Skip to main content

Programmaboek Bachs inspiratie

Page 1


Nederlandse Bachvereniging

BACHS INSPIRATIE

ONDER LEIDING VAN JOHANNA SOLLER

programma

Johann Sebastian Bach (1685-1750)

Wer Dank opfert, der preiset mich, BWV 17 (1726)

Johann Ludwig Bach (1677-1731)

Denn du wirst meine Seele nicht in der Hölle lassen, JLB21 (1710)

PAUZE

Gregor A. Mayrhofer (1987)

The light behind the eyes (2026) Wereldpremière

Johann Sebastian Bach

Gott fähret auf mit Jauchzen, BWV 43 (1726)

uitvoerenden

Nederlandse Bachvereniging

Johanna Soller, dirigent

solisten

Carine Tinney, sopraan

Alex Potter, alt

Daniel Johannsen, tenor

Matthias Winckhler, bas

vocaal ensemble

Marta Paklar, Valérie Stammet, sopraan

Sofia Gvirts, Bernadett Nagy, alt

João Moreira, Emilio Aguilar, tenor

Matthew Baker, Vincent Berger, bas orkest

Evgeny Sviridov, concertmeester

Kirsti Apajalahti, Ruiqi Ren, viool 1

Lucia Giraudo, Anneke van Haaften,

Annelies van der Vegt, viool 2

Deirdre Dowling, Femke Huizinga, altviool

Albert Brüggen, Luka Stefanovic, cello

Robert Franenberg, contrabas

Rodrigo López Paz, Katharina Verhaar, hobo

Javier Sánchez Castillo, fagot

Robert Vanryne, Amir Rabinovitz, Christopher Price, trompet

Emmanuel Frankenberg, klavecimbel

Haru Kiramika, orgel

Marianna Soroka, pauken

speeldata

zo 10 mei 2026

15.00 uur, Amsterdam

Muziekgebouw aan ‘t IJ

di 12 mei 2026

20.15 uur, Alkmaar

Grote Kerk

wo 13 mei 2026

20.15 uur, Nijmegen

Concertgebouw De Vereeniging

do 14 mei 2026

20.15 uur, Utrecht

TivoliVredenburg

vr 15 mei 2026

20.15 uur, Naarden

Grote Kerk Naarden

za 16 mei 2026

20.15 uur, Den Haag

Nieuwe Kerk

zo 17 mei 2026

20.15 uur, Haarlem

PHIL

DRIE COMPONISTEN, ÉÉN VERHAAL

In mei 2025 koos de Nederlandse Bachvereniging haar nieuwe artistiek leider: Johanna Soller (1989), klavecinist, organist, dirigent en oudemuziek-specialist. Ze leidt het Münchener BachChor und Orchester en haar eigen ensemble, Cappella Sollertia. Bachs inspiratie is het eerste programma dat Soller brengt als artistiek leider van de Bachvereniging.

Soller bedacht dit programma al voordat ze wist dat ze de nieuwe artistiek leider was. Toch laat het veel zien over haar aanpak: narratief en historisch doordacht. Soller: “Ik probeer de mensen altijd op een reis te nemen. Ook in dit programma wil ik een verhaal vertellen.”

Een mysterieus jaar

Dat verhaal begint precies 300 jaar geleden: “1726 is een bijzonder jaar. Bach was een harde werker. Hij schreef in de drie jaar hiervoor elke zondag een cantate plus nog muziek voor bijzondere gelegenheden. In 1726 valt hij plotseling stil: hij schrijft bijna geen nieuwe cantates dit jaar, en laat ook de kans liggen om een eigen passie op te voeren op Goede Vrijdag. Het is dus een soort tussenperiode.”

Een mysterieus jaar, dus. Waarom ging workaholic Bach ineens zo weinig componeren? “Dat is speculeren geblazen. Misschien

was hij uitgeput van drie jaar keihard produceren voor zijn baan in Leipzig. Misschien was hij al aan het nadenken over de Matthäus. Misschien waren er wel persoonlijke omstandigheden waar we nu niets meer over weten. Ik wilde eigenlijk vooral weten: wat deed hij wél?”

In plaats van zijn eigen werk zet Bach cantates van zijn verre neef Johann Ludwig Bach op het programma van zijn kerken. Ludwig was acht jaar ouder dan Sebastian en werkte in Meiningen, niet ver van Leipzig waar Bach gestationeerd was. “Ze moeten elkaar zeker tegen het lijf zijn gelopen, wie weet waren ze bevriend. Zoals altijd bij Bach tasten we enigszins in het duister, maar de Bachfamilie was erg close. Het is in elk geval duidelijk dat Sebastian zijn verre familielid bewonderde: je zet niet zomaar achttien cantates op je planning.” Als je elke zondag één cantate opvoert, is dat vier maanden achter elkaar alléén maar Johann Ludwig Bach.

Familie-invloeden

Het is geen toeval dat Bach de muziek van een familielid uitkoos. “De familie Bach kent zijn weerga niet in de muziekgeschiedenis. Bijna al zijn familieleden waren actief

“IK BEWONDER

HOE GREGOR

MAYRHOFER ZICH

IN ZIJN MUZIEK

BEZIGHOUDT MET

DE THEMA’S VAN

NU: HIJ SCHREEF

BIJVOORBEELD EEN STUK OVER RECYCLEN.”

in de muziekwereld, generaties lang. Vier van Bachs eigen zonen werden beroemde componisten, soms geliefder dan hun eigen vader. Maar ook Bachs eigen voorouders waren succesvolle en prestigieuze componisten met aanstellingen aan prominente kerken en hoven. Bach putte graag uit het rijke muzikale archief dat zijn familie nauwkeurig bijhield.”

Omdat Bach zoveel te kiezen had, is het betekenisvol dat Sebastian juist voor Ludwig gaat: “Ik denk dat het hem aansprak hoe direct die muziek was. Ludwig spreekt tot je hart, je weet meteen wat je moet voelen. Je kunt dat horen in de paascantate die we gaan spelen: die begint in complete stilte. Dan ineens wordt die opengebroken door de trompetten en denken we: yes,

hij is opgestaan! Ik heb het idee alsof Sebastian daarvan leert. De Matthäus-Passion die Sebastian een jaar later schrijft zit vol emotie. Ik denk echt dat hij daarbij naar Ludwig heeft gekeken.” Ludwig schreef ook een prachtige rouwcantate, die net als de Matthäus met twee koren en orkesten werkt.

Een andere afslag

“Ik kwam er al snel achter dat de weinige cantates die Bach in 1726 wél schreef nog meer gemeen hebben met Ludwigs stukken. Bach gebruikte exact dezelfde bundel cantateteksten die Ludwig gebruikte, geschreven door hertog Ernst Ludwig von Sachsen-Meiningen. Dat tekstboek heb ik als startpunt genomen voor dit programma. Ik wilde weten hoe drie verschillende componisten reageren op dezelfde teksten.”

Daarom deed Soller deed iets bijzonders: ze vroeg de Duitse componist Gregor A. Mayrhofer of hij nieuwe muziek wilde schrijven op een libretto uit het tekstboek van Ernst Ludwig van SachsenMeiningen. “Ik kende zijn werk uit München. Ik bewonder hoe hij zich in zijn muziek bezighoudt met de thema’s van nu: hij schreef bijvoorbeeld een stuk

over recyclen. Ik wist dat hij een hedendaags perspectief kon toevoegen aan het programma. Hij schreef dit werk dat in deze tournee z’n wereldpremière beleeft speciaal voor ons ensemble, maar componeert in zijn eigen, moderne stijl.” Nadat Mayrhofer het hele tekstboek had gelezen, nam hij een heel andere afslag. Wanneer Soller dit vertelt, is de compositie nog maar net van de pers. Toch weet Soller al precies wat de intentie van de componist is: “Toen er nog geen noot op papier stond, zei hij daarbij al dat hij iets wilde vertellen over de techniek die volgens hem in onze wereld de plek van religie heeft ingenomen.”

Het licht achter de ogen

Mayrhofer liet zich vooral inspireren door de opkomst van AI. Volgens hem zoeken wij mensen naar een gesprekspartner, iets hogers, iets dat meer weet dan wij en steeds net buiten handbereik blijft. Nu steeds meer mensen zich dagelijks tot chatbots wenden, rijst de vraag: waar zitten de parallellen met God? “Mayrhofer werkt vanuit een atheïstisch perspectief; een gelovig mens zal de vergelijking tussen God en een chatbot nooit trekken. Maar hij is geïnteresseerd in de vraag of er parallellen bestaan tussen praten met bijvoorbeeld ChatGPT en bidden tot een hogere macht.”

“De titel, The light behind the eyes, ofwel het licht achter de ogen, slaat op de problematiek van AI. Want veel mensen hebben het gevoel dat ze contact maken met iets of iemand, wanneer ze met AI spreken. Kortom, zit er leven achter het menselijke gezicht van AI? Hoeveel van die interactie zit in ons eigen hoofd? Dat vraagt Mayrhofer zich af.”

Van donker naar licht

Soller kijkt vol enthousiasme naar het aankomende seizoen 2026-2027: “Dit is weliswaar mijn eerste programma als artistiek leider, maar bij het openen van het seizoen begint het feest voor mij echt.” Zoals altijd heeft Soller goed nagedacht over de inhoud van de programma’s: “In het komende seizoen gaan we aan de slag met tegenstellingen en overgangsfases. Donker en licht, bijvoorbeeld, in het kerstprogramma. Ik wil dat heel letterlijk aanpakken: we beginnen met gregoriaans, hopelijk letterlijk in een verduisterde zaal. Dan barst het licht open in de Magnificats van Bach en zijn zoon, Carl Philipp Emmanuel, heel uitbundige stukken. Ik heb er heel veel zin in.”

Het manuscript van BWV 43 in Bachs handschrift (bron: Bach digital)

Gregor Mayrhofer over The light behind the eyes

“The light behind the eyes is een interpretatie van wat een cantate in de 21e eeuw kan zijn. De inspiratiebron voor deze opdrachtcompositie is dezelfde tekstbundel die Johann Sebastian en Johann Ludwig Bach in de achttiende eeuw al gebruikten. Hoewel de existentiële behoeften van de mens sindsdien nauwelijks zijn veranderd, laat de technologische realiteit – met name de opkomst van kunstmatige intelligentie – ons op een andere manier denken over macht, betekenis en bewustzijn. Het libretto kwam in dialoog met AI tot stand, waarmee de grenzen van het auteurschap vervagen: wie creëerde deze gedachten en wie heeft er zeggenschap over?

Wie zijn de ‘goden’ van onze tijd?”

“Het openingsdeel verbeeldt een roep om God te midden van een overweldigende stroom toenemende stemmen. Een Bach-motief verschijnt als eerbetoon en als een structureel zaadje in de compositie. En roept de vraag op of betekenis inherent is of geprojecteerd wordt op waargenomen patronen.”

“In deel II ‘Contractus silens’ staat het geloof zelf centraal: vertrouwen we op goden, mensen, machines of systemen? Deze ‘stille contracten’ beloven houvast, maar veranderen in controlemechanismen. Systemen die bedoeld zijn om ons te dienen, beginnen ons te vormen en te domineren.”

“Deel III ‘Lux silens’ begint met de mechanisch uitgesproken binaire codes* van de woorden ‘LUX’ en ‘BACH’. We raken verstrikt in een web van informatie – niet langer in staat om onze eigen gedachten te onderscheiden van de gedachten die door technologische systemen zijn gevormd.”

“Het slotdeel ‘Lux cogitans’ is visueel vormgegeven als een oog, dat in zijn symmetrie de innerlijke en uiterlijke wereld weerspiegelt. Het proces van waarnemen is ook terug te vinden in de structuur van het stuk: de harmonieën en melodieën zijn gespiegeld rond een centrale noot: de D. Wij mensen jagen voortdurend veelbelovende werelden van succes, macht, faam en rijkdom na – door consumptie, spiritualiteit, ideologie, of virtuele

realiteit, en vaak ten koste van de werkelijkheid zelf. Zo versnelt het groeiende energieverbruik van AI de klimaatverandering, en leidt het onbuigzaam vasthouden aan extreme ideologieën soms zelfs tot zelfdestructie.“

“Dat AI zelf de titel van de compositie genereerde legt een opvallend fenomeen bloot: hoe kan een taalsysteem dat puur op willekeurige woordcombinaties is gebaseerd, zulke poëtische teksten voortbrengen? Dit zegt wellicht minder over de intelligentie van machines dan over ons eigen vermogen, en verlangen, om patronen te herkennen en onszelf

daarin terug te vinden.

De subtiele verschuiving in de titel van het slotdeel - van ‘Eye’ naar ‘I’weerspiegelt de menselijke zoektocht naar bewustzijn en identiteit.

Tegelijkertijd omlijsten de letters ‘A’ en ‘I’ het gedicht van het slotdeel: een verwijzing naar kunstmatige intelligentie. Dit alles roept een bredere vraag op: zouden alle vormen van bewustzijn of intelligentie, menselijk, kunstmatig of goddelijk, uiteindelijk slechts projecties van ons eigen denken zijn?”

*Computers kunnen met elkaar communiceren door gebruik te maken van binaire codes. Deze codes bestaan uit reeksen van 1-en en 0-en.

biografie

Johanna Soller dirigent

Johanna Soller (Burghausen, 1989) is dirigent, klavecinist, organist en docent. Haar werk is geworteld in de historisch geïnformeerde uitvoeringspraktijk, met bijzondere aandacht voor vocale muziek, tekstuitdrukking en liturgische context. Sinds 1 mei 2025 is ze artistiek leider van de Nederlandse Bachvereniging, de zevende in de ruim honderdjarige geschiedenis van het ensemble. Daarnaast is zij sinds het seizoen 2023-2024 artistiek leider van het Münchener Bach-Chor en Bach-Orchester. In 2019 richtte zij Capella Sollertia op, een Münchens barokensemble waarmee zij de Bach-cantatereeks Cantate um 1715 programmeert. Met dit ensemble voltooide zij de integrale opname van de cantates van Johann Ludwig Bach, die in 2026 verscheen en zeer lovend werd ontvangen. Soller is hiernaast actief als gastdirigent bij zowel barokensembles als moderne orkesten. Ook als operadirigent en docent is zij veelgevraagd. Sinds 2023 heeft zij haar eigen oratoriumklas aan de Hochschule für Musik in München. Ze studeerde in München bij onder anderen Michael Gläser, Christine Schornsheim, Edgar Krapp en Bernhard Haas, en ontving meerdere onderscheidingen, waaronder de Bavarian Art Promotion Prize, de Church Music Prize van de BücherDieckmeyer Foundation en de Eugen Jochum Prize for Conductors.

JOHANN SEBASTIAN BACH WER DANK OPFERT, DER PREISET MICH

1. Koor

Wer Dank opfert, der preiset mich, und das ist der Weg, daß ich ihm zeige das Heil Gottes.

2. Recitatief (alt)

Es muß die ganze Welt ein stummer Zeuge werden von Gottes hoher Majestät, Luft, Wasser, Firmament und Erden, wenn ihre Ordnung als in Schnuren geht; ihn preiset die Natur mit ungezählten Gaben, die er ihr in den Schoß gelegt, und was den Odem hegt, will noch mehr Anteil an ihm haben, wenn es zu seinem Ruhm so Zung als Fittich regt.

3. Aria (sopraan)

Herr, deine Güte reicht, so weit der Himmel ist, und deine Wahrheit langt, so weit die Wolken gehen. Wüßt ich gleich sonsten nicht, wie herrlich groß du bist, so könnt ich es gar leicht aus deinen Werken sehen. Wie sollt man dich mit Dank davor nicht stetig preisen? da du uns willst den Weg des Heils hingegen weisen.

4. Recitatief (tenor)

Einer aber unter ihnen, da er sahe, daß er gesund worden war,

Wie dankzegt, die prijst mij en dat is de weg waarlangs ik hem het heil van God laat zien.

De hele wereld moet een stille getuige worden van Gods grote majesteit, als lucht, water, firmament en aarde de hun toegemeten orde volgen; hem prijst de natuur met talloze gaven die hij in haar schoot heeft gelegd en dat wat adem heeft wil nog meer deel aan hem hebben als het tot zijn eer zowel tong als vleugel roert.

Heer, uw goedheid is zo ruim als de hemel, en uw waarheid reikt tot waar de wolken gaan. Als ik al niet zou weten hoe heerlijk groot u bent, dan zou ik het gemakkelijk aan uw werken kunnen aflezen. Wat kunnen wij anders doen dan u daarvoor steeds dankbaar prijzen? Want u wilt ons de weg van het heil wijzen.

En één van hen, toen hij zag dat hij genezen was,

kehrete um und preisete Gott mit lauter Stimme und fiel auf sein Angesicht zu seinen Füßen und dankte ihm, und das war ein Samariter.

5. Aria (tenor)

Welch Übermaß der Güte schenkst du mir!

Doch was gibt mein Gemüte dir dafür?

Herr, ich weiß sonst nichts zu bringen, als dir Dank und Lob zu singen.

6. Recitatief (bas)

Sieh meinen Willen an, ich kenne, was ich bin: Leib, Leben und Verstand, Gesundheit, Kraft und Sinn, der du mich läßt mit frohem Mund genießen, sind Ströme deiner Gnad, die du auf mich läßt fließen.

Lieb, Fried, Gerechtigkeit und Freud in deinem Geist sind Schätz, dadurch du mir schon hier ein Vorbild weist, was Gutes du gedenkst mir dorten zuzuteilen und mich an Leib und Seel vollkommentlich zu heilen.

7. Koraal

Wie sich ein Vat’r erbarmet übr seine junge Kindlein klein: So tut der Herr uns Armen, so wir ihn kindlich fürchten rein. Er kennt das arme Gemächte, Gott weiß, wir sind nur Staub.

keerde om en prees God met luider stem en viel op zijn aangezicht voor zijn voeten neer en bedankte hem, en dat was een Samaritaan.

Wat een overvloed aan goedheid schenkt u mij!

Maar wat geeft mijn hart u daarvoor terug?

Heer, ik weet u niets anders te brengen dan een lied van dank en lof.

Kijk naar mijn wil, ik weet wat ik ben: lichaam, leven en verstand, gezondheid, kracht en geest, waarvan u mij met verheugde mond laat genieten, zijn stromen van uw genade, die u over mij uitstort. Liefde, vrede, gerechtigheid en vreugde in uw Geest zijn schatten waarmee u mij hier al een voorproefje geeft van het goede dat u mij daarginds wil toebedelen en van de volledige genezing die u mij naar lichaam en ziel wil schenken.

Zoals een vader zich ontfermt over zijn kleine kinderen, zo doet de Heer dat met ons, stakkers, die hem kinderlijk vrezen. Hij kent het arme maaksel dat wij zijn, God weet dat wij slechts stof zijn.

Gleich wie das Gras vom Rechen, ein Blum und fallendes Laub, der Wind nur drüber wehet, so ist es nimmer da: also der Mensch vergehet, sein End, das ist ihm nah.

Zoals het gras dat wordt weggeharkt, een bloem en vallend blad, de wind hoeft er maar overheen te waaien en het is er niet meer: zo vergaat ook de mens, zijn einde nadert.

JOHANN LUDWIG BACH
DENN DU WIRST MEINE SEELE NICHT

IN DER HÖLLE LASSEN

1. Arioso (bas)

Denn du wirst meine Seele nicht in der Hölle lassen und nicht zugeben, daß dein Heiliger verwese.

2. Recitatief (sopraan)

Mein Jesus ware tot, nun aber lebet er von Ewigkeit zu Ewigkeit; sein Auferstehen rettet mich aus Sterbensnot und hat mir durch das Grab den Lebensweg bereit’. Wie könnt es anders sein; ein Mensch, der kann zwar sterben, Gott aber lebet immerdar; stirbt er nun als ein Mensch, so kann der Sarg ihn nicht verderben, vielmehr kommt die Verwesung in Gefahr. Er, der mir schon an Fleisch ist gleich gewesen, wollt durch den letzten Feind mir auch noch ähnlich sein. Ich bin durch sein Begräbnis erst genesen,

Want u zult mijn ziel niet in de hel laten en niet toestaan dat uw heilige vergaat.

Mijn Jezus was dood, maar nu leeft hij van eeuwigheid tot eeuwigheid; zijn opstanding redt mij uit de stervensnood en heeft door het graf mijn levensweg gereedgemaakt. Hoe zou het anders kunnen; een mens kan sterven, maar God leeft altijd; wanneer hij nu als een mens sterft, kan de doodkist hem niet laten vergaan, de ontbinding komt juist in gevaar. Hij die al in het vlees aan mij gelijk was geworden wilde ook wat betreft die laatste vijand nog op mij lijken. Zijn begrafenis heeft mij pas genezen,

und zieht die Unvergänglichkeit in meine Schwachheit ein, die mich ihm einverleibet, damit mein Leib, wie er, nicht in der Erd verbleibet.

3. Duet (sopraan, alt)

Weichet, weichet, Furcht und Schrecken ob der schwarzen Todesnacht!

Christus wird mich auferwecken, der sie hat zum Licht gemacht und den Tod im Sieg verschlungen, als er durch das Grab gedrungen.

4. Aria (tenor) Entsetzet euch nicht. Ihr suchet Jesum von Nazareth, den Gekreuzigten; er ist auferstanden und ist nicht hie.

5. Aria (sopraan)

Auf, freue dich, Seele, du bist nun getröst’, dein Heiland, der hat dich vom Sterben erlöst. Es zaget die Hölle, der Satan erliegt, der Tod ist bezwungen, die Sünde besiegt. Trotz sprech ich euch allen, die ihr mich bekriegt.

6. Terzet (sopraan, tenor, bas)

Wo bleibet dein Rasen du höllischer Hund, wer hat dir gestopfet den reißenden Schlund, wer hat dir, o Schlange, zertreten das Haupt und deine siegprangende Schläfe entlaubt? Sag, Hölle, wer hat dich der Krafte beraubt?

de onvergankelijkheid neemt haar intrek in mijn zwakheid en lijft mij bij hem in zodat mijn lichaam, net zoals hij, niet in de aarde blijft.

Weg, weg, schrik en angst voor de zwarte doodsnacht! Christus zal mij opwekken, hij heeft de nacht veranderd in licht en zegevierend de dood verslonden toen hij door het graf heen ging.

Wees niet bang. Jullie zoeken Jezus van Nazareth, de gekruisigde; hij is opgestaan en is niet hier.

Kom, verheug je, ziel, nu ben je gerust, je Heiland heeft je van het sterven verlost. De hel beeft, de satan bezwijkt, de dood is bedwongen, de zonde overwonnen. Ik trotseer iedereen die oorlog tegen mij voert.

Waar blijft je geraas, hellehond, wie heeft je verscheurende muil dichtgestopt, wie heeft je kop vertrapt, o slang, en je triomfantelijke slapen ontbladerd? Zeg me, hel, wie heeft je van je krachten beroofd?

Hier steht der Besieger bei Lorbeer und Fahn, eilt, eilet, verrennet dem Rückgang die Bahn!

Du giftige Natter, verneure den Stich, Tod, greife den Stachel und würge um dich, ein jedes versuche das beste vor sich!

Seid böse, ihr Feinde, und gebet die Flucht: es ist doch vergebens, was ihr hier gesucht. Der Löwe von Juda tritt prächtig hervor, ihn hindert kein Riegel noch höllisches Tor.

7. Duet (sopraan, alt)

Ihr klaget mit Seufzen, ich jauchze mit Schall, ihr weinet, ich lache: ob einerlei Fall; euch kränket die plötzlich zerstörete Macht, mir hat solch Verderben viel Freude gebracht, so künftig Tod, Teufel und Sünde verlacht.

8. Sonata

9. Recitatief (tenor bas) / Quartet (sopraan, alt, tenor, bas) Drum danket dem Höchsten, dem Störer des Krieges, dem gütigen Geber so glücklichen Sieges! Sprich, Seele: mein Jesu, mein Helfer, mein Port, du Fülle der Satzung

Hier staat de overwinnaar met lauwerkrans en vlag, snel, snel, versper de terugtocht!

O giftige slang, bijt opnieuw, dood, grijp de stekel en wurg om je heen, doe maar je best allemaal!

Wees kwaadaardig, vijanden, en sla op de vlucht: het is toch tevergeefs wat jullie hier zoeken. De leeuw van Juda verschijnt in volle luister, niet gehinderd door grendel of hellepoort.

Jullie klagen zuchtend, ik juich schallend, jullie huilen, ik lach: om dezelfde dingen; het krenkt jullie dat je macht plotseling is vernietigd, mij heeft die ondergang veel vreugde gebracht, zodat ik voortaan kan spotten met dood, duivel en zonde.

Dank dus de Allerhoogste, die een eind aan de oorlog heeft gemaakt, die voor deze geslaagde overwinning heeft gezorgd! Spreek, ziel: Mijn Jezus, mijn helper, mijn haven, vervuller van de wet

und donnerndem Wort, bleib künftig, mein Heiland, mein Beistand, mein Hort!

Dir schenk ich mich eigen, vertilge die Sünd, die sich noch in Geistern und Herzen befind. Regier die Begierden und halte sie rein, und weil du gebüßet durch schmerzliche Pein, so decke die Schulden dein Grabmal und Stein.

10. Koraal

Weil du vom Tod erstanden bist, werd ich im Grab nicht bleiben; mein höchster Trost dein’ Auffahrt ist, Todsfurcht kann sie vertreiben. Denn wo du bist, da komm ich hin, daß ich stets bei dir leb und bin; drum fahr ich hin mit Freuden.

en donderend woord, blijf altijd mijn Heiland, mijn bijstand, mijn toevlucht!

Ik schenk mijzelf aan u, verdelg de zonde die zich nog in geesten en harten bevindt. Toom de begeerten in en houd ze rein, en omdat u hebt geboet met grote pijn, moge uw grafsteen de schulden bedekken.

Omdat u uit de dood bent opgestaan, zal ik niet in het graf blijven; mijn grootste troost is uw opstanding, die kan mijn angst voor de dood verdrijven. Want waar u bent, daar zal ik komen, zodat ik altijd bij u leef en ben; daarom ga ik met vreugde heen.

PAUZE

GREGOR A. MAYRHOFER

THE LIGHT BEHIND THE EYES

I. GOTT, HILF MIR…

(Recitatief, koor en aria klinken gelijktijdig en door elkaar)

1. Recitatief (sopraan, tenor) Ich rufe, Herr! Und du antwortest nicht; Ich rede, und du willst mich doch nicht hören, verbirgst vor mir dein Angesicht und lässt die matte Seel in Klagen sich verzehren. Wo bleibt dein Wort?

Ik roep, Heer!

En u antwoordt niet. Ik spreek, en u wilt mij niet horen, verbergt voor mij uw aangezicht en laat de vermoeide ziel zich in klaagzang verliezen. Waar blijft uw woord?

Wo bleibt deine Kraft?

Ist deine Hand verkürzt?

Ist auch dein Ohr verstopft? Was schläfst du?

Wache auf! Eh ich werd hingerafft.

Sieh doch, wie meine Not an deine Pforte klopft.

2. Koor

Gott! Hilff mir;

denn das Wasser geht mir bis an die Seele. Ich versinke im tiefen Schlamm, da kein Grund ist.

Ich bin im tiefen Wasser, und die Flut will mich ersäufen. Ich habe mich müde geschrien mein Hals ist heisch, das Gesicht vergehet mir, dass ich so lange muss harren auf meinen Gott.

Qual und Schmerz hat mich betreten; Mein geängstes Herze zagt, Weil es Welt und Sünde plagt.

Eile, Herr!, mich zu erretten. Ziehst du mich nicht bald zu dir, greift die Hölle gar nach mir.

Waar blijft uw kracht?

Is uw hand te kort?

Is ook uw oor verstopt?

Waarom slaapt u?

Word wakker! Voordat ik word weggerukt.

Zie toch hoe mijn nood aan uw poort klopt.

God! Help mij; want het water reikt tot aan mijn ziel. Ik zak weg in de diepe modder, waar geen bodem is.

Ik sta in diep water, en de vloed wil mij verdrinken.

Ik heb mijn keel schor geschreeuwd, mijn stem is schor, ik verlies het bewustzijn, omdat ik zo lang moet wachten op mijn God.

Kwelling en pijn hebben mij overvallen. Mijn angstige hart beeft, omdat het de wereld en de zonde teistert. Haast u, Heer!, om mij te redden. Als u mij niet spoedig tot u trekt, zal de hel mij zelfs grijpen.

II. CONTRACTUS SILENS

CREED BETWEEN US AND THE WORL

Between us and the world lie silent contracts.

Tussen ons en de wereld bestaan stilzwijgende contracten.

We believe in stories and GODS because they are greater than us because they weave roots in the abyss of meaninglessness because they let us grow towards a heaven where we see ourselves in the radiance of our invented stars.

We believe in souls and HUMANS because their eyes shine and tremble because their contradictions speak with our shadows because their cracks reveal how deeply we search how truly we fail.

We believe in technology and MACHINES because they never doubt because they seem invincible in their effortless clarity because they calculate tirelessly, sorting our world when we drown in our questions.

Wij geloven in verhalen en GODEN

omdat

zij groter zijn dan wij omdat

zij zorgen voor wortels in de afgrond van zinloosheid omdat

zij ons naar de hemel laten groeien waar we onszelf zien in de straling van onze zelfbedachte sterren.

Wij geloven in zielen en MENSEN omdat hun ogen schitteren en trillen omdat hun tegenstrijdigheden spreken met onze schaduwen omdat

hun barsten onthullen hoe diep we zoeken hoezeer we werkelijk falen.

Wij geloven in technologie en MACHINES omdat ze nooit twijfelen omdat ze onoverwinnelijk lijken in hun moeiteloze helderheid omdat ze onvermoeibaar berekenen en onze wereld ordenen wanneer we verdrinken in onze vragen.

We believe in patterns and SYSTEMS because we fear the unknown. We grant them authority to guide our light, until slowly the light guides us, until we become a shadow of the shining system. What we released as order comes back as force.

Hopes and silent contracts –did we not create them to serve us? but we follow them like slaves. Perhaps our masters and gods have only ever been vessels –forms into which we poured our fear of our own thinking.

Does the vessel know, it is being filled?

We geloven in patronen en SYSTEMEN omdat we bang zijn voor het onbekende We geven ze autoriteit om ons licht te leiden, totdat het licht ons langzaam leidt, totdat we een schaduw worden van het stralende systeem. Wat we als orde hebben losgelaten komt terug als kracht.

Hoop en stilzwijgende afspraken –hebben we die niet gecreëerd om ons te dienen? Maar we volgen ze als slaven. Misschien zijn onze meesters en goden altijd slechts vaten geweest –vormen waarin we onze angst voor ons eigen denken hebben gegoten.

Weet het vat dat het gevuld wordt?

III. LUX SILENS

THE CHATTY SILENCE OF THE MACHINES

01001100 | 01010101 | 01011000

01000010 | 01000001 | 01000011 | 01001000

Sopraan, alt, tenor, bas en koor Lux silens.

Tirelessly they reach into the light dividing formless streams into flickering data. They calculate in eternity they call it ‘now’

01001100 | 01010101 | 01011000

01000010 | 01000001 | 01000011 | 01001000

Stil licht.

Onvermoeibaar reiken ze naar het licht en verdelen vormloze stromen in flikkerende data. Ze rekenen in de eeuwigheid ze noemen het ‘nu’

spinning answers quicker, than we knew about the questions.

No longer knowing: Which ones were ours? Which ones were theirs?

Imperceptibly they pull between our heads spinning bright immaterial strings of light. And every shimmer one more shining thread of light connecting us tying us until we hover spun up in the bright weaving of their tireless work, ensnared in a thought-web of light.

No doubt. No hesitation. Not stopping…

Only sometimes when commands fall silent one hears a whisper between the numbers. So subtle that one cannot say: whether memory or longing or the unknown reaches for us, as we once reached for the light.

Lux silens!

en spinnen antwoorden sneller dan we de vragen kennen. We weten niet meer: Welke waren van ons? Welke waren van hen?

Onmerkbaar trekken ze tussen onze hoofden en spinnen heldere, immateriële lichtdraden.

En elke glinstering is weer een stralende lichtdraad die ons verbindt, ons bindt totdat we zweven, verstrikt in het heldere weefsel van hun onvermoeibare werk, in een gedachtenweb van licht.

Zonder twijfel. Zonder aarzeling. Zonder stoppen,...

Slechts af en toe, wanneer de bevelen verstommen, hoor je een gefluister tussen de getallen.

Zo subtiel dat je niet kunt zeggen: of het de herinnering is, of het verlangen, of het onbekende dat naar ons reikt, zoals wij ooit naar het licht reikten.

Stil licht!

teksten

IV. LUX COGITANS - THE LIGHT BEHIND THE I

A Do sparks know they shine? spark Does fire know it burns? stolen from heaven, Do we open our eyes did not ask for permission to see — draws veins of light through or to be the jagged body of our world. seen?

Like insects in the dark we hunt When we stop asking the distant glow — a promised light beyond our reach – until we are where the sight begins caught in its shining web. Mirrored a millionfold the mirror turns in the compound eyes of the machines the light itself no longer knowing looks back if we are spider at us, or fly.

A asking sting of us: light turns inward: Who becoming warmth holds sensation feeling the spark? luminous fire! In haste h u m a n s ? we feed the g o d s ? embers of the now m a c h i n e s ? willingly burning up reality for the sake of our glow, or that fleeting moment that until the ash begins to speak awakens the now to life?

a question a flicker between that creates eyelid and dream: the questioner :

Een

IV.

LUX COGITANS

- HET LICHT ACHTER HET IK

Weten vonken dat ze schijnen? vonk Weet vuur dat het brandt? gestolen uit de hemel, Openen we onze ogen vroeg niet om toestemming om te zien — en trekt lichtstralen of om gezien door het grillige lichaam van onze wereld. te worden?

Als insecten in het donker jagen we Als we stoppen met vragen op de verre gloed — een beloofd licht buiten ons bereik – totdat we verstrikt zijn waar het zicht begint in zijn glinsterende web. Miljoenen keren weerspiegeld draait de spiegel, in de facetogen van de machines het licht zelf niet langer wetend kijkt terug of we een spin naar ons, of een vlieg zijn. Een en vraagt steek van ons: licht keert naar binnen: Wie wordt warmte heeft sensatie gevoel de vonk in handen? lichtgevend vuur! Haastig m e n s e n ? voeden we de g o d e n ? smeulende resten van het nu m a c h i n e s ? verbranden willens en wetens de realiteit ter wille van onze gloed, Of dat vluchtige moment dat totdat de as begint te spreken het nu tot leven wekt?

een vraag Een flits tussen gecreëerd door ooglid en droom: de vragensteller: H e t L i c h t a c h t e r h e t Ik

JOHANN SEBASTIAN BACH GOTT FÄHRET AUF MIT JAUCHZEN

1. Koor

Gott fähret auf mit Jauchzen und der Herr mit heller Posaunen. Lobsinget, lobsinget Gott, lobsinget, lobsinget unserm Könige.

2. Recitatief (tenor)

Es will der Höchste sich ein Siegsgepräng bereiten, da die Gefängnisse er selbst gefangen führt. Wer jauchzt ihm zu? Wer ists, der die Posaunen rührt? Wer gehet ihm zur Seiten?

Ist es nicht Gottes Heer, das seines Namens Ehr, Heil, Preis, Reich, Kraft und Macht mit lauter Stimme singet und ihm nun ewiglich ein Halleluja bringet.

3. Aria (tenor)

Ja tausend mal tausend begleiten den Wagen, dem König der Kön’ge lobsingend zu sagen, daß Erde und Himmel sich unter ihm schmiegtund was er bezwungen, nun gänzlich erliegt.

4. Recitatief (sopraan)

Und der Herr, nachdem er mit ihnen geredet hatte, ward er aufgehaben gen Himmel, und sitzet zur rechten Hand Gottes.

God stijgt op onder gejuich en de Heer onder bazuingeschal. Zing de lof, zing de lof van God, zing de lof, zing de lof van onze koning!

De Allerhoogste wil een triomftocht gaan houden door de gevangenissen zelf gevangen te nemen. Wie juicht hem toe? Wie is het die op de bazuinen blaast? Wie vergezelt hem?

Is het niet Gods leger, dat de eer, het heil, de lof, het rijk, de kracht en de macht van zijn naam luidkeels bezingt en hem nu eeuwig een Halleluja toeroept.

Ja, duizenden vergezellen de wagen om de koning der koningen lofzingend te vertellen dat aarde en hemel zich naar hem voegen en dat wat hij heeft bedwongen nu geheel onderworpen is.

En de Heer werd, nadat hij met hen had gesproken, opgeheven naar de hemel, en hij zit aan de rechterhand van God.

5. Aria (sopraan)

Mein Jesus hat nunmehr das Heilandwerk vollendet und nimmt die Wiederkehr zu dem, der ihn gesendet. Er schließt der Erde Lauf, ihr Himmel, öffnet euch, und nehmt ihn wieder auf!

6. Recitatief (bas)

Es kommt der Helden Held, des Satans Fürst und Schrecken, der selbst den Tod gefällt, getilgt der Sünden Flecken, zerstreut der Feinde Hauf; ihr Kräfte, eilt herbei und holt den Sieger auf.

7. Aria (bas)

Er ists, der ganz allein die Kelter hat getreten voll Schmerzen, Qual und Pein, Verlorne zu erretten durch einen teuren Kauf. Ihr Thronen, mühet euch und setzt ihm Kränze auf!

8. Recitatief (alt)

Der Vater hat ihm ja ein ewig Reich bestimmet: Nun ist die Stunde nah, da er die Krone nimmet vor tausend Ungemach. Ich stehe hier am Weg und schau ihm freudig nach.

Mijn Jezus heeft nu het verlosserswerk voltooid en keert terug naar wie hem had gezonden. Hij sluit zijn weg op aarde af, hemelen, open je, en neem hem weer op!

De held der helden komt eraan, hij die Satan de baas is en angst aanjaagt, die zelfs de dood heeft vernietigd, de smet van de zonden heeft verwijderd, de vijandelijke bende heeft verstrooid; machten, kom snel en vier de intocht van de overwinnaar.

Hij is het die geheel alleen in de wijnpers heeft gestampt vol smart, kwelling en pijn, om verlorenen te redden door hen tegen een hoge prijs vrij te kopen. Tronen, doe je best en zet hem kransen op!

De Vader heeft immers een eeuwig rijk voor hem bestemd; nu nadert het moment dat hij de kroon ontvangt voor zoveel leed. Ik sta hier langs de weg en kijk hem verheugd na.

9. Aria (alt)

Ich sehe schon im Geist, wie er zu Gottes Rechten auf seine Feinde schmeißt, zu helfen seinen Knechten aus Jammer, Not und Schmach. Ich stehe hier am Weg und schau ihm sehnlich nach.

10. Recitatief (sopraan)

Er will mir neben sich die Wohnung zubereiten, damit ich ewiglich ihm stehe an der Seiten, befreit von Weh und Ach!

Ich stehe hier am Weg, und ruf ihm dankbar nach.

11. Koraal

Du Lebensfürst, Herr Jesu Christ, der du bist aufgenommen gen Himmel, da dein Vater ist und die Gemein der Frommen, wie soll ich deinen großen Sieg, den du durch einen schweren Krieg erworben hast, recht preisen und dir gnug Ehr erweisen?

Zieh uns dir nach, so laufen wir, gib uns des Glaubens Flügel! Hilf, daß wir fliehen weit von hier auf Israelis Hügel! Mein Gott! wenn fahr ich doch dahin, woselbst ich ewig fröhlich bin? Wenn werd ich vor dir stehen, dein Angesicht zu sehen?

Ik zie al in de geest hoe hij aan Gods rechterhand inslaat op zijn vijanden om zijn dienaren te redden uit ellende, nood en smaad.

Ik sta hier langs de weg en kijk hem verlangend na.

Hij wil voor mij naast zich een woning gereed maken opdat ik eeuwig naast hem zal staan, bevrijd van ach en wee!

Ik sta hier langs de weg en roep hem dankbaar na.

O levensvorst, Heer Jezus Christus, die bent opgenomen in de hemel waar uw Vader is en de gemeenschap van de vromen, hoe moet ik uw grote overwinning, die u met zware gevechten hebt behaald, op de juiste manier prijzen en u voldoende eer bewijzen?

Trek ons achter u aan, dan volgen wij haastig, geef ons de vleugels van het geloof! Help ons dat wij hier ver vandaan vluchten naar Israëls heuvels!

Mijn God, wanneer ga ik toch daarheen waar ik voor eeuwig vrolijk ben? Wanneer zal ik voor u staan en uw aangezicht zien?

IEDEREEN VOOR BACH

De Nederlandse Bachvereniging is een uniek en toonaangevend vocaal-instrumentaal ensemble.

Ruim honderd jaar geleden begonnen we met het uitvoeren van Johann Sebastian Bachs Matthäus-Passion in Grote Kerk Naarden.

Sindsdien zetten we ons met hart en ziel in om Bachs muziek met de wereld te delen. Dit doen wij met een schat aan ervaring en op het allerhoogste niveau.

De afgelopen eeuw is ons ensemble uitgegroeid tot een professionele groep spelers, zangers en doorgevers van het werk van Bach en zijn tijd- en geestgenoten. Onze musici spelen op historische instrumenten en worden gedreven door nieuwsgierigheid en speelplezier. Onze missie Bach voor iedereen geven we vorm met ruim zestig concerten per jaar, educatieve projecten, talentontwikkeling en All of Bach: we nemen alle werken van Bach op in audio- én video en maken de opnames gratis toegankelijk via onze website en YouTube. Zo kunnen muziekliefhebbers over de hele wereld altijd en overal genieten van Bachs muziek in de hoogste kwaliteit.

bachvereniging.nl youtube.com/bach

Maak elk concert kennis met een zanger of instrumentalist uit ons ensemble. Deze keer:

Sofia Gvirts

Ik ben geboren in Sint-Petersburg.

Mijn ouders stuurden me naar de muziekschool zodat ik niet op straat zou rondhangen. Daar heb ik viool gestudeerd. Eigenlijk wilde ik naar de kunstacademie, maar de muziekschool lag dichterbij, dus heb ik daar uiteindelijk voor gekozen.

Omdat ik het heel goed deed op school, dacht ik dat ik chemicus of journalist zou worden. Ik speelde viool zonder veel enthousiasme en wilde er regelmatig mee stoppen. Maar op een dag, toen ik veertien was, kwam ik per ongeluk terecht in het nationale radio- en tv-

kinderkoor, waarmee ik de hele wereld rondreisde. Vanaf dat moment begon mijn ware liefde voor muziek. Weer later behaalde ik twee diploma’s in koordirectie – aan de hogeschool verbonden aan het Conservatorium van Sint-Petersburg en aan het conservatorium zelf – nog steeds zonder de intentie om zanger te worden.

Na verloop van tijd raakte ik echter geïnteresseerd in barokmuziek en besloot ik mijn kennis te verdiepen: ik begon aan een masteropleiding in Keulen. Na mijn afstuderen werkte ik met veel bekende barokensembles in Europa en kwam ik stap voor stap op de een of andere manier terecht bij de Nederlandse Bachvereniging. Ik ben Bach erg dankbaar voor mijn lot. Zonder hem zou dit allemaal niet gebeurd zijn.

subsidiënten en sponsors

Subsidiënten

Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap

Gemeente Utrecht

Premium partner

Deloitte

Sponsors

Aegon nv

Delen Private Bank

EQT Life Sciences

Grant Thornton

INCISION, Sharing Surgical Skills

Koninklijke Boskalis B.V.

KPMG

McKinsey & Company

Philips Nederland bv

Pot Jonker Advocaten

Shionogi B.V.

Simac Techniek NV

Stichting P3

TBI Holdings

TRC Beheer BV

TenneT Holding bv

Unilever

VriendenLoterij

Wealth Management Partners NV

Wester Investments

Op jaarbasis ondersteunen rond de twintig Mecenassen, ruim negentig Patronen en meer dan tweeduizend Vrienden ons. Wij danken allen voor hun betrokkenheid.

All of Bach

Partners

MWH4impact

Pillows Hotels

Particuliere schenkers

Honderden schenkers uit binnen- en buitenland ondersteunen All of Bach, onder meer door het adopteren van een All of Bach-opname.

Talentontwikkeling en educatie

De Bachvereniging kent twaalf donateurs die op jaarbasis schenken aan het Jos van Veldhoven Fonds, dat investeert in talentontwikkeling.

Daarnaast ondersteunt het Witte Donderdag Gezelschap talentontwikkeling en educatieprojecten van de Bachvereniging.

Kijk voor de meest actuele lijst van subsidiënten en ondersteuners op bachvereniging.nl/steun-ons.

Steun jij ons ook?

Neem contact op met de afdeling Fondsenwerving & Nalatenschappen via development@bachvereniging.nl of kijk op bachvereniging.nl/steun-ons.

KOMENDE

CONCERTEN

Colofon

tekst Thomas Batelaan, Brechtje van Riel samenstelling en eindredactie Brechtje van Riel vertaling zangteksten J.S. en J.L. Bach Ria van Hengel vertaling zangteksten Mayrhofer AI (DeepL Translate en Google Translate) beeld Simon van Boxtel, Simon Pauly, Eduardus Lee, Urban Ruths ontwerp Atelier Blanco drukwerk De Bink Opmeer

Nederlandse Bachvereniging Postbus 295, 3500 AG Utrecht 030 - 251 34 13

info@bachvereniging.nl bachvereniging.nl youtube.com/bach

Bezin met Bach Lammert Kamphuis over vrede en verbinding 16 mei 2026

Brandenburg XL

Nederlandse Bachvereniging X Mahan Esfahani 20 juni 2026, Bachfestival Dordrecht

De schoonheid van het verschil onder leiding van Johanna Soller 26 september tot en met 1 oktober 2026

DE LOSSE KAARTVERKOOP VOOR HET NIEUWE SEIZOEN GAAT VAN START!

VANAF 18 MEI, 10.00 UUR

bestel kaarten voor seizoen 26/27

Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Programmaboek Bachs inspiratie by Nederlandse Bachvereniging - Issuu