Skip to main content

Brusseleir! magazine 22

Page 1


Genieten van de zomer in Brussel

Het kwik stijgt naar zomerse temperaturen. Iedereen kan gaan genieten van de zon, de zee, de bergen … en Brussel. Tijdens de zomermaanden staan er in onze hoofdstad heel wat plezante activiteiten op het programma. Denk maar aan de 11 juli-vieringen, Bal National, Resto National, de Maaibuumveering, Plazey, etcetera. Brusseleir! houdt het in de zomermaanden rustig. Alhoewel, dat es toch ’n klaain betsje zieverderaa. Onze samenwerking met het jonge en dynamische Brusselse social mediabedrijf Hyper Social onder de noemer ‘Chaud voor ’t Brussels’ wordt zichtbaarder. Volg vooral onze Instagram en TikTok pagina’s. Entre-temps goên me ne ki good eite bei Comme Chez Soi. Ja menier, ’t es on aa! De kameroête van Comme Chez Soi veeren uilen 100 joêr, en da veere ze mè nen toffe menu en ne schuunen boek. Profeesiat oên Pierre, Marie-Thérèse, Laurence, Lionel, Loïc en Victoria. En vè al da good eite te digireire es et e goo gedacht vè "De Paden van de Waaienberg" te bewandele bei copain Tom Frantzen. Donc, me weite wa te doon.

Noê de zoumer es et vollen bak. Vanaf september proberen we met een communicatiecampagne een nog groter publiek te bereiken. En et Brussels Volkstejoêter begint serjuis te repeteire, want mè De Canadeise Meur speile ze Tom Lanoye en Herman Brusselmans in ’t Brussels.

En dat in a kas! Wat er nog volgt, zullen we simultaan aankondigen via onze social media en onze maandelijkse nieuwsbrief. Ne gooien avis: rëst uuk good ôit want ge gôit naaig rap moote kenne luupe vè ons te kenne volge.

Brusseleir! wenst je een mooie zomervakantie!

COLOFON

Redactie

Geert Dehaes, Michaël Bellon

Foto’s

Barbara Vandendriessche Vormgeving Florence Collard

Bestuursorgaan be.brusseleir vzw

Eddy Van Gelder, Voorzitter / Jan Hautekiet, Ondervoorzitter / Anne-Catherine Massagé, Secretaris / Paul Merckx, Penningmeester / Daniel Smets, Veronique De Tier, Karla Verlie, Lynn Tytgat, Gil Dumarey, Herman De Cnijf, Bart Decoster –bestuursleden

Johan Verminnen, Erevoorzitter

Algemeen Directeur

Geert Dehaes Contact

be.brusseleir vzw, Vlaamsesteeweg 98, 1000 BRUSSEL 02/502 76 93 info@brusseleir.eu

Geert Dehaes, Brusselambassadeur - ALGEMEEN DIRECTEUR Brusseleir!

Reservaties 02/502 55 09 tickets@brusseleir.eu www.brusseleir.eu

Paradeit gelak nen échten Brusseleir!

Op den tram, op stamenei, op stroêt, in’t magazaain, in de stade, op de fiest, op konzjei….

Ouveral Brusseleir quoi!

Surf no de website

https://www.brusseleir.eu/shop/categorie/kledij/

HYPER Social brengt Brusseleir! op TikTok en Instagram

“Je

moet van de eerste seconde de aandacht trekken”

HYPER Social is hyper-gespecialiseerd in het creëren van ‘content’ voor sociale media. Ook Brusseleir! gaat nu voor ‘reels’ en ‘tiktoks’ langs bij het jong Brussels bedrijfje van Jasmin Mazarine De Waele.

Jasmin van HYPER Social heeft al behoorlijk wat klanten de weg gewezen om social media op een slimme manier te gebruiken. Van VRT Max tot de Boon literatuurprijs, van Fritz-kola tot Brusselei! We ontmoeten haar in de zoemende bijenkorf van het Dansaertcentrum in de Aalststraat, waar heel wat creatieve Brusselse bedrijven en organisaties zitten. Daar heeft Jasmin samen met haar collega’s Amy en Daan van HYPER Social een kantoor waar invalshoeken worden bedacht voor leuke video’s en beelden voor Instagram, TikTok of Facebook, en waar nadien druk gemonteerd wordt om die inhoud zo aantrekkelijk mogelijk te presenteren. De aandacht trekken op social media is bijna een wetenschap geworden, maar laat HYPER Social daar nu net gespecialiseerd in zijn. Jasmin weet welke emoji’s goed voor u zijn. En ook dat Brussel en het Brussels uitstekend materiaal bieden om de aandacht van de scrollende smartphonegebruiker te trekken.

De aandacht trekken op social media is bijna een wetenschap geworden”

Amy en Jasmin van HYPER Social

Foto’s Barbara Vandendriessche - Interview Michaël Bellon

Die interesse voor sociale media zat er altijd in”

“Tot mijn 18 heb ik graag in het centrum van Gent gewoond,” zo begint Jasmin haar persoonlijke verhaal. “Maar na het middelbaar had ik wel het idee dat ik het daar allemaal even gezien had, en in plaats van in Gent te blijven en zoals iedereen naar de Arteveldehogeschool of de UGent te gaan, wilde ik naar Brussel. Ook al was ik daar nog nooit echt geweest, tenzij eens naar een tentoonstelling met mijn ouders. Ik ben communicatiemanagement gaan doen aan de Erasmus Hogeschool, meteen met het idee hier te blijven plakken. Omdat zo een toffe stad is. Daarna heb ik ook nog Kunstwetenschappen gestudeerd aan de VUB. Via stages en als freelancer social media ben ik eerst in de kunst- en cultuursector beland. Zo heb ik ondermeer vijf edities lang de social media gedaan voor Filmfest Gent. Toen ik dan mijn eerste vaste job had bij een organisatie die culturele evenementen organiseerde, kwam corona. Omdat er toen niet veel meer te communiceren viel over culturele evenementen ben ik toen zelfstandige geworden.”

Communicatie was altijd jouw ding?

Jasmin: “In mijn tienerjaren was ik wel de eerste van mijn leeftijdgenoten die op Facebook, Instagram of Snapchat zat. Ik beheerde dan de Facebookpagina van de leerlingenraad en maakte de Facebook-evenementen aan. Dus die interesse voor sociale media zat er altijd in. Alleen leerden we er tijdens die studies communicatiemanagement nog niet veel over. Nu zal dat anders zijn dan tien jaar geleden, maar toen was het vooral de theorie over strategisch communiceren waar je iets aan had om later toe te passen.”

Op een slimme manier gebruik maken van die snel veranderende sociale media is misschien ook een zaak van veel proberen en kijken wat werkt.

Jasmin: Ervaring is inderdaad belangrijk. De platformen begrijpen. Weten hoe Instagram en TikTok in elkaar zitten, vroeger en nu. Je kan niet uit een boekje leren en toepassen wat goed werkt en wat niet.

❛❛
Instagram en TikTok zijn voor ons het belangrijkst”

Daarom focussen wij ons met HYPER Social ook alleen op die sociale media. Wij maken geen nieuwsbrieven of brede marketingcampagnes. Facebook gebruiken we nog voor bepaalde projecten, maar Instagram en TikTok zijn voor ons het belangrijkst. Daarop volgen we alles permanent. We volgen de nieuwste trends, we weten welke emoji’s je voor welk gevoel moet gebruiken, en we maken inderdaad voortdurend nieuwe content. We maken hier zeker een stuk of twintig nieuwe video's per week, en dan voel je wat goed werkt en wat minder. Omdat we veel verschillende klanten hebben in verschillende sectoren, kan je bij de ene ook toepassen wat je bij de andere geleerd hebt.

Wat deed je ertoe besluiten Hyper Social op te richten?

Jasmin: Toen ik zelfstandige in bijberoep was, werkte ik tegelijk voor een pr-bedrijf als voor de communicatie van VRT bijvoorbeeld. Terwijl ik ook nog aan het studeren was. Daardoor was het zeven dagen op zeven gezellig druk, maar bleef ik voor de planning en het aannemen van opdrachten wel altijd erg afhankelijk van mijn vaste job.

Omdat ik steeds meer vragen kreeg, heb ik de sprong gewaagd. En nu heb ik er met Amy en Daan ook twee collega’s kunnen bijnemen.

Veel bedrijven, en zeker de grote, hebben ondertussen vast hun eigen social media-team of communicatieafdeling.

Jasmin: Ja, en dan is het goed om mee te kunnen denken met iemand die het huis en het verhaal van de opdrachtgever goed kent. Maar waar communicatiebureaus en marketingdiensten vaak over grote campagnes nadenken, zetten wij direct in op socials, en gaan wij ook direct content maken en afleveren. Zo kunnen we snel op de bal spelen en snel leuke trends volgen.

Toen ik pas begon gaf ik ook dikwijls workshops en was mijn belangrijkste zinnetje altijd dat ik hoopte dat binnenkort iedereen op social media zou zitten. Ondertussen zit iedereen op social media, en hebben veel bedrijven en organisaties een social mediamanager. Dat is niet mijn verdienste, maar zo is het dus wel geëvolueerd. Voor veel lagere budgetten dan voor dure commercials kan je veel meer

leuke content maken, en permanent aanwezig zijn om te tonen waarmee je bezig bent en communities op te bouwen. Waar je vroeger via de tv in de huiskamer kwam, bereik je mensen en hun vrienden nu rechtstreeks en individueel op hun smartphone. Wat veel authentieker overkomt dan de klassieke reclamecampagnes.

Authenticiteit! Dat zouden de social media van Brusseleir! Ook moeten uitstralen. Jasmin: Wat wij heel graag doen, is op straat gaan en de mensen bevragen. Dat is wat we nu ook voor Brusseleir aan het doen zijn en dat is heel tof, omdat je zo heel onverwachte gesprekken krijgt met echte mensen. Dat is heel herkenbaar. We vragen naar de betekenis van woorden of uitdrukkingen in het Brussels. Dat doet mensen nadenken en maakt hen nieuwsgierig. Als je dan wat doorvraagt krijg je leuke antwoorden, en dan komt het erop aan dat materiaal zo krachtig mogelijk te monteren.

Wat wij heel graag doen, is op straat gaan en de mensen bevragen. Dat is wat we nu ook voor Brusseleir aan het doen zijn.”

Dat moet allemaal steeds sneller en korter. Wil je mensen laten verder kijken, dan moet je meteen in het begin de aandacht trekken.

Jasmin: Vijf jaar geleden zei ik nog dat de eerste vijf seconden van een video interessant moesten zijn. Dat werden snel de eerste drie seconden. Nu is het echt in de eerste seconde dat je de aandacht moet trekken. Mensen hebben een korte aandachtspanne, hebben het druk, en er zijn ook veel andere dingen te zien. Anderzijds kan je ook een publiek opbouwen door ze vertrouwd te maken met je video’s, je merk of een gezicht. Dan ben je een online community aan het uitbouwen die blijft kijken.

Belangrijk is ook het doel te bepalen van je aanwezigheid op social media.

Jasmin: En die doelen kunnen verschillen. Heel veel ‘volgers’ hebben kan interessant zijn. Maar als je doelgroep iedereen is, heb je eigenlijk geen doelgroep meer. Daarom vragen wij altijd door bij onze klanten. Wat wil je precies? Niet elk bedrijf is gebaat bij dansfilmpjes voor Gen Alpha (de jongste generatie, red.) op TikTok. Influencers expliciet een product laten aanprijzen, is ook niet iets dat wij doen met HYPER

Social. Gewoon aanwezig zijn kan ook, hè. Dat je op een leuke manier laat zien wat je doet of waarvoor je staat. Wij zijn er echt om appreciatie en enthousiasme te genereren. Met content die inhoudelijk interessant en ‘sympa’ is, maar ook snappy en snackable.

Nog even terug naar Brussel en Brusseleir! Dankbaar materiaal voor social media?

Jasmin: Zeker. Om te ondernemen is Brussel waarschijnlijk minder makkelijk dan Vlaanderen. In Vlaanderen vind je makkelijker de weg naar ondersteuning. In Brussel valt dat tegen en is er veel papierwerk. Maar Brussel is ook heel dankbaar om te filmen. Er zijn veel herkenbare plekken. Er is altijd iets te doen. Elke hoek is weer anders. En mensen die mee voor Brussel willen zorgen, are kind of my kind of people.

Wij zitten hier eigenlijk vlakbij Brusseleir! en ik dacht altijd al dat het cool zou zijn om socials te doen voor hen. Juist omdat we graag voxpops doen op straat, omdat we graag met taal, literatuur, en cultuur bezig zijn, en omdat wij zelf in Brussel zitten en de stad omarmen. Ondertussen woon ik hier twaalf jaar en wil ik zelf ook graag meer Brussels leren. We spreken hier veel Engels en andere talen. Maar Nederlands is ook mooi. Terugkeren naar een eigen taal, en naar de charme van een dialect dat je ook de Brusselse cultuur beter doet begrijpen, dat is iets waar wij de waarde van inzien.

Uiteindelijk heb ik Geert Dehaes leren kennen op een netwerkevenement, en ondertussen hebben we al veel video's opgenomen waarin mensen uit Schaarbeek of Laken nieuwsgierig zijn naar dat Brussels, en naar betekenissen die ze nog niet kenden. Bepaalde uitdrukkingen en woorden zijn ook echt hilarisch. Sommige wil je echt overnemen.

BVT spelt LANOYE en BRUSSELMANS

De Canadeise Meur

een komedie van Tom Lanoye en Herman Brusselmans

Een harteloos familiedrama vol humor over geld, onhaalbare dromen, lang vervlogen tijden, gebroken vriendschap — en dito knieschijven. Koning Voetbal beheerst het leven van supporters, journalisten, bestuursleden, ordediensten en echtgenotes; het spel bepaalt en beïnvloedt het plot door de ingrijpende wil van de Voetbalgoden. Twee vroegere vrienden ontmoeten elkaar na jaren, twee vrouwen zijn speelbal van intriges en rollenpatronen, en een eenzame vader is de enige met een goedgespekte portefeuille. Een verhaal over voetbal en over de huiselijke eet- en drankproblemen die onlosmakelijk bij die wereld horen. Gespeend van ernst noch humor, in twee helften met consumptiemogelijkheid in de pauze en vooral bij de analyse na de ‘wedstrijd’.

Verbrusseling: Guido Govaerts

Regie: Dave Nauwelaerts (regisseerde ‘Nen Air de Famille’)

Spel: Davy Van Stichel, Kathleen Seghers, Chloë Van Doorslaer, Guido Goovaerts en Geert Dehaes

SPEELDATA ZINNEMA

DECEMBER 2026

zo. 6, za. 12, zo. 13

JANUARI 2027

za. 9, zo. 10, za. 16, zo. 17, za. 23, zo. 24, za. 30, zo. 31

FEBRUARI 2027

za. 7, zo. 8

INFO TICKETS

Ticketverkoop vanaf oktober 2026. Dagen en uren worden gespecifieerd in het september-magazine.

Projectbeeld GAL

Laurence Wynants over 100 jaar Comme chez Soi

“Trots dat ook vijfde generatie hier staat”

Op 19 juni 1926 begon ene Georges Cuvelier zijn eigen restaurant Chez Georges. Eén van zijn klanten kwam er zo graag dat hij zei: “Georges, chez vous, on mange comme chez soi”. 100 jaar later is Comme Chez Soi een begrip. Achterkleindochter Laurence Wynants over het ster- én familierestaurant.

Foto’s Barbara Vandendriessche - Interview Michaël Bellon

Wat doet het om de honderdste verjaardag van dit instituut te mogen vieren?

Laurence Wynants: Dat brengt veel emoties met zich mee, want het gaat om vijf generaties, heel veel klanten en heel veel mooie momenten. Soms waren er ook mogelijke periodes, zoals bij iedereen in het leven. Maar we zijn er na een eeuw nog altijd, en daar zijn we fier op.

U maakte het restaurant al mee als kind toen uw vader Pierre en uw moeder Marie-Thérèse er een toprestaurant van maakten. Krijgen kinderen van een driesterrenchef altijd lekker eten?

Wynants (lacht): Je moet weten dat wij in die periode niet meer woonden waar het restaurant was. In het begin woonde ik als kind nog op het Rouppeplein, tot we verhuisden, omdat de enige keuken in het huis die van het restaurant was. Vanaf dan zag ik papa en mama alleen zondag, en soms op maandagavond na school. Op die dagen heb ik wel altijd goed gegeten. Eén van die twee avonden gingen we ook zelf regelmatig op restaurant.

U wist dus dat een restaurant runnen hard werken zou zijn. Toch hebt u het familiebedrijf mee voortgezet.

Voor de 100ste verjaardag hebben we ook een boek uitgegeven.”

Wynants: Ik was vijftien toen ik tegen mijn ouders zei dat ik hotelschool wilde doen. Ik weet niet meer waarom ik dat zo ineens wou, maar ik weet nog wel waar ik was toen ik het zei: aan het eten op een zondagavond op het appartement. Vijftien jaar is natuurlijk nog jong, en mijn ouders waren verbaasd. Het eerste wat ze vroegen was of ik wel goed besefte dat het een moeilijke en zware job was. ‘Wanneer mensen feesten moet jij werken’. Maar ik was overtuigd dat ik de juiste beslissing nam en ik ben ook heel gelukkig dat ik het heb gedaan. Tijdens mijn studies in Namen werkte ik al mee. Na mijn studies in 1989 ben ik fulltime begonnen, al deed ik tegelijk nog een graduaat boekhouding en Engels in avondles.

Het aandeel van de vrouwen in het restaurant is trouwens altijd heel belangrijk geweest in onze familie. Mijn zus heeft ook met succes hotelschool gedaan in Lausanne om food and beverage-manager te worden. Toen onze zoon Loïc Victoria ontmoette studeerde zij rechten. Maar door veel met ons samen te zijn is ze toch hotelmanagement gaan doen, en nu staat ze fulltime met mij in de zaak.

Het koppel waarmee het allemaal begon was Georges en Helena.

Wynants: Georges Cuvelier was van Wasmes in Henegouwen, en moest normaal in de mijnen gaan werken. Maar dat wilde hij niet doen en zo is hij in een hotel in Bergen beland. Daar heeft hij de job geleerd in de zaal en de keuken. Toen hij een beetje centjes had heeft hij dan in 1926 zijn restaurant Chez Georges geopend op de Lemonnierlaan. Maar daar waren ze geen eigenaar, dus toen ze na tien jaar terug wat centen hadden, hebben hij en Helena het pand op het Rouppeplein kunnen kopen. Natuurlijk was de eenvoudige keuken van mijn overgrootvader helemaal anders dan wat we nu doen. Het is mijn grootvader die het restaurant op een gastronomisch niveau heeft gebracht.

❛❛
Beroemde

mensen ontvangen is ook altijd heel leuk. Of dat nu de koninklijke familie is of The Rolling Stones.”

ging er toen een Michelinster af, maar de tweede ster wisten Lionel en Laurence te behouden tot 2022 en vandaag is het Comme chez Soi nog altijd één van de sterrestaurants in Brussel, met als troeven het art nouveau-interieur en klassiekers als de ham-mousse, de de soufflé au citron en de zeetongfilet met mousseline van riesling’.

Die grootvader heette Louis Wynants, en was een Nederlandstalige beenhouwer uit Tienen. Toen Georges nog kok was in Comme Chez Soi, moest die nog met de kar de toer van Brussel doen langs zijn leveranciers. Hij nam daarbij dikwijls zijn dochter Simone mee. Door de bezoekjes aan ‘Boucherie Wynants’ leerde die slagerszoon Louis kennen. Louis kwam in de zaak en bezorgde Comme Chez Soi al in 1953 een eerste Michelinster. In 1961 mocht zijn toen 22-jarige zoon Pierre Wynants dan mee de keuken in. In 1966 volgde een tweede, en in 1979 een derde ster. Louis was toen al overleden, en Pierre stond aan het fornuis, met Marie-Thérèse Dossche aan zijn zijde. De derde ster behield Pierre Wynants voor een recordperiode van 27 jaar tot in 2006. Hij behaalde talloze prijzen en eretitels, en kookte voor vier Belgische koningen en een kroonprinses Elisabeth. Wynants werd in de keuken opgevolgd door Lionel Rigolet, de man van Laurence die zij op de hotelschool in Namen leerde kennen. Volgens de standaard-procedure

Laurence Wynants: Dat laatste is nog een gerecht van mijn overgrootvader, dat maar een beetje is aangepast. De basis van het recept is altijd gebleven. En ook de passie. Het verlies van de sterren was moeilijk, maar ook daarna hebben we veel mooie momenten gehad, en ook van Gault&Millau krijgen we nog altijd mooie punten. En beroemde mensen ontvangen is ook altijd heel leuk. Of dat nu de koninklijke familie is of The Rolling Stones. Ook Prince, Stromae en Leonardo Di Caprio zijn hier gepasseerd. Voor de honderdste verjaardag hebben we niet alleen verschillende gangenmenu’s aangeboden en een orangerie voor de deur gezet, maar ook een boek uitgegeven over de geschiedenis van het restaurant, in het Nederlands en het Frans. Dat was veel werk (lacht). De herinneringen aan die bijzondere bezoekers krijgen daarin een plaats, naast een speciale tekening van François Schuiten en het materiaal uit het archief dat mama bij heeft gehouden. Als je door de bladzijden gaat, komen er zoveel herinneringen boven.

www.commechezsoi.be

Vocabulaire

onze reeks over de spelling van het Brussels

De ‘footbal’ en Brussel: een ‘istoure’ van alle tijden Normaal zouden we onze rubreek deze keer wijden aan de woordenschat met de letter U. Maar vermits we in dit Magazine ondergedompeld zijn in de zotternaa van de weireldbeiker footbal zullen we de letter U de noste ki behandelen met de eer die haar toekomt. Alhoewel onze U ook op de Worldcup haar beste beentje voorzet: niet in Mexico of Canada, maar wel in USA, alhoewel nen Brusseleir dat uitspreekt als Joewèsee of gewuun Ameirika. Maar je vind ze uuk terug bij Urugwee en Uustenraaik, en voesj nog bij Kurasaw, Turkaaie, Tuneisië, Ecuador en Portugal. En wat dan te zeggen van de Belzje? Het zijn niet alleen Ruue Deuvels, maar heb je ook al onze aanvalslinie gezien? Ze hebben U’s op overschot. Den exterieur links: Doku. Den exterieur rechs: Lukebakio. En sertoe de centervui: een zeker Romelu Lukaku. Als dat geen attaque is om “U” tegen te zeggen!? En dat is niet alles. Is het jullie ook al opgevallen

dat de U zijn plaats veroverd heeft in de hoogste regionen van ons vaderlands voetbal? Wie is kampioen? Zjust: Club Brugge. Wie was kampioen, ei wel den beiker gewonne en es vice-kampioon? Uuk zjust: den Union. En om niet uit de toon te vallen heeft ook den dedde een U-ke in zijn naam geprutst: Sint-Truiden, de stad genoemd naar den aailegen Trudo. Ja, daar stopt het dan, want de vierde raakt voorlopig niet verder, die zijn al een paar jaar op de sukkel.

‘Vreuger was alles beiter?’

Dat zeggen we meestal als we zelf al genoeg veraaverd zaain. Een ding is zeker: sinds een aantal studenten in 1895 in de Tivoli, een afspanning op het Simonisplein in Koekelberg, den Daring Club Brussel stichtten als stamnummer twie van de Belgische voetbalbond, is het Brusselse voetbal danig veranderd. De vooroorlogse tijd dat bijna elke gemeente een of twee toonaangevende ploegen voortbracht ligt ver achter ons, denk maar aan vergane of weggezakte gloriën als Ukkel Sport, de Leopold, Racing en Scup Jette, of Crossing Ganshoren en zovele anderen. Zonder FC Skill, Racing Brussel en White Star Woluwe te vergeten, die zich samen met Daring Molenbeek zouden terugvinden in RWDM, een verhaal waar zelfs Shakespeare vandaag zijn tanden zou op stuk bijten. Gelukkig hebben we als Brusseleirs nog den Union en den Anderlecht om naar uit te kijken.

Brussels, voetbal en zwans: één pot nat

We kunnen de versmelting van de Brusselse zwans met het voetbal het best illustreren met de woorden van Joseph Camerman in zijn boek ‘Man Juigd in Koekelberg – 1922/1947’ wanneer hij over het jaar 1936 schrijft: “In da joêr 1936 (…) es den Deirink champion van Belzjik gewëdde. Daring Brussel, d’équipe van Muilebeik mè de famuize keeper Nolle Badjou en mè Robert Lamoot, de golgètter, en mè ne klaanen extérieur Fernand Buyle. Fernand daan ei nog in de klas van man breu gezeiten in de gemainteschoul van de reu François Delcoigne, ons familleschoul. (…) Zoe zaain ek uuk e poêr kiere mè ma pa no den Deirink gon zeen. (…) Waaile, poepa, man breu en ik, wachten uilen op as ze on ’t Zwët Vaaiver passeiden en dèn volgde we de cortège tot on de stade. Op de zjoembal, de grosse caisse, stond er in ’t rond geschreive ‘Royal Daring Club de Bruxelles’, en as me bei de stade arriveiden allemo meizinge van: “Deirink, mok nog e golleke - Deirink, mok nog e golleke - Deirink, mok nog e golleke - nog intsje baa, da zaain er draa!’

Het was immers Daring die de grote ploeg van Union als eerste met 2-0 had verslagen na hun geweldige en niet geëvenaarde reeks van 60 matchen zonder nederlaag.

Gebeiteld in Bossemans en Coppenolle

Precies die rivaliteit tussen de toenmalige Brusselse (en Belgische!) topploegen zou aanleiding geven tot de grootste Brusselse theater-klassieker Bossemans en Coppenolle. Paul Van Stalle en Joris d'Hanswyck schreven in 1938 deze Brusselse Romeo en Julia, gebaseerd op de rivaliteit tussen het toen volkse Daringpubliek uit en rond Molenbeek en de destijds meer mondaine aanhang van Union in Sint-Gillis. De auteurs hadden er met plezier – en dat ontging het publiek niet – enkele herkenbare figuren een plezante loer gedraaid. Zo zouden ze de figuur van Bossemans als ‘welstellende gentleman’ die uiteindelijk voor Union zou kiezen baseren op Koekelbergs

burgemeester Oscar Bossaert, ooit internationaal en sterkhouder van Daring, waarvan hij ook voorzitter werd. Om de inside-joke met de omwisseling tussen de respectieve ploegen compleet te maken toverden ze Coppenolle tevoorschijn als voortrekker van den Daring, gebaseerd op de figuur van Robert Coppée, de sterspeler van Union. Zelfspot, het is onlosmakelijk verbonden met de Brusselse zwans.

Madame

Chapeau:

voetbalicoon bij uitstek

“Manne noêm es Amelee Van Beneden! Madame Chapeau, madame Chapeau… Da zaain de krapuluize van ma strotsje dee ma zoe uute!” Het is een zoveelste uiting van zwans die rechtstreeks gelinkt is aan ons voetbal. Madame Chapeau is ook een eigen leven gaan leiden, vandaag wellicht nog beter bekend dan de klassieker Bossemans en Coppenolle waaruit zij is ontsproten. Niet alleen kreeg zij door toedoen van Jef Baeck, vurig supporter van Union, een standbeeld door Tom Frantzen op de hoek van de Zuidstraat met de Mussenstraat, maar Brussel organiseert ook elk jaar een heuse Madame Chapeau-verkiezing.

Mo wa da waaineg mense weite: uuk dit personage maakt deel uit van de binnenpretjes van Paul Van Stalle en Joris d'Hanswyck. Madame Chapeau is dus supporter(es) van den Union?... Weet dan dat de naam van de echtgenote van Daring-man Oscar Bossaert, tevens ook patron van de toenmalige grote chocoladefabriek Victoria … Germaine Van Beneden was! En dat in a kas!

En naa loêt ek aaile, want et es footbal op den telezevee. Tot noste ki!

Het levenswerk van beeldhouwer

Tom Frantzen

onder auspiciën van de Koning Boudewijnstichting

COPAINS VAN BRUSSELEIR

“we gaan nog steeds voor podcasts van het Brussels”

Brusseleir! dankt uit de grond van haar hart alle Copains die tot op heden Brusseleir! hebben gesteund. Het tekent een smile op ons gezicht en het geeft ons nog meer goesting vè voesj te doon.

Samen met jou willen we nu gaan voor meer. Laten we samen nieuwe projecten brouwen en ontwikkelen die onze gedeelde passie vieren voor deze geweldige organisatie: Brusseleir!

WAAROM NIEUWE PROJECTEN ONTWIKKELEN?

Brussel is een tapijt van culturen, ideeën en onaangeboorde mogelijkheden. Wij geloven dat we door nieuwe projecten te starten nog meer kunnen bijdragen aan de promotie van het Brussels, haar verborgen juweeltjes kunnen laten zien en horen en ervaringen kunnen creëren die zowel de trouwe Brusselaar als jonge ketten en nieuwkomers aanspreken.

Brusseleir! ambieert nog steeds een heuse podcast – een auditieve wandeling doorheen onze stad, doorspekt met verhalen van echte Brusselaars, met anekdotes, weetjes en verrassende inzichten. De stad schilderen in geluid.

Dat alles in de schoonste taal ter wereld, het Brussels. Met jouw steun kunnen we dit project een extra dimensie geven.

Of het nu gaat om een eenmalige donatie of een maandelijkse toezegging, elke bijdrage, of het nu 50€ is, 100€, 250€ of meer, alle censkes brengen ons dichter bij ons doel.

vè 50€ tot 100€ zaaide al Copain 100€ tot 250€ zaaide ne Gruute Copain 250€ en mier zaaide nen Iele Gruute Copain

“Brons in beweging”

Tom Frantzen, de kunstenaar van onder meer het Zinneke, Madame Chapeau en de Vaartkapoen, is bijna klaar met zijn levenswerk: zijn beeldentuin ‘De Paden van de Waaienberg’, met als absolute blikvanger ‘De Opmars van de Menselijke Waanzin’.

na zeventien jaar hoopt af te ronden. Deze beeldengroep van tientallen intrigerende beelden slingert zich over zesentwintig strekkende meter door een verzonken tentoonstellingsruimte in een oude druivenserre - een ‘museum onder glas’. Op betonnen structuren die als een waterval, een stroom van menselijke, dierlijke en fantastische figuren naar een markant eindpunt leidt in de vorm van een bijzondere toren in deconstructie. Tom Frantzen kan er honderduit over vertellen, dus laten we hem dat doen.

Naar de natuur

Koning Boudewijnstichting:

BE10 0000 0000 0404

Gestructureerde mededeling: +++ 623/3734/20003 +++

Payconiq is handig en snel via deze QR code

We kennen allemaal de beelden van Tom Frantzen in Brussel: de Vaartkapoen aan Sainctelette, het Zinneke in de Kartuizersstraat, Madame Chapeau in de Zuidstraat, Bruegel aan de Kapellekerk, Brel aan het Oud Korenhuis… Maar wist je dat bij zijn atelier in Tervuren tientallen van Tom Frantzens beelden te zien zijn tijdens geleide groepsbezoeken met twee fascinerende blikvangers?

Enerzijds ‘De Paden van de Waaienberg’, langs de grote beelden en beeldengroepen die Frantzen heeft geïntegreerd in een landschap van glooiende weiden en bossen.

Anderzijds ‘De Opmars van de Menselijke Waanzin’, zijn magnum opus dat hij dit najaar

“Mijn ouders woonden in Laken en later in Oudergem, en ik ben geboren in het groen van Bosvoorde,” begint Frantzen zijn verhaal. “Ik ben gehecht aan Brussel, en de stad inspireert mij. Maar ik heb toch liever koeien en paarden als buren. Na mijn studies heb ik een tijd in een bronsgieterij gewerkt. Maar in Oudergem kon ik zelf geen gieterij beginnen, dus ben ik beginnen zoeken rond Brussel. Dit landschap gaf de doorslag. Met de jaren heb ik hier altijd kleine stukjes landbouwgrond bij gekocht en met elkaar verbonden, om op een heel organische manier een natuurzone te creëren. Nu zijn ze hier in de omgeving alles aan het volbouwen, maar het is mijn obsessie om zoveel mogelijk van het landschap en de vergezichten te bewaren.

Ik plant veel aan, en de beelden zijn gemaakt in functie van de natuur.”

De beelden in de tuin van Frantzen geven inderdaad richting aan de wandeling langs de paden op de Waaienberg, omdat ze telkens je blik leiden naar het volgende beeld: Van de ene ruimte naar de andere. Aan het begin stromen gazellen, geleid door een apinnetje ‘la singette’, door het hoge gras in de richting van het punt waar een vlucht ganzen opstijgt en je verder de weg wijst. Kom je naderbij dan zie je dat het een hond is die de ganzen opjaagt. Verschillende keren tijdens het gesprek zal Frantzen benadrukken hoe belangrijk de rol is die de ruimte speelt in zijn werk. “Of ze nu figuratief zijn of abstract, of het nu gaat om één beeld of een beeldengroep: er zit beweging, dynamiek en ritme in. Het is brons in beweging.”

Toren van de democratie Frantzen is duidelijk een harde werker. Hij plaatst bijna alles zelf, buigt zich over de technische aspecten van zijn installaties en fonteinen, en de bronzen afwerken doet hij ook nog altijd zelf. Zijn creatieve tijd verdeelt hij tussen artistieke opdrachten en zijn levenswerk - de beeldentuin ‘De Paden van de Waaienberg’ en

‘De Opmars van de Menselijke Waanzin’. Frantzen: “De bestellingen heb ik nodig om aan die eigen projecten te kunnen verder werken. Dat is een constant gevecht, maar gelukkig heb ik meestal het evenwicht kunnen bewaren.”

Frantzen zet nu de ramen open van de grote serre waar ‘De Opmars…’ staat. 17 jaar werk in een oude druivenserre waar de temperatuur in de zomermaanden kan oplopen tot 50 graden. De plaatsing van alle beelden is al bepaald. Voor de definitieve montage wacht hij nog tot ook de laatste beelden zijn toegevoegd. Sommige stukken is hij nog aan het patineren. Frantzen brengt ons naar het begin van de beeldenstroom, die vertrekt aan wat hij de ‘Levensboom’ noemt, en eindigt bij de ‘Toren van de Democratie’.

“Het idee is het volgende: de mensen hebben elkaar en de dieren duizenden jaren verschrikkelijk uitgebuit en uitgemoord. Pas in de laatste 70 jaar zijn ze erin geslaagd iets te installeren wat op democratie lijkt.” De grote toren die het einde van de beeldengroep markeert is dus de toren van de democratie. “Bij mij is dat een vuurtoren gebouwd door gorilla’s - mensapen die superieur zijn aan de mens. Maar die toren

Of ze nu figuratief zijn of abstract, zit er beweging, dynamiek en ritme in. Het is brons in beweging.”

van licht, die de mens door stormen kan leiden, is gebouwd op een pompoen: een fundering die kan rotten. En hij staat op een tempel in de vorm van een krokodil waaraan je niet kan zien of hij echt is of van steen. Eén beweging van het grillige dier en de toren stort in elkaar. Democratie is onstabiel. En wat blijkt? De mensheid, die elkaar vanaf de prehistorie de hele tijd naar het leven heeft gestaan, is het nu over één ding eens: ze willen de toren met zijn allen afbreken, en trekken er als in een oorlogszuchtige carnavalsstoet naartoe. Democratie is goud waard, die moeten we te allen tijden koesteren!

Frantzen begint aan de duiding bij zijn talloze beelden. De bezoekers, die ogen te kort komen, kunnen natuurlijk ook zelf interpreteren. Maar de verbeelding van Frantzen is grenzeloos, en steunt op wat hij gezien en gelezen heeft over mens en dier, de geschiedenis, de natuur, en het fanatisme waartoe godsdienst, ideologie en roofzucht kan leiden. We zien de mens mammoeten in het ravijn storten en zeehonden neerknuppelen. We zien slavernij en genocide. De nazi’s krijgen er evengoed van langs als de communisten, Leopold II evengoed als Rwanda, de kunstwereld evengoed als het voetbal. We zien ook beelden van hedendaagse figuren als Poetin, Musk en Trump. Waar heeft Frantzen dat politiek bewustzijn vandaan? “Mijn ouders waren socialistische militanten en ook pacifisten. Wij gingen als kind altijd met vakantie in de communistische landen. Bulgarije, acht keer Joegoslavië… (lacht) Voor mijn vader was dat het enige wat goed was. Ik heb zelf op mijn veertiende nog cartoons getekend voor het tijdschrift Le drapeau rouge: Nixon die zich waste in een bloedbad in de tijd van de Vietnamoorlog.”

Satire en ernst

Dat Frantzen van tekenen op beeldhouwen overschakelde, heeft te maken met een leraar op de academie. “Studeren deed ik niet graag. Ik had altijd 50 op 100 … juist genoeg om niet te moeten blijven zitten. Ik interesseerde me wel voor architectuur en wilde schilder worden of architect. Tijdens de humaniora ging ik al naar de academie en tekenen doe ik nog altijd graag. Op een gegeven moment zei de directeur van de academie dat ‘ik tekende zoals een beeldhouwer’. De eerste keer dat ik klei in mijn handen kreeg was fantastisch. Steenkappen heb ik ook even gedaan, maar dat beperkt. Ik heb liever een totale flexibiliteit en zo weinig mogelijk weerstand om de juiste vorm te maken.”

Wat ook opvalt is de grote rol die dieren spelen in de wereld van Frantzen. Hij maakt nadrukkelijk geen onderscheid tussen leed van dieren en mensen. Hij spreekt wel van het mensDOM en het dierenRIJK. Een lichtpunt in ‘De Opmars van de Menselijke Waanzin’ is het kleine uiltje op de toren, dat staat voor de wijsheid die alles relativeert. Frantzen: “Dieren kunnen ook gruwelijk zijn, maar zullen meestal maar één dier pakken om op te eten. Dan richtte de mens altijd veel grotere slachtingen aan. Ik gebruik dieren om de menselijke karakters uit te drukken. Dieren geven meer visuele mogelijkheden. Ik breng alles ook met een bepaalde schijnbare naïviteit. Het is een mengsel van satire en ernst, van het bewuste en het onderbewuste, van visuele elementen die voor mij bijeen passen, maar waar niet altijd een logica in zit.” Vandaar dat ook Manneken Pis hier en daar opduikt in de ‘Hedendaagse Vlaamse Fantastiek’ zoals Frantzen zijn aanpak in de stijl van Bruegel, Bosch, Ensor en Erasmus omschrijft. “Mijn grootste probleem is dat ik zoveel gedachten heb, dat ik te weinig tijd heb om ze allemaal uit te voeren.” Wat niet wil zeggen dat er niets meer op de planning staat: er komt sowieso nog een familie bronzen ‘Tervuerense herders’, Reynaert de Vos met zijn gevolg, en een dierenparlement!

www.tomfrantzen.com

EEN BRUSSELSE KUNSTMAP

TER ERE VAN

25 JOÊR BRUSSELSVOLKSTEJOÊTER

een initiatief van Paul Vandeperre, samengesteld door Willem Elias

Willem Elias is doctor in de Wijsbegeerte (VUB). Verder studeerde hij aan de Rijksuniversiteit te Leiden pedagogie en museologie en was gewoon hoogleraar aan de Vrije Universiteit Brussel (VUB). Sinds 1 oktober 2016 is hij emeritus. Hij is lid van de Koninklijke Vlaamse Academie van België voor Wetenschappen en Kunsten (KVAB), van de internationale museumvereniging (ICOM) en van de raad van beheer van het museum Kanal, erevoorzitter van het Hoger Instituut voor Schone Kunsten (HISK) en kunstcriticus (AICA). Hij publiceerde meerdere boeken en talrijke artikels over hedendaagse kunst, ethiek en esthetica.

De kunstmap

Men kan foto’s nemen van een stad en dat is allicht het beste materiaal om souvenirs te bewaren. Beeldende kunstenaars geven echter een interpretatie die ons een stad laten voelen of er ons doet over na te denken. Daarom vroegen we aan drie kunstenaars om Brussel als thema te nemen. Colin Waeghe - ‘Le grand départ’, 2025. Francis Denys - ‘Mannekepispiste’, 2025. Ulrike Bolenz - ‘Onbekende soldaat’

Het waarborgen van Brusseleir!

en

van meer dan 25 joêr Brussels Volkstejoêter

De culturele sector in het Brussels Gewest vertoeft in onzekere financiële tijden. Een dreigend algemeen subsidieverlies is reëel, mede door de woelige wateren waarin het Brussels Gewest zich bevindt. Dit geldt ook voor Brusseleir!. Het gevoelig verhogen van de eigen inkomsten is meer dan ooit een primordiale doelstelling en daarom zet Brusseleir! geloofwaardige en waardevolle initiatieven op die win-win situaties bevorderen. Deze kunstmap is een spraakmakend voorbeeld en jij kan met de aankoop van deze kunstmap er mee van genieten.

4 maal Win-Win: steun aan Brusseleir!/Brussels Volkstejoêter, steun aan de 3 respectievelijke kunstenaars, je bezit prachtige litho’s over Brussel, de litho’s stijgen in waarde

Da muigde toch ni mankeire?

Bestel de kunstmap met de 3 litho’s (ieder 40*30 cm) via www.brusseleir.eu/shop/ of 02 502 76 93

€375.00 incl. verzendkosten, €350.00 in et Oeis van’t Brussels

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Brusseleir! magazine 22 by Brusseleir! - Issuu