Issuu on Google+

ARS MUSICA brengt hedendaagse muziek voor breed publiek En ook: Rosie en Moussa, Jeroen Olyslaegers en JR.

10 03 11

Gomb-perikelen en staatshervorming: 4 opiniepagina’s in deze krant Lees p. 12-15

AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153

Eén week oud en klaar voor de lente JETTE – Overal in de stad doet de lente haar intrede. Ook op de kinderboerderij van Jette (Kleine Sint-Annastraat 172). Vorige woensdag wierp een schaap er vier lammetjes in het stro. Eentje werd dood geboren, twee andere zijn sterk genoeg om aan moeders tweetepelige uier te zuigen. En één lam (op de foto), nog wat wankel op zijn pootjes, wordt vertroeteld met een warmtelamp en vier flesjes per dag. Wedden dat het de lente haalt, met JMB zoveel liefde van de bezoekertjes. © SASKIA VANDERSTICHELE

Mobiliteit > Vlaanderen, Wallonië en België gebruiken MIVB-chipkaart vanaf 2013

Mobib verovert het hele land BRUSSEL – Mobib, de chipkaart van de MIVB, wordt een exportproduct. Zowel NMBS als De Lijn en TEC gaan ermee aan de slag. De eerste proefprojecten zijn nog voor dit jaar.

D

e eerste tariefintegratie in dit land dateert van 1970, toen in Brussel het MTBabonnement werd ingevoerd. In de hoofdstad overstappen van trein op bus, metro of tram werd daardoor een fluitje van een cent. Daarna bleef het stil. In 1999 zwoeren de ministers Eddy Baldewijns (SP.A) en Hervé Hasquin (MR) dure eden over tariefintegratie in de zone van het Gewestelijk Expresnet, maar de beloften bleven dode letter. Vandaag komt het eenheidspasje een flinke stap dichterbij. In maart

vorig jaar werd Belgian Mobility Card opgericht, een vennootschap waarin de vier Belgische vervoersmaatschappijen participeren. Een jaar later is er al duidelijk resultaat. In 2013 zal het Brusselse elektronische mobiliteitspasje Mobib in het hele land gebruikt kunnen worden, verkondigt minister van Transport Brigitte Grouwels (CD&V). En in tegenstelling tot eerdere berichten zal ook de naam behouden blijven. De NMBS en De Lijn zitten nu al in een testfase. De spoorwegen moesten in zekere zin wel, door

het gecombineerde MIVB-NMBSabonnement. Als de spoorabonnees toegang willen tot de metrostations, dan is het Mobib-pasje onontbeerlijk geworden. De NMBS is met de procedure begonnen voor de aankoop van Mobibkaartjes. Die zullen vanaf volgend jaar aan alle treinabonnees worden aangeboden. Bij de Vlaamse vervoersmaatschappij komt Mobib als geroepen. De Lijn werkt met een verouderd Prodata-systeem. Dat is dringend aan vervanging toe, al was het maar om beter te registreren hoeveel reizigers er in de Vlaamse bussen zitten. De Lijn bevestigt dat ze nog dit jaar een proefproject in VlaamsBrabant opzet en vanaf volgend jaar met een geleidelijke invoer op de

rest van het net begint, “zodat we het systeem in 2013 in heel Vlaanderen kunnen uitrollen,” zegt de woordvoerder van De Lijn.

Voor de Vlaamse vervoers­ maatschappij komt Mobib als geroepen Ook bij de Waalse vervoersmaatschappij TEC is men volop de informatica in de bussen aan het vervangen, zodat in 2013 in heel Wallonië

met Mobib gereden kan worden. Het gaat hier niet om een echte tarief­integratie. Elke vervoersmaatschappij kan nog een eigen prijzenpolitiek voeren. Er is voorlopig ook geen sprake van een gemeenschappelijk loket waar de reiziger producten van de verschillende vervoersmaatschappijen kan kiezen. Toch is er voor de gebruiker ontegensprekelijk een voordeel. De reiziger heeft nog maar één pasje nodig, waarop MIVB-, Lijn-, TEC-én NMBS-contracten kunnen staan, in alle vormen: abonnementen, tienrittenkaarten,... Daar­­aan kunnen nog andere mobiliteitsoplossingen worden toegevoegd, zoals Villo en Cambio, tot maximaal acht contracten.  Steven Van Garsse

N° 1270 VAN 10 TOT 17 MAART 2011 ¦ WEEK 10: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VZW BRUSSEL DEZE WEEK, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-226.45.40, ABONNEMENTEN: 02-226.45.45, FAX: 02-226.45.69, E-MAIL: INFO@BDW.BE


BDW 1270 PAGINA 2 - DONDERDAG 10 MAART 2011

Uitgelicht > Franse Gemeenschap vecht nieuwe inschrijvingsregeling aan

Nederlandstalige voorrang onder vuur BRUSSEL – Aan Vlaamse zijde begrijpt men niets van de onverhoedse aanval van de Franse Gemeenschap op de nieuwe voorrangsregels voor Nederlandstaligen bij inschrijving in het Brusselse basisonderwijs. “Hoezo? We doen al zoveel inspanningen voor anderstaligen.”

D

e Franse Gemeenschap stelt bij het Grondwettelijk Hof een annulatieberoep in tegen enkele bepalingen van het Vlaamse onderwijsdecreet XX, dat vorige zomer van kracht werd. De Franse Gemeenschap hekelt de verhoging van de voorrang voor Nederlandstalige leerlingen in Brussel tot 55 procent, samen met de regel dat hun ouders nu een Nederlandstalig diploma of een taalgetuigschrift moeten voorleggen. Vroeger volstond ‘een verklaring op eer’. De regeling vormde de zoveelste bijsturing van het Gelijke-Onderwijskansen- of GOK-decreet. Dat maakte in 2002 een einde aan de mogelijkheid voor schooldirecties om zelf

hun leerlingen te selecteren. Voortaan gold het principe ‘eerst komt, eerst maalt’. Dat gaf al snel problemen. Dus kregen broertjes en zusjes absolute voorrang en werkte de Leuvense hoogleraar Raf Verstegen voor de Brusselse Nederlandstaligen een spitsvondige voorrangsregeling uit die de geest van het GOK-decreet respecteerde. Die voorrang was beperkt tot 26,8 procent. Toen ook deze afspraak weer wachtrijen veroorzaakte, besloot toenmalig minister van Onderwijs Frank Vandenbroucke (SP.A) dat het Lokaal Overlegplatform (LOP) voorrangspercentages zou vastleggen, zowel voor kansarme GOK-leerlingen als voor Nederlandstaligen. Het werd

twintig procent voor de kansarmen, en dertig voor de Nederlandstaligen. Onder druk van het katholieke net trok het LOP na een jaar de percentages op tot respectievelijk 30 en 45 procent. Maar nog bleef het moeilijk voor Nederlandstalige ouders om hun kind ingeschreven te krijgen in hun voorkeurschool. CD&V en N-VA drongen vorig jaar dan ook aan op absolute voorrang. Uiteindelijk werd de Vlaamse meerderheid het eens over 55 procent en over de afschaffing van de verklaring op eer waarmee sommige ouders ‘te creatief’ omsprongen. In Brussel was niet iedereen even blij met de verhoogde voorrang. Om te beginnen LOP-voorzitter Dimokritos Kavadias, die net begonnen was aan de evaluatie van de vorige verhoging. Johan Leman van Foyer voorspelde dat het Nederlandstalig onderwijs in Brussel zou evolueren naar een segregerend systeem. Jacky Goris, directeur van het Brusselse Gemeenschapsonderwijs, vindt dat

een goede spreiding wel heel moeilijk wordt als er in bepaalde scholen 55 procent Nederlandstaligen zitten. In alle Vlaams-Brusselse basisscholen samen ligt het aandeel Ne-

“ We begrijpen het argument dat het Nederlandstalig karakter in gevaar komt, maar dat geldt voor ons evengoed” derlandstaligen gemiddeld immers maar op een derde. Nu valt ook de Franse Gemeenschap de regeling aan. Tegen het principe van voorrang kan ze moeilijk bezwa-

DE WEEK IN BEELD DOOR SASKIA VANDERSTICHELE

ren maken. Dat werd eerder immers toegestaan door het Hof. Dus richt ze haar pijlen op de nieuwe verplichting om aan de hand van een diploma of getuigschrift aan te tonen dat men thuis Nederlands spreekt, wil men van de voorrang genieten. Dat is tegen het gelijkheidsbeginsel en tegen de vrijheid van schoolkeuze, zo vermeldt het verzoekschrift. Wat bijvoorbeeld met kinderen van nieuwkomers? En wat met kinderen die zelf veel beter Nederlands spreken dan hun ouders? Bovendien: door de toegang tot het Nederlandstalige onderwijs moeilijker te maken, worden de Franstalige scholen, die ook met grote tekorten kampen, met een bijkomende last opgezadeld. Eric Etienne, woordvoerder van Marie-Dominique Simonet (CDH), minister van Onderwijs in de Franse Gemeenschap, verduidelijkt dit laatste argument. “Het is niet, zoals De Standaard schreef, dat we bepaalde groepen leerlingen willen doorsluizen naar de Vlaamse scholen. Het

OPMERKELIJK

‘GEEN HYPOTHEEK VAN 50 JAAR’

Kunst, carnaval, Kakelbont: de Lakense Kakelbontschool paradeerde afgelopen woensdag in een Ensoriaanse maskerade over de Reper-Vrevenstraat.

© SASKIA VANDERSTICHELE

BRUSSEL – Olivier de Clippele (Brussels parlement, MR) verzet zich tegen de verlenging van de hypotheeklooptijd tot vijftig jaar. Die vraag komt van Febelfin, de koepel van de financiële sector, en wordt nu in de Senaat besproken. Volgens De Clippele is een overdreven lange hypotheek nefast voor de kredietnemer. Voorbeelden in het buitenland tonen aan dat het de vastgoedprijzen doet stijgen. Bovendien is het risico groter dat de schulden niet afgelost kunnen worden. De Clippele heeft een wetsvoorstel ingediend dat het Brussels Gewest hypotheken van langer dan dertig jaar zwaarder gaat belasten. “Het is een vrij radicaal voorstel,” geeft hij toe, “maar in de Senaat heb ik nu eenmaal niets te zeggen.”  SVG


WEEKOVERZICHT

BDW 1270 PAGINA 3 - DONDERDAG 10 MAART 2011

© SASKIA VANDERSTICHELE

WOENSDAG 2 MAART Steen door voorruit. In Laken gooien twee relschoppers een steen door de voorruit van een MIVB-tram op lijn 94 nadat hun de toegang geweigerd wordt. De tramlijn ondervindt veertig minuten hinder en wordt opgeschort tussen De Trooz en Stadion. De trambestuurder is lichtgewond.

DONDERDAG 3 MAART KangoeroewonEN in Molenbeek. In de De Bonnestraat in Sint-Jans-Molenbeek wordt de eerste kangoeroewoning van de gemeente in gebruik genomen. In de kangoeroewoning wonen een negentigjarige vrouw, een man van zestig en een dertiger met kind samen. rand groeit. In 2030 zullen de negentien randgemeenten rond Brussel 25.000 inwoners meer tellen. Dat berekende de studiedienst van de Vlaamse regering. De groei zal het sterkst te voelen zijn in Vilvoorde, Machelen, Overijse en Zaventem. 4.000 extra plaatsen in Franstalig onderwijs. De Franse Gemeenschap creëert in de nabije toekomst 4.151 plaatsen. Er komen nieuwe scholen of uitbreidingen op dertien plaatsen in Brussel.

Ouders die hun kind op een Nederlandstalige school willen, moeten voortaan met diploma of getuigschrift aantonen dat ze thuis Nederlands spreken als ze van de voorrangsregel willen genieten.

gaat erom dat de nieuwe regeling de mogelijkheid beperkt om voor het Nederlandstalig onderwijs te kiezen. Thuistaal zou een privéaangelegenheid moeten zijn. En we hebben begrip voor het argument dat het Nederlandstalige karakter van de scholen in gevaar komt, maar dat geldt voor ons evengoed. Wij verhelpen dat, niet door een selectie aan de poort, maar door de anderstaligen extra te begeleiden.” Overigens had de Franse Gemeenschap volgens hem geen andere keuze dan naar het Hof te trekken. “De nieuwe regeling is er heel snel gekomen via een

“ “ HET WOORD

amendement. We hebben dat over het hoofd gezien. Zodra het decreet van kracht is, is het niet meer mogelijk een belangenconflict in te roepen.” De Vlaamse partijen betreuren het initiatief. Minister van Onderwijs Pascal Smet (SP.A) voert aan dat de Vlaams-Brusselse scholen verhoudingsgewijs al veel meer anderstaligen opvangen dan de Franstalige. Volgens Vlaams parlementslid Willy Segers (N-VA) is het geen verstandige zet van de Franse Gemeenschap, zo vlak voor mogelijke onderhandelingen over Brussel. Brussels Open

VLD-minister Jean-Luc Vanraes wil het niet communautair spelen, maar hamert erop dat het Nederlands- en het Franstalige onderwijs moeten samenwerken aan een capaciteitsuitbreiding. Er werd een taskforce opgericht, maar de eerste bijeenkomst verliep moeizaam. Of het na deze verrassingsactie van de Franse Gemeenschap vlotter zal gaan, valt te betwijfelen. De vraag is vanaf nu niet meer alleen wie waar uitbreidt, maar ook wie welke verantwoordelijkheid draagt voor de aanzwellende groep anderstaligen. Bettina Hubo

Met het huidige budget zal het dertig jaar duren om de tunnels volledig te renoveren. Tegen dan zijn ze ingestort.”

Vertragingen na noodrem. Enkele treinen lopen vertraging op nadat een reiziger in de avondspits aan de noodrem trekt. Volgens de NMBS was daar geen reden toe. Mes over het hoofd. Volgens de krant La Dernière Heure werd vorige week een mes gevonden in de stoffenwinkel van de familie Storme. Speurders hadden dat mes tijdens het moordonderzoek over het hoofd gezien. Later onderzoek wijst uit dat de vondst van het mogelijke wapen geen nieuw licht op de zaak werpt. Léopold Storme zit een straf van 26 jaar uit voor de moord op zijn ouders en zus.

VRIJDAG 4 MAART MIVB VOERT ACTIE. De socialistische en de liberale vakbond houden een nationale actiedag tegen het interprofessioneel loon­ akkoord. In het Brusselse gewest staakt de MIVB, en ook is er zware hinder op de spoorlijnen van en naar de hoofdstad. Bij Audi Brussels staken de drie grote vakbonden en ligt de band stil. MANDATARISSEN VERENIGEN ZICH. De Brusselse parlementsleden Bianca Debaets (CD&V) en Olivier de Clippele (MR) richten een vereniging op die tot doel heeft verkozen politici over de taalgrenzen te verenigen. De focus ligt op cultuur. Zwaargewonde IN metro. Rond 19 uur raken twee personen zwaargewond na een vechtpartij met elkaar in metrostation De Brouckère. Een van hen is in kritieke toestand. Het metroverkeer ligt een halfuur stil op de centrale lijnen. De aanleiding voor het gevecht is onduidelijk.

ZATERDAG 5 MAART Minister van Begroting Jean-Luc Vanraes (Open VLD) vreest een negatieve notering van Standard & Poor’s en doet in De Standaard nogmaals een oproep tot herfinanciering van Brussel.

Libische betoging in angst. Voor de Libische ambassade demonstreren een handvol Iraniërs. In de Belgische hoofdstad zijn er maar weinig Libiërs, en de weinigen die er zijn, zouden te bang zijn om te betogen. Ook zou de ambassade in Brussel het regime van Khadafi zeer trouw zijn.

MAANDAG 7 MAART

We hebben onze eigen kleine Belgische Alliot-Marie.” Minister-president Charles Picqué (PS) haalt op een bijeenkomst van PS-militanten uit naar minister van Buitenlandse Zaken Steven Vanackere (CD&V), die volgens hem te lang gewacht heeft om de Libische leider Kadhafi tot de orde te roepen. De Franse minister Michèle Alliot-Marie bakte zoete broodjes met Noord-Afrikaanse dictators.

Filterblokkade

... of mogen we spreken van een treiterblokkade? Op de actiedag tegen het Interprofessioneel Akkoord (IPA) afgelopen vrijdag werd niet alleen het openbaar vervoer lamgelegd, de deelnemende vakbonden richtten op verschillende plaatsen in het land ook blokkades op. De auto’s werden er maar mondjesmaat door gelaten. In Brussel werden de auto’s onder meer tegenhouden aan drukke invalswegen als Delta, Anderlecht Industrie en

op de Keizer Karellaan. De vertragingen liepen op tot een uur. Of het doel van de actie – de automobilisten informeren over het doel van de actiedag, dixit een woordvoerster van het ABVV – werd bereikt, valt te betwijfelen: eerst de auto in gejaagd worden en dan een uur verplicht worden naar de vervuilde lucht boven Brussel te staren, zet een mens echt niet aan tot meer luisterbereidheid.

FRANSE GEMEENSCHAP IN DE AANVAL. De Franse Gemeenschap stapt naar het Grondwettelijk Hof met een klacht over het laatste Vlaamse onderwijsdecreet. De Franstaligen vinden de voorrangsregeling voor Nederlandstaligen in Brusselse scholen discriminerend.

DINSDAG 8 MAART MINDER BELASTINGEN. Een op de tien Brusselaars betaalt zijn belastingen niet. Dat blijkt uit een antwoord van ontslagnemend minister van Financiën Didier Reynders (MR) aan Bart Tommelein (Open VLD). Het Brusselse aantal is dubbel zo hoog als het nationale gemiddelde. DIEREN verwaarloOSD. In Schaarbeek wordt een 63-jarige vrouw aangehouden omdat ze haar dertig katten niet goed verzorgt. Buren klaagden over de stank. 

Samengesteld door Christophe Degreef

MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP


BDW 1270 PAGINA 4 - DONDERDAG 10 MAART 2011

Politiek > VSGB-voorzitter Marc Cools over lege gemeentekassen en volle bevoegdheden

‘Een fusie van gemeenten komt er nooit’ D

e VSGB is de hoofdstedelijke tegenhanger van de bekendere Vlaamse Vereniging voor Steden en Gemeenten. De VSGB is ook een beetje het kleine broertje. Sinds de splitsing van de Vereniging van Belgische Steden en Gemeenten in 1995 telt de vereniging in Brussel nog een twintigtal personeelsleden. In Vlaanderen en Wallonië zijn ze al gauw met honderd, “maar dat wil niet zeggen dat we ons mannetje niet staan,” zegt Marc Cools, die al zes jaar voorzitter van de VSGB is. “We zijn een studiebureau voor de Brusselse gemeenten, en tegelijk een soort lobbymachine. Daarnaast organiseren we vormingen voor het gemeentepersoneel en staan we ook gemeentelijke mandatarissen bij.” De VSGB houdt tegelijk nauwlettend de gemeentekassen in het oog, toch een van de pijlers van de lokale besturen. En die cijfers ogen bijzonder zorgwekkend. “De gemeentefinanciën van Brussel zijn zowel in de armere centrumgemeenten als in de buitengemeenten verre van rooskleurig,” zegt Cools. “Daar is deels een historische verklaring voor. Toen in 1974 het Gemeentefonds werd geregionaliseerd, viel het Brussels aandeel daarin van twintig naar acht procent. Dat merk je ook vandaag nog: Brusselse gemeenten krijgen gemiddeld 250 euro per inwoner uit dat fonds. In Gent, Antwerpen, Luik en Charleroi is dat al gauw duizend euro.” “Daarnaast zien we sinds enkele

jaren een negatieve trend die de Brusselse gemeenten zachtjes aan versmacht. De bevolking verarmt. De fiscale inkomsten stijgen minder dan in Vlaanderen en Wallonië. Dat is zelfs het geval in de rijkere gemeenten. Nemen we Ukkel, waar ik schepen ben: vandaag bedraagt de inflatie drie à vier procent, terwijl de inkomsten uit de personenbelasting slechts met één procent stijgen.”

“ Districten zonder politieke macht, zoals in Parijs of Wenen, zijn een negatie van de democratie” “Daarnaast lijden de gemeenten ook onder de bankencrisis. Dit is eerder een conjunctureel probleem. De gemeenten hebben mooie opbrengsten opgestreken toen Dexia het goed deed. De toekomst kan positief uitdraaien, maar het zijn nu wel magere jaren, en daardoor zitten heel wat gemeenten op hun tandvlees. Er is wel één meevaller voor de Brusselse gemeenten: de vastgoedinkomsten zijn relatief stabiel gebleven.” Aan de uitgavenzijde is het stilaan dramatisch gesteld.

Marc Cools: “Twee uitgavenposten beginnen enorm zwaar te wegen op de gemeentekassen: de dotatie aan de OCMW’s en de dotatie aan de politiezone. De cijfers spreken voor zich. De gemeenten in Brussel geven gemiddeld 240 euro per inwoner uit voor de dotaties aan het OCMW. In Vlaanderen is dat maar 125 euro, en in Wallonië 108 euro. Voor de politie betalen de Brusselse gemeenten 264 euro per inwoner, in Vlaanderen 128 euro, in Wallonië 111 euro.” “Als we de evolutie in de tijd bekijken, dan is de toestand nog schrijnender. Tussen 2004 en 2010 zijn de OCMW-dotaties van alle negentien gemeenten met maar liefst 44 procent gestegen. Die stijging liep twee maal sneller dan die van de OCMW-uitgaven van de vier grote steden in de rest van het land, waar we maar een stijging van zeventien procent vaststellen. Ook voor de politiezones zijn de uitgaven gestegen: met twintig procent in zes jaar tijd.”

Handelsingenieur (Solvay) Mouvement Réformateur (MR) Lid van het Brussels parlement van 1989 tot 2004 Schepen in Ukkel sinds 1990 Voorzitter van de Brusselse Vereniging voor Stad en Gemeenten sinds 2005 Vanaf juni 2011 voorzitter van de Belgische Vereniging voor Steden en Gemeenten  SVG

In die situatie is de verleiding groot om de belastingen te verhogen. Cools: “Er zijn limieten aan de fiscale druk. Parkeerretributies kunnen iets opbrengen, maar de voornaamste inkomsten van de gemeenten zijn de onroerende voorheffing en de personenbelasting. Hogere be-

lastingen kunnen ook de economische ontwikkeling afremmen.” Wat stelt de VSGB dan voor om het tij te keren? Cools: “Onze stelling is: er mogen geen opdrachten bijkomen zonder bijpassende middelen. Er is een tendens bij alle overheden, de federale,

© SASKIA VANDERSTICHELE

BRUSSEL – Er zijn 428 personen verantwoordelijk voor veiligheid, controle en preventie in de Brusselse metro, en op het hele metronet wordt u door meer dan 1.300 camera’s in het oog gehouden. Toch werden er vorige week nog eens tien externe bewakingsagenten ingeschakeld. tair debat afgelopen vrijdag over veiligheid op het Brusselse metronet vertelde Grouwels dat er 137 veiligheidsagenten en 166 preventiemedewerkers in dienst zijn van

Geboren in 1956 in Etterbeek

Dat komt onder meer door de recente gerechtelijke uitspraak over het vakantiegeld voor de politie? Cools: “Neen, die is hier niet meegerekend. De Copernicuspremie gaat over miljoenen en miljoenen euro’s. Als de gemeenten voor die kosten moeten opdraaien, dan zullen we mensen moeten ontslaan.”

‘PRIVÉBEWAKING IS COSMETISCHE INGREEP’

De cijfers komen van Brussels minister van Vervoer Brigitte Grouwels (CD&V), die bevoegd is voor de MIVB. Tijdens een uitgebreid parlemen-

Marc Cools © SASKIA VANDERSTICHELE

BRUSSEL – De financiën van de Brusselse gemeenten ogen niet rooskleurig. Marc Cools, voorzitter van de Vereniging van Stad en Gemeenten te Brussel (VSGB), luidt de alarmbel. “Als deze tendens zich voortzet, dan betekent dat een bom onder de lokale besturen.”

Veiligheid in de metro: wie is bevoegd?

de openbaarvervoersmaatschappij. Tezamen met 115 federale agenten van de Spoorwegpolitie en de tien agenten van Securitas die sinds vorige week tijdelijk patrouilleren, geeft dat dus een totaal van 428 personen bevoegd voor veiligheid en preventie. Daarnaast leverden 1.304 camera’s 1.253 opgevraagde beelden in 2010. De beslissing van de MIVB vorige week om (slechts) tien extra agenten van de beveiligingsfirma Securitas zeventien weken aan het werk te zetten, is merkwaardig, omdat de

gewestelijke of gemeenschapsoverheden, om ons nieuwe taken toe te schuiven. Maar daar staan geen financiële middelen tegenover. In Oostenrijk stelt de grondwet dat de federale overheid geen taken mag afwentelen op de lokale besturen zonder financiële compensatie. In België doet men maar. Ook Vlaamse en Waalse gemeenten zijn hier de dupe van. Het is al te makkelijk om mooie maatregelen aan te kondigen en die dan door de anderen te laten betalen.” “Daarnaast moet er dringend in Brussel, zoals in Vlaanderen, een dienst worden opgericht voor de inning van de onroerende voorheffing. Nu is die in handen van de federale administratie. Aangezien de federale overheid geen begunstigde is, heeft ze er ook geen direct belang bij om snel en goed te innen.” “Het is voorts van belang dat Brussel middenklassers aantrekt om de fiscale inkomsten op peil te houden. Tot slot is er natuurlijk dringend een herfinanciering van Brussel nodig. En die moet prioritair de gemeenten ten goede komen.” Brussels parlementslid Didier Gosuin (FDF) stelt voor om gemeenten beter te laten samenwerken, bijvoorbeeld door een aankoopcentrale op te richten. Cools: “Daar zijn wij ook voorstander van, maar het Gewest draalt. Voor de regionalisering van de Gemeentewet konden de negentien Brusselse gemeenten terecht bij de federale aankoopcentrale. Ik heb als schepen nog meegemaakt hoe ik voor de aankoop van een vuilniswagen bijvoorbeeld in de catalogus van de federale overheid kon kiezen. De politiezones maken daar

veiligheidsdienst van de MIVB (bestaande uit interventieploegen, de hondenbrigade en controleploegen), de Spoorwegpolitie en de preventiemedewerkers al uit 418 mensen bestaan, en die diensten logischerwijs beter versterkt kunnen worden. Volgens Grouwels gaat het om een tijdelijke maatregel tot de zomer, wanneer ze de MIVB-veiligheidsdienst met twintig mensen wil versterken, en het aantal preventiemedewerkers wil optrekken met nog eens hetzelfde aantal. Vincent De Wolf (MR, oppositie)


BDW 1270 PAGINA 5 - DONDERDAG 10 MAART 2011

neren, zonder eigen begroting, zonder eigen inkomsten, daar bedanken wij feestelijk voor.” “Weet u, de Brusselse gemeenten staan vandaag al onder voogdij van het Brussels Gewest. Ze zijn met handen en voeten gebonden. Veertien of vijftien Brusselse gemeenten staan zelfs onder curatele. De begrotingen worden vooraf goedgekeurd door een ambtenaar van het Brussels Gewest die geen enkele politieke verantwoording aan de kiezer hoeft af te leggen.” “Er is al veel geknaagd aan de autonomie van de Brusselse lokale besturen. Op het vlak van stedenbouw en openbare werken moeten de gemeenten voor heel wat dossiers het fiat krijgen van het Gewest. Omgekeerd: als het Brussels Gewest grote projecten wil uitvoeren in een wijk, dan hebben de betrokken gemeenten alleen een raadgevende stem, niet meer of niet minder dan om het even welke burger.” Een staatshervorming kan de Brusselse gemeenten ook verplichten om samen te smelten. Cools: “De Franstaligen zullen daar nooit mee instemmen. Een fusie van de Brusselse gemeenten komt er nooit.” Marc Cools: “Wij betwisten dat een fusie van de gemeenten een financiële bonus zal opleveren. Antwerpen heeft bewezen dat een grote stad niet noodzakelijk goedkoper is.” nog altijd gebruik van, maar de gemeenten mogen dat sinds 2000 niet meer. Nochtans levert dat door de schaalgrootte heel wat voordelen op. Niet alleen financieel, maar ook omdat het administratief eenvoudiger is. Voor het sluiten van energiecontracten zou het de gemeenten bijvoorbeeld een slok op de borrel schelen.” Dat het Gewest geen haast maakt, heeft misschien ook te maken met slechte ervaringen. Het Parkeeragentschap, toch ook een gewestelijke dienst voor de gemeenten, komt maar moeizaam van de grond. Cools: “Het Parkeeragentschap is een andere zaak. Gaat dat de gemeenten meer centen opleveren? Neen, waarschijnlijk zelfs minder. De gemeenten zijn principieel niet tegen, maar de burgemeesters zijn wel argwanend. Het Gewest zou lokale parkeerplannen uittekenen.

noemde de privéagenten ‘een cosmetische ingreep’ en de Brusselse regering onder leiding van Charles Picqué ‘incompetent’. “In 2010 is het aantal agressiegevallen met meer dan de helft gestegen ten opzichte van een jaar eerder,” cijferde De Wolf voor.

Te veel Minister Grouwels laakte het feit dat momenteel alleen de federale politie de camerabeelden in de metrostations live kan bekijken, terwijl de MIVB en de lokale politiezones

Maar wie beter dan de gemeenten kent de situatie op het terrein? Ten tweede is er de controle en inning van de parkeerretributies. Wie zegt dat de controle beter wordt als dat gecentraliseerd gebeurt?” Voor de meeste Vlaamse par­ tijen kan een herfinanciering van Brussel alleen na een interne stadshervorming. Cools: “Het is nog maar de vraag of de Vlaams-Brusselse politici daar ook allemaal voorstander van zijn.” De Brusselse SP.A in elk geval wel. Cools: “Pascal Smet was een rampzalige minister van Openbare Werken. Er is niets van zijn projecten terechtgekomen. Als we in deze stad iets willen, dan is er overleg nodig. Wij betwisten dat een fusie van de gemeenten een financiële bonus zal opleveren. Antwerpen heeft bewezen dat een grote stad niet noodza-

alleen oudere beelden kunnen opvragen. Ze zegt het probleem al aangekaart te hebben bij de federale minister van Binnenlandse Zaken, Annemie Turtelboom (Open VLD), maar dat viel volgens haar in dovemansoren. Annemie Maes (Groen!) situeerde het veiligheidsprobleem deels bij de vele verschillende bevoegde diensten, en meer bepaald de preventie van de MIVB. “Sinds 2005 is het aantal gevallen van agressie in de metro vervijfvoudigd. Door factoren als bevolkingstoename, toene-

© SASKIA VANDERSTICHELE

De werkgroep die zich in het Brussels parlement, onder leiding van Dimitri Yernault (PS), over de bevoegdhedentransfer boog, heeft niet veel opgeleverd. Cools: “De Brusselse gemeenten

Ook de groep rond Philippe Van Parijs en Alain Deneef stelt een fusie voor met behoud van districten. Cools: “Districten zonder politieke macht, zoals in Parijs of Wenen, zijn de negatie van de democratie. Mandatarissen verkiezen om die dan als soort van postbus te laten functio-

PS en Ecolo willen het aantal schepenen en burgemeesters in het Brussels parlement inperken. Akkoord? Cools: “Ik spreek hier in persoonlijke naam: het is een hypocriet voorstel. Ofwel bant men alle lokale mandatarissen uit het Brussels parlement, ofwel laat men de democratie haar werk doen. Want wat zullen we zien? Alleen de burgemeesters zullen nog in staat zijn om genoeg stemmen te halen om een zitje in het Brussels parlement te bemachtigen. En het zijn precies de burgemeesters die de handen vol hebben met het beheer van hun gemeente. Er zijn daarentegen in Brussel wel te veel politieke mandatarissen – en dan heb ik het niet over de gemeenteraadsleden die het moeten rooien met enkele tientallen euro’s per zitting. Het Brussels parlement, maar ook de Brusselse schepencolleges daarentegen zouden het gerust met wat minder politici kunnen doen. Zoals vroeger.”  Steven Van Garsse

mende internationalisering en verstedelijking zien we ook in andere grootsteden elders in de wereld een toename van de criminaliteit. De cijfers van de politie over fysieke en verbale agressie in het openbaar vervoer stroken haast niet met die van de MIVB. Er is dus overduidelijk een betere stroomlijning van de statistieken nodig, en een duidelijke benoeming van de oorzaken,” meent Maes. Dominiek Lootens-Stael (Vlaams Belang) verbaasde zich erover dat veiligheid nu ook een thema van de

traditionele partijen is geworden, meer bepaald van de PS. Volgens hem beschikte de MIVB over een goede veiligheidsdienst tot 1998, toen twee verantwoordelijken van die dienst wegens vermeend racisme werden ontslagen. “Sindsdien is de veiligheidsdienst afgebouwd ten koste van een preventiedienst, die vooral kansarmen aan het werk zet.” Lootens-Stael legde een groot deel van het probleem bij allochtone jongeren, waarop zijn collega Fouad Ahidar (SP.A) ermee dreigde het parlementaire verslag na te lezen en een

klacht te overwegen bij het Centrum voor Gelijke Kansen en Racismebestrijding. Ahidar oogstte applaus. Grouwels haalde ten slotte nog aan dat “de situatie in Brussel niet slechter is dan in andere steden, integendeel.” De MR-fractie vroeg zich af waarom de PS begin februa­ri stellig tegen privébewaking in de metro was terwijl federaal minister van Volksgezondheid Laurette Onkelinx (PS) twee weken later voorstelde om militairen in te zetten.   Christophe Degreef

kelijk goedkoper is. Wij zijn voorstander van subsidiariteit: leg de bevoegdheid op het niveau waar ze

hébben al veel bevoegdheden moeten afstaan aan het Gewest. Huisvuilophaling en brandweer zijn in

“ Er is dringend een herfinanciering van Brussel nodig. En die moet vooral de gemeenten ten goede komen” het beste rendeert. Daarover valt te praten, natuurlijk. Het lijkt me bijvoorbeeld niet ondenkbaar dat het Gewest het beheer van de zwembaden overneemt.”

Vlaanderen en Wallonië in handen van de gemeenten, of van intercommunales. Niet zo in Brussel.”


BDW 1270 PAGINA 6 - DONDERDAG 10 MAART 2011

© CHRISTOPHE DEGREEF

In Parijs vaart de JCDecaux-fietsenatelierboot de Seine af, om kapotte fietsen op te pikken en ze onderweg te herstellen.

Economie > Franse multinational levert stadsmeubilair, wegwijzers en fietsen

De ijsberg genaamd JCDecaux PARIJS/BRUSSEL – JCDecaux is wereldwijd het grootste bedrijf dat zich bezighoudt met buitenreclame en stadsmeubilair. Achter de Brusselse bushokjes en de Villofietsen gaat een wereld schuil waarvan weinigen de omvang en de werking kennen. “De meeste mensen zien alleen het stadsmeubilair en de reclame, maar het is zoveel meer.”

D

e komende jaren worden alle bushokjes in de hoofdstad vervangen door een uniform exemplaar. Dat heeft Brussels minister van Vervoer Brigitte Grouwels (CD&V) onlangs bekendgemaakt. Voor het eerst komt er eendracht in de wildgroei aan bushokjes. De schuilhuisjes zullen eigendom zijn van het Brussels Gewest, beheerd door de MIVB. Opmerkelijk, want nu zijn schuilhuisjes in hoofdzaak eigendom van het adverteerdersbedrijf JCDecaux. Het Brussels Hoofdstedelijk Gewest zal de hokjes zelf financieren door reclame-inkomsten. Maar natuurlijk zijn de MIVB, de gemeenten en het Gewest gebonden aan contracten met JCDecaux, en duurt het nog tot 2018 eer de laatste overeenkomsten afgelopen zijn.

JCDecaux is een Franse onderneming die in 1964 in Lyon ontstond. Jean-Claude Decaux stelde toen aan de burgemeester van die stad voor om overal uniforme bushokjes te plaatsen. Dat kostte de stad niets, maar in ruil voor die ondernemingszin kreeg Decaux wel het recht om de hokjes te commercialiseren. Het stadsbestuur ging erop in. Het was handig om iemand anders dat werk te laten doen, er niets voor te hoeven betalen en ook nog eens onderhoudskosten uit te sparen: Decaux zou het meubilair onderhouden.

Buitencommunicatie In 1967 stak het bedrijf met die succesformule de grens over: België werd de eerste internationale uitbreiding. Al gauw kwam er de Mupi, een gepatenteerd reclamebord met

aan de keerzijde vaak een stadsplan. Anno 2011 heeft JCDecaux een hele catalogus aan stadsmeubilair met reclameborden; in Brussel staan verschillende generaties: openbare toiletten, bushokjes in verschillende stijlen, glasbollen, toeristische signalisatie en ook een openbare fietsenservice, in Brussel beter bekend als Villo. Wereldwijd zorgde dit assortiment voor een omzet van 2,35 miljard euro in 2010: een recordbedrag. Wim Jansen, manager bij JCDecaux België, is niet echt verwonderd door het succes. “Wij zijn actief in de sector van de externe communicatie, alle reclame die buiten de voordeur plaatsvindt. Tv-reclame kun je wegzappen, maar een reclamepaneel aan een bushok, daar kun je niet naast kijken. En reclame op stads-

meubilair betekent voor België zestig procent van onze inkomsten.” JCDecaux ziet de komende jaren veel heil in stadsmeubilair, want de markt van de billboards, de affichage op grote panelen, verandert snel. “Dat heeft te maken met de voorbije crisis,” zegt Jansen. “Billboards werden voornamelijk gebruikt door automerken en banken, net de twee sectoren die hebben geleden.” Het laatste paradepaardje van de Fransen is Villo, de fietsenservice die de laatste tijd heel aanwezig is in Brussel. De fietsen zijn geïnspireerd op het Parijse Velib’, dat op zijn beurt geïnspireerd is op de allereerste versie, Velo’v uit Lyon. “Villo was een investering van meer dan tien miljoen euro, waar de Brusselse gemeenten noch het Gewest ook maar één euro voor hoeven te betalen. In 2010 hebben we de kaap van twintigduizend langetermijnabonnees gerond, en nu zijn er fietsen in elf gemeenten. Dit jaar is het onze ambitie om de resterende acht Brusselse gemeenten over te halen,” zegt de manager.

Overhalen is misschien een groot woord, althans voor sommigen. Volgens Vincent De Wolf, Brussels parlementslid en MR-burgemeester van Etterbeek, werd zijn gemeente veeleer gedwongen te onderhandelen met JCDecaux. Voor een aantal Brusselse gemeenten was een bilaterale overeenkomst, afgesloten tussen het Gewest en de adverteerder-fietsleverancier, er net iets te veel aan, en ze eisten afzonderlijke onderhandelingen om Villo-fietsen te kunnen plaatsen. “Uiteindelijk wilden we de service wel,” zegt De Wolf, “want het is loos om in de buurgemeenten Elsene en Brussel stations te hebben, maar mensen niet de mogelijkheid te geven in Etterbeek hun fiets achter te laten. Maar ik had ook contracten met Clear Channel (directe concurrent van JCDecaux, red.) lopen, en ik wou JCDecaux niet zomaar het monopolie geven. Maar idealiter zou die dienst door de gemeenten zelf georganiseerd kunnen worden. Gemeenten kunnen dan zelf reclameinkomsten innen.”


BDW 1270 PAGINA 7 - DONDERDAG 10 MAART 2011

“ Wij geven plaatselijke overheden de kans om uitgaven te vermijden”

twintig technici onderhouden. In Parijs zijn dat maar liefst 140 mensen voor alle 20.500 fietsen, en zelfs een heuse atelierboot ( foto’s) die de Seine afvaart en op verschillende plaatsen aan de kaden kapotte fietsen ophaalt en herstelde fietsen afzet, waarna ze door mobiele eenheden naar hun stations worden teruggebracht. “De kracht van dat fietsensysteem is dat elke tien stations hun persoonlijke verantwoordelijke hebben, en dat we van een kapotte fiets snel een volledig nieuw exemplaar kunnen maken,” zegt Grégoire Maes, verantwoordelijke voor het Parijse fietssysteem.

Verkiezingen JCDecaux bezit kennis die ‘gewone’ overheden zelden voor de dag kunnen leggen, en het bezit de middelen. Maar daartegenover staan volgens sceptici de weinige transparante contracten die het bedrijf afsluit. Contracten voor Mupi’s, voor bushokjes, overeenkomsten voor Villo-fietsen, allemaal met verschillende looptijden, en allemaal in de publieke ruimte. Wim Jansen zegt dat zijn werkgever vaak als inzet wordt gebruikt bij verkiezingen. “En als de opposant dan gewonnen heeft en onze contracten ziet waaraan de gemeente nog een aantal jaar gebonden is, en als hij dan bedenkt hoeveel het kost om het allemaal zelf te doen of een contract op te zeggen, dan is dat gauw vergeten en vergeven. De meeste mensen zien alleen het meubilair en de reclame, maar ze zien zelden de voordelen en de service die ons bedrijf levert. Het is als een ijsberg: alleen het topje zie je, maar het grootste deel, dat ligt onder water.”   Christophe Degreef

P-PRAAT Volgens Brussels parlementsvoorzitster Françoi­se Dupuis (PS) heeft de CD&V’er Walter Vandenbossche, ondervoorzitter van het halfrond, de deur van haar kantoor zo hard dichtgeslagen dat er kosten aan zijn. Aan de deur, niet aan Dupuis. De ruzie zou gehandeld hebben over de verdeling van functies tussen voorzitter en ondervoorzitter, een uiterst gevoelige kwestie.

BEURS VOOR CREATIEVE VRIJETIJDSBESTEDING

Dupuis mag van geluk spreken dat er een deur in haar kantoor is. Mocht ze het Brussels parlement beloofd hebben (zoals vijfduizend sociale woningen, weet u nog?), er zou nog geen gebouw staan. En geen kantoor. En ook geen deur. En om bij de Slaande Deuren te blijven: Charles Picqué heeft ook een ferme deur dichtgeslagen voor federaal minister van Buitenlandse Zaken Steven Vanackere (CD&V). Die is volgens de Brusselse minister-president ‘een kleine AlliotMarie’, refererend aan de Franse minister van Buitenlandse Zaken die onlangs ontslag nam nadat banden waren aangetoond met het voormalige (en sinds heden ongewenste) Tunesische regime. Vanackere zou volgens Picqué te lief zijn geweest voor het Libische staatshoofd Khadafi, vandaar de vergelijking (denken wij). Maar u zou denken dat de wapenfabriek FN Herstal in het zuiden van het land – en eigendom van de (PS-) overheid aldaar – dan ook de deur zou dichtdoen voor het Libië van Khadafi. Niet, dus. Voor wie tijd heeft, loont het de moeite eens nader te gaan onderzoeken waarom Picqué boos is op Steven Vanackere. Au fond is dat terug te voeren tot een verschil in visie over hoe Brussel bestuurd moet worden. Niet zo erg natuurlijk, ware het niet dat PS en CD&V in Brussel regeren. In feite heeft de sneer van Picqué naar Van­ackere evenveel met Grote Moraliteit te maken als Groenland met palmbomen.

CHIEN ÉCRASÉ ELSENE – Jawel, lang geleden, maar nooit helemaal weg: verfbommen op het reuzenscherm te Flagey! Daar moet wel direct bij verteld worden dat het toch al lang geleden is dat er nog een bank werd stukgeslagen. U mag oordelen of er vooruitgang wordt geboekt. ANDERLECHT – Bij het ter perse gaan van deze krant bleek dat de Nederlandse Anderlechtspeler Mbark Boussoufa in Grozny gaat spelen. Grozny, voor weinig ingewijden, is de hoofdstad van Tsjetsjenië, en FC Terek, de ploeg waar Boussoufa gaat spelen, wordt voorgezeten door Ramzan Kadirov, die ook president is van de Russische deelrepubliek. Volgens sommige bronnen houdt Kadirov er een paar bedenkelijke praktijken op na, zoals het runnen van een privémilitie. Ook voerde hij officieel delen van de sharia in. Zo ver zijn ze in Anderlecht nog niet. ELSENE – De agenten van Securitas die vorige week werden geïntroduceerd op het Brusselse metronet – de volle tien –, klagen volgens vakbondsbronnen over beledigingen. Nu, dat is misschien niet geheel verwonderlijk, vermits de bewakingsagenten veredelde preventiemedewerkers van de MIVB zijn, en dit gegeven op zich al volstaat om in lachen uit te barsten. Ze mogen zelfs geen handboeien meenemen. Een tip voor de arme Securitas-agenten: mocht de frustratie dat er niets ondernomen mag worden, te veel zijn, doe dan gewoon zoals de preventiemedewerkers, en kijk gerust de andere kant uit. Zeer streetwise, en niet moeilijk.

Brussels Expo

Hall 4

17 20 03 2011 Info : 02 808 41 65 www.creativa-belgium.com

Met : Creativa Kids, een creatieve hobbyruimte voor kinderen tijdens het weekend !

KORTINGSBON Te downloaden op de site : www.creativa-belgium.com

-1 eur

www.warmred.be

Jansen: “Wij geven plaatselijke overheden de kans om uitgaven te vermijden door hun stadsmeubilair of fietsenservice uit te besteden. Wij hebben de kennis om dat te doen, en we hebben een heel team binnen ons bedrijf dat niets anders doet dan nieuw stadsmeubilair ontwikkelen en testen. Zodra we dat meubilair hebben geplaatst, onderhouden we het ook nauwgezet. Een ingeslagen ruit? Een week later zit er een nieuwe in. Graffiti? Een paar dagen later zijn die weg. En kapotte fietsen? Daar hebben we een afzonderlijke onderhoudsploeg voor.” In Brussel worden de 2.500 Villo’s door een ploeg van om en bij de

ADVERTENTIE


BDW 1270 PAGINA 8 - DONDERDAG 10 MAART 2011

Welzijn > Brusselaars hebben voortaan centraal aanspreekpunt Partnergeweld

Blijf niet zitten met de pijn BRUSSEL – Voor vragen en hulp rond lichamelijk of psychisch geweld in huiselijke kring kan de Brusselaar sinds januari terecht bij het Aanspreekpunt Partnergeweld en op één nieuw centraal nummer, 02-502.66.00. De dienstverlening valt onder de twee Centra voor Algemeen Welzijn voor het gewest.

S

inds 2006 is met een ministeriële opdracht in Vlaanderen werk gemaakt van een specifiek Aanspreekpunt Partnergeweld voor elk van de 25 Centra voor Algemeen Welzijn. Het Brusselse gewest heeft twee van die CAW’s: Archipel (Groot Eiland 84) en Mozaïek (onthaaladres: Grétrystraat 1), die samen het meldpunt organiseren. Alle CAW’s dienden hun maatschappelijk aanbod uit te breiden met een aanspreekpunt voor intrafamiliaal geweld of partnergeweld. Alle CAW-medewerkers, van maatschappelijk werkers en psychologen tot juristen, werden getraind op de probleemthema’s mishandeling, lichamelijk geweld, vernedering, verwaarlozing, financiële onderdrukking en gedwongen seks. Nieuw is ook het centrale meldadres en één noodlijn. Voor Brussel werd een netwerkvormer Partnergeweld aangesteld, Evi Thewis, die ook actief is als hulpverlener in het CAW

in Dilbeek. Maar het registratiesysteem voor slachtoffers van partnergeweld is van dien aard dat er nog geen specifieke cijfers voor de hoofdstad voorhanden zijn, bevestigt CAW Mozaïek. Evi Thewis licht toe. Vraagt partnergeweld in de grootstad context een specifieke aanpak? Evi Thewis: “Het probleem komt op eenzelfde manier voor op het platteland als in de stad. Mogelijk kan de anonimiteit in de grote stad voor een bijkomend probleem zorgen, al hebben we daar geen studies over. Het merendeel van de meldingen gaat over klachten: zich regelmatig slecht voelen, depressie, hoofdpijn, stress. Die psychosomatische klachten verbergen waar het in essentie om gaat: thuis geslagen worden. Weinig mensen zeggen dit meteen zo nuchter. Aan ons om de signalen uit te klaren. Partnergeweld komt in alle sociale

ADVERTENTIE

Openbaar OnderzOek Over het Ontwerp van waterbeheersplan van het brussels hOOfdstedelijk Gewest: MaatreGelenprOGraMMa van 28 februari 2011 tot 28 augustus 2011 Het water in de stad, de duurzame toekomst van Brussel … en van onze planeet ! Water … een eenvoudig begrip dat ons thuis doet denken aan het eenvoudige gebaar van het opendraaien van een kraan om de dorst te lessen, een douche te nemen, te koken, de tuin te sproeien. Maar water is ook en vooral een essentieel bestanddeel van ons milieu dat onontbeerlijk is voor elke vorm van menselijk, plantaardig en dierlijk leven. Nochtans wordt het water ernstig bedreigd. De rechtstreekse impact van de menselijke activiteiten op de cyclus van het water beïnvloedt sterk ons leefmilieu. Talrijke waterlopen, meren en grondwaterlagen worden verontreinigd door lozingen, emissies en het verlies van diverse substanties. Dat brengt niet alleen de kwaliteit van het water dat we verbruiken in gevaar, maar ook het kostbare evenwicht van de biodiversiteit in de onmiddellijke omgeving. Het is dus van kapitaal belang om te handelen! Daarom stelt het Brussels Hoofdstedelijk Gewest een Waterbeheersplan op. Daarmee verbindt het Gewest zich ertoe diverse maatregelen te nemen om de grote uitdagingen van het waterbeheer in Brussel aan te gaan, zonder daarbij aan comfort of doeltreffendheid te moeten inboeten: kwaliteit van het drinkwater, riolering, afvalwaterzuivering, bescherming van de waterlopen en andere vochtige milieus, enz.

uw mening interesseert ons ! Vóór de Brusselse Hoofdstedelijke Regering het ontwerp van Maatregelenprogramma van het Waterbeheersplan van het Brussels Hoofdstedelijk Gewest aanneemt, wordt dat plan aan de bewoners van het Gewest voorgelegd in een openbaar onderzoek dat loopt van 28 februari 2011 tot 28 augustus 2011.

u wilt reageren, uw mening geven ? Dan kunt u antwoorden op de vragenlijst op www.leefmilieubrussel.be/waterplan en/of schrijven naar info@ibgebim.be of Leefmilieu Brussel, Infodienst, Onderzoek ‘Waterplan’ – Gulledelle 100 in 1200 Brussel.

wilt u hier meer over lezen ? De volgende documenten zijn te downloaden op www.leefmilieubrussel.be/waterplan • het ontwerp van Maatregelenprogramma van het Waterbeheersplan (dat het onderwerp is van het openbaar onderzoek), • het milieueffectenrapport dat bij het ontwerp van Maatregelenprogramma hoort, • een brochure waarin het ontwerp van programma samengevat staat. U kunt die documenten ook raadplegen bij uw gemeentebestuur en/of elke dinsdag en donderdag tussen 10 en 12 uur bij Leefmilieu Brussel – Infodienst – 1ste verdieping – lokaal 107 – Gulledelle 100 – 1200 Brussel.

Had u graag uitleg gekregen van onze deskundigen ? Een namiddag per week zullen er ook gezamenlijke informatievergaderingen plaatsvinden bij Leefmilieu Brussel, enkel op afspraak (bel daarvoor naar het nummer 02/775.75.75).

elke mening telt want we zijn met meer dan een miljoen Brusselaars !

Een initiatief van de Brusselse Minister voor Leefmilieu, Energie en Stadsvernieuwing

Evi Thewis, netwerkvormer Partnergeweld: “We proberen er altijd de partner bij te betrekken.” klassen voor. Wel weten we dat het probleem makkelijk van generatie op generatie wordt doorgegeven.” Waarom één centraal aanspreekpunt? Thewis: “Zowel burgers en welzijnswerkers als het parket hebben voortaan één aanspreekpunt, los van de verscheiden hulpverleningsdiensten als Tele-Onthaal, die blijven bestaan. Het is de bedoeling dat zij die de weg niet kennen, bij ons nieuwe aanspreekpunt terechtkomen. Hier kunnen alle vragen uitgeklaard worden en kan gericht doorverwezen worden in functie van het probleem. Dat maakt het makkelijker voor de burger. Want gevoelens van schaamte of schuld over wat zich thuis afspeelt, houden het probleem nog altijd in de taboesfeer.” Is geweld binnen een gezin snel op te lossen? Thewis: “In een of meer gesprekken kunnen we de situatie analyseren en naar een oplossing werken. Elk geval staat op zich, al is het mogelijk dat iemand aan een informatief gesprek genoeg heeft en alleen een antwoord op concrete vragen wil. Wat doe ik als het uit de hand loopt? Wat zijn mijn rechten en plichten

© SASKIA VANDERSTICHELE

als partner? Waar kan ik naartoe als ik weg wil? Anderen hebben een ondersteunende begeleiding nodig, zeker als het geweld thuis al een heel verleden kent. Nog anderen willen regelmatig het probleem kunnen ventileren in een gesprek. We proberen ook altijd de partner te betrekken in het gesprek, en we merken gelukkig dat mannen mee willen zoeken naar een oplossing als zij zich bewust zijn van de crisistoestand.” Het cliché leeft dat de man pleger is, en de vrouw slachtoffer. Klopt dat? Thewis: “In de praktijk komt dit het meest voor, al kan ook een man het slachtoffer van geweld zijn. Belangrijker is te weten dat er doorgaans wederzijds geweld gepleegd wordt en dat beiden dus slachtoffer van elkaar zijn. Vaak is het wel de man die het fysieke geweld pleegt, terwijl de vrouw – even hard – uitpakt met psychisch geweld. Die nuancering is niet onbelangrijk, want waar stopt het gevaarlijke spelletje, en hoe kom je er nog uit zonder externe hulp?”  Jean-Marie Binst Aanspreekpunt Partnergeweld: 02-502.66.00 (adressen: zie tekst)

Toerisme > Nieuw seizoen voor historisch trammetje

Trammuseum weer open SINT-PIETERS-WOLUWE – Op zaterdag 19 maart begint het toeristische seizoen weer voor het Trammuseum, voluit het Museum voor het Stedelijk Vervoer te Brussel. Elke winter sluit de remise met oude trams, bussen, trolleybussen en taxi’s (van 1869 tot eind twintigste eeuw) aan de Tervurenlaan. Over tien dagen, en dan nog tot en met 2 oktober, kunt u weer elk weekend en op feestdagen een rit maken in een oude tramway. Een groep vrijwilligers neemt de promotie en het

mechanische onderhoud van de tuigen in het Trammuseum in handen. Het parcours wordt enigszins aangepast, met een nieuwe, langere rit langs de Vorstlaan. Op zaterdagnamiddag rijdt het trammetje voortaan nog maar drie keer uit naar het station van Tervuren (via het Zoniënwoud in Oudergem en VierArmen). Er rijdt ook tweemaal een tram in een lus van bijna een uur via Wiener, Buyl, Flagey en Montgomery. Op zondag wordt de frequentie opgevoerd. Meer op 02-515.31.08 en www.trammuseumbrussels.be. JMB


BDW 1270 PAGINA 9 - DONDERDAG 10 MAART 2011

Maatschappij > Japanse kerselaar om straatdoden blijvend te herdenken

Om stil van te worden BRUSSEL – 43 daklozen zijn er in 2010 gestorven. Of beter: mensen die op straat leefden. Sommigen hadden een dak boven hun hoofd, maar ze verkozen de straat om aan de eenzaamheid te ontsnappen. Het Collectief Straatdoden organiseerde woensdag opnieuw een herdenking. Aan het Centraal Station werd een Japanse kerselaar geplant, symbool voor de hardheid van het leven op straat, maar ook voor het leven tout court. “Omdat we niet willen dat mensen alleen en anoniem sterven. Omdat het vandaag nog moet veranderen voor hen die op straat leven. Omdat we allen de kans willen hebben om afscheid te nemen van onze vrienden, geliefden, vaders, moeders of kinderen...” Dat stond op de uitnodiging voor de herdenkingsplechtigheid; de affiches hingen daags nadien nog aan het Centraal Station. Vorige woensdag bij de Gotische Zaal van het stadhuis. Beneden, aan de Leeuwentrap, blaffen de honden van drie daklozen tegen elkaar op. Mogen ze mee naar binnen of niet? Twijfel. Een boeddhistische monnik in oranje gewaad bestijgt de trap. Nog maar zelden zo’n bont gezelschap gezien in de Gotische Zaal: haveloze mensen die elkaar warm groeten, hoogwaardigheidsbekleders, een pastoor, non, rabbijn,

imam en een vertegenwoordiger van de vrijzinnigheid. En de straathoekwerkers die de thuislozen bijstaan. De plechtigheid met getuigenissen gaat door merg en been. De doodsoorzaken van de herdachten lopen uiteen. Van twintig doden is niets bekend: de wet op de privacy (o bittere ironie) ontzegt het collectief alle informatie. Zes daklozen stierven aan kanker, vier aan een overdosis en vier ten gevolge van agressie. Het collectief heeft eerder al 24 individuele ceremonies georganiseerd; zeventien overledenen kregen een plechtigheid van de familie. Sommige daklozen vinden hun familie pas na hun dood – of kort ervoor – terug. Neem nu Gabriël. Meneer Gabriël, zo wou hij genoemd worden. Meneer Gabriël lag vorig jaar in maart al in het ziekenhuis, maar toch wou hij naar de herdenking voor de straatdoden in

Japanse kers, symbool van leven, maar ook van de hardheid van de straat. het stadhuis komen. Dit jaar wordt hij er zelf herdacht. Meneer Gabriël, die eigenlijk Bruno heette, is op 66-jarige leeftijd gestorven in het Sint-Pietersziekenhuis. Een Italiaanssprekende verpleegster heeft zijn familie opge-

spoord. Meneer Gabriël zei niet veel; hij was een eenzaat die graag onder de mensen was. Onder de 43 straatdoden waren zeven vrouwen. De gemiddelde leeftijd is 45,9 jaar, de jongsten, Eddy en Timothy, waren maar twintig. Hun

© BART DEWAELE

leven, net als dat van Hassan (22), moest nog beginnen. Vijftien mensen werden dood op straat gevonden, zes in kraakpanden, vier in het ziekenhuis. De anderen in woningen, bij familie of vrienden.  Danny Vileyn

ADVERTENTIE

Centra Morele Dienstverlening BEELDEN VAN VROUWEN filmcyclus

Beelden van Vrouwen

Op 8 maart 2011 is het de internationale dag van de vrouw. In het kader hiervan worden er in de maand maart aan de VUB 3 recente auteur films van vrouwen getoond. Allen werden op diverse filmfestivals bekroond, omwille van de manier waarop ze op een artistieke en innoverende manier de thematiek van de film wisten te verbeelden. Iedere film zal worden ingeleid door een deskundige.

MAANDAG 14/3/2011

La Teta Asustada (2009) Regisseur: Claudia Llosa

MAANDAG 21/3/2011

Les plages d’Agnès (2008) Regisseur: Agnès Varda

Een initiatief van de Unie Vrijzinnige Verenigingen vzw

www.uvv.be

Centra Morele Dienstverlening Brussel-Jette

Meer info? 02/242 36 02 (Centrum Morele Dienstverlening Brussel) Stalingradlaan 18-20, 1000 Brussel [Premetrostation Anneessens] tel. 02 242 36 02 E-mail: cmd.brussel@uvv.be

Jetse Laan 362, 1090 Jette [Bus 14 halte Legrelle] tel. 02 513 16 33 E-mail: cmd.jette@uvv.be


BDW REGIO

BDW 1270 PAGINA 10 - DONDERDAG 10 MAART 2011

Deze week aan het Zuidstation > Schone straten zijn nog altijd verre droom

Hotel met uitzicht op het Broodthaersplein slacht, niet op basis van herkomst en ras, niet op basis van seksuele voorkeur. Patrick D’Hoore, een man die er al een internationale carrière op heeft zitten, leidt het hotel.

Buurt

Volgend jaar zal het twintig jaar geleden zijn dat de eerste plannen voor de Zuidwijk ontvouwd werden. Met het Park Inn – rechts op de foto – wordt de nieuwe wijk (een beetje meer) bevolkt, zij het met hotelgasten.

© BART DEWAELE

SINT-GILLIS – Het nagelnieuwe Park Inn Brussels Midi is een aanwinst voor de Zuidwijk. En (hopelijk) een aanleiding voor gemeente (en Gewest) om de stations­ omgeving netter en aantrekkelijker te maken. Een paar uur in een hotel kan al een vakantiegevoel geven.

E

r zijn geen internationale treinen met vertraging, meldt een flatscreen links van de ingang van de Park Inn. Bij het binnenstappen in de hotellobby is onmiddellijk duidelijk wat het doelpubliek van Hotel Park Inn is. De grote lobby is sober met een vleugje kleur, smaakvol zoals de kamers. Het Hotel telt 142 kamers, waarvan er twee aangepast zijn voor mensen met een handicap, en veertig het predikaat ‘business friendly’ meekregen. Die veertig kamers zijn een stuk groter dan de standaardkamers; internet en ontbijt zijn er inbegrepen. De geafficheerde prijzen variëren van 135 tot 235 euro per kamer, afhankelijk van periode en beschikbaarheid. Vorige maandag kostte een kamer flink minder: 89 euro voor een standard guest, 99 met ont-

bijt en 114 voor business friendly, breakfast inbegrepen. Maar een kamer voor het weekeinde van 13 en 14 maart wordt peperduur, het hotel is dan zo goed als volgeboekt. Een goed draaiend hotel is een zegen voor de gemeente.

Hotel Park Inn mikt op zakenlui die met de Thalys en Eurostar aankomen Een goed draaiend hotel is ook een goede zaak voor de gemeente SintGillis: de hotelbelastingen brengen flink wat geld binnen. Het hotel heeft een grillrestaurant,

waar ook passanten en pendelaars een stukje kunnen eten tegen zeer redelijke prijzen. Een driegangenmenu is er al voor 35 euro, en er komt ook een dagschotel voor kantoormensen en andere geïnteresseerden. De ajuinsoep met geuze en de entrecote bearnaise kunnen wij u alvast aanbevelen. En de bediening is voortreffelijk.

Eco du Cœur Het Park Inn Hotel wil zich als een verantwoordelijke gemeenschap ge-

dragen. Volgend jaar al mikken ze op een green key, een ecolabel voor de toeristische sector. Er zijn al bomen geplant, en tijdens een gesprek opperde een stafmedewerker: en waarom ook geen sociale projecten, zoals bijdragen aan een Resto du Cœur? De staf bestaat uit mensen van diverse origine, en er zijn ook mensen uit de buurt aangeworven, al blijft bekwaamheid uiteraard primeren. Ook discriminatie wordt hier niet getolereerd: niet op basis van ge-

Het hotel Park Inn mikt – zoals zijn drie sterren vertellen – op de midrange, en dan vooral op zakenlui die met Thalys en Eurostar reizen en eventueel voor een internationale meeting ook gebruik willen maken van een vergaderzaaltje. Het nagelnieuwe hotel oogt aantrekkelijk, maar hoe voelt de omgeving van het Zuidstation (voor een zakentoerist) aan? Wij namen vorige week donderdag de proef op de som. We komen van het centrum van Brussel met tram 3. De trap die van de metro naar het Zuidstation leidt, is smerig. Een exemplaar van BDW ligt achteloos op de trapleuning. Boven aan de trap: een grote plas water. Het Zuidstation heeft ook foute verlichting. Gelukkig zijn er de eetkraampjes, de krantenwinkels, de bloemen- en pralinewinkels. De ingang van het station, aan de kant van de Fonsnylaan, recht tegenover het Broodthaersplein, is ook slecht verlicht. Twee haveloze mannen schreeuwen tegen elkaar op; een vriendelijke reus probeert hen tot bedaren te brengen. Een oudere, dakloze, slaat wild met zijn kruk tegen de muur. Een wonder dat het ding het niet begeeft. Ook op hem stapt de reus toe. Hij volgt me als ik buitenstap en is ontgoocheld dat ik hem geen sigaret kan aanbieden. Ik loop in de richting van de Overdekte Straat (iedere keer opnieuw mopper ik: wie heeft nu zo weinig fantasie om zo’n naam te kiezen?) en onderweg kom ik de vrouw met de uienrokken tegen. Overal zie je deze dakloze (?) vrouw, aan het bedelen langs de centrale lanen, in de socia­le restaurants. Ze heeft het koud. Waar blijft de Samu Social nu? De bovengrondse tramperrons liggen er smerig bij. Zo lagen ze er vijf jaar geleden ook bij, en vorig jaar en dus ook dit jaar. Onder de banken wordt zo te zien nooit schoongemaakt. Hier slingert een dagexemplaar van de krant La Dernière Heure rond. Op de perrons een platgereden doos Pampers. Het wordt tijd dat de MIVB en de gemeente (Sint-Gillis) eens uitmaken wie hier moet schoonmaken. In het Zuidstation komen jaarlijks vijftien miljoen passagiers langs.  Danny Vileyn


BDW 1270 PAGINA 11 - DONDERDAG 10 MAART 2011

Weinige Jettenaren weten het, maar ooit stond er in het Laarbeekbos een Romeinse villa. De Gallo-Romeinse site en de opgegraven voorwerpen moeten beter uit de verf komen, vindt de gemeenteraad. De opgravingen gebeurden op het eind van de jaren 1960. Het bleek te gaan om een relatief kleine villa met een zuilengalerij uit de tweede eeuw na Christus. De bouwplaats was goed gekozen, op een zuidelijke helling vlak bij de Molenbeek. Archeologen vermoeden dat de villa in het midden van de derde eeuw door Germaanse stammen is verwoest. Tijdens de opgravingen rees de conclusie dat de site niet bijzonder genoeg was om ze permanent open te stellen. Ze werd dus weer dichtgegooid. De voorwerpen werden ondergebracht in het gemeentemuseum van het graafschap Jette in de abdij van Dielegem, maar er lig­

gen ook stukken in het Jubelpark. Raadslid Didier Paternotte (LBJ) vindt dat dit stukje Jets patrimonium onvoldoende gewaardeerd wordt. In de laatste gemeenteraad bracht hij de kwestie ter sprake. “Kunnen er in het bos geen infoborden over de villa geplaatst worden, en zouden de opgegraven voorwerpen niet beter in de verf gezet kunnen worden?” vroeg hij. Volgens schepen Paul Leroy (LBJ) ligt de site op grondgebied van het Brussels Gewest en wordt het bos beheerd door Leefmilieu Brussel. De gemeenteraad nam een motie aan waarbij aan het Gewest gevraagd zal worden de site beter tot haar recht te laten komen en waarbij het schepencollege aangemaand wordt om de archeologische vondsten een betere plek te geven. Leroy stelde al meteen voor om een wisseltentoonstelling in het gemeentehuis te organiseren. “Maar daarvoor heb ik dan wel extra HUB budget nodig.”

Anderlecht / Molenbeek > Actiegebied uitgebreid

Gezamenlijke repressie illegale autohandel loont De intergemeentelijke aanpak van de overlast van de tweedehandswagenhandelaars in de Heyvaert­ wijk werpt vruchten af. 38 illegale zaken moesten de deuren al sluiten. Maar ook buiten de ‘Heyvaertperimeter’ beboet Anderlecht louche handelaars. De actie geldt nu in heel de gemeente. In mei 2007 besloten Sint-JansMolenbeek en Anderlecht de illegale autohandel in de Heyvaertwijk samen aan te pakken. De cel Garage, in Molenbeek al sinds 2001 actief, zou het probleem voortaan grensoverschrijdend aanpakken. Het eerste jaar werden voornamelijk de Anderlechtse garages gecontroleerd op het naleven van de milieureglementering (vergunning, afvalbeheer, bodemsanering,...). Daarna

kon de cel zich toespitsen op het naleven van het algemeen politie­ reglement. Zo blijken heel wat voertuigen die doorverkocht worden, geen eenvormigheidsattest, inschrijvingsbewijs en/of attest van de technische controle te beschikken. De afgedankte wagens, die voornamelijk uit het voormalige Oostblok en de Baltische staten komen, worden via de Heyvaertwijk vaak illegaal doorgesluist naar Afrika. Vorig jaar werden 75 van de 187 gecontroleerde voertuigen in beslag genomen. Daarnaast is de laatste jaren de handel in tweedehands koelkasten, matrassen, tapijten en pc’s – en de hoeveelheid afval die dat met zich meebrengt – aanzienlijk toegenomen.  Bruno Schols

‘Eindelijk gebeurt er iets’ © SASKIA VANDERSTICHELE

‘Meer respect voor Romeinse villa’

Laken > Romeinsesteenweg wordt heraangelegd

BDW REGIO

Jette > Infoborden bij archeologische site in Laarbeekbos

Voor de heraanleg van de Romeinsesteenweg wilde Brussel samenwerken met de grensgemeenten, maar Wemmel speelt soloslim. De Romeinsesteenweg wordt vernieuwd. De weg vertoont barsten en putten, en dat is de Fietserbond al jaren een doorn in het oog. Voor de heraanleg zal de Stad Brussel samenwerken met de aangrenzende Vlaamse gemeenten. Alleen Wemmel wilde niet langer wachten. De Romeinsesteenweg vormt al sinds de indeling van de gewesten een probleem. Het ene rijvak van de lange weg is Brussel-stad; het andere hoort toe aan Vilvoorde, Grimbergen en Wemmel, en het stukje onder de A12 is van het Gewest. Dat maakt een goed beheer er natuurlijk niet makkelijker op. Al jaren staat de weg te boek als ‘gevaarlijk’ voor fietsers, terwijl automobilisten klagen dat ze er hun velgen op stuk rijden. Na lang onderhandelen heeft de Stad nu met de Vlaamse gemeenten afgesproken om de weg te vernieuwen. Het wordt geen heraanleg ‘van gevel tot gevel’, en er komt ook geen gescheiden fietspad. “Daarvoor hebben we het budget niet. We leggen wel een nieuwe laag asfalt en brengen nieuwe wegmarkeringen aan. Een flinke upgrade dus,” zegt Willem Stevens, kabinetschef van de Brusselse schepen Ahmed El Ktibi (PS). Een gespecialiseerd bureau werkt aan het nieuwe markeringsplan, dat ook voorgelegd wordt aan de fietsmanager van het Gewest. Die fietsmanager, Frederik Depoortere, is opgetogen ‘dat er eindelijk iets gebeurt’. “Als je onvoldoende tijd of middelen hebt, is zo’n markeringsplan een goede oplossing. Het zal een serieuze verbetering zijn. Vooral het stuk tussen de A12 en Parking C is nu een soort autostrada.” De heraanleg gebeurt, ook weer om budgettaire redenen, in drie fasen. Stevens: “Nog voor de zomer wordt het stuk van Vilvoorde tot de oprit

naar de A12 heraangelegd; na de zomer volgt het deel tussen de A12 en Parking C, en in 2012 is het laatste stuk, richting Jette, aan de beurt.” Op dat stuk beheert de gemeente Wemmel de andere helft. Maar die gemeente wilde plots niet meer wachten. De putten waren volgens Roger Mertens, Wemmels schepen van Openbare Werken (IC), te groot geworden. “We hadden Brussel voorgesteld om samen te asfalteren, maar voor ons stuk had de Stad geen budget meer, kregen we te horen,” zegt Mertens. Dus heeft Wemmel vorige donderdag op zijn rijvak een nieuwe strook asfalt gelegd. Stevens is niet te spreken over deze onaangekon-

“ Wemmel handelt volledig op eigen houtje” digde actie. “Wemmel handelt op eigen houtje, terwijl het de bedoeling was dat Brussel en de Vlaamse gemeenten de heraanleg ditmaal samen zouden doen. En de kosten zouden delen. Daar is lang over onderhandeld, ook met Wemmel.” Al meermaals is voorgesteld om de steenweg over te hevelen van gemeentelijk naar gewestelijk niveau. Maar de Vlaamse regering weigert alsnog het Vlaamse deel te beheren, en de Stad Brussel wil haar stuk niet afstaan aan het Brussels Gewest omdat het een strategische toegang naar de Heizel is.  Bettina Hubo

Sint-Agatha-Berchem > 4.000 euro voor Kinderraad

Kinderen baas De tweetalige Gemeentelijke Kinderraad krijgt 4.000 euro om een project uit te werken waarin het leefmilieu centraal staat. Burgerparticipatie van kleins af aan. Nadat eerder al in tien klassen van het vijfde leerjaar basisonderwijs telkens twee leerlingen werden verkozen om in de Gemeentelijke Kinderraad te zetelen, is die raad op 24 februari ook officieel geïnstalleerd. De twintig kinderraadsleden komen uit de scholen Sint-

Albertus, Sint-Jozef, Zavelput, Zavelberg en de Gemeenteschool (Nederlandstalig) en Institut Saint-Albert en gemeenteschool Les Glycines (Franstalig). Zij gaan hun klassen warm maken om tien projecten in te dienen, die in de kinderraad zullen worden geëvalueerd. De bedoeling van het project is tweeërlei, zegt Peter Decabooter, schepen van Nederlandstalig Onderwijs (CD&V), die samen met zijn collega-schepenen van Participatie en Franstalig Onderwijs het initiatief steunt. “Ener-

zijds krijgen kinderen de kans om een project te bedenken waarin thema’s die hen aanbelangen, extra aandacht krijgen – speelpleinen bijvoorbeeld, of groene ruimte, een mooiere gemeente, veiligheid op straat en op school, gezondheid, milieu, sport. Anderzijds leren de vijfdejaars omgaan met wat zich afspeelt op gemeentelijk bestuursniveau. Je kandidaat stellen voor een functie, vergaderingen organiseren en bijwonen en verantwoordelijkheid nemen waren al de eerste stappen.”

De eerstvolgende stap is de opvolging van elk van de voorstellen vanuit de scholen. In juni wordt één project geselecteerd. In het nieuwe schooljaar (tijdens hun zesde leerjaar) wordt het geselecteerde project dan verwezenlijkt. Hiervoor krijgen ze 4.000 euro toegeschoven. Als mogelijke stedenbouwkundige vergunningen geen vertragingen veroorzaken, zou de realisatie van het kinderparticipatieve project in december 2011 al rond kunnen zijn.  JMB


BDW 1270 PAGINA 12 - DONDERDAG 10 MAART 2011

Kunst: Vlaams, Franstalig, Brussels? (foto: Jef Lambeaux’ bas-reliëf in het Paviljoen van de Menselijke Driften in het Jubelpark)

Politiek > Pro Bruxsel ziet zijn ideeën opgepikt door ‘de groten’

‘Eén land, vier solidaire gewesten’ BRUSSEL – “Als we even de stellingen over de toekomst van het Brussels Gewest op een rijtje zetten, dan kan een neutrale waarnemer vaststellen dat veel voorstellen van Pro Bruxsel zijn opgepikt door de grote communautaire partijen.” Pro Bruxsel’aars Thierry Vanhecke en Geert Vancauwenbergs maken de balans op.

BDWOPINIE Toen Pro Bruxsel zijn studie over de herfinanciering van onze regio bekendmaakte, konden we merken dat onze twee sterkste ideeën – over herfinanciering via de heffing van de personenbelasting op de plaats van het werk, en over stadstol – ‘vleugels’ kregen. De groenen hebben trouwens spoedig daarna een symposium gehouden over zo’n stadstol. Toen Pro Bruxsel in 2010 het idee opperde om voor het België van morgen over te stappen naar een federaal cohesiemodel, gebaseerd op vier regio’s in plaats van twee (grote) kibbelende gemeenschappen, werden we een tijdlang door de belangrijkste spelers en media terzijde gelaten. Druppelsgewijs is het idee

toch doorgesijpeld. De eerste die de bal opving (misschien had hij het ook al vroeger voorgesteld, wij beweren absoluut niet het monopolie op goede ideeën te hebben), was Karl-Heinz Lambertz, ministerpresident van de Duitstalige Gemeenschap. Hij heeft het nu over een Duitstalige gemeenschap die zichzelf graag als volwaardig gewest zou zien. De laatste weken heeft hij dit herhaald door zich openlijk uit te spreken voor een België met vier regio’s. Pro Bruxsel heeft ook gehoord dat de Belgische groenen hebben aangekondigd regelmatiger samen te willen werken, hand in hand. (Zelfs als ze beweren dat dit altijd al het geval was, was de man of vrouw in de straat zich daar niet erg van bewust.) Toch dient gezegd dat in de nota van Ecolo/Groen! aan voormalig ko-

Thierry Vanhecke (l.) en Geert Vancauwenbergs.

ninklijk bemiddelaar Johan Vande Lanotte duidelijk vermeld staat dat ze pleiten voor het overhevelen van een aantal bevoegdheden naar het Brussels Gewest (parlement of Gemeenschappelijke Gemeenschapscommissie), zoals herintrede op de arbeidsmarkt, cultuur, sport; én (niet onbelangrijk) ze pleiten voor tweetalige verkiezingslijsten voor Brussel. Jammer dat bij vorige verkiezingen (ook federaal) niemand, ook bij Ecolo of Groen! niet, het opportuun achtte om via de handtekening van een parlementslid aan het tweetalige Pro Bruxsel

de kans te geven om deel te nemen. Bij de SP.A hebben we het werk van Johan Vande Lanotte moeten loven, zelfs als die bleef uitgaan van een ‘gemeenschapsmodel’. (De politieke situatie tussen de concurrerende partijen is blijkbaar niet voldoende geëvolueerd voor een ‘Copernicaanse revolutie’, die het zwaartepunt van de gemeenschappen naar de gewesten zou verplaatsen.) Toch bevatte de nota-Vande Lanotte een vooruitgang voor Brussel-Hoofdstad, meer bepaald wat een structurele herfinanciering van het Gewest betreft, en de introductie van

tweetalige lijsten, een standpunt dat Pro Bruxsel al verdedigde in zijn laatste institutionele nota van meer dan een jaar geleden. Pro Bruxsel stelt niettemin vast dat in de notaVande Lanotte de navelstreng tussen Vlaanderen en Brussel niet helemaal wordt doorgeknipt. Wellicht wordt dit vanuit strategisch oogpunt nog als voorbarig beschouwd. In BDW van 24 februari laat Bert Anciaux dan weer een dissonant SP.A-geluid klinken, meer bepaald in verband met de bejaardenzorg die door drie instanties in Brussel wordt gestuurd (Vlaamse en Franse Gemeenschap en GGC-BiCo). In dat kluwen vindt de heer Anciaux blijkbaar weinig graten, ook al denkt minister Smet daar héél anders over. Bij Open VLD lopen de spanningen hoog op bij de jonge generatie (De Clercq/De Croo). Wie daar wel de Brusselse situatie op de voet volgt en waardevolle inspanningen levert, is Sven Gatz, de fractievoorzitter in het Vlaams parlement, die een interessant voorstel voor BrusselHoofdstad heeft: hij stelt een ‘dubbele stemming’ voor in het arrondissement B-H-V, met een eerste stem voor een lijst (of kandidaat) volgens de taalrol van de kiezer, en een tweede stem voor iemand uit de andere taalgroep. Een manier om de twee gemeenschappen in onze regio meer naar elkaar te laten luisteren. Laten we ook de uitspraak van de heer Gosuin (MR-FDF) vermelden, die, tijdens een internet-discussiesessie met de lezers van Le Soir op 8 februari, liet optekenen: “Ik droom van vier regio’s die elkaar erkennen in hun bestaansrecht, en het bestaan van hun minderheden. Een Vlaamse regio, een tweetalige Brusselse regio, een Waalse en een Duitstalige, alle vier met respect voor de grondbeginselen van Europa.” Geen klassieke FDF-uitspraak... Inmiddels horen we ook in brede kringen stemmen opgaan voor een fusie van de onderwijsnetten met invoering van algemene tweetaligheid (een oproep ondertekend door een vijfhonderdtal onderwijzers), en lazen we ook de oproep van enkele Franstalige opinion leaders, aangevoerd door Philippe Van Parijs, ‘Niet in onze naam’, die als echo dient voor de gelijknamige oproep van Vlaamse kunstenaars en intellectuelen in januari. Helaas zijn deze pleidooien ten gunste van een België van regio’s nog te schaars, en geïsoleerd in de partijen, die strikt communautair blijven. N-VA en CD&V blijven visceraal com­munautair, en een flink deel van de Vlaamse opinie lijkt zich daarbij aan te sluiten. De Franstaligen blijven niet achter, met hun ‘Franstalige ruimte’ die Walen en Brusselaars omvat. Brussel wil en moet een volwaardig Gewest zijn dat zowel met het Vlaams als met het Waals Gewest evenwichtige relaties onderhoudt. Elke staatshervorming die daar geen rekening mee houdt, is gedoemd te mislukken. Hopelijk vergt het niet meer te veel tijd voordat de dames en heren die zich in ons landje met politiek inlaten, zich hiervan bewust worden. Thierry Vanhecke en Geert Vancauwenbergs voor Pro Bruxsel


BDW 1270 PAGINA 13 - DONDERDAG 1O MAART 2011

BRIEVEN VAN LEZERS   lezersbrieven@bdw.be

Woluws sprookje Er was eens een mooi sprookje. Al tientallen jaren was er een lapje grond in de groene gemeente Sint-Lambrechts-Woluwe. Tussen de enorme flatgebouwen, vaak wel veertien verdiepingen hoog, waarin veel kinderen opgroeiden, had de gemeente voor een waar lustoord gezorgd met een glijbaan, draaimolen, veel banken, gras en bomen. Jarenlang konden de kinderen, de padvinders, andere jeugdbewegingen en vele senioren genieten van dit oord van rust in de druk bewoonde driehoek tussen de Paul Hymanslaan, de Vervloesemstraat en de Théodore De Cuyperstraat. Totdat, op een dag, de Regie der Posterijen ontdekte dat dit lustoord haar eigendom was, en omdat de gemeente, de vele bezoekers en vooral de kinderen maar moeilijk afstand konden doen van dit lapje grond, kwam er een proces dat tien jaar aansleepte en waarbij uiteindelijk de gemeente het pleit verloor.

toch bediend. Alles gebeurde in het Frans. Ben benieuwd of mijn nieuwe identiteitskaart Nederlandstalig zal zijn, en wanneer ik ze eindelijk zal mogen afhalen. Ik wacht al vier weken... Terloops nog even dit: een overheid die niet in staat is haar burgers beter te beschermen tegen dieven, overvallers en allerlei ander gespuis, zou ten minste de kaarten gratis kunnen vervangen.  Elza Frederix, Laken

Nederlands (2) Op woensdag 23 februari vraag ik een inlichting in het Centraal Station aan het loket van de MIVB in het Nederlands. Ik krijg een antwoord in ‘gehakt’ Nederlands en er wordt me een fotokopie uit het boekje La STIB pratiquement in handen gestopt. Ik verzoek om een exemplaar in mijn taal. Ik word hardhandig weggestuurd. Ik dring aan, een collega komt zijn loketbediende bijstaan. Hij neemt mijn bagage en gebiedt mij verder te gaan in de richting waar hij mijn reiszak geplaatst heeft. Ik blijf staan. Er worden dan twee interventieagenten bijgehaald. Zij zijn vriendelijk, maar ze kunnen mij niet helpen. Ze beloven een rapport op te stellen over het incident. Moet ik nu uit dit voorval opmaken dat je als je Nederlands praat in Brussel, als herrieschopper/terrorist behandeld wordt? 

A. Du Bois, Neder-Over-Heembeek

Moderne kunst

Aldus werd de gemeente door de Regie verplicht het terrein te verlaten. De gemeente kwam met al haar mate­riaal in één dag alles opruimen en om de zaak weer in de oude staat te brengen werd er, met de hulp van een bulldozer, vele vrachtwagens en tientallen medewerkers, de zaak herschapen in... een grote modderpoel. Het wordt voorjaar en zomer, en kilometers in de omtrek is er niets meer voor onze kinderen, senioren en hondenliefhebbers. Die mogen dan op straat gaan spelen en wandelen (met alle nare gevolgen van dien). En de senioren? Die mogen op café gaan. Een vraag: wat gaat de Regie nu doen met dit heroverde lapje grond? Op één kilometer is er een prachtig postkantoor, er is een PostPunt honderd meter verderop, bij Delhaize. En ze leefden nog lang en gelukkig, zo eindigt dit sprookje bepaald niet. Spijtig voor iedereen – was dit alles nu echt nodig geweest? 

Alfred Goudsmit, Sint-Lambrechts-Woluwe

Nederlands (1) Geboren (1938) en getogen in Brussel, weet ik uit ervaring hoe moeilijk het altijd is geweest om zich te verweren tegen de verwaandheid van Franstalige medeburgers. Ik herinner me nog hoe aan het begin van de jaren 1960 een verkoopster van Innovation me ongestraft kon antwoorden: “Je ne parle pas le boche.” De jaren 1970 en ’80 brachten verbetering. Maar met de bevordering van Broekzele tot volwaardig gewest, en met het privatiseren van de overheidsbedrijven, lijkt de Brusselse Vlaming wel vogelvrij verklaard! Op 29 januari werd ik het zoveelste slachtoffer van een tasjesdief en begon de lijdensweg voor ‘nieuwe papieren’. Bij de MIVB betaalde ik 10 euro voor de Seniorkaart. Ik werd er uitgescholden voor ‘racist’ omdat ik weigerde Frans te spreken. Erger nog: de stadsdiensten zijn helemaal verfranst! De lompe beambte van de dienst Bevolking begreep het pv van de politie niet en wilde me terugsturen voor een ‘bewijs van verlies’. Door tussenkomst van een bijgeroepen overste werd ik uiteindelijk

De bouw van nieuwe musea in België dateert in grote mate van de negentiende eeuw. De meeste recente musea zijn grotendeels renovaties van gebouwen met oorspronkelijk een andere functie (Muhka was een graansilo, Smak een casino, Muzee een grootwarenhuis, Mac’s een historische site). Deze renovaties mogen doorgaans als geslaagd worden beschouwd, waarschijnlijk omdat een deel van onze eigentijdse architecten daar bevredigende ervaring mee heeft. Het enige probleem dat zich stelt, is dat er zich na enkele jaren plaatsgebrek voordoet. Zelden worden er in België musea gesloten voor verbouwingen. Nochtans is dit nu het geval met het Museum voor Schone Kunsten in Antwerpen, en nu is ook het Museum voor Moderne Kunst in Brussel gesloten. Waar de bestemming van het Antwerpse museum ongewijzigd zal blijven, heeft de directeur van het Brusselse museum andere plannen. Volgend jaar al zou, na de renovatie, het Museum voor Moderne Kunst vervangen worden door een Fin-de-sièclemuseum, dat als themamuseum het nabije Magritte Museum komt vervoegen, en ongetwijfeld een vergelijkbaar publiekssucces zal garanderen, en dus de kassa zal doen rinkelen. En wat wordt dan de bestemming van de verzameling moderne kunst? Michel Draguet heeft grote (en tot op heden vage) plannen. Moderne en hedendaagse kunst zouden ondergebracht (en tentoongesteld?) worden in het nu onbenutte Dexia Art Center, eigendom van de Dexia-bank. Wellicht kan de federale of gewestelijke overheid financieel aangespoord worden om het hele pand te kopen (!). Tegelijkertijd maakt Draguet weliswaar zijn voorkeur kenbaar voor een nieuw gebouw! Ondertussen is een deel van de collectie moderne kunst tijdelijk uitgeleend aan een Taiwanees museum. Zo’n situatie geeft een indruk van gebrek aan overleg in de sector, tenzij het dagdromen zijn – want wie in (politiek) België is momenteel bereid om geld op tafel te leggen voor een museumnieuwbouw? Het bewijs is de miserie rond Wiels, dat ondermaats gebudgetteerd blijft. Dromen is soms ongezond... 

Jonas Wille, Oudergem

Tweetaligheidspremie Leerkrachten in het Brusselse Nederlandstalige onderwijs (Scholengroep Brussel) zijn verplicht een Frans taalexamen af

te leggen om kans te maken op een benoeming. Zonder attest van competentie in deze tweede officiële landstaal kun je dus niet benoemd worden. Op zich is dat geen onredelijke vereiste voor een baan in onze tweetalige (?) hoofdstad. Als je weet dat men in Brussel elk jaar opnieuw met een nijpend lerarentekort geconfronteerd wordt, zou je wel verwachten dat men werken in Brussel enigszins extra attractief wil maken. Het tegendeel is waar. In 2009 werd de tweetaligheidspremie afgeschaft voor leerkrachten in het Nederlandstalig onderwijs. Concreet houdt dit in dat mijn iets oudere collega’s elke maand 31 euro netto extra premie krijgen, en blijven krijgen voor de rest van hun carrière, terwijl ik en collega’s van mijn leeftijd, die evengoed verplicht zijn dit taalexamen af te leggen, de premie aan onze neus zien voorbijgaan. Wie dus vóór 2009 zijn of haar taalexamen aflegde, verdient jaarlijks 372 euro meer, voor dezelfde competenties: mijns inziens een flagrante vorm van discriminatie. Daar komt nog bovenop dat leerkrachten in het Franstalig onderwijs die een taalexamen Nederlands afleggen, de tweetaligheidspremie nog wel ontvangen, terwijl we in alle eerlijkheid kunnen stellen dat de kennis van het Nederlands bij onze Franstalige collega’s vaak in schril contrast staat met de kennis van het Frans bij Nederlandstalige leerkrachten. Daarenboven is ook gebleken dat men minder streng beoordeelt bij onze Franstalige collega’s om een attest van tweetaligheid te behalen (zie parlementair dossier Commissie voor Onderwijs, Vorming, Wetenschap en Innovatie Vergadering van 02/02/2006). Brussel vindt bijna geen Nederlandstalige leerkrachten meer in het eigen hoofdstedelijk gewest en moet leerkrachten uit Vlaanderen aantrekken om de leerlingen in het Nederlandstalig onderwijs een degelijke educatie te kunnen garanderen. Met maatregelen als de afschaffing van de tweetaligheidspremie zal men Vlamingen wegjagen uit Brussel, in plaats van ze aan te trekken. Een ongelijkheid en een vorm van discriminatie die misschien toch wel wat aandacht verdient. 

Tim De Bruyne, Asse

Fietsen Als fietser moeten mij een aantal zaken van het hart (bij ‘Fietsen is mannenzaak’, BDW 1268 van 24 februari, p. 1). Waarom fietsen mannen meer dan vrouwen? Ik denk dat het vooral een probleem van infrastructuur is. Hoeveel echt veilige fietspaden zijn er in Brussel? De zeldzame exemplaren worden veel intenser gebruikt dan de ‘schaamstrookjes’ die het Brussels Gewest op de rijbaan laat verven. Daarop durf ik zelf wel te rijden, maar zodra ik met mijn kleinkinderen ga fietsen (van school halen), is de enige veilige plaats jammer genoeg het voetpad. Die ervaring zullen de vrouwen ook wel hebben, want zij brengen meestal de kinderen naar school en halen ze af. Het bewijs dat een veilig fietspad fietsers aantrekt, is de Wetstraat: uit uw artikel blijkt dat hier het aantal fietsers nagenoeg niet meer te tellen is. Jammer dat er weinig ruimte is en dat dus de fietsers en de voetgangers regelmatig in conflict komen. Ook de omgeving van de Van Praetbrug is een goed voorbeeld, want ook daar is het aantal fietsers sterk toegenomen sinds er een vrijliggend fietspad is. Maar zelfs daar is er een negatief punt: waarom moeten de fietsers daar de drukke weg oversteken? Het was toch gemakkelijker geweest de fietsers naast het kanaal onder de brug te laten doorgaan? Daar is al een voetweg, die jammer genoeg door een hek is afgesloten, maar een voet-/fietspad zou nog beter zijn. Als Brussel echt zijn doelstellingen wil halen met twintig procent fietsverplaatsingen, dan moeten de beleidsverantwoordelijken eens over de grenzen kijken: Kopenhagen en Den Haag zijn heerlijke steden waar zeker meer dan twintig procent van de verplaatsingen met de fiets gebeurt, dankzij een aangepaste, veilige infrastructuur.  Johan Burgers, Brussel

Lees verder op p. 15

SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.


BDW 1270 PAGINA 14 - DONDERDAG 10 MAART 2011

is overigens een dochter van de in Nederland voor bouwfraude veroordeelde Koninklijke BAM, waarvan Herman Van Rompuy nog bestuurder was.

Eén front

Problemen met onder meer de gastoevoer: “Zien Gomb en aannemer assertieve kopers misschien liever de lucht in vliegen?”

© IVAN PUT

Wonen > Gomb-eigenaars laten van zich horen

‘ Je buurs sanitaire gebeuren volgen is niet sociaal’ Liften zijn pas bereikbaar na vier tot zeven trappen. Reactie bij een klacht: “Dan moet je maar niet gehandicapt worden”

BRUSSEL – Een eigen huis is voor veel Brusselaars een droom die met de Gomb in vervulling gaat: dankzij subsidies liggen de verkoopprijzen lager. Ook Frans Parren is de Gomb daarvoor dankbaar, maar tegelijk stuit hem een en ander tegen de borst. Een relaas van slecht afgewerkte bouwsels en juridische scherpslijpers.

BDWOPINIE Het verhaal begint mooi: door de inbreng van gemeenschapsgeld biedt de Gomb woningen aan die volgens de verkoopsbrochure en de lastenboeken aan heel wat kwaliteiten voldoen. Bovendien garanderen Gomb en projectontwikkelaar in de notariële akte dat de wet-Breyne (of woningbouwwet, die de koper beschermt, red.) van toepassing is en dat bij problemen een interne beroepsprocedure mogelijk is, waarbij ook de werfverslagen geraadpleegd kunnen worden. Welke garanties wil je als koper nog meer? Maar het sprookje duurt niet lang. Al vlug blijkt er van die garanties weinig in huis te komen. Naar de toepassing van de wet-Breyne kun je fluiten, want de lastenboeken en de plannen krijg je niet te zien. Het

gevolg is dat de projectontwikkelaar al te vaak doet waar hij zin in heeft. Zo werden in ons geval de opleveringstermijnen ver overschreden, waardoor kopers dakloos dreigden te worden en halsoverkop onderdak voor zichzelf en hun inboedel moesten zoeken. Pas na deelname aan het VRT-programma Ombudsjan waren er onderhandelingen mogelijk, die leidden tot de betaling van de contractueel voorziene nalatigheidsinteresten. Op de vraag waarom de projectontwikkelaar bijzondere voorwaarden – zoals een korting van zo’n zesduizend euro op een autostaanplaats – verleende aan met de Gomb verbonden personen, is nooit een antwoord gekomen. Tijdens de bouw bleek de aannemer zich niet te houden aan de lastenboeken. Erger nog, zelfs in de verkoopsbrochure beloofde voorzieningen en materialen werden al te vaak vervangen door andere, met één con-

Frans Parren.

stante: dat ze goedkoper waren. Zo vermeldt de verkoopsbrochure liften voor acht personen, toegankelijk voor mensen met een handicap. De projectontwikkelaar plaatste liften voor zes personen die je pas bereikt na vier tot zeven trappen. Bij een klacht stelde de vertegenwoordiger: “Dan moet je maar niet gehandicapt worden.” De toon is gezet: plat geldgewin krijgt voorrang op menselijke waardigheid en op contractuele verplichtingen, ook bij een bedrijf als CEI, nota bene sponsor van de Special Olympics. Met projectontwikkelaar en archi-

tect viel niet te praten, en ook bij de Gomb moest je niet komen klagen over muren die dunner waren dan op plan, ontbrekende isolatie, deuren die uit hun stijlen vallen, waterinsijpeling en geluidsoverlast. Blijkbaar gaat de Gomb ervan uit dat het sanitair gebeuren bij de buren kunnen volgen een sociale functie heeft. Ook weten Gomb en aannemer zeer goed dat in ons project de toevoer naar het gasfornuis niet in elk appartement kan worden afgesloten, ook al is dit wettelijk verplicht. Mogelijk zien Gomb en CEI-De Meyer assertieve kopers liever de lucht in vliegen? CEI

Dit soort problemen stellen zich in heel wat Gomb-projecten. Zelfs overleg op het kabinet van minister Vanhengel met acht kopersgroepen leverde niet het gewenste resultaat op. Kopersgroepen en zelfs indivi­ duele kopers zagen zich gedwongen juridische procedures aan te spannen, waarbij bleek dat de Gomb en de projectontwikkelaar vaak liever een batterij dure advocaten in stelling brengen dan op een constructieve wijze de problemen op te lossen. Een gevolg hiervan is dat de oplevering van verschillende projecten jarenlang aansleept. Het is daarbij geen troost dat het proces dat onder meer tegen het ‘Gomb-echtpaar’ Hermanus-Francq en een ex-kabinetschef van Picqué wordt gevoerd wegens fraude in het project Militair Hospitaal in Elsene, ook al jaren loopt. Pers en geëngageerde Vlaamse politici verleenden kopers een luisterend oor, zodat de Gomb met veel tamtam een tevredenheidsonderzoek aankondigde, maar het blijkbaar niet aandurft de resultaten vrij te geven. De ombudsman blijkt een ambtenaar van de Gomb zelf te zijn die geen vat heeft op de projectontwikkelaars. Kopers en kopersgroepen blijven dus ook nu nog al te vaak in de kou staan, want de Gomb vormt doorgaans een front met de projectontwikkelaar. De Gomb moet het geweer van schouder veranderen. Een goed begin zou zijn de wet-Breyne naar de letter en de geest toe te passen en de projectontwikkelaar duidelijk te maken dat zal worden toegezien op de naleving van de contracten. Verder lijkt het aangewezen om bij de Gomb een cel op te richten met bouwkundigen die de werven effectief opvolgen, en die nakijken of de lastenboeken en de voorschriften van de architect worden nageleefd. Ook dient er een echte, objectieve en onafhankelijke ombudsdienst te komen. Bij flagrante fouten zou de Gomb effectief moeten optreden, bijvoorbeeld door een deel van haar financiële inbreng in te houden en haar kopers te steunen in hun juridische procedures. En wat met de raad van bestuur van de Gomb? Daar zetelen toch ook vertegenwoordigers van sociale organisaties in? Tot nu is er weinig wat erop wijst dat de meerderheid van hen enige interesse heeft in het lot van de kopers. De hoop blijft dan ook gevestigd op mensen van goede wil bij de Gomb en op geëngageerde politici, die toch al een en ander in beweging hebben gebracht. Al met al blijf ik de Gomb dankbaar voor de geboden kans, maar zoals velen kan en wil ik me niet neerleggen bij de malafide praktijken waarvan vele kopers het slachtoffer zijn. Met velen hoop ik dat verantwoordelijken en politici het nodige zullen doen opdat de ellende die vele kopers nu meemaken, anderen bespaard zal blijven. Dan pas krijgen de Gomb-projecten de glans die ze verdienen.  Frans Parren, Gomb-koper


BDW 1270 PAGINA 15 - DONDERDAG 10 MAART 2011

BRIEVEN VAN LEZERS   lezersbrieven@bdw.be

Exotisch Molenbeek Een paar zondagen terug maakte ik een wandeling door Molenbeek-centrum, waar ik veertig jaar geleden op school zat, naar de mis ging en naar de scouts, mijn thesis maakte op het gemeentehuis,... Ik wist wat ik kon verwachten, en de nieuwe drukte ken ik van mijn buitenlandse reizen. Maar waar ik niet mee om kan: midden op de Gentsesteenweg stopte, ondanks het parkeerverbod, een combi van de douanepolitie met alle mogelijke blauwe zwaailichten. Twee heren stapten uit, installeerden zich, goed in het zicht, in een restaurant en gingen uitgebreid eten. Een halfuur later zaten ze er nog! Dat lijkt me toch ietsje te exotisch. 

Ernest Gillioen, Leuven

Fietsen: Wetstraat-clash In uw artikel ‘Europa klaagt over fietspad in de Wetstraat’ (BDW 1269, p. 2) wordt vermeld dat de Europese Commissie klachten ontvangt van EU-ambtenaren die bijna worden omvergereden door snelle fietsers in de Wetstraat. Het onderscheid in dit artikel tussen ‘fietsende Brusselse hooligans’ en ‘deftige, groot gevaar lopende Europese ambtenaren’ lijkt me overbodig en ook naast de waarheid. Wat is in de Wetstraat (het nut van) het verschil tussen een ‘Europeaan’ en een ‘Brusselaar’? Bij die Europese ambtenaren zijn er wellicht ook velen die de fiets gebruiken en anderen eventueel hinderen. Ook hebben veel Europese ambtenaren zich in Brussel gevestigd, en zij willen zich ook Brusselaar voelen. Het is wel zo dat het fietspad in de Wetstraat gevaarlijk is, vooral dan voor mensen die de straat niet kennen en niet bedacht zijn op voorbijzoevende fietsen (die vaak dan ook nog in de verkeerde richting rijden). Maar dat is gevaarlijk voor iedereen die de Wetstraat als voetganger betreedt, Europese ambtenaar of niet. Het is wel positief dat er voor deze gevallen een luisterend oor is bij de Europese Commissie; als je als burger naar de politie stapt om te klagen dat de Wetstraat gevaarlijk is voor voetgangers, zul je waarschijnlijk niet veel aandacht krijgen... Misschien zou een efficiënte politiecontrole in de Wetstraat (...) meer effect opleveren dan de wat ijle ‘oplossing’ dat het “erop aankomt Europeanen en Brusselaars zo goed mogelijk te laten samenleven.”  Wim Van Mol, Neder-Over-Heembeek

BDWOPINIE

tweede jaarhelft van dat jaar) waren dat er 71.272, of 85 procent minder. Ergo: de gevolgen van de nu al bijna vier jaar durende crisis brengen met zich mee dat men méér, niet minder gaat staken. Ons land wordt daardoor minder competitief ten opzichte van het buitenland. De crisis slaat dan des te harder toe. In plaats van zich te bezinnen en deze toestand in het belang van de gemeenschap om te buigen, doet men er een schepje bovenop en gaat men... nog meer staken. Zelfs wilde stakingen krijgen de steun van de vakbonden (zoals de laatste MIVBstaking). En zo komt ons land in een neerwaartse spiraal terecht van progressief toenemende verarming voor iedereen. Een landgenoot op de zeven leeft vandaag volgens verschillende bronnen op of onder de armoedegrens! En morgen? Onze welvaart neemt relatief snel af en de armoede neemt snel toe. En dat alles moet niet uitsluitend op de rug van Lehman Brothers geschoven worden! Ik kwam niet lang geleden uit Zuid-Korea terug. Ik heb er onder meer kunnen ervaren dat Zuid-Koreanen een stevige werkethiek hebben: een arbeidsweek van veertig uur, zoals bij ons, beschouwt men er als deeltijdse arbeid. Zonder er voorstander van te zijn het ZuidKoreaanse model zo maar te kopiëren: willen vakbonden en politici van elke kleur (...) eindelijk eens uit hun lethargie ontwaken, de hand kordaat aan de ploeg slaan en het recht op arbeid verdedigen, eerder dan steevast een aantal misnoegden te steunen die staking boven werk verkiezen en de boel lamleggen? Waar hebben we onze eertijds geroemde arbeidsethiek begraven? En sinds wanneer primeert het recht op verpaupering op het recht op arbeid en welvaart?  

Robert Vandemeulebroucke, Schaarbeek

Van hetzelfde Laken... (2) In een brief in BDW 1269 (p. 15) doet Hugo van Ransbeeck zijn beklag over het feit dat er in de Franstalige Bibliothèque Publique aan het Lakense Bockstaelplein geen Nederlandstalige lectuur te vinden is. Tweehonderd meter verderop is er evenwel een prachtige en gezellige Nederlandstalige Openbare Bibliotheek (Bockstaellaan 107, 02-423.53.20), waar hij een ruime keuze aan Nederlandstalige kranten en boeken had gevonden.  Paul Clément, Laken

Ginkgo biloba

Nederlands (3)

Nu weten we waarom de Ginkgo biloba’s in de Jean-Baptiste Depairelaan zo plots moeten verdwijnen (zie ook ‘Buurt in het verweer tegen aangekondigde kap’ in BDW 1269, p. 10). Vorige week verschenen opnieuw rode borden in onze straat, dit keer ter hoogte van het nummer 36. Er komt daar een appartementsblok op een verlaten industriële site tussen Depairelaan en Rommelaere­ laan. Het zijn dus niet de bewoners die de bomen uit de weg willen, wel de stadsplanners. Ze gaan onze rustige straat ontginnen...  Peter Wullen, Laken

Vorig jaar leerde ik uit ervaring aan een Brussels postkantoor dat het kassaticket dat je ontvangt, Frans is, tenzij de bediende de computer op Nederlands schakelt (als je het duidelijk vraagt). Na je beurt valt hun systeem automatisch terug op het Frans. Onlangs vroeg ik de dame aan het loket van het kantoor op Hoogtepunt 100 uitdrukkelijk om het kassaticket in het Nederlands af te drukken. Zij kende half-en-half voldoende Nederlands voor haar werk. Na betaling kreeg ik het kassaticketje: toch Frans. Ik zei haar dat ik twee maal uitdrukkelijk om een Nederlandse versie gevraagd had. Haar reactie: “Waarom is dat nodig?” Ik zei: “Omdat ik Vlaming ben...” Zij reageerde terug met verwijtende lichaamstaal: “En dan? Dat is onnozel...” Zo zie je hoe Vlaamse Brusselaars bekeken worden, zelfs door Franstalige Brusselaars die wel wat Nederlands kunnen gebruiken in een openbare dienst.

Recht op welvaart? De Rijksdienst voor Jaarlijkse Vakantie heeft berekend dat arbeiders verleden jaar 131.853 dagen hebben gestaakt; de cijfers voor bedienden zijn nog niet bekend. In het economisch voorspoedige jaar 2007 (dus vóór de val van Lehman Brothers en de financiële crisis in de



Herman A.O. Wilms, Vorst

SPELREGELS VOOR LEZERSBRIEVEN: Mail uw bijdrage naar lezersbrieven@bdw.be. Schrijven kan naar BDW-Brieven van Lezers, Flageyplein 18, 1050 Elsene; faxen naar 02-226.45.69. Vergeet niet uw adres te vermelden, ook in e-mails: zonder het adres van de afzender beschouwen we een brief als anoniem, en wordt hij niet gepubliceerd. De maximumlengte van een bijdrage is 2.500 tekens, inclusief spaties. Wilt u graag een langere, meer uitgewerkte opiniebijdrage schrijven (max. 5.000 tekens)? Neem dan eerst contact met ons op voor overleg via lezersbrieven@bdw.be. De redactie mag lezersbrieven redigeren of weigeren. Moties, manifesten of omzendbrieven worden niet (in deze rubriek) opgenomen.

‘Ik heb geld nodig’ door Danny Vileyn De Vlamingen kunnen een fusie van de Brusselse gemeenten op hun buik schrijven. Dat zegt Marc Cools (MR-PRL) in een gesprek met deze krant. Cools is schepen in Ukkel en voorzitter van de Vereniging van Stad en Gemeenten te Brussel (VSGB). De VSGB heeft misschien minder invloed dan haar Vlaamse tegenhanger, maar Cools vertolkt wel duidelijk de mening van de negentien burgemeesters. Philippe Moureaux, PS-ondervoorzitter en burgemeester van Sint-Jans-Molenbeek, zit volledig op dezelfde golflengte: “Ik heb geld nodig, geen institutionele hervormingen.” Moureaux deed die uitspraak vorige week op een hearing van Aula Magna. Marc Cools windt er in het interview geen doekjes om. Dat de Franstaligen tegen een fusie van de gemeenten zijn bijvoorbeeld, dat wisten we al. Maar dat de weerstand tegen de overdracht van bevoegdheden niet minder wordt, maar steeds heviger, is toch wel nieuw. We hebben al zoveel moeten afstaan, brandweer en vuilnisophaling bijvoorbeeld, klaagt Cools. Hier haalt hij wel heel oude koeien uit de gracht. Brandweer en huisvuilophaling waren voor 1989 al een bevoegdheid van de agglomeratie. Het is ongetwijfeld zo dat gemeenten en Gewest nauw verstrengeld zijn, maar Cools overdrijft als hij zegt dat de gemeenten bijna geen bewegingsruimte hebben. De Conferentie van Burgemeesters is een machtige vergadering met weinig democratische controle. En de gemeenten hebben in het verleden vaak (supra)gewestelijke projecten gedwarsboomd. Eigen beddingen voor trams, busbanen en sporen voor het Gewestelijk Expresnet (GEN) zijn maar drie van de vele voorbeelden. Cools heeft wel overschot van gelijk als hij pleit voor een beleid dat middeninkomens aantrekt, en niet minder gelijk heeft hij als hij zegt dat er een plafond is aan de fiscaliteit. Daarnaast heeft hij ook een punt als hij klaagt over de stijging van de gemeentelijke dotaties aan het OCMW. Dit sluit naadloos aan bij hét politieke onderwerp van de komende maanden: de herfinanciering van Brussel. Minister van Financiën Jean-Luc Vanraes (Open VLD) hoort het wellicht in Keulen donderen. Vanraes zei vorig weekend in De Standaard dat het Gewest dringend geld nodig heeft om de tunnels te herstellen en om metrostellen aan te kopen. En dan is er nog niets gezegd over het opdrijven van de frequentie van metro, tram en bus. De MIVB-top is zich hiervan bewust. De strijd tussen communalisten en regionalisten kan losbarsten.

EVA HILHORST


© LEO TIMMERS

Timmers’ mooiste Werk tentoon

VADROUILLE DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK

© SASKIA VANDERSTICHELE

BRUSSEL – Leo Timmers, illustrator van kinderboeken en het weekblad Humo, toont tussen 13 maart en 15 oktober zijn originele schetsen in het Literair Museum van Hasselt. Bewegende beestjes, humor, geestige ideeën: Timmers haalt zijn mooiste tekeningen uit de kast. Met een intens kleurenpalet, krachtige beelden en een sterk verhaal laat Leo Timmers zijn fantasie de vrije loop. “Woorden zijn niet zo belangrijk. De beelden moeten sterk genoeg zijn om een goed verhaal te vertellen. Het is boeiend om elke keer een ander concept te bedenken. Op die manier kan ik evolueren en heb ik veel afwisseling.” Dieren op voertuigen en verhalen gekeurd door zijn twee koters, dat zijn de rode draden in zijn werk. Maak u klaar voor een boeiende reis en voor Timmers’ nieuwe boek Boem!, dat RM binnenkort in de rekken ligt.

BDW 1270 PAGINA 16 - DONDERDAG 10 MAART 2011

www.literairmuseum.be of 011-26.17.87

Brusselaar Angel Vergara naar Biënnale Venetië BRUSSEL – De Franse Gemeenschap stuurt Angel Vergara, Brusselse kunstenaar met Spaanse roots, naar de 54ste Biënnale van Venetië, een internationaal gerenommeerde kunsttentoonstelling. Luc Tuymans vergezelt Vergara en wordt meteen curator van het Belgische paviljoen. Schilderkunst verenigen met videobeelden, dat is het doel van Vergara met zijn project Feuilleton. Banale beelden worden repetitief afgespeeld en gevolgd door het penseel van de kunstenaar. Als thema koos Vergara de zeven hoofdzonden, die hij probeert toe te passen op de hedendaagse maatschappij. Schilder Luc Tuymans gaat mee naar Venetië en zal Vergara begeleiden in dit boeiende project.  RM

ADVERTENTIE

Handicap & informatie Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap

 02/463.58.58 alle werkdagen van 9 tot 12u30 uitgezonderd donderdag van 14 tot 17u.

Bezoeken enkel op afspraak Informatie@handicap-ambulant.be

Johan Reyniers: “Weggaan bij het Kaaitheater was een beetje mijn Goethe-moment, ja, maar dan alle verhoudingen in acht genomen.”


HANNE EN STEVEN IN DE BERGEN Ze staan voor de klas in Brussel, maar nu ze een jaartje loopbaanonderbreking hebben, zoeken ze het verder weg, en hogerop. Net terug van de Andes, en alweer aan het nagenieten in de Alpen. “We trokken waar geen mens naartoe trekt.”

© SASKIA VANDERSTICHELE

© BART DEWAELE

BDW 1270 PAGINA 17 - DONDERDAG 10 MAART 2011

LEES MEER OP PAGINA 20

ZAZIE IN DE RUIMTE De zesdeklassers van Sint-Alena uit Dilbeek liepen rond in het Atomium en liepen daar... ex-astronaut (en baron) Dirk Frimout tegen het lijf. “Is er een gymzaal in de shuttle?” en heel veel andere vragen.

LEES MEER OP PAGINA 26-27

Theater > Johan Reyniers schrijft stuk tussen Dichtung en Wahrheit

Het lijden van de oude Goethe BRUSSEL – Drie jaar geleden verliet Johan Reyniers het Kaaitheater, waar hij tien jaar artistiek leider was. Hij ging vervolgens niet naar een ander cultuurhuis, maar naar zijn eigen huis, waar hij sindsdien de fotoroman Dansaertstraat schreef, en nu ook zijn eerste theatertekst, over de laatste liefde van Goethe.

D

voor Friederike Brion. Charlotte von Stein stond model voor een van de vrouwen in zijn toneelstuk Torquato Tasso, en helemaal op het einde, als hij al in de zeventig is, was er de zeventienjarige Ulrike von Levetzow: over haar schreef hij zijn Marienbader Elegie. Ook die historie heeft aanleiding gegeven tot heel wat speculatie en fictionaliseringen.”

e liefdesverhalen van Johann Wolfgang von Goethe staan wel iets verder van ons af dan de liefdesverhalen van de Dansaertstraat. “Dat is zo,” zegt Johan Reyniers, “maar de verbeelding helpt om die afstand te overbruggen. Daarom was De Parade, het theatergezelschap van Rudi Meulemans, de logische partner om het stuk op te voeren. Zij hebben een voorliefde voor kunstenaarslevens én voor de spanning tussen historische documentaire en fictie. Goethe heeft me altijd gefascineerd, en bij hem speelt die spanning heel nadrukkelijk.

“ In het kuuroord Marienbad ontmoette Goethe een meisje, 55 jaar jonger. Ze wees hem af. Toen werd het hem opeens duidelijk dat hij oud was geworden”

Daarover gaat ook uw stuk. De feiten spelen zich af tussen 1821 en 1823. Reyniers: “Op dat moment had Goethe alles al bereikt. Maar hij was ondertussen wel weduwnaar toen hij op vakantie in het kuuroord Marienbad dat meisje ontmoette, dat 55 jaar jonger was dan hij. Drie jaar later haalde hij het zich in het hoofd om met haar te willen trouwen. Hij liet het aanzoek zelfs door de groothertog van Weimar doen, maar werd toch afgewezen. Toen werd het hem opeens duidelijk dat hij oud was geworden. Dat hij het daarmee erg moeilijk had, blijkt uit geschreven getuigenissen uit die tijd, maar

vooral uit de Elegie, die hij op de terugweg van Marienbad naar huis in zijn koets heeft geschreven in een oude agenda. Hoewel dat gedicht heel vormvast is geschreven, trilt onder de zesregelige strofen het verdriet.” Krijgen we dat lange liefdesgedicht in uw stuk te horen? Reyniers: “Johan Heestermans zal het brengen als een van de vijf teksten die de verhaalstof steeds op een andere manier benaderen. In die verbinding van het documentaire en het fictionele willen we ook de sfeer van Marienbad oproepen, dat toen een jong mondain kuuroord was, een beetje zoals Cannes vandaag.” “Het gaat over omgangsvormen, over hoe mensen toen met elkaar gepraat zouden kunnen hebben over dit soort gevoelens. Of niet gepraat hebben, want veel bleef onuitgesproken. De onzekere, maar fascinerende zoektocht naar die context is ook een duidelijke lijn in het werk van De Parade.”

Komt het meisje ook aan het woord? Reyniers: “Ja. Ook haar verhaal is interessant. Ze is uiteindelijk 95 jaar geworden en heeft Goethe dus meer dan zestig jaar overleefd. Ze is nooit getrouwd, maar lijkt haar dagen te hebben uitgezeten in de herinnering aan Goethe. Haar huis was op het einde een soort Goethe-museum geworden, wat vragen doet rijzen over de gevolgen die de gebeurtenis op haar gehad heeft. Op het moment dat ze Goethe ontmoette, besefte ze trouwens niet goed wie die man precies was.” En hoe ging het verder met Goethe? Reyniers: “Ook hij heeft zich teruggetrokken om zich in Weimar onder meer aan het tweede deel van zijn Faust te wijden. Kunst diende niet als veroveringsmiddel voor hem, maar om zijn mislukkingen een plaats te geven. Hij verwerkte zijn wanhoop op een creatieve manier in zijn werk. Waar andere romantische dichters, zoals Hölderlin, zich in de afgrond stortten, vond Goethe in de kunst het bruggetje over die afgrond. In het nawoord bij zijn Werther schrijft Gerrit Komrij dat Goethe in tegenstelling tot Werther ‘natuurlijk geen’ zelfmoord pleegde omdat hij wel besefte dat geen vrouw die moeite waard was. Die voorzichtigheid werd Goethe ook verweten. Net zoals zijn dubbelzinnige positie als kunstenaar enerzijds, en als ambtenaar en minister aan het hof van de groothertog anderzijds. In die positie had hij iets van een hedendaagse kunstenaar. Vandaag hangt iedereen vast aan maatschappelijke verantwoordelijkheden, con­venties en systemen. Ook kunstenaars kunnen daar moeilijk buiten gaan staan. De frustratie die daarbij hoort, kende Goethe al. Zijn bekende reis naar Rome was in feite een vlucht van zijn verplichtingen op het thuisfront, opdat zijn creatieve impulsen niet verder zouden afsterven.”

En een belangrijk aspect in dat leven waren de vrouwen? Johan Reyniers: “Als je over het werk van Goethe praat, dan moet je het eigenlijk ook altijd over zijn vrouwen hebben. Dat begint al vroeg. Nog voor de mislukte liefde voor Charlotte Buff, die hem inspireerde tot Het lijden van de jonge Werther, had je al de gedichten

Laatste liefde van De Parade en Johan Reyniers, van dinsdag 15 tot en met donderdag 17 maart in de Beursschouwburg, inleiding op 16 maart om 19.30 uur in het Duits met Engelse vertaling. Meer op 02-550.03.50, www.beursschouwburg.be en www.deparade.be

“© SASKIA VANDERSTICHELE

De autobiografie over zijn jeugdjaren heet niet voor niets Dichtung und Wahrheit. Goethe vond van een feit niet belangrijk of het al dan niet waargebeurd was, maar of het betekenisvol was. Mensen zijn ook vaak meer met Goethes biografie bezig dan met zijn werk.”

Die vlucht heeft u ook moeten maken. Reyniers: “Als jij die vergelijking wilt maken (lacht). Die tien jaar in het Kaaitheater hebben me enorm veel geleerd, maar ik ben er inderdaad weggegaan om dingen te doen die ik niet kon doen zolang ik daar zat. Die stap was een beetje mijn Goethe-moment, ja, maar dan alle verhoudingen in acht genomen. Hugo Claus dichtte ooit over Dante. ‘Ik heb zelf iets van die man denk ik. In het matige’. In het zéér matige moet dat in mijn geval zijn.”  Michaël Bellon

De Parade speelt Laatste liefde: Goethe en de vrouwen.


BDW 1270 PAGINA 18 - DONDERDAG 10 MAART 2011

Feest > Zevende keer Braziliaans carnaval in Brussel

‘Tijdens carnaval is iedereen gelijk’ © CarnaBruxelas

BRUSSEL – Ondanks het hoge prentkaartjesgehalte en alle clichés eromheen is carnaval iets wat echt leeft bij de Brazilianen. Net door dat maatschappelijke belang is het de moeilijkste periode voor Brazilianen in het buitenland. CarnaBruxelas, het Brazi­liaanse carnaval van Brussel, biedt soelaas. “Zaterdag brengen we de diversiteit van de Braziliaanse carnavals naar Thurn & Taxis.”

‘V

oor ons, Brazilianen in België, is car­ naval een heel moeilijk moment: we missen de zomer, de zon, maar voor­ al de uitbundige sfeer in de straten. Om die nostalgie te temmen zijn we zeven jaar geleden zelf een carnaval gaan organiseren, als brug tussen Brussel en Brazilië. Zo voelen we ons toch betrokken bij dit grote Braziliaanse volks­ feest,” zegt Dioni Costa, zangeres en mede­ organisatrice van CarnaBruxelas. De organiserende vzw Terra Brasil is een ar­ tiestencollectief dat de krachten bundelt voor CarnaBruxelas. Het is uitgegroeid tot het grootste Braziliaanse feest van België. Voor deze zevende editie legt CarnaBruxelas de nadruk op het historische belang van carnaval voor het Braziliaanse volk. “Carnaval is een groot feest waarbij de barrières tussen sociale klasse, ras en religie verdwijnen. Want voor de rest bestaat in Brazilië nog erg veel sociale ongelijkheid. Het land barst van de natuurlijke rijkdommen, maar die rijkdom wordt gemono­ poliseerd door de elite,” zegt Isabel Duarte, een Braziliaanse die heel actief is in het gemeen­ schapsleven in Brussel. “Alle lagen van het volk komen samen tijdens een groots volksfeest, dat is de kracht van carnaval in Brazilië.” CarnaBruxelas haalt groepen uit België en het buitenland met als doel de muziek van ver­ schillende Braziliaanse carnavals aan bod te laten komen. Xandó & Nossa Levada uit Duits­ Kaaiad BDW 110310 Rosas EW.pdf

1

“Alle lagen van de bevolking komen samen op een groots volksfeest” land brengt axé, de popmuziek uit Salvador da Bahia die knalt uit de trios elétricos, de grote vrachtwagens uitgerust met een indrukwek­ kend geluidssysteem. Uit Parijs komt de sam­ baschool Sambatuc, die naast een jaarlijkse deelname aan het carnaval van Rio de Janeiro ook in Brussel zal defileren. Gastheren zijn de ‘Brusselse’ Sergio Lemos & Goiabada, met hun traditionele samba de mesa, het akoestische broertje van de samba de enredo uit de wereldbekende sambadroom in Rio. Bij samba de mesa zitten de muzikanten

09/02/11

rond een tafel en zingen ze urenlang populaire songs die luidkeels meegezongen worden door het publiek. Een typisch tafereel van de gezel­ lige kroegen in Rio, dat we elke eerste zondag van de maand ook in het Brussels Latinocafé bij uitstek, El Metteko, kunnen beleven. Fan­ farra Brazil is dan weer een bloco van het car­ naval van Rio, een straatfanfare van blazers en percussie, zonder zang. Zij zullen typische carnavalmarsen uit Rio spelen, en daarnaast ook enkele frevos uit Recife. Naar jaarlijkse gewoonte zullen de Braziliaans-Brusselse per­ cussionisten van Batuqueria voor vuurwerk zorgen, en dj Domenico rijgt de concerten aan elkaar met een carnavalsmix. De sfeer en uitbundigheid van het Braziliaanse carnaval naar Brussel halen, daar slaagt Car­ naBruxelas als geen ander in. Maar de diver­ siteit laat volgens Isabel Duarte nog te wensen over, vooral wat de veelheid aan carnavals in

14:49 ADVERTENTIE

het noordoosten van Brazilië betreft. Du­ arte wil met de vzw Art’Nativa Brasil net die culturele diversiteit meer in de kijker zetten. Haar doel is deze zomer een carnaval fora de época (buiten het seizoen) te organiseren, dat meer de nadruk legt op de carnavals uit het noordoosten, want die regio is volgens haar ‘de meest Braziliaanse’ van het land. “Het is in het noordoosten dat de Europeanen arri­ veerden, zich vermengden met de inheemse bevolking en later slaven brachten om op de plantages te werken. Uit de kruisbestuiving van die drie culturen ontstond de Braziliaanse cultuur.” “Het is daar ook dat het Braziliaanse carnaval ontstond,” vertelt Duarte verder. “De inspira­ tie kwam van de vijftiende-eeuwse Europese processies. Vermengd met de plaatselijke in­ heemse cultuur en de percussie en dans van de slaven kwam het tot een nieuwe cultu­ rele uitdrukking, carnaval, die van streek tot streek verschilt. De reuzen van het carnaval van Olinda komen bijvoorbeeld rechtstreeks uit die processies. De eerste Braziliaanse reus nam in 1919 deel aan het carnaval van een stadje in het binnenland van Pernambuco.” Het carnaval van Art’Nativa Brasil wil zeker niet wedijveren met CarnaBruxelas. Het is ook geen afwijzing van de programmering van CarnaBruxelas, want, zo geeft Isabel Duarte ook toe, het is onmogelijk om alle Brazi­liaanse carnavals aan bod te laten komen. “We willen veeleer een aanvulling zijn op CarnaBruxelas. Uiteindelijk ga ik ook elk jaar naar Carna­ Bruxelas. Onze gezamenlijke cultuur vieren is uiteindelijk toch wat alle Brazilianen bindt.” 

Benjamin Tollet

Zevende CarnaBruxelas op 12 maart vanaf 19 uur in Thurn & Taxis, Havenlaan 86, 1000 Brussel. Kaartjes kosten 15 of 20 euro; kinderen onder de twaalf betalen 1 euro. Meer op www.carnabruxelas.com


BDW 1270 PAGINA 19 - DONDERDAG 10 MAART 2011

© SASKIA VANDERSTICHELE

Erfgoed > Privécollectie aprilvissen in Huis van Folklore en Tradities

Toen Nieuwjaar op 1 april viel BRUSSEL – Tweehonderd prentbriefkaarten met (april)vissen liggen de bezoekers van het Huis van Folklore en Tradities aan te gapen. De eigenares van de kaarten is een Parisienne, Monique Salapete. Ze koos Brussel uit om haar ‘schatten’ tentoon te stellen.

Ere wie ere toekomt: Serge van Duijnhoven (foto) over Serge Gainsbourg.

achteraf

Praat

Hommage aan Serge Gelezen: Serge van Duijnhoven, Bitterzoet – Een lyrische hommage aan Serge Gainsbourg, uitg. Nieuw Amsterdam, 108 p., 18,50 euro. (Presentatie met concert deze woensdag 9 maart om 20.30 uur in de Archiduc, afterparty in Lord Byron; zie bitterzoetgainsbourg.wordpress.com).

Wist u dat mensen (onbewust) van hun eigen naam houden? Wie ooit colleges psychologie heeft gevolgd bij dr. Jozef Nuttin, kent ongetwijfeld diens anekdote over de keer dat hij zich op weg naar zee afvroeg waarom hij sommige letters op nummerpla­ ten leuker vond dan andere. Hij bedacht dat het aan contactconditionering kon liggen: je ontwikkelt onbewust een affectieve band met zaken waarmee je vaker geconfronteerd wordt. Aan zee legde Nuttin zijn vrouw een hele reeks letterparen voor. Bleek dat ze in de paren waarin een letter van haar naam voor­ kwam, blijk gaf van een significante voorkeur voor precies die letters. Contactconditionering stemt tot nadenken. Je kunt het relateren aan een fenomeen als et­ nocentrisme, maar ook aan het feit dat Serge van Duijnhoven uitpakt met een multidisci­ plinaire hommage aan zijn Franse naam­ genoot, en misschien ook wel zielsverwant, Serge Gainsbourg. De lange inleiding bij dit stuk moet verhullen dat wij, die niet Serge heten, geen Gainsbourg-kenners zijn. Maar misschien is het boekje Bitterzoet, een bundel met gedichten waarmee Van Duijnhoven ook een aantal poëzieconcerten verzorgt, dan een goed opstapje. De Nederlandse Brusselaar opent met een biografisch essay over Gainsbourg, die zijn laatste Gitane Mais rookte op 2 maart 1991, nu dus twintig jaar geleden. Hij stierf als het afgeleefde kind dat hij sinds zijn ge­ boorte was gebleven, nog altijd overtuigd van het adagio dat ‘lelijkheid blijft duren, en schoonheid niet’, en met de bewijzen op zak dat vrou­wen weleens in de war raken van de combina­t ie van lelijkheid, provocatie, talent, bekend­heid en een lage dunk van liefde en haar objec­ten. Het biografietje is een aaneenschakeling van

smakelijke anekdotes. Van het feit dat Lu­ cien ‘Lulu’ Ginzburg (Serge was niet zijn echte naam) een mislukte abortus was, over het feit dat hij voor France Gall eerst het Eurovisie Songfestivallied ‘Poupée de cire, poupée de son’ schreef (wisten we niet) en daarna het schaamteloze ‘Les sucettes à l’anis’, tot het feit dat hij zijn zoontje Lulu noemde – naar zichzelf, dus. Een echte stelling poneert Van Duijnhoven niet, behalve dat Gainsbourg de weg van de meeste weerstand heeft gevolgd. In een wat langere beschrijving van het concept­ album Histoire de Melody Nelson, die ons eerlijk gezegd wel zin gaf om YouTube eens te checken, geeft Serge een voorbeeld van Serges kwaliteit als dichter. Ook voor tref­ fende bewoordingen kun je bij Van Duijn­ hoven altijd terecht. De ‘spiedende ogen van de geperverteerde fetisjist en de wapperen­ de flaporen van een onbehouwen olifant’: dat kan inderdaad niemand anders dan Gainsbourg zijn. Maar dat is allemaal maar bijzaak. De ware reden dat de inleiding van dit stuk zo lang is, is dat we ons een beetje mispakt hebben aan de kwaliteit en de kwantiteit van de ge­ dichten. De argwaan waarmee hommages en dodenherdenkingen benaderd dienen te worden, bleek in dit geval volledig onte­ recht. De veertig oorspronkelijke gedich­ ten waarmee Van Duijnhoven uitpakt, zijn bijna allemaal zeer goed. Zo goed dat we eigenlijk niet weten hoe de bundel accuraat te bespreken zonder hem in zijn volledig­ heid te citeren. Zelfs als we alleen de titels van onze favorieten zouden citeren (‘Bij een slapend lichaam’, ‘Calèche du sexe’, ‘Tutto­ disco’, ‘Abgesang’), wordt het rijtje te lang. Sommige gedichten zijn zorgvuldig, andere opruiend, sommige zijn expliciet, andere gereserveerd, sommige zijn gulzig en geil, andere wanhopig en afstotelijk, in sommige spreekt vooral de ene Serge, in andere voor­ al de andere. Maar eigenlijk is dat biogra­ fische essay vooraan nog wat veel lof voor Gainsbourg. Je had deze bundel gewoon Serge moeten noemen, Van Duijnhoven, dan kon de lezer zelf beslissen wie hier de hommage ver­ dient.  Michaël Bellon

Tot in 1564 viel nieuwjaarsdag op 1 april. Het was de Franse koning Karel IX die de traditie omgooide: voortaan zou Nieuwjaar op 1 janua­r i vallen. Maar 1 april bleef een specia­le dag. Het is het einde van de vasten en het begin van de lente, de datum staat sym­ bool voor vriendschap en liefde. Tot aan de Tweede Wereldoorlog schreven de Fransen kennissen, vrienden, geliefden en fa­ milie met 1 april een wenskaart. “Ik heb bij mijn ouders en grootouders altijd kaartjes weten aankomen op 1 april,” vertelt Monique Salapete. Na de Tweede Wereldoorlog verwa­ terde de traditie sterk.

Collectioneurs Salapete bezit niet minder dan vijfduizend kaartjes met aprilvissen. De tweehonderd kaartjes in het Huis van Folklore en Tradi­ ties dateren van een kleine honderd jaar ge­ leden – in de jaren twintig van de twintigste eeuw woedde het gebruik nog volop.

Monique Salapete werd als kind danig gepest omdat haar verjaardag op 1 april valt. Dus be­ sloot ze maar om er ook om te lachen, en ze ging kaartjes verzamelen. Op de vernissage van de tentoonstelling werd ze druk aangeklampt door Brusselaars (en Fransen) die ervaringen rond kaarten verza­ melen wilden uitwisselen. Een Zuid-Franse vrouw droomde hardop van een tentoonstel­ ling met haar collectie geboortekaartjes. De tentoonstelling Hartstochtelijk april loopt nog tot en met 10 april in het Huis van Fol­ klore en Tradities, Eikstraat 19, 1000 Brussel (vlak bij Manneken Pis). Ze is open van don­ derdag tot en met zondag van 13 tot 18 uur. De toegang is gratis. 

Danny Vileyn

ADVERTENTIE

UW VERWARMINGSKETEL ONDERHOUDEN IS NIET ALLEEN VERPLICHT, MAAR VOORAL GOED VOOR HET MILIEU

Een verwarmingsketel die niet wordt onderhouden, verbruikt tot 10 % meer energie. Om de Brusselaars minder te laten verbruiken, is sinds 1 januari een onderhoud van de verwarmingsketels verplicht : elk jaar voor de ketels op stookolie en om de drie jaar voor die op gas. Raadpleeg uw verwarmingstechnicus en vraag hem het controle-attest. Info : 02/775.75.75. - www.leefmilieubrussel.be

SAMEN MAKEN WE VAN BRUSSEL EEN DUURZAME STAD


BDW 1270 PAGINA 20 - DONDERDAG 10 MAART 2011

Reizen > Leerkrachten basisonderwijs met loopbaanonderbreking

De roep van de stilste bergen BRUSSEL – Juf Hanne en meester Steven ruilen de klas geregeld in voor gletsjers en rotsformaties. Maar altijd keren ze terug. “We wilden even weg van alles en iedereen.”

Argentinië en Chili, is een mythische plaats. Maar wat maakt het nu zo speciaal? “Europa heeft al lelijk huisgehouden in Latijns-Amerika. We hebben de ecologische ravage met eigen ogen gezien. Gelukkig vind je in de Andes nog grote nationale parken die wel beschermd worden. Maar Patagonië... dat is gewoon eindeloos. Ruw en guur, inderdaad. Het weer verandert er ook continu. Het is een van de laatste wildernissen. De natuur is er de baas.” “Je komt in een dorpje, stapt verder en het volgende dorpje is een paar honderd kilometer verderop. Je vindt er geen paden, af en toe een spoortje misschien, vaak getrokken door een dier. Op kaarten vind je nog heel wat blinde, witte vlekken. Zoek het zelf maar uit. Héérlijk. Dan ga je na dagen trekken op een besneeuwde rots zitten en voel je je één.”

Z

e klimmen niet, ze trekken. Door en over de bergen, het liefst over onbegane paden, de ruwe desolaatheid tegemoet. Die vinden ze maar weinig in Europa, en dus trokken ze naar Patagonië. Meester Steven en juf Hanne, ze houden van hun luide klas in Brussel, maar evenzeer van de roep van de stilste bergen. Steven De Baerdemaeker (29) en Hanne Van Gansbeke (24) zijn terug van een tocht van acht maanden in de Andes. Of liever: ze wáren terug. Want intussen zijn ze alweer op weg voor wat nagenieten in de Alpen. En er staat ook nog een Pyreneeëntrekking op het programma: van de Atlantische Oceaan naar de Middellandse Zee, maar dan wel op eenzaam hoog niveau. Eén jaar loopbaanonderbreking, en ze willen elke dag ervan benutten. “Dit doen we al langer,” vertelt De Baerdemaeker. Van Gansbeke knikt: “We staan graag voor de klas, maar elke vakantie trekken we weg. Drie dagen vrij? De bergen in!” “De Alpen zijn mooi, maar elk minuscuul paadje, elke route vind je al op internet. De ongereptheid, de

Weg uit de stad

Steven De Baerdemaeker en Hanne Van Gansbeke: “Blind vertrouwen in elkaar.”

wilde natuur: die vind je nauwelijks meer in Europa. En dus wilden we verder, weg van alles en iedereen. Op naar de ruwe desolaatheid van Patagonië, en in één adem namen we er ook een stukje Peru en Bolivië bij.” “Sommige trektochten baseerden we op de Lonely Planet of Google Earth. Maar nooit klakkeloos. We

informeerden ons altijd goed bij de lokale mensen, kochten kaarten en hanteerden ook een gps. Vaak moesten we het echt zelf uitzoeken, dan kregen we als antwoord: ‘We zouden het begot niet weten.’ Daar gaat echt geen mens naartoe.” “Dikwijls moesten we toelatingen aanvragen. Het was soms smeken en onderhandelen, maar op één

© BART DEWAELE

keer na kregen we uiteindelijk altijd groen licht. Vaak stelden de rangers als voorwaarde dat we achteraf kwamen vertellen hoe het er was. Want niemand trekt door die streken als er sneeuw ligt. Op basis van onze ervaringen konden ze dan inschatten wanneer ze een gebied konden openstellen.” Patagonië, de uiterste zuidpunt van

“Alleen is ook alleen wanneer het fout gaat. Hulp inroepen kun je niet. En dus ben je volledig op elkaar aangewezen, en moet je ook een blind vertrouwen hebben in elkaar. Een gletsjer over trekken is niet zonder gevaar. We volgen cursussen, blijven ons bijscholen en investeren in materiaal. Maar niks is honderd procent sluitend. Daar sta je dan plots in the middle of no­where, met een kapotte schoen. Die van Hanne hangt nu nog met wat visdraad en lijm bij elkaar.” “De Everest of Kilimanjaro zeggen

Culinair > Terug van weggeweest in Sint-Joost

Frieten bij Zoila SINT-JOOST-TEN-NODE – Na 48 jaar in dienst van de friet ging frietenbakker Martin in 2009 met pensioen. Voortaan heerst Zoila Palma Altamirano in de kraam op het Sint-Joostplein.

Martin heeft met zijn kraam zowat de ronde van het Sint-Joostplein gedaan, vóór de kerk, naast de kerk,... De gemeente wou per se een opvolger, maar wilde niet over één nacht ijs gaan. Schepen van Middenstand en Toerisme Eric Jassin (CDH) liet een compleet lastenboek opstellen. De kwaliteit van het frietvet (verplicht honderd procent rundsvet) en de herkomst van de aardappels (bintjes uit volle grond) moesten boven elke verdenking staan. De scepter wordt nu overgenomen door Zoila Palma Altamirano, een Ecuadoraanse die al acht jaar in België woont. Vroeger werkte ze in Spanje in de landbouwsector. Met

de ‘erfenis’ van Martin realiseert doña Zoila een oude droom: een eigen zaak. Ze volgt daarnaast ook de oplei­ding ‘horeca, handel en management’.

Pleinvrees Tijdens de plechtige opening van de friterie, afgelopen week, werd het eindproduct unaniem goedgekeurd. Naast frieten worden er ook balletjes, jachtbrochettes en frikadellen bereid; alcohol wordt bij Zoila niet geserveerd. Onvermijdelijk zijn er ook wanklanken. “De heraanleg van het SintJoostplein is een miskleun,” zegt iemand. “De straatstenen worden

Zoila Palma Altamirano volgt de legendarische frietenbakker Martin op. spekglad als het maar een beetje regent. En nu hébben we een open ruimte, waarop een bejaarde zich

weliswaar niet waagt bij regenweer, en die plamuren ze dan vol: twee bushokjes, een bloemist, een kiosk.

© SASKIA VANDERSTICHELE

En dan dat kot,” klinkt het. Maar ook: “De frieten zijn echt lekker.”  Lieven Bulckaert


BDW 1270 PAGINA 21 - DONDERDAG 10 MAART 2011

©

ons niks. Alle respect voor wie er de top haalt, maar het is niet ons ding. Bovendien: als je rijk genoeg bent, kun je je desnoods naar boven laten dragen.” “In feite zijn we geen echte bergbeklimmers. We trekken. Niet dat we

Sneeuwklassen? Ja! “Haal de kinderen eens weg uit het stadsmilieu, trek hun wereld open. Het is iets wat ze anders nooit meemaken”

neerkijken op rots- of Alpijns klimmen; misschien schakelen we er ooit nog weleens op over. Maar nu interesseert het ons niet.” “Maar in de bergen wonen? Neen, dat hoeft nu ook weer niet. Als je er woont en werkt, dan zie je het niet. Bovendien staan we ook heel graag in het onderwijs. Niet alleen voor de vakanties: ik hou ook echt van mijn klas.”

Steven De Baerdemaeker geeft les in de Molenbeekse Sint-Martinusschool. Hanne Van Gansbeke, ergotherapeute van opleiding, is zorgcoördinator in Sint-Pieter/SintGuido (Anderlecht) en geeft ook les in de Mariaschool in Schaarbeek. “Op sneeuwklassen? Bij ons zijn ze ermee gestopt,” geeft Van Gansbeke aan. “Het ligt gewoon heel moeilijk. Financieel, ja. En er is te weinig materiaal, gepaste kleding en zo.” “Hier in de Paloke-wijk (in Molenbeek, red.) is er nog een sterk oudercomité dat de winterklassen mogelijk maakt,” zegt De Baerdemaeker. “En ja, ik vind sneeuwklassen echt een goeie zaak. Hier nog meer dan pakweg in Zwevezele. Haal de Brusselse kinderen eens weg uit het stadsmilieu, uit de eigen omgeving, trek hun wereld open. Het is iets wat ze anders nooit zouden meemaken. Ook niet op familiereis naar Marokko of Turkije. Blijf toch investeren in zulke reizen, en in de kinderen.” “In een dorpsschool zou ik geen les meer kunnen geven. Echt waar, geef mij maar Brussel. Alles is er bijzonder intensief: de miserie, maar ook al de goeie momenten. Sorry voor Zwevezele, maar ik blijf hier.” 

FrancisMarissens

Steven en Hanne hielden op hun tochten een goed gedocumenteerde blog bij: surf/klim naar ennah.wordpress.com

ADVERTENTIE

29 maart 2011 - 19u

OPENDEUR NOCTURNE

Infoavond waarop leerlingen van het vijfde en het zesde leerjaar samen met hun ouders vier lesjes naar keuze kunnen volgen.

Lid van

Organisatie van de Verenigde Naties voor Onderwijs, Wetenschap en Cultuur

met UNESCO Geassocieerde Scholen

Klein Berchemstraat 1 1081 Koekelberg www.kakoekelberg.be Tel. 02 468 20 40 info@kakoekelberg.be

NI

C

R KT

AC

HE

T

Nick Trachet BRUSSEL EN DE WERELD CULINAIR ONTDEKT

Kruimels Het speelt door mijn hoofd. Het gaat echt niet goed met ons brood. Enkele jaren geleden hield ik al een betoog tegen de slechtheid van wat als brood wordt verkocht in de bakkerijen van de stad. Er wordt massaal brood gestort voor meeuwen en ratten, door alle lagen van de bevolking. Dat komt niet omdat wij zo graag eenden en duiven eten geven, maar wel omdat ons brood niet te vreten is. Nu is brood zo symbolisch geladen dat we het niet graag weggooien. Dus voeren we het aan het ongedierte in het park, wat op hetzelfde neerkomt. De ene na de andere gaan bakkerijen met stielkennis dicht. Goede bakkers verliezen geld en hun gezondheid. Al lang geleden hoorde ik een broodexpert op de radio vertellen dat ons brood niet meer voldoende wordt gebakken. De bakkers beknibbelen op baktijd om nog een extra oven te kunnen ‘steken’ op een dag. Allerhande additieven moeten het werk versnellen en de kostprijs drukken. Maar, zoals een prachtig opschrift in brouwerij Cantillon leest: De Tijd heeft geen respect voor wat zonder hem gebeurt. Dat gesjoemelde snelbrood bewaart niet en de winkels ruiken ook niet meer naar vers baksel, maar naar oliederivaten die even goedkoop stinken als dat ze kostenbesparend zijn. De enige redelijke broden tegen een democratische prijs komen nu uit fabrieksbakkerijen. Schaalvergroting voorkomt er nog even dat er te veel met de inhoud van het deeg moet worden gerammeld. En dan stijgt de levensduurte ook nog eens. Mijn wijk is niet meer zo welvarend als toen ik er schoolgaand was. Bij de Panos hier, zo wordt me gemeld, worden nauwelijks nog grote broden aangeboden. Men koopt kleiner. Zo is er minder verspilling en kost alleen de wachttijd wat meer per boterham. Werklozen hebben tijd, niet? Een klein brood is in feite duurder dan een groot, maar mensen zonder censen hebben geen keus. Bij die paar ‘artisanale’ bakkers waar het brood nog wel lekker is, kost het zelden minder dan 2,50 (voor een groot rond boerenbrood met een degelijke korst) en staan de (bemiddelde) klanten tot ver buiten in de kou aan te schuiven als dreigden er oorlog en schaarste. Ook bij ons thuis lukt het niet om brood weg te gooien. De uitgedroogde restjes belanden in een

grote doos, waarvan nu en dan bodding wordt gebakken. Soms reserveer ik wat oud wit brood om broodkruim, chapelure, te maken. Ik begrijp niet waarom ik dat kant-en-klaar zou moeten kopen, wanneer er elke dag oud brood door mijn handen gaat. Ik bezit een brocanterige handmolen van gegalvaniseerd ijzer. Ooit langs een landweg gevonden tijdens een lange winterwandeling. Het is grappig zo’n stuk brood in de trechter te steken en dan de vijs er stukken te zien afhappen terwijl het brood schokkend zakt. Er komen dan aan de andere kant kruimels uit, en heel soms zeef ik de grove fractie van de fijne, naargelang van de nood. Chapelure komt van chapeler, oorspronkelijk: het ‘dak’ van een brood af snijden, de korst verwijderen. Het kruim werd gegeten en met de korst werd verder gekookt. In het Nederlands is broodkruim of paneermeel in omloop. Chapelure moet gemaakt worden van oud brood waarin zich een paar fysicochemische veranderingen hebben voorgedaan ten opzichte van vers brood. Uitgedroogd brood heeft andere kookeigenschappen. Belangrijk ook: korst heeft een andere smaak dan kruim. Hij onderging de zogenaamde Maillard-reactie, het bruinen van suikers en zetmeel, op weg naar karamel. Vandaar dat het soms de moeite loont om het brood eerst nog even te toasten vooraleer het te vermalen. Droge broodkruimels bewaren lang. Ze gaan in vleesballetjes en worden gestrooid over alle schotels die in de oven worden gekorst. Dat kan op (gevulde) groente, maar ook over deegwarenschotels, vlees of vis. In een echte cassoulet wordt het vocht gedikt met veel chapelure, die in de oven steeds weer boven komt borrelen en een korst vormt die driemaal moet worden ‘gebroken’ en weer vermengd met de bonen vooraleer de schotel gaar is. Chapelure was in de middeleeuwen de traditionele sausbinder. Bloemsausen, die bij onze ouders nog

Brood is zo symbolisch geladen dat we het niet graag weggooien. Dus voeren we het aan het ongedierte in het park

populair waren, kwamen pas met de moderne tijden. Daarvoor, al bij de Romeinen, werd brood gebruikt om sausvocht in te dikken. Ook vandaag kan dat nog best, maar we zijn het niet meer gewoon. Engeland kent een wonderlijke bread sauce, gemaakt door goed gekruide melk te verhitten met oud brood en boter. Ze past bij koud vlees. Ook in de Turkse keuken kent men koude broodsaus. Ik heb ooit gekruide, warme rode wijn gedikt met toast. Een eigenaardige saus, maar ook lekker. Gekker, maar zeker eens te proberen, zijn de Spaanse migas. Neem droge broodkruimels en bevochtig die met wat zout water. Laat een nacht trekken. De volgende ochtend (want dit is een ontbijtschotel) laat u in een pan een vijftal lookteentjes in ruim olijfolie bruin bakken. Haal de teentjes eruit en bak in hetzelfde vet spek en pikante worst krokant. Wegnemen en nu de broodkruimels erin. Voorzichtig omscheppen tot ook het brood krokant en bruin wordt. Vlees er weer bij en warm opeten. Men zegt dat dit gerecht pas echt smaakt als het gemaakt wordt van oud, maar lekker brood, en daar zit dus de enige moeilijkheid... Smakelijk. nick.trachet@bdw.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/trachet


BDW 1270 PAGINA 22 - DONDERDAG 10 MAART 2011

Luc Bernaerts in de kelders van het Serment: “Schieten, dat is eerst kracht zetten om de boog op te spannen, daarna puur concentratie, zoals bij yoga.”

JETTE/BRUSSEL – “Onze gilde telt een tachtigtal leden en staat zowel voor sport en ontspanning als cultuur en folklore. De ene komt om zijn passie voor de sport en de geschiedenis van de kruisbooggilden te beleven, de andere om zijn schietkunst te demonstreren, en dan zijn er ook nog de vrienden die samen graag een glaasje drinken. Allemaal zijn ze even welkom, zonder onderscheid van rang of stand.” Luc Bernaerts is archivaris en conservator van het Groot Koninklijk Serment van SintJoris der Kruisboogschutters van Brussel, welgeteld 630 jaar oud.

B

ernaerts’ thuis ligt in Jette. Zijn ‘tweede verblijf’: onder de kerk van Sint-Jakob op de Koudenberg op het Koningsplein. Het is een ruimte met witgekalkte gewelven; privémuseum, sportlokaal, vergader- en gelagzaal in één. Net als elke dinsdag is Bernaerts al ’s ochtends op post. “Donderdag wordt er geschoten, dinsdag is de dag van de archivarisconservator. Een dag die zo voorbijvliegt: altijd is er wel iets te doen.” “Nu vijftien jaar geleden hebben we hier een onderkomen gevonden. Met dank aan de Stad Brussel en toenmalig burgemeester FrançoisXavier de Donnea. De burgemeester van Brussel is trouwens onze chef-deken, omdat de gilden indertijd deel uitmaakten van de burgerwacht. De koning is onze hoge beschermheer omdat we een Koninklijke Gilde zijn, en de hertog van Arenberg is hoge chef-deken. Dat zijn de membres d’honneur, maar spijtig genoeg hebben we te weinig membres-donneurs, donateurs. Want afgezien van een kleine subsidie van de Franse Gemeenschap zijn we volledig op onszelf aangewezen. We zijn allemaal vrijwilligers. Inkomsten zijn er van het lidgeld, de

gelagzaal, rondleidingen en de initiaties in het schieten.” Oorkonden, affiches, postzegels, een mannequin met wapenuitrusting en een met het traditionele rood-witte uniform van de gilde dat gedragen wordt tijdens de jaarlijkse Ommegang. Allerhande kruisbogen, een groot houten beeld van Sint-Joris de drakendoder, memorabilia,... Stuk voor stuk getuigen van een rijke geschiedenis. De gilde zet dan ook de traditie voort van het Grand Serment des Arbalétriers – erkend door het handvest van 4 mei 1381 – én van het Serment van Sint-Joris, in 1388 opgericht door de hertogin van Brabant. “Nadat we hier onderdak hadden gevonden, zijn we het museum beginnen uitbouwen om de geschiedenis van onze gilde te vertellen en uit te beelden. Van 1381 tot nu. Er waren leden die thuis voorwerpen of documenten hadden liggen, en ook in het Jubelpark hebben we dingen gerecupereerd. Vervolgens zijn we rommelmarkten gaan afschuimen, en nu ook het internet. Er komt maar geen eind aan.” “Dat ik er zo gepassioneerd door ben geraakt, is wellicht een reactie. Een reactie op de om

Luc Bernaerts draagt het vaandel van het Serment op de Ommegang.

zich heen grijpende drang naar het nieuwe. Maar nom d’une pipe, men doet in Brussel veel voor al wat modern is, maar wat met het verleden? Zoals vorige zomer, toen hier midden op het Koningsplein moderne sculpturen werden neergepoot die de zuivere lijn van het classicistische ensemble denatureerden. Voor zoiets zijn er parken, of andere pleinen. Maar historische plekken? Die glazen kubus op de Kunstberg: ik vraag me echt af of die er wel op zijn plaats staat. Misschien ben ik ook wel te oud geworden om het allemaal te begrijpen.” Hier spreekt een geboren en getogen Brusselaar. Een Brusselaar die dankzij zijn vader al jong kennismaakte met het Serment. “Mijn vader was arts, folklorekenner én schrij-

© MARC GYSENS

ver van boeken over Brussel. Als kennis van Jean Copin, de toenmalige ondervoorzitter, kwam hij hier geregeld lezingen geven over Brussel en de bekende auteurs die hier verbleven. En ik mocht als snotaap mee om de diaprojector te dragen.” “Van vader heb ik de passie voor Brussel geërfd. Altijd heb ik me hier goed gevoeld, hoewel ik met het ouder worden steeds meer gebreken zie. Ik heb ook voortdurend vaders klaagzangen over de bruxellisation mogen horen. ‘Men heeft de Kunstberg helemaal verwoest, men heeft dit afgebroken, dat weggesmeten...’ Nooit iets anders gehoord. Tja, Brussel is altijd een stad in evolutie geweest.” “Lid ben ik pas geworden enkele jaren voor mijn prepensioen, nu zowat 25 jaar geleden. Paardrijden begon een beetje zwaar te wegen, ik was op zoek naar een andere hobby. Al gauw gepassioneerd geraakt, ook. Merkwaardig, omdat mijn professionele leven zich altijd op managementniveau in een industrieel milieu heeft afgespeeld. Toch was er toen al een link. Ik zat in de brandbeveiliging, en de kruisboogschutters waren indertijd de eerste pompiers uit de geschiedenis van de steden van de Nederlanden. Omdat ze deel uitmaakten van de militie.” Archivaris is Bernaerts bij toeval geworden. Het kwam door zijn goede vriend Daniel Natan, die zeventien jaar lang secretaris is geweest en vandaag een handje is komen toesteken. “Van Daniel heb ik een beetje de geschiedenis geleerd. ‘Zou dat nu wel allemaal waar zijn wat hij mij vertelt?’ Ik ben uit nieuwsgierigheid in de familiebibliotheek gaan snuffelen. En het bleek allemaal te kloppen. Zo – en ook door een


BDW 1270 PAGINA 23 - DONDERDAG 10 MAART 2011

FREDDI SMEKENS “De kruisvaarders brachten de kruisboog naar onze contreien. Niet de ridders – die streden met het zwaard, man tegen man. Het was dus het schorriemorrie dat de kruisboog introduceerde”

Luc Bernaerts, 25 jaar kruisboogpassie

‘Het moet een plezier blijven’ duwtje in de rug van onze voorzitter – ben ik begonnen met de reconstructie van de geschiedenis van onze gilde en haar verwevenheid met Brussel. En nu bestier ik al jaren ons museum. Passie voor de sport en passie voor de geest van de kruisboogschutters van Brussel, die de stadswallen hebben verdedigd. Gelukkig maar dat mijn vrouw ermee kan leven; zij houdt zich zelfs bezig met alles wat onze garderobe betreft.”

In China Meneer de archivaris troont me mee voor een kleine demonstratie. Op de schietstand van twintig meter, iets wat die andere nog overlevende Brusselse kruisboogschuttersgilde niet heeft. Hij demonstreert een sport die lang heel populair is geweest en waarin nogal wat geld omging. Een lesje over de geschiedenis van de kruisboog krijg ik erbovenop. Bernaerts’ kruisboog weegt zowat vijftien kilogram. Opspannen gebeurt met een hefboom, een gek. Die is nodig omdat de lanceerkracht tussen 120 en 140 kilogram ligt. “Vanwaar de naam gek, zot? Indertijd had de kruisboogschutter op het slagveld een hulpje nodig om de boog op te spannen. Dat was de dorpsgek. Het wapen was toen wel minder gesofisticeerd en minder precies dan nu. Het tegengewicht dat je hier ziet, is een uitvinding uit de achttiende eeuw. Het schieten, dat is eerst kracht zetten om de boog op te spannen, daarna puur concentratie als bij yoga.” Bernaerts mist net het maximum, de tien. Onmiddellijk legt hij er een tweede pijl op. “U hebt een machine in gang gestoken. Ik heb zin om nog een tweede, een derde, een vierde, een... af

te schieten. Uren aan een stuk. De passie voor het schieten is even groot als de passie voor het vertellen, de geschiedenis. Het is een drug.” De inslag van de pijl is bepaald indrukwekkend. “Zo’n pijl is dodelijk. Daarom zijn er strikte regels voor het gedrag op de schietbaan, en het is in principe de kapitein of zijn luitenant die erop toeziet dat ze gerespecteerd worden. Alcohol is uit den boze, dat spreekt voor zich. De leden zijn ook zelf wel gedisciplineerd genoeg om die regels na te leven. Het kruisboogschieten is een plezier en dat moet het blijven.” “Wat ik nu doe, heeft zijn oorsprong in China, zo’n 250 jaar voor Christus. Ten tijde van de kruistochten was de kruisboog ook al bekend in de moslimwereld, en de kruisvaarders hebben hem meegebracht naar onze contreien. Niet de ridders – hun erecode wilde dat er gestreden werd met het zwaard, man tegen man. Het was dus het schorriemorrie dat de kruisboog heeft meegebracht. Daarop heeft ook de burgerij de kruisboog omarmd, om zich te beschermen tegen diezelfde bandieten. En daaruit zijn de gilden gegroeid.” “In de kruisbogen zelf heb je Lada’s en RollsRoyces. Ze zijn ook niet op elke straathoek te vinden: er zijn nog maar drie, vier oude Belgische ambachtslui die ze vervaardigen. Een deftige kost al gauw 1.200 euro, voor een kanjer mag je rekenen op tweeduizend euro. Dat is veel geld, ja, en daarom geven we potentiële leden eerst de kans om de sport met een kruisboog van de vereniging te ontdekken.” 

Karel Van der Auwera

www.arbaletriers-saintgeorges.be

Dinge

A

ls we iemands naam vergeten zijn, dan hebben we het in ons Brussels meestal over “Dinges”, “Dingske” of eventueel “Awel, ge weut wel!? Dinge doe!” Natuurlijk staan we zo geen stap verder. Maar we zijn altijd bereid om in onze herinneringen te graven tot we Dinge of Dingske duidelijk gesi­t ueerd hebben. En meestal lukt dat uiteraard niet. Tot zover over de namen die we, bewust of niet, uit ons geheugen hebben gewist. Graag over naar dinge in het algemeen, nu. In dat geval is ons Brusselse dinge een trefwoord dat ons op elk ogenblik, en in welke situatie dan ook, van pas kan komen. Dat we af en toe eet vergeite zaain, zullen we onszelf echter vlugger vergeven dan dat we het anderen vergeven. Wanneer iemand uitpakt met: “Awel, ni vè ’t ien of ’t ander, mo ik hem gistere Dingske in dinge gezeen,” moeten we toch even nadenken wie onze gesprekspartner waar gezien heeft. Uiteraard doen we dat doorgaans met de grootste welwillendheid. In eerste instantie kan men bijvoorbeeld reageren met: “Ah bon! Wa da ge doe naa zegt! En hoo was ’t mè Dingske in dinge?” In het beste geval krijgt men dan als antwoord: “Mo hiel good! Hij heit zeulfs werk gevonne bij dinge doe... allei, baa dinge... heu... ik zou het deuzend kiere zegge!” Men doet er dan wel goed aan om vervolgens een ander onderwerp aan te snijden. Bij dat alles stel ik vast dat we ons gelukkig mogen achten dat we niet de enigen zijn die af en toe een gat in ons geheugen hebben. Meestal is de Brusselse uitdrukking “Ge weut wel” in dat geval een goede uitlaatklep. Wanneer ik met die vraag geconfronteerd word, dan heb ik steevast een antwoord klaar: “Ik wel, ja. Mo gaa weut het percees nemi.” Maar uiteraard doet iedereen van ons af en toe (of altijd) zijn of haar best om de medemens te hulp te komen. Den truk die ik meestal gebruik om iemand te helpen die het over dinge heeft, bestaat uit een simpele vraag. De laatste keer dat ik met iemand geconfronteerd werd die naar dinge geweest was, vroeg ik hem niet naar een geografische of topografische omschrijving. Ik probeerde het met:

“Dinge? Bon! Probeit neki noe te paaze mè welke letter a dinge begint. Dèn gooj er masscheen op komme, wee weut...” Mijn vriend begon in zijn geheugen te graven zoals ik hem dat nog had zien doen. Half hardop ging het van: “A? Neije... B? Oek ni... C?... Heu...” Hij was echt de wanhoop nabij toen hij uiteindelijk bij de letter D belandde. “Dinge!” klonk het voor iedereen die het horen wilde. Zo ziet men maar, waarde lezer, dat er geen pasklare oplossingen bestaan om dinge bij onszelf en de anderen vorm en inhoud te geven. Bij dat alles wil ik toch de opmerking maken dat de wereld er maar triestig zou uitzien moeste we nuut niks vergeite en alles onthaave. Op dat ogenblik zou ons woordje dinge verschrompelen en zelfs niet meer voor herhaling vatbaar zijn. Maar gelukkig zijn we nog niet zo ver, waarde lezer. Maar nu ik het er toch over heb, wou ik ook even aangeven dat ons woordje dinge ook nog met iets anders te maken heeft. Voor de echte Brusselaar hoef ik hier niet te onderstrepen dat het dan om kleren en kleding gaat. Zo geeft de uitspraak “G’hèt schuun dinges oen” aan dat iemand piekfijn uitgedost is. En gezien het weer en de klimaatsomstandigheden die ons kleine landje kenmerken, moeten we onszelf af en toe de vraag stellen: “Wa veu dinge goen ik na vandoeg wei oendoon?” Om te besluiten wou ik er nog op wijzen dat men dinge en dinges ook in een meer universeel verband kan aanwenden. Wanneer men bijvoorbeeld geen onderscheid wil maken tussen alles wat ons niet aangaat of waar we niet bij stilstaan, dan kan men gerust zeggen: “Da zaain allemoe dinges woe ik na neki niks van oentrek.” Maar het is en blijft opletten geblazen wanneer men geconfronteerd wordt met de uitspraak: “Ik goen a ien dinge zegge.” Op dat ogenblik besef ik – samen met de lezer, neem ik aan – dat ien dinge weleens voor een avondvullend praatprogramma zou kunnen zorgen. Nu ik alle dinge neki op e rautche hem gezet, mag men gerust deze Brusselse Rubriek mè e poer dinge oenvulle. Zeg mo gerust da Dinge het aaile gezeit heit.

REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Elsene, 02-226.45.40, fax 02-226.45.69, info@bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-226.45.45, fax 02-226.45.69. Gratis binnen het Brussels hoofdstedelijk gewest. Rest van België 15 euro per jaar; rekeningnummer 424-5529822-66 van vzw Brussel Deze Week. Buiten België 25 euro per jaar. DISTRIBUTIE EN PROMOTIE Ute Otten (ute.otten@bdw.be), Paul De Weerdt. RECLAME IN BDW Rika Braeckman (rika.braeckman@bdw.be), 02-226.45.41, 0477-97.21.27, fax 02-226.45.69. OPLAGE 66.720 exemplaren. HOOFDREDACTIE Anne Brumagne (anne.brumagne@bdw.be). EINDREDACTIE Katrien Stroobants (katrien.stroobants@bdw.be). REDACTIE Jean-Marie Binst (jeanmarie.binst@bdw.be), Christophe Degreef (christophe.degreef@bdw.be), Bettina Hubo (bettina.hubo@bdw.be), Patrick Jordens (patrick.jordens@bdw.be), Freddi Smekens (freddi.smekens@bdw.be), Steven Vandenbergh (steven.vandenbergh@bdw.be), Steven Van Garsse (steven.vangarsse@bdw.be), Danny Vileyn (danny. vileyn@bdw.be). REDACTIESECRETARIAAT Isabelle De Vestele (isabelle.devestele@bdw.be), Lien Annicaert (lien.annicaert@bdw.be), Gerd Hendrickx (gerd.hendrickx@bdw.be). MEDEWERKERS Michaël Bellon, Lieven Bulckaert, An Devroe, Philip Ebels, Eva Hilhorst, Ilah, Francis Marissens, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Karel Van der Auwera, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Anja Galicia, Marc Gysens, Ivan Put, Herman Ricour, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. VORMGEVING Peter Dhondt (peter.dhondt@bdw.be). FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh (manu.dehertogh@bdw.be). VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Anne Brumagne, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE Marijke Vandebuerie (marijke.vandebuerie@bdw. be). Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie. ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).


BDW 1270 PAGINA 24 - DONDERDAG 10 MAART 2011

Rolschaatsen > Kevin Marron Lopez zet rollercarrière noodgedwongen op laag pitje

‘Terug naar de gloriedagen’ LAKEN – De 21-jarige Kevin Marron Lopez kan terugkijken op een goed gestoffeerde carrière: wereldkampioen bij de amateurs, vice-Europees kampioen en twee wereldrecords. Vandaag zit roller in een dipje en concentreert Lopez op zijn studie, maar het rolschaatsen blijft door zijn hoofd spoken. “Het is begonnen op de terugweg van een vakantie in Spanje,” vertelt de Brusselaar met Spaanse roots. “We stopten bij een supermarkt en daar kochten mijn ouders een paar rollerblades voor mij. Ik was toen zeven en al een echte waaghals. Op straat begon ik met sprongen van trapjes, maar zodra ik het rollerpark in Anderlecht ontdekt had, was het hek van de dam.” In Anderlecht was Lopez al gauw een dagelijkse klant. Hij leerde er oudere jongens kennen die tot de wereldtop behoorden, en al snel krikte hij zijn niveau op. Na amper een jaar was hij Belgisch kampioen en sleepte hij een sponsorcontract in de wacht bij het rolschaatsenmerk Bauer. “Het ging vanzelf, het zat gewoon in mij. Ik herinner me dat er toen een ware rollerhype was en dat er op de ramps in het park altijd veel jongeren waren. Ik was nog maar acht en de kleinste van de hoop, maar gelukkig riepen de ouderen iedereen op om even te stoppen, zodat ik mijn ding kon doen. Zij hebben me geholpen in mijn evolutie.” De snelheid, de sfeer, de adrenaline en de vrijheid spreken Lopez, die voornamelijk opvalt door zijn stijl, aan. Vader Lopez volgde zijn zoon overal. Hij reed bijna dagelijks met zijn zoon naar het rollerpark en trok zelfs de grenzen over opdat zijn zoon zijn droom kon waar-

Kevin Marron Lopez haalde het Guinness Recordboek met 31 backflips aan één stuk en de hoogste McTwist 900.

maken. “In 1997 zat ik voor het eerst in het buitenland, in München. En dat was maar het begin, want ik begon steeds meer te reizen. Mijn vader heeft me wat gepusht om naar het

buitenland te gaan en zo mijn niveau te verbeteren. En daar ben ik blij om.” De jonge Brusselaar begon België en zelfs Europa te ontgroeien. En dan lonkt natuurlijk

het rollermekka, Amerika. In 2004 trok Lopez na een kwalificatieronde de plas over, en dat heeft hij zich geen seconde beklaagd. “Het WK voor amateurs werd gereden temidden

Evenement > Ket2sport voor vijfde- en zesdeklassers

Lok de ketjes uit hun kot zen uit een halve of een hele dag op 21 of 22 maart.” Derdejaarsstudenten Lichamelijke Opvoeding van de VUB die als afstudeervariant Sportmanagement hebben gekozen, organiseren

“ Jongeren rustig laten uitzoeken wat hen ligt”

Ket2sport: proeven van een dertigtal sporten. ETTERBEEK – 1.800 Brusselse jongeren bezetten op 21 en 22 maart een stuk van de VUB-campus. De zesde editie van Ket2sport lijkt daarmee nu al een succes te worden.

“Vijfde- en zesdeklassers uit de Nederlandstalige Brusselse basisscholen trakteren we op een uitgebreid sportaanbod,” vertelt Nick Diddens (21) van Ket2sport. “Ze kunnen kie-

Ket2sport. Ze doen dat in samenwerking met Bloso, de VGC en de Stichting Vlaamse Schoolsport (SVS). De deelnemende kinderen zullen zich geen seconde vervelen. “Er worden een dertigtal sporten aangeboden. Naast de ‘klassiekers’ voetbal, basketbal en handbal krijgen de jongeren ook vechtsporten, denksport en een paar ‘nieuwe’ sporten à la speedminton – een badmintonvariant – voorgeschoteld. Er zullen ook een klimmuur en een speleobox zijn

en we bieden nevenactiviteiten aan zoals een schaatsvoor- of -namiddag en een parcours in het VUB-zwembad.” Het voornaamste doel van Ket2sport? Jongeren honger naar sport doen krijgen. En hen, zo mogelijk, ook de stap doen zetten om zich in te schrijven bij een sportclub. “Het is moeilijk na te gaan of er zich na de vorige edities veel bezoekers hebben ingeschreven,” vervolgt Diddens, “maar we doen er wel alles aan. Zo krijgen de jongeren een prijs als ze op papier kunnen bewijzen dat ze ergens een gratis verkennende les zijn gaan volgen. We proberen ook korting los te weken bij clubs.” Sportevenementen voor schoolgaande jeugd zijn al lang geen uitzondering meer. Toch is Ket2sport anders, vindt Diddens. “Wat het speciaal maakt, is dat we enorm veel sporten tegelijk aanbieden. Leerlingen sporten een kwartier en schuiven dan door. Ze worden ook nog eens begeleid door gekwalificeerde trainers van Brusselse clubs of Vlaamse sportfederaties. Zo kunnen ze rustig zoeken TS naar de sport die bij hen past.” www.ket2sport.be


BDW 1270 PAGINA 25 - DONDERDAG 10 MAART 2011

David Steegen Onvergetelijk van de natio­nale kermis van Los Angeles, waar een pak volk op afkwam. Ik won er: een droom ging in vervulling. De zege in Los Angeles heeft nog altijd een belangrijke plaats op mijn palmares, al heb ik nog een paar mooie prijzen behaald. Naast een zestal keer Belgisch kampioen ben ik ook vice-Europees kampioen geworden en sta ik met twee wereldrecords in het Guinness Recordboek: ik

“ Mijn vader heeft me een beetje gepusht, en daar ben ik blij om”

heb eens 31 backflips op een rij gedaan en heb ook de hoogste McTwist 900 gemaakt.”

Ke-vin, Ke-vin! In 2004 werd Lopez professional, een statuut waardoor hij op alle grote competities werd uitgenodigd. Ondertussen zat hij nog in Brussel in de schoolbanken, al liep dat niet altijd gesmeerd. In datzelfde jaar mocht hij naar het WK in Manchester, waar hij misschien wel zijn mooiste resultaat behaalde. “Het was een finale waaraan de wereldtop deelnam. Ik kwam binnen in een arena ter grootte van een voetbalstadion. Mijn naam werd gescandeerd, ik zag mezelf op een groot

scherm – een onbeschrijflijk gevoel. Ik werd er zesde.” Lopez reisde de jaren erna van Sjanghai tot Los Angeles; in België liet hij de competities over aan het plaatselijke talent. Maar terwijl hij zijn beste niveau haalde, begon de rollersport pluimen te verliezen. “In Brussel sloot het rollerpark in Anderlecht: ineens was er nog amper iets voor ons. Ook in Amerika is het langzaam uitgedoofd; vandaag zijn er geen grote competities meer. Na 2008 ben ik steeds minder gaan rijden. Mijn laatste grote competitie was in Seattle, in 2009. Het is ook moeilijk trainen omdat er amper infrastructuur is.” Lopez zit nu in zijn eerste jaar kinesitherapie aan de VUB. Roller komt tegenwoordig op de tweede plaats. Maar zodra het opnieuw op gang komt, staat hij er weer. “Ik ben er zeker van dat het binnenkort weer gaat aantrekken. De street-variant is al helemaal terug, en de halfpipe, mijn discipline, zal volgen. Ik denk niet dat ik hard zou moeten trainen om mijn niveau terug te vinden, en ik zou er meteen voor gaan. Ik droom ervan dat de oude dagen herleven.” Om de sport weer onder de aandacht te brengen geeft Lopez regelmatig demonstraties in het buitenland. “Afgelopen zomer zat ik met vrienden in Congo, daarvoor in Marokko en Tunesië, en we hebben ook een Europese tournee gemaakt. We geven overal demonstraties en praten met geïnteresseerden. Met één doel: roller weer zo groot maken als het ooit was.” 

Tim Schoonjans

Inschrijven voor de 20 BRUSSEL – Wie een van de gelukkigen wil zijn om op 29 mei de 20 km door Brussel te lopen, moet op 19 maart vroeg uit bed. Om 9 uur stipt gaan op 19 maart de inschrijvingen van start voor de 32ste editie van de 20 km door Brussel. Wie aanspraak wil maken op een van de dertigduizend rugnummers, zal niet mogen talmen: vorig jaar waren die in een dag de deur uit. Inschrijven kan online op www.20kmdoorbrussel.be of bij SI Brussel Promotion in de Kapellestraat 17 in 1000 Brussel. Het inschrijvingsgeld bedraagt dit jaar twin-

De Zwarte Duivels staan aan kop in klasse 1B van de European Nations Cup. Na een uitoverwinning op Tsjechië wonnen ze begin februari ook de topper tegen Moldavië. Die koppositie moeten ze nu in één week twee keer verdedigen. Op 12 maart reizen ze naar Polen; de week erop worden de Duitse buren

RWDM. Raymond Goethals nam over en Luc Nilis en Edi Krncevic verdrongen de Zweed definitief naar de bank. Hij keerde al gauw terug naar zijn geboorteland, om nog een beker te winnen met Malmö FF. Meer was het niet, maar Lindman vergeet ik nooit meer. Maandagmiddag. Ik kijk naar buiten. De verzamelde pers kampeert massaal voor de hoofdingang. Ze wachten op Mbark Boussoufa. De kleine magiër kan in Tsjetsjenië fortuinen verdienen die zelfs Engelse topclubs doen duizelen. Hoewel beide clubs vooralsnog geen akkoord bereikt hebben over de transfersom en we dat ook officieel laten weten, publiceren de media dat alles al rond is. Er is zelfs een officieel Belga-bericht uitgestuurd. Ik zucht. Ze doen maar. Elke beweging van RSC Anderlecht stimuleert de verkoop. We bestaan. Terwijl ik de talrijke telefoons beantwoord om telkens hetzelfde uit te leggen, komt Mbark Boussoufa langs een geheime ingang het stadion binnen gewandeld. Hij kijkt bedrukt. Of ik ‘die Joos’ – Filip Joos van de VRT – niet even kan bellen? “Die man stalkt me,” zegt hij met een zucht. Ik laat Joos weten dat Bous niet naar Extra time komt. De journalist antwoordt dat Bous toch een ex-speler is van RSCA en dat hij dus niet via de club hoeft te passeren. Ach, iedereen probeert, dat is nu eenmaal het spel. Als hij zou vertrekken, behoort Boussoufa ongetwijfeld tot de categorie ‘Helden’. Ludo Coeck, Paul Van Himst, Robbie Rensenbrink, Juan Lozano,... Miralem Sulejmani neemt me even apart in de spelerstunnel van de ArenA. Hij schenkt me zijn wedstrijdshirt. Dat is onvergetelijk. www.brusselnieuws.be/steegen David Steegen is persverantwoordelijke van voetbalclub RSC Anderlecht

ADVERTENTIE

tig euro. Samen met het borstnummer krijgt u voor dat geld ook een armbandje dat u gratis toegang geeft tot het openbaar vervoer. Groepen van meer dan honderd deelnemers moeten contact opnemen met Laurent Schicks op 02-511.90.00. Het startschot voor de stratenloop wordt op 29 mei om 15 uur gegeven op de esplanade van het Jubelpark. Voor een vlottere start zal dat net als vorig jaar in drie golven gebeuren. Elke deelnemer heeft vier uur de tijd om de twintig kilometer af te leggen en zo een medaille halen.  TS

Rugby-derby op de Heizel BRUSSEL – De Belgische rugbymannen zijn aan een sterke reeks bezig en ontmoeten op 19 maart de oosterburen.

De kleine vleugelaanvaller komt glimlachend van het veld. Hij geniet van de staande ovatie. Alle aanwezige Ajacieden staan uitgelaten op de banken. Miralem Sulejmani heeft zonet twee weergaloze doelpunten tegen RSCA in de Europa League gescoord. Nog niet zo lang geleden leek Sulejmani afgeschreven door de Amsterdamse topclub. Hij werd dit seizoen zelfs uitgeleend aan West Ham, maar dat ging niet door omdat hij niet over de juiste papieren beschikte. De Serviër voetbalde eerder voor SC Heerenveen. De Friese club staat bekend om haar gezonde koopmansgeest. De Friezen verdienden fortuinen aan de verkoop van wereldsterren als Ruud van Nistelrooy, John Dahl Tomasson, Klaas-Jan Huntelaar en Afonso Alves. Voor Sulejmani hoestten de Amsterdammers 16,25 miljoen op. De helft van het budget van RSCA, een waanzinnige som. Aanvankelijk maakte Sulejmani het niet waar. De druk is moordend, de eisen van een topclub loodzwaar. Van Sulejmani heb ik altijd gehouden. Ik weet niet waarom. Je hebt zo van die voetballers die nooit helemaal doorbreken en toch eeuwig in het geheugen gegrift staan. Zoals de voormalige centervoor van Racing Jet Brussel, Jan Goyvaerts. Topschutter in 1986 in de tweede klasse met negentien doelpunten. Hij hield er een transfer aan Club Brugge over. Met Club won hij de Supercup en de titel, maar Jantje scoorde maar één doelpunt, tegen Racing Jet nota bene, en hij verliet Club langs de achterdeur. Of Hakan Fred Ingvar Lindman. In 1987 haalde Georges Leekens de rijzige Zweed naar het Astridpark om de aanval te versterken. Hij debuteerde in een kolkende Bosuil tegen het grote Royal Antwerp FC van Hans-Peter Lehnoff en Frans van Rooy. Paars-wit verloor. Enkele weken later werd Leekens ontslagen na een gelijkspel op

ontvangen op de Kleine Heizel. De Duitsers staan pas derde (op zes), maar zijn toch een te duchten tegenstander. Er staat op 19 maart dan ook een topper op het programma. De aftrap wordt om 15 uur gegeven. Kaartjes kosten tussen 5 en 15 euro en zijn te koop bij Fnac. Kinderen jonger dan zes mogen gratis binnen. De prestaties van de Duivels werpen vruchten af: ze zijn in het wereldklassement één plaats opgeschoven en staan nu 24ste. TS


BDW 1270 PAGINA 26 - DONDERDAG 10 MAART 2011

ER

N

ZIE

EEN VA

Interview: Dirk Frimout over sporten in de kosmos en ruimtetoerisme

! ! n e t e n a l p n e n e n n o Duizend z

Zowat twintig jaar geleden, in 1992, schoot Dirk Frimout als allereerste Belg het heelal in. Vorige week was hij even in het spacy decor van het Atomium, voor de tentoonstelling Cosmos. Be a star. De zesde klas van Sint-Alena in Dilbeek was ook van de partij en bestookte de beroemde ex-astronaut met vragen. En Zazie luisterde mee...

H

oe ben je naar de ruimte gegaan, en hoe lang?

Dirk Frimout (DF): Ik ben met een shuttle tot driehonderd kilometer van de aarde geweest. Dat is niet zo héél ver. Maar we hadden wel een snelheid van 7,8 km per seconde – dat is 28.000 kilometer per uur!! Als je weet dat de omtrek van de aarde 40.000 kilometer is, dan wil dat zeggen dat je in anderhalf uur helemaal rond de aarde vliegt. We waren negen dagen in de ruimte en we zijn 143 keer rond de aarde gevlogen. (De kinderen lachen van verbazing.)

Hoe was het om de aarde van zo ver te zien? DF: Dat was een van de eerste dingen die we deden op onze reis: zo snel mogelijk aan het venster gaan kijken. Europa viel een beetje tegen, het zag er nogal bruin en vaal uit. De mooiste stukken waren de gebieden rond de Middellandse Zee, de Caraïben en de woestijnen, met al die kleuren.

Hoe was het leven in een ruimteschip? DF: Dat viel best mee. Je lichaam moet zich wel aanpassen aan de gewichtloosheid. Na een tijdje lukt dat, het is verrassend hoe goed het menselijk lichaam zich aanpast. Maar je moet ook nog terug naar de aarde! Je hart, bijvoorbeeld, is een spier die tegen de zwaartekracht in werkt. Omdat er geen zwaartekracht is in de ruimte, verzwakt die spier geleidelijk. Dat mag je niet te ver laten komen. Daarom moesten we minstens twee uur per dag sporten.

Is er dan een gymzaal in de shuttle? DF: Nee, geen gymzaal. Wel toestellen en elastieken en zo waarmee je verplicht oefeningen moet doen. Als je niet sport tijdens een ruimtereis, zou het ook heel lang duren voordat je weer stabiel kan stappen als je terugkomt. In het begin, als je geland bent op aarde en je wilt rechtkomen, word je precies terug in je zetel gedrukt. Zo zwaar voelt alles ineens aan... Het duurt minstens een uur voor je weer een beetje normaal kan wandelen. Want we zijn ook duizelig, alsof we te veel pintjes hebben gedronken in ons ruimteschip (lacht).

Geloof je dat er leven is op de maan en zo? DF: Leven op de maan is er waarschijnlijk niet. Maar dat er ergens nog een vorm van leven is in dit oneindige heelal, dat denk ik wel, ja. Zoals de meeste wetenschappers trouwens. Maar niet zoals hier op aarde. Jullie weten dat ook het leven op aarde erg geëvolueerd is. Een miljoen jaar geleden bijvoorbeeld liepen er hier vooral dinosauriërs rond, toen was er nog lang geen sprake van mensen. Zo zal het leven op andere planeten er allicht heel anders uitzien dan hier.

Was je blij om weer met beide voeten op de grond te staan toen je terugkwam? DF: Goh, ik had een dubbel gevoel. Aan de ene kant was ik natuurlijk blij dat het goed was gegaan, en dat je alles kan vertellen aan je familie en zo. Aan de

andere kant vind je het ook spijtig dat het afgelopen is. Ongeveer twintig jaar heb ik gestudeerd om die reis in de ruimte te kunnen maken! En dan plots is het voorbij. Dat was wel raar, hoor. Het was ook een keerpunt in mijn leven. Ik kon nadien niet meer gewoon als wetenschapper aan het werk zoals vroeger. Plots moest ik overal gaan vertellen over ons heelal, en werd ik heel bekend.

Zou je graag nog eens naar de ruimte gaan? DF: Ja, natuurlijk, maar ik ben al blij dat het één keer is gelukt. Want zo eenvoudig is het niet. Op 12 april is het vijftig jaar geleden dat de allereerste mens de ruimte in ging. Weten jullie wie dat was? Robin: Joeri Gagarin! DF: Klopt, een Russische kosmonaut. En intussen hebben al 520 mensen een ruimtereis gemaakt. Ook heel wat dames, hoor meisjes! De kans wordt ook almaar groter dat jullie later als toerist naar de ruimte kunnen gaan. In plaats van naar Spanje met jullie gezin gaan jullie misschien wel een paar rondjes rond de aarde draaien. (Iedereen moet lachen.)

W

ie niet zo lang kan wachten om zich te vergapen aan sterren, zonnen en planeten, kan tot en met 25 april naar Cosmos. Be a star. Kijk eens op www.atomium.be/cosmos. Je kan die tentoonstelling én het Planetarium bezoeken met een ‘combi-kaartje’. Tussen het Atomium en het Planetarium staat nu ook een verzameling van 28 prachtige foto’s opgesteld. Als je van de ene plek naar de andere wandelt, zie je indrukwekkende beelden uit het heelal, gemaakt door de grootste sterrenwachten en ruimtetelescopen. Met een beetje fantasie waan je je in een spaceshuttle...

© SASKIA VANDERSTICHELE

za

VO O R I E

9 T O T 13

R • BD

W

Ruimtevaarderbaron Dirk Frimout met de kids uit Dilbeek in het Atomium. “Een ruimtestation, dat ziet er binnenin een beetje uit als dit gebouw,” zei hij.

A JA

D

DOOR PATRICK JORDENS


BDW 1270 PAGINA 27 - DONDERDAG 10 MAART 2011

Pyjamaparty in het Atomium... ... het lijkt misschien gek, maar het is het niet! Want in een van de eigenaardigste monumenten van België kan je echt gaan logeren. Samen met je klas nog wel! In één bol van het Atomium hangen acht kleinere gekleurde bollen, regenmolecules genoemd (kijk maar op de foto). In elk van die bollen is er slaapplaats voor telkens drie kinderen. En de meester of juf? “Tja, die moet op een veldbedje slapen,” vertelt onze Atomium-gids Yvonne. Juf Lise van de zesde klas uit de Sint-Alenaschool ziet het plots minder goed zitten om er met haar leerlingen te overnachten. Maar de kids des te meer! Zelfs wakker worden in het Atomium is een plezier: je krijgt een lekker ontbijt in de allerhoogste bol, vanwaar je een adembenemend uitzicht over Brussel hebt. Surf als de bliksem naar www.atomium.be, want ook al voor volgend schooljaar is bijna elke nacht in de Kinderbol uitverkocht!

BLIK

Creatief ? k r u k t e m

VANGER

[ SORRY ] SNORRY?

PS Ook leuk om te weten: de architect-ingenieur André Waterkeyn kwam in 1954 op het idee van het Atomium terwijl hij met zijn zoontje zat te spelen: ze probeerden een maquette van ballen en breinaalden te maken. En PING!, plots zag meneer Waterkeyn het Atomium voor zijn ogen. Met andere woorden: blijven spelen is de boodschap... Als je naar het Atomium gaat (lees ook het hoofdartikel links), spring dan meteen eens binnen in Heizelpaleis 4, daar vlakbij. Van 17 tot en met 20 maart loopt daar de beurs Creativa. Dat is een soort van overdekte markt, waar je volop knutselideeën kan opdoen: juwelen maken, scrapbooking, met vilt werken, koken – je kan het zo gek niet bedenken of je vindt het wel op Creativa. Je kan er meedoen aan knutselateliers, materiaal en boeken kopen, of gewoon rondneuzen om nadien vol inspiratie thuis aan de slag te gaan. (Kijk al eens op www.creativa-belgium.com.)

WIN

Zazie geeft 5 x 3 vrijkaarten weg voor Creativa! Mail ASAP en zeker voor 16 maart je naam, leeftijd en adres naar zazie@bdw.be. Misschien liggen er dan kaarten voor jou en je ouders of vriendjes klaar aan de kassa. SUCCES!!

Idulfania door Brecht Evens


BDW - editie 1270