Waar zou u het liefst willen sterven? En welke medische tussenkomsten wil u nog in de laatste maanden, weken en dagen van uw leven?
Nieuw onderzoek van CM toont dat slechts een goed kwart van de mensen in hun vertrouwde thuisomgeving sterft. In hun laatste zes maanden maken velen minstens één aller-retour naar het ziekenhuis.
Die cijfers zeggen veel over de manier waarop we met de dood omgaan. Iedereen moet ooit sterven. Maar erover praten is taboe. We zijn keigoed in het stellen van de voorlaatste vraag: wat kunnen we nog allemaal doen om iemand in leven te houden?
Van veel ouderen die in een ziekenhuis binnenkomen, is nochtans duidelijk dat ze gaan sterven. Moet dat per se in een steriele ziekenhuisomgeving gebeuren? Het grootste deel van de ziekenhuisoverlijdens gebeurt op een afdeling geriatrie, een diagnose- of behandelingsafdeling of een afdeling intensieve zorg. Slechts 13 procent van wie in een ziekenhuis sterft, doet dat op een afdeling palliatieve zorgen.
Welke vraag we dan wel moeten stellen, na de voorlaatste vraag? De laatste vraag! Hóé wil je sterven? Wat wil je wél nog, wat niet? Wat heb je nodig? Het vermoedelijke antwoord van velen zal zijn: levenskwaliteit.
Levenskwaliteit bestaat uit drie zaken: de zekerheid dat iemand voor je zal zorgen,
¬ Foto ID/Fred Debrock
iemand die echt naar je luistert, en het gevoel dat jij en het leven dat je geleefd hebt de moeite waard zijn. Dat eerste aspect is meestal wel ‘gecoverd’, ook in een ziekenhuis of woonzorgcentrum, de andere twee niet. Daarom ben ik zo’n fan van eindelevensverhalen. Dankzij vele vrijwilligers en giften worden overal in Vlaanderen persoonlijke verhalen opgetekend van mensen in een palliatieve situatie. Er wordt écht naar hen geluisterd. Een authentieke connectie met een ander die echt naar je luistert: dat is goede levenseindezorg.
WELVAARTSVERLIES
VOOR WERKZOEKENDEN, ZIEKEN EN GEPENSIONEERDEN
Uitkeringen blijven achter op lonen
Bijna twintig jaar bestond in ons land de welvaartsenveloppe. Die garandeerde dat mensen met een ziekte-uitkering, handicap of pensioen niet te ver achteropraken op de rest van de samenleving. De regering-De Wever legt dat systeem stil. Vakbonden proberen met een beperkt vervangingsbudget nog iets te redden voor de kwetsbaarsten. Maar het welvaartsverlies loopt dit jaar al op tot een miljard euro.
Vakbonden en werkgevers brachten recent advies uit over de verdeling van een beperkt budget voor kwetsbare groepen. De aanleiding is een stelselmatige besparing: de regering-De Wever legde voor de hele legislatuur het systeem stil waarmee pensioenen, ziekte-uitkeringen en werkloosheidsuitkeringen twintig jaar lang periodiek werden opgetrokken. Dat kost uitkeringsgerechtigden dit jaar al ongeveer een miljard euro, oplopend tot twee miljard vanaf 2028. Het oorspronkelijke systeem, de welvaartsenveloppe, zorgde ervoor dat uitkeringen niet alleen de prijzen volgden maar ook met de lonen meebewogen. Zonder die bijsturing groeien lonen structureel sneller dan uitkeringen.
In de plaats voorzag de regering in een ‘specifieke enveloppe’ van 25 miljoen euro in 2026, oplopend tot 100 miljoen in 2029. Of dat budget effectief bij de kwetsbaarste mensen terechtkomt, is nog maar de vraag. ‘De specifieke enveloppe is op geen enkele manier budgettair te vergelijken met de algemene welvaarts-
enveloppe’, zegt Maarten Gerard, hoofd van de studiedienst van het ACV. ‘Dat is een verlies voor alle mensen die niet kunnen werken. Maar ook wie op pensioen gaat, zal dit voelen.’
Het advies van vakbonden en werkgevers gaat niet over het volledige bedrag van de enveloppe. De regering legde eind 2025 al op eigen initiatief drie maatregelen vast, zonder het advies van de sociale partners af te wachten. De Nationale Arbeidsraad en de Centrale Raad voor het Bedrijfsleven schrijven dat ze de indruk hebben ‘in laatste instantie te worden geraadpleegd’.
De sociale partners willen het resterende saldo inzetten voor mensen met een handicap die samenwonen of gezinslast hebben, voor een beperkte verhoging van het leefloon en voor een eenmalige premie aan OCMW’s voor alleenstaande ouders, een groep met een armoederisico van 25,5 procent. Werkloosheidsuitkeringen, die soms onder het leefloon zakken, worden op geen enkele manier verhoogd, waarschuwt het ACV.
‘Werkgevers wilden niets doen voor werkzoekenden’, vat Gerard samen. Hij vertaalt wat onuitgesproken bleef: ‘Het blijkt voor hen niet langer een probleem dat een werkloosheidsuitkering onder de bijstandsuitkering zakt. Alleen een algemene welvaartsenveloppe kan op termijn voor iedereen een leefbare uitkering garanderen.’
Redactieadres Visie, PB 20, 1031 Brussel ¬ e-mail: info@visieredactie.be ¬ Lezersbrieven lezers@visieredactie.be ¬ Abonnementen www.visie.net/contact ¬ Verantwoordelijke uitgever Liesbeth De Winter ¬ Redactie Leandro Berlan, Djorven Ariën, Simon Bellens, Nils De Neubourg, Dominic Zehnder, Lies Van der Auwera, Lieven Bax, Tinne Van Woensel, Rooni Theeboom, An-Sofie Bessemans, Rachel Michel, Hannah Wellens, Tom Vrancken ¬ Hoofdredactie Thomas Blommaert, Wim Troch ¬ Vormgeving Gevaert Graphics ¬ Druk Coldset Printing Partners ¬ Visie verschijnt maandelijks en is inbegrepen in het lidmaatschap van CM, ACV bouw - industrie & energie, ACV-CSC METEA, ACV-Transcom en ACV Voeding en Diensten ¬ De beschrijving van de CM-diensten en -voordelen in deze publicatie heeft enkel een informatieve waarde. Bij twijfel of betwisting gelden enkel de statuten van het ziekenfonds. Meer info: www.cm.be/statuten ¬
Luc Van Gorp, voorzitter CM
Minder mensen starten met antidepressiva, maar langdurig gebruik zit in de lift
Een op de zeven volwassen Belgen kreeg in 2023 minstens één voorschrift voor een antidepressivum. Uit een grootschalige studie van CM en de UGent blijkt dat het aantal nieuwe gebruikers op tien jaar tijd weliswaar halveerde, maar een omvangrijke groep neemt ze langer dan aanbevolen.
¬ Tekst Nils De Neubourg
¬ Foto ID/Jimmy Kets
Dat het aantal nieuwe gebruikers daalt, is goed’, zegt Lisa Colman, onderzoeker aan de Universiteit Gent en medeauteur van de studie. ‘Maar tegelijk blijft het totale gebruik hoog, omdat veel mensen die eenmaal beginnen ook langdurig blijven gebruiken.’ Bijna een op de drie patiënten die met antidepressiva begint, gebruikt ze meer dan vijftien maanden. Langer dan wat klinische richtlijnen vaak aanbevelen.
Het aantal mensen dat voor het eerst een antidepressivum bij de apotheek ophaalt, halveerde volgens de CM-cijfers tussen 2013 en 2022. Tegelijk verdubbelde het gemiddeld aantal dagdosissen per persoon, van 181 naar 400 per jaar. Ongeveer een derde van de gebruikers wordt als langdurige gebruiker beschouwd. België scoort daarmee hoger dan het Europese gemiddelde.
Geen acuut gevaar
‘Er is geen acuut gevaar als je langdurig antidepressiva neemt’, nuanceert Colman. ‘Maar het gaat soms gepaard met bijwerkin-
gen: maag- en darmklachten, gewichtstoename, emotionele afvlakking, slaapproblemen en seksuele klachten. En er zijn aanwijzingen dat het effect bij langdurig gebruik varieert.’ Langdurig gebruik kan de afbouw bemoeilijken. Ontwenningsverschijnselen worden soms verward met een terugval, waardoor mensen het gebruik voortzetten. Richtlijnen bevelen doorgaans na zes tot twaalf maanden een geleidelijke afbouw aan.
Wie in recentere jaren met antidepressiva startte, gebruikt ze dan weer minder vaak langdurig. Dat kan wijzen op een positieve evolutie in de voorschrijfpraktijken. Maar Colman ziet ook een bredere mentaliteitsverandering. ‘In de jaren 80 en 90 is die medicatie heel populair geworden. Nu wordt ze steeds vaker in vraag gesteld. Dat bewustzijn sijpelt door naar huisartsen en patiënten.’
Huisarts als sleutelfiguur
Huisartsen zijn voor veel mensen het eerste aanspreekpunt bij psychische klachten. Bij
vier op de vijf antidepressivagebruikers is de huisarts de voornaamste voorschrijver. Die centrale rol is een sterkte van ons zorgsysteem. Maar diezelfde nabijheid heeft een keerzijde. Patiënten die voornamelijk door een huisarts worden opgevolgd, gebruiken vaker langdurig antidepressiva dan patiënten die voornamelijk door een specialist worden opgevolgd.
Colman: ‘Uit andere studies blijkt dat antidepressiva soms worden voorgeschreven bij mildere klachten, terwijl klinische richtlijnen in die gevallen eerder psychologische zorg aanbevelen.’ Het onderzoek verklaart dat als een systeemprobleem, niet als een tekortkoming van individuele huisartsen. ‘We wijzen niet met de vinger naar de huisartsen’, benadrukt Colman. ‘Zij zitten in een moeilijke positie.’
Antidepressiva blijven nodig, stelt de studie. Maar het onderzoek roept op huisartsen beter te ondersteunen bij het herevalueren van lopende behandelingen. ‘De opleiding geneeskunde en latere vormingsmomenten moeten meer tools aanreiken om langdurig gebruik
Ellen Van Leeuwen, huisarts in Gent en onderzoeker UGent
‘Wie neemt het initiatief om te stoppen?’
‘Artsen en patiënten kijken vaak naar elkaar om te stoppen met antidepressiva. Bij depressie of angst is het soms nodig om te starten met zulke medicatie, maar in veel gevallen verandert de situatie later wel. Veel mensen missen op dat moment nog het vertrouwen om zonder antidepressivum voort te gaan.’
‘Ook huisartsen zijn bang voor een terugval. Nochtans zijn we niet zeker of de medicatie op lange termijn nog effect heeft. De bijwerkingen zijn er ondertussen wel, naast de psychologische afhankelijkheid van antidepressiva.’
‘Bij patiënten met moeilijke levensomstandigheden is er nog meer terughoudendheid. Als huisarts denk je makkelijk: die patiënt heeft al zo weinig, ik ga niet ook dat nog afnemen. Maar dat is geen oplossing. Huisartsen hebben nood aan opleiding, training en tips om in gesprek te gaan met patiënten. Binnenkort komt er een nieuwe richtlijn. Dat is al een eerste stap vooruit.’
onder de loep te nemen en patiënten naar psychologische begeleiding toe te leiden’, zegt CM-voorzitter Luc Van Gorp.
Wie kwetsbaar is, krijgt vaker een pil
Financieel kwetsbare mensen – denk aan de groep die recht op verhoogde tegemoetkoming heeft –gebruiken vaker langdurig antidepressiva wanneer ze door een huisarts worden opgevolgd. Gespecialiseerde zorg is voor hen vaak moeilijker bereikbaar door financiële drempels, wachtlijsten en praktische obstakels. ‘Kwetsbare groepen zijn vaker aangewezen op medicatie dan op therapie, omdat therapie meer kost’, zegt Van Gorp. ‘Dat willen we omdraaien.’
Steeds meer mensen doen een beroep op eerstelijnspsychologische zorg, waarbij sessies bij een psycholoog deels worden terugbetaald. Maar de vraag blijft groter dan het aanbod. CM pleit voor structurele investeringen voor een groter aanbod. Betere samenwerking tussen huisartsen, psychiaters, apothekers en eerstelijnspsychologen kan helpen voorkomen dat patiënten in medicamenteuze trajecten blijven zonder herziening.
Hebt u het ook gezien? Dat moment waarop de champagne ontkurkt werd in de Knesset, het Israëlisch parlement, na de stemming over de invoering van de doodstraf?
Julie Hendrickx Devos, voorzitter beweging.net
Klinken op de doodstraf, poseren met wapens
Palestijnen verdacht van terrorisme kunnen sinds 31 maart de doodstraf door ophanging krijgen en Israëlische parlementsleden vierden dat uitbundig. Deze nieuwe wet stinkt langs alle kanten, omdat enkel Palestijnen die Israëlisch staatsburgerschap bezitten en Palestijnen in de bezette gebieden onder deze rechtspraak zullen vallen. De wet geldt niet voor Joodse burgers met Israëlische nationaliteit of Israëlische kolonisten.
Met andere woorden: dit is discriminatie pur sang. Wéér een nieuwe gedaante van de apartheid in Israël. Laat het duidelijk zijn: terreur is gruwelijk. Wie burgers vermoordt of doelbewust geweld gebruikt tegen onschuldigen, kan daar niet ongestraft mee wegkomen. Het verlangen naar vergelding is menselijk, maar ook gevaarlijk. Juist daarom bestaat de rechtsstaat. Niet om woede te bevestigen maar om te voorkomen dat men hetzelfde wordt als datgene dat men wil bestrijden.
Dan moet niet enkel de vraag gesteld worden welke straf de dader verdient, maar ook hoe de samenleving hiermee verder wil. Een staat die het recht opeist om de doodstraf te geven, begeeft zich op gevaarlijk terrein. Het geeft de indruk dat het oké is om geweld op te lossen met nog meer geweld. Vandaag wordt dit voorgesteld
als een uitzonderlijke maatregel, maar u en ik weten inmiddels dat uitzonderingen ook de norm kunnen worden. Eerst gaat het discours over ‘terrorisme bestrijden’, dan over ‘veiligheid’ en dan over ‘nationale noodsituaties’.
Wie denkt dat dit soort politieke esthetiek alleen elders bestaat, vergist zich. Kijk naar de eerste wapenbeurs in België, waar politici poseerden met vuurwapens alsof ze op de kermis stonden. Die beelden waren misschien minder choquerend dan de champagne bij een doodstrafwet, maar ze komen voort uit dezelfde ideologie. Een samenleving die begint te pronken met haar vermogen om te doden, raakt niet alleen langzaam gewend aan geweld, ze dreigt te vergeten waarom ze ooit graag democratisch wilde zijn.
1.
GEVLEUGELDE STAD
Een open podium voor straatkunstenaars
Het gratis festival
Gevleugelde Stad tovert Ieper drie dagen lang om in een magische plek. Op diverse locaties vind je circus, theater, muziek, dans, poppentheater en vuuracts. Zo wordt de stad een open podium voor straatkunsten van 12 tot en met 14 april.
~ gevleugeldestad.com/het-festival/
2.
KERSENBLOESEMS
Lente op zijn mooist
In de Japanse tuin in Hasselt kan je tijdens de paasvakantie kersenbloesems bewonderen. Begin maart verschijnen de eerste bloemen, half april duimen we voor volle bloei. Als het weer meezit, natuurlijk. Tip: neem je eigen picknick mee en waan je even in een echte Japanse tuin, ver van alle drukte en rumoer.
~ visitlimburg.be/nl/wat-te-doen/ japanse-tuin
KINDEROPVANG
Buitenschoolse
opvang:
basisvoorziening, geen luxe
Lokale besturen rollen het BOA- decreet uit. BOA staat voor Buitenschoolse Opvang en Activiteiten. Het nieuwe decreet legt de middelen van buitenschoolse opvang voortaan helemaal in handen van lokale besturen. Maar het ACV maakt zich grote zorgen over de uitvoering. Zowel aanbod als kwaliteit dreigen erop achteruit te gaan.
Sommige besturen bouwen hun eigen opvang af, privatiseren die of vervangen bestaande initiatieven door opvang in scholen. Hierdoor dreigen kinderen nog meer uren op school te moeten blijven, zelfs tijdens vakantieperiodes. Bovendien dreigt er door een beperking in aanbod onzekerheid voor ouders, waarschuwt sectorverantwoordelijke ACV Puls Nathalie Winters. ‘De opvang na school is onmisbaar, maar je postcode mag nooit bepalen welke zorg een kind krijgt.’
Ook voor begeleiders en personeel zijn de gevolgen groot: minder werkzekerheid en onzekere arbeidsvoorwaarden. Doordat de vaste verhouding van één begeleider per 14 kinderen niet langer verplicht is, stijgt de werkdruk. Het ACV benadrukt dat kwalitatieve opvang een kerntaak van lokale besturen moet blijven.
Stijn Gryp, nationaal secretaris ACV: ‘De kwaliteit van de opvang voor het kind en de rechten van een werknemer mogen niet afhangen van gemeentepolitiek, maar moeten worden gegarandeerd via een Vlaams kwaliteitskader met bindende normen. Buitenschoolse kinderopvang is een basisvoorziening, geen luxe. De sector aantrekkelijk houden is daarom zowel voor de begeleiders als voor de gezinnen van het grootste belang.’
Zieke werknemers zien gewaarborgd loon fors inkrimpen
Sinds 1 januari hebben werkgevers aanzienlijk minder verplichtingen tot betaling van gewaarborgd loon aan werknemers die hervallen in ziekte nadat ze het werk hervatten. Voortaan moeten werkgevers pas na acht weken werkhervatting gewaarborgd loon betalen als de werknemer weer uitvalt. Voorheen was die termijn twee weken. Werknemers die het werk progressief hervatten en daarnaast deels een invaliditeitsuitkering krijgen, ontvangen geen gewaarborgd loon meer, wel een uitkering van het ziekenfonds.
Sonja Diels bevindt zich in dat laatste geval. Ze kreeg onder meer de diagnose CVS (chronische vermoeidheidssyndroom) en fibromyalgie. In 2015 zou ze volledig invalide worden verklaard, maar ze wilde blijven werken. ‘Uiteindelijk mocht ik maximaal halftijds werken. In de praktijk werk ik nu 14 uur per week, als aflos in onze ploeg. Ik vervang de mensen die gaan eten. De ene week is dit in de ochtend en de andere week in de avond. Meer werken lukt gewoon niet.’
‘Je kiest er niet voor om ziek te worden, maar dat lijken werkgevers en beleidsmakers soms te vergeten. Nu komt daar die nieuwe wetgeving bovenop, waardoor je geen aanspraak meer kan maken op gewaarborgd loon. Hoe graag ik ook meer zou werken, omdat alles pro rata wordt berekend, krijg ik bijvoorbeeld geen volwaardig vakantiegeld. Zieke mensen worden uiteindelijk altijd gestraft.’
Bekijk de videogetuigenis van Sonja op Visie.net.
Als ik tussen mijn vrienden zit, ben ik niet ziek. Uitroepteken.
¬ RUDY MORREN
Acteur en schrijver Rudy Morren leeft met parkinson maar dankzij steun en mantelzorg van zijn vrienden is hij er nog, vertelt hij in Humo In de nieuwste documentaire van Nic Balthazar Team Rudy zie je het hele verhaal. CM ondersteunde de docu.
Oplossing
nodig voor niet-toeleidbare werk-
zoekenden en werkloze mantelzorgers
Yana is alleenstaand en zorgt voor haar zoon Dimitri, die een zware handicap heeft. Door de beperking van de werkloosheidsuitkering in de tijd moet ze voortaan rondkomen met een uitkering voor mantelzorgers van amper 761 euro. De video op visie.net waarin ze getuigt is ondertussen al meer dan 100.000 keer bekeken. Het ACV dringt bij minister van Werk Clarinval (MR) aan op een volwaardig statuut voor werkloze mantelzorgers. Met een aangepaste en hogere uitkering. De beperking van de werkloosheidsuitkering raakt ook een grote groep werkzoekenden die door de VDAB als niet-toeleidbaar worden ingeschat. Het gaat om 10.000 mensen voor wie werken in de reguliere of sociale economie op dit moment niet haalbaar is. ‘De armoede bij deze groep dreigt te vergroten’, schreef armoedecoalitie Decenniumdoelen, waar ACV, CM en beweging.net deel van uitmaken, recent in een open brief.
MENTAAL WELZIJN
Jongerenlijn Awel en Kazou bundelen de krachten
Sinds januari 2026 werken Jongerenlijn Awel en vzw Kazou, de jeugddienst van CM, samen. Beide organisaties behouden hun eigenheid en merk, maar brengen hun ruime ervaring in het werken met kinderen en jongeren nu bij elkaar.
Awel en Kazou delen dezelfde missie: kinderen en jongeren kansen geven, veiligheid bieden en hun stem centraal zetten. Kazou vertaalt dat in een ruim vakantieaanbod, terwijl Awel een luisterend oor aan kinderen en jongeren biedt. Zowel Kazou als Awel hebben ruime aandacht voor mentaal welzijn bij kinderen en jongeren.
HET CIJFER
Ilse De Vooght van Awel: ‘Hét grote thema is mentaal welzijn. Ruim de helft van de oproepen gaat daar over.’
Dat mentaal welzijn bij jongeren zeer hoog op de agenda staat, bleek recent nog uit een bevraging van de Scholierenkoepel. Daarin werd aan ruim 34.000 leerlingen volgende vraag voorgelegd: ‘Stel, je bent minister van Onderwijs: wat zou jij als eerste aanpakken? Welke thema’s zijn voor jou prioritair?’ Als topprioriteit kwam mentaal welzijn uit de bus.
~ Bekijk de videoreportage met getuigenissen van jongeren op visie.net.
443.000
Zoveel keer is in maart de V-test gebruikt, de tool van de Vlaamse Nutsregulator om energietarieven met elkaar te vergelijken. Een absoluut record. Ter vergelijking: vorig jaar in maart klokte de V-test af op 110.000.
Met het juiste mobiliteitshulpmiddel ga je vlot, veilig en met een glimlach op pad. Het is geen beperking, maar een sleutel tot vrijheid. op weg, op jouw manier
‘Je hebt geen diploma computerwetenschappen nodig om mee over AI
te
kunnen beslissen’
Niets dat zo snel miljoenen gebruikers kreeg als ChatGPT. Eindeloos scrollen we op Instagram. Facebook en X bepalen het politieke debat. AI-bedrijven zoals Palantir zitten zelfs aan militaire knoppen. We laten ons te snel meeslepen door artificiële intelligentie, vindt Paola Verhaert. Ze roept op tot digitale rechtvaardigheid.
Als technologie een sneltrein is, dan is het zaak om erop te springen, of verweesd achter te blijven in de oude wereld. Maar die beeldspraak verbergt volgens technologie-onderzoeker Paola Verhaert dat we heel wat invloed kunnen uitoefenen op welke technologie we willen en waartoe ze dient. We moeten zelf de richting bepalen, zegt ze. ‘Als het gaat over mobiliteit, onze begroting of de sociale zekerheid weten we dat we recht hebben op inspraak. Bij technologie lijkt het alsof alles ons overkomt.’
Het is dus niet genoeg om in te zetten op digitale inclusie en iedereen mee te krijgen op de digitale trein.
VERHAERT ¬ ‘Meer dan individuele aanmoedigingen om deel te nemen aan de digitale samenleving, moeten we collectief inspraak verwerven in welke technologieën we uitrollen en hoe. In de samenleving en op de werkvloer. Je hebt geen diploma computerwetenschappen nodig om mee te kunnen beslissen over onze omgang met technologie.’
kunnen bijvoorbeeld werknemers bevragen over hoe ze staan tegenover technologie die een werkgever wil introduceren.’
‘Niets is maakbaarder dan technologie. Welke opvattingen ingebed worden in AI-systemen, hoe de winsten uit techtoepassingen verdeeld worden … daar moeten we over kunnen mee beslissen.’
Technologie zou niet mogen binnenkomen zonder dat die een bewezen meerwaarde heeft.
¬
Je blijft op je honger zitten bij politieke partijen omdat ze technologie nauwelijks deel maken van het debat.
VERHAERT ¬ ‘Welke politici maken vandaag een prioriteit van technologie?
Paola Verhaert schreef Technologie is politiek. De strijd voor digitale rechtvaardigheid (2025, Letterwerk).
Ze werkt als onafhankelijk onderzoeker en adviseur digitale rechten voor onder andere middenveldorganisaties.
‘In sommige sectoren, van de industrie tot de zorg, integreren bedrijven AI-toepassingen die het werk zogezegd efficiënter maken. Al sluiten ze soms niet aan op de realiteit van de werkvloer. Het zijn toch net de sociaal werkers of productielijn-operatoren die hun werk het best kennen? Naar hen wordt zelden geluisterd. Zij moeten zich vaak enkel zo snel mogelijk bijscholen. Technologie zou niet mogen binnenkomen zonder een bewezen meerwaarde voor hun werk. Daar ligt een belangrijke opdracht voor vakbonden. Ze
De ministers bevoegd voor digitalisering, Vanessa Matz (Les Engagés) en Matthias Diependaele (N-VA), hebben voornamelijk een economische kijk. Maar technologie kan even goed sociale of culturele doelen dienen en hoeft geen economische winst na te streven. Dat vergt politieke wil.’
‘De Europese Commissie onder Ursula von der Leyen maakt van AI een Europese prioriteit. Ze zei zelfs dat AI ingebed moet worden in elk aspect van ons dagelijks leven. We mogen vooral niet afhankelijk zijn van Amerikaanse bedrijven, klinkt
BIO
PAOLA VERHAERT
PAOLA VERHAERT
¬ Tekst Simon Bellens ¬ Foto’s Sophie Nuytten
Heel wat jongeren vinden houvast in sociale media. Ze zijn niet verslaafd aan sociale media maar aan elkaar.
¬ PAOLA VERHAERT
>>
het. Maar dat zegt weinig over de toekomst die we zelf voor ogen hebben. We willen de Amerikaanse situatie toch niet klakkeloos in Europa kopiëren? De machtsconcentratie van de tech-giganten is zo groot dat ze de democratie ondermijnt. Ik hoop niet dat we bereid zijn om onze sociale beschermingen of publieke investeringen, zoals in gezondheidszorg, te laten vallen om koste wat kost de zogenaamde AI-race te winnen. Dat doen de Verenigde Staten wel. Toch bekijkt iemand als von der Leyen AI alsof het een doel op zich is. We mogen ons niet laten meeslepen door de metafoor van een race. AI op zich leidt niet tot meer welvaart.’
De Europese Unie probeert tech-giganten wel te reguleren. Zo pakt de Commissie nu TikTok aan omdat het te verslavend is. VERHAERT ¬ ‘Daar ben ik een groot voorstander van, en gebeurde dankzij de druk van het Europees Parlement. We moeten sociale media voor iedereen veiliger maken. Niet enkel TikTok maakt zich schuldig aan verslavende functies zoals automatisch afspelende filmpjes waardoor je oneindig kunt blijven scrollen. Het nadeel is dat die aanpak reactief blijft. Zo behouden we als maatschappij een achterstand op het tech-aanbod en kunnen we alleen
proberen om de schade te verhelpen. Ideaal zou zijn om dat om te keren en tech-bedrijven te vragen eerst de maatschappelijke meerwaarde van hun AI-producten te bewijzen voor ze de markt op komen.’
Landen zoals Frankrijk, Australië of Spanje experimenteren met een verbod op sociale media tot vijftien of zestien jaar. Wat vind je daarvan?
VERHAERT ¬ ‘Dat klinkt daadkrachtig, maar verraadt vooral hoezeer volwassenen er zelf mee worstelen. Dat is nogal hypocriet. Het is niet zo dat mensen vanaf hun zeventiende plots wel verantwoord met sociale media kunnen omgaan. Trouwens, misschien is dat contra-intuïtief, maar wetenschappelijk onderzoek spreekt de gevreesde schadelijke impact op mentaal welzijn van jongeren grotendeels tegen.’
‘Heel wat jongeren vinden houvast in sociale media. Ze zijn niet zozeer verslaafd aan sociale media, maar aan elkaar. We onderschatten het vermogen van jongeren om zelf mee te beslissen over hun gebruik.’
‘Voor mezelf ging er als tiener een hele wereld open dankzij Netlog of MySpace. Ik heb er vrienden voor het
leven aan overgehouden. Ik ben helemaal niet tegen nieuwe technologieën, ik ben er net supernieuwsgierig naar.’
Ondertussen zetten overheden, banken, telecombedrijven of winkels vol in op hun digitale diensten. Soms is het onmogelijk om een mens aan de lijn te krijgen als je een probleem hebt. Hebben we een recht op menselijk contact nodig?
VERHAERT ¬ ‘Onlangs sprak het Grondwettelijk Hof zich uit over de dienstverlening in het Brussels Gewest. Die mag niet enkel digitaal, maar moet ook telefonisch, per post en fysiek gegarandeerd blijven. Een belangrijk precedent, dat hopelijk ook de Vlaamse en federale overheid wakker schudt. Het zou niet slecht zijn om dat niet alleen voor overheidsdiensten, maar voor alle essentiële diensten te verplichten.’
Op 28 en 29 mei vindt het Vlaams ACV-Congres plaats in Mol. De thema’s werkdruk en productiviteit, duurzame loopbanen en de werk-privébalans staan centraal. Ook nieuwe technologieën zullen de 400 deelnemers bespreken.
Uitbreiding ‘vrijwillige’ overuren is een goede zaak voor werknemers
Overuren waarbij netto gelijk is aan bruto zijn een slechte zaak voor werknemers. Zij houden minder over dan bij reguliere overuren. Dat komt door het verlies van hun overurentoeslag en omdat die overuren niet voor vakantiegeld en sociale rechten meetellen.
Sinds 1 april is het aantal ‘vrijwillige’ overuren die werknemers mogen presteren tot 360 uur per jaar opgetrokken. Daarbij geldt voor de eerste 240 uur dat bruto gelijk is aan netto en dat je geen recht op een overurentoeslag hebt. Voor de resterende uren is de werkgever wel RSZ verschuldigd, maar heb je evenmin recht op een toeslag. Voor de horeca gelden nog hogere plafonds. De regering-De Wever stelt dit regime voor als voordelig voor werknemer en werkgever, maar uit narekeningen blijkt dat enkel werkgevers ervan profiteren.
Denktank Minerva berekende dat een bediende met tien overuren per maand, een loon
van 20 euro per uur en een toeslag van 50 procent voor gewone overuren meer dan 66 euro netto inboet. Maar liefst een kwart van het eigenlijk verschuldigde loon verdwijnt wanneer netto gelijk is aan bruto. Dat komt doordat de vrijwillige overuren niet meetellen voor de berekening van het bijkomende vakantiegeld en omdat er geen sociale rechten mee opgebouwd worden. Bovendien staat het enorme aantal overuren die gepresteerd kunnen worden gelijk aan meer dan negen volledige werkweken van 38 uur extra.
Het Rekenhof berekende dat de maatregel voor minstens 43 miljoen euro minder sociale zekerheidsbijdragen
per jaar zal zorgen. ‘Overwerken wordt genormaliseerd, met alle negatieve gevolgen voor de gezondheid en werk-privébalans van dien’, klinkt het bij ACV-voorzitter Ann Vermorgen. ‘De impact op de gezinnen is groot, maar ook de kostprijs voor de sociale zekerheid loopt op. Het is duidelijk dat alleen de werkgever voordeel heeft.’
~ Omdat elke sector andere percentages hanteert voor overurentoeslagen is de impact voor elke werknemer anders. Daarom kun je op de website van het ACV zelf de impact op je eigen loon berekenen.
~ www.hetacv.be/tool-overuren
ID/LIEVEN
Karen Mullié, expert patiëntenrechten bij CM
Mag een zorgverlener me vragen mij uit te kleden?
De verhouding tussen patiënt en zorgverlener ligt soms gevoelig, zeker als het om intieme handelingen gaat. Als patiënt weet je niet altijd van tevoren wat je mag verwachten. Een zorgverlener mag je vragen om je uit te kleden als dat nodig is voor een onderzoek of behandeling. Om een griepvaccin te krijgen is het nodig dat je je mouw optrekt. Daar stelt niemand zich vragen bij. Maar bij bijvoorbeeld een gynaecoloog of kinesist ligt minder voor de hand wat ‘normaal’ is. Daarom is communicatie en dialoog essentieel. Een zorgverlener hoort uit te leggen wat hij of zij gaat doen en waarom. Niet meteen in behandelmodus schieten, maar eerst vragen hoe je je voelt, waar je je zorgen over maakt en wat voor jou belangrijk is.
Die aanpak is niet vrijblijvend. De Wet Patiëntenrechten legt meer nadruk op persoonsgerichte zorg: je voorkeuren, wensen en levensdoelen tellen mee, niet alleen je medische situatie. En ze geldt breed, van arts tot kinesist en van tandarts tot zorgkundige.
Ook als patiënt heb je een rol. Bereid je consultatie voor en denk na over waarom je gaat, wat je wilt weten en wat je moeilijk vindt. Voel je je ongemakkelijk bij het uitkleden? Benoem dat en durf te vragen waarom iets nodig is. Je mag ook een vertrouwenspersoon meenemen. Dat recht is in de vernieuwde wet zelfs versterkt.
www.cm.be/nl/ mijn-rechten-als-patient
Kiezen voor natuur levert meer op dan het kost
Mocht er een Europees klassement voor natuurbehoud bestaan, dan bengelde België helemaal onderaan. Tegen september verwacht de EU een plan van aanpak, maar zullen onze regeringen tijdig een voldoende ambitieus plan klaar hebben? ‘Zelfs de sociale zekerheid wint bij investeringen in natuur.’
¬ Tekst Dominic Zehnder ¬ Foto ID/Joren De Weerdt
De staat van onze natuur baart niet alleen biologen en natuurbeschermers kopzorgen. Volgens een iVox-bevraging bij 2.000 Belgen vindt maar liefst negen op de tien natuur belangrijk en is 85 procent gewonnen voor het uitbreiden van natuurgebieden. Intussen is de situatie van onze natuur alarmerend, toont het laatste evaluatierapport van het Instituut voor Natuur en Bosonderzoek (INBO). Dat merk je zelfs in je eigen tuin, waar egels uiterst zeldzame bezoekers zijn geworden – sinds 2024 zijn ze bijna met uitsterven bedreigd. Vogeltellers zien dan weer steeds minder huismu ssen en merels.
Sinds2024isdeegel bijnametuitsterven bedreigd.
‘Maar er zijn ook enkele succesverhalen’, klinkt het bij Jelle Van den Berghe van het INBO. Hij verwijst naar de terugkeer van de bever en de otter, maar ook naar de lepelaar die zich dankzij de effecten van het Sigmaplan opnieuw wist te vestigen. Met dat plan worden de Schelde en haar zijrivieren beter gewapend tegen overstromingen, onder andere door de aanleg van natuurlijke overstromingsgebieden. ‘Zo is een lang aaneengesloten natuurgebied ontstaan. Het succes hiervan toont dat een langetermijnvisie en een wetenschappelijk onderbouwde aanpak lonen.’
Vicieuze cirkel
Rivieren opnieuw meer ruimte geven is een van de doelstellingen van de
Europese natuurherstelwet. ‘Jarenlang hebben we rivieren ingetoomd en onze gronden zoveel mogelijk gedraineerd. Daardoor stroomt neerslag nu te snel weg’, legt Van den Berghe uit. ‘Gevolg is dat we enorm kwetsbaar zijn voor zowel overstromingen als watertekorten. Iedereen herinnert zich de beelden van de zware overstromingen in de Westhoek, maar droogte is een even groot probleem. Enkele jaren geleden heeft het geen haar gescheeld of er was geen water meer uit de kraan gekomen bij de honderdduizenden mensen van wie het drinkwater uit het Albertkanaal komt.’
Ook Olivier Honnay, conservatiebioloog aan de KU Leuven, ziet droogte als een ernstige bedreiging. ‘Onder normale omstandigheden werkt onze grond als een soort van spons die regenwater vasthoudt en traag afgeeft. Maar we hebben grote delen van het land de voorbije decennia stelselmatig drooggelegd, onder andere voor landbouw. Bovendien worden onze zomers steeds warmer en droger. Zo beland je in een vicieuze cirkel, waardoor je alsmaar meer water nodig hebt.’
Klimaatverandering leidt tot extremere weersituaties. Daardoor kampen werknemers in de voedingssector met steeds meer onzekerheid, vertelt Sam* die bij een Belgisch diepvriesbedrijf aan de slag is. ‘Steeds vaker worden mensen op technische werkloosheid gezet. Tot voor kort gebeurde dat vooral bij mislukte oogsten. Maar wanneer het in de wintermaanden plots dagenlang warmer is, zoals afgelopen maanden, dan zijn wintergroenten zoals bloemkool veel minder in trek, daalt de verkoop ervan en blijft de voorraad vol. Technische werkloosheid komt dan eveneens steeds vaker voor. Je bent lang niet meer zeker over je inkomen.’
Niets doen is dus geen optie. Desondanks gaat vooral de lobby van de agro-industrie in het verzet tegen het verplichte natuurherstel. Uitstel en versoepelingen zijn volgens Honnay geen goed idee, omdat het net de voedselzekerheid in het gedrang brengt. ‘Wanneer we het probleem niet snel aanpakken, dreigt het water op te drogen. Door het verlies aan biodiversiteit verdwijnen ook bestuivers zoals bijen en zweefvliegen, neemt het aantal ziektes en plagen toe omdat
natuurlijke vijanden verdwijnen en verslechtert de bodemkwaliteit.’
Bewezen terugverdieneffecten
De economie stimuleren lijkt vandaag belangrijker dan natuurbehoud. Nochtans becijferde het Wereld Economisch Forum dat zowat de helft van het mondiale bruto binnenlands product ten minste deels van de natuur afhankelijk is, en dat het daarom cruciaal is om net wél in te zetten op bescherming. Dat beaamt Inge Liekens, milieueconoom bij VITO. ‘Wanneer je geld in natuurbehoud investeert, zijn de baten doorgaans hoger dan de kosten. Neem nu overstromingsgebieden. De schade aan gebouwen en infrastructuur die zij kunnen voorkomen is miljoenen waard.’
De Europese Commissie becijferde dat elke in natuurherstel geïnvesteerde euro 8 tot 38 euro oplevert. Volgens een studie die Liekens in opdracht van Natuurpunt uitvoerde, kan dat bij bepaalde projecten zelfs tot 51 euro oplopen. Opvallend genoeg gaat dat niet alleen over het creëren van banen door recreatie en toerisme. Ook de uitgaven voor gezondheidszorg zijn in die berekening opgenomen. ‘Onderzoek toont: wie in een groene omgeving woont of regelmatig in de natuur vertoeft, wordt minder vaak ziek en heeft dus minder ziektekosten. Zo wordt vooral een effect waargenomen op beroertes, diabetes, depressies en angststoornissen. Daarnaast gaan
mensen vaker wandelen, lopen of fietsen als ze groen in de buurt hebben. Dat heeft een bijkomend gunstig effect op hart- en vaatziekten.’
Bovendien staat natuurherstel niet haaks op economisch landgebruik, meent Olivier Honnay. ‘We staan nu met de rug tegen de muur omdat er al 40 jaar lang geen knopen doorgehakt worden. Er zullen harde keuzes nodig zijn om aan de normen te voldoen, maar dat betekent niet dat niets meer mogelijk is. Uiteraard moet je de landbouwers niet aan hun lot overlaten, maar hen financieel steunen of passend uitkopen waar nodig’, aldus de bioloog.
*Volledige naam bekend bij de redactie
UITGELEGD
Wat is de Europese natuurherstelwet?
Doordat natuur en biodiversiteit in de hele EU zwaar onder druk staan, werd de natuurherstelwet in het leven geroepen. Die zegt dat lidstaten tegen 2030 in minstens twintig procent van de natuur die vandaag niet in goede staat is herstelmaatregelen moeten nemen. Tegen 2050 moeten in 90 procent van die gebieden de ingrepen aangevat worden. Daarvoor moeten alle lidstaten ten laatste na de zomer een bindend plan van aanpak indienen.
Beweging.net pleit ervoor om daar spoedig werk van te maken: ‘Net door de hoogdringendheid en de vele maatschappelijke baten, vragen we een ambitieus natuurherstelplan. Samen met het brede middenveld.’
Riksjarijden
Met de vroege lentezon op het gezicht maken enkele bewoners van WZC Ruggeveld in Deurne met de riksja een tocht door Antwerpen. Bestemming: het MAS aan de Schelde. Daar drinken ze een koffie. Vrijwilligers van RiksjaRijden bezorgen mensen die minder mobiel zijn een fijne uitstap met riksja’s en andere aangepaste fietsen.
Ook wie zich moeilijk kan verplaatsen in de Antwerpse binnenstad, kan een rit aanvragen. Daarvoor betaal je wat binnen je eigen mogelijkheden ligt. ‘Fietsen met zo’n riksja vergt wat oefening’, zegt vrijwilliger Wendy. ‘Maar je verruimt er de leefwereld mee van mensen die anders moeilijk buitenkomen, zoals ouderen, slechtzienden of wie moeilijker ter been is.’
¬ Foto Maarten De Bouw
Kwade klanten zet ik even in wacht om hen te laten afkoelen’
‘Hallo, hoe kan ik u helpen?’ In de jungle van chatbots, wasmachines, tablets en smartphones weet klantenservicemedewerker Zoë* altijd de perfecte toon te vinden om klanten verder te helpen. Ook al koken die soms over. ‘Klanten zijn soms gewoon op zoek naar wat menselijk contact.’
¬ Tekst Lies Van der Auwera ¬ Illustratie Peter Goes
Een hele dag aan de lijn hangen met klanten kan best vermoeiend zijn’, steekt Zoë van wal. Werken als klantenservicemedewerker voor een elektronicawinkel is een dagelijkse training in geduld en in oplossingen leren denken. En dat alles met een glimlach. ‘Ik krijg veel energie van gesprekken waarin ik dingen kan oplossen voor de klant. Ik hoor een duidelijk verschil in tempo tussen klanten. Bij de gejaagde stadsmens moet alles snel gaan, terwijl ik evengoed een boer aan de lijn kan hebben. Ik kom net van mijn veld, opent die het gesprek dan.’
Scheldpartij
‘Het belang van een dankjewel op het einde van een gesprek, is niet te onderschatten. Ook als we het probleem niet hebben kunnen verhelpen,
Het geduld van mensen tijdens corona is alweer vervlogen.
¬ KLANTENSERVICEMEDEWERKER ZOË
zijn we vaak lang in de weer met zoeken naar oplossingen.
Dankjewel is dan in feite de erkenning voor alle moeite. Omgekeerd zuigt het me leeg wanneer klanten me bot behandelen en inhaken zonder gedag.’
‘Kwade klanten vormen nog een andere categorie. In het begin vond ik ze heel moeilijk, maar al snel besliste ik hun gedrag niet te aanvaarden. Wanneer een klant me persoonlijk aanvalt, onderbreek ik ze meteen: Ofwel kalmeert u, ofwel moet ik de lijn verbreken. Een extreme scheldpartij is me gelukkig nog niet vaak overkomen.’
‘Als ik merk dat een klant begint over te koken, dan zet ik hem even in de wacht met de melding: Ik ga al even aan de slag voor u. Zo kan die klant al wat afkoelen. Vaak werkt dat ook echt.’
Zwarte lijst
‘Klanten kunnen helemaal overstuur raken door aanslepende reparaties. Zo was er een klant met een kapotte wasmachine, waar de was zich bleef opstapelen terwijl de kinderen op kamp moesten vertrekken. Een vervelende situatie, waarbij ik probeer mee te zoeken naar tijdelijke oplossingen, zoals hulp inroepen van buren.’
Een dankjewel op het einde van een gesprek is de erkenning voor de moeite die we doen.
¬
KLANTENSERVICEMEDEWERKSTER ZOË
‘Een kapotte koelkast kan ook heel lastig zijn voor wie medicijnen koel moet houden. Sommige buurtapotheken hebben een noodijskast. Dat soort tips geef ik dan mee, want reparaties hebben we niet zelf in de hand.’
‘De snelheid waarmee je vandaag online, vanuit je luie zetel, kunt bestellen, is duizelingwekkend. Vandaag besteld, morgen in huis, dat beloven ook wij. Als het pakje er niet tijdig is, hangen klanten al gauw aan de lijn. Enkel tijdens corona leken mensen bezorgdiensten even een break te geven. Maar dat geduld is alweer vervlogen.’
‘Heel wat mensen doen impulsaankopen, die ze vervolgens terugsturen met meldingen als Ik vond het kleurtje niet mooi. Er zijn klanten die kopen, terugsturen, kopen, terugsturen. We hebben een apart team dat klanten filtert op hun retourgedrag. Blijft het na een waarschuwing duren, dan vliegen ze op de zwarte lijst.’
Oma aan de chatbot
‘Wie vandaag op onze site naar een telefoonnummer zoekt, is eraan voor de moeite. Klanten moeten eerst via een chatbot contact opnemen. Pas in een volgende fase contacteren we hen mogelijk telefonisch. Die strategie past in de logica van het bedrijf om efficiënter te werk te gaan. Maar heel wat klanten uiten hun ongenoegen daarover. Begrijpelijk, vind ik. Mijn oma vindt haar weg bij ons niet meer zonder hulp.’
‘Onlangs kreeg ik een oudere dame aan de lijn met een vraag over haar kapotte stofzuiger. Al gauw volgt er dan een heel levensverhaal. Dan blijkt die stofzuiger gewoon een excuus om even iemand te horen.’
‘Ook wij ontsnappen helaas niet aan phishing. Alle leeftijden lijken er trouwens in te trappen. Zo kregen we vragen van jongeren die wilden weten waar hun beloofde iPhone van één euro bleef. Dan weet ik meteen hoe laat het is. De meeste mensen vallen echt uit de lucht als ik hen adviseer om hun bankkaart meteen te blokkeren. Ronduit droevige verhalen.’
PENSIOENPROTEST
Stuur met één klik een protestmail naar de regering
Een brede coalitie van middenveldorganisaties, waaronder het ACV en Femma, roept burgers op zich te verzetten tegen de geplande pensioenhervorming. Die hervorming treft vooral vrouwen, die vandaag al gemiddeld 387 euro minder pensioen dan mannen ontvangen. Door strengere voorwaarden voor vervroegd pensioen en een pensioenmalus zal die kloof nog verder toenemen. Op 12 maart kwamen al 100.000 mensen op straat om hun stem te laten horen. Nu kunnen burgers via een online actie met één klik een protestmail sturen naar meer dan 90 federale politici van de meerderheidspartijen. De organisaties vragen de regering te kiezen voor een eerlijk en haalbaar pensioenstelsel.
Ga naar pensioenshervorming.lovable.app
‘BEPERKT FICTIEF LOON’
ACV vecht pensioenplannen aan voor Raad van State
Het ACV start een eerste juridische procedure tegen de pensioenplannen van minister Jambon (N-VA). Samen met het ABVV trekt het naar de Raad van State om het zogeheten Koninklijk Besluit ‘Beperkt Fictief Loon’ te laten vernietigen. Dat KB verlaagt de pensioengelijkstelling voor onder meer het eerste jaar werkloosheid, deeltijds werk met een inkomensgarantie-uitkering en bepaalde SWT-regelingen. Het KB zelf verscheen eind januari 2026 in Het Belgisch Staatsblad, maar de regering wil de nieuwe regels retroactief toepassen vanaf februari 2025.
Een totaal onrechtvaardige en juridisch kromme maatregel, vindt het ACV. Werknemers zien hun toekomstig pensioen plots dalen doordat de regering en cours de route de regels wijzigt. Anne Léonard, nationaal secretaris ACV, waarschuwt daarbij voor de verarming die dreigt voor veel toekomstige gepensioneerden. ‘We roepen op om de pensioenhervorming te herbekijken, met oog voor de sociale gevolgen.’ Ook andere onderdelen van de pensioenhervorming riskeren voor de rechtbank te sneuvelen. Als de huidige pensioenhervormingswet groen licht krijgt in het parlement, sluiten de vakbonden bijkomende stappen niet uit.
Vacature
CM zoekt:
• Aankoper IT Openbare Aanbestedingen – Schaarbeek
• Category manager - IT, Security en Datacom – Schaarbeek
* Zoë is een schuilnaam
~ www.cm.be/jobs
Burenbinder brengt mensen dichter bij elkaar in Sint-Antonius
Een zorgzame wijk ontstaat niet vanzelf. Met Burenbinder slaan CM, Hogeschool UCLL, de gemeente Zoersel, Samana en de buurtbewoners de handen in elkaar om buren op een speelse manier met elkaar te verbinden.
¬ Tekst Philip Hoorne ¬ Foto Patsie Borgers / CM
Kleine gebaren opnieuw vanzelfsprekend maken
Hoewel mensen dicht bij elkaar wonen, leven ze toch vaak op een eiland. Ze zeggen elkaar goeiedag, maar daar blijft het soms bij. Zo wordt hulp vragen of iets doen voor een ander nogal moeilijk. Intussen neemt de druk op mantelzorgers en professionele zorgteams verder toe.
Sinds augustus 2025 wordt in SintAntonius, een dorp in de gemeente Zoersel, de methodiek Burenbinder uitgetest. Die richt zich op kleine vormen van wederzijdse steun, informele hulp en sterkere sociale weefsels. Sint-Antonius is een van de plekken in Vlaanderen waar het concept wordt uitgeprobeerd.
Volgens Liana Dooms, netwerkcoördinator bij CM, past dat helemaal in een bredere kijk op welzijn. ‘Mensen hebben goesting
om iets voor elkaar te betekenen’, zegt ze. ‘Maar hun talenten en noden blijven vaak onder de radar. Met Burenbinder brengen we daar verandering in.’
Zorg draait voor CM niet alleen rond medische ondersteuning, maar ook rond sociale netwerken. ‘Voor ons stopt zorg niet aan de ingang van een praktijk of woonzorgcentrum’, benadrukt Liana. ‘We geloven in buurten waar mensen elkaar vinden, waar helpen iets heel normaal is.’
Een spel dat anders naar de buurt laat kijken
Burenbinder werkt verrassend eenvoudig: via een spelvorm krijgen deelnemers een fictieve buurt voorgeschoteld. In de huisjes wonen personages met vaardigheden, eenvoudige vragen en kleine uitdagingen. Samen zoeken de spelers naar logische banden tussen de personages.
Een oudere inwoner die worstelt met digitale tools vindt een buur die vlot met de computer overweg kan. Een alleenstaande ouder krijgt hulp van iemand die graag klust. ‘Het spel is licht en toegankelijk, maar tegelijk heel diepgaand,’ stelt Liana. ‘Mensen voelen tijdens het spelen hoeveel mogelijkheden een wijk in zich draagt.’
Van kennismaken naar samenwerken
In november volgde tijdens een buurtontbijt een eerste spelronde. Er werd geluisterd naar wat er leeft bij de bewoners. In maart, tijdens Lentezondag, werd gespeeld met echte kaartjes van bewoners. De oefening werd concreet gemaakt. Achteraf konden mensen napraten bij een hapje en drankje, en elkaar beter leren kennen. ‘De overstap van fictief naar echt is cruciaal’, aldus Liana. ‘Plots gaat het over jouw straat en jouw buren. Informele zorg vervangt professionele zorg niet, maar vult die aan.’
Van Zoersel naar Vlaanderen
Het proefproject loopt een jaar. Dan volgt een evaluatie en als die positief uitvalt,
Antwerpse burgercoöperaties halen raamcontract voor zonneprojecten binnen
‘We geloven in buurten waar mensen elkaar vinden, waar helpen iets heel normaal is.’
LIANA DOOMS
komt er een draaiboek voor andere steden en gemeenten. ‘Dit project toont hoe krachtig een buurt kan zijn’, besluit Liana. ‘Als mensen elkaar leren kennen, groeit vanzelf vertrouwen en de wil om iets voor elkaar te doen. Dat is de kern van een zorgzame buurt.’
Lokale overheden versnellen verduurzaming dankzij VEB-raamcontract waarbij burgercoöperaties zonnepanelen installeren op publieke gebouwen
Het Vlaams EnergieBedrijf (VEB) heeft het raamcontract voor zonnepanelen opnieuw toegewezen aan een consortium van burgerenergiecoöperaties. Daardoor kunnen publieke organisaties - van lokale besturen en scholen tot andere aanbestedingsplichtige instellingen – zonder eigen aanbesteding zonnepanelen laten installeren op hun gebouwen
Het raamcontract wordt uitgevoerd door een consortium van energiecoöperaties. Voor de provincie Antwerpen gaat het dan om Campina Energie, Ecopower, Klimaan, ZuidtrAnt.
‘Door de investeringen van grote zonnedaken te dragen met burgerkapitaal betrekken publieke organisaties burgers, buren, collega’s of ouders bij het energieverhaal. Zo bevorderen en versnellen we samen de energietransitie. Een belangrijk aspect voor onze energiecoöperatie is dat burgers mee delen in de winst, en de investering zo terug vloeit naar de lokale economie,’ klinkt het bij Sophie Loots van ZuidtrAnt, een van de betrokken coöperaties.
Binnen het raamcontract nemen de energiecoöperaties de financiering, realisatie en het beheer van de installaties op zich. De betrokken organisatie neemt gedurende 10, 15 of 20 jaar de geproduceerde elektriciteit af tegen een vooraf vastgelegde prijs. Nadien worden de zonnepanelen kosteloos overgedragen.
‘Voor Klimaan is deze gunning enorm belangrijk. De afgelopen jaren mocht Klimaan via het VEB-raamakkoord een tiental zonnedaken realiseren, en ook voor 2026 zitten er enkele mooie projecten in de pijplijn. De nieuwe gunning zorgt voor de nodige continuïteit, waardoor we in onze regio snelheid kunnen maken in de energietransitie,’ aldus Tim Hermans van Klimaan.
‘Ook wij werkten de voorbije jaren al via dit raamcontract en het merendeel van onze huidige 32 zonnedaken kwam via deze weg tot stand. Veel organisaties willen wel vergroenen maar kunnen de investering niet dragen. Met de verlenging van dat raamcontract kunnen we opnieuw iedereen meenemen in de transitie en helpen we lokale overheden hun verplichtingen te behalen,’ beaamt Sophie Loots.
meer info over de energiecoöperaties in de provincie Antwerpen: www.ecopower.be www.campinaenergie.be www.klimaan.be www.zuidtrant.be
CONTACTEER JOUW REGIO
ACV provincie Antwerpen ¬ 02 244 30 00 ¬ CM provincie Antwerpen ¬ 02 204 32 10 ¬ beweging.net provincie Antwerpen ¬ 014 40 31 51
‘Brussel verdient meer dan 24 pagina’s’
Wat betekent het nieuwe Brusselse regeerakkoord voor de stad? Voor BRAL laat het akkoord vooral vragen achter. Met zijn 24 pagina’s staat het in schril contrast met de 130 pagina’s van de vorige coalitie. ‘Dat dunne formaat is symbolisch’, zegt Geoffrey Usé van BRAL. ‘Het regeerakkoord voelt meer als een samenvatting dan als een toekomstvisie.’
¬ Tekst Tijs De Geyndt, Maely Geerts & Roxana De Ceukelaire
¬ Foto Michael De Lausnay
De Brusselse stadsbeweging BRAL komt op voor leefkwaliteit, democratie en duurzaamheid in de hoofdstad. De beweging mocht recent 50 kaarsjes uitblazen. Geoffrey Usé, sinds december nieuwe coördinator van BRAL, kijkt kritisch naar het nieuwe Brusselse regeerakkoord. Voor BRAL ontbreekt vooral één helder kompas: duurzaamheid. Niet alleen ecologisch, maar ook sociaal en economisch. ‘Duurzaamheid zou de ruggengraat van elk hoofdstuk moeten zijn, maar duikt nauwelijks op’, stelt Usé. ‘Economie wordt herleid tot vage ambities over gezonde financiën, zonder antwoord op de vraag hoe je mensen duurzaam en waardig aan werk helpt. Zinvol werk met oog voor levenskwaliteit, lijkt geen prioriteit.’
Ook in de hoofdstukken over mobiliteit en stedelijke planning ziet BRAL geen duidelijke keuzes. Luchtkwaliteit wordt bijna uitsluitend als mobiliteitsvraagstuk behandeld, terwijl ook huisvesting, ruimtelijke ordening en groene ruimte cruciale hefbomen zijn. ‘Dat luchtkwaliteit enkel onder mobiliteit valt, is eigenlijk vreemd’, vindt Usé. ‘Je kunt geen gezonde lucht beloven als je andere bepalende factoren ongemoeid laat.’
Democratie versus participatie?
Op democratisch vlak is BRAL minstens even kritisch. In plaats van democratie en participatie als bondgenoten te zien, zet het regeerakkoord ze volgens de organisatie tegenover elkaar. ‘De reflex is:
wij zijn verkozen, dus wij weten hoe het moet, en het middenveld moet gewoon volgen’, zegt Usé. ‘Maar dat is niet hoe een volwassen democratie werkt. Je ondergraaft het model dat ons juist zoveel vooruitgang heeft gebracht.’
Dat gevoel wordt versterkt doordat er, na meer dan 600 dagen onderhandelen, zo weinig van de beleidsvoorstellen door ervaring van organisaties op het terrein in het akkoord is terug te vinden. Voor
BRAL is dat tekenend voor een bredere politieke trend, waarin expertise van bewonersorganisaties en verenigingen wordt miskend. ‘We voelen weinig erkenning voor de kennis die in buurten aanwezig is’, aldus Usé. ‘Terwijl net daar de concrete oplossingen leven.’
Traag maar duurzaam: coconstructie
BRAL pleit daarom voor beleid dat samen met bewoners, organisaties en experten wordt uitgetekend, vanaf het begin van de rit. Dat vraagt tijd en openheid, maar levert op termijn veel meer op. ‘Een constructieve dialoog is trager, maar ze gaat wél verder’, zegt Usé. ‘Als je de voor bereiding degelijk doet, verloopt de uitvoering nadien vlotter én krijg je duurzamere resultaten. Nu worden projecten vaak pas voorgesteld als ze zo goed als af zijn. Dan is inspraak haast per definitie conflict.’
‘Brussel moet ecologie, sociale rechtvaardigheid, economie en democratie met elkaar verbinden’
¬ GEOFFREY USÉ
Volgens BRAL is het precies die omslag die Brussel vandaag nodig heeft: van beleid dat dossiers afvinkt naar beleid dat samen met de stad groeit. ‘Brussel verdient meer dan 24 pagina’s,’ besluit Usé. ‘Het verdient een ambitieus verhaal dat ecologie, sociale rechtvaardigheid, economie en democratie met elkaar verbindt. Zolang dat ontbreekt, zal het middenveld blijven duwen en trekken – niet uit tegenzin, maar uit liefde voor deze stad.’
MEER BEWEGING VOOR KINDEREN
Brullen, vliegen en klimmen met Ouderstreken en Kinderpret
Kinderen bewegen minder dan vroeger. ‘Jammer, want bewegen is noodzakelijk voor hun ontwikkeling’, zegt slaap- en kindercoach Charline Borghgraef. Dat merkt ook Bryan Holvoet uit Bekkevoort, papa van twee dochters van vier en zes. Hij volgde samen met zijn gezin een sessie Ouderstreken en Kinderpret.
¬ Tekst Cynthia Bulteel ¬ Beeld Wim Moortgat ‘Kinderen worden voortdurend gestuurd. Tegen de avond zit hun emmer vol en die moet leeg’, zegt Charline. ‘Daarom hebben ze een stuitermoment nodig: springen, rollen, dansen. Eerst de spanning eruit, daarna komt rust. Bonus: ze slapen erna vaak beter.’
Tien minuten is genoeg
Toch is samen bewegen niet altijd vanzelfsprekend. Drukke agenda’s en vermoeidheid maken het lastig. ‘Dan is de tv al snel een oplossing’, zegt Charline. Ouders willen wel bewegen met hun kind, maar hebben geen tijd of weten niet hoe. Gelukkig maakt tien tot vijftien minuten bewegen al een verschil.’
Daarom ontwikkelde Charline samen met CM de sessie Ouderstreken en Kinderpret voor (groot)ouders en peuters. Tijdens het verhaal Op safari trekken ouder en kind samen op een speelse expeditie: ze klimmen als aapjes in bomen en sluipen als een leeuw door het gras.
Bryan: ‘Het verhaal werkt echt. De kinderen gaan er helemaal in op en bewegen enthousiast mee! Na afloop kregen we een kaartje mee naar huis met oefeningen. Die hebben we nadien nog eens gedaan. De kinderen vonden het supertof om opnieuw in dat verhaal te duiken.’
Dansen en dutten
Actie en rust wisselen elkaar af: van speelse yoga tot relaxerende massage. ‘Na de sessie kwamen de kinderen helemaal tot rust’, zegt Bryan. ‘En we hebben ook gewoon veel geknuffeld, heerlijk!’
~ Info en inschrijven: cm.be/agenda
~ Volg Charline via @lune_littledreamers of surf naar www.lunelittledreamers.be.
LEVEN MET DIABETES TYPE 2
‘Je leert van elkaars ervaringen’
Eén op de tien volwassen Belgen heeft diabetes type 2. Toch weet één op de drie mensen met diabetes dat niet. Om patiënten te ondersteunen bij een gezondere levensstijl, ontwikkelde CM het programma ‘Gezond op weg met diabetes type 2’.
¬ Tekst Natalie Van den Heule
Naar schatting 1 tot 1,14 miljoen Belgen hebben diabetes type 2. Dat aantal blijft stijgen. Een gezonde levensstijl – zoals gezonde voeding en voldoende beweging –kan de ziekte niet genezen, maar heeft wel een positief effect op de verbetering van bloedsuikerwaarden.
Al is je levensstijl aanpassen niet altijd makkelijk. Dat kan Marga Vanhout beamen. Enkele jaren geleden gooide diabetes type 2 haar leven volledig overhoop. Van diëtisten kreeg ze de raad om haar voeding aan te passen, maar hoe doe je dat en hoe blijf je gemotiveerd? De doorbraak kwam er toen Marga het leefstijlprogramma van CM ontdekte. ‘Ik had meteen het gevoel: dat is het!’, vertelt ze. ‘Eindelijk werd ik gemotiveerd om alle
bruikbare tips toe te passen! Op korte tijd heb ik zoveel bijgeleerd. Vroeger stond ik in de supermarkt vaak te twijfelen of ik iets wel of niet mocht eten. Sinds we in groep een hoop verpakkingen samen onder de loep namen, ben ik veel zekerder van mijn stuk. Leren leven met een ziekte doe je stapje per stapje en af en toe val ik nog wel eens.’
Haalbare verandering
‘Gezond op weg met diabetes type 2’ is een laagdrempelig en wetenschappelijk onderbouwd groepsprogramma. ‘Het doel is om het gedrag van de deelnemers positief te beïnvloeden. Het is pas als mensen stap voor stap anders gaan leven, dat we de echte gezondheidswinst zien’, vertelt Lies Vandebriel, gezondheidsconsulente van CM Limburg. ‘De focus ligt niet op
strenge regels, maar op haalbare verandering. Deelnemers krijgen vooral praktische tips, zodat ze zelf opnieuw de regie over hun gezondheid kunnen nemen.’
‘Ik voel voor het eerst ook aan den lijve dat het nut heeft om mijn leefstijl aan te passen’, vult Marga aan. ‘Ik ben gewicht verloren, en als ik een wondje heb, geneest dat veel sneller. Mijn suikerwaarden zijn gezakt. De dokter heeft zelfs gezegd dat ik op termijn misschien weer zonder medicatie kan.’
<< Lies Vandebriel : ‘De succesverhalen van de mensen die met het leefstijlprogramma aan de slag gegaan zijn, bewijzen dat het werkt.’
Je leefstijl aanpassen doe je stap voor stap en ja, soms val ik nog wel eens
¬ MARGA VANHOUT
Lotgenoten
De groepsaanpak van het leefstijlprogramma is een bewuste keuze. ‘Lotgenotencontact is echt een rode draad’, vertelt Vandebriel. ‘Mensen herkennen zich in elkaars verhalen, leren van elkaar en vinden steun bij elkaar. Dat maakt een groot verschil.’
‘Het sociale aspect is een echte meerwaarde’, bevestigt Marga. ‘Omdat iedereen de ziekte op een andere manier beleeft, stelden de anderen vragen die niet in mij opkwamen, maar die ook voor mezelf relevant waren. Je leert van elkaars ervaringen.’
Het leefstijlprogramma duurt drie maanden en bestaat uit een aantal individuele coachingsessies, aangevuld met informatieve en praktijkgerichte groepsmomenten. Naast diabeteseducatoren, diëtisten, beweegcoaches en psychologen spelen ook de gezondheidsconsulenten van CM een belangrijke rol. ‘We volgen deelnemers individueel op’, zegt Vandebriel. ‘In persoonlijke gesprekken werken we samen een traject op maat uit, met eigen doelstellingen en een persoonlijk actieplan waarmee ze ook na afloop verder kunnen. Na afloop van het traject volgt een eindgesprek en een gezamenlijk terugkommoment. We horen succesverhalen van mensen die hun gezondheid echt in handen hebben genomen en aan de slag zijn gegaan met alles wat ze geleerd hebben. Voor ons het bewijs dat dit programma werkt.’
www.cm.be/agenda
Rerum Novarum
Rerum Novarum is hét feest van onze sociale beweging. We houden een pleidooi voor rechtvaardigheid, solidariteit en waardigheid voor iedereen. Iedereen is welkom op dit gezellig netwerkevent.
Dinsdag 12 mei 2026, vanaf 18.30 uur. Macca Club (Het Dorp 27a, Hasselt)
Na een welkomstwoord door onze voorzitter Rik Bloemen is er een cultuurbabbel ‘Explore art, engage and connect with others’, gemodereerd door Thomas Blommaert (hoofdredacteur Visie), met:
¬ Jo De Smet , gedelegeerd bestuurder van Raak
¬ Lies Serdons, choreografe en directeur Kunstplaats Vonk
¬ Layla Önlen , actrice en performer
¬ Leandro Cinu s, vormingswerker Arktos, bezieler Klub Karbon
¬ Karolien Mondelaers, schepen van cultuur Hasselt.
Nadien verwelkomen we je op onze netwerkreceptie.
Voorafgaand bieden we ook nog een keuzeprogramma in de namiddag:
¬ Workshop ‘chocolade en jenever’ (Jenevermuseum)
¬ Architectuurrondleiding met gids in Z33 en Begijnhof (Z33)
¬ Street Art Route met gids (centrum Hasselt)
¬ Sporen van het koloniale verleden en heden (rondleiding doorheen centrum Hasselt)
Praktisch:
Deelnemen voor het namiddag- en avondprogramma is gratis, maar inschrijven is verplicht (voor 4 mei). De volledige info vind je via www.beweging.net/renolimburg of scan de QR-code hieronder.
(Voor het namiddagprogramma zijn de plaatsen beperkt, dus snel zijn is de boodschap).
Meer
ZANGERES NADIYA UIT OUDENAARDE OVER DE OORLOG IN IRAN
Intense emoties tussen hoop en verdriet
Het eerste wat opvalt in de woonkamer van Nadiya Mehdizadeh is de heel speciaal aangeklede tafel. Voor Perzische mensen is dit de periode van Nowruz, het nieuwjaar waarin het licht terugkeert en de hoop opnieuw mag groeien. ‘Maar dit jaar voelt alles anders, ook al is de oorlog duizenden kilometers ver weg’.
¬ Tekst Koen Browaeys ¬ Foto James Arthur
Nadiya woont sinds enkele jaren met haar gezin in Oudenaarde. Daar kennen ze haar vooral als een vrouw met een krachtige stem, die protestliederen brengt over vrijheid, gerechtigheid en de positie van vrouwen in Iran. Nu repeteert ze keihard voor Lokale Helden, het project dat op 25 april verschillende Oudenaardse muzikanten op een podium samenbrengt. ‘Het doet deugd om met muziek bezig te zijn. Muziek maakt verbinding. Het geeft me net dat beetje ademruimte.’
Wanneer ontdekte je dat je met jouw stem mensen kon raken?
‘Toen ik al in België woonde, want in Iran is het niet toegestaan om als vrouw te zingen. In de school waar ik werk was er een talentshow. Ik schreef me zomaar in en zong
één lied. Mensen vonden het mooi, en ik was zelf verrast door de reac ties. Plots vroeg een musicalgezelschap of ik drie nummers wilde brengen. Daarna vroeg een groepje, The Ledebirds, of ik wilde meezingen — ook in mijn eigen taal. En dan ging het ineens snel. De bal rolde vanzelf. Tot corona alles stillegde.’
Corona bleek een donkere periode. Je verliest je publiek, je podium, je zuurstof. Na de pandemie pikte het Oudenaardse cultureel leven haar op en gaf nieuwe kansen om op te treden. ‘Dat was het moment waarop mijn muziek opnieuw adem kreeg. Nu treed ik met mijn band regelmatig op.’
Nadiya’s stem bleef echter niet beperkt tot de Oost-Vlaamse podia. Via Instagram kreeg ze steeds meer volgers - vooral toen
de naam van Mahsa Amini de wereld rondging. De jonge Iraanse vrouw stierf na haar arrestatie door de zedenpolitie, omdat haar hoofddoek niet ‘correct’ zat.
‘Vanaf dat moment kreeg mijn muziek nieuwe betekenis. Ik postte video’s, liederen, boodschappen over vrouwen rechten. En ineens ging het allemaal heel snel. Mijn posts werden massaal gedeeld. Te veel, eigenlijk. Want succes bracht gevaar. Op een dag werd mijn broer opgepakt door niet-geu niformeerde agenten. Mijn mama smeekte me om te stoppen. Zelfs hun telefoon werd afgeluisterd. Ik kon toen niet anders dan ophouden met posten. Als ik bleef doorgaan, mocht ik mijn familie zelfs niet meer zien in Turkije of Armenië. Het is hard om je eigen stem het zwijgen op te leggen. Maar soms is veiligheid het enige dat telt.’
Het intense oorlogsgeweld in jouw land, raakt je heel zwaar.
‘De situatie in Iran maakt mij soms gek. Het grijpt me vast, van ’s morgens tot ’s avonds. Maar ik ben gelovig. Ik bid veel. Dat helpt. Het haalt de scherpe randjes van de angst.’
Voor Oudenaarde is Nadiya een lokale heldin. Maar ook ver daarbuiten is ze een vrouw die blijft zingen, zelfs wanneer de wereld rondom haar in scherven lijkt te vallen.
Nadiya vertelde vroeger al dat ze zich in Iran bekeerde tot het Christendom. Een daad waar haar familie eerst niet echt opgezet mee was, want in haar land staan daar heel zware straffen op. Haar man werd later Christen.
‘Contact nemen met mijn familie is voor mij al jaren moeilijk. En sinds december, toen de revolutie aanwakkerde, was het bijna onmogelijk om met mijn vader en moeder te praten. De controle door de Iraanse politie is enorm. Je mag géén fout maken. Toen de oorlog uitbrak, werd de stilte nog dieper.’
Maar het bloed kruipt waar het niet gaan kan. Via een omweg lukt het om jouw ouders in Iran te spreken?
‘Via een vriendin in Turkije – zij heeft een Iraanse simkaart – kon ik eindelijk met mijn ouders praten. Door twee telefoons tegen elkaar te houden, zodat geen nummer getraceerd kon worden. Ik heb zoveel
geweend tijdens dat gesprek. Maar mijn ouders zeiden dat ik me geen zorgen moest maken. Dat zij oké waren. Mijn familie woont in het noorden van Iran, in een kleine stad die voorlopig gespaard blijft van het geweld. Niet dat de oorlog veraf is. In de havenstad vlakbij waren er al zware bombardementen. Elke dag hoop je dat niemand jou belt met slecht nieuws.’
Tussen oorlog en hoop
Over de oorlog spreekt Nadiya met een mengeling van verdriet, angst en verwar ring.
‘We moeten toezien hoe ze ons land kapot maken. Gebouwen, geschiedenis, levens. De energievoorzieningen… Het kan jaren duren voor alles hersteld is. En er vallen veel onschuldige slachtoffers. De schuilplaatsen en installaties van de religieuze leiders liggen pal naast scholen en zieken huizen. Het regime gebruikt mensen als levend schild. Zoals in Gaza, ja… Er zijn zelfs heuse ondergrondse steden, waar de leiders zich kunnen verschuilen.’
‘En toch hoor je in de straten van Teheran en andere fel belaagde grote steden ‘Bravo Trump, doe maar verder…’ Hoe cynisch het ook klinkt: deze oorlog, hoe vreselijk ook, voelt voor hen beter dan verder leven onder het regime. Maar massa’s – vooral heel arme - mensen scharen zich achter de religieuze leiders. In ruil voor geld moeten hun kinderen dan strijden voor het regime.’
‘Hoe dan ook, we beseffen dat als deze oorlog stopt en het regime van de Ayatollas er nog is, ze nog harder zullen optreden. Naar het eigen volk, maar ook naar Europa en de wereld toe. Alleen dat idee al maakt mij soms gek.’
Muziek om te overleven
‘Midden in die turbulentie blijft muziek mijn manier om te blijven ademen. Ik zing om niet stil te vallen. Voor mij is muziek een manier om te zeggen wat in Iran niet gezegd mag worden. Hier kan dat wel. Hier mag ik mezelf zijn.’
Fietsers vragen betere fietsinfrastructuur
Op de jaarlijkse ‘Applausdag voor fietsers’ overhandigden de Fietsersbond, ACV en CM de resultaten van een bevraging rond fietsen op het Hoogveld in Dendermonde aan het stadsbestuur.
De drie organisaties namen in februari een enquête af bij fietsende werknemers in deze industriezone.
‘Tachtig procent van de fietsers vindt de staat van de fietspaden slecht tot zeer slecht’, zegt Pier Tielens van de Fietsersbond. ‘Het grootste probleem is de gebrekkige afwatering van het fietspad, een punt dat door iedereen werd aangehaald. Daarnaast zorgen verweerde betonplaten met scheuren en putten voor minder rijcomfort. De ondervraagde fietsers maken ook duidelijk dat ze de steenslag en het vuil op het fietspad niet waarderen.’
Op het vlak van fietsveiligheid komt vooral de moeilijke oversteekbaarheid naar voor. ‘Op sommige plaatsen wordt bovendien geregeld op het fietspad geparkeerd, wat als onveilig wordt ervaren’, zegt Caroline Croene van het ACV. ‘Op lange termijn dringt een grondige vernieuwing van het fietspad zich op, maar op korte termijn zijn er al verbeteringen mogelijk. Wij denken aan herstellingen, regelmatige schoonmaakbeurten en verfmarkeringen.’
Hoe is de fietsinfrastructuur op jouw weg naar het werk?
Zijn er gevaarlijke oversteekplaatsen? Slecht onderhouden of vervuilde fietspaden? Plaatsen waar parkeren op het fietspad voor onveilige situaties zorgt? Of net goede voorbeelden die het verschil maken?
Laat het ons weten via oostvlaanderen@beweging.net.
OPROEP
Sociale economie als hefboom tegen armoede
Sociale economie is zoveel meer dan werken alleen. Naast tewerkstelling biedt de sociale economie, met onder andere kringwinkels en maatwerkbedrijven, werknemers de nodige begeleiding én hulp wanneer het even moeilijker loopt. Een onderzoek van de Universiteit Antwerpen, KU Leuven en AP Hogeschool Antwerpen (2024) toont aan dat het risico om in armoede te belanden een pak kleiner wordt voor mensen die werken binnen de sociale economie. We gaan hierover in gesprek met Mariasteen, een maatwerkbedrijf in de regio Roeselare. ¬ Tekst Jasminka Poppe ¬ Foto Mariasteen
Maatwerkbedrijf Mariasteen bestaat ondertussen 63 jaar en telt meer dan 800 actieve medewerkers. ‘Onze medewerkers hebben soms schulden waarbij er geld van het loon afgehouden moet worden voor schuldeisers’, vertelt Stefaan Degryse, eindverantwoordelijke HR. ‘Via onze sociale dienst proberen we hen op verschillende vlakken te ondersteunen, maar ook toe te leiden naar de juiste hulpverlening. De sterkte van een sociale dienst is dat zij ook kijken naar de levensdomeinen naast het werk, zoals huisvesting of schulden. Die hebben een grote impact op het werk. Met de begeleiding van onze sociale dienst vermijden we dat collega’s uitvallen door eventuele moeilijke thuissituaties.’
Toegang tot hulp- en dienstverlening ‘Het is niet makkelijk om mensen aan te melden bij een hulp- of dienstverlener. Naast de complexe aanmeldprocedure zijn er vaak lange wachttijden, zeker bij de psychologische hulpverlening. Bovendien is er een grote drempel of schaamte om de stap te zetten naar een OCMW. Als werkgever helpen wij bij het maken van een afspraak of gaat er soms een collega van de sociale dienst mee. En dat is slechts het begin van een langer hulptraject, daarna volgt sociaal onderzoek, aanvraag uitkering …’
‘Ook organiseren we maandelijks in huis een zitdag met de Federale Overheidsdienst Sociale Zekerheid. Zij behandelen per sessie vier individuele dossiers van
medewerkers om het recht op een integratietegemoetkoming te openen. Dat is een structurele uitkering voor personen met een beperking. Hiermee kunnen ze ook de nodige hulp of ondersteuning in hun thuisomgeving voorzien.’
Warme werkplaats
‘Naast het toeleiden naar de juiste dienst of instantie, doen we ook heel wat zelf in ons bedrijf’, benadrukt Stefaan. ‘Medewerkers kunnen ’s middags een warme maaltijd nuttigen aan een democratische prijs. Mensen die weinig middelen hebben of ’s avonds geen eten kunnen bereiden, krijgen zo toch één volwaardige maaltijd per dag. Ook woon- en werkverkeer is vaak niet evident. Medewerkers met een acute mobiliteitsnood kunnen - tijdelijkgratis een e-bike gebruiken. Daarnaast organiseren we eigen busvervoer vanuit de stations Roeselare en Lichtervelde én voorzien we een gratis trein- of busabonnement.’
Werk moet lonen
‘Het is vaak zoeken naar een juist evenwicht tussen een volwaardig loon en voldoende werk voor onze medewerkers. Als je begint te sleutelen aan de prijzen, heb je het risico dat je klanten verliest. Toch proberen we op sectorniveau signalen
door te geven als we voelen dat onze doelgroep het moeilijk heeft. Zo kwamen er de afgelopen jaren sociale en fiscale correcties, zoals de werkbonus, waardoor een maatwerkmedewerker netto ongeveer 280 euro per maand meer overhoudt.’
‘Als maatwerkbedrijf krijgen we subsidies van de Vlaamse overheid voor een vast aantal arbeidsplaatsen voor doelgroepmedewerkers. Begin dit jaar kregen we van minister Crevits zes extra plaatsen toebedeeld. Er is vandaag zeker nog ruimte om extra mensen aan te werven, maar we moeten er uiteraard ook voldoende werk tegenover kunnen plaatsen. Het is daarom goed dat de minister de reguliere economie oproept om meer werk uit te besteden aan onze sector.’
Divers aanbod van diensten ‘Gelukkig kennen we in de maatwerksector een sterke groei naar dienstverlening’, licht Veronique Vandenhende, diensthoofd directiesecretariaat en verantwoordelijk voor communicatie, toe. ‘Groenonderhoud, schilder- en decoratiewerken én poetsen zit bij alle maatwerkbedrijven in de lift. Ook willen we meer toegang krijgen tot de zorgsector, waar er veel potentieel is en arbeidstekorten zijn. We werken trouwens ook samen met twee grote verlichtingsbedrijven waarvoor we allerlei high-end armaturen en spots vervaardigen. Maar dat werk is soms nog te weinig gekend. Net zoals we ook inzetbaar zijn voor horecaopdrachten.’
‘Tot slot benadrukken we graag dat sociale economie niet voor iedereen een eindpunt is. Jaarlijks hebben we een aantal medewerkers die doorschuiven richting het normaal economisch circuit. We voorzien altijd een veilige terugkeer indien het niet zou lukken. Het toont aan dat sociale economie voor elke medewerker een belangrijke stap is richting structuur en begeleiding, zowel op privé- als werkvlak. Hierdoor hebben medewerkers minder kans om uit te vallen en wordt het armoederisico ingedijkt. Sociale economie is een investering in mensen met een gegarandeerd rendement voor individu én maatschappij’, besluit Stefaan.
B lik op sociale economie van binnenuit en buitenaf
Pedro werkt al elf jaar als maatwerker bij Mariasteen. Hij is er ook vakbondsafgevaardigde. Wat betekent een job in de sociale economie voor hem? En waarvoor kan hij als medewerker zoal terecht bij zijn werkgever?
‘Vroeger werkte ik in de reguliere economie, maar door langdurige rugklachten moest ik op zoek naar aangepast werk. VDAB verwees me door naar Mariasteen. Daar ben ik hen nog altijd dankbaar voor, want hier heb ik mijn plek gevonden’, vertelt Pedro.
‘Wij kunnen voor heel veel bij onze werkgever terecht. Maar mijn grootste waardering gaat uit naar onze sociale dienst. Je moet weten dat hier ook mensen werken die onder bewindvoering staan of het financieel moeilijk hebben. De sociale dienst is er voor iedereen, maar wat ze voor die mensen doen … dat gaat echt verder dan wat je normaal mag verwachten. Collega’s die in nood zitten, laten ze hier nooit in de kou staan. Dat vind ik prachtig.’
Loes Vandromme is schepen voor welzijn in Poperinge en Vlaams Parlementslid. Zij ziet sociale economie als een hefboom tegen armoede, maar wijst ook op de maatschappelijke meerwaarde ervan binnen een gemeenschap.
‘Sociale economie kan een buurt dragen’, zegt Loes Vandromme. ‘Initiatieven waarbij maatwerkers instaan voor dienstverlening aan buurtbewoners zien we steeds vaker, zoals onderhoud van openbaar groen, poetsopdrachten bij gemeenschapscentra of logistieke ondersteuning bij een buurtwerking. In Poperinge hebben we mooie en duurzame samenwerkingen met maatwerkbedrijven Forena en Westlandia. Ik geloof dat we nog veel meer deze kaart van verbindend ondernemen kunnen trekken. Iedereen vaart er wel bij.’
Frederik
Frederik Casteleyn vertelt als vakbondssecretaris ACV BIE voor Mariasteen hoe zij helpen om armoede binnen sociale economie tegen te gaan.
‘Er is momenteel heel wat economische werkloosheid binnen Mariasteen en de maatwerksector in het algemeen. We zijn blij als vakbond een extra vorm van bestaanszekerheid bekomen te hebben. Bij tijdelijke werkloosheid kunnen maatwerkers rekenen op een extra vergoeding van twee euro per dag.’
‘Werk bieden tegen een waardig loon is de rol van de sociale economie, maar daar moet de overheid natuurlijk ook zijn steentje toe bijdragen. Straks starten onderhandelingen omtrent nieuwe sectorakkoorden. Hier zullen we ons zeker inzetten zodat armoede in de sector kan vermeden worden.’
Contact.
CM in West-Vlaanderen
Contacteer ons via 02 204 32 10 of surf naar www.cm.be/contact om ons makkelijk te bereiken.
ACV in West-Vlaanderen
Contacteer ons via www.hetacv.be/stel-je-vraag of 02 244 30 00. Boek een gesprek via www.hetacv.be/plan-je-contact. Regioredactie Beweging.net West-Vlaanderen, westvlaanderen@beweging.net
Schrijver en opiniemaker
Dalilla Hermans
gevat in 5 woorden
Schilderen
‘Ik begon enkele jaren geleden te schilderen. Om mijn creatieve ei kwijt te kunnen, maar ook om dingen die ik meemaak te verwerken. Al snel merkte ik: dit doe ik ongelooflijk graag. Het voelde alsof ik plots een passie had ontdekt die al jaren ergens verstopt zat. Er zijn dagen dat ik ’s morgens begin en pas stop omdat het te donker wordt. Maar ik moet opletten dat die passie geen slachtoffer wordt van onze tijdsgeest. Dingen die je graag doet maar waar je niets aan verdient, worden snel naar de achtergrond verdrongen.’
Atypisch
‘Mijn nieuwste boek bezorgde me vooraf veel stress. Voor het eerst meng ik beelden, gedichten en Engels als schrijftaal. Dat voelde kwetsbaarder dan alles wat ik hiervoor ooit deed. Maar mijn persoonlijkste werk werd –grappig genoeg – het meest veilige. Het is zo atypisch dat mijn vaste critici het gewoon niet lezen. Tegelijk toont het boek misschien wel de meest volledige versie van mijzelf: niet alleen de opiniemaker, maar ook gewoon een vrouw, een mama, iemand van vlees en bloed met hoop, kleur en kwetsbaarheid.’
Prikkels
‘Lezen, schrijven en schilderen zijn dingen waarin ik me volledig kan verliezen. Als het lukt om mij even helemaal af te sluiten van de wereld, voelt dat als een cadeau. Mijn brein staat anders bijna altijd aan. Ik neem veel prikkels op, ik zie en hoor alles. Dat helpt wel om korte stukjes te schrijven of dingen scherp te observeren, maar daardoor is mijn hoofd zelden stil.’
Barricades
‘Er was een periode waarin ik heel veel maatschappijkritische teksten schreef en vaak op de barricades stond. Maar op een bepaald moment had ik mijn punt wel gemaakt: racisme bestaat, de beeldvorming moet veranderen, mensen moeten luisteren naar elkaar. Ik zocht naar iets wat nog dichter bij mezelf ligt. Dat blijkt verhalen vertellen en kunst maken, gemeenschap bouwen, mensen met elkaar laten praten. Als ik via kunst iemand kan raken of iets in beweging kan zetten, dan voelt dat voor mij het eerlijkst.’
Telefoonfobie
‘Ik zag onlangs een dertien jaar oud bericht van een vriendin terug: waarom ik nooit de telefoon opnam? Mijn telefoonfobie gaat dus al een hele tijd mee. Ik kán natuurlijk wel telefoneren. Ik ben een volwassen vrouw, en voor mijn werk moet het soms. Videogesprekken vind ik dan weer geen probleem, omdat je elkaar kunt zien. Het voelt minder onvoorspelbaar aan. Ik vind het vooral fascinerend dat zoveel mensen wél graag bellen.’ ( lacht)
Cocoa Butter and Dreams, het recente boek van Dalilla, is beschikbaar in de boekhandel.