Skip to main content

BDW - editie 1314

Page 1

© POLO ARCHITECTS / SINT-LUKAS KUNSTSCHOOL

OSCAR VAN DEN BOOGAARD OVER DE LIEFDE TIEN JAAR LATER En ook: Urban Trad, Vadim Repin en Gisèle Vienne.

02 02 12

© SASKIA VANDERSTICHELE

AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153

Primeur: kunstschool voor kinderen SCHAARBEEK – Sint-Lukas Kunstschool, de vzw die in de Groenstraat de kunsthumaniora en de academie organiseert, begint vanaf september met een ‘artistieke’ basisschool. Een primeur in het Vlaamse onderwijs. leerkrachten is er veel enthousiasme om ook kinderen op de campus te zien. Wij zijn een van de weinige kunstscholen die een eerste graad middelbaar aanbieden. We hebben dus al de gevoeligheid om met jonge leerlingen te werken.” In de nieuwe basisschool zullen de leerlingen met kunst opgevoed worden, niet alleen beeldende kunsten, ook muziek, dans en theater. “Het is belangrijk dat jonge kinderen een zo breed mogelijk artistiek aanbod krijgen,” zegt Kris Bauwens, de directeur van de kunsthumaniora. “Nochtans is het niet de bedoeling dat we leerlingen opleiden in een artistieke richting. Taal en rekenen staan voorop, zoals in elke basisschool. Maar alles wordt op een creatieve manier gegeven. Hiervoor gaan we onze eigen pedagogische methode ontwikkelen.” Corthouts: “Die creatieve aanpak

zal het knutselen van andere scholen overstijgen. De kinderen kunnen gebruikmaken van de ateliers en de materialen van de kunsthumaniora. En van de expertise van de leerkrachten.”

Drie jaar

Taal en rekenen staan voorop, zoals in elke basisschool

Voor het allemaal zo ver is, moet er eerst nog een en ander verbouwd worden. De aanpalende Hogeschool Sint-Lukas, die overigens een aparte entiteit vormt, werd onlangs verbouwd door het prestigieuze architectenbureau Poponcini &

ken. Sint-Lukas had dan ook een plan, ook getekend door Poponcini & Lootens, voor een nieuwbouw en verbouwing. “Toen de vraag van de VGC kwam voor meer basisscholen,

ADVERTENTIE

Chique rijden tegen een klasseprijs? Ontdek hoe in deze krant.

ADVERTENTIE

hebben we besloten om de plannen aan te passen en een basisschool te integreren,” zegt Corthouts. Hoewel het nieuwbouwproject al helemaal in de steigers staat – de benodigde 8 à 10 miljoen euro is er, de gemeente keurde de eerste plannen goed –, zal het toch nog drie jaar duren voor alles klaar is. In afwachting richt Sint-Lukas, met 362.000 euro steun van het Brussels Gewest, een voorlopige basisschool in. Van het huidige beeldhouwlokaal, de linoklas en de etsruimte worden tegen september vier klasjes gemaakt. De kleintjes krijgen ook een eigen speelplaats en een eigen ingang. Bettina Hubo ADVERTENTIE

Een klus in huis ? Wij doen ze gratis ! Kijk snel op p 37 00000578954-01

Lees de DB11/195434A2

N

a de muzikale basisschool, die afgelopen september openging, ook al in Schaarbeek, komt er nu dus een ‘artistieke’ basisschool. Volgend schooljaar begint Sint-Lukas met een onthaalklas, een eerste kleuterklas en een eerste leerjaar. Inschrijven kan vanaf deze week. “We hopen op een gezonde Brusselse mix, deels kinderen uit de buurt, deels kinderen van ouders die bewust kiezen voor het project,” zegt Paul Corthouts, voorzitter van de vzw. ‘Ieder kind is een kunstenaar, de moeilijkheid is er een te blijven als je groot wordt.’ Deze uitspraak van Pablo Picasso staat op de affiche waarmee Sint-Lukas het nieuwe initiatief promoot. Vond de kunsthumaniora dat er te laat met artistiek onderwijs werd begonnen? “Niet echt,” zegt Corthouts, “hoewel vroeg beginnen een voorsprong geeft. Maar bij de

Lootens (Polo), maar de kunsthumaniora en het deeltijds onderwijs zitten nog altijd in afgeleefde bedrijfspanden. Sommige stukken zijn te bouwvallig om nog te gebrui-

Gazet v/d Vrijwilliger

in het midden van deze krant.

N° 1314 VAN 2 TOT 9 FEBRUARI 2012 ¦ WEEK 5: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, FAX: 02-226.45.69, E-MAIL: INFO@BDW.BE


OPMERKELIJK

BDW 1314 PAGINA 2 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012 © SASKIA VANDERSTICHELE

1 MILJOEN VOOR 20 BREDE SCHOLEN BRUSSEL – De Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie trekken samen jaarlijks één miljoen euro uit om twintig nieuwe brede scholen mogelijk te maken. Een brede school biedt schoolse activiteiten samen met zorg, opvang, sport, spel en kunst. Het concept moet kinderen een bredere ontwikkeling geven. Brussel heeft al zo’n school, op campus Nieuwland. Maar de Vlaams-Brusselse beleidsmakers willen er meer. Ze zien in dit model een uitgelezen kans om anderstalige kinderen een Nederlandstalige leefomgeving aan te bieden. Vlaams minister van Onderwijs Pascal Smet (SP.A) wil dan ook jaarlijks 750.000 euro besteden aan bredeschoolprojecten in Brussel. De VGC legt er 250.000 euro bovenop en zal instaan voor de coördinatie. Van dit miljoen kunnen twintig projecten bekostigd worden. Alle zestien Brusselse gemeenten met een lokaal cultuurbeleid worden uitgenodigd om een voorstel in te dienen. Daartoe moeten ze scholen, minstens van twee netten, het gemeenschapscentrum, de bibliotheek en geïnteresseerde welzijns-, sport-, jeugd- en culturele ver­ enigingen samenbrengen rond een project. Als het dossier geselecteerd wordt, krijgt de gemeente een subsidie van maximaal 50.000 euro waarmee een coördinator voor het bredeschoolproject kan worden aangeworven. De bredeschoolcoördinatoren hoeven niet per se via de gemeenten te opereren. Als een gemeente zelf geen initiatief neemt of geen lokaal cultuurbeleid heeft, dan kunnen scholen of andere organisaties het voortouw nemen. De focus zal, behalve op netwerking, op taal liggen, met name op het opgroeien in een meertalige omgeving en het versterken van de kennis van het Nederlands. “Leren doe je niet alleen tijdens de lesuren. Ook in de vrije tijd kun je heel wat opsteken,” zegt minister Guy Vanhengel (Open VLD), binnen de VGC bevoegd voor onderwijs. Volgens Smet wordt elke extra plaats in het Nederlandstalig onderwijs in Brussel ingenomen door een kind dat de schooltaal thuis niet spreekt. “We kunnen niet blijven groeien zonder grotere inspanningen in kwaliteit.” HUB

Uitgelicht > Meerderheidspartijen zetten tram Elsensesteenweg op helling

Elsene wil een eigen metro ELSENE – De Elsense politieke meerderheid wil dat er een metrolijn onder de Elsensesteenweg komt. PS en MR hebben daarvoor een motie goedgekeurd. Het gemeentebestuur komt hiermee lijnrecht tegenover Brussels minister van Vervoer Brigitte Grouwels (CD&V) te staan, die een tram wil.

O

p initiatief van het MRgemeenteraadslid Gautier Calomne keurden de meerderheidspartijen vorige week in de gemeenteraad een motie goed waarin de gemeente zich uitspreekt voor een metrolijn onder haar grondgebied. Die lijn zou onder de Elsensesteenweg langs het Fernand Cocq­ plein en het Flageyplein lopen, om vervolgens haar weg voort te zetten naar de campussen van de ULB en VUB. Concreet was het allemaal nog niet, maar toch drukte Calomne expliciet de wens uit om “een dialoog te beginnen nu er een nieuw beheerscon-

tract wordt opgesteld met de MIVB, wat onze kans op slagen vergroot.” Volgens de meerderheid moet de oproep tot een metrolijn voornamelijk gezien worden in het licht van de bevolkingstoename in Brussel en de belangrijke plaats van Elsene in het Brusselse gewest. Volgens de PS-burgemeester is een metro ook nodig om de studentenbuurt rond het kerkhof van Elsene en de twee nabijgelegen universiteiten beter te bedienen. Aan de goedkeuring van de motie ging een stevig debat vooraf met de oppositie, die de meerderheid verkiezingskoorts verweet. Yves Rouyet

(Ecolo), naast gemeenteraadslid  ook stedenbouwkundige, trok stevig van leer: “Vijf minuten realiteitszin, is dat mogelijk? Een metrolijn is veel te duur, en Brussel is een veel te kleine stad om het metronet nog uit te breiden in deze richting. Bovendien zal de nieuwe metrolijn er niet komen voor 2030 ten vroegste.

“Wij zijn een belangrijke gemeente”

Tegen dan kunnen we beter werk maken van een verdichting van het bovengrondse vervoersnet.” CDH sloot zich bij de kritiek aan en stelde de vraag van één miljoen: “Wie zal dat betalen?” Burgemees-

ter Decourty (PS) counterde de kritiek door te zeggen dat een metro veel werkgelegenheid met zich meebrengt en dat de MIVB de grootste werkgever van heel Brussel is. De oppositie vroeg zich nog af waarom een gemeentebestuur “dat normaal gezien de MIVB tegenwerkt, nu plots pro metro is.” In de stemming die volgde, onthield alleen de kleine FDF-meerderheidsfractie zich.

Broos compromis Door te wijzen op die plotse liefde voor de MIVB heeft de oppositie een argument. Want voor de Elsensesteenweg heeft Brussels minister van Vervoer Grouwels al plannen. De gewestweg wordt her­ aangelegd na een moeizaam tot stand gekomen, maar nog altijd broos compromis tussen Gewest en gemeente. En op de langere termijn is het kabinet-Grouwels bezig met een vertramming van de steenweg:

DE WEEK IN BEELD DOOR SASKIA VANDERSTICHELE

Zouden ze aan de academie in de Zuidstraat al aftellen naar Sint-Valentijn?

© SASKIA VANDERSTICHELE


WEEKOVERZICHT

BDW 1314 PAGINA 3 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

© CHIVA CONGELADO

WOENSDAG 25 JANUARI Noordelijke ring: DE OPTIES. Het milieueffectenrapport voor de Noordelijke Ring tussen Zaventem en Groot-Bijgaarden houdt rekening met een dubbeldekscenario (met onder meer een tunnel of een viaduct voor extra wegcapaciteit) of met een scheiding van lokaal en doorgaand verkeer. Opmerkelijk genoeg zegt de studie dat geen ingrepen doen de meest milieuvriendelijke optie is.

DONDERDAG 26 JANUARI Dodelijk ongeval op tram 81. Op het Raadsplein in Anderlecht raakt een vijftiger gekneld tussen de deuren van tram 81, hij wordt enkele meters meegesleurd en overlijdt aan zijn verwondingen. Volgens een getuige probeerde de man bij het belsignaal nog in de tram te springen, maar bleef zijn rugzak tussen de deuren steken. Camerabeelden spreken dit tegen. Daarop zou te zien zijn dat de man de al gesloten deuren nog probeerde te openen. ELSENE WIL METRO. Op initia­ tief van de MR keurt de Elsense gemeenteraad een motie goed waarin gevraagd wordt om de mogelijkheid van een metro door de gemeente te onderzoeken. De oppositie verwijt de meerderheid verkiezingskoorts.

VRIJDAG 27 JANUARI Metrostation Naamsepoort. Misschien vertrekt hier binnen twintig jaar een metro naar het centrum van Elsene. Of toch maar een tram?

een tramlijn die de huidige bus 71 moet vervangen. Elsene plaatst zich met zijn metroplannen dus lijnrecht tegenover het Brussels Gewest. Dat moet de Elsense meerderheid zelf ook weten, want een tramlijn op de Elsensesteenweg heet in de argumentatie voor de metromotie “niet compatibel met de aard van de steenweg, die moet kunnen blijven dienen om buurtbewoners en handelaars te dienen.” Eigenlijk zegt de gemeentelijke meerderheid niet met zoveel woorden dat ze Grouwels’ ge-

“ “

westtram gewoonweg niet hoeven. Calomne zegt echter open te staan voor kritiek, “maar niet voor een intentieproces. Het is nu aan de MIVB om de metroplannen te onderzoeken.” Op het kabinet van minister Grouwels antwoordt men dat een metro te duur is. “Eén kilometer metro­ traject kost zeventig miljoen euro. Voor een tram is dat tien miljoen euro. We weten al duidelijk dat buslijn 71 niet meer voldoet en dat de vraag groter is dan het aanbod. Een

tram zou vraag en aanbod op elkaar afstemmen. Een metro is echter wat te hoog gegrepen. Die zou bovendien ook niet kostendekkend zijn gezien de hoge prijs om metro te graven,” reageert Grouwels’ woordvoerder Philippe Vanstapel. “De studie voor de vertramming van de Elsensesteenweg loopt hoe dan ook. We hopen dat we de gemeente Elsene kunnen overtuigen van de noodzaak tot een tram,” aldus Vanstapel. Christophe Degreef

Met de bus rijden na mijn zestigste? Ik denk er niet aan. Probeer eens een zestigplusser aan het stuur te krijgen van bus 71, met het drukke verkeer, de files en al die roepende mensen.” MIVB-buschauffeur Olivier Ivens houdt van zijn werk, maar hij ziet het optrekken van de pensioenleeftijd niet zitten (in La Libre Belgique).

Brussel mist een A zoals Antwerpen die heeft, een gevoel van collectieve fierheid: wij houden van onze stad en we gaan er met respect mee om.” Muzikant Jef Neve is weg uit Brussel omdat hij hier naar eigen zeggen aan het verzuren was door negatieve ervaringen. Niet naar Antwerpen, maar naar Gent (in De Standaard Weekblad).

PARKET WERKT ACHTERSTAND WEG. Het Brusselse parket heeft in 2011 meer gerechtelijke onderzoeken afgewerkt dan dat er nieuwe gerechtelijke onderzoeken zijn opgestart. Bovendien zijn er bij het parket ook heel wat minder nieuwe dossiers over strafbare feiten geopend. Nieuwe naam voor stadsguerrilla. Het collectief IMID, afkorting van Ik Moest Iets Doen, wordt omgevormd tot Guerilalala. De groepering organiseert ludiek verzet tegen stadsproblemen zoals sluikstorten of auto-asocialisme. Obus gevonden IN Evere. Arbeiders die aan het werk zijn voor spoornetbeheerder Infrabel, vinden aan de Servaas Hoedemaekerssquare een niet-ontplofte obus uit de Eerste Wereldoorlog. Het springtuig blijkt onschadelijk, maar veroorzaakt toch wat verkeersop­onthoud.

ZATERDAG 28 JANUARI CONGOLEZEN DEMONSTREREN. Een 350-tal Congolezen protesteert vreedzaam in het stadscentrum tegen de aanstelling van Joseph Kabila tot president van de Democratische Republiek Congo. Volgens hen heeft oppositiekandidaat Etienne Tshisekedi de verkiezingen gewonnen. Bij eerdere betogingen, vooral in Matonge, sneuvelden heel wat auto’s en winkelruiten en waren er arrestaties.

MAANDAG 30 JANUARI NATIONALE STAKING. Door de nationale staking rijden er geen metro’s, bussen en trams en blijven ook de treinen stilstaan. De spits naar en uit Brussel verloopt rustig. De grote vakbonden hadden opgeroepen niet te werken als protest tegen de bezuinigingen die verwacht worden van de regering-Di Rupo I. fdf OVER FELIXART. Volgens FDF-schepen Corinne François in Drogenbos moet het FeliXart Museum bicommunautair worden, ofte eigendom van de Franse en Vlaamse Gemeenschap tezamen. Nu is het museum, gewijd aan het werk van Felix De Boeck, eigendom van de Vlaamse Gemeenschap. Het wordt binnenkort gerenoveerd met geld van de provincie Vlaams-Brabant, de Vlaamse Gemeenschap en de gemeente Drogenbos. Burgemeester Alexis Calmeyn (Drogenbos Plus) probeert te sussen. bomen moeten omgehakt. Brussels minister van Openbare Werkzaamheden Brigitte Grouwels (CD&V) concludeert na een studie dat er 28 platanen moeten worden omgehakt langs de Havenlaan. Volgens de studie zijn de bomen een gevaar voor het verkeer.

DINSDAG 31 JANUARI

HET GETAL

B22 België heeft er een nieuw verkeersbord bij: B22. Het laat fietsers toe om door het rode licht te rijden als ze naar rechts afslaan. Dat mag al in een aantal Europese landen, en ook de federale wetgever laat het nu toe. Zodra de borden klaar zijn, kunnen ze ook

in het Brusselse straatbeeld verschijnen. Aan de Wetstraat bijvoorbeeld, waar een fietspad ligt waar tal van straten op uitkomen. Fietsen door rood aan een kruispunt is geen algemene regel. Het is alleen toegestaan met het bijbehorende bord. De nieuwe wet roept wel weerstand op. Het Belgisch Instituut voor de Verkeersveiligheid (BIVV) heeft er vragen bij en, opmerkelijk, ook federaal staatssecretaris voor Mobiliteit Melchior Wathelet (CDH) is ertegen gekant. Hij heeft de wet toch ondertekend, uit respect voor het parlement. SVG

MIVB WORDT DUURDER. Een vervoersbewijs kopen in een voertuig van de MIVB wordt 50 eurocent duurder. Een Omniomaandabonnement kost 20 eurocent meer, een Omnio-jaarabonnement stijgt met 2 euro. Nieuwigheid is het MTB-schoolabonnement voor min-25-jarigen, waarmee zowel met MIVB als De Lijn, TEC en NMBS kan worden gereisd voor maximaal 224 euro. Samengesteld door Christophe Degreef

MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP SURF NAAR BRUSSELNIEUWS.BE EN SCHRIJF JE IN OP DE NIEUWSBRIEF


BDW 1314 PAGINA 4 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

Politiek > Dirk De Block wordt lijsttrekker voor PVDA-PTB in Molenbeek

‘We zijn geen kleine partij’ BRUSSEL – De Partij van de Arbeid hoopt in oktober een zetel te halen in de gemeenteraad van Sint-Jans-Molenbeek. “Ja, er is nog ruimte op links in de gemeente van burgemeester Moureaux,” zegt lijsttrekker Dirk De Block.

H

et hoofdkwartier van de Molenbeekse PVDA ligt pal aan het gemeentehuis. Strategischer kan nauwelijks. Dirk De Block loodst ons door het gebouw naar de bovenste etages. We kunnen er zo binnenkijken in het kantoor van PS-burgemeester Philippe Moureaux. L’œil du Moscou? Of beter: het spiedende oog van China? Neen. De tijden zijn veranderd, de PVDA refereert niet meer aan de Chinese communistische partij. Maar kritiek komt er ook niet. De PVDA doet er liever het zwijgen toe. Hoe dan ook, sinds Peter Mertens voorzitter van de PVDA is, lijkt de partij de wind in de zeilen te hebben. Mertens’ boek Hoe durven ze? over de mondiale financiële crisis is een bestseller. En ook in Duitsland en Nederland doet radicaal links het goed in de peilingen. De PVDA hoopt hiervan te kunnen profiteren bij de volgende verkiezingen. Onder meer in Molenbeek.

Kruisbestuiving Dirk De Block zal de tweetalige lijst trekken. Hij is goed vertrouwd met zijn gemeente. Hij was jarenlang coördinator van het jeugdhuis Centrum-West en werkt nu bij D’Broej, de koepel van de vzw’s die zich met kwetsbare jongeren bezighouden. En dat is geen eenvoudige doelgroep. “We proberen de laatste jaren meer emanciperend te werken,” vertelt De Block. “Vroeger was het consumptie troef. De jongeren kwamen naar ons om hun namiddag door te brengen. Of we stopten ze twintig euro toe om naar de film te gaan. Kortom, er was weinig inhoud. Nu proberen we hen maatschappelijk te betrekken. Makkelijk is dat niet. Als je erover begint, dan liggen ze onderuitgezakt en zeggen ze: ‘Qu’est-ce que ce Flamand vient nous raconter?’ Maar we

zijn er na een tijd toch in geslaagd om met de jongeren zinvolle dingen te doen. Dankzij onze actie komt er bijvoorbeeld een parkje in het wijkcontract.” U bent burgerlijk ingenieur. Dat staat toch ver van uw huidige werk? Dirk De Block: “Toch niet. Een wetenschappelijke aanpak werkt altijd. Ook in de sociale sector. Het was een bewuste keuze om in Molenbeek te komen werken. Ik kon doctoreren in Gent, maar ik vond dat ook de wijken hun kaders nodig hebben.” Maar we zouden het over politiek hebben... De Block: “Zoveel verschil is er niet. Tussen mijn werk en engagement is altijd een kruisbestuiving geweest.” Sinds wanneer bent u bij de PVDA? De Block: “Sinds mijn studententijd. Antiracisme lag me altijd al na aan het hart. Het was de periode van Objectief 479.917, een offensief tegen Zwarte Zondag. Extreem rechts

Wie is Dirk De Block?

“Wat tot slot als linkse partij in ons voordeel kan spelen, is de economische crisis, en vooral dan de manier waarop de traditionele partijen die aanpakken.”

was toen landelijk doorgebroken.” PVDA-PTB hoopt op een zetel in Molenbeek. Wat doet u denken dat het kan lukken? De Block: “Sinds de vorige verkiezingen is de lokale afdeling in Molenbeek gegroeid van dertig naar honderd leden. En er is nog groeipotentieel. We zijn dus zeker geen kleine partij. We haalden bij de vorige gemeenteraadsverkiezingen bijna duizend stemmen. We hebben er zestienhonderd nodig voor een zetel in de gemeenteraad. Het is dus een haalbare kaart.” “Onze militanten zijn heel actief in het Molenbeekse sociale weefsel, in scholen, sportverenigingen, jeugdwerk enzovoorts. We hebben ook een groepspraktijk van Geneeskunde voor het Volk. Al moeten we de electorale return niet overschatten. Het is niet omdat iemand gratis naar de dokter kan, dat hij ook voor zijn dokter stemt.” “We hebben gemerkt dat we electoraal pas voet aan de grond krijgen als we ook een ander verhaal brengen. En dat betekent: naar de mensen luisteren, de problemen aankaarten.

n Geboren in Kolwezi (Congo)

in 1974 n

Burgerlijk ingenieur (UGent) van 1992 tot 1998

n

Verhuist naar Brussel in 1997

n

Coördinator van CentrumWest sinds 1999, vanaf 2009 projectmedewerker bij de vzw D’Broej

n Lijsttrekker PVDA voor de

regionale verkiezingen van 2009 SVG/DV

Hier onderscheiden we ons van de traditionele partijen. Die sturen een perscommuniqué of houden een interpellatie in de gemeenteraad. Wij gaan naar de mensen toe, de wijken in. We mobiliseren al snel dertig, veertig mensen. Of het nu gaat over de kapotte roltrappen aan metrostation Zwarte Vijvers, het bedreigde postkantoortje op de Gentsesteenweg of het OCMW-rusthuis dat bejaarden op straat zet (zie inzetje).”

Vindt u dat Moureaux het goed gedaan heeft? De Block: “We zien bij de bevolking een zekere moeheid ten aanzien van de ploeg van Moureaux. Haast alle partijen maken er deel van uit. Alleen de groenen en extreem rechts zitten in de oppositie. En die komen niet echt sterk uit de hoek.” “De balans is gematigd. Moureaux zegt: ‘Dit hebben we gedaan, méér kan niet want het geld is op.’ Of nog: ‘Alles wat goed is, is een succes dankzij ons; wat misliep, is de schuld van de andere.’ Dat liedje zijn de mensen beu.” “Moureaux zoekt jammer genoeg geen steun bij de progressieve krachten in zijn gemeente. Hij bakt liever zoete broodjes met de MR. Zo worden in hoog-Molenbeek sociale woningen voor grote gezinnen geweerd omdat de liberalen daar niet van willen weten.” Moureaux’ veiligheidsbeleid ligt onder vuur. Wat vindt u ervan? De Block: “Een veilige samenleving belangt alle mensen aan. Er is

PVDA protesteert tegen besparingen in rusthuis Arcadia SINT-JANS-MOLENBEEK – Het OCMW snoeit in het aantal bedden én in het personeelsbestand van rust- en verzorgingstehuis Arcadia. De PVDA van Molenbeek betreurt dat. Door de financiële crisis legt de Molenbeekse burgemeester besparingen op. “Op dit moment zijn 230 van de 260 bedden bezet,” zegt OCMWvoorzitter Christian Magerus (LB-PS). “We moeten het aantal noodgedwongen terugbrengen naar 190. We willen nu vooral de zwaar hulpbehoevende bejaarden voorrang geven. Niemand

wordt op straat gezet. Vijftien bejaarden zijn al uit zichzelf vertrokken: opgenomen in een ander rusthuis, gehospitaliseerd of overleden.” Ook in het personeel wordt er gesnoeid. “We zullen het met vijftien man minder doen. Ontslagen vallen er niet. Bij heel wat personeel loopt het contract ten einde, of ze gaan in een ander rusthuis werken.” De lokale afdeling van de PVDA betreurt de besparingen. “Het is onmenselijk om oude mensen dit aan te doen,” zegt Dirk De Block. “Niemand van de betrokkenen is geraadpleegd. De bespa-

ringen hebben ook gevolgen voor de kwaliteit van de dienstverlening. Op een bepaalde afdeling zal er tijdens de week geen personeel meer zijn tussen 7 en 8 uur, en tussen 16 en 20 uur. Tijdens het weekend is er geen verplegend personeel meer op die dienst. Dat wil zeggen dat het personeel van de andere afdelingen ook die taken op zich moet nemen, boven op hun normale dienst. Het RVT zet ouderlingen aan de deur die nog in relatief goede gezondheid verkeren, waardoor het personeel zal moeten opdraaien voor de meer inMV tensieve zorgen.”

‘Open voor politiek, maar dan achter gesloten deuren’ SCHAARBEEK – Volgens de Schaarbeekse N-VA-afdeling is De Kriekelaar selectief in het toelaten van politieke activiteiten. Hoewel die strikt genomen verboden zijn, laat het gemeenschapscentrum toch ‘openingen’. “We willen de N-VA politiek uitbouwen, ook in Schaarbeek,” zegt lokaal voorzitter Frank De Clercq. “Daarvoor moeten we natuurlijk open vergaderingen kunnen organiseren, ac-

tiviteiten om mensen kennis te laten maken met ons programma. Helaas kan dat niet in het gemeenschapscentrum De Kriekelaar omdat politieke manifestaties er verboden zijn.

Maar in dat licht is het natuurlijk wel vreemd dat er begin december vorig jaar een activiteit werd georganiseerd die een PS-stempel droeg. Die activiteit werd nota bene door SP.A-gemeenteraadslid Bernadette Vriamont op haar website aangekondigd.” Bij De Kriekelaar nuanceren ze het verhaal. “Er heeft begin december

inderdaad een culturele activiteit plaatsgevonden die mee georganiseerd werd door de Parti Socialiste,” zegt voorzitter Wim Kennis. “Een ongelukkige zaak, maar we hebben erop toegezien dat er niet aan partijpolitiek werd gedaan. Ter verduidelijking: een politieke partij mag bij ons wel culturele activiteiten organiseren, zoals de PS heeft gedaan,

maar dan mag er niet aan politiek gedaan worden. Er kan wel aan politiek gedaan worden door partijen, maar achter gesloten deuren. Ik denk daarbij aan een ledenvergadering.” Kennis zegt dat die regeling geldt voor de meeste gemeenschapscentra in het Brusselse gewest, op een paar na, zoals De Markten in de


BDW 1314 PAGINA 5 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

Dirk De Block: “We hebben de tijdgeest mee. Vijf jaar geleden stond het woord kapitalisme nauwelijks in de kranten. Nu wordt het in vraag gesteld.”

een probleem in Molenbeek en dat probleem moet benoemd worden. De wildgroei aan vzw-cafés bijvoorbeeld. Of het nu om drugs gaat of niet, daar moet tegen opgetreden worden. Alleen heb ik liever dat omwonenden de kat de bel aanbinden, dan dat de een of andere politicus dat doet in een krant. Daarom was de mars tegen onveiligheid van de Vier-Windenschool een knap initiatief: dat ging van de burgers uit.” De vraag is of er links van Moureaux nog ruimte is in het politieke veld. Moureaux is zelf behoorlijk links. De Block: “Moureaux is niet de grote democraat. Hij werkt niet participatief, eerder dirigistisch. Daarnaast heeft een progressief beleid een waakhond nodig op de linkerflank. De PS wordt nu niet bedreigd op links en concentreert zich op de compromissen met rechts.

Dat is het failliet van elke linkse politiek. Ik heb de hele PS-machine van Moureaux nog niet weten te mobiliseren voor bijvoorbeeld het recht op wonen.” U noemt Moureaux geen grote democraat. Dat is nu net wat de PVDA jarenlang is verweten: een gebrek aan interne democratie en een verbod op afwijkende meningen. De Block: “Ik nodig u uit om te komen kijken hoe het bij ons werkt. Onze leden staan centraal. In een partij met honderd leden is er altijd wel discussie. Wat niet wil zeggen dat we die onbeslist laten.” Speelt het verleden de PVDA geen parten? Tot 2008 werd het maoïsme beleden. De Block: “De enigen die dat sausje nog warm houden, zijn de andere politieke partijen.”

Uw partijgenoot Jef Bossuyt mocht onlangs in Terzake nog het regime in Noord-Korea komen verdedigen. De Block: “Hij praatte niet in naam van de PVDA. Maar laat het duidelijk zijn dat we vandaag geen recept

makkelijker is dan honderd jaar geleden. We kunnen makkelijker de economische noden van de mensen achterhalen. Grote bedrijven doen het elke dag, weliswaar in functie van hun winsten. Als wij dezelfde machinerie inzetten in functie van

“Ik heb liever dat omwonenden de kat de bel aanbinden dan dat een politicus dat doet in de krant” hebben voor ons maatschappij­mo­ del, het socialisme. We zullen onze ideeën in een Belgische context moeten opbouwen. We kunnen niet doen alsof er geen banken zijn, geen geïndustrialiseerde samenleving en geen rijkdom.” “Toch geloven we dat de stap naar die andere maatschappij vandaag

de noden van de mensen, dan staan we al een hele stap verder.” Daar klinkt veel optimisme uit. De Block: “Een socialistische maat­schappij is nodig. Alle problemen die nu opduiken, zijn terug te voeren tot één oorzaak: het idee dat eerst de winsten moeten

© IVAN PUT

komen en dan pas de mensen. Wij hebben de tijdgeest mee. Vijf jaar geleden kwam het woord kapitalisme in de kranten nauwelijks voor, nu wordt het in vraag gesteld. Kijk maar naar het Wereld Economisch Forum. En ook de term klassenstrijd duikt weer op...” Is het PVDA-socialisme haalbaar in een geglobaliseerde wereld? De Block: “De wind van verandering is niet lokaal, maar globaal. De Occupy-beweging bewijst dat, de opstand op het Tahrirplein bewijst dat, Spanje, Frankrijk, Griekenland... Het is best mogelijk dat die bewegingen verder uitdijen. Let wel, ik ben niet naïef. Dit is niet voor lendemain. Maar ik ben vrij optimistisch, ja.” Steven Van Garsse en Danny Vileyn

ADVERTENTIE

Vijfhoek. “De regeling om zo weinig mogelijk politiek toe te laten, vindt haar oorsprong in een sperperiode die we ooit hebben ingesteld in de aanloop naar verkiezingen. Nu is dat niet anders. Maar om te bewijzen dat we het echt menen met ons pluralisme, organiseren we binnenkort misschien een politiek debat.” Gemeenteraadslid Vriamont betreurt het voorval, en bevestigt dat de vermeende PS-activiteit geen politieke activiteit was. “Het was sociocultureel en er werd niet aan

politiek gedaan. Wel vind ik dat er over de rol van een gemeenschapscentrum gedebatteerd kan worden en dat openlijk politiek bedrijven moet kunnen in een gemeenschapscentrum. Oorspronkelijk zijn de centra daarvoor ook opgericht: om Vlamingen te verenigen die uit allerhande gemeentezalen werden geweerd. Er zou een plek moeten zijn waar alle politieke partijen hun zeg kunnen doen.” Christophe Degreef

SAMEN (kinderen, ouders, school) maken we van onze school een leerkrachtige school waar uw kind zich thuis kan voelen. 3 vestigingen in Oudergem! HENRI DE BROUCKÈRELAAN 16 INVALIDENLAAN 168 SCHALLERLAAN 19/21 1160 OUDERGEM 02/672.87.18 bs.oudergem@g-o.be www.destadsmus.be

❐ ❐ ❐ ❐ ❐ ❐ ❐ ❐ ❐ ❐

3 vestigingen in Oudergem Groene school Eigen speelbos Uitgewerkte zorgstructuur met zorgteam Geïntegreerde werking van ICT : gebruik van computer en internet in alle klassen, smartboard,beamer,… Zwemmen vanaf 1ste leerjaar Opvang van 7u30 tot 18 uur Aangepast aanbod Frans Culturele en pedagogische uitstappen voor alle klassen Familiale sfeer


BDW 1314 PAGINA 6 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

mervakantie zullen beide Brusselse zeescouts met de ‘Jonathan’ op kamp gaan. Hij is 7,60 meter lang en je kunt er met vijf in slapen.” Joschko: “Dan kun je dus met zes op kamp, want er moet er altijd eentje de wacht houden (lacht). Daarnaast stel ik ook twee boten ter beschikking die ik eigenhandig ontworpen en gerestaureerd heb.”

Nicolas Joschko (l.), naast Nick Trachet: “En nu zondag plaats ik de mast op de ‘Jonathan’.”

© MARC GYSENS

Jeugd > Maritiem Atelier stelt boten en botenkennis ter beschikking

Een nieuw leven op het water BRUSSEL – Enkele Brusselse vijftigers vertaalden hun passie voor varen en zeilen in een tweetalig sociaal project. Ze doopten zichzelf Maritiem Atelier vzw/asbl L’Atelier Marin en willen boten en botenkennis ter beschikking stellen van de jeugd, zonder onderscheid van cultuur, taal of levensbeschouwing. BDW sprak met Nicolas Joschko en Nick Trachet, twee stuurlui op scherp.

H

et mondaine café van de BRYC, voluit de Brussels Royal Yacht Club, ademt een Engels clubsfeertje uit. “We zitten hier op een schip, hé. De plankenvloer is afkomstig van het dek van de boot van Thomas Lipton, de man die zijn naam aan het gelijknamige theemerk verbond,” vertelt Nicolas Joschko. Door het prachtige glaswerk zien we hoe de zon laag over de jachthaven hangt. “Deze plek is weinig bekend in Brussel en straalt toch een ongelooflijke charme uit. Er worden hier ook cursussen en concerten georganiseerd.”

Hoe is het idee voor dit project ontstaan? Nicolas Joschko: “Met een zevental vrienden, allemaal vijftigers die gepassioneerd zijn door de zeevaart, vertrokken we vanuit een paar vaststellingen. Zo constateerden we dat er voor jongeren vanaf zestien, ze-

ventien jaar weinig betaalbare activiteiten zijn waarin ze hun liefde voor boten kunnen verderzetten. Die leemte in het aanbod willen we opvullen. Over heel het land liggen onbeheerde jachten te slapen aan de kades. De eigenaar is overleden, de erfgenamen weten niet wat ermee te doen, enzovoort.” Wat wilt u met dit project teweegbrengen? Joschko: “Het is onze bedoeling om boten te restaureren of nieuwe boten te bouwen, en die dan gratis ter beschikking te stellen van jongeren, en dan nog het liefst van minder welgestelde jongeren. In ruil vragen we hulp bij herstellingen of renovaties, maar geen geld.” “Op korte termijn hebben we twee doelen. Ten eerste willen we een Bantry Bay yawl bouwen. Dat type admiraalssloep werd eind achttiende eeuw door de Franse marine

gebruikt om verschillende Europese landen te bevrijden en biedt plaats aan dertien man, onder wie tien roeiers. In 2000 schreef het Franse magazine La Chasse-Marée

voor naast subsidies ook op giften. Zo stelde een sympathisant ons een boot (foto) uit de jaren 1970 ter beschikking. Er is al wat verniswerk gebeurd en we zijn van plan om die boot nu samen met de 140ste (de Nederlandstalige zeescouts van Brussel, verwijzend naar hun stamnummer, red.) en de 75ste (de Franstalige zeescouts, red.) te restaureren. Hij is in goede staat, maar er zijn behoorlijk wat herstellingen nodig.

De ‘Jonathan’ is vernoemd naar Joe Van Holsbeeck, die ook zeescout was, bij de 75ste

een wedstrijd uit met de vraag om replica’s te maken. Ondertussen bestaan er een vijfendertigtal over heel de wereld. In 2014 willen we met ons exemplaar meedoen aan de Atlantic Challenge, een internationale bijeenkomst van deze yawls.” “Tegelijk willen we ook andere boten restaureren. We rekenen daar-

Zo moet de elektronica gemoderniseerd worden, zodat de jongeren de boot in alle veiligheid kunnen gebruiken. En nu zondag plaats ik de mast op de ‘Jonathan’.” (De boot is vernoemd naar de vermoorde Joe Van Holsbeeck, die bij de Franstalige zeescouts van Brussel zat.) Nick Trachet: “In de paas- en zo-

Richt u zich dan uitsluitend tot zeescouts? Joschko: “Nee, niet per se. Er moet wel minstens één gebrevetteerd iemand tussen zitten.” Trachet: “We zijn een soort rederij.” Joschko: “In feite zijn we een sociale rederij. De bedoeling is wel degelijk om jongeren van allerlei horizonten toegang te verlenen tot dit project. Maar in deze eerste fase richten we ons inderdaad op de zeescouts, eenvoudigweg omdat die al ervaring hebben en gemotiveerd zijn. De pioniers – dat zijn de zestien- en zeventienjarigen – zijn chauds comme une baraque à frites, zoals ze zeggen.” “Op termijn willen we tot structurele samenwerkingen komen, maar daarvoor moeten we eerst iets fundamentelers te bieden hebben. Dan pas wordt doelgericht samenwerken mogelijk. We zullen projecten op poten zetten in functie van de noden die zich voordoen tijdens het verbouwen. Is dat zeilen repareren, dan is dat zeilen repareren. Wij zijn daarnaast ook vragende partij om volgens de principes van de sociale economie samen te werken met verschillende organisaties.” “Het staat in onze statuten dat er ‘nuttige vorming’ zal worden gegeven, maar dat zijn zaken die eerder indirect tot ons takenpakket behoren. We willen ons niet in de plaats stellen van de zeilscholen bijvoorbeeld: die zijn er al. En we gaan ook geen kampen organiseren: dat doen de scouts al.” “Op dit ogenblik gebeurt alles op puur vrijwillige basis. Als we de ‘Jonathan’ dit jaar aan verschillende jeugdorganisaties ter beschikking kunnen stellen, dan is het al een succes. Daarnaast hebben we al contact met verschillende vzw’s en is het ons doel om zo breed mogelijk samen te werken.” Trachet: “Dat kan dan wel een probleem vormen met de brevetten.” Joschko: “Daar kan het interessant zijn om de zeescouts zich die boot al eigen te laten maken, zodat zij op een zeker ogenblik misschien gemengde teams kunnen opleiden.” Hoe wilt u de jongeren in de stad aanspreken? Joschko: “Iedereen die interesse heeft, mag contact met ons opnemen. Het zou fantastisch zijn als jongeren die ervan dromen om pakweg scheepsarchitect of kapitein te worden, maar in een milieu zitten waarin dat vandaag niet mogelijk is, door ons project gestimuleerd worden.” Tuur De Moor Meer weten? Mail naar nicolas@joschko.be of kijk op www.maritiematelier.be (in opbouw)


BDW 1314 PAGINA 7 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

P-PRAAT Consternatie te Schaerbeek. Serverproblemen noopten de dienst Nederlandstalige Cultuur van de gemeente ertoe alle e-mailadressen te veranderen in ...@schaerbeek.irisnet.be, met de -ae- van Schaerbeek dus. Een FDF-streek, of een downrating van AA naar A door de slechte financiële situatie van Schrbeek? We beginnen er weer over, maar ze blijkt hardnekkig: de Fédération W-B! Benoît Cerexhe, Brussels minister van Economie, draagt haar alvast uit in het buitenland. Cerexhe is op reis in Tunesië, waar hij met  het Brusselse investerings- en exportagentschap én  de Waalse tegenhanger daarvan wat bezoekjes aflegt om de goede banden tussen Franstalig België en  Tunesië aan te halen.

Politiek > De nieuwjaarswensen van de PS-voorzitter Hoe zou het nog zijn met de Chinezen die vorig jaar paddenstoelen gingen kweken in Neder-Over-Heembeek? U weet wel, die bedrijven die Cerexhe eigenhandig was gaan zoeken in China teneinde hen ervan te overtuigen in het lege N-O-H te investeren, want buiten sociale woningen valt daar toch niet veel te beleven en paddenstoelen kunnen dan wat leven in de brouwerij brengen. Maar we wijken af. Onze bekommernis: zouden die Chinezen doorhebben dat ze in Brussel noch in België, maar in de Fédération W-B hebben geïnvesteerd? En zouden ze beseffen dat, wanneer ze een ommetje maken, die veilige thuishaven verlaten om Vlaanderen binnen te treden, want Heembeek, dat is letterlijk een grensgeval, waar de Fédération ophoudt en de beschaving dus eindigt.

CHIEN ÉCRASÉ LEXICON – Omdat u niet massaal hebt gereageerd op ons Brussels Lexicon, trakteren we u van de week opnieuw op een rondje Bond Zonder Naam-spreuken, op Brusselse leest geschoeid. Nee, er is geen ontkomen aan.

bastenvel. Einde als plank, zonder dank. Nu zijn we wel houvast, en het is zo dat je de zwaartekracht ten slotte overklast. Ober, de rekening graag. Comprenez pas? Ach, gelukkig betaal ik gepast, daag.

Stakingsdag, dag roet, ik haal opgelucht adem. Fietser op het voetpad, wordt daardoor een fietspad, maar de tweewieler, die smeert dan toch de hondenpoep nat.

Nog steeds kreeg de plant geen water van de kantoorklerk, verschrompeld tot zijn ziel, bijna geheel rot, dus. Maar zo maakt-ie wel plaats voor een stevige fun-gus.

Boompje ziek of boompje genezen, kasseien noch actievoerders hoeven jullie te vrezen. Grouwels wel, de zaag erin en weg is het taaie

Wij zijn uitgepraat. Vanaf nu blijft de bond een week zonder naam, maar volgende week spreuken we er misschien opnieuw tegenaan.

Franstalige socialisten spreken economische taal BRUSSEL – Er is geen ‘heilige oorlog’ nodig tegen Uplace; de SP.A enerveert soms, en de beste moet aan het hoofd van de MIVB komen. Liberale nieuwjaarsreceptie? Neen, de wensen van Brussels PS-voorzitter Rudi Vervoort. “We willen dat Brussel klaarstaat om alle aspecten van de staatshervorming snel en gestroomlijnd door te voeren. We bereiden ons dus goed voor.” Aan het woord is Rudi Vervoort, burgemeester van Evere en voorzitter van de Parti Socialiste Brussel. Bij het begin van het jaar is het de traditie dat de Franstalige socialisten hun nieuwjaarswensen overmaken aan pers en publiek. En als we de PS mogen geloven, staat de partij verder dan de rest van het politieke landschap. Vervoort geeft te kennen klaar te staan voor de institutionele hervormingen die afgesproken zijn binnen de akkoorden over de staatshervorming, maar ook om van Brussel een afzonderlijke entiteit te maken. “Wat is de rol van de gewesten in de toekomst?” vraagt Vervoort

zich af. “Wallonië-Brussel? Er moeten goede akkoorden zijn tussen die twee, maar je moet eerst weten wat je wilt bouwen.” De voorzitter geeft ook te kennen dat de veranderingen die op Brussel af komen, vooral socio-economisch zijn en vooral Vlaanderen tegenover Brussel zullen plaatsen. Daarmee doelt Vervoort op de verbrusseling van de Rand. De uitbreiding van Brussel is een natuurlijk proces: geen politiek, maar mensen die verhuizen. Brussel wordt goed gesubsidieerd dankzij de nieuwe financieringswet, vindt de socialist ook. En de terugkeer van Guy Vanhengel (Open VLD) als Brussels minister van Financiën is een goede zaak. Vanhengels collega Brigitte Grouwels (CD&V, Mobiliteit) vit op alles en wil koste wat het kost een Vlaming aan het hoofd van de MIVB. De SP.A gaat soms over de fatsoensgrens van oppositie in het hoofdstedelijk parlement en enerveert, en de geplande winkelcentra in en rond Brussel zijn niet noodzakelijk slecht “want ze brengen veel met zich mee.” Christophe Degreef

ADVERTENTIE

(Over) willen en kunnen sterven Pleidooi voor een moreel beraad onder hulpverleners

voor mensen door mensen

maandag 13 feb 2012, 09u00 tot 16u30 Erasmushogeschool Brussel - campus Jette Laarbeeklaan 121 - 1090 Jette

Info & inschrijving via huisvandeMens Brussel - Jette: 02/242.36.02 of brussel@deMens.nu Meer informatie op de website www.moreelberaad.be Organisatie: deMens.nu - huisvandeMens Brussel - Jette Erasmushogeschool Brussel - campus Jette • Dagcentrum Topaz • Levenseinde Informatieforum Vrije Universiteit Brussel • Uitstraling Permanente Vorming vzw • UZ Brussel

Stalingradlaan 18-20, 1000 Brussel [Premetrostation Anneessens] Tel. 02 242 36 02 E-mail: brussel@deMens.nu Beeld © Michiel Pauwels

Jetse laan 362, 1090 Jette ,Tel. 02 513 16 33 E-mail: jette@deMens.nu


BDW 1314 PAGINA 8 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

Energie > Scholen in de knoei door verplicht EPB-certificaat

‘Energieverbruik berekenen is duur’ BRUSSEL – Scholen moeten tegen eind juni een certificaat energieprestatie en binnenklimaat (EPB) uithangen, uitgereikt door een erkend certificeerder. En dat is behoorlijk prijzig. Niet alleen bij verkoop en verhuur van woningen is het EPB-certificaat verplicht. Sinds 1 juli 2010 moet ook voor de openbare gebouwen het energieverbruik in kaart worden gebracht. Dat is het gevolg van een Europese richtlijn. Gegevens over het volume van het gebouw en het jaarlijkse energieverbruik worden in de computer gestopt. Die geeft dan een EPB-waarde aan. Die score moet uithangen in de hal van het publieke gebouw. Bedoeling is een betere bewustmaking en, op termijn, een daling van het energieverbruik. Ook de Nederlandstalige scholen van groter dan duizend vierkante meter ontsnappen niet aan de maatregel. Ze hebben nog tot eind juni de tijd om dit certificaat op te stellen. En daar knelt het schoentje. “Schoolnetten hebben vaak

Vlaamse certificateurs mogen niet in Brusselse schoolgebouwen werken. “Dit is weer echt op z’n Belgisch.” ADVERTENTIE

Muziek in de wachtzaal

voor mensen door mensen Stalingradlaan 18-20, 1000 Brussel [Premetrostation Anneessens] Tel. 02 242 36 02 E-mail: brussel@deMens.nu Jetse laan 362, 1090 Jette [Bus 13 en 14 halte Legrelle] Tel. 02 513 16 33 E-mail: jette@deMens.nu

Live muziek van studenten kunsthumaniora Brussel van 14u30 tot 16u30 in het Universitair Ziekenhuis Brussel woensdag 8 februari & dinsdag 13 maart inkomhal hospitalisatie inkomhal kinderziekenhuis • inkomhal polikliniek • wachtzaal C2/C3 • wachtzaal C31 • wachtzaal D6 • diabeteskliniek • •

huisvandeMens Brussel-Jette in samenwerking met:

bezoek ons voor meer info op

www.deMens.nu

© BRAM TACK

eigen certificateurs,” zegt Brussels parlementslid Bianca Debaets (CD&V). “Die hebben een Vlaamse erkenning en kunnen niet optreden voor de Nederlandstalige Brusselse scholen.” Volgens Debaets volstaat een korte opleiding bij Leefmilieu Brussel, maar vóór juli staan er daar geen opleidingen meer op het programma. Tal van scholen zien zich nu verplicht een beroep te doen op een certificateur op de vrije markt. En die zijn behoorlijk prijzig. Voor een middelgrote school kost dat al gauw meer dan duizend euro. Debaets: “Dit is absurd. De scholen hébben hun experts, maar ze kunnen hen niet inschakelen, enkel en alleen omdat ze hun opleiding in een ander gewest hebben gevolgd. Dit is weer echt op z’n Belgisch.” Volgens Debaets is er wel een oplossing: de opleidingen tot EPB-certificateur in alle gewesten harmoniseren. Dat moet mogelijk zijn omdat de aanpak in Vlaanderen en Brussel vrij gelijklopend is. Steven Van Garsse


BDW 1314 PAGINA 9 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

Internationaal > Een verhaal van Portugezen, Angolezen en Brazilianen

Portugees in opmars

De Angolezen kwamen in de jaren 1990 in België aan, op de vlucht voor de escalerende burgeroorlog. Officieel zijn ze in heel België met tweeduizend, maar in het Angolese verenigingsleven worden veel hogere cijfers geciteerd, tot tienduizend, en ze leven voornamelijk in Brussel, Antwerpen en Luik. Hoewel veel Angolezen grote heimwee hebben, is terugkeren vaak niet mogelijk. De jongste jaren komt een groot deel van de Angolezen via Portugal naar Brussel. Sommigen hebben ondertussen de Portugese nationaliteit. De Angolezen, die vaak laagopgeleid zijn, komen aan de kost in de import-export.

BRUSSEL – Natuurpunt lanceert al vroeg op het jaar een nationaal telweekend voor tuinvogels, nu op 4 en 5 februari.

© IVAN PUT

BRUSSEL – In de omgeving van het Zuidstation, op Anderlechts grondgebied, tekent zich een bescheiden Angolese zone af met horeca, bedrijfjes en organisaties. Dat staat in Een verhaal van één taal, één stad en drie continenten, een studie over de Portugeessprekenden in Brussel van het regionaal integratiecentrum Foyer.

Kamilla Moraes, in 2011 verkozen tot Miss Brasil Belgium.

De Braziliaanse immigratiegolf is de jongste. Bij de Brazilianen liggen de cijfers legaal-illegaal nog meer uiteen dan bij de Angolezen. Officieel zijn er nog geen vierduizend Brazilianen in België, in werkelijkheid

zijn ze met veertig- à vijftigduizend. Het overgrote deel verblijft in Brussel. Omdat veel Brazilianen geen wettige verblijfsdocumenten hebben, zijn ze veroordeeld tot zwartwerk, voornamelijk in de bouw en

Dit weekend: vogels tellen

de schoonmaak. Het illegale verblijf is ook een rem op het verenigingsleven. De evangelische kerken zijn wel heel populair bij de Brazilianen. Brazilianen en Portugezen leven verspreid over heel Brussel, maar ze zijn manifest aanwezig in Elsene, Vorst, Sint-Gillis, Anderlecht en Brussel-stad. Portugezen – om en bij de dertigduizend in heel het land – zijn er in Brussel sinds de jaren zestig van de twintigste eeuw. Ze kwamen naar België als gastarbeider of politiek vluchteling. Het aantal hoogopgeleide Portugezen nam toe toen Portugal in 1986 lid werd van de EU. De Portugezen zijn geïntegreerd, maar hebben toch een eigen gezicht behouden. Er is ook genoeg interactie tussen de Portugeessprekenden dat de onderzoekers de contouren ontwaren van een ‘Portugeestalige identiteit’. Danny Vileyn Een verhaal van één taal, één stad en drie continenten, uitg. Foyer, 152 p., 12 euro; bestellen op 02-411.74.95

Tuinbezitters wordt gevraagd minstens een halfuur te regis­ treren hoeveel en welke vogels er bij een voederplaats in de tuin passeren. Opdat de spotter alle vogelsoorten zou herkennen die hun kop en staart laten zien, is op www.natuur­punt.be/ tuinvogels illus­t ratiemateriaal voorhanden. In Vlaanderen stonden vorig jaar de koolmezen op kop, gevolgd door de vink, merel, Turkse tortel, houtduif, pimpelmees, spreeuw, staartmees en kauw. Vorig jaar werden in Brussel 1,9 huismussen per tuin geteld, een veel lager aantal dan in Vlaams-Brabantse tuinen (4,6). In opmars zijn de kauw en de houtduif, lastige kerels. Andere (nieuwe) regelmatige gasten zijn de kramsvogel en zwartkop. Met de waarnemingen kan Natuurpunt beter het bestand en de broedplaatswijzigingen in kaart brengen. Dus gewoon even tellen, op de vingers mag ook. JMB

ADVERTENTIE

nschrijven in een Nederlandstalige school in Brussel? p o g e w e t is ju e d t d U vin e b l. e s s u r b in n e v ij r h c www.ins Basisonderwijs

LOP Brussel BaO LOP Brussel SO

Voor alle info over de inschrijvingsprocedure in het Brussels Nederlandstalig onderwijs voor het schooljaar 2012-2013: ga naar www.inschrijveninbrussel.be. OPGELET: belangrijk voor alle kinderen geboren in 2010! Meld uw kind aan op www.inschrijveninbrussel.be in de maand februari 2012. NIEUW dit jaar: Hebt u recht op een voorrangsplaats? Bezorg het LOP binnen de 7 dagen na de aanmelding de gevraagde documenten. Via ‘Samen naar school in de Buurt’ kunt u kennismaken met andere ouders. Kijk op www.samennaarschool.be. Secundair onderwijs: op de meeste scholen kunt u rechtstreeks inschrijven. Voor 12 scholen moet u telefonisch aanmelden vooraleer in te schrijven. Kijk op www.inschrijveninbrussel.be voor alle informatie.


BDW REGIO

BDW 1314 PAGINA 10 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

Deze week in het virtueel postkantoor > Marolliens sturen elkaar kunstzinnige boodschappen

Creatief communiceren op z’n Marols

Gustave Neys bij ‘zijn’ bloembakken en ‘zijn’ appartementsblok in de Marollen.

© SASKIA VANDERSTICHELE

BRUSSEL – Terwijl het aantal ‘echte’ postkantoren daalt, ging in de Marollen een virtueel postkantoor open. Daar kunnen mensen met de hulp van de cineasten, klank­tovenaars en grafici van het kunstenaarscollectief OST een originele boodschap versturen naar hun vrienden, oude liefjes of verre zielsgenoten. Een verhaal over hoe creativiteit mensen uit hun sociaal isolement haalt.

ze tot het Zuidstation of de Bogaardenstraat bij het Anneessensplein moeten lopen om een kantoor van Bpost aan te treffen.”

O

Het virtuele postkantoor van OST huist in het Aquarium, een atelier met heel veel daglicht. De deelnemers voelen zich er als visjes in het water. Nochtans hebben velen onder hen een moeilijk parcours afgelegd. Frédéric Heinzelmann (46) komt er zijn huwelijksalbum samenstel-

p de gelijkvloerse verdieping van de residenties voor kunstenaars van Les Brigittines, op een paar stappen van de Kapellekerk, opende het virtuele postkantoor van OST. OST staat voor Oiseaux Sans Tête. “Toen we vier jaar geleden op een terrasje op het Vossenplein aan het brainstormen waren over de naam van ons collectief, zagen we dat de dagschotel oiseaux sans tête, blinde vink, was. Dat leek ons een geschikte naam,” zegt Benoît Lorent, die als informele coördinator fungeert. “Het collectief heeft hiërarchie noch baas. Onze harde kern bestaat uit zes mensen die elk gespecialiseerd zijn in een andere tak van de audiovisuele en kunstensector. Daarnaast hebben we elk onze eigen job.” “Voor we met dit postproject begonnen, peilden we naar de behoeften van de mensen in de wijk,

vooral bij de bewoners van het grote blok van de Brusselse Haard in de Korte Brigittinenstraat. Er bleek een grote behoefte aan communicatie te bestaan. Zo ontstond het idee om mensen boodschappen naar elkaar te laten versturen in de vorm van kaartjes, videofilmpjes, geschenkdoosjes, audioboodschappen of te­ke­ningen. We begeleiden het creatieve proces inhoudelijk en technisch, maar de ideeën komen van de buurtbewoners,” vertelt Lorent. “We dragen bij tot de sociale cohesie in de wijk,” vult kunstenaarfotograaf Vincen Beeckman van het nabijgelegen kunstencentrum Recyclart aan. “Buren leren elkaar beter kennen, maar ze ontdekken vooral hun eigen creativiteit en verborgen talenten. Met dit trage communicatiemiddel gaan we regelrecht in tegen de trend van snelle

boodschappen via sms en mail.” Tijdens de eerste creatieve sessies in december daagden er zo’n veertig deelnemers op. Een tweede sessie van tien dagen ging van start op woensdag 26 januari. “Iedereen is hier welkom. Het postkantoor is

Aquarium

“Mijn vrouw weet nog van niets. Dit wordt een grote verrassing voor haar. Ik zal haar hiermee niet terugwinnen, maar ik hoop haar toch blij te maken” open van elf tot zeven, en de begeleiding is gratis,” legt Benoît Lorent uit. “Sommige mensen zijn wel teleurgesteld dat we geen echt postkantoor zijn. Ze nemen het niet dat

len. “Twee jaar geleden ben ik met Catherine getrouwd, net als ik een voormalige heroïneverslaafde. Ze plukte me letterlijk uit de goot. We zien elkaar nog elke dag, maar we

zijn geen koppel meer. Ze kan mijn handicap niet aan,” vertelt hij in alle openheid. Het druggebruik liet zware sporen na bij Frédéric: hij heeft geen kortetermijngeheugen meer. “Het fotoalbum is een goeie manier om mijn geheugen te trainen.” Met enige nostalgie toont hij me de kiekjes in het stadhuis van Brussel, die nu voor het eerst zijn afgedrukt. Catherine droeg een jurk in Chinese zijde en had ook een talisman. Die heeft hun huwelijk niet voor onheil kunnen behoeden. De hoop op een nieuw leven was van korte duur voor Frédéric, maar hij koestert nog altijd het verlangen. “Mijn vrouw – we zijn officieel niet gescheiden – weet nog van niets. Dit wordt een grote verrassing voor haar. Ik zal haar hiermee niet terugwinnen, maar ik hoop haar toch blij te maken.” Frédéric ging als zestienjarige aan de slag in de Antwerpse dokken. Reizen werd zijn tweede natuur, en de roes een vluchtheuvel. Hij woont al zes jaar op de tweede verdieping van de woontoren van de Brusselse Haard. Met aandoenlijke hulpeloosheid grasduint hij in zijn vertroebelde nabije verleden, waar hij een fotocollage van maakt. “Wat ik zo leuk vind hier, is dat de mensen van OST me aanvaarden zoals ik ben. Als ik een pintje op heb, dan gaan ze me nooit terechtwijzen. Dit is bijna een tweede thuis voor me.” Voormalig tramcontroleur Gustave Neys (77) is gelukkig getrouwd met Nicole. Ze wonen al 42 jaar in het appartementsblok. Het samenleven tussen de oudere generatie en de jongeren verloopt niet van een leien dakje, en dat betreurt hij. Zes maanden per jaar wonen ze in hun caravan in Bredene. Hun buurvrouw aldaar heet Hildeke. Die werkt in een Brusselse bank, maar is hen vreemd genoeg nog nooit komen opzoeken in de Marollen. “Daarom heb ik haar een videofilmpje opgestuurd waarin ik de wijk voorstel.” We zien beelden van Gustave in de hal van het appartement, Gustave die met buurtbewoners spreekt, Gustave bij het skatepark aan het Kapellekerk-station. Hij is bijzonder fier op het plantsoenproject in de sociale woonwijk. Gustave draagt mee zorg voor de plantjes in de bakken, die door de kinderen en jongeren in de wijk zijn beschilderd. “Ook zij moeten zich uitleven, hé.” Gustave is de eigen ster van zijn eigen film, een ster die dankzij het postproject van OST weer kan fonkelen.

Eric Vancoppenolle


BDW 1314 PAGINA 11 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

Sint-Jans-Molenbeek > Eerste steen van hotel gelegd

Elsene > Meer dan 80.000 inwoners, en dus...

Slapen bij Nelson aan het kanaal

Twee extra gemeenteraads­ leden dankzij Europa

De eerste steen van Nelson Canal is gelegd. Over achttien maanden is het hotel in de vroegere Belle-Vuebrouwerij aan de Henegouwenkaai klaar.

Na de gemeenteraadsverkiezingen krijgt Elsene er twee gemeenteraadsleden bij door de bevolkingsgroei: van 41 naar 43.

Het wordt een hotel met honderdvijftig kamers die tegen een voordelig tarief verhuurd zullen worden: vijftien à twintig euro per bed, een mix van hotel en jeugdherberg. Er komt ook een opleidingscentrum waar werklozen stage kunnen lopen: na een opleiding kunnen ze meteen praktijkervaring opdoen in het hotel. Het wordt een groots renovatieproject. “Dit is een oude brouwerij met gemetselde bakstenen,” zegt aannemer Frederik Bijnens. “Hier werd vroeger kriek gebrouwen. Daar hebben we nog sporen van teruggevonden,

zoals schimmels, die we eerst hebben moeten verwijderen. Ook de gevel wordt grondig gerenoveerd. Er komen extra raamopeningen in. De kozijnen worden achter de stenen verborgen, zodat ze het oorspronkelijke karakter van het gebouw niet beïnvloeden.” Een tijd terug werden de troosteloze gebouwen vlak voor het toekomstige hotel afgebroken. De groep Meininger, een Duitse hotelhouder, neemt het gebouw in leasing. Voorts komt er ook een gebouw met veertien passiefwoningen. Het derde gebouw, met de beroemde gevel met het reclamebord van Belle-Vue Kriek, zal worden bestemd voor voorstellingen, concerten en kunst. Daar komen ook een bar en een restaurant.

Matthias Vanheerentals

Sint-Joost-ten-Node > Buurtcomité schudt college wakker

‘Weg met politiek van beloften’ Een groep burgers van in en om de Groenstraat interpelleerde de gemeenteraad en kaartte de mobiliteitsproblemen aan. “Het buurtcomité pikt het niet langer dat de gemeente de mobiliteitsproblemen laat be-

tijen,” zegt hun woordvoerder Tom Smeyers. “Het kruispunt van de Groenstraat met de Rivierstraat bevindt zich nu, na de heraanleg, in een veel slechtere staat dan voordien. Prostitutie- en sluipverkeer terroriseren de buurt

Tussen 2006 en 2012 zal de Elsense bevolking van 78.000 naar meer dan 82.000 mensen gegroeid zijn (cijfers tot einde 2010). Daardoor komen er twee gemeenteraadsleden bij vanaf 2013, als de nieuwe gemeenteraad de eed aflegt. Dat gebeurt automatisch wanneer de drempel van 80.000 inwoners overschreden wordt. Welke kleur de nieuwe raadsleden krijgen, dat hangt natuurlijk van de kiezer af. Schepenen komen er niet bij, want daarvoor zijn de procedures strenger. Wel stijgt door de bevolkingsaangroei ook de premie die elk gemeenteraadslid bij zitting opstrijkt. De bevolkingsgroei – die zich in alle gemeen-

ten van het Brusselse gewest doorzet – is in Elsene vooral een gevolg van de sterke aangroei van EU-onderdanen. Die zijn de jongste legislatuur met meer dan vierduizend aangegroeid. Bij de gemeenteraadsverkiezingen mogen zij overigens stemmen. Het aantal personen met de Belgische nationaliteit is daarentegen gedaald met ongeveer achthonderd, het aantal vreemdelingen van buiten de Europese Unie gestegen met ongeveer achthonderd. Niet alleen in Elsene komen er twee nieuwe raadsleden bij. Dat is ook het geval in Brussel, Anderlecht, Vorst, Sint-Lambrechts-Woluwe, Evere, Oudergem, Sint-Joost-ten-Node en Koekelberg. In Sint-Jans-Molenbeek komen er zelfs vier raadsleden bij. Christophe Degreef

dag en nacht. De zone 30 wordt slecht gerespecteerd, wildparkeren lijkt eerder regel dan uitzondering.” Volgens Smeyers is de overlast enorm. Hij hekelt het gebrek aan een degelijk mobiliteitsplan. Mohamed Azzouzi, schepen van Mobiliteit (PS), reageert geprikkeld en zegt dat het gemeentelijk mobiliteitsplan eind volgende maand zal worden voorgesteld. “Eind 2010 deed een studiebureau al enkele duidelijke aanbevelingen, zoals een lussensysteem dat

sluipverkeer kan weghouden,” zegt Smeyers, “maar hiermee gebeurde nog niks.” Informeel kaart Smeyers ook de grote kloof tussen burgers en college in zijn gemeente aan. “De PS heeft al jaren een absolute meerderheid en wentelt zich in een politiek van beloftes. Veel mensen leven hier in overlevingsmodus en zijn bang. De kabinetschef van de burgemeester verweet me te zagen. Oké, we zagen, omdat we het gevoel hebben niet geTDM hoord te worden.”

ADVERTENTIE

ssumpta lyceum

Zaterdag 4 februari 2012

Openschooldag 13.00 uur tot 17.00 uur Assumpta à la carte vanaf 17.00 uur Maria Assumptalyceum Stalkruidlaan 1 - 1020 Laken T. 02 268 29 77 • F. 02 262 12 02 www.mariaassumptalyceum.be • info@mariaassumptalyceum.be

De prijzen van de Vlaamse Gemeenschapscommissie

Maria

Gouden Ketjes 2012

ADVERTENTIE

Muren slopen, bruggen slaan! Baanbrekend. Brussels. Domeinoverschrijdend. Met een bijzonder resultaat ? Win tot € 5000! De VGC beloont opmerkelijke projecten die tot stand gekomen zijn door samenwerking tussen cultuur, jeugd, sport, onderwijs, vorming, welzijn, gezondheid of gezin.

Schrijf in op www.goudenketjes.be voor 29/02/2012.

www.goudenketjes.be


BDW REGIO

BDW 1314 PAGINA 12 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

Franse computer­ lessen krijgen subsidie-injectie

Jette > LBJ, MR-Open VLD en Ecolo-Groen: één visie

Meerderheid opnieuw samen in zee De politieke partijen die de meerderheid vormen in Jette, willen ook de volgende zes jaar samen in zee. Afgelopen vrijdag presenteerden ze een gemeenschappelijke visietekst, een soort van voorakkoord. De huidige meerderheid bestaat uit de Lijst van de Burgemeester

(CD&V/CDH en FDF), MR-Open VLD en Ecolo-Groen. Tot eind 2009 maakte ook de PS onder  leiding van schepen Merry Hermanus deel uit van de meerderheid, maar na een reeks incidenten werd de partij verbannen naar de oppositiebanken. Daarop werden Open VLD en een deel van MR aan boord gehesen.

De meerderheidspartijen willen ook de volgende zes jaar een coalitie vormen. Afgelopen vrijdag presenteerden ze een nota waarin ze hun gemeenschappelijke visie op de toekomst van de gemeente uiteenzetten. Burgemeester Hervé Doyen sprak van een ‘unieke demarche’, enerzijds omdat de actie aangeeft dat het de partijen

niet in de eerste plaats te doen is om de postjes, anderzijds omdat het duidelijkheid verschaft ten aanzien van de Jettenaren. LBJ, MR-Open VLD en EcoloGroen zullen het moeten opnemen tegen PS-SP.A, de overgebleven liberalen, Vlaams Belang en wellicht ook N-VA. Bettina Hubo

Sint-Jans-Molenbeek > Eerste fase renovatie is klaar

Naar een nieuwe Gentsesteenweg Het stuk Gentsesteenweg tussen Karreveld en de Van Zandestraat is vernieuwd. Binnenkort begint de volgende fase, tussen de Van Zandestraat en de Genotstraat. Vanaf 20 februari vernieuwt de MIVB de tramsporen al tussen de Van Zandestraat en het Schweitzerplein. Vervolgens werkt Mobiel Brussel nog tot het najaar op dit stuk van de Gentsesteenweg. Aansluitend volgt de rest van het

werk in de richting van het Dokter Schweitzerplein in Sint-AgathaBerchem tot aan de gewestgrens. De vernieuwde Gentsesteenweg wordt veiliger en comfortabeler, benadrukt minister van Vervoer en Openbare Werken Brigitte Grouwels (CD&V). “We werken de zwakke punten weg. Denk maar aan de onveilige kruispunten aan de Alcyon- en de Pfeifferstraat. Deze zijstraten krijgen snelheidsremmende verkeersplateaus. Op de vernieuwde Gentsesteenweg

kunnen fietsers binnenkort gebruikmaken van gemarkeerde fietspaden.” Ook de trams zullen vlotter rijden door de aanleg van vrije trambanen. “Tot dusver verloren ze veel kostbare tijd als ze aan de lichten mee in de file stonden,” zegt Grouwels. “Aan het kruispunt met de Mettewielaan zijn er nu aparte rijstroken, zodat de tram niet meer geblokkeerd wordt door auto’s die willen afslaan. Zo zullen de trams 82 en 83 stipter rijden. En door de nieu-

we sporen zullen de omwonenden ook minder last hebben van trillingen en geluidsoverlast.” Bij de heraanleg zijn zoveel mogelijk parkeerplaatsen en laad- en loszones behouden, en er komt een nieuwe laad- en loszone aan de Brigade Pironlaan. De volledige opknapbeurt van de Gentsesteenweg tot aan de gewestgrens is klaar in 2016 en kost zo’n twintig miljoen.

Matthias Vanheerentals

SINT-AGATHA-BERCHEM – Al acht jaar organiseert de Franstalige gemeentelijke bibliotheek computerlessen. Tussen nu en half maart komen daar vier nieuwe opleidingen bij: kennismaking met computer, initiatie internet en e-mail, telefoneren met Skype en veilig omspringen met Facebook. Aan Nederlandstalige zijde blijft het stil. De gemeente heeft de toelage aan de bibliotheek opgetrokken tot 72.000 euro, tegen 2015 zal die subsidie stijgen tot 80.000 euro. Een en ander is het gevolg van de bibliotheek-upgrading tot ‘categorie 2’ door de Franse Gemeenschap. Binnenkort krijgt de bib ook een medewerker om technische ondersteuning te bieden en de computerruimte te beheren. De Nederlandstalige bibliotheek gaat voor het eerst een computercursus inrichten in het kader van de Digitale Week in mei. In De Kroon lopen geen computerlessen. De gemeentelijke dienst Senioren richt wel gratis computerlessen in twee talen in in de gemeenteschool, Koning Boudewijnplein (enkel voor BerJMB chemnaren).

De prijzen van de Vlaamse Gemeenschapscommissie

Sint-Gillis > Premetro Horta na het verfvandalisme

Schoonmaak verloopt moeilijk, geen spoor van daders © MARK RENDERS / PHOTO NEWS

Gouden Ketjes 2012

ADVERTENTIE

Muren slopen, bruggen slaan! Baanbrekend. Brussels. Domeinoverschrijdend. Met een bijzonder resultaat ? Win tot € 5000! De VGC beloont opmerkelijke projecten die tot stand gekomen zijn door samenwerking tussen cultuur, jeugd, sport, onderwijs, vorming, welzijn, gezondheid of gezin.

Schrijf in op www.goudenketjes.be voor 29/02/2012.

www.goudenketjes.be

In de nacht van zaterdag 21 op zondag 22 januari viseerden vandalen het station Horta met verfbommen.

De schoonmaak van het premetrostation Horta verloopt traag. Er kan alleen ’s nachts gewerkt worden omdat het product om de verf van tussen de tegels te verwijderen, te indringend is en het naar verluidt ook niet krachtig genoeg zou zijn. Bovendien blijkt het bijzonder moeilijk om de rubberen vloer te reinigen; daarvoor heeft de MIVB nog niet de juiste methode gevonden. Ook moet er veel signalisatie vervangen worden. De dynamische borden, die aangeven wanneer er een tram aankomt,

zijn dan weer relatief gespaard gebleven van het verfvandalisme. Van de daders ontbreekt elk spoor. Het is niet zeker of de camerabeelden bruikbaar zijn. Wat wel bekend is, is dat de daders zich toegang tot het station hebben verschaft door de stalen rolluiken van de ingang met balken te blokkeren. Dat gaf ’s nachts al een alarm. De kostprijs van de schoonmaak wordt voorlopig geraamd op achttienduizend euro. CD


BDW 1314 PAGINA 13 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

Anderlecht > Groot Broederschap Sint-Guido stelt zichzelf tentoon

In het ledenboek staan was een levensverzekering In de aanloop van de Sint-Guidomillenniumviering organiseert het Groot Broederschap van de patroonheilige een tentoonstelling in het Begijnhof. De expositie belicht de geschiedenis van de Anderlechtse manteldragers. De geschiedenis van het broederschap zou teruggaan tot ergens in de zestiende eeuw, toen er een confrérie opgericht werd om het overbrengen van de beenderen van de heilige Guido naar de crypte van de kerk te begeleiden. Het bisdom van Mechelen zou overigens nog de ontstaansakten bezitten. “We proberen nu deze documenten in handen te krijgen voor de tentoonstelling en hopen die tijdens de viering in september te exposeren,” zegt Walter Vandenbossche, voorzitter van het broederschap. Nu al is in het Begijnhof het eerste ledenboek van 1631 te zien. Opvallend is dat er toen al vrouwen in vermeld stonden. De bestaansreden van het broederschap was dan ook niet alleen pure devotie, maar ook en vooral een bescherming tegen de heksenjacht die onder de Spaanse bezetting op protestanten werd gehouden. Het lidmaatschap gold als bewijs van je katholieke geloof.

Vloeken? Betalen! Op de tentoonstelling is ook te zien hoe het broederschap evolueerde naar een sociale vereniging. Zo werden de statuten van de vereniging in 1862 door de toenmalige kardinaal Sterckx vernieuwd in een periode

het doopregister niet meer na. We vragen enkel aan onze leden om de universele waarden waar het broederschap voor staat, te onderschrijven,” zegt de voorzitter. Leden houden een keer per jaar

“In dit Twitteren Facebooktijdperk willen wij de geschiedenis doen herleven”

Vier manteldragers van het Broederschap van de Heilige Guido: (vlnr.) William Wagemans, François Demol, Walter Vandenbossche en Jean-Paul Petrus.

waarin de armoede welig tierde. Het broederschap bestond uit een verzameling ambachtslieden. Telkens als een broeder vloekte of spuugde, moest hij (of zij) een paar centiemen betalen. Zo werd een spaarpotje aangelegd waarmee leden in financiële nood geholpen werden, een negentiende-eeuwse voorloper van het OCMW, zeg maar. Nu het christelijke geloof sterk op

de proef wordt gesteld, zijn de manteldragers van Sint-Guido nog altijd actief. Meer nog: de vereniging telt vandaag zelfs honderdvijftig leden, onder wie veertig manteldragers. De mantels van de broeders blinken

overigens als nooit tevoren, nadat ze onlangs zijn opgeknapt door een gespecialiseerd bedrijf. Als lid mag je de prestigieuze mantel dragen. Of je daarvoor ook een goed christen moet zijn? “Welnee, we kijken echt

Bruno Schols

De tentoonstelling in het Begijnhof (Kapelaanstraat 8) loopt zeker nog tot eind september. Open van dinsdag tot en met zondag, van 10 tot 12 uur en van 14 tot 17 uur. Kaartjes kosten 1,25 euro. Meer op www.broederschapheiligeguido.be

ADVERTENTIE

Discussieer met Brussel www.brusselnieuws.be

© SASKIA VANDERSTICHELE

een gezellig diner en brengen ook een bezoek aan een ander genootschap. Jean-Paul Petrus is een van de manteldragers. “Mij trekt vooral de authenticiteit van de vereniging aan. We willen in het Twitter- en Facebook-tijdperk de geschiedenis laten herleven.” Net als alle andere leden staat hij vermeld in het ledenboek, dat voor eeuwig bewaard wordt door het Erasmus­museum. Hoe wil hij herinnerd worden? “Behulpzaam, soms koppig als een ezel, maar wel met een olifantengeheugen.”

ADVERTENTIE


BDW 1314 PAGINA 14 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

wereldstad als Brussel onwaardig. Nog maar eens. Toont Brussel een keertje ambitie, dan wordt die meteen brutaal gefnuikt. Bizar toch, in een stad die zoveel fantastische kunstenaars grootgebracht heeft en vandaag nog altijd herbergt. In de hoofdstad van een land dat absolute wereldfaam geniet bij kunstliefhebbers. Maar als we zo verder doen, zijn ze dat binnenkort allemaal vergeten. We kunnen niet eeuwig teren op ons roemrijke verleden. Brussel heeft alle troeven in handen om een kunst- en cultuurstad met internationale faam te zijn, maar we slagen er maar niet in om die troeven te verzilveren. En ondertussen springen andere steden in het gat en wordt de kloof groter en groter. Het doet toch elke Brusselaar pijn om te zien hoe we de kaas van ons brood laten eten door steden als Basel (waar tot eind januari in de Fondation Beyeler Dalí, Magritte, Miró wél werd tentoongesteld, red.). Dat we af en toe eens jaloers zijn op Madrid, Parijs of Londen, tot daaraan toe. Maar op Basel? Met alle respect, maar dan bloedt mijn chauvinistische hart een klein beetje.

Return on investment

Exact een jaar geleden ging de afdeling Moderne Kunst van de KMSK (foto) dicht. Wat nu?

© ARCHIEF BDW

Cultuur > Yamila Idrissi (SP.A) laakt gebrek aan lef en ambitie

‘Het culturele voorjaar wordt een mager beestje’ “Cultuur mag wat kosten, want de return is vaak een veelvoud van de investering”

BRUSSEL – Precies een jaar geleden ging het Museum voor Moderne Kunst dicht, en de toekomst blijft een gigantisch vraagteken. Ondertussen zijn de twee belangrijkste exposities die dit voorjaar in Brussel gepland stonden, rond Gustave Klimt en rond de grote surrealisten, geschrapt of uitgesteld. Een zoveelste bewijs van een totaal gebrek aan ambitie en visie in Brussel, vindt Vlaams parlementslid Yamila Idrissi (SP.A).

BDWOPINIE De afdeling Moderne Kunst van de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten sloot exact twaalf maanden geleden de deuren. Het grootste deel van de collectie verdween naar de reserves, onzichtbaar voor het publiek. Stukken waar musea over de hele wereld ons om benijden, weggemoffeld zoals we thuis onze oude meubels naar de kelder verbannen. Alsof Brussel zich schaamt voor zijn culturele rijkdom. Onbegrijpelijk. We kunnen alleen maar hopen dat het bij één verjaardag in mineur

blijft. Ik hou eerlijk gezegd mijn hart vast, want de plannen voor een Museum voor Moderne Kunst blijven maar in de ijskast zitten. Mogelijkheden genoeg, maar er komt geen schot in de zaak. Hoeveel wereldsteden zonder museum voor moderne en hedendaagse kunst kent u?

Surrealistisch Brussel en kunst, het blijft een ongelooflijk moeilijk huwelijk. Een vechthuwelijk bijna. Want het blijft helaas niet bij de museumsoap. De Brusselse musea kondigden absolute kleppers aan voor dit voorjaar: Gustav Klimt, Pablo Picasso, Marcel Duchamp,... Een lijstje dat

Yamila Idrissi.

tot ver buiten de stads- én landsgrenzen indruk maakte. Maar helaas, het mocht weer wat minder zijn. De Klimt-expo ter ere van de honderdvijftigste verjaardag van de schilder is afgelast, net als de tentoonstelling Dalí, Magritte, Miró – Het surrealisme in Parijs. Het had nochtans mooi kunnen zijn: de al-

lergrootste surrealisten in het land en de stad die als geen ander het surrealisme belichamen. Verkoopt zichzelf, zou je denken. Verkeerd gedacht. Twee grote projecten, twee grote flops. Te duur, te moeilijk. Voor Brussel toch. Het culturele voorjaar wordt een mager beestje, een

De hoofdstad mist ambitie, mist visie. De musea en de collecties zijn totaal versnipperd, een kat vindt er haar jongen niet in terug. De Brusselaars zelf niet, laat staan de toeristen. Vele kleintjes maken helaas niet altijd één groot. Eén museum voor moderne en hedendaagse kunst, vreemd genoeg nog altijd braakliggend terrein in Brussel, kan een echte trekker zijn. Het kan een hele stad meezuigen. Maar dan moet ze er voluit voor durven te gaan – en dat durft ze niet. Brussel, de eeuwige twijfelaar. Kunst en cultuur zijn goudmijnen voor een stad. De meeste museumbezoekers houden het daar niet bij. Ze gaan shoppen, ze eten in een restaurant, zakken door op café, slapen in een hotel. De hele stad profiteert mee. Ja, een expo over Klimt of de grote surrealisten kan wat kosten, maar de return is vaak een veelvoud van die investering. In nieuwe inkomsten, in banen, in aantrekkingskracht. Een stad moet naar het globale plaatje kijken. En ze moet zich kunnen verkopen. Twee grote tentoonstellingen aankondigen en op het laatste moment afblazen, het is niet echt een toonbeeld van geweldige citymarketing. Eigenlijk is het ironisch. Er zit ongelooflijk veel creatief talent in Brussel. In de internationale media verschijnen artikels over de aantrekkingskracht van de stad op jonge kunstenaars, die de huurprijzen in Londen of Parijs niet meer kunnen ophoesten. Uit heel Europa zakken ze af naar Brussel, en zijn ze de motor achter kleine kunstgaleries. Maar een museum om dat talent aan het grote publiek te tonen, is te veel gevraagd. De creativiteit, het lef en de ambitie die zo overvloedig aanwezig zijn in de stad, ontbreken totaal in het beleid. Brussel, stad van gemiste kansen. Yamila Idrissi, Vlaams parlementslid (SP.A)


BDW 1314 PAGINA 15 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

BRIEVEN VAN LEZERS   lezersbrieven@bdw.be

In het station De NMBS heeft het Centraal Station grondig gerenoveerd, maar heeft niet aan de reizigers gedacht die in de hal (of op de perrons) lang op hun trein in vertraging moeten wachten. Staande, want nergens vinden zij banken waar ze kunnen uitrusten. Sommigen gaan dan maar op de trappen liggen, maar dat is verboden. Het driekoppige NMBS-monster had miljoenen euro veil voor de uitbreiding en verfraaiing van het station, maar een paar duizend euro voor het gemak van de klanten kon er niet meer af.

André Monteyne, Jette

Wunderkammer Vorige week verscheen er in Agenda (p. 35) discreet en onaangekondigd de nieuwe rubriek ‘Wunderkammer’, met een bezoek aan het atelier van de in Brussel wonende Amerikaanse kunstenaar Peter Downsbrough. Deze week werd de rubriek herhaald met een bezoek aan het atelier van Pieter Vermeersch. Als deze rubriek de bedoeling heeft een reeks te worden, dan kan dit in de context van de Brusselse pers en voor de sector van de beeldende kunsten als een merkwaardige primeur beschouwd worden. Eigenlijk zou zoiets vanzelfsprekend moeten zijn, wegens de naar verluidt overrompelende aandacht voor de hedendaagse kunst in Brussel, verwijzend naar een toenemend aantal nieuwe kunstgalerieën en aanverwante initiatieven die in de hoofdstad als paddenstoelen uit de grond schieten. Een bekend fenomeen is dat waar er kunstgalerieën zijn en waar er publieke belangstelling is, er automatisch kunstenaars – ook buitenlandse – komen wonen. Dat heeft allemaal dan weer niet belet dat het Museum voor Moderne Kunst gesloten werd en dat directeur Michel Draguet unilateraal beslist heeft om deze collectie te laten opbergen, en te laten vervangen door een (lucratievere!?) nieuwe presentatie van symbolistische en laat-negentiende-eeuwse kunst. De nieuwe rubriek in Agenda is bijzonder nuttig en actueel om verschillende redenen, waaronder: het probleem van beschikbare en goed uitgeruste ateliers voor beeldende kunstenaars (overigens geen exclusief Brussels probleem) onder de aandacht brengen van de overheid die bevoegd is voor kunst en cultuur. Een tweede reden sluit hierbij aan: laat het vooraf duidelijk zijn dat de Vlaamse Gemeenschapscommissie sinds mensenheugenis en tot op heden grotendeels terechte aandacht en financiële middelen ter beschikking heeft gesteld van de in Brussel gevestigde instellingen van de sector podiumkunsten (inclusief bibliotheken en gemeenschapscentra). Deze gesubsidieerde accommodaties doen het goed en hebben ondertussen aan meerdere gezelschappen met uitvoerende kunstenaars (dansers, acteurs, muzikanten) internationale faam gegeven. Vandaar dat het moment uiterst geschikt is om voortaan onder meer de gebrekkige en ontoereikende ateliervoorzieningen te remediëren. Een inhaalbeweging ten gunste van de scheppende kunstenaars die de beeldende kunst vertegenwoordigen, zou niet meer dan verantwoord zijn. Deze problematiek werd vanuit een nationale reflectie per brief op 17 januari (een dag die symbolisch samenvalt met de jaarlijkse internationale Art’s Birthday) aan de minister van Cultuur toegezonden door de vertegenwoordigende woordvoerders van het Nieuw Internationaal Cultureel Centrum (belangenvereniging voor beeldende kunstenaars, red.), de Verenigde Organisa-

BDWOPINIE

ties BeeldKunst (VOBK) en het Muhka. Bij contacten en briefwisseling over deze problematiek erkennen diverse politieke beleidsmensen weliswaar de matige overheidssteun, maar er verbetert omzeggens niets. Men weet tevens dat in steden waar men wél investeert in de behoeften van beeldende kunstenaars, een voordelig klimaat ontstaat waarbij iedereen baat heeft, wat ook de stad zelf meer uitstraling geeft. Als er een gebrek aan gebouwen zou zijn die aanmerking kunnen komen als ateliervoorziening, dan kan de VGC zich wenden tot de Regie der Gebouwen: die heeft onder meer het beheer over het sinds 1991 in Ukkel leegstaande (weliswaar verwarmde en ’s nachts verlichte) gebouw van het Pasteurinstituut. Men kan de vraag stellen of er een lijst bestaat van de door VGC (en Cocof ) gesubsidieerde ateliers voor in Brussel gevestigde beeldende kunstenaars (bedoeld wordt: échte ateliers), en waarschijnlijk is het antwoord dan “Geen enkel.” Andere, zoals de Ateliers Mommen en de drie (!) onlangs opgeleverde kunstappartementen aan de ‘Wautersallee’, met een oppervlakte van 70 vierkante meter (zie BDW 1313, p. 12), kunnen moeilijk als ‘echt’ beschouwd worden; ze beantwoorden in inrichting niet aan de actuele behoeften van professioneel ingerichte ateliers. Een ander aspect dat de bevoegde overheid nauwkeuriger zou moeten opvolgen, is het bij wet verplichte percentage van ieder bouwbudget van met overheidssteun gefinancierde gemeenschapsgebouwen dat moet worden besteed aan geïntegreerde kunstwerken. Wanneer mag het volgende wonder worden verwacht?

Jonas Wille, Oudergem

Goud in Vorst Naar goede gewoonte alhier wordt een huwelijks­ jubileum van vijftig, zestig, zeventig jaar ook door de gemeente waar de jubilarissen sinds een bepaalde tijd wonen, met een plechtigheid gevierd. Ondergetekende was vorige zaterdag aan de beurt voor zijn gouden bruiloft. Hij woont al 45 jaar in Vorst, maar begon er al in 1959 te werken als leraar technisch hoger onderwijs in het Dudenpark, dus 52 jaar geleden. Dissonant was het feit dat de ontvangstdame van de Burgerlijke Stand, die de jubilarissen en hun familie moest geleiden, zeer weinig Nederlands kende. Gelukkig was er de schepen, mevrouw Jutta Buyse (SP.A), de aangestelde schepen voor Vlaamse Aangelegenheden. Die schepenfunctie werd destijds na langdurige politieke strijd verworven. Om zijn toespraak met een vrolijke noot te beëindigen, gaf de jubilaris volgende suggestie. Volgens de specialist Leo Camerlynck hebben de Vorstenaars liefst drie toenamen: de Honnefretters van den Bempt, de Berkuuze van Neerstalle en de Paddes van Sint-Denijs. Dat is evenwel allemaal laag-Vorst. Circa de helft van de Vorstse bevolking woont in hoog-Vorst. Voor hen suggereerde ondergetekende: de STOEFERS van huug Vust of ... van Augustienes.

Herman A.O. Wilms, Vorst

Rechtzetting De Ateliers Mommen liggen niet in de Weldadigheidsstraat (in BDW 1313, p. 12), maar in de Liefdadigheidsstraat, ook in Sint-Joost-ten-Node, maar bijna twee kilometer verderop.

SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.

Goede huisvader door Anne Brumagne Nieuwjaarsreceptie van de Brusselse media in het Vlaams-Marokkaanse huis Daarkom, en wauw, wat is het daar mooi geworden. De laatste keer dat ik het pand betrad, was toen daar nog een bijzonder lelijke cd-winkel zat, en er van de charme van de oude Gaîté niks meer te zien was. Onze nieuwjaarsreceptie was niet de enige die de voorbije weken in Daarkom werd georganiseerd. Voka toostte er, het Minderhedenforum ook. Voor Daarkom is dat natuurlijk niet de corebusiness, gastheer spelen voor nieuwjaarsrecepties, maar het brengt geld in het laatje. Hoewel minister van Cultuur Joke Schauvliege een extra inspanning heeft gedaan, blijft het werkingsbudget te klein om groots te kunnen uitpakken met dat nieuwe culturencentrum. Er konden bij de lancering veel vragen over Daarkom worden gesteld. Waarom een samenwerking van de Vlaamse Gemeenschap met één enkel land, dat dan nog niet eens een democratisch voorbeeld is? Zijn de hoofdstad en bij uitbreiding Vlaanderen niet beter af met een Huis van Culturen, een variant van dat in Molenbeek? Maar Daarkom is er nu. Met Roos Pauwels, die haar strepen in het Candelaershuys verdiende, heeft het centrum iemand aan het hoofd die van aanpakken weet. Die Vlaanderen en Marokko als een vertrekpunt ziet voor een ruimere interculturele invulling, en die samenwerkt met andere partners waar dat kan. Die zich dus allesbehalve beperkt tot het tonen van Vlaamse of Marokkaanse folklore. Alleen: als Pauwels Daarkom echt op de kaart wil kunnen zetten, dan zal ze meer financiële middelen moeten krijgen van de overheid die het centrum heeft opgericht. Afgelopen week kwam er nog een andere Brusselse culturele speler naar buiten met zijn financiële problemen. Voor het Archief en Museum van het Vlaams Leven te Brussel, het geheugen van Vlaams Brussel zeg maar, zorgt de huur van de archiefruimte aan de Arduinkaai voor een financiële strop. Huren in Brussel is duur, veertig procent van de financiële middelen van het AMVB gaat eraan op. Hier is het de VGC die hopelijk soelaas kan bieden en een ruimte ter beschikking kan stellen. Iedereen beseft het: het zijn moeilijke budgettaire tijden voor de overheid. De sky is niet meer de limit, zoals het tot voor enkele jaren soms wel leek te zijn. Maar zeker wanneer het gaat om het geheugen van een gemeenschap, of om een project dat die gemeenschap zelf heeft geïnitieerd, kunnen we alleen maar hopen dat haar overheid te allen tijde een goede huisvader of -moeder is.

EVA HILHORST


SINT-LAMBRECHTS-WOLUWE – In Op-Weule vonden ze een originele manier om geïnteresseerden kennis te laten maken met de jazzgeschiedenis. Geen klassieke cursus volgepropt met data en feiten, maar vijf avonden met vijf muzikanten, die aan de hand van hun instrument een aantal mijlpalen live illustreren.

YVES PEETERS. © GÉRARD BECKERS

TOINE THYS. © FRANÇOIS DE RIBAUCOURT

Exclusieve jazzcursus in Op-Weule

BDW 1314 PAGINA 16 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

VADROUILLE DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK

Jazzcursussen bestaan er in alle tonen en stijlen. Het jazzgenootschap Op-Weule en het gemeenschapscentrum zochten naar een aparte invalshoek en vonden die bij bassist Matthias Heyman, saxofonist Toine Thys, gitarist Frederik Leroux, trompettist Jean-Paul Estiévenart en drummer Yves Peeters. Elk op hun beurt duiken ze de geschiedenis van de jazz in, met als rode draad hun eigen instrument. Het originele idee krijgt nog een meerwaarde doordat er aan het einde van de reeks een gezamenlijk concert van deze muzikanten volgt, uitsluitend toegankelijk voor de cursisten. Moderator is Marc Van den GTB Hoof. Jazzcursus in GC Op-Weule (SintLambertusstraat 91) op 7 en 28 februari, 13 en 27 maart en 4 mei en slotconcert op 8 mei. 40 euro. Meer informatie op 02-775.92.00 of www.opweule.be

BDW en AGENDA

GRATIS in uw brievenbus? Bel 02-226.45.45 of mail abo@bdw.be ADVERTENTIE

Handicap & informatie Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap

✆ 0800-15045

alle werkdagen van 9 tot 12u30, maandag, dinsdag en donderdag van 13 tot 15u30

Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be

Toen de pers nog brusselde... is een rijk gedocumenteerde tentoonstelling geworden. Aan de muur onder meer De Moord, de editie van de noodlijdende krant De Morgen uit oktober 1986.

© BART DEWAELE

Tentoonstelling > De hoogdagen van de nationale pers in Brussel

Het vertrokken dagblad BRUSSEL – Vandaag staat de aanwezigheid van de VRT in Brussel ter discussie. Eerder vertrokken, vooral langs Nederlandstalige kant, al heel wat geschreven media uit de hoofdstad. Ooit was het anders.

J

e moet het de dienst Cultuur van de Stad Brussel nageven: in het piepkleine Huis van Folklore in de Eikstraat zijn er regelmatig tentoonstellingen over interessante onderwerpen. Helaas wordt de naam van het Huis daarbij iets te nadrukkelijk eer aangedaan. Omdat de wisselende partners voor de tentoonstellingen veelal uit het verenigingsleven komen, is de aanpak meestal amateuristisch. Dat geldt ook voor Toen de pers nog brusselde, een expositie over de tijd dat de Brusselse binnenstad nog gold als het epicentrum van de geschreven pers in België. Het is een zeer dankbaar onderwerp, dat curator Eric Demarbaix en zijn Brusselse Geschiedkundige Kring/Cercle d’Histoire de Bruxelles stofferen met stukken uit hun archief, waaronder niet eerder ontsloten docu-

menten van het voormalige Persagentschap Vervoer en Distributie (AMP/PVD). AMP is vandaag nog altijd een belangrijke speler in de distributie van kranten en tijdschriften, maar het Agence et Messageries de la Presse werd al in 1885 opgericht door de socialistische voorman Louis Bertrand, die ook stichter was van de krant Le Peuple. Het agentschap groepeerde in de Peterseliestraat de zendingen van di­verse kranten voor handelaars in eenzelfde regio. Op de tentoonstelling wordt zelfs dát niet met zoveel woorden gezegd. De legendes bij de documenten die nauwkeurig in kijkkasten en kadertjes zijn geplaatst, blijven uiterst summier. Jammer, want wat getoond wordt, getuigt van een interessant verleden waar gewone Brusselaars, perslui en nostalgici hun hartje bij

kunnen ophalen. Het loont dus zeker de moeite eens binnen te springen en een blik te wer­pen op de vele oude kranten, foto’s en paraferna­lia.

De Moord De expositie gaat ver terug, met enkele reproducties van het Brusselse Nieuws-Blad uit 1795 of het Napoleontische Journal de l’Empire uit 1809. Maar het was pas met de grondwettelijke verankering van de persvrijheid dat de bloeiperiode van kranten en weekbladen kon worden ingezet. Van het gerenommeerde L’Indépendance Belge, in 1843 voortgekomen uit de voorloper van het Belgisch Staatsblad, is een exemplaar te zien van 12 oktober 1850, daags na het overlijden van koningin LouiseMarie. Aan het eind van de negentiende eeuw deden de geïllustreerde kranten opgeld. La Belgique Illustré deed het in 1897 nog met tekeningen; van Le National Illustré, gevestigd aan de Warmoesberg, is op de tentoonstelling het


© HUIS VAN FOLKLORE EN TRADITIES / STAD BRUSSEL

BDW 1314 PAGINA 17 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

Het Persagentschap Vervoer en Distributie/Agence et Messageries de la Presse groepeerde in de Peterseliestraat, op de hoek met de Broekstraat (r.), de distributie van di­verse kranten voor handelaars in eenzelfde regio. AMP, in 1885 opgericht door de socialistische voorman Louis Bertrand, is nog altijd een grote speler in de distributiebranche.

Le ‘Faux’ Soir van 9 november 1943, uitgebracht door het verzet.

trok, komt in beeld met het exemplaar van De Moord, dat de verbolgen redactie onder leiding van Paul Goossens op 31 oktober 1986 uitbracht. Vandaag is De Morgen samen met De Tijd en Metro de enige Nederlandstalige nationale krant die nog in Brussel zit. De tentoonstelling toont verder oude reclames, enkele foto’s van oude redactielokalen, krantenkiosken en krantenventers. Er hangen ook wat exemplaren van regionale kranten (La Cité, Le Marollien, Zo leeft Brussel...), waarbij op te merken valt dat BDW vooralsnog geen museumstuk geworden is.

Fleet Street in Brussel Bert Cornelis, vandaag woordvoerder bij Open VLD, maakte van 1983 tot 1996 deel uit van de redactie van Het Laatste Nieuws. Hij heeft als journalist dus nog de Brusselse jaren van de bestverkochte Nederlandstalige krant meegemaakt, en verhuisde op het einde ook mee naar Kobbegem. “Toen ik begon, was het allemaal te doen in de Sint-Pietersstraat, het smalle straatje aan de achterkant van de Jacqmainlaan. Behalve Het Laatste Nieuws zaten daar ook Het Nieuwsblad, La Libre Belgique en La Dernière Heure. Het was een beetje Fleet Street in Brussel. Vooral ’s avonds en ’s nachts was er veel bedrijvigheid met al die vrachtwagens die het straatje in moesten om de kranten op te halen, want de redacties zaten in hetzelfde gebouw als de drukkerij. Er hing een speciale sfeer. Er was natuurlijk concurrentie, maar ook collegialiteit. Als je iets ging eten, kwam je altijd wel een collega tegen. Ook de politici kwamen naar de cafés in de buurt afgezakt.” Berichtten de kranten van de twee taalgroepen door die nabijheid gelijklopender dan nu? Cornelis: “Er was toch ook al een scheidingslijn. Mijn oudere collega’s ‘op de Wetstraat’ hadden wel nog contact met de Wetstraatjournalisten van de Franstalige kranten, maar met onze generatie groeide dat eruit. Het gebeurde natuurlijk nog wel dat mensen als Wilfried Martens gezamenlijk werden geïnterviewd, door ons en Le Soir bijvoorbeeld.” De impact van de verhuizing naar de rand was volgens Cornelis niet zonder impact. “Stichter Julius Hoste was destijds vanuit Tielt in West-Vlaanderen naar Brussel gekomen en zag Het Laatste Nieuws als een instrument om het Vlaamse leven in de hoofdstad te ondersteunen. Dat bleef zo tot lang na de Tweede Wereldoorlog. Bij veel kranten zat de lokale Brusselse redactie nog lang ingekapseld in de Wetstraatredactie. Twee of drie journalisten deden elke dag in de stad aan informatie­ garing. Dat doen de nationale kranten tegenwoordig nog heel weinig.” Toen Het Laatste Nieuws in 1991 naar Kobbegem bij Asse verhuisde, was dat vooral uit commerciële overwegingen. “De krant kon op dezelfde plaats niet meer uitbreiden, voor een

nieuwe drukkerij was er te weinig ruimte. Dus zaten we daar plots tussen de koeien. De communicatiemiddelen van vandaag bestonden nog niet, en dus verloor je als journalist veel tijd en de voeling met Brussel. Vandaag speelt de locatie van een redactie minder een rol, maar toch zou het een slechte zaak zijn mocht ook de VRT uit Brussel vertrekken.”

Bloei en leegloop De bloeiperiode van de nationale pers in Brussel begon in de periode van economische voorspoed aan het einde van de negentiende eeuw. Het is dan ook geen toeval dat de oudste nationale titel van Brusselse oorsprong die vandaag nog bestaat, L’Echo is. Het financiële

Het Laatste Nieuws en Le Soir hadden in 1982 een gezamenlijke aprilvis: op hun beider voorpagina stond dat er petroleum was gevonden onder de grond van de Voerstreek © HUIS VAN FOLKLORE EN TRADITIES / STAD BRUSSEL

© BART DEWAELE

nummer van 8 september 1901 te zien, dat op de cover een paginagrote foto toont van een grondverzakking aan de Baksteenkaai, die aan twee mensen het leven kostte. Ook van de eerste editie van Het Nieuwsblad, ‘blad voor onze Christene, Vlaamsche, kroostrijke gezinnen’, is er een exemplaar. Het dateert van 3 november 1929. De redactie zat toen al aan de Émile Jacqmainlaan. Uit een nummer van het vakblad De journalist/Le journaliste uit 1964 valt op te maken dat de redactie van de journalistenvereniging toen nog in de Korte Boterstraat zat. De Nieuwe Gids, waarin Nero van Marc Sleen geboren werd, had net als de socialistische krant Le Peuple zijn lokalen in de Zandstraat. Dat de locatie echt wel iets betekende, wilde Het Laatste Nieuws in 1973 illustreren door in het Paleis voor Schone Kunsten een fototentoonstelling over Brussel te organiseren onder de titel Een stad in de krant. Grappig zijn ook de exemplaren van Het Laatste Nieuws en Le Soir van 1 april 1982: de redacties hadden toen overleg gepleegd over hun aprilvis en meldden allebei op hun voorpagina dat er petroleum was gevonden onder de grond van de Voerstreek, die toen al de inzet van een communautair conflict was. Enkele stukken herinneren ook aan minder fraaie bladzijden uit de geschiedenis van de journalistiek. Van Le Soir is zowel een exemplaar te zien dat tijdens de oorlog als ‘gestolen krant’ onder supervisie van de Duitsers verscheen, als een reproductie van de anti-Duitse ‘Faux Soir’ van 9 november 1943, clandestien uitgebracht en verspreid door het verzet. Ook de pijnlijke episode waarin De Morgen in 1986 verzeild geraakte, toen de socialistische partij haar handen van de noodlijdende krant af

Kiosk, Schaarbeekse Poort. De nabije Koningsstraat was een echt perscentrum.

dagblad werd op 22 mei 1881 geboren als L’Echo de la Bourse de Bruxelles. Vandaag zit de redactie van L’Echo nog altijd in Brussel, in Thurn & Taxis, samen met haar Nederlandstalige tegenhanger De Tijd, die Antwerpse wortels heeft. Langs Franstalige kant zijn de nationale kranten overigens nog altijd goed vertegenwoordigd: La Libre Belgique heeft haar redactie in de Frankenstraat in Etterbeek, op hetzelfde adres als La Dernière Heure, dat deel uitmaakt van dezelfde krantengroep. De grote socialistische krant Le Peuple, ontstaan in de Zandstraat op 12 december 1885 als Franstalige tegenhanger van De Vooruit, heeft wel het loodje moeten leggen. Een poging om met Le Matin (1998-2001) een nieuwe linkse krant uit de grond te stampen in Brussel, werd geen succes. Zeer zichtbaar is natuurlijk Le Soir in de Koningsstraat, het geesteskind van Émile Rossel, toen corrector bij Le Journal de Bruxelles. Op 17 december 1887 verscheen de krant voor de eerste keer. De groep Rossel geeft vandaag ook nog de Brusselse titel La Capitale uit. Langs Nederlandstalige kant is de oudste ‘Brusselse’ titel zonder twijfel Het Laatste Nieuws, voor het eerst verschenen op 7 juni 1888. De stichter, Julius Hoste, was een WestVlaams senator die in Brussel het Vlaamse leven kwam ondersteunen. Hij was ook belangrijk als promotor van het volkstoneel, en schreef stukken die werden gespeeld in de Vlaamse schouwburg (nu KVS). Het Laatste Nieuws verhuisde begin jaren 1990 naar Kobbegem. De Standaard verscheen voor het eerst op 4 december 1918 als een initiatief van een groep rond de Antwerpse flamingant Frans Van Cauwelaert, met het doel ‘het uitgeven van een katholiek Vlaams dagblad te Brussel’. Naast De Standaard ontstond in 1929 Het Nieuwsblad, dat voor een breder publiek bedoeld was. Na een faillissement in 1976, en de overname door de Vlaamse Uitgeversmaatschappij, nu Corelio, verhuisden beide kranten naar Groot-Bijgaarden. In vergelijking is De Morgen, in 1978 ontstaan uit de versmelting van de Gentse Vooruit en de Antwerpse Volksgazet, nog een jonge krant. De Morgen was lang gevestigd in de Brogniez­ straat aan het Zuidstation. De krant maakt nu samen met Het Laatste Nieuws deel uit van De Persgroep, maar bleef in Brussel en verhuisde naar de Arduinkaai. De redactie van het gratis dagblad Metro, tot slot, is te vinden in de Ravensteingalerij. Michaël Bellon Toen de pers nog brusselde..., tot en met 18 maart in het Huis van Folklore en Tradities, Eikstraat 19, 1000 Brussel, 02-279.64.11/44, www.brussel.be, van donderdag tot en met zondag van 13 tot 18 uur; gratis toegang


BDW 1314 PAGINA 18 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

Tentoonstelling > Pierre Clarebout en geestelijke vader Marcel-Louis Baugniet weer verenigd

Pelgrims op dezelfde weg © GROUP 2 GALLERY

BRUSSEL – In Group 2 Gallery worden de ‘constructivistische’ schilders Marcel-Louis Baugniet (1896-1995) en Pierre Clarebout (1933), zeventien jaar na hun eerste gezamenlijke optreden in deze galerie, opnieuw samen opgevoerd. Baugniet is ondertussen dood, maar zijn werk is – onder andere in het werk van Clarebout – misschien wel actueler dan ooit.

‘D

e twee waren vrienden. Ze waren altijd samen op stap, zeker sinds de ingeweken Ieperling Clarebout, niet lang na hun eerste ontmoeting, vervroegd met pensioen ging.” Ik ben nog niet helemaal binnen of galeriehoudster Jeannine Lenaerts neemt me al mee op de golven van haar enthousiasme. De tentoonstelling is, dagen voor de vernissage, al helemaal klaar. “Je weet nooit op onze leeftijd. Het volstaat om even ziek te worden, en de boel loopt in het honderd.” Ik neem plaats in een prachtige, maar oncomfortabele designstoel. De dynamiek die uitgaat van Baugniets uitdagende kleuren- en vormenspel, steekt fel af tegen het miezerige weer in de bovenstad. Baugniet vestigde zich als Luikenaar al heel jong in Brussel. Tot 1918 volgde hij samen met Magritte en Delvaux les aan de Academie voor Schone Kunsten. Zijn vroegste werk, sterk beïnvloed door het symbolisme van Klimt en Khnopff, wordt hier niet tentoongesteld. In 1921 en 1922 volgde Baugniet les aan de Académie de la Grande Chaumière in Parijs. Hij raakte er bevriend met Herbin, Le Corbusier, Léger en Zadkine en ontdekte er het werk van de Tsjechische schilder Kupka, en van de Russische suprematisten Malevitsj en Lissitzky. Baugniets denken en werk gingen meer en meer neigen naar de abstractie. Hij leerde Russisch en vertaalde zelfs theoretische teksten

meubels werden op Expo 58 tentoongesteld. Pas na een expositie van constructivistische kunst in het PSK in 1972 kreeg Baugniet erkenning. Er was opnieuw interesse bij het grote publiek. Zijn werk werd opgepikt, en tijdens de laatste twintig jaar van zijn leven bleef hij actief. “Zo werkte hij schetsen uit de vroege jaren 1920 af, waar hij dan twee data onder zette, soms met een halve eeuw ertussen. Dat was de eerlijkheid die Baugniet zo kenmerkte,” zeggen de galeriehouders.

Scherven en brokken

Zielsverwanten met veertig jaar leeftijdsverschil. Links M.L. Baugniet, ‘Orgues noir, bleu, ocre’ (1929). Rechts Pierre Clarebout, ‘Rêveries’ (1970).

van Malevitsj. In het Russische constructivisme vond hij veel inspiratie, maar zijn kleuren waren minder koud en agressief, de composities lyrischer en niet zelden geïnspireerd door muziek of sport. In ‘Orgues noir, bleu, ocre’ contrasteert hij heel subtiel het statische van het orgel met de ritmiek van de muziek. “Hij was een heel veelzijdig kunstenaar en was bevriend met kunstenaars uit allerlei disciplines. Zijn rol in 7 arts, een Franstalig tijdschrift dat tussen 1922 en 1929 wekelijks verscheen en veel abonnees had, is nauwelijks te overschatten,” vertelt Lenaerts’ man Jozef, die Jeannine al lachend haar ‘derde oog’ noemt. In de jaren 1920 was Baugniet heel actief. Toch verkocht hij nauwelijks iets. “Hij heeft altijd geweten dat hij gelijk had. Maar hij had te vroeg gelijk,” weet Lenaerts. Haar zoon Vital, die nu ook een stoel heeft bijgeschoven, kadert

dit: “Hij heeft misschien de fout gemaakt om niet in Parijs te blijven, dat toen veel vooruitstrevender was. Daar zou hij wellicht meer naar waarde zijn geschat.” Lenaerts benadrukt dat Baugniet terugkwam voor zijn eerste grote liefde en vrouw, de Schaarbeekse MarieLouise Acarin. “En tout, cherchez la femme.” Zij oogstte tijdens het interbellum veel bijval als avant-gardistisch danseres, en hij herdoopte haar naam in het Russische Akarova. Na de beurscrash van 1929 werd het er niet makkelijker op. Veel kunstenaars gaven er ontmoedigd de brui aan. Baugniets talent was gelukkig zo veelzijdig dat hij het om den brode over een andere boeg kon gooien. Naar het voorbeeld van Popova, Tatlin en Rodtsjenko ontwierp hij kostuums en theaterdecors. Hij maakte ook tapijten en modern meubilair, dat enkel bij gefortuneerde klanten bijval had. Zijn

In 1975 ontmoette Baugniet in een galerie aan de Zavel de bijna veertig jaar jongere Clarebout. Het klikte meteen. Lenaerts: “Clarebout was geïnspireerd door Baugniets werk, maar imiteerde hem niet.” Clarebout, chemicus van beroep en een gepassioneerd amateur-archeoloog, speelt in zijn werk op een speelse manier kleuren en vormen tegen elkaar uit. Baugniet was hierdoor geïntrigeerd en bewonderde de manier waarop Clarebout met geheimzinnige kleurenbrouwsels bijzonder lumineuze en zelfs transparante oppervlakken bekwam. Clarebouts geometrische composities refereren vaak aan scherven, brokstukken van muren of structuren van luchtfoto’s. Titels verwijzen naar archeologische vindplaatsen of vondsten, zoals ‘Ravenna’ of ‘Sigillata’. Clarebout was een talentvolle pelgrim op de constructivistische weg die Baugniet al in de jaren 1920 was ingeslagen. Allebei waren ze onverdroten op zoek naar de ultieme vorm, de ware compositie. Tuur De Moor M.L. Baugniet en P. Clarebout – Orgelpunt, nog tot en met 3 maart in Group 2 Gallery, Blanchestraat 8, 1000 Brussel, woensdag tot en met zaterdag van 14 tot 18 uur

ADVERTENTIE

15e eeuw

16e eeuw

17e eeuw

18e eeuw

19e eeuw

20e eeuw

Het kanaal naar Willebroek speelde een belangrijke rol in de economische stadsontwikkeling van de stad Brussel. Het maakte dan ook een snelle verbinding mogelijk met de stad Antwerpen – toen draaischijf van internationale handel en knooppunt van goederen en mensen. Tegelijkertijd profiteerden ook andere steden en dorpen langs het kanaal mee van deze welvaart. Maar ook vandaag wordt nog steeds gegraven. Brussel heeft letterlijk een ‘verborgen’ wereld; een wereld van infrastructuur, geschiedenis, mythes en mogelijkheden, waar de documentaire ‘Brussels Underground’ een eerbetoon aan brengt. Van 14 februari t.e.m. 13 mei kan je in het Broodhuis de tentoonstelling ‘Het kanaal in kaart’ bezoeken.

© Pascal Vandelanoitte

Museum van de Stad Brussel – Broodhuis Grote Markt (tegenover het stadhuis), 1000 Brussel Het museum is gesloten op maandag.


BDW 1314 PAGINA 19 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

© MIRJAM DEVRIENDT

Festival > Europalia, de cijfers, de toekomstplannen

Nog even Europalia Brazil, in 2013 komt India BRUSSEL – Het tweejaarlijkse festival Europalia, dit keer met gastland Brazilië, maakte zopas de balans op. Ondertussen wordt de editie van 2013 in de steigers geholpen: dan staat India centraal.

Youri Dirkx speelt in Reset samen met Peter Vandenbempt alle klanten en passanten in de krantenwinkel, Kristien De Proost bedient hen.

Praat

Tristero verkoopt zichzelf Gezien: Reset van Tristero op 25 januari in de Kaaistudio’s (nog op tournee door Vlaanderen en Nederland: www.tristero.be).

achteraf

Met Reset wendt het Brusselse thea­ tergezelschap Tristero zich even terug tot zichzelf: het stuk werd gemaakt en wordt gespeeld door de drie kernleden; bevriende acteurs mogen dit keer alleen komen kijken. Maar wat het gezelschap genaamd ‘mensheid’ betreft, kan van een eenvoudige druk op de reset-knop helaas geen sprake zijn. Reset gaat uit van de vaststelling dat het leven van alledag op een niet altijd even opvallende, maar desalniettemin vervelende en wijdvertakte manier vergroeid is in een systeem dat drijft op consumentisme, kapitalisme en zelfs gewapend imperialisme. Het decor van Tristero is een krantenwinkel in een treinstation naar het model van alle winkels van de internationale persdistributie­ keten Relay. In de goedgevulde rekken ligt alles lekker overzichtelijk op een rijtje. De frisdranken, de chocoladerepen, de tijdschriften en ook de kranten, waarin feiten en rechtzettingen, woorden en tegenwoorden, opiniestukken en rechten van antwoord duidelijk maken dat je niets los van elkaar mag zien. Peter Vandenbempt en Youri Dirkx komen beurtelings en telkens weer als een ander typetje van achter het decor de winkel binnengestapt. Achter de kassa rekent Kristien De Proost routineus af met de lastige, gehaaste, praatzieke, twijfelende en bedelende klanten. De kabbelende muzak kan niet voorkomen dat de keuzestress toeslaat als een klant uit het brede Balisto-gamma één smaak moet kiezen. Foute decoratie in een foute volgorde suggereert dat Valentijn, Kerst en Halloween elkaar snel opvolgen. De summiere dialogen bestaan grootdeels uit merknamen en titels. Een collega van de naburige Fnac komt de verkoopster een broodje van de Panos brengen. Internationale kranten lijken overigens niet zo in trek. De Gazet van Antwerpen en DH komen nog het dichtst in de buurt. Natuurlijk wringt er wel wat. Zo heeft de verkoopster blijkens een telefoongesprekje een of ander gezondheidsprobleem, terwijl in haar rekken de wenskaarten met ‘Beterschap’ uitgeput zijn. Plots breekt ook het pootje van de centrale display, die scheef blijft staan omdat hetzelfde pootje niet direct in dezelfde kleur leverbaar is. Na een promopraatje van een ver-

tegenwoordiger van een uitgever stapt dan zomaar een kolonel van het Belgische leger het decor van Tristero binnen voor iets wat ook op een promopraatje lijkt. Hij richt zich tot het publiek, presenteert een gesofisticeerd schietgeweer en legt uit waarom ook een soldaat met een dodelijk wapen iemand kan zijn die, net als wij allemaal, van de wereld een betere plek wil maken. Zoals alles wat voorafging, is deze ingreep van Tristero tegelijk ongerijmd, ongemakkelijk, grappig en uiteindelijk ook to the point. Maar hoe zit het met het conto en de kerfstok van Tristero zelf? Op een plasmascherm in de krantenwinkel schuiven commercials uit binnen- en buitenland voorbij waarin het niet toevallig allemaal acteurs zijn – van Axel Daeseleire over Frank Focketeyn tot Jean Reno – die banken of andere twijfelachtige instanties aanprijzen. Dat plasmascherm gebruikt Tristero uiteindelijk om van die éne winkel, een schakel in een lange keten, plots uit te zoomen naar de hele wereld, en in te zoomen op zichzelf. Als de werkdag erop zit, trekken de drie acteurs zich namelijk terug achter het decor en nemen ze plaats voor de camera voor hun eigen commerciële break. Om behalve sponsors Coca-Cola of Sanoma speciaal ook Relay te bedanken, en uit te leggen dat Relay onderdeel is van de Franse groep Lagardère, dat middels tal van dochters lange tentakels heeft in de wereld van media, entertainment (ook theater) en sport. Toevallig is Lagardère ook aandeelhouder van EADS, een nog grotere groep actief in luchtvaart (Airbus), ruimtevaart (Ariane, Galileo) en... defensie. Omdat alles nu eenmaal met elkaar vergroeid is, mogen ook de drie van Tristero zich dus voegen bij het lijstje van acteurs die promotie voeren voor twijfelachtige bedrijven, in casu een gigant inzake ontwikkeling en handel in gesofisticeerd wapentuig. Ongerijmd was het optreden van de kolonel in de krantenwinkel dus niet. Wellicht is de hachelijke staat van de wereld al eens op gelijksoortige manier duidelijk gemaakt, en ook Tristero slaagt er natuurlijk niet in daar de splijtende analyse of de fatale guerilla-aanval tegen in te zetten. Wel heeft het gezelschap voor deze inhoud een zeer knappe theatervorm gevonden. Reset is intelligent, gedoseerd, voortdurend droogkomisch en onderhoudend, zeer goed geacteerd en dus aan iedereen aan te bevelen. Michaël Bellon

Europalia had van 4 oktober 2011 tot 15 janua­ri 2012 Brazilië te gast. Na in 2009 (China) en 2007 (Rusland) meer dan een miljoen bezoekers ontvangen te hebben, noteerde Europalia Brasil half januari 973.000 bezoekers (een eindcijfer volgt na Pasen). Toch is het zwakkere cijfer niet volledig negatief te verstaan. Het aanbod was nu eenmaal sterk gereduceerd tegenover vorige edities – 57 Chinese theaterproducties in 2009 tegenover een handvol Braziliaanse deze  keer, bijvoorbeeld. En de grote tentoonstellingen waren sterk geconcentreerd in Brussel, terwijl vooral Vlamingen vele evenementen volgen – misschien was dat dus niet de beste keuze. Toeval of niet, maar alleszins goed nieuws voor conservator ad interim Michel Draguet: het Jubelpark mag de Amazoneparel Índios no Brasil langer in huis houden, tot en met  15 april. Inmiddels loopt nog Terra Brasilis (in het ING Cultuurcentrum) tot en met 12 februari: een voltreffer die al voor de opening een massa groepsboekingen had.

Niet alles viel mee. Dit weekend sluit Design Brasil af in de Design Vlaanderen Galerie. Op zich was dat een interessante revelatie, die wat ondermaats gepromoot werd. De bezoekersaantallen vielen dan ook tegen, en daarom werd in arren moede een ‘vitrinepassant’ al als aanwezige bezoeker genoteerd zodra die wat langer bij het raam bleef staan. Het festival maakte ook dramatische communicatie- en andere perikelen mee: voor een productie in Luik moest vijf voor twaalf zelfs 35 ton euro gevonden worden of ze ging niet door. De Braziliaanse overheid stak uiteindelijk geld toe. En over een voorstelling in het Théâtre National werd dermate fout gecommuniceerd dat er geen mogelijkheid was om het hele stuk, dat over twee dagen liep, te zien, omdat er de tweede dag minder zitplaatsen waren. “Waarom tachtig Brazilianen over laten vliegen voor een stuk waarnaar maar honderdvijftig man mag gaan kijken?” klonk het klagend vanuit het theaterhuis. Theater, dans en jeugdige muziekgenres bleken gelukkig van topkwaliteit en sloegen aan. Bozar Expo zit dan weer met een financiële kater, met slechts vijftigduizend bezoekers voor de hoofdexpositie. Toch kijkt de Stichting Europalia alweer vooruit: ze werkt al ijverig aan Europalia India 2013. Jean-Marie Binst

ADVERTENTIE

WIN

EEN ROMANTISCHE NACHT IN HET ATOMIUM *de v spel ioolniet er is grep inbeen :)

NEEM DEEL AAN ONZE TEKENWEDSTRIJD EN WIN EEN OVERNACHTING VOOR TWEE IN HET ATOMIUM, MET DINER BIJ KAARSLICHT & ONTBIJT.

www.atomium.be/love


De beeldentuin van het KröllerMüller Museum op de Hoge Veluwe werd tussen 1955 en 1964 aangelegd door J.T.P. Bijhouwer (l.) en is work in progress: rechts recent werk van Dan Graham.

© RENÉ PECHÈRE BIBLIOTHEEK

J.T.P. BIJHOUWER. © RENÉ PECHÈRE BIBLIOTHEEK

BDW 1314 PAGINA 20 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

Groen > Eerste Literaire Prijs René Pechère voor Nederlandstalige boeken

Tuinboeken voor de salontafel ELSENE – Met een bronzen trofee van de Tervurenaar Tom Frantzen heeft de René Pechère Bibliotheek voor het eerst Nederlandstalige literatuur over tuinkunst bekroond. In 2008 en 2010 ging de Prijs René Pechère nog uitsluitend naar boeken in het Frans.

E

erst geven we de prijzen mee die zopas werden uitgereikt, dan een beetje petite histoire. Negen juryleden selecteerden onder voorzitterschap van initiatiefnemer en erfgoedonderzoeker Herman Van

den Bossche vorig jaar vijf boeken voor de eerste Nederlandstalige literaire prijs René Pechère voor tuinkunst, en dat begrip gaat heel breed. Ze kozen uit een longlist van 34 boeken, die niet langer dan vijf jaar

schapsarchitectuur. Eén boek was enkel in het Nederlands verschenen, de overige zijn in twee tot zes talen uitgegeven. Kortom, verscheidenheid troef. Laureaat 2011 werd de biografie J.T.P. Bijhouwer (1898-1974) – Grensverleggend landschapsarchitect van de hand van Gerrie Andela (uitg. 010, 2011). Andela portretteert hierin op een wetenschappelijke én toegankelijke manier een van de

uitgegeven zijn. Vier genomineerde boeken kwamen uit Nederland, één uit België. Of: twee met een Europese blik en drie met een beperkte invalshoek. Of nog: twee historische boeken en drie werken over land-

invloedrijkste Nederlandse tuin- en landschapsarchitecten. Bijhouwer, vooral bekend van zijn beeldentuin bij het Kröller-Müller Museum (1955-1964), trok als jonge botanicus met een tentje naar Amerika om planten te verzamelen, en bracht het tot eerste hoogleraar in zijn vak aan de befaamde Landbouwhogeschool in Wageningen en aan de Technische Universiteit Delft. Als groenconsulent en stedenbouwkundige heeft hij

Zeven laureaten Vormgeving > Laureaten Fernand Baudin Prijs krijgen expositie in Wiels

Pluim voor best verzorgde boeken © MANUELA DECHAMPS OTAMENDI

BRUSSEL – In Sint-Lukas werd uit een stapel van 109 ‘keurig nette’ Brusselse en Waalse boeken een selectie gemaakt voor de Fernand Baudin Prijs. De zeven best verzorgde boeken verdienden drie prijzen per boek: één voor de grafisch vormgever, één voor de uitgever en één voor de drukker. Iedereen gelukkig. Wat over het Kanaal bekendstaat als well got-up books, wordt in onze contreien al gauw te bescheiden ‘een knap boek’ genoemd. Gelukkig is er de Fernand Baudin Prijs, naar de gelijknamige typograaf, lesgever en auteur (van onder meer L’effet Gutenberg). De prijs is in het leven geroepen door Brussels Export, en heeft nu ook Wallonie-Bruxelles International (WBI) en het Waalse agentschap voor export en buitenlandse investeringen Awex als steunpaal. De prijs zet een pluim op de hoed

van uitgeverijen van mooi verzorgde boeken uit Brussel en Wallonië. In januari kwam de internationale jury bijeen, met als voorzitter de Zwitser Urs Lehni. Hij is grafisch vormgever, uitgever en docent aan de Hochschule für Gestaltung in Karlsruhe. In de specialistenjury zaten nog ronkende namen, zoals Mieke Plaizier van kaarten-, affiche- en boekhandel annex drukkerij Plaizier. Van de honderdtwintig inzendingen kwamen er 109 in aanmerking om beter bekeken te worden. Daar-

Vormgeefster Manuela Dechamps Otamendi werd bekroond. uit werd een shortlist van 27 boeken gevlooid. Uiteindelijk bleven

er zeven over, bekroond om hun grote kwaliteit in concept (grafiek en uitgave), uitvoering (druk en opmaak), hun vernieuwing en het productietechnisch werk. De selectie motiveren doet de jury niet. De prijsbeesten krijgen samen een catalogus die zal verschijnen naar aanleiding van de tentoonstelling rond hun werk in Wiels (23-25 maart, www.wiels.be). Bij de vernissage worden de Fernand Baudin Prijzen uitgereikt. Nadien gaat de tentoonstelling op reis, naar Wallonië en naar het buitenland. De boeken komen in aanmerking voor de wedstrijd ‘Mooiste boeken van de hele wereld’ op de beurs van Leipzig. JMB

n Baucher/Blondel/Filippone (uit­gever La Cambre, vormgeving Ma­nuela Dechamps Otamendi, drukker Snel Grafics) n Louie Louie (drukker Compagnons du Sagittaire, vormgevers Coline Sunier en Charles Mazé) n Growth (uitgever Sternberg Press en Ursula Blickle Stiftung, vormgever Boy Vereecken en drukker Cassochrome) n Moments d’espace / Moments of space – Joëlle Tuerlinckx (uitgeverij Wiener Secession/Revolver Publishing, grafisch design Thomas Desmet en Joëlle Tuerlinckx, drukker Ueberreuter Print) n Spectres (uitgever ASA/Wiels, vormgeving Studio Luc Derycke, drukker New Goff ) n Molla Nasreddin (uitgever JRP Ringier, vormgeving Stavs and Tatars (Boy Vereecken) en drukkerij Die Keure) n Carrara – Aglaia Konrad (uitgever Roma Publications, vormgever Roger Willems en Aglaia Konrad, drukker KDR Marcom).


het Nederlands/Engelse Lexicon van de tuin- en landschapsarchitectuur, een verklarend vakboek met leerrijke essays als toemaatje, van Meto J. Vroom (uitg. Blauwdruk, 2005/2010), en om de monografie Hex, een prinselijk landgoed ontsluierd van Chris De Maegd (uitg. Mercatorfonds, 2007). Een tuinkunstboek vol oude illustraties en hedendaagse foto’s van het achttiende-eeuwse Limburgse landgoed, en voor de jury een echt ‘koffietafelboek met inhoud’. Dus toch ook iets van een Vlaamse erkenning. Daarnaast stipte de jury On site – Landschapsarchitectuur in Europa aan, met tien essays en een portret van 47 recente projecten van landschapsarchitectuur in Europa (uitg. Blauwdruk, 2009), geschreven door het internationale schrijverscollectief Collectief. Ook een stip kreeg de Nederlands/Engelse catalogus bij een tentoonstelling uit 2008 in het paleis Het Loo (Apeldoorn): Landschappen en verbeelding. Vormgeven aan de Europese traditie van de tuin- en landschapsarchitectuur 1600-2000 (uitg. NAi, 2008), rijke-

ADVERTENTIE

S OCIALE V ERHUURKANTOREN

Verhuur uw woning zorgeloos Gegarandeerde huur elke maand Verzekerd verhuurbeheer Onderhoud van uw woning Steun voor de renovatie Fiscale voordelen

www.fedsvk.be 02 412 72 44

M�� �� ����� ��� ��� B������� H������������� G�����

ACH K TR

‘Tuinkunst’ gaat heel breed

lijk geïllustreerd met tuin- en parkprojecten van 1593 tot 2007. Tot zo ver de prijzen, nu nog even over de René Pechè­re Bibliotheek zelf. Een Hollands paard krijgt de hik mocht het weten dat tuinkunst en -aanleg en landschapsarchitectuur in Brussel ‘taalgerelateerd’ zijn. Het is een oud zeer dat de ‘francofoon’ georiënteerde Bibliothèque Pechère (het Nederlandse luik van www.bvrp.net blijft maar ‘in aanbouw’) niet ressorteert onder het tweetalige Brussels Hoofdstedelijk Gewest, maar voor subsidiëring is doorgeschoven naar de Cocof, zeg maar het parlement van de Franstalige Brusselaars. Voor alle duidelijkheid: de Cocof ontfermt zich alleen over instellingen onder de vleugels van de Franse Gemeenschap. De vereniging die voor haar werkterrein ‘tuinkunst en landschapsarchitectuur’ onderdak kreeg bij het Civa (het internationaal centrum voor de stad, de architectuur en het landschap in de Elsense Kluisstraat), wil zich sinds enkele jaren meer in de kijker werken. Na de tuin­ architectuurwedstrijd voor de Brusselse overheid en het open weekend Tuinen in feesttooi (in de herfst) is er sinds het herdenkingsjaar van de honderdste verjaardag van landschapsarchitect René Pechère (2008) ook een literatuurprijs. Dat Franstalige tuinboeken (dus niet enkel Belgische) bekroond werden door de Bibliotheek, was mooi, maar kon niet blijven duren. Er werd beslist om ook maar een Nederlandstalige literaire prijs uit te reiken. (Belangrijk om te weten is dat de vereniging een deeltijdse werkkracht bij de Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) hoopt te krijgen.) Het archief- en onderzoekscentrum moet tegen 2014 weg uit het Civa. Beide instellingen barsten uit hun voegen en zoeken naar nieuwe open ruimte. Jean-Marie Binst

© NIC

de moderne tuinkunst mee vormgegeven. Zijn persoonlijk werkarchief bestond niet meer – een deel ging in de oorlog in vlammen op –, waardoor een lijvige monografie zeer welkom was. Andela mocht de trofee van Frantzen naar Nederland nemen, een bronzen palmtakje dat een discus door­prikt. Daarnaast kregen twee boeken een ‘speciale vermelding’. Het gaat om

ET

BDW 1314 PAGINA 21 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

Nick Trachet BRUSSEL EN DE WERELD CULINAIR ONTDEKT

Lijnzaad Kom ik dit tegen in de supermarkt, ergens tussen het broodmeel en de suiker. Lijnzaad, oeroude voeding of kraaknieuwe keuken? Een vreemde historie. Het zit in een pakje met een oud vertrouwd merk. De deegwaren van onze voorvaderen kwamen uit deze fabriek in Roeselare, ooit een wereldspeler in de vermicelli- en macaronibranche. Welk groot­ouderlijk huis heeft geen kunstreproducties hangen die verkregen zijn met het inwisselen van vlijtig uitgeknipte Soubry-punten? Bloem en broodmeel (met aandacht voor de broodmachine) behoren vandaag ook tot hun specialiteiten. En dan verpakken ze nu dus ook lijnzaad voor huishoudelijk gebruik. Lijnzaad in onze keuken is geen traditie. Ik ben het gaan opzoeken in oude keukenboeken, en nergens, maar ook nergens vond ik verwijzingen naar lijnzaad in de recepten van onze grootouders. Maar wel in de allernieuwste boeken. Daar wordt lijnzaad al eens vermeld, en dan wordt erop gewezen dat het gezond is en dat het mag bogen op een oeroud gebruik. Zo aten de Grieken en Romeinen naar het schijnt lijnzaad. Hoe komt het dat de oudere Franse schrijvers, die de antieke leermeesters zoveel hoger in aanzien hadden dan wij vandaag, dit over het hoofd hebben gezien? Geen idee. Ook lees ik dat lijnolie lang geleden op tafel stond bij de tsaren van Rusland en dat Egyptenaren hun foelmedames of bonenpuree bestrooiden met lijnzaad, zeker al in de negentiende eeuw. Plots is het dus voedsel met een pedigree. Hoe dan? Lijnzaad is afkomstig van een lieflijk kruid: het vlas (Linum usitatissimum L.). Deze plant, die in een eigen familie zit, de Linaceae, komt van oorsprong uit Indië en heeft prachtige blauwe bloempjes. Ze wordt al sinds de oudheid heel veel gebruikt (precies wat usitatissimum betekent: ‘heel veel gebruikt’): zowel de vezels, de zaden, de olie als het kaf zijn nuttig. Het lijnzaad wordt universeel gebruikt als beestenvoer. De mens perste de lijnolie voor industrieel gebruik: olieverf, mastiek, impregnering, linoleum, smeermiddel, verlichting. Ook de perskoek werd dankbaar als veevoer gebruikt.

Maar de mens at de olie zelf niet! Het verhaaltje van de tsaren laat zich verklaren door – ik schreef het al vaker – het oliegebrek bij onze voorouders. Sommigen hadden geen keuze, en Rusland was tot Peter de Grote een achterlijk land. Dat de Egyptenaren het zaad over de bonenpuree strooiden, is culinair interessant, want de krakende zaadjes geven een apart mondgevoel in combinatie met het gladde bonenmoes. Pure fun dus, zonder voedingsgedachte. In deze tijd is men op zoek naar voedsel dat ons leven kan redden. En lijnzaad bevat bijzonder veel alfa-linoleenzuur, het geroemde omega 3-onverzadigd vetzuur dat zo goed schijnt te zijn voor onze tikker en onze aderen. Dat was vroeger juist het probleem. Dit vetzuur is bijzonder onstabiel en wordt dus snel rans. Niet lekker. Zo slecht zelfs dat een Franse wet expliciet verbood om lijnolie voor menselijke consumptie te verkopen, tot in het jaar 2010! Gewetenloze olieslagers durfden het immers sluiks te vermengen met edeler oliën. Jarenlang is er onderzoek gedaan naar vlas met een lager onverzadigd gehalte, teneinde een makkelijker bruikbare olie te krijgen. Vandaag kunnen we de olie beter stabiliseren, maar dat zal met allerhande additieven moeten gebeuren. Blijft het zaad als zaad zelf. Zolang de olie in het zaadje blijft zitten, gebeurt er niets verkeerd met de olie. Want het zaad (niet de olie) bevat antioxidanten, die ook nuttig zijn voor de olie en voor ons lichaam. Jammer genoeg zitten in die zaadjes ook stoffen die de opname van de gezonde oliën zouden blokkeren en nog wat andere giftige stoffen, maar zo gaat dat met natuurlijk voedsel, het combineert bijna altijd iets gezonds met iets ongezonds. Op het pakje hier staat geen enkele gezondheidsclaim. Soubry zegt niet dat u meer lijnzaad moet eten voor dit of tegen dat. Ze geven wel aan dat lijn-

Zo gaat dat met natuurlijk voedsel: het combineert bijna altijd iets gezonds met iets ongezonds zaad rijk is aan vezels (het kraakgevoel onder de tanden), aan calcium en aan ijzer. Mijnheer Soubry zegt bescheiden dat u er brood mee kunt bakken. In een van mijn vroegere stukjes kwamen we vlaszaad ook al tegen als ingrediënt van een ‘vijftiengranenbrood’. Maar lijnzaad is natuurlijk geen graan! Op die manier brood bakken zou wel “origineel en lekker” zijn, zelfs “uniek”. Vijftig gram toevoegen aan het deeg voor een brood van vijfhonderd gram en hupsakee: origineel brood. Misschien zijn er nog ‘fun-toepassingen’? Ik proefde een lepeltje en knabbelde op de hobbelige zaadjes. Een plantaardig aroma, met achterin de herinnering aan ouderwetse verf. Ik liet ze poffen in de pan. Dat is letterlijk te nemen. Ze schoten omhoog met een knalletje en vielen soms terug waar ze vertrokken waren. Ik kan u verzekeren: gepofte lijnzaadjes zijn grappig lekker. Om zo over eten te strooien, over een groene sla, bijvoorbeeld. Of op bonenpuree, uiteraard. Smakelijk. nick.trachet@bdw.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/trachet


BDW 1314 PAGINA 22 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

Philippe Hunt: “In mijn jonge jaren droomde ik van diepgaand onderzoek, van mensen de ogen openen met baanbrekende geschriften. Het is er niet van gekomen. Maar wat ik nu doe, doe ik graag.”

© MARC GYSENS

© REPROGRAFIE MARC GYSENS

ELSENE – “Mijn vader was Engels, maar hij voelde zich een man van Wales. Van de glooiende heuvels, the Valleys, waar mijn grootvader zijn leven had opgebouwd als kompel. De arbeidscultuur zat niet alleen in het gewroet van elke dag, maar ook in het geschreven woord en in zang. Die rijke cultuur is allerminst toeval. De eerste Europese dichters na de oudheid die niet in het Latijn of Grieks schreven, waren Welshmen.” Philippe Hunt is literatuurwetenschapper en doceert aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten.

O

ndanks zijn Welshe roots is Philippe Hunt een geboren en getogen Brusselaar. “Mijn Belgische grootmoeder kwam uit Henegouwen, mijn grootvader uit de streek van Luik. Hun leven speelde zich af in de buurt van de Ter Kamerenboslaan. Grootmoeder was directrice van L’École du Bois de la Cambre. Ze woonde in de school, tot ze met pensioen ging: toen werd hier aan de Ter kamerenboslaan het familiehuis gebouwd. Een eengezinswoning, art déco du pauvre, tussen huizen met meer cachet. Schuin tegenover het schooltje, waar ook mijn moeder directrice was en waar ik toch wel enkele broeken versleten heb.” “Onze buurt in mijn kindertijd was nog niet was wat ze nu is. Mijn vader was een Brit: toen was dat nog een exoot. Met de jaren zijn er mensen van andere culturen bijgekomen, zeker in andere delen van Brussel. Het heeft het er alleen maar boeiender op gemaakt. Tegelijkertijd is het jammer dat de meeste van die gemeenschappen van heinde en verre de neiging hebben zich in hun eigen kringetje op te sluiten én dat ze aan hun lot worden overgelaten, met economische en culturele achterstand tot gevolg. Daar moet de overheid echt iets aan doen.” “Mijn Brussel, dat is Elsene, waar ik geboren ben. Maar ook Bosvoorde ken ik als mijn

broekzak, veel plekken in Sint-Gillis ook, dat tal van interessante boekhandels en culturele centra telt. In het centrum, waar ik lesgeef aan de Academie voor Schone Kunsten, heb ik ook zo mijn parcours: Tropismes, Passa Porta, De Markten, Het Ivoren Aapje... maar geen Arenberg meer. Mijn Brussel is dan ook vooral het Brussel van de cultuur. En cultuur, dat is voor mij niet alleen literatuur en poëzie, maar ook klassieke muziek, plastische kunsten. Zo ben ik nu bijna een jaar geëngageerd in de zaak van het Museum voor Moderne Kunst dat van de kaart geveegd is, al willen de instanties dat niet met zoveel woorden gezegd hebben. Elke eerste woensdag van de maand protesteren we en eisen we dat men ook in Brussel toegang zou krijgen tot de kunst van de twintigste eeuw en het begin van de 21ste eeuw. Officieel heet het dat er gerenoveerd wordt en dat de collectie daarna weer haar plaats krijgt. De waarheid is anders: het wordt kunst uit de negentiende eeuw. Dat past in het toeristisch gemarchandeer met kunst in Brussel. Na het Magritte Museum, in afwachting van een Kuifje-museum of weet ik veel. Dingen naar voren schuiven die makkelijk te verkopen zijn, toeristen lokken. Een commercieel spel, pal onder onze neus. Onaanvaardbaar. En zeggen dat het museum prat kon gaan op mooie stukken van enkele van onze grote hedendaagse

kunstenaars, figuren die elders hun gelijke niet kennen. Het Vlaams expressionisme is niet het Duitse. Spilliaert is niet te vergelijken met de Franse symbolisten, Rik Wouters niet met de Franse fauvisten. Ze zijn uniek, op hun bescheiden manier, zoals de Belg is.”

Cultuurschok Hunt is geboren in Brussel, thuis in Brussel. Toch heeft hij ook andere oorden opgezocht. In 1983 stak hij de grote plas over om te doctoreren in de vergelijkende literatuur aan de universiteit van Yale. “Voor een academicus is dat een droom. Daar heb je enkele professoren van een niveau dat je je hier niet kunt voorstellen. De bibliotheek – wat zeg ik? –, de bibliotheken zijn van een ongelooflijke rijkdom. Maar het land zelf vond ik een slechte parodie op Europa. En dan het chauvinisme... Nadat ik een hele tijd in Cambodja had verbleven, was ik tijdens de Eerste Golfoorlog een tweede keer in Amerika. Overal vlaggen en vaandels, op de huizen, op de auto’s, tot in de bomen. Triest, intriest...” Naar Cambodja gaan gebeurde door toedoen van een Franse studente Internationale Relaties, die Hunt aan Yale had leren kennen. “Ze wilde absoluut een post in een derdewereldland, om aan ontwikkelingshulp te doen. Haar droom was Latijns-Amerika, maar Cam-

“Van mijn vader erfde ik de liefde voor taal, en voor minderheidstalen in het bijzonder.”

bodja werd haar aangeboden. Zowat de minst begeerde post. Ik wist dat het niet ideaal was voor mijn besognes, toch ben ik meegegaan. Een moment van gekte, van altruïsme? Wie zal het zeggen?” “Uiteindelijk werd het voor mij een ongelooflijke ervaring. Cocktailparty’s van de ambassades en dergelijke kenden we daar niet; het was allemaal heel basic. Het land was arm, maar vrij van hongersnood. Weinig sociale verschillen ook, weinig corruptie. En aangezien er maar een zestigtal westerse expats waren, verspreid over het hele land – kinderen meegerekend! –, was het makkelijk om contact te leggen met de plaatselijke bevolking. De ene kon ik blij maken met een boek in het


BDW 1314 PAGINA 23 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

FREDDI SMEKENS “Officieel wordt het Museum voor Moderne Kunst gerenoveerd en krijgt de collectie daarna weer haar plaats. De waarheid is anders: er wordt een commercieel spel gespeeld, pal onder onze neus”

E giel spel

W

Philippe Hunt, man van de letteren

De uitdaging van de marge Frans of een magazine, de andere door een brief te versturen naar familie in het buitenland. Voor mij was dat een kleinigheid, voor hen een traktatie. Zo geraakte je, met een beetje improvisatie, tot in de hoogste kringen. Ik heb bijvoorbeeld bij mij thuis de oom van (koning en staatshoofd) Norodom Sihanouk te eten gehad, ministers en generaals. Hoogwaardigheidsbekleders die na de maaltijd samen met mij afruimden. Heel bijzonder was dat.” “Daar in het Cambodja van het post-Pol Pottijdperk heb ik afstand kunnen nemen van de waan en de overvloed van onze westerse wereld. Cambodja en al zijn fascinerende aspecten slorpten me op; me verdiepen in de vergelijkende literatuurwetenschap was iets wat me in de gegeven omstandigheden futiel leek. Het was een belevenis die me van de wijs bracht, die ik nooit zal vergeten, die me voor het leven heeft getekend. En dat is goed. Daarom raad ik mijn studenten altijd aan om een jaartje andere lucht op te snuiven. Om alles een beetje in perspectief te plaatsen.” “Cambodja was fascinerend en onvergetelijk, maar ik zag in dat ik in de gegeven omstandigheden mijn thesis nooit zou kunnen afwerken. Dus ben ik teruggekeerd naar Yale. Dat was een cultuurschok. Het was weer van nul beginnen. Helemaal vervreemd voelde ik me, omgeven als ik was door al die mensen die dachten dat hun doctoraat de belangrijkste zaak ter wereld was. Soms zei ik het ook: ‘Wat denken jullie wel!?’ En dat was natuurlijk niet het beste idee (lacht hartelijk).”

weer Brussel. En lesgeven, onder meer aan de Koninklijke Academie voor Schone Kunsten in de Zuidstraat. “In mijn jonge jaren droomde ik van diepgaand onderzoek. Begrijpen, en daarna de anderen de ogen openen met baanbrekende geschriften. Het is er niet van gekomen. Maar wat ik nu doe, doe ik graag. De academie, de oudste kunstschool van België, bestaat dit jaar drie eeuwen. Het is een monument dat Magritte heeft voortgebracht, en Delvaux, Horta, Ensor, Wouters... Lesgeven heeft me door de jaren veel voldoening geschonken, ondanks de penibele situatie van het cultureel onderwijs.” “In mijn lessen heb ik het veel over poëzie, maar ook over essays en romans, soms over theater. Dat gaat tegen de hedendaagse trend in. Mijn Franse studenten bijvoorbeeld maak ik al eens diets dat de eerste dichters van hun land niet in het Frans schreven, maar in het Occitaans. Ik ging er altijd van uit dat ze in het middelbaar de grote klassiekers hebben leren kennen. Tot mijn grote scha en schande moet ik vaststellen dat het niet zo is. Racine, Hugo, Corneille, ze weten niet echt wie dat zijn. Misschien sta ik twintig jaar achter. Kan zijn. Maar tegelijkertijd kan ik er niet omheen dat het culturele niveau van de bevolking er niet op vooruitgegaan is. Er wordt nog amper gelezen. Als ik zie dat tussen de vijf meest gelezen uitgaven in Vlaanderen vier kookboeken staan, dan zegt dat meer dan genoeg.”

Corneille en het culturele gat

De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/ingesprekmet

Cambodja en Yale zijn nu verleden tijd. Nu is er

Karel Van der Auwera

at verstaan we onder e spel, e spelleke of e giel spel in ons Brussels? Alles hangt daarbij af van de specifieke omstandigheden, waarde lezer. ‘Specifiek’ in die zin dat ze, gezien de stad waarin we ons bevinden, een surrealistisch tintje hebben. Wanneer we voor onszelf, of eventueel voor anderen, de opmerking maken: “Da’s hee e giel spel,” dan hebben we het niet noodzakelijk over een droevige of onoverzichtelijke situatie. Het kán uiteraard wel, maar e giel spel kan oek eet plezant of absurd hemme. En gelukkig maar, zou ik zeggen. Het komt dus wel eens voor dat we de opmerking in ons aaige moeke, dat er dus geen derden bij betrokken zijn. In dat geval steekt een soort uitzichtloosheid even de neus aan het venster. Ga dan van de redenering uit: “Da’s hee e giel spel, mo we goen da spelleke agaa neki oplosse.” Onze uitdrukking e giel spel door een optimistische bril bekeken, dus. Het woord spelleke geeft in dat geval aan da alles wel good komt. En meestal is dat ook daadwerkelijk zo. En in het andere geval geven we er uiteraard niet zomaar de brui aan. E giel spel kan natuurlijk ook gebruikt worden wanneer de buitenwereld er wél bij betrokken is. Bij evenementen of omstandigheden die ons begrip en inschattingsvermogen te boven gaan, bijvoorbeeld. Wanneer dat voorkomt, kan “Da’s hee e giel spel” door ons brein ook hertaald worden in een vraag als: “Wa vè e spel es dat hee?” We merken daarbij op het woordje giel daarbij wegvalt. “En da’s nogal weedes!” zal de een of andere aandachtige lezer daarbij opmerken. Over naar wat anders, nu. Een mooi equivalent voor “Wa vè e spel es dat hee?!” is de uitspraak “Ze zaain hee e schuun stuk on ’t speile.” Het voornaamwoord ze wordt natuurlijk vervangen door waaile in het geval dat we zelf actief bij da spel betrokken zijn. Op dat ogenblik krijgen we een duidelijk overzicht van wat we oorspronkelijk als e giel spel hadden ingeschat. U zult, net als ik, waarde lezer, zien dat we dus e giel spel kunne kanaliseire, of zeulf regisseire door er

een prominente, maar ook eventueel een bijrol in te vertolken. Ambiance is in dat geval uiteraard verzekerd. Even over naar de verkleinvorm spelleke nu. Daar kan af en toe een bitter of een zuur smaakje aan kleven. Uitdrukkingen als “Hoo lang goet da spelleke hee nog deure?!” en “Da spelleke begint hee maain voote ooit te hange!” staven die bewering volgens mij. Dan gaat het bijvoorbeeld over het wachte op nen tram, de lengte van ne film of e tejoeterstuk, tot en met het leize van nen boek – en u kunt het lijstje vast nog aanvullen, waarde lezer. Deze Brusselse Kroniek over e giel spel was e giel spel vè er oen te beginne, dat geef ik grif toe. Maar gelukkig maakt licht op het papier zowel u als mij helder, waarde lezer. Anderzijds kan ik me haast zonder moeite schrijvers voor de geest halen die bij het voltooien van een roman, verhaal of toneelstuk – of zelfs een gedicht – in zichzelf zuchtten: “Awel, da was hee e giel spel...” Het kan wat eigenaardig klinken, maar ergens onderken ik in die verzuchting een link tussen creativiteit en haast ongebreidelde speelsheid. En anderzijds, hoe saai zou ons dagelijkse bestaan wel niet zijn moesten we nooit of nimmer met e giel spel geconfronteerd worden, waarde lezer? Ik stel mij in dat geval een school zonder speelplaats voor... Enfin, soit. Lot er ons van ooitgoen da giel ons leive e giel spel es (wat nog niet hoeft te betekenen dat we voortdurend van de ene dag naar de andere huppelen). En sta mij toe voor één keer de moralist uit te hangen. “‘Vè iene ki,’ zeit hem! Mo hij door niks anders!” Niettemin waag ik het erop. Wanneer we, op het einde van de wandeling in dit ondermaanse, nog de tijd hebben om vast te stellen: “Het was e giel spel, mo dikwaails oek e plezant spelleke,” dan zal het al bij al toch e schuin stuk geweist zaain da we gespeld hemme. Ik neem daarbij de dichterlijke vrijheid vè da oan alleman too te weense. Uiteraard sta ik mezelf niet toe om in mineur te eindigen. Laten we dus van elk giel spel en van alle spellekes die ons nog te wachten staan, met volle teugen genieten. Doek.

REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Elsene, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels hoofdstedelijk gewest. Rest van België 15 euro per jaar; rekeningnummer 424-5529822-66 van vzw Brussel Deze Week. Buiten België 25 euro per jaar. DISTRIBUTIE EN PROMOTIE Ute Otten (ute.otten@bdw.be), Lien Annicaert (lien.annicaert@bdw.be), Paul De Weerdt. RECLAME IN BDW Rika Braeckman (rika.braeckman@bdw.be), 02-226.45.41, 0477-97.21.27, fax 02-226.45.69. OPLAGE 70.490 exemplaren. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne (anne.brumagne@ bdw.be). EINDREDACTIE Katrien Stroobants (katrien.stroobants@bdw.be). REDACTIE Jean-Marie Binst (jeanmarie.binst@bdw.be), Christophe Degreef (christophe.degreef@bdw.be), Bettina Hubo (bettina. hubo@bdw.be), Patrick Jordens (patrick.jordens@bdw.be), Freddi Smekens (freddi.smekens@bdw. be), Steven Van Garsse (steven.vangarsse@bdw.be), Danny Vileyn (danny.vileyn@bdw.be). REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele (isabelle.devestele@bdw.be), Gerd Hendrickx (gerd.hendrickx@bdw. be). MEDEWERKERS Michaël Bellon, Lieven Bulckaert, An Devroe, Eva Hilhorst, Ilah, Wauter Mannaert, Francis Marissens, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Steven Vandenbergh, Karel Van der Auwera, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Sander de Wilde, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. VORMGEVING Peter Dhondt (peter.dhondt@bdw. be). FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh (manu.dehertogh@bdw.be). VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Marijke Vandebuerie (marijke.vandebuerie@bdw.be). Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie. ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).


BDW 1314 PAGINA 24 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

Zwemmen > François Heersbrandt breekt door met twee medailles op EK

‘De Olympische Spelen, daar sta je voor op’ BRUSSEL – François Heersbrandt is de eerste Belgische man die een Europese me­ daille veroverde in klein bad. Ondanks zijn 22 lentes sleurt de zwemmer al heel wat ba­ gage en ervaring mee. De volgende etappe is een finaleplaats op de Olympische Spelen. En daarna? “Ik pak het stap per stap aan.” “Ik ben pas op mijn veertiende serieus met zwemmen beginnen om te gaan,” vertelt de naar Waver uitgeweken Brusselaar. “De passie voor zwemmen is er altijd geweest, dankzij mijn moeder, maar het is lang gewoon een hobby geweest. Tijdens mijn puberjaren investeerde ik steeds meer tijd in de sport, en de resultaten volgden.” “Haast heb ik nooit gehad. Ik ben op mijn ritme gegroeid en dat heeft me veel bijgebracht. In tegenstelling tot anderen ben ik mentaal en fysiek nog helemaal niet op.” Bij de junioren streed Heersbrandt regelmatig mee voor de knikkers. In 2007 werd hij zelfs twee maal vierde op het Europees kampioenschap bij de junioren en kreeg hij zicht op de Olympische Spelen van Peking. “Ik kwam één seconde te kort om de limiet te halen en ben er als een gek voor gaan werken, met resultaat. Uiteindelijk was ik de op een na jongste atleet van de Belgische delegatie, na een hockeyspeler. Het was een ongelooflijke ervaring, die me nog meer heeft gemotiveerd. Sportief was het geen hoogvlieger, maar het belangrijkste toen was deelnemen. Ik stelde nieuwe doelen voor-

de  CLUB

Op het Belgisch kampioenschap in Molenbeek in mei 2008 toonde François Heersbrandt zich in bloedvorm: met 54.35 haalde hij een Belgische titel op de 100 meter vlinderslag.

© MICHEL GOUVERNEUR / REPORTERS

Phenix Volley, Sint-Agatha-Berchem

‘De tijd van de sponsorende slager is voorbij’ “Jongeren houden het niet meer bij één hobby of sport,” zegt voorzitter-trainer-speler Emmanuel Willems (44). “Tien, twintig jaar geleden had je nog ouders die erop aandrongen dat hun kroost het bij één activiteit hield. Vandaag zappen ze constant. De jongeren die doorgroeien, zijn meestal kinderen van spelers.” Het dalende aantal volleyballers was een van de redenen van Phenix’ ontstaan. Volleybalclub Zeppelin had een goede verstandhouding met de gemeente Sint-Agatha-Berchem, maar verloor leden. Volleybalclub Body had dan weer de leden, maar zocht betere infrastructuur. Ze fuseerden en zien vandaag, na een paar moeilijke jaren, hun ledenaantal opnieuw wat stijgen. “We hebben een vijftigtal leden, verdeeld over vier ploegen. Nieuw is onze jeugdploeg, die aan een aangepaste jeugdcompetitie deelneemt. Ze spelen bijvoorbeeld twee tegen twee en mogen in het begin de bal vangen in plaats

© PHENIX VOLLEY

BRUSSEL – Volleybalclub Phenix heeft geen echte thuisbasis. Door de drukke bezetting van de Brusselse sportzalen moeten ze in maar liefst vier gemeentes trainen.

“In recreatieve ploegen komt iedereen aan de beurt. Bij ons niet: de besten spelen.”

van meteen te toetsen. Zo wordt geleidelijk aan opgebouwd naar het ‘echte’ volleybal. Tijdens die beginjaren leren de spelers hun speelruimte te bepalen, welke bal voor hen is. Elke speler heeft een specifieke taak die niet noodzakelijk gelinkt is aan zijn positie op het veld op dat moment. Dat is niet gemakkelijk aan te leren.” Volleybal heeft het voordeel dat het regelmatig wordt gespeeld op school. Al ziet Willems dat toch enigszins anders. “Als kinderen bij ons komen en zeggen dat ze volleybal spelen op school, dan antwoorden we meteen dat dat geen volleybal is. Met twintig op één veld en één bal, daar leer je de sport niet. Op onze trainingen zijn er minimaal twaalf ballen, één per persoon. Dat is een basisvereiste. Volleybal is een zeer technische sport en vraagt een hoge reactiesnelheid.” Naast de jeugdploeg heeft Phenix ook een jongensploeg in derde provinciale en zowel een mannen- als vrouwenploeg in eerste provinciale. De Brusselaars kiezen resoluut voor de competitie. “Mensen die komen om gewoon wat te spelen, zijn bij ons aan het ver-


BDW 1314 PAGINA 25 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

op en besefte toen dat het mogelijk was dat ik ooit de wereldtop zou aankunnen.” Terug in België bleken de trainingsfaciliteiten niet meer te volstaan, dus besliste Heersbrandt naar het Franse Toulouse te trekken. Samen met andere zwemtalenten kreeg hij dagelijks urenlang training. Plezier werd pure ernst. “Van acht tot twaalf en van vier tot halfzeven: elke dag stonden er stevige trainingen op het programma. Maar het tweede jaar heeft me een wrange nasmaak gelaten. We trainden steeds in groep, terwijl ik specifieke trainingen gewoon was. Ik ben er dan ook ontgoocheld vertrokken. Achteraf gezien heb ik er wel belangrijke lessen getrokken, ik heb mezelf beter leren kennen. En de nodige ervaring opgedaan dankzij de vele internationale competities.” “Een paar maanden na mijn terugkeer naar België hebben we in januari 2011 een ploeg

“Na de Spelen van 2008 besefte ik dat ik misschien ooit de wereldtop zou aankunnen”

rond mij gevormd met onder meer mijn trainer Rudy Declercq, een kinesist, een physical trainer en een diëtist. We werken met één doel: mij sneller laten zwemmen. En het lukt. Sindsdien maak ik constant vooruitgang.” Dat werd in december verzilverd op het Europees kampioenschap in klein bad (25 meter). Heersbrandt behaalde een bronzen medaille op de 100 meter vlinderslag met een Belgisch record, en onder zijn leiding werd de estafette­ploeg derde tijdens de finale van de 4x50 meter vrije slag. “Nochtans zag ik het aanvankelijk niet echt

zitten, omdat ik niet meteen topprestaties verwachtte in een 25 meter-bad. Maar ik heb hard gewerkt aan mijn minpunten en de specifieke technische parameters. Dat wil ik nu naar het groot bad overbrengen. De Olympische Spelen worden ook alleen in groot bad gezwommen.” “De media-aandacht die erbij komt kijken, vind ik wel leuk. Ik had het bij mijn deelname aan de Spelen al meegemaakt. Het is positief voor onze sport dat ze eindelijk wat meer aandacht krijgt in België.”

Bijschaven Zonder veel druk zwom Heersbrandt twee weken geleden onder de limiet voor de Olympische Spelen. Hij kan zich nu zes maanden lang rustig voorbereiden op het toernooi, waar hij wil schitteren. “Ik droom natuurlijk van een medaille, maar een finaleplaats zou al heel mooi zijn. Ik ga geen doelen voorop stellen die een negatieve impact kunnen hebben op mijn prestaties. Tot nu toe heb ik nog geen finaleplaats behaald op een wereldkampioenschap, dus laten we rustig blijven. Ik heb alvast een uitstekende herinnering aan de Spelen van 2008. Ik sta op en ga trainen met het doel er weer te staan.” De 100 meter vlinderslag is de geliefkoosde discipline van Heersbrandt. Hij kan naar eigen zeggen een grote afstand afleggen met relatief weinig bewegingen, samen met zijn kracht een serieus pluspunt. Maar er is nog heel wat schaafwerk. “Mijn start, het keren: heel wat technische parameters moeten nog beter. Daar blijf ik hard aan werken. In het zwemmen zelf ben ik al top. Ik voel dat ik het laatste jaar een stap vooruit heb gezet. Mijn volgende doel is het Europees kampioenschap, in mei in Antwerpen. Voor eigen publiek wil ik iets tonen.” “Ik bekijk alles stap per stap. Te ver vooruitkijken haalt toch niets uit. Soms ben ik verrast door mijn prestaties. Gelukkig. Dat is de magie van sport. Hopelijk kan ik wat van die magie brengen op de Olympische Spelen van Londen.”

Tim Schoonjans

CreatieVE fitness VOL VARIATIE

keerde adres. In recreatieve ploegen krijgt iedereen zijn beurt. Bij ons niet: de besten spelen. Tijdens de trainingen wordt er dan ook hard gewerkt, maar achteraf is er steevast een derde helft. De mannen en vrouwen trainen nu op hetzelfde tijdstip in dezelfde zaal, en dat zorgt voor een leuke sfeer. Elk jaar nemen we ook deel aan verschillende competities waar met gemengde ploegen wordt gespeeld. Er zijn ondertussen heel wat koppeltjes binnen de club, en er komen er nog regelmatig bij.” Het eeuwige probleem van een amateurclub is het financiële en menselijke kapitaal. “Het zijn altijd dezelfde mensen die tijd en energie investeren. Ik moet bijvoorbeeld drie taken combineren. Ik doe het met plezier, maar toch... We moeten ook allerhande festijnen opzetten om geld in te zamelen. Subsidies van de gemeente Sint-AgathaBerchem voor onze jeugd helpen wel, maar daarmee kom je er niet. De tijd dat de lokale middenstand sponsorde, is voorbij.” TS

David Steegen Op scherp We zijn bijna voltallig. Alleen Ali voetbalt niet mee. De Stier van de Bosporus staat al maanden aan de kant met een aanslepende blessure. Trouw staat hij aan de kant om ons een hart onder de riem te steken. Iedereen is mooi op tijd voor de derby: fusieclub Royal Sporting Club Union Progrès Diele­ghem Jette (RSD) tegen het kleine broertje, gemeentegenoot Ritterklub. Een mond vol tegen drie lettergrepen. RSD Jette staat eerste met drie punten voorsprong op Ritterklub. Veteranenvoetbal is spannend. De wedstrijdvoorbereiding wordt verstoord door de onverwachte bezetting van ons veld. De wedstrijd Potagé-Opel Boys is te laat begonnen. Who are you? We moeten een halfuur wachten. We balen. Ik kan maar één helft meespelen. Zaterdagnamiddagvoetbal is een wezenlijk deel van mijn persoonlijke evenwicht. Mijn vrouw begrijpt dat niet. Geen erg. Dat broze evenwicht wordt grondig verstoord door de gebrekkige wedstrijdorganisatie daar aan de Heymbos. Zoals alle toppers begint de wedstrijd gespannen en gesloten. Het nieuwe kunstgrasveld, dat na jaren van politieke touwtrekkerij eindelijk aangelegd is, voetbalt nog niet lekker, maar het bevordert ons voetbal wel. De veteranen van Ritterklub proberen in alle omstandigheden te voetballen. Keeper Bart is een Ajax-doelman. Hij voetbalt mee. Stanley Menzo in het wit. Koen-Jan is een heerlijke voetballer met vista. Altijd overzicht. Nicolás Pareja. Benny rent, breekt, bouwt op zodat anderen dat niet hoeven te doen. Yves Vanderhaeghe. David heeft een onvermijdelijke drang naar voren. Frank Lampard. Dilma houdt hun beste speler in bedwang en is een onvermijdelijke offensieve schakel, box-to-box. Steven Ger-

www.brusselnieuws.be/steegen David Steegen is persverantwoordelijke van voetbalclub RSC Anderlecht

JOGGEN IN BRUSSEL: PRO’S EN CONTRA’S

SINT-JANS-MOLENBEEK – Op 5 fe­ bruari zet het Stadium-complex zijn deuren open voor de eerste grote fitnessconventie.

JETTE – Is joggen in Brussel gezond? Die vraag staat centraal tijdens het info­ moment van de joggingclub Loop Je Fit in gemeenschapscentrum Essegem.

De Belgische fitnessfederatie Fitelit werd vorig jaar geboren en wil freestyle fitness in België en Luxemburg promoten. Bij freestyle wordt afgestapt van de vele opkomende fitnessconcepten. Met persoonlijke, creatieve en gevarieerde lessen slaat de freestyle-beweging een andere weg in en kiest ze resoluut voor authenticiteit. Op 5 februari wordt op de eerste Fitelit-conventie heel wat schoon volk verwacht. Internationale fitnesssterren als de Spanjaard Israel Mallebre en de Fransman Alexandre Mallier komen dan naar het Stadium-complex om naast de Belgische lesgevers een les voor hun rekening te nemen. Op het programma staan zes fitnesssessies waar telkens één uur aan een stuk stevig gezweet zal worden. Na het onthaal om tien uur gaat de eerste les om halfelf van start. Deelnemen kost 30 euro voor heel de dag of TS 12 euro voor één les naar keuze.

Sportarts Chris Goossens waarschuwde een tijd geleden voor buiten sporten in de stad. Een studie onderschrijft die waarschuwing door een verband aan te tonen tussen luchtvervuiling en long- en hartaandoeningen. De materie roept heel wat vragen op. Op donderdag 16 februari worden vanaf 20 uur antwoorden verwacht in gemeenschapscentrum Essegem (Leopold I-straat 329). Dokter

www.fitelit.com

rard. Yves beheerst, ietwat onstuimig, de linkerzijde van het veld. Als Niels Albert al een duin naar hem genoemd krijgt, dan mag de linkerflank van het kunstgrasveld van de Heymbos ‘Yves’ gedoopt worden. Daarachter staat Hugo of Spinne. De eerste is polyvalent en komt wanneer we hem nodig hebben, de tweede is een onvervalste back. Jean Thissen, Bertrand Crasson. En dan is er Fré. Dertiger, de jongste, de snelste. Leraar L.O. Die heeft nooit een excuus om niet te presteren. Bart Goor on speed. Hij ontsnapt aan rood na natrappen. Tijdens de rust, net voor ik moet vertrekken, probeer ik hem aan het verstand te brengen dat hij de sleutel van de derby is. Inzicht, snelheid en voetbalverstand zullen zegevieren. Bruno is mijn maatje. Bruxellois. Un vrai, nen echte. Hij kan overal uit de voeten. Met een blinddoek vind ik hem en vindt hij mij. Lorenzo Ebecilio. Aan de andere kant staat Gunther, aangespoelde Gentenaar, getrouwd met een Jetse uit Italië. Gunther houdt het midden tussen Alex Czerniatynski en Kenneth Brylle; een vleugje Eric Viscaal ook. Zijn zoontje is al opgemerkt door de RSCA-scouts. Ramazan is onze nieuwste aanwinst. Het Turkse loopwonder dicht alle gaten. Nico en Piero zijn onze Italiaanse supersubs, de wissels op de toekomst. En laten we onze coach Alain niet vergeten. Franco Baresi op het veld, Enzo Bearzot ernaast. Google die naam. Kam­pioenenmaker. Hardvochtig en fair. Ritterklub-RSD Jette: 3-1. The winner takes it all.

Marc Goethals, cardioloog van het OLV-ziekenhuis van Aalst, en anderen snijden verschillende thema’s aan. Hoe erg is de luchtvervuiling bijvoorbeeld in en rond de stad? Waar liggen de ‘slechte’ plaatsen om inspanningen te doen? Is het aangewezen om te joggen en te wandelen in het Laarbeekbos, zo pal naast de Ring? Wat zijn de gevolgen van de vervuiling? Deelnemers krijgen tips mee om ‘gezond’ te joggen en kunnen zich inschrijven voor de cursus Loop Je Fit, die op woensdag 29 februari van start gaat in het Jetse Boudewijnpark. TS

OP ZOEK NAAR HET SPORTHART VAN BRUSSEL BRUSSEL – FM Brussel is op zoek naar het sporthart van Brussel. Welke sportclub maakt van Brussel een betere stad? De klassieke sportclub wordt gedragen door vrijwilligers die tijd noch moeite sparen om alles in goede banen te leiden. Mannen en vrouwen die te weinig aandacht krijgen, maar nu even in de schijnwerpers worden gezet. Ploegen kunnen zich nog tot en met 16 februari kandidaat stellen op www.fmbrus-

sel.be. De ingeschreven clubs worden dan tussen 20 februari en 2 maart voorgesteld; de strijd tussen de vijf finalisten wordt tussen 5 en 9 maart beslecht. De winnaar kan uitpakken met de titel ‘Sporthart van Brussel’, en daar blijft het niet bij: de club krijgt ook een geweldig FM Brussel-feest en wint TS de live-uitzending van een activiteit. Meer bij Bart Blockmans, bart@fmbrussel.be of 02-800.08.28


BDW 1314 PAGINA 26 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

AFLEVERING 4

Ontdek het surrealisme met de vijfde klas van basisschool De Bron

Aangename kennismaking,

meneer Magritte!

zaIE

DOOR PATRICK JORDENS

Z

de werkelijkheid na te tekenen (realisme), terwijl anderen juist liever afbeelden wat ze dankzij de fantasie in hun hoofd ‘zien’. Zoals de Spaanse schilder Salvador Dalí, of de Brusselse kunstenaar René Magritte. Die wilden schilderijen maken die aan dromen doen denken. Want onze dromen, daar is ook vaak iets vreemds mee. Daarin gebeuren dingen die niet helemaal ‘kloppen’. Op een van de bekendste schilderijen van Magritte, ‘Het rijk der lichten’, is het dag en nacht tegelijk. Toen het surrealisme in Parijs ontstond, omstreeks 1924, waren veel mensen geschokt door wat ze zagen, want het was toen een compleet nieuwe richting in de kunst.

Voornamen-aria Cindy en haar vogelhaasgiraf: “Gewoon, ik zag een paar blokjes hout liggen en zo kwam ik op het idee.”

© SASKIA VANDERSTICHELE

Ze zagen, ze boren, ze hameren erop los... In het houtatelier van het ABC-huis heerst een creatieve drukte. De vijfdeklassers van De Bron in Sint-Gillis werken er volop aan hun surrealistische kunstwerkjes. “Surrealisme is kunst waarvoor je je fantasie moet gebruiken,” legt Cindy uit aan Zazie.

Het lijf van een giraf, de kop van een vogel en de oren van een haas... Cindy’s fantasiebeest is bijna klaar. “Ik maak surrealisme,” zegt ze. “Surrealisme is kunst waarbij je dingen samenbrengt die in het echt apart bestaan, om er zo iets nieuws van te maken. De juf toonde ons een schilderij van de schilder Magritte: daarop heeft hij een wortel en een fles samengevoegd, en zo krijg je iets raars. Een wortelfles of zo... Het is als in een droom.” En hoe is Cindy op het idee voor haar vogelhaasgiraf gekomen? “Gewoon, ik zag stukjes hout liggen en door de vormen van die blokjes kwam ik op het idee voor mijn beest.”

ABC van de kunst Cindy is met de klas op bezoek in het ABC-huis.

Dat is een plek in Schaarbeek waar je zelf volop kan tekenen, schilderen, knutselen, in kunstboeken kijken, gedichten maken... Elk jaar is er een ander thema, en dit keer is dat ‘surrealisme’. “We komen hier elk jaar terug, al sinds het eerste leerjaar,” zegt Roberto, ”en ik vind het altijd leuk. We doen hier dingen die we nooit thuis of op school doen. Zoals met een lijmpistool schieten (lacht).” En intussen zaagt hij naarstig verder aan zijn ‘SpongeBob-auto’. “Want SpongeBob, die is ook nogal surrealistisch, toch?!” zegt Roberto.

Dromen met open ogen Realisme, dadaïsme, kubisme, surrealisme... er zijn zoveel verschillende stijlen in de kunst. Sommige kunstenaars proberen zo goed mogelijk

“Surrealisten vonden vaak toevallig iets, en dan gingen ze ermee aan de slag,” vertelt ABC-gids Janne aan de vijfdeklassers. “Op die manier maakten ze hun kunstwerk, zonder dat ze van tevoren wisten hoe het eruit zou zien. Zullen we eens proberen een surrealistisch gedicht te maken met de eerste letters van jullie voornaam? Schrijf de letters onder elkaar en bedenk voor elke letter een woord, het eerste dat in je opkomt.” Bij Aïman wordt dat Aap / Ik / Mijn / Aardappelen / Naam. “Door het op een speciale manier te lezen, met wat intonatie en ritme, kun je laten horen dat het om een gedicht gaat,” geeft Janne mee. Haar woorden zijn nog niet koud of Aïman zingt zijn gedicht alsof het een opera-aria is. Door de vele aaaa’s na elkaar klinkt het nog goed ook. Zo simpel kan surrealistische poëzie zijn. Probeer het eens, misschien zit er ook in jouw naam een opera!

Meer weten? Luister dan naar Klets op FM Brussel 98.8 (zaterdag van 12 tot 13 uur), kijk naar Brussel vandaag op tvbrussel (zondag vanaf 18 uur) en surf naar www.klasindemedia.be. Dit weekend kan je met heel de familie gratis op bezoek in het ABC-huis! Meer info vind je op www.abc-web.be.


BDW 1314 PAGINA 27 - DONDERDAG 2 FEBRUARI 2012

IDENTIKIT

De surreële vijfde klas van juf Edwina Met z’n hoevelen zijn jullie?

“Met 20.” Welk cijfer geven jullie je school?

“9 op 10!” Kennen jullie een leuke bijnaam voor de juf?

“Edwina Heroïna.” Welk nieuw vak zouden jullie graag krijgen?

“Wetenschappelijke ontdekkingen doen.” Wat is jullie lijflied?

©20

09 T

urtle

“‘The lazy song’ van Bruno Mars”

Indu

stries ™

(maar anderen verkiezen

‘Mr. Lover Lover’ van Mr. Bean).

© SASKIA VANDERSTICHELE

RENÉ M AGRI , JE TT E

‘De verklaring’: zo heet het schilderij met de eigenaardige wortelfles waarover Cindy in het artikel hiernaast vertelt. Je kan dit werk ‘live’ in Brussel bewonderen, in het Magritte Museum op het Koningsplein. Daar hangen zo’n honderd surrealistische doeken van deze wereldberoemde schilder. En in Jette kan je het huis bezoeken waar Magritte met zijn vrouw Georgette en hond Loulou 24 jaar lang heeft gewoond, van 1930 tot 1954. Alles staat er nog alsof hij er elk moment weer kan binnen lopen. Zelfs zijn bolhoed hangt nog aan de kapstok! Aangename kennismaking, meneer Magritte! Surf naar www.musee-magritte-museum.be (Koningsplein, in het centrum) en www.magrittemuseum.be (Magrittes huis in Jette).

ATELIER

© KMSKB, Brussel / Charly Herscovici, met zijn vriendelijke toestemming - c/o Sabam, 2012

USEUM

MISSING LINK

TT E M

Overal Magritte...

ische t s li a e r r u s ‘Een ap’, h c s r e g n a w z

oor Naomi. getekend d


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook