Skip to main content

BDW - editie 1308

Page 1

KERSTCADEAUSPECIAL: DE REDACTIE TRAKTEERT! En ook: Deus, Diablo Blvd, Lamb en Groenten uit Balen

15 12 11

AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153

De Meudonpaviljoentjes worden gerenoveerd en ingericht als bezoekerscentrum voor de nieuwe cruisepassagiersterminal.

© HELEEN RODIERS

Toerisme > Nieuwe terminal moet cruiseschepen naar Brussel halen

35.000 passagiers in 2030 O

ver die passagiersterminal wordt al jaren gebakkeleid. Cruiseoperatoren klagen dat ze Brussel moeilijk kunnen aandoen, bij gebrek aan goede infrastructuur. Kleinere excursieschepen kunnen wel tot in het Becodok varen, maar grotere kunnen niet onder de bruggen door en meren nu aan de Heembeekkaai af. Het liefst wilden de cruisemaatschappijen de passagiersterminal aan de Heembeekkaai zien verrijzen, dicht bij de jachthaven. Maar de Haven van Brussel wil die plek reserveren voor economische bedrijvigheid. Dus wordt het het Meudonterrein, ook langs de Vilvoordsesteenweg, maar iets verder van het stadscentrum. Ter hoogte van de Meudonstraat komt er een ponton van 240 meter. De Meudonpaviljoenen worden gerestaureerd en ingericht als

© HAVEN VAN BRUSSEL

NEDER-OVER-HEEMBEEK – De kogel is door de kerk. Bij de Meudonpaviljoentjes in Neder-Over-Heembeek wordt een passagiersterminal voor cruiseschepen gebouwd. Die moet in 2015 klaar zijn. bezoekerscentrum. De Haven, het Brussels gewest en de stad Brussel tekenden hierover dinsdag een overeenkomst.

Riviertoerisme in opmars “De passagiers moeten in een comfortabele, architecturaal aantrekkelijke omgeving aankomen,” zegt Brigitte Grouwels (CD&V), Brussels minister bevoegd voor de Haven. “In het bezoekerscentrum moet er een ontvangstruimte zijn, sanitair, eventueel een cafetaria. Buiten komt een parkeerplaats voor de pendelbussen die de passagiers naar het centrum brengen. En waarom ook geen Villo-station?” Volgens Brussels schepen van Toerisme Philippe Close (PS) is riviertoerisme in opmars. Ook in Brussel, zo blijkt uit de haalbaarheidsstudie die eerder dit jaar werd gemaakt. In 2006 kwamen 1.200 toeristen per

Ter hoogte van de Meudonstraat komt er een ponton van 240 meter. De werkzaamheden beginnen in 2014 en moeten in 2015 klaar zijn.

verfraaien. Niet alleen worden de Meudonpaviljoenen (hopelijk) beschermd en gerenoveerd, het hele Meudonpark wordt opgeknapt en de Meudonstraat, de kasseiweg die het kanaal met het dorpscentrum verbindt, wordt heraangelegd. “We willen de Heembekenaren meer laten genieten van het kanaal,” zegt Brussels schepen van Stedenbouw Christian Ceux (CDH). De stad trekt er een miljoen euro voor uit. De overige kosten van het project, 3,5 miljoen euro, wordt in hoofdzaak gedragen door de Haven, die een jaarlijkse dotatie krijgt van het gewest.

Goederenoverslag schip in Brussel aan. Vorig jaar waren het er al 10.000, verdeeld over 21 cruisemaatschappijen. In 2030 zouden het er 35.000 kunnen zijn, aldus de studie. Dat zou 5,2 miljoen euro opleveren voor de Brusselse economie en resulteren in een honderdtal banen. Natuurlijk zullen er nooit hele grote zeecruiseschepen naar Brussel komen. Daarvoor is het kanaal te ondiep. “Alleen schepen met een

diepgang van maximaal zes meter kunnen hier terecht. Maar dat kunnen redelijk forse riviercruiseschepen zijn voor 500 tot 1.000 man,” zegt havendirecteur Fons Moens. Behalve op cruiseschepen rekent hij op evenementenboten. Daarom wordt een eindje verderop ook een grote parkeerplaats voor auto’s aangelegd. De stad wil van de gelegenheid gebruik maken om de hele buurt te

Eigenlijk is het de bedoeling van Haven, stad en gewest om naast de passagiersterminal nog een stuk kade van 120 meter te bouwen voor goederenoverslag, om zo het transport over het water te stimuleren en grote vrachtwagens uit de stad te houden. Dit plan wordt binnenkort op zijn haalbaarheid en uitvoerbaarheid onderzocht. Bettina Hubo

N° 1308 VAN 15 TOT 22 DECEMBER 2011 ¦ WEEK 50: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, FAX: 02-226.45.69, E-MAIL: INFO@BDW.BE


OPMERKELIJK HUISTEKENAARS BDW MOGEN STRIP OVER BRUSSEL MAKEN BRUSSEL – Eva Hilhorst en Wauter Mannaert, huistekenaars van BDW, zijn laureaat geworden van Brussels in Short, een nieuwe internationale wedstrijd georganiseerd door Het Beschrijf. Voor deze wedstrijd werden Belgische en buitenlandse scenaristen en tekenaars uitgenodigd om een beeldend kort verhaal te maken over het Brussel van vandaag. 43 kandidaten meldden zich aan. Een jury voorgezeten door Ever Meulen selecteerde tien laureaten, uit ons land, maar ook uit Frankrijk, Engeland, Tsjechië, Denemarken, Niger en Spanje. Zij krijgen nu de gelegenheid om tijdens een verblijf in een van de gastenonderkomens van Het Beschrijf hun inzending uit te werken tot een verhaal van twaalf pagina’s. De Leuvens uitgeverij Oogachtend zal deze verhalen publiceren in een album, dat begin 2013 uitkomt. Eva Hilhorst tekent de wekelijkse cartoon op de opiniepagina van BDW. Samen met Wauter Mannaert maakt ze ook een serie stripreportages voor dit blad. Bettina Hubo

‘KLEINE HALLEN’ VAN SCHAARBEEK VOORLOPIG GERED De gemeente Schaarbeek gaat akkoord met de verbouwing van de theaterzaal in de Goossensstraat tot appartementen. Het Brussels Gewest is tegen. BDW bracht vorige week het verhaal van de ‘Kleine Hallen’, een theaterzaal uit 1889 in hartje Schaarbeek die vorig jaar door ontwikkelaar Cascad is opgekocht. Die wil in de theaterzaal vijf appartementen onderbrengen. De gemeente heeft zopas groen licht gegeven. Volgens schepen van Stedenbouw Cécile Jodogne (FDF) worden de appartementen zo gebouwd dat de theaterzaal later in ere hersteld kan worden. Het zaaltje kan vandaag niet als theater gebruikt worden, omdat dat te veel hinder voor de buurt zou veroorzaken. Cascad heeft met dit positieve advies nog niet de vereiste bouwvergunning op zak. Verre van. Op de overlegcommissie is gebleken dat het Brussels Gewest het project niet steunt. En die heeft het laatste woord. Ook de Koninklijke Commissie voor Monumenten en Landschappen tekent bezwaar aan. De projectontwikkelaar zegt nu alle wettelijke middelen te zullen gebruiken om een weigering van de bouwvergunning aan te vechten. De theaterzaal is niet als monument beschermd. SVG

BDW 1308 PAGINA 2 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

Uitgelicht > VGC wil geïntegreerde wijkcentra niet langer subsidiëren

Kroniek van een aangekondigde dood BRUSSEL – Het doek valt voor de geïntegreerde wijkcentra. De Vlaamse Gemeenschapscommissie (VGC) is niet bereid om in een wettelijke basis ervoor te voorzien. Drie coördinatoren staan op straat.

‘E

en lijdensweg,” zo noemt Alain Storme (Samenlevingsopbouw Brussel) de afgelopen jaren die besteed werden aan het redden van de geïntegreerde wijkcentra. Met de overgang van het Stedenfonds I naar het Stedenfonds II in 2008 was er plots geen wettelijke kader meer, én geen subsidielijn voor de wijkcentra. Drie jaar later, en diverse overgangsmaatregelen verder, valt het doek definitief. De Vlaamse Gemeenschapscommissie is niet bereid om een verordening op te stellen die een nieuw wettelijk kader creëert waarin de geïntegreerde wijkcentra in Brussel een plaats kunnen vinden en waardoor ze gesubsidieerd zouden kunnen worden. Dat is een jammerlijke zaak, betogen specialisten zoals sociaal geograaf Stefan De Corte (VUB/Cosmopolis). Volgens hem zijn wijkcentra

juist broodnodig. Brussel is een stad van grote armoede, een stad met twee snelheden waar de levensverwachting naar gelang van de wijk waar men woont met vijf jaar kan verschillen. “Dat zijn vergelijkingen die men normaal gebruikt voor landen,” zegt De Corte. De Vlaamse Brusselaars moeten de wijkcentra daarom niet afschaffen, maar het model juist verder uitbouwen. Bovendien: een Go en Stop-beleid, een overheid die iets opzet, en daarna plots de subsidiekraan dichtdraait, is het slechtst denkbare scenario om de armoede in te dijken.

Nederlandse toestanden Bij de begrotingsbesprekingen afgelopen vrijdag in de raad van de VGC is echter gebleken dat het college van de Vlaamse Gemeenschapscommissie (Grouwels, CD&V; Vanraes, Open-VLD; De Lille, Groen!)

niet van plan is om een netwerk van wijkcentra uit te bouwen in de stad. Dat komt hard aan bij de bestaande wijkcentra. In wijkhuis Chambéry (Sint-Antoniuswijk in Etterbeek), de Buurtwinkel (Anneesenswijk) en het Wijkpartenariaat (Brabantwijk in Schaarbeek) vallen per 1 januari de subsidies weg voor de coördinator. Kan Chambéry nog terugvallen op zijn activiteiten als Lokaal Dienstencentrum, voor Buurtwinkel en het Wijkpartenariaat is het erg slecht nieuws. De cöordinatorstoelage maakt een flink deel van hun middelen uit. Hun hele bestaan staat nu op de tocht. Dit verhaal wekt minstens de indruk dat de VGC een beleid van sociale afbraak voert. In al zijn begrotingsijver schrapt het VGC-college vooral in sociale projecten. Tijdens de begrotingsbesprekingen in de raad van de VGC gaf sp.a-raadslid Elke Roex (oppositie) een lang lijstje van begrotingsposten in de sociale sfeer waar de budgetten fors achteruit gaan. Het leken wel Nederlandse toestanden. De cijfers staan in markant contrast

met de middelen die het VGC-college naar onderwijs en kinderopvang laat vloeien. Of naar de eigen overheadkosten. Alleen al aan de inrichting

Dit verhaal wekt op zijn minst de indruk dat de VGC een beleid van sociale afbraak voert van het Renaissancehuis, waar de VGC-administratie naar toe is verhuisd, is meer dan een miljoen euro besteed, een veelvoud van wat de wijkcentra jaarlijks nodig hebben. Hoe valt dit alles te verklaren? De VGC lijkt vooral terug te willen naar haar kerntaken. Alleen wat binnen bestaande Vlaamse regelgeving past, krijgt nog een plaats. Het wat wazige sociale beleid van de wijk-

DE WEEK IN BEELD DOOR SANDER DE WILDE

Mediaploegen uit de hele wereld verzamelden donderdag en vrijdag op het Schumanplein voor de Europese top ‘van de laatste kans’ (aldus de Franse president Sarkozy).

© SANDER DE WILDE


WEEKOVERZICHT

BDW 1308 PAGINA 3 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

© BART DEWAELE

WOENSDAG 7 DECEMBER VANHENGEL VOOR BRUSSEL. Voormalig federaal minister Guy Vanhengel (Open VLD) keert terug naar Brussel als vicepremier in de Brusselse regering. Dat bevestigt Vanhengel tegenover het persagentschap Belga. Vanhengels terugkeer leidt tot een hele stoelendans bij de Brusselse liberalen. rellen in matongé blijven duren. De politie arresteert zeven mensen bij rellen in de zwarte Elsense wijk Matongé. Daar protesteren Congolezen tegen de vervalste verkiezingen in hun vaderland en tegen de herverkiezing van president Joseph Kabila. Tijdens de protesten sneuvelen enkele winkelramen en worden auto’s beschadigd. Volgens ooggetuigen gaat de politie eveneens driest te werk: een toevallige passant wordt geboeid, waarbij zijn arm gebroken wordt. Daarnaast zijn er vijftig klachten over vermeend politiegeweld. Later op de week blijft het onrustig in Matongé.

DONDERDAG 8 DECEMBER mivb-kaartjes voor daklozen. Daklozenorganisatie Samu Social geeft 1000 MIVB-kaartjes aan Brusselse daklozen. Zo moeten die makkelijker hun weg naar de officiële winteropvang vinden.

VRIJDAG 9 DECEMBER Protest van de wijkcentra voor het Brussels parlement. De Vlaamse Gemeenschapscommissie schrapt de subsidies voor de coördinatoren.

centra past niet in dat plaatje, zeker niet in budgettair moeilijke tijden. Twee: de VGC heeft een tijdje geleden de keuze gemaakt om de eigen gemeenschap in Brussel te bedienen: “iedereen die tot de Vlaamse gemeenschap behoort, of zich daartoe wil bekennen”, luidt het motto. Armen, illegalen, anderstaligen passen nog moeilijk in de doelgroep. Initiatieven die zich om hen bekommeren lijken het dan ook steeds moeilijker te krijgen in Vlaams Brussel om zich te handhaven. Toch is het verhaal genuanceerder dan dat. Een deel van de VGC-meer-

“ “ HET GETAL

derheid, met name de linkervleugel van CD&V maar ook Groen!, ziet niet graag gebeuren dat de sociale sector op zwart zaad wordt gezet. Volgens raadslid Elke Van De Brandt (Groen!) geeft het geen pas om projecten te schrappen alleen maar omdat er geen regelgeving voorhanden is. “Een stad beheer je niet vanuit bevoegdheden, maar vanuit een visie,” zegt Van Den Brandt, die het er duidelijk moeilijk mee heeft dat de geïntegreerde wijkcentra verdwijnen. Als compensatie is er in de begroting 2012 toch 100.000 euro inge-

schreven voor wijkwerking en wordt onderzocht of een nieuwe verordening kan worden opgesteld. In april zou hierover duidelijkheid moeten zijn. Het opmerkelijkste nieuws kwam er van collegelid Brigitte Grouwels (CD&V) zelf. Zij zei tijdens de begrotingsbespreking dat ze de expertise van de kleine wijkcentra (Buurtwinkel en Wijkpartenariaat) niet verloren wil laten gaan en dat ze samen met die wijkcentra naar een oplossing zal zoeken. Plots kan het dan wel. Steven Van Garsse

De uitspraak van het Grondwettelijk Hof bepleit ik al jaren in de Brusselse Regering: ik voel me dus niet berispt.” Minister Brigitte Grouwels (CD&V) in de Raad van de Vlaamse Gemeenschapscommissie over de recente uitspraak van het Hof, dat het Brussels crècheplan ongrondwettelijk noemt (zie ook pag. 11).

Ik heb één betoger gewaarschuwd dat ik, als het tot fysiek geweld zou komen, niet zou reageren als waarnemend burgemeester Béa Diallo, maar als ex-bokser Béa Diallo.” Waarnemend burgemeester van Elsene Béa Diallo (PS) over de rellen in Matonge naar aanleiding van de verkiezingen in Congo (De Standaard).

4,5 %

Het gebruik van het Brussels openbaar vervoer wordt een stukje duurder vanaf 1 februari volgend jaar. De stijging bedraagt globaal 4,5 procent. Dat moet de MIVB 8 miljoen euro nieuwe inkomsten opleveren. Voor een rit betaal je vanaf dan 1,8 euro. Tien ritten zal 11,50 euro

kosten. Ook het jaarabonnement (487 euro) wordt enkele procenten duurder. Schoolabonnementen worden niet duurder. Hoge prijsstijgingen zijn er dan weer wél voor het zogenaamde depannageticket (van 2 naar 2,5 euro, alleen op tram of bus te koop) en voor -25-jarigen die niet langer studeren. Het jongerenabonnement wordt immers afgeschaft. Jongeren die studeren kunnen wel nog een schoolabonnement aanschaffen. Over een compensatie vanwege de MIVB voor het afschaffen door de Franse gemeenschap van het scholieren- en SVG studentenabonnement is nog niets beslist.

vgc-raad keurt begroting goed. Voor de elfde keer is er een begroting in evenwicht: in 2012 is er een overschot van 47.000 euro. Voor de geïntegreerde wijkcentra is er echter geen geld meer. Zij protesteren. Geïntegreerde wijkcentra zijn centra die behalve in traditioneel wijkwerk ook in brede sociale dienstverlening in de stad voorzien.

ZONDAG 11 DECEMBER NIEUWE DIENSTREGELING TREINEN. De directe trein van Brussel naar Maastricht blijkt geschrapt wanneer de nieuwe dienstregeling van de NMBS bekend wordt gemaakt. De vereniging TreinTramBus protesteert en pleit eveneens voor een betere spreiding van treinen van en naar Brussel. De meeste treinen worden echter maar met enkele minuten vervroegd of verlaat. onrust in gevangenis vorst. Het hele weekend heeft het personeel van de gevangenis van Vorst met een minimumbezetting gewerkt. Dit na een steekincident waarbij een cipier gewond raakte. De cipiers eisen een veiliger werkomgeving. Het is al een tijdje sociaal onrustig in de Brusselse gevangenissen. halve prijs, winkel ontruimd. Na een brand in een opslagruimte houdt een C&A-kledingwinkel in de Nieuwstraat een verkoop waar kleren vijftig procent goedkoper worden verkocht wegens brandgeur. De actie is zo’n succes dat de winkel overrompeld wordt en de toevloed aan klanten niet meer kan slikken. De politie moet tussenbeide komen en de winkel afsluiten.

MAANDAG 12 DECEMBER 160.000 euro voor brusselse studies. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest geeft subsidies aan het nieuwe Brussels Studies Institute. Dat instituut moet wetenschappelijk onderzoek over Brussel samenbrengen en beschikbaar maken in drie talen. Het BSI is een initiatief van de ULB, de VUB en de FUSL. Het zal vooral menswetenschappelijk onderzoek verrichten. treinverkeer verstoord. Door een aanrijding met een man in het station Kapellekerk wordt het treinverkeer tijdens de avondspits volledig stilgelegd in de Noord-Zuidverbinding. De man vlucht de tunnel in en moet opgespoord worden. Hij wordt echter niet meer teruggevonden.

DINSDAG 13 DECEMBER stormweer. De Brusselse parken blijven dicht vanwege fiks stormweer. Het waait erg hard, met rukwinden tot 90 kilometer per uur. Dinsdagmiddag gaan de parken weer open, na inspectie en eventuele opruiming van schade. ‘slechte gsm-dekking’. De Brusselse ondernemersorganisatie Beci laat in een communiqué weten dat de gsm-ontvangst op heel wat plaatsen in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest slecht is. Volgens Beci is het moeilijk om te bellen in bepaalde Brusselse autotunnels, gebouwen van de Europese Unie en in dunner bevolkte wijken. Ook vraagt de organisatie zich af of de strenge Brusselse stralingsnorm een oorzaak is van de gaten in het netwerk. Cijfermateriaal over de dekkingsgraad is er niet. Samengesteld door Christophe Degreef

MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP SURF NAAR BRUSSELNIEUWS.BE EN SCHRIJF JE IN OP DE NIEUWSBRIEF


BDW 1308 PAGINA 4 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

Architectuur > Schuman vroeg een facelift, en het kreeg een functie

De symboliek van een Europees plein BRUSSEL – Vorige maandag presenteerde het Brusselse bureau Xaveer De Geyter Architects (XDGA) zijn ontwikkelingsvisie voor de agglomeratie Rijsel aan burgemeester Martine Aubry-Delors. Bij die megalomane intentieschema’s zou je geneigd zijn de heraanleg van het Schumanplein als een peuleschil te zien. Inderdaad, het communiqueetje van Beliris dat De Geyter de wedstrijd voor het Schumanplein had gewonnen is te bescheiden. Haal de belleman erbij: de rotonde wordt een amfitheater voor het volk en een Europees symbool.

O

nder een muur vol plannen voor de versteviging van de verbrokkelde Rijselse regio wil Xaveer De Geyter weinig kwijt over zijn ‘hypothèse d’une agglomération périphérique’. Een Franse overheidsopdracht die XDGA uitwerkt samen met Floris Alkemade en Michel Desvigne. Wel praat de broer van Klara-stem Gudrun De Geyter honderduit over de veelzijdige functionaliteit die XDGA voor het nieuwe Schumanplein heeft bedacht (zie kaderstuk). Waar hij het liever niet

over heeft – “om niemand voor de voeten te lopen” - vinden wij al even interessant. Vandaar die rotvragen eerst. Over hoe moeilijk Brussel stedenbouwkundig vooruitgaat. Waar de visie blijft. Wat Vlamingen afschrikt. Waarom is XDGA winnaar van de internationale wedstrijd Schumanplein? Xaveer De Geyter: “Wij zijn winnaar geworden omdat we een identiteit geven aan een stadsplein, en

zelfs aan een wijk, dat er geen heeft. Ik had wel het gevoel dat Beliris (samenwerking Brussels gewest en federale overheid, red.) zich niet bewust was van het belang van die plek. Beliris vroeg eigenlijk eerst: ‘Maak hier een mooi plein, met een mooi lampje en steentje.’ Dat er een ruime, internationale jury bij betrokken werd (en Brussels bouwmeester Olivier Bastin, red.) getuigt van wijsheid. Ik vermoed zelfs dat de jury de opdrachtgever heeft gewezen op de belangrijke symboliek van het Schu-

WINNEND PROJECT SCHUMANPLEIN spreekgestoelte op de taluds. Hier kunnen de manifestaties van alledag op een hoger niveau getild worden. De opstaande delen zijn ingedeeld in taartpunten, als combineerbare of losse auditoria. Daardoor kunnen verschillende actievoerders, informatiestands of evenementenorganisatoren vreedzaam naast

elkaar in de kijker gaan staan.

Beperkingen “Er waren grote beperkingen aan de plek,” aldus De Geyter. “Onder het Schumanplein zit al lang een groot verkeersknooppunt, waar niet veel aan te tornen viel. Er is de metrotunnel, vijftien meter diep, met

de hoogte. In de Wetstraat wordt al vijftig jaar lang een moeizaam en tersluiks proces van installatie van Europese instellingen doorgevoerd. Eigenlijk heeft de Europese macht als instituut geen gelijke. Bijgevolg weet niemand hoe zo iets stedenbouwkundig waargemaakt moet worden. Vandaar die onhandige toevoegingen steeds opnieuw.” “De Wetstraatwedstrijd (o.a. van de EU en het Brussels gewest, red.) is uitgeschreven door mensen die niet weten waar het om gaat. Eurocommissaris Siim Kallas trommelde een ratjetoe van mij op architectuurvlak onbekende juryleden uit Europa bij elkaar. Zij kraamden onzin uit over een wijk waar kinderen moesten spelen: totaal naast de kwestie! Er zijn gewoon plekken waar kinderen niet moeten spelen, punt.”

daarboven, stadwaarts, de Wettunnel. Verder de Belliardtunnel, die onder het Schumanplein in tweeën splitst (richtingen Tervuren en Leuven), en met ondergrondse verkeersuitgangen richting parkeergarage Berlaymont en andere. Daarbij wordt met vertraging gewerkt aan het nieuwe treinstation Schuman, dat al deze assen diagonaal kruist. Er wordt een aftakking gebouwd voor splitsing van de treinrichtingen (nieuw is richting Zaventem). Groot probleem is dat de Kortenbergstraat

al grotendeels ondertunneld is, en dat de treintunnel onder de gebouwen moet komen - dus heel diep, gelet op de kelderfunderingen.” Tot zover de ‘betonnen’ ondergrondse niveaus. Omdat de geplande bovengrondse glazen opbouw (voor trein- en metrostations) lang onder vuur lag, waren er voor de ontwerpwedstrijd voorwaarden gesteld. Eén: rekening houden met de doorkijk Wetstraat-Jubelpark. Twee: in toegangen naar metro en treinen voorzien. Drie: een verkeersluw plein maken (dat kan pas zodra de Kortenbergtunnel niet meer uitkomt in de Kortenbergstraat, maar aansluit op de Wetstraat). Dat het XDGA-ontwerp multifunctioneel is, is mooi meegenomen. Een extra openluchtzaal, als het ware. De Geyter: “We wilden een plein waarin al die naburige EU-instellingen zich konden herkennen. Vandaar een soort van ‘openluchtparlement’. Want ook als er geen EU-top is, gebeurt hier wel wat. Dat kunnen zeven Palestijnen zijn die iets komen aanklagen, tot grote groepen die iets opeisen, betogingen, een concert, film of een 20 Kilometer door Brussel die hier voorbijtrekt.” Op een van de ontwerpschetsen van XDGA (foto) lopen Merkel en Sarkozy al vreedzaam het nieuwe Schumanplein af. Hoe zouden ze het interpreteren: twee vleugels van onze vrijheidsvlinder die opstijgt, de ellebogen van het Europese lobbywerk, of barst de euro in tweeën? JMB

Er komt pas goede architectuur

© XDGA

U hoeft maar Euronews TV aan te klikken om te zien dat het Robert Schumanplein (1950) met zijn Berlaymontgebouw om de haverklap het decor is van alle Europese berichtgeving, tot in Moskou en Washington. Het belang van die plek is lang onderschat. In 2009 lanceerden Beliris en de federale overheid de internationale stedenbouwkundige wedstrijd Rond Point Schuman om korte metten te maken met het saaie model ‘rotonde en verkeersankerpunt’. Het bureau Xaveer De Geyter Architects (XDGA) won onlangs de wedstrijd, en hertekende het Schumanplein tot een monument voor Europa. “Voor ons is het belangrijk dat het een symbolische plek wordt. En een gebruiksplek voor iedereen, toegankelijk voor uitzonderlijke manifestaties, zowel sportief, cultureel als politiek,” stelt Xaveer De Geyter. De symbolische waarde spreekt uit de vormgeving van het nieuwe plein dat de doorkijk Wetstraat-Jubelpark lijkt te stroomlijnen: als de vleugels van de vredesduif. Het asfalt wordt als het ware opgetild in twee symmetrische maantjes, met daaronder de metro- en treiningangen en overdekte handelsbedrijvigheid (bloemenzaak, …). De ‘symbolische kracht’ komt vooral tot uiting door het concept van democratisch

manplein. Achteraf is in die zin voor twee laureaten een extra fase toegevoegd aan het dossier. Wij accentueerden de nieuwe symboolfunctie van het centrale EU-plein.” Sluit dit aan bij de vertimmering van de hele Wetstraat, een wedstrijd waar u ook aan deelnam? De Geyter: “Ik vind het winnende concept van Christian de Portzamparc misplaatst en totale rommel. Ons voorstel om enkel aan de Maalbeekvallei (Etterbeeksesteenweg) een grote toevoeging te doen was subtieler. De Portzamparc geeft enkel een antwoord op wat de uitschrijvers van de wedstrijd vroegen: de capaciteit van de hele wijk met 380.000 m² verhogen (230.000 m² voor extra EU-kantoren, 40.000 m² handel en 30.000 m² woningen, red.). Vandaar de verdubbeling in

Het nieuwe Schumanplein: zie er de vrijheid van een vlinder in of het ellebogenwerk van Merkel en Sarkozy.


BDW 1308 PAGINA 5 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

Xaveer De Geyter: “Behalve gebrek aan visie is er een gebrek aan kritische massa in Brussel. Er is geen efficiënt metronetwerk omdat de stad er te klein voor is. In een dubbel zo groot Brussel kan een metro veel beter functioneren. Ook de sociale controle en cohesie zou dan haast als vanzelf toenemen.”

als er goede bouwheren zijn. Is het Brussels gewest een bouwheer met visie? De Geyter: “Ik denk dat ik Brussel wel begrijp, maar of er altijd goede beslissingen worden genomen is een andere zaak. Er worden veel studies gevraagd, maar er wordt

“Beliris wilde gewoon een nieuw mooi plein; wij zagen de belangrijke symboolfunctie van de plek” weinig beslist. Tot een voorbeeldig urbanisatiebeleid strekt dat niet. Er zal met de nieuwe regering beslist worden dat stedenbouw in Brussel van gemeenten naar het gewest zou verhuizen. Dat zou de besluitvorming al ten goede kunnen versnellen. Vervolgens heb je een visionaire regio nodig.” Uw standpunt hierover graag. De Geyter (diep zuchtend): “Eigenlijk wil ik het niet hebben over mijn ideeën over Brussel. U vraagt me commentaar op mijn opdrachtgevers en vist achter quotes. (Denkt

Xaveer De Geyter Het bureau XDGA (Xaveer De Geyter Architects) aan het Sainctelettesquare is opgericht door Xaveer De Geyter (1957), afgestudeerd aan de architectuurhogeschool Sint-Lucas Gent. De Geyter werd meermaals genomineerd voor de Mies van der Rohe Pavilion Award (voor Europese architectuur) en is momenteel, na eerder in Nederland te hebben gewerkt, sterk actief in stedenbouwkundige ontwikkelingsprojecten in Frankrijk (regio Parijs en Rijsel) en bouw in Vlaanderen. In het Brusselse gewest won hij de wedstrijd voor heraanleg van het Europakruispunt (1997-1998), de uitbreiding van COOVI/Elishout (2002) en het Rogierplein (2006, in uitvoering). XDGA werd finalist van de internationale wedstrijd uitbreiding/herinrichting van de Wetstraat. In 2011 sleepte het bureau de eerste plaats binnen van de wedstrijden voor het Provinciehuis Antwerpen en het Schumanplein Brussel (www.xgda.be) JMB

na.) Ik vind dat er op grote schaal een gebrek aan visie is. De nieuwe initiatieven die de jongste jaren genomen worden om een en ander in beweging te zetten, lijken in de la te belanden. Er vloeien geen politieke consequenties uit voort.” Het beloofde elan van Thurn & Taxis vordert op schildpadsnelheid. Over de ‘kanaalzone’ blijven ballonnen opgaan. Akkoord? De Geyter: “Dat de kanaalzone van Ring tot Ring hertekend mag worden vind ik een goede zaak. Wij werken daaraan mee. Maar dit kanaal kan als stedelijke ruimte nooit worden wat de Seine voor Parijs betekent. Het kan wel een soort levensader worden, als je aanvaardt dat wonen en havenactiviteiten gecombineerd mogen worden. Zou trouwens heel interessant zijn; vroeger lukte dat hier ook.” Van wie verwacht u visionair denken? Architect en metrostelontwerper Philippe Neerman werd in 1976 de mond gesnoerd toen hij de metro tot 30 kilometer buiten Brussel wilde doortrekken. De Geyter: “Ik heb het gevoel dat je als architect sinds kort meer kunt doen in Brussel. We mogen dan wel tegenstand ondervinden, het Rogierplein dat XDGA tekende komt er uiteindelijk wel. Onze plei-

nen kunnen als stedenbouwkundig gegeven de nieuwe visitekaartjes worden van deze stad. Architectuur volgt altijd een cyclus: het heden valt niet te vergelijken met Horta’s tijdperk. Toen kreeg een middenklasse het economisch alsmaar beter, nu knaagt de crisis.” Ervaart u dat Vlamingen elke band met Brussel verliezen? De Geyter: “De gemiddelde Vlaming is sowieso antistedelijk. De Vlaamse steden zijn trouwens niet stedelijk. Van een historica onthield ik: wat Antwerpen aan stedelijks heeft, komt eigenlijk van de Spanjaarden. Gent bijvoorbeeld is wel ten goede gekeerd, maar het blijft kleinschalig. Wat Brussel betreft, valt de aversie van de Vlaming historisch te koppelen aan zijn aversie van de macht. Stadsvlucht heeft niet zoveel te maken met een verslechterend klimaat en onveiligheidsgevoel, wel met pure desinteresse in de hoofdstad. In het landelijke Frankrijk kiest een vijfde om in de hoofdstad te wonen. Als dat hier het geval zou zijn, zou Brussel meer dan 2 miljoen inwoners tellen. Nee, de pendelaars blijken liever een vijfde van hun leven in de file te staan. Laat ze in Brussel gaan wonen!” Moet de architectuur geen antwoord kunnen op een vraag naar een goed stedelijk gevoel? Naast aandacht voor mobiliteit,

© IVAN PUT

veiligheid en sociale omgang. De Geyter: “Stedenbouw kan veel, maar er is eerst een beleid nodig. Vergeet het maar dat de privé het initiatief zal of kan nemen, om Brussel ten goede te veranderen. Projectontwikkelaars zijn niet bezig met de vraag hoe een stad het best verbouwd kan worden, uitsamenlevingsoogpunt. Zowel visie als planning moet van de overheid komen. Bovendien is er een gebrek aan kritische massa in Brussel. Er is geen efficiënt metronetwerk omdat de stad er te klein voor is. In een dubbel zo groot Brussel, dat dubbel zo dicht bebouwd zou zijn, kan het concept metrogebruik veel beter functioneren. Ook de sociale controle en cohesie zou dan haast als vanzelf toenemen.” Jean-Marie Binst ADVERTENTIE

Handicap & informatie Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap

 02/463.58.58 alle werkdagen van 9 tot 12u30 uitgezonderd donderdag van 14 tot 17u.

Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be


BDW 1308 PAGINA 6 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

Samenleving > Zwarte Afrikanen nestelen zich in Kuregemse Heyvaertbuurt

‘Abattoir is spil van verhaal’

De meeste loopjongens die rondhangen op de trottoirs van de Heyvaertstraat zijn erg mediaschuw. Deze jongens echter hadden er geen probleem mee om samen met Hans Vandecandelaere op de foto te gaan.

ANDERLECHT – Zwart Afrika in Brussel. Velen denken dan meteen aan Matonge, de Elsense wijk die vorige week het decor was van heftige anti-Kabila-protesten. Maar ook de Kuregemse Heyvaertbuurt krijgt meer en meer een Afrikaans aanzicht. Historicus Hans Vandecandelaere schreef er een interessant boekje over, De schaduw van Matonge.

D

e buurt rond de Anderlechtse slachthuizen was heel lang het rijk van de Vlaamse vleeshandelaren, versnijders, uitbeners, pensendraaiers, leerlooiers en koeltechnici. In de jaren zeventig kwamen er Spanjaarden en Sicilianen bij. Later streken er Polen, Roemenen en andere Oost-Europeanen neer. En sinds ruim tien jaar kleurt de buurt zwart Afrikaans. “De Afrikanen spelen een rol zowel in de voedingshandel als in de intercontinentale handel in tweedehandsauto’s,” zegt Vandecandelaere, die al vijftien jaar bijna dagelijks door de wijk fietst en wandelt. Hij werkt momenteel aan het project Stemmen uit Babel, een verkenning van de culturele gemeenschappen in Brussel. Dat moet eind volgend jaar uitmonden in een lijvig naslagwerk over zestig jaar immigratie. Tussendoor doet hij rondleidingen en brengt hij kleinere boekjes uit, ook over het interculturele thema. De schaduw van Matonge kwam er op verzoek van de Erfgoedcel Brussel.

Volgens Vandecandelaere heeft de Afrikaanse aanwezigheid in de Heyvaertwijk alles te maken met de slachthuizen. Die werden eind jaren negentig onder Europese druk verplicht flink te moderniseren. Om de investeringen te kunnen betalen breidden de eigenaars de lucratieve publieksmarkten uit. Groenten, fruit en andere levensmiddelen worden hier nu drie dagen per week tegen zeer schappelijke prijzen aangeboden.

Autohandel De markten raakten al vlug in trek bij een Afrikaans publiek. Gevolg was dat de importeurs en ook de slagers zich gingen aanpassen aan de nieuwe klandizie. De Vlaamse uitbater van slagerij George in de Ropsy-Chaudronstraat begon zijn ribbekes en kippenvleugels te roken en te pekelen. Ook de aanpalende slagerij Le roi du Jambon meldt op haar etalage dat er African Food te koop is. Vooruitziende Pakistanen, die door-

gaans makkelijker aan startkapitaal komen dan Afrikanen, openden kruidenierswinkels, waar naast maniok en palmolie ook cosmetica en kleurige pagnes worden verkocht. Inmiddels hebben ook de Afrikanen zelf zich ingewerkt in de levensmiddelenhandel. De intercontinentale autohandel heeft eveneens met ‘den abattoir’ te maken. Toen Europa strengere normen ging opleggen aan de voedingsindustrie, moesten ook de vleesversnijders, leerlooiers en andere satellietbedrijven zich daaraan aanpassen. Velen hadden geen puf meer om te investeren en trokken weg. De vrijgekomen industriële panden met hun stevige vloeren waren ideaal om er garages van te maken. Ze werden in de jaren tachtig dan ook opgekocht door Libanezen, die de buurt omvormden tot een draaischijf van de internationale tweedehandsautohandel. Vandecandelaere: “Aanvankelijk waren de Libanezen de enigen die kapitaalkrachtig genoeg waren om auto’s op te kopen, ze op

© SASKIA VANDERSTICHELE

bestelwagen die op transport richting Afrika gaat, wordt natuurlijk volgepropt met andere gebruiksgoederen. Ook gingen er Afrikaanse eethuizen, cafés en kapsalons open. Het viel Vandecandelaere daarbij op hoe rudimentair de winkels en eethuisjes zijn ingericht. Ook de keuken is basic en traditioneel, zonder veel zorg voor decor en presentatie. “Er wordt heel puur en authentiek gekookt, vissenogen en ingewanden zijn dagelijkse kost. En alles is nogal vet.” Pogingen om ook westerlingen aan te trekken, zoals in Matonge wel eens gebeurt, worden hier vooralsnog niet ondernomen. In 2005 nam de Pinksterkerk haar intrek in de Heyvaertstraat. Op zondag zorgt dat voor een zeer uitbundige en feestelijke ambiance. Tijdens de week is de sfeer echter behoorlijk ruig en gesloten in de wijk. Dat merken we ook als de fotografe haar werk wil doen. De meeste loopjongens die in groepjes rondhangen in de Heyvaertstraat, keren hun gezicht af als ze de camera opmerken en ook de verkoper van oude matrassen is niet aanspreekbaar. “De commissionaires waren voor mij de moeilijkste groep om te benaderen. Hun vertrouwen winnen kost veel tijd,” zegt Vandecandelaere. “Een groot aantal van hen heeft waarschijnlijk geen papieren. Maar eigenlijk is het probleem van de illegaliteit nooit serieus onderzocht.”

Onveiligheid transport te zetten en te onderhandelen met rederijen zodat ze ook halt zouden houden in de haven van Antwerpen. Maar er is een evolutie geweest. Nu beperken de vijf grote Libanese bedrijven uit de buurt zich hoofdzakelijk tot het transport. Het opkopen van de auto’s laten ze over aan de Afrikaanse bedrijfjes die op

De Vlaamse uitbater van slagerij George in de RopsyChaudronstraat ging zijn ribbekes en kippenvleugels ook roken en pekelen

hun beurt commissionnaires inzetten om klanten te lokken.” In het kielzog van de autohandel kwamen verkopers van oude matrassen, koelkasten en witgoed naar de buurt. Want elke auto of

Makkelijk werken was het voor Vandecandelaere niet. Hoe heeft hij zijn verkenning van de wijk aangepakt? “Ik heb eerst gekeken wat er aan wetenschappelijk onderzoek voorhanden was. Niet veel, zo bleek. Daarna ben ik lukraak winkels en garages binnengestapt. In negen van de tien gevallen kreeg ik het deksel op de neus. Tot ik op Augustin stootte, een Congolese universitair die al twintig jaar een voedingswinkel heeft in de buurt. Hij kent de buurt door en door en bracht me in contact met anderen. Pierre Hajjar, de Libanese baas van Socar Shipping Agency, gaf dan weer goede tips over de autohandel.” Veel Brusselaars wagen zich niet meer in de Heyvaertbuurt wegens te onveilig. Vandecandelaere erkent dat er problemen zijn, maar vindt dat geen reden om uit de wijk weg te blijven. “Onveiligheid is ook relatief. Voor de Libanese handelaren bijvoorbeeld is er groot verschil tussen de Heyvaertstraat en het iets verderop gelegen Lemmensplein. Daar is het in hun ogen pas gevaarlijk.”

Bettina Hubo

De Schaduw van Matonge is gratis te verkrijgen bij de erfgoedcel Brussel: erfgoedbrussel@vgc.be.


BDW 1308 PAGINA 7 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

ADVERTENTIE

© IVAN PUT

UW VERWARMINGSKETEL ONDERHOUDEN IS NIET ALLEEN VERPLICHT, MAAR VOORAL OOK

De workshop zumba in GC De Markten lokte veel belangstellenden.

Vijfde ‘Bijt in Brussel’ succes BRUSSEL –Vorige donderdag vond in negen Gemeenschapscentra al voor de vijfde maal ‘Bijt in Brussel’ plaats. 2500 anderstalige cursisten Nederlands konden er hun kennis van onze taal oefenen in meer dan 130 verschillende workshops. Deze dag kwam er op initiatief van Vlaams minister voor Brussel Pascal Smet (SP.A) en werd georganiseerd door UiTinBrussel en het Huis van het Nederlands Brussel. Die willen met dit laagdrempelige initiatief anderstaligen

warm maken voor het Nederlandstalig cultuur-, sport- en vrijetijdsaanbod van wel zestig organisaties. Dit Brusselse project vond dit jaar voor het eerst ook navolging in de rand en verschillende Vlaamse steden, een goed voorbeeld van de laboratoriumfunctie die Brussel voor Vlaanderen kan hebben. In 2012 volgt de rest van Vlaanderen. Het taalpromotiebeleid in Brussel werpt onmiskenbaar vruchten af. TDM

Wist u dat het naleven van bepaalde eisen bij het installeren van uw verwarmingssysteem en een periodiek nazicht van uw ketel u aanzienlijke besparingen op uw gas- of stookolieverbruik kan opleveren ? Daarom werd de periodieke controle van verwarmingsketels in het Brussels Gewest verplicht: om het jaar voor stookolieketels, om de drie jaar voor gasketels. Doe een beroep op een erkend vakman en vraag hem het attest voor periodieke controle. Als u een oude ketel vervangt of als u er een nieuwe installeert, dient deze ook te worden opgeleverd door een erkend vakman. Die zal nagaan of de ketel goed geïnstalleerd werd met betrekking tot de afstelling van de ketel, de isolatie van de leidingen, de ventilatie van het stooklokaal, enz. Dat is goed voor de planeet, maar ook voor u : een goed geïnstalleerde, schone en goed afgestelde verwarmingsketel verbruikt minder en gaat langer mee !

P-PRAAT “De Brusselse vrienden trekken aan mijn mouw, dus je mag mij binnenkort in de Brusselse regering verwachten.” Wedstrijdvraag: welke ex-ontslagnemende federale minister sprak deze zin in de jongste weekendeditie van De Morgen? Tip: vorige week wilde hij dit nog niet zeggen.

Info en lijst met de erkende professionelen : 02/775.75.75. www.leefmilieubrussel.be

SAMEN MAKEN WE VAN BRUSSEL EEN DUURZAME STAD

ADVERTENTIE

Mooi portret van Béa Diallo (PS), ex-waarnemend burgemeester van Elsene in Ter Zake. In het gewone leven is Diallo schepen van Jeugd en staat hij niet zo vaak in de kijker, maar in de kijker stond hij wel tijdens de rellen in de Matongéwijk. En hoe. “Tuig, ik kan boksen.” Daar kwam het zowat op neer. Volgens onze man in de gemeenteraad van Elsene is het trouwens merkwaardig dat Diallo als vijfde in lijn in het schepencollege zomaar waarnemend burgemeester mag zijn. Een blik op de politieke steekkaart leert waarom: de eerste schepen is van de MR, de tweede schepen is socialist maar is al zo vaak waarnemend burgemeester geweest, de derde schepen is dan weer liberaal en de vierde ook. En daar is dan de vijfde schepen, ex-bokser van Guinese afkomst. Kernvraag in deze stoelendans is waar Willy Decourty (PS), de echte burgemeester, was? Wij weten het niet, maar misschien heeft een en ander te maken met zijn recente uitspraak dat de Matongéwijk een veilige wijk is. Ex-onstlagnemend minister van Werk Joëlle Milquet (CDH) wordt minister van Binnenlandse Zaken, en dus bevoegd voor de politie. Plots wordt er heel wat mogelijk te Brussel-Elsene.

CHIEN ÉCRASÉ KUNSTSNEEUW – Wat een gedoe, die skipiste aan de Kunstberg. Zeven meter breed en honderdvijftig lang. Wauw. En al aan het smelten nog voor het volledige kunstsneeuwtapijt gespoten was. En onder aan de minigletsjer een heuse bergstroom met fris smeltwater dat richting Zenne stroomde. Lijkt erop dat de bedoeling van het stadsbestuur geen gewone skipiste was, maar een parabel over een opwarmende aarde, minder wintersport en de teloorgang van gletsjers. Straks wordt er nog een Ötzi onder de Kunstberg uit gehaald. MOLENBEEK – Het gaat niet meer met Philippe Moureaux, en daarom voeren we hem niet op in de rubriek hierboven, bij het serieuze politieke nieuws. De Molenbeekse PS-burgemeester ontvangt naar eigen zeggen doodsbedreigingen, en wijt dat onder meer aan ‘campagnes’ die tegen hem worden gevoerd. “Er is een kleine groep mensen die niet begrijpt dat ik vecht voor de zwakkeren,” aldus de burgemeester. “Ze worden aangetrokken door wat ik de oorlog tegen de zwakken noem. Ze willen hen die werken opzetten tegen de werklozen, de werklozen tegen de allochtonen en die laatsten tegen de nieuwe migranten. Er wordt vanuit Vlaanderen ook een smerige campagne tegen mij gevoerd. Ik zal evenwel geen klacht indienen, dat zou niets veranderen,” zegt hij in La Capitale. Mooi plot voor een roman. LEUGEN – Maar u hoeft niet te geloven wat wij hier schrijven, want volgens mijnheer Moureaux schrijft de pers “que des mensonges”. Wij schrijven maar verhaaltjes. Zoals romanschrijvers doen.

INTEC BRUSSEL. Da’s een sterk staaltje sociale economie. Sociale economie biedt een waaier aan producten en diensten. Bovendien betekent het voor meer dan duizend Brusselaars een nieuwe kans op werk. Naast INTEC, kan u in Brussel terecht bij zeer veel sociale ondernemingen. Van catering tot groenonderhoud, van IT-ondersteuning tot seniorenzorg of van strijk- en poetsdienst tot decor- en standenbouw.

Meer weten? www.tracebrussel.be en www.febio.be

Sociale economie in Brussel met de steun van


ADVERTENTIE

Om Muntpunt, dé place to bru in Brussel voor boeken, ontmoetingen en info over Nederlandstalige diensten en evenementen, uit te bouwen tot een operationeel excellente organisatie, zoeken we :

een zakelijk directeUr (m/v) Uw Uitdaging

Uw profiel

ons aanbod

• U formuleert de opdracht van de directie organisatie­ ondersteuning en vertaalt deze naar doelstellingen. • U werkt mee aan de opmaak van de strategische en operationele plannen, begroting, beheersovereenkomst etc. • U organiseert alle logistieke en ondersteunende processen van Muntpunt en garandeert hierdoor een efficiënt werkkader dat leidt tot sterke, kwaliteitsvolle resultaten. • U coördineert de dagelijkse werking van de verschillende afdelingen (HR, ICT, Financiën, Gebouwenbeheer en logistiek) en bewaakt de kwaliteit, rendabiliteit en efficiëntie aan de hand van de begroting, de resultaten en prestatie­indicatoren. • U formuleert beleidsvoorstellen en –adviezen en draagt zo bij aan het strategisch beleid van de organisatie. • U waarborgt op elk moment voldoende en gemotiveerde medewerkers om de doelstellingen van hun afdeling te realiseren.

• U hebt een hart voor Brussel. • U bent een echte peoplemanager. Met respect voor elk individu, slaagt u erin uw team aan te sturen tot sterke resultaten en persoonlijke groei. • U denkt analytisch en conceptueel en neemt voortdurend initiatieven om de excellentie van onze processen te verbeteren. • U hebt een goede kennis op vlak van HR, financiën, logistiek en marketing en bent op de hoogte van de wetgeving op overheidsopdrachten. • U bent vertrouwd met de hedendaagse informatietechnologie, PR en communicatie. • U bent communicatief in beide landstalen, bouwt vlot aan samenwerkingsverbanden en straalt een sterke geloofwaardigheid uit bij externe optredens. • U hebt een masterdiploma of beschikt over gelijkwaardige relevante en ruime ervaring.

Een uitdagende job in een dynamische, jonge omgeving met een competitief loonpakket dat naast een aantrekkelijk salaris ook extralegale voordelen omvat. U wil deze Uitdaging aangaan?

Bezorg ons uw kandidatuurstelling met cv en motivatiebrief voor 10 januari 2012 via http://muntpunt.talentfinder.be en gebruik referentie ­BD1758­ en per post naar Muntpunt, t.a.v. de Voorzitter, Munt 6, 1000 Brussel. Raadpleeg een uitgebreide functiebeschrijving op www.muntpunt.be

een geboUwverantwoordelijke (m/v) Uw Uitdaging

Uw profiel

ons aanbod

• U staat in voor een optimaal facility management van Muntpunt (logistiek, toezicht en onderhoud van het gebouw). • U zorgt voor een kwalitatieve dienstverlening die beantwoordt aan vooropgestelde normen, reglementen en procedures. U bouwt de dienstverlening uit en stemt deze af met uw interne klant, zodat ze beantwoordt aan haar noden en behoeften. • U stelt lastenboeken op, werkt raamcontracten uit en zorgt voor de dagelijkse opvolging en controle van de diensten inzake bewaking, catering en gebouwenonderhoud. • U superviseert de klusjesman. • U verzamelt en beheert de administratieve gegevens zodat u op elk moment over de nodige en correcte informatie beschikt om te rapporteren, beslissingen te nemen en bij te sturen. • U rapporteert aan de zakelijk directeur.

• Uw klant is koning. U stelt alles in het werk om de geboden dienstverlening voortdurend te verbeteren. • U communiceert vlot met verschillende betrokkenen en slaagt erin hen te overtuigen met sterke argumenten. • U werkt planmatig en nauwkeurig. Ook in stresserende situaties slaagt u erin overwogen beslissingen te nemen in het belang van de organisatie en haar klanten. • U bent vertrouwd met facility management en ondersteunende diensten (bewaking, catering, onderhoud). • U hebt een bachelordiploma of beschikt over gelijkwaardige relevante ervaring.

Een uitdagende job in een dynamische, jonge omgeving met een competitief loonpakket dat naast een aantrekkelijk salaris ook extralegale voordelen omvat. U wil deze Uitdaging aangaan?

Bezorg ons uw kandidatuurstelling met cv en motivatiebrief voor 10 januari 2012 via http://muntpunt.talentfinder.be en gebruik referentie ­BD1767­ en per post naar Muntpunt, t.a.v. de Voorzitter, Munt 6, 1000 Brussel. Raadpleeg een uitgebreide functiebeschrijving op www.muntpunt.be

een ict-verantwoordelijke (m/v) Uw Uitdaging

Uw profiel

ons aanbod

• U zorgt ervoor dat medewerkers en gebruikers van Muntpunt over een performante ICT­omgeving beschikken. • U formuleert en actualiseert de opdracht van de ICT­ afdeling en vertaalt de strategische doelstellingen naar een concreet actieplan dat tegemoet komt aan de behoeften van de organisatie en haar interne klanten. Om de kwaliteit van de dienstverlening te garanderen, werkt u permanent aan kennisverwerving­ en deling m.b.t. uw vakgebied. • U organiseert en beheert onze ICT­omgeving en infrastructuur. U voert deze opdracht uit in functie van de samenwerkingsmodaliteiten met de ICT­leverancier van de Vlaamse overheid. • U beheert en coördineert de verschillende ICT­projecten van Muntpunt. Door een goede aansturing van interne en externe projectmedewerkers, realiseert u een sterk resultaat binnen de vooropgestelde tijd en budget. • U voert uw opdracht uit in nauwe samenwerking met interne en externe stakeholders, over de verschillende beleidsdomeinen heen. • U rapporteert aan de zakelijk directeur.

• U bent een resultaatgerichte projectleider. • U slaagt erin mensen en middelen optimaal in te zetten, de voortgang en de kwaliteit te bewaken en bij te sturen. • U bent gedreven in het uitbouwen en onderhouden van relaties en samenwerkingsverbanden die bijdragen aan de realisatie van uw opdracht. • U bent een ICT­generalist met een goede kennis van technologieën voor operating systems, netwerken, beveiligingsystemen, internet, databases, CRM. • U hebt een sterk inzicht in de verschillende toepassingen van hedendaagse informatietechnologie en digitale media. • U bent bij voorkeur vertrouwd met de wet op de overheidsopdrachten. • U beschikt over een masterdiploma in een ICT­richting of over gelijkwaardige ruime en relevante ervaring.

Een uitdagende job in een dynamische, jonge omgeving met een competitief loonpakket dat naast een aantrekkelijk salaris ook extralegale voordelen omvat. U wil deze Uitdaging aangaan?

Bezorg ons spoedig uw kandidatuur­ stelling met cv en motivatiebrief via http://muntpunt.talentfinder.be en gebruik referentie ­BD1456­ en per post naar Muntpunt, t.a.v. de Voorzitter, Munt 6, 1000 Brussel. Raadpleeg een uitgebreide functiebeschrijving op www.muntpunt.be


BDW 1308 PAGINA 9 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

ADVERTENTIE

© BART DEWAELE

Een avondje UiT blijft je inspireren.

Het kantoor van BBDO in de Scheldestraat. Let op het prikkeldraad.

Samenleving > Het gaat beter bij BBDO

‘Geen incidenten meer’ SINT-JANS-MOLENBEEK – Na de mediastorm waarin het reclamebedrijf BBDO terecht was gekomen, gaan de zaken er goed. De criminaliteit is nagenoeg verdwenen en het bedrijf wil zeker in Molenbeek blijven. Al moet daarvoor een zekere tol betaald worden. BBDO-directeur Johan Vandepoel: “Sinds de mediastorm in de zomer is gaan liggen, gaat het goed met ons bedrijf. Op enkele lichte gevallen van criminaliteit na zijn er geen werknemers meer bedreigd en zijn er geen inbraken meer geweest. Maar we hebben dan ook wel onze maatregelen genomen: er is permanent bewaking overdag, onze parkeerplaats is gereserveerd voor ons vrouwelijk personeel en er is een pendeldienst naar de bus- en metrohaltes in de buurt.” Vandepoel ontkent dat het bedrijf zich op die manier ‘ingegraven’ zou hebben. “Onze werknemers zijn niet meer bang, en zo moet het.” De directeur zegt dat verhuizen uit Molenbeek niet meer aan de orde is. “We hebben de alternatieven afgewogen, maar de verbeterde situatie heeft ons doen beslissen te blijven. We houden van ons gebouw, een prachtig oud magazijn volledig aangepast aan onze behoeften, en het zou zonde zijn dat te moeten inruilen voor een standaard modern kantoor.” Ook is Vandepoel meer te spreken over de politie en over het gemeentebestuur. “Ik heb burgemeester Philippe Moureaux (PS) een paar maal ontmoet, en er zijn ook extra agenten bijgekomen in Molenbeek.”

Maritiemwijk In maart publiceerde Brussel Deze Week een artikel over de problemen bij het Belgische filiaal van het reclamebedrijf Batten, Barton, Durstine & Osborn. Sinds ze in 1999 neerstreken in de Scheldestraat in Sint-Jans-Molenbeek, konden ze al meer dan 150 criminele feiten turvent, gaande van auto-inbraken tot bedreigingen van het personeel. De druppel die de emmer deed overlopen waren enkele

gevallen van fysieke agressie tegen werknemers, in één geval zelfs met een revolver. Het bedrijf maakte er in deze krant dan ook gewag van dat het op langere termijn weg wilde uit de gemeente als er geen beterschap zou komen. Het duurde nog een tijdje voor de affaireBBDO de nationale media haalde, meer bepaald tot een uitzending in het Radio 1-programma Peeters en Pichal. Een storm stak op. Burgemeester Philippe Moureaux (PS) was kop van Jut, zeker in de Vlaamse kranten. Hij erkende toen wel de problemen, maar haalde op een zeer emotionele persconferentie nadien toch ongemeen hard uit naar kritische

Ontdek de meest volledige UiTagenda voor Vlaanderen en Brussel. Met duizenden tips voor cultuur en vrije tijd.

ADVERTENTIE

“We hebben de alternatieven afgewogen, maar de verbeterde situatie heeft ons doen beslissen te blijven” journalisten. Volgens de Franstalige socialist werden de affaires met BBDO (en Mortierbrigade, zie onder) gebruikt om Molenbeek af te schrijven als een criminele gemeente met een probleembevolking en een gemeentebestuur dat de veiligheid niet garandeert. Allemaal leugens, zei Moureaux. Mortierbrigade, een ander communicatiebureau, is ondertussen wel verhuisd uit Molenbeek. Naar Schaarbeek. Volgens de directie daar maakte een combinatie van factoren de vlucht uit Molenbeek nodig: te weinig ruimte, maar ook criminaliteit, vandalisme en herrie die niet aangepakt werden. Mortierbrigade zat in de Rotterdamstraat, net als BBDO in de zogenaamde Maritiemwijk gelegen.

CyCLO. Da’s een sterk staaltje sociale economie. Sociale economie biedt een waaier aan producten en diensten. Bovendien betekent het voor meer dan duizend Brusselaars een nieuwe kans op werk. Naast CyCLO, kan u in Brussel terecht bij zeer veel sociale ondernemingen. Van catering tot groenonderhoud, van IT-ondersteuning tot seniorenzorg of van strijk- en poetsdienst tot decor- en standenbouw.

Meer weten? www.tracebrussel.be en www.febio.be

Sociale economie in Brussel met de steun van

Christophe Degreef


ADVERTENTIE


BDW 1308 PAGINA 11 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

ADVERTENTIE

Syntra Brussel opleidingen

Welzijn > ’t Lakenhuis opent zijn deuren

‘Muren slopen maakt deuren open’ BRUSSEL – Vorige vrijdag opende ’t Lakenhuis in de Lakensestraat officieel zijn deuren, in aanwezigheid van VGC-collegelid voor Welzijn en Gezondheid Brigitte Grouwels (CD&V) en Vlaams minister voor Brussel Pascal Smet (sp.a). Het pand zal zeven Brusselse welzijns- en gezondheidsorganisaties – Home-Info, Kenniscentrum Woonzorg Brussel, Ado-Icarus, Brussels Overleg Thuiszorg, Mederi, Brusselse Welzijns- en Gezondheidsraad en Huis voor Gezondheid – en ook de vzw De Overmolen onderdak bieden. Deze sociale projectontwikkelaar renoveerde het pand en zal als eigenaar het patrimonium beheren. Zo’n veertig medewerkers zullen zich inzetten voor een optimalisering van de Nederlandstalige welzijns- en gezondheidszorg in Brussel. Het idee om zich samen in één pand te vestigen weerspiegelt een doordachte visie op geïntegreerde zorg. Onder het motto ‘mu-

vanaf januari 2012

ren slopen, maakt deuren open’ belooft dit open huis een dynamisch beleid te voeren. Brigitte Grouwels is zeer verheugd over het project en spreekt de wens uit om in de toekomst constructief samen te werken. Ze hoopt op een vruchtbare kruisbestuiving tussen deze verschillende partners uit het middenveld. Volgens haar is “de Nederlandstalige welzijnssector zich in Brussel beetje bij beetje aan het uitbouwen, al is er wel nog een inhaalbeweging te doen”. Smet wees op de paradoxale situatie die de crisis met zich meebrengt: “We moeten meer verwezenlijken met minder, of met evenveel. Creativiteit en vernieuwing worden zo nog belangrijker.” Daarnaast brak de minister een lans voor “een gemeenschappelijk beleid met de Rand rond Brussel, want ook op het gebied van cultuur, onderwijs en welzijn vormen die samen een metropool”. TDM

Campus ukkel

© IVAN PUT

Klacht > Vlaams Komitee Brussel haalt slag thuis

Gewest mag geen crèches subsidiëren BRUSSEL – De Brusselse regering mag de gemeenten geen extra middelen toeschuiven om - buiten de Vlaamse en Franse gemeenschapscommissie om - extra plaatsen in kinderdagverblijven te creëren. Dat heeft het Grondwettelijk Hof beslist. Echt verwonderen doet de uitspraak niet: crèches zijn een gemeenschapsbevoegdheid. Toch had de Brusselse regering in de begroting 2010 4,5 miljoen euro ingeschreven voor de uitbreiding van kinderdagverblijven. Het geld moet echter niet worden terugbetaald. Het Vlaams Komitee, dat de klacht had ingediend, verwacht dat het Grondwettelijk Hof ook het begrotingskrediet voor de bouw van scholen

dat de Brusselse regering in 2011 heeft uitgetrokken gaat vernietigen. Het Vlaams Komitee is niet tegen de bouw van scholen en crèches, maar het zijn de gemeenschappen (gemeenschapscommissies) die dat moeten doen. Aldus Het Komitee. Ecolo en Groen! zijn het hiermee niet eens: zij vinden de uitspraak van het Grondwettelijk Hof cynisch. Elke Van den Brandt (Groen!): “Brussel staat voor een gigantische demografische uitdaging. Omdat de gemeenschappen er niet in slagen genoeg crèches te openen, springt het gewest bij. Dit schiet bij Vlaanderen in het verkeerde keelgat. Niets doen komt neer op schuldig verzuim.” DV

Bedrijfsbeheer Gezondheidscoach Cosmetisch masseur Welness medewerker Ayurvedische massage Koreaanse massage Visagiste Kruidenstempelmassage Hot stone masage Thaise voetmassage Chinese hoofd-, neken schouder massage Oorkaarsentherapie Babymassage Bamboomassage Cuppingmassage Haarextensions aanbrengen Kindergrime en facepainting Make-up voor zakenvrouwen Lymfedrainage Tuinaannemer Zomerse tafelschikkingen Natuurlijke cosmetica Kruidenzepen maken Werken met gevriesdroogde bloemen Moderne graf- en rouwboeketten Hondentrimmer Aromatherapie voor huisdieren Kruiden en paarden Textielexploratie Patroontekenaar Masterclass bloemen en pluimen Modiste Isolatiedeskundige Installateur centrale verwarming Aannemer tegelzetter/vloerder

Aannemer metsel/betonwerken Cerga professioneel gasinstallateur Aannemer schilderwerken Fotovoltaïsche cellen plaatsen Energiedeskundige Vlaanderen EPB-adviseur Brussel Specialist in kazen Wijnen proeven & kennen

Campus Tour & Taxis

Bedrijfsbeheer Uitbater Bed & Breakfast SQL server database expert Ondernemer e-commerce IT security expert Expeditie in praktijk: transport & logistiek Website bouwen voor niet-technici Webshop bouwen voor niet-technici Hoog scoren bij google E-mail marketing Geomarketing LinkedIn voor- en nadelen Kleuren assorti maken m.b.v. software Boekhouder Praktijkcursus boekhouden Management voor de KMO Adviseur payroll en sociale wetgeving Zakelijk & ondernemend denken voor kunstenaars Zaken doen met Japanners Zelfstandige praktijk voor (para)medici Notarieel medewerker (Assistent) filiaalhouder

Kom langs op onze infodag maandag 9 januari van 14 tot 20 uur Campus Tour&Taxis ∙ Havenlaan 86C/209 ∙ 1000 Brussel ∙ T 02 421 17 70 Campus Ukkel ∙ Stallestraat 292 ∙ 1180 Ukkel ∙ T 02 331 68 01

www.syntrabrussel.be


BDW REGIO

BDW 1308 PAGINA 12 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

Deze week in de Cité Messidor > Heuveltuinwijk blijft erg in trek

Er zijn nog 16.987 wachtenden voor u de openbare vastgoedmaatschappij direct klaar. “Overal hebben we dubbel glas gestoken, en waar nodig pakken we het sanitair aan, de keuken, vloeren – als een huis nog niet gemoderniseerd zou zijn,” maakt Gaillard duidelijk. “Zo mogelijk behouden we hetoorspronkelijke, dure beukenparket.” Al hoor ik elders klagen over dansende planken op zand. Op elektrische installaties na kan de vaste Messidor-werkploeg van zeven man alles aan, van metselen tot tuinwerk. Twee maanden duurt het snoeien van alle ligusterhagen in blokvorm langs de huizen. En dat doen ze tweemaal per jaar. Van de tamme kastanjes midden in de wijk lijken de gesteltakken ons veel te fors gesnoeid. De ruim twee eeuwen oude reuzenkastanje staat op de bewaarlijst van opmerkelijke bomen in het Brusselse gewest. Hij is de oudste en grootste in zijn soort in Brussel. We halen een rolmaat te voorschijn: iets meer dan vijf meter omtrek heeft de gezonde honinggevende trots van Messidor, althans op onze ellebooghoogte.

Criminaliteit?

Een verkaveling in wijnbouwterrasvorm en Oostenrijkse zwarte dennen (achteraan) typeren de tuinwijk van ‘Jef Kazak’.

VORST/UKKEL – Stel, u bent jong en wilt met de zon in het raam en zicht op Vlaanderen een huisje-met-tuintje huren. Iets betaalbaars in de woonwijk Messidor lijkt dan wel wat. Idyllisch bij de oudste kastanjeboom van het gewest, op de bergrug van Hoogtepunt 100. Wie weet - als u lang genoeg leeft – geeft de openbare vastgoedmaatschappij u een sleutel, na de 16.987 geïnteresseerden voor u.

N

ergens in het gewest lijkt een sociale tuinwijk zo begeerd als hier, op de 13 hectare grote heuvel Messidor, volledig zuidwaarts georiënteerd (niet te verwarren met een gelijknamig naturistendorp aan de monding van de Rhône). Goed zichtbaar vanaf de Ring (Drogenbos) rijst boven Vorst Nationaal de wijk op, tientallen meters hoog. Als een wijngaard met terrassen, vandaar de ronkende dreefnamen: Wijnoogst-, Wijnpers-, Tros-, Fusten-, Tastevin- en Tourainedreef. Aan een roseetje hebben ze niet gedacht als ik aanbel in de Anjoudreef 8. Niemand op de afspraak bij de coöperatieve Messidor. Dan maar eerst naar Nicole Warnotte – weer een klim -, die zeven jaar terug het wijkcomité heeft opgericht. Om de oudere bewoners vertrouwd te maken met de jonge, vaak grote gezinnen die hier terechtkomen, en

omgekeerd. “We organiseren wijkfeesten, met een thema. ‘Circus’ bijvoorbeeld, met vuurspuwers en jongleurs en de dankbare inbreng van getalenteerde bewoners,” geeft de actievoerster snel mee, voor we de wijk doorwandelen. Om de hoek, verscholen achter groen, ligt de feest- en picknickweide, met ‘kot’ om te vergaderen en compostpark. En verderop, naast het gratis tennisveld: een cool buurtlokaal, mooi uit de architectuurboekjes van Expo’58 ontsnapt. Ook verrassend is de slanke bakstenen fabrieksoventoren die tussen de bomen door priemt – “een erfgoedrestant van de peperkoekenfabriek Smets Claessens Pains d’Epices,” vertelt een bestuurslid van de geschiedkundige kring van Vorst ons later. “In overleg met Leefmilieu Brussel werken we aan de actie ‘Duurzame Wijk’,” vertelt Warnotte. “De paadjes – zoals een

binnenweg naar het treinstation – zijn door stortregens half weggespoeld. Daar moet in 2012 werk van gemaakt worden. Op enkele zachte bermen willen we wilde bloemenborders, om bijen te lokken. En fruitbomen en fruitheesters (een

Conclusie van de wijkenquête: la voiture avant toute chose! tiental Oostenrijkse zwarte dennen – uniek in het landschap – zijn er al voor gekapt, red.) Ook inzake energiebezuiniging en voeding (bedeling van bio-groentenkorven) beginnen we met bewustmakingsacties in 2012.”

© SASKIA VANDERSTICHELE

De Messidorwijk van 250 huizen, vaak per drie of vier gegroepeerd, telt nog enkele anciens van het eerste uur. Vooral in de eerste straten van 1952 (Wijnoogstdreef ) tot 1954, toen nog gereserveerd voor ambtenaren. De nestor van de wijk, 94 jaar oud, doet net zijn middagwandeling, maar wuift ons weg. Hij sloft richting Globelaan, waar vier flattorens (164 appartementen) ook deel uitmaken van de cité; en waar gedroomd wordt van ‘verhuizen naar een huis beneden’. “Al moet je, als je de wachtlijst overleefd hebt, nog steeds een minimuminkomen hebben, of OCMW- of ziekenfondstrekker of werkloze zijn om in aanmerking te komen,” stelt Didier Gouillard, hoofd van de openbare vastgoedmaatschappij nuchter. Alles samen is tuinwijk Messidor goed voor 810 bewoners, van wie er 109 eigenaar zijn in plaats van huurder. Er zijn plannen om in het bosje bij de historische ‘zwarte kasteelmuur’ tegenover de Belgische Wielerbond nog bij te bouwen: huisjes voor mindervaliden. Vijf jaar terug zijn de meeste woningen grondig gerestaureerd; waar iemand vertrekt of sterft staat de werkploeg van

Van honing gesproken: een buurtbewoonster begon met drie bijenkasten voor wijkproductie – al zijn de bijen in haar rode, gele en groene kast al tweemaal ‘gaan vliegen’ door vandalenstreken. “We zullen ze deze winter verhuizen naar de afgebakende composttuin,” horen we. Criminaliteit in dit bergdorp vol sociale controle? vragen we nog. Ja, vooral bij de hoekhuizen is het een plaag. “Politie en stewards sturen parkeerplaatszoekers van Vorst Nationaal onze wijk in, al zijn hier geen honderd plaatsen,” wijst Gaillard. “Het nieuwe mobiliteitsplan is hier een soep; we hebben de preventieschepen aangeschreven, zonder gevolg.” De wijk is niet gelukkig met de eenrichtingsommetjes die moeten worden gemaakt. “We hebben een bevraging gedaan over alternatief transport (fiets, motor, bus – een metro komt hier niet) en de conclusie is duidelijk,” schermt de voorzitster van het wijkcomité: “la voiture avant toute chose!” Een autoloze dag in de wijk werd afgewimpeld: “Taboe.” Waar is de tijd dat de bekendste bewoner van Messidor, de schrijver-journalist en folklorist Jean d’Osta – eigenlijk Van Osta (1090-1993), maar ‘er waren Vlaamse namen genoeg in Brussel’, vond hij – als geestelijke vader van Jef Kazak lachte met les autogoïstes.

Jean-Marie Binst


Sint-Agatha-Berchem > Vrijwilligers gezocht

Beschermd rietland helpen rooien De vereniging SOS Kattebroeck doet een oproep om de rietvelden - uniek landschap in het gewest - in het beschermde natuurgebied Kattebroek (Berchem en Dilbeek) te helpen schoonmaken. Vorige week zaterdag ging een handvol vrijwilligers aan de slag om het reeds gemaaide riet met hooivorken en harken bijeen te halen. Maar er blijft nog werk over. Ook op zaterdag 17 december (14 tot 16 uur) worden ‘groene handen’ verwacht (eerst bellen: 02-468.20.52.).

© SASKIA VANDERSTICHELE

BDW 1308 PAGINA 13 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

De gelaarsde helpers krijgen materiaal en handschoenen ter beschikking; de bedoeling is om het rietafval tot aan de paadjes te brengen. Daar wordt het snoeisel opgehaald door de gemeentelijke groendienst. Tijdens de overige adventweken zijn er geen werkdagen gepland. Meer hulp zal opnieuw nodig zijn vanaf zaterdag 7 januari; zo nodig wordt een en ander afgewerkt iedere daaropvolgende zaterdag tot februari 2012. JMB

Sint-Agatha-Berchem > Ouderen vaker slachtoffer ‘diefstal met list’

Oppassen voor valse agenten De politiezone Brussel-West (Jette, Koekelberg, Ganshoren, Sint-Agatha-Berchem, Sint-Jans-Molenbeek) waarschuwt voor ‘diefstallen met list’ in de eindejaarstijd. Mannen die zich met een armband van een elektriciteits- of gasmaatschappij, als postbode of zelfs als agent aan de deur aanmelden, kunnen wel eens andere bedoelingen hebben. Om een legitimatie vragen of contact opnemen met hun werkgever (of noodnummer 02/412.12.12) kan de twijfel wegnemen. Zeker ‘goedgelovige’ thuiswonende ouderen blijken vaak het slachtoffer te zijn van dit soort diefstallen, soms met geweld,

stelt de politiezone. Er is een verhoging vastgesteld van het aantal feiten in 2011. Vorig jaar werd een Noord-Franse bende onderschept die zich specialiseerde in ‘diefstal met list’. Op het internet bleken zelfs politieuniformen te koop (een strafbaar feit). “Het is moeilijk om alleenstaande ‘listen’ met elkaar in verband te brengen,” luidt het bij de communicatiedienst van Brussel-West. “Aan de voordeur alert zijn, en weten dat bedrijven als Belgacom het altijd eerst per brief laten weten als er een enquête in een wijk wordt gehouden, kan woningdiefstallen van JMB dit type al voorkomen.”

Anderlecht > Grondberg van 240.000 kubieke meter

Niet welkom met emmertje Door het werk aan het Gewestelijk Expressnet is er een enorme afvoer van grond op de ‘Werf Anderlecht’, tussen de gemeentelijke sportterreinen van Sint-Gillis (Lenniksebaan) en Neerpede. Sinds het begin van de werkzaamheden in april is er al 50.000 kubieke meter grond verzet. In totaal is er echter 300.000 kubieke meter grond op overschot. Het teveel ligt tijdelijk opgehoopt op de ‘W-Top’ (werfopslagplaats Anderlecht). “Het is permanent zoeken naar mogelijkheden om de ‘gratis grond’ weg

ADVERTENTIE

Eindejaar in de stad begint bij de MIVB.

te geven,” zegt werfprojectleider Bart Apers. “Alles en iedereen (in België) is welkom: grote putten en steengroeven, afgegraven saneringsterreinen, aannemers en particulieren die grond nodig hebben. Op dit moment gaat de grond naar Charleroi en Clabecq, waar terreinen werden gesaneerd. Maar we zitten nog met ruim 240.000 kubieke meter.” Om alles weg te krijgen is nog twee jaar nodig, schat onderaannemer Aertssen, die met het grondJean-Marie Binst verzet is belast.


BDW REGIO

BDW 1308 PAGINA 14 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

Vorst > Een beetje beterschap voor Dudenpark

Herstellen na de zondvloed Tijdens de zomermaanden spoelde een deel van de paden in het Dudenpark weg. Nu worden ze voorlopig gerenoveerd om erger te voorkomen. Volgend jaar dan beginnen de definitieve werkzaamheden aan de art-deco-ingang van het park. Maar een volledige renovatie blijft verre toekomstmuziek. De paden aan de ingang-Brusselsesteenweg raakten in de zomermaanden erg beschadigd door enkele stortbuien. Grote hopen puin spoelden op de lager gelegen Brusselsesteenweg, met heel wat overlast voor het verkeer tot gevolg. En ook de omwonenden zagen grote hoeveelheden puin in hun tuin spoelen. De wandelpaden in het Dudenpark zijn ook al verschillende jaren verkommerd. Daar komt nu tijdelijk een oplossing voor. Er wordt een dunne laag dolomietgrind aangebracht om soortgelijke schade tijdens regenbuien

te voorkomen. Maar Marion Bonduelle van het Brussels Instituut voor Milieubeheer geeft toe dat het maar lapwerk betreft. “Een volledige renovatie van het Dudenpark blijft jammer genoeg uit. Nochtans is die broodnodig, maar er komt heel wat studiewerk bij kijken om het park en zijn bomen te renoveren.” Het Dudenpark is beschermd, wat snelle actie onmogelijk maakt. “Bovendien,” zegt Bonduelle, “is het park een restant van het Zoniënwoud. Eigenlijk is het meer een bos dan een park, met hoge en oude beuken die ten prooi vallen aan ziekten. Dat vertraagt het studiewerk sterk.” Goed nieuws is er wel voor de trap in art-decostijl aan de ingang-Lainésquare. Daar beginnen renovatiewerkzaamheden in de lente van 2012 om hetzelfde jaar nog te eindigen. Een van de mooiste panorama’s in Brussel wordt dan in ere hersteld. CD

UIT DE oude doos

Zoek de rog, zoek de paling

orkshop b o Deze trap aan de ingang Lainésquareek wordt e volgende lente hersteld - niets te vroeg.

c iro sp clh iro cre tisepf c iro l sp tief cre

el cre orkshoaptief boewkoerkshop boeke

op orksh c iro boeke

n

h

sp el

a

tief c hiro cre

ef

sp el

orkshop

w

ef creati boeke op orksh w o chir bloeke n o sp e c ir ief attel. 02-511 44 31 sp Del Banier Brussel, Kolenmarkt cre85, s Meer info op ief shop

hop ke

n

h

e

ADVERTENTIE

sp cre a l tief cre wotief rk

shops

boe chkierno orkshop boekesp el

sp el

c hiro

ken om de vissoep of de gratin de poissons de la Mer du Nord op smaak te brengen. Let ook op de ‘viswijven’ achter de vruchten der zee. Zien ze er niet chiJMB quer uit dan hun clientèle? www.brusselnieuws.be/ oudeberoepen Meer op www.academieroyale.be. Met dank aan Dexia en:

DE KROON, STEEN VOOR STEEN SINT-AGATHA-BERCHEM – Na de slotparty begin december zijn de werkzaamheden aan het historische gebouw van gemeenschapscentrum De Kroon nu echt begonnen. Hoe het werk evolueert, kunt u virtueel volgen. Niet op Google Street View, wel veel accurater op dekroon.vgc.be/zaalgebruik/verbouwingen.asp: daar vindt u een 3D-filmpje van het gebouw in wording. Op www.flickr.com/photos/ JMB gemeenschapscentrumdekroon staan foto’s.

ADVERTENTIE

hiro eren, Ccre len, doen! l epe c irosps

chiro

Hoe schoon toch, die overdekte handelshal op de Vismet (al wil ik me over de geur op een hete zomerdag niet uitlaten...). Vandaag proberen de verkoopsstalletjes van de kerstmarkt deze gemoedelijke am­biance te evenaren. Hier kon je kreukeltjes uit de mand proeven, of kabeljauwkoppen en -graten voor een habbekrats meekrijgen om er samen met een handvol mosselen en rivierkreeftjes – toen nog uit eigen land – een heerlijke visfumet van te trekken. Die kon je dan bij kermissen of op kerstdag gebrui-

TELEXREGIO

© BART DEWAELE

c iro sp l cre tie f

Beste lezer, tot nieuwjaar presenteren we u wekelijks een prentbriefkaart met oude (soms verdwenen) beroepen. Veel kijkplezier.

cre atief

shops chiro fwork e i t re al csp e obpseken spel sh o woarktief cre cre atief eken b o workshop workshops boeke n boeken

www.debanier.be

S OCIALE V ERHUURKANTOREN

Verhuur uw woning zorgeloos Gegarandeerde huur elke maand Verzekerd verhuurbeheer Onderhoud van uw woning Steun voor de renovatie Fiscale voordelen

www.fedsvk.be 02 412 72 44

M�� �� ����� ��� ��� B������� H������������� G�����


Koekelberg > Espace Catastrophe komt over uit Sint-Gillis

Wijkcontract mikt op ‘circusschool’ De gemeente Koekelberg wil met geld van het wijkcontract Historisch Koekelberg een nieuwbouw neerzetten voor Espace Catastrophe, de organisatie voor circuskunsten die sinds 1995 gevestigd is in de oude ijskelders in Sint-Gillis. Kostprijs van het bouwproject: 7 miljoen euro.

In een klap 124 sociale woningen erbij en nog eens 76 middelgrote woningen.

Anderlecht > Gemeente steekt tandje bij in huisvestingsbeleid

Tweehonderd nieuwe woningen De gemeente Anderlecht heeft er sinds kort 200 nieuwe woningen bij. Staatssecretaris voor Huisvesting Christos Doulkeridis wijdde de nieuwe wijk op de Lenniksebaan vorige week in. Ondertussen werd ook de eerste steen gelegd in de Materiaalstraat. Daar komen 119 GOMB-woningen. Met het afronden van het bouwproject op de Lenniksebaan komen er 124 sociale woningen bij en nog eens 76 middelgrote woningen, bestemd voor middeninkomensgezinnen. De helft ervan bestaat uit gegeerde drie- of meerkamerwoningen, tien procent is toegankelijk voor personen met een beperkte mobiliteit. De woningen zijn gebouwd rond een autovrij parkje, en werden zo gemengd mogelijk ingedeeld om een gezonde mix te waarborgen. Zo stelt Doulkeridis dat er “geen waarneembaar verschil is tussen de middelgrote en de sociale woningen”. De nieuwe bewoners zullen dankzij het balansventilatiesysteem met warmteterugwin-

ning en thermische zonneboilers een lage energierekening betalen en hun ecologische voetafdruk beperken. Voor dit project sloegen gemeente en gewest de handen in elkaar. De gemeente stelde de bouwgrond ter beschikking van het Brussels Gewest, dat meer dan 35 miljoen in de bouw van de woningen investeerde. De gemeente zal het verdere beheer van de woningen op zich nemen. De sociale huisvestingsmaatschappij de Anderlechtse Haard zal zich over de sociale woningen ontfermen. Ondertussen is ook begonnen aan de bouw van een ander grootschalig bouwproject in de Materiaalstraat, dicht bij het Albert I-plein in Kuregem. Daar bouwt de Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij Brussel (GOMB) het komende jaren 119 appartementen voor middeninkomensgezinnen. De oplevering van de één- tot driekamerappartementen en duplexen met terras is voor eind volgend jaar gepland. Bruno Schols

De gemeente wil bouwen op het terrein aan de Neepstraat waar enkele gemeentelijke loodsen staan. Het gebouw zal met een brug verbonden worden met een tweede nieuwbouw in de Stepmanstraat. De gemeente koopt daarom nu al de drie huisjes in de Stepmanstraat naast het Sportcentrum, voor ongeveer 700.000 euro. In totaal zal de gemeente ongeveer een miljoen euro bijdragen aan het project. Het wijkcontract zal 4,6 miljoen betalen. Ook van de Franse Gemeenschap wordt een subsidie van zo’n miljoen verwacht.  “Zonder de steun van de Franse Gemeenschap beginnen we niet aan het project,” zei burgemeester Philippe Pivin (MR) afgelopen woensdag op de gemeenteraad. Pivin benadrukte dat Espace Catastrophe geen echte circusschool is (“dan zou de Franse Gemeenschap ons niet steunen, er is immers al een circusschool in Brussel”). Hoewel de organisatie geregeld cursus-

sen en workshops voor jong en oud geeft, omschrijft hij ze als Europees studie- en ontmoetingscentrum voor circuskunsten. Espace Catastophe richt zich dan ook in de eerste plaats tot professionals. Niet zo vreemd dus dat de wijkcommissie, waar de plannen voor het wijkcontract ter sprake kwamen, de burgemeester vroeg of zo’n circusorganisatie voor beroepsmensen wel iets kan bijdragen voor de lokale jeugd. “Pivin verzekerde ons dat Espace Catastrophe zich zal moeten schikken naar de voorwaarden opgelegd door de gemeente,” zegt Bram Moerman van Groen!, die in de wijkcommissie zit. Het is overigens de bedoeling dat er in het nieuwe gebouw ook een cafetaria komt en enkele ruimten die ook door andere culturele verenigingen kunnen gebruikt worden. Volgens Maty Parisky van architectenbureau Cooparch, dat het wijkcontract voorbereidde, is het juist in een verkommerde buurt belangrijk dat er een degelijk en enigszins alternatief cultureel project komt. “Het zal het imago van de buurt opkrikken en de blik van de jongeren verbreden,” zegt ze. Espace Catastrophe werkt nu al gedeeltelijk in Koekelberg, met name in een artnouveaugebouw in de Herkoliersstraat. Bettina Hubo ADVERTENTIE

DEZE WEEK NOCTURNES TOT 20U

ELKE AVOND, VERRASSEND MOMENT (VAN MAANDAG 19 TOT EN MET VRIJDAG 23 DECEMBER)

Sint-Lambrechts-Woluwe > Orale gemeentegeschiedenis

Tegencultuur? In Sint-Lámbrechts?? Dat meen je niet! Sint-Lambrechts-Woluwe wordt vaak weggezet als een residentiële enclave waar nooit iets te beleven valt. Bernard Ide en Jacques Bette wijzigen dat beeld radicaal met hun langverwachte boek Des habitants racontent l’histoire de Woluwe-Saint-Lambert. De ‘Hof ter Musschen’ à Wolubilis. De ondertitel komt nogal klassiek over; het lijkt erop dat het weer eens gaat over de transformatie van dorp tot stad. ‘Woluwe als epicentrum van de Europese tegencultuur, als laboratorium van een (vooral) muzikale revolutie’ zou misschien completer zijn. Want elke hoofdstuk levert verrassende anekdotes op, zoals deze over het fenomeen ‘De Ferme V’. De plaats van handelingen was de monumentale boerderij van de familie Verheyleweghen, de V stond plots symbool voor het overwinningsgeloof van de jeugd. De oude schuren werden tijdens de Chilicrisis omsingeld door rijkswachters te paard, bijgestaan door geheime agenten van bizarre signatuur. Eens iets anders dan de degelijke boerenpaar-

den waarvoor Woluwe vroeger zo beroemd was. Enkele van ’s lands eerste wetswinkels en centra voor gezinsplanning zagen er het licht. De omstreden (abortus)arts Willy Peers was er kind aan huis. En natuurlijk waren er de concerten. De lijst van groepen die in de Ferme V voor het eerst buiten Engeland optraden is ongelofelijk indrukwekkend. Natuurlijk was het hele gebeuren een doorn in het oog van vele weldenkende Woluwenaars. Hun vermogen om de oorspronkelijke dynamiek te ridiculiseren en banaliseren en daarna te kanaliseren en te recupereren, wordt in het boekje toch heel fijntjes uit de doeken gedaan en dit niveau wordt bijna in elk hoofdstuk gehaald. Lieven Bulckaert Presentatie door Bernard Ide en Jacques Bette op vrijdag 16 december om 10.45 u in het Maison des Jeunes, Prekelindenlaan 78. ISBN 978-2-8052-0138-7, 14,50 euro.

www.thewshopping.be

BDW REGIO

© KABINET CHRISTOS DOULKERIDIS (ONDERWIJS, TOERISME EN BUDGET)

BDW 1308 PAGINA 15 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011


BDW 1308 PAGINA 16 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

Spoken World (2) > Nozizwe Dube, activiste in de dop

Ik heb een droom: moedig de meisjes aan! BRUSSEL – De slotdag van Spoken World, 10 december, was voor de jeugd, met acht Brusselse jongeren die een toespraak hielden in het Kaaitheater. Vandaag presenteert BDW u de toespraak van Nozizwe Dube, een jonge Zimbabwaanse die sinds twee jaar in ons land woont, over haar onwankelbare droom.

Het begint allemaal met een afschuwelijke kreet om middernacht – meteen zit ik onder het kippevel. Het is niet de enige schreeuw, er zijn er verschillende te horen en ze scheuren allemaal de nachthemel aan stukken. Mijn vader is weer bezig zijn dagelijkse klusje op te knappen: mijn zus afranselen. Stel je even een Afrikaanse buurt voor, met gezinnen die allemaal iets gemeen hebben. In het huis van mijn gezin kun je die ‘bloedstollende kreet’ telkens weer om middernacht horen. In het huis naast het onze wordt mijn beste vriendin, Sakhile, verkracht door niemand anders dan haar eigen vader. Ze kan het niemand vertellen, het is een groot taboe te praten over mishandeling van meisjes en verkrachting. En tegenover ons huis woont Vimbai, het meisje dat verkracht werd door een volstrekt vreemde die drager is van de langzame maar pijnlijke doder: aids. De gemeenschappelijke noemer: monsters van mannen die kwetsbare meisjeskinderen misbruiken. Er zijn op dit ogenblik ontelbaar veel van dit soort buurten in Afrika. In Zimbabwe worden gemiddeld honderd meisjes per dag verkracht door hiv-positieve mannen of zelfs familieleden die zich koesteren in de misleidende zon van verwaarlozing, misbruik en verkrachting van kleine meisjes. Maar waar is de wet dan gebleven? vraagt u zich misschien af. De wet schijnt helaas met elke nieuwe dag nog wat meer te verdwijnen als het over de rechten van meisjes gaat. In Afrika zou, als we vrouwen en mannen ieder op een andere arm van een weegschaal zetten, die met alarmerende vaart doorslaan naar de kant van de mannen. Jazeker, de wet slaat

“De hiv-positieve verkrachter van Vimbai zal geen strenge straf krijgen: mannen worden in Afrika algemeen belangrijker gevonden dan vrouwen”

muren van een gevangeniscel zien. Degenen die in hetzelfde schuitje zitten als de meisjes in mijn buurt weten hoeveel pijn dat doet. Heeft een van u ooit het gevoel gehad dat je erbij moet toekijken, je handen op je rug gebonden, hoe een bulldozer je huis, met daarin alles waar je op de wereld van houdt, neerhaalt, terwijl je niets kunt doen? Veel meisjes hebben die frustrerende ervaring moeten opdoen en hebben het gevoel gehad dat die nooit meer over zou gaan. Hoewel, misschien gaat ze toch nog over. Iets veranderen aan de waardering

© MARC GYSENS

BDWOPINIE

heel erg door in het voordeel van de mannen: vrouwen die eindeloos vaak de tocht naar de rechtbank maken in rechtszaken tegen vaders die hun dochters verwaarloosden trekken onveranderlijk aan het kortste eind. De hiv-positieve verkrachter van Vimbai zal geen strenge straf krijgen: mannen worden in de Afrikaanse samenleving algemeen als belangrijker beschouwd. En Sakhile, mijn beste vriendin van naast ons? Haar verkrachtende vader zal nooit van zijn leven de

voor meisjes en vrouwen in de samenleving is onontbeerlijk en zou al een goed begin zijn. Er zou geen verschil moeten zijn tussen jongens en meisjes in Zimbabwe, we zijn allemaal gelijk. Punt twee, onderwijs is de poort naar succes. Kijk naar jonge vrouwen hier in België; ze hebben tig mogelijkheden om hun dromen werkelijheid te laten worden. Vaders zouden hun kinderen niet mogen verwaarlozen louter vanwege hun vrouwelijke seksualiteit. Vaders zouden gedwongen moeten worden hun verantwoordelijkheid evenzeer voor de meisjes als voor de jongens op zich te nemen. Het zou geen vrije keuze mogen zijn. Het is wellicht al bij u opgekomen dat sommige vrouwen die dit allemaal doorgemaakt hebben niet altijd uiting geven aan hun gevoelens. Er wordt op ze neergekeken en ze worden gemeden - daar komt het door. Ze worden niet gerespecteerd, moeten de gevolgen alleen dragen. Wat zou er van ons worden als we meer gewaardeerd zouden worden door onze Afrikaanse vaders, als ze ons zouden aanmoedigen en trotser op ons zouden zijn? Een goede vraag voor u, dames en heren, om over na te denken! Nu we het toch over kindermisbruik hebben, misschien zouden we meer van dit soort gruwelijke ervaringen kunnen voorkomen als we meer en openlijk praatten over onze dilemma’s. Niets en niemand zou ons mogen tegenhouden! Als we meer praatten over aids, dan zouden meisjes niet bang zijn de misdaden aan de kaak stellen van die monsters van mannen die onze samenleving ontwrichten. Met jonge energieke vrouwen als ik – ik wil mensenrechtenactiviste worden, tussen haakjes – zal het misbruik van meisjes en hun rechten beginnen steeds meer tot het verleden te behoren. Zal dat morgen al het geval zijn? Dat zou erg

Nozizwe Dube, op het speciaal voor Spoken World ontworpen spreekgestoelte: “Niets en niemand zou ons mogen tegenhouden!”

onrealistisch wezen. Rome is niet in één dag gebouwd, maar elke inspanning is er één. Jazeker, we zouden een revolutie kunnen beginnen! Ik heb misschien niet veel bij me, maar met een koffer volgepakt met mijn ervaringen met het misbruik van meisjes in Afrika en mijn onwankelbare dromen zou ik nog wel eens ergens kunnen komen. Die droom is klaar om over luttele ogenblikken wereldkundig te worden gemaakt. Het staat allemaal hier te beginnen, nu, met deze toespraak. Wat begint als gefluister van mij,

kan uiteindelijk de hele wereld rondgaan. Als een wiegeliedje, je zingt het voor degene naast je, het verspreidt zich over de hele stad en voor je het weet zingt het hele land het. En dan een werelddeel, en dan de hele wijde wereld die ervan in de ban raakt. Ja, ik heb een droom! Ik groet u, dames en heren! Ik ben Nozizwe Dube, een jonge vrouw uit Zimbabwe met niet louter een droom, maar een opdracht van lange adem die moet worden uitgevoerd. Nozizwe Dube

Nozizwe Dube - wat in haar eigen taal zoveel betekent als ‘Moeder der volkeren’ - werd geboren in Zimbabwe, op 4 november 1995, en is dus net zestien geworden. Samen met haar moeder, Tapuwa, die het land ontvluchtte, is ze ondertussen bijna twee jaar in België. Door haar geïnpireerd wil Nozizwe schrijfster worden - bij haar grootouders al, beiden leraars in het (toen nog) koloniale Rhodesië, was ze zelden zonder pen en papier in de hand aan te treffen. Sinds enige tijd neemt ze deel aan wedstrijden debating en spreken in het openbaar. Ze volgt een wetenschappelijke richting in een Vlaamse school en houdt van de Chiro, gymnastiek en tennis.


BDW 1308 PAGINA 17 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

BRIEVEN VAN LEZERS   lezersbrieven@bdw.be Portret Van Rompuy (2) De gustibus et coloribus, et cetera. Hetzelfde denken omtrent kunst: het kan niet en zal nooit kunnen. Maar wat lezer Jonas Wille (BDW 1306 van 1 december, p. 15) bezielt om het portret van Herman Van Rompuy af te schilderen als waardeloos, mag Joost weten. Onwelvoeglijk is dat. Dat de persoonlijke stijl van Anne van Herreweghen in de kamergalerij van staatsieportretten voor een trendbreuk zorgt met het ‘academisch-ambachtelijke’, juich ik toe. Waar het op aankomt, is dat er iets wordt weergegeven van het wezen, het innerlijke, de ziel van de geportretteerde. Wel, met het monkellachje van de haikudichter, de zachte contouren en de discrete tinten is de kunstenares mijns inziens mooi in haar opdracht geslaagd. Wie de waarde van Anne van Herreweghens kunst in twijfel trekt, beveel ik een kennismaking met haar veelzijdigheid gaarne aan. Haar site op het internet moet zelfs Jonas Wille doen inzien dat gewagen van ‘ondermaatse gelijkenis’ een grove beoordelingsfout is. Willem Persman, Ukkel

Rattenplaag Mevrouw Lalieux, Zolang ik mij kan herinneren ligt er al zwerfvuil aan en rond de tramhalte ‘Eeuwfeest’ richting ‘De Wand’. Het vuilnisbakje dat er staat wordt wel regelmatig geledigd, en zelfs in een straal van twee meter rond dit bakje wordt het vuil opgeruimd. Op het grasperk naast de halte, op de tramsporen en op het braakliggend gebied tegenover de halte ligt het echter vol afval. De kraaien komen hier dan ook dagelijks een bezoekje brengen in de hoop nog iets eetbaars te vinden. De aanwezigheid van deze vogels stoort niet, het heeft zelfs zijn charmes, vind ik. Maar sinds enkele weken heeft zich hier ook een hele rattenkolonie gevestigd. En dat is natuurlijk veel minder aangenaam. Bovendien hebben die beestjes de reputatie zich snel voort te planten en dragers en verspreiders van allerlei ziektes te zijn. Nu weet ik niet onder wiens bevoegdheid ‘rattenplagen’ vallen, die van u of die van de heer Kir. Maar laat me gerust iets weten als jullie er niet uit komen, dan kan ik misschien de Rattenvanger van Hamelen contacteren om dit probleem op te lossen. Met vriendelijke groeten, Stefan De Roo, Laken

De hemel klaart op... Benoît Cerexhe (CdH) zegt dus, in het citaat op pagina 3 van BDW nr. 1307, dat het aan de Vlaamse politici ligt dat er blijkbaar (voor hem) te veel boven Bxl wordt gevlogen... Ik moet meteen terugdenken aan zijn taalgenote mevrouw Durant (Ecolo nog wel), die het destijds bestond de vliegtuigen in een bocht om Bxl te leiden om haar stad maar te sparen. De Vlamingen, die mochten wèl wakker liggen ’s nachts. Gelukkig stak de toenmalige premier daar een stokje voor. Het is me toch wat in dit ‘land’ als nu zelfs al vliegtuigen communautair bestempeld worden.. Carlo Pilatus, Leuven

Inschattingsfout De bewering door de burgemeester van Elsene Willy Decourty omtrent het moeilijke evenwicht in een stad

BDWOPINIE

waar niet veel Nederlands gesproken wordt onderhoudt alleen de indruk dat er weinig Vlamingen in Brussel zouden wonen; hetgeen enerzijds correct is – maar waar het aantal woonachtige Franstalige Belgen en/of Brusselaars ook vermindert – en anderzijds foutief is aangezien er overdag – in vergelijking met vroeger – heel veel Nederlands gepraat wordt door het grote aantal Vlamingen die in Brussel komen studeren en werken in de administratie, zaken- en bedrijfswereld en hun inkopen komen doen. Er zijn overigens meerdere wijken en omstandigheden in Brussel waar men zelfs nog weinig Frans hoort spreken, zoals in de Europese buurt waar men a.h.w. uitsluitend Engels hoort; dit is ook het geval in Elsene, waar één wijk volledig à l’africaine functioneert. Jonas Wille, Oudergem

Actiris Als oudere werkloze ben ik sinds 2008 bezig met het verzamelen en het reageren op de Actiris-werking. Ik dacht eenmaal mevr. Tania Dekens, toen voorzitter van het beheerscomité van Actiris en hoofd van de Cel Sociale Zekerheid bij minister Laurette Onkelinx, weg is van Actiris zal het beteren. Niets is minder waar. De problemen blijven zich opstapelen. Als Nederlandstalige werkloze komt men nog steeds de dag van vandaag op de tweede plaats in de Actirisantenne te Anderlecht. Franstalige werkzoekenden gaan voor. Ik melde dit aan dhr. Yves Bastaerts twee maanden geleden met nog andere knelpunten. Geen antwoord, zelfs met het inschakelen van de ombudsman van Actiris Mans J. en Dhr. Fons Leroy (gedelegeerde bestuurder van de VDAB ). Dhr. Yves Bastaerts liet weten in het BDW-nummer 1306, in het artikel ‘Wij willen het gratis headhuntbureau van Brussel worden’: “Actiris was heel lang centraal, bijna militair georganiseerd. Eén chef omringd door een pretoriaanse garde.” Het enige verschil van vroeger met nu is dat het nu een volledig militaire organisatie geworden is. Wim Muylaert, Anderlecht

Racisme bij politie (2) Dit is een reactie op de lezersbrief van Sara Stacino, gepubliceerd in BDW nr. 1307 van 8 december. Uit de omschrijving van de feiten blijkt duidelijk dat de politieagenten hun boekje hier grondig te buiten gegaan zijn. Hun reactie was buitenproportioneel, en het is uiteraard onaanvaardbaar dat politieagenten zich racistisch uitlaten tegen burgers en dat zij de taalwetgeving niet naleven. Niettemin zou het mevrouw Stacino sieren als ze de situatie iets genuanceerder bekeek. Haar leerling had de agenten een machoblik toegeworpen, en zijn stoppen waren ‘natuurlijk’ doorgeslagen. Daarop zeg ik: als je zo nodig de grote Jan wil uithangen, moet je achteraf niet komen klagen als je de deur tegen de neus krijgt. Als ik het even overdreven mag formuleren: wie zijn gedrag spiegelt aan pakweg gangsta rappers, en wie zich zo kleedt, hoeft niet verbaasd te zijn als hij ook als een gangster behandeld wordt door derden (en zeker door de politie). Correct gedrag is erg belangrijk, ook als de andere partij zich zelf niet correct gedraagt. De leerlingen van mevrouw Stacino hadden er misschien meer aan gehad deze boodschap te horen te krijgen, dan de simplistische boodschap “de politie is racistisch”. Benjamin Uyttebroeck, Etterbeek

SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.

Matonge door Danny Vileyn Vele decennia lang stond Matonge garant voor een vleugje exotisme: kapsalons waar Congolese dames in kleurrijke pagnes de klanten een Afrikaans kapsel aanmaten, restaurants met heerlijke moambe, sakasaka en maniok en ook wel een occasionele bar met een niet al te beste reputatie. Maar dat namen we erbij, net als de sporadische verhalen over de illegale invoer van dieren. Het waren andere tijden, tijden waarin de Congolees gezegend leek met de eeuwige glimlach. En we de illusie koesterden dat de Congolese gemeenschap en Matonge samenvielen. De gewelddadige betogingen in de buurt van de Naamsepoort tegen de herverkiezing van Joseph Kabila als president van Congo hebben dat geromantiseerde beeld nu wel definitief doen vervagen. Brandende auto’s en molotovcocktails rond de Naamsepoort roepen geen sympathie op. Gisteren niet, vandaag niet en morgen evenmin. De Brusselse Congolezen (althans, een deel van hen) zijn gefrustreerd omdat hun kandidaat Etienne Tshisekedi de verkiezingen niet gewonnen heeft. En ze zijn verbolgen omdat de Franstalige politici en media Kabila niet laten vallen. Béa Diallo (PS), schepen en waarnemend burgemeester van Elsene en zelf van Guinese origine, heeft het mogen ondervinden. Naar gelang van de bron heeft de ex-bokser een paar rake meppen gekregen of net kunnen ontlopen. De Brusselse Congolezen zijn boos ze lijken maar één waarheid te aanvaarden: wie niet met mij is, is tegen mij. Of heeft er zich onder de betogers toch een harde kern relschoppers gemengd? De gemeente Elsene heeft in ieder geval het samenscholingsverbod verlengd tot en met komende zaterdag. Ondertussen is de aandacht verschoven van de rellen naar het politieoptreden. Een jonge Ghanese theaterstagiair die niets met de rellen te maken had is door de politie zwaar mishandeld, zo vertellen betrouwbare getuigen. Dat heeft tot een toevloed van klachten bij het Comité P wegens buitensporig geweld geleid. Of ook die 50 klachten terecht zijn, moet het Comité P beoordelen. En hoewel ook voor de politie geldt dat ze onschuldig is tot haar schuld bewezen is, heeft ze nu door het geweld tegen de jonge theaterstagiair alvast de schijn tegen. De politie wordt verondersteld ook in moeilijke omstandigheden haar koelbloedigheid te bewaren, buitensporig geweld mag nooit getolereerd worden. En de Congolezen? Ook voor hen gelden regels, zij moeten net zoals iedereen die zijn mening wil uiten de spelregels volgen. Matonge is al lang geen eiland in de stad meer.

EVA HILHORST


© ARCHIEF FREDDI SMEKENS

BDW 1308 PAGINA 18 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

VADROUILLE DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK

FREDDI SMEKENS ZWAAIT AF NA TWEEDUIZEND DEZE WEKEN

‘Dat is mooi: weten dat mensen mij lezen als ik schrijf’ INTERVIEW DOOR MICHAËL BELLON

BRUSSEL – BDW heeft het even moeilijk. Omdat de pensioenleeftijd nog altijd niet hoog genoeg is opgetrokken, wil het geval dat Freddi Smekens na 38 jaar dienst de redactie verlaat. Vlak voor kerst zal hij de redactie uitzwaaien, met in de hand de krant die hij zelf heeft zien geboren worden, en die hij al die jaren heeft gelardeerd en opgewaardeerd met zijn stukken en stukjes, zijn kritieken, rubrieken en Brusselse kronieken.

E

erst nog even een kleine onthulling: Freddi Smekens heet eigenlijk Freddy Smekens. Freddi is zijn nom de plume, een schuilnaam waarachter zijn beminnelijke, schrandere en joviale persoon duidelijk zichtbaar blijft. Freddy Smekens: “Toen mijn vader me ging aangeven bij de gemeente, zeiden ze hem nochtans dat Freddy niet kon omdat die naam niet op de kalender voorkwam. Het moest Frederik of eventueel Alfred zijn. Maar mijn vader zei: ‘Het wordt Freddy.’ Na de oorlog werden er wel meer Engelse namen gegeven.”

Wat voor ketje was de kleine Freddy? Freddi: “Wat ik me herinner van de school, is dat ik lang heb gewacht op de eerste schooldag. Mijn moeder zei altijd: ‘Binnenkort is het aan u’ en op een bepaald ogenblik was het dus

En daarna was het studeren geblazen. Freddi: “Dat is veel gezegd. Ik wilde Germaanse doen, maar belandde aan de VUB in 1968: een goed jaar om te studeren (grijnst). Revolutie is misschien een groot woord, maar soms weet je dat er geschiedenis geschreven wordt. Ik heb aan de bezetting van de universiteit meegedaan, waarschijnlijk omdat ik niets anders te doen had. Ik was dus gebuisd, onder andere door een professor voor wie ik altijd respect heb gehad: Leopold Flam, die filosofie gaf. Hij vroeg me waarover ik mijn werkje had geschreven. ‘Ú bent betaald om dat te weten,’ antwoordde ik. Ik kreeg nog een twee voor de verplaatsing.” Je bent al een eeuwigheid journalist, maar niet van in het begin. Freddi: “Ik ben even machinist geweest in de KVS. Tegen vijftig ballen per uur. Lossen en laden, opstellen, stand-by blijven voor de changementen. Dat was in de periode dat Nand Buyl er artistiek directeur was. Toen ik hem later interviewde, heb ik in het begin gezwegen. Pas op het einde zei ik: ‘Meneer Buyl, gij hebt mij ooit buiten gesmeten.’ – ‘Ik dacht al dat © ARCHIEF FREDDI SMEKENS

Had de oorlog sporen nagelaten in de familie Smekens? Freddi: “Mijn vader, Louis, was twintig in 1945. Hij heeft niet moeten vechten, maar hij en mijn moeder Mariette hebben toch veel honger geleden. Ik heb bijvoorbeeld van mijn leven geen boestering, haring, gegeten omdat de haring hen gered heeft.” “In 1947 heeft mijn vader wel een opleiding tot parachutist gevolgd in Schaffen. Maar dat was na een weddenschap. Hij werkte bij de spoorwegen, waar men hem ‘de Ket’ noemde. En hij wou laten zien dat hij durfde. Hij woog zestig kilo en dat was juist genoeg om niet afgekeurd te worden. Breed hebben we het nooit gehad. Wij waren van het Rad, de sociale wijk die niet zo lang daarvoor was opgericht door De Anderlechtse Haard. Anderlecht was een socialistische gemeente; mijn vader was een syndicalist die bijvoorbeeld ook aan de staking van 1960 heeft meegedaan. Van het stakingsgeld maakte mijn moeder de saucissen en daar moesten we mee toekomen.”

zover. Toen ik dan terugkwam van die eerste schooldag, vroeg ze mij hoe het was geweest. ‘Goed,’ antwoordde ik, ‘maar ik denk toch dat ik morgen moet teruggaan.’” “Voor de rest weet ik dat ik toch een verteller was. Ik kon ook goed opstellen maken. Nu ben ik aan het stoefen, maar laat het zo zijn. Ik kon als eerste in de klas lezen, maar ik kan nog altijd niet tellen. Dyscalculie. Veertien maal achttien, daar heb ik een halve eeuw voor nodig. Maar lezen en vertellen, de verbeelding gebruiken, dat zat er wel in. Ik heb ook goede leraren gehad, en in de bibliotheek stonden boeken.” “Toen we naar Veeweide verhuisden, ging ik naar het Atheneum Joseph Bracops, en toen dat gesplitst werd, was ik bij de eerste leerlingen van het Nederlandstalige atheneum in de Sint-Guidostraat, waar mijn zus daarna nog een beetje carrière heeft gemaakt (ze was er

leerkracht en directrice en is nu coördinator van het gemeenschapsonderwijs in Brussel, MB).”

ik u kende,’ antwoordde hij, ‘waarde gij dat?’” “Daarna heb ik aan de MIVB aan een examen voor vertaler meegedaan omdat Johan Wambacq (nu hoofd communicatie Kaaithea­ter, MB), die ik weleens tegenkwam op café, het daar afstapte op de exploitatiedienst. Tot mijn absoluut grote verbijstering mocht ik beginnen. Als er bepaalde zaken moesten worden omgeroepen of als er interne boodschappen waren, moest ik die naar het Nederlands vertalen. De ‘Stand der metrowerken’ was een van mijn jobs. Dat waren nota’s over de vorderingen van de metrowerkzaamheden. Er was toen veel tegenstand van de bevolking, ja. In Anderlecht waren die van de Wayezstraat – toch de Nieuwstraat van Anderlecht – absoluut tegen een station, waardoor er nu een halte is op de parallelle Birminghamstraat.” “Toen er Duitse ingenieurs naar de MIVB kwamen en ik ook Duits dreigde te moeten gaan vertalen, was het afgelopen. Want wat ik niet kan, dat doe ik niet. Uiteindelijk kreeg ik, weer van Wambacq, te horen dat er op het Contact- en Cultuurcentrum – dat ik nog altijd het Cognac- en Cultuurcentrum noem, maar dat is bekend – iets vrijkwam bij de verzendingsdienst. Clem de Ridder was er directeur en vond dat we iets moesten doen voor de Brusselaar die wilde weten wat er in zijn stad gebeurde. Eerst heb ik nog een tijdje de nationale pers nageslagen op berichten over Brussel. Daar werd dan een klein blaadje van gemaakt, dat werd opgestuurd naar onze adressenlijst. Dat was eigenlijk de detonator voor Deze maand in Brussel, dat later Deze week in Brussel werd en nu Brussel Deze Week is. Mijn eerste redactionele artikel ging over de Brusselse jaarmarkten. Ondertussen heb  ik zeven redactielokalen en ook nog wat hoofdredacteuren versleten.” Het was dus geen bewuste keuze om in de journalistiek te stappen? Freddi: “Het is me in de schoot geworpen, maar schrijven was mijn ding. Het gaf me de mogelijkheid mij te uiten, en mensen te ontmoeten die ik anders nooit was tegenkomen.”

Met Jan De Wilde, op een zomerse Boterhammen in het Park.

Wie is je het meest bijgebleven? Freddi: “Hier moet ik zeker Willem Frederik Hermans noemen... Toen ik zestien was, las ik alles van hem. Op een gegeven moment


BDW 1308 PAGINA 19 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

Freddi Smekens, december 2011: “Het zwarte gat is waar je begint en niet waar je eindigt. Ik heb dus geen schrik.”

(in 1991, MB) zei Dirk De Prins (toenmalig hoofdredacteur, vandaag bekend als culinair journalist, MB) dat er iemand gebeld had die van Parijs naar Brussel kwam wonen. Zo waren er wel meer, dus dat kon me weinig schelen. ‘Ja maar,’ ging hij verder, ‘het is Willem Frederik Hermans, en hij wil een Brusselse journalist ontmoeten.’ Hij wilde vooral weten hoe het hier zat met praktische zaken als gas en elektriciteit, maar in ruil was hij bereid een interview te geven. Dat had er nog aan gemankeerd, dacht ik, maar ik was toch vereerd. Een vriendin heeft toen de auto van haar vader geleend, en daarmee zijn we de schrijver gaan afhalen aan het station. Hij was de laatste die uitstapte. Rijzige vent. Het interview had plaats in Hotel Métropole, en daar kwamen al meteen twee of drie dames een handtekening vragen. We hebben elkaar achteraf nog regelmatig gesproken. Men zegt dat Hermans geen makkelijke mens was, maar ik heb dat nooit zo ervaren.” Nog namen? Freddi: “Julien Schoenaerts, Paula Semer, Paul Van Himst, Eddy Merckx... Door de rubriek ‘Chou de Bruxelles’ heb ik veel mensen van dat kaliber kunnen ontmoeten. Er waren ook dieptepunten. Jan Decleir heeft mij eens in de val gelokt met een fles citroenjenever. De terugreis met de trein uit Antwerpen is daardoor nogal gecompliceerd verlopen.” “Misschien wil ik toch ook Raymond Goethals vernoemen... Hij gaf eigenlijk alleen interviews op persconferenties, maar ik mocht hem toch gaan opzoeken in het café onder het Atomium waar hij met de kaarten speelde. Hij zat daar, dus dat was al iets, maar de dame achter de toog zei meteen dat een in-

Brussel geen vuur geen baxter stelpt het bloeden van deze stad terwijl traag het verdriet sijpelt uit het open gaslek van de ramen kennen de regenmakers hun droogtepunt van twijfel de muren zijn bewaard gebleven men vreest er nog de pest het middeleeuws arsenaal der kwalen de steen in elke gevelnier in mijn brieven schreef ik onder meer “haar vierschaar snijdt mijn wonden open dit moeras is een huis van bewaring mijn taal verroest er in het speeksel van de stilte” de nederzetting voert riolen in haar wapenschild zij stalt haar stenen uit en slaapt in de grijze draagstoel tijd geen dam geen dijk stelpt haar bloeden. Freddi Smekens

terview impossible zou zijn. Ik heb dus maar gewacht en op een bepaald moment legde hij zijn kaarten neer. ‘Welke reportaach mooj hemme, menneke? Mooj iest neki ni goen pisse?’ Op het ogenblik dat ik ook overschakelde op het Brussels en bleek te weten dat hij nog keeper was geweest bij den Daring, kwam hij helemaal los. Zoiets gebeurde wel vaker. Als Brusselaars hun taal horen, zijn ze minder op hun hoede en vergeten ze soms dat ze geïnterviewd worden.” Zijn er nog Brusselse eigenschappen met die taal verbonden? Freddi: “Moeilijk te zeggen. Ik heb het gevoel dat hij misschien directer zijn gedacht zegt. Maar directer dan wie? Dat zou ik eigenlijk niet weten, en ik wil ook niemand beledigen.” Is zwans daarbij een nuttig instrument? Freddi: “Dat is humor die dicht tegen de ironie aan zit. Een speelse manier om je gedacht te zeggen zonder iemand te kwetsen.” Ik vraag me plots af of jij eigenlijk ooit met iemand ruzie hebt gehad. Freddi: “Met mensen die ik goed ken misschien. Professioneel niet. Ik heb een manier om niet gekloot te worden, en dat is zelf niet te kloten. Dat is in feite altijd gelukt. Ik beschouwde collega’s altijd al snel als vrienden.” We moeten nog een belangrijk hoofdstuk aansnijden: de poëzie... Freddi: “Wat zei Rimbaud? ‘La poésie, c’est de la merde!’ (grijnst). Ik ben gedichten beginnen schrijven in mijn studententijd. In Hand, samen met Enclave een van de literaire tijdschriften aan de VUB. Ik was al van mijn

© SASKIA VANDERSTICHELE

zestiende poëzieliefhebber en het ketje in mij dacht: als zij dat kunnen, dan kan ik het ook. Toch komt poëzie niet zomaar. Het woord inspiratie hoor ik niet graag en ik heb ook geen muze. Er moet een aanleiding zijn: een gedachte, een gebeurtenis waar je verder over nadenkt.” “Men zei dat ik parlando schreef, dus voorlezen ging mij wel af. Ik had graag verbinding met het publiek. Mallemunt of de Nacht van de Poëzie in Vorst Nationaal: dat gaf toch een enorme kick. Uiteindelijk ben ik ook een uitgever tegengekomen, Willy Tiberghien, die ook het Poëziecentrum heeft opgericht. Ik heb drie bundels gepubliceerd. Merkwaardig verdriet in 1977, er was een uitgave ter gelegenheid van het duizendjarige bestaan van Brussel in 1979, en dan Entropie in 1988.” Dicht je vandaag nog? Freddi: “Ik heb altijd iets op stapel staan. In augustus zijn er nog vijf teksten in de Poëziekrant verschenen. Ik heb nooit met regelmaat geschreven, maar ik heb altijd een bic bij me. Ik heb dus nog een paar dingen liggen. Maar je moet ook streng zijn, want eens een gedicht gepubliceerd is, kun je het niet meer terughalen.” Niet onbekend is het citaat van Jotie T’Hooft over jou: “Zijn naam wordt in donkere kroegen met afschuw en bewondering over de tafels gefluisterd.” Freddi: “Een kleine vingerwijzing in wat voor het overige een mooie kritiek was op mijn bundel. T’Hooft was een dichter met enorm veel

LEES VERDER OP PAGINA 20


BDW 1308 PAGINA 20 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

© ARCHIEF FREDDI SMEKENS

VERVOLG VAN PAGINA 19 klasse. Hij werd en wordt veel gelezen en heeft volgens mij ook veel mensen aangezet om gedichten te gaan lezen. Ik heb hem een keer of drie ontmoet, waaronder op het allerlaatst. Ik zag hem in een café aan het Schweitzerplein in Sint-Agatha-Berchem. Hij woonde daar in zijn Zwarte Huis. Hij was net frieten gaan kopen en vertelde dat hij bezig was met het scenario van een strip. Niet veel later kwam het bericht van zijn dood.” Misschien kunnen we het nog even hebben over die kroegen... Freddi: “Zoveel waren dat er toen niet. Nu zijn er meer, maar ik beperk me tot drie of vier. Het blijft een circuit fermé. Soms valt er één weg, soms komt er één bij. De Dolle Mol was wel een plek waar mensen kwamen die mij inspireerden. Naar de Kafka ga ik niet meer sinds ze verhuisd zijn, maar laten we daar geen reclame voor maken. De Merlo waar we nu zitten, ligt op vijftig meter van mijn huis, dus dat is een logische keuze. Mijn krant ga ik lezen in Le Centre, en daar drink ik dan geen pinten.” Voetbal dan. Je bent geboren en vooral getogen tijdens de gloriejaren van Anderlecht, en toch ben je een Daringman. Freddi: “Altijd geweest. Waarom? Misschien uit contramine. Iedereen was voor Anderlecht, dus dacht ik: ik zal een keer voor iets anders zijn.” “De enige match die ik nooit of nooit zal vergeten, was Liverpool-Anderlecht waar ik met mijn vader naartoe geweest ben (waarschijnlijk in 1964, MB). Mijn vader ging veel naar

Over je gedichten over Brussel hangt anders wel een bepaalde tristesse. Freddi: “In een stad kan men zich weleens down voelen omdat men in een stad woont. Daarom ben ik blij in Brussel te wonen, omdat er toch groen is en omdat je er ook snel uit weg kan. Een Brussels dichter die ik overigens ook zeker wil noemen, is Jan van Nijlen. Vooral omdat hij dikwijls schreef over iets waar ik weinig over schrijf: de natuur.” “Ik ben altijd blijven reizen.” Hier: in Plovdiv, Bulgarije: vrijheid!

internationale matchen kijken, want als railman kon hij voor niks reizen. Ik ging eigenlijk voor The Beatles, maar die heb ik niet gezien. Anfield Road dus wel. Anderlecht verloor met 0-3, ik weet niet of ik dat mag zeggen, maar de kop van Liverpool scandeerde wel ‘Anderlecht’. Zoiets vergeet je niet meer.” “Ik ben ook altijd blijven reizen. Vaak met auto­stop, waardoor je leert van de mensen die je meenemen. Ik ga wel het liefst naar landen waar ik de taal spreek en me kan uitdrukken. Ik ben ook weleens in de Sovjet-Unie en Griekenland geweest, maar het liefst ging ik naar Engeland. Dat is een tweede thuis. Ik ben een anglofiel en ik hou van het Engels, dat trouwens geen gemakkelijke taal is. Want iedereen spreekt Engels, maar niemand spreekt Engels zoals de Engelsen.”

Ondertussen kun je terugkijken op een halve eeuw Brussel. Anderlecht ziet er inmiddels anders uit... Freddi: “Ze spreken niet voor niets van ‘de boeren van Anderlecht’. Dat was den buiten. We kwamen ook niet zo vaak in het centrum. Ik denk dat ik de Grote Markt pas voor het eerst gezien heb toen ik zestien, zeventien jaar was. Dat verwondert me nu natuurlijk.” En daarvoor moest je de tram nemen. Freddi: “Of te voet gaan. Ik ben altijd een wandelaar geweest, en dat ben ik nu nog. Een goede manier om de stad te ontdekken.” Hoe is die stad er vandaag aan toe? Freddi: “Ik moet zeggen dat ik nooit last heb gehad met de metamorfose van een stad.

ADVERTENTIE

Solidariteitsactie

voor mensen door mensen Stalingradlaan 18-20, 1000 Brussel [Premetrostation Anneessens] Tel. 02 242 36 02 E-mail: brussel@huisvandeMens.nu Jetse laan 362, 1090 Jette [Bus 13 en 14 halte Legrelle] Tel. 02 513 16 33 E-mail: jette@huisvandeMens.nu

Ik weet dat Brussel zo is. Het is een patiënt die een open operatie ondergaat. Maar het is verandering zonder ondergang. Waar iets verdwijnt, komt iets in de plaats. De fontein die hier op de Vismet staat, stond vroeger op het De Brouckèreplein; op de plaats van de Martini­toren staat er ook weer een andere.”

Momenteel ben je misschien druk bezig je kleerkast op te ruimen en is het wat vroeg om aan de winter te denken. Jammer genoeg, zijn in de winterperiode een heleboel mensen afhankelijk van de hulp van anderen. Ook dit jaar willen we meehelpen aan projecten voor dak- en thuislozen. We starten er nu al mee.

Wat zoeken we? Kleding / Shampoo / Babyspulletjes / Douchegel Lakens / Schriften & pennen

Waar kan je terecht met dit materiaal? huisvandeMens Brussel Stalingradlaan 18-20, 1000 Brussel huisvandeMens Jette Jetse laan 362, 1090 Jette bezoek ons voor meer info op www.deMens.nu

Nu ga je dus met pensioen. Niet bang voor het Zwarte Gat? Freddi: “Ik weet wat een zwart gat is omdat ik met de wetenschap begaan ben. Het zwarte gat is waar je begint en niet waar je eindigt. Ik heb dus geen schrik. Als je zo aan je werk gekluisterd bent dat het een routine wordt, dan heb je een probleem. Maar als je geen routine hebt, dan kan ze ook niet wegvallen. Ik zal misschien ergens een draad oppikken die ik ooit heb laten liggen, en ik heb genoeg mensen leren kennen die ik zal blijven tegenkomen. En dan heb ik nog het geluk dat ik mijn wekelijkse kroniek verder mag zetten. Ik krijg daar weleens post over – echte brieven zelfs -, dus ik weet dat mensen die stukjes lezen. Dat is mooi: schrijven om gelezen te worden en weten dat mensen mij lezen als ik schrijf. ’t Es stoem, mo ’t es na zu.” Michaël Bellon


BDW 1308 PAGINA 21 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

© KURT VAN DER ELST

Theater > Hobo en De Markten stellen Play voor

Thuislozen drukken de play-knop in BRUSSEL – Voor de tweede maal slaan De Markten en Hobo, een dagcentrum voor thuislozen, de handen in elkaar voor een theaterproject. Na het succes van Kaputt! vorig jaar stellen ze nu Play voor. Daarkom, het net geopende Vlaams-Marokkaans culturenhuis, is gastheer.

De kracht van het métier: twee meisjes geven de mythe van Tereus toch weer haar mythische proporties.

Praat

Twee meisjes op een podium achteraf

Gezien: Twee meisjes en een schurk van het Brusselse Ensemble Leporello, première op 7 december in 30CC in Leuven. (Nog op 6 januari in CC Strombeek; meer op www.leporello.be.)

In Griekse mythen zijn de vrouwen wel vaker de pineut. Zo ook in de wat minder bekende Mythe van Tereus. Tereus is de koning van Thracië, die de Griekse prinses Procne uitgehuwelijkt krijgt en bij haar een zoon verwekt. Maar Procne heeft ook een zus, Filomela. Zij blijft achter in Athene, tot Tereus haar komt opzoeken, haar verkracht, haar tong afsnijdt en haar gevangen houdt om haar te kunnen blijven misbruiken en te verhinderen dat ze hem aan haar zus verraadt. Uiteindelijk slaagt Filomela erin de waarheid als een verborgen boodschap in een doek te weven dat ze naar Procne opstuurt. Procne bevrijdt daarop haar zus, en de twee wreken zich op Tereus door zijn zoon in de paté te draaien die ze hem te eten geven. De goden voorkomen uiteindelijk erger door de drie in vogels te veranderen: Tereus in een hop, Procne in een nachtegaal en Filomela in een zwaluw. Het Brusselse Ensemble Leporello heet onder meer Leporello omdat het in een oude theatertraditie staat die met ‘armzalige’ scènemiddelen toch veel wil zeggen. De karige rekwisieten vallen meestal samen met het decor, en in dit geval zijn dat een aantal linnen doeken en een wasteil. Daar moeten de twee actrices, Anne­ lore Stubbe en Mieke Laureys, het mee doen. Maar al in de mooie, stille proloog tonen ze wat de mogelijkheden zijn. Met één zo’n doek brengen ze een volledige voorafspiegeling van wat volgens de wetten van de tragedie zal volgen: het doek is achtereenvolgens een feesttafel, een zeil van een boot, een bruidskleed, een baby, een rouwkleed,... Ook in de rest van de voorstelling komt er geen einde aan hun vindingrijkheid, waarbij ze ook nog eens voorkomen dat het geheel op een origami-demonstratie zou gaan lijken. Esthetiek en verbeelding, vorm en inhoud vallen hier

samen. Dat Leporello in feite doet wat Filomela in de mythe doet, namelijk een verhaal  vertellen met een linnen weefsel, is een van de wonderlijke aspecten van deze bewerking. Op het einde zijn de doeken ook de vleugels van de vogels die de meisjes geworden zijn. En die uiteindelijke metamorfose verklaart ook het belang van de zang als bevrijdend element in het beklemmende drama. Niemand minder dan Guido Belcanto schreef een aantal liedjes waarmee de kwetsbare meisjes hun brutaal verstoorde verbond bezingen. Belcanto weet hoe je grote gevoelens voorzichtig kunt overbrengen via de eenvoud van het sentimentele. Wat de meisjes zingen, is dan ook van deze strekking: ‘Ik zou het waarderen / Als ik terug kon keren / Naar die tijd van toen / Samen liedjes zingen / Samen touwtje springen / Alles nog es overdoen.’ Het was dan ook een beetje vreemd te moeten vaststellen dat een en ander toch niet bij me binnenkwam. Over catastrofes die gebeuren wanneer meisjes in hun verliefde onbezonnenheid ‘alles willen geven’, en mannen in hun onbezonnen hebberigheid alles willen nemen, valt nochtans wel wat te piekeren. Leporello legt in de bewerking ook veel nadruk op de verwarring en de twijfel bij Filomela, die bij aanvang eigenlijk ook verliefd is op de verloofde van haar zus. Wellicht zegt de naijver van twee zussen om één (al met al onverschillig) lief ook wel iets ontluisterends over de liefde. Niet dat mij om medelij gevraagd werd, maar ik vroeg me toch af wat dan wel van me werd gevraagd. Uiteindelijk keek ik dus vooral met bewondering naar de kracht van het metier waarmee Leporello theater maakt. Ondanks hun lege handen, de (lichamelijke) afwezigheid van de ‘schurk’, het schematische verhaal en de vederlichte liedjes slaagden de twee actrices er, met hun niet-aflatende energie, hun présence, hun zeggingskracht, hun humor en de kwetsbare sensualiteit van hun lichaam en hun stem, in de mythe toch weer mythische proporties te geven. Michaël Bellon

De Tielrodenaar Luc Van Nyvelseel (1948) regisseert. Hij studeerde aan de Antwerpse Mimestudio, doceerde de afgelopen twee decennia creatieve therapie, mime, drama, taal en beweging aan (hoge)scholen en regisseerde al veel sociaal-artistieke projecten met allochtonen, kansarmen en psychia­t rische patiënten. Hoe ging u te werk? Luc Van Nyvelseel: “Hobo richt zich vooral op thuislozen, maar ook enkele niet-thuislozen engageerden zich. We kozen bewust voor een lage drempel, zodat zoveel mogelijk mensen de uitdaging konden aangaan. De enige voorwaarde was dat de mensen de hele repetitieperiode beschikbaar waren. Sommigen hadden al ervaring, voor anderen was alles nieuw. In het begin waren we met een twaalftal, van wie er uiteindelijk acht overblijven.”

“We hebben de voorstelling volledig samen gecreëerd. Het is helemaal niet zo dat ik een stuk heb opgelegd dat zij gaan uitvoeren. Verder wil ik ook benadrukken dat we ons bedienen van de taal van het bewegingstheater. Er komt dus geen tekst aan te pas.” Waarover gaat Play? Van Nyvelseel: “Over het einde van de wereld in een nieuwe wereld. Het eerste deel schetst de verwoesting na de Apocalyps. Dat gaat gepaard met ontreddering, angst en verdriet, maar al gauw beginnen mensen opnieuw te dromen en een nieuwe wereld op te bouwen. In dat schijnbare breukmoment sluipt ook een continuïteit. Zo lijken sommigen te verstarren in oude gewoonten, anderen worstelen met oude angsten die ongevraagd de kop opsteken. Wie durft op play te duwen? En wat daarna? De nieuwe wereld is een open einde.”

Tuur De Moor

Play, 21, 22 en 23 december om 20 uur in Daarkom, Wolvengracht 18, 1000 Brussel. Kaartjes kosten 10 of 8 euro (cultuurwaardebon welkom); reserveren op demarkten@demarkten.be of 02-512.34.25

ADVERTENTIE

W IN

EEN ROMANTISCHE NACHT IN HET ATOMIUM *de v spe ioolniet ler is grep inbeen :)

NEEM DEEL AAN ONZE TEKENWEDSTRIJD EN WIN EEN OVERNACHTING VOOR TWEE IN HET ATOMIUM, MET DINER BIJ KAARSLICHT & ONTBIJT.

www.atomium.be/love


BDW 1308 PAGINA 22 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

Gastronomie > Steeds meer kerst- en winterbieren op de kaart

Donkere bieren voor donkere nachten I

n zowat alle cafés kun je dezer dagen winterbieren proeven van zowat alle grote brouwerijen. Maar ook de kleine en middelgrote brouwerijen laten zich niet onbetuigd. De N’ice Chouffe van Achouffe is de winterversie van hun McChouffe, de Bon Voeux van Dupont is een winterbier op basis van hun Moinette, brouwerij De dochter van de Korenaar loodst ons door donker en kou met haar Courage, Wieze Van Roy presenteert dit jaar de Wieze Christmas. Noem maar op. Onze eigen Molenbeekse Brasserie de la Senne pakt weer uit met haar voortreffelijke X-Mas Zinnebir, een licht maar complex bruin bier met 7,8 procent alcohol. “Het is echt bijna niet meer te doen,” lacht Pierre Zuber van bierspeciaalzaak Délices et Caprices in de Beenhouwersstraat terwijl hij naar zijn uitgebreide kast winterbieren kijkt. In den beginne permitteerde de bierliefhebber zich met de kerst wel eens een Dobbel Palm. Die variant op de gewone Palm brouwde de gelijknamige brouwerij voor het eerst bij haar tweehonderdste verjaardag in 1947, en dat was zo’n succes dat hij nadien jaarlijks als kerstbier op de markt kwam. De laatste jaren ging het echter enorm hard met de winterbieren, en vandaag heeft bijna

elke zichzelf respecterende Belgische brouwerij een kerst- of winterbier in de aanbieding. Pierre Zuber: “Het oorspronkelijke idee achter de kerstbieren was dat ze als eindejaarscadeau van de brouwers aan hun klanten werden aangeboden in hun cafés. Dat geschenk was dus een nieuw bier dat verwant was aan hun normale bier, maar toch tegen dezelfde prijs werd verkocht.” “Winterbieren kunnen ook een andere geschiedenis hebben. Zo was Patersvat vroeger het winterbier van Affligem, omdat de brouwerij daarvoor exclusief hopbellen van de abdij gebruikte. Daarvan hadden ze er echter niet genoeg om het hele jaar toe te komen. Nu heeft Affligem een winterbier dat dicht bij hun dubbelbruin zit.” “Vandaag hebben de winterbieren een beetje dezelfde functie als de nouveau beaujolais: die genereert elk jaar weer aandacht voor alle beaujolaiswijnen. Al mag je de investeringen voor het ontwikkelen van zo’n nieuw bier toch niet onderschatten.”

Tot april Aanvankelijk noemde men de winterbieren, die slechts een beperkte periode beschikbaar zijn, kerstbie-

© IVAN PUT

BRUSSEL – Voor bierliefhebbers is de winter een boeiende tijd. Steeds meer brouwerijen presenteren tegenwoordig een speciaal bier om de donkere dagen mee door te komen.

Het oorspronkelijke idee achter de kerstbieren was dat ze als eindejaarscadeau van de brouwers aan hun klanten werden aangeboden in hun cafés.

ren. Maar sommige brouwers vinden dat niet zo’n goed idee, omdat de consumenten dan na de kerst niets meer kopen. Winterbieren kunnen in het Belgische klimaat tot in april mee, en zolang zijn ze ook bij Zuber te koop. Maar behalve die tijdelijke beschikbaarheid zijn er natuurlijk ook in-

trinsieke kenmerken. Zuber: “Belgen hebben de traditie om het niet bij één bierstijl te houden. Je bent in de winter ook mentaal niet dezelfde mens als in de zomer. Een winterbier is dus geen dorstlesser maar een comfortbier: een rijk en verwarmend bier dat vaak ook zoeter is.” “Het moment waarop je het drinkt

is ook anders. Bij de maaltijd is niet altijd een goed idee. Beter wat ervoor of erna. Je kan een winterbier ook trager drinken, want het is niet erg dat het wat opwarmt. Bijna alle winterbieren zijn van hoge gisting en meer gemout dan hun eventuele tegenhanger. Zo was Palm een dorstlessende ‘spéciale belge’ van lage

© HELENA.BE

Muziek > Het Collectief krijgt erkenning van Klara

‘In Brussel gaat alles moeilijker’ SCHAARBEEK – Het Brusselse kwintet Het Collectief is tot ‘Musicus van het Jaar’ uitgeroepen door VRT-zender Klara. Eigenlijk beschamend laat, als we naar de erkenning in Nederland, Frankrijk (festival van Saintes), Hongkong en zelfs Brazilië kijken. Maar laten we zeggen dat alle energie die de vertrouwde bezetting van het eerste uur dertien jaar lang in promotie heeft gestoken nu beloond wordt. De lange aanloopfase naar (internationaal) succes begon voor de muzikantenvrienden en -familie rond pianist Thomas Dieltjens net zoals de wording van onze nieuwe regering: vol vertrouwen in deze groep. Er was Toon Fret, Thomas’ soulmate uit zijn tienerjaren en fluitist. De jonge broer en klarinetspeler Benjamin. Medestudent Wilbert Aerts (viool) en cellist Martijn Vink, al vertrouwd met Thomas in het Oxalys Ensemble. Het Collectief vormde een groep voor de lol, en vooral uit gezamenlijke voorliefde voor een

miskend repertoire: zeg maar de Weense school, de muziek van 1900 tot na de Eerste Wereldoorlog, en bij uitbreiding de hele twintigste eeuw. Dus van Schönberg tot Bartók. En – al wil de groep zich geen experimenteel noch hedendaags ensemble noemen – ook alle composities sinds 2000. “Iedereen woonde eind jaren 1990 in de buurt, in Brussel, en we hadden, voor de groep bestond, al eens gespeeld op de zolder van het Oratoriënhof in Leuven,” begint Thomas Dieltjens. “Toen ik vroeg of we nog eens een concert mochten

spelen, bleek de reeks doodgebloed te zijn. Zonder middelen, maar wel met een piano en zaal, mochten we er de reeks zondagmatinees heropenen. Ik was toen 27, en we begonnen met de Kammersymphonie opus 9 van Schönberg, in een transcriptie voor vijf instrumenten van Anton Webern. Gratis en voor niets.” Er kwamen snel meer concerten, telkens voorafgegaan door een maandje keihard repeteren. “Met onze low profile-concerten kregen we ook bijval in het kamermuziekcentrum De rode pomp in Gent, nu betaald voor vijf programma’s. En vanaf 2000 ook in Brussel in D’Imprimerie (Fabrieksstraat). De Vlaamse Gemeenschapscommissie gaf ons toen een eerste projectsubsidie. Achteraf zijn we door de Katholieke Universiteit Leuven opgevist voor ‘De nieuwe

“Wij doen gewoon waar wij zin in hebben.”


gisting die met de pils moest concurreren. De Dobbel is dubbelmoutig en van hoge gisting. De donkerdere kleur is het gevolg van het intensere roosteren van de mout. Afhankelijk van de moutsoort en de mate waarin je die brandt, kom je bij aroma’s die

Een winterbier is geen dorstlesser maar een comfortbier: een rijk en verwarmend bier dat vaak ook zoeter is

ten liggen, omdat hij in tegenstelling tot de gewone Palm nagist op fles, waardoor het bier zich blijft ontwikkelen. Hetzelfde geldt voor bijna alle andere winterbieren. Die kun je twee, drie jaar bewaren, en dat doen wij ook. Zo krijg je wel een ander product, waar je voor moet zijn. Chimay blauw was vroeger trouwens het winterbier van Chimay. Het idee was dat je die flessen kon vergeten in de kelder en dan na vijf jaar opdrinken.” Van de trappisten zijn er overigens geen nieuwe winterbieren beschikbaar. Wel brengt Chimay voor de gelegenheid mooie grote flessen zonder etiket op de markt, en ook de Rochefort 8 is uitzonderlijk in flessen van 75 cl te verkrijgen.

Lambiek en rozijnen variëren van karamel, scotch en chocolade tot koffie.” Een ander typisch kenmerk is de kruidigheid. “Ook dat is eerder een Belgische traditie, al was het maar omdat het toevoegen van kruiden vroeger elders niet toegelaten werd (zoals in Duitsland, waar lang het zogenaamde Reinheitsgebot gold, red.). Voor de winterbieren kiest men dan natuurlijk kruiden die iets met de kerst te maken hebben, zoals kaneel of anijs. Ook honing wordt gebruikt. Saint-Monon heeft nu zelfs een bier met extract van dennennaalden.” Je hoeft een goed winterbier trouwens niet meteen te drinken. “Zelfs een Dobbel Palm kun je een jaar la-

reeks’ in het Hogenheuvelcollege in de Naamsestraat.

Veel harder werken Waarom Het Collectief, buiten D’Imprimerie voor een select publiek, lang niet echt zichtbaar was in de hoofdstad, willen we toch graag vernemen. Dieltjens: “Als ensemble moet je in de Brusselse context veel harder werken om je pr te verzorgen dan in Vlaanderen. Het directe verband tussen de subsidiëring voor Vlamingen en de concertlocatie, Brussel dus, maakt het extra moeilijk om in de kijker te staan. Er blijven nogal stevige muren overeind tussen de twee gemeenschappen, hoezeer vele mensen in de cultuursector die oko proberen te slopen. Het vergt meer inspanning en meer speeljaren in Brussel dan in Vlaanderen om als ensemble echt vooruit te komen.” In het kader van Ars Musica was Het Collectief dit jaar toch te horen in Flagey, en eind november nog in de Oude Kerk van Sint-Agatha-Berchem. In de lente van 2012 (en in 2013) opent eindelijk Bozar Music het grote podium voor het repertoire van Het Collectief. Terwijl ook de cd

Op de regel dat winterbieren van hoge gisting zijn, zijn overigens ook uitzonderingen. Zuber: “Brouwerij Slaghmuylder heeft zelfs een winterpils. Witbieren met kerst lijken al helemaal onzin, maar een sinasaroma heeft natuurlijk wel al meer met de winter te maken. Sommigen doen ook met opzet iets helemaal anders. Brouwerij Verhaeghe brouwt in plaats van een donker en zoet kerstbier een bitter blond bier.” “Zelfs in de categorie van de spontane gisting die zo typisch is voor Brussel en omgeving is er iets te vinden. De Troch in Wambeek heeft nu een Chapeau winterbier op basis van lambiek en rozijnen.” Michaël Bellon

12X12, A Musical Zodiac verschijnt (Stockhausen). Wat betekent die titel ‘Musicus van jaar’ voor Het Collectief? “Ik beschouw het als een bekroning van het succes dat we samen zijn gebleven, zonder enige prijs, en met een inhoudelijk grote gehechtheid in de groep. Gewoon doen waar wij zin in hebben, en niet wat het publiek wil horen, om de moderne en hedendaagse muziek te presenteren als een verlengde van muziek die al zoveel gespeeld wordt. We willen ook voeling houden met het instrument, wat uit ons repertoire blijkt. Vandaar nooit heftige avantgarde.” Brazilië was voor Het Collectief ook enkele malen een thuishaven: “Een Japanse choreograaf wilde een cd van ons gebruiken voor een nieuw, groot dansensemble, São Paulo Companhia de Dança. Daarna kwam nog een vraag voor een dvd. Het contact hield aan. Toen we aanboden om te komen spelen, werd plots heel de reis betaald. En dit jaar gingen we terug om masterclasses te geven. Toevalstreffers, heet dat.” Al zwoegt hun agent zich te pletter. Ook dat hoort bij succes opbouwen. Jean-Marie Binst

© NICK TRACHET

BDW 1308 PAGINA 23 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

Nick Trachet BRUSSEL EN DE WERELD CULINAIR ONTDEKT

Olijven Een maand geleden zag ik op de markt verse olijven liggen. We staan er nauwelijks bij stil dat olijven oorspronkelijk vers aan de bomen hangen. Olijven heb je in blikken, in bokalen of je koopt ze op de markt. Ze zijn aangemaakt met zout, vaak met oregano en knoflook of met ingemaakte citroen of pepertjes. Variatie troef. Maar hebt u ooit een verse olijf gegeten? Een groene? Wel, ik kan u zeggen, dat valt nogal tegen. Wij eten olijven altijd verwerkt, het kan ook bijna niet anders. De olijfboom (Olea europaea L.) wordt al meer dan vijfduizend jaar geplant en gebruikt. De oudste sporen van olijfgebruik komen uit Syrië en Cyprus. Het is een boom die volledig aangepast is aan het mediterrane klimaat: kan goed tegen droogte en kan ook tegen kou, maar niet te lang. Voor de oude volkeren rond de Middelzee was de olijf een echte wonderboom. De Grieken vonden hem een geschenk van de godin Athena. De olijfboom werd bezongen en vereerd. Niet om zijn hout of zijn bladeren (als schaduwboom zijn er betere), maar voor de vruchten, die slecht smakende dingen. Dat is het verbazende van de menselijke beschaving: een hele economie opbouwen rond een voedingsmiddel dat in zijn natuurlijke staat oneetbaar is. U vindt van niet? Bijt eens in een rauwe groene olijf: geen zoete vrucht of zure bom, maar bitter, lipspannend (adstringerend) hard vruchtvlees. Bah. Dat er olie in zit, is zelfs nauwelijks te merken. Die komt pas volop wanneer de olijf rijp en zwart is. Bijna alle olijvenrassen worden zwart (of paars of donkerrood) bij volle rijpheid. Groene olijven zijn dus onrijpe olijven. Maar er zijn uitzonderingen. Een boom die zo belangrijk was en die al zo lang gecultiveerd wordt, kent uiteraard honderden, zo niet duizenden variëteiten. Olijven zijn altijd geteeld voor de olie. Zoals ik al vaker schreef, ging Europa vele eeuwen lang gebukt onder vetgebrek. Er was nog geen petroleum en men verlichtte met vet (kaarsen, olielampen), men waste ermee (zeep), smeerde er gereedschap mee in, liet zware vrachten over ingevette sporen

glijden. Overal zocht men naar bronnen van vet. Er werd geperst en geslagen uit alles wat maar olie bevatte. Gelet op de uitgesproken geur van olijfolie was die een van de vulgairste, voor industrieel gebruik: armemensenvet. Op de rijke tafels kwamen fijnere boters en oliën. Naarmate de geschiedenis vorderde, werd natuurlijke olie steeds minder waard. Er kwam overproductie. Toen in het midden van de jaren zeventig van de vorige eeuw Griekenland en Spanje zich bij de EEG kwamen voegen, zaten we meteen opgezadeld met een ‘olijfoliezee’, naast de melkplas en boterberg die er al waren. Europa moest dus olijfolie promoten ten bate van de nieuwe leden. Export werd gesubsidieerd, Het goedje rook slecht, maar werd gepromoot als gezond. Dubieuze voedingsrapporten overtuigden ons ervan dat een mediterraan dieet zo ongeveer het eeuwige leven garandeerde, en iedereen ging aan de olijf en zijn olie. Mijn grootouders vonden nog gewoon dat olijfolie stonk, net als schapenvlees. De smaak van olijven is overigens een kwestie van status en traditie. Kinderen lusten geen olijven. Olijven eten is, net zoals oesters, een overgangsritueel van kind naar volwassene. De Britse auteur en dierenkenner Gerald Durrell, die een tijd op het Griekse eiland Korfoe woonde, schreef hoe een Griekse moeder haar pasgetrouwde dochter troostte na een echtelijke ruzie: “Het huwelijk is als olijven: je moet eraan wennen.” De groene olijven op de foto begonnen hun bestaan aan een boom op Sicilië. “Dat moet u eens proberen,” zei mijn Italiaan op de markt. “Maar hoe doe ik dat?” vroeg ik hem van achter een stapel citroenen en sjalot. En hij ging het zijn vrouw vragen. Ik kocht een kilo en ging naar huis. Ik spoelde ze en dan, zo had zij me verteld, moest ik ze kneuzen. Harde groene olijven zijn voor verdere bereiding onbruikbaar als ze ongedeerd in hun schilletje blijven. Ik was vergeten te vragen hoe men olijven kneust, en hoe grondig dat kneuzen dan wel moest gebeuren. Ik heb elke individuele olijf dan maar een mep op het aanrecht verkocht en voor alle zekerheid ook nog met een mesje ingesneden. Alle 202! Vervolgens moest ik ze onder pekelwater bedekken, met zeven gram zout per liter water. Met twee liter was ik er. Ik deed ze in een grote weckpot die ik niet afsloot. De lucht moet erbij kunnen. Maar olijven

Verbazingwekkend: een hele economie opbouwen rond een voedingsmiddel dat in zijn natuurlijke staat oneetbaar is drijven. Het geheel moest zeker vier weken gisten, had de vrouw mij verteld. Ik heb ze braaf elke dag gedraaid, zodat de onderste olijven boven kwamen drijven. Mettertijd zakten ze dieper in de pekel. Toen moest ik een week weg. Bij terugkeer stond er een laag schimmel op de olijven. “Niet erg,” zeiden de verkopers op de markt. “Als ze klaar zijn, giet u dat allemaal weg en spoelt u ze eens na.” Het resultaat na anderhalve maand ziet u op de foto. Ik heb ze aangemaakt met olijfolie, peper, knoflook en laurier. Ze mogen nu zo nog wat verder gisten. De smaak? De bitterheid is grotendeels verdwenen en ze zijn zachter dan rauw, maar eerlijk gezegd: ik heb al lekkerder gegeten. Maar ik heb ze toch maar zélf gemaakt. Smakelijk. nick.trachet@bdw.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/trachet


BDW 1308 PAGINA 24 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

Hoe Sabri Oueslati zich liet overhalen om mee te doen aan een triatlon: “‘Ho mannen, ho! Honderdtachtig kilometer fietsen in de Alpen, 3,8 kilometer zwemmen in zee, plus een marathon lopen. Bij veertig graden! Ergens een vijs los?’ Maar ja, ik en uitdagingen...”

SINT-GILLIS – “Twee jaar geleden heb ik een luxueus gastenverblijf in Tunesië geopend; afgelopen zomer heb ik deelgenomen aan de Iron Man van Nice. Het eerste deed ik omdat de link ‘Tunesië en all-invakanties’ me de keel uithing; het tweede doordat ik weer was beginnen sporten om mijn belabberde conditie op te krikken.” Sabri Oueslati, zoon van een Vlaamse moeder en een Tunesische vader, gaat altijd op zoek naar nét dat ietsje meer.

I

Luxeriad Oueslati toont me het jongste nummer van Villas, het glossy dat zich de Belgische referentie in design en architectuur mag noemen. Ik zie foto’s van zijn B&B, Dar Sabri (www.dar-sabri.com). Een mix van traditie en moderniteit in een gesofisticeerde verpakking. “Het zwaartepunt van het toerisme in Tunesië ligt bij hotels of clubs die all-invakanties aanbieden. Zaterdag aankomen, de

zaterdag erop weer vertrekken, zonder echt iets van Tunesië gezien te hebben. Een bezoek aan de soek, een circuitje braaf aan de hand van de gentil organisateur: dat is doorgaans al avontuurlijk genoeg voor een weekje Tunesië. Echt contact met de plaatselijke bevolking? Vergeet het. Die connotatie bezorgde me oprispingen. Waarom niet mijn hart voor Tunesië tonen door mijn steentje bij te dragen tot een ander soort toerisme? Daarvan had ik al uitgebreid mogen proeven in de Marokkaanse luxeriads, gastenverblijven in traditionele huizen rond een binnenpatio. In de medina, de oude stad. Dan trek je een publiek aan van mensen die bereid zijn in contact te komen met de plaatselijke bevolking en een deel van hun centen uit te geven bij de lokale handelaars, op eigen houtje op restaurant te gaan, rond te trekken. Toerisme buiten de platgetreden paden.” “Dat soort huizen, die hun schat verbergen achter een anonieme gevel, vind je ook in Tunesië. Maar de toeristische sector deed daar tot voor enkele jaren zo goed als niets mee. Daarom heb ik, nu iets meer dan vier jaar geleden, in de medina van Nabeul een pand gekocht, om het om te toveren tot een gastenverblijf in het luxesegment. Het was een aardewerkmuseum, slecht onderhouden, maar de sporen van vervlogen grandeur waren on-

Om erop toe te zien dat het tot in de puntjes in orde was.” “We zijn nu iets meer dan tweeënhalf jaar verder en ik kan alleen maar tevreden zijn. Ik mag veel gasten begroeten die Tunesië anders wellicht links hadden laten liggen, gasten van over de hele wereld. Het concept floreert. Vier jaar geleden waren we amper met een handvol om de formule aan te bieden, vandaag zijn we met een zeventigtal. Daarom heb ik nu ook concrete plannen voor een boek over Tunesische B&B’s, zoals het mijne. Een soort van gids, maar toch ook meer, geïllustreerd met mooie foto’s. Daarmee vul ik een leemte op: ga op het internet op zoek naar een Tunesisch vakantieverblijf dat verschilt van het doorde© POL GUILLARD

n zijn carrière is Sabri Oueslati er nooit voor teruggedeinsd nieuwe wegen te bewandelen. “Ik heb drie jaar kinesitherapie gestudeerd, maar gaandeweg kwam ik tot het besef dat mijn ambities, wensen en behoeften elders lagen. Het was wikken en wegen. Wat dan wel? Wat zijn mijn talenten? Ik spreek vlot Frans, Engels en Nederlands en heb een goede basiskennis van het Arabisch, ben vaardig in het leggen van contacten en so­ciaal in de  omgang. Dus leek de verkoop me wel iets. Aanvankelijk heb ik in de IT een tijd voor een ander gewerkt, dan zelf een bedrijf uit de grond gestampt, dat ik na drie jaar heb kunnen verkopen, waarna ik mijn diensten ben gaan aanbieden als zelfstandige. Nu ben ik business development director bij Econocom, een beursgenoteerd IT-bedrijf waar zowat vierduizend man werkt.”

miskenbaar. En de ligging was ideaal. Nabeul ligt in dé wijnregio van Tunesië en kijkt uit op zandstrand en zee. Hammamet – the place to be voor horeca en nachtleven – is vlakbij, en naar Tunis is het iets meer dan zestig kilometer.” “Twee jaar lang heb ik gedaan over de verbouwing en inrichting, met de hulp van een plaatselijke architect. Het herdenken van de ruimte met respect voor de bestaande architectuur: mijn visie. De aankleding: mijn visie. Vier suites, een verwarmd overloopzwembad, ambachtskunst en hedendaagse verfijning hand in hand. Zolang we in de verbouwing zaten, ging ik er een keer per maand naartoe; zodra de afwerking begon, werd dat elk weekend.

© MARC GYSENS

Sabri Oueslati is trots op zijn bed & breakfast in het Tunesische Nabeul: “Toerisme buiten de platgetreden paden.”


BDW 1308 PAGINA 25 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

FREDDI SMEKENS Eeverans

O

“Een vrouw ’s avonds alleen op straat? Opgejaagd wild. Nodig ik vrienden uit, dan voel ik schaamte over mijn buurt”

De Iron Man in Sabri Oueslati

‘Geef me een uitdaging, en ik ga ervoor’ weekse aanbod, en je vindt weinig of niets.” “Nu loop ik ook rond met plannen voor een gastenverblijf in België. Minder als investering; veeleer wonen combineren met het B&B-idee. En dat zou best eens buiten Brussel kunnen, hoewel ik al bijna mijn hele leven in Brussel woon. Ik mag dan nog ’s avonds de sleutel in de deur steken van een tof achterhuis, in Sint-Gillis, toch begin ik Brussel beu te geraken. Vuiler en vuiler wordt de stad. Ik stap niet eens meer over het voetpad in mijn straat, ik wandel over de rijweg, want daar is het properder. De mensen zijn totaal onverschillig geworden, niemand trekt zich blijkbaar ook maar iets aan van die vuiligheid. Een vrouw ’s avonds alleen op straat? Grof wild. Nodig ik vrienden uit, dan voel ik schaamte over mijn buurt. Waar gaan we naartoe, quoi?”

Van Ukkel tot Nice De stress van een high-profile job, toezien op de goede gang van zaken daar in Nabeul: voor velen zou het volstaan. Voor Oueslati niet. “Ik ben heel sportief aangelegd. Van jongs af heb ik altijd op een respectabel niveau aan sport gedaan. Voetbal, atletiek, turnen. Met de jaren is dat allemaal moeten wijken voor mijn werk. Tot we vorig jaar met een groep vrienden de 10 kilometer van Ukkel hebben gelopen. Voor de fun, een fluitje van een cent – dácht ik. Die 10 kilometer heb ik gelopen in een erg matige tijd, en wat erger was: ik was aan de aankomst stikkapot. Hoog tijd om er iets aan te doen. Door toedoen van een collega heb ik me wat later ingeschreven voor een achtste triatlon. 750 meter zwemmen, twintig kilometer fietsen en zeven kilometer lopen. Jezus. Maar goed, ik had nog tijd om te trainen. Dat trainen viel wel stevig tegen. Zwemmen: vijftig meter crawl en ik was kapot. Toch heb

ik doorgebeten, en op D-Day heb ik de triatlon afgehaspeld in een correcte tijd.” “Het was een fantastische ervaring, het smaakte naar meer. Dus ben ik binnengestapt in de enige zaak die in Brussel gespecialiseerd is in triatlon: Urban TriSports in Woluwe. De twee eigenaars zijn jonge triatleten die Iron Mans doen. Het klikte, en zonder te beseffen waar ik aan begon, was ik al vlug met die gasten aan het trainen in het Zoniënwoud. Tien kilometer, twintig. Zij waren in een veel betere conditie dan ik; voor mij was het afzien, afzien en nog eens afzien. Maar oké, er was progressie. Op een bepaald moment zeiden ze: ‘Wij nemen met een tiental deel aan de Iron Man van Nice, zegt jou dat niets?’ Ik: ‘Ho mannen, ho! 3,8 kilometer zwemmen in zee, 180 kilometer fietsen in de Alpen, plus een marathon lopen. Bij veertig graden in volle zomer! Zit er ergens een vijs los?’ Maar ja, ik en uitdagingen...” “Tien maanden lang heb ik getraind, zowat dertien uur per week in weer en wind. Boven op mijn baan bij Econocom, boven op mijn gastenverblijf in Tunesië. Waanzin gewoon. Waanzin, maar de max. Uiteindelijk ben ik als enige van de groep aan de start verschenen. Al de anderen hadden onderweg afgehaakt, maar ze zijn wel komen supporteren. En ik heb de eindstreep gehaald, in een mooie tijd dan nog: 13 uur en 9 minuten. Achteraf heb ik wel de terugslag gekregen, mentaal: plots had ik geen fut meer om te sporten. Maar gelukkig is de energie ondertussen weer helemaal terug.”

Karel Van der Auwera

De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/ingesprekmet

ns Brusselse woordje persees zou ik kunnen hertalen als ‘alsof’. Maar ook ‘zoiets’ of ‘in de zin van’ zou van pas kunnen komen. Persees gebruiken we in het Brussels alsof ’t persees niks es. En dat is nu juist de kern van de zaak. Dat Brusselse woordje persees heeft ook alles met tijd en omstandigheden te maken. We beginnen met de tijd. Wat in dat geval het woordje persees betreft, moet ik het doen met een uitspraak die mij altijd zal bijblijven: “Hoo aaver da we weudde, hoo rapper da den taaid persees goet.” Maar eigenlijk heb ik er nooit bij stilgestaan of die uitspraak nu waar is of niet. Iets wat wij allemaal kennen, waarde lezer, is de belevenis dat we een gebeurtenis of ervaring vreuger persees al gezeen hebben. In dat geval hebben we het over een déjà vu. En hoe komt dat befaamde déjà vu nu? Wel, wetenschappers hebben uitgedokterd dat het met een kortsluiting in de hersenen te maken heeft. Bij die opmerking spreekt men mij lachend toe: “Gooj ons wei ’n bloes opgeive?” Welnu, waarom zou ik, waarde lezer? Dat déjà vu – of in het Brussels: persees al gezeen – is een gebeurtenis die in minder dan een fractie van een seconde heeft plaatsgevonden. Wanneer ik bij die uitleg “Da’s allemoe dikke ziever” opvang, laat ik mij uiteraard niet uit het lood slaan. Hoe zou u zelf zijn? Maar genoeg nu over de wetenschappelijke uitleg over het woordje persees. Het kan weleens voorkomen dat we bij onszelf zeggen: “Ik veul ma persees ni good”, of uiteraard ook: “Tiens, ik ben vandoeg persees goo gezind.” In dat soort gevallen stellen  wij onszelf in vraag. Maar zou het niet kunnen, waarde lezer, dat ons Brusselse woordje persees ook iets met het Franse précis te maken heeft? Ongetwijfeld wel. Zo komt de uitdrukking voor: “Ik hem a al eeverans gezeen, mo ik weit nemi persees wannier.” Had ik het daarstraks niet over het wetenschappelijke aspect van persees, waarde lezer? Welnu, ik wil daar toch even op terugkomen. Daarom moet ik wel even naar ons Brussels uitwijken. Hier gaan we dan.

Ho preseezer da ge weut woe da ge zaait, hoo minder da ge weit wannier ge er zaait. Het is niet bepaald een Brusselaar die op  dat onzekerheidsprincipe gekomen is, mo lot et den mo nen andere zaain, zou ik zo zeggen. En dan is er ook nog de uitspraak die men kan gebruiken wanneer men met de vervelende vraag “Wa komde gaa hee doon?” geconfronteerd wordt. Op zo’n pijnlijk ogenblik pakt men het best uit met “Ik moot toch eeverans zaain!” Zo ziet u maar, waarde lezer, dat men ook met eeverans overal alle kanten uit kan. En het is zelfs zo dat men, door er één klein lettertje aan toe te voegen, de horizon nog veel breder kan maken. Welk lettertje zou dat kunnen zijn, waarde lezer? Welnu, sluit even de ogen en denk aan de laatste letter die op het klavier van uw computer voorkomt. Wanneer u toevallig bij de letter n uitkomt, heeft u goed geraden. Donc plekke we dei ‘n’ van veu eeverans om zo te komen tot... neeverans. En ook met nee­verans is men gewapend om zich uit de meest hachelijke situaties te redden. Zo kan men altijd uitpakken met “Ik kom van neeverans” of, iets straffer, “Ik goen neeverans ni.” Om het wat simpel te stellen, waarde lezer: onze woordjes eeverans en neeverans kunnen zich gerust met elkaar meten. Om af te sluiten, waarde lezer, wou ik benadrukken dat ik elk van u eeverans zal ontmoeten en dat we het op dat ogenblik eeverans auver eet anders zulle kunne hemme dan auver eeverans.

Op p. 18-20 van deze krant hebt u het grote BDW-afscheidsinterview met Freddi Smekens gelezen: onze Brusselse chroniqueur neemt na 38 jaar trouwe dienst afscheid van de redactie in het Flageygebouw. Maar omdat sommige zaken onlosmakelijk met elkaar verbonden zijn – kerst en ballen, brood en wijn, en zo ook Freddi’s Kroniek en BDW – , vindt u volgende week in deze kolommen weer een fonkelnieuwe Freddi. En daarmee geive w’aa gien bloes op, waarde lezer!

REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Elsene, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels hoofdstedelijk gewest. Rest van België 15 euro per jaar; rekeningnummer 424-5529822-66 van vzw Brussel Deze Week. Buiten België 25 euro per jaar. DISTRIBUTIE EN PROMOTIE Ute Otten (ute.otten@bdw.be), Lien Annicaert (lien.annicaert@bdw.be), Paul De Weerdt. RECLAME IN BDW Rika Braeckman (rika.braeckman@bdw.be), 02-226.45.41, 0477-97.21.27, fax 02-226.45.69. OPLAGE 70.490 exemplaren. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne (anne.brumagne@ bdw.be). EINDREDACTIE Katrien Stroobants (katrien.stroobants@bdw.be). REDACTIE Jean-Marie Binst (jeanmarie.binst@bdw.be), Christophe Degreef (christophe.degreef@bdw.be), Bettina Hubo (bettina. hubo@bdw.be), Patrick Jordens (patrick.jordens@bdw.be), Freddi Smekens (freddi.smekens@bdw. be), Steven Van Garsse (steven.vangarsse@bdw.be), Danny Vileyn (danny.vileyn@bdw.be). REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele (isabelle.devestele@bdw.be), Gerd Hendrickx (gerd.hendrickx@bdw. be). MEDEWERKERS Michaël Bellon, Lieven Bulckaert, An Devroe, Eva Hilhorst, Ilah, Francis Marissens, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Steven Vandenbergh, Karel Van der Auwera, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Sander de Wilde, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. VORMGEVING Peter Dhondt (peter.dhondt@bdw. be). FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh (manu.dehertogh@bdw.be). VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Marijke Vandebuerie (marijke.vandebuerie@bdw.be). Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie. ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).


BDW 1308 PAGINA 26 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

Atletiek > Jérôme Kahia ontdekte gaandeweg dat veldlopen niet alleen horror is

‘Kou, nattigheid, sneeuw: bah!’ UKKEL – Kou, modder, soms zelfs sneeuw: de cross is spijkerhard en niet meteen een kolfje naar de hand van ‘warmweerloper’ Jérôme Kahia (22). De Brusselaar zweert bij de 800 en 1.500 meter op de piste, maar duikt in de aanloop naar volgend seizoen nu toch het veld in. “Ik doe het nog altijd niet graag, maar mijn resultaten zijn goed.”

‘I

k heb me op mijn zeventiende moeten inschrijven bij een atletiekclub,” vertelt Jérôme Kahia. “Dat was verplicht op de sportschool. Maar ik ging nooit en bleef voetballen, tot de leraar met een onvoldoende dreigde. Verrassend genoeg beviel het me meteen, en mede dankzij een overwinning tijdens mijn eerste wedstrijd vond ik al snel mijn draai bij La Forestoise.” Snelheid en uithouding waren op het voetbalveld al Kahia’s sterke punten, en die nam hij mee naar de atletiekpiste. De achthonderd meter en anderhalve kilometer zijn voor hem de perfecte disciplines. Dat hij een sterke weerstand heeft en zware trainingen aankan, is mooi meegenomen. “Mijn trainer Willy Van Bogaert heeft vanaf de eerste dag een belangrijke rol gespeeld. Hij is als een grootvader voor mij. Na elke training zei hij: ‘Tot morgen.’ Ik durfde hem niet teleur te stellen en kwam dan ook braaf. Dat zorgde ervoor dat ik snel zes trainingen per week afwerkte, en dat wierp vruchten af. Zo won ik onder meer twee Belgische titels bij de junioren en nam ik deel aan het EK en het WK in die categorie.” “Ik zie het niet als een nadeel dat ik pas op mijn zeventiende met atletiek ben begonnen. Anderen die van jongs af hard trainen, haken

de  CLUB

nu af, moe en helemaal op. En dat zijn jongens die misschien meer talent hebben dan ik. En Kim Gevaert en de broers Borlée zijn ook laat begonnen.”

Doping voor iedereen Ondanks de puike prestaties verliep de overgang van junioren naar beloften niet vlot. Tot overmaat van ramp zat de jonge Brusselaar vorig seizoen opgezadeld met klierkoorts. “Ik heb aan stoppen gedacht. Het is demotiverend als je hard traint zonder dat er ook maar iets vooruitgaat. Ik was moe, mentaal en fysiek. Maar mijn beste vriend en mijn coach hebben me opgepept en samen hebben we een programma opgesteld. Rustig aan bouwen we op, daarmee ben ik nu nog bezig. Maar ik zit al opnieuw aan zes trainingen per week en de resultaten zijn goed.” “Wekelijks loop ik gemiddeld honderd kilometer. Zeventig daarvan zijn relatief rustig, maar de rest is toch tegen een stevig tempo. Het is niet evident om het allemaal te combineren met mijn werk als leraar lichamelijke opvoeding. Je moet je ritme vinden. Als ik evenveel talent in het voetbal had gehad, dan stond iedereen nu vol adoratie naar mij te kijken en was mijn portefeuille goed gevuld.

laag en daartussen is er tweehonderd meter plat. Maar als het omhoog gaat, gaat het hard. Als junior was ik er ooit ontgoocheld met een dertiende plaats. Mijn omgeving was net blij met die plaats, omdat die cross zo zwaar is. Ik hoop dit seizoen ooit de top vijf te halen. Ik meet me altijd met de Europeanen, de Afrikanen lopen gewoon in een andere klasse.” Het ultieme doel van Kahia is dat van elke sportman of -vrouw: de Olympische Spelen. Hij beseft dat hij daarvoor een pak sneller zal moeten lopen, maar tegelijkertijd heeft hij bedenkingen bij sommige prestaties. En dan valt al gauw het woord doping. “Ik denk dat je meer nodig hebt dan talent om er te komen. Om op de Spelen te geraken moet je tijden lopen die ongelooflijk moeilijk te halen zijn, bijna onmogelijk. Doping maakt nu eenmaal deel uit van de sport. Misschien moet er een ander systeem komen, bijvoorbeeld doping voor iedereen toelaten. Een uniform beleid waarin iedereen gelijk is. Dat zou gevolgen hebben voor de gedopeerden, maar dat is dan hun probleem. Vandaag heb je landen als Spanje die zeer laks zijn en schorsingen verbreken. Dat zou niet mogen.” De Olympische Spelen van volgend jaar in Londen komen te vroeg, maar Kahia wil wel alles op alles zetten voor de Spelen van 2016 in Rio de Janeiro. “Het maakt me niet uit of ik er laatste eindig, of val tijdens de wedstrijd. Daar aanwezig zijn betekent dat je hebt gemaakt als sportman.”

Atletiek krijgt weinig erkenning, en dat is wel frustrerend.” Kahia wil er volgend pisteseizoen weer staan. Als voorbereiding neemt hij dit najaar deel aan verschillende veldcrossen. Een discipline die hij vroeger verafschuwde, maar die hij met het zachte weer beter verteert. “Kou, nattigheid, modder of zelfs sneeuw, ik moest er niets van hebben. Maar omdat cross de basis is en het mij is aangeraden, heb ik het nu toch weer opgenomen. Ik doe het nog altijd niet graag, maar het gaat wel beter. Bij de afgelopen crosses ben ik steeds in de top tien geëindigd, het gaat dus goed. Het is ook wel leuk dat het parcours, de decors en de moeilijkheid

“Ik denk dat je meer nodig hebt dan talent om er te geraken”

steeds wisselen. In een warm land zou ik altijd crossen lopen (lacht).” Kahia neemt altijd deel aan de korte cross, tussen 2.800 en 3.300 meter lang. Op zondag 18 december landt het crosscircus in het Park van Laken (artikel rechtsonder), waar de zwaarste en volgens sommigen mooiste cross wordt gelopen. “Het is simpel: je gaat vijfhonderd meter omhoog, vijfhonderd meter om-

Zwemclub De Durvers, Neder-Over-Heembeek

‘Woensdag, zwemdag’ © MARC GYSENS

NEDER-OVER-HEEMBEEK – Een uurtje per week duiken De Durvers het zwembad van Heembeek in. In een familiale sfeer combineren ze nu al een kwarteeuw sport en plezier. “Het was gedurfd om 25 jaar geleden een Nederlandstalige zwemclub op te richten in Neder-Over-Heembeek: vandaar de naam,” legt bestuurslid Katleen Adriaenssens (48) uit. “In al die jaren is het basisidee niet veranderd: woensdag krijgen onze leden een uurtje de kans om te leren zwemmen of gewoon sportief bezig te zijn.” Tussen halfacht en halfnegen palmt de grote familie van De Durvers het zwembad van Heembeek in. Vijf lesgevers en één redder leiden het hele gebeuren in goede banen. “Je vindt bij ons een echte mix van mensen terug. Kinderen zijn vanaf drie jaar al welkom voor watergewenning. Ze kunnen daarna doorstromen naar een van de tien groepjes die zwemles krijgen. Omdat we die niet te groot willen maken, hebben we de vorige jaren zelfs wachtlijsten moeten aanleggen.” Terwijl de ouders en grootouders bij de meeste

25 jaar geleden was het gedurfd om een Nederlandstalige zwemclub op te richten: de organisatoren hadden meteen een naam voor hun club.

andere clubs rustig in de cafetaria zitten, duiken ze bij De Durvers gewoon mee het bad

in. “We zijn een recreatieve en familiale club. Iedereen kent elkaar. We gebruiken ook ge-

Tim Schoonjans

meenschappelijke kleedkamers voor mannen en vrouwen, waar iedereen aan de praat geraakt. En de kinderen kennen elkaar meestal van op school. Sinterklaas komt ook elk jaar langs en er is de traditionele eindejaarsdrink: onze club leeft.” In 2007 vielen De Durvers in de prijzen. Ze kregen toen een Gouden Ketje voor Sport voor de integratie van jonge zwemmers met een lichte of matige mentale handicap. “We werken samen met de Lakense vzw De Ark. Zij bieden begeleiding en ondersteuning aan mensen met een verstandelijke beperking. Elke week komen vier jongeren mee zwemmen. Het blijft bij vier, omdat er niet meer in mijn auto passen. Ze volgen gewoon de les, zoals iedereen. We doen dit al jaar en dag.” Zwemmers die zich willen meten met hun leeftijdgenoten, worden doorverwezen naar competitieve clubs. Bij De Durvers gaat het er rustig toe, maar dat wil niet zeggen dat ze aan de zwembadrand blijven hangen om te keuvelen. “Neem het van me aan, er wordt ook stevig gezwommen. Iemand vertelde me onlangs nog dat hij een honderdtal lengtes had gezwommen, meer dan twee kilometer.” De succesformule van de afgelopen 25 jaar wil de zwemclub gewoon doortrekken. Vandaag zijn er honderdtwintig leden, van wie er zeventig à negentig effectief zwemmen. “We hebben een goede band met ons zwembad en zien blije gezichten op elke training.” TS www.zwemclubdedurvers.be


BDW 1308 PAGINA 27 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

© FLORENT CALAEN

David Steegen We zullen hen nooit vergeten

Jérôme Kahia, veldloper tegen wil en dank. “Als ik evenveel talent in het voetbal gehad had, dan stond iedereen nu vol adoratie naar mij te kijken en was mijn portefeuille goed gevuld geweest.”

Crossen in het Park van Laken LAKEN – Studenten, politiemensen of wereldtoppers: het Park van Laken wordt de komende dagen ingepalmd door honderden veldlopers. De derde Iris Kerstloop is de aftrap van de crossdriedaagse. De loopwedstrijd voor de tweede en derde graad basisonderwijs wordt op vrijdag 16 december om halfelf op gang geschoten. Bijna vier uur lang wordt er gelopen in verschillende leeftijdscategorieën, met een picknick en muziek als intermezzo. Een dag later palmen de politie- en veiligheidsdiensten het loopparcours in voor het

Iris Kampioenschap voor dames en heren. Het echt grote werk, dat volgt op zondag. Voor de middag werken eerst mensen met een handicap hun wedstrijd af, gevolgd door verschillende jeugdcategorieën, van pupillen tot junioren. Uitkijken is het naar de korte cross, waar onder meer Brusselaar Jérôme Kahia (zie hoofdartikel) vanaf 13.45 uur zal strijden voor de zege. Om 14 en 14.30 uur nemen achtereenvolgens de dames en de heren senioren de paden van het Park van Laken in. De masters sluiten de driedaagse af. Toeschouwers kunnen het hele gebeuren TS gratis gadeslaan.

Taekwondo in het zuidpaleis BRUSSEL – Een internationaal deel­ nemersveld vecht op 18 december voor goud op de International Taekwondo Open Indoor Brussels. Taekwondo is een vechtsport waarbij zowel vuisten als benen gebruikt worden om klappen uit te delen. Een heleboel Belgen en Nederlanders, maar ook Congolezen, Ethio­ piërs en zelfs een paar Libiërs: dat taekwondo overal ter wereld wordt beoefend, wordt op de Indoor Brussels nu al voor de elfde keer bewezen. Het internationale gezelschap palmt

op 18 december het Zuidpaleis in voor een toernooi op hoog niveau. Na de formaliteiten begint het toernooi om halftien. Cadetten en zowel mannelijke als vrouwelijke junioren en senioren komen per gewichtsklasse aan de bak. Ze leggen daarvoor elk 25 euro neer. Toeschouwers betalen tien euro. Op een lunchpauze tussen half­ twee en halfdrie na wordt heel de dag door gevochten. Omstreeks 19 uur zijn de winnaars bekend. Goud, zilver en brons krijgen een medaille, en ook de drie beste ploegen TS worden beloond.

Het zijn moeilijke weken. Soms ontstijgt het clubleven de sportieve werkelijkheid, die al niet te rooskleurig is na de 1 op 6 tegen OH Leuven en KV Mechelen. Bij de terugkeer uit Athene, waar AEK voor de bijl ging, krijgen we, midden in de nacht, te horen dat Hypolite Van Den Bosch (85) gestorven is. Van Den Bosch is waarschijnlijk, na voetballer van de eeuw Paul Van Himst, de grootste clubman uit de geschiedenis van paars-wit. In Brussel geboren, in Anderlecht gebleven. Hij paste, volgens de overlevering, helemaal bij het Anderlecht van de jaren vijftig. Klein, met een geweldige détente. Hij had het moeilijk met de privileges van de absolute vedette uit die tijd, Jef Mermans. In 1948 verliet hij Sporting om voor White Star te gaan voetballen. Maar in 1953 haalde de club van zijn hart hem terug. Die comeback was een heel groot succes. De aanvaller werd prompt topschutter in dat eerste seizoen. Van Den Bosch was bankbediende. Op wedstrijddagen wurmde hij zich tussen de supporters in de overvolle tram 76. Van een bode op de bank kreeg hij sandwiches om niet met een lege maag naar het Astridpark te moeten. Drie kwartier voor de wedstrijd duwde hij de deur van de kleedkamer open. Andere tijden. Poliet was erbij op de eerste Europese wedstrijd van RSC Anderlecht in 1955, tegen Vörös Lobogó uit Boedapest. Hij scoorde zelfs het tweede doelpunt van de met 6-3 verloren uitwedstrijd. Poliet Van Den Bosch is de laatste overlevende van de eerste kampioenenploeg van 1947. Hij won vier kampioentitels met RSCA en is nog steeds de recordhouder van het aantal gescoorde doelpunten voor de club in een enkele wedstrijd in eerste klasse. De spits is voor eeuwig verbonden aan de club. Hij was na zijn carrière lang assistent-trainer en moest regelmatig overnemen wanneer er een coach ontslagen werd. Op een blauwe maan-

dag werd hij bondscoach van Venezuela. Hij stierf een week voor José Manuel Lago. Ook een club­icoon. ‘Lete’ woonde in het Constant Vanden Stockstadion samen met zijn vrouw Helena. Hij heeft generaties profvoetballers gediend als materiaalman. Als geen ander wist hij wat er reilde en zeilde in de spelersgroep. Een echte voetbalman. Steeds discreet. De eerste psycholoog van de club. Een liefhebber. Hij hield van Mati Suárez en van de acties van Jonathan Legear, maar voor hem waren alle spelers evenwaardig. Daniel Zitka vloog speciaal uit Tsjechië over om zijn begrafenis bij te wonen in de kerk aan het Vossenplein, hartje Marollen. Ook Mbo Mpenza was er en Romelu Lukaku is de familie thuis gaan groeten, midden in een zware trainingsweek. Voor José was RSCA geen werk maar een lotsbestemming. Ik sprak bijna elke werkdag met hem. Korte gesprekjes over voetbal. Zorgeloze gedachtenwisselingen die de zware werkdagen dragelijk maken. We dronken regelmatig koffie in zijn ‘kot’. Helena voorzag ons van koekjes. Op wedstrijddagen kwamen de spelersvrouwen na de match langs. José was een trotse Spanjaard en een harde werker. Hij wist welke speler welke schoenen verkoos, wat hun gewoonten waren. ‘Lete’ zorgde ervoor dat elke voetballer van RSCA in de beste omstandigheden, met het beste materiaal, kon werken. Hij overleed onverwacht na een geplande operatie. Twee jaar verwijderd van zijn pensioen. De hele club is in rouw. Twee helden die de grootsheid van Royal Sporting Club Anderlecht mee hebben bepaald zijn ons ontvallen. Niemand van ons zal hen ooit vergeten. www.brusselnieuws.be/steegen David Steegen is persverantwoordelijke van voetbalclub RSC Anderlecht

ADVERTENTIE

Een scherpe journalistiek is essentieel voor een democratie. Ze brengt feiten aan het licht, stelt misstanden aan de kaak en schetst een verrassend tijdsbeeld. Daarom kent het Fonds Pascal Decroos werkbeurzen toe aan diepgravende of grensverleggende journalistieke

projecten. In tijden waarin de markt bepaalt wat nieuws is en wat niet, is steun voor gedegen onderzoeksjournalistiek belangrijker dan ooit. Steun het Fonds Pascal Decroos en hou de journalistiek scherp. Kijk op www.fondspascaldecroos.org en doe een gift.

www.fondspascaldecroos.org


BDW 1308 PAGINA 28 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

O T 13 J

9T

ER

Z

OR IE D

zaIE

VO

A

MooF, een nieuw stripmuseum in Brussel

• BD W AR

Oog in oog met de sterren van de strip

EEN VAN

DOOR PATRICK JORDENS

Of je nu fan bent van Robbedoes, Jommeke, Kuifje of Largo Winch, in het MooF – voluit Museum of Original Figurines – kom je ze allemaal tegen. Niet op papier, ook niet op het witte doek, maar bijna levensecht! Zo’n negenhonderd stripbeeldjes, van piepklein tot metershoog, wachten je op in dit gloednieuwe museum aan de voet van het Centraal Station. ‘Geef me de... schtroumpf’ Onze gids kent wel meer smakelijke roddels over de sterren van de strip. “Weet je hoe de Smurfen of, in het Frans, les Schtroumpfs aan hun naam komen? Tekenaar Peyo en zijn boezemvriend Franquin zaten samen te eten. Op een moment zei Peyo: ‘Geef me alsjeblieft het... eeuh, eeuh... schtroumpf eens door’ – want hij kon niet op het woord zout komen. En dat bracht meteen zijn fantasie op hol.” Van de Smurfen kwam onlangs de eerste 3D-film uit, en de hoofdfiguren uit die film hebben nu postgevat in het MooF. Ze staan op een gele kist, de kist waarin ze zijn overgevlogen vanuit de Amerikaanse filmstudio’s. Weer thuis...

©M

o oF

Er is te veel om op te noemen in dit nieuwe museum: een compleet nagebouwd westerndorp bijvoorbeeld, waar de cowboy Lucky Luke zijn

o oF

Bobbie, de mummie

©M

‘A

lles bij elkaar hebben we ongeveer 2.500 beeldjes, maar ze zijn nog niet allemaal tentoongesteld,” vertelt coördinator Jean-Pierre Vanhemelryck (J-P) aan Zazie. “De collectie die je hier ziet, is een schenking van twee privéverzamelaars. Sommige stukken die hier staan, zijn tot een miljoen euro waard!” Het MooF val je binnen samen met de guitige Robbedoes, een strippersonage dat beroemd werd dankzij de Belgische tekenaar Franquin. “Robbedoes bestaat al sinds 1940, maar het gekke is dat zijn kostuum in die zeventig jaar amper veranderd is,” vertelt J-P. En we zien een eeuwig jonge rossekop in een knalrood kostuum met gouden knopen en meestal een eigenaardig petje op zijn hoofd. “De tekenaar verzon Robbedoes toen hij op een stoomschip zat, op weg naar Amerika. Ineens stond hij in de lift met een liftjongen. Vroeger mocht je in de lift namelijk nooit zelf op de knoppen drukken. Die liftboy droeg een grappig rood kostuum, en voilà, Robbedoes was geboren!”

revolver trekt. Of een schaakbord waarop Asterix en zijn makkers het opnemen tegen de Romeinen. En ook Kuifje & co mogen niet ontbreken. “Kuifje is bekend geworden door het kindermagazine Tintin,” vertelt J-P. “Dat verscheen elke donderdag, en daar stond altijd een nieuwe episode van Kuifjes avonturen in.” Die Tintin-magazines van lang geleden liggen ook in MooF, je kan ze zelfs doorbladeren. Misschien zijn de Idulfania’s van onze striptekenaar Brecht Evens binnenkort ook te zien in een museum... En dan staan we oog in oog met de hond Bobbie, die – arm beest! – als een mummie opgebaard ligt in een sarcofaag. “Van dit beeld bestaat maar één enkel exemplaar, dus daar zijn we heel trots op!” zegt J-P. Maar zeker zo mooi zijn Kuifje en zijn maatje die samen uit een Chinese vaas komen piepen, zoals ze dat ook doen op de cover van De blauwe lotus.

© DIETER TELEMANS

Jommeke & Jerommeke En waar zitten Suske en Wiske en zo, vraag je je misschien af? Geen paniek, ook zij zijn van de partij. “Er zijn nog veel beeldjes op komst,” zegt J-P. “Tegen eind januari hopen we een hele collectie van ‘typisch Vlaamse’ stripfiguren te tonen.” Dat mag ondertussen de pret niet drukken. Als je in de kerstvakantie wilt voelen hoe het is om in stripalbums rond te dwalen, dan weet je waar naartoe. Alle info staat op moof.d2d.be.

MooF-directeur Geert De Weyer neemt voor ons de Robbedoes-pose aan... Die Robbedoes loopt al zeventig jaar lang in hetzelfde pakje rond. Dat moet een vreemd geurtje geven onder de oksels!


X-PERTS

BDW 1308 PAGINA 29 - DONDERDAG 15 DECEMBER 2011

X-mas met de X-perts! De X-perts, dat zijn de jonge journalisten Sien Hendrickx (10), Rogier De Nys (9) en Wannes Dewit (12). Voortaan geven ze jullie elke maand een gouden tip: een geweldig mooi boek, een megaspannende game of film, een verrassend weetje... En omdat het bijna cadeautjestijd is, geven ze vandaag alle drie een feestelijke suggestie. Happy X-mas, dankzij onze X-perts!

2 Rogier

1 Wannes Might & Magic – Heroes VI is een toffe game die zich afspeelt tijdens een oorlog tussen vijf rassen in Ashan: orcs, demonen, mensen, ondoden en een Japans waterras. Je loopt als held rond in een prachtige spelwereld, waar overal vijanden staan te wachten om aangevallen te worden. Als je dan een gevecht aangaat, verandert het beeld plots in een soort schaakbord. Daarop staan jouw mannetjes en die van je tegenstander al klaar. Het is leuk dat je tijdens zo’n gevecht soms korte filmpjes te zien krijgt waarin je twee mannetjes ziet vechten alsof je ernaast staat. Je held kan ook spreuken naar de vijand sturen. Die spreuken zijn onderverdeeld in tactische Tears-spreuken en verwoestende Bloodspreuken. Wat die precies veroorzaken, moet je zelf ontdekken. Ik heb me goed geamuseerd in de wereld van Ashan, dus dit spel krijgt van mij 86/100! Might & Magic – Heroes VI, game voor pc en Mac, uitg. Ubisoft, 39,99 euro, vanaf 11 jaar

Vurige vulkanen gaat over vulkanen en belangrijke vulkaanuitbarstingen uit de geschiedenis. Over wat er gebeurt als het binnenste van de aarde uit de bol gaat! Zo kom je te weten dat tuf een vulkanisch gesteente is dat heel goed is om mee te bouwen, en dat het niet het geluid is van een oude trein (ja, dat ook, maar daar hebben we het nu niet over). Of dat een balaclava een soort vuurvaste bivakmuts is voor vulkanologen, mensen die vulkanen bestuderen. Vurige vulkanen is niet het enige leuke boek in de reeks ‘Waanzinnig om te weten’, er zijn er nog! Al die boeken zijn heel informatief, grappig en leuk. Zeker lezen! Vurige vulkanen is sinds kort weer verkrijgbaar en vormt nu samen met het deel IJzingwekkend veel ijs een omkeerboek: van heel heet naar berrrrrrrekoud! Anita Ganeri en Mike Phillips (illustraties), Vurige vulkanen, uitg. Kluitman, 9,95 euro, vanaf 10 jaar

3 Sien Felix moet van zijn mama een bezoekje brengen aan zijn akelige tante Zweem. “Ik heb geen tijd,” zegt Felix. “Maak dan tijd,” antwoordt zijn mama. Tijd maken, hoe doe je dat? Met de hulp van zijn buurjongen Pieter, een klokkenmaker en de geest van zijn dode opa smeedt Felix een plan. De tekeningen zijn speciaal, op bijna elke bladzijde anders. Soms eens een collage met foto’s, dan iets met verf, een heel rare tekening of een heel grappige! De paginanummers in dit boek lopen achterstevoren, van 75 tot 1! Ik vind het grappig geschreven en ook een beetje zot. Evelien De Vlieger en Wendy Panders (illustraties), Hoe maak ik tijd?, uitg. Lannoo, 15,99 euro, vanaf 9 jaar

WIN!

Idulfania door Brecht Evens

Zazie mag van uitgeverij Lannoo drie exemplaren weggeven van Hoe maak ik tijd?. Mail ASAP je naam, adres én leeftijd door en vermeld ‘kerstgeschenk’ in de mail. Een onschuldige hand hier op de redactie trekt de winnaars... SUCCES!


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook