Skip to main content

Living_Defence - Mathijs Metten

Page 1


Master Landschapsarchitectuur

Academie van Bouwkunst

2025-2026

DEFENCE. Living

LIVING DEFENCE.

Natuur als strategisch bondgenoot.
Mathijs Metten

SAMENVATTING

De wereld verandert. Geopolitieke spanningen nemen toe, oorlog komt dichter bij Europa en tegelijkertijd worden de gevolgen van klimaatverandering steeds zichtbaarder. Veiligheid en weerbaarheid staan opnieuw centraal, maar de manier waarop we hierover nadenken is vaak nog sterk gescheiden. Defensie vraagt om ruimte voor voorbereiding en bescherming, terwijl klimaatverandering juist vraagt om herstel van natuurlijke systemen en een veerkrachtiger landschap. Maar kunnen deze twee ontwikkelingen in plaats van tegenover elkaar te staan, elkaar juist versterken?

Historisch gezien heeft het Nederlandse landschap altijd een belangrijke rol gespeeld binnen verdediging. Rivieren, moerassen en inundatiesystemen werden ingezet om beweging te vertragen en tijd te winnen. Tegenwoordig lijkt deze relatie grotendeels verdwenen, terwijl juist de fysieke ruimte nog steeds bepalend is voor bereikbaarheid, logistiek en maatschappelijke continuïteit. Kunnen wij het land(schap) beschermen, terwijl het landschap ons beschermt?

Living Defence onderzoekt daarom het landschap als strategisch bondgenoot. Niet door nieuwe harde verdedigingslinies te ontwerpen, maar door bestaande landschappelijke systemen opnieuw een defensieve werking te geven. Het onderzoek introduceert het concept van het vertragingslandschap: een adaptief landschap waarin water, vegetatie en ruimtelijke structuren worden ingezet om beweging te beïnvloeden, onzekerheid te organiseren en tijd te creëren.

De basis hiervoor wordt gevormd door drie ruimtelijke principes: vernatten, verruwen en verhullen. Door water langer vast te

houden, landschappen robuuster en minder toegankelijk te maken en zichtlijnen te verkorten, ontstaat een landschap dat niet alleen strategische waarde heeft, maar tegelijkertijd bijdraagt aan klimaatadaptatie, biodiversiteitsherstel en ruimtelijke kwaliteit.

Op nationale schaal wordt dit vertaald naar een netwerk van vertragingslandschappen waarin bestaande natuurgebieden, watersystemen en defensieterreinen met elkaar worden verbonden. Éen van deze vertragingslandschappen is ruimtelijk uitgewerkt: de Peel. Een gebied waarin historische verdedigingsstructuren, klimaatopgaven en landschappelijke transities samenkomen. Ooit vormde het uitgestrekte hoogveen een natuurlijke barrière; tegenwoordig staat het gebied onder druk door verdroging, intensieve landbouw en verlies van biodiversiteit.

Met de nieuwe Peellinie wordt onderzocht hoe de oorspronkelijke kwaliteiten van het landschap opnieuw betekenis kunnen krijgen. Door water- en bodemsystemen te herstellen en ecologische structuren te versterken ontstaat een landschap dat tegelijkertijd klimaatbestendiger, ecologisch robuuster en strategisch weerbaarder wordt.

Living Defence pleit daarmee voor een ander perspectief op veiligheid. Niet veiligheid georganiseerd in objecten, grenzen of afgesloten terreinen, maar veiligheid als een eigenschap van het landschap zelf. Een landschap dat ons beschermt tegen de onzekerheden van de toekomst, terwijl wij tegelijkertijd investeren in het herstel en de kwaliteit het landschap.

AUTEUR

Mathijs Metten mathijs.metten@ziggo.nl 06 58944520

COMMISSIE

Remco van der Togt (mentor) Brigitta van Weeren (commissielid) Aura Luz Melis (commissielid)

TOEGEVOEGDE

LEDEN T.B.V EXAMEN

Berdie Olthof Ziega van den Berk

Master Landschapsarchitectuur Academie van Bouwkunst, Amsterdam 2025-2026

LIVING DEFENCE. © Mathijs Metten [2026]

Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze publicatie mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of op welke manier dan ook openbaar worden gemaakt, zonder voorafgaande schriftelijke toestemming van de auteur.

Alle beelden en illustraties zijn vervaardigd door de auteur, tenzij anders vermeld.

INHOUDSOPGAVE

Neterselse Heide.
Bezoek aan militaire oefenlocatie. Oirschotse Heide.

AANLEIDING

VAN FASCINATIE NAAR

VERANTWOORDELIJKHEID

Van jongs af aan ben ik gefascineerd door geschiedenis, en in het bijzonder de geschiedenis van oorlog. Niet vanuit een fascinatie voor geweld, maar vanuit een drang om het te begrijpen. Ik las over conflicten, keek documentaires en probeerde te doorgronden waarom oorlogen ontstaan, hoe ze worden uitgevochten en wat ze uiteindelijk beslissen. Maar wat mij het meest raakte, was niet de strijd zelf, maar het landschap waarin die plaatsvindt.

Oorlogvoering laat sporen achter. Niet alleen in geschiedenisboeken, maar fysiek in het landschap: in loopgraven, verstoorde bodems, infrastructuren en verlaten structuren. Het landschap wordt ingezet, gevormd en soms permanent veranderd door conflict.

Tegelijkertijd heb ik die realiteit altijd op afstand ervaren. Ik ben opgegroeid in een veilige omgeving, waarin oorlog iets was dat zich elders afspeelde. Iets wat je kon bestuderen, maar niet hoefde te ondergaan. Juist die afstand maakt dat de vraag zich nu sterker opdringt.

De wereld verandert. Conflicten komen dichterbij, zekerheden verschuiven. Wat betekent dat voor mijn rol als ontwerper? Wat kan ik als landschapsarchitect bijdragen op het moment dat het landschap zelf onderdeel wordt van conflicten?

We worden overspoeld met nieuws over conflicten, militaire ontwikkelingen en uitbreiding van Defensie. Nieuwsberichten van de periode september ‘25 - juni ‘26.

TOENEMENDE DREIGING

De wereld lijkt opnieuw in een periode van onzekerheid terechtgekomen. Conflicten, machtsverschuivingen en nieuwe dreigingen volgen elkaar snel op. Waar veiligheid lange tijd als vanzelfsprekend werd beschouwd, staat het opnieuw centraal in het maatschappelijk debat. Deze verandering roept vragen op over hoe landen zich voorbereiden op een onzekere toekomst.

GEOPOLITIEKE VERSCHUIVINGEN

De afgelopen jaren is de geopolitieke situatie ingrijpend veranderd. Oorlogen komen steeds dichter bij Europa, toenemende spanningen tussen wereldmachten en nieuwe vormen van hybride dreiging maken duidelijk dat veiligheid niet langer vanzelfsprekend is. Dreigingen beperken zich niet meer tot traditionele militaire conflicten, maar verspreiden zich over verschillende domeinen: digitale systemen, energievoorziening, grondstoffen, infrastructuur en economische afhankelijkheden.

Deze ontwikkeling heeft ook gevolgen voor Nederland. Na jaren waarin defensie relatief op afstand stond van het publieke debat, groeit opnieuw de aandacht voor de rol en capaciteit van de krijgsmacht. De Nederlandse defensie is in beweging en staat voor de opgave om zich aan te passen aan een veranderende en onvoorspelbare veiligheidscontext.

Maar deze verandering speelt zich af in een land waar ruimte schaars is. Meer personeel, materieel en oefencapaciteit vragen niet alleen om financiële middelen, maar ook om fysieke ruimte. Daarmee wordt veiligheid niet langer alleen een geopolitiek vraagstuk, maar ook een ruimtelijke vraag: hoe bereiden we ons voor op toekomstige dreigingen binnen een landschap dat al onder grote druk staat?

Actieve conflictgebieden en de opkomst van nieuwe grootmachten die het wereldtoneel van vandaag bepalen.

KLIMAAT OP DE LOER

Terwijl geopolitieke spanningen steeds zichtbaarder worden, ontwikkelt zich tegelijkertijd een andere wereldwijde crisis: klimaatverandering. Extreem weer, verlies van biodiversiteit en druk op natuurlijke systemen nemen toe. De gevolgen worden steeds tastbaarder, maar lijken in het publieke debat regelmatig naar de achtergrond te verdwijnen door andere acute dreigingen.

KLIMAATVERANDERING ALS TWEEDE DREIGING

Waar oorlogen en conflicten het dagelijkse nieuws domineren, verdwijnen droogte, overstromingen en ecologische achteruitgang vaak naar de achtergrond. Juist deze langzame veranderingen bepalen echter steeds sterker de toekomst van onze leefomgeving.

Klimaatverandering laat zien dat de systemen waarop onze samenleving vertrouwt kwetsbaar zijn. Extreme neerslag, langdurige droogte, natuurbranden en verlies van biodiversiteit maken duidelijk dat het landschap onder druk staat. De manier waarop we ruimte eeuwenlang hebben ingericht met controle, beheersing en scheiding van functies, sluit steeds minder goed aan op een veranderend klimaat.

Daarmee wordt klimaat niet alleen een ecologische opgave, maar ook een vraagstuk van veiligheid. Een samenleving die afhankelijk is van kwetsbare watersystemen, infrastructuur en natuurlijke hulpbronnen wordt gevoeliger voor verstoringen. Klimaatverandering vergroot bestaande kwetsbaarheden en vraagt om een andere manier van omgaan met onze leefomgeving.

Tegelijkertijd biedt juist het landschap mogelijkheden om deze kwetsbaarheid te verkleinen. Landschappen die water kunnen vasthouden, bodems herstellen en natuurlijke systemen versterken, vergroten de weerbaarheid van een gebied. Dezelfde ruimte waarin klimaatrisico’s ontstaan, kan daarmee ook onderdeel worden van een oplossing.

De vraag ontstaat daardoor niet alleen hoe we ons beschermen tegen een veranderend klimaat, maar ook hoe we landschappen kunnen ontwerpen die ons helpen omgaan met onzekerheid.

Klimaatrisicokaart Nederland.
0 25 50 KM
Oefeningen met voertuigen dwars door de Oirschotse Heide.
Militair oefenfort, Oirschotse Heide.

Kunnen defensie en ecologie onderdeel worden van hetzelfde systeem?

OPGAVE

TUSSEN DEFENSIE EN LANDSCHAP

De Nederlandse defensie is in beweging. Door de veranderende geopolitieke situatie groeit de noodzaak om de krijgsmacht te versterken: meer personeel, meer materieel en meer ruimte voor training en voorbereiding. Maar in een land waarin iedere vierkante meter al meerdere functies draagt, wordt deze ontwikkeling onvermijdelijk een ruimtelijke opgave.

De discussie rondom deze uitbreiding speelt zich vaak af op het niveau van ruimteclaims. Waar kunnen nieuwe oefengebieden komen? Welke landschappen kunnen worden gebruikt? Welke functies moeten mogelijk wijken? Daarbij lijkt Defensie al snel een indringer te worden die ruimte inneemt, landschappen verstoort en zich bij voorkeur buiten het zicht van de samenleving bevindt.

Tegelijkertijd zit er een tegenstrijdigheid in deze manier van kijken. Verdediging lijkt vaak los te staan van het landschap waarin het plaatsvindt, alsof veiligheid uitsluitend wordt georganiseerd in kazernes, infrastructuur en afgesloten terreinen. Maar juist het landschap vormt de basis waarop samenlevingen functioneren. Water, bodem, natuur en infrastructuur bepalen hoe kwetsbaar of weerbaar een gebied is.

Daarbij stapelen de opgaven zich op in dezelfde ruimte. Terwijl Defensie zoekt naar ruimte om voorbereid te zijn op toekomstige dreigingen, vraagt klimaatverandering om landschappen die robuuster, natter en veerkrachtiger worden. Twee grote ontwikkelingen die vaak los van elkaar worden benaderd, maar in werkelijkheid dezelfde omgeving beïnvloeden.

Misschien ligt juist daar een andere manier van kijken. Niet door defensie en ecologie tegenover elkaar te plaatsen, maar door ze te zien als onderdeel van hetzelfde systeem. Wat gebeurt er wanneer het landschap niet alleen de plek is waar verdediging plaatsvindt, maar zelf een rol gaat spelen in hoe bescherming wordt georganiseerd?

Historisch gezien hebben landschappen vaker een strategische betekenis gehad. Rivieren, moerassen en natte gebieden vormden natuurlijke barrières die beweging konden vertragen en toegang konden beperken. Tegenwoordig ligt die waarde mogelijk niet alleen in het tegenhouden van een tegenstander, maar ook in het versterken van de weerbaarheid tegen klimaatverandering en maatschappelijke ontwrichting.

Daarmee verschuift het perspectief. Verdediging wordt niet langer uitsluitend georganiseerd in objecten, lijnen of afgesloten terreinen, maar ook in de kwaliteiten van het landschap zelf: in waterstanden, bodems, vegetaties en ruimtelijke structuren. Niet door alleen grenzen te trekken, maar door condities te creëren. Niet door het landschap te beheersen, maar door samen te werken met de systemen die er al zijn.

In die benadering ontstaat een nieuw perspectief op veiligheid:

kunnen wij het land(schap) beschermen, terwijl het landschap ons beschermt?

Het Peelkanaal loopt dwars door veennatuur. De Mariapeel.

LANDSCHAP ALS VERDEDIGING

Welke rol heeft het landschap eigenlijk gespeeld binnen de veiligheid en verdediging van Nederland? In het huidige debat lijkt de aandacht vaak te liggen op materieel, technologie en militaire capaciteit. Maar als we verder terugkijken in de geschiedenis, zien we dat verdediging altijd sterk verbonden is geweest met de plek waar die plaatsvond.

EEN LANDSCHAP MET MILITAIRE GESCHIEDENIS

Het landschap bepaalde waar grenzen lagen, waar legers konden bewegen en waar bescherming gevonden kon worden. Rivieren, moerassen, polders en dijken waren niet zomaar onderdelen van het landschap, maar werden bewust ingezet binnen militaire strategieën. Soms werd het landschap aangepast om te verdedigen, soms bepaalde het landschap juist wat wel en niet mogelijk was.

Om te begrijpen welke rol landschap vandaag opnieuw zou kunnen spelen, moeten we daarom terug in de tijd kijken. Hoe veranderde de relatie tussen oorlogvoering en ruimte door de eeuwen heen? En welke lessen liggen verborgen in de manier waarop Nederland zich historisch heeft verdedigd?

Deze terugblik laat zien dat landschap nooit alleen een decor is geweest waarin conflicten plaatsvinden. Het is altijd onderdeel geweest van de strategie zelf. Van natuurlijke barrières zoals rivieren en moerassen tot grootschalige systemen zoals de Hollandse Waterlinies: het landschap heeft door de tijd heen bescherming geboden, beweging gestuurd en dreiging beïnvloed.

Juist nu veiligheid opnieuw verandert en klimaatverandering nieuwe kwetsbaarheden blootlegt, ontstaat de vraag of deze historische relatie opnieuw betekenis kan krijgen. Kunnen we opnieuw kijken naar het landschap als iets dat niet alleen beschermd moet worden, maar ook zelf kan bijdragen aan bescherming?

Romeinse Tijd

ca. 50 - 400 n.Chr.

Het landschap langs de Rijn werd ingezet als grens en verdedigingslijn: de Romeinse Limes. De rivier vormde een natuurlijke barrière waarlangs forten, wachttorens en legerkampen werden gebouwd om het noordelijke grensgebied van het rijk te bewaken. Wegen en infrastructuur verbonden deze posten. Het landschap functioneerde daarmee als een gecontroleerde randzone, waarin water, moeras en rivier bepalend waren voor bereikbaarheid en militaire grip. (Limes, 2026)

Middeleeuwen

ca. 800-1500

In de middeleeuwen verschoof verdediging naar een meer gefragmenteerd systeem van lokale macht. In dit feodale stelsel werden kastelen, burchten en versterkte steden strategisch in het landschap geplaatst. Muren, grachten en later landweren maakten gebieden moeilijk toegankelijk. Het omliggende landschap was veelal een ondoordringbaar ruw terrein. (Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 2020)

Tachtigjarige Oorlog & Gouden Eeuw

ca. 1570-1700

Het landschap krijgt een flexibel en watergebonden karakter. Polders konden onder water worden gezet, waardoor open akkerland veranderde in een ondoordringbare zone. Het open polderlandschap maakte beweging zichtbaar en controleerbaar, maar kon tegelijk snel transformeren van landbouwgrond naar verdedigingsmiddel. Boerenschansen boden lokale bescherming: eenvoudige omwallingen in natte gebieden, waar water en moeras onderdeel werden van de verdediging zelf. (Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, 2025)

ca. 1672-1940

In de eeuwen daarna werd water structureel ingezet als militair instrument. De Oude en Nieuwe Hollandse Waterlinie maakten van inundatie een georganiseerd systeem van sluizen, dijken, forten en vestingsteden. Een dunne waterlaag kon het land onbegaanbaar maken voor mens en materieel. Het landschap werd een grootschalige, planmatige verdedigingsstructuur.

(Zo Ontstonden De Hollandse Waterlinies, z.d.)

Oude & Nieuwe Hollandse Waterlinie

Tweede wereldoorlog

ca. 1940-1945

In de eerste helft van de twintigste eeuw veranderde de aard van oorlogsvoering drastisch door de komst van artillerie, luchtoorlog en gemotoriseerde legers. Nederland koos lange tijd voor neutraliteit, maar bereidde zich wel voor op mogelijke invasies. De Hollandse Waterlinie en de Grebbelinie werden versterkt met kazematten, bunkers en inundatievelden. Het landschap fungeerde als vertragingssysteem, bedoeld om tijd te winnen in een steeds sneller wordende oorlog. (Hadders, 2024)

Duitse bezetting

ca. 1940-1945

Tijdens de Duitse bezetting werd het Nederlandse landschap op ongekende schaal gemilitariseerd. De Atlantikwall veranderde de kust in een aaneengesloten verdedigingszone met bunkers, tankgrachten en mijnenvelden, waarbij hele dorpen en duingebieden werden aangepast of gesloopt. In het binnenland ontstonden camouflage, schijnlandschappen en tijdelijke militaire infrastructuur. Het landschap werd niet langer gebruikt om een vijand buiten te houden, maar om de macht te ondersteunen en geallieerde aanvallen te vertragen. (Hadders, 2024)

KOUDE OORLOG

ca. 1947-1991

In de Koude Oorlog verschoof de zichtbare verdediging naar een grotendeels verborgen netwerk. Luchtmachtbases, radarinstallaties, bunkers en oefenterreinen werden verspreid en vaak gecamoufleerd in bestaande landschappen. Het idee van een duidelijke frontlinie verdween; in plaats daarvan ontstond een onzichtbare infrastructuur van paraatheid. Het landschap kreeg een dubbele laag: een alledaags oppervlak met daaronder een militaire paraatheid gericht op een dreiging die nooit volledig zichtbaar werd. (Koude Oorlog Verhalen, 2023)

Kaart van Nederland met (voormalige) forten, vestingen, linies en stellingen van de afgelopen eeuwen.

VAN BLOKKEREN NAAR VERSCHUILEN

Over de eeuwen heen heeft er een verschuiving plaatsgevonden in de relatie tussen oorlog en landschap. Waar in de Romeinse tijd en de vroege verdedigingssystemen het landschap zelf als grens functioneerde, verschuift dit later naar een steeds fijnmaziger en meer gemanipuleerd netwerk van barrières, forten en linies. Verdediging beweegt van lijnverdediging naar puntverdediging en vervolgens weer naar grootschalige lijnsystemen zoals de waterlinies en kustverdediging.

Tegelijk verandert ook de manier waarop het landschap wordt ingezet. Waar het eerst letterlijk wordt gebruikt als verdedigingsmiddel (rivieren, moerassen en inundaties als fysieke barrières) verschuift dit later naar een meer technische en verborgen toepassing. Het landschap wordt niet alleen ingezet om

te verdedigen, maar ook om zich in te verschuilen: bunkers in duinen, bases in bossen, infrastructuur gecamoufleerd in het alledaagse landschap.

Opvallend is daarbij de constante rol van water. Door de eeuwen heen blijkt water een van de meest effectieve middelen tegen militaire opmars: het vertraagt, maakt onvoorspelbaar en beperkt toegankelijkheid. Van moerasgebieden tot inundaties en waterlinies blijft hetzelfde principe terugkomen: waar water de ruimte bepaalt, wordt beweging moeilijk.

Zo laat de geschiedenis van militaire landschappen in Nederland vooral één verschuiving zien: Het landschap gaat van verdediger, naar de drager van verdediging en uiteindelijk naar een landschap waarin verdediging steeds meer verborgen raakt in de ruimte zelf.

HEDENDAAGSE OORLOGVOERING

Oorlog ziet er vandaag anders uit dan in het verleden. Waar conflicten lange tijd draaiden om duidelijke frontlinies en fysieke veldslagen, bestaat moderne oorlogvoering uit een combinatie van militaire, digitale en maatschappelijke middelen. De grens tussen oorlog en vrede vervaagt: conflicten spelen zich niet alleen af op het slagveld, maar ook in digitale systemen, infrastructuur en de dagelijkse leefomgeving.

Een belangrijk kenmerk hiervan is hybride oorlogvoering, waarbij conventionele middelen zoals tanks, voertuigen en grondtroepen worden gecombineerd met cyberaanvallen, drones, sabotage en informatieoorlog. Hierdoor richt een conflict zich niet alleen op een tegenstander, maar ook op het ontregelen van vitale systemen binnen een samenleving.

Oorlog komt daarmee dichter bij de maatschappij te staan. Steden, havens, vliegvelden en infrastructuur worden strategische plekken, omdat ze bepalend zijn voor beweging en continuïteit. Ondanks technologische ontwikkelingen blijft de fysieke ruimte essentieel.

WAT BEPAALT SUCCES IN EEN OORLOG?

Ondanks technologische veranderingen blijven enkele principes van oorlogvoering onveranderd. Een leger kan alleen opereren wanneer het beschikt over voldoende snelheid, bevoorrading en bewegingsvrijheid. Het innemen of verdedigen van gebied draait niet alleen om de eerste aanval, maar vooral om het vermogen om langdurig aanwezig te blijven.

Om een land immers in te nemen moet je het ook fysiek innemen.

Logistiek vormt daarin een cruciale factor. Brandstof, munitie, voedsel, materieel en manschappen moeten voortdurend worden aangevoerd. Zonder deze toevoer valt een militaire operatie stil. In moderne conflicten wordt daarom niet alleen gevochten om grondgebied, maar ook om de systemen die beweging en continuïteit mogelijk maken.

Infrastructuur krijgt hierdoor een strategische betekenis. Wegen, spoorlijnen, havens, bruggen, energievoorzieningen en communicatieverbindingen worden onderdeel van het conflict. Wie deze systemen kan beschermen, verstoren of controleren, beïnvloedt de mogelijkheid van een tegenstander om op te treden.

Daarmee verschuift de betekenis van landschap opnieuw. Het landschap is niet alleen de plek waar strijd plaatsvindt, maar vormt de basis waarop militaire en maatschappelijke systemen functioneren. De vraag wordt daardoor niet alleen hoe een gebied verdedigd wordt, maar ook hoe een gebied ingericht kan worden om bestand te zijn tegen verstoring en onzekerheid.

In Oekraïne worden netten gespannen tegen drones. (AFP, 2025)
Gebruik van drones aan het front in hybride oorlog. (Nastavení Souhlasu S Personalizací, z.d.)

Verdedigingslinies en (natuur)zones waar landschap een verdedigende rol speelt.

LANDSCHAPPEN IN EUROPA

De relatie tussen landschap en verdediging is niet alleen uniek voor Nederland. Ook in andere landen wordt het landschap gebruikt als onderdeel van militaire strategie. Niet alleen door het bouwen van verdedigingswerken, maar juist door gebruik te maken van de eigenschappen die een gebied van nature bezit: water, reliëf, vegetatie en toegankelijkheid.

In Oekraïne en Belarus laten de uitgestrekte moerasgebieden rond Pripjat zien hoe natte landschappen militaire beweging kunnen beïnvloeden. De moeilijk toegankelijke gebieden beperken grootschalige verplaatsingen van materieel en maken routes voorspelbaarder. Ook tijdens de Russische invasie van Oekraïne werd zichtbaar dat terrein, naast technologie en materieel, een bepalende factor blijft in militaire operaties. De vernietiging van de Kachovkadam maakte bovendien duidelijk hoe sterk water en landschappelijke systemen invloed kunnen hebben op bereikbaarheid en controle over gebied.

Ook andere landen gebruiken hun landschappelijke kenmerken strategisch. Zweden maakt gebruik van zijn eilanden, bossen en versnipperde kustlandschap om verdediging te verspreiden en toegang te bemoeilijken. Zwitserland benut juist het bergachtige reliëf van de Alpen, waarbij hoogteverschillen en smalle doorgangen bepalend zijn voor militaire strategie.

Deze voorbeelden laten zien dat landschap geen neutrale ondergrond is waarop oorlog plaatsvindt. Het bepaalt mede hoe beweging, toegang en verdediging mogelijk zijn. Ondanks technologische ontwikkelingen blijft de fysieke omgeving een belangrijke factor in de manier waarop landen zich beschermen.

Tank wordt gecamoufleerd in bosgebied aan de frontlinie.

(The Associated Press,

2022)
Russische militaire kolonne op weg naar Kyiv staat vast door het breken van de Kachovkadam. (EPA, 2022)

Tank weggezakt in onvoorspelbaar moerasgebied, Oekraïne. (O’Donnell, 2025)

Militairen graven zich in aan de frontlinie.
(Getty Images, 2025)

WARWILDING

Steeds vaker pleiten onderzoekers voor een andere manier van kijken naar veiligheid en ruimte: niet alleen door te investeren in militaire middelen, maar ook door de kwaliteiten van het landschap zelf te benutten. Binnen deze gedachte ontstaat onder andere het principe van ‘warwilding’: het combineren van natuurontwikkeling, klimaatadaptatie en landschappelijke weerbaarheid. (Mundy, 2022)

Het uitgangspunt is dat landschappen eigenschappen bezitten die strategisch relevant kunnen zijn. Bossen kunnen zorgen voor dekking en beperking van zichtbaarheid, terwijl complexe landschapsstructuren beweging kunnen vertragen. Natte landschappen zoals veenmoerassen en wetlands vormen van oudsher natuurlijke barrières doordat ze moeilijk toegankelijk zijn voor mens en materieel.

Deze principes zijn niet nieuw. Door de geschiedenis heen hebben rivieren, moerassen en waterlinies een rol gespeeld in de verdediging van gebieden. Ook vandaag wordt opnieuw gekeken naar de waarde van zulke landschappen. In landen als Polen en Oekraïne laten uitgestrekte natte gebieden zien hoe terrein invloed kan hebben op militaire beweging en strategie.

“Nat veen is een belangrijk wapen. Tegen klimaatverandering, maar ook tegen dreiging van landen als Rusland.”

- Hans Joosten, veenprofessor (februari, 2026)

Het idee achter warwilding is daarmee niet het creëren van een militair landschap, maar het versterken van landschappen die meerdere functies tegelijk vervullen. Een landschap dat water vasthoudt, biodiversiteit ondersteunt en klimaatbestendig wordt, kan tegelijkertijd bijdragen aan ruimtelijke weerbaarheid en bescherming.

MEETBAARHEID VAN VERTRAGING

Hoe sterk kan landschap beweging vertragen? Om dit te onderzoeken ben ik dwars door de Neterselse Heide van punt A naar B gelopen, niet via bestaande paden maar in een rechte lijn. Onderweg heb ik alle obstakels, bodemcondities en landschappelijke elementen vastgelegd. Daarnaast onderzocht ik de draagkracht van natte bodems en de invloed daarvan op mobiliteit.

VAN A NAAR B

Bij de start stuitte ik als snel op een eerste greppel en een rij omgevallen bomen. De ondergrond bestond uit hoog gras met veel gaten; de bodem was zacht en onvoorspelbaar. Even verder moest ik een natte plas doorkruisen. Door het ijs kon ik er nét overheen, maar laarzen waren noodzakelijk.

Daarna volgde een zone met hoge graspollen en dikke, half verborgen boomstammen. Dit vergrootte het risico op struikelen en enkelverzwikking aanzienlijk. In dit deel lag mijn focus volledig op mijn voeten. Even verder werd het terrein gelijkmatiger en kon ik beter doorstappen. Het open karakter gaf overzicht en hielp bij de oriëntatie (ik kon een eindpunt in de verte kiezen), maar tegelijk leidde de constante aandacht voor de ondergrond af.

Ik moest meerdere kleine berkenboompjes ontwijken. Op sommige plekken zakte ik onverwacht diep weg in het mos, soms tot wel 50 centimeter. Ik struikelde en viel achterover in de graspollen. Even later kwam ik op een natter, opener stuk terecht, waar ik vermoedelijk een oude landweg kruiste. Dit spoor kon ik een tijdje volgen, wat de voortgang tijdelijk vergemakkelijkte.

Zodra ik het gras weer in ging, struikelde ik opnieuw. Een droger heidegebied volgde: beter begaanbaar, met de bosrand al in zicht. In het bos zelf was de doorgang redelijk, al moest ik takken uit mijn gezicht slaan. Ik voelde me hier beschutter ten opzichte van recreanten.

Daarna kwam ik opnieuw in open grasland. In de verte zag ik een meer en opnieuw een bosrand. Van een afstand leek het gras goed te doen, maar eenmaal erin bleek

het opnieuw zwaar en vertragend. Ik zag ook een uitkijktoren, maar stond midden in het open terrein zonder duidelijke uitwijkmogelijkheden.

Plotseling kwam ik bij een diepe sloot, waarin ik ver wegzakte. Dit was een kantelpunt: na een lange, uitputtende strijd met het onvoorspelbare gras besloot ik mijn rechte lijn los te laten en een hoger gelegen route te zoeken. In de laatste tien minuten vóór dit moment was ik zes keer gevallen.

Ik kwam opnieuw in een boszone. Hier voelde ik me beschutter, maar het kraken van takken en gras maakte veel geluid. Het grote meer was onvermijdelijk; ik had het al van grote afstand gezien en moest er langs afwijken. Langs het water voelde de route beschutter. De zachte onderlaag dempte het geluid van mijn stappen.

In een dichter bebost gebied nam de desoriëntatie toe. Hoopjes takken maakten het lopen lastiger en luidruchtiger, maar vormden geen echte blokkade (wel glad). Ik hoorde echo’s van wandelaars en honden, zonder te kunnen bepalen waar ze zich bevonden.

Een nieuwe diepe sloot/greppel blokkeerde mijn route, mogelijk geen groot obstakel voor rupsbanden, maar wel voor voetgangers. Lagere, jonge bomen beperkten hier opnieuw het zicht.

NETERSELSE HEIDE

30.12.2025

Afstand: 2.60 km

Tijd: 1u 26min

Ter vergelijking: gemiddeld wandelt men 5 km/u.

Observatieschets Neterselse Heide.

7. desoriëntatie in bebost gebied.
1. start route in open veld.
2. aankomst bij een waterobstakel.
3. wisselen van schoenen vanwege water.
4. struweel met onverwachte sloot.
5. beschut door het gras.
6. luidruchtige stappen door dood hout/bladeren.
8. eindpunt behaald.

BEGAANBAARHEID VAN VOERTUIGEN

Een manier om grip op te krijgen op de mate van vertraging is via de draagkracht van de bodem. Die wordt vaak uitgedrukt in kilopascal (kPa), een waarde die aangeeft hoeveel druk de ondergrond kan hebben voordat deze begint te vervormen of bezwijkt.

In theorie kun je daarmee iets zeggen over de begaanbaarheid van een terrein. Een persoon te voet, een licht voertuig of een zwaar militair rupsvoertuig oefenen allemaal een andere druk uit op de bodem. Zodra die druk hoger wordt dan wat de ondergrond aankan, ontstaan vertraging, sporen of zelfs volledig onbegaanbaar terrein.

Maar in de praktijk is dat nooit een vaste uitkomst. De draagkracht van een landschap verandert continu. Het hangt af van grondsoort, waterstand, vegetatie, weersomstandigheden en het seizoen. Een gebied dat vandaag nog goed begaanbaar is, kan na regenval of hogere grondwaterstand ineens veranderen in een drassige barrière.

Daardoor is vertraging niet echt één meetbare waarde, maar eerder een combinatie van omstandigheden. Hetzelfde landschap kan op het ene moment goed doorwaadbaar zijn en op een ander moment vrijwel ondoordringbaar. Juist die veranderlijkheid maakt het interessant om naar te kijken als onderdeel van landschappelijke verdediging.

(Tel & Tel, 2026)

DROGE GROND

kPa

GRASLAND 5-50 kPa

VEENMOERAS

kPa

VOERTUIGEN

kPa

kPa

kPa

kPa

STRYKER
M1A2 ABRAMS
M113
DRASSIG
LEOPARD 1 ARV
M2A2 BRADLEY
GWP 2-3 m
GWP 0.3-0.8 m
GWP >0.3 m
MILITAIRE TRUCK
(Foster et al., 2005)
Sporen van militaire voertuigen in heidegebied. Oirschotse Heide.
Bunker verscholen in het landschap. Nationaal Militair Museum.

DEFENSIE EN NATUUR

Militaire terreinen worden vaak gezien als plekken waar natuur en ruimte onder druk staan. Maar wanneer je de kaart van Nederland bekijkt, ontstaat een ander beeld: veel defensiegebieden liggen juist in of nabij waardevolle natuurgebieden.

ONVERWACHTE NATUURBESCHERMER

De militaire aanwezigheid in Nederland is sterk verbonden met het landschap. Oefenterreinen, kazernes en vliegbases liggen verspreid over het land en zijn bewust op strategische plekken geplaatst. Deze spreiding zorgt ervoor dat defensie snel kan reageren en verschillende typen terrein kan gebruiken voor training en voorbereiding. Tegelijkertijd betekent het dat grote oppervlaktes grond een specifieke functie behouden en niet worden ontwikkeld voor andere doeleinden.

Juist dat gesloten karakter heeft op veel plekken onverwachte gevolgen gehad voor de natuur. Waar recreatiegebieden vaak te maken hebben met continue menselijke aanwezigheid, verstoring en versnippering, kennen militaire terreinen een ander soort gebruik. Oefeningen vinden plaats op specifieke momenten en volgens vaste patronen, waardoor veel soorten zich kunnen aanpassen aan deze vorm van dynamiek. Hierdoor zijn op verschillende militaire gebieden bijzondere landschappen ontstaan met zeldzame vegetaties en waardevolle ecosystemen. (Ministerie van Algemene Zaken, 2026)

De relatie tussen militair gebruik en natuurontwikkeling laat zien dat menselijke aanwezigheid niet altijd ten koste hoeft te gaan van ecologische waarde. Door de beperkte toegankelijkheid, extensief beheer en langdurige continuïteit van gebruik hebben veel defensieterreinen zich kunnen ontwikkelen tot waardevolle natuurgebieden. De dynamiek die ontstaat door oefeningen, beheer en tijdelijke verstoring draagt op verschillende plekken juist bij aan variatie in het landschap en het ontstaan

van bijzondere leefgebieden voor planten en dieren. Onderzoek laat daarnaast zien dat de effecten van factoren zoals geluid, beweging en betreding sterk afhankelijk zijn van de soort, het moment en de intensiteit van gebruik. Hoewel veel positieve effecten zichtbaar zijn, vraagt de precieze wisselwerking tussen militair gebruik en natuurontwikkeling nog om verder onderzoek. Juist deze combinatie van gebruik en natuur maakt defensieterreinen interessant als voorbeeld van een landschap waarin verschillende functies elkaar kunnen versterken. (“Effecten van Militair Gebruik en Recreatie op Flora en Fauna”, 2001)

Veel militaire terreinen overlappen daarom met beschermde natuurgebieden, waaronder Natura 2000-gebieden. De combinatie van beperkte toegankelijkheid, extensief beheer en grote aaneengesloten oppervlaktes zorgt ervoor dat deze gebieden soms juist belangrijke natuurwaarden behouden. Het militaire gebruik heeft daarmee niet alleen invloed op het landschap, maar heeft op sommige plekken ook bijgedragen aan het beschermen ervan.

Dit zorgt voor een interessante tegenstelling in het huidige debat over uitbreiding van defensie. Waar defensie vaak wordt gezien als een ruimtevragende functie die natuur en landschap bedreigt, blijkt tóch:

Defensie behoudt op veel plekken juist ruimte.

Defensieterreinen en Natura-2000 gebieden. 0 25 50 KM

Grootste oefenterrein van Defensie met open zandverstuivingen en heide. Het is de enige locatie in Nederland waar de zeldzame kleine wrattenbijter voorkomt. (“In ’t Harde Floreren De Sprinkhanen Tussen De Springstof”, 2024)

Natura 2000 gebied en van nationaal belang voor droge heide, schraalland en vennen, en vormt een belangrijke kraamkamer voor diverse amfibieën en broedvogels. (Het Witterveld: Uniek Natuurgebied Bij Assen, z.d.)

Uitgestrekte oefenterrein en Natura 2000-gebied in de Waddenzee. Het is ecologisch uniek door de dynamische duinen en kwelders die dienen als leefgebied voor trekvogels en zeehonden. (Manon, z.d.)

Grote, ongestoorde graslanden en bospercelen die dienen als rustplaats voor zeldzame flora en fauna, waaronder beschermde vleermuissoorten en de boomleeuwerik. (Nieuws - Geen Contouren Over Gilze, 2022)

MILITAIRE VLIEGBASIS

MILITAIR OEFENTERREIN

VERANDERENDE FUNCTIE VAN DEFENSIE

De rol van Defensie verandert. Waar het beeld van defensie lange tijd vooral werd gekoppeld aan het voeren van oorlog en het beschermen van landsgrenzen, bestaat de taak tegenwoordig uit een veel breder pakket. Defensie richt zich niet alleen op militaire inzet, maar ook op het beschermen van nationale belangen, het bijdragen aan internationale veiligheid en het ondersteunen van de samenleving in tijden van crisis.

Naast klassieke militaire taken wordt Defensie steeds vaker ingezet bij situaties waarin veiligheid onder druk staat zonder dat er sprake is van een directe oorlog. Denk hierbij aan natuurrampen, overstromingen, grote branden, evacuaties en andere crisissituaties waarbij militaire capaciteit, organisatie en logistiek kunnen bijdragen aan snelle hulpverlening.

Deze ontwikkeling laat zien dat veiligheid steeds meer verbonden raakt met maatschappelijke en ruimtelijke vraagstukken. Klimaatverandering zorgt bijvoorbeeld voor een toename van extreme weersomstandigheden, waardoor de grens tussen militaire en civiele inzet steeds minder scherp wordt. Defensie wordt daarmee niet alleen een organisatie die beschermt tegen externe dreigingen, maar ook een partner die helpt bij het vergroten van de weerbaarheid van de samenleving.

De functie van Defensie verschuift daarmee van uitsluitend reageren op conflicten naar het voorbereiden op een breed scala aan onzekerheden. Veiligheid gaat niet meer alleen over het verdedigen van grondgebied, maar ook over het beschermen van de systemen en omstandigheden die een samenleving draaiende houden.

“Klimaatverandering is een van de grootste bedreigingen voor de veiligheid van onze tijd. We moeten klimaatverandering behandelen als een veiligheidsvraagstuk, niet alleen als een milieuprobleem.”

- Tom Middendorp, ‘klimaatgeneraal’ (februari, 2026)

Militairen leveren noodhulp tijdens crisissituaties. (Ebitz, 2019)
Hulp bij het vrijmaken van de weg na hevige storm.
(Sikorsky, 2024)
Defensie wordt ingezet om natuurbranden te bestrijden. (Oklahoma National Guard, 2023)
Militairen versterken de dijken vanwege hoog water. (Audiovisuele Dienst Koninklijke Landmacht, 1995)

VAN VERDEDIGING NAAR

WEERBAARHEID

STRATEGISCHE WEERBAARHEID

Door de geschiedenis heen heeft het landschap steeds een rol gespeeld binnen verdediging. Niet door een tegenstander volledig tegen te houden, maar door beweging te beïnvloeden, toegang te beperken en tijd te creëren. Het landschap vormde een systeem waarin natuurlijke eigenschappen werden ingezet als onderdeel van strategie.

Ook in moderne oorlogvoering blijft fysieke ruimte essentieel. Hoewel conflicten tegenwoordig bestaan uit een combinatie van militaire, digitale en maatschappelijke middelen, blijft het innemen en controleren van gebied afhankelijk van bereikbaarheid, infrastructuur en beweging. Een landschap kan geen volledige bescherming bieden tegen vernietiging, maar kan wel bijdragen aan het vertragen en beïnvloeden van beweging door een gebied.

Het gaat in dit onderzoek daarom niet om het stoppen van een vijand, maar om het winnen van tijd.

Tijd om te mobiliseren, tijd om burgers in veiligheid te brengen en tijd om versterking vanuit bondgenoten te organiseren. Verdediging wordt daarmee

geen harde grens, maar een systeem dat ruimte creëert om te reageren op onzekerheid.

Tegelijkertijd ontstaat een tweede perspectief. De landschappen die strategisch waardevol kunnen zijn voor verdediging, zijn vaak ook landschappen die bijdragen aan klimaatadaptatie en ecologisch herstel. Natte gebieden, robuuste vegetatiestructuren en een rijker landschappelijk netwerk vergroten niet alleen de weerstand van een gebied tegen beweging, maar ook tegen droogte, wateroverlast en biodiversiteitsverlies. De kern voor het ontwerp is daarom:

Natuur en defensie kunnen elkaar versterken.

Door landschappelijke systemen te versterken ontstaat een landschap dat meerdere vormen van bescherming biedt: een landschap dat ons helpt omgaan met toekomstige dreigingen, terwijl het tegelijkertijd ecologisch sterker en klimaatbestendiger wordt.

Uitzicht op de Neterselse Heide.

NEDERLAND ALS STRATEGISCH

GEBIED

Om te begrijpen welke rol landschap kan spelen binnen verdediging, is het belangrijk om eerst te kijken naar wat er eigenlijk verdedigd moet worden. Nederland is klein, maar heeft door zijn ligging en infrastructuur een grote strategische waarde.

WAT MAAKT NEDERLAND WAARDEVOL?

Nederland heeft internationaal een bijzondere positie door de combinatie van logistiek, kennis, energie, digitale infrastructuur en militaire ligging. De havens van Rotterdam en Amsterdam, de grote rivieren, spoorverbindingen en snelwegen maken Nederland een belangrijke toegangspoort tot Europa. Controle over deze logistieke knooppunten betekent invloed op de verplaatsing van goederen, mensen en materieel binnen Europa.

Daarnaast heeft Nederland strategische waarde door zijn kennis- en technologieclusters. De Randstad en Brainport Eindhoven vormen belangrijke economische en technologische centra. Ook de digitale infrastructuur speelt een grote rol: Nederland is een belangrijk knooppunt voor internetverkeer, met veel datacenters en internationale verbindingen.

Ook energievoorziening en voedselproductie zijn belangrijke onderdelen van de nationale weerbaarheid. Energiecentrales, opslaglocaties, netwerken en landbouwgebieden vormen systemen die essentieel zijn voor het functioneren van de samenleving. Tegelijkertijd maakt

de ligging aan de Noordzee Nederland relevant binnen bredere geopolitieke ontwikkelingen, zoals maritieme routes en toegang tot Noord-Europese gebieden.

Een mogelijke aanval op Nederland zou daarom niet alleen draaien om het innemen van grondgebied, maar ook om het verkrijgen van controle over de plekken en verbindingen die dit gebied laten functioneren. Strategische locaties zoals havens, steden, energievoorzieningen en infrastructuurknooppunten bepalen de mogelijkheid om troepen te verplaatsen, materieel aan te voeren en langdurig aanwezig te blijven. Wie deze plekken beheerst, krijgt invloed op de werking en bereikbaarheid van het gehele gebied.

Bij het nadenken over verdediging is het daarbij belangrijk om te beseffen dat totale bescherming onmogelijk is. Geen enkel land kan iedere locatie beschermen tegen alle vormen van dreiging. Daarnaast zal een tegenstander een gebied vaak niet volledig willen vernietigen wanneer het zelf waarde heeft bij controle of gebruik. De inzet zal daarom eerder gericht zijn op het verstoren, beïnvloeden of verkrijgen van controle over essentiële systemen.

Strategische kernkaart Nederland.

VERTRAGINGSLANDSCHAPPEN

Defensie wordt vaak gedacht vanuit grenzen, barrières en harde structuren. Het vertragingslandschap draait dit perspectief om: het landschap zelf wordt een middel om tijd te creëren. Door natuurlijke systemen te versterken ontstaat een landschap dat beweging vertraagt, richting geeft en tegelijkertijd bijdraagt aan een klimaatbestendige en ecologisch sterke omgeving.

DE DRIE V’S

De werking van het vertragingslandschap wordt vertaald naar drie ruimtelijke principes: Vernatten, Verruwen en Verhullen.

Vernatten gebruikt water als vertrager. Door grondwaterstanden te verhogen en natte landschappen te herstellen ontstaan gebieden met een lagere draagkracht en beperkte toegankelijkheid. Water wordt vastgehouden en verspreid, waardoor natte zones niet alleen bijdragen aan vertraging, maar ook functioneren als klimaatbuffer voor droogte en extreme neerslag.

Verruwen brengt weerstand terug in het landschap. Door bossen, houtwallen, ruigtes, reliëf en andere landschapselementen te versterken ontstaat meer variatie en frictie. Het landschap wordt minder rechtlijnig en beweging wordt gestuurd door een afwisseling van open en gesloten ruimtes. Tegelijkertijd ontstaan nieuwe leefgebieden voor flora en fauna en wordt het landschap robuuster.

Verhullen maakt het landschap minder voorspelbaar en beter leesbaar voor de gebruiker, maar minder overzichtelijk voor ongewenste beweging. Door bosranden, struweel en gelaagde vegetatie worden zichtlijnen verkort en ontstaan beschutte plekken. Deze structuren versterken zowel de ecologische verbindingen als de ruimtelijke kwaliteit van het landschap.

Samen vormen deze drie principes een nieuw type landschap: geen harde linie, maar een adaptief systeem waarin veiligheid, klimaat en ecologie elkaar versterken. Het landschap wordt daarmee niet alleen beschermd, maar ook een actieve kracht in de weerbaarheid van Nederland.

HET NEDERLANDSE VERTRAGINGSLANDSCHAP

Het vertragingslandschap wordt vertaald naar een nationaal netwerk waarin bestaande landschappelijke structuren worden versterkt en met elkaar verbonden. Door water, natuur en strategische gebieden als één systeem te benaderen ontstaat een gelaagd landschap dat niet alleen beschermt, maar ook bijdraagt aan klimaatadaptatie, ecologie en ruimtelijke kwaliteit.

NETWERKSTRATEGIEËN

VERSTERKEN VAN BESTAANDE WATERSTRUCTUREN

MASTERPLAN LANDELIJKE SCHAAL

Nederland kent van oorsprong verschillende landschappen die beweging beïnvloeden: rivieren, veengebieden, kustzones, bossen en open landschappen. Het vertragingslandschap bouwt voort op deze bestaande structuren en versterkt ze tot een samenhangend netwerk van landschappelijke weerbaarheid.

De nationale kaart laat zien waar verschillende typen vertragingslandschappen samenkomen en welke rol zij vervullen binnen dit systeem. Iedere zone krijgt daarbij een eigen karakter en werking. Natte landschappen zetten in op waterberging, sponswerking en het vasthouden van water. Droge landschappen versterken juist beschutting, ecologische verbindingen en ruimtelijke gelaagdheid. Kust- en duinlandschappen bieden bescherming door hun natuurlijke weerstand en adaptieve vermogen.

BESCHERMENDE SCHILLEN RONDOM STRATEGISCHE PUNTEN

Door bestaande natuurgebieden, watersystemen en defensieterreinen ruimtelijk te verbinden ontstaat een netwerk waarin landschappelijke kwaliteiten elkaar versterken. De verschillende zones vormen samen geen harde grens, maar een opeenvolging van landschappen met ieder een eigen mate van vertraging. Hierdoor ontstaat een gelaagd systeem waarin beweging wordt gestuurd, tijd wordt gewonnen en strategische gebieden beter worden ingebed in hun omgeving.

Er ontstaat een nationaal vertragingssysteem: een landschap dat tegelijkertijd werkt aan veiligheid, klimaatbestendigheid en ecologisch herstel.

KOPPELEN VAN DEFENSIETERREINEN
MEERDERE LAGEN VAN VERTRAGING
KOPPELEN VAN NATUURGEBIEDEN

EEN GELAAGD LANDSCHAP VAN

VERTRAGING

Wanneer Nederland wordt aangevallen werkt het vertragingslandschap als een gelaagd systeem waarin verschillende landschappen elk op hun eigen manier weerstand bieden en tijd winnen.

De westelijke kust vormt een eerste natuurlijke barrière. De combinatie van zee, duinen en open zichtbaarheid maakt een directe benadering complex, terwijl het kustlandschap tegelijkertijd bescherming biedt tegen toekomstige klimaatdreigingen zoals zeespiegelstijging. Vanuit het oosten en zuiden ontstaan andere ruimtelijke dynamieken, waarbij beweging door verschillende landschappelijke lagen wordt geleid.

Een mogelijke opmars wordt niet gestopt

door één harde grens, maar vertraagd door opeenvolgende landschappen: riviersystemen, natte vertragingszones, gemengde landschappen en drogere bosrijke zones. Elke laag voegt een andere vorm van weerstand toe: water beperkt mobiliteit, natte bodems verminderen draagkracht, vegetatie en structuren beperken zicht en sturen beweging.

Deze opeenvolging van vertragingslandschappen beschermt niet alleen strategische gebieden, maar creëert tijd en ruimte om Nederland operationeel te houden, mobilisatie mogelijk te maken en hulpstructuren te activeren. Het landschap wordt daarmee geen statische verdedigingslijn, maar een adaptief systeem dat onzekerheid en vertraging organiseert.

FASE 01
FASE 02

ONTWERPREGELS / VERTREKPUNTEN

Het systeem wordt niet overal hetzelfde toegepast, maar vertaald op basis van bestaande landschappelijke structuren en karakteristieken.

Bij benadering van iedere linie moeten de volgende stappen worden toegepast:

• Het ontwerp vertrekt altijd vanuit de ondergrond. Grondwaterstand, bodemopbouw en hydrologische systemen bepalen de mogelijkheden en grenzen van het landschap.

• Bestaande structuren/karakteristieken worden niet vervangen, maar gebruikt en versterkt. Percelen, sloten, houtwallen en historische lijnen vormen de basis waarop het systeem voortbouwt.

• Het landschap wordt aangepast door condities te veranderen, niet door het volledig opnieuw vorm te geven.

• Het landschap zal een adaptief systeem vormen dat continu in beweging is.

FASE 03
FASE 04
Het Peelkanaal fungeert als anti-tank obstakel.
DE PEELLINIE

HET PEELLANDSCHAP

Om te onderzoeken hoe de vertragingslandschappen ruimtelijk kunnen landen in een bestaand gebied, is de Peel gebruikt als deeluitwerking. Een landschap waarin historische structuren, klimaatopgaven en strategische betekenis samenkomen vormt hiervoor een interessant vertrekpunt.

DE (NIEUWE) PEELLINIE

De Peel neemt van oudsher een strategische positie in binnen het Nederlandse landschap. Gelegen tussen belangrijke stedelijke en economische gebieden vormt de regio een verbinding richting MiddenBrabant, met kenniscentra, logistieke netwerken en belangrijke handelsroutes in de nabijheid. Hierdoor is de vraag naar ruimtelijke weerbaarheid niet alleen historisch relevant, maar ook actueel.

Tegelijkertijd heeft de Peel altijd al gefunctioneerd als een natuurlijke barrière. Het voormalige hoogveenlandschap maakte beweging door het gebied moeilijk: natte omstandigheden, lage draagkracht en een uitgestrekt open landschap zorgden voor een natuurlijke vertraging. Deze landschappelijke eigenschap vormde later de basis voor de Peel-Raamstelling, waarbij het landschap bewust werd ingezet als onderdeel van een verdedigingssysteem.

Met de nieuwe Peellinie wordt onderzocht hoe deze oorspronkelijke kwaliteiten opnieuw betekenis kunnen krijgen. Niet door een nieuwe harde linie aan te leggen, maar door het bestaande landschap te versterken als een adaptief systeem. De aanwezige potentie van water, bodem en vegetatie biedt kansen om een landschap te ontwikkelen dat beweging vertraagt, water vasthoudt en ecologische structuren versterkt.

Daarbij staat de Peel momenteel voor grote landschappelijke uitdagingen. Verdroging, verlies van biodiversiteit, intensief landgebruik en toenemende waterproblemen vragen om een nieuwe omgang met het gebied. De transitie die nodig is biedt tegelijkertijd ruimte om de historische identiteit van de Peel opnieuw te benutten.

Het huidige Peellandschap.

Peelrandbreuk zorgt voor ijzerhoudend water op wijstgronden.

(Uniek Landschap – Geopark, z.d.)
De Peel staat bekend om de hoeveelheid akkerbouw en intensieve veeteelt. (Lokaal Brabant ZLTO, 2026)

Peelse mozaïeklandschap. (Rijksdienst Voor het Cultureel Erfgoed, z.d.)

Het gebied beschikt over unieke veennatuur, Nationaal Park De Grote Peel. (Ontdek de Groote Peel, z.d.)

Open agrarische vlaktes

Grote vlakke percelen met lange zichtlijnen

Mozaiek van bos, gras en akkerlanden Omsloten door bomenlanen

Strakke ontginningsstructuren Rechte kanalen, wegen en kavels

Nederzettingen vaak naast ontginningswegen en/of lintbebouwing

(Voormalige) veenmoerassen

Grote (open) natte weides met veen

KARAKTERISTIEKEN

Het Peellandschap is opgebouwd uit verschillende landschappelijke lagen die door de tijd heen zijn ontstaan. De vraag is niet alleen hoe deze karakteristieken behouden kunnen blijven, maar vooral welke nieuwe betekenis ze kunnen krijgen binnen een toekomstig landschap. Bestaande structuren zoals water, vegetatie en landschappelijke randen kunnen opnieuw worden ingezet als dragers van een robuuster systeem. Door deze aanwezige kwaliteiten te versterken en onderling te verbinden ontstaat een landschap waarin ecologie, klimaatadaptatie en ruimtelijke weerbaarheid samenkomen. De karakteristieken van de Peel vormen daarmee geen eindbeeld, maar een vertrekpunt voor transformatie: een landschap dat vanuit zijn eigen identiteit verder kan ontwikkelen en nieuwe functies kan dragen.

PRINCIPEDOORSNEDE HUIDIGE SITUATIE PEEL

1850 — Oorspronkelijk veenlandschap. (Topotijdreis)

1945 — Kanaliseren van het landschap (Peelkanaal). (Topotijdreis)

1900 — Ontginning van het veen. (Topotijdreis)

1975 — Intensivering van landbouw en veehouderij. (Topotijdreis)

HISTORIE VAN DE PEEL

De Peel is van oorsprong een uitgestrekt hoogveengebied dat eeuwenlang functioneerde als een natuurlijke barrière tussen Brabant en Limburg. Door de natte, ontoegankelijke bodem en het beperkte draagvermogen was het gebied moeilijk begaanbaar. Het landschap vormde daarmee niet alleen een ecologisch waardevol gebied, maar ook een natuurlijke vertraging in beweging door het landschap.

Vanaf de negentiende eeuw veranderde deze relatie met het landschap door grootschalige veenontginningen. Het veen werd afgegraven als brandstof en het water werd steeds verder afgevoerd om landbouw mogelijk te maken. Hierdoor veranderde de natte veennatuur in een rationeel ingericht productielandschap met rechte ontwateringsstructuren, wegen en landbouwpercelen.

Met de aanleg van het Peelkanaal in de twintigste eeuw werd deze ontwikkeling verder versterkt. Het kanaal maakte onderdeel uit van het grote watersysteem, maar kreeg later ook een strategische betekenis. Tijdens de mobilisatie voorafgaand aan de Tweede Wereldoorlog werd het landschap gebruikt als onderdeel van de Peel-Raamstelling: een verdedigingslinie waarbij bestaande waterstructuren, kanalen en laaggelegen gebieden werden benut om een mogelijke

opmars vanuit het oosten te vertragen. Door inundatie en het benutten van het moeilijk begaanbare landschap werd geprobeerd tijd te winnen voor verdere verdediging en mobilisatie.

Na de oorlog veranderde de Peel steeds meer in een intensief landbouwgebied. Grootschalige ruilverkaveling, ontwatering en uitbreiding van de veehouderij maakten het landschap productiever, maar hierdoor verminderde het oorspronkelijke landschap van water en veen.

Tegenwoordig is er nog maar weinig over van het oorspronkelijke uitgestrekte veenlandschap. Hiermee worden de problemen van verdroging, wateroverlast, bodemdaling en verlies van biodiversiteit alleen maar groter.

Hoewel de natuurlijke barrière grotendeels verdwenen is, zijn de sporen van de strategische betekenis van de Peel nog steeds aanwezig. Restanten van de PeelRaamstelling, zoals het Peelkanaal, kazematten en landschappelijke structuren, herinneren aan de manier waarop het landschap vroeger bewust werd ingezet als onderdeel van een verdedigingssysteem.

Turfwinning in de Peel. (Nationaal Archief, 2021)
Verdediging bij Baarlo tijdens WOII. (Archief Hugo Levels, 2019)
Ontgonnen veenlandschap, Mariapeel.
Groot meer in de Mariapeel.
Verlaten kazemat op de Vossenberg.
Kazemat langs het Peelkanaal.

VERTREKPUNT VOOR EEN NIEUW

PERSPECTIEF

De Peel is aangewezen als NOVEX-gebied, waarin het Rijk en de regio samenwerken aan een toekomstbestendige inrichting van het landschap.

De belangrijkste opgaven hiervan liggen bij het herstellen van het natuurlijke bodem- en watersysteem, het versterken van natuur en het vinden van een nieuwe balans tussen landbouw, klimaatadaptatie en ruimtelijke ontwikkeling.

EEN LANDSCHAP ONDER DRUK

De Peel is een landschap waarin verschillende systemen samenkomen: het voormalige veenlandschap, de Peelhorst, beekdalen, landbouwgebieden en natuurgebieden. De landschapsstructuurkaart laat zien hoe de Peel vandaag de dag is opgebouwd uit een mozaïek van natuurgebieden, landbouwgronden, waterstructuren en historische lijnen zoals het Peelkanaal. Hoewel delen van het oorspronkelijke landschap nog herkenbaar zijn, zijn veel natuurlijke verbindingen en natte systemen versnipperd geraakt. Het landschap functioneert daardoor minder als één samenhangend systeem.

Bestaande landschapsstructuren, de Peel. (Ontwikkelperspectief NOVEX de Peel, 2023)

De probleemkaart ‘als we niets doen’ maakt zichtbaar welke gevolgen deze ontwikkeling heeft. Door de intensieve landbouw en veehouderij staat het gebied onder druk door onder andere verdroging, stikstofbelasting en een verstoorde waterhuishouding. Ontwatering en lage grondwaterstanden zorgen ervoor dat water onvoldoende wordt vastgehouden, waardoor droogte en watertekorten toenemen. Tegelijkertijd leidt extreme neerslag steeds vaker tot wateroverlast doordat het landschap minder sponswerking heeft. Zonder verandering neemt de druk op natuur, landbouw en leefomgeving verder toe.

Effectanalyse, ‘wat als we niets doen?’. (Ontwikkelperspectief NOVEX de Peel, 2023)

De analyse van het huidige watersysteem laat zien dat deze problemen voortkomen uit een landschap dat sterk is aangepast aan productie. Beekdalen, sloten en watergangen zijn ingericht op afvoer in plaats van vasthouden. Hierdoor wordt het natuurlijke systeem beperkt en verdwijnen de kwaliteiten van het oorspronkelijke veen- en moeraslandschap. Het NOVEXperspectief voor De Peel richt zich daarom op het herstellen van de balans tussen water, bodem, natuur en landbouw.

(Ontwikkelperspectief NOVEX de Peel, 2023)

Waar het NOVEX-perspectief vooral kijkt naar een toekomstbestendige inrichting

vanuit klimaat, natuur en landbouw, voegt Living Defence een extra laag toe:

Het landschap wordt niet alleen gezien als iets dat beschermd en hersteld moet worden, maar ook als een actief systeem dat kan bijdragen aan ruimtelijke weerbaarheid.

Door water, bodem en vegetatie opnieuw strategisch in te zetten ontstaat een landschap dat zowel klimaatadaptief als vertragend werkt.

Huidig watersysteem, de Peel. (Ontwikkelperspectief NOVEX de Peel, 2023)
Bodem en geomorfologie, de Peel. (Ontwikkelperspectief NOVEX de Peel, 2023)
Veennatuur in Nationaal Park De Peel.

LANDSCHAPPELIJKE VERTALING

VERTRAGENDE ELEMENTEN

De kracht van het vertragingslandschap zit niet in één afzonderlijke ingreep, maar juist in de combinatie van verschillende landschappelijke elementen die elkaar versterken. Water, vegetatie en reliëf vormen samen een gelaagd systeem waarin beweging wordt vertraagd, zicht wordt beperkt en het landschap meer weerstand biedt. De afzonderlijke elementen hebben ieder hun eigen werking, maar de grootste waarde ontstaat wanneer deze worden gestapeld en gecombineerd.

De drie V’s zijn daarom geen losse categorieën, maar overlappende principes. Veel landschappelijke elementen dragen tegelijkertijd bij aan meerdere vormen van vertraging. Een bos werkt bijvoorbeeld niet alleen als fysieke barrière door dichte vegetatie en beperkte toegankelijkheid (verruwen), maar zorgt ook voor het doorbreken van zichtlijnen en het creëren van beschutting (verhullen). Daarnaast draagt bos bij aan wateropslag, bodemverbetering en klimaatadaptatie (vernatten). De werking ontstaat dus door de samenhang tussen verschillende functies.

De landschappelijke elementen vormen samen een toolbox waarmee per gebied een passende combinatie kan worden samengesteld. Afhankelijk van de ondergrond, het bestaande landschap, de waterhuishouding en de strategische ligging wordt bepaald welke elementen worden ingezet. Het doel is niet om overal hetzelfde landschap te creëren, maar om bestaande kwaliteiten te versterken en gericht nieuwe lagen toe te voegen.

De grootste kracht ontstaat waar deze elementen samenkomen. Een natte zone met opgaande vegetatie vormt een grotere barrière dan water of begroeiing afzonderlijk. Een bosstrook op strategische plekken kan tegelijkertijd beweging vertragen, zicht ontnemen en ecologische waarde toevoegen.

RUIMTELIJKE PLAATSINGREGELS

De werking van het vertragingslandschap wordt niet alleen bepaald door de gekozen elementen, maar vooral door hun plaatsing in het landschap. Een bos, houtwal of natte zone krijgt pas strategische waarde wanneer deze aansluit op bestaande structuren, landschapsrichting en de gewenste beweging van vertraging.

De plaatsingsregels zorgen ervoor dat ingrepen geen losse elementen zijn, maar samen een samenhangend systeem vormen. Door structuren te oriënteren en te koppelen ontstaat een landschap dat beweging kan sturen, zicht kan beperken en meerdere lagen van weerstand toevoegt. Waar mogelijk wordt aangesloten op bestaande kwaliteiten zoals waterstructuren, oude landschappelijke lijnen, natuurgebieden en defensieterreinen.

Lineaire elementen zoals houtwallen of bosstroken kunnen beweging vertragen wanneer ze haaks op routes worden geplaatst. Afwisseling tussen open en gesloten zones vergroot onzekerheid en vermindert leesbaarheid. Rond strategische locaties kunnen elementen juist worden verdicht om bescherming te versterken.

PLAATSING ZOVEEL MOGELIJK HAAKS OP AANVALSRICHTING
OPEN VOORZIJDE, GESLOTEN ACHTERZIJDE (PEELKANAAL)

STRUCTUREN/ELEMENTEN IN ZIGZAG PLAATSEN

STRATEGISCHE PUNTEN BESCHUTTEN

RITME VAN OPEN EN GESLOTEN GEBIEDEN
KOPPELEN VAN BESTAANDE STRUCTUREN

DE PEELLINIE

De Peellinie laat zien hoe verschillende landschappelijke lagen samen een nieuw systeem vormen. Door water, natuur, landbouw en defensie niet los van elkaar te ontwikkelen, ontstaat een landschap waarin bestaande structuren worden versterkt en nieuwe functies samenkomen. De linie wordt daarmee geen grens, maar een landschap dat actief bijdraagt aan weerbaarheid.

VERTRAGINGSLANDSCHAP ALS SYSTEEM

De Peellinie is opgebouwd vanuit de werking van het bestaande landschap. Water vormt de basis, waarna ecologische structuren, landgebruik en defensieve functies hierop voortbouwen. De verschillende lagen versterken elkaar: natte gebieden zorgen voor buffering en vertraging, groenstructuren verbinden natuurgebieden en het agrarisch landschap verandert mee met de nieuwe omstandigheden.

Deze transformatie vraagt om een verschuiving in functies. Intensieve landbouw neemt op bepaalde plekken af, terwijl ruimte ontstaat voor natte teelten, landschapsbeheer en natuurinclusieve productie. Tegelijkertijd groeien de ecologische waarde, klimaatbestendigheid en landschappelijke samenhang van het gebied.

Verandering van het landschap. Verwachte impact van de Peellinie op het bestaande landschap.

De Peellinie. Een toekomstig netwerk van landschappelijke weerbaarheid in de Peel.

PRINCIPEDOORSNEDE TOEKOMSTIGE SITUATIE PEEL

VERHOGEN GRONDWATERPEIL

Het vertragingslandschap begint bij het watersysteem. Door het grondwaterpeil te verhogen veranderen de condities van het landschap en ontstaan verschillende zones met ieder een eigen werking. De natte kernzones vormen de plekken waar water wordt vastgehouden en opgeslagen in veenmoerassen. Rondom deze gebieden ontstaan infiltratiezones waarin water langer wordt vastgehouden en langzaam wordt afgevoerd. De droge randzones behouden ruimte voor bestaande natuurgebieden en dorpen. Het Peelkanaal vormt hierin de verbindende structuur voor de aan- en afvoer van water.

VERSTERKEN GROENSTRUCTUUR

Vanuit de nieuwe waterstructuur wordt de ecologische laag versterkt. Bestaande natuurgebieden worden niet als losse elementen gezien, maar als onderdelen van één groter landschappelijk systeem. De natte veengebieden worden verbonden met drogere bos- en heidegebieden, waardoor verschillende leefmilieus elkaar aanvullen. Het Peelkanaal krijgt hierin een belangrijke rol als continue ecologische verbinding. Door een doorlopende struweelstructuur en ecologische oevers ontstaat een corridor die natuurgebieden met elkaar verbindt en tegelijkertijd bijdraagt aan vertraging.

VERTRAGEN VAN AGRARISCH GEBIED

De verhoging van het grondwaterpeil heeft grote invloed op het huidige agrarische landschap. De infiltratiezones worden natter en veranderen daarmee van intensief gebruikte landbouwgronden naar gebieden waarin een ander gebruik mogelijk wordt, denk hierbij aan natte teelten. Tegelijkertijd wordt het bestaande mozaïeklandschap versterkt door de toevoeging van houtwallen, bosstructuren en kleine landschapselementen. Deze structuren vergroten de landschappelijke weerstand, versterken biodiversiteit en maken landbouw onderdeel van het vertragingslandschap.

BREEDTE VAN DE LINIE

De Peellinie kent geen vaste grens of specifieke breedte. De werking ontstaat door een opeenvolging van landschappelijke elementen die samen beweging vertragen. Hierdoor kan de linie zich aanpassen aan de eigenschappen van het landschap en lokaal verschillen in omvang.

Waar het landschap van nature al sterk vertraagt, zoals in veenmoerassen, kan de linie compacter zijn. In open agrarische gebieden is juist een bredere zone nodig waarin water, houtwallen en vegetatiestructuren samen de vertraging opbouwen.

Vogelvlucht vertragingslandschap, de Peellinie.

BELEVING VAN VERTRAGING

WERKING VAN HET LANDSCHAP

De volgende stap is om te onderzoeken hoe de verschillende ingrepen daadwerkelijk landen in het bestaande landschap. Hierbij staat niet alleen de werking van de vertraging centraal, maar ook hoe deze plekken ervaren worden en welke nieuwe vormen van gebruik en beleving hierdoor ontstaan.

De werking van de Peellinie wordt uiteindelijk zichtbaar op lokale schaal. De grotere landschappelijke ingrepen, zoals waterberging, natuurontwikkeling en het versterken van de landschappelijke karakteristiek, krijgen hier een concrete vorm in het landschap. Op deze plekken ontstaat een wisselwerking tussen vertraging en gebruik: het landschap wordt robuuster en moeilijker doordringbaar, maar blijft tegelijkertijd toegankelijk en beleefbaar.

Bestaande situatie rondom vliegbasis de Peel.

INPASSING RONDOM VLIEGBASIS DE PEEL

De plankaart laat zien hoe de principes van de Peellinie landen rondom vliegbasis De Peel. Het bestaande landschap wordt versterkt door het vergroten van de kroonbedekking rondom de basis en het verbinden van bestaande bos- en natuurgebieden. Agrarische gronden maken plaats voor uitbreiding van veenmoerassen en natte natuur, waarmee water wordt vastgehouden en het landschap tegelijkertijd moeilijker doordringbaar wordt.

Binnen het agrarische landschap ontstaat een nieuw mozaïek van houtwallen, bosjes en natuurlijke structuren. Deze versterken de ecologische verbindingen, maar zorgen ook voor een zigzaggende structuur die zichtlijnen beperkt en beweging vertraagt. Door het verhogen van het grondwaterpeil veranderen delen van de landbouwgronden naar nattere gebieden met nieuwe mogelijkheden voor bijvoorbeeld natte teelten.

Het Peelkanaal is de verbindende lijn door het gebied. Het kanaal koppelt ecologie, recreatie en defensie aan elkaar en blijft functioneren als continue corridor voor natuur, mobiliteit en gebruik.

Plankaart Peellinie rondom vliegbasis De Peel. Een landschap waarin water, natuur en defensie samenkomen.

BOSGEBIED

HOUTWAL

MOERASGEBIED ALS ECOLOGISCH SYSTEEM

MOERASGEBIED ALS DEFENSIEF SYSTEEM

AGRARISCH GEBIED ALS ECOLOGISCH SYSTEEM

AGRARISCH GEBIED ALS DEFENSIEF SYSTEEM

BOSGEBIED ALS ECOLOGISCH SYSTEEM

BOSGEBIED ALS DEFENSIEF SYSTEEM

GEDEELD GEBRUIK VAN HET

LANDSCHAP

Een vertragingslandschap is niet alleen een systeem voor water, natuur en weerbaarheid, maar ook een landschap waarin verschillende gebruikers samenkomen. Door gebruik in ruimte en tijd te sturen ontstaan verschillende vormen van ontmoeting tussen defensie, recreatie en natuur.

VERSCHILLENDE ONTMOETINGEN

Een route langs het Peelkanaal vormt hierin de verbindende structuur.

Voor defensie werkt het kanaal als een verbinding tussen verschillende defensieterreinen en ondersteunt het de bereikbaarheid en mobiliteit tussen locaties. Tegelijkertijd vormt het kanaal de belangrijkste recreatieve route door het landschap, met daaraan gekoppelde lussen die bezoekers het omliggende landschap laten ervaren.

Er zijn verschillende vormen van interactie tussen recreatie en defensie. Een eerste vorm is een indirecte ontmoeting: het landschap laat sporen zien van militair gebruik door bijvoorbeeld voertuigsporen, veranderde vegetatie, geluiden of beheervormen. De activiteit zelf is niet zichtbaar, maar de aanwezigheid van defensie blijft voelbaar in het landschap.

Een tweede vorm is een visuele ontmoeting: Vanaf bepaalde plekken ontstaat zicht op kazernes, oefenterreinen of militaire activiteiten. Defensie wordt onderdeel van de beleving van het landschap.

De derde vorm is een tijdelijke ontmoeting. Het landschap verandert afhankelijk van gebruik en beheer. Routes of gebieden kunnen tijdelijk

worden afgesloten tijdens oefeningen, onderhoud of natuurbeheer door defensie. Deze wisselende toegankelijkheid maakt onderdeel uit van het systeem en vraagt om een flexibel gebruik van de ruimte.

Binnen het landschap ontstaan daarom drie verschillende gebruikszones.

• Intensief gebruikte zones

• Extensief gebruikte zones

• Rustgebieden

De intensief gebruikte zones bestaan uit de actieve oefenterreinen waar militaire activiteiten centraal staan. De extensief gebruikte zones kennen een periodiek of lichter gebruik, waarbij training, beheer en landschappelijke ontwikkeling elkaar kunnen afwisselen. De rustgebieden vormen de meest kwetsbare landschappelijke zones, zoals de veenmoerassen. Deze gebieden blijven zoveel mogelijk besloten, omdat juist de beperkte toegankelijkheid bijdraagt aan hun ecologische waarde.

Het landschap wordt daarmee geen afgesloten militair gebied of recreatiegebied, maar een plek waar verschillende vormen van gebruik elkaar afwisselen en beïnvloeden.

Ontmoetingen tussen defensie en recreatief gebruik.
Militair gebruik houdt het landschap divers en jong.

GECONTROLEERDE VERSTORING ALS BEHEERMAATREGEL

De dynamiek die ontstaat door militair gebruik biedt kansen om het landschap actief te beheren en te ontwikkelen. Waar verstoring vaak wordt gezien als een negatieve invloed, laat de praktijk van defensieterreinen zien dat juist tijdelijke verandering kan bijdragen aan meer variatie en ecologische kwaliteit. Door verstoring bewust onderdeel te maken van het beheer kan ruimte ontstaan voor pionierssoorten, open structuren en nieuwe landschappelijke processen.

Binnen het vertragingslandschap kan defensie daarmee niet alleen een gebruiker van het landschap zijn, maar ook een beheerder ervan. Militaire activiteiten en landschappelijke ontwikkeling kunnen elkaar versterken wanneer dynamiek wordt afgestemd op de kwaliteiten en behoeften van het gebied.

Gecontroleerde verstoring wordt daarmee een manier om het landschap in beweging te houden. Niet door natuur volledig vast te leggen, maar door ruimte te geven aan verandering.

Peelkanaal als corridor waarin water, ecologie, recreatie en defensie samenkomen.

RUST- / SCHUILPLEKKEN

Langs het Peelkanaal worden op regelmatige afstand natuurlijke rust- en schuilplekken toegevoegd die de recreatieve route versterken en tegelijkertijd onderdeel worden van de militaire werking van de linie. De plekken bestaan uit subtiele landschappelijke verhogingen met een ronde vorm, waarin een zitplek is geïntegreerd. Er ontstaan verblijfsplekken die opgaan in het landschap en ruimte bieden voor ontmoeting en rust.

De verhoging werkt daarnaast als een landschappelijke schuilplek, vergelijkbaar

met de werking van een schuttersput (Stichting Dorpsoverleg Meijel, z.d.), met zicht op het omliggende schootsveld. Door de natuurlijke vorm en beplanting valt de plek minder op dan een traditionele bunker en wordt deze onderdeel van het landschap. Tegelijkertijd biedt de structuur kansen voor ecologische functies, zoals nestgelegenheid voor kleine dieren.

De plekken worden iedere ca.500 meter langs het Peelkanaal geplaatst en kunnen ook op andere strategische locaties binnen het vertragingslandschap worden toegepast.

Een hedendaagse schuttersput als landschapselement: geïntegreerd, functioneel en beleefbaar.

Peelkanaal verbindt de verschillende vertragingslandschappen en maakt de werking van de Peellinie beleefbaar.

Het

PEELKANAAL ALS VERBINDEND ELEMENT

Het Peelkanaal vormt de drager van de Peellinie en verbindt de verschillende landschappen, functies en gebruikers met elkaar. Waar de vertragende landschappen haaks op de linie beweging afremmen, zorgt het kanaal juist voor een snelle en continue verbinding parallel aan de linie. De Peelroute volgt deze lijn en functioneert tegelijkertijd als recreatieve route, ecologische corridor en mogelijke mobilisatieroute voor defensie.

Langs de route blijven ontmoetingen tussen recreatie en defensie onderdeel van de beleving; tijdens een fietstocht kunnen bijvoorbeeld oefenactiviteiten zichtbaar of hoorbaar aanwezig zijn. De route is herkenbaar en toegankelijk, met op regelmatige afstand rust- en schuilplekken, geïntegreerd in de natuurlijke structuur van het landschap. Een doorlopende struweelrand en houtwal zorgen voor beschutting, terwijl de natuurvriendelijke oevers van het Peelkanaal de ecologische verbinding versterken. Vanaf de route worden de verschillende vertragingslandschappen van de Peellinie beleefbaar: van natte veenmoerassen tot bosrijke en agrarische zones.

PLAATSELIJKE VERSTERKING

De linie is niet overal hetzelfde opgebouwd. Sommige plekken bieden meer vertraging door de combinatie van water, natuur en reliëf, terwijl andere gebieden minder weerstand bieden. Deze plekken vragen om een aanvullende landschappelijke versterking.

‘KWETSBARE’ PLEKKEN IN DE LINIE

Het vertragingslandschap werkt als een netwerk van verschillende vertragingen, maar niet iedere plek heeft dezelfde kracht. Sommige delen bestaan voornamelijk uit agrarisch gebied met beperkte landschappelijke structuren en bieden daardoor minder weerstand dan bijvoorbeeld een veenmoeras of gesloten bosgebied.

Ook de infrastructuur vormt een aandachtspunt. Wegen en belangrijke routes doorsnijden het landschap en zorgen voor logische doorgangen. Deze verbindingen blijven nodig voor mobiliteit en gebruik, maar vormen tegelijkertijd plekken waar de werking van de linie minder sterk is.

Rond deze plekken wordt daarom gezocht naar aanvullende landschappelijke ingrepen ter plaatselijke versterking van de linie. Dit wordt gedaan door plaatselijk te verhogen of te verlagen

Dit kan bijvoorbeeld door een houtwal te versterken met een dijklichaam, waardoor een hogere landschappelijke rand ontstaat. Op andere plekken kan juist een verlaging, zoals een HAHA-profiel, zorgen voor een natte zone die beweging vertraagt en nieuwe ecologische waarden toevoegt.

Ook het Peelkanaal kan op specifieke locaties worden versterkt door de bestaande werking te vergroten, bijvoorbeeld door het kanaal te verbreden of de oevers sterker vorm te geven. Deze ingrepen kunnen tegelijkertijd nieuwe plekken creëren voor verblijf, landschappelijke beleving of ecologie.

De versterking zit daarmee niet in één nieuwe ingreep, maar in het zorgvuldig aanvullen van wat het landschap al in zich heeft.

Mogelijke ‘kwetsbare’ plekken in de Peellinie.

PRINCIPE PLAATSELIJKE VERHOGING

Inpassing van een aardewal/talud als landschappelijke versterking rondom een knooppunt

De verhoging als herkenbaar landschapselement met beschutting door boomkroonbedekking.

KANALISEREN VAN DOORGANGSROUTES

Op plekken waar het landschap minder vanzelfsprekend vertraagt, kan door een plaatselijke verhoging extra weerstand worden toegevoegd. Een aardewal, talud of dijklichaam versterkt bestaande structuren en kan tegelijkertijd meerdere functies combineren.

In deze uitwerking wordt een landschappelijke verhoging ingezet rondom een knooppunt, waardoor beweging meer wordt gestuurd en routes minder direct door het landschap lopen. De toevoeging van dichte boomkronen versterkt de beschutting en maakt deze plekken herkenbaar binnen de linie. Aan deze verhoging zou zelfs nog verblijf of ecologische functies gecombineerd kunnen worden.

PRINCIPE PLAATSELIJKE VERLAGING

Inpassing van een HAHA-profiel als lokale verlaging voor wateropvang en vertraging.

Verblijven aan de ecomuur.

ECOMUUR

Een andere manier om de werking van de linie lokaal te versterken is door het landschap juist te verlagen. Het HAHAprofiel maakt gebruik van een verlaging in het maaiveld zonder zicht af te nemen, die beweging vertraagt en tegelijkertijd ruimte biedt voor waterberging en ecologie.

In deze uitwerking wordt de verlaging gecombineerd met een ecomuur: een landschapselement met nestgelegenheid voor vogels en insecten. Door hier een traptrede aan toe te voegen ontstaat daarnaast een plek om te verblijven en het landschap te ervaren. De verlaging wordt daarmee niet alleen een fysieke vertraging, maar ook een plek waar natuur en mens samenkomen.

HET LANDSCHAP IN TIJD

Wanneer functioneert het vertragingslandschap? Het landschap ontstaat niet in één moment, maar groeit door verschillende ingrepen en natuurlijke processen. De vraag is daarom welke eerste stappen nodig zijn om de werking van het vertragingslandschap op gang te brengen.

GROEIEN NAAR EEN VERTRAGINGSSYSTEEM

Voor de tijdlijn wordt aangesloten op de periode van het Programma Ruimte voor Defensie, waarin de uitbreiding en ontwikkeling van de krijgsmacht richting 2040 wordt vormgegeven. De groei van defensieve capaciteit en de transformatie van het landschap verlopen parallel aan elkaar. (Ministerie van Defensie, 2025)

De eerste ingrepen richten zich op het herstellen van de basiscondities

van het landschap. Door water langer vast te houden, grondwaterstanden te verhogen en bestaande structuren zoals houtwallen, watergangen en natuurgebieden te versterken, ontstaat de basis voor verdere ontwikkeling. In de daaropvolgende fases groeien deze ingrepen uit tot een robuuster systeem waarin nieuwe vegetatiestructuren, natte landschappen en ruimtelijke vertraging samenkomen.

Tijdlijn ontwikkeling vertragingslandschap. Van eerste ingrepen, naar groeiende landschappelijke structuren, tot een toekomstig vertragingslandschap.

Daarnaast zorgt de continue verandering van het landschap door natuurlijke processen en onderhoud voor verwarring en onvoorspelbaarheid voor de vijand, bijvoorbeeld van het lezen van satelliet- of dronebeelden. dit maakt het voorbereiden van een aanval ook lastiger.

Grasland met aanliggende sloot, de Peel

EEN BLIK VOORUIT

KANSEN EN ONZEKERHEDEN

Een landschap dat functioneert als systeem moet kunnen omgaan met veranderende omstandigheden. Wat gebeurt er wanneer extreme droogte, hoge waterstanden of nieuwe ruimtelijke ontwikkelingen het landschap onder druk zetten? Het vertragingslandschap is geen vaststaande barrière, maar een adaptief systeem dat ruimte biedt voor verandering en bijsturing.

EEN ROBUUST LANDSCHAP

Het vertragingslandschap is gebaseerd op het vasthouden en sturen van natuurlijke processen. In droge perioden kan de werking van natte zones onder druk komen te staan. Het doel is daarom niet om het landschap volledig afhankelijk te maken van één waterbron, maar om de natuurlijke sponswerking te versterken: water langer vasthouden in de bodem en het landschap wanneer het beschikbaar is. Wanneer tekorten langdurig aanhouden, kunnen grotere watersystemen zoals de Maas een rol spelen in de aanvulling van water. In uitzonderlijke situaties blijft het mogelijk om tijdelijk water te sturen door gebieden gecontroleerd te inunderen, waarbij altijd een afweging nodig blijft tussen ecologische waarde, veiligheid en mogelijke schade.

Bij extreme neerslag werkt het landschap juist als buffer. Door ruimte te geven aan water en natte systemen te herstellen, wordt de afvoer vertraagd en wordt water langer vastgehouden. Waar extra afvoer noodzakelijk is, kan het Peelkanaal functioneren als bestaande structuur binnen dit watersysteem.

De voorgestelde ingrepen hebben impact op het huidige grondgebruik. Agrarische gronden veranderen van functie en op enkele locaties verdwijnen woningen. Dit kan leiden tot weerstand van bewoners en agrariërs. Tegelijkertijd staat hier een nationaal belang tegenover: het versterken van de weerbaarheid en veiligheid van Nederland. Het ontwerp vraagt daarom om een zorgvuldige afweging tussen individuele belangen en het collectieve belang.

Ook toekomstige ontwikkelingen vragen om keuzes. Wanneer defensie in de toekomst extra ruimte nodig heeft, biedt het vertragingslandschap mogelijkheden om deze functies onderdeel te maken van het systeem, zonder nieuwe versnippering te veroorzaken. Ook uitbreiding van dorpen blijft mogelijk, maar vraagt om een zorgvuldige omgang met het landschap. Nieuwe ontwikkelingen moeten daarom vooral binnen bestaande landbouwgebieden of zones liggen zodat de groene structuren en landschappelijke verbindingen behouden blijven.

Een belangrijke kans ligt in de transitie van de landbouw. Door boeren te ondersteunen in de omschakeling naar extensievere vormen van gebruik, natte teelten of landschapsbeheer kan een nieuw landschap ontstaan waarin productie en ecologie samengaan. Defensie kan hierin een ondersteunende rol spelen door bij te dragen aan beheer en onderhoud van het landschap. Zo ontstaat een systeem waarin verschillende functies niet tegenover elkaar staan, maar elkaar versterken.

Het vertragingslandschap richt zich op de landschappelijke voorwaarden voor weerbaarheid en niet op de exacte positionering van militaire middelen. De plaatsing van specifieke voorzieningen, zoals luchtverdedigingssystemen of andere operationele functies, blijft een verantwoordelijkheid van defensie en wordt bepaald vanuit militaire strategie en veranderende omstandigheden. Het ontwerp biedt hiervoor geen vast raamwerk, maar creëert een robuuste landschappelijke onderlaag waarin verschillende functies in de toekomst kunnen worden ingepast.

DOORONTWIKKELING

De Peel vormt binnen Living Defence een eerste uitwerking van hoe een vertragingslandschap ruimtelijk kan worden ingepast. De volgende stap is onderzoeken hoe deze manier van denken kan worden toegepast in andere landschappen. Niet door het ontwerp letterlijk te kopiëren, maar door per plek opnieuw te kijken naar de mogelijkheden van het landschap.

VAN DE PEEL NAAR EEN NETWERK

Elke mogelijke landschappelijke linie vraagt om een eigen vertaling. Een vertragingslandschap kan niet overal hetzelfde worden toegepast omdat bodem, water, ecologie en bestaande functies per gebied verschillen. Waar de Peel bijvoorbeeld vooral wordt gekenmerkt door natte systemen en voormalige veenlandschappen, vraagt een kustgebied, rivierengebied of droog zandlandschap om andere ingrepen en andere vormen van vertraging.

De volgende stap binnen het concept is daarom het ontwikkelen van een landschappelijke toolbox die per gebied opnieuw kan worden toegepast. De principes van vernatten, verruwen en verhullen blijven daarbij hetzelfde, maar de ruimtelijke uitwerking verandert mee met de identiteit van het landschap. Het landschap wordt daarmee niet ontworpen als één uniforme verdediging, maar als een netwerk van verschillende systemen met ieder een eigen werking.

Voor dit project is gekozen alleen te focussen op Nederland, met daarbij het

idee dat ons land zelfredzaam moet zijn, ook zonder of met minimale hulp van de NAVO of de EU. Het concept biedt echter ook kansen buiten Nederland. Veel landen staan voor vergelijkbare uitdagingen waarin klimaatverandering, ruimtegebruik en veiligheid samenkomen. Hoewel de specifieke landschappelijke kenmerken verschillen, laat Living Defence zien dat landschap meer kan zijn dan een achtergrond voor menselijke activiteiten. Water, bodem en vegetatie kunnen worden ingezet als actieve structuren die risico’s verminderen en tegelijkertijd ecologische en maatschappelijke waarde toevoegen.

Living Defence is daarmee geen blauwdruk voor één nieuwe landschappelijke linie, maar een manier van kijken naar het landschap. De verdere ontwikkeling van het project ligt in het onderzoeken hoe deze principes zich kunnen vertalen naar andere landschappen, waarbij ieder gebied zijn eigen vorm van weerbaarheid kan ontwikkelen.

CONCLUSIE

LANDSCHAP ALS BONDGENOOT

Dit project laat zien dat landschap meer kan zijn dan de ruimte waarin veiligheid plaatsvindt. Door water, bodem en vegetatie opnieuw als strategische kwaliteiten te benaderen ontstaat een landschap dat meerdere opgaven tegelijkertijd kan dragen. Het vergroot de ruimtelijke weerbaarheid, draagt bij aan klimaatadaptatie en versterkt ecologische systemen.

Het vertragingslandschap is daarmee geen eindbeeld of blauwdruk, maar een uitnodiging om anders naar veiligheid te kijken. Niet vanuit harde grenzen, maar vanuit een landschap dat zich kan aanpassen, ontwikkelen en meebewegen met veranderende omstandigheden.

Misschien ligt de grootste uitdaging daarom niet alleen in de vraag hoe wij ons landschap beschermen, maar ook hoe wij een landschap kunnen ontwikkelen dat ons beschermt.

Sporen van rupsvoertuigen op een militair oefenterrein. Oirschotse Heide.

DANKWOORD

TERUGKIJKEND OP VIER JAAR

Vier jaar geleden begon ik aan de Academie van Bouwkunst met de ambitie om mij verder te ontwikkelen als landschapsarchitect. Dit afstudeerproject vormt de afsluiting van een leerzame periode waarin ik theorie en praktijk voortdurend met elkaar heb kunnen verbinden.

Graag wil ik mijn afstudeercommissie bedanken voor hun begeleiding en waardevolle feedback, met in het bijzonder mijn mentor Remco van der Togt, voor zijn enthousiasme, kritische blik en vertrouwen gedurende het hele proces.

Daarnaast ben ik mijn collega’s bij OKRA Landschapsarchitecten dankbaar voor de inspirerende werkomgeving en de ruimte om mijn afstuderen te combineren met de praktijk. Ook ben ik alle experts dankbaar die hun kennis en inzichten met mij hebben gedeeld.

Tot slot dank aan mijn vrienden en familie voor hun steun, geduld en vertrouwen. Niet alleen tijdens dit afstudeerjaar, maar gedurende de afgelopen vier jaar. Zonder jullie was dit niet gelukt.

BRONNEN EN VERANTWOORDING

BEELDEN EN ILLUSTRATIES

• AFP. (2025, 11 maart). Afgedankte visnetten redden levens in de Oekraïense loopgraven. Trouw. https:// www.trouw.nl/buitenland/afgedanktevisnetten-redden-levens-in-deoekraiense-loopgraven~b4cf35f0/

• atlantikwall nederlands kustpad. (z.d.). Wandel. https://www.wandel. nl/routes/atlantikwall-nederlandskustpad/

• Archief Hugo Levels. (2019, 12 maart). Buscollegde door Peel en Maas in de Tweede Wereldoorlog. De Limburger. https://www.limburger.nl/regio/peelen-maas/buscollege-door-peel-en-maasin-de-tweede-wereldoorlog/21969599. html

• Audiovisuele Dienst Koninklijke Landmacht (AVDKL). (1995, januari). Overstroming Maas bij Borgharen. Wikimedia Commons. https://commons. wikimedia.org/wiki/File:Overstroming_ Maas_bij_Borgharen,_1995_%284%29.jpg

• DefensieFotografie Nederland. (2026, 27 mei). Van Koude Oorlog tot aan mobilisatie - DefensieFotografie. DefensieFotografie. https:// defensiefotografie.nl/mob-complex/

• Ebitz, A. (2019, 12 februari). The use of military diplomacy in great power competition. Brookings. https://www. brookings.edu/articles/the-use-ofmilitary-diplomacy-in-great-powercompetition/

• EPA. (2022, 3 maart). Buiten Kyiv wacht een militaire colonne van 60 kilometer lang. Waarop? Volkskrant. https://www.volkskrant.nl/nieuwsachtergrond/buiten-kyiv-wacht-eenmilitaire-colonne-van-60-kilometerlang-waarop~bfd8928c/

• File:Palmanova1600.jpg - Wikimedia Commons. (z.d.). https://commons. wikimedia.org/wiki/File:Palmanova1600. jpg

• Gelderland, E. (z.d.). De bijzondere bouwstijl van kasteel Hernen. Mijn Gelderland. https://mijngelderland. nl/inhoud/verhalen/de-bijzonderebouwstijl-van-kasteel-hernen

• Getty Images. (2025, maart). Soldaten in het oosten van Oekraine. Knack. https://www.knack.be/nieuws/ wetenschap/is-de-mens-van-naturegeneigd-tot-geweld-patriarchaat-enoorlog-zijn-een-siamese-tweeling/

• Het Witterveld: Uniek natuurgebied bij Assen. (z.d.). Dit Is Assen. https://www.ditisassen.nl/nl/ locaties/1661539451/witterveld

• In ’t Harde floreren de sprinkhanen tussen de springstof. (2024, 12 juni). Trouw. https://www.trouw.nl/ duurzaamheid-economie/in-t-hardefloreren-de-sprinkhanen-tussen-despringstof~bf9d6270/

• Lokaal Brabant: ‘Boer niet verder de hoek in drijven’ - ZLTO. (2026, 27 januari). ZLTO. https://www.zlto.nl/ actueel/lokaal-brabant-boer-nietverder-de-hoek-in-drijven/

• Manon. (z.d.). Tips Vlieland: dit kun je doen op het waddeneiland! Hey Frits. https://heyfrits.nl/doen/ tips-vlieland-dit-kun-je-doen-op-heteiland/

• Megen, Y. (2025, 10 april). Weverslose Schans | Merselo. https:// peelhorstenmaasvallei.nl/hotspots/ weverslose-schans-merselo/

• Ministerie van Algemene Zaken. (2026, 22 april). Natuur op schietterreinen en oefenterreinen Defensie. Ministerie van Defensie. https://www.rijksoverheid.nl/themas/ recht-veiligheid-en-defensie/ defensieterreinen/natuur-opschietterreinen-en-oefenterreinendefensie

• Nationaal Archief. (2021, 2 november). Turfsteken in de Peel. Erfgoed Brabant. https:// erfgoedbrabantverhalen.nl/verhalen/ artikel/turfsteken-in-de-peel/

• Nastavení souhlasu s personalizací. (z.d.). https://www.seznamzpravy.cz/ clanek/zahranicni-ukrajinsky-zazrakchci-videt-svet-bez-naslapnych-minrika-mlady-vynalezce-216315

• Nieuws - Geen contouren over

Gilze. (2022, 20 oktober). Geen Contouren Over Gilze. https:// geencontourenovergilze.nl/nieuws/

• O’Donnell, W. (2025, 3 september). Europe’s new secret weapon against Russia: swamps. Eyes Only with Wes O’Donnell. https://www.wesodonnell. com/p/europes-new-secret-weaponagainst

• OK Guard deploys helicopter and crew to battle wildfires in Louisiana. (2023, 25 augustus). Oklahoma National Guard. https://ok.ng.mil/News/ Article/3506261/ok-guard-deployshelicopter-and-crew-to-battlewildfires-in-louisiana/

• Ontdek de groote peel. (z.d.). Wandel. https://www.wandel.nl/routes/ontdekde-groote-peel/

• Ontwikkelperspectief NOVEX De Peel: Meerkleurige toekomst in de Peel (2023). Flux Landscape Architecture BV & Royal HaskoningDHV. https://www. novexdepeel.nl/over-novex-de-peel/ ontwikkelperspectief-2050/

• Panorama Landschap - De Peel | Rijksdienst voor het Cultureel Erfgoed. (z.d.). https://kennis. cultureelerfgoed.nl/index.php/ Panorama_Landschap_-_De_Peel

• Redactie. (2018, 6 september). Romeinse weg Leidsche Rijn te zien. Romeinse limes Nederland en RomeinenNU. https://www.romeinen.nl/ weten/nieuws/romeinse-weg-leidscherijn-te-zien

• Sikorsky, E. (2024, 18 juni). Climate change is a threat, not a distraction, to the US military. Defense One. https://www.defenseone.com/ ideas/2024/06/climate-change-threatnot-distraction-us-military/397440/

• Stichting het Limburgs Landschap. (2021, 9 juni). Vrijwilligersvacature Cannerberg - het Limburgs landschap. Het Limburgs Landschap. https:// www.limburgs-landschap.nl/ vrijwilligersvacature-cannerberg/

• Stralend Nederland. (2021, 5 juli). wandelen-grebbeberg-loopgraaf -

Stralend Nederland. https://www. stralendnederland.info/dagje-rhenenwandeling-op-de-grebbeberg/wandelengrebbeberg-loopgraaf/

• The Associated Press. (2022, 28 april). Ukraine says Russian offensive in east picks up momentum. MPR News. https://www.mprnews.org/ story/2022/04/28/ukraine-says-russianoffensive-in-east-picks-up-momentum

• Topotijdreis: 200 jaar topografische kaarten. (z.d.). Topotijdreis. https://www.topotijdreis.nl/ kaart/1945/@190005,386103,6.8

• Uniek landschap – Geopark. (z.d.). https://peelhorstenmaasvallei.nl/hetgebied/uniek-landschap/

• Waterlinies. (z.d.). https://www.agv. nl/recreatie/watererfgoed/waterlinies/

• Wikipedia contributors. (2026, 2 mei). Dutch Waterline. Wikipedia. https:// en.wikipedia.org/wiki/Dutch_Waterline

• Wikipedia-bijdragers. (z.d.). Bestand:Polderlandschap Rijksmuseum SK-A-3249.jpeg - Wikipedia. https://nl.wikipedia.org/wiki/ Bestand:Polderlandschap_Rijksmuseum_ SK-A-3249.jpeg

Alle overige afbeeldingen, illustraties en figuren in dit document zijn eigen werk.

TEKSTEN EN ONDERZOEK

• Effecten van militair gebruik en recreatie op flora en fauna. (2001). In WUR eDepot (EC-LNV nr. 22001/037). Ministerie van LNV, directie van IFA/ Bedrijfsuitgeverij. https://edepot. wur.nl/144383

• Foster, J. R., Ayers, P. D., LombardiPrzybylowicz, A. M., & Simmons, K. (2005). Initial effects of light armored vehicle use on grassland vegetation at Fort Lewis, Washington. In ScienceDirect. https://www. sciencedirect.com/science/article/abs/ pii/S0301479706000028

• Hadders, A. (2024). Het Nederlandse Landschap en de Tweede Wereldoorlog 1939-1945. In Rijksuniversiteit Groningen (Nr. S4519515). https:// www.rug.nl/research/kenniscentrumlandschap/voor-studenten/ masterscripties/2024-mascr-landschapnederland-wereldoorlog-a-hadders.pdf

• Handbook of Tyranny. (2019). Lars Müller Publishers.

• Koude Oorlog Verhalen. (2023, July 1). Geschiedenis Koude Oorlog | Koude Oorlog verhalen. https:// koudeoorlog.nl/geschiedeniskoude-oorlog/#:~:text=Nederland%20 bereidde%20zich%20in%20de,steden%20 onder%20water%20worden%20gezet.

• Limes. (2026, 16 juni). Limes.nl. https://www.limes.nl/

• Ministerie van Defensie. (2025, 1 augustus). Defensie geeft uitvoering aan ontwikkelingen voor ruimtedomein. https://www.defensie.nl/actueel/ nieuws/2023/04/04/defensie-geeftuitvoering-aan-ontwikkelingen-voorruimtedomein

• Ministerie van Defensie. (2025). Ontwerp Nationaal Programma Ruimte voor Defensie: Ruimte voor vrede, veiligheid en bescherming.

• Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. (2020, 20 januari). Verdedigingswerken in de Middeleeuwen. https://www.cultureelerfgoed.nl/ onderwerpen/m/militair-erfgoed/ erfgoed-per-periode/verdediging-in-demiddeleeuwen

• Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap. (2025, 12 november). Staats-Spaanse linies en de Oude Hollandse Waterlinie. https://www. cultureelerfgoed.nl/onderwerpen/m/ militair-erfgoed/erfgoed-per-periode/

staats-spaanse-linies-en-oudehollandse-waterlinie

• Mundy, V. (2022, 5 september).

WarWilding: a new word to describe the startling effects of using nature as a weapon. The Guardian. https:// www.theguardian.com/environment/2022/ sep/05/warwilding-a-new-word-todescribe-the-startling-effects-ofusing-nature-as-a-weapon-ukrainekorea-aoe

• Ontwikkelperspectief NOVEX De Peel: Meerkleurige toekomst in de Peel (2023). Flux Landscape Architecture BV & Royal HaskoningDHV. https://www. novexdepeel.nl/over-novex-de-peel/ ontwikkelperspectief-2050/

• Rijksvastgoedbedrijf. (2023). Natuurwaarden op defensieterreinen: De actuele staat van biodiversiteit en natuurbeheer en perspectief richting de toekomst.

• Stichting Dorpsoverleg Meijel. (z.d.). Peel-Raamstelling - Schuttersput Noord. Traces Of War. https://www. tracesofwar.nl/sights/145892/PeelRaamstelling---Schuttersput-Noord.htm

• Tel, T., & Tel, T. (2026, 9 juni). Wereldwijde Soil trafficability dankzij satellietdata. Blue Team Intelligence. https://blueteamintelligence.nl/2025/08/29/ wereldwijde-soil-trafficabilitydankzij-satellietdata/

• Zo ontstonden de Hollandse Waterlinies. (n.d.). Hollandse Waterlinies. https://www. hollandsewaterlinies.nl/nl/ontdek-hetverhaal/geschiedenis/het-ontstaan

LIVING

DEFENCE.

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook