AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153
BOB VAN REETH: BOUWEN AAN INTELLIGENTE RUÏNES En ook: Sofia Coppola, Tristero en Brussels Film Festival.
13 06 13
© SANDER DE WILDE
STRAATPICKNICK VOOR AUTOLUW BEURSPLEIN
BRUSSEL – De heerlijkste gerechten werden bovengehaald voor Picnic the Streets van afgelopen zondag. Onder een stralende zon vlijden tweeduizend picknickers zich neer op het Beursplein. Net zoals een jaar geleden eisen ze minder auto’s in de stad en het doorknippen van het transitverkeer op de centrale lanen in de Vijfhoek. Burgemeester Freddy Thielemans (PS) begreep er niets van. Een autovrij Beursplein staat in het meerderheidsakkoord en is voorzien voor 2015, maar voor de organisatoren blijft het experimenteren met autovrije dagen in de zomer SVG een goed idee. “Het is tijd voor iets concreets. De plannen voor een autovrij Beursplein bestaan immers al meer dan tien jaar.”
Sociaal > Tijdelijke contracten bij gemeenschapscentra door uitblijven van personeelsplan
Stuurlui met nepcontract BRUSSEL – Het rommelt in het grootste cultuurcentrum van Brussel. Meer dan de helft van het leidinggevend personeel van de 22 gemeenschapscentra werkt met een tijdelijk contract, dat telkens opnieuw verlengd wordt. “Zo gaat het niet langer,” klinkt het.
D
e gemeenschapscentra worden geleid door een centrumverantwoordelijke. Die neemt deel aan een examen. Als hij slaagt, kan hij worden aangesteld. Dat is tenminste de theorie, want de laatste jaren komt de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) er niet toe om de geslaagde kandidaten officieel aan te stellen. Ze krijgen alleen een tijdelijk contract. Ook voor de cultuurfunctionarissen doet de VGC steeds meer beroep op tijdelijke contracten. Sommigen hebben hun contract van bepaalde duur zo al vier of vijf keer verlengd zien worden. Vandaag zijn er volgens de socialistische vakbond ACOD 19 van de 33 cultuurfunctionarissen en cen-
trumverantwoordelijken aan de slag met een tijdelijk contract. Dat is een penibele situatie. Voor het personeel, dat geen werkzekerheid heeft, maar ook voor het gemeenschapscentrum dat moet werken met een onzekere personeelsformatie. Dat de VGC zo intensief gebruik maakt van tijdelijke contracten komt onder meer door het uitblijven van een nieuw personeelsplan voor de hele VGC-administratie. Dat moet vaststellen hoeveel personeel op welke plek kan worden ingezet. Het personeelsplan werd al sinds 2011 beloofd door collegelid voor ambtenarenzaken Bruno De Lille (Groen), maar is er nog steeds niet. Het overleg tussen De Lille en de
De situatie weegt op het terrein. GC Kontakt en HeembeekMutsaard doen het zonder kopman
vakbonden zit muurvast, zo bleek vrijdag in de Raad van de VGC. Intussen begint de situatie te wegen op het terrein. In het gemeenschapscentrum Kontakt in Sint-PietersWoluwe is al sinds januari geen centrumverantwoordelijke meer, net zoals bij het gemeenschapscentrum Heembeek-Mutsaard. De VGC heeft
zelfs geen vacature uitgeschreven. Het ACOD vermoedt dat het gaat om een verkapte besparing. Door vacatures met veel vertraging uit te schrijven, kan de VGC toch algauw enkele tienduizenden euro’s besparen.
De sociale onrust wordt verder aangewakkerd door de vrees voor ontslagen. De VGC wil 1,4 miljoen euro besparen op het personeel in 2013. Zo staat het in de begroting. Volgens de vakbonden komt dat overeen met 5 procent van de loonmassa, of een schrapping van veertig jobs. Collegelid Bruno De Lille zegt dat
het niet om naakte ontslagen gaat, maar om een technische aangelegenheid: geld voor vacante plaatsen die nooit werden ingevuld. De begrotingswijziging van mei zou meer duidelijkheid brengen. Het VGC-college heeft die vorige week donderdag goedgekeurd, maar de 1,4 miljoen euro besparing op het personeel staat er nog steeds in. Op 25 juni is er overleg met de vakbonden over het personeelsplan. Loopt dat vlot, dan valt alles in de plooi, maar komen het VGC-college en de vakbonden niet tot een akkoord, dan wordt het vast een hete herfst. Steven Van Garsse
ADVERTENTIE
ADVERTENTIE
Personeelsplan
Lees over vrijwilligerswerk EXPO www.academieanderlecht.be Zie blz. 5 Zie blz xx op pagina 11 in deze krant. www.academieanderlecht.be www.academieanderlecht.be
EXPO Opening vrijdag 21 juni van 18u-21u
zaterdag 22 juni / 14u-18 u zondag 23 juni / 14u-18 u maandag 24 juni / 18u- 21u dinsdag 25 juni / 18u- 21u
info@academieanderlecht.be - T 02 523 03 71 - Dapperheidsplein 17 - B-1070 Anderlecht
Opening vrijdag 21 juni van 18u-21u
zaterdag 22 juni / 14u-18 u zondag 23 juni / 14u-18 u maandag 24 juni / 18u- 21u dinsdag 25 juni / 18u- 21u
info@academieanderlecht.be - T 02 523 03 71 - Dapperheidsplein 17 - B-1070 Anderlecht
N° 1382 VAN 13 TOT 20 JUNI 2013 ¦ WEEK 24: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, E-MAIL: INFO@BDW.BE, WWW.BDW.BE
BDW 1382 PAGINA 2 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
© SUEDE63
© STAD BRUSSEL \ B612 ASSOCIATES
OPMERKELIJK
ONTWERPERS KRIJGEN PAVILJOEN OP NIEUWE GRAANMARKT BRUSSEL – Pal op de Nieuwe Graanmarkt, vlakbij de plek waar het MAD (Mode and Design Brussels) moet verschijnen, wil het gewestelijk handelsagentschap Atrium een paviljoen optrekken waar ontwerpers hun producten kunnen testen. Atrium is al een tijd met het project De Vitrine bezig en organiseerde drie jaar geleden een architectenwedstrijd, die werd gewonnen door het bureau Suède 36. Maar alles bleef bij plannen omdat het project financieel niet rond geraakte. Nu is het nodige geld er blijkbaar wel en herlanceert Atrium het initiatief. Bij de stad Brussel werd zopas een stedenbouwkundige vergunning aangevraagd. “Het wordt een luchtige constructie van 32m2 waar designers, modeontwerpers en andere creatievelingen hun producten op commercieel vlak kunnen testen voor ze zich in de buurt vestigen,” zegt Caroline Lambert, manager van Atrium Brussel Centrum. “Een ontwerper krijgt het paviljoen gedurende drie maanden ter beschikking om zijn producten te verkopen, waarna hij plaats zal maken voor een collega-designer.” Het paviljoen is tijdelijk, maar zal er volgens Lambert zeker ‘enkele jaren’ staan. De kostprijs – 115.000 euro – wordt gedeeld door gewest, Brussel-Stad en Atrium zelf. Vlakbij De Vitrine, op de Nieuwe Graanmarkt nummer 10, moet ook het MAD verrijzen, het nieuwe Centrum voor Mode en Design, dat ontwerpers wil ondersteunen en Brussel als mode- en designstad op de kaart wil zetten. In het pand zijn nu al af en toe mode- en designevenementen, maar het is de bedoeling dat het helemaal verbouwd wordt. Brussel-Stad vroeg hiervoor zopas (aan zichzelf ) een stedenbouwkundige vergunning. Of het MAD en De Vitrine gaan samenwerken, is niet helemaal duidelijk. “Het MAD wordt zeker onze partner,” zegt Caroline Lambert. Maar volgens MAD-directrice Alexandra Lambert werd haar organisatie tot hiertoe nauwelijks betrokken bij het initiatief. “We zaten destijds in de jury van de architectenwedstrijd, dat is alles.” Een geweldig project vindt ze het overigens niet. “Een mobiele constructie of iets met pop-upstores zou beter geweest zijn. Dan kan je immers op verschillende plekken in het centrum aanwezig zijn. Bovendien zitten wij hier al.”
Bettina Hubo
Luchtbeeld van het Fontainaspark, in het hart van de dichtbevolkte Anneessenswijk.
Uitgelicht > Toren bejubeld en verguisd
Fontainaspark verdeelt buurt BRUSSEL – In juli 2014 wil Brussel-Stad de stedenbouwkundige vergunningen aanvragen voor de herinrichting van het Fontainaspark. Maar eerst is er overleg met de buurt. Voor schepen van Participatie en Wijkcontracten Ans Persoons (SP.A) is er werk aan de winkel: er loopt een petitie tegen en een petitie voor de plannen.
D
e Anneessenswijk staat op nummer zeven van de dichtstbevolkte wijken van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest, zo is vorige week nog berekend door het Brussels Instituut voor Statistiek en Analyse (BISA).
Het was in de Anneessenswijk dat Sofie Peeters haar Femme de la Rue draaide, u weet wel, het verhaal van de jonge vrouw die lichtgekleed gaat stappen en daarbij de meest platvloerse voorstellen en de grofste scheldwoorden moet aanhoren. Om
het eufemistisch uit te drukken: dit is geen gemakkelijke buurt. Nochtans is het een buurt waar de stad Brussel en het OCMW vele honderden appartementen bezit en waar de overheid op de buurt zou moeten kunnen wegen. Toch flirt de buurt
al vele jaren met gettovorming. Maar sinds vorig jaar is er het duurzaam wijkcontract Bloemenhof (let op de naamskeuze: niet Anneessens) van minister van Leefmilieu Evelyne Huytebroeck (Ecolo). Binnen dat wijkcontract past de heraanleg van het Fontainaspark. Het park is er gekomen in de tweede helft van de jaren 1990 in de plaats van een verlaten fabriek. Het werd een park in afwachting van een groots project. Zo was er ooit sprake van de Europese vakbondszetel en van de stichting Hergé, die uiteindelijk naar Louvain-la-Neuve getrokken is. Maar de sociaal werkers uit de buurt zagen Kuifje niet zitten en het schepencollege was verdeeld en durfde niet beslissen. Het werd een park met geen al te beste naam. Nu dient zich een nieuwe kans aan. Het Brussels Gewest komt met geld over de brug voor een wijkcontract, het derde al in deze buurt. In de stad Brussel betekent dat een flinke som geld: wat de financiële inbreng in de wijkcontracten betreft, is de stad Brussel een modelleerling. Er ligt 25 miljoen euro klaar. De stad Brussel is er in geslaagd om de meubelzaak Duyver aan de Van Arteveldestraat te kopen, wat betekent dat een halve stadskanker van grotendeels ongebruikte ruimtes verdwijnt. De panden worden tegen de grond gegooid en er komt een doorgang naar het Fontainaspark, waardoor het park groter wordt. In deze dichtbevolkte wijk worden er toch nog woningen bijgebouwd, 65 appartementen in totaal. Naast het pand van de vakbond komt een toren van acht verdiepingen met een brasserie met terras. Aan de ingang Van Artevelde komen twee woonblok-
DE WEEK IN BEELD DOOR SASKIA VANDERSTICHELE
Liefhebbers van de betere gastronomie kunnen zich nog tot 30 juni 50 meter in de lucht laten hijsen aan een fluorescerende paal aan de Kunstberg voor een ‘Dinner in The Sky’. Kostprijs: 250 euro per persoon.
© SASKIA VANDERSTICHELE
WEEKOVERZICHT
BDW 1382 PAGINA 3 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
© B612 ASSOCIATES
WOENSDAG 5 JUNI AUTOLOZE ZONDAG GAAT DOOR. De elfde editie van de Autoloze Zondag vindt zoals gepland plaats op 22 september. Dat bevestigt Brussels staatssecretaris voor Mobiliteit Bruno De Lille (Groen). Vorige week was er onrust ontstaan bij de gemeentes door een brief van het parket waarin enkele vragen stonden over het juridisch kader van het evenement. heraanleg woestelaan sleept aan. De heraanleg van de Charles Woestelaan sleept al vier jaar aan. Sinds de vernieuwing van de trambedding eind vorig jaar is er niets meer veranderd. “Dat de werken zo lang aanslepen, is te wijten aan de slechte coördinatie,” zegt de SP.A-oppositie. Minister Grouwels (CD&V) hoopt dat de werken na het bouwverlof hervat kunnen worden.
DONDERDAG 6 JUNI
Zicht vanaf het Fontainasplein op het nieuwe Fontainaspark, althans volgens de plannen die momenteel op tafel liggen. Die kunnen nog gewijzigd worden na overleg met de buurt.
ken en ook nog eentje aan de Zespenningenstraat. De vier gebouwen moeten dienen als landmarks. Sinds de afbraak van de fabriek twee decennia geleden is het gevoel dat er een gat in de wijk geslagen werd, nooit weggeweest. Zeggen de architecten van B612 Associates: “Wij pleiten voor volumes die kwaliteitswoningen aanbieden en die dat ook laten zien, zodat men het gevoel heeft dat de stad bewoond is. Zowel vanaf de laan als vanuit het park zorgen ze voor sociale controle. Ze moeten mensen zin geven om in de stad te wonen.” Maar daar gaat alvast niet iedereen in de buurt mee akkoord. Er circuleert een online petitie tegen de toren van acht verdiepingen en tegen het creëren van steegjes. Buurtbe-
“ “ HET GETAL
woners vrezen dat de onveiligheid gaat toenemen en nog meer inwoners in de dichtbevolkte buurt zien ze ook niet zitten. Ook klagen ze dat er te weinig inspraak is. Maar ondertussen komt er tegenwind vanuit de buurt zelf. Er is nu ook een online petitie die het project een kans wil geven.
Doorlopend gazon Ans Persoons: “We zijn al de volle twee weken bezig met de plannen voor te stellen, niet alleen op papier – niet iedereen kan plannen lezen – maar ook in 3D, niet alleen ‘s avonds maar ook overdag.” Maar ondertussen draait de geruchtenmolen op volle toeren. Zo zou er groen verdwijnen. Persoons: “Dat klopt niet, het project voorziet
10.000 m2 groen, nu is er 9.000 m 2. Om niet aan het groen te raken, wordt er ook in de hoogte gebouwd. De grote lijnen werden al tijdens de vorige legislatuur vastgelegd door de Brusselse regering, het stadsbestuur, Leefmilieu Brussel en de Bouwmeester. Er moeten woningen, een sportzaal, kinderopvang en horeca komen, maar de concrete invulling – waar komen de moestuinen, waar de sportvelden, waar de speelpleinen – gebeurt na overleg met de buurt.” De vraag rijst of de huidige omheining moet blijven, of niet. “Dat is nog niet uitgemaakt,” zegt Persoons. Op de plannen loopt het gazon door tot voor het ACOD-gebouw. Op papier is dat prachtig. Maar werkt het ook? Danny Vileyn
30.000 MANIFESTANTEN ABVV EN ACV BETOGEN. In het centrum betogen 30.000 manifestanten van vakbonden ABVV en ACV. Het ABVV verzet zich tegen de plannen van minister van Werk Monica De Coninck (SP.A) om de lonen verder te bevriezen. Het ACV wil de druk op de regering opvoeren om de ongelijkheden tussen arbeiders en bedienden weg te werken. WONINGPRIJZEN STIJGEN MET BIJNA 200 PROCENT. Tussen 2000 en 2012 stegen de Brusselse woningprijzen met gemiddeld 188 procent. Dat blijkt uit een studie van vastgoedmakelaar Trevi. Elsene kent met ruim een verdrievoudiging de grootste stijging. Bij de appartementen klommen de prijzen gemiddeld met 131 procent. Hier is Sint-Gillis de uitschieter met een toename van 170 procent.
VRIJDAG 7 JUNI BOUW UPLACE VOLGEND JAAR VAN START. Winkelcentrum Uplace wil volgend jaar met de bouw van haar complex beginnen. De sanering van de terreinen is voltooid, maar het bedrijf moet nog wachten op de toelating van de Raad van State. Die moet zich uitspreken over de milieuvergunning, waartegen verschillende procedures lopen.
ZATERDAG 8 JUNI BOSNIËWIJK SINT-GILLIS MEEST DICHTBEVOLKT. De Bosniëwijk in Sint-Gillis is de meest dichtbevolkte van Brussel. Dat blijkt uit cijfers van het Brussels Instituut voor Statistiek en Analyse (BISA). Ook het centrum van Sint-Joost en historisch Molenbeek hebben een heel hoge dichtheid.
ZONDAG 9 JUNI 2.000 BRUSSELAARS PICKNICKEN AAN BEURSPLEIN. De tweede editie van Picnic the Streets lokt 2.000 mensen naar het Beursplein. Zij pleiten voor een leefbare stad met minder auto’s en plannen in de toekomst nog acties.
Als het technisch mogelijk is, waarom niet? We zijn niet bekrompen.” Minister-president Rudi Vervoort (PS) zet nu toch de deur op een kier voor de bouw van een atletiekpiste in het nieuwe Koning Boudewijnstadion op parking C (op Belga).
In de zomer kan het in Brussel ‘s nachts tot vijf graden warmer zijn dan op het platteland.”
MAANDAG 10 JUNI geen GEMEENTERAAD via webcams. De meerderheid verwerpt de motie van Bianca Debaets (CD&V) en Didier Wauters (CDH) over de uitzending van de gemeenteraad via webcams. De installatie van die webcams zou technisch onhaalbaar zijn omdat het stadhuis beschermd is. Debaets en Wauters wilden de burgers op een laagdrempelige manier meer betrekken bij het beleid. REGERING ONDUIDELIJK OVER ATELTIEKPISTE. De Brusselse regering wil niet weten van een atletiekpiste in het nieuwe stadion op Parking C. “Tenzij men kan aantonen dat een atletiekpiste technisch en financieel haalbaar is,” zegt minister-president Rudi Vervoort (PS) nu. Zondag hadden hij en minister Guy Vanhengel (Open VLD) nog bevestigd dat een piste uitgesloten is.
DINSDAG 11 JUNI Onderzoeker Rafiq Hamdi van het KMI (op Télé Bruxelles).
1
Brussel trok vorig jaar 39 directe buitenlandse investeringen aan, de meeste van heel België. Helaas creëert dit amper extra werkgelegenheid voor de hoofdstad: slechts één job per investering, een cijfer dat nagenoeg verwaarloosbaar is. De trend werd opgetekend in de Barometer van de Belgische Attractiviteit van het adviesbureau Ernst & Young. Een eerste reden voor dit teleurstellend resultaat is de aard van de investeringen: de buitenlandse aandacht
gaat vooral naar advocatenbureaus, marketingkantoren en consultingbedrijven, relatief kleinschalige projecten die weinig nieuwe arbeidsplaatsen creëren. De hoge loonkosten en grote belastingdruk van ons land geven eveneens aanleiding tot de lage arbeidsintensiviteit. De jobcreatie heeft in heel België een historisch dieptepunt bereikt. Céline Vincent
AMPER NEDERLANDSTALIGE WERKLOZEN. De Nederlandstaligen in het Brussels Gewest worden dankzij hun tweetaligheid niet zo hard getroffen door de werkloosheid. Hun aandeel bedraagt slechts 3,7 procent van het totaal aantal werklozen in Brussel, dat rond de 104.000 schommelt. Dat blijkt uit cijfers van de arbeidsbemiddelingsdienst Actiris. NU OOK PETITIE PRO FONTAINASPARK. Na de petitie tegen de heraanleg van het Fontainaspark is er nu ook een petitie pro. Bron van commotie onder de buurtbewoners is vooral de acht verdiepingen hoge toren die de stad wil bouwen. Samengesteld door Céline Vincent en Milan Vranckx
MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP SURF NAAR BRUSSELNIEUWS.BE EN SCHRIJF JE IN OP DE NIEUWSBRIEF
BDW 1382 PAGINA 4 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
Infrastructuur > De Munt riskeert andermaal dupe van slakkengangbeleid te zijn
‘Ik zal gelukkig zijn als De Munt minder erkenning krijgt’ BRUSSEL – Terwijl ‘Cosi fan tutte’ ons in De Munt leert dat de waarheid achterhalen niet min is, polsen we bij intendant Peter de Caluwe over de helaasheid der verbouwingstraagheid van het operahuis. Wie remt wat af? En lukt het met nog eens 1,1 miljoen minder? Of zijn die tickets aan 240 euro de oplossing?
‘D
e Munt is geen bedrijf dat entertainment aflevert, onze instelling heeft net als onderwijs een maatschappelijke rol te dragen,” stelt intendant Peter de Caluwe, die eind 2013 een tweede ambtstermijn tot 2019 moet bolwerken. Maar om een roeping te vervullen, moet een huis ook functioneren. Met 18 procent minder personeel dan in 2005. Met rond Pinksteren een ton onvoorziene besparingsregels. Met onzekere verbouwingstermijnen, terwijl de uitrusting achterhaald is en 20.000 liter stookolie uit de ramen vliegt. Hoe valt dit alles nog te klussen, vragen we de intendant die op zolderkamers van De Munt zijn bureau heeft. Of hoeft dit gesprek niet? Het gebouw spreekt voor zich. Het getal ‘acht personen’ op de lift van de Regie der Gebouwen werd in het rood tot drie herleid; anders doet hij het niet. Komt er schot in het restauratiedossier dat u al jaren bepleit? Peter de Caluwe: “Het masterplan is wegens te duur in de koelkast beland. Laat me zeggen dat ik daar niet meer over droom. Er werden gelukkig twee prioriteiten uitgehaald. Die krijgen vorm. Het eerste dossier gaat over de veiligheid van het personeel en het publiek. Het tweede bouwdossier focust op een betere werking van het productieproces. Voor het veiligheidsdossier zou ongeveer zes miljoen van Beliris ko-
men (het federaal samenwerkingsakkoord met Brussel – bevoegdheid Laurette Onkelinx (PS), red.). Een ruim deel daarvan dient voor de grote energiebesparingsactie in de Ateliers van de Munt (de kantoren en werkateliers in de Leopoldstraat en Wolvengracht). De uitvoering
“Naast de aangekondigde budgetknip van twee procent, vroeg de federale overheid ons recent en onverwacht om nog 1,1 miljoen te besparen dit jaar”
staat gepland voor juni 2014. Het is nu zaak om de gevel te isoleren, koudebruggen te vermijden, ramen te vervangen,... en te mikken op één verwarmingssysteem op gas voor de twee gebouwen (daarvoor werd de leiding al gelegd, red). Nu moeten we het nog rooien met dure stookolie. In het voorziene budget is ech-
ter al een besparing opgelegd. Hopelijk kunnen de aanbestedingen snel afgerond worden, en belandt alles tijdig in reeds afgesproken ‘lopende zaken’. Als het wachten blijft op het verkiezingsjaar 2014 en de regeringsovergangsperiode, vrees ik dat we de trein missen.”
In 1989 verhuisde hij naar de Nederlandse Opera, om er achtereenvolgens hoofd inen externe betrekkingen, casting directeur en hoofd artistieke zaken te worden. In 2007 volgde hij Bernard Foccroulle op als intendant van De Munt. Zijn mandaat wordt verlengd van eind 2013 tot 2019. Onder hem wonnen twee opera’s de Productieprijs 2010 en 2011, en De Munt de titel van Operahuis van het Jaar 2011 (van Opernwelt). Sinds 2011 is hij ook voorzitter van de koepel Opera Europa.
Welke reactie krijgt u van buitenlanders die een gammel theaterstoeltje zonder vering voor hun geld krijgen? De Caluwe: (lacht) ”Ze beseffen zelfs niet waarvoor de extra kussens dienen die we bij sommige zitjes leggen. Ook die renovatie is voorzien voor de zomer van 2014. De enige onvoorspelbare kink in de kabel – mijn groot zorgenkind - is dat alle afspraken niet rond geraken vóór de periode van lopende zaken in 2014, willen we de planning aanhouden. Al heb ik het gevoel dat de diverse
voogdijen eindelijk de neuzen in dezelfde richting hebben staan.” Eerlijk, vanwaar die aanhoudende vertragingen in het verbouwingsdossier? De Caluwe: “Ik ervoer het als een politiek spel, al weet ik niets van politiek af. De moeilijke verhouding tussen MR en PS zorgde wellicht voor vertragende manoeuvres, zoveel is duidelijk (in 2010 was Didier Reynders nog bevoegd voor de
© BART DEWAELE
In Vlaanderen is de inburgering voor nieuwkomers verplicht. In Brussel niet. Als de Franstalige politieke partijen hun belofte gestand
doen om inburgering verplichtend te maken, dan moeten Vlamingen en Franstaligen daarover best afspraken maken. Begin juli zullen Vlaams minister Geert Bourgeois (N-VA) en VGCcollegelid Brigitte Grouwels (CD&V) hierover een onderhoud hebben met Brussels minister-president Rudi Vervoort (PS). Die heeft de verplich-
Peter de Caluwe ( °1963, Dendermonde) begon in 1986 in De Munt als dramaturg, onder intendant Gerard Mortier.
Geraken de technische gebreken hersteld? De Caluwe: “Dat is het tweede dossier: het hoort tot de bevoegdheid van de Regie der Gebouwen (Servais Verherstraeten, CD&V). Het gaat om negen miljoen euro aan infrastructuurwerken, zonder BTW. We hebben voor de werf een sluiting van de Munt gepland van 30 mei tot 1 december 2015. Waar De Munt in die tijd de producties gaat voorstellen, is nog onzeker. Er moet een nieuwe ondertoneellift komen voor verhuis van alle decors. Nu moeten we eerst alle decorstukken van het ingebouwde liftplateau halen om de scène te kunnen bouwen. De nieuwe lift zou naast die scène komen te zitten, dat gaat veel arbeidsuren besparen. Verder is een van de drie liften in huis defect en niet te recupereren. Het zorgt voor onnodig veel tijdsverspelling en dus kosten.”
VLAANDEREN EN BRUSSEL GAAN SAMENZITTEN OVER INBURGERING Ook de Franstaligen zijn nu overtuigd van de (verplichte) inburgering voor nieuwkomers. Dat heeft gevolgen voor het Vlaams inburgeringsbeleid in Brussel.
Wie is Peter de Caluwe?
Inburgeringscursussen: binnenkort ook in Brussel. te inburgering zelf in de media gelanceerd. Hij is in de Cocof bevoegd voor sociale cohesie. VGC-Collegelid Brigitte Grouwels
tilde in de Raad van de VGC al een tip van de sluier op over hoe die samenwerking er zou kunnen uitzien. Franstaligen en Vlamingen blijven bevoegd voor de invulling van de trajecten en de taalopleiding. De Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie zal ingeschakeld worden voor het verplichtend karakter en de handhaving. Ook de N-VA kan zich in dat model vinden. Er moeten wel nog verschillen worden weggewerkt. Franstaligen willen pas drie jaar na de aankomst een inburgeringscursus aanbieden.
Regie der Gebouwen en Laurette Onkelinx voor Beliris en de federale culturele instellingen, red.). Welke strategieën hierachter schuilgingen, begrijp ik nog altijd niet. Het enige duidelijke was dat het Muntdossier jarenlang muurvast zat. Ik heb het gevoel dat er nu wel schot in de zaak zit. In hoeverre er een langetermijnperspectief voor de federale culturele instellingen uitgeklaard is op politiek vlak – en ik spreek gerust ook voor anderen, zoals de musea en het conservatorium – blijft een onbekende. Al zijn er grote verschillen tussen de instellingen. Dé missie van de Munt is alleszins producties op een podium brengen: zonder podium geen voorstellingen en dus ook geen behoefte aan een constant producerende instelling als de Munt.” Kunt u onder de vlag federale ‘culturele’ instelling nog op lange termijn denken? De Caluwe: “Ik stel een gigantisch spagaat vast. En dit tussen onze artistieke planning op lange termijn en onze filosofie op lange termijn. Enerzijds het productieproces dat economisch gezien heel flexibel moet zijn en anderzijds de subsidies die op te korte termijn ingeschreven worden. Sinds het budget dat in 2008 is toegekend, werd eerst in 2009 duchtig geknipt en hebben we nadien elk jaar nog eens 2 procent of 700.000 euro ingeleverd. Ondanks die snoeiacties heb ik de inkomsten in die jaren kunnen verhogen, om een positieve balans voor te leggen. Als er nu een nieuw protocol wordt afgesloten, vraag ik garanties.” Voel ik angst voor de wisselende politiek, als het verkiezingsjaar nadert? De Caluwe: “Ik mag me toch zor-
In Vlaanderen is dat omzeggens direct. Los daarvan is nog veel geld nodig om alle cursussen georganiseerd te krijgen. Alleen al voor de Franstalige taalcursussen zou het om 20 miljoen euro gaan. Daarnaast is nog een Vlaamse decreetswijziging nodig, omdat de inburgering vandaag niet verplicht is in Brussel. Die wijziging kan er vermoedelijk pas komen na een samenwerkingsakkoord tussen Vlaanderen en Brussel. En daar gaat geheid een stevig stuk politiek op eieren SVG lopen aan vooraf.
© SASKIA VANDERSTICHELE
BDW 1382 PAGINA 5 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
neel, 15 procent op werking en 20 procent op investeringen. Voor De Munt betekent dat naast de aangekondigde jaarlijkse knip van 2 procent heel ‘onverwacht’ 1,1 miljoen euro minder voor 2013 (op een totaal van 33 miljoen, red.). En dit terwijl al onze uitgaven geëngageerd werden naar personeelskosten, producties, kostuumbestellingen, contracten met artiesten en voorstellingen die inmiddels verkocht werden in abonnement. Ik heb wel contracten getekend. Ik zie dit als een ‘zware besparing’ op goede bedrijfsvoering. Wij volgden in alle vertrouwen de protocolafspraken. Die extra budgetvermindering valt als een steen uit de lucht.”
Peter De Caluwe: “Onze roeping is om mensen te doen nadenken over de wereld, via onze cultuurprogrammatie. Er schuilt dus wel degelijk een visie achter onze werking; snel amusement is wat anders.”
gen maken over het feit of dezelfde voogdij nog present is na de verkiezingen? Ik wil niet telkens weer gaan onderhandelen over hetzelfde met anderen. In Vlaanderen en Nederland wordt gewerkt op basis van werkingsmiddelen voor vier jaar: dat geeft garanties voor het minimumbudget. De federale mi-
nister van Budget bouwt nu deze minima radicaal af en daar is onze voogdijminister Onkelinx ook niet gelukkig mee, zoveel is duidelijk. De federale culturele instellingen worden nu net als alle diensten uit de publieke sector slachtoffer van een kaasschaafsysteem zonder visie. Beleidsvisies, daar ont-
breekt het aan in dit land, zonder nationale minister van Cultuur.” Hoeveel werd dan weer extra geknipt bij De Munt? De Caluwe: (zucht) “Aan alle instellingen in de publieke sector werd recent gevraagd om supplementair te besparen: 2 procent op perso-
Kan een ‘Overheidsmanager van het Jaar 2012’ als u daar niet creatief mee om? De Caluwe: “De mecenaatswerking die ik in 2008 begon uit te bouwen, vult veel gaten op. Twee miljoen euro is dat al tot vandaag. Ik verlang stilaan dat De Munt niet te veel meer in de (buitenlandse) prijzen valt. Ik heb een stil vermoeden dat ons succesverhaal precies van overheidswege de afromer aanzuigt. Toen ik hier aankwam, waren er tot vier nieuwe producties per jaar, wat ik heb opgevoerd tot vijf en zes. Wat ik droomde voor De Munt, zal ik nooit kunnen waarmaken, dat besef ik wel. Maar goed bestuur betekent werkbare afspraken kunnen maken, en dat lukt niet. Ik wil wel artistiek flexibel zijn maar ik ben ook een manager en artistiek beleid moet samengaan met een verantwoord zakelijk perspectief waarbij men zich aan afspraken houdt. Elke euro die in De Munt geïnvesteerd wordt, brengt 3,45 euro op. De 423 medewerkers genereren werk voor 700 mensen. Spreken deze resultaten niet voor zich en bewijzen ze niet dat subsidie vooral investering betekent? Technische maatregelen om de besparingen mee helpen te verminderen zijn mogelijk, maar daar is politieke wil voor nodig. Ik denk aan oplossingen als externe pensioenregelingen of het het afschaffen van de huur die de Munt voor het theater moet betalen. Wij zijn trouwens de enige cultuurinstelling die huur betaalt aan de Regie der Gebouwen.” Alle beetjes helpen. Kan de toegang duurder? De Caluwe: “Het is moeilijk voor een klein theaterhuis van duizend zitjes om iets extra’s te verdienen. Bij één voorstelling halen we maximaal 75.000 euro inkomsten op,
100.000 bij een première. In de Parijse Opéra Garnier is dat 165.000 euro en in de Opéra Bastille zelfs 360.000 euro voor eenzelfde productie. Wat wil je, er kan meer volk binnen en de toegangsprijzen liggen veel hoger. Een oplossing? Ik heb het getest. Voor Cosi fan tutte heb ik 50 tickets uit de verkoop gehouden en die aan dubbel tarief, 240 euro, aangeboden. Er zijn er slechts de helft van verkocht.” Houdt de misvatting stand dat cultuur, in casu De Munt, geen tastbare return oplevert? De Caluwe: “Zowel cultuur als kunst en onderwijs leveren een directe economische return op. Het zijn echte investeringssectoren. De Munt mag niet gezien worden als een entertainmentafleverend bedrijf. Wij hebben een maatschappelijke rol te vervullen. Net als onderwijs willen wij iets teruggeven aan de samenleving. Onze roeping is om mensen te doen nadenken over de wereld, via onze cultuurprogrammatie. Er schuilt dus wel degelijk een visie achter onze werking; snel amusement is wat anders - ons model moet interessant zijn. De tendens om te blijven knippen op cultuurbetoelaging staat gelijk aan knagen aan de grondvesten van de maatschappij. Cultuur is de enige noemer om onze geschiedenis body te geven. Opera en (muziek)literatuur blijken een soort ‘archief’ van onze beschaving te zijn. Uit die geschiedenis valt voor vandaag veel te leren. En daarmee bedoel ik niet dat cultuur ‘onderwijzend’ moet zijn.” In India wordt cultuur en erfgoedconservatie niet als prioritair aandachtspunt gezien; er zijn andere noden te lenigen waar geld tekort is. Gaat het hier die weg op? De Caluwe: “Sorry, maar de primaire behoeften in België zijn al lang verzekerd. We zijn geen land zonder geld, verre van. Kijk naar ons BNP: cultuur maakt daar geen 0,1 procent van uit. Dit kan de materie niet zijn die de overheidstekorten gaat redden. Mag ik de cultuurbudgetten vergelijken met andere? Het cultuurbudget van de stad München is groter dan wat de twee gemeenschappen in België in totaliteit voor alle cultuur in dit land voorbehouden. Kijk naar München en wat het bijdraagt tot de welvaart en het geluksgevoel in: zowel geestelijk als wat betreft buikomvang straalt de Münchenaar voldoening uit (lacht).” Jean-Marie Binst
ADVERTENTIE
‘DIT IS EEN DOEMSCENARIO VOOR DE VLAMINGEN IN BRUSSEL’ BRUSSEL - Het ‘nieuwe federalisme’ van Open VLD is de doodsteek voor de Vlaamse Brusselaar, stelt CD&Vparlementslid Walter Vandenbossche. Bij monde van voorzitter Gwendolyn Rutten en de Mechelse burgemeester Bart Somers is de nieuwe communautaire koers van Open VLD publiek gemaakt: aandacht voor het socio-economische en het afschaffen van de grendels die
beide taalgroepen vandaag beschermen tegen willekeur. Die grendels zijn ondemocratisch en maken een slagkrachtig federaal beleid onmogelijk, zegt Somers in De Standaard. CD&V-parlementslid Walter Vandenbossche kan er niet om lachen. Vooral het voorstel om de pariteit én de alarmbelprocedures af te schaffen noemt hij “dom” en “electoralistisch.” Wie de federale evenwichten
op de schop neemt, gooit immers de Brusselse evenwichten overboord. “Wil Open VLD terug naar de vooroorlogse situatie? Wil ze Brussel en haar Vlamingen aan haar lot overlaten?” Volgens Vandenbossche behoren de beschermingsmaatregelen van de Vlaamse minderheid in Brussel tot de institutionele evenwichten waarvoor duizenden Vlamingen SVG hebben gestreden.
EXPO EXPO
Opening vrijdag 21 juni van 18u-21u
zaterdag 22 juni / 14u-18 u zondag 23 juni / 14u-18 u maandag 24 juni / 18u- 21u dinsdag 25 juni / 18u- 21u
www.academieanderlecht.be
info@academieanderlecht.be - T 02 523 03 71 - Dapperheidsplein 17 - B-1070 Anderlecht
Opening vrijdag Opening vrijdag 21 juni 21van juni18u-21u van 18u-21u zaterdag juni / 14u-18 u zaterdag 22 juni22/ 14u-18 u zondag juni / 14u-18 u zondag 23 juni23/ 14u-18 u maandag juni /21u 18u- 21u maandag 24 juni24/ 18udinsdag juni /21u 18u- 21u dinsdag 25 juni25/ 18u-
www.academieanderlecht.be
www.academieanderlecht.be - info@academieanderlecht.be Dapperheidsplein 17, B-1070 Anderlecht - T 02 523 03 71 info@academieanderlecht.be - T 02 523 03 71 - Dapperheidsplein 17 - B-1070 Anderlecht
BDW 1382 PAGINA 6 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
keuze was. “Oorspronkelijk wou ik naar Zweden of Nederland,” zegt Parthenopi Angelou. Ons land is volgens de 22-jarige Griekse studente Toegepaste Taalkunde niet populair als Erasmusbestemming. “Belgen zijn niet trots op wat hun land te bieden heeft en daardoor is België niet echt bekend in de rest van Europa,” zegt ze. Ook de 25-jarige Litouwse, Zoja Petrosiute, wist niet veel over ons land en was liever elders op Erasmus gegaan. “Ik had het niet makkelijk in het begin en moest even acclimatiseren,” zegt ze. Ondertussen heeft ze het hier zeer naar haar zin en is ze verliefd geworden op de Brusselse architectuur en diversiteit. “Enkel het weer is een storende factor,” grapt Petrosiute.
Eigen wereld
Vooral Spanjaarden, Fransen en Italianen vinden gemakkelijk de weg naar onze hoofdstad en kiezen daarbij in hoofdzaak voor studierichtingen zoals Taal- en Letterkunde en Sociale Wetenschappen.
© SASKIA VANDERSTICHELE
Onderwijs > Erasmusstudenten en hun motieven
‘Een job in Brussel, daar doe ik het voor’ BRUSSEL – Studenten kiezen er steeds vaker voor om een deel van hun opleiding elders in Europa af te werken. De Brusselse studenten vormen hier geen uitzondering op. De leemte die zij achterlaten, wordt echter zeer vlotjes opgevuld door de internationale studenten die hier elk semester neerstrijken. Maar wat doen ze hier en vooral: waarom komen ze naar Brussel?
H
et aantal studenten verbonden aan een Nederlandstalige Brusselse hogeschool of universiteit dat voor een periode naar het buitenland trekt, neemt elk jaar toe. Dat blijkt uit de statistieken van EPOS vzw, het agentschap dat het Europees Programma ‘Een Leven Lang Leren’ implementeert. Zo volgden er in het vorige academiejaar 453 studenten een Erasmusuitwisseling. Dat zijn er honderd meer dan vijf jaar geleden. De populairste bestemmingen zijn Spanje en Frankrijk, op de voet gevolgd door Duitsland en het Verenigd Koninkrijk. Anderzijds trekken de Brusselse Nederlandstalige hogescholen en universiteiten op hun beurt ook heel wat buitenlandse studenten aan. Het is zelfs zo dat ze al een aantal jaar meer Erasmusstudenten mogen
verwelkomen dan dat ze er uitwuiven. Vorig academiejaar waren er dat 589 tegenover 453, een verschil van meer dan honderd. Vooral Spanjaarden, Fransen en Italianen vinden makkelijk de weg naar onze hoofdstad en kiezen daarbij in hoofdzaak voor Taal- en Letterkunde en Sociale Wetenschappen. Andere populaire richtingen zijn onder andere de Lerarenopleiding en Exacte Wetenschappen.
Kans op werk De redenen waarom al deze internationale studenten naar Brussel komen, hebben wel zelden iets te maken met het hoge onderwijsniveau. De meerderheid van de studenten, vooral uit landen die zwaar lijden onder de crisis, hopen hier na hun opleiding een job te vinden. Dat wordt onder meer bevestigd door de
23-jarige Tomasz Kakolewski. “De VUB heeft een goed en gevarieerd aanbod aan colleges,” zegt de Poolse student Ingenieurswetenschappen. “Wat echter doorslaggevend was in mijn beslissing, is dat Brussel de Europese instellingen huisvest. Dat biedt, zeker als je hier een deel van je opleiding hebt afgewerkt, veel jobmogelijkheden voor de toekomst.” Ook Nancy Silvestro beseft dat een studieverblijf in Brussel mooi staat op haar cv en zou er niet rouwig om zijn moest ze hier aan de slag kunnen. De crisis heeft hard toegeslagen in haar thuisland Italië met als gevolg dat de jongeren er kreunen onder de werkloosheid. “Wij zijn de generatie van de cervelli in fuga,” zegt de 25-jarige studente Vertaalkunde. Dit zijn hoogopgeleide jongeren die na hun opleiding naar het buitenland trekken om werk te
“Belgen zijn niet trots op wat hun land te bieden heeft en daardoor is België niet echt bekend in de rest van Europa”
zoeken. De Italiaanse zou wel eens de volgende kunnen worden in het rijtje vertrekkende hoogopgeleiden. “Brussel spreekt mij enorm aan,” zegt Silvestro. “En door de aanwezigheid van de vele verschillende nationaliteiten zou ik hier goed kunnen aarden.” Een andere ‘reden’ die vaak terugkomt, is dat Brussel niet de eerste
Voor de studenten die, net als Angelou en Petrosiute, Brussel als tweede keuze hadden is het vaak even wennen in het begin. Dat weet ook Kevin Somany, voorzitter van het Erasmus Student Network (ESN) voor de VUB en EhB. De belangrijkste focus van de organisatie ligt daarom vooral op de academische, sociale en praktische integratie van de studenten. “Wij houden net voor het academiejaar begint een welkomstweek, waarop we de Erasmussers wegwijs maken op de campus en in Brussel,” zegt Somany. Gedurende de rest van het jaar organiseert ESN allerhande activiteiten zoals stadsuitstappen, filmavonden en natuurlijk ook fuiven. Die activiteiten zijn het ideale moment om elkaar te leren kennen. Toch tracht de organisatie er ook voor te zorgen dat de buitenlandse studenten contact zoeken met de lokale studenten. “Dat is niet altijd even makkelijk, doordat de Erasmussers meestal in hun eigen wereld leven,” zegt de voorzitter van Somany. Dat klopt volgens Silvestro. “Ik breng de meeste tijd door met de Erasmusstudenten op mijn kot,” zegt de Italiaanse. “We maken hetzelfde mee en delen grotendeels dezelfde interesses, wat het makkelijker maakt om een gesprek aan te gaan.” Ook Angelou houdt het meestal gewoon bij kotfeestjes onder Erasmussers. Op deze feestjes brengt iedereen zijn eigen drank mee en worden tot in de vroege uurtjes verhalen gedeeld over het thuisfront. “Als we dan toch eens het centrum intrekken op vrijdagavond, gaan we vooral naar de toeristische bars als Celtica en Delirium,” voegt Kakolewski eraan toe. Dat buitenlandse studenten elkaars gezelschap opzoeken is heel normaal en zeker geen fenomeen dat zich enkel voordoet in Brussel. Een Erasmusuitwisseling is namelijk het uitgelezen moment om te netwerken. De meeste studenten maken ook na hun studententijd nog gebruik van dit netwerk om een rondreis te maken door Europa. Zo leren ze andere culturen kennen en dat verruimt dan weer hun geest. Hoofdreden om op Erasmus te gaan blijft voor de meeste studenten echter wel het vergroten van hun kansen op de arbeidsmarkt. Een verhuis naar Brussel vormt hierbij geen struikelblok.
Milan Vranckx
ADVERTENTIE
P-PRAAT
UW OFFICIËLE DOCUMENTEN
Nu beginnen ze bij de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie ook al te smeken om accountancy. Een slechte zaak is dat misschien niet, want zeg nu zelf: wie kent de GGC? Volgens Brigitte Grouwels (CD&V) zal PriceWaterhouseCoopers (PwC) de administratie van de commissie doorlichten, zowel de interne als de externe communicatie bekijken (uiteraard) en de GGC voorbereiden op de resem nieuwe bevoegdheden die ze ergens rond 2015 zal moeten slikken dankzij de zesde staatshervorming. Daarvoor wordt een transitiemanager aangesteld, want zeg nu zelf, welk transitieproject heeft kans op slagen zonder een transitiemanager? De nuance is dat de tweede opdracht, het voorbereiden op nieuwe bevoegdheden, volgens Grouwels alleen maar kan beginnen wanneer er duidelijkheid is over die bevoegdheden. “Het is aan de federale bijzondere wetgever om hierover eerst meer duidelijkheid te geven,” weet Grouwels nog. Misschien komt er dan op het federale niveau ook weer een accountancybureau aan te pas om duidelijkheid te scheppen over welke duidelijkheid er geschept moet worden.
EEN MUISKLIK VERWIJDERD!
ORTE
GEBO
Zeg nu zelf, beste lezer. Is er sinds u in uw kindertijd zand schepte om zandkastelen te bouwen op het strand eigenlijk iets veranderd? Ja, de substantie die geschept wordt, is anders. Hoe dan ook: vroeg of laat rolt de zee over allerhande zelfgebouwde kastelen, en tegen dan is de transitiemanager al lang weg.
CHIEN ÉCRASÉ ONTHECHT – Sinds Mediapunt zich in het collectieve brein van de Vlaams-Brusselse mediamerken heeft genesteld, vibreren wij allen tezamen in dezelfde richting op het ritme van de kosmos, het opgaan van de zon en de ritmische cadans van de universele wijsheid. MANNA – Wij moeten het hebben van de hemelse dauw, andere punten hebben meer geluk. Omdat de tijd dringt en er tegen september een bibliotheek moet geopend worden, denkt de directie van Muntpunt aan een grootschalige communicatiecampagne. Voor het geval u nog niet wist dat u er binnenkort boeken kunt uitlenen. Het bescheiden bedrag van 200.000 euro dat de nu nog behoorlijk virtuele puntbibliotheek krijgt van de Vlaamse regering, volstaat echter alleen voor ‘basiscommunicatie’. Er is nog een luttele 200.000 euro meer nodig voor de grootschalige communicatiecampagne. Kwestie van genoeg toeters en bellen te hebben, want die dingen kosten geld. Kwestie ook van ‘een vaste partner aan te stellen om over een communicatiepartner te beschikken die een langetermijnstrategie kan uitzetten’. Voor het geval u zou vergeten waar boeken uit te lenen. Ach ja, het Muntplein heet niet voor niets het muntplein.
UW LOKET ONLINE Geboorteakte, parkeerkaart, attest van gezinssamenstelling, getuigschrift van nationaliteit,... Een dienst van het Gewest en uw gemeente.
ADVERTENTIE
Stephanie ging een commerciële uitdaging aan in het hart van Europa. En jij?
“Een paar jaar geleden ging ik als commercieel adviseur aan de slag in een van de 39 Brusselse KBC-bankkantoren. Het leek me een boeiende uitdaging om een carrière uit te bouwen in het hart van Europa. En ik heb gelijk gekregen. Bij KBC heb ik van dag 1 alle kansen gekregen om me te ontplooien. Er is voldoende ruimte om de job te leren, mijn talen aan te scherpen en de contacten met de cliënten op te bouwen. Uitdagingen genoeg en elke dag weer een reden om er met veel goesting in te vliegen. En wie weet wat er in de toekomst nog op me wacht …”
Heb jij ook zo’n commerciële kriebel als Stephanie? Zin om Brussel te veroveren als een van onze commerciële adviseurs? Dan hebben wij de job die perfect bij jou past. • Je bent het aanspreekpunt voor onze cliënten en het gezicht van KBC. • Je handelt courante vragen af uit verschillende domeinen van het bankverzekeren. • Je voert regelmatig adviesgesprekken.
Wat verwachten we van jou? • Je hebt een bachelordiploma op zak (ongeacht afstudeerrichting), of relevante commerciële ervaring. • Je kunt je goed uitdrukken in het Frans en Engels. • Je hebt de nodige ‘goesting’ en de drive om erin te vliegen.
Blij dat je in ons team zit Als je onze nieuwe collega wordt, kun je rekenen op een boeiende job in een bruisende stad. Je wordt grondig opgeleid en kunt rekenen op een interessant loon en doorgroeimogelijkheden. Geïnteresseerd? Surf naar www.9tolife.be en solliciteer voor de functie van commercieel adviseur in de regio Brussel. Vermeld als sollicitatiebron ‘Brussel deze week’. Tot binnenkort?
BDW 1382 PAGINA 8 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
Bejaardenzorg > Sint-Jozef in Evere breidt uit
Rustig ouder worden* ‘T
oen ik in 1984 in de raad van bestuur van Sint-Jozef kwam,” zegt voorzitter Guido Van Linthout, “kwamen de dames van zestig haast met plezier naar dit rusthuis om zich te laten soigneren. Vandaag ziet de bejaardenzorg er totaal anders uit.” Haast niemand gaat al op zijn zestigste naar het rusthuis. De opname wordt zo lang mogelijk uitgesteld. Het concept van de woonzorgcampus voldoet aan die nieuwe behoefte. Wie nog thuis kan wonen, kan er terecht voor een maaltijd of een kaartnamiddag in het Lokaal Dienstencentrum. Wie zorg nodig heeft maar toch zelfstandig kan leven, kan terecht in de serviceflat. En als het echt niet meer gaat, is er het rust- en verzorgingstehuis. Het rusthuis Sint-Jozef in Evere zal over een dik jaar al die verschillende componenten van de bejaardenzorg bevatten. Dat is te danken aan de uitbreiding waarvan de werken deze week kunnen beginnen. Eindelijk. Want het dossier is al meer dan vier jaar oud. Sint-Jozef is gelegen in een nog vrij groen deel van Brussel, aan de Marnestraat in Evere, en heeft zelf nog een flinke lap grond liggen. Maar daar mocht niet gebouwd worden, omdat het ingekleurd staat als
groenzone. Om toch voldoende vierkante meters te kunnen bouwen, is beslist om in de hoogte te bouwen, rond het bestaande binnenplein van het honderdvijftig jaar oude rusthuis. Er komt een (bescheiden) toren van zeven verdiepen met in de bovenste etages zeventien serviceflats. Het woonzorgcentrum was graag een tik hoger gegaan, maar dat stond de dienst stedenbouw van de gemeente niet toe. De zeventien serviceflats worden gebouwd door een cvba, waarvan het rusthuis de helft van de aandelen bezit. Ze zullen verhuurd worden, sommige via een sociaal verhuurkantoor, dus aan gunsttarieven. In de onderste ‘balk’ komen drie keer tien wooneenheden voor dementerenden. “Er is op dit moment hier in de buurt weinig zorgaanbod voor die specifieke groep van bejaarden,” zegt Cynthia van Thiel van het Kenniscentrum Woonzorg Brussel. “De uitbreiding is dus welgekomen.” In het souterrain, maar met zicht op het groene bos, komt dan het Lokaal Dienstencentrum Aksent, dat zal fungeren als zorgknooppunt voor de hele wijk. Daarnaast komt er ook een nieuwe grootkeuken. De plannen zijn van de hand van het Gentse architectenbureau Buro II & ArchiI+I. Van hen komt het idee om
ADVERTENTIE
rh o k eindejaarstentoonstelling
2013
zaterdag juni
22
14 tot 18 uur doorlopend tentoonstelling op RHoK Etterbeek en S-P-Woluwe zondag juni
23
14 tot 18 uur doorlopend tentoonstelling op RHoK Etterbeek en S-P-Woluwe maandag juni
24
18 tot 21 uur doorlopend tentoonstelling op RHoK Etterbeek en S-P-Woluwe
look for… Animatiefilm/Animation Beeldhouwkunst/Sculpture Edelsmeedkunst/Jewellery Design Fotografie/Photography Grafische vormgeving/Graphic Design Kunstgeschiedenis/Art History Monumentale kunst/Monumental Arts Projectatelier/Project Workshop Schilderkunst/Painting Tekenkunst/Drawing Vrije grafiek/Graphic Arts Jeugdateliers 12-17 jarigen Kinderateliers 6-11 jarigen
RHoK 1040 Etterbeek Edouard de Thibaultlaan 2 RHoK 1150 Sint-Pieters-Woluwe Kleine Kerkstraat 12
info@rhok-academie.be www.rhok-academie.be
© BURO II & ARCHI +I
EVERE - Het rust- en verzorgingstehuis Sint-Jozef breidt uit met serviceflats, een lokaal dienstencentrum en een dienst voor dementerende bejaarden. Daarmee ziet het eerste echte Nederlandstalige woonzorgcentrum in Brussel het licht.
De nieuwbouw is bekleed met hout, om de verbinding te leggen met de groene zone. Bovenop de ‘balk’ is een daktuin voorzien.
de verticale balk ‘boven het maaiveld’ te tillen, zodat het zicht vanuit de binnentuin op het prachtig stukje groen bewaard blijft. Tevens kan de brandweer zo ook makkelijk bij de oudere gebouwen. De auto’s rijden niet door maar langs het park en kunnen zo de ondergrondse garage in. De hele nieuwbouw zou eind 2014 moeten klaar zijn.
Mengvorm Opmerkelijk is de hybride bestuursvorm van het woonzorgcampus. Het rusthuis is erkend door de Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie en dus tweetalig en bicommunautair. De serviceflats, de afdeling voor dementerenden en het lokaal dienstencentrum zullen een Vlaamse erkenning dragen. Die laatste twee worden ook gebouwd met Vlaamse subsidies.
Sint-Jozef is het eerste woon- en zorgcentrum naar Vlaams model. Anderen zullen volgen
Geld komt van het VIPA en het Vlaams Brusselfonds. Herwig Teugels van het Kenniscentrum Woonzorg Brussel had in het verleden al opgeroepen om te experimenteren met dergelijke mengvormen. Hij voorziet niet al te veel problemen. “Het is goed doorgepraat met
beide overheden,” zegt Teugels. Het project is goed nieuws voor de Vlaamse Gemeenschap, want het is het eerste volledige woonzorgcentrum in een lange reeks van nieuwe Nederlandstalige projecten in de bejaardenzorg in Brussel. In juli 2013 opent een Nederlandstalig rusthuis met 150 plaatsen in Heembeek, en in het najaar 2014 zou Sint-Vincentius in Evere moeten klaar zijn, goed voor nog eens 158 woongelegenheden voor senioren. Teugels verwacht dat tegen 2017 alle geprogrammeerde rusthuisplaatsen voor Vlaamse bedden in Brussel (in totaal 1.257) gerealiseerd zullen zijn. Dat had tien jaar geleden niemand kunnen vermoeden. Steven Van Garsse * in het groen
Elsene > SP.A-schepen ligt dwars
Morren neemt afstand van MR Terwijl het Elsense schepencollege zich tegen de heraanleg van de Generaal-Jacques- en Buyllaan kant, biedt SP.A-schepen Maite Morren weerstand. Tezamen met haar partij ziet ze de heraanleg wel zitten. De vraag is hoe ver ze daarin kan gaan. De gewestelijke afdeling van de Vlaamse socialisten vindt geen graten in de plannen van Brussels minister Brigitte Grouwels (CD&V) om de Generaal Jacqueslaan en de naburige Buyllaan heraan te leggen. Parlementsleden Jef Van Damme en Sophie Brouhon roepen het schepencollege van de gemeente Elsene dan ook op om de plannen alsnog te aanvaarden. Dat college had zich tegen de werkzaamheden gekant omdat het niet in de
Elsense mobiliteitsvisie past. Grof samengevat komt die visie erop neer dat de handelszaken in de Buylwijk te veel zullen lijden onder aanslepende werkzaamheden. Er is echter een dissidente stem opgedoken in de PSMR-meerderheid in Elsene. Schepen van Nederlandstalige Aangelegenheden Maite Morren schaart zich achter het standpunt van haar partij. Volgens haar valt er in Elsense PS-kringen zelfs enig begrip te horen voor haar standpunt. Bij coalitiepartner MR is er van enig begrip dan weer geen sprake. Morren dreigt het moeilijker te krijgen wanneer Dominique Dufourny (MR) burgemeester wordt. Het verzet tegen de heraanleg van de lanen is vooral een MR-aangelegenheid. Op 19 juni wordt de CD mobiliteitsknoop doorgehakt.
BDW 1382 PAGINA 9 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
je thuislaat, is mooi meegenomen’, luidt een pelgrimsgezegde, en daar is Vandormael het helemaal mee eens. Alles achterlaten is natuurlijk maar één aspect van de tocht, eenzaamheid en gemis zijn dat ook. “Je mentaal voorbereiden op zo een tocht is onmogelijk,” zegt hij. “Ik vrees vooral het stuk tussen Brussel en Vézelay (een Frans bedevaartsoord waar pelgrims naar Santiago zich verzamelen, nvdr.). Dat worden zeer eenzame kilometers, aangezien de meeste pelgrims de tocht pas aanvangen voorbij de Pyreneeën.” Toch kiest Vandormael er bewust voor om de weg helemaal alleen af te leggen. “Life starts at the end of your comfort zone” en dus sloeg hij de vraag van zijn vriendin en vrienden om een eindje mee te wandelen, beleefd af. “Het kan heel egoïstisch klinken, maar ik wil de ervaring niet delen met iemand anders. Misschien is de hele onderneming wel een grote egotrip om mezelf te bewijzen tegenover de buitenwereld.”
Bedevaart > Thomas Vandormael wandelt van Brussel naar Compostella
‘Misschien is het wel een grote egotrip’
Ongelovige Thomas
Afgelopen zondag liet Thomas Vandormael (midden) zich zegenen door de kerkgemeenschap van de Onze-Lieve-Vrouw van Goede Bijstandskerk. Hij kreeg er ook een sint-jakobsschelp om aan zijn rugzak te hangen.
BRUSSEL – “Een vlucht uit de realiteit,” zo omschrijft Thomas Vandormael de Camino de Santiago, ofwel de weg naar Santiago, waar hij afgelopen zondag aan begon. Op 1 september, iets minder dan drie maanden na zijn vertrek, hoopt hij het legendarische bedevaartsoord te bereiken. Tachtig eenzame dagen om alles op een rijtje te zetten en na te denken over waar hij naartoe wil met zijn leven.
A
ls we de 28-jarige Vandormael vragen naar de aanleiding van zijn tocht, begint hij vrijwel meteen over De Alchemist, een boek dat hij een jaar geleden las. Het werk van de Braziliaanse schrijver Paulo Coelho is een soort moderne bijbel die de zoektocht naar het eigen geluk predikt. Net als het hoofdpersonage in het boek, die niet toevallig Santiago heet, wil ook Vandormael te weten komen waar hij naartoe wil met zijn leven. “Ik ben zeker niet ongelukkig, maar De Alchemist heeft me aan het denken gezet,” zegt hij. “Tegenwoordig is het te vaak zo dat het leven de mens leidt in plaats van omgekeerd. Met deze tocht wil ik hier verandering in brengen, want voor je het weet is het voorbij.” Dat er abrupt een einde kan komen aan het leven, beseft Vandormael maar al te goed. “Mijn moeder stierf tien jaar geleden, nog voor
ze de vijftig had gehaald,” zegt hij geëmotioneerd. Het idee om naar Compostella te trekken spookt dan ook al jaren door zijn hoofd. “Het enige probleem was om er drie maanden tussenuit te trekken.” Vandormael is namelijk een bezige
even op de pauzeknop te drukken.” Op de vraag of de tocht een vlucht uit de realiteit is, antwoordt Vandormael dan ook instemmend. “Het is een moment om te bezinnen,” zegt hij. “Ik hoop mezelf tegen te komen, zodat ik eindelijk weet wie ik ben en
“Je mentaal voorbereiden op zo een tocht is onmogelijk. Ik vrees vooral het stuk tussen Brussel en Vézelay. Dat worden zeer eenzame kilometers”
bij: hij behaalde niet minder dan vier diploma’s en is naast manager voor Bridgewater Consulting en vrijwilligerscoach bij vzw MicroStart, ook bestuurslid van CD&V voor de stad Brussel. “Ik heb altijd zeer gejaagd geleefd en dus is het tijd om
waar ik naartoe wil.” Dat de tocht een zware beproeving wordt staat vast, maar er zullen zeker ook momenten van genot zijn. “Ik kijk enorm uit naar de vierde nacht, die ik zal doorbrengen in de abdij van Chimay. Ook al betekent dat misschien dat dag
© SANDER DE WILDE
vijf iets zwaarder wordt,” grapt hij. Daarnaast zal Vandormael, die onder meer Kunstwetenschappen studeerde, vooral genieten van de vele Romaanse kerkjes die hij onderweg zal tegenkomen. “Maar ik ga zeker niet de toerist uithangen.”
Mentaal onvoorbereid Veel tijd om de toeristische toer op te gaan heeft Vandormael dan ook niet. In totaal moet hij 2.400 kilometer afleggen, wat neerkomt op 28 kilometer per dag. Na een tachtigtal dagen, zonder een etmaal rust, zou hij dan Santiago bereiken. Fysiek zal de tocht geen probleem vormen denkt de 28-jarige man, die in het verleden al de Dodentocht tot een goed einde bracht. Ook wat de voorbereiding betreft, lijkt hij zich niet druk te maken. “Mijn rugzak staat klaar, mijn wandelschoenen zijn ingewandeld en de route is tot in de puntjes uitgestippeld.” Voor een knuffelbeer van de vriendin of een aandenken aan de familie is er wel geen plaats in de rugzak. ‘Alles wat
Dat de pelgrim de tocht zou ondernemen om zijn ego te strelen, lijkt ons echter zeer onwaarschijnlijk. Bewijs hiervan is dat hij zich laat sponsoren voor het goede doel. Dat is MicroStart, een Brusselse vzw die via microfinancieringen kansarmen helpt met ondernemen. “Wij steunen mensen die niet bij een reguliere bank terechtkunnen voor een lening,” zegt Vandormael die op vrijwillige basis als coach werkt bij de vzw. “Ik verwacht niet dat ik hopen geld zal kunnen inzamelen, maar alle kleine beetjes zijn welkom.” Opkomen voor de mensen die het moeilijk hebben in de maatschappij, is iets wat Vandormael heeft meegekregen vanuit zijn christelijke opvoeding. Zichzelf als gelovig omschrijven doe hij echter niet. “De tijd dat pelgrims enkel als dankbetuiging aan God naar Compostella trokken is al lang vervlogen,” zegt hij. Toch liet Vandormael zich in de Onze-Lieve-Vrouw van Goede Bijstandskerk op de Kolenmarkt zegenen door de kerkgemeenschap. “Deze zegen hoort nu eenmaal bij het hele avontuur,” zegt Vandormael. “Net als de sint-jakobsschelp en de steen die ik zal meenemen.” De schelp (verwijzing naar Jakobus de Meerdere, de apostel aan wie de tocht gewijd is, nvdr.) die hij aan zijn rugzak zal hangen, is volgens Vandormael zeer praktisch om als pelgrim herkend te worden. “Het is een aanknopingspunt om onderweg een gesprek te beginnen met andere pelgrims,” zegt hij. “En hij opent ook letterlijk en figuurlijk deuren wanneer je op zoek bent naar een slaapplaats.” De steen daarentegen heeft wel een symbolische waarde, al heeft Vandormael er nog geen verbonden aan de zijne. “Ik zal er tijdens de tocht wel achter komen welk deel van mijn leven ik in Compostella wil achterlaten,” besluit hij. Milan Vranckx en Céline Vincent
Wie de tocht van Vandormael wil volgen kan terecht op zijn blog: http://www.thomasvandormael.be/blog/
BDW REGIO
BDW 1382 PAGINA 10 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
Deze week in het moeras > Bruggetjes naar een leefbare stad
Ganshoren, zien en zwijgen
Leerlingen uit Ganshoren op zoek naar het wezen van stilte en de auteur in zichzelf, samen met kunstenares Anne Versailles.
GANSHOREN – Met wuivende handen, zonder geluid, werd er vrijdag geapplaudisseerd bij de inhuldiging van de poëtische brug Charneca & Memória (Drasland & Herinnering) van Filip Van Dingenen en Paulo Teixeira. Zalig, zo bleek onder de vele aanwezigen, voor onze overprikkelde oren.
D
tief Komplot, waarbij de toeschouwer kon kijken naar het industriële landschap van de Wielemans-Ceuppenscollectie.”
Met Kasterlinden in zee het moeras van Ganshoren. Maar ook als een wandeling van stad naar platteland, en van vroeger naar nu, en omgekeerd. Dat was voor mij de voorzet om te werken rond overgangen, en een brug is een symbool dat overal ter wereld begrepen wordt.” Het gedicht is in het Portugees, Frans en Nederlands te lezen bij een functionerende panoramakijker, zodat u kan inzoomen op koekoeks-
In de video die Van Dingenen eerder maakte rond het gedicht, keken ze verbaasd toe toen ze een ruiter, Sint-Martinus, uit het moeras zagen opduiken. Tussen de altijd rustende bewoners van het nieuwe kerkhof van Ganshoren en de bewoners levend en wel in de woonblokken waant de toeschouwer zich in een schilderij, volgens Van Dingenen: “Het is een motief bij
De brug ligt op de tweede stilteroute van Bessst (Brussel, erfgoed en stilte) van de vzw Waerbeke, gesteund door VGC-collegelid voor Cultuur Bruno De Lille. “Een van de routes die als in een spinnenweb vertrekken van de rand van het gewest naar
An Devroe © AN DEVROE
e achtste installatie van Vers Brussel – Poëzie in de stad van het internationaal literatuurhuis Passa Porta liep nogal wat vertraging op, zegt zakelijk coördinator Marq Willems: “Het was wachten tot Leefmilieu Brussel het water- en overstromingsgebied van het moeras van Ganshoren, Natura 2000-gebied, heraangelegd had. Ook in het broedseizoen konden we moeilijk met een fanfare komen opzetten. Maar stil moeten zijn, bracht op ideeën.” Wandelen langs de Molenbeek tussen erehagen van fluisterende kinderen bijvoorbeeld, wat het landschap een mysterieuze toets gaf. Ook de kunstenaar Filip Van Dingenen uit Vorst nodigt op zijn brug, een eikenhouten platform (gerealiseerd door Recyclart), uit om even op te gaan in de omgeving: “Drasland & Herinnering, dat de Portugese dichter Teixeira in situ schreef, leest als een wandeling van de basiliek van Koekelberg, via het kasteel de Rivieren, Home en Sorbeboomplein, naar
© AN DEVROE
het centrum”, zegt projectleidster Christel Dusoleil: “ Het zijn alternatieve routes waar je nog kan... verwijlen. Aan Brukselbinnenstebuiten vroegen we een traject uit te tekenen van aan het UZ van Jette via het Laarbeekbos over de brug in het moeras van Ganshoren tot het centrum van Brussel. Via de website van Bessst kan je je favoriete stilteplekje aangeven.” De nieuwe stilteroute werd ingewandeld met een zwierige choreografie door jongeren met een gehoorstoornis. “Dat is de zware helling, en dat de zee met de Rivièraachtige gebouwen uit Teixeira’s gedicht,” zegt Jeroen Baeyens van gemeenschapscentrum De Zeyp die de leerlingen van de school Kasterlinden uit Sint-Agatha-Berchem begeleidde: “Met kunst of dans geven we hen een manier om zich uit te drukken. Volgend jaar zullen ze met professionele dansers het project verder uitwerken.” Een voorproefje was te zien in De Zeyp met Appearance, een korte dansvoorstelling gebaseerd op het gedicht Spectre de la Rose van Theophile Gautier. Met de hulp van een tolk konden we een gesprek voeren met Bert Berghmans, een dove begeleider van Kasterlinden: “Voor doven en slechthorenden is er gelukkig steeds meer aandacht, bijvoorbeeld op festivals waar de muziek vertaald wordt, en ook dit project is een goed voorbeeld van integratie. Toch voelen dove jongeren zich nog vaak geïsoleerd. Misschien geen slecht idee om horende kinderen vanaf het eerste leerjaar minstens het vingeralfabet aan te leren?” Teixeira’s gedicht vindt Berghmans visueel erg mooi. Ter illustratie gebaart hij ‘verval’ en op de manier waarop huisjes zich onder zijn handen plooien, merk je hoe poëtisch gebarentaal is. De Nederlandse vertaalster Irène Koenders vond het ook een mooi, maar moeilijk gedicht: “Typisch Teixeira om parlando, kijk maar naar zijn uitnodiging voor een tartine met plattekaas en een frisse lambiek, te mengen met zware symboliek. Jagen, de jachthoorn, de ronddobberende ganzen... pas achteraf zag ik dat dat natuurlijk naar Ganshoren verwijst. Charneca betekent moeras, maar drasland vond ik een mooier woord.” Hore (moeras) & Herinnering had ook nog gekund.
“Typisch Teixeira om parlando, kijk maar naar zijn uitnodiging voor een tartine met plattekaas en een frisse lambiek, te mengen met zware symboliek” bloem of ringslang, maar ook op de herinneringen uit het gedicht. Zou je van hieruit ook bewoners in de sociale woonblokken, aan hun “vensters breed als etalages” kunnen spotten?
Caspar David Friedrich, de man die in het landschap staat en naar het landschap kijkt, meestal afgebeeld van op de rug. Zo voorzag ik ook een zitbankje bij het curatorencollec-
De beelden uit Teixeira’s gedicht worden fysiek dankzij jongeren met een gehoorstoornis van de school Kasterlinden.
ADVERTENTIE
Uitgave nr 17 - verschijningsdatum 14 juni 2013 - hetpuntbrussel@gmail.com
Vrijwilligen in Brussel Deze maand plaatsen we WELZIJN EN HULPVERLENING in de kijker. Alexia Vandenbroucke, vrijwillig arts bij Dokters van de Wereld nodigt uit om vrijwilliger te worden!
Dokters van de Wereld: “Het is zo verrijkend, zo waardevol.”
Hier vind je een greep uit de Brusselse vrijwilligersvacatures. Surf voor nog meer vacatures naar
www.hetpuntbrussel.be Het Punt vzw, Steenkoolkaai 9B, 1000 Brussel. 02/ 218 55 16
Is het combineerbaar met je job? Ja, ik heb er bewust ruimte voor gecreëerd. Ik vind het fantastisch om naast mijn job dit mooi werk te kunnen doen. Tweewekelijks werk ik een halve dag als vrijwilliger, dat zorgt ervoor dat ik de week erop tijd heb om uit te blazen. Het team is fantastisch. Iedereen is super gemotiveerd en zet zich ten volle in. Zoeken jullie nog vrijwilligers? Ja, zeker! De vraag naar onze diensten is jammer genoeg veel groter dan het aanbod. We kunnen niet altijd alle patiënten verzorgen die zich aan de deur aanbieden, die proberen we dan gericht door te sturen naar andere diensten (die soms betalend zijn) of we moedigen ze aan om op de volgende consultatie terug te komen. Extra handen zijn dus zeer welkom. We zoeken mensen die medisch geschoold zijn (artsen, tandartsen, verplegers, psychologen), maar even zeer onthaalmedewerkers, sociaal assistenten, fondsenwervers en administratieve krachten. Alle handen zijn welkom om de continuïteit van de verschillende projecten in Brussel te kunnen verder zetten: consultaties voor daklozen bij de Samu
02/545 60 62, sigrid.de.geyter@huizesintmonika.be. Talenkennis:
u Perfectionistische fotograaf
Voor een verfrissend en eigenzinnig duoportret van een persoon met en zonder handicap duik je samen met de modellen een fotostudio in! Bij VFG vzw, Vereniging van personen met een handicap, Greet Vandewynckele, 02/51 51 893 en 0475/798 688, greet.vandewynckele@vfg.be. Talenkennis:
u Spanish and English
1000 BRUSSEL
u Speelvogel
Je bent enthousiast, je houdt van quizen? Kom dan een tof spel voor personen met een mentale beperking begeleiden! Je krijgt vorming, een vrijwilligersvergoeding, ondersteuning en didactisch materiaal. Bij VFG vzw, Vereniging van personen met een handicap. Greet Vandewynckele, 02/51 51 893 en 0475/798 688, greet.vandewynckele@vfg.be. Talenkennis:
u Vrijwillige tolken/vertalers gezocht
Het Sociaal Vertaalbureau Brussel Onthaal zoekt vrijwilligers om te tolken en te vertalen. Spreekt u Nederlands en 1 of meerdere andere talen, aarzel dan niet om ons te contacteren. Brussel Onthaal Bjorn Truwant 02/511 72 68 vertalingen.svb.bo@skynet.be. Talenkennis:
u Zonnetje aan het onthaal
Het onthaal verzorgen van het rust- en verzorgingstehuis. Bezoekers die voor het eerst het rusthuis bezoeken wegwijs maken, telefoon aannemen en doorverbinden. Kleine boodschappen aannemen. Bij vzw Huize St-Monika, Hellen Pereira (vanaf 14/06) 02/545 60 60 animatie@huizesintmonika. Talenkennis:
u Vrijwilligerscoach Coach
Vrijwilligers om hun engagement en uitdagingen met goesting en voldoening vorm te geven. Voor meer info zie www.velt.be. Velt vzw Katelijne Schiltz 03/287 80 97 katelijne.schiltz@velt. Talenkennis:
u Rechterhand bij de maaltijden
Begeleiding van maaltijden bij bewoners die niet meer in staat zijn om zelfstandig te eten. Voornamelijk ‘s avonds tussen 17u en 19u en in het weekend (ochtend, middag of avond). vzw Huize St-Monika Sigrid De Geyter Met steun van de Vlaamse minister bevoegd voor Brussel
Volunteers for a Project for Domestic Workers on Sunday Afternoon in Brussels You speak fluent Spanish and English to provide animation to a group of Filipino and LatinAmerican domestic workers. You will help organizing our sunday activities and to create a fun atmosphere. Bij OR.C.A. vzw (Organisation for Undocumented Workers), Omar Garcia, 02/204.06.34, omar.garcia@orcasite.be.
u Tolken/vertalers
Het Sociaal Vertaalbureau Brussel Onthaal zoekt vrijwilligers om te tolken en te vertalen. Spreekt u Nederlands en 1 of meerdere andere talen, aarzel dan niet om ons te contacteren. Bij Brussel Onthaal, Bjorn Truwant, 02/5117268, vertalen.svb.bo@skynet vertalen.svb.bo@skynet. Talenkennis:
u Cultuurverslinder
Je begeleidt tijdens middagvoorstellingen in cultuurhuizen personen met een beperking. Laat je thermos en boterhammen thuis want je krijgt er een broodje en drankje bij! VFG vzw, Vereniging van personen met een handicap, Greet Vandewynckele, 02/51 51 893 en 0475/798 688, greet.vandewynckele@vfg.be. Talenkennis:
Social (oa het Winterplan maar ook de rest van het jaar), consultaties voor mensen zonder toegang tot de zorg bij het Cozo, specialistische en tandarts consultaties, het project ‘Spreek met Haar’ gericht op vrouwen en binnenkort een busje die rondgaat om de meest kwetsbare mensen te bereiken. Wat is het mooiste dat je al beleefd hebt? Goh, da’s heel erg moeilijk. Je hoort heel veel aangrijpende verhalen en zaken die je absoluut niet loslaten. Dat zijn eerder moeilijke momenten, maar ik ervaar het werk bij DVW wel als heel positief. De sfeer onder collega’s is echt tof, we zijn een super team! Velen die hier als vrijwilliger werken hebben eveneens een vaste job, anderen zijn gepensioneerd. Iedereen heeft dus een gezonde dosis idealisme en gaat er 100% voor. Je krijgt ook van de patiënten heel mooie reacties. Vaak hebben de mensen een heel traumatisch parcours achter de rug en zijn ze al herhaaldelijk afgewezen en uitgesloten geweest. Ze worden vaak niet meer als mens gezien en dit proberen we hier een beetje te herstellen door oa te zorgen voor een warme ontvangst, naar hun verhaal te luisteren en, ook na de consultaties, de dossiers op te volgen tot we een aantal concrete oplossingen vinden voor (een deel van hun) problemen. Wat zou je doen als je een heel grote som geld zou krijgen? De infrastructuur verbeteren, materiaal aankopen, mensen aanwerven. Er is nog zoveel te doen! • Ilse Verhamme
Dokters van de Wereld (DVW) is een medische NGO die lid is van het internationaal netwerk van ‘Médecins du Monde’. De Belgische delegatie zet humanitaire projecten in België en in landen in het Zuiden op. www.doktersvandewereld.be/-In-Belgie-.html
u DJ gezocht!
Krijg jij onze senioren aan het dansen? Heb je zin om één keer per maand (namiddag) alles te geven tijdens een feest bij Aksent? Dan is dit misschien iets voor jou! Aksent vzw Kim De Bock 02/240 71 90, kim@aksentvzw.be. Talenkennis:
1070 ANDERLECHT
u Enthousiaste kindbegeleider
IBO KIK zoekt vrijwilligers om samen met onze vaste begeleiders leuke activiteiten te begeleiden tijdens de zomervakantie voor kinderen van 2.5 tot 12 jaar. Bij IBO KIK Katrien Quirijnen, 02/800 07 79, kik@anderlecht.irisnet.be. Talenkennis:
u Vrijwilliger communicatie
Oikos is op zoek naar een vrijwilliger (m/v) die op regelmatige basis de algemene werking, promotie en communicatie mee kan ondersteunen. Frequentie en tijdsbesteding overeen te komen. Oikos vzw, Evelyn Wymeersch, 0485/865929, info@oikos.be.. Talenkennis:
1080 ST-JANS MOLENBEEK
u ICT-vrijwilliger
Oxfam-Solidariteit is op zoek naar een ICT-vrijwilliger voor het opstarten van een nieuwe databank bij onze TweedeHandswinkels . Een opportuniteit om je kennis om te zetten in praktijk! Bij Oxfam Solidariteit, Kathleen Aneca, 02/501 6728, kan@oxfamsol. Talenkennis:
u Promotiemedewerker voor concertwerking
1020 LAKEN
Vk* concerts uit Molenbeek is op zoek naar gemotiveerde vrijwilligers om het promo-team te ondersteunen. Vk* concerts, Tristan Lagae, 02/413 04 10, info@vkconcerts.be. Talenkennis:
u (Co)coördinatoren, animatoren, keukenprinsessen en logistieke ondersteuning
u ICT-vrijwilliger
Heb je zin om als animator, kok of manusje-van-alles mee te gaan op onze vakanties? Je kan een aantal kansarme gezinnen, kinderen of jongeren een aangename vakantie bezorgen! A Place To Live, Jeroen Leysen, 02/424 21 01, jeroen@aplacetolive.be.. Talenkennis:
Oxfam-Solidariteit is op zoek naar een ICT-vrijwilliger voor het opstarten van een nieuwe databank bij onze TweedeHandswinkels . Een opportuniteit om je kennis om te zetten in praktijk! Bij Oxfam Solidariteit, Kathleen Aneca, 02/501 6728, kan@oxfamsol.be.
1030 SCHAARBEEK
1140 EVERE
u Lesgever Arabisch
u DJ gezocht!
Onze senioren en enkele buurtbewoners willen graag Arabisch leren spreken en schrijven! Kan jij hen dit bijbrengen? Dan is dit misschien iets voor jou! Aksent vzw Kim De Bock 02/240 71 90, kim@aksentvzw.be. Talenkennis: Basis Ned en/of Frans en vlot Arabisch.
Krijg jij onze senioren aan het dansen? Heb je zin om één keer per maand (namiddag) alles te geven tijdens een feest bij Aksent? Dan is dit misschien iets voor jou! Aksent vzw Kim De Bock/02 240 71 90 kim@aksentvzw.be. Talenkennis:
WEGWIJZER VOOR VRIJWILLIGERS Wil jij deel uitmaken van ons enthousiast onthaalteam? Je ontmoet mensen met uiteenlopende interesses die je op weg helpt naar leuk vrijwilligerswerk in een Brusselse organisatie. INTERESSANTE OPLEIDING EN LEUKE ERVARING VERZEKERD!
Bij Ilse Verhamme, Het Punt vzw, Steenkoolkaai 9B, 1000 Brussel. Tel.: 02/218 55 16 hetpuntprojecten@gmail.com Talenkennis:
EVENTVRIJWILLIGER MUNTPUNT Stamp deze zomer 2 grootse feesten uit de grond met Muntpunt: flyeren vooraf, publiek onthalen en informeren, productiewerk,... SCHRIJF JE IN VOOR HET INFOMOMENT OP 13 JUNI IN MUNTPUNT!
Bij Muntpunt, Lotte Gijbels, Tel.: 02/278 11 11 lotte.gijbels@muntpunt.be
VU: Veerle Leroy, Steenkoolkaai 9, 1000 Brussel
Waarom ben je vrijwilligerswerk gaan doen? Als arts was ik in het buitenland actief geweest als vrijwilligster en toen ik terugkwam, wou ik ook hier in België vrijwilligerswerk doen. Ik wist aanvankelijk niet zo goed of ik iets passends zou vinden, maar toen ik Dokters van de Wereld leerde kennen, wist ik onmiddellijk: DAT IS HET! Ik vond het zo fantastisch om in België ook het stukje buitenland te ontdekken en ik vond me helemaal terug in hun concept, hun visie leek mij op het lijf geschreven. Zoals je ziet, ik ben nog steeds zeer enthousiast! Vrijwilligerswerk geeft me de kick, de voldoening om iets te doen, zonder er iets materieels voor terug te krijgen. Het is zo verrijkend, zo waardevol. Wie is jullie publiek? We zijn een laagdrempelig, multidisciplinair centrum voor iedereen die problemen ondervindt bij de toegang tot (geestelijke) gezondheidszorg. Hierbij gaat het om Belgen in precaire omstandigheden, Europeanen zonder effectieve ziekteverzekering, asielzoekers of mensen zonder papieren. Alle mensen die door de mazen van het net vallen. Wat spreekt je zo aan? In het Cozo (Centrum voor Onthaal, Zorg en Oriëntatie) proberen we om mensen die geen toegang hebben tot gezondheidszorg, in een bestaand circuit te krijgen. Dus niet zomaar gratis medische zorg geven, maar daarnaast ook iets constructiefs doen zodat ze autonoom verder kunnen. Ik werk als huisarts en verzorg consultaties, maar ik ben omgeven door sociaal assistenten, psychologen, onthaalmedewerkers en specialisten die hun beste beentje voorzetten voor het welzijn en de gezondheid van de patiënt.
© Dokters van de Wereld
Dagelijks staan mensen aan te schuiven bij Dokters van de Wereld. De rijen zijn lang, de hoop op een consultatie is groot. Toch zal niet iedereen aan de beurt kunnen komen. Mensen die uitgesloten zijn van heel wat netwerken, kunnen hier terecht dankzij het werk van een team van vrijwilligers.
ADVERTENTIE
BDW 1382 PAGINA 12 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
Elsene > Gemeente herdenkt schrijver
Ode aan Lemonnier Naar aanleiding van de honderdste verjaardag van de dood van Camille Lemonnier organiseert de gemeente Elsene een reeks activiteiten.
Brussel Deze Week vzw is uitgever van de weekbladen Brussel Deze Week en Agenda en van de nieuwssite brusselnieuws.be. De krant is marktleider voor nieuws over Brussel. Het drietalige (N, F, E) magazine Agenda bundelt wekelijks alle activiteiten van Brussel en de nieuwssite is de meest volledige nieuwsbron over de hoofdstad. De publicaties kennen een ruime verspreiding in en rond Brussel en in de grote Vlaamse steden.
Camille Lemonnier, geboren en getogen in Elsene, wordt beschouwd als een van de bezielers van de negentiende-eeuwse Franstalige Belgische literatuur. Zijn werk kadert binnen het naturalisme, waarmee hij zich als schrijver afzette tegen de zwierigheid van de romantiek. Lemonnier verwierf vooral bekendheid met Un mâle, een roman waarin de natuur en dierlijke trekjes van de mens centraal staan. Ook Happe-Chair en La Belgique behoren tot zijn meesterwerken. In totaal schreef hij een zeventigtal romans, theaterstukken en kunsthistorische essays. In 1868 was hij een van de oprichters van de Société Libre des
Beaux-Arts, een progressieve kunstenaarsvereniging in Brussel die ijverde voor een vrijere en meer realistische beleving van de kunsten. Om hem te herdenken zijn er op woensdag 12 en zaterdag 22 juni geleide bezoeken gepland in het Museum Camille Lemonnier. Dat bevindt zich in het Schrijvershuis op de Waversesteenweg in Elsene en herbergt Lemonniers kunstverzameling, met werken van onder andere Emile Claus, James Ensor en Auguste Rodin. Om Lemonniers liefde voor de natuur te bewieroken, kan men op woensdag 19 juni een wandeling rond de Vijvers maken, waarbij teksten van de auteur voorgelezen zullen worden. De gemeente geeft ook een speciale folder met een bloemlezing van zijn geschriften uit. Céline Vincent © BART DEWAELE
VOOR DE VERKOOP VAN ADVERTENTIES ZIJN WIJ OP ZOEK NAAR EEN
TAKEN
COMMERCIEEL MEDEWERKER (M/V) n U bent verantwoordelijk voor de verkoop
van advertenties en voor de realisatie van uw omzetdoelstellingen op het vlak van print en online sales
n U ontwikkelt hiervoor sterke reclameadviezen
en -strategieën
n U bouwt een goede relatie op met uw klanten,
zowel particuliere klanten als reclamebureaus en mediacentrales, en bouwt nieuwe contacten verder uit
n U begeleidt uw klanten van A tot Z n U maakt offertes op, volgt deze actief op
en zorgt voor de service na verkoop
n U zorgt ervoor dat de informatie in
het CRM-systeem up-to-date blijft
n U houdt uw kennis van de markt en
PROFIEL
de sector up-to-date
n U genoot bij voorkeur een hogere opleiding n U heeft ervaring in accountmanagement,
bij voorkeur in de mediasector
n U bent een commercieel talent met een sterke
motivatie, gedreven en resultaatgericht
n U werkt graag in teamverband, maar u kunt
uw werk ook zelfstandig organiseren en plannen
n U bent perfect Nederlandstalig met zeer
goede kennis Frans en Engels
n U beschikt over kennis van en/of affiniteit
WIJ BIEDEN
met Brussel en u woont bij voorkeur in de regio
n Een afwisselende baan in
een dynamisch mediabedrijf
n Een voltijdse opdracht van onbepaalde duur n Een vast loon met extralegale voordelen
Geïnteresseerden sturen uiterlijk tegen 23 juni 2013 een brief met motivatie en cv naar: Brussel Deze Week vzw, algemeen directeur Marijke Vandebuerie, Eugène Flageyplein 18, 1050 Elsene of via een e-mail naar marijke.vandebuerie@bdw.be
Zwembad Nereus: voortaan beheerd door de gemeentes Ganshoren, Jette, Sint-Agatha-Berchem en Koekelberg.
Ganshoren > Vier gemeentes zullen Ganshorense zwembad samen uitbaten
Doorbraak voor Nereus De gemeentes Ganshoren, Jette, Koekelberg en Sint-Agatha-Berchem zullen het bijna gerenoveerde zwembad Nereus samen, via een intercommunale, uitbaten. Jette zal 44 procent van het verwachte verlies betalen. Het Ganshorense zwembad is al dicht sinds 2002. Het moest sluiten omdat er lekken en andere gebreken waren. De gemeente Ganshoren had echter zelf geen geld voor de renovatie. Na tussenkomst van het Gewest werd beslist dat Beliris – het fonds van het federaal-gewestelijke samenwerkingsakkoord – de herstellingen zou bekostigen. De werkzaamheden begonnen in februari 2012 en zijn inmiddels bijna afgelopen. Al die tijd zocht het Ganshorense gemeentebestuur naar een oplossing voor de uitbating van het zwembad. Omdat die verlieslatend is, probeerde het bestuur van meet af aan de buurgemeenten Jette, Koekelberg en Sint-Agatha-Berchem erbij te betrekken. De scholen en inwoners van die drie gemeenten zouden immers ook profiteren van het zwembad. Een studiebureau werd ingeschakeld om de oprichting van een intercommunale voor te bereiden. De onderhandelingen verliepen lange tijd stroef om-
dat het verwachte verlies - een half miljoen euro per jaar – te groot was en de buurgemeenten vonden dat ze onvoldoende medezeggenschap kregen. Tot vorige week een doorbraak bereikt werd. De vier gemeentes werden het eens om de tarieven te verhogen zodat het verwachte jaarlijkse verlies ‘slechts’ 200.000 euro zou bedragen. Voorts werd afgesproken dat elke gemeente drie zetels heeft in de nog op te richten intercommunale. Het grootste deel van het verlies, 44 procent, wordt gedragen door de gemeente Jette. “De verdeelsleutel werd bepaald op basis van het aantal inwoners en scholieren per gemeente,” zegt de Jetse schepen van Sport Benoît Gosselin (LBJ). “Wij zijn de grootste gemeente en betalen dus het meest. Maar daar staat tegenover dat wij dan ook dubbel zoveel uren voor onze Jetse scholen krijgen.” Voor het grote publiek, dat op andere uren zwemt dan de scholen, zullen de prijzen variëren. De inwoners van de vier gemeenten van de intercommunale krijgen een voorkeurstarief, voor mensen van buitenaf wordt zwemmen in Nereus ‘heel duur’, aldus Gosselin.
Bettina Hubo
© MARC GYSENS
TELEXREGIO
BDW 1382 PAGINA 13 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
Trouwen kan nu ook in het Brussels KOEKELBERG – In Koekelberg kan men vanaf nu ook in het Brussels trouwen. De ambtenaar van burgerlijke stand werkt hiervoor samen met dialectverenigingen Brusseleir en de Manne van de Platou en met streektaalcoördinator Geert Dehaes. Het eerste huwelijk in het Brussels werd afgelopen vrijdag voltrokken door SP.AHUB schepen Robert Delathouwer. Meer info: 02-412.14.29.
Moestuin in de kleurdoos BRUSSEL – Basisschool De Kleurdoos in de Moutstraat heeft sinds kort een heuse moestuin met naam ‘Boeren op School”. Op de speelplaats staan elf bakken waarin de leerlingen sla, tomaatjes en andere groenten en fruit telen. Doel van het HUB project is de kinderen vertrouwd te maken met gezonde voeding.
Heembekenaar van het jaar gevierd NEDER-OVER-HEEMBEEK – Afgelopen zondag werd Christiane Bodin-Crampe gehuldigd als ‘verdienstelijke Heembekenaar van het jaar’. Bodin-Crampe is beHUB halve bestuurslid van KAV/Femma NOH ook lid van Ziekenzorg.
ECOFIETSTOCHT OP PLAZEY
Elsene > Matongé-Europe brengt inwoners van twee wijken samen
JETTE/LAKEN – Brussel wil groene hoofdstad van Europa worden. KWB LakenJette en de Tochten van Hoop organiseren op 16 juni een fietstocht door de stad om te evalueren hoe het gesteld is met het ‘groene’ gehalte van de stad. De tocht van 15 km vertrekt om 12.45u vanop het Plazeyfestival in het Elisabethpark. InHUB schrijven via pol.arnauts@compaqnet.be of 02-557.87.72.
Wijkoverschrijdend festival De eerste editie van het gratis Festival MatongéEurope, dat plaatsvond van 5 tot 9 juni, bracht een heleboel inwoners uit de Matongewijk en de Europese wijk samen. Tijdens tal van artistieke, sportieve en sociale evenementen konden de inwoners uit beide wijken elkaar beter leren kennen. Openen deed het festival met de Parade
Frites Sauce Manioc in samenwerking met Zinneke. Daarna volgden onder andere een concert en een minivoetbaltoernooi op de esplanade van het Europees parlement. Doel van het festival was ook om na te gaan of de clichés over beide wijken wel kloppen. MiV ADVERTENTIE
WIE HEEFT MOOISTE BLOEMEN? JETTE – Opnieuw looft de gemeente een tuinaankoopbon van 100 euro uit voor de Jettenaar met de mooiste voortuin, de fleurigste gevel of het kleurrijkste balkon. HUB Meer info via idesmet@jette.irisnet.be of op 02-422.31.01.
ADVERTENTIE
BDW 1382 PAGINA 14 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
© CÉLINE VINCENT
van het Seniorencentrum De VGC-sportdienst, de sportdienst ren: ente pres en Zinnema
FeeStelIjke SportnamIddaG Voor 50-pluSSerS Maandag 17 juni 2013, 13-17 uur t Zinnema, Veeweydestraat 24-26, 1070 Anderlech van het Seniorencentrum en De VGC-sportdienst, de sportdienst g kennis maken met het sportZinnema laten je tijdens deze namidda start in september 2013. dat aanbod van het nieuwe sportseizoen ics, bokwa, fitbal en solodans. Op het programma: tai chi, senioret en een optreden van Afsluiten doen we met een borreltje . Zij brengen Brusselse liedjes, koor ema Zinn De Zinnefolee, het bonte iekers en meezingers. van nieuwe nummers tot bekende klass veel zwier, Met een vleugje nostalgie en vooral zwans en humor.
Dankzij oog voor detail van de makers vervelen de kinderen (en de voorzitter van de Europese Raad) zich geen seconde.
Sint-Jans-Molenbeek > Foyer breidt kinderexpo uit
Democratie op kindermaat
Info: VGC-sportdienst - 02 563 05 14 - sportdienst@vgc.be Sportdienst van het Seniorencentrum vzw - 02/210.04.65 - sport@seniorencenrum-brussel.be
Het Gewoon Vreemd Paleis van de Foyer pakt uit met een gloednieuwe expo voor kinderen. Democratie is ditmaal het hoofdingrediënt. Wat democratie betreft, geldt zonder meer het spreekwoord ‘jong geleerd is oud gedaan’. Zo dachten ook de medewerkers van Foyer, het regionaal integratiecentrum in Molenbeek dat respect voor diversiteit en de uitbouw van een duurzame samenleving promoot. Om ook de jeugd bij dit maatschappelijk proces te betrekken, ontwikkelde Foyer vijftien jaar geleden het Gewoon Vreemd Paleis, een interactief atelier op maat voor kinderen tussen tien en veertien jaar. Hier leren ze spelenderwijs over maatschappelijke thema’s zoals diversiteit, vooroordelen en beeldvorming. En nu dus ook over democratie, een concept dat volgens organisatrice Riet Schouwenaars de basisvoorwaarde is voor onze huidige multiculturele samenleving. Het doel van het project is de kinderen aan te sporen tot reflectie en discussie, en hen warm te maken om zelf hun steentje bij te dragen aan de democratie. “Wij planten eigenlijk de zaadjes bij de kinderen, die ze dan in een later stadium zelf verder kunnen ontkiemen,” verklaart Schouwenaars.
ADVERTENTIE
Hou een extra troef achter de hand!
Bij de leerlingen van de vijfde en zesde klas van de Sint-Albertschool lijkt het alleszins te lukken. Met een routekaart in de hand lopen ze uitgelaten door het paleis. Er zijn 47 ‘stationnetjes’ om halt te houden en vragen te beantwoorden of opdrachten uit te voeren. Kleurige schilderijtjes, spiegels, verborgen spreuken en raadsels achter bordjes en gordijnen, etc. Er is genoeg stof voor interactie en dialoog. “We dachten eerst dat we in een kring zouden zitten om over democratie te praten, maar dit is echt veel leuker,” reageren Rania en Fleur enthousiast. Als kers op de taart werd de vernieuwde expo ingehuldigd door niemand minder dan Herman Van Rompuy, de voorzitter van de Europese Raad die vorig jaar nog namens de Europese Unie de Nobelprijs voor de Vrede in ontvangst mocht nemen. Hij sprak de kinderen toe over verdraagzaamheid en de kunst van het luisteren, en omschreef het Paleis als “een oefenschool voor democratie.” Fijn om weten is dat de expo ook bezocht kan worden in het Frans en dat er een aangepaste variant bestaat voor kinderen ouder dan veertien. Maar naast de jeugd is het ook een aanrader voor volwassenen. Een mens is immers nooit te oud om te leren. Céline Vincent
Etterbeek > Cyclo vzw organiseert fietsbeurs aan het Jubelpark
Nieuwe thuis voor je oude fiets IZEO, de troef die zelfstandigen gemoedsrust geeft.
Als u er aan dacht uw oude fiets naar de schroothoop te brengen, wacht er dan nog even mee. Misschien geraakt u hem dit weekend wel kwijt op de fietsbeurs van Cyclo.
99
€
per jaar
Het beheer van uw beroepsactiviteiten als ondernemer of bedrijfsleider van een KMO brengt zijn dagelijks deel risico’s en onzekerheden mee. Daarom stelt IZEO, de beweging van de zelfstandigen, u een reeks uitgekiende troeven ter beschikking voor een onklopbare prijs! De verdediging van uw belangen, bescherming, informatie, contacten, welzijn,… Met IZEO hebt u alle kaarten in handen om uw activiteit in alle gemoedsrust uit te oefenen en uit te bouwen!
Cyclo vzw organiseert deze zondag 16 juni een tweedehandsfietsbeurs aan het Jubelpark, waar u uw oude fiets kunt verkopen. Tussen 10 en 12 uur zijn er atelierleiders van Cyclo aanwezig om de fietsen te controleren en een prijs af te spreken. De verkoop start om 12 uur. U kunt zelf reclame maken voor
UW VOORDELEN / Ongevallenverzekering / Invordering van facturen / Rechtsbijstand / Lobbying en verdediging van uw belangen / Gezondheidsbilan / Business networkingavonden / …
IZEO-12-11520-visuel concept-NL-cr-100912-r3.indd 1
www.izeo.be 10/09/12 15:46
uw tweewieler, of de verkoop overlaten aan de medewerkers van Cyclo. Kopers krijgen een akte van bewijs mee, en kunnen hun nieuwe fiets ter plaatse laten graveren. Om 17 uur kunt u uw verkoopprijs gaan ophalen. Fietsen die geen nieuwe eigenaar vonden, kunnen terug meegenomen worden of aan Cyclo geschonken worden. Indien u zondag niet beschikbaar bent, maar wel een fiets hebt om te verkopen, kan u hem nog tot vrijdag 17 uur binnenbrengen in het Cycloatelier op de Vlaamsesteenweg. CV
BDW 1382 PAGINA 15 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
De familie van pater familias Jules Modest woont al vijftien jaar op een woonwagenterrein. Op de voorgrond steelt een Ford Thunderbird uit 1963 de show.
© JO VOETS
den liever in een woonwagen wonen, als ze een standplaats zouden hebben. Ook zijn er tientallen families die steevast rond Brussel circuleren. Zij hebben van oudsher een band met Brussel omdat ze er geboren en/of opgegroeid zijn, maar hebben er momenteel geen terrein meer. Ze zijn permanent op zoek naar een vastere standplaats, maar worden in realiteit voortdurend verjaagd daar waar ze hun caravans neerpoten. De toekomst oogt eveneens weinig rooskleurig. Rekening houdend met de aangroei van de woonwagenbevolking zullen er in 2020 een tweehonderdtal gezinnen zijn. Zonder actieve creatie van woonwagenterreinen zullen slechts 3 op 10 woonwagenbewoners een standplaats hebben in de regio Brussel. Dit structurele tekort aan standplaatsen heeft ernstige gevolgen voor andere levensdomeinen. Tientallen kinderen van rondtrekkers volgen geen enkele vorm van onderwijs en velen blijven analfabeet. Vaak willen de ouders deze situatie niet, maar voelen ze zich machteloos omdat ze geen terrein vinden. Ook oude woonwagenbewoners valt het gedwongen rondtrekken zwaar, vooral tijdens de winters. Sommigen moeten ook kunst- en vliegwerk ondernemen om ziektes regelmatig te laten behandelen.
Standplaatsenbeleid
Samenleving > Koen Geurts van Foyer Brussel luidt de alarmbel
Woonwagenbewoners op zoek naar standplaats BRUSSEL – Sinds 1 maart 2012 is het wonen in een woonwagen erkend als volwaardige woonvorm in de Brusselse Huisvestingscode. Toch kunnen slechts de helft van de Brusselse woonwagenbewoners terecht op een vaste standplaats. Als er geen bijkomende plaatsen worden gecreëerd om de aangroei van families op te vangen, zullen er in 2020 nauwelijks 1 op 3 van deze families een standplaats hebben, zegt Koen Geurts van het Regionaal Integratiecentrum Foyer.
BDWOPINIE Sinds tientallen jaren wonen er woonwagenbewoners in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Ze zijn verspreid over een achttal residentiële woonwagenterreinen waar ze het grootste deel van het jaar verblijven. Sinds 1 maart 2012 is het wonen in een woonwagen erkend als volwaardige woonvorm in de Brusselse Huisvestingscode. Nochtans kunnen slechts de helft van de Brusselse woonwagenbewoners terecht op een vaste standplaats. Als er geen bijkomende plaatsen worden gecreëerd om de aangroei van families op te vangen, zullen er in 2020
nauwelijks 1 op 3 van deze families een standplaats hebben in de Brusselse Regio. Dat berekende het Regionaal Integratiecentrum Foyer op basis van een telling gedurende dit voorjaar.
Band met Brussel In tegenstelling tot wat we meestal denken over woonwagenbewoners (Roms, Manoesjen, Voyageurs), verkiest een groot aantal van deze families om het grootste deel van het jaar met hun caravan op een residentieel woonwagenterrein te staan. Dat onderscheidt zich van een doortrekkersterrein waar families slechts een korte tijd (2 à 3 weken) kunnen verblijven. Deze nood leeft des te meer bij jonge gezinnen met
KOEN GEURTS:
“Tientallen families circuleren steevast rond Brussel. Ze zijn permanent op zoek naar een standplaats, maar worden voortdurend verjaagd”
schoolgaande kinderen en bij mensen die door ouderdom of ziekte de energie niet meer hebben om rond te trekken. Tevens zijn velen de voortdurende verdrijvingen waar ze mee te maken hebben tijdens het rondtrekken beu. Aan het leven in een appartement kunnen de meesten niet wennen omdat ze een sedentaire levenswijze niet gewoon zijn. Vanuit een vast terrein kan men nog reizen ondernemen in het kader van familie, werk of religie, met de zekerheid om daarna terug te kunnen keren naar een vaste stek.
Brussel telt een honderdtwintigtal gezinnen van woonwagenbewoners, foorreizigers niet meegerekend. Een vijftigtal hiervan kunnen terecht op een residentieel woonwagenterrein. De grote druk op de weinige terreinen zorgt voor overbevolking waardoor de veiligheid in het gedrang komt. Daarnaast zijn er die hun caravan omgeruild hebben voor een appartement. De meesten zou-
Voor deze redenen werd de Belgische Staat vorig jaar pas veroordeeld door het Europese Comité voor Sociale Rechten wegens schending van het recht op huisvesting van woonwagenbewoners, met schadelijke effecten voor het recht op onderwijs, geneeskundige verzorging, etc. Daarom is het in het Brussels Gewest dringend nodig om woonwagenterreinen een plaats te geven in de ruimtelijke structuurplannen. Stedenbouwkundige richtlijnen dienen ook afgestemd te worden op woonwagens. Net als Vlaanderen en Wallonië heeft Brussel een woonwagencommissie nodig die de coördinatie opneemt van een werkelijk standplaatsenbeleid. In afwachting van structurele ingrepen vragen de woonwagenbewoners ook urgentiemaatregelen om de meest dwingende situaties van families zonder terrein tijdelijk te regelen. De Brusselse woonwagenbewoners verwachten dat het Brussels Hoofdstedelijk Gewest en de burgemeesters van de verschillende gemeenten hierin hun verantwoordelijkheid opnemen om het recht op degelijke huisvesting, onderwijs en gezondheidszorg voor de huidige en de toekomstige generatie woonwagenbewoners te verzekeren. Anders blijkt de aanpassing van de Brusselse Huisvestingscode met betrekking tot wonen in een woonwagen dode letter.
Koen Geurts, Stafmedewerker Roma en Woonwagenbewoners Regionaal Integratiecentrum Foyer Brussel
Voor meer info zie de nota ‘Gebrek aan standplaatsen voor woonwagenbewoners in het Brussels Gewest’, Foyer 2013, www.foyer.be
BDW 1382 PAGINA 16 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
BRIEVEN VAN LEZERS lezersbrieven@bdw.be Strip en friet
De herverdeling moet aan de bron gebeuren en niet via een gratis MIVB-abonnement, vindt Michael Moulaert.
© IVAN PUT
Drie argumenten tegen gratis openbaar vervoer Met deze lezersbrief wil ik reageren op het opiniestuk ‘Solidair voor basismobiliteit’ van Maité Morren (BDW 1380, p.12). Absoluut akkoord dat er een eengemaakt transportnet in en rond Brussel moet komen en dat hiervoor een betere samenwerking tussen de gewesten en de NMBS, MIVB, De Lijn en TEC nodig is. Maar eenmaking moet op andere terreinen spelen dan op het gratis maken van openbaar vervoer. Ik heb drie argumenten tegen gratis openbaar vervoer voor senioren. Ten eerste is gratis openbaar vervoer niet duurzaam. Ten tweede heeft het nauwelijks impact op sociaal isolement. Ten derde is het niet het juiste middel voor herverdeling.
Niet duurzaam ‘Gratis’ is niet duurzaam. Gratis openbaar vervoer verdrijft de auto niet van het toneel. In Hasselt (waar de bus tot voor kort gratis was) vertienvoudigde het busgebruik de afgelopen 15 jaar, maar het aantal autogebruikers dat de overstap maakte, was maar 16 procent. Het extra volume reizigers betreft voornamelijk mensen die voordien stapten of trapten. Bovendien heeft openbaar vervoer een maatschappelijke kost (vervuiling, lawaaihinder, gebruik openbare ruimte) en voor korte verplaatsingen houdt het mensen van stappen of trappen terwijl net het dagelijks bewegen senioren fit houdt.
Geen impact op sociaal isolement Morren poneert: “Eén feit blijft overeind: tienduizend Brusselse senioren hebben niet langer toegang tot hun basismobiliteit als ervoor.” Onjuist, ze hebben niet langer ‘gratis’ toegang. Toegankelijkheid is niet hetzelfde als gratis tickets. Integendeel. Elke euro die naar het verlagen van tickets of abonnementen gaat, kan niet meer geïnvesteerd worden in de uitbouw van een volwaardig
uitgestrekt netwerk dat kan concurreren met de flexibiliteit van een wagen. Het uitbreiden van het netwerk is een veel socialere maatregel dan extra subsidies te geven aan personen die al een vlotte toegang hebben tot het openbaar vervoer. Dat senioren door de afschaffing van gratis abonnementen in een sociaal isolement terechtkomen is een onterechte vrees. Volgens Nederlands praktijkonderzoek is sociaal isolement een complex gegeven waar gratis openbaar vervoer slechts een zeer gering effect heeft om dit bij ouderen tegen te gaan.
Niet het juiste middel voor herverdeling Onze maatschappij heeft nood aan meer solidariteit en iedereen moet recht hebben op een kwaliteitsvol leven. Om dit te verwezenlijken moeten we onze inkomens herverdelen voor zij die moeilijk rondkomen. Fundamenteel hierin is een salaris, een uitkering of een pensioen dat voldoende is om zelf een aantal keuzes te maken (zich verplaatsen, wonen, eten, beoefenen van hobby’s, reizen). We moeten af van dat paternalisme waar de overheid deze keuzes maakt in de plaats van elk individu. Dit werkt stigmatiserend en bevordert de hokjesmentaliteit: de leefloner die de bus neemt of armeren gegroepeerd in sociale woonblokken. De herverdeling moet aan de bron gebeuren, via een (leef )loon of een pensioen en niet via de MIVB. Gratis busvervoer voor 65-plussers is geen adequaat middel als het doel duurzamer vervoer, tegengaan van sociaal isolement of herverdeling is. Om deze problemen op te lossen zijn er meer fundamentele oplossingen nodig. Daarnaast heeft een ‘gratis’politiek op bijna elk vlak overconsumptie en schadelijke neveneffecten als gevolg. Michael Moulaert, Brussel
Dezer dagen loopt er een tentoonstelling over striptekeningen in het Vlaams parlement en in de lokalen van de Vlaamse Gemeenschapscommissie. Op de cover van de brochure van deze tentoonstelling is de Franstalige tekst in de tekstballon van de striptekening van de kunstenaar Schuiten verdwenen. De voorzitter van het Vlaams parlement, dhr. Peumans had laten weten dat hij niet akkoord was met het feit dat deze Franstalige tekst, zelfs in een tekstballon, in het Vlaams parlement te zien was… Nu beweert de woordvoerder van de voorzitter dat dht. Peumans helemaal niets gedaan heeft, dat het de curator zelf was die besloten heeft om de tekst uit te gommen. Er mag echter niet vergeten worden dat de voorzitter van het Vlaams parlement een persoon met gezag is. Recent had in Kortrijk de uitbater van een toekomstige frituur die op de Grote Markt zal staan, de naam Frituur Grand Place bedacht, wellicht met een knipoogje naar de Fransen die zoveel van Courtrai houden. De schepen van Economie heeft daarop een gesprek met de uitbater gevoerd, die volgens de enen “de wenkbrauwen gefronst heeft” en volgens anderen dan weer “in volle vrijheid” besloten heeft om de naam van zijn frituur om te dopen. Deze zal voortaan Frituur Grote Markt heten. De burgemeester van Kortrijk, dhr. Van Quickenborne, was het daar volledig mee eens. Er mag echter niet vergeten worden dat de schepen van Economie een belangrijk persoon voor de zelfstandigen is. De strip van Schuiten en de friet van de markt van Kortrijk hebben hun originaliteit verloren in naam van een politiek die de cultuur in ideologische vakjes wilt duwen. Dit doet mij denken aan toestanden zoals in de vroegere DDR (Duitse Democratische Republiek) waar democratie een woord zonder inhoud was.
Brigitte Daenens, Sint-Gillis
Vlier Mag ik even uit het gareel springen en de reporter genaamd Nick Trachet feliciteren voor zijn geïnspireerde culinaire bijdragen aan BDW? Neem nu het artikel Vlier (BDW 1378, p.21). Ik ben eigenaar van zo een ‘stokkenboom’ in mijn tuin en heb hem tegen alle adviezen in nooit willen omkappen. Alle motieven en argumenten voor mijn gerechtvaardigde koppigheid en nog veel meer worden opgesomd in dat ene artikel met als titel Vlier. Ik ben een trouw volger van de reeks en ik ben er zeker van dat er elke week een tros lezers valt voor deze Wikipei van BDW! Kris Kaerts, Jette
Tweetaligheid (1) Ik wil het even hebben over de aankondiging van de officiële inhuldiging van de gerestaureerde ‘elektrische mast’ (BDW 1380, p. 11) die dezelfde avond in Schaarbeek zou plaatsvinden. In nummer 172 van 27 mei van Schaarbeek Info stond in dit verband al een artikel in de beide landstalen, wat mij ertoe aanzette om deze unieke gebeurtenis zeker niet te missen. De ceremonie werd opgeluisterd door de aanwezigheid van een paar nazaten van de onvolprezen beeldhouwer Graaf Jacques de Lalaing die dit prachtige monument destijds realiseerde voor de Wereldtentoonstelling te Gent in 1913. Het leek dus niet meer dan logisch (en terecht) dat Schepen Cécile Jodogne (FDF) uit respect voor de opgetrommelde familieleden van de Lalaing haar gelegenheidstoespraak in het Frans hield. Ze vertikte het echter kennelijk (en zo kennen wij haar!) om de Nederlandstalige aanwezigen welkom te heten en hen een woordje in de taal van Vondel te gunnen. Een Nederlandstalige Schaarbekenaar van buitenlandse origine (ja die bestaan echt) vond, samen met mij,
BDW 1382 PAGINA 17 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
BDWOPINIE dat dit miskennen van de meest elementaire beleefdheid ten aanzien van het Nederlandstalige aanwezigen een brug te ver was. Mevrouw Adelheid Byttebier (Groen), Schepen van Nederlandse Cultuur, stond erbij en keek ernaar. Als men alleen maar bedenkt hoe de restauratie van dit monument tot stand kon komen met een beperkte financiële inbreng van de gemeente maar met een substantiële financiering door het Gewest, dan weet elke lezer van BDW dat deze geslaagde restauratie (onrechtstreeks) een aardig paar centen uit Vlaanderen heeft opgeslorpt. Ook elke Nederlands sprekende Schaarbekenaar heeft via zijn belastingheffing zijn financieel duitje in de zak gedaan, maar hij werd door ons aller Cécile voor de zoveelste maal miskend. Mijn vraag aan Mevrouw Adelheid Byttebier om haar collega-schepen in de eerstvolgende zitting van het Schepencollege daarover te interpelleren werd weggewuifd (een coalitiepartner bijt men de keel niet over!) en dus bleef mij maar één mogelijkheid over: mijn beklag aan de, door zijn overvolle politieke agenda, te laat aangekomen burgemeester Bernard Clerfayt (FDF) over te maken. De brave burgervader beloofde mij zijn ‘slippendraagster’ Cécile over haar gemis aan elementaire beleefdheid ten aanzien van haar Nederlands sprekende ingezetenen aan te spreken. Deze reactie van mij in de lezersbrievenrubriek van BDW moet hem aansporen zijn belofte zeker niet te vergeten. Het door de gemeente, na de inhuldiging, aangeboden drankje heeft bij mij wel een bittere nasmaak veroorzaakt. Tot slot: alle lof voor het prachtige restauratiewerk van de Hongaarse restaurateur Laszio Somogyi.
Roland Mortier, Schaarbeek
Barcelona vs Brussel In BDW van vorige week stond een artikel over het gebruik van de noodknop bij de metropoortjes en een lezersbrief over het wild slalommen van de politiewagen en het onophoudelijk lawaai van de sirenes in Brussel (BDW 1381, p. 2 en 13). Het is inderdaad onmogelijk om meer dan tien minuten op een plaats in het centrum van Brussel te staan zonder te worden geconfronteerd met loeiharde sirenes en/of cowboygedrag van de politie. In nauwere straten is het geluid van de sirenes nauwelijks te verdragen en ik heb het al meegemaakt dat ik na het doorrijden van brandweerwagens een halfuur later nog pijn had in de oren. Het met grote snelheid heen en weer vlammen van politiewagens met loeiende sirenes heb ik alleen maar in Brussel en in films gezien, maar nog nooit in andere steden. Ik ben net terug van een tiental dagen vakantie in Barcelona en het verschil met Brussel op deze vlakken is enorm. Ik heb gedurende die tien dagen nooit een politiewagen of een brandweerwagen met loeiende sirenes door de stad zien vlammen, de ambulances rijden er met een rustig drietonig alarmsignaal en geraken net zo goed of slecht vooruit als in Brussel. In Barcelona heb ik dagelijks de metro en de bus genomen en ik heb er geen enkele keer meegemaakt dat de metropoortjes openstonden, dat er geroepen of geschreeuwd werd in de metrogangen, dat men zich met verschillenden tegelijkertijd door de metropoortjes wrong, dat iemand achteraan de bus opstapte, dat men de bus opstapte zonder te betalen of te ontwaarden, dat er afval op de grond lag in bus, metro of metrogangen, dat iemand zich agressief of onbeschoft gedroeg. Terug in Brussel neem ik op een zaterdag de bus van Jette om via Simonis en Rogier naar de Beurs te gaan en maak ik op één en dezelfde
verplaatsing het volgende mee: mensen die achteraan opstappen op de bus en niet betalen of ontwaarden, de metropoortjes in station Simonis die openstaan, een groep jongeren die bovenop de muurtjes van de metropoorten zitten en met hun voeten op de metalen delen stampen wat een dreigend lawaai maakt in het hele station. Op de tram tussen Rogier en Beurs kom ik in conflict met een agressieve gast die vindt dat mijn arm, waarmee ik me vasthoud, te kort bij het gezicht van zijn vriendin komt en tot slot in het station Beurs moet ik bijna kotsen van de ondraaglijke urinestank. Ik werk in de buurt van het Noordstation en ik neem dagelijks de trein van Jette naar Brussel-Noord, liever dan de bus en de metro te nemen. Op de trein kom ik alleen maar rustige en vriendelijke mensen tegen die bij controle zonder problemen hun abonnement tonen. Op de metro en de bus zie ik dagelijks zwartrijders, word ik dikwijls geconfronteerd met onbeschoft gedrag en soms met agressie. Ik werd al ernstig bedreigd in metrostation IJzer omdat ik niet had toegelaten dat een groepje jongeren zonder vervoerbewijs zich samen met mij door het metropoortje zouden wringen. Tot slot nog een vraag: op de bus mag men alleen vooraan opstappen en moet men ontwaarden of betalen. In het begin dat deze maatregel werd ingevoerd, werd daarop toegezien door de buschauffeurs. Nu wordt er door de chauffeurs nooit nog gereageerd wanneer mensen achteraan opstappen en wanneer men opstapt zonder te betalen. Kan iemand mij uitleggen waarom? Jacques Scalais, Jette
Nederfrans Victor Capron schrijft het volledig met Laura Baas eens te zijn als zij de verfransing van de Nederlandse taal bekritiseert veroordeelt (BDW 1381, p.13). Hij haalt hierbij een niet-exhaustieve onuitputtelijke lijst van uit het Frans overgenomen werkwoorden aan die hij in zijn humaniora middelbare schooltijd nooit zou zijn tegengekomen. Geheel terecht eindigt hij zijn brief met de verzuchting: Triestig. Bedroevend. Anne Bourgeois, Brussel
Tweetaligheid (2) Dit briefje vond ik terug in mijn brievenbus: Lettre aux habitants de la rue du Pont Neuf, Brief van de bewoners van de straat in NieuwBrug: Ce dimanche 02.06.13, la rue Pont Neuf sera fermée de 07h à 18h au niveau du bâtiment des AG Insurrance pour le placement d’une grue. Op zondag, 02.06.13 de straat Nieuwbrug(Dek) zal gesloten zijn vanaf 17 uur tot 6 uur op het niveau van het gebouw(schip) van de AG Insurrance voor de investeringen(plaatsing) van een kraan. Chris Prouvé, Brussel
Correctie In BDW 1381 van donderdag 6 juni staat in het fotobijschrift ‘De kanaalzone als panorama’ dat de panorama’s te bezichtigen zijn tot 11 juli. Deze datum klopt niet. De panorama’s zijn namelijk te bezichtigen tot 11 augustus. Onze excuses.
SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.
Oeps: Brussel vergeten! door Danny Vileyn De pariteit in de federale regering is niet goed voor de democratie en ook de alarmbelprocedures (die verhinderen dat de ene taalgroep de andere haar wil oplegt) deugen niet. Gewezen Open VLD-voorzitter en gewezen Vlaams minister-president Bart Somers kon vorige maandag in een interview met De Standaard niet duidelijker zijn. De uitspraken passen in een strategie om zich van de Vlaamsnationalisten van de N-VA, met wie de liberalen sociaaleconomisch verwant zijn, te onderscheiden. Twee dagen voordien had Open VLD-voorzitter Gwendolyn Rutten al het confederalisme afgezworen. Confederalisme staat voor haar gelijk met separatisme. Somers stelt zijn ideeën voor als een alternatief voor het confederalisme, maar is de weerslag op Brussel vergeten. In een eenvoudig land zouden de voorstellen van Somers goed zijn voor een beschaafd debat. Maar dit is geen eenvoudig land. In dit land leven 60 procent Vlamingen en 40 procent Franstaligen. Het belang van de gemeenschappen neemt af ten voordele van de gewesten. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is officieel tweetalig, in de feiten veeltalig en de lingua franca is het Frans. In dit ingewikkelde land hangt alles met alles samen. De pariteit in de federale regering (ter bescherming van de Franstaligen) is er ook in de Brusselse regering (ter bescherming van de Brusselse Vlamingen). Het was ironisch genoeg geen Vlaming die Somers hierop attent maakte, maar de Franstalige MR-voorzitter Charles Michel. Michel is voor de pariteit in de Brusselse regering. Maar die pariteit staat op de helling als de pariteit op federaal niveau in vraag gesteld wordt. Het antwoord van Michel is merkwaardig: niet weinig Franstaligen in Brussel stellen immers al langer dan vandaag de pariteit in de regering en de gewaarborgde vertegenwoordiging in vraag. Meteen heeft de MR ook afstand genomen van zijn vroegere partner FDF. Didier Gosuin, nochtans niet de kwaadste onder de FDF’ers, liet meteen na Somers’ uitspraak weten dat het tijd wordt om het Brussels model te laten ‘evolueren’. Lees: de rechten van de Vlamingen beknotten. Gosuin wil tweetalige lijsten en verwijst naar minister Guy Vanhengel (Open VLD) die in Evere verkozen raakte op de burgemeesterlijst van Rudi Vervoort (PS). Een speldenprik van Gosuin, maar vroeg of laat komt de kwestie op tafel: de Brusselse Vlamingen zijn het sluitstuk van de Belgische constructie. Raak je aan België, dan raak je aan de Brusselse Vlamingen en vice versa. Dat moeten de Vlamingen in Vlaanderen beseffen. Maar ook voor de Vlamingen in Brussel is het tijd voor reflectie. Een vijfde Congres van de Brusselse Vlamingen dringt zich op, een congres waar wordt nagedacht over hun toekomst in Brussel, in de Vlaamse Gemeenschap en in België. Het laatste congres dateert van twee decennia terug. Dat is al veel te lang geleden.
EVA HILHORST
© ECOLE DES ARTS D’IXELLES
parking flagey krijgt kleur ELSENE – De kale wanden van de parking onder het Flageyplein hebben gezelschap gekregen van enkele kleurige kunstwerken. De artiesten zijn de leerlingen van de Ecole des Arts d’Ixelles. De parking onder het Flageyplein in Elsene wordt opgefleurd met drie kunstwerken, voor iedere ingang één. Het project is van de hand van de leerlingen van de Ecole des Arts d’Ixelles, die dit jaar haar 150ste verjaardag viert. De twee collages bestaan uit afzonderlijke werkjes van leerlingen van de afdelingen Fotografie en Striptekenen. De muurschildering werd gemaakt door een leerling van de afdeling Monumentale Schilderkunst. Bedoeling is dat de werken één worden met de ruimte. Gisterenmiddag werden de drie kunstwerken officieel ingehuldigd door de gemeente. De leerlingen hebben er alvast voor gezorgd dat u in het CV vervolg kan parkeren in kleur.
aperos urbains wordt jette stream JETTE – Het is de gemeente Jette menens. Samuel Fuller van jeugdhuis De Branding kondigde het een paar weken geleden al aan: Jette wordt het nieuwe Sint-Gillis. De gemeente keek toen richting Sint-Gillis voor de organisatie van Parcours d’Artistes. Nu begint de gemeente ook met apéros urbains. Een zuidelijk verschijnsel, getuige de apéros van Sint-Gillis, Sint-Job (Ukkel) en van de Boeremet in Anderlecht. In Jette verwijzen ze er graag naar. De drie Jetse vrienden Benjamin, Kristof en Eric beginnen op 14 juni van 17 uur tot 22 uur met apéros urbains op het Kardinaal Mercierplein en eindigen op 20 september. Iedere vrijdag, uitgezonderd 23 en 30 augustus. Op de apéros worden de aanwezigen getrakteerd op muziek: Simon le Saint, Bernard Dobeleer, Prince-Off, L-Fêts en anderen. Ze komen uit Brussel, Vlaanderen, Wallonië en het Verenigd Koninkrijk. De eerste apéro (14 juni) valt samen met de inhuldiging van het vernieuwde Kardinaal Mercierplein. En hij DV heet Jette Stream.
BDW 1382 PAGINA 18 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
VADROUILLE DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK
Zang > Chorus Erasmus herrijst uit de as met Chileense dirigent
‘De dictatuur ken ik al, hier telt ieders stem’ ANDERLECHT – Met veel zin voor gevoel vanuit het hart repeteert Chorus Erasmus in Zinnema. Zaterdagavond wagen ze zich aan een miskend pareltje, het Requiem van Rutten in de kerk op het Koningsplein. We volgden het herrezen, want vorig jaar nog onderbemande koor, bij een repetitie. En ja, het matcht.
‘A
ls er mensen zijn met een mooie stem - ze moeten geen zang of notenleer gestudeerd hebben - zijn ze welkom in ons koor,” zo begint voorzitster Sabine De Leeneer, als we op zaterdagochtend in de Studio van Zinnema het koor verrassen. “Jullie mogen nog komen,” zegt dirigent David Navarro Turres na afloop, want de concentratie
van de zangers bleek door de aanwezigheid van de fotograaf positief geprikkeld. De zangers sluiten de rangen wat meer op de tribune, en zie, die schouder-aan-schouderpositie maakt het verschil. Plots zingen ze niet meer voor de chef alleen. Die chef, de Chileen David Navarro Turres (°1978) is een duivel-doet-al: hij zingt zelf, speelt gitaar en klarinet. Geeft
les in Woluwe. Is dirigent van een ander koor, La Psalette de Bruxelles. Dirigeert ook het Brussels Philharmonic Orchestra (BPO). Ondertussen timmert hij in Dilbeek aan een nieuw professioneel ensemble (tegen 2014) met jongeren van de conservatoria van Brussel en Antwerpen. Sinds hij drie jaar terug bij het Chorus Erasmus kwam, drijft hij de kwaliteit op. “Het Chorus Erasmus was mijn eerste job in België,” vertelt Navarro, die na studies Orkestratie in Duitsland met zijn Belgische vrouw in Ukkel kwam wonen. “Ik voel dat we samen, het koor en ik, zijn gegroeid. Voor de programmatie van het Requiem van John Rutter,
ADVERTENTIE
Handicap & informatie Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap
✆ 0800-15045
alle werkdagen van 9 tot 12u30, maandag, dinsdag en donderdag van 13 tot 15u30
Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be
Repeteren op zaterdagochtend vraagt concentratie, behalve van de kleuters die mee moeten voor moeders hobby.
© IVAN PUT
BDW 1382 PAGINA 19 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
Het Requiem van koorcomponist John Rutten (°1945) heeft een hedendaagse frisheid, maar vraagt veel inlevingsvermogen.
“Het komt erop aan eerst alles vanbuiten te kennen, en daarna vanuit het hart zang te produceren, los van de techniek”
grut mee naar de les nemen. Het zit exemplarisch braaf en stil achter het koor, met dvdspeeltje op de schoot.
Dictatuur We vragen de voorzitster nog even wat haar koorleden bekoort, al hebben een handvol dames me al meegegeven dat ze gewoon graag zingen. De Leeneer: “Je ene stem horen opgaan in dat grote geheel, dat maakt het verschil tussen alleen zingen of in een koor,” vat ze samen. “We hebben alle middelen om onze stem via internet te oefenen. Elke stem in het muziekstuk, van alt en sopraan tot tenor en bas, valt apart te beluisteren, en dus na te zingen. Zonder een partituur bij de hand kunnen
© IVAN PUT
© IVAN PUT
hebben we veel zweet doorstaan. Ik wou dat de zangers het stuk eerst begrepen. Het is niet makkelijk en staat ver van alle requiems en het koorrepetoire dat Vivaldi, Händel en Mendelssohn aandeed. Rutters werk is echt compositie voor het volk. Dit requiem is zeer toegankelijk, wat het interessant maakt voor een heel breed publiek én voor de zangers. Maar het moeilijke ligt in zijn moderne eenvoud.” Terwijl we de dirigent aan zijn zangers laten, polsen we naar de historiek van het koor. In 2000 was koorleider Valère Devlam op zoek naar voldoende zangers om in uitbreiding op twee koren het Requiem van Donizetti te kunnen zingen. De nieuwkomers schaarden zich achteraf in een nieuw koor, dat Chorus Erasmus werd gedoopt. Gewoon, omdat de eerste repetities naast het Erasmushuis in Anderlecht plaatsvonden. Voorzitster De Leeneer nam kortelings de fakkel over, na een jaar waarin het koor een leegloop kende. “Met amper twintig zangers konden we geen volwaardig vierstemmig koor meer zijn. Ik startte een intensieve rekruteringscampagne met flyers, affiches en persartikels.” Het resultaat liet niet op zich wachten, het koor telt terug veertig leden. De zangers komen uit Brussel – evenveel Franstaligen als Nederlandstaligen – en zelfs uit de Rand, Mechelen en Antwerpen. Sinds kort stijgt het aantal Anderlechtenaren fors. De Leeneer: “Onze enige zorg blijft het gebrekkig aantal tenoren.” Jong ziet het koor er niet bepaald uit. Voor vele senioren is het duidelijk een begeerde hobby, want op andere dagen zingen ze tot in vier andere koren. “De verjonging heb ik er toch al ingekregen,” schermt de voorzitster, die stelt dat zich driemaal per maand op zaterdagochtend van tien tot één vrij maken, niet aan veel mensen met jonge kinderen is gegeven. Een moeder die geen kinderopvang vond, moest het kleine
© IVAN PUT
we ons door de week bijscholen met die elektronische stem op muziek. Na enkele weken ken je het stuk op de repetitie vanbuiten.” Maar dan begint het pas, weten we. Wil elke ambitieuze dirigent de lat niet altijd hoger leggen, met het gevolg dat hobbyisten die niet meer meekunnen, afhaken, vragen we stout. Navarro: “Uiteraard stuur ik aan op continue niveauverbetering. Ik heb nu eenmaal mijn doel voor ogen. Bovendien is de ‘taal’ waarmee je communiceert richting amateurzangers totaal verschillend van die onder professionele zangers, zoals bij het orkest. Hun basis is niet de partituur. Je moet de emoties weten over te brengen van het muziekstuk. Zens ze dat voelen kunnen ze zingen vanuit het hart en niet van het blad. Ik voel wel dat mijn koorzangers uit liefde zingen, dat is de gemeenschappelijke drive. Bovendien sta ik open voor discussie. Ik kom uit Chili, en ben geboren met de ditactuur. En dictatuur – zeker van een dirigent – kan nooit inspirerend werken. Bij mij telt ieders stem. Als je met amateurs werkt, moet je met beeldtaal en verbeelding werken, en zo ‘professionalisme’ bereiken. Anderzijds helpt het bij het BJO, dat in slaap valt door muziekgewenning, om net dat amateuristische en dat wow-gevoel terug aan te zwengelen.”
Drie uur zoet met dvd-speeltjes van Hopla, of blijft het kleine grut rustig dankzij de muziek?
Jean-Marie Binst
Requiem van John Rutter door Chorus Erasmus met sopraan Marie-Noëlle de Callataÿ en Mis opus 172 van Josef Rheinberger door Les Anonymes du XXe Siècle, op zaterdag 15 juni om 20uur in de Sint-Jacob-op-Koudenbergkerk, Koningsplein. Voorverkoop: 02-527.11.92, www.choruserasmus.be
BDW 1382 PAGINA 20 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
Totaalspektakel > Zinnefolee brengt zang, dans en poëzie
Aperitiefcruises richting rand
Op zoek naar liefde in de grote stad © CINÉMA VÉRITÉ
BRUSSEL – Een volkse opera met een schalkse knipoog naar Chanson en Driestuiveropera. Zinnefolee brengt Cinéma Vérité. In het Brussels, bien entendu. Guido Schiffer dirigeert en componeert, Edwin Eysackers begeleidt op de piano, Mars Moriau speelt accordeon en Jart Voortman viool. En ondertussen zingen 26 zangers en zangeressen naarstig verder: “In onze cinéma es ‘t altaaid in draa dee.” De toon is gezet. Ondertussen brengt Zinnefolee ze allemaal op scène: de dromerige poète maudit, de ontheemde passant, het jaloerse takkewijf, de protserige gigolo, de hongerige macho en de afgeleefde eenzame madame. Zinnefolee belooft Brusselse zwans die naadloos overvloeit in alledaags melodrama. Tegelijk rekent Zinnefolee af met het cliché van het stilstaand koor dat met het boek in de hand de ogen gericht houdt op de dirigent. Er is zang, er is dans en er is poëzie. Cinéma Vérité knipoogt naar De Driestuiveropera van Bertolt Brecht en Kurt Weill. Ook dat is geen echte opera, maar een spektakel dat uit 22 zangnummers bestaat en door toneelspelers kan gezongen worden. Cinéma Vérité volgt de zoektocht naar liefde van de kleine man in de grote stad met zijn dromen, illusies en ontgoochelingen. Met zijn conflicten ook. Het leven zoals het is, wat het geheel veel heftiger maakt dan fictie, al ver-
Een foto die ‘goesting’ doet krijgen in Cinéma Vérité. wijst Zinnefolee naar de poëtische vertelling Thirst van de Ierse schrijver Peter Flynn. Uit de aankondiging: “Het Brussels dialect geeft met veel fantasie de toon aan. Personages van allerlei allooi bevolken de scène en schuiven
doorheen een hedendaagse tranche-de-vie. Surrealisme flirt er met de Réalité en de Cinéma met de Vérité.”
Danny Vileyn
Cinéma Vérité, door het Brussels koor De Zinnefolee is te zien in Zinnema, Veeweidestraat 24-26, 1070 Brussel op zaterdag 15/06 om 20 uur en op zondag 16/06 om 15 uur. Tickets 5 en 7 euro. Gezinskaart 20 euro.
BRUSSEL – Al varend van een (gratis) glaasje genieten bij valavond op het kanaal: het kan in de maanden juli en augustus. De vzw Brussels by Water organiseert elke dinsdag, vrijdag en zaterdag een boottocht, met een crew die u van dienst is. De avondvaart doet het kanaal BrusselWillebroek stroomafwaarts aan. En passeert na de havenbedrijvigheid van Schaarbeek, plezierjachthaven Laken en Neder-Over-Heembeek in Machelen en Vilvoorde , waar op de grens met Haren de industriële Budabrug van 1955 pronkt. In Vilvoorde zijn de eerste sporen te zien van het reconversieproject Watersite, dat de geïndustraliseerde zone, ooit een moeras, nieuw leven moet inblazen. De tocht gaat verder tot de Verbrande Brug van Grimbergen, waarna enkel nog populieren het uitzicht bepalen. De zomerse Aperitiefcruise duurt twee uur (heen en terug), en start telkens om 19u30. Het cruiseschip vertrekt in juli en tot 12 augustus aan de Akenkaai (Kaaitheater), nadien is de inscheping aan de Havenlaan (tegenover de KBC-zetel). Volwassenen betalen 10 euro, aperitief inbegrepen. Op de pleziervaart is er catering voorzien. JMB Meer info: 02-218.54.10 en www.brusselsbywater.be
ADVERTENTIE
www.flagey.be - 02 641 10 20 - Heilig-Kruisplein - Place Sainte-Croix - Brussel 1050 Bruxelles
BDW 1382 PAGINA 21 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
© KONING BOUDEWIJNSTICHTING
Literatuur > Nieuwe encyclopedie over Brussel
Een geschiedenis van een stad BRUSSEL – Over Brussel zijn al veel boeken geschreven, maar de Dictionnaire d’Histoire de Bruxelles, is de eerste die dat op een encyclopedische manier doet.
Livingstone (links) en Stanley (rechts): Het legendarische “Dr. Livingstone, I presume?” werd misschien nooit uitgesproken.
Praat
Legendarisch doktersbezoek achteraf
Gezien: “Dr. Livingstone, I presume? De ontmoeting en de laatste reis met Stanley”, tot 27 oktober in BELvue, Paleizenplein 7, Brussel, van dinsdag tot vrijdag van 10u tot 17u, weekend van 10u tot 18u, gesloten op maandag en 21 juli, www.erfgoed-kbs.be, http://belvue.be/, gratis.
Reis even mee door tijd en ruimte: Henry Morton Stanley (geboren in 1841 in Wales als John Rowlands) groeit op als buitenechtelijk kind in een weeshuis, emigreert als hulpje op een schip naar Amerika, waar hij als soldaat de Amerikaanse Burgeroorlog doorstaat, en gaat daarna aan de slag als reporter van de krant The New York Herald. Terwijl hij voor die krant de Spaanse revolutie van 1868 aan het verslaan is, wordt hij weggeroepen en met een onbeperkt budget aan goudponden naar Zanzibar gestuurd, van waaruit hij in 1871 aan zijn zoektocht begint naar de al enkele jaren vermiste Schotse dokter, missionaris en ontdekkingsreiziger David Livingstone. Die had al onder meer als eerste blanke de Victoriawatervallen beschreven, en was nu voor de Royal Geographical Society op zoek naar de bronnen van de Nijl. Uitgeput, beroofd en dus nagenoeg zonder middelen en helpers was Livingstone gestrand aan de oevers van het Tanganyikameer waar hij niets van zich kon laten horen. Stanley begint aan zijn reis zonder zijn motieven kenbaar te maken, omdat krantenprimeurs in de beginjaren van de massamedia letterlijk goud waard zijn. Hij doorkruist in deze vroeg-koloniale tijd de Oostelijke helft van Afrika, en op het moment dat hij dan eindelijk tussen de menigte zwarten de grijze baard van zijn mythische reisdoel ontwaart, bestaat hij het om de laconieke woorden “Dr Livingstone, I presume?” uit te spreken. Deze gortdroge groet was wel niet meteen als grap bedoeld. Als we Stanleys getuigenis in zijn boek How I Found Livingstone uit 1872 mogen geloven, wilde hij voor deze voorname mens vooral de Victoriaanse beleefdheidsvormen in acht nemen. Toch is het nog maar de vraag of Stanley het zinnetje echt heeft uitgesproken. Geloof het of niet, maar in de karrenvracht dagboeken en notities die Stanley naliet, ontbreekt uitgerekend de bladzijde waarop deze passage zou moeten staan: de bladzijde over 10 november 1871. Het ver-
slag stopt net op het moment dat de twee elkaar de hand zullen schudden. Dat kan u met eigen ogen gaan vaststellen op de tentoonstelling “Dr. Livingstone, I presume?” - gewijd aan de ontmoeting tussen de twee mannen – die commissaris Mathilde LeducGrimaldi, de Koning Boudewijnstichting (KBS), het Koninklijk Museum voor MiddenAfrika (KMMA) en BELvue samenstelden naar aanleiding van de tweehonderdste geboortejaar van Livingstone (19 maart 1813 - 1 mei 1873). Over Livingstone valt vanalles te vertellen, maar de KBS kan op deze beroemde passage focussen, omdat zij in 2001 het rijke Stanley-archief verwierf dat in de twintigste eeuw door zijn nazaten werd verkocht om in het KMMA te kunnen worden bestudeerd. Stanley heeft na de dood van Livingstone diens werk min of meer verdergezet. Alleen leidden Livingstones aanwijzingen niet naar de bronnen van de Nijl, maar naar de Congostroom. Daardoor zou Leopold II hem uiteindelijk in het vizier krijgen en kreeg dus ook de Belgische geschiedenis een andere wending. Ook straf is dat de verkoop van de Stanleyarchieven in twee keer gebeurde. Pas toen het huis waaruit men het volledige archief meende te hebben verwijderd later ook werd verkocht, kwam een tweede deel boven water dat anders wellicht verloren was gegaan. Het is in dat tweede deel dat het bewuste dagboekdeel over de ontmoeting zat. Allemaal fantastische avonturen dus, die op de tentoonstelling geïllustreerd worden met documenten, foto’s, schetsen, contracten, reisgerief en kunstwerken uit de regio. De tentoonstelling bevat drie delen: de ontmoeting, de daaropvolgende reis van de twee rond een deel van Tanganyikameer (toen Stanley onder invloed van Livingstone werd omgeschoold van journalist naar ontdekkingsreiziger), en het afscheid. Terwijl de Britten wat koeltjes reageerden op het exploot van de ‘Amerikaanse’ journalist, stierf Livingstone op zijn laatste reis. Zijn ingewanden, waaronder zijn hart, werden onder een Afrikaanse boom begraven, terwijl zijn gebalsemde lichaam naar Westminster werd overgebracht. Op de tentoonstelling zijn ook twee stukken hout van de bewuste boom te zien. Michaël Bellon
Een volk dat zijn geschiedenis niet schrijft, bestaat niet. Dat moeten de auteurs van de Encyclopedie van de Vlaamse beweging (1975), of van de Waalse beweging (2000) gedacht hebben. Pas zoveel jaren later is er nu een Dictionnaire d’Histoire de Bruxelles, onder leiding van ULB-historicus Serge Jaumain. Niet de natievorming staat hier centraal, maar de geschiedenis. Toch loopt er ook doorheen dit boek een zweem van Brusselse fierheid. Meer dan 4.200 items werden door tachtig auteurs beschreven. Zowel personen die een rol hebben gespeeld in de geschiedenis van Brussel, als instellingen, scholen, kerken, moskeeën, sportclubs, etc… Dat levert een aantrekkelijk overzicht op van duizend jaar Brusselse geschiedenis. Om een grote graad van volledigheid te bereiken werden van bepaalde categorieën, (bijvoorbeeld burgemeesters, of straten) alle
namen opgelijst en daarna geresearcht. Dat laatste was niet altijd makkelijk. Zo blijken vreemd genoeg de geboorte- en sterfdata van sommige burgemeesters onbekend, laat staan dat er voldoende biografische gegevens over bestaan. “Over de lokale geschiedenis van bepaalde Brusselse gemeenten is duidelijk nog veel studiewerk nodig,” zegt Jaumain. Het boek kreeg een subsidie van 50.000 euro van de Brusselse regering. Uitgever Alain Deneef (tevens voorzitter van de denktank Aula Magna) begrijpt dat het dan jammer is dat het boek niet in twee talen verschijnt, “maar de vierduizend items nog eens in het Nederlands vertalen en het boek zo uitgeven, was echt niet realiseerbaar.” Op termijn zou er wel een Nederlandstalige vertaling op de website verschijnen. Die website zal ook de informatie van het boek up-to-date houden. “Want we weten nu al dat er, ondanks al onze zorgvuldigheid, zeker begrippen of personen in het boek ontbreken,” zegt Deneef.
Steven Van Garsse
Serge Jaumain (ed.), Dictionnaire d’Histoire de Bruxelles, Ed. Prosopon, 895 p., 40 euro. Te bestellen op www.dictionnairebruxelles.be.
ADVERTENTIE
BDW 1382 PAGINA 22 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
Gastronomie > Boek over Brusselse voedingsmiddelen
In Brussel Ge(s)maakt? BRUSSEL – Erfgoedcellen stelden zich de vraag hoe Brussels de voedingsmiddelen zijn die men in heel de wereld associeert met onze stad. Ze maakten er een leerrijk en gezellig boek over.
H
et idee ontstond naar aanleiding van de Brusseliciouscampagne, verleden jaar. Brussel riep 2012 uit tot regionaal jaar van de gastronomie. Dat ging ook buiten Brussel niet onopgemerkt voorbij. De Erfgoedcel Vlaams-Brabant stelde zich de vraag hoe Brussels de voedingsproducten eigenlijk zijn die men associeert met de stad. Samen met de Erfgoedcel Brussel en het Centrum voor Agrarische Geschiedenis van de Katholieke Universiteit Leuven zetten zij onderzoekster Sarah Luyten aan het werk. Sarah, die eerder al bijvoorbeeld de beelden van het Pajottenland inventariseerde voor de beeldenbank Groetjes uit het Pajottenland en de Zennevallei ging praten met bevoorrechte getuigen,
dook in historische bronnen en oude recepten en bracht de geschiedenis en productie van kaas, witloof, spruiten, pensen, geuze en kip in kaart. Vandaag is het boek af, en het mag er zijn. Het werd een kijk- en leesboek op handig formaat (20x20 cm). Rijkelijk geïllustreerd maar niet te zwaar (156 pagina’s). Een stad heeft altijd een ingrijpende invloed op haar ommeland. Waar veel mensen samenwonen, wordt voedselproductie, ook al gaat het niet altijd om rijke bewoners, efficiënt en gericht. Binnen Brussel zelf verdween landbouw langzaamaan, maar nooit helemaal. Er zijn vandaag nog steeds tuinbouwers actief, soms voor eigen gebruik, maar ook nog voor de markt.
Meer dan een productieplaats, een appellation d’origine contrôlée, is de stad een marktplaats, een plek waar boer en tuinder gretig hun producten komen afzetten en waar zij dus hun productieprocessen ook voor aanpassen. Er wordt geen kaas gemaakt in Gouda of Edam maar die Hollandse steden waren wel de markten waar historisch welbepaalde types kazen werden verkocht door de boeren en melkerijen uit de nabije en verre omgeving. Sarah Luyten start het boek aarzelend met een hoofdstuk over spruitjes. Het is misschien het zwakste hoofdstuk. Ze kon geen producent van spruitjes meer vinden in de buurt van Brussel en trok ervoor naar Sint-Amands in de provincie Antwerpen. Maar we komen over deze koolvariëteit wel meer te weten dan uit heel wat andere bronnen. Wanneer ze geplant en geoogst worden, hoe men ze vermeerdert... Toch is het geen technisch boek. De
Sarah Luyten dook in historische bronnen en oude recepten en bracht de geschiedenis en productie van kaas, witloof, spruiten, pensen, geuze en kip in kaart.
onderzoekster deed haar best om het allemaal verteerbaar te houden. Van witloof dachten we dat we alles wisten. Luyten zet de mythes over de ‘uitvinding’ van witloof naast elkaar zonder ze veroordelen, maar gaat ook naar de huidige producenten, buiten de stad. In tegenstelling tot spruitjes is witloof nog zo ‘nieuw’ dat de afstammelingen van getuigen van hoe het allemaal begon vandaag nog rondlopen. Over bloedpens kan men discussieren. In alle eerlijkheid kunnen we niet volhouden dat het een typisch Brussels verschijnsel is. Ook in Ant-
werpen kent men dik me rooite in plaats van de Brusselse cotelettes du Congo. Het hoofdstuk is wel een uitstekende illustratie van wat typisch is aan stedelijk voedsel. Triperie, en vooral rundstriperie, is eigen aan de stad. Op de buiten at men varken, in Brussel, zo lees ik, was varkensvlees destijds duurder dan rundsvlees!
Lambiekbieren Met de poularde de Bruxelles zitten we in de luxe. Een stad heeft ook zijn elite die de boeren aanzetten om luxeproducten te produceren, iets wat in “landelijke gebieden”
ADVERTENTIE
A FEAST FOR ALL SEASONS ZATERDAG 15/06 KAAITHEATER 19:00 PRESENTATIE
SEIZOEN 2013–2014 KAAITHEATER.BE
20:30 SUPERDELUXE VERSIE VAN
22:00
THE SEARCH PROJECT XL
CLOSING PARTY
TRISTERO
HET LEVEN ZOALS HET IS. IN ZOEKERTJES.
SEIZOEN 2012–2013
KAAITHEATER BRUSSEL
BDW 1382 PAGINA 23 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
© CAG
“Sarah Luyten zet de mythes over de ‘uitvinding’ van witloof naast elkaar zonder ze te veroordelen, maar gaat ook naar de huidige producenten, buiten de stad”
niet gebeurt. Kip was vroeger voor de rijken en wat vandaag als Mechelse koekoek bekend staat was eerder een Merchtemse kip, die exclusief werd gekweekt voor de kiekenmarkt van Brussel. Het boek leert ons trouwens dat de Poularde de Bruxelles/Mechelse koekoek zijn oorsprong heeft in Azië en de Zoo van Antwerpen. Het hoofdstuk over kazen is boei-
end, maar gaat voorbij aan het feit dat Brusselse kaas al sinds 2006 niet meer worden gemaakt. Sarah Luyten zet de drie types kaas (mandjeskaas, schepkaas, ettekeis) op een rij, geeft productieproces en verkoopstechnieken weer. Misschien laat een moedige jonge kaasmaker er zich door inspireren om opnieuw te beginnen? Om alles door te spoelen eindigt het boek met de lambiekbieren. Hierover zijn er al veel boeken gevuld, maar de auteur legde haar oor te luisteren bij Frank Boon in Lembeek. Frank kan omschreven worden als de Isaac Newton van de spontane gisting. Het boek is leerrijk, zonder in details vast te lopen. Voor de echt geinteresseerde lezer is het een aanzet om verder te gaan zoeken. De zes hoofdstukken kunnen ook afzonderlijk gelezen worden. Men raakt door de pagina’s de draad niet kwijt omdat elk deel afzonderlijk staat. Dat geeft aanleiding tot enkele herhalingen. Zo zal ik nooit meer vergeten dat er rond 1880 een landbouwcrisis kwam die de boeren van akkerbouw op tuinbouw deed overschakelen. Maar dat is niet zo erg. Zowat elk product in dit boek heeft er iets aan te danken. Nick Trachet
In Brussel gesmaakt is uitgegeven bij De Draak in Tollembeek. U kan de publicatie voor 17,95 euro aankopen via www.erfgoedcelpz.be, www.erfgoedcelbrussel.be. of www.dedraak.org
ADVERTENTIE
S OCIALE V ERHUURKANTOREN
Verhuur uw woning zorgeloos Gegarandeerde huur elke maand Verzekerd verhuurbeheer Onderhoud van uw woning Steun voor de renovatie Fiscale voordelen
www.fedsvk.be 02 412 72 44
M�� �� ����� ��� ��� B������� H������������� G�����
Nick Trachet BRUSSEL EN DE WERELD CULINAIR ONTDEKT
Tomaat Tomaten zijn zuiderse fruitgroenten die ook bij ons gedijen, maar dan meestal in kassen. Daarenboven zijn ze razend populair bij kinderen. Dat was ooit wel anders. Ik ging later in het jaar wel eens schrijven over tomaten, maar mijn Italiaanse groenteman op de markt duwde ze mij nu al in de handen. “Tiens”, zei hij, “des tomates camoni de Sicile.” Het waren bonte tomaten. Rood en groen tegelijk. De camoni, zo vond ik in de literatuur, is een vrij recente tomatenvariëteit, die ontstaan is in Sardinië, maar vooral in Sicilië verbouwd wordt en er zelfs Europese bescherming geniet. Heel lang geleden, op de markt van Duinkerke, verwonderde deze kleine jongen zich al dat de tomaten er niet allemaal rood waren. De marktkramer (in Duinkerke spraken ze toen nog wat Vlaams) vertelde mij dat hij daarmee de nationaliteit van de koper herkende: Belgen kozen voor rode, de Fransen voor groene tomaten. Want Belgen, en alle Westerlingen samen, waren eeuwenlang beducht voor de tomaat. De tomatl kwam uit het Zuid-Amerika van de Azteken. De Spaanse Conquistadores brachten haar mee naar Europa en draaiden er vervolgens eeuwenlang in rondjes omheen. Net zoals de aardappel was de tomaat een herkenbare nachtschade (de familie der Solanaceae), en daarvan waren er toen in Europa enkel zwaar giftige soorten bekend: zwarte nachtschade, belladona, bitterzoet. In de Plantkunde kreeg de plant de naam Lycopersicon mee: wolfskers. Wat een scheldnaam! Lang bleef de tomaat een eigenaardigheid voor de rijken. Het gewone volk begon er voorzichtig mee te experimenteren in Zuid-Italië en Griekenland, waar tomaten uitstekend kunnen groeien. Wij kunnen ons vandaag niet meer voorstellen hoe weinig enthousiast men in ons land stond tegenover deze zuidvrucht. Cauderlier (l’Economie Culinaire, 1876, zowat het oudste ‘Belgische’ kookboek) geeft wel instructies om tomaten te steriliseren en een recept voor tomatensaus, maar kent geen tomaten in zijn hoofdstuk over groente en ook niet in dat over soep. Het is ook typerend dat zijn Provençaalse of Italiaanse sausen geen spoor van tomaat bevatten! In de tijd van mijn grootouders was tomaat iets voor soep en voor niets anders. Wat iedereen er zich van herinnert, is de vreugde van de tomatensoep met balletjes en de gruwel van tomatensoep met tapioca (maniokparels). Rauwe tomaat was nog ondenkbaar. Mijn moeder, die lang monitrice was in de vakantiekolonies in de jaren 1950, vertelde hoe
de kinderen collectief hun eten lieten staan wanneer er ook maar een beetje tomaat bij werd opgediend. Een volgende anekdote dateert uit het begin van de jaren 1990. Ik zat met een jonge collega (uit Denderleeuw) in de kantine op onze eerste werkdag in een nieuwe job. Ik zag hoe zij zorgvuldig de schijfjes tomaat van haar bord verwijderde. Ik vroeg of ze soms allergisch was aan tomaat? “Neen”, antwoordde ze plechtig en met de neus in de lucht, “maar WIJ eten dat niet.” Ik was verbijsterd. Zij beschouwde tomaat nog steeds als iets dat niet van hier is. Want de tijden zijn echt wel veranderd: in een van de laatste vakantiekolonies aan de kust, eind jaren 1990, was het geheim om kinderen te laten eten op hun eerste verblijf buiten eigen familie juist de tomatensaus. Of het nu op macaroni was, in de tomatensoep of onder de vorm van ketchup, om nog maar van pizza te zwijgen. Als het rood zag van de tomaat, werd er pas gegeten! Maar met het grootverbruik kwam er ook een enorme vervlakking in het aanbod. Een Italiaan zei me hier in Brussel: “Als het rood is en rond, dan denken ze hier dat het een tomaat is.” Ware tomatenliefhebbers spraken algauw van waterzakken. De trostomaat bracht verbetering, tot men ontdekte dat de geur daarvan in de stengels zat, en niet in de tomaat zelf. Enkele jaren geleden stond ik op de markt van Testaccio, aan de Zuidkant van het centrum van Rome. Het was in september, dé tomatenmaand. Aan een kraam stond een verkoper die niets anders bij zich had dan tomaten. Ik heb ze geteld, er lagen vijftien verschillende variëteiten, en geen rare dingen, geen zwart of gerimpelde heirloom tomatoes, maar allemaal voor de gemiddelde Romein herkenbare tomatenrassen, met elk een eigen toepassing in de keuken. Er zijn tomaten voor de langgekookte
“Men zegt dat groene tomaten giftig zijn. Dat is waar, maar dan moeten we er gewoon niet te veel van eten. Het is als nieuwe aardappelen, daar krijg je soms ook buikkrampen van” saus, maar ook friszure voor de korgekookte saus, er zijn slatomaten voor de insalata caprese, noem maar op. Kortom: er was nog keuze. Deze camonitomaten hier zijn voor de sla, maar worden ook in korte sausen gebruikt. Ze worden bont, groen/rood verkocht en zijn zo de vroegste tomaten op het jaar. Ook in Italië zijn er seizoenen voor tomaten. Ze zijn het lekkerst in de sla en inderdaad, het is een geruststellende ervaring dat er nog tomaten bestaan met smaak zonder mierzoet te zijn. Wat we ermee doen? Gewoon in vier stukjes snijden en wat zout op strooien, desnoods wat peper. Olie is niet echt nodig. Men zegt dat groene tomaten giftig zijn. Dat is waar, maar dan moeten we er gewoon niet te veel van eten. Het is als nieuwe aardappelen, die geven ook soms wat buikkrampen. Maar een kermis is toch wel een geseling waard? Als u de camoni laat liggen, worden ze trouwens gewoon rood, maar smaken nog steeds even fris en lekker. Smakelijk. nick.trachet@bdw.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/trachet
BDW 1382 PAGINA 24 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
EVERE – Amena (19 jaar) groeide op in Jordanië. Drie jaar geleden verhuisde ze naar Brussel. Na een tussenstop in een klein dorpje in de buurt van Charleroi, belandde ze opnieuw in de hoofdstad. Voor Brussel Deze Week vergelijkt ze het leven op het platteland met het leven in de stad.
‘I
n Libanon woonde ik in Beirut, de hoofdstad, maar nadat mijn ouders gescheiden zijn, trok ik enkele jaren bij mijn grootouders in. In een dorpje in de buurt van Baalbek zat ik vier jaar lang op internaat. Dat was een groot verschil met de stad. Mijn moeder woonde toen nog steeds in Beirut. Ik voelde dat ik het beter had dan de andere kinderen van de school. Het speelgoed dat ik van mijn moeder kreeg, was heel anders dan het speelgoed dat mijn leeftijdsgenoten kregen.” “Toen mijn ouders scheidden, heb ik zelf voor het internaat gekozen. De meeste kinderen op het internaat hadden het thuis niet zo breed. Een doorsnee gezin in Libanon op het platteland heeft zeven à acht kinderen. Het is een voordeel dat je je kinderen op internaat kunt zetten: ze krijgen er eten en onderwijs en het is er warm tijdens de winter.” “De meeste mensen die op het platteland leven, zijn boeren. Veel van de gewassen die ze planten, worden helaas niet verkocht. De laatste jaren heeft de bevolking daar vaak tegen geprotesteerd: Libanon importeert erg veel in
‘Ik weet niet of ik geïntegreerd ben’ AMENA (19) RUILDE LIBANON IN VOOR BELGIË plaats van eigen producten te gebruiken en te verkopen. De boeren moeten veel gewassen weggooien. Dat is de grootste oorzaak van armoede op het platteland.”
Creatieve kinderen “De meeste kinderen van het internaat gingen om de twee weken één weekend naar hun ouders. Ik ging meestal om de week naar mijn ouders: het ene weekend naar mijn vader en het andere weekend naar mijn moeder. Wanneer ik naar mijn vader moest, trok ik naar mijn grootouders. Dat waren geen boeren, mijn opa is imam. Ze hadden het iets beter dan de doorsnee inwoners van het platteland, maar ze zijn zeker niet rijk.” “Mensen op het platteland gaan niet vaak op
café, zoals mensen in de stad wel doen. Ze blijven graag bij hun familie. Ik was dat niet gewoon, ik was altijd aan het zagen omdat ik wou winkelen (lacht). Samen eten was voor hen heel belangrijk. In de stad hebben we daar geen tijd voor. Mijn ouders werkten, ik ging naar school. Voor mensen op het platteland daarentegen was praten erg belangrijk. Wij praatten ’s avonds niet, wij keken naar televisie.”
Bomen, gras en groen “Nu hebben kleine kinderen Playstations, maar je ziet ze nooit echt spelen. Zelfs als je naar een speeltuin gaat, staan er overal grote speeltuigen. Maar echt spelen doen kindjes niet meer, dat vind ik een hele grote verandering. Kindjes in het dorp hadden nog de neiging
om creatief te zijn en om zelf allemaal leuke spelletjes uit te vinden, bijvoorbeeld gewoon met stenen die ze op de grond vonden.” “Omdat mijn vader hertrouwde met een Belgische vrouw, besloot hij naar België te verhuizen. Ze zijn in Brussel komen wonen, aan Clemenceau. Ik besloot om mee te gaan. Met een diploma uit Europa heb je nu eenmaal meer kansen om werk te vinden in Libanon en daarmee verdien je meer geld. Toen we verhuisden, was ik zestien jaar oud. Ik kon direct beginnen met Onthaalonderwijs Anderstalige Nieuwkomers (OKAN), een klas in Brussel voor nieuwkomers uit alle windstreken. Daar heb ik zes maanden lang Nederlandse les gevolgd. Later ben ik op kamp geweest, een animatorcursus in Gent, die drie maanden duurde. Dat was een grote stap, want ik moest er Nederlands spreken. Het jaar daarop volgde ik gewoon de lessen mee, in het vijfde middelbaar wiskunde-wetenschappen.” “Op school heb ik niet echt veel vrienden gemaakt. Ik vind dat Vlamingen veel meer dan buitenlanders die hier geboren zijn, openstaan voor nieuwkomers. Ik heb nooit echt begrepen waarom. Ik was de nieuwe en werd altijd gepest. Dat is wellicht omdat ik pas op latere leeftijd naar hier ben gekomen. Jongeren die een andere afkomst hebben en hier geboren zijn, zijn meestal niet zo trots op wie ze zijn, ik ben een echte buitenlander in hun ogen. Ze zijn bang om in mijn categorie
BDW 1382 PAGINA 25 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
AMENA: “Jongeren die een andere afkomst hebben en hier geboren zijn, zijn meestal niet zo trots op wie ze zijn. Ik ben een echte buitenlander in hun ogen. Ze zijn bang om in mijn categorie geplaatst te worden.”
“Ik wou niet meer afhankelijk zijn van het zakgeld van mijn vader, dus ben ik zelf terug naar Brussel getrokken. Het appartement vond ik via een secretaresse op school. Om de huur te betalen, werkte ik in het weekend” was ik maar voor enkele vakken geslaagd. Die moest ik het jaar daarop niet opnieuw volgen. Ik mocht een speciaal traject afleggen, dat de school voor me had uitgestippeld. Tijdens de vrije uren volgde ik Nederlandse les en kon ik nog extra studeren. In mijn vrije tijd studeer ik en werk ik, en ik lees heel graag. Ik ga niet vaak uit. Eigenlijk ga ik niet heel gemakkelijk met mensen om. Vrienden van mijn leeftijd heb ik niet. Ik weet niet of ik geïntegreerd ben.” © MARC GYSENS
geplaatst te worden. Dus nemen ze afstand om aan te tonen dat ze anders zijn. Ze willen zichzelf een andere identiteit aanmeten.” “Mijn vader wou graag een huis kopen. Hij vond een woning in een dorpje naast Charleroi, het is daar nog betaalbaar. Ik vond het heel erg om naar daar te verhuizen: ik ben een stadsmeisje en daar viel echt niets te beleven. Er was niets buiten bomen, gras en groen. Werkelijk niets was er bereikbaar: geen winkel, geen mogelijkheid om uit te gaan. Je moest tien minuten met de auto rijden naar de meest dichtstbijzijnde voorzieningen. Het was heel lastig om me te verplaatsen. Ik moest een kwartier stappen naar de trein en naar de bus. Ik nam nooit de bus, omdat ik het systeem niet begreep, dus gebruikte ik enkel de trein. Ik kende niemand in de buurt in het dorp. Mijn probleem is wellicht dat ik geen Frans spreek.”
Speciaal traject “Toen ik op het platteland woonde, kwam ik altijd met de trein naar school. Ik moest iedere dag twee uur naar Brussel en twee uur terug pendelen. Ik had geen tijd voor andere dingen. Ondertussen moest mijn schoolwerk ook gemaakt worden. Ik zit in een zware richting: wetenschappen-wiskunde. Nu zit ik in het laatste jaar. Het vijfde middelbaar heb ik twee keer gedaan, het was echt niet gemakkelijk. Tien van de zestien leerlingen van mijn klas zijn niet geslaagd.”
Alles kwijt “Ik heb altijd gewerkt, ook tijdens mijn vakanties, twee maanden lang. Ik werkte omdat ik alleen wou gaan wonen, en omdat ik terug naar Libanon wou gaan. Ik wou niet meer afhankelijk zijn van het zakgeld van mijn vader. Ik ben terug naar Brussel verhuisd om zelfstandig te wonen, de huur betaalde ik volledig zelf. Het appartement vond ik via een secretaresse op school. Ik woonde er helemaal alleen, vijf maanden lang. Overdag ging ik naar school, ’s avonds studeerde ik. Voor mij was dat een ideaal ritme. Dat was een fijne tijd, alhoewel er wel problemen waren met mijn appartement. Ik had geen huurcontract, mijn huisbaas had nooit tijd voor me als ik hem belde om de papieren in orde te krijgen. Hij heeft me uiteindelijk gevraagd om weg te gaan. Plots stond ik op straat en moest ik op zoek naar een nieuw appartement.” “Via internet vond ik een appartement dat er heel mooi uitzag met een grote inboedel. Bijna te mooi om waar te zijn! Contact met de eigenaar had ik enkel via mail, via zijn bedrijf dat in Londen gevestigd is. Ik moest eerst de huurwaarborg betalen en daarna zouden ze de sleutels opsturen. Maar ze hebben de sleutels natuurlijk nooit opgestuurd, het bleek fraude te zijn. Toen was ik alles kwijt. Ik heb mijn verhaal verteld aan de mensen van de jeugdbeweging waar ik actief was. Zo heb ik mijn huidige vriend, een leider van de jeugdbeweging, leren kennen. Ik woon nu bij hem in.” Ken Lambeets Met dank aan Welzijnszorg vzw.
3 VRAGEN AAN GEERT TE BOVELDT
‘Trage wegen voor dagelijks verkeer: u telt mee’ (lett. en fig.)
Stapas – een samentrekking van stap en ça passe – is een project van de vzw Trage Wegen om het Brussels Gewest stapvriendelijker te maken. Daartoe nodigt coördinator Geert te Boveldt Brusselaars en niet-Brusselaars uit om de voetwegen mee in kaart te brengen. “Uiteindelijk zijn we allemaal voetgangers.”
© FANNY BROISSAND
“In onze school zitten er leerlingen van 47 verschillende nationaliteiten. De taak van de leerkrachten is niet zo eenvoudig, maar ze zijn erg vriendelijk en ze helpen nieuwe leerlingen goed op weg. Niet enkel met studeren. Ze helpen met alles wat iemand nodig heeft om de eerste stappen te zetten in een nieuw land of in een nieuwe omgeving. Iedere leerling heeft heel veel meegemaakt. De leerlingenbegeleidsters doen meer dan wat er van hen te verwachten valt. Toen ik gepest werd, hebben ze enkele keren een groepsgesprek georganiseerd om de pesterijen te laten stoppen. Dat is gelukt.” “Ik had problemen thuis, met mijn stiefmoeder. De leerkrachten hielden gelukkig altijd rekening met mijn moeilijke thuissituatie. Soms kreeg ik een inhaaltaak of een andere taak. Vorig jaar heb ik het vijfde jaar een eerste keer gedaan en
Wie doet wat? Geert te Boveldt: “Mobiel Brussel heeft een voetgangersplan ontwikkeld en aan Trage Wegen gevraagd een concrete herwaardering van het voetwegennetwerk uit te tekenen. Daarvoor hebben we verkennende stappers nodig. Het doel is een complete analyse van het Brusselse tragewegennet én een digitale routeplanner op maat van voetgangers.” Hoe verbeter je al stappend het stappen? Te Boveldt: “Eerst zoeken we alle mogelijke documenten op om alle trage wegen in het Brussels Gewest te lokaliseren. Belangrijk zijn de oude buurtwegen, die nog altijd een juridische status hebben. Vervolgens gaan de deelnemers van het project zelf op pad met een checklist om de werkelijke toestand van deze wegen in hun buurt te controleren. Zij kennen deze wegen het beste en kunnen ook helpen om trage wegen aan te wijzen die niet op de kaart staan. Later nemen we één proefgebied onder de loep, waar we met de bewoners rond de tafel zullen zitten om een concreet plan te maken voor de verbetering van de voetgangersomgeving in hun buurt. Vaak kan er met een minimale ingreep een groot effect bereikt worden, zoals het vrijmaken van kleine doorsteekjes die een route aanzienlijk kunnen verkorten. In een later stadium hopen we voor het hele gewest met concrete verbeteringsvoorstellen te komen.” Volstaan de Groene Wandeling en de lokale wandelroutes niet?
Geert te Boveldt wil met Stapas een voetgangersnetwerk uitbouwen.
Te Boveldt: “De meerwaarde van Stapas is dat we een voetgangersnetwerk willen uitbouwen dat mensen niet alleen gebruiken voor recreatie, maar ook voor hun dagelijks verkeer. Daarom zullen we deze onbekende wegen promoten bij een groot publiek door middel van voetgangerskaarten en activiteiten met buurtbewoners. Wij richten ons trouwens niet uitsluitend op voetwegen met een natuurlijk karakter, want een groot deel van Brussel is natuurlijk behoorlijk versteend. Autovrije steegjes en ook voetgangersvriendelijke winkelstraten krijgen onze aandacht.” An Devroe Geïnteresseerd? Contacteer Geert te Boveldt: geert.teboveldt@tragewegen.be, 09-331.59.24, 0489-94.27.47
REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Brussel, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be, www.bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België 15 euro per jaar; IBAN: BE07424552982266, BIC: KREDBEBB van Brussel Deze Week vzw. Buiten België 25 euro per jaar. OPLAGE 70.490 exemplaren. PROMOTIE EN DISTRIBUTIE Ute Otten, Paul De Weerdt, Maurice Droogh. ADVERTISING MANAGER Rika Braeckman: 02-226.45.41, 0477-97.21.27, fax 02-226.45.69. MARKETING MANAGER Frederik Welslau. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne. EINDREDACTIE Ken Lambeets (eindredactie@bdw.be). REDACTIE Jean-Marie Binst, Christophe Degreef, Bettina Hubo, Patrick Jordens, Steven Van Garsse, Danny Vileyn. BRUSSELNIEUWS Kris Hendrickx (nieuwsmanager), Sandra Schreurs (projectcoördinator), Jelle Couder, Goele de Cort, Eric Vancoppenolle, Laurent Vermeersch. REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele, Gerd Hendrickx. MEDEWERKERS Michaël Bellon, Lieven Bulckaert, An Devroe, Eva Hilhorst, Ilah, Wauter Mannaert, Francis Marissens, Karolien Merchiers, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, Freddi Smekens, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Steven Vandenbergh, Tijs van den Boomen, Karel Van der Auwera, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Sander de Wilde, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. VORMGEVING Peter Dhondt. FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh. VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Marijke Vandebuerie. Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie.
ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).
BDW 1382 PAGINA 26 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
Zeilen > Vzw Wind en Zeilen laat zijn nieuwe boot, de Scherzo, te water
‘Wij willen de zeilsport democratiseren’ BRUSSEL – De vzw Wind en Zeilen onderscheidt zich door haar laagdrempelige aanpak en democratische prijzen. Ze organiseert zowel theorie- als praktijklessen en heeft dankzij een nieuwe boot, de Scherzo, de wind in de zeilen. Het hout voor de boot tikten de leden op de kop voor één euro, en ze werkten acht jaar aan de opbouw. En nu? “We zouden graag de Atlantische Oceaan overvaren.”
‘B
ij sommige zeilclubs is men eigenlijk vooral op zoek naar hulpjes,” vertelt Marc Vermeulen (65), gedelegeerd bestuurder van de vzw. “De partners van de leden houden niet van de boot en daarom moeten de leden op zoek naar iemand anders. Je mag bij hen dan wel wat helpen op de boot, maar echt navigeren hoort daar niet bij. Bij ons is het anders: wij geven onze ervaring door en al onze leden krijgen de kans om te varen. Wij willen de zeilsport democratiseren.” Dat is de voornaamste reden waarom de vzw Wind en Zeilen dertien jaar geleden werd opgericht. Vermeulen en een paar kameraden hadden het gezien bij hun toenmalige zeilclub en richtten hun eigen organisatie op. Ze leiden toekomstige zeilers op om hun navigatiebrevet te behalen. Elke woensdagavond zakken een veertigtal mensen af naar de lessen. “Het verschil met andere clubs is dat wij zeer democratisch zijn, wij zijn de goedkoopste. Denk daarbij aan een budget rond de twee- à driehonderd euro. Je hebt in Brussel heel wat mensen die eraan denken om een boot te huren, kopen, of die gewoon graag zeilen, zonder de financiële middelen te hebben. Dat bewijst toch het mooie aantal mensen die onze lessen volgen.” “Er komt heel wat kijken bij zeilen: je moet
de CLUB
Marc Vermeulen: “De grootste aantrekkingskracht van zielen is volgens mij de totale vrijheid. Je gaat waar je wilt. Het uur van je uurwerk telt niet, wel de getijden, de natuur.”
thuis zijn in cartografie, elektronica, eerste zorg; noem maar op. Maar het is de moeite meer dan waard! De grootste aantrekkingskracht is volgens mij de totale vrijheid. Je
gaat waar je wilt. Het uur van je uurwerk telt niet, wel de getijden, de natuur. Het is altijd een avontuur, geen enkele tocht is dezelfde. Soms moet je vechten om je be-
© MARC GYSENS
stemming te halen. Het is een ongelooflijke verrijking op menselijk vlak. Je leeft met verschillende mensen op een kleine oppervlakte en creëert een band. Het is echt geweldig.”
FC Suryoyés Bruxellois
FC Suryoyés Bruxellois in de problemen BRUSSEL – Voetbal maakt elk weekend heel wat emoties los op de Brusselse voetbalvelden. De spelers en supporters van FC Suryoyés Bruxellois vormen daar geen uitzondering op. Sportief loopt het lekker, maar een vechtpartij op het einde van vorig seizoen is een serieuze smet. Zaterdag 4 mei 2013, derbydag in NederOver-Heembeek. FC Suryoyés Bruxellois moet op bezoek bij de buren van FC Black Star, een topper in derde provinciale F, met de titel als inzet. De bezoekers lijken het laken naar zich toe te trekken, maar hun 0-1 voorsprong wordt in de laatste minuut alsnog weggeveegd. De lijnrechter geeft aan dat het doelpunt niet geldig is, maar wordt overruled door de scheidsrechter die de gelijkmaker toch goedkeurt. En dan breekt de hel los. Een hoop
ontevreden supporters bestormt het veld en er worden rake klappen uitgedeeld. Onder meer de scheidsrechter moet het ontgelden. “Ik ben de eerste om toe te geven dat dit er ver over was,” zegt voorzitter Benhur Ergen (34). “Dit mag nooit, nooit gebeuren. Maar ik moet toch zeggen dat de verantwoordelijkheid niet alleen bij ons ligt. Een hoop hooligans heeft het veld bestormd en dat waren niet alleen supporters van onze ploeg. Er waren heel wat externe personen aanwezig. Dit is een hete derby, onze velden liggen maar een vijfhonderdtal meter van elkaar verwijderd. Na de rust kon iedereen gratis binnen en de organisatie was gewoon overrompeld. Er waren zelfs geen stewards aanwezig.” Het Provinciaal Comité tilt zeer zwaar aan de feiten en deed onlangs een vernietigende uitspraak: speler Michael Kaya kreeg een
schorsing van drie jaar opgelegd omdat hij de scheidsrechter op de grond duwde. De overige veertien spelers worden geschorst tot 31 december 2013. Suryoyés en haar supporters worden aanzien als een gevaar, mogelijk volgt een schorsing. De Brusselaars gingen in beroep tegen de uitspraak. “Deze uitspraak is onaanvaardbaar. Ik spreek het zeker niet goed, maar ik heb het gevoel dat men een voorbeeld wilt stellen. De beelden op YouTube tonen duidelijk dat één speler in de fout gaat, maar dat de anderen de scheidsrechter net verdedigen. Een hele club mag toch niet gestraft worden voor de acties van één speler? Uiteraard is deze vechtpartij slecht voor ons imago. De mensen lezen daar allerlei zaken over en worden beïnvloed. Dit is echt zeer jammer. We hadden tot die derby een goed imago, we brengen altijd veel supporters
op de been. Tijdens de laatste match van de competitie waren er maar liefst vierhonderd toeschouwers aanwezig. Wij hebben dan zelf voor stewards gezorgd, want er moet toch een minimum aan veiligheid gegarandeerd worden. We hebben ons lesje geleerd.”
Clubmannen Suryoyés zit dus in troebel water, en dat terwijl ze op sportief vlak sterke seizoenen achter de rug hebben. De ploeg is een fusie van verschillende Aramese ploegen, maar heeft een typisch Brusselse samenstelling. “Er lopen een vijftiental nationaliteiten rond bij ons. Bijna al onze spelers spelen al zeker drie à vier jaar voor ons. We zijn een warme club en dat zorgt voor goede resultaten. De afgelopen drie seizoenen zijn we twee keer gepromoveerd en volgens mij is dat, naast
BDW 1382 PAGINA 27 - DONDERDAG 13 JUNI 2013
Theorie is noodzakelijk, maar iedereen wil toch vooral praktijkervaring opdoen. Daarom zoekt de club elk weekend de zee op om allerlei lessen te organiseren. In Nederland ligt een boot waar de leden hun eerste stappen kunnen zetten, aan onze kust komt binnenkort de twaalf meter lange Scherzo. Deze gloednieuwe houten zwaardboot is de vrucht van acht jaar hard werk.
Goede of slechte grap? “Het verhaal van de Scherzo is begonnen toen een van mijn vrienden, op vakantie in Frankrijk, een nautisch magazine ging kopen. Daarin stond een paginagroot artikel van een man uit de Belgische Ardennen: “Twaalf meter lange boot om weg te geven of te verbranden”. Hij belde me meteen op en uiteraard was ik geïnteresseerd. Het bleek om een man te gaan die al het hout had gekocht om
“Scherzo is een muzikaal ritme dat zacht en krachtig is. In het Italiaans is het een grap, maar ik weet niet of het een goede of slechte is”
een boot te bouwen en dat had gestockeerd in de schuur van zijn schoonmoeder. Na haar overlijden, moest de schuur worden verkocht en moest de boot weg.” De vzw sprong na onderling overleg op deze buitenkans en kocht de boot voor een symbolische euro. Volgens Vermeulen had het gekochte materiaal een waarde van zeker veertigduizend euro. De clubleden gingen aan de slag met het hout en het plan van de boot. Net als tijdens hun boottochten, werd dit een groot avontuur. “Het begon al met het vinden van een plek om onze boot te bouwen. Aanvankelijk zou de MIVB ons daarin helpen, maar de deal sprong kort voor we het hout moesten gaan ophalen af. Gelukkig vonden we in allerijl nog een plek in een loods van Thurn & Taxis. En dat helemaal gratis! Dat was zeer welkom,
David Steegen
want bij de bouw van een boot komen uiteraard heel wat kosten kijken. Hier en daar hebben we financiële steun gekregen, onder meer van het Brussels Gewest. Voor sommige handelingen, zoals de houtbewerking en schilderwerken, hebben we ook hulp gekregen van leerlingen van Brusselse beroepsscholen.” Wat aanvankelijk werd gezien als een werk van drie à vier jaar, werd uiteindelijk een langgerekt project van acht jaar. De leden van de vzw zijn ook maar vrijwilligers en hadden bij aanvang amper ervaring met het bouwen van boten. Maar kijk, na lang zwoegen wordt de boot zaterdag om halfdrie officieel te water gelaten op het kanaal van Brussel-Charleroi (ter hoogte van de Havenlaan, juist tegenover de hoofdingang van Thurn & Taxis). “Na al die jaren heb ik er wat genoeg van, moet ik toegeven. Al ben ik uiteraard zeer fier! Het is een topboot en ik heb al heel veel lof gehoord van Fransen die ook een Scherzo hebben. Zij hebben dezelfde plannen als ons gebruikt.” “Als je de boot goed onderhoudt, gaat die zeker zestig jaar mee. Scherzo is de naam die de architect aan de plannen van de boot heeft gegeven, en die hebben we behouden. Het is een muzikaal ritme dat zacht en krachtig is. In het Italiaans is het een grap, maar ik weet niet of het een goede of slechte is (lacht).” Na de tewaterlating trekt de boot naar Vilvoorde, waar de vijftien meter lange mast geïnstalleerd wordt. Tegen het einde van de maand zou de boot dan naar de zee moeten varen. En dan begint het grote avontuur. Er zijn alvast heel wat plannen. “Elk jaar gaan we tijdens de zomervakantie twee maanden naar het buitenland met de boot. Onze leden zakken dan om beurt een week af om te zeilen. De Scherzo zal dus vrij snel uitvoerig getest worden. Dit jaar trekken we naar het zuiden van Engeland.” “We zouden graag de Atlantische Oceaan overvaren. Misschien zelfs volgend jaar al. Dat neemt een kleine maand in beslag, maar er zijn al heel wat leden die zich kandidaat gesteld hebben. Het is dan ook de droom van elke zeevaarder. De Scherzo is echt een zegen voor onze club. Hiermee is onze toekomst normaal gezien gegarandeerd.”
Brussel We beslissen om met de Vespa naar Laken te rijden. Dat is handig. De zon straalt heerlijk en onvoorwaardelijk, het zwerfvuil schittert op de stoepen rond het Elisabethpark aan het voorportaal van de imposante Basiliek van Koekelberg, uit de huizen en appartementsgebouwen stappen jonge mensen gehuld in de rode truien van de Rode Duivels, de nationale driekleur wappert op de rug van jonge meisjes en mannen van middelbare leeftijd, kinderen huppelen uitbundig aan de hand van hun vaders en moeders. De voetbalkoorts heeft de hoofdstad in haar greep. Onderweg naar het Koning Boudewijnstadion scheuren we langs volgepakte bussen en trams. Horden fans van allerlei pluimage staan zij aan zij opeengepakt in Lijnen MIVB-bussen en -trams. Ze komen van overal. We horen West-Vlaamse en Waalse klanken. Ook de Brusselaars zijn in grote getale vertegenwoordigd. Vijftigduizend landgenoten stappen opgewonden naar het nationale stadion. De vader van Rode Duivel Guillaume Gillet zit achterop. Hij geniet. “Ik voel me in Rome,” glimlacht hij wanneer we de vespa’s voor het stadion parkeren. Mijn echtgenote heeft zijn schoondochter opgeladen. De Luikenaars zijn inmiddels helemaal verknocht aan Brussel. Gillet is een halve Brusselaar geworden. Hij woont in het noorden van Brussel en hij woont er graag. De kleine en grote ongemakken neemt hij er graag bij. De enige Belg die in het vaderland voetbalt, is trots om zijn land te vertegenwoordigen. De Rode Duivels verenigen het vaderland. We verslaan de Serviërs met 2-1. Gillet zit op de bank en valt niet in. Jammer, maar het kan de pret niet bederven. Hij juicht mee, loopt met de rest van de titularissen de ereronde alsof de kwalificatie – die nu echt niet
Tim Schoonjans
meer te ontlopen is – voor het WK 2014 in Brazilië al binnen is. Opvallend hoe de solidariteit in de tribunes even hecht is als in de ploeg. Het oorzakelijk verband. Er is geen onderscheid tussen de vaste waarden en de invallers. Na de match wachten we hem op in de receptiezaal. Guillaume mag eindelijk op vakantie. Zijn seizoen heeft twee weken langer geduurd dan dat van de anderen. We beslissen om er nog eentje te gaan drinken. We kiezen voor Le Corner aan de hoek van de Houba de Strooperlaan. De familie Gillet, nog een Rode Duivel en zijn vrouw, een minister en wat vrienden maken het gezelschap compleet. De meeste fans zijn al naar huis en wie nog geniet van de nacht trekt grote ogen als de twee Rode Duivels opdagen in het volks café. De mensen zijn dankbaar en sympathiek. Er wordt gelachen en gepraat. Tot onze grote verrassing is er geen bier meer. Ongelooflijk maar waar. Het zegt wat over de populariteit van de nationale elf. We drinken streekbieren en witte wijn “van de goede fles”, knipoogt de rondborstige herbergierster. De avond is wonderlijk. De Rode Duivels zijn er bijna, iedereen is goedgezind. Dat geldt ook voor de rest van het land waar grote schermen in de meeste steden marktpleinen hebben veroverd, waar volledige gemeenschappen verbroederen rond de prestaties van de nationale voetbalhelden. De horeca vaart er wel bij. Behalve in Antwerpen. Grote schermen werden er verboden uit “vrees voor rellen.” De hoofdstad van alle voetbal is Brussel.
www.brusselnieuws.be/steegen David Steegen is persverantwoordelijke van voetbalclub RSC Anderlecht
senioren proeven en feesten
Meer info op www.ventvoile.org © FC SURYOYÉS BRUXELLOIS
ANDERLECHT – Vijftigplussers sluiten het sportseizoen op maandag 17 juni feestelijk af, en kijken meteen vooruit. De zomer staat voor de deur en dat betekent dat het sportseizoen op zijn laatste benen loopt. De VGC-sportdienst en de sportdienst van het Seniorencentrum maken van de gelegenheid gebruik om vijftigplussers een feestelijke en sportieve afsluiter aan te bieden. Op maandag 17 juni kunnen de sporters vanaf 13 uur aan de bak in de Anderlechtse Zinnema. De senioren hebben er de keuze uit vijf sporten: tai chi, senioretics, fitbal,
solodans, bokwa en zumba gold. Ze kunnen aan twee activiteiten deelnemen, die telkens vijftig minuten zullen duren. Behalve een leuke afsluiter is dit ook een mooie gelegenheid om te proeven van het sportaanbod dat zal starten in september. De sportnamiddag wordt afgesloten met een optreden tai chi en Zinnefolee. Dat laatste is een koor van dertig zangers en zangeressen dat liedjes over en in het Brussels zingen. Personen met een handicap zijn uiteraard ook welkom. Meer informatie vindt u op www.vgc.be/sport. TS
Hockey voor jong en oud BRUSSEL – Het hockeyseizoen zit erop, dus is het naar goede gewoonte tijd voor allerlei tornooien. De voorzitter van FC Suryoyés hoopt opnieuw te promoveren, maar die plannen komen mogelijk in gevaar.
het nodige talent, vooral dankzij de goede entente in de ploeg. Het is een hecht blok.” De voorzitter heeft ambitie en hoopt binnen drie jaar terug te promoveren, deze keer naar eerste provinciale. Hij hoopt komend seizoen
ook terug jeugdploegen te kunnen vormen. Maar al die plannen komen enigszins in gevaar door die spijtige derby, op 4 mei 2013. Wordt ongetwijfeld vervolgd. Tim Schoonjans
Hockeyclub Parc Oudergem organiseert op zaterdag 15 juni haar Challenge Kinou Dequinze. Voor het zestiende jaar op rij worden veteranen uitgenodigd om het tegen elkaar op te nemen. Er zullen een vijftiental ploegen van telkens zeven spelers aan de bak moeten. De wedstrijden duren 25 minuten en worden op een half veld gespeeld. De dag wordt afgesloten met een barbecue.
Het wordt terug een dag vol hockey en sfeer, maar daar blijft het niet bij. De organisatoren willen namelijk zoveel mogelijk geld inzamelen voor het Ludwig Instituut voor Kankeronderzoek. Daar wordt aan een vaccin gewerkt dat de strijd met bepaalde types kanker aangaat. Ook de Royal Leopold Club verwelkomt op 15 juni een tornooi. Zij organiseren de Challenge Leopold Dumont voor eekhoorntjes en preminiemen. De jonge ketjes zullen van 9 uur ’s ochtends tot 17.30 het beste van zichzelf geven. TS