Driemaandelijks - oktober-november-december 2023 - afgiftekantoor Leuven Masspost P209940
Blauwgroene oplossingen brengen de natuur voor je deur 12 Gemeenten aan het woord over tandem Aquafin-Pidpa
16 Op zoek naar de juiste match tussen lokale en bovenlokale projecten
AQUA 2023/4
VOORWOORD Beste lezer,
E
en nieuw jaar doet zijn intrede. Voor Aquafin een jaar vol groeiplannen en ambitieuze projecten. Een verkiezingsjaar ook. We wensen de nieuwe Vlaamse Regering alvast evenveel goesting toe. Zeker als het gaat over propere beken en rivieren in Vlaanderen. Uiteraard willen we de toekomstige beleidsmakers daarbij graag inspireren. Daarom trok ik de voorbije periode met ons memorandum - noem het gerust onze wishlist voor de volgende legislatuur - naar alle politieke partijen. Maar ook bij sectorgenoten zoals drinkwatermaatschappijen en Fluvius ging ik langs, bij belangenverenigingen zoals VVSG en VOKA, bij de Minaraad, .... In dat memorandum doen we een aantal concrete aanbevelingen voor de volgende Vlaamse Regering. Want ook al zuiveren we vandaag het afvalwater van een knappe 86% van de Vlaamse huishoudens, het betekent meteen ook dat het afvalwater van maar liefst 1 miljoen Vlamingen nog steeds ongezuiverd de beek instroomt. Een sprekend cijfer dat aantoont dat er nog veel, heel veel, werk op de plank ligt. Werk dat Aquafin op een efficiënte manier wil aanpakken, en waarbij we zo snel mogelijk concrete resultaten willen zien.
We zijn ervan overtuigd dat we hiervoor nog meer en anders moeten gaan samenwerken. Met nutsbedrijven, met gemeenten, met studiebureaus, met aannemers, ... Zo heeft Aquafin al langer een structureel samenwerkingsverband met De Watergroep en water-link om lokale en bovenlokale rioleringsprojecten gecombineerd aan te pakken. Daar kwam het afgelopen jaar een derde samenwerkingsverband met een drinkwatermaatschappij bij, met Pidpa. Op pagina 12 vertellen enkele gemeenten hoe deze nieuwe manier van werken hen helpt bij een aantal uitdagingen. In ons memorandum steken we ook de hand uit naar de drie andere drinkwaterbedrijven en Fluvius om een dergelijke samenwerking op te zetten. De eerste gesprekken zijn al gestart. Naast een gecombineerde projectaanpak is het zaak om in eerste instantie de juiste projecten te selecteren. Projecten met maximaal rendement voor het milieu en de omgeving. De doelstellingen van de gemeenten optimaal laten aansluiten op die van het Vlaamse Gewest, letterlijk en figuurlijk (p. 16), is het uitgangspunt. Zo creëren we samen op brede schaal een grotere impact en benutten we de Vlaamse waterzuiveringsinfrastructuur op haar volle capaciteit. Bij dit alles hebben we ook oog voor onze eigen ecologische voetafdruk, niet in het minst de CO2-emissies bij de productie van de materialen die we gebruiken. We stimuleren onze partners daarom om mee en verder na te denken om rioleringsprojecten duurzamer te maken. En met succes! Zo werd dit najaar in Duffel de eerste buis in duurzame geopolymeerbeton aangelegd, een primeur in de Benelux (p. 8). Dat we met Aquafin een versnelling hoger willen schakelen, is trouwens geen overbodige luxe, want ook op het Europese toneel beweegt er heel wat. Zo zullen wij, net als alle andere Europese lidstaten, binnenkort verplicht worden om naast stikstof en fosfor vandaag, ook microverontreinigingen uit het afvalwater te verwijderen. Denk hierbij aan medicijnresten, maar ook aan microplastics en PFAS. In de waterzuivering van Aartselaar bouwde Aquafin in samenwerking met de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) een extra zuiveringsstap voor dergelijke microverontreinigingen. Met de bedoeling praktische ervaring op te doen met nieuwe technologieën, maar eveneens om de impact op het waterleven ervan te onderzoeken (p. 4). Je leest het, deze Aqua is gevuld met boeiende verhalen en innovatieve projecten. Projecten waar elke dag meer dan 1.200 Aquafinners zich met overtuiging voor inzetten. We zijn ervan overtuigd dat ook de volgende Vlaamse Regering zich hiervoor ten volle zal engageren. Want de to do-lijst van Aquafin is nog lang niet afgevinkt. Wij zijn er alvast klaar voor! Ik wens je veel leesgenot en een vreugdevolle start van een gezond 2024!
Jan Goossens CEO Aquafin
2.
INHOUD 4
Vierde zuiveringsstap verwijdert schadelijke microverontreinigingen
7
Oudste collector in Vlaanderen op de schop
8
Nieuwe duurzame rioolbuis in Duffel
10
PFAS op Aquafin-werven
12
Gemeenten aan het woord over een geïntegreerd rioolbeheer
14
Is sturing first flush te slim af?
16
Lokale en bovenlokale projecten door één bril bekeken
18
Als het water ook de waterzuivering tot aan de lippen staat
20
buitengewoon vóór impact I
nnovatieve en duurzame materialen op de werf, slimme sturingen op basis van neerslagvoorspellingen, hemelwaterplannen omzetten in de praktijk, onderzoek naar micropolluenten, … Allemaal topics die je leest in deze Aqua, maar ook zaken waar jij aan kan meewerken! Of je nu procestechnieker bent, ingenieur, HR-specialist, ICT, … in elke functie maak je dagelijks een positieve impact op maatschappij en milieu. Bij Aquafin + Maak je je eigen weg + Krijg je ruimte om je voelsprieten te gebruiken + Kan je jezelf ontplooien in een sterk netwerk
Zin in een stevige uitdaging? Check www.aquafin.be/jobs of scan de QR-code.
Kortenberg zet hemelwaterplan om in de praktijk
22
Hoe van je plat dak een groene biotoop maken?
V.u.: Jan Goossens, Dijkstraat 8, B-2630 Aartselaar, ondernemingsnummer 0440.691.388 Het contactcenter van Aquafin is op weekdagen te bereiken van 8 uur tot 17 uur, op het nummer 03 450 45 45, of via contact@aquafin.be Noodnummer buiten de werkuren: 0800 16 603 Ombudsdienst: ombudsdienst@aquafin.be Aqua niet meer ontvangen? Mail naar redactie@aquafin.be Aqua wordt gedrukt op milieuvriendelijk papier. Fotografie: Aquafin, Frederik Beyens, Silke Van Rooy, Shutterstock
Volg Aquafin NV op
3.
AQUA 2023/4
Vierde zuiveringsstap verwijdert schadelijke microverontreinigingen Het ziet ernaar uit dat Europa in de toekomst de lidstaten gaat verplichten om een aantal microverontreinigingen te verwijderen uit het afvalwater in een extra zuiveringsstap. In Aartselaar startten Aquafin en de Vlaamse Milieumaatschappij (VMM) onlangs al zo’n quaternaire zuivering op om ervaring op te doen met de technologieën en om de impact op het waterleven te onderzoeken.
De quaternaire zuivering op de rioolwaterzuiveringsinstallatie van Aartselaar. Links de ozontank, rechts de zes actiefkoolfilters. De installatie kan 1.200 m³/u aan afvalwater verwerken en zal vanaf het voorjaar 2024 volledig in werking zijn.
4.
A
ntiaanbaklagen, medicijnresten, cosmetica, … micropolluenten zijn alomtegenwoordig in het afvalwater en kunnen al in kleine hoeveelheden schadelijk zijn voor het milieu. De klassieke rioolwaterzuiveringsinstallaties (RWZI) zijn vandaag niet uitgerust met de juiste technologie om die microscopisch kleine opgeloste en schadelijke moleculen te verwijderen.
“
De combinatie van een behandeling met ozon en actief kool op deze schaal is uniek.” Birte Raes studieverantwoordelijke Aquafin
Er zijn momenteel ook geen normen voor de verwijdering van deze stoffen. Als het gezuiverde afvalwater niet verder wordt behandeld voor hergebruik, spoelen ze dan ook mee naar de waterloop. Met een herziening van de Europese Richtlijn Stedelijk Afvalwater (ERSA) wil de Europese Commissie daar verandering in brengen. In het huidige voorstel wil ze lidstaten opleggen om minimaal 80% van de geselecteerde micropolluenten te verwijderen op de grootste RWZI’s. In de praktijk betekent dat een uitbreiding van de RWZI met een vierde (quaternaire) zuiveringsstap.
Onderzoek op grote schaal De negatieve impact van micropolluenten is al veel langer gekend en de evolutie naar verplichte verwijdering hing in de lucht. Daarom startten Aquafin en de VMM vijf jaar geleden al een project op voor de bouw van een quaternaire zuivering op de RWZI van Aartselaar, als eerste test op grote schaal. In de zomer van 2022 kon de spade in de grond en voerde de VMM samen met Aquafin een nulmeting uit op verschillende plaatsen in het zuiveringsproces en in de ontvangende waterloop om latere resultaten mee te kunnen vergelijken. Ondertussen wordt de nazuivering gefaseerd opgestart om snel te kunnen bijsturen wanneer nodig. In het voorjaar van 2024 zal de installatie volledig in werking zijn. De extra zuiveringsstap combineert twee technieken voor de verwijdering van micropolluenten: een ozonbehandeling en een behandeling met actief kool. Beide technieken hebben hun voor- en nadelen en door de combinatie worden hun negatieve effecten deels opgeheven.
“Omdat het actief kool de resterende micropolluenten nog zal afvangen, kunnen we bijvoorbeeld lagere ozondoseringen toepassen, wat een lager energieverbruik betekent,” stelt Koen Pauwels, procesingenieur bij Aquafin. “Tegelijk gaat het actief kool langer mee door de voorafgaande ozonbehandeling.”
Kwaliteit beekwater gemonitord Noch ozonbehandeling, noch actiefkoolfilters zijn nieuwe technieken. In het buitenland worden ze al vaak toegepast als extra zuiveringsstap. De combinatie van beide is echter wel vrij uniek, en al helemaal op deze schaal. Koen Pauwels: “De meeste testen gebeuren op een fractie van het debiet dat wij zullen behandelen. Bovendien hebben we veel flexibiliteit ingebouwd om te kunnen experimenteren met verschillende ozondoseringen en verblijftijden in beide procesonderdelen. Dat laat ons toe om veel kennis en expertise op te bouwen voor het ontwerp van toekomstige quaternaire zuiveringen.” Zeker de eerstkomende jaren zal het volledige behandelde debiet in de Grote Struisbeek terechtkomen in functie van het onderzoek. De VMM neemt maandelijks stalen van het beekwater om het effect van de nazuivering te monitoren. Birte Raes, studieverantwoordelijke bij Aquafin: “De reactiepaden vertrekkende vanaf een toxische stof tot het uiteindelijke zichtbare effect in een organisme of de soorten die voorkomen in de beek, zijn erg complex. Door verschillende aspecten uit het spectrum te bestuderen, krijgen we een meer compleet beeld van het effect van microverontreinigingen die via de RWZI in het oppervlaktewater terechtkomen.” De VMM zal in de loop van 2024 ook nog onderzoek doen naar de aanwezigheid van waterdieren en de resultaten vergelijken met die van enkele jaren geleden. “Concreet meten we hierbij de biologische waterkwaliteit aan de hand van macro-invertebraten”, zegt Maarten De Jonge, bioloog bij VMM. “Deze met het oog zichtbare ongewervelde waterdiertjes zijn een veelgebruikte indicator voor de gezondheid van het watersysteem, en worden ook gebruikt voor rapportering van de biologische waterkwaliteit binnen de Europese Kaderrichtlijn Water. Door op de verschillende niveaus te meten, krijgen we een veelzeggend, algemeen beeld van het effect van de installatie op het waterleven. Op termijn hopen we dan ook een algemene waterkwaliteitsverbetering te zien van de Grote Struisbeek.” >
5.
ENKELE CIJFERS + Sommige micropolluenten kunnen al schadelijk zijn vanaf 1 nanogram per liter of minder. Dat kan je vergelijken met 1 druppel op 20 olympische zwembaden. + De RWZI kan tot 6 keer de aanvoer bij droog weer – en dus zware buien – verwerken. Ongeveer een derde van dat maximumdebiet kan behandeld worden in de quaternaire zuivering. Een behandeling van het maximumdebiet zou betekenen dat alles 3 keer groter moest gebouwd worden, terwijl het water dan sterk verdund is. Op jaarbasis gaan we wel 70% van het totale debiet behandeld hebben.
+ De ingenomen oppervlakte van de quaternaire zuivering op RWZI Aartselaar beslaat 1.500 m². + 6 actiefkoolfilters adsorberen de vuildeeltjes. Ze bevatten elk 55 m³ actief kool, die naar schatting jaarlijks moet vervangen worden. + De kostprijs van een quaternaire zuivering wordt geraamd op 24 euro per inwonersequivalent per jaar. De kostprijs van zuivering zonder extra stap bedraagt 20 euro per inwonersequivalent per jaar.
Hoe werkt zo'n extra zuiveringsstap? De helft van het maximale debiet gezuiverd afvalwater van de RWZI in Aartselaar, ofwel 2.000 m³/u, gaat eerst door een diskfilter om er de zwevende stoffen op een mechanische manier uit te halen. Daardoor is er in de volgende stappen minder energie nodig. Vervolgens wordt een debiet van maximaal 1.200 m³/u na de diskfilter in contact gebracht met ozon, dat de micropolluenten in stukjes breekt en verkleint tot inactieve, onschadelijke stoffen.
+ influent = afvalwater + effluent = gezuiverd afvalwater + backwash water = vervuild spoelwater
6.
Moleculen die niet in stukjes kunnen worden ‘geknipt’, zoals bepaalde medicijnresten, worden afgevangen in de actiefkoolbehandeling (GAK-filters). Net als de kleine, verknipte deeltjes uit de ozonbehandeling, worden ze geadsorbeerd aan het actief kool. Het gezuiverde afvalwater stroomt na deze laatste stap naar de Grote Struisbeek of wordt in de toekomst eventueel (deels) hergebruikt.
Oudste collector in Vlaanderen op de schop De oudste riolering in het patrimonium van Aquafin? Die lag tot voor kort in de Volmolenstraat in Gent en kent een interessante voorgeschiedenis die 200 jaar teruggaat. Vandaag oogt de Volmolenstraat als een gewone straat, maar vroeger liep hier via een sluizencomplex water door. Dat dit bij de graafwerken van de lopende rioleringswerken mooie archeologische vondsten zou opleveren, kwam dus niet als een verrassing.
E
ind september 2023 startten wegen- en rioleringswerken in de Volmolenstraat. De werken kaderen in de heraanleg van Nieuwpoort en omgeving. De wijk wordt door de stad Gent volledig heringericht met aandacht voor groen en klimaatadaptatie. “Voor Aquafin was dit het ideale moment om nieuwe riolering aan te leggen,” vertelt Wim Bonte, Asset Ingenieur bij Aquafin. “Met de aanleg van een nieuw gescheiden stelsel naast de Leie werden de oude stadplannen erbij gehaald. Hieruit bleek dat ongeveer een halve meter onder het straatniveau een sluizencomplex van maar liefst tweehonderd jaar oud lag.”
Uit de oude doos, toen de Volmolenstraat nog een sluizencomplex was.
De Volmolenstraat is ontstaan in de 18de eeuw en dankt haar naam aan de volmolen, een soort sluizencomplex dat hier toen werd gebouwd. Het sluizensysteem had twee functies. Enerzijds dreef de sluis het water uit de open gracht - nu de Volmolenstraat - af naar de Leie.
Anderzijds werkte de sluis de getijden tegen om te vermijden dat het water vanuit de Leie het centrum van Gent zou binnenstromen.
Gescheiden stelsel
Na voltooiing van de werken in Gent zal het persleidingensysteem in de Zoutelaan in Knokke de oudste riolering zijn in het Aquafin-stelsel (bouwjaar 1923-1928). Ook daar ligt vervanging al enige tijd op tafel.
Wim Bonte: “Bij de grote rioleringswerken in de Gentse binnenstad halfweg de jaren ‘90 werd dit lozingspunt via een onderdoorpersing aan jacht haven Portus Ganda opgepikt en doorgevoerd naar het pompstation aan de Kasteellaan (Gent-Dampoort). Het oude gewelf werd opgelapt met een nieuwe vloei en deed sindsdien dienst als collector in het patrimonium van Aquafin. Deze oude riolering wordt nu vervangen door een nieuw gescheiden stelsel. Hierdoor kunnen we ook een hydraulisch knelpunt aan de Ottogracht oplossen. Het regenwater wordt via een aparte leiding naar de Leie geleid. De zuivering van het afvalwater gebeurt op de rioolwaterzuiveringsinstallatie aan de Drongensesteenweg.”
Bij de graafwerken voor de nieuwe collector kwamen de oude gemetste gewelven aan de oppervlakte.
7.
AQUA 2023/4
Nieuwe duurzame rioolbuis krijgt proefruimte in Duffel Aquafin legt jaarlijks ongeveer 200 kilometer leidingen aan voor het Vlaamse Gewest om het huishoudelijk afvalwater vanuit gemeentelijke riolen te transporteren naar rioolwaterzuiveringsinstallaties. Meestal zijn de gebruikte rioolbuizen van beton. Het productieproces daarvan is helaas behoorlijk milieubelastend. Daarom
T
raditionele betonnen buizen zijn gemaakt van een mix van granulaten, zand, water en cement. Het is voornamelijk bij de productie van cement dat er CO2 vrijkomt. Gezien de grote schaal waarop beton gebruikt wordt, is het materiaal verantwoordelijk voor ongeveer 5% van de wereldwijde CO2-uitstoot. Een koolstofarm alternatief voor cement kan bijgevolg een grote rol spelen in de strijd tegen de verdere opwarming van de aarde.
stimuleren we de sector in de ontwikkeling van milieuvriendelijkere alternatieven en bieden we ruimte om innovatieve producten in de praktijk toe te passen. Zo werd recent de allereerste rioolbuis in geopolymeerbeton aangelegd in ons rioleringsproject in Duffel.
Geoprime® is een voorbeeld van zo’n duurzaam alternatief. Betonproducent Tubobel Group uit Tessenderlo ontwikkelde samen met het Finse bedrijf Betolar een buis uit dit nieuwe materiaal, waarin een geactiveerd geopolymeer het bindmiddel is in plaats van cement. Geopolymeren zijn een bijproduct uit de staalproductie. Doordat er geen cement gebruikt wordt als grondstof, maar wel een bestaand bijproduct, ligt de CO2-uitstoot van de Geoprime®-buis maar liefst 78% lager dan bij een klassieke betonbuis.
De eerste Geoprime®-buis werd aangelegd in een regenwaterstreng in Duffel.
8.
V.l.n.r.: Jos Hellemans (schepen Openbare Werken Duffel), Evert Lemmens (co-CEO Tubobel Group) en Danny Baeten (directeur Projectmanagement Aquafin)
Voorlopig alleen regenwater De Geoprime®-buizen zijn specifiek ontworpen voor de buffering en het transport van regenwater en voldoen aan dezelfde mechanische eisen als traditionele betonbuizen. Hoewel ze voorlopig alleen worden ingezet in regenwaterstelsels, zijn de eerste testresultaten veelbelovend. Tests met betrekking tot hun bestendigheid tegen biogene zwavelzuuraantasting ten gevolge van H2S in de riool zijn nog lopende. De eerste buis in geopolymeer werd aangelegd in de regenwaterstreng van een straat in de gemeente Duffel, waar Aquafin een gescheiden stelsel aanlegt.
“We zijn dan ook blij dat Aquafin en aannemer Besix dit project samen met ons hebben gerealiseerd. Het heeft ons geholpen om de leercurve succesvol te doorlopen en om de productie van deze innovatieve, milieuvriendelijkere producten op te schalen. Onze buis presteert hydraulisch en mechanisch even goed als een klassieke betonbuis, maar het is pas als een opdrachtgever je de kans geeft om ze in de praktijk te brengen, dat je het vertrouwen van de markt kan winnen. Daarom is dit proefproject voor ons zo waardevol. We gaan het gedrag van de buis in praktijkomstandigheden verder nauwgezet opvolgen.”
Duurzame innovatie stimuleren
Ook Duffels schepen van Openbare Werken Jos Hellemans is opgetogen dat zijn gemeente de eerste is in de Benelux waar dit nieuwe type buis wordt aangelegd: “Als burgerlijk ingenieur ben ik heel begeesterd en benieuwd. Als schepen ben ik blij dat dit nieuwe materiaal voor het eerst in Duffel wordt gebruikt. Het past namelijk perfect in onze gemeentelijke visie rond duurzaamheid, mobiliteit, veiligheid en comfort.”
Het is niet de eerste keer dat Aquafin proefruimte aanbiedt voor nieuwe materialen. Vorig jaar nog pasten we als eerste een rioolbuis gemaakt in zwavelbeton van De Bonte Group toe in ons rioleringsproject in Brakel. Danny Baeten, directeur Projectmanagement bij Aquafin: “We werken al vele jaren aan het verduurzamen van onze eigen bedrijfsprocessen, door optimalisatie en innovatie. En dat verwachten we ook van onze leveranciers. We willen hen daarbij helpen door ruimte te geven om nieuwe materialen, waarin wij geloven, in de praktijk toe te passen onder gecontroleerde omstandigheden. Op die manier willen we de milieu-impact van onze infrastructuur verkleinen. In de toekomst willen we bij het ontwerp van rioleringsprojecten overigens de volledige ecologische voetafdruk meer laten doorwegen.”
Vertrouwen van de markt winnen Voor Tubobel is de kans om de Geoprime®-buizen toe te passen in een project van Aquafin van groot belang. “De ontwikkeling van dit product heeft ons veel tijd en energie gekost,” zegt Evert Lemmens, co-CEO van Tubobel.
“
We werken al vele jaren aan het verduurzamen van onze eigen bedrijfsprocessen, door optimalisatie en innovatie.” Danny Baeten
9.
AQUA 2023/4
10.
PFAS op Aquafin-werven: een constante zorg PFAS vallen niet meer weg te denken uit het nieuws. Zowat overal treffen we deze ‘onverwoestbare’ chemische stoffen aan, in meerdere of mindere mate. In oppervlaktewater, in grondwater, in de ondergrond, … De PFAS-problematiek, en de onzekerheid die deze met zich meebrengt, heeft ook een aanzienlijke impact op de rioleringsprojecten van Aquafin.
H
et onderzoek naar de impact van PFAS op mens en milieu evolueert constant. Hierdoor evolueren ook de richtlijnen hoe we met PFAS moeten omgaan. Wat gisteren nog als maximale concentratienorm gold, kan binnen enkele maanden met de helft of nog meer verminderen.
Interne materiedeskundigen volgen wetgeving op “Daarom volgen we de wetgeving op de voet”, zegt Ineke Van Severen, manager Projectmanagement bij Aquafin. “Ons doel is immers duidelijk: voor al onze werven blijven voldoen aan de normen, de regels en de wetgeving die van toepassing zijn.” Een team van materiedeskundigen volgt alle veranderingen nauwlettend op. Hoe gaat dat er in de praktijk aan toe? Ineke: “Eens het traject van een nieuw rioleringsproject is vastgelegd, gaan we na of er concrete aanwijzingen zijn dat er PFAS-vervuiling aanwezig is. De Vlaamse Overheid ontwikkelde hiervoor een gedetailleerde kaart met groene, gele en rode zones. In de ‘rode no regret-zones’ ligt vervuiling voor de hand. Bij projecten waar we graafwerken uitvoeren, maar er geen officiële gegevens gekend zijn, nemen we grondstalen die we laten analyseren op PFAS. De erkend bodemsaneringsdeskundige bepaalt vervolgens hoe we moeten omgaan met de afgegraven gronden.”
Yves Goossens, Projectmanager en één van de materiedeskundige grondverzet binnen Aquafin: “De datum van inwerkingtreding moet nog worden bepaald, maar zodra het ingaat, vervallen alle resultaten van de grondonderzoeken die tot dan werden uitgevoerd. De erkende bodemsaneringsdeskundige moet dan alle resultaten tegen het licht houden van de normen die in het tijdelijke handelingskader zijn vastgelegd. Er is op dat moment geen grondtransport meer mogelijk. Als we niet snel schakelen, kunnen werven stilvallen”, zegt Yves. “Verder zullen de kosten fors de hoogte ingaan”, gaat Goossens verder. “Onderzoekskosten, kosten voor de afvoer van niet-herbruikbare gronden, kosten voor mobiele waterzuiveringsinstallaties die PFAS-houdend bemalingswater behandelen, …”
Impact beperken Wat doet Aquafin om de impact van het tijdelijke handelingskader te beperken? “Eerst hebben we een inventaris opgemaakt van alle werven met grondverzet”, zegt Yves Goossens. “Daarna volgde een lijst van projecten die we bij voorrang actualiseren in functie van het tijdelijke handelingskader. Onze twee prioriteiten zijn: zorgen dat de projecten die we op de markt brengen volledig voldoen aan de nieuwe richtlijnen en zorgen dat lopende projecten niet stilvallen.”
PFAS in bemalingswater: blijvende onzekerheid Niet alleen PFAS-vervuiling in de grond heeft een effect op onze werven, ook het bemalingswater - opgepompt grondwater is een belangrijke, te onderzoeken factor. Mathieu Slock, Wateren Omgevingsplanner bij Aquafin: “Als in de grond PFAS worden aangetroffen, volgt sowieso een analyse van het grondwater. Indien de hoeveelheid PFAS in het bemalingswater boven de normen zit, zet Aquafin een mobiele waterzuiveringsinstallatie in. De kosten voor zo’n zuivering lopen flink op. Het kan dus de moeite lonen om naar alternatieven te zoeken. Zo kunnen we bijvoorbeeld waterdichte schermen gebruiken om de hoeveelheid bemalingswater en dus de kosten te optimaliseren. Sowieso trachten we bemaling waar mogelijk te beperken”, besluit Mathieu Slock.
Tijdelijk handelingskader voor grondverzet De Vlaamse Regering keurde op 7 juli 2023 een tijdelijk handelingskader goed voor het gebruik van PFAS-houdende bodemmaterialen bij grondverzet. Het handelingskader is van toepassing op alle werven. Dit heeft naar timing en kosten grote gevolgen voor de projecten van Aquafin.
Lees meer over het PFAS-normenkader voor bodemsanering en grondverzet via de QR-code.
11.
AQUA 2023/4
Gemeenten aan het woord over een geïntegreerd rioolbeheer Naast de lopende partnerships met water-link en De Watergroep, startte Aquafin in 2023 ook een structurele samenwerking met drinkwatermaatschappij Pipda. In Lier, Merksplas, Nijlen, Retie en Stabroek draait de tandem Aquafin-Pidpa nu bijna een jaar. Tijd om naar hun ervaringen te polsen. Sneller resultaat voor het milieu
H
et rioolbeheer in Vlaanderen is vandaag sterk gefragmenteerd. Bijgevolg zit ook de expertise wijdverspreid. Gezien de uitdagingen en toenemende complexiteit waar we als sector voor staan, is die versnippering geen goede zaak. Meer samenwerking bij de verdere uitbouw en de exploitatie van het rioleringsstelsel en een geïntegreerd rioolbeheer in Vlaanderen is een must om samen tot snellere en betere resultaten te komen, en om de uitdagingen – zoals klimaatverandering, de verstrengde Europese regelgeving omtrent waterkwaliteit, … – het hoofd te kunnen bieden.
Tandem Aquafin - Pidpa In 2023 bediende de tandem AquafinPidpa al vijf Vlaamse gemeenten vanuit hun samenwerkingsverband. Vanaf 2024 wordt de samenwerking uitgebreid en zal in de 46 rioleringsgemeenten binnen het Pidpa-werkingsgebied samengewerkt worden en dit vooral op het vlak van investeringen, asset management en levenscyclusbeheer van rioleringen.
12.
Het gemeenschappelijke doel van Aquafin en Pidpa is de maximale ontzorging van gemeenten. Daarom werd er binnen het samenwerkingsverband gezocht naar de synergie tussen beide partijen. “We hebben elk onze eigen sterktes en specialisaties, daar moeten we op inzetten”, zegt Joke Denys, keyaccountmanager voor Pidpa bij Aquafin. Als drinkwatermaatschappij is en blijft Pidpa het eerste aanspreekpunt voor de burger en de gemeente. Hierin zijn zij sterk door hun jarenlange ervaring. Daarnaast is Pidpa in de samenwerking verantwoordelijk voor de opmaak van het meerjarenplan met alle inkomsten en uitgaven voor investeringen en exploitatie van de gemeentelijke rioleringsinfrastructuur. Een plan dat gemeenten helpt bij de visievorming op lange termijn, opvolging van de budgetten en het bepalen van prioriteiten. Aquafin heeft dan weer de meeste expertise op het vlak van integrale visievorming en hydraulisch advies.
EEN GEÏNTEGREERD RIOOLBEHEER, DE VOORDELEN VOOR DE GEMEENTEN + Vereenvoudigde communicatielijnen. De gemeente stelt al haar vragen over riolering en drinkwater, de uitwerking van een langetermijnvisie, financiën, … aan een centraal aanspreekpunt bij Pidpa. Pidpa dispatcht de vraag verder volgens de taakverdeling. + De projectplanning van gemeentelijke en bovengemeentelijke investeringen zitten in één hand, waardoor de werken efficiënter worden gepland en uitgevoerd. Zo ervaart de gemeente economische efficiëntievoordelen en ondervinden de burgers minder hinder. De effectievere uitvoering van projecten zorgt daarbovenop ook voor snellere ecologische resultaten.
MERKSPLAS RETIE STABROEK LIER NIJLEN
Het halen van reductiedoelstellingen, projectmanagement, complexere bouwkundige herstellingen, assetmanagement, ... ook daarvoor kunnen de gemeenten binnen de samenwerking op de bewezen knowhow van Aquafin rekenen.
STABROEK Ludo Reyntjens, schepen
MERKSPLAS Alex Peeters, Technische Dienst
“Als eigen rioolbeheerder in onze gemeente hebben we zelf heel wat technische kennis in huis. Echter missen we soms het volledige plaatje. Het partnership tussen Aquafin en Pidpa brengt voor ons de ondersteuning die wij nodig hadden. Zowel voor de technische en administratieve opmaak als voor de opvolging van onze rioleringsdossiers kunnen we beroep doen op de gebundelde kennis en krachten van Pipda en Aquafin. Dankzij de samenwerking verlopen de projecten vlotter en efficiënter.”
“De gemeente Stabroek werkt al jaren samen met Aquafin. De tandem met Pidpa was voor ons een mooie aanwinst. We kunnen nu beroep doen op de expertise van beide bedrijven. Een ander voordeel is de maximale ontzorging die je als gemeente mag ervaren, wat extra ademruimte geeft. Tegelijkertijd hebben we nog steeds voldoende inspraak in de projecten. Tijdens de korte samenwerkperiode verloopt alles vlot en zijn we een tevreden klantgemeente.”
NIJLEN Emiel Crauwels, Projectleider Publieke Ruimte
RETIE Peter Van Olmen, Diensthoofd Technische Dienst
“Hoewel de samenwerking Aquafin-Pidpa nog niet zo lang loopt in onze gemeente, zien we de meerwaarde er al van in. Zo hebben we de mogelijkheid om het rioolbeheer bij de experten te leggen, wat niet alleen de druk op onze dienst vermindert, ook voor de Retienaren heeft het voordelen. Bijkomend zal de complexiteit van de investeringsprojecten in de toekomst alleen nog maar toenemen. Die gespecialiseerde kennis ontbreekt bij ons intern. Dat we beroep kunnen doen op de specialiteiten van zowel Pidpa als Aquafin stelt ons gerust voor wat nog komen gaat.”
LIER Maarten Colaes, Deskundige Infrastructuur
“Na een inwerkperiode, waarbij de nodige afspraken werden gemaakt, zorgt de samenwerking tussen Aquafin en Pidpa in onze stad nu voor een mooie hefboom: subsidiedossiers verlopen vlotter, en tegelijkertijd voelen we dat het betrekken van Aquafin en Pidpa als projectmanager voor het rioleringsaandeel een extra motivatie is bij aannemers en studiebureaus om hun planning en andere verplichtingen na te komen. Als technische dienst zien we de kansen en synergie van de samenwerking. We zijn ervan overtuigd dat deze op termijn nog verder zal groeien, gezien de professionaliteit van beide organisaties.”
“De uitdagingen voor een gemeente zijn talloos. We houden zelf graag het overzicht, maar merken wel dat we nood hebben aan expertise. Voor een gemeente is het immers bijna onmogelijk om uit te blinken op alle domeinen. In Aquafin en Pidpa hebben we een waakzame partner gevonden. Je merkt dat we specialisten in huis hebben gehaald, niet alleen door hun uitgebreide kennis, maar ook door hun plan van aanpak en transparantie. Je voelt dat ze de lat juist leggen en dat is wat we nodig hadden als gemeente. De samenwerking staat nog in zijn kinderschoenen, maar onze eerste indruk is positief.”
“
Dankzij de samenwerking Aquafin-Pidpa verlopen de projecten in onze gemeente vlotter en efficiënter.” Alex Peeters, gemeente Merksplas
13.
AQUA 2023/4
Is sturing first flush te slim af? Lange periodes zonder neerslag zorgen voor bezinking van sediment in de riolen. Bij hevige regenval krijgt het rioolstelsel plots een grote hoeveelheid water te verwerken en wordt het bezonken sediment van de bodem weggespoeld, een zogenaamde first flush. De grote hoeveelheid vuilvracht die loskomt, heeft een negatieve impact op de zuiveringsresultaten, overstorten én de slibverwerking. Of een slimme sturing op basis van neerslagvoorspellingen soelaas kan brengen, wordt nu onderzocht.
Het afvalwater dat na een lange droge periode via een overstortconstructie in de waterloop terechtkomt, is sterk geconcentreerd en daardoor extra vervuilend.
14.
REGENWATER SLIM BEHEREN IN JOUW GEMEENTE?
Wat is een first flush?
I
n Vlaanderen hebben we hoofdzakelijk gemengde rioolstelsels. Dat betekent dat afval- en regenwater via dezelfde buis worden afgevoerd naar de rioolwaterzuiveringsinstallatie. Tijdens droge periodes loopt er enkel afvalwater door de buizen. Door de tragere stroomsnelheid bezinken de vaste bestanddelen in het rioolwater en vormt er zich op de bodem een sedimentlaag. Bij hevige regenval krijgt het rioolstelsel plots een grote hoeveelheid water te verwerken. Het bezonken sediment wordt door de kracht meegespoeld, de zogenaamde first flush.
Extra vuil, extra kosten Bij hevig regenweer vult de gemengde riool zich snel. Wanneer de maximumcapaciteit van het rioolstelsel bereikt is, zal het teveel aan water rechtstreeks in de waterlopen geloosd worden via een overstortconstructie. Door de sedimentlaag die na een lange droge periode meespoelt, komt er zo sterk geconcentreerd afvalwater in de waterlopen terecht. Maar een hogere vuiluitstoot van overstorten is niet het enige gevolg van een first flush. “Een first flush zorgt er ook voor dat er een (te) grote hoeveelheid vuilvracht in één keer toekomt op onze rioolwaterzuiveringsinstallatie”, vertelt Frans Diels, regiomanager Operations bij Aquafin. “Deze plotse verhoogde instroom geeft een piekbelasting en zet het zuiveringsproces onder stress met doorgaans slechtere zuiveringsresultaten tot gevolg.” Tegelijk komt ook de slibverwerking in moeilijkheden. “Een deel van het slib, een nevenproduct van afvalwaterzuivering, wordt afgevoerd voor verwerking. Bij een first flush-incident komt die flow onder druk te staan. Door de grote hoeveelheid vuilvracht die in één keer toekomt, dikt de slibmassa snel aan. Er zijn dan last-minute bijkomende slibtransporten nodig, met extra kosten en verkeer tot gevolg.”
Oplossing met slimme sturing? De negatieve effecten van een sterk vervuilende first flush kunnen voor een stuk worden weggenomen door het bezonken sediment in het stelsel stelselmatig en proactief af te voeren naar de rioolwaterzuiveringsinstallaties. Hiervoor ontwikkelde Aquafin een geautomatiseerde sturing op basis van neerslagvoorspellingen. Stefan Kroll, studieverantwoordelijke R&D bij Aquafin, legt uit: “In een standaardsituatie hanteren we in een pompstation één of meer aanslagpeilen. Bereikt het water het eerste of tweede aanslagpeil, dan treden er respectievelijk één of twee pompen in werking. Bij de slimme flush-sturing voegen we daar een extra aanslagpeil aan toe, eentje dat hoger ligt dan de klassieke peilen. Op basis van neerslagvoorspellingen wordt bepaald of het nieuwe flushaanslagpeil al dan niet actief is. Wanneer gedurende zes uur droog weer voorspeld is, wordt er een signaal uitgestuurd naar de PLC (Programmable Logic Controller) van de pomp. De klassieke aanslagpeilen worden dan genegeerd, en het nieuwe flush-aanslagpeil treedt in werking.” Alexander De Geeter, Business Process Analist bij Aquafin gaat verder: “De put zal zich nu volledig vullen met afvalwater tot aan het hoge aanslagpeil om nadien met een grote kracht, in één keer leeggetrokken te worden.”
Terwijl de slimme flush-sturing nog in testfase zit, is de sturing van regenwaterbuffers op basis van neerslagvoorspellingen niet meer aan haar proefstuk toe. In Mechelen werd onlangs een slim regenwaterbufferbekken officieel in gebruik genomen. “Dankzij neerslagvoorspellingen kunnen we het regenwater verstandig bufferen, zodat maximaal hergebruik mogelijk wordt en we wateroverlast voorkomen”, zegt Stefan Kroll. Het bekken in Mechelen kadert in het Europese onderzoeksproject B-WaterSmart. Bekijk samen met Aquafin of ook jouw stad of gemeente slimmer kan omgaan met regenwater. Contacteer Maarten Raemdonck via maarten.raemdonck@aquafin.be.
“Door de kracht van de pompen vermengt het bezonken sediment zich met het afvalwater in de put en wordt het mee weggevoerd. Afhankelijk van de lokale omstandigheden kan worden beslist om meerdere keren (na mekaar) te spoelen. Zo wordt het bezonken sediment geleidelijk weggevoerd uit het stelsel naar de zuiveringsinstallatie.” Stefan Kroll: “We mikken nu op een paar dagen pauze tussen de verschillende spoelingen, idealiter is dat genoeg. Als deze werkwijze te weinig effect heeft, kunnen we in principe elke dag spoelen.”
Klaar voor praktijktest Met sturingen op basis van neerslagvoorspellingen zijn we intussen vertrouwd. We gebruiken ze ook voor andere toepassingen, zoals voor de slimme sturing van regenwaterbuffers. Of de sturing ook in deze situatie het gewenste effect heeft, wordt nu onderzocht. Mehmet Hamarat, Product Owner bij Aquafin: “De softwareontwikkelingen, zowel voor de cloud als voor de PLC zijn klaar, en ook de eerste technische en functionele tests werden uitgevoerd. Op basis van de resultaten werden enkele kinderziekten verholpen en sleutelden we bij waar nodig. Binnenkort installeren we de sturing in praktijk op een pompstation in Zwijndrecht. Op basis van fysieke metingen nu en over enkele maanden, kunnen we achterhalen of de slimme sturing effectief zorgt voor minder sediment in het pompstation en de rioolbuizen. Bij een positief resultaat zouden meerdere strategisch uitgekozen installaties uitgerust kunnen worden met de slimme flush-sturing", besluit Mehmet.
Alexander De Geeter en Mehmet Hamarat
De slimme flush-sturing kadert in een digitaliseringsprogramma van Aquafin en wordt deels gefinancierd door Europa. Aquafin gebruikt deze fondsen om projecten uit te rollen die een meerwaarde betekenen op het vlak van energie en ecologie.
15.
AQUA 2023/4
Lokale en bovenlokale projecten door één bril bekeken Op zoek naar samenwerkingsvoordelen voor maximaal rendement Sinds begin dit jaar werken het Vlaamse Gewest en Aquafin volgens een nieuwe samenwerkingsovereenkomst. Waar we vroeger jaarlijks een
In 3 stappen van projectidee tot -uitvoering voor het Vlaamse Gewest De zoektocht naar effectieve projectcombinaties met een versneld ecologisch resultaat, verloopt in drie grote fasen:
projectenprogramma voor uitvoering opgedragen kregen, stelt Aquafin nu zelf een investeringsplan samen voor de bovengemeentelijke riolerings- en zuiveringsprojecten. We betrekken de Vlaamse steden en gemeenten hierbij door maximaal af te stemmen met hun investeringsintenties.
U
itgangspunt zijn de reductiedoelen of saneringsopdrachten die de stad of gemeente via het gebiedsdekkend uitvoeringsplan opgelegd kreeg. Vervolgens zoeken we naar mogelijke synergieën met Aquafin-projecten om het effect van ieders inspanningen te maximaliseren. De projecten van beide beleidsniveaus door één bril bekijken, leidt namelijk niet enkel tot een sneller ecologisch resultaat. In de uitvoering kunnen wellicht ook kosten gedrukt worden door mogelijke samenwerkingen.
3 stappen van projectidee tot -uitvoering
ENGAGEMENT
Wensen stakeholder 1. Projectschets
16.
2. Nadat de Vlaamse Milieumaatschappij het bovengemeentelijke karakter bevestigt, kan het project verder tegen het licht worden gehouden. In deze fase wordt een projectplan opgemaakt dat al rekening houdt met alle onzekerheden die eigen zijn aan de opstart van een project. Ook de projectpartners maken hun voorstudies en ramingen zodat iedereen een weloverwogen engagement kan aangaan. 3. Een gestroomlijnde uitvoering van de projecten, binnen de afspraken van de engagementsverklaring, is tot slot het resultaat van grondige, voorgaande stappen.
WAT IS HET LOKAAL PACT? MATCH
Wensen Aquafin
1. De accountmanager van Aquafin verkent de wensen de gemeenten, rioolbeheerders en overlegt ook met andere betrokken partijen zoals bekkenbesturen, Agentschap Wegen en Verkeer (AWV), Aquaflanders, … Uiteraard kunnen gemeenten ook zelf projectideeën aanbrengen. Wanneer uit het overleg een samenwerkingsvoordeel blijkt op het vlak van scope, timing en budget, spreken we van een ‘match’. In het ‘projectdoel’ wordt dan het bovengemeentelijke karakter van het project beschreven. Deze aanpak geldt ook voor Lokaal Pact-projecten.
2. Projectplan
3. Ontwerp/ Uitvoering
Met het Lokaal Pact neemt het Vlaamse Gewest bepaalde investeringen in de gemeentelijke rioleringsinfrastructuur over om zo een extra boost te geven aan de verdere uitbouw en de optimalisatie van het stelsel. De projecten worden uitgevoerd door Aquafin, net zoals de bovengemeentelijke projecten. Na uitvoering neemt de gemeente of haar rioolbeheerder wel het beheer voor haar rekening. Sinds het eerste Lokaal Pact in 2008, investeerde Vlaanderen al 1,3 miljard euro in de gemeentelijke rioleringsinfrastructuur. Het huidige Lokaal Pact loopt tot en met 2026.
Het Schotense Marktplein wordt een ontmoetingsplek met ruimte voor groen en water. Renderbeeld © Animotions
Schoten krijgt klimaatadaptief centrum De gemeente Schoten gaat haar centrum grondig herinrichten. De focus ligt op mobiliteit en klimaatadaptatie. En dat laatste betekent ruimte om regenwater te infiltreren, zowel bovenals ondergronds. Joke Denys, accountmanager bij Aquafin: “Aanvankelijk was het rioleringsgedeelte van dit project zuiver gemeentelijk, met de aanleg van een gescheiden rioolstelsel. Via het Lokaal Pact komt er nu een bovengemeentelijk aandeel bij, dat door Aquafin wordt uitgevoerd.” In een aantal zones zullen we een infiltrerende onderfundering toepassen die geschikt is voor zware verkeerslast en wegenis met grotere mobiliteitseisen. Dit in combinatie met ondiepe ondergrondse infiltratievoorzieningen, boombunkers en groenvakken. Het regenwater zal eerst zoveel mogelijk worden opgevangen in de boombunkers. Het teveel aan water voor de bomen wordt in de bunker gebufferd. Als er meer regen valt dan de groenvoorzieningen nodig hebben, wordt het teveel via voorfilterkolken en een kokersysteem naar de onderfundering geleid. Daar wordt het water tijdelijk gebufferd tot het in de bodem infiltreert. Het regenwater van het openbaar én privaat domein zal hierdoor volledig ter plaatse worden gehouden.
Omdat dit nog nooit eerder werd gedaan in een centrumomgeving, wordt dit gedeelte van het project gefinancierd en uitgevoerd via het Lokaal Pact (categorie 7 – innoverende technieken). “Het project zal aantonen dat water ter plaatse houden en mobiliteit perfect kunnen samengaan, waar ook in Vlaanderen,” besluit Joke Denys, Accountmanager bij Aquafin.
“
Een nieuwe werkwijze vraagt tijd en vertrouwen. We slagen er steeds vlotter in om tot engagementen te komen met gemeenten, rioolbeheerders en andere projectpartners.” Bram De Meester, hoofd Accountmanagement Aquafin
17.
AQUA 2023/4
Als het water ook de waterzuivering tot aan de lippen staat Amper 2 jaar na de indrukwekkende wateroverlast rond Luik was het in november weer zover. Dit keer werd de Westhoek bedreigd door een enorme watermassa. Geen waterbom als schuldige, maar een constante, langdurige regenval. De hele regio vocht wekenlang tegen overstromingen en de gevolgen ervan. Ook de installaties van Aquafin deelden in de klappen, maar bleven ondanks alles wel draaien.
RWZI Woumen
B
egin november regent het veel en lang. Dagenlang stijgt het waterniveau en overal in de regio gaan steden, gemeenten, hulpdiensten, bedrijven en burgers aan de slag om het water zo veel mogelijk in te dijken. Vanaf 6 november gaan alle hemelsluizen open en stijgt het water pijlsnel. 9
november
Het teveel aan water eist zijn tol. De rioolwaterzuiveringsinstallatie (RWZI) van Aquafin in Woumen wordt ontoegankelijk voor verkeer. De overvloedige regen van de dagen ervoor zette het hele gebied blank. Waar de weg begint of eindigt is onmogelijk te zien. Daarom plaatsen onze medewerkers samen met de hulpdiensten piketten die de weg markeren. Onze medewerkers hadden in de dagen ervoor wel alle mogelijke voorzorgen genomen. Zo werd het overtollige slib in de eerste slibbuffer maximaal afgevoerd om ecologische schade te vermijden. Ook alle voorziene bestellingen werden afgelast. De werking wordt vanop afstand nauwgezet opgevolgd en de installatie blijft werken.
18.
13
november
Door een fout met de peilmeting is de tweede slibbuffer op RWZI Woumen, die in normale omstandigheden niet gebruikt wordt, niet langer bruikbaar. Een interventie dringt zich op om ecologische schade te vermijden. Want als de slibbuffers vollopen, blijft er te veel slib achter in de biologische werking. Uiteindelijk zal het slib dan uitspoelen naar de waterloop (of overstromingsvlakte). Enkele medewerkers gaan onder begeleiding van de brandweer naar de waterzuivering (kleine foto). Hoog water met sterke stroming maakt de passage niet makkelijk. Ze lossen het probleem snel op. De buffertank is weer klaar voor gebruik. Een dag later bereikt het water zijn hoogste peil. Slechts 40 centimeter scheiden de installatie van een volledige overstroming. Ook de installatie van Roeselare is vanaf dan onbereikbaar en wordt ontruimd.
20
november
Het team brengt een nieuw bezoek aan de installatie voor een visuele inspectie van de slibbuffers. Het debiet blijkt kritiek en er is dringend afvoer van het slib nodig. Gelukkig is de installatie bereikbaar met een tractor (grote foto). Het slib wordt uiteindelijk op 22 november overgepompt in de laadtank van de tractor en dan naar de transporteur vervoerd.
Nadat het water was weggetrokken, kon de balans worden opgemaakt. Behalve veel opkuiswerk, bleef de schade uiteindelijk gelukkig beperkt. Wel had het actief slib, dat instaat voor het biologische zuiveringsproces, het zwaar te verduren gehad door de langdurige hoge belasting en hoge verdunningsgraad van het rioolwater. Nieuw geënt slib moet de activiteit van de micro-organismen weer herstellen.
Een lesje van de natuur Gedurende de ganse periode van wateroverlast werkte ons operationele team dat de RWZI exploiteert, vanop afstand. Dat kan, doordat het zuiveringsproces sterk geautomatiseerd is en alarmen ook vanop afstand kunnen worden opgevolgd. Bepaalde interventies konden alleen overdag gebeuren, onder begeleiding van de brandweer. Door de uitzonderlijke situatie was werken in het donker én bij stromend water te gevaarlijk. Ondanks de moeilijke omstandigheden bleef de RWZI wel de hele tijd in werking en waren er geen noodoplossingen nodig. Ook de pompstations in de regio liepen onder water, maar bleven hun werk doen. Dompelpompen werken uiteraard onder water en de elektriciteitskasten bleven droog doordat ze op een sokkel werden geplaatst.
RUIM AANBOD NOODTOESTELLEN Aquafin heeft heel wat uitleentoestellen om in geval van bijvoorbeeld herstellingen of vervangingen de bedrijfszekerheid te garanderen. In totaal hebben we bijna 400 toestellen ter beschikking. Daarvan worden er jaarlijks gemiddeld zo’n 230 stuks uitgeleend, ofwel eentje per werkdag. Tijdens de periode van de wateroverlast in West-Vlaanderen kregen we van lokale overheden de vraag om pompen uit te lenen om de watermassa aan te pakken. Onze onderhoudsdienst in Oostende leverde zo in Ledegem pompen die werden geïnstalleerd door ons operationeel team Roeselare.
19.
AQUA 2023/4
2
1
In het wijkspeeltuintje wordt regenwater geïnfiltreerd en gebufferd.
Kortenberg zet hemelwaterplan om in de praktijk Na 2024 kan een stad of gemeente enkel nog aanspraak maken op watergerelateerde subsidies als ze beschikt over een voldoende ambitieus hemelwater- en droogteplan. In de gemeente Kortenberg bleef het niet bij een plan. Samen met de gemeente en landschapsarchitect Studio K toverden we een wijkspeeltuintje om tot een biodiverse, blauwgroene oase waar water de nodige ruimte krijgt in infiltratie- en bufferzones. Fien Vos, Water- en Omgevingsingenieur bij Aquafin, leidt ons even rond. “
20.
V
oor de opmaak van ons hemelwater- en droogteplan door Aquafin werd het watersysteem in zijn totaliteit bekeken”, zegt Emmy Crabbé, Projectenbeheerder van de gemeente Kortenberg. “Daaruit bleek dat er in onze deelgemeente Erps-Kwerps nood was aan extra ruimte voor water. Verder kwam uit het hemelwaterplan naar voren dat de groenzones en speelpleintjes van de wijk Weesbeekdal interessant waren voor de buffering van regenwater uit de nabijgelegen woonzones. Bij onze dienst Jeugd waren er al plannen voor een nieuwe speeltuin. Dat waren dus twee vliegen in één klap.” Kortenberg sprak opnieuw Aquafin aan voor Water- en Omgevingsadvies om het project uit te werken.
1.
Een gecombineerd systeem voor infiltratie en buffering
Fien: “Zand- versus kleigronden, diepe of net hoge grondwatertafels, … Elke regio, elke locatie, elke bodem heeft zijn eigen karakteristieken. Het is belangrijk om hiervan een inschatting te maken bij de opmaak van een water- en omgevingsadvies. Dit kan bijvoorbeeld aan de hand van bodemkaarten, grondwaterpeilmetingen of infiltratieproeven. Op basis van deze informatie bepalen we of de omgeving geschikt is om volledig in te zetten op infiltratie van regenwater, of dat er een gecombineerd systeem nodig is waar we ook deels inzetten op buffering met vertraagde afvoer. Dat laatste bleek voor de regio Weesbeekdal uiteindelijk de beste oplossing. Twee infiltratiekommen vangen het regenwater op, waarna het deels kan infiltreren en deels gebufferd wordt. Door het regenwater meer ruimte te geven in de speeltuin verkleinen we de kans op wateroverlast in het afwaartse rioolstelsel.”
“
In het ontwerp werden de noden van het watersysteem en de wensen voor de speeltuin zo goed mogelijk op elkaar afgestemd.”
Fien Vos
2. Quick wins
“De grondoverschotten – afkomstig van de uitgegraven infiltratiekommen – werden ter plaatse gerecupereerd, wat voor een leuk dynamisch reliëf zorgt. Dankzij ongemaaide stroken krijgt biodiversiteit een kans.”
Fien: “Met de bevindingen uit het hemelwaterplan in het achterhoofd, focusten we in het water- en omgevingsadvies sterk op de waterfunctie van het speelplein. Op dit moment ligt er in de wijk nog een gemengd rioolstelsel, wat betekent dat het regenwater samen met het afvalwater via de riolering wordt afgevoerd. Op het eerste gezicht leek het dus niet meteen mogelijk om regenwater naar de infiltratiekommen in de speeltuin te sturen. In het advies ging ik daarom op zoek naar quick wins. Zijn er verhardingen of daken die met behulp van een kleine aanpassing naar de speeltuin kunnen afwateren? Door enkele garageboxen af te koppelen en een dwarsrooster te installeren in de hellende weg, leiden we afstromend water naar de infiltratiekommen. Zo krijgt water op korte termijn al extra ruimte.”
4. Hydraulische meerwaarde van het project Fien: “Zo’n klimaatadaptieve speeltuin is niet alleen fijn om in te spelen en mooi voor het oog, de make-over is uiteraard ook nuttig. Door het regenwater verstandig vast te houden en te laten infiltreren, sparen we stroomafwaarts de riolering en de overstromingsgevoelige waterloop Weesbeek. De bedoeling is om op termijn ook de andere drie pleintjes in de buurt om te vormen tot klimaatrobuuste pleinen om het effect stroomafwaarts te vergroten.”
3. Inclusief en biodivers
WATER- EN OMGEVINGSADVIES, IETS VOOR JOUW GEMEENTE?
Fien: “Van een kortgemaaid grasveld vroeger, naar een biodiverse groeninrichting met inclusieve speeltuigen nu. De gemeente ambieerde een speeltuin voor iedereen. In de keuze van de speeltuigen werd daarom ook rekening gehouden met rolstoelgebruikers en konden de kinderen uit de buurt hun zegje doen. Daarnaast werden bestaande bomen maximaal behouden, of gecompenseerd door nieuw gewas.”
“We kunnen advies op maat formuleren voor een heel gebied of voor één specifieke locatie”, legt An Dufour uit, Corporate Innovator bij Aquafin. “We kijken naar het ruimere kader, vertalen een doordachte visie in een concreet ontwerp en houden daarbij rekening met de wensen van de gemeente. Bijna elke gemeente heeft intussen wel een hemelwaterplan, maar vaak blijven de actiepunten liggen. Dat zijn gemiste kansen. Met ons Water- en Omgevingsadvies vertalen we het hemelwaterplan – samen met de betrokken partners – naar een ontwerp en een realisatie, op een relatief korte termijn.” Benieuwd wat de mogelijkheden voor jouw stad of gemeente zijn? Mail vrijblijvend naar waterenomgevingsadvies@aquafin.be.
4
Spelen in een inclusieve biodiverse omgeving, met een klimaatadaptieve functie.
3
21.
AQUA 2023/4
Hoe van je plat dak een groene biotoop maken? Er zijn een aantal zaken om rekening mee te houden. Want wat voor soort groendak kan je aanleggen? En ken je de draagkracht van je dak? Wij gingen te rade bij de Stad Antwerpen en groendakspecialist Naturoof en spraken enkele ervaringsdeskundigen.
VOLWAARDIGE DAKTUIN Luc Demeulemeester van tandartsenpraktijk 'Tandens' deed een beroep op Naturoof. Zij lieten een ontwerpplan en een beplantingsplan opmaken door een landschapsarchitect. “Bovenop de praktijkruimtes op het gelijkvloers werd een volwaardige daktuin voorzien waar een gazon met robotmaaier omringd wordt door vaste planten en siergrassen”, zegt Demeulemeester. “Die daktuin beschikt over een bufferdrainagelaag die tot wel 160 liter water per vierkante meter kan bufferen. Zo krijgen de planten op de daktuin steeds voldoende water.”
22.
Scan de QR-code voor meer tips.
In
1.
5 stappen succesvol naar een groendak VOORBEREIDING
“Bepaal eerst duidelijk je wensen,” stelt Jo Van de Velde, die de communicatie van Klimaat en Milieu op zich neemt bij Stad Antwerpen. “Waarvoor wil jij jouw dak gebruiken? Is het een groendak om op te kijken? Wil je het gebruiken om buiten te zitten? Of wil je functies combineren zoals zonnepanelen, terras, moestuin of waterberging? Probeer je plannen eerst zo concreet mogelijk in kaart te brengen.”
2. DRAAGKRACHT Breng vervolgens de draagkracht van je dak in kaart. “Ons groendak was aanvankelijk een coronaproject”, vertelt Jorrit Gillijns. “In 2015 bouwden we dit huis en leek het ons een goed idee om een groot terras in beton aan te leggen. Voor ‘s avonds erg leuk, maar tijdens de middag wordt het hier snel heel warm. Daarom legden we een tweede overdekt terras aan dat als poolhouse dient. Maar we voelden ons wat schuldig over al die verharding. Daarom besloten we om Naturoof een daktuin aan te laten leggen bovenop het platte dak van het poolhouse. Zo konden we toch onze ecologische impact wat beperken. Bij het uittekenen van dat plan, is de dakconstructie extra stevig gemaakt. Zo kan het groendak alle planten en bloemen die we elders in de tuin hebben ook dragen.” Stad Antwerpen adviseert om niet voor één getal te gaan bij het berekenen van de draagkracht. “Vraag om een genuanceerde stabiliteitsberekening aan een architect of stabiliteitsingenieur. Vaak is de draagkracht groter boven onderliggende steunmuren, aan de randen of bij smallere overspanningen. Dat kan ervoor zorgen dat je daar andere soorten planten kan zetten.” Een stabiliteitsstudie kost tussen de 200 en 600 euro, afhankelijk van de omvang van het project.
3. ISOLATIE Kijk de isolatie van je dak na. De warmteweerstand van het isolatiemateriaal wordt uitgedrukt in m²K/W en moet minimaal 4,5 m²K/W bedragen. Er zijn drie opties: ● Ja, mijn dak is voldoende geïsoleerd. Prima! Je kan meteen aan de slag met je groendak en komt mogelijk in aanmerking voor een premie van je stad of gemeente. ● Neen, mijn dak is niet of onvoldoende geïsoleerd. Isoleer eerst je dak. Ga voor een minimale Rd-waarde van 4,5 m²K/W. Zo heb je recht op premies. ● Ik weet het niet. Via een thermografische camera kan je achterhalen of er isolatie aanwezig is. Ook een dakpunctie behoort tot de mogelijkheden om na te gaan of er dakisolatie aanwezig is.
4. SOORTEN GROENDAKEN Wil je een intensief groendak dat je als tuin kan gebruiken? Of ga je voor een extensief groendak dat vooral lager kijkgroen biedt? Kenmerken intensief groendak: + Toepasbaar op daken met een helling van 1 tot 4 graden. + Laagdikte: vanaf 20 cm. + Gewicht: Idealiter vanaf 325 kg/m²*. Een aangepaste dakconstructie is nodig. + Vergunning en controle draagkracht door een bouwkundige is vereist. + Dak is beloopbaar. + Vereist onderhoud gezien de vaste beplanting (zoals een tuin).
WAAROM EEN GROENDAK? + Beter waterbeheer: een groendak vermindert de neerslagafstroming + Lager energieverbruik binnen: een groendak werkt verkoelend in de zomer + Biodiversiteit groeit + Langere levensduur: een groendak verlengt de levensduur van de dakbedekking Meer voordelen en tips over groendaken vind je op www.blauwgroenvlaanderen.be, of scan de QR-code.
Kenmerken extensief groendak: + Toepasbaar op daken met een helling van 1 tot 45 graden. + Laagdikte: kleiner dan 20 cm met een opbouwhoogte van 10 cm. + Gewicht: vanaf 105 kg/m²*. + Vergunning niet nodig. Controle draagkracht door bouwkundige is wel vereist. + Dak kan occasioneel betreden worden (bv. poetsen van ramen). + Weinig onderhoud vereist. * berekeningen via Naturoof
5. AANLEG Of een doe-het-zelf groendak bij je past, hangt af van hoe handig je bent. Heb je het idee dat die berekeningen niets voor jou zijn? Of hoor je het in Keulen donderen bij het woord ‘sedum’? Doe dan best beroep op een expert.
“
Probeer je plannen zo concreet mogelijk in kaart te brengen.”
23.
2 24 Aquafin wenst je een geweldig 2024.