

![]()


Het wordt een bont allegaartje van dieren, daar bij de arizonaregering. Na de lelijke kameel van een btwhervorming, komt daar nu een koppige ezel voor de centenindex bij. Want zoals een ezel die weigert van pad te veranderen, blijft deze regering koppig vasthouden aan haar centenindex.
de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven zelfs aantoont dat het voor de begroting 100 tot 133 miljoen euro extra kan opleveren.
Daarnaast behouden de laagste inkomens dankzij ons akkoord het broodnodige sociaal energietarief. Iets wat wij belangrijk vinden, zodat zowel werkende mensen met een laag inkomen, mensen met een laag pensioen en uitkeringsgerechtigden de nodige bescherming blijven genieten.
Dus waarom blijft de arizonaregering koppig vasthouden aan haar eigen idee? Premier Bart De Wever balkt vaak dat hij het sociaal overleg belangrijk vindt – het sociaal overleg staat opgenomen in het regeerakkoord – maar tegelijkertijd negeert hij het.
In tegenstelling tot de regering kennen de sociale partners het werkveld. De index is ¬ Foto Belga
Nochtans ligt er een gedragen alternatief op tafel, uitgewerkt door vakbonden én werkgevers. Een alternatief dat sociaal rechtvaardiger en uitvoerbaar is. Dat beter is voor iedereen, ook voor de overheidsinkomsten. Maar luisteren lijkt geen optie wanneer ideologie belangrijker wordt dan oplossingen. Want de oplossing kwam er niet enkel na constructief sociaal overleg tussen vakbonden en werkgevers. Het Planbureau berekende dat ons alternatief budgetneutraal is, terwijl een analyse van

geen wet maar wordt onderhandeld op het terrein, in de sectoren. Heel wat werknemers en gepensioneerden zullen inboeten, nóg meer en nóg langer dan de regering beweert.
Daarom opnieuw: waarom eigenlijk? Om de dierentuin van de regering wat te kunnen uitbreiden? Laat die lelijke kamelen en koppige ezels, de werkmieren weten de weg beter.

Ann Vermorgen, Voorzitter ACV
Het stakingsrecht staat wereldwijd onder druk. Ook bij ons proberen bepaalde politici en bedrijven dat recht te ondermijnen. Het Internationaal Gerechtshof in Den Haag bevestigt nu dat het stakingsrecht een recht is én blijft. Het advies van het Gerechtshof is een historische overwinning van de Internationale Vakvereniging.
‘Het belang van deze uitspraak kan moeilijk overschat worden’, zegt ACVvoorzitter Ann Vermorgen. ‘Het stakingsrecht blijft een fundamenteel middel waarmee werknemers kunnen opkomen om hun belangen te verdedigen, en om bij te dragen aan democratische samenlevingen. Werknemers zonder stakingsrecht zouden snel veel van hun rechten en sociale bescherming verliezen. Tegenover een wereld waar het onderdrukken van vakbonden en werknemersrechten op zoveel plaatsen toeneemt, is dit een belangrijk en hoopvol signaal.’
Ook in eigen land bevestigt na het hof van beroep in Luik nu ook het Antwerpse hof van beroep dat actievoeren mag. Met eenzijdige verzoekschriften probeerde Delhaize
in 2023 het stakingsrecht in te perken. Kristel Van Damme, sectorverantwoordelijke voor de retail van ACV Puls, noemt het een duidelijke waarschuwing aan werkgevers die denken dat ze sociale conflicten kunnen breken via eenzijdige verzoekschriften. Ondertussen blijft de situatie op de werkvloer gespannen, met de stijgende werkdruk, de toenemende flexibiliteit en het groeiend aantal zondagsopeningen.

Redactieadres Visie, PB 20, 1031 Brussel ¬ e-mail: info@visieredactie.be ¬ Lezersbrieven lezers@visieredactie.be ¬ Abonnementen hilde.ceulemans@acv-csc.be - 02 244 32 81 ¬ Verantwoordelijke uitgever Bart Vannetelbosch ¬
Redactie Simon Bellens, Lies Van der Auwera, Nils De Neubourg, Dominic Zehnder, Djorven Ariën, Lieven Bax, Rachel Michel, Tinne Van Woensel, Rooni Theeboom, An-Sofie Bessemans ¬ Hoofdredactie Thomas Blommaert, Wim Troch ¬ Vormgeving Druk Coldset Printing Partners ¬ Visie verschijnt tweewekelijks en is inbegrepen in het lidmaatschap van ACV bouw - industrie & energie, ACV-CSC METEA, ACV-Transcom en ACV Voeding en Diensten





Stijgende werkdruk en het gevoel dat er niet geluisterd wordt, blijken de meest aanwezige spelbrekers op het werk. Dat toont een nieuwe ledenbevraging van het ACV. ‘Reële inspraak is een van de beste beschermmechanismes tegen te hoge werkdruk én verloop.’
¬ Tekst Dominic Zehnder
¬ Foto Stefaan Beel
Ondanks ons uitgebreid en goed verankerd sociaal overleg, voelt slechts een minderheid van de werknemers dat hun eigen baas effectief naar hen luistert. Dat blijkt uit een ruime bevraging bij meer dan 2.300 ACVleden. Hoewel 58 procent zegt zijn mening te kunnen geven over wijzigingen op de werkvloer, merkt slechts de helft van die groep dat er ook iets mee gebeurt. ‘Amper een derde heeft dus reële inspraak, waarbij de werkgever luistert naar de input van de werknemers en er vervolgens mee aan de slag gaat’, legt Stijn Gryp, nationaal secretaris van het ACV uit. ‘Werknemers die enkel geconsulteerd worden of helemaal geen inspraak hebben, zeggen drie tot vier keer vaker last te hebben stijgende werkdruk. Bovendien geven zij vaker aan dat zij geneigd zijn om ander werk te zoeken.’
Meer dan acht op de tien bevraagde werknemers gaven aan dat de werkdruk gestegen is, vooral door personeelstekorten, maar ook doordat ze almaar productiever moeten zijn. Vier op de tien respondenten zeggen dat productiever zijn neerkomt op harder werken. Slechts elf procent zegt dat hun werkgevers op zoek gaan naar andere middelen om productiviteit te verhogen. ‘Veel onderne

mingen en organisaties vertrekken van een verkeerd uitgangspunt’, zegt onderzoeker van HIVAKU Leuven Michiel Bal. ‘Ze behandelen werkdruk als een gedragsprobleem. Ervaar je werkdruk? Dan moet je daar vooral zelf mee leren omgaan. Maar de oorzaak ligt vaak in de organisatie van het werk: te weinig personeel, te hoog werktempo, onduidelijke taken, slechte planning en ga zo maar door.’
De bevraging keek per domein naar het verschil tussen werknemers in kmo’s en in grote ondernemingen. Terwijl bij zaken als werkdruk weinig verschil blijkt, is dat op vlak van opleidingsmogelijkheden meer uitgesproken. Zo geeft slechts 22 procent van de kmo werknemers aan
dat er een opleidingsplan is in hun bedrijf, tegenover 41 procent over alle ondernemingen heen. Nochtans is een dergelijk plan verplicht voor elk bedrijf met minstens twintig werknemers. ‘Opleidingskansen blijven te schaars. Zeker in de huidige context waarin technologie en werkinhoud in een razend tempo veranderen’, meent Stijn Gryp.
Een van de belangrijkste momenten om opleidingskansen formeel vast te stellen zijn functioneringsgesprekken. Maar slechts 35 procent van wie in een kmo aan de slag is, heeft minstens een keer per jaar een formeel moment met zijn baas of overste. Over alle bedrijven heen is dat net niet de helft. Gryp: ‘Nochtans zijn dergelijke gesprekken een ideale kans voor werknemers om feedback op het werk én de werkorganisatie te geven. Dus ze kunnen zowel voor werkgever als

‘Na jarenlange stilstand
‘Onder de vorige directie was het sociaal overleg op sterven na dood. Gelukkig veranderde dat met een nieuwe algemeen directeur en operations manager’, vertelt Jody Samyn, sinds twee jaar ACV-afgevaardigde bij ARLU in Ardooie. Met veel geduld en wederzijds respect kon hij het overleg met de werkgever nieuw leven inblazen.
Met succes, want de lijst aan verwezenlijkingen groeit gestaag. Op vraag van de werknemers zijn er onder andere ergonomische stoelen aangekocht, kwamen er betere hefsystemen en veiligere rekken, een betere, afsluitbare fietsenstalling en werd een aantal oudere machines aan de luchtafvoer aangesloten om de gezondheid en veiligheid op de vloer te waarborgen. Bovendien is er een verlofdag die in uren kan opgenomen worden, wat doktersafspraken en andere praktische zaken combineren met het werk vergemakkelijkt.
‘Stuk voor stuk zaken waar de werknemers vragende partij voor waren’, verklaart Samyn. ‘Hoewel veel collega’s in het begin sceptisch waren, vinden ze nu vlot de weg wanneer zij met vragen, ideeën of problemen zitten. Dat vertaalt zich gestaag in een betere werksfeer en motivatie.’
werknemer leerrijk zijn, zeker in kleinere bedrijven zonder formeel overleg tussen werkgevers en werknemersafgevaardigden.’
‘Eigenlijk is de grote conclusie dat werk opnieuw werkbaar moet worden’, stelt Gryp. ‘Dat betekent investeren in voldoende personeel, echte inspraak via sterke overlegmechanismen, structureel ingebedde opleidingsrechten, en arbeidsorganisatie die uitgaat van de noden van werknemers in plaats van maximale flexibiliteit. De cijfers laten geen ruimte voor vrijblijvendheid. Ze onderstrepen de nood aan meer ambitie om de werkdruk terug te dringen, rechten te versterken en werknemers opnieuw zeggenschap te geven over hun werk en hun leven.’
Drie Katoen Natie-bedrijven van miljardair Fernand Huts werden twee weken geleden veroordeeld voor fiscale misdrijven. Huts verplaatste in 2020 meer dan 180 miljoen aan dividenden illegaal naar belastingparadijs Jersey, voor de Franse kust. Hij zette bewust een constructie op om in ons land geen roerende voorheffing op die inkomsten te moeten betalen, oordeelde de rechter. Huts’ belastingontduiking kostte onze schatkist 54,5 miljoen euro.
Fiscale
welke besparingen hadden we ermee kunnen vermijden?
Binnenkort zal de rechtbank zich nog buigen over de fiscale constructies uit andere jaren en andere vennootschappen van Fernand Huts. Ondertussen blijven de belastingdemarches van Huts wel flinke gaten in onze federale en Vlaamse begroting slaan. Welke Vlaamse besparingen hadden al zeker vermeden kunnen worden als Huts met Katoen Natie wel eerlijk belastingen betaalde?
‘De besparing in ouderenzorg valt groter uit dan verwacht. Woonzorgcentra krijgen 46 miljoen minder om bewoners dezelfde zorg te bieden’, oordeelde de Vlaamse Vereniging van Steden en Gemeenten.
Gezinszorg
30 miljoen euro minder
‘Duizenden Vlaamse gezinnen zullen vanaf 2026 moeilijker toegang krijgen tot gezinszorg’, waarschuwt Zorggezind, de koepelorganisatie van erkende diensten voor gezinszorg in Vlaanderen. Vooral de forse daling van het aantal beschikbare zorguren baart grote zorgen: ‘Met die maatregelen worden wachtlijsten onvermijdelijk, en dat treft in de eerste plaats de meest kwetsbare cliënten.’
35,5 miljoen euro extra besparing
Reizigersorganisatie TreinTramBus: ‘Ondanks alle protest van reizigers, verkozenen en vervoersregioraden
drukt minister Annick De Ridder (NVA) de besparingen gewoon door. De afbouw gebeurt net op een moment dat energie duur is en de vraag naar betaalbare alternatieven voor de auto toeneemt. Je zou verwachten dat het openbaar vervoer versterkt wordt als deel van de oplossing, maar helaas.’
Universiteiten en hogescholen
46,3 miljoen euro minder
‘Besparingen op universiteiten én nu ook op studenten dreigen de bodem weg te slaan van onder de Vlaamse kenniseconomie’, vreest de Vlaamse Universitaire Raad. ‘De Vlaamse Regering gaf in een apart decreet groen licht voor een drastische hervorming van de studietoelagen. De onderliggende cijfers zijn onthutsend: min 32,8 miljoen euro voor hoger onderwijs en min 14,5 miljoen voor onderzoek.’
Volwassenenonderwijs
50 miljoen euro structurele besparing
Onderwijscentrale COC is duidelijk: ‘Minister Zuhal Demir (NVA) is van plan om verder te besparen. Onderwijs kost geld en de opbrengst is niet altijd onmiddellijk zichtbaar, maar het effect op langere termijn is van een onschatbare waarde voor de samenleving. Besparen op onderwijs is nooit een goed plan.’
De arizonaregering zet koppig in op langer werken en meer flexibiliteit, maar bijna acht jonge werknemers op de tien snakken nu al naar een loopbaanpauze. Dat blijkt uit een bevraging van Jong ACV. Financiële onzekerheid of onbegrip van de werkgever weerhouden jongeren ervan een stapje terug te nemen, ook al gaan ze bijna kopje onder. ‘Mentaal was ik op, maar ik kon niet anders dan doorploeteren.’
¬ Tekst Lies Van der Auwera
Ik voel me leeg en moedeloos, al zo’n twee jaar eigenlijk. Maar ik doe door op automatische piloot’, steekt Sandra* (33) van wal. Uit angst voor haar werkgever wil ze niet onder haar eigen naam getuigen. ‘Ik heb een leidinggevende functie, dus durf niet aan te geven dat ik zwak ben. Aangeven dat ik aan een pauze toe ben, is geen optie. Tegelijk wordt het leven almaar duurder. Ik probeer een toekomst uit te bouwen, wil een gezin starten. Maar mijn overvolle job blokkeert mijn plannen. Dus blijf ik op mijn tanden bijten.’
De getuigenis bevestigt de resultaten van een bevraging van Jong ACV bij 300 werknemers tussen 18 en 35 jaar. Heel wat jongeren lijken vast te lopen, ook al zijn ze nog maar net uit de startblokken geschoten. ‘Jongeren geven al een tijdje signalen dat ze nood aan pauze hebben en daarbij niet altijd kunnen terugvallen op bestaande verlofstelsels’, stelt Joke Vrijs van Jong ACV.
Jongeren die kopje onder dreigen te gaan, botsen op structurele drempels die pauzeren moeilijk of zelfs onmogelijk maken. Ruim de helft van de bevraagden gaf aan geen financiële marge te hebben. Maar ook angst voor negatieve impact op de loopbaan, onbegrip bij de werkgever of onwetendheid over mogelijke rechten en stelsels vormen voor een derde van de bevraagden een serieus obstakel. En dan zijn er nog de ongelijkheden in dit verhaal. ‘Jongeren die werken met tijdelijke of interimcontracten, zijn kop van jut. Hun financiële positie en beperkte opbouw van rechten maakt dat ze niet anders kunnen dan doordoen.’
Dat heel wat jongeren op hun tandvlees zitten, bleek eerder al uit de werkbaarheidsmonitor van de SERV (2024). Een derde van de jongeren kampt met werkstressklachten. Dertien procent heeft burn outsymptomen. De bevraging van Jong ACV toont dezelfde nood aan een adempauze. Meer dan acht op de tien jongeren snakken naar een loopbaanpauze.

Ik probeer een toekomst uit te bouwen, wil een gezin starten. Maar mijn overvolle job blokkeert mijn plannen. Ik zit knel.
Sandra* (33)
werkvloer’, stelt Joke Vrijs. ‘Stress, burnout en mentale uitputting komen terug over contracttypes, statuten en werkregimes heen. Dat wijst op een structurele druk in de werkcontext van jonge werknemers, eerder dan op individuele kwetsbaarheid. Veel jongere werknemers zijn mentaal op, maar zien geen uitweg.’
Dit wijst op een structurele druk voor jonge werknemers, eerder dan op individuele kwetsbaarheid.
Joke Vrijs, Jong ACV
Nood aan mentale rust spant de kroon. Bijna 60 procent van de bevraagden voert dat als voornaamste motief aan. Daarnaast noemen ze fysieke rust, opleiding en heroriëntering of een foute jobmatch. ‘De vraag naar ademruimte wijst op diepere spanningen op de
Daarbij speelt de jonge leeftijd en beperkte werkervaring soms een nadelige rol, ziet Vrijs. ‘Heel wat jongeren geven aan dat ze in die cruciale, opstartende fase van hun loopbaan moeilijk tijd, ruimte en middelen vinden om bewuste keuzes te maken. Bovendien hebben ze vaak nog geen toegang tot bestaande verlofstelsels, zoals ouderschapsverlof of tijdskrediet. Jongeren die dreigen vast te lopen, kiezen soms voor een snelle jobwissel als noodoplossing. Zo vallen ze van de ene in de andere job zonder hun draai te vinden. Tegelijk is er geen ruimte om te heroriënteren en zitten

ze klem in een situatie die niet bij hen past.’
Maatschappelijk werker Evy de Schryver (32), moeder van twee jonge kindjes, kon wel terugvallen op ouderschapsverlof, maar heeft het al bijna volledig opgebruikt. ‘Wat ik daarna ga doen, is voorlopig een vraagteken. Opnieuw voltijds gaan werken en tegelijk alle ballen in de lucht houden is heel moeilijk. Tijdskrediet is een optie, maar ik zie in mijn werkomgeving dat mensen op latere leeftijd ook op tijdsgebrek botsen, bijvoorbeeld door de zorg voor hun ouders. Nu alles opgebruiken, durf ik niet.’
Bij Gaia Remelli (29) speelde een ander motief. ‘Ik werkte voltijds als verpleegkundige, maar de werkdruk was zo hoog dat er geen ruimte was om me verder bij te scholen. Hoewel ik recht had op een opleiding, botste ik op onbegrip en

Ik werkte voltijds als verpleegkundige, maar de werkdruk was zo hoog dat er geen ruimte was om me verder bij te scholen.
personeelstekort, waardoor ik mijn plannen voor een master moest schrappen. Om die reden ben ik van job veranderd. Nu krijg ik wel ondersteuning via het Vlaams opleidingsverlof en kan ik één dag per week mijn master in de verpleegkunde volgen.’
Zehra Delic (30) werkte voltijds als klantenservicemedewerker toen ze een burn out kreeg. ‘Drukte op het werk, mijn relatie liep op de klippen, alles werd me te veel. Niemand op het werk zag dat aankomen, omdat ik altijd met een glimlach rondliep. De dokter schreef mij een maand ziekteverlof voor. Na die maand raadde hij me aan het werk voor 50 procent te hervatten. Maar als alleenstaande is dat geen optie. Mijn rekeningen en lening lopen gewoon door. Mijn enige optie leek een korte ziekteperiode
om op adem te komen. Na die maand ben ik uiteindelijk opnieuw voltijds beginnen werken. Als ik de financiële middelen had, zou ik overschakelen naar een pauze van paar maanden.’
Ziekteverlof als enige uitweg? ‘Ongezond en onwenselijk, maar het stelt wel een probleem aan de kaak’, vindt Joke Vrijs. ‘Voor het ACV is het essentieel om jonge werknemers vroeg in hun loopbaan wegwijs te maken in hun rechten en hen actief te begeleiden bij hun keuzes. We willen jongeren ondersteunen in een vaak complex en ondoorzichtig systeem. Tegelijk ijveren we voor eenvoudigere toegang tot verlofstelsels en meer ruimte voor werkbaar werk.’
*De identiteit van Sandra is bekend op de redactie.
WERK VAKANTIEGELD
Moet ik mijn vakantiegeld terugbetalen als ik ontslagen word of ontslag neem?
Elke werknemer heeft recht op vakantiegeld: een enkel en een dubbel deel. Het enkel vakantiegeld vervangt het normale loon dat je niet ontvangt tijdens je vakantiedagen. Het dubbel vakantiegeld komt daar bovenop als extra toeslag voor de vakantieperiode.
Arbeiders ontvangen hun enkel en dubbel vakantiegeld via de vakantiekas. Dat gebeurt doorgaans tussen 2 mei en 30 juni en ongeacht of ze van werkgever veranderen. Arbeiders kunnen hun vakantieduurattest heel gemakkelijk raadplegen en downloaden bij de Rijksdienst voor Jaarlijkse Vakantie (RJV) of hun vakantiekas. Bij bedienden loopt alles via de werkgever. Wanneer een bediende uit dienst gaat, moet de werkgever een vertrekvakantiegeld uitbetalen: een bedrag dat staat voor de vakantiedagen die de bediende nog niet heeft opgenomen én de vakantierechten die al zijn opgebouwd voor het volgende vakantiejaar. Daarvoor ontvang je als bediende een vakantieattest.
Dat attest is belangrijk bij een volgende werkgever. Neem je als bediende daar vakantiedagen op, dan houdt de nieuwe werkgever het al ontvangen enkelvoudig vakantiegeld in op het loon van die dagen. Dat is een verrekening met het vakantiegeld dat je al vervroegd bij vertrek ontvangen hebt. Voor arbeiders wordt er niets ingehouden bij het opnemen van vakantie bij een volgende werkgever. Voor de dagen dat ze effectief vakantie nemen, betaalt de werkgever geen loon door.
Werk je als jobstudent of heb je een jobstudent in huis? Bij Jong ACV kun je terecht voor een gratis webinar. Wat zijn je rechten en plichten? Hoe zit het met je contract en je loon? Wat met werken op feestdagen? Met je uren en belastingen? Goed om weten: lidmaatschap van Jong ACV is gratis voor studenten tussen de 15 en 25 (of voor wie in de beroepsinschakelingstijd zit).
www.hetacv.be/jong-acv
Beweging.net zoekt
• Plekwerker Vast Goed – Antwerpen
• Stafmedewerker Vast Goed – Antwerpen www.beweging.net/vacatures/


Al bijna 200 jaar staat Delvaux garant voor lederwaren van topklasse. Supersterren bestellen er hun persoonlijke handtas. In het bedrijvige atelier zindert de lucht van concentratie.
¬ Tekst Lies Van der Auwera ¬ Foto Wouter Van Vooren

Yuki Pigot (29), bereidt de materialen voor
‘Ik krijg de geknipte huiden op mijn tafel en begin ze dan te bewerken, een heel complex en technisch proces waarbij ik de huid verdun. Als kind groeide ik op in de buitenwijken van Parijs. Mijn moeder en grootmoeder namen me voortdurend mee naar de mooiste winkels.
De geur van leer vind ik heerlijk. Regelmatig gaan hier expo’s door. Midden in ons atelier! Daarom zou ik deze werkvloer omschrijven als een levend museum.’

Julie Bossard (31), assembleert de tassen ‘Ik lijm de materialen en bouw de tas als het ware driedimensionaal op. Een exclusief product lokt bijzondere klanten. Zo mochten we Stromae al in ons atelier verwelkomen.
De styliste van Lady Gaga bestelde hier een tas voor de superster, met het opschrift Love for sale Zelf heb ik geen Delvaux, maar we hebben hier wel een uitleendienst. Zo kon ik al op een feestje verschijnen met een bijzondere tas aan mijn arm.’
Delvaux werd opgericht in 1829 in Brussel en is daarmee het oudste luxe lederwarenhuis ter wereld. Het hoofdkantoor is gevestigd in Brussel. In dat atelier maken een twintigtal werknemers de meest exclusieve tassen met de hand. Daarnaast heeft Delvaux ateliers in Frankrijk. Over de hele wereld vind je hun boetieks.

Mathilda Carapellucci (28), controleert het product
‘We gaan hier voor perfectie. Bij het minste krasje stuur ik de tas terug. In dit atelier maken we van iedere tas maar enkele stuks. Een volledige serie kan uit slechts vijf stuks bestaan, andere stukken zijn volstrekt uniek. De meest exclusieve stukken kunnen dan ook een bijhorend prijskaartje hebben, soms duizenden euro’s. Als ik zo’n uniek stuk controleer, is dat best een spannend moment.’
VRT-CORRESPONDENTE LIA VAN BEKHOVEN

VRT correspondente Lia van Bekhoven woont al ruim vier decennia in Londen. Tien jaar nadat de Britten ervoor kozen de Europese Unie te verlaten, is ze de centrale gast op het Visie event in Au Bassin in Brussel. Ze komt er vertellen over leven en werken aan de overkant van het Kanaal en over de mensen die er wonen. Interesse? Er is een beperkt aantal plaatsen beschikbaar.
~ Donderdag 4 juni, vanaf 17u30 en achteraf is er tijd voor een hapje en een drankje. Inschrijven kan via de QR-code.
De feelgood-reeks Boho vertelt het verhaal over de vriendschap tussen drie dertigers uit het Antwerpse Borgerhout. Kima, Nawal en Alex zoeken naar geluk en struikelen vrolijk door het leven. Het gaat over familie, verwachtingen en durven kiezen. Borgerhout staat bekend om zijn rijke mix van tradities en culturen. De wijk vormt niet enkel het kleurrijke decor maar ook een bepalende factor. In Cannes won de reeks de prestigieuze prijs voor beste ‘Short Form Series’, de categorie voor series met korte afleveringen.

~ Streamz

Welke sporen laten wij als mensen achter op aarde? Hoe zullen toekomstige generaties ons herinneren? Met die vragen gaat beeldend kunstenaar Maarten Vanden Eynde aan de slag in After Present. In de expo kijk je met een verrassende en soms confronterende blik naar onze hedendaagse wereld. After Present is een kunstroute verspreid over het MOU Museum Oudenaarde, en op verschillende buitenlocaties in Oudenaarde, langs de Schelde en op de provinciale erfgoedsite Ename. Langs het traject zie je een dertigtal werken die het raakvlak tussen kunst en archeologie opzoeken.
~ 9 mei tot en met 27 september – MOU Museum Oudenaarde


MR-voorzitter Georges-Louis Bouchez beweert dat België zoveel langdurig zieken heeft omdat werkgevers moeilijk van personeel afraken. Officiële data van het Riziv en de Nationale Bank van België weerleggen dat. Het echte verhaal gaat over burn-out, vergrijzing en zwaar werk.
Aan de vooravond van 1 mei kwam MRvoorzitter
GeorgesLouis Bouchez met het begrip ‘nep zieken’ op de proppen. ‘Waarom zijn er zo veel nep zieken? Omdat het in dit land zo ingewikkeld is om iemand te ontslaan’, stelde hij in Het Laatste Nieuws. Twee dingen kloppen daar niet aan.
Volgens de maatstaf van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling (OESO) behoren Tsjechië, Nederland, Portugal en Italië in de meest recente meting tot de landen met de strengste ontslagregelgeving. België behoort daar niet toe.
Bovendien heeft Nederland met aantoonbaar strengere ontslagregels dan België geen vergelijkbaar probleem van langdurige arbeidsongeschiktheid. Als ontslagbescherming inderdaad de oorzaak was, zou je dat
patroon ook bij onze noorderburen moeten zien.
Dat is niet zo.
Wel wijzen officiële instanties als het Riziv en de Nationale Bank van België naar vergrijzing, de toenemende arbeidsmarktparticipatie van vrouwen op hogere leeftijd en de toename van psychosociale en musculoskeletale aandoeningen als verklaringen voor het hoge aantal langdurig zieken. Eerder deze maand toonden nieuwe cijfers nog dat het aantal werknemers en zelfstandigen dat langdurig ziek is – dat betekent langer dan een jaar – weer tot een recordhoogte steeg.
Volgens Riziv cijfers kampt 36,9 procent van alle langdurig zieken met een psychosociale aandoening. Twee derde van die groep heeft een depressie of burn out. Dat het werk
daarin een doorslaggevende rol speelt, bevestigt onderzoek van CM. 56 procent van de langdurig zieken geeft aan dat hun job mee verantwoordelijk is voor hun uitval, bij mensen met burn out loopt dat op tot 90 procent. Mensen vallen dus niet uit omdat ontslaan moeilijk is, wel omdat ze onderdoor gaan aan hun werk.
Toch plakt Bouchez het etiket ‘nep’ op wie langdurig ziek thuiszit. Dat doet hij vanuit een bijzonder comfortabele positie. Onlangs bracht Sudinfo nog naar buiten dat de MRvoorzitter in 2024 onder meer 40.800 euro bruto senaatsvergoeding kreeg, voor deelname aan twee van de 64 stemmingen, nul mondelinge tussenkomsten en één schriftelijke vraag. Bouchez geeft aan dat hij die vergoeding voor zijn nep mandaat wel doorstortte naar de partijkas van MR.

Telt mijn landingsbaan nog mee voor mijn pensioen?
Een bezorgde Visie lezer vraagt zich af of haar halftijdse landingsbaan nog mee zal tellen voor haar pensioen binnen enkele jaren. Eerst het goede nieuws: landingsbanen tellen in principe mee voor het wettelijk pensioen, voor de berekening van de loopbaan én voor je pensioenbedrag. Maar er is ook slecht nieuws. Voor de berekening van je pensioen kreeg je tot dusver een fictief loon, gelijkgesteld aan het laatste loon van je gewerkte periode. De pensioenhervorming van de regeringDe Wever wil dat veranderen. Werknemers die recent in een landingsbaan stapten zullen dat aan hun pensioenberekening voelen. Die zal een stuk lager liggen dan tot nog toe.
Voor pensioenen vanaf 2027 wordt voor gelijkgestelde periodes vanaf 1 februari 2025 het fictief loon beperkt tot het minimum loonplafond. Uitzondering is wie zijn pensioen pas op de wettelijke pensioenleeftijd of later opneemt. Ook landingsbanen die voor 1 februari 2025 zijn ingegaan of aangevraagd vallen er niet onder.
Daarenboven wil de regering nog verder ingrijpen doordat loopbanen binnenkort nog maar voor maximaal 20 procent uit gelijkgestelde periodes mogen bestaan. Daardoor kan het zijn dat delen van een landingsbaan niet meer in de pensioenberekeningen meetellen. De nieuwe regels moet het parlement wel nog officiëel goedkeuren. Door alle uitzonderingen en veranderingen is het sowieso nodig om de effecten op het pensioen op individueel niveau te bekijken.
www.hetacv.be/landingsbaan
Interview. Thomas Bollen doorzocht de coulissen van het financieel systeem

Ons financieel systeem is een ondoorzichtig kluwen van renteverhogingen, speculatie en private geldschepping. Hoog tijd om dat te ontwarren, dacht onderzoeksjournalist
Thomas Bollen. ‘Dit systeem speelt in de kaart van de allerrijksten en we doen alsof dat een natuurwet is.’
¬ Tekst Simon Bellens ¬ Foto Daniel Cohen
Thomas Bollen is financieel econoom en onderzoeksjournalist bij nieuwswebsite
Follow the Money. In zijn boek Geld genoeg, maar niet voor jou speurt hij als een detective naar de geheimen van ons financieel stelsel. Het stond wekenlang in de Nederlandse bestsellerlijstjes.
Prijsvraag: wie is de rijkste man van Europa?
Visie mag drie exemplaren weggeven van Geld genoeg, maar niet voor jou. Stuur je antwoord op de prijsvraag naar lezers@visieredactie.be of per post naar Visie, Haachtsesteenweg 579, 1030 Brussel, en maak kans op een exemplaar.

Money makes the world go round Maar weinigen die nog goed en wel beseffen hoe ons wereldwijde financieel systeem precies werkt. Zelfs topbankiers van de centrale bank niet, stelde onderzoeksjournalist Thomas Bollen vast. Hij dook in de wereld van digitale geldcreatie, veilig opgeborgen goudklompen en idealistische vernieuwers van het geldstelsel op internetfora.
‘Mensen gaan ervan uit dat er een vaste geldhoeveelheid rondgaat in de economie, die centrale banken aansturen’, zegt hij. ‘Maar dat publieke geld, uit de drukpersen van de centrale bank, omvat minder dan tien procent van de totale geldhoeveelheid. 90 procent van de geldcreatie gebeurt door private banken, vooral door leningen te verstrekken.’
Hoe werkt die geldschepping juist?
BOLLEN ¬ ‘Als banken bijvoorbeeld een lening uitkeren van 400.000 euro, dan creëren ze dat geld louter boekhoudkundig. Zonder dat daar bestaand geld van anderen tegenover moet staan. Het is alleen een belofte van de bank dat je dat banktegoed kunt inwisselen tegen publiek geld. Maar in onze digitale economie is het gros van ons geld privaat geld, terwijl dat 70 jaar geleden ongeveer de helft was. Geldcreatie was toen meer een publieke taak.’
Ongetwijfeld heerlijk om zelf geld te kunnen maken, maar waarom is dat een maatschappelijk probleem?
BOLLEN ¬ ‘Banken bepalen waar dat nieuwe geld eerst naar gaat en dat hangt af van hun winstverwachting. Niet van waarin we als samenleving wíllen investeren. Twee derde van de geldcreatie door banken gaat naar hypotheken. Dat blaast de woningprijzen op en vergroot bestaande ongelijkheden.’
‘Het is een vaste regel in ons stelsel dat hoe rijker je bent, hoe goedkoper je geld kunt lenen. Grote multinationals en private investeringsfondsen kunnen zich veel goedkoper financieren dan jij en ik. Met dat geld kopen ze woonzorgcentra of dierenart
senparktijken op, waar ze vervolgens de tarieven optrekken. De geldcreatie gaat kortom helemaal niet per se naar economische productiviteit, wel naar speculatie en kortetermijnwinsten. Of naar de financiële sector zelf, die veel sneller groeit dan de reële economie.’
De financiële crisis van 2008 toonde hoe instabiel het systeem is. Is er sindsdien iets veranderd?
BOLLEN ¬ ‘Toen moesten overheden de banken redden met belastinggeld en daar zijn banken sindsdien aan gewend geraakt. Met perverse effecten, want commerciële financiële instellingen die grote risico’s nemen worden niet afgestraft als het fout gaat. De winsten zijn privaat, maar de kosten dragen we allemaal. Dat is een slecht model.’
‘Vanaf de jaren 80 versoepelden wereldwijd de regels die deze risico’s 50 jaar lang behoorlijk succesvol beteugelden. Na de crisis van 2008 hebben velen geprobeerd om opnieuw strengere eisen in te voeren, maar zij botsten op de enorme macht van de bankenlobby en op de ideologische vooringenomenheid van politici en centrale bankiers voor het vrijemarktdenken. Aan de architectuur van het geldstelsel veranderde niets. Inmiddels wordt alweer gesproken over hogere bonussen voor bankiers en soepelere regels.’
Tijdens de coronacrisis werden de banken opnieuw gespekt met publiek geld. Nu was er nauwelijks ophef.
BOLLEN ¬ ‘De centrale banken trokken de rente op om de inflatie af te koelen. Die hogere rentes betaalden ze ook op de bankreserves die private banken hebben staan op hun rekening bij de centrale bank. In 2023 ging dat in Europa om 127 miljard euro publiek geld. De bedoeling was dat de banken die hogere rente zouden doorgeven aan gewone spaarders, maar dat gebeurde nauwelijks. Ze boekten recordwinsten. Tegelijk maakten de centrale banken zo zelf historische verliezen, in België 3,5 miljard. Uiteindelijk draait daarvoor de belastingbetaler op en zet dat
de staatsfinanciën onder druk, zoals we vandaag zien.’
‘Dat alleen private banken een rekening kunnen openen bij de centrale bank geeft haar enorme privileges. Meer nog, de Europese Centrale Bank kocht tussen 2016 en 2021 ook bedrijfsleningen op om de economie te stimuleren, zoals van luxemodehuis Louis Vuitton van Bernard Arnault, de rijkste man van Europa. Hij keerde daarmee extra dividenden uit aan zijn aandeelhouders, vooral hijzelf en zijn familie, en kocht vervolgens aandelen van zijn bedrijf op, wat de koers van zijn aandelen omhoog joeg. Zo werkt het huidige systeem de allerrijksten in de hand.’
Kunnen we publiek geld opnieuw belangrijker maken voor gewone spaarders?
BOLLEN ¬ ‘Na de crisis van 2008 vroegen velen zich af waarom we geen veilige bankrekening bij de overheid konden hebben, zoals met door de overheid gegarandeerd contant geld. Ook in onze digitale wereld moeten we publiek geld behouden, zeker nu cryptomunten opkomen of Facebook een eigen munt wil creëren.’
‘Nu begint ook de Europese Centrale Bank die beweging te maken. De digitale euro, die in de steigers staat, is niets anders dan een bankbiljet in digitale vorm. Dan heb je een rekening bij de centrale bank, die echt veilig is. Voor je betaalverkeer ben je bovendien niet meer afhankelijk van Amerikaanse tussenpartijen zoals Visa of Mastercard, net zoals bij contant geld. Nu de Europese verhoudingen met de Verenigde Staten onder druk staan, is er een momentum. Alleen doet de bankensector er alles aan om de digitale euro zo beperkt mogelijk te houden.’
‘Wellicht is de grootste misvatting over ons geldsysteem dat het een natuurverschijnsel is. Maar het is een menselijk en politiek bouwwerk. We kúnnen het veranderen. Sparen en betalen zijn publieke nutsfuncties, die moeten we niet louter en alleen aan de markt overlaten.’
In een uitdagende sector onderhandelt ACV Voeding en Diensten voortdurend om de arbeidsvoorwaarden van seizoensarbeiders te verbeteren.
¬ Tekst Lies Van der Auwera
Nu de lente volop in het land is, trekken weer meer seizoensarbeiders naar de pluk. Traditioneel gebruiken werkgevers het systeem van de ‘plukkaart’, die recht geeft op maximaal 100 werkdagen in bepaalde sectoren. Het voordeel schuilt vooral aan één kant. Een werkgever kan last minute een werkdag afzeggen – begrijpelijk in weergevoelige sectoren – maar een werknemer kan dat niet. De plukkaart is bedoeld voor één seizoen, maar sommige werkgevers nemen dat niet al te nauw. Zo wordt bijvoorbeeld in serres vaak het hele jaar door geoogst. Dan is er geen sprake meer van een seizoensgebonden activiteit. Wie het maximum van 100 dagen bereikt, wordt vaak de laan uitgestuurd, want een nieuwe arbeider met plukkaart aannemen is goedkoper. De plukkaart biedt zo bar weinig sociale bescherming.
ACV Voeding en Diensten onderhandelt voortdurend om de arbeidsvoorwaarden van seizoensarbeiders te verbeteren,
Werfdag op komst

zegt voorzitter Steve Rosseel: ‘In 2023 slaagden we er al in om de lonen van seizoensarbeiders gelijk te schakelen met die van reguliere werknemers. Met het recente sectorakkoord 2025 2026 verhoogt het loon van seizoenswerknemers met een scheidingsvergoeding van twee euro per werkdag. Dat is het alternatief voor de maaltijdcheques van minimaal twee euro voor vaste werknemers. Seizoenswerknemers hebben vaak het bedrijf al verlaten wanneer maaltijdcheques administratief in orde zijn gebracht. Bovendien kan een buitenlandse seizoenswerknemer weinig doen met Belgische maaltijdcheques in zijn land van herkomst.’
Op woensdag 3 juni trekt ACVBIE het hele land door voor zijn jaarlijkse nationale werfdag. Meer dan 1.000 militanten en personeelsleden bezoeken ruim 2.000 werven. ‘We informeren werknemers over hun loon- en arbeidsvoorwaarden, en over de dienstverlening van ACVBIE. We willen dat elke bouwvakker goed op de hoogte is van zijn of haar rechten en weet bij wie ze terechtkunnen met vragen of problemen. Dit jaar leggen we de nadruk op de gevolgen van de maatregelen van de arizonaregering op de bouwsector’, zegt ACVBIE-voorzitter Patrick Vandenberghe. Naast informeren is de werfdag een uitgelezen moment om te luisteren naar wat er leeft. Een ander belangrijk aspect is sensibilisering rond gezondheid en veiligheid.
Maar de vakbond wil nog een stap verder gaan. ‘Het overgrote deel van de seizoensarbeiders komt van buiten België,’ weet Rosseel. ‘We willen rechtstreeks communiceren met de seizoensarbeiders. Zo zouden zij effectief aanspraak kunnen maken op bepaalde voordelen van het sociaal fonds en in sommige gevallen ook op vakantiegeld. Het ontbrekende adres maakt het vandaag helaas lastig: op het moment van uitbetaling zijn veel werknemers al elders in Europa of terug in hun thuisland.’ Die realiteit zorgt voor een uitdaging, erkent Rosseel. ‘We zijn ons ervan bewust dat dit systeem nog niet ideaal is, maar stap voor stap proberen we de loon en arbeidsvoorwaarden voor deze groep te verbeteren.’
Sectoroverleg geblokkeerd door nieuwe werkgeversfederatie
Domiva vervangt sinds kort Federgon als federatie voor de commerciële spelers in de dienstchequesector. Tijdens het paritair comité bleek dat haar vertegenwoordigers geen enkel mandaat hebben. Onder de paraplu van Domiva schuilen slechts een vijftiental bedrijven. De twee andere werkgeversorganisaties zetten het overleg verder maar voor een sectorakkoord is unanimiteit vereist. Zo zit het sociaal overleg in een sector met rond de duizend bedrijven en 140.000 huishoudhulpen geblokkeerd. Ook in de periode 2023-2024 was er al geen sectorakkoord. ‘Bij gebrek aan eenwaardige gesprekspartner kunnen de vakbonden de sociale vrede in de sector niet langer garanderen’, aldus ACV Voeding en Diensten.
Uit een bevraging van ACV Voeding en Diensten bij honderden arbeiders in het Vrij Onderwijs blijkt dat velen onder hen met een 10 maandencontract vrezen hun werkloosheidsuitkering of inkomensgarantie (IGU) deze zomer gedeeltelijk of volledig te verliezen. Door de complexe en gewijzigde werkloosheidsreglementering is voor een aanzienlijke groep zelfs niet duidelijk waar ze nog recht op hebben. ¬ Tekst Dries Vanheuverswyn ¬ Foto Shutterstock
Grote onzekerheid over inkomen in de zomer ‘Hoe moet ik mijn huur betalen als mijn uitkering wegvalt?’
Die bezorgde vraag vat de onzekerheid samen die leeft bij arbeiders in het Vrij Onderwijs (paritair comité 152.01). De betrokken werknemers, onder wie busbegeleiders, onderhoudspersoneel en andere ondersteunende profielen werken namelijk met contracten die jaarlijks eindigen in juni en zijn in de zomer afhankelijk van volledige werkloosheidsvergoedingen.
Vandaag overheerst echter vooral de onzekerheid. ‘Niemand kan mij zeggen of ik nog iets zal krijgen. Dat maakt het zo beangstigend,’ getuigt een respondent. Meer dan de helft verwacht een inkomensverlies, terwijl vele anderen aangeven het simpelweg niet te weten. Die onduidelijkheid zorgt voor onrust en stress bij mensen die nochtans gewoon hun werk doen.
Tijdelijke contracten zijn geen vrije keuze
Tegelijk benadrukken de werknemers dat hun situatie geen keuze is, maar het gevolg van een structureel systeem. ‘Als we een 12 maandencontract of een
contract van onbepaalde duur konden krijgen, zouden we dat meteen doen’, klinkt het. Velen werken al jarenlang met tijdelijke contracten, zonder uitzicht op meer stabiliteit, en zijn voor hun inkomen deels afhankelijk geworden van regelingen buiten hun eigen wil om.
Risico op twee maanden zonder inkomsten
De gevolgen dreigen nu ernstig te zijn. Voor een aantal werknemers betekent het mogelijke verlies van uitkeringen dat ze twee maanden zonder inkomen vallen, met alle financiële gevolgen van dien. ‘Als alleenstaande ouder weet ik niet hoe ik de zomer moet doorkomen’, getuigt een werknemer. De vakbond waarschuwt dan ook voor een reëel risico op financiële problemen bij mensen die vandaag gewoon aan het werk zijn.
Werknemers tussen Vlaamse en federale bevoegdheden
Opvallend is bovendien het gevoel dat deze groep tussen twee beleidsdomeinen valt. Het (Vlaamse) kabinet Onderwijs en het (federale) kabinet Werk wijzen naar elkaar, maar voor de betrokken werknemers verandert er intussen niets. ‘Wij
hebben het gevoel dat niemand verantwoordelijk is voor ons’, klinkt het. Nochtans vervullen zij essentiële functies binnen een school.
Ook het onderwijs dreigt de gevolgen te dragen Ook voor het onderwijs zelf kan deze situatie gevolgen hebben.
De toenemende onzekerheid maakt deze jobs minder aantrekkelijk en dreigt al bestaande tekorten te versterken. ‘Wie wil deze job nog doen zonder inkomen in de zomer?’ vraagt een respondent zich af.
Nood aan zekerheid
ACV Voeding en Diensten vraagt daarom dringend duidelijke communicatie over de rechten van deze werknemers, zekerheid over hun inkomen tijdens de zomermaanden en een structurele aanpak van het systeem van 10 maandencontracten. De boodschap van de betrokken arbeiders is helder: ‘Wij vragen geen luxe. Wij vragen zekerheid.’
~ Zit je met vragen na het lezen van dit artikel?
Neem contact op met ACV Voeding en Dienstenmail: voedingendiensten.antwerpen@acv-csc.be of bel: 03 222 70 70

‘Ik ben een echt warhoofd. Onlangs vertrok ik voor een optreden, sloeg mijn deur dicht en had ik mezelf buitengesloten. Na dat weekend met twee optredens en een ongeplande nacht op hotel kreeg ik een bericht van de dirigent: mijn kleren hingen nog in de zaal van het eerste optreden. Dat soort dingen kom ik voortdurend tegen. Het verbaast mij al niet meer. Ik denk hooguit: hier gaan we weer. Maar paniek is er niet op zulke momenten. Ik trek snel mijn plan.’
‘De nacht heeft altijd een aantrekkingskracht gehad op mij. Het is de sfeer, iets mystieks, de rust die ze brengt. Op mijn vorige plaat staat met Nocturne al een nummer over de nacht. De laatste plaat, Midnight Sun, was in die zin een logische stap. Ik ben niet per se een nachtmens. Ik hou evenveel van de dag. Maar ik zit door mijn werk veel in het nachtleven en hou van het gevoel dat rond de nacht hangt.’

‘In de coronatijd hield ik mij strikt aan de regels. Echt héél strikt: ik zag niemand. Pas achteraf besefte ik hoe ongelukkig ik daardoor werd. Maar wat mij toen nog harder trof, was het lot van de mensen in woonzorgcentra. Mensen die op het einde van hun leven niemand bij zich mochten hebben. Niemand vastpakken, niet eens goed babbelen. Ik schreef een lied over zij die hun geliefden geruststellen: alles is oké. Terwijl dat niet altijd zo is.’
‘Ik heb veel geluk met de mensen rondom mij. Mijn man, zus, ouders, en schoonouders: zij vangen enorm veel op. Als ik een week lang in de studio zit en pas om zeven uur thuiskom, staan zij er. Die bereidwilligheid van mensen treft mij vaker. Een vrouw uit het orkest nam deze week nog mijn vergeten kleren mee. Iemand stuurde ooit mijn vergeten spullen vanaf een festival op per post. Ik bots altijd op de schone kant van mensen. Op de een of andere manier word ik altijd gered door anderen.’
‘Ik was vroeger erg verlegen. Ik durfde in een speeltuin niet zomaar naar een ander kind stappen om te spelen. Maar ik was tegelijk altijd graag onder mensen: veel vrienden, constant bezig met hoe zij zich voelden. De Scouts heeft mij van mijn verlegenheid afgeholpen, samen met zingen en optreden vanaf mijn vijftien jaar. Als je ouder wordt, word je minder bang voor andere mensen. Ook nu voel ik me nog steeds zekerder worden, en gelukkiger. Af en toe steekt die verlegenheid nog de kop op. Ik zie het ook bij mijn jongste zoontje. Ik herken mijzelf hard in hem.’