Skip to main content

Mag 21_Brusseleir!.pdf - online

Page 1


JOÊR BRUSSELS VOLKSTEJOÊTER

Un peu reculer pour mieux sauter

De lente is aangebroken. Brusseleir! geniet van de eerste zonnestralen. En samen met de vele toeschouwers voor het BVT in de culturele centra in de Rand druume me van ne schuune zoumernacht. Den taaid es uuk gekomme vè dui Brussel te paradeire mè de schuun T-shirts van Brusseleir!, en mè nen toffe sweater vè as et ’n betsje kaaver es.

Bij Brusseleir! thuis is het op dit ogenblik een beetje windstil. Stilte voor de storm? Een lager subsidiebudget leidt in ieder geval tot een reorganisatie. We namen afscheid van Jennifer, die een andere uitdaging opzocht. De aanstelling van een andere Algemeen Assistent(e) is helaas niet voor meteen.

Daarom zijn de openingsuren van Et Oeis van’t Brussels vanaf nu beperkt: op maandag van 10u tot 12u, en van 14u tot 16u, en op woensdag van 10u tot 12u. Uiteraard blijven we online bereikbaar via info@brusseleir.eu. En al je vragen rond het Brussels kan je afvuren op onze Streektaalcoördinator Robert Delathouwer via robert@brusseleir.eu. Shoppen kan je via de website.

Enfin, un peu reculer pour mieux sauter, en dèn… vroem volle gaas! Binnenkort presenteren we samen met onze partner Volvo Sterckx-De Smet een nieuwe editie van De Gruuten Talkshow. Aaft et online in’t uug. Samen met het hippe Brusselse social mediabedrijf Hyper Social installeert Brusseleir! ook een structureel social mediaproject, en tegen het najaar voorzien we een nieuw digitaal platform, waarop je heel wat archiefmateriaal rond het Brussels dialect zal kunnen vinden.

Deze editie van het magazine staat dan weer integraal in het teken van de kunst. Brusseles Paula Raiglot vertelt over haar engagement en over haar expo The Belgious in de Beurs. Willem Elias en Paul Vandeperre vertellen waarom ge u dringend de Brusselse kunstmap van Brusseleir! moet aanschaffen. Om onze werking te steunen, van Brussel te genieten en uzelf te plezieren.

COLOFON

Redactie

Geert Dehaes, Michaël Bellon

Foto’s

Barbara Vandendriessche Vormgeving Florence Collard

Bestuursorgaan be.brusseleir vzw

Eddy Van Gelder, Voorzitter / Jan Hautekiet, Ondervoorzitter / Anne-Catherine Massagé, Secretaris / Paul Merckx, Penningmeester / Daniel Smets, Veronique De Tier, Karla Verlie, Lynn Tytgat, Gil Dumarey, Herman De Cnijf, Bart Decoster –bestuursleden

Johan Verminnen, Erevoorzitter

Algemeen Directeur

Geert Dehaes Contact be.brusseleir vzw, Vlaamsesteeweg 98, 1000 BRUSSEL

Geert Dehaes, Brusselambassadeur - ALGEMEEN DIRECTEUR Brusseleir!

02/502 76 93 info@brusseleir.eu Reservaties 02/502 55 09 tickets@brusseleir.eu www.brusseleir.eu

zo. 17 mei 2026, 15u @ CC Asse – allerlaatste tickets vr. 29 mei, 20u @ Westrand Dilbeek – wachtlijst za. 30 mei, 20u en zo. 31 mei, 14u @De Bosuil Jezus-Eik – laatste tickets 30 mei zo. 7 juni, 14u30 en 20u30 @ het Bolwerk Vilvoorde – laatste tickets vr. 19 juni, 20u @ ’t Vondel Halle (org: KV De Fleerefluiters)

Tickets via de desbetreffende centra, tickets voor de voorstelling in Halle via hkvdefleerefluiters@hotmail.com of 0498/03.78.63 NA 18u

De kunst en het engagement van Paula Raiglot

“Ik

ben gehecht aan mijn stad en

mijn land”

In mei pakt Paula Raiglot uit met een tentoonstelling van veertig portretten van belangrijke Belgen (én Brusselaars!) in het Beursgebouw. ‘The Belgious’ is Raiglots ambitieuze artistieke project in het kader van 200 jaar België in 2030. Maar ook het sociale hart van de door en door Brusselse kunstenares blijft kloppen.

“Spijtig genoeg zijn er maar 24 uur in een dag”, zegt Paula Raiglot op een bepaald moment, terwijl ze ons, als de vlotte prater en de creatieve wervelwind die ze is, rondleidt in haar Paula Raiglot Art Studio in de Watteeustraat aan de Zavel. Ondertussen heeft ze ook nog aandacht voor haar hondje Madeleine: een Brusselse griffon, net als haar vorige hond Janneke, dat ze vernoemde naar Janneke Pis.

In het oog, in het hart

In de galerie van Raiglot hangen talloze grote doeken met portretten van bekende Belgen. We herkennen ondermeer Angèle, Jacques Brel, Jacky Ickx, Victor Horta en acteur Pascal Duquenne, die trouwens al een paar keer in het atelier van Raiglot is komen schilderen. Maar Raiglot heeft ook oog voor grote Belgen die misschien wat minder bekend zijn. Zoals dokter Ferdinand Peeters, de uitvinder van de anticonceptiepil. Edward De Smedt, de uitvinder

Ik schilder laag op laag. Ik sculpteer eigenlijk met verf.”
Foto’s Barbara Vandendriessche - Interview Michaël Bellon

Ik portretteer met respect, maar in de kleuren die ik zie”

van het wegenasfalt. Of Patrick De Smedt, die Microsoft mee lanceerde in Europa. En natuurlijk straffe vrouwen zoals Jane Graverol, een collega-kunstenares uit de periode van surrealisme. Raiglot: “Ik wil mensen portretteren die België op de wereldkaart hebben gezet, opdat ze niet vergeten zouden worden. Iemand als Graverol bijvoorbeeld was een tijdgenoot van Magritte. Hij is wereldberoemd, maar over wat zij allemaal gedaan heeft op het gebied van schilderen en schrijven, daar wordt maar heel weinig over gesproken.”

Wat opvalt is dat Raiglot elk portret weer anders aanpakt. Met andere details, een ander reliëf op het doek, en vooral andere kleuren. “Ik schilder laag op laag. Ik sculpteer eigenlijk met verf. Het is daarom ook moeilijk om een foto van de doeken te nemen, omdat de lens zoekt naar de kleuren die eronder zitten. Ik wil eigenlijk iedereen zo getrouw en zo herkenbaar mogelijk portretteren. Met alle respect, maar in de kleuren zoals ik ze voor mij zie. Annie Cordy heeft bij mij rood haar door haar energie en enthousiasme. En ruimtevaarder Dirk Frimout heeft bij mij blauwe ogen, omdat de Aarde erin weerspiegeld is. Alles heeft een betekenis.” Met die ogen is trouwens nog iets aan de hand. “Je mag het testen bij alle schilderijen. Of je er nu links, rechts of recht voor staat: de portretten kijken je allemaal de hele tijd aan. Ze zeggen dat de ogen de spiegel van de ziel zijn, en ik ben het daarmee eens.”

Belgious en Brusseleir

The Belgious - Raiglots zelf gemunte titel voor wie ‘Belg’ is en ‘famous’ - worden dus van 12 tot 24 mei tentoongesteld in het Beursgebouw, waar ze permanent publiek toegankelijk zullen zijn. Tijdens de vernissage op 11 mei worden naast de vele reproducties op speciaal perkamentpapier ook vier originelen getoond.

Momenteel heeft Raiglot al een veertigtal portretten. “Maar mijn doel is om er 100 te hebben voor de 200ste verjaardag van België in 2030. Je bent jong en je wil wat hé (lacht).” Tussen de bekende Belgen zitten natuurlijk ook heel wat Brusselaars.

Raiglot: “Zo is het ooit begonnen. Mijn eerste portret was er één van onze dierbare Julien Vrebos. Een heel goede kameraad waar ik lang mee heb samengewerkt. Zo hebben we samen Restaurant Zazou georganiseerd, met thuislozen en stedelingen die we samenbrachten aan tafel. Daar is ook een film over gemaakt, Onder de Sterren, die tijdens de kerstperiode op de VRT is uitgezonden.”

Na Vrebos volgden ook ondermeer Eddy Merckx, Arno, Pierre Wynants, Toots Thielemans en Annemie Neyts. “De kracht van een Brusseleir? On n’a pas peur du ridicule. De Brusselaar voelt zich overal goed, kan zich aan alles aanpassen. Die heeft niet dat overgedimensioneerd ego, maar is heel sociaal en creatief.”

Door haar liefde voor Brussel leerde Raiglot ook Brusseleir!, het Brussels Volkstejoêter en Geert Dehaes kennen, en organiseerde ze ‘Le vrai mariage de mademoiselle Beulemans’. Eerst met Freddy Thielemans en nadien ook nog eens Robert Delathouwer als burgemeester, en met Théâtre du Flétry en het BVT als kern van een gezelschap van tweehonderd mensen in époque-kleding op het stadhuis.

Raiglot is geboren in Anderlecht, woonde daarna lang op de grens tussen Schaarbeek en Evere, en ondertussen ook al een hele tijd in 1000 Brussel. Ze spreekt het Brusselse dialect dat ze leerde kennen via haar pa en haar grootouders langs vaders kant. Haar moeder is van Vlaams-Brabant, maar ze ging in het Frans naar school, wat typisch was in die periode. Hoe is kunst dan in haar leven gekomen? “Ik kom eigenlijk uit een heel andere wereld. In mijn familie waren ze daar niet mee bezig. Maar ik heb de chance gehad dat ik naar school ben geweest ben ‘chez les dames’ de La Sainte-Famille. Daar had je toen nog echt van die mademoiselles die niet getrouwd waren en die hun taak opnamen om ’s avonds met ons naar het theater of het ballet te gaan. Ik kon ook goed tekenen op school en ik deed dat graag. Maar hoe gaat het leven? Je bent getrouwd, je hebt kinderen, en je moet je geld verdienen. Ik ben geboren in de transportwereld en ben daarin blijven werken. Tot mijn gezondheid mij op een gegeven moment in de steek liet en ik mij

afvroeg of er niet meer was in het leven. Je kunt je leven niet van de ene dag op de andere veranderen, maar wel stillekesaan. Zo ben ik beginnen te schilderen in workshops, en kreeg ik het gevoel dat ik naar de academie moest gaan om te tekenen. Dus ben ik naar de Academie in de Zuidstraat gegaan en ook nog twee jaar lang elke zaterdag naar de Academie van Charleroi. In 2015 heb ik ook nog een workshop gedaan in New York. En nu is dit voor mij alles wat telt. Een maand geleden had ik nog een gecompliceerde polsbreuk. Dat zag er heel slecht uit, want de chirurg had zoiets nog nooit gezien. Maar kijk, ik ben al terug aan het schilderen, en daar ben ik de chirurg ook heel dankbaar voor. Hij heeft mijn artistiek leven gered.”

Kunst en engagement

Wat is het dan dat haar tijdens het schilderen zo bezighoudt? Wat voor invloed heeft de kunst op haar geest? “Voor mij draait het om twee heel verschillende zaken. De portretten zijn voor mij een doel dat ik wil bereiken. Ik ben zeer gehecht aan mijn stad en mijn land, en ik zie wat daar tegenwoordig mee gebeurt. Daarom wil ik dat die mensen niet vergeten worden. Maar daarnaast doe

ik maak ook redelijk

wat abstract werk. En dat is echt om mijzelf te uiten wanneer ik daar nood aan heb. Dat zijn de twee verschillenden kanten van mijn bezigheden als schilder.”

ik ook redelijk wat abstract werk. En dat is echt om mijzelf te uiten wanneer ik daar nood aan heb. Dat zijn de twee verschillenden kanten van mijn bezigheden als schilder.”

En buiten het schilderen is er ook nog een heel sociale kant. Raiglot is iemand die mensen bij elkaar brengt, maar ook sociale projecten organiseert of ondersteunt.

“Ik heb altijd goede doelen gekoppeld aan mijn activiteiten. Sinds 1985 zit ik in allerlei verenigingen.

Ik weet niet of je het liedje ‘Breek de stilte’ van Stef Bos nog kent? Dat diende om autisme meer bekendheid te geven. Met onze Lady Circle hebben we de clip op VTM gesponsord. Gisteren heb ik nog samen met mijn vrienden van Lions Brussels Amigo mee een brunch georganiseerd op de Campus St Michel rechtover de Gare Maritime,  waarvan de opbrengst gaat naar de werking van de RWDM Girls. Ik vind het fantastisch wat die meisjes doen. Hetzelfde voor een organisatie als Minor-Ndako, of de mensen van IHRAM) die kinderen met een beperking helpen met nieuwe apparatuur. Als je zelf een ietwat normaal leven kan leiden, dan

moet je iets terugdoen voor de maatschappij. Dat geeft ook veel voldoening. En het moet niet altijd geld zijn. Een keer gaan helpen of iets organiseren is ook belangrijk.”

In het licht van haar engagement moet je ook Raiglots slogan ‘Are you awake?’ lezen, en haar boek met grafisch vormgegeven vragen die mensen doen nadenken: haar zogenaamde ‘Raiglogram’s’. Raiglot: “Na de aanslagen in Brussel ben ik gaan nadenken. Wat ik kon doen? Ik heb geen macht, dus kwam ik op het idee om telegrammen te schrijven aan de mensen. Maar dan telegrammen met een vraagteken, want ik neem geen stelling en ik wil ook niets aan de mensen opdringen. Wat ik vraag is om een keer na te denken. Mijn eerste vraag was was ‘Are you awake?’ ‘Ben je nog wakker?’ Daar heb ik ook een broche en een sculptuur van gemaakt in de vorm van een voetafdruk. Denk eens na welke voetafdruk je hier op de planeet wil achterlaten. Het is altijd gemakkelijk om kritisch te zijn voor een ander, maar je kan ook zelf wat doen.”

De andere Raiglogrammen gaan over religie, over de mensheid, over macht… ‘L’homme est-il humain?’, ‘God ziet mij, hier doodt men niet!’, ‘Vivre pour tuer, mourir pour exister?’, ‘Dieu, aime-t’il la religion?’. Ze raakten verspreid op verschillende plaatsen in de stad. Ze waren zichtbaar aanwezig op de herdenkingsplek voor het Beursgebouw na de aanslagen. VUB-rector Caroline Pauwels keer ze te zien en vond ze super tof. Toen ze in 2019 in boekvorm werden uitgegeven, heeft zij het voorwoord geschreven.”

Na ons gesprek toont Raiglot ook nog even haar atelier, waar ze momenteel werkt aan een schilderij van de eerste vrouwelijke Belgische premier - Sophie Wilmès. Had Raiglot haar eerste galerie aan het Fontainasplein, dan voelt ze zich nu als een vis in het water in deze creatieve buurt. “Ik ben hier graag,” zegt Raiglot over de Zavel. “Mijn man en ik babbelen hier met iedereen, en de wijk zit echt in de lift. Als je hoort wie zich hier al allemaal geïnstalleerd heeft. Ondertussen zijn ze ook de stellingen van het Justitiepaleis aan het wegnemen, en binnenkort gaan ze de Zavel ook heraanleggen. Het is echt een aantrekkingspool aan het worden.”

The Belgious, van 12 tot 24 mei in de Beurs, paularaiglot.be

Paul Vandeperre en Willem Elias presenteren

Brusselse kunstmap

“Hommage aan een kunststad”

Brusselse kunst kopen voor een kleine prijs, en tegelijk Brusseleir! steunen? Ondernemer Paul Vandeperre vroeg kunstkenner Willem Elias naar aanleiding van 25 jaar BVT een kunstmap samen te stellen met drie hoogwaardige grafische edities van kunstwerken die op een bijzondere manier een stukje Brussel tonen.

Wie het nog niet gedaan heeft, moet zich reppen om de eerste Brusselse kunstmap van Brusseleir! in huis te halen.

Het is een ideaal geschenk of een ideale investering voor liefhebbers van beeldende kunst én van Brussel. De Brusselse kunstenaars Francis Denys en Colin Waeghe, en de Duits-Belgische artieste Ulrike Bolenz, brengen respectievelijk Manneken Pis, de Japanse Toren en de Congreskolom in beeld. Op een manier waar je niet op uitgekeken geraakt.

Goede connectie

De kunstmap kwam er op initiatief, en naar een idee van Paul Vandeperre. Vandeperre is CEO van zijn bedrijf FiveFinancialSolutions, en heeft al een lange carrière achter de rug in het management of de directie van bedrijven als de GIMV (Gewestelijke Investeringsmaatschappij), IMEC en Metapharma, en als bestuurder bij ondermeer Proximus. Hij is ook al lang bevriend met Willem Elias doctor in de Wijsbegeerte en emeritus gewoon hoogleraar aan de Vrije Universiteit Brussel. Elias is lid van de Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en Kunsten, de internationale museumvereniging, en van de raad van beheer van het museum Kanal. Hij publiceerde tal van boeken en artikels over hedendaagse kunst, ethiek en esthetica.

❛❛
Met de kunstmap steun je kunstenaars, Brusseleir en doe je jezelf een bijzonder cadeau”

De connectie tussen Elias en Vandeperre gaat ver terug. “Wij hebben beiden nog in het Nederlands gestudeerd op de campus van de ULB, op het moment dat de VUB juist gesticht was,” recapituleert Vandeperre. “Zoals het de gewoonte was in die tijd, klitte iedereen die uit onze streek afkomstig was, samen. Willem is van Aalst, ik ben afkomstig van Ninove, maar wij waren op Brussel gericht, hadden hier dezelfde gemeenschappelijke vrienden, een aantal gemeenschappelijke professoren, en we zijn na onze studies ook allemaal in Brussel blijven hangen.”

Vandeperre is vandaag actief in de private equity, als investeerder van scale-ups of jonge bedrijven die het niveau van start-up zijn ontstegen, en in hun groeifase extra middelen

nodig hebben. Elias van zijn kant is nog altijd bezig met kunst, en met schrijven over kunst, kunstenaars, kunsttheorie en kunsteducatie. Het Aalsters dialect beschouwt hij als een Brabants dialect. Met Brusseleir! raakte hij bekend door zijn goede vriend Tony Mary, die hem op een dag uitnodigde om naar een premiere te gaan van het Brussels Volkstejoêter. Daar komt hij Vandeperre ook geregeld tegen aanvullen die daar in de Businessclub van de Copains zit. De affiniteit van Vandeperre en Elias met Brusseleir! leidde nu tot een bijzonder initiatief, dat de eigen inkomsten van Brusseleir! helpt vergroten in tijden waarin de uitgaven voor cultuur onder druk staan, en de Brusselse politiek een nieuw elan zoekt. Vandeperre: “Brusseleir! moet net zoals veel andere socioculturele verenigingen functioneren in een maatschappij waarin het alsmaar moeilijker wordt om op vrijwilligers te kunnen steunen. Als subsidies dan niet op tijd betaald worden of wegvallen moet je op zoek naar hoe je op een leuke manier zelf geld kan binnen krijgen. Dan kan je natuurlijk flessen wijn beginnen verkopen, maar wij dachten dat het origineler kon. Op een manier die dichter bij de uitgangspunt van Brusseleir! stond. Zo had ik toen ik nog bij de GIMV zat al het idee om samen met Willem een aantal jonge Vlaamse kunstenaars de

Foto’s Barbara Vandendriessche - Interview Michaël Bellon

Liefde voor de hoofdstad

Ik ben in de kunst geboren. Mijn vader was kunsthandelaar,

mijn oom was kunstcriticus en kunstwetenschapper”

WILLEM ELIAS

kans geven om zich met hun werk kenbaar te maken aan onze zakenrelaties. Op die manier steun je die kunstenaars echt, en bezorg je die CEO's iets waar ze iets aan hebben, en dat ze willen verzamelen. Veel van hen hebben toen de hele reeks die Willem heeft ontwikkeld verzameld, en er is zelfs een boek over gemaakt. Hetzelfde idee volgden we nu voor Brusseleir!, met een kunstmap die een duidelijke link heeft met Brussel.”

Willem Elias heeft genoeg kennis van de kunstwereld om op zoek te gaan naar originele en veelbelovende kunstenaars die die link met Brussel hebben. Elias: “Ik ben in de kunst geboren. Mijn vader was kunsthandelaar, mijn oom was kunstcriticus en kunstwetenschapper. Ik heb de basis van hun netwerk overgenomen en uitgebreid met een jongere generatie. Mijn eerste job aan de VUB was het oprichten van een culturele dienst, waar ik ook altijd de nadruk heb gelegd op tentoonstellen. Via kunstenaar Pierre Vlerick leerde ik de grafische techniek kennen om tegen betaalbare prijs grafische edities te realiseren die de materie en de diepte van een werk recht doen. Zo bekom je iets dat de kunstenaar eer aan doet, dat de koper graag ziet, dat wat geld oplevert, en dat ook als cadeau of als investering zijn waarde heeft.” Vandeperre beaamt: “De ervaring heeft geleerd dat de kunstenaars die Willem kiest in de loop der jaren meerwaarde creëren. Met 350 euro voor de drie werken in de kunstmap, koop je eigenlijk al onder de waarde. En ondertussen hangt de kunst wel aan je muur. Terwijl flessen wijn doorgaans leeg geraken als je ze opdrinkt. Hopelijk zijn we hier met een nieuwe traditie begonnen, want er zijn nog kunstenaars die open staan voor dit idee.”

Aan Willem Elias dus om de kunstenaars die de kunstmap stofferen even te introduceren. “Het zijn allemaal kunstenaars met een liefde voor de hoofdstad. De meest conceptuele van de drie is Francis Denys, een kunstwetenschapper die uiteindelijk zelf kunstenaar is geworden en die ook graag speelt met taal. Hij heeft rond hét symbool van BrusselManneken Pis - het werk ‘Mannekepispiste’ gemaakt - een woordspeling die hij omzet in een humoristisch beeld. Dan is er Colin Waeghe, een kunstenaar die ook al zeer lang in Brussel woont. Hij werkt parttime in het ziekenhuis van de VUB rond creatieve therapie voor mensen met psychische problemen. Maar hij maakt ook werk waarin Brussel een rol speelt. Voor de map maakte hij het werk ‘Le grand départ’, dat de Japanse toren in Laken op een bijzonder manier afbeeldt. Zeer kleurrijk en speels, maar ook een beetje duister. Het is typisch voor hem om instituten en monumenten ook een schaduwkant te geven.

Het kunstmap met de 3 litho’s over Brussel (ieder 40×30 cm)

Kunst is iets waar je nooit afscheid van neemt en werkt ook verbindend”

De derde kunstenaar, Ulrike Bolenz woont niet in Brussel maar in Vilvoorde. Ze heeft de Duitse en de Belgische nationaliteit en houdt zeer veel van Brussel. Een aantal jaren geleden maakte ze een bibliofiele uitgave met tien schilderijtjes van typische locaties in Brussel. Eén van die schilderijtjes, ‘Onbekende soldaat’, toont de Congreskolom en het monument voor de Onbekende Soldaat. Op een zeer positieve en authentieke manier.”

De kunstmap is dus een ideale manier om deze werken op een laagdrempelige en kwaliteitsvolle manier bij de liefhebber te brengen. Vandeperre: “Iedereen zoekt iets van waarde in het leven, maar al snel kom je erachter dat er meer moet zijn dan

een mooie auto of een spectaculaire reis naar Patagonië. Kunst is iets waar je nooit afscheid van neemt en werkt ook verbindend.” Brussel is bovendien bij uitstek een kunststad. Dat kan Elias alleen maar beamen. “Als je vergelijkt met steden als Berlijn of Parijs, is Brussel nog altijd een goedkope stad voor kunstenaars om ateliers te vinden. Daarnaast zijn er veel gereputeerde galerieën en musea. Daardoor heeft Brussel een reputatie in de hedendaagse kunst. Met de opening van Kanal op 28 november zal er straks ook een levendige plek komen waar kunst niet alleen getoond en bewaard wordt, maar waar ook iets gebeurt en waar mensen samen komen. De kunstmap van Brusseleir! is dus ook een hommage aan kunststad Brussel.”

Colin Waeghe - ‘Le grand départ’, 2025. Francis Denys - ‘Mannekepispiste’, 2025. Ulrike Bolenz - ‘Onbekende soldaat’.

Vocabulaire

onze reeks over de spelling van het Brussels

De T van Tenè!

Tenè, ee z’emme d’er wei mei! Dat is hetzelfde als ‘kijk eens aan, hier zijn we weer’! Het Brusselse tenè komt natuurlijk uit het Frans ‘tiens’ of ‘tenez’, de gebiedende wijs van tenir, houden. Brusseleirs zullen dus ook wel eens ‘tiens tiens’ zeggen, vooral dan als het woord herhaald wordt. Dat is dan meestal bij een uitroep van verwondering. Zoals in ‘tiens tiens, je ne l’aurai jamais cru’ wat in het Brussels evengoed ‘tenè tenè, dat aa’k nuut ni gepaast’ kan zijn.

Het zal voor de aandachtige lezer - en wellicht voor de verstrooide ook - ondertussen wel duidelijk zijn dat we in onze rubreek aanbeland zijn bij de woorden die met een T beginnen. Ik zeg wel beginnen, want ne kameroêt van maa had mij onlangs aangepord om het langste Nederlandse woord bij deze gelegenheid ook in het Brussels weer te geven. Omdat dat ook een overvloed van teekes bevat, namelijk Hottentottententententoonstelling’. Maar dat is

onzinnig, en niet alleen omdat het woord niet met een T begint. In het Brussels is de vertaling hoedanook minder lang. Om te beginnen spreken we in ’t Brussels de H niet uit. Min 1 dus. Maar ook de N na Ottentotte en na tente valt bij ons weg. Dus: min 3. En tenslotte is een tentoonstelling bij ons eerder ’n ekspozeese. Dus: finaal 8 minder.

Laten we gewoon doen, en bij ons taluur blijven. Zoals alleman wel weet is een taluur in ’t schuu vloms een ‘teljoor’ - vandaag zegt iedereen bord - en komt het woord uit het Frans ‘tailloir’, een houten bord waarop vlees voorgesneden wordt. Let wel, de uitdrukking ‘ik zaain ni good in man taluur’, die ook uit het Franse ‘je ne me sens pas bien dans mon assiette’ komt, verwijst niet naar de teljoor. De Larousse leert ons dat assiette niet alleen bord betekent, maar ook ‘manière d’être assis’, en zelfs de wijze weergeeft waarop een ruiter op zijn zadel zit. ’t Es mo dat jullie het weten.

De T van Tejoêter…

Als we dan toch bij de T aanbeland zijn mogen we het zeker een beetje over onszelf hebben. En meer in het bijzonder over ons eigenste tejoêter, met name het Brussels Volkstejoêter (of BVT), dat tijdens het lopende seizoen ook zijn 25-jarig bestaan viert en in totoêl toch al aan zijn 33ste productie bezig is. Tof newo?

Tenè, ’t es ni niks. En dat komt vooral door het publiek dat quasi alle zalen laat vollopen voor onze plezante stukken en de fenomenaal goede acteurs… Van taaid tot taaid kan ewa stoeffen ouver ons aaigezëlve oemes gi kwoêd :-)… Want onder ons gezegd en niet gezwegen: ons succes hebben we in de eerste plaats niet te danken aan de weinige reklam op den telezevee of op den TSF (TSF staat voor téléphonie sans fil, en was de oerbenaming voor radio). Overigens, bij het BVT is er meer als enen Tisj of Treene die van uilen tejoêter kunne moêke (in het schuu vloms betekent dat ‘opspelen’). Of nog in het Brussels: van zannen tek moêke. Die tak komen we opnieuw tegen in de uitdrukking ‘aaft a vast on de tekke van de buume’, wanneer onverwachts iets schokkends te gebeuren of te aanhoren valt.

Als we over theater in het Brussels praten kunnen we ook niet voorbij aan het legendarische poepetejoêter van Toone, officieel ‘le Théâtre Royal de Toone’, en even officieel erkend als cultureel werelderfgoed. Tenè! Dat is echt de moeite voor nen toor aloem (een omweg).

Meestal worden de stukken in het Frans-Brussels gespeeld (daar is een ruimer publiek voor), maar de meeste producties worden ook in het Brussels-Vloms gebracht. Onlangs ben ik nog zelf gaan kijken naar De Lië van Vloindere (naar Hendrik Conscience), mo vanaaiges famuis gadapteid op zan Brussels. De zoêl zat toovalleg vol Bruggelinge, nog ’n chance da’t ni in ’t Frans was of ze koste wei beginne mè uile ‘zyt gy des gilden vrind?’ Voor wie het interesseert: binnenkort brengen ze Tyl Uylenspiegel van Charles De Coster, en spesioêl in ’t Brussels-Vloms op zondag 10 mei om 16.00 uur. Ternoê volgen Ruy Blaes (van 14/5 tot 6/6) en finalement De Draa Musketeers (van 11 tot 27/6). Plosje rezerveire doe je best via www.toone.be/nl/ En voor wie ooit Toone VII, alias José Géal - nu 95! - heeft horen spelen zal nu zeker niet ontgoocheld zijn. Zoon Nicolas heeft als Toone VIII dezelfde stem van za poepa geërfd, mè aksent en têmber en de gielen annekesnest!

Terwaailest dat we nu toch nog over theater in het Brussels bezig zijn moet ik denken aan die andere emblematische Brusselse stukken waarin personages als Beulemans, Bossemans, Coppenolle of Madame Chapeau de revue passeren. Er is er eentje van recentere datum (1988) die op dezelfde zwans is gebouwd: ‘Les pralines de Monsieur Tonneklinker’, van Viviane Decuypere. Het is vooral de naam Tonneklinker die mij hierbij interesseert, ook al is daane pei in et stuk ne patron dee pranillene mokt. Onze kameroêt Marcel de Schrijver leert ons toovalleg in zijn bloemlezing dat tonneklinkers gasten waren die de tonnen deden kantelen. En wovui deie ze da? Het waren meestal arme drommels, clochards, lanterfanters enzoevoesj die bodempjes uit biertonnen ‘recupereerden’. Dat moesten ze uiteraard snel doen terwaailest dat de brouwersgasten de volle vaten naar de cafékelder brachten. Ze werden dan ook wel tonnezoeipers genoemd.

En de T van Toeng…

Ik zou jullie met de T nog lang kunnen meeslepen, maar ik moon op man toeng baaite. Zoals van gewoonte heb ik maar een beperkte plaats. Pertang, mè de toeng kunde al ewa tuuvere. Het hangt er van af of je een lange toeng hebt (overdrager), of een voeil toeng… Of as et op et sjopke van a toeng leit. Dan is er maar één remedie: awel, spik et dèn oeit! Dat laatste heb je wellicht niet nodig as ge ni op a toeng gevalle zaait. Enfin, on maain toeng zal et ni ligge, en het is te hopen da dei van aaile ni op aailen boeik angt. Of erger nog: op aaile kneene.

Niets moet jullie weerhouden, beste vrienden, om zelf nog eens op zoek te gaan naar die andere T-woorden. Er zijn er nog genoeg voorhanden: taamoos, tapesseer, taggeteg, terreng, têre of têdege, tikketakketou, transjei, trêter of trisjoêt (geen synoniem!), tut, tet, trut, toêt, toesj, toefeling…

Wette wa? Ik ga mij ondertussen trakteiren op ne gooien Trappist. Santei! Tot de noste ki!

EEN BRUSSELSE KUNSTMAP

TER ERE VAN

25 JOÊR BRUSSELSVOLKSTEJOÊTER

een initiatief van Paul Vandeperre, samengesteld door Willem Elias

Willem Elias is doctor in de Wijsbegeerte (VUB). Verder studeerde hij aan de Rijksuniversiteit te Leiden pedagogie en museologie en was gewoon hoogleraar aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB). Sinds 1 oktober 2016 is hij emeritus. Hij is lid van de Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en Kunsten (KVAB), van de internationale museumvereniging (ICOM) en van de raad van beheer van het museum Kanal, erevoorzitter van het Hoger Instituut voor Schone Kunsten (HISK) en kunstcriticus (AICA). Hij publiceerde meerdere boeken en talrijke artikels over hedendaagse kunst, ethiek en esthetica.

De kunstmap

Men kan foto’s nemen van een stad en dat is allicht het beste materiaal om souvenirs te bewaren. Beeldende kunstenaars geven echter een interpretatie die ons een stad laten voelen of er ons doet over na te denken. Daarom vroegen we aan drie kunstenaars om Brussel als thema te nemen.

Colin Waeghe - ‘Le grand départ’, 2025. Francis Denys - ‘Mannekepispiste’, 2025. Ulrike Bolenz - ‘Onbekende soldaat’

Het

waarborgen van Brusseleir! en van meer dan

25 joêr Brussels Volkstejoêter

De culturele sector in het Brussels Gewest vertoeft in onzekere financiële tijden. Een dreigend algemeen subsidieverlies is reëel, mede door de woelige wateren waarin het Brussels Gewest zich bevindt. Dit geldt ook voor Brusseleir!. Het gevoelig verhogen van de eigen inkomsten is meer dan ooit een primordiale doelstelling en daarom zet Brusseleir! geloofwaardige en waardevolle initiatieven op die win-win situaties bevorderen. Deze kunstmap is een spraakmakend voorbeeld en jij kan met de aankoop van deze kunstmap er mee van genieten.

4 maal Win-Win: steun aan Brusseleir!/Brussels Volkstejoêter, steun aan de 3 respectievelijke kunstenaars, je bezit prachtige litho’s over Brussel, de litho’s stijgen in waarde

Da muigde toch ni mankeire?

Bestel de kunstmap met de 3 litho’s (ieder 40*30 cm) via www.brusseleir.eu/shop/ of 02 502 76 93

€375.00 incl. verzendkosten, €350.00 in et Oeis van’t Brussels

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Mag 21_Brusseleir!.pdf - online by Brusseleir! - Issuu