PLATFORM VOOR PROFESSIONALS IN BRANDPREVENTIE
ACHTSTE JAARGANG NR. 4 SEPTEMBER 2015
THEMA
BRANDWERENDE DEUREN / BRANDVEILIG GLAS LET OP: meer informatie vindt u op brandveilig.com
NIET ‘BRANDVEILIG’ MAAR ‘VLUCHTVEILIG’
FUSIE VEBON EN NOVB
OVERLEVINGSKANS BIJ WONINGBRAND
BANK KRIJGT TRIPLE SAFE STATUS
T 013 462 59 59 E Info@hoefnagels.com I www.hoefnagels.com
Hoefnagels Branddeuren beschermt gebouwen tegen de schade van vuur, rook en inbraak en biedt mensen blijvend veiligheid met brand- rook-, en inbraakwerende afsluitingen. Voor ĂŠn met architecten en opdrachtgevers realiseren we complexe projecten waarin veiligheid van mens en gebouw een belangrijke rol spelen. Voor Rabobank Nederland resulteerde dit in 2 brand- en inbraakwerende schuifdeuren, 10 brandwerende schuifdeuren, 25 brandwerende rolschermen en 1 brand- en inbraakwerend rolluik.
Inhoud
8
Thema brandwerende deuren / brandveilig glas 8 | Brandveiligheid en veiligheidsglas 10 | CE voor leverancier
10 Verder in dit nummer 6
NIEUWS
12 NIET ‘BRANDVEILIG’ MAAR ‘VLUCHTVEILIG’ 16 FUSIE VEBON EN NOVB
12
18 OUDE WIJN IN NIEUWE ZAKKEN? 21 COLUMN JORIC WITLOX 22 UIT HET BRANDLAB 26 OVERLEVINGSKANS BIJ WONINGBRAND 30 ‘ZET DE BESTUURDER AAN HET STUUR’ 32 NEGEN HECTARE BRANDVEILIGHEID IN HANNOVER 34 NATIONALE KENNISDAG BRANDPREVENTIE 37 SCHADEPRAKTIJK 38 PRAKTIJK
32
40 VBE BRANCHE-INFORMATIE 42 BEDRIJVENINDEX nummer 4
september 2015
3
/0,/22*.(&. *. ",4-*.*4-
-*.43&. !,"-%*$)31&24,3""3
&6&8&. #1".%6&1&.% ,01/+/. %&41."",%&. &. 01/'*&,&.
P O T
1".%6&1&.%& %&41."",%&. -&3 &70".%&1&.%& -"3&1*",&.9 &$./'*1&9 /'3 4''9
&. 0""1 5//1%&,&. 5". %& %&41."",%
&%*&.*.( (1&.%&,2 0"22*&5& %&41 %4##&,& %&41&. -&3 20/..*.(
,01/+/. ,4-*.*4- &5&,/0-&.3 ! 1&-&. "1&.%1&$)3 /23#42
"1&.%1&$)3 666 ",01/+/. $/t f e *.'/@",01/+/. $/-
666 ",01/+/. $/-
Colofon
Letter of geest? Brandveilig.com is een uitgave van Vakmedianet Hoofdredacteur Arjen de Kort, arjendekort@vakmedianet.nl Eindredacteur Christine Linneweever Medewerkers aan deze uitgave Arjan Anderiesen (coverontwerp), Frank van Elsen, René Hagen, Sandra Hunnekens, Rob Jastrzebski, Mark Knoops, Gabriëlle van Leeuwen, Ruud van Liempd, Ruud Looijmans, Maurice Mutsaers, Leo Porrio, Betty Rombout, Hans Sevenstern, Marc Verhelst, en Joric Witlox Redactieraad De redactieraad adviseert de redactie van Brandveilig.com. De uitingen geven echter niet per se de mening weer van de leden.
Coen van Beek, Eric Bosscher, Xander van Bree, Arnoud Breunese, Maarten de Groot, Dingeman de Jong, Johan Koudijs, Leo Oosterveen en Joric Witlox Uitgever Frederique Zeemans Accountmanager Marion Smits, marionsmits@vakmedianet.nl tel. 06-52867200 Vormgeving & opmaak colorscan www.colorscan.nl Druk Ten Brink, Meppel Adres Vakmedianet, Postbus 448, 2400 AK Alphen aan den Rijn Tel. 088-5840918 www.brandveilig.com, info@brandveilig.com Abonnementenadministratie klantenservice@vakmedianet.nl, tel. 088-5840888 Abonnementen Brandveilig.com verschijnt 6 keer per jaar. Abonnement: Nederland € 134,00, verzending buitenland € 27,00 (EU) en € 38,00 (niet-EU-landen); prijzen zijn exclusief btw. Op alle uitgaven van Vakmedianet zijn de Algemene Voorwaarden van toepassing. Deze zijn te vinden op www.vakmedianet.nl. Doelgroep Professionals op het gebied van brandveiligheid, zoals architecten, aannemers, preventisten, brandweer, adviseurs, installateurs, leveranciers en beslissers op het gebied van facilitair management in bedrijf en gebouw. Partners Hoefnagels, Stöbich, Trigion Brand en Beveiligingstechniek Copyright Alle rechten voorbehouden. Niets uit deze uitgave mag worden verveelvoudigd, opgeslagen in een geautomatiseerd gegevensbestand of openbaar gemaakt in enige vorm of op enige wijze, hetzij elektronisch, mechanisch, door fotokopieën, opnamen of op enige andere manier, zonder voorafgaande toestemming van de uitgever. © Vakmedianet 2015 Publicatievoorwaarden Op iedere inzending van een bijdrage of informatie zijn de standaardpublicatievoorwaarden van Vakmedianet van toepassing. Deze zijn te vinden op www.vakmedianet.nl. Disclaimer Alle in deze uitgave opgenomen informatie is met de grootste zorgvuldigheid samengesteld. De juistheid en volledigheid kunnen echter niet worden gegarandeerd. Vakmedianet en de bij deze uitgave betrokken redactie en medewerkers aanvaarden dan ook geen aansprakelijkheid voor schade die het directe of indirecte gevolg is van het gebruik van de opgenomen informatie. ISSN 1876-5750
Wet- en regelgeving, we kunnen niet zonder om onze samenleving te organiseren. Maar regels zijn slechts een middel, doel is het verbeteren en (brand)veiliger maken van de samenleving. In de praktijk levert de uitvoering echter nogal eens problemen op en draait het om de vraag of een re- Arjen de Kort hoofdredacteur Brandveilig.com gel wordt toegepast of dat het beter is dit anders te doen. Kies arjendekort@vakmedianet.nl je voor de letter of voor de geest van de wet? Wat gebeurt er als je de wet (te) letterlijk neemt? En wat als de waarom-vraag niet meer wordt gesteld en de regels blind worden gevolgd? In deze editie van Brandveilig.com komen die vragen aan de orde. Zo zwengelt Hans Sevenstern, property risk engineer en tevens actief vrijwillig brandweerman, de discussie aan over het gebruik van de term ‘brandveilig’ bij het toepassen van de bouwregelgeving. Volgens Sevenstern wordt de brandweer in Nederland nog altijd gezien als autoriteit. En als de brandweer dus zegt dat een pand ‘brandveilig’ is, dan heeft het publiek daar een perceptie bij. Maar die klopt volgens hem niet met de realiteit. De oplossing ligt volgens Sevenstern in veranderen van de gebruikte terminologie, waarbij hij pleit voor de term ‘vluchtveilig’. “Daar ligt de uitdaging voor de brandweer. En dus niet meer vertellen dat een pand ‘brandveilig’ is, terwijl het een puddingconstructie is vol met vuurlast die na 20 minuten brand al inzakt.” Ook lector Brandpreventie René Hagen gaat in op de implicatie van terminologie - ‘acceptabele branden’ - in wet- en regelgeving. De Woningwet gaat ervan uit dat branden ‘acceptabel’ zijn zolang er geen slachtoffers vallen en er geen overslag heeft plaatsgevonden naar belendingen. Volgens Hagen is de bouwregelgeving omtrent de brandveiligheid van het gebouw zelf voldoende, maar als het gebouw vervolgens ingericht en gebruikt wordt voor bijvoorbeeld dataverkeer, is dat iets anders. Op het gebied van een (mogelijke) maatschappelijke impact bij brand is de huidige bouwregelgeving volgens hem dan ook niet toereikend en zouden er andere wetten en regels aangepast kunnen worden. “Want het is onwenselijk dat de verantwoordelijkheid voor een dergelijke impact voornamelijk ligt bij (gebouw)eigenaren.” Hagen pleit dan ook voor een discussie over zowel de uitgangspunten als de gevolgen van het begrip ‘acceptabele branden’. Sevenstern en Hagen zijn voorbeelden van professionals die - gelukkig - de waarom-vraag durven te stellen, gedreven door de ambitie “Nederland beter en veiliger te maken”. En dat is toch het doel van de wet. nummer 4
september 2015
5
NIEUWS
Nominaties SSA Awards 2015
AGENDA Meer informatie over alle activiteiten: www.brandveilig.com
1 OKTOBER
CONGRES BRANDWEER NEDERLAND
De nominaties voor de SSA Awards 2015 verkiezing zijn bekend. In totaal zijn zestien producten, diensten en oplossingen in vijf categorieën genomineerd (CCTV, toegangscontrole, inbraak- en alarmeringssystemen, brandveiligheid en oplossingen).
AMERSFOORT
WWW.BRANDWEERCONGRES.NL 7 OKTOBER
BASISCURSUS BRANDVEILIGHEID BREUKELEN
WWW.BASISCURSUSBRANDVEILIGHEID.NL 4 NOVEMBER
NATIONAAL CONGRES FIRE SAFETY & SCIENCE ARNHEM
WWW.IFV.NL 5 NOVEMBER
NATIONALE KENNISDAG BRANDPREVENTIE ECHTELD
De winnaars worden bekendgemaakt op dinsdag 22 september tijdens de opening van SSA 2015. Alle nominaties zijn op de beursvloer te bekijken in het SSA InnovationLAB. SSA wordt van 22 tot en met 24 september 2015 gehouden in RAI Amsterdam. “We zijn blij met het enthousiasme van de aanmeldingen voor de SSA Awards. Zowel de kwaliteit als de kwantiteit van de inzendingen hebben wederom de vorige editie overtroffen”, aldus Arjen Appelman, voorzitter van de jury van de SSA Awards 2015. “Uit de inzendingen valt op te maken dat er steeds completere en betere producten/ oplossingen op de markt komen die meer ‘plug-and-play’ zijn. Hiermee zijn die toegankelijker voor de consumentenmarkt. We zien een toename van toepassingen die gebruikmaken van mobile devices zo-
als toegangscontrole en verificatie middels de smartphone. Ook het gebruik van apps neemt toe. Deze trend sluit mooi aan bij de ontwikkelingen in onze maatschappij. Verificatie middels camera’s ontwikkelt zich verder, bijvoorbeeld bij brandveiligheidsoplossingen. Concluderend zien we gebruiksvriendelijkere en multifunctionelere toepassingen waarbij alarm verificatie verder verbetert en integratie centraal staat.” De nominaties in de categorie Brandveiligheid zijn: r SmokeTrace, een systeem voor het automatisch verifiëren van een brandmelding door middel van camera’s - Aerocheck r Siemens aspiratiesysteem FDA221 en FDA241, een aspiratiesysteem dat integraal onderdeel uitmaakt van de brandmeldinstallatie en daardoor zorgt voor betrouwbare detectie - Siemens Nederland N.V. r Axis cameras with embedded SmokeCatcher technology, camera-embedded reliable early warning system for indoor smoke detection - Axis Communications B.V.
WWW.KENNISDAG.NET
Unica herstart deel brandbeveiliging Imtech ADVERTEERDERSINDEX Alprokon Aluminium Development
4
Dictator Productie
35
GND-garantiedeuren
25
Hoefnagels Branddeuren
2
RAI Group
36
Reinaerdt Deuren
15, 29
Stöbich Fire Protection
29
Theuma DoorSystems
28, 34
Trigion Brand en Beveiligingstechniek 6
nummer 5
44
Unica herstart een deel van de voormalige bedrijfsactiviteiten van het failliete Imtech Building Services B.V. Zo krijgen ontwerp en realisatie, beheer en onderhoud van technische installaties in gebouwen, brandbeveiliging-installaties en meet- en regeltechniek een nieuwe kans. Momenteel werken er bij dit deel 800 medewerkers. Unica hoopt zoveel mogelijk lopende werkzaamheden en medewerkers van het failliete bedrijf over te nemen. Uit onderzoek van USP Marketing Consultancy blijkt verder dat ongeveer 500 installatiebedrijven zijn getroffen door het faillissement van Imtech. Honderd daarvan vrezen voor hun voortbestaan, deels omdat ze niet verzekerd zijn. Zo’n vier procent van de installateurs en loodgieters was onderaannemer van het bedrijf uit Gouda. Een kwart daarvan is voor een groot deel van de omzet afhankelijk van Imtech. Twee derde van de gedupeerde onderaannemers heeft nog vorderingen uitstaan bij Imtech, maar er is maar een kleine kans dat zij uitbetaald worden.
november 2014
NIEUWS
Bureau Veritas breidt belang in CIBV uit
Bureau Veritas heeft het belang van R2B Inspecties in CIBV overgenomen. CIBV zal als zelfstandige unit haar huidige werkzaamheden voortzetten. De onafhankelijke positie die CIBV heeft ingenomen zal hiermee worden gecontinueerd. CIBV is een gerenommeerde certificatie-instelling op het gebied van productcertificatie van brand- en inbraakbeveiliging. Bureau Veritas is expert op het gebied van conformity assessment (het voldoen aan (inter)nationale wet- en regelgeving op basis van (inter)nationale certificatie- en inspectienormen en standaarden) De activiteiten van Bureau Veritas richten zich primair op de aandachtsgebieden kwaliteit, veiligheid, gezondheid, milieu en maatschappelijk verantwoord ondernemen. In internationaal verband ondersteunt het bedrijf meer dan 400.000 opdrachtgevers. Hieronder bevinden zich bedrijven in het midden- en kleinbedrijf, middelgrote en grote ondernemingen, internationaal opererende multinationals, overheidsinstellingen en non-profitorganisaties. Wereldwijd zetten zich dagelijks ruim 66.500 medewerkers vanuit ruim 1400 vestigingen in meer dan 140 landen in om de belangen van opdrachtgevers te dienen.
Chubb voorziet A2-tunnel van brandbeveiliging Chubb Fire & Security heeft van Strukton Worksphere de opdracht gekregen om de nieuwe tunnelbuizen van de A2 bij Maastricht te voorzien van onder meer 356 stuks hulppostkasten, circa 5 km blusleiding, tracing & isolatie van de blusleiding en een complete watervoorziening met bluswaterpompen. Om de doorstroming van het verkeer op de A2 bij Maastricht te verbeteren is een 2,3 km lange gestapelde tunnel in aanbouw. Deze tunnel is de eerste gestapelde tunnel in Nederland, bestaande uit 2 tunnels boven elkaar met ieder twee tunnelbuizen. De Ajax hulppostkast is een technisch hoogstaand product dat Chubb Fire & Security eind 90-er jaren in samenwerking met Rijkswaterstaat specifiek heeft ontwikkeld om bij calamiteiten in verkeerstunnels beginnende branden te kunnen blussen. Zo krijgt de automobilist bij het openen van de hulppostkast direct de beschikking over een telefoon, blustoestel en een brandslanghaspel. Ook zijn alle benodigde voorzieningen aanwezig voor de hulpdiensten. Begin juli is het installatieteam gestart met het aanbrengen van de bluswaterleiding in
het middentunnelkanaal van het bovenste tunnelniveau (N2). De bluswaterleiding is een voorziening voor de brandweer om een brand in de tunnel te kunnen bestrijden en altijd voldoende bluswater bij de hand te hebben.
Brandveiligheid voor gebouwbeheerders Gebouwbeheerders opgelet! Binnenkort start in Breukelen een 1-daagse cursus over het managen van brandveiligheid in gebouwen. De volgende onderwerpen komen aan bod: r Juridische basis: wie is verantwoordelijk voor welke risico’s? r Welke verantwoordelijkheden hebben eigenaar, gebruikers en werkgever? r Hoe bepaalt u het ‘toetsingsniveau’? r Kosten besparen door middel van het ‘toetsingsniveau’. De cursus gaat ook in op het aspect herbestemmen van gebouwen (bijvoorbeeld na renovatie), met als vraag: Welk ‘toetsniveau’ dient gehanteerd te worden bij de nieuwe gebruiksfunctie? Ook wordt de belangrijkste regelgeving behandeld ten aanzien van bouwkundige en installatietechnische eisen. Programma: www.cursusbrandveiligheidsmanagement.nl
Roy Senden naar BVI Roy Senden is gestart als commercieel directeur bij Brand Veiligheid Inspecties BVI. Daarnaast zal zijn ervaring worden ingezet voor het naar een hoger plan brengen van de kwaliteit binnen BVI in de breedste zin van het woord. Senden is al ruim 38 jaar werkzaam in de wereld van brandveiligheid, waarvan de afgelopen jaren bij Kiwa BPSI. nummer 5
november 2014
7
thema brandwerende deuren / brandwerend glas
Maurice Mutsaers
Brandveiligheid en veiligheidsglas Glas is mooi, maar ook breekbaar. Als glas breekt kan het schade veroorzaken. Om onnodige schade te voorkomen, wordt in veel gevallen veiligheidsglas toegepast. Veiligheidsglas is een verzamelnaam voor diverse soorten glas en biedt meer veiligheid dan enkel glas. Enkel glas breekt gemakkelijk, houdt inbrekers niet tegen noch een brand of explosie. Bovendien is er grote kans op lichamelijk letsel door de scherpe scherven, waarin glas uiteen kan vallen.
O
mdat glas veilig genoeg moet zijn voor mens en materie is het toepassen van veiligheidsglas op veel openbare gelegenheden verplicht. Denk bijvoorbeeld aan ziekenhuizen, kantoren, openbare gebouwen en voorzieningen. Welk veiligheidsglas het beste gebruikt kan worden, hangt sterk af van waar het glas gebruikt wordt en welke bescherming er nodig is.
Welke veiligheid kan glas bieden? Een kenmerk van veiligheidsglas kan bijvoorbeeld zijn dat het glas niet in scherpe scherven uiteen mag vallen, maar in kleine
1. bescherming tegen lichamelijk letsel (verwondingen); 2. bescherming tegen doorvallen; 3. bescherming tegen inbraak of geweld; 4. bescherming tegen explosies of brand.
Soorten veiligheidsglas Glas wordt bewerkt om betere bescherming te bieden, zodat het als veiligheidsglas kan worden toegepast. Soorten glas die als veiligheidsglas worden toegepast zijn: t gehard glas t gelaagd glas t draadglas t brandvertragend glas
Brandvertragend glas is een veiligheidsglas, waarbij de brand wordt vertraagd brokjes zodat mensen minder snel gewond raken, bijvoorbeeld in auto’s. Maar het kan ook zijn dat het glas bescherming moet bieden tegen inbraak of geweld zoals bij geldtransporten, winkels of bushokjes. Afhankelijk van het soort beveiliging kiest men voor het veiligheidsglas de juiste soort glas. De meest voorkomende redenen om veiligheidsglas toe te passen zijn:
8
nummer 4
Gehard glas Gehard glas is glas dat sterk verhit is. Dit maakt het glas zeven maal sterker dan enkel glas en geschikt als antidiefstal ruit bij juwelier of bankgebouw, maar ook als douchewand of hard glazen scheidingswand in kantoorgebouwen.
september 2015
Gelaagd glas Gelaagd glas is glas dat bestaat uit twee of meer lagen glas, waartussen een folie bevestigd is. De folie houdt het glas bijeen, waardoor het glas geschikt is als veiligheidsglas ter voorkoming van lichamelijk letsel en wordt veel gebruikt bij windschermen of in openbare ruimtes waarbij men bij doorval geen letsel kan oplopen. Draadglas Draadglas is glas dat is voorzien van metaaldraad, welke voorkomt dat het glas uiteenvalt. Draadglas is geschikt als veiligheidsglas om lichamelijk letsel te voorkomen. De metaaldraden werken tevens brandvertragend. Draadglas gebruikt men vaak bij tussendeuren of schuurdeuren. Brandvertragend glas Brandvertragend glas wordt veel gebruikt voor openbare gebouwen zoals scholen, ziekenhuizen, theaters en vliegvelden. Brandvertragend glas is een veiligheidsglas, waarbij de brand wordt vertraagd met 30, 60 of 90 minuten. De verschillen zijn aantoonbaar in de testresultaten bij de vele verschillende soorten brandvertragend glas. De brandweerstand van een glazen bouwelement bepaalt in welke mate dit element in staat is de gevolgen van een brand te beperken en een gegeven zone af te sluiten.
thema brandwerende deuren / brandwerend glas
Brandwerende klassen %F OJFVXF &VSPQFTF DMBTTJmDBUJFOPSN FSLFOU EF WPMHFOEF CSBOEXFSFOEF LMBTTFO t ,MBTTF & A*OUFHSJUFJU PG IFU WFSNPHFO WBO IFU FMFNFOU PN WMBNNFO UFHFO UF IPVEFO 8BSNUFHFMFJEJOH XPSEU XFM UPFHFMBUFO
WEETJES BRANDWERING t "M CJK ,MBTTF & IFMQU CSBOEWFSUSBHFOE HMBT SPPLWFSTQSFJEJOH WPPSLPNFO t 7BOBG LMBTTF &8 HFFGU CSBOEWFSUSBHFOE HMBT HFOPFH UJKE WPPS WMVDIUFO t 0PL CSBOEWFSUSBHFOEF WFOUJMBUJFSPPTUFST FO WPPS[FUSBNFO [JKO MFWFSCBBS t (MBTMBUUFO LJU FO CBOE EJFOFO PPL CSBOEWFSUSBHFOE UF XFSLFO 5FWFOT NPFUFO EF MBUUFO XPSEFO HFTDISPFGE
,MBTTF 5JKETQBOOF
NJO
NJO
NJO
NJO
NJO
NJO
NJO
&
–
&
&
–
&
&
&
&8
–
&8
&8
–
&8
&8
&8
&*
&*
&*
&*
&*
&*
&*
&*
t ,MBTTF &8 A*OUFHSJUFJU NFU CFQFSLUF XBSNUFTUSBMJOH PG IFU WFSNPHFO WBO IFU FMFNFOU PN WMBNNFO UFHFO UF IPVEFO FO IFU OJWFBV WBO XBSNUFTUSBMJOH EPPS IFU FMFNFOU UF CFQFSLFO t ,MBTTF &* A*OUFHSJUFJU FO *TPMBUJF PG IFU WFSNPHFO WBO IFU FMFNFOU PN WMBNNFO UFHFO UF IPVEFO FO EF XBSNUFHFMFJEJOH EPPS IFU FMFNFOU UF CMPLLFSFO %F WFSFJTUF CSBOEXFFSTUBOE XPSEU CFQBBME EPPS FFO OBUJPOBMF CPVXWFSPSEFOJOHFO FO PWFSTUFNE FFO SJTJDPCFPPSEFMJOH WBO IFU HFCPVX *O CFQBBMEF UPFQBTTJOHFO JT MFUTFMWFJMJHIFJE /#/ 4 FO &/
FFO BBOWVMMFOEF FJT PQ CSBOEXFSFOE HMBT EFOL CJKWPPSCFFME BBO EFVSFO UPU FFO IPPHUF WBO N CFJEF [JKEFO # PG $ #SBOEWFSUSBHFOE HMBT JT TMFDIUT FFO EFFM WBO IFU UPUBMF CSBOEWFSUSBHFOEF FMFNFOU %F HMBT[FUUFS IFFGU EF WFSBOUXPPSEFMJKLIFJE FSPQ UPF UF [JFO EBU IFU CSBOEWFSUSBHFOEF FMFNFOU BMT HFIFFM BBO EF WPPSTDISJGUFO WPMEPFU FO PG EF HPFELFVSJOH WBO EF CFWPFHEF BVUPSJUFJUFO LSJKHU Maurice Mutsaers is directeur van Inkoopglas.nl (www.inkoopglas.nl)
nummer 4
september 2015
9
thema brandwerende deuren / brandwerend glas
Mark Knoops
CE voor leverancier Wat wordt de rol van een toeleverancier van bouwproducten als straks de gehele bouwsector overstapt op Erkende Kwaliteitsverklaringen? Tijdens een pilot die Vetrotech samen met het ministerie van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties heeft opgestart, werd vooruitgelopen op deze rol in de veranderende wereld van de bouwregelgeving. In dit artikel een blik op die toekomst.
C
E markering en Erkende Kwaliteitsverklaringen geven informatie over de prestaties van een product. De prestaties van bijvoorbeeld brandwerend glas hangen nauw samen met een correcte montage. Het is dan ook van belang dat de klant het juiste product selecteert en op de juiste manier plaatst. Informatieverstrekking vanuit de leverancier over de producten en de toepassing daarvan is, zeker in het geval van brandwerend glas, van levensbelang.
Verantwoordelijkheid leveranciers Gedurende de looptijd van een project heeft een leverancier veel contactmomenten met diverse betrokkenen bij een bouwproject, zoals de klant, de overheid en de eindgebruiker. Deze betrokkenen worden ondersteund met certificaten, rapporten en plaatsingsinstructies tijdens dit proces. Deze rol sluit aan bij de rol die de overheid weggelegd ziet voor leveranciers. De leveranciers krijgen een grote verantwoordelijkheid tijdens het bouwtraject. Maar hoe borgt een leverancier zijn kennis over zijn
producten? Alleen als het product op de juiste manier is toegepast, weet de leverancier dat het product doet wat het moet doen. Mocht blijken dat het product niet doet wat het beoogt te doen, omdat het onjuist is toegepast, dan kan de leverancier laten zien dat hij zo goed mogelijk invulling heeft gegeven aan zijn verantwoordelijkheden.
Bouwproces In de Construction Product Regulation (CPR) van februari 2014 staat aangegeven hoe de leverancier de klant moet informeren tij-
Prestaties van brandwerend glas hangen nauw samen met een correcte montage dens het bouwproces. Het bouwproces wordt verdeeld in: t de bouwvoorbereidingsfase; t de bouwuitvoeringsfase; t de bouwtoeleveringsfase. In elke fase is een belangrijke rol weggelegd voor de leverancier.
Bouwvoorbereidingsfase Tijdens de Bouwvoorbereidingsfase is het zaak de klant te informeren over de prestaties van het product. De zogenoemde Declaration of Perfomance (DoP) moet worden overlegd. Daarin staat aangegeven welke eigenschappen het product bezit. Alleen de essentiële kenmerken voor het beoogd gebruik moeten worden ingevuld. Bij niet-essentiële kenmerken mag NPD - No Perfor-
10
nummer 4
mance Declared - worden ingevuld. Vetrotech levert de DoP al aan in het offertestadium. Juist in het offertestadium is het namelijk van belang de klant te informeren over de prestaties van het product. Door gebruik van een unieke productcode voor elk product, wordt automatisch een DoP gegenereerd die mee kan worden gestuurd met de offerte. Naast deze DoP moet straks ook een Aansluitdocument Bouwregelgeving worden opgesteld door de leverancier. In dit document worden de eigenschappen van het product vertaald naar een toepassing in
september 2015
het gebouw. Voor een leverancier is het eenvoudig om kenmerken van zijn product op te sommen, maar het wordt lastiger als het gaat om de mogelijke toepassingen in een gebouw. Dit laatste vereist diepgaande kennis van het Bouwbesluit. Een concreet voorbeeld van zo’n toepassing: een brandwerend product (glas) is getest volgens de geldende Europese brandtest. Uit deze brandtest volgt dat het glas de classificatie EW 30 en EI 15 haalt. De vraag van de klant is dan of dit glas geschikt is om toe te passen in een zijlicht naast een deur op de scheidingsconstructie tussen twee brandcompartimenten in een woongebouw van zes meter hoog. De eigenschappen van het product moeten dus worden vertaald naar een toepassing in het gebouw.
thema brandwerende deuren / brandwerend glas
Elk product krijgt dan ook een Aansluitdocument Bouwregelgeving, waarin staat beschreven voor welke situaties het product geschikt is. Op dit document staat dan ook de unieke productcode van het product. De samenhang tussen de DoP en het Aansluitdocument wordt zo duidelijk.
Hierdoor wordt de DoP, het Aansluitdocument Bouwregelgeving en de plaatsingsinstructies een drieluik. Van drieluiken is algemeen bekend dat, als er één ontbreekt, de andere delen vele malen minder waard zijn.
Bouwtoeleveringsfase Bouwuitvoeringsfase Hoe wordt nu zekerheid verkregen dat het product goed wordt toegepast? Het is onmogelijk om samen met iedere glaszetter naar het werk te rijden en hem daar op zijn vingers te kijken tijdens de plaatsing. Brandwerend glas moet namelijk worden toegepast zoals het is getest. Vetrotech zorgt er daarom voor dat al aan alle producten een geslaagde ITT (Initial Type Test) ten grondslag ligt. Voor onze klanten destilleren we uit het testrapport duidelijke plaatsingsinstructies. Op deze plaatsingsinstructies moet worden gerefereerd aan de unieke productcode.
Als de bouwproducten op de bouw worden geleverd, is het CE-label duidelijk zichtbaar voor iedereen aangebracht. Op dit CE-label worden het beoogd gebruik en de essentiele kenmerken aangegeven. Tevens wordt de unieke productcode van het product op het label vermeld. Hiermee kan de klant controleren of daadwerkelijk het juiste product is geleverd en kan de klant de DoP en de plaatsingsinstructies opvragen. Indien deze documenten aan het einde van de bouw worden overhandigd aan de eindgebruiker wordt zekerheid verkregen dat de gewenste prestaties uit het voortraject daadwerkelijk zijn gerealiseerd. De leveran-
cier krijgt grip op de toepassing en daarmee ook op de kwaliteit van zijn producten.
Gesprekspartner Een leverancier van bouwproducten is niet meer de leverancier van jaren geleden. Hij wil als volwaardige gesprekspartner worden gezien tijdens een bouwproces en zit het liefst vroeg aan tafel, zodat klanten kunnen worden geïnformeerd over de mogelijkheden, en in een enkel geval ook onmogelijkheden, van zijn producten. Met de op stapel staande veranderingen kan de leverancier zich onderscheiden door alle producten compleet gedocumenteerd aan te leveren. Hierdoor kan de leverancier zijn klant ontzorgen. Van een leverancier vraagt dit naast een hoog verantwoordelijkheidsgevoel en productkennis ook diepgaande kennis van de bouwregelgeving.
Mark Knoops, namens Vetrotech Saint Gobain
nummer 4
september 2015
11
veiligheid
Hans Sevenstern
Niet ‘brandveilig’ maar ‘vluchtveilig’ Vaak wordt de term ‘brandveilig’ gebruikt, terwijl er nog niet eens sprake is van ‘vluchtveilig’. Daarom doet Hans Sevenstern een oproep aan de overheid om bij het toepassen van de bouwregelgeving niet langer de term ‘brandveilig’ te gebruiken.
D
e brandweer wordt in Nederland nog altijd gezien als een autoriteit. Dus als de brandweer zegt dat een pand ‘brandveilig’ is, dan heeft het publiek - particulier en zakelijk - daar een perceptie bij. Maar klopt deze wel? Laat ik u meenemen naar mijn eigen praktijk.
Perceptie Een ondernemer krijgt een controle door de Veiligheidsregio in het kader van vergunningverlening. Bij de evaluatie krijgt hij te horen ‘van die meneer in dat uniform’ dat hij het goed voor elkaar heeft en dat zijn gebouw ‘brandveilig’ is. Maar een week later brand het gebouw tot de grond toe af. En op advies van de brandweer was er nog wel een automatische brandmeldinstallatie aangebracht. Wat nu? Deze ondernemer dacht: in geval er brand ontstaat wordt deze snel gedetecteerd, snel geblust door de brandweer, en ben ik weer snel up & running. Dat is zijn perceptie bij de term ‘brandveilig’. Ik heb als property risk engineer en tevens actief vrijwillig brandweerman deze man met veel kofďŹ e terug op aarde kunnen brengen. Dergelijke voorbeelden zijn ook te geven in het particuliere domein waar door acties van de brandweer in het kader van ‘brandveilig leven’ brandmelders zijn opgehangen, waarna wordt gezegd: “Zo u bent nu ‘brandveilig’â€?. Zonder ook maar een moment aandacht te schenken aan de uiterst brandbare inrichting met bijvoorbeeld de bouwpakketmeubelen. U snapt het al. De voorbeelden geven weer
12
nummer 4
september 2015
veiligheid
dat men in het gunstigste geval ‘vluchtveilig’ is. In beide gevallen is/was de inrichting/opslag van/in het gebouw niet meegenomen in de overwegingen. In geval van een brand ontwikkelt deze zich zo snel, dat slechts beschermen van de belendende percelen, wat publieksstralen of nablussen het enige is dat de brandweer kan doen. Maar deze werkelijkheid wordt door het publiek niet zo gezien. De verzekeringsindustrie daarentegen is realistischer en heeft in ieder geval 85 procent van alle bedrijfsmatig gebruikte gebouwen met een afbrandscenario te boek staan.
Definities Als we naar de definities kijken is die perceptie van de burger niet vreemd. t Brand: vernieling door vuur (Van Dale); een door verbranding veroorzaakt en met vlammen gepaard gaand vuur buiten een haard, dat in staat is zich uit eigen kracht voort te planten (verzekeringstechnisch).
t Veilig: beschermd tegen gevaar (Van Dale). t Brandveilig: toestand van een acceptabel risico met betrekking tot het uitbreken en de gevolgen van brand, die ook door betrokkenen als zodanig worden ervaren (BrandweerNL); Beveiligd tegen brand (Woordenlijst Nederlandse taal).
Zeker in de zorg (care) begin ik mij daar nu ernstig zorgen over te maken. Daar gebeuren momenteel zaken, die mijn boerenverstand in ieder geval te boven gaan. Door de bezuinigingen en wijzigingen in de zorg worden meer en meer aanleunwoningen en serviceflats door de zorginstellingen verkocht aan woningcorporaties/-stichtingen.
Harde werkelijkheid
Een voorbeeld: Neem een serviceflat van zeven verdiepingen met zelfstandig wonende bewoners tussen de 65 en 96 jaar, waar door verzor-
Zelden is er de juiste aandacht voor inrichting, opslag en gebruik van een gebouw. Te vaak past het niveau van ‘brandveiligheid’
Op papier zijn de bewoners volledig zelfredzaam niet bij het gebruik van het gebouw. We kijken over het algemeen vooral naar het ‘vluchten’, naar het lijkt bij een leeg gebouw.
REALITEIT Ik weet niet of toeval bestaat, maar onlangs gebeurde precies wat ik in mijn voorbeeld onder het kopje ‘Harde werkelijkheid’ heb beschreven. De realiteit betrof een voormalige serviceflat van acht verdiepingen met zelfstandig wonende oudere bewoners. Het gebouw is nu in eigendom van een woningbouwvereniging/stichting, die de verhuur en service verzorgt. Het gebouw heeft een inpandige gang waaraan links en rechts woningen zijn gelegen. De woningen hebben voordeuren van hardboard, gevuld met kartonnen honingraad en een raam met enkelvoudig glas van circa 30 x 50 cm. De ventilatie heeft een inblaas in de gangen en wordt onder de deur doorgeblazen de woningen in. Het gebouw beschikt niet over een automatische brandmeldinstallatie. Er zijn - zeker ’s avonds, ’s nachts en in de weekenden - geen mensen aanwezig voor verzorging of BHV-hulp. Veelal zijn deze bewoners slecht tot niet mobiel en maken gebruik van rollators en scootmobielen. Deze scootmobielen staan massaal in de gang en worden daar ook opgeladen. En u raadt het al, de brand is midden in de nacht ontstaan in een lader die op de zitting van een scootmobiel was geplaatst. Deze vatte vlam en de brand ontwikkelde zich dusdanig dat de deur van de naast gelegen woning volledig wegbrandde. Meerdere mensen werden gelukkig wakker van de rook en de stank, waarop de brandweer werd gealarmeerd. Uiteindelijk werden vier slachtoffers afgevoerd naar het ziekenhuis en werden meerdere mensen ter plaatse door de ambulance van zuurstof voorzien. Veel bewoners werden door de brandweer geëvacueerd. De brand was ontstaan op de tweede verdieping, maar door de ventilatie werd zelfs op de zevende en achtste verdieping de gang zwart. Bovendien zijn door het gehele gebouw alle 84 woningen vervuild met rook en roet. In de gangen liggen daadwerkelijk hoopjes met roet. Uiteindelijk werden met de vrijgavemetingen nog hoge concentraties koolmonoxide gemeten op de zevende en achtste verdieping. Bij deze brand werd weer bewezen dat deze bewoners door de verandering van de Bouwbesluit gebruiksfunctie niet op slag beter zelfredzaam zijn geworden. Overheid, dit incident bewijst eens te meer dat we op de verkeerde weg zitten. Moeten we wachten op actie tot er eerst - dodelijke - slachtoffers vallen?
genden en verpleegkundigen zorg werd verleend. Het gebouw wordt verkocht en de hulp wordt wijkhulp. Zo verandert de functie van het gebouw van ‘zorgfunctie’ naar ‘woonfunctie’, want het is nu los van het verpleeghuis met bedpatiënten. Dan is er ineens geen verzorging of verpleging 24/7 meer aanwezig, maar ook geen bedrijfshulpverlening. Aan de zelfredzaamheid bij brand van de bewoners is echter niets veranderd, gaat de OMS eraf en wordt het een PAC, en in het ergste geval wordt zelfs de brandmeldinstallatie afgekoppeld en ontmanteld. Bovendien is de binnengang niet ineens in een buitengalerij veranderd. Maar op papier zijn de bewoners volledig zelfredzaam.
Overheid dit is toch raar? De zorginstelling heeft ineens geen zorgplicht meer en de woningcorporatie/-stichting zet het aapje bij de bewoners op de schouder. Die bewoners hebben in geval van een incident/calamiteit nog steeds een verwachting, die helaas onterecht blijkt te zijn. Dit terwijl de woningcorporatie/-stichting wel degelijk deze zorgplicht heeft, maar hier helaas geen gehoor aan geeft. De grote discrepantie zit vooral in de definities van zelfredzaamheid van de zorg- en bouwregelgeving. Iemand kan in de zorg, ondanks rolstoel, rollator of scootmobiel, prima zelfredzaam zijn en voor zichzelf zorgen. Echter, als men nauwelijks kan zien, met een rollator loopt, of in een rolstoel zit en de ‘bekende’ weg is geblokkeerd door rook, dan is vluchten via een onbekend
nummer 4
september 2015
13
veiligheid
noodtrappenhuis zonder hulp geen optie. Dit terwijl zelfredzaamheid in de bouwregelgeving er vanuit gaat dat men zelfstandig kan vluchten. Tenminste, als het om woningen gaat. Volgens mij is hier duidelijk sprake van het veranderen van de spelregels tijdens de wedstrijd. Dan vallen er ineens dodelijke slachtoffers te betreuren en schieten we zo snel als mogelijk in de verdediging. Nog voor de rook is opgetrokken en de resten van het gebouw zijn afgekoeld, wordt door de burgemeester en de regionale brandweercommandant in koor geroepen dat het gebouw ‘brandveilig’ was. Terwijl de calamiteit in al zijn extremen aantoont, dat het nog niet eens ‘vluchtveilig’ was. In ieder geval was de brandveiligheid niet afgestemd op de bewonerspopulatie en -situatie. Diezelfde burgemeester en regionale brandweercommandant vergeten dat zij primair de verantwoordelijkheid dragen voor ‘het voorkomen, beperken en bestrijden van brand, het beperken van brandgevaar, het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand en al hetgeen daarmee
verband houdt’ (art. 3, lid 1a Wet Veiligheidsregio’s). Hierdoor zijn de brandweermensen de ‘nieuwe bedrijfshulpverleners’ voor de bewoners geworden, bij deze in functie veranderde gebouwen.
Waarom ligt bal bij brandweer? Ineens heeft de zorginstelling geen zorgplicht meer en de gelijkwaardigheid die gekozen was door de zorginstelling – bedrijfshulpverleners - zijn van de ene op de andere dag niet meer aanwezig. De
Discrepantie zit in de definities van zelfredzaamheid van de zorg- en bouwregelgeving woningcorporatie/-stichting ziet het als een ‘gewoon’ appartementengebouw/ wooncomplex (bij wonen met zorg wordt een grote verantwoordelijkheid bij de bewoner zelf neergelegd. Pas bij centralisatie worden publiekrechtelijke eisen gesteld. Dit moet natuurlijk wel aan de bewoners verteld worden). Een duidelijke taak van zorgverlener ĂŠn woningbouwvereniging. Iedere huurder is zelf verantwoordelijk: ‘my home is my castle’ (Huurrecht). Bewoners van een woning hebben hun eigen verantwoordelijkheid en hebben tenslotte geen plicht tot het inrichten van een bedrijfshulpverlening. Met deze veranderingen, zeker voor deze ‘verminderd zelfredzame’ populatie en het slechts voldoen aan minder dan het Bouwbesluit - gelijkwaardigheid is weg - mag je deze gebouwen niet meer ‘brandveilig’ noemen. Als we niet ingrijpen, zal escalatie van een incident naar een calamiteit een normaal fenomeen worden. Sterker nog, uit recente incidenten blijken deze gebouwen nu al niet eens ‘vluchtveilig’ te zijn.
Omgaan met bouwregelgeving
14
nummer 4
standaardgebruikers. Dit kan dus betekenen dat men toch door de ‘niet standaardgebruikers’ hier en daar moet kiezen voor wat zwaardere eisen. We spreken hier over veilig (?) kunnen vluchten met aansluitend afbrandscenario. t Brandveilig: Het gebouw voldoet daadwerkelijk aan het Bouwbesluit en is goed afgestemd op een gebruiksfunctie passend bij de bewonerspopulatie en met de juiste BIO-maatregelen. Dit betekent dat brandscheidingen voldoen, bijvoor-
Volgens mij moeten wij daarom de terminologie veranderen en daarmee aansluiten bij de perceptie die de burger erbij heeft/ zou moeten hebben. Dat zou er dan wat mij betreft als volgt uit moeten zien: t Vluchtveilig: Het gebouw voldoet slechts minimaal aan het Bouwbesluit en de BIO-maatregelen zijn afgestemd op
september 2015
beeld door dak en gevel heen steken met de juiste maatvoeringen, goede zelfsluitende deuren en goed zijn afgedicht. Met andere woorden, er is daadwerkelijk sprake van juist gekozen en uitgevoerde WBDBO-scheidingen. Er worden daadwerkelijk onbrandbare isolatiematerialen toegepast. Er is aanvullend een functioneel brandbeveiligingssysteem aangebracht, passend bij het gebruik van het pand en de aanwezige opslag. De opvolging van het brandalarm is 24/7 geregeld met een snelle reactietijd binnen enkele minuten. Alles binnen de 60 minuten WBDBO-scheidingen brandt uit. Daar buiten zal er rook-, roet- en waterschade zijn. t Brandbestendig: Het gebouw heeft een goede mix van bouwkundige en installatietechnische maatregelen, afgestemd op het gebruik en de opslag en is uitgerust met een actief brandbeveiligingssysteem in de vorm van sprinkler of watermist volgens wereldwijd erkende standaarden, zoals NFPA of FM Global (ook door grote internationale verzekeraars erkend). Waarbij vooral sprinklersystemen zich in de afgelopen 150 jaar ruim bewezen hebben. Er is alleen schade in de ruimte waar de brand is ontstaan en nevenschade is nihil. Bij ‘brandveilig’ en ‘brandbestendig’ is er sprake van integraal op elkaar afgestemde BIO-maatregelen, gebaseerd op risico’s. Er
veiligheid
is een helder en doordacht ‘brandveiligheidsconcept’. Er is dus geen normgedreven ontwerp, maar een risicogedreven ontwerp met de juiste functionele BIO-maatregelen. Dit in tegenstelling tot ‘vluchtveilig’ waar wel sprake is van een normgedreven ontwerp.
Voorlichting en advisering In de praktijk betekent dit, dat de overheid - meestal de brandweer (gemandateerd) andere voorlichting en advisering zal moeten gaan geven en misschien wel moet stoppen met ‘brandveilig leven’ acties als men bij de burger niet de juiste voorlichting weet te geven. Brandveilig leven te pas en te onpas toepassen zonder aandacht voor het gebouw, gebruiker en inrichting is ‘window dressing’ en creĂŤert schijnveiligheid en verwachtingen die nooit waargemaakt kunnen worden. Iemand die de brandweer belt, omdat de melder steeds
een piep geeft (batterij leeg), heeft het verhaal niet begrepen. Of het niet met voldoende aandacht verteld gekregen. De uitleg van het waarom zal dus herhaald moeten worden.
stallatie’ is. Door de jaren heen blijkt dat er jaarlijks circa 100 grote branden zijn met een schadelast boven 1 miljoen euro. Deze schade ligt gemiddeld rond 350 miljoen euro op jaarbasis.
Perceptie veranderen
Uitdaging
De perceptie van de burger die de brandweer nog steeds als autoriteit ziet, moet dan ook veranderen. Natuurlijk hebben de rookmelders, geplakt bij ‘zelfredzame mensen’, mensenlevens gered. Maar zelden werd erbij verteld dat je met rookmelders nog steeds geen brand voorkomt en dat je er al helemaal de brand niet mee kunt blussen. Wanneer gaat de brandweer het bedrijfsleven vertellen dat de door hen geadviseerde automatische brandmeldinstallatie met doormelding naar een PAC met eerste opvolging door een beveiligingsdienst - dus zonder snelle opvolging in de nacht en weekenden - slechts een ‘afbrandmeldin-
Daar ligt wat mij betreft de uitdaging voor de brandweer. En dus niet meer vertellen dat een pand ‘brandveilig’ is, terwijl het een puddingconstructie is vol met vuurlast die na twintig minuten brand al inzakt. Het is de taak van de overheid om de perceptie bij de burger te veranderen. Let wel, deregulering allĂŠĂŠn helpt niet, als je mensen niet tegelijkertijd risicobewust gaat maken. Alleen samen kunnen we Nederland beter en veiliger maken. Hans S.A. Sevenstern GIFireE, senior consultant Property Risk Consulting, e-mail: Hans7stern@me.com
/ %& 702%&/ #2"/% &/ 200,7&2&/%)&*% "-3 "1"24& (2004)&%&/ #&3$)057% %*& 3&1"2""4 (& 4&34 .0&4&/ 702%&/ & 4&34&/ 6002 200,7&2&/%)&*% 702%&/ 5*4(&60&2% */ 06&2%25,,"34&/ 7""2#*+ (&,& ,&/ 702%4 )0&6&&- -5$)4 %& %&52&/ %002-"4&/ #*+ 2&3 > &52&/ *3 %& &/*(& %&52&/'"#2*,"/4 */ 1&$4*&6&-*+, &/ (2"%&/ &-3*53 > *3 &%&2-"/% %*& %&52&/ -&6&24 %*& /5 "- ""/ %&9& &*3 */ )&4 #&9*4 6"/ 3&1"2"4& 4&343 01 #2"/%7&2&/%)&*% 60-%0&/ 1 %& 120%5$4*&-0$"4*&3 */ "",3#&2(&/ &/ &/ 200,7&2&/%)&*% 60-(&/3 %& )&4 5*43& "4&2-"/% 702%&/ ? /""34 %& 34"/%""2% %&5 2&/3&43 ? (&$0.1-*$&&2%& #2"/% 200, &/ */#2"",7& "4 #2"/% &/ 200,7&2&/%)&*% #&42&'4 9*+/ %&52&/ &/ 2&/%& %&52&/ (&120%5$&&2% /%*&/ (&7&/34 .&4 ,0 9*+/&/ &/ )"/( &/ 3-5*47&2, &/ (2004 %&&- 6"/ %& ,09*+/&/ "')"/,&-*+, 6"/ &-,""2 !& .0&4&/ "-3 &&/)&*% %&52&/ 702%4 (&;81024&&2% /""2 5*43-"/% 7""2 "- +" (&9*&/ &/ 40&(&1"34 702%&/ 0. )&4 (&7&/34& 2&35- 2&/ %&523&43 702%&/ 40&(&1"34 %*& $0/'02. 4""4 4& #&)"-&/ :/ 6"/ %& 312"",.",&/%& 120+&$4&/ *3 )&4 12&34*(*&59& ,"/4002(9 */ 044&2 (&4&34 9*+/ %". %&52&/ (&-&6&2% &/ (&.0/4&&2% 60-(&/3 %& /*&5734& 5201&3& /02. / &%&2-"/% *3 %& 200,7&2&/%)&*% 6"/ &&/ > &52&/ #6 %&52 ,09*+/&-&.&/4 /5 /0( (&,011&-% ""/ )&4 #2"/% *+6&2)&*%3342""4 ! "",3#&2(&/ 7&2&/%& 2&35-4""4 / )&4 057#&3-5*4 *3 6"34(&-&(% &- %"4 %& 200,7&2&/%)&*% (&"$)4 702%4 "/%&2)"-' ,&&2 777 2&*/"&2%4 /- %& #2"/%7&2&/%)&*% 4& 9*+/ */'0 2&*/"&2%4 / "/"' *3 */ &%&2-"/% %& 5201&3& /02. 6002 200,7&2&/%)&*% 6&21-*$)4 &&/ /02. %*& 6&&- 97""2%&2& &*3&/ 34&-4 %"/ /5 */ &%&2-"/% )&4 (&6"- *3
nummer 4
september 2015
15
fusie
Rob Jastrzebski
Fusie VEBON en NOVB
EĂŠn markt, ĂŠĂŠn branchevereniging Na anderhalf jaar voorbereiding werd het op 19 juni feestelijk beklonken: VEBON en NOVB gaan samen verder als... VEBON-NOVB. EĂŠn nieuwe branchevereniging met circa 180 leden en 300 personen. Samen sterker staan in de dynamische markt van brandveiligheid en security is het doel dat de besturen van beide verenigingen voor ogen stond. VEBON-NOVB krijgt zijn hoofdkantoor in Zoetermeer.
H
et deďŹ nitieve groene licht voor de fusie van VEBON en NOVB werd op 19 juni gegeven tijdens een gemeenschappelijke bijeenkomst van beide besturen in Nijkerk. Voor insiders in de brandveiligheidswereld was het al lang geen verrassing meer. De markt is fors in beweging en beide verenigingsbesturen onderkenden de knelpunten van een zelfstandig bestaan als branchevereniging. VEBON-voorzitter Boele Staal, die aanblijft als voorzitter van de nieuw gevormde vereniging, vatte de noodzaak van de ingrijpende stap samen: “EĂŠn markt is gebaat bij ĂŠĂŠn branchevereniging. Dan hebben we als sec-
tor een sterkere positie in het overleg met andere private en publieke partijen. Ik heb veel waardering voor beide besturen dat zij dit initiatief hebben aangedurfd. Want een fusie gaat altijd gepaard met emotie en is nooit een gemakkelijk traject.�
Schaalvoordeel Als kartrekkers voor de fusie fungeerden Michel Goderie (VEBON) en Tom Verschoor (NOVB). Zij hebben de afgelopen anderhalf jaar achter de schermen de fundamenten gelegd voor de nieuwe brancheorganisatie. Volgens Goderie wordt de safety- en securitymarkt getekend door een sterke versnip-
! ! ! "
16
nummer 4
september 2015
pering, terwijl nieuwe trends en ontwikkelingen op het gebied van techniek en regelgeving juist vragen om een sterkere positie van de branche. “Anderhalf jaar geleden hebben we op directieniveau contact met elkaar gelegd om te spreken over gemeenschappelijk ervaren knelpunten van schaalgrootte en belangenbehartiging. Het bleek dat we onafhankelijk van elkaar zoekende waren naar een nieuwe koers en meer efďŹ ciency in onze organisaties. Al snel kwamen we samen tot het standpunt dat een fusie in het belang was van onze gezamenlijke achterban. We zijn gebaat bij gezamenlijke visies en strategieĂŤn en met meer volume en draagkracht sta je als branche sterker in het maatschappelijk krachtenspel. We hebben wel uitgesproken de tijd te nemen om de fusie goed voor te bereiden. Want ja, er zit ook emotie in zo’n beslissing. Voor beide partners betekent het toch afscheid van een stuk zelfstandigheid. Maar voor de aangesloten leden biedt een grotere schaal voordelen. Met meer massa kunnen we beter invloed uitoefenen op onze omgeving.â€? De afgelopen anderhalf jaar hebben beide verenigingen hard gewerkt aan het opstellen van de fusieovereenkomst, waarbij het uitgangspunt was dat geen van de partners het idee moest hebben dat hij werd opgeslokt door de ander. Uiteindelijk stemden alle leden tijdens de gezamenlijke vergadering in Nijkerk volmondig in met de fusie en konden de glazen worden geheven.
fusie
Goderie: “Iedereen vond deze stap logisch. Samen sta je sterker in een keten van partijen die allemaal verwachtingen hebben van onze sector en eisen stellen aan de producten en diensten die we leveren.�
Verbindingskracht Ook NOVB-secretaris Tom Verschoor ziet de kracht van synergie die de fusie oplevert. In zijn ogen belangrijk in een wereld die zo sterk in beweging is: wet- en regelgeving op het gebied van brandveiligheid en security veranderen, nieuwe certiďŹ ceringsstelsels worden geĂŻntroduceerd en de markten
vruchten afwerpen in overleg met bijvoorbeeld verzekeraars en de politiek.â€? En dat is ook bij uitstek de positie die Goderie ziet voor de nieuwe branchevereniging, een platform met maatschappelijke verbindingskracht. De versnippering van de branche is voorbij. “De safety- en securitywereld is complex, vanwege het grote aantal betrokken partijen. Beleidsmakers, de politiek, verzekeraars, de brandweer, adviseurs, de bouwwereld, ze hebben uiteindelijk allemaal hetzelfde doel voor ogen: meer veiligheid creĂŤren. Niemand redt het in deze wereld in zijn eentje met de focus op alleen
‘Met meer massa hebben we meer invloed’ voor safety en security krijgen steeds meer interactie met elkaar. “Er is grote maatschappelijke druk op de sector. Dat vraagt in de eerste plaats mensen met grote betrokkenheid en passie voor hun vak. Maar ook om een krachtig platform om samenwerking met andere partners te faciliteren en de belangen van de sector goed te behartigen. De NOVB was daarvoor als zelfstandige branchevereniging te klein. Met het verbond van 180 aangesloten leden dat we nu samen hebben gevestigd, zijn we een platform dat ertoe doet. Dat moet
het eigen domein. Als we nieuwe concepten willen ontwikkelen voor een veiliger samenleving, lukt dat alleen met een gezamenlijke ketenaanpak. Onze branche is daarin nu een sterkere schakel geworden.� Verschoor vult aan: “De veiligheidsbranche heeft in de keten nog wel eens het imago dat het een technische branche is die vooral spullen wil verkopen, maar dat doet geen recht aan de passie en het vakmanschap binnen de aangesloten bedrijven. Er zit veel innovatiekracht binnen onze bedrijven en die kennis en kunde moeten we optimaal
inzetten om nieuwe brandveiligheidsvisies, beveiligingsconcepten en regelgeving om te zetten in passende bouwkundige en installatietechnische oplossingen.�
Overgangsjaar Dit is een overgangsjaar, waarin VEBONNOVB als voorlopige nieuwe naam wordt gehanteerd. Volgens Verschoor en Goderie wordt daarmee voldaan aan de wens van beide verenigingen om hun identiteit in de nieuwe organisatie terug te zien. Op langere termijn wordt wellicht een deďŹ nitieve nieuwe naam gekozen. In de loop van volgend jaar moet de nieuwe verenigingsstructuur volledig gestalte hebben gekregen, maar na de zomer gaat het bestuur in zijn nieuwe samenstelling al aan de slag. Een compact bestuur met zeven leden, met oog voor de kennis en kunde in beide verenigingsbesturen. Volgens Goderie blijft de sectiestructuur voor onderscheiden branches, zoals die binnen VEBON bestond, behouden. De keuze om het hoofdkantoor van VEBON-NOVB onder te brengen op de locatie Zoetermeer is volgens beide fusiepartners logisch, omdat daar de ondersteunende en secretariĂŤle voorzieningen het meest geĂŤigend zijn om de nieuwe grotere vereniging goed te faciliteren. Rob Jastrzebski is freelance journalist
nummer 4
september 2015
17
brandwerendheid
Ruud Looijmans
Brandwerendheid: oude wijn in nieuwe zakken?
Leiden ontwikkelingen bij de veiligheidsregio’s tot een comeback van het belang van oude concepten als brandwerendheid? Of met andere woorden: wordt zoiets stoffigs als ‘WBDBO 60’ in de komende jaren weer hip en sexy?
N
a opheffing van de goeddeels gescheiden werelden van brandweer en BB wordt in de tweede helft van de jaren 80 van de vorige eeuw een eerste aanzet gegeven tot het oppakken van de rampenbestrijding in brandweerregio’s. In de jaren 90 wordt verdere professionalisering van brandweerzorg via Project Versterking Brandweer stevig in de verf gezet. En mede door verschillende grotere rampen in Nederland wordt die ontwikkeling in de jaren 2000 krachtig voortgezet. De Veiligheidsregio’s zoals die nu zichtbaar zijn, zijn het voorlopige eindpunt van deze ontwikkeling. Deze professionalisering leidt tot stevige kostenstijgingen, met name voor een basistaak als repressie. Invoering van het Arbeidstijdenbesluit in 2006 is daar mede debet aan. De economische crisis vanaf 2008 zette vervolgens een rem op gelden die beschikbaar waren voor het geheel van fysieke veiligheid.
18
nummer 4
Tendensen Inmiddels worden ook andere tendensen zichtbaar: t Beperktere bluswatercapaciteit; waterleidingmaatschappijen kiezen voor waterkwaliteit (en dus voor dunnere waterleidingen). t Beperktere beschikbaarheid van vrijwilligers; vrijwilligersposten zijn soms moeilijk open te houden. t Steeds hoogwaardiger, langduriger en moeilijker opleidings- en trainingspakketten voor specialistische taken in de hulpverlening. t Mooiere, maar ook technisch ingewikkelder gebouwen op bijzondere plaatsen, met dito uitdagingen bij calamiteiten. t Minder controlemogelijkheden door deregulering van de bouwplantoets. Hoe verhouden dalende budgetten zich nu tot het totale kwaliteitsniveau voor brand-
september 2015
veiligheid? Niemand wil een lager veiligheidsniveau. Kan (dure) operationele slagkracht worden gecompenseerd met preventie? En moet dat dan ‘nieuwe’ preventie zijn, of volstaan de oude concepten, mits modern uitgevoerd?
Vlucht naar ‘voren’ In reactie op de bovenstaande ontwikkelingen, wordt steeds meer ingezet op de ‘voorkant’: het voorkomen van brand. Rookmelders worden geplaatst, vaste installaties met blusstoffen, burgers worden voorgelicht over het voorkomen van brand en het nut van het hebben van een vluchtplan. Door de ‘Public Awareness’ te vergroten wil men het gedrag van mensen sturen. De verwachte opbrengsten van deze ontwikkelingen worden verzilverd via het beperken van de repressieve sterkte. Dit uit zich in variabele voertuigbezetting, ‘rapid intervention vehicles’, en acceptatie van langere aanrijdtijden.
brandwerendheid
Zachte factoren en harde muren Het gevaar van deze ontwikkeling zit in het feit dat de impact van ‘zachte’ factoren aan de voorkant (moeilijk meetbare invloed; het is er wel, maar niemand weet hoe groot), ingeprijsd wordt om een beperking van de repressieve sterkte te verantwoorden. Het risico dat hier impliciet wordt aanvaard, vraagt echter wel om een opwaardering van basale preventieve concepten. Als de brandweer minder snel ter plaatse komt, ben je blij met WBDBO 60; een harde muur tussen de brand en jezelf die tijd biedt om veilig te vluchten of – als vluchten niet mogelijk is - de tijd biedt om te wachten tot de brandweer ter plaatse is.
Concepten van ‘vroeger’ Heel basaal gezien geeft het Bouwbesluit op drie manieren invulling aan brandveiligheid: 1. compartimentering; 2. vluchtwegen; 3. voorkomen van rook en vuur in die vluchtwegen. Het effect van die laatste twee is voor een belangrijk deel afhankelijk van de factor mens (en dus te kwalificeren als een zachte factor). Zeker in oude woningen met meerdere bewoners wordt de vluchtweg gebruikt om fietsen te parkeren, een kledingkast te plaatsen of als een verlengstuk van de woonvertrekken. In de gehele keten van voorkomen van brand tot blussing, is compartimentering door brandwerendheid één van de hardste factoren. Het moet alleen een beetje opgepoetst worden - zoals een nieuwe Mini of een nieuwe Fiat 500 - om weer sexy en hip te zijn.
rendheid in het bijzonder en brandveiligheid in het algemeen. t Subsidiëren van brandwerende materialen. Over het algemeen zijn brandwerende materialen duurder dan materialen die niet of beperkt brandwerend zijn. Isoleren met polystyreen (piepschuim) is goedkoper dan met steenwol; mensen met een smalle beurs en een hoge energierekening kiezen sneller voor het betere isolatieproduct als het vergelijkbare kosten met zich meebrengt. t Aanpassingen in regelgeving. Soms blijft een risico bestaan doordat er geen adequate regelgeving is om het risico aan te pakken. Een typisch voorbeeld hiervan zijn portiekwoningen; omdat alle bewoners van een portiekflat gebruik maken van het gezamenlijke trapportaal als vluchtweg, is brand en rook in het trapportaal een groot gevaar. Door het verplichten van drangers op deuren die uitkomen op het trapportaal en het opwaarderen van de brandwerendheid van deze deuren, wordt de betrouwbaarheid van het trapportaal als vluchtweg flink vergroot. t Kijken naar slimme technieken. Een sprinklerinstallatie aanleggen in bestaande bouw is kostbaar en ingewikkeld. Een cilinder met een beperkte hoeveelheid water, een gaspatroon zoals in
eenheden. Snelle alarmering en een veilige vluchtweg kunnen ervoor zorgen dat alle bewoners op tijd het gebouw kunnen verlaten. Eventuele investeringen zouden op deze twee doelen toegespitst moeten zijn. Als rookmelders in de verschillende wooneenheden aan elkaar gekoppeld zouden kunnen worden (door een zender in de rookmelder die een ontvanger in de andere rookmelders activeert), zijn alle bewoners van het woongebouw snel gealarmeerd. Mogelijk dat een dergelijk systeem door de reeds aanwezige draadloze (ICT) netwerken ondersteund kan worden. Vluchtwegen kunnen opgewaardeerd worden door gebruik van brandwerende materialen en het verbieden van vuurlast. Door verhuurders en verenigingen van eigenaren opmerkzaam te maken op de mogelijkheden en hen aan te spreken op hun verantwoordelijkheden, kan een eerste stap gezet worden. Om een dergelijke ontwikkeling te versnellen, zal echter een financiële prikkel (subsidie of hogere huur-/servicekosten) of regelgeving nodig zijn.
Conclusie Bestaande concepten consequent toepassen en uitvoeren met moderne inzichten, hier en daar een vleugje innovatie en wat
Compartimentering door brandwerendheid is één van de hardste factoren
Ontwikkelrichtingen Om brandwerendheid als ‘last line of defence’ goed tegenwicht te laten bieden aan de veranderende rol van de brandweer, zijn verschillende mogelijkheden denkbaar: t Opwaardering bestaande bouw. Moderne gebouwen moeten voldoen aan moderne standaarden. Een groot deel van de Nederlandse bouw is echter van eerdere datum en hoeft daardoor slechts te voldoen aan de bouwregelgeving die toentertijd geldend was. Verbouwing en/of aanpassing van bestaande bouw biedt een natuurlijk moment om opnieuw te kijken naar (en beter maken van) compartimentering en brandwe-
een airbag en een smeltzekering (een soort van IFEX-achtige kamersprinkler), is echter relatief goedkoop en kan overal worden opgehangen. Alleen… het bestaat nog niet. De basistechnieken zijn voorhanden en gebruik van een dergelijk systeem beperkt de ontwikkelsnelheid van brand, kan vluchtwegen langer begaanbaar houden en zorgt – in combinatie met de aanwezige brandwerendheid van het gebouw - voor een grotere overlevingskans van bewoners. t Het grootste risico op een zich snel ontwikkelende brand doet zich voor in oude woongebouwen met meerdere woon-
steun van de regelgever. Bij deze een oproep aan zowel brandweer als de private sector om met elkaar om tafel te gaan (juist ja; de participatiesamenleving!) en met simpele, goedkope en eenvoudig te implementeren oplossingen te komen die harde veiligheid bieden als de zachte factoren tekort schieten. Ruud Looijmans is veiligheidsadviseur en werkt mede voor KappetijnBriks. Fysieke veiligheid en leefbaarheid, brandpreventie en industriële en externe veiligheid (Brzo en Bevi) zijn de specialismen van de organisatie (www.kappetijnbriks.nl).
nummer 4
september 2015
19
NIEUW!
Leer in 2 dagen theorie en praktijk over brandveiligheid & wetgeving
2-daagse Basiscursus
BRANDVEILIGHEID 7 & 14 OKTOBER 2015 Hotel van der Valk, Breukelen
INHOUD VAN DE CURSUS U leert in korte tijd veel over brandveiligheid, wetgeving en de toepassing hiervan. We gaan uitgebreid aan de slag met het bouwbesluit. De tweede dag wordt een casus (bouwplan) op een interactieve manier behandeld. De brandveiligheidsaspecten van dit bouwplan worden beoordeeld en zo brengt u opgedane kennis direct in de praktijk. Voor wie? De cursus is opgezet voor o.a. brandpreventisten, bouwkundig adviseurs, architecten en ontwerpers, installateurs, projectmanagers, werkvoorbereiders & verzekeraars.
Kijk voor meer informatie en inschrijven op
D Termen, begrippen en definities binnen het bouwbesluit
D D D D D D
Achtergrondinformatie over brand Wet- en regelgeving Bouwkundige brandpreventie Brandbeveiligingsinstallaties Ontvluchting Bouwplantoets
Deze cursus wordt afgesloten met een toets. Als u de toets met goed gevolg aflegt, ontvangt u hiervan een certificaat
www.brandveilig.com/opleidingen
OPLEIDINGEN
Column
Joric Witlox
Zero defects Kunt u het alleen, een gebouw brandveilig maken? U wilt toch ook niet dat uw nieuw gebouwde pand direct gesloopt moet worden? Hoe krijg je nu al die betrokkenen bij het bouwen en verbouwen blijvend gemotiveerd om een brandveilig gebouw te realiseren? Het zijn veel vragen die op de gebouweigenaar, en via hem op alle bij de bouw betrokkenen, afkomen. Ergens moet je beginnen en is dat niet op het moment dat je als gebouweigenaar beslist dat je een brandveilig gebouw wilt?
Joric Witlox is voorzitter van vereniging Brandveilig Bouwen Nederland (BBN).
Als we het over de veiligheid van gebouwen hebben dan kunnen we niet om de plannen voor verandering van de kwaliteitsborging heen. De overheid laat het ontwerpen van het toetsinstrument, het toetsen zelf bij nieuwbouw over aan de markt. Het enige overheidsingrijpen zou hierbij zijn op het einde van het bouwproces, dus als het gebouw gereed is. Dat zou betekenen dat in het uiterste geval, als blijkt dat het gebouw ondanks de goede bedoelingen van de markt toch niet voldoet, het gesloopt zou moet worden. Dit biedt een kans voor de markt, namelijk in het bouwproces borgen dat het uiteindelijke gebouw wel voldoet. Zorg dat het proces onder controle is. Zouden we bij de invulling van deze kwaliteitsverbetering ons niet moeten richten op voorkomen van verspilling? Zero Defects, oftewel het constant streven naar nul fouten in het bouwproces. En in geval er een kwaliteitsprobleem wordt gesignaleerd maatregelen nemen, zoals het stilleggen van de bouw? Juist in die kwaliteitsverbetering ligt een belangrijke kans om brandveiliger gebouwen te bouwen en te behouden. Als je namelijk al meteen bij het denken over het gebouw meeneemt dat het brandveilig zou moeten zijn, en als opdrachtgever dat ook in de contracten die je sluit met architect en aannemers laat opnemen, dan ben je al begonnen met borging van de brandveiligheid in het bouwproces. Aansluitend zou je ook nog moeten kijken naar borging in het ontwerp en natuurlijk tijdens het bouwen zelf. Wat betreft dat ontwerp heeft Bouwen met Staal een mooie stap genomen om een tabel te publiceren met indicaties van de kritieke staaltemperatuur. De kabinetsplannen voor verandering van kwaliteitsboring richten zich op nieuw te bouwen gebouwen. Bestaande gebouwen worden er niet in meegenomen. Toch is daar zeker ook nog veel - en volgens vele betrokkenen heel veel - werk aan de winkel om te komen tot brandveiliger gebouwen. BBN Brandveilig Bouwen Nederland is daarom momenteel met Brandweer Nederland in gesprek om te komen tot verbeteringen bij controles op bestaande bouw. De eerste aandachtspunten zijn voetgangersdeuren en brandwerend glas. Het is mooi dat vanuit verschillende achtergronden een constructieve dialoog is ontstaan over juist die verbetermogelijkheden voor brandveiligheid in bestaande bouw. Wie durft de uitdaging aan om actief mee te werken aan verbetering van de brandveiligheid? BBN werkt graag met u samen! En voor degenen die meteen aan de slag willen: het boekje EssentiĂŤle controlepunten kunt u nog steeds gratis downloaden van www.bbn.nu; in november volgt de nieuwe editie.
nummer 4
september 2015
21
Uit het brandlab
De constructie is beoordeeld... En nu? Het is niet altijd mogelijk om een brandproef te doen. In zo’n geval is een beoordeling een alternatief. Om een beoordelingsrapport op waarde te kunnen schatten, is het nuttig om te weten hoe zo’n rapport tot stand komt.
I
n het brandlab voert Efectis proeven uit op allerlei producten. Zo’n proef leidt tot een testrapport. Het testrapport bevat allerlei details van zowel het geteste product als de beproeving. Daaruit wordt dan een classificatierapport opgemaakt, waarin alleen staat wat de eigenschappen van het product zijn en welke brandveiligheidsprestatie gehaald is. Test- of classificatierapporten zijn in de Nederlandse markt voldoende voor toepassing van het product in bouwwerken. Daarnaast is, voor verhandeling in Europa, voor steeds meer producten CE-markering verplicht. De test- en classificatierapporten kunnen dienen als basis voor CE-markering.
Te veel varianten Maar het blijkt vaak niet mogelijk om iedere variant die in de praktijk voorkomt getest te hebben. Simpelweg omdat er te veel varianten zijn en het ondoenlijk zou zijn om die allemaal te testen. Waarbij die varianten vaak ook nog erg op elkaar lijken, en het dus niet redelijk zou zijn om iedere variant te testen. Of omdat er slechts een paar exemplaren van gemaakt worden, en het beproeven een buitensporige kostenpost zou zijn. Of omdat het om een bestaand gebouw gaat, waar een beproeving van het originele toegepaste product lastig wordt.
Ervaring Er blijven dus altijd situaties waar een oordeel moet worden gegeven over de brandveiligheid, zonder dat exact die configuratie is beproefd. Om tot een goed oordeel te kunnen komen, is ervaring met brandproeven onontbeerlijk. Bij Efectis zien we beoordelingen dus niet als een manier om ‘onder een brandproef uit te komen’, maar als een noodzakelijke aanvulling om het systeem met brandproeven
22
nummer 4
september 2015
Uit het brandlab
UIT HET BRANDLAB In elke uitgave van Brandveilig.com verzorgt Efectis enkele pagina’s. Met meer dan tweehonderd medewerkers is Efectis de grootste organisatie die is gericht op brandveiligheid in Europa. De Efectis groep heeft vestigingen in Nederland (Bleiswijk), Frankrijk (Parijs, Metz, Lyon, Montpellier en Bordeaux), Spanje (Madrid) en Turkije (Istanbul) en beschikt naast deskundig personeel over een uniek en breed scala aan beproevingsfaciliteiten en moderne computersimulatiemiddelen. Verder onderhoudt Efectis actief relaties met de brandweer en toezichthouders en ook met kennisinstellingen, zoals universiteiten en onderzoeksinstanties. Hierdoor is Efectis in staat voor haar brede klantenkring altijd snel een pasklaar antwoord of oplossing te genereren. Meer informatie: www.efectis.nl als bewijsvoering in de praktijk werkbaar te maken.
Beoordeling Een beoordeling is nooit bruikbaar als basis voor een classificatie ten behoeve van CE-markering van een product. In Nederland bestaat geen systeem dat de kwaliteit van een beoordelaar toetst. Iedereen mag dus een beoordeling schrijven, zonder een toets van de deskundigheid van de beoordelaar. De beste manier om zulke onzekerheid te voorkomen, is de beoordeling te laten uitvoeren door een partij die als geen ander weet hoe producten zich in een proef gedragen. Dus een brandlab. Daarom voert Efectis veel beoordelingen uit. Om zo’n beoordelingsrapport op waarde te kunnen schatten, is het nuttig om te weten hoe zo’n rapport tot stand komt. We onderscheiden twee typen beoordelingen: productspecifiek en toepassingsspecifiek.
het beoordeelde product op zich niet getest is, wordt wel gebruik gemaakt van door de fabrikant beschikbaar gestelde testrapporten op vergelijkbare constructies. De beoordeling zegt dan dus in hoeverre de verschillen met de geteste constructie toch tot eenzelfde prestatie leiden. Daarbij is de basis altijd dat de test moet uitgevoerd zijn conform in de huidige regelgeving (Bouwbesluit, NEN 6069) aangewezen normen. Testrapporten van voor circa 1991 kunnen dus per definitie geen basis vormen voor een nu geldige productspecifieke beoordeling. Ook nieuwere beoordelingen zijn beperkt in geldigheid, bijvoorbeeld omdat de normen of het beoordeelde product kunnen wijzigen. Omdat dit tot veel onduidelijkheid leidde, is Efectis enkele jaren geleden begonnen om in productspecifieke beoordelingen een geldigheidstermijn van drie jaar aan te geven. Daarmee wordt bewerkstelligd dat ten minste elke drie jaar de beoordeling op actualiteit wordt gecontroleerd.
Productspecifiek Bij een productspecifieke beoordeling wordt een algemeen toepasbare uitspraak gedaan, binnen het kader van de Nederlandse bouwregelgeving. Het beoordeelde product wordt in detail beschreven, en er wordt een uitspraak gedaan over de verwachte brandveiligheidsprestatie. Hoewel
Toepassingsspecifiek Bij een toepassingsspecifieke beoordeling kijken we naar een bepaalde constructie zoals die gerealiseerd wordt in een bepaald bouwwerk. Dit is aan het rapport ook te zien, omdat er gerefereerd wordt aan het project. Zulke rapporten zijn niet
algemeen toepasbaar. Omdat we onze beoordeling beperken tot een bepaald bouwwerk, kunnen we uitgaan van de in de praktijk gerealiseerde constructie. Het is dan niet nodig om de constructie tot in detail te beschrijven, want het feit dat we ter plekke ons oordeel hebben gevormd is de basis. Bij andere bouwwerken kunnen deze specifieke omstandigheden afwijken, en ook valt aan de hand van het rapport niet te controleren of exact dezelfde constructie is gerealiseerd. Daardoor is de uitspraak, bijvoorbeeld een inschatting van de brandwerendheid, die in het rapport staat alleen geldig voor die specifieke situatie. Helaas gaan dergelijke rapporten toch vaak een eigen leven leiden, waarbij ze ook in volgende bouwwerken weer als ‘bewijs’ worden ingebracht. Mocht u zo’n geval bij de hand hebben, neem dan altijd contact op met de auteurs van het rapport.
nummer 4
september 2015
23
Uit het brandlab
Brandklasse versus brandwerendheid Bouwconstructies dienen veelal aan een bepaalde brandwerendheid te voldoen. Hiervoor worden de betreffende constructies onderworpen aan een speciďŹ eke brandwerendheidstest.
B
ij deurconstructies en wandconstructies betreft het de EN 1634-1 en de EN 1364-1. De brandwerendheid, uitgedrukt in minuten, wordt vervolgens vastgesteld volgens de EN 13501-2 (lees hier ‘deel 2’). Als de constructies beproefd zijn, komt het regelmatig voor dat daarna de vraag wordt gesteld of de gebruikte constructiematerialen voldoen aan een bepaalde brandklasse. Deze brandklasse wordt vervolgens vastgesteld met de alom bekende Single Burning Item test volgens EN 13823 in combinatie met de EN ISO 11925-2 waarna de brandklasse, aangeduid met de letters A t/m F, wordt vastgesteld volgens de EN 13501-1 (lees hier ‘deel 1’).
Gevolgen voor praktijk Tot zover is er geen nieuws te melden. De gevolgen voor de praktijk kunnen echter ingrijpend zijn. De hiervoor geschetste volgorde, eerst bepaling brandwerendheid, daarna bepaling brandklasse, komt helaas in sommige situaties voor. Als het betreffende materiaal niet aan de vereiste brandklasse blijkt te voldoen, dan zal er een aanpassing
moeten worden gedaan in de gebruikte materialen. De constructie zal hierna in de meeste situaties gewoon voldoen aan de vereiste brandwerendheid, maar er worden regelmatig vragen gesteld of dit werkelijk zo is. Dit gaat allemaal goed voor de Nederlandse markt, maar als het resultaat in Europa wordt gebruikt dan wordt het lastiger om al de vragen te beantwoorden en aan de lokale eisen te voldoen. Op de een of andere manier staat de (bepaling van de) brandklasse van bouwmaterialen niet op ons netvlies. Daarnaast is het bijna dagelijkse praktijk, dat naar de brandwerendheid van een bouwmateriaal wordt gevraagd, waarna toelichting nodig is om het verschil tussen brandwerendheid en brandklasse te verklaren. Blijkbaar is er nog steeds onduidelijk over deze twee brandveiligheidsaspecten in de gebouwde omgeving.
Cursus Materiaalgedrag Het moet toch eenvoudig zijn deze problemen te voorkomen. Om deze aspecten voor de praktijk, in de toekomst, voor te zijn,
wordt bij Efectis gewerkt aan een cursus materiaalgedrag bij brand om deze aspecten nader toe te lichten. Tegen de tijd dat u dit leest, is voor velen de zomervakantie weer voorbij. Maar nu ik dit artikel aan het schrijven ben, met de vakantie al een beetje in het hoofd, heb ik onderstaande hulpmiddel bedacht om het nooit meer te vergeten. De brandklasse bepaling is volgens deel 1 (lees als eerste uitvoeren) van EN 13501 door middel van kleinschalige proeven op kleine proefstukken en de brandwerendheid volgens deel 2 (lees als tweede uitvoeren) door middel van grootschalige proef op grote constructies. De brandklasse is met kl van kleine brand dus de beginfase van een brand, om te weten welke bijdrage het betreffende materiaal kan leveren bij de verdere ontwikkeling van de brand. Brandwerendheid is het weerstand bieden aan het uitbreiden van een grote brand, uitgedrukt in minuten tijdsduur. Voor de meer visueel ingestelde is bijgaande ďŹ guur het laatste redmiddel.
- Energie en (toename) vermogen? - (toename) rookproductie - Vlamuitbreiding? - Brandende, vallende druppels? d = max, 20cm 0,2m
1,5m
0,5m
Brander 30kW
0,5m
1m
24
nummer 4
september 2015
EEN GND-DEUR, EEN VEILIG GEVOEL: DAT WIL TOCH IEDEREEN? Steeds meer opdrachtgevers, architecten, gebouweigenaren en aannemers kiezen voor de zekerheid van GND-deuren; kwalitatief hoogwaardige binnen- en buitendeuren. Veiligheid en duurzaamheid staan bij ons voorop. Zo hebben we bijvoorbeeld een speciaal garantielabel ontwikkeld om de brandwerendheid van een deur aan te duiden. U herkent een brandwerende GND-deur aan het garantielabel in de hangzijde van de deur. Op het label wordt aangegeven of de deur 30 of 60 minuten brandvertragend is. Met verschillende zekerheidsklassen maken we bovendien duidelijk of alleen het deurblad of ook het hang- en sluitwerk en de combinatie met het kozijn gegarandeerd voldoen aan het testcertiďŹ caat. Een GND-deur geeft een veilig gevoel. Dat wil toch iedereen?
GND is de overkoepelende organisatie van 12 toonaangevende
MET GND-GARANTIE KIEST U VOOR:
Nederlandse deurenfabrikanten en biedt opdrachtgevers en afnemers al meer dan 30 jaar zekerheid. De aangesloten deurenproducenten maken zich samen sterk voor optimale kwaliteit en prestaties van binnen- en buitendeuren.
WWW.GND.NL
onderzoek
Ruud van Liempd
Getalsmatige overlevingskans bij een woningbrand De overlevingskans bij woningbrand is van veel variabelen afhankelijk en is daardoor niet te voorspellen. Ruud van Liempd deed opnieuw onderzoek. In dit artikel publiceert hij de belangrijkste bevindingen.
D
e vraag wat de overlevingskans is van een woningbrand, is regelmatig onderwerp van discussie en al vaak onderzocht. Conclusie is dat het van zo veel variabelen af hangt dat het niet valt te voorspellen wanneer je een brand wel of niet overleeft. Het is echter wel mogelijk om voor deze variabelen te bepalen wat de invloed is op de overlevingskans. Ook is het mogelijk om voor een speciďŹ ek geval de overlevingskans te bepalen. Dit geeft zicht op welke zaken je de focus moet leggen om
26
nummer 4
de brandveiligheid in woningen te verhogen. Daarnaast zorgt een getalsmatige benadering er voor dat je kwantitatief aan kan geven wat het resultaat van bepaalde maatregelen is. Erg handig in de huidige resultaatgerichte maatschappij, waarin mensen alleen actie ondernemen als ze ergens het nut van inzien.
Nieuw onderzoek Daar er grote winst te behalen is door het bovenstaande in nieuw onderzoek uit te werken, ben ik de uitdaging aangegaan. Ik heb dit gedaan als masterproef voor de postgraduate opleiding ďŹ re safety engineering aan de universiteit van Gent. Het onderzoek is als model opgezet, waardoor het eindeloos uitbreidbaar of aanpasbaar is. Als een variabele getest moet worden die niet is opgenomen in het onderzoek dan is dit mogelijk. Als er nieu-
september 2015
we kennis beschikbaar komt, dan kan dit gewijzigd worden in het onderzoek.
Opzet In het onderzoek is naar verschillende situaties in een appartement gekeken, er zijn verschillende branden bepaald, er zijn verschillende personen gesimuleerd in het appartement en er is bepaald onder welke condities je kan overleven of niet. Er is gebruik gemaakt van de resultaten van eerder onderzoek. Door dit slim te combineren en zelf een aantal CFD-simulaties uit te voeren, zijn de resultaten verkregen. Voordelen van deze aanpak ten opzichte van real life brandtesten is dat het goedkoper is, je kan makkelijker verschillende variabelen testen, en je weet beter wat je meet. Bij een real life brandtest spelen heel veel zaken een rol die allemaal van invloed kunnen zijn op het eindresultaat. Het is lastig om die zaken zo te regelen dat je hetzelfde resultaat krijgt als je de proef twee keer achter elkaar uit voert. Voor heel veel branden van volledige kamers of van objecten zoals bijvoorbeeld een bank zijn al brandtesten gedaan in de juiste omstandigheden. Het is dan goedkoper en betrouwbaarder om deze resultaten te gebruiken in je onderzoek dan om zelf nieuwe brandtesten te doen, waarbij je de omgevingsvariabelen niet goed constant kan houden.
Afbakening Elk onderzoek kent vanuit beperkingen in tijd of geld een bepaalde afbakening. Bij
onderzoek
het interpreteren van de resultaten van het onderzoek moet goed gekeken worden wat nu wel of niet is meegenomen in het onderzoek. In dit geval is gekeken naar een modern appartement. De brand bevindt zich in de woonkamer en er is 1 persoon slapend aanwezig in de slaapkamer. In het onderzoek is alleen gekeken naar het effect van een bepaalde brand. Er is niet gekeken naar de kans dat een bepaalde brand optreedt. De faalkans van bijvoorbeeld rookmelders of een sprinklerinstallatie is wel meegenomen. De overlevingskans is bepaald zonder rekening te houden met de inzet van een zorgverlener, BHV of de brandweer. Er zijn simpelweg te veel variaties hierin mogelijk om te bepalen wat de invloed hiervan is. Het is wel mogelijk om voor de individuele scenario’s te bepalen of op een bepaald moment een zorgverlener nog een succesvolle redding zou kunnen doen.
Variabelen In het onderzoek zijn de volgende variabelen getest: Vier verschillende branden t Woonkamer met moderne inrichting (vulling van banken met PU schuim, niet massief houten meubelen) t Woonkamer met ouderwetse inrichting (vulling van banken met katoen of wol, massief houten meubelen) t Woonkamer met moderne inrichting voorzien van een sprinkler t Woonkamer met moderne inrichting voorzien van een sprinkler waarbij de brand ‘shielded’ oftewel afgeschermd is van het sprinklerwater Drie verschillende personen t Doorsnee persoon t Persoon op leeftijd, licht mobiel beperkt
Type persoon: Doorsnee persoon Persoon met gehoorverlies
Het sluiten van binnendeuren is van groot belang voor de overlevingskans
en licht gehoorverlies t Persoon die zichzelf niet in veiligheid kan brengen bij een brand. Drie variaties met rookmelders t Alleen een rookmelder in de gang t Rookmelders in alle ruimten m.u.v. de badkamer en de wc t Gekoppelde rookmelders in alle ruimten m.u.v. de badkamer en de wc Variaties in de stand van deuren (open of dicht) Variaties in het bezwijken van de buitenramen Wel of geen bovenlicht boven de binnendeuren in het appartement
t Meer mensen ontwaken als gekozen wordt voor een ander rookmeldersignaal. In de onderstaande tabel is het verschil te zien:
Zoals gezegd zou elke gewenste variabele toegevoegd kunnen worden. De variatie in het bezwijken van de buitenramen is opgenomen, omdat het bezwijken van de buitenramen van veel variabelen afhankelijk is waaronder de wind. Bij brandproeven in de Rabottoren in Gent bleef enkel glas gedurende een felle brand gewoon zitten. Pas nadat de brand uit was en er een windvlaag kwam bezweek de ruit alsnog. Het bezwijken van buitenramen zal sterk van invloed zijn op de brand en de overlevingskans. Niet alleen zal het van invloed zijn op de verspreiding van rook in het appartement, maar indien de buitenramen in stand blijven is de kans groot dat een brand zuurstofbeheerst wordt.
t Het sluiten van binnendeuren is van groot belang voor de overlevingskans. Bij elke brand geldt dat de situatie waarbij alle binnendeuren open staan het hoogste percentage doden kent. In onderstaand histogram is de gemiddelde FED weergegeven voor verschillende branden en verschillende standen van deuren. Bij een FED van 1 raakt 50 % van de mensen bewusteloos. Een FED van 1 is genomen als het moment waarop mensen komen te overlijden. Indien iemand overlijdt is voor deze persoon een FED van 1 genomen in de berekening van het gemiddelde. t Een sprinkler is een maatregel die een forse positieve invloed heeft op de overlevingskans. Vooral voor personen die zichzelf niet in veiligheid kunnen brengen zou een woningsprinkler bekeken moeten worden als mogelijke maatregel. Het percentage mensen wat overlijdt bij de verschillende branden is te zien in onderstaande histogram:
Conclusies, bevindingen en aanbevelingen De belangrijkste conclusies en aanbevelingen uit het onderzoek zijn de volgende: t Het geluidsniveau van rookmelders is van groot belang voor het percentage mensen wat ontwaakt. Het is dan ook erg belangrijk dat in de praktijk voldaan wordt aan de eis voor het geluidsniveau uit de NEN 2555:2008. In de praktijk wordt hier vaak niet naar gekeken.
Geluidsniveau ter plaatse van het kussen 45 dBa 55 dBa 65dBa 16 % 37 % 62 % Niet getest 28 % 43 %
75dBa 82 % 57 %
85 dBa 94 % 72 %
95 dBa 97 % 84 %
Type persoon: Doorsnee persoon Persoon met gehoorverlies
Geluidsniveau ter plaatse van het kussen 45 dBa 55 dBa 65dBa 51 % 78 % 89 % Niet getest 61 % 75 %
75dBa 94 % 92 %
85 dBa 100 % 94 %
95 dBa 100 % 97 %
nummer 4
september 2015
27
onderzoek
90 80
0.90 0.80 Modern deuren dicht Modern woonkamer deur open Modern deuren open Oud deuren dicht Oud woonkamer deur open Oud deuren open Sprinkler deuren dicht Sprinkler woonkamer deur open Sprinkler deuren open
0.70 FED
0.60 0.50 0.40 0.30 0.20
% personen wat overlijdt
1.00
70 60 Moderne inrichting 50 40
Ouderweste inrichting Sprinkler Sprinkler afgeschermd
30 20 10
0.10
00
0.00
t )FU NPEFM [PBMT IFU PNTDISFWFO JT JO IFU POEFS[PFL JT VJUFSNBUF HFTDIJLU PN EF FGGFDUFO WBO UPFLPNTUJHF CPVXSFHFMHFWJOH UF POEFS[PFLFO WPPSEBU EF CPVXSFHFMT JO XFSLJOH USFEFO %F CFMBOHSJKLTUF DPODMVTJF WBO IFU POEFS-
[PFL JT EBU FS BM WFFM POEFS[PFL HFEBBO JT %PPS EJU UF MF[FO FO TMJN UF DPNCJOFSFO LVOOFO XF WFFM LFOOJT WFSHBSFO PQ CBTJT WBO IFU POEFS[PFL XBU BM HFEBBO JT /JFVX QSBLUJKLPOEFS[PFL VJUWPFSFO NFU LPTUCBSF CSBOEUFTUFO JT EBO JO WFFM HFWBMMFO OJFU OPEJH
Ruud van Liempd werkt als specialist risico’s en veiligheid bij Brandweer Brabant Noord. Zijn onderzoek is te downloaden via http:// tinyurl.com/overlevingskans of http://goo. gl/WGskp4. Voor meer informatie over het onderzoek kan contact opgenomen worden met Ruud via r.vanliempd@brwbn.nl.
Theuma introduceert innovatief concept voor de transformatiemarkt Steeds vaker vindt er een transformatie plaats van leegstaand vastgoed naar woningen, hotels, lofts en woonzorgcomplexen. Bij de transformatie van deze gebouwen is het van groot belang dat aan de eisen voor brand-, geluid- en/of inbraakwerendheid wordt voldaan. Deuren, kozijnen en hang- en sluitwerk spelen daarbij een belangrijke rol.
dere inpandige woningtoegang, hotelkamers en bergingen. Het bijzondere aan deze deur-kozijncombinaties is dat ze geplaatst kunnen worden in lichte scheidingswanden, zoals metalstud- en prefabwanden, en tevens voldoen aan de in het Bouwbesluit omschreven eisen voor brand-, geluid- en/of inbraakwerendheid.
Speciaal voor de transformatiemarkt biedt Theuma innovatieve oplossingen, zoals het nieuwe Transformatieconcept. Dit zijn kostenbesparende, geattesteerde deur-kozijncombinaties voor onder an-
t 100% gecertiďŹ ceerde deur-kozijncombinaties inclusief hang- en sluitwerk t Een kostenbesparing van minstens 20% ten opzichte van hardhouten deur-kozijncombinaties
Uw voordeel:
t Schoner, eenvoudiger en 40% sneller te monteren dan traditionele hardhouten kozijnen t Geen bewerkingen aan deur of kozijn op de bouwplaats Indien gewenst nemen wij u de totale werkvoorbereiding, coĂśrdinatie op de bouwplaats en de montage uit handen. Zo heeft u ĂŠĂŠn aanspreekpunt tijdens het hele project en heeft u geen omkijken meer naar de deuren, kozijnen en het hang- en sluitwerk. Kijk voor meer informatie op www.theuma.nl/transformatie Transformatieproject: De Nieuwe Admiraliteit, Rotterdam (ABB Bouwgroep BV, Sliedrecht)
28
nummer 4
september 2015
) &# ! ' ' # $$%# % $ # !
((( # ! # % ! ! " # ! # % !
FIBERSHIELD S
® FIRE PROTEC TION
www.stoebichfireprotection.nl
brandveiligheid in de zorg
Betty Rombout
‘Zet de bestuurder aan het stuur’ Tijdens een brandoefening in een zorgcentrum blijkt dat bewoners met reuma het glas van de brandmelder niet kunnen indrukken. Bij de brandtrappen staat een zee aan rollators. Ouderen en/of gehandicapten kunnen de trap niet af. De brandveiligheid moet anders. De hamvraag: hoe zet je als zorgorganisatie integrale brandveiligheid op?
P
eter Schut is partner van Octaaf Advies en als adviseur betrokken bij V&R Academie. De organisaties ondersteunen overheden, zorginstellingen, onderwijsinstellingen en het bedrijfsleven op het gebied van integrale veiligheid, zelfredzaamheid, informatievoorziening en crisismanagement. Schut is bijzonder geïnteresseerd in de zorg in combinatie met brandveiligheid. Hij zegt: “De zorg en ik hebben een echte klik. In deze sector gaat het niet om snel scoren van een order, maar om investeren in relaties. Dat trekt me enorm. En brandveiligheid? Welnu, mijn vader werkte bij de brandweer. Zelf zat ik bij de jeugdbrandweer. En nog steeds ben ik vrijwilliger. Ook die klik is er dus wel.”
Bewustwording bestuurder De afgelopen jaren hebben we veel rapporten voorbij zien komen over brandveiligheid in de zorg. Constatering was keer op keer dat het er niet goed voorstond. Schut: “Maar ik merk nu een mindshift bij de bestuurder. Hij stelt zich de vraag waar hij als bestuurder verantwoordelijk voor is. En wat zegt de wet? Aan de wet voldoen is namelijk niet altijd hetzelfde als ‘het voor elkaar hebben’. Oftewel, ook al voldoet hij aan die wet, dan kan de instelling alsnog vijf of zes slachtoffers tellen bij een brand. Dat is schrikken. Dus beseft de bestuurder, dat hij veel meer zelf achter het stuur moet gaan zitten, samen met de brandweer, gemeente, Raad van Toezicht, OR en Cliëntenraad. Zeker in deze tijd waarin regels veranderen
30
nummer 4
in het kader van het scheiden van wonen en zorg. Mensen met een lagere zzp-indicering (zorgzwaartepakket) blijven nu eerder thuis wonen. Soms met wat hulp van de thuiszorg. Stel er breekt een brand uit in een seniorenflat of een begeleidwonenproject, wie is daar dan verantwoordelijk voor? De zorgorganisatie, gemeente, huurder van het gebouw en/of de cliënt zelf? Zeg het maar. Het is een grijze brei.”
Maken van een plan Hoe zet een zorginstelling een integraal brandveiligheidsplan op? “Het begint bij de genoemde bewustwording van de bestuurder. Daarna kan hij samen met de interne adviseur schetsen hoe de brandveiligheid er binnen de instelling voor staat”, aldus Schut. Hij vervolgt: “Zoals gezegd, misschien voldoet de instelling aan de wet,
samen met gemeente en brandweer – een integraal brandveiligheidsplan met kosten en baten opgesteld te worden. Uiteindelijk besluit het bestuur, na raadpleging van Clientenraad en Raad van Toezicht, welke instrumenten wel of niet worden ingezet. Denk aan diverse bouwkundige maatregelen tot aan het inzetten van sprinklerinstallaties. Ook kan organisatorisch een en ander bijgesteld worden. Iemand in de nachtzorg kost 40.000 euro per jaar. Een instelling kan ervoor kiezen om deze kosten te spenderen aan bijvoorbeeld bouwkundige of installatietechnische instrumenten.”
Borgen brandveiligheid “Wat ik merk”, vervolgt Schut “is dat de technische kant rondom brandveiligheid steeds meer op orde komt. Nu is het zaak
‘Het begint bij de bewustwording van de bestuurder’ maar blijkt de brandveiligheid toch beter te kunnen. Accepteert de bestuurder dit? Vaak wil hij meer of betere brandveiligheid. Maar wat kost het om de vastgoedportefeuille met alle bouwtechnische eisen op het ambitieniveau te brengen? Daarbij is het onder andere van belang te kijken naar hoe lang de instelling het vastgoed nog in haar bezit wil hebben. Kortom, er dient –
september 2015
brandveiligheid ook tussen de oren van de medewerker te krijgen. Dat kan met training in de vorm van bijvoorbeeld opleiding en training, e-learning of veiligheidsbewustzijnscampagnes. Waarmee we ‘duwen’ op het melden van incidenten en het constateren van afwijkingen op standaarden. We zorgen er voor dat een medewerker alert is. Een kabeltje boren door een
brandveiligheid in de zorg
INTENTIEVERKLARING Brancheorganisaties ActiZ, GGZ Nederland, Vereniging Gehandicaptenzorg Nederland (VGN) en Brandweer Nederland gaan samenwerken om de brandveiligheid voor cliÍnten en medewerkers in de langdurige zorg te verbeteren. Op 11 februari jl. hebben de partijen hiertoe een intentieverklaring ondertekend. Met elkaar willen ze investeren in een omslag van een regelgerichte naar een risicogerichte aanpak van brandveiligheid in de zorg. Dit betekent dat zorgorganisaties niet alleen de brandveiligheidsvoorschriften naleven, maar dat zij ook werken aan een veiligheidscultuur in organisaties, aan bewustwording van risico’s bij medewerkers en cliÍnten en aan het bevorderen van brandveilig gedrag.
singen bij brand. Laat staan bijvoorbeeld ouderen of gehandicapten. Er is paniek. Desalniettemin hebben ook zij, net als elk ander individu, een bepaalde verantwoordelijkheid.�
Overheid
brandscheidende wand, kan en mag niet als deze niet weer wordt dichtgemaakt conform de regels. Borg je deze aanpak ook aan de achterkant met het facilitair bedrijf, dan zullen we uiteindelijk zien dat brandveiligheid ook echt in de genen gaat zitten.�
Is het mogelijk om ook de cliĂŤnt wat meer sturing te geven rondom brandveiligheid? Peter Schut: “Dat blijkt lastiger, maar is niet onmogelijk. Het vergt een doelgroepspeciďŹ eke aanpak. ‘Gewone’ burgers hebben al moeite met het nemen van de juiste beslis-
Integrale brandveiligheid binnen een zorgorganisatie begint bij bewustwording en draagvlak van het bestuur. Afhankelijk van de situatie kunnen dus diverse instrumenten ingezet worden. Prettig zou zijn, volgens Schut, als de overheid ook nog eenduidiger wordt wat betreft gelijkwaardige oplossingen. Hij zegt: “Stel een instelling bedenkt iets slims op het gebied van brandveiligheid. Omdat die instelling in zestien veiligheidsregio’s zit van in totaal 250 gemeenten, is er een uitdaging. De instelling moet langs al die regio’s of gemeenten om zijn gelijk te krijgen. Dat valt niet mee. Dus zou het ďŹ jn zijn, als de overheid hierbij een handje helpt. Zorgt voor landelijke eenduidigheid. Zet de bestuurder niet op de rem. Zoals ik al eerder zei, laat hem zelf achter het stuur zitten daar waar het gaat over brandveiligheid.â€? Betty Rombout is freelance journalist
nummer 4
september 2015
31
beurs
Rob Jastrzebski
Negen hectare brandveiligheid De Deutsche Messe in Hannover was van 8 tot en met 13 juni het internationale ontmoetingsplatform voor professionals in de brandweer- en brandveiligheidsbranche. Met 1.500 exposanten uit meer dan vijftig landen, een vloeroppervlak van 90.000 vierkante meter en 157.000 bezoekers was het tevens de grootste editie in de vijftigjarige geschiedenis van Interschutz.
O
p de Interschutz neemt ‘rood’ een voorname plaats in. Honderden nieuwe brandweervoertuigen en andere innovatieve hulpverleningsproducten worden door fabrikanten en leveranciers getoond. Maar in de loop van de decennia is de vijfjaarlijkse brandweervakbeurs een brede veiligheidsbeurs geworden, met naast materieelprogramma’s voor brandweer, geneeskundige hulpverlening, rampenbestrijding en crisismanagement ook een stevig aandeel preventieve brandveiligheid. ‘Vorbeugender Brandschutz’, in Duitse termen.
seren op wetenschappelijk onderzoek naar brandoorzaken en productveiligheid. Samenwerking tussen brandveiligheidsexperts, wetenschap en industrie moet bovenal meer inzicht geven in kansen om minder brandbare producten voor gebouwinrichting en gebruiksvoorwerpen te ontwikkelen. Zo kan al in de plannings- en ontwerpfase van bouwprojecten en productontwikkeling worden gewerkt aan een brandveiliger samenleving. Interschutz is het platform bij uitstek om vakprofessionals in brandveiligheid met elkaar te verbinden en het brandveiligheidsbewustzijn in de samenleving te stimuleren.�
Zorgen over brandstatistiek En die markt heeft in Duitsland nog wel de nodige uitdagingen, want Dirk Aschenbrenner, president van de Vereiniging zur FĂśrderung des Deutschen Brandschutzes (VFDB), slaat in een statement ter gelegenheid van Interschutz alarm over het stijgend aantal branden in de Bondsrepubliek. Tussen 2006 en 2012 steeg het aantal branden van 177.000 naar 194.000. Vooral het toenemend aantal woningbranden baart de VFDB zorgen, omdat daar de meeste brandslachtoffers te betreuren zijn. “Ondanks de vooruitgang op het gebied van brandveiligheid is het in de afgelopen decennia niet gelukt het aantal branden terug te dringenâ€?, aldus Aschenbrenner. “Verdere doorontwikkeling van het vakgebied en intensieve samenwerking tussen alle partijen die actief zijn op het gebied van preventie en veiligheidszorg, is noodzakelijk. Ook moeten we ons beleid meer ba-
32
nummer 4
september 2015
Branche-ontmoetingsplatform De woorden van Aschenbrenner maken duidelijk dat de Duitse en internationale brandveiligheidsmarkt voor dezelfde uitdagingen staan als de Nederlandse sector. ‘Naar links in de veiligheidsketen’, preventie en proactie winnen aan beleidsaandacht ten opzichte van de repressieve brandweertaken. Interschutz is het domein van zowel repressie als preventie. Nieuw deze editie op het gebied van brandpreventie was de ‘Branchentreff Vorbeugender Brandschutz’, een interactief ontmoetingsplein voor brandweerexperts, het bedrijfsleven en leveranciers van brandveiligheids-
beurs
oplossingen. Een formule waarmee de organiserende partijen erkennen dat de overheid en de markt elkaar nodig hebben. Want het is de industrie die zorgt voor innovatie om effectievere oplossingen voor brandveiligheidsvraagstukken te bedenken. Centraal in de beurshal gewijd aan preventie was een forum ingericht, waar vertegenwoordigers van brandveiligheidsfabrikanten, brandweerexperts en andere maatschappelijke partijen kennis en ideeĂŤn met elkaar konden uitwisselen. Met een continu lezingenprogramma en praktijkgerichte presentaties over onder andere nieuwe beveiligingsconcepten voor zorginstellingen, brandveiligheid in de snel groeiende markt van ICT-datacentra en mistblussystemen in industriĂŤle objecten. Tijdens de vakbeurs werd een nieuw kwaliteitskeurmerk voor de Duitse veiligheidsbranche gelanceerd, ‘Safety made in Germany’ (SMG). Dit predikaat wordt toegekend aan bedrijven die zich onderscheiden met excellente producten die de veiligheid in de samenleving bevorderen en die een bijdrage leveren aan innovatie en verbetering van effectiviteit van operationele hulpverlening en crisismanagement. Bij de openingsceremonie van de Interschutz reikte VFDB-voorzitter Aschenbrenner het nationale keurmerk uit aan de eerste vier bedrijven en instellingen.
Made in Holland Het Nederlandse bedrijfsleven kan uiteraard geen aanspraak maken op dit nationaal getinte Duitse keurmerk, maar Nederlandse leveranciers van producten en diensten lieten zich op de Interschutz niet onbetuigd. Made in Holland: brandweervoertuigen, pompsystemen, redgereedschap, veiligheidstextiel en... trainings- en simulatiesystemen! Opleiden, trainen en oefenen voor hulpverlening en crisismanagement is ‘boo-
ming business’. En, in vergelijking met voorgaande edities van de Interschutz is een duidelijke trend naar digitalisering en virtualisering zichtbaar. Realistisch trainen en oefenen door zowel operationele hulpdiensten als bedrijfshulpverleningsorganisaties is noodzakelijk voor routine, maar kent ook praktische beperkingen: het kan niet te vaak, niet overal en is kostbaar en tijdrovend qua organisatie en opzet. De hedendaagse simulatietechnieken bieden voor die markt nieuwe perspectieven en ook Nederlandse bedrijven die op dit terrein actief zijn, spelen in op de trend. Zoals Haagen, wereldleider op het gebied van ontwikkeling en bouw van trainingscentra en –systemen. Naast een breed spectrum aan gasgestookte realistische oefenfaciliteiten waar industriÍle branden en gebouwbranden op elke schaal kunnen worden gesimuleerd, heeft het bedrijf ook elektronische oefenbrandhaarden in zijn assortiment. Met digitale schermen die vlammen nabootsen en handblusmiddelen en straalpijpen met laserlicht in plaats van water. Geen vervanging van het realistisch oefenen met echt vuur, rook en hitte, maar een aanvulling daarop, bezweren de productspecialisten van Haagen. Goed voor het trainen van basisvaardigheden, zonder grote hoeveelheden gas en kostbaar blusmiddel te verspillen. Bovendien zijn deze oefentechnieken niet milieubelastend en kunnen vooral de kleinschalige systemen makkelijk worden meegenomen naar de klant. Bedrijfshulpverleners zijn dan minder werktijd kwijt aan het reizen naar een trainingscentrum op afstand. Een andere Nederlandse speler op de Interschutz was XVR, groot geworden met trainingen en simulaties in het virtuele domein. De tijd dat brandweerlieden en crisismanagers achter een beeldscherm incidentsimulaties te lijf moeten, loopt ten
einde. 3D-trainingstechnieken zijn in opmars en XVR toonde op de beurs wat er allemaal kan. Individueel of in ploegen met een 3D-headset op de virtuele wereld in om een complex brandscenario in een industrieel object of infrastructureel werk te verkennen en te bestrijden. XVR bouwt op wens van de klant iedere fysieke omgeving natuurgetrouw en gedetailleerd na in de virtuele wereld. Dat maakt het bijvoorbeeld mogelijk om hulpverleners al bekend te maken met de lay-out van een verkeerstunnel en daar al incidentscenario’s te beoefenen, terwijl de tunnel nog in aanbouw is of zelfs nog op de tekentafel ligt. Nieuwtje op de beurs: samen met de Deense hulpverlenings- en trainingsmultinational Falck en het Engelse bedrijf Iglo ontwikkelde XVR een simulatie-iglo, een snel te monteren koepelvormige ruimte met projectoren die een scenario 360 graden rondom kunnen projecteren. Twee toepassingen van virtuele oefentechniek, die incidentbestrijders achter het beeldscherm weghalen en ze Ăn het oefenscenario trekken.
Partnerschappen Interschutz is al sinds zijn eerste editie continu in de groei. Het sterk internationale karakter lijkt bij te dragen aan het succes van de alsmaar verder uitdijende beurs. Het evenement trekt in toenemende mate exposanten en bezoekers uit Oost-Europa en het verre oosten. Via partnerschappen met andere Europese landen wordt het Interschutz-concept ook buiten Duitsland uitgedragen in partnervakbeurzen. Dit jaar waren Polen, ItaliĂŤ en Frankrijk de partners van Interschutz. Een samenwerkingsmodel dat in de toekomst misschien ook de Nederlandse markt voor brandweer en veiligheidsinnovatie kansen kan bieden. De volgende editie van Interschutz vindt plaats van 15 tot 20 juni 2020.
nummer 4
september 2015
33
congres Sandra Hunnekens
Nationale Kennisdag Brandpreventie De Oude Duikenburg in Echteld ademde op 10 juni jl. brandveiligheid. Sprekers, bezoekers en exposanten die allemaal ĂŠĂŠn ding gemeen hadden: een grote interesse in en leergierigheid op het gebied van brandpreventie.
D
e Nationale Kennisdag Brandpreventie kende wederom een hoge opkomst. Al vroeg in de ochtend stroomde De Oude Duikenburg vol met bezoekers. Bij ontvangst was er de mogelijkheid kennis te maken met vakgenoten en de diverse standhouders. De standhouders
SKG WK2
30 min
20% voordeliger 40% sneller te plaatsen
Transformatieconcept Innovatieve en kostenbesparende deur-kozijncombinaties voor vastgoedtransformatie s )NBRAAKWEREND 7+ MINUTEN BRANDWEREND EN OF GELUIDWEREND D" s GECERTIlCEERDE DEUR KOZIJNCOMBINATIES INCLUSIEF HANG EN SLUITWERK s 3CHONER EENVOUDIGER EN SNELLER TE MONTEREN DAN TRADITIONELE HARDHOUTEN KOZIJNEN s %EN KOSTENBESPARING VAN MINSTENS TEN OPZICHTE VAN HARDHOUTEN DEUR KOZIJNCOMBINATIES s .ASTELBAAR STALEN KOZIJN MM GESCHIKT VOOR METALSTUD EN PREFABWANDEN GELAKT IN EEN 2!, KLEUR NAAR KEUZE s $E DEUR KAN DIRECT WORDEN AFGEHANGEN IN HET KOZIJN INMETEN EN #.# BEWERKINGEN ZIJN NIET NODIG s )NDIEN GEWENST NEMEN WIJ DE WERKVOORBEREIDING COĂšRDINATIE OP DE BOUWPLAATS EN MONTAGE VAN U OVER +IJK VOOR MEER INFORMATIE OP www.theuma.nl/transformatie
34
nummer 4
september 2015
36 dB
hadden spreekwoordelijk weer ink uitgepakt bij de presentaties van hun producten. Het blijft voor ons fanatici in het vak toch altijd leuk om een sprinklerkop of een brandklep aan te mogen raken.
GemĂŞleerd gezelschap Om half tien was het zo ver en mochten we ons allen begeven naar de karakteristieke plenaire zaal waar de hele dag de presentaties gehouden werden. Bij de opening door Emiel van Rossum werd al snel duidelijk dat we hier met een zeer gemĂŞleerd gezelschap aanwezig waren. Het leek wel of er van elk vakgebied in brandpreventie een groepje vertegenwoordigers was gekomen, om een zo breed mogelijk publiek te hebben. De eerste spreker, GĂŠrard van Oosteren, mocht vervolgens aftrappen met een inhoudelijk verhaal over watermistinstallaties. Zijn conclusie was dat watermist in steeds meer gevallen toepasbaar is door de vele testen die hiervoor worden uitgevoerd. Vervolgens stond het onderwerp Ontvluchtingssimulaties op het programma. Een complex onderwerp dat Van Rossum in begrijpelijke taal wist over te brengen. Wat duidelijk werd, in het algemeen bij simulaties, is dat de belangrijkste component is wie er aan de knoppen zit. Na een presentatie van Daniek de Jager over Rookbeheersing in combinatie met CFD en brandproeven, was het ochtendprogramma klaar en kon iedereen naar de lunch.
-"+%,1!* $+"0"+ 2,,. %"0 2 /04"00"+ 2 + . +! "+ .,,(3"."+!" !"1."+ "+2,1 !&$ 0" *,+0"."+ ,- !" 2),". 3 +! ,# + %"0 -) #,+! "0 -.,$. ** &/ )"2". . &+ !&2"./" %,1! (. %0"+ *"0 2"./ %&))"+ !" +(".-) 0"+ "+ 2,"!&+$"+
&' %"0 ,+0/0 + 2 + ""+ . +! &/ ""+ /+"))" !"0" 0&" 2 + )"2"+/ ") +$ "+ "0.,13 ." .,,( "+ 3 .*0"*")!". &/ ! .,* "//"+0&"") " /".&" %""#0 ""+ $"5+0"$."".!" .") &//,((") $"/ %&(0 2,,. 0,"- //&+$ &+ 2 /04"0&+.& %0&+$"+ "+ &+ /0 0 ,* !" ")"(0.,* $+""0 1&0 0" / % (")"+
+ $"2 ) 2 + . +! *,"0"+ !" !"1."+ !& %0 & 2 * ,*- .0& *"+0".&+$ !"1.!. + $"./ 1&0 3&0/".) +! %" "+ + /0 1&0/0"("+!" #1+ 0&,+")" "&$"+/ % --"+ ,,( ""+ #. & 1&0".)&'( "4" ,*- 0" 1&0 "!")/0 ) $"* (0" !. +$"./ 4&'+ )& %0 &+ %"0 ,-"+"+ "+ /0".( &+ %"0 /)1&0"+ 2 + !" !"1.
Beheersbaarheid van brand Het spits van het middagprogramma werd afgebeten door Hans Smits, die een presentatie hield over Concept Beheersbaarheid van Brand. Smits begon met een aantal prikkelende stellingen, waarop het concept is gebaseerd. Al lopende door de zaal vroeg hij bezoekers hun mening hierover. Hierbij koppelde hij perfect de theorie aan de praktijk, inclusief voorbeelden uit zijn eigen brandweercarrière. De middag werd afgesloten met presentaties van Tim Beumer over sprinklerinstallaties, en Roy Senden over terugdringing van loze brandmeldingen in combinatie met certiďŹ cering.
Volgende editie Kennisdag Presentaties en foto’s zijn te vinden op www.nkdb.nu/kennisdag-juni-2015. De volgende kennisdag staat gepland op donderdag 5 november 2015. U kunt zich hiervoor al aanmelden op www.nkdb.nu. Sandra Hunnekens werkt bij Brandpreventie Academy
nummer 4
september 2015
35
MEET THE WORLD OF SAFETY & SECURITY To protect what is valuable to you and your clients
Safety Safety & & Security 22-24 september 2015
Schrijf nu gratis in! www.safetysecurityamsterdam.nl
SSA 2015 In één dag een complete update van de markt: Marktleider in de Benelux 11.500 m2 beursvloer met (inter)nationale exposanten Innovation LAB: nieuwe trends, ontwikkelingen en innovaties
Organisatie en locatie:
Officiële mediapartners:
Ondersteund door:
Solutions Theater: inhoudelijk programma voor eindgebruikers 23 september, Dag van de Installateur Cyber Security Plein
schadepraktijk
Leo Porrio
Statistieken Cijfers over (grote) branden worden door verschillende instanties verzameld. De statistieken met zowel aantallen, oorzaken als schadebedragen van branden zijn voor schadeprofessionals interessant. Maar een belangrijke informatiebron staat onder druk.
J
aarlijks stelt het CBS op basis van cijfers van gemeentelijke en regionale brandweerkorpsen de Brandweerstatistiek samen. In deze statistiek wordt grofweg een verdeling gemaakt naar: t buitenbranden; t binnenbranden; t brand in woongebouwen; t brand in industrie, landbouw of veeteelt; t brand in gezondheidszorg; t brand in bijeenkomstgebouwen. Als belangrijkste oorzaken van buitenbranden komen elk jaar brandstichting en vandalisme naar boven. Voor binnenbranden is de belangrijkste oorzaak een defect aan of verkeerd gebruik van apparatuur/product.
drijf. Voorwaar geen kleintjes. De jaren 2013 en 2014 zijn nog niet gepubliceerd.
Sprinklerstatistiek
uitgediept. Een knap stukje werk van de commissie die zich met de Brandbrief bemoeide. Deze cijfers worden sinds 2011 door het Nivre verzorgd. Om een betrouwbare statistiek op te bouwen per jaar is het van het grootste belang betrouwbare cijfers te verzamelen. Niet in de laatste plaats zijn verzekeraars gebaat bij een goede schadestatis-
Het CIBV (Certificatie Instelling voor Beveiliging en Veiligheid, voorheen LPCB) publiceert sinds enkele jaren het vervolg op de sprinklerstatistiek van het vroegere BVS (Bureau voor Sprinklerbeveiliging). Na een onderbreking van enkele jaren is dat een gunstige ontwikkeling. In 2014 werden de cijfers van de jaren 2011 en 2012 gepubliceerd. In 2011 werden veertien branden genoteerd, in 2012 waren het er dertien, waarbij een sprinklerinstallatie in werking was getreden. Slechts één incident in 2011 en één in 2012 hebben waarschijnlijk de grens van 1 miljoen euro overschreden (schade 5 resp. 8 miljoen euro) en kwamen in aanmerking voor vermelding in het Nivre (Nederlands Instituut van Register Experts) overzicht grote branden 2011 en 2012. Aannemelijk is dat de andere schades te gering waren om te vermelden in het Nivre-overzicht. In de statistiek werden geen namen vermeld en ook waren de schadegroottes onbekend. Maar via diverse persberichten was het niet moeilijk deze te achterhalen. In 2011 betrof het een cacaofabriek, in 2012 een BRZO-be-
Overzicht grote branden In 1982 startte het Verbond van Verzekeraars met de zogenaamde ‘Brandbrieven’. In de daaropvolgende 28 jaren zijn daarin veel schades de revue gepasseerd met toelichting en zo mogelijk met schadeoorzaken. Veel onderwerpen kregen de nodige aandacht en preventieonderwerpen werden deskundig
tiek. Individueel kent men zijn eigen cijfers vanuit de schademeldingen, maar de totale verzameling van alle verzekeraars over een jaar is niet eenvoudig beschikbaar. Sinds het Nivre zich met de cijfers bemoeit, zijn de schadeoorzaken uit de statistiek verdwenen. Op zich begrijpelijk - want deze zijn niet altijd bekend en het kost veel moeite ze boven water te krijgen - maar niet onmogelijk… Ten tijde van het schrijven van dit artikel (eind juni) is het vierde kwartaal 2014 nog
Het is van het grootste belang betrouwbare cijfers te verzamelen steeds niet gepubliceerd, waardoor een overzicht grote branden over heel 2014 niet eenvoudig wordt. De vraag is wat hiervan de reden is? Mogen we nog wat verwachten zes maanden na afloop van het jaar, of is dit het einde van een lange reeks? Leo Porrio is risk control consultant
nummer 4
september 2015
37
Praktijk
Emiel van Rossum
Omgaan met uitbreiding In economisch goede tijden kan een bedrijf groeien als kool. Bij snelle groei van het bedrijf zal bijvoorbeeld de productiecapaciteit ook moeten groeien. Om die productiecapaciteit onder te brengen, moet ook de huisvesting groeien. Zo kan het zijn dat binnen enkele jaren de gebouwen ink worden uitgebreid.
38
nummer 4
september 2015
Praktijk
W
e hebben in het navolgende project te maken met een bedrijf in de productie industrie uit het westen van Nederland dat in een korte tijd flink gegroeid is.
Achtergrond Een brandcompartiment is de oppervlakte van een bouwwerk dat als maximaal uitbreidingsgebied voor een brand geldt. De doelstelling hiervan is om de brand beheersbaar te houden. In de bouwregelgeving (Bouwbesluit) is de meest voorkomende grootte van een brandcompartiment 1.000 m2 voor nieuwbouw gebouwen. Deze waarde geldt ook vaak bij verbouw of uitbreiding van een gebouw. Het bedrijf waar het hier om gaat is inmiddels uitgegroeid tot meer dan 10.000m2. De laatste stap hierbij is geweest dat twee gebouwen aan elkaar gekoppeld zijn door een verbindende overkapping te realiseren. Het nieuw gecreeerde gebouw is ook één brandcompartiment geworden. Van dat laatste zou je zeggen dat dit niet mogelijk is; één brandcompartiment van meer dan 10.000 m2, zonder verder installatietechnische voorzieningen zoals een sprinklerinstallatie. Maar hier was in het traject wel degelijk over nagedacht. Aangezien het een veel voorkomend probleem is dat men niet kan voldoen aan de maximale compartimentgrootte, heeft de overheid in de jaren negentig een model laten ontwikkelen voor het bepalen van de maximale brandcompartimentgrootte, waarbij de potentiële brand alsnog beheersbaar blijft. In concept ‘Beheersbaarheid van brand’ wordt als eerste de vuurbelasting in het compartiment bepaald. De vuurbelasting is een optelling van alle brandbare materialen, om te bepalen hoe lang de potentiële brandduur is. Als de vuurbelasting bepaald is, zal er beoordeeld worden op basis van de oppervlakte en de brandduur, of en welke maatregelen er ge-
nomen moeten worden om de brand beheersbaar te houden. Deze maatregelen lopen uiteen van alleen brandmuren rondom het grote brandcompartiment, tot zware sprinklerinstallaties. Dit is geheel afhankelijk van de vuurbelasting. In het geval van dit bedrijf was het mogelijk om er één brandcompartiment van te maken, als de vuurbelasting per vierkante meter maar heel erg laag gehouden wordt.
wetgeving, en is de bedrijfscontinuïteit niet gewaarborgd. Wat zou je hier voor maatregelen tegenover kunnen stellen om deze problemen te lijf te gaan. Je zou de bedrijfsvoering zo kunnen aanpassen, dat wel aan het concept beheersbaarheid van brand wordt voldaan. Implicatie hiervan is, dat men in elk geval aan de wetgeving voldoet. Je zou ook het gebouw in twee comparti-
Met een sprinklerinstallatie zijn alle problemen ondervangen Hiervoor is een rapportage opgesteld en de maximale vuurbelasting is hier netjes in vastgelegd.
Probleem Er zijn twee problemen met de voorgaande oplossing. De eerste is dat men onder de overkapping toch iets meer brandbare materialen plaatst dan in de rapportage is toegestaan. Het blijkt erg moeilijk deze erg restrictieve waarden te handhaven. In de praktijk blijkt het erg moeilijk te zijn om het logistiek zo in te richten dat er nooit pallets onder de overkapping geplaatst worden. Daarnaast is ook een overweging die meegenomen moet worden dat als er brand ontstaat, dat het concept is dat het hele gebouw in één keer af mag branden. Het zogenaamde afbrandscenario. De vraag hierbij is, of dit qua bedrijfscontinuïteit wenselijk is.
Overwegingen Er moet een keuze gemaakt worden, dat is duidelijk. Maar waar moet men tussen kiezen, wat zijn de variabelen en implicaties. Op dit moment voldoet men niet aan de
menten in kunnen delen. Hiermee ga je ietsjes ruimer in je jasje zitten, waardoor je iets flexibeler bent met de opslag. Een bijkomend voordeel is dat bijvoorbeeld maar de helft van het gebouw maximaal kan uitbranden. Hierdoor zou het met een goede verdeling van productiecapaciteit mogelijk zijn om productie veilig te stellen. De laatste maar ook meteen de duurste oplossing is het gebouw voorzien van een sprinklerinstallatie. Met een sprinklerinstallatie zijn alle problemen ondervangen: je voldoet aan de wetgeving, kan veel ruimer brandbare materialen opslaan (let op: niet onbeperkt) en bij een brand, zal de bedrijfsonderbreking minimaal zijn.
Oplossing Hier is een keuze te maken die veel impact heeft op financieel vlak, maar ook qua bedrijfscontinuïteit. Dit is een keuze die niet op het niveau van de adviseur ligt, maar op managementniveau. Er is besloten om dit voor te leggen aan de directie en alle kosten en implicaties inzichtelijk te maken. Vervolgens zal de directie op basis hiervan een besluit moeten nemen.
PRAKTIJK Brandveilig bouwen is een zaak van details. Maar juist die details kunnen grote investeringen in veiligheid teniet doen. In de dagelijkse praktijk stuit Emiel van Rossum regelmatig op zulke details. Hij adviseert opdrachtgevers hoe zij vervolgens toch tot een brandveilige oplossing kunnen komen. In deze rubriek deelt hij zijn ervaringen met de lezers van Brandveilig.com. Emiel van Rossum is brandpreventie-adviseur en daarnaast docent bij Brandpreventie Academy. Hij gebruikt zijn ervaringen uit de praktijk om als docent praktijkgericht les te geven. Meer informatie: www.brandpreventie.academy
nummer 4
september 2015
39
column PRODUCT BRANDCERTIFICERING VERSUS EEN ‘VEILIG’ GEBOUW Tijdens de laatste themabijeenkomst van de VBE op 30 juni 2015 werden de ervaringen besproken met 3 jaar inspectiecertificering. Naast bekende marktpartijen nam ook een grote opdrachtgever uit de zorg deel aan het ronde tafel gesprek. Aan het einde van het gesprek stelde de voorzitter de vraag: “Zijn jullie tevreden met de nieuwe inspectiecertificering?” Volmondig werd door de marktpartijen hier positief op gereageerd. Echter, de opdrachtgever uit de gesprekspartners had hier een andere mening over. Naast het gegeven dat hij als opdrachtgever meer geld kwijt was aan de certificering van zijn gebouw heeft hij nog steeds niet het gevoel dat zijn gebouw ‘veilig’ is. Bij navraag licht de opdrachtgever toe: het is nu wel zo bij bijvoorbeeld de deuren dat er wordt gecontroleerd of de deur bij een brandmelding sluit, maar er wordt niet gecontroleerd of deze deur voldoet aan de eisen voor deze brandscheiding. Dit ervaart hij als een groot gemis in het ‘veilig’ krijgen van zijn gebouw. Verder pratend krijg ik te horen hoe problematisch het is om gecertificeerde bouwproducten te krijgen met brandcertificaten die voldoen aan het bouwsysteem waarin ze worden toegepast. Als producent van dit soort producten was ik zeer verbaasd om dit te horen. Zelf vind ik het ‘veilig’ krijgen van je gebouw een mooi voorbeeld waar installatie en bouwkundige certificering elkaar ontmoeten en waar wij als VBE voor opdrachtgevers nog veel kunnen betekenen. Voor wat betreft de brandcertificaten wil ik graag mijn collega’s oproepen mee te helpen Nederland een stukje ‘veiliger’ te maken! Marc Verhelst is eigenaar van Mardoors Bent u VBE lid en wilt u ook een keer een bijdrage leveren aan een column? Mail naar Secretariaat@novb.nl
16 september 2015 – VBE zomerBBQ 7 oktober 2015 – Seminar VBE over industriële brandveiligheid 25 november 2015 - Themabijeenkomst
Thema’s worden bekendgemaakt op Linkedin en op onze website www.brandveiligslimbekeken.nl We hopen u te mogen begroeten op onze themabijeenkomsten!
SEMINAR 2015 INDUSTRIËLE VEILIGHEID Zet hem alvast in de agenda! Op 7 oktober 2015 zal het jaarlijkse VBE seminar plaatsvinden. Het thema dit jaar wordt ‘Industriële Veiligheid’. Het brandveilig maken en houden van industriële gebouwen en terreinen is vaak een complexe en specifieke aangelegenheid. Dat heeft te maken met de uiteenlopende soorten activiteiten, de specifieke producten en processen die plaats vinden. In ons dichtbevolkte land kan een impact van een brand enorm zijn. We kennen allemaal de voorbeelden. Onze overheid probeert daar met passende wet- en regelgeving een antwoord op te geven. Eigenaren van industriële complexen zijn verantwoordelijk voor brandveiligheid en hebben te maken met een reeks van regels. Het beveiligen van de individuele objecten en terreinen is specialistisch werk. Er zijn veel partijen betrokken bij de totstandkoming van goede oplossingen. De Verenigde Brandveiligheid Experts zijn van mening dat betere oplossingen en daarmee betere brandveiligheid in de industrie begint met het delen van kennis. Kennis over de regels, over productieprocessen, brandgedrag en over de mogelijke (preventieve) maatregelen. Het is onmogelijk om alle aspecten van brandveiligheid in de industrie in een dag voorbij te laten komen. Daarom kiest de VBE ervoor een aantal actuele ontwikkelingen onder de aandacht te brengen door sprekers die dagelijks te maken hebben met het thema. De sprekers tijdens het seminar zijn experts die de industrie adviseren en verzekeren, maar ook onderzoek uitvoeren en mogelijke branden blussen. Een overzicht van sprekers en onderwerpen: Introductie ‘industriële brandveiligheid’
Tom de Nooij (Riskonet, Dagvoorzitter)
Meer industriële brandveiligheid vergt minder maar betere regels
Ira Helsloot (Crisislab)
Performance Management m.b.t. tot veiligheid van gevaarlijke stoffen
Genserik Reniers (TU Delft)
Case; praktijkervaringen
Dick Arentsen (Brandweer)
Risicoanalyse en -beoordeling Bescherming brandbare vloeistoffen; bedrijfscontinuïteit of voldoen aan wet- en regelgeving?
Rini de Rooij (FM Global)
Inspection Testing en Maintenance en Europese ontwikkelingen schuim
Jerry Krijn (Dr. Sthamer)
Pleidooi voor performanced based aanpak
Jeanne van Buren (Marsh)
Inschrijven: www.brandveiligheidslimbekeken.nl
40
nummer 4
september 2015
@SPRINKLER_NL
19 mei Filmpjes tonen effectiviteit sprinklers aan http://www. brandveiligwonen.org/demonstratiefilmpjes-sprinklers … #brandweer #preventie #sprinkler
@BRANDVEILIGCOM
20 juli Airconditioning grootste brandgevaar Singapore: http://wp.me/p1NC3N-bhk
@VEBONVEILIG
19 juni VEBON & NOVB bundelen de krachten en gaan verder als één organisatie onder de naam: VEBON-NOVB http://bit.ly/1Gwgchw
THEMABIJEENKOMST INSPECTIECERTIFICERING DRUK BEZOCHT De themabijeenkomst van de VBE van 30 juni stond in het teken van de eerste zes maanden praktijkervaring met inspectiecertificering. Inspectiecertificering is de enige wettelijke mogelijkheid en eis voor certificering. De bijeenkomst bestond uit een paneldiscussie waarbij alle betrokkenen partijen van gebruiker tot het CCV, dat de inspectieschema’s beheert, vertegenwoordigd waren. Ervaringen werden gedeeld en middels stellingen werd de discussie door VBE-voorzitter Maarten de Groot geleid. Waar Willem van Oppen van het CCV aangeeft dat door middel van certificering de doeltreffendheid van de brandveiligheidsinstallaties wordt beoordeeld, vraagt gebruiker Ger Spierings van het Catharina Ziekenhuis zich af wat de waarde is van het certificaat. Naar zijn mening vallen er met name belangrijke bouwkundige aspecten zoals de kwaliteit van branddeuren nog buiten de certificering. Voor gebruikers is het verschil tussen installatiecertificaat en inspectiecertificaat nog verwarrend. De omvang en diepgang van een inspectie van een installatie met of zonder facultatief installatiecertificaat vormde een belangrijke discussiethema. De schema’s zijn zo opgesteld dat de inspectiecertificering efficiënter en goedkoper kan bij een installatie voorzien van een installatiecertificaat. Volgens Paul de Graaf van R2B Inspecties is dit mede afhankelijk van de geconstateerde afwijkingen. Sjaak Taal van Siemens ondervindt nog veel discussie over de diepgang van de certificering. Algehele conclusie is dat het inspectieschema zich in de praktijk nog verder zal moeten ontwikkelen. De betrokkenen binnen de keten van certificering zullen hier een belangrijke bijdrage aan moeten leveren.
Postbus 45 3450 AA Vleuten T: +31 (0)418 510828 E: secretariaat@novb.nl W: brandveiligheidslimbekeken.nl
CONTACTGEGEVENS VBE
Secretariaat VBE Boerhaavelaan 40, 2713 HX Zoetermeer Postbus 45, 3450 AA Vleuten T: +31(0)418 510828 E: secretariaat@novb.nl W: www.brandveiligheidslimbekeken.nl Bent u VBE-lid en wilt u een bijdrage leveren aan deze pagina’s? Of bent u geen lid van het VBE maar wilt u dat wel worden? Neem contact op met het VBE secretariaat!
nummer 4
september 2015
41
Brandveilig.com bedrijvenindex ASPIRATIESYSTEMEN
ADVIESBUREAUS
AerOcheck www.aerocheck.eu SenseTek www.sensetek.nl
Altavilla Brandveiligheid www.altavilla.nl AMMA de Bruin www.ammadebruin.nl
BHV
Bartels Ingenieursbureau www.bartels.nl
Saval Brandbeveiliging www.saval.nl
DGMR dgmr.nl/brandveiligheid
Trigion Brand en Beveiligingstechniek www.trigion.nl
Dijkoraad Viavesta www.brandweerondersteuning.nl
BINNENDEUREN Berkvens www.berkvens.nl
Floriaan www.floriaan.nl
KONE Deursystemen www.konedeursystemen.nl
INNAX gebouwmanagement www.innax.nl KappetijnBriks www.kappetijnbriks.nl Nieman Raadgevende Ingenieurs www.nieman.nl Obex www.obex.nl
RPS Advies- en ingenieursbureau www.rps.nl Trigion Brand en Beveiligingstechniek www.trigion.nl
IBMO www.ibmo.eu Trigion Brand en Beveiligingstechniek www.trigion.nl Walraven www.walraven.com
AFSLUITERS
BERMAD Fire Protection www.bermad.nl
BOUWPLANTOETSING Bartels Ingenieursbureau www.bartels.nl
BRAND/GASDETECTIE
BRANDSLANGHASPELS Chubb Fire & Security www.chubbfs.nl
Trigion Brand en Beveiligingstechniek www.trigion.nl
BRANDTESTEN
Theuma DoorSystems www.theuma.nl
BRANDBEVEILIGING
Efectis (voormalig TNO) www.efectis.com/nl
Dictator Productie www.dictator.nl
Peutz www.peutz.nl
Breman Brandbeveiliging www.bremanbrandbeveiliging.nl
Gerco Beveiligingen www.gerco.com
BRANDVERTRAGING
Chubb Fire & Security www.chubbfs.nl
Hefas Branddetectie www.hefas.nl
DEF Nederland Fire-Technology www.def-firetech.nl
Hugen Brandbeveiliging en Adviesbureau www.hugen.com
BLUSMIDDELEN
Saval Brandbeveiliging www.saval.nl SK FireSafety Group www.skfiresafetygroup.com Smeba Brandbeveiliging www.smeba.nl
Finivlam www.finivlam.nl
Fireprevention.NL www.fireprevention.nl
BRANDWACHTEN SERIS Safety www.seris-group.nl
BRANDWERENDE COATINGS DMS Brandwerende Systemen www.brandwerendeconstructies.nl Sika Nederland www.sika.nl
BRANDWERENDE DEUREN
Chubb Fire & Security www.chubbfs.nl
Trigion Brand en Beveiligingstechniek www.trigion.nl
Hugen Brandbeveiliging en Adviesbureau www.hugen.com
BRANDKLEPPEN BBWest www.bbwest.nl
Brandwerende Deuren en Constructiefabriek Enschede www.bdc-enschede.nl
Nu-Swift Brandbeveiliging www.nu-swift.nl
FSS International www.firestopsystems.nl
Hoefnagels Branddeuren www.hoefnagels.com
Saval Brandbeveiliging www.saval.nl
Systemair www.systemair.nl
KONE Deurystemen www.konedeursystemen.nl
Trigion Brand en Beveiligingstechniek www.trigion.nl
BRANDMELDINSTALLATIES
Merford Special Doors www.specialdoors.nl
Unica Automatic Sprinkler www.unica.nl Wolter & Dros Safety Partners www.wd-safetypartners.nl
AFVALBAKKEN EHCM www.ehcm.nl
BD Service Nederland www.bdservice.nl
DEF Nederland Fire-Technology www.def-firetech.nl Hefas Branddetectie www.hefas.nl Hertek www.hertek.eu Protec Brandbeveiliging www.protecbrandbeveiliging.nl
42
Wolter & Dros Safety Partners www.wd-safetypartners.nl
REINÆRDT Deuren www.reinaerdt.nl
Trigion Brand en Beveiligingstechniek www.trigion.nl
Gerco Beveiligingen www.gerco.com
Unica Automatic Sprinkler www.unica.nl
Trigion Brand en Beveiligingstechniek www.trigion.nl
AFDICHTINGEN
Firestopsupply www.firestopsupply.nl
Reppel www.reppel.nl Walraven www.walraven.com
Chubb Fire & Security www.chubbfs.nl
SK FireSafety Group www.skfiresafetygroup.com
DMS Brandwerende Systemen www.brandwerendeconstructies.nl
Trigion Brand en Beveiligingstechniek www.trigion.nl
Limburgia Utiliteitsdeuren www.limburgia.nl
Trigion Brand en Beveiligingstechniek www.trigion.nl BBWest www.bbwest.nl
Promat www.promat.nl
Saval Brandbeveiliging www.saval.nl
SenseTek www.sensetek.nl
AED
SK FireSafety Group www.skfiresafetygroup.com
Draka Kabel www.draka.nl
Breman Brandbeveiliging www.bremanbrandbeveiliging.nl
BLUSGASINSTALLATIES
Peutz www.peutz.nl
BOUWMATERIALEN
nummer 4
september 2015
Alprokon Aluminium www.alprokon.com
REINÆRDT Deuren www.reinaerdt.nl Stöbich Fire Protection www.stoebichfireprotection.nl Theuma DoorSystems www.theuma.nl
Brandveilig.com bedrijvenindex CFD
KABELS
ROOSTERS
Efectis (voormalig TNO) www.efectis.com/nl Exiss www.exiss.eu
Draka Kabel www.draka.nl
SPRINKLERS
Colt International www.coltgroup.com
Cable Masters www.cablemasters.nl
FSS International www.firestopsystems.nl
Eldra www.eldra.nl
Breman Brandbeveiliging www.bremanbrandbeveiliging.nl Chubb Fire & Security www.chubbfs.nl
Nexans Nederland www.nexans.nl
SK FireSafety Group www.skfiresafetygroup.com
Brandwerende Deuren en Constructiefabriek Enschede www.bdc-enschede.nl
LADDERS
Trigion Brand en Beveiligingstechniek www.trigion.nl
Merford Special Doors www.specialdoors.nl
LUIKEN
Unica Automatic Sprinkler www.unica.nl
Peutz www.peutz.nl
DEUREN INDUSTRIE
REINÆRDT Deuren www.reinaerdt.nl
DEURVERGRENDELINGEN Alprokon Aluminium www.alprokon.com Dictator Productie www.dictator.nl
DROGE BLUSLEIDINGEN
Gorter Luiken www.dakluiken.nl Gorter Luiken www.dakluiken.nl
NOODVERLICHTING Chubb Fire & Security www.chubbfs.nl Hertek www.hertek.eu Nu-Swift Brandbeveiliging www.nu-swift.nl
Van Walraven www.vanwalraven.com Wolter & Dros Safety Partners www.wd-safetypartners.nl
TRAINING/OPLEIDING Chubb Fire & Security www.chubbfs.nl
Trigion Brand en Beveiligingstechniek www.trigion.nl
Saval Brandbeveiliging www.saval.nl
Saval Brandbeveiliging www.saval.nl
Trigion Brand en Beveiligingstechniek www.trigion.nl
Trigion Brand en Beveiligingstechniek www.trigion.nl
Van Walraven www.vanwalraven.com
PARKEERGARAGE-VENTILATIE
VUURLASTBEREKENING
AGC Flat Glass Nederland www.yourpyrobel.com
Systemair www.systemair.nl
Floriaan www.floriaan.nl
Vetrotech Saint-Gobain Benelux www.vetotech.nl
ROOK- EN WARMTEAFVOER
WATERMIST
Brand Veiligheid Inspecties BVI www.bvibv.nl
Colt International www.coltgroup.com
Fire Technology www.firetechnology.nl
Bureau Veritas www.bureauveritas.nl
ROOKMELDERS
SK FireSafety Group www.skfiresafetygroup.com
GLAS
INSPECTIEBUREAUS
Dijkoraad Viavesta www.brandweerondersteuning.nl Kiwa BPSI www.kiwabpsi.nl R2B Inspecties www.r2b.nl
INFRA
Colt International www.coltgroup.com
ISOLATIEMATERIAAL Rockwool Benelux www.rockwool.nl
Colt International www.coltgroup.com
Brakel Atmos www.brakelatmos.com
Dictator Productie www.dictator.nl
First Alert – Sprue Safety www.firstalert.nl
ROOKSCHERMEN
VLUCHTLUIKEN Gorter Luiken www.dakluiken.nl
Bartels Ingenieursbureau www.bartels.nl
DEF Nederland Fire-Technology www.def-firetech.nl
Technoship www.ultrafog.com Unica Automatic Sprinkler www.unica.nl
Brakel Atmos www.brakelatmos.com Colt International www.coltgroup.com
Hoefnagels Brand- en Bedrijfsdeuren www.hoefnagels.com Stöbich Fire Protection www.stoebichfireprotection.nl
Ook in de bedrijvenindex? Bel of mail accountmanager
Unilin Insulation www.unilininsulation.com
Marion Smits: marionsmits@vakmedianet.nl tel. 06-52867200
nummer 4
september 2015
43
Trigion Brand en Beveiligingstechniek | Houttuinlaan 18 | 3447 GM Woerden | tel. (0348) 40 55 00 | fax (0348) 40 55 99 info@trigionbbt.nl | www.trigion.nl | Onderdeel van Facilicom
Trigion. Toonaangevend in veiligheid