19 01 12
joke devynck debuteert in HET jeugdtheater met anna En ook: Thomas Dutronc, Tristero en opening van bioscoop Galeries. AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153
Kunst kijken VORST – Nu is de afvalrace van de Canvascollectie/ La Collection RTBf ook echt van start gegaan. Zaterdag kwam de jury een kijkje nemen in kunstencentrum Wiels naar wat er voor Brussel was geselecteerd. Tussen nu en begin mei worden shortlists in de Vlaamse en Waalse provincies opgesteld. Vanaf 10 mei komt het beste voor een maand naar Bozar Expo. JMB
© BART DEWAELE
Politiek > Brusselse MR-jongeren doorbreken Franstalig taboe
‘Eén politiezone’ BRUSSEL – Een fusie van de zes politiezones én van de negentien OCMW’s, en de overheveling van mobiliteit, stedenbouw, openbare netheid en onderwijs naar het Gewest: voor één keer gaat het niet om een Vlaamse eis, maar om de visie van de Brusselse MR-jongeren.
J
arenlang werd elke discussie over een verschuiving van de bevoegdheden in Brussel door de Franstaligen afgedaan als een verkapte Vlaamse communautaire eis (op gewestniveau hebben de Brusselse Vlamingen een gegarandeerde aanwezigheid, in de gemeenten niet) of als een aanslag op de gemeentelijke autonomie. De Vlaamse partijen zijn al lang voorstander van één politiezone, aan Franstalige kant is dat niet het geval, eerder in tegendeel. Over het overhevelen van grote bevoegdheidspakketten naar het Gewest luidt aan Franstalige kant een no pasarán. Stilaan raakt men ook aan Franstalige kant bewust van de noodzaak van een ingrijpende interne hervorming voor Brussel. De kleine interne staatshervorming, waarover
de federale onderhandelaars een akkoord hebben gesloten, gaat voor David Weytsman niet ver genoeg. Weytsman is voorzitter van de Brusselse liberale jongeren en ook adviseur van MR-voorzitter Charles Michel. “De Brusselse MR-jongeren gaan uit van een Belgisch staatsmodel met vier gelijkwaardige gewesten. De gemeenschappen moeten dus afgeschaft worden, want die gaan voorbij aan de typisch Brusselse identiteit. Ook de gemeenschapscommissies – VGC, Cocof, Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie – gaan in dit model voor de bijl.” Een deel van de bevoegdheden inzake cultuur moet dan overgeheveld worden naar het Brussels Gewest, een ander deel naar de federale overheid. Een radicale fusie van de negentien
gemeenten ziet Weytsman niet zitten. Wel een harmonisering van het beleid, via de overheveling van een pak bevoegdheden naar het Gewest. “Het Gewest beslist, de gemeenten voeren uit,” vat Weytsman het kernachtig samen. “Een beetje zoals met de begroting van de federale overheid: Europa beslist en België voert uit. Dat lokt blijkbaar minder reacties uit.” “Veel gemeentelijke mandatarissen, ook die van MR, zijn gehecht aan de gemeentelijke autonomie. Maar die autonomie is middeleeuws. Ik zie bijvoorbeeld niet in hoe het fuseren van alle aankoopcentrales en de keuze van de kleur van bankjes de gemeentelijke autonomie zou aantasten.” Ander voorbeeld: “Is het normaal dat de stedenbouwkundige voorschriften voor de Verviersstraat 13, Brussel-Stad verschillen van die voor de Verviersstraat 18, SintJoost, terwijl de straat een sociologische eenheid vormt?”
Vlaamse eisen “Ik besef dat mijn visie raakvlakken
heeft met Vlaamse eisen rond een interne Brussel stadshervorming,” zegt Weytsman. “Het kan echter
“Het Gewest beslist, de gemeenten voeren uit” niet de bedoeling zijn dat een ratio nalisering van het politieke landschap in Brussel zou leiden tot meer macht voor de Vlamingen. Maar de vrees hiervoor aan Franstalige kant mag ook geen aanleiding geven tot immobilisme. Het is een kwestie van goed bestuur, van schaalvergroting en van rationalisering, waardoor je aanzienlijk kunt besparen.” Die rationalisering houdt volgens Weytsman ook het volgende in: de afschaffing van de agglomeratie, van de functie van gouverneur en vicegouverneur, de fusie van para
regionale instellingen voor economie. De aankoopcentrales, het personeelsbeleid, het innen van de ontvangsten en de opvolging van de begroting, de dienst Burgerlijke Stand: dat alles moet een zaak worden van het Gewest en niet langer van de gemeenten. “Dit is het standpunt van de MRjongeren en niet van de MR,” beseft ook Weytsman, die zelf kandidaat is bij de gemeenteraadsverkiezingen in de Stad Brussel. Toch ziet hij de geesten rijpen. “Vele mandatarissen zijn voor de eenmaking van de politiezones. Het is ons doel om zoveel mogelijk te wegen op het beleid.” Eric Vancoppenolle / brusselnieuws.be ADVERTENTIE
Hyundai staat er. Ontdek het in deze krant.
N° 1312 VAN 19 TOT 26 JANUARI 2012 ¦ WEEK 3: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, FAX: 02-226.45.69, E-MAIL: INFO@BDW.BE
OPMERKELIJK
BDW 1312 PAGINA 2 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012 © GOOGLE STREET VIEW
Uitgelicht > Adverteerders bevestigen vandalismetrend SAMEN WERKEN AAN WERK (MAAR WEL VOORZICHTIG) BRUSSEL – Actiris, de Brusselse dienst voor arbeidsbemiddeling, en Bruxelles Formation, de organisatie die de Franstalige werkzoekenden in Brussel moet opleiden, gaan eindelijk samenwerken. Aan de Bischoffsheimlaan openden ze een gemeenschappelijke ruimte waar werklozen alle informatie vinden over beroepen en opleidingen. Het nieuwe gezamenlijke initia tief oogt op het eerste gezicht niet zo spectaculair. Toch is het een kleine doorbraak. Tot nu werkten Actiris, een gewestelijke dienst, en Bruxelles Formation, dat afhangt van de Franse gemeenschapscommissie Cocof, niet samen. Alleen aan Vlaamse zijde wordt in Brussel samengewerkt tussen arbeidsbemiddeling en beroepsopleiding, in de Werkwinkels. Die gang van zaken heeft behoorlijk wat gevolgen voor de werkzoekenden. Die kunnen, wanneer ze zich aanmelden bij Actiris, niet meteen door de consulent ingeschreven worden voor een opleiding. Tot dusver kregen ze een briefje mee met een adres van Bruxelles Formation in Vorst of Anderlecht. Het gebeurde meer dan eens dat ze na enkele weken onverrichter zake opnieuw bij Actiris stonden. “Dat zal nu niet meer gebeuren,” zegt Yves Bastaerts, adjunct-directeur-generaal van Actiris. In de nieuwe, centraal gelegen ruimte vinden werkzoekenden en andere geïnteresseerden informatie over alle mogelijke beroepen en de daarvoor noodzakelijke opleiding; ze kunnen taaltests afleggen en taalcheques aanvragen, advies inwinnen bij Actiris-consulenten en zich meteen voor een vorming aanmelden bij Bruxelles Formation. “De werkzoekende krijgt dus een globale dienstverlening,” zegt Bastaerts. “Het is een belangrijke eerste stap.” In de toekomst zou de samenwerking nog veel verder moeten gaan, vindt hij. Actiris ijvert voor een systeem waarbij de werkzoekende automatisch alle passende vacatures krijgt voorgeschoteld. Bastaerts: “Alleen met de VDAB wordt nu al zo gewerkt.” Ook zou het een grote verbetering zijn als de Actirisconsulenten in de bijhuizen de werkzoekenden zelf kunnen inschrijven voor een opleiding. Dat kan nog altijd niet. Bettina Hubo
SOS reclamepaneel BRUSSEL – Er spoelt een golf van vandalisme over reclamepanelen in de hoofdstad. De autoriteiten willen het niet bevestigen, maar adverteerder JCDecaux geeft het schoorvoetend toe en concurrent Clear Channel stelt het feitelijk vast. Deels is dat vandalisme toe te schrijven aan antikapitalistische groeperingen, maar een algemeen verband met de crisis is er (nog) niet.
S
inds november betreurt reclameafficheur Clear Channel 58 gevandaliseerde reclamepanelen. Concurrent JCDecaux, uitermate aanwezig in Brussel, bevestigt de vandalismetrend, maar wil geen details kwijt over plaatsen en aantallen. Toch zijn er zeker in de Sint-Joostse Koningsstraat, de Brusselse Dansaertstraat, het Saincteletteplein, de Molenbeekse Leopold II-laan en op een paar plaatsen in Elsene de voorbije twee maanden reclamepanelen gesneuveld. Clear Channel wijst antikapitalistische groeperingen met de vinger. En het is de attente lezer waarschijnlijk niet
ontgaan dat de woordvoerder van JCDecaux het vorige week betreurde dat de werkwijze van de vandalen ‘niet ecologisch’ was. Waarmee hij misschien ook in die richting wilde wijzen. Bij de politiediensten zegt men dat er momenteel geen algemene stijging is van vandalisme tegen reclamepanelen, en of vandalisme tegen reclame specifiek antikapitalistisch-politiek getint is. Politiewoordvoerster Ilse Van De Keere van de zone Brussel-Elsene zegt wel dat er in november een golf van vernielingen was die veroorzaakt werden door een linkse groepering
rond de ULB. Haar collega van de zone Noord zegt dan weer dat het moeilijk is om uit afzonderlijke pv’s trends te distilleren, en dat de trend de politiediensten niet speciaal is opgevallen. Wel weet woordvoerder Johan Verleije dat het vandalisme tegen Villo-fietsen gestegen is sinds het systeem is uitgebreid. De Villofietsen zijn eigendom van JCDecaux, en veel Villo-stations hebben een reclamepaneel. Villo wordt dan ook vaak als een excuus voor sluikreclame gezien.
“Waar we wel zeker van kunnen zijn, is dat vandalisme meestal toe te schrijven is aan groepen, en
“Als vandalisme politiek is, dan wordt er meestal een ‘visitekaartje’ achtergelaten”
Crisis VUB-criminologe Els Enhus wil geen verband trekken tussen de economische crisis en het vandalisme. “Mij is ook opgevallen dat er veel vandalisme is tegen reclame panelen, maar hard onderzoek naar oorzaken is er nog niet gevoerd. Ik kan ook niet zeggen of de economische crisis en dito onvrede oorzaken zijn. Het zou interessant zijn om dat te onderzoeken.”
bijna nooit aan individuen. En er bestaat een duidelijk verband tussen alcohol en vandalisme. Tijdens de feesten acht ik het waarschijnlijk dat drankmisbruik het vandalisme heeft geholpen: mensen drinken meer, komen meer buiten, vaak in groep. In het Verenigd Koninkrijk
DE WEEK IN BEELD DOOR SANDER DE WILDE
Stoepsteenlogica aan de Elsensesteenweg in Matonge: losliggende tegels worden vervangen door vers gestort asfalt. Zo kan de tegel niet als projectiel gebruikt worden.
© SANDER DE WILDE
WEEKOVERZICHT
BDW 1312 PAGINA 3 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
© DIETER TELEMANS
DONDERDAG 12 JANUARI personeel UZ Jette in elkaar GESLAGEN. Tijdens een personeelsfeest worden twee werknemers van het Brusselse ziekenhuis in elkaar geslagen door drie jongeren tussen 19 en 25 jaar oud. Beiden zijn voor minstens zes dagen arbeidsongeschikt. De drie daders worden vrij vlug na de feiten onderschept in een bus. Ze worden ter beschikking gesteld van het parket. meisje vermist. Politie en parket zijn op zoek naar de veertienjarige Laura Krüger. Op 27 december verdween ze rond 16.05 uur op de kerstmarkt, toen ze met een begeleide groep jongeren uit het Vlaams-Brabantse Kortenberg op stap was. Vorige week werd ze nog gesignaleerd in het Brusselse, maar sindsdien is er geen spoor meer van haar. hevige brand in jeugdherberg. In de jeugdherberg Sleep Well in de Dambordstraat woedt ’s ochtends een hevige brand. Zestig gasten en medewerkers worden geëvacueerd, maar niemand raakt gewond. De schade aan het gebouw is aanzienlijk.
VRIJDAG 13 JANUARI GEWELD TEGEN TREINPERSONEEL ONDERSCHAT. Undercover studiewerk van de VUB-criminologe Iris Steenhout toont aan dat veel agressie tegen treinbegeleiders niet gemeld wordt omdat het te veel rompslomp met zich meebrengt. Steenhout verbleef acht weken lang in treinen om de interactie tussen treinbegeleiders en reizigers te observeren. De afloop van conflicten hangt vaak af van de methode die de treinbegeleider gebruikt, zo toont Steenhout nog aan. In een vorig leven was de onderzoekster zelf treinbegeleidster.
Stukgeslagen paneel in de Dansaertstraat: blind vandalisme of politiek?
is dat bijvoorbeeld een fenomeen. Interessant wordt het als dit soort vandalisme tot lang na de feesten blijft duren: dan is er iets anders in het spel dan louter drank, en dan kunnen we misschien in de richting van de economische crisis beginnen te wijzen.” Haar collega-criminoloog en rechtsfilosoof Paul De Hert (VUB/Universiteit Tilburg) daarentegen vindt vandalisme tegen reclamepanelen niet zo vreemd in deze tijden: “De Duitse filosoof Peter Sloterdijk heeft het daar al over gehad. In een
“ “ HET WOORD
maatschappij die mensen uitsluit, hoeft het niet zo te verwonderen dat er af en toe een paaltje of een bushok sneuvelt. ‘Vernietig alles wat werkt in een maatschappij die niet werkt,’ lijkt het credo.” Toch wil De Hert geen algemene conclusies trekken. In Tilburg kent men overigens ook een recente opstoot van antireclamegevoelens, daar kleeft men een eigen affiche over de reclame of schildert men een slogan in plaats van het volledige paneel stuk te slaan. Antikapitalistisch protest, dus. Hetzelfde valt er op de
blog Indymedia Bruxsel, een links collectief, te lezen: er bestaat georganiseerd verzet tegen reclame. De website hekelt vooral de overdaad aan reclame tijdens de kerst- en nieuwjaarsperiode. “Politieke groeperingen laten vaak een visitekaartje achter wanneer ze reclamepanelen viseren,” zegt Els Enhus. “Mocht zo’n groepering een paneel louter stukslaan, dan verkondigen ze hun boodschap namelijk niet.”
Christophe Degreef
Voor de bepaling van het kadastraal inkomen is alles beter dan wat we nu hebben.”
BERENKUIL ALS TREINSTATION. Een studie van het wetenschappelijke platform Brussels Studies toont aan dat de Berenkuil aan het Schaarbeekse Verboekhovenplein een ideale opstapplaats voor het Brusselse deel van het Gewestelijk Expresnet (GEN) zou zijn. Verboekhoven is een dichtbevolkte buurt die zou profiteren van een intern Brussels treinnetwerk als aanvulling op het MIVB-net.
ZONDAG 15 JANUARI Fijn stof in de lucht. Met het mooie weer wordt de grenswaarde voor fijn stof voor de eerste keer overschreden in Brussel. In het meetstation van Haren wordt 51 microgram per kubieke meter gemeten. Volgens Europese richtlijnen mag de 50 µg-grens maximaal 35 keer per jaar worden overschreden. ‘OnvergankelijkE band brussel-wallonië’. Waals minister-president Rudy Demotte (PS) zegt dat de band tussen Wallonië en Brussel een feit is, en dat dat ook zo zal blijven. Demotte reageert op uitspraken van de Waalse minister van Economie, zijn partijgenoot Jean-Claude Marcourt, die in La Libre Belgique stelt dat de band nodig herbekeken moet worden omdat ze niet beantwoordt aan de realiteit. De jongste tijd zijn er vaker berichten over ‘Plan W’, de onafhankelijkheid van Wallonië.
MAANDAG 16 JANUARI Het kadastraal inkomen is voor het laatst aangepast in de jaren 1970. Daardoor kennen sommige dure buurten een laag KI en arme buurten een hoog KI. Voor VUB-professor Bruno Heyndels moet het anders (in Knack).
reclamepanelen stukgeslagen. Clear Channel meldt dat er sinds november al 58 reclamepanelen gesneuveld zijn in Brussel. JCDecaux, de grootste reclameaanbieder in de hoofdstad, bevestigt de trend, maar wil geen precieze cijfers kwijt. Magistraten willen veilig justitiepaleis. Na de brand van 3 januari voelt een aantal magistraten zich niet meer veilig in het pompeuze gerechtsgebouw aan het Poelaertplein. Onder hen de voorzitter van het Brusselse hof van beroep Antoon Boyen en procureur-generaal van het Hof van Cassatie Jean-François Leclercq. In een brief aan minister van Justitie Annemie Turtelboom (Open VLD) schetsen ze ‘enorme veiligheidsproblemen’. Ook de Brusselse orde van advocaten ondertekent de brief. Bij de brand werkte het communicatiesysteem niet, trad het alarm niet in werking en was de brandblusapparatuur defect. Verschillende medewerkers ontsnapten maar op het nippertje aan het vuur.
Als de Walen niet meer van Brussel willen weten, dan moeten we misschien de steun van Vlaanderen zoeken. Dat is zeker het overdenken waard.” PS-burgemeester Philippe Moureaux reageert in De Morgen op het voorstel van Waals minister Jean-Claude Marcourt (PS) om de banden tussen Wallonië en Brussel losser te maken.
Stadskok
Na de stadsdichter, nu ook de stadskok. En wie weet later een stadszanger, -schilder, -fotograaf en -loper. Stadsloper, ja, die alle auto’s de loef afsteekt en naar alle stadsgebruikers zwaait. Brussels parlementslid Bianca Debaets (CD&V) greep het themajaar Brusselicious aan om geld op tafel te krijgen voor een stadskok. “Die moet waken over het culinair erfgoed, maar ook nieuwe trends mee helpen ontwikkelen en startende ondernemers ondersteunen. Hij zou tevens
een belangrijke rol kunnen spelen bij gezonde voeding in onze Brusselse scholen en bedrijven.” En had keukenprinses Debaets al iemand in gedachten? Onze eigenste Nick Trachet misschien, die de Brusselaar vreemdsoortige producten leert kennen die hier voorhanden zijn, en de komende weken elke woensdagavond met Wouter Klootwijk in De wilde keuken op Nederland 2 te zien is.
JMB
Golden globe voor philharmonic. Het Brussels Philharmonic krijgt een Golden Globe voor zijn muziekuitvoering voor de Franse film The artist. De muziek werd opgenomen in de Flagey-studio’s. Het is al de tweede keer dat muziek door het orkest uitgevoerd een Globe krijgt, de eerste keer was voor de film The aviator. De Golden Globes zijn na de Oscars de meest prestigieuze filmprijzen in de VS. Samengesteld door Christophe Degreef en Tuur De Moor
MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP SURF NAAR BRUSSELNIEUWS.BE EN SCHRIJF JE IN OP DE NIEUWSBRIEF
BDW 1312 PAGINA 4 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
Politiek > Guy Vanhengel is niet bang voor nieuwe bevoegdheden
‘Links en rechts zijn heel redelijk geweest’ BRUSSEL – Net terug van weggeweest wordt minister van Begroting en Financiën Guy Vanhengel (Open VLD) door CD&V en SP.A aangepord om de begrotingscontrole te vervroegen. Maar Vanhengel laat zich niet opjutten. “Rust en kalmte,” zegt hij beslist.
volume zijn belangrijk. De evolutie van de vastgoedsector kun je niet wekelijks in beeld brengen. De begrotingscontrole vindt begin maart plaats, zoals gepland.”
E
Zegt u nu: de criticasters hebben ongelijk? Guy Vanhengel: “Nee, de vrienden van SP.A en CD&V hebben geen ongelijk. We monitoren de uitgaven permanent. Zo nodig kunnen we uitgaven die niet dringend en niet noodzakelijk zijn, uitstellen. We kunnen altijd tijdig ingrijpen. Er zijn twee taboes: aan de investeringscapaciteit van onderwijs en mobiliteit mag niet geraakt worden.”
en goedgemutste Guy Vanhengel ontvangt ons negen hoog in zijn bureau. Hij begint met een lofzang over het stadsdeel waarop hij uitkijkt. Zijn vorige werkplek, het federale kabinet van Begroting, lag in een put. Hier kijkt hij over de put heen, hoog boven de daken van Sint-Joost-ten-Node. Hij wijst naar de Sint-Suzannakerk in Schaarbeek en naar de Onze-LieveVrouwekerk van zijn woonplaats Evere. Hij maakt er een sport van om gebouwen te herkennen. “Je had hier gisteravond moeten zijn, de lucht en de wolken waren prachtig.” Maar het doel van ons bezoek is geen praatje over de schoonheid van Brussel of de natuur. Sinds het begin van het nieuwe jaar zijn de financiële onheilstijdingen niet meer te tellen. De Vlaamse regering moet op zoek naar vijfhonderd miljoen euro, de federale regering bevriest op vraag van Europa een rist nietdringende uitgaven. De euro staat op springen. Alleen in Brussel blijft het kalm. En dat maakt meerderheid en oppositie ongerust: coalitiepartner CD&V vraagt een vervroegde begrotingscontrole, oppositiepartij SP.A vraagt om bewarende maatregelen om de Brusselse financiën niet te laten ontsporen. “Laat ik even rustig uitleggen hoe de
vork in de steel zit,” zegt Guy Vanhengel. “De federale regering en de andere gewesten moeten zeer voorzichtig zijn, ze moeten de economische groei nauwlettend in het oog houden. Een kleine groeivertraging
“Uw lezers die een hypotheek lopen hebben, wil ik geruststellen: de afspraken worden gerespecteerd” kan enorme consequenties hebben. In Brussel liggen de kaarten anders. Wij zijn het meest geresponsabiliseerde gewest. Meer dan de helft van onze inkomsten is afkomstig uit eigen fiscale inkomsten, waarvan de registratierechten de hoofdmoot vormen. Meer dan de economische groei moeten we de evolutie van de vastgoedsector in het oog houden. Het aantal transacties én het
Brussel is minder dan de andere gewesten aangewezen op de federale dotatie. Toch wordt voorspeld dat de dotatie aan Brussel met tien miljoen euro zou dalen. Vanhengel: “Het kan ook vijftien miljoen euro zijn, maar die ordegrootte kan nooit voor een explosie zorgen.” Er staat ook 70 miljoen euro ‘herfinanciering’ in de begroting, die de federale regering pas stort na de splitsing van Brussel-HalleVilvoorde en de interne stadshervorming. Het is dus niet zeker of die 70 miljoen euro er komt. Vanhengel: “Wat de splitsing van Brussel-Halle-Vilvoorde betreft: er
‘ONBURGERLIJK’ GEDRAG: ONBETROUWBARE CIJFERS BRUSSEL – Gemeentelijke boetes uitschrijven gebeurt in Brussel-19 willekeurig. Mank cijfermateriaal bevestigt dat. Heel wat Brusselse gemeenten maken gebruik van Gemeentelijke Administratieve Sancties (GAS), maar het beleid verschilt per gemeente. Dat toont senator Karl Vanlouwe (N-VA) aan. Sinds 1999 schreef Brussel-Stad meer dan vierduizend van zulke boetes uit, het relatief
kleine Jette 2.500 en het grote Anderlecht 639. De cijfers komen van minister van Binnenlandse Zaken Joëlle Milquet (CDH) en zijn onvolledig en verre van correct. Dat geeft Milquet zelf toe, omdat niet elke gemeente rapporteert hoe het zit met de GAS-dossiers. Gemeenten zijn
ook niet verplicht hun specifieke uitvoering van de Gemeentewet over te maken “in acht genomen de lokale autonomie”. En dan is er het geval-Sint-Joost. Volgens Milquets cijfers werden er daar sinds 1999 tien pv’s uitgeschreven, maar werk van gemeenteraadslid Frederic Roekens (Groen) toonde onlangs aan dat het er 81 zijn, waarvan er 44 in een boete resulteerden.
is een regering en er zijn getekende akkoorden, B-H-V moet voor de zomer gesplitst zijn. Maar we moeten inderdaad ook ons deel van het verhaal vorm geven. Over de interne stadshervorming hebben we een eerste bijeenkomst achter de rug. De komende weken nemen we de draad weer op.” Brussel krijgt er ook een pak bevoegdheden bij. De woonbonus, waarover dezer dagen heel wat te doen is, is er maar één van. Hoe gaat het Brussels Gewest het schrappen van de federale hypothecaire aftrek compenseren? Bent u niet bang dat de PS het vrijgekomen geld exclusief aan sociale woningen besteedt? Vanhengel: “De bevoegdheid en de middelen komen over naar de gewesten. Over de keuzes voor de woonbonus moet de komende maanden gediscussieerd worden. We moeten de vraag beantwoorden hoe we de middelen inzetten om ons doel te bereiken. Je moet ook de juiste mix hebben wil je het geheel fiscaal leef baar houden. Op een economisch kerkhof bouw je geen sociaal paradijs. Dat weet de PS ook.” “Dat de PS alleen maar sociale woningen zou willen, klopt niet, ik heb sinds de oprichting van het Brussels Gewest in 1989 ervaren dat zowel rechts als links in Brussel sociaal-economisch zeer redelijk is. Ik zeg het wel eens als boutade, maar soms heb ik echt de indruk
Volgens Milquet leggen haar cijfers dan ook veeleer ‘tendensen’ bloot. Maar zelfs daar kan aan getwijfeld worden: haar cijfer voor BrusselStad spreekt zoals eerder gezegd van vierduizend dossiers, maar volgens Roekens zijn het er achttienduizend. Karl Vanlouwe: “De essentie is dat er helemaal geen gecoördineerd beleid is tussen de Brusselse gemeenten. Elke gemeente legt eigen accenten.” Vanlouwe kreeg ook maar cijfers van dertien gemeenten, hoewel in principe alle Brusselse gemeenten GAS toepassen.
dat de minister-president rechtser is dan ikzelf.” “Maar laat ik van de gelegenheid gebruikmaken om uw lezers die een lening lopen hebben, gerust te stellen: pacta sunt servanda, afspraken moeten gerespecteerd worden. Op dit moment verandert er niets, én alle lopende leningen blijven na de overheveling doorlopen.” Mogen we heel even persoonlijk worden? U kunt nauwelijks verhelen hoe blij u bent terug te zijn van weggeweest... Vanhengel: “Ik bevind me hier op bekend terrein, ik ken hier iedereen. Het zijn ook de Brusselse vrienden die me gevraagd hebben om terug te keren. Dat zegt wel iets over de verstandhouding binnen de Brusselse Open VLD, terugkeren is nooit evident.” “Ten tweede: de agenda van een federaal minister wordt in hoge mate bepaald door het ochtendjournaal. Als Brussels minister zal ik minder last hebben van de waan van de dag.” Is het federaal ooit anders geweest? Vanhengel: “Het is een wereld van verschil met het begin van mijn carrière als woordvoerder van Guy Verhofstadt. Toen was er alleen de VRT. Ministers gaven een persconferentie om nog eens op tv te komen. Ik zie Gui Polspoel en wijlen Tuur Van Wallendael nog zitten, achter in de zaal waar de perscon-
GAS of Gemeentelijke Administratieve Sanct ies zijn sancties die gemeenten kunnen uitschrijven voor ‘onburgerlijk’ gedrag, zoals sluikstorten en lawaaioverlast. Belgische gemeenten kunnen overtreders een boete van maximaal 250 euro opleggen zonder tussenkomst van een rechter. De overtredingen moeten wel ofwel door agenten, ofwel door speciaal daartoe aangesteld gemeentepersoneel vastgesteld worden.
Christophe Degreef
BDW 1312 PAGINA 5 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
Guy Vanhengel, na de federale regering nu weer in de Brusselse: “Als Brussels minister zal ik minder last hebben van de waan van de dag.”
ferentie plaatsvond. Vaak belden ze nadien om droog te melden dat er toch niet zoveel nieuws in zat. Nu moeten politici en zeker ministers zich veel moeite getroosten om van het scherm weg te blijven.” De Brusselse regering heeft de helft van de legislatuur achter de rug. Heeft ze goed gewerkt? Vanhengel: “Het regeerakkoord van juli 2009 is correct uitgevoerd, met mij zou het niet anders geweest zijn.” Naar wij vernamen, zit de opvolging van Alain Flausch bij de MIVB in het slop: de PS
wil geen Nederlandstalige aan het hoofd van het openbaar vervoer. Vanhengel: “Daar heeft de PS niets over te zeggen. Het hoofdste-
“Het zijn ook de Brusselse vrienden die me gevraagd hebben terug te komen” delijk statuut wil dat de top van de openbare diensten en parastatales bestaat uit een Nederlandstalige en een Franstalige. Als de Nederlands-
‘SLECHTE BEREIKBAARHEID BEDRIJVEN HEEFT ECONOMISCHE GEVOLGEN’ BRUSSEL – Negen op de tien werknemers zijn een vijfde langer onderweg naar hun werk dan drie jaar geleden. Zeven op de tien bedrijven overwegen om op termijn Brussel te verlaten door het mobiliteitsprobleem. Dit blijkt uit een enquête van Agoria. Reden voor de technologiefede-
talige adjunct (Kris Lauwers, red.) op post blijft, dan moet de directeur een Franstalige zijn. Wordt de nummer één een Nederlandstalige, dan moet de adjunct een Fransta-
ratie om aan de alarmbel te trekken. “Bijna vier op de tien Brusselse wegen zijn dichtgeslibd. En het openbaar vervoer kan veel beter. Driekwart van de technologiebedrijven is slechter bereikbaar dan drie jaar geleden,” zegt Floriane de Kerchove, directrice van Agoria Brussel. “Dit alles maakt Brussel minder aantrekkelijk als vestigingsplaats voor
lige zijn. De procedure is open, je kunt niemand uitsluiten.” Nog even terug naar het
nieuwe bedrijven. Ook ondervindt meer dan de helft van onze leden om deze reden moeite om personeel te vinden.” Agoria dringt aan op transferia voor auto’s aan de rand van het gewest en op een betere toegankelijkheid van de bedrijfszones, zoals Da Vinci in Evere. En bedrijven die zelf maatregelen nemen – een eigen pendelbus bijvoorbeeld, of telewerk –, moeten financieel of anderszins aangemoedigd worden. Bettina Hubo
© BART DEWAELE
communautair akkoord van de federale regering. Dat akkoord zal leiden tot een verdere verbrusseling. Vindt u dat een goede zaak? Vanhengel: “De verbrusseling is een antwoord op de vervlaamsing ten noorden. Het verstedelijkte Brussel is een ander gewest dan Vlaanderen en Wallonië, die landelijke en stedelijke gebieden hebben. Als Brussel op zijn specificiteit kan werken, dan is dat een goede zaak. Brussel wordt steeds meer kosmopolitisch, de Vlaamse Brusselaar wordt meer en meer de Nederlandstalige of Nederlandskundige Brusselaar. Onze voorouders kwamen
uit Limburg of West-Vlaanderen, de kinderen in de banken van onze Nederlandstalige scholen komen van veel verder. Er is een vernederlandsing bezig, paradoxaal genoeg is de afstand tussen Vlaanderen en Brussel de jongste twintig jaar kleiner geworden. De agressiviteit tegenover het Nederlands is verdwenen. In de jaren 1970 associeerde het FDF ‘Vlaams’ met de Duitse bezetter. Die periode is voorbij. Onlangs hebben onze Franstalige geestesgenoten van MR zelfs het FDF laten vallen. Waarvoor dank.”
Danny Vileyn en Steven Van Garsse
ADVERTENTIE
wij verkopen in Brussel en Vlaams Brabant Bio brood, Bio groentenpaketten en Bio fruitpaketten
en zoeken voor onmiddellijke indiensttreding
MARKETING MANAGER (M/V) alle info over deze vacature
www.diepenboomgaard.be
BDW 1312 PAGINA 6 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
Vrijdagavondritueel in de sauna van het Scandic Hotel. De gesprekken gaan over sport, cultuur, politiek, Europa én Brussel.
© IVAN PUT
Internationaal > Fins-Brusselse gemeenschap houdt van stomende discussies
Politiek en het leven in de sauna BRUSSEL – Vorig jaar won het Finse ministerie van Buitenlandse Zaken de Steam Spirit Prize, voor de manier waarop de sauna wordt ingeschakeld om diplomatie, politiek en handel te bedrijven. “De sauna is de ideale plek om vriendschappen te smeden, akkoorden te sluiten en te bouwen aan vrede.” Wat hield ons dus tegen om het saunaritueel van de Brusselse Suomalaiset (Finnen) bij te wonen?
F
innen mag je om hun hoog zengehalte ‘de Japanners van Europa’ noemen: ze staan bekend om hun ijzige rust, scherpe observatievermogen en vredige zelfbeheersing. Vooral sinds de toetreding tot de EU in 1995 komen ze zich in Brussel vestigen. Heikki Suortti, voorzitter van de Brusselse Suomi-Klubi (Finnenclub, gesticht in 1979), die expats vertrouwd maakt met België, weet er alles van: “Finnen gaan in Brussel de confrontatie niet snel aan; initiatief nemen is niet onze sterkste kant. Gelukkig leer je in het multiculturele Brussel makkelijk omgaan met anderen. De manier van losjes en easy-going zakendoen – je krijgt hier alles vlotter gedaan, als je maar iemand kent – helpt ons sneller te integreren. Toch zoeken
de expats bij elkaar dat veilige stukje Finland op: vandaar ook het succes van de Suomi-Klubi.” In Brussel zijn er massa’s Finse evenementen, ondersteund door het Fins Cultureel Instituut of georganiseerd door de Suomi-Klubi, de Finse Zeemanskerk (sinds kort sterker verankerd in Brussel dan in Antwerpen) en lokale programmasamenstellers. Vrijdag krijgen ze in Autoworld blueslegende Tuomari Nurmio, de Roland van het Hoge Noorden, over de vloer. Zaterdag is er de junkiefilm Reindeerspotting in Flagey. Sunrise Avenue komt naar De Vaartkapoen, en de AB verwacht gothic- en metalgodin Tarja. Het designicoon Kaj Franck krijgt dan weer een grote expositie in het Designmuseum van Gent. Het hele jaar rond krijgen de zeven-
honderd aangesloten gezinnen van de Suomi-Klubi (samen 2.500 man, twee derde van alle Finnen in België) de Parlööri in de bus, een Brussels informatieblad in het Fins. Er is een waaier aan activiteiten. Veel draait rond cultuur, met streekverkenningen, zoals al tien jaar lang drie brouwerijentours per jaar – allemaal volgeboekt natuurlijk. “Traditie is nooit ver weg,” zegt Suortti. “Aan de vooravond van Vappu, het lentefeest van 1 mei, stromen in Helsinki vijftigduizend studenten samen. Om zes uur stipt wassen ze het art-nouveaubeeld Havis Amanda en zetten ze haar een witte ylioppilaslakki of studentenpet op. Sinds twintig jaar doen we dat ook bij Manneken Pis. Een vijfhonderdtal Finnen komt dan samen, om met de Finse studenten hier op hetzelfde uur hun pet op
Manneken Pis te zetten. Zo’n traditie houdt ons Fins, net als het midzomernachtdansfeest, al tweemaal met tangokeizer Kari Hirvonen. Of de echte Lapse Kerstman, die we voor onze kinderen uit Korvatunturi naar hier halen.”
Sport en splitsingslogica In de sauna van het Scandic Grand Place, die de Finnen op vrijdag reserveren, treffen we ook Lauri (rechts op de foto). Hij lijkt wel de tweelingbroer van de Kerstman. “Vorig jaar ben ik onbewust Fins gaan praten toen ik (in Gent) Kerstman speelde, tot ik zag dat de Vlaamse kinderen wel vreemd opkeken,” grapt hij. We laten onze kleren, schaamte en taal aan de kapstok achter en stappen de sauna binnen. De Finnen spelen duidelijk een thuismatch. Lasse, de oud-saunameester van de Finnenclub, heeft er tijden aan gewerkt om de sauna juist af te stellen, horen we. “Iedereen denkt ten onrechte dat Finnen sauna’s van honderd graden moeten, maar ongecontroleerde hitte kom je enkel in die houtgestookte sauna’s tegen.”
Waarom deze hotelsauna? “Omdat het de enige plek in Brussel is met aparte sauna’s voor heren en dames.” Enkel tussen de saunabeurten in komen ze – met een handdoek om – samen in de privébar. Het is vreemd dat Finnen, die zoveel ruimte gewoon zijn – het land is tienmaal België en telt niet eens half zoveel inwoners –, graag samenhokken in een sauna. Door de ‘opwarming’ komt de communicatie goed op dreef. “De globalisering is goed tot op een bepaald niveau,” lanceert ingenieur Seppo. Zijn zoontje, dat vlekkeloos Frans leerde op de Europese School, is mee vanavond. Voor de foto dringen we hem een handdoek op – het kind schrikt zich een aap van onze vreemde normen, maar past zich aan. “We zijn allemaal pro-EU, maar begrijpen mensen nog de basis van de democratie?” hekelt Seppo. “Na de oorlog en in de jaren 1970 begrepen de Finnen beter waar ze aan toe waren in een strenge structuur. Vandaag wordt de waarde van de democratie onderschat. Iedereen is tuk op Google, terwijl het een mid-
ADVERTENTIE
BDW 1312 PAGINA 7 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
del is om alles aan iedereen te verkopen. Heel gevaarlijk. Alle service en informatie die we nodig hebben, kan snel een machtsmiddel van de politiek worden. Er is geen enkele controle op Google of op de verspreiding van informatie. Wat als dit ooit misbruikt wordt?” Het wordt ons te warm, de douche breng soelaas. In de bar wachten borrelhapjes en een koelkast vol water en oluet, biertjes. “Het enige wat we hier missen, is buitenlucht, een dakterras of zo,” zegt een blondine met een zucht. De Finnen dromen hardop van hun meren en de zee om in te springen – het Brusselse kanaal biedt niet echt een alternatief. Als we het over overeenkomsten heb-
“Het Belgisch elftal is echt fantastisch. Ze móéten zich plaatsen voor het WK” ben, belanden we bij taalidentiteit. “Ja, waarom moeten alle Finnen nog Zweeds leren, als maar zes procent van de bevolking Zweeds als moedertaal heeft?” lanceert Kari. “Beroepshalve heb ik het soms moeilijk met de arrogantie binnen de Franse cultuur, alsof heel de wereld zich naar hun maatstaf moet plooien. Een pc-conferentie met een Frans bedrijf ging razendsnel, echt de hel. Geen haar op hun hoofd dat eraan dacht dat sommige mensenkinderen de taal van Molière niet met de paplepel binnen krijgen. Dat België splitst, is onvermijdelijk, het is een kwestie van tijd.” Het zouden geen ruige noorderburen zijn als sport niet aan bod kwam. Nee, geen wielrennen – naar de Ronde van Frankrijk gaan kijken vinden ze zoiets als ‘een bliksemschicht zien’. Ditmaal gaat het over de nationale trots: ijshockey, schansspringen, langlaufen en biatlon (een combinatie van langlaufen met liggend en staand schieten, afgeleid van legertraining). Daarvoor zakken de Finnen massaal af naar de sportbar FatBoys aan het Luxemburgplein, die door het grote succes sinds enkele weken ook een vestiging aan de Kortenberglaan heeft. De sportbars trekken bosjes Finnen aan als er grote wedstrijden worden gespeeld. Binnen – en voor Finnen ’s winters gerust ook buiten – kan alles op groot scherm gevolgd worden, het bier binnen handbereik. “Het Belgisch elftal is echt fantastisch. Het zou zonde zijn mochten ze zich niet plaatsen voor het WK in Brazilië,” orakelt Kari, terwijl hij uit het hoofd alle posities met een fijn enthousiasme dubbel bezet. Over de kwetsbare rechtsbackpositie heeft hij ook zijn twijfels. “Hoe komen we daaruit?” – “Een verrassingsoverleg in de sauna, steam spirit?” tippen we voorzichtig. Want van zo’n hete think tank (in Finland zijn er zo’n 1,6 miljoen; bijna elk huis heeft er een) kunnen Belgen nog veel leren. Jean-Marie Binst en Tuur De Moor
P-PRAAT Hebben wij iets gemist? Dat is de vraag die we ons wel moeten stellen nadat journaliste Véronique Lamquin van Le Soir Brussel oproept om na te denken over de eigen toekomst. Sinds madame Delvaux niet meer bij Le Soir werkt (het is te zeggen: het is niet duidelijk of ze er nog werkt of niet), slaat de krant opnieuw een Brusselse weg in. Maar goed, daarover gaat het niet, het gaat hier over wat wij gemist hebben. Want Brussel dat nadenkt, dat was toch al het onderwerp van de Brussels Citizens’ Universities en die andere grote denkoefening. U weet wel, dat reuzegrote evenement dat fier werd aangekondigd, maar nadien even snel vergeten werd, dat dinges – we zijn de naam even kwijt – jawel, Staten-Generaal van het Brusselse middenveld, dat was het! Van die grote evenementen dus waarop gepraat, gedebatteerd en gedacht wordt dat het een lieve lust was, en wel in functie van, jawel, de stad. Wat is daarmee gebeurd? We weten het niet zo goed. Maar wat we wel weten, is dat er alleszins veel nagedacht wordt. Een wereld van verschil.
urtscholen Leer de Nederlandstalige bu kennen samen met andere ouders
Samen naar School in de Buurt
Tot onze grote vreugde hebben ze op de VRT ook de plaat van Charles ontdekt. De plaat van Charles, dat zijn de liedjes van minister-president Picqué, en wie dacht dat die liedjes ‘zo 2011’ waren, die vergist zich. De VRT ging er prat op dat ze voor het eerst de vier ministers-presidenten, onder wie drie PS-exemplaren, in één uitzending bij elkaar kreeg in Reyers laat. En Charles Picqué mocht er zijn plaat afspelen. U weet wel, Brussel heeft wat probleempjes, dat is waar, maar Brussel heeft ook veel troeven. KRAKKRAKKRAK. Daarnaast speelde Vlaams minister-president Kris Peeters (CD&V) ook even zijn plaat af: men mocht niet vergeten dat Brussel ook de hoofdstad van Vlaanderen was. En Rudy Demotte mocht zeggen dat de Vlamingen toch niet zo onverdraagzaam zijn als vroeger in Le Soir stond. Wat hebben we vandaag bijgeleerd?
CHIEN ÉCRASÉ LIJST – Deze week gaan we voort met onze Brusselse woordenlijst. Vorige week kwam de MIVB aan bod, deze week is het de beurt aan infrastructureel Brussel. Ondergrondse parkeerplaats: Plaats voor wagens onder de grond ten behoeve van pendelaars, vaak tegengehouden door omwonenden en allerhande comités. Stormbekken: Parkeerplaats voor water. Bushokje: Stadsmeubilair dat eigendom is van een privébedrijf. Villo!: Openbare stadsfiets die eigendom is van een privébedrijf. Waterzuiveringsstation: Station dat openbaar water zuivert en eigendom is van een privé bedrijf. Tunnel: Grottencomplex in de stad. Voetpad: Pad van kasseien of grijze vierkante tegels die verzakt zijn. Moet u het leven te voet makkelijk maken. Tag: Onleesbare tekst op een muur die vol spelfouten staat als je hem ontcijfert. Strikt genomen geen infrastructuur, maar gaat er wel vaak mee samen. Vuilniszak: Monument ter nagedachtenis van het weggegooide.
Samen naar School in de Buurt neemt ouders mee op weg bij het kiezen van een basisschool. Het project verkent scholen uit de buurt in interactie met ouders. Een infoavond start het traject van schoolkeuze en brengt ouders voor het eerst bij elkaar. Daarna krijgen ouders de mogelijkheid om via schoolbezoeken scholen van dichtbij te ontdekken. Op een terugkomavond komen ouders een laatste keer samen om ervaringen en ideeën rond schoolkeuze en buurtscholen uit te wisselen. Alle informatie en alle data van de infoavonden, schoolbezoeken en terugkomavonden zijn te vinden op www.samennaarschool.be.
Alle info vindt u op www.samennaarschool.be.
U bent van harte uitgenodigd!
Sint-Jans Molenbeek
BDW 1312 PAGINA 8 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
Taal > Filosoof Philippe Van Parijs over taalrechtvaardigheid
Het Engels wint altijd V
oor het eerst spreken er meer mensen een taal buiten dan binnen de grenzen van de natie(s) waar die taal als officiële taal geldt. De globalisering brengt in een razend tempo het Engels als of ficieuze wereldtaal op de voorgrond. Filosoof Philippe Van Parijs verwel komt die evolutie in zijn nieuwste boek Linguistic justice for Europe and for the world (uitg. Oxford Univer sity Press, 2011), waarin hij voor borduurt op eerdere inzichten rond taalrechtvaardigheid. Een mondiale rechtvaardigheid, zo vindt Van Pa rijs, heeft baat bij één voertaal. Het brengt ons, wereldburgers, dichter bij alle andere mensen op aarde. Maar er is meer dan louter kosmo politisme. Dat het Engels de we reldtaal wordt, is het gevolg van een wetmatigheid. Van Parijs be schrijft hoe in een gezelschap waar iedereen een andere taal spreekt,
altijd de taal die het best door de slechtste linguïst gesproken wordt, de voertaal zal worden. Dat leidt op grotere schaal tot een sneeuwbal effect, waarbij het Engels alleen maar kan winnen. Voor de Europese Unie, die vandaag met 23 officiële talen worstelt, wat tot inefficiënte leidt, moet dat een niet mis te verstane boodschap zijn. Van Parijs ziet geen enkele objec tieve reden om al die talen te blijven aanhouden in vergaderingen en tek sten. Maak van het Engels de enige officiële voertaal van de EU en hou de symboliek voor de bordjes aan de ingang van het Europees parlement. Deze ogenschijnlijke vanzelfspre kendheid van Engels-voor-iedereen zorgt ook voor onrecht, dat weet Van Parijs ook wel. Zo is vandaag iemand die Engels spreekt, bevoor deeld ten opzichte van iemand die dat niet doet. De Engelstalige vindt
© BART DEWAELE
BRUSSEL – Engels is meer dan ooit de voertaal in de wereld. En dat is een uitstekende zaak, oordeelt Philippe Van Parijs. Het hoeft ook niet gepaard te gaan met het verdwijnen van de zesduizend andere talen.
berekent zelfs wat dit de VS en het VK zou kosten. Eenvoudiger is de verspreiding van nieuwe techno logie en een verbod op dubbing. In heel wat landen worden films en tvprogramma’s gedubd. Een slechte zaak, vindt Van Parijs: ondertiteling draagt meer bij tot de kennis en ver spreiding van het Engels.
Modigliani
Philippe Van Parijs: taal louter als instrument. sneller werk, kan met iedereen pra ten en hoeft geen andere taal te le ren. Van Parijs is een egalitarist en werkt een model uit om de ongelijkheid te verhelpen. Zo komt hij tot het idee van een ‘taaltaks’ voor Engelsspre kenden. Met de opbrengsten kun nen taalcursussen worden ingericht voor niet-anglofonen. Van Parijs
ADVERTENTIE
En wat moet er intussen met die andere talen gebeuren? Ook daar denkt Van Parijs over na. In het meest extreme geval wordt er alleen nog Engels gesproken in de hele wereld. Dat ziet de filosoof niet zo snel gebeuren. Dat het En gels het haalt van andere talen, zou ook onrechtvaardig zijn. Niet om emotioneel-romantische redenen; Van Parijs verwerpt de Herderiaan se benadering van taal als iets wat gekoesterd moet worden vanuit een esthetisch ideaal of als drager van een cultureel erfgoed. “Het verdwij nen van een taal moet aanvaard wor den. Het is misschien triestig, maar niet onrechtvaardig,” schrijft Van Parijs. Wel is er zoiets als parity of
esteem. Alle talen staan als gelijken tegenover elkaar. Voor het Engels kiezen als enige taal in de wereld zou daarom een zeker onrecht ver oorzaken. Om dit op te lossen pleit Van Parijs voor territoriale taalregimes: territoria kunnen ervoor kiezen hun lokale taal te beschermen door die taal als officiële overheidstaal aan te nemen. Van Parijs schuwt hier de Belgische communautaire discussie niet. De taalfaciliteiten, Leuven-Vlaams, migrantentalen en de arrogantie van de Engelstalige expat in de Rand: het komt allemaal mooi aan bod. Van Parijs gelooft in een ‘Modiglia ni-model’: mooi afgelijnde territoria waarbinnen telkens één officiële taal geldt. Dat staat in contrast met het Kokoschka-model, zoals de we reld eruitzag vóór de industriële re volutie: een onoverzichtelijk patch work van duizenden talen. Voor België betekent dat twee din gen. Van Parijs loopt niet zo hoog op met officieel tweetalige regio’s (zoals het Brussels Gewest), en al helemaal niet – maar wie Van Parijs kent, weet dat al langer – met taal gemeenschappen die over territori ale grenzen heen opereren, zoals de Vlaamse Gemeenschap in Brussel. Of Brussel dan een Frans-, Neder lands-, Engels- of toch tweetalige stad moet worden, daar laat Van Pa rijs zich niet over uit. Dat moeten de Brusselaars onder elkaar uitmaken, bij voorkeur na een ernstig debat over de pro’s en de contra’s. Steven Van Garsse
ADVERTENTIE
Het Sint-Guido-Instituut Het Sint-Jozefscollege Het Sint-Pieterscollege
W IN
U KAN UW DOCHTER OF ZOON
INSCHRIJVEN
EEN ROMANTISCHE NACHT IN HET ATOMIUM *de v spe ioolniet ler is grep inbeen :)
VOOR HET EERSTE LEERJAAR A OF B - SCHOOLJAAR 2012-2013
SINT-GUIDO-INSTITUUT
SINT-JOZEFSCOLLEGE
SINT-PIETERSCOLLEGE
TER PLAATSE INSCHRIJVEN
TELEFONISCH AANMELDEN OP 0800 - 63 600
op woensdag 1 FEBRUARI 2012
op maandag 30 JANUARI 2012
van 18 tot 21 uur
van 8 tot 11 uur
van 12 tot 15 uur
nadien ter plaatse inschrijven op donderdag 9 februari van 18 tot 20 uur
nadien ter plaatse inschrijven op donderdag 9 februari van 18 tot 20 uur
VOOR MEER INFORMATIE:
VOOR MEER INFORMATIE:
VOOR MEER INFORMATIE:
Dokter Jacobsstraat 67 1070 Anderlecht Tel.: 02 521 60 10 www.sintguido.be info@sgi-anderlecht.be
Woluwelaan 18-20 1150 Sint-Pieters-Woluwe Tel.: 02 761 03 80 www.sjcwoluwe.be secretariaat@sjc.skynet.be
Léon Theodorstraat 167 1090 Jette Tel.: 02 426 85 15 www.sint-pieterscollege.be ASO@sint-pieterscollege.be
Dokter Jacobsstraat 67 Itterbeekselaan 550 1070 Anderlecht
NEEM DEEL AAN ONZE TEKENWEDSTRIJD EN WIN EEN OVERNACHTING VOOR TWEE IN HET ATOMIUM, MET DINER BIJ KAARSLICHT & ONTBIJT.
www.atomium.be/love
De prijzen van de Vlaamse Gemeenschapscommissie
Gouden Ketjes 2012
ADVERTENTIE
Muren slopen, bruggen slaan! Baanbrekend. Brussels. Domeinoverschrijdend. Met een bijzonder resultaat ? Win tot ₏ 5000! De VGC beloont opmerkelijke projecten die tot stand gekomen zijn door samenwerking tussen cultuur, jeugd, sport, onderwijs, vorming, welzijn, gezondheid of gezin.
Schrijf in op www.goudenketjes.be voor 29/02/2012.
www.goudenketjes.be
BDW REGIO
BDW 1312 PAGINA 10 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
vertelt Cnops. “Het kan wijzen op de groente, maar net zo goed op het feit dat er veel belastingen konden worden geïnd, waar veel te rapen was.”
Deze week in het museum > Pieter Cnops, Everenaar van het Jaar
‘Eerst de rapen, dan het witloof’
Pieter Cnops, conservator van het gemeentelijk museum van Evere: “Alles is begonnen met de verhalen in het café van mijn schoonfamilie.”
EVERE – Pieter Cnops (83) leerde Evere zijn geschiedenis kennen. Zopas werd hij bedacht met de onderscheiding ‘Everenaar van het jaar’. Een portret van de conservator van het gemeentemuseum. “Geschiedenis moet altijd over mensen gaan.”
V
an Evere zijn. Echt van Evere zijn. Dat speelt in die gemeente nog een rol. Cnops is écht van Evere. Of toch bijna helemaal. Zijn vader trok als beroepsmilitair in 1925 van Heverlee naar Evere. Moeder Cnops is wel volledig van Evere. De familie was er een van boerkozen zoals er toen zoveel waren. Cnops is zich voor de lokale geschiedenis gaan interesseren dankzij zijn vrouw. Een Van Obberghe, van café La Clef du Cimetière aan het oude kerkhof in de Sint-Vincentiusstraat. Cnops: “In dat café, een echt volkscafé, zat altijd wel iemand verhalen te vertellen. Over hoe Evere vroeger was, over de Everse families. Dat heeft me aangezet om de lokale geschiedenis van Evere te gaan bestuderen.” Cnops is conservator van het Gemeentelijk Museum van Evere, dat hij in 1994 mee heeft helpen oprichten in een groot herenhuis in de Edward Stuckensstraat. Een groot
deel van de collectie van het museum komt recht uit de verzameling van Pieter Cnops. Het museum van Evere is zo ook een beetje het Museum Cnops. Een aparte kamer is aan zijn familie en die van zijn vrouw gewijd. Er hangt een prachtige foto. De grootmoeder van Pieter Cnops met een bussel groenten in de hand. De foto is ook voor Cnops een herinnering. “Ik mocht als kind met haar meerijden op de ezelskar, om groenten rond te brengen.” Kort na de Tweede Wereldoorlog richtte Cnops samen met de pastoor en een liberale schepen van Onderwijs de eerste heemkundige kring op. Die zou niet lang blijven bestaan, en de omstandigheden zeggen al meteen veel over de geschiedenis van Evere. Een pastoor en een liberaal in één vereniging, dat gaf meermaals vuurwerk. Cnops: “Vergaderen deden we in de pastorie. De pastoor heeft altijd gedacht dat hij de liberaal zou kunnen bekeren. Tevergeefs. De schepen zou later
vrederechter worden.” Niet veel later was het gedaan met de heemkundige kring. Toch waren de vergaderingen in de pastorie beslist geen toeval. Om de geschiedenis van een gemeente te kennen zijn de archieven van de pa-
Socialisten aan de macht
© SASKIA VANDERSTICHELE
een kaart uit 1600 van Mathieu Bollin. De kaart moest aangeven waar de Zenne ontzand moest worden om overstromingen tegen te gaan. Uit de kaart, die Cnops strategisch aan de ingang van het museum heeft gehangen, blijkt dat Evere zich ooit uitstrekte tot over het kanaal, tot in Neder-Heembeek. Maar Evere was toch vooral een gemeente van landbouwers. De Everse witloofboeren hebben hun plaats in
De heemkundige kring was geen lang leven beschoren. Een pastoor en een liberaal in één vereniging, dat gaf vuurwerk rochie onontbeerlijk. Cnops vertelt hoe de Sint-Vincentiusparochie is ontstaan uit de priorij van Zinnik. De geestelijken mocht tienden innen uit de opbrengsten van de vruchtbare Everse landerijen, in ruil voor de bouw en het onderhoud van de kerk. Diezelfde kerk zou een sleutelrol blijven spelen in de lokale geschiedenis. Zo staat ze, zonder dak, op
de geschiedenis al verdiend, maar Evere – zo heeft Cnops in oude documenten kunnen terugvinden – was lange tijd vooral bekend om zijn rapenteelt. In Latijnse en Franse teksten uit de achttiende eeuw worden de lekkere rapen van Evere geroemd. En op een oude prent uit die periode staat: “Het is al op rapen uyt.” “Dat kun je dubbelzinnig interpreteren,”
Veel industrie is er nooit in Evere geweest, zegt Cnops. Toch is de gemeente geleidelijk geëvolueerd van een landbouw- naar een arbeidersgemeente. Dat heeft met de ligging te maken, tussen spoorweg en luchthaven. “De arbeiders moesten van het vormingsstation van Schaarbeek maar de berg op. En later zou daar ook heel wat werkvolk van op de luchthaven, Sabena en Sabca bijkomen. Dat heeft zeker mee bijgedragen tot de demografische evolutie van Evere.” Verklaart dat ook de politieke machtsverschuiving na de Tweede Wereldoorlog? De socialisten zouden de gemeenteverkiezingen keer op keer winnen, ten koste van de katholieke partij; Cnops schreef er een boekje over. “Misschien wel. Anderzijds waren die naoorlogse socialistische burgemeesters ook wel echte figuren, die pintjes trakteerden om de kiezers gunstig te stemmen.” Cnops kan honderduit vertellen, feiten, namen en het erbijhorende jaartal, vaak gelardeerd met anekdotes. Over het zothuis van Evere, over het openluchtzwembad aan de Genève straat waar hij met zijn kinderen naartoe ging tot in 1970, en over de wijk met de vreemde naam Picardië, genoemd naar een streek in Frankrijk. “Waar die naam vandaan komt, weten we niet. Ik heb wel een hypothese. Onder Lodewijk XIV was het bon ton om over een buitenverblijf langs het kanaal te beschikken. Daarvan getuigen de kasteeltjes Tivoli, Marly of Les Trois Fontaines. Misschien vond de eigenaar van de boerderij Picardie het een prettige gedachte om zijn boerderij naar die Franse streek te noemen?” Die toevallige naamskeuze volstond om in de wijk een hele nieuwe folklore te laten ontstaan, een ware Picardiëcultus, tot de typische Franse klederdracht toe. Pieter Cnops heeft zowat zijn hele leven lang met de Everse geschiedenis in gedachten rondgelopen. Zo bezocht hij het kasteel van Belœil in Henegouwen. Daar hangt een schilderij waarop een groot toernooi van Filips II is afgebeeld. Het was geen sinecure om van het schilderij een reproductie te krijgen. Maar Cnops vond dat het een plaats verdiende in zijn museum. Hij wist dat het toernooi in Evere had plaatsgevonden, meer bepaald in hoog-Evere. Volgens de informatie in het kasteel van Belœil was dat toernooi in Tervuren, “maar dat klopt natuurlijk niet,” zegt Cnops, en hij voert allerlei documenten aan die zijn stelling bewijzen. Cnops heeft de prins de Ligne, eigenaar van het kasteel, nooit op de fout durven te wijzen, “maar misschien had ik dat wel moeten doen...”
Steven Van Garsse
Het Gemeentelijk Museum (Stuckensstraat 11-13, 02-245.44.88) is elke donderdag open van 14 tot 17 uur, en elke laatste zondag van de maand van 10 tot 12 uur; gratis
Vorst > Kinderen kunnen nu in relatieve rust eten en spelen
TELEXREGIO
BDW REGIO
BDW 1312 PAGINA 11 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
Akoestiek van refter Parkschool eindelijk aangepakt
Energiefactuur blijft dalen
© BART DEWAELE
SINT-AGATHA-BERCHEM – Al jaren op rij bespaart de gemeente honderdduizend euro op haar energie-uitgaven, dus ook in 2011. De besparing is te danken aan groene investeringen, op aansporing van schepen van Energie Vincent Riga (LBR/CD&V): renovatie van buitenramen en deuren, spaarlampen, zonnepanelen, circulatie- en andere pompen en isolatie in scholen en andere openbare gebouwen. De aankoopfactuur voor de investeringen kwam niet ten laste van de gemeente, alles werd gedekt door energiepremies. Het Gewest stimuleerde (onder meer via Sibelga) de energiepremies van JMB 2006 tot 2011.
Ontdekkingszondagen ANDERLECHT – Dit voorjaar zijn er voor de vijfde keer Anderlechtse ontdekkingszondagen. Daarin nemen ervaren gidsen u maandelijks mee op sleeptouw langs een minder bekend plekje van de gemeente. Op zondag 5 februari gaat deze editie van start met een bezoek aan het Begijnhof, in de schaduw van de SintGuidokerk. Dit charmante ‘klaphuis’ uit de dertiende eeuw huisvest een lokaal museum voor volkskunst, waar momenteel een ten toonstelling rond 380 jaar Koninklijke Broederschap van de Heilige Guido loopt. Afspraak om 14 uur aan de ingang van het Begijnhof, TDM Kapelaanstraat 8.
De akoestiek in de eetzaal is door het initiatief van de ouders een stuk verbeterd. In de eetzaal annex sport- en speelzaal van de Parkschool was het jarenlang een hels kabaal. Oorzaak: de slechte akoestiek. Omdat de school geen geld had om hier wat aan te doen, besloten enkele ouders zelf de handen uit de mouwen te steken. Tijdens de kerstvakantie kropen ze op hoge stellingen om een dikke laag geluidsdempende rotswolisolatie tegen het plafond te beves-
tigen. Daarover spanden ze een vrolijk groen-geel stofje. “Het is een flinke verbetering,” zegt Benoît Delahaye, die zelf meegeholpen heeft. “Voorheen zat het zowel voor de kinderen, de leerkrachten als de dames van de opvang soms op de grens van het draaglijke.” Bettina Hubo
Literaire lezingen in De Zeyp GANSHOREN – Gemeenschapscentrum De Zeyp stelt dit voorjaar zes literaire lezingen voor. Naast dichters of romanciers zoals Peter Terrin, Patrick Lateur en Peter Verhelst worden ook drie experts uitgenodigd om te komen spreken over uiteenlopende thema’s, gaande van ‘de economische crisis’ over ‘volksverhalen’ tot ‘de laatste zusters in Vlaanderen’. De nieuwe aanpak vloeit voort uit een samenwerking met twee nieuwe partners, het lokaal dienstencentrum en Okra Ganshoren. Schrijver Peter Terrin bijt op 26 januari om 20 uur TDM de spits af. Meer op www.dezeyp.be.
ADVERTENTIE
nschrijven in een Nederlandstalige school in Brussel? p o g e w e t is ju e d t d in v U e b l. e s s u r b in n e v ij r h c s n .i www Basisonderwijs
LOP Brussel BaO LOP Brussel SO
Voor alle info over de inschrijvingsprocedure in het Brussels Nederlandstalig onderwijs voor het schooljaar 2012-2013: ga naar www.inschrijveninbrussel.be. OPGELET: belangrijk voor alle kinderen geboren in 2010! Van 9 tot en met 27 januari dient u als ouder de broers en zussen van reeds ingeschreven leerlingen in te schrijven. Alle andere kinderen moeten aangemeld worden op www.inschrijveninbrussel.be in de maand februari 2012. NIEUW dit jaar: Hebt u recht op een voorrangsplaats? Bezorg het LOP binnen de 7 dagen na de aanmelding de gevraagde documenten. Via ‘Samen naar school in de Buurt’ kunt u kennismaken met andere ouders. Kijk op www.samennaarschool.be. Secundair onderwijs: op de meeste scholen kunt u rechtstreeks inschrijven. Voor 12 scholen moet u telefonisch aanmelden vooraleer in te schrijven. Kijk op www.inschrijveninbrussel.be voor alle informatie.
BDW 1312 PAGINA 12 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
Adieu, Bompa Flamand
Afscheidszoenen op de zondagse met va Meulebeik voor marktkramer Louis Van Mulders, alias ‘Bompa Flamand’. ADVERTENTIE
Het autosalon begint bij de MIVB.
© SASKIA VANDERSTICHELE
SINT-JANS-MOLENBEEK – Zondag stond marktkramer Louis Van Mulders (68), afkomstig uit Asse-ter-Heide, voor het laatst met zijn groenten op de markt in Molenbeek. Na liefst veertig jaar Molenbeekse zondagsmarkt stopt ‘Bompa Flamand’ ermee. De gemeente organiseerde zelfs een afscheidsdrink. “Het is jammer,” zegt Van Mulders, “maar ik heb nu andere verplichtingen, ik ga mijn zieke vrouw verzorgen. Een collega neemt mijn kraam over. Toch stop ik niet helemaal: ik ga nog af en toe op de vroegmarkt Mabru staan.” Christiane Vincke (68), een geboren en getogen Molenbeekse, gaat Bompa Flamand hard missen. “Ik kwam altijd met mijn man Noël groenten bij ons boerke kopen. Hij kweekte en verkocht bijzondere dingen, zoals pinksternakel (pastinaak, witte wortel, red.). En duur was het nooit bij Bompa Flamand. Hij paste zijn prijzen aan aan de arme mensen van Molenbeek. Wat ga ik hem missen! De markt zal nooit meer hetzelfde zijn.” MV
© SASKIA VANDERSTICHELE
BDW REGIO
BDW 1312 PAGINA 13 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
Anderlecht > Buurt wil ‘vervuilende’ hoefsmidschool dicht
Nu het ijzer nog heet is De hoefsmidschool in de Léon Delacroixstraat heeft er met de nieuwbouwappartementen in de De Bonnestraat nieuwe buren bij. Maar de verstandhouding loopt niet van een leien dakje. De nieuwe bewoners – zo’n 55 – die vanuit hun terras uitkijken op de school, klagen over stank en fijn stof.
De enige school van het land waar nog honderd procent manueel gesmeed wordt.
De hoefsmidschool in Anderlecht, de enige van het land waar de hoefijzers nog honderd procent met de hand gemaakt worden, draait tijdens ons bezoek op volle toeren. Zo’n tweehonderd cursisten volgen er, in het Nederlands of Frans, een opleiding tot hoefsmid. De smederij, op de grens met Molenbeek, is een echt monument. Op de voorgevel prijkt een bordje waarop staat dat de school in 1905 de deuren opende: samen met de Slachthuizen en de Veeartsenijschool is ze een van de overblijfselen van de rijke veehandelsgeschiedenis van de buurt. En ook de commu nautaire evolutie is hier merkbaar:
pal over de binnenplaats loopt de taalgrens – rechts het Franstalige, links het Nederlandstalige atelier, elk met een eigen schouw. Na een klacht van een paar buurtbewoners hebben de twee scholen flink moeten investeren om de hoeveelheid fijn stof en roetdeeltjes te verminderen. Om de hoefijzers warm genoeg te krijgen werkte de hoefsmederij namelijk met sterk vervuilende steenkoolovens. “Ovens op steenkool stinken en zijn allesbehalve gezond,” zegt buurtbewoner Axel De Nys. De bewoners haalden via Leefmilieu Brussel hun slag thuis, waardoor de scholen verplicht werden te investeren in een filter. Aan Nederlandstalige kant gebruiken de cursisten nu kolen uit Polen. “Die zijn een stuk duurder, maar ze zijn minder vet en daardoor ook een stuk minder vervuilend,” legt Harald De Muynck, directeur van het CVO Brussel, uit. “De meest vervuilende ovens hebben we laten verzegelen. We hebben dus alle maatregelen genomen om te voldoen aan de strenge
maatregelen die Leefmilieu Brussel ons oplegt. Bovendien zullen we dit jaar beginnen bouwen in de Materiaalstraat: tegen september 2013 hopen we daar een splinternieuw atelier onder te brengen.” Voor de École de Maréchalerie ziet de toekomst er minder rooskleurig uit. “We wilden ook met cokes werken, maar vreemd genoeg kregen we daarvoor geen toestemming van Leefmilieu Brussel. Daardoor zijn we nu aangewezen op gasovens,” zegt atelierchef Marc Dufert. “Maar met gas krijg je het ijzer nooit warm genoeg voor het fijnere smeedwerk.” De Franstalige afdeling zou na de verhuizing graag het atelier van de Vlamingen overnemen, maar dreigt dan weer op buurtprotest te stoten. “Als na de verhuizing van de Nederlandstaligen de ovens toch gebruikt blijven worden, dan zal ook de milieuvergunning herzien moeten worden en zullen we strengere maatregelen eisen,” waarschuwt De Nys. Bruno Schols
dat ook luisterboeken op de markt brengt. Daisy wordt nu al via de zorgverzekering aangeboden aan mensen met een visuele of motorische handicap of met dyslexie. “Als het proefdraaien goede resultaten geeft, hopen we alle edities van 2012 ook per e-mail te kunnen le-
veren, via een file of link,” zegt Riga. Inmiddels zijn een Nederlandstalige en een Franstalige begonnen met het inlezen van de nieuwsbrochure. Benieuwd wie de Tom Blom- en de Catherine-voorleesstem van Berchem News zullen zijn. Jean-Marie Binst
Sint-Agatha-Berchem > Communicatieprimeur voor slechtzienden
Luisteren naar het gemeenteblad Berchem News, het tweetalige informatieblad van de gemeente, zal vanaf eind januari ook ingesproken beschikbaar zijn. Eerst werden de behoeften afgetoetst bij onder meer het Berchemse Institut Alexandre Herlin voor
slechtzienden en blinden, Progebraille Helen Keller (PHK) en de Brailleliga; daarna leidde schepen Vincent Riga (LBR/CD&V), die bevoegd is voor het mindervalidenbeleid, het dossier in om het gemeentelijke infoblad ook in luistervorm aan te bieden. “Bedoeling is dat niet
alleen blinden en slechtzienden, maar ook bijvoorbeeld senioren voor wie een drukletter soms te klein is, de edities van Berchem News kunnen beluisteren.” Het systeem zal afspeelbaar zijn dankzij het digital audio based information system – kortweg Daisy –, ADVERTENTIE
15e eeuw
16e eeuw
17e eeuw
18e eeuw
19e eeuw
20e eeuw
Brussel heeft steeds een belangrijke diplomatieke rol gespeeld. Maar wat hebben Karel van Lotharingen, de Bourgondische hertogen en de Europese wijk met elkaar te maken ? Het Cultureel - Erfgoedforum Brussel laat je dit ontdekken. We bezoeken het paleis van Karel van Lotharingen, wandelen met Brukselbinnenstebuiten langs de visitekaartjes van de politieke macht gisteren en vandaag en luisteren naar getuigenissen van de Europese pioniers in Brussel. De Engelstalige rondleiding gaat door op 28/01, de Nederlandstalige op 25/02, de Franstalige op 10/03. Inschrijven is verplicht (prijs: 8 euro) tel: 02/218 38 78 – e-mail: bruksel@skynet.be
© Michael De Lausnay
Meer info rond dit dagprogramma: www.erfgoedbrussel.be
BDW 1312 PAGINA 14 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
De belasting op inverkeerstelling (BIV) is een eenmalige heffing bij aankoop van een auto. In België is de BIV historisch extreem laag: die kan best omhoog, vinden ze bij Bral.
© BART DEWAELE
Milieu > Bral: ‘Overheid, stop met dieselvriendelijk fiscaal klimaat’
Diesel doodt BRUSSEL – “Ik was graag begonnen met een vraag: wie kent iemand die aan kanker gestorven is? Of iemand met astma, allergieën of een hartziekte? Dat zou de ideale opstap zijn naar mijn boodschap: luchtvervuiling tast de gezondheid aan van ons allemaal.” En daarom, zegt Piet Van Meerbeek van de Brusselse Raad voor het Leefmilieu (Bral), moet het aantal (diesel)auto’s ferm omlaag.
Het probleem van fijn stof is com plex. Het is een amalgaam van heel verschillende partikels, uit diverse bronnen. Een deel komt aanwaaien van ver, van het verkeer uit Parijs of de industrie in het Ruhrgebied. Een ander deel is puur natuur: stuif meel, zand... En ten slotte is er een grote hap fijn stof dat ontstaat in een chemische reactie uit ammoniak die opstijgt uit landbouwmest. Lokale verkeersmaatregelen hebben daar om maar weinig effect op concen traties van fijn stof. En dus... vinden onze politici het niet zo nodig om krachtige maatregelen te nemen. Er is altijd wel een andere overheid die de klus kan klaren. Heel spijtig. Lokale verkeersmaatregelen zijn wel degelijk van groot belang voor uw en mijn gezondheid. Dat heeft te ma ken met twee andere boosdoeners, die we nu in het beklaagdenbankje roepen: stikstofdioxide (NO2) en roet.
Europese norm Roet is één onderdeel van fijn stof,
Roetfilter
Piet Van Meerbeek:
“In het laboratorium voldoen wagens aan de norm, maar echte rijomstandigheden zijn iets helemaal anders”
hier een stuk lager voor diesel dan voor benzine. Zijn diesels dan niet beter voor het klimaat? Nauwelijks. Er komt inderdaad minder CO2 uit de uitlaat van dieselwagens, maar als je ook de uitstoot van het raf
Overheden aller landen rekenen al jaren op nieuwe motortechnologie om onze lucht properder te maken. Zo moeten alle auto’s vanaf 1 janua ri 2015 voldoen aan de nieuwe nor men ‘Euro 6’. Eerst zien en dan gelo ven, zeggen wij dan. Ook de wagens met Euro 4 en 5 gingen een grote verbetering meebrengen, en daar is niks van in huis gekomen. In het laboratorium voldoen de wagens aan de norm, maar echte rijomstandigheden zijn iets hele maal anders. Keer op keer blijken de nieuwe modellen veel meer uit te stoten in de praktijk dan tijdens de tests. Neem nu de roetfilter. In theo rie vangt die het fijn stof in de uitlaat op. Om de zoveel kilometer worden alle roet- en andere partikels dan verbrand bij een extreem hoge tem peratuur. De uitstoot is dan enkel CO2. Jammer genoeg kan dat alleen als je motor warm genoeg is, dus na een rit over grotere afstand en tegen hogere snelheid. Het is bekend dat auto’s die vooral kortere afstanden doen, in de stad en in de file, vaak niet aan die temperaturen toeko men, zodat de roetfilter niet werkt.
Hogere BIV Conclusie: we hebben hier en nu maatregelen nodig om onze gezond
De boetes kunnen vrij prijzig zijn.
Piet Van Meerbeek
diesels veel duurder graag
En dat is Meerbeek nog niet alles. de gemidPiet Van is Ook stafmededelde jaarconcentratie voor stikstofdiwerker Leefmilieu & Participatie oxide (of NO2) is al enkele jaren te hoog. bij Brusselse Raadisvoor het Hetde grootste zorgenkind het meetpunt Leefmilieu (Bral) op de Kroonlaan in Elsene. In 2010 zaten we aan 54 microgram NO2 per kubieke meter terwijl het maximum 40 bedraagt. Dit jaar eindigen we wellicht op zo’n 51.
Kankerverwekkers in de lucht Kankerverwekkers in de lucht
roetpartikels 73,3%
nikkel 0,5% chroom 2,2% asbest 2,2% cadmium 2,0% arsenicum 2,0% benzeen 3,9% PAH (BaP) 10,8% Dieselroet is met grote voorsprong de meest kankerverwekkende stof in de lucht. © State Office for Nature, Environment and Consumer Protection Roet is met grote voorsprong de North Rhine-Westphalia
meest kankerverwekkende stof in de lucht.
O
© LANDESAMT FÜR NATUR, UMWELT UND VERBRAUCHERSCHUTZ, NORDRHEIN-WESTFALEN
BDWOPINIE
een relatief onbekend onderdeel bo vendien. Er bestaat bijvoorbeeld wel een Europese norm voor fijn stof en een voor NO2, maar nog geen voor roet. Onderzoek wijst nochtans uit dat roet met grote voorsprong de meest kankerverwekkende stof in de lucht is. Ook het effect op astma en allergieën is aangetoond. Als we zeggen dat fijn stof de oorzaak is van vroegtijdig overlijden en een slech tere gezondheid, dan is dat in grote mate de schuld van roet. Black car bon gives fine particles a bad name. Met NO2 en roet liggen de zaken simpel: het komt vooral van het verkeer hier, en voor het overgrote deel van dieselwagens. Als we iets kunnen doen aan het verkeer in en naar Brussel en aan het aandeel van dieselwagens daarin, dan zullen de concentraties van NO2 en dieselroet onmiddellijk sterk dalen. Anders gezegd: als niemand met een diesel rondrijdt, dan is onze lucht meteen veel properder. Diepe treurnis, laten wij in Brussel nu net rijkelijk veel dieselroet in de lucht hebben. Het aandeel dieselwa gens ligt hier zeer hoog. België heeft dan ook al jaren een uiterst diesel vriendelijk beleid. Accijnzen liggen
finageproces bekijkt, dan ziet het beeld er heel anders uit. Het verschil bedraagt dan nog maar zo’n vijf pro cent. Zo klein dat het niet opweegt tegen de enorme nadelen van diesel voor onze gezondheid.
heid te beschermen. Die is te belang rijk om lijdzaam toe te kijken. En op andere landen of overheden hoeven we niet te rekenen. Onze ministers zullen het moeten doen. Zij zullen moeten zorgen dat we met z’n al len minder met de auto gaan rijden en meer met fiets of tram. Minder parkeerplaatsen, minder rijstroken, minder (bedrijfs)wagens... dat is wat onze longen nodig hebben. En wie toch een nieuwe wagen koopt, kiest beter niet voor diesel. Er is goed nieuws: de Brusselse ge westregering heeft instrumenten in handen om iets in gang te zetten. Net op dit moment werken ze aan een nieuwe belasting op inverkeer stelling (BIV). Da’s de belasting die je eenmalig betaalt als je een auto koopt. Een fikse verhoging van die heffing is een eerste noodzaak. België heeft een extreem lage BIV: gemiddeld 664 euro per voertuig, terwijl dertien andere landen gemid deld 1.079 euro heffen. Drie landen heffen zelfs meer dan 9.000 euro, zodat het wagenpark én de verkeers hinder er beduidend minder groot zijn. Als wij die weg volgen, krijgen we met z’n allen een duidelijke sti mulans om twee keer na te denken of we echt een auto nodig hebben. Deze stad lijdt aan dieselitis Het zou ook ons parkeerprobleem oplossen. Het Gewest kan dat com penseren door de forfaitaire en aso ciale gewestbelasting af te schaffen. De Europese Commissie kent onze polTen tweedenatuurlijk moet dieook BIVenhoger lutiepieken blijft voor niet wagens die veel fijnIn stof en bij de pakken zitten. 2010 (roet) lieten ze ons2 land weten dat we geen uitstelmin veruitstoten. Kleine wagens NO dienen aangezien nietbakken, konden ben aander belasten dan we dikke tonen dat we de normen tegen 2015 wél zine minder dan diesel... Niet de zouden halen. En dus stuurde de Comzelfde bok schieten als de Vlaamse missie onze zaak door naar het Euroregering, dus. En beste ministers, pees Hof van Justitie. Het is nu wachten tot de zaak daar voorkomt. vergeet de uitstoot tijdens Verwacht de fabri wordt dat het Hof ons ergens tegen eind cage-, raffinageen afvalfase niet of, 2012 veroordeelt. Waarop de Commissie in het geval van elektrische wagens, een tweede procedure moet inluiden om die van elektriciteitsopwekking. het Hof te vragen de sanctie te bepalen.
Eind Com een lidst trati blijv geln ond steu
Bral gelic net fijn keer moe ster koo den acci dies het
In p voor logi dat gaan gen uit d dus gele de a goed
BDW 1312 PAGINA 15 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
BRIEVEN VAN LEZERS lezersbrieven@bdw.be
Vakbonden (Reactie op lezersbrief van Jos Dewint in BDW 1310 van 5 januari, p. 15.) Goed gezegd, Jos. De syndicaten han gen nog steeds vast aan het paternalisme van de jaren 1950-’60. Herbronning is dringend nodig! Het is ook zo dat de ‘stakingskassen’ goed vol zitten, en al die centen zitten niet alleen bij Dexia. Anderzijds zijn er onbegrijpelijke toestanden binnen de relatie werkgevers-syndicaten. De vakbondspremie (135 euro!) die je ontvangt als je bijdrage betaalde in 2011, wordt door de werkgever betaald! Dit was/is om de sociale vrede te bewaren, zeker?
Daniel Bex, Jette
© BART DEWAELE
Openbaar vervoer
BDWOPINIE
collectieve taxi’s zijn op oudejaarsnacht! Wat een rot imago geeft de MIVB daarmee aan het publiek, als de eigen informatiedienst niet op de hoogte is wat er die zelfde nacht gebeurt! Niet alleen heeft deze maatschappij verschrikkelijk lan ge wachttijden tijdens het hele jaar, maar je wordt ook nog eens op een nacht waar iedereen wordt afgeraden om te rijden als je wat wilt drinken, in de steek gelaten. En dan word je oprecht boos. Het blijft dus MIVB = Meest Inefficiënte Vervoer van Brussel.
Reginald Goossens, Sint-Pieters-Woluwe
Harmonie Beste meneer Floré uit Wetteren, Beste Bruno, Na het lezen van uw lezersbrief in BDW 1310 van 5 ja nuari (p. 15), hadden wij u graag uitgenodigd voor een maaltijd in ons lokaal dienstencentrum De Harmonie. Voor zover wij weten, hebt u ons centrum nog niet be zocht. Daarom leek het ons interessant om onze wer king beter te leren kennen. Nu lijkt het op het schrijven van een recensie over een plaat die u nog niet gehoord heeft of een recensie over een film die u nog niet gezien heeft. Hopend op een antwoord, met vriendelijke groeten, Gert Bouquiaux, namens de ploeg van lokaal dienstencentrum De Harmonie, Brussel
Met veel belangstelling las ik het opiniestuk over het openbaar vervoer van Annemie Maes (in BDW 1310 van 5 januari, p. 14). Maes slaat spijkers met koppen over het disfunctio neren van ons Brussels openbaar vervoer, ondanks de vele maatschappijen en de vele halteplaatsen. Maar ze vergeet één belangrijk element in de hele problematiek. Alle maatschappijen hangen af van een financiering, die in overgrote mate bepaald is door politici, zoals zijzelf. Als er geen middelen tegenaan worden gegooid, zal het openbaar vervoer nooit een alternatief voor de wagen kunnen vormen. Ik geef twee voorbeelden uit eigen er varing. 1. Ik verhuisde van Evere naar Sint-Pieters-Woluwe, on der meer omdat ik met het openbaar vervoer (MIVB en De Lijn) nooit zeker was van de reistijd naar het stads centrum. Dat was in theorie mogelijk in 35 minuten, maar liep in de praktijk veelal uit tot 1 uur en 25 minu ten, dus met een speling van vijftig minuten! Een ramp die me vele overuren heeft doen kloppen. Nu heb ik een goede metroverbinding vanaf Stokkel. Maar ’s avonds heb ik daar na 18 uur maar een bus (lijn 36) om de twin tig minuten! Op het spitsuur, als iedereen uit de stad terugkomt! De winst van de metro is dus weer verloren met de bus. Dus stap ik nu voor het laatste traject in de wagen of ga ik te voet verder. 2. Met oudejaar bel ik met vrienden naar de infodienst van de MIVB. Mij was verteld dat er een collectief taxi systeem bestond in samenwerking met de MIVB. Want de metro reed maar tot twee uur en de nachtbussen zijn ook maar een armlastige schijnbeweging (twee of drie per nacht). De infodienst van de MIVB bevestigt dit, zegt dat zo’n taxi een halfuur op voorhand gereserveerd moet worden. Ze geven me het telefoonnummer en vermelden de halte Stefaniaplein als verzamelpunt voor die taxi’s. Als ik die nacht naar het opgegeven nummer bel, kom ik uit bij een antwoordapparaat, dat me zegt dat er geen
Lexicon: ‘Tram’ Ik wou toch even een kleine reactie sturen op de ‘Chien Écrasé’ (in BDW 1311 van 12 januari, p. 7), met name op ‘Tram: zowat het lompste voertuig ooit door de mens uitgevonden om mensen in een stad te vervoeren’. Nu ben ik zelf niet de grootste fan van de MIVB, en er rijden in Brussel inderdaad nog enkele trams rond die in een museum thuishoren, maar de recentste model len zijn mooi, ruim, snel en comfortabeler dan om het even welke bus. Tussen haakjes: in Praag rijden in het centrum zo goed als geen bussen, enkel trams en metro, omdat die minder last hebben van het autoverkeer. En mag ik uw medewerker erop wijzen dat je met een Mobib-kaart niet over het rode bakje moet wrijven, maar de kaart er stil tegen moet houden? Als je wrijft, is de kans groot dat het toestel de informatie niet kan le zen, zoals ik wekelijks kan vaststellen: mensen wrijven met hun kaart en concluderen dan misnoegd dat “het toestel weer defect is”...
Alex Hetwer, Schaarbeek
Rechtzettingen In onze vorige krant, BDW 1311 van 12 januari, gaven we op p. 3 een verkeerde website mee: meer informatie over het project DoucheFLUX – een douche en kluisjes voor dak- en thuislozen – vindt u niet op doucheflux.nl, maar op doucheflux.be (al dan niet /nl). En in onze nieuwjaarskrant, BDW 1310 van 5 januari, wordt op p. 11 de film Festen toegeschreven aan regis seur Lars von Trier; dat moet natuurlijk Thomas Vinter berg zijn.
SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.
Moureaux’ noodkreet door Danny Vileyn Als de Walen afscheid nemen van Brussel, dan moeten wij steun zoeken in Vlaande ren. Philippe Moureaux, burgemeester van Sint-Jans-Molenbeek en nog altijd de num mer één van de Brusselse PS, heeft Twitter ontdekt. En dat levert vuurwerk op. Eerst moest federaal staatssecretaris voor Asiel en Migratie Maggie De Block (Open VLD) het ontgelden, nu is het de beurt aan Mou reaux’ partijgenoot Jean-Claude Marcourt, de nummer twee van de Waalse regering. Marcourt is een regionalist in hart en nieren, hij vindt de Fédération Wallonie-Bruxelles (de Franse Gemeenschap) een onding en hij zegt dat ook. Marcourt wil het lot van Wallonië niet langer verbinden aan Brussel. Met zijn uitspraak plaatst hij zich in een traditie van Waalse regionalisten. De zesde staatshervorming, waar aan alle Franstalige partijen hun medewerking hebben verleend, heeft het gewicht van de regio’s doen toenemen. De uitspraak van Marcourt is dan ook geen provocatie of losse flodder. Ze is een denkspoor in het verlengde van de huidige staatshervorming. Toch reageert Moureaux als door een wesp gestoken. Hij dreigt ermee aansluiting te zoeken bij Vlaanderen. Dat Moureaux zulks meent, gelooft geen zinnig mens. De redenen liggen voor het grijpen. Als de droom van Bart De Wever in 2014 bewaarheid wordt en de N-VA wordt de grootste partij in het Vlaams parlement, dan zou Moureaux’ uitspraak betekenen dat hij – Moureaux – klaarstaat om een pact met ‘de duivel’ te sluiten. Ook voor de cynische Moureaux moet dat een brug te ver zijn. De meest plausibele vertaling van Moureaux’ uitspraak is allicht: als Wallonië Brussel laat vallen, dan valt Brussel als een rijpe appel Vlaanderen in de schoot. Hiermee zou een droom van vele generaties Vlaamsgezinden in vervulling gaan. Het interessante aan Moureaux’ uitspraak is dat hij toegeeft dat Brussel het alleen niet redt. Ook in een België met vier gewesten blijft de sociaal-economische verwevenheid tussen Brussel en Vlaanderen groot. Vlaanderen heeft Brussel nodig, maar Brussel heeft Vlaanderen nog meer nodig. Het is opvallend dat de Franstaligen meer bezig zijn met ‘post-België’ dan de Vlamingen. En er is meer. Brussels minister van Openbare Werken en Verkeer Brigitte Grouwels (CD&V) – in francofone kringen ‘het Paard van Troje van de Vlaamse regering’ genoemd – reageert met een pleidooi voor investeringen van de Franse én de Vlaamse Gemeenschap in Brussel. Wordt de Vlaamsgezinde Grouwels de laatste verdediger van België in Brussel?
EVA HILHORST
UN GATO EN LA LUNA. © DJANGOFOLLLIES
GEK VAN DJANGO
VADROUILLE DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK
© SASKIA VANDERSTICHELE
BRUSSEL – De muziek van Django Reinhardt reikt verder dan overbekende deuntjes als ‘Nuages’ en ‘Minor swing’. Jaar na jaar bewijzen De Vrienden van Brosella met hun festival Djangofolllies – dit jaar van 19 tot en met 29 januari – dat het werk van de legendarische gitarist een dankbare inspiratiebron blijft.
BDW 1312 PAGINA 16 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
Op 23 januari 1910 zag Django Reinhardt het levenslicht in het Waalse dorpje Liberchies. 43 jaar later overleed hij in het Franse Samois-sur-Seine. In die korte tijd liet hij niet alleen een indrukwekkend oeuvre na, maar drukte hij ook zijn stempel op de muziekgeschiedenis door de heilige graal te vinden waarnaar elke muzikant op zoek gaat: een totaal eigen stijl. Er werd zelfs een naam op geplakt: manouche of ook wel gipsy jazz. Van 19 tot en met 21 januari organiseert de ploeg achter Brosella de achttiende editie van het Brusselse luik van Djangofolllies. Vaste partner sinds jaren is Les Riches-Claires. Les Violons de Bruxelles wordt gevormd door de drie topviolisten Alexandre Tripodi, Renaud Crols, Tcha Limberger, een meestergitarist (Renaud Dardenne) en een contrabassist (Sam Gerstmans). Van Django tot bebop en Braziliaanse chorro, ze spelen het allemaal. In Finland hebben ze naast een heel bijzondere tangoscene ook een aantal groepen gespecialiseerd in gipsy. Onder hen de Hot Club de Finlande, die hier al te gast was in 2009 en dit keer met gitarist Olli Soikkeli naar Brussel komt. Belgisch surrealisme ten top is er bij La Femme Belge, een groep van vijf jonge gasten. Ze brengen manouche met een snuifje Waits en een streepje Brel. Het energieke Franse kwartet Les Doigts de l’Homme presenteert een eigen best of. Ambiance verzekerd. Aanvullend zijn er buiten deze drie dagen nog extra concerten van de Spaanse flamencogitarist Tomás García met zijn groep Un Gato en la Luna, Koen De Cauter & Rony Verbiest Quartet en Marquito Velez & GTB Martin Bérenger Trio. www.brosella.be, www.lesrichesclaires.be ADVERTENTIE
Handicap & informatie Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap
✆ 0800-15045
alle werkdagen van 9 tot 12u30, maandag, dinsdag en donderdag van 13 tot 15u30
Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be
Guy Joosten gaat voor De Munt aan de slag met een moeilijke vrouw. “Iedereen ziet iets anders in de maan, en zo gaat het ook met Salome.”
TRACHET OVER HAAIENVINNEN
© AL IC E RA
Als afsluiter van Europalia gaan we nog één keer op zoek naar Brazilië in Brussel. Dit keer zijn we op bezoek bij Amora Ramos (12 jaar) uit Salvador de Bahia, die nu in Brussel woont. Ze houdt van sneeuw én van hete stranden, van chocoladebommen én watermeloen, en gek genoeg houdt ze NIET van Braziliaans carnaval!
M OS
RA
M
Zegt een man in het restaurant: “Ober, ik vind geen haaienvin in de soep!” Waarop die: “O, maar die zijn héél fijn, moeilijk te zien.” Dit en meer zin & onzin over de vinnen van bijvoorbeeld de Carcharhinus sorrah sorrah, speciaal ter gelegenheid van Chinees nieuwjaar.
BRA-ZAZIE-ZILIË!!!
OS
© NICK TRACHET
BDW 1312 PAGINA 17 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
©
AL
IC E
LEES MEER OP PAGINA 21
LEES MEER OP PAGINA 26-27
Opera > Regisseur Guy Joosten doorgrondt moderne Salome
Borderlinepatiënte wordt ein Weib BRUSSEL – Vijftien jaar na regisseur Luc Bondy pakt de Brusselaar Guy Joosten de thrilleropera Salome aan. Een familiedrama over Herodes’ dochter met borderline, wier incesttrauma en puberale verliefdheid uitmonden in wraak. Salome eist het hoofd van de moraalridder Johannes de Doper op, om het vol op de mond te kussen. De slotzin is overbekend: “Man töte dieses Weib!” Maar hoe drijft Joosten de spanning op?
W
ie Richard Strauss’ riante jugendstilvilla onder de Zugspitze kent, wordt het meteen duidelijk hoeveel zijn kaskraker Salome (1905), naar het boek van Oscar Wilde, hem heeft opgebracht. Het familiedrama waarin liefde en verlangen verward worden met macht en hebzucht, krijgt in De Munt nu een Dogma-filmachtige versie, van theater- en operaregisseur Guy Joosten (1963). Na zijn studie in Antwerpen richtte Joosten daar de Blauwe Maandag Compagnie op. Daarna werkte hij in de Beursschouwburg in Brussel en vertrok hij voor drie jaar naar Hamburg. Nu woont hij al bijna twintig jaar in Vorst. “Voor iemand uit het verre Limburg was de Beursschouwburg mijn eerste relatie met de hoofdstad, na Hamburg werd het mijn thuis. Voor mij is deze stad eerder een fantastische woonplek dan mijn werkkader. Ik heb opnieuw een goede werkrelatie met De Munt (tussen 2001 en 2007 kreeg hij geen opdrachten, red.). Als regisseur dien je niet echt een verzoek tot operaregie in, je moet een opdracht afwachten. Sinds intendant Peter de Caluwe aantrad, die ik uit het operahuis in Amsterdam kende, lukt dit opnieuw.”
Salome ging in première in Spanje; in Brussel zijn er nu twee bezettingen, met alle risico’s van dien. Joosten: “Al deze producties zijn verschillend. Als regisseur kun je de impulsen van de zangers en de dirigent niet uitsluiten. In De Munt krijgen we twee Salome’s te zien (afwisselend Nicola Beller Carbone en Amanda Echalaz, red.); de twee zangeressen kunnen dus een andere invulling aan de rol geven. Bij de samenstelling van de hele cast kun je er al wel op letten dat je werkt met zangers die eveneens de platgetreden paden willen verlaten. Maar ja, de ene avond wordt dus iets verschillend van de andere.” Valt een vrouw als Salome te doorgronden? Joosten: “Iedereen ziet iets anders in de maan, en zo gaat het ook met Salome. Personages als haar ouders Herodes en Herodias, of Narraboth (de kapitein die verliefd is op haar, waardoor hij haar de toegang tot de cel van Jochanaan niet kan weigeren, red.), en zelfs alle
toeschouwers, zien in Salome iemand anders. In deze productie willen we precies de kracht van deze figuur uitvergroten, en dat is ook onze verrassing. Het vindt zijn climax in de ‘Dans der zeven sluiers’, waarin de zeventienjarige laat zien dat ze ein Weib wordt. Dit is mijn kantelmoment: Salome’s zelfbewustzijn komt daar maximaal tot uiting. Nadien neemt ze het heft in handen en neemt ze wraak op alle gebeurtenissen tot dan toe, beginnend bij de incest die Herodes op haar pleegde: the abused becomes the abuser. Ze wreekt zich ook op Jochanaan, Johannes de Doper, die haar liefde niet beantwoordt. In feite is ze een slachtoffer van haar geperverteerde familie, die liefde gelijkschakelt met bezit en macht. Ook zij plaatst zich in het middelpunt door een machtsgreep: ze wil het hoofd van Jochanaan, al begrijpt niemand waarom.”
Gebruikt u film ter modernisering? Joosten: “Veel wil ik daar niet over kwijt. Het zal samen met de dans van Salome gebruikt worden om het kantelpunt in haar denken en handelen scherper te stellen. Het zijn fragmenten van de homecamera van Herodes, die Salome gebruikt als bewijsmateriaal. Zijn camera blijkt nu eenmaal een wapen in de hand van Herodes, waarmee hij haar lastigvalt en figuurlijk penetreert. Niets anders dan Peeping Tom (gluurderfiguur uit de gelijknamige cultfilm uit 1960, red.).”
Welke aantrekkingskracht kan een christelijke held als Johannes de Doper hebben? Joosten: “Noem hem de fear factor in deze opera, iedereen is bang voor hem. Herodes draaide er zijn hand niet voor om om iemand © A. BOFILL
Pakt u operaregie vandaag anders aan dan bijvoorbeeld met uw eerste productie La Cenerentola voor de Vlaamse Opera (1991)? Guy Joosten: “(lacht) La Cenerentola is uit een vervlogen verleden. Ik blijf erg kritisch voor elk eindproduct. Al evalueer ik dat niet alleen. Met mijn medewerkers stellen we ons de vraag: in hoeverre is het eindresultaat afgeweken van ons oorspronkelijke doel? Het voorkomt dat je de erg wisselende mening van de pers en het publiek als enige juiste parameter ziet. Salome in Spanje of in Brussel geeft een heel ander resultaat. Wie zich van de commentaren afhankelijk maakt, geraakt uit evenwicht. Ik wil mezelf steeds provoceren om af te wijken van de ingeslagen paden, en een nieuwe entourage helpt me daarin. Wel hou ik altijd de gevolgen van een beslis-
sing voor ogen. Al blijft een regieparcours altijd grillig, een joyride.”
te laten doden, maar aan een man van God als Jochanaan durfde hij niet te raken, hoe fanatiek zijn vrouw Herodias deze Jochanaan – die haar een immorele hoer had genoemd – ook probeert uit te schakelen. Voor mij is de hedendaagse Jochanaan een soort moraalridder, het ‘geweten’ dat ontbreekt bij de andere figuren. De moraal is ook iets wat je niet kunt uitschakelen, hoe machtig je ook bent. In deze productie hebben we dit heel ‘voelbaar’ willen maken. In deze interpretatie van Jochanaan bleken we de eerste in de geschiedenis te zijn. (Andere producties blijken dit nu ook ‘over te nemen’, red.)”
Salome in een regie van Joosten: politiek slagveld aan tafel.
Toen ik uw tafelscène op foto zag, dacht ik meteen aan de intrigefilm Festen. Joosten: “Bingo! U zit er pal op, zoals ze zeggen. Ik heb lang getwijfeld over de inspiratie die Festen (Deense Dogma 95-film van Thomas Vinterberg, red.) mij bezorgde, omdat dit nog allemaal zo recent op het netvlies zit. Veel van datzelfde kwam al op mij af uit de Scandinavische literatuur, bijvoorbeeld bij Lars Norén (demonentheater, red.) en uit oudere films van Ingmar Bergman.” “Ik breng de tafelscène van Salome wel op een andere manier dan Festen, waar je louter met een familiale structuur zit. Nu zit er ook een politiek gezelschap aan tafel, zoals de Joden die uitgenodigd zijn door Herodes, vermoedelijk om te onderhandelen over Jochanaan. De tafel is hier een ‘publiek’ gebeuren, met nieuwswaarde die de volgende dag in de krant kan staan.” Jean-Marie Binst Salome in De Munt, van 24 januari tot en met 5 februari (20 en/of 15 uur): www.demunt.be of 070-23.39.39
BDW 1312 PAGINA 18 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
Jazz > Eerste Roger Vanhaverbeke Bass Trophy gaat naar André Klenes
‘Bedankt, Roger’
Roger Vanhaverbeke was niet alleen een inter nationaal gerenommeerd muzikant, hij werkte ook achter de schermen. Zo stond hij twaalf jaar mee in voor het programma van de jazz brunches in Sheraton Brussels Airport Hotel. Zijn werk werd daar zo geapprecieerd dat In grid Roekens, manager van het hotel, vond dat er een gepast eerbetoon moest komen. Zo ont stond het idee van een wedstrijd voor jazzbas sisten, de Roger Vanhaverbeke Bass Trophy. “Na al wat Roger voor ons gedaan heeft, wilde ik dat zijn naam verbonden bleef met onze jazzbrunches. En wat is er beter dan zijn ge liefkoosde instrument in de kijker te plaatsen door op zoek te gaan naar muzikanten die in zijn sporen willen treden?” De eerste wedstrijd is ondertussen achter de rug. Na een preselectie uit een internationaal aanbod, op basis van ingezonden materiaal, bleven er drie kandidaten over: Félix Zurstras sen, André Klenes en Michel Vrydag. Tijdens
© C. SAMPERMANS
BRUSSEL – Op 5 maart 2011 overleed de Belgische jazzbassist Roger Vanhaverbeke. Als eerbetoon richtte Sheraton Brussels Airport Hotel een wedstrijd in voor jazzbassisten. André Klenes won. Hij krijgt zijn prijs op 22 januari en treedt die dag op met zijn kwintet tijdens de jazzbrunch.
met als voorlopig hoogtepunt de cd Moonlight delights. We vroegen Klenes naar de basiskwaliteiten van een goede bassist. “Hij moet in de eerste plaats de stijl waarin hij speelt, volledig on der de knie hebben. Een grondige kennis van de muziekcultuur is nodig om steeds aan knopingspunten te vinden, zodat je de juiste baslijn op het juiste moment kunt spelen. En natuurlijk zijn ook een goede timing en een haast perfect gehoor essentieel.” Als we hem vragen naar een anekdote over Vanhaverbeke, heeft hij zijn antwoord meteen klaar. “Hij had een extreem tijdsbesef. Dat nam hij over van de Amerikanen met wie hij in de loop der jaren had gewerkt. Elke minuut dat ze langer speelden, moesten zowel zij als hun manager extra betaald worden. Roger hield zich dan ook strikt aan de gemaakte af spraken.” Op 22 januari wordt de eerste Roger Van haverbeke Bass Trophy officieel uitgereikt aan André Klenes. Toots Thielemans, die jaren lang met Roger Vanhaverbeke werkte, zal de prijs persoonlijk overhandigen. Klenes ver zorgt met zijn kwintet het volledige concert van de jazzbrunch en krijgt als winnaar, naast een mooie geldprijs, ook een contract voor een concert in een bekende Parijse jazzclub. Ho pelijk wordt het de start van een mooie tra ditie. Georges Tonla Briquet
Bassist André Klenes, gefascineerd door alles wat snaren heeft.
drie jazzbrunches in september, oktober en november mochten zij optreden in uiterst pro fessionele omstandigheden. Een vakjury koos uiteindelijk Klenes als winnaar. Deze veelzij
dige bassist werkte al onder meer met Charles Loos, Steve Houben, William Sheller en Nia gara. Rode draad in Klenes’ werk is de fasci natie voor snaren, van viool en cello tot gitaar,
Jazzbrunch op zondag 22 januari van 12 tot 15 uur in Sheraton Brussels Airport Hotel met uitreiking van de eerste Roger Vanhaverbeke Bass Trophy en concert van André Klenes. Meer op www.sheratonbrusselsairport.com
ADVERTENTIE
Tijdens een woontour verkennen we alle wijken van Brussel met een woonbril. U verneemt alles over huren en kopen in de hoofdstad. U krijgt er een heleboel praktische informatie over de buurten bovenop: de bereikbaarheid met het openbaar vervoer, de aanwezigheid van scholen en groen, de sfeer … Info en inschrijving via 0800 20 400 of www.woneninbrussel.be.
ADVERTENTIE
BDW 1312 PAGINA 19 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
Vliegwerk, en kunst met grote K
BIG SALE OFF FROM 10% UP TO
50%
© JOHAN JACOBS
WWW.WHITE-DESIGN.BE
VERLICHTING NAAMSESTRAAT, 6 - 1000 BRUSSEL T. 02.511.11.02 M. 0474.65.91.50 WOONACCESSOIRES REGENTSCHAPSSTR. 61B - 1000 BRUSSEL T. 02.502.03.18 M. 0477.59.55.49
Praat
De Nieuwe Snaar gaf zonet de aftrap voor een drie jaar durende afscheidstournee.
Gezien: Koñec van De Nieuwe Snaar, vrijdag 13 januari in de AB (www.denieuwesnaar.be).
achteraf
Ik heb wel eens het angstbeeld dat Jan De Smet in de gewone omgang een arrogante nurk zou kunnen zijn die geregeld een medemens af snauwt. Maar dat komt dan alleen omdat je zelfs met een minimum aan pessimisme een keerzijde gaat vermoeden achter de vrolijke creati viteit van zo’n man. Sinds augustus vorig jaar mag De Smet op dinsdag het laatavondprogramma Closing time op Radio 1 presenteren en samenstellen met nummers waarvan soms alleen hij het be staan kent. Hij draait die dan van de eerste tot de laatste noot, zoals het volgens zijn verfris send ouderwetse opvattingen een radiomaker betaamt. De kans dat je in die radiologische steek-er-wat-van-opshow voor de elvendertig ste keer Gotye te horen krijgt, is vrijwel onbe staand. Waarvoor dank. Maar nog tot begin 2014 is Jan De Smet in de eerste plaats het uitgestreken gezicht van De Nieuwe Snaar, samen met zijn broertje Kris en bassist Walter Poppeliers, en het ongestreken gezicht is dat van stuntmuzikant Geert Ver meulen. Tot 2014 duurt hun afscheidstournee Koñec (konec is ‘einde’ in het Tsjechisch) met materiaal uit alle tournees, en die werd in de Ancienne Belgique afgetrapt. Dat een toch wat vreemde groepsnaam als De Nieuwe Snaar ons toch zo vertrouwd in de oren is gaan klin ken, zou ons overigens zorgen moeten baren voor de toekomst zonder het viertal. Al kun je je ook moeilijk voorstellen dat ze straks zo maar in stilte met pensioen gaan. De Nieuwe Snaar, dat zijn behalve snaarook een pak slag- en blaasinstrumenten, humor, kunst- en vliegwerk waarmee dan een vakkundig eerbetoon aan de taal en de muziek(geschiedenis) wordt beoogd. In de AB was ook op de tweede premièreavond nog veel schoon volk tussen de trouwe volgelingen gaan zitten voor wat bijna onvermijdelijk een ‘best of’-avond werd. Nummers als ‘De foto grafie’, ‘Het heelal’, ‘De zwemmer’ of ‘Donker’ zijn immers allemaal even goed en even be kend. Van de monsterhits-in-de-dop ontbra
ken alleen ‘Dynasty rap’ en ‘De 1000 Kings of rock-’n-roll’. De Nieuwe Snaar bracht ook een eerbetoon aan helden als Dylan en ‘De King’, en in zíjn stad vergaten ze ook ‘René Magritte’ niet, onmiskenbaar een van de spirituele vaders. Want al zingt de Duffelse groep graag en met veel interesse over ‘Lappen & Jappen’ (Noordlappen, Zuidlappen, Oost- en Westen Centrumlappen), hun voorkeur voor ver geten americana en belgicana maakt hen onmiskenbaar een groep die het beste uit de populaire twintigste eeuw naar boven brengt. Ook in dat opzicht is het gebrek aan opvolging problematisch. Over de vrouwen zullen anderen na hen nog wel zingen, maar wellicht niet in zoveel toonaarden, van het schunnige tweeluik ‘De hoezen van Julie’ en ‘Lofzang op Lies jes poesje’, over het instructieve ‘Achter bank’, tot het muzikale hoogtepunt ‘Alleen met dansen’ en het gelaten ‘Illusies’, waarin de vrouw alweer haar rug heeft gekeerd. Van alle snaren was de gevoelige nochtans degene die het minst werd geraakt, wat in deze feestelijke afsluiter ook de bedoeling was. De Nieuwe Snaar klonk gedreven elk num mer aan het vorige, en klonk het toch niet, dan botste het natuurlijk. Want met de on verdrotenheid die ook Magritte kenmerkte, bekampt de groep telkens weer rijm met ongerijmdheden en gein met ongein. De regie zorgde wel voor integrerende en bin dende elementen, maar door telkens weer af te stemmen op de stoorzender werd het in deze beginfase van de tournee niet evi dent om de magische momenten lang vast te houden. En dan moest de trukendoos van Geert Vermeulen ook nog open: de beton molen, de magneetschoenen, de slijpschij ven – voor de technici was het een drukke avond. Uit de moppentrommel werd getapt tot de flauwe grappen in zicht kwamen, dus met al dat vuurwerk had De Nieuwe Snaar geen enkele moeite om de kopjes twee uur lang in hun richting te krijgen. En uiteinde lijk waren het toch altijd in de eerste plaats de akkoorden die ons bekoorden.
Michaël Bellon
ADVERTENTIE
Geniet mee van het grootste literaire ontbijt voor de hele familie: ▪ In Ukkel: Cas Goossens over Felix Timmermans ▪ In Alsemberg: 200 jaar Conscience ▪ In Zemst: bloemlezing door Steph Goossens ▪ In Londerzeel: Dave Nauwelaerts brengt de Decamerone ▪ In Dilbeek: thrillerauteur Benny Baudewyns op bezoek …
Ontdek het volledige programma via www.davidsfonds.be/evenementen ▪ 016/310.600. Of bestel de gratis programmafolder via evenementen@davidsfonds.be.
BDW 1312 PAGINA 20 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
Kunst > Erfgoedfonds van Koning Boudewijnstichting is eregast op antiekbeurs Brafa
‘Het gaat niet om de centen alleen’
O
nlangs werd op een openbare verkoop in een Brussels veilinghuis een art-nouveaulamp te koop aangeboden. Het veilinghuis wist de schoonheid van de lamp in ivoor en zilver wel te appreciëren, maar had geen idee van de historische waarde. Dominique Allard: “We waren getipt over de lamp. De Brusselse beeldhouwer Égide Rombaux had voor de wereldtentoonstelling van 1900 in Parijs drie kandelaars en één elektrische lamp gemaakt. De drie kandelaars zijn dadelijk naar het buitenland gegaan, naar Noorwegen, Duitsland... De elektrische lamp was aan een Belgisch minister geschonken en bleef honderd jaar in familiehanden. We hebben ze op de veiling kunnen kopen voor een relatief bescheiden bedrag. Zo heeft België toch een van de vier kunstwerkjes hier kunnen houden.”
James Ensor Het Erfgoedfonds werkt al 25 jaar op deze manier. In de jaren 1980 dreig-
den verschillende collecties die van belang zijn voor de vaderlandse geschiedenis, het land te ontglippen. De nalatenschap van René Magritte bijvoorbeeld, of ‘De blijde intrede van Christus in Brussel’ van James Ensor, dat toen door het Getty Museum in Los Angeles is aangekocht. Allard: “Om dit te vermijden is binnen de Koning Boudewijnstichting het Erfgoedfonds opgericht.” “De eerste aankoop was nochtans allesbehalve spectaculair,” herinnert Allard zich, “maar daarom niet minder belangrijk. We hebben voor de faculteit Letteren van de K.U.Leuven een lot handgeschreven brieven van humanisten als Erasmus en Thomas More kunnen kopen.” Sindsdien zijn er duizenden andere kunstwerken gekocht. Het Erfgoedfonds heeft een jaarlijks budget van een miljoen euro, waarvan 600.000 euro naar aankoop gaat. Wie de huidige kunstmarkt kent, weet dat dat niet veel is. “Daarom,” zegt Allard, “verkiezen we ook een rechtstreekse
© VEILINGHUIS HORTA
© ERFGOEDFONDS / KONING BOUDEWIJNSTICHTING
BRUSSEL – Het Erfgoedfonds van de Koning Boudewijnstichting is eregast op de jaarlijkse antiekbeurs Brafa. Op vierhonderd vierkante meter worden verschillende topstukken uit de collectie van het fonds tentoongesteld. “Elk stuk heeft zijn verhaal,” zegt directeur Dominique Allard.
Van links naar rechts ‘Charles met streepjestrui’ (1898) van Henri Evenepoel, een beker uit de Schat van Oignies (dertiende eeuw) en de nymfenlamp van Égide Rombaux (1900). Het is maar een greep uit de duizenden kunstwerken uit het Erfgoedfonds van de Koning Boudewijnstichting.
aankoop bij een particulier.” Wie een collectie of een kunstwerk van de hand wil doen, is niet altijd in de eerste plaats geïnteresseerd in de financiële waarde, maar wil soms vooral dat het stuk in goede omstandigheden getoond kan worden, of dat een collectie niet over de hele wereld verspreid geraakt. Toch kan het Erfgoedfonds niet anders dan ook de veilinghuizen afschuimen om kunstwerken in Belgische handen te houden of te krijgen. Allard wil niet vertellen in hoeveel van de gevallen dat ook lukt – onlangs heeft het fonds op een veiling bij Christie’s een werk van Pieter Paul Rubens moeten laten gaan omdat het te duur was. Allard: “Toch is het doorgaans zo dat áls we een topstuk willen, we er echt voor gaan. Wat de prijs ook moge zijn. Het komt erop aan selectief te zijn.” Het Erfgoedfonds krijgt steeds meer vragen van families om collecties te beheren, zoals bijvoorbeeld de uitzonderlijke collectie boekbanden van Michel Wittock. Voorts doen ook musea graag een beroep op het Erfgoedfonds. “Maar we zijn er niet om de gaten te vullen in de collectie van musea,” benadrukt Allard. “Dat is niet onze taak. Wij hanteren andere criteria. Belangrijk is dat het werk op de een of andere manier een link heeft met de geschiedenis
van ons land of onze bevolking. De origine hoeft niet per se Belgisch te zijn. Zo hebben we onlangs het archief van ontdekkingsreiziger Stanley (die in opdracht van Leopold II werkte, SVG) kunnen verwerven.” “Het grote voordeel van het fonds is zijn onafhankelijkheid. We kun-
“Het grote voordeel is onze onafhankelijkheid. We kunnen zowel snel optreden als lang achter de schermen onderhandelen” nen daardoor zowel snel optreden, om bijvoorbeeld bij een veiling een topstuk aan te kopen, als juist lange tijd achter de schermen over een bepaald kunstwerk onderhandelen.”
Topcollectie De absolute topcollectie van het Erfgoedfonds is de Schat van Oignies, religieus edelsmeedwerk uit de
dertiende eeuw. Het was in handen van een kloosterorde in Namen. Na drie jaar onderhandelen heeft het Erfgoedfonds de collectie van dertig stuks kunnen verwerven. Het wordt nu tentoongesteld in het provinciaal museum van Namen, en zal ook op Brafa te bekijken zijn. Vraag is waarom het Erfgoedfonds deelneemt aan een commercieel evenement als Brafa. Allard: “We gaan zelf al enkele jaren naar de antiekbeurs. Het Erfgoedfonds betekent wel iets voor de antiquairs. Als ze iets aan ons kunnen verkopen, dan is dat een ereteken, een garantie voor de kwaliteit van hun koopwaar.” De totale waarde van het Erfgoedfonds bedraagt om en bij de tweehonderd miljoen euro, waarvan 115 miljoen alleen al voor de schat van Oignies. “Maar weet u,” voegt Allard eraan toe, “enkele jaren na de aankoop, als al die bezoekers het kunstwerk gezien hebben, dan spreekt niemand nog over de prijs. De financiële waarde van een stuk in een museum? Die is onbestaande.” Steven Van Garsse Brafa, 21 tot en met 29 januari in Thurn & Taxis, www.brafa.be. De enscenering voor de expositie van het Erfgoedfonds is van de hand van François Schuiten
BDW 1312 PAGINA 21 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
Strip > De nieuwe Vanistendael
BRUSSEL – Ons koopadvies? Vraag korting en sla meteen een exemplaar of vijf in van de nieuwe striproman van de Brusselse Judith Vanistendael. Het sombere onderwerp ten spijt is Toen David zijn stem verloor niet alleen iets wat je wil gelezen hebben, maar ook iets wat je met je beste vrienden delen wilt. Leesadvies hebben we ook. Als je niet wilt dat een overvolle metro ziet hoe de tranen je over de wangen rollen, lees Toen David zijn stem verloor dan thuis. De striproman is heel aangrijpend. Niet zozeer omdat een gesloten boekenwinkeleigenaar de strijd verliest tegen supraglottische kanker aan de larynx van het type T3N26M0, maar omdat Vanistendael zo ongelofelijk goed vertelt wat er in het hoofd omgaat van de vrouwen in Davids leven: een echtgenote die de oude geur mist, een negenjarige dochter die met haar vriendje plannen bespreekt om papa te mummificeren, een dochter die pas bevallen is. Soms lijk je ze beter te begrijpen dan je jezelf begrijpt. Dat is niet omdat ze zich zo goed
uitdrukken, maar omdat je deelgenoot bent van hun stemmingen en tegenstrijdige gevoelens. Vanistendael, die internationaal doorbrak met het tweeluik De maagd en de neger, heeft een bijzonder talent om uit het dagelijks leven de kleine momenten te pikken die alles zeggen wat er te zeggen valt. En als het grote momenten zijn, dan belicht ze net die details die je het gevoel geven erbij te zijn. De vertelling is ook zo indrukwekkend omdat ze de mogelijkheden van het medium ten volle uitspeelt. De aquareltekeningen en beelden, al dan niet gecombineerd met de juiste woorden, drukken mee uit waar het Vanistendael om te doen is, en de nuance zit ’m soms in de waterverf. Niels Ruëll Judith Vanistendael, Toen David zijn stem verloor, uitg. Oog & Blik, 280 p., 24,90 euro. Boekvoorstelling met Phara de Aguirre op donderdag 19 januari om 20 uur in Passa Porta: www.beschrijf.be (gratis, maar aanmelden op ann.jossart@pinceel.be)
ADVERTENTIE
S OCIALE V ERHUURKANTOREN
Verhuur uw woning zorgeloos Gegarandeerde huur elke maand Verzekerd verhuurbeheer Onderhoud van uw woning Steun voor de renovatie Fiscale voordelen
www.fedsvk.be 02 412 72 44
M�� �� ����� ��� ��� B������� H������������� G�����
© NICK TRACHET
JUDITH VANISTENDAEL. © DAPHNE TITECA
© JUDITH VANISTENDAEL / OOG & BLIK
David, de vrouwen en de dood
Nick Trachet BRUSSEL EN DE WERELD CULINAIR ONTDEKT
Haaienvin Dit weekend begint het Chinese nieuwjaar. Over de Chinese keuken, en vooral de exotische ingrediënten die zo populair zijn in Hongkong, wordt veel gebabbeld. Vogelnestjessoep en haaienvin zijn de bekendste voorbeelden. Ook al omdat ze hier jarenlang op de kaart van het modale Chinese restaurant stonden. Maar heeft iemand ooit al een haaienvin in zijn kommetje soep gevonden? Het toeval wil dat ik in het verleden vaak het pad van haaien en hun vinnen heb gekruist. Om te beginnen zitten haaien overal. Ze leven in de duistere dieptes, maar ook aan het staketsel van Oostende. Volgens de FAO bestaan er 350 soorten haaien, waarvan de helft geen enkel belang voor de visserij heeft. De belangrijke soorten verschillen dan weer heel erg in uitzicht en levenswijze. Er zijn mensen die niet weten dat de gerookte zeepaling op de markt eigenlijk hondshaai is. Maar ook de ‘typischer’, grote haaien, vooral van de families Carcharhinidae en Lamnidae, worden gegeten. Ik verbleef ooit een week aan boord van een ZuidAmerikaanse haaienjager: geen morzeltje haai ging er over boord. Haaienvlees is mager, stevig en wit en doet het uitstekend op de barbecue. Hier in Europa werden haaien altijd al gretig gevist. Hun lever, die bijzonder groot is, zorgde historisch voor smeerolie (squaleen) en lampolie. Levertraan, ooit een gezondheidsmiddeltje, kwam vaker van haai dan van kabeljauw. Van haaienleer worden schoenen gemaakt en vroeger ook schuurpapier (chagrijn); van wervels en tanden maakt men sieraden. Alleen met de vinnen deden de Europeanen niks. De Chinezen wel. Vandaag kijken de rijke westerlingen vingerwijzend in de richting van die Chinezen omdat ze de haaien zouden doen uitsterven. Dat is hypocriet. Iedereen vangt haaien. Haaien hebben het ook niet mee. Ze krijgen weinig kleintjes en zijn vlug dood. Aan de haak vechten ze niet, ze laten zich mak binnenhalen. In een net stikken ze snel omdat ze niet kunnen ademen als ze niet zwemmen. Bovendien worden ze aangetrokken door visnetten en dode vis. Daartegenover staat dat hun kleintjes (toch die van de grote
haaiensoorten) levend geboren worden en dus meer overlevingskans hebben dan andere vissen. Waarom zijn haaienvinnen nu zo gegeerd? Omdat een hele groep mensen er beter van wordt. Om te beginnen de arme vissers. Op afgelegen eilanden zonder afzetmogelijkheden of elektriciteit kunnen de vissers geen geld verdienen met vis te verkopen, tenzij grof gedroogd. Gedroogde vinnen houden ze bij tot er eens een Chinese opkoper verschijnt, die cash veel geld geeft voor de vangst van maanden. Ooit onderzocht ik die sector en ik schreef er een handboekje over voor de vissers. Hoe moesten ze het doen? Ik ging het vragen bij de groothandelaars in Hongkong. In vuile kantoortjes achter duistere trappen werd ik ontvangen tussen jutezakken vol gedroogde vinnen, waar de kakkerlakken en vleeskevers in rond wriemelden. Voor de handelaars is haaienvin een zegen, want vinnen kunnen jarenlang worden opgeslagen tot de prijs stijgt. Wat lang bewaart, daarmee kan gespeculeerd worden, met verse vis niet. En voor de consument? Wie zijn gasten haaienvinnensoep voorzet, laat zien dat hij welgesteld is en respect heeft voor zijn gasten. Waarom geven wij elkaar afgeknipte voorplantingsorganen van planten (bloemen)? Het is volledig vergelijkbaar met haaienvinnen: geen enkele voedingswaarde, geen intrinsieke kwaliteit. Haaienvinnen zijn reuk- en smaakloos, ze hebben ook geen voedingswaarde, want het vlees en vel op de vinnen is zorgvuldig verwijderd. Enkel de vinstralen worden gebruikt, puur kraakbeen. Ooit werd beweerd dat die gezondheidsbevorderend werkten (tegen kanker onder meer), maar dat is niet waar. De vergelijking met bloemen gaat nog verder: in Singapore zag ik boeketten van schoongemaakte haaienvinnen, prachtig gepresenteerd in plastic dozen, verpakt als exclusief cadeau. Pech voor de haaien: tegen een combinatie van nooddruftige vissers en opzichtig consumentisme is weinig bestand. Bovenstaand pakje haaienvinnen kocht ik hier in Brussel. Het kostte 20,05 euro en bevat niet meer dan 40 gram vinstralen. Het komt uit Vietnam. Bedenk daarbij dat de haai (hier een vlekpunthaai, Carcharhinus sorrah) misschien wel twintig jaar geleden werd gevist! Vier uur laten weken in water met een schijfje gember, leest de instructie. Dat laatste dient om het laatste spoortje smaak of geur te ver-
Wie zijn gast haaienvinnensoep voorzet, laat zien dat hij welgesteld is en respect heeft
doezelen. Dan laten meekoken in een kippenbouillon met stukjes kip, abalone en/of krab. In de soep zien de vinstralen eruit als fijne gouden noedeltjes, iets taaier allicht, maar verder onopvallend voor wie ze niet wil zien. In onze Chinese restaurants doen ze al lang geen haaienvin meer in de soep. Wij appreciëren dat toch niet! Nu ik een kenner ben, maakte ik ooit de opmerking: “Ik vind hier geen haaienvin in!” De dienster zei: “O, maar die zijn héél fijn, moeilijk te zien.” Toen ik haar uitlegde dat ik wist waarover ik sprak, gaf ze toe: “We maken het klaar zoals echte haaienvinnensoep, alleen doen we er geen haaienvinnen bij.” Lezers die het voortbestaan van de haai in het hart dragen, wees gerust. Smakelijk. nick.trachet@bdw.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/trachet
BDW 1312 PAGINA 22 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
Charles Dewisme heeft onder zijn pseudoniem Henri Vernes 215 Bob Moranes op de teller staan. “Ik schreef boeken zoals een goede schrijnwerker zijn meubels vervaardigt; mijn favoriete roman was diegene die juist af was.”
© MARC GYSENS
Henri Vernes, een leven met Bob Morane
‘Een engelbewaarder op elke schouder’ SINT-GILLIS – “In 1953 bracht een vriend me in contact met JeanJacques Schellens van de Éditions Gérard. Schellens was op zoek naar een nieuwe actieheld voor Marabout Junior, een reeks avonturenromans voor de jeugd, en hij besloot me een kans te geven. Zo is de eerste Bob Morane er gekomen, op 16 december van datzelfde jaar: La vallée infernale. En sindsdien heb ik niet meer omgekeken.” Door de jaren zijn er liefst 215 Bob Morane-avonturen uit de pen van Henri Vernes gevloeid.
H
ij zal in oktober de gezegende leeftijd van 93 jaar bereiken, Henri Vernes, die als Charles-Henri-Jean Dewisme het levenslicht zag in Aat. De handdruk is nog steeds stevig, de pen levend, de geest scherp. Daarvan getuigt onder meer zijn autobiografie, een turf van zowat vijfhonderd bladzijden, die binnenkort verschijnt bij Les Éditions Jourdan. Geschreven zonder dat er een computer aan te pas kwam, tot grote wanhoop van de uitgever. De titel? Heel simpel: Henri Vernes – Mémoires.
Vernes is nu bezig met de laatste correcties, maar voor onze afspraak legt hij graag even de pen opzij.
Van Doornik naar China Het leven van avontuur begon al vroeg voor Charles Dewisme, zoon van een Henegouwse coiffeuse en een beenhouwer. Nog geen negentien jaar oud scheepte hij in voor China – volgens de overlevering nadat hij kennis had gemaakt met Madame Lou, een Kantonese schone. Maar dat wil hij allemaal niet met
zoveel woorden gezegd hebben. “Laten we het erop houden dat het me allemaal te saai was daar in Doornik, dat de wijde wereld lonkte. Ingescheept in Marseille met valse papieren, op de pakketboot Roussel. Port Said, Djibouti, Colombo, Singapore, Saigon, Hongkong, Kanton en Sjanghai, waar het wemelde van de internationale activiteit. Het waren opwindende maanden.” “Kort na mijn terugkeer in België ben ik getrouwd met Gilberte, de dochter van een Antwerpse diamantair. Antwerpen was een bruisende stad; de oude haven vol leven, het toen nog ongerepte Sint-Anna op de Linkeroever, als de duinen aan onze kust. Maar langer dan een jaar heb ik het niet uitgehouden daar in Antwerpen, ook niet in mijn huwelijk. Dus ben ik teruggekeerd naar Doornik, waar ik na een tijdje werd gerekruteerd door de inlichtingendienst van de Weerstand. Twee jaar lang heb ik informatie doorgespeeld aan Londen, maar toen de nazi’s eind 1943 mijn overste oppakten, werd de grond me te heet onder de
voeten. Het was niet de eerste en niet de laatste keer dat ik me in de nesten zou werken, maar gelukkig ben ik geboren onder een goed gesternte. Het bewijs? Ik ben er nog steeds. Dat is mijn verdienste niet. Gewoon geluk gehad.”
Als een schrijnwerker Na de bevrijding vestigde Dewisme zich in Parijs, waar hij als journalist werkte voor NordMatin en Nord-Sud en voor het Amerikaanse persagentschap Overseas News. “Ondertussen was ik boeken beginnen te schrijven. Stationsromans onder pseudoniemen als Cal.W. Bogard, Pat Richmond, Lew Shannon, Jacques Colombo... Het was een mooie periode, en Parijs een prachtige stad, waar ik veel vrienden maakte. Maar uiteindelijk begon België weer te trekken en heb ik me in Brussel gevestigd. Definitief. Waarom Brussel? Omdat al wat van belang is, in de hoofdstad zit. Hier is het allemaal te doen, hier is het zoveel makkelijker om contacten
BDW 1312 PAGINA 23 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
te leggen met de juiste mensen. Zo heb ik ook Jean-Jacques Schellens leren kennen en is Bob Morane geboren. Geen grote literatuur, wel een succes.” Succes? Dat is een bescheiden manier om te zeggen dat er zowat vijftien miljoen Bob Moranes over de toonbank zijn gegaan. De gewezen RAF-piloot met de staalgrijze ogen, die als een Don Quichote samen met zijn Schotse kompaan Bill Ballantine overal ter wereld de mensheid beschermde tegen boosdoeners, is echt wel een fenomeen geweest, bij liefst acht uitgeverijen. En in La Canne à Sucre – de Brusselse place to be voor wie gek is op rum – staat sedert 2008 een levensgroot bronzen standbeeld van de legendarische boekenheld, die ook zijn weg heeft gevonden naar stripalbums en televisie. “Ik moest zes boeken per jaar afleveren. Een om de twee maanden. Er kwam heel wat discipline bij kijken: gelukkig maar dat schrijven me heel vlot afging en dat ik altijd veel ver-
“Natuurlijk heb ik in mijn leven stommiteiten uitgehaald. ‘Als ik het maar had geweten...’ Maar wie dat niet kan zeggen, die heeft niet geleefd”
© MARC GYSENS
beelding heb gehad, anders had ik het niet volgehouden. Kunst was het niet, het was een beroep. Ik schreef boeken zoals een goede schrijnwerker zijn meubels vervaardigt; mijn favoriete roman was die die juist af was.” “Bob Morane heeft me vele mooie vriendschappen opgebracht. Burgemeester Freddy Thielemans: een Bob Morane-lezer en een vriend. Charles Picqué: een Bob Morane-lezer en een vriend. Morane heeft echt wel mijn leven getekend, en dat was een rijk leven. Door hem heb ik een groot deel van de wereld kunnen ontdekken. Je ne bougeais pas mal, quoi. Al waren mijn belevenissen natuurlijk veel minder opwindend dan die van mijn geesteskind. Ik heb eigenlijk maar van één ding spijt: dat ik geen Amerikaan ben. Dan was ik nu multi miljardair geweest. Spijt ook – een beetje – dat er nooit echt een Bob Morane-film gekomen is. Er zijn wel plannen geweest, maar steeds weer stak er iets stokken in de wielen. Zoals de laatste keer, toen er een groot project met Universal Studios in de steigers stond. Ze wilden in China draaien, maar de Aziatische griep heeft het verhinderd. Spijtig, want
Een leven als in een jongensboek.
mijn Bob-verhalen zijn erg cinematografisch. Meer nog dan bijvoorbeeld die van Kuifje, en die hebben het witte doek wél gehaald. Maar echt spijt? Neen! Natuurlijk dat ik in mijn leven stommiteiten heb uitgehaald. ‘Als ik het maar had geweten!’ Maar wie dat niet kan zeggen, die heeft ook niet geleefd. Spijt, wat stelt het voor? Een mens is wie hij is. Alles bij elkaar genomen heb ik zeker niet te klagen gehad. En niemand kan de klok terugdraaien.”
Heimwee Al meer dan een halve eeuw woont Vernes nu in Brussel. “Het is een aangename stad, waar ik zo mijn vaste gewoonten heb. Struinen op de rommelmarkt van het Vossenplein, snuisteren bij de antiquairs van de Zavel of in tweedehandsboekhandels. Ik heb hier bovendien de kans gekregen heel veel vrienden te maken, al zijn die van mijn generatie helaas allemaal al overleden.” “Ik heb een hart voor Brussel, maar dat heb ik ook voor andere Belgische steden. Voor Gent bijvoorbeeld, de stad van mijn goede vriend wijlen Jean Ray. Ook Brugge vind ik magnifiek. Zo kreeg ik ooit een telefoon van een vriendin uit Washington. Of ik haar nichtje, Caroline, die op rondreis door Europa was, Brugge eens kon laten zien. Waarop ik samen met Caroline de kanaaltjes van Brugge af ben gevaren. Ze zei: ‘Neem jij foto’s voor mij, ik heb niet de moed om het zelf te doen, want deze stad is nog mooier dan Venetië!’” “Toch is het voor mij al die jaren Brussel gebleven, al heb ik de stad door de jaren spijtig genoeg zien veranderen. Fysiek, maar ook... nieuwe mensen, nieuwe gewoonten. Minder bruisend, minder fascinerend. Ik denk met heimwee terug aan het Brussel van voor de grote kaalslag, het Brussel van het labyrint van kronkelige straatjes.” “Brussel heeft met de jaren ook veel te lijden gehad van politieke aanvallen. Al dat gedoe over taal en taalwetgeving! Ga terug naar de tweetaligheid van de administratie in het hele land, en veel van de problemen zouden opgelost zijn. Maar ja, dat zou de politiek niet goed uitkomen. Politici hebben nu eenmaal graag dat het niet goed gaat, anders kunnen ze hun tactische steekspelletjes niet bovenhalen en zouden ze weinig omhanden hebben.” “Misschien, misschien dat we ooit weer tot onze zinnen komen. Eendracht maakt macht, wat velen ook mogen beweren. Gelukkig maar dat we Belgen zijn, dat we de bommen niet bovenhalen. Gelukkig maar dat een Belg – of hij nu Waal, Vlaming of Brusselaar is – zich niet tot de revolutie geroepen voelt zolang hij zijn pintje et son plattekeis heeft.”
Karel Van der Auwera
De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/ingesprekmet
FREDDI SMEKENS Meimoeke
L
aten we het nog eens over meimoeke hebben. In dat verband zijn er twee uitdrukkingen die onze gehoorschelp af en toe bereiken. Enerzijds “Ik hem al (van) alles meigemokt”, anderzijds “Ik hem in ma leive nog niks meigemookt.” Die twee uitspraken zijn tot op zekere hoogte evenwaardig wat hun geloofwaardigheid betreft; ik zal straks de kans grijpen om aan te tonen waarom ze dat niet helemaal zijn. Zeker is dat men er gerust van uit kan gaan dat men elke dag wel eet meimokt. Dat gaat van de miest sumpele dinge tot de gruutste avonteure. En dat het eerste meer voorkomt dan het laatste, moot ik ni onderstreipe. Met andere woorden, waarde lezer, eet meimoeke mokt diel ooit van het doegelaaiks leive. Hoe spannend is het niet wanneer men van iemand te horen krijgt: “Leustert neki wa ’k naa wei hem meigemokt!” Het antwoord dat ik daarop steevast klaarheb, luidt: “Awel, niks, paas ik. Gelak as altaaid.” Maar vermits ik in de loop der tijden gemerkt heb dat men met die repliek nooit heel sympathiek overkomt, ben ik er mo van af gestapt. Anders is het dus gesteld met de aanhef van de treurzang, gezongen door hen die nog nuut niks meigemokt hemme. Als antwoord daarop passen eerder woorden van troost dan hoongelach. Misschien in de zin van “Awel, den hei braa veul chance!” Maar uiteraard ook: “Mo toch wel! Ge zaait ma hee just on ’t vertelle da ge nog niks hèt meigemokt!” – en dan maar beginnen uitweiden dat zoiets toch een transcendente ervaring moet zijn... Want laten we nooit vergeten, waarde lezer, dat de zwanze in onze manier van denken en handelen altijd een prominente plaats moet blijven innemen. Dat sterkt me in mijn geloof dat we, telkens als we met die zwanze geconfronteerd worden, iets fundamenteels meemaken in ons Brusselse bestaan. Natuurlijk kan dat laatste eventueel tegengesproken worden, mo ik zou er iest toch neki good auver noepaaze. Wie zei er ook weer dat men met mij niet op het leste van zaain Lataain es as het auver noepaaze goet? “Lot ze mo zwanze,” denk ik dan. Bij dat alles zou de dichter in mij, die ik toch as ne serjeuze meens beschouw, het in vol-
gende termen durven te stellen: “Meimoeke es gelak as oeseme. As we niks nemi meimoeke, zaain we duud.” En daarbij laat ik de bijnadoodervaring nog even buiten beschouwing. “Voilà! Hij es waal on ’t zwanze! Zal hij het den nuut ni afliere?!” merkt het minder begaafde deel van mijn entourage daarbij op. Wat kan ik daarop anders antwoorden dan “Ge verstoet er niks van omda ge nog niks meigemokt hèt”? Iets pijnlijker dan meimoeke klinkt deumoeke. De kloegers onder ons zeggen bijvoorbeeld: “Ge zou ni kunne geluuve wa da’k tot hee too allemoe hem moote deumoeke.” Natuurlijk wordt ook hier de nieuwsgierigheid van de toehoorder gewekt, maar volgens mij toch in mindere mate dan wanneer men het over meimoeke heeft. Zonder de wijsgerige toer op te willen heb ik nog wel een opmerking in verband met meimoeke. Interessant is de vaststelling dat niemand van ons nooit de som zal kunnen maken van wat we in ons kortere of langere leven allemoe hemme meigemokt. Maar evengoed staan we machteloos in de voorspelling van de mooie of eventueel minder aangename gebeurtenissen dee we nog goen meimoeke. En ik heb nóg een bedenking. Hoe zou ons bestaan eruitzien mochten we – zoals Kuifje bijvoorbeeld – van ’t ien avonteur in ’t ander terechtkomme? Zouden we dan op een bepaald ogenblik niet met een soort van eentonigheid te maken krijgen? Want wat is er tenslotte aangenamer dan eet meimoeke in alle rust en serenitaait? Welnu, waarde lezer, wanneer ik bij die laatste analyse de opmerking krijg: “Zu ne ziever hem ik van ma leive nog ni meigemokt!”, dan beschouw ik dat eerder as e compliment dan as ’n affront. Want men mookt niet alleen mei wat men beleeft, maar eveneens wat men ziet. En in dat geval houdt de bewering “Ik hem nog niks meigemokt” geen steek. Ten slotte sta ik nog even stil bij de Brusselse woorden die ik ooit in ons Algemeen Nederlands heb kunnen hertalen. “’t Is mei moeke,” zei ik ooit tegen mijn moeder bij het overhandigen van een paar takjes meibloemen.
REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Elsene, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels hoofdstedelijk gewest. Rest van België 15 euro per jaar; rekeningnummer 424-5529822-66 van vzw Brussel Deze Week. Buiten België 25 euro per jaar. DISTRIBUTIE EN PROMOTIE Ute Otten (ute.otten@bdw.be), Lien Annicaert (lien.annicaert@bdw.be), Paul De Weerdt. RECLAME IN BDW Rika Braeckman (rika.braeckman@bdw.be), 02-226.45.41, 0477-97.21.27, fax 02-226.45.69. OPLAGE 70.490 exemplaren. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne (anne.brumagne@ bdw.be). EINDREDACTIE Katrien Stroobants (katrien.stroobants@bdw.be). REDACTIE Jean-Marie Binst (jeanmarie.binst@bdw.be), Christophe Degreef (christophe.degreef@bdw.be), Bettina Hubo (bettina. hubo@bdw.be), Patrick Jordens (patrick.jordens@bdw.be), Freddi Smekens (freddi.smekens@bdw. be), Steven Van Garsse (steven.vangarsse@bdw.be), Danny Vileyn (danny.vileyn@bdw.be). REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele (isabelle.devestele@bdw.be), Gerd Hendrickx (gerd.hendrickx@bdw. be). MEDEWERKERS Michaël Bellon, Lieven Bulckaert, An Devroe, Eva Hilhorst, Ilah, Wauter Mannaert, Francis Marissens, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Steven Vandenbergh, Karel Van der Auwera, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Sander de Wilde, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. VORMGEVING Peter Dhondt (peter.dhondt@bdw. be). FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh (manu.dehertogh@bdw.be). VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Marijke Vandebuerie (marijke.vandebuerie@bdw.be). Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie. ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).
BDW 1312 PAGINA 24 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
Atletiek > Mark De Meyer, paralympiër in hart en nieren
‘Rolstoel maakt geen verschil’ BRUSSEL – De paralympische beweging is de afgelopen vijftig jaar stevig geëvolueerd. Mark De Meyer stond midden in de evolutie, en schreef er een boek over. Op de Paralympics van 1980 en 1984 behaalde hij zes medailles, en hij zat jaren actief in het bestuur. “Brussel stond aan de wieg van de gehandicaptensport,” vertelt Mark De Meyer, nu 59. “In het Centrum voor Traumatologie en Readaptatie (CTR) van het Brugmannziekenhuis werd in de jaren 1950 de eerste sportclub opgericht. Ondertussen lijkt het erop dat de sport in Brussel wat over zijn hoogtepunt heen is. De vroegere ondersteunende bestuurders zijn er niet meer. Je hebt nog maar een vijftal Nederlandstalige en een vijftal Franstalige clubs, al blijven de initiatieven van de VGC en de Cocof lovenswaardig.” Rolstoelgebruiker De Meyer begon te sporten op internaat, maar kreeg de smaak pas echt te pakken bij de sportclub van CTR. Hij begon er met rolstoelbasketbal, maar vond in de honderd meter pas echt zijn gading. “‘Jij bent nogal een snelle,’ zei clubgenoot Remi Van Ophem me. Ik probeerde het eens tijdens een wedstrijd op de Heizel en klopte hem meteen, terwijl hij toch een elitesporter was. Ik had de smaak te pakken. Aangezien ik te laat was om de Paralympics van Toronto in 1976 nog te halen, heb ik me volledig toegelegd op de Spelen van 1980 in Nederland en later die van 1984 in Engeland. Ik nam er vooral deel aan atletieknummers, al behaalde ik in 1980 ook zilver op de vijfkamp (drie atletieknummers, 100 meter vrije slag zwemmen en boogschieten, TS). Uit-
Mark De Meyer, topsporter, maar ook onder meer geschiedschrijver, begeleider en sportdirecteur.
© MARC GYSENS
Kunstschaatsen > Isabelle Pieman, na het zwarte jaar
Voor een EK-finaleplaats BRUSSEL – Kunstschaatsster Isabelle Pieman laat een moeilijke periode achter zich. De dood van haar trainer en blessureleed tekenden haar, maar nu kijkt ze vooruit. Naar het Europees kampioenschap, dat op 23 januari van start gaat. “Ik geef mezelf nog twee jaar,” verklaarde de nu 28-jarige Pieman drie jaar geleden in BDW. De Brusselse kunstschaatsster heeft nu de wil en steun gevonden om haar carrière op de rails te houden, al kende haar parcours een paar zware tegenslagen. “In de aanloop naar de Olympische Winterspelen van 2010 stapte mijn trainer (Laurent Vandenneucker, red.) uit het leven,” vertelt Pieman. “Hij coachte me nog maar een viertal jaar, maar ik kende hem al sinds mijn eerste pasjes op het ijs. Het was een heel moeilijke periode. En de echte klap kwam pas na het seizoen, toen werd het mij even te veel.” Tot overmaat van ramp kampte ze ook met een wervelblessure, waardoor ze een vijftal maanden aan de kant stond. “Ik had pijn; zelfs
’s nachts werd ik ervan wakker. Ik kon niets doen. Door al die blessureperikelen ben ik dit seizoen later begonnen. Daarom is het nu vooral belangrijk dat ik mijn oude niveau terugvind. Mijn Belgische titel en een derde plaats op de internationale Istanbul Cup bewijzen toch dat ik op de goede weg ben.”
Eenzaam in Oberstdorf
Bij gebrek aan infrastructuur in Brussel verkaste Isabelle Pieman naar Oberstdorf.
De volgende grote afspraak is het Europees kampioenschap (EK) kunstschaatsen, van 23 tot en met 29 januari in het Engelse Sheffield. De ambitie is groot, maar de Brusselse houdt de voetjes op de grond. “Mijn voornaamste doel is me kwalificeren voor de finale. Doordat ik later ben begonnen, is het niet zo evident om mijn beste niveau te halen. Ik leg mezelf geen onnodige druk op: het belangrijkste is mijn beste vorm te vinden en blessurevrij te blijven.” Het EK bereidt Pieman in het Duitse Oberstdorf voor, waar ze nu al drie jaar woont. “In Brussel is er zo goed als geen infrastructuur, en elke dag lange afstanden afleggen is vermoeiend en
duur. Daarom train ik in Oberstdorf, waar ik een prachtig centrum bij de hand heb, en waar ik genoeg trainingstijd krijg. Het enige spijtige is dat er daarbuiten weinig te doen is. Maar dit is een opoffering die ik wil maken.” “Dit jaar lig ik onder contract bij Adeps (Franstalige tegenhanger van Bloso, red.). Voor het eerst ontvang ik elke maand een ‘gewoon’ salaris. Daarvóór kreeg ik weinig hulp. Alles kwam uit eigen zak, en gelukkig hielpen mijn ouders ook.” Met haar 28 lentes behoort Pieman ondertussen tot de oudgedienden van het kunstschaatsen. Toch hoedt ze zich voor grote voorspellingen over de toekomst. Ze bekijkt het nu gewoon jaar per jaar. “Een blessure kan het einde van je carrière betekenen, dat besef ik maar al te goed na het afgelopen jaar. En hoe ouder je wordt, hoe meer je je lichaam moet onderhouden. Ik wil nu vooral fit blijven. Het is belangrijk om er plezier in te blijven hebben, anders was ik al lang gestopt.” TS
BDW 1312 PAGINA 25 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
eindelijk heb ik tijdens die twee edities drie gouden en drie zilveren medailles behaald. Dat is toch wel mooi.” In die hoogdagen brachten de Belgen kilo’s medailles naar huis, in 1980 maar liefst 44. De 4 x 100 meter-ploeg met De Meyer, Van Winkel, Van Ophem en Devos bleef zelfs zeven jaar ongeslagen. “Tussen 1976 en 1988 beleefden we onze gouden periode. We behaalden medailles met hopen, terwijl we ons tijdens de vorige Paralympics in Peking tevreden moesten stellen met één keer brons. Het is wel zo dat verschillende handicapklassen tegenwoordig gegroepeerd zijn, waardoor de concurrentie een pak steviger is. Was ik vandaag atleet geweest, dan zou ik zeker minder medailles behalen.” “De Paralympics waren het summum. Er komt zoveel bij kijken. Je krijgt meer aan-
“Het beeld van zieke mensen is geëvolueerd naar dat van sporters die toevallig minder mobiel zijn” dacht dan anders en het is leuk dat al die sporten samen komen. Als sporter kun je je eens over het muurtje kijken. Valide of mindervalide, de Olympische Spelen zijn the place to be voor elke sporter.”
Zelf gelaste rolstoel De Meyer leefde tussen 1977 en 1984 als een topsporter, met dagelijks twee trainingen naast zijn voltijdse baan. Tijdens zijn tweede Spelen sukkelde hij met tendinitis aan de linkerschouder, waardoor hij moest afzeggen voor twee aflossingen. Dat was meteen het einde van zijn sportcarrière. “Vandaag heb je sporters met een motorische of visuele beperking die professioneel met hun sport bezig kunnen zijn. Zij moeten ‘gewoon’ presteren. Dat was vroeger wel anders. Ik herinner me dat ik met een vriend nog zelf
een rolstoel ineen heb gelast. In die periode maakten de rolstoelen een evolutie mee van de zware ziekenhuisgevallen naar superlichte sportrolstoelen. De firma’s waren nog niet gevolgd, waardoor veel sporters hun rolstoel zelf ineenstaken, binnen de opgelegde limieten uiteraard.” De evolutie van de paralympische sport bundelde De Meyer vorig jaar in People in motion, een boek naar aanleiding van vijftig jaar Belgian Paralympic Committee. Als topsporter, algemeen secretaris, begeleider, delegatiehoofd, archivaris of als sportdirecteur: de Brusselaar ondervond de evolutie aan den lijve. “Met mijn bagage heb ik andere sporters begeleid. Als je die atleten dan goed ziet presteren, geeft dat toch heel wat voldoening. Net als het EK atletiek dat ik in 1985 in Watermaal-Bosvoorde heb georganiseerd, en uiteraard mijn boek. Het blijft niet bij de medailles.” “De evolutie van de paralympische sport is zeer positief. Het beeld van zieke mensen, patiënten die in een rolstoel zitten, is geëvolueerd naar dat van sporters die toevallig minder mobiel zijn. We worden als volwaardige sportlui beschouwd. Een fietser gebruikt zijn fiets, wij onze rolstoel. De begeleidende medici van vroeger zijn vervangen door sporttrainers. In een rolstoel of niet, er is geen verschil.” Die gunstige evolutie zal zich de komende jaren wellicht doorzetten. De Meyer ziet een verdere integratie en aanvaarding. “Vandaag zijn sommige paralympische sporten geïntegreerd in valide sportfederaties: paardrijden en tennis, bijvoorbeeld.” “Op korte termijn ben ik hoopvol voor de prestaties van onze Belgische atleten op de Paralympics in Londen. De vooruitzichten zijn goed. Mannen als Gino De Keersmaeker, wereldkampioen discuswerpen, en Wim Decleir, zilver op het WK handbike, moeten iets kunnen rapen. Voorts hoop ik dat de breuk tussen de Olympische Spelen en de Paralympics (die twee weken later beginnen, red.) minder bruusk wordt. Waarom het olympisch vuur niet op een waakvlammetje houden, om het dan met de Paralympics weer vollen bak te laten branden?” Tim Schoonjans
Verbroederen op de tatami
David Steegen Jongen wordt man De ‘jongen’ staat naast mij. Hij heeft die benaming te danken aan Charly Musonda, voormalig begenadigd profvoetballer van Cercle Brugge en RSCA en sinds enkele jaren jeugdtrainer en materiaalman van paars-wit. Toen Romelu Lukaku nog voor Anderlecht voetbalde, sprak Charly steevast over ‘le garçon’ of ‘the boy’, naargelang van de taal van de conversatie. ‘The boy’ is een man geworden. Het jongensachtige is er helemaal af. De verwondering is gelukkig gebleven. Hij geniet van de wedstrijd tegen Club Brugge. “Wat had ik hier graag tussen de lijnen gestaan,” zegt Romelu Lukaku met een glimlach. “Al dat talent. Tikken met Mati en Dieu. Hier scoor ik zeker. Mijn eerste titel daar in Brugge, nu twee jaar geleden, is een van de mooiste dagen van mijn leven geweest. Ik kijk regelmatig met weemoed terug naar die beelden. De viering ontroert me steeds weer.” Hij zucht. RSC Anderlecht-FC Brugge. De meest gehate club tegen de sympathiekste, althans volgens een enquête georganiseerd door een vooraanstaand voetbalweekblad. Hoed u voor opiniepeilingen. Liefde staat zeer dicht bij haat. De prestigeslag. Het onvoorwaardelijk vernieuwende FC Brugge wordt nadrukkelijk op zijn plaats gezet door het offensieve genie van Sporting. De meerwaarde van de Brusselse aanvalskracht krijgt gestalte door de flitsen van de Servische leider Milan Jovanovic, de atletische superioriteit van Dieumerci Mbokani en de fijnbesnaarde fluwelen acties van ‘El Artista’ uit Cordoba, de nieuwe Gouden Schoen Mati Suarez. De eerste actie is meteen raak. Gillet + Sua rez + Mbokani = 1-0. Het stadion ontploft. Het puntje staat al op de i. Romelu Lukaku geniet alsof hij zelf op het veld staat. Biglia en Suarez worden stilaan onhoudbaar voor
RSC Anderlecht. Dat waren Boussoufa, Aruna, Rensenbrink en Lukaku ook. RSC Anderlecht wordt al sinds de woensdag voor de wedstrijd tegen Brugge gehuldigd. Mati Suarez is de held van het Gala van de Gouden Schoen. De aanvaller is oprecht gelukkig met zoveel erkenning en liefde. De Gouden Schoen geeft hem vleugels. Een goal en één assist tegen Brugge. Bij de club zijn we heel gelukkig voor hem. Wanneer een speler de Gouden Schoen wint, ontvangt hij voor de camera’s een soort replica, die de laureaat onmiddellijk moet teruggeven; vervolgens overhandigt de beste voetballer van het land een eigen schoen, die achteraf verguld wordt. Mati Suarez laat speciaal een nieuw paar schoenen bestellen bij de sponsor. Hij staat erop dat zijn gouden schoen een schoen is waarmee hij echt gespeeld heeft, en het liefst eentje waarmee hij scoorde. De eerste wedstrijd na het gala is het al zo ver. De schoen aan zijn rechtervoet waarmee hij Brugge-doelman Jorgacevic te grazen neemt, wordt de officiële Gouden Schoen. Mati Suarez heeft de voorbije week veel over zich heen gekregen. Zijn huwelijk, het weergaloze optreden van zijn kersverse echtgenote en de verkiezing tot nieuwe Gouden Schoen, de eenentwintigste voor een speler van Royal Sporting Club Anderlecht. Suarez is nog steeds maar 23 jaar jong. De introverte jongen laat het ongelovig en bedeesd over zich heen komen en staat erop om met de mensen van de club te vieren. En met niemand anders. De jonge Mati Suarez is in een week tijd een man geworden. www.brusselnieuws.be/steegen David Steegen is persverantwoordelijke van voetbalclub RSC Anderlecht
ADVERTENTIE
KOEKELBERG – Kinderen uit het eerste en tweede leerjaar vechten in alle vriendschap tijdens de vijfde SchoolGrappling. De Brussels Brazilian Jiu Jitsu Academy (BBJJA) en Buurtsport Brussel verwachten op 10 februari opnieuw honderden kinderen in sportzaal Victoria. Vorig jaar klokten ze af op 385 deelnemers. De meeste scholen komen uit Koekelberg en Molenbeek. Vanaf negen uur worden de leerlingen uit het eerste leerjaar verwacht; om 13 uur is het de beurt aan het tweede leerjaar. Ze krijgen allemaal een gezamenlijke opwarming voorgeschoteld, waarin de leerlingen uit de ver-
schillende scholen elkaar beter leren kennen dankzij groepsversterkende oefeningen. Dan volgen grappling-wedstrijden per leeftijd, gewicht en geslacht. De initiaties zijn al op school tijdens de lessen L.O. gegeven. De ‘koala’ of de ‘Crocodile Dundee’, elke worstelgreep is goed voor een overwinning. Maar ondanks het trek- en sleurwerk blijft sportiviteit het belangrijkste. Voor een kamp geven de kinderen elkaar een hand en achteraf moeten ze elkaar omhelzen. Elke deelnemer krijgt een medaille, en de school met de meeste eerste plaatsen kaapt de SchoolGrappling Trofee mee. Meer op www.bbjja.be. TS
De Indische Oceaan getemd BRUSSEL – Bernard Fisset stak in 2009 met een achtkoppig team de Indische Oceaan over. Een bloedstollend avontuur, nu te lezen in Ligne de vie. “Alsjeblieft, geef het op. Het is geen schande. De Indische Oceaan kan gemeen zijn. Zodra jullie op zee zijn, kunnen jullie alleen op elkaar rekenen.” Die woorden sprak de Australische havenverantwoordelijke tot Fisset en zijn teammaats. Ze legden de woorden naast
zich neer. 58 dagen na de start haalden ze het eindpunt Mauritius in een wereldrecordtijd. Fisset heeft expedities in de bergen, op zee en in de woestijn op zijn conto. De oversteek van de Indische Oceaan is een van de meest tot de verbeelding sprekende. Het relaas kunt u nu lezen in een boek van een honderdtal pagina’s. Daarbij komt ook nog een dvd van twintig minuten. Beide kunt u voor 15 euro bestellen op bernard.fisset@belgacom.net. TS
Discussieer met Brussel www.brusselnieuws.be
BDW 1312 PAGINA 26 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
© BRUNO RIBEIRO
Amora met carnaval. “Brazilianen worden dan een beetje gek!”
M
RA
CE
LI A
Was het lastig om te wennen aan de kou? A: Nee, ik vind dat tof. Ik heb graag dat er verschillen zijn: de winter koud en de zomer warm.
©
En ook blij om nu in België te wonen? A: Ja, al mis ik mijn vrienden en familie wel. Maar Brazilië zelf, nee, dat mis ik niet echt...
OS
En, blij met je naam, Amora? Amora (A) (glundert): Héél blij!
En het eten, is dat anders? A: Sommige dingen zijn natuurlijk hetzelfde, maar bepaalde tropische vruchten vind je hier niet makkelijk: cajà, maracujà, goiaba... mmmmm! Zelfs de watermeloen smaakt er anders, veel beter (lacht). We maken van al dat fruit vaak vruchtensappen en ook ijsjes, heerlijk! Ja, dat mis ik ook wel (glimlacht).
OS
Je woonde in de stad Salvador de Bahia. Kan je even beschrijven hoe het daar was en wat de grootste verschillen zijn met hier? A: Eerst en vooral het klimaat. In Salvador is het echt altijd warm, zowel in de zomer als in de winter. In de zomer is het er vaak meer dan 40 graden! Als het 35 graden is, zeggen alle Brazilianen al: “O mijn god, we gaan sterven van de kou!” (lacht) Wat ook heel anders is dan hier, is dat we vlak bij de zee woonden. Bijna elk weekend gingen we zwemmen!
M
‘I
k wil eerst een mooi verhaal vertellen over mijn dochter en haar speciale naam,” vertelt mama Alice zodra ik bij hen over de vloer kom. “Vanaf het moment dat ik drie maanden zwanger was, zeiden alle dokters me altijd heel zelfverzekerd dat het een jongen zou zijn. Maar ik had vaak een droom waarin de baby me zei dat ze een meisje was én dat ze Amora moest heten, wat ‘braambes’ betekent. Om eerlijk te zijn, ik zou mijn dochter spontaan nooit de naam van een vrucht geven (lacht). Toen de dokters me na zeven maanden zwangerschap vertelden dat ze zich al die tijd hadden vergist en dat het toch een meisje zou zijn, twijfelde ik geen seconde meer aan mijn droom. En wist ik dat ze Amora moest heten.”
Amora en haar mama Alice kwamen anderhalf jaar geleden in Brussel wonen: “Ik heb hier voor de eerste keer sneeuw gezien, prachtig!”
RA
DOOR PATRICK JORDENS
E IC
De voorbije maanden reisde Zazie een paar keer naar Brazilië in Brussel: we kregen les in capoeira, een Braziliaanse vechtkunst, en we gingen in het Jubelpark naar de mooie tentoonstelling Indios no Brasil kijken. Waarom Brazilië? Omdat het kunstenfestival Europalia dit keer in het teken stond van dat gigantische Zuid-Amerikaanse land aan de Atlantische Oceaan. Europalia liep zopas ten einde, en Zazie wuift haar Brazilië-reeks uit. Samen met de twaalfjarige Braziliaanse Amora. Die nam een dik jaar geleden afscheid van haar land om in België te komen wonen. Als je wilt weten hoe Amora vanuit het gure Brussel terugdenkt aan haar tropisch zonnige geboorteland, dan moet je zeker verder lezen...
Ze lezen is dol op voora , tekenen l op K en hipho o Brazi p! En ze i reaanse om p lië, in Sa s gebore lv n re half j cies te zij ador de B in aar g a n elede . Zowat a hia Ramo n n kw s (12) dera stief v met haar m Amora wone ader in B mama en r us s e n. “O mis? f ik mijn la l Nee nd echt. , niet ..”
AL
Z
‘Ik heet Amora. Dat betekent braambes’
©
zaIE
Europalia Brazilië: aflevering 3 (slot)
Ik heb hier ook voor het eerst sneeuw gezien, echt prachtig. Ik vond het heel raar dat je het niet goed kan vastpakken, dat het bijna meteen smelt. Brazilië is een gigantisch groot land, met heel veel verschillen tussen noord en zuid. Ken je er
BDW 1312 PAGINA 27 - DONDERDAG 19 JANUARI 2012
nog andere plekken dan je geboortestad? A: Ja, we gingen ooit op bezoek in São Paulo en Rio de Janeiro, twee heel grote steden. Rio vond ik wel tof, en boeiend ook. We zijn met de kabelbaan tot bij het grote Christusbeeld geweest, en we hebben er ook een reusachtig park bezocht met megagrote bomen. Trop cool!! Maar ’s avonds voelde ik me in Rio niet altijd veilig. En het zeewater is er koud, echt veel kouder dan in Salvador!
[ SORRY ] SNORRY ?
Afrika in Brazilië Salvador de Bahia, de stad waar Amora vandaan komt, wordt vaak ‘de meest Afrikaanse stad van Brazilië’ genoemd. Die naam dankt ze aan de vele slaven die lang geleden, in de zestiende eeuw, Brazilië vanuit Afrika naar Brazilië Salvador werden gebracht. Daar de Bahia moesten ze hard werken voor de Portugezen, die Brazilië zogenaamd hadden ontdekt en er grote suikerrietplantages hadden. (Plantages zijn grote boerderijen met akkers errond.) In Salvador wonen ongeveer 3 miljoen mensen. Het is de derde grootste stad van Brazilië: alleen São Paulo en Rio de Janeiro zijn groter. De vermenging van Afrikaans, Europees én indiaans bloed, wat typisch is voor het Braziliaanse volk, is nergens zo duidelijk als in Salvador de Bahia.
Vertel eens even over het beroemde Braziliaanse carnaval. Is het echt waar dat iedereen dan compleet uit de bol gaat? A: Ja, dat is zo. Ik denk dat carnaval voor veel Brazilianen het belangrijkste van hun leven is. Maar ik hou er niet zo van.
© INFOGRAFIEK: PETER DHONDT/BDW
© ILAH
Waarom niet? A: Mmmm, door de muziek. In Rio hoor je wel nog
BLIKVANGER
... zo zou je de Braziliaanse lekkernij brigadeiro (‘brigadier’) ook kunnen noemen. Het is een mengsel van gecondenseerde melk, boter, cacao en hagelslag, en op zowat elk verjaardagsfeestje in Brazilië valt er van brigadeiros te smullen. Ze zijn ook heel makkelijk zelf klaar te maken. Hier volgt het recept.
INGREDIËNTEN ■ 1 blikje gecondenseerde
melk (zoet) ■ 125 gram margarine ■ 2 eetlepels cacao ■ hagelslag, nootjes
Meng de gecondenseerde melk, de margarine en cac ao in een ruime pan en breng aan de kook. Laat 4-5 minuten zachtjes koken. Ro er ondertussen goed. Laat dit mengsel daarna op een plaat afkoelen (10-15 minuten) en maak er balletjes van. Rol deze balle tjes dan door de hagelslag en/of nootjes.
APROVEITE!
= ‘Smakelijk’ in het Braziliaans Portugees
PS: “Eet er niet meer dan drie per dag, anders liggen de bommen te zwaar op je maag!” waarschuwde Amora ons nog.
© MAYCH
Tot slot: als je volwassen bent, ga je dan terug in Salvador wonen, Amora? A: Nee, waarschijnlijk niet. Tenzij het er zou veranderen... Later wil ik liever studeren aan een universiteit in Japan of zo. Ik ben helemaal verzot op alles wat met Azië te maken heeft (lacht).
Een bom van chocola...
© BIBI
Nu je het toch over school hebt... Is school hier anders dan in Brazilië? A: Ja, vooral de leraars! In het begin durfde ik bijna niet te bewegen in de klas, zo streng vond ik ze (lacht). In Salvador omhelzen we de juf of meester, en een leerkracht zal er ook nooit schreeuwen tegen een kind. Maar hier, wow, daar moest ik wel hard aan wennen... Mama Alice: We waren wel heel opgelucht dat haar klasgenootjes haar meteen aanvaardden en dat ze snel vrienden had op school. Dat vind ik speciaal aan Brussel, dat kinderen van over de hele wereld hier samen in de klas zitten en makkelijk bevriend geraken.
© EBIGADEIRO
de samba van vroeger, maar in Salvador draaien ze nu vooral axé-muziek. Die liedjes gaan bijna altijd over seks, echt vulgair, ik snap niet hoe ze dat mooi kunnen vinden! Ooit stond ik met mijn papa boven op een praalwagen, want mijn vader speelde af en toe muziek tijdens carnaval. Ik zag beneden in de massa mensen vallen, maar de anderen trokken zich daar totaal niets van aan. Iedereen denkt dan gewoon aan zichzelf. Ik zal er nooit tussen gaan staan. Carnaval werd voor mij op den duur gewoon een weekje geen school (lacht).