zorg Platform voor managers in ziekenhuizen en ouderenzorg
39e jaargang nr. 8 - december 2014
ww
w. zo
ni
rg
eu
in
st
w
el
s?
lin
ge
n.
instellingen Thema
Cateri ng
Erasmus MC zet wereldkeuken op kaart OLVG: nieuw roomserviceconcept
Veilig wonen dankzij domotica
Wat zijn dĂŠ facilitaire trends?
nl
Gom. Laat uw organisatie stralen Bezoek ons tijdens de
op stand 3J.020
Stralende organisaties zijn die organisaties waar je prettig verblijft. Of waar je je, als klant, reiziger, patiĂŤnt of gast meteen welkom voelt. Het zijn organisaties waar je optimisme voelt, energie en plezier. Stralende organisaties zijn gastvrije organisaties. In onze visie zijn managers en bestuurders ook gastheren. We zien het als onze taak inhoud te geven aan hun gastheerschap. Wij laten organisaties letterlijk en ďŹ guurlijk stralen. Daardoor voelen gasten zich extra welkom. Medewerkers voelen zich extra thuis en presteren daardoor beter. Want in een bedrijf dat blinkt, zullen de medewerkers eerder uitblinken. Voor onze opdrachtgevers is onze manier van zaken doen doorslaggevend. Steeds meer waarderen ze ons niet alleen om onze betrouwbaarheid en het nakomen van afspraken, maar kiezen ze ons ook vanwege onze visie, het invulling geven aan gastheerschap en de hechte samenwerking waarbij de verdieping naar de wensen van de individuele klant centraal staat. We zijn pas tevreden als een opdrachtgever niet alleen zijn locatie, maar ook zijn organisatie ziet stralen. Gom. Laat uw organisatie stralen
Onderdeel van Facilicom
Inhoud
5
Van de redactie
17
25
Veilig wonen dankzij domotica
6
28
Nieuws
De Vallei biedt huisvesting die bijdraagt aan genezing cliënten
8
Hoe schoon zijn openbare toiletten in zorginstellingen?
31
11
33
Spotlight op Rianne van Helvoort
GouweCuisine: van dienblad naar potten en pannen
OLVG: nieuw roomserviceconcept
36
14
Top 5 facilitaire trends
De preventieve waarde van eten en drinken
17
Nieuw restaurant Erasmus MC zet wereldkeuken op kaart
21
Column Frederiek Morees
22
Cliënten die helpen bij de schoonmaak: werkt dat?
40
Vooruitblik op vakbeurs Facilitair
28 40
42
Product & Markt
45
Servicewijzer
47
Agenda en advertentie-index
49
Special Focus op Facility
Online > ZorgInstellingen is ook op Twitter te volgen. Ga naar www. twitter.com/zorginstelling en wordt volger. Zo blijft u dagelijks op de hoogte van het laatste nieuws uit de zorgsector. Niet alleen interessant voor uzelf, maar u heeft ook de mogelijkheid om uw eigen volgers snel op de hoogte te stellen van het nieuws door te retweeten.< > Wat is er te doen? Voor welke cursus kan ik me inschrijven? Welk congres is interessant om bij te blijven in mijn vakgebied? En naar welke beurs moeten mijn medewerkers beslist toe? De website van uw eigen vakblad houdt evenementen en andere belangrijke agenda-onderwerpen nauwgezet in de gaten. Ga voor het complete overzicht naar de website. lees verder < www.zorginstellingen.nl/evenementen
> Iedere week verschijnt ZorgInstellingen in de vorm van een digitale nieuwsbrief. Iedereen die geïnteresseerd is in het laatste nieuws uit de zorgsector kan zich abonneren op deze gratis nieuwsbrief. Ook bevat de nieuwsbrief informatie over de nieuwste producten en diensten. Abonneren? lees verder < www.zorginstellingen.nl > Tijdens het Nationaal Congres Gastvrijheidszorg 2014 in het Beatrix Theater in Utrecht zijn de winnaars van de Gastvrijheidszorg Awards 2014 bekendgemaakt. Bekijk de uitslag en de foto's van deze dag op www.zorgmetsterren.nl. U kunt zich via de website ook inschrijven voor Gastvrijheidszorg met Sterren 2015. Van harte aanbevolen!
2014-December / ZorgInstellingen
3
Modulaire Woongroepkeuken $
#
$ ! $
$ ! % $ ! " $ !
Kleinschalig Wonen samen zelfstandig
1 2 3 ! "
www.kleinschalig-wonen.nl
REDACTIONEEL
Colofon ZORGINSTELLINGEN IS EEN UITGAVE VAN VAKMEDIANET
BALANS Vorige maand werd het FMN Marktonderzoek gepresenteerd. Een tweejaarlijkse uitgave met de stand van zaken (zowel inhoudelijk als cijfermatig) in facility management en huisvesting. Even wat highlights: de markt van facility management (waar jaarlijks - exclusief vastgoed - ruim 37 miljard euro in om gaat) krimpt nog steeds, maar de krimp wordt minder. In alle somberheid van de laatste jaren is dat toch een beetje goed nieuws. Qua trends is er ook het nodige aan de hand. De top 5 van dit moment is als volgt (in volgorde van belang): verbeteren kostenmanagement, doorontwikkelen naar regie, verbeteren klantmanagement, verbeteren kwaliteit dienstverlening en het inzetten van technologie en data en het automatiseren van processen. Vooral die laatste trend is interessant, zeker als je het koppelt aan de voorspellingen voor 2017. Wat blijkt namelijk? De ondervraagden schatten in dat de inzet van technologie en data in 2017 de allerbelangrijkste trend zal zijn. Als ik de in dit jaar verschenen edities van ZorgInstellingen er bij pak, dan herken ik dat. We hebben in diverse artikelen geschreven over de inzet van apps. Voor het bestellen van eten en drinken bij GGNet, voor het oplossen van plotselinge ziekte- en piekmomenten in het OLVG, voor het wijzen van de weg in het AMC... de app lijkt niet meer weg te denken in de zorg. Een ander voorbeeld is het artikel in deze editie over zorgdomotica: in het kader van het langer thuiswonen van ouderen kan het niet anders dan dat slimme techniek zijn intrede doet in de privé-omgeving van ouderen, zodat ze op afstand gemonitord kunnen worden en er snel ingegrepen kan worden als dat nodig mocht zijn. Tegelijk met deze technologische ontwikkelingen zie je dat instellingen hun best doen om de persoonlijke aandacht voor de gast, bewoner of patiënt zo goed mogelijk te organiseren. Ook dat herken ik, want ja, als je ziek, zwak of misselijk bent wil je liever persoonlijke aandacht en iemand die af en toe een arm om je heen slaat, dan een persoon die via een krakende tabletbeeldverbinding je bemoedigend toespreekt.
GERARD DESSING
hoofdredacteur
2015 wordt voor de zorg een spannend jaar. Eén van de uitdagingen zal het realiseren van een juiste balans zijn tussen aan de ene kant het zorgdragen voor meer efficiency en kostenbesparing door inzet van technologie, en aan de andere kant het zorgdragen voor een warm gevoel met persoonlijke aandacht voor bewoner, patiënt en gast. Ik wens u fijne feestdagen toe!
P.S. Vanaf 2015 ziet u op deze plaats een nieuw gezicht. Mijn collega Jasker Kamp, hoofdredacteur van Gastvrije Zorg, gaat namelijk ook de hoofdredactie van ZorgInstellingen doen, terwijl ik mijn focus geheel op Facto Magazine zal gaan richten.
HOOFDREDACTEUR Gerard Dessing, gerarddessing@vakmedianet.nl tel. 088-5840912 EINDREDACTEUR Aline de Bruin, alinedebruin@vakmedianet.nl REDACTIERAAD Chiel Bos, Noor van den Bergh en Rob van den Bergh MEDEWERKERS AAN DIT NUMMER Arjan Anderiesen (coverontwerp), Ronald Bergkamp, Frank Bokern, Phyllis den Brok, Corinna van Diepen-Knegjens, Frederiek Morees, Joost van der Naald, Klarinda de Rijke, Thijs van der Spil, Nicoline Valk, Dick van Zomeren UITGEVER Ruud Bakker ACCOUNTMANAGERS Michel Lases, michellases@vakmedianet.nl tel 06-52867256 Bert Renkema, bertrenkema@vakmedianet.nl tel. 06-30060061 VORMGEVING & OPMAAK colorscan www.colorscan.nl DRUK Ten Brink, Meppel ADRES Vakmedianet, Postbus 448, 2400 AK Alphen aan den Rijn www.zorginstellingen.nl, redactie@zorginstellingen.nl ABONNEMENTENADMINISTRATIE klantenservice@vakmedianet.nl, tel. 088-5840888 ABONNEMENTEN ZorgInstellingen verschijnt 8 keer per jaar. Jaarabonnement Nederland € 129,00, België € 139,00, buitenland overig € 159,00 en los nummer € 17,50; prijzen zijn exclusief btw. Op alle uitgaven van Vakmedianet zijn de Algemene Voorwaarden van toepassing. Die zijn te vinden op www.vakmedianet.nl. DOELGROEP Algemeen & financieel management, facilitair management, hoofden inkoop & voeding, ICT-management & hoofden administratie. COPYRIGHT Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of op enige andere manier, zonder voorafgaande toestemming van de uitgever. © Vakmedianet 2014 PUBLICATIEVOORWAARDEN Op iedere inzending van een bijdrage of informatie zijn de standaardpublicatievoorwaarden van Vakmedianet van toepassing. Deze zijn te vinden op www.vakmedianet.nl. DISCLAIMER Alle in deze uitgave opgenomen informatie is met de grootste zorgvuldigheid samengesteld. De juistheid en volledigheid kunnen echter niet worden gegarandeerd. Vakmedianet en de bij deze uitgave betrokken redactie en medewerkers aanvaarden dan ook geen aansprakelijkheid voor schade die het directe of indirecte gevolg is van het gebruik van de opgenomen informatie. ISSN 1386-4076
2014-December / ZorgInstellingen
5
NIEUWS 'Toiletten gezondheidszorg schoner dan vorig jaar' 37 procent van de toiletten in de gezondheidszorg is schoon. Dat zijn veel meer schone toiletten dan vorig jaar, blijkt uit het Nationaal Toiletonderzoek 2014 van vakblad Service Management en hygiëne-aanbieder Uniqcare. Op de openbare toiletten en wc’s in de horeca na zijn de toiletten in de gezondheidszorg het meest schoon. Ten opzichte van vorig jaar is dit een grote verbetering, want toen bleek maar 20 procent van de toiletten in de gezondheidszorg schoon te zijn. Het onderzoeksteam bekeek in de zorgsector alleen de meest toegankelijke toiletten, zoals die bij de poliklinieken. De toiletten bij patiëntenkamers lieten zij achterwege. Eén van de toiletten sprong er wat betreft aanblik en bacteriologisch schoon uit: het VUMC in Amsterdam. Bij 150 openbare, Nederlandse toiletten onderzocht het team vier contactvlakken: de toiletzitting, de knop van de kraan, de spoelknop en de deur van de binnenkant van de wc. Deze laatste is het minst vervuild met 8 procent, de toiletzitting het meest met 38 procent. De knop van de kraan scoorde 25 procent, de spoelknop 18 procent. Meer lezen over het toiletonderzoek? Blader dan door naar pagina 8.
Opleidingsmogelijkheden zorgmedewerker onduidelijk Zorgmedewerkers vinden de opleidingsmogelijkheden die de baas biedt erg onduidelijk. Dat blijkt uit onderzoek van NIDAP en Springest. Vooral medewerkers in de ICT, farmacie, dienstverlening en de zorg gaven in de enquête aan zij niet weten welke opleidingsmogelijkheden hun baas biedt. 3000 medewerkers die zich oriënteerden op de vergelijkingssite van Springest vulden de enquete in. Hoewel de werkgever volgens hen wel voldoende actie onderneemt om doorleren te stimuleren, zijn de mogelijkheden erg onduidelijk. “Terwijl juist in deze sectoren behoefte is aan continue kennisgroei en vaardigheidstraining”, zegt Springest. Doorleren is zelfs van groot belang, vindt Springest. “De grootschalige reorganisaties door privatisering in de zorg, sanering bij overheidsinstanties en de snel veranderende marktvraag in de ICT zijn voorbeelden die aantonen dat flexibiliteit van werknemers belangrijker is dan ooit.” Ruben Timmerman, oprichter van Springest, ziet een oplossing. “Als medewerkers in staat zijn eenvoudig een opleidingsmogelijkheid te vinden die aansluit op hun leerbehoefte, blijven zij eerder actief met hun ontwikkeling. Daar kunnen werkgevers een faciliterende rol in spelen.”
Zelforganiserende teams ervaren slechte werk-privébalans Medewerkers in de zorgsector die zelforganiserend werken, ervaren een slechte werk-privébalans. Vaak hebben zij het gevoel dat ze veel werk in eigen tijd moeten doen, blijkt uit onderzoek van Effectory. Hoe komt dat? Juist zorgmedewerkers die erg bevlogen zijn voor hun werk, lopen het risico op een slechte werk-privébalans, meldt Anke Valent, zorgconsultant bij Effectory. “Ze hebben hart voor hun werk en zetten zich continu in om de organisatie te verbeteren. In zelforganiserende teams zien we dat vooral de betrokken en bevlogen medewerkers risico lopen op een minder goede werk-privébalans.” En dat heeft nadelige gevolgen. Want zetten zorgmedewerkers zich te lang intensief in, dan kan langdurig verzuim een gevolg zijn, stelt Valent. “Je voorkomt dit door als organisatie een vinger aan de pols te houden bij medewerkers.” Een teamcoach kan zorgorganisaties helpen. “Deze kan het gesprek met medewerkers aangaan en hen ondersteunen om een beter evenwicht tussen werk en privé te vinden. Daarnaast is het cruciaal dat er binnen teams een aanspreekcultuur is, dat medewerkers hun grenzen durven aangeven en dat ze goed op elkaar letten. Dat vereist andere competenties.”
GGz Centraal wint FMN Best Practice Award 2014 GGz Centraal heeft de FMN Best Practice Award (BPA) gewonnen. De organisatie won de award vanwege haar nieuwe manier van aanbesteden met prestatie-inkoop. De BPA is bedoeld voor de organisatie met de meest aansprekende, gerealiseerde vernieuwing in de facilitaire bedrijfsvoering. GGz Centraal ontwikkelde samen met Huuskes, leverancier van producten op het gebied van eten en drinken, een nieuwe manier van aanbesteden met prestatie-inkoop. De jury omschrijft de aanpak van GGz Centraal en Huuskes als volgt: “Een complexe opdracht op een back to basic en tegelijk creatieve manier waarbij de klant centraal staat. Hierdoor is een verrassende uitkomst ontstaan, van een geïntegreerde aanpak met een rol voor de organisatie en de leverancier. Naast de klant centraal zetten, kan geleerd worden van de end-to-endoplossing die gebaseerd is op goed ketenbeheer.” De FMN Best Practice Award is een initiatief van Facility Management Nederland. Met de uitreiking ervan stimuleert FMN het facilitaire werkveld om kennis en ervaringen te delen en van elkaar te leren.
6
2014-December / ZorgInstellingen
www.zorginstellingen.nl
NIEUWS
Zwarte lijst voor medewerkers in de zorg Er komt een zwarte lijst voor medewerkers in de zorg die cliënten mishandelen, bestelen of zich schuldig maken aan andere ontoelaatbare praktijken. Zo wordt voorkomen dat zij direct bij een andere zorginstelling aan de slag kunnen. Tot nog toe kunnen zorginstellingen medewerkers, sollicitanten of stagiaires niet controleren op goed gedrag. Het zogenoemde Waarschuwingsregister Zorg & Welzijn moet de zwarte lijst voor medewerkers in de zorg zijn; een nieuw preventiemiddel tegen criminaliteit door zorgpersoneel. Werkgeversvereniging ZorgZijn Werkt is de drijvende kracht achter het waarschuwingssysteem. Het ministerie van Volkgezondheid betaalde mee aan de ontwikkeling van het project en het College Bescherming Persoonsgegevens keurde het register goed. Het is aan de werkgevers zelf om zich bij de zwarte lijst aan te sluiten. Onder strikte voorwaarden kunnen zij de persoonlijke dossiers inzien of persoonsgegevens met andere zorgorganisaties delen. Zo kunnen alleen mensen tegen wie aangifte is gedaan en zijn ontslagen in het waarschuwingsregister komen.
LABELS PRINTEN VIA HET DRAADLOZE NETWERK EN VANAF MOBIELE APPARATEN
Het Beste Zorgidee van 2014? Een belevingskussen Een kussen met sensoren en luidsprekertjes, speciaal bedoeld voor dementerende ouderen. Met dat idee heeft Hans van Wetten de wedstrijd Het Beste Zorgidee 2014 gewonnen. Hij krijgt een startkapitaal van 10.000 euro om het kussen verder te ontwikkelen. Door middel van geluidssignalen prikkelt het kussen de belevingswereld van dementerende ouderen. “In het kussen zitten sensoren en luidsprekertjes. Als de patiënt het kussen aanraakt, worden er stemmen, liedjes en muziek speciaal gericht op de gebruiker afgespeeld”, zegt Van Wetten. “De familie of een mantelzorger speelt een belangrijke rol bij het ‘vullen’ van het kussen. Zij weten immers welke liedjes, gedichten of stemmen de patiënt graag hoort.” Hans van Wetten is leidinggevende bij een zorgcentrum in Weert en ontwikkelde het belevingskussen in nauwe samenwerking met student Eriano Troenokarso van de faculteit Industrial Design van de Technische Universiteit Eindhoven. De eerste tests met een prototype zijn veelbelovend. “Eén cliënt kon zich bijvoorbeeld alleen maar op een minder positieve manier uiten. Maar bij het gebruik van het kussen veranderde haar mimiek en zei ze zachtjes: ‘O, wat mooi.’ Dat was een reactie die we eigenlijk nog nooit bij haar hadden gezien.”|
Wi-Fi
Mobiel
www.brother.nl/labelprinters
Een professioneel resultaat Creëer snel professionele labels en etiketten voor enveloppen, dossiermappen, documenten, CD’s en vele andere items met de Brother QL-710W labelprinter. Sluit de labelprinter eenvoudig aan op uw PC of Mac, of verbindt deze met uw bestaande draadloze netwerk. Print vanaf alle computers in het kantoor direct vanuit Microsoft Word, Excel of Outlook. Via de professionele ontwerp software kunt u razendsnel labels met afbeeldingen, logo’s en barcodes ontwerpen en printen.
Brother iPrint&Label app Daarnaast kunt u via de gratis Brother iPrint&Label app ook direct labels printen vanuit uw Android of Apple smartphone of tablet. Deze handige app is zeer eenvoudig in gebruik en zoekt automatisch in uw draadloze netwerk naar ondersteunde Brother labelprinters.
ACTUEEL
Toiletonderzoek
Hoe schoon zijn de toiletten in de zorg?
Relatief schone en nette wc’s, maar weinig luxe. Dat is de gemiddelde impressie van de zorgtoiletten, zo blijkt uit het jaarlijkse toiletonderzoek van Service Management. De toiletten in de horeca en openbare gebouwen zijn het schoonst, daarna volgen de toiletten in de gezondheidszorg. Tekst Dick van Zomeren*
8
2014-December / ZorgInstellingen
ACTUEEL
Toiletonderzoek
Waar bevinden zich de schoonste openbare toiletten? Net als andere jaren stond deze vraag centraal in het Toiletonderzoek van Service Management, net als Zorginstellingen een uitgave van Vakmedianet. Het landelijk onderzoek betrof 150 openbare toiletten: 75 dames- en 75 herentoiletten.
riën wel groeien. De spoelknop kan maar beter met één vinger bediend worden. Of met de autosleutels, gaat ook heel goed….
Dat aantal werd verdeeld over vier categorieën: 1. horeca (café’s, hotels en restaurants) 2. gezondheidszorg (ziekenhuizen, tandarts- en dokterspraktijken) 3. warenhuizen (met meubelzaken, tuincentra en doe-het-zelf winkels) 4. openbare gebouwen (gemeentehuizen, stations, sporthallen, zwembaden enzovoort).
Non touch-kraan
Het onderzoek werd uitgevoerd door een team van circa tien medewerkers van sanitaire dienstverlener Unicare uit Tiel. De toiletten in openbare gebouwen en de horeca waren, beiden met 38 procent goed, het schoonst. Kort daarna eindigde de gezondheidszorg met 37 procent goed. De winkels en warenhuizen belandden met 25 procent goed op de laatste plaats.
Hieronder een aantal opvallende observaties van de onderzoekers tijdens de tocht langs de toiletten in de gezondheidszorg.
Er was in ieder geval één (dames)toilet dat er qua aanblik én als bacteriologisch schoon uitsprong: dat was bij het VUMC in Amsterdam. Het commentaar over de aanblik is echter wel wat zuinig: “Afvalbak van beugel af. Verder ziet alles er netjes uit. Contactloze kranen.” Dergelijke kranen worden nog weinig toegepast in de zorg, waar van luxe toch al geen sprake is. In MiddenNederland oordeelt iemand dan ook: “Eenvoudig, maar keurig voor een
hebben op kranen met die lange armof elleboogbediening. In een Zeeuws ziekenhuis: “Zeepdispensers met elleboogbediening, net als de kraan.” Bezoek verwacht echter vaak de automatische kranen. Een mannelijk teamlid in een Utrechts ziekenhuis: “Werd door de schoonmaakster dwingend een net gereinigd toilet in gedirigeerd. Toilet heeft nette, strakke uitstraling. Haakje voor jas in centrale ruimte. Voor een nieuw ziekenhuis had ik wel non-touch kranen verwacht.”
De winnaar van het Toiletonderzoek 2014.
'De spoelknop kan maar beter met één vinger bediend worden'
Toiletzitting: vies Wat zijn de meest verontreinigde elementen op een wc? Ook daar is onderzoek naar gedaan. Onbedreigd bovenaan staat de toiletzitting met 38 procent 'slecht' of 'zeer slecht' en als nummer twee de kraanknop met 25 procent. Het derde vieze element: de spoelknop met 18 procent slecht en tenslotte de deurknop waarvan 8 procent vies bleek. Dat de zitting vaak vervuild is, ligt voor de hand. Die omringt immers de bron van de besmetting. Nummer twee, de kraanknop, vraagt om toelichting. De knop is geprofileerd, moet zodoende ferm worden beetgepakt bij het opendraaien met vieze handen en is altijd nat door het dichtdraaien. Besmetting, vocht en kamertemperatuur: dan willen bacte-
ziekenhuis. Extra toiletrol op kledinghaak.” En in westelijk Brabant: “Zeer sober, typisch ziekenhuis. Toiletpapier op losse houder en wc-rol er los op. Ambipurhouder zonder vulling.”
Sigarettenplekken In een Fries ziekenhuis noteert men: “Was smerig voor een ziekenhuis. Papier op de grond, remsporen in de toiletten en een losse luchtverfrisservulling bij de wastafel.” Maar het kan nog erger. In een Rotterdams ziekenhuis: “Vieze sigarettenplekken op de papierautomaat. Stinkt naar urine en de vloer van het toilet ziet er plakkerig vies uit. Geen schoonmaakaftekenlijst.” De al genoemde contactloze kranen kom je in de horeca vaker tegen dan in de zorg, waar ze weer het patent
2014-December / ZorgInstellingen
9
ACTUEEL
Toiletonderzoek
Losse toiletrollen In een Brabantse praktijk voor fysiotherapie doen ze zelf de was en halen ze sanitaire benodigdheden bij de supermarkt. “Losse toiletrollen. Zeep van de supermarkt. Handdroging met losse handdoek.” Bij een collega liggen washandjes (!) om je handen af te drogen, ontbreekt een luchtverfrisser en is er geen afvalbak. In een Goois ziekenhuis is sprake van stank en bovendien doet de luchtverfrisser het niet, ondanks, volgens het rooster, drie keer schoonmaken per dag.
'Washandjes om je handen af te drogen, vieze sigarettenplekken op de papierautomaat..' In de gezondheidszorg zijn ze gek op papier in sanitaire ruimten. Bij toiletgebruik kan dat niet anders, maar bij het handendrogen met papier komt dit ten dele altijd op de grond terecht, wat een gevoel van rommelig of vies geeft. Ook
10
2014-December / ZorgInstellingen
dat is duidelijk te lezen in de rapportages.
Vaak rommelig De overheersende indruk is dat het in de zorg vaak wat rommelig en vooral sober is in de publiekstoiletten. Meestal gaat het maar om kleinigheden als geen
luchtverfrisser of papier op de grond. In een Utrechts ziekenhuis een alleszeggende aantekening over deze categorie toiletten: “Basic en schoon. Geen klachten.” *Dick van Zomeren is verbonden aan Service Management.
Nationaal Toiletonderzoek 2014: samenvatting De hygiëne in openbare toiletten is gestegen. Dat blijkt uit het door Service Management georganiseerde en in samenwerking met Uniqcare uitgevoerde Nationaal Toiletonderzoek 2014. Van de 150 openbare toiletten bleek 36 procent bacteriologisch schoon. Vorig jaar was dat nog 29 procent. Van de damestoiletten was 38 procent schoon. Bij de heren was dat 34 procent. De vervuiling van de contactvlakken is als volgt: t toiletzitting (38 procent ) t knop van de kraan (25 procent) t spoelknop (18 procent) t knop aan binnenzijde deur (8 procent) De toiletten in openbare gebouwen en de horeca waren, beiden met 38 procent goed, het schoonst. Op de derde plaats staat de gezondheidszorg met 37 procent goed. De winkels en warenhuizen eindigden met 25 procent goed op de laatste plaats.
THEMA
Catering
www.zorginstellingen.nl
Search
Van dienblad naar potten en pannen Eén kleine verandering in de visie van Zorgpartners op eten en drinken kreeg grote gevolgen. Medewerkers en bewoners moesten wennen, want ook de werkwijze van GouweCuisine ging op de schop. Manager Hoteldienst Stienet Bonefaas: “Het was een domino-effect.” Tekst Klarinda de Rijke
Gouwe Cuisine verving alle eenpersoonsborden voor zwarte plastic multi-portie schalen.
2014-December / ZorgInstellingen 11
THEMA
Catering
Naar Reeuwijk
Manager Hoteldienst Stienet Bonefaas van Zorgpartners: "Het was een domino-effect. We veranderden ons voedingsconcept, en dat trof veel onderdelen van het zorgproces."
Die ene visionaire wijziging bij Zorgpartners Midden-Holland zette de cultuur bij henzelf en de werkwijze van maaltijdenleverancier GouweCuisine op zijn kop. Wat was de verandering? De bewoner bepaalt nu zelf waar hij eet, wat hij eet en wanneer hij eet. “Het was een domino-effect. We veranderden ons voedingsconcept, en dat trof veel onderdelen van het zorgproces”, vertelt Manager Hoteldienst Stienet Bonefaas van Zorgpartners.
Zorgpartners, een organisatie met achttien zorgcentra, biedt verschillende soorten zorg thuis en in centrum; variërend van langdurige verzorging en verpleging tot tijdelijke opnames en specialistische zorg. Twaalf jaar geleden had iedere locatie nog een keuken die alle maaltijden voor in het centrum bereidde. Toen dit concept in 2002 stopte, sloten de keukens op locatie en werden de medewerkers verplaatst naar één gebouw en één organisatie: GouweCuisine. In Reeuwijk, omringd door industriële gebouwen en kabbelend water. Vanaf die tijd verzorgde de centrale keuken complete warme maaltijden voor Zorgpartners’ centra. Maaltijden aan huis in drievaksschalen voor mensen die zelfstandig wonen en maaltijden voor bewoners in een zorgcentrum. Zij ontvingen op een dienblad een kom soep, een portie jus,
vlees, groente en aardappelen, en een toetje in een wit kunststof schaaltje. Helemaal afgemeten naar de twee weken eerder bestelde proporties en producten, warm gehouden op een warmhoudplaatje.
Potten en pannen Nu is dat voorbij. Geen dienblad meer, terug naar potten en pannen. Per week koopt het zorgcentrum voor iedere dag een aantal porties in en de bewoner kiest aan tafel uit een weekmenu en twee dagmenu’s waarbij de verschillende gerechten uitwisselbaar zijn. Bijvoorbeeld: spinazie van menu 1, kipfilet van menu 3 en pommes duchenne van menu 2. “Niets is leuker dan keuzes aanbieden en zelf kiezen wat je eet”, zegt Frithjof de Waard. Nadat de manager van GouweCuisine directeur van een zorgcentrum werd, nam hij het stokje
3 soorten maaltijden Met de multiportionering ontwikkelde Zorgpartners en GouweCuisine drie vormen voor bewoners om de maaltijd te nuttigen. De bewoner overlegt met verzorging en familie in welke vorm hij wil eten en mag tussendoor wisselen.
1. De mobiele bewoner De bewoner eet in het restaurant. Hij bestelt à la carte, stelt zijn maaltijd samen uit het buffet of kiest voor het dagmenu.
2. Kleinschalige woongroepen Een ruimte op de woongroep is ingericht als keuken en eetkamer. Medewerkers koken de verschillende menu’s van GouweCuisine. En bewoners stellen hun maaltijd samen uit de pannen op de gedekte tafel. De verschillende bewoners op de woongroep eten tegelijk.
3. De bewoner in appartement Projectmanager bij ZorgPartners Frithjof de Waard: “We besloten niet meer met half-fabrikaten te werken. Een groot aantal speciale gerechten haalden we van de menukaart.”
12
2014-December / ZorgInstellingen
Deze bewoners eten alleen op hun kamer of appartement uit de geleverde drievaksschaal. Deze maaltijd warmt verzorging of de bewoner op in de magnetron.
THEMA
Geen half-fabrikaten meer Bij Gouwe Cuisine wordt niet meer met half-fabrikaten gewerkt. "Een groot aantal speciale gerechten haalden we van de menukaart.” Nu maakt de keuken gebruik van Hollandse kost, streekgerechten en seizoensgroente. “Geen Mexicaanse Bonensoep, maar erwtensoep. Geen tiramisu, maar rijstebrij."
over om het nieuwe werkproces in goede banen te leiden als Interim Manager van GouweCuisine. “Deze borden kunnen dus weg.” De Waard plukt een wit bord met doorzichtig isoleerdeksel van een grote stapel en houdt hem in de lucht. Ter illustratie zet hij het bord in een maaltijdkar met warmhoudplaatjes. “Als jij nog iemand weet?” Want de eenpersoonsborden verving GouweCuisine voor zwarte plastic multi-portie schalen. “Plat gezegd is dat bulk koken”, vertelt hij. Enorme hoeveelheden tegelijk gekookt en verpakt per één, twee of vier porties.
Flinke schoffel Deze switch haalde een flinke schoffel door de organisatie en werkwijze van GouweCuisine. De verpakmachine draait overuren, de meeste medewerkers werken nu front-office op locatie en medewerkers in de centrale keuken gaan naar een vijfdaagse werkweek in plaats van het eerdere ritme van zeven dagen. Ook bekeek De Waard kritisch de manier van koken. “We besloten niet meer met half-fabrikaten te werken. Een groot aantal speciale gerechten haalden we van de menukaart.” Meer Hollandse kost, streekgerechten en seizoensgroente. “Geen Mexicaanse Bonensoep, maar erwtensoep. Geen tiramisu, maar rijstebrij”, vult Bonefaas aan.
Meer beleving, minder ondervoeding Een compleet ander proces en andere maaltijden dus. Waarom wilde Zorgpartners dat? “Uit onderzoek van Kristel Nijs van de Wageningen Universiteit bleek dat bewoners beter gingen eten wanneer de ambiance rondom de maaltijd mooier, beter en
Catering
geuriger was. Bewoners zijn namelijk geneigd om met de dienbladmaaltijden eerst het toetje te eten, daarna de warme maaltijd. Als ze die al opeten. Ondervoeding kan het gevolg zijn. Door eten anders te presenteren, kun je ondervoeding voorkomen”, legt Bonefaas uit. Ze vervolgt: “In 2012 ontwikkelden we samen met onderzoeks- en adviesbureau Foodstep een gastvrijheidsconcept met de pijlers op voeding. Eten en drinken is een onderdeel van zorg, en zorg is onze corebusiness. Dus meer geur, bereiding en beleving op locatie.” Als proef voor de front-office-werkwijze verplaatste GouweCuisine koks naar vier locaties van Zorgpartners en paste er restaurants en menu’s aan. “Dat was in het voorjaar van 2013”, aldus Bonefaas. Aan het einde van 2013 bleken zowel bewoner als zorgverlener tevreden over de maaltijden. Bonefaas: “Toen zeiden we: ‘hier gaan we mee door’”. De Waard vult aan: “Vanaf januari 2014 voerden we het concept op alle locaties van Zorgpartners door. Iedere locatie kreeg gastvrouwen, voldoende koelcapaciteit, koks ter plaatse en machines om zelf simpele maaltijden klaar te maken.”
Patronen doorbreken In een klein jaar een grote transitie. “Dat was een flinke cultuuromslag”, meldt De Waard. “Het gaat met vallen en opstaan. Niet iedereen realiseerde dat veranderen veel tijd en energie kost. Er is altijd een groep medewerkers die sneller wil gaan, of anderen zien het niet zitten. Nu moeten we nog een passende houding vinden.” Maar de vruchten plukt iedereen al wel. “We produceren veel efficiënter”,
aldus De Waard. Ook Zorgpartners bespaart. “In maaltijden denken is anders dan in porties. Voorheen bestelden de centra voor pakweg honderd man. Dus honderd maaltijden. Nu we met porties werken, dachten medewerkers: ‘straks komen we niet uit’ en bestelden ze zo’n honderdvijftig porties. Veel te veel, met tachtig porties kom je ook uit.” Bonefaas vult aan: “Maar belangrijker, de bewoner is tevreden. Maaltijden worden beter gewaardeerd en we scoren lager op ondervoeding.”
2014-December / ZorgInstellingen 13
THEMA
Catering
www.zorginstellingen.nl
Search
De preventieve waarde van eten en drinken Kan eten en drinken een waardevol onderdeel zijn van de uitvoering van de Wmo? Ja, dat is zeker mogelijk. Maar bij veel van de inkooptrajecten van gemeenten heeft eten en drinken op dit moment totaal geen plaats. Een gemiste kans. Tekst Phyllis den Brok*
14
2014-December / ZorgInstellingen
THEMA
Catering
Het belang van goed eten Als mensen langer thuis blijven wonen, moeten ze voor zichzelf kunnen zorgen. Het gaat dan om zaken als persoonlijke hygiëne en het zelf kunnen voorzien in eten en drinken. Uit onderzoeken blijkt dat mensen meer fysieke en mentale weerstand hebben als ze goed blijven eten en dat ondervoeding in thuissituaties veel geld kost. Ook blijkt dat mensen veel meer zelf kunnen dan dat wordt aangenomen.
De nieuwe Wet maatschappelijke ondersteuning (Wmo), die per 1 januari 2015 in werking treedt, biedt ondanks de mogelijke valkuilen ook de nodige kansen. Kansen om zaken werkelijk anders aan te pakken. Kansen om dié zorg en begeleiding te waarborgen die noodzakelijk is en om overbodige betutteling af te schaffen. Kansen om meer preventief te werken en mensen meer eigen regie en verantwoordelijkheid te geven. Kansen om mensen zinvol te laten participeren in de samenleving. Wie op deze manier naar de Wmo kijkt, verwacht dat de focus bij de uitvoering gaat liggen op het behouden van de dagelijkse vaardigheden zoals persoonlijke verzorging, schoonmaak en het zorgen voor eten én drinken. En dan uitgevoerd op een wijze die participatie en zelfredzaamheid stimuleert. Oftewel: zoveel mogelijk zelf doen met zo min mogelijk professionele zorg.
Geen taak voor zorgsector Bij veel inkooptrajecten van gemeenten heeft eten en drinken echter totaal geen plek. Op dit moment wordt eten en drinken alleen in de voorliggende voorzieningen gepositioneerd. In de praktijk betekent dit dat het ieders eigen verantwoordelijkheid is. Mensen moeten zelf hun maaltijden gaan betalen (prima, dat moet iedereen). En eetpunten moeten zichzelf kostendekkend zien te runnen. Ook prima. En wanneer bij deze eetpunten optimale gastvrijheid gewenst is: heel Nederland zit vol met horecagelegenheden die daar heel goed aan kunnen voldoen. Geen taak voor de zorgsector dus.
Activerende meerwaarde Maar eten en drinken heeft meer
functies dan alleen het voorzien in voedsel en vocht. Het kan ook een activerende en methodische meerwaarde hebben. Deze meerwaarde wordt in de huidige inkooptrajecten bij de Wmo volledig over het hoofd gezien. En dat terwijl de kosten voor dergelijke trajecten gering zijn vergeleken met andere zorgtrajecten, nog afgezien van de eventuele opbrengsten, zowel financiële zin als in kwaliteit van leven. Maar hoe ziet eten en drinken, als activerend en methodisch middel om meer participatie en zelfstandigheid te bereiken, er dan uit? Als mensen langer thuis blijven wonen, moeten ze voor zichzelf kunnen zorgen. Het gaat dan om zaken als persoonlijke hygiëne, het schoonhouden van de woning en het zelf kunnen voorzien in eten en drinken. Uit onderzoeken blijkt dat mensen meer fysieke en mentale weerstand hebben als ze goed blijven eten en dat ondervoeding in thuissituaties veel geld kost. Ook blijkt dat mensen veel meer zelf kunnen dan dat wordt aangenomen. Door eten en drinken mee te nemen in de ondersteuning is dus veel winst te behalen en zijn kosten te voorkomen. Daarbij gaat het overigens niet alleen om de warme maaltijd, maar om al het eten en drinken dat overdag wordt genuttigd. Dat zijn zes eetmomenten per dag en voldoende vochtinname om het lichaam soepel te laten functioneren. En niet alleen het consumeren van maaltijden levert preventieve gezondheidswinst op. Door zelf actief bij de maaltijdbereiding betrokken te zijn, blijft iemand meer bewegen (denk aan lopen naar de koelkast, de afwas doen,
zorgen dat de boodschappen in huis komen) en blijven sociale contacten en de herkenbare dagindeling in stand.
Zelfvertrouwen Kortom, eten en drinken is een prachtig instrument voor gemeenten om – in samenwerking met welzijn en zorginstellingen - bij hulpbehoevenden in te zetten. Dat kan het volgende betekenen: t niet vóór mensen gaan koken, maar dusdanig helpen dat ze zelf blijven koken; t mensen helpen om nieuwe en veilige manieren van werken te ontwikkelen rondom eten en drinken, met de juiste hulpmiddelen; t mensen helpen bij het maken van keuzes rondom gezond eten en drinken in hun eigen situatie; t mensen het zelfvertrouwen teruggeven, na bijvoorbeeld een ongeluk of ziekte, zodat ze weer zelfstandig hun huishouden gaan runnen; t mensen leren omgaan met internet, zodat boodschappen digitaal besteld kunnen worden. Het resultaat is duidelijk: mensen blijven bewegen, ze doen sociale contacten op, houden de regie op hun leven en eten beter omdat ze alleen eten wat ze lekker vinden op een manier die ze prettig vinden.
Kanttekening Tot slot nog een kanttekening. Gemeenten krijgen een nieuwe financiële prikkel: de nieuwe Wmo pakt voor gemeenten het gunstigst uit als de voorliggende voorzieningen zo groot mogelijk zijn, dus met faciliteiten die al beschikbaar zijn of die door vrijwilligers worden gerund waardoor ze geen geld kosten. Hierdoor wordt de formele ondersteuning, ook die gericht
2014-December / ZorgInstellingen 15
THEMA
Catering
is op behoud van zelfstandigheid, zo lang mogelijk uitgesteld. Als de zorgvraag eenmaal groot genoeg is, komt de betreffende persoon ten koste van het financieel potje van de Zorgverzekeringwet (Zvw) of de Wet Langdurige Zorg (WLZ), dus niet gemeente c.q. Wmo maar de ministeries, waardoor de gemeenten deze zorg niet meer hoeven te bekostigen. Voor gemeenten is het dus financieel interessant om begeleiding (inclusief activering) zo lang mogelijk uit te
stellen. Deze gedachte speelt bij menig gemeentelijk budgethouder die verantwoordelijk is voor de Wmo. Hierdoor krijgen preventieve voorzieningen, waar wel in ge誰nvesteerd zou moeten worden, zoals eten en drinken, geen kans. Was eerst preventie bij de ministeries en zorgverzekeraars geen onderwerp, nu is het dat ook niet bij de gemeenten. Het is te hopen dat de werkvloer zich hierdoor niet laat kisten.
*Phyllis den Brok is werkzaam bij Phliss (www.phliss.nl) in Eindhoven.
[ A D V E R T E N T I E ]
Toon uw klanten dat u geeft om duurzaamheid
www.tork.nl / www.tork.be
16
2014-December / ZorgInstellingen
THEMA
Catering
Nieuw restaurant Erasmus MC: 173 culturen op 650 zitplaatsen
Veel meer dan een oer-Hollands broodje kaas Gastvrij, divers en multicultureel, zo omschrijven Rinus de Viet en Tom Noppe het nieuwe restaurant KADE80 in het Erasmus MC. Een mengelmoes van wereldse gerechten, passend bij multicultureel Rotterdam. Noppe: “Welke cultuur leidend is? De Rotterdamse.” Tekst Klarinda de Rijke Omdat het Rotterdamse Erasmus MC in het hartje van Rotterdam, een smeltkroes van 173 culturen, is gevestigd, was het duidelijk dat het nieuwe ziekenhuisrestaurant met dat gegeven wel iets moest doen. Want iedere ‘bezoeker’ heeft iets met Rotterdam. “Studenten, medewerkers,
patiënten en bezoekers eten hier”, vertelt restaurantmanager Tom Noppe van ISS Cure & Care. “We wilden de traditionele indeling, waarbij patiënten en bezoekers gescheiden zijn van medewerkers, niet meer. Logischerwijs volgt dan een concept waarbij iedereen in één restaurant zit”,
vult zijn opdrachtgever en sectormanager Zorgaccent Services en Onderhoud Rinus de Viet van het Erasmus MC aan.
Een nieuw ziekenhuis Na ruim vijftig jaar bestaan was het oorspronkelijke Dijkzigt ziekenhuis behoorlijk verouderd, zo valt te lezen
2014-December / ZorgInstellingen 17
THEMA
Catering
Sectormanager Zorgaccent Services en Onderhoud Rinus de Viet (Erasmus MC): “Topartsen, onderzoekers en hoogleraren van over de hele wereld komen bij ons over de vloer. Die wil je meer bieden dan alleen een oer-Hollands broodje kaas.”
op de speciale nieuwbouw-webpagina van het ziekenhuis. “Een academisch ziekenhuis is een facilitaire voorziening waarin technologische vooruitgang een grote rol speelt. Het oude gebouw aanpassen aan de moderne eisen en voorschriften was geen reële optie.” Dus besloot het Erasmus MC op de bestaande locatie een nieuw ziekenhuis te bouwen, pal voor de deur van Dijkzigt. Een medische stad in het hart van Rotterdam met daarin een ziekenhuis, medische faculteit, horeca en wat vooralsnog lege vierkante meters, op te
Restaurantmanager Tom Noppe van ISS Cure & Care: “Binnenkort gaan we ook Japanse gerechten uitproberen en wekelijks wokken. Woensdag eten we traditioneel Indisch.”
18
2014-December / ZorgInstellingen
vullen met retail naar vraag. De medische stad positioneert zich juist midden in Rotterdam, omdat het ziekenhuis er goed bereikbaar is en zo zijn verschillende rollen als werkgever, opleider en zorgverlener goed kan vervullen. Zou het Erasmus de medische stad op een andere plek plaatsen, dan moesten de faculteit, het Sophia Kinderziekenhuis en Thoraxcentrum ook verhuizen. Nu kunnen deze faciliteiten blijven waar ze stonden. Een vijftienjarig bouwplan volgde. De nieuwbouw startte in 2004 en eindigt naar verwachting rond 2018. De verbindende passage is reeds geopend, deze koppelt de verschillende Erasmus MC-gebouwen en afdelingen aan elkaar. De passage zelf fungeert voor diverse faciliteiten. Zo huist er een AH-to-Go, vergaderplekken, rustige zit- en hangstoelen voor theeleuten bij DOK10 en biedt het restaurant KADE80 ruimte voor werelds eten.
Röti, rendang en kerrie “Er is grote vraag naar halal-gerechten”, vertelt Noppe. “Dat zijn geen ingewikkelde gerechten, ook een spinaziestamppot kun je halal klaarmaken.” Het multiculturele zit vooral in de diversiteit van de gerechten. “Röti, kip kerrie, rendang of sushi zijn voorbeelden. Binnenkort gaan we ook Japanse gerechten uitproberen en wekelijks wokken. Woensdag eten we traditioneel Indisch.” Dagelijks keren drie vaste componenten terug: twee verschillend belegde broodjes, een heldere en een gebonden soep en een goed lopende maaltijd. “Die basisgerechten moeten steengoed zijn. Vanuit daar proberen we nieuwe en multiculturele gerechten uit”, vertelt Noppe. Iedere dag varieert hij één
gerecht per component met een ‘bijzondere’ touch. Garnalen of kastanjes bijvoorbeeld. “Wij vinden het vooral belangrijk dat er een kwalitatief goede en gezonde maaltijd staat die aansluit bij de behoefte van de restaurantbezoekers”, verduidelijkt De Viet Erasmus’ standpunt over de samengestelde menu’s door de cateraar. “Wij bieden de vierkante meters, maar gaan niet op de stoel van de cateraar zitten.”
Verleiden De catering heeft Noppe al op jonge leeftijd in zijn hart gesloten. Al vanaf zijn veertiende werkt hij in de catering en ziet hij dat eten en drinken mensen en culturen verbinden. Vooral in dit restaurant. “Patronen slijten snel in iemands leven. Vaak haalt iemand snel in zijn pauze een broodje en soep en wil niet te lang nadenken over de beste keuze. Daar ligt mijn taak. De cateraar moet mensen verleiden.” Hij wijst naar een tafeltje waar een verpleegkundige in haar witte uniform met dienblad neerstrijkt. Ze heeft een
Amerikaanse naam Waar komt de naam KADE80 vandaan? Noppe hoefde er niet lang over na te denken. Kade refereert aan de Rotterdamse havens, en 80 komt uit de Amerikaanse naamgeving. “In Amerika becijferen ze de gebouwen aan de hand van de meters van het begin van de straat tot de ingang van het gebouw. Zouden we dit toepassen bij KADE80, dan komen we uit op tachtig meter. KADE80 dus.”
THEMA
Catering
Internationale eis Het Erasmus MC heeft een specifieke ‘internationale’ eis. “We willen ons vooraanstaand en innovatief positioneren op de markt”, vertelt De Viet. Eén zo’n voorziening die uit deze ambitie voortvloeit, is het restaurant, meent hij. “Topartsen, onderzoekers en hoogleraren van over de hele wereld komen bij ons over de vloer. Die wil je meer bieden dan alleen een oer-Hollands broodje kaas.”
www.zorginstellingen.nl
bord couscous voor zich, daarnaast staat een schaaltje met een salade, handje noten eroverheen en een paar druppels gele dressing. “Zo zie ik het graag. Een heel multiculturele maaltijd. Ik wil mensen verleiden om een andere, weloverwogen en verantwoorde keuze maken.”
Search
Multiculturele kleuren op 650 zitplaatsen KADE80 moest ook letterlijk een multiculturele ambiance krijgen, vond ISS Cure & Care. Interieurontwerper Rian van Dijk van ontwerpbureau Artemis kreeg de taak de 173 karakteristieke culturen te vertalen in het interieur van het restaurant met 650 zitplaatsen. Van Dijk: “Ik koos voor wit en zwart als leidend. Wit omdat dit alle kleuren van het spectrum bevat, zwart omdat het geen kleur is. Kleurrijke gerechten doen het daarop goed.”
Commerciële mogelijkheden Hoewel het Erasmus MC de cateraar de ruimte geeft om zijn werk te doen, had het ziekenhuis wel een specifieke ‘internationale’ eis. “We willen ons vooraanstaand en innovatief positioneren op de markt”, vertelt De Viet. Eén zo’n voorziening die uit deze ambitie voortvloeit, is het restaurant, meent hij. “Topartsen, onderzoekers en hoogleraren van over de hele wereld komen bij ons over de vloer. Die wil je meer bieden dan alleen een oer-Hollands broodje kaas.” “In 2018 is het gebouw klaar. Nog niet al het bezoek concentreert zich
De vier verschillende werelddelen vertolkte ze naar blauw (Antarctica), lichtgeel (zuiden), rood (oosten) en groen (westerse regenwouden). Op de plattegrond van het restaurant overheersen deze kleuren ook in het geografische gebied van KADE80. Noord bevat bijvoorbeeld overwegend blauwe stoelen en zuid vooral geel. En aan de wit geschilderde wanden hangen vier doeken in deze specifieke kleuren met afbeeldingen van de diverse culturen: “verbinding”.
rondom de passage. Maar cateren moet al wel rendabel zijn voor de exploitant. Dat is een spanningsveld,” vervolgt De Viet. “De juiste aanbestedingspartner zoeken was daarom geen gemakkelijke opgave.” ISS Cure & Care zag het wél zitten.
“De basis is goed. We zitten centraal in het complex. Ook verzorgen we banqueting voor alle gebouwen en afdelingen van Erasmus MC”, legt Noppe uit. Commerciële mogelijkheden genoeg, want eten en drinken trekt mensen.
2014-December / ZorgInstellingen 19
PLATFORM
Hét platform van, voor en door functionarissen met preventietaken.
www.overpreventie.nl
Altijd het laatste nieuws? Meld u aan voor de gratis e-mailnieuwsbrief
Ó
www.overpreventie.nl/nieuwsbrief
COLUMN
Status Quo Als u dit leest, is de storm waarschijnlijk alweer geluwd, maar terwijl ik deze column schrijf, is er weer een heftige discussie gaande omtrent de kwaliteit van zorg in verpleeghuizen. En ironisch genoeg hebben we deze discussie te danken aan de vader en moeder van onze staatssecretaris van VWS, die zelf alle nieuwe veranderingen in de ouderenzorg in gang heeft gezet. “Om de zorg te verbeteren,” zegt hij en hij kijkt erbij alsof hij het werkelijk meent. Maar dat is natuurlijk onzin. In werkelijkheid vindt de maatschappij dat het allemaal te duur wordt, die zorg voor dementerende oudjes. Er moeten beter opgeleide verzorgenden komen, er moet geïnvesteerd worden in meer toezicht, er moet dit en er moet dat en we moeten allemaal langer thuis blijven wonen, want dat is veel beter voor ons. Tegelijkertijd wordt er door onze staatssecretaris enorm geschrapt in het thuiszorgbudget, zodat daar driehoog achter de geraniums de urine nog veel rijkelijker tussen de benen zal vloeien dan in het verpleeghuis van mevrouw van Rijn en alle andere verpleeghuizen. Wat is dan toch het echte probleem? Bert Keijzer, specialist ouderengeneeskunde, schrijver en filosoof, sloeg de spijker op de kop, toen hij onlangs op de radio zei: “Wij houden niet van oude mensen, en zeker niet van dementerenden. Wij zullen zelf nooit in zo’n verpleeghuis terecht komen, dus wat kan het ons schelen en het mag ook zeker niet te veel kosten.” Misschien hebben die grote zorginstellingen ook te veel en te duur management, maar er is gewoon niet genoeg geld beschikbaar voor de ouderenzorg. Waarom niet? Omdat we het er niet voor over hebben. En we hebben ook geen zin om ons erin te verdiepen. Dat wordt duidelijk bij ieder artikel dat aan dit onderwerp door een journalist wordt gewijd. Ze weten het verschil niet eens tussen een verzorgingshuis en een verpleeghuis. Het is jammer dat Van Rijn niet gewoon eerlijk zegt hoe de vork echt in de steel zit. “Er moet bezuinigd worden en niet zo’n beetje ook, omdat er steeds meer oudjes bijkomen en er straks helemaal geen geld meer is om al die oudjes te verzorgen.” Als hij dat nou eens eerlijk aan de kaak zou stellen, dan komt er misschien een maatschappelijk debat op gang. Want à raison van 200 euro per dag per bewoner, kunnen wij, bestuurders, niet voldoen aan al die verplichtingen die verpleeghuizen worden opgelegd: goede mondzorg, structurele opleiding voor de verzorging, altijd toezicht op de groep, gezellige activiteiten en regelmatig naar buiten. Maar kromme, verschrompelde oudjes met incoherent taalgebruik en wier gebitten soms half uit de mond hangen, ach dat zijn wij niet en dat worden wij niet, ons zal het niet overkomen, daarom kijken we de andere kant uit en huilen af en toe mee met meneer van Rijn senior als het ons uitkomt, maar o wee, als wij meer moeten gaan betalen, dan wordt het een heel ander verhaal. En zolang de politiek die discussie niet eerlijk op gang brengt, zal het altijd zo blijven. Af en toe laaien de emoties weer hoog op, als de aandacht er door een of ander schandaal weer op wordt gevestigd, maar verder blijft het gewoon …….. een status quo!
Frederiek Morees is directeur van een zorginstelling ergens in Nederland. Zij schrijft over zaken waarmee zij in de dagelijkse praktijk te maken heeft. Morees heet in werkelijkheid anders.
2014-December / ZorgInstellingen 21
SCHOONMAAK
Cliëntenparticipatie bij De Zijlen
Cliënten aan de slag in de schoonmaak Cliënten met een verstandelijke beperking inzetten in de schoonmaak. Voor GomZorgSupport en de Groningse zorginstelling De Zijlen is het heel gewoon. Inmiddels zijn vier cliënten aan de slag en er wordt van alles gedaan om het project uit te breiden. Tekst Frank Bokern* De Groningse zorginstelling De Zijlen wil zoveel mogelijk cliënten een zinvolle dagbesteding geven, het liefst door ze onder te brengen bij bedrijven en organisaties. Na een pilot met schoonmaakbedrijf Gom ZorgSupport zijn nu vier cliënten succesvol aan de slag in de schoonmaak. Facilitair adviseur Jan Jongstra van De Zijlen was van het begin bij dit arbeidsproject betrokken. “Normaal
22
2014-December / ZorgInstellingen
werk bevordert de participatie. Cliënten gaan naar buiten toe, komen onder mensen en integreren daarmee beter in de maatschappij. Werken voor een echt bedrijf wordt door cliënten ook als zinvoller ervaren. Het geeft ze status. Ze gaan 's ochtends naar hun werk, dragen bedrijfskleding, hebben een baas. Dat geeft ze een goed gevoel.” Om misverstanden te voorkomen: het project is niet bedoeld om te bezuini-
gen op de schoonmaak, maar om medewerkers een zinvolle dagbesteding te geven. De plaatsing van zorgcliënten gaat ook niet ten koste van de werkgelegenheid bij Gom ZorgSupport. Er wordt namelijk werk toegevoegd. De cliënten die nu worden ingezet, zorgen ervoor dat de vloeren vaker worden geschrobd en de ramen vaker worden gewassen.
SCHOONMAAK
Cliëntenparticipatie bij De Zijlen
Goede match Een goede voorbereiding en gedegen selectie van de kandidaten was essentieel, vertelt werkbemiddelaar Jeannette Muijs van De Zijlen. "We hebben vacatures opgesteld waarin duidelijk is omschreven wat van de cliënt wordt verwacht, wat ze moeten doen, wat ze moeten kunnen of wat ze moeten kunnen leren. Daarnaast is duidelijk aangegeven wat werken voor Gom ZorgSupport allemaal voor voordelen biedt, zoals meedoen in de maatschappij, deel uit maken van een team, en bijvoorbeeld het ontvangen van een kerstpakket. Dat is voor cliënten vaak heel belangrijk.” Bij de sollicitatiegesprekken waren mensen aanwezig die goed op de hoogte waren van de mogelijkheden van de cliënten. Na het sollicitatiegesprek volgde nog een kennismakingsgesprek met iemand van Gom ZorgSupport. Daarna volgde een stage bij het schoonmaakbedrijf om te kijken of er een goede match aanwezig was. De zorgvuldige voorbereiding heeft zijn vruchten afgeworpen: de vier mensen die in het begin zijn geselecteerd, zijn nog steeds aan de slag. Jeannette Muijs: “Het heeft dus erg goed uitgepakt. De cliënten zelf zijn ook enorm blij met het werk.”
Goede begeleiding Om de participatie van cliënten in het schoonmaakproces te laten slagen, is ook een goede begeleiding van belang. Het is misschien wel het allerbelangrijkste, zegt Jan Jongstra. “Je moet schoonmaakmedewerkers hebben met affiniteit voor de doelgroep, die het leuk vinden om met cliënten om te gaan en die geduld hebben.” Rayonleider Gabriella de Goede van Gom ZorgSupport, die zelf ook een achtergrond heeft in de zorg, vult Jongstra aan: “We hebben het geluk dat een aantal van onze schoonmaakmedewerkers niet alleen over de persoonlijkheid beschikken om collega’s te begeleiden, maar ook nog eens erg gemotiveerd zijn om met cliënten
te werken. Dat is een belangrijk onderdeel van het succes van dit project.” Werkbemiddelaar Muijs: “Het is wel belangrijk om het gesprek te blijven voeren, het contact te blijven onderhouden en aandacht te blijven besteden aan de cliënt. Eén van de cliënten die nu in de schoonmaak werkt, had op een vorige werkplek moeite om op tijd op het werk te komen. Er moet dan wel tijd zijn om dat te leren. Daar moet een werkgever rekening mee houden en ruimte voor bieden.”
Cliënten bloeien op Er moet ook ruimte zijn om de mogelijkheden van een cliënt af te tasten. Het werk is afgestemd op de mogelijkheden en de motivatie van de cliënten, en het inwerken is gefaseerd opgebouwd. Eerst wordt het proces en aanverwante handelingen geleerd (muren afnemen, schrobben met een bezem e.d.), dan wordt aandacht besteed aan het aankondigen en aftekenen van werkzaamheden, vervolgens wordt geoefend met machines en is er aandacht voor ergonomie, daarna komt er meer verdieping in de middelen enzovoort. Rayonmanager Arjen Hartman van Gom ZorgSupport heeft inmiddels al meerdere malen gezien dat de cliënten groeien door hun werk. “Uiteindelijk kunnen ze nu meer dan op voorhand werd gedacht. Ze bloeien op.”
Jan Jongstra, facilitair adviseur van instelling De Zijlen: “Je moet wel schoonmaakmedewerkers hebben die het leuk vinden om met cliënten om te gaan en die geduld hebben.”
vervolgt hij. “Het is een samenwerking tussen het facilitair bedrijf, het schoonmaakbedrijf en werkbemiddeling. Je moet die driehoek bij elkaar zien te krijgen. En je moet er ook tijd en energie in steken om het op gang te krijgen.”
Verrijking
Win-winsituatie
Jeannette Muijs noemt het werk bij Gom ZorgSupport een waardevolle aanvulling op het werkpakket dat er al was. “Het is voor sommige cliënten heel fijn om in de eigen, veilige omgeving te werken. En nog een positief punt: door de bezuinigingen op vervoer van cliënten is werken in de eigen leefomgeving ideaal.” Jan Jongstra kan het andere instellingen van harte aanbevelen om cliënten in te zetten in de schoonmaak: hij vindt het een verrijking. Het vraagt wel om een samenspel,
Alle betrokken spreken van een win-winsituatie. Arjen Hartman: “Als schoonmaakbedrijf kunnen we invulling geven aan ons streven om maatschappelijk verantwoord te ondernemen. Onze medewerkers halen meer bevrediging uit hun werk. Instellingen hebben er een zinvolle dagbesteding bij. En de cliënten kunnen aan het werk bij een echte werkgever, en krijgen ook de waardering en de voldoening die daarbij horen.” *Frank Bokern, Weergaloos met woorden.
2014-December / ZorgInstellingen 23
OUD IS NIET OUT!
Tekort aan menskracht maakt leeftijd onbelangrijk
OVERSPOELD DOOR SCHAARSTE
Prijs € 43,95 excl. btw
Bestellen: www.vakmedianetshop.nl/overspoeld
Veilig wonen: techniek maakt het mogelijk
Langer thuiswonen, op een veilige en verantwoorde manier, is mogelijk door inzet van slimme techniek. In dit artikel enkele voorbeelden van moderne technologische toepassingen, zoals passieve alarmering, verlichting, sluitsystemen, dwaaldetectie en beeldverbeeldingen met behulp van een tablet. Tekst Nicoline Valk*
Een casemanager dementie legt een dilemma voor. “Een cliënt waar ik al een paar jaar thuis kom, is op dit moment dusdanig hulpbehoevend dat langer zelfstandig thuis wonen niet
langer verantwoord is – vanuit mijn visie als hulpverlener.” Laten we deze cliënt de heer De Wit noemen. De heer De Wit is op leeftijd
en lijdt aan dementie en heeft darmkanker. Ondanks zijn ziektes wil hij graag zo lang mogelijk thuis blijven wonen. Dat had hij al vóór zijn ziektes aangegeven, en zijn wens is nog niet
2014-December / ZorgInstellingen 25
'Trends als robotisering komen in de media steeds vaker naar voren' blijven wonen, is een actueel onderwerp in het kader van scheiden van wonen en zorg. Thema’s die rondom dit onderwerp anno 2014 sterk leven zijn veiligheid, efficiëntie, betere zorg en kwaliteit van leven. Deze thema’s en trends worden hieronder kort behandeld. Bij passieve alarmering worden er sensoren in de woning aangebracht. Deze registeren of er beweging is in de woning, wanneer deze beweging er is en wanneer deze ophoudt.
veranderd. Zijn vrouw is drie jaar geleden overleden, zijn kinderen wonen ver weg. Er is een fors zorgpakket geïndiceerd, maar geen '24-uurs'-zorg. De heer De Wit is thuis al meerdere keren gevallen. “Hij ligt dan een tijd lang op de koude vloer, tot hij door een medewerkster van de thuiszorg wordt gevonden. Ook de thuiszorg
'De investering in zorgdomotica verdient zich gemiddeld in 2 jaar terug' heeft nu aangegeven de zorgkeuze onverantwoord te vinden”, aldus de casemanager. Wensen en belangen van cliënt en hulpverleners botsen in dit praktijkverhaal. Is het noodzakelijk dat de heer De Wit tegen wil en dank in een instel-
26
2014-December / ZorgInstellingen
ling wordt opgenomen? Of zijn er oplossingen zodat hij de laatste fase van zijn leven thuis kan doorbrengen? Thuis blijven wonen is een optie die meer dan het overwegen waard is. De zorg die de hulpverlening voor ogen heeft, wijkt af van zijn eigen wens. Dan is het noodzakelijk om over de grenzen van het algemene gedachtegoed heen te stappen en na te denken over alternatieven.
Beste zorg Iedere adviseur zorgdomotica komt deze schrijnende verhalen vaker tegen. Soms ook met onnodig vroeg overlijden tot gevolg. Toch is het mogelijk de heer De Wit en andere mensen in vergelijkbare situaties zo te faciliteren dat ze in deze levensfase thuis kunnen blijven wonen, in een comfortabele omgeving. Ondersteuning vanuit technologie helpt cliënten, zorgverleners en mantelzorgers in zowel intraals extramurale woonomgevingen. De toename van het aantal Alzheimerpatiënten, die bovendien langer thuis
Veilig Wonen Met het ouder worden, nemen vaak ook angst en onzekerheid toe. Dit geldt voor ons allemaal, maar in het bijzonder voor mensen met dementie. Een verhoogd gevoel van veilig wonen is vanuit de techniek redelijk eenvoudig te realiseren. Denk bijvoorbeeld aan inbraak- en brandbeveiliging, aan actieve personenalarmering (het ‘drukknopje’) of een spreek-/luisterverbinding met de zorgorganisatie. Maar het drukknopje is vaak net niet bij de hand als je het nodig hebt. En een dementerende kan ook zo maar vergeten zijn waarvoor het drukknopje dient.
Passieve alarmering Een alternatieve oplossing is dan zogenoemde ‘passieve alarmering’. Dit houdt in dat in de woning aangebrachte sensoren registreren of er beweging is in de woning, wanneer deze beweging er is en wanneer deze ophoudt. De verschillende sensoren zijn daarbij op elkaar ingespeeld en indien wenselijk worden de sensoren versterkt met een (infrarood) camera. Stel: meneer De Wit gaat ’s nachts naar de badkamer om naar het toilet te gaan. De sensoren constateren de
beweging, maar alarmering is niet nodig. Vervolgens is hij langer dan 10 minuten in de badkamer. De badkamer wordt automatisch gescand om te zien of hij op de grond is gevallen. Als dit het geval is, gaat er direct een alarm uit naar de thuiszorg, zodat de heer De Wit zo spoedig mogelijk geholpen kan worden. Het verkleinen van het valrisico zou nog beter zijn voor hem. Er worden verschillende aanpassingen gedaan om preventief te handelen.
Licht/verlichting Als dementerende heeft de heer De Wit last van een verstoord dag- en nachtritme. Om deze reden is op een aantal plaatsen in zijn woning gekozen voor daglichtsimulatie. Daarnaast is oriëntatieverlichting toegepast. Er gaan kleine lampjes branden als hij uit bed stapt en de verlichtingsroute leidt naar de badkamer. Ook dat vergroot zijn veiligheid. Het aantal bewegingssensoren in de woning is uitgebreid naar de woonkamer en keuken. Verder is gekozen voor het aanpassen van het slot op de voordeur. De cilinder is vervangen, en de thuiszorg kan nu snel naar binnen door gebruik te maken van de app op de mobiele telefoon. Hij beschikt nog wel over een sleutel, want dat is voor hem belangrijk.
Paradox Iedere zorginstelling wil de beste zorg leveren, veilig én efficiënt. Het verbeteren van de zorg en tegelijkertijd besparen is een bereikbaar doel. Zonder kwaliteitsverlies. De investering in zorgdomotica verdient zich gemiddeld in twee jaar tijd terug. Ervaring leert dat het aantal alarmmeldingen (in de nacht) tot 60% daalt; valse alarmmeldingen worden steeds meer teruggedrongen. “Het gaat in systemen als deze allereerst om betrouwbaarheid. Men
moet de zekerheid hebben dat servicevragen snel en adequaat worden opgevolgd. In de pilotfase en verdere uitrol van projecten hebben we bewezen dat we de verwachtingen waar kunnen maken. We kiezen voor robuuste oplossingen, en dat is waar de zorg op zit te wachten”, aldus Wim van den Pol van Van den Pol Elektrotechniek.
gekozen gebruik te maken van dwaaldetectie. Er is een geografisch gebied gekaderd, waarbinnen hij zich normaliter bevindt. Als hij dit gebied verlaat, komt er een melding binnen op de mobiele telefoon van (in dit geval) zijn kinderen, inclusief een gegevens over zijn locatie. Zij ondernemen vervolgens actie om hem weer veilig thuis te krijgen.
Kwaliteit van leven
Ondersteuning
Meneer de Wit maakt gebruik van een tablet. Hij is stap-voor-stap begeleid in het gebruik daarvan. Deze keuze is gemaakt door zijn kinderen, die verschillende succesverhalen hebben gelezen over tablets en dementie. Via de tablet heeft hij nu dagelijks beeld-
Er is veel, heel veel beschikbaar om het leven van hulpbehoevende ouderen te veraangenamen. Dat varieert van eenvoudige monitoring tot volledige bewaking. Trends als robotisering komen in de media steeds vaker naar voren. Maar laten we bij het begin beginnen: het op eenvoudige wijze ondersteunen van hulpbehoevenden door het inzetten van technologie. Luisteren naar wat er daadwerkelijk leeft en speelt, en dit vertalen naar een passende invulling van behoeften. Alleen zo kunnen we de kloof tussen ‘zorg’ en ‘techniek’ overbruggen en een maatschappelijk relevante bijdrage leveren.
'De badkamer wordt automatisch gescand om te zien of hij op de grond is gevallen' contact met zijn kinderen, die elders wonen. Iedere ochtend heeft hij ook beeldcontact met een medewerker van de thuiszorg, die daardoor - op afstand - kan zien hoe hij erbij zit. Dit geeft een eerste indruk van hoe het met de heer De Wit gaat. Hij maakt graag gebruik van zijn tablet. Zijn dochter heeft er voor hem heel veel foto’s en herinneringen op gezet, waar hij met plezier naar kijkt. Hij weet niet meer wat hij gisteren heeft gedaan, maar hij kan zich nog goed het leven herinneren van toen de kinderen klein waren.
Dwaaldetectie Meneer de Wit verlaat zijn woning op het moment waarop hij dat wil. Samen met zijn kinderen heeft hij ervoor
*Nicoline Valk is adviseur zorgdomotica bij Van den Pol Elektrotechniek (www. vandenpol.com/specialismen/zorgdomotica). Daarnaast is zij actief in het innovatieteam van Alzheimer Nederland.
2014-December / ZorgInstellingen 27
OMGEVING
GGZ-huisvesting
'Cliënten willen privacy en geborgenheid' In opdracht van Arkin ontwikkelde D-Dock architecten uit Amsterdam drie jaar geleden een visie op een gebouwde omgeving die bijdraagt aan de genezing van cliënten: de Vallei. Een uitleg over opzet en achtergronden. Tekst Ronald Bergkamp en Joost van der Naald*
De comfortable High Care Unit, met ruimte voor één-op-één begeleiding, vervangt de traditionele separeerruimtes.
28
2014-December / ZorgInstellingen
OMGEVING
GGZ-huisvesting
Organisatie voor psychiatrie en verslavingszorg Arkin in Amsterdam heeft afgelopen jaren een omslag in het denken over huisvesting gemaakt. In het concept de Vallei staat de beleving van cliënten centraal. Wat hebben zij nodig om zich goed te voelen en prettig te kunnen verblijven op een locatie, om samen te werken aan het genezingsproces, om gewoon zichzelf te kunnen zijn? Het zorgaanbod van Arkin wordt onder meer geleverd door de merken Jellinek (verslaving), Mentrum (chronische ggz), Novarum (eetstoornissen),
Spoedeisende Psychiatrie Amsterdam, NPI (persoonlijkheidsstoornissen), Sinai Centrum (kleinschalig psychotraumabehandelcentrum) en Roads voor de dagbestedingsactiviteiten. Arkin heeft als motto 'Sterk in de stad'. Dat begint met de aanwezigheid op buurtniveau en vindbaarheid in de stad. Maar het gaat ook over het bieden van een behandelomgeving die in verbinding staat met de grootstedelijke omgeving waar cliënten uit voortkomen en waar ze naar terugkeren. De samenleving houdt niet op bij de voordeur maar manifesteert zich in de sociale omgang en het gedrag van mensen die zich in Arkin-locaties bevinden. En waarom zouden mensen binnen andere behoeften hebben dan buiten? Ook in een gebouw zijn mensen op zoek naar geborgenheid, privacy, een plek voor ontmoeting, samenzijn en ontspanning.
De Vallei In opdracht van de afdeling Huisvesting, ICT & Inkoop, onderdeel van het Arkin Service Center, ontwikkelde
'Ook in een gebouw zijn mensen op zoek naar geborgenheid en privacy' D-Dock architecten uit Amsterdam drie jaar geleden een visie op een gebouwde omgeving die bijdraagt aan de genezing van cliënten: de Vallei. Het is een concept waarin de beeldtaal en functionaliteit van huisvesting opnieuw gedefinieerd wordt. In plaats van ruimten wordt er gesproken over domeinen en functies die op een logische manier in verbinding staan met elkaar. Nutteloze gangen die alleen maar dienen als verkeersruimte worden vermeden. Vormen zijn ontleend aan
de natuur en materialen passen bij het feitelijke gebruik van inrichtingselementen.
Jargon Een belangrijk onderdeel van de Vallei is de taal; het jargon waarin gesproken wordt over huisvesting. De entree en alle functies rondom de binnenkomst van mensen vormen de Haven. Cliënten wonen in het Dorp. Ontmoetingen en activiteiten van behandelaars en cliënten vinden plaats in de Club. Samenwerking van collega's en ondersteuning van het primaire proces vindt plaats op de Brug. Door anders te praten over huisvesting verandert de gevoelswaarde zowel voor medewerkers en bezoekers als cliënten.
Beleving De Vallei heeft positief bijgedragen aan de algehele beleving van Arkin-locaties, in alle aspecten van verblijf en behandeling. De woonomgeving van cliënten sluit aan op algemene behoeften als comfort, samenzijn en privacy. Design, echte materialen en levendige kleuren worden niet geschuwd. Ook in het organiseren van dagelijkse routines en activiteiten wordt gekozen voor een aanpak die beter past bij de behandelmethodiek. Gezamenlijk eten uit de pan op tafel in een geriefelijke eetkamer naast de huiskamer is nu meer regel dan uitzondering.
Veiligheid Ook op het vlak van veiligheid is een andere insteek gekozen. Vroeger werd veiligheid vooral gezocht in bouwkundige maatregelen die zorgden voor afstand tussen cliënt en medewerkers. Nu wordt veiligheid gekoppeld aan gastvrijheid door een andere opzet en positionering van de receptie in combinatie met camerabewaking en domotica. Dit zorgt voor rust, overzicht en vriendelijkheid van de Haven. Het belangrijkste is dat medewerkers in het primaire en ondersteunende zorgproces een cultuurverandering hebben ondergaan. Van een ‘kil ziekenhuis’ naar een warme en
2014-December / ZorgInstellingen 29
OMGEVING
GGZ-huisvesting
gastvrije ontvangst. De gastvrije omgeving heeft er inmiddels toe geleid dat de hostess van de receptie de beveiligingsmedewerker gaat vervangen.
Locatiebeleid Met de introductie van de Vallei is het locatiebeleid en de benutting van gebouwen op de schop gegaan. Zo is flexwerken geïntroduceerd om een betere benutting te krijgen van het gebruik vierkante meters. Spreekkamers zijn niet meer op naam gesteld. Daardoor hebben deze
'Spreekkamers zijn niet meer op naam gesteld'
inmiddels een 100%- bezetting. Locatiekeuze is mede afhankelijk geworden van de mate waarin het concept Vallei kan worden toegepast. Dit heeft tot gevolg gehad dat Arkin in Amsterdam de laatste twee jaar zes klinieken heeft gesloten omdat die niet beantwoorden aan de kwaliteitsstandaard. Waar panden voorheen ingericht werden voor een specifieke doelgroep worden ze nu ingericht als Arkin-locatie. Het onderscheid van doelgroepen is zichtbaar in de uitrusting van inventaris, in de kleuren van het merk waaronder de doelgroep valt. Uitwisselbaarheid zonder dure verbouwingen is een leidmotief in het realiseren van gebouwen en inrichting van Arkin.
Praktijkvoorbeelden Parallel aan het uitwerken van de Vallei is Arkin verder gegaan met noodzakelijke verbouwingen van bestaande locaties. Daarbij zijn verschillende architecten aan de slag
30
2014-December / ZorgInstellingen
gegaan met de architectonische visie en het functionele programma van eisen van de Vallei. Samen met ambassadeurs van een cliëntgerichte huisvesting zijn verschillende locaties aangepast met (delen van) de Vallei. De praktijkervaringen zijn tot nu toe positief. Op de Amsterdamse locatie Reigersbos is de Haven niet alleen een ontvangstruimte, maar ook de woonkamer van cliënten. De kliniek is gesitueerd in het winkelcentrum Reigersbos en leiding en bewoners streven naar meer binding met de omgeving. Dit was zo succesvol dat het locatiemanagement heeft moeten besluiten het toiletbezoek van het winkelend publiek in de kliniek tot normale proporties terug te brengen.
zichzelf staand: ook Arkin heeft afgelopen jaren een omslag moeten maken in het bekostigen van de zorg en efficiënt organiseren van de bedrijfsvoering. Het mooie van de Vallei is dat het richting en kleur heeft gegeven aan andere ontwikkelingen in de organisatie. Het heeft de afdeling Huisvesting, ICT & Inkoop geholpen om de interne klanten van de verschillende zorgpaden beter te kunnen ondersteunen met passende huisvesting – van kwantitatief naar kwalitatief denken.
De kliniek Sporenburg in Amsterdam Oost heeft ook een maatschappelijke functie gekregen. In de toekomst zullen buurtbewoners gebruik kunnen maken van de inpandige wijksteunpunt. Stemhokjes in de kliniek voor GGZ zullen daar geen ongebruikelijk verschijnsel zijn. De ontvangsthal van de kliniek van Jellinek in Amsterdam Zuid is getransformeerd in een lobby van een hotel. De lobby is uitgevoerd met kleine nisjes voor bezoekers die privacy op prijs stellen en comfortabele banken midden in de hal. Door het toepassen van veel licht en lichte kleuren is het visitekaartje van het pand overzichtelijk voor bezoekers en medewerkers. Omdat receptiemedewerkers – door de verhoogde receptiebalie- bezoekers op ooghoogte aankijken is het aantal incidenten van verbale agressie significant verminderd.
Omslag De ontwikkeling van de Vallei is ingegeven door de overtuiging dat huisvesting beter kan en moet aansluiten op de behoeften van de eindgebruikers. Het proces om tot een handboek te komen was niet op
*Ronald Bergkamp (boven) is directeur Arkin Service Center, Amsterdam. Joost van der Naald is adviseur organisatie & huisvesting, draaijer+partners.
SPOTLIGHT
Rianne van Helvoort
'Schrijf ouderen niet af als hulpbehoevend' gang te zijn en overal oplossingen voor te verzinnen. Op de meldcentrale ligt elke dag wel een verrassing te wachten.”
Wat maakt iemand tot een goede facility manager? In de rubriek Spotlight vertelt elke maand een facility manager, werkzaam in de zorg, over zijn beroep.
Minder leuk “De traagheid van dingen. Het is heel goed om voor bepaalde projecten betrokkenheid te creëren in diverse lagen, maar omdat iedereen er zijn zegje over wil doen, kan het tijden duren voor iets doorgevoerd wordt.”
Trots
Tekst Aline de Bruin
“Het ontmoetingsgedeelte van Sterrebos heeft een complete metamorfose ondergaan. Het was eerst een zaal waar tussen de middag een warme hap werd geserveerd en waar het de rest van de tijd stil was; nu is het een gezellige ontmoetingsruimte waar altijd bedrijvigheid heerst. Daarnaast ben ik blij met de nieuwbouwprojecten die we hebben opgeleverd.”
Naam: Rianne van Helvoort Functie: teammanager Horeca en Facilitair, projectmedewerker Nieuwbouw en inrichting Organisatie: Sterrebos, BrabantZorg Leeftijd: 45 jaar Werkt gemiddeld per week: 36 uur
“Ik heb voeding en diëtetiek gestudeerd in Nijmegen. Na een aantal functies in het bedrijfsleven besloot ik zeven jaar geleden om te solliciteren naar een functie in de zorg. Ik heb altijd al in de zorg willen werken en als facilitair manager heb ik de kans om alles om de zorg heen zo goed mogelijk te organiseren.”
Werkzaamheden “Sterrebos is een serviceflat. Als manager horeca en facilitair probeer ik dagelijks een rondgang te maken door het gebouw. Ik zorg ervoor dat alle randvoorzieningen goed lopen. Verder zit de meldcentrale personenalarmering van BrabantZorg in ons gebouw en de meldingen die daar binnenkomen,
Eigen zorgcirkels
hebben ook mijn aandacht nodig. Daarnaast houd ik als projectmedewerker Nieuwbouw een vinger aan de pols bij bouwprojecten.”
Wijkparticipatie “Onze faciliteiten zijn ook voor wijkbewoners. We organiseren veel verschillende activiteiten - van bloemschikken tot yoga - met partners uit de buurt. Iedereen kan gezellig bij ons komen, zonder dat er een lidmaatschap aan vast zit.”
Leuk aan werken in de zorg “Als we met het hele team ons best doen, dan maken we echt een verschil in het leven van de cliënten. Daarnaast vind ik het fijn om praktisch aan de
“Bij ons wonen mensen zelfstandig en wij leveren alle diensten om mensen zelfstandig te laten wonen. Wat mensen kunnen doen, blijven ze zelf doen. Veel bewoners hebben hier bijvoorbeeld een hondje. Als ze ziek zijn, regelen ze onderling zelf dat iemand anders de hond uitlaat. Hetzelfde geldt voor het boodschappen doen. Mensen lopen als vanzelfsprekend bij de buurvrouw binnen om te vragen of ze nog iets nodig heeft. Er ontstaan eigen zorgcirkeltjes.”
Advies voor collega’s “Vertrouw op de creativiteit en het ondernemingsvermogen van oudere mensen en schrijf ze niet helemaal af als hulpbehoevend. Het is de zorg eigen om ouderen alles uit handen te nemen. Dat doen we met de beste bedoelingen, maar als dat we dat blijven doen, nemen we ze toch een stukje zelfstandigheid af.”
2014-December / ZorgInstellingen 31
₏ 200,- plaatsings
www.payperwash.nl www.electrolux.nl/professional | mail: professional@electrolux.nl Telefoon (0172) 468 468 | Fax (0172) 468 533 ElectroluxProfessionalNL | ElectroluxProNL
GASTVRIJHEID
Roomservice OLVG
Minder gezichten aan het bed, meer persoonlijke aandacht Met de komst van een nieuwe visie op moeder- en kindzorg moesten de betrokken zorgfuncties op het Anna Paviljoen in het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis ook anders. Minder verschillende gezichten aan het bed van de patiĂŤnten en meer persoonlijke aandacht. Daarom introduceert het Anna Paviljoen de roomservicemedewerker. Tekst Klarinda de Rijke
De roomservicemedewerkers van het OLVG na afloop van de diplomering, met geheel rechts Mohammed Addi en derde van links Anna Gyosheva.
2014-December / ZorgInstellingen 33
Gastvrijheid
Roomservice OLVG
De afdelingen Neonatologie, Verloskunde en Kindergeneeskunde moesten op de schop. Het kon allemaal veel persoonlijker en gastvrijer, want dat is beter voor moeder en kind. “Zo creëren moeder en kind sneller een hechte band”, aldus Nia Hurkmans, teamleider Patiëntenvoeding en Services in het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis (OLGV) in Amsterdam. Iets waar moeder en kind levenslang profijt van hebben. Het eerste Anna Paviljoen in het OLVG werd in 1925 gebouwd. De kraamafdeling werd vernoemd naar Anna, de beschermheilige en patrones van vrouwen. Veel Amsterdammers zijn er geboren. Zo’n zeventig jaar later maakte de afdeling plaats voor de nieuwbouw van het OLVG, en nu is hij weer terug van weggeweest in de vorm van een modern moeder- en kindcentrum.
Partners op de bedbank
Modern omdat moeders in spé voor, tijdens en na hun bevalling in dezelfde zorgsuite met eigen badkamer verblijven. Samen met de baby herstellen ze er, en zo nodig kan de partner op de bedbank blijven slapen. Medisch personeel en facilitaire medewerkers verzorgen hen zo goed en gastvrij
'Voor ieder wissewasje een ander persoon hoeft niet' mogelijk, met zo weinig mogelijk verschillende gezichten. “Je ontkomt er niet aan om medisch personeel en facilitaire medewerkers aan je bed te
hebben. Maar voor ieder wissewasje een ander persoon hoeft niet”, vertelt afdelingsleider Patiëntenvoeding en Services Anke Goedhart- Coers. Dus werd de roomservicemedewerker geïntroduceerd. Een vervanging voor de drie ‘oude’ functies: afdelingsassistent, servicemedewerker en schoonmaker gecombineerd in één persoon die al deze taken op zich neemt. Multifunctioneel dus. Goedhart: “Deze medewerker is een dame of heer die servicegericht werkt en een sociale antenne en een facilitair oog heeft.”
De spil is gastvrijheid
Concreet krijgt een roomservicemedewerker tijdens een dagdienst zo’n twaalf zorgsuites onder zijn of haar hoede. Hij of zij serveert eten en drinken, verzorgt 24/7 cateringservice, maakt de kamer spic en span, vult de partuskar (kar met al het ‘gereedschap’ dat nodig is bij een bevalling) en ontvangt bezoek op een gastvrije manier. Allemaal in dezelfde kleurige sloof, behalve tijdens de schoonmaak van de kamer. Hoe gaat deze cultuuromslag? “Natuurlijk is de eerste dag rommelig. Maar go with the flow, het komt goed. Het is normaal dat een nieuw systeem ongeveer een jaar duurt voordat het goed werkt,” reageert Hurkmans. Haar collega Goedhart vult aan: “Voorheen werd de patiënt gekneed naar de maatstaven van het ziekenhuis. We willen nu alle zorg faciliteren rondom de patiënt, zodat hij de regie heeft en centraal staat.”
Roomservicemedewerkers klaarstomen
Puck Wilbers, HTC Advies: “In de training hebben we de basiselementen van schoonmaken samengevoegd met specifieke kennis gericht op de handelingen die de roomservicemedewerkers gaan verrichten.”
34
2014-December / ZorgInstellingen
Omdat het OLVG voor het eerst op deze manier ging werken, zocht het een organisatie die een training biedt waarin alle facetten van de roomservicefunctie aan de orde komen. De keuze viel op HTC Advies met zusterorganisatie Atir. “Zij leverden kennis op het gebied van schoonmaak en gastvrijheid. Wij boden input op
GASTVRIJHEID
Roomservice OLVG
Links Anke Goedhart-Coers, afdelingsleider Patiëntenvoeding en Services en rechts Nia Hurkmans, teamleider Patiëntenvoeding en Services in het Onze Lieve Vrouwe Gasthuis.
gebied van HACCP, diëtiek en logistiek,” vertelt Goedhart. In twee weken stoomden HTC Advies en het OLVG de roomservicemedewerkers en teamleiders klaar voor de
'We faciliteren nu alle zorg rondom de patiënt' start van de afdeling eind oktober. Puck Wilbers van HTC zette de training in elkaar en examineerde met collega Ria Ankersmit de kandidaten. Wat volgens Wilbers het belangrijkste is om deze functie goed uit te voeren? “Een gastvrije houding. Dat ze kunnen anticiperen middels een flexibele,
proactieve en vriendelijke houding op alle mogelijke situaties. De leuke én de trieste.”
Moeilijk? Welnee Maar ook schoonmaken is belangrijk. Wilbers: “We voegden de basiselementen van schoonmaken in de training samen met specifieke kennis gericht op de handelingen die de roomservicemedewerkers gaan doen.” Bijvoorbeeld: bedden desinfecteren en couveuses reinigen. Ook kwamen voedselveiligheid, diëtiek en logistiek aan de orde. “Een grote verantwoordelijkheid is de partuskar. Omdat deze allerlei benodigdheden bevat die tijdens een bevalling levens kunnen redden.” Moeilijk? “Welnee”, reageert voorheen schoonmaker Anna Gyosheva (37), nu roomservicemedewerker bij het Anna
Paviljoen. “Het is spannend, maar niet moeilijk. Alles wat ik moet weten, heb ik geleerd. En het leukste vind ik dat ik nu ook écht contact heb met de patiënt.” Samenwerken met zijn collega’s vindt Gyosheva’s collega Mohammed Addi (32) vooral erg leuk. “We zijn ook echt een team.” Want hoewel iedere medewerker een eigen gebied onder zijn hoede heeft, kan het zomaar gebeuren dat er in een ander gebied een kamer schoon moet. Afstemmen dus. Hurkmans: “Prioriteiten stellen is hierin heel belangrijk. Want moeder en kind zijn altijd nummer één. Eerst eten verstrekken in eigen kamers, daarna andere collega’s helpen. Misschien is het minder efficiënt werken, maar wel belangrijker.”
2014-December / ZorgInstellingen 35
ONDERZOEK
Facilitaire markt
Facilitaire markt krimpt met 1,7% Wat zijn de belangrijkste facilitaire trends en ontwikkelingen, wat is de omvang van de Nederlandse facilitaire markt en welk percentage hiervan wordt uitbesteed? Deze, en andere vragen stonden centraal in het zevende facilitaire marktonderzoek van FMN en Twynstra Gudde. Een overzicht van de belangrijkste resultaten. Tekst Thijs van der Spil en Corinna van Diepen-Knegjens *
De totale omvang van de facilitaire markt (inclusief vastgoed) bedroeg in 2013 ruim 77 miljard euro. Dat betekent een krimp van 3,8 procent ten opzichte van 2011 met een waarde van 2,9 miljard euro. De totale omvang van de facilitaire markt daalt daarmee tot onder het niveau van voor de economische recessie. Toch zijn de eerste tekenen van economisch herstel zichtbaar. Commercieel vastgoed maakt met 52 procent een belangrijk onderdeel uit van de totale markt. De sterke daling in de eigendoms-, huur- en leaselasten heeft hier met een krimp van 2,3 miljard euro (-5,7 procent) een sterke invloed op de resultaten van de markt als geheel.
Uitbesteding neemt toe Bijna 60,8 procent van de facilitaire markt (exclusief vastgoed) is uitbesteed aan leveranciers. Daarmee groeit het uitbestedingspercentage met 1,4 procent (toename van 137 miljoen euro) ten opzichte van 2011. Die toename is opvallend omdat de personele omvang (uitbesteding) ten opzichte van 2011 in 2013 met ongeveer 8.000 werknemers is gekrompen. Er werd dus, onder druk van marktomstandigheden, met minder werknemers meer omzet gegenereerd.
36
2014-December / ZorgInstellingen
Het uitbestedingspercentage zal ondanks de toename van het aantal inbestedingen bij overheidsinstellingen naar verwachting ook de komende jaren blijven stijgen. Dat komt onder andere door een verdere toename van het aantal facilitaire regieorganisaties.
Besparing Het reduceren en beheersen van kosten is opnieuw de belangrijkste facilitaire trend. De voortdurende economische uitdagingen dwingen veel organisaties
'Nieuwe technologie en big data is dĂŠ trend voor de toekomst' om permanent kosten te besparen en efficiencyslagen te maken. Facilitaire organisaties hebben de afgelopen jaren al een belangrijke bijdrage geleverd aan deze kostenbesparingen door kostenstructuren en marges te herzien. Ze worden nu opnieuw uitgedaagd met een gemiddelde besparingsdoelstelling van 9,4 procent. Een uitdaging die
meer complexe afwegingen met zich meebrengt dan voorheen, want de klant heeft tegelijkertijd ook de ambitie om te groeien en is kritischer en veeleisender geworden. Facilitaire organisaties kiezen daarbij voor zowel kostenbesparingen op de korte termijn, door formatie en indirecte kosten te reduceren, als voor het verbeteren en vernieuwen van de dienstverlening op de lange termijn. Daarbij gaat het onder meer om het herzien van de organisatiestructuur en bedrijfsprocessen, het uitbesteden van diensten, het inzetten van moderne technologie en door het doorvoeren van andere maatregelen waar normaliter misschien meer weerstand tegen zou zijn.
Regie Waar de opmars van het facilitaire regiemodel in 2010 en 2012 al significant kon worden genoemd, is regie in 2014 hĂŠt dominante organisatiemodel. In 2014 is 58 procent van de facilitaire organisaties volgens de principes van regie georganiseerd. Dat is een stijging van 12 procent ten opzichte van 2012. Een stijging waarvan het einde voorlopig niet in zicht is: het aantal regieorganisaties neemt richting 2017 naar verwachting namelijk toe tot 67 procent.
ONDERZOEK
Facilitaire markt
facilitaire vakgebied en voor onomkeerbare ontwikkelingen gezorgd. Deze toenmalige trends maken nu plaats voor het verbeteren van klantmanagement, de inzet van technologie en data en het verbeteren van de kwaliteit van de dienstverlening. Stuk voor stuk trends die de potentie hebben om opnieuw te zorgen voor een facilitaire (r)evolutie. Verwacht wordt dat de komende jaren veel aandacht zal uitgaan naar de inzet van nieuwe technologie en het gebruik van data. Naar verwachting zal dit in 2017 met afstand de belangrijkste facilitaire trend zijn.
*Thijs van der Spil en Corinna van Diepen-Knegjens zijn werkzaam bij Twynstra Gudde (www.twynstragudde.nl).
Grote verschuivingen Uit het onderzoek blijkt verder dat het facilitaire werkveld op dit moment wordt gekenmerkt door grote verschuivingen. Met een adviesbranche die de afgelopen jaren sterk van gedaante is gewisseld, onder meer door de intrede van voorheen branchevreemde partijen. Met aanbieders waar tarieven en marges nog altijd onder druk staan en
die worden geconfronteerd met een toename van het aantal inbestedingen bij overheidsinstellingen. En met grote verschuivingen in de belangrijkste trends en ontwikkelingen die traditioneel de top vijf domineren. Het Nieuwe Werken, Maatschappelijk Verantwoord Ondernemen en facilitaire concepten hebben de afgelopen jaren een enorme impact gehad op het
Over het onderzoek ‘De Nederlandse facility management markt 2014, een overzicht van cijfers, trends en ontwikkelingen’ (150 pagina’s) is te bestellen via fmn@fmn.nl. Kosten: 39,95 euro exclusief btw en verzendkosten.
2014-December / ZorgInstellingen 37
$ # " $ " ! $ #
"
* * , /
6 ) * 8
8
78 7 8 9
/
6
/ 6 * 8 7 8 6 * , /
7 8 6 -
. * ' /
7
6 %
6
8
- 8 6 * 8
6 .
6 !
6 # 7 6 .
8
6
6 *
-
8
6 8 6 *
7
- *
. + 8 4155 6
0 # 6 $ &
* 8 8 6
"
# 8
. 31 6
0
* 6 *
3542 7 6 ( 7
/
0 8
6 "
4
3 '
&
3 #
)
$
3 %
$
,51/
4
3 ' 3
3
-
3 ' ,
3 ' 5
3 ! 3 *
3
3
$
3 ! + 3
' 4 5 $
3 $
3 ' 5 +
026 -26 3 " 3 ) 1/. 3 # 5 $
( (
3
3 # ) % * 3 ' 3
% "#!! '#&$ $!! !$$
(
( (
VOORUITBLIK
Vakbeurs Facilitair
Werkomgeving in beeld
De vakbeurs Facilitair is hét ontmoetingspunt voor iedereen die met facility management en gebouwbeheer te maken heeft. Dit jaar wordt de beurs voor de zeventiende keer georganiseerd in de Brabanthallen in ‘s-Hertogenbosch. Het thema: kwaliteit en beleving van de werkomgeving. Tekst Aline de Bruin Fotografie Jeff Jaspar Fotografie, Heerlen De manier waarop de toegangscontrole is vormgegeven, de parkeervoorziening bij een kantoor, de schoonmaak, de ontvangst, de kwaliteit van de koffie en de catering, flexwerkfaciliteiten, het binnenklimaat, de kwaliteit van de werkplek…Uiteenlopende zaken die één ding gemeen hebben: ze dragen bij aan de kwaliteit en de beleving van de werkomgeving. Dat is dan ook het thema van de zeventiende editie van de vakbeurs Facilitair. “We hebben gekeken naar de ontwikkelingen die spelen in de facilitaire wereld en kwaliteitsmeting en beleving zijn hot items op dit moment. Vandaar de keuze voor dit thema. Daarnaast zijn het onderwerpen waar standhou-
40
2014-December / ZorgInstellingen
ders zich ook gemakkelijk onder kunnen scharen,” zegt Ton Rooijakkers, directeur van het HoLaPress. Het bedrijf organiseert de beurs ieder jaar.
Inspelen op het thema De vakbeurs heeft pas voor de tweede keer een overkoepelend thema. Rooijakkers: “Voorheen was er nooit een beursthema, om het aanbod zo breed mogelijk te houden, maar vorig jaar zagen we dat je met een rode draad toch specifieker kunt inspelen op nieuwe ontwikkelingen. Het maakt de beurs actueler.” De eerlijkheid gebiedt hem wel om te zeggen dat niet iedere standhouder
vorig jaar iets had gedaan met het onderwerp. “Ik zag stands waar het niet eens aan de orde kwam. Dit jaar hebben we dan ook nog specifieker aan standhouders gevraagd of ze willen inspelen op het thema kwaliteitsmeting en beleving. Op die manier kunnen ze zich onderscheiden van hun collega’s en bezoekers alle mogelijkheden laten zien.” Aleike Roos, hoofd beurzen en evenementen van HoLaPress: “We geven standhouders wel veel tools, maar in de praktijk zie je dat de één daar heel actief mee bezig gaat en dat de ander toch meer aangespoord moet worden.”
VOORUITBLIK
Vakbeurs Facilitair
Standhouders Ondanks de recessie zijn er ongeveer evenveel standhouders als vorig jaar. “In de markt zijn natuurlijk sectoren die het erg moeilijk hebben, denk bijvoorbeeld aan de meubelbranche. Die bedrijven moeten zelf de afweging maken of ze hier willen staan. Aan de ene kant moet het financieel kunnen, maar aan de andere kant is dit wel een evenement waar je als bedrijf toch aanwezig moet zijn,” zegt Rooijakkers.
FGNoviteitenprijs Ter stimulering van de ontwikkeling van de vakgebieden FM en gebouwbeheer bestaat sinds 2011 de FGNoviteitenprijs. Inschrijven voor deze prijs staat open voor alle bedrijven die een dienst en/of product op één van deze vakgebieden hebben aan te bieden. De winnaar wordt bekendgemaakt op de eerste dag van de vakbeurs Facilitair. Op de beurs is ook een noviteitententoonstelling te zien. Meedoen aan de FGNoviteitenprijs 2015? Kijk op www.fgnoviteiten.nl voor inschrijving en de voorwaarden voor deelname.
Twee vliegen in één klap Naast een uitgebreid en gevarieerd aanbod in standhouders, van cateringbedrijven tot professionele geursystemen en koffieconcepten, zijn de netwerkmogelijkheden op de beurs belangrijk. “De beurs is niet alleen een vakbeurs waar je langs de stands loopt, maar ook een evenement waar je mensen kunt ontmoeten en kennis kunt uitwisselen”, zegt Roos. Omdat de beurs zo vroeg in het jaar is, biedt de organisatie standhouders de gelegenheid om hun nieuwjaarsreceptie op de
beursvloer te organiseren. Bezoekers combineren hun beursbezoek dan met relatiebeheer en kunnen met een
kelingen rondom de beurs, brengt de organisatie het hele jaar door bezoekersmagazines uit. Hierin staat onder
'Vorig jaar hadden we verrassend veel Duitse bezoekers' bezoek aan de Brabanthallen dus twee vliegen in één klap slaan.
Duitse bezoekers Om de bezoekers zo goed mogelijk op de hoogte te houden van alle ontwik-
andere informatie over standhouders, de (voorlopige) plattegrond van de vakbeurs, informatie over activiteiten en andere handige weetjes. Roos: “We vinden het belangrijk om het vaste bezoekersbestand zo goed mogelijk aan ons te binden.” De organisatie streeft naar een bezoekersaantal van 20.000. Ton Rooijakkers: “Vorig jaar zaten we ook ongeveer op dat aantal. We hadden toen wel verrassend veel Duitse bezoekers, en dat terwijl we niet eens reclame hadden gemaakt voor de beurs in Duitsland. Ik ben benieuwd of die ontwikkeling zich doorzet.”
Vakbeurs Facilitair - Wanneer: van woensdag 14 januari tot en met vrijdag 16 januari 2015 - Waar: Brabanthallen, ‘s-Hertogenbosch. - Tijden: woensdag en donderdag van 10.00 uur tot 19.00 uur en vrijdag van 10.00 uur tot 17.00 uur. - Voorregistratie: www.vakbeursfacilitair.nl.
2014-December / ZorgInstellingen 41
PRODUCT & MARKT Maaltijden- én boodschappenservice aan huis Daily Fresh Food en Benders Vershuys gaan samenwerken vanaf 1 januari 2015. Het assortiment op Vershuys.com wordt uitgebreid met de verse en gezonde sous-vide bereide maaltijden van Daily Fresh Food. Zo willen zij de groeiende groep ouderen met een zorgbehoefte en mensen met een beperking die langer thuis blijven wonen voorzien van álle dagelijkse benodigdheden. Met alle bezuinigingsmaatregelen is er steeds minder hulp beschikbaar bij het koken en het doen van de dagelijkse boodschappen. Door kant-en-klare maaltijden te combineren met de dagelijkse boodschappen, wordt een betaalbare en efficiënte maaltijden- en boodschappenservice geboden. Mensen thuis kunnen via Vershuys.com alles eenvoudig en tegelijkertijd bestellen op een tablet of pc. Vershuys.com is de grootste online versmarkt van het zuiden en heeft veel ervaring opgebouwd met online shoppen, e-commerce en gekoelde levering van boodschappen aan huis. Daily Fresh Food is een totaalleverancier en producent van vlees, vis, aardappelen, groenten en fruit en gespecialiseerd in het sous-vide bereiden van maaltijden.
Met een iPhone of iPad aan het bed Makkelijk en veilig op de iPhone patiëntengegevens inzien tijdens de visite aan patiënten in de kliniek. Thuis op de bank een operatie voorbereiden op de iPad; het lijkt iets dat voor artsen heel normaal zou moeten zijn. Toch is het Spaarne Ziekenhuis één van de eerste ziekenhuizen in Nederland dat Canto voor de iPad en Haiku voor de iPhone in gebruik neemt. Beide applicaties zijn speciaal bedoeld voor medisch specialisten om op beveiligde wijze patiëntgegevens in te zien. David Jairath, plastisch chirurg bij het Spaarne Ziekenhuis, is enthousiast: "Ik vind het een erg handige service. Voorheen moest ik bij het visitelopen de patiëntengegevens op een papiertje overschrijven van mijn computerscherm. Nu kan ik met mijn iPhone direct de gegevens in het patiëntendossier inzien. Ook kan ik mij thuis ’s avonds voorbereiden op het operatieprogramma van de dag erna, of overleg voeren met een collega over een patiënt." Canto en Haiku zijn applicaties van het patiëntendossier Epic. Iedere arts kan door middel van een speciale app met de iPhone of iPad verbinding maken met het ziekenhuis. Er wordt alleen toegang tot de gegevens verleend wanneer het unieke nummer van iPhone en iPad wordt herkend. Daarna moet de arts een gebruikersnaam en wachtwoord invullen; een dubbele beveiliging dus om de gegevens in te zien. Omdat iedereen direct op de server kan werken, blijven er geen gegevens bewaard.
Nieuwe servetdispensers van Tork Tork lanceert een eigentijds assortiment servetdispensers, dat bekroond is met de ‘Red Dot Design’ award. De nieuwe Xpressnap® Image Line is verkrijgbaar in sleek aluminium of FSC-gecertificeerd walnoothout en is ontwikkeld in samenwerking met klanten. De nieuwe dispenserlijn is verkrijgbaar in twee varianten. Eén variant is voorzien van een solid body van aluminium en de tweede is gemaakt van puur walnoothout. "Het gebruik van hoogwaardige materialen geeft de gast een gevoel van kwaliteit. En het design is zo ontwikkeld dat het de stijl van een inrichting complementeert", zegt Renee Remijnse, marketing manager Benelux bij Tork. Meer info: www.tork.nl.
Douwe Egberts Professional krijgt gouden status Douwe Egberts Professional heeft de gouden status gekregen binnen het FIRA. Hiermee is het bedrijf een van de eerste deelnemers die een volledig inzicht geeft in haar MVO-beleid, in de belangrijkste doelstellingen en in de prestaties op gebied van duurzaamheid. Het FIRA platform is een digitaal register waar bedrijven hun MVO-prestaties zichtbaar maken voor klanten. FIRA verifieert de aangeleverde gegevens en garandeert dat deze informatie betrouwbaar is. Frans Saelman, algemeen directeur Douwe Egberts Professional Nederland is blij met het nieuws. “Duurzaamheid zit al decennialang in de genen van ons bedrijf. Wat je op dit gebied doet, is voor onze business cruciaal. Onze klanten vragen hierom. Ze willen weten wat onze ambities zijn en welke resultaten wij boeken. Via het FIRA Platform maken wij onze MVO-inspanningen inzichtelijk voor bedrijven en instellingen. Met onze gouden FIRA-status mag het duidelijk zijn dat D.E. niet alleen een kwalitatief goede keuze is, maar ook een betrouwbare duurzame keuze.”
42
2014-December / ZorgInstellingen
PRODUCT & MARKT
Kies bewust voor een schoner milieu renovatie = hergebruik = duurzaam
Voorlichtingscampagne Westfriesgasthuis over ziekenhuiskosten Het Westfriesgasthuis voert onder de leus ‘onbezorgd verzekerd’ campagne om patiënten bewust te maken van de kosten die een ziekenhuisbezoek eventueel met zich meebrengt. “Een rekening van het ziekenhuis moet niet als een verrassing komen. Toch hebben we gemerkt dat dit voor sommige patiënten helaas wel het geval is. Dat willen we graag voorkomen,” legt Hugo Keuzenkmap, bestuurslid van het Westfriesgasthuis uit. Tegenwoordig zijn er ook veel goedkope verzekeringen op de markt. Mensen met zo’n verzekering kunnen maar bij een beperkt aantal ziekenhuizen terecht. Niet iedereen is zich daarvan bewust. “Het Westfriesgasthuis heeft voor de meeste zorgverzekeringen contracten met alle verzekeringsmaatschappijen. Maar, net als andere ziekenhuizen, niet voor allemaal. Sterker nog, de lijst van goedkope verzekeringen waar we geen contract mee hebben is nog niet definitief. Daar willen we mensen graag alert op maken,” aldus Keuzenkamp. Om de ingewikkelde materie goed uit te leggen, heeft het Westfriesgasthuis een animatie en ander voorlichtingsmateriaal ontwikkeld. Dit is te zien op wfg.nl/ onbezorgdverzekerd.
Restaurant PIT in het Academisch Medisch Centrum Albron opent haar eerste Pit-restaurant in het AMC te Amsterdam. Dit nieuwe concept is ontwikkeld voor ziekenhuizen en biedt (poli)patiënten, bezoekers en medewerkers op ieder moment van de dag de mogelijkheid om in een prettige omgeving te genieten van lekkere versbereide producten. Pit staat voor genieten van lekker goed eten & drinken voor (poli)patiënten, bezoekers en medewerkers van een ziekenhuis. Blikvanger van Pit is de open, glazen keuken, met de kas waarin eigen kruiden en cressen groeien.
eenoorde ntw vera keuze
Natuurlijk HOROS voor een verantwoord klimaat!
Sinds 1953 levert en upgrade Horos, luchtbehandelingssystemen en koelmachines - Energie quickscan voor luchtbehandeling, koelmachines en warmtepompen - Renovatie & upgraden van bestaande luchtbehandelingssystemen - Renovatie & upgraden van bestaande koelmachines - Renovatie & upgraden van bestaande warmtepompen
+31 (0)35 603 90 60 | www.horos.nl
Het vakblad over het operationeel management in zowel ziekenhuis als zorginstelling. # alle aspecten rond onderhoud, hygiëne, beheer, vernieuwing en inkoop voor het ‘gebouw’ # innovaties in inrichting, toepassing materialen, ict-voorziening en leefbaarheid # wet- en regelgeving
WWW.ZORGINSTELLINGEN.NL
HÉT PLATFORM VOOR ZORGMANAGERS
SERVICEWIJZER V
AUTOMATISERING
ERKENDE CERTIFICATIEINSTELLINGEN
FACILITAIRE DIENSTEN
TRAININGEN EN ERKENDE CERTIFICATIEINSTELLINGEN
Straight Systems
Straight Systems Straight Systems, ĂŠĂŠn adres voor al uw kassa- en betalingsuitdagingen in de zorg en ziekenhuizen. Kattenburg 29-31 6651 AL Druten T 0487-517700 I www.straight.nl
KASSASYSTEMEN
Lloyd’s Register Quality Assurance Postbus 701 3000 AS Rotterdam K.P. van der Mandelaan 41a 3062 MB Rotterdam T 010-201 84 76 E info@lrqa.nl I www.lrqa.nl of www.lrqa.nl/training LRQA is een internationale leverancier van certificering en training voor o.a. de volgende normen: ISO 9001, ISO 14001 en OHSAS 18001. Verder certificeren wij de meeste relevante normen in de zorg.
Newasco Newasco Diensten BV Nijverheidsweg 40 2102 LL Heemstede T 023-5474004 E diensten@newasco.nl I www.newasco.nl Innovatieve regionale wasserijbedrijven met hoge kwaliteit, ontzorgt volledig op het gebied van textielvoorziening. Onze dienstverlening sluit aan op de nieuwe AWBZ. Facturatie per bewoner is mogelijk.
Bureau Veritas Training Computerweg 2 3821 AJ Amersfoort T 088-4505551 F 088-4505555 E bvct@ nl.bureauveritas.com I www.bureauveritas.nl Theoretisch of toegepast, standaard of maatwerk, intern of open inschrijving: training is altijd een bron voor het creĂŤren van meerwaarde.
Straight Systems, ĂŠĂŠn adres voor al uw kassa- en betalingsuitdagingen in de zorg en ziekenhuizen. Kattenburg 29-31 6651 AL Druten T 0487-517700 I www.straight.nl
Ook een vermelding in deze rubriek? Neem dan contact op met Michel Lases, michellases@ vakmedianet.nl of 06-52867256
Duurzame ontmoetingen
Goed voor elkaar! Wij ondernemen duurzaam en bewust, zonder concessies te doen aan kwaliteit en comfort. Met uw bijeenkomst ondersteunt u vakanties van Stichting Hetvakantiebureau.nl voor senioren en mensen die zorg nodig hebben. De Werelt, Lunteren ( (0318) 48 46 41 ( ' # # !" ( # !" Dennenheul, Ermelo ( (0341) 56 86 00 ( ' # # !" ( # !"
2014-December / ZorgInstellingen 45
DARE TO BE BLACK
Je bent jezelf, je loopt voorop. Je denkt out of the box, ook als het om je washroom gaat. Dus kies je voor Satino Black! Duurzaam design voor een trendy toilet. Gedurfd, verrassend, eigenzinnig. Just like YOU.
w w w. s a t i n o b l a c k . c o m
AGENDA
Agendatip? Mail de redactie van ZorgInstellingen: redactie@zorginstellingen.nl
14-16 januari 2015
7 april 2015
Brabanthallen, 's-Hertogenbosch www.vakbeursfacilitair.nl
De Reehorst, Ede www.nursingcongressen.nl
9-13 februari 2015
23 april 2015
Vakbeurs Facilitair
Bouwbeurs
Jaarbeurs, Utrecht www.bouwbeurs.nl
Congres Kleinschalig Zorgen
Algemene ledenvergadering FMN Locatie nog niet bekend www.fmn.nl
18-20 maart 2015
Zorgtotaal
Jaarbeurs, Utrecht www.zorgtotaal.nl
27-28 mei 2015
Facilitaire Vakbeurs Amsterdam RAI www.cno-expo.nl
18-20 maart 2015
Zorg & ICT
Jaarbeurs, Utrecht www.zorg-en-ict.nl
11 juni 2015
Nationaal Congres Gastvrijheidszorg Locatie nog niet bekend www.zorgmetsterren.nl
ADVERTENTIE-INDEX Bouter Brother International Congrescentrum De Werelt Electrolux Professional Gom Schoonhouden HoLaPress Communicatie Horos Klimaattechniek Hutten Huuskes Versproducten SCA Hygiene Products Zeist Van Houtum
4 7 45 32 2 Bijsluiter 43 38, 39 48 16 46, 60
2014-December / ZorgInstellingen 47
Elk m enu ut j e te lt !
Vers sinds 07.11, want als het gaat om vers telt elke minuut. Daarom worden alle ingrediĂŤnten voor onze menggerechten op het juiste tijdstip door onze leveranciers geleverd. Daarna worden ze direct verwerkt. Al onze producten moeten immers van uitstekende en constante kwaliteit zijn. Want bij Huuskes staat elk moment van de dag in het teken van vers. En dat doen we al sinds 1956.
Focus op facility december 2014
Focus op Facility is een speciale uitgave van Vakmedianet en verschijnt in de vakbladen Facto Magazine, Service Management en ZorgInstellingen. De special valt buiten de verantwoordelijkheid van de redacties. Redactie Annet van den Berg & Martijn Louws Sales Michel Lases & Bert Renkema
Special van Facto, Service Management & ZorgInstellingen
B a s H a a g e n , D i r e c t e u r M a r k e t i n g e n S a l e s va n E W Fa c i l i t y S e r v i c e s :
‘ Hospitality: practise what we are’ EW Facility Services (EW) groeit in een dalende markt. Wat zijn de kritische succesfactoren van de Arnhemse multi service facilitair dienstverlener? Een gesprek met Bas Haagen, Directeur Marketing en Sales.
D
e trends zijn duidelijk, er bestaat in de facilitaire sector een toenemende behoefte aan belevingsconcepten, aan multi service diensten en aan het integreren van taken. “En laat dat nu precies onze propositie zijn. Al jaren”, verklaart Bas Haagen. EW is groot geworden in de hotelbranche, veel van wat het nu doet, is hieruit te herleiden. “Een integrale aanpak is in de hotellerie gebruikelijk. Kamermeisjes doen de minibar, schoonmaak en het linnen. Die synergie is ook in de zorg-, in de leisure- en in de kantorenmarkt mogelijk”, weet Haagen. Bijvoorbeeld door handymantaken te integreren met schoonmaakdiensten. Of bepaalde cateringtaken te integreren met schoonmaak. “Opdrachtgevers zien dit steeds vaker in en omarmen de integrale facilitaire oplossingen. Daarnaast bestaat er een grote behoefte aan een dienstverlener met aandacht voor hospitality en klantbeleving, en die doorontwikkeling garandeert vanuit het delen van kennis. ”
Beleving ‘hot’ topic Beleving is een ‘hot’ topic. Veel opdrachtgevers nemen beleving volgens Haagen mee in de keuze voor een facilitair dienstverlener. “Logisch, bedrijven willen meer service bieden aan medewerkers en gasten door in te spelen op beleving. Bele-
Fo cu s o p fa c i l i t y - d ece mbe r 2014
2
ving weten toe te voegen aan je dienstverlening is een waardecreatie.” Tel daarbij op de ontwikkelingen zoals flexwerken, wisselend gebruik van ruimten en fluctuerende bezoekersaantallen en het is begrijpelijk dat er andere en hogere eisen worden gesteld aan facilitaire diensten.
Marktleiderschap “Ons marktleiderschap in de hotelbranche helpt ons om in te spelen op deze veranderende vraag en met onze innovatieve hospitalityconcepten zijn we ook succesvol in de kantoren-, leisure- en zorgbranche”, stelt Haagen. EW biedt in deze markten naast schoonmaak ook andere diensten aan, zoals Facility Hosts, Receptie services, Handyman services en Sanitaire supplies. Haagen: “Wij zijn een multi service dienstverlener met een scherpe focus op beleving en het integreren van diensten.” EW zet daarbij 100 procent in op dagschoonmaak. Ook weer vanuit de gedachte om de klantbeleving te vergroten. “Door de aanwezigheid op de dag kunnen medewerkers beter inspelen op individuele wensen van eindgebruikers en direct reageren op verzoeken”, aldus Haagen. Vanuit de integrale visie op schoonmaakdienstverlening biedt EW bovendien de onderscheidende dienst Facility Host aan. De Facility Host is een schoonmaakmedewerker met aanvullend een
belevingsverhogende taak. “De inzet van een Facility Host zorgt voor continue zichtbaarheid, een hoog kwaliteitsniveau en verhoging van hospitality binnen een organisatie. Daarnaast hebben eindgebruikers één aanspreekpunt voor meerdere facilitytaken, de ervaring leert dat dit belevingsverhogend werkt”, verklaart Haagen.
Geen marketingverhaal Bij EW zit hospitality in de genen, in het DNA, zo ver is wel duidelijk. Maar er zijn
Bas Haagen
EW Facility Services ziet in zorg groeimarkt Integraal denken. Het is één van de pijlers in de strategie van EW Facility Services. Een overtuiging die succes heeft gebracht in hotelbranche, maar volgens Bas Haagen ook succes brengt in de zorgmarkt. “We zien voldoende ruimte om onze positie in de zorg te verbeteren. Hier is een groeiende behoefte aan integrale en flexibel ingerichte facilitaire oplossingen met meer aandacht voor hospitality en patiënt- en medewerkersbeleving.” Hij merkt dat in de zorg nu nog vaak voor iedere kleine taak een verschillend persoon wordt ingeschakeld. “Dat kan efficiënter door verschillende facilitaire taken te integreren. Maar ook in het verrekenen van de facilitaire kosten per bezette kamer zien wij potentie. In de hotelmarkt werken wij niet anders.” EW Facility Services is al actief bij verschillende zorginstellingen, de resultaten die daar worden gerealiseerd zijn voor de Arnhemse dienstverlener aanleiding breder in te zetten op deze markt. “Met onze innovatieve propositie kunnen wij voor zorginstellingen nog winst behalen kijkend naar een verhoging van patiënt- en medewerkersbeleving en verbetering van het facilitaire organisatieresultaat.”
inmiddels meer bedrijven in de facilitaire sector die deze filosofie verkondigen, zo merkt Haagen. “Opdrachtgevers moeten zichzelf daarom kritisch afvragen of partijen waarmee ze in zee gaan ook echt kunnen waarmaken wat ze zeggen. Hospitality moet namelijk geen marketingverhaal zijn; het is iets wat je dagelijks waarmaakt. Het moet door het hele bedrijf beleefd worden.” Haagen vindt het dan ook een goede ontwikkeling dat opdrachtgevers bij aanbestedingstrajecten meer ruimte laten voor toelichting, voor de dialoog. “Pas dan krijgen opdrachtgevers echt gevoel bij de praktische vertaling.” EW houdt focus en doet waar zij voor staat. EW is bijvoorbeeld al selectief in het voortraject. “We kiezen voor opdrachtgevers die bij ons passen en zeggen duidelijk wat we niet doen. Het voordeel is dat je geen verkeerde verwachting wekt.” Volgens Haagen ontstaat als beide partijen dezelfde visie hebben, bovendien een prettige samenwerking en gaat de aandacht uit naar de kwaliteit en ontwikkeling van de dienstverlening. “Opdrachtgevers nemen in de rolverdeling tegenwoordig graag de regie op zich en zoeken daarbij experts, partijen die hen ontzorgen en vanuit een integrale visie bereid zijn kennis en ervaringen te delen. Wij leveren daarom maatwerk, bieden continu nieu-
we diensten en ontwikkelen nieuwe ICTtools, die aansluiten bij de facilitaire organisatie van onze opdrachtgevers.”
Vaak onvoldoende cohesie Een voorbeeld hiervan is het klantbelevingsmeetsysteem Tell-us!, dat onderdeel uitmaakt van de dienstverlening die EW inzet bij opdrachtgevers. Via Tell-us! krijgt de opdrachtgever een goed inzicht in de klantbeleving. Dit kan single-service, maar ook integraal door het meten van de beleving van alle facilitaire diensten. Haagen: “Hierbij kan het zo zijn dat wij niet alleen onze eigen diensten meten, maar ook die van andere dienstverleners. De zogenoemde customer journey begint namelijk bij het eerste bezoek aan de website van de opdrachtgever en gaat door tot de receptie, toiletten en catering.” Of andere dienstverleners hiermee geen problemen hebben? “Dat zou niet zo moeten zijn. De gebruiker ervaart de verschillende diensten als één, zo moeten wij het dus ook benaderen. Nu is er vaak onvoldoende cohesie.” De uitkomsten van het meetsysteem kunnen aanleiding geven tot een intensievere of ander soort dienstverlening, maar ook tot aanpassing in het pand, zoals wegbewijzering. “Wat zijn de kritische succesfactoren en aan welke knoppen moeten wij draaien om de
tevredenheid van een 7 naar een 8 te verhogen, binnen het beschikbare budget.” Tell-us! is, zo zegt Haagen, een mooi voorbeeld waartoe automatisering, ICT in staat is. “Informatietechnologie wordt randvoorwaardelijk voor alle spelers in de facilitaire markt. Het helpt om de kwaliteit van de diensten naar een hoger niveau te tillen. Wij investeren daarin, kunnen dat ook. EW is een gezond bedrijf.” ●
Fo c u s o p fac il ity - d ece m ber 2 0 1 4
3
J O S W O R T E L B O E R , D I R E C T E U R C O M M E R C I Ë L E Z A K E N B I J H E C TA S :
‘HECTAS stelt de mens centraal’ HECTAS is een schoonmaakbedrijf met een missie. Met ambities. Het ziet kansen in ontwikkelingen, nieuwe organisatievormen en kantoorconcepten, zoals Het Nieuwe Werken. Vanuit de toenemende vraag naar gastbeleving zet HECTAS zich bovendien in op een transitie van ochtend- en avondschoonmaak naar dagschoonmaak. “Daar zit toekomst in”, aldus Jos Wortelboer, directeur Commerciële Zaken bij HECTAS.
D
irecteur Commerciële Zaken Jos Wortelboer van HECTAS omarmt het nieuwe nu. “Het overdag uitvoeren van schoonmaakdiensten draagt bij aan de zichtbaarheid, schoonbeleving en biedt maximale flexibiliteit.” Ook is het volgens Wortelboer duurzaam: tijdens de uitvoer hoeft het pand niet langer te worden opengesteld en verlichting hoeft na kantoortijden niet langer te blijven branden. “De huidige tijd en markt vragen om een andere aanpak van schoonmaak, om smart oplossingen. Oplossingen die van toegevoegde waarde zijn op het gebied van het verhogen van de beleving, verminderen van de werkdruk en verbeteren van de productiviteit.” Dat laatste is te realiseren, zou je zeggen, door de medewerkers in het veld meer vierkante meters per uur te laten schoonmaken. “Nee”, zegt Wortelboer. “Zij zitten al aan hun maximum.” Hij ziet veel meer in innovatie. Slimme technologische toepassing, zoals een robotstofzuiger die in
Fo c u s o p fa c i l i t y - d e ce m b e r 2 0 1 4
4
de avonduren zelf de ruimten schoon zuigt en een wassysteem dat met één handeling de ramen zonder strepen wast. Voor een deel zijn dit allemaal innovaties die binnen handbereik liggen van HECTAS, dankzij het moederbedrijf Vorwerk.
Gebouwbeheerder In de transitie van avond- naar dagschoonmaak past ook het verruimen van de taken van de schoonmaakmedewerker. De schoonmaker neemt hierbij de rol op zich van
verruiming van de taken heeft veel voordelen. Niet alleen voor het schoonmaakbedrijf en voor de medewerkers, die een meer afwisselende baan krijgen, maar ook voor de opdrachtgever. “Ga maar na, er komen nu voor ieder wissewasje tal van bedrijven over de vloer. Wat betekent dat alleen al voor de veiligheid? En de kosten?”, vraagt Wortelboer zich hardop af. HECTAS is met diverse opdrachtgevers in gesprek over de verruiming van het taken-
‘In de transitie van avondnaar dagschoonmaak past ook het verruimen van taken’ gebouwbeheerder. “Waarom zou een medewerker die de schoonmaak doet ook niet een defecte tl-lamp in de gang kunnen vervangen? Of de meterstanden opnemen?” De
pakket van de medewerkers. Wortelboer: “Het wekt nieuwsgierigheid op, dat is één wat zeker is. Nu gaat het erom dat wij een goede business case bouwen.”
100 procent dagschoonmaak De herdefiniëring van de dienstverlening, naar servicegericht en multidisciplinair en in het verlengde daarvan, het anders invullen en verruimen van het takenpakket van haar medewerkers, past in de ambities van HECTAS. Als belangrijke speler in de Nederlandse schoonmaakmarkt (jaaromzet zo’n 60 miljoen euro) zet HECTAS de komende jaren in op de omschakeling van ochtend- en avondschoonmaak naar dagschoonmaak. Wortelboer: “HECTAS is hierin bovengemiddeld actief, namelijk zo’n 40 procent van wat wij doen is dagschoonmaak.” Maar dat gaat Wortelboer lang niet ver genoeg. Hij streeft naar 100 procent. Dagschoonmaak vraagt daarbij wel iets anders van de organisatie en de medewerkers van HECTAS, maar ook van opdrachtgevers. “De medewerker krijgt meer verantwoordelijkheid voor de uitvoer van zijn of haar taak en we gaan ervanuit dat hij of zij bij de werkzaamheden zelf zaken afstemt met de pandbewoners.” De omschakeling naar dagschoonmaak past volledig in het straatje van HECTAS. De klant- en medewerkerstevredenheid is er namelijk uitgangspunt, HECTAS streeft naar een optimale winst en niet naar winstmaximalisatie. “Bij dagschoonmaak is de schoonmaker veel meer een servicemedewerker. Hij is gastvrij, kent de opdrachtgever en zijn medewerkers en speelt direct in op de wensen. Dat stimuleert de tevredenheid van zowel de opdrachtgever als de medewerkers zelf”, weet Wortelboer. Daarnaast zien pandbewoners wat er allemaal wordt schoongemaakt en ontstaat er een heel andere beleving van schoonmaak. HECTAS stimuleert de tevredenheid van medewerkers door hen tal van tools en opleidingen aan te reiken. Wortelboer: “De mens is ons meest waardevolle bedrijfskapitaal. Zorgvuldig en respectvol met ze omgaan, onder meer door het bieden van scholing en ergonomische arbeidsplaatsen heeft ook voor onze klanten tastbare voordelen.”
Duurzaam in mens en milieu HECTAS stelt dus de mens centraal in haar dienstverlening, zowel de eigen medewerkers als de klant en pandbewoners. Dit is onderdeel van het duurzaamheidsbeleid van HECTAS. Maar dat beleid gaat ook nog een stapje verder. “Bijvoorbeeld het gebruik van milieuvriendelijke reinigingsmiddelen en verbruiksmaterialen. Maar ook het afstem-
Jos Wortelboer, directeur Commerciële Zaken bij HECTAS: “Dagschoonmaak heeft de toekomst.”
men van een CO2-besparende logistiek met leveranciers en een nauwe samenwerking met toonaangevende aanbieders van reinigingsapparatuur en beveiligingssystemen is een gevolg van het duurzaamheidsbeleid”, vertelt Wortelboer. HECTAS tast maandelijks af bij de opdrachtgevers of ze tevreden zijn. “Wat vinden zij van onze dienstverlening? Via rapportcijfers in kwaliteitsmetingen wordt dit aangegeven. Ik zeg ook altijd, schoonma-
ken is eerst kijken, dan denken en dan pas doen. Onze mensen gaan niet als een kip zonder kop te werk.” Wortelboer vervolgt: “In het ‘oude denken’ zie je dat vaak nog dat bedrijven schoonmaakmedewerkers corrigeren, terwijl wij hen juist motiveren. We moeten af van die tradities, niet meer alleen denken in kosten en in het corrigeren van medewerkers, maar juist denken in kansen en in het motiveren van medewerkers.” ●
Fo c u s o p fac i l i t y - d e ce m b e r 2 0 1 4
5
VA N H O U T U M B I E D T D U U R Z A M E T O TA A L O P L O S S I N G E N
Satino Black: verrassend eigenzinnig Van Houtum vindt aansluiting bij eindgebruikers. Met Satino, maar vooral ook met Satino Black. Commercieel directeur Henk Bremer vertelt over het stijlvolle en duurzame washroomconcept en over de verandering die Van Houtum doormaakt. “Wij inspireren.”
W
ie Van Houtum zegt, zegt papier. Het bedrijf uit het Limburgse Swalmen produceert al bijna tachtig jaar papier. Hygiënisch papier, duurzaam hygiënisch papier. “Wij waren één van de eerste papierfabrieken in de wereld die oud papier inzette als grondstof voor nieuw papier, enkel en alleen omdat wij vinden dat het onzin is om bomen te kappen voor iets wat je na gebruik meteen weggooit”, vertelt Henk Bremer. Die filosofie, die aanpak in combinatie met het kwaliteitsproduct dat het levert, heeft Van Houtum roem gebracht. In de Benelux, maar ook ver daarbuiten. Bremer: “De helft van wat wij doen, is voor de Benelux-markt, de rest wordt gedistribueerd naar andere Europese landen.” Van Houtum is streng voor zichzelf, zo blijkt uit de woorden van de commercieel directeur. “Natuurlijk liggen de mogelijkheden ook buiten Europa, maar wij vinden dat je papier niet over de hele wereld moet verslepen. Dat hoort niet, dat past niet in onze filosofie, in ons MVO-beleid.”
Een stap verder Wat wel binnen de duurzame gedachte van het Limburgse bedrijf valt is Satino. En
Fo c u s o p fa c i l i t y - d e ce m b e r 2 0 1 4
6
Satino Black. Beide concepten zijn totaaloplossingen van de onderscheidende papierfabrikant uit Swalmen. “Wij bewegen hiermee van alleen papierproducent naar aanbieder van complete washroomconcepten. Dat betekent een hele verandering, we komen nu binnen bij onze klanten met mooi, stijlvol vormgegeven folders en materialen in plaats van met alleen rollen papier”, vertelt Bremer met gepaste trots. Satino is de standaard, met Satino Black gaat Van Houtum nog een stap verder. Qua design en qua duurzaamheid. Dit laatste komt vooral tot uiting via het cradle-to-cradleprincipe. “Wat houdt cradle to cradle nu precies in? Simpel gezegd, de kern van de cradle-to-cradlefilosofie is dat afval voedsel is, waarbij grondstoffen van producten oneindig worden hergebruikt. Met deze gedachten hebben wij ons hele productieproces en alle stoffen die we daarin gebruiken doorgelicht op de effecten op mens en milieu en het bestaan van alternatieven. Hieruit is Satino Black ontstaan, ’s werelds eerste en enige toilet- en handdoekenpapier dat het cradle-to-cradlecertificaat mag dragen”, weet Bremer. Uiteraard is het productieproces daarnaast duurzaam, er wordt uitsluitend
groene energie gebruikt en er wordt dus CO 2 -neutraal geproduceerd. Bremer: “Geen marketing, duurzaam handelen zit in ons dna. Al decennia.”
Henk Bremer
Eigenzinnig, eigen identiteit Het Satino Black-concept is volgens Bremer behalve duurzaam ook eigenzinnig, verrassend onderscheidend. “Een compleet concept met trendy matzwarte dispensers, ’s werelds duurzaamste hygiënepapier en eigenzinnige accessoires, zoals de uniek vormgegeven man-vrouw deurbordjes.” En dat slaat aan, Van Houtum vindt met Satino Black, maar ook met Satino volgens hem goed de aansluiting bij eindklanten. Bremer ziet dat bedrijven met een eigen identiteit, met een duidelijke visie kiezen voor Satino Black. “Dat past, matcht.” Onder meer Heineken, de Universiteit van Tilburg, maar vooral ook kleinere MKB-bedrijven, zoals designhotel Dux in Roermond en het meest duurzame tankstation van Nederland, Green Planet in Pesse, hebben gekozen voor het duurzame designconcept. “Satino Black is voor deze bedrijven ondersteunend aan het MVO-beleid, het helpt hen de doelstellingen op dit gebied te behalen”, weet Bremer. De populariteit van het concept wordt volgens hem verder aangejaagd door het feit dat steeds meer bedrijven gastvrij willen zijn en de toiletruimte daarbij als het uithangbord beschouwen. “Het moet er schoon en fris zijn, maar het
oog wil tegenwoordig ook wat. En wat te denken van duurzaamheid, het is randvoorwaardelijk.”
Klassieke structuur Van Houtum werkt volgens de klassieke structuur, waarbij de groothandel de producten vermarkt. “Wij hebben niet de fijnmazigheid om het zelf te doen, het gaat er hier met vrachtwagens tegelijk uit”, zegt Bremer. Toch wordt Van Houtum meer en meer benaderd door eindklanten. “Dit heeft redenen”, zegt Bremer. Hij
ons verhaal. Geven trainingen en als zij dan bij een klant zijn, die iets anders wil, die zoekt naar duurzaam design, dan is Satino Black bij de vertegenwoordigers vaak top of mind.” Daarbij speelt de gunstige positionering van Satino Black ook een rol. “Prijs is nauwelijks een issue, bedrijven zien de toegevoegde waarde van Satino Black, het versterkt hun filosofie en bedrijfsprofiel, hetgeen zij willen uitstralen naar hun klanten”, weet Bremer.” Satino Black is voor Van Houtum het uithangbord, het speerpunt in de toekomst.
‘Geen marketing, duurzaam handelen zit in ons dna. Al decennia.’ doelt onder meer op de toenemende zichtbaarheid van Satino Black in de markt. “Het concept valt op, is eigenzinnig.” Ook spelen de groothandels die Satino en Satino Black voeren leads door. “Wij werken nauw samen, nemen de accountmanager van de grossiers mee in
Bremer: “Wij blijven nieuwe zaken ontwikkelen en hangen dit onder dit label. Wat precies? Daar kan ik alleen heel cryptisch over zijn. Binnenkort presenteren wij het billenvegen 3.0, met opnieuw een ongeëvenaarde stap op het gebied van duurzaamheid.” ●
Fo c u s o p fac i l i t y - d e ce m b e r 2 0 1 4
7
DA N I Ë L L E O V E R W E G E N J A N H A L F M A N O V E R H E T ‘N I E U W E ’ M A S T E R K E Y
‘Van persoonlijke adviseur naar verbindende challenger’ MasterKey verlegt de koers. Het facilitair adviesbureau richt zich meer dan ooit op strategische vraagstukken voor opdrachtgevers. “Wij challengen onze opdrachtgevers hoe zij het verschil kunnen maken.”
B
ij een andere richting horen nieuwe mensen. Daniëlle Overweg, die afgelopen periode de nieuwe strategie voor de MasterKey Groep heeft ontwikkeld, volgt Jan Halfman op als algemeen directeur. Zij geeft sinds 1 november leiding aan de vier bedrijven binnen de groep: MasterKey, MasterKey Interim, Clean Concepts en MasterKey Deutschland. “Mijn rol uitgespeeld? Nee, zeker niet”, lacht Jan Halfman. “Mijn focus komt nu veel meer te liggen op de verdere ontwikkeling van MasterKey Duitsland.” Daarnaast spitst Halfman zijn werkzaamheden toe op de technologische doorontwikkeling van de MasterKey Software. “ICT is in de facilitaire wereld onmisbaar, zeker voor MasterKey en de rol die we spelen in de markt als facilitair adviesbureau dat thuis is in aanbestedingen, uitvoering en beheer van contracten, contractmanagement en kwaliteitsmetingen.” Meten met behulp van onder meer slimme software is echter niet het doel of de oplossing, stelt Overweg. “Heel veel KPI’s en alles in beton gieten is de laatste jaren zeker niet de beste oplossing gebleken. Het gaat om vertrouwen en die dingen inzichtelijk maken die ook echt
Fo c u s o p fa c i l i t y - d e ce m b e r 2 0 1 4
8
het verschil maken.” Daarbij vormt iedereen een gelijkwaardig onderdeel in de keten. Overweg: “We moeten weg uit de traditionele directieve opdrachtgeversrol en de handen ineen slaan. Dat is de markt kwijtgeraakt met de strakke processturing, focus op procesoptimalisatie in combinatie met sturing op KPI’s met afrekenmodellen.”
Hospitality Barometer Een mooi voorbeeld daarvan is volgens haar de Hospitality Barometer van MasterKey. Daarmee wordt inzichtelijk hoe medewerkers en gebruikers de dienstverlening in onder meer de zorg, het onderwijs en bij overheidsinstellingen ervaren. MasterKey kijkt waar nodig aanvullend naar technische meetbare aspecten. Maar vooral is monitoring van de samenwerking en de voortgang van belang. Door deze combinatie ontstaat er een objectief en helder beeld van de geleverde kwaliteit van de dienstverlening, hoe deze wordt ervaren en vooral hoe de samenwerking tussen partijen vorm krijgt. “Belangrijk doel voor MasterKey is om op basis van deze informatie in gesprek te gaan met leveranciers en klanten om verdere optimali-
satie te bespreken”, zegt Overweg. Het draait volgens haar allemaal om vertrouwen en samenwerking. “Daarvoor is transparantie, wederzijds begrip en gezamenlijk belang bij opdrachtgever, opdrachtnemer en adviesbureau de basis.” De MasterKey Groep richt zich daarbij in toenemende mate op strategische organisatievraagstukken voor opdrachtgevers. Het leggen van verbindingen en zorgen voor nieuwe oplossingen die bijdragen aan strategische ontwikkelingen van opdrachtgevers staan daarbij centraal. “De markt is veranderd, eindgebruikers zijn kritisch, vinden gastvrijheid belangrijk. Maar wat wil je als opdrachtgever nu uitstralen en welke keuzes kan of moet je als organisatie maken om dat te realiseren? En welke leveranciers passen bij de organisatie als er wordt gekeken naar zaken, zoals de bedrijfscultuur en ambitie van de opdrachtgever. Met name op die aspecten pakken wij nu veel meer onze rol”, zegt Halfman. Het denken buiten de gebaande paden is daarbij volgens Overweg key. “Het gaat vaak om de vraag achter de vraag, ofwel de werkelijke behoefte van het management van opdrachtgevers. MasterKey
Daniëlle Overweg is als algemeen directeur verantwoordelijk voor de Masterkey Groep. Zij heeft eerder ervaring opgedaan in de facilitaire branche bij Vebego International. Daarvoor heeft zij ruime ervaring opgedaan in de ICT dienstverlening, automotive en bankensector. Rode draad van haar carrière is het uitbouwen van marktposities en succesvol verandering realiseren. Jan Halfman is al ruim 20 jaar directeur eigenaar bij MasterKey. Halfman blijft actief betrokken bij MasterKey Groep en maakt als directeur onderdeel uit van het directieteam. Hij gaat zich richten op technologische doorontwikkeling van de MasterKey Software en verdere groei van de activiteiten in Duitsland.
en selectie voor vaste functies op facilitair gebied. “Het gaat daarbij vooral om het management en middenkader, dat de schakel is tussen de mensen op de vloer en de leidinggevenden”, aldus Halfman.
Synergie durft te vragen, durft kritisch te zijn richting de opdrachtgevers.” Zo verbaast Overweg zich erover dat er bij contractwisselingennauwelijkswordtgeïnvesteerd in de medewerkers. “Dat druist volledig in tegen de huidige wensen, waarbij gastvrije medewerkers, die trots zijn op hun werkgever, op het bedrijf waarvoor ze actief zijn, centraal staan. Investeren in mensen wordt nog te vaak gezien als kostenpost, die ten koste gaat van het rendement op korte termijn. Het niet anders kunnen denken zit vaak in de belemmeringen die men ziet. MasterKey is er om de juiste prikkels te geven dat het weldegelijk anders kan, zelfs anders moet.”
Verantwoordelijk MasterKey Groep biedt volgens Halfman en Overweg nu een compleet en flexibel pakket aan diensten. Naast de focus op strategische vraagstukken vanuit Master-
Key blijft facilitair advies en beheer, kwaliteitsmanagement, interim dienstverlening en inkoopbegeleiding onderdeel van de dienstverlening van MasterKey. “Aanvullend richt Clean Concepts zich vooral op de operationele vraagstukken. Het is in veel gevallen verantwoordelijk voor het beheer van facilitaire contracten en het waarborgen van de overeengekomen kwaliteit met leveranciers”, vertelt Halfman. Hij merkt op dat de opdrachtgevers steeds vaker in de regierol zitten en dat ze graag willen worden ondersteund in de operatie. “Er is door de nieuwe rol die opdrachtgevers spelen de afgelopen jaren veel kennis uit organisaties gevloeid. Het is ook een van de redenen dat MasterKey Interim is opgericht en succesvol is.” Deze tak van MasterKey is gespecialiseerd in het invullen van projectmatige facilitaire opdrachten door het plaatsen van een interim professional en werving
Hoewel de verschillende onderdelen van MasterKey Groep, MasterKey, MasterKey Interim, Clean Concepts en MasterKey Deutschland allemaal hun eigen specialisme hebben, is er volgens Overweg ook duidelijk sprake van synergie. “Ik ben getriggerd door de problematiek van de branche. Ik ben ervan overtuigd dat het beter kan. Voor iedereen. Noem het idealistisch, maar dat is wat wij expliciet onderdeel van onze strategie hebben gemaakt. We pakken op alle niveaus positie in de keten”, aldus Overweg, die stelt dat MasterKey op deze manier komt tot vernieuwende oplossingen. “Hierdoor kunnen organisaties echt het verschil maken in de markt. En wij merken, samen met opdrachtgevers, dat het werkt.” “We staan aan de vooravond van iets moois”, zegt Halfman. “MasterKey gaat een nieuwe fase in, van de persoonlijke adviseur naar verbindende challenger.” ●
Fo c u s o p fac i l i t y - d e ce m b e r 2 0 1 4
9
MPL focust op integrale aanpak van beheer op het gebied van security en techniek
‘ Onze ambitie? De markt vernieuwen’ MPL denkt anders, doet ook anders. Het benadert beveiliging integraal, via onder meer een Physical Security Information Management (PSIM+) platform. Daarbij worden naast beveiligingssystemen ook steeds vaker andere technische systemen gemonitord en beheerd. “Wij zoeken de toegevoegde waarde.”
D
e securitybranche is in de ogen van directeur Peter Lenters van MPL een conservatieve markt. “Er wordt nog veel fysiek beveiligd, dat is inefficiënt. Er moet meer gezocht worden naar combinaties”, stelt hij. Het op afstand beheren van het pand, maar ook van technische systemen is volgens Lenters doeltreffender. “Wij zoeken hierbij nadrukkelijk verbindingen, de toegevoegde waarde en brengen werkstromen, de processen, het videobeheer, de automatisering en de rapportages samen in één systeem, in de PSIM+ software.” PSIM+ van Winguard is een merkonafhankelijk softwareplatform dat verschillende losse (beveiliging)systemen bij bedrijven integreert en beheert via een uitgebreide gebruikersinterface. “Meldingen van incidenten, die door de verschillende beveiligings- en informatiesystemen worden geregistreerd, komen centraal bij ons binnen en worden volgens de goedgekeurde, en met de klant afgestemde standaardworkflow opgelost.”
Hoe werkt het? Hoe gaat MPL te werk? Lenters legt het uit: “Als eerste is het voor ons noodzakelijk om te weten wat een bedrijf als doelstelling of visie heeft met bijvoorbeeld het ophangen van camera’s? Een camera is tegenwoordig
Fo cu s o p fa c i l i t y - d e ce mbe r 2014
10
meer een intelligente sensor en onderdeel van het bedrijfsproces, waarmee je bijvoorbeeld ook bezoekers kunt tellen en daar de bezetting van medewerkers op kunt afstemmen. Als de doelstelling duidelijk is, dan pas kunnen we verder.” MPL brengt alles binnen het bedrijf in kaart. Welke alarm- en brandmeldsystemen zijn er, is er videobewaking, welk toegangscontrolesysteem is er actief, zijn er persoonlijke noodalarmsystemen, noem het allemaal maar op of de interfaces worden binnen het PSIM+ -softwareplatform geïntegreerd. Een integrale aanpak van security, maar MPL gaat graag nog een stap verder, verder dan de gebruikelijke reikwijdte van een alarmcentrale, zegt Lenters. “PSIM+ biedt de mogelijkheid voor een allesomvattende integratie van het volledige gebouw, systemen en de communicatie- en ict-infrastructuur.” Hierbij worden naast de beveiligingssystemen ook andere technische systemen gemonitord en beheerd, zoals koelsystemen, pompen, netwerken. Lenters: “De mogelijkheden zijn eindeloos.” Ons PSIM+ ondersteunt nu al ruim 550 interfaces, allemaal zijn ze eenvoudig te integreren in het platform. “De verbinding met een subsysteem wordt volledig softwarematig tot stand gebracht en zo zijn wij instaat om het fabrikantspecifieke protocol volledig te interpreteren en te verwerken”, aldus Lenters. Voor niet-bekende interfaces ontwikkelt MPL
binnen zestien weken een nieuwe interface binnen het PSIM+ platform. Wanneer een fabrikant besluit de interface te verbeteren dan wel uit te breiden, dan zorgt MPL in samenwerking met de pakketleverancier er voor dat deze veranderingen binnen PSIM worden geïntegreerd. Lenters: “Dit zonder dat de eindklant zich hiervoor moet inspannen.”
Voordelen De integrale aanpak zorgt ervoor dat MPL bij bedrijven en instellingen met verschillende mensen om de tafel zit, van de securitymanager tot de ict-voorman en de directie. “Logisch, wij monitoren en beheren de primaire processen binnen bedrijven”, zegt Lenters. De implementatie van de MPL-methode kost volgens hem doorgaans zes weken. “De complexiteit zit niet zozeer in het maken van de koppelingen van de systemen, veel meer in de implementatie van de workflow. Die is voor ieder bedrijf anders, uniek. Dat moeten we invoeren in de systemen, zodat de medewerkers in onze alarmcentrale juist en altijd op gelijke wijze kunnen handelen bij een calamiteit.” Ook de technische installateurs zijn een belangrijke partner voor MPL bij de implementatie. In bepaalde gevallen neemt MPL namelijk de zorg voor de servicedesk gedeeltelijk of volledig uit handen voor bedrijven en sturen zij de installateurs bij
Breed toepasbaar
Peter Lenters
een calamiteit aan. “Het heeft voordelen voor beide partijen. Bedrijven hebben één duidelijk aanspreekpunt en zijn continu verzekerd van comfort, gemak en 24/7 bereikbaarheid.” Daarbij zorgt MPL ervoor dat de servicemonteur er bij een incident niet standaard op uit wordt gestuurd. “Nee, eerst kijken wij of dit wel noodzakelijk is. Aan de hand van het vastgestelde script analyseren wij de melding en beoordelen wij of de melding remote kan worden afgehandeld of dat er een monteur moet worden aangestuurd”, vertelt Len-
ters. Ook werkt het systeem preventief. “Bij bepaalde bedrijven monitoren wij de verwarmingsketels; zodra de storing zich openbaart, zien wij al of er bijvoorbeeld een drukventiel defect is. Daarop wordt de servicemonteur ingeschakeld. Heel gericht en voordat er echt problemen ontstaan.” Ook kan MPL in samenspraak met de opdrachtgever koelingen monitoren en alarm slaan wanneer de temperatuur te lang afwijkt. “Wij zien alles en kunnen meteen handelen dankzij de remote service.”
Lenters merkt een steeds grotere behoefte aan merkonafhankelijke integratie van systemen en beveiliging op afstand. “In grote aanbestedingstrajecten zien wij dit steeds vaker terug.” De PSIM-software heeft inmiddels de wereld voor MPL geopend en is volgens Lenters een bewezen product dat wordt toegepast meerdere branches. “De inzet gaat van kantooromgevingen naar groot industrieel, datacenters, penitentiaire inrichtingen, transport en logistiek, Defensie en de zorg.” MPL beheert en monitort hier volgens de MPL-directeur gedeeltelijk of volledig de systemen. “Veel bedrijven kiezen er nog voor om het overdag zelf in de hand te houden en ’s avonds aan ons uit te besteden. Prima, maar op termijn zal dit vanwege de efficiencyvoordelen echt 24 uur, 7 dagen in de week worden.” De technische ontwikkelingen bieden daarbij volgens Lenters steeds beter de helpende hand. “Neem Google Glass. Beveiligers die bij een calamiteit ter plekke zijn, sturen hiermee live videobeelden naar ons controlecentrum door. Ik weet dat dit misschien voor veel bedrijven nog een stap te ver is, maar het komt er echt aan. Het is onze ambitie om de securitybranche ook in dat opzicht verder te vernieuwen.” ●
Fo c u s o p fac i l i t y - d e ce m b e r 2 0 1 4
11
LOOP VOOROP MET DUTCH DESIGN