Skip to main content

BDW - editie 1289

Page 1

Zomerreeksen HET ZOMERT weer BIJ AGENDA De XXXL augustus-editie, vanaf vandaag overal in de stad verkrijgbaar!

04 08 11

AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153

Minister-president voor 1 dag P. 4-5 God van de daken: rondje kerktorens klimmen P. 8 Moerassen in de stad P. 12-13

Ossegempark schittert op Bruksellive LAKEN – Het slechte weer zorgde voor een trage start voor Bruksellive, maar de dreigende wolken konden de pret niet drukken. 23.000 feestvierders verzamelden in het Ossegempark voor het festival van de Brusselse jeugdhuizen. Na de volkstoeloop van de afgelopen twee edities was er dit jaar een extra podium, op een steenworp van het ‘oude’ Groentheater. Liefhebbers van indiepop keken er naar The SX (foto), de funky medemens ging voor Stijn en de Brusselaars applaudisseerden voor Vismets. Mensen met een jazzy inslag troepten dan weer samen in de groene kuip voor The Cinematic Orchestra. Mooie JC muziek, quoi, al blijft vooral het prachtige Ossegempark dé troef van Bruksellive.

ADVERTENTIE

NDS EEKENDS ERWEEKE ZOMERW GEZOM ZALI ZALIGE

IN BRUPARCK!

zie pagina 7

© BART DEWAELE

N° 1289 VAN 4 TOT 11 AUGUSTUS 2011 ¦ WEEK 31: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, FAX: 02-226.45.69, E-MAIL: INFO@BDW.BE


BDW 1289 PAGINA 2 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

OPMERKELIJK RUZIE TUSSEN MINIEMEN EN MINIMES

Uitgelicht > Lessen thuistaal zijn voor na de schooluren, zegt minister Smet © WWW.BELGIUMVIEW.COM

BRUSSEL – Het is hommeles tussen pastoor Jacques Van der Biest van de Miniemenkerk in de Marollen en de vzw Opus 3, die het zomerfestival Midis-Minimes organiseert. De kerkfabriek, met voorzitter Charles-Louis prins de Merode, heeft een advocaat ingeschakeld om het alleenrecht op de naam Minimes te claimen. De verhuizing van het festival naar het Conservatorium is het kerkbestuur in het verkeerde keelgat geschoten. “Om het trouwe publiek niet in verwarring te brengen, zullen we wachten tot na het festival (31 augustus, red.), maar dan wordt het ons menens met de rechtszaak,” waarschuwt Van der Biest. “Er is geen enkele reden meer om het festival naar onze kerk te noemen; ze hebben onze locatie de rug toegekeerd. Mogelijk organiseren we in 2012 zelf een festival, gratos!” De breuk kwam tot stand toen Opus 3 voor de 25ste editie van Midis-Minimes uitkeek naar een grotere concertzaal, zonder overleg met de kerkfabriek. “We zijn het slachtoffer geworden van ons eigen succes; het publiek groeit de jongste jaren telkens met tien procent aan,” verdedigt artistiek directeur Bernard Mouton zich. De kerkfabriek kreeg op 22 februari een mail van Opus 3. Daarin werden redenen voor de verhuizing opgesomd: plaatsgebrek, veiligheid, akoestiek, de kwaliteit van het onthaal. “We wilden nog zes concerten met religieuze muziek in de kerk programmeren, waaronder de Missa magna, maar naar een beperkt aanbod had Van der Biest geen oren.” In het Conservatorium zijn zeshonderd comfortabele zitjes, de kerk heeft er maximaal 380. Dat scheelt een slok op de festivalborrel. “Ik geef toe dat de kerk beter geschikt is om een sympathiek festival­sfeertje te creëren,” zegt Mouton, “maar we konden er onze kwaliteitsnorm niet meer halen. Er is geen reden om de naam niet te behouden. Zoveel festivals zijn ooit van locatie veranderd. Bovendien zit in minimes de woordspeling ‘kort concert’ en ‘klein tarief’: daar gaat het om.” Van der Biest ziet in Minimes alleen de kloosterorde; gezien de verhuizing naar het Conservatorium suggereert hij als nieuwe JMB naam Midis-Cons.

Focus op Nederlands én op Europese voertalen BRUSSEL – De Talennota van Vlaams minister van Onderwijs Pascal Smet (SP.A) is behoorlijk ambitieus. Alle leerlingen, ook de anderstalige, moeten het Nederlands goed beheersen. Tegelijkertijd moeten ze vroeger beginnen met het leren van andere talen.

I

n de Talennota, die vlak voor het zomerreces werd goedgekeurd door de Vlaamse regering, wordt gehamerd op een goede kennis van het Nederlands. Nu is het al zo dat kinderen in principe alleen toegelaten worden tot het Nederlandstalige lager onderwijs als ze naar de derde kleuterklas in een Vlaamse school zijn geweest. Binnenkort moeten alle leerlingen van het eerste leerjaar een taaltoets afleggen. Scoren ze onvoldoende, dan worden ze bijgewerkt. Later zal er ook een vergelijkbare toets georganiseerd worden in het eerste jaar middelbaar. Nieuwkomers zonder enige Nederlandse kennis krijgen een taalbad

van vier of acht weken voor ze bij hun leeftijdgenootjes in de gewone klas kunnen aanschuiven. Als ze dan toch nog taalachterstand hebben, moeten ze na de schooluren verplicht naar de taalles. Ook de ouders zullen zich moeten engageren om Nederlands te leren. Daarnaast wil Smet de jongeren klaarstomen voor een leven in het meertalige Europa. Dus moeten ze de kans krijgen om vroeg met andere talen te beginnen. In Brussel mag nu al vanaf het eerste leerjaar Frans gegeven worden, in Vlaanderen pas vanaf de derde graad. Smet vervroegt dit nu naar de tweede graad. Bovendien mogen de basis-

scholen taalinitiatie Engels en Duits geven. Ook in het middelbaar krijgen talen meer aandacht: Frans en Engels worden quasi evenwaardig en de eindtermen voor beide vakken worden opgeschroefd. Vanaf de tweede graad kan er een vierde taal bijko-

“ Met de N-VA in de regering was dit wellicht het hoogst haalbare”

men: Duits of een van de andere officiële EU-talen, maar ook Russisch of Chinees. In de nota wordt de knoop doorge-

hakt over het taalbadonderwijs. De Belgische wetgeving verbiedt onderwijs in een andere taal, maar de Franse Gemeenschap staat al sinds 1998 uitzonderingen toe. In Wallonië en Brussel zijn er zo’n 250 immersiescholen, waar leerlingen een deel van de lessen in een andere taal krijgen. In Vlaanderen bestond lang koudwatervrees. Smets voorganger, Frank Vandenbroucke, stemde er uiteindelijk mee in dat een aantal Vlaamse scholen zou experimenteren met Content and Language Integrated Learning, oftewel CLIL. In Brussel mocht dit niet door het grote aantal anderstaligen. Nederlands leren was voor hen al moeilijk genoeg, vond de minister. In de hoofdstad bestaat alleen het Stimob-project (Stimulerend Meertalig Onderwijs Brussel) van VUB-professor Piet Van de Craen: een paar basisscholen geeft tien procent van de lessen in het Frans. En vanaf september begint het atheneum van Sint-Pie-

DE WEEK IN BEELD DOOR BART DEWAELE

Gisteren met familie uit het Gentse op stap in Brussel. Mijn neefje (10) en zijn vriendje waren al onder de indruk van een paar ritten met de metro, maar de trams op deze hoop vonden ze helemaal te gek.

© BART DEWAELE


BDW 1289 PAGINA 3 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

WEEKOVERZICHT DINSDAG 26 JULI Vier OPTIES voor Meiser. Een studie van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest over het Meiserplein laat vier opties open om het verkeer in goede banen te leiden. Ondertunneling voor auto en openbaar vervoer, een tunnel alleen voor het openbaar vervoer, een tunnel alleen voor wagens, of helemaal geen tunnel: dat zijn de conclusies op het einde van de eerste studiefase. Een tweede fase zal het verkeer zelf in kaart brengen. SMET STELT TALENNOTA VOOR. Vlaams minister van Onderwijs Pascal Smet (SP.A) wil dat het Engels op school even belangrijk wordt als het Frans. Ook de kennis van het Nederlands moet grondiger volgens de socialist.

WOENSDAG 27 JULI GEWAPENDE MAN door het lint. Een man verschanst zich met een vuurwapen in zijn appartement in de Sint-Guidostraat. Er wordt een schot gelost, maar niemand raakt gewond. Negentig klanten van de nabijgelegen Aldi zitten uren vast door de actie. In de avond overmeestert de interventie-eenheid van de politie de wapendrager. Redenen voor zijn gedrag zijn vaag, maar er wordt gedacht aan een echtelijke ruzie.

Binnenkort krijgen alle leerlingen van het eerste leerjaar een taaltoets, © Saskia Vanderstichele waarna ze eventueel bijgespijkerd worden. Later komt er een vergelijkbare toets in het eerste middelbaar.

ters-Woluwe, geheel op eigen houtje, met Nederlandstalig-Engelstalig on­derwijs. Nu wordt CLIL officieel geregeld, ten minste voor het secundair. Daar zal maximaal een vijfde van de vakken in het Frans, Engels of Duits gegeven mogen worden. Van de Craen is tevreden dat Vlaanderen eindelijk een stap in de richting van meertalig onderwijs zet, maar hij betreurt dat het niet geregeld wordt vanaf het lager. “Met de N-VA in de regering was dit wellicht het hoogst haalbare.”

“

Onderwijs in Eigen Taal en Cultuur, het project van Foyer waarbij leerlingen sommige lessen in het Turks, Italiaans of Spaans kregen, verdwijnt definitief. Er kunnen volgens de nota nog wel cursussen in de niet-Europese thuistalen georganiseerd worden, maar dan na de schooluren en alleen voor leerlingen die goed Nederlands spreken en wier ouders ervoor willen betalen. Om de expertise niet verloren te laten gaan, worden de medewerkers van het Foyer-project ingeschakeld

in een nieuwe vzw, die ook de activiteiten van Voorrangsbeleid Brussel en Broso (secundair onderwijs) zal bundelen. Deze hoofdzakelijk door Vlaanderen gesubsidieerde scholenbegeleiders zullen dus niet opgaan in het Onderwijscentrum Brussel, zoals ooit de bedoeling was. Ten slotte kondigt Smet een experiment aan om de resultaten van concentratiescholen te verbeteren. Drie Brusselse scholen zullen hieraan deelnemen. Bettina Hubo

Ook al leek het even op onevenaarbaar bochtenwerk, met zijn stugge houding voorkomt hij dat de Vlamingen in Brussel opnieuw de dupe van de geschiedenis worden. Dank hiervoor.” Op zijn blog zingt SP.A-senator Bert Anciaux de lof van CD&V-voorzitter Wouter Beke.

Maingain wil corridor. In La Libre Belgique pleit FDF-voorzitter Olivier Maingain voor een corridor die Wallonië met Brussel verbindt in ruil voor een akkoord over de splitsing van Brussel-HalleVilvoorde. Voor de FDF’er moet er een link zijn die de Franstaligen in België met elkaar verbindt. Een kandidaat is de Waterloosesteenweg, die door Sint-Genesius-Rode loopt.

DONDERDAG 28 JULI Auto ramt bus, bus botst tegen paleismuur. In de nacht van woensdag op donderdag botst een bus van de MIVB tegen de muur rond het koninklijk domein in Laken. De bus wijkt van zijn traject af omdat er een personenauto tegen hem botst. De auto wilde een slipkunstje uithalen. Een groot gat in de muur is het resultaat. De twee inzittenden van de wagen raken zwaargewond.

VRIJDAG 29 JULI koten bijna vol. Nog maar zeven procent van de Brusselse studentenkamers is vrij, meldt studentenorganisatie Br(ik, vroeger Quartier Latin. Vorig jaar was dat rond dezelfde periode nog twintig procent. Alles samen zijn er 4.700 kamers beschikbaar. Trein NAAR Maastricht afgeschaft. De NMBS schaft de rechtstreekse trein van Brussel naar Maastricht af ten gunste van een rechtstreekse verbinding tussen Brussel en Visé. Volgens de vervoersmaatschappij wordt de verbinding nog maar door vijf procent van de reizigers gebruikt tussen het Luikse Visé en het Nederlandse Maastricht. Ook zou de treinverbinding kampen met structurele vertragingen, die niet weggewerkt kunnen worden. Delvaux IN hongkongsE HANDEN. De traditioneel Belgische handtassenfabrikant Delvaux wordt overgenomen door Fung Brands Limited, een privé-investeringbedrijf uit Hongkong. De familie Schwennicke, de vroegere eigenaars, behouden wel een klein aandeel. De werkgelegenheid zou niet in het gedrang komen.

ZATERDAG 30 JULI

“ HET WOORD

Overal ter wereld is het grootsteedse model zich verder aan het uitbreiden. Voor het eerst zullen er meer mensen in steden wonen dan op het platteland. De metropool is het model van de toekomst.” De Nederlandse publicist en professor Ian Buruma vindt dat het multiculturele model in de steden vrij goed werkt; het platteland van de toekomst ziet hij vooral als recreatiegebied (in De Morgen).

Taxi-moto

De riksja of fietstaxi is – alle ‘promotie’ door prins Laurent ten spijt – nooit een succes geworden in Brussel. Nu krijgt Brussel taxi-moto’s. Het initiatief komt van Brussels minister van Vervoer Brigitte Grouwels (CD&V). Al enkele jaren houdt het gebruik van de motortaxi in Amsterdam, de moto taxi in Parijs, Lyon en Grenoble en

de MotoTaxi in Londen (38 tot 53 euro binnen de stad) goed stand. De Brusselse taxi-moto’s komen er pas vanaf de herfst en ze blijven twee jaar proefrijden. Geïnteresseerde bestuurders mogen zich nog tot medio augustus aanmelden. Veel taximotors krijgen we echter niet: een vijftiental. En dat is spijtig als we het citaat van Colette Mars mogen geloven: “Loop nooit achter een vrouw of een taxi aan. Er komt direct een volgende voorbij.” JMB

GROOTSCHALIGE POLITIECONTROLE. In heel het Brusselse gewest houdt de politie een Fipa, een grootschalige controle van het verkeer. Alle Brusselse politiezones nemen eraan deel. Er worden 1.133 voertuigen gecontroleerd, 48 rijbewijzen ingetrokken en negentien personen gearresteerd.

MAANDAG 1 AUGUSTUS BRUSSEL KAMPIOEN KIESVERZUIM. Zeventien procent van de stemgerechtigde inwoners van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest is tijdens de federale verkiezingen van 2010 niet gaan stemmen, zo blijkt uit officiële cijfers. Daarmee is de hoofdstad kampioen.

DINSDAG 2 AUGUSTUS TOCH PLATANEN OP HAVENLAAN? Landschapsarchitect Michel Desvigne, de ontwerper van het toekomstige Thurn & Taxis, vindt dat de gecontesteerde platanen moeten blijven na de heraanleg van de weg. Brussels minister van Openbare Werken Brigitte Grouwels (CD&V) wil ze liever weg.

Samengesteld door Christophe Degreef

MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP


BDW 1289 PAGINA 4 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

Reeks (1) > Minister-president voor één dag: Brussels stafhouder Dirk Van Gerven

‘ Deze stad is niet Franstalig, wel meertalig en multicultureel’ WATERMAAL-BOSVOORDE – Voor één dag ministerpresident van Brussel spelen? BDW vond vier uiteen­ lopende persoonlijkheden bereid om de tegelijk ludieke en bloedernstige uitdaging aan te gaan. Welke ideeën kunnen het Gewest goed doen? Wat kan, wat móét beter? Dirk Van Gerven treedt als eerste in de arena. De stafhouder van de Nederlandse Orde van Advocaten bij de Balie te Brussel pleit voor een propere, veilige, meertalige stad.

D

irk Van Gerven nam met NautaDutilh, een van de grootste advocatenkantoren in Europa, zijn intrek in het Solarisgebouw aan de Terhulpsesteenweg. Solaris is het eerste echt groene kantoorgebouw van de hoofdstad. De omgeving maakt geen geweldige indruk. Auto’s staan te drummen om zo snel mogelijk in het centrum te geraken, cafés zijn er niet. De vervallen hippodroom wacht op betere tijden en de zomer miezert. Van op straat is niet te zien dat Solaris aan de achterkant uit enorme glazen vensters bestaat met een fabelachtig uitzicht op een schijnbaar vredige stad. “Solaris is het meest ecologische kantoorgebouw van Brussel. Alle energie komt van zonnepanelen en grondwaterpompen. Maar helaas is er geen afdekking van de zon, waardoor het erg warm wordt en de airconditioning hoog moet staan. Veel moderne gebouwen hebben dat nadeel,” zegt Van Gerven. Hij kruipt meteen in de rol die we hem vandaag gevraagd hebben te spelen. “Als minister-president zou ik ecologie en energiebesparend denken zeker aanmoedigen. Maar ik zou er ook over waken dat men het historisch erfgoed niet opoffert aan het ecologische. Als mensen hechten we belang aan ons verleden. We lopen graag in een oude stad rond. Klimaatbewustzijn mag niet ten koste gaan van die oude stad. Ik zou geen Solaris optrekken in het centrum. Dat past daar niet.”

Halle-Vilvoorde gesplitst wordt? “De splitsing van justitie is een moeilijk onderwerp omdat niemand weet wat ermee bedoeld wordt. In de nota van Di Rupo is er sprake van een hervorming van het gerechtelijk arrondissement. Ik heb het moeilijk met zijn voorstel om de rechtbank te splitsen in een Nederlandstalige en een Franstalige arbeidsrechtbank, rechtbank van koophandel, van eerste aanleg,

“ Als ministerpresident zou ik ecologie en energiebesparing zeker aanmoedigen. Maar ik zou er ook over waken dat het historisch erfgoed niet opgeofferd wordt aan het ecologische” Dirk Van Gerven, Brussels minister-president-voor-één-dag. Of smaakt het naar meer? “Veel advocaten stappen in de politiek. Dat is goed.”

© IVAN PUT

B-H-V bis Voor hij zijn beleidsaccenten toelicht, werpen we de minister-president voor één dag een actueel vraagstuk voor de voeten. Moet het gerecht volgen als straks Brussel-

correctionele rechtbank en hof van beroep. De ervaring leert dat mensen die in een gesplitst orgaan werken, eentalig zijn. De meeste zaken zijn meertalig. In rechtbanken met

alleen maar Nederlandstalige of Franstalige rechters zullen stukken wellicht voortdurend vertaald moeten worden. Dat betekent vertraging en extra kosten voor de rechtzoe-

kende, en dat is nu al een pijnpunt. De oprichting van een Vlaams parket voor Halle-Vilvoorde kun je inderdaad overwegen. Maar volgens mij stappen de mensen eerder naar de

politie dan naar het parket. Er zijn genoeg politiekantoren in Halle-Vilvoorde. Dan vind ik het belangrijker om werk te maken van voldoende Nederlandstalige parketmagistra-


BDW 1289 PAGINA 5 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

ten. Het is een moeilijk debat. De vraag is of je de opsplitsing van het kiescollege, het politieke probleem, wel moet koppelen aan de opsplitsing van het gerechtelijk arrondissement.”

Wie is Dirk Van Gerven? © IVAN PUT

Meertaligheid “Als ik de zaken zelf zou mogen uittekenen, dan zet ik in op meertaligheid. Meertaligheid is de toekomst. Meertaligheid is de rijkdom van de Brusselaar. Niet iedereen is hier meertalig, maar veel mensen zijn dat wel. Gewoon omdat je dag in, dag uit geconfronteerd wordt met anderstaligen. Dat zijn niet noodzakelijkerwijze Franstaligen. Er komt een moment dat er meer anderstaligen dan Franstaligen zullen zijn. Men moet aanvaarden dat Brussel geen Franstalige stad is, maar een meertalige, multiculturele stad. Als minister-president zou ik resoluut ingaan tegen de trend van eentaligheid, van ieder zijn taalgemeenschap. Ik pleit voor totale tweetaligheid en maak zoveel mogelijk instellingen écht tweetalig. Ik zorg voor speciale programma’s om de twee- of meertaligheid te vergroten. Die stel ik voor aan scholen, maar ook aan bedrijven, werknemers, startende ondernemers. Er is niets zo erg als een Belg die van school komt en vaststelt dat hij maar één taal voldoende kent om in te werken. We leven in een meertalige stad, laat dat een troef zijn.”

en de correctionele rechtbank? Ga je onteigenen op de Gulden Vlies­ laan? Dat heeft geen zin, en daar is geen geld voor. Het Justitiepaleis is van de overheid. Daar wordt niets voor betaald. Gebruik het ten volle. Voor sommige vredegerechten worden jaarlijks honderdduizenden aan huurgeld betaald. Haal die toch naar het Paleis: er is plaats en je bespaart. Verlies ook het belang van symbolen niet uit het oog. Met de rug naar het parlement, de wetgevende macht, kijk je in de richting van het koninklijk paleis, de uitvoerende macht.

leven is. Het is hier Kinshasa niet of de een of andere Zuid-Amerikaanse stad. Maar er is wel criminaliteit en die moet je aanpakken. Het probleem is dat celstraffen onder de drie jaar amper nog uitgevoerd worden. Daders voelen zich vrij om verder te doen. Dat gaat van graffiti, diefstal en inbraak tot het stelen van voertuigen. In Nederland is er nultolerantie en daar neemt de criminaliteit af. Als minister-president zou ik al mijn macht en invloed aanwenden om op nationaal niveau met de parketten-generaal, de magistratuur,

“ De regering-Van Gerven I maakt van het Poelaertplein de plek waar je met alle juridische problemen terechtkunt” Geboren in 1962 in SintNiklaas. Sinds 1999 partner bij NautaDutilh, met meer dan vierhonderd advocaten, notarissen en belastingadviseurs een van de grootste advocatenkantoren in Europa. Expert in vennootschapsrecht. Lid van de Balie van New York. Stafhouder van de Nederlandse Orde van Advocaten bij de Balie te Brussel. Straks voorzitter van de raad van toezicht van FSMA. Dat is de commissie die toezicht houdt op de banken. NR

Een justitieplein Het Justitiepaleis opgeven? Met man en macht zou de regering-Van Gerven I zich daartegen verzetten. “We moeten het grootste gerechtsgebouw van Europa beschouwen als een prachtig monument. Laat dat toch niet in de stellingen staan! De Balie heeft Paris Match gehaald met een pleidooi voor het behoud van het Justitiepaleis. Een desaffec-

Kijk nog wat verder, en je ziet het Justitiepaleis waar rechters de wetgeving toepassen. Dat is mooi.” “Ik zou van het Poelaertplein de plek maken waar je met alle juridische problemen terechtkunt. Dat is nu al bijna zo.” Van Gerven verwacht een masterplan voor Justitiepaleis en omgeving zodra er een nieuwe regering is. “Zelfs de Marollen, die vroeger zo tegen het Justitiepaleis gekant waren, pleiten nu voor een opwaardering. Het is een referentiepunt.”

Nultolerantie tatie is absurd. Je kunt het nergens anders voor gebruiken. Waar zou je naartoe moeten met het Hof van Cassatie, hof van beroep, de Balie

E-PRIMEUR VOOR BERCHEM

De aanpak van lichte criminaliteit is een prioriteit voor Van Gerven. “Brussel associeer ik niet met een buurt waar het moeilijk of gevaarlijk

de balies en de wetgevende macht na te denken over nieuwe sanctieen remediëringsmogelijkheden.” De minister-president verklaart zich nader: “Belangrijk is dat daders inzien dat ze niet mogen herbeginnen. Dat kan door op te voeden én – niet of ! – af te schrikken. Leer- en werkstraffen bestaan al. Ik zou ook het arsenaal aan strafsancties en geldboetes uitbreiden om de lichte criminaliteit aan te pakken. Je hoeft de mensen daarom nog niet op te sluiten. Er zitten te veel mensen in de gevangenis. Een andere straf kan evenveel pijn doen en even hard afschrikken. Geef de rechters een ruimere waaier aan straffen zodat ze de gepaste straf kunnen geven. Zo vermijd je dat de daders van een

gemeenteraad en het college zitten nu in het elektronische sys­teem. Inmiddels is Berchem ook proefkonijn geweest voor de applicatie Tutelle X-change. Brusselse gemeenten sturen hun gemeentebesluiten van openbare en van gesloten zittingen (van het college) doorgaans aangetekend of per koerier naar het Gewest. Met Tutelle X-change kan Berchem de stukken sinds 29 juni elektronisch (ondertekend) bezorgen. Daardoor wordt bespaard op tijd (en loonkosten) van de bode en op papier. Het CIBG hoopt dat alle Brusselse gemeenten snel op de trein zullen springen, maar kan nog niet precies zeggen wanneer dat zal zijn. Sint-Joost-ten-Node is intussen al aan het proefdraaien.

Propere stad Onze zomerpresident is voorstander van de uitbouw van Brussel als de multiculturele hoofdstad van Europa. “Dat is de toekomst. Het komt iedereen ten goede.” Dat houdt een nettere stad in. “Kijk rond, er ligt te veel vuiligheid op straat. Dat is spijtig. Ik was onlangs in Amsterdam, het was daar proper. Het kan dus. Steden moeten niet vuil zijn. In een propere stad is het zoveel prettiger wonen, werken, rondlopen.” “Vergeleken met Parijs liggen de mooie stukken van Brussel erg verspreid. Lelijke straten wisselen mooie af. Ik zou dat in elkaar willen laten vloeien. Dat vergt een globale aanpak. Verschillende delen van Brussel zijn al prachtig gerenoveerd. Die inspanning wordt uiteraard verder gezet.” “Verkeersproblemen zullen er altijd zijn. Parijs en New York beschikken wél over een fantastisch metronetwerk en daar zijn ook problemen. Dat neemt niet weg dat we het openbaar vervoer verder moeten verbeteren en rationaliseren.” En, smaakt het presidentschapvoor-een-dag naar meer? Van Gerven grijnst. “Veel advocaten stappen in de politiek. Dat is goed. De kwaliteit van de wetgeving is soms bedenkelijk, het is vaak haastwerk. Zoals iedereen heb ik ooit wel politieke ambities gehad. Maar hedendaagse politiek vergt een grote tijdsinvestering. Je moet er jaren mee bezig zijn. Ik heb die investering niet gedaan. Maar de Balie is wel altijd bereid om politici bij te staan, ook in de voorbereiding van de wetgeving.”

Niels Ruëll

ADVERTENTIE

BRUSSEL – Na de laatste gemeenteraadszitting voor het zomerreces heeft Sint-Agatha-Berchem de besluiten elektronisch en met e-handtekening gecommuniceerd aan het Hoofdstedelijk Gewest. Daarmee is Berchem de eerste Belgische gemeente die college- en gemeenteraadsbeslissingen met de computer aan de toezichthoudende overheid meldt. Sinds 2008 werkt het Centrum voor Informatica voor het Brussels Gewest (CIBG) aan een systeem om de correspondentie tussen overheden te informatiseren, onder meer om de papierberg wat te reduceren. De gemeente Sint-Agatha-Berchem zag het wel zitten om als proefgemeente mee te draaien in de uitwerking van de applicaties. Eerst ontwikkelde het CIBG het BackOffice (BO) Secretariaat, dat de beraadslagingen van de gemeentediensten kan beheren. Sinds oktober 2010 werd getest of de applicatie stabiel was. Na het proefdraaien is het systeem nu veilig genoeg ge­ bleken om in gebruik te nemen. Gedaan met ettelijke kilo’s administratief papier; met de BO-applicatie kunnen de dossiers die de gemeentediensten met de schepenen behandelen, beheerd worden. Ook de agenda en de registers van de

licht misdrijf ’s anderendaags weer herbeginnen. Het zou Brussel zoveel leefbaarder maken.”

Jean-Marie Binst

Het Brussels Overleg Thuiszorg (BOT) heeft als opdracht om in het Brussels Hoofdstedelijk Gewest de toegang tot de eerstelijnsgezondheidszorg en in het bijzonder de thuiszorg te vergemakkelijken. Dit gebeurt door informatie te verstrekken, samenwerking te bevorderen en advies te verlenen.

Wij zoeken:

STAFMEDEWERKER (BACHELOR) Wij bieden: contract onbepaalde duur met proefperiode van zes maanden, barema PC 319 B1b, maaltijdcheques, eindejaarspremie, hospitalisatieverzekering, glijdende werkuren, volledige terugbetaling woon-werkverkeer met openbaar vervoer, overname relevante anciënniteit.

Solliciteren vóór 15 augustus 2011 naar BOT vzw t.a.v. Dorrit Moortgat (coördinator), Lakensestraat 76, 1000 Brussel of (bij voorkeur) mail naar dorrit.moortgat@botvzw.be. Volledige vacature op www.botvzw.be.


BDW 1289 PAGINA 6 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

irisnet.be, donderdag 21 april 2011: Op woensdag 20 april tussen 16u40 en 16u50 liep ik rond in het premetro­ station Rogier om er tram 25 richting Boondaal te nemen. In de drukte die op dat moment van de dag gebruikelijk is, ben ik jammer genoeg een waardevol boek verloren. De kans is groot dat dit gebeurd is in het station Rogier. Het boek is onge­ merkt uit mijn tas geglipt of gestolen. Ik heb eerder al gemerkt dat er in het premetrostation Rogier heel wat be­ wakingscamera’s hangen. Volgens de wet op de camerabewaking van 21 maart 2007, artikel 12, heeft een­ ieder het recht om van hem gemaakte beelden op te vragen. De beelden van dat tijdstip bekijken kan misschien opheldering bieden waar ik mijn boek verloren ben, of dat het gestolen is. Vandaar mijn verzoek. Met de meeste hoogachting. En kijk, na een week krijgen we al antwoord van iemand van de dienst Veiligheid en Preventie van de MIVB:

Metrostation Rogier: de camera draait. Wie houdt ons de spiegel voor?

© BART DEWAELE

Reportage > Camerabewaking in de stad getest

Ook u mag kijken (maar weet u dat wel?) BRUSSEL – De hoofdstad hangt vol bewakingscamera’s voor uw en onze veiligheid. Niets mis mee, maar u weet uiteraard dat u het recht hebt alle beelden die gemaakt worden van uzelf, op te vragen? Dat weet u niet? Niet zo verwonderlijk, want hoewel de wetgeving het expliciet vermeldt, blijkt de interpretatie van die regel nogal variabel. BDW liet zich filmen en trok met de wet aan zijn kant naar Big Brother.

H

et verhaal begint in de winter van vorig jaar: journalist Arnold Karskens wordt in het Noordstation gearresteerd wanneer hij een reportage maakt over daklozen die in het station overnachten, maar bij de sluiting van het station worden buitengezet. Karskens schreeuwt zijn onschuld uit, de politie ontkent dat de arrestatie overbodig was. “Als dat zo is,” zegt Karskens, “dat ze dan de camerabeelden vrijgeven waarop te zien is hoe ik onterecht word gearresteerd.” Karskens heeft de wet aan zijn kant, want hij heeft als burger inderdaad het recht om van hem gemaakte camerabeelden op te vragen. De beelden blijken echter al vernietigd. De wet op de camerabewaking (21 maart 2007), artikel 12: “Iedere

gefilmde persoon heeft een recht van toegang tot de beelden. Hij richt daartoe een gemotiveerd verzoek aan de verantwoordelijke voor de ver­ werking conform de artikelen 10 en

kunnen komen hoe en waarom die informatie verwerkt wordt. De wet schrijft voor dat hij binnen de 45 dagen na verwerking inzagerecht heeft.

Wij hebben uw aanvraag goed ontvangen betreffende de toegang tot de beelden van onze bewakings­ camera’s volgende van de wet van 8 december 1992.” In die laatste wet staat onder meer uitgelegd dat de burger van hem geregistreerde informatie – zoals camerabeelden – mag controleren en dat hij ook te weten moet

Een verdere prikkel: ondergetekende komt te weten dat in de geschiedenis van de MIVB nog nooit een individu camerabeelden opge­v raagd heeft. Als u het ons vraagt: tijd dat daar eens verandering in komt.

Plan: we laten ons filmen in het metro­station Rogier en vragen dan de beelden op. Maar daar hoort natuurlijk een verhaal bij. Het verzoek moet immers ‘gemotiveerd’ zijn. Wel, we zijn een boek kwijtgeraakt toen we in het metrostation rondliepen, en de camerabeelden die van ons zijn gemaakt, moeten toch uitsluitsel geven of dat boek gewoon uit onze tas gevallen is, dan wel gestolen is. “Een goed idee,” zegt jurist en rechtsfilosoof Paul De Hert van de VUB. “De wet van 21 maart 2007 is wel een goede wet, met oog voor de privacy van de burger, maar het kan geen kwaad dat een journalist eens controleert of de wet ook daadwerkelijk nageleefd wordt.” Maar een journalist, dat is natuurlijk al te doorzichtig voor de MIVB, dus vermommen we ons als burger en gebruiken we alleen de kanalen die voor de burger toegankelijk zijn. Dus initieel geen woordvoerders of communicatieverantwoordelijken. Onze e-mail naar cameras@mivb.

Wij hebben uw aanvraag goed ont­ vangen betreffende de toegang tot de beelden van onze bewakingscamera’s van 20 april tussen 16u40 en 16u50 in het Rogierstation. De gegevens in ons bezit laten spijtig genoeg niet toe vast te stellen waar u uw boek verloren zou hebben. Ge­ zien er veel personen verschijnen op de potentiële betreffende beelden, achten wij dat dit een inbreuk is op de persoonlijke levenssfeer van deze personen door u toelating te geven de beelden te bekijken met als enige doel een boek terug te vinden. Dit is dan ook de reden waarom wij niet positief kunnen antwoorden op uw vraag onze beelden te bekijken. Wij stellen voor dat u een verklaring van verlies van uw boek indient bij onze dienst Verloren Voorwerpen, gelokaliseerd in het metrostation Naamsepoort. Deze dienst is open op maandag en woensdag van 12u tot 18u. Met vriendelijke groeten. Dat ruikt naar afschepen. Maar goed, het is al beleefd van de MIVB dat ze ons binnen een redelijke termijn terugmailen. Laten we echter een poosje wachten. Misschien komen ze na 45 dagen wel tot inkeer. Eind juli 2011. We zijn ruimhartig geweest met de tijd, maar het wordt tijd de burgerkleren af te werpen en het journalistenpak aan te trekken. Eerst nog eens Paul De Hert de MIVB-mail laten lezen. “Dikke zever,” zegt die. “Met het argument dat de privacy van anderen in het gedrang komt als u die beelden bekijkt, kunnen ze iedereen met een kluitje in het riet sturen.” Guy Sablon, woordvoerder van de MIVB, zegt dat onze e-mail in april onderwerp van gesprek is geweest bij de vervoersmaatschappij. “Het was een uitzonderlijk geval. Na overleg met de juridische dienst en de Privacycommissie hebben we besloten u geen inzage te geven in die beelden. U hebt namelijk gemotiveerd waarom u de beelden wilde zien – u was een boek verloren. Dat maakte het voor ons mogelijk af te


BDW 1289 PAGINA 7 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

wegen of de zaak belangrijk was of niet en of de privacy van derden in het gedrang kwam. Uiteindelijk hebben we besloten de beelden niet te laten zien, al zat niet iedereen op die lijn.” Met andere woorden: als ik niet dat verhaaltje over dat boek had gebruikt, maar gewoon gezegd had dat ik die beelden wilde zien zonder meer, dan was het in orde geweest? “Inderdaad. Ik weet dat het absurd klinkt,” zegt Sablon. “U bent trouwens de eerste die ons zoiets vraagt.”

Grondrecht Toch maar eventjes naar de Privacy­ commissie bellen, ter controle. De Privacycommissie waakt over de bescherming van de persoonlijke levenssfeer van burgers. “Wij hebben over die aanvraag bij de MIVB niets teruggevonden in onze geschreven documenten,” zegt woordvoerster Eva Wiertz. “Maar wij kunnen wel akkoord gaan met de MIVB en hun afweging. De wet biedt de mogelijkheid beelden op te vragen zodat burgers kunnen controleren of beelden van hen volgens de regels van de wet worden verwerkt. Maar een motivatie is altijd verplicht. Zonder motivatie is er van toegang geen sprake.” Dat wordt al moeilijk. De MIVB zegt dat ze door onze motivatie een afweging kon maken, en dat we helemaal geen motivatie hoefden te geven om beelden te bekijken. De Privacycommissie en de wet zeggen dan weer dat een motivatie altijd no-

dig is. Dus: geven we een motivatie, dan riskeren we dat er een afweging wordt gemaakt en dat we bot vangen. En geven we geen motivatie, dan zijn we in strijd met de wet. “Strikt genomen hebben burgers inderdaad het recht om camerabeelden te controleren, en dat is een grondrecht, maar ook grondrechten zijn niet absoluut. Er moet dus een afweging gemaakt worden tegenover de grondrechten van anderen,” zegt Wiertz nog. Ronny Saelens, privacy­specialist en een VUB-collega van Paul De Hert, vindt de redenering van de MIVB nochtans ook vreemd. “Het feit alleen dat derden in beeld kunnen komen is onvoldoende om uw verzoek te weigeren. Dat derden in beeld komen, is immers onlosmakelijk verbonden met uw recht van toegang. De MIVB moet dan het nodige doen om derden tijdelijk onherkenbaar te maken. De Privacycommissie heeft zich vroeger negatief uitgelaten over de beperking op het recht van toegang tot uw gegevens. Uw recht van toegang tot de opgenomen beelden is immers een modaliteit die een beperking inhoudt op uw algemeen recht van toegang tot uw gegevens via de zogenaamde privacywet. Want de privacywet vereist geen gemotiveerd verzoek om uw gegevens in te kijken. En precies deze democratische actie wordt nu door de camerawet aan banden gelegd.” Grote Broer wint.

Christophe Degreef

P-PRAAT Goed opletten. “De Pauw stelde vast dat er in 2007 een stijging van 72 procent van de gemeentelijke sane­ ringsvergoeding werd ingevoerd. In 2008 is men overgegaan tot een stijging van 10 procent van de gewestelijke saneringsvergoeding. In 2009 is ook de waterprijs met 4,2 procent gestegen. In 2010 steeg de waterprijs met maar liefst 16 procent, en was er eveneens een stijging van 40 procent van de gemeentelijke saneringsvergoeding. Daarenboven werd er nog een stijging van 10 procent doorgevoerd betreffende de gewestelijke saneringsvergoe­ ding. 2011 tenslotte bracht een stijging van 10 procent van de waterprijs met zich mee, alsook een verhoging van 30 procent en tien procent van respectievelijk de gemeentelijke en de gewestelijke saneringsvergoeding. Concreet betekent dit dat de waterfactuur van een gezin met een gemiddeld verbruik van 60 kubieke meter tussen 2005 en 2011 met meer dan 60 procent gestegen is.” Persbericht van Brigitte De Pauw, Brussels parlementslid voor CD&V en behoorlijk geïnteresseerd in percenten. Vijftig procent van een derde van de helft van ons brein zegt dat u als attente lezer niet meer mee bent na de helft van bovenstaande rekensom. De rest zegt dat de medewerker van De Pauw die dit berekend heeft, gerust kan meedingen voor de Fields Medal. Dus... Een stijging van 72 procent, een jaar later nog eens tien procent en nog een jaar later vier komma twee, dat geeft... euh, hmmm... Opnieuw.

CHIEN ÉCRASÉ HAVENLAAN – Het is weer zover, de stad wordt opgeschud door een ontzettend belangrijk probleem. De platanen langs de Havenlaan, namelijk. Geen hangjongeren, maar hangbomen. Driehonderd, zeg! Brussels minister van het Tegengaan van Hangbomen Brigitte Grouwels (CD&V) wil er korte metten mee maken en die hangbomen gewoon laten wegbulldozeren omdat ze de onhebbelijke gewoonte hebben diep te wortelen en voetpad en rijweg gestaag te slopen. Krijgt ze meteen een bewonersvereniging op haar dak die ‘ludieke’ affiches aan die bomen ophangt met ‘Te jong om te sterven’. Van een emotioneel, ehm, debat gesproken. Zullen wij u zeggen waarom die bomen weg moeten? Platanen stinken. Of hebt u nog nooit na een regenbui onder platanen gelopen? HUART HAMOIRLAAN – Ginkgo’s stinken ook, maar die hebben nog de verdienste dat hun vruchten goed smaken in de wok. Volgens de culinair journalist van deze krant toch, en hij zal het wel weten. Als de platanen van de Havenlaan dan toch blijven staan, kunnen we ook deze laanbomen verorberen. Plataanschorsthee, carpaccio van platanenbolster en plataanmousse behoren tot de mogelijkheden. If you can’t beat them, eat them. ADVERTENTIE

S D N E S K D E N E E K W E R E E W M R O E Z E M O IG Z L E A ZZALIG

! K C R A P U R B IN

6 & 7 AUGUSTUS:

FEEËRIEK WEEKEND Weekends boordevol fun en animatie voor groot en klein van 13u tot 18u

20 & 21 AUGUSTUS:

CIRCUS WEEKEND

GRATIS KINDERANIMATIE

op weekdagen in juli en augustus (13u - 18u)

“MINI EUROPE BY NIGHT”: Elke zaterdag van 23 juli tot 20 augustus park open tot 24u met telkens muzik vuurwerk vanaf 22u30.

aal

R W W W. B

CK. U PA R

COM


BDW 1289 PAGINA 8 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

© SASKIA VANDERSTICHELE

SSCCHH

De gemeente Schaarbeek was niet opgezet met de bouw van de Sint-Mariakerk: ze ontnam haar het royale uitzicht op het Koningsplein.

AA

RBEEK

011 8-2 0 04

God van de daken (1) > De Koninklijke Sint-Mariakerk van Schaarbeek

Een bewogen geschiedenis De Brusselse kerken lopen leeg. De gebouwen blijven staan. Ze zijn niet uit de wijken weg te denken. Wij kropen op het dak. Zo hoog we konden. En zagen Brussel in al zijn brute schoonheid.

T

oen de Vlaamse pastoor Fritz Bouvry in 1977 de na het Tweede Vaticaans Concilie in onbruik geraakte Koninklijke SintMariakerk in Schaarbeek betrad, leek het wel één grote duiventil. Hij zag een prachtige kerk, maar volledig verloederd en bedekt onder een dikke laag duivenstront. Dat de kerk er nog stond, daar aan de Koningsstraat, mocht een wonder heten. Vastgoedontwikkelaars hadden in de jaren 1970 wilde plannen om ze af te breken. Toen ze zagen hoeveel ettelijke miljoenen dát zou kosten, hebben ze maar vlug afgehaakt. Er rees ook protest. Actievoerders, onder wie Bouvry zelf, hadden met lede ogen ge-

zien hoe in de Noordwijk eerst de Sint-Rochuskerk werd gesloopt en vervolgens de rest van wijk. Het zadelde Brussel op met een gigantische kater. Eerst de kerk afbreken en dan de wijk: dat scenario moest tot elke prijs vermeden worden. De Sint-Mariakerk werd in 1976 in allerijl beschermd. Ze is intussen ook gerestaureerd, op het magnifieke orgel en het koperen altaar na. Een krachtig gloednieuw verwarmingssysteem zorgt ervoor dat de kerk niet aftakelt. De Sint-Mariakerk is gebouwd in Byzantijns-Romaanse stijl. De Gentse architect Louis Van Overstraeten vond in de actualisering van de antieke architectuur een esthetisch

ideaal. Hij tekende een achthoekige kerk met apsiskapellen rond een centraal deel, gedomineerd door een indrukwekkende koepel. In 1853 werd de kerk ingewijd, pas vijftig jaar later was ze volledig klaar. Schaarbeek was aanvankelijk niet opgezet met het plan. De kerk ontnam haar het royale zicht van­uit het gemeentehuis op het Koningsplein, de residentie van de Bel­g ische vorsten. Toch zou de Konink­lijke Sint-Mariakerk een van de be­ langrijkste godshuizen van Schaarbeek worden. In het interbellum beleefde de kerk haar glorietijd, met mooie bruiloften en somptueuze begrafenissen. Die van de componist Puccini bijvoorbeeld, die in

1924 onverwachts in Brussel overleed. Een kerk van het koningshuis is de – nochtans Koninklijke – Sint-Mariakerk nooit geworden. Dat was wel de bedoeling, maar in 1855 legde Leopold I de eerste steen van de kerk van Laken. Hij had zich bedacht. Tot vandaag is de kerk van Laken de enige echte koninklijke kerk. We vatten de beklimming van de 186 trappen aan en komen eerst langs het platform met de kleine klokkentorens. Priester Bouvry opent het torentje en vertelt hoe de Duitsers tijdens de Tweede Wereldoorlog in hun zoektocht naar brons de grote klokken weghaalden. “Maar deze kleinere klokken hebben ze nooit gevonden.” De klokken, uit de achttiende eeuw, hoorden bij de kapel die vóór de bouw van de Sint-Mariakerk een beetje verderop stond, toen de heuvel waarop de Sint-Mariakerk staat, nog een bedevaartsoord was.

Het gaat hoger en hoger in de soms pikdonkere trappenhal. In een nis liggen de kadavers van twee duiven. Ze liggen er mooi, als een geschilderd stilleven. Het zicht op de achthoekige omgang van de koepel is adembenemend. De skyline van Noordwijk aan de ene kant, minuscule Schaarbeekse huisjes aan de andere kant. De Kruidtuin vooraan, het gemeentehuis van Schaarbeek achteraan. Bouvry wil nog de klokkentoren achteraan tonen. We lopen door de sacristie en gaan weer trappen op. “Vroeger trok ik aan een touw. Vandaag is alles volautomatisch,” zegt de pastoor. Of toch niet? Bouvry begint aan het vliegwiel te draaien. De klokken luiden, op deze doordeweekse dag op een doordeweeks moment. Hoeveel mensen in de buurt kijken daar nog van op?

Steven Van Garsse


BDW 1289 PAGINA 9 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

OPENBARE BIBLIOTHEKEN IN BRUSSEL aflevering 16 SCHAARBEEK

Je kunt in de Lambermontlaan niet naast de bibliotheek kijken. En als je dat toch doet, dan zie je links de Franstalige bib, rechts het sportcentrum Kinetix en Aeropolis II, met de hoofdzetel van de KAV en diensten van de CM, waar de bib elk jaar met een infostandje naartoe trekt. “Door te verhuizen naar deze centrale ligging zagen we onze leden en uitleningen met een derde stijgen. Maar mooie cijfers vertellen niet alles,” zegt bibliothecaresse Nadine Christiaens. “Nog mooier is dat we zowel hoogopgeleiden als minder gegoeden, zowel allochtonen als autochtonen over de vloer krijgen. We hebben ook een publiek dat voor onze cd’s en dvd’s komt.” Het e-boek schrikt Christiaens persoonlijk niet af. “Het lijkt me geknipt voor informatie, de krant en tijdschriftartikels. Maar voor romans? Of is dat ook een gewoonte? Eigenlijk streven we naar een mix van behoud van wat goed is en oog voor nieuwigheden.” Met haar team houdt Christiaens de vinger aan de pols. Zij waren in Brussel de eerste met Boekbaby’s, een tienerbib en

© AN DEVROE

Buurten op het leesplein

In Schaarbeek bedient de bibliotheek iedereen, “hoog- en laagopgeleiden, allochtonen, autochtonen: een waaier.”

voorleesmomenten, stempelkaartjes met beloningssysteem en de Kinder- en Jeugdjury leggen de basis. Voor het iets oudere volkje zet het bibpersoneel zich ook schrap. “Er is een verschil tussen surfen en vinden wat je zoekt. Soms zijn ze verbaasd om te horen dat wij ook een boek hebben over wat ze zoeken, of we suggereren bronnen waarvan ze misschien nog niet gehoord hebben.” In Brussel spelen bibs volgens Christiaens nog een andere, unieke rol. “In een stad waar een vierde zonder inkomen zit, helpen bibs de informatiekloof te dichten. Je hebt hier ook heel spontane ontmoetingen, terwijl de bib net zo goed een rustige werkplek biedt tussen al het gewoel van de stad. Er zullen nu eenmaal altijd mensen zijn die graag tussen de boeken zitten.” In Schaarbeek doen ze dat bijzonder graag, zo blijkt uit maar liefst twee leeskringen die de bib leesvoer verschaft. De koffiekoeken ontbreken niet bij de leeskring Leesme! op zaterdagvoormiddag, terwijl Boekenboudoir het op woensdagavond met een glaasje wijn doet. Dat levert gegarandeerd totaal verschillende gesprekken op.

een makkelijk-lezen-plein, intussen allemaal opgepikt door andere bibs. “Door ons Boekbaby-project begonnen het Streekgericht Biblio­ theekbeleid Brussel (SBB) en het Huis van het Nederlands met de Boekbaby’s in consultatiebureaus.

In onze bib kan elke jonge moeder of vader een boekenpakket voor de baby afhalen. Tieners hebben hun eigen plekje; je kunnen afzonderen is een must op die leeftijd. Op het makkelijk-lezen-plein, een idee dat we meebrachten van een studiereis

naar Nederland, vind je cursussen Nederlands, eenvoudig geschreven romans, maar bijvoorbeeld ook een leesliniaal en een vergrootglas,” vertelt Christiaens. Een ruime scholenwerking en attracties zoals de Leesoortjes-

Lambermontlaan 224, 1030 Schaarbeek, 02-245.32.90, www.schaarbeek.bibliotheek.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/bib

ADVERTENTIE

Welkom in het huisvandeMens! Je kan bij ons terecht voor: > Informatie, vormingen, debatten over ethische, maatschappelijke en levensbeschouwelijke thema’s > Vrijzinnig humanistische plechtigheden > Waardig levenseinde > Morele bijstand > Vrijwilligerswerk

Stalingradlaan 18-20, 1000 Brussel [Premetrostation Anneessens] tel. 02 242 36 02 E-mail: brussel@deMens.nu

Jetse Laan 362, 1090 Jette [Bus 14 halte Legrelle] tel. 02 513 16 33 E-mail: jette@deMens.nu

An Devroe


BDW 1289 PAGINA 10 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

len zoals iedereen.” Toch kloppen die vooroordelen niet. Bezetters zijn zich, vaak meer nog dan de eigenaar, bewust van de waarde van het pand en van het belang om het gebouw te verzorgen en waar nodig op te knappen. Tegelijkertijd is een eigen woning een noodzakelijk gegeven om een verder leven uit te bouwen. Zonder een veilige thuisomgeving is het onmogelijk om te werken, te studeren of te leven. Deze bezetting is meer dan een simpele kraak en heeft ook niet tot doel

“ Bezetters zijn zich, vaak nog meer dan de eigenaar, bewust van de waarde van een pand”

Bezetters op de stoep van Louizalaan 280. “Vanuit een bezetting moeten sociaal-artistieke projecten kunnen groeien die de sociale cohesie ten goede komen.”

© JO VOETS

Maatschappij > JES Stadslabo verdedigt bezetting Louizalaan 280

Kraken, bezetten, profiteren BRUSSEL – De bezetters van Louizalaan 280 hangt dezer dagen een uitzettingsbevel boven het hoofd. Toch wilden Thomas Devos en Hanne Stevens – hun JES Stadslabo steunt samen met Bij Ons en Woningen 123 Logements de bezetting – voor BDW even op een rijtje zetten waarom het legitiem is een leegstaand pand zonder bestemming te bezetten.

BDWOPINIE “Dat ze toch gaan werken, dan kunnen ze wel huur betalen.” Of: “Krakers zijn profiteurs die azen op een luxepand.” De reacties op de bezetting van het voormalige bankgebouw in beaux-artsstijl aan de Louiza­laan 280 spreken voor zich. Maar waarom zien steeds meer mensen zich genoodzaakt om over te gaan tot een bezetting? De mensen die het pand aan de Louiza­laan bezetten, willen een tijdelijke oplossing bieden voor de steeds acuter wordende wooncrisis. De toegang tot degelijke en betaalbare woningen wordt steeds moeilijker in Brussel, zelfs voor werkende mensen. De huurprijzen op de Brusselse privémarkt swingen al jaren de pan uit. Volgens cijfers uit het armoederapport 2010 besteedt een alleenstaande met een leefloon voor een studio op de privémarkt

gemiddeld 53,1 procent van zijn inkomen aan huur. Voor een appartement met één slaapkamer wordt dat al gauw 64,6 procent. Zo’n 37.000 gezinnen wachten op een sociale woning. Tegelijkertijd kampt Brussel met een enorm leegstandsprobleem. De stad telt vijftien- à dertigduizend ongebruikte wooneenheden. Daarvan is tachtig procent in bezit van privé-eigenaars. De Stad Brussel heft – zoals de wet op de leegstand het voorschrijft – een leegstandsbelasting. Helaas beschouwen sommige eigenaars van leegstaande gebouwen dit als een rechtvaardiging om een pand in onbruik te laten. Voor het gebouw aan de Louizalaan bedroeg die belasting 9.750 euro in 2009 en 19.500 euro in 2010.

Loterijen en speculatie Een betaalbare en degelijke woning in Brussel vinden is haast te vergelijken met een loterij. Wie meer geld heeft om te investeren, heeft ook

Thomas Devos en Hanne Stevens.

meer kans om de gelukkige huurder van een woning te worden. Privéeigenaars stellen steeds hogere eisen, die daarenboven niet altijd conform de wet zijn. Denk maar aan een officieel bewijs van inkomen, of een waarborg van drie maanden. Zo kunnen de eigenaars de lagere inkomens uit hun woningen weren. Bovendien – laten we eerlijk zijn – is het vaak ook makkelijker om als Jan Janssens aan een degelijke woning te raken dan als Mohammed Shirazi. Efficiënte oplossingen voor de woningnood slepen al enkele beleidstermijnen aan, terwijl de nood voor

velen steeds hoger wordt. Effectieve oplossingen tegen langdurige leegstand zijn nagenoeg onbestaande, en malafide zaken zoals speculatie, discriminatie en huisjesmelkerij worden nog altijd onvoldoende aangepakt.

Bezetten, meer dan kraken De publieke opinie kan zich meestal niet vinden in de bezetting van privé-eigendommen. Activisten die panden bezetten, worden al te vaak beschouwd als profiteurs die een gebouw naar de vaantjes zullen helpen. “Dat soort mensen moet maar gewoon werk zoeken en huur beta-

om luxueus te leven zonder huur te betalen. Het idee is het pand te gebruiken, in overeenkomst met de eigenaar, zolang er geen andere bestemming voor is. Het biedt een tijdelijk sociaal vangnet aan mensen die het moeilijk hebben. Een bezet pand vervult een bredere maatschappelijke functie: het brengt mensen uit verschillende achtergronden samen, het versterkt mensen en biedt een kans voor hen die door de mazen van het sociale vangnet gevallen zijn. Het is dan ook de bedoeling dat vanuit de bezetting verschillende sociaal-artistieke projecten kunnen groeien die de sociale cohesie ten goede komen. Mensen van allerlei slag moeten er terechtkunnen voor volkskeukens, filmavonden, debatten, kleinschalige concerten, enzovoorts. Ten slotte heeft een dergelijk project ook voordelen voor de eigenaar: enerzijds vervalt de plicht tot het betalen van de leegstandsheffing, anderzijds wordt de verdere verloedering van dit prachtige gebouw, dat tot het Brusselse architecturale patrimonium behoort, tegengegaan. Zelfs met de huidige inspanningen kan de Brusselse regering het structurele woningtekort op korte termijn niet wegwerken. Wij zien daarom de tijdelijke ingebruikname van leegstaande woningen zonder bestemming als noodzakelijke tussenoplossing. Het sociale grondrecht op huisvesting, zoals beschreven in artikel 23 van de grondwet, primeert volgens ons op het recht van vastgoedeigenaren om hun panden langdurig leeg te laten staan. We begrijpen dat ook eigenaars het financieel moeilijk kunnen hebben, waardoor huizen ongewild verloederen. Maar eigenaars die hun huizen laten verkommeren uit speculatie en winstbejag, dat is pervers.

Hanne Stevens en Thomas Devos, namens JES vzw


BDW 1289 PAGINA 11 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

BRIEVEN VAN LEZERS   lezersbrieven@bdw.be Eenheidsworst Ik had het al gemerkt aan mijn dagelijkse ploetertochten op de laan, er wás iets aan het veranderen aan de noordzuidas van onze Europese hoofdstad. Straatverlichting om de donkere boevengaten op te vullen? De voetpaden met hun losliggende tegels en putten hersteld? Misschien toch een fietspad voor een van de meest befietste lanen van de binnenstad? Werden de verkrotting en leegstand aangepakt? Nee, wel een oppervlakkig en smakeloos opsmukplan uit plastic en goedkope verf zonder visie of duurzaam beleid. Een dertigtal gevels op de Anspach- en Lemonnierlaan krijgt een beurt, en deze missie wordt gesubsidieerd én gesteund door de burgemeester van 1000 Brussel. Er is een budget van meer dan 185.000 (!) euro vrijgemaakt om de ‘winkels’ (lees: snackbars) te stimuleren om hun voorstel bij een smakeloos studiebureau voor te leggen. Resultaat: duurzaam arduin en bewerkt hout uit de vorige eeuwen metamorfoseren in gruwelijke gevels, het liefst in pvc, volgekleeft met plakletters en goedkope kleuren. Indrukwekkende aanpak én beleidsvoering om de verloedering rond de Zuidwijk tegen te gaan. Ik ga al fietsend nog op mijn bek in de bovengenoemde lanen, niet door het gebrek aan fietspaden of door de wildparkeerders, maar van verstomming door de zoveelste eenheidsworsttent verstopt achter nepdesign als oplossing voor het ‘opfrissen’ van een achtergestelde en problematische wijk in het hart van Brussel.

Sophie Nys, Anderlecht

Splitsen? Het statuut van de onderhandelaars die aanwezig zijn bij de discussie over een federaal regeerakkoord, houdt de Vlaamse opiniepers blijkbaar bezig. Belangrijk voor de politici allicht, maar voor de modale Belg telt toch vooral het bereiken van een akkoord en de inhoud. In die zin biedt een structurele financiering van Brussel meer garanties dan een splitsingslogica met een controle door de ‘betaler’. Structurele financiering betekent meteen ook fiscale autonomie en financiële verantwoordelijkheid. In de federale gezondheidszorg bijvoorbeeld hebben een kenniscentrum en benchmarking van de ziekenhuizen de situatie geobjectiveerd. Daardoor kon het Riziv de zogenaamde ongeoorloofde verschillen tussen ziekenhuizen in noord en zuid en oost en west wegwerken. Om de ontspoorde privéhospitalisatieverzekeringen en honorariasupplementen aan te pakken hebben we geen splitsing van het land nodig, wel een kordaat beleid. Brussel heeft zowel centrumfuncties die vergelijkbaar zijn met andere centrumsteden in ons land, als tal van hoofdstedelijke functies. Voor een evaluatie van de kostprijs van die centrumfuncties in de hoofdstad is vergelijkingsmateriaal met andere steden nodig. De MR toonde onlangs aan dat de zes Brusselse politiezones minder kosten aan de Brusselaar dan de kostprijs in Antwerpen. Een vergelijking van de kostprijs op basis van de dienstverlening en van de effectiviteit zou hier dieper op in kunnen gaan. Een recente studie toont aan dat de kostprijs van het gemeentelijk onderwijs per scholier in Brussel helemaal niet zo slecht is. In de drie gewesten is gemeentelijk onderwijs de deficitaire functie op de begroting, en in Brussel en Wallonië is het aandeel van het Franstalig gemeentelijk onderwijs belangrijker dan het katholieke net. In een splitsingslogica ga je bijvoorbeeld op basis van het percentage niet-Brusselse patiënten in Sint-Pieter (een Irisziekenhuis) de beheerskosten splitsen. Zinvol? Over Brussel wil iedereen meepraten, maar bij het opne-

BDWOPINIE

men van de uiteindelijke verantwoordelijkheid verschuilt men zich vaak (terecht) achter de onvoldoende homogene bevoegdheidspakketten. Alle Brusselse overheden hebben behoefte aan een kerntakendebat. Dat gaat uiteraard verder dan het lapidaire ‘schaf de gemeenten af’. Maar dat betekent ook dat Brussel moet kunnen rekenen op een structurele financiering. Weg van punctuele dotaties die afhangen van de goodwill van de politieke meerderheden in dit land, of die de speelbal kunnen zijn van allerhande kritiek op Brussel die niet noodzakelijk gehinderd wordt door kennis van het terrein. De huidige financieringswet gaat voor de gewesten uit van een financiering via de personenbelasting met een groeiende solidariteitsbijdrage voor het Hoofdstedelijk Gewest ingevolge de verarming van de bevolking. Een structurele financiering voor Brussel kan best ook rekening houden met de economische activiteit (opbrengst vennootschapsbelasting), die vandaag niet de gewesten ten goede komt. Net zoals niet de volledige opbrengst ervan per definitie in de hoofdstad moet blijven, is het wat kort door de bocht om te stellen dat Brussel geen recht heeft op een recurrente financiering door politieke (lees: communautaire) belangen. Om de problemen aan te pakken is Brussel niet gebaat bij een splitsingslogica, wel bij een structureel evenwichtige financiering met de daaraan gekoppelde verantwoordelijkheden. Wouter Bracquené, Elsene

Fietsplan (Dit is een open brief aan Bruno De Lille, Brussels staatssecretaris voor Mobiliteit (Groen!).) Onlangs zag ik een filmpje op YouTube (www.youtube.com/ watch?v=gAethD1Io_Y&feature=mfu_in_order&list=UL). Het vat één jaar fietsen in Parijs in acht minuten samen. De maker van de film, dat hadden u en ik kunnen zijn; de situatie in Parijs is identiek aan die in Brussel. Ik gebruik mijn fiets elke dag om mijn kinderen naar school te brengen, boodschappen te doen, bij vrienden langs te gaan, naar het werk te rijden. Ik ben lid geworden van Gracq en een trouwe lezer van BDW. Ik ben niet partijgebonden en woon in Brussel sinds mijn geboorte. Ik ben dus een gewone burger die van zijn Gewest(je) houdt en die graag begrijpt wat hier gebeurt. Hoewel het gemakkelijker is om door Brussel te fietsen dan pakweg vijftien jaar geleden, blijft het een echt parcours du combattant. U kent het verhaal uit het hoofd, nietwaar? U hebt dan ook een prachtig fietsplan uitgedokterd. Ik kijk er echt naar uit, hoor. Want tot op heden heb ik er niet veel van kunnen merken. Hoe ver staat u ermee, a.u.b.? En in welke mate zijn de politiediensten ingeschakeld om mee te werken aan dit plan – want zonder een effectieve vervolging van de overtreders (zowel fietsers als bestuurders) lijkt het plan doodgeboren, niet? Geen vat op de politiediensten, want gemeentelijk bestuurd, zegt u? Is dat nog een argument sinds u (het Gewest) de Gemeentewet in handen hebt? Nog een bedenking: waarom vinden wij in Brussel dat het minimum volstaat? Brussel kan veel beter, daar bent u het toch mee eens, hoop ik. U bent twee jaar geleden verkozen. Nog drie te gaan. Komaan, maak er werk van.

Mikaël Van Eeckhoudt, Sint-Gillis

Oproep Beste lezer die ons op 12 juli belde met de vraag over Rik Wouters en Eric Min: wij zijn uw telefoonnummer kwijtgeraakt. Zou u ons alstublieft willen terugbellen op 02-226.45.51? Met de alleroprechtste excuses voor de slordigheid.

SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.

Op kamp door Anne Brumagne Of dat toch niet een beetje te veel op Big Brother lijkt, vraagt een collega die niet toevallig een reportage over camerabewaking aan het uitschrijven is. Elke werkdag op de middag surf ik naar de site van de jeugdbeweging, waar rond die tijd weer tientallen foto’s worden gepubliceerd van de kinderen op kamp in de duinen van Limburg. Big Mama? Allicht. Maar een moeder is nu eenmaal ongeruster dan ze wil toegeven. En stiekem jaloers als ze al die vuile gezichten op kamp ziet terwijl ze zelf proper gewassen aan haar bureau zit. Gelukkig is het aan dat bureau rustiger en is er eindelijk tijd om de uitgebreide studie Jong in Brussel grondiger te lezen. Toen die in het voorjaar verscheen, werd vooral aandacht besteed aan het onrustwekkende antisemitisme bij jongeren met een moslimachtergrond. Maar de studie ging ook over ‘dagelijkser’ onderwerpen, onder andere over de participatie van Brusselse jongeren aan het verenigingsleven. Uit eerder onderzoek was gebleken dat Vlaamse jongeren vrij massaal lid zijn van allerlei verenigingen. Bij Brusselse jongeren blijkt dat minder het geval. Echt verrassend is het niet meer dat jongeren met een allochtone achtergrond minder participeren, en allochtone moslims het minst van al. Allochtone jongeren blijven zo uitgesloten van de positieve effecten die door het verenigingsleven worden gegenereerd, zo schrijven de onderzoekers van Jong in Brussel. En dat valt te betreuren. Sportverenigingen scoren nog behoorlijk, jeugdbewegingen veel minder. Ook dát was al eerder in cijfers gegoten: jeugdbewegingen rekruteren vooral bij hoger opgeleide jongeren met hoog opgeleide ouders. En die zijn blank: Mohammed en Meryem gaan tijdens de zomervakantie niet mee naar Sparrenheem in de Kempen. Er wordt weleens geponeerd dat die van de scouts of de chiro eens bij zichzelf te rade moeten gaan over hun ‘toegankelijkheid’. Toch even vergetend dat de inzet van een jongere die naast zijn studie elke week als leider verantwoordelijkheid wil nemen voor kinderen, al gigantisch is. In Brussel zijn er jeugdbewegingen die – misschien kleinschalig – kinderen met een heel diverse achtergrond opvangen. Krijgen zij er genoeg waardering en middelen voor? Hebben ze genoeg ruimte om hun good practices aan andere groepen door te geven? Allicht zouden jeugdbewegingen ook gebaat zijn als ze betrokken worden bij de ‘brede school’-aanpak die stilaan in Brussel opgeld doet, want op school is er wel die grote diversiteit. Zolang kinderen de jeugdbeweging maar niet als een verlengstuk van de school ervaren...

EVA HILHORST


© UITG. LIDO

BDW 1289 PAGINA 12 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

VADROUILLE DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK MODE: VOLG DE GIDS BRUSSEL – ‘De hoofdstad van cool’ noemt Stephanie Duval Brussel in de Fashion Guide 2011 van de nieuwe uitgeverij Lido. In de pocketgids in zwart, grijs, wit en goud worden in 65 pagina’s evenveel winkels opgesomd. Van het gehypete Le Fabuleux Marcel de Bruxelles, de sexy lingerieboetiek van Mademoiselle Jean en brillenzaak Hoet tot les incontournables uit de Brusselse modewereld als Olivia Hainaut, Isabelle Baines, Natan en Delvaux. 25 zaken krijgen een dubbele pagina aandacht. Ze situeren zich, zoals verwacht, grotendeels in de Dansaertwijk: Haleluja voor de chiquere recyclage-couture en Hunting and Collecting, dat weinig bekende labels etaleert. Winkels dus, die door hun recente openingsdatum (2010) nog niet wijd bekend zijn. Spijtig dat er geen stadsplattegrond in de gids JMB van 14,90 euro staat.

Brussel, kind van het moeras, koestert zijn laatste vochtige gebieden. Een zomerse wandeling in vier etappes naar de ziel van onze stad. Vandaag in aflevering 1: plaats- en straatnamen met broek erin.

Reportage > Op zoek naar nat Brussel (1)

Moerassen op de kaart BRUSSEL – De Broekbeek in Anderlecht is allang van de kaart geveegd, maar een spoor van moerasplanten als de gele lis markeert nog altijd haar vallei. Waar geen natuur meer is om aan de aloude moeras­gebieden te herinneren, zijn toponiemen soms de laatste strohalm.

INGEZOOMD OP HET KANAAL BRUSSEL – De kanaalzone blijft een architectonisch en maatschappelijk rommeltje, ondanks de schaarse ambitieuze ingrepen. De socialistische sociaal-culturele vereniging Curieus Brussel ziet het met lede ogen aan. Met de fotowedstrijd Tegen de stroom in wil ze niet alleen de rea­liteit van de kanaalzone inblikken, maar vooral de verandering. De bevolking, de verkeerssituatie, de publieke ruimte, de woningen en het kanaal zelf, er is zoveel dat ‘tegen de stroom in’ kan evolueren. Iedereen, van beroeps- tot amateurfotograaf, mag materiaal inleveren (tot 31 augustus) bij kanaal@curieus.be en/of op www.curieus.be (waar ook het wedstrijdreglement te lezen is). Van de beste foto’s volgt een tentoonstelling en worden kaarten gedrukt, en alle inzendingen komen op de website. Er zijn ook prijzen, fotoboeJMB ken en dies meer.

ADVERTENTIE

Handicap & informatie Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap

 02/463.58.58 alle werkdagen van 9 tot 12u30 uitgezonderd donderdag van 14 tot 17u.

Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be

Het Moeraske in Evere.

B

russel heeft zijn naam niet gestolen, dat is bekend. Brussel of Broekzele, een ‘secundaire nederzetting afgestemd op veeteelt (sele) aan/in een moerasgebied (broek)’, wijst op een doornat verleden. En waarom zou de grotendeels ingekapselde Broekbeek haar naam trouwens niet gegeven hebben aan Broekzele, oppert Roel Jacobs in Een geschiedenis van Brussel.

© AN DEVROE

De middeleeuwse broek-toponiemen in Brussel werden nader onderzocht door de KULhistoricus Bram Vannieuwenhuyze voor zijn doctoraatsthesis over de stedenbouwkundige ontwikkeling van middeleeuws Brussel. Broek zou afgeleid zijn van het oude Germaanse woord brok, dat ‘moeras’ (eventueel ‘gebroken land’?) betekende, en in tweede instantie ‘hooiland’. Samenstellingen met broek wezen

op een alluviale (aangeslibde) vallei met zowel hooilanden en bos als water en natte heidegronden. Verschuivingen in de namen noemt Vannieuwenhuyze ‘verklikkers’ die ons heel wat kunnen leren. Zo kwam eerst gewoon Broek (of ook Palus) voor, en later, toen door ontginning en stadsontwikkeling ruimere zones werden opgesplitst, kreeg je samenstellingen, zoals


© MARIO GIACOMELLI

© MARC GYSENS

BDW 1289 PAGINA 13 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

Mama, uit nood geboren Celia Ledoux werd anderhalf jaar geleden mama van Gloria. Onderweg gooide ze alle dictatoriale do’s-and-don’ts uit de klassieke babylectuur overboord, ze ging af op haar gevoel en schreef zelf een boek: Mama. “Je kan en mag, ouder én kind, gewoon gelúkkig zijn, hoor.”

Na twee weken zomervakantie zijn we aanbeland bij de derde aflevering van de Zaziezomerportrettengalerie. Deze week zijn we te gast bij de regisseur Gust Van den Berghe. Hij tekent zichzelf, en vertelt waarom hij houdt van dansende patertjes, vrouwenshampoo en het Noordstation. KIJK, LUISTER, RUIK OP PAGINA 20-21

© AN DEVROE

LEES MEER OP PAGINA 16-17

De plantkundige Jean Massart betreurde onder meer het verdwijnen van de plaatsnaam Elsenedam, ooit de dijk die Elsene met Etterbeek verbond. Dat werd de Graystraat

ZAZIE ZOMERT WEER

Ruisbroek, Warmoesbroek, Wijbroek. Rond de vijftiende, zestiende eeuw vernauwde dit dan weer verder tot straatnamen. Vannieuwenhuyze zag Broek naar Warmoesbroek naar Warmoesbroekstraat, en Ruisbroek naar Ruisbroekstraat (rue de Ruysbroeck) evolueren.

Wijbroek

Vijf broek-toponiemen, in Brussel-stad, Anderlecht en Berchem: stille getuigen van een nat verleden. Achter het bordje ‘Broekweg’ vind je, bij de hoeve van Pie Konijn, een enorme beschermde wilg die al het vocht uit de drassige grond opzuigt.

© AN DEVROE

Wat de Zennevallei betreft, had je in het noorden van de stad op de rechteroever Warmoesbroek (oudste vermelding: 1274), en in het zuiden de Blekerij, het vroegere Broek ter Kapellen (oudste vermelding: 1252). Daaruit is nog af te leiden dat er in het noorden groenten werden geteeld, en dat men in het zuiden aan lakennijverheid deed. Vannieuwenhuyze vond ook een Schaadbroek tussen de Zenne en de Ransvoordzenne, waarvan de naam misschien alludeert op het weiden van schapen. En toponiemen als Elsbroek en Wijbroek wezen dan weer op de aanwezigheid van typische moerasbomen. Elzen en wilgen – wijbomen genoemd naar het gebruik om wilgentakken te wijden op palmzondag – houden van vochtige grond. Daarom spelen ze ook een cruciale rol in het huidige waterbeheer. In het volksgeloof is de els dikwijls de onheilsboom, misschien omdat elzenhout de mens zeer weinig tot nut is, of een boom bij ‘dode wateren’ is. Van het oorspronkelijke moerasgebied van Elsene, dat ooit evolueerde naar Elzenbroek, blijft nog slechts de els in het wapenschild de getuige. Natuurlijk verwijzen ook allerlei andere toponiemen in het Brusselse naar natte gronden. In Bosvoorde, Vilvoorde, en ook in Kalevoet, zit voorde, een doorwaadbare plaats in een waterloop, belangrijk in moerassig gebied. Of Laken, dat met zijn naam zelf al verwijst naar een waterrijk gebied, zoals je kunt nalezen in Historische toponymie van Laken van Pierre Van Nieuwenhuysen, of er nu een Keltische (lough) of Latijnse (lacus) bewijsvoering mee gemoeid is. Ook namen als Ter Plast en Nekkersdal, een dal bewoond door watergeesten, de nekkers, zijn oude getuigen van het feit dat Laken vaak overstroomde door de langzaam vloeiende Zenne en Molenbeek.

Hét symbool van Brussel: de Iris pseudocarus of gele lis, hier gespot in het moeras van Jette.

Massart Anno 2011 kom je in Brussel nog altijd broektoponiemen tegen. In Anderlecht heb je zowel de Biestebroekkaai (quai de Biestebroeck) als de Biestebroekstraat (rue de Biestebroeck). De

naam bieste verwijst naar Hof ter Biest, gebouwd langs de vroegere Bergensesteenweg, de huidige Biestebroekstraat. In de vijftiende eeuw nog een imposant versterkt slot, toebehorend aan de familie van Aa, in de loop der eeuwen tot hoeve omgebouwd, en in 1955 afgebroken. De wijk Biestebroek is minder bekend dan Neerpede of Scheut omdat ze al heel lang volledig opgeslorpt is in de stadsstructuur van de naburige wijken. De Broekstraat (rue du Marais) in de Vijfhoek is een van de oudste straten buiten de eerste omwalling. In de veertiende eeuw werden daar vooral groenten gekweekt. Aan de Zavel komen de Ruisbroekstraat (rue de Ruysbroeck) en de Bodenbroekstraat (rue Bodenbroek) samen. In Sint-Agatha-Berchem kruist de Broekstraat (rue du Broek) de Broekweg (sentier du Broek). Aan de Broekstraat 51 ligt de beschermde hoeve van Pie Konijn van rond 1900. Aan de vrijwilligers die hier de kippen, eenden en cavia’s komen verzorgen, vragen we naar het moeras. “Er is wel een beek waarvan wij ons altijd afvroegen hoe het komt dat die zo laag staat, zelfs als het hevig geregend heeft. Tot men ons vertelde dat onze wilg honderden liter water per dag kan opzuigen.” De schietwilg (Salix alba), waartoe de kippen ’s nachts hun toevlucht nemen, is als opmerkelijke boom beschermd, en dat is de Kattebroeksite, een halfnatuurlijk landschap wat verderop, ook. Als deze namen verdwijnen, of verkeerd ver-

© AN DEVROE

taald worden, dan dreigt het laatste spoor naar het verleden te verdwijnen. Nico Koedam van het VUB-lab voor Algemene Plantkunde en Natuurbeheer (APNA) haalt in een studie over het resterende groen in ons gewest graag Jean Massart aan. Deze plantkundige (aan de toen uitsluitend Franstalige universiteit van Brussel) stelde al in 1912 dat nieuwe en verfranste namen de traditionele plaatsnamen niet kunnen vervangen. In laag-Etterbeek betreurde hij de verdwijning van het Weide­ ken (nu Maalbeekstraat of rue du Maelbeek) en van Elsenedam (nu Graystraat of rue Gray), ooit de dijk die Elsene met Etterbeek verbond. Massart pleitte ervoor dat het Ukkelse valleitje van Engeland (waarin eng verwijst naar het gemeenschappelijke gebruik van een stuk land) een reservaat moest worden, omdat het een beeld gaf van de kenmerkende vegetatie van vochtige gebieden in het Brussel van weleer. Dat de door hem vermelde plantensoort Parnassia palustris (hier duikt weer palus ‘broek’ op) intussen zeer zeldzaam is, en verdwenen uit Brussel, was toen nog niet te voorzien. In 1945 moest een groot deel van de vallei eraan geloven voor het voor zijn tijd moderne kerkhofontwerp van Verrewinkel zonder, aldus Koedam, enige meerwaarde voor de vegetatie. An Devroe Volgende week in deel 2: hoe modelleerden de moerassen de stad?


BDW 1289 PAGINA 14 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

© STADSBIOGRAFIE / SAM

De Nieuwstraat door de ogen van ‘stadsbiograaf’ Arnout Willems: “Ik ben een straatfotograaf, geboeid door menselijk gedrag.”

© STADSBIOGRAFIE / Arnout Willems

Stadsbiografie: werk van (vlnr.) Willem Van Besien, Barbara Boie en Bart Azare.

Beeld > Al veertig fotografen nemen deel aan Stadsbiografie

Schrijven met Brussels licht BRUSSEL – Fotografie & Brussel, dan kom je uit bij Stadsbiografie. Vijf ‘stadsbiografen’ over het collectief, wat hen naar buiten roept, de weg van digitaal naar analoog of omgekeerd, de sense en de urge van fotografie.

H

oe zit dat nu met Brussel en fotograferen, hangen die samen? Arnout Willems (56): “Vanaf het moment dat ik in Brussel woonde, was er voor mij – de kleine jongen uit het verre Limburg – niets leukers dan met een licht, compact fototoestelletje met grote, verwonderde blik door de straten dwalen. En dat is nog steeds zo.” Sam Vanoverschelde (38): “Misschien vind ik het feit dat je in een stad als Brussel kunt verdwijnen, dat je anoniem wordt, wel beperkend, omdat ik niets liever zou willen dan tot de ziel doordringen. Maar als je dan naar mijn werk kijkt, zit er geen levende ziel in, of ze is een visueel

grapje geworden. (Op een foto torst een man een mannequinpop nabij hotel Atlas, AD.)” Willem Van Besien (27): “Brussel is voor mij een aanleiding om met fotografie bezig te zijn. Door al die diversiteit op een beperkte oppervlakte kun je veel experimenteren.” Barbara Boie (32): “Ik merk dat ik steeds vaker de randen van de stad opzoek. Ik ben onlangs verhuisd uit de stad en het kriebelt om ook daar te beginnen fotograferen.” Begin juli was er nog de groepstentoonstelling van Stadsbiografie in De Markten. Voelt het als een collectief? Willems: “Ik denk dat het collec-

tief-gevoel zal toenemen als we een jaar rond hetzelfde thema zullen werken.” Vanoverschelde: “De eerste motivatie om me in te schrijven voor Stadsbiografie was opdrachten krijgen, resultaten bespreken, een nieuw klankbord zoeken. Ik ben met de videodesigners van Visual Kitchen al bijna vijftien jaar met beeld bezig, en dat werd meer en meer stilstaand beeld. Kurt (Deruyter, initiatiefnemer Stadsbiografie), die al heel zijn leven dit medium in zijn puurste vorm beoefent, bleek achteraf voor mij de geknipte persoon. Daarom beweer ik graag dat het een collectief is, ook al zit je met die relatieve hiërarchie

tussen ‘begeleiders’ en ‘cursisten’.” Van Besien: “Omdat alle stadsbiografen met Brussel bezig zijn, ontstaan er interessante kruisverbanden tussen de fotoreeksen onderling.” De begeleiders Kurt Deruyter en Kristof Vadino heten streng te zijn: confronterend? Vanoverschelde: “De groepsdynamiek is soms confronterender!” Bart Azare (39): “Ze zijn streng, maar op een positieve manier. Ze sporen ons aan om minder vertrouwde plekken op te zoeken, een andere camera of lens uit te proberen, het werk van een onbekende fotograaf te bekijken. En ze hameren er natuurlijk op dat er gewerkt moet worden! Hoewel ik dat doe, vind ik de kloof met een echt vakman nog erg groot.” Van Besien: “De kracht van hun

aanpak zit erin dat ze meer vragen stellen dan dat ze er beantwoorden.” Boie: “Voor mij was vooral het eerste jaar les van Kurt heel confronterend. Na een paar maanden had ik door dat ik nergens stond. De geschiedenis van de fotografie is zo rijk dat het belachelijk is te denken dat je iets kent van fotografie omdat je weet hoe je camera werkt en omdat je af en toe een mooie foto neemt. Ik begon dus weer van nul met de basis: analoog en zwart-wit.” Fotografen zijn er in soorten. Waar deelt u zichzelf in? Willems: “Bij de straatfotografen, geboeid door het menselijk gedrag in de stad zoals zich dat mani­festeert op openbare plaatsen. Met Photoshop en camera raw doe ik dezelfde bewerkingen als vroeger in de donkere kamer. Photoshop is geen tovermiddel: het vergt


BDW 1289 PAGINA 15 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

Nick Trachet BRUSSEL EN DE WERELD CULINAIR ONTDEKT

Charque In mijn buurt ligt een grote officiële bouwwerf. Men zet er een nieuwe Europese school neer. Maar blijkbaar wonen er ook arbeiders op de werf. Vooral op vrije dagen vallen ze op als ze in groep de stad in trekken op zoek naar eten en vertier. Ik vermoed, afgaande op het zangerige Portugees dat ze spreken, dat het om Brazilianen gaat.

Werk van Sam Vanoverschelde: © STADSBIOGRAFIE / SAM VANOVERSCHELDE “De groepsdynamiek van Stadsbiografie is soms erg confronterend.”

nog steeds vakmanschap om een kwaliteitsvolle print te maken.” Vanoverschelde: “Ik heb al jaren altijd een Lomo-L-CA op zak, heb een paar vintage toestellen, de volgende stap wordt misschien grootbeeld. Voor Stadsbiografie had ik beslist om weer met zwart-witfilm te werken, vooral ook om weer met dat oude idioom van de ‘kunstfotografie’ te gaan spelen. Want het werk dat ik naast Stadsbio doe, daar spat de kleur dan weer van af.” Azare: “De Canadese fotograaf Jeff Wall (nog tot 11 september bij Bozar, red.) zegt dat er twee soorten fotografen zijn: hunters en farmers. Een hunter weet vooraf niet met welk soort beelden hij zal thuis komen, een farmer werkt conceptueler. Van nature ben ik meer een hunter, vroeger alleen digitaal, nu ook analoog.” Van Besien: “Ik ben eerder een gebouwen- dan een mensenfotograaf,

als architect, maar dat komt ook doordat ik geen goede psycholoog ben. Gebouwen kunnen zich niet plots onverwacht gedragen als je ze wilt fotograferen. Ik ben wel op zoek naar sporen van menselijke activiteit op en rond gebouwen.” Boie: “Ik fotografeer enkel nog analoog. Mijn opleiding als architect zal er voor iets tussen zitten, maar ik voel me aangetrokken tot het vormelijke, het lijnenspel, het statische en eenzame ook van gebouwen en stadslandschappen. Hoe ik fotografeer, is door Stadsbiografie helemaal veranderd. Vroeger nam ik mijn fototoestel mee naar feestjes en op uitstappen en fotografeerde ik vrienden of maakte ik abstracte beelden. Nu trek ik doelbewust de stad in om te fotograferen, met de rugzak met fotospullen, een statief, eventueel een verhoginkje om op te An Devroe staan.”

In de Portugese winkels en internationale supermarktjes zien we hier en daar producten verschijnen, speciaal binnengehaald voor Brazilianen met heimwee. Zij willen andere producten dan wij, dingen van over ’t water. Brazilianen zijn op zoek naar chopp in plaats van pils en cachaça in plaats van rum. Velen van hen komen mogelijk uit het straatarme Nordeste, een streek die afhankelijk was van de veeteelt en waar het soms jarenlang niet regent. Brazilië kent naast oerwoud ook woestijn. De levensduurte wordt er bepaald door de prijs van de droge bonen en van droogvlees, dat er carne do sol (‘vlees van de zon’) heet, of carne seca in het algemeen, want er is nogal wat variatie te krijgen. Wie een kip slacht, heeft eten voor een familie; wie een geit of koe slacht, moet rijk zijn en veel volk uitnodigen, of hij heeft een probleem. Rijk om een diepvriezer te bezitten en nog elektriciteit te kopen ook. Of over andere bewaarmethodes beschikken. Dus werd het vlees met wat zout ingewreven en in de zon gehangen om te drogen voor later. Zoiets gaat in een heet en zonnig klimaat veel te snel, er ontstaat een droge korst rond het vlees, waardoor het binnenste vocht onmogelijk nog kan verdampen. Het eindproduct bevat nog meer dan zestig procent water. Carne do sol is dan ook niet erg lang houdbaar, 72 tot 96 uur. Het wordt ook ‘reisvlees’ genoemd (carne-de-viagem), om bijvoorbeeld mee te geven met de cangaçeiros, de rondtrekkende rovers die Brazilië onveilig maakten tot halfweg vorige eeuw. Carne do sol wordt erg gewaardeerd door de plaatselijke bevolking, het is een bron van natio­ nale trots. Vanuit het zuiden kwam een meer georganiseerde vorm van vlees drogen opzetten, charque. Dat woord komt van xarqui, een Quechua-woord. Quechua was de taal van de Inca’s in de Andes, die niet alleen goed georganiseerd waren, maar ook een van

de meest bureaucratische staten runden voor onze moderne tijden. De oorspronkelijke xarqui werd gemaakt van lamavlees, maar toen de Spanjaarden de runderen, geiten en paarden introduceerden, werden die ook vrolijk gezouten. Charque wordt trager gedroogd dan carne do sol, en met meer zout. Het eindresultaat bevat 45 procent water: dit vlees bewaart dus maandenlang. De techniek van het charque maken verspreidde zich over alle Amerika’s en werd in het Engelstalige noorden verbasterd tot jerky. Zij denken daar nu dat het een cowboyspecialiteit is. Naar Europees voorbeeld proberen de Brazilianen vandaag hun streekproducten te ontwikkelen en te verkopen aan de wereld. Als ze hesp uit Parma importeren, waarom zouden zij dan hun charque niet in Europa kwijt kunnen? Niet alleen als volksvoedsel, ook Braziliaanse sterrenchefs experimenteren vandaag met charque. Ik kocht dit pakje in de supermarkt Ibérico in Anderlecht. Er stond ‘Carne seca, Charque’ op. Het kostte 14,95 euro per kilo, wat niet veel is voor geconcentreerd rundvlees. Tot mijn grote verbazing kwam het niet uit Brazilië of Argentinië, maar uit Ierland (Loughnane Meat Products, Loughrea, Co. Galway). De wereld is een dorp. Het donkerkleurige vlees, met behoorlijk wat wit vet, smaakte vooral zout, maar geurde heerlijk naar gerijpt rundvlees, 320 gram. Volgens de traditie moest ik dat twaalf uur (of een nacht) laten ontzouten. Ik sneed het vlees in kleinere stukken, en onder water ermee. Ik woog het erna nog eens: ik had nu 380 gram vlees. Als het minder vet zou zijn geweest, dan was het allicht meer gezwollen, maar omdat ik weet dat net het vet de smaak draagt, had ik voor het rijkere pakje gekozen. Ik kookte het vlees zoals aangegeven. Tijdens het koken ontwikkelt zich een diepe geur van rijp rundvlees. Laten afkoelen en vervolgens in kleine stukjes gesneden. Magere stukken worden traditioneel met een vork tot draadjes uitgetrokken.

De Inca’s maakten xarqui van lamavlees, maar toen de Spanjaarden runderen, geiten en paarden introduceerden, werden ook die vrolijk gezouten

Laat in een pan ringen ajuin bruin stoven met wat olie en twee geplette teentjes look. Voeg de stukjes charque toe, en enkele schijfjes gekruide droge worst (zoals chorizo). Laat alles goed stoven. Bij de Afrikaan hebt u ondertussen cassave (maniok) gekocht, en die kookt u in stukken in de schil gaar (tot een vork er makkelijk door prikt). Verwijder de schil van de cassave en de eventuele dikke vezels, en maak van de tropische knol een puree. In een ovenschotel legt u het gestoofde vleesmengsel. Afdekken met cassavepuree zoals voor een hachis Parmentier En laten kleuren in de oven. Heet opdienen. Verder gaat charque in alle denkbare feijoadas, bonenschotels; het is zowel vlees als kruiding. De stukken vlees, onversnipperd en kort geweekt, worden ook weleens gewoon gekookt in een mengsel van water en melk en dan opgediend met baião de dois. Dat is een mengsel van gekookte groene bonen, rijst en geraspte kaas. De ‘nationale plat’ van de staat Céara. Smakelijk. nick.trachet@bdw.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/trachet


BDW 1289 PAGINA 16 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

Celia Ledoux tussen dochter Gloria en huiskat Sirius. “Je mag best wat aanmodderen. Een kind heeft geen perfectie nodig, wel een ouder die hobbels in de weg neemt wanneer ze komen en intussen veel liefde en warmte toont.”

D

e eerste zaadjes van Mama werden gezaaid in een wekelijkse column in De Morgen. “Gewoonlijk borrelt de behoefte tot schrijven spontaan bij mij op, maar tijdens de zwangerschapsmaanden kreeg ik geen woord op papier. ‘Wat als dat blijft duren?!?’ Het was de eerste kennismaking met moederhormonen, die me onverwachts opslorpten. Het was ook het sein om me grondig in te lezen, een soort instant bijscholing.” “Aanvankelijk waren het luchtige verhaaltjes. Maar al snel na Gloria’s geboorte kreeg ik een soort missie. Al die babyboeken werkten namelijk voor geen meter! Het is ook best knettergek, hoe ze je baby als de tegenstander beschrijven en regeltjes opdringen. Regeltjes die alle baby’s over dezelfde kam scheren, terwijl ze elk hun eigen behoeften hebben. Net als volwassenen. Sommige mensen willen vier uur slaap, anderen zijn na tien uur nog maar half uitgeslapen.” “Door die regeltjes krijg je soms het gevoel: ‘Ik ben een keislechte moeder, mijn baby is abnormaal, ik red het niet.’ Dat zorgt voor veel verdriet, nodeloos verdriet. Daarom ben ik zelf dieper gaan zoeken. Veel wetenschappelijke werken gelezen met baby op schoot, tijdens die eerste slapeloze maanden. En wat

bleek? De wetenschap is veel aardiger voor kinderen dan het gros van die zogezegd rozige boeken. Onderzoek toont aan: huilen is schadelijk, dus troost je baby maar zoveel je wilt. Verwend wordt hij er niet van. Terwijl juist dat door babyboeken min of meer wordt ondergraven. ‘Liefde, ja ja, maar je moet ze wel de baas blijven, hoor.’ Alsof je baby op wereldmacht uit is... Omgaan met je kind volgens een strikte routine bepaalt bovendien je eigen dag, met al die vaste slaapjes en eetjes. Natuurlijk is voor baby’s zorgen dan heel deprimerend: je bent drie maanden lang een kluizenaar, terwijl je daarvoor gewoon een leven had.” “Er doen zoveel van zulke vreemde feitjes de ronde. Bijvoorbeeld als het over borstvoeding gaat. ‘Doen,’ zeggen dokters. Maar als puntje bij paaltje komt, hebben ze nauwelijks deskundige hulp te bieden; aan het kraambed krijgen vrouwen vijf tegenstrijdige meningen. Zo wordt het idee geboren dat borstvoeding moeilijk is, een offer. Terwijl het poepsimpel is, en het tijd en slaap spaart als je er eenmaal mee weg bent. Alleen: wie zet je op de goede weg? Alles bij elkaar is onze westerse samenleving niet zo ingesteld op baby’s. De canon van ‘weetjes’ opgebouwd door een massa kwakzalvers, de commercie rond babyspeel-

tjes en -verzorging maken van iets heel simpels iets heel moeilijks. En: we zijn veel vanzelfsprekendheid in babyomgang verloren. Die vanzelfsprekendheid zie ik wel bij veel andere culturen: de Arabische, de oosterse, de Afrikaanse. Baby’s en kinderen horen er in die culturen bij, bij feesten, eten, werken, het leven.”

© UITGEVERIJ VRIJDAG

SINT-LAMBRECHTS-WOLUWE – “Je mamapet opzetten is bij ons toch een beetje uit de maatschappij stappen. Voor mijn baby kwam, schreef ik recensies, nu niet meer. Een kleintje kan niet mee naar het theater. Bij ons is een baby een soort boerka. Maar ik mag niet klagen, ik schrijf nu voor mezelf. Verteerbare maatschappijkritiek, verpakt in een roman. Bijna af.” Celia Ledoux is moeder van Gloria, nu anderhalf, en auteur van Mama. Een pittige kijk op zwangerschap, moeder zijn en de dictatuur van babyboeken.

© MARC GYSENS

Thuis bevallen Celia Ledoux heeft bewust gekozen voor borstvoeding, en bewust gekozen voor een thuisbevalling. “Ik had een vrij ongecompliceerde zwangerschap, al was negen maanden misselijk zijn geen eitje. Gaandeweg leek thuis bevallen me een goed idee. Het is bij een eerste kind even veilig als bevallen in een ziekenhuis, bij volgende baby’s veiliger. Bovendien vond ik het een comfortabel vooruitzicht om mijn kraambed in een vertrouwde omgeving te hebben, op eigen terrein, niet in een druk ziekenhuis.” “Uiteindelijk is het wel een lange bevalling geworden: Gloria is pas op de derde dag geboren. Maar wel heel gewoon. In een ziekenhuis wordt bij zo’n lange bevalling vaak ingegrepen: waarschijnlijk hadden ze me daar overgehaald tot een keizersnede. Dat zijn we gelukkig ontlopen. In de States, maar ook bij ons gaat een bevalling steeds meer gepaard met ingrepen. Is dat nodig? Zijn onze lichamen in tien jaar dan zo veranderd? Goed voor vrouwen en baby’s is het alleszins niet: elke chirurgische ingreep brengt complicaties en risico’s met zich mee.” “Toen Gloria er was, werd ik overspoeld door hormonen, als een vloedgolf. Ik was altijd best ratio­neel en doordacht en ineens: poef. Veel baby’s zien wij in onze cultuur niet meer geboren of verzorgd worden, en buiten wat

Mama, uit nood geboren: “Al die babyboeken werken voor geen meter! Het is knettergek, hoe ze je baby als de tegenstander beschrijven.”

kraamklap wordt er weinig kennis gedeeld. Opvoeding is geen topic in de pers. Als ouder moet je dus elke keer weer min of meer het warm water uitvinden. Daardoor zijn babyboeken ook een logische stap; je gaat ervan uit dat er bonafide kennis in staat. Maar veel van die handleidingen leuren gewoon met ideeën uit de jaren 1950 van de vorige eeuw, gebed in ouderwets behaviorisme. Terwijl er de voorbije twintig jaar enorm veel wetenschap-


BDW 1289 PAGINA 17 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

FREDDI SMEKENS Diskuteire “ Borstvoeding? ‘Doen,’ zeggen de dokters. Maar als puntje bij paaltje komt, hebben ze nauwelijks hulp te bieden. Zo krijg je het idee dat borstvoeding moeilijk is, een offer. Terwijl het poepsimpel is”

Celia Ledoux, auteur van Mama

‘ Mijn baby is een boerka’ pelijke vooruitgang is geboekt. Zoveel nieuwe kennis, die aantoont waarom die oude regels niet werken en zelfs schadelijk zijn. Die kennis mocht weleens gedeeld worden, vond ik.”

Geen autoriteit Klinkt allemaal behoorlijk zwaar, en toch is Mama allerminst moeilijk te verteren kost. “Ik schrijf vanuit mijn ervaring. Gewoon de wereld van een mama in een vrij typisch gezin. Ik heb het ook makkelijk leesbaar gehouden: een jonge ouder met slaapgebrek wil je niet met zware kost opzadelen. En ik ben eerlijk over wat mijn mening is; elke ouder moet vooral zelf de zijne vormen – goed geïnformeerd. Een autoriteit, ik? Nee! Op de zoveelste babyhandleiding zit niemand te wachten. Ouders verdienen respect; ik hoop dat ze uit mijn boek veel trots halen.” “Die dictatoriale stelligheid van babyboeken – ‘Wij hebben dé oplossing!’ –, wat een nonsens. Niemand heeft baat bij het herschrijven of negeren van babynoden. Zo vaak hoor ik dat bij slaaptraining de baby’s liggen te huilen, de ouders onderaan de trap ook. ‘Om de bestwil van de kleine.’ Zó jammer. Niemand wil dat zo’n minimensje verdriet heeft, en het doet ze niet eens goed. Je kan en mag, ouder én kind, gewoon gelukkig zijn. En je mag best wat aanmodderen. Een kind heeft geen perfectie nodig, wel een ouder die hobbels in de weg neemt wanneer ze komen en intussen veel liefde en warmte toont.”

het nieuwe leven in huis. “De poes en de baby, tja, dat is een haat-liefdeverhouding. De liefde komt van Gloria, de onverschilligheid van de kat. Sirius ziet Gloria graag als ze hem vleesjes voert vanuit haar hoge stoel, iets minder graag als ze hem wil knuffelen. Zo’n klein gevaarte met gespreide armpjes: wawa!” “Hij is een kartuizer, maar komt uit een asiel in Schaarbeek. Heel ons gezin bestaat uit Brusselaars en dat zal allicht zo blijven. Guy heeft altijd hier in Sint-Lambrechts-Woluwe gewoond, in dit huis. Zijn ouders hebben het gebouwd toen het hier nog een simpel buitenwijkje was. Oké, je hebt dat actief francofone in de gemeente van (FDF-voorzitter Olivier) Maingain. Maar daar staat veel tegenover: groen, aardige oude dametjes, een grote speeltuin.” “Wat wel beter kan, dat is Brussel. Grote initiatieven waar jonge ouders elkaar kunnen ontmoeten, ontbreken hier. Initiatieven die een sociaal weefsel vormen dat kinderen en gezinnen zo nodig hebben. Aan Franstalige kant heb je Les Maisons Vertes, waar de kinderen ongedwongen kunnen spelen en ouders een beetje keuvelen. De Nederlandstalige pendant, Baboes, is een fantastisch plekje, maar amper drie ochtenden per week open. Hier in Brussel heb je zoveel fijne cultuurhuizen, toffe plekken, ontmoetingsplaatsen. Maar voor jonge moeders is hier nog veel meer braakland dan in andere grote steden. Er is echt werk aan de winkel.” Karel Van der Auwera

Braakland Wie alvast tevreden lijkt met de ongedwongen aanpak van mama Celia en papa Guy, is Gloria. Ze zit goed in het vlees, goed in haar vel. Zelfs Sirius de huiskater heeft zich neergelegd bij

Celia Ledoux, Mama, uitg. Vrijdag, 288 p., 19,90 euro, celialedoux.blogspot.com

Het aangename aan diskuteire is dat we er een groot deel van onze tijd mee doorbrengen. “Mo,” merkt men terecht op, “we kunne er oek veul taaid mei verleeze.” In elk geval kunnen we ervan uitgaan, waarde lezer, dat diskuteire alles met communicatie te maken heeft. Onlangs vroeg ik me nog af of bijvoorbeeld een interview iets met diskuteire te maken heeft. In eerste instantie dacht ik van wel. Maar bij nader inzien kwam ik tot het inzicht dat we wannier we diskuteire, altaaid gelaaik wille kraaige. Niet dat een discussie beginnen altijd per se te maken heeft met in de clinch goen, mo miestal drooit het doe op ooit. Een ander aspect van diskuteire is dat iedereen er zijn mening op nahoudt en de overtuiging van de andere zoveel mogelijk probeert af te zwakken. Wanneer ik met die opmerking kom aandraven, krijg ik als antwoord: “Ge zegt da omda ge intolerant zaait.” Welnu, waarde lezer, ik kan daarmee niet helemaal akkoord gaan. Temeer omdat ik van oordeel ben dat echt diskuteire altaaid ’n betche mè lawaait moeke te moke heit. Of het moest zijn dat ’n diskeuse, die naam waardig, op een even egale als neutrale toon gevoerd kan worden. In ons Brussels zeggen we “Doe goen we nemi auver diskuteire” wanneer men een probleem of meningsverschil als definitief afgehandeld beschouwt. In het andere geval heeft men het over “Doe kunne we mas­ scheen neki auver klappe.” De vraag die ik mij bij dat laatste stel, is eigenlijk niet zo eenvoudig als ze op het eerste gezicht lijkt. Namelijk: bestoet er e verschil tusse “Ik spreik mè a nemi” en “Ik diskuteir nemi mè a”? Daarmee wil ik ook meteen even aangeven dat er een subtiel, maar daarom niet minder groot verschil bestaat tussen disku­ teire, babbele, spreike en eventueel lamen­ teire, zievere, zwanze en zoege. Maar wat blijkt nu, waarde lezer? Dat alle vormen om ons uit te drukken, in het fenomeen disku­ teire verweven kunnen worden. Diskuteire heeft dus met iets universeels te maken wat onze omgang met de anderen betreft. Een ander mooi aspect van diskuteire heeft ermee te maken dat verschillende personen

op hetzelfde ogenblik hun steentje tot de diskeuse kunnen willen bijdragen. En dat het daardoor kan gebeuren dat bijvoorbeeld twee, vijf of soms wel tien mensen tegelijk aan het woord zijn. Want het is – althans volgens mij – helemaal niet onbeschoft om zich ongevraagd en eventueel met veel verve in ’n diskeuse te minge. Zeker wanneer het gaat over een positieve manier van redetwisten. Maar evengoed kan men iedereen van de disputanten op stang jagen. Dat ik het verwijt krijg ne gooje te zaain in da leste, neem ik er graag bij. Ik moet wel, waarde lezer. Om af te ronden misschien nog nen truk vè zu veul meugelaaik gelaaik te kraaige as we on ’t diskuteire zaain. Verhef zo weinig mogelijk uw stem. Hou steeds het volgende briljante spreekwoord in gedachten: “Mè zwaaige kunde den deuvel kluute.” Het komt erop aan om op het juiste moment het woord niet te vragen, maar het kordaat te nemen. Natuurlijk zijn er nog andere mogelijkheden en invalshoeken om de kunst van het diskuteire onder de knie te krijgen. Te veel om op te noemen, zou ik haast durven te stellen. Maar ik ga ervan uit dat de gehaaide lezer het, wat dat betreft, ook wel zon­ der mijn raad kan stellen. En anders wil ik er wel nog neki auver diskuteire, nateur­ laaik. Welnu, waarde lezer, ik ben blij dat er uiteindelijk nog zoveel over ons woordje dis­ kuteire te zeggen valt. En ik hoop natuurlijk dat u bij ’n volgende diskeuse even aan deze Brusselse rubriek zult terugdenken. Ik ga er tenslotte van uit da nen dag zonder disku­ teire nen dag zonder noepaaze es. Waarover men het heeft, doet er in feite niet zoveel toe. Dat doet me eraan denken dat ook ik het bij een volgende diskeuse niet zal nalaten mij af en toe op de vlakte te houden – en daarmee een kostbaar puntje te scoren wanneer men dan zegt: “Awel, menneke? Ge zaait zu stillekes?” Net dán is het ogenblik aangebroken om alleman dee on het disku­teire es, fijntjes naar uw hand te zetten. Probeer het zelf maar even uit, waarde lezer.

REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Elsene, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels hoofdstedelijk gewest. Rest van België 15 euro per jaar; rekeningnummer 424-5529822-66 van vzw Brussel Deze Week. Buiten België 25 euro per jaar. DISTRIBUTIE EN PROMOTIE Ute Otten (ute.otten@bdw.be), Paul De Weerdt. RECLAME IN BDW Rika Braeckman (rika.braeckman@bdw.be), 02-226.45.41, 0477-97.21.27, fax 02-226.45.69. OPLAGE 70.660 exemplaren. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne (anne.brumagne@bdw.be). EINDREDACTIE Katrien Stroobants (katrien.stroobants@bdw.be). REDACTIE Jean-Marie Binst (jeanmarie.binst@bdw.be), Christophe Degreef (christophe.degreef@bdw.be), Bettina Hubo (bettina.hubo@bdw.be), Patrick Jordens (patrick.jordens@bdw.be), Freddi Smekens (freddi.smekens@bdw.be), Steven Vandenbergh (steven.vandenbergh@bdw.be), Steven Van Garsse (steven.vangarsse@bdw.be), Danny Vileyn (danny. vileyn@bdw.be). REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele (isabelle.devestele@bdw.be), Lien Annicaert (lien.annicaert@bdw.be), Gerd Hendrickx (gerd.hendrickx@bdw.be). MEDEWERKERS Michaël Bellon, Lieven Bulckaert, An Devroe, Philip Ebels, Eva Hilhorst, Ilah, Francis Marissens, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Karel Van der Auwera, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. VORMGEVING Peter Dhondt (peter.dhondt@bdw.be). FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh (manu.dehertogh@bdw.be). VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Marijke Vandebuerie (marijke.vandebuerie@bdw. be). Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie. ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).


BDW 1289 PAGINA 18 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

Zwemmen > Agnes Van Obberghen (79) is wereldtop bij masters

‘ Wereldrecords breken is mijn doel’ LAKEN – Aalsnel en elegant, dat is Agnes Van Obberghen. De kranige 79-jarige zwemster rijgt de wereldtitels en records aan elkaar. Sinds kort komt ze uit in de categorie 80-84, en ja, ook daar wil ze de concurrentie een poepje laten ruiken.

‘A

ls ik vandaag jong was geweest, dan had ik wellicht tot de top behoord,” vertelt Agnes Van Obberghen. “Nationaal zeker, en wellicht ook internationaal. In mijn tijd ging je na je uren zwemmen. Ik werkte overdag op de boekhouding en ging daarna naar het zwembad. Nu kunnen de zwemmers er hun werk van maken. Ik was een goede zwemster, maar heb me nooit echt internationaal kunnen meten. Vandaag hoef je zelfs geen topper te zijn om overal ter wereld te mogen zwemmen.” Van Obberghen volgde als negenjarige haar broer naar het zwembad van Vilvoorde. Maar dat was een openluchtbad, en daarom verhuisde ze al gauw naar de club van Sint-Joost-tenNode en later Schaarbeek. “Vroeger zwom ik meestal in de top drie op Belgische kampioenschappen. In 1985 ben ik gestopt. Mijn vader was net overleden en ik ging voor mijn moeder zorgen. In 1998 stierf mijn man en heb ik de draad weer opgepikt. Ik had toch niets meer omhanden...” Van Obberghen trok haar zwempak opnieuw aan en ging naar het zwembad van Schaarbeek, maar daar mocht ze pas ’s avonds het

de  CLUB

Agnes Van Obberghen: “Je hebt er die op kracht zwemmen, ik doe het op souplesse.”

© MARC GYSENS

Brussels Tigers spelen rugby sevens

Meer spektakel met zeven BRUSSEL – Sinds bekendraakte dat rugby sevens in 2016 een olympische discipline wordt, zit de sport in de lift. De Brussels Tigers surfen mee op de golf van het succes. “Rugby sevens is sneller en spectaculairder dan klassiek rugby,” vertelt Laurent De Loecker (28) van de Brussels Tigers. “Trainer Yvan Luyten richtte in september 2010 met een paar gepassioneerde spelers onze ploeg op.” In België wordt al een paar jaar een sevenscompetitie georganiseerd, na het klassieke rugbyseizoen (met vijftien). Die bestaat wel maar uit vier manches, en de deelnemende ploegen hangen vast aan bestaande clubs. De Tigers zijn de eerste onafhankelijke ploeg. “We zijn een ploeg, geen club. Daar hebben we de structuren niet voor. We worden wel geholpen door BUC Sint-Joost-ten-Node, van wie we de infrastructuur mogen gebruiken. Zij hebben ook zelf een sevens-ploeg: de Tigrous. Ze zijn meteen ook onze sparringpartner.” De handicap van rugby sevens is dat het maar van mei tot augustus wordt gespeeld; de rest van het jaar overheerst het klassieke rugby. De Tigers zouden in het najaar graag af en toe naar het buitenland trekken om er toernooien te spelen. Ze organiseren alvast heel het jaar

Het rugby sevens-seizoen is ultrakort: van mei tot augustus. door twee maandelijkse trainingen op de velden van BUC. “Iedereen die wil, mag meetrainen, de deur staat open. En met succes. We

© Laurent De Loecker

hebben over heel het jaar een dertigtal spelers bereikt, met een harde kern van een twintigtal. Dat zijn vooral Brusselaars, maar ook bij-

voorbeeld Belgen die tijdens het seizoen in het buitenland spelen. Het zou kunnen dat we in de toekomst een tweede ploeg maken, een ‘reservoir’ voor de A-ploeg.” Bij rugby sevens overheerst een goede sfeer, misschien zelfs nog wel meer dan in het klassieke rugby. “Dat is misschien omdat het na het klassieke seizoen wordt gespeeld. Je hebt altijd een feestelijke sfeer, veel supporters verkleden zich en zo. Tijdens een toernooi in Engeland zat het Twickenham-stadion – met zijn capaciteit van 82.000 man – eens bijna volledig vol met mensen die zich in de een of andere superheld hadden verkleed.” Zo’n topsfeer willen de Tigers op 27 augustus naar Brussel halen voor hun eerste internationale toernooi. Er moet nog veel geregeld worden, maar het toernooi past naadloos in de visie van het bestuur. “We willen vooruitgaan en rugby sevens promoten. We hebben tijdens ons eerste jaar al veel publiciteit gemaakt, goed gepresteerd en leuke reizen gemaakt. We hebben er goesting in.” TS

brussels-tigers-7s.com


BDW 1289 PAGINA 19 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

David Steegen water in, na de clubs. Lang duurde dat niet, want ze ontmoette op een wedstrijd haar oude zwemmaatje Eliane Pellis. “Ik kende Eliane uit mijn jeugd, we hebben vroeger nog samen gezwommen. Ze vroeg me bij haar te gaan zwemmen in het Antwerpse Wezenberg-bad. Aanvankelijk vond ik het te ver, nu wil ik er niet meer weg. We hebben er een eigen couloir en zwemmen twee keer per week tussen 11.30 en 13 uur, drie keer als er een competitie is. Zo heb ik mijn bezigheid.” De Brusselse senior maakt er deel uit van een

“ Wat moet je met medailles? Als ik er niet meer ben, belanden ze toch in de vuilnisbak”

groepje zwemsters die uit alle hoeken van het land komen. Ze trainen onder de vleugels van Betty De Herdt. Sinds 2004 reist Van Obberghen de wereld rond en rijgt ze de wereldtitels en -records aan elkaar. “Sindsdien heb ik op EK’s en WK’s bijna altijd in de top twee gezwommen. In 2007 heb ik bijvoorbeeld drie keer goud behaald op het EK in het Sloveense Kranj. Ik heb ook heel wat wereldrecords op mijn naam staan, daar maak ik echt een doel van. Eerder dit jaar heb ik er twee gebroken in Beveren, een in Nijlen en drie in Eindhoven. Allemaal in schoolslagdisciplines.”

De vele titels hebben Van Obberghen een aardig gevuld doosje vol medailles opgeleverd. Ze pakt er met plezier mee uit, maar echt veel waarde hecht ze niet aan de stukjes metaal. “In Kranj heb ik er een aan mijn coach gegeven, omdat ze dat graag heeft. En in Eindhoven heb ik er een aan een bevriende zwemmer gegeven. Ik had er toch drie gewonnen, en wat doe je ermee? Als ik er niet meer ben, belanden ze toch in de vuilnisbak. De herinneringen zijn het belangrijkste.”

Wijn en friet Hoe doet ze het toch, zullen veel mensen zich afvragen. Een toverformule blijkt er niet te zijn. “Ik heb mezelf nooit iets ontzegd en let niet speciaal op mijn eten. Ik drink twee glazen wijn per dag en geniet wel van een pakje frieten. Ik verdik gewoon niet zo snel. Ook in het water gaat het vanzelf. Iedereen zegt dat ik mooi zwem. Je hebt er die op kracht zwemmen, maar ik doe het op souplesse.” Van Obberghen komt nu in een hogere leeftijdscategorie uit (80-84): in november wordt ze tachtig. Het ‘verlost’ haar meteen van haar grootste concurrente, beste vriendin Eliane Pellis. “Ik wil steeds beter en sneller zwemmen. Ik zwem nu ook crawl, de 400 en de 800 meter. Vroeger mocht je geen crawl zwemmen als je schoolslag zwom. Dat was niet goed, zeiden ze. Nu moet je alles doen. Ik ben er onlangs mee begonnen en zet goede tijden neer. Wellicht word ik de beste in mijn categorie. Op mijn verjaardag (27 november, red.) zijn het de Belgische kampioenschappen lange afstand in het zwembad van Molenbeek. Daar ga ik resoluut voor een medaille.” “Mijn dromen? Mijn eigen records breken. Veel zal dat niet meer zijn, want mijn tijden zijn nu al zeer scherp.” Tim Schoonjans

Duikerswereld rouwt WATERMAAL-BOSVOORDE – De vrijduiker Patrick Musimu werd op 21 juli dood aangetroffen in zijn zwembad. “Bang om te sterven? We zijn allemaal mensen die ooit op een dag zullen sterven,” verklaarde Musimu vijf jaar geleden in BDW. “Ik zal het mogelijke doen om risico’s te beperken, maar mijn passie roept.” Patrick Musimu overleed op donderdag 21 juli bij een ongeval in zijn zwembad na een training. De in Kinshasa geboren Brusselaar was veertig jaar en laat een dochter van zeven en een echtgenote achter. Musimu is een grote naam in de internatio-

Het toernooi werd op 2 juli al afgetrapt op het stadsstrand aan de Akenkaai. Na omzwervingen langs Louvain-la-Neuve, Ciney en het Luikse stadsstrand Liège sur Sable keren de acht beste ploegen van de twaalf terug naar de hoofdstad om te strijden voor de titel. Bij beach rugby nemen ploegen van vijf spelers het tegen elkaar op in een tien minuten durende wedstrijd. Het veld is kleiner dan

De voorbereiding van de jaarlijkse hoogmis, de grote persconferentie waar de plannen voor het nieuwe seizoen ontvouwd worden, nam weer alle tijd in beslag, dit jaar nog meer dan anders. Royal Sporting Club Anderlecht eindigde vorig seizoen pas derde. Vandaag, bijna drie maanden na afloop van het slechte voetbaljaar, zit Sporting nog altijd in het oog van de storm. Het verlies in Leuven zindert nog na. In Brussel worden uitsluitend de eerste en de tweede plaats aanvaard. Op de club bedenken we dat we nog meer media halen dan de kampioen. Vooral erg negatieve commentaren zijn ons deel. Toch is er veel op til dit seizoen. De samenwerking met de hoofdsponsor gaat het 31ste seizoen in: er zijn huwelijken die korter duren. Om dat te vieren vragen ze de trouwe fans een nieuwe hymne te componeren. Op sportief vlak is er stevig ingekocht en wie weet komt er nog iets bij. De club wil haar rol in de samenleving verstevigen en uitbouwen. Daarom is The RSCA Constant Vanden Stock Foundation opgericht. Die zal uitsluitend tweetalige, Belgische en als het even kan Brusselse doelen steunen. Vele partners van paars-wit hebben zich achter het programma geschaard. We hebben ook besloten om de Gouden Jongen – een bijnaam die niet alleen ingegeven wordt door zijn potentiële marktwaarde, maar ook en vooral door zijn uitzonderlijke karakter en talent – weer te laten praten. Dat wil hij vooral zelf. Het beschermen is voorbij. Romelu Lukaku is volwassen geworden, voor zover hij dat nog niet was. De aanvragen waren zo talrijk dat hij onmogelijk op elk verzoek kon ingaan. De combinatie studeren en profvoetbal liet geen mediawerk toe. Vandaag is Romelu Lukaku full prof. We spreken af dat hij zich beperkt tot de sportieve media. Daar is een goede reden voor. Hij wil uitsluitend over voetbal praten.

nale duikerswereld. De kinesitherapeut verzamelde tijdens zijn carrière een handvol wereldrecords, maar werd toch vooral bekend door zijn knappe prestatie in 2005: toen dook hij maar liefst 209,60 meter met ingehouden adem, zonder luchtflessen. Zijn geheim was een techniek waarbij hij de neus- en sinusholtes liet vollopen met zeewater, waardoor het drukverschil niet gecompenseerd hoefde te worden. Musimu had nog heel wat plannen. Zo zat hij eerder dit jaar bijvoorbeeld nog in Egypte om te trainen voor een nieuwe recordpoging.

TS

Rugbyfinale op Brussel Bad BRUSSEL – De vijfde editie van de Beach Rugby Tour bereikt op 6 augustus haar apotheose tijdens de finale op Brussel Bad.

Golden Boy

gewoonlijk, maar de regels zijn grotendeels dezelfde, al is spelen met de voeten verboden. Tussen de deelnemers vinden we een schare Brusselse ploegen, waarvan de Barbarians Bastardz en BUC Sint-Joost-ten-Node momenteel het best geplaatst zijn. De finaledag begint op zaterdag 6 augustus omstreeks 11 uur, en tegen 18 uur moet de winnaar van de Beach Rugby Tour 2011 bekend zijn. Naast een hoop bezwete struise mannen krijgt u er, zoals gewoonlijk bij rugby, een amicale sfeer bovenop. De derde helft zorgt meestal ook voor vuurwerk. TS

Randzaken interesseren hem – gelukkig – niet. Lukaku ademt voetbal; al de rest is bijzaak. Hij is een speler die op het veld geniet, alles geeft op trainingspartijtjes en helemaal kapot zit als hij er eentje verliest. Het allereerste interview verscheen vorige week in het enige voetbalweekblad dat dit land rijk is. Romelu Lukaku is openhartig, zonder over privézaken te praten. Daar gruwt hij van. Ach, de jongen heeft al lang begrepen hoe de media werken. Hij neemt geen blad voor de mond, maar schoffeert niets of niemand. De achttienjarige man drukt op het belang van de juiste mentaliteit. In twee-tegen-tweepartijtjes op training speelt hij het liefst met Wasyl, want die laat nooit af. Het duo wint nagenoeg al die wedstrijdjes. Talent en mentaliteit zijn minstens even belangrijk. Op de jaarlijkse Fandag is de spits veruit de populairste speler. Lukaku ontstijgt het voetbal. Maar hij geeft niet toe. Alles wat zijn sport kan bedreigen, duwt hij ver van zich af. Als hij thuis rust, kijkt hij naar Real Madrid TV, Chelsea TV en de zender van Manchester United. Alles is voetbal in Romelu’s leven. Onlangs kreeg de club een heel gekke aanvraag voor hem. Een vrouwenblad wou hem spreken. Lukaku moest de mooiste mensen uit zijn omgeving aanduiden. De communicatiedienst heeft hem de aanvraag zelfs niet voorgelegd. Romelu Lukaku is een voetballer. RSCA is een voetbalclub. Dat gaan we dit jaar bewijzen. Royal Sporting Anderlecht zal er alles aan doen om weer de eerste van het land te zijn. De club zal de crisis overleven. Zoals ze altijd al gedaan heeft. www.brusselnieuws.be/steegen David Steegen is persverantwoordelijke van voetbalclub RSC Anderlecht

ADVERTENTIE

Brussel Deze Week vzw is op zoek naar een

deeltijds (1 dag/week) distributiemedewerker/ chauffeur (m/v) Taken n

bevoorraden distributiepunten BDW en Agenda in Brussel Profiel

n n n n

Je kunt zelfstandig en nauwgezet werken Je hebt een rijbewijs en bent graag op de baan Je vindt makkelijk je weg in het Brussels hoofdstedelijk gewest en woont bij voorkeur in de regio Je hebt een goede kennis van het Nederlands Wij bieden

Een deeltijds (1/4) contract van onbepaalde duur, vanaf september 2011. Je werkt op woensdag van 7.00 tot 17.00.

Geïnteresseerd? Stuur uiterlijk op 15 augustus 2011 een mail met cv naar marijke.vandebuerie@bdw.be


BDW 1289 PAGINA 20 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

BD W

zaIE

ZAZIEZOMERPORTRETTENGALERIE (3)

DOOR PATRICK JORDENS

R IEDE

RE

Z

V

OO

O T 99 J A T 9

• R A

EN VAN

W

elk beeld vond je zo bijzonder dat het in je hoofd is blijven hangen? Welk kunstwerk heeft je ooit aan het lachen, huilen, huiveren, dromen... gebracht? We vroegen het aan zeven Brusselse kunstenaars: (strip)tekenaars, prentenboekenmakers, filmregisseurs... Zij tonen jou deze zomer hun favoriete beeld. Dat kan je telkens bewonderen op

de rechterpagina. En daarnaast stellen ze zichzelf voor. Onder andere met een uniek zelfportret, speciaal getekend of bedacht voor deze zomerreeks. Welkom in de Zaziezomerportrettengalerie!! Onze derde gast is de jonge filmregisseur Gust Van den Berghe. Op het voorbije filmfestival van Cannes stelde hij zijn tweede film voor, Blue bird. Over twee kinderen op zoek naar een blauwe vogel...

De favorieten van Gust Van den Berghe Geur? (Vrouwen)shampoo. Ik kan het niet helpen, maar zelfs in de winkels kan ik genieten door flessen shampoo open te doen en eraan te ruiken.

Smaak? Koffie. Ik kan veel zeggen over smaken, maar vaak komt het allemaal terug bij koffie. Mijn dagen beginnen en eindigen meestal met koffie.

Geluid? Klokken. Mijn hart staat stil als er ergens klokken luiden, en eigenlijk staat het leven dan altijd even stil.

Boek of strip? Kuifje en de juwelen van Bianca Castafiore van Hergé.

Plekje in Brussel? Het Noordstation. Het is zeker niet de mooiste plek, maar het is wel de plek waar alles voor mij begon. Hier stapte ik af toen ik in Brussel kwam wonen, en ik woon er nog steeds vlakbij.

Vakantiegevoel? Niet meer weten hoe laat het is, hoe warm het is, waar ik ben, met wie ik ben, waar ik vandaan kom of waar ik naartoe ga...

Beeld? Ik heb deze foto van Mario Giacomelli lang geleden gezien, en ik ben ze nooit meer vergeten. Het is een puur beeld. Er zit zo veel verhaal in zo weinig informatie. Hier valt weinig aan toe te voegen, enkel dat de onschuld van deze mannen, het kinderlijke van deze gelovigen, inspireert. Een geloof zonder katholieke schuld, dogma’s en complexen... Een geloof dat misschien niet meer bestaat.

Gust Van den Berghe door Gust Van den Berghe.

Blue bird, de nieuwe film van Gust Van den Berghe, is vanaf midden oktober in Brussel te zien.


BDW 1289 PAGINA 21 - DONDERDAG 4 AUGUSTUS 2011

‘Io non ho mani che mi accarezzino il volto’ van Mario Giacomelli.


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
BDW - editie 1289 by brusselnieuws.be (archief) - Issuu