Skip to main content

Service Management nummer 1 (2026)

Page 1


+ INTERCLEAN ZET IN OP BELEVING

+ AI VOOR MKB-BEDRIJVEN

KELSEY HARGREAVES:

+ INTERVIEW MET BEURSMANAGER

ST. ANTONIUS ZIEKENHUIS:

thema

interclean

11Interclean special

Over ongeveer een maand is het zover: dan strijkt de grootste schoonmaakvakbeurs ter wereld neer in ons eigen Amsterdam. Met zóveel te zien, te doen en te beleven, deden wij vast wat voorwerk. Wat kunnen we verwachten? We spraken verschillende partijen over wat zij voor ons in petto hebben.

22Robot als schoonmaakcollega

Robots op de schoonmaakvloer roepen vragen op: nemen ze werk over, maken ze het ingewikkelder? In de praktijk blijkt vooral het tegenovergestelde. Machines pakken het zware, repeterende werk op, waardoor medewerkers meer tijd krijgen voor detail en specialistische taken. Dat vraagt wel iets van teams en organisatie. ‘Zie de robot als een collega, niet als een vervanger.’

28Datagedreven schoonmaak

Datagedreven schoonmaken draait niet om dashboards, maar om de vakkennis op de vloer. Volgens Gom begint slimmer werken bij de observaties van schoonmaakmedewerkers zelf – technologie is pas een volgende stap. Door menselijke inzichten te combineren met gebouwdata ontstaat gerichter onderhoud, betere roosters en meer regie voor de medewerker. ‘Het gaat niet om kosten besparen, maar om schoonmaken waar nodig.’

En verder...

4Voorwoord Ronald Bruins

5Nieuws

8 Jong Talent: Rens Willems

21 Column Chantal Snijders

26 Anjer Schoonmaak- en Bedrijfsdiensten heeft AZC-bewoners in dienst

31 Colofon

Weet op de Interclean wat er te koop is

Het kan je haast niet zijn ontgaan. Tenminste, als je je vak serieus neemt. Dan staat 14 tot en met 17 april in je agenda met een rode stift omcirkeld en heb je minstens één hele dag gereserveerd om een kijkje te nemen bij de Interclean in Amsterdam. Niet dat het je dan lukt alle hallen langs te gaan, maar wellicht wel een aantal. Mocht je het rondje niet kunnen maken, dan kun je natuurlijk ook op de hoogte blijven via onze speciale nieuwsbrieven of facto.nl/schoonmaakbedrijven. We houden je graag op de hoogte van vier dagen innovaties in schoonmaak en hygiëne.

Voorproefje

Ik kreeg onlangs al een voorproefje van de innovaties tijdens een jurydag voor de Amsterdam Innovation Awards. Van een kleine schrobzuigmachine met (slim gevonden!) ergonomische steel tot aan een VR-bril voor het leren van het vak. Naast dat het leuk is om dergelijke innovaties te mogen beoordelen, is innovatie ook hard nodig in de schoonmaak. De sector staat van oudsher bekend innovaties niet eenvoudig te omarmen, maar ik begin me af te vragen of dat wel zo is. Ik denk dat de wal het schip keert. Om dat te beargumenteren, leg ik de link met een andere sessie waar ik bij mocht zijn: een ontbijtsessie van Schoonmakend Nederland over de komende cao-onderhandelingen.

Naast vergrijzing, kampt de sector met oplopende kosten, opdrachtgevers die niet altijd verhogingen in loon willen compenseren en een stijgend ziekteverzuim. Hoe als schoonmaakondernemer het tij te keren? Ik zeg niet dat alle heil in innovaties te vinden is, maar zeker toch een deel. Wie van moppen naar i-moppen of een soortgelijke machine gaat, stijgt in productiviteit. Wie zijn medewerkers een ergonomisch pak laat aantrekken om glasbewassing te doen, heeft minder gevaar op uitval. Wie robots omarmt om het zware werk te doen, houdt zijn personeel (langer) heel. Wie zijn personeel traint, weet dat medewerkers niet zomaar aan de slag gaan, maar de ergonomische wetmatigheden in acht nemen. En zo kan ik nog wel even doorgaan...

Weet wat er te koop is Moraal van dit verhaal? Een oproep aan jou. Durf te investeren. Durf innovaties aan te pakken omdat je daarbij winst pakt in het inzetbaar houden van je personeel. Pak een paar dagen Interclean als investering mee. Weet wat er te koop is en draai niet elk dubbeltje drie keer om. Penny wise, pound foolish, zeggen de Engelsen en ze hebben helemaal gelijk. Als jurylid van de innovatie awards was ik onder de indruk van de mooie innovaties die er in de wereld te krijgen zijn. De handen jeukten om ermee aan de slag te gaan. Dat terwijl ik geen schoonmaakbedrijf heb. Ik hoop dat je na de Interclean datzelfde gevoel krijgt. Vergeet dan niet om even te melden bij ons bij welke innovatie dat was. Dat horen we natuurlijk heel erg graag.

Ronald

Durf innovaties aan te pakken en houd je personeel inzetbaar

John van Hoof verlaat CSU

Na ruim 13 jaar kondigde John van Hoof, voorzitter van de Raad van Bestuur van Total Care (het moederbedrijf van schoonmaakbedrijf CSU, Tzorg en Zizo), aan dat hij per 17 april 2026 na de Algemene Vergadering van Aandeelhouders zal terugtreden. Onder zijn leiding groeide het aantal medewerkers van 13.000 naar ruim 32.000 van meer dan 130 nationaliteiten, en zijn CSU en Tzorg koploper geworden in de sectoren van schoonmaak en thuiszorg.

Balans Schoonmaak

wint rechtszaak: gunningsbeslissing wordt teruggedraaid

Martini Ziekenhuis neemt 200 schoonmakers in eigen dienst

Het Martini Ziekenhuis heeft per 1 januari circa 200 schoonmaakmedewerkers in eigen dienst genomen. De medewerkers waren al werkzaam in het ziekenhuis, maar stonden formeel nog op de loonlijst van een externe partij. Volgens het ziekenhuis is de stap niet ingegeven door ontevredenheid over de schoonmaakkwaliteit. Die was al op orde, aldus het Martini Ziekenhuis. Door de medewerkers direct in dienst te nemen, wil het Martini Ziekenhuis de kwaliteit borgen en verder versterken. ‘Schoonmaak is vakmanschap en heeft directe invloed op de zorg die wij leveren’, stelt het ziekenhuis.

Twee schoolbesturen in Amstelveen moeten hun voorlopige gunningsbeslissingen voor schoonmaakwerkzaamheden intrekken. De rechtbank Oost-Brabant oordeelt dat bij de aanbestedingen wezenlijke fouten zijn gemaakt en dat de procedures onvoldoende transparant waren.

De zaak was aangespannen door Balans Schoonmaak- en Bedrijfsdiensten, dat naast de opdrachten greep. Volgens de rechtbank voldeden de gunningsbeslissingen niet aan de motiveringseisen uit de Aanbestedingswet. Zo ontbrak een duidelijke toelichting op de voordelen van de winnende inschrijvingen en werd onvoldoende inzicht gegeven in de manier waarop prijs en kwaliteit tot de totaalscore hadden geleid.

Daarnaast bleek dat bij de beoordeling met een andere puntensystematiek was gewerkt dan vooraf in de aanbestedingsstukken was aangekondigd. Ook bleven vragen bestaan over de wijze waarop de kwaliteitsbeoordeling tot stand was gekomen.

De voorzieningenrechter concludeert dat de gebreken zo wezenlijk zijn dat een herbeoordeling niet volstaat. Willen de schoolbesturen de schoonmaakopdrachten alsnog gunnen, dan moeten zij een volledig nieuwe aanbestedingsprocedure starten. De uitspraak is direct uitvoerbaar.

Rechter doet uitspraak over contractwisseling

Een contractwissel bij Shell zorgde vlak voor de jaarwisseling voor grote onrust onder honderden facilitaire medewerkers.

De schoonmaak-, catering- en receptiediensten gingen per 1 januari 2026 over van Sodexo naar CBRE. Slechts twee weken voor de overgang wisten veel van de circa 270 betrokken werknemers nog niet waar zij aan toe waren.

De onduidelijkheid draaide om de vraag of sprake was van overgang van onderneming. In dat geval gaan werknemers automatisch over naar de nieuwe dienstverlener, met behoud van rechten en arbeidsvoorwaarden. CBRE betwistte dat hiervan sprake was en deed aanvankelijk slechts een deel van de medewerkers een aanbod. Volgens CNV dreigden werknemers hierdoor tussen wal en schip te vallen. De vak-

bond wees ook nadrukkelijk naar Shell als opdrachtgever en riep het bedrijf op verantwoordelijkheid te nemen voor een zorgvuldige overgang. De rechtbank Amsterdam oordeelde op 18 december dat wél sprake is van overgang van onderneming. CBRE moest

Meeste klachten UvA-schoonmakers

zijn verholpen

Volgens universiteitsblad Folia zijn er het afgelopen jaar duidelijke verbeteringen gerealiseerd in de werkomstandigheden van schoonmakers aan de Universiteit van Amsterdam.

Aanleiding was een alarmerende petitie die ruim een jaar geleden werd aangeboden aan het College van Bestuur, waarin schoonmakers ernstige misstanden aankaartten. FNV Schoonmaak laat via bestuurder Herrie Hoogenboom aan Folia weten dat naar schatting ongeveer twee derde van de gemelde klachten inmiddels is opgelost. De vakbond laat weten dat er afspraken zijn gemaakt die merkbaar effect hebben op de werkvloer. Zo is de manier waarop leidinggevenden medewerkers aanspreken aangepast en zijn er duidelijke regelingen getroffen rond ziekte, borstvoeding en persoonlijke beperkingen. Dit alles is volgens de vakbond in goed overleg met zowel de UvA als Vebego (waar de schoonmakers officieel in dienst zijn) tot stand gekomen.

daarom alle 277 medewerkers overnemen, met behoud van hun rechten en arbeidsvoorwaarden. Volgens CNV is daarmee duidelijkheid gekomen, maar omdat Shell bezuinigt op facilitaire diensten sluit de bond niet uit dat alsnog banen verdwijnen.

SANDER LEENDERS NIEUWE CEO EW

Op 1 februari 2026 startte Sander

Leenders als CEO bij EW Facility Services en bij Experience Holding, de moedermaatschappij van EW. Met meer dan twintig jaar ervaring in executive functies, onder andere bij Renewi, Upfield (nu Flora Food Group), Essent en Unilever, brengt Leenders brede kennis mee op het gebied van groei, organisatieverandering en mensgericht leiderschap. Leenders: ‘Mijn missie om een blijvende positieve maatschappelijke impact te realiseren sluit aan bij de mensgerichte en maatschappelijke benadering van EW Facility Services. Ik verwacht me snel thuis te voelen bij de organisatie.’

De schoonmakers kregen

1,75 euro per persoon per schoongemaakte

hotelkamer

Hotelschoonmakers Ibis Styles

Arnhem vermoedelijk uitgebuit

Bij het Ibis Styles Hotel in Arnhem zijn mogelijk ernstige misstanden geweest rond de inzet van hotelschoonmakers, blijkt uit onderzoek van Nieuwsuur. De Nederlandse Arbeidsinspectie is een onderzoek gestart.

Volgens Nieuwsuur werden ongeveer twintig asielzoekers en een groep Oekraiense arbeidskrachten via ‘schimmige tussenpersonen’ van het Duitse bedrijf AHR Clean ingezet voor schoonmaakwerk in het hotel. Zij zouden hebben gewerkt zonder geldige tewerkstellingsvergunning en tegen zeer lage vergoedingen. Een deel van hen kreeg volgens eigen verklaringen niet of slechts gedeeltelijk betaald. Anderen ontvingen bedragen van 3,50 tot 4,50 euro per schoongemaakte kamer. Een Oekraïens stel verklaarde dat zij dit bedrag moesten delen en per persoon uitkwamen op 1,75 euro per kamer. Loon werd contant uitbetaald in de lobby van het hotel, wat in Nederland niet is toegestaan.

RSO maakt BubbleFlush onderdeel van opfristraining schoonmaak

Schoonmaakmedewerkers van de Rijksschoonmaakorganisatie (RSO) krijgen in hun opfristraining voortaan instructie over het gebruik van de BubbleFlush.

Volgens Bart van Weegberg, manager Opleidingen & Examens & Docenten bij SVS, sluit de inzet van de BubbleFlush aan bij de duurzaamheidsdoelstellingen van de RSO. Hij geeft aan: ‘Ook is het beter voor het lichaam van de schoonmaakcollega’s van de RSO. Zij hoeven minder te bukken en hebben ook geen last meer van chemische middelen.’ De opfristraining is bedoeld voor RSO-medewerkers die beschikken over het vakdiploma basisopleiding schoonmaken.

GEZIEN OP

www.facto.nl/schoonmaakbedrijven

• FACILITAIR ADVISEUR HALFMAN OVER 2026: ‘SPANNINGSVELD TUSSEN HOGERE LOONKOSTEN EN KRAPPERE BUDGETTEN NEEMT TOE’

• EXPERT LEGT UIT: WAAROM GINGEN ER IN 2025 ZOVEEL SCHOONMAAKBEDRIJVEN FAILLIET?

• DIRECTEUR SCHOONMAKEND NEDERLAND OVER 2026: ‘ER KOMT VEEL OP ONS AF’

• SIEV-BESTUURSLEDEN OVER 2026: ‘OPDRACHTGEVERS VINDEN

SCHOONMAAK TE DUUR. SCHOONMAAKBEDRIJVEN: LAAT JE WAARDE ZIEN!’

• GLAZENWASSERS NAAR DE AFGROND (BLOG ANDRÉ DE REUS)

• GWS DÉ SCHOONMAKER GENOMINEERD VOOR KONING WILLEM I PRIJS

• CARNAVAL LEIDT TOT FORSE EXTRA SCHOONMAAKDRUKTE IN TREINEN

• INTERNETCONSULTATIE VERNIEUWDE EINDTERMEN (AMBULANT) OBJECTLEIDER GESTART

• 3 SCHOONMAAKBEDRIJVEN FAILLIET IN JANUARI

• MARTIJN HOS GESTART ALS ADVISEUR PUBLIC AFFAIRS BIJ SCHOONMAKEND NEDERLAND

• CAREYN EN ASITO VERLENGEN SAMENWERKING

• KIJKTIP: POINTER OVER DE OMSTREDEN AANPAK VAN MALAFIDE GLAZENWASSERS IN ZAANSTAD

• AMSTERDAM INNOVATION AWARD 2026 MAAKT NOMINATIES BEKEND

• CSU EN GEMEENTE ROTTERDAM PLANTEN EERSTE BOMEN VAN NIEUW COMPENSATIEBOS

• STAATSSECRETARIS KOEN BECKING BRACHT WERKBEZOEK AAN GOM OVER BELANG VAN BASISVAARDIGHEDEN

• OPSLAGPERCENTAGE SOCIALE LASTEN 2026 VASTGESTELD

• WAAROM KIEST MARTINI ZIEKENHUIS VOOR INBESTEDING SCHOONMAAK?

• GARDE HOTELS VERLENGT SAMENWERKING MET EW FACILITY SERVICES

Rens Willems

Leeftijd: 33

Functie en bedrijf: Copywriter bij Vebego Cleaning Services

talent Rens Willems:

‘Schoonmaak is niet langer een dienst die je inkoopt, maar een waardevermeerderend proces’ Jong

Mijn werk bestaat uit:

‘In mijn werk sta (meestal zit) ik midden in het kloppende hart van een multidisciplinair tenderteam. Daar vervul ik de rol van luisteraar, her- en vertaler en soms zelfs schatzoeker: degene die tussen de regels door ontdekt waar onze klanten écht door worden geraakt. Wat hun ambities zijn. Waar hun pijn zit. En hoe wij hen op een duurzame manier blijvend kunnen helpen om verder te komen.

Tegelijkertijd kijk ik verder dan het resultaat voor de klant alleen. Ik zorg dat de collega’s die het werk straks uitvoeren, goed voorbereid en vol vertrouwen aan de start kunnen verschijnen en net als ik het beste uit zichzelf kunnen halen.’

Waarom heb je voor de schoonmaakbranche gekozen?

‘Ik heb niet specifiek voor de schoonmaakbranche gekozen. Na bijna tien jaar als zelfstandige had ik genoeg van in mijn eentje te werken. Ik wilde landen in een team met de ambitie om samen iets op te bouwen. Die plek vond ik 2,5 jaar geleden. Ik koos voor Vebego. Voor de missie, de mensen én het lef om dingen anders te durven doen. Ik ben inderdaad zo’n ‘softe’ millennial, maar dan eentje die heilige huisjes eigenlijk best graag omver duwt. Zeker als ze in de weg staan van een wereld die schoner, socialer en slimmer kan zijn.

En wat ik sindsdien heb ontdekt? Dat schoonmaak misschien de dienst is die we leveren, maar dat mijn werk veel breder is dan dat. Hospitality, AI, managementsystemen, data-analyse, interviewtechnieken en creativiteit lopen hier dagelijks door elkaar. Het is precies het soort speelveld waar ik op mijn best ben. Onze collega’s zijn allang niet meer ‘de mensen met de poetsdoek’, en zo ben ik als copywriter niet slechts een typemachine. We zijn allemaal stuk voor stuk cruciale schakels in iets veel groters. En daar gaat mijn hart sneller van kloppen.’

Wat is voor jou de grootste uitdaging in je werk?

‘De grootste uitdaging in mijn werk is het voortdurend balanceren tussen belangen die soms mijlenver uit elkaar lijken te liggen. De klant met een wensenlijst die tot op de millimeter is uitgedacht, en onze schoonmaakcollega’s die het werk ook moeten kunnen uitvoeren met trots, vakmanschap en een realiteit die niet altijd in een spreadsheet past. Mijn rol is om samen met mijn bidmanager en het kernteam deze

werelden bij elkaar te brengen. Om ervoor te zorgen dat onze collega’s niet alleen kunnen leveren wat de klant vraagt, maar dat ze ook zélf boven verwachting kunnen presteren. Dat ze het beste van zichzelf laten zien, zonder dat het botst met wat ze nodig hebben.

De uitdaging zit ’m dan voor mij ook niet zozeer in het typen van woorden, maar in het vertalen van gedachten, wensen en belangen naar één verhaal. Eén richting. Eén voorstel waarin iedereen zich herkent, van de operatie tot klant tot de boardroom. Het is uitdagend, soms frustrerend, vaak intens en precies daarom verslavend leuk.’

Wat is volgens jou de belangrijkste schoonmaaktrend en waarom?

‘Dat klanten langzaam maar zeker stoppen met schoonmaak als commodity te zien en steeds meer vragen dat we ons ontwikkelen tot een intelligente service waarin menselijkheid, data en duurzaamheid keihard samen waarde bewijzen voor een scherpe prijs. Organisaties willen weten: wat levert het op? Wat besparen we? Wat verbeteren we? En dat kun je alleen laten zien als je vakmanschap koppelt aan data. Niet met het doel om mensen te vervangen, maar om hun werk slimmer en impactvoller te maken.’

Waar zie jij kansen voor de schoonmaak en waarom?

‘De grootste kans voor onze branche ligt denk ik in het radicaal heruitvinden van wat schoonmaak ís. Niet langer een dienst die je inkoopt, maar een waarde-vermeerderend proces dat gezondheid, beleving en duurzaamheid aantoonbaar verbetert. Bij klanten die deze uitdaging met ons aangaan zien we de grootste gemeenschappelijke successen.

Ik zie hierin een toekomst waarin menselijkheid en technologie samenvallen: cobots die het routinematige werk dragen, data die precies vertelt waar iets nodig is, en onze collega’s die het verschil maken in alles wat níet in algoritmes en AI past.

‘Schoonmaak is de dienst die we leveren, maar mijn werk is veel breder dan dat’

Schoonmaak wordt hierbij on-demand, zero waste en radicaal transparant. Geen rapporten, maar realtime bewijs. Geen frequenties, maar resultaten.’

Waar verbaas jij je weleens over?

‘Ik verbaas me er vaak over hoe een heel klein gebaar een enorme beweging kan veroorzaken. Je ziet het soms letterlijk gebeuren: een collega die zonder dat iemand het vraagt even stopt, iets rechtzet, iemand begroet of een vraag stelt. Mini acties, bijna onzichtbaar, maar ze veranderen direct de sfeer in een ruimte. Zo stond ik eens naast een teamleider die tijdens een rondgang drie stappen terugliep omdat hij zag dat een Aanpakker (zo noemen wij onze collega’s met een afstand tot de arbeidsmarkt) twijfelde. Geen protocol, geen grote interventie. Gewoon een hand op de schouder en één zin: ‘Zal ik even met je meekijken?’ Vijf minuten later liep die collega weg met een trots waar geen KPI tegenop kan.

Het fascineert me hoe moeiteloos mijn collega’s dit soort momenten creëren: die intuïtieve aandacht, dat precies aanvoelen wat er nú nodig is. En het mooiste? Ze vinden het zelf volkomen normaal. Terwijl ik juist in die kleine momenten zie waarom onze branche draait op veel meer dan schoon.’

Mooiste project waaraan je hebt gewerkt?

‘Dat is denk ik toch Royal FrieslandCampina. Als kersverse nieuwkomer kreeg ik direct het vertrouwen om aan zo’n grote naam te werken, geen warming up, gewoon meteen het diepe in. In die snelkookpan leerde ik razendsnel dat schoonmaken in de food & beverage-sector geen bijzaak is, maar een vak apart. Ik liep mee in de fabriek in Borculo, tussen machines en mensen die samen de wereld voeden, en ontdekte dat elke plant zijn eigen wensen en eisen heeft. Aan ons de taak om daar één overtuigend maatwerkvoorstel van te maken; een proces dat voelde als een sprint én marathon tegelijk. Onderweg ben ik regelmatig gevallen: door mijn onervarenheid, de complexiteit, het tempo. Maar telkens werd ik opgevangen door collega’s die me meenamen, uitdaagden en lieten groeien. Dat team zag mij als rookie. Niet als ballast, maar als kans, en dat vertrouwen neem ik nog steeds mee en geef ik nu op mijn beurt door aan nieuwe collega’s.’

Wat zou je nog graag beter kunnen?

‘De bijzondere, vaak onzichtbare dingen die mijn collega’s elke dag doen voor elkaar en voor onze klanten,

zó verwoorden dat ze ook in de meest ambtelijke tenderdocumenten voelbaar worden. Veel tenderstukken zitten namelijk vol kaders, regels, formats en restricties die de ziel uit een verhaal persen. Terwijl onze branche in mijn ogen juist draait om mensen. De vakkennis die niemand ziet maar iedereen merkt. Ik wil die verhalen niet alleen opschrijven, ik wil ze podium geven. Zodat opdrachtgevers voelen wat wij echt toevoegen. Dat is mijn doel voor 2026.’

Wie is jouw inspiratiebron en waarom?

‘Mijn grootste inspiratiebron vind ik gewoon thuis: Kat en Alyssa. Kat krijgt me met één opgetrokken wenkbrauw sneller bij de les dan welke coach dan ook. Alyssa laat me ondertussen elke dag zien dat nieuwsgierigheid en een stevige dosis K-pop verrassend effectief zijn om het leven luchtig én leuk te houden. Samen houden ze me scherp, vrolijk en net genoeg in toom om geen rare beroepsafwijkingen mee naar huis te nemen.

Mijn held is Steve Irwin. Ja, de man die zonder te knipperen op een krokodil sprong of een slang vastpakte alsof het een tuinslang was. Hij liet zien dat als iets ertoe doet, je er zonder angst met al je ziel en zaligheid voor moet gaan. Geen half werk, geen rem erop.’

Welk boek/app/magazine/gadget/film of iets anders mogen we echt niet missen?

‘Voor mij is dat zonder twijfel alle extended versions van Lord of the Rings. Niet omdat ik elke scène kan quoten (oké, stiekem wel), maar omdat je binnen twee minuten in een wereld stapt waar hobbits zich druk maken om second breakfasts en waarachtige figuren ineens heel realistisch lijken. Het is groots, geweldig geschreven, avontuurlijk en net absurd genoeg om even alles te relativeren. Soms is dat precies wat je nodig hebt.’

Over vijf jaar ben ik:

‘Over vijf jaar zie ik mezelf vooral verder gegroeid in positieve impact. Titels maken mij daarin niet uit, maar wel wat ik kan betekenen. Ik hoop dan nog steeds mijn creativiteit te kunnen inzetten in een context die groter is dan Nederland alleen. Meerdere landen, grotere projecten, bredere perspectieven: dat lijkt me fantastisch. Hoe die functie heet, dat maakt me minder uit. Als ik maar mag blijven bouwen aan échte verhalen, met mensen die elkaar verder brengen, en als ik daarmee mijn invloed stukje bij beetje kan vergroten — dan ben ik precies waar ik moet zijn.’

Wat kunnen we verwachten?

Interclean Amsterdam 2026 zet in op beleving van schoonmaak

Interclean Amsterdam 2026, de grootste schoonmaakvakbeurs ter wereld die eens in de twee jaar plaatsvindt in RAI Amsterdam, zet vol in op thema’s als duurzaamheid, robotica, hospitality en de waarde van schoonmaak. Beursmanager Danielle Inostroza licht toe: ‘We willen bezoekers niet alleen samenbrengen en informeren, maar ook inspireren en activeren.

Interclean 2026 wordt een ervaring.’

tekst: Ronald Bruins

Na een recordeditie in 2024, met het hoogste aantal bezoekers, exposanten en vierkante meters ooit, breidt Interclean in 2026 uit naar hal acht. ‘Dat betekent voor ons dat we een full circle hebben’, vertelt Inostroza. ‘Bezoekers kunnen nu de hele ronde doorlopen. Met de nieuwe hal willen we de bezoekers verrassen en sterk inzetten op beleving.’

DRIE WERELDEN VAN SCHOONMAAK

Interclean 2026 komt met live experiences, waarbij bezoekers schoonmaak live in action zien in nagebouwde ruimtes. Er zijn drie thematische werelden:

•• Hospitality experience: met onder meer een fitnessruimte, professionele keuken, hotelkamer en vrijetijdsruimte;

•• Robot experience: gericht op onder andere retail en kantooromgevingen;

•• Healthcare experience: met zorg- en ziekenhuisinrichting.

‘We voegen experience-elementen toe voor extra beleving. Bezoekers kunnen hier samen met professionals schoonmaakmethoden uitproberen en vragen stellen’, aldus Inostroza. ‘We willen laten zien hoe schoonmaak in verschillende sectoren écht werkt.’

Dit gebeurt in samenwerking met het British Institute for Cleaning Science (BICSc). Meer hierover lees je op pagina 16 van dit magazine.

Naast drie werelden, zijn er op de beursvloer ook drie theaters ingericht rond de thema’s duurzaamheid, data & technologie en health & hygiëne.

FEEL GOOD FRIDAY: NEDERLANDSE SCHOONMAAK IN DE SPOTLIGHT

Op de vrijdag is er een volledig Nederlandstalig programma, genaamd Feel Good Friday. In samenwerking met brancheorganisaties als VSR, SIEV en Code Verantwoordelijk Marktgedrag Schoonmaak onderstreept Interclean nogmaals de waarde van schoonmaak. Dat gebeurt met een dagvullend programma,

kennissessies, begeleide tours over de beursvloer en een gezamenlijke afsluiting.

Het Nederlandse programma krijgt een centrale plek op de Main Stage in hal dertien. ‘We willen Nederlandse bezoekers echt aanspreken’, zegt Inostroza. ‘We hebben gesprekken met brancheorganisaties om hun ledenbijeenkomsten op die dag te organiseren. Ook exposanten stimuleren we om hun Nederlandse collega’s en klanten dan mee te nemen.’

AI TOURNAMENT

Het AI Tournament toont de schoonmaakbranche van morgen (2030). Studenten, startups en experts uit de branche werken samen om toekomstbestendiige oplossingen te bouwen met behulp van AI-tools. De bezoekers kunnen het proces en de uitkomsten realtime zien en uitgedaagd om mee tedenken.

‘We willen hier echt een virtuele blik op de toekomst laten zien’, zegt Inostroza. ‘Het is een manier om

‘Interclean 2026 wordt een plaats waar schoonmaak niet alleen zichtbaar is, maar ook voelbaar’

jongeren te betrekken en de branche toekomstbestendig te maken.’

Meer weten over het AI Tournament? Lees het interview met mede-organisator Dirk Tuip op pagina 14.

ZICHTBAAR MAKEN VOOR EINDGEBRUIKERS

‘We willen de waarde van schoonmaak zichtbaar maken voor eindgebruikers’, zegt Inostroza. ‘Bij facility managers krijgt schoonmaak niet altijd de aandacht die het verdient, terwijl het een cruciale rol speelt in gezondheid, veiligheid en beleving.’ De beursmanager sluit af: ‘Interclean 2026 wordt een plaats waar schoonmaak niet alleen zichtbaar is, maar ook voelbaar.’

AI Tournament

Ook mkb-schoonmaakbedrijven kunnen profiteren van AI: ‘Maar je moet wel gaan experimenteren’

Kunstmatige intelligentie (AI) belooft veel voor de schoonmaakbranche, maar echte toepassingen zijn nog schaars. Tijdens Interclean 2026 wil Dirk Tuip, CEO van FacilityApps en bestuurslid van Facility Data Standard, daar verandering in brengen. Tijdens het AI

Tournament – op dag twee van de schoonmaakvakbeurs – moet de toegevoegde waarde van kunstmatige intelligentie voor de branche zichtbaar worden.

tekst: Anoek van der Riet

Wie de schoonmaakbranche vergelijkt met andere sectoren, ziet dat échte digitalisering lang op zich liet wachten. Maar daar komt nu verandering in, merkt Tuip op. ‘Ik vond dat de schoonmaakbranche altijd een beetje achterliep.

Doordat het kennelijk geen sexy industrie was voor jong, technologisch talent om in te stappen. Maar nu zie ik steeds meer softwarebedrijven en techstartups met oplossingen voor de schoonmaak ontstaan.’

Als voorbeeld noemt hij drones voor glasbewassing. ‘Dat stond twee jaar geleden nog klein op de Interclean. Maar afgelopen september tijdens CMS Berlin was het zo’n beetje dé hit van de beurs. Het trok ontzettend veel belangstelling.’

‘De mens is gewend om op een bepaalde manier te werken en heeft tijd nodig om nieuwe technologieën zich eigen te maken’

AI TOURNAMENT TIJDENS INTERCLEAN

Opvallend genoeg zijn echte AI-oplossingen in de schoonmaak nog dun gezaaid, volgens Tuip. Juist daarom organiseert hij samen met Interclean het AI Tournament. ‘We willen laten zien wat AI kan betekenen voor de branche.’

Internationale AI-studenten – afkomstig uit de hele wereld – werken tijdens het toernooi op de Interclean in teams aan concrete oplossingen voor uitdagingen in de schoonmaak. ‘En het leuke van AI is dat het zó snel gaat, dat ik denk dat we aan het einde van de dag al werkende prototypes kunnen verwachten.’ Om te voorkomen dat de studenten losgezongen oplossingen bedenken, is er een uitgebreid voortraject. Ze krijgen uitleg over hoe de schoonmaakbranche werkt en ze worden gekoppeld aan vakspecialisten. ‘Ze komen dus goed voorbereid naar de Interclean’, aldus Tuip. Hij roept bezoekers van de schoonmaakbeurs op om vooral een kijkje te komen nemen en in gesprek te gaan met de teams.

AI ALS VERSNELLER

Tuip is enthousiast over de mogelijkheden van AI voor de branche. Zo vertelt hij over een samenwerking tussen ‘zijn’ FacilityApps en Cleaning Workx,

waarbij AI wordt ingezet voor realtime vertalingen tijdens virtual-realitytrainingen. ‘De instructeur kan de instructie bijvoorbeeld in het Nederlands geven, maar de schoonmaker hoort het met behulp van AI in z’n eigen taal’, schetst Tuip.

‘Daardoor worden de trainingen niet alleen efficiënter, maar het verhoogt ook de kwaliteit. We zien nu dat schoonmakers met behulp van VR en AI het RAS-examen in de helft van de tijd kunnen halen. Dat is misschien wel de kracht van AI: het realiseren van versnellingen.’

DE MENS ALS VERTRAGENDE FACTOR

Hoewel Tuip gelooft in de toegevoegde waarde van AI, blijft hij realistisch. ‘Linksom of rechtsom gaat AI ook de schoonmaakbranche veranderen. De belangrijkste vraag is volgens mij: kunnen we het tempo aan? De technologische ontwikkelingen gaan heel erg snel, maar deze moeten wel geadopteerd worden. De vertragende factor in dit soort veranderingen is de mens: die is gewend om op een bepaalde manier te werken en heeft tijd nodig om nieuwe technologieën zich eigen te maken. Schoonmaakbedrijven lopen hier nu eenmaal vaak een beetje in achter.’

LEARN BY DOING

Zijn advies is dan ook om nu met AI aan de slag te gaan. Of je nu een groot of een klein schoonmaakbe-

drijf hebt. ‘Begin met experimenteren. Learn by doing: ga het gewoon proberen. Hoe meer tijd je erin stopt, hoe handiger je erin wordt.’

Geen idee waar je moet beginnen? AI is een deel van de oplossing, legt Tuip uit. Je kunt immers gewoon aan ChatGPT of een soortgelijk programma vragen: ik heb een klein schoonmaakbedrijf, op welke gebieden kan ik door middel van AI mijn bedrijf verbeteren? Dan komt hij zelf al met suggesties, waarvan je er eentje kunt kiezen om verder uit te werken.

‘AI is voor héél veel mensen relevant. Ook voor de schoonmaakbranche biedt het veel kansen’, zegt Tuip afsluitend. ‘Tijdens de Interclean willen we de branche laten zien wat er allemaal mogelijk is. Tegelijkertijd is het een mooie manier om jong talent een inkijkje in de schoonmaak te geven en hen hopelijk zo te enthousiasmeren.’

Het AI Tournament vindt plaats op woensdag 15 april, dag 2 van Interclean, in hal 8, het Experience Center. Gedurende de dag gaan de studenten in teams aan de slag met AI-oplossingen voor de schoonmaakbranche. Tijdens de finale, die om 14:00 op de Main Stage in hal 13 begint, pitchen de teams hun oplossing aan een vakjury. De winnaars ontvangen een geldprijs. Geïnteresseerden hoeven zich niet aan te melden en kunnen gewoon aanhaken.

Dirk Tuip, CEO van FacilityApps en bestuurslid bij Facility Data Standard: ‘Mijn advies? Begin met experimenteren.’

Opleidingsinstituut BICSc komt naar Interclean Amsterdam

‘Schoonmaak is geen ongeschoold werk’

Volgens Kelsey Hargreaves van BICSc onderschat de buitenwereld het schoonmaakvak nog altijd. Training zou geen luxe of investering moeten zijn, maar de norm, zo luidt haar

oproep. Op de Interclean laat de Britse opleidingsorganisatie zien wat vakmanschap in de praktijk betekent.

tekst: Anoek van der Riet

BICSc – voluit het British Institute of Cleaning Science – is de grootste onafhankelijke opleidingsorganisatie voor schoonmaak in de branche. De organisatie verzorgt trainingen en accrediteert schoonmaakmedewerkers, supervisors en managers in 22 landen. De kern van alles wat ze doen? ‘Het beschermen van de schoonmaakmedewerker, terwijl we commercieel haalbare oplossingen bieden voor bedrijven.’

BEGINNEN BIJ DE BASIS

Waar veel organisaties hun opleidingen op managementniveau starten en dan naar beneden werken, kiest BICSc bewust voor een andere route. ‘Wij geloven dat schoonmaakmedewerkers het begin van de verandering zijn. Daarom beginnen wij bij hen: zij zijn de basis’, legt Hargreaves uit. Dat uitgangspunt

Praktijk op Interclean

is volgens haar essentieel. ‘Als een schoonmaker iets niet prettig vindt of ergens niet achterstaat, dan gaat het niet gebeuren. Je kunt geen echte verandering doorvoeren zonder de sleutelpersonen mee te krijgen.’

De trainingen van BICSc variëren van praktische vaardigheden tot strategische kennis. Dat gaat van hoe je een vloer dweilt tot hoe je een aanbesteding calculeert. Maar het gaat ook verder dan techniek alleen. In de naam van de organisatie staat niet voor niets ‘science’: ‘We leren mensen niet alleen hoe ze moeten schoonmaken, we leggen ook de wetenschap erachter uit. Waarom iets werkt zoals het werkt. Het is dus niet alleen: ga dit doen en gebruik dit middel. We geven de redenen waarom het daadwerkelijk werkt.’

Tijdens Interclean Amsterdam 2026 verzorgt BICSc demonstraties in zowel het healthcare- als het hospitality experience centre. In de hospitality-omgeving draait het om volledige schoonmaakdemonstraties én verschillende interactieve onderdelen. Zo is er een kwaliteitscontrolespel waarbij deelnemers stickers moeten vinden op onverwachte plekken. In de zorgopstelling wordt een patiëntenkamer bewust zwaar vervuild – zichtbaar en onzichtbaar. ‘We gebruiken een speciale spray die oplicht onder blacklight’, verklapt Hargreaves. Bezoekers mogen zelf aan de slag. Daarna volgt de confrontatie. ‘Dan testen we hoeveel vervuiling ze daadwerkelijk hebben schoongemaakt. Mensen richten zich vaak automatisch op zichtbaar vuil en vergeten wat ze niet zien. Waardoor er veel contaminatie achterblijft.’ Op die manier hoopt Hargreaves bezoekers bewust te maken van het belang van training: ‘Zodat medewerkers begrijpen hoe ze de middelen en materialen op de juiste manier moeten inzetten én waarom dat zo is. Dat is geen investering, maar de absolute basis.’

BESCHERMEN IS MEER DAN VEILIG WERKEN

De missie van BICSc draait om ‘het beschermen van schoonmaakmedewerkers’, vertelde Hargreaves in het begin. Dat klinkt zwaar: hoezo hebben zij bescherming nodig? ‘Dat bedoelen we in de breedste zin van het woord. Iedereen kan een mop oppakken en zichzelf schoonmaker noemen. Maar wij vinden het belangrijk dat een schoonmaakmedewerker begrijpt hoe hij of zij zichzelf veilig houdt, wat de verantwoordelijkheid van de werkgever is en hoe ze efficiënter kunnen werken zonder tijd te verspillen.’ Volgens haar gaat het daarbij niet alleen om veiligheid en regelgeving, maar ook om trots. ‘We willen schoonmaakmedewerkers leren begrijpen wat hun rol is en waarom die zo onmisbaar is. En hoe ze de best mogelijke kwaliteit kunnen leveren, waar ze trots op kunnen zijn.’

De impact van training ziet ze dagelijks terug. ‘Het verschil tussen iemand die getraind is en iemand die dat niet is, is enorm. Het kan een grote impact hebben wanneer een schoonmaker in bijvoorbeeld een ziekenhuis niet op de juiste manier werkt. Als iemand chemicaliën verkeerd verdunt of het verkeerde middel gebruikt, kan dat gemakkelijk een uitbraak veroorzaken. Het kan serieuze consequenties hebben op het gebied van gezondheid en veiligheid als iemand niet weet wat ‘ie doet.’

Dat mensen schoonmaak nog vaak als ongeschoold werk zien, verbaast haar dan ook. ‘Als je de gemiddelde persoon op straat vraagt welk reinigingsmiddel ze moeten gebruiken voor verschillende oppervlakken of soorten biologische verontreiniging, dan hebben ze geen idee. Maar diezelfde mensen zeggen wel dat het ongeschoold werk is.’

IMAGO: HET VERHAAL BETER VERTELLEN Waar komt dat beeld vandaan? Volgens Hargreaves speelt mee dat schoonmaak vaak wordt gezien als een dienstverlenende rol. ‘Je ruimt de rommel van iemand anders op. Daardoor wordt het al snel als een lage functie gezien. Daarnaast gebruiken veel mensen de sector als opstap en zien schoonmaak als werk dat altijd en voor iedereen beschikbaar is. En als iets altijd beschikbaar is, hechten mensen er minder waarde aan.’

Maar Hargreaves legt ook een deel van de verantwoordelijk bij de schoonmaakbranche zelf. ‘Wij zijn als sector slecht in het positief over onszelf praten.

Zo hoor ik regelmatig mensen zeggen: ‘Ik heb eigenlijk niet specifiek voor deze branche gekozen, maar ik kwam hier terecht.’ Dat is toch geen wervend verhaal? Alsof je in een restaurant bent en zegt: ik wilde eigenlijk geen steak, maar het was wel oké. Dan denkt niemand: geweldig, die steak ga ik bestellen.’

CARRIÈREMOGELIJKHEDEN

Volgens haar moet de branche duidelijker maken hoe mooi het schoonmaakvak is. ‘Zelf ben ik verliefd geworden op deze sector door de kansen die het biedt en door het verschil dat je kunt maken’, zegt ze vol enthousiasme. ‘Ook mag er meer aandacht komen voor hoe breed de carrièremogelijkheden in de branche zijn. De meeste mensen denken bij schoonmaak aan een vrouw met een mop en misschien een supervisor. Ze zien niet de verschillende lagen en functies.’

Terwijl je volgens haar net zo goed kunt instromen als marketingassistent of als ontwerper van machines, om maar wat voorbeelden te noemen. ‘De schoonmaak biedt allerlei prachtige banen, waar je ook goed geld mee kunt verdienen. Daar zijn veel mensen zich niet bewust van en daarom mogen wij daar best meer lawaai over maken.’

‘Wat mij verraste? De passie van iedereen in de schoonmaakindustrie’

Schoonmaak was voor Danielle Inostroza lange tijd een haast onzichtbare wereld. Tot ze er zelf in terechtkwam. ‘Ik had niet in de gaten dat schoonmaak echt overal is’, zegt de beursmanager Interclean bij RAI Amsterdam. Inmiddels organiseert ze de grootste schoonmaakbeurs ter wereld, zowel in Amsterdam als in Shanghai, en kijkt ze met andere ogen naar een sector die volgens haar meer waardering verdient.

tekst: Anoek van der Riet

Dat Inostroza uiteindelijk in de schoonmaakbranche terechtkwam, was geen uitgestippeld plan. Ze organiseerde veertien jaar lang grote internationale beurzen voor audiovisuele apparatuur. ‘Dat was een hele snelle industrie, met grote merken, imposante producten en een inspirerende dynamiek’, blikt ze terug.

Na een uitstapje van anderhalf jaar als general manager bij een interactief socialmediamuseum (het heet The Upside Down, mocht je even willen Googelen wat dit inhoudt), werd duidelijk waar haar passie lag: het organiseren van beurzen. Dus toen er een vacature voorbij kwam voor beursmanager van de Interclean, kon ze die kans niet aan zich voorbij laten gaan.

VOLLEDIG ONDERDOMPELEN

‘Het was destijds een sprong in het diepe’, zegt Inostroza, ‘want van professionele schoonmaak wist ik toen nog heel weinig. Nu, drie jaar later, is dat natuurlijk heel anders.’

Als beursmanager dompelt ze zich namelijk volledig onder in de branche; ze reist de hele wereld over om

beurzen te bezoeken en in gesprek te gaan met verschillende experts uit de schoonmaakindustrie. ‘Alles om te ontdekken wat er leeft in de schoonmaak. Welke onderwerpen staan hoog op de agenda? Welke trends en ontwikkelingen zien we? En hoe kunnen we dit op de beurs het podium geven dat het verdient?’

Op de vraag wat dé schoonmaaktrend van dit moment is, kan ze geen eenduidig antwoord geven. ‘De schoonmaakindustrie is vrij traditioneel. Trends zijn er zeker, maar ze lopen vaak in elkaar over: technologie, data, duurzaamheid, de mens. Er is meer sprake van een verdiepingsslag en uitbreiding in de trends van de afgelopen twee jaar.’

Bovendien, zo stelt ze, verschilt het ook enorm per werelddeel. ‘In de Verenigde Staten is duurzaamheid nog weinig bespreekbaar, terwijl in China robots –tegen de verwachting in – slechts beperkt worden ingezet. Arbeid is daar simpelweg veel goedkoper’, geeft ze als uitleg.

SCHOONMAAK IS OVERAL

Nu Inostroza de branche inmiddels beter kent, blijkt dat het beeld dat zij van tevoren had niet bepaald

klopte. ‘Ik heb me nooit gerealiseerd dat schoonmaak echt overal is. Als straten niet schoon zouden zijn, de bushokjes niet schoon zouden zijn, de supermarkt niet schoon zou zijn, dan zou dat wel echt een impact hebben op het functioneren van onze samenleving. Ik had niet door dat schoonmaak zo veelomvattend is.’

‘Wat mij het meest verrast heeft’, vervolgt ze, ‘is de passie van iedereen die in de schoonmaakindustrie werkt. Hier werken mensen omdat ze liefde hebben voor het vak.’ Zo spreekt ze voor haar werk regelmatig mensen die een product voor de schoonmaakbranche hebben ontwikkeld. ‘Het is prachtig om te zien hoe gepassioneerd zij daarover vertellen. Bovendien zie ik soms zulke slimmigheden, dat kun je alleen verzinnen als je oog voor detail én plezier in je vak hebt.’

WAARDERING VOOR SCHOONMAKERS

Tegelijkertijd ziet ze dat veel schoonmaakmedewerkers nog altijd grotendeels in de schaduw opereren. Zo vindt nog altijd veel van het werk plaats in de vroege ochtend- of late avonduren, ondanks de strijd van de branche om dagschoonmaak te normaliseren. ‘Het ontroert me om te zien hoe blij schoonmaakmedewerkers zijn als ze gewaardeerd en gezien worden’, vertelt Inostroza verder. ‘Of hoe ze stralen wanneer er gevraagd wordt naar hun werk of hun mening. Eigenlijk is het heel verdrietig dat dat blijkbaar niet de normaalste zaak van de wereld is.’

Voor de aankomende Interclean wordt daar wederom verandering in gebracht: de genomineerden voor de titel Schoonmaker van het Jaar 2024, 2025 en 2026 mogen namelijk meebeslissen tijdens de Amsterdam Innovation Awards. ‘Zij kijken vanuit hun perspectief als schoonmaker zijnde wat de gepresenteerde innovaties bijdragen aan hun dagelijkse werk. En zo kiezen zij dé winnaar voor de Cleaner’s Choice Award.’

INTERCLEAN 2026

Nu we het toch over Interclean 2026 hebben: waar kijkt de beursmanager zelf het meest naar uit? ‘Naar hoe alles samenkomt. Hoe bijvoorbeeld de experience centers tot leven komen, want daar zijn we al zo lang mee bezig geweest.’ In de experience centers laten experts van het British Institute of Cleaning Science (BICSc) zien hoe verschillende soorten ruimtes op de juiste manier schoongemaakt moeten

Inostroza: ‘Ik had niet door dat schoonmaak zo veelomvattend is.’

worden. Met welke middelen en producten, en met welke technieken. Uiteraard kunnen bezoekers dit vooral ook zelf uitproberen en ervaren.

Ook Hal 13 wordt nog even uitgelicht: dat wordt het kloppend hart van de beurs, waar onder meer de Main Stage, met een impactvol programma, en de genomineerden voor de Amsterdam Innovation Award te vinden zullen zijn.

‘We gaan ervoor dat dit de grootste editie tot nu toe wordt’, zegt de beursmanager afsluitend. ‘Qua vierkante meters zitten we al goed, omdat Hal 8 nu ook wordt toegevoegd. Daardoor kunnen bezoekers de full circle lopen; in één ronde door alle hallen. Daar zijn we al hartstikke trots op.’

Perfect Vloerenonderhoud bestaat twintig jaar en ziet een rode draad in al die jaren praktijkervaring: vloeren gaan aantoonbaar langer mee als je ze planmatig onderhoudt. ‘Vloeronderhoud is een vak apart’, zegt oprichter Özhan Memis ¸ Öztürk. Daarom pleit het familiebedrijf, met 32 vakspecialisten in dienst, voor rechtstreekse contracten en duurzame langetermijnkeuzes.

‘Met de juiste aanpak gaan vloeren jaren langer mee’

Öztürk ziet het als een veelbelovende ontwikkeling dat opdrachtgevers vaker rechtstreeks langdurige contracten afsluiten met gespecialiseerde vloerenonderhoudsbedrijven. ‘Dan kun je sturen op onderhoud op de lange termijn’, zegt de vloerenexpert. ‘Perfect afgestemd op het materiaal, het gebruik en de gewenste levensduur van de vloer.’

Alleen doen wat écht nodig is Een belangrijk knelpunt in de markt is namelijk het ontbreken van een vastgelegde onderhoudsgeschiedenis. Het gevolg: verkeerd gebruik van middelen en aantasting van vloeren. Zo wordt bij contractwisselingen vaak geconcludeerd dat een linoleumvloer gestript moet worden, terwijl dat lang niet altijd noodzakelijk is.

‘Vloerenonderhoud begint bij kennis en vakmanschap’, vervolgt Öztürk, ‘en bij het beoordelen en observeren van het type vloer, het gebruik en de actuele staat. Op basis daarvan bepaal je welke onderhoudsbehandeling nodig is. In veel gevallen blijkt dan dat een zware ingreep helemaal niet nodig is en dat regulier onderhoud volstaat.’ Hij voegt daaraan toe: ‘Door niet zomaar standaard middelen of materialen toe te passen, maar alleen te doen wat

noodzakelijk is, blijft de vloer langer in goede conditie en wordt de inzet van middelen beperkt.’

Een belangrijk hulpmiddel dat Öztürk en zijn collega’s hiervoor inzetten, is het Vloerenboek. Dat is een registratiesysteem waarin zij alle onderhoudswerkzaamheden aan een vloer vastleggen. ‘Dit voorkomt onnodige of verkeerde ingrepen en maakt het mogelijk om onderhoud planmatig, onderbouwd en duurzaam uit te voeren.’

Duurzaamheid voorop

Goed vloerenonderhoud is volgens Öztürk ook duurzaam. Daarom beschikt het bedrijf bijvoorbeeld over een elektrisch machine- en wagenpark én heeft het een unieke mobiele UV-waterzuiveringsinstallatie ontwikkeld. Voor vloeronderhoud is veel water nodig dat na gebruik traditioneel gezien in het riool verdwijnt. Inclusief eventuele middelen die gebruikt zijn. ‘Dat wilden we veranderen’, vertelt Öztürk.

Daarom ontwikkelde hij de waterzuiveringsmachine, waarvan het eerste prototype inmiddels een aantal maanden in gebruik is. De specialisten van Perfect Vloerenonderhoud vangen al het gebruikte water op. Dit wordt vervolgens volledig gezuiverd (via verschillende actieve filters en middels UV-techniek om bacteriën te doden) zodat het opnieuw gebruikt kan worden. ‘Op die manier hebben we inmiddels al ruim 100.000 liter drinkwater bespaard’, zegt de ondernemer met gepaste trots. ‘Bovendien hoeven we zo geen bevuild water in het riool te lozen. Een win-win. We blijven zoeken naar manieren om de machine te verbeteren en het vloerenonderhoud verder te verduurzamen. We staan altijd open voor nieuwe ideeën op dit gebied.’

Dit artikel is gesponsord door Perfect.

Özhan Memis ¸ Öztürk en Ali Karabulut van Perfect Vloerenonderhoud.

We vragen te vaak naar innovaties, te weinig naar problemen

Als innovatiemanager zie ik innovatie steeds vaker terug als KPI, strategisch speerpunt of verplichte paragraaf in aanbestedingen. Dat is ergens een goed teken: organisaties willen vooruit. Tegelijkertijd schuurt het. Want zodra innovatie het doel wordt in plaats van een middel, verschuift de focus van het probleem naar de oplossing.

In mijn werk heb ik geleerd dat succesvolle innovatie zelden begint bij technologie. Het begint bijna altijd bij frustratie. Zo zagen wij in de schoonmaakmarkt dat er nog veel op papier wordt gewerkt. Takenlijsten, overdrachten en meldingen bestaan vaak naast elkaar. Op de werkvloer leidt dat tot miscommunicatie, extra handelingen en onnodig tijdverlies. De samenwerking verloopt inefficiënt, niet omdat mensen dat niet willen, maar omdat de manier van werken het niet ondersteunt. Het probleem was dus niet dat er geen app was. Het probleem was dat samenwerking op de werkvloer onnodig ingewikkeld was.

Pas vanuit die uitdaging zijn we gaan zoeken naar een oplossing. Die werd uiteindelijk digitaal: een app, speciaal ontwikkeld voor de werkvloer, waarmee schoonmaakmedewerkers eenvoudig digitaal kunnen samenwerken. Niet bedacht vanuit aannames, maar samen met de mensen die ermee moesten werken. De oplossing is getest met schoonmaakmedewerkers, klein begonnen en stap voor stap doorontwikkeld op basis van hun ervaringen en feedback.

Dat brengt me bij een tweede belangrijk principe: werken in kleine, snelle stappen. Door niet alles vooraf dicht te ontwerpen, kun je snel leren wat werkt en wat niet. En minstens zo belangrijk: je kunt op tijd stoppen. Kleine stappen maken het mogelijk om een innovatieproject te beëindigen als blijkt dat het niet de juiste oplossing is, zonder dat er al veel tijd, geld of energie in is gestoken. Dat voelt soms als falen, maar in de praktijk zijn juist die ‘mislukte’ innovaties enorm waardevol. Ze leveren inzichten op die je meeneemt naar volgende projecten en maken toekomstige keuzes scherper.

Het derde principe is misschien wel het belangrijkste: innovatie doe je samen. Met gebruikers, medewerkers en klanten. Zij ervaren dagelijks waar processen vastlopen en weten als geen ander wat wel en niet werkt. Door hen vanaf het begin te betrekken, vergroot je niet alleen de kans op succes, maar zorg je er ook voor dat innovaties daadwerkelijk gebruikt worden.

Innovatie is daarmee geen vinkje, geen hype en geen doel op zich. In mijn ervaring is het vooral een manier van kijken. Durven starten bij het probleem, klein beginnen, samen leren en soms ook bewust stoppen. Juist dat maakt innovatie waardevol.

Chantal Snijders, innovatiemanager bij Asito.

Succesvolle innovatie begint zelden bij technologie

robotisering

Robot als collega op de schoonmaakvloer

‘Zie de robot als een collega, niet als een vervanger’

Robots op de werkvloer roepen nog altijd dezelfde vragen op. Nemen ze werk over? Maken ze het werk ingewikkelder? En wat als er iets misgaat? In de schoonmaaksector zijn die vragen extra voelbaar. Het werk is fysiek zwaar, de tijdsdruk hoog en personeel schaars. Er groeit behoefte aan duurzame inzetbaarheid en constante kwaliteit. Wij spraken met Sabine Heinsman, werkzaam als teamleider bij Vebego Cleaning Services, en (een deel van)

het schoonmaakteam uit het St. Antonius Ziekenhuis in Utrecht over hoe robotisering in de praktijk uitpakt: niet als vervanger, maar als hulpmiddel.

tekst: Elske Muis foto’s: Fotoburo Dijkstra, Cor Salverius

Sabine Heinsman werkt inmiddels ruim drie jaar namens Vebego Cleaning Services op een locatie in Hilversum. Het gaat om een campus met elf gebouwen die Vebego schoonmaakt. ‘We hebben hier alleen al een team van ongeveer 60 medewerkers.’ Heinsman heeft een coördinerende rol. ‘De opdrachtgever hecht veel waarde aan innovatie, dus daar maken onze schoonmaakrobots een belangrijk onderdeel van uit.’

GEZONDE SPANNING

Al voordat Heinsman werkzaam was in Hilversum waren ze er bezig met robotisering. Ze vertelt dat het daardoor voor haar makkelijker was om erin mee te gaan. Er werden al meerdere robots getest. Inmiddels draaien er stofzuigrobots van Nexaro in meerdere gebouwen.

Wat Heinsman ziet bij medewerkers: interesse, maar ook gezonde spanning. ‘Over het algemeen staan ze er nieuwsgierig in. Maar het roept toch ook vragen op. ‘Gaat het mijn werk verande-

ren?’ of ‘is het heel ingewikkeld in gebruik?’’ Die spanning verdwijnt zodra ze de robot in het werkveld zien. ‘De drempel is bij de medewerkers eigenlijk vooral vooraf, omdat ze het niet ken-

nen. Opvallend is dat de vraag vanuit de vloer daarna juist groeit. Als de robots echt in actie zijn, dan komen ineens de vragen: hé, kan dat op mijn afdeling ook?’

ROBOT INTRODUCEREN

Hoe introduceer je een robot, zonder huivering aan te wakkeren? Heinsman benadrukt dat je mensen vanaf het begin moet laten wennen. ‘Wij hebben medewerkers meegenomen vanaf het begin en ze meteen ook geleerd hoe ermee om te gaan. Bijvoorbeeld: hoe start je een robot? Wat doe je als die stopt of als die vastloopt? Eén keer in de week moet je hem controleren en je moet de robot zelf af en toe schoonmaken.’

De techniek blijkt in de praktijk minder ingewikkeld dan sommige medewerkers vooraf denken. ‘De robot heeft een startknop, een uitknop en een pauzeknop. Dus als je hem goed hebt ingesteld, dan doet die robot gewoon z’n ding.’ Belangrijk detail in Hilversum: er is iemand die er tijd voor krijgt. ‘Eén van de voorvrouwen is verantwoordelijk voor de robots. Vanuit de klant hebben we ruimte gekregen om iemand op dit onderdeel te zetten en zij krijgt hier

De techniek blijkt in de praktijk minder ingewikkeld dan sommigen vooraf denken

ook voor betaald. Dat zorgt voor een fijne dynamiek zonder druk.’

KWALITEITSWINST

Wie ‘tijdwinst’ hoort, denkt al snel aan minder werk of minder mensen. Heinsman is daar duidelijk over: ‘Schoonmaakrobots nemen niet het werk over, maar nemen een stukje fysieke belasting over. Waardoor je tijd hebt voor het detailwerk.’ Ze ziet dat robotisering het menselijke werk juist waardevoller kan maken. ‘Het stofzuigen van de grotere vloeroppervlakte doet de robot nu voor ze. De details worden daardoor belangrijker.’

Een robot maakt het bovendien mogelijk om taken vaker te doen. ‘De vloer

Robot Sam doodt bacteriën met speciaal UVC-licht, waardoor medewerkers niet meer met chloor hoeven te werken.

De mensen die dagelijks met de robot moeten werken, moeten het nut ervan inzien

werd normaal gesproken niet dagelijks helemaal gezogen. De robot doet dat nu wel.’ Dat geeft kwaliteitswinst, zonder dat je de lat onrealistisch hoger hoeft te leggen. En dat medewerkers het echt als ondersteuning voelen, blijkt pas goed als de robot wegvalt. ‘We hebben een keer gehad dat er een robot door lekkage was gereden. Daardoor was de robot een maand niet beschikbaar. Die werd oprecht gemist.’

IMPLEMENTATIE KOST TIJD

Niet alles gaat vanzelf. Heinsman vertelt eerlijk over het begin van het ‘inlezen’ (het aanleren van routes/gebieden). ‘Bij een eerdere robot ging dat nog met een simpele, handmatige route. Daar liep je een rondje mee en duwde je de juiste richting op.’ De nieuwe robot werkt toch iets anders. ‘Die gaat alle kanten op en kiest z’n eigen gang. Dat vraagt om extra hulp en creativiteit op de vloer. Met de voeten hielden we toen de robot soms tegen, tot de voorvrouw kwam met oplossingen.’ De praktische oplossingen waren juist low tech; met een houten lat werd de robot de juiste kant opgestuurd. Heinsman lacht erom, maar het punt is serieus: implementatie kost tijd, en je moet die tijd organiseren.

ROBOTS IN ZIEKENHUIS

In het St. Antonius Ziekenhuis in Utrecht begon het robotverhaal met een andere toepassing: logistiek. Thijs Koenraadt, medewerker facilitaire concepten & innovatie, legt uit: ‘We zijn begonnen met de Swiftbot. Deze robot haalt materialen bij verschillende afdelingen op, zoals biopten.’ Parallel daaraan kwam de vraag: kunnen robots ook helpen bij schoonmaak? ‘En zo startte een pilot met een schoonmaakrobot voor het stofzuigen van grote oppervlakten.’

RIJDENDE ZONNEBANK

In het ziekenhuis worden niet alleen stofzuig- en schrobrobots ingezet. Er is ook een desinfectierobot voor isolatiekamers, SAM genaamd. Schoonmaakmedewerker Hakim Achahbar beschrijft het proces. ‘We maken de kamer eerst zelf schoon. Wanneer we daarmee klaar zijn, dan zetten we de desinfectierobot daar neer. Met een tablet installeren we hem, zodat ‘ie met speciaal UVC-licht de kamer infectievrij kan maken.’ Koenraadt vat het beeldend samen: ‘Het is een soort rijdende zonnebank die met UVC-licht bacteriën doodt.’

Maarten van Zelst, teamhoofd schoonmaak, noemt een direct voordeel voor medewerkers: ‘Er wordt niet meer gewerkt met chloor en ze hebben geen chloormaskers meer op. Voor de medewerkers is dat stukken beter.’ Het verschil met vroeger is groot. ‘Voorheen waren we de kamer langer kwijt, omdat het schoonmaken en desinfecteren veel tijd kostte. Daarnaast was het erg arbeidsintensief.’ Nu, met de robot die tien tot vijftien minuten doet over één ruimte, is de kamer een stuk sneller weer beschikbaar.

PRIORITEITEN VERSCHUIVEN

Die verschuiving betekent ook dat er ruimte ontstaat voor ander werk. Binnen het ziekenhuis werkt een groep van acht schoonmaakmedewerkers als vaste specialisten, waar Achahbar en Louter onderdeel van zijn. Van Zelst: ‘Die club is naast het periodieke onderhoud ook verantwoordelijk voor het specialistische werk.’ Denk hierbij aan: isolatiekamers desinfecteren, cleanrooms reinigen waar medicatie wordt bereid en het desinfecteren van medische hulpmid-

delen. Nu de robots het repeterende en fysiek zware werk overnemen, ontstaat er meer ruimte om dat specialistische werk zorgvuldig uit te voeren, zonder dat andere taken blijven liggen.

Gewenning is een blijvende factor. Louter: ‘We zijn als mensen echt gewoontedieren. Bij desinfectie was de reflex soms eerst: doe het zoals altijd.’ Van Zelst: ‘In het begin werd er nog vaak gedacht: ‘Ik pak mijn emmer, masker en handschoenen, en ik ga het gewoon doen zoals ik het ken, want ik heb het altijd zo gedaan.’’ De omslag kwam door duidelijke uitleg én doordat het fysieke voordeel heel tastbaar werd. Achahbar is daar duidelijk over. Over vroeger: ‘Met een normale stofzuiger ben je een stuk langer bezig, en bovendien kost het veel energie.’ En nu: ‘De robot ondersteunt en pakt dat zware werk op. Dat helpt ook met het werkplezier. Dan heb je er meer zin in.’ Hij noemt de robot letterlijk ‘een onderdeel van het team’.

KWALITEITSWINST

Ook Louter ziet vooral kwaliteitswinst, omdat keuzes minder vaak gemaakt hoeven worden tussen ‘belangrijk’ en ‘later’. ‘De taken die we nu doen, zoals de grote ruimtes bij langslopen, die vervielen als eerste wanneer we in tijdsnood kwamen. Nu hoeft dat niet meer.’

Dat patiënten en bezoekers ervaren dat het schoon is, écht schoon is, geeft ook voldoening aan de medewerkers. ‘De publieke ruimte is het eerste wat een patiënt ziet. Het is heel fijn voor de patiënten die hier binnenkomen, dat ze het gevoel hebben dat het schoon is. Dat ze niet denken ‘nou, wordt hier wel schoongemaakt?’ omdat we niet aan die ruimtes zijn toegekomen. Nu is het altijd netjes en hebben wij meer tijd voor het specialistische werk.’

RUZIËNDE ROBOTS

Robots maken werk lichter, maar ze kunnen elkaar ook in de weg zitten. Bij

de vraag of er wel eens iets misgaat, wordt er gelachen. Louter vertelt: ‘Er waren twee robots die in een soort ruzie met elkaar zaten.’ In het schoonmaakproces zetten ze vaak eerst een veegrobot in en daarna een schrobrobot. Maar soms loopt timing anders. Koenraadt vult aan: ‘Ze kwamen op één of andere manier tegelijkertijd bij een deur aan. Dat ze elkaar erlangs kunnen laten, dat zit er nog niet in geprogrammeerd.’ Dit eindigde met vastgelopen robots en een telefoontje. ‘En dan wordt Petra gebeld: ‘Ze hebben hier ruzie!’’

Wie lost het op? In de praktijk: mensen. Dat past bij een belangrijk punt uit beide locaties: je hebt altijd operators nodig, en je moet dat organiseren.

MEDEWERKERS MEENEMEN

Sabine Heinsman’s belangrijkste advies: ‘Zorg voor een goede begeleiding in de eerste weken en neem je medewer-

kers mee in het gehele proces. Focus niet alleen op techniek, maar vooral op de voordelen voor medewerkers.’

In Utrecht klinkt hetzelfde, maar met nadruk op eigenaarschap vanuit de vloer. ‘Laat de vraag vanaf de vloer komen, zorg dat zij de meerwaarde ervan inzien.’ Volgens hen werkt het niet als het een managementbesluit is, waar medewerkers vervolgens ‘mee moeten leren werken’. Juist de mensen die er dagelijks mee werken, moeten het nut ervan inzien en de vraag stellen: kan dit ons helpen?

Louter en Achahbar zijn het meest direct tegen twijfelaars. Louter: ‘Ik zou aanraden om het te omarmen. Zie de robot als een collega, niet als een vervanger.’ Achahbar: ‘Wees er blij mee! Het gaat je werk echt leuker maken.’

Zowel op de campus in Hilversum als in het ziekenhuis in Utrecht is de rode draad hetzelfde: robots zijn het meest overtuigend als medewerkers zelf voelen dat hun werk lichter wordt én beter kan. Niet door harder te rennen, maar door slimmer te verdelen.

Service Management ging op bezoek bij het St. Antonius Ziekenhuis in Utrecht om de robots in actie te zien en mee te maken hoe het werkt in de praktijk. Daar spraken we met Thijs Koenraadt, medewerker facilitaire concepten & innovatie, Maarten van Zelst, teamhoofd schoonmaak en beddencentrale, en Hakim Achahbar en Petra Louter (staan beiden op de foto), twee schoonmaakmedewerkers in het ziekenhuis.

Anjer Schoonmaak- en Bedrijfsdiensten heeft AZC-bewoners in dienst:

‘We bieden hen een toekomst’

De schoonmaakbranche kampt al jaren met een structureel personeelstekort. Ook bij Anjer

Schoonmaak- en Bedrijfsdiensten liep de druk op: meer werk, maar steeds minder mensen.

Uitzendbureaus, campagnes, vacatures op allerlei kanalen… Alles werd geprobeerd, met weinig resultaat. Totdat het bedrijf een andere richting insloeg: het in dienst nemen van bewoners uit asielzoekerscentra (AZC’s).

tekst: Anoek van der Riet

Mehmet Ustebay, operationeel directeur bij Anjer

Schoonmaak- en Bedrijfsdiensten, schetst een herkenbaar beeld voor veel schoonmaakondernemers: na de coronaperiode nam de hoeveelheid werk toe, maar er was niet voldoende personeel om het uit te voeren. Wat het bedrijf ook probeerde, het leverde nauwelijks nieuwe collega’s op.

In diezelfde periode zag hij iets anders gebeuren. AZC’s raakten voller en voller,

terwijl de bewoners dag in dag uit weinig om handen hadden. ‘Die mensen hebben geen doel meer in hun leven’, schetst Ustebay. ‘Bovendien hadden we al een aantal collega’s in dienst die bijvoorbeeld uit Syrië of Irak kwamen en die familieleden in het AZC hadden. Die vertelden dat hun familieleden graag aan het werk wilden en vroegen of dat niet bij ons kon.’

VAN IDEE NAAR PRAKTIJK

Zo begon het balletje langzaam te rollen. Maar het idee om AZC-bewoners

aan het werk te helpen, was destijds allesbehalve gangbaar. Anjer vroeg verschillende instanties om hulp, maar niemand kon aangeven wat wel en niet mocht en hoe ze dit moesten aanpakken. ‘Ik benaderde onder meer de Belastingdienst, het UWV en het COA, maar niemand kwam met duidelijke antwoorden’, vertelt Ustebay nog altijd verbaasd. ‘Wel gaven ze ons de ruimte om dit traject zelf vorm te geven.’

Dus ging het Anjer-team aan de slag: de benodigde tewerkstellingsvergunningen (TWV’s) werden aangevraagd, de administratie werd geregeld en het bedrijf nam de kosten en begeleiding op zich. Dat ging goed, want controleinstanties constateerden achteraf geen onregelmatigheden.

BEGELEIDING ALS SLEUTEL TOT SUCCES

Volgens Ustebay staat of valt alles met begeleiding. Taalbarrières, cultuurverschillen en andere werkgewoonten vragen om tijd en aandacht. ‘Het scheelt dat ikzelf van Turkse komaf ben en dat we collega’s met allerlei achtergronden en culturen hebben. Daardoor was er al een eerste klik’, vertelt hij. ‘Maar het feit dat we hier bijvoorbeeld altijd om 10 uur en

om 12 uur pauze hebben – iets wat voor de meesten de normaalste zaak van de wereld is – was voor hen een totaal nieuw gebeuren. Je moet ze stap voor stap meenemen: dit is Nederland en zo werken we hier. Maar ook in het zelfstandig werken en het ontwikkelen van verantwoordelijkheidsgevoel.’ Dat vraagt om geduld en continuïteit, zeker in de eerste maanden.

In de praktijk betekent dit dat nieuwe medewerkers vaak samen met een ervaren collega op pad gaan. Ze leren niet alleen schoonmaakwerkzaamheden, maar ook hoe een werkdag is opgebouwd, wat voor kleding je draagt en wat er van je verwacht wordt bij een opdrachtgever.

Leidinggevenden spelen hierin een cruciale rol. Medewerkers met kennis van de cultuur en achtergrond van de AZCbewoners werden bewust ingezet om de begeleiding te verzorgen. Complimenten geven, duidelijkheid bieden en steeds kleine stappen zetten, bleek effectief, deelt Ustebay. Bovendien krijgen de asielzoekers in dienst van Anjer taalcursussen en schoonmaakopleidingen aangeboden.

MEER DAN EEN OPLOSSING

VOOR HET BEDRIJF

Hoewel de oorspronkelijke aanleiding het personeelstekort was, groeide het project al snel uit tot iets groters. Inmiddels werken er zo’n 150 voormalige AZCbewoners bij Anjer. ‘Dat betekent dat wij 150 man uit de AZC’s weggehaald hebben en aan het werk gezet hebben. Dat betekent ook iets voor de maatschappij, omdat deze mensen weer meedoen.’

Maar bovenal betekent het iets voor de medewerkers zelf. Mensen die soms jarenlang stil hebben gestaan, zonder doel en toekomstperspectief. ‘Je ziet ze opbloeien. Ze krijgen weer motivatie en zijn vrolijk’, vertelt Ustebay geëmotioneerd. ‘Dat geeft mij persoonlijk enorm

‘Het is een win-winsituatie: het lost jouw capaciteitsproblemen op én je geeft deze mensen weer hoop en betekenis’

veel voldoening. Als mensen jarenlang niets mogen doen, raak je ze kwijt. Werk is geen luxe, het is een basisvoorwaarde om mentaal overeind te blijven.’

LEF, CREATIVITEIT EN ONDERNEMERSCHAP

Hij ziet kansen voor andere ondernemers om ook aan de slag te gaan met medewerkers uit het AZC. Er ligt een schat aan onbenut arbeidspotentieel. ‘Ik hoop dat ondernemers straks in de rij staan bij het AZC om deze mensen een baan aan te bieden’, droomt hij.

Maar, zo waarschuwt Ustebay, onderschat het niet. ‘Het kost tijd, energie en betrokkenheid. Je moet bereid zijn te investeren in mensen en hun achtergrond te leren kennen.’ Tegelijkertijd stelt hij de vraag terug: wat zijn de alternatieven, als die er nauwelijks meer zijn? ‘We gaan nooit meer terug naar de tijd dat er honderd kandidaten voor de deur stonden als je een oproep in de krant plaatste. Het is een win-winsituatie: het lost jouw capaciteitsproblemen op én je geeft deze mensen weer hoop en betekenis.’

Mehmet Ustebay, operationeel directeur Anjer: ‘Als mensen jarenlang niets mogen doen, raak je ze kwijt.’

Gom over datagedreven schoonmaak

‘Het gaat niet om kosten besparen, maar om schoonmaken waar nodig’

Gom presenteerde onlangs een nieuw visiedocument over datagedreven schoonmaken, waarin technologie niet het vertrekpunt is, maar juist de praktijkkennis van schoonmaakmedewerkers. Branchemanagers Innovatie Mieke Sprinkhuizen en Geoffrey

Nouws vertellen waarom die menselijke insteek het verschil maakt.

tekst: Martijn Slot

De schoonmaakmedewerker ziet elke dag wat er écht gebeurt in een gebouw’, begint Sprinkhuizen. Van opvallende vervuiling tot losliggende kabels of ruimtes die structureel niet toegankelijk zijn; die dagelijkse observaties vormen een rijke, maar vaak onderschatte databron. Nouws vult aan: ‘Die medewerker weet precies waar de pieken en dalen zitten. Wanneer een ruimte wel of niet gebruikt wordt en waar wanneer vervuiling optreedt. En ook welke praktijksituaties de medewerker tegenkomt die verstorend werken.’ Daarom is niet de technologie, zoals sensoren of dashboards, leidend bij Gom. Eerst de mens, dan pas de data. ‘Pas als menselijke inzichten onvoldoende zijn, voegen we gebouwdata toe’, aldus Sprinkhuizen. ‘En alleen in uitzonderlijke situaties zetten we realtime monitoring in.’

EFFICIËNTER ONDERHOUD ÉN MEER REGIE

Die keuze heeft twee duidelijke effecten. Aan de ene kant krijgen opdrachtgevers een veel realistischer beeld van het gebruik van hun gebouw. Aan de

Mieke Sprinkhuizen: ‘De schoonmaakmedewerker ziet elke dag wat er écht gebeurt in een gebouw.’

andere kant krijgt de schoonmaakmedewerker een belangrijkere rol in de verbetering en optimalisatie van het gebruik en onderhoud van een gebouw.

‘Datagedreven schoonmaak gaat niet om harder werken of kosten besparen’, benadrukt Nouws. ‘Het gaat om schoonmaken waar het nodig is. In de praktijk betekent dat bijvoorbeeld dat standaard schoonmaaktaken, ooit vastgelegd in Excel, opnieuw tegen het licht worden gehouden. Waarom zou je een toilet twee keer per dag schoonmaken als uit observaties én data blijkt dat het nauwelijks wordt gebruikt?’

Die informatie is een aanvullend hulpmiddel om de werkzaamheden zo goed mogelijk onder de medewerkers te verdelen. ‘Natuurlijk kennen we beheersbare taakverdelingen, maar er vinden door pieken, dalen en mutaties ook veranderingen plaats die je niet altijd ziet’, zegt

Sprinkhuizen. ‘Met deze inzichten kun je dat beter balanceren. Dat maakt het werk niet alleen efficiënter, maar ook leuker.’

TWEE DATASTROMEN,

ÉÉN

PLATFORM

Nouws en Sprinkhuizen maken onderscheid tussen twee complementaire datastromen. De eerste is de ‘menselijke datastroom’: gesprekken met medewerkers, meldingen tijdens het werk en observaties op de vloer. Die informatie wordt laagdrempelig vastgelegd in een digitale tool, via een tablet of smartphone. ‘Een medewerker kan bijvoorbeeld eenvoudig aangeven of de schoonmaak gehinderd wordt door overmatige vervuiling’, legt Sprinkhuizen uit. ‘Of: deze ruimte is structureel bezet, waardoor ik mijn taak niet kan uitvoeren. Dit is vaak ook onbekend bij opdrachtgevers. Goed om dit te delen.’

De tweede datastroom komt uit het ge-

bouw zelf. Denk aan reserveringssystemen, sensoren, wifi-access points of zelfs koffieautomaten. ‘Hoe slimmer een gebouw, hoe meer data beschikbaar is’, zegt Nouws. ‘Maar die data gebruiken we alleen als het daadwerkelijk iets toevoegt. Alle informatie komt samen op één open platform, dat met verschillende systemen kan koppelen.’

MATE VAN VOORSPELBAARHEID

Een belangrijk inzicht uit onderzoek en pilots is dat niet elke omgeving evenveel baat heeft bij technologie. Daarom onderscheidt Gom drie categorieën, gebaseerd op de mate van voorspelbaarheid. ‘In een kantoorpand met vaste routines weten medewerkers vaak zelf prima wat nodig is. Daar kun je al veel optimaliseren met alleen de datastroom vanuit de mens. In meer onvoorspelbare omgevingen, zoals ziekenhuizen of evenementenlocaties, voegt technologie juist wél veel waarde toe.’

‘Hoe onvoorspelbaarder de omgeving, hoe meer nut en noodzaak om datagestuurd te werken’

Nouws: ‘Hoe onvoorspelbaarder de omgeving, hoe meer nut en noodzaak medewerkers zelf ook ervaren om datagestuurd te werken. In een ziekenhuis weet je ’s ochtends niet welke bedden vrijkomen. Dan helpt data om het werk beter te organiseren.’

ROOSTER AANGEPAST

Een concreet voorbeeld van hoe datagedreven schoonmaak werkt in de prak-

tijk, is een onderwijsinstelling waar Gom traditioneel in de ochtend en avond schoonmaakte. ‘Uit gesprekken met medewerkers bleek dat veel ruimtes overdag minder bezet waren’, vertelt Sprinkhuizen. ‘Door die inzichten te combineren met gebouwdata, werd het schoonmaakschema aangepast.’

‘Nu hebben we onze mensen meer uren op de dag kunnen aanbieden’, zegt

Nouws. ‘We zijn zichtbaarder voor gebouwgebruikers en de aanpassing heeft een positief effect op de vervuiling van het gebouw.’

TECHNOLOGIE ALS MIDDEL

Hoewel Gom volop inzet op data, robotisering en in de toekomst ook AI, blijft de kern hetzelfde. ‘Het wordt een samenspel’, zegt Sprinkhuizen. ‘Een samenspel tussen mens en technologie.’ Robots, dashboards en voorspellende analyses worden steeds meer geïntegreerd in de dagelijkse praktijk, maar altijd ter ondersteuning van de mens. ‘Als technologie het werk lichter, leuker en professioneler maakt, dán werkt het’, aldus Nouws. ‘Maar zonder draagvlak bij medewerkers kom je nergens. Daarom investeren we veel in training, begeleiding en verandermanagement. Met zogeheten forerunners – medewerkers die affiniteit hebben met technologie – als ambassadeurs op de werkvloer.’

AANDACHT VOOR MENSEN

De visie op datagestuurd schoonmaken past binnen de bredere strategie van Gom, waarin ‘slimmer en beter’ centraal staat. En daaronder ligt een duidelijke overtuiging: echte aandacht voor mensen. ‘Echte aandacht begint bij het gesprek’, zegt Nouws. ‘Wat wil de klant? En wat heeft de medewerker nodig om zijn werk goed te doen?’ Door medewerkers vanaf dag één te betrekken, ontstaat draagvlak én eigenaarschap.

Sprinkhuizen besluit: ‘We zetten data niet in omdat het kan, maar omdat het helpt. Slimmer schoonmaken betekent voor ons: niet onnodig meten, niet doorschieten in technologie, maar de praktijkprofessional meer zeggenschap geven. Dáár zit de echte innovatie.’

Geoffrey Nouws: ‘Als technologie het werk lichter, leuker en professioneler maakt, dán werkt het.’

COLOFONTHEMA’S KOMENDE NUMMERS

SERVICE MANAGEMENT IS EEN UITGAVE VAN VMN MEDIA

Hoofdredacteur

Ronald Bruins, tel. 06-14 64 04 22, ronaldbruins@vmnmedia.nl

Eindredacteur

Anoek van der Riet

Redactie

Elske Muis en Martijn Slot

Uitgever

Maciek Piasecki, maciekpiasecki@vmnmedia.nl

Accountmanager

Tim van der Mijl, timvandermijl@vmnmedia.nl

Vormgeving & opmaak colorscan, www.colorscan.nl

Druk

Wilco BV te Amersfoort

Adres

VMN media, Utrechtseweg 44, 3704HD Zeist, www.facto.nl/schoonmaakbedrijven

Abonnementen

Service Management verschijnt 4x per jaar. Voor meer informatie over abonnementen, ga naar vmnmedia.nl

Abonnementenadministratie klantenservice@vmnmedia.nl, tel. 088-584 08 88

Copyright

Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of op enige andere manier, zonder voorafgaande toestemming van de uitgever. © VMN media 2026

Publicatievoorwaarden

Op iedere inzending van een bijdrage of informatie zijn de standaardpublicatievoorwaarden van VMN media van toepassing. Deze zijn te vinden op www.vmnmedia.nl.

Disclaimer

Alle in deze uitgave opgenomen informatie is met de grootste zorgvuldigheid samengesteld. De juistheid en volledigheid kunnen echter niet worden gegarandeerd. Vakmedianet en de bij deze uitgave betrokken redactie en medewerkers aanvaarden dan ook geen aansprakelijkheid voor schade die het directe of indirecte gevolg is van het gebruik van de opgenomen informatie.

ISSN 0928-3021

ADVERTEERDERSINDEX

Bezoek ons op Interclean 2026! 14-17 april, stand 10.101

Optimaliseer de tijd van schoonmakers met de Tork hygiëneoplossingen. Deze zijn ontworpen om de efficiëntie te verbeteren, inclusieve hygiëne in sanitaire ruimtes te bevorderen en kostbare schoonmaaktijd te besparen. Bovendien wordt de impact op het milieu verminderd. Tijdens Interclean 2026 presenteert Tork innovatieve hygiëneproducten en -oplossingen, die helpen sanitaire ruimtes schoon te houden voor grotere tevredenheid onder werknemers.

Betere hygiëne voor betere bedrijfsprestaties.

torkglobal.com/nl/nl

Nominated

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Service Management nummer 1 (2026) by VMN Media - Issuu