Eddy Aerts, Dirk Blijweert, Bart Cartuyvels, Lotte Daens, Roos De Buysscher, Dieter Dedecker, Walter De Ley, Annelies De Mul, Luk Depondt, Renée Dufait, Jeannine Führing, Paki Genbrugge, Maxim Gerin, Ruth Gysemans, Machteld Hardy, Jan Holvoet, Gerda Huygen, Joen Inverse, Sylvaine Jacquart, Karen Kets, Cleo Klapholz, Herman Kok, Jerry Koninckx, Julie, Kruijne, Malinee Lebegge, Marc Melis, Zeger Mertens, Annelies Oeyen, Laurens Op de Beeck, Doeschka Paesbrugge, Luc Pandelaers, Guy Poppe, Jörg Pyl, Marcel Schoeters, Marc Swyngedouw, Peter Theunynck, Léon van Beek, Yo Van den Bulck, An Van de Wal, Lies Van Gasse, Dani Van Remoortel, Nathalie Van Sundert, Wim Verzelen, Marc Vingerhoedt, Uli Vinks, Dries Wouters.
Gazet van Zurenborg, vanaf nu naar admin@gazetvanzurenborg.be.
Wie door de joodse wijk van Zurenborg wandelt, kan er niet om heen. Ze zijn er weer, de soldaten met hun vervaarlijk uitziende machinegeweren.
Dat is het gevolg van de internationale spanningen die momenteel het wereldnieuws beheersen.
Naast de dreiging tegenover onschuldige burgers die niets met de oorlog te maken hebben, voelen wij ondertussen allen de gevolgen aan onze energierekening.
Gelukkig zijn er die dromen van een Nieuw Zurenborg met plaats voor groen en mensen.
Helaas maken vandalisme en de verontreiniging van de bodem het voor het stadsbestuur aartsmoeilijk om op de vroegere busstelplaats het in uitzicht gestelde pop-up park aan te leggen. De stad onderzoekt
Over oorlog, poëzie en een afscheid
de mogelijkheid om er een tijdelijke basisschool in te richten.
Voor de ontwikkeling van Nieuw Zurenborg is het wachten op een nieuw Toekomstverbond, ten vroegste in 2027. De overeenkomst met de Zomer van Antwerpen is voor enkele jaren verlengd. Andere activiteiten zoals samentuinen en volwassenenonderwijs lopen door.
Voorlopig heeft al dat onheil geen invloed op nieuwe of vernieuwde zaken die in onze wijk het licht zien, zoals De Aarde, La Craque, Django, the Brick en de Koekerij. U leest daarover meer in dit en volgend nummer.
Nog goed nieuws, tram 11 komt terug na jaren afwezigheid. Slecht nieuws, tram 9 rijdt vanaf 4 mei de stad niet meer in, alvast voor een maand of elf.
Heraanleg Transvaalstraat
Gelukkig gebeuren er nog dingen die dat leed verlichten, poëzie en muziek. Op 21 maart was er een kleinschalige poëziehappening in de Transvaalstraat ter gelegenheid van wereldpoëziedag. Tegelijkertijd is elders de Herman de Coninckprijs uitgereikt. Maar ook in de vierenveertig mooiste gedichte van deze wedstrijd, dook het monster van de oorlog op. Dus ja, poëzie met een handrem op.
Tijdens die poëziedag las Jörg Pyl, onze hoofdredacteur, voor uit eigen werk en dat van Johanna Pas. Bij het verslag van Cleo Klapholz op blz. 25 vindt u een foto van Jörg die dag, zijn eigen oude zelf. Maar Jörg is ziek. Dit is zijn laatste krant als hoofdredacteur. Met dit Edito neemt hij afscheid van zijn lezers. We hebben het met respect en liefde afgewerkt. (de redactie)
Veel vragen, weinig antwoorden
Op 31 maart vond in de Zure een informatiemoment plaats met schepen van Mobiliteit Koen Kennis, in aanwezigheid van districtsburgemeester Evi Van der Planken en districtsschepen Bart Vanderfeesten. De heraanleg valt onder de bevoegdheid van het departement mobiliteit en openbare werken. De opkomst was groot, de emoties liepen soms hoog op en na afloop bleven er nog veel vragen. (Jan HOLVOET)
Wat voorafging
Op de pagina hiernaast leest u de enquête die Annelies Vermeulen opstelde in naam van een grote groep bewoners. Uit preliminaire gegevens (een zeventigtal antwoorden) blijkt dat de straat als zeer onveilig wordt ervaren, vooral voor fietsers. Problematisch zijn de te hoge snelheid van auto’s, het teveel aan doorgaand verkeer, blikschade en het tweerichtingsverkeer dat maakt dat auto’s frequent neus aan neus staan en tientallen meters achteruit moeten rijden.
Wat gepland staat
De werkzaamheden starten op 13 april en duren tot december. Er gebeurt een grondige heraanleg van de riolering en er wordt een pleintje aangelegd ter hoogte van de Josué Duponplaats (dit is een districtsbevoegdheid). Er komt een centrale fietsstrook in rood asfalt en bilaterale parkeerstroken in kasseisteen. Tevens worden er 20 bomen aangeplant. Er worden verkeersremmende plateaus voorzien en uitstulpingen op de kruispunten. De straat behoudt haar statuut als fietsstraat
binnen een zone 30. Er komt geen eenrichtingsverkeer.
Wat zeker positief is Om sluikverkeer binnen de wijk tegen te gaan wordt tijdelijk de knip op de Guldenvliesstraat opgeheven en krijgt deze een dubbele rijrichting over de ganse lengte. De maatregel wordt geëvalueerd tijdens de werken en zou definitief kunnen worden mits akkoord van De Lijn, die ook betrokken partij is. Aan het pleintje ter hoogte van de Josué Duponplaats wordt de toegang tot de Transvaalstraat smaller. Gehoopt wordt dat dit een ontradend effect zou hebben op doorgaand verkeer.
Wat zeker pijnpunten zijn Drie weken voor de aanvang van de werken is er nog geen oplossing voor de parkeerproblemen. De hele Transvaalsttraat inclusief een parkeercomplex met 30 garages is maandenlang onbereikbaar. De stad onderzoekt de inzet van de busstelplaats en gereduceerde tarieven in de buurtparkings. De tijd dringt. Er zullen zeker problemen zijn met
leveringen, verhuizingen en vooral renovatiewerven. Vooral dit laatste punt kan juridische implicaties hebben voor het starten van de werken.
Bovendien is naar verluidt het Agentschap Onroerend Erfgoed nooit geraadpleegd over een omgevingsvergunning betreffende deze werken. Dit wordt verder nagekeken.
Hoe gaat het nu verder?
De hierboven vermelde punten zouden voor problemen kunnen zorgen in verband met het opstarten van de werken.
Tijdens de werken kunnen bewoners elke dinsdag de werfvergaderingen bijwonen of contact opnemen met de aannemer.
Zes maanden na oplevering gebeurt een evaluatie op basis van nieuwe verkeersmetingen. Onder de bewoners leeft de perceptie dat deze “objectieve” metingen erratisch zijn en de problemen onderschatten.
Zij zullen dus zelf de situatie blijven opvolgen. Alle bewoners van Zurenborg kunnen nog steeds de enquête met QR-code invullen die u op de pagina hiernaast aantreft.
Lezersbrief:
De heraanleg van de Transvaalstraat. Wat wil jij dat er verandert?
Er staat een heraanleg gepland van de Transvaalstraat. Dat is goed nieuws. Want wie in of rond deze straat woont, weet dat het er bijna dagelijks misgaat. Lange opstoppingen door chauffeurs die elkaar blokkeren, en niet meer voor- of achteruit kunnen (of willen) om elkaar te laten passeren. Auto’s die bijna tegen elkaar knallen op de hoek van de Draakplaats - waarna ze achteruit weer de rotonde op moeten, waar op datzelfde moment fietsers, auto's en bussen passeren. Fietsers en steps die moeten uitwijken naar het voetpad, waar ze kinderen op fietsjes en bewoners die hun voordeur uitstappen nauwelijks kunnen ontwijken. Bewoners met schade aan hun geparkeerde auto, die ze op niemand kunnen verhalen, omdat de bakfiets of auto er na alle frustratie met een rotvaart vandoor ging…
De afgelopen jaren is bovendien gebleken dat de Transvaalstraat de ultieme sluiproute wordt van zodra er ergens in de buurt werken plaatsvinden (bv tijdens de werken aan de CogelsOsylei), of het verkeer op de ring en de singel vast staat. Iets wat deze straat, met haar beperkte breedte, simpelweg niet aankan. De Transvaalstraat is door de stad aangeduid als fietsstraat en valt onder zone 30. Dat betekent, volgens het Vademecum Fietsvoorzieningen van de Vlaamse overheid, dat fietsers de maatgevende gebruikers zijn. Doorgaand gemotoriseerd verkeer is niet gewenst in fietsstraten en de positie van de auto moet ondergeschikt zijn aan die van de fiets. Wie de Transvaalstraat kent, weet dat daar vandaag niets van klopt.
De stad heeft de Transvaalstraat aangeduid als fietsstraat. Die belofte moeten we nu samen waarmaken.
De heraanleg is de kans om dit alles te veranderen. We willen dus graag dat schepen van Mobiliteit Koen Kennis (N-VA) luistert naar onze ervaringen en dit meeneemt in het ontwerp voor de nieuwe Transvaalstraat. Dat betekent dat we de hierboven genoemde knelpunten tastbaar moeten maken voor het kabinet van onze Schepen.
Daarom organiseren wij een bevraging onder wijkbewoners. Wij willen schepen Kennis en zijn kabinet concrete data bezorgen over de verkeersonveiligheid, de overlast, de knelpunten, maar ook wat wij als buurt verwachten van de heraanleg. Een enquête met wijkbrede respons is een argument dat moeilijk te negeren valt.
Onze schepen van Mobiliteit schrijft in zijn eigen visietekst dat "er een rechtstreekse link is tussen mobiliteit, welvaart en welzijn" en dat hij gelooft in "een overheid ten dienste van de burger en de gemeenschap." Hij zet in op fietsprioriteit en modal shift als ruggengraat van het Antwerpse mobiliteitsbeleid. Wij willen hem de kans geven om die woorden waar te maken in onze straat bij deze heraanleg. Wat wij voor ogen hebben is een toekomstgerichte straat, die voldoende plaats biedt aan de toenemende stroom van (bak)fietsen en (e-)steps. Een straat die veilig is voor fietsers en kinderen op weg naar school. Een straat die zo ontworpen is dat sluipverkeer liever een andere route kiest. Kortom een veilige, aangename straat waar de aandacht niet van de architecturale pracht wordt afgeleid door toeterende auto’s en scheldende chauffeurs. Een straat waar het welzijn van de bewoners en de welvaart van de wijk op de eerste plaats staan. En dat alles zonder onze problemen te verleggen naar een andere straat. De enquête bevat twee sporen. Iedereen die in de wijk woont of er regelmatig komt, kan de algemene vragenlijst invullen via de eerste
QR-code. Bewoners van de Transvaalstraat, Waterloostraat en Generaal Van Merlenstraat krijgen via de tweede QR-code een aantal bijkomende vragen over hun specifieke situatie.
Uw mening telt. Hoe meer mensen deelnemen, hoe sterker ons dossier. Het invullen van de bevraging duurt maximaal vijf minuten. Deze vijf minuten kunnen het verschil maken tussen een heraanleg die de wijk écht beter maakt, of een gemiste kans die we de komende decennia moeten betreuren.
Deze bevragingen werden opgesteld door een groep actieve wijkbewoners, niet door de stad of een onderzoeksbureau. Uw gegevens worden niet openbaar gemaakt en uitsluitend gebruikt voor dit dossier.
Namens een groep actieve bewoners van Zurenborg Berchem
Annelies Vermeulen
Illustratie: Lies VAN GASSE
ZURENBORG LEEFBAAR HOUDEN
Zurenborg is een zeer leefbare wijk. Wat niet wil zeggen dat alles er volmaakt is. De verkeerssituatie is een blijvende zorg. Ook de toekomst is een groot vraagteken: hoe zal Nieuw Zurenborg zich ontwikkelen?
(Jan HOLVOET en Herman KOK )
In 2020 was er een probleem voor de school De Dageraad in de Lange Arendstraat. Wegens Covid moeten de klasramen blijven openstaan, zodat de uitlaatgassen van de voorbijrijdende bussen vrij konden binnenwaaien. Ook in de CogelsOsylei waren de bewoners niet gelukkig: zij woonden in de op-één-na drukste busstraat van Antwerpen, met een mooi maar zeer slecht onderhouden kasseiendek. De discussie over de vele bussen en de busstelplaats was er één die al vanaf de jaren ’80 van de vorige eeuw liep.
Een werkgroep, Leefbaar Zurenborg, werd opgericht om een oplossing te vragen voor de stelplaats en ging in gesprek met de administratie. De overlast door bussen werd aangepakt, vooral door de verplaatsing van de busstelplaats.
Bij de het ontwerp van de heraanleg stelde het District in eerste instantie de bewoners voor een fait accompli waarbij de parkeerstrook in zijn geheel zou verdwijnen. Echter, de bewoners verenigden zich zelf in een Burgerinitiatief waarmee, mede dankzij de ervaring van Leefbaar Zurenborg, een continue dialoog op gang kwam.
Hoewel de problemen in de CogelsOsylei zeker nog niet zijn opgelost, zoals veel te hard rijgedrag waar de politie niet tegen optreedt, liggen op dit moment de problemen vooral in de Transvaalstraat en de omliggende Waterloo- en Van Merlenstraat, en ook delen van de Capiaumontstraat en de Velodroomstraat. Kern van het probleem is dat de rijbanen in de straten eigenlijk te smal zijn voor tweerichting autoverkeer, en de wijk als geheel veel sluipverkeer blijft aantrekken.
Tijdens de heraanleg van de Cogels-Osylei was het verkeer in de Transvaalstraat totale chaos, met fietsers die verplicht waren de voetpaden te gebruiken om vooruit te raken (auto’s stonden meestal stil, wat niet betekende dat zij zich niet lieten horen).
Tijdelijk eenrichtingsverkeer bracht soelaas in de Transvaalstraat, maar verplaatste de problemen naar de Waterloo- en de Van Merlenstraat.
Na afloop van de werken hebben de bewoners van de Transvaalstraat een verzoek gericht aan de Stad Antwerpen om eenrichtingsverkeer definitief te maken.
De vraag is hierover ook met het District gepraat?
Dit werd geweigerd op basis van enkele observatiemomenten en het feit dat het probleem zou verschoven worden naar aanliggende straten.
In de straat blijft ontevredenheid overheersen, ook over het feit dat er geen enkel overleg geweest is over de heraanleg van de straat.
Het is duidelijk dat protest van individuele straten niet zinvol is en nooit succesvol zal zijn. Het laat ook zien dat de voor verkeersproblematiek in Zurenborg een wijkgerichte aanpak nodig is. Dit om te voorkomen dat door een oplossing het probleem simpelweg wordt verlegd. En ook, omdat een oplossing compromissen en daadkracht vanuit de Stad en het District vergen, maar ook compromissen vanuit de bewoners.
Via de werkgroep Leefbaar Zurenborg wordt daarom geprobeerd om overleg en actie te organiseren met
vertegenwoordigers van bewoners van alle straten van ZurenborgBerchem, dit wil zeggen Pretoria-, Velodroom-, Capiaumont-, Van Merlen-, Waterloo-, Transvaal- en Gulden Vliesstraat, en Cogels-Osylei.
Er zal geprobeerd worden om niet alleen aandacht vanuit Stad en District te krijgen voor de verkeers-
circulatie, maar parallel ook wat mogelijkheden zijn om de parkeersituatie aan te pakken.
En in een ideale wereld zou ook Nieuw Zurenborg en de overkapping op het bord komen.
Vivaldiconcert in de Sint-Norbertuskerk
Op zaterdag 2 mei 2026 om 20:00 uur vindt in de Sint-Norbertuskerk, Dageraadplaats, een uitzonderlijk concert plaats. De motetten voor alt solo worden vertolkt door Peter Ickx, contratenor, begeleid door het vermaarde Ensor-strijkkwartet kundig gesteund door Dieter Van Handenhoven aan het klavecimbel.
PRAKTISCH
Wil je deze unieke belevenis niet missen, bestel uw kaarten dan door storting op het rekeningnummer: BE07 7360 0011 6666 met vermelding van naam en aantal plaatsen, ook mogelijk per telefoon: op het nr. +32 472 66 93 97. Inkom 20€ met mogelijkheid tot napraten bij een drankje in de kerk.
Op het niet alledaagse programma, hoor je volgend prachtig programma.
Het gekende Stabat mater, afgewisseld met de virtuoze Psalm 126 Nisi Dominus en het wereldlijke motet Longe Mala Umbrae Terrores worden aangevuld met enkele instrumentale stukken.
Vivaldi toont in dit vocale repertoire alle technische en virtuoze facetten van de altstem.
Zo ziet een fietsstraat er uit. Foto: Gerda HUYGEN
Peter Ickx. Eigen foto
Komt er een schooltje?
Geen pop-up park op stelplaats
“Het zou niet evident zijn om daar op korte termijn de geplande activiteiten op te starten, gezien de staat waarin de site werd achtergelaten”. Zo klinkt het op het kabinet van schepen voor Stadsontwikkeling, Patrick Janssens. Op de tijdelijke invulling van de busstelplaats, die De Lijn verleden jaar aan de stad overgedragen heeft, is het dus wachten. Onder meer vandalisme maakt het moeilijk om op korte termijn werk te maken van het in het bestuursakkoord aangekondigde pop-up park, heeft de Gazet van Zurenborg te horen gekregen. (Guy POPPE)
Een streep door de rekening van wie in de wijk zich erop verheugde dat er, zij het tijdelijk, een buurtpark op die plek zou komen. Indachtig wat schepen van Cultuur, Lien Van de Kelder, verleden jaar in het februarinummer van Gazet van Zurenborg zei: “Als de stelplaats tot de sanering, tot de schop in de grond gaat, en dat is niet morgen, braakliggend terrein blijft, dan laten we kansen liggen. Met al die noden die er zijn, groen -iedereen snakt hier naar een beetje groen-, dan was de buurt super gefrustreerd.”
Van de Kelder raakt daarmee een netelig punt aan, de noodzaak om de verontreinigde bodem op het vroegere busdepot te saneren. In hetzelfde nummer van de Gazet zei schepen van Patrimonium, Koen Kennis, over het tijdelijke buurtpark: “Moet het daar zijn of kunnen we op een andere plek een park creëren? Daar zit ook een problematiek van sanering. Het kan niet de bedoeling
Sinds
zijn om straks kindjes in vervuilde grond te laten spelen”.
Basisschool Het kan m.a.w. op een teleurstelling uitdraaien als de wijk naast de verlaten tramloods en vlak bij de voormalige gassite, die op betere tijden wacht, ook nog een leegstaande kanker erbij krijgt. De stad laat wel weten dat ze naar haalbare invullingen voor tijdelijk gebruik uitkijkt. “Meer concreet onderzoeken we voor de stelplaats de mogelijkheid om er op korte termijn een tijdelijke basisschool in te richten en socio-culturele activiteiten te organiseren. De verkeersveilige bereikbaarheid vanaf het Tramplein staat daarbij voorop. Om op middellange termijn een pop-up park te kunnen realiseren, hebben we meer duidelijkheid nodig over reikwijdte en timing van de sanering.” Dat is een veelbelovende melding. De Zurenborgers vertrouwen erop dat, aangezien het pop-up park voorlopig niet te ver-
wezenlijken is, ze over afzienbare tijd concreet zicht krijgen op die alternatieve oplossing. Als de sanering maar geen stokken in de wielen steekt.
Nieuw Zurenborg
Over tijdelijk gebruik gesproken. Aangezien de ontwikkeling van Nieuw Zurenborg een werk van lange adem is, was de Gazet benieuwd om te weten wat er in afwachting op die plek gebeurt. “De overeenkomst met de Zomer van Antwerpen is recent verlengd voor een paar jaar ”, meldt het kabinet van schepen Janssens. En voor andere activiteiten als het samentuinen van buurtwerk Posthof en het volwassenenonderwijs door het Centrum voor Basiseducatie loopt de overeenkomst door.
Een planning voor Nieuw Zurenborg kan er pas komen zo gauw er een beslissing valt over de overkapping van de Ring. Manu Claeys van stRaten-generaal ziet de intendant daarover de Vlaamse regering vol -
gend jaar een voorstel overhandigen, zei hij in het oktobernummer van de Gazet : “Symbolisch mikken we op maart 27, tien jaar Toekomstverbond, tijd voor Toekomstverbond 2.0 voor de overkapping”. “Met het echte planproces kunnen we dus pas ten vroegste in 2027 van start gaan”, zeggen ze bij Janssens, “Het zal enkele jaren in beslag nemen. Maar hiervan houden we de buurtbewoners tijdig op de hoogte en we betrekken hen hier ook zoveel als mogelijk in”. Zurenborg houdt de oren gespitst.
enkele weken patrouilleren
er weer militairen in de wijk
Komt er een schooltje i.p.v. een buurtpark?
Foto: Jörg PYL
Foto's: JOENIVERS
Dromen over Nieuw Zurenborg
Caroline Vanmechelen en Steve Meeusen zijn samen met hun vier kinderen overtuigde Zurenborgers. Caroline en Steve zijn oorspronkelijk ‘inwijkelingen’, maar doordat ze leiding gaven bij de scouts van Zurenborg, leerden ze de buurt kennen en besloten ze zich hier te vestigen.
‘Veel
groen, grote bomen, eiken en beuken’ –‘Een ontmoetingsplaats’ – ‘Een cultuurplek’ –‘Geen nieuwbouw maar recuperatie van de bestaande gebouwen’. De familie MeeusenVanmechelen uit de Pretoriastraat droomt over Nieuw Zurenborg en wat er op de voormalige busstelplaats mogelijk is. (Machteld HARDY)
PRETORIASTRAAT
Ze zochten en vonden een betaalbare woonst in de Pretoriastraat, vlak bij de Draakplaats, naast het vroegere benzinestation. We spreken over 2001. Toen al werd er over een park aan de overkant gesproken. Beloftes waar verder niets mee gebeurde. Maar ook zonder park vonden ze het heerlijk wonen daar. Zelfs de busstelplaats zorgde niet voor te veel overlast. Een drukke straat was het wel en ’s morgens bij het vertrek van de bussen kon het wel eens lawaaierig zijn, maar je geraakte er sowieso aan gewend.
ZALIG RUSTIG
Sinds de busstelplaats is verdwenen en de Pretoriastraat fietsstraat is geworden, is het er natuurlijk zalig rustig in vergelijking met vroeger. Je kan er zelfs met de ramen open slapen. Ook de kinderen zijn grote fan van hun woonst en hebben hun ouders verboden het huis ooit te verkopen.
GEDULD BEPROEFD
Vijftien jaar geleden was er al een aanzet om het terrein van de gasfabriek aan de Uitbreidingsstraat een nieuwe bestemming te geven. Afgevaardigden van
de buurt werden uitgenodigd op een voorstelling van het project waarbij gesproken werd van een park, gesitueerd tegen de ring en huizen die gebouwd zouden worden tegen de spoorweg. Maar het project stierf een stille dood. De oude gebouwen aan de Uitbreidingsstraat worden momenteel nog altijd gebruikt door Ligo.
Palend aan de vroegere gasfabriek lag gedurende jaren de busstelplaats van De Lijn. Oorspronkelijke bevond zich op deze plaats het oude buurtstation van Zurenborg (cf. foto). De verhuis van de busstelplaats is een verhaal van lange adem geweest. Jaar na jaar werd dat uitgesteld en dan opeens in 2025 was het zover. De sleuteloverdracht vond plaats eind ’25. Meteen dook de vraag op wat er (voorlopig) met het terrein zou gebeuren. Voorlopig is de juiste term in dit verband, want van een definitieve bestemming is in deze legislatuur hoegenaamd geen sprake. Eerst moet de grond gesaneerd worden en blijkbaar is het niet eenvoudig de verantwoordelijkheid hiervoor aan een bepaalde partij toe te wijzen.
LIEN VAN DE KELDER
Schepen Lien Van de Kelder van Vooruit nam wel het initiatief om in café De Zure twee vergaderingen te beleggen voor geïnteresseerde buurtbewoners. De bedoeling was om suggesties te verzamelen over een tijdelijke invulling van de site. Aan ideeën geen gebrek! Ze gingen van pop-up park/community garden over speel- of sportterrein tot bibliotheek. Na de vergaderingen bleef het jammer genoeg erg stil. Recent werd er wel een derde vergadering belegd. Of er nu duidelijke vooruitgang is in het dossier, was nog niet bekend bij het ter perse gaan van de krant.
HELDERE DROMEN
Rechtstreeks gevraagd hoe zij zich Nieuw Zurenborg voorstellen geven
Caroline, Steve en dochter Zita de volgende antwoorden:
Caroline: ‘Zo veel mogelijk groen en veel bomen, grote bomen. Eiken of beuken. Ze zijn zo belangrijk voor de kwaliteit van de lucht en het klimaat. Ze zorgen voor broodnodige verkoeling in de stad.’
Steve: ‘Liefst geen nieuwe huizen. Zo veel mogelijk recupereren wat er staat aan bebouwing en het een nieuwe bestemming geven.’
Zita: ‘Veel groen maar ook cultuur. Het moet een laagdrempelige ontmoetingsplaats worden.’
We helpen hen dromen en hopelijk leest het stadsbestuur mee!
Steve Meeuwsen en Caroline Vanmechelen. Foto: Machteld HARDY
Het buurtstation van Zurenborg aan het tramplein. Verzameling: E. KEUTGENS, Berchem
Buren bouwen samen wespenvallen
Nottebohmstraat vs. Aziatische hoornaar
Vorige zomer stelde Joost Loveniers uit de Nottebohmstraat vast dat er wel enorm veel Aziatische hoornaars rondvlogen in de buurt en dat er tegelijk veel minder bijen, gewone wespen en hommels te bespeuren waren. Als bevlogen knutselaar besloot hij daarom om zelf een Aziatische hoornaarval te bouwen. Met dat prototype wist hij tientallen exemplaren te verschalken en dat wekte de belangstelling van zijn buren. Ze besloten van samen aan de slag te gaan en meteen een hele reeks vallen te bouwen.
(Luc PANDELAERS)
Er heerste grote drukte in de garage in de Nottebohmstraat die zaterdagvoormiddag in februari. Een tiental buren waren druk in de weer. Er werd gezwaaid met kitspuiten en lijmpistolen, buurmeisje Amelia was als een volleerde bouwvakker aan de slag met klokboor en veiligheidsbril en Joost liep van hot naar haar als regisseur van het gebeuren. Als ik een Aziatische hoornaar geweest was dan had de aanblik van zoveel daadkracht mij er al gauw toe gebracht van mijn biezen te pakken, terug naar het verre oosten… Een week later zit ik bij Joost aan
de keukentafel, samen met buurvrouwen Caroline en Davina voor een evaluatie.
Waarom wilden jullie zelf vallen bouwen? Op het internet kun je kant-en-klare modellen kopen voor amper vijf euro.
Joost Loveniers: “Ja, maar dat zijn geen selectieve vallen. Dat zijn echte bijenkillers, daarmee dood je ook een hoop nuttige insecten. Een goede val moet een inkruipopening hebben met de juiste diameter. De Aziatische hoornaar moet erdoor kunnen maar de Europese hoornaar en de meeste hommels net niet. Er moet ook een
rooster inzitten met kleinere gaatjes langs waar bijen en gewone wespen kunnen ontsnappen. En bij die goedkope vallen wordt de lokvloeistof er gewoon ingegoten waardoor de beestjes verdrinken. Wij werken met een gesloten potje met wieken in het deksel. Als er dan toch nog andere insecten inzitten zet je de val een uurtje in de koelkast. Dan zijn alle beestjes verdoofd en kun je ze er gemakkelijk uitrapen. De nuttige beestjes leg je dan in de zon tot ze vanzelf weer wegvliegen en de hoornaars dood je best door ze een nachtje in de diepvries te steken. En ja, die betere vallen kun je ook kopen maar wij vonden het leuk van ze zelf te maken. Het enige wat we aangekocht hebben waren plastieken kegeltjes met de juiste inkruipopening. Die vind je onder andere op imkershop.be. Al de rest is afvalmateriaal.”
Caroline: “Wij vinden het ook belangrijk dat we dit samen met de buren doen. Wij hebben al lang een heel goede verstandhouding hier in de straat. Wij organiseren samen een straatfeest en we gaan al eens samen op stap. Dit past daar ook in omdat het gekoppeld is aan een citizen science project van KU Leuven en Natuurpunt. Wij gaan onze vangsten registreren op Mijn Tuinlab 2.0, samen met inmiddels al 2650 andere meetpunten in Vlaanderen.”
Ik hoorde tijdens de workshop dat de samenstelling van de lokvloeistof ook belangrijk is.
Joost Loveners: “Ik vond op het internet dat de ideale verhouding een derde bier is, een derde liefst zoete wijn, en een derde grenadine. Dat maakt het ook weer selectiever want bijen lusten wel een pintje maar wijn zou ze eerder afstoten”
Davina: “Het type bier lijkt ook van belang te zijn. Ik ken iemand die het met Derbypils geprobeerd heeft maar daar moesten de beestjes niet van weten!
Joost Loveniers: “Dan zitten wij goed: wij hebben voor een Sint-Bernardus gekozen.”
Zijn er nog andere gezamenlijke projecten in het verschiet?
Joost Loveniers: “Ja, het is nog een beetje voorbarig maar we hebben een project ingediend voor de burgerbegroting van district Antwerpen. Wij willen onze straat verder vergroenen en ontharden. Wij zijn alvast door de eerste selectieronde geraakt. Als we het halen gaan we de Gazet van Zurenborg zeker opnieuw contacteren.”
https://mijntuinlab.be
Bewoners van de Nottenbohmstraat met hun vallen.
Foto: Luc PANDELAERS
Historische foto’s: VILLA MERCURIUS
Aan de Cogels-Osylei 31 stond vroeger de majestueuze huis ‘Villa Mercurius’, in klassieke Griekse bouwstijl. Bouwmeester Jos Bascourt zette het hier in 1897, in opdracht van Karl Fisher, een Duitse groothandelaar in tropisch hout. Het bevatte een weelderig interieur, met zalen in diverse stijlen. De plafonds op de benedenverdieping en bel-étage zouden 5m27 hoog zijn geweest. Het gebouw had te lijden
Jos HERMANS
onder een bombardement tijdens WO I. In 1933 werd het tenslotte afgebroken. Op de plaats van Villa Mercurius verrezen twee modernere gebouwen. Het rechtse (Cogels-Osylei 31b) dateert van 1947, in typische stijl van na WO II. Het linkse witte gebouw (31a) is een ontwerp van architecte Christine Conix, in een soort van hedendaagse versie van art nouveau. Buren en andere straatbewoners waren niet onder de
indruk. Er kwamen zelfs betogingen en er werden bedreigingen tegen de nieuwe eigenaars geuit. Die durfden er niet komen wonen en verkochten de boel. Een hardnekkige mythe wil dat ‘Villa Mercurius’ in 1933 steen voor steen werd afgebroken om in de Verenigde Staten volledig te herrijzen. Maar een foto van het Amerikaanse gebouw is tot nog toe nooit opgedoken. Maar wie weet misschien die balzaal van ‘den' Trump’…???
Merk uiterst rechts naast Villa Mercurius een oude grenspaal, die de grens tussen Antwerpen en Berchem aanduidde.
Hier ontsprong ergens de Zurenborgbeek, de natuurlijke grens tussen de twee gemeenten.
Die grenspaal staat er nog steeds.
Cogelslei (1912). Archief: Jos HERMANS
Grenspaal (2026). Foto: Jos HERMANS
Cogels-Osylei (2026). Foto: Jos HERMANS
Cogelslei (1903). Archief: Jos HERMANS
Tentoonstelling in het Rijksarchief
Chocola in de Koekenstad
Een tentoonstelling in het Rijksarchief? Tamelijk uitzonderlijk is dat. Toen ik ervan hoorde, toog ik dan ook spoorslags naar de Door Verstraeteplaats. De open deur verwelkomde me. Een vrijwilligster van Koekenstad zat klaar om me te briefen over de twee tentoonstellingen. Jawel, twee voor de prijs van één. Ik heb het me geen twee keer laten zeggen. (Guy POPPE)
Koekenstad? Dat is de vzw die de tentoonstelling opgezet heeft. Het opzet is om de geschiedenis van def Belgische chocola onder ogen te brengen. De klemtoon ligt op de jaren tussen de twee wereldoorlogen. In 1930 maken de fabrikanten van de wereldtentoonstelling op het Kiel gebruik om hun chocola op de kaart te zetten. Voorzitter is Alfred Martougin, van het gelijknamige merk. Als je ’t mij vraagt, is hij met verve geslaagd in zijn opdracht.
Martougin, Baron, Duc, César, er waren nogal wat merken. Verscheidene waren er in de Lange Kievitstraat gevestigd, vlak bij het centraal station. De zoete geuren die ze er verspreidden, lagen aan de grondslag van de benaming koekenstad, die Antwerpenaren een eeuw later nog altijd graag in de mond nemen, net als het product zelf overigens.
Een tentoonstelling met chocola als thema? Dat heeft te maken met de Chocolade- & Pateekesweek. Van 20 februari tot 5 maart heeft Koekenstad ze voor de veertiende keer georganiseerd. Die weken kon je een gegidste wandeling maken door Antwerpen. Ze bracht je in aanraking met wat de koekenstad aan zoetigheden te bieden heeft en spitte ook vergeten verhalen naar boven. Uiteraard eindigde de wandeling in het Rijksarchief. Wie er een chocolade- & pateekespas kocht, kon tien coupons verzilveren, voor… ja natuurlijk, een pateeke of iets zoets. Bij bakker Gijbels op de Dageraadplaats was dat een reep Martougin. In de buurt deden ook Kleinblatt, in de Provinciestraat, mee -een bon in ruil voor een kaaskoek, dat moet je me geen twee keer voorstellen- en Helios en Mokka Lisa
in de Statiestraat. Maar goed, voor een dergelijke lekkernij verschijnt dit artikel te laat. Volgend jaar dan maar.
Martougin
Een flink deel van de tentoonstelling is ingenomen door wat we het archief van Martougin kunnen dopen. Dat was de chocoladefabriek in de Helmstraat in Borgerhout, die vroeger Veldstraat heette of beter rue des Champs, zoals we in de hoofding van een van de uitgestalde brieven lezen. Van wikkels en correspondentie over affiches en reclameborden tot foto’s van de fabriekshal, de kantoorruimte én Alfred Martougin himself, en famille, in zijn witte huis in Brasschaat, het ligt of hangt er allemaal. In diezelfde ruimte draaien er ook films uit de jaren twintig en dertig van de vorige eeuw. Een ervan laat ons de raad van bestuur aan het werk zien van koekjes De Beukelaer’s, ook alweer in de Lange Kievitstraat, de grootste van allemaal. De ene bestelwagen na de andere rijdt het fabrieksgebouw uit om overal te lande chocola, koekjes, karamellen, hopjes en nougatine te leveren. Op het straatnaambord lees ik Ploegstraat. De Beukelaer besloeg duidelijk het hele huizenblok achter het station. Een verdwenen stadsparel, die plaats gemaakt voor zielloze kantoorgebouwen. De wind is er baas en heeft de zoete geuren van destijds voor goed verjaagd.
Nova Antverpia
Aan het slot van een van de filmpjes kijkt, hoog en droog vanuit zijn kantoor op het Vlaams Hoofdplein, de digitale Alfred Martougin tevreden toe op de nieuwe stad aan zijn voeten. Dat is de enige band tussen de twee tentoonstellingen in het
Rijksarchief. Het tweede deel, in de leeszaal, gaat over Nova Antverpia, het nieuwe Antwerpen op de Linkeroever.
Met beelden, waarop artificiële intelligentie losgelaten is, zien we hoe de Linkeroever volgebouwd is met een wolkenkrabber, het evenbeeld van de Boerentoren, woonblokken en fabriekspanden. Huizen, flatgebouwen en fabrieken wisselen elkaar af en omzomen idyllisch de Parklaan, met voetgangersbruggen die de vijver in het midden van de laan overwelven. De Parklaan loopt parallel met de Charles de Costerlaan en de Blancefloerlaan maar is nooit aangelegd. De vijver ligt er.
Een zeppelin vliegt over de stad. Oude Fords en Minerva’s circuleren ongehinderd tussen de gebouwen. Een tram rijdt langs de oever. Wat zouden ze op Linkeroever blij zijn mocht dat vanaf mei nog altijd het geval zijn. Voetgangers zijn er niet te bespeuren. Het is de voorafspiegeling van een stad waar de auto baas is. Zoals dat een eeuw later grotendeels nog altijd is. Je begrijpt moeiteloos hoe na de oorlog het idee gestalte krijgt om een woonblok in het centrum van de stad af te breken en de Wapper aan te leggen, oorspronkelijk bedoeld om het verkeer van buiten de stad rimpelloos naar de Meir te leiden.
Vooruitgangsdenken
Nova Antverpia komt uit de koker van architect Emiel van Averbeke, medeontwerper van de Boerentoren, en ingenieur Paul de Heem. Ze willen op Sint-Anneke een nieuwe stad bouwen, die 150.000 Antwerpenaren onderdak biedt. Het plan is door de oorlog en geldgebrek nooit gerealiseerd. IMALSO, de Intercommunale Maatschappij voor de Linker Schelde Oever, die verantwoordelijk was voor de aanleg van de voetgangers- en de
voertuigentunnel, had een wedstrijd uitgeschreven maar in haar ogen voldeed geen enkel ontwerp. Ook dat van de legendarische architect Le Corbusier niet, die op Linkeroever, zoals in Marseille, een cité radieuse wou optrekken.
Toen was het aan het Antwerpse duo. Opvallend hoe bij hen het vooruitgangsdenken van die tijd dominant aanwezig is. Geïnspireerd door het succes van de chocolade- en koekjesnijverheid in de stad? Is dat de tweede band tussen de twee tentoonstellingen? Hoe schril steekt het plan af tegen de sociaaleconomische toestand in die periode, na de beurscrash van 1929 en de massale werkloosheid en muntontwaarding in Duitsland, die de opgang van het nazisme in de hand gewerkt heeft.
Kijk tot slot naar de televisiereportage, met beelden van de opening van de konijnenpijp in 1933. Met commentaar van oud-VRT-journalist Herman de Prins. Goed om hem nog eens te horen. Alle hoogwaardigheidsbekleders zijn aanwezig: koning Albert I, prins Leopold en prinses Astrid, aartsbisschop Jozef van Roey en burgemeester Camille Huysmans. Voor de opening van een autotunnel verplaatste zich indertijd kennelijk iedereen. Van de voetgangerstunnel maakt de reportage geen gewag. Ho ja, van Huysmans leren we dat je niet tunnèl zegt, zoals in Antwerpen gebruikelijk is, maar tunnel, met klemtoon op de eerste lettergreep. Wie er volhoudt in de boosheid, is volgens de burgemeester geen pummél maar een pummel, met klemtoon op de eerste lettergreep.
Tot 26 juni is de tentoonstelling op woensdag en vrijdag te bezoeken, van 10 tot 16 uur
Koers op de velodroom in 1907, met links Alfred Martougin, met bolhoed. Foto: Fotoarchief Antwerpen
Fruitevenement van Zespri in Filet Divers op 25 maart
“An apple a day keeps the doctor away”; of was het een Kiwi?
(Yo VAN DEN BULCK
)
ANGIE
Op 25 maart leer ik haar kennen. We eten samen tijdens het kookproject. Vandaag is het een Afghaans gerecht en meteen de goede manier om het ijs te breken. Ze verontschuldigt zich meteen voor haar “slechte” Nederlands maar als lerares hier in Nederlandse Conversatie, vind ik het dik meevallen.
Angie Valdes Weiss (39) woont ondertussen 12 jaar in ons land. Ze is Chileense, getrouwd met een Belg en woont in de Tweelingenstraat. Iets meer dan een jaar geleden was ze een tijdje vrijwilliger bij Filet Divers tijdens een periode van werkeloosheid. Een vriendin bracht haar in contact met Filet Divers in de Rolwagenstraat. In dit centrum voor mensen zonder papieren en met armoedeproblematiek hielp ze destijds bij het onthaal.
ZESPRI
Ondertussen werkt ze in het Europees Hoofdkwartier van Marketing en Distributie van Zespri, Posthofbrug. Ze heeft er een commerciële functie voor de landen Spanje en Portugal. Toen Zespri vroeg om mee na te denken over een “Christmas Charity” actie wist ze meteen wat ze wilde voorstellen. Ze vond dat Filet Divers er het meeste baat bij zou hebben omdat ze er mensen in armoede op een integrale en waardige manier ondersteunen. Dat sluit goed aan bij de waarden van Zespri om het welzijn via voeding te bevorderen.
FRUIT
Het project op 25 maart is de Kick-Off voor een actie die in totaal 17 weken zal duren. Tijdens die tijd zal er een korting worden gegeven aan mensen die voor fruit kiezen. Het aanbod wordt uitgebreid van kiwi’s tot appels, bananen en mandarijnen. Als je een dossier hebt bij Filet Divers kan je kopen in de Sociale Kruidenier Het budget varieert van familie tot familie naarmate de samenstelling ervan. Dossierhouders worden klanten genoemd.
Er zijn voor elk kind van de families die klant zijn doosjes beschikbaar om fruit mee naar school te nemen. De doosjes komen van een Belgisch merk gespecialiseerd in dit soort innovatieve verpakkingen (dus geen reclame voor Zespri).
Vandaag zijn er ook een fruitbuffet en spelletjes voor de kinderen terwijl hun ouders de Sociale Kruidenier bezoeken.
ANGIES WENS
Bij het einde van ons gesprek wil Angie nog even kwijt dat ze het bij zichzelf aanvoelt als een verantwoordelijkheid van de gemeenschap. Chilenen zijn heel solidair. In een land getroffen door natuurrampen leren ze van jongs af aan op school en bij de Scouts om solidariteitsacties te organiseren. Dit gevoel mist ze hier soms een beetje bij de buren in Zurenborg. Ze hoopt dan ook dat deze actie inspirerend werkt en dat ook andere bedrijven die de middelen hebben iets doneren zodat ze echt iets gaan betekenen om de gemeenschap dichter bij elkaar te brengen.
ARMOEDE-DIEET
Omdat mensen met een (te) klein budget soms niet de luxe hebben om gezond eten te kopen had Filet Divers juist de laatste jaren geïnvesteerd op dit domein. Een ondersteunende coach van voedselpunten en sociale kruideniers werkte een laagdrempelig plan uit opdat ook de gezondheid van de kinderen uit deze gezinnen meer aandacht zou krijgen.
Zo konden we in de lessen Nederlandse Conversatie een rugzak vol lesmateriaal
gebruiken. De Voedingsdriehoek konden we zo toepassen op alle verschillende culturen en gebruiken. Zo kon ook oefenen in de Nederlandse benamingen van groenten en fruit ineens educatief gebruikt worden.
Natuurlijk gaat het hier over een bewustvormingsproces dat de nodige tijd nodig heeft.
Spijtig dat de huidige besparingen in de subsidies dit proces vroegtijdig hebben afgebroken. De extra versterkende activiteiten zoals gezonde voeding promoten zijn niet meer vanzelfsprekend.
DANK
Ik bedank Angie van harte en zie ze stralen omdat deze actie duidelijk met hart en ziel wordt gevoerd. Ik verlaat de voor mij vertrouwde warme plek maar niet zonder foto’s te maken van het prachtige fruitbuffet. Naast fruitspiezen zie ik heuse kiwischildpadden, lachende kiwigezichtjes met chocolade haar en een tropisch landschap enkel gemaakt uit fruit. Dit gaan mijn kleinkinderen geweldig vinden!
Thaise en Vlaamse gerechten geserveerd in een huiselijke sfeer. Kom zeker onze heerlijk cocktails proeven. Reserveren op 03/235.98.42 - informatie op mays.be
Mail ons uw nieuws door
Omdat de redactie niet alles weet, vragen wij u om uw initiatieven, straatfeesten, tentoonstellingen, concerten, nieuwe handelszaken, enz, aan ons te melden. Liefst twee maand op voorhand, dan publiceren wij graag uw item in onze krant.
Indien later, proberen wij wat mogelijk is.
Het is uw krant, Het is uw nieuws.
Mail naar: redactie@gazetvanzurenborg.be
Het enthousiaste team van Filet Divers. Foto: Luc PANDELAERS
Gruppetto Francobollo komt op tegen kanker
Signor Francobollo heet eigenlijk Frank Speleman en woont al dertig jaar in Zurenborg. Op 11 januari verkocht hij op een veiling in Café Mombasa zijn eerste grote doek, “Domestique”, als steun voor Kom op tegen Kanker. Zo verenigde hij zijn drie grote passies: de strijd tegen kanker, wielrennen en schilderen. (Jan HOLVOET )
Kunst en wijsheid
Frank Speleman: “Op het einde van mijn middelbare studies besliste ik dat ik naar de kunstacademie wou gaan. Mijn moeder was niet blij. Dus werd het biologie en daar heb ik nooit spijt van gehad. Ik deed wetenschappelijk onderzoek aan de Universiteit Gent en het UZ Gent en leidde daar researchgroepen die zochten naar aangeboren en verworven mutaties die aanleiding geven tot het ontstaan van kanker, wat de weg opende naar het ontwikkelen van behandelingen. Wij hielden ons vooral bezig met tumoren bij kinderen. Dit onderzoek was ten dele mogelijk dankzij fondsen verzameld door verenigingen als Kom op tegen Kanker, die ik zeer dankbaar ben. Nu ben ik sinds een jaar met pensioen en houd ik mij bezig met het afhandelen van een aantal projecten. Maar nu ik meer tijd heb ben ik terug een opleiding schilderen gaan volgen aan de Academie van Berchem.”
Wielrennen als metafoor
Frank Speleman: “Ik ben ook een gepassioneerd wielrenner en al jaren lid van de lokale fietsclub Wielerij De Draak. Daarnaast is een van mijn vaste fietsmaten Gino Campenaaers, met wie wij jaarlijks naar Frankrijk reizen om de Tour de France te volgen en te supporteren voor zijn zoon Victor.
Victor a.k.a. Vocsnor is een bijzonder iemand. Hij begon als zwemmer en triathlonner om zich daarna te focussen op tijdrijden, wat toen een weinig geliefde discipline was in Vlaanderen. Dankzij zijn gedrevenheid en passie voor details slaagde Victor erin een nieuw werelduurrecord op de fiets te vestigen. Daarna deed hij iets waarin niemand geloofde: hij werd klassiek wielrenner. Met vallen en opstaan: na meerdere valpartijen en evenveel revalidaties slaagde hij erin een rit te winnen in zowel de Giro als in de Tour. Om daarna weer iedereen te verrassen en meesterknecht te worden voor Jonas Vingegaard om samen de grote rondes te winnen. Deze wendbaarheid, deze verbetenheid, dit geloof in het doel wilde ik als inspiratiebron naar voor brengen voor elke kankerpatiënt en uitbeelden in mijn schilderij.”
Domestique
Frank Speleman: “De meeste Zurenborgers denken bij het woord domestique aan Franse croissants. In de wielerwereld is het Frans voor meesterknecht. Het is de titel van mijn werk voor de KOTK verkoop. Ik heb me hierbij gebaseerd op een foto van een sportfotograaf die een mooi beeld capteerde waarin je Victor en Jonas naast elkaar geleden overleed.
ziet rijden in het peloton, Victor kijkt lichtjes opzij naar Jonas, hij is helper, vriend, mentor...”
Café Mombasa
Frank Speleman: “Café Mombasa in Borgerhout is het lokaal van de supportersvereniging van Vocsnor. Het werd mede uitgebaat door zijn oom Bob, die helaas enige tijd
Gruppetto Francobollo, dat zijn ik en mijn fietsende vrienden van UZ Gent. We hadden ons ingeschreven voor de 1000 km van Kom Op Tegen Kanker en ons daarmee verplicht om minimum 5500 € op te halen. Op 11 januari hebben we in Café Mombasa mijn schilderij Domestique geveild. We hadden er ook A3 prints en postkaarten van laten maken, waarvan een deel gesigneerd werd door Victor en Jonas tijdens hun recente fietsstage met de ploeg in Spanje.
Het café was gepast bomvol. Eerst was er een leuk interview van Gino Campenaerts met de mythische sportjournalist José De Cauwer. Daarna was er trappist. De veiling werd met brio geleid door de vroegere schijnburgemeester van Borgerhout, Geert Buelens. Na een razend spannend opbod klopte hij af op het onverwacht hoge bedrag van 1800 €.
De gulle koper schonk het doek onmiddellijk aan café Mombasa en de supportersclub van Victor. Alle prints en postkaarten werden verkocht en zo kwamen wij tot 4000€. Nog een laatste demarrage en we zijn er.
U kan Gruppetto Francobollo en het onderzoek naar tumoren bij kinderen nog steunen: https://www.komoptegenkanker. be/actie/code/170261900
Er zijn nog een paar gesigneerde posters te krijgen via: https://www.thevandal.be/ product-categorie/collabs/ vocsnor/ en gewone A3 posters;
Frank Speleman van Gruppetto Francobollo. Foto: Gerda Huygen
Overal waar mensen samenkomen, ontstaan er conflicten.
De doos van Pandora
Julie Kruijne, bemiddelaar in familiale en sociale zaken i.o., interviewt mensen over hun kijk op conflicten en brengt hier verslag uit.
Deze nieuwe rubriek is een laagdrempelig initiatief om de complexe dynamiek van wederzijds begrip tonen voor elkaar, ondanks en dankzij alles, onder de aandacht te brengen.
Overal waar mensen samenkomen ontstaan er conflicten. Dat is eigen aan ons menszijn. Leuk is dat niet. De meeste mensen willen immers harmonie en vrede. En toch, ondanks alle goede intenties, worden we vroeg of laat geconfronteerd met een conflict. Dat kan op de werkvloer zijn of gewoon thuis aan de keukentafel of over de tuinmuur.
Wat als we deze conflicten ruimte geven om ze te onderzoeken vanop een veilige afstand? Wat als we dingen in vraag durven stellen in plaats van te analyseren en te oordelen? Wat als we de doos van Pandora lang genoeg openhouden zodat, in deze polariserende tijden, hoop terug de wereld in kan stromen?
Graag ga ik in gesprek met verschillende mensen van de buurt zowel hippe nieuwkomers, als diepgewortelde Zurenborg sinjoren, jongeren, 2-verdieners, bewuste thuisblijvers, mensen met meerdere culturen/ religies, ouders, kinderloze gezinnen, (bewuste) singles, LGTBQ+, kunstenaars, ingenieurs, arbeiders, politiekers, wetenschappers... met als enige doel meer te leren over hoe wij Zurenborgers omgaan met conflicten.
Op basis van drie, door het redactieteam vooraf bepaalde vragen, zoeken we samen naar inzichten en breng ik hier verslag over uit.
Voor dit eerste artikel ben ik de straat opgegaan met volgende vragen:
1. Wat is voor jou een goede definitie van ‘een conflict’?
2. Wanneer heb jij voor het laatst te maken gehad met een conflict en hoe is het terug goed gemaakt?
3. Wat vind je van de titel ‘De doos van Pandora’ als suggestie voor een nieuwe rubriek in De Gazet van Zurenborg?
Hartelijk dank aan de 6 toevallige passanten die zo vrij waren om hierover met mij in gesprek te gaan. We hebben gelachen, (h)erkenning gevoeld en ook best openhartige zaken besproken. Jullie anonieme bijdragen worden erg gewaardeerd.
In de gesprekken kwam duidelijk naar voren dat we wat onwennig worden als we het hebben over conflictsituaties. “Mag ik dit wel vertellen?”
De meeste mensen willen conflicten toch vooral vermijden en er zeker niet
in meegesleurd worden. Toch had iedereen een concreet voorbeeld van een misverstand dat uitgroeide tot een (ernstig) conflict.
Het is dus iets menselijks waar we soms dagelijks en wereldwijd mee te maken hebben. Conflicten komen vaker voor wanneer mensen andere zienswijzen hebben, andere ideeën of tegenstrijdige standpunten hebben. Een conflict hebben kan ook iets zijn dat in jezelf afspeelt, wist iemand me terecht te vertellen. Zeker wanneer je te maken hebt met keuzes maken en willen tegemoetkomen aan verschillende belangen/behoeften. En dat zorgt voor stress, soms zelfs ziekmakende stress.
Enkele waardevolle tips werden er gedeeld en die wil ik jou zeker niet onthouden:
Het is niet voldoende om alert te zijn voor mogelijke conflicten, het is ook nodig om te leren hoe ermee om te gaan. Beter en sneller communiceren is helpend bij het voorkomen of verminderen van conflictsituaties. Leren om vanop een afstand te kijken naar wat er gaande is, is nodig om gepast te reageren. En dat lukt het best wanneer je weinig stress ervaart.
We durven te vergeten dat een conflict ook een constructieve functie kan hebben. Wanneer je boos wordt dan is dat vaak omdat je iets belangrijks dreigt te verliezen. Je behoefte aan respectvolle omgang, gelijkwaardigheid, gezien worden voor je goede intenties, rust, … Een conflict nodigt je dus eigenlijk altijd uit om eens onder de waterlijn te kijken naar wat er voor jou belangrijk is in het leven. Wat zijn jouw waarden? Het leert iets over wie je bent en waarvoor je wil opkomen in de wereld.
Tijd dus om de doos van Pandora te openen en hoop beschikbaar te blijven maken voor de (Zurenborgse) mensheid.
Julie Kruijne
Foto: An VAN DE WAL
Een vertrouwd gezicht verdwijnt. Gerda van ‘de Zure’ houdt ermee op.
Gerda Maeyens gaat met pensioen
Na 30 jaar nemen wij afscheid van een icoon van café ‘De Zure’. Gerda Maeyens, die wij al dertig jaar lang kennen als rustige en lieve steunpilaar, serveerster van deze kroeg gaat op pensioen.
(Jos HERMANS)
Even de dingen op een rijtje zetten. ‘De Zure’ is niet het oudste café van onze wijk. Op dezelfde plaatst stond vroeger een klein kerkje (de kapel ‘O.L.V. van de Altijddurende Bijstand’). Omdat er alsmaar nieuwe parochianen bijkwamen werd die in 1901 afgebroken om plaats te maken voor de huidige Sint-Norbertuskerk, op de hoek van de Dageraadplaats en de Korte Altaarstraat. Waar ooit het kapelletje stond, kwam later het ‘parochiehuis’, in 1972, na verbouwing, plechtig ingehuldigd door de lokale pastoor. Toen Gerda hier in 1995 kwam werken, eerder enkel in de weekends, was het al café ‘De Nieuwe Zurenborger’ geworden. Omstreeks 2005 werden de biljarttafels afgebroken en de toog herbouwd. De naam werd afgekort tot ‘Zurenborger’, nadien nog korter tot ‘De Zure’. In 2019 werd dit de officiële naam toen het triumviraat Elke, Kevin en Steven het café officieel overnamen.
Woensdag 11 maart was de allerlaatste werkdag van Gerda, die we nu aan het woord laten:
Gerda Maeyens: “Daarvoor werkte ik in een ‘kunstenaarsmateriaalwinkel’ bij de Antwerpse Academie, maar ik zag die overgang naar de
horeca best wel zitten. Ik herinner me nog dat pastoor Marcel Willem die transformatie naar café met lede ogen zag gebeuren. De oorspronkelijke bazen waren Guy, Herman en Dirk, nadien alleen nog maar Guy Desmet. De zaak begon goed te draaien.”
Wat waren de prettigste herinneringen aan deze periode?
Gerda Maeyens: “Toen hier de basketbalclub ‘Dageraad’ (van Edi Dobbelaere) haar onderkomen vond. Cafébaas Guy veranderde voor hen de kleine keuken op de eerste verdieping in doucheruimtes. Ik vond het wel leuk die halfnaakte sympathieke mannen de trappen op en af te zien lopen. Helaas is die club verdwenen bij de verbouwing van het plein. Een andere herinnering zijn die Russische dames die hier elke maandag in de zaal samen kwamen en zongen. Hun koor heette ‘Katinka’. Ooit waren die tijdens de oorlog naar Duitsland weggevoerd, waar zij Belgische mannen hebben leren kennen en tenslotte hier verzeild zijn geraakt. Naarmate er stilaan een aantal wegvielen zijn die zangstonden in het café blijven doorgaan. Ik denk dat er nu helaas niet veel meer van overgebleven zijn.”
Wat veranderde voor jou na de machtswissel in 2019?
Gerda Maeyens: “Niet veel. Het waren toffe bazen die mij apprecieerden voor mijn ervaring en mijn inbreng. Ik denk dat ik tientallen nieuwe ‘garçons’ en ‘serveuses’ heb opgeleid. Ik had wel een goed oog voor hun capaciteiten. Als het voor mij niet echt oké was, liet ik dat ook wel blijken. Streng maar echtvaardig, he (knipoog).”
Wat ga je nu het meeste missen?
Gerda Maeyens: “Mijn collega’s en de babbel met vaste klanten. Ik heb er heel veel toffe mensen leren kennen. En ik zal ook de ‘Spotify’
missen, die ik in de kroeg helemaal naar mijn hand kon zetten. Thuis kan ik dat natuurlijk ook, maar da’s niet helemaal hetzelfde, he.”
En wat brengt de toekomst?
Gerda Maeyens: “Ik heb een busje gekocht dat ik helemaal heb omgebouwd om mee op reis te gaan. Ik ga zeker naar Zuid-Spanje en misschien ook wel naar Marokko. Ik heb ondertussen ook vier kinderen, vijf kleinkinderen en twee pluskleinkinderen, en die gaan misschien af en toe wel mee. En in de verre toekomst? Een flexi-job waarschijnlijk? Wie weet?”
Gerda Maeyens, achter de toog van 'De Zure'. Foto: Jos HERMANS
Hola Pola biedt reizigers een buitengewoon venster op de wereld
Terwijl ik in de wijk flaneer, trekt het raam van het hoekpand Guldenvlies-/Waterloostraat mijn avondlijke aandacht. 'De Prins en de Baron van Hola Pola - ontdekvakanties voor nieuwsgierige kinderen en grote mensen'. Reizen smaakt altijd naar meer, dus sit back and relax, en laat je mee op sleeptouw nemen. (Karen KETS)
Tom, jij en je echtgenote Stéphanie Decru zijn de zaakvoerders van Hola Pola. Wat drijft jullie?
Tom Lambers: “Hola Pola stuurt reislustigen op pad, met als bestemming 'de wijde wereld'. We zetten sterk in op de lokale verankering. Onze klanten genieten van een duurzame beleving, zodat ze met nieuwe en frisse perspectieven huiswaarts keren. Hola Pola ontzorgt van begin tot eind. We staan garant voor een hoog comfortniveau, maar nodigen wel uit tot het spreekwoordelijk aftasten van de comfortzone. Reizen met Hola Pola, dat is je nieuwsgierigheid laten prikkelen.”
Jullie zijn sinds oktober vorig jaar in Zurenborg gevestigd. Hoe verzeilden jullie in de wijk?
Tom Lambers: “In 2019 namen Stéphanie en ik Hola Pola over van de toenmalige zaakvoerder. We stonden voor de keuze om in het prachtige Groen Kwartier - waar Hola Pola sinds 2005 gevestigd was - te blijven, of een andere locatie te zoeken. Door covid moesten we in Antwerpen tijdelijk verhuizen naar een coworking plek, en daarnaast hadden (en hebben) we ons kantoor in Gent. En toen kregen we dus het Zurenborgse pand in het vizier. De wijk is goed bereikbaar, karaktervol, en ondersteunt het kleinschalige concept dat we bewust willen aanhouden. Bovendien is de residentiële buurt een troef, een winkelstraat of bedrijventerrein zou echt niet bij ons concept passen. In diezelfde optiek doen we bijvoorbeeld ook niet mee aan reisbeurzen. Een uitgesproken
commercieel concept of initiatief laat zich niet rijmen met de stijl van ons huis. Wel organiseren we jaarlijks in januari een 'Hola Pola dag', waarbij alle gidsen van over de ganse wereld naar België komen. Ook mensen die al meereisden, of nieuwe geïnteresseerden, kunnen dan de unieke Hola Pola vibe ervaren.”
Welk type reiziger zien jullie graag komen?
Tom Lambers: “Leergierige mensen die op een authentieke en intense manier een land, regio of stad willen ontdekken, in een beperkte groep, met een lokale gids die zonder twijfel dé toegevoegde waarde binnen ons reisconcept is. Hij of zij kent niet alleen de onbetreden paden, maar ook de passie om de knowhow en ervaring te delen met onze klanten. Dat idyllische restaurantje waar de locals uit eten gaan. Authentiek, karaktervol logies. Het is dankzij de lokale gids dat we onze klanten hiermee verrassen. De klassiekers en trekpleisters die in elke brochure prijken laten we maximaal aan ons voorbij gaan. Het snel afvinken van 'must sees' is bij ons niet aan de orde. Wel gaan we in de diepte, dringen we door in het lokale weefsel. Samen met enkele locals om 6 uur 's ochtends yoga doen bijvoorbeeld. De gids begeleidt de groep van begin tot eind, en bewaakt de sfeer binnen de groep. Een zorgeloze reiservaring, daar gaan we resoluut voor! Om deze beleving nóg beter af te stemmen op onze reizigers hebben we twee concepten: 'De Prins van Hola Pola', en 'De Baron van Hola Pola'.”
En in wiens gezelschap is het best toeven?
Tom Lambers: “Beslist bij beide (lacht), maar hun benadering is verschillend. Bij 'De Prins van Hola Pola' stellen we doorgaans een groep samen met drie of vier families die elkaar niet kennen, en met kinderen van ongeveer dezelfde leeftijd. Maar het kunnen ook bijvoorbeeld grootouders zijn, die met het nageslacht een memorabele reis willen maken. Of vrienden die eropuit trekken. Maar die wel helemaal ontzorgd willen worden, en tegelijk de avontuurlijke, exploratieve kantjes van Hola Pola omarmen. Bij 'De Prins' zijn kinderen welkom vanaf pakweg vier à vijf jaar, tot jongvolwassen leeftijd. We zetten sterk in op een joviale sfeer, zowel tussen het kroost als tussen de volwassenen, en onderling. Zowat 95% van onze reizen zijn 'Prins' reizen, zeg maar 'gezinsvakanties'. 'De Baron van Hola Pola' richt zich dan weer exclusief op volwassenen. Deze reizen worden buiten de schoolvakanties georganiseerd. De groep bestaat uit acht tot veertien deelnemers, zowel koppels als singles. Vaak zijn hier ook mensen bij die vroeger met 'De Prins van Hola Pola' reisden, en 'De Baron' vervoegden nadat ze de kinderen het huis uitzwaaiden
Hoewel we twee concepten hebben die zich op verschillende doelgroepen richten is de 'spirit' en de affiniteit met onze aanpak de lijm die beide verbindt. Reizen met Hola Pola is reizen op de manier dat Stéphanie en ik dat ook graag doen, vandaag nog mét kinderen.”
Authentiek, soms pittig, altijd comfortabel en met een inspirerende en gepassioneerde gids.
Verwonderende reizen vol onvervalste ervaringen waardoor je spontaan 'Hola Pola!' uitroept. Dat zijn de Prins en de Baron van Hola Pola in een notendop.
Hoe bepalen jullie de reisbestemmingen?
Tom Lambers: “We hebben hiervoor geen draaiboek. Vaak komt een Hola Pola bestemming op de kaart door contacten in ons brede netwerk. En ook onze eigen ervaring speelt mee. Zelf groeide ik op in Gabon en
Kameroen. Net als Stéphanie had ik het geluk om ouders te hebben die ons op pad namen, die wijde wereld in. Iets wat wij ook aan onze zonen doorgeven. Toen zij zeven, acht en tien jaar waren trokken we met hen een klein jaar door Azië en Australië. Ook het gros van onze bestemmingen situeert zich buiten Europa. Japan, Peru, Zuid-Afrika,... in de vier windstreken, op alle continenten. Binnen 'De Baron van Hola Pola' organiseren we ook een beperkt aantal bijzondere citytrips. Zo was ik begin dit jaar met een groep in Mumbai. Een geweldige metropool om een ganse week in rond te dwalen! En in maart staat Mexico-Stad op de planning.”
Om het avontuur in de duiken heb je maar best een degelijke conditie, zou ik stellen. Of is dat relatief?
Tom Lambers: “We zetten zeker in op actieve reizen: er wordt veel gewandeld, we gaan op pad, we zijn letterlijk onderweg. Algemeen volstaat heus wel een doorsnee basisconditie, als je maar graag (intensief) stapt. Voor sommige reizen is een betere conditie vereist, denk bijvoorbeeld aan bergtochten, maar dat wordt dan expliciet vermeld, en op voorhand goed doorgesproken. Eigenlijk is er een waaier aan mogelijkheden. We helpen mensen met plezier verder om de juiste keuze te maken.”
Jouw ultieme pitch voor de lezer: welke troeven maken Hola Pola tot de uitgelezen reispartner?
Tom Lambers: “Hola Pola staat voor een doorgedreven persoonlijk contact, kleinschaligheid en onmiskenbare kwaliteit. Dankzij de sterke lokale verankering en de A-Z begeleiding kan je als reiziger zorgeloos genieten, ontdekken, doordringen in een stad, regio, land, de locals en de cultuur. Benieuwd of reizen met Hola Pola ook iets voor jou is? Maak kennis met ons kleine maar echt fijne team van vijf rasechte enthousiastelingen, en we zoeken het vol passie en deskundigheid samen met jou uit.”
https://holapola.be +32 3 280 11 40 prins@holapola.be baron@holapola.be Guldenvliesstraat 58, 2600 Antwerpen (best na afspraak, maar je mag gerust ook zo langskomen)
JA ZEGGEN
Begin januari viel de uitnodiging bij de gegadigden in de bus. District Antwerpen huldigde op 14 februari 2026 100 jubilarissen die 10, 20, 30, 40, 50, 60, 70,… getrouwd zijn en elkaar het ja-woord gaven in het stadhuis én nu nog in het district wonen. De eerste 100 koppels die reageerden kregen een nodiging voor een plechtig moment op 't Schoon Verdiep. Dit werd gevolgd
Jo en Myriam, Lange Altaarstraat, 10 jaar getrouwd.
Bart en Kim, Arendstraat, 10 jaar getrouwd.
Marc en Jean-Marc,
Antwerpen 70,… jaar steeds een uitgevolgd door
een mooie receptie en foto-shoot door LumierePhotography/An Van de Wal, één van de redactiefotografen van de Gazet. Een uitgelezen gelegenheid om de feestelingen van Zurenborg ook op de middenpagina te vereeuwigen met een foto van toen en nu.
(Tekst: Annelies DE MUL, Foto’s: An VAN DE WAL)
Annelies en Geert, Arendstraat, 10 jaar getrouwd.
Cuperusstraat, 20 jaar getrouwd.
Annelies, Geert, Myriam, Jo, Bert en Kim vieren hun jubileum.
Artbeats, juwelen recht vanuit het hart
Ik heb begrepen dat je al een tijd als juwelenontwerper aan de slag bent. Hoe begon het allemaal?
Thomas Patt: “Ik studeerde eerst creatieve design en productie in Antwerpen, maar wou een meer gedegen technologische basis en ging ingenieur elektromechanica studeren in Leuven. Nadat mijn ingenieursstudies afgerond waren, bracht ik mijn passie voor juweelontwerp en engineering samen door Goldshape op te richten. Dat is een juwelenbedrijf dat gepersonaliseerde juwelen maakt, waaronder trouw- en
verlovingsringen. Aangezien ik enkel op maat gemaakte juwelen maak, ging ik op zoek naar een methode om het meest persoonlijke juweel te creëren.”
Welke rol spelen Antwerpen en Zurenborg in je werk?
Thomas Patt: “Geboren en getogen in de Diamantstad keerde ik in 2025 terug naar mijn geboorteplaats om mijn bedrijfje op te richten in het hart van de Antwerpse juwelenscène. De wijk rond Zurenborg en Berchem speelt al jaren een grote rol in mijn
Sergie Van den Borne en Suzanne Janssens
Opticien - Optometrist
Dageraadplaats 12 2018 Antwerpen
tel : 03/235 16 35 optiekdedageraad@telenet.be
OPENINGSUREN
MAANDAG10 uur tot 13 uur
DINSDAG10 uur tot 18 uur
WOENSDAG10 uur tot 18 uur
DONDERDAG10 uur tot 18 uur
VRIJDAG10 uur tot 18 uur
ZATERDAG10 uur tot 13 uur
Onlangs vond ik een flyer van Artbeats in de brievenbus, waarbij men juwelen aanbood met daarin de hartslag van een persoon. Ik vond het wel een leuk concept en kwam voor meer uitleg terecht bij goudsmid Thomas Patt. (Bart CARTUYVELS)
creatieve traject. Door hier te wonen en te werken, was ik in staat om nauw samen te werken met gevestigde namen zoals Wouters & Hendrix en Salima Thakker.”
En hoe ontstond Artbeats dan?
Thomas Patt: “Artbeats is ontstaan vanuit mijn zoektocht naar het meest persoonlijke juweel dat je iemand kan geven. Via een zelf ontwikkelde smartphonetool wordt de hartslag van de gebruiker gemeten, waarna die unieke curve onveranderd verwerkt wordt in een armband of ketting. Elk juweel wordt volledig lokaal en made-to-order gemaakt in mijn atelier in Berchem, zonder massaproductie.”
Hoe kwam je op het idee om een hartslag te verwerken in een juweel?
Thomas Patt: “Een tijd geleden had iemand in mijn omgeving last van hartritmestoornissen. Hij gebruikte een app op zijn gsm om zijn hartslag te detecteren en die stoornissen op te meten. Toen kreeg ik het idee om met behulp van een gelijkaardige tool persoonlijke hartslagjuwelen te maken. Op die manier kan je steeds een belangrijk persoon in je leven dicht bij je dragen.
Met mijn achtergrond als ingenieur heb ik een eigen tool ontwikkeld waarmee je je hartslag kan detecteren en meteen een persoonlijke armband of ketting ervan kan laten maken. Zowel de detectie als het bestellen verloopt eenvoudig en snel via de webshop van Artbeats.”
Wanneer werd Artbeats gelanceerd en hoe verliep dit?
Thomas Patt: “In december 2025 heb ik dit concept onder het merk Artbeats gelanceerd. Er kwamen
meteen veel positieve reacties en de eerste bestellingen begonnen binnen te lopen. Mensen vroegen zelfs of ze de hartslag van hun hond konden detecteren. Momenteel werkt de tool enkel voor mensen, maar je kan steeds de hartslag van je hond of kat naar mij doorsturen en dan maak ik er een persoonlijk juweel van.”
Je juwelen zijn dus allemaal unieke stukken, hoe maak je deze?
Thomas Patt: “Ik werk momenteel vanuit mijn atelier in Berchem. Alle juwelen worden daar met de hand vervaardigd uit sterling zilver en kunnen ook verguld worden met een laag 18k geelgoud. Op termijn wil ik een fysieke winkel openen.”
Welke soorten juwelen ontwerp je?
Thomas Patt: “Ik ontwerp en maak uitsluitend nieuwe juwelen, zoals trouw- en verlovingsringen, rouwjuwelen, geboortejuwelen zoals moedermelkjuwelen, zegelringen en andere gepersonaliseerde ontwerpen. Aanpassingen of reparaties voer ik niet uit.”
Vermits je op aanvraag werkt, kan ik me voorstellen dat je soms markante vragen krijgt. Kan je een voorbeeld geven van zo’n heel speciale aanvraag van een klant?
Thomas Patt: “Onlangs vroeg een klant mij om een hartslagjuweel te maken met de hartslag van haar baby terwijl ze nog zwanger was. In het ziekenhuis liet ze de hartslag opmeten en bezorgde ze mij de hartslagcurve, zodat ik er een zeer persoonlijk juweel van kon maken met veel emotionele waarde, om dat bijzondere moment voor altijd bij zich te dragen.”
Hoe kan ik een Artbeats juweel bestellen en wanneer ontvang ik het dan?
Thomas Patt: “Momenteel kan je enkel via de webshop bestellen. Met Artbeats kan je dus binnen enkele seconden een hartslag detecteren in de webshop en meteen een uniek juweel bestellen met emotionele waarde.
Ik produceer elk juweel binnen 2 tot 5 werkdagen en verstuur het per post. Je kan de maat van je armband of ketting eenvoudig zelf aanpassen, waardoor latere maataanpassingen niet nodig zijn. Exclusieve aanvragen, zoals de hartslag van een hond of meerdere hartslagen, kunnen steeds via mail doorgestuurd worden.”
Bedankt voor het gesprek Thomas en succes met het ontwerpen van juwelen recht uit het hart.
Voor meer informatie: www.artbeatjewels.com Instagram & TikTok: @artbeatjewels
Thomas Patt in atelier Artbeats.
Foto: ARTBEATS
Maak kennis met juwelenontwerpster Sara Roegiers
In 2025 studeerde Sara Roegiers af als goudsmid en besloot ze zich voltijds toe te leggen op het ontwerpen en maken van juwelen. Vanuit haar huis in Zurenborg werkt ze aan een eigen lijn van juwelen. Uw reporter ging kennismaken. (Bart CARTUYVELS)
Sara is afkomstig uit Halle in Vlaams-Brabant. In 2007 kwam ze voor het eerst in Zurenborg toen ze haar man leerde kennen die in de Dolfijnstraat woonde. Samen vertrokken ze naar Parijs en New York om in 2013 terug te keren naar Zurenborg, waar ze nu nog steeds wonen met hun zoon en dochter in de Arendstraat.
Van opleiding is Sara Master in de hedendaagse geschiedenis. Ze werkte lang aan de KU Leuven op het snijpunt van onderwijs en IT en aan het Instituut voor Tropische Geneeskunde. Een aantal jaar geleden belandde ze op een keerpunt in haar leven en ging ze op zoek naar een ander soort job.
Sara Roegiers: ”Ik vroeg mij af, wil ik de rest van mijn loopbaan achter een computer zitten? Ik had zin om iets met mijn handen te doen, om dingen te ontwerpen. Als klein meisje droomde ik er al van om juwelenontwerpster te worden. Om mijn 45e maakte ik dat concreet door me in te schrijven voor een vierjarige opleiding tot goudsmid en juwelenontwerper. Ik volgde tussendoor ook nog andere opleidingen tot edelsteenzetter en leerde de eeuwenoude verloren wastechniek.
Op het moment dat ik aan de opleiding begon, hadden we een huis gekocht en gingen we een grote verbouwing starten. Dat was een groot kantelpunt in ons leven. Ik ben toen gestopt met werken en heb me toegelegd op mijn opleiding en het opvolgen van de verbouwingswerken.”
Bij de start van uw opleiding, had u toen al een idee welk soort juwelen u wou maken en in welke stijl u graag zou ontwerpen?
Sara Roegiers: “Van in het begin heb ik voor de barokke parels en de grillige vormen gekozen. Ik wou stevige vormen maken, sculpturale ontwerpen gebaseerd op de beweging van water, de rand van het water en rotsen. Ook werk ik met gebroken steenvormen en oesterschelpachtige vormen. Maar ook eenvoudige ontwerpen zijn mogelijk zoals een parelhanger, maar dan op een heel andere manier.
Op uw website toont u een aantal ontwerpen met speciale parels en stenen. Kan u daar wat meer over vertellen?
Sara Roegiers: “Ik gebruik steeds zoetwaterparels, dat zijn Chinese kweekparels in hun oorspronkelijke kleuren. Die zijn heel gevarieerd van brons, over blauw tot grijs en, natuurlijk, wit. Daarnaast werk ik ook met edelstenen met karakter, vaak met een unieke kleur en inclusies. Ik gebruik verschillende soorten zoals kwartsen of granaten (donkerrode stenen). Ik ga niet met dure edelstenen aan de slag, mijn stijl is nog wat te experimenteel en ik wil mezelf niet uit de markt prijzen.”
Heeft u een specifieke stijl, wat inspireert u?
Sara Roegiers: “Ik kijk veel naar juwelen en naar heel veel verschillende stijlen. Ik wil maken wat ik zelf wou dragen. Ik laat me inspireren door de modernisten en de heel eenvoudige art deco, maar wel met textuur erbovenop, ik geef daar mijn eigen draai aan.”
U vermeldt ook dat u bewust omgaat met de materialen en inzet op herbruik.
Welke technieken gebruikt u om uw juwelen te maken?
Sara Roegiers: “Eén van de technieken is het zilver verwarmen tot het voldoende vloeibaar is. Ik neem dan een grote pot koud water, dat ik omroer tot er een draaikolk ontstaat en dan giet ik het vloeibare zilver daarin, dat geeft speciale vormen. Voor andere ontwerpen maak ik gebruik van een techniek op basis van was. Ik gebruik een buisvorm die ik bijwerk of ik werk met draadjes die ik aan elkaar smelt. Dit ontwerp in was breng ik dan naar een gieterij waar ze mijn ontwerp dan via verschillende stappen in zilver gieten.
Sara Roegiers: “Inderdaad, ik vind het fijn om iets nieuw te maken van een bestaand juweel. Ik kan altijd zilver herwerken of omsmelten in iets nieuws. Belangrijk is wel dat antieke juwelen een andere samenstelling hebben dan het zilver waar we nu mee werken, dus dat moet toch bekeken worden. Trouwens, het ambachtelijke juwelensmeden is een circulaire manier van werken. Ook hier bij mij in mijn atelier, hou ik het stof bij. Ik kan dat zelf niet verwerken, maar ik spaar dat op tot ik een kilo heb en dan gaat dat naar een smelterij die het verder verwerkt. Antwerpen is heel rijk aan toeleveranciers voor de juwelenindustrie dus dat kan snel en dichtbij gebeuren.”
Ontwerpt u zelf de juwelen of werkt u op vraag van een klant?
Sara Roegiers: “Ik heb al juwelen gemaakt op vraag of naar een specifiek idee van een klant, maar liefst maak ik mijn eigen ontwerpen die ik dan verkoop. Ik kan ook mensen begeleiden in het ontwerpen van juwelen door gebruik te maken van was. Een voorbeeld is een moederdochterworkshop van een tweetal uren waarbij ik ze de techniek uitleg en help om een ontwerp te maken. Ik had onlangs een moeder en haar dochter die 16 werd in zo’n workshop, ze ontwierpen een ring voor elkaar. Een week na de workshop waren hun ringen klaar en die dragen ze nu.”
Hoe verkoopt u uw juwelen?
Sara Roegiers: “Ik heb een website en webshop waar klanten mijn juwelen kunnen aankopen. Ik heb ook al een paar keer met mijn ontwerpen in een pop-up store gestaan. Binnenkort, van 12 tot 18 juni, zullen mijn juwelen ook te koop zijn in de Pop-up gallery op het Consienceplein. Mijn droom is een eigen winkeltje op Zurenborg, maar het is niet zo eenvoudig om een geschikte en betaalbare plek te vinden in deze buurt. Ik had ook een idee om samen met een aantal creatievelingen deel te nemen aan een makers marktje, maar heel concreet is dat nog niet. Misschien dat er onder de lezers van de Gazet van Zurenborg nog mensen zijn die interesse hebben?”
Voor meer informatie:
Website: sararoegiers.com
Instagram: @sararoegiersjewelry
Sara Roegiers aan het werk. Foto: JOENIVERSE
Restaurant “De Aarde” wordt de opvolger van Dôme
Het prachtige hoekgebouw in de Generaal Capiaumontstraat huisvest sinds kort restaurant “De Aarde” dat tot dé gastronomische tempel in Zurenborg wil uitgroeien. (Eddy AERTS)
In een vorige editie van deze krant schreven we al hoe Frédéric en Evangeline Chabbert hun restaurant Dôme omgevormd hebben tot La Brasserie du Dôme en hoe zij de opening aan het voorbereiden waren van een derde restaurant in Zurenborg (naast La Brasserie du Dôme en Dôme-sur-mer). Op 27 maart was het eindelijk zover en opende restaurant “De Aarde” in het gelijknamige gebouw op de hoek van de Generaal Capiaumontstraat en de Velodroomstraat, dat tevens de nieuwe woning van het koppel is. Het moet hun nieuwe gastronomische topadres moet worden.
Een klassevol gebouw voor een verfijnde keuken Alleen al de gevel van het bekende, statige gebouw aan de Generaal Capiaumontstraat 15 straalt klasse uit. Het beschermde monument werd gebouwd in 1913 en is ontworpen door Jos Bascourt, die ook de architect is van Dôme en tal van andere markante gebouwen in Zurenborg. Bij veel Zurenborgers is dit huis bekend als de voormalige woning van Jelle van Riet en Helmut Lotti. Dat hier sinds kort een restaurant zit, kan je als je goed kijkt ook al langs buiten zien, want achter de voortuin kan je een blik werpen in de keuken, die zich in de kelder bevindt. Met wat geluk vang je hier zelfs al wat geuren op van al het vele lekkers dat binnen bereid wordt.
Zodra je het gebouw binnenstapt, beland je in een imposante hal met een monumentale lantaarn en wordt de aandacht meteen gevestigd op een marmeren trap, die naar het gelijkvloers leidt, en een deur rechts die toegang geeft tot de kelder. Zowel het gelijkvloers als de kelderruimte worden door het restaurant gebruikt.
De marmeren trap leidt op het gelijkvloers eerst naar een receptieruimte en vervolgens naar een bar, waar gasten desgewenst even kunnen aperitieven vooraleer zich naar hun tafels te begeven. Een kamerbrede boog scheidt de bar van de eigenlijke restaurantruimte, die bestaat uit twee aangrenzende salons, met daartussen als blikvanger onder meer een fraaie, grote wijnkast die tot aan het plafond reikt. Hierin liggen meer dan 500 van de in het restaurant verkrijgbare wijnen te rijpen. Het interieur oogt bijzonder stijlvol, harmonisch en rustgevend, met kleuren die - helemaal in lijn met de naam van het gebouw en het restaurant - heel aards aandoen, met veel bruin, beige en hier en daar wat paars. De inrichting is het werk van de Antwerpse interieurarchitecten Verbraeken-Biset, die onder andere ook het interieur van Madonna en Fiera ontworpen hebben, al is de sfeer in De Aarde ingetogener dan in die twee andere restaurants. Het valt ook op hoe ruim opgezet de eetruimte op het gelijkvloers is. Hier worden verspreid over de 2 salons in totaal 24 couverts voorzien. De tafels staan beduidend
verder uit mekaar dan in de vroegere Dôme en de huidige Brasserie du Dôme.
In de kelder bevindt zich de splinternieuwe keuken, die alvast heel wat groter is dan het (piep)kleine keukentje in Dôme. (Wie dat laatste ooit gezien heeft, begrijpt als niet-professionele kok niet dat je daarin op sterrenniveau kan koken.) In dezelfde ruimte als de keuken bevindt zich bovendien ook de “Table d´Amis”, in een U-vormige opstelling, waarrond - gezeten op middelhoge barkrukken en onder een grote plafondspiegel - plaats is voor 8 gasten. Gasten die hier komen dineren worden door de chef zelf rechtstreeks vanuit de keuken bediend.
Anders dan bij Dôme-sur-mer en Brasserie du Dôme zal het in De Aarde niet mogelijk zijn om buiten te eten. Bij het gebouw hoort weliswaar een tuin, maar Frédéric en Evangeline hebben beslist om die niet te gebruiken voor het restaurant om de rust van de buren niet te verstoren. Ook qua parkeerdruk is rekening gehouden met de buren: gasten van De Aarde kunnen namelijk gratis parkeren in de vlakbij gelegen ondergrondse parking bij Berchem station.
Een restaurant met gastronomische ambities
Dit fraaie kader biedt Frédéric en Evangeline alle mogelijkheden om zich uit te leven en uit alles blijkt dat dat ook de bedoeling is. Ze hebben er ook de adelbrieven voor. Chef Frédéric is namelijk een discipel van Alain Ducasse - vandaag de chefkok met het hoogste aantal Michelin sterren wereldwijd - en hij kookte in het begin van zijn carrière een aantal jaren onder Ducasse in het mythische driesterrenrestaurant Louis XV in Monaco, het eerste restaurant waarmee Alain Ducasse drie sterren behaalde en waarin hij zijn reputatie vestigde. Als “chef de partie” (eindverantwoordelijke voor een bepaald onderdeel van de keuken) leerde Frédéric hier de stiel, waarna hij eerst naar San Francisco vertrok en niet veel later naar Hong Kong. Hier kookte hij als chef-kok zelf twee sterren bij elkaar in restaurant Pétrus in het Shangri-La hotel, waar hij ook zijn Filipijns vrouw Evangeline ontmoette.
Het gastronomische concept voor De Aarde ligt in het verlengde van dat van Dôme, namelijk een keuken waarin alles draait rond het product en precisie eerder dan rond spektakel of buitenissigheden. Het is wel de bedoeling om de lat nog hoger te leggen. Om het de gasten maximaal naar de zin te maken, wordt het aanbod bovendien gedifferentieerd want op het gelijkvloers wordt gewerkt met een andere formule dan in de kelder. Het gelijkvloers is een à la carte restaurant met een zo flexibel mogelijk aanbod om de klant een grote keuzevrijheid te bieden. Bijvoorbeeld: alleen amuses in de plaats van een voorgerecht is prima, garnituren worden apart aangeboden en kunnen eventueel worden overgeslagen en er zullen ook mogelijkheden zijn om gerechten te delen.
In de kelder wordt de ”Table d´Amis” iets heel bijzonders, want hier wordt gewerkt met een gepersonaliseerde formule. Gasten die hier reserveren, worden namelijk kort daarna opgebeld door het restaurant om te informeren naar hun voorkeuren. De chef stelt dan in onderling overleg vier gangen samen die zoveel mogelijk afgestemd zijn op wat de gast graag eet.
Tenslotte blijft de beroemde chocoladetaart in Brasserie du Dôme, maar het is wel de bedoeling om in De Aarde een nieuw dessert op basis van chocolade aan te bieden, dat zo mo -
gelijk nog lekkerder is. Van een uitdaging gesproken…
Dat de verwachtingen voor het nieuwe restaurant hoog zijn, mag ook blijken uit de samenstelling van de nieuwe équipe. Terwijl horecazaken tegenwoordig alle moeite van de wereld hebben om voldoende bekwaam personeel te vinden, hebben Frédéric en Evangeline helemaal niet moeten rekruteren. Alle medewerkers zijn zich namelijk spontaan komen aanbieden, onder wie ook de Oostenrijkse souschef Lukas Krabath, die overkomt uit het Parijse driesterrenrestaurant Le Gabriel van chef Jérôme Banctel. En last but not least: bij het nieuwe team hoort ook een nieuwe mascotte, namelijk de onweerstaanbaar grappige, vier maanden oude puppy Hermes. Het lijkt ons weliswaar twijfelachtig of Hermes zal mogen helpen de gasten te bedienen, maar wie weet mag hij gasten wel even komen vermaken bij het digestief. En dan zal hij er gegarandeerd in zijn eentje voor zorgen
dat iedereen het pand verlaat met een brede glimlach.
https://deaarde.restaurant
Interieur van restaurant 'De Aarde'. Foto: Thibault DE SCHEPPER
La Craque: van patisserie atelier tot focaccia bar
Het achtergrondverhaal van dit koppel is nog avontuurlijker dan de desserts op de kaart. Antoine, patissier van opleiding en Nathalie, verantwoordelijk voor de front of house, leerden elkaar kennen tijdens hun job op een cruiseschip.
Zurenborg is opnieuw een culinaire hotspot rijker. In de Kleine Beerstraat opende eind maart La Craque, een charmante lunchzaak waar focaccia en verfijnde desserts elkaar ontmoeten. Achter het concept staan Antoine en zijn partner Nathalie, een gepassioneerd koppel. (Cleo KLAPHOLZ)
Voor de liefde verhuisde Nathalie, oorspronkelijk afkomstig uit de Filipijnen, naar Nederland, waar Antoine vandaan komt. “We hebben daar een mooie tijd gehad en zijn er ook getrouwd,” zegt Antoine. “Maar we voelden dat we nog iets anders zochten, iets meer gericht op eten en beleving.”
Die zoektocht bracht hen uiteindelijk drie jaar geleden naar Antwerpen. “De Belgische cultuur is toch nog meer ‘food oriented’,” legt Antoine uit.
Van productieruimte tot lunchzaak Eenmaal in Antwerpen deden ze ervaring op in verschillende horecazaken, maar het ondernemersidee bleef kriebelen. Twee jaar geleden openden ze hun eigen productieatelier in de Kleine Beerstraat, waar Antoine desserts maakt voor restaurants en hotels. “De desserts verkopen we B2B,” vertelt Antoine. “Ik heb in verschillende restaurants gewerkt en merkte dat het vaak moeilijk is voor hen om een patissier te vinden. Het was dus een soort gat in de markt om dit dan aan te bieden.”
Na 2 jaar enkel desserts maken, was het tijd om te groeien. Zo ontstond La Craque, een combinatie van werkruimte en lunchzaak. “Op die manier benutten we de ruimte optimaal,” zegt Antoine. “En kunnen we de contacten met de buurt aanwakkeren.”
Focaccia als Zurenborgse Bib Gourmand
Op de kaart staan onder meer vers bereide focaccia’s, rijkelijk en vers belegd.
Uw reporter, nog steeds met een lichte ambitie om ooit Michelininspecteur te worden, ging ter plaatse op onderzoek. Het verdict is duidelijk!
Een Zurenborgse Bib Gourmand zou ik zo uitreiken!
“Focaccia leek ons perfect,” legt Nathalie uit. “Het is toegankelijk, maar je kan er toch creatief mee zijn.”
Naast de hartige gerechten blijft Antoine trouw aan zijn roots als patissier. Zijn desserts worden nog steeds geleverd aan restaurants en hotels, maar in de zaak zelf serveert hij ook een eigen creatie, de ‘La Craque’.
binnenin en een chocoladeomhulsel.” Die insteek is duidelijk geslaagd! De kleine dessertjes vallen meteen op door hun originele vorm en unieke smaak.
Liefde voor Zurenborg Het koppel voelt zich duidelijk thuis in de wijk. “Zurenborg heeft iets speciaals,” zegt Nathalie. “Het is levendig en tegelijkertijd ook heel warm en lokaal. Het is echt een dorp in een grote stad”
Die verbondenheid vertaalt zich in hun zaak, waar gastvrijheid centraal staat. Klanten worden er ontvangen met een glimlach en oprechte interesse.
“Het is een beetje een kruising tussen een praline en een gebakje,” legt hij uit. “Met verschillende mousses MEER INFO
La Craque
Kleine beerstraat 29
www.instagram.com/la.craque/ Open van dinsdag tot zaterdag van 10u -17u
Op de markt
De messen worden geslepen
“Ik heb nu de luxe om buiten te komen en iets anders te doen. Ik praat hier met marktgangers, zoals u ”. Zijn ogen blinken, het doet hem kennelijk deugd, rondhangen op de wekelijkse donderdagmarkt. Maar zijn vak, dat zijn juwelen, sinds bijna veertig jaar. In de schaduw van de Sint-Carolus Borromeuskerk is Wims winkel gevestigd. “Goudsmederij, zilveratelier, sieradenontwerper ”, lees je op de website. Zijn passie? “Originele trouwringen en juwelen ontwerpen”. Je weet waar je terecht kunt als je bij de volgende Valentijn over een geschenk prakkiseert. Zijn vrouw en dochter runnen de zaak.
Grote stap
Hoe komt een juwelier erbij om op de markt messen, scharen en beitels te gaan slijpen? Hij wou graag eens buitenkomen en iets anders doen, jawel, maar van juwelier tot messenscherper, het is een grote stap, weliswaar niet voor de mensheid maar toch. “Niet echt, ik
Sinds juni staat hij op de markt. Hij ontbreekt wel eens maar stilaan kunnen we hem als een van de permanente marktkramers beschouwen. Hoewel, kramer? Verkopen doet hij niets, op zijn meesterschap na. Hij slijpt messen, scharen en beitels en blaast zo een oud ambacht nieuw leven in. Wim Meeusen, messenslijper. Gazet van Zurenborg ging in gesprek met hem. (Guy POPPE)
ken de instrumenten van tijdens mijn opleiding. Nu doen ze dat met machines maar ik kan bv. met een graveerbeitel een inscriptie maken aan de binnenkant van je trouwring. Ik heb een bijkomende opleiding gevolgd, dat wel ”.
Of er genoeg werk is? Wim monkelt: “Als je vandaag niet meetelt…, de zomer is natuurlijk prettiger ”. Op deze regenachtige dag in februari had hij geaarzeld om af te komen. De grote paraplu boven zijn kraam slaat tijdens ons gesprek overigens twee keer over van de wind. Ik heb zelf gewacht om naar de markt te trekken tot het niet meer goot. Laten we zeggen dat het al drukker geweest is op de Dageraadplaats op een donderdagochtend.
Klaar is kees Hoe het werkt? Je geeft je messen af en Wim bezorgt ze je op het einde van je boodschappenronde terug, klaar is kees. “Dat is een troef. Anderen zeggen: volgende week is het klaar ”. Nu goed, dat geldt… “als er niet te veel werk is”. Let wel, geef géén messen met tanden af, die slijpt hij niet. Resultaat: ik heb zelf maar één mes kunnen laten slijpen. Dat heeft me 6 euro gekost. Het is vlijmscherp en ligt apart in de la, opzij van mijn andere, bottere messen, mét tandjes, waarmee ik nonchalanter omspring, omdat ze nu eenmaal slecht snijden. En, jazeker, die lavakralen van mijn vriendin haar stukke armbandje, die wil hij best op een nieuwe elastiek rijgen. Een koud kunstje voor een messenslijper met een verleden als juwelier.
Twee markten per week doet Wim, de Dageraadplaats en de zaterdagse Vogelenmarkt. Voor Zurenborg heeft hij gekozen omdat het een woongemeenschap is. “Mensen gaan soms even terug naar huis om messen op te halen”. Een bijkomende reden voor hem is duurzaamheid, het hergebruik of de recyclage van
messen e.a. dagelijkse instrumenten. Of dat argument op Zurenborg werkt? Hij knikt.
Wim bekijkt het zo: “Betaal je enkele euro’s om oude messen weer messcherp te maken of koop je er voor enkele euro’s nieuwe in het warenhuis? ”. Die laatste optie is tot een gewoonte uitgegroeid in onze consumptiemaatschappij, nu het ambacht zo goed als verdwenen is. Hoe makkelijk is het niet om in een supermarkt een beiteltje, een hamertje en een zaagske te kopen, waarmee je althans volgens de verkoper in de legendarische spot in het Peulengaleis al je problemen aan kunt pakken.
Horeca Ik kom erop terug. Hoe zit het met de klandizie? “De horeca in de buurt dropt wel eens een pakket messen bij mij ”. Wil het toeval dat een medewerkster van May’s net een groot keukenmes af komt geven voor ze haar inkopen doet. Alsof het scenario vooraf afgesproken is. “Ik heb ook al een keer of drie messen geslepen voor een restaurant aan den Bell (het voormalige Alcatelgebouw op het Zuid, waar nu de stadsadministratie gevestigd is, gp). Ook op Linkeroever kom ik in een restaurant. Ze delen mijn komst mee in hun WhatsAppgroep en brengen zo messen uit de buurt bijeen”. Een heus verzamelpunt als het ware.
Wim wil zijn klandizie geleidelijk aan opbouwen. Zo rijdt hij ook rond om klanten te zoeken en springt hij binnen in restaurants om zijn diensten aan te bieden. “Soms pikken klanten van het restaurant daarop in”. Wim Meeusen, juwelier, messenslijper en marketingman.
Niet vergeten, op donderdagochtend worden de messen geslepen op de Dageraadplaats.
Wim Meeusen slijpt messen op de donderdagmarkt.
Foto: Laurens OP DE BEECK
De zijspiegel
Een Straat
Ondertussen een zeldzame buur tegenkomen, noopt veelal tot niets meer dan een stille groet.
WIJKDICHTERWOORDEN
VLINDER
Heeft een straat een hart?
Ja, maar dan een van de traag kloppende soort omdat ze lange jaren geschiedenis moet dragen. Met soms pijnlijke verhalen van schrijnend oorlogsleed. Maar ook met persoonlijke geschiedenissen van wie al dan niet door haar in de armen werd gesloten. Daarnaast is elke straat gevoelig voor eigen roddel en uitvergrote nieuwtjes. Alles samen haalt dat haar uit de anonimiteit. Zo groeit zowaar eigen cultureel erfgoed. En dat vraagt om bewaring en overdracht. Terzijde: geldt het beschermend of gedoogd omgaan met straatkatten ook daarbij, zoals in ons geval?
Onze straten zijn verder wel behoorlijk discreet. Dat merk je aan de reeks van tientallen zorgvuldig geloken naar binnen gekeerde ogen, en netjes gesloten monden. Ze zorgen voor eigen binnenwaarts leven en beschermen dat. Elk apart.
We hebben zelfs doodlopende straten die zich dagenlang stilhouden en alleen hordes auto’s toelaten die hun parkeerruimte opeisen en nadien achteloos aan de kant gelaten worden. Er zijn er die daar onberoerd blijven tot ze worden weggetakeld, waarschuwingen en gerichte verkeersborden negerend.
Zo’n straat is de mijne, ze draagt het teken van de Ram. Voor mensen geldt dan moed en energie…
Maar zij rust vooral. Overdag zijn haar bewoners actief buitenshuis. Je ziet, noch voelt veel beweging of het moet de zeldzame keren zijn dat technici ongevraagd aan haar ingewanden beginnen te sleutelen.
’s Avonds durft de straat in haar verbinding met het plein weleens verdoofd te raken of dooreengeschud alsof ze gedwongen ruimte moet geven aan opdringerige bezoekers.
Maar doorgaans blijft ze ingedommeld, of het moet zijn dat ze onverhoeds opgeschrikt wordt. Zoals recentelijk toen ze door een vermeend bom projectiel leek te worden belaagd.
Een straat moet echter bewoners en zelfs levens overleven, moet ruimte bieden aan de tijd, moet mensen liefdevol huisvesten. Verhuizingen, wisseling van bewoners toelaten, nieuwe gezichten verwelkomen die ander animo geven en haar verder laat meeschuiven in dit stukje stadsleven.
Een woonstraat als de onze, met dat traag hartritme kan weliswaar gemakkelijk in slaap dommelen. Zijn bewoners vergeten, en die bewoners elkaar. Vergeten dat ze buren zijn. Buren geven de straat echter haar reële bestaansrecht, kleuren ze, versieren de ruimte (vergroenen ze vaak letterlijk), bepalen mee het territorium waarop ze samenwonen. En dat mogen ze niet veronachtzamen, noch het verleden ervan.
Ook de Ramstraat deint mee met de tijd en heeft zodoende nood aan updating. Er was een traditie van regelmatige straatfeesten waarop we elkaar zagen en bijpraatten. Langer dan de sporadische begroetingen van gezichten die elkaar wel bekend zijn, maar niet echt kennen. Mooie momenten waarop er leven geblazen werd door het hart van de straat.
Maar die momenten zijn weggedeemsterd. Er moet gereanimeerd worden, want we vullen te passief ons stukje wijk. We delen niets minder dan een stuk van ons dagelijks leven!
Een aantal buurvrouwen hebben daarom de koppen bij elkaar gestoken en willen zo’n ontmoetingsmoment terug. Zullen dat opzetten en gegarandeerd de basis leggen. Maar het is aan alle bewoners om zich te laten aanporren.
Het is aan alle bewoners om te helpen wat dichter bij elkaar te komen. Wat warmte tussen de huizen en tuinen te schuiven, wat gezwinde betrokkenheid, wat gezichten bij hun naam te noemen.
Een lentepoets van sociale aard? U bent erbij in de Ramstraat? Of elders?
Wim VERZELEN
een vrouw die met haar handen een kom vormt haar haren vallen in haar hals ze schept water schouderbladen naar achter twee vleugels zachte schim de vrouw is een lijn nog een rups straks valt de cocon van haar af waaruit op een dag de vlinder zal ontkiemen en wegvliegen
Roos DE BUYSSCHER
Wereld Poëziedag in de Transvaalstraat
Op Wereld Poëziedag deed de prachtige Transvaalstraat haar poëtische gevels eer aan. Onder een zacht lentezonnetje, dat gul neerstreek op de gevels en de bijna mythisch ogende Griekse tempel in de straat, verzamelden buurtbewoners en toevallige passanten zich rond het kleine boekenruilkastje. Woorden, stemmen en aandacht. Poëtischer kon haast niet.
(Cleo KLAPHOLZ)
Nederlandse architectuurliefhebbers, aangetrokken door de charme van Zurenborg, strandde toevallig in de straat en bleef hangen. Wat begon als een kleinschalig buurtmoment, werd plots een gedeelde ervaring met onverwachte luisteraars.
Er zat haast iets symbolisch in het geheel. De zon die de straat verwarmde, de stemmen die weerkaatsten tegen de gevels, de boeken die wachten op nieuwe lezers.
Soms volstaat een kastje, een paar stemmen en een plek waar woorden mogen blijven hangen.
MEER INFO
Poëzie nog meer tastbaar maken in onze wijk is bijna onmogelijk met alle poëzievensters die je hier reeds kan bewonderen.
Toch vinden we in het nieuwe boekenruilkastje, een vertrouwde plek voor wie graag leest en deelt, zelden dichtbundels terug! Wereld Poëziedag bood het ideale moment om daar verandering in te brengen, of op zijn minst een zaadje te planten.
Vier dichters gaven die namiddag kleur aan het geheel, elk met hun eigen stem en geschiedenis in Zurenborg. Piet Piryns fungeerde als verbindende figuur, een zachte gids doorheen het programma. Zelf bracht hij werk van Herman De Coninck, die ooit in de wijk woonde en wiens woorden nog steeds lijken na te zinderen tussen de gevels.
Daarna was het de beurt aan Jorg Pyl, wijkdichter van Zurenborg tussen 2011 en 2016 en geliefd hoofd-
redacteur van onze Gazet. Zijn voordracht bracht een glimlach op vele gezichten. Poëzie met een knipoog, maar nooit zonder scherpte. Hij combineerde zijn eigen werk met gedichten van Johanna Pas, die niet alleen dichter was, maar ook jarenlang een boekenwinkel uitbaatte in de Draakstraat.
Peter Theunynck, eveneens oudwijkdichter, keerde voor even terug naar de buurt die hij intussen verlaten heeft. Zijn stem bracht verstilling, met eigen werk en een fijngevoelige vertaling van Leonard Cohen. Woorden die, zelfs in vertaling, hun ritme moeiteloos behielden.
Tot slot was uw reporter ook van dienst gezien ik voormalig stadsdichter van Antwerpen was.
Alsof het zo moest zijn, groeide het publiek gaandeweg. Een groep
Op het einde van de voordrachten werden bladwijzers uitgedeeld, zorgvuldig geïllustreerd door Lilyanne de Moor, een tekenares uit de wijk. Geen vrijblijvende souvenirs, want een kleine uitnodiging om in een boek te steken dat je achterlaat in het kastje, vergezeld van een persoonlijke boodschap voor de volgende lezer. Een spoor van woorden, van hand tot hand.
Boekenruilkastje in de Transvaalstraat 29 en aan het Josué Duponplaats. Een initiatief van de straatverenigingen Transvaalstraat en Waterloostraat, met steun van de stad en het district Berchem
Vier jeugdboekentips van Jeanne en Joan om de Jeugdboekenmaand door te komen
Waarom de jeugd wél leest
Jeugdliteratuur staat van 28 februari tot 31 maart in de kijker dankzij de Jeugdboekenmaand van Iedereen Leest. Je hebt het misschien al gezien, maar overal in Antwerpen komen leesliefhebbers samen om het plezier van verhalen te delen met elkaar. In de Permeke-bibliotheek wordt massaal geknutseld, populaire TikTokker en ambassadeur Timon Verbeeck las
Waarom lezen we? Welke verhalen boeien ons? En vooral wat moet een boek hebben om een ‘lievelingsboek’ te worden genoemd? Met deze vragen in mijn achterhoofd vertrok ik naar twee jongeren in Zurenborg: Joan en Jeanne. Ze hebben elk twee lievelingsboeken en vertellen allebei wat hun boeken opmerkelijk maakt.
‘Powerless’ (2023) van Lauren Roberts
Ben je op zoek naar een liefdesdrama met spannende intriges en geheimen? Lees je graag een mix van fantasy en romance? Ben je een fan van de reeksen ‘The Hunger Games’ en ‘Harry Potter’? En schrik je niet van een Engelse roman? Dan is Jeannes (13) lievelingsboek misschien wel iets voor jou.
Het Engelstalige boek volgt Paedyn, een meisje dat verliefd wordt op de zoon van de koning. Wat het speciaal maakt, is dat ze leeft in een koninkrijk waar de elite over bijzondere krachten beschikt, terwijl gewone mensen die niet hebben. Paedyn hoort bij die laatste groep en heeft van jongs af aan geleerd haar gebrek te verbergen. Wanneer de koning en zijn zoon jacht maken op de ‘krachtlozen’, moet ze alles op alles zetten om te overleven zonder ontmaskerd te worden.
Of het goed eindigt? Dat zal je zelf moeten ontdekken, of het aan Jeanne vragen. En als je het een goed boek vindt, dan heb je geluk, want dit eerste boek behoort tot een reeks van vijf romans! Een hele zomer lang leesplezier verzekerd! Jeanne, die zelf
al drie van de vijf boeken las, kan niet wachten tot het vierde boek uitkomt. Maar pas op, want het is een stevig boek van 528 pagina’s, geschreven in een taal die je vastgrijpt en niet meer loslaat en vooral: “Het is een boek waar je bij moet fantaseren. Dat is tenslotte het leukste aan lezen.”
Jeannes gouden tip: “Vind het goede boek dat bij jou past en dan ga je graag lezen. Ik heb enkele murder mysteries geprobeerd, maar dat vond ik maar niets. Een mix van liefde en fantasy is meer mijn ding.”
‘The Boy, the Mole, the Fox and the Horse’ (2022) van Charlie Mackesy
Om in het thema van dieren te blijven, raadde Jeanne verder het boek ‘The Boy, the Mole, the Fox and the Horse’ (2022) van Charlie Mackesy aan. Een kortverhaal met prachtige illustraties over vier vrienden die elkaar levenslessen geven. Een boek dat troost en je doet wegdromen in winterse landschappen.
Ben je nog op zoek naar een verjaardagscadeau? Jeannes familie kreeg het boek drie keer verpakt in cadeaupapier! Een wonderschone bestseller voor de hele familie dus. Jeanne beschrijft dat de tekeningen haar het hardst bijblijven. Een boek hoeft niet altijd vol tekst te staan, maar kan je ook via breekbare illustraties doen verstillen en vertragen. Geniet je dus liever van een verhaal in aquarellen? Volg dan zeker Jeannes tip.
literatuur voor aan katten! Jawel, dat heb je goed gelezen. Want ‘dieren’ is dit jaar het thema. Allerlei concerten, lezingen en voordrachten vullen de maand maart. Ook Joan Van de Vyver (8) en Jeanne Bacardats (13), buurtgenoten en fervente lezers, doken in hun boekenkast en deelden hun favoriete leestips! (Paki GENBRUGGE )
‘Ik wil een hond (en het maakt niet uit welke)’ (2021) van Kitty Crowther Joans favoriete boek van het moment is ‘Ik wil een hond (en het maakt niet uit welke)’ (2021) van Kitty Crowther, vertaald door Bart Moeyaert. Joan is helemaal in de ban van het verhaal over Millie, een meisje dat niets liever wil dan een hond, maar die van haar moeder niet krijgt. Na lang aandringen geeft haar moeder uiteindelijk toe en krijgt Millie haar eigen hondje, Prins, uit het asiel. Al snel blijkt echter dat Prins geen alledaagse hond is. Wat hem zo bijzonder maakt, wil Joan niet verklappen. Daarvoor moet ik zelf het boek lezen.
Joan en haar mama Marie Sledsens lazen het boek al meerdere keren. Ze genieten vooral van Crowthers illustraties: “Wij zijn fan van Kitty Crowther en haar kleurencombinaties. Die kan echt super goed honden tekenen.” Joan heeft het liefst een tekening op elke pagina, want zo komt het verhaal dubbel zo dik tot leven. Het is een boek voor iedereen die houdt van humor, mooie tekeningen en een vleugje magie, besluit Joan enthousiast.
‘Krekel’ (2025) van Annet Schaap
Joan en Marie lazen samen het nieuwe boek ‘Krekel’ (2025) van Annet Schaap, dat onlangs de publieksprijs ontving bij de Vlaamse literatuurprijs De Boon. Schaap brak eerder al door met het bekroonde ‘Lampje’. De roman ontving onlangs De Boon voor kinder- en jeugdliteratuur 2026. Een sterke aanrader voor je boekenkast.
Joan koos het boek eerst en vooral voor de spanning die het verhaal oproept. In het boek volg je Eliza en haar broer Krekel die op zoek gaan naar hun vijf ‘vermiste’ broers. Het is een bekend sprookje, omgetoverd tot een bijzonder eigen avonturenverhaal van Schaap. Hoewel hun stiefmoeder hen doet geloven dat ze zijn overleden, geven Krekel en Eliza, de twee verstoten kinderen van het gezin, de strijd niet op en achterhalen ze de waarheid. Ze steken de oceaan over richting De Witte Kliffen en gaan het avontuur aan. Daarnaast komen er veel verschillende personages in voor die je volgens Joan en Marie best elks een andere stem en intonatie geeft. Dat maakt luidop lezen plezant. En ook liedjes zing je best mee: “Wij verzinnen samen een melodie en zingen luidop! Dan doen we zottekes.” Uiteraard vindt Joan het belangrijk dat er illustraties in staan. Enkele elementen zijn dan ook prachtig weergegeven door Annet Schaap zelf. Ondanks dat haar verhalen al beeldend op zich zijn, opent Schaap een portaal naar een dromerige wereld via haar tekeningen.
Joans wijze tip: “Kies niet gewoon een boek op basis van de cover, maar lees de eerste pagina al eens of zie of de tekenstijl je aanspreekt.”
Vier boeken, twee jonge lezers en één duidelijke conclusie: een goed verhaal blijft hangen. Of het nu in woorden of in beelden zit. Als een verhaal aanspreekt, wordt er gelezen. En dat blijkt volgens Joan en Jeanne het best te lukken met een spannend fantasyverhaal of een boek met wonderlijke illustraties.
Jeanne leest Charles Mackesy. Foto: Paki GENBRUGGE
Jeanne Bacardats heeft 'Powerless' gelezen. Foto: Paki GENBRUGGE
Joan Van de Vyver met 'Ik wil een hond' en 'Krekel'.
Foto: Paki GENBRUGGE
Reïncarnatie en regressies naar vorige levens
Jos Hermans is naast muzikant en medewerker aan GVZ ook een psycholoog die zich gedurende jaren intensief heeft beziggehouden met ‘hypnotische’ regressies naar vorige levens. Onder een vorm van relaxatie kunnen de meeste mensen zich details van een of meerdere vorige belichamingen herinneren. Bij sommige proefpersonen is het zelfs mogelijk om met toepassing van dezelfde
technieken te peilen naar wat er tussen twee levens in gebeurde. Vormen deze herinneringen aanwijzingen voor leven na de dood en het bestaan van reïncarnatie? Of is hier slechts sprake van een of andere bizarre werking van de menselijke geest?
In dit voorjaar worden in het zaaltje van café ‘De Zure’ nog twee presentaties gepland.
Woensdag 29 april (2026): Bewijzen voor reïncarnatie?
In deze presentatie zullen de resultaten van zijn opzoekingen worden vergeleken met enkele heersende theorieën over wedergeboorte. Het geheel wordt geïllustreerd met klankopnamen en digitale presentatie van historisch verificatieonderzoek.
Woendag 13 mei (2026): Is er leven na de dood?
Kunnen we met toepassing van dezelfde techniek herinneringen oproepen aan wat tussen twee vorige levens gebeurde? In deze presentatie zullen de resultaten van zijn opzoekingen worden vergeleken met enkele heersende theorieën over sterven en onsterfelijkheid. Het geheel wordt door klankopnamen en projectie geïllustreerd. Voor de eerste keer met spectaculaire A.I.-animaties.
Jos Hermans schreef onlangs het boek ‘Reïncarnatie, mijn zoektocht naar vorige levens’, waarin zijn conclusies over kwantitatief en kwalitatief statistisch onderzoek worden samengevat.
Café ‘De Zure’, zaaltje op de eerste verdieping. Dageraadplaats 4, 2018 Antwerpen
Omdat het aantal plaatsen beperkt is, graag komst bevestigen op deze e-mail: jos.hermans@telenet.be
Een nieuwe manier van herinneren in Zurenborg
Sanctuary urnen
Hier in Zurenborg, een wijk waar bewoners bewust omgaan met hun woonomgeving en oog hebben voor detail, groeit ook de behoefte aan eigentijdse manieren om onze dierbaren te herdenken. Een opvallend lokaal initiatief dat hierop inspeelt, zijn de Sanctuary urnen: tijdloze objecten in natuursteen die ontworpen zijn om een zichtbare, rustige plaats te krijgen in het dagelijks leven. (Annelies DE MUL)
Sanctuary ontstond niet als klassiek merk, maar als een familieproject. Na een persoonlijk verlies botsten Jill en Tom Roijakkers op een leegte in het bestaande aanbod van urnen. Wat ze zochten -ingetogen, duurzaam en esthetisch - bleek moeilijk te vinden. Ze besloten daarom zelf op zoek te gaan naar een alternatief.
Die zoektocht bracht hen tot in Carrara, Italië, waar ze samen met lokale ambachtslieden drie urnen lieten vervaardigen uit travertijn, witte marmer en zwarte marmer. Door te werken met natuurlijke materialen is elke urne uniek. Het resultaat zijn sculpturale objecten die eerder aanvoelen als designstukken dan als traditionele urnen.
De achtergrond van Jill Roijakkers in interieurdesign, onder meer bij het bureau van Vincent Van Duysen, is duidelijk herkenbaar. De ontwerpen zijn sober, evenwichtig en zorgvuldig uitgepuurd. De urnen zijn niet bedoeld om
weggestopt te worden, maar om discreet aanwezig te mogen zijn in een interieur als tastbare herinnering, in alle rust.
Broer en zus runnen deze zaak in bijberoep en ook Mathias Van denbrande, de echtgenoot van Jill, maakt deel uit van het team. Tom en Matthias werken beiden in de ICT-sector, respectievelijk voor Salesforce en Google. In hun professionele omgeving merkten ze op dat de zoektocht naar eigentijdse urnen hoog scoort in de zoektermen op Internet.
Ook letterlijk is Sanctuary verankerd in de wijk. Jill en Tom Roijakkers, broer en zus, wonen respectievelijk in de Grote Beerstraat en de Arendstraat. Bij een levering vanuit Carrara merkte zelfs de wijkagent op dat dit bijzondere verhaal een plaats verdiende in de Gazet van Zurenborg.
Wie meer wil ontdekken, kan terecht op
sanctuary-urns.com of via Instagram (@sanctuary.urns). Sanctuary toont hoe een persoonlijk verlies kan uitgroeien tot een hedendaags en menselijk verhaal over herinneren
Kijkplezier in Groen Kwartier
Elke eerste woensdag van de maand in het Groen Kwartier tovert Jerry Koninckx een bewegend beeld op een wit doek. Dat doet hij in de eerste plaats om zijn liefde voor films te delen met al wie graag meegeniet, maar ook om mensen samen te brengen. (Dries WOUTERS)
Dat er in het Groen Kwartier veel te doen valt, is niets nieuws onder de zon. Als het initiatief daar niet te vinden is, dan is het nergens te vinden. Maar in dit stuk richt ik graag de aandacht op een trotse Zurenborger die met zijn brede filmkennis het Groen Kwartier elke maand transformeert tot een pop-up Sundance Film Festival
Liefde voor Films
Jerry Koninckx nodigt me uit in zijn warme herenhuis in de Bosduifstraat. Het hangt er vol met ingekaderde foto’s, want Jerry is naast cinefiel ook fotograaf. Hij biedt me iets te drinken aan. Moen, de poes, wandelt de woonkamer binnen, nestelt zich comfortabel op mijn jas – die ik blijkbaar op zijn persoonlijke troon moet hebben gelegd – en we steken van wal. Jerry is al van kinds af aan verhangen aan het grote doek. Wat eerst een regelmatige uitstap was met zijn grootvader naar de doorlopende vertoningen in de Cineac, groeide uit tot een jacht op filmjuweeltjes op allerhande filmfestivals: "Vroeger was het kwantiteit over kwaliteit. Ik wou alles gezien hebben. Nu is het vooral de kwaliteitsvolle films die ik op het spoor ben.”
Het initiatief
Die kwaliteit wil Jerry dan ook garanderen in de films die hij uitkiest voor publieke vertoning. Vooraf wordt een korte inleiding gegeven die de context van de film in beeld brengt en achteraf is er dan weer gelegenheid om na te praten met een drankje. “Het verbinden komt hier vooral
kijken bij de momenten voor en na de film waarin we gezellig samen zijn, tijdens is het natuurlijk gewoon samen genieten en opgaan in de beelden”. De films die Jerry kiest kunnen van alle tijden en alle genres zijn, maar er wordt wel gefilterd op langspeelfilms die niet al te somber zijn. Uiteindelijk, vind Jerry, moet het publiek zich kunnen ontspannen en met een tevreden gevoel terug naar huis kunnen keren. Ontspanning is voor Jerry, naast verbinding, een tweede hoeksteen van het initiatief. De film is gratis te bekijken en er is gekozen om geen gebruik te maken van een reservatie-systeem. Op die manier is de vertoning bijwonen zo eenvoudig als binnenwandelen en je op een stoel zetten – iets dat Moen de poes ook kan. Die laagdrempeligheid en ontspannen sfeer vormen Jerry’s sterkste troeven in de strijd met het aantrekkelijk bodemloze, maar vaak algoritmische aanbod van streamingdiensten.
“Een goeie
film is als een goed boek,
die kan je blijven
opnieuw bekijken”.
Praktisch
Bij het verschijnen van deze krant in uw brievenbus zullen we al aan de laatste twee filmvertoningen van dit seizoen zijn toegekomen,
maar Jerry verzekert me dat beide hun plek op het grote scherm zeker en vast verdiend hebben. Op 13 mei (uitzonderlijk de tweede woensdag van de maand) zal de indrukwekkende The Three Burials of Melquiades Estrada van Tommy Lee Jones te zien zijn. Op 3 juni wordt het derde jaargang van Jerry’s filminitiatief afgesloten met Waking Ned Divine, een lichte en opgewekte Schotse film, ideaal om de zomer mee in te luiden. Steeds om 19:30 in Gasthuis 28 in het Groen Kwartier. Wandel eens binnen, zet u en geniet van de film.
https://gasthuis28.be Ga naar kalender
Jerry Koninckx en het Sundance Film Festival in het Groen Kwartier. Foto: Dries WOUTERS
Mathias Van denbrande en Tom Roijakkers. Eigen foto
Van buitenaf bekeken
Van Averbode naar Antwerpen
Nona Van Braeckel, presentatrice van de avondspits bij Studio Brussel, praat luisteraars elke avond bij over muziek, nieuws en cultuur. Ze is een trotse inwoonster van Zurenborg en woont nog maar enkele jaren in de wijk, maar heeft de smaak van Zurenborg helemaal te pakken. Nona trekt binnenkort in bij haar vriend Jasper, beter bekend als dj en producer ‘Omdat Het Kan’. “Ik vond het spannend om van het platteland naar de stad te verhuizen, maar in Zurenborg zag ik mezelf meteen wonen.” (Anna CARTUYVELS)
De sprong
Toen Nona voor het eerst het station van Berchem uitstapte, was ze meteen onder de indruk. “Het voelde aan als een vrolijke, frisse en groene wijk. Ik vond het spannend om van het platteland naar de stad te verhuizen, maar in Zurenborg zag ik mezelf meteen wonen.” Toen Nona in Averbode woonde, was ze omringd door groen. Hoewel Zurenborg in de stad ligt, voelt het voor haar aan als een kleine gemeenschap binnen Antwerpen. “Iedereen is gewoon inwoner van Zurenborg. Daardoor voel ik me niet aangestaard wanneer ik voorbij een terrasje loop.”
“De wijkagent zei al grappend dat ik bezig ben met de tour van Zurenborg”
Vier keer verhuizen
“De Dageraadplaats was de eerste plek waar ik terechtkwam nadat ik in Zurenborg was gesetteld.” Ondertussen is Nona al voor de vierde keer in drie jaar tijd verhuisd binnen Zurenborg. “De wijkagent kwam laatst weer op bezoek omdat ik mijn intrek neem bij mijn vriend, opnieuw in
Zurenborg. Al grappend zei hij dat ik bezig ben met de tour van Zurenborg. Ik stelde hem gerust dat ik nu wel van plan ben even te blijven.”
Wandelen door een droom
Nona reed met haar mama door de Cogels-Osylei en vertelde haar dat ze er graag ooit zou wonen. “Ze begon te lachen en zei dat ik geen idee had hoeveel die huizen kosten. Later ben ik de prijzen eens gaan opzoeken en kwam ik al snel tot de conclusie dat het beter een droom blijft.” Sinds Nona in Zurenborg woont, is ze de architectuur veel meer gaan appreciëren. “Zelfs al weet ik dat ik er waarschijnlijk nooit ga wonen, haal ik er nog steeds plezier uit om er rond te wandelen en de huizen te bewonderen.”
Favoriete plekjes
Nona’s ideale dag in Zurenborg? Een looptocht met haar vriend Jasper. Vervolgens een koffie en gebakje bij de Rush Rush. “Op een zonnige dag vind ik een terrasje op de Dageraadplaats de max.” De dag sluit Nona graag af met een bezoek aan de Humm, haar favoriete restaurant in Zurenborg.
Typisch
Bij een Zurenborger denkt Nona meteen aan een dertiger of veertiger met twee kleine kindjes. Ook wel bekend als de bakfietsouders. “Ik hou daarvan en zou het niet anders willen.”
Het epicentrum
Volgens Nona is de drukte in Zurenborg erg geconcentreerd. Zo legt ze uit dat in andere wijken, de koffietentjes verspreid liggen over de hele wijk. In Zurenborg kunnen de Dageraadplaats en de Draakplaats wel druk zijn maar de straten daarbuiten blijven rustig. “Ik zie de
Dageraadplaats als het hart van Zurenborg, waar alle straten rond liggen.”
Thuis voelen
Hoewel Nona van Averbode naar de stad is verhuisd, voelt Zurenborg voor haar aan als een klein dorpje binnen de stad, waar je alles kan vinden. Cafés, restaurants en bakkers liggen allemaal in een paar straten van elkaar. “Er is een groot samenhorigheidsgevoel in Zurenborg. Het voelt als een gemeenschap waarin iedereen elkaar welkom heet. Ik ben fier dat ik kan zeggen dat ik in Zurenborg woon.”
Fietstocht met Dirk Avonts langs groene plekjes
In onze editie van december 2025 stelde Dirk Avonts voor om met de Zurenborgers op fietstocht te gaan naar minder bekende groene plekjes in en rond Zurenborg.
Wie ook dat groen met de fiets wil ontdekken kan meefietsen met Dirk Avonts op 1 mei 2026 om 14 uur:
Vrijdag 1 mei om 14 uur, afspraak Dageraadplaats voor de ingang van de kerk. Einde van de fietstocht: 16 uur aan de Dageraadplaats.
Het gaat om een gemoedelijke, trage fietstocht langs ongekende natuurplekjes in de stad, met verhalen over hoe we meer natuur in een stedelijke omgeving kunnen creëren en met uitleg over waarom natuur zo belangrijk is in de stad. Ook kinderen met fietservaring zijn van harte welkom!
De tocht leidt onder meer naar het Hyde park in Hoboken. Daar heeft het district een braakliggend terrein omgevormd tot een rustig buurtpark
en speelbos met een wadi en bio diverse vegetatie. Een heel mooi privéproject is Minerve in Edegem. Daar werd op een voormalig industrieterrein van Agfa-Gevaert een groene woonwijk gecreëerd met 350 wooneenheden. Meer dan vijftig procent van de oppervlakte werd er onthard en voor de bebouwing werd er gekozen voor maximale recuperatie van bouwmateriaal. Voor de verwarming van de wooneenheden wordt gebruik gemaakt van restwarmte van de Agfa-Gevaertfabriek.” (jp)
De Roma
PRAKTISCH
Wil je mee op pad? Laat het weten: dirk.avonts@gmail.com.
Geef ook aan met hoeveel personen je gaat meefietsen.
Afspraak
Vrijdag 1 mei om 14 u aan de kerk op de Dageraadplaats
Metal Molly sluit reünietournie af met concert in De Roma
Dertig jaar na hun debuut is Metal Molly weer samen op het podium. Surgery For Zebra krijgt eindelijk een vinylrelease, en de band viert dat met een reünietournee die eindigt in De Roma. Tijd
1995, dat is het jaar waarin de Sony Playstation werd geintroduceerd, het jaar van het sensationele moordproces tegen O.J. Simpson, maar ook het jaar waarin Metal Molly hun debuut Surgery For Zebra uitbracht, met daarop de onverslijtbare Belpopklassieker Orange.
Ter gelegenheid van het dertigste jubileum bracht Metal Molly Surgery For Zebra voor het eerst uit op vinyl, en trokken Allan Muller (gitaar, zang), Pascal Deweze (bas, zang) en Gino Geudens (drums) begin dit jaar voor het eerst in bijna twintig jaar samen opnieuw de baan op. Een reünietournee die in juni zijn ‘grand finale’ beleeft in De Roma. Wanneer Muller en Deweze de benen onder onze tafel schuiven breken we het ijs niet met een vraag, maar met drie puntjes aan het einde van een open zin.
“Metal Molly was de muziekschool waar ik alles heb geleerd, een dikke 30 jaar geleden in de kelder van Pascal zijn ouders in Tremelo” - Allan Muller
Reünietournees zijn meestal…
Deweze: Lucratief?
Muller: Niet alleen leuk voor de fans, maar ook vooral leuk als je ze zélf kan doen!
Deweze: Klopt. We zijn momenteel de beste Metal Molly-coverband van Vlaanderen. En dat is een luxepositie, geloof me.
Muller: Mijn voornaamste drijfveer voor deze reünie was zin om nog eens samen te spelen. We waren elkaars muziekschool, een dikke dertig jaar geleden, in die kelder van Pascal zijn ouders in Tremelo. Daar heb ik alles geleerd, en ik ga op deze aardkloot nooit mensen vinden waarop ik beter ben ingespeeld dan Pascal en Gino. Zijn jullie eigenlijk ooit zelf al warmgelopen voor reünieconcerten?
Deweze: Toen de Pixies meer dan tien jaar na hun split weer bijeen kwamen ben ik gaan kijken, ja. En ook naar The Police, eind jaren 2000. De baslijntjes van Sting, dat was een belangrijk onderdeel van mijn muzikale opvoeding. Wat ik vooral goed vond: ze deden het nog altijd gewoon met z’n drieën, zonder allerlei snufjes of trucjes. Net zoals wij nu.
voor een gesprek over spelen in de kelder van het ouderlijk huis en de charme van rommeligheid. “Beter weird dan saai was ons devies.”
Hoe groot was de verleiding om dertig jaar na datum alsnog wat te morrelen aan de songs, om hier en daar iets bij te sturen?
Deweze: De arrangementen blijven zoals ze zijn, het grote verschil met dertig jaar geleden is dat we de songs nu veel beter en zonder fouten kunnen spelen.
Muller: Het kwam er tijdens de repetities op aan om soms niet té veel opnieuw te luisteren naar het origineel op de plaat. Ik was achttien jaar toen we Surgery For Zebra opnamen, weet je wel? Dus sommige dingen op de plaat zijn niet erg matuur, sommige teksten zijn een beetje puberaal. Maar nu ineens dingen beginnen oppoetsen, dat zou afbreuk doen aan wie we toen waren.
Deweze: Onze rommeligheid was ons zwaktepunt maar tegelijk een sterktepunt. Beter weird dan saai, was zowat het devies.
PRAKTISCH: METAL MOLLY + support Bed Rugs - za 6 juni - 20:00- staand - € 27/25 - www.deroma.be
“De Roma, dat is vooral nostalgie. Ik stond hier al in verschillende gedaantes op het podium, tien jaar geleden zelfs met Sandra Kim” Pascal Deweze
Nog eens drie puntjes om aan te vullen: spelen in De Roma is… Muller: Voor Metal Molly én voor mij de eerste keer. Spannend, dus.
Deweze: Ik heb er al in verschillende gedaantes op het podium gestaan. Met Sukilove, met Mauro, solo… en een jaar of tien geleden zelfs met Sandra Kim! We hebben toen samen een cover van Claude Francois gezongen, J’attendrai. Kon ik dat alvast van m’n bucketlist schrappen. Maar De Roma, dat is vooral nostalgie. Het zit er in de muren. Ik verwacht telkens weer dat Gaston en Leo plots zullen opduiken in de backstage.
Hier is em terug!
Tram rijdt weer vanaf 4 mei
Ooit heeft er een tram gereden door Zurenborg, die Berchem station langs de Cogels Osylei, de Draakstraat en de Rolwagenstraat met de rest van de stad verbond. De jongere generatie beseft het misschien niet. De sporen liggen er al een jaar vernieuwd maar werkloos bij, de haltes ogen verwaarloosd, bij het oversteken van de straat uitkijken of er een geel gevaarte afkomt, zijn we verleerd. Maar het gerucht dat alle werkzaamheden tevergeefs geweest zouden zijn, is ongegrond. We schuiven alle cynisme opzij. Tram 11 komt terug! (Guy POPPE)
Vanaf maandag de 4e mei doet tram 11 opnieuw zijn intrede op Zurenborg. Die datum is niet toevallig gekozen. Op die dag sluit De Lijn de metrokoker af voor zeker elf maanden. De rechtstreekse verbinding met de oude stad, met tram 9, valt dan weg. De 9 rijdt vanaf de 4e mei vanaf het Centraal Station naar Wijnegem. A9 heet hij voortaan. Met de 4 kun je nog wel tot de Groenplaats trammen. Maar die twee trams rijden aan de zuidrand van Zurenborg. Wie
er in het hart van de wijk woont, zeker ten noorden en ten westen van de Dageraadplaats, moet een eind stappen voor hij aan een halte komt.
4 mei
In die, zeker voor wie er moeilijk te been is, slechte regeling komt er vanaf de 4e mei verandering. Tram 11 is terug en heeft een mooie frequentie. Dat is een verademing. We herinneren ons nog hoe De Lijn, voor ze de lijn uit omloop nam,
haar als een sukkeltje behandelde. Het traject was sterk ingekort en bediende de Gitschotelwijk aan de overkant van de Ring niet meer. Het aanbod, zeker ’s avonds, was bedenkelijk. Stond je daar na een avondje uit rond half twaalf aan de Melkmarkt vijftig minuten op de laatste tram te wachten omdat je de voorgaande net voor het geafficheerde uur weg had zien rijden.
Pluspunten
Die tijden zijn voorbij. Op weekdagen vertrekt de eerste tram aan Berchem station om 5u. Prima zaak voor wie er ergens in de stad vroeg aan de slag moet. Tussen 6u. ’s ochtends en 7u. ’s avonds rijden er acht trams per uur. Na 20u. rijdt de 11 om het kwartier, na 22u. om de twintig minuten. De laatste 11 richting Zurenborg vertrekt aan de Melkmarkt om 9 over half een. We hoeven bij een uitje in de stad niet meer de hele tijd op onze horloge te kijken of op een andere manier na te gaan hoe laat het is. Tijdens het weekend is de dienstregeling vergelijkbaar puik. Net op tijd lukt het De Lijn om het belabberde aanbod vanaf mei aan te vullen met een aantrekkelijk alternatief. Als ’t goed is, zeggen we het ook.
Minpunten De Lijn zou De Lijn niet zijn mochten er geen haken en ogen aan het aanbod zijn. We kunnen natuurlijk klagen dat het drie jaar geduurd heeft om de tram weer te laten rijden zoals het hoort. Tot daar aan toe, we zijn dat sinds geruime tijd gewoon bij bijna alle werkzaamheden in het openbaar domein. Het duurt en blijft duren.
Maar wie kan er uitleggen waarom de 11, eenmaal hij de boulevard overgestoken is, maar twee haltes meer heeft in plaats van zes, zoals vroeger?
De tram steekt de Franklin Rooseveltplaats over, rijdt door de Sint-Jacobsmarkt -anders dan vroeger-, stopt aan de halte aan de kerk, daarna nog eens aan de Melkmarkt en rijdt dan door de Korte en de Lange Nieuwstraat in één trek terug naar de vroegere Geuzenhofkes. Als je op de Meir of omgeving boodschappen doet, dan moet je een eind lopen met je pakken voor je aan een tramhalte komt. Toch maar een taxi nemen dan?
“Hier is em terug ”, zong Wannes van de Velde, toen hij zich genezen waande van zijn ziekte. Mag het voor tram 11 voorspoediger verlopen. Het openbaar vervoer in Antwerpen heeft nood aan een opsteker.