Skip to main content

BDW - editie 1311

Page 1

De Cock - De brief van... bw.def_Opmaak 1 02-12-11 10:20 Pagina 67

AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153

HET NIEUWE BOEK VAN MICHAEL DE COCK EN JUDITH VANISTENDAEL

Rosie en Moussa, deel 2: De brief van papa

Voorpublicatie bij Zazie (waar het

allemaal begon) Tien avonden winterjazz in familiale sfeer bij thÉÂtre marni En ook: Mira, Ivo Dimchev en 15 jaar Cinema Nova.

12 01 12

27

NU IN PREMIÈRE BIJ BRONKS LEES PAGINA 20

Lekkerbekken luiden BRUSSELICIOUS in

BRUSSEL – Op de Grote Markt sneeuwde het dinsdagmiddag koksmutsen. Met precies 655 toques gaven sterren- en andere chefs, traiteurs, ambachtslui en toeleveranciers van de horeca het startschot van Brusselicious. De lanceringsstunt van het eerste jaar van de Brusselse gastronomie was meteen goed voor een plaatsje in het Guinness Recordboek. De amuse-bouche werd gesmaakt. Hopelijk valt ook de rest van het menu te pruimen. JMB FOTO: © IVAN PUT

Mobiliteit > Slechts 7,5 kilometer, tegenover 73 in vorige legislatuur

Aanleg fietspaden valt stil BRUSSEL – De huidige Brusselse regering heeft nog maar zeven kilometer fietspad aangelegd. Dat is een pak minder dan in de vorige regeerperiode (2004-2009), toen er meer dan zeventig kilometer fietspad bijkwam.

D

e aanleg van fietspaden in het Brusselse gewest valt stil. Dat blijkt uit een schriftelijk antwoord van minister van Vervoer Brigitte Grouwels (CD&V) aan Brussels parlementslid Jef Van Damme (SP.A). Sinds het aantreden van de regering-Picqué IV in juli 2009 is er nog maar 5,6 kilometer gescheiden fietspad aangelegd. Daar komen nog wat gemarkeerde fietspaden bij, ‘befietsbare’ busbanen en fietssuggestiestroken, maar telkens minder dan één kilometer. Dat brengt het totaal op 7,5 kilometer. De cijfers staan in schril contrast met de vorige regeerperiode. Minis-

ter van Vervoer Pascal Smet (SP.A) wou van Brussel een echte fietsstad maken. In die periode is 73 kilometer fietspad aangelegd. In de eva­luatie van Fietsplan I staat ook hoe die eruitzien: 10 kilometer ge­ scheiden en 23 kilometer gemarkeerd fietspad, 6 kilometer busbaan en 34 kilometer fietssuggestiestrook. De huidige regering-Picqué is nog maar halverwege, maar het lijkt haast onmogelijk om die resultaten nog te halen.

Andere prioriteiten Er zijn verklaringen voor het grote verschil, en die zijn niet zozeer

budgettair. Onlangs kondigden minister Grouwels en staatssecretaris voor Mobiliteit Bruno De Lille (Groen) nog aan dat Brussel dit jaar 13 miljoen euro zal investeren in fietspaden. Dat is een record. De verklaring voor het lage cijfer ligt in een andere beleidskeuze.

Amper een derde van de gewestwegen heeft een fietspad

Minister Grouwels heeft ervoor gekozen om de Gewestelijke Fietsroutes (GFR) prioritair af te werken. Zo staat het in het regeerakkoord.

Tegen 2014 zullen nagenoeg alle GFR’s klaar zijn. GFR’s brengen fietsers op een comfortabele manier van de ene wijk naar de andere. Daarbij worden gevaarlijke punten weggewerkt, maar veel fietspaden levert dat niet op. Een andere beleidskeuze van de ministers Grouwels en De Lille is om vrijliggende fietspaden te verkiezen boven geschilderde fietspaden. De aanleg daarvan kan jaren aanslepen, omdat die meestal samenhangt met de volledige heraanleg van de weg. Aan werk ontbreekt het overigens niet. Slechts één derde van de gewest­wegen heeft vandaag al een fietspad. Tot slot is het zo dat de gewestwegen waar het makkelijkst een befiets­bare busbaan kon worden aangelegd, al aangepakt zijn. De moeilijkere gevallen, zoals de Elsensesteenweg of de Franklin Roo-

seveltlaan, blijven over. Daartegenover staat dan weer dat er aan de Kruidtuinlaan erg snel een fiets-/ busbaan zou kunnen bijkomen, maar dat die om een of andere bizarre reden maar niet uitgevoerd geraakt. Steven Van Garsse ADVERTENTIE

Mini-verbruik.

Maxi-condities. Zie p. 32

DB24/183726A2

ADVERTENTIE

NISSAN VERANDERT DE REGELS

Blader verder voor onze condities.

N° 1311 VAN 12 TOT 19 JANUARI 2012 ¦ WEEK 2: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, FAX: 02-226.45.69, E-MAIL: INFO@BDW.BE


BDW 1311 PAGINA 2 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

Uitgelicht > Slechts handjevol Franstalige Brusselse advocaten werkt mee

Salduz hapert nog BRUSSEL – De toepassing van de nieuwe Salduz-wet zorgde de afgelopen week in politie- en gerechtskringen voor heel wat commotie. De politie blijkt niet klaar voor de wet en is inmiddels boos op het parket. De Franstalige Brusselse advocaten willen niet meedoen. Alleen bij de Vlaams-Brusselse advocaten loopt alles op wieltjes.

D

e Salduz-wet houdt in dat een verdachte al van bij het eerste politieverhoor recht heeft op een advocaat. De wet is vernoemd naar een jonge Turk die in zijn land veroordeeld werd omdat hij deelgenomen zou hebben aan een verboden betoging van de Koerdische PKK. Hij had de feiten toegegeven tijdens het politieverhoor, maar zei later dat hij onder druk bekend had. De 17-jarige trok naar het Europees Hof voor de Rechten van de Mens in Straatsburg. Dat oordeelde in 2008 dat Salduz geen eerlijk proces had gekregen omdat er tijdens het politieverhoor geen advocaat aanwezig was. Alle landen van de Raad van Europa werden aangemaand om dit

principe snel op te nemen in hun rechtssysteem. België treuzelde drie jaar, onder meer omdat de parketten dwarslagen. De advocaten bleven echter aandringen. “De aanwezigheid van een advocaat voorkomt dat de politie tijdens het verhoor ongeoorloofde druk uitoefent,” zegt Tom Bauwens van de Nederlandse Orde van Advocaten bij de Brusselse balie. “De advocaat kan de verdachte ook vertellen wat hij beter wel en niet zegt. Dat hoeft niet te leiden tot vertraging, integendeel zelfs. Ik denk ook dat de onderzoeken er alleen maar degelijker op worden.” De Belgische wet werd vorige zomer aangenomen en trad op 1 januari in werking. De politievakbonden lieten vorige

week meteen van zich horen. Ze meldden dat de Brusselse procureur Bruno Bulthé in een recente omzendbrief de politie opdracht had gegeven om bij een vijftigtal misdrijven – gaande van autodiefstal tot slagen en verwondingen – de verdachte niet meteen aan te houden en te verhoren, maar hem eventueel later uit te nodigen voor een verhoor. In dat geval is de aanwezigheid van een advocaat immers niet verplicht. Op die manier zou de politie niet overbelast raken. Heel wat politici reageerden ontzet en spraken over straffeloosheid. Minister van Justitie Annemie Turtelboom (Open VLD) liet daarop weten dat ze de ‘werkafspraken’ van Bulthé een maand zou aanzien. Ook de politievakbonden waren niet opgezet met de omzendbrief. “Het klopt dat dit beleid in de praktijk al langer bestond, maar door het te officialiseren in een omzendbrief, geef je het verkeerde signaal, namelijk dat een crimineel lang onder de radar kan blijven,” zegt Gert Cockx van de politievakbond NSPV.

Tegelijkertijd erkent Cockx dat de politie niet klaar is voor de Salduzwet. “Er is onvoldoende infrastructuur. Er moet nu namelijk ook een lokaal zijn waar de verdachte en zijn

“Wij willen meewerken aan de toepassing van Salduz, maar ook de overheid moet het spel meespelen”

advocaat voor het verhoor in vertrouwen kunnen overleggen, terwijl de politie toch een oogje in het zeil houdt. Want wij staan ook in voor de veiligheid van de advocaat. Bovendien moeten nog heel wat poli-

tiemensen een speciale opleiding krijgen.” Hoe dan ook zal de Salduzwet voor flink wat tijdverlies zorgen, meent Cockx. “Als iemand toch meegenomen wordt voor verhoor, dan moeten we wachten op de advocaat. Die heeft twee uur de tijd om naar het commissariaat te komen. En als het verhoor uitgesteld wordt, is het vaak een andere politieploeg, die niets van de zaak af weet, die ermee belast wordt.”

Tien keer per dag Intussen is de Salduz-wet een dikke week van toepassing in Brussel. Wanneer iemand aangehouden wordt voor verhoor, waarschuwt de politie via een callcenter de permanentiedienst van de advocaten. De advocaten van de Nederlandse Orde die stand-by waren, moesten dagelijks zo’n tien keer uitrukken en vijf keer telefonische bijstand verlenen, vertelt Tom Bauwens. “Alles liep vlot, behalve dat er de eerste nachten ook Franstalige noodoproepen bij ons terechtkwamen.” Het permanentiesysteem van de

OPMERKELIJK

DE WEEK IN BEELD DOOR IVAN PUT

COLLECTO: NU OOK TE BESTELLEN PER SMS

Loul werd in 1987 als een van de eerste minderjarige vluchtelingen opgevangen in het Klein Kasteeltje. We zijn 25 jaar later. Zijn dochter Nardos is, net als mijn dochter, gefascineerd door alles wat roze is.

© IVAN PUT

BRUSSEL – Voortaan is het mogelijk om de collectieve taxidienst Collecto ook per sms te bestellen of door een voice­ mailtje op het automatisch antwoordapparaat van de belcentrale achter te laten. Dat laat Brussels minister van Vervoer Brigitte Grouwels (CD&V) weten. Collecto is een collectieve taxidienst die als aanvulling dient op het nachtbusnet Noctis van de MIVB. Gebruikers kunnen zeven dagen op zeven tussen elf uur ’s avonds en zes uur ’s ochtends een beroep doen op de gemeenschappelijke taxi die hen oppikt en afzet aan vaste haltes. MIVB-abonnees betalen vijf euro, andere gebruikers zes euro. In 2011 deed Collecto het volgens de cijfers goed: er waren 94.597 reizigers in totaal, en het aantal maandreizigers begint richting 10.000 te gaan. Op een gemiddelde weeknacht gebruiken 150 mensen de dienst, in het weekend vijfhonderd. CD


WEEKOVERZICHT

BDW 1311 PAGINA 3 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

© VINCENT DUTERNE / PHOTO NEWS

WOENSDAG 4 JANUARI OMZENDBRIEF ZET KWAAD BLOED. In een omzendbrief vraagt het Brusselse parket om verdachten van bepaalde misdrijven niet onmiddellijk aan te houden voor verhoor, maar later op te roepen. Die maatregel is een gevolg van de Salduz-wet, die impliceert dat bij elk eerste verhoor door de politie een advocaat aanwezig moet zijn. Met de richtlijn wil het parket anticiperen op mogelijke tijdverspilling. Heel wat politici reageerden ontzet op de brief. Minister van Justitie Annemie Turtelboom (Open VLD) wil de aanpak van het Brusselse parket over een maand evalueren.

DONDERDAG 5 JANUARI Herbestemming Belle-Vue krijgt vorm. De herbestemming van de voormalige brouwerij Belle-Vue aan het kanaal wordt concreter. Tegen 2013 wordt gedacht aan een twee- à drie­ sterrenhotel dat zich vooral op jongerengroepen en families richt. Naast dit Meininger Belle-Vue Hotel – dat het midden houdt tussen een hotel en een jeugdherberg – worden er op het terrein ook veertien ecovriendelijke appartementen, een kleine congreszaal en een opleidingscentrum voor horecaberoepen gepland.

VRIJDAG 6 JANUARI Wiels breidt uit. Wiels, het centrum voor hedendaagse kunst aan de Van Volxemlaan, gaat de komende drie jaar verbouwen. Zo komt er onder meer een auditorium met tachtig plaatsen voor filmprojecties en kleinere kunstinstallaties in het gebouw in Vorst. De erfpachtovereenkomst wordt ook verlengd tot 2057.

“De aanwezigheid van een advocaat voorkomt dat de politie tijdens het verhoor ongeoorloofde druk uitoefent.”

Franse Orde bij de Brusselse balie werkte vorige week nog niet optimaal. Inmiddels is het volgens stafhouder Jean-Pierre Buyle wel operationeel, maar er is een ander probleem: de advocaten staan niet te springen om mee te werken. “Ongeveer negentig procent van alle zaken in Brussel is Franstalig. Wij hebben voor de permanentie dus veel meer advocaten nodig dan de Nederlandse Orde, per maand zo’n 550.” Nochtans heeft zich maar een handjevol aangemeld. “Onze advocaten vinden dat er in Brussel veel te

“ “ HET WOORD

veel plaatsen zijn waar een verhoor kan plaatsvinden. Het kan op veertig plekken, op een politiecommissariaat, maar ook bij de luchthaven-, metro- of spoorwegpolitie. De advocaten willen dat het verhoor op één plaats plaatsvindt, zoals dat ook in Bergen gebeurt. Maar daar willen de Brusselse burgemeesters voorlopig niet van weten.” Bovendien willen de Franstalige advocaten behoorlijk vergoed worden. “Er is weliswaar vijftig miljoen euro uitgetrokken voor het hele project, maar het is niet duidelijk hoeveel

daarvan voor de advocaten bestemd is. Vorig jaar zijn de pro-Deovergoedingen al gedaald. Een tolk zonder opleiding krijgt nu zelfs meer. Wij willen graag meewerken aan de toepassing van Salduz, maar ook  de overheid moet het spel meespelen.” En wat als het verhoor zonder advocaat gebeurt? Buyle: “Dan bestaat inderdaad de kans dat de procedure achteraf rechtsongeldig wordt verklaard. De overheid neemt dus een risico.” Bettina Hubo

De Conferentie van Burgemeesters? Die heeft voor mij hetzelfde statuut als bijvoorbeeld de conferentie van alle parlementsleden die dagelijks met de fiets naar het parlement gaan.” Annemie Maes (Groen) vindt het niet kunnen dat de burgemeesters het ontwerp van het gewestelijk parkeerbeleidsplan hebben kunnen inkijken en de parlementsleden niet (in het parlement).

Nieuw bloed in de gemeentebesturen. Daar ben ik voor. Vermijden dat de macht decennialang in handen blijft van één iemand, en dan wordt doorgegeven op zoon of dochter.” CDH-parlementslid Ahmed El Khannouss dient een wetsvoorstel in dat het burgemeesterschap beperkt tot drie opeenvolgende periodes, dus maximaal achttien jaar (in La Dernière Heure).

DoucheFLUX

Waar denkt u aan als u DoucheFLUX leest? Nergens aan? Geen probleem. De komende maanden zult u er zeker nog van horen. DoucheFLUX is een project van Baudouin Hubert, Chris Aertsen en Laurent d’Ursel. Drie mensen met het hart op de juiste plaats, die zich willen inzetten voor het toenemende aantal dak- en thuislozen in deze stad. Ze mikken op een plek waar dak- en thuislozen een dou-

che kunnen nemen, hun was en strijk doen, waar een kapper langskomt en waar er kluisjes zijn waarin ze het weinige waardevolle wat ze bezitten, kunnen opbergen. DoucheFLUX moet ook een plek met een ziel worden, een buurthuis, geen plek die ‘goed genoeg voor daklozen’ is. DoucheFLUX doet een beroep op de overheid, gulle bedrijven en particulieren voor de opstart en de DV werking. Meer op www.doucheflux.nl.

‘Olympia’ van magritte is terug. De kunstdieven kregen het schilderij niet verkocht na de mediaheisa die in 2009 op hun overval was gevolgd. Of er voor de teruggave losgeld is betaald, is onduidelijk: de bronnen spreken elkaar daarover tegen. Het doek, dat werd ontvreemd in het René Magrittemuseum in Jette, verkeert in perfecte staat. Union Sint-Gillis in slechte papieren. Volgens sporteconoom Trudo Dejonghe stevent de club Union Sint-Gillis af op een financieel drama. De club heeft meer schulden dan de waarde van alle eigendommen samen. Union-voorzitter Enrico Bové geeft toe dat er een betaalachterstand is, maar legt zich niet neer bij dit doodsvonnis. Via jeugdwerking in het eerste elftal en de inning van achterstallige inkomsten wil hij de club ademruimte geven.

ZONDAG 8 JANUARI DAKLOZE AANGEVALLEN. In de nacht van zondag op maandag wordt een dakloze in het Noordstation aangevallen. De deken van de slapende man wordt in brand gestoken. De man moet met brandwonden aan de benen overgebracht worden naar het brandwondencentrum in Neder-Over-Heembeek. Hij verkeert niet in levensgevaar. Van de dader(s) ontbreekt elk spoor.

MAANDAG 9 JANUARI CELSTRAFFEN VOOR GROEPSVERKRACHTING. Het Brusselse parket-generaal eist gevangenisstraffen van vier tot acht jaar tegen vijf mannen die verdacht worden van een groepsverkrachting. In 2005 zouden ze een jonge vrouw urenlang hebben misbruikt, mishandeld en verkracht in Schaarbeek. VOORRANG VOOR BROERS EN ZUSSEN. In het Brusselse Nederlandstalige basisonderwijs kunnen broers en zussen van al aanwezige leerlingen zich tijdens deze eerste inschrijvingsronde inschrijven. De inschrijvingen gebeuren rechtstreeks op school en volgens het principe ‘eerst komt, eerst maalt’. Tijdens de tweede ronde, in februari, kunnen andere kandidaat-leerlingen zich inschrijven. Daarna begint het puzzelwerk om een wettelijk en werkbaar evenwicht te vinden.

DINSDAG 10 JANUARI Meer regularisatie om medische redenen. De Dienst Vreemdelingenzaken (DVZ) registreert een toenemend aantal aanvragen tot medische regularisatie, meer dan het aantal aanvragen om humanitaire redenen. Vooral uit de Aziatische landen Bangladesh en Nepal is er vraag naar regularisatie om gezondheidsredenen. Exacte cijfers voor 2011 zijn er nog niet, maar eind oktober ging het om negenduizend aanvragen. Bevoegd staatssecretaris Maggie De Block (Open VLD) vermoedt misbruik.

Samengesteld door Christophe Degreef en Tuur De Moor

MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP SURF NAAR BRUSSELNIEUWS.BE EN SCHRIJF JE IN OP DE NIEUWSBRIEF


BDW 1311 PAGINA 4 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

Benjamin Dalle en Laura Pinti: “Moureaux’ reflex om kritiek op zijn beleid af te doen als kritiek op de multiculturele samenleving is storend.”

© BART DEWAELE

Politiek > CD&V Molenbeek maakt zich op voor de gemeenteraadsverkiezingen

‘Molenbeek is niet altijd een laboratorium’ SINT-JANS-MOLENBEEK – Vorige zomer hekelden ze het beleid in hun gemeente nog met een pluchen struisvogel, dit jaar wordt het ernstiger. In de aanloop naar oktober zijn Laura Pinti en Benjamin Dalle (beiden 29) de CD&V-gezichten in Molenbeek die de politiek van PS-burgemeester Philippe Moureaux zullen aanvechten. Zelf willen ze het niet zo sterk verwoorden. “Noem het een alternatief, geen oppositie.”

B

enjamin Dalle werd onlangs nog door De Standaard gelauwerd omdat hij een belangrijke bijdrage geleverd heeft aan het ontwarren van de knoop genaamd Brussel-Halle-Vilvoorde. “Maar daar wil ik niets over kwijt.” Momenteel is hij kabinetschef van Servais Verherstraeten, de federale staatssecretaris voor Staatshervorming. Laura Pinti is nog niet zo lang  politiek actief, amper zeven maanden, maar toch wordt zij het gezicht van CD&V Molenbeek.

Wat is jullie engagement voor Molenbeek? Waarom wonen jullie er, en waarom zijn jullie er politiek actief? Laura Pinti: “Enerzijds trekt Molenbeek me aan door de multiculturaliteit, maar anderzijds wordt het leven me er niet bepaald gemakkelijk gemaakt. Het onveiligheidsgevoel – vooral bij vrouwen – is sterk. De omgangsvormen zijn ruw, respect voor elkaar is vaak ver te zoeken. Molenbeek heeft met de zeer jonge bevolking een enorme troef, maar de jeugdwerkloosheid is er

hoog. En de uitdagingen voor de scholen zijn groot.” Benjamin Dalle: “Zelf ben ik nog maar sinds drie jaar vertrouwd met Molenbeek. Ik woon op de grens met de Maritiemwijk, maar toch vind ik het een aangename buurt. De maatschappijproblemen zijn echter groot. Anders dan Philippe Moureaux bedoelt met zijn ‘multiculturele laboratorium’, is Molenbeek al te vaak géén laboratorium. Er zijn veel concentratiewijken zonder veel contact tussen de verschillende gemeenschappen, elk met verschillen-

de culturen. En wil je een interculturele boodschap meegeven, dan moet je het ook over normen en waarden durven te hebben.” Staat Philippe Moureaux een echt multiculturele gemeente niet zelf in de weg? Kritiek op zijn gemeente en zijn beleid wordt altijd direct afgedaan als kritiek op de multiculturele samenleving. Is het tijd voor iets anders? Pinti: “Goh, we hebben Moureaux al proberen te overtuigen van de veiligheids- en andere problemen. We hebben in juni vorig jaar onze struisvogelactie gevoerd (ze ver­ weten Moureaux een struisvogel­ politiek te voeren, red.). Maar of  het echt geholpen heeft om hem te overtuigen...?”

Dalle: “Moureaux’ reflex om kritiek op zijn beleid af te doen als kritiek op de multiculturele samenleving is storend. Ik denk dat de burgemeester zich onvoldoende aanpast aan kritiek. En dan begint hij op de man te spelen, zoals dat het geval was met journalist Bart Eeckhout van De Morgen. Die laatste woont in Molenbeek, en hij schrijft zeer kritisch over wat er mis gaat in onze gemeente. Terecht, vaak.” Zijn jullie zelf al het slachtoffer geweest van agressie of fysieke ongemakken in Molenbeek? Pinti: “In de zomer gebeurt het vaak dat ik opmerkingen krijg omdat de kleren dan wat luchtiger zijn. En het rondhangen van groepen jongeren op straat is ronduit storend. Nu ja, dat is natuurlijk maar een gevoel.”


BDW 1311 PAGINA 5 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

“Het kan niet dat zwerfvuil en onburgerlijk gedrag niet meer storen”

van alle bomen in de Maritiemwijk zaaiden de bewoners bloemen. Na verloop van tijd zag je inderdaad veel bloemen, maar ook veel vuilnis.” Proberen jullie bewoners er attent op te maken dat dat niet mag, sluikstorten? Krijgen jullie het uitgelegd? Pinti: “Dat is delicaat. Ik zou het eerlijk gezegd niet doen. Want je bent nooit zeker van de tegenreactie.” Dalle: “Je moet het durven. Ik probeer mensen wel op hun fouten te wijzen, maar dat is niet makkelijk.” Pinti: “Jammer genoeg zorgt het individualisme van de stadsbewoner ervoor dat er niet veel opmerkingen worden gegeven. Er heerst zo’n beetje de regel van ‘niet moeien met de problemen om zelf geen problemen te krijgen’.” Jullie hadden het daarstraks over normen en waarden, maar begin er maar eens aan in deze tijden van individuele vrijheid. Welke rol kan de christendemocratie daarin spelen? Dalle: “Je kunt eindeloos filosoferen over de christendemocratie, maar wat we in de stad proberen doen, is verbinden: mensen die elkaar niet kennen en weinig traditionele netwerken hebben om op terug te vallen, proberen we met elkaar in contact te brengen.” Wat is dan het verschil met andere traditionele partijen? Ik kan me inbeelden dat ook de socialisten of de groenen azen op de stadsbewoner die verbonden moet worden. Dalle: “Dat is waar, maar wij benadrukken daarbij ook de eigen verantwoordelijkheid, terwijl andere partijen er sneller van uit zullen gaan dat de overheid voor die verbondenheid moet zorgen. Door subsidies, bijvoorbeeld. Dan kiezen wij eerder voor een discours over de individuele verantwoordelijkheid en het eigen initiatief van de mens om zelf mee te willen.” Dat klinkt bijna liberaal. Dalle: “Neen, want christendemocratie betekent ook dat je moet zor-

gen voor de zwakkeren, hen helpen. Bij voorkeur via het eigen initiatief, maar ook via de sociale bijstand.” Wordt jullie lijst bij de gemeenteraadsverkiezingen een oppositielijst? Dalle: “Het is vooral belangrijk dat we een eigen koers kunnen varen, anders dan in 2006, toen we op de lijst van de burgemeester stonden. Tezamen met de Franstalige collega’s van CDH, die in de Molenbeekse meerderheid zitten, komen we nu met een eigen lijst. Maar ik zou die lijst geen oppositielijst noemen, eerder een alternatief.” Denken jullie dat CDH zich openlijk zal distantiëren van de PS? Op allerlei niveaus – zowel het Brusselse als het federale – blijkt dat de Franstalige socialisten en de Franstalige christendemocraten het goed met elkaar kunnen vinden en dat ze over veel thema’s min of meer dezelfde standpunten hebben. Dalle: “De CDH-schepen Ahmed El Khannouss durft tegenwoordig af en toe in te gaan tegen Moureaux, hoor. En wat ons en CDH betreft: voor 95 procent delen we ons programma met de Franstalige christendemocraten. Al krijgen wij de vrijheid om scherper te zijn voor het huidige bewind.” Pinti: “CDH begrijpt wel dat we in de eerste plaats de Vlaming willen bereiken. Al mikken we met een gezamenlijke lijst op zoveel mogelijk Brusselaars.” Nochtans is de christendemocratie in steden niet zo vanzelfsprekend. Dalle: “Dat wil ik nuanceren. In Brussel behalen we behoorlijke scores. Sinds 1989 zitten we ook in het bestuur van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Het is vooral een kwestie van ons programma te verkopen: in de steden slaat de boodschap van verbondenheid en eigen verantwoordelijkheid minder aan.” Is het soms niet moeilijk om aan jongeren uit te leggen dat jullie voor CD&V kiezen? Ik kan me inbeelden dat jongeren niet direct zitten te wachten op een verhaal van normen en waarden. Pinti: “Het gaat om de standpunten, of ik nu twintig of zestig ben.” Dalle: “Er zijn wel sociologische onderzoeken die uitwijzen dat jongeren vandaag een iets klassieker denkpatroon hebben dan de vorige generatie, zonder daarom echt conservatief te zijn.” Laatste vraag, maar niet de minste: geloven jullie in God, als jonge CD&V’ers? Pinti: “Dat is een vreemde vraag. Het doet er niet echt toe waar ik in geloof, en ik wil waar ik in geloof, niet opdringen.” Dalle: “Voor onze partij is geloofsovertuiging geen punt. Christen­ democratie is iets anders dan christelijk geloof.”

Christophe Degreef

Ngo’s vangen asielzoekers op ANDERLECHT – Ngo’s die normaal gezien in ontwikkelingslanden opereren, zijn voor het eerst in de hoofdstad actief om asielzoekers op te vangen. “Het niet doen zou inhumaan zijn.” Ook zonder vriesweer is het rond deze tijd van het jaar haast niet doenbaar om de nacht op straat door te brengen. Toch is dat precies wat tal van asielzoekers in verschillende Brusselse parkjes proberen te doen. Fedasil weigert elke maand vierhonderd asielzoekers. Sommigen zoeken hun toevlucht tot kraakpanden, maar tientallen zien zich genoodzaakt de nacht op

straat door te brengen. Om de ergste nood te lenigen hebben acht organisaties, waaronder Caritas International, 11.11.11, Dokters van de Wereld en Unicef, niet ver van het Weststation een voormalig kantoorgebouw ingericht voor nachtopvang. Er is plaats voor honderdvijftig asielzoekers. “Het is niet de bedoeling dat ze hier blijven,” zegt Els Keytsman van Vluchtelingenwerk, dat de actie mee coördineert. “We zijn geen opvangcentrum, we organiseren alleen noodhulp.” Elk dag na het ontbijt moeten de asielzoekers weer de straat op, ’s avonds kunnen ze zich weer aanmelden. SVG Eind maart sluit de noodopvang de deuren.

AAN ONZE ABONNEES Vroeger kreeg u met de post elke week een ‘anoniem’ pakket met uw BDW en Agenda. Om het aantal verkeerde afleveringen te beperken worden nu de exemplaren op naam verstuurd. Allicht zullen hierdoor een aantal fouten in het adressenbestand aan het licht komen. Ontvangt u nog altijd een exemplaar op naam van de vorige bewoners, staan er fouten in uw adres of ontvangt u nu helemaal niets meer? Laat het ons allemaal weten op abo@bdw.be of bel 02-226.45.45, en wij zetten het met plezier recht. Abonnementen op adressen in ‘Brussel 19’ zijn en blijven gratis. Voor Belgische adressen buiten Brussel betaalt u een bijdrage in de portokosten van 15 euro per jaar, voor buitenlandse adressen is dat 25 euro per jaar.

ADVERTENTIE

OPENDEURDAGEN

Dalle: “Mijn vrouw is al het slachtoffer geweest van een sacjackingpoging. Maar ongemakken in Molenbeek zijn vaak alledaagser: na verloop van tijd ga je je zelfs niet meer storen aan zwerfvuil en onburgerlijk gedrag. En dat kan niet de bedoeling zijn.” “Ik herinner me nog dat de schepen van Netheid, Jan Gypers (Open VLD), een ludieke actie voerde: aan de voet

SAMEN (kinderen, ouders, school) maken we van onze school een leerkrachtige school waar uw kind zich thuis kan voelen. 3 vestigingen in Oudergem! 26 januari: Henri de Brouckèrelaan 16 18 januari: Invalidenlaan 168 20 januari: Schallerlaan 19/21

Van 8.35 tot 12 uur

❐ ❐ ❐ ❐ ❐ ❐ ❐ ❐ ❐ ❐

3 vestigingen in Oudergem Groene school Eigen speelbos Uitgewerkte zorgstructuur met zorgteam Geïntegreerde werking van ICT : gebruik van computer en internet in alle klassen, smartboard,beamer,… Zwemmen vanaf 1ste leerjaar Opvang van 7u30 tot 18 uur Aangepast aanbod Frans Culturele en pedagogische uitstappen voor alle klassen Familiale sfeer

HENRI DE BROUCKÈRELAAN 16

02/672.87.18

INVALIDENLAAN 168 SCHALLERLAAN 19/21 1160 OUDERGEM

bs.oudergem@g-o.be www.destadsmus.be

SECUNDAIR ONDERWIJS

ADVERTENTIE

INFOVOORM IDDAG 21 ja nu ar i

Voed je talent Op zoek naar een nieuwe uitdaging, een nieuwe job of wat vrije tijd over? Dan heeft CVO Elishout zeker wat voor jou. Bekijk het ruim aanbod aan praktische opleidingen op onze website en school je bij voor een nieuwe toekomst.

INTERNAAT

Meer info? Bezoek onze website:

www.elishout.be

CENTRUM VOLWASSENEN ONDERWIJS

ADVERTENTIE


BDW 1311 PAGINA 6 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

Aan de oevers van de Rhône lagen vroeger 1.800 parkeerplaatsen. Die zitten nu onder de grond; bovengronds kwamen terrassen, loop- en fietspaden, een draaimolen,...

Mobiliteit > Franse stad kiest resoluut voor zachte mobiliteit en openbaar vervoer

Lyon onttroont Koning Auto LYON – Terwijl Brussel kreunt onder de verkeersdruk, gaan de autoriteiten in het Franse Lyon de mobiliteitsknoop met de bijl te lijf. Het aantal autoritten in de stad aan de Rhône daalt al negen jaar op rij. En de recepten voor die prestatie klinken soms bekend in Brusselse oren.

B

autoloze zondagen georganiseerd. Daarna lieten we een enquête uit­ voeren die aantoonde dat een meer­ derheid van de burgers gewonnen was voor het idee. Pas daarna zijn we maatregelen gaan nemen. Maar wel altijd vanuit het idee van abso­ lute voorrang voor openbaar ver­ voer, fietsers en voetgangers. Nu is iedereen ervan overtuigd dat minder auto’s in de stad een noodzaak is.” De resultaten zijn er: tot 2002 steeg het autoverkeer jaar na jaar in Lyon, sindsdien is het met twintig procent gedaald. Die prestatie sterkt staatssecreta­ ris De Lille in de overtuiging dat de ambitieuze doelstellingen van het Brusselse Iris 2-plan (tussen 2001 en 2018 twintig procent minder au­ toverkeer) haalbaar zijn. “Het aantal fietsers bij ons stijgt jaar na jaar,” zegt hij. “Maar er is nog veel werk aan de winkel. In Brussel zijn fiet­ sers hoofdzakelijk mannen, terwijl die verhouding in Lyon gelijker is. Dat bewijst dat wij nog meer moe­ ten doen voor de veiligheid en het comfort van de fietser. Ook de voet­ gangers mogen we niet uit het oog verliezen. We zullen maatregelen moeten treffen die de automobilist van zijn voetstuk halen.” Lyon heeft het wel makkelijker om plaats te maken voor de fiets en het openbaar vervoer. Een groot deel

van de stad is opgebouwd volgens een dambordpatroon, met brede boulevards. In veel straten valt het op: er is veel plaats voor fietsers, voetgangers, tram en bus. Auto­ mobilisten moeten het vaak stellen met een rijstrook en enkele parkeer­ plaatsen. Bijkomend pluspunt voor fietsers: in tegenstelling tot Brussel is het centrum van Lyon vlak als een biljartlaken.

Eén lijn Nog een belangrijk punt is dat de politieke verantwoordelijken op één lijn zitten. “We verschillen wel met

de UMP-oppositie van mening over details,” zegt Vesco. “Maar over het algemene principe, dat openbaar vervoer en de zachte weggebruiker voorrang krijgen, is iedereen het eens. Je moet iemand die je uit de auto probeert te halen, wel altijd een goed alternatief kunnen aanbieden, of het nu de fiets of het openbaar © (EBARRERA)

russel en Lyon zijn ongeveer even groot en beide agglome­ raties hebben een dik miljoen inwoners. En net als Brussel kampte Lyon met grote mobiliteitsproble­ men. Het afgelopen decennium heeft de Franse stad haar verkeers­ probleem evenwel kordaat aange­ pakt. Reden genoeg voor staatsse­ cretaris voor Mobiliteit Bruno De Lille (Groen!) om er een kijkje te gaan nemen. Raakpunten genoeg tussen Brussel en Lyon, de positie van de wagen als transportmiddel bijvoorbeeld. “Net als Brussel was Lyon tien jaar gele­ den een stad waar de auto koning was,” zegt Gilles Vesco, de verant­ woordelijke voor nieuwe vervoers­ modi en ‘nieuwe stedelijke levens­ stijlen’. “De stad kreunde daaronder, er waren enorm veel files.” Ter illus­ tratie: nog altijd loopt de A6/A7, beter bekend als de Autoroute du Soleil, door het hart van de stad. Met de verkiezing van de socialist Gérard Collomb tot burgemeester in 2001 kwam er verandering in het straatbeeld. “Het belangrijkste was om een mentaliteitswijziging te creëren bij de burgers,” vertelt Vesco, “en dat mag je niet bruuske­ ren. We hebben er eerst via de media en andere kanalen voor gezorgd dat de geesten rijpten voor het idee van zachte mobiliteit. We hebben ook

“Er is een resolute keuze gemaakt om de fiets voorrang te geven”

In Lyon heten de huurfietsen van JCDecaux Vélo’V en is het spatbord rood, maar voorts zijn ze identiek, tot het rammelende mandje toe.

vervoer is.” Er werd daarom ook stevig geïnvesteerd. Niet alleen in nieuwe lijnen, maar ook in mate­ rieel. “Want versleten tramstellen zijn slecht voor je imago.” Ook andere mobiliteitsinitiatieven klinken bekend in Brusselse oren: grote transitparkeerterreinen aan de rand van de stad die aansluiten op het openbaarvervoersnetwerk, een zone 30 in het centrum van de stad en een strikt parkeerbeleid. Za­ ken die in Brussel in het beste geval in een embryonale fase zitten. Een van de speerpunten in het mo­ biliteitsplan van Lyon was het fiets­ deelsysteem Vélo’V (spreek uit: vee + het Engelse love), de plaatselijke broer van Villo. Lyon was de eerste stad waar JCDecaux het systeem op grote schaal toepaste. En het is nog altijd duidelijk dat stad en privé­firma er een nauwe relatie op nahouden. Tijdens de presentatie van het mobiliteitsbeleid blijken de mensen van de stad en Decaux twee handen op een buik. Vélo’V telt zo’n vierduizend fietsen, verdeeld over 340 stations. De twee­ wielers zijn identiek aan de Brussel­ se exemplaren, inclusief rammelend boodschappenmandje. En ze zijn al­ omtegenwoordig, goed voor 19.500 ritten per dag, een kwart van het to­ tale aantal fietsverplaatsingen. “We hebben Velo’V gebruikt als motor om een kritische massa aan fietsers op de been te brengen,” zegt Pascal Chopin, regionaal directeur van JCDecaux. “Tien jaar geleden wer­ den fietsers nog als paria’s gezien. Nu zijn ze overal. De automobilisten


BDW 1311 PAGINA 7 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

© CALYSTEE

P-PRAAT Charles Picqué (PS) en Guy Vanhengel (Open VLD) zeggen in koor dat de gemeenschap­ pen meer moeten investeren in het Brusselse onderwijs. Logisch, want de viereneenhalf miljoen euro die Brussel in 2010 voor crèches veil had, werd door het Grondwettelijk Hof nietig verklaard, en waarschijnlijk zal de negen miljoen uit 2011 eveneens ingetrokken worden. De demografische boom zal ook dit jaar vaak in deze rubriek te vinden zijn. Dikke Eugène is niet meer. Eugène is, pardon, was ook een boom, maar geen demografische. Overigens heeft Eugène niets met de Brusselse regering te maken, behalve dat de regering bij gebrek aan financiële middelen een houten kot van Eugènes stam kan maken om toch kinderop­ vang te organiseren. Eugène heeft de storm die onlangs over het Zoniënwoud raasde, niet over­ leefd. Hij had een omtrek van zes meter en was zo maar eventjes tachtig jaar oud. Heeft dus al wat crises meegemaakt, zelfs die met den Duits.

hebben zich aangepast. Door het ge­ bruik van Velo’V hebben ook meer mensen een fiets gekocht.” Ondanks de inspanningen is het aandeel van de fiets nog altijd klein: drie procent van alle verplaatsingen, te vergelijken met Brussel. “Maar de politieke wil is er om dat aandeel te doen stijgen,” zegt Chopin. “Er is een resolute keuze gemaakt om de fiets voorrang te geven.”

Oevers Een andere resolute keuze is wat Lyon met zijn rivieroevers heeft ge­ daan. De kades van de Rhône, die samen met de Saône door de stad loopt, waren tien jaar geleden een groot parkeerterrein. Op een strook van 4,5 kilometer was plaats voor 1.800 auto’s. De parkeerplaats is er nog, maar zit nu onder de grond. Het is het resultaat van een imposant project, Berges du Rhône. De oevers zijn heraangelegd: er is plaats voor voetgangers, joggers en fietsers. Waar vroeger geparkeerd werd, zijn nu terrassen en een draaimolen. “Lyon was een stad die haar stroom de rug had toegekeerd,” zegt Cho­ pin. “De heraanleg heeft een nieuwe dynamiek naar boven gebracht. Op mooie zomeravonden verzamelen hier soms tienduizenden mensen.” Het project ging goed vooruit. De eerste plannen werden gemaakt in 2003, vier jaar later was het hele project afgerond, na een investering van 45 miljoen euro. De komende jaren wil het stadsbestuur een bij­ komende veertig kilometer oever op eenzelfde manier aanpakken. Aan ambitie geen gebrek dus. Een mooie les voor hier in het Noorden, ook. Want ook al is het kanaal van Brussel vergeleken met de Rhône een eerder bescheiden stroom, toch ziet De Lille potentieel in de Franse aanpak. “Het water teruggeven aan de mensen, zoiets moet ook in Brus­ sel kunnen. Ik zie bijvoorbeeld niet in wat de plaats is van een schroot­ handel langs de kanaaloever, vlak bij het centrum.” Jelle Couder

Bezuiden het Zoniënwoud ligt het gezellig rijke Lasne, waar volgens kwatongen PS-vicepremier Laurette Onkelinx woont, terwijl die eigenlijk in het Brusselse Schaarbeek moet resideren, waar ze bij de gemeenteraadsverkiezingen dit jaar de lijst zal trekken. Een grapjas die van de Schaar­ beekse PS is overgelopen naar de Schaarbeekse MR – nochtans een wereld van verschil –, heeft bij wijze van steek een website die zogezegd toe­ behoort aan de PS van de Ezelsgemeente, gelinkt aan de gemeentelijke webstek van Lasne. Als de argeloze gebruiker naar PS-Schaerbeek.be surft, komt hij dus op de site van de Waals-Brabantse geldgemeente uit. De PS-site is natuurlijk niet echt, maar eigendom van Adnan Bel Khatir, onze gevluchte socialist. Bij dezen is het dus in de in­ terne keuken opgelost: Onkelinx woont in Lasne.

ADVERTENTIE

BRUSSELS BLAUW

info@vldbrussel.be Tel: 02/549.66.60 Fax 02/549.65.92 Nieuwsbrief Open Vld-Brussel januari 2012

Terugblikken én vooruitkijken Hoe kijken onze parlementairen terug op het voorbije jaar en wat zijn hun verwachtingen voor 2012. U kunt hier alvast het eerste deel lezen.

Guy Vanhengel Brussels minister

2011 Het was een bewogen jaar. Na lang onderhandelen is er een regering en is er de herfinanciering van Brussel Mijn terugkeer naar de Brusselse politiek voelt een beetje aan als thuiskomen, dankzij het goede werk van Jean-Luc Vanraes als Brussels minister.

LEXICON – Omdat we het jaar majeur willen beginnen, leggen we vanaf vandaag een Klein Brussels Lexicon aan. Dat is een woordenlijstje met verschillende begrippen die u in Brussel vaak zult tegenkomen en die u waarschijnlijk hoofdbrekens zullen bezorgen – of dat al gedaan hebben. Maar door ons lexicon kunt u dus gewoon mee, zonder gezichtsverlies en zonder centje pijn. Deze week: de MIVB. Metropoortje: Onwelkome hindernis op rechte lijn naar metro. Premetro: Een tram die wil stoefen. Dynamisch bord: Bord dat veel te lang niet ge­ werkt heeft en u vertelt wanneer uw tram/bus/ metro komt. Dynamisch wanneer het meezit. Metro: Ondergrondse trein die vaak op de mi­ nuut van het dynamische bord komt opdagen. Bus: Voertuig op wielen dat vaak niet op de mi­ nuut van het dynamische bord komt opdagen. Tram: Metro die bovengronds rijdt. Zowat het lompste voertuig ooit door de mens uitgevonden om mensen in een stad te vervoeren. Mobib: Kaart die u tegen een rood bakje moet wrijven, het bakje zegt dan biep. Preventiemedewerker: Ook rood, hangt op absurde plaatsen in een metrostation, zegt geen biep.

2012 Dit wordt het jaar van de gemeenteraadsverkiezingen. We hebben sterke lokale afdelingen waar kandidaten klaar staan om er in te vliegen. 19 keer!

Annemie Neyts -

Minister van Staat - Europarlementslid 2011 Het afgelopen jaar was cruciaal voor Europa. Er waren maatregelen nodig om de economie terug op gang te brengen. In 2011 nam ik zelf afscheid als voorzitter van de ELDR, de Europese Liberale en Demoratische Partij. Een beetje triestig, maar trots en tevreden.

2012 Lidstaten moeten hun begroting op orde krijgen. Dit is belangrijk om het voortbestaan van Europa te garanderen. Ik vrees soms dat heel wat inwoners onvoldoende beseffen hoe belangrijk Europa is voor de vrede en voor onze welvaart.

Jean-Luc Vanraes Voorzitter RVG

CHIEN ÉCRASÉ

www.vldbrussel.be

-

2011 Ook afgelopen jaar hebben we de Brusselse begroting onder controle gehouden. We zijn ook tot een akkoord gekomen voor bijkomende plaatsen in onze scholen. De eerste uitbreidingen vonden al in september plaats. De opening van een nieuwe Nederlandstalige gemeenteschool in Schaarbeek was een bijzonder moment.

2012 Guy Vanhengel is opnieuw Brussels minister. Politiek is een beetje zoals voetbal: als je een goede spits hebt, dan moet die ten volle worden ingezet. De bevolkingsexplosie die voor de deur staat is de grootste uitdaging voor Brussel: in het onderwijs, het openbaar vervoer, de huisvesting ... Werk aan de winkel.

Els Ampe -

Fractieleidster Open VLD Brussels parlement 2011 Brussel heeft nood aan een langetermijnvisie die rekening houdt met gevolgen van de bevolkingsexplosie. Het Gewestelijk Plan voor Duurzame Ontwikkeling was een goede aanzet. Een wat saaie naam die het grote publiek weinig zegt, maar wel belangrijk. Als liberalen willen we daar op wegen.

2012 Als je me naar één dossier vraagt? Ik wil ten alle prijze beletten dat de Heizelvlakte omgevormd wordt tot een shoppingcentrum en kantorenpark om de speculanten te plezieren. Ik hoop dat de Brusselaars bij de komende gemeenteraadsverkiezingen samen met Open Vld een vuist maken tegen die megalomane plannen van de stad Brussel.

In de volgende editie kunt u deel 2 lezen. Daarin komen Carla Dejonghe, René Coppens, Ann Brusseel en Khadija Zamouri aan het woord.

NEEM OOK EENS EEN KIJKJE OP ONZE WEBSTEK WWW.VLDBRUSSEL.BE


ADVERTENTIE

Kom langs!

Opendeur-aperitief op zaterdag 14 januari van 10 u. tot 17 u. Ons studieaanbod voor 2012-2013 • 1A Latijn en Creatieve seminaries • 2A Latijn en Artistieke vorming • 3ASO Latijn en Humane wetenschappen. Schrijf je in! • Via callcenter 0800 63 600 op 30 januari tussen 16 u. en 19 u. • Info op www.inschrijveninbrussel.be • Via de school vanaf 1 februari. Verdere inlichtingen: Atheneum Brussel | Moutstraat 24 | 1000 Brussel Tel. 02 511 07 42 | info@atheneumbrussel.be | www.atheneumbrussel.be

ADVERTENTIE

nschrijven in een Nederlandstalige school in Brussel? p o g e w e t is ju e d t d in Uv e b l. e s s u r b in n e v ij r h c s www.in Basisonderwijs

LOP Brussel BaO LOP Brussel SO

Voor alle info over de inschrijvingsprocedure in het Brussels Nederlandstalig onderwijs voor het schooljaar 2012-2013: ga naar www.inschrijveninbrussel.be. OPGELET: belangrijk voor alle kinderen geboren in 2010! Van 9 tot en met 27 januari dient u als ouder de broers en zussen van reeds ingeschreven leerlingen in te schrijven. Alle andere kinderen moeten aangemeld worden op www.inschrijveninbrussel.be in de maand februari 2012. NIEUW dit jaar: Hebt u recht op een voorrangsplaats? Bezorg het LOP binnen de 7 dagen na de aanmelding de gevraagde documenten. Via ‘Samen naar school in de Buurt’ kunt u kennismaken met andere ouders. Kijk op www.samennaarschool.be. Secundair onderwijs: op de meeste scholen kunt u rechtstreeks inschrijven. Voor 12 scholen moet u telefonisch aanmelden vooraleer in te schrijven. Kijk op www.inschrijveninbrussel.be voor alle informatie.


BDW 1311 PAGINA 9 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

ADVERTENTIE

Politiek > Vandenbossche: ‘Dienstdoenden zijn onwettig’

‘Nieuwe vicegouverneur wordt dringend’

Visie op een werkend Brussel Walter Vandenbossche: ‘Actieplan voor de jongerentewerkstelling in Brussel’ © HANNES DE GEEST

Walter Vandenbossche (CD&V) wil dat Anderlecht de (taal)wetgeving respecteert.

BRUSSEL – De meeste gemeenten, waaronder Anderlecht, misbruiken de regeling om ‘dienstdoende’ ambtenaren voor de rest van hun loopbaan partijpolitiek op sleutelposten te plaatsen zonder dat ze aan de wettelijke voorwaarden voldoen. Dat zegt Walter Vandenbossche (CD&V), eerste ondervoorzitter van het Brussels parlement en gemeenteraadslid in Anderlecht. Het volgende taalrapport moet een exact beeld geven van de verhouding Nederlandstaligen-Franstaligen in de hogere echelons van de gemeentelijke administraties, zegt Walter Vandenbossche. Nu komen de ‘dienstdoenden’ er niet in voor, en dat geeft een vertekend beeld. Maar er is meer. Minister-president Charles Picqué (PS) moet een einde stellen aan de ‘truc’ met de dienstdoende ambtenaren: zij beantwoorden niet aan de wettelijke voorwaarden en hinderen ambtenaren die er wél aan voldoen in hun carrière. Vandenbossche: “In negen van de tien gevallen hebben de dienstdoenden geen taalbrevet, maar het kan ook gaan om een landmeter die de plaats van een ingenieur inneemt.” De boodschap die Vandenbossche brengt, is niet gemakkelijk, dat beseft hij ook, maar omdat er Nederlandstaligen én Franstaligen in hun carrière gefnuikt worden, heeft hij de hoop dat zijn boodschap uiteindelijk wel aankomt bij de Brusselse regering. De boodschap is ook maatschappelijk niet onbelangrijk: de taalwetgeving maakt deel uit van de ‘Pax Belgica’. Wat loopt er mis? Als een statutaire ambtenaar tijdelijk afwezig is – bijvoorbeeld door langdurige ziekte –, dan mag de gemeente, om de continuïteit van de dienst te verzekeren, zes maanden lang een vervanger aanduiden die niet aan de wettelijke voorwaarden voldoet. Die periode kan met maximaal zes maanden verlengd worden. “Dit is een uitzonderingsregel die zeer beperkend moet worden geïnterpreteerd en toegepast. De gemeente Anderlecht misbruikt de dienstdoende regeling om statutaire ambtenaren partijpolitiek op sleutelposten te plaatsen.” De 49 dienstdoenden die veel langer dan de wet het toelaat, op post blijven, hinderen 49 anderen die wel aan de voorwaarden voldoen. “De dienstdoenden worden de facto permanent,” zegt Vandenbossche, die spreekt van politieke manipulatie, vooral – maar niet exclusief – ten nadele van de Vlamingen. Vandenbossche: “De gemeente Anderlecht

laat mij weten dat de Nederlandstaligen met dertien tegen elf in de kaderfuncties oververtegenwoordigd zijn. Maar daar zijn de dienstdoenden niet bij geteld. Er zijn niet minder dan negen dienstdoenden, onder wie acht Franstaligen. De pariteit wordt dus helemaal niet gerespecteerd.”

Ingefluisterd Vandenbossche is al twee jaar met het dossier bezig, maar hij ving overal bot, bij ministerpresident Charles Picqué en bij de vorige vice­ gouverneur, Hugo Nys. Een beroep doen op de huidige vicegouverneur ziet Vandenbossche niet zitten. Die huidige (waarnemende) vicegouverneur, de Franstalige Guy Clément, was adviseur van Nys toen die weigerde op Vandenbossches vraag in te gaan. “Een uitglijer, een interpretatie die ver afwijkt van de wettelijke bepaling,” noemt Vandenbossche het negatieve advies dat Clément zijn voorganger influisterde. De Vaste Commissie voor Taaltoezicht (VCT) noemt de klacht van Vandenbossche wel ontvankelijk en gegrond. Dat sterkt Vandenbossche in zijn overtuiging dat de regeling met de dienstdoenden zoals de gemeente Anderlecht ze toepast, onwettig is. “De VCT stelt in alle duidelijkheid een overtreding van de taalwetgeving door de gemeente vast.” Vandenbossche: “Het statuut van dienstdoende heeft niet als finaliteit te ontsnappen aan de taalwetgeving. Minister-president Charles Picqué moet optreden; hij en de Brusselse regering moeten hoeder zijn van de rechten van de Franstalige én de Nederlandstalige Brusselaars.” Zodra de nieuwe vicegouverneur er is (en nu er een regering is, is er geen reden om die benoeming nog langer uit te stellen), gaat Vandenbossche een overzicht vragen van de dienstdoende ambtenaren in de negentien gemeenten. “Ik krijg ook telefoontjes uit andere gemeenten van ambtenaren wier carrière gefnuikt wordt, ook Franstalige. Ik vermoed dat er vele honderden ambtenaren onterecht jaren aan een stuk dienstdoende zijn om partijpolitieke redenen.” Vandenbossche vraagt niet dat Picqué er met de grove borstel door gaat. Wel vraagt hij een schema om de verhouding Nederlands-/ Franstalig recht te trekken. En wat moet er met de dienstdoenden gebeuren? Vandenbossche: “Zij keren terug naar hun oude – lagere – functie, óf ze halen hun taalbrevet.”

Danny Vileyn

In het kader van het Jongerentewerkstellingsplan, willen de sociale partners en de Brusselse regering in enkele (nieuwe en bestaande) steunmaatregelen terug onder de aandacht brengen. Het betreft voornamelijk de individuele beroepsopleiding en de startbaanovereenkomst waarbij de werkgever Walter Vandenbossche een tegemoetkoming krijgt van de overheid. Eerste Ondervoorzitter Walter Vandenbossche zorgt, als voorzitter Brussels Parlement van de commissie economie in het Brussels Gemeenteraadslid in Anderlecht Hoofdstedelijk Parlement, dat deze thematiek regelmatig op de agenda van de commissie verschijnt en probeert zo het debat omtrent de jongerentewerkstelling levendig te houden.

Stefaan De Corte: ‘Brussel, een economische groeimotor met perspectief ’ Brussel kan opnieuw de economische groeimotor van België worden door gebruik te maken van drie belangrijke troeven: zijn jonge bevolking, zijn 70 000 studenten en zijn uitstraling als de hoofdstad van Europa. Daarvoor dient Brussel zich te profileren als dienstencentrum met een focus op innovatie in de gezondheidszorg en groene economiStefaan De Corte sche sectoren (duurzame bouw, ...) en de uitVoorzitter CD&V Stad Brussel bouw als centrum voor international affairs. Daarenboven wensen wij Brussel te herlanceren als hoofdstad van het land van brasseriën en restaurants, als stad van chocolade, bier, design, mode en meertaligheid.

Brigitte De Pauw: ‘Werk: verhaal van rechten en plichten’

Brigitte De Pauw Brussels Volksvertegenwoordiger Schepen in Jette

De strijd tegen de werkloosheid is een kwestie van rechten en plichten. De verplichte begeleiding van jongere werkzoekenden door Actiris moet de kans op een job voor onze jongeren groter maken. Onze werkzoekenden krijgen zo via het verwerven van bijkomende competenties extra mogelijkheden op de arbeidsmarkt. Ik steun ook de plannen van de regering om de budgetten voor taalopleidingen te vergroten. Werkzoekenden dienen de kansen ook te grijpen. Hierop moet streng maar rechtvaardig toegekeken worden. Anders wordt de wederzijdse solidariteit uitgehold.

Frank Van Bockstal: ‘Blijvende aandacht voor scholing en vorming van jong en oud’ Brussel is vandaag nog steeds een aantrekkelijk investeringsregio voor internationale bedrijven, voor KMO’s en zelfstandigen. Zij zijn in onze stad de belangrijkste werkgevers. Bedrijven zoeken natuurlijk goed geschoold personeel. Onze blijvende aandacht moet daarom gaan naar investeringen in vorming van jong en oud en een sociale economie voor bepaalde zwakkere doelgroepen, die zo beschikbaar worden gesteld voor de arbeidsmarkt. Activering van werkzoekenden is absoluut prioritair voor de verhoging van de tewerkstellingsgraad.

www.visieopbrussel.be

Frank Van Bockstal Schepen in Etterbeek

www.cdenv-brusselsparlement.be


BDW REGIO

BDW 1311 PAGINA 10 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

Deze week in de Lakensestraat > Stadsvernieuwing in stroomversnelling

Hoertjes en nightshops wijken voor bobo’s en kunstgaleries

BRUSSEL – Al jaar en dag is de Lakensestraat een achterafstraatje met sluipverkeer waar je buiten de KVS niet veel te zoeken hebt. Maar daar komt verandering in. In het begin van de eeuw kwam de stadsvernieuwing op gang, nu is er de tweede golf met een Ethiopisch restaurant en een nieuwe bar van ‘nachtburgemeester’ Frédéric Nicolay.

V

(Walvis van Frédéric Nicolay, waarover later meer), en beetje bij beetje moeten nightshops, telefoonwinkels en volkskroegen plaats ruimen voor een kunstenaarsatelier of hippe schoenwinkel. Het maakt deel uit van de stadsontwikkelingspolitiek om via trendsetters een nieuw publiek aan te trekken. Dat gebeurt nu ook in de Lakensestraat, waar een tweede golf van

stadsvernieuwing van start gegaan is. In het Galicisch cultuurcentrum La Tentation, op nummer 28, is er na jarenlange stilte opnieuw leven. Die zaal draaide rond de eeuwwisseling op volle toeren toen Muziekpublique er begon met wereldmuziek- en folkconcerten. Een schot in de roos, totdat de concertorganisator bedankt werd voor bewezen diensten. Er volgde een periode van

liaanse forró, Congolese soukous, tango of flamenco, en op 28 januari bijvoorbeeld voor een tarantellabal met de Napolitanen van Damadaká.

Flamingo’s in minirok

© BENJAMIN TOLLET

oor de vernieuwing van de KVS, met uitbreiding op de Arduinkaai, moeten KVSbezoekers zich op een andere planeet gewaand hebben, midden in een wijk in verval. De verbouwing van het theater en de mooie her­ aanleg van de ruimte tussen Arduin- en Hooikaai bracht een eerste golf van stadsvernieuwing met zich mee, met onder meer de populaire lunchplek Bar Bik en een Carrefour Express, te duur voor de plaatselijke bevolking. Op de hoek met de Nieuwbrug wordt het nu ook eindelijk iets met het voormalige Spaanse restaurant Pata Negra, dat op mysterieuze wijze sloot en jarenlang leeg stond: er zit een osteopathie- en kinesitherapiepraktijk. Iets meer naar het centrum deed de Stad Brussel een poging om creatief talent te ondersteunen door ruimte te bieden aan de verhalenwinkel BNA-BBOT, Design September en WoutWalt. BNA-BBOT (Brussel Behoort Ons Toe) is een soort bibliotheek van stadsverhalen: ze filmen Brusselaars die vertellen over hun stad om een archief aan te leggen van verhalen over Brussel. Design September organiseert jaarlijks de gelijknamige modemaand, en WoutWalt is een jong ontwerpersduo dat begon met zeefdruk en zich nadien ging profileren als alternatief reclamebureau. Intussen heeft WoutWalt plaats geruimd voor het Office d’Art Contemporain en heeft Nomad Gallery zich er ook gevestigd. Aan de overkant kun je bij galerie LAb[au] terecht voor elektronische kunsten. Dat dit soort initiatieven komt en gaat, is normaal. Het gaat om jongeren die al snel doorbreken – of afhaken. Hier in de Lakensestraat krijgen ze ruimte om zich te lanceren, te vergelijken met een bedrijvencentrum, maar dan voor beginnende creatievelingen. Ook dat de Stad net hier jonge artiesten hun ding laat doen, is normaal. Jonge artiesten als Arno en Anne Teresa De Keersmaeker zetten in de Dansaertstraat van de jaren 1980 de trend. Hun komst zorgde voor een nieuwe wind in de wijk, die uitgroeide tot een hotspot van haute couture. Nu zie je hetzelfde gebeuren in het tweede deel van de Dansaertstraat, tussen Nieuwe Graanmarkt en kanaal: er kwam een café

ijzingwekkende stilte, met uitzondering van de salsadanslessen op zondagavond. Sinds een jaar waait er een nieuwe wind in La Tentation dankzij de terugkeer van Marisol Palomo, mede­ oprichtster van Muziekpublique en dochter van de eigenaar van La Tentation. Palomo wil La Tentation ontwikkelen tot werelddanscentrum. Het concept: dansinitiatie en vervolgens oefenen op de dansvloer met livemuziek. De zaal heeft ruimte te over om te dansen en de sfeer is er gemoedelijk, wat beginners van hun drempelvrees kan afhelpen. Naast de wekelijkse salsabals op zondagavond kun je er terecht voor Brazi-

Frédéric Nicolay trekt ook tegenover de KVS de rolluiken omhoog: hier strijkt straks Flamingo neer. Onder: het pas geopende Toukoul, de tweede Ethiopiër in Brussel, en Soup in the City, stilaan een vaste waarde.

Een paar huizen verder, op het nummer 34, is zopas net de nieuwe Ethio­pische ‘restobar’ Toukoul opengegaan, die aan de achterkant uitgeeft op het Begijnhofplein. Overheerlijke Ethiopische gerechten met kleurrijke specerijen en die typische pannenkoeken waar je het eten in rolt (voor een keer mag je met je handen eten), maar Haile Abebe, ook de man achter de vernieuwde Cercle des Voyageurs en het Ethiopische restaurant Kokob in de Lievevrouwbroersstraat, wil er ook veel cultuur: concerten en tentoonstellingen in een origineel houten interieur, tussen design en traditie. De Brusselse Ethiojazzband Yokaï zette in december de opening van het restaurant extra luister bij, maar het wordt vooral uitkijken naar het grote openingsfeest op 28 janua­ ri met Badume’s Band, de Franse groep rond zangeres Selamnesh Zemene. Een Ethiojazztopper in wat wellicht een nieuwe hotspot van de Brusselse wereldkeuken wordt, als we ervan mogen uitgaan dat Toukoul evenveel succes zal kennen als Kokob. En dan is er nog de Flamingo, het ruime café dat Frédéric Nicolay binnenkort opent tegenover de KVS in een prachtig belle-époquepand van het OCMW. Dat zal ongetwijfeld een groot effect hebben op de buurt, te vergelijken met andere bars van Nicolay zoals de Zebra, Mappa Mundo en Roi des Belges, de motoren achter de verrijzenis van het Sint-Goriksplein, of de Walvis aan de toen nog onhippe Vlaamsepoort, om nog te zwijgen van de Belga, dat Flagey boven water hield tijdens het jarenlange werk aan het plein, of Bar du Matin, die de premetrohalte Albert op de kaart zette. Naar eigen zeggen doet Nicolay niets liever dan hippe bars openen in achtergestelde wijken of wijken waar nog niets te doen valt. Dankzij Flamingo zullen binnenkort ook niet-KVS-gangers weten waar de Antwerpsepoort ligt. Over het café wil Nicolay niet veel kwijt, wel kunnen we al zeggen dat je er gratis uitzicht zult hebben op de tippelende hoertjes. Er is nog een lange weg te gaan, maar er zijn betere tijden op komst voor de omwonenden, die klagen over overlast.

Benjamin Tollet


BDW 1311 PAGINA 11 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

ADVERTENTIE

Ruim gratis 3m3 grof huisvuil op !*

Sint-Jans-Molenbeek > Carla Dejonghe: ‘Beliris moet vlotter’

Sint-Jan worstelt met vertraging © SASKIA VANDERSTICHELE

Sint-Jan de Doper wordt opgeknapt met federaal Beliris-geld.

De regie voor Beliris moet voortaan meer bij het Gewest liggen, zegt Brussels parlementslid Carla Dejonghe (Open VLD). Beliris is een federale geldpot voor investeringen die de uitstraling van Brussel ten goede moeten komen. Maar de projecten lopen allesbehalve vlot; het gebeurt volgens Dejonghe al te vaak dat projecten (zware) vertraging oplopen, waardoor de kosten stijgen. “Onder meer de renovatie van de gang van het Centraal Station, het Crossingsta­dion in Schaarbeek en het Hor-

ta-Lambeauxpaviljoen in het Jubelpark zijn daar voorbeelden van. Ter illustratie, voor dat laatste project werd aanvankelijk 2007 als datum vooropgesteld, maar uiteindelijk zal dat – als alles goed loopt – pas 2012 worden.” Laatste in de rij is volgens Dejonghe de Sint-Jan de Doperkerk in Molenbeek, waarvoor de oplevering werd geweigerd. Dejonghe roept de nieuwe federale regering ook op om te kiezen voor minder projecten, maar wel voor projecten die een grotere imDV pact hebben op Brussel.

De prijzen van de Vlaamse Gemeenschapscommissie

Gouden Ketjes 2012

ADVERTENTIE

Voor wie ? Dit aanbod is voorbehouden aan Brusselse gezinnen en enkel op afspraak. Gelieve de week van ophaling in uw gemeente te respecteren (kijk onderaan).

Wat ? - Aanvaard afval : Huishoudtoestellen : fornuizen • koelkasten • diepvriezers • stofzuigers • wasmachines • ovens • TV’s • hifi en computers Meubilair en decoratie : tafels • stoelen • bedden • matrassen • bedbodems • gedemonteerde kasten • sofa’s • fauteuils • bureaumeubels • commodes • tuinmeubels • parasols Andere voorwerpen : fietsen • kinderwagens • strijkplanken • speelgoed • keukenspullen • sportartikelen - Niet-aanvaard afval : tuinafval • giftige afvalstoffen en puin (steen- en kalkafval, afbraak- en renovatiemateriaal).

Hoe ? Voor een persoonlijke ophaling, bel gratis 0800 981 81 (van maandag tot vrijdag van 7.30 tot 19.00 uur, zaterdag van 9.00 tot 16.30 uur, zondag van 14.00 tot 21.30 uur). Aanbod beperkt in functie van de operationele capaciteit.

Muren slopen, bruggen slaan! Baanbrekend. Brussels. Domeinoverschrijdend. Met een bijzonder resultaat ? Win tot € 5000! De VGC beloont opmerkelijke projecten die tot stand gekomen zijn door samenwerking tussen cultuur, jeugd, sport, onderwijs, vorming, welzijn, gezondheid of gezin.

Uw aanwezigheid bij de ophaling is noodzakelijk.

Zone 1

van 15-01 t.e.m. 21-01-12

Zone 2

van 22-01 t.e.m. 28-01-12

Brussel (Stad Brussel Haren Laken N.O.H.)

Zone 3

van 29-01 t.e.m. 04-02-12

Oudergem

Vorst

WatermaalBosvoorde

Zone 6

Zone 8

Jette Molenbeek

Zone 9

van 26-02 t.e.m. 10-03-12

van 11-03 t.e.m. 17-03-12

Schaarbeek

St.-LambrechtsWoluwe

Etterbeek

Berchem

Elsene

Ganshoren

St.-PietersWoluwe

St.-Gillis

Koekelberg

Evere St.-Joost

van 18-03 t.e.m. 24-03-12

Zone 5

van 19-02 t.e.m. 25-02-12

Anderlecht

Ukkel

Zone 7

Zone 4

van 05-02 t.e.m. 18-02-12

van 25-03 t.e.m. 31-03-12

* 3m3 komt overeen met 1 tweezitsbank bovenop een driezit en 2 clubs. (19€ per bijkomende m3, maximum 5m3).

Schrijf in op www.goudenketjes.be voor 29/02/2012.

www.goudenketjes.be

Onze stad wordt net als heel Brussel zich inzet. www.netbrussel.be

0800 981 81


BDW 1311 PAGINA 12 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

Elsene > Parkeer- en promoactie moet klanten weer naar Matonge lokken

‘Geste van Gewest stelt teleur’ Met een speciale parkeeractie en extra promotie proberen de gemeente Elsene en het gewestelijk handelsagentschap Atrium de winkels in Matonge en aan de Naamsepoort tijdens de koopjesperiode een duwtje in de rug te geven. Vorige maand kwamen anti-Kabilabetogers verschillende keren massaal op straat om hun ongenoegen te uiten over de uitkomst van de verkiezingen in Congo. Vooral bij hun laatste doortocht door Matonge, op 17 december, liep het uit de hand en richtte een groepje losgeslagen demonstranten een ware ravage aan. Op de Elsense- en de Waversesteenweg en in de Sint-Bonifaasbuurt werden winkelruiten ingeslagen. Vandaag, midden in de koopjesperiode, is de schade op sommige plaatsen nog zichtbaar. “We hebben gewacht met het vervangen van onze winkelpui omdat we vreesden dat de betogingen nog niet afgelopen waren,” vertelt de zaakvoerster van Prémaman, die de houten vervangpanelen heeft laten beschilderen met een kerstboompje. Maar

Op de Elsensesteenweg begon de koopjesperiode met de sporen van de doortocht van anti-Kabila-demonstranten.

er zijn ook andere redenen waarom de schade niet meteen hersteld kon worden, weet Adeline Clerfayt, manager van Atrium Naamsepoort.

“Sommige grote ketens hebben een eigen gebouwendienst, de zaakvoerder houdt zich niet bezig met de vervanging van een raam. Andere

ADVERTENTIE

© SASKIA VANDERSTICHELE

winkels hebben dan weer bijzondere vitrines die op maat worden gemaakt. Dat lukt rond de eindejaarsperiode niet in een, twee, drie.”

De vestiging van McDonald’s op de Elsensesteenweg leed, op een sterretje in de etalageruit na, weinig materiële schade, maar er was een groot omzetverlies. “In december, de drukste winkelmaand, moest ik zes dagen sluiten om vijf uur in plaats van om middernacht,” zegt gerant Atef Wahba, die ook voorzitter is van de handelaarsvereniging uit de buurt. Hij is dan ook ontgoocheld over de schamele geste van het Brussels Gewest, dat maar 3.000 euro uittrok om de getroffen winkeliers tegemoet te komen. Over de gemeente Elsene, die 20.000 euro vrijmaakte, is hij meer te spreken. Maar toch, later deze maand komt Wahba met de andere handelaars bijeen om zich te beraden over verdere stappen. De bijdragen van Gewest en gemeente gaan overigens niet rechtstreeks naar de getroffen handelaars, wel naar een promotiecampagne die Atrium heeft opgezet. Spandoeken in de straten, radiospotjes en krantenadvertenties moeten de klanten weer naar Matonge en de Naamsepoort lokken. Ook loopt er een parkeeractie: de winkeliers mogen 10.000 tickets uitdelen waarmee klanten een uur gratis kunnen parkeren in een van de vijf parkeergarages in de buurt. En in de SintBonifaasbuurt worden ’s avonds kaarsjes aangestoken, een initiatief dat bedoeld was voor de kerstperio­ de, maar dat uitgesteld werd door de gespannen sfeer. Bettina Hubo

ADVERTENTIE

Een avondje UiT blijft je inspireren. Geniet mee van het grootste literaire ontbijt voor de hele familie: ▪ In Ukkel: Cas Goossens over Felix Timmermans ▪ In Alsemberg: 200 jaar Conscience ▪ In Zemst: bloemlezing door Steph Goossens ▪ In Londerzeel: Dave Nauwelaerts brengt de Decamerone ▪ In Dilbeek: thrillerauteur Benny Baudewyns op bezoek …

Ontdek het volledige programma via www.davidsfonds.be/evenementen ▪ 016/310.600. Of bestel de gratis programmafolder via evenementen@davidsfonds.be.

Ontdek de meest volledige UiTagenda voor Vlaanderen en Brussel. Met duizenden tips voor cultuur en vrije tijd.


BDW 1311 PAGINA 13 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

Buik vol van autoritaire Carthé Volgens het nieuwe tweetalige ProGanshoren, een coalitie van de huidige meerderheidspartijen CDH en CD&V en PS-schepenen Pierre Kompany en Chantal De Saeger, valt er met burgemeester Michèle Carthé (PS) niet samen te werken.

TELEXREGIO

De muiterij op het schip van Carthé werd dit voorjaar ingezet door Pierre Kompany, die misnoegd was over de vierde plaats die hij toebedeeld kreeg op de Lijst van de Burgemeester (LB). Stemmentrekker Kompany probeerde de PS ervan te overtuigen dat de burgemeesterssjerp naar de kandidaat met de meeste stemmen moet gaan. Toen dit niet lukte, weigerde hij op de LB te gaan staan, net als collegaschepen Chantal De Saeger. Later bleek er ook bij schepen Marina Dehing en de rest van CD&V en bij CDH onvrede te bestaan, met name over het autoritaire optreden van Carthé. “Ze voert een politiek van

immobilisme en wantrouwen en wil alles alleen beslissen, de schepenen krijgen zelfs geen toegang tot bepaalde dossiers.” Daardoor zijn heel wat kansen gemist: het zwembaddossier is niet ambi­t ieus genoeg en er is nog geen plan voor de exploitatie; het OCMW-rusthuis wordt maar niet aangepast aan de normen; de woonzorgzone die de Vlaamse Gemeenschap in Ganshoren wou rea­liseren, botste op een njet. Met het oog op de gemeenteraadsverkiezingen verenigen CD&V, CDH en de twee PS’ers zich in ProGanshoren. De lijst wordt getrokken door Kompany. Waarom ze niet eerder met hun ongenoegen naar buiten kwamen? Door het gebrek aan ploeggeest hadden de schepenen niet meteen door dat ze allemaal tegengewerkt werden. Bovendien wilden ze niet volledig breken omdat de gemeente dan helemaal niet meer bestuurd zou worden. HUB

Een dronk op het nieuwe jaar BRUSSEL – Januari is traditioneel de maand om het glas te heffen op het nieuwe jaar en om bekenden het beste te wensen. Dat is niet anders in de 22 gemeenschapscentra, die allemaal een nieuwjaarsreceptie orgaDV niseren: kijk op www.brusselnieuws.be/nieuwjaarsrecepties.

SOIS BELGE: BURGEMEESTER OP TOURNEE BRUSSEL – Joël Riguelle, parlementslid en burgemeester van SintAgatha-Berchem, is als acteur deze winter (voorlopig al) 53 dagen op tournee met de uiterst succesvolle improvisatieproductie Sois belge et tais-toi! Vorig seizoen gingen ruim 50.000 toeschouwers kijken, en daarmee is het de grootste kaskraker voor de Franstalige podia. De drie voorstellingen in Oudergem zijn uitverkocht; er zijn nog plaatsen vrij in het cultuurcentrum van Ukkel (14 februari) en in het Koninklijk Circus JMB (1 maart). Meer op www.compagnievictor.be.

BDW REGIO

© SARENDIP

Ganshoren > Deel van meerderheid vormt nieuwe lijst

Vorig jaar Europese, dit jaar niet-Europese jazzlegenden in de kijker, zoals de op 17 december overleden Kaapverdische Cesária Évora.

Sint-Joost-ten-Node > Jazzcoryfeeën verfraaien handelsbuurt

De heilige Cesária van Sint-Jazz Het voorbije najaar beschilderde het kunstenaarscollectief Sarendip voor het tweede jaar op rij een tiental rolluiken van winkels langs de Leuvensesteenweg, een invalsweg die als een slagader door het centrum van Sint-Joost loopt. Nadat vorig jaar schilderijen van Europese jazz­iconen deze handelsbuurt opluisterden, waren nu niet-Europese jazzartiesten aan de beurt. De gemeente, die met dit project haar culturele kant in de kijker wil zetten, nam de financiën en de organisatie op zich. Langs de westkant wandel ik in het ochtendgloren dit dorp in de stad binnen. Wanneer ik in het halfdonker het JazzStation ontwaar, vertraag ik mijn tred. Het is even wachten op een eerste decoratie. Aan Coiffure XXI Siècle prijken Reinhardt en Holland op de vitrines, restanten van een vorige editie. Een ommetje naar de Tweekerkenstraat brengt meer op. Nina Simone en Astrud Gilberto lachen me toe. Hun nationale symbolen op de achtergrond doen me even wegdromen. Voorbijgangers kijken me vreemd aan en lopen stuurs door. Winkeliers stallen hun waar uit en de meeuwen lijken van hieruit wel een web te spin-

nen tussen de torens van Madou. Twee andere portretten versieren de gevel van een supermarkt. De meeste portretten bevinden zich in het deel van de Leuvensesteenweg dat nu verkeersvrij is gemaakt. Ik stap de helling op en tref er nog vijf aan. Uit alle windstreken komen ze, deze muzikale mannen en vrouwen. Ook hier, tussen en op de gevels van outletwinkels, sieren portretten van de eerste editie nog steeds het straatbeeld. Zo tekent een arbeider op de blauwe lucht naast het hoofd van de Deense bassist Niels-Henning Ørsted Pedersen een plannetje om zijn collega iets uit te leggen. Schijnbaar onverstoord merkt hij me op en wijst me onomwonden op de schoonheid van dit portret. En of de gelijkenis met zijn burgervader, de notoire jazzliefhebber Jean Demannez (PS), me al opgevallen is, met de witte baard en zo? Louis Armstrong is de enige jazzlegende die ik niet terugvond. Misschien had ‘zijn’ winkelier de rolluiken al omhoog gehesen. De sfeervolle en kleurrijke portretten die ik in de ochtendschemer kon ontwaren, bewijzen dat er in deze stad naast de vaak schreeuwerige reclamepanelen ook plek is voor naïeve schoonheid. Tuur De Moor

ADVERTENTIE

KVS_SucceSrepriSeS VOrST- fOreST

ruud gielenS & JerOen perceVAl KVS

OedipuS / BÊT nOir BeZeTTe STAd / Ville OccupÉe

26>29.01.2012

www.kvs.be – T 02 210 11 12 ARDUINkAAI 7 – 1000 bRUsseL

MuZieK & THeATer

© DANNy WILLEMS

© SOMETHING ELS

© DANNy WILLEMS

dAnS & THeATer

guY derMul, JMH BercKMAnS & KAAT de WindT KVS

15 > 18.02.2012

21 > 25 .03.2012

BillY, SAllY, JerrY BArAKSTAd (BidOnVille) And THe .38 gun

31.01>04.02.2012

26.01 > 04.02.2012

THeATer

THOMAS BellincK, WillY THOMAS, JerOen VAnder Ven, iSABelle VAn HecKe STEIgEISEn & KVS

THeATer

MuZieK & THeATer

© HERMAN SORGELOOS

WiM VAndeKeYBuS & JAn decOrTe KVS & ULTIMA VEZ

© THOMAS BELLINCK

JOHAn HeldenBergH & TiTuS de VOOgdT KVS & coMpAgnIE cEcILIA


BDW 1311 PAGINA 14 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

Financiën > Olivier de Clippele (MR) over besparen in crisistijd

‘Belastingen kunnen gerust omlaag’ BRUSSEL – Een dienstwagen met chauffeur voor elke schepen, een ‘dubbelganger’ om het maandagse werkverzuim op te vangen: zijn dat soort uitgaven nog te verantwoorden in tijden van crisis? Nee, vindt Olivier de Clippele, Elsens schepen, vroeger van Financiën, nu zonder portefeuille.

BDWOPINIE De gemeentelijke opcentiemen zijn bijkomende belastingen die geheven worden op sommige categorieën van inkomsten, zoals op pensioen, arbeids- en onroerende inkomens. In Brussel variëren die opcentiemen tussen 6 en 7,5 procent van de personenbelasting. In de aanloop naar de gemeenteraadsverkiezingen (oktober 2012, red.) moet de vraag gesteld worden of die belasting op de middenklasse nog langer te verantwoorden is. Die vraag is dan ook typerend voor Brussel, want ons gewest is een van de rijkste van Europa, maar de helft van die rijkdom ontsnapt aan Brussel. Het Gemeentefonds kent dezelfde trend: de negentien Brusselse gemeenten ontvingen 373 miljoen in

2009, tegenover 1,1 miljard voor de vier andere grootsteden van het land samen (Antwerpen, Gent, Charleroi en Luik), en dit voor een globaal bevolkingsaantal dat identiek is (ongeveer 1.100.000 inwoners). Het is wel juist dat de vier andere grootsteden taken behartigen die in Brussel door het Hoofdstedelijk Gewest worden gedragen, zoals de spoeddiensten en de vuilnisophaling, maar het verschil blijft markant. De schepenen van Financiën kunnen zich dan de vraag stellen of het nog langer verantwoord is dat één categorie burgers, de middenklasse, die opcentiemen moet dragen. Wellicht is er een andere weg, die van de sanering in de gemeentelijke uitgaven. Het is dan zeer de vraag of er nog maximale financiële middelen moeten worden binnengehaald om allerlei taken te verrichten die niet tot de specifieke ge-

Olivier de Clippele.

“Privébedrijven gaan constant op zoek naar besparingen, soms tot het ondraaglijk wordt. Bij de gemeenten is het andersom”

Beleid > Aula Magna maakt balans op na zesde staatshervorming

Op naar de zevende! BRUSSEL – De Staten-Generaal, een massale mobilisering van Brusselse burgers in 2008-2009, bepleitte onder meer een billijkere financiering van Brussel, een beter intern bestuur en het idee van een ‘Metropolitane Gemeenschap’. Die eisen werden meegenomen in de nieuwe staatshervorming; van andere is er dan weer geen spoor...

BDWOPINIE De Staten-Generaal van Brussel was een in België nooit eerder geziene mobilisering van het middenveld tussen oktober 2008 en april 2009. Het burgerinitiatief ontstond uit het platform van de civiele maatschappij, opgericht in maart 2008. Aan de basis lagen drie Brusselse verenigingen (Aula Magna, Manifesto en Bruxsel Forum) die in december 2006 de oproep Nous existons! Wij bestaan! We exist! hadden gelanceerd. Versterkt door het succes van deze petitie (tienduizend online handtekeningen) spraken deze organisaties toen de culturele sector (Brussels

Kunstenoverleg en Réseau des Arts à Bruxelles), de milieusector (Bral en Inter-Environnement Bruxelles) en de sociale partners (Beci, ACV-CSC en ABVV-FGTB) aan. Na het publiceren van een document dat een standpunt innam over de grote problemen waarmee Brussel kampte, lanceerde het platform de Staten-Generaal, samen met de drie specifiek Brusselse universiteiten ULB, VUB en Facultés Universitaires Saint-Louis. Het proces bestond uit drie stappen. De eerste stap was de synthese van het onderzoek over Brussel. De drie Brusselse universiteiten – samen met het elektronische tijdschrift Brussels studies – brachten op zeer korte termijn verschillende synthese­nota’s uit, rond zestien

voor Brussel essentiële thema’s. De tweede stap bestond erin het woord te geven aan het middenveld tijdens publieke debatten (zestien plus twee verslag- en synthesesessies) rond de synthesenota’s van de onderzoekers. 2.800 mensen woonden die debatten bij. Voor de derde stap deden enkel de tien leden van het platform van de civiele maatschappij en de drie universiteiten mee. Ze bogen zich over de vaststellingen, problemen en denkoefeningen. Het resultaat werd in april 2009 in het Kaaitheater voorgesteld. De Staten-Generaal heeft toen een serie problematieken naar voren gebracht die tot dan toe weinig of niet aangekaart waren: de toen verwachte en nu al aan de gang zijnde demo-

meentelijke bevoegdheid behoren. De gemeenten, en dan vooral de Brusselse, zijn met de tijd van alles en nog wat gaan uitgeven wat niet strikt noodzakelijk is en wat alvast niet tot hun wettelijke taak behoort. Laten we tien voorbeelden opnoemen. Brusselse gemeenten hebben de gewoonte om veel dubbelgangers aan te werven; dat zijn bedienden die gereed staan om afwezige collega’s te vervangen. In sommige diensten kan de afwezigheid oplopen tot de helft, meestal op maandag, en die slechte gewoonte treft alle departementen. De schoonmaakdiensten van de gemeentelijke scholen hebben tot vier keer meer personeel nodig dan dezelfde scholen van het vrij onderwijs. De meeste gemeenten hebben een eigen (verlieslatende) drukkerij. Er bestaan nochtans genoeg drukkerijen in Brussel die even snel en efficiënt kunnen werken, tegen een lagere prijs. Bijna alle burgemeesters verplaatsen zich in een dienstwagen met chauffeur; in sommige gemeenten geldt dat ook voor de eerste schepen, en in Brussel-stad voor alle schepenen en hun kabinetschefs. Ik heb nog nooit een van de negentien burgemeesters in de metro of in de bus ontmoet. Zijn die uitgaven vandaag nog te verantwoorden in crisistijd? Bovendien gaan de kosten van de gemeentelijke kabinetten ook in stijgende lijn. Meestal brengt dat dubbel werk naast het werk van de administratie. Bijna alle gemeenten hebben een schepen van Sociale Zaken en daarnaast ook nog eens een OCMWvoorzitter. Kunnen die twee functies niet samengebracht worden in één enkele administratie?

Zelfde vraag voor de huisvesting: hoeveel verschillende administraties houden zich daarmee in elke gemeente bezig? In mijn gemeenten zijn er vier verschillende adminis­ traties voor huisvesting: één van het OCMW, één van de gemeente, één van het wijkcontract en nog één van de socialehuisvestingsmaatschappij. Bovendien is huisvesting nog altijd een gewestelijke materie. Binnen elk OCMW is er een departement dat werkzoekenden aan werk helpt, vele gemeenten hebben bovendien een aparte vzw opgericht met hetzelfde doel, en dat alles naast de gewestelijke administratie Actiris, die dezelfde taak opneemt: dat is drie dubbel werk, ten nadele van de werkzoekenden.

grafische groei; de relatie tussen de gemeenten en het Gewest; de meertaligheid; de metropolitane kwestie; de internationalisering ‘van bovenaf en van onderuit’. De regeerakkoorden, die in juli 2009 in Brussel gesloten werden, zullen toen de deelnemers zeker een gevoel van teleurstelling gegeven hebben. Maar we hebben altijd de neiging de veranderingen op de korte termijn te overschatten en de veranderingen op de lange termijn te ónderschatten. Hoe kijkt de Staten-Generaal nu tegen de staatshervorming aan? Wel zeker heeft de lange en pijnlijke weg naar een staatshervorming onlangs reden tot hoop gegeven voor Brussel. Wel zeker zijn een paar eisen van de Staten-Generaal (en meer algemeen van een groot deel van de Brusselse politieke klasse) tot een goed einde gebracht. We denken hier aan de billijkere financiering van Brussel, aan de introductie van het concept van ‘Metropolitane Gemeenschap’, aan de zeer bescheiden inspanningen geleverd in het kader van de interne governance in Brussel. Een rechtvaardigere financiering zit erin: 461 miljoen euro extra tegen 2015. Brussel krijgt eindelijk waarop het recht heeft als je zijn rol als draaischijf ten gunste van de twee andere regio’s in aanmerking neemt. Wij vinden het zeer

normaal dat sommige bedragen vooraf bestemd worden (mobiliteit, politie,...). Je kunt inderdaad vrezen dat de onvoorwaardelijke toekenning van nieuwe bedragen door de Brusselse regering zonder meer als extra-middel over de hele begroting verspreid kan worden. Het Belirismechanisme, dat nog bilateraal werkt (het federale en het regionale niveau beslissen samen), had wel eens herzien kunnen worden. De Metropolitane Gemeenschap zit er als concept ook uiteindelijk in. Hier moet je inderdaad van een concept spreken en geenszins van een invulling van de realiteit. In de voorlopige teksten van de staatshervorming staan geen specifiek overgehevelde bevoegdheden vermeld, geen toegewezen middelen, geen bevoegde organen, geen verplichting. Het is dus een lege schelp, die nochtans de eenvoudige verdienste heeft te bestaan... Alleen zal een coalitie van vrijwilligers opnieuw met initiatieven over de brug moeten komen: een domein afbakenen waar mogelijke partners zich aanmelden, een beroep doen op de relevante bevoegdheden van de betrokken overheidsniveaus, een consensus bereiken over de te verhelpen situatie, een akkoord over de geobjectiveerde feiten, een redelijk te bereiken objectief definiëren en het eens worden over een werkmethode...


BDW 1311 PAGINA 15 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

Er zijn plannen voor een nieuwe vleugel aan het Elsense gemeentehuis op het Fernand Cocqplein: 13 miljoen euro volgens de meest optimistische schatting. Onverantwoord, vond Olivier de Clippele. Burgemeester Willy Decourty (PS) sloeg hard terug en nam De Clippele in december 2011 zijn bevoegdheden af.

© EURAPART

fel aanzwellen in naam van de ontegensprekelijke ‘participatiedemocratie’. Hoeveel mensen houden zich bezig met boekhouding en openbare aanbestedingen in de gemeenten? Wellicht meer dan duizend voor de negentien gemeenten samen, waar ook weer dubbel werk welig tiert – et cetera, et cetera. Als die tien besparingen in mijn gemeente doorgevoerd werden, dan zou de openbare dienst er niet onder lijden, maar zouden de gemeentelijke opcentiemen gerust met een vierde mogen verminderen. Het is opmerkelijk dat privéondernemingen constant op zoek gaan naar besparingen, soms gaat het zelfs té ver en wordt het ondraaglijk.

Ook het interne bestuur van Brussel heeft een paar bescheiden stappen vooruit gemaakt. Het zijn evenwel zeer timide pasjes, een eerste aanloop. Mobiliteit en stedenbouw worden meer en meer naar het Gewest overgeheveld, maar er zijn nog steeds zes politiezones, het aantal huisvestingsmaatschappijen werd van 33 naar 16 herleid (waarom niet

veronderstelt dat men de huidige communautaire structuur van zich afschudt. We denken hier ook aan alles wat nog ondernomen moet worden inzake meertaligheid: tweetalige verkiezingslijsten, tweetalige partijen, tweetalige scholen, tweetalig beheer van de cultuur in Brussel... Werk aan de Brusselse winkel! De zevende staatshervorming (want

© SASKIA VANDERSTICHELE

Alle gemeenten hebben electorale gadgets, zoals administratief tijdverspillende premies die toch enkel gereserveerd blijven aan wie het volledige administratieve parcours kan volgen (meestal insiders). Alle gemeenten maken – ook financieel – deel uit van vzw’s die op de emoties van de tijd een antwoord bieden. Niemand durft zijn mond te openen als de gemeente geld stopt in een mediageniek, alom erkend goed doel. Wie dan moppert, krijgt het deksel op zijn neus, ook al gaat de geldkraan open zonder kostenbatenanalyse. De gewestelijke voogdij zou ook eens moeten napluizen hoeveel mensen aangeworven worden in de negentien informatiediensten, die

Bij de gemeenten is het andersom. Daar saneert men veel te weinig. Sommige burgemeesters zijn oplettend, maar andere hebben niets uit te staan met openbaar geld. Het gevaarlijkste is de attitude die ik in mijn gemeente ontwaar, waar vandaag beslissingen genomen worden waarvan de factuur pas na de verkiezingen gepresenteerd wordt. Dat is niet alleen financieel onverantwoord, maar bovendien zullen de kiezers van de eerstkomende gemeenteraadsverkiezingen geen inspraak meer hebben in die beslissingen. Met de financiële crisis is er een belangrijke breuk in de politiek gekomen. Overal in Europa is saneren in overheidsfinanciën niet langer taboe. Nochtans zijn er nog sommige gemeenten, zoals de gemeente waar ik woon, die geen maatregelen nemen, denkend dat alles wel automatisch in orde zal komen. Zuinig omgaan met openbaar geld: wordt dat het nieuwe politieke thema van oktober 2012? Olivier de Clippele, ex-schepen van Financiën in Elsene

een bicommunautaire aanpak, de vrucht van een aloud politiek sys­ teem dat de weerspiegeling is van de confrontatie tussen twee historisch Belgische gemeenschappen. Los van de onmiddellijke resultaten die uit de staatshervorming voortvloeien, zullen we zonder twijfel verrast worden als we over tien jaar de vruchten van het werk van de

“Het communautaire systeem scheurt de Brusselse samenleving artificieel in twee” die zal er komen) zal zich trouwens moeten buigen over het voortbestaan van een communautair sys­ teem dat in Brussel al lang zijn limieten getoond heeft. In onze geest is zo’n systeem ten dode opgeschreven. Niet alleen scheurt het de Brusselse samenleving artificieel in twee, het werkt ook contraproductief in alle domeinen waar de multiculturele meertalige realiteit van Brussel niet kan worden herleid tot

Gruwelijk door Danny Vileyn ‘Massaal misbruik van medische regularisatie’ kopte De Standaard dinsdag. En Le Soir had het erover dat de radicale islam België bedreigt. Twee berichten die me niet echt verrasten, al was ik er niet minder verontwaardigd om. De twee fenomenen waren perfect te vermijden, ze zijn het gevolg van een politiek falen. En dus kan de politiek ook nu nog ingrijpen. Van een heel andere orde is het verhaal van de Brusselse dakloze wiens matras in de buurt van het Noordstation in brand gestoken werd. De man moest met zware verwondingen naar het brandwondencentrum van Neder-Over-Heembeek gebracht worden. Boven op de verontwaardiging overvalt me hier een groot gevoel van machteloosheid en triestheid. Hoe is het mogelijk dat iemand zo gruwelijk wreed is dat hij de matras van een dakloze medemens in brand steekt? Bij het ter perse gaan waren de daders nog niet gevat, maar iemand die hiertoe in staat is, hoort niet vrij op straat te lopen. Wie zo’n misdaad begaat, hoort in de cel of in een instelling of moet zich minstens laten verzorgen. Hier kan de politiek niet met de vinger gewezen worden. Mensen die uit de bol gaan, gekken, lopen er overal rond. Het is al de tweede keer in een paar weken tijd dat de schamele eigendom van een dakloze in brand wordt gestoken. Eind november was het het dekentje van een dakloze Aalstenaar aan het station van Leuven. De daders waren een nachtje gaan stappen. Hoe laag kun je vallen om je, zelfs dronken, aan een uiterst kwetsbare mens als een dakloze te vergrijpen? Staat de overheid dan machteloos? Toch niet. Het aantal dak- en thuislozen neemt de jongste jaren schrikbarend toe. In Brussel zouden er tweeduizend daklozen zijn, asielzoekers en sans-papiers niet meegeteld. Het is een fenomeen dat we niet normaal mogen leren vinden. De verontwaardiging moet blijven, de situatie van de dak- en thuislozen mag ons niet onberoerd laten. Ook niet in tijden waarin we elke dag lezen en horen dat we het “met z’n allen” met minder zullen moeten doen. Het is goed dat er individuen zijn die de overheid, bedrijven en burgers op hun plichten wijzen. DoucheFLUX bijvoorbeeld is een initia­t ief dat dak- en thuislozen een kluisje, een douche en een was­ machine wil aanbieden tegen een vergoeding van één euro. Het initiatief mag dan naar caritas ruiken, het houdt de overheid wel een spiegel voor. Het groeiende aantal dak- en thuislozen zal haar verplichten om de opvang en begeleiding te herdenken. Iedere dakloze die het wil, heeft acht uur per nacht recht op een veilige plek om te slapen.

EVA HILHORST

Alain Deneef:

één maatschappij voor het hele Gewest?), er is nog geen spoor van een fiscale coördinatie, enzovoorts. Daarnaast zijn er voor ons ook duidelijke gebreken. Het stemrecht voor Europeanen bij de regionale verkiezingen, bijvoorbeeld. 21 procent van de bevolking van Brussel, die niet-Belgisch is (maar wel van Europese afkomst), wordt nog altijd een elementair democratisch recht ontzegd, nota bene op een territorium dat de officiële hoofdstad van de Europese Unie herbergt. Op andere vlakken is er evenmin verandering op komst. We denken hier vooral aan een grondige aanpak van een falend onderwijs, die

BDWOPINIE

Staten-Generaal zien, met de huidige (weliswaar te trage) gang van zaken, nog los van het feit dat er tussen nu en dan nog nieuwe burger­ initiatieven kunnen komen. En dan wordt die door ons gewenste copernicaanse revolutie in Brussel alsnog gerealiseerd. Alain Deneef, secretaris-generaal van de vzw Aula Magna, coördinator van de Staten-Generaal van Brussel

De volledige tekst verschijnt in het januarinummer van Gids op maatschappelijk gebied (GMG) van het ACW. Gratis proefexemplaar? Mail naar degids@acw.be. Openbare vergadering Aula Magna, 19 januari om 19.30 uur in de Sint-Gorikshallen: mail naar info@aula-magna.eu


© CLARK MALDRIE / KAREN MOREAU

BDW 1311 PAGINA 16 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

VADROUILLE

EERSTE RONDE PRIJS ROGER VAN DE VOORDE 2012

TWEEDE week van de klank BRUSSEL – Na een proefdraai-editie in januari 2011 haalt de Week van de Klank van 23 tot en met 29 januari weer alle types van concerten en crea­ tieve geluids- en klankevenementen van stal om uw gehoor te scherpen. Onder meer operacoryfee José van Dam, jazzgoeroe Jean-Louis Rassinfosse en pianovirtuoos Jean-Philippe Collard-Neven staan op de affiche, er zijn geluidsinstallaties, in Cinematek worden stomme films met pianobegeleiding gedraaid, en kinderen krijgen workshops in De Munt. Meer op  www.lasemaineduson.be. JMB ADVERTENTIE

Handicap & informatie Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap

✆ 0800-15045

alle werkdagen van 9 tot 12u30, maandag, dinsdag en donderdag van 13 tot 15u30

Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be

Muziek > Blindnote en Muziekpublique halen wereldtop

Met de ogen dicht recht naar het hart © MIRJAM DEVRIENDT

ANDERLECHT – Het kunstencentrum Zinnema organiseert de tweede editie van de Prijs Roger Van de Voorde voor podiumkunsten en film. Van het twintigtal geselecteerde kandidaten wordt maandelijks (van januari tot mei 2012) een pool van vier tot vijf artiesten of groepen gevormd, goed voor een middagvullend programma op zondag (14.30 tot 17 uur). De eerste competitieronde, met aperitief, vindt plaats op zondag 22 januari in Zinnema, Veeweidestraat 24. Volgende rondes zijn op 19 februari, 18 maart, 8 april, 22 april en 20 mei. Op 16 juni komen de prijswinnaars op het podium: voor een geldprijs van de VGC en de Prijs Roger Van de Voorde van Zinnema, goed voor een jaar podiumkunstondersteuning. In januari treden volgende artiesten aan: 25 leerkrachten van het Lakense Maria Assumptalyceum spelen het theaterstuk Blind; Joost Rotty brengt poëzie; Jojo Ngamou, de KameroensBrusselse huischoreografe van Zinnema, pakt uit met streetdance,  en Clark Maldrie en Karen Moreau brengen vertel- en poppentheater voor volwassenen. Reserveren op 02-555.06.00, meer op www.zinneJMB ma.be.

DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK

“Ik was stiekem bang dat iemand de leidersrol zou opeisen, maar iedereen schikte zich naar het belang van de groep” Vlnr.: Emre Gültekin, Talike Gellé en Karim Baggili van Blindnote: muzikale wereldreis in het donker.

ELSENE – Blindnote, het multiculturele project van Muziekpublique dat zes Brusselse wereldmuzikanten van formaat bijeenbrengt, is uitgeroepen tot een van de tien beste albums van 2011 door het toon­ aangevende Britse wereldmuziekmagazine Songlines. “Wat begon als een benefietconcert, is uitgegroeid tot een echte – en hechte – groep.” En tot een van de wereldmuziektoppers van 2011.

E

ind vorig jaar raakte bekend dat Blindnote de Octave de la Musique 2011 gewonnen had in de categorie wereldmuziek, zowat de Grammy Awards van Franstalig België. Maar het is wellicht van de Antwerpse band Think of One geleden dat een Belgische groep nog de top tien haalde van het Britse magazine Songlines, toonaangevend op het vlak van wereldmuziek in de Engelstalige wereld en West-Europa. Blindnote ontstond eind 2010 als een tijdelijk project van Muziekpublique om geld in te zamelen voor Light for the World, een Belgische ngo die blind geboren Afrikaanse kinderen opereert om ze te laten zien. Zo’n operatie kost slechts dertig euro, maar dat geld is er voor arme Afrikaanse gezinnen niet, en dus ging de ngo in België op zoek naar geld. Ze klopte aan bij Muziekpublique, aanvankelijk voor een project met een BV in de KVS, maar al snel werd het veel ambitieuzer: waarom brengen we geen zestal in Brussel wonende wereldmuzikanten samen voor een concert in het donker? Light

for the World hoefde er maar één nachtje over te slapen, en Peter Van Rompaey van Muziekpublique stelde aan de Mexicaanse multi-instrumentalist Osvaldo Hernandez voor om de groep muzikaal te leiden. Hernandez  was meteen verkocht voor een project met  zo’n nobel doel – het ging toen nog om een eenmalig benefietconcert –, en de twee staken de koppen bijeen om te brainstormen over wie geschikt zou zijn voor zo’n intercultureel project. Het werden zes klasbakken, muzikanten die uitmunten op hun instrument(en) en ware ambassadeurs zijn van hun cultuur: Talike Gellé uit Madagaskar op zang en percussie – u las haar levensverhaal vorige week in deze krant –, de Senegalees Malick Pathé Sow op hoddu (luit), Afrikaanse gitaar en zang, de Joegoslavische Jordaniër Karim Baggili op flamencogitaar en oud (Arabische luit), de Armeniër Vardan Hovanissian op doudouk (hobo), shvi (piccolofluit), accordeon en klarinet, de Turk Emre Gültekin op saz baglama (langhals­

luit) en zang, en de Mexicaan Osvaldo Hernandez op percussie en talrijke precolum­biaanse instrumenten.

Ongezien, ongehoord Het benefietconcert bij Muziekpublique smaak­te naar meer. Aangevuurd door de enthousiaste reacties besloten de muzikanten een album op te nemen, dat eind 2010 uitkwam op het label van Muziekpublique. “Wij wilden niet uitpakken met ongelooflijke virtuositeit om de mensen te verbluffen. En we hadden ook geen commercieel doel voor ogen. We wilden gewoon een goed album opnemen waarop alle muzikanten ruimte kregen om hun ding te doen,” vertelt Osvaldo Hernandez. Hij denkt dat dat ook gewaardeerd wordt. De muziek is echt, komt uit het hart; het concert is geen aaneenschakeling van solo’s. Elke muzikant droeg drie nieuwe composities bij, waarvan er twee verwerkt werden naar de mogelijkheden van de groep. “Kijken welke instrumenten qua klankkleur pasten bij het instrument van de componist was een boeiende oefening.” Of wat dacht u van een Senegalese hoddu naast een Armeense doudouk en een charango uit de Andes? “Als muzikale leider heb ik ervoor gezorgd dat we tot een gevarieerd geheel kwamen, met kalme momenten naast dansbare nummers,” zegt Hernandez, die zich niet ziet als leider,


© JUDITH VANISTENDAEL

© IVAN PUT

BDW 1311 PAGINA 17 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

VAN ACCORDEON TOT VUVUZELA Tot eind volgende maand exposeert het Muziekinstrumentenmuseum de nieuwste aanwinsten en schenkingen: de inventaris van de oude accordeonateliers De Waele aan de Zuidlaan, een synthesizer van 65 jaar oud, een Servische samika, een (herinnert u ze nog van het WK voetbal?) vuvuzela... LEES MEER OP PAGINA 20-21

ROSIE EN MOUSSA ZIJN TERUG In 2008 kwamen de twee ketjes Rosie en Moussa tot leven bij Zazie in deze krant. Hun stadssprookje resulteerde in een boek, en nu gaat het snel: deze week komt het tweede boekdeel uit bij Querido én gaat het toneelstuk in première bij Bronks. Michael De Cock kaapte ondertussen ook de Antwerpse prijs voor letterkunde weg én het boek staat op de shortlist van de Kinder- en Jeugdboekenjury. LEES MEER OP PAGINA 20 EN 26-27

Het voltallige Blindnote, met rechts onder ‘woordvoerder’ Osvaldo Hernandez: “Oké, wie zit er nu te wachten op een groep wereld­muzikanten uit Brussel? Maar het feit dat wij geen alledaags verhaal vertellen, dát wekt interesse.”

© JO VOETS

maar als de woordvoerder van Blindnote. “De groep heeft geen leider. Dat is opmerkelijk, want alle muzikanten zijn de leiders van hun eigen groep. Eigenlijk was ik stiekem een beetje bang dat iemand een leidende rol zou opeisen, maar iedereen heeft zich geschikt naar de belangen van de groep. En zo is onze muziek, ondanks het feit dat we uit zes zeer verschillende culturen komen, toch een homogeen geheel.” “Die erkenning van Songlines is prachtig, het bewijst dat er interesse is voor het project in het buitenland. We hebben nochtans nog niet opgetreden in het Verenigd Koninkrijk. Maar onze concerten in Nederland, Polen en Luxemburg waren een groot succes,” vertelt Hernandez. Volgens hem zijn toeschouwers vooral gecharmeerd door de inhoud van het project. “Want wie zit er nu te wachten op een groep wereldmuzikanten uit Brussel? Maar het feit dat we geld inzamelen voor een nobel doel en dat zes mensen uit totaal verschillende landen samenwerken, dát is geen alledaags verhaal. Het wekt interesse en stimuleert diversiteit.

Peter Van Rompaey van Muziek­ publique: “Mooi duwtje in de rug.”

Tijdens het concert worden de mensen ook continu geprikkeld met andere muziekgenres. Je kunt nooit raden wat we in petto hebben.” Ook voor het nieuwe label van Muziek­ publique is deze erkenning meer dan welkom. “Begin januari is er iemand langsgekomen die de groep wil vertegenwoordigen in GrootBrittannië. Die erkenning is een mooi duwtje in de rug in onze zoektocht naar distributie in het buitenland. In deze tijden van crisis is dat allesbehalve vanzelfsprekend,” zegt Peter Van Rompaey. “Muziekpublique wil tonen wat hier in Brussel allemaal aanwezig is aan muzikaal talent en diversiteit. Blindnote is voor het grote publiek een mooie instap.” De erkenning van Songlines bewijst ook dat Muziekpublique het Brusselse wereldmuziektalent naar waarde kan schatten. Na de Sene-

© MIRJAM DEVRIENDT

galese blues van Malick Pathé Sow in 2008, de Iraanse improvisaties van Shahkilid in 2009, Blindnote in 2010 en de Balkanfurie van Zongora in 2011 mogen we dit jaar een duoalbum van de Senegalezen Malick Pathé Sow (hoddu, gitaar en zang) en Bao Sissoko (kora) verwachten. Volgend jaar volgt dan een album van de populaire Marokkaanse berberzanger Khalid Izri. Vandaag, 12 januari, staat Blindnote in het Bimhuis in Amsterdam. Op 9 februari verzorgt de groep het voorprogramma van de blinde Franse zanger Gilbert Montagné in Autoworld; op 9 mei geven ze een volledig concert in de Botanique. Een deel van de opbrengst van de concerten blijft naar Light for the World gaan. Benjamin Tollet

Ook dit jaar is Blindnote in de running voor een Songlines Music Award. De groep is genomineerd in drie categorieën: ‘Groep’, ‘Nieuwkomer’ en ‘Interculturele samenwerking’. Stemmen kan op www.tinyurl.com/songlines-music-award. Meer op www.muziekpublique.be, www.blindnote.be, www.songlines.co.uk


ADVERTENTIE

voor mensen door mensen Stalingradlaan 18-20, 1000 Brussel [Premetrostation Anneessens] Tel. 02 242 36 02 E-mail: brussel@deMens.nu Jetse laan 362, 1090 Jette [Bus 13 en 14 halte Legrelle] Tel. 02 513 16 33 E-mail: jette@deMens.nu

SOS nuchterheid OOK ACTIEF IN BRUSSEL

2 x per maand samenkomst in het huisvandeMens Jette telkens om 13u30, Jetse laan 362, 1090 Jette woensdag 11 & 25 januari 2012 woensdag 8 & 22 februari 2012 woensdag 7 & 28 maart 2012 woensdag 11 & 25 april 2012 woensdag 9 & 30 mei 2012 woensdag 13 & 27 juni 2012 Voor meer informatie: 09/330.35.25 (24u/24u) www.sosnuchterheid.org • e-mail: info@sosnuchterheid.org Onze dienstverlening is kosteloos. SOS Nuchterheid vzw is een lidvereniging van deMens.nu en Vereniging voor Alcohol en andere Drugproblemen (VAD) SOS Nuchterheid Brussel is een realisatie van SOS Nuchterheid vzw in samenwerking met huisvandeMens Brussel & Jette (jette@demens.nu • tel: 02/513.16.33). Met steun van de Instelling Morele Dienstverlening van het Brussel Hoofdstedelijk Gewest.

bezoek ons voor meer info op www.deMens.nu

ADVERTENTIE

Het autosalon begint bij de MIVB.


BDW 1311 PAGINA 19 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

© CARLOS VAN HOVE

Kunst > Artcurial opent bureau aan Rooseveltlaan

Grootste Franse veilinghuis komt naar Brussel BRUSSEL – Artcurial, het grootste Franse veilinghuis, opent in februari een vertegenwoordigingskantoor aan de Franklin Rooseveltlaan. Om de vele Belgische klanten beter te bedienen, luidt het.

Rooftop, met (vlnr.) Sandra Van Kemseke, Lucas Tavernier, regisseur Yves van den Boogaart, Kurt Monten en Fran Lomme.

Praat

De verloren zoon is voorgoed verloren achteraf

Gezien: Gewoon het einde van de wereld door Rooftop op 7 januari in De Markten. Daar nog te zien op 13 en 14 januari (02-512.34.25, demarkten@demarkten.be).

Waar het in het theater naar mijn smaak vaak misgaat, is bij de keuze van het stuk. Niet alleen amateurgezelschappen, ook getalenteerde professionele gezelschappen steken soms tijd en energie in teksten die weinig zeggen. Het Brusselse collectief Rooftop doet dat alvast niet. Sinds de oprichting in 2009 speelden ze al Eric-Emmanuel Schmitt, Amélie Nothomb en Nathalie Sarraute, en nu vertaalden ze zelf Juste la fin du monde van de Franse succesauteur Jean-Luc Lagarce (1957-1995). Gewoon het einde van de wereld behandelt een onderbelicht, maar universeel en hedendaags thema. Het is een gedegen praatstuk dat toch in beperkte mate experimenteel van vorm is, en het is ook een stuk waarachter je de persoonlijke inzet van de auteur voelt. Lagarce stierf immers vroegtijdig aan aids, en zijn toneelstuk is een raamvertelling die aanvangt, onderbroken wordt en eindigt met een postume monoloog van het hoofdpersonage Louis. Louis vertelt over een gebeurtenis tijdens de laatste maanden van zijn leven, die hij doorbracht in de wetenschap dat hij zou sterven. Toch is niet dat uitzicht op de dood het thema, maar de manier waarop het leven werd geleefd. Die staat ter discussie wanneer Louis zijn moeder, zus en broer, die hij al jaren niet meer heeft gezien, op de hoogte wil brengen van zijn terminale toestand. Hij zal er uiteindelijk niet toe komen de boodschap over te brengen. Mensen die besluiten om de familieband te verbreken en daarvoor nauwelijks een andere reden hebben dan de overtuiging dat een familieband je nergens toe verplicht, maken nogal wat gevoelens los. Bij de achterblijvers: onbegrip, afgunst, eenzaamheid, minderwaardigheidsgevoelens en frustratie om het idee dat de ondankbare verloren zoon niets heeft teruggegeven van al wat zijn gezinsleden hem gaven. Bij de ‘afvallige’ zelf: schuldgevoelens, onzekerheid en een eenzaamheid die bijna als principiële levenshouding gaat gelden. Lagarce dient zijn personages van deze gevoelens een fatale cocktail toe. Louis zegt dat hij ver-

trokken is omdat hij thuis altijd een gebrek aan liefde ervaren heeft, maar zijn broer Antoine werpt tegen dat Louis dat zichzelf heeft wijsgemaakt, en er vervolgens het hele gezin tot levenslange opsluiting mee heeft veroordeeld. Evengoed zou Louis’ gevoel niet geliefd te zijn een verkeerd begrepen frustratie kunnen zijn om het feit dat zelfs familieleden beperkt zijn in hun vermogen om een mens helemaal te omarmen en te redden van zijn fundamentele eenzaamheid. Lagarce laat zien hoe weinig wij zelfs van onze familieleden weten. Hoe weinig we zelfs hén soms tot ons toelaten, en hoe weinig we soms in hen geïn­teresseerd zijn. Bij de terugkeer van de verloren zoon is de spanning dus voelbaar en wordt er voor het eerst sinds lang weer gesproken. Toch blijft er nog heel wat ongezegd. Er is geen bevrijding en iedereen lijdt. De achterblijvers krijgen geen restitutie voor hun ‘zelfopoffering’ aan de zijde van hun oude moeder, die niet bepaald kan zeggen dat haar familieproject geslaagd is. De verloren zoon is meer dan ooit verloren. Lagarces vervreemdende vormexperiment zit in de taal die de gebrekkige communicatie weerspiegelt. Nu ze elkaar treffen, wikt ieder zijn woorden. De een wil praten, maar kan het niet zo goed; de ander weet het goed genoeg, maar wil niet spreken. De dialogen en monologen wemelen dan ook van de hele en halve hernemingen, verbeteringen en nuan­ceringen van eerdere uitspraken. Rooftop speelt dat onder regisseur Yves van den Boogaart in een sobere opstelling. De vier personages zitten tegenover elkaar en brengen om de beurt een pleidooi met het publiek als getuige. De acteerprestaties zijn bevredigend, al verdient vooral de beklijvende vertolking van Antoine door Kurt Monten lof. Toch steekt ook hij naar mijn smaak nog iets te veel ‘profiel’ in de tekstzegging. De vraag is of het vervreemdende effect van de tekst niet goeddeels verloren gaat door de realistische naturel waarmee Rooftop hem wil spelen. Lagarce heeft met het gestotter de hulpeloosheid van de karakters duidelijk aangezet. Het zou dus niet verkeerd zijn die pessimistische zwaarte te laten voelen, ook al riskeer je zo vaart uit het stuk te halen.

Michaël Bellon

Na de vestiging in Brussel van een paar buitenlandse topkunstgaleries bevestigt de komst van Artcurial de gezondheid en de internationalisering van de Brusselse kunstmarkt. In Frankrijk moet Artcurial enkel Sotheby’s en Christie’s laten voorgaan. Met een jaarlijkse omzet van 120 miljoen euro is het het grootste veilinghuis van eigen bodem. En die bodem mag er zijn: het veilinghuis nam tien jaar geleden zijn intrek in een herenhuis op de Champs-Élysées, en beschikt er over een oppervlakte van vierduizend vierkante meter. “Na amper vier jaar stonden we in omzet meteen op nummer 1 in Frankrijk,” zegt covoorzitter François Tajan.

Diversiteit Het nieuws over de vestiging staat in het maandblad Collect Arts Antiques Auctions. Aan brusselnieuws.be motiveert Tajan die keuze: “België heeft een rijke traditie, zowel wat kunstproductie betreft, van de middel-

eeuwen tot nu, als in het aantal kunstverzamelaars. Daarom openen we ons eerste vertegenwoordigingskantoor in Brussel. Het eclecticisme van de Belgische kunstmarkt beantwoordt ook aan de diversiteit van het aanbod op onze veilingen. Daarom willen we dichter bij onze kopers en verkopers staan.” Het veilinghuis wil ook de groeiende groep Fransen die in België wonen, bereiken. De vestiging in Brussel, een huurhuis aan de Franklin Rooseveltlaan 5, is een vertegenwoordigingskantoor. Daar vinden geen veilingen plaats – die blijven in Parijs –, maar wel previews, toonmomenten en cultureel-literaire activiteiten.

Geen onbekende Baas van het kantoor wordt Vinciane de Traux, die vijftien jaar bij Sotheby’s in Brussel werkte. Ze krijgt weldra steun van een Nederlandskundige. Binnen een paar maanden volgt er ook een bureau in Milaan en Beijing. Artcurial organiseert een honderdtal veilingen per jaar. België is geen onbekende: eerder co-organiseerde het veilinghuis al tentoonstellingen in Brussel. Eric Vancoppenolle / brusselnieuws.be

ADVERTENTIE

W IN

EEN ROMANTISCHE NACHT IN HET ATOMIUM *de v spe ioolniet ler is grep inbeen :)

NEEM DEEL AAN ONZE TEKENWEDSTRIJD EN WIN EEN OVERNACHTING VOOR TWEE IN HET ATOMIUM, MET DINER BIJ KAARSLICHT & ONTBIJT.

www.atomium.be/love


BDW 1311 PAGINA 20 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

Tentoonstelling > Jongste giften en aanwinsten Muziekinstrumentenmuseum

Een synthesizer van 65 jaar BRUSSEL – Tot eind februari toont het Muziekinstrumentenmuseum een selectie van zijn ‘Aanwinsten 2010-2011’. Van het gereedschap uit het Brusselse accordeon­atelier De Waele tot een Philips-versterker uit 1965 en een vuvuzela van het WK voetbal 2010: genoeg rariteiten om volgende generaties een juist beeld te geven van klank vroeger en nu.

D

e federale musea hebben een beperkt aankoopbudget voor nieuwe stukken, maar toch kan het Muziekinstrumentenmuseum of MIM regelmatig de hiaten in de collecties aanvullen met historisch, wetenschappelijk of maatschappelijk interessant materiaal. Natuurlijk moeten collectieconservatoren van het MIM wel eens met lede ogen toekijken als ze interessante stukken zien passeren op eBay of op de instrumentenveiling van Vichy: geen intern budget voor. Gelukkig komt de instroom (nu al 9.205 items) sinds jaar en dag grotendeels van donaties. Zeker nu de nieuwe EU-landen en andere staten het waardevolle muziekinstrument als diplomatiek cadeau gebruiken, met als makkelijke return een cultureel evenement in het MIM. Zo lokten schenkingen van Servië (er staan een vedel, doedelzak en samika-tamboer tentoon) meteen een gift van Kroatië uit, terwijl ook in Albanië een belletje ging rinke-

len: “Wat kunnen wij schenken?” Het gros van de giften blijft van privé­collectioneurs komen; de reeks volksinstrumenten uit Myanmar, bijvoorbeeld, geschonken door een kunstminnend reiziger. Ook een nieuwe opruimactie elektronica uit het archief van het Ipem in Gent was welkom: de collectie werd aangevuld met een synthesizer uit 1946, een klankgeneratorenbank, een bandrecorder en een echokamer. De selectie ‘Aanwinsten 2010-2011’ die de kleine Spiegelzaal vult, is een heus rariteitenkabinet. Deels komen de giften ook van instellingen: uit het Legermuseum kwam bijvoorbeeld een geblutste militaire sousafoon-op-rust over. En regelmatig koopt de stichting Vrienden van het MIM iets aan. Bij de ingang staan enkele koperinstrumenten van de nazaten van de eerste MIM-conservator, Victor-Charles Ma­hillon. Onder de aanwinsten ook een kitscherige, meters­lange vuvuzela – ‘Ver moet jy

Aan de Zuidlaan 104 zat decennialang het accordeonatelier August De Waele. Dankzij een tipgever kwam de collectie – met rechts een stemtafel met ijkpunten in perfecte staat – naar het MIM op de Hofberg.

Jeugd > Stadssprookje in première bij Bronks

Rosie en Moussa zetten hun tocht verder De Cock, die ook Moussa speelt, zal op het podium geflankeerd worden door Ikram Aoulad L’Ahcen (Rosie), Steven De bruyn (muziek en spel) en Jasper Hautekiet (muziek en spel). De Cock schreef ook het boek waarop deze voorstelling is gebaseerd en dat op 13 januari verschijnt bij Querido. Bronks wil dat vieren. Na de matineevoorstelling op zondag 15 januari zullen De Cock en Judith Vanistendael – de bekroonde Brusselse tekenares die de schitterende zwart-witillustraties maakte – hun gloednieuwe boek officieel voorstellen. Na de voorstelling houden de twee ook een signeersessie. Het zal de trouwe lezer van deze krant niet

ontgaan zijn dat de avonturen van Rosie en Moussa al in 2008 begonnen, toen Michael De Cock speciaal voor Zazie, de kinderpagina van deze krant, tweewekelijks met de hoofdpersonages aan de slag ging. Deze feuilletonvertelling vormde destijds de aanleiding voor een eerste boek, toen nog gewoon Rosie en Moussa. Waarover gaat het tweede boek nu? Rosie, een meisje met heel wat vragen, beleeft een nieuw avontuur in de grote stad – de tekeningen laten er geen twijfel over bestaan dat het hier om Brussel gaat. Opnieuw staat haar buurjongen Moussa aan haar zijde. Ze weet niet waar haar papa

© JUDITH VANISTENDAEL

BRUSSEL – Nu zondag beleeft Rosie en Moussa – De brief van papa bij Bronks zijn Brusselse première. Dit toneelstuk voor kinderen vanaf zes jaar wordt geregisseerd door Michael De Cock, artistiek leider en directeur van het Mechelse theatergezelschap ’t Arsenaal.

In het tweede deel van de stadssaga van De Cock en Vanistendael gaan Rosie en Moussa op zoek naar Rosies papa.


Scandalli Dé grote blikvangers onder de nieuwkomers zijn de stukken uit het accordeonatelier De Waele aan de Zuidlaan 104. Een grot van Ali Baba aan oude accordeons, herstelwerkbanken, uniek gereedschap en instrumentenonderdelen werd uit het kelderatelier gered, dankzij een tip van een Vriend van het museum. De laatste uitbater van de instrumenten- en partiturenwinkel was Leopold Schumbacher (gestorven in 2008 en schoonzoon van nazaat Bruno De Waele). Hij had het kelderatelier al ruim tien jaar onaangeroerd gelaten. August De Waele richtte de zaak op en liet het bedrijf na aan zijn geadopteerde Italiaanse zoon Bruno De Waele (1880-1952). Die had zich van leerjongen bij het Brusselse accordeonherstelatelier Solari ontpopt tot een vindingrijk hersteller van accordeons. Rond 1900 opende hij zelf een herstelplaats. Hij vond dermate ingenieuze toepassingen uit dat de Italiaanse accordeonfabrikant Scandalli met De Waeles adaptaties nieuwe instrumenten op de markt bracht. De Waele kreeg dan ook het invoerrecht van het merk. Het MIM toont een nog werkende stemtafel met ijkpunten (rechts op de foto) en bakken vol tongenladers, lamellen, toetsen en merkaccordeons. Let ook op het publiciteitsbord dat bij de voordeur hing. Gelukkig nam het MIM het mee. © IVAN PUT

Jean-Marie Binst

is. Het enige wat mama over papa kwijt wil, is dat hij ‘problemen aantrekt als een magneet een stuk ijzer’. En dat hij heel ver weg woont. Een onverwachte telefoon stuurt Rosies gevoelswereld helemaal in de war. Even later ontvangt ze ook een brief. Waar Rosie en Moussa in het eerste boek nog naar het dak van het hemelshoge appartement op zoek gingen, omdat het uitzicht er zo mooi was, leidt hun zoektocht hen nu tot diep in de stad. Ze gaan op zoek naar Rosies papa, want die schijnt maar even verderop te wonen. Maar waar dat nu exact is, tja, dat valt niet zo eenvoudig uit te leggen. Met een empathische, beeldrijke stijl en veel gevoel voor harmonie schetst De Cock een intiem verhaal over een meisje dat de confrontatie aangaat. Vriendschap, schuld, verdriet en opluchting: al deze kleine grote gevoelens komen aan bod in

TR ACHE © NICK

soek om die doel te vind.’ Waarom dit museumwaardig is, vragen we aan Wim Bosmans. “Zelfs commercieel-toeristische speelgoedfluitjes kunnen interessant zijn om later een juist beeld te geven van hoe muziek geproduceerd wordt in deze en de vorige eeuw.”

T

BDW 1311 PAGINA 21 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

dit vertederende stadssprookje. De Cock wordt nergens moraliserend. Integendeel, hij laat zijn personages mensen zijn. Door gedachtegangen af te wisselen met beelden en dialogen slaagt hij erin om veel schwung in zijn verhaal te brengen. De tekeningen van Judith Vanistendael zijn alweer zoveel meer dan louter opvulling of decoratie. Ze speelt met de tekst en voegt er nieuwe sferen aan toe, zonder dwingend of exhaustief te willen zijn. Haar expressieve stijl vloeit tussen de geschreven regels door. De Cock en Vanistendael leveren opnieuw een pareltje af. We zijn benieuwd naar de toneelbewerking, maar met een rasmuzikant als Steven De bruyn in de rangen mogen we het beste hopen voor wat een muzikaal begeleide theatervoorstelling belooft te worden. Tuur De Moor

Droomedaris Rex & ’t Arsenaal spelen Rosie en Moussa – De brief van papa, zondag 15 januari om 15 uur in Bronks, kaartjes 6 of 9 euro, meer op www.bronks.be. Michael De Cock en Judith Vanistendael, De brief van papa, uitg. Querido, 12,95 euro. Op p. 27 leest u deze week een voorpublicatie

Nick Trachet BRUSSEL EN DE WERELD CULINAIR ONTDEKT

Pimentón Is paprika Hongaars? Zijn tomaten Italiaans, zijn aardappelen Belgisch? Uiteraard niet, ze zijn allemaal Amerikaans, maar vijfhonderd jaar geleden ging Europa voor de bijl voor deze nieuwe exotische groenten en kruiden. En ze kwamen uit Spanje. De Spaanse keuken is lang meesmuilend behandeld door de andere, ‘meer verfijnde’ landen die errond liggen. “Een land van smout en bonen,” schreven de Fransen. Om Alexandre Dumas te citeren (Mon dictionnaire de cuisine): “En Italie, où l’on mange mal, les bons hôtels vous disent: ‘Monsieur, j’ai un cuisinier français.’ En Espagne, où l’on mange abominablement, les grands hôtels vous disent: ‘Monsieur, j’ai un cuisinier italien.’” Vandaag is dat enigszins veranderd, vraag maar aan Michelin. Van al de keukeningrediënten uit de nieuw veroverde gebieden was de ‘Spaanse’ peper, de pimiento, peperone, poivron deze die de wereld als eerste veroverde. Capsicum annuum is de wetenschappelijke naam voor de zachter smakende pepers, Capsicum frutescens voor de scherpere chilli, peperoncini enzovoort. Er bestaan nog andere soorten Capsicum, maar tussen die twee is het al vaak moeilijk een onderscheid te maken. Er bestaan ook scherpere van de eerste en zachtere van de andere. Hoe dan ook, in een zucht en een vloek zat heel de Middellandse Zee en verder heel Afrika tot Indië en Zuid-China aan de Spaanse peper. Geen enkel nieuw product ging zo snel de wereld rond tot de tsunami van Coca-Cola in de vorige eeuw. In onze noordelijke streken ging het niet zo snel. Wij moesten wachten op de mode van de populaire operettes, tussen beide wereldoorlogen, vooraleer we hier van paprika hoorden. Er werd dan ook meer over gezongen dan dat er werd gegeten. “Julischka, Julischka uit Boeda-Boedapest, zij at zoveel paprika en wist niet wat dat was” kweelden mijn oudtantes (uit Maske in Blau van Fred Raymond, 1937). Scherpe pepers werden synoniem met Hongarije, tot grote verwondering van de Magyaren zelf. Het woord dook in dat land pas op in 1775. Zij hadden het poeder leren kennen van de Bulgaren, die het zelf hadden van de Turken, en die, na nog heel wat

stappen, weer van de Spanjaarden. Vandaag vinden we overal pakjes rood poeder te koop in onbetrouwbare trappen van scherpte. Zoete en pittige, maar vooral alles daartussen. De kwaliteit gaat van matig tot slecht en zo’n zakje poeder bewaart héél slecht. Na enkele maanden is de kleur weg en schimmelt het poeder aan elkaar tot een prop die naar hooi ruikt. Koop dus nooit paprikapoeder om te bewaren. Koop het net voordat u het gaat gebruiken! Gelukkig zijn er nog de Spanjaarden. Zij verkopen blikken doosjes met donkerrode pimentón. Dat is hetzelfde als paprika, maar dan beter. De kleur is dieper, de geur is niet alleen peperig, maar ook rokerig. Heerlijk. Herinneringen duiken op aan Levantijnse harissapoeders, die ook zo rokerig kunnen zijn, veel fijner dan de tube-harissa. Goede pimentón, zo zeggen de Spanjaarden uit mijn omgeving, moet uit Extremadura komen. Het ruwe landschap van dat gebied staat in de zomer te gloeien van de rijpe rode pepers die er met miljoenen aan de drogende planten hangen. Eenmaal geoogst worden de vruchten niet zomaar gedroogd, maar eerst tien dagen gerookt boven eikvuurtjes. De geur die daarna overblijft, is feeëriek. Paprika, lieve lezers, is dus Spaans en heet pimentón. Het gaat er in de chorizo, in stoofschotels of soepen, en over de gefrituurde aardappelen. Het is de meest typische smaak van wat wij ‘de Spaanse keuken’ noemen. Het is trouwens ook de voornaamste kleur uit hun vlag (de andere kleur is saffraan). Pimentónpaprika moet, net zoals currypoeder, altijd aangebakken worden. Dat verstevigt de smaak en maakt het kleurende effect ook sterker. Ik geef hier een voorbeeld van een recept dat niet Spaans is en ook niet Hongaars. Dit is nu al jaren mijn huisrecept. Neem kippenbillen en hak elke bil in drie delen. Kies voor ernstige kippen. Goedkope snotkippen doorstaan het stoven niet, ze vallen vroegtijdig uit elkaar en zijn smakeloos. Koop dus steviger dieren en desnoods wat minder, het zal u meer plezieren.

Hetzelfde als paprika, maar dan beter Laat in een stoofpot olijfolie heet worden, voeg wat boter toe. Haal de stukken kip even door de bloem en laat ze aankleuren in het vet. Leg ze opzij (daarvoor gebruik ik het deksel van de stoofpot). Doe dan ajuinringen in het overgebleven vet (voeg desnoods nog wat bij), en wanneer die glazig zijn, roert u er enkele stevige soeplepels paprika door, samen met de restjes bloem die nog overgebleven zijn. Laat even bakken. Zout en peper naar believen. De paprika en bloem zullen het vet binden, dat dan straks niet in ogen op de saus komt drijven. Nog wat look bij persen. Blus dit alles met een glas witte wijn en roer de aangezette kruiden los. Voeg dan een grote portie yoghurt toe. Niet van die plakyoghurt uit lange kartonnen, en zeker geen gesuikerde. Haal er bij de Turk, van die süzme (extra vette) yoghurt bijvoorbeeld. Laat de yoghurt hard meebakken tot alles ‘pakt’. Voeg dan de stukken kip weer toe, enkele blaadjes laurier en laat alles op een heel klein vuurtje garen. Versier met gehakte peterselie. Smakelijk. nick.trachet@bdw.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/trachet


BDW 1311 PAGINA 22 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

Laure Dorchy woont aan de rand van Matonge. “Dit is een open stad, waar ‘leven en laten leven’ geen ijdel begrip is. Je hebt natuurlijk de vuiligheid en de onveiligheid in sommige wijken, zeker voor vrouwen. Toch zou ik ongelukkig zijn buiten de stad. Hier gebeurt het, hier wil ik wonen.”

© MARC GYSENS

ELSENE – “Ik was negentien en struinde rond op een brocante in Oudergem. Mijn oog viel op een groezelige fruitschaal: vijftig frank en ze was de mijne. Thuis bij het oppoetsen kwam een keurmerk tevoorschijn: de schaal – ik heb ze nog altijd – bleek van massief zilver te zijn. Sindsdien is snuisteren naar zilverwerk, naar oude juwelen een missie geworden. Maar ook lezen, opzoeken, de achtergrond leren begrijpen. Daarom ook ben ik op mijn 38ste kunstgeschiedenis gaan studeren.” Laure Dorchy is gefascineerd door edelsmeedkunst en oude juwelen, maar ze is ook van andere markten thuis.

W

roeten in het verleden, oog voor het kunstzinnige. Verzamelwoede ook. Laure Dorchy heeft het ongetwijfeld allemaal geërfd van haar grootouders. Grootvader was historicus en kunstschilder, grootmoeder een trouwe klant van de rommelmarkt. Met een lach: “Grootvaders atelier was mijn speeltuin. Wat ik zag, hoorde, voelde, ik kon er maar niet genoeg van krijgen. Ik had u misschien beter rendez-vous gegeven bij mijn grootmoeder in Bosvoorde. Haar huis is een waar museum van chocolademallen. Meer dan drieduizend chocoladevormen: dieren, personages, sprookjesfiguren... 91 is ze ondertussen, een beetje doof, maar immer kwiek. Dagelijks nog trekt ze naar het Vossenplein. Ze kent er iedereen; er is zelfs een Marollienne die haar elke avond belt om te horen of ze goed thuis is geraakt.” “Met mijn grootvader heb ik een boek geschreven over de geschiedenis van die chocoladevormen, en ik beheer nu ook de collectie. Samen met Nicolette Regout (ex-vrouw van de chocolatier Pierre Marcolini, red.) heb ik Le Cercle du Cacao opgericht. Maandelijks organiseren we een degustatie voor mensen die een band hebben met de wereld van chocolade. Maar wat wij vooral willen, is dat die prachtige mallen waarmee onze chocolatiers werken, hier blijven. Niet evident, want het is big busi-

ness geworden, alles gaat tegenwoordig naar Amerika. Telkens als er een faillissement is, staan de opkopers te springen. Mijn ultieme droom is een museum in Brussel, want dit patrimonium verdient dat.”

Paradijs Grootmoeders thuis is misschien voor later, voorlopig ben ik best tevreden met wat het huis in Elsene me biedt. Een herenhuis uit het einde van de negentiende eeuw, aan de rand van Matonge. “Graag hadden mijn man Damien en ik iets gekocht in Bosvoorde, maar dat was helaas onbetaalbaar voor ons. Zo komt het dat we in de jaren ’90 hier in de straat een huisje op de kop hebben getikt en het zelf hebben opgeknapt. En toen kwam dit pand vrij. Onderkomen, geen centrale verwarming of deftig toilet. Maar de ruimte was interessant en het koetshuis achteraan ideaal voor het bureau van Damien, die als zelfstandige in de financiële wereld werkt. De onderneming heeft ons heel wat energie en kopzorgen gekost, maar het is allemaal dubbel en dik de moeite geweest: nu is het hier een paradijs om te wonen. En de wijk is er met de jaren op vooruitgegaan. Een gezonde mix. Fransen, Engelsen, Italianen, Afrikanen, Marokkanen...” “In Brussel blijven is voor mij altijd een evidentie geweest. Ik voel mij niet Vlaams, ik

voel me niet Waals, ik voel me Brusseles en Belg. J’adore cette ville. Een open stad, waar je je geen vreemde hoeft te voelen, waar ‘leven en laten leven’ geen ijdel begrip is. Je hebt natuurlijk de vuiligheid – helaas niet meteen de grootste zorg van de overheid – en de onveiligheid in sommige wijken, zeker voor vrouwen. Toch zou ik ongelukkig zijn buiten de stad. Hier gebeurt alles, hier wil ik wonen.”

Middeleeuwse halsketting Ze vertelt het me onderweg naar boven. Naar haar bureau, haar heiligdom. Waar ik massa’s boeken over edelsmeedkunst zie, en vitrinekasten volgestouwd met zilveren voorwerpen. “Chinees, Japans, Perzisch, Russisch, Belgisch... Van over de hele wereld.” Opvallend ook, aan de muur: detailfoto’s van wat een gildehalsketting in zilver blijkt te zijn, samengesteld uit taferelen in en rond een middeleeuwse mijn. “Die ketting is het onderwerp van mijn doctoraat aan de ULB. Ze stamt van het einde van de vijftiende eeuw en is een uniek familiestuk dat voorheen nooit echt bestudeerd is geweest. De geheimen ervan trachten te ontsluieren heeft me al op verschillende plekken in Europa gebracht. Dag en nacht waart dit stuk met al zijn geheimen door mijn gedachten. Fascinerend.” “Kunst ontdekken, leren, begrijpen: het is altijd mijn passie geweest. Al heb ik er lang

Bronzen medaille van Isidore de Rudder, ca. 1900. “De lijnen zijn zacht en krachtig tegelijk. Deze kunstenaar raakt me zo diep dat ik mijn zoon naar hem heb genoemd.”

over gedaan om er helemaal aan toe te geven, omdat nu eenmaal een vakgebied is waarin het moeilijk is je brood te verdienen. Ook Damien, die weliswaar in de zakenwereld is beland, is daarin ver meegegaan. Zo zijn we na onze studie aan Solvay samen zes jaar naar de avondschool geweest: ‘kunsten en ambachten’, negen uur per week. Niet om zelf dingen te vervaardigen, wel om te begrijpen, de geschiedenis te kennen. En verzamelen zit ook Damien in het bloed. Kijk maar eens naar zijn tientallen en nog eens tientallen manchetknopen in een ladekast op de slaapkamer.” Nog een verzamelpassie, zo merk ik in een kamertje op de tussenverdieping, zijn de me-


BDW 1311 PAGINA 23 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

“Mijn grootmoeder van 91 trekt nog elke dag van Bosvoorde naar het Vossenplein. Ze kent er iedereen; er is zelfs een Marollienne die haar elke avond belt om te horen of ze goed thuis is geraakt”

FREDDI SMEKENS Flaneire

M  Laure Dorchy, passie voor edelsmeden

‘Het is begonnen in grootvaders atelier’ daillons. “We hebben er ondertussen zo’n vierhonderd. Grote, minder grote, kleine. Medaillons zijn me gaandeweg gaan fascineren bij het snuisteren. Het is een kunstvorm waarin veel Belgen bedreven waren. Vergeten kunst, te koop voor een appel en een ei. Zeker de medaillons uit de art-nouveauperiode. Ik heb daarover mijn proefschrift gemaakt aan de ULB en er ook verschillende artikels over gepubliceerd. De rijkdom en de creativiteit zijn enorm. Tussen 1880 en 1914 waren er in België alleen al meer dan honderd medailleslagers. De Brusselaar Godefroid Devreese was de bekendste, honderden stuks heeft-ie vervaardigd. Of Isidore de Rudder, ook een Brusselaar: zijn sculpturen zijn onbetaalbaar, je vindt ze nergens meer. Maar zijn medaillons nog wel. Weergaloze kunststukjes in basreliëf zijn het.”

Isidore en Céleste Kompaan in het ontdekken van het huis en van zijn moeders verhaal is Isidore, negen. De arm in het gips, de kin uitgebreid genaaid. Iets te enthousiast tekeergegaan op de trap. Maar hij wuift het weg als klein leed, zoals het een onverschrokken kwajongen betaamt. “Isidore komt uit het Grieks: ‘het geschenk van de godin Isis’. Mijn zoon is de aanleiding geweest tot een ander mooi avontuur in mijn leven. Hij kwam vroegtijdig ter wereld in het Sint-Pietersziekenhuis. Toen heb ik ervaren dat het fundamenteel is om de ouders te betrekken bij de zorg voor premature baby’s. Zoveel angst, zoveel bezorgdheid, zoveel vragen... Daarom heb ik samen met de verantwoordelijke van de dienst een vereniging opgericht, Néonid, om de ouders te helpen. Eén keer per week kwam ik in Sint-Pieter. Koffie en koekjes brengen, ervaringen delen. De ouders

waren veelal arm, heel veel onder hen analfabeet; het zien van een witte doktersjas alleen al schrikt die mensen af. Hen begeleiden in deze vreemde wereld was nu eens hard, dan weer onvoorstelbaar warm.” “Na vijf jaar ben ik met Néonid gestopt. Omdat ik begon te voelen dat mijn ervaring met de geboorte van Isidore iets was dat ik ondertussen in het verleden had geplaatst. Helaas is Néonid daarop een stille dood gestorven, bij gebrek aan opvolging. Maar wat ik altijd zal onthouden, is dat het Sint-Pietersziekenhuis een plek is met een hart. Een plek waar mensen echt worden geholpen, wat de omvang van hun geldbeugel ook moge zijn. Dat is een les die ik heb geleerd, dankzij Isidore.” Tokkelen op de buffetpiano van zijn zus Céleste (15) zit er de komende weken niet in voor Isidore. “De harp naast de piano, dat is ook Céleste. Zij zingt en begeleidt zichzelf. Ze maakt ook deel uit van het jeugdkoor van De Munt, en dat doet ze met hart en ziel.” “Ik ben een fiere moeder, jawel. Isidore en Céleste zijn ook vrij goed tweetalig, iets wat ik helaas niet van mezelf kan zeggen. Isidore gaat al van zijn zesde naar het Nederlandstalig onderwijs hier in Brussel; Céleste, die tot haar twaalfde nooit les in het Nederlands had gehad, is drie jaar lang vrijwillig op internaat geweest in Mechelen. Omdat ze niet achter wilde blijven bij haar broer. We kunnen dat alleen maar toejuichen. Talen kennen opent deuren, het bevordert het sociaal contact. Daarom kan ik er nog steeds niet bij dat in de Brusselse scholen geen les wordt gegeven in beide landstalen.” Karel Van der Auwera De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/ingesprekmet

et ons sympathieke woordje flaneire bedoelen we natuurlijk (onder meer) wandelen. Mo den wandele zonder dool en zonder op ien of andere maneer gepresseid te zaain. De lezer zal ongetwijfeld begrijpen wat ik bedoel. Maar er is nog iets anders, niet minder interessant overigens: mè flaneire kunne we den taaid temme. Met andere woorden, waarde lezer, wannier we on ’t flaneire zaain, pakke we onzen taaid. In de meesterlijke vertaling van ‘Le plat pays’ zingt Jacques Brel het als volgt: “Wanneer de Schelde blinkt in zuidelijke zon / En elke Vlaamse vrouw flaneert in zon-japon’. Misschien ietwat krakkemikkig uitgedrukt, maar mooier zou ik het in elk geval niet kunnen zeggen. En er is nog meer, waarde lezer, iets wat elk van ons kan – nee, zal – interesseren. En vermits flaneire alles met een soort traagheid te maken heeft, staan we daar nu graag even bij stil. Door als ne flaneur de stad in te gaan kunnen wij die stad op een heel specifieke manier ontdekken en ervaren. Met andere woorden, ook al heeft flaneire een soort van dromerigheid over zich, toch kunnen we daarbij onze zinnen scherp en waakzaam houden. In een wat negatieve context zou men eventueel kunnen zeggen dat hij of zij dee flaneit, een schuiloord in de massa opzoekt. Op die manier wordt de flaneur een soort onthechte observator die af en toe de minder vloeiende, haast belachelijke trekjes van de passanten tracht te ontwaren. Da wil ni zegge da elke flaneur ne voyeur zou zaain. Verre van zelfs, wil ik daarbij opmerken. Een ander aspect van flaneire is dat men nooit het voornemen heeft om ertoe over te gaan. “Naa goen ik neki goo flaneire”: nee, zoiets zegt men niet. Het kan misschien wat eigenaardig overkomen, maar flanei­ re kan ons op elk moment overkomen of  zelfs overvallen. We zijn er trouwens  vaak mee bezig zonder het zelf goed te beseffen. Nateurlaaik heit flaneire mier gooje as slechte kante. En een van die goede kanten is dat je door te flaneire in een grote stad mensen ontmoet en leert kennen. Zoals eerder aan-

gegeven kan flaneire zowel onze zinnen als zintuigen op scherp stellen. Wie er zichzelf af en toe op betrapt on ’t flaneire te zaain, moot doe neki good op lette. Want laten we wel wezen, waarde lezer, flaneire kan er bijvoorbeeld toe leiden dat men een doel ontdekt waarnaar men helemaal niet op zoek was. Alweer een ultrapositief aspect van flaneire, zou ik zeggen. En in die zin heeft flaneire hoegenaamd niets met leigluupe en zelfs niet met rondwaren te maken. Nu graag even over naar het geestelijke, mentale aspect van flaneire. Hierbij speelt het element wegdruume wél een speciale rol. ‘Flaneire in de kop’ zou ik dat fenomeen haast durven te noemen. En het zou wel eens kunnen dat druume as we sloepe ook met flaneire te maken heeft. Waarom eigenlijk niet, waarde lezer? Persoonlijk heb ik het weinig of nooit over het begrip inspiroese. In dat geval zou ik het liever hebben over flaneire tusse de waude. En ook daar is het verre van uitgesloten dat men tot resultaten komt die niet helemaal in het vooruitzicht lagen. Aan dat laatste wou ik graag nog iets toevoegen. Mè te flaneire kunne we wel den taaid temme, mo ni de toel. Een doordenkertje, nee? Mo alleman heit doe za gedacht auver. Bij alles wat voorafging, waarde lezer, kan ik mij e plezant leive moojlaaik veustelle zonder van taaid tot taaid neki te flaneire. Maar zoals eerder aangetoond kan men zich niet oefenen in het flaneire. Laten we in dezen maar alles van de omstandigheden laten afhangen. Toch ben ik van oordeel dat flaneire niet altijd met traagheid te maken hoeft te hebben. Het is dus niet noodzakelijk flaneire mè flanelle biene. Zo kan bijvoorbeeld ook een jogger zichzelf er op een bepaald ogenblik op betrappen on ’t flaneire te zaain, althans in mijn analyse van flaneire. Tot slot nog even iets praktisch. Ik raad niemand aan te flaneire achter het stuur van een auto of op de fiets. Dat zou wel eens onvermijdelijk een perte totale tot gevolg kunnen hebben. Maar laten we voor de rest bij flaneire niet al te veel doemdenken. Ik wens u veel flaneirgenot, waarde lezer.

REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Elsene, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels hoofdstedelijk gewest. Rest van België 15 euro per jaar; rekeningnummer 424-5529822-66 van vzw Brussel Deze Week. Buiten België 25 euro per jaar. DISTRIBUTIE EN PROMOTIE Ute Otten (ute.otten@bdw.be), Lien Annicaert (lien.annicaert@bdw.be), Paul De Weerdt. RECLAME IN BDW Rika Braeckman (rika.braeckman@bdw.be), 02-226.45.41, 0477-97.21.27, fax 02-226.45.69. OPLAGE 70.490 exemplaren. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne (anne.brumagne@ bdw.be). EINDREDACTIE Katrien Stroobants (katrien.stroobants@bdw.be). REDACTIE Jean-Marie Binst (jeanmarie.binst@bdw.be), Christophe Degreef (christophe.degreef@bdw.be), Bettina Hubo (bettina. hubo@bdw.be), Patrick Jordens (patrick.jordens@bdw.be), Freddi Smekens (freddi.smekens@bdw. be), Steven Van Garsse (steven.vangarsse@bdw.be), Danny Vileyn (danny.vileyn@bdw.be). REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele (isabelle.devestele@bdw.be), Gerd Hendrickx (gerd.hendrickx@bdw. be). MEDEWERKERS Michaël Bellon, Lieven Bulckaert, An Devroe, Eva Hilhorst, Ilah, Francis Marissens, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Steven Vandenbergh, Karel Van der Auwera, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Sander de Wilde, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. VORMGEVING Peter Dhondt (peter.dhondt@bdw. be). FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh (manu.dehertogh@bdw.be). VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Marijke Vandebuerie (marijke.vandebuerie@bdw.be). Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie. ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).


BDW 1311 PAGINA 24 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

Canicross > Lopen met de hond aan de lijn

Grootste lastpak wordt schoothondje BRUSSEL – ‘De hond wat meer uitlaten’ en ‘nu eens eindelijk beginnen joggen’ zijn dezer dagen veelgehoorde nieuwjaarsvoor­ nemens. Met canicross slaat u twee vliegen in één klap: lopen met de hond. Een leuke, stevige work-out. “Ik ken geen enkele hond die niet graag loopt,” stelt Peter Vroonen (37), de voorzitter van Canicross Vilvoorde. “Het voornaamste doel van canicross is actief bezig zijn met je hond. Als je een Deense dog voor je hebt lopen, dan zal dat wellicht actiever zijn dan met een chihuahua. Door zijn trekkracht loop je automatisch wat sneller zonder veel extra moeite te hoeven doen. Maar los daarvan: élke hond heeft deugd van canicross.” In navolging van mushing kwam canicross de afgelopen jaren naar deze contreien overgewaaid. Het grootste verschil is dat het baasje niet ‘rustig’ in een slee, kar of ander transportmiddel plaatsneemt, maar meeloopt. Een elastiek van een tweetal meter verbindt de hond met de heupgordel van de loper. “Veel mensen laten dagelijks hun hond uit én lopen regelmatig. Waarom het niet samen doen? Dan sla je twee vliegen in één klap. Je hebt samen de nodige beweging, en je band met de hond wordt hechter. En ik verzeker je dat je hond na een stevige ren zeer rustig is. Durft mijn dalmatiër vooraf wel eens te blaffen naar een andere hond, na de training liggen ze uitgeput naast elkaar. In Brussel leven heel wat mensen op een appartement. Dit is de perfecte manier om je hond de nodige beweging te gunnen.” Canicross is een teamsport waarbij mens en

de  CLUB

Canicross, een stevige work-out voor mens en dier.

© MARC GYSENS

Brussels Ski Team (BST)

‘Hopen op Olympische Spelen van 2014’ © BRUSSELS SKI TEAM

BRUSSEL – Het Brussels Ski Team herbergt een paar van de grootste Belgische ski­ talenten. Ze hopen in 2014 een skiër op de Olympische Winterspelen te krijgen. “Het Brussels Ski Team (BST) onderscheidt zich van de klassieke skiclubs,” vertelt voorzitter Wouter Van den Broecke (46). “Wij leggen in België de nadruk op de fysieke voorbereiding. In Oostenrijk, in de Alpen, zal een doorsnee skiër elke schoolvakantie naar de bergen trekken, maar je mag ervan uitgaan dat ze daar om de drie weken zitten zodra ze een serieus niveau halen.” Het BST werd een zestal jaar geleden opgericht door een paar ervaren mensen uit de Belgische skiscene. Ze bundelden hun ervaring en knowhow om kwalitatief hoogstaand werk te leveren. “Wij stappen iets later in de ontwikkeling van de skiër, we verfijnen de bagage die onze nieuwe leden hebben. Iedereen is uiteraard welkom. Je moet wel onze basisfilosofie aanvaarden, namelijk dat we sterk de nadruk leggen op de atletische ontwikkeling. Dat gebeurt

BST legt de nadruk op atletische ontwikkeling. “Om niet na twee afdalingen bekaf te zijn.”

bijvoorbeeld met kracht- en houdingtraining. Het zou toch jammer zijn om na twee afdalingen bekaf aan de zijkant te moeten staan. En daarbij, de ouders investeren stevig. Spijtig genoeg kost het een pak geld om de vele reizen en kwaliteitsvolle trainers te betalen.” De hoge budgetten en vele trainingsuren

moeten de skiërs klaarstomen om de concurrentie internationaal aan te gaan. Naast een paar wedstrijden van de Belgische skifederatie neemt de club deel aan wedstrijden in Frankrijk en Oostenrijk. “Het is niet onze ambitie om wereldkampioenen te kweken. We willen dat onze leden aanklampen met de jeugd uit

de bergen. Voor hen is skiën wat voetbal voor onze jeugd is. Wij moeten onze goede skiërs koesteren, bij hen staan ze in de rij. We proberen onze leden atletisch voor te bereiden zodat ze dat verschil zoveel mogelijk verkleinen. Een goede fysieke voorbereiding is daar een belangrijk onderdeel van.” Dries Van den Broecke, zoon van de voorzitter, zit al drie jaar op een Oostenrijkse skischool en is geselecteerd voor de Olympische Jeugdwinterspelen in Innsbruck deze maand. “Dries is echt een talent. Onze ambitie is om de beste mannelijke Belgische skiërs te hebben. Vandaag zitten we in de top drie. We hopen een of twee van onze leden te laten deelnemen aan de Olympische Winterspelen van 2014. Met Dries zouden we in 2018 de top acht willen halen. Dat zou echt fenomenaal zijn.” De vijftien leden van BST trainen hard en willen presteren tijdens hun wedstrijden. Maar ondanks alles blijft het plezier toch primeren. “Een groot deel van de training is indivi­dueel, maar de leukste momenten zijn de trainingstages, als de groep samenkomt. Dan heerst er een supersfeer. Ze beleven het dan ook als echte sneeuwkinderen: ravotten, iglo’s bouwen, noem maar op. En uiteraard zijn er ook momenten van ontspanning. Na het seizoen wordt er wel eens een après-ski bezocht.” TS www.brusselsskiteam.be


BDW 1311 PAGINA 25 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

David Steegen Duivels dier goed op elkaar afgestemd moeten zijn. “Je moet meer gefocust zijn dan bij een ‘gewoon’ rondje lopen. Vrij snel leert de hond wat links, rechts of how – vertragen – wil zeggen. Al kan het gebeuren dat je in het begin tegen de vlakte gaat als je bijvoorbeeld in een bocht op het verkeerde steunbeen staat en de hond de andere kant uit trekt. Een kat langs

“Het potentieel is groot: veel mensen hebben een hond en veel mensen lopen, maar ze combineren het amper” het parcours merkt hij meestal niet eens op, omdat ook de hond geconcentreerd is op het lopen en op jouw aanwijzingen. En als hij dan al eens afwijkt, dan kun je hem met de rekker gewoon op het juiste pad brengen.”

Zwaar voor het baasje Net als lopen is canicross een democratische sport: met een goed paar loopschoenen ben je volledig uitgerust. Bij intensieve training kan de hond ook wat aangepast voedsel gebruiken – net als de sportman, overigens. “En soms moeten we mensen terechtwijzen: het gebeurt wel eens dat baasjes een hals-

band gebruiken, maar dat kan echt niet. Je trekt dan puur op de halswervels. Een gestroomlijnd harnas is aangewezen.” “Canicross is in Brussel nog niet zo bekend,” vertelt Vroonen. “Je hebt hier verschillende culturen en ook gewoon minder honden. Ik zie er wel verandering in komen. Het aantal deelnemers groeit. Op wedstrijden zie je nu al 250 deelnemers, terwijl ze vier jaar geleden nog met een honderdtal waren. Die groei is goed, maar niet zonder gevaren: hoe meer volk, hoe groter de kans dat iemand er geld mee wil gaan verdienen. En dat doet de sport geen goed.” Een canicrossclub heeft de hoofdstad nog niet. In Vilvoorde traint de club van Vroonen drie keer per week, telkens een half à anderhalf uur. Af en toe gaan ze ‘op verplaatsing’, naar bijvoorbeeld het Laarbeekbos of het park van Tervuren. “In groep ligt de snelheid meestal hoger omdat er competitiedrang is onder de honden. De training wordt daardoor zwaarder voor de baasjes.” Naast de maandelijkse trainingen in Brussel organiseert Canicross Vilvoorde ook elk jaar een wedstrijd in Neder-Over-Heembeek, door het Begijnendal en omstreken. Voor de volgende editie is het wel wachten tot 16 september. “Het is een zeer gevarieerd parcours. Op het zes kilometer lange parcours van de lange afstand zijn er bijvoorbeeld maar een tweehonderd meter plat. Het is altijd op en af, en heel mooi. De uitgelezen kans om het groen van Brussel te ontdekken.” Tim Schoonjans

Jubileum voor Relais GivrÉS BRUSSEL – Jogging- en triatlonclub Les Lendemains de la Veille organiseert voor de 25ste keer haar aflossingswedstrijd. Vijf lopers, onder wie minstens één vrouw en één veteraan (veertig jaar of ouder), leggen om de beurt acht kilometer af en de laatste vier kilometer in groep. Het principe van de Relais Givrés slaat al jaren aan en trekt ondertussen een 1.500-tal lopers en minstens evenveel toeschouwers. Deelnemen kan in verschillende categorieën: jogging- en atletiekclubs, bedrijven, scholen, triatlonclubs en ‘andere’. De Mini Relais Gi-

vrés wordt gelopen door ploegen met minstens vier lopers jonger dan veertien en met één volwassene. Die wedstrijd start op zaterdag 21 januari om 12.55 uur, de wedstrijd voor de volwassenen vertrekt vijf minuten later. De 25ste editie wordt een feesteditie: langs het parcours zullen muziekgroepjes voor sfeer zorgen, de lopers worden aangemoedigd om verkleed te komen lopen en er is een Brusselse feestmaaltijd: stoemp met worst. De avond wordt op de dansvloer afgesloten. Informatie over reserveringen en andere TS vindt u op www.relaisgivres.be.

Het vertrek naar Belek. Dit jaar heeft RSCA de badplaats in Turkije gekozen voor de jaarlijkse winterstage. De twee wereldsterren uit Congo staan stilzwijgend naast elkaar. Ze worden door alle spelers en trainers begroet. Nathan Kabasele, het Brusselse talent met de Congolese roots, en Dieumerci Mbokani ontfermen zich over Bedi Mbenza en Kabangu Mulota Patou. De eerste is een 25-jarige defensieve middenvelder met veel spelinzicht, de tweede een begenadigde flankaanvaller van 26 jaar. De kapbeweging – crochet – van de blond geverfde Patou is ongekend, ‘diabolique’ volgens een Afrikaanse commentator. Hun status in hun vaderland is enorm. Ondergetekende nodigt u uit om hun namen te youtuben. Zij hebben Tout Puissant Mazembe, de grootste club van Congo, naar de finale van de intercontinentale wereldbeker voor clubs geloodst. De finale verloren ze met 3-0 van FC Internazionale Milano. In het koude Europa bestaan ze (nog) niet. Daar zullen hun toekomstige prestaties bij Royal Sporting Club Anderlecht hopelijk verandering in brengen. Allebei hebben ze al heel wat neergezet. Moedig onderwerpen ze zich, na weken van inactiviteit, aan de zware trainingen van coach Ariël Jacobs en zijn staf. Dit hebben ze nooit meegemaakt. Niet dat er beter gewerkt wordt, er wordt ánders getraind. Fnuikt de westerse voetbalwetenschap en de hier heersende discipline het genie van instinctieve voetballers als Patou? Ze hebben zes maanden de tijd om te wennen en om zich Europa eigen te maken. Alles wordt geanalyseerd en onderzocht. De resultaten van de fysieke tests van het duo zijn niet om over naar huis te schrijven, maar ze nemen deel aan elke oefenvorm. Na twee dagelijkse loodzware trainingen wordt er samen gegeten. Stages smeden

de groepsgeest. Niemand ontsnapt aan het inwijdingsritueel. Na het eten wordt elke nieuweling onderworpen aan het befaamde zangritueel. Een gevestigde waarde tikt met zijn mes of vork een glas aan en de naam van het slachtoffer wordt afgeroepen. Die moet dan voor de bijna vijftigkoppige groep zingen. Zo herinner ik me de latinogezangen van de Hondurees Martínez tijdens de stage in het Spaanse La Manga van vorig jaar. Hij kreeg de hele groep op zijn hand. Zijn belangrijkste wapenfeit. Voor de rest heeft Martínez het geen zes maanden bij ons uitgezongen. Ook bij de Rode Duivels is het een traditie. De Luikenaar Jonathan Legear, voormalig Anderlecht-speler, was op een avond aangewezen om zijn eerste selectie in te zingen. De periode dat RSCA de titel aan Standard had verloren. Hij zat aan de tafel van de destijds bij Standard Luik spelende Axel Witsel en Steven Defour. Legear zong het anti-Standard-lied ‘Le Standard, le champion, tous les 25 ans, tous les 25 ans’. Naar het schijnt kreeg hij iedereen mee, behalve zijn zuur kijkende tafelgenoten die even voordien nog een heel grote mond hadden opgezet. Deze keer moeten Bedi en Patou eraan geloven. Schuchter zetten ze een heupwiegend Congolees volksliedje in. Alle toehoorders worden nog beter gezind. Twee dagen later mag Patou de tweede helft meevoetballen tegen Werder Bremen. Een prachtige actie, gevolgd door een assist voor goudhaantje Dennis Praet, beslist over het lot der Duitsers. Patou and Bedi are here to stay. Diabolique! www.brusselnieuws.be/steegen David Steegen is persverantwoordelijke van voetbalclub RSC Anderlecht

ADVERTENTIE

Brusselse hoofdpunten in uw mailbox? www.brusselnieuws.be/nieuwsbrief

KIZOMBA, het begin van een traditie ELSENE – De Kizombalove Academy orga­ niseert elk eerste en derde weekend van de maand Kizomba Sundays. De eerste valt op zondag 22 januari. De muziek- en dansstijl Kizomba komt overgewaaid uit Angola. José N’dongala introduceerde de passionele dans met tango-invloeden en onderwijst hem nu al een paar jaar in Brussel. Dit jaar lanceert hij de tweewekelijkse Kizomba Sundays. Op 22 januari, 15 uur, gaan de festiviteiten in de Dublinstraat 13 van start. N’dongala en

gasten zullen dan een uur lang een workshop kizomba geven. Er is ook kuduro, een andere Angolese dans. De aangeleerde danspasjes kunnen meteen uitgeprobeerd worden op de Kizombalove Social Club. Vier uur lang galmt dan onder meer kizomba, salsa, kuduro en bachata uit de luidsprekers. Dj Z-man staat achter de draaitafel. Kaartjes kosten 8 euro (u krijgt er een softdrink bij), en de avond loopt omstreeks acht uur op zijn einde. Op 12 en 21 januari gaan nieuwe sessies van de cursussen kizomba van start: meer op TS www.kizombalove.com.

Mobiel? m.brusselnieuws.be

Mobiel? Mobiel? m.brusselnieuws.be m.brusselnieuws.be hier begint de stad


BDW 1311 PAGINA 26 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

zaIE Z

Wat een job! Een nieuwe reeks over bijzondere beroepen

(AFLEVERING 1)

‘Van een gevangenisstraf word je geen beter mens’ DOOR PATRICK JORDENS

leven, maar dat je nooit iets zelf kan of mag beslissen. Eten, slapen, douchen: werkelijk alles wordt voor jou beslist, en dat is heel moeilijk.

Een nieuw jaar, dus hoog tijd voor een nieuwe reeks bij Zazie. In ‘Wat een job!’ gaan we één keer per maand op bezoek bij mensen met een speciaal beroep. Van operazanger tot topsporter, van wc-madame tot goochelaar. Deze week aflevering 1: een gevangenisdirecteur. Zazie belde met Ralf Bas. Al zestien jaar lang werkt hij als gevangenisdirecteur, de laatste jaren (opnieuw) voor de gevangenis van Sint-Gillis.

© SASKIA VANDERSTICHELE

Een gevangenisdirecteur, moet die er vooral voor zorgen dat de gevangenen niet ontsnappen, Ralf? Ralf (R): Klopt. Wij moeten erover waken dat de veiligheid in de maatschappij gegarandeerd blijft. Gebeurt dat vaak, zo’n ontsnapping? R: Ik heb het nog maar één keer in zestien jaar meegemaakt dat een gedetineerde (= iemand die in de gevangenis zit) echt ontsnapte. Maar dat heeft er waarschijnlijk ook mee te maken dat ik altijd in hoogbeveiligde gevangenissen heb gewerkt. De gevangenis van Sint-Gillis is een van de strengst bewaakte van België. Hier zitten zo’n 660 gedetineerden, allemaal mannen. Die zijn verdeeld over vijf vleugels van het gebouw. Sommige van die vleugels zijn nog strenger bewaakt dan andere. Ben je ooit echt bang geweest? R: Ja, op enkele momenten toch. Maar niet omdat een gevangene wilde ontsnappen. Wel omdat ik bijvoorbeeld een gedetineerde moest straffen omdat hij zich niet aan de regels had gehouden. Of omdat ik hem iets droevigs moest vertellen, zoals een sterfgeval in zijn familie. Soms verliest iemand dan de controle. Ooit heeft een man een stukgeslagen asbak op mijn keel gezet. Het komt er dan op aan om rustig te blijven, maar nadien sta je wel te bibberen op je benen! Maar meestal voel ik me niet onveilig bij hen. Omdat ik vaak met gedetineerden in contact ben, kijk ik met andere ogen naar hen dan de meeste mensen. Gevangenen zijn uiteindelijk vooral ook mensen, hé, ze zijn niet extreem gevaarlijk, hoor – op enkele uitzonderingen na. Zou jij in een cel kunnen leven? R: Ik zou het misschien beter kunnen dan sommige anderen.

Ralf Bas bij de gevangenis waar hij directeur van is. “Of gevangenen van hun opsluiting een beter mens worden? Dat denk ik eerlijk gezegd niet. Maar ik vrees dat er geen beter alternatief is...”

Hoezo? R: Omdat ik het niet zo erg vind om alleen te zijn, en ook van lezen en tv-kijken enzovoort hou. Maar begrijp me niet verkeerd: ik zou nooit graag in de gevangenis zitten. Het ergste van een gevangenisstraf is niet zozeer dat je in een cel van ongeveer tien vierkante meter moet

In het verhaal van Rosie en Moussa (op de rechterpagina) zoekt Rosie haar papa op in de gevangenis. Kan dat ook bij jullie? R: Zeker, een gevangene mag drie keer per week enkele mensen tegelijk ontvangen. Dan zitten ze samen rond een tafel, en de bezoekers mogen ongeveer een uur blijven. Op zaterdagnamiddag organiseren we speciaal voor kinderen een bezoekmoment. Dan zijn ze alleen met hun papa, zonder de moeders of onze bewakers erbij. In de bezoekzaal ligt er dan allemaal speelgoed zodat ze samen een toffe namiddag kunnen doorbrengen. Er zijn ook psychologen bij om hen te begeleiden. Want sommige papa’s moeten nog leren om papa te zijn... Je was ook even directeur van een soort jeugdgevangenis in Everberg. Hoe oud zijn de jongeren die daar zitten, en wat hebben ze zoal mispeuterd? R: Ze zijn tussen 12 en 18 jaar oud, en meestal gaat het om dieven van handtassen, soms ook car- en homejackers, en heel uitzonderlijk een moordenaar. ’s Nachts zitten ze apart in een cel, maar overdag doen we activiteiten in groep, zoals sporten en hen onderwijs geven. Zo hopen we dat ze niet hervallen (= nieuwe misdrijven plegen). Jonge mensen wil je het liefst zo lang mogelijk uit de gevangenis houden, natuurlijk. Ik durf gerust te zeggen: de gevangenis als straf werkt niet echt. Het enige wat we zeker weten, is dat de gevangenen tijdens hun opsluiting geen nieuwe misdrijven plegen. Maar of ze er een beter mens van worden? Dat denk ik eerlijk gezegd niet. Maar ik vrees dat er voorlopig geen beter alternatief is.


BDW 1311 PAGINA 27 - DONDERDAG 12 JANUARI 2012

‘I

© UITGEVERIJ QUERIDO

n de gevangenis, hé?’ zegt Moussa na een stilte die wel uren lijkt te duren. Rosie knikt alleen maar, zonder haar ogen naar hem op te slaan. ‘Dat heeft hij me aan de telefoon zelf verteld.’

De brief van papa

deel 2 van de avonturen van Rosie en Moussa Trouwe lezers van Zazie herinneren zich Rosie en Moussa nog wel, de twee vrienden uit het vervolgverhaal van schrijver Michael De Cock. Over die twee stadskinderen is nu een tweede boek uitgekomen. De brief van papa heet het. Daarin komt Rosie te weten dat haar vader in de gevangenis zit. Samen met Moussa wil ze hem in het geheim bezoeken. Maar dat gaat niet zonder slag of stoot... Wie het volledige verhaal wil lezen, vindt het boek vanaf morgen in de winkel. Maar hier vind je al een voorsmaakje. Veel plezier!

© JUDITH VANISTENDAEL

Michael De Cock en Judith Vanistendael (illustraties), De brief van papa, uitg. Querido 12,95 euro

Maar Moussa luistert niet. ‘Dat kan toch! Of misschien heeft hij iemand vermoord.’ ‘Mijn vader heeft niemand vermoord,’ zegt Rosie beslist. ‘Dat weet ik heel zeker. Zoiets zou hij nooit doen. En als je alleen maar nare dingen kunt verzinnen, dan kun je beter je mond houden.’ Moussa haalt zijn schouders op. ‘Hij zal toch iets gedaan hebben wat niet mag. En het moet iets verschrikkelijks zijn. Anders zouden ze hem toch niet in de gevangenis stoppen.’ ‘Misschien is het een vergissing,’ probeert Rosie. ‘Misschien is het één groot misverstand en zit mijn vader per vergissing in de gevangenis... Dat zou toch kunnen?’ ‘Dat zou kunnen,’ zegt Moussa aarzelend. Maar dan schudt hij vastberaden het hoofd. ‘Nee, dat kan niet. Het zou natuurlijk kunnen dat ze iemand opsluiten die niets heeft gedaan, maar daar komen ze na een tijd toch achter! Toch, mevrouw Hemelrijk?’ Mevrouw Hemelrijk haalt haar schouders op. Ze knipoogt naar Rosie. ‘Nee, nee,’ zegt Moussa dan zelfverzekerd, ‘jouw vader heeft iets heel, heel ergs gedaan.’ ‘Helemaal niet,’ zegt Rosie. ‘Tuurlijk wel,’ zegt Moussa. ‘Anders zou je moeder toch niet zo kwaad op hem zijn, en zou ze best wel over hem willen praten.’ Rosie zegt niets meer. Zo bang is ze dat Moussa gelijk heeft.

ILLUSTRATIES: © JUDITH VANISTENDAEL

Uit

‘Dat is nog eens groot nieuws,’ zegt mevrouw Hemelrijk. Ze zit beduusd voor zich uit te kijken. Alsof honderd puzzelstukjes plots in elkaar gevallen zijn en ze van alles is gaan begrijpen. ‘Wat heeft je vader dan wel misdaan?’ ‘Geen idee,’ zegt Rosie. Hoe zou ze dat nou kunnen weten? Ze weet nog maar net dat hij in de gevangenis zit. ‘Dat zal je papa je binnenkort wel vertellen,’ zegt mevrouw Hemelrijk zacht. ‘Of schrijven in die brief. Dat heeft hij je toch beloofd?’ ‘Misschien...’ zucht Rosie. ‘En wat zegt je mama?’ wil mevrouw Hemelrijk dan weten. ‘Ik heb mama niet eens gezegd dat ik met papa gepraat heb,’ zegt Rosie. ‘Mama wil niets meer van papa weten... En vroeger zagen ze elkaar zo graag.’ Mevrouw Hemelrijk kijkt Rosie lief aan. ‘Misschien is je mama alleen maar boos op je papa, en wil ze zich niet meer herinneren hoe graag ze hem wel ziet.’ ‘Denk je dat echt?’ vraagt Rosie hoopvol. ‘Misschien heeft je vader wel een bank overvallen,’ gokt Moussa. ‘Natuurlijk niet,’ protesteert Rosie. ‘Moussa-mondharmonica,’ zegt mevrouw Hemelrijk berispend, ‘heb jij niet te veel films gezien?’


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook