Skip to main content

BDW - editie 1290

Page 1

ZOMERREEKSEN 6-7 Minister-president voor één dag (2)

Waterexpert Emmanuel Petrella ontvouwt plannen

Op zoek naar nat Brussel (2) 16-17

11 08 11

Kinderen van het moeras

AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153

© JO VOETS

Straatkunst wordt straatrel ELSENE – Wat afgelopen weekend een leuk artis­ tiek evenement voor de buurt had moeten worden, is uitgedraaid op een rel, met een half afgewerkt kunstwerk als gevolg. Om Explosition, de ten­ toonstelling over straatkunst (nog tot 4 september), ‘in de verf te zetten’, had het Museum van Elsene Grégory Decock uitge­ nodigd om in één weekend een werk in de Van Volsemstraat te realiseren. ‘Adrenalinestoot’, zo zou het kunstwerk heten. De straat was afgezet, de pers was uitgenodigd en met de kunstenaar waren, op last van de burgemeester, afspraken gemaakt: niet raken aan de zebra­paden en de rioolputten. Decock interpreteerde de afspraken met enige artis­ tieke vrijheid: hij kwam te laat, werkte niet de hele zaterdag door en schilderde gewoon over de zebrapaden heen. Waarop conservatrice Claire Leblanc hem prompt de, euh, laan uitstuurde. “Vooral omdat hij grof was tegen het perso­ neel,” zegt ze. Decock, die eerder al in Arles een opvallende zebrastraat maakte, voelt zich onheus be­ handeld. “Het was een aaneen­ schakeling van absurditeiten. Moest ik daar twee dagen van ’s morgens vroeg tot ’s avonds laat acte de présence geven? Ik ben toch geen ambtenaar?” Het was ook zijn bedoeling om de flink vervaagde zebrapaden achteraf met wit te overschil­ deren. “Ik wilde een oplossing zoeken, maar stootte op een muur van onbegrip. En dat is doodjammer, vooral voor de buurtkinderen die spontaan meehielpen.” Het schepen­ college zal beslissen wat er nu met de onafgewerkte streetart gebeurt. En of de artiest zijn gage krijgt. HUB

ADVERTENTIE

Zie pagina 25

DB21/792553G1

KNALPRIJZEN BIJ

N° 1290 VAN 11 TOT 18 AUGUSTUS 2011 ¦ WEEK 32: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, FAX: 02-226.45.69, E-MAIL: INFO@BDW.BE


BDW 1290 PAGINA 2 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

OPMERKELIJK © BLUE TATTOO

Uitgelicht > Socioloog begrijpt stilzwijgen na goede cijfers niet

LUIDE MUZIEK ALS CITYMARKETING BRUSSEL – Terwijl de organisatoren van het Brussels Summer Festival (BSF) de laatste voorbereidingen treffen voor het tiendaagse muziekfeest, zetten de buurtbewoners zich schrap. Ze zijn de geluidsoverlast van de versterkte muziek meer dan zat. Vorig jaar beloofde de Brusselse schepen van Toerisme Philippe Close (PS) meermaals dat de concerten van het festival voortaan om halftwaalf, uiterlijk middernacht afgelopen zouden zijn. Maar het bewonerscomité Villa Hermosa-Koudenberg-Regentlaan-Jubelpark, dat opgericht werd uit protest tegen de muziekoverlast in de stad, stelde tot zijn ontzetting vast dat er dit jaar ook weer vier concerten pas om elf uur beginnen. “Het is hier tijdens het festival lawaai van ’s middags tot een uur ’s nachts,” vertelt François Fierens, die een B&B op de Koudenberg heeft. “Ooit rende een gast woest weg. Sindsdien sluiten we tien dagen.” Luc Van de Velde woont een stukje verderop, aan de Regentlaan, maar ook hij heeft naar eigen zeggen geen leven tijdens het festival. “Ik ben zelfstandige en werk van huis uit. Ik word hoorndol van die bassen. En het ergste is dat het tot ’s avonds laat doorgaat. Iedereen heeft toch recht op slaap.” Lorne Walters klaagt over geluidsoverlast in het Jubelpark op zondagmiddag. “Parken waren toch ooit bedoeld als een oase van rust,” zegt hij. De bewoners vonden inmiddels steun bij Arau, een vereniging die opkomt voor de leefbaarheid van de stad. Isabelle Pauthier: “De omwonenden moeten het lawaai ondergaan zonder dat ze erom gevraagd hebben, uren aan een stuk, meer dan tien dagen lang.” En het is natuurlijk niet alleen het BSF. Uit een telling van het comité blijkt dat er vorige zomer in drie maanden tijd 28 evenementen met geluidsoverlast waren. Is er dan geen regelgeving? “Jawel, maar ze is moeilijk afdwingbaar en er zijn amper controles, ook niet van Leefmilieu Brussel overigens,” zegt Pauthier. “Bovendien zijn er uitzonderingen. Zo moet het na tien uur stil zijn op straat, maar de burgemeester kan van deze regel afwijken. Dat doet hij dan ook geregeld. Evenementen met luide muziek worden gezien als citymarketing. Voor de politici is het een verkiezingsHUB stunt.”

‘Brussel werd in een jaar een stuk veiliger’ BRUSSEL – Volgens de statistieken daalt de criminaliteit in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Socio­loog Jan Hertogen vindt dat ook dat weleens gezegd mag worden, tussen al het onheilsnieuws over de hoofdstad. Toch dient er waakzaam omgesprongen te worden met de cijfers, zegt criminoloog Brice De Ruyver (UGent). “Je moet het op de lange termijn bekijken.”

D

e cijfers hieronder heeft Hertogen van de website van de federale politie, waar ze voor iedereen toegankelijk zijn. Hij verwerkte ze en plaatste ze tegenover de bevolkingsgroei in België, het Brussels Gewest, de Brusselse gemeenten, de twee andere deelstaten en de voornaamste grote Vlaamse en Waalse steden.

Elsene en Koekelberg In 2010 steeg de bevolking van Brussel tot 1.089.538 zielen. Dat betekent een stijging van twee procent ten opzichte van het jaar voordien, en een stijging van meer dan dertien procent ten opzichte van

het jaar 2000. Algemeen genomen daalt de criminaliteit echter in 2010 ten opzichte van 2009. Vergelijken we met het jaar 2000, dan ligt het criminaliteitsniveau in niet weinig gevallen wel nog altijd hoger: het aantal misdrijven in het gewest lag in 2010 op een totaal van 169.155, vier procent minder dan het jaar voordien, maar meer dan drie procent hoger dan tien jaar geleden. De meeste Brusselse gemeenten volgen die trend, al tekende Elsene – onderdeel van het grootste politiekorps van het land – in tien jaar tijd wel een criminaliteitsstijging met bijna 21 procent op. Koekelberg daarentegen kende een daling

van meer dan 26 procent ten opzichte van 2000. De opgetekende misdrijven verschillen dus fors per gemeente. Het zal velen verbazen, maar in de kanaalgemeente Sint-Jans-Molenbeek (zone West) daalt de criminaliteit ten opzichte van vorig jaar én ten opzichte van 2000. Bijna negen procent minder dan in 2009, en anderhalf procent minder dan in het begin van het vorige decennium. Buurgemeente Anderlecht (zone Zuid) is dan weer een ander verhaal: de criminaliteit bleef stabiel ten opzichte van een jaar geleden, maar steeg wel meer dan 17 procent op de lange termijn. De gemeenten van de politiezone Noord doen het dan weer goed: zes procent minder criminaliteit tegenover 2000, meer dan vier procent minder tegenover 2009. Alleen Evere ziet de criminaliteit over de hele lijn stijgen. Ook de rijkere Brusselse gemeenten van de zones Montgomery en Ukkel/ Watermaal-Bosvoorde/Oudergem

kennen een criminaliteitsstijging. Etterbeek kent zelfs bijna dertig procent meer misdrijven nu dan tien

Buurgemeenten Anderlecht en Molenbeek hebben sterk verschillende cijfers jaar geleden. Alleen Sint-PietersWoluwe kende een afname op de lange termijn.

Veiliger Jan Hertogen is verbaasd over de stilte die volgt op de daling van de cijfers. Volgens hem zijn de cijfers van de federale politie van hoge

DE WEEK IN BEELD DOOR SASKIA VANDERSTICHELE

Ceci n’est pas la Grand-Place: de Grote Markt krijgt een grote beurt.

© SASKIA VANDERSTICHELE


WEEKOVERZICHT

BDW 1290 PAGINA 3 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

© SANDER DE WILDE / IMAGEDESK.BE

WOENSDAG 3 AUGUSTUS WONEN EN WERKEN. Volgens cijfers van het Brussels Instituut voor Statistiek en Analyse werken er jaarlijks steeds meer Brusselaars in hun gewest, ongeveer vijfduizend. In totaal zijn er 266.000 Brusselaars aan de slag in het Hoofdstedelijk Gewest. Criminaliteit daalt. Volgens cijfers van de federale politie, verwerkt door de socioloog Jan Hertogen, daalt de criminaliteit in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest ten opzichte van vorig jaar. De hoofdstad zou kortom veiliger geworden zijn. ZEVEN procent Nederlands. Uittredend federaal minister van Overheidsbedrijven Inge Vervotte (CD&V) zegt dat geen tien procent van de facturen van Belgacom in Brussel opgesteld is in het Nederlands. Daarmee antwoordt ze op een parlementaire vraag van kamerlid Ben Weyts (N-VA). Er wordt getwijfeld aan de representativiteit van de cijfers, maar officiële statistieken ontbreken omdat talentellingen verboden zijn in België.

DONDERDAG 4 AUGUSTUS

Brice De Ruyver: “Meer blauw op straat en meer blauw op het bureau, dat gaat zelden samen.”

kwaliteit. “Brussel levert een belangrijke bijdrage in de criminaliteitsdaling in België. We zien zelfs dat de politiezone West (met onder andere Molenbeek) de veiligste is in de hoofdstad.” Criminoloog Brice De Ruyver benadrukt wel dat er voorzichtig moet worden omgesprongen met interpretaties. “Wat zegt geregistreerde criminaliteit ons? Ik zal u een voorbeeld geven: dat recente gooien met stenen naar de brandweer in Molenbeek, je kunt daar gif op innemen dat zoiets zelfs niet geregistreerd wordt. Veel zones in Brussel kampen met een tekort aan manschap-

“

pen, dus wees er maar zeker van dat er veel ook niet geregistreerd wordt.” De Ruyver staat niet alleen met het argument van te weinig personeel: de politiezone West benadrukte onlangs zelf nog, bij monde van een erg emotionele burgemeester Philippe Moureaux (PS), dat er veel te weinig mensen zijn. “Bovendien heeft het beleid nog altijd een grote impact op de regis­ tratie en aanpak van criminaliteit,” vervolgt De Ruyver. “In Anderlecht was er bijvoorbeeld na de rellen van 2009 een veilige periode met een hoge registratie toen er zero tolerance werd afgekondigd, maar dat

valt niet vol te houden. Veel blauw op straat en veel blauw in het bureau gaan niet samen. Ook verschilt het beleid van de politiezones onderling soms sterk. Andere prioriteiten betekent vaak ook andere cijfers.” De Ruyver zegt ook dat statistieken beter op de lange termijn worden geïnterpreteerd, en niet van jaar tot jaar zoals Hertogen doet. “Dat is natuurlijk wel leuk voor de politiezones zelf om mee uit te pakken.”

Christophe Degreef en Danny Vileyn

www.npdata.be

Deze zomer heb ik ontdekt dat mijn kinderen een Franstalige identiteitskaart hebben. Die waren nochtans niet in het Frans aangevraagd. Een collega op de krant ontvangt zijn Belgacom-afrekening in het Frans, zijn vrouw is Franstalig. Maar taalgemengde gezinnen bestaan volgens de communautaire cijferfetisjisten blijkbaar niet.” Steven Samyn, chef politiek van De Morgen, relativeert het lage percentage (7 procent) van de Belgacom-facturen die in het Nederlands worden verstuurd.

“ HET GETAL

Ben ik in de eerste plaats Brusselaar, Vlaming, Belg of Europeaan? Tien jaar geleden zou ik gezegd hebben: 80 procent Vlaming, 20 procent Brusselaar. Nu weet ik het niet meer.” Bijna-ex-politicus en toekomstig bierdirecteur Sven Gatz (Open VLD) blikt terug op zijn politieke carrière (in De Tijd).

200.000

Brussel Bad heeft nog nooit zo weinig bezoekers weten te lokken. Gezien het wangedrag van de weergoden is dat nu ook weer niet zo verwonderlijk. Daar waar het aantal bezoekers vorig jaar op 400.000 tot 500.000 geschat werd, moest burgemeester Freddy Thielemans (PS) bij de opmaak van de balans toegeven dat er dit jaar niet meer

dan 150.000 tot maximaal 200.000 badlustigen geweest zijn. Ook de handelaars waren niet echt enthousiast, sommigen twijfelen zelfs of ze volgend jaar nog wel terugkeren. Misschien toch maar doen, want de Stad Brussel belooft voor de tiende verjaardag een feestelijke editie. En bovendien, zelfs bij rotweer als dit jaar waren er activiteiten die goed liepen, de Kids Zone bijvoorbeeld en de sportvelden. Half om half, dus. Typisch Belgisch? DV

THALYS NAAR ZAVENTEM? De hogesnelheidstreinen van   Thalys zullen vanaf eind 2011 vermoedelijk Brussels Airport aandoen. Dat staat in de zakenkrant L’Echo. Thalys zelf zegt dat er voorlopig alleen gesprekken zijn. De komst van Thalys zet de deur open voor verbindingen tussen de luchthaven en Amsterdam, Parijs en Keulen.

ZATERDAG 6 AUGUSTUS LUKAKU NAAR LONDEN. De jonge Anderlecht-speler en publiekslieveling Romelu Lukaku voetbalt voortaan voor de Londense sterrenclub Chelsea. Hoeveel die club voor Lukaku betaalt, is niet bekend.

MAANDAG 8 AUGUSTUS RIJDEN EN DRINKEN. Uit cijfers van uittredend federaal staatssecretaris voor Mobiliteit Etienne Schouppe (CD&V) blijkt dat inwoners van de hoofdstad vaker dronken achter het stuur kruipen dan andere landgenoten. Acht procent van de deze zomer gecontroleerde Brusselse automobilisten rijdt onder invloed. In Vlaanderen en Wallonië is dat respectievelijk vijf en zes procent. De geringe pakkans zou een oorzaak zijn. Werk AAN Madou uitgesteld. Door een verzakking in de De Bériotstraat zullen de wegwerkzaamheden in de buurt van Madou pas woensdag beginnen in plaats van vandaag, maandag. Op de Leuvensesteenweg tussen Madou en het Sint-Joostplein is de riolering dringend aan herstelling toe. Het dichtbevolkte Sint-Joost dreigt daardoor geconfronteerd te worden met verkeerschaos, want tijdens het werk aan de riolen moet alle verkeer door de Scailquinstraat. Om chaos te vermijden moet die worden aangepast aan die grotere doortocht.

DINSDAG 9 AUGUSTUS Nieuwe Meyboom. Voor de 703de keer wordt er in de hoofdstad een meiboom geplant. De traditie gaat terug tot de dertiende eeuw, toen de Brabantse steden Leuven en Brussel twistten over de invoering van een belasting op bier. De boom wordt geplant op de hoek van de Zandstraat en de Broekstraat. WACHTEN OP gomb-woning. Er staan 12.671 mensen op de wachtlijst voor een koopwoning van de Gewestelijke Ontwikkelingsmaatschappij voor Brussel (Gomb), een record. Dat vernemen de collega’s van brusselnieuws.be. Woningen van de Gomb zijn erg in trek omdat ze tot dertig procent minder kosten dan woningen op de privémarkt. De panden zijn bedoeld om middenklassers naar Brussel te lokken. In het najaar zouden er vierhonderd nieuwe Gomb-woningen opgeleverd worden. ZESDUIZEND tekenen voor platanen. Volgens het wijkcomité Havenlaan hebben duizend mensen méér dan vooropgesteld de petitie voor het behoud van de platanen aan de Havenlaan ondertekend. Het comité had een heuse protestcampagne opgezet om Brussels minister van Openbare Werken Brigitte Grouwels (CD&V) op andere gedachten te brengen over de kap van de bomen. Ook willen ze dat de volledige plannen voor de heraanleg van de kasseienlaan worden herbekeken, omdat het huidige plan volgens het comité op maat van het geschrapte logistieke centrum Bilc gemaakt zou zijn.

Samengesteld door Christophe Degreef

MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP


BDW 1290 PAGINA 4 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

Vervuiling verbieden in plaats van de vervuiler te laten betalen. Meer fietspaden. Wonen waar je werkt. Meer Vlamingen naar Brussel halen. Lokaal kopen. Groepsaankopen... Onze zomerpresident Emmanuel Petrella wil langer dan een dag aanblijven.

© IVAN PUT

Reeks (2) > Minister-president voor één dag: waterexpert Emmanuel Petrella

‘Nieuwe stadsrivieren! Waterwegen op onze daken!’ SINT-GILLIS – Welke ideeën kunnen het Gewest goed doen? Wat kan en moet beter? BDW vond vier uiteenlopende persoonlijkheden bereid om voor één dag ministerpresident van Brussel te spelen. Emmanuel Petrella is wetenschapper bij het IERPE, het Institut Européen de Recherche pour la Politique de l’Eau. In zijn Brussel discussiëren solidaire, participerende burgers aan de oevers van de nieuwe stadsrivieren.

‘J

e bent toch niet teleurgesteld dat ik het ben?” vraagt Emmanuel Petrella. “Ik was even bang dat je me voor mijn vader hield.” Vader Riccardo is een bekende Italiaanse professor die het andersglobalisme met vuur verdedigt. Nee nee, het is wel degelijk Emmanuel die we voor een dag willen uitroepen tot minister-president. De jonge Brusselaar zet zijn ideeën

uiteen tijdens een wandeling van zijn huis naar het kantoor van het IERPE nabij de Ninoofsepoort. De fontein met de Waterdraagster aan de Bareel van Sint-Gillis brengt Petrella meteen goed op dreef. “In een niet zo ver verleden moest je nog water halen met emmers. Dat er in heel de stad water uit de kraan komt, is allesbehalve evident.” “Zo’n decoratieve fontein is mooi,

maar ik hou nog meer van bronnen met gratis drinkbaar water. In het centrum zijn er best wel wat, maar ze worden weinig gebruikt. We sleuren liever een plastic flesje mee of bestellen een watertje op café. Jammer.”

Water is geen koopwaar Aan een radicaal waterbeleid zou de regering-Petrella haar faam danken. “Brussel ligt in moerasgebied, maar

“Wie houdt ons tegen? Samen kunnen we ontzettend creatief zijn en met minder geld betere resultaten behalen”

al dat water verstoppen we. Regenwater willen we zo snel mogelijk de stad uit, via de riolen. Drinkwater laten we aanrukken. Draai de kraan open en er komt drinkbaar water uit. Dat drinkwater gebruiken we ook voor de schoonmaak, de afwas, de was en zelfs het toilet. Dat is ecologisch wellicht aberrant, maar technologisch en economisch werkt het huidige systeem wel. We kunnen zo nog jaren verder. Máár. Het systeem kent wel beperkingen. Het is zeer duur. De kosten stijgen continu en niemand stelt dat in vraag. Tegelijk is er internationaal een tendens om water als een economisch product te beschouwen. Daartegen verzet


BDW 1290 PAGINA 5 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

Nieuwe stadsrivieren

Lessen in Brussel Petrella heeft genoeg ideeën om een ambtstermijn of drie als Brussels minister van Water te vullen. Maar wij vroegen hem om ministerpresident te spelen. “Met vallen en opstaan zou ik blijven zoeken naar manieren om de burgers te laten deelnemen aan het beleid. Zeker op het niveau van een wijk is het te gek dat je renoveert zonder de wensen en prioriteiten van de bewoners te kennen. De ideaalbeelden van een politicus, stedenbouwkundige of universitair stroken niet altijd met wat de mensen willen. Best mogelijk dat ze niet gediend zijn met een park en een fontein.” Een actieve burger word je niet bij toverslag. Petrella ziet hier een be-

“We hebben vrienden in New York, Japan en Afrika, maar wat doen we in onze straat behalve de vuilniszak buiten zetten?”

Hij of zij is ook amper uitgerust om sociale problemen op te lossen. Als minister-president vraag ik scholen daarom om hun leerlingen ook kennis over hun stad en hun buurt bij te brengen. Leer ze de handelaars, verenigingen, overheidsinstellingen en alle andere actoren kennen. Wie doet wat, en waarom? Hoe kun jij je steentje bijdragen? Dat kan op zoveel verschillende manieren.”

Taal > Anciaux (SP.A) en Maertens (N-VA) ontstemd

Bpost spreekt steeds minder Nederlands

Solidariteit

stad waarin we wonen. Ze lijken te vertrekken van het idee dat ze de leerlingen moeten beschermen tegen de gevaren van de stad. Scholen zouden opener moeten zijn; ze zouden moeten voorbereiden op een leven in de stad. Nu verlangen we van een achttienjarige dat hij gaat stemmen, maar hij weet nauwelijks hoe Brussel politiek in elkaar steekt.

Wie is Emmanuel Petrella?

Al wandelend komen we een dakloze tegen. “Ondanks de goede socia­le zekerheid is er nog armoede. De Stad moet dan bijvoorbeeld opvang voor daklozen organiseren. Ik stel het nut daarvan zeker niet in vraag. Mijn vriendin is sociaal werkster. Maar politiek zou meer moeten zijn dan ad hoc oplossingen zoeken. Probeer de bron van het probleem aan te pakken.” “Ik stel vast dat daklozen er bijna altijd alleen voor staan. Ze hebben geen werk, geen relaties, niemand om op terug te vallen. Een solidaire stad reageert daar beter op.” Het hoge woord is eruit. “Op het buurtfeest je gezicht laten zien is sympathiek, maar onvoldoende. We zouden meer betrokken moeten zijn bij onze omgeving. We hebben vrienden in New York, Japan en Afrika, maar wat doen we in onze eigen straat behalve de vuilnisbakken buiten zetten? Je kunt solidariteit en burgerzin niet opleggen, maar het spreekt voor zich dat ik elk initiatief zou steunen dat het sociaal weefsel versterkt.”

Tweetalig onderwijs

© IVAN PUT

Het beheer wil Petrella I niet overlaten aan bewindvoerders, watermaatschappijen en specialisten. “We organiseren ons per stroomgebied. Dat is dan een hydrologische eenheid. Brussel heeft er zo een twintigtal. Belangrijk zijn bijvoorbeeld de Maalbeek, de Woluwe, de Zenne en de Vogelzangbeek. Per stroomgebied is er een vergadering van burgers verantwoordelijk. Samen zoeken we naar een ideaal technisch systeem en doen we het onderhoud.” Spectaculair is het idee om het water niet langer in de ondergrond te verstoppen. “Ik pleit voor nieuwe stadsrivieren. Laat het water vloeien waar het kan. Geef natuurlijke wateropslag een kans. Misschien kunnen er zelfs waterwegen op onze daken. In plaats van de regen langs de goot zo snel mogelijk ondergronds te krijgen, laten we het water over de daken circuleren. Met wat geluk kunnen we het in citernes vergaren en het vervolgens gebruiken.” “Technisch en sociaal zou dit plan heel wat innovatie vergen. Er zouden nieuwe beroepen ontstaan. Maar wie houdt ons tegen? Samen kunnen we ontzettend creatief zijn en met minder geld betere resultaten behalen. De nieuwe stads­ rivieren zijn trouwens ook een deel van de oplossing van het Brusselse rioolprobleem. Om overstromingen te vermijden hebben we de buizen telkens groter en groter gemaakt. Maar je kunt de capaciteit niet blijven opdrijven. Als het regenwater niet meer en masse in de riolen terechtkomt, maar wegvloeit via die nieuwe stadsrivieren, dan heb je zoveel capaciteit niet meer nodig. De renovatie van vijfhonderd kilometer riolen kost Brussel 1,3 miljard euro. Dat wordt geleend bij de Europese Investeringsbank. Wie gaat dat terugbetalen? De gebruikers?”

langrijke taak weggelegd voor het onderwijs. “Ik ben nog leraar aardrijkskunde geweest in middelbare scholen in Anderlecht, Ukkel en Sint-Gillis. De scholen bereiden ons goed voor op een latere baan, maar ze leren ons niets over de

© SASKIA VANDERSTICHELE

ik me met hand en tand. Water is geen koopwaar, maar gemeengoed. Iets wat van ons allemaal is. De Verenigde Naties hebben terecht met een resolutie het recht op water als mensenrecht erkend.” Petrella wil de Brusselaar mobiliseren. “Het betalen van de jaarlijkse factuur of naar de brandweer bellen als de kelder is ondergelopen, is zowat de enige band die de Brusselaar nog met water heeft. Ik zou de band met het water willen aanhalen door het weer een zichtbare plaats te geven.”

n Geboren in 1978

in Etterbeek. n Studeerde aardrijkskunde

aan de Université Catholique de Louvain (UCL). n Werkte zeven jaar als leraar aardrijkskunde in verschillende Brusselse scholen. n Is vandaag wetenschappelijk verantwoordelijke bij het Institut Européen de Recherche pour la Politique de l’Eau. Dat IERPE doet onderzoek naar de problematiek van het water op Europees en mondiaal niveau, doet aan bewustmaking en experimenteert met nieuwe vormen van (water-) coöperaties. NR

Vervuiling verbieden in plaats van de vervuiler te laten betalen. Meer fietspaden. Wonen waar je werkt. Meer Vlamingen naar Brussel halen. Lokaal kopen. Groepsaankopen. Onze zomerpresident zou graag langer dan een dag aanblijven. Voordat zijn termijn erop zit, wil hij het absoluut nog over culturen hebben. “Brussel heeft het geluk een stad van immigranten te zijn. Welke plaats gun je al die culturen? De mix van culturen is plezant en verbreedt onze blik. Maar terwijl de stad verder internationaliseert, moeten we ook oog hebben voor het lokale, voor de eigenheid, de waarden, de symbolen en de geschiedenis van deze stad.” “Een van die eigenheden is dat hier twee grote cultuurgemeen­ schappen samenkomen. Alleen gebeurt dat niet genoeg. De instituten schei­den ons. Ik weet dat het een delicaat punt is, maar ik zou meer bicommunautair doen en minder de Cocof en de VGC (Franse resp. Vlaamse Gemeenschapscommissie in Brussel, red.) elk hun ding laten doen.” Dat idee trekt Petrella ook door naar onderwijs. “Ik praat nooit Nederlands en ik betreur dat. Het onderwijs maakt ons niet tweetalig. In de Nederlandstalige scholen zakt het niveau van het Nederlands door het hoge aantal Franstaligen. Als ik het voor het zeggen heb, laat ik het Gewest tweetalig onderwijs organiseren.”

Niels Ruëll

BRUSSEL – In vijf jaar tijd is het aantal loketbedienden van bpost in Brussel dat Nederlands kent, met negen procent gedaald. Er zijn ook steeds minder postbodes die het Nederlands machtig zijn. Nog maar 62 procent van de loketbedienden en 63 procent van de postbedelers is Nederlandskundig. Dat blijkt uit het antwoord van minister van Overheidsbedrijven Inge Vervotte (CD&V) op een vraag van Bert Anciaux (SP.A). Anciaux vindt dat Vervotte als bevoegd minister ondermaats presteert. Hij vindt dat bpost veel meer inspanningen moet leveren om tweetaligen aan te werven. Om de Nederlandskundigheid te stimuleren raadt hij Vervotte en bpost aan samen te werken met de Vlaamse Gemeenschap voor het organiseren van taallessen. Anciaux: “De tweetaligheid van openbare diensten in Brussel ligt grondwettelijk vast en

moet gerespecteerd worden. Iedereen die in contact komt met het publiek, moet in Brussel de twee landstalen machtig zijn. Zowel aan de loketten als bij de postbedeling hebben de Vlaamse Brusselaars het recht in vlot Nederlands bediend te worden.” N-VA-kamerlid Bert Maertens wil nog een stap verder gaan. Maertens wil dat in de volgende beheersovereenkomst een boeteclausule komt. Overheidsbedrijven als bpost, de NMBS en Belgacom zouden bij niet-naleving van de taalwetgeving een boete moeten betalen. “Wie niet horen wil, moet voelen,” zegt Maertens, die er ook op wijst dat bpost eerder dit jaar al een vingerwijzing heeft gekregen van de Vaste Commissie voor Taaltoezicht. Na het zomerreces dient Maertens een resolutie in in de Kamer van Volksvertegenwoordigers.

ADVERTENTIE

Danny Vileyn


BDW 1290 PAGINA 6 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

Massandge uit Ivoorkust en de Marokkaanse Yannick springen regelmatig binnen in het Huis der Gezinnen.

© SASKIA VANDERSTICHELE

Opvoeding > In het Huis der Gezinnen kunnen jonge moeders hun hart luchten

‘Hier spelt niemand je de les’ ANDERLECHT – Moet ik mijn kind belonen of bestraffen? Wat doe ik als het niet wil slapen? Hoe krijg ik mijn peuter in een school ingeschreven? Het zijn enkele vaak terugkerende vragen van de jonge moeders die over de vloer komen bij het Huis der Gezinnen in Kuregem. Al meer dan tien jaar ondersteunt deze organisatie jonge kwetsbare gezinnen.

I

n de keuken mogen Yannick, Soumaya en Massandge mee aan tafel schuiven voor een gezonde lunch. Alle drie hebben ze een tijdje geleden de cursus Ratatouille gevolgd en ze springen nog regelmatig binnen in het Huis der Gezinnen. Yannick en Soumaya, beiden van Marokkaanse origine, hebben hun babyzoon meegebracht. De ukjes doen een dutje in de aangrenzende speelhoek. Massandge komt uit Ivoorkust en heeft haar dochter van anderhalf mee. Ratatouille is een reeks van zes bijeenkomsten waarop jonge moeders koken en praten. In die tijd worden hun kinderen elders in het gebouw opgevangen. “Voor sommige vrouwen is het de eerste keer dat ze even zonder hun kinderen zijn,” zegt Soumaya. “Je kunt je niet voorstellen hoe geïsoleerd veel vrouwen in

deze buurt leven,” vult Yannick aan. Dat gegeven lag aan de basis van de oprichting van het Huis der Gezinnen in 2000. “Initiatiefnemer Louis Ferrant stelde in zijn huisartsenpraktijk vast dat heel wat allochtone vrouwen compleet geïsoleerd raakten nadat ze kinderen hadden gekregen, en hij zag ook dat heel wat allochtone kinderen te dik waren als een gevolg van slechte voeding,” vertelt Sigrid Arents, de coördinatrice van het Huis. Gezonde voeding is dan ook een aandachtspunt. Tijdens de lessen van Ratatouille bereiden de mama’s (papa’s zijn ook welkom, maar tonen zich zelden) een gezamenlijk ontbijt, een lunch of een avondmaal. Een diëtiste kijkt toe, helpt en geeft advies. Bijvoorbeeld dat je niet overdreven gul moet zijn met olie; twee eetlepels zijn meestal voldoende.

En dat volkoren pasta voedzamer is dan gewone, en dat je het ontbijt maar beter niet overslaat. “Voor ik hier kwam, kocht ik n’importe quoi, veel koekjes en chips,” vertelt Massandge. Yannick heeft inmiddels de veel te gesuikerde Gervais-kaasjes en de choco van het menu van haar gezin geschrapt. Tijdens de laatste bijeenkomst trekken de Ratatouille-deelnemers naar de Colruyt. Yannick: “In heel wat gezinnen doet de man de boodschappen. De vrouw thuis heeft geen idee wat er in de supermarkt allemaal te krijgen is.” Tussen het koken en eten door wordt er ook gepraat. Over opvoeding met name. Soumaya: “Veel moeders zijn onzeker. ‘Doe ik het goed?’ Onze moeders konden aan hun moeders en de buren in het dorp om raad vragen. Maar mijn moeder is hier niet.

kust, met de kinderen sprak. En wat met op tijd naar bed gaan? In mijn cultuur zijn er geen slaapregels. Je hebt dus ook geen problemen met kinderen die niet willen slapen. Een kind blijft op tot het moe is en in slaap valt. Maar zo kun je hier niet leven.” En dan was er de kwestie van de tik op de billen. Massandge vertelt dat ze, voor ze het onderwerp ter sprake bracht in de groep, weleens een klets uitdeelde. “De reacties liepen uiteen. Sommige mama’s vonden dat de hand van een moeder nooit mag slaan. Maar het mooie hier is dat niemand je beoordeelt of veroordeelt. Niemand spelt je de les.” Massandge kreeg ook tips. Als een van haar kinderen het nu te bont maakt, ademt ze eens diep en telt ze tot drie voor ze iets onderneemt. De bijeenkomsten maken de jonge moeders ook assertiever en bewuster van hun lot. Tijdens de gesprekken zijn Yannick, Soumaya en Massandge tot de slotsom gekomen dat het in Brussel, zeker in bepaalde wijken, niet simpel is om kinderen op te voeden: er is te weinig plek om te spelen, er is geen plaats in de crèches en de scholen zitten vol. Soumaya: “In sommige Franstalige scholen zijn er onthaalklasjes met 38 kinderen. De kleuters van mama’s die niet werken, worden ’s middags gewoon naar huis gestuurd.” Massandge vindt het een hele opgave om met drie jonge kinderen buiten te komen. “Eerst met de kinderwagen twee verdiepingen naar beneden in een huis zonder lift en vervolgens de bus of de metro in, waar je scheef bekeken wordt omdat je te veel plaats inneemt.” Yannick wil dan ook een afspraak maken met de bevoegde Anderlechtse schepen om de problemen van de jonge moeders aan te kaarten.

Spelen met taal

Ze leeft in Marokko, ze is tachtig en ze is nooit naar school geweest.” Samen met Yannick besloot ze daarom te rade te gaan bij het Huis der Gezinnen. “Alleen had ik hier nooit durven binnenstappen,” zegt ze. Ook Massandge, die buiten haar man en drie kinderen geen familie heeft in België, zette zich over haar

“Onze moeders konden aan hun moeders en de buren in het dorp raad vragen. Maar mijn moeder is hier niet”

Het Huis der Gezinnen organiseert nog andere ontmoetingsactiviteiten. Op woensdagmiddag is er Amodoe, een ouder-en-kindgroep waar gespeeld wordt met taal. Bij de praatgroep Babiloe kunnen ouders het hele jaar door terecht met opvoedingsvragen. Vandaag is het rustig: heel wat vrouwen reizen in de zomer met hun gezin naar hun land van herkomst. Intercultureel bemiddelaar Gulten Vardar heeft dan ook alle tijd voor een Turkse vrouw uit de buurt, een zwakbegaafde moeder van vijf kinderen die vaker langskomt. Deze keer vertelt ze dat haar zoon van twaalf een Facebook-pagina wil aanmaken. Of dat niet gevaarlijk is? Gulten Vardar geeft uitleg. “Doorgaans kom ik weinig tussen. Ik vertaal en informeer, bijvoorbeeld over hoe elke cultuur haar kijk op opvoeding heeft. Soms worden jongens anders behandeld dan meisjes. Maar ik ga geen cultuur met de vinger wijzen. De meeste vragen worden trouwens beantwoord door de andere moeders. Want hoe verschillend deze vrouwen ook zijn, één ding hebben ze gemeen, ze zijn moeder.”

schroom heen en klopte aan bij het Huis. “Ik vroeg me bijvoorbeeld af of het wel goed was dat ik mijn moedertaal, een lokaal dialect uit Ivoor-

Bettina Hubo

Huis der Gezinnen, Veeartsenstraat 20, 1070 Anderlecht, 02-526.16.30


BDW 1290 PAGINA 7 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

Actualiteit > Gevolgen voor broodbevoorrading

© ANJA GALICIA

Bakkerij brandt uit

P-PRAAT Blij te vernemen dat Alain Destexhe mee is. Het Brusselse MR-parlementslid stelde in La Capitale in een vlaag van helderheid dat de rellen in Londen zich ook in Brussel kunnen voordoen. Rellen, dat kennen we immers niet echt in Brussel, en dus moet de kans bestaan dat we ze in de toekomst eens meemaken. Blijkbaar heeft Destexhe vaak invallen van helderheid, want de man ondernam bijvoorbeeld al eens een poging om de Vlaamse beweging te verklaren aan geïnteresseerde mede-Franstaligen. Ook stelde Destexhe zich al eens kandidaat om de MR voor te zitten om de democratie binnen zijn partij wat te eren. Dat lukte wonderwel, en dus werd Charles Michel voorzitter. Verdorie zeg, wat valt er weinig belangrijk politiek nieuws te rapen hier te lande. De federale regeringsonderhandelingen zijn dringend en dus is iedereen weg, en hier in Brussel gebeurt er niet veel meer dan wat laanbomen die omgehakt moeten worden, waardoor het een beetje rommelt in de Brusselse regering. Maar onder het zomerstof hebben we toch nog iets gevonden: het schijnt dat onze minister-president Charles Picqué (PS) niet goed tegen kritiek kan, en dat hij Voka-voorzitter Luc De Bruyckere een onbenul noemt als die het waagt te zeggen dat Brussel niet goed bestuurd wordt. Dat is wel te begrijpen van Picqué: Brussel wordt natuurlijk goed bestuurd; er zijn de voorbije jaren vijfduizend sociale woningen gebouwd, de hoofdstad is meer eco geworden dan een miljoen passiefhuizen samen, en de laatste jaren liggen de straten er netjes en recht bij.

De rookpluim boven Brussel was tot ver te zien.

SINT-JANS-MOLENBEEK – De brandweer had zondagavond alle moeite van de wereld om de brand in La Wetterenoise in de Birminghamstraat te blussen. De te hoop gelopen menigte hielp ook al niet. Toen de brand zondagavond omstreeks 17.40 uur uitbrak, waren er nog drie bakkers aanwezig, maar zij stonden machteloos. Het bluswerk werd bemoeilijkt door het metalen dak van de bakkerij en – niet te vergeten – door jonge-

ren die met stenen en blikjes naar de politie gooiden. Buurtbewoners moesten hun appartement verlaten en kregen mondmaskers aangeboden. Het belendende appartementsgebouw liep lichte schade op; van de bakkerij zelf blijft niets over. In de rekken van de eigen bakkerijen en van Delhaize waren de gevolgen van de brand ’s anderendaags te merken. De directie besliste het personeel in andere bakkerijen aan het werk te zetten. DV

CHIEN ÉCRASÉ SINT-GILLIS – Naar alle waarschijnlijkheid bezat de gemeente Sint-Gillis in een niet zo ver verleden een verzameling G’tjes. U weet wel, de letter G, maar dan als sticker. Waarom? Wel, omdat de gemeentebediende zich vroeger moet hebben vergist toen hij een bestelling nieuwe straatnaambordjes moest doorgeven aan de straatnaambordjesmaker. Dat moet zo gegaan zijn: “Et donc en flamand on écrit chaussée de Waterloo comme W-A-T-E-R-L-O-O-S-E-S-T-E-E-N-W-E-K.” Zo geschiedde, want zeker drie bordjes dragen nog sporen van deze vergissing. Daarom waren dus een extra bestelling kleefbare G’tjes nodig. Maar ook die bleken op te zijn, want op één straatnaambordje staat nog vrolijk dat de Nederlandstalige inwoners op een wek wonen. Een steenwek weliswaar, maar toch, een wek. WATERLOOSESTEENWEG – Wij dagen u dan ook uit dit godvergeten exemplaar te zoeken en er een mooie foto van te nemen vooraleer de gemeente Sint-Gillis beslist om een nieuwe lading G-stickertjes aan te kopen. Als dat al gebeuren zal. Benieuwd overigens waar je stickertjes in de vorm van een G kan kopen. Een geverfde G is ook goed, hoor. ADVERTENTIE

Met Villo! rijden begint bij MOBIB.

www.mivb.be


A

NS-MOL

8 11-0

BEEK EN

SINT-J

BDW 1290 PAGINA 8 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

11 -20

De Sint-Jan de Doperkerk, mogelijk de oudste parochie van de Brusselse agglomeratie.

God van de daken (2) > De Sint-Jan de Doperkerk in Sint-Jans-Molenbeek

Een kerk die niet mag verdwijnen De Brusselse kerken lopen leeg. De gebouwen blijven staan. Ze zijn niet uit de wijken weg te denken. Wij kropen op het dak. Zo hoog we konden. En zagen Brussel in al zijn brute schoonheid.

E

r staat een fantastische foto in Bijdrage tot de geschiedenis van Sint-Jans-Molenbeek van Antoon-Willem Maurissen: de oude bakstenen Sint-Jan de Doperkerk (bouwjaar 1837), broederlijk naast de nieuwe betonnen kerk (bouwjaar 1931). Twee kerken op één plek! Pas toen de nieuwe art-decokerk echt klaar was, mocht de oude worden afgebroken. Het was de gemeente niet om godsvrucht te doen. Molenbeek was in volle expansie. Niet zozeer een grotere kerk, dan wel meer openbare ruimte was de belangrijkste motivatie voor de herinrichting van de Parvis, het kerkelijk voorplein. De kerkfabriek had geen centen. De

© SASKIA VANDERSTICHELE

gemeente Molenbeek zamelde vijf miljoen frank in. Tot vandaag is niet duidelijk of de gemeente dan wel de kerkfabriek eigenaar van de kerk is. De gemeente zocht de befaamde architect Joseph Diongre aan. Hij ontwierp een kerk in art deco. Dankzij het bouwprocédé (gewapend beton) konden de kosten gedrukt worden. Beton was niet alleen goedkoper dan baksteen, door de lichte structuur hoefden de funderingen ook niet zo diep. Helemaal origineel is de kerk overigens niet: ze heeft een grote zus in Raincy bij Parijs, gebouwd in 1922. Toen Jean-Pierre De Meulder in 1977 pastoor werd in de Sint-Jan de Doperkerk, was de parochie al da-

nig op haar retour. Nog driehonderd kerkgangers waren er toen, voor een kerk die er makkelijk duizend kan bevatten. De decennia erop zou het alleen maar bergaf gaan, hoewel er zich vandaag wel nieuwe parochianen aandienen, onder meer Afrikanen. Vlaamse missen worden er allang niet meer gehouden. Volgens De Meulder is de recente instroom van jonge Vlamingen in Molenbeek te klein om nog een echte Nederlandstalige parochiegemeenschap in laag-Molenbeek in stand te houden. “In mijn loopbaan heb ik Molenbeek erg zien evolueren. De gemeente ging van zeventig- naar bijna honderdduizend inwoners, met meer

dan honderd nationaliteiten in verschillende migratiestromen.” De Meulder houdt wel van de broeierige sfeer, bijvoorbeeld tijdens de donderdagmarkt, maar hij ondervond ook de nadelen van de multiculturele samenleving. De kerk werd tijdens de restauratie verschillende keren leeggeroofd. Hij kreeg ook boefjes op bezoek in de dekenij. “Ach, laag-Molenbeek is altijd woelig geweest.” De Meulder betreurt dat de migratie vooral de onderkant van de maatschappij naar Brussel heeft gebracht en veel minder de elite. Dat maakt het veel moeilijker om een gemeenschap op te bouwen. “Ik heb het geprobeerd, hoor, om contact te krijgen met de imams. Maar taal- en cultuurverschillen maken dat haast onmogelijk.” De Meulder kent de praatjes wel. De Sint-Jan de Doperkerk ligt in ‘kleinMaghreb’ en kan maar beter een moskee worden. Meer nog: de to-

ren lijkt zowaar op een minaret. De Meulder is daar absoluut tegen gekant. De kerk maakt deel uit van de geschiedenis van Molenbeek. Volgens sommige bronnen is het de alleroudste parochie van de Brusselse agglomeratie. Er stond al een kapel in de tiende eeuw, als refugium van de abdij van Nijvel. “De kerk moet een kerk blijven,” vindt De Meulder. “Burgemeester Philippe Moureaux is het daarmee eens. Hij is een historicus, hé.” De Meulder ging enkele jaren geleden met pensioen. Vandaag is Charles Mbo hier parochiepriester. Mbo is een jonge Congolees, hij is er nog maar pas. Ook voor de katholieke kerk is het allemaal even wennen. Mbo heeft hoogtevrees. We raken uiteindelijk wel op de kerk – dat was de hele bedoeling, onze fotograaf gaat zelfs tot het dak van de hoge toren. Het uitzicht is wauw! Steven Van Garsse


BDW 1290 PAGINA 9 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

OPENBARE BIBLIOTHEKEN IN BRUSSEL aflevering 17 EVERE

Veel bibliotheken hebben nu een jongerenhoek, maar die van Evere ligt ook lekker uit het zicht. Eerste kus in de bib? Of ‘het aan vragen’ via het prikbord... De Herman Teirlinck-bibliotheek ligt spijtig genoeg ook wat uit het zicht, in de kelder van de aanbouw van het gemeentehuis. Toen biblio­ thecaresse Christiane Smet de maquette voor het eerst zag, wist ze het meteen: “We zitten in de ondergrond. Er hoorde een hele uitleg bij dat we licht zouden krijgen via het atrium, maar langs geen enkel raam komt buitenlucht naar binnen. Als er een tentoonstelling is in het atrium, kijken we bovendien uit op een tentoonstellingsmuur. Voor de materialen is het dan weer beter, want op onze vorige locatie was het te vochtig voor de boeken. Hier is de lucht te droog, maar er is ons nu wel een luchtbevochtiger beloofd.” Kom a.u.b. naar de filmavond, en als jullie niet komen, is het niet erg. Smet zag haar publiek verjongen: “Vooral veel dertigers, veertigers – een echt thrillerpubliek – en tie-

© AN DEVROE

Evere is de beste! PS: keisexy! Links: Eerste kus? Dat kan hier uit het zicht. Rechts: Een zaak die straks verfilmd wordt? Hmm, toch maar het boek nog even bijhouden!

ners, die komen om elkaar te ontmoeten. Onze filmavonden waren eerst gericht op iets oudere tieners, nu blijkt dat vooral twaalf- tot vijftienjarigen zich aangesproken voelen. We zijn trots op onze dvdcollectie, met niet alleen de populaire, maar ook minder courante films.” Toch vind je hier ook de geschiedenis van Evere en zijn inwoners terug, en bevolkingsre­ gisters die tot honderd jaar terug raadpleegbaar zijn.

Is er binnenkort een feestje? In de voorbije twintig jaar zag Smet de bib evolueren van uitleendienst zonder meer naar een organisatie met een groot activiteitenaanbod. Leeskring, auteurslezingen, proefjes tijdens de wetenschapsweek, of de jaarlijkse Halloweenhappening samen met het gemeenschapscentrum. “De tendens is dat gemeenschapscentra, bibliotheken en andere instellingen allemaal een beetje hetzelfde doen. Ik vrees dat er in de

toekomst geen lokale bibliotheken meer zullen zijn, of misschien in een ander concept, bijvoorbeeld als filialen van de hoofdstedelijke bibliotheek. En de Google-generatie? Je mag dat niet veralgemenen, niet iedereen heeft thuis internet. Zal internet over twintig jaar trouwens niet gecrasht zijn? E-readers voor op reis, dat lijkt me handig, je reist lichter, maar is dat een boek? Maar misschien ben ik over zoveel jaar de enige grijze muis die nog zo denkt.” ADVERTENTIE

Jette > Zomertentoonstelling met de vrienden-kunstenaars

Atelier 340 bloeit weer op Wie dacht dat Wodek, de président-concierge van het Jetse Atelier 340 Muzeum, het hoofd zou laten hangen nu hij zijn subsidies kwijt is, heeft het mis. Het kunstencentrum is alive and kicking en bewijst dat met de zomertentoonstelling Culture relaxative. Atelier 340 krijgt sinds 1 juli geen subsidies meer. Fadila Laanan (PS), minister van Cultuur in de Franse Gemeenschap, draaide de kraan dicht nadat rapporten hadden uitgewezen dat het kunstencentrum zware schulden had. Laanan wil in de De Rivierendreef nog wel een centrum voor hedendaagse kunst subsidiëren, maar dan zonder Wodek Majewski aan het hoofd. Wodek, die de hoogte van de schuldenberg altijd heeft betwist en zich het slachtoffer voelt van de machinaties van de Jetse PSschepen-zonder-bevoegdheden Merry Hermanus, laat zich zomaar niet wegsturen. “Onze erfpacht loopt nog jaren,” zegt hij. “Ze krijgen ons niet weg.” In de lente organiseerde hij een protest­ bijeenkomst tegen dit culturele lavement van de minister. Vandaag is hij hard op zoek naar andere sponsors; hij vindt het ook tijd voor een nieuw hoofdstuk. “We zijn leeggelopen, gereinigd. Om deze penibele affaire af te sluiten, willen we het publiek tonen hoe hard we de afgelopen 32 jaar gewerkt hebben.” Wodek vroeg aan zijn vriendenkunstenaars, van wie de meesten eerder exposeerden in Atelier 340, om een sculptuur,

installatie of schilderij in te sturen. Sommigen leverden nieuw werk, Piet Stockmans en Bernard Villers bijvoorbeeld. Anderen, zoals Camiel van Breedam en Jaakko Pernu, bezorgden een oudere creatie. De reeks wordt aangevuld met enkele werken uit de eigen collectie van overleden artiesten als Walter Leblanc. Ook organiseerde het Atelier een concours voor jong talent. Uit de ruim honderd inzendingen werden dertien kunstwerken gekozen. Alles bij elkaar zijn er 110 Belgische en buitenlandse kunstenaars te zien. Een thema of rode draad is er niet. “Het is een eclectische tentoonstelling met vele stijlen en media,” zegt Wodek, die dan maar de naakten, de abstracten en de foto’s heeft samengezet. Enkele werken staan in de grote tuin waarover Atelier 340 sinds kort beschikt. Zo kreeg de Duitse artieste Maren Dubnick de gelegenheid om een op het dak gemonteerde paal – het liefst had ze een oude fabrieksschoorsteen gewild – te omwikkelen met elektriciteitskabels. Culture relaxative is een tentoonstelling waar je vrolijk van wordt, al was het maar vanwege het met golfplaten ineengeknutselde tuincafé waar je na afloop iets kunt drinken en op zaterdagavond films over kunst kunt bekijken, zonder meer een van de leukste zomercafés van de stad. Bettina Hubo www.atelier340muzeum.be

Franchement, c’est super gezellig. Na veertien jaar de bib alleen gerund te hebben, heeft Smet nu een bescheiden ploegje. Dat vond ze ‘een aanpassing en een opluchting’: “Jongere mensen integreren makkelijker nieuwe media én voeren makkelijker zaken af. Dat laatste doen ze dan ook best als ik met vakantie ben... Toch is het al gebeurd dat ik net een boek heb afgevoerd, en er ’s anderendaags iemand naar komt vragen. Laat ik dus De ontvoering van Alfred Heineken van Peter R. de Vries uit 1987 nog maar wat bijhouden. Dat boek wordt verfilmd, en dus zal iemand dat boek wellicht willen lezen. Wel, hier vind je het nog!” Yeah, leve de bib! (met dank aan het prikbord) An Devroe Aula Delahaut (ingang gemeentehuis, verdieping -1), S. Hoedemaekerssquare 10, 02-247.63.89, www.evere.bibliotheek.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/bib


BDW 1290 PAGINA 10 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

De heropleving van de Steenstraat als Muziekstraat blijft niet bij deze twee muzikale rommelmarkten. De Bonnefooi werkt al rond de volgende autoloze zondag, in september. Dan komt er een human jukebox, waarbij een man in een levensgrote jukebox kruipt. Voorbijgangers kunnen een liedje aanvragen, dat hij dan speelt op zijn gitaar. “Ik zou nog meer willen doen, maar daar is geld voor nodig,” zegt De Wilde, die op dit moment met de AB overlegt of de concertzaal mee op de kar springt voor de komende autoloze zondag. Er komt wellicht een one-man band en andere straat­ animatie met muziek. “Voorbijgangers moeten doorhebben dat ze voor muziek in de Steenstraat moeten zijn.”

Shockproof

Gerd De Wilde van de Bonnefooi, een van de drijvende krachten achter Steenstraat-Muziekstraat: “De muzikale rommelmarkt heeft voor elk wat wils, met muziek als rode draad.”

© JO VOETS

Deze week in Steenstraat-Muziekstraat > Tweede muzikale rommelmarkt

‘Want wat maakt de zomer nu net zo tof?’ BRUSSEL – De strijd van Jari Demeulemeester om van de Steenstraat een echte muziekstraat te maken, heeft een nieuwe stuwende kracht gevonden: de muziekbar Bonnefooi werkt met man en macht aan de opwaardering van de straat. Nu zondag organiseert de Bonnefooi voor de tweede keer een muzikale rommelmarkt, met platen, cd’s, instrumenten, dj’s en livemuziek.

‘S

teenstraat-Muziekstraat’, het was een van de vele dromen van Jari Demeulemeester, de voormalige directeur van de Ancienne Belgique. De concertzaal bracht het AB Café en haar Ticketshop in de Steenstraat onder, en ook Muziekcentrum Vlaanderen vestigde zich in de straat. Maar het was hard vechten; het hele bouwblok tussen de Steenstraat en de Beurs dat al jarenlang staat te verkrotten en te verkommeren, bleef een doorn in het oog (of in het oor, in dit geval). Het geeft de buurt een desolate aanblik, ondanks de uiterst centrale ligging en het prachtige uitzicht op de toren van het stadhuis vanuit de straat. En toen ging Jari Demeulemeester met pensioen. Wat nu met het

project Steenstraat-Muziekstraat? Tijdens de Gulden Ontsporing op de Vlaamse feestdag vorige maand bewees de AB dat het project niet dood is. Er was een indrukwekkende reeks miniconcerten in de bars en zelfs in de kledingzaken van de straat.

Snuisteren De Bonnefooi is van bij zijn oprichting, drie jaar geleden, op de kar gesprongen en werpt zich op als nieuwe motor achter het project. Zo was er op zondag 17 juli een eerste muzikale rommelmarkt met een tiental stands, dj’s en – onder het afdak van de dienstingang van de AB – een ijzersterk afrobeatconcert van de Parijse band Café Crême et les Frères Smith. De straat liep lekker

vol snuisterende en rondhangende mensen, muziekliefhebbers en toevallige passanten. “De muzikale rommelmarkt biedt

“Mensen die hier komen wonen, zijn al een beetje shockproof” voor elk wat wils, met muziek als rode draad,” zegt Gerd De Wilde, de muziekprogrammasamensteller van de Bonnefooi. “Wat maakt de zomer leuk? Dingen zoals rommelmarktjes: ze zijn gezellig, je komt er

mensen tegen. We willen hier een uniek zomertreffen van muziekliefhebbers maken, in juli en augustus. Op 17 juli waren er zo’n tien standjes, nu verwachten we er nog meer. Als we dat consequent kunnen volhouden, dan staat binnen vijf jaar de straat hier vol. En misschien zelfs volgende zomer al!”

Dansbaar zomers Voor zondag 14 augustus heeft de Bonnefooi opnieuw een sterke party­band gestrikt: Sonámbulo Psicotropical, een van topgroepen van Costa Rica, die (psychedelische) cumbia, ska en rock vermengt. “Ze zijn op tournee in Europa en staan op grote festivals als Polé Polé in Gent en de Antilliaanse Fees­ ten in Hoogstraten. Ze zochten extra data om hun tour te vullen en zijn die zondag nog vrij. Dansbare, zomerse muziek. Ideaal!”

En zo krijgt een straat die altijd een achterstraatje was, een flinke heropwaardering. “Er komen ook steeds meer initiatieven bij die met muziek te maken hebben. Net zoals je de Pitastraat (de Kaasmarkt vlak bij de Grote Markt, BT) hebt, die zijn naam te danken heeft aan de vele pita­zaken, willen wij de Muziekstraat worden.” Zorgt die grote hoeveelheid muziek dan niet voor overlast voor de omwonenden? “In het begin hebben we wel wat ambras met de buren gehad, maar sinds we de door hen gevraagde aanpassingen doorgevoerd hebben – akoestisch glas, een sas aan de ingang, terras tot middernacht, security die erover waakt dat er op straat geen overlast is –, hebben we een goede relatie met de buren,” zegt Gwen Platteau, de manager van de Bonnefooi. “De AB heeft in aanpalende huizen appartementen opgekocht om er mensen te huisvesten die voorbereid zijn op de geluidsoverlast, dat is een goed voorbeeld van proactief werken. Mensen die hier komen wonen, zijn wel een beetje shockproof,” vult De Wilde aan. “Toch zijn we constant in de weer om de overlast tot een minimum te beperken.” Dat zal in de nabije toekomst ook nodig zijn, want in het leegstaande gebouw op de hoek van de Steenstraat en de Anspachlaan komt naar alle waarschijnlijkheid een Buddha Lounge Bar met daarboven appartementen. In de bouwput verderop in de Steenstraat komt een hotel. Boven de Bonnefooi komen studentenappartementen in samenwerking met Br(ik (vroeger Quartier Latin), en op het einde van de straat is er een nieuwe bar. Alles wijst erop dat de Steenstraat er binnen vijf jaar helemaal anders zal uitzien, zeker nu er ook gewerkt wordt aan de andere kant van het huizenblok, in de Henri Mausstraat langs de Beurs. Dat zou het einde betekenen van de laatste ‘stadskanker’ van Brussel-centrum. En ht echte begin van een nieuwe, bruisende muziekstraat in het centrum. Benjamin Tollet

Tweede muzikale rommelmarkt, zondag 14 augustus van 12 tot 18 uur in de Steenstraat. Meer op www.bonnefooi.be


ADVERTENTIE

Nood aan een opleiding, zin in een nieuwe start ? Schrijf u nu in! Infodagen Alle opleidingen | beide campussen vrijdag 26 augustus zaterdag 10 september telkens van 14 uur tot 20 uur

info@syntrabrussel.be Campus Tour&Taxis ∙ Havenlaan 86C/209 ∙ 1000 Brussel ∙ T 02 421 17 70 Campus Ukkel ∙ Stallestraat 292 ∙ 1180 Ukkel ∙ T 02 331 68 01


BDW 1290 PAGINA 12 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

verbeteringen of overleg met de collega-raadsleden. Maar bon, enkele zaken waar ik me druk in kan maken: dat het bijvoorbeeld regelmatig voorkomt dat een (uiteraard papieren) dossier ‘zoekraakt’ tussen de sociale dienst aan de Paleizenstraat en de hoofdzetel aan de Haachtsesteenweg. Dan moeten we beslissen op basis van summiere gegevens. Of dat je een vergaderuitnodiging krijgt, in het Frans om 17.30 uur, in het Nederlands om 18 uur. Of over het MAS-project – voluit het Maison de l’Action Sociale: alle diensten in één gebouw, alsof de organisatie dan vanzelf beter zou draaien. Met een financieel plaatje berustend op wankele premissen. Ach, voor 17 miljoen euro begininvestering... Of, nog iets waar ik me druk in maak: als machtsspelletjes, politiek en ambtelijk, het OCMW gijzelen, zoals tijdens de sociale onrust van onlangs. Verantwoordelijken die zwaktes in de werking uitbuiten, zijn hun functie onwaardig. Zorg verdorie eerst dat de boel draait!

RINGVINGER ... laat je niet ringeloren

“Het gebeurt geregeld dat een – uiteraard papieren – dossier ‘zoekraakt’ tussen de sociale dienst aan de Paleizenstraat en (foto) de hoofdzetel aan de Haachtsesteenweg. Dan moeten we beslissen op basis van summiere gegevens.”

© BART DEWAELE

Maatschappij > Raadslid Geert Vandenabeele: ‘Zorg verdorie dat de boel draait!’

Wel en wee van het OCMW: een handleiding SCHAARBEEK – “Ruim een jaar geleden legde ik de eed af als OCMW-raadslid,” zegt Geert Vandenabeele (CD&V). “Een jaar vol ambities, geploeter, frustraties, en bij momenten toch ook het gevoel er een beetje toe te doen. Mocht het je ook iets zeggen, dan geef ik graag een handjevol vuistregels mee voor een OCMW-raadslid in Schaarbeek in 2011.”

BDWOPINIE DUIM ... om de administratieve molen eronder te krijgen Bekijk de OCMW-ervaring als een intensief taalbad Frans en een crash course dossierlezen. Elke week per raadslid een honderdtal individuele situaties in ambtelijke vertaling. Daarboven­op komen sociale-economiedossiers, aanbeste­dingen, aanwervingen, pro­moties en verloven van het personeel, begrotingen en afrekeningen, rechtszaken, hoorzittingen. Al dat Franse juridisch-administratieve jargon: zelfs een doorgewinterd be-

stuursjurist hapt naar adem bij zo’n lawine. En zoveel papier! OCMW’s van vergelijkbare grootte, zoals dat van Gent, stellen een medewerker ter beschikking, en met elektronische dossiers en beslissingsprincipes vermijden ze heel wat overbodig werk. Zo creëer je marge voor een grondige discussie over de sociale problemen en moeilijke persoonlijke situaties, wat nu in Schaarbeek vaak ontbreekt.

WIJSVINGER ... om de vinger te blijven leggen op de manke organisatie Soms regeert alleen nog de chaos. Vanuit de lokale oppositie kan ik geen structurele hervormingen doorvoeren. De hogere overheid

“In de loop van dit ene jaar heb ik al heel wat geëngageerde professionals zien vertrekken” Geert Vandenabeele.

kan dat wel, via de OCMW-wet. Let wel: het regionale niveau kan enkel het kader uittekenen om van de OCMW’s een moderne actor voor een lokaal sociaal beleid te maken. De lokale verantwoordelijken, beleidsverantwoordelijken zowel als beroepskrachten, moeten het dan nog willen invullen. In Brussel werken we nog vooral met de originele OCMW-wet van 1976, die een overheidssfeer van de jaren 1950 uitstraalt. Vlaanderen en Wallonië hebben dit de voorbije tien, vijftien jaar met decreten verbeterd, gemoderniseerd. Op mijn wishlist aan de verantwoordelijke

ministers Huytebroeck en Grouwels staan drie krachtlijnen: het democratische gehalte versterken, de organisatie en het beheer verbeteren, en de schotten wegnemen tussen het sociale beleid van de gemeente, de Gemeenschapscommissies, het Gewest en de OCMW’s.

MIDDELVINGER ... als het echt te gortig wordt Ik kan met de vuist op tafel slaan en luid eisen dat zoiets niet meer gebeurt. Maar een betere inzet van de overheidsmiddelen forceer je in realiteit vooral met telkens kleine

Dossierinzicht vergt heel wat studiewerk. Het MAS noemde ik al, en daarover is het laatste nog niet gezegd. Maar ook de benoemingsronde die de top van de administratie uitgetekend had – een raadslid noemde dat een zelfbedieningsruif. En dan waren hun dossiers nog niet eens in orde. Of de overstap naar de publieke pensioenpijler RSZPPO, doorgeduwd in april 2010. Enkele openstaande saldi, al snel enkele miljoenen euro reserves in de pen­ sioenkas en te ruim geïnde bijdragen: meer dan een jaar later zijn ze er nog altijd niet mee rond.

PINK ... een symbolische pink in de lucht voor de menselijke kant van de zaak De honderden medewerkers van het OCMW staan flink onder druk: het ging van 3.600 interventiedossiers in 2004 naar zesduizend dit jaar. Gelukkig blijven er nog steeds heel wat geëngageerde professionals over. Toch heb ik er in de loop van dit ene jaar ook al heel wat zien vertrekken. Al te vaak gooien ook goede krachten de handdoek in de ring. Dezelfde pink geldt ook voor het vreemde lot van een lokaal mandataris. Zonder publiciteit vlieg je er bij de volgende verkiezingen uit. Dus moet je wel heisa creëren of de pers zoeken met een akkefietje of een Google-vertaalgrap. Dossiergeploeter en bijsturingen in de marge zijn immers niet sexy. Voor mij is dat de vaststelling van een zwakte in ons publiek stelsel. Ook Schaarbeek heeft baat bij een publiek debat over problemen als de ‘Bulgaarse zelfstandigen’, of de afwezigheid van een Nederlandskundig kader bij de instellingen, of de uitgangspunten van ons sociaal en solidair stelsel. Spreek me er gerust op aan! Geert Vandenabeele, jurist en OCMW-raadslid voor CD&V in Schaarbeek


BDW 1290 PAGINA 13 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

BRIEVEN VAN LEZERS   lezersbrieven@bdw.be

Camerabewaking Prima artikel ‘Ook u mag kijken’ over de camerabewaking in BDW 1289 van 4 augustus (p. 6-7). Daaruit blijkt eens te meer dat de ordebewaking in de Europese hoofdstad er een rommeltje van maakt. Uit eigen ervaring weet ik dat de Brusselse politie, naar Russisch voorbeeld, alleen beelden gebruikt als het uitkomt. Misstanden waarbij onterechte arrestaties worden verricht, zoals in mijn geval vorig najaar bij het Noordstation, toen ik als journalist een reportage maakte, worden binnen de kortste keren gewist. Alles bij elkaar een democratie onwaardig.

Arnold Karskens, Watermaal-Bosvoorde

Brief aan minister Grouwels Mevrouw de minister, Brigitte,

Marcel Rijdams, architect- stedenbouwkundige, Brussel

© JO VOETS

Ik schrijf u vanuit mijn vakantieverblijf. In de schaduw van een eeuwenoude olm (een bedreigde boomsoort). In de schaduw van een boom op een dorpsplein, een palaverboom. Dorpsouderen overschouwen vanhieruit de wereld met hun wijsheid en commentaar. Dit is een genadeverzoek. Een verzoek om een belangrijk deel van ons dendrologisch patrimonium gratie te verlenen. Een verzoek om de platanen van de Havenlaan definitief te redden van de bijl.

Ik ga hier niet alle argumenten herhalen die al uitgebreid aan bod zijn gekomen. Ik doe een beroep op uw redelijkheid. Ik herinner me hoe wij samen, vijftien jaar geleden, op de bres stonden voor Hotel Central. Hoe wij samen met buurtbewoners een belangrijk huizenblok van de sloop gered hebben. Ik weiger te geloven dat het engagement van vele burgers u onverschillig laat. De definitieve vernieling van driehonderd platanen betekent niet de lopende procedures van vergunningen verzaken, de heraanleg van de Havenlaan verzaken, de bestelde werkzaamheden verzaken. De Havenlaan kan perfect heraangelegd worden met behoud van de bomen. Het voorbereidende werk kan perfect van start gaan zonder dat de vergunningen verlopen. Het bestelde werk moet uiteraard wel wat geheroriënteerd worden. Dit kan perfect binnen de budgettaire enveloppe zonder veel extra vergoedingen. De planning van het werk zal aangepast moeten worden. De aanleg van de noodzakelijke fiets- en voetpaden kan van start gaan langs de bestaande bomen. Het werk aan de technische koker kan (met enige aanpassingen) sectiegewijs starten. Geef de diensten drie, zo nodig zes maanden de tijd om een en ander bij te sturen. Wij rekenen erop dat u de conceptfouten in dit project durft te herzien. We zijn ervan overtuigd dat uw gezond verstand oplossingen vindt. Vele belangrijke betrokkenen en deskundigen hopen het met ons. Vele Vrienden van de Platanen zullen u dankbaar zijn.

BDWOPINIE Geen fait divers door Danny Vileyn ‘Moslima geslagen wegens relatie met nietmoslim,’ kopte Het Nieuwsblad. En in La Dernière Heure heette het: ‘Agressés à cause du ramadan’. Een fait divers, eigen aan de kleine wereldstad die Brussel is? Nee, wel een symptoom van een verontrustende mentaliteit die (laten we hopen in niet zo grote mate) in sommige Brusselse wijken heerst. Het is dezelfde verderfelijke mentaliteit die tot geweld tegen homo’s leidt. Maar eerst de feiten. La DH heeft ze Najla en Didier gedoopt. Ze wonen in de buurt van het Schaarbeekse Liedtsplein. Dat niet iedereen het apprecieert dat Najla met een niet-moslim getrouwd is, heeft ze al vaker gemerkt. Aan de boze blikken van buren. En aan scheldtirades van jongeren, in het Arabisch. Onaangenaam, deprimerend zelfs, zoiets weegt. Maar tot geweld was het nooit gekomen. Tot vorige week woensdag. Najla en Didier verlaten hun appartement om in een buurtwinkel inkopen te doen. Een paar jongeren pakken Najla (opnieuw in het Arabisch) zwaar aan. Ze schelden haar uit voor slet. Ze schreeuwen haar toe dat het een schande is met een Belg te zijn. Ze verwijten haar de ramadan niet te volgen. Didier, die geen Arabisch kent, begrijpt er niets van. Najla roept op tot kalmte. Het jonge koppel gaat langs een omweg naar huis. Ze denken dat ze veilig zijn. Een halve minuut nadat ze de deur van het pand waar ze wonen, achter zich dichtgetrokken hebben, wordt deze geforceerd. Een van de twee indringers geeft haar een mep en zegt dat hij haar een lesje gaat leren. Een buur kan de jonge vrouw voor nog meer slaag behoeden. Een van de twee misdadigers wordt door de politie opgepakt. Het kan niet dat hij er straffeloos van afkomt. Mensen in elkaar slaan is een misdaad. En mensen uitschelden omdat ze er een andere manier van leven op nahouden, kan evenmin; aanhoudende scheldpartijen kunnen zwaar op het gemoed van een mens wegen. En bovendien: vrije partnerkeuze is een recht. Geen moslim, geen christen, geen jood of atheïst heeft zich daarmee te moeien. Het is uiteraard in de eerste plaats aan de ouders om hun kinderen op te voeden. En aan de overheid om zo nodig de ouders hierop aan te spreken. Maar in een kleine wereldstad als Brussel, waar mensen van overal ter wereld samenstromen, mag de invloed van de school niet onderschat worden. Het is ook op school dat jongeren (moeten) leren samenleven. Feiten zoals Najla en Didier meegemaakt hebben, zijn onduldbaar en moeten zwaar bestraft worden. Maar een goede opvoeding, door de ouders en op school, moet veel extremisme kunnen voorkomen. Daarin moeten we blijven geloven.

EVA HILHORST

Als bomen een regering hakken BRUSSEL – Het was een nieuw gezicht, daar aan de brug bij Sainctelette. Het actiecomité voor het behoud van de driehonderd platanen aan de Havenlaan had er stiekem een bijzonder grote affiche gehangen om passanten eraan te herinneren dat de tijd dringt: op 5 september dreigen de bomen te worden omgehakt. Opmerkelijk was het mailverkeer vanuit het kabinet van Brussels minister van Leefmilieu Evelyne Huytebroeck

(Ecolo). Een medewerkster wees de pers er fijntjes op dat er aan Sainctelette iets te zien viel, en dat er voor bijkomende informatie gerust met Zoubida Jellab, lid van het wijkcomité en Ecolo-gemeenteraadslid in Brussel, gebeld kon worden. Huytebroeck is geen voorstander van de kap en de heraanleg, en daarmee gaat ze in tegen haar collega op Openbare Werken, Brigitte Grouwels CD (CD&V).

SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.


ISABELLE GATTI DE GAMOND.

Op stap met zevenmijlslaarzen

BDW 1290 PAGINA 14 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

VADROUILLE DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK

© VEERLE VERCAUTEREN

BRUSSEL – Voor geleide stadswandelingen is de autoluwe(re) zomer de ideale periode. Het Masereelfonds stelt er zeven voor. De twee eerste avondwandelingen (11 en 18/8) lopen in het spoor van de boven- en ondergrondse Maalbeek, tussen Ter Kamerenbos en het SintJoostplein. Funeraire archeologie wordt toegelicht tijdens een grafzerken en -kapellencircuit op het kerkhof van Laken (13/8). Daar zijn onder meer de tombes van diva La Malibran, schrijver Michel de Ghelderode en handelaar Adolphe Delhaize te vinden. Zondag 14 augustus loont het even te checken of het verhaal achter de ‘Gouden Driehoek’ in Anderlecht volledig Joods genoemd mag worden, tijdens een promenade met Elizabeth Kubiak: woonden de Joodse bontbewerkers en kleermakers eerder hier dan in de Marollen tussen de twee wereldoorlogen? De trip ‘Brussel, een sociaal-liberale stad’ (17/8) gaat ’s avonds door het centrum (vertrekpunt Rouppeplein). Ze zet de verdiensten van vrouwen als Isabelle Gatti de Gamond en Henriette Dachsbeck in de verf. Beide dames stichtten de eerste meisjesscholen in België. Wie geïnteresseerd is in een brok vaderlandse geschiedenis, kan uit twee avondwandelingen kiezen. ‘1830: de geboorte van een natie’ (22/8) en ‘De rode vaderlanden: patriottisme versus nationalisme’ (29/8), telkens om 19 uur, situeren zich allebei tussen Congreskolom en Martelaarsplein (kijk in de put!). Bij de eerste tocht wordt de vraag gesteld of het tijdens de rellen van 1830 om een mislukte annexatiepoging van Frankrijk ging. Bij de ‘rode’ wandeling kom je alles te weten over de ‘Belgische natuur’ van de socialistische beweging. De wandelingen van het Masereelfonds bieden genoeg stof om Brussel JMB anders te leren kennen. Inschrijven op 02-502.38.80, brussel@masereelfonds.be, of www.masereelfonds.be

ADVERTENTIE

Handicap & informatie Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap

 02/463.58.58 alle werkdagen van 9 tot 12u30 uitgezonderd donderdag van 14 tot 17u.

Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be

Albert Wastiaux: “Het komt erop aan een nieuw publiek aan te boren, zonder het oude te verliezen.”


‘NOOIT ZONDER RISICO’ Afgelopen tijd werd de Brusselse duikerswereld opgeschrikt door twee dodelijke duikongevallen in minder dan een maand tijd. Hoe zijn ze kunnen gebeuren? Patrick Léonard, zelf een ervaren duiker (bij AgriDiving), peilt naar de oorzaken.

© KITTY CROWTHER

© MARC GYSENS

BDW 1290 PAGINA 15 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

ZAZIES ZOMERPORTRET Dit is de tekenares en prentenboekenmaakster Kitty Crowther, onze vijfde gast in de Zaziezomerportrettengalerie: ze heeft zichzelf getekend. En ze neemt jullie, op de rug van een zwart paard, mee in de wondere wereld van Daniel Richter.

LEES MEER OP PAGINA 20

KIJK, RUIK, ZIE MEER OP PAGINA 22-23

Muziek > Nationaal Orkest van België bereikt kaap 75 seizoenen

Ook Kim Gevaert is fan BRUSSEL – Ondanks zijn 75 lentes kan het Nationaal Orkest van België wel wat promotie gebruiken. Intendant Albert Wastiaux ziet heil in een grootse communicatiecampagne. Er komen een tv-spot, promotieacties, ‘ambassadeurs’ als Kim Gevaert en, aan het eind van het seizoen, een nieuwe dirigent. En, een meevaller: de overheid krijgt de verjaardagstaart niet gefactureerd.

W

aarmee viert het Nationaal Orkest van België (NOB) zijn 75ste verjaardag? “Het had een dik verjaardagsboek kunnen zijn, een film of een expositie. Maar dat werd het niet,” zegt Albert Wastiaux. “Wat we stellig konden gebruiken, was een extra communicatiecampagne. Vanaf september zetten we alle middelen in om onze naamsbekendheid te vergroten. Met radiospots en voor het eerst ook een tv-spot op VRT en RTBf. Met extra bijlagen bij Knack en Le Vif op 302.000 exemplaren, affiches in treinstations, een promotiebeeld op de Brusselse tram,... Het wordt een wervingscampagne voor een ruimer publiek. Toen we de analyse maakten van de culturele sector en van ons, bleek promotie een zwak punt.”

Nieuwe doelgroepen verwachten kwaliteitsgaranties. Wastiaux: “De tijd van de financiële problemen is achter de rug, net als de tijd van zwakker orkestniveau, vijftien à twintig jaar geleden. De statistieken bewijzen dat we drie divisies hoger spelen dan veel andere orkes-

Een groot orkest en zijn promotie kosten geld. Wie betaalt wat? Wastiaux: “Met wat de federale overheid betaalt voor salarissen (7,41 miljoen voor 96 musici en de staf ) en de Nationale Loterij voor werking (1,39 miljoen), zitten we budgettair safe. De artistieke werking wordt gedragen door eigen inkomsten uit kaartjesverkoop en sponsoring (1,51 miljoen). En het extra communicatiebudget voor dit verjaardagsjaar komt volledig van Audi, Ethias en de Nationale Loterij.”

“Het consumptiegedrag van de late beslissers kost veel energie en geld voor communicatie”

“Ik heb dan weer geen geld om een marketingstudie te betalen om al onze publieksgroepen na te trekken. Maar de vernieuwing valt wel op, bijvoorbeeld in onze serie ‘NOB op vrijdag’. Dat is mee te danken aan last-minutecommunicatie, waarmee de ‘generatie die laat beslist’ over de brug gehaald wordt. Het consumptiegedrag van die generatie valt te linken aan ‘alles makkelijk in één klik’. Dat kost veel geld, energie en vooral werkuren. Extra communicatie zijn extra werkuren, mannen en vrouwen die het allemaal moeten doen en overdoen.” Is er altijd publiek in Brussel? Wastiaux: “Brussel is een kleine stad, met © FABRICE KADA

Zou dit dé oplossing voor publiekswerving kunnen worden? Albert Wastiaux: “Er komen ook drie aparte affichebeelden ‘Je suis een fan’ en ‘Ik ben une fan’. Drie ambassadeurs gaan die campagne dragen. Zij hebben geen evidente link met ons orkest of onze muziek. De Franse pianiste Hélène Grimaud staat voor het verjaardagsconcert. Ozark Henry wordt het beeld voor twee concerten. En Kim Gevaert treedt aan als meter van de jeugdprojecten. We willen hiermee een paar openingen naar een ander publiek lanceren. In variatie is het NOB altijd sterk geweest. Er komt bijvoorbeeld een speciaal kerstconcert met het Kinderkoor van de Vlaamse Opera, dirigent Koen Kessels en beeldmontages van de Brusselse illustratrice Kitty Crowther. Of een concert met tenor Jonas Kaufmann. Dat zijn concerten om ruimer te verrassen dan de harde kern van het NOBpubliek.”

ten. In het Paleis voor Schone Kunsten (de residentiezaal, red.) haalden we in 2010 per concert gemiddeld 1.375 mensen. Daar kunnen anderen alleen van dromen. Met de abonnementenverkoop halen we de helft van het publiek binnen. Wat nodig blijkt, is dat we de laatste vier weken voor het seizoen (dat half september begint, red.) veel communicatie lanceren, zowel op het veld als via elektronische media. Het komt erop aan een nieuw publiek aan te boren, zonder het oude te verliezen.”

een miljoen inwoners, terwijl er gigantisch veel en kwalitatief hoogstaand geprogrammeerd wordt. Twintig jaar geleden, met amper minder inwoners, afficheerde het PSK 85 concerten per jaar, nu zijn er dat 250. Dat rijkere aanbod houdt risico’s in: zal de kaartverkoop wel lopen? Neem nu onze feestelijke Berlioz-productie. De ‘Symphonie funèbre et triomphale’ is met honderdveertig musici uit twee orkesten en 75 koorleden uit Bonn een gigantische productie. Onze jubileumlink is dat de eerste voorstelling uit 1842 dateert. We maken er een cd van, want de bestaande plaat­versies zijn slecht en het werk is al een halve eeuw niet meer in het PSK gespeeld. Toch blijft de vraag: krijgen we dit concert uitverkocht?”

Het NOB resideert in het Paleis voor Schone Kunsten. “Vroeger had het PSK 85 concerten per jaar, nu zijn er dat 250. Zoiets houdt risico’s in.”

Hoe goed moet een nationaal orkest zijn? Wastiaux: “Zo goed mogelijk, als we in Brussel drie dagen voor of na de Staatskapelle Dresden moeten spelen. Dat zijn uitdagingen waardoor het NOB zijn mannetje wil staan. In andere Europese steden leeft een orkest soms onder een glazen stolp, als eeuwige enige. Die gemakkelijke situatie is trouwens uiteindelijk bedreigender.” “Met onze volgende dirigent Andrey Boreyko kunnen we muzikaal nog meer vernieuwen. Die uitdagingen durven we aan, net als de internationale tournees en cd-opnamen die als visitekaartje gelden.” Tot slot: kan het NOB een afzetmarkt zijn voor de conservatoriumstudenten? Wastiaux: “Jonge musici zijn nodig om de opvolging te verzekeren. Meer dan de helft van het orkest is er na mij bijgekomen (na 1999 dus, red.). Het gigantische probleem van het muziekonderwijs is dat er een afstudeer­ niveau is dat niet evenwaardig is aan het niveau waarin orkesten als het NOB, de Munt en de Filharmonie rekruteren. Die kloof heb je niet bij andere studierichtingen als sociologie, journalistiek, rechten: die starters kunnen zonder veel ervaring beginnen. Daarom mag de vraag gesteld worden of het niveau van een conservatorium op elk gebied even hoog is als wat de markt eist.” Jean-Marie Binst

Jubileumprogramma 2011-’12 op www.nob.be


BDW 1290 PAGINA 16 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

Schaarbeek

Sint-Jans-Molenbeek

Anderlecht

DEVENTER-KAART, CA. 1555: BRUSSEL OP SCHAAL 1:8.600. © KONINKLIJKE BIBLIOTHEEK VAN BELGIË (KBR)

Brussel, kind van het moeras, koestert zijn laatste vochtige gebieden. Een zomerse wandeling in vier etappes naar de ziel van onze stad.

‘N

iet alleen voor de historische stad Brussel, binnen de Vijfhoek, maar ook voor de voormalige dorpen eromheen waren de moerassen bepalend,” zegt Bram Vannieuwenhuyze van de KUL-onderzoekseenheid Middeleeuwen. “Er is al heel wat verschenen over de moerassen uit het verleden, het ene al wat geloofwaardiger dan het andere,” vervolgt Vannieuwenhuyze. “Het laatste decennium hebben historici zoals Chloé Deligne en Paulo Charruadas (ULB) en ikzelf de middeleeuwse kwestie bestudeerd.” Voor zijn doctoraatsthesis Brussel, de ontwikkeling van een middeleeuwse stedelijke ruimte kreeg Vannieuwenhuyze overigens de prijs Historisch Onderzoek van de provincie Vlaams-Brabant. “Op het stadsplan van Jacob van Deventer van circa 1555, het oudste stadsplan van Brussel, wordt de natte zone in het groen weergegeven (illustratie hierboven). Daarop zie je dat alle historische dorpskernen zich net buiten die groene, moerassige zone bevinden. Ze ontstonden steevast op de rand van het Zenne-alluvium. Anderlecht rond 1076, Laken in 1117, Schaar-

Reportage > Op zoek naar nat Brussel (2)

Kinderen van het moeras BRUSSEL – Aan de historicus Bram Vannieuwenhuyze vroegen we hoe bepalend de moerassen waren voor de stadsontwikkeling. “Zeer bepalend!” En de drooglegging van de moerassen? “Zo mogelijk nog meer.”

beek rond 1120. Brussel-stad is de uitzondering, want dat strekt zich ook uit over het broekgebied rond de Zenne.” De precieze relatie tussen broek en sele in Broekzele (Brussel) is al decennialang voorwerp van de-

bat, weet Vannieuwenhuyze. Samen met andere jongere historici trekt hij de hypothese in twijfel van een ‘sele in het broek ’, en dus het ontstaan van Brussel in het moeras aan de Zenne: de redenering is dat het onherbergzame broek

een nederzetting in de weg stond. “De ULB-onderzoeksters Claire Billen en Chloé Deligne blijven van mening dat Brussel is ontstaan als een haven (portus) op de Zenne. Andere ULB’ers zijn eerder van mening dat de oudste nederzettingskern

van Brussel rond de Sint-Goedelekathedraal moet worden gezocht, aangezien daar graven uit de Karolingische periode zijn teruggevonden. Nog anderen, zoals Paulo Charruadas en Michel de Waha, spreken zich niet uit, bij gebrek aan


BDW 1290 PAGINA 17 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

harde bewijzen. Zelf vind ik vooral de Koudenberg intrigerend. Ik zie daarin een potentiële oude nederzetting.” Over één zaak is er volgens Vannieuwenhuyze wel consensus: “Iedereen is het er nu wel min of meer over eens dat het ontstaan van Brussel situeren op het Sint-Gorikseiland in de tiende eeuw weinig geloofwaardig is. Ook gaat iedereen ervan uit dat de laatmiddeleeuwse stad Brussel ontstaan is door een samensmelting van verschillende kernen, die in de dertiende en veertiende eeuw, respectievelijk door de eerste en

“Het ontstaan van Brussel situeren op het Sint-Gorikseiland in de tiende eeuw is weinig geloofwaardig”

tweede stadsomwalling, werden bijeengebracht. Dat wordt bevestigd door archeologisch bodemonderzoek rond het Oud Korenhuis, de Treurenberg, de Koudenberg en Sint-Goriks.” De ULB voerde ook bodemkundig onderzoek uit aan het Sint-Katelijneplein, waar een gracht, ouder dan de eerste omwalling, van menselijke oorsprong lijkt te zijn. Het onderzoek doet vermoeden dat de gracht in onbewerkt, moerassig gebied of in de nabijheid van een weiland gediend moet hebben als afwatering van het terrein. Ook opgravingen aan de Eenmansstraat leverden geen rechtstreekse sporen van menselijke bewoning voor 1200 op, maar dwars over een beekje werden wel drie planken aangetroffen die als een doorgang door het moeras worden geïnterpreteerd. In het zand naast de beek zijn afdrukken van dieren teruggevonden.

Machtige vleeshouwers De moerassen van weleer werden

drooggelegd, en ook dit had weer gevolgen voor het uiterlijk van Brussel. “Ik ben ervan overtuigd dat Brussel pas gegroeid en uitgebreid is naar de benedenstad dankzij de stelselmatige drooglegging en ontginning van de moerasgebieden rond de Zenne,” zegt Vannieuwenhuyze. “We beschikken over veel bronnen die aantonen dat dat op grote schaal is gebeurd eind twaalfde, begin dertiende eeuw.” Vannieuwenhuyze legt uit: “Het zijn voornamelijk privaatrechtelijke akten waarin de hertog van Brabant, de wettelijke eigenaar van de woeste gronden, stukken moerasgebied wegschonk aan particulieren of religieuze instellingen. Hij deed dat in ruil voor de betaling van een cijns, een jaarlijkse belasting. Op die cijns na had de hertog geen rechten meer op het gebied, zodat de nieuwe bezitters deze stukken moeras konden droogleggen en inrichten voor landbouw, veeteelt, bebouwing, industrie en zo verder. Toen heeft de Brusselse benedenstad met haar haven, markten, industriële zones en kloosters vorm gekregen. Rondom de stad werden die ontgonnen moerasgebieden intensief gebruikt voor het weiden van het vee. De machtige positie van de Brusselse vleeshouwers is daar niet vreemd aan.” Daarom kunnen er ook verbanden gelegd worden tussen broeken en de ligging van de Veemarkt en de vleeshouwersbuurt, en van de Houtmarkten, omwille van de beboste moerasgebieden. In het artikel ‘La ville au milieu des marais’ van Charruadas en Deligne kom je erachter dat het ‘officialiseren’ van het beheer van vochtige gronden in de twaalfde, dertiende eeuw vooral gebeurde in het noorden en westen van Brussel, of in de vochtige halvemaan Anderlecht-KuregemVorst-Heembeek-Haren. ‘Gespecialiseerde’ toponiemen zoals Warmoesbroek wijzen daarop. Het is de ambitie van Charruadas en Deligne om nog meer verbanden tussen het moeras en stadsontwikkeling, die van sommige steden ‘kinderen van het moeras’ maken, bloot te leggen.

©

CK

TR

AC

HE

T

Nick Trachet BRUSSEL EN DE WERELD CULINAIR ONTDEKT

Souvenirs In de kelder hangt een stuk vlees, het hangt er al een jaar. Dat was helemaal niet de bedoeling en het is zelfs een beetje spijtig, want het was bij aankoop niet echt goedkoop: een bresaola uit de Valtellina.

An Devroe Volgende week in deel 3: welk nut hebben moerassen voor Brussel vandaag? © AN DEVROE

Moderne nederzettingen, hier aan het moeras van Ganshoren.

NI

Zo gaat dat met bewaarbare producten van hoge kwaliteit. Men koopt ze ‘voor een grote gelegenheid’, en wanneer alle grote gelegenheden van het jaar weer voorbij zijn, hebben we ze nog niet gebruikt. De voorbije gelegenheden waren allicht niet groot genoeg? Men moet daarmee opletten. Die grote flessen wijn die dertig jaar lang in de kelder lagen, met zicht op een groot feest, worden na de dood van de koper door de erfgenamen weggegoten, want niet meer drinkbaar. Geniet van uw rijkdommen voor het te laat is! Daarom alleen al is de uiterste gebruiksdatum op producten een goed idee. Hij verplicht ons te consumeren wat wij graag nog even zouden laten liggen, tot het misschien vergaan is en we er nooit meer van kunnen genieten. Champagne bewaart maar twee jaar: drinken, jongens. Ook op condooms staat een vervaldatum: een argument als een ander tijdens de verleiding. “De tijd heeft geen respect voor wat gemaakt werd zonder hem.” Dat is een grote wijsheid. Gebouwen die in drie weken gezet zijn, gaan niet lang mee. Hout dat niet of te snel werd gedroogd, zal krommen en splijten. Maar tijd is geld, en alleen dure producten kunnen nog gemaakt worden met tijd. Denk aan oude geuze, rijp fruit, gedesemd brood. Het kan allemaal sneller, maar dat gaat ten koste van de houdbaarheid en de smaak. Het vlees van deze bresaola komt van volwassen beesten, niet van achttienmaandenstiertjes zoals het bij de Belgische slager ligt. Geduldig werd het ontvet en droog gezouten (inspuiten met pekel gaat toch zoveel sneller!). Aan het zouten kwamen smakelijke kruiden en specerijen te pas en wat suiker, om de beschermende bacteriën een handje te helpen. Het zouten duurt niet minder dan tien dagen, gedurende welke men het vlees nu en dan grondig masseert. Dan zal het vlees opgehangen worden en langzaam drogen en rijpen. Wanneer de lucht te

warm of te droog is, gaat zich buiten een ondoordringbare korst vormen, waardoor het binnenste vlees niet meer kan drogen. Ook dat moet dus langzaam gaan, dan pas wordt het een mooi product met een smakelijke geur. Vroeger gebeurde dit hoog in de bergen, en nu en dan gebeurt dat nog, voor eigen gebruik. Maar de voedselagentschappen vinden dat te vermoeiend en te oncontroleerbaar. Dus verplichten ze de vleesdrogers om dat nu in gesloten gebouwen te doen, veilig in de vallei. Dit stuk vlees is aan hun aandacht ontsnapt, gelukkig. En ook aan mijn aandacht, waardoor het dus pas een jaar later weer opdook (en het hele productieproces had al een maand of vier geduurd vooraleer ik het kocht). Bresaola komt uit het noorden van Italië, uit de Alpen. Net over de grens ligt Graubünden, waar een identiek product wordt bereid, dat hier vaak op de menukaarten staat als viande des Grisons (Grisons is Frans voor Graubünden). Waarom men niet vaker bresaola vindt, is mij een raadsel. Klinkt Grisons misschien chiquer? Wat ik hier op de snijplank legde, was hard. Dat is spijtig. Normaal moet bresaola nog meegaand zijn. Ik raad dan ook niemand aan om mijn experiment te herhalen. Maar het product was wel nog altijd eetbaar en zelfs bijzonder lekker! Smakelijk vlees moet men in zo dun mogelijke sneetjes opdienen, maximaal anderhalve millimeter dik, om maximaal geur en smaak te laten afgeven. Doe dat met een groot mes, stevig maar goed geslepen. Gebruik bij het snijden de volledige lengte van uw mes, die is er niet voor niets. Vaak zie ik mensen met korte heen-en-weertjes driftig het midden van hun mes verslijten terwijl er aan beide kanten nog tien centimeter nutteloos hangt te wachten. Ook moet men het vlees snijden net voor het opdienen, anders zal het contact met de lucht de fijne smaak ervan bederven. Dit vlees was donkerrood, bijna zwart en smaakte naar diep, rijp rundvlees. Ik legde enkele sneetjes een tijdje in koud water. Het zoutige van het droogvlees verdween, maar nu had ik net koude roastbeef, zoals we dat bij de betere slager kopen. Het vlees had zijn jeugdigheid terug! Vroeger ontzoutte men vaker vlees, om het als ‘vers’ te gebruiken. Vandaag is dat te duur. De rijping

Tijd is geld, en alleen dure producten kunnen nog gemaakt worden met tijd. Denk aan oude geuze, rijp fruit, gedesemd brood zorgt wel voor een unieke smaak die vers vlees nooit kan hebben. In de bergen rond de Valtellina leerde ik ook een kaas kennen die schijnbaar ook het eeuwige leven heeft door de eenvoudige en primitieve productiewijze: de bitto storico. Deze kaas wordt nog boven in de bergen tussen het vee gemaakt, onmiddellijk na het melken, in ketels die op de rug naar boven worden gedragen (samen met het brandhout, want ze zitten boven de boomgrens!). Ik proefde in de bewaarkelders stukken kaas van dertig jaar oud. Ik kocht een stukje van tien jaar oud, en ook dat heeft nog een jaar in mijn kelder gelegen. Keihard, maar niet bedorven, en zéér smakelijk. Modern geproduceerde gepasteuriseerde kazen kunnen nooit zo lang bewaren. En nu heb ik sinds vier jaar nog een klipvis uit Noorwegen in de kelder liggen. Ik ben benieuwd. Smakelijk. nick.trachet@bdw.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/trachet


BDW 1290 PAGINA 18 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

Geneviève Planchard midden in ‘de unieke diversiteit die de Kunstberg biedt’.

SCHAARBEEK/BRUSSEL – “Ronduit fascinerend is de Kunstberg. Je hebt er niet alleen een adembenemend uitzicht op de benedenstad, het is ook een scharnierplek in de beladen geschiedenis van Brussel. Onze eerste vorst heeft er de eed afgelegd; door de eeuwen is de site, niet zonder slag of stoot, verschillende keren heraangelegd. En vooral: de Kunstberg kan prat gaan op een voor dit land unieke concentratie van musea en federale instellingen.” Geneviève Planchard is coördinatrice van de vzw Kunstberg, die van de site het artistieke, culturele en toeristische hart van Brussel wil maken.

Z

e is van Waalse afkomst, Geneviève Planchard: haar wieg stond in de Gaume, in Belgisch Lotharingen; Brussel is haar adoptiestad. “Na mijn studie economie heb ik er bewust voor gekozen om hier te komen wonen. De confrontatie met een echte stad sprak me enorm aan. Eén pakket, met enorm veel verschillende facetten, het ontdekken meer dan waard. Ik heb hier bovendien mijn man, een Limburger, leren kennen. Ons verhaal is het verhaal van zoveel Brusselaars.” “Toegegeven, een makkelijke stad is het niet, soms is het zelfs enorm vermoeiend om coherentie vinden in de doolhof van bevoegdheden en agenda’s. Stellen dat er in Brussel maar één persoon nodig is om iets te blokkeren en vijftig anderen om het te deblokkeren, dat is de spijker op de kop. Het zijn dingen waarmee je moet leren leven, goed- of kwaadschiks. Maar tegelijk is het ook wat me aantrekt, wat mee de charme van Brussel uitmaakt.”

Algemeen Rijksarchief Het huis van Planchard staat in Schaarbeek,

maar overdag is ze door haar functie bewoonster van de Kunstberg. Van dat dagelijkse contact met een cultuurstad-in-de-stad geniet ze met volle teugen. “Toch stond cultuur lang niet op mijn professionele agenda. Met mijn diploma op zak ben ik eerst bij de Europese Commissie aan de slag gegaan, en daarna de privésector in gestapt: eerst marketing, later een kaderfunctie bij een kmo in het Kortrijkse. Ik heb ook bij de federale overheid gewerkt, en op het kabinet Economie van het Brussels Gewest.” “Pas eind 2009 ben ik hier beland. Toen heb ik milieus en organisaties ontdekt die ik voorheen minder goed kende, nieuwe mensen. Ik ben begonnen met het bezoeken van de federale instellingen, waarvan ik tot dan weinig of niets afwist. Het Algemeen Rijksarchief bijvoorbeeld: meer dan zeventig kilometer bestanden. Wie wil, kan daar gaan graven naar mijlpalen van ’s lands historie, maar ook naar zijn persoonlijke, familiale geschiedenis. Voor mij was dat een openbaring, ik was me werkelijk niet bewust van het patrimonium, het geheugen dat daar opgeborgen ligt. Zo heb ik

© MARC GYSENS

gaandeweg meer inzicht verworven in Brussel, en in het belang van initiatieven omtrent het imago van Stad en Gewest.” In de laatste decennia van de vorige eeuw was de Kunstberg bestoft geraakt, door velen vergeten. Om het cru te stellen: alleen nog goed voor de begrafenis van Leopold III, het zieltogende Filmfestival van Brussel, een congres af en toe, diehard-adepten van het Paleis voor Schone Kunsten. De tuin was na valavond een niet al te veilige cruiseplaats voor wie de herenliefde verkiest. Nu is de Kunstberg the place to be voor wie uitgebreid wil proeven van de culturele rijkdom van Brussel. “Dat deze plek uit haar as is verrezen, doet me werkelijk deugd. Natuurlijk was het ontstaan niet de mooiste bladzijde uit de geschiedenis van Brussel: een hele volkswijk heeft Leo­pold II indertijd plat laten leggen om een oogverblindende getuige van de geschiedenis van België te creëren. In de ogen van tegenstanders was het een megalomaan project, dat samen met Leopold II min of meer ten grave werd gedragen. Al was de terrassentuin, met een monumentale trapgang, fonteinen, watervalletjes en beeldhouwwerken, aangelegd door de Fransman Pierre Vacherot, een blikvanger van de Wereldtentoonstelling van 1910.” “De daaropvolgende decennia heeft deze plek enkele keren een metamorfose ondergaan. Over die metamorfoses waren de meningen behoorlijk verdeeld. Er was onder meer de bouw van een nieuwe Koninklijke Bibliotheek, in het midden van de jaren ’50, met daaraan gekoppeld het hertekenen van het park door René Pechère als hangende tuin boven de parkeergarage. De bouw, ook, van het Congres-

“Het Museum Insel Hombroich in Holzheim (Noordrijn-Westfalen) heb ik vorig jaar leren kennen. Een unieke plek, met tentoonstellingsgebouwen her en der in de natuur verspreid.”

senpaleis met de Wereldtentoonstelling van 1958 voor ogen. Maar daar is het zo’n beetje bij gebleven. De Kunstberg kreeg weinig aandacht van het publiek, weinig aandacht van de politiek. Veel passage, dat wel. Van auto’s, pendelaars te voet van en naar het Centraal Station. Maar voor de rest...” “De kentering is er gekomen toen het organisatiecomité van Brussel, Culturele Hoofdstad 2000 zich geëngageerd heeft om de site weer in de focus te plaatsen. Vacant city was een researchproject waarbij werd uitgenodigd tot reflectie over de toekomst van de Kunstberg. Ook de Koning Boudewijnstichting mengde zich in het debat. Er werd ‘in de diepte’ gewerkt: renovatie van de tuin van de Albertina, een betere verlichting om de prachtige gebouwen beter tot hun recht te laten komen, een betere signalisatie. Er kwamen ook ronde­


BDW 1290 PAGINA 19 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

FREDDI SMEKENS Teire “Op de Kunstberg komen werken was een openbaring. Ik was me werkelijk niet bewust van het patrimonium, van het geheugen dat hier opgeborgen ligt”

Geneviève Planchard, coördinator vzw Kunstberg

‘Samen sterker dan alleen’ tafels met al de betrokkenen van de Kunstberg, waaruit uiteindelijk de vzw is gegroeid. Met een federale vertegenwoordiging, een vertegenwoordiging van het Gewest, de Stad Brussel en alle instellingen.”

Eén logo, één plaatje Het resultaat is een opgesmukte Kunstberg die weer op de kaart is gezet. De glazen kubus is het uithangbord geworden van Square Brussels Meeting Center; het is heerlijk tafelen in Kwint en in de Bozar Brasserie, en met het BIP, het Brussels Info Plein, is er nu een prestigieus toeristisch infopunt. De beschermde galerij naar het Centraal Station bloeit weer op. Het Algemeen Rijksarchief, de Koninklijke Bibliotheek van België, de Koninklijke Musea voor Schone Kunsten van België, Cinematek, het Muziekinstrumentenmuseum, het Paleis voor Schone Kunsten, het BELvue Museum en het ING Cultuurcentrum: het zijn allemaal hoekstenen waar het werk voor en achter de schermen zijn vruchten heeft afgeworpen. “De Kunstberg moet als één geheel naar buiten komen. Eén plaatje, onder één logo. Dat logo is er na mijn aantreden gekomen. Met centraal de M van Mont en de K van Kunst. Het maakt allemaal deel uit van een communicatiestrategie die o zo belangrijk is. Zo hebben we op vraag van de instellingen gewerkt aan een handig plannetje, omdat de mensen klaagden over het gebrek aan oriëntatiepunten.” “Het zijn allemaal inspanningen om een plek op te waarderen die fascinerend is in al haar diversiteit. Naar het beeld van Brussel, naar het beeld van België. Samen sterker dan alleen, met de vzw als ruggensteun. Het is ons

bittere ernst, maar we laten ook plaats voor een ludieke toets als het kan, binnen de soms bedrieglijke strengheid van het geheel. Zoals het project ‘Beleef de Kunstberg’, waarbij boomstronken in de straten passanten uitnodigden de museumwijk te ontdekken. Het is onze grote uitdaging, een proces waarvan we nog maar aan het beginpunt staan, zo groot is het potentieel. Als het allemaal lukt, dan scoren we op verschillende vlakken: het staat ten dienste van de instellingen, van de mensen die werken aan het imago van Brussel, van de onthaalvriendelijkheid.”

Moving stories In die optiek past ook de jongste blikvanger, Moving stories. “Dat is een Europees initiatief dat we op aanzet van de vzw Contour Mechelen naar Brussel hebben gehaald. Zes visuele werken van evenveel Europese artiesten. Zo is er onder meer een film van onze landgenoot Nicolas Provost in de grote hal van het Centraal Station.” “Zes kunstenaars vertellen telkens een ander verhaal over de hedendaagse wereld. Het project moet de drempel verlagen. Zodat de mensen die de diversiteit van de instellingen hier nog niet kenden, spontaan de rijkdom van de Kunstberg komen ontdekken.”

Karel Van der Auwera

Moving stories, nog tot en met 11 september in Bozar, Cinematek, de gewelven van het voormalige paleis op de Koudenberg, het BIP, de kubus van Square en het Centraal Station

Ons Brusselse woordje teire wil zoveel zeggen als ‘durven’. “Een waarheid als een koe,” zal de aandachtige lezer opmerken – ware het niet dat het Franse se taire niets met durven, laat staan met teire te maken heeft. “En vè wa ni?” vraagt men mij. Welnu, waarde lezer, op die vraag heb ik alvast enkele antwoorden klaar. Ten eerste is het spreken als zilver meer waard dan het zwijgen in goud; zeg mo da den dichter-economist het aaile gezeid heit. En zeiker es het ons als Brusseleirs altaaid gerooije nuut of neeverans ons bakkes te haave, wat ook de gevolgen mogen zijn. Het kan wat eigenaardig klinken, waarde lezer, maar ik heb die stelling nooit op een wetenschappelijke manier horen weerleggen. Maar terug naar ons woordje teire... Ik kan me niet voorstellen dat we nuut zoude teire wa eemand nuut geteird heit. En toch zijn er van die dingen die wel degelijk  bestaan. Niks teire is daar een schoolvoorbeeld van. En, hoe eigenaardig het ook  mag klinken, waarde lezer, alles teire is dat ook. Het spreekt haast vanzelf dat teire nooit iets te maken mag hebben met overmoed of arrogantie. Maar toch zei ik ooit op een gevatte manier tegen een vriend: “As ik ni teir onder ’n lier luupe, zal ik er oek nuut ni teire op goen.” Die uitspraak zou ik haast als een heuse wapenspreuk willen hanteren. Teire zal altijd iets zijn waaraan we ons vastklampen. Hoewel ik nog nooit een kaars met mijn wijsvinger en duim heb durven te doven zonder ze eerst met speeksel te bevochtigen. Graag over nu naar het aloude spreekwoord “Wie niet waagt, niet wint.” Misschien kan ik daar, samen met de lezer overigens, tegenover stellen: “Wie niet vraagt, niet vindt.” Want als er één ding is wat we ni teire te doon, den es ’t eet verleeze. Temeer omdat we ons in dat geval de vraag stellen: “Mo enfin! Ik teir er ni on paaze! Da dinge da ’k verlaure zaain, mot toch ééverans ligge?!” Welnu, waarde lezer, dát is net het ogenblik waarop men ni teirt nog te zeuke. Maar gelukkig nemen we altijd een voor-

beeld aan de anderen: zij kunnen ons tot voorbeeld strekken. En dat hangt dan meestal af van wat die anderen teire of ni, waarde lezer. Hooveul meense hemme we ni gekend dee mier teire as waa? En hoo­ veul dee nuut geteird hemme wa we zeulf geteird hemme? Laten we hopen dat die twee vragen voor altijd onbeantwoord zullen  blijven. Bij dat alles misschien een woordje over mijn vader, die in vervlogen tijden parachutist was. Op mijn vraag “Ge moet toch teire ooit ne vleeger springe?”, antwoordde hij: “Masscheen wel, ja. Mo aaigelaaik stámpe ze er aa ooit. ‘Go!’ en het ieste wa ge wilt doon, es aa eeverans on vast t’haave. Mo doe es niks vè aa on vast t’haave.” Met die uitleg besefte ik wat teire eigenlijk betekent. Tijd om even het lijstje af te gaan wat we allemaal ni zoude teire, waarde lezer. Natuurlijk verwacht ik van u niet meer of minder dan een blanco papiertje. En eerlijk gezegd zou ik ook niet meteen iets invullen. Maar evenzeer zou het formulier betreffende wat we allemaal wel zoude teire, ongescheurd de prullenmand in gaan. Bij wat voorafging, kom ik tot de bedenking dat de uitdrukking “Zij dorsten” ook de verleden tijd kan vervoegen. Het blijft te hopen, waarde lezer, da we altaaid zonder schrik on de tookomst meuge paaze. Dan zullen we ervan overtuigd zijn da we alles teire. Maar laten we toch omzichtig omspringen met de spreuk “De wereld is aan de durvers”, want overmoed brengt ons meer schade dan baat bij. “Wannier goet hem na neki auver teire teire zwaaige?” hoor ik daar fluisteren. Niet onterecht trouwens, waarde lezer. Maar zoals in het begin gesteld, moet het mogelijk zijn om over alles te kunnen en te durven schrijven. Over teire niet in het minst. “Who dares wins,” ni woe, para? Dat was zo ongeveer wat ik u over teire te vertellen had, waarde lezer. Ik zou het natuurlijk aandurven om het onderwerp verder uit te spitten, maar gelukkig hou ik er rekening mee da we nuut ni moote teire te veir te goen.

REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Elsene, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels hoofdstedelijk gewest. Rest van België 15 euro per jaar; rekeningnummer 424-5529822-66 van vzw Brussel Deze Week. Buiten België 25 euro per jaar. DISTRIBUTIE EN PROMOTIE Ute Otten (ute.otten@bdw.be), Paul De Weerdt. RECLAME IN BDW Rika Braeckman (rika.braeckman@bdw.be), 02-226.45.41, 0477-97.21.27, fax 02-226.45.69. OPLAGE 70.490 exemplaren. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne (anne.brumagne@bdw.be). EINDREDACTIE Katrien Stroobants (katrien.stroobants@bdw.be). REDACTIE Jean-Marie Binst (jeanmarie.binst@bdw.be), Christophe Degreef (christophe.degreef@bdw.be), Bettina Hubo (bettina.hubo@bdw.be), Patrick Jordens (patrick.jordens@bdw.be), Freddi Smekens (freddi.smekens@bdw.be), Steven Vandenbergh (steven.vandenbergh@bdw.be), Steven Van Garsse (steven.vangarsse@bdw.be), Danny Vileyn (danny. vileyn@bdw.be). REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele (isabelle.devestele@bdw.be), Lien Annicaert (lien.annicaert@bdw.be), Gerd Hendrickx (gerd.hendrickx@bdw.be). MEDEWERKERS Michaël Bellon, Lieven Bulckaert, An Devroe, Philip Ebels, Eva Hilhorst, Ilah, Francis Marissens, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Karel Van der Auwera, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. VORMGEVING Peter Dhondt (peter.dhondt@bdw.be). FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh (manu.dehertogh@bdw.be). VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Marijke Vandebuerie (marijke.vandebuerie@bdw. be). Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie. ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).


BDW 1290 PAGINA 20 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

Duiksport > Brusselse duikerswereld opgeschrikt door twee dodelijke accidenten

‘Nooit zonder risico’ BRUSSEL – In minder dan een maand tijd lieten twee duikers het leven in Brusselse zwembaden. Het waren nochtans mannen met ervaring. Duikinstructeur Patrick Léonard (49) kan maar niet genoeg benadrukken hoe belangrijk veiligheid wel is.

E

erst de feiten: op 29 juni verdronk de ervaren Didier Hulders in Nemo 33; het was het eerste dodelijke ongeval in het Ukkelse zwembad. De man was lid van het personeel en ging na de sluiting van het zwembad zonder duikflessen in zijn eentje het water in. Zijn lichaam  werd een kwartier later op de bodem van het zwembad gevonden. En op 21 juli overleed de vrijduiker Patrick Musimu in zijn zwembad. Het lichaam van de houder van verschillende wereldrecords werd na een training ontdekt. Patrick Léonard, ervaren duikinstructeur en lid van Brusselse duikclub AgriDiving, reageert. “In Nemo was het een dom ongeluk. Wat is daar toch gebeurd? Hulders en Musimu deden allebei aan vrij- of apneuduiken, dat is duiken met ingehouden adem. Het risico daarbij is dat je het bewustzijn verliest door zuurstoftekort bij het bovenkomen. Om de risico’s te verkleinen duik je normaal gezien altijd met twee, maar dat was bij de ongevallen niet het geval. Raar toch, want bij elke duiker primeert veiligheid voor hij het water in gaat. Ja, de ongevallen waren wel even een gespreksonderwerp binnen onze club.”

Regels respecteren “Duiken doe je – ik zei het al – niet alleen, vooral voor de veiligheid. Zo is er altijd iemand

de  CLUB

“Duiken zullen we blijven doen, ons wel bewust van de risico’s en het besef dat veiligheid toch o zo belangrijk is.”

Bridgeclub 2000, Sint-Lambrechts-Woluwe

Bridgen zonder moord en doodslag

“Het is soms schokkend wat ik van andere bridgeclubs hoor,” vertelt voorzitter Jozef De Vocht (70). “Daar beginnen ze elkaar in het heetst van de strijd soms uit te maken. Dat is bij ons helemaal het geval niet. Bij Bridgeclub 2000 wordt niet-competitief gespeeld, en dat heeft een geweldige invloed op de sfeer. Wij spelen natuurlijk om te winnen, maar niet om elkaar te vermoorden. Wie competitie wil spelen, gaat gewoon naar een andere club. Maar meestal blijven ze daarnaast ook bij ons bridgen.” Het kaartspel bridge valt onder de denksporten en wordt weleens omschreven als  ‘schaken met kaarten’. In Woluwe komen ze elke dinsdagmiddag van twee tot halfzes  “Bridgen is mentaal vermoeiend. Twee à drie uur constante concentratie, dat voel je.” samen om een kaartje te leggen. “Dat is  mentaal vermoeiend. Twee à drie uur con­ stante concentratie, dat voel je. Bridge wordt “De club is begonnen als vrienden die bij el- Weule (Sint-Lambertusstraat 91) terechtgekogezien als ontspannend, maar ik kan ver­ kaar thuis gingen spelen. Na verloop van tijd men, en dat is nog altijd onze thuisbasis.” zijn we in het gemeenschapscentrum Op- In Op-Weule komen ze een uurtje voor het bezekeren dat het ook ínspannend is.”

© MARC GYSENS

SINT-LAMBRECHTS-WOLUWE – Bij Bridgeclub 2000 kun je ‘schaken met kaarten’, volledig voor het plezier en in de grootste kameraadschap.

© MARC GYSENS

gin samen om de kaarten klaar te leggen en alvast wat bij te praten. De groep beperkt zich niet tot Brusselaars. “Je mag wel zeggen dat onze twintig leden een Europees gezelschap vormen. Je vindt bij ons Belgen, Nederlanders, Duitsers, Engelsen. We profileren ons als Nederlandstalige club, maar er wordt ook wel Engels gesproken onder elkaar.” “We proberen ons ledenaantal op te krikken naar 25. De meeste leden zijn nu gepensioneerd. Je hebt wel een paar ‘jongere’ mensen, maar ze moeten zich natuurlijk vrij kunnen maken op een dinsdagmiddag. We zouden graag wat verjongen.” De bridgeclub wil open staan voor zoveel mogelijk kaarters. Dat doen ze bijvoorbeeld door de prijzen zo laag mogelijk te houden. “We vragen gewoon een vergoeding van twee euro per persoon per keer. En het bestuur komt tussenbeide voor eventuele parkeerkosten. Hiermee willen we zoveel mogelijk drempels wegnemen.” Bridge 2000 is in het oosten van Brussel een van de enige Nederlandstalige bridgeclubs. Ze beginnen deze maand aan hun nieuwe seizoen. “Het belangrijkste is dat ons club blijft bestaan, want er zijn toch al een paar leden weggevallen of verhuisd. Ook wie van buiten Sint-Lambrechts-Woluwe komt, is welkom. Bij ons kun je in alle rust en in een vriendschappelijke sfeer bridgen. Leuk, toch?” TS jozefdevocht@hotmail.com


BDW 1290 PAGINA 21 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

om te helpen als het fout zou lopen. Het wordt ook zo geregeld dat een beginneling steeds met een meer ervaren duiker het water in gaat. Als je gaat duiken, leg je je leven gedeeltelijk in de handen van je duikpartner, en dat zorgt voor een speciale band.” Duiken heeft een paar regels die absoluut nageleefd moeten worden. Zo moet een diepzeeduiker, alvorens hij het water in duikt, al zijn apparatuur goed nakijken, en bijvoorbeeld de druk in de luchtfles controleren. Zowel voor diepzee- als vrijduiken is het ook belangrijk in verschillende trappen te duiken, de decompressietrappen moeten gerespecteerd worden. “Duiken kan gevaarlijk zijn. Onlangs zijn twee duikers in de problemen gekomen in

“Wat is daar toch gebeurd? Om de risico’s te verkleinen duik je normaal gezien altijd met twee”

Bretagne; een van hen is gestorven. Dat waren ook twee ervaren mannen. Toch hebben ze een ongeluk gehad. Door een golf zijn ze tegen een rots gevlogen, met de bekende gevolgen. Dat bewijst dat tegen de natuur niets te beginnen valt.” “De slachtoffers waren mannen van mijn niveau en mijn leeftijd. Dit soort accidenten doen je wel nadenken. Het raakt me, maar het jaagt me geen schrik aan. Het doet je wel eens te meer beseffen dat je altijd voorzichtig moet zijn. Duiken is nooit zonder risico, maar we proberen die risico’s natuurlijk zo klein mogelijk te maken. Het is een feit dat je bij duiken kunt omkomen of gehandicapt

kunt raken, bijvoorbeeld als je de trappen niet naleeft.” Die trappen leer je tijdens het behalen van het brevet. Beginnen met duiken doe je namelijk niet in één, twee, drie. “Na je duikdoop in het zwembad moet je bij de dokter een medisch onderzoek ondergaan. Daarnaast moet je de nodige duikuren behalen in het zwembad en in het vrije water. Er staan ook theorielessen op het programma, waar op de risico’s wordt gewezen. Duiken vraagt tijd en inspanningen.”

Zoals skiën In Brussel zijn er een paar duizend duikers, die vooral aan diepzeeduiken doen. De hoofdstad heeft met Nemo 33 het enige duikzwembad van het land. De sport is de afgelopen jaren stevig geëvolueerd. “Duiken wordt een beetje zoals skiën: voor meer en meer mensen is het iets eenmaligs, iets wat je op vakantie doet. Dat maakt het natuurlijk ook iets gevaarlijker.” “In de jaren 1950-’60 waren duikers echte sportievelingen. Dat is veranderd: de duiker van nu is minder sportief, maar heeft wel een betere uitrusting. Het is geëvolueerd van een sport naar een hobby.” Bij AgriDiving, de club van Léonard, blijft duiken een passie. De club, die 25 jaar geleden werd opgericht door werknemers van het ministerie van Landbouw (vandaar de naam),  viert dit jaar haar verjaardag ietwat in mineur. “We zijn een redelijk kleine club, met een dertigtal leden. We duiken in het zwembad van Neder-Over-Heembeek, en als het weer het toelaat, trekken we erop uit. De vzw Baden van Brussel, die een paar Brusselse zwembaden beheert, heeft dit jaar de prijzen verdubbeld. Elk jaar wordt ons contract verlengd, dus kunnen ze dit zonder problemen doorvoeren. Het maakt de situatie moeilijk voor ons; we zijn dan ook op zoek naar een nieuw zwembad. Maar duiken zullen we  blijven doen, met de risico’s in gedachten en het besef dat veiligheid toch o zo belangrijk is.” Tim Schoonjans

Tennis with love BRUSSEL – Brussels Gay Sports (BGS) organiseert zijn eerste Brussels with Love International Gay and Lesbian Tennis Tournament. Het mooie Forest Domaine in Vorst verwelkomt van vrijdag 12 tot en met zondag 14 augustus het toernooi. De tennissers van BGS vroegen al langer om een Gay and Lesbian Tennis Association-toernooi te organiseren, en in het kader van twintig jaar BGS is de organisatie daar dit jaar op ingegaan. Honderdtwintig spelers worden er in vijf categorieën onderverdeeld: heren enkel, dames

enkel, heren dubbel, dames dubbel en dubbel gemengd. Het startschot wordt al op vrijdagochtend om 8 uur gegeven; die avond staat er ook een welkomstparty in het centrum van Brussel op het programma. Zondag worden de finales gespeeld, en in de late namiddag wordt het toernooi feestelijk afgesloten met de prijsuitreiking. Meer dan honderd tennissers uit allerhande landen strijden voor de maar liefst 95 tro­ feeën en medailles. Het staat nu al vast dat het een groot feest wordt. Meer informatie vindt u op www.brusselswithlove.be. TS

David Steegen Chelsea in Faro “David, ik speel altijd goed tegen spelers van Chelsea.” Romelu Lukaku is blij als een kind na de wedstrijd tegen Benfica Lissabon. Hij heeft gescoord. De Portugese voetbalgrootheid heeft veel eerbied voor paars-wit. In 1983 won RSCA haar laatste Europa Cup tegen Benfica. Juan Lozano, de matador, de verlosser. Vandaag, bijna dertig jaar later, keert paars-wit terug naar de essentie, snel en technisch voetbal over de grond. Het seizoen 2011-’12 is cruciaal. De derde plaats van de vorige campagne moet uitgewist worden. Daarom heeft de club gekozen om zich tijdens de voorbereiding te meten met echte tegenstanders en zich te bezinnen over haar voetbalziel. Het elfde Guadiana-toernooi in Portugal. Het minikampioenschap wordt gespeeld in het Estádio Algarve van Faro. Paris SaintGermain en Benfica zijn de tegenstanders. Uiteindelijk wordt RSCA tweede, na Benfica. De moderne tempel, mooi gelegen, is spe­ ciaal gebouwd voor het EK van 2004. In het stadion huist geen enkele voetbalclub. Het is het ‘nationale’ stadion van de regio Algarve. Daar waar Belgische clubs hemel en aarde moeten bewegen om hun infrastructuur te mogen verbeteren, heeft het land van Vasco da Gama en Cristiano Ronaldo inmiddels lichtjaren voorsprong. Portugal telt evenveel inwoners als het kleine Belgenland. Toch slagen de Portugezen erin nieuwe infrastructuur voor topvoetbal te bouwen. De Portugese clubs spelen een rol van betekenis in het Europese topvoetbal en ze brengen elk seizoen nieuwe, zelf opgeleide sterren. Porto is een vaste waarde op het bal der kampioenen. Benfica was de halve finalist van de laatste campagne in de Europa League. De nieuwe club van Axel Witsel. We spelen de laatste wedstrijd van Guadiana tegen roodwit uit Lissabon. Witsel speelt een helft. Het is de gewoonte om, anderhalf uur voor de wedstrijd, het veld te verkennen. Spelers

inspecteren het gras en turen zo nu en dan naar de tribunes. Ze dollen en luisteren naar hun iPod of iPad. We zitten met z’n allen op de bank. Marcin Wasilewski, het slacht­ offer van Witsel, nu bijna twee jaar geleden, staart voor zich uit. Hij mijdt de Luikenaar. Gedane zaken nemen geen keer. De dag erop vraagt een nieuwe speler aan Wasyl of hij Witsel haat. “Nee,” zegt de Pool met een zucht. Waar begint vergiffenis? De wedstrijd is zomers, sprankelend. Het jonge geweld uit Brussel toont in de eerste helft wat het waard is. De Brazilianen Canesin en Reynaldo blinken uit. Romelu scoort, en de Argentijn Mati Suarez steelt de show met een wondermooie goal en een assist voor de oudste Lukaku. Er zit vuur in het jonge Anderlecht, bij momenten zelfs frivoliteit. De Braziliaan Canesin is nu al een versterking, Diogo en Samuel worden het waarschijnlijk ook; de piepjonge Leuvenaar Dennis Praet en zijn leeftijdgenoot Lamisha Musonda steken de kop al op. Er is nog werk aan de winkel, maar er zit veel rek op. Ook Romelu ziet dat. Hij heeft Matic, door Chelsea aan Benfica uitgeleend, in de achterzak gestoken. Lukaku geniet van de nieuwe ploeg waar binnenkort Vargas en, wie weet, nog een ster bij zal komen. Vandaag, enkele weken na de wedstrijd in Faro, wordt Romelu Lukaku voorgesteld bij zijn nieuwe club. Hij wil geschiedenis schrijven met Chelsea FC, de club van zijn dromen. Tegen zoveel financieel geweld is Sporting niet opgewassen. Maar RSC Anderlecht blijft zijn club. Voor eeuwig. Of hij vervangbaar is op de korte termijn, zal moeten blijken, maar Romelu Lukaku wordt hier nooit vergeten. Nooit. www.brusselnieuws.be/steegen David Steegen is persverantwoordelijke van voetbalclub RSC Anderlecht

ADVERTENTIE

Brussel Deze Week vzw is op zoek naar een

deeltijds (1 dag/week) distributiemedewerker/ chauffeur (m/v) Taken n

bevoorraden distributiepunten BDW en Agenda in Brussel Profiel

Sport, spel en avontuur HAREN/EVERE – Ketjes kunnen zich eind augustus nog eens stevig uitleven alvorens terug te keren naar de schoolbanken. Zwemmen, klimmen, lopen, ravotten, noem maar op: de sportweek van het gemeenschapscentrum De Linde biedt een allegaartje van sporten waarin kinderen tussen vier en twaalf vijf dagen lang al hun energie kwijt kunnen. Van 22 tot en met 26 augustus wordt elke dag tussen 9 en 16 uur gesport; er is opvang van 8 tot 17 uur. (50 euro; vanaf het

tweede kind gaat daar 5 euro af.) En vier- tot twaalfjarigen die de grote vakantie al spelend helemaal willen afsluiten, krijgen Boordevol spellekes voorgeschoteld van het Everse gemeenschapscentrum Everna in samenwerking met GC De Linde. Van maandag 29 tot en met woensdag 31 augustus krijgen ze de kans om in alle rust en in alle plezier spelletjes te komen spelen. (10 euro per kind per dag.) TS delinde.vgc.be, everna.vgc.be

n n n n

Je kunt zelfstandig en nauwgezet werken Je hebt een rijbewijs en bent graag op de baan Je vindt makkelijk je weg in het Brussels hoofdstedelijk gewest en woont bij voorkeur in de regio Je hebt een goede kennis van het Nederlands Wij bieden

Een deeltijds (1/4) contract van onbepaalde duur, vanaf september 2011. Je werkt op woensdag van 7.00 tot 17.00.

Geïnteresseerd? Stuur uiterlijk op 15 augustus 2011 een mail met cv naar marijke.vandebuerie@bdw.be


BDW 1290 PAGINA 22 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

BD W

zaIE

ZAZIEZOMERPORTRETTENGALERIE (4) ZAZIE

DOOR PATRICK JORDENS

R IEDE

RE

Z

V

OO

O T 99 J A T 9

• R A

EN VAN

De favorieten van Kitty Crowther

W

elk beeld vond je zo bijzonder dat het in je hoofd is blijven hangen? Welk kunstwerk heeft je ooit aan het lachen, huilen, huiveren, dromen... gebracht? We vroegen het aan zeven Brusselse kunstenaars: (strip)tekenaars, prentenboekenmakers, filmregisseurs... Zij tonen jou deze zomer hun favoriete beeld. Dat kan je telkens bewonderen op de

Geur?

rechterpagina. En daarnaast stellen ze zichzelf voor. Onder andere met een uniek zelfportret, speciaal getekend of bedacht voor deze reeks.

De geur van de mensen van wie ik hou.

Smaak?

Welkom in de Zaziezomerportrettengalerie!! Met als vierde gast: de meermaals bekroonde prentenboekenmaakster en -illustratrice Kitty Crowther.

De eerste slok van een kop koffie, ’s ochtends.

Geluid? De claxon van een boot.

Kinderboek of strip?

Binnen enkele weken ligt haar gloednieuwe prentenboek Kleine man en God in de winkel.

Porculus van Arnold Lobel. (Dat boek verscheen oorspronkelijk in het Engels als Little pig, en werd in het Nederlands vertaald als Valentijn.)

Plekje in Brussel? © KITTY CROWTHER

Bij mijn vriendin Sofia, zeker als ze eten voor mij klaarmaakt.

Vakantiegevoel? ... vlak bij een meer, ergens in Zweden.

Beeld? Ik heb het schilderij ‘Trevelfast’ van Daniel Richter niet op ware grootte gezien, enkel als prentbriefkaart. En het bracht me meteen aan het dromen... Ik hou wel van reproducties. Soms hebben ze iets gezelligs oubolligs... Ik kende deze schilder totaal niet. Maar hoe hij van natuur kunst maakt, boeit en raakt mij enorm. Zijn werk baadt in de sfeer van de mythologie, van de legendes van onze voorouders. Is het vuur, dat we zien? Een hoogdringende zaak? De onstuimige wilde schoonheid van een paard? Iets tussen vrijheid en vluchten in? Ik kan het niet helpen, maar voor mij straalt die ruiter zachtheid uit. En de compositie van de boom, die lijkt het geheel even helemaal te doen bevriezen. Alsof de tijd een seconde stilstaat...

Kitty Crowther door Kitty Crowther.


© FOTO JOCHEN LITTKEMANN, BERLIJN. COURTESY CONTEMPORARY FINE ARTS, BERLIJN

BDW 1290 PAGINA 23 - DONDERDAG 11 AUGUSTUS 2011

‘Trevelfast’ van Daniel Richter, 2004.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
BDW - editie 1290 by brusselnieuws.be (archief) - Issuu