jaloerse man, die zijn vrouw ervan verdenkt een relatie te hebben met haar kamermuziekpartner. Gewoon omdat zij zo intiem samen Beethovens Kreutzersonate musiceren. Het gaat om eerlijke liefde en de onthutsende weerslag van de twijfel ervan, die leidt tot verhitte gedachten, colère, zelfs moord. Alles volgt in de muziek, en versterkt door een monoloog van acteur Luc De Smet. Het tweede werk (om 23 uur) is Janáčeks ‘Tweede strijkkwartet’ (1928), bekend als ‘Intieme brieven’. De 62-jarige componist schreef de laatste tien jaar van zijn leven liefdesbrieven aan een jonge muze, Kamila Stöslova (22 jaar), vanuit een oprechte passie. Die 750 intieme brieven – hij durfde ze geen liefdesbrieven te noemen - heeft hij enkele weken voor zijn dood op tien dagen tijd op muziek gezet. De structuur van die muziek is zeer direct, met grote extremen van passie, en totaal herkenbaar voor iedereen. De relatie met zijn vrouw Zdenka Schultova, zijn leerlinge die hij van haar twaalfde kende, was bekoeld nadat hun beide kinderen jong waren gestorven. “De liefdesbrieven waren van een weinig poëtische kwaliteit, maar zeer direct in gevoelstaal,” zegt Martijn Vink. “Als het meisje al eens een

Janácek ˇ als jongeling met zijn vrouw. Inzet: Zijn liefde Kamila (22 jaar) toen hij 62 was.

ijskoud antwoord stuurde, speelde ze mogelijk met zijn gevoelens.” De muziek die dit alles weergeeft, voor twee violen, een cello en oorspronkelijk voor viola d’amore (nu altviool), worden kracht bijgezet door acteurs Luc De Smet en Julie Colaiacovo (De Kleine Academie van AnderJMB lecht) die de brieven in scène zetten. Taurus Quartet: zaterdag 29/06 in Studio 1 van Flagey (live opnames), www.flagey.be


BDW 1384 PAGINA 16 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

© FRANÇOISE JURION

De ‘préau central’, al dan niet met gaanderij, is typisch voor de schoolarchitectuur van Henri Jacobs (links). Het kantoor van de schooldirecteur is rijkelijk versierd (rechts). Ook kinderen hebben recht op een portie esthetiek.

Erfgoed > Monografie over art-nouveau-architect Henri Jacobs

Een kunstzinnige landmeter BRUSSEL – Henri Jacobs (1864 – 1935) was jarenlang een vergeten architect van de art nouveau. Met een uitgebreide monografie komt daar verandering is. “Laat dit een aanzet zijn om een aantal huizen van Jacobs te beschermen,” zegt auteur Françoise Jurion.

derbrengen. Hij slaagt erin om dat in één gebouw te doen, zonder dat de kinderen van de verschillende afdelingen met elkaar in contact komen. Een echt huzarenstuk.”

T

Hij had een pedagogische missie. Hij vond dat ook kinderen mochten genieten van mooie architectuur. Jurion: “Dat had hij van zijn vader. Die plaatste het kind in het centrum van de belangstelling. Ook uit brieven van Henri Jacobs blijkt dat heel zijn architectuur ten dienste stond van het kind. Scholen moesten met de beste materialen gebouwd worden, zodat de kinderen in de grootste veiligheid, in de beste hygiënische omstandigheden en aangenaamste omgeving konden opgroeien. Daarin is Jacobs grensverleggend geweest.”

oen Jurion, kunsthistorica en vorser aan de ULB, in 1987 voor de Koning Boudewijnstichting een studie maakte over schoolarchitectuur, viel haar oog op Henri Jacobs. Ze had nog nooit van de man gehoord. Helemaal onlogisch was dat niet. Victor Horta, Paul Hankar en Henri Vandevelde kende iedereen, maar over Jacobs was nauwelijks wat geschreven. De toen gewekte interesse kreeg haar beslag in de pas uitgekomen monografie Le petit monde de l’Architecte Henri Jacobs.

U hecht veel belang aan de vaderfiguur. Waarom? Jurion: “De vader van Henri groeide op in een eenvoudige boerenfamilie in Londerzeel. Hij werd onderwijzer en klom op tot onderwijsinspecteur van de provincie Brabant. De provincie was toen een instelling met veel macht. Kleine gemeenten in het rurale Brabant die op zoek waren naar een scholenarchitect, kwamen via vader Jacobs al snel bij de zoon terecht die een architectenbureau had opgestart. Het verklaart waarom er scholen zijn van Jacobs van Halle tot Kampenhout.” Hoe zou u de stijl van Jacobs typeren? Jurion: “Zoals iedere architect heeft ook Henri Jacobs zijn stokpaardjes. De reeks bovenramen onder het dak is heel erg typisch voor de huizen van Jacobs. Meer algemeen zou ik zeggen dat hij een eminent vertegenwoordiger is van het Brussels eclecticisme, die gebruik heeft gemaakt van de taal van de art nouveau,

zonder een échte art-nouveau-architect te zijn.” “Dat is niet zo bijzonder. Tijdens de art-nouveauperiode werd in Brussel voor 96 procent gebouwd in een eclectische stijl. De art-nouveaugebouwen zijn altijd in de minderheid geweest.” Hij maakte ook geen deel uit van de artnouveaubeweging. Jurion: “Hij heeft nooit teksten geschreven over architectuur. Zijn plannen, en tekeningen: dat was zijn schriftuur. De gebouwen die hij neerzette, dat was wat hij wilde vertellen. En omdat hij zoveel gebouwd heeft, is hij erg bepalend geweest voor het uitzicht van de stad.” Vooral voor zijn scholen heeft hij internationale erkenning gekregen. Jurion: “Ja, ze kwamen van Parijs kijken. Voor de scholenbouw is hij van historisch belang, hoewel hij zich baseerde op het bestaande schema van de Ecole Modèle met préau central (overdekte speelplaats, SVG). Maar die standaard heeft hij op een sublieme manier uitgewerkt. De Josaphatschool in Schaarbeek is een topwerk.” “Wat we vooral van Jacobs moeten onthouden, is de klaarheid en genialiteit van het plan dat hij voor scholen uitwerkte, rekening houdend met de inplanting op het terrein. Neem nu de school in de Maritiemwijk. Hij moest er een muziek-, kleuter- en een lagere school on-

Toch zijn de scholen in Vlaams-Brabant veel minder somptueus, eerder sober. Jurion: “Je zou denken dat dit met geld te maken heeft. Maar dat klopt niet. Jacobs hanteerde verschillende stijlen. Op hetzelfde moment bouwt hij in Ukkel een jongensschooltje in een vrij eenvoudige rurale stijl in de rand van Ukkel en een art-nouveaumeisjesschool in de burgerwijken van Ukkel. Beide scholen zijn totaal anders. In de stad mocht het allemaal wat chiquer.” Er bestaat geen foto van de architect. Jurion: “Henri Jacobs heeft jammer genoeg geen archief nagelaten. Dat is wellicht verloren gegaan bij de verhuis van zijn schoondochter, in de jaren 1960. Het is deels op de rommelmarkt beland. Jos Vandenbreede (erfgoedspecialist, SVG) heeft nog enkele plannen kunnen recupereren, maar er is niet zoiets als een Stichting Jacobs waar we op kunnen beroepen.

En dus ook geen foto. Ik heb wel één groepsfoto waarop ik bijna zeker Henri Jacobs heb kunnen identificeren.” Henri Jacobs blijkt ook vandaag miskend. In Schaarbeek worden artnouveaudeuren van Jacobs vervangen door PVC-deuren. Geen haan die er naar kraait. Jurion: “Er zijn drie belangrijke werken van Henri Jacobs gesloopt: het herenhuis Hirsch aan het Koninginnenplein, het huis Mens in de Karmelietenstraat en de cité van de Schaarbeekse Haard. Maar ik ben ook verrassingen tegengekomen. Bij de aanleg van de Kortenberglaan hebben ze nauwelijks huizen laten staan, maar eentje van Henri Jacobs staat er nog steeds: gewrongen tussen de grote gebouwen van de Europawijk. Dat is een mirakel. Ik hoop dat het huis spoedig beschermd wordt.” “Ook de bescherming van de kleinere minder rijkelijk versierde huizen van Jacobs is belangrijk. Het toont hoe mensen met minder kapitaal in Brussel woonden. En als ik dan toch een oproep mag doen: geen enkel schoolgebouw in Vlaams-Brabant is beschermd. Nochtans zijn die heel typisch zijn voor een bepaalde periode. Sommige staan te verpieteren. Het zou goed zijn moesten die op een bewaarlijst komen.” Steven Van Garsse

Françoise Jurion-de Waha (in samen– werking met Aline Wachtelaer), Au coeur de l’art nouveau à Bruxelles. Le petit monde d’Henri Jacobs 1864-1935, Bruxelles, Société royale d’Archéologie de Bruxelles, 360p.


BDW 1384 PAGINA 17 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

ADVERTENTIE

achteraf

Gezien: TEXT’TEXTILE, tot 20 september in het Museum voor het Kostuum en de Kant, Violetstraat 12, Brussel, 02-213.44.50, musea@brucity.be, maandag tot zondag 10.00>17.00, gesloten op woensdag.

Het is de periode van de eindejaarswerken en van de eindejaarstentoonstellingen waarin de laatstejaarsstudenten van de kunsthogescholen hun afstudeerprojecten voorstellen. Wij gingen dit jaar eens kijken in het Museum voor het Kostuum en de Kant. Daar kan je namelijk niet alleen terecht om het verschil te leren tussen achttiendeeeuwse Oud Vlaamse, Brusselse, en Venetiaanse kant, maar zijn momenteel ook de creaties te zien van tien derdejaarsstudenten van de opleiding Arts du Tissu ofte textieldesign van de Brusselse Hogeschool Francisco Ferrer. TEXT’TEXTILE heet de kleine tentoonstelling, en het thema werd ingegeven door de verleidelijke spelletjes waartoe de woordcombinaties ‘texte’ / textiel, ‘mot’ / motief aanleiding geven. Lorine Meric kwam zo op het idee om nylonkousen te ‘tatoeëren’ met tekst - een goed idee dat ze spijtig genoeg niet echt op een overtuigende manier ten uitvoer bracht. Dan heeft Mélanie Piron meer tijd gestoken in haar verzameling kleine dagboekjes: stukjes fijn bedrukt, gerafeld of vergeeld textiel die als boekjes in elkaar zijn genaaid en er vrij poëtisch uitzien. Aurélie Fagès van haar kant speelt met het anachronistische cachet van haar vakgebied: zij weefde het inmiddels vertrouwde mozaïek van de QR-codes als motief in haar stof. Clotilde Michel ten slotte - Arts du tissu is blijkbaar vooral in trek bij meisjes - brengt met een flamboyant maar niettemin ingenieus geklost kantwerkje, waarin de zin “Elles n’ont pas fait dans la dentelle” (“ze zijn niet geraffineerd te werk gegaan”) is uitgespaard, een ode aan het Museum. Dat waren de creaties die ons in het oog sprongen. De andere waren minder toegankelijk of gewoon minder overtuigend. Wellicht zat er toch wat meer in deze opdracht. Dat neemt niet weg dat een bezoek aan het Museum voor het Kostuum en de Kant deze zomer de moeite waard kan zijn, mocht u er recent niet meer geweest zijn. In het hedendaags ingerichte museum kan u bijvoorbeeld ook even een kijkje nemen in het zaaltje waar de monumentale negentiende-eeuwse borduurwerken De vier seizoenen te bewonderen zijn. Een knap staaltje van de Ieperse kunstenares Hélène De Rudder die de stiel in Brussel leerde. Niet alleen mooi maar ook aandoenlijk omdat de vier seizoenen natuurlijk ook de fases van het leven verzinnebeelden. En daarnaast loopt ook nog altijd de zomerse (want kleurrijke) tentoonstelling Seventies, elk z’n stijl over drie étages van het museum. Die is helemaal gewijd aan de mode uit dat fijne decennium dat evolueerde van de vrijheid blijheid van de hippies en de disco naar het pessimisme van de punk. De ondertitel ‘elk zijn stijl’ is terecht, want al maakt de prêt-à-porter in de seventies opgang ten koste van de haute couture, toch zijn de stukken zeer divers en is er van uniformisering en vestimentaire eenheidsworst hoegenaamd geen sprake. Het zijn de jaren van de jeans, de discoglitter, de gebreide, gehaakte en sponsen kledingstukken,

© MUSEUM VOOR HET KOSTUUM EN DE KANT

Praat

Verhaalstof van vroeger en nu

Museum voor het Kostuum en de Kant: nu met eindejaarstentoonstellingen.

Aan de kassa krijg je een uitstekende bezoekersgids waarin elk stuk apart becommentarieerd wordt

de salopet, de colorblocking, en het naar waarde schatten van oranje en bruin. De jaren ook van Yves Saint Laurent, Sonia Rykiel en de bloemenjurken van Laura Ashley. Het zijn niet echt de jaren van de kant, al heeft het museum toch nog enkele kantwerken uit deze époque kunnen opsnorren. Verder leer je wat een bolero en een chemisierjurk is, en welke kleur bedoeld wordt met anijsgroen. Voor bezoekers in groep die de zeventiger jaren bewust heeft meegemaakt valt er ongetwijfeld heel wat te bespreken (al valt wel op hoe weinig mannenmode te zien is), anderen krijgen vast heimwee naar een tijd die nooit de hunne geweest is. Het luik over punk is dan wel weer wat magertjes. Half augustus wordt uit het Hasseltse Modemuseum nog het God Save the Queen T-shirt van Vivienne Westwood uit 1977 overgebracht. Aan de kassa van het museum krijgt u een uitstekende bezoekersgids waarin elk stuk apart becommentarieerd wordt. Voor het eerst is er ook een speciaal kinderparcours voorzien met uitleg op kindermaat. En dan is het nu bang afwachten in welke mate de revival van de fluokleurtjes uit de jaren negentig zich deze zomer zal doorzetten. Prettige vakantie. Michaël Bellon

UW GIDS DEZE ZOMER ontdek hem volgende week!

De extra dikke zomerspecials van AGENDA magazine nemen u ook deze zomer mee op stap doorheen Brussel en de Rand. Met het volledige aanbod swingende festivals, verkoelende terrasjes, leuke uitstapjes en nog veel meer. Voor jong en oud. U vindt uw gratis exemplaar voor juli volgende week bij deze krant of in de verdeelpunten in de stad.

HET VERHAAL GAAT VERDER OP AGENDAMAGAZINE.BE


BDW 1384 PAGINA 18 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

Tentoonstelling > Nerotica toont dat Marc Sleen niet vies was van beetje bloot

Dagbladverschijnsel met rooie oortjes? D

e negentigjarige striptekenaar Marc Sleen reageerde ontstemd op een van de tekeningen in de tentoonstelling over erotiek in zijn werk. Het gaat om een grappige naakttekening van de bazige Madam Pheip. Voluptueuze borsten, een bos schaamhaar, dunne taille, weelderig heupen, lange benen: op de bewuste tekening is Sleens markantste personage in volle glorie te bewonderen. Nero’s vrouw ziet lijkbleek en vraagt of Madam niet beschaamd is om ‘zo’ op een voorpagina te staan. Madam Pheip laat zich niet uit het lood slaan. “Als je seks hebt moet je er ROND voor uitkomen, Beatje.” De tekening sierde in 1978 de cover van het stripmagazine Magnum. Sleen wordt er liever niet aan herinnerd. Om een ingestudeerd nummer gaat het niet. Maar het (vederlicht) schandaalsfeertje doet de tentoonstelling wel goed. Heel wat originele platen vormen plots onbedoeld een commentaar op de kleine hetze.

De Rode Ridder nog stouter De vraag of bloot wel thuishoort in Nero, komt namelijk in de helft van de tekeningen vanzelf aan bod. In De Z van Zottebie (1989) speelt Nero kunstschilder. Bea en Madam Pheip

kegelen zijn naaktmodel buiten. Tijd om zich weer aan te kleden krijgt de jongedame niet. Een deegrol vliegt haar richting uit. Nero vindt dat onheus. “Maar enfin. Moet je dat kind nu naar buiten jagen! In zo’n gewaad en zo’n kou,” zegt hij. “In de Rode Ridder hierboven zie je heel wat meer. En op de televisie. Open en bloot.” Dagelijkse stroken van Nero en De Rode Ridder verschenen in De Standaard jarenlang onder elkaar. Vanaf nummer 116 waren rondborstig, halfnaakte vrouwen schering en inslag bij de Rode Ridder. In Nero verschijnt meer vrouwelijk schoon eens Dirk Stallaert het tekenwerk voor een groot deel overneemt. Dat gebeurt in 1993. In Stallaerts eerste album, Barbarijse vijgen, zit meteen een erotische scène. Een eilandbewoonster stelt vast dat de wind zo erg blaast “dat de kleren van ons lichaam gerukt worden.” Nero’s interesse is meteen geweekt. Maar een bonk op blote voeten stuurt de naakte vrouwen wandelen met een streng “Geen seks in dit verhaal.” De dame in kwestie vindt hem een “ouwe zeurkous.” De twee voorbeelden zijn gegroepeerd onder de noemer functioneel naakt. Maar zo functioneel is het toch niet altijd. In Het Hik-Virus

© STICHTING MARC SLEEN

BRUSSEL – Dankzij kleine maar fijne tentoonstellingen is het altijd een optie om op een verloren uurtje eens binnen te springen in het Neromuseum. De laatste in de rij kreeg de titel Nerotica en toont dat ook Marc Sleen niet vies was van af en toe een beetje bloot.

In de strook die in De Nieuwe Gids verscheen is er een lijntje dat suggereert dat Isabelle borsten heeft. In ‘t Kapoentje blijken de borsten plots geamputeerd.

(1999) wordt een klant van frituuruitbater Jan Spier met het virus besmet. Het hikken is zo hevig dat ze een meter de lucht in wipt. Een operatie waarbij een van de borsten ontbloot wordt. Tot drie maal herhaalt het tafereel zich. En hoe ‘functioneel’ is het doorzichtig kleedje van engelbewaarster Angèle die in De Duivelsklauw (1995) om de drie

pagina’s Nero’s leven moet redden?

voor zedigheid. Die trucjes zijn niet meer nodig in 2000. Blote zeemeerminnen mogen zelfs op de cover van De Gulfstreum (2000). Een variant op de zeemeerminnen zijn de schaars geklede, langbenige assistenten van Geeraard de Duivel. In De Kolbak van How (1994) probeert er eentje Nero te verleiden. Maar het dagbladverschijn-

Verdwijn met je welvingen Naakt is geen zeldzaamheid in Nero. Noch een modern verschijnsel. Zeemeerminnen duiken al op in In De Kroon van Neptunus (1976). Toen stond er wel nog altijd iets of iemand voor hun bloot bovenlijf. Desnoods zorgden hun lange haren

Tentoonstelling > Fotoreportage maakt mensen warm voor vrijwilligerswerk

Vrijwilligers (serieus) in de kijker

BRU-taal wil de Nederlandse taal in Brussel stimuleren door middel van informele conversatietafels voor anderstaligen. Op de bijeenkomsten van Repair Café kan je, met behulp van gereedschap en deskundigen, nieuw leven blazen in je kapotte spullen. Het Centrum ter Preventie van Zelfdoding werkt al jaren met vrijwilligers die via telezorg ondersteuning bieden aan mensen met suïcidale neigingen. De uiteindelijke

winnaar, vzw Perspectief uit Hasselt, is een multiculturele organisatie die zich inzet voor de integratie van de diverse culturen en nationaliteiten in België. De tien genomineerde organisaties werden gefotografeerd door Delphine Lebon, wiens werk vorig jaar nog geselecteerd werd voor de Canvascollectie. Met de expositie ‘Get Involved in Something Great’ trachten de Verenigde Verenigin- ‘Get Involved in Something Great’ wil vrijwilligers serieus afbeelden.

© DELPHINE LEBON

BRUSSEL – Om vrijwilligers te belonen voor hun belangeloze inzet en voorbeeldfunctie, reiken de Verenigde Verenigingen en de Vlaamse Gemeenschap jaarlijks de Prijs voor het Vrijwilligerswerk uit, een geldprijs van 2.500 euro. Dit jaar waren er bij de tien genomineerden ook drie Brusselse organisaties: BRU-taal, Repair Café en het Centrum ter Preventie van Zelfdoding.

gen zoveel mogelijk mensen warm te maken voor vrijwilligerswerk. Op de foto’s staan de vrijwilligers overwegend alleen, met een ietwat ernstig gezicht. Op het krijtbord achter hen staan woorden die zij associëren met vrijwilligerswerk. Het idee achter de expo is vooral eerlijkheid, zo verduidelijkt ook projectverantwoordelijke Eline George. “Vrijwilligers worden doorgaans al lachend in groep getoond, waardoor het ‘montere vrijwilligersgevoel’ overdreven heftig van het beeld spat. Wij wilden hen eerder serieus afbeelden, wat een eerlijker en meer representatief resultaat oplevert.” Het gaat om een ‘reizende tentoonstelling’, met als startpunt het Centraal Station. Iedereen kan de foto’s ontlenen en de vrijwilligers zo in de kijker zetten.

Céline Vincent

De vrijwilligersportretten zijn nog tot 30/06 te bezichtigen in het Centraal Station. Voor meer info: eline@deverenigdeverenigingen. be


BDW 1384 PAGINA 19 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

© STICHTING MARC SLEEN

Nick Trachet BRUSSEL EN DE WERELD CULINAIR ONTDEKT

Pimm’s Terwijl Nero’s vrouw dieven aan de voordeur vermoedt, droomt haar echtgenoot bijzonder zoet.

sel verweert zich. “Verdwijn met je welvingen uit mijn gezichtsveld of ik schiet uit mijn krammen! Ga bij de Rode Ridder meespelen, Kindje. Bij mij vang je bot.” Opnieuw een sneer naar De Rode Ridder. Maar het album is om een andere reden interessant. In een andere vitrine liggen twee versies van eenzelfde pagina. Op het origineel wil een duivelin Nero, Petoetje en Petatje pas uit de put bevrijden onder één voorwaarde. “Beloof je te zondigen?” “Natuurlijk,” zegt Nero. Maar hij denkt tegelijkertijd: “Ben je gek, sloor!” In de gepubliceerde versie vraagt de duivelin niet meer om te zondigen en noemt Nero ze haar in gedachten geen sloor meer. Enkele vrouwelijke redactieleden van De Standaard hadden aanstoot genomen aan de vrouwonvriendelijke uitspraken, zo lezen we in de uitleg bij de tekeningen.

Censuur Een andere geval van censuur ziet u hiernaast staan. Al moet u wel goed kijken naar het verschil tussen de

twee tekeningen. Het gaat om een fragment uit Het Zeespook, een album uit 1948. Isabelle, de vriendin van Jan Spier of Jef Pedal, krijgt het aan de stok met een bruut die haar een tik wil geven. In de strook die in de krant De Nieuwe Gids verscheen is er een lijntje dat suggereert dat Isabelle borsten heeft. In de strook die nadien verscheen in het weekblad ‘t Kapoentje zijn de borsten plots geamputeerd. Andere tijden. Nero zelf is de ene keer al wat beter bestand tegen erotiek dan de andere. In De Erfenis van Millaflotta (2000) speelt een halfnaakte Angelina, de handlangster van schurk en aartsvijand Ricardo, haar charmes uit in de hoop een boze Nero te kunnen vermurwen. “Een vrouw zal je toch niet durven slaan, zeker.” Nero legt haar over de knie en slaat op haar blote poep. Oeps. Als u het ons vraagt is dat een tafereel dat meer vragen oproept dan die naakte madam Pheip. Soit, door de bank genomen zorgt Nerotica meer voor pretoogjes dan voor rooie oortjes. Niels Ruëll

Sport > Tweede editie EcoTrail Brussel

Groenloop door Brussel BRUSSEL – Op zaterdag 14 september organiseert EcoTrail voor het tweede jaar op rij een unieke en uitdagende loopwedstrijd door Brussel. Een stevig paar loopschoenen zijn vereist. Een loopwedstrijd in Brussel? Het klinkt op het eerste gezicht allesbehalve aantrekkelijk om te midden van de uitlaatgassen je longcapaciteit tot het uiterste te drijven. Maar EcoTrail biedt de kans het groene Brussel te verkennen, via een natuurloop in stedelijk gebied, dat zowel de ecologische rijkdom als het cultureel erfgoed van de stad in de verf zet. Een trail onderscheidt zich van de gewone loopwedstrijden door langere afstanden, grote hoogteverschillen en een traject over niet-geasfalteerde wegen. Ook een ecologisch bewustzijn en soli-

dariteit horen erbij. Je krijgt een afvalzakje mee voor de tocht, en krijgt bij aankomst een feestelijk buffet. “Contemplatie gaat bij ons boven competitie,” geeft coördinator JeanPaul Bruwier aan. De organisatie stelt dit jaar vijf formules voor, die variëren in afstand en intensiteit. Gaande van de heroïsche 80 kilometer tot de meer bescheiden 19 kilometer, al lopend, fietsend of wandelend: ieder kiest een formaat op zijn of haar maat. Het parcours kronkelt door natuurlijke rijkdommen zoals het Zoniënwoud en de Zennevalei en langs culturele pareltjes zoals de Leeuw van Waterloo en het kasteel van Beersel. Bovendien kan je met je kilometers een goed doel steunen. Tijd om te trainen, zeg maar. Voor meer info en inschrijvingen: www. ecotrailbrussels.com. CV

Het tennistoernooi van Wimbledon is weer op gang getrokken. Voor de producenten van Pimm’s betekent dat het moment om de sluizen open te zetten. Heel Engeland gaat aan de Gin Cup. Het verhaal van Pimm’s begint in Kent in het zuiden van Engeland. Daar wordt James Pimm geboren, ergens op het einde van de achttiende eeuw. In 1823 heeft de man een oesterbar in de city van Londen. Gedurende heel de negentiende eeuw zullen oesters de mode zijn in Londen. Zowel rijk als arm eten de schelpdiertjes dankzij dat nieuwe supersnelle vervoermiddel: de trein. Aan de monding van de Thames liggen twee oesterbanken: Mersea Island en de rivier Blackwater aan de linkeroever, Seasalter op de rechteroever. De oesters namen de trein in respectievelijk Colchester en Whitstable, twee namen die ook vandaag nog onder oesterliefhebbers luiden als een klok. Bij oesters moest iets gedronken worden. De Fransen hebben wijn, de Ieren Guinness, de Engelsen deden het met gin. Nu hoeft u geen drankorgel te zijn om te weten dat gin – zeker toen – ongenietbaar slecht smaakt. Het is een drank die men naar binnen kapt om de keel te ontsmetten, niet om er al nippend van te genieten. Daarom vonden onze voorvaderen de long drink uit. De zeelui dronken hun rum aangelengd met water. Gezien zij verplicht waren alle dagen ook wat citroensap te nuttigen, mengden ze die gelijk ook maar met de rum. Dat heette dan grog. De Amerikanen mixten fruitsap met (slechte) sterke drank en noemden het cocktail. In Scandinavië wordt er heel wat illegaal thuis gestookt. Ook daar wordt de moonshine altijd aangelengd met fruitsap “voor de veiligheid.” Het spul smaakt in zuivere vorm erg medicinaal. Al die drankjes met een smaakje erbij zijn van oorsprong niets anders dan een poging om de afschuwelijke gedestilleerde drank te verdoezelen. De Fransen en Italianen moeten niet lachen, zij deden net hetzelfde: de vins cuits, de vermouths, de gekruide en gesuikerde wijnen, allemaal pogingen om slechte wijn te corrigeren. James Pimm had zo zijn eigen mengsel, dat erg veel succes oogstte. Hij verdunde het ter plekke, deed er fruit bij en vulde er tankards mee, pinten met een oor. Eerst waren die van tin, later van glas. Het spul raakte bekend als Pimm’s Gin Cup. Het hoefde niet altijd gin te zijn, uiteraard, dus kwamen er ook mengsels op basis van whisky, van rum, later zelfs van wodka. Elk kreeg een specifieke kruiding om de originele wansmaak te verbergen en om het eenvoudig te houden gaf James Pimm aan elk een nummer. No1 cup is, zeg maar, het origineel en ook de versie die men vandaag het vaakst tegen komt.

Rond 1850 werd de drank ook buiten Pimm’s oesterbars (er waren er toen al meerdere) geschonken. De man verkocht op den duur zijn recept en Pimm’s No1 Cup ging een eigen leven leiden. De eerste fles Pimm’s in mijn leven kwam er omdat iemand mijn ouders een fles had cadeau gedaan. In Engeland op vakantie geweest, vermoed ik. De fles bleef er jaren onaangeroerd staan omdat mijn ouders geen benul hadden waar of wanneer zoiets zou moeten gedronken worden. Wat er uiteindelijk mee gebeurd is, weet ik niet meer. Jaren later waren wij op vakantie in EastAnglia, in Engeland. Het was er heerlijk weer. Niet grinniken, beste lezers, het klimaat van de Oostkant van Engeland is zonniger dan dat van België! Wij reden met de auto tussen de rijpe graanvelden en de zomerbloempjes en vonden het tijd om iets te drinken in een plaatselijke “Inn”. Op de koer van zo’n eeuwenoude afspanning zaten de lokalen allemaal rond een glazen kan met fruit en groente, met glazen pintjes om ervan te genieten. Uit sympathie hebben we dan maar eens meegedaan. Pimm’s No1 smaakt alvast naar kinine en gember, en waarschijnlijk nog naar anderhalf dozijn “geheime” kruiden, maar daarna wordt het pas leuk, met die limonade erbij. Een traditionele Pimm’s cup wordt als volgt gemaakt: in een grote, glazen kan met ijsblokjes schenkt men één volume Pimm’s N°1 voor drie à vier volumes witte limonade. In oude merken spreken ze van Sprite of 7Up. Het moet echt wel witte limonade zijn. Wij Brusselaars noemen elke zoete soda limonade, maar zo werkt dat niet! Het is volgens het protocol ook toegelaten om een gembersoda zoals Canada Dry te gebruiken. Doe er nu muntblaadjes bij en laat minstens één tak munt uit de kan steken. Voeg er ook grote stukken aardbei, appelsienschijfjes en -yes- dun gesneden schijfjes komkommer aan toe, laat minstens één appelsienschijf over de rand hangen. Parasolletjes en feestelijke rietjes zijn toegestaan. Ik zie de mensen en mijzelf genieten, op voorwaarde dat deze drank ijskoud en in volle zon wordt gedronken (waar ik doorgaans niet zo ‘n fan van ben). Very English. En als ik u nu nog vertel dat er op Wimbledon voor het eerst een Pimm’s bar opende in 1971 op het

“James Pimm had zo zijn eigen mengsel, dat erg veel succes oogstte. Hij verdunde het ter plekke, deed er fruit bij en vulde er tankards mee, pinten met een oor. Het spul raakte bekend als Pimm’s Gin Cup”

open tennistornooi? En dat er sindsdien elk jaar gedurende die paar weken 80.000 pintjes Pimm’s worden verkocht? Ik stond er paf van. Dat wil ik nog wel eens proberen. Nu nog een televisie vinden... Smakelijk. nick.trachet@bdw.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/trachet


BDW 1384 PAGINA 20 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

Michel Durieux: “Onze toegangsprijs trachten we zo laag mogelijk te houden, zodat jongeren die hier in de buurt leven, ook toegang hebben tot het festival.”

© MARC GYSENS

Michel Durieux, Couleur Caféveteraan

‘Geboren door de stad, voor de stad’ OUDERGEM – “Het hele jaar door zijn we hier bezig om een groot feest van drie dagen te organiseren. Met passie, met energie, met plezier: anders werkt het niet. Leren uit wat voorbij is, verbeteren waar het kan. We luisteren naar de wensen van het publiek, volgen trends maar tegelijkertijd willen we de jongeren muzikaal een beetje opvoeden. In alle bescheidenheid, maar zonder uit het oog te verliezen dat Couleur Café van groot belang is voor het hoofdstedelijk weefsel. Een festival dat aan niemand toebehoort en tegelijkertijd aan iedereen. Een beetje zoals Brussel toebehoort aan iedereen en tegelijkertijd aan niemand.” Achttien jaar al draait Michel Durieux mee in de organisatie van Couleur Café.

‘M

eer Brusselaar dan veel echte Brusselaars,” noemt Durieux zich. “Misschien wel omdat ik geadopteerd ben door Brussel. Toen ik hier aankwam vanuit mijn geboortestreek La Louvière om te studeren, was ik onmiddellijk verkocht.

De stad en die nieuwe omgeving deden mijn nieuwsgierigheid opborrelen, verwekte honger naar weten, naar begrijpen. Ongemeen boeiend en opwindend vind ik dat samenleven van de twee grote taalgemeenschappen, van mensen uit de vier windstreken. Makkelijk is

het niet, je moet er een inspanning voor doen en dat wil ik ook doen. Onder meer met dit festival. Ik ben er dan ook heilig van overtuigd dat Couleur Café in Brussel moet blijven. Ons festival is geboren door de stad, voor de stad.” Eerst heeft Durieux grafische kunsten gestu-

deerd, daarna pedagogie om die kunsten te kunnen onderwijzen. Vervolgens psychologie. Na die studies belandde hij in de wereld van de film. “Ik had samen met een vriend een personage in plasticine uitgevonden. Bogus, 12 centimeter hoog. De bewegingen werden gefilmd in stop-motion. Met een demo van acht afleveringen van 30 seconden onder de arm zijn we vervolgens naar de MIP getrokken. In Cannes hebben we RTBF, VRT, Antenne 2 en Alligator Films warm kunnen maken om in co-productie te gaan voor Bogusfilmpjes. In totaal hebben we 300 afleveringen gemaakt, die de wereld rond zijn gegaan. Ze werden verkocht aan 28 tv-zenders en uiteindelijk hebben Amerikanen de rechten op het


BDW 1384 PAGINA 21 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

“Men noemt ons ook al wel eens het festival van de rassenvermenging. En dat is Couleur Café misschien wel. Je ziet het aan de programmering, je ziet het aan de mozaïek van huidskleuren in het publiek”

Vervolgens heb ik een mooie bijdrage kunnen leveren aan de eerste editie van Les Francofolies de Spa. Ik had Pierre Collard-Bovie van de RTBF ontmoet. Hij had het idee, ik beschikte over de structuur om het te helpen verwezenlijken.” En toen kwam de ontmoeting met Patrick Wallens, mijnheer Couleur Café. “Het festival werd steeds groter. Hij had versterking nodig en ik heb toegehapt. Dat is nu achttien jaar geleden en ik ben er nog steeds. Ik sta in voor alles wat met communicatie te maken heeft, promotie, de afspraken met de Franstalige media én voor de politieke contacten, het zoeken naar subsidies. Het voordeel daarbij is dat we ons niet alleen op muziek richten, dat we geen enkele politieke kleur hebben en tweetalig zijn. Daardoor kunnen we een beroep doen op zowel de Franstalige Gemeenschap, de Nederlandstalige als op het Gewest.”

Geïntegreerd in het stedelijk weefsel “We worden soms vergeleken met een grote pakketboot die plots aanmeert aan het Kanaal en vervolgens de site van Thurn & Taxis inpalmt,” zegt Durieux. Hijzelf ziet het wel even anders. “We zijn wel degelijk geïntegreerd in het urbane weefsel. We zijn er ons goed van bewust dat we deel uitmaken van dat stedelijk weefsel, zijn tweetaligheid, het multiculturele. We moeten zowel met de gemeente Molenbeek als met de stad Brussel overeenkomen. We werken samen met de politie, vragen verenigingen hoe ze zich willen inpassen in het festival. Culturele verenigen, verenigingen die aan sociaal werk doen. Onze toegangsprijs trachten we zo laag mogelijk te houden, zodat jongeren die hier in de buurt leven, ook toegang hebben tot het festival. Achtendertig euro voor een dag is niet gratis, maar voor die prijs kan je toch een twaalftal concerten meepikken. Ga maar eens naar een concert in Vorst en je bent je toch al makkelijk 40 euro kwijt.” “Men noemt ons ook al wel eens het festival

van de rassenvermenging. En dat is Couleur Café misschien wel. Je ziet het in de programmering, je ziet het aan de mozaïek van huidskleuren in het publiek. Je ziet het aan alle andere aspecten: de decoratie, de tentoonstellingen en de keuken van de zowat 50 restaurantjes.” Eveneens belangrijk voor de organisatie is het respect voor het milieu. “Eigenlijk leven we drie dagen lang in een klein stadje in de stad. Met 75.000, 80.000 mensen. Reken zowat 800 gram vuilnis per festivalganger en je komt snel aan zowat 70.000 ton afval op de site dat moet beheerd worden. En dat doen we allemaal zelf; de straten rondom zal de gemeente wel poetsen veronderstel ik, maar binnenin zitten we op een privésite, waarvoor we verantwoordelijk zijn. In 2008 hebben we berekend dat onze ecologische voetafdruk 345 hectare bedroeg. Waarna we zijn beginnen kijken hoe we dat konden verminderen door een betere recyclage van het afval, een betere mobiliteit en voedselbeheer. Met succes, we slagen er nu in zowat de helft van het afval, zijnde 30 ton, zelf te recycleren. De andere 30 ton gaat naar de verbrandingsoven.” “In onze communicatie trachten we tevens – ik denk toch dat we daar een beetje pionier in zijn in Brussel en misschien wel in België – de boodschap over te brengen dat feesten niet wil zeggen dat je om het even wat kan doen, dat je respect moet tonen voor de omgeving, voor de andere. Driehonderd vrijwilligers worden daarvoor ingezet. Wat ons eveneens onderscheidt van de andere festivals is ons solidariteitsdorp. We hebben het voorrecht in een land te mogen leven waar de meeste mensen het goed hebben, terwijl er heel veel mensen zijn die dat niet kunnen zeggen. Daarom brengen we telkens een aantal verenigingen bijeen om informatie te verstrekken, dit jaar onder het thema ‘Think global, act local’: denk globaal, begin in je achtertuin. Maar niet met het moraliserende, opgestoken vingertje, het moet in een sfeer van feestelijkheid gebeuren. Een boodschap van vrijheid is het, van ontmoeting, van interculturaliteit, het respect voor verschillen, een pleidooi voor een wereld zonder onrecht. Zonder demagogie, zonder pretentie. We doen dat voor een groot deel ook in de programmering van de artiesten. Velen dragen respect voor de andere en sociale bekommernis hoog in het vaandel. Het zijn de jongeren van vandaag, die de wereld van morgen moeten maken en daar spelen we op in. Het valt te hopen dat ze het beter zullen doen dan wij het gedaan hebben.”

Opvolging verzekerd Jongeren zoals Durieuxs dochter en twee zoons. “Eenentwintig, zeventien en twaalf zijn ze respectievelijk. Het zijn kinderen van Couleur Café, ze zijn ermee opgegroeid. Voor hen is het groot familiefeest. Net zo met de andere kinderen van de basisploeg van de beginjaren. Ze denken bovendien mee, het is dankzij de dochter van Patrick Wallens dat Macklemore en Ryan Lewis de affiche hebben mogen sieren. Papa, ken je Macklemore? Neen? Luister dan maar eens. Hij was hier toen nog bijna volledig onbekend. Mijn dochter loopt dan weer hoog op met Matisyahu, reggae. Die staat dankzij haar hier in de line up. Het houdt ons niet alleen jong, je kan eigenlijk min of meer stellen dat de opvolging verzekerd is. En al die mensen zien toekomen wanneer Couleur Café zijn poorten opent, dat is onze beloning, daar doen we het voor.”

Karel Van der Auwera

Couleur Café - 29 en 30 juni, 1 juli - Tour & Taxis De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/ingesprekmet

3 VRAGEN AAN ISABELLE DECALLONNE © PETER DECKERS

personage verworven om het in te werken in een animatiereeks. Vijftig afleveringen van 26 minuten, waarin Bogus geregeld zijn opwachting maakte. Ik heb me er als een klein kind mee mogen amuseren en het heeft nog goed opgebracht ook. Maar ik ben ermee gestopt, omdat midden de jaren 1980 het vet van de soep was in de filmwereld.” Na de filmwereld, kwam de muziek. “Allemaal door toevallige ontmoetingen. Eerst ben ik begonnen als agent en manager bij Athanor, dat Zap Mama heeft gelanceerd en kan bogen op de organisatie van mooie theater- en dansproducties. Het is door te werken met Marie Daulne dat ik het beroep goed heb leren kennen. Drie gouden jaren, ook in het buitenland.

Isabelle Decallonne: “We blijven de lunchconcerten zeker serveren!”

Het brood blijft knapperig Op 27 juni is het de allerlaatste editie van Broodje Brussel in the Music Village. Na negen jaar en 194 verrukkelijke middagconcerten zetten Muntpunt (het vroegere Onthaal en Promotie Brussel, red.) en de Ancienne Belgique een punt achter hun artistieke samenwerking. Maar niet getreurd: de muzikale lunches worden niet zo maar afgeschreven. Isabelle Decallonne, AB-presentatrice van Broodje Brussel, vertelt enthousiast over de nieuwe conceptinvulling. Waarom stopt de samenwerking met Muntpunt? Isabelle Decallonne: “Muntpunt opent begin september haar deuren in het nieuwe gebouw op het Muntplein. Om dit te kunnen bolwerken heeft het centrum alle mogelijke middelen en al haar medewerkers nodig. Bovendien willen ze hun activiteiten voortaan op eigen territorium ontplooien. Na negen jaar is het voor iedereen tijd om de horizon te verbreden. Voor de laatste editie van Broodje Brussel grijpen we terug naar twee iconen uit de Belgische popgeschiedenis: Jean Blaute en Eric Melaerts. We eindigen groots!” Organiseert de AB dan niet langer Broodje Brussel in the Music Village?

Decallonne: “Jawel, het concept wordt volledig behouden. We organiseren de muzikale breaks voortaan zelf, op dezelfde locatie en op hetzelfde tijdstip. Hiervoor krijgen we steun van de Vlaamse Gemeenschap en SABAM. We geven wel een nieuwe invulling aan het evenement: het muzikaal accent verschuift naar Nederlandstalige artiesten. Zo krijgen ze meer kans om voet aan wal te zetten in de hoofdstad, en spelen we in op onze voornaamste doelgroep, de Vlaamse pendelaars in Brussel. We nemen ook afscheid van de naam ‘Broodje Brussel’. Voortaan serveren we ‘De Kleine Boterhammen’, wat natuurlijk refereert aan ‘Boterhammen in het Park’, het gratis zomerfestival van de AB in het Warandepark.” Hoe ziet de toekomstige link met Boterhammen in het Park eruit? Decallonne: “Heel wat artiesten die voor Broodje Brussel op de planken stonden, stroomden ook door naar de Boterhammen. De link was dus snel gelegd. Volgend jaar bestaan de Boterhammen 25 jaar. Met De Kleine Boterhammen breiden we dit evenement origineel uit. In die zin is het voor ons een godsgeschenk dat we de lunchconcerten voortaan helemaal zelf kunnen coördineren.” Céline Vincent

REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Brussel, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be, www.bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België 15 euro per jaar; IBAN: BE07424552982266, BIC: KREDBEBB van Brussel Deze Week vzw. Buiten België 25 euro per jaar. OPLAGE 70.490 exemplaren. PROMOTIE EN DISTRIBUTIE Ute Otten, Paul De Weerdt, Maurice Droogh. ADVERTISING MANAGER Rika Braeckman: 02-226.45.41, 0477-97.21.27, fax 02-226.45.69. MARKETING MANAGER Frederik Welslau. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne. COÖRDINATIE Kim Verthé. EIND­REDACTIE Ken Lambeets (eindredactie@bdw.be). REDACTIE Jean-Marie Binst, Christophe Degreef, Bettina Hubo, Patrick Jordens, Steven Van Garsse, Danny Vileyn. BRUSSELNIEUWS Kris Hendrickx (nieuwsmanager), Sandra Schreurs (projectcoördinator), Jelle Couder, Goele de Cort, Eric Vancoppenolle, Laurent Vermeersch. REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele, Gerd Hendrickx. MEDEWERKERS Michaël Bellon, An Devroe, Eva Hilhorst, Ilah, Wauter Mannaert, Francis Marissens, Karolien Merchiers, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, Freddi Smekens, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Steven Vandenbergh, Karel Van der Auwera, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Sander de Wilde, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. VORMGEVING Peter Dhondt. FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh. VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Marijke Vandebuerie. Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie.

ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).


BDW 1384 PAGINA 22 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

Fitness > Dertig jaar Fire Gym: sociaal sportcentrum en ontmoetingsplaats

‘We leven op het ritme van de JETTE – Sport voor het volk, dat is Fire Gym in een notendop. De club krijgt zowel topsporters over de vloer als Brusselse ketjes die nergens anders terecht kunnen. Hier is iedereen welkom en wordt iedereen geholpen. Oprichter en uitbater Carlos Perez (53) zet zich ook in voor de opleiding van jongeren. Dit is meer dan een sportclub. “Ik heb Fire Gym dertig jaar geleden opgericht om met atleten te werken die aan gewichtheffen en powerlifting doen,” vertelt Perez. “Sport heeft mij tijdens mijn jeugd van straat gehouden en ik wou in die branche carrière maken. De verandering van de bevolking in de wijk heeft ervoor gezorgd dat we ons aanbod hebben veranderd. Ouders vroegen naar activiteiten voor hun kinderen, maar die hadden we niet. Je hebt dan de keuze: aanpassen of in je cocon blijven. Wij hebben voor het eerste gekozen en hebben besloten de club te oriënteren op families en jongeren. Een groot keerpunt in onze geschiedenis.” Fire Gym was volgens Perez daarmee een van de eerste clubs die inspeelde op de sociale diversiteit. Een keuze die heel wat onzekerheid met zich meebracht. Zowat 75 procent van de leden vertrok namelijk na de koerswijziging en de nieuwe leden stonden financieel minder sterk. Maar spijt heeft Perez nooit gehad. “Het was een bewuste keuze. We vroegen ons af wat onze functie was in de maatschappij, wat ons doel was. Daarom besloten we deze weg in te slaan. Maar het was inderdaad doorbijten. Het was een gevecht om in leven te blijven. Ik heb wel tien keer willen sluiten, maar ons vertrouwen in de mensen en hun vertrouwen deden ons doorbijten. Iedereen zette zich in om ons te helpen. Ze zijn samen met ons op zoek gegaan naar financiële steun. Dit is een club van het volk. Ik ben eigenlijk maar een draaischijf, een coördinator.” De uitbater werd helemaal aanvaard in de

de  CLUB

Carlos Perez (rechts): “Dit is een club van het volk. Ik ben eigenlijk maar een draaischijf, een coördinator.”

wijk. Jarenlang gaf hij bijvoorbeeld elke zondag voetbaltraining aan de jongeren, of het nu snikheet was of sneeuwde, en dat dwong respect af. Hij breidde het aanbod van de club ook uit. Vandaag zijn er een tiental clubs actief in het sportcentrum. “We staan ook aan de wieg van heel wat ac-

ties en evenementen. De Spartakiades bijvoorbeeld. Dat is een sporttornooi waar vroeger allerhande sporten werden beoefend, maar dat zich sinds een paar jaar concentreert op Braziliaanse jiujitsu. Dit jaar zaten we al aan onze dertiende editie, en zoals elk jaar gaf ik een speech om het tornooi in te zetten. Toen ik

Brussels Tigers

Jonge tijgers zijn zonder genade BRUSSEL – Brussel is momenteel dé place to be voor fanaten van American Football. Begin deze maand stonden de Brussels Bulls tegenover de Brussels Tigers in de finale. De Tigers kraaiden victorie, dankzij hun mix van jonge talenten en ervaren rotten. “Het is een feit dat het jaar van de bevestiging moeilijker is,” zegt voorzitter Pascal Decoo (37). “Vorig seizoen waren we de outsider en hebben we in de finale kunnen verrassen. Deze keer waren de Bulls zeer goed voorbereid. De match werd op een zeer hoog niveau gespeeld, waardoor de score vrij laag was. We hebben hard moeten vechten. De opluchting bij het laatste fluitsignaal was dan ook enorm.” De Tigers pakten dit seizoen de derde titel in

hun geschiedenis. De club werd in 1998 opgericht en kende vrij snel succes, maar door het ontbreken van bepaalde trainerscertificaten werd hun ontwikkeling afgeremd. Een deel van de spelers vertrok naar Antwerpen waardoor de Tigers gedwongen werden om hun aanpak te veranderen. “We zijn ons meer beginnen toe te leggen op onze jongerenploegen en op flag football, de variant zonder contact. Vooral jongeren halen daar veel voordeel uit want ze krijgen de techniek van het spel echt onder de knie. Achteraf komen daar dan onder meer de tackles bij.” “Die aanpak werpt nu zijn vruchten af. Ook de Bulls trekken voluit de kaart van de jeugd, trouwens. Onze junioren zijn bijvoorbeeld vaste klant in de finales van de competitie. Neem nu Mohamed Amouh. Hij heeft al de

rangen van onze opleiding doorlopen en werd tijdens de finales uitgeroepen tot MVP (Most Valuable Player, red.). Dat is het resultaat van ons hard werk en een hoop jonge spelers die vol talent zitten. Ik ben nieuwsgierig hoever al die jonge talenten zullen geraken. Tel bij dat jong geweld een paar ervaren rotten, en je hebt een ploeg die twee seizoenen op rij kampioen speelt. Dat heeft wel gevolgen, want er zijn al twee spelers die een transfer hebben versierd.”

Nieuw synthetisch veld De Tigers tellen een kleine 250 leden, de cheerleadingsectie meegerekend. Dat cijfer zou nog moeten groeien, maar daarvoor moet de omkadering en infrastructuur verbeteren. Er liggen plannen op tafel om daar werk van te maken.

© MARC GYSENS

rond mij keek, zag ik leden van allerlei sportclubs. Wel, al hun trainers zijn ooit bij ons begonnen en hebben, in al de uithoeken van Brussel, hun eigen afdelingen opgericht. Fantastisch, toch.” “Ook vandaag worden talentvolle jongeren ingezet voor de club. Neem nu Naga Djihed. Hij

“We spelen elk jaar Europese tornooien waar we, door ons te meten met toppers, veel progressie kunnen maken. Vergeleken met landen als Frankrijk en Duitsland hebben we nog een lange weg af te leggen. Sportief willen we groeien, maar daarvoor moeten de structuur en de financiën volgen. Alles moet samen gebeuren. We werken aan de opleiding van trainers en hebben bij de gemeente een aanvraag ingediend voor de aanleg van een synthetisch veld, dat we samen met de hockeyclub zouden gebruiken. Maar het zal nog even duren alvorens het veld er effectief ligt.” Decoo en zijn maats werken hard aan de uitbouw van de club. Ze zijn constant op zoek naar (financiële) steun en kunnen daarbij hun keuze voor de jeugd in de verf zetten. De club is ook aanwezig op allerhande evenementen, denk maar aan Irisport, om hun sport aan te prijzen. Hun doel? De beste blijven. “Op Europees vlak willen we binnen afzienbare tijd een categorie hoger spelen. We moeten blijven groeien, vooruitgang maken. Als dat lukt, kunnen we de titel behouden. Maar er liggen natuurlijk heel wat ploegen op de loer. We moTS gen dus niet afremmen.” Meer info op www.brusselstigers.be


BDW 1384 PAGINA 23 - DONDERDAG 27 JUNI 2013

wijk’ is een topper in het gewichtheffen en maakt kans om naar de volgende Olympische Spelen te gaan. Hij geeft training bij ons en dat motiveert heel wat anderen. Hij is een voorbeeld.”

Pillen tegen hyperkinesie Dat Djihed aan de slag is bij Fire Gym is geen uitzondering. De club maakt van de opleiding van jongeren namelijk een speerpunt, al zal dat aanbod zich de komende jaren nog verder moeten ontwikkelen. “We geven hen zowel praktijk- als theorielessen, zodat ze een fy-

“De wijk leeft echt mee met de club. Sommigen komen gewoon langs voor een babbel. Je ontmoet hier altijd wel iemand”

sieke voorbereiding kunnen geven. Onlangs zijn we ook begonnen met het opleiden van jongeren om voetballers fysiek voor te bereiden. Het is gewoon een feit dat er voor heel wat Brusselse jongeren weinig jobkansen zijn, daarom moet je ze andere mogelijkheden bieden. Op dat vlak willen we een voorbeeld zijn voor andere clubs, zodat ook zij dergelijke projecten op poten zetten.” “Naast die opleidingen is een ander voornaam doel het openstellen van onze infrastructuur aan Brusselaars die geen mogelijkheden hebben om zich fysiek voor te bereiden. Wij willen hen helpen uit te blinken in hun disciplines. Tot nu toe bekijken we het geval per geval, maar we zouden er graag een structurele ondersteuning van maken. Daarom hebben we een plan klaar dat we graag aan de

David Steegen

bevoegde overheden zouden voorleggen.” Fire Gym kan uitpakken met knappe cijfers. Volgens Perez komen maandelijks ongeveer vierhonderd Brusselaars fitnessen, en dan moet je daar nog de leden van de verschillende clubs bijtellen die gebruikmaken van de aanwezige infrastructuur. U leest het, deze zaak bruist. “Er is altijd wel iets gaande bij ons. We zijn elke dag open en tijdens de werkdagen is dat van tien uur ‘s ochtends tot tien uur ‘s avonds. Hier zijn heel wat mogelijkheden en dat trekt een divers en heterogeen publiek aan, zowel qua leeftijd als qua afkomst. Het maandelijkse lidgeld van 35 euro zorgt ook voor een lage drempel.” “De wijk leeft echt mee met de club. Sommigen komen gewoon voor een babbel langs. We leven op het ritme van de wijk. Je ontmoet hier altijd wel iemand. Eigenlijk vervangen we enigszins de populaire cafés van vroeger (lacht).” Perez is een bezige bij die ook regelmatig naar het buitenland reist om aan allerhande conferenties deel te nemen en in sportcentra te helpen. Hij heeft ook een boek geschreven: Kindertijd onder druk: als de school ziek maakt, waarin hij het heeft over de medicalisering van de pedagogische problemen. De Nederlandstalige versie is klaar, maar wacht nu nog op een uitgever. “In het onderwijs moet er meer worden gedaan met minder middelen. Het kind wordt een middel, men bekijkt het steeds minder als sociaal wezen. Men plakt op alles een aandoening en gaat dan medicatie toestoppen. Ik merk dat ook bij ons. Ouders vertellen me dat ze op school te horen krijgen dat hun kinderen hyperkinetisch zijn en pillen moeten pakken. Maar waar is dat op gebaseerd? Dit is een probleem dat echt wel aan de tand gesteld moet worden.” “Naar aanleiding van onze dertigste verjaardag gaat er nog een ander boek uitkomen. Daarin zal onder meer een sociologische studie van sport in België staan, maar ook onze geschiedenis en ervaringen. Ik heb de indruk dat wij uniek zijn als fitnessclub door de sociale piramide die je bij ons vindt. Er gaan nog clubs volgen, denk ik. Maar ook wij gaan door. Na dertig jaar zit er nog geen spatje sleet op Fire Gym.” Tim Schoonjans

Fietsen in de stad Stadszender tvbrussel maakte er een mooie reportage over. De portal van de Brusselse media brusselnieuws.be wijdt er eveneens de nodige aandacht aan. De hoofdstad telt (nog) niet genoeg veilige fietspaden. Ondanks de vele inspanningen van de overheid. We merken het dagelijks. Steeds meer Brusselaars verplaatsen zich met de fiets. Mijn goede vriend Hans laat regelmatig zijn bedrijfswagen in de garage om de dagelijkse tocht van Ganshoren naar zijn kantoor in Strombeek met de fiets te overbruggen. Tijdens de ochtend- en avondspits worden de vele pendelende chauffeurs die stilstaan aan de zoom van het Elisabethpark lachend voorbijgestoken door Brusselaars met een Villoabonnement en fietsers uit de Rand. Ook andere tweewielers veroveren Brussel. Het kruispunt op de Steenweg op Bergen, waar maar liefst zeven straten en lanen samenkomen, is een nachtmerrie voor alle weggebruikers. Ook voor de wagens. Het verkeerskluwen is onbeschrijfelijk. Enige ervaring zorgt voor een veilige overgang over het Kanaal Brussel - Charleroi. In de televisiereportage zien we een actiegroep een (deel van een) fietspad aanleggen. Met spuitbussen schilderen ze lachend en kirrend horizontale strepen op de openbare weg. Onze zender maakt gewag van een heuse “fietsguerilla.” Wat overdreven, want de jonge dertigers en veertigers lijken eerder goedaardig van inborst. De reportage lokt vele reacties uit bij de surfers. De groep maakt deel uit van een gemotiveerde en mondige middenklasse die positief met de stad omgaat. Hun dadendrang wordt ingegeven door positivisme. De fietsers willen op vreedzame wijze onze stad beter maken. Ze hebben geen ongelijk, maar wat haastig op de grond stippellijnen schilderen zal het probleem niet

oplossen. Er zijn veel fietspaden in Brussel. Stippellijnen en een geschilderde fiets ertussen. U kent ze wel. De wegmarkering is geen fietspad. “Dat soort fietspaden geeft een vals veiligheidsgevoel,” merkt een surfer op brusselnieuws.be terecht op. Het contact met de sterke weggebruiker is te intens. De overheid doet goed werk. De lange Mettewielaan. Het voorbije jaar is er met man en macht gewerkt aan een veilig en mooi aangelegd fietspad tussen de Basiliek van Koekelberg en het kruispunt met de Ninoofsesteenweg aan Prins Van Luik. De fietsweg loopt langs de openbare weg, afgescheiden van de buslaan en de autobaan. De autoweg is ook gevoelig versmald. De zwakke weggebruiker wordt steeds sterker. Goed voor onze stad. De fietsende Brusselaars geven het voorbeeld en zorgen, actief, voor een meer leefbare omgeving. De tijd is voorbij dat alleen kinderen en enkelingen, zonderlingen, de fiets gebruiken om zich te verplaatsen in de grote stad. De Deen Per Frimann is een voormalige voetballer van RSC Anderlecht. Hij woonde aan de Ninoofsesteenweg. In tegenstelling tot zijn collega’s, ging hij met de fiets naar de trainingen. Daar haalden club en speler regelmatig de voorpagina’s mee. Een grootverdiener op een fiets. Ooit kwam Filip De Wilde, voormalige keeper van Anderlecht, met de fiets vanuit het verre Zele naar het Astridpark. Omdat de vrachtwagenchauffeurs staakten. Die tijden zijn voorbij. De fietsers hebben eindelijk de stad veroverd. De zegetocht mag zich doorzetten. www.brusselnieuws.be/steegen David Steegen is persverantwoordelijke van voetbalclub RSC Anderlecht

Met zeven tegen allen

Meer info op www.firegym.be © BRUSSELS TIGERS

SINT-LAMBRECHTS-WOLUWE – Brussels International Rugby 7’S verwelkomt voor zijn twee editie rugbyspelers uit alle windrichtingen. Rugby 7’S maakt rustig aan zijn opmars in de hoofdstad. Een mooi bewijs daarvan is Brussels International rugby 7’S: een tornooi met een internationaal deelnemersveld waar zowel mannen- als vrouwenploegen hun passie voor de ovale bal op een hoog niveau beleven. Op zaterdag 6 juli staat de tweede editie van het tornooi op het programma. Plaats van afspraak is het George Pètrestadion. De ploe-

gen worden al omstreeks acht uur verwacht, maar de eerste bal wordt pas vanaf negen uur in de lucht geschoten. Elke wedstrijd bestaat uit twee helften van zeven (intense) minuten, met daartussen een pauze van één minuut. Vanaf 17 uur begint de eindfase en om 18 uur de finale. Dit evenement is meer dan het rugbytornooi. Zo worden er ook rugbyinitiaties georganiseerd, kunnen kinderen onder meer geschminkt worden en spelen op een luchtkasteel, en zal er heel de dag muzikale animatie zijn. De dag wordt om 19 uur afgesloten met de prijsuitreiking. Meer info op www. TS brussels7s.com.

Tennis, een feest GANSHOREN – De Royal Charles-Quint Tennis Club (RCQT) is al aan de vijftiende editie toe van zijn Iris Open9.

De Brussels Tigers tellen een tweehonderdvijftigtal leden, inclusief cheerleaders.

Van zaterdag 29 juni tot en met zondag 7 juli draait het bij de RCQT rond vrouwelijke tennisspeelsters. Een internationaal deelnemersveld strijdt dan tijdens de Iris Open9 voor de overwinning en een deel van de prijzenpot van tienduizend dollar. Zowel jonge Belgische talenten als buitenlandse middenmotors krijgen hier hun kans. De tennisclub

viert dit jaar haar 75ste verjaardag en schotelt naast een tennistornooi nog heel wat ander activiteiten voor. Op vrijdag 5 juli wordt tussen 16 en 20 uur bijvoorbeeld een petanquetornooi gespeeld. Een dag later staat de Vintage Tennis Day op het programma. Tijdens dat recreantentornooi halen de spelers hun oude raketten boven en tooien zich in tenues uit de jaren 1970, 1980 en 1990. De Iris Open9 eindigt op zondag 7 juli in schoonheid met de finale. Meer informatie op www.rtcTS charlesquint.be.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook