AFGIFTEKANTOOR BRUSSEL X P303153
13 08 15
© BART DEWAELE
TURKSE MINDERHEDEN
TUSSEN HOOP EN WANHOOP
SINT-JOOST-TEN-NODE – In Sint-Joost leeft een grote Turkse gemeenschap in goede verstandhouding samen met vele Turkse minderheden: Chaldeeërs, Armeniërs, Assyriërs en Koerden. Ze frequenteren elkaars winkels, kappers en cafés. Nu Turkije zijn ‘oorlog tegen terreur’ voert tegen IS in Syrië maar ook tegen Koerden en Koerdische organisaties, zet die politieke spanning onvermijdelijk ook de onderlinge relaties van die verschillende gemeenschappen in Brussel op scherp. Het spook van nationalistisch geweld kan om de hoek loeren. “Koerden kunnen tegen heel wat wonden. Zelfs als de wonden nog niet geheeld zijn, doen ze voort.” Lees de hele reportage op pagina 6-7. KV
Magritte krijgt abstracten als buur LEES P 14-15
BLOEMBAKKEN MOETEN LEES P. 10 WEG IN VORST
Interview met een eeuweling: ‘Nooit meer oorlog’ LEES P. 20-21
N° 1485 VAN 13 TOT 20 AUGUSTUS 2015 ¦ WEEK 33: WEEKBLAD, EEN UITGAVE VAN VLAAMS-BRUSSELSE MEDIA VZW, FLAGEYPLEIN 18, 1050 ELSENE, REDACTIE: 02-650.10.96, ABONNEMENTEN: 02-650.10.80, E-MAIL: INFO@BDW.BE, WWW.BDW.BE
BDW 1485 PAGINA 2 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
VAN DE REDACTIE
door Christophe Degreef
Winst en geklaag Een oud idee is het niet, afgeschreven evenmin. Dus vragen we ons af waarom de Vlaamse werkgeversorganisatie Voka het nodig vond om te pleiten voor een extra toegangsweg vanaf de E40 naar Brussels Airport. Jazeker, er was een gaslek, en het verkeer richting luchthaven stond één dag stil, tijdens de vakantieperiode. Maar voorts: luchthavenbaas Arnaud Feist zei in het voorjaar nog op een persconferentie dat hij bij de Vlaamse regering aandringt op die toegangsweg. Het gaat de luchthaven bovendien voor de wind: Feist investeert de komende jaren één miljard euro. Mits de nodige vertraging in acht genomen zal die weg er hoogstwaarschijnlijk wel komen. Enfin, we nemen aan dat Voka met de beste bedoelingen aandrong op een toegangsweg waarover men het eens is. En toch, toch klopt er iets niet. Op dezelfde dag van het gaslek staakten namelijk de bagageafhandelaars van Aviapartner, een van de twee afhandelaars van gronddiensten op Zaventem. De personeelsleden moeten naar eigen zeggen met slecht materiaal werken, en zijn met te weinig personeel. Meer fundamenteel zou Aviapartner in slechte papieren zitten door slechte besparingsbeslissingen van het management, waarvan het werkvolk – uiteraard – direct de gevolgen draagt. Het brandje werd dezelfde dag nog geblust, en het personeel
WAUTER MANNAERT
toog opnieuw aan het werk. Maar voor hoelang nog? Wie vertrouwd is met de luchthavenwereld, weet hoe veel slechter de werksituatie voor het personeel is geworden het jongste decennium. Het gaat dan wel goed met Brussels Airport, maar de mensen die het allemaal doen draaien zijn met te weinig, en hun werkdruk stijgt alsmaar. Moeten we zoeken naar oorzaken? Al sinds jaren moeten de twee aanwezige private afhandelaars steeds scherper met elkaar concurreren. Ook bij de concurrent van Aviapartner, Swissport, wordt er gemord, om dezelfde redenen: werkdruk, werkdruk, werkdruk. Tegelijkertijd: wie is ervan op de hoogte dat de multinational Swissport, die wereldwijd gronddiensten verzorgt op luchthavens, verkocht is aan de Chinese HNA Group voor 2,5 miljard euro? De voormalige eigenaar van Swissport, PAI, kocht Swissport in 2011 nog voor een dik miljard. Geen slechte winst op vier jaar tijd, met andere woorden. In een tijd waarin de bevolking klaagt over toenemend vliegtuiglawaai, of het nu in Brussel, Vlaanderen, Wallonië of elders is, stemt dat tot nadenken: welke rol ziet de overheid nog weggelegd voor zichzelf in zo’n harde financiële business? Wordt het louter voorzien in toegangswegen voor private luchthavens, en geluidsnormen afspreken, met als risico dat financiële groeperingen niet meer investeren? Of mag het meer zijn? Misschien heeft de klagende bevolking indirect wel een punt: als winstbejag voor alles gaat, dan klinkt elk vol vliegtuig steeds luider.
Politiek > Notarissen boos op Stad Brussel
Stad loopt achter, huizenkopers de klos BRUSSEL – De notarissen zijn woest op de Stad Brussel. Omdat de Stad er maar niet in slaagt om de notarissen tijdig stedenbouwkundige informatie te leveren, dreigt de vastgoedmarkt vast te lopen. En dat is voor niemand goed. Sinds 2012 moeten notarissen bij de verkoop van onroerend goed stedenbouwkundige inlichtingen opvragen bij de gemeenten. De Stad Brussel heeft echter een achterstand opgelopen van zeven maanden. Schepen van Stedenbouw Geoffroy Coomans de Brachène (MR) geeft de forse achterstand toe, maar pleit onschuldig. De Stad gaat bij het verzamelen van gegevens terug tot in de negentiende eeuw en dat vraagt volgens hem soms een week tot drie weken opzoekingswerk voor één pand. Coomans zegt ook dat
de Stad de enige van de negentien gemeenten is die zo grondig werk levert en de wet tot op de letter volgt. Maar de notarissen onderstrepen dat de vertragingen de kandidaat-kopers veel geld kunnen kosten. Soms moeten ze langer huren omdat het ondertekenen van het compromis noodgedwongen op zich laat wachten. Soms moeten kandidaat-kopers zelfs meer interest betalen omdat ze de lening bij de bank nog niet kunnen ondertekenen. De Stad heeft net twee bijkomende ambtenaren in dienst genomen en in september komen er nog twee bij. Maar dat is onvoldoende om de achterstand weg te werken. Coomans kijkt ondertussen richting gewest om bij te springen, maar sommigen vragen zich af of Coomans zelf geen personeel van de Stad tijdelijk kan verplaatsen. Danny Vileyn
Politiek > Nieuw logo Brussel moet opbrengen
Platte vleermuis fladdert in stadion BRUSSEL – Er raken meer details bekend over het contract tussen de Stad Brussel en de bouwheer van het nieuwe stadion Ghelamco. Zo heeft de Stad Brussel geëist dat het nieuwe stadslogo ‘Bxl’ duidelijk geprojecteerd moet worden op de grasmat. Het is het Vlaams-nationalistische satirische blad ‘t Pallieterke dat het gerucht gelanceerd heeft, en het nieuws wordt bevestigd door Brussels N-VA-oppositieraadslid Johan Van den Driessche, die het stadiondossier goed kent: het nieuwe Sint-Michielslogo van Brussel (de ‘platte Vleermuis’; red.), compleet met de Franstalige afkorting ‘Bxl’, moet tijdens belangrijke wedstrijden in het nieuwe voetbalstadion zeer zichtbaar geprojecteerd worden op de grasmat. Brussels schepen van Sport Alain Courtois (MR) heeft dat ook al eens met zoveel woorden gezegd tijdens een commissievergadering. En dat is niet het enige. De Stad Brussel eigent zich ook het recht toe om duizend zitplaatsen kosteloos te vullen met mensen, nog eens duizend voor een vierde van de prijs te verkopen en een tweehonderdtal VIP-stoelen te reserveren voor talloze Brusselse notabelen,” zegt Van den Driessche.
Het oppositieraadslid denkt dat de Stad zo vooral het eigen kiespubliek aan zich wil binden. De cijfers staan in de overeenkomst tussen Stad en Ghelamco. Ondertussen is nog steeds niet bekend hoeveel het nieuwe voetbalstadion de belastingbetaler zal kosten. Van den Driessche wijst er ook nog op dat voetbalclub Anderlecht ook nog geen overeenkomst zou hebben met Ghelamco om in het stadion te spelen. CD
BDW 1485 PAGINA 3 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
BDWVOORGROND
CULTUUR > PERSONEEL JUBELPARK VESTIGT HOOP OP NIEUWE INTERIM-DIRECTEUR
‘WEER ANDERHALF JAAR VERLOREN’
© Saskia Vanderstichele
Managementopleiding
Het regent nog steeds binnen in het Jubelparkmuseum, bevestigt de nieuwe interim-directeur.
BRUSSEL – De malaise in de Koninklijke Musea voor Kunst en Geschiedenis, beter bekend als het Jubelparkmuseum, is nog niet over. Volgens het personeel is het museum helemaal tot stilstand gekomen door slecht beheer en zware besparingen. Alle hoop is nu gesteld op de nieuwe interim-directeur, Alexandra De Poorter, die begin deze week aan de slag ging.
D
e Poorter is al de vierde tijdelijke directeur sinds 2010. Nadat de controversiële Michel Draguet, ook directeur van het KMSK, drieënhalf jaar de plak had gezwaaid in het museum, zette voormalig staatssecretaris voor Wetenschapsbeleid Philippe Courard (PS) begin vorig jaar Eric Gubel aan het hoofd. Hij moest de rust herstellen en orde op zaken zetten.
Winkelinterieur Daar is hij niet in geslaagd. Het is op verzoek van het personeel dat Courards opvolger Elke Sleurs (NVA) eind juli besloot om hem opzij te schuiven. “Gubel had bij aanvang nochtans veel krediet,” zegt een medewerker van het museum. “Maar al gauw bleek dat hij daadkracht en leiderschapskwaliteiten miste. Hij
maakte meteen plannen voor ambitieuze tentoonstellingen, die hij vervolgens niet kon concretiseren.” Ook zette hij onvoldoende stappen in het al lang aanslepende dossier van de nieuwe zaal voor de twintigste eeuw. Daar moet de art-nouveauen art deco-collectie, die nu in de reserve staat, worden opgesteld. Geruime tijd geleden al gaf het InBev-Baillet Latour Fonds, dat onder meer erfgoed ondersteunt, ruim anderhalf miljoen euro aan het museum voor de inrichting van deze zaal. Maar Michel Draguet had andere plannen met de art-nouveaucollectie. “Hij saboteerde het project,” aldus de medewerker. “Vervolgens is er, nadat hij vertrokken was, niets gebeurd om het dossier weer recht te trekken zodat onze sponsors overwogen om hun geld terug te vragen.”
Voor staatssecretaris Sleurs is de art-nouveauzaal een prioriteit. Net als alle andere wetenschappelijke instellingen kreeg het Jubelpark zopas een ‘one shot’, een eenmalige subsidie voor prioritaire investeringen. Een deel van de 1,3 miljoen die het museum krijgt, gaat naar de artnouveauruimte, met name naar de
“Tijdens Museum Night Fever was er zelfs geen budget voor een toiletdame”
opstelling van een waardevol winkelinterieur van Horta in de zaal. Deze financiële injectie verandert niets aan de zware besparingen waar het museum dit jaar en ook de
De benarde financiële situatie heeft ook een impact op de tentoonstellingen. Voor promotie is er amper budget en nieuwe expo’s mogen niet te veel kosten. Zo zal de grote tentoonstelling van dit najaar over Egyptische sarcofagen alleen uit eigen stukken bestaan want er is geen geld om elders objecten te huren. Dit hoeft nochtans geen slechte zaak te zijn want het museum heeft zelf heel wat mooie, onbekende stukken die nooit eerder getoond zijn. Het masterplan voor de renovatie dan. Ook dat is het afgelopen anderhalve jaar niet echt opgeschoten. Het museum is al jaren in slechte staat. Op verschillende plekken regent het binnen, hier en daar valt zelfs het pleister naar beneden. Vier zalen moesten dicht omdat ze onveilig waren geworden. De museumdirectie werkt al geruime tijd aan een voorbereidend masterplan dat vervolgens door de Regie der Gebouwen moet worden bekrachtigd. Maar het dringende masterplan is nog altijd niet klaar om ingediend te worden. “We hebben weer anderhalf jaar verloren,” aldus de medewerker. Ook zit er geen beweging in het dossier van de Musea van het Verre Oosten in Laken, die ook deel uitmaken van het Jubelparkmuseum. De Japanse Toren, het Chinees Paviljoen en het koetshuis waar het Museum voor Japanse Kunst in huist, gingen een kleine twee jaar geleden plots dicht wegens technische mankementen aan de Toren en het Paviljoen. Het koetshuis, dat de laatste jaren succesvolle expo’s van Japanse prenten organiseerde, moest ook dicht omdat het gebouwtje geen eigen personeels- en publieksvoorzieningen heeft.
komende jaren voor staat en die het personeel steeds duidelijker begint te voelen. “Dat elke uitgave, tot een balpennetje toe, nu verantwoord moet worden en afgetrokken wordt van het departementsbudget, is tot daar aan toe,” zegt een andere bron binnen het museum. “Maar de besparingsijver gaat soms veel verder. Toen enkele leerlingen van een middelbare school met modderschoenen de vloer hadden vuilgemaakt, kreeg de school de factuur voor de poetsvrouw opgestuurd. En tijdens Museum Night Fever moesten museummedewerkers zelf de rollen wc-papier plaatsen omdat er geen budget was voor een toiletdame.”
Japanse prenten Al een hele tijd wordt wie vertrekt, ook niet meer vervangen. En er zijn toevallig veel medewerkers die tegen hun pensioen aan zitten. “Het gevolg is dat veel expertise verloren gaat en dat wie blijft, alsmaar meer werk krijgt. Gidsen moeten er bijvoorbeeld andere zalen bijnemen. Maar het is niet omdat je bijvoorbeeld veel weet over China, je ook goed op de hoogte bent van Indonesië.”
De Regie kondigde vorig jaar aan dat de Toren en het Paviljoen voor langere tijd dicht zouden zijn. Het koetshuis daarentegen zou eind dit jaar weer opengaan. Voorlopig blijft het echter windstil over de heropening. Volgend jaar komt de Japanse keizerlijke familie naar Brussel, maar het is zeer de vraag of het geplande bezoek aan de museumsite in Laken zal kunnen plaatsvinden. Met al deze uitdagingen heeft het personeel zijn hoop nu gevestigd op de nieuwe interim-directeur. De Poorter was tot nu departementshoofd van de merovingische en middeleeuwse collectie en volgde ook een opleiding aan de Vlerick Business School. “Eindelijk iemand met een managementopleiding,” verzucht de medewerker. Zelf heeft De Poorter er veel zin in, zo meldt ze op haar tweede werkdag als tijdelijk directeur. “Ik heb natuurlijk niet meer middelen of personeel dan mijn voorganger. En het regent nog altijd binnen.” Daarom wil ze het masterplan snel indienen. En ze wil zorgen voor betere relaties tussen de mensen binnenshuis en naar buiten toe. “Want dat is nog een groter probleem dan het budget.” Bettina Hubo
BDW 1485 PAGINA 4 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
UITGELICHT > VONDSTEN AAN THURN & TAXIS GEEN PRIMEUR
ROMEINEN ALOMTEGENWOORDIG IN BRUSSEL BRUSSEL – Bouwwerkzaamheden voor het nieuwe gebouw voor de Vlaamse ambtenaren aan Thurn & Taxis legden vorige week overblijfselen uit de tweede of derde eeuw bloot. Toch is het lang niet de eerste ontdekking uit de Romeinse tijd in het Brussels Gewest, zoals diverse media beweerden.
A
l in 1978 organiseerde de Geschied-en heemkundige kring van Jette een tentoonstelling in de Abdij van Dieleghem, over de Romeinse aanwezigheid in Brussel. Een boekje dat naar aanleiding van die tentoonstelling werd uitgebracht (Brussel voor 400: Romeinse aanwezigheid te Brussel en omgeving) geeft een mooi overzicht van de overblijfselen die tot dan in heel het Gewest zijn teruggevonden. In de Oudheid bestond Brussel nog niet als stad. Maar dat wil niet zeggen dat er in deze streken geen Romeinse activiteit was. “Het is zeker dat Brussel in de Romeinse periode geen bebouwde kom kende. De nederzettingen waren verspreid in de vorm van villa’s en kleine of mid-
delgrote landbouwbedrijfjes die afgestemd waren op de nabijgelegen centra van Asse en Elewijt”, schrijft A. Matthys in Brussel voor 400. Asse was in die periode een ‘vicus’, een soort dorp. Het eerste belangrijke materieel bewijs van Romeinse aanwezigheid in Brussel dateert uit 1859. Toen ontdekte historicus Louis Galesloot overblijfselen van een GalloRomeinse villa in Jette, vlakbij het Laarbeekbos. Ze is gevestigd op een lichte helling. Vooral dieper gelegen funderingen, zoals de kelder, zijn goed bewaard gebleven. Er zijn allerlei gebruiksvoorwerpen uit aardewerk teruggevonden, zoals borden, urnen en een lantaarn, maar ook Romeinse munten.
In dezelfde regio, het noordwesten van het Gewest, zijn nog Romeinse overblijfselen teruggevonden. Aan Stuyvenberg en aan de rand van de huidige Vuurkruisenlaan werden eind jaren 1840 ook Romeinse villa’s ontdekt. Bij die laatste waren de funderingen van de villa tot op een hoogte van zo’n vijftig centimeter
“Het is zeker dat Brussel in de Romeinse periode geen bebouwde kom kende” bewaard gebleven. In 1956 werden vlakbij, in Wemmel, de restanten van nog een Gallo-Romeinse villa blootgelegd, met onder meer restanten van de kelder en een waterput.
Romeinsesteenweg De hierboven opgesomde vondsten liggen allen in de buurt van de as die vandaag de Romeinsesteenweg heet,
en die Vlaams-Brabant met Laken en Jette verbindt. Er zijn aanwijzingen dat deze weg, zoals de naam doet vermoeden, dateert uit de Romeinse tijd. Informatie daarover is terug te vinden in de Atlas van de archeologische ondergrond van het Gewest Brussel, en in het tijdschrift Uylenspiegel. De Romeinsesteenweg deed wel-
licht dienst als diverticulum naar Asse: dat is een secundaire weg die landbouwbedrijven met elkaar verbindt. In Uylenspiegel klinkt het als volgt: “Onze Romeinsesteenweg kan moeilijk weggedacht worden als ruggengraat van de economische activiteiten van de Jetse villa, die er maar 940 meter van verwijderd is.” Naast de villa’s werd er in 1925 ter hoogte van de Romeinsesteenweg nummer 1.010, in Wemmel, ook een Romeinse crematiebegraafplaats ontdekt. Niet alleen in het noordwesten was er Romeinse bedrijvigheid. Ook in de Stad Brussel zijn er sporen uit het Romeinse verleden. Zo werd aan het
DE WEEK IN BEELD DOOR IVAN PUT Deze opmerkelijke bushalte valt tegenwoordig te bewonderen aan de Adolphe Maxlaan, ter hoogte van de Nieuwbrug. De reizigers staan of zitten er te wachten op hun bus met zicht op mobiele toiletten. Een groot en klein mobiel toilet zijn pal voor de bushalte geplaatst. Op warme zomerdagen is de indringende urinegeur er ondraaglijk. Waarom de toiletten net daar zijn gezet, is niet geweten.
WEEKOVERZICHT
BDW 1485 PAGINA 5 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
© GRAAFSCHAP JETTE
WOENSDAG 5 AUGUSTUS DRUGS IN JUSTITIEPALEIS. Een twintiger is met drugs op zak betrapt tijdens een bezoek aan het Justitiepaleis. Wanneer hij aan de ingang de gebruikelijke veiligheidscontrole ondergaat treft de bewaking een halve joint en 1,3 gram cannabis aan. Tijdens een daaropvolgende huiszoeking doet de politie een nieuwe ontdekking: de man heeft thuis een kogelvrij vest, een helm met het opschrift ‘security’ en een portofoon liggen. Na verhoor is hij alweer op vrije voeten.
DONDERDAG 6 AUGUSTUS ROMEINSE RESTEN AAN THURN & TAXIS. Tijdens werkzaamheden op de Thurn & Taxis site zijn Romeinse overblijfselen gevonden. Het gaat onder andere om tegels en keramiek uit de tweede en derde eeuw. Hoewel het niet de eerste keer is dat er zulke vondsten worden gedaan in Brussel spreekt men hier toch van een zeldzame ontdekking. De werf van het Herman Teirlinckgebouw ligt stil terwijl archeologen de vondst onderzoeken. MOORDENAAR GEVAT IN SM-KAMER. Een veroordeelde moordenaar is na twee jaar opgepakt in een woning in het centrum van Brussel. De politie vond hem achter de spiegel van een sm-kamer. In 2013 kreeg hij levenslang voor de moord op zijn vriendin, maar hij ontsnapte tijdens het proces. Na twee jaar spoorloos te zijn is de 56-jarige man nu overgebracht naar de gevangenis in Sint-Gillis. De Gallo-Romeinse villa aan de Romeinseseteenweg in Jette, vlakbij het Laarbeekbos, werd in 1859 ontdekt door historicus Louis Galesloot.
Sint-Goriksplein tijdens werkzaamheden aan de Zenne een blauwgroene aryballos (een klein, rond kruikje) ontdekt uit de tweede of derde eeuw. En bij de bouw van het Vergotedok in 1904 vond men een Romeinse dakpan, een middelgroot hoefijzer en paarden-, varkens- en hertenbeenderen. Daarna werden er in de omgeving ook nog Romeinse munten gevonden. Ook in Schaarbeek vonden archeologen heel wat Romeinse munten, en in 1861 zelfs twee Gallo-Romeinse graftombes. Volgens Brussel voor 400 waren de huidige Haachtsesteenweg en Helmetsesteenweg
“ “ HET WOORD
wellicht ook een diverticulum, in het wegennet tussen Asse en Elewijt. Andere noemenswaardige ontdekkingen: een Romeinse villa in Anderlecht, aardewerken in Ukkel (aan Neckersgat, langs de Dieweg die een van de oudste wegen van Brussel is en misschien oorspronkelijk een Romeinse baan), en overblijfselen in randgemeenten, zoals Buizingen, Lot en Drogenbos.
Verwoest Van nogal wat Romeinse vondsten is niet veel meer overgebleven. Brussel voor 400 merkt op dat de villa van Stuyvenberg in 175 verwoest is door
een brand. Mogelijk komt dat door barbaarse invallen van buitenaf, zoals van de Chauken, een Germaanse stam. Ook de villa van Jette is verwoest door een brand. Dat gebeurde in 254 of kort nadien. Of Brussel echt het terrein was van bloedige, barbaarse invallen staat niet vast. Die branden konden ook te wijten zijn aan inrichtings-of restauratiewerkzaamheden aan het gebouw. De werkzaamheden aan Thurn & Taxis liggen stil tot midden augustus. Tot dan krijgen de archeologen de tijd om opgravingen te doen. Filip Van der Elst
In onze industriële samenleving is de enige manier om de halalregels echt te respecteren radicaal stoppen met vlees eten” Activiste, modeontwerpster en vegetariër Rachida Aziz over onverdoofd slachten en Vlaams minister Ben Weyts (N-VA) die ritueel slachten enkel nog in erkende slachthuizen wil toelaten (in De Standaard).
Ik zit goed in mijn vel. Mensen zijn blij dat ik terug in die Brusselse regering zit. Ik wil er graag nog een legislatuur bijdoen” Brussels minister van Mobiliteit en Openbare Werken Pascal Smet (SP.A) over de politieke microbe (in De Standaard)
.
NightSwapping
Airbnb en CouchSurfing kenden we al, maar nu is er ook NightSwapping.com: het ruilen van overnachtingen. Frans bedenker en huidig CEO Serge Duriavig gaat uit van de filosofie dat reizen niet duur hoeft te zijn. Zelf deed hij een drietal keer aan huizenruil, maar hij vond het vinden van een geschikte plek niet simpel.
NightSwappers krijgen nu de kans om hun huis aan te bieden, of ze nu zelf thuis zijn of niet, en krijgen er een gratis overnachting voor in de plaats. Ook wanneer je je eigen huis niet openstelt kan je meedoen, zij het tegen betaling. Volledig kosteloos is het hoe dan ook niet, want 9,90 euro aan reserveringskosten betaal je toch. Met een Nederlandse website waar ook een aantal Belgische gastheren en –vrouwen zich al op inschreven komt het fenomeen steeds dichter bij ons. Ella Van Craen
VRIJDAG 7 AUGUSTUS GEEN FIETS VOOR DE WINKELAAR UIT DE RAND. Inwoners uit de Rand gaan van alle Vlamingen het minst vaak met de fiets naar de winkel. Dat heeft een onderzoek van de Universiteit van Hasselt uitgewezen. Uit de ondervraging van 250 inwoners uit de Rand blijkt dat zo goed als niemand van hen de fiets neemt voor het woonwinkelvervoer. Over heel Vlaanderen gaat het om bijna 18 procent. ZELDZAME ZILVER- EN GOUDSTUKKEN GESTOLEN. In Etterbeek is een goudverzamelaar bij hem thuis bestolen van twee gouden en zes zilveren muntstukken. Het gaat om zeldzame munten die de waarde van de buit doen oplopen tot duizenden euro’s. Eén van de gestolen gouden munten die de afbeelding van Robert Schuman draagt is uiterst zeldzaam, in 1986 werden er maar veertig exemplaren van gemaakt. De politie is op zoek naar de daders.
ZATERDAG 8 AUGUSTUS BETOGING TEGEN TURKSE AANVALLEN OP KOERDEN. Een tweehonderdtal mensen is vanmiddag samengekomen aan het Centraal Station om er te betogen tegen de luchtaanvallen van Turkije. Die worden sinds 24 juli uitgevoerd op Koerdische posities in het noorden van Irak en op Iraaks Koerdistan. De manifestanten roepen de internationale gemeenschap en de Europese Unie op druk te zetten op het land om een einde te maken aan de bombardementen.
ZONDAG 9 AUGUSTUS 707DE MEYBOOM OP TIJD GEPLANT. De jaarlijkse Meyboom stond nog vóór half vijf recht op de hoek van de Zandstraat en de Broekstraat. De Meyboom werd in 1213 voor het eerst geplant om een zekere overwinning op de Leuvenaars te vieren. Fanfare, reuzenpoppen en andere verenigingen begeleiden het hele gebeuren. Dat folklore nog niet verdwenen is uit de stad, bewijzen de honderden enthousiaste aanwezigen.
MAANDAG 10 AUGUSTUS GASLEK VEROORZAAKT HINDER AAN LUCHTHAVEN. De belangrijkste toegangsweg tot de Luchthaven in Zaventem is tijdelijk afgesloten door een gaslek aan een van de technische gebouwen. Tientallen mensen gingen te voet naar de luchthaven met hun bagage in de hand en mensen die nog thuis waren kregen meteen het advies om de trein te nemen naar Zaventem. Een aantal vluchten vertrokken voor de gelegenheid later en klanten van Brussels Airlines die hun vlucht misten konden die gratis omboeken.
DINSDAG 11 AUGUSTUS VUB NAAR CHINA EN VS. De Vrije Universiteit Brussel lanceert de allereerste opleidingen in de VS en China. Binnenkort kunnen studenten van de Brussels Diplomatic Academy hun studie spreiden over Brussel, Washington DC en Shanghai. De bedoeling is dat studenten niet alleen globale kennis verwerven, maar tegelijk ervaren hoe in de drie machtigste handelsnaties ter wereld economische diplomatie een andere invulling krijgt. Op die manier hoopt de VUB de slaagkansen op de arbeidsmarkt te verhogen. Samengesteld door Ella Van Craen
MEER NIEUWS DE HELE WEEK ROND OP SURF NAAR BRUSSELNIEUWS.BE EN SCHRIJF JE IN OP DE NIEUWSBRIEF
BDW 1485 PAGINA 6 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
SAMENLEVING > SPANNINGEN IN TURKIJE VOELBAAR TOT IN BRUSSEL
© BART DEWAELE
‘KOERDEN KUNNEN TEGEN HEEL WAT WONDEN’ SINT-JOOST-TEN-NODE – De recente oorlogsverklaring van Turkije aan IS in Syrië en aan de Koerdische PKK in Noord-Irak, rijt bij de gemeenschappen van de Turkse diaspora in Brussel oude wonden open. Velen zijn de aanslagen tegen Koerdische, Armeense en Assyrische organisaties en cafés in Sint-Joost van de jaren 1998 en 2007 lang niet vergeten.
D
erwich M. Ferho, directeur van het Koerdisch Instituut, ontvangt ons in de Bonneelsstraat, waar het instituut huist. In dit korte straatje werden tijdens een novembernacht in 1998 verschillende Koerdische panden, waaronder ook het instituut zelf, in brand gestoken door een driehonderdtal extreem-rechtse Turkse nationalisten. Of hij – nog of opnieuw – spanningen gewaar is geworden onder Turken en Koerden en andere Turkse minderheden in het kleine SintJoost-ten-Node, nu de spanning is gestegen in Turkije? Ferho haalt zijn schouders op en glimlacht. “Ik let er niet zozeer op. Als we extremisten het gevoel geven dat we schrik hebben, winnen zij. Wij hebben met geen enkele identiteit of overtuiging een probleem. Wat is er mooier dan samenleven in verschillen?” Toch houdt de politie sinds kort weer een extra oogje in het zeil, weet Ferho, “zonder dat wij erom gevraagd hebben.”
Trouw aan Erdogan “Je kan gerust stellen dat Turkije in staat van burgeroorlog verkeert,” schetst de Turkse journalist en criticus Dogan Özgüden vanuit zijn werkkamer in Schaarbeek de context. Sinds de jaren 1970 verblijft hij als politiek banneling in Brussel. Als hoofdredacteur van Info-Türk laat hij vanop afstand kritische geluiden weerklinken over Turkije, onder meer over de mensenrechten daar. “Bij de parlementsverkiezingen van begin juni heeft president Erdogan zijn absolute meerderheid verloren. De pro-Koerdische partij HDP (Democratische Partij van de Volkeren) heeft de kiesdrempel van 10 procent overwonnen en is in het parlement geraakt. Daardoor ziet Erdogan zijn kans gereduceerd om zijn macht uit te breiden via een grondwetswijziging, waardoor het parlement en een regering naar de tweede rang zouden worden verwezen.” Özgüden vermoedt dat de Turkse leider zal aansturen op nieuwe verkiezingen in november, en intussen weer voluit de nationalistische kaart trekt. “Erdogan koestert ambities die geïnspireerd zijn op het oude Ottomaanse rijk. Hij wil opnieuw controle over de islamistische regio’s in het Midden-Oosten, maar ook
Nahro Beth-Kinne, voorzitter van het Assyrisch Instituut. “Ik wacht al 35 jaar op verandering. Spanning ben ik intussen gewoon.”
in Brussel. De onderlinge spanningen kwamen pas later. “Alle immigranten uit Turkije die hier aankwamen, werden beschouwd als Turken. Veel mijnwerkers bijvoorbeeld hielden hun identiteit ook verborgen uit schrik. In de jaren 1980 is de Koerdische gemeenschap zich beginnen te organiseren, in Turkije maar ook parallel in Europa. Het Koerdisch instituut, dat eerst bestond in de vorm van een studentenorganisatie, maakte klaar en duidelijk zijn aanwezigheid kenbaar en bouwde aan goede onderlinge relaties. Men stoorde de Turkse gemeenschap niet, want in aantallen waren de Koerden niet belangrijk.” “Na de militaire coup van 1980 zijn er massaal veel Koerden, Armeniërs en Assyriërs in België aanbeland, onder wie sommigen al met enige politieke ervaring op zak. Zij hebben hun organisaties verder ontplooid. Almaar meer werden ze gepercipieerd als een machtsbedreiging.” “Dan vaardigde generaal Kenan Evren in 1981 een wet uit waarmee de nationaliteit kon worden afgenomen van al wie van antipropaganda
over de moslimgemeenschappen in Europa.” Dat zijn nationalistische toon aanslaat tot in Brussel, blijkt ook uit de jongste verkiezingsresultaten. Onder Brusselaars geëmigreerd uit Turkije stemde de meerderheid (62,93 procent) in juni voor de AKP, de machtspartij van Erdogan. De HDP eindigde als tweede, met 13,49 procent van de stemmen. Opmerkelijk: in andere Europese landen haalde de proKoerdische partij gemiddeld iets meer dan 20 procent. “Je mag niet vergeten dat de meerderheid van de Turkse gemeenschap in Brussel zichzelf blootstelt aan brainwashing door af te stemmen op Turkse mediakanalen. Slechts een kleine minderheid volgt op wat er in België gebeurt. Dus stemt de meerderheid op wat de Turkse lobby hen voorschotelt.”
“Zeer waarschijnlijk zijn er in Brussel minder mensen met open gedachten dan in andere steden,” beaamt ook Derwich Ferho, die ons meeneemt naar een Koerdisch volkshuisje in de Tweekerkenstraat, hartje Sint-Joost. Maar er is ook sprake van een zeker opportunisme. ”AKP-getrouwen kunnen rekenen op een zekere steun, sociaal maar ook economisch in de vorm van goedkope kredieten. Sommige Turkse banken die onder controle staan van de Turkse staat zoals ... hebben filialen in Europa. Veel Turken, ook in de diaspora, zijn er de laatste tien jaar economisch op vooruitgegaan.” Binnenin het ontmoetingshuisje valt het oog onmiddellijk op een grote poster met de portretten van de 32 linkse jongeren en activisten die op 20 juli in de zuidoostelijke Turkse stad Suruç om het leven kwamen bij een bomaanslag van IS. Het volkshuisje is socialistisch van strekking, maar iedereen is er welkom: arbeidsmigranten, maar ook vluchtelingen. Koerden, Armeniërs, Assyriërs, en ook Turken. “Elke democraat in feite,” zegt Alijan, vrijwilliger hier, “maar het spreekt voor zich dat hier vooral progressieven komen.” Bezoekers worden wegwijs gemaakt in de Belgische samenleving, maar dezer dagen gaan hier vooral de evoluties in Turkije over de tongen. “Mensen willen hun emoties kwijt,” zegt Vesile Aktas. De jonge vrijwilligster was in Turkije politiek actief voor de pro-Koerdische HDP. Na vier jaar politiek gevangenschap vluchtte ze richting België. “Mijn Turkse nationaliteit is afgenomen, dus ik heb niet mee kunnen stemmen.” Ziya Ulusoy komt binnengewandeld, barometer op ernstig. De Koerd en voormalig hoofdredacteur van het socialistisch Turkse weekblad Atılım verblijft sinds anderhalf jaar in Brussel, nadat ook hij op de vlucht sloeg voor een gevangenisstraf. Vanop afstand schrijft hij columns voor het politieke TurksKoerdische dagblad Yeni Özgür Politika. Hij heeft de brandstichting en vernielingen van de extreem-nationalistische Grijze Wolven in Brussel destijds niet meegemaakt, maar sluit niet uit dat zoiets opnieuw kan gebeuren, temeer in tijden van politieke hoogspanning in Turkije. “Nu Erdogan het bevel heeft gegeven om te bombarderen, kunnen extremistische islamisten of nationalisten ook hier (wijst naar de gevel van het volkshuisje, nvdr.) een bom droppen. Vergeet niet dat uit Brussel veel jongeren zijn vertrokken om te vechten aan de zijde van IS.” “Turkije heeft in Syrië sinds het begin van het conflict een dubbele rol gespeeld,” merkt Özgüden daarover op. “Erdogan koestert enerzijds sympathie voor een bestuur dat islamitisch is, maar daarnaast wil hij vooral een onafhankelijk Koerdistan vermijden. Onder het mom van te strijden tegen IS wil Erdogan de Koerdische eenmaking in Irak en Syrië verbreken.”
Anti-koerdisch sentiment Dogan Özgüden herinnert zich dat de Koerden begin jaren 1970 niemand echt stoorden
In een volkshuisje in de Tweekerkenstraat kunnen bezoekers onder meer terecht om te praten over wat zich in Turkije, van velen het thuisland, afspeelt.
© BART DEWAELE
Emoties kwijt
© BART DEWAELE
BDW 1485 PAGINA 7 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
“ DE MEERDERHEID VAN DE TURKEN IN BRUSSEL STELT ZICHZELF BLOOT AAN BRAINWASHING VIA TURKSE MEDIAKANALEN”
Het Koerdische gezin Akçay volgt de evoluties in Turkije op de voet.
werd beticht. De bezittingen van de geëxpatrieerden werden ingepalmd. Vervolgens ontwikkelde de PKK (Koerdische Arbeiderspartij) zich en geraakten de eerste verkozenen in het par-
“ NU ERDOGAN HET BEVEL HEEFT GEGEVEN OM TE BOMBARDEREN, KUNNEN EXTREMISTISCHE ISLAMISTEN OF NATIONALISTEN OOK HIER EEN BOM DROPPEN” lement. Nadien verloren velen hun indemniteit en werden ze veroordeeld. Het Koerdische parlement in ballingschap kreeg vorm, de voorloper van het Koerdisch Nationaal Congres (KNK). Het hoogtepunt van de spanningen was de arrestatie van de Abdullah Öcalan, de oprichter van de PKK, in 1999. Op dat moment was de nervositeit ook in Brussel te voelen. De Turken beschouwden de Koerden en al wie in ballingschap leefde als landsverraders. Gelukkig is er de laatste jaren de tendens om die visie te herzien.” Ulusoy heeft het als intellectueel altijd als zijn taak gezien om anti-Koerdische gevoelens te
bestrijden. “Daar wordt al zo’n 30 à 35 jaar hard aan gewerkt, bijvoorbeeld binnen de jeugdbewegingen of de vakbonden in Turkije, maar ook in het buitenland. Er is ook vooruitgang geboekt.” Maar de weg is nog lang, beseft hij, zeker nu Erdogan het vredesproces ten einde heeft verklaard. Een debat op de lokale Brusselse radiozender Gold FM in de aanloop naar de jongste verkiezingen, waaraan Ulusoy deelnam als vertegenwoordiger van de HDP, illustreert dat pijnlijk: Ulusoy kreeg een lawine van boze reacties over zich heen.
Motivatie Enkele huisnummers verderop houdt Nahro Beth-Kinne al 25 jaar een kapsalon open. De Assyriër, een christelijke minderheid in Turkije, is ook voorzitter van het Assyrisch Instituut. Hij waarschuwt ons als we willen polsen naar het sentiment onder de immigrantengemeenschappen uit Turkije in Sint-Joost: “Ik krijg wel Koerden, Assyriërs en Turken over de vloer, maar 70 procent van mijn cliënteel zijn Europese expats. Ik ben dus niet de kapper van de Turkse gemeenschap.” Zijn er Turken die zijn salon mijden omdat hij een bepaalde etnische minderheid in Turkije vertegenwoordigt? “Vast en zeker,” knikt hij. Heeft hij schrik voor nationalistisch geïnspireerde aanvallen in Brussel? “Natuurlijk, maar de schrik creëert gelukkig ook een soort motivatie.” Een gelijkaardig geluid is te horen bij de fami-
lie Akçay, die een appartement betrekt op enkele passen van de kerk op het Sint-Joostplein. Nieuws uit Turkije komt de huiskamer binnen via de Koerdische zender Nûçe. Een portret van de Koerdische leidersfiguur Öcalan hangt prominent aan de muur. Het gezin maakt zich zorgen om hun achtergebleven familieleden, “maar ook hier zijn er mensen die Daesh (Arabische naam voor ‘IS’, nvdr.) of de AKP steunen. We hoeven onze Koerdische identiteit niet te verstoppen, maar echt vrij zijn we niet,” vertaalt dochter Zozan de woorden van haar moeder Emine. Het gezin stapt zoveel het kan mee in manifestaties. Ook steevast present in pro-Koerdische optochten is Diril Cemil. Hij is de uitbater van cafe Le Bon Samaritain, op de hoek van de Braemt- en de Verbiststraat. Ook zijn bar was destijds het decor van de agressie van ultranationalisten tegen Turkse minderheden in Brussel. De forse man, Chaldeëer, herinnert zich hoe hij met de hulp van aanwezigen een twintigtal extreem-nationalisten kon overmeesteren en in de kelder vasthouden tot de politie hen kwam inrekenen. Hij kan er nu om lachen, maar de betonnen muur die hij rond zich heeft opgetrokken, raakt niet gesloopt: “Mijn bar is open voor iedereen, maar verboden terrein voor Turco-Turken. Turken hebben fascistische ideeën,” veralgemeent hij. Zijn burgemeester Emir Kir (PS), die zich verborgen houdt telkens wanneer hij zich moet uitspreken over de Armeense genocide en daardoor omstreden bij Turkse minderhedengemeenschappen, is er niet welkom. “Het zou me plezier doen mocht Kir verklaren dat hij de burgermeester is van iedereen,” zo klinken de woorden van kapper Beth-Kinne na. Even later zwiert Diril zijn arm vriendschappelijk om de schouder van Bedroyan Nerses, een oudere Armeense man die vroeger in de Liedekerkestraat Le Jardin Babylon uitbaatte. Na de brandstichting heeft de man nooit meer de moed gehad opnieuw te beginnen. “Hij is geen Koerd, hé,” knipoogt Diril Cemil. “Koerden hebben van niemand schrik,” zegt hij stoer, maar met een klein hart. Kim Verthé
BDW 1485 PAGINA 8 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
© Saskia Vanderstichele
Tot spijt van de vaste klanten moeten cafés Le Liberty en Le New Daric aan het Vrijheidsplein binnenkort verdwijnen.
Opnieuw volkscafés voor de bijl BRUSSEL – Multinational AB Inbev wil twee volkse cafés vertimmeren tot een ‘innovatief project’. Met het verdwijnen van Le New Daric en Le Liberty herhaalt de Stad Brussel haar fouten.
‘E
Zuid-Frans De stad verhuurt de panden aan AB Inbev, Inbev verhuurt op zijn beurt aan de cafébazen. Ouariaghli ziet het probleem niet omdat AB Inbev 200.000 euro gaat investeren in de panden en de huurprijs zo naar omhoog kan. Geld dat de Stad volgens Ouariaghli kan gebruiken om woningen te bouwen of te renoveren. Maar kent u het Vrijheidsplein? Het is
donderdagnamiddag 6 augustus. Het plein baadt in een Zuid-Frans sfeertje. De terrassen van Le Daric en Le Liberty zitten voor twee derde vol. Er worden veel gewone pintjes en koffies gedronken. Eén enkele zonderling drinkt een speciaalbier of nipt aan een glaasje witte wijn. De overheersende talen zijn Frans en Nederlands, weinig Engels of andere talen. Publiek: twintigers tot zestigers. De sfeer is gemoedelijk. Ook de politici zijn op vakantie vertrokken, geen verhitte discussies of gesmeed aan compromissen op deze plek in de schaduw van het parlement. En ook het personeel van de vakbond is in groten getale met vakantie. De aanwezige klanten zijn er het hart van in dat hun stamcafé weg moet. Marina Pirottes klanten hopen dat de dienster een nieuw café in de buurt kan openen. Marina werkt al 22 jaar in Le Liberty en zou haar bazin die het café al 36 jaar uitbaat in het najaar opvolgen. Maar Le Liberty gaat in november dus onverbiddelijk dicht. Le New Daric sluit al eind september de deuren. Dat onverbiddelijke klinkt vreemd in de oren, want AB Inbev heeft immers nog geen vergunning op zak voor het samenvoegen van de twee volkse cafés tot
Aan het oog onttrokken BRUSSEL – Sandwichbars komen, cafés gaan. Dat is de tendens van de jongste 20 jaar. “Het traditionele volkscafé verdwijnt, het café waar je alleen maar een pak chips en een droge worst kan verorberen wordt een zeldzaamheid,” zegt Marc Van Muylders, vice-voorzitter van HoReCa Brussel. De winstmarges op bier zijn volgens Van Muylders te klein. Het traditionele pintje kost de cafébaas meer dan de aankoop in de supermarkt. En dat weet de klant. De prijzen van bier en waspoeder zijn de referenties om van supermarkt te veranderen, aldus Van Muylders. Omdat de winstmarge op de pintjes te klein is, schakelen cafés meer en meer over op restaurantdiensten. De winstmarge op een croque monsieur – om maar één voorbeeld te geven – is veel groter dan op een
pilsje. Maar dat is het vreemde aan het verdwijnen van Le Liberty en Le Daric: de uitbaters willen maar al te graag verder doen, maar het is multinational Inbev die de zaken anders ziet. Maar er zijn ook cafés die dichtgaan en waar niets mee gebeurt. Le Laboureur aan de Jamarlaan in Sint-Gillis – naast het mooie theesalon La Ruche – was een iconisch café dat al jaren dicht is en dichtblijft. Zoals u op onze archieffoto kunt zien, zijn de muren beschilderd met taferelen uit het boerenleven. Duimen maar dat het café op een dag weer de deuren opent. Voor Café de la Poste naast het Vlaams-Marokkaans Huis Daarkom is het alvast te laat. Daar werd het mooie interieur met de prachtige lambriseringen vakkundig gesloopt. Danny Vileyn
© IVAN PUT
en innovatief en performant concept dat overeenstemt met de verwachtingen van de klant’. Als het van multinational AB Inbev afhangt, is dat het lot van de volkse cafés Le Liberty en Le New Daric. In een normale wereld hoort daar een diepe zucht bij. Wat staat er op het spel? Het huurcontract van Le liberty en Daric wordt niet verlengd. De cafés worden één grote brasserie. Eerder kregen de uitbaters naar eigen zeggen te horen dat een verlenging van hun huurovereenkomst nochtans maar een formaliteit was. Het kabinet van Brussels schepen van Stadseigendommen Mohammed Ouariaghli (PS) bevestigde vorige week echter aan onze collega’s van de website dat de contracten niet verlengd worden.
ADVERTENTIE
één brasserie. Het schepencollege buigt zich eind deze maand over de zaak. Of is dat maar een formaliteit?
West-Vlaamse broodzakken Het Vrijheidsplein is eigenlijk een van de meest aangename plekken van de Vijfhoek. De Stad is er ook eigenaar van een rits winkels, cafés en flats. Als de Stad toelating geeft voor het vertimmeren van Le New Daric en Le Liberty, helpt ze mee aan het verhippen van de wijk. Dat klinkt ons bekend in de oren. Toen Georges Dallemagne schepen van Stadseigendommen was (2001-2004) wou hij de huurprijzen van de flats in de buurt flink in de hoogte jagen. Dallemagne vond immers dat wie in een chique wijk wil wonen, daarvoor moet betalen. Maar dat
AB INBEV HEEFT NOG GEEN VERGUNNING OP ZAK VOOR HET SAMENVOEGEN VAN DE TWEE VOLKSE CAFÉS TOT ÉÉN BRASSERIE. stootte ook toen op weerstand. Volgens voormalige buurtbewoner Peter Van Rompaey kende Dallemagne de wijk helemaal niet: “Ik was het totaal niet eens met het beeld dat Dallemagne toen van de wijk ophing. Wat Dallemagne vertelde, was totaal van de pot gerukt. Naast volkse cafés had je er ook een volks restaurant, Le Tiramisu als ik me goed herinner, waarvan de eigenaars op zaterdag ook een winkel openhielden in deze kantoorbuurt. Er was ook een Marokkaanse bakker, geen Pain Quotidien, met broodzakken van West-Vlaamse bakkerijen die ermee gestopt waren. En mijn grote inkopen deed ik in Sint-Joost aan het Madouplein, waar toen een Nopri was. Chique was het daar allesbehalve. Het was er toen al goed wonen, maar dat is niet hetzelfde als chique.” De geschiedenis dreigt zich andermaal te herhalen. Danny Vileyn
P-PRAAT Neen, het zijn geen besparingen, mocht u deze week schrikken van de beperkte commentaar van uw commentator. De commentator is namelijk druk bezig met allerhande andere zaken, waardoor de commentaar er bij ingeschoten is. Een van die zaken is bijvoorbeeld dag en nacht de nieuwe voetgangerszone in het centrum aflopen, om te tellen hoeveel politici er gespot worden in vakantietenue, bezig met een selfie te nemen. Of om het geluid te registreren van die verschrikkelijke skateboards die tegenwoordig de rol van de auto’s overnemen: kabaal, en visuele vervuiling. Wij geven het u op een blaadje: binnen afzienbare tijd wringt een bekende Brusselse cafébaas een van die skaters de nek om omdat ze zijn klandizie wegjagen. Als er daar nu eens een selfie van genomen zou worden...
Een investering in hartje Europese wijk die goud waard is ONMIDDELLIJK RENDEMENT
Europese Bibliotheek
Europese Ra
‘Primark wil naar Elsensesteenweg’
Europees Sociaal Comité
Bij de Elsense handelaars gonst het van de geruchten: de Ierse kledingketen Primark, die woensdag haar vierde Belgische winkel opende in Gent, wil nog een tweede vestiging in Brussel en wel op de Elsensesteenweg, die volop boomt. Primark zou zijn zinnen gezet hebben op het grote pand van SportsDirect, de Britse sportketen. “Het enige wat wij weten is dat ze naar deze straat willen komen,” zegt de zaakvoerster van SportsDirect. “En hier zijn niet veel echt grote winkels. Maar er is nog niets getekend en wij hebben ook nog geen andere locatie. Het liefst blijven wij in dit pand zitten.” HUB
Europees Parlement
© 2013 Google
• • • •
Onze exclusiefste appartementen Uniek uitzicht op het Leopoldpark Midden in de Europese wijk Eigen verhuurdienst gespecialiseerd in verhuur aan expats
Adres: Hoek Van Maerlantstraat en Belliardstraat, 1000 Brussel
belview.be 02/201 00 01
BDW REGIO
BDW 1485 PAGINA 10 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
DEZE WEEK IN DE HALVEMAANSTRAAT > Vorst wil geen onregelmatige bloembakken
Onenigheid om planten en bloemen bloembakken er altijd netjes bij staan, zodat er zeker geen ongedierte op af komt. Het enige wat erop af komt zijn bijtjes en vlinders. We hebben dit initiatief genomen om de voorbijgangers bewust te maken dat de natuur beschermd moet worden. Terwijl we tuinieren, spreken we met de voorbijgangers en onze buren. De planten brengen de mensen echt samen. Waarschijnlijk heeft één luttele buurtbewoner van kwade wil geklaagd bij de gemeente,” klinkt het. “Ik vind het onbegrijpelijk dat de gemeente enkel een brief stuurt naar Mohamed, want iedereen doet het. Mohamed heeft het idee gelanceerd, maar we zorgen allemaal voor onze eigen planten. De politie zal iedereen dus moeten beboeten,” zegt de man al lachend. “Het Gewest geeft via wijkcontracten subsidies om een buurt op te fleuren, wij doen het gratis en het is nog niet goed. Dat is toch bizar?”
Petitie
De onrechtmatige bloembakken in de Vorstse Halvemaanstraat moeten worden aangepast aan de normen van de gemeente.
VORST – De talrijke bloembakken in de Halvemaanstraat in Vorst moeten verdwijnen. Drie jaar geleden besloten de buurtbewoners er letterlijk een bloeiende straat van te maken. Maar de gemeente Vorst is niet opgezet met de onwettige bloembakken.
I
n 2012 ontstond bij tuinier Mohamed Boulahya en een aantal buurtbewoners het idee om van de Halvemaanstraat de ‘meest geparfumeerde straat van Brussel’ te maken. Het initiatief werd meteen een succes. Boulahya en de buurtbewoners plaatsten al snel tussen de veertig en vijftig bloembakken langs de huizen. Vooral aan één kant van de straat valt het vele groen op. Toeval of niet, het is de straatkant waar Boulahya woont. De ene plant is al levendiger dan de andere, waarschijnlijk te wijten aan het feit dat vele bewoners op vakantie zijn en hun planten dus niet kunnen verzorgen. Op de hoek met de Montenegrostraat staat zelfs een bak met munt die voorbijgangers gratis kunnen plukken. De bloemen en planten fleuren de anders zo grijze straat helemaal op. Ook in de andere
straten van de wijk zijn er hier en daar al bloembakken voor de gevels te bespeuren. De groene bacterie waait duidelijk over naar de rest van de buurt. “Iedereen feliciteerde me met het fantastische idee,” zegt Mohamed Boulahya. “Het concept is zeer eenvoudig: de natuur een kans geven in een volgebouwde stad. Andere wijkcomités zijn me komen opzoeken en willen hetzelfde doen in hun wijk. Oudere dames verkiezen om door de Halvemaanstraat te wandelen als ze hun hond uitlaten. Het is namelijk veel toffer om een stukje natuur te zien in plaats van alleen maar bakstenen.”
Klachten Jammer genoeg valt het burgerinitiatief niet bij iedereen in de smaak.
Een wijkagent heeft meerdere malen aan Boulahya gevraagd om de bloembakken te verwijderen. Boulahya weigerde dit te doen en bereikte uiteindelijk een akkoord met de gemeente. Toch kreeg de tuinier vorige week een brief van de gemeente Vorst met de melding dat hij zo snel mogelijk alle bloembakken moest weghalen, omdat de planten meerdere ‘ongemakken’ opleverden. De gemeente heeft namelijk een aantal klachten ontvangen van buurtbewoners dat de tientallen bloempotten ratten zouden aantrekken. En wanneer het hard waait, zou de potgrond de stoep opvliegen. De planten zijn ook soms het doelwit van vandalen. “Sommige voorbijgangers zien de bloembakken als vuilbakken, maar dat is in heel Brussel zo,” vertelt een buurtbewoonster. De brief van de gemeente is hét gespreksonderwerp in de straat. Iedereen heeft het erover. “Ik heb nooit iemand horen klagen en ik heb hier zeker nooit ratten gezien,”
© JO VOETS
“TERWIJL WE TUINIEREN, SPREKEN WE MET DE VOORBIJGANGERS EN ONZE BUREN. DE PLANTEN BRENGEN DE MENSEN ECHT SAMEN”
reageert een buurtbewoner. “Wat hebben die ratten te zoeken in die planten? Niets. Die zitten hoger, in het Park van Vorst en het Dudenpark. We zorgen ervoor dat de
Dat de bewoners zeker niet alleen staan in hun strijd om de groene straat te behouden, bewijst de petitie die gelanceerd is om steun te betuigen aan de Vorstenaars. “Al meer dan vijf honderd mensen hebben de petitie getekend,” zegt buurtbewoonster Irène Pêtre, die de petitie heeft opgesteld. “Het is ontoelaatbaar dat zo’n goed burgerinitiatief wordt afgeremd. Binnen een paar weken wordt de petitie stopgezet en bezorg ik ze aan de gemeenteraad.” De gemeente Vorst is echter niet gekant tegen de planten zelf, maar wel tegen de onregelmatige en onwettige bloembakken. “De bloembakken zijn er zonder overleg en toestemming van de gemeente geplaatst. De gemeente moet haar akkoord geven vooraleer iets op de stoep mag worden geplaatst,” zegt Marc Loewenstein (FDF), schepen van Openbare Werken. “Niet alle bakken voldoen aan de voorschriften van de gemeente en zullen dus aangepast moeten worden. Plantenbakken die op de hoek van de straat staan, beperken ook de zichtbaarheid voor de autobestuurders en als daardoor een ongeval gebeurt, dan is de gemeente verantwoordelijk. Als de bakken worden aangepast volgens de normen van de gemeente, zal alles snel in orde komen en zal iedereen dus kunnen blijven genieten van het groen in de Halvemaanstraat.”
Killyan Dauvillé
BDW 1485 PAGINA 11 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
Anderlecht > Voorstadswijk krijgt mondjesmaat vorm
BRIEVEN VAN LEZERS lezersbrieven@bdw.be Brusselkeuze
Van kruistocht tot kalifaat
In een interview met Brussel Deze Week (BDW 1484, p.6-7) komt de N-VA-burgemeester van Sint-Pieters-Leeuw, Luc Deconinck, met een voorstel voor Brussel: “In Brussel wordt te gemakkelijk geshopt in identiteit: daar ben ik Vlaming, daar ben ik Franstalige, het ene jaar zo, het andere anders. Eén keuze, die mits bepaalde overgangs- of opzegperiodes coherent blijft, zou de zaak eenvoudiger en verdienstelijker maken.” De ‘gemakkelijkere’ oplossing die Deconinck voorstelt, hoeft op zich niemand te verwonderen. Ze is immers niets meer dan een doorslagje van het ondertussen al lang vergeten N-VA-voorstel van de ‘Brusselkeuze’ waarbij alle Brusselaars zouden moeten kiezen tussen Vlaanderen en Wallonië. Een andere identiteit bestaat immers niet in de NVA-hoofden. Toch stoot deze uitspraak nog steeds tegen de borst, niet het minst na net te zijn teruggekeerd van vakantie in Bosnië. Nergens gaapt de wonde nog zo open als op duizend kilometer van onze hoofdstad. Nog steeds ziet men er de vreselijke gevolgen van politici die in een multicultureel land een mono-identitair beleid oplegden en mensen dwongen kant te kiezen. De dorpen bestaan er nog steeds voor meer dan de helft uit uitgebrande huizen en de steden zijn er bezaaid met kerkhoven… Maar misschien moet de N-VA-burgemeester niet zover op studiereis gaan, ik wil immers niet beschuldigd worden het zuiver op een reductio ad Joegoslaviam te spelen. Misschien moet de man gewoon eens de bus nemen naar Brussel zelf. Immers, de oplossing die hij voorstelt, heeft eenvoudigweg niets meer van doen met de realiteit van Brussel vandaag. Hoezeer de man ook verlangt naar eenvoudige negentiende-eeuwse classificaties, Brussel bestaat tegenwoordig niet meer uit Vlamingen enerzijds en Franstaligen anderzijds. In mijn beperkte vriendengroep, twee jaar na mijn inwijking als Gents-Herzeelse Brusselaar, bevinden zich onder andere een Nederlander met een Frans lief, een Spaans-Marokkaans viertalige Brusselaar, een Amerikaans-Australisch koppel, Nederlandstalige, Franstalige, Engelstalige en Arabische Brusselaars (allen hier geboren en getogen), Franstalige Vlamingen, in-en uitgewekenen, Eurocraten en mengelmoezen… Tot spijt van wie het benijdt, is Brussel nu reeds multi-identitair en zo zal het ook blijven. De individuele Brusselaar zelf is vaak multi-identitair, ongecompliceerd en ongegeneerd. Het beste bewijs hiervan zag ik vorige zomer, toen de Rode Duivels dag na dag Brussel in vuur en vlam zetten. Elke overwinning dreef jongeren opnieuw de straat op met een veelheid aan vlaggen. De Belgische vlag werd er schaamteloos en zelfs trots gecombineerd met de Albanese (fans van Januzaj), de Marokaanse (voor Fellaini) of de Congolese (voor Kompany en Lukaku). Ik zag zelfs een wagen vol juichende vrouwen met de Belgische vlag als hoofddoek! Maar die avonden zat burgemeester Deconinck waarschijnlijk veilig thuis in Sint-Pieters-Leeuw te mijmeren over de Vlaamse natiestaat… Dus helaas, mijnheer Deconinck, wake up and smell the coffee. De toekomst van Brussel - en bij uitbereiding van Vlaanderen, België en Europa - is multi-identitair. Het Brussel van de eenentwintigste eeuw heeft geen nood aan uw negentiendeeeuws nationalisme. Uw ideeën behoren tot een ver en met bloed besmeurd verleden, ze bieden eenvoudigweg geen oplossing aan de uitdagingen van vandaag, hoe mooi ze ook klinken in uw hoofd. De toekomst van Brussel is Vlaams noch Waals maar Brussels, in al zijn identiteiten.
Uw redacteur Christophe Degreef is blijkbaar beter op de hoogte van de geschiedenis van het Midden-Oosten dan historicus Pieter van Ostaeyen. Hij heeft dan ook gelijk enkele kritische bedenkingen te formuleren in de boekbespreking ‘Van kruistochten tot kalifaat’ (BDW 1482, p.8-9). Vaak wordt vergeten dat reeds in 1258 de Mongolen Baghdad volledig hebben verwoest en de Arabische beschaving in hun kernland hebben doen wankelen. Nadien werden de Arabieren een tweede keer gemarginaliseerd in eigen regio door de Ottomanen, die alles wat buiten de Turkse invloedssfeer lag als ‘provinciaal’ beschouwden. Aan elke historie is meestal een prehistorie verbonden en een goede historicus houdt daar rekening mee. Trouwens, de bemoeienissen van het Westen sinds het begin van de twintigste eeuw zijn niet helemaal ten onrechte, vermits het Ottomaanse Rijk bij de verliezers van de Eerste Wereldoorlog behoorde en als oorlogsvrienden Duitsland en Oostenrijk-Hongarije hadden, precies twee westerse landen waar zij toen blijkbaar geen bezwaar tegen hadden.
Thijs Verbeurgt, Sint-Gillis
40 procent van de terreinen verkocht in Ketelwijk De nieuwe straten in de Ketelwijk zijn uitgegraven. De voorstadswijk Erasmus Gardens tussen Lenniksebaan en Ketelstraat voorziet in 72 bouwloten. De woonerven zullen toegankelijk zijn via een nieuwe straat die op de Lenniksebaan uitkomt, op honderd meter van het rondpunt bij het Erasmusziekenhuis. De woonwijk geeft achteraan ook uit op de Ketelstraat. Het einde van de riolerings- en straatwerken is nu voorzien voor eind 2015. Pas
nadien mag met bouwen gestart worden. Inmiddels hebben Era Visie en Trevi Noord al 40 procent van de bouwterreinen verkocht. Vooral de terreinen voor halfopen bebouwing (driegevels) gaan het best van de hand. “Er werd geen bouwverplichting voorzien voor deze gronden,” stelt Dorien Boucneau van Era Visie. “Mensen mogen de gronden ook kopen als belegging.” JMB
ADVERTENTIE
Jan Van Eycken IDkB, Interreligieuze Dialoog van de Kerk in Brussel
Tram 71 Vorige week bracht deze krant een artikel over het aanhoudende Elsense verzet tegen de plannen van het gewest en de MIVB om bus 71 te vervangen door een tram (BDW 1484, p.3). In de jongste campagne wordt de tram vergeleken met een militaire invasie en de geplande tram zelf met de gevechtstank Leclerc AMX van het Franse leger. Net als de tank weegt de geplande tram type 3000 immers 54 ton. Dat geeft gegarandeerd scheuren in het verouderde wegdek, aldus de actiegroep. Lezer Jef Vandenbergen ontwierp een ludieke tegencampagne. Zijn affiche plaatste hij als reactie op brusselnieuws.be.
ADVERTENTIE
Sociale Verhuurkantoren (SVK)
Verhuur uw woning zonder risico en zonder zorgen
CORRECTIE In het interview met burgemeester van Sint-Pieters-Leeuw Luc Deconinck (N-VA) (BDW 1484, p.6-7) sloop in een van de vragen een fout: ‘American Massachusetts Institute of Technomogy’, staat er. Dat moet natuurlijk ‘Massachusetts Institute of Technology (MIT)’ zijn. Onze excuses.
a Gegarandeerde huur elke maand a
Verzekerd verhuurbeheer
a
Onderhoud van uw woning
a Hulp bij renovatie a Fiscale voordelen
www.fedsvk.be 02 412 72 44
BDW 1485 PAGINA 12 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
DEEL 5/7
VOORPUBLICATIE: ‘IN MOLENBEEK’ VAN HANS VANDECANDELAERE
NIEUWE MIGRATIES, NIEUWE REALITEIT
Toenemende superdiversiteit weerspiegelt zich op de vitrines. In deze belwinkel in de Ribaucourtstraat zijn de ramen beplakt met Macedonië, Rwanda , Ghana, enzovoort.
Historicus Hans Vandecandelaere dook twee jaar in de coulissen van Oud-Molenbeek. Voor zijn boek ‘In Molenbeek’ sprak hij met acteurs, jongeren, dokters, huisjesmelkers, schooldirecties, Cubaanse danseressen, politiecommissarissen, pastoors en imams, loft- en kelderbewoners, druggebruikers en getalenteerde commerçanten. In Molenbeek verschijnt begin september bij uitgeverij Epo. Tot dan brengt Brussel Deze Week een greep uit zijn reisimpressies.
© SASKIA VANDERSTICHELE
SINT-JANS-MOLENBEEK – Oud-Molenbeek labelen als ‘monocultureel’ of ‘het Marrakesh van Brussel’ is blind zijn voor twee feitelijkheden: de groeiende impact van de nieuwe migraties en een Marokkaanse meerderheidsgroep die uiteenvalt in een veelheid van subgroepen.
D
e grafnissen van de begraafplaats van Molenbeek vertellen een verhaal van op elkaar gestapelde Vlamingen en Walen die rond de eeuwwisseling hun laatste adem uitbliezen. Na de Tweede Wereldoorlog vormden Italianen in Oud-Molenbeek de eerste noemenswaardige groep die kleur gaf aan het nageslacht van deze Belgische migranten. Op de hoek van de Ransforten de Delaunoystraat is het kantine-
achtige interieur van café Italo-Belge uit 1972 een zeldzame herinnering aan voormalige Siciliaanse gastarbeiders. In zwaar gebroken Frans vertelt bazin Rosa me hoe haar klanten van vandaag de kinderen van vroeger zijn. Haast gelijktijdig vestigden zich in de jaren 1960 de allereerste Marokkanen als curiositeiten in de wijk. In 1961 waren ze amper met 96 in heel Brussel. Daarna steeg hun aan-
tal spectaculair. Ze kwamen vooral uit het droge, ruige landelijke Rifgebergte, met de noordelijke provincie Nador op kop. Stadjes als Berkane, Nador, El Hoceima en Oujda zijn begrippen in Oud-Molenbeek. Na de officiële migratiestop van 1974 werd familiehereniging de belangrijkste migratiereden. Ze zorgde voor de verjonging en de vervrouwelijking van de Marokkaanse migratie. In 1991 maakten Marokkanen in Molenbeek meer dan de helft uit van het totaal aantal vreemdelingen.
Sociale stijgers Wat toenam aan één kant, slonk langs de andere. De Italianen volgden na verloop van tijd de weg van de Belgen
BDW 1485 PAGINA 13 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
en installeerden zich als gevolg van sociale mobiliteit in meer comfortabele woonzones in de Rand. De parochiale netwerken verbrokkelden. Stefan, de broer van de overleden priester Luc Eelens, vertelt hoe hij in het midden van de jaren 1970 door de kerkfabriek werd benaderd met de vraag om een kleinere kapel in te richten, zodat het schip van de SintJans-de-Doperkerk tot polyvalente ruimte kon worden herbestemd. Het was een teken aan de wand voor de daling van het aantal katholieken. De schaarse navolgers van Christus waren hoe langer hoe minder Belg. Al naargelang de periode redden TurksAramese inwijkelingen, Zaïrezen en Latinos de meubelen. Vanaf de jaren 1990 was het Maghrebijnse landschap steeds nadrukkelijker aanwezig in OudMolenbeek. Het ondernemerschap evolueerde mee met de nieuwe generaties. De moskeeën werden groter en machtiger. In de Vanderstraetenstraat ontpopte Al Khalil zich tot een megamoskee met een capaciteit voor zo’n drieduizend moslims. Als gevolg van de naturalisaties zag de politieke elite electorale kansen in de moslimgemeenschap. Philippe Moureaux was de eerste burgemeester die in 1992 een voet in een moskee zette. Moslims werden schepenen en gemeenteraadsleden. En het Molenbeekse moskeewezen werd geïnstitutionaliseerd in de Conseil Consultatif des Mosquées die geregeld overleg pleegt met de gemeente. Maar ‘een Brussels Marrakesh’? Oud-Molenbeek is in eerste instantie een immens symfonieorkest van uiteenlopende sociale groepen. Er zijn handelaars en handelaars: zowel brolverkopers als gemondialiseerde entrepreneurs die producten uit Ierland, India en China de wijk binnenloodsen. Of er zijn de sociale stijgers die de buurt voor bekeken houden en de nieuwe middenklassers die er toekomst komen zoeken. Huurders en huiseigenaars. Opklimmende, aanklampende en afhakende jeugd. Rigide en vooral softe moslims. Wijkverknochte bewoners en wijkpendelaars. Kort- en langgeschoolden. Ze bepalen allemaal de muzikaliteit.
Bollywoodfilms Zuiver etnisch gezien merk je enkel al op basis van het migratietijdstip en het herkomstland een boeiende versplintering van een Marokkaanse meerderheidsgroep. Heel even kwam er een instroom van Marokkaanse Nederlanders op gang, maar de meeste getuigen vertellen me dat die intussen opnieuw is stilgevallen. Veel opvallender sinds de crisis van 2008 zijn de Marokkanen uit Spanje, een delegatie die op haar beurt uiteen valt in subgroepen. Met of zonder Spaanse identiteitskaart op zak? Een wereld van verschil. En dan zijn er smeks en blédars. Ze komen beiden uit Marokko, maar de smeks is illegaal en houdt er in de ogen van derde generatie Marokkaanse Brusselaars een lager statuut op na. De blédar is diegene die net toekomt en doorgaans wél papieren bezit. Le bled is geen rifdorp of wereldstad zoals Casablanca, maar Marokko. In een theehuis op het Sint-Jan-
“Vroeger was alles te veel op Marokkanen gericht,” aldus Mustafa van Asia Pasta. “Sinds enkele maanden vind je nu ook al op het Gemeenteplein gelijkaardige kleine restaurants. Trendy en hybride. Een nieuwe uitstraling.”
Baptistvoorplein zit ik samen met de Marokkaans-Belgische jonge fotograaf Ilyas Essadek, een geboren en getogen Oud-Molenbekenaar. We kijken vluchtig achter ons, naar twee Marokkaanse nieuwkomers. ‘Ik herken ze omdat ze onderling Arabisch spreken, terwijl de derde generatie hier vooral in het Frans communiceert’, aldus Ilyas. ‘Maar je merkt het ook aan kleine details in hun kledij. Hoe ze soms een hemd net iets anders dragen. Het onderscheid is zo treffend dat Marokkaans-Belgische stand-up comedians tijdens hun shows in culturele centra grappen maken over deze smeks of blédars. Ze bespelen hierbij vaak het karikaturale. De smeks uit Marokko die bijvoorbeeld omwille van papieren trouwt met het meisje van hier.’ De vaakst gehoorde echo’s die ik op het terrein over oud- en nieuwkomers hoor, draaien rond de thema’s van solidariteit, uitbuiting en arbeidmarktverzadiging. “Die uit Italië en Spanje, terwijl er nu al geen werk is! Zo hoor je les anciens soms over ons spreken,” maakt chauffeur Rachid me duidelijk. Maar de etnische diversiteit gaat veel verder. Oud-Molenbeek mag dan misschien nog niet even gemengd zijn als stadsbuurten in Elsene of Sint-Gillis, de weg lijkt wel ingezet. De wijk verkleurt opnieuw met groepen die zich stilaan positioneren. Vooral de invloed uit Subsaharaans Afrika en Oost-Europa laat er zich gelden. Toenemende superdiversiteit afficheert zich op de vitrines van handelszaken. In de Ribaucourtstraat zijn de ramen van een belwinkel beplakt met tarieven voor Macedonië, Rwanda, Ghana,
Mali, Guinee, Turkije, Pakistan en de Maghreb. Op het Gemeenteplein verkoopt een Pakistaan Bollywoodfilms en na enkele wisselpastoors trachten twee Kameroense pries-
in samenhang met de toevloed van nieuwe middenklassers en de metropolitane dynamiek op de buitengrenzen. Met Arabische opschriften verkoopt een Pakistaan op het Ge-
“ Molenbeek moet je lezen als een veelheid aan kleine en grotere netwerken. Ze leven allemaal door elkaar. Heel deze sociale variatie is onderzoeksmatig onderbelicht ” ters zich sinds 2013 in de wijk op te werken. In de Sint-Jan-de-Doperkerk vallen ze elke zondagvoormiddag terug op de prille kern van een 120-tal nieuwe Subsaharaanse gelovigen.
Traditionele gerechten Maghrebijnse dominanties worden doorbroken. Alcohol wordt stilaan opnieuw net iets normaler in het straatbeeld. De echte cafés bevinden zich in de rand van Oud-Molenbeek. Maar hier en daar zijn er die doordringen tot in het hart ervan. Vooral gerund door Albanezen lijkt me. “Molenbeek,” zegt de voorzitter van Foyer Johan Leman, “moet je lezen als een veelheid aan kleine en grotere netwerken. Het leeft allemaal door elkaar. Een probleem is dat heel deze sociale variatie onderzoeksmatig onderbelicht blijft. Het versterkt de neiging om Oud-Molenbeek als een Maghrebijns getto te zien.” Ook de etniciteit die hybrider wordt is wellicht een fundamenteel gegeven voor de komende jaren. Zeker
meenteplein African food. Azzedine van de halalfastfood Tonton Chami werkt met twintig talen op de muren en hamburgers met Engelse namen. Zaakvoerder Mustafa van Asia Pasta combineert op het Sint-Jan-Baptistvoorplein halal, Italiaans en Aziatisch in een trendy decor. Tiramisu’s zonder alcohol en pizza’s worden er bereid door een Marokkaan uit Italië en geserveerd in de achterzaal, terwijl Vietnamezen in een open keuken de straatkant benutten voor loempia’s en pikante kip. De vitrine verwelkomt klanten in het Chinees, Frans, Engels en Arabisch. Vlak naast Asia Pasta roeren Marokkaanse koks zich een breuk door ingrediënten in gigantische ketels te brouwen tot arbeidsintensieve, traditionele Marokkaanse gerechten. Communautaire zuiverheid en onzuiverheid, verleden en mogelijk toekomst schouder aan schouder naast elkaar. Voorlopig zet een gevarieerd Maghrebijns-Marokkaans landschap met sterke culturele en religi-
© SASKIA VANDERSTICHELE
euze kenmerken inderdaad de toon. “De ruimte voor het andere moet in Oud-Molenbeek nog groeien,” stelt cineaste Aïsha. “Een gewoon tof Belgisch café met een aangenaam terras zou aan het straatbeeld al een andere toets geven. Molenbeek is heel divers, maar het komt nog niet voldoende tot uiting omdat het aanbod nog niet is afgestemd op de nieuwe realiteit. Tijdens de ramadan is alles gesloten en moet je de wijk verlaten om eens af te spreken. De nieuwe migraties zijn hier stilletjesaan verandering in aan het brengen, maar in afwachting blijft alcohol drinken in de publieke ruimte provocerend. Het is daarom belangrijk dat we een soort samenhorigheid creëren rond nieuwe plekken die alles gewoon maken.” Hans Vandecandelaere www.brusselnieuws.be/ inmolenbeek Volgende week: islam
ADVERTENTIE
Puzzel Deze dienst wil u de nodige informatie bezorgen om u wegwijs te maken in uw zoektocht naar mogelijkheden, voorzieningen voor personen met een handicap
✆ 0800-15045
alle werkdagen van 9 tot 12u30, maandag, dinsdag en donderdag van 13 tot 15u30
Bezoeken enkel op afspraak
puzzel@resonansvzw.be
BDW 1485 PAGINA 14 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
VADROUILLE
DE CULTUUR- EN VRIJETIJDSBIJLAGE VAN BRUSSEL DEZE WEEK JETTE – Het museum voor abstracte kunst dat naast het René Magritte Museum in Jette moet komen, krijgt na dertien jaar eindelijk vorm. Na de zomer zou de verbouwing beginnen. “Het moet nu echt vooruitgaan, anders zijn straks ook de laatste abstracte kunstenaars overleden,” zegt initiatiefnemer en kunstverzamelaar André Garitte (61).
H
et was in 2002 dat Antwerpenaar Garitte het plan opvatte voor een museum voor abstracte kunst in de Essegemstraat. Drie jaar eerder had hij het René Magritte Museum geopend in het rijhuis op nummer 135, waar de surrealistische meester van 1930 tot 1954 gewoond had. Toen in het aanpalende pand een etage vrijkwam, ging Garitte er een tijdlang wonen, onder meer om een oogje in het zeil te houden op het Magrittehuis. Hij bedacht dat dit pand een goede plek zou zijn om zijn andere verzameling - die van Belgische abstracte kunst - in onder te brengen. Die verzameling bevindt zich nu in Garittes huis in Berchem, maar is daar amper te bezichtigen.
Dexiacrisis Een museum voor abstracte kunst naast het Magrittehuis vond hij wel passen. Magritte was immers ook begonnen als abstract schilder. Bovendien zouden beide musea door een en dezelfde ploeg beheerd kunnen worden. Maar de concretisering van het plan kostte
© SASKIA VANDERSTICHELE
KUNST > NAAR TWEEDE MUSEUM IN DE ESSEGEMSTRAAT
MAGRITTE KRIJGT ABSTRACTEN ALS BUUR
BDW 1485 PAGINA 15 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
tijd, veel tijd. Garitte moest wachten tot de andere verdiepingen in het huis te koop kwamen. Intussen probeerde hij het project financieel rond te krijgen. Een tijdlang was er sprake van dat de gemeente Jette het huis zou aankopen, om het vervolgens in erfpacht te geven aan de vzw van Garitte. Maar de Dexiacrisis gooide roet in het eten. Garitte kocht het huis dan maar zelf, middels een lening die ondertussen al bijna afbetaald is. Voor de verbouwing en inrichting rekent hij op een bedrag van 500.000 à 600.000 euro, waarvan Jette een klein kwart zou betalen.
‘Magritte-circuit wil maar niet lukken’ JETTE – André Garitte, conservator van het René Magritte Museum in Jette, probeert al een tijdje om een heus Magritte-circuit van de grond te krijgen in Brussel. Dat gaat heel moeizaam. Het circuit zou om te beginnen bestaan uit het René Magritte Museum in Jette en het Magritte Museum aan het Koningsplein. “Het ene dus meer over het leven, het andere meer over het werk van de kunstenaar.” Voorts wil Garitte er Square bij betrekken, het vroegere Congrespaleis. Daar heeft Magritte een groot fresco geschilderd. Ook horen er twee cafés bij, de Greenwich, waar Magritte schaakte, en het Goudblommeke in Papier, waar de surrealisten bijeenkwamen. Ten slotte zou ook de begraafplaats van Schaarbeek deel moeten uitmaken van het circuit.
Geometrische werken Nu is het nog wachten op de definitieve aflevering van de bouwvergunning, die anderhalf jaar geleden aangevraagd werd. Enkele maanden geleden dacht Garitte dat alles in orde was en liet hij alvast de afbraakwerken aan de achterzijde van start gaan. Maar de werf werd stilgelegd omdat het gewest nog een probleem had met de lift. Op het gepuzzel met de lift na, toonden gewest en gemeente zich behoorlijk coulant. Want de bouwplannen van Garitte zijn ambitieus. Er komt een achterbouw zodat elke etage van het voormalige brouwershuis geen drie maar vier kamers-en-suite telt. Bovenop komt een extra, derde verdieping. En in de tuin is een ‘vierkant’ gepland, een gebouwtje van 6 op 6,5 meter. Dat zal gedeeltelijk het zicht blokkeren op het charmante koetshuis achterin de tuin, maar levert wel een zaaltje op. “Het huis bevat allemaal kleine kamertjes, van drie op drieenhalf, maar geen enkele grote ruimte,” zegt Garitte. “Het ‘vierkant’ zouden we kunnen gebruiken voor groepen of voor een tentoonstelling met een speciale opstelling.” Op de tweede verdieping komt er een doorgang tussen beide musea. Daarmee wordt tegelijk
Boven: ‘Compositie’ van Jozef Peeters, een van de pioniers van de Belgische abstracte kunst. Onder: ‘Compositie’ van Guy Vandenbranden, die tot de tweede generatie abstracte kunstenaars behoorde.
Antwerpse uitgeverij Soethoudt. Later werkte hij ook enkele jaren in een boekhandel en in de Antwerpse bibliotheek. Maar geleidelijk aan werd hij meer gegrepen door de wereld van de kunst. Op zijn vijftiende had hij het werk van Magritte leren kennen naar aanleiding van een spreekbeurt. Toen hij later een illustratie zocht voor de kaft van een van zijn boekjes, overwoog hij een schilderij van Magritte. Zo maakte hij kennis met Georgette Berger, de weduwe van Magritte. Hij hield contact met haar en leerde ook de surrealistische schrijver Louis Scutenaire en andere mensen uit de entourage van Magritte kennen.
ANDRÉ GARITTE: “ IK BEN IEMAND DIE VEEL KAN DOEN MET WEINIG GELD ”
Opschieten Zijn eerste werkje kocht hij voor weinig geld. “Ik ben als kleine collectioneur begonnen. Maar al snel groeide mijn verzameling, door kopen, verkopen en ruilen. Ik ben iemand die
© ANDRÉ GARITTE
de link tussen de surrealisten en de abstracten gelegd. Magritte was ook ooit futurist-kubist. In het nieuwe gedeelte komen op de tweede etage werken te hangen van de eerste generatie abstracten in ons land, Jozef Peeters bijvoorbeeld, Karel Maes en Victor Servranckx. “Zij begonnen in de jaren 1920 van de vorige eeuw abstract te schilderen, vooral kleinere, geometrische werken. Maar ze stopten er al na enkele jaren mee omdat hun avant-garde-kunst geen succes had,” legt Garitte uit. “Dat had te maken met de economische crisis, maar ook met de doorbraak van het expressionisme.” Op het gelijkvloers en op de nieuwe hoogste verdieping wordt werk bijeengebracht van de zogenaamde tweede generatie abstracte kunstenaars. “De abstracte kunst leek dood en begraven, maar sprong in de jaren 1950 als een zwam weer open. Alles was immers niet gezegd. Kunstenaars als René Guillette, Jo Delahaut en Pol Bury namen na 1950 de fakkel over van de pioniers zonder goed en wel te beseffen dat er voor hen een groep kunstenaars geweest was die de paden van de abstracte kunst geëffend had.”
© ANDRÉ GARITTE
Weduwe Garitte, telg uit een diamantairs- en juweliersfamilie, begon met het verzamelen van kunst toen hij eind twintig was. Voor die tijd was hij vooral bezig met literatuur. Hij maakte boekjes, onder meer over het menselijk geluk en over aforismen, die uitgegeven werden bij de
Magritte en zijn vrouw Georgette liggen er begraven, net als de Scutenaires en de surrealistische kunstenaar Marcel Mariën. Garitte denkt aan een pas met kortingen waarmee bezoekers op stap zouden kunnen gaan. “Het zou heel wat extra toeristen naar Brussel kunnen lokken. Behalve de art nouveau en het surrealisme heeft deze stad niet zoveel culturele publiekstrekkers. Wat je hebt, moet je uitspelen, zoals Barcelona doet met Gaudi en Liverpool met The Beatles.” Maar voorlopig wacht Garitte nog altijd op het akkoord van alle partijen. “Square staat weigerachtig tegenover het idee en ook de handtekening van het KMSK is er nog altijd niet. Het is uiterst moeilijk om culturele en andere instellingen actief te laten samenwerken.” Bettina Hubo
ANDRÉ GARITTE: “ IK DOE DIT VOOR DE ABSTRACTE KUNSTENAARS DIE NOG IN LEVEN ZIJN ” veel kan doen met weinig geld. Ook heb ik wel eens iets gekregen. Zo gaf Irène Hamoir, de weduwe van Scutenaire, mij een gouache van Magritte uit hun collectie nadat ik als vrijwilliger de immense bibliotheek van haar overleden man op orde had gebracht.” Nu telt Garittes collectie zo’n duizend kleine en grotere kunstwerken, 250 surrealistische en 750 abstracte. De abstracten, van de hand van meer dan honderd kunstenaars, variëren van schetsen, aquarellen en gouaches op papier tot olieverfschilderijen, mobielen en sculpturen in hout, marmer en metaal. Van de 750 zullen er over enige tijd 230 permanent te zien zijn in het nieuwe museum voor abstracte kunst. Garitte rekent er op dat hij in de herfst kan beginnen met de werkzaamheden en dat de verbouwing twee jaar later afgerond zal zijn. “Ik moet opschieten, anders ben ik straks 75,” zegt hij. “Bovendien is er nog maar een klein percentage van de abstracte kunstenaars in leven. En het is voor hen dat ik dit doe.” Bettina Hubo
BDW 1485 PAGINA 16 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
UITGAAN > NIEUW SNUFJE VOOR BRUSSELSE SMARTPHONEGEBRUIKERS
Op stAPP met B2n
SOUL INN
BRUSSEL – B2n, een gratis applicatie op je smartphone met alle informatie over het Brusselse nachtleven, haalde op anderhalf jaar tijd meer dan vijfduizend downloads. BDW besloot de app uit te testen en liet zich door B2n een avondje in Brussel-centrum leiden.
H
oewel studenten Tom Leunen en Sam Gubel met volle teugen genoten van het Brusselse nachtleven, hadden ze het gevoel dat er iets ontbrak. Daarom ontwikkelden ze anderhalf jaar geleden B2n, een app die je een overzicht geeft van het Brusselse nachtleven. Na het invoeren van een datum, muziekgenre of etablissement verschijnt meteen een overzicht van het aanbod. Via een interactieve kaart worden de clubs, bars en cafés in de buurt weergegeven en voor wie krap bij kas zit, bestaat er de functie ‘Deals of the day’.
Geen eten Vooraleer een stap te zetten in het Brusselse nachtleven lijkt het ons verstandiger om toch de zogenaamde ‘fond te leggen’. De makers van B2n, dat voor Brussels Tonight staat, richtten zich op het nachtle-
ven en niet op de aanloop ernaar. Je moet dus zelf op zoek naar jouw ‘Deal of the day’ wat restaurants of brasseries betreft. Wil je er zeer goedkoop van afkomen, dan kan je naar een van de vele pitabars in het centrum. Omdat het iets gezonder (en vooral minder vettig) mag zijn, kiezen we voor het authentieke Brusselse brasserietje El Metteko aan het Beursplein. Hoewel El Metteko niet echt Brussels klinkt door het voorvoegsel ‘El’, is het dat wel. Metteko komt van métèque of buitenlander en van mettekou, wat zo veel betekent als aap of kwajongen. Voor een schappelijk prijsje krijg je er echte Brusselse kost. Bovendien valt het uitgebreid assortiment aan bier enorm in de smaak. Voor een niet-Brusselaar is het misschien raar opkijken wanneer je buitengaat en de hyperactieve, maar sympathieke garçon nog “Bal-
EL METTEKO
THE BIG GAME
lekes!” hoort roepen. Gelukkig weet elke Brusselaar dat dat gewoon een manier is om afscheid te nemen en je gasten te bedanken. De “fond is gelegd”.
Deals of the day We schakelen de app aan op het Beursplein en omdat we het vanavond goedkoop willen houden, kiezen wevoor de optie ‘Deals of the Day’. De app geeft meteen een over-
zicht van de bars waar je vandaag voor een redelijk laag prijsje iets kan drinken. We besluiten om naar Coaster te gaan, een café in de Rijkeklarenstraat. Daar valt volgens B2n de eerste ‘Deal of the day’ te grijpen tijdens de happy hours. De bar ligt net buiten de voetgangerszone, niet zo ver van het Sint-Goriksplein. Coaster is een donkere bar, enkel het grote televisiescherm en een paar kaarsen zorgen voor licht. Het
interieur is volledig in hout, je zit op krukjes en wijnvaten dienen als tafels. Hoewel het happy hour zou moeten zijn, betaal je maar liefst 12,90 euro voor een ‘Mojito Shaker’ (één glas plus halfvolle shaker). Voor een pint betaal je er de normale twee euro. De app mist een reviewpagina, merken we nu, waar de gebruikers tips en hun mening over de bars kunnen geven. We besluiten het kille café snel te verlaten, want deals
ADVERTENTIE
Een markthal vol smaak Votre marché gourmand
OPEN I OUVERT: 07:00 > 14:00 Vrijdag, zaterdag en zondag Vendredi, samedi et dimanche Op de site van | Sur le site de l’ Abattoir,
Rue Ropsy Chaudronstraat 24 1070 Anderlecht Parking : Delacroix rue Jules Ruhlstraat Metro : Clemenceau, Delacroix
www.foodmet.brussels
BDW 1485 PAGINA 17 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
COASTER
vallen hier niet te sluiten. We gooien het over een andere boeg en proberen de functie ‘I want to party’ uit. Die stuurt ons naar Soul Inn, een muziekbar aan de Plattesteen. Daar is net een gratis concertje aan de gang van soulzanger STEVN. Hij is de eerste van een hele
“JAMMER GENOEG VINDEN DE MEESTE HAPPY HOURS OP DEZELFDE TIJDSTIPPEN PLAATS. GOED GEZIEN NATUURLIJK, WANT ANDERS GAAT HET VOLK VAN DE ENE NAAR DE ANDERE GOEDKOPE BAR” reeks soloartiesten die de komende weken in de bar zullen spelen. Als we aankomen, zijn er ongeveer twintig personen in de bar. Het aanvangsuur, 21 uur, blijkt te vroeg. De volgende concerten zouden beter een uurtje later op de avond worden gepland. De huisgemaakte Soul Inns (een soort mojito, maar met gin in plaats van rum) vliegen over de toonbank. De funky muziek van de jonge Brusselaar wordt gesmaakt en het volk stroomt druppelsgewijs
© MICHAëL MICHIELS
CELTICA
binnen. Aan het einde van het concert zit de bar eindelijk vol. Zonde dat al dat volk het grootste deel van het concert heeft gemist. Jammer genoeg vinden de meeste happy hours op dezelfde tijdstippen plaats. Goed gezien natuurlijk, want anders gaat het volk van de ene naar de andere goedkope bar en doen de bars elkaar de duvel aan. Twee bars die zich daar niet aan houden zijn The Big Game Brussels aan het Beursplein en Celtica aan de Kiekenmarkt. In de The Big Game Brussels zijn er zo goed als altijd deals te sluiten. Van 11 uur ’s morgens tot middernacht zijn de pinten er aan een euro en de cocktails al vanaf drie euro. Benieuwd wat dat geven binnenkort, een bar waar ze pinten aan een euro aanbieden naast een biertempel. In de bar zelf hangen twintig grote schermen aan de muur, waar elke avond sportwedstrijden op te zien zijn. Na die wedstrijden schalt er dan luide muziek door de boxen en verandert de bar in een danscafé. Vannacht is er geen volk te bespeuren op de dansvloer. Met het warme weer zit iedereen op het terras en heeft niemand zin om te dansen.
Toeristen Rond middernacht, als er geen pinten meer aan een euro worden aangeboden, verlaten we de sfeervolle bar. Tot slot gaan we naar de Celtica aan de Kiekenmarkt, daar valt vandaag de laatste ‘Deal of the day’ te rapen. Na een snelle inspectie door de buitenwipper, kunnen we al snel een drankje bestellen. Op het gelijkvloers is er vandaag weinig volk. Drie meisjes drinken snel hun tequila shots leeg en lopen de trap op naar de eerste verdieping. Ze wurmen zich door het volk naar het midden van de dansvloer waar ze al snel aan de praat geraken met drie tienerjongens. Op de eerste verdieping kunnen fuifbeesten hun gang gaan, terwijl op het gelijkvloers vooral de iets kalmere types aan een tafeltje zitten met hun drankje. Aan die tafeltjes zie je vooral mannen zitten met halve liters bier. Zo’n halve liter kost hier namelijk slechts twee euro. Logisch dus dat zo goed als iedereen hier bier drinkt. Voor echte Brusselaars is B2n niet onmisbaar, zij weten al in welke bars ze goedkoop kunnen drinken. Wat wel nuttig is voor geroutineerde feestvierders, is dat je op B2n een profiel kan aanmaken waarin je aangeeft van welk soort feestjes je houdt. De app filtert die feestjes dan uit het totaalaanbod, waardoor je eigen feestagenda wordt opgesteld. Voor nieuwe Brusselaars en toeristen is de volledige party-app wel interessant. Dankzij B2n kunnen zij snel een gezellige en voordelige bar in de buurt vinden. We beslissen om de app uit te schakelen en naar huis te gaan. Binnen een paar uur moeten we namelijk opnieuw fris op het werk verschijnen. Killyan Dauvillé
Nick Trachet BRUSSEL EN DE WERELD CULINAIR ONTDEKT
Framboos In mijn tuin staan frambozen, véél frambozen. We kregen de plantjes van een kennis en we hebben nu een prikkende wildernis achterin de tuin. Tot grote vreugde van vogels, bijen en mensenkinderen. De framboos (frambesie: afgeleid van brambesie= braambes) behoort tot de familie van de rozen (Rosaceae). Voor de wetenschap heet hij Rubus idaeus L., wat ‘die rode van de berg Ida’ betekent. De Ida – u kent hem wel van de kruiswoordraadsels - staat op Kreta en de plant werd (en wordt) daar al sinds de verre oudheid geoogst. Of was het die andere Ida, minder bekend dan die van Kreta, ergens bij Troje in het huidige Turkije. Hoe dan ook, plekken genoeg waar frambozen groeien. We snoepten ze langs de weg in Noorwegen, de Ojibwa Indianen kweekten ze in Noord-Amerika. De rozenfamilie brengt nogal wat fruit voort, appelen en peren, rozenbottels en perziken. Ze zijn herkenbaar aan hun opvallende bloemen met vijf kelkbladen, vijf bloembladen en een heleboel meeldraden en stampers. Als student biologie heetten die ‘ontelbaar’. Dat is een botanistenterm voor elk getal groter dan vijf. Daarom heb ik dierkunde gestudeerd. Het is onderaan die stampers dat zich het fruit vormt. Eén vrucht bij de appel en pruim, een groot aantal bij de aardbeien en frambozen. Maar gek genoeg: de kleine roze bolletjes op de framboos zijn ook allemaal steenvruchtjes, allemaal pruimpjes bij elkaar. Hetzelfde bij de braambes, die ook een Rubus-soort is: R. fructicosus, eigenlijk een hele soep verschillende soorten, zo ingewikkeld is de genetica van de braambes. Bij de aardbei is het helemaal anders: de witte zaadjes op de aardbei zijn eigenlijk de steenvruchtjes, wat wij als vrucht herkennen is de bloembodem die opzwelt en zoet wordt. Het verschil tussen braam en framboos is vooral in de stengels van de plant te vinden. Frambozen groeien rechter omhoog, bramen maken scheuten in bogen die opnieuw in de aarde gaan wortelen, met veel gestruikel voor de wandelaar tot gevolg. De vruchten smaken wellicht anders, maar er is ook veel verschil in de vruchtsmaak van één fram-
boos en de andere. Daarenboven kunnen beide planten hybrides vormen, men kent er meer dan duizend, waaronder braambozen en frambessen. Op de kleur moet u ook al niet afgaan, er zijn rode braambessen en zwarte frambozen. In het hoge Noorden groeit ook nog de molte (R. chamaemorus), een specialiteit van de Sami (Lappen). Het zijn oranje frambozen op kleine plantjes die tustus sen de heidestruikjes uitpiepen in de koude velden van Scandinavië en Rusland. Frambozen zijn immens populair. De fram framge bozensmaak is misschien wel het meest gevoedingswe liefde aroma dat er bestaat in de voedingswereld (tenzij u tot de aardbeilobby behoort). Dat is ook een kenmerk van de rozenfamilie, dat aroma. Als we eens goed doorsnuiven, merken we dat frambozen een beetje naar rozen geuren. In onze Westerse wereld was het Charles de Maxi l’Ecluse (Clusius), de hovenier van Keizer Maximiliaan II, die als eerste de frambozenkweek op wetenschappelijke basis entte. Vandaag doet het provinciaal proefcentrum voor kleinfruit in Pamel heel wat onderzoek. Bij hen kunt u ook terecht voor advies en kennis over variëteiten en kweekmethodes. U kunt frambozen kopen, maar dan zijn ze nog altijd vrij duur. Wat misschien niet zo erg is, want ze zijn zo verdomd lekker. Beter is het ze zelf aan te planten. De plantjes doen helemaal niet moeilijk en kunnen zelfs in potten op een terras. In de tuin lijken de planten de hele plek te willen overnemen door de ondergrondse uitlopers. De stekelijke takken moeten dan teruggesnoeid en desnoods uitgespit worden. Ze gaan in de zomer de eerste vruchtjes aanzetten en met wat geluk proeft u frambozen tot in oktober. Hier in huis is hebben we er soms zoveel dat we niet meer weten wat gedaan. Iemand bracht een fles fruitalcohol mee, daar begint al een oplossing te dagen. De dagelijkse oogst, niet altijd zo veel, kan dan bewaard worden op alcohol, samen met eventueel ander kleinfruit uit de tuin. Dat heet dan een fruittopf of zoiets. Het recept vraagt om een steriliseerpot half te vullen met fruitalcohol en dan gaandeweg het dagelijks geoogste fruit erbij
“Frambozen zijn immens populair. De frambozensmaak is misschien wel het meest geliefde aroma in de voedingswereld – tenzij u tot de aardbeilobby behoort” te doen tot hij vol is. Veertig dagen wegzetten met eventueel wat toegevoegde suiker. Het mag ook in de lambiek, natuurlijk. Voor confituur hoeft u van mij geen recept, verder maakt men van frambozen ook fruitwijn, een apart ambacht. Op azijn doen frambozen het bijzonder goed. Ze kleuren het zure spul en geven hun aroma af. Ik heb van een viskenner geleerd dat die azijn (met stukjes framboos) uitstekend past bij – bijvoorbeeld – gebakken roggenvleugel. Bakken zoals gewoonlijk in een antikleefpan met veel boter. De vis is vrij snel gaar. Schik ze dan op de schotel en blus de pan met de azijn en frambozen Vis daarmee overgieten, desnoods met extra frambozen en opdienen. Maar eigenlijk is vis met klein fruit een oude Franse traditie. Makreel (vette vis) werd zo vaak met kruisbessen klaargemaakt dat de bessen er de naam groseilles à maquereaux aan overhielden. Dat is oude keuken, maar het blijft wel een goed idee: vette vis met zurig fruit. Smakelijk. nick.trachet@bdw.be De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/trachet
BDW 1485 PAGINA 18 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
DE LAUREATEN
VIERDE PLAATS: SIMON HORSTEN UIT SINT-JOOST-TEN-NODE
Over Astro en Gesù Simon Horsten (29) werkt bij Groen. In zijn vrije tijd schrijft hij soms een essay en in september begint hij aan de deeltijdse theateropleiding van de Toneelacademie Maastricht. “Er wordt helaas niet zo vaak geschreven over Sint-Joost. De stemmen die in Toren aan bod komen staan symbool voor de leuke, diverse bewoners van de gemeente. De toren verwijst natuurlijk naar de Astrotoren en ook de ontruiming van het Gesùklooster komt aan bod, maar het blijft duidelijk een verhaal en geen reportage. Daarom heb ik bijvoorbeeld ook de namen in kwestie weggelaten.” KL
D
e toren stond al vele maanden leeg toen de eerste kraan aankwam. De hele buurt was afgezet. Voor de veiligheid, zei de Burgemeester. Om pottenkijkers buiten te houden, klonk het bij een enkeling. De eerste dagen zat er weinig beweging in. Bouwvakkers waren amper te zien, de toren toonde nog geen littekens en het glas bleef zoals steeds het koperen zonlicht weerkaatsen. De buurt sprak erover omdat ergens over spreken beter was dan nergens over zwijgen. De straten waren afgezet, vervelend om thuis te geraken, nog meer aanschuiven met de wagen, het was nogal wat. Meer niet. Ook toen de eerste raamplaten werden weggehaald, was de reuring ver te zoeken. De enige gebeurtenis was een stuk steen dat vlak naast een fietser neerstortte. Het afgezette gebied werd met een paar straten uitgebreid. De bewoners kregen een pasje om door te kunnen, voor de rest mocht niemand nog passeren. Nog meer omweg, nog meer aanschuiven. Zo was de toren en alles daarrond op luttele dagen omgevormd tot bezet gebied, maar niemand die erom maalde. De mensen hadden al zo veel gezien, ze hadden andere zorgen, ze woonden hier maar net of trokken toch snel weg. Een paar afgesloten straten: niet meer dan een goed gespreksonderwerp. En een gesprek niet eens meer waard wanneer Galatasaray speelde. Weinigen merkten aanvankelijk dan ook de witte strepen die tevoorschijn kwamen achter de weggehaalde ruiten. Met de inzet van een kraan en enkele mysterieuzere ingenieurstruken was men bovenaan begonnen. De hoogste koperen spiegels sneuvelden dus het snelst, maar die kon je amper zien vanop de begane grond. Als je de afbraakwerken van een afstand zou bekijken en versneld kon afspelen, leek de toren langzaam in de grond te zakken.
Toren
ILLUSTRATIE: NENA PEETERS / FOTO: SASKIA VANDERSTICHELE
Pas na het ontkleden van vier, vijf verdiepingen doken de witte strepen op in de gesprekken. Heb je gezien wat achter de weggehaalde ramen staat, is het een witte balk of toch eerder een grijze lijn, kan iemand vertellen of ze van muur tot muur reiken want mijn eigen ogen vertrouw ik al jaren niet meer, het is zeker een veiligheidsbareel voor de bouwvakkers, misschien houten balken die al klaarliggen voor de verdere renovatie, hout is toch niet wit, als je het schildert anders wel en trouwens het is wel wit. De structuur van de toren bestond uit gewapend beton. Zonder glazen omhulsel net een grijze honingraat. Hij leek wel in één vorm gegoten. Langs de zuidkant bewoog de tijdelijke buitenlift, in feite niet meer dan een glazenwassersbak die aan een smalle stelling op en neer kon schuiven. Geen lift voor mensen met hoogtevrees. Van de bouwvakkers trok vooral de helm de aandacht, al weerkaatste die het zonlicht lang niet zo fel als de glasplaten. Allen droegen ze een lichtgekleurd shirt en een donkere broek. Ze doken af en toe op tussen glas en beton, maar in verhouding tot het huzarenwerk waarmee ze bezig waren, leken hun aantal en aanwezigheid verrassend bescheiden. De witte strepen liepen niet van muur tot muur. Misschien zo’n twee meter lang, hoogstens een knie hoog. Op elke verdieping, achter elke weggehaalde glasplaat kwamen ze tevoorschijn. ’s Nachts blonken ze in de spots waarvan niemand wist of ze dienden om langer te kunnen doorwerken – maar hoe lang dan? waarom zag niemand die nachtelijke arbeid? – dan wel of de bouwheren het lichtbaken als hun visitekaartje beschouwden. De Burgemeester, gewillig brandpunt van vele gesprekken, liet duidelijk merken helemaal niets van de witte strepen te weten. De renovatie, ja, en je zou eens moeten weten hoeveel moeite het had gekost om de financiering te garanderen zonder de gemeente nog verder in de schulden te helpen, een kans was het, een kans voor de inwoners om een trotse scepter te zien herrijzen in hun wijk, een toren van de toekomst die zou toekijken op de groei van onze kleine gemeente, wie laag zit moet hoog bouwen, en dat niemand iets anders moge beweren. Maar die witte strepen, men neme het hem niet kwalijk, een Burgemeester is geen architect en hier geldt als overal ‘schoenmaker, blijf bij uw leest’, en dat is maar goed zo, het zou toch te gek zijn dat we ons in elkaars werk zouden mengen, dat ingenieurs op hun beurt de Burgemeester op zijn vingers zouden staan kijken, het idee alleen al. De ontleding van de toren vorderde gestaag. Blauwe en groene netten hingen voor grote delen van de buitenwand, één gevallen brokstuk was meer dan genoeg. Veiligheid boven alles, zo luidde het devies van de Burgemeester. Zijn gemeente was dan wel arm, ze hoefde heus niet onveilig te zijn. Iedereen was welkom, dat wilde zeggen: iedereen van goede wil. Daarom had hij nog maar een paar maanden geleden het leegstaande klooster om de hoek laten ontruimen. Nu ja, leegstaand: het werd bezet door de meest ongure types, enkele honderden. Mensen zonder manieren. Wie weet wat ze allemaal uitspookten. De burgers hadden ervan gesproken. Twee-, driehonderd van die ongenode gasten in hun buurt, het gaf te denken. Een moeilijke beslissing
was het uiteindelijk dus niet geweest. Veiligheid boven alles: op amper een paar uur tijd had de Burgemeester het hele gebouw laten ontruimen, clean en professioneel. Tegen zonsopgang was er van de grootschalige operatie al niets meer te merken, net zomin als van de onrechtmatige bewoners van het klooster. Alleen de nasleep in de pers was wat ongelukkig geweest. Dat lag aan zijn politieke tegenstrevers, die elke gelegenheid te baat namen om hem naar de kroon te steken. Dan was dit project, de toren, wel andere koek. Geen gerommel in de goot maar een groot gebaar. Gesneden brood voor de Burgemeester. Ja, als hij moest kiezen tussen toren en klooster dan dacht hij geen twee tellen na. De toekomst, waarde burgers. Dat we onze energie dáár maar in steken, onze tijd en woorden, onze centen en engagementen. Toch keerden van lieverlee ook de gesprekken over de toren. Naarmate de werf vorderde, vroegen passanten en bewoners almaar vaker naar de eindbestemming van het gebouw, naar de duur van de werken, de functie van de witte strepen, de gevolgen voor de buurt, het uitzicht dat in de plaats van de koperen glasplaten ging komen. Wijzer werd niemand. De Burgemeester kon naar eigen zeggen niet concreter gaan en voor de rest kende geen buurtbewoner iemand van de werknemers – laat staan een werfleider of architect. De toren was nog nooit zo naakt geweest en nooit een groter vraagteken. Nu hij de zon niet meer weerkaatste. De kraan die ernaast stond, leek na al die tijd nog langer en scherper te worden, een stevige brok duidelijkheid naast de betonnen honingraat. Wie durfde naar binnen te gaan? De vraag speelde vaag in de hoofden van de inwoners. Men verwees er nooit direct naar, niemand opperde de mogelijkheid als een logische piste om meer te weten te komen. Maar op de duur cirkelden alle andere vragen rond die ene. Wie durfde naar binnen te gaan? Enkel de Burgemeester was bezorgd om een heel andere vraag. Hoe hij zijn inwoners bij zich kon houden. Hij voelde ze wegglippen naarmate de toren belegerd werd door twijfels. Zijn burgers spraken hem nog wel aan, maar met meer afstand, afweziger. Ze begroetten hem met dezelfde egards als voorheen maar herhaalden te vaak dezelfde opmerkingen. En het vervelendste was dat ze niet eens meer luisterden wanneer hij over zijn toren sprak. Hoewel, zijn toren. Zijn toekomst was het zeker, maar in feite had ook hij niet erg veel met die toren te maken gehad. Het hele renovatieplan ging via private investeerders en buitenlandse eigenaars. Hij mocht de toren gebruiken als propaganda zolang hij zich ver hield van de plannen en bestemming, dat was de afspraak. Hij had niets te zeggen maar mocht er veel over praten. Hij was evenwel geen Burgemeester geworden door achter de feiten aan te hollen. Enkele slapeloze nachten brachten hem de
eenvoudige oplossing, wilde hij zijn mensen bij zich houden. Hij moést meer te weten komen over de toren. Hij zou de gesprekken ongemerkt voeden met nieuwe feiten, fijne gegevens die niemand anders kende. Hij moest en zou opnieuw het brandpunt worden van het openbare leven. Per slot van rekening stond die toren op zijn grondgebied. De Burgemeester zou naar binnen gaan. Zonder talmen bereidde hij zich voor. Hij zocht bijeen: een kniptang voor de omheining, een zaklamp voor de donkere gangen en een alibi voor het geval dat. De volgende nacht dat zijn favoriete voetbalploeg, en die van velen rondom hem, een wedstrijd won, sloop hij na de uitbundige festiviteiten naar de toren. Terwijl slaap en overwinningsroes de bewoners verdoofden, knipte hij enkele metalen draden door en betrad het domein van de toren. De Burgemeester zweette, een haarlok sprong uit het gelid, maar hij kon een grijns niet onderdrukken. Hij zou vaker zulke kwajongensstreken moeten uithalen. Nu merkte hij hoezeer hij het had gemist, de spanning en adrenaline van een verborgen handeling. Een fysieke verborgen handeling, welteverstaan. Hij zat te vaak tussen maatpakken en papieren. En hoeveel voldoe-
ning zijn werk en dienstbetoon hem ook verschaften, het stak bleekjes af bij de sensatie van een nachtelijke sluiptocht door een verlaten toren. Echt donker was het niet. De felle spots die de buitenkant van het gebouw belichtten, wierpen een witte schijn doorheen de ganse toren. Hij liep eerst enkele rondjes op de als werkruimte ingerichte benedenverdieping, op zoek naar een aanwijzing. Een vergeten grondplan, een 3D-model, een naam. Na drie rondjes schoof hij zijn teleurstelling opzij door een van de helmen op te zetten die in een rij op de grond lagen. Zijn kniptang liet hij liggen. Enkele straten verder scheurde een wagen weg toen hij de eerste verdieping betrad, de laagste waar de glasplaten waren weggehaald. Hij liep er snel door, de ruimtes waren kaal. Aan de rand stond telkens een houten kist, witgeschilderd. De witte strepen. Zijn blik lichtte op. Als hij op z’n minst al een uitleg kon geven aan die witte strepen waar iedereen het over had. Hij had ze in gesprekken tot nu toe genegeerd, maar misschien konden ze hem alsnog iets opbrengen. Hij liep naar een kist, bekeek ze langs drie kanten. De lange kant die hij niet kon zien, stond bijna tegen de rand. Hij was niet snel bang, maar onnodige risico’s mocht hij nu niet lopen.
Een houten kist, meer leek het niet. Hij liep naar de volgende ruimte: exact dezelfde kist. Hij klopte erop, schopte ertegen. Hol maar niet leeg. Een volgende, nu van dichterbij. Blijkbaar waren ze dichtgespijkerd. Een inscriptie, klein maar leesbaar, op de kortste kant: ‘Klooster – 174’. Clean en professioneel gegraveerd, maar weinig informatie. Nog een. ‘Klooster – 175’. Deze was kleiner, dus slaagde hij erin de kist een meter van de rand weg te schuiven. Hij probeerde haar te draaien, wat te veel moeite kostte. Kreeg ze niet open. Na enkele minuten dralen en een nadere inspectie met de zaklamp besloot hij beneden de kniptang terug te zoeken. Hij kon de tang als hefboom gebruiken, wrikte en trok. Na een laatste krachtinspanning kwam de bovenplank eindelijk los, de Burgemeester viel naar achter. De helm knalde tegen de grond, rolde in de richting van de rand, vertraagde en viel dan toch naar beneden. Het kletterde luid. Toen zijn ademhaling weer wat rustiger was, zette de Burgemeester zich recht. Hij trok de losgewrikte plank wat verder naar boven, schrok van de zware geur die hem tegemoet kwam, keek in de kleine kist en versteende. Een kind. Opgeborgen, met open ogen. Starre blik op nergens. De toren trilde.
BDW 1485 PAGINA 20 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
Lucienne De Volder: “Met een bord oesters doe je mij altijd plezier.”
LUCIENNE DE VOLDER, EEUWELING
‘IK HOOP DAT ER GEEN OORLOGEN MEER KOMEN’ NEDER-OVER-HEEMBEEK – Woonzorgcentrum Pagode telt sinds vorige week een nieuwe eeuweling: Lucienne De Volder is net honderd geworden en is daarmee de tweede oudste bewoner van het centrum. Over haar leven, met daarin twee wereldoorlogen en een leven in West-Vlaanderen en de Vlaamse Rand, kan ze uitgebreid vertellen, ook nu haar leeftijd uit drie cijfers bestaat.
L
ucienne spreekt en hoort nog goed, alleen het zicht is er met de jaren wat op achteruitgegaan. “Ik ben niet blind, maar de fijne zaken kan ik niet zien. Jammer dat ik uw aangezicht niet kan zien,” glimlacht ze. “Dat vind ik zo jammer aan het ouder worden, dat ge zoveel niet meer kunt. Vroeger fietste ik zo graag. In West-Vlaanderen fietste iedereen. Nu is het te laat om nog op de fiets te kruipen, je moet ook evenwicht hebben.”
Ze is geboren in Emelgem, een deelgemeente van Izegem, in 1915. Van de Eerste Wereldoorlog weet ze niets meer, van de naweeën wel: “We zaten bijna zes weken zonder eten. Maar we waren niet beter gewoon. We waren nog niet verwend zoals we dat nu zijn,” zegt ze over die periode. “De meeste mensen leefden in armoede. De kinderen gingen nog naar school met blokken aan hun voeten, en nochtans woonden we in de streek van de schoenen. Gelukkig was mijn vader fabri-
kant, dus wij hadden het iets beter. Ik kon wel schoenen aandoen (glimlacht).” Een welgesteld gezin betekent ook dat de familie De Volder zich al snel wat meer luxe kon permitteren. “Al in 1919 had mijn vader een auto, een Maxwell. Maar zo geweldig vond ik dat niet. Hij viel iedere keer in panne. En de auto had een open dak. Dat kon je sluiten als het regende, maar dat duurde altijd zo lang dat we in de tussentijd kletsnat werden (lacht). En de vensters waren altijd aangedampt, je kon er niets door zien. Nee, dat was geen grote luxe zoals dat nu is.”
Op de vlucht De auto deed onder meer dienst voor een belangrijke zoektocht van de familie. “Mama had een jongere broer die als soldaat is verdwenen tijdens de Eerste Wereldoorlog. Ja-
WHISKY Haar geheim om de gezegende leeftijd van honderd te bereiken? “Ik heb twee wereldoorlogen meegemaakt, meneer,” zegt Lucienne kordaat. Nochtans had ze nooit gedacht dat ze zo oud zou worden. “Dat komt zonder dat ge het weet. Ik heb nooit een uur in de zetel gezeten. Altijd bezig geweest. En veel gefietst, hé.” Verder vermijdt ze zwaar en vettig eten. En ze houdt vast aan haar glaasje Chivas Regal whisky, elke dag. “En waarom niet? Mensen zeggen “oeh, elle boit”. Duvels toch. Ze weten niet wat dat is, de onschuldige schaapjes. Ik vind dat lekker en ik ga dat niet laten.”
renlang ging mijn familie met de auto op zoek naar zijn graf. Zijn naam stond gegraveerd in de Menenpoort, maar een graf heeft hij nooit gehad. Dat heeft altijd zwaar gewogen op de familie. Als je een graf hebt, dan heb je tenminste nog een aandenken. Nu was er niets meer.”
BDW 1485 PAGINA 21 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
© BART DEWAELE
Aan het einde van de oorlog verhuisde Lucienne met haar echtgenoot naar de Vlaamse Rand, omdat hij in de buurt werkte. Eerst vijf jaar in Linkebeek, daarna naar WezembeekOppem. Over de meer dan zestig jaar dat ze in de Vlaamse Rand woonde, heeft ze alleen maar mooie woorden over: ”Ik had een gròte tuin, met fruitbomen. Ik kon zo genieten van in mijn tuin te wandelen en frambozen te plukken. De stad, daar moest ik niet van weten. In Brussel had ik niet kunnen wonen. Linkebeek en Wezembeek waren meer… ouderwets. Elders waren ze volop aan het herbouwen, het uitzicht van de stad veranderde helemaal. Maar bij ons niet, dat bleef allemaal mooi en open. En groot, hé. We huurden in Linkebeek een villa met een benedenverdieping en drie verdiepingen, en we woonden er alleen in.”
Tijdens de Tweede Wereldoorlog hielp Lucienne vooral in het huishouden. “Mijn moeder was toen al overleden, dus ik hielp mijn vader. Ik zorgde voor alles,” vertelt Lucienne. “Een rare periode, plots waren we bezet gebied. Maar de Vlaming weet altijd zijn plan te trekken. We lagen niet aan de frontlinie, maar het had toch een grote impact. Iedereen werd verplicht om één slaapkamer af te staan aan Duitse soldaten.” En zo kreeg de familie De Volder plots Duitse soldaten over de vloer. “Dat waren hele jonge jongens. We zagen ze nauwelijks, ze kwamen vooral om te slapen. Maar ze werden wel goed verzorgd. Ze waren dan wel van de vijand, maar we hadden er compassie mee.” Bij het begin van de oorlog sloegen de Vlamingen massaal op de vlucht. Dat liet een grote indruk na op Lucienne. “Er heerste zo’n paniek, mensen werden opgejaagd. Je had dat moeten zien, ik heb oude mensen zien vluchten, met hun vrouw in de kruiwagen. En ’s avonds weenden de kindjes voor hun papfles. Het was erbarmelijk om te zien. Ze wisten allang dat het oorlog ging worden, ze hadden toch wel voorzorgen kunnen nemen?” Ook haar eigen familie verliet Izegem en stak drie weken lang de Franse grens over. “Wij kregen ergens onderdak, maar daarna legden de boeren de ketting aan de poort. Andere mensen moesten gewoon op straat slapen, zonder eten of drinken. De straat lag vol dode mensen.” Terwijl de familie De Volder in Frankrijk zat, werd haar geboorteplek wel meermaals gebombardeerd door de Duitsers. “Ons huis bleef gespaard, maar daarnaast was het één puinhoop. De buurvrouw hebben ze terugge-
“IK HEB GEEN RESPECT VOOR DE MENSEN DIE HELE DAG AAN HUN BUREAUTJE ZITTEN TE SCHRIJVEN, EN DAN MINACHTEND NEERKIJKEN OP DE HUISMOEDERS. IN MIJN TIJD WAREN ALLE MOEDERS HUISMOEDER” Niet dat ze nooit in Brussel kwam. Elke week ging ze met de tram en de bus naar het centrum van de stad, speciaal om oesters te eten. “De oesterman daar kende mij wel (lacht). Ik weet niet precies meer waar, ergens tussen de Nieuwstraat en het De Brouckèreplein.” Met een bord oesters doe je Lucienne ook nu nog een plezier. “Met veel citroen, een boterhammetje, en een glas wijn of een goeie pint. Zwijg mij ervan, ik krijg al honger door erover te spreken.” Lucienne was heel haar leven huismoeder, en daar is ze trots op. “Als ge niet buiten uw huis werkt, hebt ge zogezegd niets gedaan. Ik heb geen respect voor de mensen die hele dag aan hun bureautje zitten te schrijven, en dan minachtend neerkijken op de huismoeders. In mijn tijd waren alle moeders huismoeder”, zegt Lucienne een tikkeltje geagiteerd. “Koken, dat deed ik het beste. En ik heb het al vroeg geleerd. Toen ik als kind naar school ging, maakte ik elke ochtend zelf mijn eitje klaar. Ik hielp mijn moeder ook met het koken. Dat gebeurde toen nog met de kachel, koken met gas ging toen nog niet.” Dat ze al honderd jaar in leven is, kan ze zelf nog niet zo goed beseffen. “Als kind dronk ik niet graag melk. Mijn mama zei dan altijd: ‘Als ge uw melk niet drinkt, dan zijt ge een vogel voor de kat.’ Maar ik begreep die uitdrukking nooit. Een kat hadden we, maar een vogel voor die kat? Nu ja, de vogel voor de kat is honderd jaar geworden. Mama had het eens moeten weten…” Filip Van der Elst De hele reeks nalezen? www.brusselnieuws.be/ingesprekmet
Jan Stacino: “Overal in België laat men cultureel erfgoed verbrokkelen.”
‘Oude muziek kan het volk opvoeden’ BRUSSEL – Het festival Voce et Organo brengt een ode aan de oude muziek. Vzw Voce et Organo en het Masereelfonds Brussel-West slaan voor de negentiende keer de handen in elkaar om u vier dagen op rij een reeks schitterende ensembles op een bedje van orgelmuziek voor te schotelen. Concertorganisator Jan Stacino vertelt. Vorig jaar stond het evenement nog bekend als ‘Festival Augustusorgel’. Vanwaar de nieuwe naam? Jan Stacino: “Om misverstanden te vermijden was er dringend nood aan een nieuwe naam waarin het orgel niet langer de hoofdrol speelt. ‘Voce et Organo’ is Latijn voor ‘Stem en Orgel’. Hoewel we het in het prille begin louter op oude orgelmuziek hielden, bleek dat al snel te specialistisch. De toevoeging van koren en instrumentale muziek trok pas echt volk. Het festival draait al lang om veel dan het Augustusorgel alleen.” Hoe is het gesteld met de voorliefde voor kerkorgels in ons land? Stacino: “Eerlijk gezegd is de toestand in België schrijnend. In geen enkele concertzaal speelt nog een orgel en de conditie van de meeste zalen is hoe dan ook al niet om over naar huis te schrijven. Overal laat men stukjes cultureel erfgoed verbrokkelen. Maar
zelfs in een ideale wereld zou ik de Onze Lieve Vrouw-ter-Kapellekerk niet willen ruilen voor een concertzaal. Oude muziek is immers voor het grootste deel bepaald door kerken. En bovendien is de Kapellekerk een bijzondere historische locatie die over een fantastische akoestiek beschikt.” Oude muziek en de eenentwintigste eeuw, hoe verzoen je die twee? Stacino: “Dat is simpel: er is een belangrijk historisch verband. Zonder oude muziek geen nieuwe. De muziek uit de middeleeuwen, de renaissance en de barok heeft de basis gelegd voor alles wat volgde. Ieder diertje zijn pleziertje, maar sommige dingen die tegenwoordig worden gemaakt zijn me toch net iets te eenvoudig. Wat muziek tot kunst maakt is kunde en verfijning, het zoeken naar een diepere harmonie. Ik zie cultuur als het laagje vernis dat de mens verheft. Krab het weg en we leven als dieren. Het is niet omdat we het niet gewoon zijn dat we niet kunnen leren luisteren. Oude muziek kan het volk opvoeden.” Ella Van Craen Voor het Festival Voce et Organo kan u terecht in de Onze Lieve Vrouw-terKapellekerk (Kapellemarkt, 1000 Brussel) op 19, 22, 26 en 28 augustus. Voor meer info: 02-675.71.62 en 0499-144 .899.
NOMADENTHEATER. Onder de bomen van het Warandepark worden tenten opgetrokken en verschillende theatervormen bij elkaar gegooid om er een vierdaags spektakel van te maken. Het festival loopt van 13 tot en met 16 augustus. Een toegangsprijs is er niet, maar een gulle gift is altijd welkom. Bepaalde voorstellingen zijn ter plaatse te reserveren of telefonisch op 02-219.11.98. n OPENDEUR PROTESTANTSE KERK. De Protestantse Kerk Brussel-Museum zet van 13 augustus tot 3 september haar deuren open en dat gratis en voor niets. Leuk weetje: de achttiende-eeuwse kerk was eigenlijk de privékapel van het Paleis van Karel van Lotharingen. Iedereen kan de Koninklijke kapel ongestoord in z’n eentje komen verkennen of daarbij een woordje uitleg vragen aan een gids. Museumplein 2, 1000 Brussel. n FESTIVAL VAN DE BRIGITTINES. Wie niet kan wachten tot het theater- en dansseizoen uit de startblokken is, kan terecht op het Internationaal Festival van de Brigittines van 14 tot 29 augustus. Dit jaar schotelt het Hedendaags Kunstencentrum voor Beweging en Stem Les Brigittines u een stevige portie cultuur voor in het thema van ‘smaad en vervoering’. Plaats van afspraak: de zeventiende-eeuwse barokke Brigittinenkapel en de moderne Mezzo-zaal. Meer info op www.brigittines.be. n CAFARD IN BOZAR. Bij Bozar gaat op 20 september Cafard in première, Jan Bultheels animatiefilm voor volwassenen. Cafard vertelt het verhaal van de ACM-divisie van het Belgische leger en van Jean Mordant, een worstelende, romantische held. Nog voor de film op 23 september in de zalen verschijnt kan je er in het Paleis van Schone Kunsten al bij zijn in het gezelschap van Jan Bultheel en de filmploeg. Info en tickets: 02-507.82.00 of www.bozar.be. Samengesteld door Ella Van Craen
CULTUUR KORT
Huismoeder
3 VRAGEN AAN JAN STACINO © SASKIA VANDERSTICHELE
vonden in het huis daarnaast, door de luchtverplaatsing. De lijken brachten ze op een kruiwagen naar het kerkhof. Ik hoop dat er geen oorlogen meer komen, niet hier en niet elders. ’t Is de moeite niet”, aldus Lucienne.
BDW 1485 PAGINA 22 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
VOETBAL > DOUBLE PASS VIERT TIEN SUCCESVOLLE JAREN MET NOG MEER AMBITIE
BDWSPORT
‘Bundesliga is van goudwaarde voor ons’ BRUSSEL – Het belang van een goede jeugdwerking is stilaan doorgedrongen in de voetbalwereld. Vraag het maar aan RSC Anderlecht, dat daar nu de vruchten van plukt. Double PASS speelt al tien jaar een belangrijke rol in die bewustwording. De spin-off van de VUB zet zich in voor de ontwikkeling van talent en mag aanzien worden als een referentie.
‘O
nze roots liggen aan de VUB en daar pakken we graag mee uit,” vertelt CEO en medeoprichter Hugo Schoukens (58). “Tijdens mijn masteropleiding heb ik er de kans gekregen om mijn thesis te maken over jeugdopleiding, waardoor ik in contact ben gekomen met Paul De Knop (huidig rector, red.) en Jo Van Hoecke, die vandaag nog steeds betrokken zijn bij Double PASS. Het model dat zij hadden ontwikkeld rond kwaliteitszorg in de sport, en meer bepaald in de gymnastiekwereld, heb ik omgezet naar de voetbalwereld.” Schoukens had tot dan toe al heel wat ervaring vergaard. In de jaren 1990 was hij namelijk werkzaam bij de scoutingscel van RSC Anderlecht en als jeugdtrainer bij RWDM. “Naar aanleiding van Euro 2000 heeft de voetbalbond ons de opdracht gegeven om de Belgische jeugdopleidingen te analyseren. Toen de clubs ons achteraf vroegen of wij hen konden helpen, is bij ons het idee ontstaan om ons model te commercialiseren.” “Dat model kwam vrij snel ter ore van de Duitse voetbalbond en Liga, die met ons in zee ging. België was op dat moment nog een kneusje in de voetbalwereld. Ik herinner me onze eerste meeting nog zeer goed. We maakten in Berlijn ons model bekend aan zestig jeugdverantwoordelijken en ondervonden heel wat tegenstand. Sommigen zeiden zelfs dat we er bij hen niet in kwamen. Gelukkig hebben de sterke leiders van de bond duidelijk gemaakt dat niet deelnemen geen optie was.” Het uitgangspunt van het model dat Double PASS nu al tien jaar gebruikt en perfectioneert, is duidelijk: zoek de beste spelers, werk ermee op een professionele manier en speel met de besten. Ze maken de clubs ook duidelijk dat indien talentontwikkeling niet je hoofdactiviteit is, je op de lange termijn geen reden van bestaan hebt. “We observeren tijdens trainingen en wedstrijden, nemen interviews af van spelers, trainers en bestuurders en analyseren. We hebben 500 tot 750 gerichte vragen die we voorleggen. Daarna gaan we rapporteren en adviseren. We geven mee wat de sterktes en werkpunten zijn. Achteraf zijn er ook nog eens post-audit-gesprekken met de clubs. We zijn vier à tien dagen aanwezig op de clubs, afhankelijk van het land.” “Onze medewerkers hebben zowel management- als sporttechnische kwaliteiten. Ze zijn academisch geschoold en hebben een verleden in de voetbalwereld. Onder meer Henk Mariman, Ariël Jacobs en Jean-François Des-
De drie oprichters van Double Pass: Hugo Schoukens, CTO Robbie de Sutter en CPO Jo Van Hoecke.
art behoren tot ons team. Het zijn allemaal zeer gewilde profielen. Daarom hebben we in het buitenland afspraken met de clubs dat we geen mensen van elkaar afsnoepen.”
“ WE HEBBEN AFGESPROKEN MET CLUBS UIT HET BUITENLAND DAT WE GEEN MENSEN VAN ELKAAR AFSNOEPEN” Sterk merk Naast Auditing is er ook het departement Institute, dat zich bezighoudt met opleidingen. Binnen Double PASS wordt alle technologie zelf ontworpen en er is nu ook een cursus geschreven voor technische verantwoordelijken van jeugdopleidingen. Dat zijn ze aan het internationaliseren. “We kunnen onze cursus op verschillende manieren aanbieden: online, langeafstandonderwijs, enzovoort. Dat moeten we nog ontwikkelen. Onlangs hebben we wel al een cursus voor 35 Hongaarse jeugdverantwoordelijken georganiseerd. Gedurende acht maanden kwamen ze één à twee keer samen, in totaal 120 uur. Achteraf kregen de deelne-
MEER DAN VOETBAL Double PASS hield zich tijdens de beginjaren bezig met korfbal, basketbal en ijshockey, maar die projecten werden stopgezet. “We hebben nog steeds de ambitie om ons model ook toe te passen op andere sporttakken,” zegt Schoukens. “Dat moet niet noodzakelijk in België. We moeten ons ook de vraag stellen hoe we de toekomst zien. Nu hebben we zowat zestig loyale medewerkers, maar willen we groeien tot honderd of tweehonderd werknemers? Vragen als deze zullen stap per stap beantwoord worden. We willen wel risico’s nemen, maar dat zullen altijd berekende risico’s zijn.”
mers een certificaat. We reiken jaarlijks ook kwaliteitslabels en prijzen uit, om mensen die zich inzetten voor jeugdwerking een schouderklopje te geven.” “Ons derde departement is Consulting. In landen waar we geen overeenkomst hebben met de federatie, gaan we rechtstreeks naar de clubs. Zo hebben we er net een project van zes
maanden op zitten met het Turkse Galatasaray. Dat is meer op maat van de club.” De aanpak van Double PASS heeft kritische jeugdwerkers overtuigd. Ondertussen werken ze in topcompetities als de Engelse Premier League en sinds kort ook in de Verenigde Staten. Dat is telkens met professionele clubs. In Vlaanderen evalueren ze in opdracht van de Voetbal Federatie Vlaanderen de werking van (ongeveer 450) amateurclubs. Die evaluatie wordt onder meer gebruikt om de clubs onder te verdelen in regionale, provinciale of interprovinciale competities. “In Europa gaan we met de Poolse en Deense federaties samenwerken, en we zijn aan het praten met de Spaanse liga. Daarbuiten tonen onder meer Mexico, Brazilië en Zuid-Afrika interesse. We zouden in totaal tien à twaalf projecten wereldwijd willen hebben. Later willen we zeker nog naar Australië en Azië. En waarom niet met de UEFA of FIFA samenwerken? Of met een consultancybureau? Maar dat is toekomstmuziek.” Het mooiste bewijs dat Double PASS kwaliteit levert, is de uitstekende relatie met de Bundesliga. Die duurt al negen jaar en zal binnenkort voor drie jaar verlengd worden. Ze werken er met een cyclus van drie jaar, waarin alle clubs van de eerste drie liga’s worden geanalyseerd. De samenwerking met onze oosterburen is een voltreffer. “De Bundesliga is van goudwaarde voor ons. Als ze gelauwerd worden voor hun jeugdwerking, laten ze het niet na om ons te vernoemen. Dat we nu werkzaam zijn in de Verenigde Staten, is volgens mij voor een deel dankzij de wereldtitel van Duitsland op het afgelopen wereldkampioenschap. Op de Duitse Supercup van vorig jaar, kort na die titel, wenste een van de jeugdopleidingverantwoordelijken me daarom zelfs proficiat.”
Geïnspireerd RSCA De lovende quotes die te horen zijn over Double PASS weerklinken ook in het Belgische amateurvoetbal en sporadisch in het profvoetbal. Tien jaar geleden moesten ze de clubs hier vooral inspireren en stimuleren. Als relevant voorbeeld verwijzen ze graag naar RSC Anderlecht, dat nu de vruchten plukt van een uitstekende jeugdwerking. “Ik denk wel dat we ze hebben geïnspireerd. Momenteel komt 52 procent van hun spelers in de A-kern uit eigen jeugdwerking, terwijl dat nog niet zo lang geleden maar acht procent was. Er is een wederzijds respect tussen ons. Ik gebruik hun voorbeeld graag tijdens onze presentaties. Ze hebben al mooie zaken gerealiseerd met hun jeugdwerking.” Het uiteindelijk doel van Double PASS is ervoor te zorgen dat in heel de wereld aan goede talentontwikkeling wordt gedaan. Ze willen niet enkele betere voetballers, maar ook betere mensen opleiden. “We willen wereldleiders worden, een referentie,” besluit Schoukens. Tim Schoonjans
BDW 1485 PAGINA 23 - DONDERDAG 13 AUGUSTUS 2015
@gorikba Wat een avond, wat een emoties ! #SuperMolenbeek #RWDM #HopNaarDenHeyzel
© BOITSFORT RUGBYCLUB
Het nieuwe RWDM heeft zijn start niet gemist: afgelopen weekend overleefde het dankzij een 1-0 zege tegen Ronse de derde ronde van de beker van België. In de volgende ronde nemen ze het op tegen Virton. Tijdens de wedstrijd zorgden de Molenbeekse supporters voor heel wat ambiance. Zij zullen tegen eind deze week normaal gezien weten of ze de thuismatchen van hun ploeg in het Edmond Machtensstadion zullen kunnen bijwonen. TS
BR ACADEMY VAN START
BOSVOORDES EIGEN ACADEMIE WATERMAAL-BOSVOORDE – De Bosvoordse rugbyclub viert haar 45ste verjaardag in stijl. Het lanceert begin september namelijk de BR Academy, waar een twintigtal jongeren hun passie voor de ovale bal ten volle zullen kunnen beleven. “We zijn al twee jaar bezig met dit project,” vertelt Nathalie Van Laeken, communicatieverantwoordelijke van de club. “Het is toeval dat het samenvalt met onze 45ste verjaardag, al is het uiteraard wel een zeer mooi cadeau. Op vijf september organiseren we een groot clubfeest en twee dagen later start de academie.” Er zullen een twintigtal jongeren ondergebracht worden in de BR Academy, allen geboren tussen 1998 en 2001. Zowel jongens als meisjes. Ze moeten niet aan bepaalde vereisten voldoen, inschrijven is genoeg. “Indien er meer geïnteresseerden zijn zullen we meer plaatsen proberen te creëren, maar laat ons realistisch zijn: voor een eerste jaar zal dat wellicht niet het geval zijn. Voor jongeren van die leeftijd is het niet evident om zich voluit te engageren voor één zaak.”
Studiebegeleiding Zij die die keuze wel maken, zullen elke schooldag van 16.30 uur tot en met 20.00 uur op de club terecht kunnen. Ze komen in
SPORT KORT
Buurtsport Brussel bedient ketjes die op zoek zijn naar sportactiviteiten tijdens de zomermaanden op hun wenken. Zo organiseren ze van maandag 17 tot en met vrijdag 21 augustus SPORT IN HET PARK, in het Anderlechtse Crickxpark. Heel de week lang wordt er van 15 tot 19 uur gesport. De Brussels Urban Acrobatic Academy verzorgt de omkadering bij de maxitrampoline en de Kureghem Boxing Academy zorgt ervoor dat de nodige bokstechnieken in alle veiligheid worden aangeleerd. Meer info op www.buurtVoetballende meisjes sportbrussel.be. kunnen vanaf 18 augustus terecht bij FC MOLENBEEK GIRLS. Meer info op www. fcmolenbeekgirls.be. Wie eerst een paar voetbaltrainingen wil uitproberen, kan op de website van Buurtsport dan weer de gegevens vinden van het VOETBALKAMP dat van 26 tot en met 28 augustus plaats-
de handen terecht van een ervaren equipe die zich hiervoor voluit engageert. “We willen dat jonge talenten zich kunnen verbeteren, waardoor zij op hun beurt het niveau van hun ploegen naar omhoog zullen trekken. Die ploegtrainingen krijgen uiteraard voorrang op de activiteiten binnen de academie.” “De jongeren zullen gewoon naar school kunnen gaan en dan achteraf komen trainen. Dat zal zowel een fysieke voorbereiding zijn, maar ook technische ateliers, enzovoort. Er zullen ook verschillende vormen van rugby aan bod komen. Rugby sevens bijvoorbeeld, waar we een mooie toekomst in zien. Daarnaast zullen de jongeren ook studiebegeleiding krijgen.” Rugbyclub Bosvoorde wil hiermee niet per se meer spelers aantrekken, maar wel betere spelers opleiden. Zij die het willen de kans geven voluit te gaan voor hun sport. “Dat is ons eerste doel, we zijn nog niet echt bezig met de langere termijn. Laat ons eerst goed starten. Gelijkaardige projecten hebben al bewezen dat ze succesvol kunnen zijn, en we voelen dat er bij onze spelers enthousiasme is. Dit zal ons rugby alleen maar ten goede komen.” Tim Schoonjans Meer info op www.brclub.org
vindt aan het Edmond Machtensstadion. Dankzij de KORTINGSGIDS, die u op www. sportinbrussel.be kunt downloaden, krijgen Brusselaars die het financieel moeilijker hebben heel wat informatie om toch te sporten. Onder meer het aanbod van de VGC wordt er in voorgesteld, net als dat van Bis-Foyer en nog verschillende andere organisaties. Daarnaast krijgen de lezers er ook nog verschillende nuttige tips en weetjes. Er zijn deze zomer ook gratis sportactiviteiten. Rouliroula organiseert bijvoorbeeld nog tot eind augustus elke zaterdag (tussen 14 en 16 uur) ROLLERINITIATIES voor kinderen (vanaf zes jaar) en volwassenen, in Ter Kamerenbos. U kunt zich hiervoor aanmelden op het forum van www.rouliroula.com. Slecht weer of te weinig deelnemers kunnen tot annulering leiden. U vindt op de website een overzicht van de verschillende andere tochten die ze regelmatig organiseren. TS
ESTAFETTE > KEN LAMBEETS
IJsschaatsen bij de Heilige Redder Sporten in de Vijfhoek is geen sinecure. Al joggend naar het Warandepark en terug vullen je longen zich met fijnstof en ter plekke loop je in een permanente polonaise. Gelukkig telt Brussel ook heel wat plekken waar je indoor kunt sporten. Denk maar aan de vele fitnesscentra, waar sportievelingen zich tegenwoordig in grote, glazen etalages in het zweet werken. Een vriend troonde me een tijdje geleden mee naar een fitnesszaal voor eurocraten, ergens tussen de Wet- en de Belliardstraat, waar de vorige premier een vaste klant is. Eenmaal omgekleed, moet je een USB-stick in een van de vele computers steken. Mensen met tandpastaglimlach, gebruinde huid en stevige spieren leggen in een filmpje in een van de zestien talen naar keuze uit welke oefeningen je aan de apparaten kunt doen. Met rode markeringen wordt duidelijk gemaakt op welke spieren de oefeningen een gunstig effect sorteren. Slechts enkele aanwezigen komen in de buurt van het ideaalbeeld van de instructeurs die de oefeningen uitleggen, maar daar zal binnen afzienbare tijd vast verandering in komen. Dan liever sporten in stijl. Dat kon destijds in Saint-Sauveur, op de heuvelrug van de Warmoesberg. In de tuinen van een Engelse kloosterorde wordt in 1818 het Etablissement Saint-Sauveur opgericht. De naam verwijst naar een kapel ter ere van een Heilige Redder die zich eertijds in dit religieuze stadsgedeelte bevond. Aan de Warmoesberg worden, zoals op meer plaatsen in Brussel, publieke baden geïnstalleerd, om aan de Brusselaars een morele en een fysieke gezondheid bij te brengen. In eerste instantie richten de baden zich op rijke mensen, die in die tijd nog geen badkamer hebben, voor een grondige was- en verzorgingsbeurt. Opmerkelijk: dezer dagen doen enkel nog de verworpenen der aarde een beroep op publieke baden en douches. Wat er ook van zij, nog tot in de jaren 1940
blijft Saint-Sauveur een plek waar klanten een douche of bad kunnen nemen, een oord waar de beter gegoeden der aarde komen kuren. Een beetje zoals in ‘de Berghof’ in Thomas Manns De Toverberg, maar dan met Turks-Romeinse en Russische baden in plaats van in de gezonde buitenlucht met zicht op de magnifieke Alpentoppen. Naast de publieke baden verrijst een echt zwembad. De oudste zwemclub van Brussel vindt er onderdak, veel ketjes leren er zwemmen en er wordt tevens aan waterpolo gedaan. Maar het paradepaardje van de Saint-Sauveur is toch de ijsbaan. Enkele affiches op de lezenswaardige website retroscoop.com tonen schaatsende mannen in kostuum en vrouwen met lange jurken, de sportkledij van de belle époque. De ijshockeyclub van Saint-Sauveur wordt in 1922 zelfs Belgisch kampioen. Onder andere de latere Auschwitz-overlevende Paul Sobol is lid van de club. Vanaf de jaren 1920 wordt de ijspiste tijdens de zomermaanden steeds vaker gebruikt voor bals. Met de aanbreng van spiegels aan de muren, een heuse fontein en tropische planten worden kosten noch moeite gespaard om het de aanwezigen naar hun zin te maken. Wanneer om middernacht de fanfare in de balzaal naar binnen wandelt, begint iedereen te dansen. In de zogenaamde spektakelzaal kan je catch- en bokswedstrijden bijwonen, op een lagere verdieping is er een bowlingzaal. Na de Tweede Wereldoorlog verliest het elitaire sportcomplex aan aanzien. In het zwembad groeien er volgens de overlevering zelfs kakkerlakken aan de muur. In 1958 wordt besloten tot de afbraak van de Saint-Sauveur, uit de as herrijst... een parkeergarage. Een typisch Brusselse oplossing, quoi. Eindredacteur Ken Lambeets houdt van literatuur en van echte sporten
REDACTIE BRUSSEL DEZE WEEK Flageyplein 18, 1050 Brussel, 02-650.10.65, fax 02-650.10.38, info@bdw.be, www.bdw.be. ABONNEMENTEN Josiane De Troyer (abo@bdw.be), 02-650.10.80, 02-650.10.38. Gratis binnen het Brussels Hoofdstedelijk Gewest. Rest van België 20 euro per jaar; IBAN: BE73 7340 3974 6060, BIC: KREDBEBB van Vlaams-Brusselse Media vzw. Buiten België 30 euro per jaar. OPLAGE 62.609 exemplaren. PROMOTIE EN DISTRIBUTIE Ute Otten, Anne Burger, Maurice Droogh. ADVERTISING MANAGER Lisa Decrick: 02-650.10.66, 0474-67.03.84, fax 02-650.10.38 MARKETING MANAGER Frederik Welslau. HOOFDREDACTIE Christophe Degreef (ad interim). COÖRDINATIE Kim Verthé. EINDREDACTIE Ken Lambeets (eindredactie@bdw.be). VORMGEVING Peter Dhondt. REDACTIE Jean-Marie Binst, Bettina Hubo, Steven Van Garsse, Danny Vileyn. BRUSSELNIEUWS Kris Hendrickx (hoofdredacteur), Sandra Schreurs (projectcoördinator), Jelle Couder, Sara De Sloover, Eric Vancoppenolle, Laurent Vermeersch. MEDEWERKERS Nicky Aerts, Michaël Bellon, Alex Deforce, An Devroe, Elien Haentjens, Eva Hilhorst, Ilah, Toon Lambrechts, Wauter Mannaert, Tom Peeters, Niels Ruëll, Bruno Schols, Tim Schoonjans, David Steegen, Benjamin Tollet, Georges Tonla Briquet, Nick Trachet, Karel Van der Auwera, Bram Van de Velde, Matthias Vanheerentals. FOTOGRAFEN Bart Dewaele, Sander de Wilde, Marc Gysens, Ivan Put, Dieter Telemans, Saskia Vanderstichele, Jo Voets. FINANCIËLE ADMINISTRATIE Manu De Hertogh. VERANTWOORDELIJKE UITGEVER Christophe Degreef, BDW, Flageyplein 18, 1050 Elsene. ALGEMENE DIRECTIE N.N.. Brussel Deze Week wordt gedrukt op de persen van de nv Roularta, Meiboomlaan 33, 8800 Roeselare en wordt gesubsidieerd door de Vlaamse Gemeenschap en de Vlaamse Gemeenschapscommissie.
ONS MAILEN? Al onze mailadressen zijn volgens dezelfde structuur opgebouwd: voornaam.naam@bdw.be (losse bestanddelen van voornaam of naam aan elkaar, en zonder trema’s, verbindingsstrepen en andere tekens).