Skip to main content

Woning VHB Textuur versus materiaal

Page 1

Woning VHB, Arendonk

TEXTUUR VERSUS MATERIAAL Bij het zien van deze woning dacht ik bijna als vanzelf aan een stroming binnen de filosofie: het relevantisme of ook de deductieve geslotenheid van John L. Austin. Die zegt dat als iemand iets weet, hij ook weet dat het alternatief niet mogelijk is. Dus als iemand nog nooit een zebra heeft gezien en een als zebra geschilderde ezel ziet, dan weet hij perfect dat het een geschilderde ezel is en geen zebra, zonder nood te hebben aan het feit dat hij nog nooit een zebra heeft gezien. Hij is er immers zeker van dat het een geschilderde ezel is… In filosofische termen: of sceptische alternatieven wel of niet relevant zijn, kan de toeschouwer bij relevantisme niet weten. Tekst: Johan Geerts / Foto’s: Toon Grobet (Lumecore)

GYP-SUM 2017 #08


Bij het zien van woning VHB in Arendonk kan je sceptisch zijn over de waarheid of het een woning is dan wel een gepimpt agrarisch gebouw. Maar er a priori van uitgaan dat het een agrarisch gebouw is dat eruitziet als een woning is moeilijker. En toch is er een kruisbestuiving tussen de context van het gebouw en het eigenzinnige ontwerp. De woning ligt in landelijk gebied in de Antwerpse Kempen, omgeven door grote semi-industriële maar agrarische gebouwen waarin varkens worden gehouden. De typologie van die gebouwen heeft overduidelijk het ontwerp van deze woning beïnvloed. Vooral als de luiken dicht zijn, want alle ramen zijn voorzien van robuuste luiken bekleed met dezelfde vlakke pannen als de gevels en het dak. Mieke Goris van ‘Architects in Motion’ uit Turnhout stond in voor de uitvoering en ontwierp het interieur. De eigenaar van de woning, een zelfstandige handelaar in fruit en bereide gerechten, wou slechts één ding: rust. Zijn oog viel op dit perceel, maar het bouwen van een woning in landbouwgebied bleek niet evident te zijn. Daarom werd er gekozen voor deze typologie van een langgevelhoeve. Een sober

volume dat niet opvalt tussen de stallen in de omgeving. Daarnaast werd er ook veel aandacht besteed aan de soberheid van de tuin. Er mocht geen tunnel ontstaan met hagen en bomen. Een openheid van het perceel naar de omgeving met uitzicht op de omliggende weilandenwas het uitgangspunt. Het enige accent is een sober aangelegd pad. Er was echter een nadeel verbonden aan de bouwgrond, namelijk de oriëntatie. De achtergevel is gelegen aan de noordkant. Maar ook hier werd origineel op ingespeeld. Het volume wordt alleen onderbroken aan de achterzijde van de woning: een prachtig hoog glazen volume als uitbreiding aan de keuken/ontbijthoek met een hallucinant zicht op de achterliggende gronden. Op die manier wordt het noorderlicht tot diep in de woning getrokken. Het idee van de luiken kwam er door enerzijds de eis van de bouwheer om volledige rust in te kunnen bouwen en de aanwezigheid van bijna constante wind op het terrein door de open ligging in het landschap. Bij het sluiten van de luiken wordt het leven volledig in de woning getrokken. Enkel de open structuur aan de achterzijde van de woning laat nog contact toe op het privégedeelte van de tuin.

5


Het moet gezegd: de materiaalkeuze van de buitenzijde van de woning is op z’n minst merkwaardig te noemen. Een heel gewaagde keuze die bijzonder goed werkt. De geglazuurde, wijnrode tegelpannen veranderen van kleur bij wisselende weersomstandigheden. Het geeft bij een volledig gesloten toestand de eerder sombere totaliteit een bepaalde levendigheid die toch veranderlijke emoties oproept. Enkel de uitsnijding voor de garagepoort is niet bekleed met de tegelpannen. Een boeiende paracentese van het strakke concept die op een bewuste manier de spanning van het geheel doorprikt. De structuur van de woning is in staal, de wanden tussen de stalen elementen zijn houtskeletmodules opgevuld met isolatie. Deze stalen structuur gaf de architect een grote vrijheid om flinke overspanningen te maken en om bepaalde ruimtes, zoals de leefruimte, in de hoogte te accentueren. Zij is opengewerkt tot in het dak. Daarentegen werd in de zithoek een ‘negatief’ gemaakt van de leefruimte, t.t.z. dezelfde vormen maar dan doorhangend om een ‘hol’ te creëren waar de bouwheer geborgenheid ervaart. Voor het interieur werden twee opvallend textuurloze kleuren gebruikt: wit en matzwart. Het is een leeg accentloos canvas waaraan de bewoner op zijn tempo en volgens zijn persoonlijke smaak d.m.v.

GYP-SUM 2017 #08

kunstwerken of objecten herinneringen toevoegt. Deze objecten hebben telkens een opvallende of uitgesproken textuur, zoals een roze handgeknoopte Scandinavische tapijt. In de woonruimte staat een kunstwerk van Adalbert Gans, een Oostenrijks kunstenaar die in Antwerpen woont en werkt. De lichtsculptuur is een uiting van de rusteloosheid die Gans en zijn werk zo typeert. Net zoals het werk qua vorm en textuur contrasteert met de strakheid van de woning, contrasteert ook de geest van het werk met deze van de bouwheer, die net rust zo belangrijk vindt. Juist om die reden staat het kunstwerk als een baken in de woning en manifesteert het zich door zijn anders-zijn. Een ander opmerkelijk kunstwerk is de foto van Glenn Huyben in de gastenkamer. De architect beschouwt de spiegelende wand in de living als een nonmateriaal. Het weerspiegelt andere materialen waardoor het zichzelf als materiaal opheft. Het neemt de textuur van andere materialen over. De haard die je bij het betreden van de woning begeleidt is een letterlijke ‘warme verwelkoming’. In het haardmeubel is de tv-hoek geïntegreerd. Deze is volledig afsluitbaar, zodat ook hier geen visuele vervuiling optreedt in de strakheid van het interieur.


De zwarte kastenwand die van de hal doorloopt naar de keuken vormt de scheiding tussen het dag- en nachtgedeelte van de woning. Boven de hal en de keuken hangt als het ware de gastenkamer, die zich op de verdieping bevindt, in een speciaal vormgegeven element. De keuken mocht van de bouwheer geen ‘keuken’ zijn maar moest deel uitmaken van de leefruimte. Ook hier een spel tussen materiaal, kleur, vorm. In de eetruimte staat een witte kastenwand met een nis in natuursteen. Deze nis is een bureautje. Dezelfde nis vind je terug in de zwarte kastenwand in de keuken. De natuursteen komt dan weer terug in de badkamer op de verdieping. Voor de badkamer en de keuken werd veelvuldig gebruik gemaakt van Corian. Dat is, zegt de architect, een kunstmatig materiaal dat er niet uitziet als materiaal, in feite een non-materiaal of immaterieel materiaal. Het object dat gemaakt wordt is belangrijker dan het materiaal en geeft de waarde aan het object, niet het materiaal zelf.

De maatschappij ‘Architects in Motion’ is een open samenwerkingsverband dat werkt als een flexibele, horizontaal gestructureerde groep. De AIM-architect kan hierdoor efficiënt optreden als dirigent en bezieler van zijn architectuur. Elke architect krijgt de ruimte om onderzoekend te zijn met een kritische geest ten opzichte van de snel evoluerende bouwwereld. Het kantoor is gegroeid uit het architectenbureau Atelier Vanhout & Ass. In 1964 ontstond een intensieve samenwerking tussen Carli Vanhout en Paul Schellekens, die twintig jaar later opnieuw de associatie verlaat om zijn taak als architect hoogleraar in Antwerpen op te nemen. Carli’s zoon Luc neemt zijn plaats in, en in 2002 vervoegt Bart Janssens het team. Onder zijn impuls komt een nieuwe naam voor het samenwerkingsverband tot stand: ‘Architects in Motion’ – AIM. Het ‘aimen’ of het streven naar een harmonieuze, geïntegreerde en bezielende architectuur noodzaakt de innoverende geest van de architecten om voor iedere opdrachtgever, voor elke situatie een optimaal resultaat te bereiken.

7


Dit dynamisch samenwerkingsverband werd in 2004/2005 uitgebreid met partners architect Peter Mertens en architect Fréderic Wattecamps. In 2009 vond een volgende uitbreiding plaats met vier partners, de architecten Katrien Donneux, Mieke Goris, Ann Geudens en burgerlijk ingenieur architect Paul Monden. Nu telt het bureau 35 medewerkers, goed voor een mix van leeftijden, ervaring en expertise. Voor hun aanpak zweren Bart Janssens en Luc Vanhout bij het kennis- en maatschappelijke rizoommodel van de Franse filosoof Gilles Deleuze en de Franse psychiater Félix Guattari: ‘Een rizoom, het ondergrondse wortelgestel van een plant, vormt een eindeloze vertakking zonder begin of einde, waaraan je telkens nieuwe in- en uitgangen kunt koppelen en dat geen zwakke punten heeft waar je het met één knip kunt uitschakelen.’ Dat concept kun je op alles toepassen. Op de uitbouw van een architectenbureau bijvoorbeeld, waar het wegvallen van één partner opgevangen moet kunnen worden door een structuur waarin partners vlot kunnen in- en uitstappen.

GYP-SUM 2017 #08


9


Technische fiche

Mieke Goris

GYP-SUM 2017 #08

--

Opdrachtgever: particulier

--

Locatie: Arendonk

--

Functie: bouw en inrichting woning

--

Start: september 2014

--

Oplevering: april 2016

--

Architect: Mieke Goris, Architects in Motion

--

Studiebureau stabiliteit: Chalybs (Arendonk)

--

EPB: Dimar (Wiekevorst)

--

Totaal bewoonbare oppervlakte: 329 m2


Elke architect krijgt de ruimte om onderzoekend te zijn met een kritische geest ten opzichte van de snel evoluerende bouwwereld. 11


Turn static files into dynamic content formats.

Create a flipbook
Woning VHB Textuur versus materiaal by Architects In Motion - Issuu